Issuu on Google+

D O R P E N K R A N T N U M M E R 1 0 ✱ J A A R G A N G 4 ✱ O K T O B E R 2 0 0 9 ✱ P R I M O N H , H E T K E N N I S C E N T R U M VA N D E S O C I A L E P R A K T I J K

Kunst zet een andere dynamiek in gang PAGINA:

Kleinschalig wonen

2

PAGINA:

Wijkgericht werken in Bergen

3

PAGINA:

FOTO’S CEES BAKKER

De klimaatverandering en de

Toko Twisk

6

PAGINA:

Droge voeten

7

PAGINA:

Aanleg van windmolenpark Burgervlotbrug, april 2009

dreigende schaarste aan olie hebben ingrijpende gevolgen voor het milieu. Voor het ecologisch systeem is het beter niet langer afhankelijk te zijn van fossiele brandstoffen. De wereldwijde impact van deze onheilstijding kan mensen moedeloos maken.

Transition Towns Niet iedereen wil wachten op wat regeringsleiders afspreken op topconferenties. Geheel in de lijn van duurzaamheid gaan veel groeperingen zelf aan de slag. Met dit doel voor ogen is in Engeland een netwerk ontstaan van dorpen en steden die proberen om alternatieve energiebronnen aan te boren. Zij hebben zich georganiseerd in een beweging onder de naam Transition Towns.

De grondlegger, Rob Hopkins uit Totnes (Devon) heeft een handboek geschreven die inmiddels in het Nederlands is vertaald. In deze handleiding staat een 12 stappenplan. Het gaat erom de kracht van de eigen gemeenschap aan te boren met als doel zelfvoorzienend te worden. Een dorp, stad of wijk mag zich Transition Town noemen als het aan een aantal criteria voldoet.

initiatiefgroep opgericht die het concept in Nederland wil promoten. Diverse gemeenten in het noorden van de provincie willen niet wachten op het nationale beleid. Texel en de andere Waddeneilanden hebben de ambitie om in 2020 helemaal zelfvoorzienend zijn op het gebied van energie en water. Andere gemeenten zijn druk bezig met hun eigen invulling van het Kyoto verdrag.

Zon, zee en wind

Zijpe streeft er - samen met vijf andere gemeenten in de Kop naar dat in 2020 twintig procent van de benodigde energie uit een duurzame bron komt. Vanwege haar ligging verwacht Zijpe veel

Ook in Nederland slaat dit begrip aan. Het Engelse concept is overgewaaid naar de Kop van NoordHolland. Op het milieucentrum de Michaëlshof op Wieringen is een

Surfnieuws www.infoloketplatteland.nl

www.vrom.nl/leefbaarometer

Dit is een database met artikelen en documenten over het platteland. De website is een initiatief van het Netwerk Platteland en de Taskforce Multiculturele Landbouw. In de database zit ook veel materiaal uit de bibliotheek van Wageningen UR.

Het Ministerie van VROM heeft een barometer ontwikkeld die de leefbaarheid meet in elke wijk of buurt in Nederland. Het is in de eerste plaats ontwikkeld voor de 40 krachtwijken in de grote steden, maar ook bruikbaar op het platteland. Een groot aantal indicatoren zoals veiligheid, voorzieningen, publieke ruimte zijn in kaart gebracht. Je kunt de ontwikkelingen in de tijd volgen via de peiljaren 1998, 2002, 2006 en 2008.

www.kennisplatformbewoners.nl Een digitaal platform voor bewoners van kleine kernen. Tot nu toe doen de provincies Gelderland, Zuid-Holland, Zeeland, Noord-Brabant en Limburg mee. Veel leuke berichten en links.

van windenergie. In het voorjaar zijn windturbines van Kennemerwind geplaatst langs het NoordHollands kanaal ter hoogte van Burgervlotbrug. Op een bewonersavond in Petten bleek dat er niet zo veel weerstand is tegen het plaatsen van meer windturbines, maar onder veel bewoners heerst nog wel het gevoel: niet in mijn achtertuin. Heerhugowaard is ook goed op weg naar het halen van de doelstelling van twintig procent duurzame energie in 2020. In de wijk Stad van de Zon zijn op grote schaal zonnepanelen aangebracht.

Ook onder de verenigingen van kleine kernen in Nederland begint het begrip Transition Towns aan te slaan. Het is een belangrijk thema op het Nationale Plattelandsparlement dat 10 oktober gehouden is.

Meer informatie? De Nederlandstalige handleiding van Rob Hopkins is te downloaden via de website van de initiatiefgroep in de Kop van Noord-Holland. www.denhelder.transitiontowns.nl Meer informatie over het windmolenpark Burgervlotbrug op www.kennemerwind.nl

Structuurvisie 2040 Provincie Noord-Holland heeft een eerste ontwerp van haar structuurvisie 2040 gepubliceerd. De structuurvisie is de opvolger van de vroegere streekplannen en de eerste die gemaakt is sinds de nieuwe Wet ruimtelijke ordening (Wro) van kracht is. In dit belangrijke beleidsdocument geeft de provincie aan welke belangen een rol spelen bij de ruimtelijke ordening in Noord-Holland tot het jaar 2040.

Thema’s Klimaatbestendigheid, ruimtelijke kwaliteit en duurzaam ruimtegebruik zijn de drie pijlers van deze structuurvisie 2040. Zo wil de provincie cultuurlandschappen behouden en ontwikkelen, de ruimte in steden optimaal benutten en ruimte bieden aan economie en woningbouw. Verder vindt de provincie groen om de stad en ruimte voor recreatie en toerisme belangrijk. In de kop van Noord-Holland wordt ingezet op het opwekken van duurzame energie. En worden in die regio tot 2030 nog eens 35.000 woningen bijgebouwd. In het zuiden van de provincie is veel aandacht voor extra woningen, en voor de leefbaarheid en bereikbaarheid van de regio Amsterdam.

Provinciale Staten besluiten De nieuwe Wro schrijft voor dat Provinciale Staten uiteindelijk de structuurvisie, de verordeningen en de inpassingsplannen vaststellen. Dit past in de ontwikkeling naar het meer dualistisch besturen van een provincie. Provinciale Staten spelen daarin een meer prominente rol in het formuleren van beleid, in dit geval dus van ruimtelijk beleid. In de periode tussen 20 oktober en 30 november 2009 liggen de ontwerp structuurvisie en de verordening ter visie. Iedereen kan in die periode een reactie indienen bij de provincie. Meer informatie: www.noord-holland.nl

8


D O R P E N K R A N T

2

Kunstenaars in grote steden die samen met bewoners artistieke projecten maken, daar kun je een indrukwekkende lijst van maken. Inmiddels lijkt het erop dat ook de dorpen zijn ontdekt als inspiratiebron en plek voor artistieke producties waar de plaatselijke bevolking bij betrokken wordt. Op Texel draait het Verteltheater voor senioren. In Wieringermeer gaat het project Beloofd Land van start. Kunst als gereedschap voor zelfbewustzijn, gemeenschapszin en toekomstdromen. ‘Kunst zet een andere dynamiek in gang dan met elkaar vergaderen in een zaaltje.’

