Page 1

KITAB DJE DJENAZAH P.P.M.E. Rotterdam 03-03-2006.

1


Voorwoord. De begeleiding van een stoffelijk overschot tot aan het graf gebeurt als volgt: Voorbereiding. Wassen. Inwikkelen. Gebed voor de overledene. Wegbrengen naar het graf. Begraven. Bovenstaande zijn geboden voor de moslims in groepsverband. Wanneer dat gebod naar behoren door een deel van deze groep is nagekomen, is aan dat gebod voldaan. Zulke verplichtingen worden in de Islam “Fardhu Kifayah” genoemd. Daar elke rite kundig uitgevoerd dient te worden, wordt het vergaren van kennis op godsdienstig gebied, in het bijzonder het begeleiden van een stoffelijk overschot ook tot fardhoe kifayah gerekend. De gehele moslim gemeenschap in de omgeving zondigt, wanneer er niemand is uit die gemeenschap die genoeg kennis heeft om deze wettelijke verplichting na te komen. Alhoewel de begeleiding van een stoffelijk overschot wettelijk fardhoe kifayah is, is het toch godsdienstig gezien wenselijk dat zo veel mogelijk mensen aan het gebed voor de overledene meedoen, de overledene naar het graf brengen en de begrafenis bijwonen. Daarom is het een schande voor een moslim, als deze onvoldoende kennis heeft betreffende het begeleiden van een stoffelijk overschot. Syaikh Syoeqairi heeft gezegd: “Het is een grote schande dat er duizenden moslims zijn die niet

goed op de hoogte of helemaal niets weten over de manier hoe er voor een stoffelijk overschot gebeden moet worden, wat in werkelijkheid zo simpel is”. Het feit is dat er van een groot aantal aanwezigen bij een sterfgeval, slechts weinigen zijn die meedoen aan het gebed voor de overledene. Ze zijn niet uit godsdienstig oogpunt gekomen, maar om de formaliteit of om een andere reden. Het begrip begeleiding van een stoffelijk overschot is niet alleen van toepassing als iemand reeds is overleden, maar begint al bij het begin van de ziekte tot aan de begrafenis. Hierover heeft Rasoeloellah (v.z.m.h) een gedegen en perfecte beschrijving. Aan deze riten, die Rasoeloellah (v.z.m.h) ons geleerd heeft, mag, afgezien van tijd of plaats, niets gewijzigd of toegevoegd worden. Met andere woorden: tijd en plaats mag niet van invloed zijn op de godsdienst. Het toevoegen van nieuwe elementen wordt door Rasoeloellah (v.z.m.h) bijgeloof (bid`ah) genoemd en bijgeloof (bid`ah) leidt tot dwaling en leidt uiteindelijk tot de hel. Wanneer wij de regels, de manier en de ceremoniële gewoonten verder gaan onderzoeken die nageleefd worden bij overledene zijn er inderdaad weinig die overeenstemmen met de Qoer'an en we komen ze ook niet tegen in de hadits en leidt zelfs tot een zware overtreding op grondbeginsel van de godsdienst. Het komt vaak voor, dat bij het begeleide van het stoffelijk overschot men niet zijn gezond verstand gebruikt, maar men streeft naar grootheid dat indrukwekkend moet overkomen, men probeert elkaar de loef af te steken met allerlei overdreven daden. Bovenstaande wordt in het Arabisch "Tabzir" genoemd. 2


HOOFDSTUK I overlijden. Hulp verlenen aan iemand op het punt staat te overlijden 1. De zieke bezoeken. Een zieke bezoeken of in 't Arabisch Iyaadah is een goede zaak die zeer geprezen wordt in de Islam. Een zieke bezoeken is aandacht geven en sympathie tonen. Het heeft niet alleen grote betekenis voor de zieke maar ook voor zijn gezin. Gezien de zelfde godsdienst heeft hij recht op bezoek. Er zijn enkele hadits die tot iyaadah aansporen. 2. Het gedrag tijdens het bezoek. Bij het bezoeken van een zieke moet men zich zó gedragen dat men het doel van iyaadah bereikt. Naast goed gedrag volgens de gewoonten in de omgang en doktersadvies, heeft Rasoeloellah (v.z.m.h.) enige aanwijzingen gegeven die wij beschouwen als goed gedrag tijdens iyaadah. Rasoeloellah (v.z.m.h.) heeft ons aangeraden bij het bezoeken van een zieke sympathie te tonen, goede woorden te spreken, de zieke aan te moedigen en hem/haar te troosten wanneer hij/zij pijn lijdt. Hij (v.z.m.h) heeft ons ook aangeraden om de zieke aan te spreken tot geduld, overgave aan Allah en allen maar goed te denken over Allah (hoesnoed-dhan). Bidt tot Allah voor genezing van de zieke. Wanneer men merkt dat er iets gebeurd is bij de zieke wat tegenstrijdig is met de leer van de Islam moet men hem/haar hierover op een gepaste manier aanspreken. Men mag niets doen dat leidt tot het lastigvallen van de zieke, tenzij hij/zij en zijn/haar familie dat zelf willen. 3. Het bezoeken van een zieke die geen mo moslim is. Het bezoeken van een zieke, die geen moslim is, is noch verboden noch verplicht. Het wordt wel als goed gezien wanneer hij hierdoor tot de Islam bekeerd zou worden. 4. Aansporen tot geduld. Ziekte is een soort tegenslag voor de moslim en wanneer hij/zij deze ziekte met gelatenheid ondergaat wordt het een voorspoed die tot vergeving van zijn/haar zonden leidt. In het kader van "amar bil ma'roef" is het daarom nodig om dit onderwerp in herinnering te brengen bij de zieke zodat hij/zij niet door zijn/haar ziekte ten onder gaat aan verdriet, paniek en klacht. Sta hem/haar met raad en daad terzijde afhankelijk van tijd en omstandigheden. 5. De zieke aansporen alles weg te nemen wat de zuiverheid van de één Gods leer belet. Ziekte van iemand kan de dood tot gevolg hebben. Op 't tijdstip aan het einde van het leven van een moslim, is er niets belangrijker voor hem/haar dan het geloof in Allah. Daarom is 't nodig dat men 'n zieke bijstaat, zodat hij/zij altijd zijn geloof in één God zuiver houdt en hij/zij niet verleid wordt door zaken die dat kunnen schaden. Omdat men weer gezond wil worden is men ertoe instaat alles, maar dan ook alles te proberen om gezond te worden zoals: dingen die nergens opslaan, zelfs dingen die verboden zijn omdat zou leiden tot "syirk" (afgoderij of lijkt op afgoderij). De volgende aanwijzingen kunnen we hierover vermelden: -Geloof geen waarzeggers of dergelijke. -Schenk geen geloof aan of gebruik geen toverspreuken enz. -Vraag geen zegeningen op de begraafplaats enz. Probeer met verscheidene geneesmiddelen, sterkte en gebed de genezing af te smeken van Allah. Vraag ook of andere mensen voor je wil bidden. 3


6. De zieke aansporen om aan de goede dingen van Allah te denken. Het is zeer goed om de zieke te herinneren aan de grote liefde van Allah, opdat het planten en het laten groeien van het “goeddenken” over Allah verstevigd wordt. Het goeddenken t.o.v. Allah heeft een grote invloed op de gelatenheid van zijn/haar ziel en de zuiverheid van zijn/haar gedachten. Het allerbelangrijkste is dat Allah beloofd heeft tot genezing, naarmate zijn/haar “goeddenken” het aangeeft. 7. Bidden voor de zieke. Bidden voor een zieke is Allah smeken voor genezing van zijn/haar ziekte, vergeving van zijn/haar zonden en innerlijke rust enz. Van 'n gebed wat uitgesproken wordt moet zeer zeker de betekenis door hem/haar begrepen worden. Geen gebeden uitspreken waarvan de zieke de betekenis niet begrijpt. 8. Talqin (waarschuwing) volgens de soennah oennah van Rasoe Rasoel oeloellah oellah (v.z.m.h.) Er is voor een moslim met de dood voor ogen geen groter aanwinst te sterven in de hoedanigheid van een moslim. Gewoonlijk noemt men dat "Hoesnoel khatimah" (sterven in 'n goede staat). Wanneer wij aanwezig zijn bij een stervende moeten we er vooral opletten dat hij duidelijk de zin "LAA ILAAHA ILLALLAH" als laatste uitpreekt. Daarna laten wij hem/haar met rust. Indien hij/zij het nog niet heeft uitgesproken of reeds heeft uitgesproken, echter in een andere context, waarschuwen wij hem/haar. Deze waarschuwing moeten we op een gepaste manier meedelen, zodat wij de zieke niet storen. Wij zeggen hem "LAA ILAHA ILLALLAH" in zijn/haar rechteroor voor, opdat hij/zij het in zijn/haar hart nazegt. 9. Het leggen van de zieke richting Qiblat. Het richten van de zieke naar de qiblat gebeurt door hem op zijn/haar rechterzij te leggen met gezicht en borst richting qiblat of door de zieke op de rug te leggen met opgericht hoofd en beide voeten richting de qiblat. Er zijn oelama's (wetgeleerden) die zeggen dat het leggen van een stervende in de richting van de qiblat geen soennah is, omdat er geen betrouwbare hadits hierover zijn.

