Issuu on Google+

PPP-NIEUWSBRIEF April 2009/4 Jaargang 3

Inleiding Voordat we overgaan tot de orde der dingen willen we eerst onze felicitaties uiten aan het adres van de organisatiecommissie van het Verpleegkundig Schizofreniecongres, dat op 17 april in het UMCG plaats vond, Astrid Kuster, Inge Rinzema, Harald Schneider en Pieter Jan Mulder. Een inspirerende dag met goede sprekers en workshops, een dag die wat ons betreft “een staartje mag hebben”. Deze maand de laatste Cochrane. Niet dat er niet meer reviews zijn, maar we hebben de meest aansprekende gehad. Mocht er zich nog een aandienen de komende tijd, dan plaatsen we die natuurlijk wel. Zo zijn we wel. Maar daarvoor in de plaats komt er iets nieuws. We kunnen putten uit de schizofrenie-richtlijn die in het Verenigd Koninkrijk eind maart het licht zag. Dat gaan we vanaf volgende maand dan ook doen. Het bijna 400 pagina’s dikke werk geeft het resultaat van jarenlang onderzoek op alle denkbare interventies voor mensen met schizofrenie. Wie alvast nieuwsgierig is gaat maar bladeren.

Oxford tales 3 (slot) Samen met collega Els de Hoog van het UCP woonde Rob Versteden een aantal workshops bij in Oxford, onder de titel “Social functioning in schizophrenia: Centers of Excellence”. De workshops werden (be-)geleid door Professor Tom Burns, van oorsprong een doorgewinterde sociaal psychiater. Er waren dertien deelnemers vanuit Zuid Korea tot Duitsland en diverse landen daartussen. De gastvrijheid werd verzorgd door The Queen’s College, gesticht in 1341. In deze laatste aflevering wordt stil gestaan bij de GGz zorg op locatie. Oxford om precies te zijn. Maar eerst iets over Oxford zelf. Wanneer u boekengek bent, of erger nog, bibliotheekfreak kunt u niet om een bezoekje heen aan de Bodleian in Oxford. Een prachtig gebouw met een indrukwekkend interieur. Een ode aan het boek. Het ontstaan van de universiteitsbibliotheek in Oxford gaat verder terug in de geschiedenis dan de Bodleian. Al in 1320 ontstond de eerste bibliotheek in een ruimte achter de universiteitskerk (St. Mary the Virgin). De ruimte was al snel te klein en toen een jongere broer van Henry V zijn bezittingen schonk (281 zeer oude manuscripten)

U leest de maandelijkse nieuwsbrief van de Provinciale Programmagroep Psychotische stoornissen (kortweg: PPP). De programmagroep is een samenwerkingsverband tussen Lentis/Linis, UMCG/UCP en het RGOC. Deze samenwerking heeft als doel een gezamenlijk zorgprogramma te implementeren en te komen tot een cliëntvolgsysteem voor mensen met een psychotische stoornis. Programma Psychotische Stoornissen Programmaleider: Rob Versteden Voorzitter Provinciale Programmagroep: Rikus Knegtering Secretariaat: Ellen Klein Leden van de Provinciale Programmagroep Psychotische stoornissen: Wim Bloemers Agnes Glastra Henny ten Hove Hein Bokern Anita Jonkers Joke Wentholt Astrid Kuster Anne Miedema Pieter Jan Mulder Janneke Nieuwland Nynke de Boer Inge Rinzema Harald Schneider Ellen Siegert Gosse Venema Bertil Bakker Harma Peetsma Zwanie Plat E-mail: Programma Psychose/GGZGRN ppp@lentis.nl PPP archief Redactie: Rob Versteden Janneke Nieuwland Ellen Klein


werd “Duke Humfrey’s” gebouwd. Nu is dit het oudste gedeelte van de Bodleian. De deken van het nieuw opgerichte Christ Church college (ja, ja, die van Harry Potter) kreeg 60 jaar later als opdracht van koning Edward VI om het land te ontdoen van alle bijgelovige teksten en platen die nog aan het Rooms katholicisme herinnerden. De kostbare geschriften van Duke Humfrey werden verbrand of voor een habbekrats verkocht aan kleermakers om er patronen mee te snijden, boekbinders om het materiaal van de kaften opnieuw te gebruiken (wat toen heel gebruikelijk was) en sommigen werden door de hervormers zelf achterover gedrukt. De universiteit van Oxford had onvoldoende geld om opnieuw een bibliotheek op te zetten. Zoals in de vorige aflevering werd vermeld functioneerde de universiteit en de colleges zelfstandig en het geld zat vooral bij de colleges.