FOTO’S PETER AMPT

Deuren op Texel Het thema ‘deur’ was in 2008 zowel kapstok als titel van een voorstelling op Texel. Op het toneel drie verrijdbare deuren als decor. Ouderen in de dorpen Den Burg, Oosterend, Oudeschild en Den Hoorn traden op als vertellers van hun eigen geschiedenis. Met hun authentieke verhalen wisten de senioren het publiek te boeien; slechts tien acteerlessen in hun bagage. Het thema deur, zowel letterlijk als figuurlijk opgevat, leverde aangrijpende, geestige en spannende verhalen op. In Den Burg en Oosterend sloeg het project in het eerste jaar zo aan, dat dezelfde groepen in 2009 aan de slag gingen voor een nieuwe ronde verteltheater met als thema ‘tradities’. In april traden zij op met hun verhalen. Dit keer kwam zowel oud als jong. In Oosterend was fanfare Excelsior, voorbeeld van een springlevende traditie in dit dorp betrokken bij de voorstelling.

zorgings- en verpleeghuizen. ‘Mensen vinden het prettig om ervaringen te delen. De vertelvorm is heel geschikt voor ouderen; zij hebben al het een en ander meegemaakt. Het is mijn vak om hen te verleiden met die verhalen op het podium te gaan staan.’ Uitwisselen over je levenservaring, zo is de gedachte, is betekenisvol voor ouderen zelf. Zij kijken terug op hun leven en ontdekken wat een

“MENSEN HEBBEN GEEN TIJD MEER OM TE LUISTEREN” rijkdom die eigen ervaringen zijn. Het doorgeven van die levenservaringen aan de dorpsgemeenschap is ook belangrijk. Anneke Berghuis benadrukt dat het niet de bedoeling is het verleden te romantiseren. ‘Ik vraag de deelnemers altijd een link te leggen naar het nu en naar de toekomst.’

Persoonlijke verhalen

Levenservaring ‘Mensen hebben geen tijd meer om te luisteren. Ik dacht: ‘‘als we nu eens ouderen uitnodigen om aan elkaar hun levenservaring te vertellen”.’ Theaterdocent Anneke Berghuis bedacht het driejarig project SPRINGTIJ(d), verteltheater van en voor vijftigplussers. Als dramadocent is zij geïnteresseerd in de levenservaring van ouderen. Zij had in Hoorn al eerder met senioren gewerkt. Op Texel was zij betrokken bij het project Kunst in de zorg, een project voor bewoners van ver-

SPRINGTIJ(d) is als project ondergebracht bij Artex Kunstenschool Texel. Voor de werving van deelnemers was het netwerk van Stichting Pharos, het ouderenwerk op Texel, belangrijk. Dankzij subsidies en bijdragen in natura van verschillende organisaties kon SPRINGTIJ(d) als meerjarig project van start. Per dorp doen acht à tien mensen aan een verhalengroep mee, zowel geboren Texelaars, als ‘import’. De uitwisseling begint in een besloten groep die wekelijks bij elkaar komt. Anneke Berghuis: ‘Er komen heel persoonlijke verhalen naar buiten. En het is heel divers, vanwege de soms totaal verschillende achtergrond van de ouderen.’ Niet alles van wat verteld wordt gaat mee naar de productie. ‘De inhoud is van de deelnemers, ik bepaal het hoe. Uiteindelijk maken de deelnemers onder mijn begeleiding een productie die uit henzelf komt’. In november zullen de groepen in

Den Hoorn en Oudeschild hun versie van ‘Tradities’ vertellen aan de dorpsbewoners. In 2010 mondt het project uit in een heus theaterfestival met optredens in de Texelse dorpen

Beloofd Land De Wieringermeer en haar directe omgeving vormen de inspiratie voor het meerjarig kunst- en erfgoedprogramma Beloofd Land. De basis is het verzamelen van verhalen die mogelijk verdwijnen als ze nu niet worden vastgelegd. Vanuit persoonlijke geschiedenissen en de cultuurhistorie van Wieringermeer, wil Beloofd Land een actieve rol spelen in het betrekken van bewoners bij actuele ruimtelijke en sociaal-maatschappelijke veranderingen in de Wieringermeer.

Verteltheater voor senioren op Texel. Met slechts tien acteerlessen in hun bagage wisten ouderen het publiek te boeien.

Peter Saal: ‘Provincie NoordHolland is geïnteresseerd in ons programma vanuit haar wens om een ‘culturele biografie’ van NoordHolland te maken.’ Concreet gezegd is dit een website die gevuld gaat worden met alles op het gebied van cultureel erfgoed. Een soort digitaal museum. De verhalen uit Wieringermeer en de ruimtelijke en sociaalmaatschappelijke veranderingen in dit gebied is één van de onderwerpen van deze culturele biografie in wording.

Culturele Biografie In Beloofd Land werken vier organisaties samen. Cultureel Erfgoed Noord-Holland (CENH) is de trekker. Verder doen mee Kunst en Cultuur Noord-Holland, Triade (Centrum voor kunsteducatie Kop van Noord-Holland) en De Kunst (Centrum voor Amateurkunst Noord-Holland). Peter Saal, historicus en erfgoeddeskundige, treedt op als programmamanager voor het samenwerkingsverband. Hij legt uit dat er in 2009 hard is gewerkt aan de voorbereiding en het interesseren van financiers.

Tijdelijk museum In Beloofd Land vormen verhalen van mensen de basis voor de artistieke producties. Tot zomer 2010 staat het ophalen en bewerken van verhalen centraal. Er komt een speciale website, een tijdelijk museum, het ‘Beloofd Land Huis’, en er zullen amateurkunstprojecten van start gaan. Ingrid Docter, verantwoordelijk voor de podiumkunsten, ziet zo’n tijdelijk museum graag uitgroeien tot dé ontmoetingsplek voor bewoners en betrokkenen die hun steentje bijdragen aan

Beloofd Land. ‘In het Beloofd Land Huis zullen muziek- en theatervoorstellingen, foto- en filmbeelden te zien zijn.’ Ook een scholenproject staat in de startblokken. Leerlingen uit groep 6 van de basisschool gaan in 2010 op bezoek bij ouderen, om daar aan de hand van voorwerpen verhalen op te halen. Het is de bedoeling dat inhoud en activiteiten van Beloofd Land doorwerken naar de besluiten die de politiek de komende jaren zal nemen. Ingrid Docter: ‘Politici en beleidsmakers zoeken naar betrokkenheid en draagvlak van bewoners. Daar willen wij ook aan bijdragen. Kunst zet toch een andere dynamiek in gang dan met elkaar vergaderen in een zaaltje’. Meer weten: www.verteltheatertexel.nl www.kcnh.nl www.cenh.nl Anita Blijdorp

Geschiedenis in cirkels Ruim 75 jaar geleden werd de Wieringermeer onttrokken aan de Zuiderzee. Met zorg geselecteerde agrariërs en andere arbeidskrachten gingen aan de slag om nieuw land tot productie te brengen. Mensen uit alle windstreken van Nederland kwamen naar de polder voor werk en om een toekomst op te bouwen. Nu dienen zich wederom belangrijke veranderingen aan. Delen van de vruchtbare landbouwgrond op de grens met het voormalige eiland Wieringen maken plaats voor een randmeer. Of voor grootschalige glastuinbouw, waarbij de bodem verdwijnt onder ‘een zee van glas’. Gemeente Wieringermeer heeft grote ambities op het terrein van windenergie. Ook sociaal-maatschappelijk zijn er veranderingen. Nieuwe arbeidskrachten trekken naar de polder, nu afkomstig uit Oost-Europese landen, Polen voorop. De geschiedenis herhaalt zich. Oude en nieuwe bewoners zoeken werk en een toekomst in de Wieringermeer.


