Page 1

ANGELS’

SHARE WESTERGASFABRIEK AMSTERDAM

HERBERT NOUWENS

21/6-31/8 2014


2

Colofon

UITGAVE stichting Kunstruimte Duurswold Waardevolle en onmisbare bijdrage van Bob Polak (Magazine) Egbert Hanning (realisatie Angels’ Share) FOTOGRAFIE Lia Tamminga, (meeste foto’s tentoonstelling WGF) Herbert Nouwens, Mirjam Meerholz, Peter Mookhoek, Angeline van der Pol PUBLICITEIT Titus Nouwens, Juliska Kok ENGELSE VERTALING Anya Oyewole, Londen VORMGEVING (Print en web) Michael Kolf, bno - PICADIA DRUK drukwerkdeal.nl CONTACT www.kunstruimteduurswold.nl www.herbertnouwens.nl Facebook Herbert Nouwens MET DANK AAN Medewerkers stadsdeel West Medewerkers Westergasfabriek BV Vereniging Promotie Westgasfabriek Subsidiënten en sponsors

Financiële bijdragen van:

Vereniging Promotie Westergasfabriek


3 Terug van weggeweest De titel die ik tijdens mijn studie kunstgeschiedenis gaf aan een groot fictief project over een mogelijke tentoonstelling van de werken die Peter de Grote in ons land gekocht had en die ik vanuit de Hermitage in St Petersburg in de Nieuwe Kerk in Amsterdam wilde tentoonstellen. Toen Herbert mij vroeg iets over zijn tentoonstelling in het Westerpark en in de Westergasfabriek te willen schrijven wist ik dat dit de titel zou worden voor mijn bijdrage. Het frappante is dat Herbert hier op het Westergasterrein een atelier/smederij had waar hij zijn vaak heel grote, zware en indrukwekkende werken creëerde. Op de plek waar sinds eind 19de eeuw het gas geproduceerd werd voor West Amsterdam en waar nog steeds een bulk aan gasleidingen onderdoor loopt, die nu het gas vanuit Slochteren naar Amsterdam transporteren. Laat Herbert nu zijn atelier, na zijn vertrek uit Amsterdam in Slochteren hebben, aan het andere einde van de leidingen! Herbert Nouwens is een man die monumentaal werkt met respect en liefde voor de omgeving. In 2001 heb ik in Le Havre een monumentale beeldententoonstelling in de openbare ruimte georganiseerd met Nederlandse en Franse kunstenaars. Herbert was daar een van en zijn werk kwam prachtig uit in het weidse Le Havre met het vele groen. Daarna in Bordeaux in 2002. Ook daar was zijn werk heel succesvol en heel sterk. Er spreekt een bijzondere kracht uit. En nu bij ons op de Westergasfabriek en in het Westerpark: Op meerdere manieren ‘terug van weggeweest’ !! De expositie slingerend door het Park en door de samenwerking met onze huurders ook in de gebouwen, voegt iets toe aan de genius locus, de geest van de plek. Herbert is onderdeel van die geest en gezien de historie, ook deel van de plek. Deze expositie laat zien wat de meerwaarde is van een samenhangende programmering van Park en gebouwen, dit versterkt het gezicht naar buiten van zowel Park als gebouwen. Heel veel succes met de tentoonstelling, ik hoop dat er heel veel bezoekers zullen komen om te genieten van het samenspel tussen natuur en cultuur! Drs Maya Meijer Bergmans


4

Arcen | 1900 - 2000

Installatie van hout en ijzer, Arcen 1983


Inleiding

Herbert Nouwens aan het werk op Westergasfabriek in de jaren negentig.

Beelden in Staal

Steel Sculpture

Vanaf 1982 heeft Herbert Nouwens (1954) praktisch uitsluitend in staal gewerkt, nadat hij een klassieke opleiding in Maastricht aan de Stadsacademie en de Jan van Eyckacademie had afgerond. Zijn voorkeur voor staal heeft te maken met de grote plastische en constructieve mogelijkheden van dat materiaal. Hij kan ermee uitdrukken wat hem het meeste boeit. Extreme contrasten, schijnbare gewichtsloosheid en grote volumes, die soms toch heel transparant kunnen zijn. Staal past bij zijn associatieve manier van werken. Hij vertaalt zijn indrukken in vormen volgens de basisprincipes van de beeldhouwkunst. Binnen die klassieke traditie heeft een geheel eigen vormtaal ontwikkeld.