VERWIJZERTJES SAMENWERKING Lentis Linis UMCG Universitair Centrum Psychiatrie Rob Giel Onderzoekcentrum

KENNISCENTRA Kenniscentrum Schizofrenie Kenniscentrum Rehabilitatie

In 1598 werd de gift van Sir Thomas Bodley door de universiteit geaccepteerd. Bodley, die was getrouwd met een zeer rijke weduwe van CLIËNTEN, PATIËNTEN EN een vishandelaar, wilde de NAASTBETROKKENEN bibliotheek van haar ondergang redden. Het interieur van “Duke Ypsilon Humfrey’s” was door de Anoiksis universiteit grotendeels verkocht labyrint/in perspectief en het gebouw raakte in verval Tien sleutelfactoren voor herstel door het gebruik als medische Stichting Recovery Nederland faculteit. Meer weten over psychosen en Bodley liet eerst het oude gebouw schizofrenie? opnieuw inrichten en verzamelde Kinderen van ouders met boeken voor de collectie. Een tot psychiatrische problemen op heden nog geldige afspraak Stichting Nieuw Nabuurschap werd bij de opening in 1610 Maatjesproject van Humanitas gemaakt. Van elk boek dat in Engeland zou worden uitgegeven en geregistreerd bij de Stationer’s Company of London (boekengilde) zou één exemplaar aan de Bodleian ter beschikking worden gesteld. ALGEMENE INFO Direct na het overlijden van Sir Bodley werd aangevangen met de bouw van het carré dat nu zo bekend is. Netwerk Vroege Psychose In 1749 kreeg de Bodleian een nieuwe buur in de bibliotheek die nu Pandora Radcliffe Camera heet. De Bodleian heeft inmiddels alle gebouwen rondom Radcliffe Square in bezit genomen. ONDERZOEK EN WETENSCHAP

De Bodleian leent niet uit, ook niet aan Engelse koningen en Cromwell! medscape Richtlijn schizofrenie

OBMH; een afgekorte wereld Vandaag gaan we op werkbezoek in Oxford. Na alle wetenschappelijke beslommeringen over meetinstrumenten worden we geacht om 8.30 uur “sharp” voor de hoofdingang van The Queen’s College te staan. Wie ervaring heeft met Engelse ontbijten weet dat het geen moeite kostte op tijd te zijn. Een paar kilometer verwijderd van het intellectuele centrum van Oxford gaan we op bezoek bij de werkers in het

ZORGPROGRAMMA PSYCHOTISCHE STOORNISSEN Klik hier voor het rapport Registratie- en Volgsysteem Psychotische Stoornissen


Warneford Hospital. Preciezer gezegd gaan we op bezoek bij Oxfordshire and Buckinghamshire Mental Health (OBMH), ondertiteld met NHS Foundation Trust, dat National Health Service betekent. NHS is in Engeland een zelfstandig naamwoord geworden, zodat Molodynski en Burns in hun artikel ook spreken van NHS services. We werden vriendelijk ontvangen in het oude gebouw van Warneford Hospital. Tot de spijt van menig hulpverlener die we die ochtend spraken viel het gebouw onder monumentenbescherming. Het cottageachtig ontwerp is genoemd naar een dominee die een groot bedrag naliet om het te restaureren. Oorspronkelijk heette het ziekenhuis “the Radcliffe Lunatic Asylum” (alleen voor lunatics uit de betere kringen). Waar kennen we die naam Radcliffe ook weer van? In het gebouw zijn 77 bedden en wij werden rondgeleid in de Vaughan Thomas Ward, waar 21 bedden voor acute zorg waren. Psychiaters die ambulant hun hoofdtaak hadden, kregen afhankelijk van hun caseload een aantal bedden toegewezen en bleven bij opname verantwoordelijk voor de behandeling van “hun” patiënt. Hoewel de opnametijd scherp in de gaten werd gehouden (maximaal drie maanden) leerde een blik op het systeembord in de verpleegpost dat er een aantal patiënten fors over die termijn zaten. Wat verder opviel was een grote veiligheidsdrang. Als bezoekers kregen we onmiddellijk een apparaatje met alarmknop aan het lijf hangen met een korte instructie. De patiënten kwamen ons voor als “oude bekenden”, die zeker niet hun eerste opname hier mochten meemaken. De vrouwen hadden hun eigen slaapgang die erg smal was door de architectuur uit een ver verleden. In het gebouw waren meerdere ambulante teams gevestigd. Naast multidisciplinaire zorgcoördinatieteams (CMHT) waren er crisisteams (CRHT) die zich vooral ook op de omgeving van de cliënt richten, een forensisch jeugdteam (CAMHS) met een team voor jongere criminelen  (YOT). Interessant was bovendien het ambulante vroege interventie team (OEIS) dat zich speciaal bezig houdt met eerste psychosen en zoveel mogelijk probeert deze groep mensen in hun systeem te houden. Daarbij worden, zoals ook bij alle andere hulpverlening, rehabilitatiedoelstellingen hoog gehouden. Letterlijk zeggen zij dat ze de stress ontstaan door een eerste psychose proberen te reduceren door herstel (recovery) te promoten met een ondersteunende en vriendelijke benadering. Eerlijk gezegd was het in zo’n korte tijd niet te doen om erachter te komen hoe de inzet van al deze teams (whoops, er was ook nog een ACT team, dat AOT werd genoemd) uit elkaar kon worden gehouden. Wat wel als belangrijk naar voren kwam, was dat het aantal bedden bedoeld was voor een populatie ongeveer zo groot als die van Lentis. Bij de zorgcoördinatie waren in de caseload veel laagfrequente contacten. Het ICT gebruik is er vele malen hoger dan wij gewend zijn. Zo is er op Facebook een groep “Everyday People at OBMH” waar patiënten zich kunnen aansluiten. SMS op mobiele telefoons wordt gebruikt als een systeem waarmee patiënten hun situatie kunnen doorgeven. Op intranet is een speciale hoek voor “Staff wellbeing” en voor de jongeren een speciale website “Am I OK”. Als afsluiter kregen we een gezamenlijke lunch bij “Restore” aangeboden.


