Page 1

STAD IN TRANSITIE LENTE 2014

COÖPERATIEVE GEBIEDSONTWIKKELING LOCAL GOODS BENJAMIN BARBER FRED KENT GUNTER PAULI AMSTERDAMSE BUURTWET VERTROUWEN IN DE STAD: ZUIDOOST CITY EMBASSY BERLIN AMSTERDAM WATER REPUBLIC 2025 LOSSE VERKOOP € 3,95


WWW.DEZWIJGER.NL


VOORWOORD

AMSTERDAM CITY EMBASSY GAAT HET LAND EN EUROPA IN In het voorjaar van 2013 werd de eerste Amsterdamse Stadsambassade geopend in Rotterdam en in december jongstleden was in bijzijn van burgemeester Eberhard van der Laan de stad Berlijn aan de beurt om de Amsterdam City Embassy te huisvesten. Oorsprong achter het idee was twee jaar geleden de verwondering dat er met betrekking tot stedelijke vraagstukken zo weinig uitwisseling plaatsvond tussen Amsterdam en Rotterdam. Op dit moment worden in veel van de programma’s in Pakhuis de Zwijger met regelmaat Rotterdamse projecten gepresenteerd en vier keer per jaar is er zelfs een talkshow met alleen maar Rotterdamse gasten. De afgelopen maanden is het bouwen aan een netwerk van Nederlandse en buitenlandse steden in een stroomversnelling gekomen. Eén voor één dienden steden uit Nederland zich aan om te verbinden. De teller staat nu op vijftien steden en tijdens de seizoensafsluiting Joint Venture eind juni komen ambassadeurs uit alle partnersteden naar Amsterdam om het Dutch City Embassy Network te bekrachtigen. Een netwerk van stadmakers die in de verschillende steden actief zijn met wijkondernemingen, buurtwerkplaatsen, energiecoöperaties, zelfbouw, organische gebiedsontwikkeling, stadslandbouw en vele andere door ontwerpers en ondernemende burgers bottom-up opgezette initiatieven. Ook koplopers uit de ‘systeemwereld’, zoals ambtenaren, politici, beleidsmakers en professionals van bedrijven en maatschappelijke organisaties zijn verbonden. Centraal thema is uiteraard: steden in transitie! De reden om de titel van het netwerk in het Engels te zetten, is omdat we vanwege het aankomende EU-voorzitterschap van Nederland in 2016 gestart zijn met het verbinden van Europese hoofdsteden in een EU City Embassy Network. Ook hier gaat het om citizens-driven partners die een belang zien in het delen van praktijkervaringen en opgedane kennis. Na Berlijn openen binnenkort in Boekarest en Riga de tweede en derde Amsterdam City Embassy en is het de bedoeling dat we ons samen met onze partners NetDem, Agora Europa, ZUS, STIPO, Ruimtevolk, Sustainism Lab, The Beach, Trancity, Kennisland en vele anderen de komende twee jaar aan alle EU-hoofdsteden gaan verbinden. En omdat Europa ons niet groot genoeg is, zijn door onze ambassadeurs ook al Amsterdam City Embassies geopend in Delhi, San Francisco, Detroit en Buenos Aires. Connect and Exchange!