Subsidieregeling Laag Holland Gemeenten, scholen en organisaties op het gebied van natuur, landschap, landbouw en recreatie kunnen dit jaar bij de provincie subsidie aanvragen voor kleinschalige activiteiten in het Nationale Landschap Laag Holland. Laag Holland kreeg in 2006 de status van nationaal landschap en behoort daarmee tot de twintig beschermde gebieden in Nederland die deze titel mogen dragen. Laag Holland ligt tussen Amsterdam, Zaanstad, Alkmaar en Hoorn. Sinds vorig jaar geven bruine borden langs de snelwegen dit aan. Laag Holland staat bekend om zijn open landschap, de rijkdom aan weidevogels en het veenweidegebied met zijn watergangen.

3

Stolpboerderij de Hulst in Oterleek is aangekocht. In het najaar wordt het gesloopt en opnieuw opgebouwd.

Kleinschalig wonen voor ouderen met dementie Oterleek en Zuidermeer krijgen het volgende jaar speciale woonvormen voor ouderen met dementie. Het gaat om kleinschalige zorg voor mensen die niet meer in hun eigen huis kunnen blijven. Het is een initiatief van de stichting WarmThuis. De stichting is opgericht door drie mensen die veel ervaring hebben in de gezondheidszorg. Hans Houweling, ouderenarts, Hugo van Waarde, verplegingswetenschapper en René de Vries, oud-bestuurder. Zij heb-

Laag Holland staat bekend om zijn open landschap, de rijkdom aan weidevogels en het veenweidegebied met zijn watergangen.

Voor 2009 hebben de samenwerkende partners in Laag Holland bijna twee ton gereserveerd voor activiteiten. Met de subsidieregeling wil de provincie zorgen dat het gebied zijn mooie karakter behoudt en dat meer mensen bekend raken met de kwaliteit van het gebied. De subsidie is bedoeld voor: • plan- en projectvoorbereiding, bijvoorbeeld de ondersteuning bij landschapsontwikkelingsplannen, marktonderzoek en haalbaarheidsstudies • kennis en bekendheidsvergroting, bijvoorbeeld de ondersteuning bij het maken van voorlichtingsmateriaal of het organiseren van evenementen. • Groene educatie, bijvoorbeeld de ondersteuning bij het organiseren van educatieve bijeenkomsten op scholen of schoolbezoeken aan interessante plekken in Laag Holland. Subsidieaanvragen kunnen in de periode 1 november tot 31 december 2009 worden ingediend bij de provincie. Uiterlijk 15 maart 2010 worden de subsidies toegekend. Voor meer informatie over de subsidie kunt u terecht op het digitale loket van de provincie NoordHolland. www.noord-holland.nl of www.laagholland.nl

ben aan de wieg gestaan van het Anton Pieckhofje, de eerste kleinschalige voorziening in Nederland voor mensen met dementie. Hugo van Waarde: ‘we willen een vertrouwde omgeving creëren voor mensen die letterlijk en figuurlijk de weg kwijt zijn. Er moet een sfeer van geborgenheid zijn. Daarom is de zorg kleinschalig, dus met een beperkt aantal mensen in een huis en een klein team van vaste verzorgenden.’ In Oterleek is stolpboerderij De Hulst aangekocht door de Bouwcompagnie. Dit is de bouwpoot van Wooncompagnie, een woningbouwvereniging met veel bezit in de Kop van Noord-Holland. De bedoeling is om er 24 mensen met dementie onderdak te bieden. De stolp is door leegstand sterk in verval en wordt opnieuw gebouwd. Naast de stolp komen er drie losse woningen op het erf. De bewoners wonen in groepen van zes bij elkaar. Iedereen heeft een eigen zit/slaapkamer. Onderdeel van de stolp zijn logeermogelijkheden voor familie en bekenden. Ook in Zuidermeer is de stichting WarmThuis actief. Daar is een pand aan de Zuidermeerweg aangekocht door de West-Friese corporatie Intermaris/Hoeksteen. Ook hier is de opzet kleinschalig.

De provincie Noord-Holland stelt tot en met 2012 een bedrag van twee miljoen euro beschikbaar voor kleinschalige woonvormen. Tot 2009 was de regeling beperkt tot mensen met dementie. Met de nieuwe regeling die in 2009 in gaat is er ook geld beschikbaar voor andere kwetsbare doelgroepen. De afgelopen vier jaar heeft Noord-Holland 4,6 miljoen euro subsidie verstrekt aan 31 projecten die de woon- en leefomstandigheden van mensen met dementie sterk verbeteren. De nieuwe regeling richt zich nog steeds op kleinschalige woonvormen maar de doelgroep wordt uitgebreid. Diverse doelgroepen kunnen ervoor in aanmerking komen, zoals mensen met niet-aangeboren hersenletsel, mensen met een verstandelijke beperking of met autisme en (ex-) patiënten uit de geestelijke gezondheidzorg. De regeling is uitgebreid omdat de provincie regelmatig

De omwonenden van de plek waar het project moet komen zijn op 5 september geïnformeerd over de plannen. Volgens Hugo van Waarde van WarmThuis werd er in het dorp positief gereageerd op het voornemen om er een voorziening te realiseren voor mensen met dementie. De stichting Warmthuis wordt de huurder van de twee locaties. Volgens Hugo van Waarde is de officiële aanbesteding van de verbouwing binnenkort te verwachten. De twee projecten hebben subsidie gekregen vanuit een provinciale regeling (zie ook kader) en uit het Nationaal Ouderenfonds. Hugo van Waarde: ‘dit soort kleinschalige voorzieningen is in de toekomst heel hard nodig. Het aantal dementerende gaat tot 2030 stijgen met zo’n tachtig procent.’

subsidieverzoeken kreeg voor andere doelgroepen dan mensen met dementie. Aanvragen kunnen worden ingediend door alle rechtspersonen, dus zowel particuliere initiatiefnemers, zorgorganisaties, gemeenten en wooncorporaties. Particuliere initiatieven van niet-professionele organisaties scoren hoger in de beoordeling door de provincie. Het hele traject van voorbereiding tot realisatie is subsidiabel. Het maximum subsidiebedrag is 100.000 euro. Minimaal twintig procent van de totale kosten moet door andere partijen dan de provincie worden gedragen. Inlichtingen bij mevrouw M. Geirnaert van de provincie Noord-Holland. geirnaertm@noord-holland.nl. Zie ook de website www.kleinschaligwonen-nh.nl


D O R P E N K R A N T

VERENIGING VAN N KLEINE KERNEN D NOORD-HOLLAND Voorzitter Trudy Steenbergen, e-mail: secretariaat secretariaat@vvkknh.nl www.vvkknh.nl

Bepaal je eigen dorp! Eindelijk was het dan zo ver. Zaterdag 10 oktober toog ik naar Lunteren om voor de eerste keer het Landelijk PlattelandsParlement bij te wonen. Dit congres wordt georganiseerd door onze eigen Landelijke Vereniging Kleine Kernen (LVKK) en is bedoeld om dorpsbewoners in contact te brengen met Tweede Kamerleden. Ik ging er niet alleen naar toe om ons NoordHolland voor het voetlicht te brengen, maar ook om de kunst af te kijken hoe zo’n congres te laten verlopen. Dit laatste met het oog op ons eigen te houden Provinciaal PlattelandsParlement in 2010. De datum en de locatie staan al vast: 5 november in Paviljoen Welgelegen in Haarlem. De opkomst was groot, veel vertegenwoordigers uit de provincies. Ook uit Noord-Holland waren ze gekomen. De politiek was vertegenwoordigd door een vijftal Tweede Kamerleden. De individuele kamerleden namen deel aan de groepsdiscussies en verwoordden aan het eind van de dag de conclusies. Zij nemen die mee naar Den Haag voor beleidsvorming. De LVKK blijft het met grote aandacht volgen.

