Issuu on Google+

Voorwoord “Opa, gaan we nu ook basketten, ja we gaan basketten of dan scoorde ik een onvergetelijk doelpunt. Het was hard, fietsen.” Mijn kleindochter Freya (9 j.) stelde mij die vraag goed geplaatst, getuigend van een zuivere techniek en onna een heerlijk partijtje voetbal tussen ons twee, waarbij ze grijpbaar voor doelwachters. Ik was wel verloren maar zich gedroeg als een onbevreesde beenhouwer. Ze tackelde toch opgelucht want ik was weer bij de mensen. Plots was me gevaarlijk en belaagde mijn mannelijkheid (?) door van er getik op de ruit en mijn vrouw stond daar uitnodigend op een korte afstand harde ballen richting mijn weke delen met een borstel en vuilblik in de hand! af te vuren. Ik kon het niet halen, zij was beter, maakte “Opa, U bent veel beter met dieren dan met een bal” klonk meer doelpunten en ik moest er vrede mee nemen. Pittig het. “Dieren en actieve sportbeoefening gaan niet samen” detail, zij was mijn tegenstrever, tevens scheidsrechter en was de volgende zin. de man die de stand bij hield. Maar ik was ook niet goed en We zijn dan maar een uurtje gaan fietsen, in het begin de speelde maar als een reservespeler van FC Leke. Zij daar- wind van achter, maar op de terugweg de wind op de kop! entegen was een speler van gemengde bloede: een deel AC Er was duidelijk voor de verkeerde richting gekozen. Om Milaan, FC Barcelona en nog een ferme scheut Chelsea- toch wat te zeggen te hebben, vertel ik haar een paar prakbloed. Een fijne techniek en een gouden pass, prachtig tische zaken die nuttig om weten zijn. Maar ook die tips en speldoorzicht, goede timing en 6 paar longen. En dat ter- griezelijke gedachten worden spoedig overboord gekiewijl ik daar stond als een onvervalste boerenkinkel, nul perd. techniek en fysiek. De ballen vlogen over en rond mij dat We gaan ervan uit dat we elkaar over een week heelhuids het geen zicht meer was. De weinige doelpunten die ik kon terugzien. Maar dan zeker zonder het voetbalspel. Ik moet maken was omdat mijn kleindochter in een toegeeflijke bui geen Lionel Messi of Maradonna worden! Dan nog liever de ogen had dicht gedaan en mij had laten scoren. Het was de mest wegschrapen op het duivenhok en het kippenhok een kwestie van mij niet al te zeer te ontmoedigen. De kans uitmesten. Daar kan ik blijkbaar nog eens echt mezelf zijn op winnen was voor mij kleiner dan dat je het groot lot van en doen en laten wat ik wil. Of staat dat alleen nog in mijn Euromillions wint. Of dat wetenschappelijk onderbouwd memorie gegrift en is ook dat verleden tijd? Wat ik wel nog is, weet ik niet, en het zal hoogstens opgaan voor wie al weet is dat schildpadden en hazen Kerstmis vieren op deeens “speelt”, wat ik niet doe. zelfde dag! Of toch niet? Maar ik kon daartegenover stellen dat ik al die doelpunten tegen mij niet meer zo goed kon herinneren. Mijn memorie is niet meer zo goed en het weer was ook niet zo fameus. Hoewel het niet zo warm was, eerder koud en kil maar mijn vrouw had beslist dat buiten spelen zeer gezond was voor oudere mensen! Vredelievend als ik ben, kan ik niet tegen zoveel brute woorden op en daar stond ik dan in weer en wind te voetballen. De bal was licht en de wind werd sterker en plots waaide de bal een paar meter verder. “Kijk opa, de wind schopt veel beter op de bal dan jij” klonk het. De poëzie in dat zinnetje trof me, de mezekens, vinken, roodborstjes en merels gingen aan het fluiten terwijl het daar niet het jaargetijde voor was. Toen kreeg ik een bal vol in mijn gezicht, maar voelde niets. Ik hoorde wel een strijkje vioolmuziek, het gekoer van een duif en het gekraai van een haan! Ik had meteen genoeg van voetballers met bloedmooie vrouwen, chique auto’s, tattoo’s, lege hoofden maar vol van zichzelf op het janetterige af. Jan Mulder, oud voetballer van Anderlecht, mag dan een voetbalvirtuoos zijn geweest een dichter is hij niet. Lionel Messi de Argentijn en de Belg Romelu Lukaku zijn opeens toch zo goed niet als de kranten beweren. Voetbal is bij nader inzien maar een snertsport. Mijn hart sloeg in mijn keel, mijn bloed kreeg een opwaartse druk en ging ervoor zorgen dat ik ging ontploffen. Maar ik was nog zover niet, mijn bloeddruk moest eerst zakken. Ik moest even op adem komen en

Wilfried Lombary

Pluim & Pels 1


Inhoud

Sportrasfokkersvereniging “Pluim en Pels Diksmuide” v.z.w. doelstellingen en bestuur 2010. - Voorzitter:

Voorwoord

1

Clubnieuws

3

Doordenkertje

4

Halve daguitstap met toeristisch treintje

5

Jongdierenkeuring

6

Lombary Wilfried, Dwarsstraat 8, 8600 Leke, tel. 051 50 15 05

- Penningmeester: Dely Maurits, Staatsbaan 27b, 8610 Kortemark, tel. 051 56 82 22 - Hulpsecretaris:

Verslyppe Joël, Doorenstraat 19, 8610 Kortemark, tel. 0474 93 02 06

- Materiaalmeester: Verslyppe Joël, Doorenstraat 19 - Clubafgevaardigde bij het West-Vlaams verbond voor kleinvee en of neerhofdieren: W. Lombary

Kippen kijken en keuren in het land van de Big Easy

11

- Ringenverdeler:

Dely Maurits, Staatsbaan 27b, 8610 Kortemark, tel. 051 56 82 22

Oosterse schoonheid in de Pauwstaart

10

- Tatoeëerder:

Ectoparasieten bij hoenderachtigen

12

Verslyppe Joël, Doorenstraat 19, 8610 Kortemark, tel. 0474 93 02 06

De Harlekijnkwartel

14

- Webmaster:

Ligneel Pedro, Zegestraat 37A, 8650 Houthulst, tel. 051 63 77 16

Hoe we cavia’s indelen in België

16

De Hawaïgans

17

De ademhaling bij het konijn

18

Uitnodiging Algemen Ledenvergadering en voordracht

20

- Tijdschrift “Pluim en Pels Kroniek”: W. Lombary - Zetel vereniging:

Dwarsstraat 8, 8600 Leke-Diksmuide, clubrekeningnummer 979-3637504-09 IBAN BE 5297936750409 BIC-nummer ARS PBE 22

In de statuten lezen wij dat de club beoogt:

Ons adres op internet: NIEUWE WEBSITE: www.pluimenpelsdiksmuide.net NIEUW E-MAILADRES: info@pluimenpelsdiksmuide.net

- de studie van alle problemen die verband houden met kleinvee - de selectie van raspluimvee, rasduiven, raskonijnen, parkwatervogels, cavia’s - het bewaren en opnieuw in de belangstelling brengen van bedreigde rassen - de verdediging van de belangen van de leden en fokkers - het bevorderen van de sportfokkerij in de meest ruime zin, met speciale aandacht voor de eigen Belgische rassen - een vereniging te zijn zonder winstoogmerk

Lidgeld 2010 De artikels die verschijnen in “Pluim en Pels Kroniek” zijn op verantwoordelijkheid van de steller. Ze drukken niet noodzakelijker wijze de mening van de uitgevers uit. Overname van artikels is niet toegelaten, tenzij met voorafgaandelijke schriftelijke toelating van de uitgevers en auteurs.

Pluim & Pels 2

- Fokkend lid met inbegrip van ons clubtijdschrift “Pluim en Pels Kroniek”: 15 euro - Fokkend lid met inbegrip van ons clubtijdschrift, de fokkerskaart, het repertorium, het tijdschrift “Het Vlaams Neerhof” en de ringen-tatoedienst: 27 euro - Tweede of volgende lid in een gezin (zelfde adres): 10 euro


CLUBNIEUWS

Open “Landbouwfeesten” en hanenkraaiwedstrijd te Nieuwpoort We nemen zoals in het verleden, deze zomer met een levende dierenpromotiestand deel aan de “Open Landbouwfeesten”, Victorlaan 44, te Nieuwpoort. Dit op zondag 4 juli vanaf 13 uur. Er zijn daar tal van boerderijactiviteiten te zien zoals de hoefsmid, schaapscheerders, mandenvlechters enz. in werking. En natuurlijk ook de aanwezige boerderijdieren en veel lekkers om als een Bourgondiër van te genieten en veel frisse drankjes. Allen naar Nieuwpoort toe op deze zondag. We organiseren er ook een hanenkraaiwedstrijd waar iedereen kan aan deelnemen. De inschrijving is gratis en moet gebeuren bij Wilfried Lombary tel. 051/501505 uiterlijk tegen 27 juni. Prijzengeld 3 winnaars: 15€ - 10€ - 5€. Clubleden neem eens deel aan deze ludieke en oude traditie van het hanenkraaien. Op deze wedstrijd mogen de hanen nu eens kraaien! Hoe meer, hoe beter.

