Page 10

‘Krachtig, doch tevens mollig en lieflijk intonneeren’

Orgelmaker C.F.A. Naber (1796-1861), leven en werk Cees van der Poel

Orgelmaker Naber bouwde een groot aantal instrumenten waarvan er vele in Gelderse kerken staan. Cees van der Poel, die betrokken was bij de ­restauratie van het Naber-orgel in de Maartenskerk in Etten, schetst een overzicht van

Venster, november 2012 — 10

Nabers leven en geeft enkele karakteristieken van zijn werk.

Carl Friedrich August Naber kwam op 1 september 1796 ter wereld in het Westfaalse stadje Tecklenburg in het Teutoburgerwoud, zo’n zestig kilometer over de grens ter hoogte van Enschede. Na de dood van zijn vader Friedrich kreeg Nabers moeder Wilhelmina Catharina Dreyer (ca. 1774–1844) kennis aan Georg Heinrich Quellhorst (gebo­ ren in 1770), een orgelmaker die zich even na 1804 in het Tecklenburgerland ophield. Ze trad met hem in het huwelijk en Quellhorst werd Nabers stiefvader. Quellhorst had een orgelmakersbedrijfje met zijn gezel Heinrich Gottfried Muegge. Na de dood van Muegge in 1809 verwierf Quellhorst steeds meer werk over de grens in Nederland. In 1811 vestigde de familie zich in Neuenhaus en een jaar later in Oldenzaal. Aanleiding voor de laatste verhuizing was de opdracht voor de bouw van een fors orgel in de Plechelmusbasiliek aldaar. Quellhorst bleef tot zijn dood in 1838 in Oldenzaal wonen. Uit haar huwelijk met Quellhorst kreeg de moeder van Naber nog drie kinderen, twee doch­ ters en in 1812 een zoon Georg Heinrich Wilhelm. Naber kreeg uit zijn huwelijk met Jannetje Davins Willig vier kinderen. Na haar overlijden in 1837, op amper vieren­ Afbeelding omslag: In de lutherse kerk in Doesburg is de naam van de maker nog te lezen: ‘C.F.A. Naber fecit Deventer’ (foto: Piet Bron, 2011).

dertigjarige leeftijd, trouwde Naber met Johanna Jacoba Elisabeth de Bosson (geboren in 1810). Zij kregen nog zeven kinderen. Naber overleed in Deventer op 23 augustus 1861.

Samenwerking met Quellhorst In 1820 tekende Quellhorst een contract voor de bouw van een orgel in de St.-Nicolaaskerk in Elburg. Dit project ging echter niet meteen van start. In correspondentie uit 1822 met betrekking tot de nieuwbouw verscheen de naam van Carl Naber. Hij had zich in het spoor van zijn stiefvader kennelijk op de orgelbouw toegelegd. In Elburg trad Naber waarschijnlijk op als meesterknecht van zijn stiefvader en in latere jaren als diens compagnon. Naber woonde een tijdje in het Zuiderzeestadje waar in 1824 zijn oudste zoon Frederik Samuel werd geboren. Naar alle waarschijnlijkheid vestigde hij zich in 1825, na het gereedkomen van het orgel in Elburg, als orgelmaker in Deventer. Behalve bij de bouw van het orgel in Elburg werkte Naber samen met Quellhorst aan een instrument voor de Hervormde Kerk van Wijhe, opgeleverd in 1821. Ook bij de totstandkoming van het orgel in de Bethlemkerk in Zwolle (1826) werkten Quellhorst en Naber samen.

Venster2012_4  

Kwartaalblad van Stichting Oude Gelderse Kerken oudegeldersekerken.nl

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you