Page 1

Vensters PO

magazine voor het primair onderwijs december 2012 • jaargang 1 • nummer 1

PO-Raad kiest voor transparantie

4 Vensters PO: wie, wat, waar?

13 Pilotscholen uit heel Nederland

14


In dit nummer 4

13

21

Transparant over onderwijs

Vensters PO in het kort

Eigen traject voor (v)so

Initiatiefnemer PO-Raad over het nut en de strategie van Vensters PO: “We gaan het niet kant-enklaar neerzetten, maar draagvlak creëren.”

Wat is Vensters PO eigenlijk? Wie doet wat in het project? En wat gaat het opleveren? Antwoorden in vogelvlucht.

Meer inzicht in de resultaten is ook een wens van het (v)so. Dit onderwijstype krijgt een apart traject. Voor de Aloysius Stichting komt dit mooi op tijd.

8

16

24

Goede data om te ­sturen

Hoe werkt Vensters bij kwaliteits­ verbetering op school? Ervaringen en verwachtingen uit Rotterdam.

10

Geen twijfel in Den Haag

…. en evenmin bij de Inspectie, DUO en Schoolinfo.

14

De voorhoede

Besturen uit het hele land doen mee aan de eerste pilot.

Doen!

Het is de moeite waard, zeggen ­vo-scholen na vier jaar Vensters.

19

26

In het kort

Kennismaken op de NOT, een digitale nieuwsbrief en andere ­wetenswaardigheden.

20

De lijst van 25

Scholen, besturen en experts stelden voor Vensters PO een lijst met w ­ enselijke onderwerpen op.

‘Mes snijdt aan twee kanten’

Kwaliteitzorg én verantwoording. Het Limburgse bestuur Innovo ­verwacht dubbel profijt.

‘Cijfers houden je scherp’

Scholen kunnen met de gegevens hun voordeel doen, vindt prof. dr. Roel Bosker (RUG).

colofon Vensters PO magazine is een uitgave van Stichting Schoolinfo in opdracht van de PO-Raad. Vensters PO magazine verschijnt als de ontwikkeling van het project Vensters PO daartoe aanleiding geeft. Coördinatie vanuit Stichting Schoolinfo: Jessica van Dam-Wisse Projectcoördinatie en eindredactie: Suzanne Visser, Perspect, Baarn Vormgeving en druk: Practicum, Soest Met bijzondere dank aan basisschool De Regenboog (Lucas Onderwijs) in Den Haag, waar de foto’s op het omslag en de pagina’s 13, 19 en 25 zijn gemaakt. © Vensters PO 2012


Voor, van en met u Twee jaar geleden stemde de A ­ lgemene Ledenvergadering van de PO-Raad in met de ontwikkeling van Vensters PO. Achter de schermen hebben we sindsdien voorbereidingen getroffen met alle partners die nodig zijn voor het succes dat we beogen. Dat begrip ‘partners’ wil ik graag nader toelichten. Belangrijke partners zijn het mini­sterie van OCW, de ­Inspectie van het onderwijs, DUO en Kennisnet. Deze ­partijen maken Vensters PO mogelijk. Daarnaast zijn er partners als de V ­ O-raad, leveranciers, belangen­organisaties van wie we willen leren en die we, waar mogelijk en nodig, willen betrekken bij dit project. De belangrijkste ‘partners’ die voor het welslagen van dit project voor mij op de eerste plaats komen, zijn de schoolbestuurders, schoolleiders en schoolteams in het primair onderwijs. We hopen u met Vensters PO niet alleen een mooi en e ­ igentijds instrumentarium te bieden, we willen het vanaf het begin met u o ­ ntwikkelen. Het is niet alleen voor u, maar ook ván u.

Eind oktober is het ­project Vensters PO ­officieel g ­ elanceerd. In 2015 willen we dat b ­ asisscholen, ­scholen voor speciaal ­basisonderwijs en ­scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs met Vensters ­online ­verantwoording ­kunnen ­afleggen over hun beleid en onderwijs­ opbrengsten. Ze krijgen ook de­ beschikking over ­managementinformatie waarmee ze hun e ­ igen ­gegevens kunnen ­verge­lijken met die van 7500 andere scholen in ­Nederland.

Dat proces van co-creatie is trouwens al begonnen. Met collega’s uit het veld h ­ ebben we een gewenste indicatorenset samengesteld. De volgende stap is dat we met de werkgroepen en de pilotscholen (waarvoor al veel belangstelling is) gaan kijken of we er in de praktijk mee uit de voeten kunnen. Zo bouwen we s­ amen verder. Met Vensters kiezen we voor een proces van voortdurende interactie waarin r­ uimte is voor tussentijdse aanpassingen en verbeteringen. Dat is overigens geen vrijblijvend proces. We willen wel resultaten boeken. Vertrouwenwekkend is dat deze a ­ anpak succesvol is in het voortgezet onderwijs, waar 98 procent van de scholen vrijwillig deelneemt. Met Vensters PO zijn we niet langer reactief, maar kunnen we proactief zijn op alle niveaus: school, schoolbestuur, regio en sector. We nemen de verantwoordelijkheid voor onze verantwoording. Naast de opbrengsten in cijfers en grafieken toont Vensters PO ook gegevens over personeel, financiën en tevredenheid. Door deze trans­parante en proactieve aanpak krijgen we meer regie in het maatschappelijke debat over de ­kwaliteit van het onderwijs. En dat debat kunnen we straks nog beter voeren omdat we p ­ reciezer weten waar we goed in zijn en waar we ons kunnen verbeteren. Zo zorgen we samen dat elke school en elk schoolbestuur verder komt met de opdracht: goed onderwijs voor elk kind. Kete Kervezee, Voorzitter PO-Raad

3


PO-Raad over Vensters PO:

’We willen transparant De start van het project Vensters PO is een feit. Ook over scholen voor primair onderwijs worden straks de cijfers ­verzameld, voor diverse doelgroepen ­bewerkt en ­gepresenteerd. Bestuurslid Simone ­Walvisch van de ­PO-Raad en beleids­ adviseur van de PO-Raad / ­waarnemend projectleider Marleen van der Lubbe van ­Vensters PO vertellen ­waarom en hoe.

­ ogelijke systeem te o m ­ ntwerpen. Tegelijkertijd verwachten de sector en de omgeving dat het morgen af is. Daar zit een spanningsveld. We hopen dat iedereen het enthousiasme en het geduld heeft om met ons mee te denken. Dat geeft de beste garantie dat alle school­besturen straks Vensters gaan ­gebruiken.”

Wat is de essentie van hetgeen Vensters het ­primair onderwijs te bieden heeft? Marleen van der Lubbe: “Vensters geeft besturen en ­scholen hun eigen informatie terug in een zodanige vorm dat die informatie gemakkelijk te gebruiken is voor twee doelen: als basis voor een dialoog met de buitenwereld en voor de eigen s­ trategie en beleidsdoeleinden. Niet alleen individuele besturen, ook de sector als geheel kan met ­Vensters laten zien dat het primair onderwijs kwaliteit biedt om trots op te zijn. Een groot voordeel is dat binnen ­Vensters betrouwbare vergelijkingen mogelijk zijn:

Tekst: Suzanne Visser

‘We kiezen ervoor ­Vensters PO niet Met de deur in huis dan maar: waarom heeft de PO-Raad het initiatief g ­ enomen voor Vensters PO?

­kant-en-klaar neer te zetten, maar vorm te geven in overleg met de sector’

Simone Walvisch: “De schoolbe­sturen en de schoolleiders hebben daar nadrukkelijk om gevraagd. Ze zitten te ­springen om dit soort informatie, zowel om beter te kunnen besturen als om verantwoording af te leggen aan de ouders en de ­omgeving van de school. De roep om transparantie wordt steeds groter. Op meer en meer plekken worden daarom gegevens verzameld: door scholen zelf en ook door gemeenten. Maar dat gebeurt op verschillende manieren, waardoor de ge­gevens niet uniform te presenteren zijn, en zonder veel mogelijkheden tot vergelijking. Dat doet de trans­parantie juist géén goed. Als sector willen we écht transparant zijn over ons onderwijs: zowel intern als naar buiten. Vensters PO maakt dat ­mogelijk.”

Hoe groot is de invloed van besturen en scholen op Vensters PO? SW: “Groot, en dat is een bewuste keuze. We willen betrokkenheid en draagvlak creëren. Daarom kiezen we ervoor Vensters PO niet kant-en-klaar neer te zetten, maar vorm te geven in overleg met de sector. Er is een programma­ commissie, er zijn werkgroepen en pilotscholen en we ­organiseren informatiebijeenkomsten. Al werkende groeit het draagvlak, zodat het project als het klaar is, ook meteen stáát. Dat is iets wat we ­hebben geleerd van Vensters VO, waar deze werkwijze veel succes heeft gehad. Zo’n traject kost meer tijd. Het primair onderwijs is ook nog eens een heel grote sector met een enorme diversiteit. Maar we ­moeten en willen de tijd nemen om samen het best 4

Simone Walvisch


zijn over ons ­onderwijs’ met a ­ ndere scholen in dezelfde gemeente, met scholen van dezelfde grootte in andere ­gemeenten… Welke vormen van vergelijking - ‘benchmarks’ - de s­ ector daadwerkelijk in Vensters ­opgenomen wil zien, gaan we de komende tijd met de besturen en scholen bespreken.”

Kunnen alle managementinformatie­systemen nu worden afgedankt? ML: “Nee, want er zijn wezenlijke verschillen. Vensters ­presenteert informatie over de hele sector op een een­ duidige manier. Dat doen de ­managementinformatie­systemen onderling niet. Aan de andere kant zijn zij ­gedetailleerder dan Vensters; met een management­ informatie­systeem kunnen scholen verder ­inzoomen op deelaspecten.”

Leidt Vensters PO op ­zichzelf tot ­kwaliteits­verbetering? ML: “Niet bij voorbaat. Vensters is een instrument in handen van ­scholen en besturen. Niet meer, niet minder. Of de ­kwaliteit verbetert, hangt ervan af of scholen en besturen de informatie daadwerkelijk ge­bruiken voor verbetering van hun onderwijs en de dialoog over hun onderwijs met ­belanghebbenden. Aan de vraag hoe zij de informatie ­optimaal kunnen benutten, gaan we in de nabije toekomst een serie ­masterclasses wijden.”

Een deel van de informatie voor Vensters komt rechtstreeks van de Inspectie en DUO. De rest moeten de besturen en ­scholen aanleveren. Is dat niet veel werk? SW: “Die vraag krijgen we vaker. N ­ atuurlijk zit er werk aan vast. Maar onze ambitie is precies het tegenovergestelde: door bestaande informatie van verschillende instanties op één plek in Vensters bijeen te brengen, kunnen die ge­ gevens meervoudig gebruikt worden. Daarmee willen we op termijn de administratieve last voor scholen juist terug­ dringen. De huidige praktijk is dat scholen voor allerlei ­organisaties opnieuw gegevens moeten inkloppen: voor het administratiekantoor, voor DUO, voor de Inspectie... Het moet anders kunnen en daar wil V ­ ensters aan bijdragen.”