CITY EMBASSY

GRONINGEN

CITY EMBASSY

HEERLEN

CITY EMBASSY

ROTTERDAM

CITY EMBASSY

AMERSFOORT

AMSTERDAM

AMSTERDAM

AMSTERDAM

AMSTERDAM

CITY EMBASSY

CITY EMBASSY

CITY EMBASSY

CITY EMBASSY

EINDHOVEN

THE HAGUE

ENSCHEDE

MAASTRICHT

AMSTERDAM

AMSTERDAM

AMSTERDAM

AMSTERDAM

CITY EMBASSY

CITY EMBASSY

CITY EMBASSY

CITY EMBASSY

LEEUWARDEN

ARNHEM

MIDDELBURG

UTRECHT

AMSTERDAM

AMSTERDAM

AMSTERDAM

AMSTERDAM

CITY EMBASSY

CITY EMBASSY

EMMEN

CITY EMBASSY

ZAANSTAD

CITY EMBASSY

AMSTERDAM

AMSTERDAM

AMSTERDAM

AMSTERDAM

HEERLEN

ALMERE

CITY EMBASSY

CITY EMBASSY

ROME

AMSTERDAM

AMSTERDAM

BELGRADE

CITY EMBASSY

AMSTERDAM

BERLIN

Egbert Fransen Directeur Pakhuis de Zwijger

1


INHOUDSOPGAVE

5

30

38

STADSDELEN

MAAK DE BUURT(WET)!

TIJDELIJKHEID

Lokale initiatieven geven kleur aan de zeven stadsdelen

Een campagne van en voor Amsterdammers

Mobiation

14

Vuurtoreneiland

IN HOU DSO PGA VE

25

32

DE BURGEMEESTER ALS WERELDLEIDER

21

TIJDELIJKHEID Buurtwerkplaats Nooderhof

22

COLUMN Francesca Miazzo

24

TIJDELIJKHEID

VERTROUWEN IN DE STAD Zuidoost

29

COLUMN Ernestine Comvalius

2

Nieuw Amsterdam #3

LOKAAL ONDERNEMEN

39 INTERVIEW Fred Kent

42

IEDEREEN ZIJN EIGEN MOESTUIN Hoe eetbaar is Amsterdam?

46

TIJDELIJKHEID Basis

47

DE JONGE STEDELING zoekt ruimte

51

INTERVIEW

met wijkcoรถperaties

Gunter Pauli

37

54

SAMEN SCHOON Zelfbeheer van bewoners

DE GROENE JUNK Een ringpark vol vieze-lucht-vreters


INHOUDSOPGAVE

59

Lente 2014

86

103

CITY-ZEN

GELOVEN IN AMSTERDAM

CROWDFUNDING

Proeftuin Nieuw-West

Fotoreportage

Geld ophalen bij de massa

62 BUIKSLOTERHAM Van industriezone naar bruisend stuk stad

68

ZEEBURGEREILAND ruimte voor anders ontwikkelen

75 COLUMN Cas Bool

77

DE STAD ALS LEVEND LAB Amsterdam Metropolitan Solutions

80

WATER REPUBLIC 2025 Amsterdam waterstad

IN HOU DSO PGA VE 92

TRANSFORMATIE VAN OUDE GEBOUWEN 4 keer een nieuwe toekomst

85

107

MAYORS CHALLENGE 2014 De finale

108

CITY EMBASSY BERLIN Eine bottom-up Initiative

115 BOEKEN

119

WEBSITES

120

COLOFON EN VOLGENDE UITGAVE

99

COLUMN

LOCAL GOODS

Zef Hemel

Impuls voor de Amsterdamse economie

3


‘Alleen De Groene Amsterdammer houdt het nog bij geestelijk voedsel van superieure kwaliteit’ (Remco Campert in de Volkskrant)

Probeer De Groene 5 weken gratis. groene.nl/probeer5keer


STADSDELEN

Lokale initiatieven

WE STP OO RT NOOR D

WES T NIEU

W WE

C E NTR U M

ST

O O ST

Z U ID

LOKALE INITIATIEVEN GEVEN KLEUR AAN DE STADSDELEN

Z U ID O O S T

De gemeente Amsterdam is opgedeeld in verschillende stadsdelen. Sinds afgelopen verkiezingen zijn de stadsdeelraden opgeheven en vervangen door bestuurcommissies. Zij zijn de ogen en oren van de buurt en vervolgens de schakel naar het stadhuis.