Zelf heb ik meegedaan aan de discussie rond de veranderende bevolkingssamenstelling. We zijn gewend, dat de bevolking groeit met 1% per jaar. Dat zal zo blijven tot 2020. Daarna neemt de groei af. Krimp treft het platteland anders dan de stad. Er zal een trek ontstaan van vooral hoog opgeleiden en jonge gezinnen van het platteland

Provinciaal PlattelandsParlement in 2010 5 november in Paviljoen Welgelegen in Haarlem

naar de grote stad. Meestal zullen ouderen de dorpen op het platteland bevolken. In 2040 zal 26% van de bevolking ouder zijn dan 65 jaar. De gevolgen zijn het eerst te zien in de meest landelijke provincies, maar ook Noord-Holland mag zijn ogen hier niet voor sluiten. Gemeenten en provincies moeten samen met plannen komen voor het leefbaar houden van de kleine kern in de toekomst. Van onze 150 Tweede Kamerleden komen er honderd uit de Randstad. Zij gaan af op wat zij voorgelegd krijgen, dus juiste informatie is van belang.

Je eigen leefomgeving is je eigen verantwoordelijkheid, dat moet je niet willen overlaten aan bestuurders. Bestuurders worden wel het eerst geïnformeerd. Het gemeentebestuur, het schoolbestuur, het bestuur van de woningcorporatie, zij praten hier al over. Maar bewoners moeten hier zelf over praten en hun wensen kenbaar maken. Als we dat niet doen, dan doen de bestuurders het voor ons. Een mooi instrument hiervoor is het maken van een dorpsplan, een visie op het dorp, waarin je rekening houdt met mogelijkheden voor de toekomst. Je kunt geen huizen bouwen als er geen kopers zijn, geen school behouden als er niet voldoende leerlingen zijn. Krimp moet je niet bestrijden met meer huizen bouwen, maar met meer kwaliteit van de leefbaarheid. Je moet creatief omgaan met krimp en zo een leefbare toekomst voor de kleine kern garanderen. Dorpsraden in verschillende provincies zijn hiermee al aan de slag gegaan en hebben ervaring opgebouwd. Doe dat als dorpsraad niet alleen, maar in samenspraak en samenhang met je omgeving. Er zijn provinciebesturen, die het maken van een dorpsplan subsidiëren. Het is het streven van de VvKkNH ook in onze provincie hiervoor een dergelijke regeling te verkrijgen. Op de agenda van het NoordHollands PlattelandsParlement zal het thema Krimp ook een belangrijk onderwerp zijn. Ik hoop van harte, dat u met onze provinciale politici hierover van gedachten wilt wisselen, zodat zij goed geïnformeerd zijn en goede plannen ontwikkelen over de toekomst van onze kleine kernen. Denk er alvast over na! Trudy Steenbergen Voorzitter Vereniging van Kleine kernen in Noord-Holland

Dorpen onder druk De Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting (SEV) heeft een onderzoek laten doen naar de maatschappelijke rol van wooncorporaties op het platteland. Dit onderzoek is gedaan door MOVISIE, het landelijk kennisinstituut voor maatschappelijke ontwikkelingen. De auteurs bevelen aan dat wooncorporaties zich niet alleen bezig houden met hun eerste domein, namelijk het huisvesten van zwakke groepen op de woningmarkt. Corporaties kunnen ook een belangrijke rol spelen op andere domeinen, zoals het meefinancieren van publieke voorzieningen en het investeren in leefbaarheid. Deze aanbeveling is ook bedoeld als een bijdrage aan het publieke debat dat nu woedt over de sociale taken van wooncorporaties. Het Nederlandse platteland kent veel variatie. Het oosten, noorden en zuiden raken al vertrouwd met een krimpende bevolking, terwijl dorpen in het westen nog groeien. Daarom maakt het SEV-rapport een onderscheid naar regio’s. Het noorden en het zuiden hebben te maken met onderdruk op de woningmarkt; er is meer aanbod dan vraag. In de dorpen van de Randstad is overdruk; daar is meer vraag dan aanbod.

Bollenstreek De auteurs besteden aandacht aan de Bollenstreek rondom Lisse en Hillegom. De wooncorporatie uit de streek, met ongeveer 6000 woningen wil graag meer doen dan verhuren en onderhoud plegen. Plekken in de woonomgeving opknappen, leefbaarheid in de dorpskernen bevorderen. Maar er is volgens de directeur concurrentie vanuit grote corporaties in de Randstad die zich richten op het aantrekkelijke vastgoed op mooie plekjes. Deze corporaties zijn niet geworteld in de lokale gemeenschap en voelen zich niet verantwoordelijk voor beheer van de openbare ruimte. Er zijn in Noord-Holland naar schatting twintig corporaties die vrijwel uitsluitend in 1 gemeente opereren; vooral op het platteland. Zij verhuren gemiddeld enkele duizenden woningen. Deze corporaties zijn klein in vergelijking met hun grote ‘broers’ Ymere, de Alliantie en Rochdale. Maar ze zijn wel sterk geworteld in de lokale gemeenschap.

Dorpen onder druk Auteurs: Matthijs Uyterlinde, Silke van Arum, Ard Sprinkhuizen (MOVISIE) Rotterdam, september 2009 Gratis download van het rapport is mogelijk via de website van het SEV www.sev.nl/publicaties

Onlangs geopend Dorpshuis in Hippolytushoef na verbouwing heropend

4

Wethouder Horn heropent dorpshuis De Ontmoeting in Buitenkaag ▼

De Stek, gloednieuw dorpshuis in Grootebroek

PlattelandsParlement, zaterdag 10 oktober 2009. De voorzitter van de Noord-Hollandse vereniging voor kleine kernen, Trudy Steenbergen (r) met mevrouw Lutz Jacobi, Tweede Kamerlid voor de PvdA.


D O R P E N K R A N T

5

PDNH PDNH

Wijziging Drank en Horecawet

Voorzitter

Ger Praamstra, 0222 31 34 66

Secretaris

Gerard de Nooy, 0252 41 59 76 www.pdnh.nl

Ger Praamstra

Van de bestuurstafel

Najaar 2009 van het platform zit vol met activiteiten. Activiteiten waarmee wij de belangen van de aangesloten dorpshuizen zo

goed mogelijk willen behartigen. Onlangs heeft u van ons een

zogenaamde ’gele bewaarbrief’ over energiebelasting ontvangen. Daarin leest u hoe uw dorpshuis gebruik kan maken van terug-

gave van energiebelasting. Als u daar nog vragen over heeft dan proberen wij die voor u te beantwoorden. Elders op deze pagina kunt u lezen over de aanstaande wijziging van de Drank en Horecawet. Het PDNH heeft alle Noord-Hollandse gemeenten met dorpshuizen een brief over dit onderwerp gestuurd. Kern van het verhaal is de rol die gemeenten kunnen spelen in het voorkomen van procedures rond paracommercie. Op 25 november organiseren we voor de tweede maal een Kijkje in de keuken. Ditmaal zet dorpshuis De Schulp in Egmond-Binnen de deuren open. Wij hopen hier weer veel dorpshuisbestuurders welkom te mogen heten. Speciale aandacht is er voor de bedrijfsmatige aanpak die De Schulp de laatste jaren heeft. We zijn benieuwd wat dat oplevert. Tot slot hebben we op 26 november de colleges, beleidsmedewerkers en raadsleden van alle gemeenten waar zich dorpshuizen bevinden uitgenodigd. Op deze bijeenkomst houden wij de Handreiking Gemeenlijk Dorpshuizenbeleid ten doop. Met de Handreiking willen wij gemeenten aanzetten tot bezinning op hun relatie met dorpshuizen. Is er wel iets geregeld? En zo ja, is het dan ook goed geregeld? Begin 2010 informeren we de dorpshuisbesturen over de resultaten. Ger Praamstra