Restore is een consumer run project waarin allerlei activiteiten worden ontplooid. Het bijzondere is dat het project veel donateurs kent, naast veel vrijwilligers. Ook zijn er originele inkomstenbronnen als het bemiddelen bij telefoonabonnementen (6% vergoeding) en internetaankopen via hun website doen levert ook weer geld op voor Restore. Voor meer info bezoek de website. Op de terugweg naar Queen’s College, rijdend door de eerste “echt” gezellige straten van Oxford met een wereldkaart aan winkeltjes, schoot het door mijn hoofd: “Door de afkortingen het woord niet meer zien.” Literatuur Morris, J.: The Oxford Book of Oxford, Oxford University Press, 1978 Rogers, D.: The Bodleian Library and its treasures 1320-1700, Aidan Ellis, 1991 Molodynski, A., Burns, T.: The organization of psychiatric services. Medicine 36/8 (338-390)(2008)

Succesfactoren en valkuilen bij implementatie ervaringsdeskundigheid en herstelondersteunend werken (Hilko Timmer, projectmedewerker RAAK)

Het RAAK-project “Rehabilitatie en Herstel in de GGz” is een project dat bestaat uit twee Communities of Practice (CoP’s), waarin docenten, cliënten, studenten en hulpverleners met elkaar discussiëren over de thema’s “Herstelondersteunende zorg” en “Ervaringsdeskundigheid”. Het is een samenwerkingsverband tussen het Lectoraat Rehabilitatie van de Hanzehogeschool, RIBW-Drenthe/Promens Care, GGz Friesland, GGz Drenthe, Lentis en het Trimbosinstituut (Lectoraat HEE). De subsidie wordt verleend door de Stichting Innovatie Alliantie. Rob Versteden is projectleider en Hilko Timmer is de onderzoeker verbonden aan het project. Onderstaande tekst is van Hilko en is bedoeld als discussiestuk voor de CoP’s. Wij hebben zijn toestemming gekregen om het in de Nieuwsbrief te plaatsen. Implementatie van ervaringsdeskundigheid en van herstelondersteunend werken binnen een organisatie is vooralsnog in Nederland een pioniersgebied. Er is nog steeds geen standaard als het gaat om hoe deze implementatie vorm te geven. Ervaringsdeskundigheid en herstel kunnen niet los van elkaar worden gezien. Herstel wordt bevorderd door de inzet van ervaringsdeskundigen. De voorbeeldfunctie die zij vervullen en de herkenning die zij oproepen bij cliënten van de geestelijke gezondheidszorg zijn een bron van empowerment (W.Boevink, 2003) Aan de hand van de vorige CoP-bijeenkomsten en aan de hand van eigen ervaringen als ervaringsdeskundige en gesprekken met medewerkers en andere ervaringsdeskundigen in Rotterdam (Pameijer), Utrecht (SBWU), Groningen (Lentis), Friesland en Drenthe heb ik een lijstje met succesfactoren en valkuilen opgesteld. Elke factor licht ik kort toe. Dit document dient als discussiestuk binnen beide CoP’s. Daarom en


omdat ervaringsdeskundigheid en herstelondersteunend werken niet van elkaar losgekoppeld kunnen worden, geef ik succesfactoren en valkuilen en voor deze twee door elkaar. Het is geen recept voor implementatie, maar geeft een samenvatting van belangrijke valkuilen en succesfactoren die in de praktijk als zodanig zijn ervaren.