“Schone Schaapjes” ... genieten op de boerderij en het Belgisch kampioenschap hanenkraaien te Staden We nemen nu al voor de vijfde keer deel aan het gegeven “Schone schaapjes” op de vakantiehoeve “Open Huis” te Staden. Dit op 12 en 13 juni 2010. Naast onze levende promotiestand organiseren we er ook het Belgisch kampioenschap hanenkraaien. ‘Schone Schaapjes, genieten op de boerderij, ...’ 12 en 13 juni 2010 Op zaterdag 12 en zondag 13 juni (Weekend vaderdag) kunt u in Open Huis vakantiehoeve te Staden voor de vijfde keer genieten van een groots zomers - en gezellig - familie-evenement. Na het groot succes van de vorige editie 2009, waarbij

we 10000 bezoekers mochten ontvangen, willen we dit mooie initiatief dit jaar verder uitbouwen tot een vast evenement in onze provincie en dit telkens tijdens het weekend van “Vadertjesdag”. Het is nu de feesteditie. Het kunstenaarsdorp groeit en wordt uitgebreid tot 50 actieve kunstenaars uit België, Nederland en Frankrijk. Op de paardenpiste komen meerdere shows en daarnaast voorzien we extra animaties gedurende het hele weekend. De kunstsmeders zijn opnieuw van de partij, het team werd onlangs uitgeroepen tot wereldkampioen en zal onafgebroken hun kunsten demonstreren. We kunnen nu beschikken over een grote, droge parkeerweide die direct aansluit bij de vakantiehoeve. Onze mediapartners trekken dit jaar zeer expleciet onze kaart. Op zaterdag blijven de standen uitzonderlijk open tot 20 uur. Omstreeks 22 uur sluiten we af met een vuurspektakel. Prachtig wandelparcours met vele standhouders Langs een mooi uitgestippeld parcours doorheen de schapenweiden, gelegen langs de flank van Stadenberg en omzoomd door ruim 1 km gemengde hagen, knotwilgen en bosstruwelen, kronkelend langs de poel en de natuurlijke zwemvijver, worden de bezoekers getracteerd op een 60 - tal mooie standen rond de thema’s : ecolife, landbouw, natuur, recreatie, wellness en kunstambachten. Er valt heel wat te beleven: er is de tentoonstelling van de zeldzame schapenrassen : (Kerry Hill, het Vlaamse Schaap, Rough Fell, Devon and Cornwall Longwool, Herdwick, Oxford Down, Welsh Mountain en de Walliser Schwarznase.) Verder zijn er verschillende tentoonstellingen van neerhofdieren, er zijn geiten, mini-pony’s, paarden, dexterkoetjes, ezels, ... Geniet van de gezellige ‘marktsfeer’ met streeken hoeveproducten i.s.m. “Het Beste Van Bij Ons”. U kunt er ook uitgebreid kennismaken met het “Open Huis-aanbod” rond vakantieverblijven, seminaries – jaaropleidingen – massages – themaarrangementen, ... Demonstraties & workshops De schaapsscheerder is aan het werk, de spinster, er wordt gevild met schapenwol, gevlochten met wilgentenen, je kan kijken naar het verzorgen van pony’s en paarden, er is een informatieve stand over de bijen. In samenwerking met “Pluim en Pels Diksmuide” vzw wordt het ” Belgisch Kampioenschap hanenkraaien” georganiseerd op een ludieke en diervriendelijke manier! Clubleden

Pluim & Pels 3


en anderen, neem ook eens deel zodat de hanenkraaiwedstrijd een succes mag worden. De deelname is tevens gratis en men kan zijn dieren op een ludieke manier laten zien aan de vele bezoekers. Aantal dieren onbeperkt. Prijzengeld voor de 5 winnaars: 20€-12,5€-10€-7,5€-5€, bloemtuil voor de winnaar, goud-, zilver- en bronzen medailles voor de winnaars. Inlichtingen bij de bestuursleden en inschrijven voor de hanenkraaiwedstrijd bij W. Lombary uiterlijk tegen 5 juni 2010. Je kan ook doorlopend genieten van de valkeniers die vliegen met hun roofvogels. In ons sfeervolle massagepaviljoen kan je genieten van demonstraties energetische massage, van een workshop lichaamswerk. In een weldoende atmosfeer geven we je graag uitleg rond onze jaaropleidingen massage en energiewerk, rond de trainingen persoonlijke groei en de afrointensive, over onze zomerweken en wekelijkse lessen. Je kan ook aan den lijve ondervinden hoe deugddoend een massage kan zijn. Kom genieten en proef de sfeer! Speciaal voor de kinderen! Ze kunnen het gekke fietsen-parcours afleggen, deelnemen aan de workshops vilten en nestkastjes timmeren, er is de klimmuur en de vele dieren op de boerderij... Er is een heuse wedstrijd voor het mooiste, origineelste en meest creatieve nestkastje . De papa’s! Ter gelegenheid van Vadertjesdag (zondag) wordt elke papa getrakteerd op een gratis verrassing. Genieten met een natje en een droogje Op het middenplein is er een groot terras waar u even tot rust kunt komen, iets kunt drinken en eten.

Praktisch : Waar? Vakantiehoeve Open Huis, Ieperstraat 157 te Staden Wanneer? Zaterdag van 10u–20u Zondag van 10u-18u Toegangsprijs: volw. 5 €, kinderen lagere school gratis De parking is gratis. Een samenwerking tussen Open Huis, Focus-WTV en NestMagazine, Vedett enz. Meer info op : www.openhuis.be

Derby Diksmuide-Halluin-Wevelgem We zullen dit jaar en Derby inrichten in samenwerking met de clubs uit Wevelgem en Halluin. Op de tentoonstelling van Halluin (27-28 november 2010) en Roeselare (29-30 januari 2011) kunnen deelnemers in een diergroep punten verzamelen met hun 7 beste dieren. Men kan meedoen in verschillende diergroepen. Deelnemen aan de beide tentoonstellingen is noodzakelijk. Voor de winnaars in een diergroep is er een geldprijs van 15€ en voor de tweede 5 euro.

Felicitaties Ons clublid Willy De Bock werd op de Europese kampioenschappen te Nitra in Slovakije Europachampion (beste dier in een ras) bij de brakelkrielen. Voorwaar opnieuw een nieuwe parel aan de lange ketting van Europese onderscheidingen. Goud van oud, of op de leeftijd staat geen fokkersgrens. Doe zo verder, U bent goed bezig!

Doordenkertje Wat een haan deed om niet vervangen te worden! Een boer koopt een jonge haan om zijn oude haan te vervangen in het kippenhok. Onmiddellijk na zijn aankomst richt de jonge haan zich tot de oude haan en zegt: “ Opa, het uur van de ‘coq au vin’ is aangebroken voor U.” De oude haan antwoordde hem: “Zeg mij nu niet dat jij, nog zo jong, al die kippen zult kunnen bevredigen. Kijk in welke staat ze mij gebracht hebben. Laten we het werk verdelen, ik zal mij om de oudere bekommeren, neem jij de jonge hennen.” Maar de jonge haan zei: “Verlies uw tijd niet, voor u is alles afgelopen, vanaf nu is alles hier in het kippenhok onder mijn verantwoordelijkheid.” Daar ben ik nog niet zo zeker van antwoordde de oude haan. Laten we een weddingschap aangaan, we zullen een loopkoers houden rond de boerderij. Als je wint trek ik me terug en zijn de kippen allemaal voor U. De jonge haan begon te lachen en zei: “Je bent toch niet ernstig, je weet heel goed dat je zal verliezen. Maar ik ben een faire speler, ik laat je 2 minuten voor mij vertrekken.” En na 2 minuten begon de jonge haan de achtervolging en won meer en meer terrein. Hij was maar op enkele meter en dan op enkele centimeter van de oude haan ... De boer die het tafereel zag nam zijn geweer, richtte en schoot en doodde de jonge haan. De boer schudde triestig het hoofd en riep uit: “Ik heb nooit geluk, het is nu al de derde haan die ik koop deze maand en het is weer een homoseksueel. Hij kan het nog niet halen van de oude haan en laadt zich er helemaal van doen.” De moraal van het verhaal. Probeer nooit de ouderen te slim af te zijn. De ouderdom en de ervaring winnen altijd op de jeugd. Heb eerbied voor de grijze haren!

Pluim & Pels 4


Halve daguitstap met toeristisch treintje Datum: zondag 22 augustus 2010 In vervanging van onze jaarlijkse barbecue richten we opnieuw deze activiteit in. Een vijftal jaar geleden was er al de succesvolle uitstap per huifkar naar de “Smokkelroute” te Abele-Poperinge. Vandaar dat we nu gekozen hebben voor hetzelfde principe. Dit jaar wordt de trip gedaan in een bosrijke omgeving en in een oase van groen in de streek van Zonnebeke. Tussen de velden weg kunt U nu met een toeristisch treintje op tocht voor een halve dag plezier en genot. Programma: Aankomst restaurant “ ’t Nonnenbos” te Zonnebeke om 11u30 Middagmaal (soep, hoofdgerecht en dessert) om 12 uur Na de middag museumbezoek (lintjes, tabak of oorlog) en drank naar keuze Bezoek aan een ambachtelijke bakkerij en een drank naar keuze of Stopplaats met Streekbieren Aankomst “ ’t Nonnenbos” om 18u30 voor het avondmaal. Breugelmaal.

Kostprijs: volwassenen 35€ - kinderen tot 0 tot 12 jaar 24€ Inschrijven en betalen via ons clubrekeningnummer 979-3637504-09 met de vermelding ‘Treintocht Zonnebeke’. Men is maar ingeschreven na de betaling!

Sluiting inschrijvingen uiterlijk tegen 10 augustus.

We zien elkaar al veel te weinig en als er de mogelijkheid is komen onze vrouwen in de kou te staan. Met deze activiteit kunnen ze ook hun man en kind vergezellen en wordt het een echte gezinsuitstap. Dus voor elk wat wils. U kan er genieten van de landelijke en met bomen omringde Westvlaamse binnenwegen terwijl het authentieke treintje U op een rustige kadans naar de verschillende locaties brengt. De kostprijs is democratisch, het is de prijs voor minstens 22 personen. Hoe minder deelnemers, hoe hoger de prijs. Maar wij houden het op de vooropgestelde kostprijs. Met de familie en vrienden op het treintje, het is en blijft een origineel vervoermiddel bij uitstek. Zowel voor ouderen als voor jongeren (kunnen ravotten op het bijhorend speelpleintje) zijn er veel mogelijkheden. En eens de dorst gelest wordt de hongerige maag gespijsd. Kom met velen, we richten deze dag in om clubleden en belangstellenden dichter bij elkaar te brengen. Volks vermaak en arbeid van onze voorouders mag niet vergeten worden en moet ook nu in de tijd van onthaasting en stress nog kunnen.