De Drank en Horecawet wordt gewijzigd. De Tweede Kamer neemt hierover dit najaar een besluit. Veel van de aanpassingen hebben als doel drank minder makkelijk bereikbaar te maken voor jongeren. De wet zal, als deze wordt aangenomen, ook een aantal wijzigingen bevatten die voor dorpshuizen van direct belang zijn: • Vereenvoudiging van het vergunningstelsel, waardoor vergunninghouders minder vaak een nieuwe vergunning hoeven aan te vragen. • Jongeren onder de 16 jaar kunnen nu nog te makkelijk aan drank komen. Het toezicht wordt daarom verscherpt. Gemeenten nemen de controle over van de Voedsel- en Warenautoriteit. Van gemeenten wordt verwacht dat zij vaker en efficiënter toezicht houden. • Gemeenten worden verplicht regels op te stellen voor paracommerciële instellingen zoals sportverenigingen en culturele centra. Op dit moment heeft niet iedere gemeente dergelijke regels.

Paracommercie Vooral de wijzigingen van de DHW met betrekking tot paracommercie zijn voor dorpshuizen van belang. In veel gemeenten is de afgelopen jaren bij het verstrekken van een vergunning aan dorpshuizen discussie ontstaan met

de georganiseerde horeca. De horeca liet zich daarin vertegenwoordigen door de Stichting BEM (Bureau Eerlijke Mededinging). In een aantal gevallen heeft dit geleid tot juridische procedures tussen de BEM en gemeenten. De BEM hanteert als uitgangspunt dat gemeenten geen enkele bijeenkomst van persoonlijke aard zoals een verjaardag mogen toestaan in dorpshuizen wanneer er een horecagelegenheid is binnen een straal

van 15 kilometer. Ze baseert zich hierbij op een uitspraak van de Raad van State. De Rechtbank te Leeuwarden geeft echter uitdrukkelijk aan dat slechts rekening dient te worden gehouden met de reële dreiging die reguliere horecaondernemers ondervinden van de concurrentie van dorpshuizen. De Rechtbank is van mening dat dorpshuizen een zeer belangrijk onderdeel van het voorzieningenniveau vormen en dat gemeenten daarom hun onder-

zoek naar de reële dreiging kunnen beperken tot dorpsniveau (en dus niet in een straal van 15 kilometer). Het wachten is nu op het wetsvoorstel.

Tweede Kamer

Het Platform Dorpshuizen NoordHolland (PDNH) is vertegenwoordigd in het landelijk Platform Dorpshuizen.nl. Daarin hebben diverse provinciale organisaties zitting die betrokken zijn bij het behouden van leefbaarheid in het landelijk gebied. Namens dit platform is overleg gevoerd met het ministerie van VWS. Het Platform Dorpshuizen.nl zal uitdrukkelijk haar standpunten naar voren brengen bij de behandeling van de wet in de Tweede Kamer. Een belangrijk punt daarbij zal zijn dat vrijwilligers, die zich in het belang van de leefbaarheid van hun dorp voor een dorpshuis inzetten, niet met slepende juridische procedures moeten worden geconfronteerd. Het zorgvuldig toetsen en vaststellen van een wettelijk kader door de gemeente en het borgen van die toetsing in vastgelegd beleid, zou veel procedures voorkomen. Het PDNH wil, nadat de wet is aangenomen, graag met de gemeenten in Noord-Holland in gesprek over de wijze waarop aan de wet uitvoering kan worden gegeven. De gemeenten ontvingen hierover in augustus al een brief van het PDNH. Deze is te zien de website van het platform. www.pdnh.nl.

Subsidienieuws voor dorpshuizen Nieuwe regeling De provincie Noord-Holland heeft sinds mei 2009 een nieuwe subsidieregeling. Het is de ‘Uitvoeringsregeling multifunctionele accommodaties Noord-Holland 2009’. Deze regeling is opgesteld om de leefbaarheid op het platteland en in de stad te verbeteren door het weer op peil brengen van het voorzieningenniveau. Denk bij voorzieningen bijvoorbeeld aan dorpshuizen, winkels of zorgloketten. Onder een multifunctionele accommodatie wordt verstaan: een algemeen toegankelijke locatie in een wijk of dorpskern waarin (private en) publieke voorzieningen, al dan niet ondergebracht in één gebouw, gehuisvest zijn die de leefbaarheid binnen de gemeente

in stand houden of bevorderen. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het voorzieningenbeleid. Gemeenten die de leefbaarheid in hun dorp of wij willen verbeteren kunnen een aanvraag indienen bij de provincie. Dorpshuizen die kansen zien om de leefbaarheid in hun dorp te versterken door het uitbreiden van functies wordt geadviseerd met de gemeente in gesprek te gaan. Kijk voor meer informatie over de regeling op het digitale subsidieloket van de provincie www.noord-holland.nl of neem contact op met de heer O. Jonker jonkero@noord-holland.nl of mevrouw D. van Wijngaarden wijngaardend@noord-holland.nl U kunt ook informatie opvragen bij PRIMO nh. Mail naar Jaap de

Knegt jdeknegt@primo-nh.nl of bel met 0299 418 700.

Oude regeling De ene regeling komt, de andere gaat. De ‘Uitvoeringsregeling Groot Onderhoud en verbouwen dorpshuizen’ van de provincie Noord-Holland is aan zijn eind. Er is de afgelopen vier jaar goed gebruik van gemaakt. De provincie beoogde met de regeling iets te doen aan de nijpende achterstandsituatie van het groot onderhoud van veel dorpshuizen. Ruim veertig dorpshuizen hebben er gebruik van gemaakt. Formeel loopt de regeling eind dit jaar af, maar feitelijk is de regeling al beëindigd omdat er geen budget meer is. Dit jaar wordt de regeling geëvalueerd.

De Blaercom in Blaricum was een van de laatste dorpshuizen die subsidie kreeg uit de regeling groot onderhoud van de provincie Noord-Holland.

Oranjefonds Het Oranjefonds heeft haar subsidiebeleid voor dorpshuizen gewijzigd. Tot nu toe droeg het fonds ruimhartig bij aan groot onderhoud en renovatie. Maar het beleid is verschoven richting activiteiten. Het fonds ontwikkelt eigen programma’s binnen de pijlers: diversiteit, samenhang in de buurt

en actief burgerschap. Toch zijn er voor dorpshuizen nog mogelijkheden. Zo stelt het fonds, onder voorwaarden, maximaal € 25.000 per drie jaar beschikbaar voor “algemeen reilen en zeilen” van accommodaties. Kijk voor meer informatie op www.oranjefonds.nl en toets brede gemeenschapsaccommodaties in het zoekvenster.