Succesfactoren Herstel en ervaringsdeskundigheid horen bij elkaar. Laat ervaringsdeskundigen werken aan implementatie van herstel binnen de organisatie. Ervaringsdeskundigen zijn bij uitstek geschikt voor het implementeren van herstelondersteunende activiteiten. Bij voorkeur ervaringsdeskundigen die bekend zijn met de organisatie. Zij weten uit eigen ervaringen op welke punten binnen de organisatie verbeteringen op het gebied van herstelondersteuning het meest wenselijk zijn en hebben tevens de beste contacten met andere cliënten. Bovendien zullen zij degenen zijn die uiteindelijk een groot aantal van de initiatieven moeten uitvoeren. Ik denk dan aan het voorzitten van herstelwerkgroepen, zelfhulpgroepen, voorlichtingen, enzovoort. Begin met een werkgroep Naar ervaringen binnen de SBWU (Utrecht) en Pameijer (Rotterdam) is de start van implementatie van herstelondersteuning succesvol als het een project is. Dat betekent een werkgroep met voornamelijk ervaringsdeskundigen (of capabele mensen met cliëntervaring) die als opdracht krijgen een programma te ontwerpen ten behoeve van herstel. Wat een herstelondersteunende organisatie precies is, is nog geen omschrijving voor, maar daar hoeven we absoluut niet op te wachten. De herstelvisie is langzamerhand goed uitgekristaliseerd (W. Boevink, A. Plooy, P. Deegan, M. O’Hagan, en vele anderen). Laat deze werkgroep de verdere invulling vormgeven. Maak de cliënten enthousiast Een zorgorganisatie wordt gedragen door de cliënten. Als cliënten herstel willen en op de hoogte zijn van mogelijkheden, dan zullen herstelprojecten makkelijker en beter op gang komen. Het is dus van belang te starten met bijvoorbeeld een herstelwerkgroep (HEE) of een zelfhulpgroep en mensen uit te nodigen die voorlichting kunnen geven over herstel. Erken de cliënt als deskundige Zonder te spreken van ervaringsdekundigheid, kunnen we stellen, dat de cliënt zelf de deskundige is als het gaat over zijn/haar persoonlijke herstelproces. Deze deskundigheid moet leidend zijn in de behandeling of begeleiding. Een gelijkwaardige relatie tussen hulpverlener en cliënt bevordert het herstelproces. Cliënten die herstellen zijn een voorbeeld voor andere cliënten. Nodig ALTIJD cliënten uit bij zorginhoudelijke besprekingen. Als er binnen de organisatie een werkgroep geformeerd wordt die zich gaat buigen over zorginhoudelijke vernieuwingen, is het handig daar cliënten die kunnen deelnemen (en die zijn er altijd) daarbij uit te nodigen. Het is dan wel van groot belang, dat die dan binnen de werkgroep ook als volledig lid gewaardeerd worden. Nothing about us without us


Als een cliënt besproken wordt in bijvoorbeeld een teamoverleg, dan is het binnen een herstelondersteunende organisatie van belang die cliënt bij die bespreking uit te nodigen. Dat is niet altijd mogelijk, maar maak er gewoonte van, dat cliënten tenminste een verslag krijgen van wat er over hen besproken is en daar ook nog inspraak op kunnen hebben. Niet alle cliënten hebben er belang bij deze verslagen te zien en niet alle cliënten willen aanwezig zijn bij de bespreking, maar als er een sfeer van openheid heerst, merken we, dat daar een motiverende werking vanuit gaat. Valkuilen Laat ervaringsdeskundigen niet alleen werken Een grote valkuil die zowel in Groningen als bij de SBWU als bij Pameijer in Rotterdam ontdekt is, is dat een ervaringsdeskundige die geen ervaringsdeskundige collega’s heeft, moeilijk voet aan de grond krijgt binnen de organisatie. Het gaat hier wel om een ervaringsdeskundige die ook als zodanig werkt en niet om bijvoorbeeld een begeleider met ervaringsdeskundigheid. Binnen FACT-teams bijvoorbeeld zien we in veel gevallen, dat de ervaringsdeskundige moeilijk onderdeel van het team wordt. Ervaringsdeskundigen die met meerderen werken, hebben de ervaring veel meer te bereiken en zijn meer tevreden met hun functie (SBWU, Pameijer). Verwacht geen ‘vandaag op morgen’ verandering Van traditioneel werken naar herstelondersteunend werken kost tijd. Het gaat bij deze verandering voor een deel om de attitude van medewerkers. Zij moeten plotseling de cliënten als gelijkwaardigen gaan zien, zichzelf kwetsbaar opstellen, een bescheidener houding aannemen, omdat bij herstelondersteuning eigen regie van de cliënt nu eenmaal een kernpunt is. Het implementeren is dus grotendeels afhankelijk van de medewerkers en die hebben tijd nodig om het idee van de herstelvisie te gaan naleven. Gun uw medewerkers die tijd en maak kleine stappen. Zet geen ervaringsdeskundigen in zonder voldoende draagvlak Als ervaringsdeskundigen worden ingezet binnen de organisatie, is het van belang, dat er ook voldoende draagvlak is onder de medewerkers voor zowel ervaringsdeskundigheid als voor herstelondersteunend werken. De uitzondering is hier de werkgroep die de implementatie vorm zou moeten geven. Die werkgroep zal immers draagvlak binnen de organisatie creëren. Opgelegd of van onder naar boven ? Vaak wordt gedacht, dat herstel en ervaringsdeskundigheid ofwel van bovenaf (management) moet worden opgelegd of wel totaal van de werkvloer of de cliënten moet komen. Beide zijn een misvatting gebleken. Om herstel en ervaringsdeskundigheid goed te implementeren is draagvlak nodig op alle niveaus. Daarom is het zeer goed om met locatie- of afdelingen te spreken over initiatieven zoals themamiddagen georganiseerd door cliënten of herstelwerkgroepen en tegelijkertijd ervoor te pleiten cliënten te betrekken bij het zorginhoudelijk bestuur van de organisatie. Op die manier wennen mensen ook aan het idee, dat cliënten meewerken in de organisatie. Dit past binnen het tijd gunnen, want we moeten ons realiseren, dat het best een omschakeling vereist om cliënten in die rollen tegen te komen. Geef de medewerkers de ruimte en tijd hieraan te wennen en ook de cliënten/ervaringsdeskundigen.