Maar raken scholen de controle over hun eigen ­informatie dan niet kwijt? SW: “Beslist niet. Dat vind ik heel fundamenteel. Ik heb het nu niet over dat deel van de informatie dat nu ook al openbaar is; denk bijvoorbeeld aan het toezichtarrangement dat de Inspectie toekent. Die informatie is momenteel al publiek en wordt straks voor alle scholen in Vensters getoond. Maar voor de overige informatie geldt dat alleen de school­ be­sturen kunnen beslissen wat er met hún gegevens ­gebeurt. Vensters zal nooit gegevens aan derden door­ leveren zonder dat een bestuur daarvoor ­toestemming heeft gegeven.”

Marleen van der Lubbe

‘Vensters is een ­instrument in handen van scholen en besturen. Niet meer, niet minder’ Bevat Vensters PO ­dezelfde informatie als ­Vensters VO? SW: “Waar mogelijk sluiten we aan op Vensters VO, want doorlopende leerlijnen zijn in het belang van de leerling en doorlopende informatiestromen dus ook. Bovendien is er verwantschap tussen het primair en voortgezet onderwijs als het gaat om kenmerken van de onderwijs­organisatie en daarmee ook de i­ndicatoren. Maar sommige onderwerpen uit het voortgezet onderwijs zijn niet relevant in het primair onderwijs, en omgekeerd.” ML: “Wij kennen bijvoorbeeld geen slaagpercentages of examencijfers; de opbrengsten worden in het po anders in kaart gebracht. Daaren­tegen zijn er onderwerpen die juist specifiek in het po relevant zijn, b ­ ijvoorbeeld de samen­ werking met voor-, tussen- en naschoolse voorzieningen We hebben inmiddels s­ amen met het veld bepaald welke onderwerpen gewenst zijn in het V ­ enster dat publiek ­beschikbaar wordt. Een lijst van 25 gewenste i­ndicatoren ligt klaar om van definities te worden voorzien.” >> 5


Wat is de rol van de ­pilotscholen?

(zie pagina 25, red.). “Na de zomer van 2013 zullen ­de ­definities klaar moeten zijn. Het (voortgezet) speciaal ­onderwijs volgt ­overigens een eigen traject, want net als bij het praktijk­onderwijs in het vo geldt dat de reguliere ­indicatorenset hier op onderdelen niet goed past.”

En zullen de toepassingen, de vensters, ­vergelijkbaar zijn met die van het vo? ML: “Dat gaan we in overleg met het veld beslissen. Zeker is nu dat er een venster met management­informatie komt en een venster voor de dialoog met de omgeving. Ook voor schoolkeuze zal een ­venster worden ontwikkeld, maar of dit vergelijkbaar van opzet wordt als het schoolkeuze­venster in het vo, Schoolkompas, kunnen we nog niet zeggen. En of dat venster er komt voor alle onderwijssoorten (inclusief het speciaal onderwijs), bepalen we eveneens samen met scholen en besturen.”

Hoe zit het met de achterliggende techniek: ­Vensters PO gaat toch niet opnieuw het wiel ­uitvinden als Vensters VO al draait? SW: “Voor de techniek en de infrastructuur doen we ­inderdaad ons voordeel met de kennis en ervaring die in het voortgezet onderwijs is opgedaan. Niet voor niets hebben we de opdracht voor de ontwikkeling van Vensters PO ­gegeven aan ­Stichting Schoolinfo, die ook ­Vensters VO heeft gemaakt.”

ML: “De eerste groep gaat dit voorjaar op kleine schaal werken met de centrale indicatoren: dat zijn de onder­ werpen waarvoor de informatie centraal beschikbaar is bij bijvoorbeeld DUO. Zijn de definities werkbaar? Werkt het technisch? Is er op de juiste plaatsen ruimte voor een ­toelichting? De ervaring leert dat een school pas ziet of het systeem werkt als zij haar eigen gegevens in een venster gepresenteerd ziet. In het najaar van 2013 kan dan een grotere groep scholen in een nieuwe pilotronde aan de slag.”

Tot slot: waar staat ­Vensters PO over vijf jaar? Doen dan net als in het vo bijna alle scholen mee? ML: “Ik verwacht wel dat het snel gaat. Er zijn nu al schoolbesturen die vragen wanneer ze met Vensters aan de slag kunnen.” SW: “Het kán ook snel gaan. Al was het alleen maar omdat in het primair onderwijs 20 procent van alle be­sturen het onderwijs aan 80 procent van de leerlingen verzorgt. Als die besturen meedoen, zijn we ver. Bovendien verwachten we een sterke onderlinge stimulans: scholen die van elkaar zien dat ze meedoen, ouders die dat zien en er op hun school naar vragen… De belangrijkste motor is het onderwijsveld zelf.” <<

Tijdlijn

2012

2013

2015

31 oktober 2012

voorjaar 2013

Mei 2014

Februari 2015

Project Vensters PO gelanceerd op conferentie (Be)sturend leiderschap

Pilotscholen van start

80% van de centrale i­ndicatoren voor alle scholen online; alle scholen kunnen een deel (50%) van de ­decentrale indicatoren gaan vullen en online zichtbaar ­maken

Project afgerond; Vensters PO online

Oktober 2013 december 2012/ Januari 2013

Alle centrale en decentrale ­indicatoren vastgesteld en ­gedefinieerd

Werkgroepen centrale en ­decentrale indicatoren aan de slag

Oktober 2013 40% van de centrale ­indicatoren voor alle scholen online zichtbaar

6

2014


Floor de Jong-van Berkel, projectleider:

‘Vensters PO gaat eigen weg’ Floor de Jong-van Berkel is niet alleen projectleider ­Vensters PO, zij was ook vanaf het begin betrokken bij Vensters VO en werkte daarvoor jaren als leerkracht in het basisonderwijs. Behalve overeenkomsten ziet zij ook grote verschillen tussen beide projecten, die maken dat het project Vensters PO een eigen weg moet gaan. “Denk maar aan de omvang van de sector - er zijn veel meer scholen voor po dan voor vo - de grotere diversiteit binnen het po, scholen die vaak een stuk kleiner zijn, regionale verschillen die extra aandacht zullen vragen. Dat maakt dat er voor het primair onderwijs een veel grotere uitdaging ligt om tot overeenstemming te komen op allerlei gebieden. Tegelijkertijd gebeurt er binnen het po vaak al heel veel op het gebied van informatievoor­ ziening aan ouders. We willen daarvan profiteren en ­aan­sluiten bij wat er al is.” De sector vraagt ook om ­slimme ­oplossingen als het gaat om de decentrale ­indicatoren: ­“Basisscholen beschikken vaak over minder personele capaciteit dan vo-scholen. Dus is aan ons de taak om te zoeken naar iets wat zo min mogelijk op de capaciteit drukt en tegelijkertijd zo veel mogelijk oplevert voor scholen.”

Henk Linssen, lid college van b ­ estuur van M ­ OVARE (54 basisscholen in L ­ imburg) is v­ oorzitter van de ­programmacommissie van Vensters PO:

‘Standaardisering is ­onmisbaar’ “Er zijn twee redenen waarom het primair o ­ nderwijs ­behoefte heeft aan Vensters. Ten eerste willen we onze verantwoordelijkheid naar de maatschappij waarmaken. Om aan onze omgeving tijdig en correcte informatie te kunnen verschaffen, is het nodig dat we allemaal dezelfde taal s­ preken. Standaardi­sering is daarbij onmisbaar. Er mag geen licht zitten tussen mijn definities en die van een a ­ ndere school of van ­andere partijen. Alleen als we a ­ llemaal precies weten wat we be­doelen, kunnen we een goede dialoog voeren met o ­ uders, g ­ emeente, Inspectie en andere belang­ hebbenden. De tweede reden waarom het p ­ rimair o ­ nderwijs behoefte heeft aan een informatiesysteem als dit, is dat besturen goede informatie nodig hebben om op te sturen. Er is, zo bleek bij­voorbeeld tijdens de algemene l­eden­­vergadering van de PO-Raad, bij besturen een grote b ­ ehoefte aan goede ­informatie om beleids­beslissingen op te b ­ aseren. Dat Vensters de mogelijkheid biedt om met a ­ nderen te vergelijken (benchmarken) is een groot pluspunt. Want uit­eindelijk gaat het toch allemaal om het v­ erbeteren van de o ­ nderwijskwaliteit.”

7


Goede data om te sturen Met Vensters VO kunnen scholen proactief communiceren over hun kwaliteit. En dat niet alleen, vindt rector Rob Fens van Wolfert van Borselen in Rotterdam, het is ook een krachtig instrument voor verbetering van de onderwijskwaliteit. Annemiek Dijkhuizen, ­directeur van twee basisscholen onder ­hetzelfde Rotterdamse bestuur, kijkt uit naar het moment dat ze Vensters PO in haar ­scholen kan gebruiken. Een dubbelinterview. Tekst: Truus Groenewegen Foto: André Ruijgrok

8

Toen Vensters VO geïntroduceerd werd, waren de vo-­ scholen van het Bestuur Openbaar Onderwijs Rotterdam (BOOR) juist bezig met de opzet van een nieuw kwaliteitssysteem. Rob Fens: “Ons programma van eisen zagen we helemaal terug in Vensters, dus hebben we ons eigen ­project onmiddellijk stopgezet. Waarom zou je zelf iets ­ontwikkelen als op landelijk niveau een overtuigend, breed instrument bestaat?”

Wat zijn uw ervaringen met respectievelijk ­verwachtingen van Vensters? Fens: “Via Vensters laat je naar buiten toe niet alleen de kille cijfers zien. Je kunt zelf een verklaring aan de cijfers toevoegen of een belangrijk uitgangspunt toelichten. ­Daarnaast verschaft Vensters ons betrouwbare informatie, waarmee we de onderwijskwaliteit kunnen verbeteren.” Dijkhuizen: “Wat mij aanspreekt, is dat je management­ informatie kunt integreren. We hebben binnen ons bestuur verschillende pilots met instrumenten voor kwaliteitszorg gehad. Elke keer ben je aan het pionieren en moet je ­gegevens zelf bundelen.”


Rob Fens: ‘Via Vensters laat je niet alleen de kille cijfers zien. Je kunt zelf een ­verklaring toevoegen of een ­belangrijk uitgangspunt toelichten’ informatie vrij, die ook gebenchmarkt is. Je hebt een idee hoe andere scholen het doen en kunt ook intern vergelijken. We willen het onderwijs voor kinderen beter maken, pakt dat uit zoals we bedoelen? Daar heb je getalsmatige onderbouwing bij ­nodig.”