Since 1982, after completing his classical training at the Stads Academie and the Jan van Eyk Academie in Maastricht, the Netherlands, Herbert Nouwens (1954) has worked almost exclusively in steel. His preference for steel is related to the great spatial and constructive possibilities of that material. Nouwens can use it to express what preoccupies him most: extreme contrasts, apparent weightlessness and large volumes that sometimes can still be quite open. Steel suits Nouwens’. associative way of working. He translates his impressions in shapes according to the basic principles of sculpture. Within this classical tradition, Nouwens has developed his own language. For the exhibition Angels’ Share, Nouwens made several new pieces for specific locations in the park. Being made out of stainless steel is a surprise for those familiar with his work. Nouwens chose this material as the numerous shades of greys, browns and greens of the park seem to ask for a sparkling counterpoint.

Voor de tentoonstelling Angels’ share maakte Nouwens een aantal nieuwe werken, speciaal voor bepaalde plekken in het park. Dat ze van roestvrij staal zijn, is verrassend voor wie zijn werk kent. Hij heeft dit materiaal gekozen vanwege de vele grijze, bruine en groenige tinten van het park die om een sprankelend contrapunt lijken te vragen.

See pages 58 and 59 for translations of the main texts.

5


6

Verzetsmonument in ontwikkeling, 1981


1980 - 1986 | Arcen

Isolement in luxe Nouwens was na zijn academietijd in Maastricht zes jaar lang ‘kasteelheer’ in Arcen, Limburg. Het kasteel was deels kapotgeschoten in de oorlog. Op die historisch beladen plek maakte hij zijn eerste opdracht: het verzetsmonument voor Oegstgeest, zijn geboortedorp. ‘Ik had in Kasteel Arcen het gevoel dat ik in de negentiende eeuw leefde. Hoge kamers, vol oude meubels. IJzig koud in de winter, maar ik had de ruimte. Het was een luxueus isolement, uitstekend om te werken, maar zeker niet om een sociaal netwerk op te bouwen. De eerste twee jaar was ik uitsluitend bezig met het verzetsmonument. Niets anders was relevant. Het atelier waarin ik werkte was het voormalige koetshuis van het kasteel. Daar was tijdens gevechten aan het eind van de oorlog een granaat ontploft. De vloer en de muren van het atelier zaten vol scherven. Ik heb mezelf daar zo verdiept in de oorlog, alsof ik zelf ondergedoken zat. Toen het monument eindelijk klaar was en ik er rustig naar zat te kijken, vloog er ineens een vogel door een dakraam naar binnen, landde op het beeld, scheet erop en vloog weer weg.

Na deze episode ben ik collages gaan maken met diverse materialen en al snel beperkte ik me tot staal. Met staal had ik - in tegenstelling tot brons - het hele productieproces in eigen hand. Ik kon ook correcties aanbrengen. Het materiaal ligt me ook om een andere reden na aan het hart: ik kom uit familie van smeden.

7


8

Installatie in de ‘nieuwe’ vleugel van het Stedelijk Museum Amsterdam, 1988


1986 - 1992 | Loods 6

Tussen schilders en beeldhouwers In 1986 verhuisde Nouwens naar een etage in de Jordaan in Amsterdam en huurde een atelier in Loods 6 op het KNSM-eiland. In deze periode maakte hij een aantal tentoonstellingen, onder andere een installatie in de toenmalige ‘nieuwe’ vleugel van het Stedelijk Museum en voerde hij twee grote opdrachten van de Rijksgebouwendienst uit: Fuga in Amersfoort en Gesloten Huis in Zoetermeer. ‘In Loods 6 op het KNSM-eiland werkte ik vrijwel uitsluitend tussen schilders en die waren in de weer als monniken met manuscripten. Een vrijwel volledig immateriële wereld in doodse stilte, terwijl ik intussen met materialen aan het slepen was. Ik maakte herrie, timmerde, produceerde stof. Daarna kwam het staal met haakse slijpers. Ik voelde me er niet op mijn gemak want ik was een stoorzender. Toen ik na een jaar werd uitgenodigd om een tijdje in Loods 22 op de kop van het eiland te werken, ontdekte ik een andere wereld, waar ik me veel meer thuis voelde. Het was een enorme loods van 200 x 50 meter, waar een stuk of acht beeldhouwers de ruimte in gebruik hadden genomen. We waren direct nieuwsgierig naar elkaar, net als een stel jonge honden de ruimte aftastend. Geen enkele beeldhouwer had de behoefte zijn plek af te schermen. Ik heb dat later in diverse workshops en symposia vaker zo meegemaakt. Zo anders dan de wereld van de schilders. Die hebben hun eigen denkbeeldige ruimte. Beeldhouwers zoeken juist contact met de werkelijkheid, met hun omgeving, ze zijn er nieuwsgierig naar en willen er een relatie mee opbouwen.’