Anoiksis


Vooraankondiging Geestkracht Deelnemerssymposium: psychose: wetenschap in de praktijk Graag willen we uw aandacht vragen voor het jubileumsymposium “psychose: wetenschap in de praktijk”. Het symposium staat in het teken van de jubilea van de familievereniging Ypsilon en de patiëntenvereniging Anoiksis. Het symposium vindt plaats op woensdagavond 13 mei 2009 van Klik op deze link voor meer informatie over Anoiksis 19.00-22.00 uur in Amrâth Grand Hotel de l’Empereur, Stationsstraat 2, 6221 BP Maastricht. Het jubileumsymposium wordt georganiseerd door de familieledenvereniging Ypsilon, de patiëntenvereniging Anoiksis en de onderzoekers van de afdeling Sociale Psychiatrie van de Universiteit Maastricht. Doel van het symposium is om alle mensen die hebben deelgenomen aan studies omtrent psychose bij deze afdeling en andere geïnteresseerden te informeren over resultaten van wetenschappelijk onderzoek. Tijdens het symposium wordt ook de toepasbaarheid van deze resultaten met betrekking tot de klinische praktijk besproken. Toegang is gratis! Heeft u interesse in het Geestkracht Deelnemerssymposium, gelieve te registreren vóór 7 mei via telefoonnummer: 043-3688653 of via mail: Geestkrachtsymposium@sp.unimaas.nl Het aantal inschrijvingen is beperkt.

Ypsilon UMCG wil HIT-methode toch continueren Het UMCG wil de HIT-methode zoals Jack Jenner die op de Stemmenpoli ontwikkelde toch continueren. Dat heeft Frank van Es, hoofd behandelzaken van de afdeling psychosen, laten weten. Hij reageert op een Schizbul-bericht eerder deze week, dat melding maakte van een protestbrief tegen de vermeende stopzetting. Van Es: "De Klik op deze link voor meer informatie over Ypsilon indruk dat we niet verder wilden met de HIT-methode berust op een misverstand. De leiding van het UMCG vindt het juist van groot belang dat de Stemmenpoli en de HIT-methode wordt voortgezet, omdat de methode bewezen effectief is en als zeer klantvriendelijk wordt ervaren. Vorige week zijn gesprekken afgerond met Rosemarie de Boer: Zij zal het stokje van Jenner overnemen."

Interview De komende maanden gaat Janneke Nieuwland van de redactie van deze nieuwsbrief de deelnemers van de Provinciale Programmagroep Psychotische Stoornissen interviewen. De meesten van hen kent u misschien niet eens. Op deze manier hopen wij een gezicht aan hen te kunnen geven.


Mens Motto Missie met Anne Miedema, Lid van PPP/ casemanager FACT 1 Groningen Stad