Pluim & Pels 5


JONGDIERENKEURING Op zaterdag 14 augustus 2010 wordt de jaarlijkse jongdierendag met inbegrip van de éérste proef voor ons clubkampioenschap 2010 ingericht. Deze activiteit gaat opnieuw door in de dorpszaal “Edewalhof”, P. Vanhoutestraat, 10a, te Edewalle-Handzame. Deze zaal is gelegen naast de kerk en daardoor zeer goed te vinden. We kunnen er zoals in het verleden gebruik maken van de nodige accommodatie en de ruime parking. Dit jaar opnieuw samen met de plaatselijke rommelmarkt, wat veel bezoekers en belangstelling met zich mee brengt. We kunnen die dag opnieuw rekenen op de kennis van topkeurmeesters, hetzij Flor Dickens, Luc Aerts, Wilfried Lombary en Raymond Ruyters. Men kan inkorven van 10u tot 13 u. Ieder clublid kan er zijn geringde of gemerkte jonge dieren gratis laten nazien door de aanwezige keurmeesters. Clubleden die wensen mee te dingen naar de clubtitel in een diergroep, mogen zoals in het verleden 7 jonge dieren voordragen, waarvan de puntenaantallen in aanmerking komen voor de totaaloptelling van de punten per diergroep van die kweker. Op onze tentoonstelling in januari 2011 te Roeselare is de 2de proef voor het clubkampioenschap. Hier moeten het niet noodzakelijk jonge dieren (7 stuks noodzakelijk) zijn en ook niet dezelfde als in Edewalle. Men moet de dieren ook niet vooraf aanduiden. Dus de twee totalen worden opgeteld met als doel een eindtotaal te bekomen. De exposant met de meeste punten wordt onze clubkampioen 2010 in die diergroep. In iedere groep wordt ook een 2de kampioen gelauwerd. Denk eraan dat er per diergroep in beide proeven minstens 7 dieren moeten aanwezig zijn van een exposant. De clubkampioenen 2010 ontvangen 10 euro. De 2de kampioenen ontvangen 5 euro. De overhandiging van die schenkingen en de viering van de kampioenen gebeurt op een latere datum. Voor iedere ambitieuze fokker of exposant moet het een eer zijn om clubkampioen te worden van de vereniging “Pluim en Pels Diksmuide” vzw. Voor de rubriek “Ten huize van...” kan geput worden uit de clubkampioenen. Men kan natuurlijk ook meer dieren laten keuren, maar deze komen dan niet in aanmerking voor het clubkampioenschap. Op die dag kunnen de leden er ook gratis dieren verkopen-ruilen, indien ze vooraf en uiterlijk tegen 5 augustus het aantal en de soort van dieren laten weten aan Joel Verslyppe, Doornstraat, Kortemark en dit telefonisch tussen op 0475/891169 . De deelname en het aantal dieren en soort moet ook tegen die datum bij Joel opgegeven worden.

ZONDER DIE VOORINSCHRIJVING WORDEN ER GEEN DIEREN MEER TOEGELATEN OM ORGANISATORISCHE REDENEN. Europees kampioen Orloff-krielen Eugeen Lenaers

Rosette De Lange, kampioen konijnen

Wie eerst komt met zijn dieren, komt eerst aan de beurt. Na de keuring mag men zijn dieren direct wegnemen om de andere exposanten de kans te geven hun dieren in te korven. De te koop of te ruilen dieren kunnen natuurlijk in de kooien blijven tot het einde van de activiteit. Na het afwerken van de vooraf ingeschreven dieren vertrekken de keurmeesters huiswaarts. De keuring begint vanaf 10u en is doorlopend tot het einde van de te keuren dieren. Dat zal vermoedelijk rond 16 uur zijn. De jongdierenkeuring is zeker de leerrijkste dag van het fokjaar en dit zowel voor de beginnende als voor de meer ervaren liefhebber. De exposanten kunnen in het bijzijn van de keurmeester veel bijleren. Opfrissing van de kennis en gewoonten is voor iedereen goed. Rust roest! De uiteindelijke keuring is afgelopen als het laatste vooraf ingeschreven dier is nagezien. Voor de bestuursleden en bereidwillige helpers volgt dan het afbreken, kuisen, laden, vervoeren, lossen en stapelen van het materiaal te Kortemark. Clubleden en of anderen die wensen mee te helpen aan het opzetten, keuring en afbraak van de kooien zijn natuurlijk van harte welkom. Denk aan de ouderdom van de bestuursleden! Deze voor onze clubkas dure aangelegenheid bieden wij gratis aan te bate van de leden. Van de ingeschreven exposanten wordt dan ook verwacht, dat ze die dag ook daadwerkelijk aanwezig zijn, zodat alles vlot kan verlopen. Men kan natuurlijk ook eens komen kijken naar de keuring en de dieren. Hoe meer volk, hoe beter! Ook dit jaar bieden we de leden de mogelijkheid aan om hun dieren er te laten tatoeëren en ringen. Voor konijnen en cavia’s vooraf J. Verslyppe contacteren 0474/93 02 06 of 051/69 88 23.

Pluim & Pels 6


Kippen kijken en keuren in het land van de Big Easy In april trokken we met een tienkoppige delegatie van uit Schiphol naar New Orleans in de Verenigde Staten. Het uitgelezen gezelschap bestond uit Hans Ringnalda, Sigrid van Dort, Martin Zwanenburg, Johanna Langeveld, Wildrik Pepping, Frank Baltus, Erica van de Wint, Margaret Lyall, Anneke Vermeulen en Wilfried Lombary. Doel van de trip was kippen keuren voor Hans, Sigrid en Wilfried, proberen wat op te steken van het plaatselijke keursysteem en gebruiken en ook toeristisch wat mee te pikken. We waren er op uitnodiging van de Serama Club van Noord-Amerika en de Amerikaanse Zijdehoenclub. HetVeel hokbezoek de Godvader( invoeder van de Serama’s uit Malysië) vanhet deparadijs Serama’s dhr. Jerry SchexZicht op groen enbijruimte nayder was en opsteker van formaat. Ruim 400 Serama’s in allerlei kleuren, types en gewichten bevolkten zijn fokkerij. Voeg daarbij nog al het jonge spul en de andere pluimveesoorten en men komt in de buurt van een kleine dierentuin. De Serama’s waren allen op gaas gehuisvest zodat de poep door het gaas kon vallen. Dat is ook nodig omdat Jerry ongelooflijk maar waar, al 80 jaar oud is. Die energieke vriendelijke man gaf ons een rondleiding en veel uitleg langs zijn hokken. Er waren veel bijzondere kleuren die we in Europa nog niet kennen. En natuurlijk ook hele mooie Serama’s qua type en grootte. De diertjes hier waren een flink stuk beter dan in Nederland en België. New Orleans is de bakermat van de jazz. Louis Armstrong en Sidny Bechet zijn de bekendste jazziconen van de stad aan de Mississippi. Maar zoals zijn koosnaampje al laat vermoeden: in New Orleans is bijna alles mogelijk, zo lang het er maar gemoedelijk aan toe gaat. Het is de grootste stad van Louisiana en kwam in 2005 in het nieuws toen de orkaan Katrina grote delen van de stad verwoestte. Maar is verder ook gekend voor zijn Voodoo-legenden, Mardi Gras, French Market, enorme moerassen, schaaldieren en aligators. In de stadsparken kon men het Oorvlekduifje, Witvleugelduif, Carolinaduif en de Rode kardinaal veelvuldig horen en zien. De kippenshow met de klinkende naam “Cajun Classic 2009” was in open lucht en vond plaats in de statige hovingen van de prachtige oeroude Oak Valley Plantage in Vacherie een dertigtal kilometer van New Orleans. Op die locatie werden in het verleden ook de opnames gemaakt voor de films “De Patriot” en “Noord en Zuid” over de Amerikaanse burgeroorlog. In de buurt waren nog veel slavenhuisjes te zien en het merendeel van de bevolking is er nog zwart. Het was volgens Amerikaanse normen een eerder kleine ééndagshow. Inkorven op vrijdagnamiddag en de vroege zaterdagmorgen en de volledige zaterdag keuren. Toen we de vrijdagmiddag de keurplaats al eens bezochten begon men pas met de kooien te plaatsen. En dat terwijl de eerste inzenders al aangekomen waren. Men werkt er niet met vooraf inschrijvingen en plaatst er een ingeschat aantal kooien. Zijn er te weinig dan plaatst men er enkele rijen bij, liever zo dan er teveel te plaatsen om deze dan zonder gebruik weer te moeten ontmantelen. Die werkwijze bleek achteraf noodzakelijk omdat er weinig of geen verlichting was en de kooien op zaterdagavond-nacht opnieuw moesten opgeladen worden. Als Europeaan was het wel eventjes slikken met de achterliggende gedachte: komt dat wel goed tegen morgen? Voor de organisatoren echter geen probleem alles zou dik in orde komen en dat was uiteindelijk ook zo. Bij regenweer zou men alsnog alles verhuizen een tiental kilometer verder in een binnenruimte. Dus toch wat fighting spirit en ook ‘the sky, the limit’ toestanden. Amerikanen blijken ook op dat vlak echte gokkers te zijn, mede ook door het feit dat er daar zo te zien geen dierenbeschermingsorganisties zijn! Sportethisch verantwoord en zeker geen schade aan het imago, klonk het, hoewel dat een heel rekbaar begrip is. Maar het bleef gelukkig droog en warm. Gegokt en gewonnen! De inschrijvingen van de die- Topoverleg bij de ereprijzenjury Pluim & Pels 7


De voltallige ploeg van de ambterende keurmeesters

Is het oogkleur wel juist?