9


10

Loods 6 | 1986 - 1992

GEVELBEELD In 1992 kreeg Nouwens een opdracht om een open ruimte in de gevel tussen oudbouw en nieuwbouw in te vullen met een zo transparant mogelijk beeld. Het beeld was gemaakt op de ADM in de Westhaven en was zo groot dat het niet gewoon over de weg getransporteerd kon worden. Het is op een dekschuit via het IJ naar de Amstel gevaren en daar met dieplader en een kraan over de Wibautstraat in de Lepelkruisstraat terecht gekomen  


1900 - 2000 | Arcen

11


12

Terrein Westergasfabriek, jaren negentig.


1992 - 1998 | Westergasfabriek

Brug naar het echte leven Vanwege een opdracht moest Nouwens uitwijken naar een grote werkplek. Het werd de Westergasfabriek, waar hij aanvankelijk in de Zuiveringshal, vervolgens buiten op het Centrale Plein en uiteindelijk op het terrein achter de Gashouder – de plek die nu Beeldenveld heet - een aantal opdrachten en autonome werken heeft gerealiseerd. ‘Op de Westergasfabriek werd ik opnieuw geconfronteerd met de negentiende eeuw, alleen niet met een lusthof zoals op Kasteel Arcen, maar met een vroeg-industriële energiemachine, een plek waar honderdduizenden mensen werden voorzien in hun basisbehoeften van warmte en licht. In die industriële omgeving voelde ik me meteen thuis. Daar, op de Westergasfabriek en toen, in de jaren negentig, heb ik waarschijnlijk het meest geleerd. Het was een verademing om uit het isolement te komen van het doodgeknuffelde kunstmilieu dat losstaat van de maatschappij. De Westergasfabriek was voor mij de brug naar het echte leven.’

13


Installatie Fuga in Amersfoort.


1992 - 1998 | Westergasfabriek

FUGA In 1992 begon Nouwens op de Westergasfabriek aan de constructie van het beeld Fuga voor het belastinggebouw in Amersfoort. Hij kocht enorme brokstukken op de reparatiewerven van Shipdock in Amsterdam, ScheldeVerolme in Vlissingen en Wilton Feijenoord. Toen het beeld klaar was, is het in vijf stukken gesneden en getransporteerd naar Amersfoort. Daar werd Fuga geassembleerd en ge誰nstalleerd.

15


16

Westergasfabriek | 1986 - 1992

Fuga,1994


1900 - 2000 | Arcen

17


18

Westergasfabriek | 1992 - 1998

GESLOTEN HUIS In 1994 kreeg Nouwens opnieuw een opdracht van de Rijksgebouwendienst. In 1995 begon Nouwens aan de uitvoering van het beeld Gesloten Huis, bestemd voor de gevangenis in Zoetermeer.


19


20

Westergasfabriek | 1992 - 1998

Werk in ontwikkeling, 1996

Van het ‘scheepsmateriaal’ dat Herbert Nouwens had overgehouden na het maken van Fuga en Gesloten Huis maakte hij verschillende andere beelden. ‘Het soms vuistdikke staal, waaruit het werk van de beeldhouwer Herbert Nouwens is samengesteld, heeft vele jaren letterlijk de wereldzeeën bevaren. Scheepswanden onvoorspelbaar geplooid ten gevolge van aanvaringen - stranden op de hectare grote en door een torenhoge hijskraan gedomineerde vlakte van zijn Amsterdamse openluchtatelier op het terrein van de Westergasfabriek. Tezamen met tonnen zware rechthoekige volumes staal en - schijnbaar per ongeluk - achtergelaten restmateriaal, vormen zij de componenten waarmee hij zijn beelden de ruimte in last. Het materiaal van Nouwens heeft al een compleet leven achter de rug als hij overweegt ’t via een constructie te reanimeren. Bij die herbouw veranderen scheepswrakken in autonome beelden, die de vitaliteit oproepen, nodig om ze weer tot ver achter de horizon te laten reizen, en ook de beschouwer zelf tot reiziger te maken.’ Dasarts, 1996

Willem Snitker. Uit: Preludes (1998).