 Wie ben je als mens? Ik ben als man in het leven gedropt in een gezin met veel kinderen. Ik woon al 53 jaar in Zuidlaren. Sinds 1928 werkt het geslacht Miedema op Dennenoord, daar ben ik bijna opgegroeid. Ook nu werken veel uit ons gezin in de gezondheidszorg. Ik voel me verbonden met de sociale aspecten van de mens en met de economische kant wat minder. Hoe sta je in het leven? Mijn opvoeding en de christelijke normen en waarden, zijn bepalend hoe ik in het leven sta en dat is ver weg van egoïsme en ikke-ikke. Je bent er niet alleen voor jezelf, maar ook voor anderen. Ik zoek niet de makkelijkste weg en hou me bezig met zingevingvragen, bijvoorbeeld: hoe en waarom zijn Interview is afgenomen door we hier. Janneke Nieuwland Waar ben je trots op? Daar denk ik niet dagelijks over na. Dit woord past ook niet zo bij me. Ik ben heel blij met mijn vrouw en kinderen en dat ik een beroep uitoefen waar ik iets voor voel en niet alleen werk om geld te verdienen. Waar wordt je blij van? Ik wordt blij van muziek. Dit kan variëren van Jazz tot Bach. Wat maakt je boos? Menselijk leed en onrecht. Ik vind het erg kortzichtig als economische motieven zwaar tellen. De “graaicultuur”, hoge salarissen van de directie die zie ik niet meer als salaris, maar als graaien (groot deel van de kas). Het is onverdedigbaar. Wat me ook kwaad maakt is de “verantwoordingscultuur”: DBC, EPD enz. Elke stap en tijd moet je verantwoorden. Dit staat haaks op de inhoud van je werk en de cliënt heeft er niets aan. Waar wordt je door geraakt? Menselijk leed en menselijk geluk.

 Wat is je motto in je werk? Echtheid, eerlijkheid en betrouwbaarheid, betrokkenheid en in zekere zin onvoorwaardelijkheid. Vanuit deze houding werken geeft veel voldoening en je krijgt veel terug. Bijvoorbeeld in de hulpverlening daadwerkelijk mensen helpen op allerlei gebieden en niet alleen door medicatie. Wat zijn je drijfveren?


Vanuit mijn opleiding heb ik niet meteen gekozen voor dit beroep, maar ik ontdekte wel iets te willen in de sociale sector. De voldoening in het omgaan met mensen die een zware last mee dragen door hun ziekte is een belangrijke drijfveer.

 Wat is je missie in je werk/PPP? Als ik iets tot missie zou willen verklaren is het zoeken naar contact met de mensen en vertrouwen opbouwen. Verantwoordingscultuur terugdraaien en mensen ervan overtuigen dat ze ons niet moeten wegslepen van het echte werk, die niet bijdragen aan de verbetering van de zorg. De cliĂŤnt aan het woord laten om te horen wat hij/zij wil bereiken en hoe kan mijn contact jouw leven/doelen verbeteren. Betrokkenheid! Wat is je doel? Het hulpverlenersproces, zoals ik die zie gebruiken en uitdragen, zodat mensen er over nadenken. Hoe wil je dit bereiken, visie? Door continuĂŻteit en niet steeds wisselingen van hulpverleners. Hiervoor is een bereidheid nodig om ergens langdurig te werken. Contact en vertrouwen is wezenlijk om tot echte hulpverlening te komen en dat je in kan grijpen in het menselijk drama, want dat zit vaak achter de ziekte. De organisatie moet de zorg zodanig inrichten dat dit kan ontstaan. Wanneer is je missie geslaagd? Als je als hulpverlener de tijd en het vertrouwen krijgt van je baas om zo je werk te doen, dan ben ik gelukkig.


  Onderwerp Psychoeducatie bij mensen met schizofrenie. Achtergrond Veelvoorkomende kenmerken van schizofrenie zijn naast de Deze Cochrane werd ziektesymptomen, het gebrek aan ziekteinzicht en het niet inzien van het verzorgd door belang van behandeling. Rob Versteden Psychoeducatie beoogt kennis en inzicht op dit gebied te bevorderen. Daarbij wordt verondersteld dat kennis en inzicht voor patiënten leiden tot een effectievere manier van omgaan met hun ziekte, wardoor ook de prognose verbetert. Doelen Het doel van deze review is de effecten vast te stellen van interventies die zijn gericht op psychoeducatie vergeleken met de gangbare informatieverstrekking in de zorg. Selectiewijze en aantal onderzoeken Alle relevante gerandomiseerde onderzoeken die zijn gericht op psychoeducatie (individueel en in groepen) voor mensen met schizofrenie of daaraan gerelateerde ernstige ziektebeelden zijn in deze review betrokken. Resultaten Er konden tien studies in de review worden betrokken. Alle onderzoeken naar groepseducatie betrof groepen waarin ook familie aanwezig was. Medicatietrouw was een duidelijk positief resultaat in één van de onderzoeken, waar andere onderzoeken hierover minder duidelijk waren. Wel kwam naar voren dat terugval of heropname bij patiënten over een periode van 9 tot 18 maanden afnam ten opzichte van patiënten die de gangbare informatieverstrekking kregen. In algemene zin spreken de onderzoeken zich uit over een verbetering van het welzijn van patiënten na psychoeducatie. Geen effecten zijn gevonden op gebieden als inzicht, houding tegenover medicatie, tevredenheid over de zorgverlening. Het was niet uit de onderzoeken te herleiden hoe verschillende psychoeducatie methodieken zich tot elkaar verhielden. Conclusie Hoewel meer en beter onderzoek nodig blijft, kan vanuit het voorliggende materiaal worden gezegd dat psychoeducatie een goede bijdrage levert aan het zorgprogramma voor mensen met schizofrenie. De interventies zijn niet langdurig, maar wel goedkoop, dat ze aantrekkelijk maakt in de ogen van managers en beleidsmensen. Cochrane-auteurs Pekkala E.T., Merinder L.B. Andere literatuur NICE Guideline Kortgeleden kwam de nieuwe Schizophrenia (update): full NICE guideline ter wereld. De richtlijn Schizofrenie voor het Verenigd Koninkrijk.