Lysanne ter Brugge Pakhuis de Zwijger

De wereldwijde beeldvorming van Amsterdam wordt vaak bepaald door grote iconische projecten zoals het Rijksmuseum en EYE. De Amsterdammer ziet het anders. Dichtbij huis, in de wijken en de buurten van de stadsdelen zijn het de lokale initiatieven die voor de dynamiek zorgen en het buurtgevoel bepalen. Van de herleving van arcade games bij de TonTon Club in het centrum van Amsterdam tot het bijeneiland in West. Van een klusklooster in Zuidoost tot buurtproducten bij Waar&Huis in Nieuw-West. En van kunstenaarscollectief Cruquiusgilde in Oost tot Voedseltuin IJplein in Noord. Via de dagelijkse Stadberichten van Nieuw Amsterdam wordt iedereen die dat wenst op de hoogte gehouden van de pareltjes van de stad. Meld je aan via: nieuwamsterdam.nu/stadbericht

5


STADSDELEN

Amsterdam Noord

DE SOEPBOER Midden in de Van der Pekbuurt zit de Soepboer die de warme geur van soep door de buurt verspreidt. De Soepboer wil medevormgever zijn voor de buurt door zoveel mogelijk aan te sluiten bij bestaande initiatieven. Ideeën zijn er genoeg met een Vrijheidsmaal op 5 mei en een internationaal Soep Festival. Smullen geblazen!

desoepboer.nl

VOEDSELTUIN IJPLEIN

In de voedseltuin IJplein werken buurtbewoners samen aan het verbouwen van groente en fruit. Een deel van de oogst gaat naar de vrijwilligers en het andere deel naar de voedselbank. Een ontmoetingsplek die tegelijkertijd voorzienend is. Begin dit jaar zijn ze een permacultuur proeftuin gestart met hazelnootstruiken en verse bessen.

voedseltuin.ijplein.nl © Erik van Marissing

3D-PRINTED GRACHTENPAND

© DUS Architects

Hoezee, de eerste hoeksteen is geprint. De plek op het oude Shell-terrein is klaargemaakt om de bouwstenen te verzamelen voor het eerste grachtenpand in Noord. Vanaf begin maart is het open voor publiek. Dit grote experiment wordt stapsgewijs doorontwikkeld en de architecten staan open voor creatieve input van buitenaf. Kom langs en bekokstoof een ondersteunend idee!

3dprintcanalhouse.com

TOKO VAN MAMA LOUISE Einds eind februari is Mama Louise een huiskamerbuurtrestaurant op het Van der Pekplein gestart. Startende koks en cateraars uit de buurt wordt een plek geboden om aan de buurt hun specialiteiten te laten proeven. Als eerste deed de Empanada Bar zijn intrede die de bekende Argentijnse ovenbroodjes serveert.

mamalouise.nl/initiatieven/toko-2

6


STADSDELEN

Amsterdam Oost

IJBURGDROOMT-IJBURGDOET © Jeroen van Kemenade

IJburgDroomt-IJburgDoet is een platform van personen die actief zijn in IJburg. Het zijn bewoners, ondernemers en vertegenwoordigers van het stadsdeel en maatschappelijke organisaties die elk op eigen wijze een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van het stadsdeel. Tijdens de gezamenlijke bijeenkomsten delen zij dromen, ideeën en plannen.

fb.com/ijburgdroomt

FONDS VOOR OOST

TUGELA85 De kogel is door de kerk, Tugela85 mag blijven zitten in het oude schoolgebouw in de Amsterdamse Transvaalbuurt. Een plek waar kunstenaars en cultureel ondernemers samenkomen om alle lagen van de bevolking, culturen en religies bij dit project te betrekken. Denk aan buurttuinieren in de moestuin, kunsteducatie, conferenties en theatervoorstellingen.

tugela85.nl

Het gloednieuwe Fonds voor Oost stimuleert kleine en grote buurtinitiatieven. Bewoners kunnen terecht voor financiële ondersteuning en advies voor hun idee voor de buurt. De aanvragen worden beoordeeld op hun toegevoegde waarde en creativiteit. Leuke projecten die in aanmerking kunnen komen zijn de Flexbieb, het WK Koken en Klassiek rondom de Klas.