Noem eens een voorbeeld van het gebruik van de benchmark.

Persoonlijke aandacht op basisschool Over de Slinge (ook onderdeel van BOOR).

Hoe werkt Vensters bij ­kwaliteitsverbetering op school? Fens: “Door de resultaten uit ­Vensters met het team te bespreken, realiseren mensen zich wat ze ­kunnen toevoegen. Sommigen zijn ontzettend gespitst op beter worden, willen weten hoe het zit met de ­resultaten. Anderen moet je wat ­aansporen, maar voor 98 procent van de mensen werkt het. Ik merk op onze school geen weerzin tegen opbrengsten als indicator voor hoe je het doet als docent.” Dijkhuizen: “In het po is die weerstand er nog wel. Ik hoop dat leerkrachten daar de komende jaren anders over gaan denken.” Fens: “Met Vensters komt ineens een grote hoeveelheid betrouwbare

Fens: “Stel: het begint ermee dat ergens de doorstroom hapert. Dat ga je onderzoeken. Onze vestiging Wolfert College, waar veel allochtone kinderen met achterstanden zitten, heeft alleen een onderbouw havo/ vwo. In leerjaar 3 stappen leerlingen over naar Wolfert Tweetalig en vaak vinden ze het daar niet makkelijk om bij het stevige tempo aan te haken. We kijken nu met welke basisschooladviezen die kinderen binnenkomen. Kloppen de adviezen met de Citoscores? Zien we bij Wolfert College en bij Wolfert Tweetalig dezelfde ­inconsistentie tussen advies en Cito? Gaat het misschien om basisscholen die geflatteerd adviseren? Je probeert te duiden. Dat is een effect van Vensters, dat je gaat praten over wat betekenisvolle informatie is, welke data iets zeggen over de kwaliteit van je school.”

Hoe is dat voor het primair ­onderwijs? Dijkhuizen: “Ik hoop dat we het op korte termijn ook veel vaker met de leerkrachten kunnen hebben over kwaliteit en over hoe we ons onderwijs kunnen verbeteren. De opbrengsten geven de voeding om daarover te praten. Een voorbeeld is het ­technisch lezen. Ik ben directeur van een school met voornamelijk allochtone kinderen en een andere school met kinderen van hoog­

opgeleide ouders. Die eerste school scoort op sommige onderdelen beter, zoals technisch lezen. Op dat punt vertoonde de tweede school juist een dalende trend. Technisch lezen werd minder ingeroosterd, omdat we ervan uitgingen dat kinderen thuis wel ­lazen. Daar moet je het dan met ­elkaar over hebben en misschien eens kijken hoe de andere school het aanpakt.”

Wat heeft Vensters in het vo veranderd? Fens: “Wij hadden al zo’n twintig jaar een systeem voor kwaliteitszorg. Daarvoor moest je als school ­werkelijk alles zelf doen. Als je de gegevens eindelijk bij elkaar had, ontbrak het aan energie en tijd om er wat mee te doen. Terwijl dát is waar het om gaat, wat je als school doet met de informatie. Groot voordeel van Vensters is, dat je het verzamelen overslaat en met één druk op de knop belangrijke gegevens hebt.” Dijkhuizen: “Dat is heel herkenbaar. Wij hebben zicht op veel data, maar het is los zand. Als je gegevens ­makkelijker beschikbaar hebt, kun je sneller gaan sturen.” Fens: “Een voorbeeld daarvan zijn onze eindexamens. Om te kunnen bijsturen, wil je eigenlijk meteen na de examens weten wat de resultaten zijn. Vroeger duurde het bijna een jaar voordat we de analyse van de ­examenresultaten van de Inspectie kregen. Ze wilden elke afwijking in de berekening voorkomen. Via het ­ManagementVenster van Vensters hebben we de gegevens nu kort na de zomer. Dat is een hele ver­betering.” Dijkhuizen: “Een mooi vooruitzicht!” <<

9


OCW en Inspectie: sein op groen Workshops zitten vol, bestuurders zijn geïnteresseerd, pilotscholen staan klaar: er is veel ­belangstelling voor Vensters PO. Ook het ministerie van OCW en de Inspectie staan er achter. ‘Dit initiatief past bij zelfbewuste scholen in een zelfbewuste sector.’ Tekst: Rob Voorwinden

Hoe tevreden zijn uw leerlingen, of hun ouders? Hoeveel geld geeft u uit aan scholing van uw medewerkers, per jaar? En wat zeggen al die cijfers eigenlijk? Vensters geeft elke school een eigen dashboard. Het draait om het verzamelen en gebruiken van cijfers. Omdat die cijfers helpen de onderwijskwaliteit in beeld te brengen, en omdat ze laten zien op welke punten een school zich eventueel nog verder kan verbeteren. Veel cijfers zijn al beschikbaar, zoals de leerlingenaantallen. Andere cijfers zullen scholen nog boven water ­moeten halen, zoals de tevredenheid van ouders en leerlingen. Scholen hebben veel zeggenschap over welke ‘indicatoren’ er zullen worden gebruikt. Ook andere ­partijen, zoals ouders en het mini­ sterie van Onderwijs, zijn bij dit ­proces betrokken. Iedereen kijkt vanuit een eigen invalshoek, merkt Thea van den Idsert, directeur van Schoolinfo – de organisatie die Vensters PO uitvoert. “Een van de indicatoren zou bijvoorbeeld kunnen zijn hoeveel ‘leerwinst’ scholen opleveren. Het ministerie van Onderwijs wil natuurlijk graag dat die winst op algemeen niveau wordt geformuleerd, zodat scholen onderling kunnen worden vergeleken. Terwijl ouders graag ­willen weten hoeveel ‘winst’ hun ­eigen kind heeft gemaakt.” Of neem een indicator als ‘groepsgrootte’. “Voor scholen is het heel moeilijk om de groepsgrootte in kaart te brengen”, zegt Van den Idsert. “Maar ouders vinden zo’n gegeven heel belangrijk. Dus zou het mooi 10

zijn als scholen toch proberen om ge­gevens die hier inzage in geven, ­boven water te krijgen.” Al hoeft dat allemaal niet op stel en sprong. “Sommige indicatoren worden ­waarschijnlijk pas in een later ­stadium uitgewerkt.”

Groeien De indicatoren zijn onder andere belangrijk voor de publieke ver­ antwoording van de scholen. Want scholen worden betaald met publiek geld, dus mag het publiek ook weten welke kwaliteit er wordt geleverd. Hoofdinspecteur Arnold Jonk van de Onderwijsinspectie onderschrijft dat van harte. “Vensters PO is voor ­burgers een mooi middel om te zien hoe de school van hun kinderen het doet.” De school kan op haar beurt die cijfers goed gebruiken om in ­gesprek te gaan met ouders, de ­gemeente of het voortgezet onderwijs, zegt Van den Idsert van Schoolinfo. “De cijfers liggen er, dus iedereen weet precies wat de stand van zaken is. Dan krijg je sneller een echt gesprek, waarin je met elkaar verder komt.” Maar dat is zeker niet de enige meerwaarde, benadrukt Jonk. “Die indicatoren geven inzicht in hoe je school ervoor staat, op allerlei gebieden. En dat inzicht kun je dus gebruiken om te groeien – om nog beter te ­worden.” Vensters PO bevat daarom ook een venster voor het management. In dit besloten gedeelte ­kunnen scholen zich onder meer vergelijken met soortgelijke scholen. Jonk: “Als je de tevredenheid van de ouders meet, of de hoeveelheid fte

aan ondersteuning die je in school hebt rondlopen, of hoeveel geld je uitgeeft aan scholing en professio­ nalisering van je medewerkers, komt daar een getal uit.Maar dan weet je nog niet of je trots mag zijn op dat getal, of dat je je er juist voor moet schamen. Dat weet je pas als je ziet hoe andere scholen op die punten scoren.”

Op orde Sommige basisscholen zijn bezorgd dat het verzamelen van alle cijfers veel werk zal opleveren. In eerste instantie zit daar natuurlijk werk aan vast, geeft Van den Idsert aan. “Al is dat erg afhankelijk van de vraag in hoeverre je administratie al op orde is.” En als de cijfers eenmaal boven water zijn gehaald, hoeft Vensters PO eigenlijk alleen maar jaarlijks te ­worden bijgehouden. Verder levert het verzamelen van de gegevens op andere punten tijdwinst op, zegt Jonk van de Onderwijs­ inspectie. “Het is niet onze ambitie om gegevens op te vragen die ­scholen al in het kader van Vensters PO verzamelen. We willen het ­scholen makkelijker maken, niet moeilijker.” En bovendien: de inspanning die scholen leveren, kan in het niet vallen bij de opbrengsten. Jonk: “Vensters PO geeft een heel mooi inzicht in de opbrengst van je school, in de kwaliteit van je onderwijsproces en in de punten die je nog zou kunnen verbeteren. Het is een prachtig ­initiatief, dat past bij zelfbewuste scholen in een zelfbewuste sector.” >>


OCW: ‘Online aanpak werkt goed’ André de Jong is sinds april 2012 directeur-generaal primair en voortgezet onderwijs op het ministerie van Onderwijs. Hiervoor was hij onder meer vier jaar voorzitter van het college van bestuur van de Stichting Protestants-­Christelijk ­Onderwijs in Utrecht (28 scholen voor basis-, speciaal basis- en (voortgezet) speciaal onderwijs) en de Willibrord Stichting (twaalf scholen voor voortgezet onderwijs). Hij kent Vensters VO uit de tijd dat hij nog bestuurder was in Utrecht. Sterker nog, hij was een warm pleitbezorger. ­“Vensters is een goed instrument voor de horizontale verantwoording. Op een transparante en eenvoudige manier wordt informatie toegankelijk gemaakt voor de belanghebbenden. Ouders kunnen makkelijker een keuze maken als ze beter zijn geïnformeerd over het karakter van een school en over de resultaten. Daar zijn natuurlijke v­ erschillende manieren voor, maar de online aanpak van Vensters is eigentijds en werkt goed.”