PPME Rotterdam. 03-03-2006

4


HOOFDSTUK HOOFDSTUK II Verzorging van het stoffelijk overschot. 1. Sluiten van de ogen en het gebed. Als de zieke overleden is, moet men ervoor zorgen dat zijn/haar ogen worden gesloten en als dat niet lukt, moet ervoor gebeden wordt. Rasoeloellah (v.z.m.h) heeft ons veel gebeden geleerd. Een daarvan is : " Ya Allah, vergeef zijn zonden, verhef hem tot in dezelfde graad als groep mensen

die goddelijke aanwijzing heeft gekregen en dat U in zijn plaats zorgdraagt voor zijn familie. Vergeeft ons en hem onze zonden ya Rabbal Alamin en verwijdt en verlicht zijn graf". R. Muslim van Ibnu Salamah. 2. Het bedekken van het stoffelijk overschot. In de hadits wordt er uitgelegd:"Toen Rasoeloellah (v.z.m.h) stierf werd hij bedekt met 'n doek

genaamd Hibarah". R. Boekhari en Moeslim van Aisyah. Hibarah = 'n doek met gestreept motief gemaakt in Jemen. Het is de echtgenoot(e) ook niet verboden om het voorhoofd van het stoffelijk overschot te kussen: dit geldt ook voor andere mensen van andere geslacht. 3. Onmi Onmiddel ddellijke verzorging. Wanneer de dood duidelijk vaststaat, bevestigd door een dokter of een andere deskundige moet er volgens Rasoeloellah (v.z.m.h) onmiddellijk begonnen met de verzorging. 4. Kennisgeving van de dood aan familie, vrienden en kennissen. Het wordt aangeraden de dood bekend te maken aan familie, vrienden, bekenden en alle vrome mensen zodat zij deel kunnen nemen aan verzorging van het stoffelijk overschot en vooral veel meer mensen deelnemen aan het dodengebed (shalat djenazah). 5. Soennah Soennah istirdj istirdja'. dja'. Istirja' is het uitspreken van "Inna lillahi wa inna ilaihi radji'oen", wat betekent: "Waarvoor wij zijn het bezit van Allah en alleen tot Hem zullen wij wederkeren”. In de Qoer'an wordt verteld dat men met deze istirdja bij tegenspoed, drie voordelen tegelijk krijgt. Allah verkondigd in soerah Al-Baqarah vers 156-157:

“Zij die, wanneer een rampspoed hen achterhaalt, zeggen:”Voorzeker, wij zijn van Allah en tot Hem zullen wij wederkeren”. “Dezen zijn het, op wie de zegeningen en de barmhartigheid van hun Heer rusten en dezen zijn het, die de rechte weg volgen”. 6. Onmiddel nmiddellijk aflossen van schulden van de overledene. Met schuld wordt bedoeld, schulden aan derden in de vorm van materie. Deze schulden moeten onmiddellijk afgelost worden, omdat het lot van de gestorvene, naast ander goede daden, ook hiervan afhankelijk is. Hieronder wordt een beetje ingaan op schulden van een overledene: a. de overledene heeft schuld en genoeg vermogen heeft nagelaten om de schulden te betalen. Onder deze omstandigheden moeten de schulden het eerst betaald worden. b. De overledene heeft schuld maar laat geen vermogen na om die schuld af te lossen; wanneer anderen bereid zijn, nemen zij dit over. 5


c.

d.

De overledene laat schulden na, maar laat niet genoeg vermogen na om die af te lossen en er is geen andere partij die bereid is die schuld voor hem te betalen dan zal Allah wanneer de overledene tevoren van plan was en het daadwerkelijk wilde betalen, zijn schulden uitwissen en Allah ziet toe dat de schuldenaar vrijwillig van de schuld afziet. Als de overledene schuld heeft en genoeg vermogen heeft nagelaten terwijl hij van plan was deze, in leven, te betalen dan zal Allah wanneer de erfgenaam van de overledene zijn schuld niet willen betalen, hem vergeven. Dit is vermeld in verscheidene hadits.

PPME Rotterdam. 03-03-2006 6


HOOFDSTUK III Het vermijden van dié zaken welke schadelijk zijn voor de Islam. 1. Het weeklagen om de overledene. Ons geloof wil, dat wij vertrouwen hebben in de Alwijsheid van Allah en in alles wat Hij met ons voor heeft - in het Arabisch " Hoesnoeddhan billah " - met alle gebeurtenissen die over ons heenkomen. Dat betekent niet alleen geduld hebben bij alle tegenspoed, maar ook met volledige overgave. De mens is echter geen stuk gereedschap zonder hart en gevoel. Daarom is het niet verboden te huilen wanneer iemand overleden is: men moet zich wel ver houden van "niyaahah" ,zoals later in dit hoofdstuk uitgelegd wordt. 2. De betekenis van niyaahah en verbod hiertegen. Niyaahah is afkomstig van het woord "Nauh", wat “luid weeklagen” om de overledene betekent: vaak gaat het gepaard met het slaan met de handen op het lichaam en het verscheuren van kleren. Men doet het gewoonlijk niet alleen omdat men zich niet meer in kan houden vanwege de tegenslag die men is overkomen, maar ook omdat het beschouwd wordt als teken van liefde t.o.v. de overledene. Ook zijn er volkeren die met opzet weeklagers huren omdat er van de kant van de familie mogelijkerwijze niet genoeg geweeklaagd wordt. Deze vorm van weeklagen wordt door onze godsdienst ten strengste verboden. 3. Het gezamen gezamenlijk eten en drinken in het huis van de overledene. Sommige mensen hebben om allerlei verschillende redenen de gewoonte om gezamenlijk te eten en drinken in het huis van de overledene. Dit valt onder de gewoonte weeklagen om de overledene (zie punt 1). Dit is verboden. Rasoeloellah (v.z.m.h) leert ons daarentegen dat de verwanten van de overledene geen eten en drinken hoeven te verstrekken aan de mensen die hun medeleven betuigen maar juist andersom. 4. Verscheidene doods doodsceremonieën lijken op toevoeging van de godsdienstleer. Voor een moslim is niets zó beangstigend als gehaat te worden door Allah. Daarom zal hij zeker zijn uiterste best doen om zaken te vermijden die hem gehaat maken door Allah. Bij een sterfgeval zijn er zeer veel gewoontes die in strijd zijn met de Islam. Verschillende van deze worden hieronder genoemd: a. Rouw gewoontes met bepaalde kleding, het verbieden van bepaald voedsel wat in het Arabisch "Ihdaad" genoemd wordt. Aan de echtgenote in ihdaad is het toegestaan tijdens de iddah-periode, mits zij zich verre houdt van make-up en/of stemmige kleding. Voor de anderen is het slechts drie dagen toegestaan. b. Het geven van boeketten of kransen zijn niet alleen duur. Het is door onze godsdienst niet alleen verboden maar ook nutteloos om geld aan deze dingen te verspillen. c. Het geven van loon aan mensen die gekomen zijn om de overledene te verzorgen, om shalat te doen voor de overledene, om de overledene te begeleiden tot aan het graf en om hem te begraven of te condoleren na de begrafenis is verboden. Ook het geld, dat door de nabestaande gegeven wordt als beloning (pahala), kan zijn doel niet meer bereiken. d. Het uistellen van de begrafenis, wegens verschillende onnodige plechtigheden is een vertraging in strijd met de leer van Rasoeloellah (v.z.m.h) . 7