Congressen Agenda: §

Vooraankondiging Studiedag Resultaten Innovatieprogramma Herstel en Rehabilitatie in de GGz

Datum Tijdstip Locatie

: : :

25 juni 2009 9.30 – 17.00 uur Marie Kamphuisborg, lokaal C 0.03, Zernikeplein 23, 9747 AS Groningen

Over het Innovatieprogramma: Het Innovatieprogramma Herstel en Rehabilitatie in de GGz is een initiatief van de Academie voor Sociale Studies / Lectoraat Rehabilitatie van de Hanzehogeschool Groningen. Het lectoraat HEE (eveneens van de Hanzehogeschool) participeert in het project naast de instellingen van de Geestelijke Gezondheidszorg (GGz) in Noord Nederland. Studiedag op 25 juni 2009 Op 25 juni a.s. zullen de resultaten worden gepresenteerd die uit onderzoek en discussie in de Communities of Practice (Herstelondersteunende zorg en Ervaringsdeskundigheid) naar voren zijn gekomen. Tijdens de ochtendbijeenkomsten zullen deze resultaten in hoofdlijnen worden neergezet door Lies Korevaar (lector Rehabilitatie), Wilma Boevink (lector HEE), Menno van Veen (facilitator Ervaringsdeskundigheid) en Hilko Timmer (facilitator Herstelondersteunende zorg en onderzoeker). ’s-Middags zal in een zestal workshops de meer praktische gang van zaken aan u worden voorgelegd en met u bediscussieerd. Reserveer nu al vast deze datum in uw agenda, want het belooft een boeiende dag te worden, waarin hedendaagse “hete hangijzers” als ervaringsdeskundigheid in de GGZ en Herstelondersteunende zorg volop de aandacht krijgen die zij verdienen. Over enkele weken ontvangt u het definitieve programma en kunt u zich inschrijven. De toegang is gratis

Hanzehogeschool Groningen. Herstel, Empowerment, Ervaringsdeskundigheid (HEE) • Lectorinstallatie van mevrouw W.A. Boevink op dinsdag 12 mei 2009 om 14.45 uur, locatie ‘de Appel’ Zernikeplein 7 te Groningen. Aanmelden voor 6 mei via www.hanze.nl/lectorinstallatie Signal Symposia organiseert voor werkenden in de GGz, zoals verpleegkundigen, sociotherpeuten, verpleegkundig specialisten, psychologen en psychiaters het symposium: • Bejegening in de psychiatrie op dinsdag 26 mei 2009 in Eindhoven. Klik hier voor meer informatie over Signal symposia • Alternatieven voor gedwongen separatie op woensdag 7oktober 2009 in Breukelen. • Gedragsproblemen bij schizofrenie op woensdag 14 oktober 2009 in Rotterdam. • Gespreksvoering met psychotische patiënten op woensdag 4 november 2009 in Breukelen. § Schizofreniestichting organiseert het vijfde schizofreniecongres in Zwolle op donderdag 19 november 2009 onder de titel ´het allerdaagse ongewoon’


Groepen Lotgenotengroep De afdeling Psychosen van het UCP organiseert lotgenotencontact voor patiĂŤnten die een psychose hebben meegemaakt en die graag in contact willen komen met anderen. Lotgenotencontact is voor veel patiĂŤnten een bron van herkenning, erkenning, steun en informatie. Het kan ondersteuning bieden bij het verwerken van een psychotische stoornis en bij het leren leven met een deze stoornis. Bijeenkomsten In aanwezigheid van een hulpverlener wordt tijdens acht of meer bijeenkomsten in een ontspannen sfeer gesproken over onderwerpen die door de groep worden ingebracht. Iedereen kan op zijn eigen manier meedoen. Als u vooral veel wilt luisteren of juist vertellen, is dat mogelijk. Als u het moeilijk vindt om in een groep te praten, dan wordt daar rekening mee gehouden.

Klik op deze link voor meer informatie over de lotgenotengroep

Waar en wanneer Eens per twee weken is er op dinsdag van 17.00 tot 18.30 uur een bijeenkomst. De bijeenkomsten vinden plaats in het UCP Libermanmodules Er zijn 6 Libermanmodules namelijk: Module 1: Omgaan met antipsychotische medicatie. Module 2: Omgaan met psychotische symptomen. Module 3: Omgaan met vrije tijd. Module 4: Omgaan met verslaving. Module 5: Omgaan met werk. Module 6: Omgaan met sociale relaties en intimiteit: Deel 1: het aangaan en onderhouden van sociale relaties. Deel 2: het aangaan en onderhouden van een intieme relatie.