fondsvooroost.nl

CRUQUIUSGILDE WAREHOUSE In een gehuurde loods aan de Cruquiusweg zit het Cruquiusgilde Warehouse. Een plek voor verschillende ateliers en een gemeenschappelijke werkplaats met een machinepark voor huurders en buurtbewoners. Overdag wordt er hard gewerkt door het ‘creatieve tuig’ en ’s avonds zijn er theatervoorstellingen, feesten en filmvertoningen.

cruquiusgilde.nl

7


STADSDELEN

Amsterdam Zuidoost

© Martijn Blom

KWAKU SUMMER FESTIVAL

KLEIKLOOSTER Door de vrije indeling van de klushuizen in de Kleiburgflat ontstaat er plek voor gemeenschappelijke ruimtes. Perfect voor een klooster, dachten de initiatiefnemers van Kleiklooster. De huizen worden aan elkaar verbonden, waardoor een grote kamer ontstaat waar hulpbehoevende mensen worden opgevangen. Een woonkamer die iets betekent voor de buurt.

kleiklooster.nl © Achmed Peroti

Deze zomer pakt het Kwaku Summer Festival onder een nieuwe naam (voorheen Kwakoe) weer groots uit. Voor de kleine bijdrage van drie euro krijg je een uitbundig evenement met muziekoptredens, sport, debatten, lezingen en multiculturele hapjes. Jong en oud vanuit alle culturen swingen, eten, drinken en genieten vijf weekenden lang.

kwakufestival.nl

© Wim Salis

PODIUM ZO

Een buurtplek waar kleine kinderen rond sjezen bij hun fietsles, senioren de eerste mails schrijven tijdens computerles en de werkloze buurman de heerlijkste hapjes bereidt in de gemeenschappelijke keuken. De jungle op het dak maakt dat niet alleen buurtbewoners welkom zijn, maar ook de lokale vogels en insecten.

podiumzo.nl

ZOIIZO Ben je een talent in tennis, spreek je vloeiend Portugees of ben je een kei in koken? Op de buurtmarktplaats Zoiizo van het stadsdeel Zuidoost kun je jouw kwaliteiten aanbieden. Omgekeerd kun je ook een oproep zetten voor een dienst of product. Kleinschalig maar overzichtelijk en betrouwbaar.

zoiizo.nl

8


STADSDELEN

Amsterdam Zuid

WIJ KRIJGEN KIPPEN

© Mini-rondeel ‘t Eiland

Vanaf 13 maart is het getok en gekakel begonnen; tweehonderd nieuwe bewoners hebben hun intrek op de Zuidas genomen. Een duurzaam project met zonnepanelen op de mini-rondeel, vruchtbare kippenmest voor de (moes)tuin en verse eitjes voor de voedselproductie. Een plek waar de buurt, scholen en bedrijven elkaar ontmoeten.

wijkrijgenkippen.nl

STAGESTRAAT

© Henk Vrolijk

Verschillende ondernemers uit de Maasstraat en Hoofddorppleinbuurt hebben de koppen bij elkaar gestoken en bieden gezamenlijk arbeidsplekken aan jongeren en herintreders in de buurt. Het zijn flexibele en tijdelijke plekken waar kennis kan worden opgedaan en je je netwerk kan verbreden. Goed voor de stagiair, goed voor de lokale ondernemer en goed voor de buurt.

stagestraat.nl

GROEN GEMAAL

sarphatipark.wordpress.com/het-groengemaal

© Rachel Joy Baransie

Midden in het Sarphatipark staat het Groen Gemaal. Het wordt gebruikt door vrijwilligers als ecologisch plantenruilcentrum. Buurtbewoners kunnen planten, stekken en zaden uit hun tuin of geveltuin komen ruilen, weggeven of krijgen. Met alle plantenbakken en groeiende natuur aan de muren bepalen de buurtbewoners het aanzicht van de straten.