HOOFDSTUK IV overschot. Het wassen van het stoffelijk overschot 1. De wet betreffende het wassen. Het wassen van het stoffelijk overschot is fardhoe kifayah: het gebod om een stoffelijk overschot te wassen is de taak van de moslim gemeenschap. De overledene, die gestorven in syahid ( gedood in de heilige oorlog tegen de heidenen) is niet verplicht om ritueel gewassen te worden. 2. Over ritueel wassen van de syahidsyahid-overledene. overledene. Hierboven is al uitgelegd/verklaard dat overledene in syahid niet ritueel gewassen wordt. Het is nodig om duidelijk te maken wat met “de dood in syahid” bedoeld wordt: mensen die gedood zijn tijdens de heilige oorlog door heidenen. Er zijn ook stoffelijke overschotten, die zogenaamd in syahid gestorven zijn: deze moeten ritueel gewassen worden. Andere vorm van dood in syahid zijn: Overlijden ter verdediging van de doelstelling van Allah, alhoewel niet gedood tijdens het gevecht in de heilige oorlog. Overlijden door een epidemie. Overlijden door buikaandoeningen. Overlijden door verdrinking. Overlijden door interne kwalen. Overlijden door verbranding. Overlijden als gevolg van instorting. Overlijden tijdens een geboorte. Overlijden ter verdediging van eigendom. Overlijden bij zelfverdediging. Overlijden ter verdediging van eigen familie. 3. Degene die het stoffelijk overschot wast. In de eerste plaats is het een verplichting van de naaste verwanten, indien zij de regels kennen, het stoffelijk overschot te wassen. Kennen zij de regels niet, dan komt degene aan de beurt die vroom en betrouwbaar zijn. Degene die aanwezig zijn bij de rituele wassing, mag niet spreken over zaken, die overledene kunnen schaden. De mannen wassen de mannelijke overledene: de vrouwen de vrouwelijke, behalve in geval van echtgenoot en echtgenote. Overleden baby’s mogen door zowel mannen als vrouwen gewassen worden. 4. De wijze van ritueel wassen. Het wassen geschiedt door water te gieten over het hele lichaam van de overledene. Een betere manier is: a. Ontdoe het stoffelijk overschot van de kleren, bedek vervolgens het stoffelijk overschot met 'n soort doek zodat zijn aurat (schaamdelen) niet direct zichtbaar, ook niet voor degene die hem wast. Voor een overleden baby geldt dit niet. 8


b. c. d. e. f. g. h.

Leg het stoffelijk overschot op een verhoogde plaats zodat het gebruikte water makkelijk kan wegstromen. Degene die het stoffelijk overschot wast moet, om te voorkomen dat zijn handen direct in aanraking komt met het stoffelijk overschot, een washandje gebruiken. Vooral bij het schoonmaken van de aurat (schaamdelen). Zachtjes de buik masseren om eventuele ontlasting eruit te halen, behalve bij zwangere vrouwen met een overleden embryo. Begin met de rechterkant van de lichaamsdelen te wassen zoals bij de woedhoe gebruikelijk is. Was het hele lichaam 3,5,7 keer of meer. Het aantal moet oneven is. De laatste wassing dient om het overtollige vuil wat kleeft aan de huid te verwijderen. Haren van 'n vrouwelijk stoffelijk overschot moeten losgemaakt worden. Na het rituele wassen worden de haren gedroogd met een handdoek daarna in drie delen gevlochten (recht, links en in het midden) en naar achteren geslagen. Na de rituele wassing moet men het stoffelijk overschot afgedroogd worden.

5. Over de woedh oedhoe dhoe van de overledene. Wat zéér duidelijk door Rasoeloellah (v.z.m.h) is bevolen, is het ritueel wassen van het stoffelijk overschot. Men begint bij de rechter lichaamsdelen, zoals gebruikelijk is bij de woedhoe. Het toedienen van woedhoe aan het stoffelijk overschot een verzinsel. Wanneer dit in de geboden stond, zou hierover zeer zeker een uitspraak hierover zijn, maar die is er niet. 6. TTayamm ayammoe ayammoem oem toedienen toedienen aan de overledene. Men dient tayammoem toe aan de overledene wanneer: a. Er water niet voorradig is om het stoffelijk overschot ritueel te wassen. b. Men zich ernstige zorgen maakt over de uitwerking van het water op het lichaam van het stoffelijk overschot. c. Het vrouwelijk stoffelijk overschot welke geen echtgenoot heeft en er in de omtrek geen vrouwen zijn. Of wanneer een mannelijk stoffelijk overschot geen echtgenote heeft en er in de omtrek geen mannen zijn. 7. Het stoffelijk overschot scheidt na de rituele wassing nog nadjis uit. Wanneer dit het geval is dan moet men alleen de nadjis (in dit geval ontlasting) verwijderen. Men hoeft de rituele wassing niet te herhalen. Wanneer het stoffelijk overschot reeds in kafan gewikkeld is nadjis uitscheidt, hoeft men de kafan niet te ontwikkelen. Om de uitscheiding van nadjis na het wassen te voorkomen, moet men er voor zorgen dat de buik van het stoffelijk overschot goed schoon is. 8. Aan Aansporing tot wassen voor degene die zo juist een overledene gewassen heeft. Het wordt aan degene die de rituele wassing verricht heeft aangeraden om zichzelf te wassen. Dit is géén verplichting.

PPME Rotterdam 03-03-2006.

9


HOOFDSTUK V Het inwikkelen van een stoffelijk overschot. 1.

De wet over het inwikkelen van een stoffelijk overschot valt onder onder fardhoe fardhoe kifayah.

2. De wijze van inwikkelen. Aan de plicht van het inwikkelen van een stoffelijk overschot wordt voldaan als het stoffelijk overschot tenminste in een laag kafan gewikkeld is, die het heel lichaam bedekt. Maar beter is het om het stoffelijk overschot als volgt te wikkelen: a. Op de juiste manier inwikkelen, gebruik makend van reine, schone, dikke en op de juiste lengte gesneden kafan, van redelijke kwaliteit, wit van kleur zonder te overdrijven wat betreft kwaliteit, lengte en luxe. b. Een mannelijk stoffelijk overschot wordt in drie lagen gewikkeld, een vrouwelijke in vijf lagen. Als eerste, de ongenaaide sarong, dan een soort overkleed, vervolgens een hoofddoek en tenslotte twee lagen kafan. Bestrooi de kafan met een reukstof van sandelhout. Dit geldt niet voor een stoffelijk overschot in ihram-kleding (pelgrimskleding). De manier van strooien is als volgt: reukstof op een laag kafan strooien, vervolgens wordt het stoffelijk overschot erop gelegd. Dan wordt elke lichaamsopening d.w.z. beide oren, ogen, neusgaten, primaire en secundaire geslachtdelen bedekt met watten, welke bestrooid is met reukstof. Is men klaar met het inwikkelen van het stoffelijk overschot, dan wordt het stoffelijk overschot, om losraken bij het oppakken tegen te gaan, vastgebonden met drie reepjes kafan. De reukstoffen die gewoonlijk gebruikt worden zijn: kanfer en sandelhout. 3. Het wikkelen van een stoffelijk overschot die nog de ihramihram-kleding draagt. Wanneer iemand in ihram-kleding overlijdt, wordt de rituele wassing normaal toegepast. Het stoffelijk overschot wordt gewikkeld in de pilgrimskleding. Bij mannen mag hoofd niet bedekt worden: bij vrouwen mag alleen het gezicht niet bedekt worden. Er mag geen reukstof gebruikt worden. 4. Het wikkelen van stoffelijk stoffelijk overschot, welke als syahid gestorven is. Een stoffelijk overschot, als syahid gestorven, moet begraven worden met, als kafan, de kleding die hij aanhad, zelfs als zijn kleding besmeurd is met bloed of dergelijke. Alleen een harnas van ijzer, leer of ander materiaal moet worden afgenomen. 5. De kosten van hele begrafenis. Zowel de kosten van kafan alsmede de kosten van de verzorging van het stoffelijk overschot en kosten voor het begraven wordt, indien aanwezig, uit de nalatenschap, vergoed. Wanneer dit niet het geval is komt de verantwoording te liggen bij degene die door de overledene wordt onderhouden. Anders berust de plicht op de moslim gemeenschap.