D O R P E N K R A N T

6

Het resultaat mag er zijn n. Dee dorpsvereniging Gro roet e wilde hee eell graaag ee eenn be beel eldd op de Ke Kerkkbrink. Waar nu een grasveldje ligt was vvroeg br ger het ble l ekveld d. De gem emeente hadd daar geen geld voor. rT Toe o n gi g ng de dorpsveren e iging zelf op zoek naar een sponsor. Die is gevonden. Ook benaderd rdee de dorpsvereniging zelf een kunsteena nare res. s. D Dat a is ge gelu lukt kt. Het reesu s ltaat mag er zij ijnn. D De wa wasvro r uwen e , op het voormal alig igee bleekvvel eld. Een eerbetoon aan de cult ltuu uurhis isto t rie van Groet. Een beeld van Petra Crump. p

Wijkgericht werken in Bergen In 2001 is de nieuwe gemeente Bergen ontstaan uit een fusie van Schoorl, Egmond en de oude gemeente Bergen. Twee jaar later is het wijkgericht werken ingevoerd. De filosofie hierachter was dat de gemeente samen met bewoners wilde werken aan de verbetering van de directe woonomgeving. Bovendien wilde Bergen een structurele dialoog met bewoners opzetten. Daarmee zou het beleid ook klantgerichter kunnen worden. Niet volgens een blauwdruk, maar organisch groeiend van onderop. Aanvankelijk is wijkgericht werken als proef in drie wijken opgezet. Maar vanaf 2003 breidde het zich gaandeweg uit. Nu zijn er zestien bewonersorganisaties die een wijk of een dorp vertegenwoordigen. Dit dekt vrijwel het hele grondgebied van de gemeente; van Egmond-Binnen tot aan Camperduin. Alle wijkorganisaties hebben een convenant getekend met de gemeente. Daphne van Gelderen is coördinator wijkgericht werken. Samen met haar collega Willem Taal besteedt zij al haar tijd aan de zestien bewonersorganisaties.

Grote vlucht Dat het wijkgericht werken een grote vlucht heeft genomen is te zien aan de groei van haar takenpakket. Zij is er vanaf het begin bij betrokken. Daphne van Gelseren: ‘ik deed het erbij, vier uurtjes in de week. Nu is het een complete baan.’ Daphne overziet de periode die achter haar ligt. ‘Het is een groeiproces. Het gaat met vallen en opstaan. We hebben veel geleerd van een groot project in Saenegheest. Vooral hoe je om moet gaan met de vertegenwoordiging van de bewoners. Wij van de gemeente spraken met de wijkvereniging. Maar Saenegheest bestaat uit allemaal hofjes, die elk hun eigen werkgroep hebben. Dat is de achterban van de wijkverenging. Dat werd een ingewikkelde communicatie. Hoe raadpleegt een bewonersorganisatie haar eigen achterban? Dat was niet altijd makkelijk.’ Communicatie is een steeds terugkerend thema in ons gesprek. Daphne van Gelderen heeft gemerkt dat ze voortdurend alert moet zijn. Ze komt met een voorbeeld. In 2007 was de gemeente in het centrum van het dorp Bergen bezig met de herziening van het Masterplan Plein. Dat omvatte heel veel. Het ging om de toekomst van de beeldbepalende Ruïnekerk. Verder wilden de twee supermarkten graag uitbreiden. En de gemeente moest iets met de parkeerge-

legenheden en de verkeerscirculatie. Al die elementen zijn met de ondernemersvereniging doorgesproken. Daphne van Gelderen: ‘toen we bezig waren met het Masterplan had het centrum van het dorp nog geen wijkvereniging. Toen dat alsnog werd opgericht besloot het gemeentebestuur om de herziening van het Masterplan ook goed door te spreken met de bewoners. Want het dorpscentrum is niet alleen van de ondernemers. We hebben heel veel informatie gegeven. Het was heel open communicatie. Op het eind van het traject werd alsnog een deel van het centrum in het Masterplan meegenomen. Dat werd vrij laat teruggekoppeld aan de bewonersvereniging. Daar waren ze toen boos over.’

Van onderop Een belangrijk element in de Bergense aanpak is de grote rol van de bewonersorganisaties. De gemeente wil het liefst dat zaken van onderop komen. Tot op grote hoogte kunnen de bewoners zelf bepalen wat er op de wijkagenda komt en wat er prioriteit heeft. Zoals de wethouder zegt: de gemeenschap staat voorop, niet de gemeente. Omdat de situatie per wijk verschilt is er dus geen blauwdruk. Dat betekent niet alleen dat de agenda’s per wijk sterk kunnen verschillen, ook de manier waarop de bewoners meedoen en meedenken is steeds weer anders. In het ene dorp is er een inloopavond, in het andere dorp wordt een internetpanel of een klankbordgroep georganiseerd. Daphne: ‘ik ben zelf niet zo van: alles moet in een structuur. Het klinkt als een cliché, maar in feit leveren we maatwerk.’ Na vijf jaar ervaring is het wijkgericht werken geëvalueerd. Over de hele linie is de gemeente tevreden. Er zijn voorbeelden te over van goede samenwerking tussen bewoners en gemeente. Er komt veel tot stand op deze manier. En het komt van onderop.

Toch is er ook wel kritiek. Daphne van Gelderen: ‘Uit de evaluatie kwamen twee punten die beter moeten. Eén is de communicatie. Bewonersorganisaties vinden dat ze niet altijd tijdig worden geïnformeerd. Je moet steeds alert zijn dat alle partijen op tijd hun informatie krijgen. Dat lesje hebben we wel geleerd. Bewonersorganisaties weten ook niet altijd wat hun rol is. Mogen ze meedenken, meedoen? Een ander punt heeft betrekking op de verantwoordelijkheden. Die zijn lang niet altijd duidelijk. De wijkverenigingen weten soms niet wie waar verantwoordelijk voor is bij de gemeente. Dit speelt met name bij grotere projecten waar meerdere afdelingen van de gemeente bij betrokken zijn. Gemeenten die wijkgericht werken merken dat dit gevolgen heeft voor de interne ambtelijke organisatie. Vanuit de wijk geredeneerd zou je veel zaken integraal willen aanpakken, maar vanuit vakdisciplines als verkeer, groen en ruimtelijke ordening houdt men graag vast aan sectoren. Sommige gemeenten ‘kantelen’ hun organisatie en delen het werk opnieuw in. In Bergen is iets anders gebeurd. De gemeente heeft haar ambtelijke organisatie gesplitst in beleid en uitvoering. De functie van Daphne en haar collega is ondergebracht bij de uitvoeringsafdeling beheer en openbare ruimte. Dat komt omdat veel onderwerpen in de wijk te maken hebben met de woonomgeving, zoals parkeren, veiligheid, afval, groenvoorzieningen (”grijs en groen”). Daphne van Gelederen: ‘idealiter zou mijn functie tussen beleid en uitvoering in moeten zitten. Maar dat is onhandig. In de praktijk probeer ik steeds de agenda van de wijken in de werkplanningen van mijn collega’s te krijgen. Formele bevoegdheid om knopen door te hakken heb ik niet.’ Wijkgericht werken raakt ingeburgerd in Bergen. Veel bewoners kennen het begrip inmiddels. Bijna alle wijkverenigingen hebben een website met een link naar de website van de gemeente. Nieuwe bewoners krijgen een folder dat er in hun buurt een wijkvereniging is. Luc Overman


D O R P E N K R A N T

De wensput: deel uw ideeën over het groen Onlangs is Landschap NoordHolland een project gestart onder de naam ‘natuur in bedrijf’’ Veel Noord-Hollanders wonen in een mooie landelijke omgeving. Daar heeft u vast ideeën over. Landschap Noord-Holland is een organisatie die mensen graag wil betrekken bij hun groene omgeving. Dit doet het Landschap op vele manieren. Een van die manieren is de zogeheten wensput. Via de wensput wordt gevraagd naar wensen van bewoners. Wat willen zij graag in hun omgeving als aanvulling op wat er al is? Deze ideeën

Dorpsservicepunt Twisk

Toko Twisk Onder een stralend zonnetje opende wethouder Zwagerman van de gemeente Medemblik op 18 september officieel het Dorpsservicepunt in Twisk. Hij onthulde het bordje

met de nieuwe naam: Toko Twisk. Het servicepunt is een uitbreiding van de al bestaande doe-het-zelfzaak van ondernemer Andries Rempt. Hierin waren al een TNT