21

Offshore 1994

Vier constructies voor een plek, 1994


22

Westergasfabriek | 1992 - 1998

In 1996 deed Herbert Nouwens een zomer lang mee aan een Internationaal Staalsymposium in Portugal. Het resultaat, Amadora staat op een heuvel, uitkijkend over Lissabon.


24


1998 - 2004 | Houthavens

Intermezzo aan het IJ Toen het terrein van de Westergasfabriek gesaneerd moest worden, bood het stadsdeel Nouwens een tijdelijke plek aan de voormalige Houthavens. Een prachtige ruime vlakte van zo’n 4.000 vierkante meter aan het IJ, met alleen een zeecontainer als binnenruimte. ‘De Houthavens boden bijzondere mogelijkheden, al wist ik van meet af aan dat het slechts een intermezzo was. Ik was inmiddels gewend om buiten te werken. Dat had ik immers al jaren gedaan op de Westergasfabriek. Een zeecontainer bood enige beschutting. Op deze open vlakte zijn vooral buitenbeelden ontstaan. Vaak torenachtige constructies, zoals in de twee opdrachten die ik in deze periode heb gerealiseerd, namelijk de Poort van Bergen en het Corusmonument in Wijk aan Zee. Dat heeft alles te maken met mijn fascinatie voor middeleeuwse torens in Italië. Deze twee opdrachten heb ik overigens uitgevoerd op een andere locatie. De Poort van Bergen op de voormalige ADMwerf in de Westhaven, en een jaar later een vergelijkbaar project voor beeldenpark Een zee van Staal in Wijk aan Zee, in de centrale werkplaats van Corus‘

Houthavens in de sneeuw

Zoon Titus veegt de Houthavens schoon voor zijn vader.

25


26

Westergasfabriek | 1986 - 1992

Atrium, 1997


Installatie Atrium


28

Houthavens | 1998 - 2004


29 CORUS Het beeld Corus is gemaakt met hulp van een aantal Coruswerknemers. Het beeld, dat bestaat uit 5 torens, is ook vernoemd naar deze mannen. Liefst had Herbert Nouwens hier gewerkt met massieve gesmede blokken. Maar gezien de schaal waarop hij werkt was dat niet te realiseren. Een goede tweede keus was plaat; uitloopstukken van de walsstraat, krom en ongelijk van dikte. De beschikbaarheid bepaalde de maat van de hoogste en de laagste toren: ongeveer acht en vier meter.

Links: Voorstudie voor Corus ‘Corus: Arie, Piet, Loes, Henk en Ludwig’ op zijn plek in Wijk aan Zee.


30

Houthavens | 1998 - 2004

POORT VAN BERGEN In 2002 maakte Herbert Nouwens een beeld voor een rotonde bij de ingang van het ‘’kunstenaarsdorp’’ Bergen NH. Eenmaal op zijn plek zorgde De Poort van Bergen aanvankelijk voor veel beroering, zowel bij dorpelingen als bij sommige kunstenaars. Inmiddels hoort De Poort van Bergen samen met onder andere de Ruïnekerk tot de iconen van het dorp. Rechterpagina: voorstudies Poort van Bergen Rechts: constructie Poort van Bergen Onder: Poort van Bergen op de rotonde


32

Houthavens | 1998 - 2004

Nouwens heeft in begin jaren negentig een grote partij massieve blokken en knuppels gekocht bij de Hoogovens. De knuppels heeft hij ter plekke laten vervormen. Van deze materialen heeft hij vervolgens in de jaren erna verschillende beelden gemaakt, waarvan er twee ook op de tentoonstelling Angels’ share te zien zijn.