PPME Rotterdam 03-03-2006 10


HOOFDSTUK VI Shalat djenazah (doden(doden-shalat) 1. De wet over de shalat djenazah en haar belangrijkheid. belangrijkheid. Wettelijk is shalat djenazah fardhoe kifayah. Over de belangrijkheid ervan zegt Rasoeloellah(v.z.m.h)

:" Degene die bij de gestorvene aanwezig is tot en met shalat djenazah, krijgt een qirath beloning. En degene die tot en met de begrafenis aanwezig is krijgt twee qirath beloning ". Er werd gevraagd : " Hoeveel is twee qirath ? " Hij antwoordde: " Zoveel als twee grote heuvels " R. Bukhari en Muslim van Abu Hurairah. 2. De voorwaarden van shalat djenazah. Voor een geldige shalat djenazah geldt als voorwaarde dat de zaken welke niets te maken hebben met de hoedanigheden van de shalat zelf, eerst afgehandeld worden. a. Omdat shalat djenazah ook shalat is, zijn de voorwaarden hetzelfde als de gewone shalat. b. Het stoffelijk overschot moet eerst gewassen en gewikkeld worden in kafan. c. Het stoffelijk overschot moet daadwerkelijk aanwezig zijn, zichtbaar voor degenen die shalat voor hem doen: met andere woorden men legt de overledene tussen de shalat ganger(s) en de qiblat, omdat het vroeger ook zo gebeurde. 3. Rukun (basis regels) van shalat djenazah en de manier waarop. Wat wij roekoen noemen is datgene wat gedaan moet worden welke te maken hebben met de shalat zelf. De roekoen voor de shalat djenazah zijn: a. Het voornemen om shalat djenazah te doen alleen voor Allah. b. Staande voor de mensen die in staat zijn te staan. c. Vier keren takbir. d. De soerah Al-Fatihah reciteren. e. De shalawat bidden voor Rasoeloellah (v.z.m.h). f. Bidden voor de overledene. g. Salam (groet uitspreken). Voor de duidelijkheid wordt hieronder dieper ingegaan op de roekoen's en de manier waarop: a. Het voornemen om shalat djenazah te doen voor Allah betekent dat degene die de shalat doet zich voorneemt om met deze shalat de overledene vergiffenis te schenken of vergiffenis vol barmhartigheid af te smeken aan Allah voor de overledene, terwijl hij geen andere verwachting koestert dan gewilligheid en de beloning van Allah. b. Het gebed wordt staande gedaan, zoals bij de verplichte shalat, omdat de shalat djenazah ook fardhoe is. c. Vier keren takbir betekent dat de eerste keer de takbiratul ihram is en vervolgens de tweede, de derde en de vierde takbir. Bij de eerste takbir heffen wij onze beide handen omhoog, vervolgens leggen we ze op de borst, de rechterhand op de linker. Tenslotte reciteren wij surah Al-Fatihah. De tweede takbir is hetzelfde als de eerste gevolgd met het bidden van de shalawat voor Rasulullah s.a.w.

11


De uitspraak hiervan volgens de hadits:" Allahoemma shalli 'ala Moehammad wa 'ala

áli Moehammad, kamá shallaita 'ala Ibrahim. Wabárik 'ala Moehammad wa'ala áli Moehammad, kamá bárakta 'ala Ibrahim fit 'alamina innaka hamidoem masdjid " Betekenis: " Ya Allah, schenk Uw liefde aan Moehammad en zijn familie, zoals U

vroeger aan Ibrahim Uw liefde hebt geschonken, en zegen Moehammad en zijn familie zoals U vroeger Ibrahim gezegend heeft. U bent de Prijzenswaardigste en de Allerhoogste in dit heelal " R. Muslim en Ibnu Mas'ud. Hierna volgt de derde takbir. d. Na de takbir bidden wij voor de overledene. Inhoud van het gebed: het vragen van vergiffenis en barmhartigheid voor de overledene. Veel van die gebeden zijn te gebruiken in de shalat djenazah en zijn in verscheidene wetboeken te vinden. Maar de beste keus vinden wij in de gebeden van Rasoeloellah (v.z.m.h) die ongetwijfeld treffender zijn in woord en opbouw. De gebeden hiervan worden in punt 4 vermeld. e. De uitspraak van de salam is : "Assalamoe alaikoem warahmatoellahi wa barakatoeh". Betekenis: " Moge vrede, barmhartigheid en zegeningen van Allah op u allen rusten." 4. Gebeden voor de overledene. Een gebed is een verzoek aan Allah. Een verzoek wat mondeling geuit wordt moet de wens van zijn hart projecteren. Hieronder zijn twee gebeden uit de vele gebeden van Rasulullah(v.z.m.h) :Verteld door Muslim van 'Auf bin Malik: "Allahoemmagh firlahoe, warhamhoe wa'foe 'anhoe, wa'afihi, wa akrim noezoelahoe,

Wawassi' madgalahoe, waghsilhoe bimáin watzaldjin wabaradin. Wanaggihi minal khataya kamá yunaggi-thaoebil abyadhi minannadasi. Wabdilhoe daran khairan min dárihi, wa ahlan khairan min ahlihi, wazaoedjan khairan min zaoedjihi. Waqihi fitnatal qabri wa adzában nári ". Betekenis:" Ya Allah vergeeft hem, redt hem, verheft zijn rustplaats, verwijdt zijn graf, zuiver hem

van zijn fouten zoals witte kleren gezuiverd worden van het vuil. Geef hem ter vervanging van zijn vroegere verblijf een betere woonplaats, een betere familie dan zijn vorige familie en betere echtgenoot(e) dan zijn vorige echtgenoot(e) en redt hem van fitnah qoeboer (laster in 't graf) en de helle straf". Verteld door Abu Daud en Nasai van Abu Hurairah:" Allahoemma anta rabboeha wa anta

khalaqtaha wa anta razaqtaha wa anta hadaitaha lil Islami, wa anta qabattha roehaha wa anta 'alamoe bisirriha wa 'alaniyatiha dji`ná syoefa'aa faghfirlaha ". Betekenis: " Ya Allah alleen U bent de God van deze overledene, U hebt hem geschapen, U gaf

hem Uw zegeningen, U hebt hem de weg gewezen in de Islam, U hebt zijn ziel genomen, U kent al zijn innerlijke en uiterlijke geheimen. Wij zijn vergevensgezind dus vergeef hem ". De mannelijke of vrouwelijke vorm van bezittelijke naamwoorden in deze twee aangehaalde geboden hebben betrekking op het woord djenazah, dus het maakt niet uit of we de mannelijke/vrouwelijke vorm veranderen. PPME Rotterdam 03-03-2006. 12


5. Shalat voor meer dan een overledene tegelijk. Wanneer er meerdere stoffelijke overschotten zijn kunnen wij volstaan met één keer de shalat djenazah te verrichten. Wanneer er mannelijke en vrouwelijke stoffelijke overschotten zijn, worden de vrouwelijke stoffelijke overschotten dichter bij de qiblat geplaatst en de mannen dichter bij de imam. Ze worden op een rij gezet. Zo is het ook met de kinderen; de jongens dichter bij de imam en de meisjes bij de qiblat. 6. De belangrijkheid belangrijkheid van groot aantal moslims om shalat djenazah te doen. Hoe meer mensen aan de shalat djenazah meedoen des te dichter is de vervulling van de verzoeken om de liefdevolle vergeving voor de overledene. Daarom is 't noodzakelijk dat de moslim gemeenschap er de gewoonte van maakt om mee te doen aan de shalat djenazah, zodat ieder keer wanneer de shalat djenazah verricht wordt er veel moslims aanwezig zijn. Iedere moslim wenst dat, als er voor hem de shalat djenazah verricht wordt er een groot aantal broeders en zusters aanwezig zijn. Dus wat voor reden heeft hij, als hij zelf niet actief meedoet aan shalat djenazah voor anderen?. 7. Het aantal bidders wordt gesplitst gesplitst in rijen van drie. Het beste is dat het aantal bidders opgesteld worden in tenminste drie rijen. 8. Masboe Masboeq oeq (nakomers) bij shalat djenazah. Bij masboeq als makmoem (volgeling) dient hij na takbiratoel ihram de fatihah te reciteren. Dan de imam te volgen tot aan de salam, en verder gaan met de ontbrekende gedeelten. Volgens Imam Ahmad hoeft de makmoem masboeq de ontbrekende delen van de roekoen niet af te maken, mits hij samen met de imam de salam uitspreekt. 9. Stoffelijke overschotten waarvoor de shalat wel of niet gedaan moet worden. In principe worden voor alle stoffelijke overschotten, zowel mannelijk als vrouwelijk,de shalat djenazah verricht, behalve voor stoffelijke overschotten overleden in syahid en baby's. Over een overleden baby wordt later nog dieper ingegaan. Discussie onder de oelama’s is het wel of niet verrichten van de shalat djenazah voor een stoffelijk overschot dat in leven gerekend wordt tot het uitschot. Ibnu Hazn verteld hierover:" Voor iedere moslim, goed of slecht moet de shalat djenazah verricht