7

Postpunt en een depot van de stomerij gevestigd. Sinds april is er proefgedraaid met een ontmoetingsplek waar men, binnen of buiten, een kopje koffie kan drinken of iets anders kan nuttigen. Dorpsgenoten ontmoeten elkaar hier, maar er wordt ook gebruik van gemaakt door de vele toeristen die het mooie Twisk bezoeken. Zij vinden er ook fietsenverhuur, toeristische informatie en er worden streekproducten verkocht. Deze ontmoetingsplek wordt gerund door vrijwilligers. Als laatste is een hoek met vergeten boodschappen aan het servicepunt toegevoegd, zoals houdbare melk, suiker en koffie. Dit project is tot stand gekomen door alert reageren van de Dorpsraad van Twisk. Toen Andries Rempt

de winkel wilde sluiten wegens ziekte van zijn vrouw stapte de dorpsraad naar de gemeente. Die heeft het initiatief ruimhartig gesteund, mede mogelijk gemaakt door de subsidieregeling Dorpswinkels van de provincie NoordHolland. Deze regeling is in 2009 opgegaan in de nieuwe Uitvoeringsregeling multifunctionele accommodaties Noord-Holland 2009. De mogelijkheid van een financiële ondersteuning van dorpsservicepunten door de provincie NoordHolland is er dus nog steeds. Meer weten? Kijk op www.noord-holland.nl of informeer bij PRIMO nh: mail naar jdeknegt@primo-nh.nl of bel met 0299 418 700.

Het derde nationale PlattelandsParlement Inspiratie! Een veel gehoorde term op het PlattelandsParlement 2009. Deze vond 10 oktober plaats in Congrescentrum De Werelt in Lunteren. Ruim 200 aanwezigen, waaronder 5 kamerleden, zetten zich in om van het derde PlattelandParlement een succes te maken. Sinds 2005 vindt in Nederland iedere twee jaar zo’n bijeenkomst plaats. Deze dag draait om het uitwisselen van meningen, kennis en ervaringen over wat er werkelijk leeft op het Nederlandse platteland.

publiek. LVKK-voorzitter Hans Verheijen deed een oproep vanuit de LVKK om een bredere politieke benadering van “Krimp’ op het platteland. Door krimp zijn er steeds minder actieve burgers in de dorpen. Een opleving van het burgerschap is nodig. De politiek moet hierom dichter bij de burgers komen te staan. Aanwezige kamerleden spraken ook hun betrokkenheid en zorg over het platteland uit. Een veelgehoorde opmerking was dat de ‘Randstadproblematiek’ het uitgestrekte platteland in een politieke schaduw zet.

Inspiratie

Een bedrijfswerkdag in het groen van het bedrijf MSD (Merck Sharp & Dohme) uit Haarlem. De werkdag is op het Landgoed Leyduin, eigendom van Landschap Noord-Holland

Plattelandsbewoners kwamen met elkaar en met politici en beleidsmakers om de tafel. Dit jaar draaide de dag om vier hoofdthema’s: veranderende bevolkingssamenstelling, duurzame dorpen, decentralisatie en burgerparticipatie en gebieds- en plattelandsontwikkeling. In workshops en discussiegroepen werd per thema onderzocht waar sterke punten en kansen voor het platteland liggen. Dagvoorzitter Fons de Poel opende de dag met korte gesprekken en interviews met de aanwezige parlementariërs en reacties uit het

De dag werd afgesloten met een slotdiscussie. De parlementariërs presenteerden hun belangrijkste conclusies en vertrokken geïnspireerd naar huis. Als voornaamste bedreiging werd geconstateerd dat er nog te veel aandacht en budget uitgaat naar de zorg, ten koste van de aandacht voor welzijn op het platteland. Het Nationale PlattelandsParlement 2009 had zijn doel bereikt: het faciliteren van een direct gesprek tussen politici en plattelandsbewoners en deze van inspiratie te voorzien om de plattelandsproblematiek verder op de kaart te zetten.

Wijk aan Zee

worden voorgelegd aan bedrijven en organisaties in de omgeving om te kijken of ze uitgevoerd kunnen worden. Landschap Noord-Holland denkt dat de natuur er mooier uit kan zien. Wilt u graag een braakliggend stukje land omtoveren tot een bloemrijk hooilandje? Een fruitboomgaard in oude luister herstellen? Misschien wilt u een rij verwaarloosde wilgen knotten of een natuurlijke oever aanleggen zodat er wilde flora en fauna terugkomt. Landschap Noord-Holland is op zoek naar mensen die ideeën hebben en dit samen met anderen willen aanpakken. Meer informatie kunt u inwinnen bij Babette Bontes Landschap Noord-Holland Telefoon 088 0064480 of 06 33 31 96 66, b.bontes@ landschapnoordholland.nl

Prijs Dorpsvernieuwing 2009 Op 21 november zal in het Brabantse dorp Elsendorp, in de Peel, de Dorpsvernieuwingsprijs 2009 uitgereikt worden. Aan de finale doen acht dorpen uit zes provincies mee. Onder deze acht dorpen zijn

maar liefst twee Noord-Hollandse kandidaten. Dit zijn Wijk aan Zee (gemeente Beverwijk) met haar internationale uitwisselingsprogramma Cultural Village en Zuidermeer (gemeente Koggenland).

In de voorronde was ook het dorp Twisk (gemeente Medemblik) kandidaat. Twisk zat zelfs bij de laatste twaalf en heeft de finale op een haar na gemist. De jury had het moeilijk met de afwijzing,

want de zaken zagen er erg goed uit, vonden de juryleden. De Dorpsvernieuwingsprijs wordt tweejaarlijks uitgereikt aan een dorp waar bewoners, samen met maatschappelijke partners, opvallende activiteiten of projecten hebben uitgevoerd die de leefbaarheid van het dorp op bijzondere wijze ten goede komt. In de jury zitten afgevaardigden van de Landelijke Vereniging van Kleine Kernen, Rabobank Nederland, de Koninklijk Nederlandse Heidemaatschappij, het Ministerie van LNV en de winnaar Dorpsvernieuwingsprijs 2007. Dat was het Brabantse Elsendorp. In oktober heeft de jury de acht dorpen bezocht. Op 21 november zal tijdens een feestelijk programma de prijsuitreiking plaatsvinden. Het winnende Nederlandse dorp dingt in 2010 mee naar de Europese Dorpsvernieuwingsprijs. Meer weten? Bezoek de website van de Landelijke Vereniging van Kleine Kernen. www.lvkk.nl


D O R P E N K R A N T

8

Geen natte natuur

Bewoners Horstermeerpolder in actie tegen plannen provincie.

Te midden van de Vechtplassen, tussen Ankeveen, Nederhorst den Berg en Kortenhoef ligt een bijzonder gebied, de Horstermeerpolder. Deze droogmakerij staat bij overheden en natuurorganisaties al vele jaren in de belangstelling. De polder zou zeer geschikt zijn voor ‘natte’ natuur en waterberging. Bewonersvereniging Horstermeerpolder stelt zich kritisch op maar kiest ook voor overleg. De vereniging is het niet eens met de huidige Natuur en Water opgave die Provincie Noord-Holland voorstelt. De belangrijkste taak van de vereniging is het toetsen van de plannen aan drie uitgangspunten: droge voeten, duidelijkheid en duurzaamheid.