In deze prachtige eeuwenoude plantage was de tentoonstelling

Een Amerikaanse collega tijdens de Seramakeuring

Op ĂŠĂŠn meter van alligators komen in de vrije natuur is niet alledaags voor ons

Pluim & Pels 8


ren (Serama’s) is er ook volledig anders. Inzenders schoven ondanks de hitte geduldig met hun dieren aan richting inschrijfbureeltje (strandhuisje op wielen) om dier per dier te laten inschrijven. Geen computers of elektronische hoogstandjes maar alles nog met de balpen en kladschrift. De drie verantwoordelijke vrouwen hadden ofwel de taak het dier te wegen, het ringnummer te noteren of de categorie op de hokkaart te schrijven. Die bewerkingen duurden eindeloos lang maar geen enkele inzender mopperde of deed moeilijk. Gelukkig was er geen nazicht en geleuter over sanitaire en andere geneeskundige attesten. Ik zag er geen opgestoken vingertjes! De kortste afstand tussen twee punten is een rechte. Een meetkundige waarheid die weliswaar klopt als een bus, maar die daar helemaal niet van toepassing was. De samenwerking met de Amerikaanse collega’s verliep vlot en vlekkeloos en zeker niet in de aard van wij de grote Amerikanen en jullie de kleine Europeanen. Het keursysteem was er volgens onze normen volledig anders. Hun systeem is er gekomen uit pure noodzaak. Op de grote Amerikaanse shows moeten de keurmeesters soms tot 400 dieren keuren, iets wat volgens ons Europees systeem niet haalbaar is. Daarom lopen ze tijdens de keuring vooraf langs de kooien en dieren met vanuit de kooi zichtbare grove fouten sluiten ze al uit. Dat gebeurt door de hokkooi te barreren met een viltstift en de kaart omgedraaid aan de kooi te bevestigen. Die exemplaren worden niet tot bij de keurmeester gebracht. Game over! Alleen de dieren met een nog maagdelijke hokkaart mogen door de inzender persoonlijk naar de keurmeester gebracht worden. De keurmeesters zitten achter een tafel en nemen het dier in ontvangst om na te zien. Een puntenaantal en soms wat summiere uitleg wordt op de kaart genoteerd en het dier mag opnieuw in de kooi. Per ras worden de mooiste oude haan en hen, jonge haan en hen en niet erkende kleur als winnaar uitgeroepen en krijgen een rozet aan hun kooi opgespeld. De inzet is sportief torenhoog want met of zonder rozet aan de kooi maakt qua naambekendheid daar een wereld van verschil. Prijswinnaars kunnen achteraf hun nafok en of broedeieren Volksdansen en veel muziek tijdens de keuring! daardoor voor een flinke duit verkopen. De keuring is open en bloot en in het bijzijn van inzenders en belangstellenden. Die mogen zelfs tijdens de keuring vragen stellen over hun dier. De keuring is er anders, maar daarom niet slechter, want de mooiste exemplaren worden daar ook de rechtmatige winnaars. Tijdens de keuringen werd er door een orkest veel lawaai gemaakt en kon men er kijken naar volksdansen in traditionele klederdracht of zelf wat pasjes op de dansvloer zetten. Drank, lol, amusement en spijs was er in overvloed. Het deed me wat denken aan de lang vervlogen tijden van de Flower power en de toenmalige hippies. De inzenders bleken poeslief te zijn voor elkaar en of de keurmeesters want er was geen gezeik of onbegrip, ondanks hun soms minder goede uitslag. Wel hier en daar wat ontgoocheling en traantjes maar verder niets aan de hand. Vele inzenders waren soms al een week onderweg met hun kamper of trailer om hun dieren in te korven. Anderen kwamen inkorven na een vlucht met het vliegtuig. Als men gedenkt dat een vierde van de ingeschreven dieren zelfs nooit de keurmeester bereikt kan men de wenkbrauwen wel fronsen. Bij de Seramakeuring kwamen alle ingezonden dieren wel degelijk op de tafel van de keurmeesters terecht. Die keuring valt onder een andere reglementering en benadering van het gegeven “keuren”. Hans en Sigrid bekwamen er hun Amerikaanse licentie om Serama’s te keuren. Wildrik Pepping kon er als aspirantkeurmeester de nodige ervaring opdoen. Dieren exposeren is er een grote dagenlange feesthappening voor jong en oud voor de wat gegoede niet arme bevolkingsklasse. Het is er waarlijk het Ei van Columbus. De band of verhouding mens-dier is er blijkbaar veel dichter of inniger, want bij vele fokkers slapen er enkele kippen in de huiskamer zoals bij ons de hond of de kat. Men plaatst er een huisdier op het niveau van de kinderen, ze maken er gewoon deel uit van het gezin! De tijd is er als het ware blijven stilstaan en vergelijkbaar met vijftig jaar geleden hier bij ons. Overdadige stresstoestanden kent men er ogenschijnlijk niet of komt dat door hun overdadig gewicht? Het is anders, maar daarom niet minder goed, misschien iets meer menselijker en minder koel dan bij ons. Of voeren de inrichters en inzenders gedurende de tentoonstellingsperiode een soort showtoneel op en waren wij de begenadigde toeschouwers? Of zorgden de plaatselijke Voodoopoppen of andere nostalgische spirituele geesten voor de goede sfeer? Willen we ook hier in Europa soms niet terug naar de tijd van toen? Het is er misschien het moment voor. De trip was uiteindelijk een geweldig avontuur, iets om niet vlug te vergeten. Tekst en foto’s: Wilfried Lombary

Pluim & Pels 9


Oosterse schoonheid in de Pauwstaart Wie kent er nu geen pauwstaart? Zowat iedereen heeft wel eens een pauwstaart gezien, meestal in de witte kleurslag, waarbij het aantal staartveren het normale aantal van 12 overtreft. Deze “pauwstaarten” zijn de voor de rasfokker zogenaamde trechterstaarten of boerenpauwstaarten. De vogels die ik voor u tracht te beschrijven, zijn de pauwstaarten gefokt naar de hedendaagse standaard. De moderne of hedendaagse pauwstaart, zoals hij ook wel eens genoemd, is eigenlijk niet zo modern of hedendaags als de naam zou doen vermoeden. Na het invoeren van de pauwstaart in Europa vanuit India rond 1600 en naargelang de bron door Spaans/Portugese of Nederlandse zeevaarders, is er een diversiteit in fokrichtingen gevolgd. Zo waren er bijvoorbeeld in Groot-Brittanië rond 1800 twee strekkingen, die misschien wel de basis zijn geweest voor de hedendaagse standaard. Men had er de Schotse fokwijze: mooie kleine ronde dieren, met een niet zo grote staart, die meestal schildgetekend waren. Hier lag de klemtoon voornamelijk op het type. Dit type werd ook wel eens het “Dundee type” genoemd, naar een befaamd Schots fokker uit die tijd. Daartegenover stond het Engelse type, hier betrof het meestal witte dieren met een grote vlakke staart en vrij hoog op de poten. Er werd maar weinig aandacht geschonken aan de lichaamsbouw, maar des te meer aan de grote cirkelvormige staart. Men begrijpt dat deze 2 verschillende strekkingen moesten worden beoordeeld, dit een ernstig probleem meebracht. Al snel werd tot een compromis gekomen en ging men, zowel in Schotland als Engeland, de gulden middenweg volgen in de fok van de pauwstaart. Men koos in grote lijnen voor een kleinere duif, elegant en rond van type, met een grotere staart dan het vroegere Schotse type. Vanuit Groot-Brittanië zijn dan later van dit consensustype, dieren geëxporteerd over de gehele wereld. Hieruit zijn dan later weer, al naar gelang het werelddeel of land, weer verschillende fokrichtingen ontstaan. Tot voor ongeveer 20 jaar terug kon men grofweg volgende fokrichtingen onderscheiden. Engeland en Australië hadden ronde dieren, die waren vrij klein met naar verhouding een kleine staart. Europa met als voorloper Duitsland hadden grotere dieren die vrij hoog op de poten waren met een grote vlakke staart. Zuid-Afrika, Verenigde Staten van Amerika en Canada hadden dieren die het meest gelijken op hetgeen we nu in onze standaard van heden hebben. Ergens rond de 90-er jaren van de vorige eeuw is er alweer een consensus bereikt, en sindsdien wijzen alle neuzen in dezelfde richting. Iets wat enkel maar kan worden toegejuicht.

Pluim & Pels 10


Wat is nu een goede pauwstaart? Beginners, leken en vaak ook sommige onder onze keurmeesters maken de fout om zich blind te staren op enkel een mooie, gladde en cirkelvormige staart. Neen, niet goed! Zij zitten volledig fout. Een pauwstaart is in de éérste plaats een dier van type, stand en actie! Waar ook nog veel te weinig aandacht wordt besteed op “klassieke” keuringen is dat een pauwstaart dient te worden gekeurd in een zgn. loopkooi. Een koopkooi is een kooi met de minimale maten van 0,7 m x 0,7 m grondoppervlak, waarin de duif vrijelijk kan bewegen en actie vertonen. Gaat men een pauwstaart in een iets kleinere kooi plaatsen dan zal hij zich al snel in een hoekje wurmen, met zijn staart naar je toe en dan nog meestal in paraplustand. Zo gaat het dier zijn staart volledig beschadigen. Ook ziet men nogal eens dat er volop word ‘gekoterd’ met een keurstokje voor de ‘volhouders’ om te trachten het dier in stand te brengen. Dit gaat de zaak alleen nog maar erger maken en het dier dat is getraind om zich in een loopkooi te showen, finaal om zeep helpen voor het vervolg van het showseizoen. Bij de beoordeling van een pauwstaart is een keurstok volledig uit den boze. Er zijn nog steeds zgn. ‘overgangsdieren’ met een gemis aan type en actie en des te meer staart, die worden getraind om zich te showen in een 40-er kooi. Maar laat je niet vangen! Een pauwstaart dient te worden gekeurd in een loopkooi en dient actie te vertonen zoals vermeld in de standaard! Het dier moet zich in al zijn rondheid kunnen oprichten en met trippelende pasjes lopend op de tenen kunnen showen. De beste duif is deze die gemiddeld het beste is, rekening houdend met alle hoofdraskenmerken. Hoe gaan we een pauwstaart beoordelen? In de hieronder volgende volgorde. Type, stand, actie Buikvulling en ronding Vleugeldracht en vleugelformaat Kop- en halsligging Staart Kleur en tekening Type, stand en actie. Een pauwstaart heeft in de eerste plaats een kort en rond lichaam, de borst wordt hoog gedragen, het lichaam is afgerond langs alle zijden. Dit wil zeggen dat er geen storende obstakels mogen worden waargenomen die de visuele rondheid verstoren. Het dier moet vlot kunnen bewegen op de teenspitsen, zonder uit balans te geraken. In vooraanzicht moeten de beentjes wijd zijn geplaatst en kort van lengte zijn. In zijaanzicht moeten de benen met de buiklijn meelopen. De borst, de buik en de benen moeten één vloeiende lijn vormen, de zgn. B-B-B-lijn. Opmerking:een dier kan beter ietwat langere benen bezitten en een goede B-B-B-lijn, dan korte, haaks op het lichaam staande beentjes! Buikvulling en ronding. Een goede pauwstaart vereist een breed lichaam, met een goed gebogen borstbeen, een massa borstspieren en een voldoende lichaamsdiepte. Die lichaamsdiepte wordt verkregen door een zo groot als mogelijke afstand tussen de voorkant van de borst en de staartaanzet. Dit alles tezamen zal een optische rondheid geven aan het