‘Ik hoop dat Vensters in het primair onderwijs op een even imposant enthousiasme kan rekenen als in het vo’ Horizontale verantwoording was het hoofdthema bij Vensters in het vo. G ­ edurende het project bleek dat scholen vooral enthousiast werden over de mogelijkheden van Vensters om managementinformatie te verzamelen. Het was voor scholen zelfs een reden om mee te doen. Voor De Jong is dat geen probleem: “Integendeel, verantwoording en kwaliteitszorg gaan hand in hand. Ik hoop dat Vensters in het primair onderwijs op het hetzelfde enthousiasme kan rekenen als in het vo. Dat was imposant.” Het succes van de ene sector kan niet klakkeloos worden gekopieerd naar de andere. De Jong wijst erop dat het primair onderwijs een eigen karakter heeft, kleinschaliger is georganiseerd. “Een zorgvuldige invoering vraagt om goede ­communicatie. Wellicht is bij de implementatie extra ondersteuning voor de scholen gewenst.” Het Venstersproject kan rekenen op warme ondersteuning vanuit het departement. “De afgelopen jaren is prettig samengewerkt met Vensters in het voortgezet onderwijs. Er is hier in Den Haag geen enkele twijfel over Vensters, ik hoor alleen maar positieve verhalen”, aldus de directeur-generaal primair en voortgezet onderwijs. Hij heeft er alle vertrouwen in dat de samenwerking van het ministerie, Inspectie, DUO, PO-Raad, de besturen en de scholen zal leiden tot een mooi en bruikbaar instrument. (NC)

11


DUO: ‘Zet open die vensters’ Rob Kerstens, directeur-generaal Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) van het ministerie van Onderwijs: “Met Vensters PO kun je zien waar je als school goed in bent, en waar nog ruimte is voor verbetering. Daar kun je een analyse van maken, je kunt misschien ook eens op een andere school gaan kijken waarom zij het zoveel beter doen. En je kunt dan een ­verbeterplan maken voor je eigen school. Dat proces – jezelf vergelijken, daarvan leren en jezelf verbeteren – vind ik echt de kern van Vensters PO. Zet open die ramen, kijk naar buiten. En laat anderen ook naar binnen kijken, want waarschijnlijk heb je zelf zaken te b ­ ieden waar ­andere scholen weer hun voordeel mee kunnen doen. Een belangrijke voorwaarde is wel dat dit vergelijken in een veilige context gebeurt: het gaat om leren, niet om afrekenen. En scholen moeten er ook op kunnen vertrouwen dat zij worden vergeleken met scholen die in dezelfde omstandigheden verkeren: met scholen met bijvoorbeeld dezelfde leerling­ populatie. De gegevens die wij hier bij DUO over de scholen hebben, zijn zo gedetailleerd dat het mogelijk is om faire ­vergelijkingen te maken. De cijfers die wij hebben, hoeven scholen alvast niet meer aan te leveren. En wij zorgen er, als leverancier van informatie, voor dat die gegevens over de prestaties direct en op een efficiënte manier weer in het onderwijs ­terechtkomen. Zo besparen we de scholen veel werk. Ik hoop dat scholen serieus met die gegevens aan de slag gaan, om ervan te leren. Dat zal trouwens wél extra werk opleveren. Maar goed, dat verbetert de kwaliteit van de school. En daar doen we het uiteindelijk voor: nog beter onderwijs voor de leerlingen.” (RV)

‘Het is niet onze ambitie

‘Het bijhouden van de

‘De cijfers die

om gegevens op

informatie valt mee: als

wij ­hebben, hoeven

te ­vragen die scholen

de cijfers eenmaal boven

scholen alvast niet meer

al in het kader van

water zijn, hoeft Vensters

aan te leveren’

Vensters PO verzamelen’

PO alleen jaarlijks te worden ­bijgehouden’

Arnold Jonk, Inspectie

Scan deze code en bekijk wat Arnold Jonk nog meer zegt over Vensters PO

12

Thea van den Idsert, Stichting Schoolinfo

Scan deze code en bekijk wat Thea van den Idsert nog meer zegt over Vensters PO

Rob Kerstens, DUO

Scan deze code en bekijk wat Rob Kerstens nog meer zegt over Vensters PO


In het kort: Vensters PO Wat is Vensters PO? Politici, journalisten, mensen op straat: vrijwel iedereen heeft een ­mening over onderwijs. Er zijn ­oor­delen en vooroordelen. Met als ­gevolg vaak onge­nuanceerde en onvolledige verhalen, waar scholen last van kunnen hebben. V ­ ensters PO is een project waarmee de PO-Raad de r­ egierol wil versterken in de beeldvorming over het onderwijs. Werken aan de kwaliteit van het onderwijs wordt weer terug­gelegd bij de ­scholen.

Waar komt de ­informatie ­vandaan? Vensters PO gebruikt deels de ge­ gevens van DUO en de Inspectie van het onderwijs. Dit noemen we centrale informatie. Voor een deel van de indicatoren gaan scholen of besturen zelf informatie aanleveren. Daarnaast worden afspraken gemaakt met commerciële leveranciers van data (bijvoorbeeld leveranciers van tevredenheidonderzoeken of leerlingvolgsystemen), zodat ook zij een deel van de data voor Vensters kunnen aanleveren. Informatie van scholen en be­sturen zelf of via ­derden noemen we decentrale ­informatie.

Hoe ziet de planning ­eruit? In het voorjaar van 2013 starten ­enkele groepen met de eerste ­Vensters-pilot. Op basis van de ­ervaringen van de pilot worden ­definities waar nodig aangepast en wordt het systeem van ­Vensters PO verder ontwikkeld. Na de zomer van 2013 starten grotere pilots waaraan meer scholen kunnen deelnemen. We streven ernaar om in het voorjaar van 2015 Vensters PO te kunnen presenteren als een handig en ­veelgebruikt instrument voor de POsector en haar belanghebbenden.

Foto: Josje Deekens

Wat gaat het project ­opbrengen? Afhankelijk van de behoefte van scholen en schoolbesturen gaat V ­ ensters PO aan de slag met de ­volgende drie vensters: • Het ManagementVenster is ­bedoeld voor intern gebruik binnen de school. Het Venster verschaft data en achtergrondinformatie waarmee de school tot opbrengstgerichte afspraken kan komen. Het biedt ook mogelijkheden tot benchmarken met andere scholen of besturen. • Het SchoolVenster is bedoeld om op de website van de eigen school te plaatsen. Aan de hand van c ­ oncrete gegevens uit dat venster kunnen scholen een gesprek ­aangaan met hun belanghebbenden, zoals o ­ uders en de gemeente. • Het Schoolkeuzevenster is een website waarop ouders die een basisschool voor hun kind kiezen, basisscholen met e ­ lkaar kunnen vergelijken.

‘Hier zit de informatie in die ik nodig heb voor mijn school, ­zonder ballast’ Irene Hermens, directeur basis­scholen Bergop en Pannesjop in Heerlen (p. 26)

Wie doet wat in het ­project? De PO-Raad is de opdracht­gever voor Vensters PO. Stichting Schoolinfo is de uitvoerder van het project. Stichting Schoolinfo is een gezamenlijk initiatief van de PO-Raad en de VO-raad. De stichting heeft tot doel beleid en uitvoering op het vlak van informatievoor­ziening en ICT beter af te ­stemmen op wat besturen en scholen nodig hebben en daar waar n ­ odig centrale voorzieningen in stand te houden. Zo beheert Schoolinfo op dit moment ­Vensters VO en Schoolkompas. Het veld is op allerlei plaatsen vertegenwoordigd: • De programmacommissie geeft inhoudelijk advies aan het projecttweam. ­Belangrijke beslissingen worden voor­gelegd aan het bestuur van de P ­ O-Raad. • De werkgroep centrale i­ndicatoren gaat de gewenste centrale indicatoren verder uitwerken. • De werkgroep decentrale indicatoren doet hetzelfde voor de decentrale ­indicatoren. Deze of nieuw op te richten werkgroepen gaan zich ook bezig­houden met ­opbrengstgericht werken en BRIN-problematiek. Een klankbordgroep van e ­ xterne belanghebbenden, zoals ouder­organisaties, ­ emeenten en vervolgonderwijs, is in oprichting. g 13


Dit is de voorhoede! Dit voorjaar gaat de eerste pilot van start. Besturen uit het hele land doen mee. Wat zijn hun motieven? Samenstelling: Danny van Schooten

Aloysius Stichting Thomas Reterink heel Nederland 21 scholen “Schooldirecteuren weten vaak nog onvoldoende hoe ze met beschikbare ­gegevens welbewust kunnen sturen. Om dat duidelijk te maken, kunnen we nu profiteren van Vensters, anders ­hadden we zoiets zelf moeten doen.” (Meer op pagina 22/23).

AB-ZHW Peter Honselaar ­vertegenwoordigt Lucas ­Onderwijs 57 locaties Den Haag “Met Vensters PO worden scholen transparant over hun gegevens en ­kunnen ze op hun eigen manier verantwoordelijkheid afleggen aan de buitenwereld. Scholen worden straks niet meer afgerekend op kale cijfers, maar het wordt ­mogelijk om een uitgebreider profiel te schetsen van de school.”

Stichting Rijn- en Heuvelland Han van Popering 24 Brinnummers in provincie Utrecht “We slaan twee vliegen in één klap. Scholen ­kunnen verantwoording ­afleggen naar de buitenwereld en tegelijkertijd hebben we een systeem waar ­scholen belangrijke en interessante data voor intern gebruik kunnen raadplegen.”

14

Besturen SPO, KSU en PCOU Rikus Renting Utrecht “Wij vinden onder andere belangrijk dat Vensters PO een functie krijgt in het keuzeproces van ouders als het gaat om de schoolkeuze voor hun kinderen. Een transparante en onderling vergelijkbare inhoud en presentatie van relevante informatie draagt daaraan bij. Dit systeem maakt dat mogelijk.”


Stichting SchOOL André van der Velde Lelystad 21 scholen “Scholen moeten hun data afdragen aan tamelijk veel instanties. Het is goed dat deze data door Vensters PO weer in het bezit komen van scholen, zodat zij ­daarmee de regie in eigen handen­ ­krijgen.”

Stichting PAS Peter Burgers Arnhem 3 besturen “Wij maken al gebruik van een systeem om scholen binnen Arnhem met elkaar te vergelijken. Vensters PO biedt straks de mogelijkheid om dit naar een landelijk niveau te trekken. Door scholen met elkaar te vergelijken, kunnen we van elkaar leren en zo werken aan beter ­onderwijs.”

INNOVO Bert Nelissen Noord- en Midden-Limburg 58 scholen “De overheid investeert 5300 euro per ­leerling. We werken met publiek geld, de ­samenleving heeft het recht te weten wat we met ermee doen.” (Meer op pagina 26/27).

15


Vo-scholen: ’Stap er maar ­gewoon in’ Honderden collega’s uit het voortgezet onderwijs gingen het primair onderwijs voor bij het invullen en gebruiken van Vensters. Hun ervaringen zijn interessant, nu Vensters PO van start is gegaan. De belangrijkste tip van drie schoolleiders uit het vo: doe mee en doe het vooral samen. Tekst: Carolien Nout Illustratie: Annet Scholten

16


Hoe Vensters PO er precies gaat uitzien, hangt af van de behoeften van besturen en scholen. Op allerlei manieren praten en denken zij daarover mee. In het voortgezet ­onderwijs is Vensters voor Verantwoording al niet meer weg te denken. Vier jaar na de start doet maar liefst 98 procent van alle scholen mee. Drie schoolleiders vertellen over hun ervaringen.