Aanmelden bij: Secretariaat Linis, FACT team 3 Marja Hillenga Telefoon: 050-5223377 E.mail: m.hillenga@lentis.nl

Health 4U Health 4U: voor wie is het? Health 4U is speciaal ontwikkeld voor mensen die medicatie gebruiken omdat ze last hebben van psychische klachten.

Meer weten over Health 4U, klik op deze link

Vaak leiden deze klachten, in combinatie met medicatie, tot een ongezonde levensstijl waardoor mensen zwaarder worden en de lichamelijke conditie kan verslechteren. Deze training is ontwikkeld om hier wat aan te doen. Health 4U: wat is het? Health 4U is een unieke combinatie van verschillende trainingen die kunnen helpen om ongezonde gewoonten te veranderen, overgewicht te bestrijden en uw conditie te verbeteren. Het uitgangspunt is dat overgewicht en de kans op ziekte, ook als deze ontstaan door bijwerkingen van medicatie, vooral samenhangen met eenzaamheid, negatieve gevoelens en vervelende gedachten. Deze leiden vaak tot ongezonde gewoonten zoals veel roken, teveel eten en onvoldoende beweging.

Informatie bij: Secretariaat Linis FACT team 5 Maian Kanon Telefoon: 050-5223349 E.mail: m.kanon@lentis.nl


Familieavonden De afdeling Psychosen van het UCP organiseert regelmatig informatiebijeenkomsten voor familieleden van patiënten die psychotisch zijn of zijn geweest. U vindt hier meer informatie over deze bijeenkomsten. Voor wie en waarom Psychotische klachten beïnvloeden niet alleen het leven van de patiënt, maar ook dat van de mensen uit zijn omgeving. De psychotische klachten kunnen bij de partner, kinderen, ouders, broers en zussen bijvoorbeeld leiden tot zorg, onzekerheid, spanning en angst. Voorlichting over psychosen en het uitwisselen van ervaringen met anderen, kunnen dan nuttig zijn en steun bieden. De familieavonden kunnen helpen beter met eventuele problemen om te gaan. Tijdens de familieavonden zijn er leden van Ypsilon aanwezig. Dit is de patiëntenvereniging voor familieleden van psychotische patiënten. De leden houden voordrachten en beantwoorden vragen vanuit hun eigen ervaringen. Ook vertellen zij welke activiteiten de vereniging organiseert. Psycho-educatie De afdeling Psychosen van het UCP organiseert wekelijks voorlichtingsbijeenkomsten. Tijdens deze bijeenkomsten krijgt u informatie over de oorzaken, de behandeling en de preventie van psychosen. Voor wie De voorlichtingsbijeenkomsten zijn bedoeld voor mensen die mogelijk psychotische verschijnselen hebben of hebben gehad. De gegeven informatie helpt bij het uitzoeken of er psychotische symptomen zijn of zijn geweest. Ook helpt de informatie beter met psychische klachten om te gaan en te weten wat er aan te doen is. De bijeenkomsten zijn vrij toegankelijk voor patiënten van het UCP en daarbuiten.

Klik op deze link voor meer informatie over de familieavonden

Aanmelden bij: Secretariaat Psychosen van het Universitair Centrum Psychiatrie Telefoon: 050-3612132 of via e-mail psychosen@psy.umcg.nl

Klik op deze link voor meer informatie over de voorlichtingsbijeenkomsten Aanmelden bij: Secretariaat Psychosen van het Universitair Centrum Psychiatrie Telefoon: 050-3612132 of via e-mail psychosen@psy.umcg.nl

Waar en wanneer De bijeenkomsten zijn elke vrijdagmiddag (m.u.v. van feestdagen) van 13.30 tot 14.30 in het Universitair Centrum Psychiatrie van het UMCG. Goldstein sociale vaardigheden Er zijn 8 verschillende trainingen namelijk: 1. Een praatje maken; 2. Luisteren; 3. Iets bespreken; 4. Opkomen voor je mening; 5. Uiten van waardering en genegenheid; 6. Reageren op waardering en genegenheid; 7. Uiten van boosheid en irritatie; 8. Reageren op boosheid en irritatie. De volgende trainingen gaan binnenkort weer van start, hiervoor kunt u nog mensen aanmelden. De startdata en de onderwerpen van de trainingen zijn: § Dinsdag 12 mei 2009 reageren op boosheid en irritatie § Dinsdag 23 juni 2009 opkomen voor je mening



Informatie bij: Secretariaat Linis FACT team 4 Alda Arts Telefoon: 050-5223213 E.mail: ad.arts@lentis.nl


026 April 2009