Pluim & Pels 11


lichaam. De rondheid mag niet het resultaat zijn van een te losse bevedering of het naar binnen groeien van de buikbevedering. Een dier met een iets kleine staart zal vaak ook compacter en steviger tonen in zijn eigen vederkleed. Kop en halsligging. De pauwstaart heeft een fijne hals waarbij de kop bijna onmerkbaar overgaat in de hals, het zgn. ‘slangenkopje’ en waarbij de kop steeds rustig op het bovenkussen is gelegen. Het kopje ligt frontaal gezien in het midden t.o.v. de borst en staart, zo diep mogelijk gesteld, zonder echter de staart naar achter te drukken. Dit facet vraagt de nodige aandacht, want het naar achteren drukken van de staart kan 2 oorzaken hebben. Het dier kan een te korte rug hebben, waardoor het de hals en kopje niet kwijt kan of de hals is te lang. Indien één van bovenstaande oorzaken zich voordoet kan het dier ofwel de staart naar achteren gaan drukken, het kopje door de staartveren steken, ofwel het kopje in vooraanzicht bekeken asymmetrisch gaan dragen. Vleugeldracht en vleugelformaat. De vleugels zijn smal en worden hoog gedragen. Smal omdat ze door de borstbevedering moeten kunnen worden bedekt, zodat de vleugelbogen onzichtbaar zijn in vooraanzicht. Indien de vleugels hoog worden gedragen zal dit enkel bijdragen tot visuele rondheid en de buik en borstronding doen uitkomen. De staart. Een goede staart bestaat uit 30 à 40 brede pennen, een goed gevuld onderkussen dat geen steunende eigenschap bezit en is zo rond mogelijk. De staart is niet vlak doch bijna vlak, onderaan is hij ver genoeg geopend om de vleugels door te steken. Men moet bij het beoordelen rekening houden met de volgende zaken. Een dier met een donkere staart zal schijnbaar een grotere staart hebben dan een dier met zachtere kleuren. Een platte/vlakke staart zal groter lijken dan een meer concave. Dezelfde grootte van staart zal kleiner lijken op een rond dier, dan op een dier met weinig body. Frontaal gezien moet ongeveer 1/3 van de totale lichaamshoogte bestaan uit de staart de zgn. top-tail. De staartpennen dienen mooi in het gelid te staan, en bij een goed geconditioneerde duif, aangeboden ter beoordeling, dakpansgewijs te overlappen. Een regelmatig gezien euvel zijn draaipennen, dit zijn draaipennen waarvan de baarden niet mee in het gelid liggen. Patrick Smeyers

Ectoparasieten bij hoenderachtigen Ectoparasieten zijn organismen die zich op of in de huid van dieren of mensen ten koste van die gastheer in leven houden, zoals luizen en vlooien. Veel kippen komen vroeg of laat wel een keer in aanraking met veerluis. Zeker nu het weer wat warmer wordt neemt de kans toe. Luizen zijn erg hinderlijk voor de hoenders en dus ook voor de hoenderhouders. Ze kunnen een ware plaag worden en geven veel onrust in de hokken. Alleen al met het kijken naar je dieren kun je er achter komen of ze luis hebben. Veerluizen geven namelijk veel jeuk en irritatie. Kippen die zich veelvuldig poetsen en zeker rond het gebied van de cloaca kunnen wel eens last van luis hebben. Als je de huid dan bekijkt, ziet die er vaak droog uit en kan je wondjes en korstjes zien. En als je zelf bij het verlaten van het kippenhok steeds jeuk voelt heb je er ook van! Veerluizen zijn de meest voorkomende ectoparasieten bij de kip. Er zijn verschillende soorten veerluizen, met allemaal een eigen voorkeur voor een plek waar ze graag verblijven. Veel luizen vind je rond de cloaca, maar andere luizen hebben bijvoorbeeld juist een voorkeur voor de kop. Zeker kippen die kuiven hebben, hebben eerder last van luizen op de kop en in de kuif dan anderen. Een veerluis is een bijtende luis en zal levenslang op de gastheer blijven. In het algemeen voeden zij zich met de keratine van de veren (het veereiwit) wat voorkomt op de veerschacht en het veerpoeder en verder met bestanddelen van de huid. Bij een ernstige luisbesmetting kunnen kippen zelfs kaal worden en kunnen veerschachten aangetast worden. Het kan zelfs zo erg worden dat de eetlust vermindert en de productie daalt. Veerluizen leggen ontzettend veel eitjes en die eitjes noemen we neten. De neten worden aan de aanzet van de veren vastgemaakt. Hieraan kun je dus ook vaststellen dat je hoen last van luis heeft. Hoelang het duurt voordat deze eitjes uitkomen is verschillend en heeft

Pluim & Pels 12


te maken met o.a. de temperatuur. In het gunstigste geval komen ze na 4 dagen uit, maar als de omstandigheden ongunstiger zijn dan kan het langer duren. Iets om rekening mee te houden bij het ontluizen, want ook de uitgekomen neten moeten weer bestreden worden. Natuurlijk is de volgende stap luizenbestrijding. In dierenwinkels zijn talloze middelen, poeders, sprays, druppels enz. te koop om luizen te bestrijden. Het heeft weinig zin om namen te gaan noemen, maar laat ik de tip meegeven dat het vergelijken van de producten en met name van sprays erg zinvol is. Heel vaak komt de werkzame stof en het gehalte daarvan exact overeen met een ander (goedkoper) merk spray. Dit kan een spray voor grootvee zijn bijvoorbeeld, die dus ook geschikt blijkt maar veel goedkoper is. Let wel, aan sommige middelen zit een wachttijd verbonden, wat inhoud dat het middel in het lichaam van de kip wordt opgenomen en dus nog een aantal dagen in het vlees en/eieren terug te vinden is. De wachttijd gaat in op de laatste dag dat je het product gebruikt hebt en verschilt per werkzame stof. Als je bijvoorbeeld een ‘Duivenspray” gebruikt hebt zal daar geen wachttijd op vermeld staan, aangezien sierduiven meestal niet gegeten worden. Maar als dat een middel op basis van Pyrethrinen of Piperonylbutonixide is, dan dien je toch een wachttijd aan te houden van minimaal 7 dagen voordat je de eieren weer mag eten en 28 dagen voor het vlees. Voordat ik de kip of het hoen met een anti-luismiddel behandel, probeer ik ze alvast zoveel mogelijk te ontdoen van de neten. Soms kun je de neten zelf verwijderen, maar ze zitten wel aardig vast en kun je beter de veren meteen wegknippen met neten en al. Let wel op dat als je bevruchtte eieren van deze kip wil, er geen stompjes blijven staan waardoor de haan deze hen niet graag meer treedt. Na het afknippen blijven de stoppels zitten tot de volgende rui. In plaats van knippen kun je ook de veren die het meest onder de neten zitten eruit trekken. Trek ze wel altijd in de groeirichting uit en trek nooit slagpennen of veren uit in de groei. Dat is pijnlijk en gaat bloeden. Voordeel van het eruit trekken is dat er daarna nieuwe veren zullen groeien. Ook wassen kan helpen om zoveel mogelijk neten weg te krijgen, zeker bij poederachtige neten. Gebruik anti-luizen spray of poeder steeds zo dicht mogelijk op de huid, vooral bij de cloaca en onder elke vleugel (vouw de vleugel open dan lukt het beter). Verder ook een beetje op de stuit, op beide dijen, aan weerszijden van de borst, op de kop en in de hals. Zorg ervoor dat het niet in de ogen komt. Als je de kip eenmaal hebt behandeld met een antiluismiddel dan is het advies om het dier 7-10 dagen later nog een keer te behandelen tegen de luizen die in de tussentijd nog uit de overige neten zijn gekomen. Luizen zitten vooral op de vogels zelf, maar ook op de veren die los in het hok liggen en tussen het bodemstrooisel. Het is dan ook verstandig om het hele hok schoon te maken en eventueel te behandelen met een luisdodend middel. Bloedluis (Dermanyssus Gallinae) is niet zoals de naam doet vermoeden een luis, maar een mijt en familie van de spinnen en heeft 8 poten. Eigenlijk moeten we spreken van rode bloedmijt, maar in de volksmond staat dit beestje gekend als bloedluis. Het is een heel nare parasiet die moeilijk uit te roeien is en waardoor menig kippenhouder tot waanzin kan drijven. Het is tevens de gevaarlijkste parasiet omdat bij een ernstige aantasting de kippen er zelfs aan kunnen sterven. Bloedluis kan ook door andere vogels of gewoon door de wind in je kleding of materiaal terecht komen en zich daar snel vermenigvuldigen. Normaal gesproken zitten ze overdag niet op de kip maar in kieren en naden, onder stokken en mestplanken, achter nestkastjes enz. Ze zijn vrij lichtschuw, vandaar dat ze overdag wegkruipen in de donkerste plekjes. Eén enkele keer vind je ze overdag op de kip omdat ze juist in het negnest is geweest. Ook op dode dieren zijn ze soms overdag aan te treffen. Ze zijn met het blote oog te zien en kunnen variëren in kleur. Als ze bloed gezogen hebben zijn ze donkerrood tot paarsachtig van kleur en leeg zijn ze grijsachtig bruin. Ook typisch voor hun aanwezigheid is het ‘lichtgrijze stof’ van de lege omhulsels van vervelde bloedluizen. ’s Avonds als de kippen op stok gaan worden de bloedluizen actief en klimmen via de poten op de kip om daar bloed te zuigen. Dit geeft veel onrust bij de dieren. Je kan je kippen het best ’s avonds controleren op bloedluis en soms kan men met het schijnen van een zaklamp op de poten de luizen zien. Als ze hun gang kunnen blijven gaan en er is een behoorlijke plaag, dan zullen de kippen er fel onder lijden. Ze komen wat ruw in de veren te zitten, worden bleek in het gezicht en vermageren.