In welke fase van Vensters zijn jullie s ­ cholen ­ingestapt? Erik Jan Bakker, rector van het Christiaan Huygens College in Eindhoven: “Mijn vorige school deed mee als pilotschool. Het was spannend, want je wist niet wat het effect zou zijn van die openheid. Daarom wilden wij er vanaf het begin bij zijn. Als je met Vensters begint, moet je er wel iemand voor aanstellen; op mijn huidige school is dat een directielid met kwaliteitszaken in portefeuille.” Thijs Jan van der Leij, rector van het Farel College in ­Amersfoort: “Wij hebben eerst de kat uit de boom gekeken. Als je met zoiets omvangrijks begint, weet je niet waar het op uit zal lopen. We hebben ons wel vanaf het begin laten informeren op bijeenkomsten en workshops. Pas twee jaar geleden zijn we full swing mee gaan doen en hebben we intern iemand opgeleid, zodat we de kennis die ermee ­gepaard gaat, behouden voor de school.”

‘Je krijgt een gratis benchmark die ­richting geeft aan verbeterpunten’ Geert Steenbakkers, bestuurder van het Dongemond ­College te Raamsdonksveer: “Zowel op mijn huidige als mijn vorige school vond ik het belangrijk om mee te doen. Dat heeft een ideologische reden: als publieke organisatie moet je verantwoording afleggen en transparant zijn. ­Vensters heeft daarnaast een informatiefunctie voor ouders en andere belangstellenden. En voor onze organisatie zelf is het ook belangrijk. Je krijgt een gratis benchmark die ­richting geeft aan verbeterpunten.”

Hoe verliep de introductie binnen de school? Geert Steenbakkers: “Wij hebben een kwaliteitsmedewerker aangesteld die het in orde heeft gemaakt, dus nu is het een kwestie van updaten. Natuurlijk besteden we aandacht aan de toelichtingen die we bij de cijfers kunnen geven. Ik vind erg meevallen hoeveel uren het op jaarbasis kost.” Erik Jan Bakker: “Ik vond het in het begin wel veel werk. Wij hebben in het voortgezet onderwijs meer cijfers dan een basisschool, zoals landelijke examencijfers of doorstroomcijfers. Ook qua omvang zijn wij groter, met meer personeelsleden bijvoorbeeld, zodat een overzicht van scholing of verzuim meer tijd vraagt.” Thijs Jan van der Leij: “Je moet wel mensen hebben die het leuk vinden om te doen; bij ons is dat een kwaliteitsmedewerker. Terugkijkend vond ik het niet zo zeer moeilijk.

­ et heeft ons wel bewuster gemaakt. Dat blijkt uit de H ­tevredenheidsonderzoeken die wij houden onder leerlingen en ouders, maar ook onder oud-leerlingen, basisscholen en mbo-scholen. Het geeft een boost om te horen hoe zij jouw werk ervaren. Het betekent ook dat je professioneler kunt samenwerken.”

‘Het geeft een boost om te horen hoe ­ouders en leerlingen jouw werk ervaren’ In Vensters VO, voor iedereen te raadplegen op www.schoolvo.nl, geven scholen voor voortgezet onderwijs inzicht in hun schoolprestaties. Dat gebeurt op basis van twintig indicatoren. De kwaliteitsinformatie is ­afkomstig van DUO, de Onderwijsinspectie en de scholen zelf, die alle gegevens in de ‘tabbladen’ kunnen toelichten.

Hoe zorg je voor informatie waar ouders, ­gemeenten en andere belanghebbenden echt iets aan hebben? Erik Jan Bakker: “Als school moet je open en eerlijk zijn. Vensters helpt daarbij, juist doordat het een landelijk ­systeem is. Het ziet er voor iedereen hetzelfde uit. Daarmee hebben de betrokkenen een goed vergelijkingsmiddel. Wij zien rond open dagen pieken in de bezoekcijfers op de Vensterpagina. Wij vinden het vooral belangrijk om onze school regiobreed te presenteren en te laten zien hoe wij ons onderscheiden van de concurrentie. Ouders zijn slim genoeg om te gaan kijken hoe dat in de praktijk uitpakt.” Thijs Jan van der Leij: “Vensters geeft een verzameling ­koude cijfers; die moet je zelf analyseren en toelichten. Dat is best bewerkelijk! Het is natuurlijk wel veel transparanter voor de buitenwereld. Maar het gaat niet alleen om het pijltje op Vensters dat laat zien hoe hoog je scoort op de tevredenheidswijzer. Belangrijk is wat je met die informatie doet. De uitkomst van ons eerste tevredenheidsonderzoek over veiligheid en kwaliteit van de lessen hielp ons om ­intern het gesprek te voeren over kwaliteit.” Geert Steenbakkers: “ Wij willen als school open en transparant zijn. Vensters sluit aan op de buitenwereld; zo laten wij zien wat wij doen. Dat wil niet zeggen dat ik gelukkig ben met álles wat er in Vensters VO staat, zoals uitgaven aan scholing van personeel. Dat cijfer kun je wel geven, maar wat zegt dat nu over de kwaliteit ervan? Of ouders vaak op ons schoolvenster kijken, weet ik niet exact. Van andere belanghebbenden in de regio, zoals basisscholen, of de gemeente, merk ik wel dat ze onze gegevens ­kennen.”

Trends en cijfers Een belangrijk onderdeel van Vensters is Management­ Venster, dat alleen zichtbaar is voor de school zelf. Hoe dit venster met managementinformatie er voor het primair onderwijs gaat uitzien, is nog niet definitief. In het voortgezet 17


onderwijs biedt het ManagementVenster handige over­ zichten waarmee een school tot op vakniveau kan zien hoe zij scoort ten opzichte van het landelijk gemiddelde.

‘Het gaat niet alleen om hoe je scoort. Belangrijk is wat je met die informatie doet’ Hoe bruikbaar is de informatie uit het ­ManagementVenster? Erik Jan Bakker: “Ik gebruik het ManagementVenster om schoolprestaties te kunnen duiden. Als de examencijfers dalen, dan kun je beter nagaan waardoor dat komt. Cijfers zijn er natuurlijk niet om mensen mee om de oren te slaan. Je gebruikt ze om te laten zien wat je goed gedaan hebt en wat beter kan. Als je een groep van drie examenkandidaten hebt en er zakt er een, dan telt dat zwaar in de percen­ tages. Je moet dus altijd de context van de cijfers zien.” Thijs Jan van der Leij: “Het ManagementVenster biedt ­duidelijke overzichten met trends over meerdere jaren. Zo hebben wij extra aandacht aan Engels besteed en die inspanning zie je beloond. Aan de andere kant hadden we moeite om een vacature voor een vakdocent vervuld te krijgen en dat zie je terug in achterblijvende resultaten. ­Interessant en nuttig vind ik de benchmark: je weet welke positie je school heeft ten opzichte van het landelijk ­gemiddelde.” Geert Steenbakkers: “Met het ManagementVenster kan ik vrij snel trends en cijfers naar boven halen, zoals het ­verschil tussen scores voor het school- en het centraal eindexamen. Wij gebruiken het als sturingsinstrument. En het is ook handig als basis voor het jaarverslag. Jammer is wel dat de cijfers in de loop van het schooljaar gedateerd raken.”

Schoolkompas Ouders en kinderen proberen de beste school te kiezen. In het voortgezet onderwijs kunnen ze sinds kort scholen met elkaar vergelijken in Schoolkompas. Voor het basis­ onderwijs wordt ook een schoolkeuzevenster gemaakt, zij het dat de opzet nog moet worden bepaald. De benodigde informatie wordt voor het grootste gedeelte direct uit ­Vensters gehaald.

Schoolkompas bestaat nog niet zo lang. Is het nuttig? Thijs Jan van der Leij: “Wij doen dit jaar voor het eerst mee met Schoolkompas. Ik kan nog niet zeggen welke invloed dat heeft. Gemeenten kijken wel op onze eigen Venster­ pagina’s, net als sommige hoogopgeleide ouders.” Erik Jan Bakker: “Het is de moeite waard, ook voor het ­basisonderwijs. Maar dan moeten er net als bij ons wel veel scholen meedoen om een betrouwbare vergelijking te ­kunnen maken.” 18

Geert Steenbakkers: “Ik kan me voorstellen dat basis­ scholen huiverig zijn voor onderlinge vergelijkingen, ­bijvoorbeeld als het gaat om oudertevredenheidscijfers. Ze zijn vaker concurrent van elkaar in een klein gebied. Een school moet echter passen bij het kind en de ouders. Als je een duidelijk profiel hebt, ben je voor de een wel ­aantrekkelijk en voor de ander niet. En als niemand je school aantrekkelijk vindt, moet je je achter de oren ­krabben of je wel het juiste onderwijsconcept hebt.”

Vensters heeft een hele ontwikkeling ­doorgemaakt. Op welke punten zou het ­ beter ­kunnen? Geert Steenbakkers: “Het zou mooi zijn als er actuelere informatie aan ManagementVenster kan worden gekoppeld, bijvoorbeeld vanuit Magister” (een schooladministratie­ systeem, red.). Erik Jan Bakker: “Ik zou het fijn vinden als de Onderwijs­ inspectie wat sneller cijfers aanlevert. Verder ogen de ­Vensters wat klein; ik zou ze wat groter en overzichtelijker op het beeldscherm willen zien. Dat geeft meer uitstraling.”

Tot slot, hebben jullie nog tips voor ­basisscholen die met Vensters aan de slag gaan? Erik Jan Bakker: “Kijk eens goed rond op www.schoolvo.nl en bedenk dan wat je zelf zou willen. Stap er maar gewoon in, want het gaat zeker zijn waarde bewijzen.” Thijs Jan van der Leij: “Het levert meer op dan het kost: dankzij de data kun je professionaliteit en kwaliteit beter bespreken. Maar doe het niet alleen. Wij hebben het samen met andere scholen uit mijn scholengroep gedaan. Dankzij regelmatig overleg hebben wij veel van elkaar geleerd.” Geert Steenbakkers: “Als je er vanaf het begin bij bent, is het belangrijk met een kleine, enthousiaste werkgroep aan de slag te gaan. Niet te veel discussiëren over het ideale systeem, maar aan de slag gaan. Informeer wel goed je team, leerlingen, ouder- en medezeggenschapsraad.” Tot slot zeggen de geïnterviewden benieuwd te zijn naar Vensters PO. Niet alleen naar hoe het eruit komt te zien, maar ook om meer te weten te komen over de voor­ opleiding van hun eigen leerlingen. “Dan kunnen wij daar beter op anticiperen; maatwerk voor leerlingen wordt ­immers steeds belangrijker”, besluit Geert Steenbakkers.