TRUST

Come as you are. Pay as you feel. Een vernieuwend concept waarin je zelf bepaalt hoeveel je betaalt voor een goede lunch. De kaart varieert van simpele broodjes kaas en stevige soepen tot exotisch bananenbrood. Een nieuw initiatief in de Albert Cuypstraat waar genieten, eten en kunst centraal staan.

fb.com/trustamsterdam

9


DE STAAT VAN DE STAD

22 SEPT 29 29 mei 20.00 uur

Trends en feiTen over amsTer dam

in samenwerking met


STADSDELEN

Amsterdam West

GOED IDEE LIEN! © Daan Verschuur

Op zoek naar een tweede huiskamer? De multifunctionele woonkamer van oprichtster Elien biedt flexplekken, huiskamerconcertjes en aanschuifdiners met heerlijke smulhappen waar goede gesprekken uit voortvloeien. Elien organiseert samen met bewoners een echte buurtsoap waar alle spannende intriges uit West langskomen. Stap vooral een keer naar binnen!

goedideelien.nl

© Henri Gosen

BIJENEILAND

BROODVERGISTER Wist je dat bij elke oude boterham die je weggooit pure energie verloren gaat? Doodzonde! Dat vonden de ontwerpers van Pink Pony Express ook en ze besloten een grote broodvergister in Amsterdam West te creëren waardoor er gas uit oud brood kan worden gewonnen. Sinds half maart heeft de broodvergister een vast plekje vergaard midden in de Kolenkitbuurt.

pinkponyexpress.nl

Erasmuspark krijgt er dit jaar een aantal bewoners bij. Sinds afgelopen winter is dit park een bijeneiland rijker waar de bijenkolonies achter een schutting worden gehuisvest. Dat is hoognodig want de bij wordt met uitsterven bedreigd. De imkers zullen verse honing oogsten, bijenplant adviezen geven en hun verhaal vertellen aan wie dat wil.

fb.com/bijeneiland

BUURMAN & BUURMAN De buurmannen Paul en Coen besloten dat het tijd werd voor een goede biologische eetwinkel in het opkomende Bos en Lommer. Zij trokken in een leegstaand hoekpand en toverden deze om tot een kookparadijs, inclusief een houtoven voor ambachtelijke pizza’s. Verder worden er streekproducten verkocht en is er een dagelijkse wisselende kaart. De buurt wordt verwend!

eetwinkelbuurmanenbuurman.nl © Coen Ruiter

11


STADSDELEN

Amsterdam Nieuw-West

HW10 Buurtbewoners hebben in samenwerking met Urban Resort een dynamische en kleurrijke invulling voor het voormalige schoolgebouw HW10 gerealiseerd. Kunstenaars huren hier een werkplek en er ontstaat een directe interactie met de buurt door de bijzondere programmering. Denk aan meditatie, theeproeverijen en Afrikaanse dans.

hw10.nl © Babette Porcelijn

ONTKIEM WEST © Noud Verhave

Een verhalenwandeling door Nieuw-West, brood bakken op vuurkorven en de prachtigste objecten in elkaar knutselen, dat is Ontkiem West. Op een braakliggend landje in Geuzenveld kunnen bewoners hun talenten ontdekken en hun verbeelding laten spreken. Houd de site in de gaten voor de feestelijke buurtevenementen vol groen, theater, muziek en beeldende kunst.

BROUWERIJ DE 7 DEUGDEN

ontkiemwest.nl

WAAR & HUIS Onder het motto ‘Nieuw Sloten is wél leuk’ is de conceptstore Waar & Huis van maart tot eind mei geopend. Producten van designers, kunstenaars en ondernemers uit de buurt krijgen een podium. Diverse activiteiten zullen er plaatsvinden: filmavonden, exposities en ontbijt op zondag. Bij Waar & Huis is uitgebreid ruimte voor ideeën van buurtbewoners.

fb.com/waarenhuis

12

Op deze plek worden bijzondere biertjes gebrouwen met speciale kruiden en specerijen waardoor je net een andere smaak krijgt dan de traditionele speciaalbiertjes. Verder biedt Brouwerij de 7 Deugden een werkplek aan mensen voor wie een baan niet zo vanzelfsprekend is. Hier krijgen zij waardering en kunnen zij zich ontwikkelen. Dat doet deugd!