worden. Dat geldt ook voor mensen die aan afgoderij doen, zolang de grens van koefoer(ongeloof) niet overschreden wordt. Dit geldt ook voor zelfmoordenaars, moordenaars en zelfs voor de slechtste mensen op deze aarde. Wanneer deze als moslim overlijden, moet men de shalat djenazah verrichten”. Rasoeloellah (v.z.m.h) gebiedt ons: " Shalloe 'ala sháhiboekoem ” wat betekent : "Doe de shalat voor uw vrienden". Ieder moslim is tenslotte onze vriend. Allah verkondigd hierover in soerat Al-Hoedjoerat 10:" Innamal moeminoena ighwátoen" Betekenis:

" De gelovigen zijn immers broeders ". In een andere verkondiging heeft Allah gezegd:" Almoe'minoena wal mu'minatoe ba'dhoehum auliyáa

ba'dhin ". Betekenis: " De ene moslim is de geliefde van de andere ". Dus degene die probeert 'n shalat djenazah voor een moslim te verhinderen, durft veel. Het is waar dat de zondaar meer gebeden nodig heeft dan de oelama en de gelovigen onder de moslim(a). De mening van Ibnu Hazn wordt ondersteund door verscheidene oelama's. 13


10. Shalat djenazah voor overleden baby's. Overleden moslim kinderen moeten ook verzorgd, gewassen en gewikkeld worden, ook moet de shalat djenazah verricht worden net als bij een volwassene. Bij een miskraam, met een zwangerschap langer dan 4 maanden, zijn de oelama's van mening, dat er reeds sprake is van een “ziel”. Bij een miskraam, met een zwangerschap van nog géén 4 maanden, wordt de shalat djenazah niet verricht: men kan in dit geval niet spreken van een stoffelijk overschot, dat daadwerkelijk geleefd heeft. Er zijn andere oelama's die aanraden om bij een miskraam, als het teken van leven geeft, de shalat djenazah te verrichten. Conclusie: volgens hen wordt bij een miskraam welke geen teken van leven geeft (dood geboren) geen shalat djenazah verricht. Bovenstaande opvattingen worden niet ondersteund door betrouwbare hadits. (zie kitab Ahkamul jana'iz wa bid'ahu blz.81). In 'n betrouwbare hadits overgeleverd door Ahmad en Abu Daud van Aisyah: " Rasoeloellah

(v.z.m.h) heeft geen shalat djenazah gedaan voor zijn zoontje Ibrahim toen hij gestorven was op de leeftijd van achttien maanden ". Uit deze hadits kunnen wij concluderen dat bij overleden kinderen (baby’s, miskraam etc), totdat zij mondig zijn, de shalat djenazah niet verricht hoeft te worden. 11. Shalat djenazah ghaib. Wanneer een moslim, waar ook ter wereld overlijdt en men denkt, dat de shalat djenazah (hadhir) voor het stoffelijk overschot (nog niet) is verricht, moet men alsnog de shalat djenazah voor het stoffelijk overschot verrichten. Het heet dan: shalat djenazah ghaib. Het betekent een shalat djenazah verrichten zonder dat het stoffelijk overschot aanwezig (hadhir) is. Bovenstaande is gebaseerd op het verhaal dat Nadjasyi de hoeder over het land Habsyidie als moslim gestorven was en in zijn land geen mensen waren die de shalat djenazah voor hem verrichten. In die tijd waren héél véél mensen nog niet bekeerd tot de Islam. Toen heeft Rasoeloellah (v.z.m.h) voor hem alsnog de shalat djenazah ( shalat ghaib) verricht. Dus wanneer voor een overledene reeds de shalat djenazah is verricht, hoeft men voor het stoffelijk overschot de shalat djenazah ghaib niet te verrichten. 12. De shalat djenazah in de moskee. moskee. Het is niet verboden de shalat djenazah in de moskee te houden. Volgens onze godsdienst heeft het verrichten van de shalat djenazah géén voorkeur. Misschien berust het verrichten van de shalat in de moskee alleen maar op praktische overwegingen. 13. Shalat djenazah door vrouwen vrouwen. De vrouwen mogen de shalat djenazah verrichten: zowel alleen door vrouwen, als ook in een gemengde gemeenschap: de vrouwen moeten wel achter de mannen staan. Er zijn géén regels die dit direct of indirect verbieden. Er zijn wél enkele hadits over het verrichten van de shalat djenazah door vrouwen. 14. Zonder azan en iqama iqamah. Hoewel de shalat djenazah gezamenlijk verricht wordt, hoeft deze niet vooraf gegaan te worden door de azan (1e oproep tot het gebed) en iqamah (2de oproep tot het gebed) of iets dergelijks. Er zijn geen aanwijzingen of handeling van Rasoeloellah (v.z.m.h) dat hij bovenstaande deed. 14


HOOFDSTUK VII Het wegbrengen en begeleiden begeleiden van het stoffelijk overschot. 1. De belangrijkheid van het begeleiden van stoffelijk overschot naar het graf: De beloning voor het begeleiden van een stoffelijk overschot en getuige zijn van de begrafenis is even groot als de beloning voor het verrichten van de shalat djenazah zelf. Daarom moet de moslim gemeenschap, indien mogelijk, deze gelegenheid niet voorbij laten gaan. Hiermee nemen de goede daden toe en er is een gelegenheid om een grote beloning te verwerven. Dit geldt elke keer weer. Degenen die het stoffelijk overschot begeleiden en wegbrengen naar de begraafplaats moeten de doodkist (katil) helpen dragen. 2. Snel begraven van het stoffelijk overschot. Rasoeloellah (v.z.m.h) heeft aanbevolen om het stoffelijk overschot zo snel mogelijk te begraven: dat bekent dat we niet gaan rennen en ook niet dat we de algemene openbare orde verstoren. 3. Vervoeren van het stoffelijk overschot. Bij het wegbrengen van het stoffelijk overschot te voet, lopen de begeleiders aan de voorkant, links of rechts of aan de achterkant van de baar. Wordt er gebruik gemaakt van een voertuig, dan moeten de begeleiders achter de baar lopen. Hoewel het niet verboden is het stoffelijk overschot in een voertuig weg te brengen, wordt de voorkeur gegeven om het stoffelijk overschot te voet weg te brengen. 4. De wet op het wegbrengen van een stoffelijk overschot. Godsdienstig gezien is er geen wettelijke voorschrift over het op een bepaalde manier wegbrengen van een stoffelijk overschot. Daarom berust er, godsdienstig gezien, op het wegbrengen van een stoffelijk overschot per voertuig, geen verbod. Noot: In de meeste Nederlandse gemeenten is het verboden om een stoffelijk overschot, zonder voertuig, over de openbare weg te vervoeren. 5. Vrouwelijke begeleiders. Hierover heeft Rasoeloellah (v.z.m.h) gezegd in een hadits, overgeleverd door Thabani van Ummu Athiyah: "Rasoeloellah (v.z.m.h) heeft ooit eens vrouwen verboden om de overledene naar het graf

te begeleiden". Maar in een andere hadits overgeleverd door Bukhari en Muslim van Ummu Athiyah zegt hierover:

"Aan ons (vrouwen) is afgeraden een overledene te begeleiden naar het graf, maar niet met nadruk�. Hieruit kunnen wij opmaken, dat dit "verbod" niet valt onder haram, maar makroeh. Dus het is iets dat minder goed is. Erger is het nog voor de echtgenote, moeder en dochter(s) om hun verdriet aan anderen te vertonen en met de andere moslima, tegelijkertijd hun verdriet te verergeren. 6. Zaken, Zaken, bij het begeleiden van een stoffelijk overschot vermijden. Naast de bovengenoemde ergernissen zijn er nog verscheidene andere zaken die volgens de godsdienst bij het begeleiden van een stoffelijk overschot vermeden dienen te worden: a. Niet luid spreken zowel bij dzikir, Qoer`an lezen, shalawat lezen en alle andere zaken, omdat luid spreken bij het begeleiden van een stoffelijk overschot een heidense gewoonte en niet conform ons geloof. Behalve dat er geen les van Rasoeloellah (v.z.m.h) is, is er juist 'n gebod om het tegengestelde te doen. 15


Zoals gezegd is door Rasoeloellah (v.z.m.h):" Waarlijk, Allah houdt van stilte bij drie

gebeurtenissen: 1. tijdens het oplezen van de Qoer`an. 2. Tijdens de opmars naar het slagveld 3. Tijdens het wegbrengen van een overledene". H.R. Abu Daud en Ibnu Mundzir van Qias bin Ubadah b. Geen muziek bij het begeleiden van de overledene. c. Geen gebruik maken van wierook, gaharu-hout (hout van de aloĂŤ boom) of dergelijke.

PPME Rotterdam 03-03-2006 16


HOOFDSTUK VIII Begraven van een stoffelijk overschot. 1. De wet over het begraven. Zoals de verzorging van een stoffelijk overschot, het ritueel wassen, het in kafan wikkelen en de shalat, fardhoe kifayah zijn, evenals het wegbrengen en begraven fardhoe kifayah. Volgens de Islamitische wetten wordt het stoffelijk overschot noch verbrand, noch in de rivier gegooid noch aan zijn/haar lot overgelaten om door de roofvogels opgegeten te worden: het stoffelijk overschot wordt ter aarde besteld. De overledene moslim(a) moet begraven worden op een Islamitische begraafplaats, omdat dit zó gedaan werd ten tijde van Rasoeloellah (v.z.m.h), in de periode van zijn metgezellen en in de periode van de tabi'in ( de glorietijd van de Islamitische gemeenschap). 2. Het tijdstip van begraven. Het begraven mag zowel overdag als s' avonds gebeuren. Verscheidene metgezellen van Rasoeloellah (v.z.m.h) en zijn familie werden s’ avonds begraven. Men moet echter vermijden, dat het stoffelijk overschot ter aarde wordt besteld: a. Op tijdstip dat de zon opkomt tot ongeveer 20° 'a 30°. b. Als de zon zijn hoogste punt heeft bereikt. c. Op het tijdstip dat de zon bijna op de kim staat tot zonsondergang. 3. Het graf moet diep genoeg zijn. De bedoeling van de ter aarde bestelling is, om het stoffelijk overschot te overdekken, zodat het niet zichtbaar is, niet ruikt en onbereikbaar is voor vogels of aaseters. Daarom moet het graf diep genoeg gedolven worden, zodat het stoffelijk overschot beschermd wordt tegen bovengenoemde dreigingen. De oelama’s zijn er niet mee eens hoe diep eigenlijk een graf gedolven moet worden. Sayyidina Umar r.a. zegt: " Diep het graf uit tot ongeveer de lengte van een staande man met

uitgestrekte arm naar boven" R. Ibnu Abi Syaibah en Ibnul Mundzir van Umar b,Khattab. 4. Lahad en Syaqqu. Na het delven van het graf moet men aan de qiblat zijde het graf uithollen zodat men het stoffelijk overschot op de rechterzijde erin kan leggen, aan de achterkant gestut met klompen aarde. Daarna moet het stoffelijk overschot afgedekt worden met planken (over de hele lengte van het graf). Vroeger gebruikte men daarvoor zo'n soort baksteen - in schuine positie , zodat het lichaam niet rechtstreeks in aanraking komt met het naderhand over hem uitgestorte aarde - deze manier wordt in het Arabisch lahad genoemd. Een andere manier van begraven is, in het midden van reeds gedolven graf een uitholling maken om het stoffelijk overschot erin te leggen, er bovenop planken op dezelfde manier als zojuist beschreven is. Dit heet in het Arabisch Syaqqu óf dharhu. Beide manieren zijn toegestaan. Er zijn oelama's die zeggen dat als de grond hard genoeg is, lahad de beste manier is en wanneer de grond los is, syaqqu de beste manier van begraven is. Rasoeloellah (v.z.m.h) werd zelf begraven in de lahad. Dus van de bovengenoemde manieren is lahad de beste. Men begroef ook mensen in een doodkist, waarvan de oelama's van mening zijn dat dit onder de wet makroeh valt. In noodgeval is het toegestaan. 17


5. Neerlaten van een stoffelijk overschot in het graf. De beste manier om een stoffelijk overschot neer te laten in het graf is: eerst het hoofd. Dit volgens de handeling van Rasoeloellah (v.z.m.h). 6. Naar het qiblat gericht. Zowel in lahad, syaqqoe als in de kist, legt men het stoffelijk overschot schuin tot zijn linkerzijde aan de zijkant steunt krijgt. 7. Over de bekleding van de bodem. Alle oelama's van de vier mazhabs zijn het erover eens dat het makroeh is wanneer men een kleed of dergelijke onder het stoffelijk overschot (in het graf). Zelfs alle oelama's raden het aan om na het losmaken van de knopen de rechterwang in aanraking te brengen met aarde. 8. Gebed tijdens het neerlaten van het stoffelijk overschot. Het wordt aangeraden om het volgende te reciteren: ” Bismillahi wa `ala millati Rasoelillah ”. Betekenis: “Uit naam van Allah en volgens de godsdienst van Rasoelillah”. 9. Het gespreid houden van lap/stof boven het graf. Het is wenselijk om bij het neerlaten van een stoffelijk overschot een lap stof of iets dergelijke gespreid te houden boven het graf. 10. Geschikte personen die in 't't graf ingaan. De geschiktste personen voor de verzorging van een vrouwelijke stoffelijk overschot zijn diegenen die de nacht tevoren geen geslachtsgemeenschap hebben gehad met hun vrouwen. 11. Drie keer het graf bestooien met aarde. Na afloop van de verzorging van het stoffelijk overschot raadt men aan om degene, die getuige is van de begrafenis drie keer aarde met de hand in het graf te strooien, aan de kant van het hoofd. Daarna wordt het graf dichtgegooid. 12. Azan. Er zijn mensen, die in het graf, in de buurt van het hoofd van het stoffelijk overschot, de azan uitroepen. In de overleveringen van de metgezellen of van Rasoeloellah (v.z.m.h) vindt men dit niet terug. Deze daad getuigt van bijgeloof en hiervan moet men zich distantiëren omdat men de soennah van Rasoeloellah (v.z.m.h) niet wil overschrijden. 13. Ophogen Ophogen van het graf. Het ophogen van het graf is verboden. Het graf moet even vlak zijn als de aarde er rondom heen. Als de grond bij het dichtgooien van het graf hoger zou uitkomen dan zijn omgeving is dat niet erg, mits het niet hoger is dan een span (± 23 cm). 14. Nisan (grafsteen). Op het graf mag een nisan gelegd worden, zowel van steen als van hout als teken dat er iemand begraven ligt. Ook Rasoeloellah (v.z.m.h) heeft dat gedaan bij het graf van één van zijn metgezellen. PPME Rotterdam 03-03-2006 18