Kijk op www.schoolvo.nl voor het overzicht van vo-scholen in Nederland. <<


In het kort Vragen? Bel de servicedesk Alle scholen kunnen de servicedesk van Schoolinfo bellen of mailen voor ­informatie over Vensters PO. Pilotscholen kunnen hier ook met praktische ­vragen terecht: hoe zet ik informatie over mijn school in Vensters? Wat is de ­definitie van deze indicator en hoe wordt deze berekend? Of: waar vind ik de handleiding voor het vullen van ­Vensters? De servicedesk van Schoolinfo is iedere werkdag tussen 9.00 uur en 17.00 uur te bereiken per telefoon: 030 232 48 90. Daarnaast is de servicedesk per mail ­bereikbaar: ­servicedeskvensters@schoolinfo.nl.

‘Er is hier in Den Haag geen enkele twijfel over Vensters, ik hoor alleen maar ­positieve verhalen’ André de Jong, directeur-generaal primair en voortgezet onderwijs OCW (p. 11)

Vensters PO in de d ­ igitale ­media • Volg ons op Twitter voor het laatste nieuws over het project. https://twitter.com/VenstersPO • Lees onze maandelijkse digitale nieuwsbrief (aanmelden via www.vensterspo.nl) • Bezoek onze website: www.vensterspo.nl. Hier vindt u het laatste nieuws en mogelijk­ heden om u aan te melden voor werkgroepen en pilots.

Foto: Josje Deekens

Kom kennismaken op de NOT!

Meerwaarde Vensters ­onderzocht

Tijdens de Nationale Onderwijs­ tentoonstelling (22 t/m 26 januari 2013) in Jaarbeurs Utrecht geeft ­Vensters PO iedere dag presentaties tijdens de Onderwijs Academie in de Irene Congreszaal, van 14.15 uur tot 15.00 uur.

Twee wetenschappelijke a ­ dviezen hebben in de aanloopfase bijge­ dragen aan Vensters PO in zijn ­huidige opzet. A ­ llereerst hebben ­adviesbureau O ­ beron en het Kohnstamm I­nstituut de toegevoegde waarde van Vensters PO als geheel ­onderzocht. Hun conclusie is dat scholen en besturen grote behoefte hebben aan een M ­ anagementVenster, vooral v­ anwege de mogelijkheden tot benchmarken. Ook een School­ Venster kan toegevoegde waarde bieden. De meerwaarde van een School­keuzevenster achten de ­onderzoekers vooralsnog minder groot; wel hebben zij de suggestie gedaan bij de uitwerking van het SchoolVenster te bezien of informatie daaruit bruikbaar is voor een dergelijk venster. Vervolgens heeft IVA beleidsonderzoek en advies nader o ­ nder­­zoek ­gedaan naar het g ­ ebruik van het ­ManagementVenster bij opbrengst­ gericht w ­ erken. De onderzoekers ­constateren dat van dit g ­ ebruik een extra impuls kan uitgaan. ­Afstemming met bestaande ­managementinformatiesystemen is wel een aandachtspunt. Ook is het zinvol de aanknopingspunten voor kennisdeling tussen scholen en ­besturen te verkennen. Al deze aanbevelingen zijn mee­­ genomen in de opzet van het project.

‘Waarom zou je zelf iets ontwikkelen als op ­landelijk ­niveau een ­overtuigend, breed ­instrument bestaat?’ Rob Fens, schoolleider BOOR, ­­Rotterdam (p. 8)

Hoe ver is het vo? • Alle vo-scholen in Nederland hebben een eigen SchoolVenster, te openen via de scholenkaart op www.schoolvo.nl. • 98% van alle scholen in het vo doet mee met Vensters voor Verantwoording. • Ruim 1100 van de ongeveer 1300 vo-scholen beschikken over het ­ManagementVenster. • Meer dan de helft van de deelnemende vo-scholen heeft Schoolkompas gepubliceerd: het SchoolkeuzeVenster voor leerlingen van groep 8 en hun ­ouders.

19


‘De cijfers houden je scherp’ Welke gegevens of cijfers – welke ­‘indica­toren’ – zeggen iets over de ­kwaliteit van je onderwijs? P ­ rofessor dr. Roel Bosker van de Rijksuniversiteit Groningen buigt zich voor Vensters PO over die vraag. Tekst: Rob Voorwinden

“Mijn rol in het project is om mee te denken over welke cijfers of welke gegevens – welke indicatoren – iets zeggen over de kwaliteit van het ­onderwijs. De belangrijkste indicator is, wat mij betreft, de opbrengst van het onderwijs. Kinderen zitten op school om iets te leren, dus laten we vooral meten of dat inderdaad is gebeurd. Aan de hand van bijvoorbeeld de Cito-scores. Maar dan niet alleen aan het einde van de rit: je zou ook de tussentijdse cijfers uit het leerlingvolgsysteem kunnen gebruiken.”

Leermoment “Een ander belangrijk gegeven is waar een school zijn geld besteedt: in het primaire proces, of juist daarbuiten. In een school met grote groepen wordt misschien relatief veel geld benut voor managementtaken. Maar het kan ook zijn dat een school veel ondersteuners heeft aangesteld: dan staan er misschien meerdere mensen op één grote groep. Dus moet je ook kijken naar de ratio tussen leerkracht en leerling. Maar als je dat cijfer combineert met de groepsgrootte, heb je 20

een indicator die veel zegt over de manier waarop je als school je onderwijsproces hebt ingericht.” Scholen kunnen zelf ook hun ­voordeel doen met alle gegevens in Vensters PO. Je kunt jezelf bijvoorbeeld vergelijken met andere scholen die in dezelfde omstandigheden ­verkeren. Slagen die andere scholen er wel in om de klassen klein te ­houden? En hoe dan? Dat kan echt een leermoment zijn.

‘Scholen zijn soms bang dat het verzamelen van gegevens veel tijd gaat kosten, maar ik denk dat dit meevalt’ Ladenkasten vol “Scholen zijn soms bang dat het verzamelen van al die gegevens hen veel tijd gaat kosten, maar ik denk

dat dit meevalt. De ladenkasten bij DUO en de Onderwijsinspectie liggen al vol met gegevens: die kunnen zó gebruikt worden voor andere doel­ einden, zoals Vensters PO. Er zullen aanvullend nog wel wat extra cijfers moeten worden verzameld, zoals de tevredenheid van ouders en het ­personeel. Maar een school die goed met haar kwaliteitszorg omgaat, wil dat toch al weten.” “De waarde van Vensters PO is ook dat de cijfers – de indicatoren – je scherp houden. Het dwingt een school om zaken uit te leggen, om de dialoog met de ouders aan te gaan. Ik zeg altijd: wat heb je als school te verbergen? Niets, als het goed is. Wees dan ook maar gewoon open, daar wordt iedereen beter van – jijzelf ook.” <<

Scan deze code en bekijk wat Roel Bosker nog meer zegt over ­ Vensters PO.


Vensters in het (v)so Er komt een speciaal Vensters-traject voor het (voortgezet) speciaal onderwijs. Vier vragen en antwoorden. Tekst: Pauline Rebel Foto: André Ruijgrok

1

Waarom een apart traject voor het (v)so?

3

Uit gesprekken met schoolleiders en bestuurders in mei, juni en juli 2012 is naar voren gekomen dat niet alle indicatoren van Vensters PO bruikbaar zullen zijn voor het (v)so. Maar ook in het (v)so hebben schoolleiders de wens om inzicht te krijgen in de school­ resultaten: hoe doen wij het ten opzichte van andere scholen in het (voortgezet) speciaal onderwijs? ­Daarnaast is er behoefte om ouders en andere belang­hebbenden te laten weten hoe het met de school gaat. Daarom is gekozen voor een apart ­traject, waarin we onderzoeken welke indicatoren (v)so-scholen willen ge­bruiken om hun school met ­andere scholen te kunnen v­ ergelijken (benchmarken). Ook willen we erachter komen welke informatie ­scholen willen laten zien aan de belanghebbenden (horizontale verantwoording).

4

Kan ik eraan meewerken? Het Vensters PO-team is erg benieuwd naar de ­mening van schoolleiders en bestuurders uit het (v)so-veld. U kunt meedenken over de indicatoren ­tijdens vier regionale bijeenkomsten. Op de website www.vensterspo.nl kunt u zich via een digitaal ­aanmeldformulier voor een van de bijeenkomsten opgeven.

Wanneer kan ik in mijn regio meepraten over het (v)so-traject? Op de volgende data zijn regionale bijeenkomsten voor het (v)so-traject georganiseerd: • woensdag 16 januari in Utrecht • woensdag 23 januari in Eindhoven • maandag 4 februari in Leiden. << Voor meer informatie over het (v)so-traject of de r­ egionale bijeen­ komsten, mailt u naar vensterspo@schoolinfo.nl. Op de volgende

2

Wat zijn de eerste stappen in het (v)so-traject?

pagina’s leest u hoe de Aloysius Stichting voor speciaal (basis)­ onderwijs tegenover Vensters staat.

Het (v)so-traject gaat van start met een onderzoek naar de overeenkomsten en verschillen tussen indicatoren van ­Vensters VO en PO en mogelijke indicatoren voor (v)so. Welke indicatoren vanuit Vensters PO en VO kunnen voor het (v)so worden gebruikt? Waar zijn alternatieven gewenst, en welke? Samen met schoolleiders en bestuurders uit het (v)so onderzoeken we vervolgens hoe Vensters kan aan­sluiten bij de wensen van het (v)so als het gaat om verantwoording naar belanghebbenden en sturen op onderwijskwaliteit. We kijken ook naar de huidige stand van zaken en ervaringen in het (v)so.

21


Speciaal onderwijs: ’Aantoonbaar goed vo Bij de Aloysius Stichting voor speciaal (basis)onderwijs zijn ze blij met Vensters PO. De aangesloten scholen zijn hard toe aan een deugdelijk informatiesysteem voor het management. De verwachting is ook dat Vensters bijdraagt aan het ­ontwikkelen van een objectieve maat voor de expertise van speciale scholen. ‘Dit is een kans om het gespecialiseerd onderwijs in de etalage te zetten.’ Tekst: Truus Groenewegen Foto: André Ruigrok

De Aloysius Stichting biedt speciaal onderwijs voor met name leerlingen met (ernstige) gedrags-, leer- en ­psychia­trische problemen. De 21 scholen (ruim 60 locaties verspreid door bijna het hele land), zijn goed voor ruim 3500 leerlingen. Een even groot aantal leerlingen krijgt ambulante begeleiding. De stichting heeft ruim 940 medewerkers.