Van links naar rechts: Op massieve blokken kun je trouwens ook uitstekend paardje rijden! Dochter Elisabeth op 5-jarige leeftijd Symfonie in Le Havre

Spiegel, opdracht Zaltbommel, 1998 Blokken 2000 / Vuur 2008


33


34

Constructie Angels’ share


2004 - heden | Slochteren

Een eigen plek Na het intermezzo in de Houthavens zocht Nouwens een eigen plek. Die vond hij in een verlaten zuivelfabriek in Slochteren. Daar is een groot aantal werken ontstaan die op het Westergasfabriekterrein worden tentoongesteld. ‘Ik wilde me al langer vestigen op een plek waar ik wonen en werken kon combineren en vooral: waar ik kon blijven. In de Randstad was zo’n plek niet te vinden. Terug naar de provincie dus, dit keer naar het noorden. Een fabriek met 1.500 vierkante meter bebouwing en buitenruimte. Ik voel me daar als een boer op zijn land. Ik geniet ervan om hier te werken, alleen ben ik weer, net als in Arcen, terecht gekomen in een vrijwel hermetisch cultureel isolement. Het is leven en laten leven, maar er is weinig mogelijkheid om actief deel uit te maken van de maatschappij. Voor de dialoog kom ik toch weer graag naar de stad.’

35


36

Slochteren | 2004 - heden

PARKPROJECTEN Nadat hij zich in Groningen had gevestigd, kreeg Nouwens een aantal keren de mogelijkheid om een heel park in te richten met zijn werk, zoals in het Rosarium in Winschoten: De Suites in 2007, Quartetto in 2008 en Trilogie in 2009. De meeste

werken voor deze drie tentoonstellingen zijn speciaal voor dat park gemaakt. Daarna gingen delen van deze serie beelden naar Papenburg en M端nster in Duitsland en vervolgens naar Boxmeer en Bergen NH en nu naar Amsterdam.


Uit de serie Quartetto: Aarde, 2008


39

Uit de serie Quartetto: Lucht 2008


40

Slochteren | 2004 - heden

Rechts: Suite 3, Ode aan Frans de Wit 2007 Onder: Search 1998 en Suite 3 op achtergrond.


42

Slochteren | 2004 - heden

Siddeburen, 2009


Siddeburen, 2009


44

Slochteren | 2004 - heden

DE PROP Tientallen jaren lang ontwierp Herbert Nouwens beelden van roestig staal. Er lijkt sinds 2013 sprake van een kentering. In dat jaar maakte hij in opdracht van de (historische) vereniging Zaans Erfgoed het beeld De Prop, een monument voor de verdwenen Van Gelder Papierfabriek in Wormer. Hij plaatste een prop papier, gemaakt van roestvrij staal (rvs), bovenop zes gietijzeren kolommen die afkomstig waren uit de oude fabriek. Na deze ervaring verkent Nouwens inmiddels de verdere mogelijkheden van rvs voor zijn werk, zoals in het beeld Angels’ Share en Exit Westergasfabriek.


46

Slochteren | 2004 - heden

Dasarts 1996 weer terug in een waterpartij in het park van de Westergasfabriek.


Exit Westergasfabriek, 2014


Aleppo II, 2013


50

Slochteren | 2004 - heden

Requiem, 2009

Omhoog, 2014


51

Dukdalf, 2013 op de voorgrond, Westerpark 1998 op de achtergrond.


52

Slochteren | 2004 - heden


53

Blokken/Vuur (2000/2008) op de vorogrond, Angels’ Share (2014) op de achtergrond


54

Slochteren | 2004 - heden

Drijfsijsjes, 2014.


56

Slochteren | 2004 - heden

THE ANGEL’S SHARE

Wie op het erf van Herbert Nouwens komt ziet ze overal: torens. Massief, sommige meer open – sommige nauwelijks zichtbaar zo verfijnd, vooral omlijning. Donkerbruine, rode, torens. Met blokken, kronkels, onverwachte hoeken, maar allemaal van roestig ijzer. Het werd zó vol dat hij er zelf even genoeg van kreeg. Misschien was het te lang te bewolkt geweest, maar

opeens zag het er grauw uit, een schroothoop onder een donkere lucht. De oplossing diende zich aan in verwant materiaal: roestvrij staal – en licht. De massa bleek ijlheid en vluchtigheid te kunnen herbergen, vandaar de titel ‘The Angel’s Share’ – en term voor de whisky die verdampt bij het destilleringsproces. Maar nog steeds torens. Geen toren van Babel – want van hoogmoed geen spoor. Geen ivoren toren, ze zijn ook weer niet hoog genoeg voor een Freudiaanse interpretatie in een strijd in Dubai om wie de hoogste toren van glimmend glas heeft gebouwd.