15. Het vragen van vergiffenis en sterkte voor de overledene. Na het dichtgooien van het graf raadt men de aanwezigen aan om te bidden tot Allah voor de vergeving van de zonden van de overledene en vragen of Allah hem wil sterken als hij ten overstaan van de engel ondervraagd wordt over zijn daden. Men kan geen enkele overlevering vinden op welke manier de metgezellen deze raad van Rasoeloellah (v.z.m.h) nakwamen, ook niet hoe men moet bidden en de metgezellen het beaamden met "amin". Daarom bidden wij ieder apart en op onze eigen, specifieke manier. De uitspraak van het gebed is als volgt: " Allahummagh firlahoe wa tsabbit-hoe 'indas soeali”. Betekenis: “Ya Allah vergeef hem zijn zonden

en sterk hem tijdens de ondervraging ". 16. Talqin mayit (fluisteren van de shahadat). shahadat). Talqin mayit voor het stoffelijk overschot en vooral na de ter aarde bestelling heeft geen nut. Rasoeloellah (v.z.m.h) heeft dit nooit gedaan of onderwezen; dus dit getuigt van bijgeloof waarvan men zich ver moet houden. 17. Meer stoffelijke overschotten in één graf. De gebruikelijke manier van begraven door de oude moslimgemeenschap (Kaum salaf), tot op heden actueel, was één stoffelijk overschot per graf. In noodgeval, bijvoorbeeld bij het begraven van veel doden, terwijl er te weinig grafdelvers zijn of er zijn omstandigheden waarbij het noodzakelijk is om meer stoffelijke overschotten per graf ter aarde te bestellen (epidemie), is het toegestaan om meer doden in een graf te leggen. Dit gebeurde ook in de tijd van Rasoeloellah (v.z.m.h). 18. Begraven op open zee. Gewoonlijk wordt een stoffelijk overschot, zoals boven is beschreven, begraven. Maar als er iemand op 'n schip of prauw en op open zee overlijdt en het is het niet mogelijk om hem op tijd aan land te brengen zonder dat dát gevolgen heeft voor het stoffelijk overschot geldt iets anders. Volgens de fatwa (beslissingen) van de oelama's moet het stoffelijk overschot zoals gewoonlijk verzorgd, gewassen en gewikkeld worden en moet er een shalat djenazah gehouden worden, daarna zet men het stoffelijk overschot, nadat men het verzwaard heeft ( om drijven te voorkomen), overboord. 19. Verboden zaken bij het graf. Het is goed om hier te praten over de zaken waarvan we ons ver moeten houden volgens de geboden van onze godsdienst, zodat de moslims ook het Islamitische patroon bij het begraven tonen. a. Bouw niets op het graf. b. Besmeur het graf niet en schrijf er niets op. c. Maak van het graf geen gebedsplaats. d. Zit niet op het graf en loopt niet tussen het graven met schoeisel aan. Wel op paden. e. Zet geen bloemen of dergelijke op het graf, behalve dat dát niet voorgeschreven is,dient het tot niks en is louter verspilling. f. Slacht geen dieren op het graf. g. Verricht geen handelingen rondom het graf die gebaseerd zijn op oude geloven die niet toegestaan zijn in de Islam. 19


HOOFDSTUK IX Ta’ziah. 1. Betekenis en regels hierover. Ta'ziah is een bezoek brengen aan de nabestaanden die getroffen zijn door moesibah. Bezoekers sporen hen aan om hun lot met geduld en gelatenheid te aanvaarden. Ta'ziah is een goede daad en wordt zéér geadviseerd door onze godsdienst. 2. Wat te zeggen bij ta'ziah. Bij ta'ziah spreekt men woorden uit die troostend zijn voor de nabestaanden. Woorden die bestaan uit raadgeving, begeleiding en gebed. Er zijn verschillende hadits over wat men bij ta'ziah moeten zeggen. Dit mogen wij vertalen in wat het beste begrepen wordt door de nabestaanden. Bijvoorbeeld: a. Rasoeloellah (v.z.m.h) zei aan zijn dochter:

“Hetgeen wat genomen en gegeven wordt door Allah is nou eenmaal Zijn bezit. Alle bezittingen van Allah zou teruggenomen worden op het tijdstip dat alleen voor Hem vaststaat. Heb daarom geduld en hoop op Zijn pahala (zegen).” R. Bukhari en Muslim van Usamah bin Said. b. Een andere keer zei Rasoeloellah (v.z.m.h) tot een huilende vrouw bij het graf: "Dien Allah en

heb geduld". R. Anas van jama'ah. c. Een gedeelte uit de inhoud van Rasoeloellah's (v.z.m.h) brief aan Mu'adz bin Djabal bij de dood van zijn kind is:

" Moge Allah voor u de zegen vergoten, gave tot geduld geven en dankbetuiging aan ons en u schenken, omdat waarlijk onze ziel, ons vermogen en onze familie een eenvoudig geschenk is en een lening is van Allah die we tijdelijk in ons bezit mogen hebben. Dit was aan u geschonken door Allah in blijdschap en vreugde en wordt van u teruggenomen met vele beloningen, namelijk zaligheid, barmhartigheid en goddelijke hulp. Wanneer u hoopt op een beloning (pahala) moet je geduld betonen ". d. Een deel van de oelama's is van mening dat er ook gezegd mag worden: " Moge Allah uw pahala vergoten en optimaal geduld geven en vergeving aan uw overledene ". Daarop zeggen de nabestaanden “Amin”. De bezoeker(s) antwoord(en): " Aadjarakallah ", wat betekent: " Moge Allah u

pahala (beloning) geven ". 3. Het verlichten der lasten van de nabestaanden. Met de troostende woorden niet alleen maar bedoeld het verlichten van de leedverwekkende en de geestelijke last van de nabestaanden, want Rasoeloellah (v.z.m.h) onderwijst ons ook om andere lasten meehelpen te verlichten. Omdat bij een sterfgeval de nabestaanden geen of weinig trek hebben in eten en drinken en/of geen zin hebben het door zichzelf klaar te maken, wordt ons door Rasoeloellah (v.z.m.h) onderwezen dat wij voor de nabestaanden het eten dienen klaar te maken. 4. Spreken over overledene. Het is niet toegestaan door de syar'a (wetsbepalingen) om zonder geldige reden te spreken over de slechte eigenschappen van de reeds overledene. 20


HOOFDSTUK X Bezoek aan het graf en bidden voor de grafbewoners. 1. De reden tot bezoek. Volgens de leer van Rasoeloellah (v.z.m.h) moet er alleen bezoek plaatsvinden met een bedoeling n.l. herinnering aan de dood of aan het leven na de dood ofwel het leven in het Hiernamaals. Daarom keurt men het ten strengste af dat mensen bij een bezoek aan het graf, hopend op zegen uit ’t graf, zoals het in vervulling gaan van hun harte wensen, redding voor het gevaar waar hij bang voor is, rijkdom vragen, paranormaal begaafdheid, het krijgen van kinderen enz. 2. De wijze en het doel van bezoek. Bij het bezoek wendt men het gezicht naar de begraafplaats en spreekt zijn salam en gebeden uit voor de grafbewoners zoals: " Assalamoe alaikoem ahlad diyaari minal moe'minina wa inna insya Allahoe bikoem láhigoen ". Betekenis:" Vrede zij met u, bewoners van deze begraafplaats muminin (trouwe gelovigen) en waarlijk -Insya Allah- zullen wij u ongetwijfeld volgen ". Het bezoek aan het graf moet eigenlijk als voorbeeld en waarschuwing dienen dat het graf het einde is van de reis der mensen op deze wereld, zonder onderscheid te maken van wie, wat en hoe ze waren. Hier, in het dagelijks leven, kan men alleen maar aanspraak maken op vermogen, kunde en zijn invloed op de wereld. Later kan men alleen aanspraak maken op de toewijding aan Allah, zijn geloofsovertuiging en zijn goede daden. 3. Bezoeksters bij bij het graf. Vrouwen mogen 't graf bezoeken, zolang ze geen dingen doen die verboden zijn. Maar het moet ook niet al té vaak gebeuren omdat men vreest dat ze later fans worden van de begraafplaats (een soort bedevaartsoord), wat vervloekt wordt door Rasoeloellah (v.z.m.h). 4. Het overdragen van pahala aan de overledene. Er zijn mensen die denken dat de verdiende beloningen (pahala) en zijn goede daden overgedragen kunnen worden aan de overledene door middel van een verzoek aan Allah. De overdracht hiervan is niet toegestaan door onze godsdienst, omdat alleen iemand die goede daden doet, recht heeft op de pahala hiervan. 5. Enige ceremonieë ceremonieën handelingen na de dood. Een volledige en perfecte handleiding is verstrekt door onze godsdienst bij het bidden voor de overledene. Wanneer er iets toegevoegd wordt, overdrijven wij. En overdrijving is iets wat verboden is door onze godsdienst. Zoals Rasoeloellah (v.z.m.h) zegt:"Voeg nooit nieuwe dingen toe (aan godsdienstige zaken) want al het nieuwe wat toegevoegd wordt valt onder bijgeloof (bid'ah) en bid'ah is een dwaling". R. Abu Daud en anderen van Irbad bin Sariyah. PPME Rotterdam 03-03-2006 21