de7deugden.nl


STADSDELEN

Amsterdam Centrum © Corneel de Wilde

UITGEVERIJ VAN DE LEEGSTAND Bijzondere historische gebouwen die al tijden leeg staan krijgen nieuw leven ingeblazen. Schrijvers nemen er hun intrek en laten hun fantasie spreken. Zo is er een verhaal over een spannend schoolreisje naar het verstopte Seinhuis in het Centraal Station en weer een ander verhaal over een verdwaalde schoonmaakster in de oude Atoombunker van het Weesperplein.

RIJKSKAS © space&matter

uitgeverijvanleegstand.nl

© Hans Kamstra

WETERING GROEN

fb.com/derijkskas.nl

weteringverbetering.nl/wetering-groen

TONTON CLUB In het hart van de Wallen, achter de Oude Kerk, zit de TonTon club waar je ouderwetse arcade games in een nieuw jasje kan spelen. Munten schuiven bij air-hockey, je eigen chocoladefiguren uitprinten, genieten van kunst en smikkelen van hotdogs met bier. Verder zijn er bijzondere werkplekken voor jonge creatieven die kunnen werken aan hun eigen projecten.

© Merlijn Hoek, creativecommons.org/licenses/by-nc-nd/2.0/nl

Sinds kort zit er op het Weteringplantsoen een kleine kruidenpluktuin waar verse kruiden en eetbare bloemen voor algemeen gebruik geplukt kunnen worden. Verder is er ook het initiatief ‘Adopteer een Boombak’. Twintig boom- en plantenbakken worden van het stadsdeel door bewoners van de Weteringbuurt overgenomen en geven de buurt een groen aanzicht.

Bewoners hebben een plan bedacht om een designkas te bouwen op het braakliggende terrein naast Paradiso. In de kas zullen groenten worden gekweekt die ook op diverse schilderijen uit het Rijksmuseum voorkomen en de eetbare planten zullen worden geserveerd in het restaurant van het Rijksmuseum. Een herbeleving van oude glorieuze tijden.

tontonclub.nl

13


DE BURGEMEESTER ALS WERELDLEIDER

Het gaat niet meer om de vlag

DE BURGEMEESTER ALS WERELDLEIDER HET GAAT NIET MEER OM DE VLAG De natiestaat brokkelt langzaam maar zeker af. Onze steden, centra van samenwerking en pragmatisme, van creativiteit en multiculturalisme, gaan de wereldmacht naar zich toe trekken.

Benjamin Barber Amerikaans politicoloog

benjaminbarber.org

POLITIEK BEGINT IN DE WIJK EN IN DE STAD 14

In de luisterrijke geschiedenis van de stad hebben we de cirkel rond gemaakt. De mensheid begon haar opmars naar de politiek en de beschaving in de polis - de stadstaat. Dat was het eerste kweekbed van de democratie. Maar millennia lang hebben we erop vertrouwd dat de monarchie en het wereldrijk en vervolgens de nieuwe natiestaten de last van de beschaving en het juk van de democratie wel zouden kunnen dragen. Vandaag de dag, na een langdurige geschiedenis van regionale successen, laat de natiestaat ons op mondiale schaal in de steek. Die staat vormde het perfecte politieke recept voor de vrijheid en onafhankelijkheid van autonome mensen en landen. Maar hij leent zich volstrekt niet voor interdependentie. De stad, de menselijke habitat die steevast als eerste toevlucht fungeert, is in de steeds mondialer wordende wereld van vandaag de dag opnieuw uitgegroeid tot de hoop van de democratie. >>