22

Vensters PO komt voor de Aloysius Stichting op een goed moment. “Wij maken intern de slag van ­financiële controle naar managementcontrole en onze directeuren hebben de juiste informatie nodig”, vertelt Thomas Reterink, directeur Financiën en Bedrijfsvoering. “Nu halen mensen de gegevens overal vandaan en houden die niet altijd even goed bij.”

Eigen gebruik In Vensters voor Verantwoording, dat door bijna alle vo-scholen wordt gebruikt, presenteren scholen ­belangrijke gegevens over hun ­resultaten en beleid. Om gegevens onderling vergelijkbaar te maken, zijn ‘indicatoren’ vastgesteld. Deels ­betreft het centrale indicatoren, die van alle scholen zichtbaar zijn. Waar komen leerlingen vandaan? Halen ze zonder vertraging hun examen? Denk ook aan de financiële kengetallen en allerlei gegevens over personeel en ziekteverzuim. Deels gaat het om decentrale indicatoren, gegevens die deelnemende scholen zelf invoeren. Over het eenduidig aanleveren van data, door zowel DUO, Inspectie als de scholen zelf, zijn afspraken gemaakt. Door die eenduidigheid kunnen scholen benchmarken, hun eigen resultaten vergelijken met die van een groep vergelijkbare scholen. De afgelopen periode is de gewenste indicatorenset voor het po bepaald. In de volgende fase wordt, samen met pilotscholen, onder meer een studie gedaan naar de beste ­definities.

Welbewust sturen “Met de informatie die Vensters straks op een toegankelijke en ­betrouwbare manier levert, kunnen we een ’dashboard’ voor het ­management inrichten”, aldus ­Reterink. “Schooldirecteuren weten vaak nog onvoldoende hoe ze met


oor het kind’ beschikbare gegevens welbewust kunnen sturen. Om dat duidelijk te maken, kunnen we nu profiteren van Vensters, anders hadden we zoiets zelf moeten doen.” Reterink is lid van de programmacommissie, die inhoudelijk richtinggevend is voor het project. “Met ons brede aanbod binnen het speciaal onderwijs en de grote diversiteit aan leerlingen en methodes zijn we niet zo makkelijk te vergelijken met het reguliere basisonderwijs. Juist daar-

v­ erwerkt. Intelligentie is dus een ­harde indicator als voorspeller voor opbrengsten. (Leer)problemen ­worden daar als beïnvloedende ­factor niet in meegenomen. Wij ­vergelijken kinderen in hun groei en ontwikkeling met zichzelf en daarna met het landelijk gemiddelde. Voor ons is daarom de vraag hoe we goed in kaart kunnen brengen, dat behaalde resultaten voor een specifiek kind optimaal zijn en soms zelfs meer dan dat.”

‘We zijn niet zo makkelijk te vergelijken met het reguliere basisonderwijs. Juist daarom vind ik het belangrijk om mee te praten’ om vind ik het belangrijk om mee te praten. Doordat we ook pilotscholen leveren, kunnen we er nu aan meewerken dat de indicatoren een reële invulling krijgen.”

Leeropbrengsten Voor (v)so geldt het uitgangspunt: ‘aansluiten waar mogelijk, afwijken waar nodig’. Naar voorbeeld van het speciale traject voor het praktijk­ onderwijs in het voortgezet onderwijs, wordt gekeken welke ‘eigen’ indicatoren nodig zijn. Voor het sbo gaan in principe dezelfde indicatoren gelden als voor het reguliere basis­ onderwijs. “Het is spannend of daarin is terug te zien wat wij bereiken met een kind”, zegt Arjen Karelse, ­directeur van een so-school en een sbo-school van de Aloysius Stichting in Katwijk. “Op de reguliere basisschool is de Cito-toets een belangrijke indicator voor de leeropbrengsten. De Inspectie bepaalt onze opbrengsten door van de school­ verlaters (twaalfjarigen) na te gaan met welke intelligentie ze de school binnenkwamen, met welke ze vertrekken en wat het schooladvies is. Die gegevens worden statistisch

Specifieke kwaliteiten Zorg- en ontwikkelingsprofielen ­kunnen een indicator zijn voor de leeropbrengsten, denkt Karelse. ­“Binnen ons regionaal samen­ werkingsverband kijken we hoe we als speciale scholen zo objectief ­mogelijk kunnen verantwoorden wat we doen met leerlingen en met welk resultaat.” Met een nulmeting is ­intussen het basisniveau bepaald. Welke specifieke kwaliteiten hebben speciale scholen? Waarin onderscheiden zij zich van de basis­ scholen? Welke meerwaarde hebben ze voor leerlingen?

goed is voor het kind. Het bewijs dat onze kinderen het in het voortgezet onderwijs behoorlijk goed doen, ­hebben we al. Ze gaan bij ons van school met zelfvertrouwen en geloof in eigen kunnen, terwijl ze ook weten en a ­ ccepteren wat ze niet kunnen. Als we dat kunnen objectiveren, laten we zien wat we waarmaken; dat we niet alleen een leuke, maar ook een ­goede school zijn.”

Gemeenschapsgeld Objectiveren en openheid van zaken geven, komt het hele onderwijs ten goede, denkt Reterink. “Dat geldt voor direct betrokkenen, maar ook voor de maatschappij als geheel. Het is niet meer dan normaal dat we inzicht geven in de besteding van de middelen die we krijgen, want het is wel gemeenschapsgeld.” Daarnaast is hij blij met de mogelijkheid om te benchmarken. “Ik hoop heel erg dat we in het so snel de kritische massa bereiken om dat te kunnen doen. Neem de leerling-leerkrachtratio. Hoe zit dat bij vergelijkbare scholen? Stel dat ze met meer leerkrachten en kleinere klassen betere resultaten halen, dan geeft dat te denken. Een benchmark geeft beter zicht op je positie in het speelveld. Dat kun je vervolgens gebruiken om je eigen organisatie te verbeteren.” <<

‘Ik hoop dat we in het speciaal onderwijs snel de ­kritische massa bereiken die nodig is om te kunnen benchmarken’ Vensters kan waarschijnlijk bijdragen aan het ontwikkelen van die objectieve maat voor de expertise van speciale scholen. Karelse: “Dit is een kans om het gespecialiseerde onderwijs in de etalage te zetten. Wij ­kunnen aangeven dat het s(b)o 23


Van longlist naar defini de lijst van 25 De indicatorenlijst van Vensters PO ligt klaar. Er staan 25 onderwerpen op waarover scholen de dialoog kunnen ­aangaan met hun omgeving. Hoe werden die onderwerpen g ­ ekozen? En hoe krijgen ze een passende definitie? Een kijkje achter de schermen bij Vensters in wording. Tekst: Danny van Schooten Foto: Josje Deekens

Voordat Vensters PO concreet werd, is er heel wat voorwerk gedaan. ­Nadat in 2010 voor het eerst werd gesproken over Vensters PO als ­concept, is tijdens een expertmeeting in november 2011 vanuit de wetenschap advies gegeven over de ­in­vulling. Tevens vond een eerste brainstormsessie plaats over de ­wenselijke indicatorenset van

voor een horizontale dialoog met belanghebbenden of de informatie bruikbaar was voor de eigen onderwijsorganisatie werd er een groene ­sticker geplakt; zo niet, dan een rode. Dit leidde tot een conceptlijst van gewenste indicatoren. Daarna is in zeven regiobijeenkomsten de stickersessie herhaald. Hier hebben zo’n 150 bestuurders en schoolleiders hun

‘We kunnen niet zonder input uit het veld: Vensters PO is van en voor besturen en scholen’ ­ ensters PO. In de expertmeeting V waren naast scholen en besturen ook landelijke ouderorganisaties, DUO, Inspectie en het ministerie van OCW aanwezig. Verder is bekeken welke van de gegevens die toen al werden geregistreerd door scholen (en ­andere organisaties zoals DUO) ­wellicht bruikbaar zijn voor Vensters PO. Uit eerdere projecten waarin is ­nagedacht over ken- en stuurgetallen in het primair onderwijs, zijn eveneens ideeën meegenomen.

150 bestuurders en ­schoolleiders

mening gegeven over Vensters PO en de gewenste indicatoren. Laurens de Wit, als projectmede­ werker van Stichting Schoolinfo nauw betrokken bij Venster PO, geeft aan dat de stickersessie niet de enige methode was om tot de gewenste indicatorenset te komen. “De discussies die ontstonden tijdens de bij­ eenkomsten, waren van groot belang. In deze discussies konden school­ leiders en bestuurders hun keuze toelichten. Daar hebben wij veel aan gehad. De stickersessie gaf een kwantitatieve input en de discussie een kwalitatieve input.”

Tijdens een volgende expertmeeting in april 2012 werd een eerste lijst van zo’n 60 indicatoren voorgelegd aan scholen en bestuurders. Deze longlist is teruggebracht tot een korte lijst. Dit gebeurde tijdens een sticker­ sessie: als een indicator relevant was

Op basis van de regionale bijeenkomsten en individuele gesprekken met schoolleiders en bestuurders is in september een advies voorgelegd en besproken in een volgende ­expertmeeting. Tot slot hebben

24

de programmacommissie en het ­bestuur van de PO-Raad een ­inhoudelijke klap gegeven op de set van gewenste indicatoren.