Pluim & Pels 13


Nog wat tips en weetjes Zorg dat kippen en hoenders gelegenheid hebben om een zandbad te nemen want dat werkt prima om ongedierte op hun lichaam te bestrijden. De luizen stikken dan in het fijne stof. Als de kippen op strooisel lopen, zet dan een grote kist met zand in het hok en het liefst op een klare en zonnige plek. Desgewenst kan er nog een anti-luispoeder door het zand worden gemengd. Ook zijn er een aantal huis- tuin- en keukenmiddeltjes die mogelijk positief werken aan het luizenvrij houden van onze dieren. Sommige planten als varens, tabakstelen en boerenwormkruid hebben een luiswerend effect. Een teentje knoflook te eten geven of in het drinkwater kan een positieve uitwerking hebben. Let wel, het geven van knoflook aan dieren met bloedarmoede is af te raden. Het moet dus vooraf gebeuren. Een teentje knoflook op een grote bak water (drinken voor enkele dagen) om de twee weken is prima. Hou er rekening mee dat vooral de bloedluis niet gemakkelijk verdwijnt en één goede behandeling zelden afdoende is om ze te doen verdwijnen. Dus een regelmatige controle in de zomer is noodzakelijk om de plagen voor te zijn! Laurette Deruytter

De Harlekijnkwartel Wetenschappelijk: Coturnix delegorguei Engels : Harlequin Quail Duits : Harlekinwachtel Frans : Caille arlequin Vormt eigenlijk een superspecie met de C. coromandelica. Er zijn drie ondersoorten erkend. C. d. arabica (Bannerman 1929) Zuid-Arabië. C. d. delegorguei (Delegorgue 1847) nominaatvorm, Ivoorkust tot Ethiopië en zuidwaarts tot de Kaap Provincie in ZuidAfrika, migrant in West-Afrika. C. d. histrionica (Hartlaub 1849) São Thomé, Golf van Guinea. Haan is donkerder op de bovenkant en de grondkleur van het gevederte bij de hen is eveneens donkerder dan bij vasteland vormen. In de Engelse taal wordt de naam “harlekijnkwartel” (Harlequin quail) ook nog gebruikt voor een andere kwartelsoort die voorkomt in Amerika. Namelijk de door ons genoemde Montezumakwartel (Coturnix montezumae). Hierdoor blijkt de noodzaak om uniforme wetenschappelijke namen te gebruiken om vergissingen te vermijden. Lengte 16-19 cm, gewicht haan 49-81 g. Is daarmee iets groter dan de Chinese dwergkwartel. Door de witte strepen op de wenkbrauwen, wangen en keel doen ze ons aan een echte harlekijn of clown denken, vandaar ook hun naamgeving. Seksen verschillen van veerkleur. De haan bezit een mooie zwartwitte kopaftekening, een zwarte borst en kastanjebruine flanken. Voor-en achterhoofd donkerbruin met in het midden een witgele kopstreep, die praktisch aan de bovensnavel begint en loopt over de kop tot in het verlengde van de hals. De witte oogstrepen beginnen aan de mondhoeken van de snavel en lopen boven het oog tot in de nek. Van aan de snavelwortel loopt er een smalle zwarte streep, die breder wordt door het oog en de oordekken en doorloopt tot in de hals. De keel is karakteristiek voor de soort en is wit met een zwarte ankeraftekening. Onderteugel, kin, en wangen wit. Borst, middenkrop en onderste flankveren diepzwart. Flanken roestbruin met grote zwarte druppelaftekening, dijen roestbruin. Buik en onderstaartdekveren roodbruin. Rug, schouders en nek grijsbruin, stuit gevlekt met crèmeachtige strepen en smalle golfbandjes. Grote slagpennen egaal grijsbruin, kleine iets gepeperd of geband. Vleugeldekveren donkerbruin met witgele zwartgezoomde golfbandjes. Staart zeer kort, puntig en zwartbruin met witgele golfbandjes. Snavel zwart, ogen bruin met zwarte pupil, poten en tenen vleeskleurig. De hen gelijkt op deze van de Europese kwartel, maar heeft geen bandaftekening op de buitenvanen van de grote slagpennen. Haar keel is lichtbruin, ze mist er de grote zwartwitte ankeraftekening, snavel hoornkleurig. De algemene grondkleur van het gevederte is overwegend bruin met een roestkleurige waas. Wat bij de haan wit is, is bij het hennetje licht-bruin tot

Pluim & Pels 14


okerkleurig. Ook de streep boven het oog is crèmekleurig en op haar flanken is er duidelijk licht-roodbruine aanslag te zien. Het komt soms voor dat oudere hennetjes het mannelijk verenkleed aannemen. Er zouden ook albino’s voorkomen. De jongen gelijken op de hen maar zijn lichter van kleur op de schedel, buik en aarsstreek. De ondersoorten verschillen onderling door de kleurtint van het gevederte. Men kan ze aantreffen in open graslanderijen met sporadisch wat overdekkend struikgewas, landbouwgrond en vochtige plaatsen in de nabijheid van water. In het noordoostelijk deel van Tanzania komen ze ook voor in meer vlak grasland. De voeding bestaat uit gras- en onkruidzaden, groene scheuten, sprinkhanen, kevers, termieten en mieren. De haantjes worden meestal als polygaam ingeschat. Broedtijd afhankelijk van de regenval en het leefgebied. Het nest is een klein kuiltje in de grond tussen gras of onkruidbosjes. De hen legt gewoonlijk 4-8 witcrème tot beigebruine met veel donkere stippen voorziene eieren, die ze 14-15 dagen bebroedt. De eischaal is nogal ruw tegenover deze van andere kwarteleieren. Donskuikens vertonen donkerbruine, zwarte en gele strepen op hun bovenkant en zijn geelachtig langs hun onderkant. Na 5 dagen kunnen ze al wat vliegen. In het oostelijk en middelste deel van Afrika leven ze als nomaden, die zich verplaatsen door de regens. In sommige andere gebieden is er een meer regelmatige verplaatsing. In Zuid-Afrika trekken ze zuidwaarts om te broeden tijdens de regenperiode en noordwaarts tijdens het droge seizoen. Opmerkelijk is wel dat ze zich niet ieder jaar naar hetzelfde gebied verplaatsen. In West-Afrika is de situatie onduidelijk en waarschijnlijk zijn het er onregelmatige gasten. In het droge seizoen komen ze ook voor op Ivoorkust. In andere gebieden zijn het eerder gevarieerde trek en verblijfplaatsen. Het is geen bedreigde soort, waar zeer weinig informatie over is. De populatie blijft waarschijnlijk stabiel. De roep is volledig afwijkend met deze van de Europese- en Japanse kwartel. Iedere slag bestaat uit een dubbele lettergreep: “wiet wiet”. De eerste en tweede lettergreep klinken beide even hard en wordt meestal verschillende keren na elkaar uitgestoten. Daarbij staat de kwartel op de toppen van de tenen en in een volledig verticale houding. Delegorgue taxeerde in 1847 deze kwartel in Oury, gelegen op het bovenste gedeelte van de Limpopo Rivier in Transvaal. Komt veel voor in onze georganiseerde liefhebberij. Vroeger werden de haantjes in Kenia, Tanzania en Oeganda gehouden als lokvogel voor het vangen van soortgenoten. Ze werden er tijdens de broedtijd geplaatst in uit grasgevlochten bijenkorfvormige kooien, die aan een tak of stok werden opgehangen. Die kooien werden wel uit de warme zon gehouden door lommer van bomen of struiken. In deze gebieden zijn door die vangst jammer genoeg bijna alle exemplaren verdwenen. Op Europese bodem waren ze vanaf 1869 te zien in de Londense Zoo. De eerste gelukte kweekresultaten werden bekomen bij S. Engel in 1905 in Duitsland en in 1906 bij D.Seth-Smith in Engeland. Opmerkelijk is wel dat de toenmalige hennetjes veel meer eieren (120) produceerden dan de hedendaagse in onze volières. Na een jaar zijn deze stille rustige vogels geslachtsrijp. Natuurbroed bij deze kwartel is in tegenstelling tot het gezegde “kinderspel” niet zo eenvoudig. In droge en wat natuurgetrouwe nagebootste volières komen ze wel tot broeden. Indien de hen zelf gaat broeden en er kuikens zijn, kan ze zeer agressief worden tegen alles wat in de buurt van de kuikens komt. Ook de haan moet soms verplaatst worden in een andere kooi. Te driftige hanen vernielen soms ook het nest enz. Men plaatst de haan beter alleen bij de hen voor de paringen en neemt hem weg wanneer de hen gaat broeden. Het nest tussen de graspollen is meestal de perfectie in camouflagetechniek. Wil men meerdere jongen kweken van deze soort, moet men de eieren (45) wegnemen en in de broedmachine leggen. De hen legt wel in verschillende perioden! Voetringmaat 4,5 mm. Uitgebreide baltsrituelen kent deze soort niet, want na enkele keren geroepen te hebben loopt hij naar de hen en copuleert. Of anders neemt hij een gevonden lekkernij in de snavel en maakt zacht piepende geluidjes. De hennetjes kennen dat geluid en komen onmiddellijk op het snoepje af. Daarvan maakt de haan ook gebruik om de hen te treden. Inteelt is een bijzonder zwak punt bij deze vogels, wat zich onmiddellijk uit in de kweekresultaten. Ervaren fokkers durven het aan om in groepsverband te kweken, hetzij een zestal hennen met een tiental haantjes. Dat zou de bevruchting ten goede komen. Uiteraard kan dat alleen in een ruime en veelvuldig van schuilplaatsen voorziene volière. De raszuiverheid is op heden een groot probleem geworden door bunzing de inkruising met de Regenkwartel (Coturnix coromandelica). De jonge bastaardhaantjes vertonen hier meestal