Droge voeten Waarom zijn bewoners zo kritisch en bezorgd over het plan? Dat vraag ik Léon Smits en Edward Voshaart, beiden bestuurslid van de bewonersvereniging Horstermeerpolder. ‘Dit is geen gewone polder’ legt Léon Smits, voorzitter van de vereniging uit. ‘De Horstermeerpolder staat vanouds bekend als een zeer onberekenbaar gebied als het om de waterhuishouding gaat. Het is een lage polder en de diversiteit aan grondsoorten is groot. Heel vaak is kennis van oudere inwoners over de karakteristieken van de grond en de waterloop niet serieus genomen. We hebben vanuit het verleden ervaring met mislukte proefprojecten die bedoeld waren om de waterhuishouding anders in te richten. Met als gevolg onherstelbare schade op die locaties. Bovendien is het wrang dat de overheid niet serieus wil kijken naar alternatieven, zoals het plan “Weide-Meren”, opgesteld door een inwoner van deze polder.’

3D-toets De bewonersvereniging werd in 1997 opgericht. Vanaf de start stelde zij vragen bij alle plannen

en formuleerde haar eigen toets, de zogenoemde 3D-toets. Duidelijk: een plan moet duidelijkheid geven over de toekomst van de polder. Droge voeten: er mag geen enkele schade ontstaan door vernatting. Duurzaam: neemt de overheid uiteindelijk een plan aan, dan willen bewoners in de komende vijftig jaar geen nieuwe plannen voor

DIT IS GEEN GEWONE POLDER het gebied. Door haar gedegen dossierkennis en duidelijke standpunten groeide de vereniging uit tot een instantie waar overheden niet omheen konden. Toen eind 2006 de provincie opdracht gaf voor een brede adviescommissie volgde er een uitnodiging aan de bewonersvereniging. De opdracht: formuleer een plan dat gedragen wordt door alle betrokkenen. In die commissie zaten vertegenwoordigers van gemeente, provincie, Hoogheemraadschap, Natuurmonumenten, ondernemerscollectief Wijdemeren, agrarisch belangenbehartiger LTO Noord, Agrarische Natuurvereni-

Toen er halverwege 2007 tijdens een informatieavond een voorkeursvariant werd gepresenteerd aan bewoners, rezen er ernstige twijfels over enkele aannames en berekeningen in de onderbouwing van het voorstel. Op aandringen van de bewonersvereniging is er aanvullend onderzoek gedaan door twee grondwaterdeskundigen. Léon Smits: ‘we hebben er enorm om moeten zeuren.’ Hieruit kwamen belangrijke technische verbeteringen én aanbevelingen, waaronder een stapsgewijze invoering van waterpeilveranderingen. Het oordeel van de inwoners over ‘natte’ natuurontwikkeling is na alle onderzoeken en adviezen ongewijzigd. In september 2008 was de reactie van een bomvolle zaal aan de adviescommissie: geen natte natuur in de polder. De bewonersvereniging Horstermeerpolder stemde tegen het voorliggende plan. Die boodschap nam de commissie eind 2008 mee in haar advies naar de provincie.

COLOFON DORPENKRANT

Luc Overman

Anita Blijdorp

Jaap de Knegt

Uitgever PRIMO nh www.primo-nh.nl

Redactie Anita Blijdorp Jaap de Knegt

Terug bij af ging Vechtvallei en bewonersvereniging Horstermeerpolder.

Een eigen rol De bewonersvereniging nam na enige aarzeling de uitnodiging aan omdat Gedeputeerde Staten de 3D-toets tot integraal onderdeel van de adviesopdracht had geformuleerd. Léon Smits: ‘Als bestuur hebben we in 2006 uitgebreid overlegd met onze leden over vragen als “Moeten we wel gaan voor overleg, wat schieten we ermee op, bereiken we überhaupt iets in zo’n commissie?”. De twee afgevaardigden kozen voor een duidelijke stellingname. Léon Smits citeert uit het verslag van de ledenvergadering: ‘onze vereniging is het niet eens met deze door de overheid opgelegde ‘natte’ Natuur en Water opgave: de keuze voor maar liefst 250 ha moeras in de polder is nooit op democratische wijze gemaakt; de overheid is verantwoordelijk voor haar eigen plan, wij maken geen keuze voor een voorkeursvariant en werken die niet mee uit; onze rol is het voortdurend toetsen van uw plan aan onze drie D’s.‘

Omdat enkele inwoners niet gerust waren op het serieus nemen van hun zorgen, besloten zij voorjaar 2009 tot een handtekeningenactie en protesttocht naar Haarlem. Dat werd een groot succes. Edward Voshaart, zelf veehouder in de polder en bestuurslid van de bewonersvereniging: ‘het gaat over de plek waar mensen wonen, waar hun thuis is, die protesttocht was heel indrukwekkend.’ Eind september zijn de vlaggen en protestborden nog duidelijk zichtbaar: ‘geen moeras maar weide-meren’ en ‘knutten, muggen en riet, dat willen wij hier niet’. ‘We zijn terug bij af’, zo formuleert Léon Smits de situatie. Hij heeft zojuist kennis gemaakt met de voorzitter van de nieuwe adviescommissie, die zich met de uitwerking van het plan moet bezighouden. ‘We gaan nog steeds voor het overleg, maar wel met een duidelijk eisenpakket, wij willen meer concrete doelstellingen en openheid van zaken. Pas dan kunnen we zien of het plan de 3D-toets kan doorstaan.’ www.horstermeerpolder.nl en www.horstermeerpolder.web-log.nl Anita Blijdorp

Eindredactie Luc Overman

Nieuws platform dorpshuizen Gerard de Nooy

Nieuws VvKkNH Trudy Steenbergen

Foto’s Jeroen Alberts, Peter Ampt, Cees Bakker, Anita Blijdorp, Yvonne Jonkman, Jaap de Knegt, Luc Overman, Kees Plugboer

Redactieadres PRIMO nh, Postbus 106, 1440 AC Purmerend, Tel: 0299 418 700 loverman@primo-nh.nl

Bezoekadres PRIMO nh, Emmakade 4, 1441 ET Purmerend

Vormgeving Studio Stevens, De Rijp

Oplage 2000 exemplaren

De Horstermeerpolder De Horstermeerpolder is 620 hectare groot, er wonen circa 900 mensen. Van oudsher is de polder een aantrekkelijk gebied voor tuinders, anno 2009 is er nog een tiental kwekerijen over. Circa tien agrariërs hebben grond in de polder. Natuurmonumenten bezit 70 hectare grond. De polder ligt twee meter lager dan het omringende gebied. Er stroomt water van het land rondom naar de polder toe. Het binnenstromende water komt als kwel weer naar de oppervlakte. Het teveel aan water wordt nu weggepompt naar de Vecht en

naar de Kortenhoefse plas, de hoeveelheid weg te pompen water wil het Hoogheemraadschap verminderen. Dit kan worden bereikt door in delen van de polder het waterpeil te verhogen. Provincie en Natuurmonumenten willen 250 ha ‘natte’ natuur in de polder, ook wel plas-dras gebied genoemd. Het Rijk heeft hiervoor al geld beschikbaar gesteld. ‘Natte natuur’ en verhoging van het waterpeil zou een oplossing bieden voor verdroging van de omgeving en tegelijkertijd zorgen voor een betere waterkwaliteit. De geplande plas-drasgebieden zouden daarnaast ook dienst kunnen doen als tijdelijke waterberging bij hevige regenval.

Copyright Overname of nadrukken van artikelen, of van delen daarvan, is uitsluitend toegestaan na overleg met en toestemming van de redactie en altijd met bronvermelding.


Dorpenkrant nr 10, 2009