Definities Nu volgt het ontwikkelen van definities voor de indicatoren. De Wit: “Dit hebben wij expres gescheiden. We wilden eerst zien wat de wensen uit het veld waren en we proberen nu in werkgroepen samen met scholen en besturen tot definities van de ­gewenste indicatoren te komen. De input vanuit het veld is erg bruikbaar en Vensters PO kan ook niet zonder. Het primair onderwijs moet er straks wat aan hebben, want ­Vensters PO is van en voor scholen en besturen. Zij moeten straks blij worden van Vensters PO. We krijgen tot nu toe veel enthousiaste reacties uit het veld. Er heerst een sfeer van ‘laten we er maar gewoon mee aan de slag gaan en laat ons snel de ­eerste ­resultaten zien.’” <<


ities:

De 25 gewenste indicatoren voor het publiek toegankelijke venster in ­Vensters PO Thema: algemeen 1 2 3 4 5 6

Algemene gegevens school Aantal leerlingen Marktaandeel en voedingsgebied Voor-, tussen- en naschoolse voorzieningen (Onderwijskundig) profiel van de school Schoolondersteuningsprofiel

Thema: Strategie en onderwijsbeleid 7 8 9

Leerlingendoorstroom, tussentijdse in- en uitstroom Onderwijstijd en schooltijden Organisatie en groepering onderwijsproces

Thema: Personeel en organisatie 10 Neutrale

beschrijvende kenmerken personeels­ bestand 11 Leraren- en schoolleidersregister

Thema: Financiën 12 Financiële 13 Baten

kengetallen bestuur school uit sponsering en ouderbijdrage

Thema: Kwaliteit en resultaten 14 Eindresultaten

(eindtoets) type vervolgonderwijs 16 Uitstroom naar vo per schooltype 17 Toezichtarrangement inspectie 18 Score op waarderingskader Inspectie 19 Leerwinst (na 2015) 20 Resultaten leerlingvolgsysteem en tussentijdse ­resultaten 21 Uitstroom vo na drie jaar 22 (Kwaliteit van de) Kwaliteitszorg 15 Schooladvies

Thema: Kwaliteit en stakeholders 23 Leerlingtevredenheid 24 Oudertevredenheid 25 Schoolklimaat

en veiligheid 25


3x kijk op Vensters Vensters PO werkt niet met een blauwdruk die, vooraf in een ­ivoren toren bedacht, wordt ­‘uitgerold’ over de sector. De aanpak van Vensters houdt in dat het i­nstrumentarium niet alleen voor, maar vooral ook met de besturen en de scholen wordt ontwikkeld. Die manier van werken zorgt voor meer b ­ etrokkenheid en e ­ igenaarschap van de gebruikers én voor een systeem dat vanaf het prille ­begin g ­ etoetst wordt in de praktijk. De vraag of besturen dat ook zo zien, wordt beantwoord door Innovo, een stichting voor katholiek onderwijs met 53 basisscholen, 2 scholen voor speciaal basis­onderwijs en 3 scholen voor ­(voortgezet) speciaal onderwijs in Zuid- en ­Midden-Limburg. De bestuursvoorzitter, een schooldirecteur en een staffunctionaris geven aan wat zij verwachten van Vensters PO. Tekst: Noud Cornelissen Foto: André Ruijgrok

‘Weten dat ik de goede dingen doe’

‘Mes snijdt aan twee kanten’ “Voor ons snijdt het mes aan twee kanten. Vensters PO kan een mooie aanvulling zijn op ons eigen monitor­ systeem. Het is goed als we straks onze eigen ­opbrengsten en resultaten kunnen bench­marken, ­kritisch kunnen kijken hoe we het doen ten opzichte van andere scholen”, zegt Bert Nelissen, voorzitter van het college van bestuur van Innovo.

Eigenaarschap Naast de mogelijkheden voor kwaliteitszorg vindt ­Nelissen het ­vanzelfsprekend dat de sector zich ver­antwoordt over de opbrengsten. “De overheid ­investeert 5300 euro per leerling. We werken met ­publiek geld, de samenleving heeft het recht te weten wat we met ermee doen.” Een succesfactor voor het Venstersproject is volgens de bestuursvoorzitter dat de gebruikers in een vroeg stadium worden betrokken bij het project. “Zo creëer je eigenaarschap.” Een ander belangrijk punt is dat er oog is voor de verschillen. “Dat doen wij met de leerlingen, maar het geldt ook voor de regio’s. Wij zitten in de oude ­mijngebieden met een populatie die vergelijkbaar is met achterstandswijken in Rotterdam en Amsterdam. Daar zijn het veelal ­allochtonen, waarvoor extra geld beschikbaar is. Hier zijn het ‘witte allochtonen’ en is er geen extra geld. Dat soort zaken moeten we in ­Vensters ook zichtbaar kunnen maken.”

26

“Wat mij triggert is dat je de beschikking krijgt over een uniform managementinformatiesysteem. Daar zit de informatie in die ik nodig heb voor mijn school, waar de overtollige ballast uit is. Verder is het goed dat je de beschikking krijgt over informatie voor de verantwoording naar ouders en andere belanghebbenden”, zegt Irene Hermens. Zij is directeur van twee Innovo-­ basisscholen, Bergop in Ubachsberg (112 leerlingen) en Pannesjop in Heerlen (155 leerlingen).

Analyseren Op haar scholen is ze druk met opbrengstgericht ­werken. “We willen goede resultaten, echt uit de ­leer­lingen halen wat mogelijk is. Dat doen we door te ­toetsen met Cito- en methodeafhankelijke toetsen. We analyseren met het team de cijfers en bepalen waar we het beter kunnen doen.” In dat kader is Vensters PO een welkom instrument. “Nu zoek ik zelf links en rechts de informatie bij elkaar. Er zijn heel veel aanbiedingen van bureaus en personen die beloven dat ze dé oplossing in huis hebben.” Haar verwachting is dat Vensters PO een landelijk ­genormeerd systeem gaat bieden, waarvan je zeker weet: als je meedoet, doe je de goede dingen. “Het gaat er mij niet alleen om de cijfers met elkaar te ­kunnen vergelijken. Ik wil ook inzicht in de context en de processen die daar achter zitten. Zo hoop ik ook te kunnen leren van anderen.” Het spreekt de basisschooldirecteur aan dat haar niet van bovenaf wordt gezegd hoe het allemaal moet. “Wij willen zelf kunnen meedenken hoe het wordt. We zijn tenslotte verantwoordelijk voor het onderwijs op onze scholen en worden daar ook op aangesproken.”


‘Ik verwacht een betere benchmark’ Dennis Lymandt is concerncontroller bij Innovo en ­deelnemer aan de expertmeetings van Vensters PO. Hij was betrokken bij het opstellen van de voorlopige indicatorenset en het advies voor de gewenste indicatorenset. Voor Innovo implementeerde hij enkele jaren geleden met een softwareleverancier een managementinformatiesysteem. Met genoegen stelt hij vast dat 90 procent van de ­gewenste indicatorenset van Vensters reeds in dit ­systeem zit. “We zitten op de goede weg. Ik denk dat we met onze kennis en ervaring voorop lopen. We willen graag een bijdrage aan Vensters leveren”, zegt ­Lymandt, die benieuwd is wat Vensters PO voor zijn organisatie kan toevoegen.

Werkvloer “Ik verwacht dat we met dezelfde kengetallen een ­betere benchmark krijgen. Nu kunnen we alleen ­ver­gelijken met enkele andere besturen die met ­hetzelfde pakket werken en die hebben ook nog andere ken­getallen. De praktijk van nu is dat we alleen maar benchmarken met onze eigen resultaten van de a ­ fgelopen jaren. Het is goed dat er een landelijk ­systeem komt met uniforme indicatoren.” De PO-Raad vaart volgens Lymandt een goede koers door de scholen en besturen actief te betrekken. “Het is belangrijk dat Vensters PO samen met de scholen en besturen wordt ontwikkeld om voldoende draagvlak te krijgen en relevant te zijn. Dat laatste betekent dat je die informatie moet bieden waar scholen echt iets mee kunnen. Dat kun je niet van bovenaf opleggen, dat moet je op de werkvloer ontwikkelen en het is goed dat de PO-Raad dat mogelijk maakt.”

27


www.vensterspo.nl Twitter Vensters PO (VenstersPO) on Twitter

Volg ons op Twitter: @VenstersPO

Tweets

4 Dec Vensters PO @VenstersPO De nieuwsbrief van 3 december al gelezen? Klik op deze link om hem te openen: bit.ly/SDh2RQ http://

Expand

rr @rikusrenting Wij doen mee in de pilot Vensters PO vensterspo.nl/39-uitkomsten…… http://www.

4 Dec

onderzoek - toegevoegde - waarde - van - vensters - po

Retweeted by Vensters PO

Expand

Bezoek onze website voor actuele informatie! Nieuws Op de homepage vindt u de nieuwste berichten over het project en de ­activiteiten van Vensters PO.

27 Nov Vensters PO @VenstersPO Wat is de meerwaarde van Vensters PO voor de sector? Onderzoekers van Kohnstamm instituut en Oberon zochten het uit: bit.ly/114eWNg http://

Expand

Nieuwsbrieven Een overzicht van alle recent ­verschenen nieuwsbrieven. U kunt zich ook eenvoudig abonneren op de digitale nieuwsbrief.

Vensters PO @VenstersPO @Anemoon1975 vind je 'm leuk? View conversation

Agenda Een overzicht met activiteiten van Vensters PO, waar het projectteam

Reply

Retweet

27 Nov

Favorite

van Vensters PO bij betrokken is of anderszins interessant is.

Deelnemen Besturen en scholen die actief ­betrokken willen zijn bij de ­ ntwik­keling van Vensters PO, kunnen zich hier aanmelden voor werkgroepen o of bijeenkomsten. Ook vindt u hier meer informatie over het aparte traject voor het (v)so.

Vensters PO (VenstersPO) on Twitter

Over dit project Meer informatie over de achter­gronden, doelstellingen en

https://twitter.com/VenstersPO[5-12-2012 15:24:02]

de p ­ rojectorganisatie en de experts van Vensters PO.

27 Nov Ad Slob @rector_adriaan Net schoolkompas op iPhone gezet, een gratis app uit de app store. Dan zoeken op Parcival College en alles staat erop! Mooi voor de werving! Retweeted by Vensters PO

Expand

15 Nov Vensters VO @vensters_vo Schoolkompas app voor iPhone/iPad nu beschikbaar in de app store: itunes.apple.com/nl/app/schoolk …… Staat de informatie van uw school er al op? https://

ompas/id576358701 ? mt=8

Retweeted by Vensters PO

View app

Contact Voor contact met de servicedesk en de adresgegevens. 13 Nov Vensters PO @VenstersPO Scholen kunnen zélf het onderwijs verbeteren. Wil jij hen daarbij helpen? Vensters PO zoekt een projectmedewerker! bit.ly/RRyL7D http://

Expand

Erik Woning @erikwoning Eigen organisatie professioneler kunnen besturen en opbrengstgerichter kunnen werken met #vensterspo vensterspo.nl http://www.

8 Nov

/

Retweeted by Vensters PO

Expand

6 Nov Vensters PO @VenstersPO Het laatste nieuws over Vensters PO lees je iedere maand in de nieuwsbrief: bit.ly/Wvbgpg Aanmelden? vensterspo.nl http://

http://www.

Expand

St. Jacobsstraat 430-440 3511 BT Utrecht Postbus 1347 3500 BH Utrecht T 030-232 48 90 vensterspo@schoolinfo.nl

1 Nov Vensters PO @VenstersPO Het lanceringsfilmpje Vensters PO bekijk je hier! poraad.nl/content/inform …… http://www.

atie - over - scholen - primair - onderwijs - straks- online- beschikbaar

Expand

Vensters PO @VenstersPO VOS/ABB over Vensters PO: vosabb.nl/werkgevers-inhttp://www.

Expand

https://twitter.com/VenstersPO[5-12-2012 15:24:02]

onderwijs/actueel/nieuws/item/artikel/vensters - po - schoolbeleid - en - resultaten - online/

1 Nov

……

Vensters PO magazine  

Magazine over de ontwikkeling van Vensters voor het primair onderwijs

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you