DE BURGEMEESTER ALS WERELDLEIDER

>> Welke grootschalige politieke constructie we ook vormen,

politiek begint in de wijk en in de stad. Meer dan de helft van de wereldbevolking woont tegenwoordig in steden. De stad lijkt onze bestemming te zijn, zoals ze ook onze oorsprong was. In de stad ontplooien we onze creativiteit, bestendigen we onze gemeenschap en realiseren we ons burgerschap. Als we moeten worden gered, dan zal de stad eerder als veranderingsinstrument optreden dan de natiestaat. Wanneer we rekening houden met de weerstand die er bij staten leeft ten opzichte van grensoverschrijdende samenwerking staan we nu vóór alles voor de taak om alternatieve instellingen te ontdekken of te creëren die in staat zijn om de steeds complexer wordende problemen van een interdependente wereld het hoofd te bieden zonder de democratie prijs te geven die van oudsher door natiestaten werd gewaarborgd. Om onszelf te behoeden voor anarchistische vormen van mondialisering, zoals oorlog en terrorisme, en voor monopolistische vormen, zoals multinationale ondernemingen, hebben we democratische gremia nodig die in staat zijn om de mondiale problemen aan te pakken. De oplossing ligt voor ons, levensgroot maar nog goeddeels onontdekt: laat de steden, onze politieke eenheden met de grootste netwerken en de meeste onderlinge verbindingen, onze steden die het vooral moeten hebben van samenwerking en pragmatisme, van creativiteit en multiculturaliteit, doen wat de staten niet kunnen. Laat burgemeesters de wereld regeren. In feite gebeurt dat ook al. Steden vormen in toenemende mate netwerken van cultuur, handel en communicatie die de wereld omspannen. De netwerken en de coöperatieve complexen die ze belichamen kunnen ertoe worden aangespoord om in formele zin te gaan doen wat ze in informele zin nu al doen: regeren door middel van vrijwillige samenwerking en gedeelde consensus. Als burgemeesters de wereld zouden regeren, zouden de meer dan 3,5 miljard mensen (meer dan de helft van de wereldbevolking) die in steden wonen en het nog grotere aantal mensen dat in voorsteden woont zowel op lokaal niveau kunnen participeren als wereldwijd kunnen samenwerken - een wonder van stedelijke glokaliteit dat ons pragmatisme in plaats van politiek, innovatie in plaats van ideologie en oplossingen in plaats van soevereiniteit in het vooruitzicht stelt. 85 jaar geleden begon de filosoof John Dewey zijn ‘zoektocht naar de grote gemeenschap’, een gemeenschap die mensen door middel van gemeenschappelijke activiteiten en machtige symbolen zou kunnen verenigen tot een steeds groter publiek dat communicatief was

De gemeenschap

georganiseerd. Daarbij maakte Dewey de democratie los van overheid en staat alléén en verklaarde hij nadrukkelijk dat ze moest worden begrepen als een wezenlijke verbindingsvorm die ook het gezin, de school, de industrie en de godsdienst omvatte. Hij was ervan overtuigd dat die democratie volledig tot haar recht zou komen wanneer ze zou worden omarmd ‘als een leven van vrije, verrijkende vereniging’, maar alleen wanneer ‘vrijelijk ondernomen maatschappelijk onderzoek zich onlosmakelijk paart aan de kunst van het volledig en beweeglijk communiceren’.