IN HET HET KORT: KORT: Kracht en sterkte wensen wij u toe als Malak alal-Mawt (de engel des doods) een dierbaar familielid of vriend heeft bezocht. Allah schiep de mens en bepaalt het moment waarop wij zullen sterven. Sommigen gaan vroeg, voor anderen bepaalde Allah zo een lang leven, dat alles wat zij ooit wisten, niet meer zullen (HQ 22:5) Sterven: Sterven is éénmalig. In navolging van de profeet Moehammad , die op donderdag, drie dagen vóór zij dood pen en papier vroeg om zijn laatste wil bekend te maken, maken moslims, als ze daar toe in staat zijn, ook hun testament op. Ook laten ze, indien die er zijn, hun schulden aflossen. Veel zaken en rituelen rond de dood van sunni-moslims zijn afkomstig uit het Kitab al-ruh (Boek van de ziel), geschreven in de 14de eeuw door de Hambali-theoloog Mohammad ibn Abi-Bakr ibn Qayyim al-Jawziyah. Vroeger werden overleden moslims overgebracht naar hun vaderland om dáár begraven te worden. Tegenwoordig kan er hier ook op islamitische manier begraven worden Het is de taak van iedere moslim een stervende te helpen en te verzorgen bij het overlijden. Er zijn veel handelingen, die moeten gebeuren door naaste familie en vrienden. De stervende wordt voorzover mogelijk op de rechterzij gelegd, met het gezicht in de richting van Mekka. Daarbij reciteren de aanwezigen uit de Koran en helpen de stervende bij het afleggen van geloofsgetuigenis dat er slechts één ondeelbare God bestaat en dat de profeet Moehammad Zijn boodschapper is. Wanneer iemand sterft zonder bezittingen, draagt de moslimgemeenschap de kosten van de uitvaart. Een dode lichaam moet gerespecteerd worden en mag op geen enkele manier worden beschadigd. Na het overlijden. Na het overlijden sluit één van de aanwezigen de ogen van de overledene en bidt men gezamenlijk het eerste hoofdstuk uit de Koran: Al-Fatihah. Er wordt verder geen Koran gereciteerd in het stervensvertrek. Rituele wassing. Het stoffelijk overschot dient ritueel gewassen te worden. Wassen en verzorgen van het stoffelijk overschot is zéér belangrijk omdat volgens de Koran al het gestorvene onrein is. Het wassen gebeurt soms thuis: meestal in het rouwcentrum, omdat men hier de faciliteiten heeft. Over het hoe en waarom is hierboven uitvoerig beschreven. DjenazahDjenazah-gebed. Het is de plicht van een moslim, indien mogelijk, om bij het djenazah-gebed aanwezig te zijn. De imam bidt bij het opgebaarde lichaam het djenazah-gebed. Tenslotte wordt het gebed voor de overledene uitgesproken, staande voor het stoffelijk overschot. Het eindigt met de vredesgroet, waarna de begrafenis volgt. Begrafenis. Begrafenis. Bij de moslims is het gebruikelijk dat een overledene zo snel mogelijk en het liefst zonder kist ter aarde wordt besteld. In oosterse landen is de begrafenis meestal binnen 24 uur, in Nederland schrijft de wet echter voor dat er minimaal 36 uur tussen het tijdstip van overlijden en de begrafenis moet liggen. Hoewel er geen termijn in de moslim literatuur wordt genoemd, kan in Nederland een ontheffing van het termijn van 36 worden aangevraagd, zodra de dood door de arts is vastgesteld. Praktijk leert dat men wacht met de begrafenis tot de termijn van 36 uur verstreken is.. Gebruikelijk is dat het stoffelijk overschot gedragen wordt bij de begrafenis, waarbij telkens van drager wordt gewisseld. Traditie wil dat er zoveel mogelijk mannen uit de gemeenschap de baar of kist op weg naar het graf een stukje dragen: niet alleen uit eerbetoon maar ook omdat dit tot één van de door de profeet genoemde “goede werken” is. 22


Bij moslims is het de gewoonte, dat er slechts één overledene in een graf komt te liggen. Bij het graf aangekomen wordt het stoffelijk overschot uit de kist getild en in een graf gelegd met het gezicht naar Mekka. Het graf wordt zodanig gemaakt, dat het stoffelijk overschot op de rechterzijde blijft liggen. Moslims worden het liefst begraven in een eigen graf met onbepaalde grafrechten. Een graf mag niet geruimd worden. Meestal worden wel een steen (nisan) op het graf geplaatst om de plaats aan te duiden: het graf wordt niet versierd. De nisan blijft beperkt met de gegevens als naam en data, soms voorzien van koranteksten. Rouw. Na de begrafenis geldt een eerste rouwperiode van drie dagen, waarin de nabestaanden worden gecondoleerd. Vooe weduwen geldt na drie dagen een rouwperiode van 4 maanden en 10 dagen, waarin zij geen make-up of sieraden draagt. Vaak wordt door de familie gedurende 40 dagen elke avond thuis voor de overledene gebeden. Na die 40 dagen wordt de rouwtijd afgesloten met gebeden waarin gevraagd wordt de overledene op te nemen in de Djenna (hemel), gevolgd door een maaltijd. Bezoek aan het graf. Het is de gewoonte om bij een bezoek aan het graf uit de Koran te reciteren en een smeekbede te verrichten voor de zielerust voor alle overledenen: “O Allah! Vergeef onze levenden en doden, onze aanwezigen en onze afwezigen, onze jeugd en onze ouderen, onze mannen en onze vrouwen. O Allah! Laat degene van ons die U in leven laat, in de Islam leven en degene onder ons die U doet sterven, laat hem sterven in het geloof. O Allah!, Onthoudt ons zijn beloning niet en laat ons na hem niet in tweedracht vervallen”. Op de dag der opstanding zullen de martelaren direct hun plaats in het Paradijs krijgen. De overige opgewekte doden zullen ondervraagd worden door de engelen Mungkar en Nakir. Na de ondervraging krijgt de overledene een boek waarin hun leven is opgetekend. De rechtvaardigen ontvangen het in hun rechterhand en gaan direct naar het Paradijs van engel Reduan, de onrechtvaardigen ontvangen het in hun linkerhand en gaan direct door naar de Hel, waar de engel Malik heerst. Islamitische Islamitische begraafplaatsen. Er zijn in Nederland begraafplaatsen, waar ze akkers hebben gereserveerd voor de moslimgemeenschap. In Rotterdam heeft men akkers, voor de moslimgemeenschap, op de begraafplaatsen “Zuid” en Crooswijck. De kosten van een uitvaart zijn afhankelijk van de persoonlijke wensen van de overledene en zijn of haar nabestaanden. Rekent u op minimaal € 4000,00 voor een begrafenis. Dit zijn meestal kosten voor een basispakket. U kunt zich ook hoger laten verzekeren waarmee eventuele kosten ook gedekt zijn. Extra wensen, bijvoorbeeld meer volgauto’s of een rouwadvertentie in de krant, kunnen door de uitvaartonderneming geregeld worden. Het is wel aan te raden bij de uitvaartonderneming een offerte te vragen, de kosten kunnen namelijk erg oplopen. Overigens zijn de kosten van een uitvaart (deels) aftrekbaar van de belasting als buitengewone uitgaven. Na de begrafenis kunnen er ook nog kosten zijn voor het onderhoud van het graf. PPME Rotterdam 03-03-2006.

23

Kitab Jenazah  

Kitab yang berisi tata laksana penyelanggaraan mayat.

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you