Pluim & Pels 15


blekere flanken. De volièrevoeding kan bestaan uit allerlei gras- en onkruidzaden, gekiemd raapzaad, sla, en fijngesneden spinazie, brandnetelkoppen en andijvie. De kuikens verkiezen kwartelopfokvoer, geplette gierst, blauwmaanzaad en miereneieren. Na twee weken kan men ook meelwormen en andere grote insecten verstrekken en na zes weken zijn ze volledig zelfstandig. Men kan al vroeg de geslachten onderscheiden en het is beter de seksen te scheiden. De jonge haantjes vertonen al vroeg een grote belangstelling voor de hennetjes, wat resulteert in kale of gekwetste kopjes bij de hennen. Tijdens de winter gedijen ze het best bij een temperatuur van 5-8°C. Zorg ervoor dat het noodzakelijke zandbad niet ontbreekt. Tentoonstellingvogels kan men handtam maken door het verstrekken van een meelworm tijdens de training. Het zijn prima showvogels die wel als minpunt hebben, dat hun verenpak erg vlug beschadigd wordt. Bij keurigen let men vooral op afwijkingen aan snavel, poten, kleur en aftekening en conditie. Wilfried Lombary

Hoe we cavia’s indelen in België De in België erkende caviarassen worden onderverdeeld in 5 groepen van aanverwante rassen op basis van hun gemeenschappelijke beharingskenmerken. Ook in de nieuwe standaard werd deze indeling gevolgd. Per groep zijn de standaarden van de rassen weergegeven in alfabetische volgorde. In tegenstelling tot bij de konijnen is het bij cavia’s niet zo dat alle rassen behorende tot een bepaalde groep op dezelfde manier en met dezelfde puntenschaal gekeurd worden. Dit alleen al omdat in principe elk ras ook kan voorkomen in combinatie met satijnbeharing en hiervoor een andere puntenschaal vereist is. Dit betekent echter niet dat al deze satijnvarianten ook erkend zijn. Voor de keuring van cavia’s is de groepsindeling dus minder van belang en op de keurkaart is ze dan ook niet terug te vinden. Voor tentoonstellingen met grote aantallen cavia’s kan de groepsindeling wel handig zijn voor het aanduiden van groepskampioenen. Groep 1 : Gladharen In deze groep vinden we twee rassen terug, nl. de Gladhaar en de Gladhaar satijn. Bij de Gladhaar wordt tijdens de keuring meer aandacht besteed aan kleur en tekening dan bij de andere rassen. De puntenschaal zal verschillen naargelang de kleurslag. Bij de Gladhaar satijn komt de structuur, de dichtheid en uiteraard de glans van de beharing op de eerste plaats. Groep 2 : Gekruinden In deze groep vinden we vier vertegenwoordigers terug, nl. de rassen Amerikaans gekruind, Amerikaans gekruind satijn, Engels gekruind en Engels gekruind satijn. Gemakkelijkshalve (omwille van de verschillende puntenschalen) worden de satijnvarianten ook als aparte rassen beschouwd. In feite zijn de rassen die tot deze groep behoren eveneens ‘gladharen’ maar omwille van de bijkomende beharingsstructuren (de kruin) worden ze iets anders gekeurd waarbij de vorm en plaatsing van de kruin zwaarder zal doorwegen in de eindbeoordeling. Groep 3 : Borstelharen Momenteel vinden we slechts één ras, nl. de Borstelhaar terug in deze groep. Bij borstelhaar ligt het zwaartepunt van de beoordeling op de vorm en de plaatsing van de rozetten en de kammen. Groep 4 : Ruwharen In deze groep zitten momenteel twee rassen, nl. de Rex en de US Teddy. Beide rassen, die uiterlijk goed op elkaar gelijken, onderscheiden zich van andere rassen door de structuur en de loodrechte inplanting van hun beharing. De Rex is daarbij ‘ruwer’ behaard dan de US Teddy. Het zwaartepunt van de beoordeling ligt in de structuur, de dichtheid en de gelijkmatigheid van de beharing. Groep 5 : Langharen Deze groep is de grootste en meteen ook de meest heterogene groep van allemaal. In feite zou deze nog verder kunnen onderverdeeld worden in enkele subgroepen. Het meest opvallende verschil is het al of niet gegolfd zijn van de beharing. Men zou dus enerzijds kunnen spreken van de ‘gladde’ langharen, nl. de Sheltie, de Peruviaan en de Coronet. En anderzijds de ‘gegolfde’ langharen, nl. de Texel, de Alpaca en de Merino. Dit verschil komt echter niet tot uiting in de puntenschaal. Toch worden de langharen keurtechnisch wel in twee groepen onderverdeeld, met name in de gekruinde (Coronet en Merino) en de ongekruinde (Sheltie, Peruviaan, Texel, Alpaca) langharen. Bij de gekruinde wordt er vanzelfsprekend extra aandacht besteed aan de vorm en de plaatsing van de kruin. Maar veel meer over de cavia’s is te vinden in de nieuwe “Belgische Standaard Cavia’s” formaat A5, alle ras- en kleurbeschrijvingen van alle in België erkende rassen. Kleurfoto’s, 163 blz., glanspapier. Kostprijs 15 euro (3€ verzending) overmaken op rekening van het VIVFN vzw, KBC 733-1451650-75 met vermelding ‘standaard cavia’s.’ na de betaling wordt de bestelling aan U toegestuurd. Samenstelling door de Tijdelijke standaardcommissie cavia’s 2009 bestaande uit Flor Dickens, Eddy De Permentier, Gregoire De Swerdt, Gustave Chapelier, Richard Deravet en Dieter Plumans Pluim & Pels 16


De Hawaïgans De zwarte ganzen van het geslacht Branta zijn nauw verwant aan de grijze ganzen van het geslacht Anser, maar ze zijn donkerder en ze hebben een zwarte snavel en zwarte poten. Branta- en Anser-ganzen worden echte ganzen genoemd. Samen met de zwanen maken ze deel uit van de onderfamilie Anserinae. Typisch voor de Anserinae zijn de netvormige geschubde loopbenen. Het Branta-geslacht omvat zes soorten ganzen: De Hawaïgans Branta sandvicensis De Canadagans Branta canadensis, met 6 ondersoorten De Dwergcanadagans Branta hutchinsii, met 5 ondersoorten De Brandgans Branta leucopsis De Rotgans Branta bernicla, met 3 ondersoorten De Roodhalsgans Branta ruficollis De Hawaïgans is de grootste inheemse landvogel van Hawaï en is er tevens een nationale vogel. Ze wegen 1,9 tot 2,16 kg en hebben een lengte van 56 tot 71 cm. In hun vlucht valt het contrast op tussen het bruin van de ondervleugels en het wit van het onderlijf. De dekveren van de bovenvleugels zijn bruin met een donkerder centra en lichtere randen. De grote slagpennen zijn donkerder bruin. Man en vrouw hebben een identiek uiterlijk maar het wijfje is kleiner en frêler, iets donkerder en met een kortere hals. Ze hebben beide een gezichtsmasker, de kruin en nek bruinzwart, de kaken en de hals zeemvelgeel en de ogen donkerbruin. Rond de ogen is er een lichte rand. De vrij lange snavel is breed en hoog aan de basis. Omdat de halsveren gegroefd zijn en een zwarte basis hebben, krijg je van op een afstand de indruk dat de zeemgele hals donker gestreept is. Een zwarte ring scheidt de hals van de lichtbruine borst. De middenbruine flank-, schouder- en rugveren hebben een donkerbruin middengedeelte en licht zeemvelgele randen waardoor een dwarsgestreept patroon ontstaat. De onderbuik en de onder- en bovenstaartdekveren zijn wit. De romp, staart en poten zijn zwart. Hawaïganzen hebben zich aangepast aan een leven in vulkanisch gebied met weinig water. Hun poten zijn lang en sterk en bevinden zich meer van voor aan hun lijf, waardoor ze zich gemakkelijker op het land verplaatsen. Ook hun tenen zijn lang, sterk en beweeglijk. Hun voetzolen zijn bovendien voorzien van kussentjes en hun zwemvliezen zijn extra kort. Men kan ze aantreffen op de Hawaï-eilanden Maui, Kauai en Hawaï. Ze zijn niet luidruchtig en hun laag klagend ‘néné’-geroep klinkt tijdens de hofmakerij wel wat doffer en luider. De paarvorming vindt plaats in de zomerperiode (eind juni-augustus) waarbij ze al roepend zijwaartse en op- en neerwaartse kopbewegingen in de richting van de partner maken. Bij die soort is de paarband permanent. Ze paren op het land of langs de kustlijn. Net voor de paring maakt de gent dippende kopbewegingen en van zodra het wijfje zich op de grond neervlijt bestijgt hij haar. Tijdens de paring opent hij de vleugels en trekt met de snavel de kop van het vrouwtje naar achter. Na de paring staan beide vogels recht, heffen de vleugels wat op en steken de kop omhoog en roepen.