Toch hebben deze torens een bodem en dat zijn twee slanke torens van Bologna,waar de op-een-na-beroemdste scheve torens ter wereld staan. De een is wat korter dan zijn ranke buurman, maar het is een mooi koppel van naar elkaar neigende buren. Ooit waren ze, samen met zeventig andere van dergelijke torens, bedoeld als verdedigingsbolwerk of als gevangenis. De tijden zijn veranderd, en wie naar ‘The Angel’s Share’ kijkt zal zeggen: gelukkig. Deze torens hoeven niemand op afstand te houden, ze bestaan in confrontatie met

elkaar, de omgeving, maar ook: de toeschouwer. Kijken naar deze torens is een avontuur: beweging is gevangen in een strak raamwerk van een steigerachtige constructie. En er is licht, veel licht, lucht en weerkaatsing, en een soort nauwelijks te vatten warmte die van het staal afslaat. Whiskydamp, zonder twijfel. (Toef Jaeger en Bertram Mourits)


58

Vertaling | Translation

‘In Loods 6 on KNSM-Island I was working exclusively among painters and they were busy like monks with manuscripts; a completely non-materialistic world operating in complete silence, while I was busy dragging materials, making noise and dust. I didn’t feel at ease as I was a continuous disturbance in that silent environment. When after one year I was invited to spend some time in Loods 22 at the top of Island I discovered another world in which I felt much more at home. This was an enormous hangar of 200x50 meters, which was occupied by about eight sculptors for their work. We were interested in each other, just like a pack of dogs who were trying out their

Isolation in luxury (page 7)

new home. Not a single sculptor felt he needed to enclose

After completing studies in Maastricht Nouwens became

his own space. I experienced the same openness and mutual

‘lord of the Castle’ in Arcen, Limburg. This castle had been

interest during the various workshops and symposia that I

partly destroyed during the war. It was at this historically

participated in later on. This is completely different from the

renowned place that Nouwens created his first commission:

world of painters who need their own personal creative space.

A ‘Resistance Monument’ for Oegstgeest, his birth place.

In contrast sculptors are seeking interaction with reality;

‘When at Castle Arcen I felt like I was living in the 19th century.

they are inquisitive and want to build relationships with their

The castle consisted of rooms with high ceilings and full of

environment.’

old furniture. It was extremely cold in winter, but I had a lot of space. I was living in a luxurious isolation, excellent to work in, but not conducive to building a social network. For the first two years in Arcen I was exclusively working on the Resistance Monument; nothing else was important. My studio was in the former coach house of the Castle. During a battle at the end of the war a grenade had exploded in the coach house. The floor and the walls were full of shrapnel. I submerged myself in the war; it was as if I was in hiding. When I finally finished the monument and was calmly looking at it, suddenly a bird flew in through a roof window, landed on the monument, pooped on it and flew away.’

The bridge to reality (page 13) As a result of a commission Nouwens needed to find a place large enough to enable him to make the sculpture. He found this place at the Westergasfabriek, where he first located in the Zuiveringshal, later on he moved outside to Central Square and finally to the ground behind the Gas holder: the place that is now known as ‘BEELDENVELD’. It is here that Nouwens completed several commissions and also created a number of autonomous sculptures. ‘At the Westergasfabriek I was again confronted with the 19th Century, not the fancy life style like in Castle Arcen, but with the energy of the early industrial revolution, in a place which provided hundreds of thousands of people with warmth and

Between painters and sculptors (page 9)

light. I immediately felt at home in this industrial environ-

In 1986 Nouwens relocated to an apartment in the Jordaan

ment.

in Amsterdam and rented a studio in Loods 6 on KNSM- Is-

It was at the Westergasfabriek and during the nineties that I

land. During this period he participated in a number of

probably learned most of my craft. It was a relief to escape

exhibitions, including an installation in the then ‘new wing’

the deadly embrace of an artistic milieu that does not con-

of the ‘Stedelijk Museum Amsterdam’, and he completed two

nect with the real world. My stay at the Westergasfabriek was

large commissions.

my bridge to reality.’


59 (page 20)

It was a beautiful spacious area of about 4,000 square

The sculptures of HERBERT NOUWENS are created out of steel

meters alongside the river IJ, but with only a container for

that has seen and travelled the world’s oceans. This steel so-

use as indoor space.

metimes as thick as a man’s fist became randomly buckled

‘The Houthavens offered special opportunities, though I

and crumpled in collisions of ships at sea. These enormous

knew from the outset that it was only an interlude. By now I

iron pieces from wrecked ship hulls have ended up in Nou-

was used to working outside. I had done this for years at the

wens’ large, crane dominated open air studio in Amsterdam.

Westergasfabriek. A shipping container provided some shel-

These pieces together with tons of heavy rectangled volumes

ter. This open area was especially suited for creating large

of steel, off cuts of industrial steel, are the materials used by

outdoor images, often tower-like structures,such as the two

Nouwens to weld his sculptures. These materials, after having

of the commissions I completed during this period, ‘De Poort

completed at least one of life’s journeys, are reborn through

van Bergen’ and the ‘Corus Monument’ in Wijk aan Zee’. My

Nouwens creations. During the construction of a sculpture,

fascination with medieval towers in Italy had a major impact

these harvested metal ships scraps assume an autonomous

on the creation of these two projects. However, these two

form. The rugged and sturdy metal evokes a vitality and po-

commissions were actually executed at other locations: The

wer that allows and encourages the viewer ‘to travel beyond

Poort van Bergen was constructed at the former ADM shipy-

perception’. Nouwens’ sculptures are not explicitly figurative

ard in Westhaven. A year later a similar project for sculpture

and they are certainly open to several interpretations. They

park ‘A Sea of Steel’ in Wijk aan Zee was constructed at the

are however, firmly rooted in tradition. Classical themes come

central workshop of Corus with the help of a number of Corus

to mind, such as the gestures made by the human form and

employees.’

the architectural structures. Nouwens is the link in an anchor¬chain, connecting the past with the future. His sculptures are a fusion of this recognition of the unknown historical past of the material and their rebirth into wonderous emerging shapes of new creations. In Nouwens’ hands this tough, seemingly inflexibie material is welded into emotive, almost lifelike sculptures. His sculptures are created in the open air. This means that the ‘skin’ of his sculptures are exposed to all weathers, resulting in the weathered looked patina that gives the impression that these works were created centuries ago and have just been discovered. When placed in an enclosed space, Nouwens’ sculptures create a physical tension between wanting to be protected and longing to be free. lt depends on the receptiveness of the temporal owner’s mind

My own place (page 35)

wether Nouwens’ sculptures are endowed with a freedom

After the interlude in the Houthavens Nouwens was looking

to sail away on ‘flights of fancy’. Thus his works can fire the

for a place of his own. He found this in an abandoned dairy

imagination and become vehicles for long exciting journeys.

in Slochteren (Groningen). It was an extraordinary coinci-

The current exhibited series of sculptures clearly represent a

dence that he landed on top of the gas bubble which had

new beginning. ldeas captured for now and at the same time

ensured that in the nineteen sixties the Westergasfabriek in

unbelievably vital sketches of what is to come ... and surely

Amsterdam became obsolete as a gas production facility. In

will come.

Slochteren Nouwens created numerous sculptures that will be exhibited in the grounds of the Westergasfabriek. ‘I had always intended to settle down in a permanent place of my own, where I could combine living and working. I was unable to find such a place near Amsterdam. So it was back to the countryside, this time it was to the north of the Netherlands. I found an abandoned dairy factory with 1,500 square meters of buildings and extensive outdoor space at Slochteren in Groningen. Here I feel like a farmer on his land. I enjoy working here; only I have again, as in Arcen, ended up

Intermezzo at the IJ (page 25)

in an almost hermetic cultural isolation. There is very limited

When the Westergasfabriek had to be cleaned up, the district

opportunity to engage actively with society. However for inter-

council offered Nouwens a temporary place in the Houthavens.

action and communication I go to Amsterdam fairly regularly.’


ISBN/EAN:

978-90-814315-0-7

Profile for PICADIA

Herbertnouwens magazine  

Herbertnouwens magazine  

Profile for picadia
Advertisement