Pluim & Pels 17


Het zijn grondbroeders die als het mogelijk is een weinig vegetatie wensen om een kleine nestholte te maken. Die holte wordt met plantenmateriaal en later ook dons gevoerd. Het voltallig legsel bevat 6 à 9 roomkleurige eieren die gemiddeld 78 x 55 mm zijn en 144 g wegen. Broedduur ongeveer 29 dagen. Terwijl het vrouwtje broedt blijft de gent in de omgeving om het nest te verdedigen. De kuikens zijn pas na 10-12 weken volgroeid, ze groeien trager dan de kuikens van de andere Branta-soorten. Jonge vogels gelijken op hun ouders maar ze zijn nog wat doffer, de hals is grijs, de kruin en nek meer bruin en de dwarsgestreepte lichaamsveren zijn meer geschubd. Na de eerstvolgende rui zijn jonge vogels niet meer van de ouders te onderscheiden. Ze doorstaan onze kwakkelwinters vrij goed vooral als ze in ijsvrij vijverwater kunnen staan. Ze hebben een groot park nodig met een sterke grasmat. Wat voeder betreft zijn ze niet veeleisend. Geef ze gewone watervogelkorrel met een laag eiwitgehalte en een kort grastapijt en ook salade, vogelmuur, grit en wat granen. Natuurkweek is hier mogelijk en ze worden geringd met een 16-mm ring. Hier bij ons leggen ze reeds vroeg (januari-februari) in het voorjaar. Wanneer men de eieren wegneemt kan men enkele vervangnesten rapen. De kuikens zijn gemakkelijk kunstmatig groot te brengen. Men kan de eieren in de broedmachine laten uitkomen of enkele dagen voor het uitkomen in de uitkomstlade leggen en nadien in een opfokbak grootbrengen. Het zijn wel geen slimme ganzen, want ze lopen naar de vos of de jager toe, met alle gevolgen van dien. Die werkwijze is trouwens één van de oorzaken geweest van hun achteruitgang in de natuur. Hun eigenwijs karakter speelt een grote rol in de fokkerij en we moeten het naar hun zin maken. Pas dan mogen we voldoende nafok verwachten. Oswald Reinhardt

De ademhaling bij het konijn Lucht (zuurstof) wordt bij het konijn door snelle bewegingen van de neusvleugels ingeademd en langs de luchtpijpen naar de longen gevoerd. In de longen wordt de zuurstof tegen verbruikte lucht (koolzuurgas) omgewisseld en op dezelfde wijze weer uitgeademd. Via de ademhaling wordt de lucht dus in de longen steeds ververst, zodat het bloed steeds zuurstof kan opnemen en koolzuurgas kan afgeven. In de luchtwegen onderscheiden we de bovenste luchtwegen met de neus, mond, keel en strottenhoofd. De onderste luchtwegen met de luchtpijp, hoofdbronchi en de steeds kleiner wordende vertakkingen ervan in de longen. De mond vormt samen met de neus het eerste deel van de luchtwegen, ze staan in verbinding met de keelholte. Dikwijls wordt door de grote mond ook geademd, bv. als de neus verstopt is of bij grote lichamelijke inspanning. De keel is buisvormig en ligt achter de neus- en mondholte, zij reikt tot aan de slokdarm en strottenhoofd. De keelholte maakt de doorgang van lucht en voedsel naar het strottenhoofd en slokdarm mogelijk. De neus en keelholte waarin de twee buizen van Eustachius uitmonden verbinden de keelholte met het middenoor. Rond de buizen en in de achterkant van de neus-keelholte ligt Lymfatisch weefsel, dit biedt waarschijnlijk enige bescherming tegen ziekteverwekkende organismen. Het inwendige van de neus, de neusholte is van binnen bekleed met een slijmvlies dat opgebouwd is met trilhaarepitheel (dekweefsel) en slijmcellen. Het neusslijmvlies reinigt de ingeademde lucht van kleine stofdeeltjes en het verwarmt en bevochtigt de ingeademde lucht zodat de luchtwegen niet afkoelen en niet droog worden. De mond-keelholte ligt achter de mondholte en wordt van boven begrensd door het zacht gehemelte, belangrijk voor het slikken en geluidsvorming en eindigt ter hoogte van het strottenhoofdklepje. Het onderste deel van de keelholte ligt tussen het strottenhoofdklepje en de opening van de slokdarm. Aan de voorzijde van de keelholte ligt het strottenhoofd dat aan het begin van de luchtpijp ligt. Bovenop het strottenhoofd zit het strottenklepje, dat tijdens het slikken de larynx (strottenhoofd) afsluit, zodat geen voedsel in de luchtbuis komt. Achter het onderste deel van de keelholte scheiden zich luchtweg en voedselweg. De luchtpijp verbindt het strottenhoofd met de longen. Zij is zeer rekbaar en buigzaam en splitst zich in twee hoofdbronchi. De luchtpijp en een deel van de hoofdbronchi liggen in het mediatinum of het midden van de borstholte aan de twee zijden begrensd door beide borstholten, aan de voorzijde door het borstbeen en aan de achterzijde door het middenrif. Behalve de luchtpijp bevat het Mediostium het hart, de longslagaders, de aorta (grote lichaamslagader) en zijn vertakkingen naar hoofd en voorbenen. Verder nog een aantal belangrijke zenuwen en een aantal Lymfeklieren rond de splitsing van de luchtpijp. De longen zijn elastische, sponsachtige organen. Zij bevinden zich aan weerszijden van het hart in de borstholte en zijn met de luchtpijp verbonden door de luchtpijpvertakkingen en met het hart door de longslagader en de vier longaders.

Pluim & Pels 18


1 Het strottenklepje opent de luchtweg. De mondholte en de slokdarm zijn afgesloten. 2 Het afslikken van de voeding. Het strottenklepje sluit de luchtweg af. Het zacht gehemelte is opgetrokken. De voedingsweg naar de slokdarm is vrij om te slikken. 3 Trilhaartjes. Trilhaartjes die voorkomen op de cellen van het slijmvlies van de neus en de luchtpijp (de zweepstaart van een zaadcel komt in bouw veel overeen met deze van een trilhaartje, hun werking is eveneens dezelfde). Door de snelle heen en langzame weer bewegingen van de trilharen wordt een laagje slijm langzaam voortbewogen. In de neusholte en in de luchtwegen komen samen met de lucht stofdeeltjes en bacteriĂŤn terecht en blijven in het slijmlaagje steken. Ze worden dan met het slijmlaagje samen afgevoerd vanuit de luchtpijp naar de keel en vanuit de neusholte naar de neusgaten.

A. J. Janssen

Pluim & Pels 19


Uitnodiging voor de Algemene Ledenvergadering en voordracht te Keiem-Diksmuide Op zaterdag 15 mei 2010 is er de traditionele jaarlijkse ledenvergadering. Opnieuw voor de tweede keer in de bovenzaal (lift of trap) van de dorpszaal “De Kring” , Keiemdorpstraat, zn, te Keiem-Diksmuide. Wij nodigen alle clubleden en belangstellenden uit tot deelname aan deze belangrijke vergadering en de daarop volgende voordracht.

Het programma: Om 9 u 30 Ledenvergadering met o.a. de uitbetaling voor de clubkampioenen 2009 en overhandiging van de diploma’s van ons clubkampioenschap. Voor de andere liefhebbers die gelden mogen ontvangen is het noodzakelijk om er aanwezig te zijn. Anders vervalt eveneens zoals in het verleden deze clubgift. Het overhandigen van de diploma’s van onze Belgische kampioenen van de Belgische kampioenschappen te Ranst. Jaarverslag van de clubwerking 2009 Het nemen van de traditionele groepsfoto van de aanwezigen. Voorstelling nieuwe bestuursleden en tentoonstellingscomitéleden. Planning clubactiviteiten 2010 en hulp van de werkende leden op die activiteiten Uitleg over onze komende wedstrijdtentoonstelling te Roeselare op eind januari 2011 Antwoorden schriftelijke vraagstelling leden. Het is ook de gelegenheid om Uw mening en goede raad en hulp naar voor te brengen ten bate van de clubwerking. Het is de dag van de bruikbare ideeën en goede voornemens om de vereniging draaiende te houden of te optimaliseren. Een specifiek dierendiscussiepunt waar ieder zijn/haar eigen idee naar voren kan brengen of toetsen kan aan de orde komen. Het is er de plaats en moment voor. Men kan er ook broedeieren te koop aanbieden en of ruilen.

Om 10u 30 voordracht: “Het A-B-C- van de sierduivensport” door keurmeester Jules Lauwers. Duivenexpert, keurmeester, begenadigd spreker en verteller en voorzitter van de Standaardcommissie voor duiven Jules Lauwers uit Mechelen komt ons over het wel en wee van deze liefhebberij onderhouden en bijsturen. Het is de absolute “numero uno” van onze sierduivenarmada. Het inrichten van het duivenhok, de raskeuze, verzorging, klaarmaken voor de tentoonstelling, noodzakelijke entingen, samenstellen kweekkoppels, opfok jonge dieren, het spenen enz. passeren de revue. En natuurlijk kan men veel vragen stellen, het is het moment voor duivenoverleg. Jules zet zich al jarenlang in met hart en ziel om de hobby te promoten. Deze activiteit staat open voor iedereen. Toegang, koffie en tombola gratis. Er zal ruim tijd voorzien worden om de spreker vragen te stellen. Toegang gratis, iedereen welkom. Tijdens de voordracht is er gratis koffie en na de voordracht gratis boterkoeken en een gratis tombola. Dergelijke bijeenkomsten van kwekers uit alle diergroepen zijn belangrijk, want we kunnen allemaal iets opsteken van elkaar. Het zijn allemaal dierenfanaten samen en het is de gelegenheid om persoonlijk kennis te maken met de bestuursleden en andere clubleden. Deze clubdag bieden we gratis aan, ondanks de financiële last voor onze clubkas. Aan kennis verwerven en behouden hangt nu éénmaal een prijskaartje. We verwachten dan ook vele, liefst allemaal onze clubleden op de vergadering en voordracht. Lid of geen lid, iedereen is meer dan welkom. De ledenvergadering en voordracht en tombola wordt gratis aangeboden door het clubbestuur.

Pluim & Pels 20


Kroniek 2 van 2010