LAAT STEDEN DOEN WAT STATEN NIET KUNNEN Een door steden geregeerde wereld geeft een democratische vorm aan Dewey’s inspirerende visioen van de grote gemeenschap. Het is daarbij niet nodig dat er op kunstmatige wijze, vanuit het niets, een nieuwe, mondiale regeringsstructuur wordt gecreëerd, en het betekent niet dat het handelen van de door netwerken verbonden steden moet worden gecertificeerd door de natiestaten die ze passeren. Het betekent dat de nadruk sterker komt te liggen op niet-hiërarchische vormen van burgerschap, burgerlijke samenleving en vrijwillige grensoverschrijdende gemeenschapsvorming dan op hiërarchische voorschriften en handelingsmandaten die uitgaan van centralistische mondiale bestuurders. Michael Bloomberg, tot voor kort burgemeester van New York, mag overmoedig lijken, in zijn retoriek klinkt de kracht van het stedelijk lokalisme dat zich manifesteert in een interdependente wereld: ‘Ik heb mijn eigen leger in de vorm van de NYPD’, zegt Bloomberg, ‘ik heb mijn eigen ministerie van Buitenlandse Zaken, tot grote ergernis van Washington.’ New York herbergt ‘alle soorten mensen uit alle delen van de wereld en alle soorten problemen’. En als Washington dat niet leuk vindt? ‘Ach’, geeft Bloomberg toe, ‘ik luister niet zo heel veel naar Washington.’ De beweringen van Bloomberg ontlenen hun betekenis niet aan snoeverij, maar aan de lasten en mogelijkheden van de stad. Want, zo stelt hij, ‘het verschil tussen mijn bestuursniveau en andere bestuursniveaus is dat er op stadsniveau moet worden gehandeld’. Terwijl de Amerikaanse overheid op dit ogenblik ‘eigenlijk niets kan uitrichten (…) moeten de burgemeesters van dit land nog steeds optreden in de echte wereld’. Presidenten profeteren principes; burgemeesters halen het vuilnis op. Dit actiegerichte denken zien we ook terug in organisaties als de ICLEI (plaatselijke overheden voor duurzaamheid), >>

15


DE BURGEMEESTER ALS WERELDLEIDER

>> die in haar verslag, dat volgde op de defaitistische VN-

klimaattop van eind 2011 in Durban, vaststelde dat ‘de lokale overheid de echte knopen moet doorhakken als er gereageerd moet worden op de invloed van klimaatverandering op de mens’. Een jaar eerder al hadden de steden duidelijk gemaakt hoe ze de klimaatverandering zouden aanpakken, toen 207 steden het Mexico-City Pact tekenden, op de World Mayors Summit on Climate, terwijl de staten nog weinig anders deden dan elkaar vage toezeggingen doen over ‘strategieën en acties die gericht zijn op het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen’. Door de netwerken waarin ze al samenwerken uit te breiden en te diversifiëren, bewijzen steden dat ze samen dingen kunnen doen die staten niet kunnen. Hoeveel manieren zijn er om een miljoen mensen in een radicaal afgegrensde ruimte te stoppen? In de achttiende eeuw al merkte Jean-Jacques Rousseau op dat ‘alle hoofdsteden sprekend op elkaar lijken. (…) Parijs en Londen komen me voor als dezelfde stad.’ Verschillen São Paulo, Tokio en New York vandaag de dag zo van elkaar? De mondiale burgerlijke samenleving die wij ons voorstellen bestaat simpelweg uit het wereldwijde netwerk van samenwerkingsverbanden die al gedeelde maatschappelijke waarden hebben: gemeenschappen die zijn georganiseerd rond de strijd voor de universele mensenrechten, religieuze organisaties met een oecumenisch perspectief, internationale genootschappen van kunstenaars en sociale netwerken van zowel reële als virtuele vrienden die in hun steeds groter wordende kringen ook vreemden willen opnemen. Door nieuwe samenwerkingsmechanismen en gemeenschappelijke besluitvorming kunnen steden samen problemen aanpakken rond wapens, handel, klimaatverandering, culturele uitwisseling, misdaad, drugs, transport, volksgezondheid, immigratie en technologie. Het hoeft niet altijd om formele mechanismen te gaan; Rey Colón, wethouder in Chicago, ‘zag tijdens een reis naar de Spaanse stad Sevilla voor het eerst hoe goed huurfietsprojecten functioneerden’. Burgemeester Rahm Emanuel deed vervolgens de campagnebelofte dat hij 150 kilometer ‘groene’, afgeschermde fietspaden zou aanleggen langs grote verkeersaders in Chicago; die belofte lost hij momenteel in. Het huurfietsenplan in New York City ging medio 2013 van start. Het feit dat steden groene ideeën met elkaar delen en in stadsnetwerken als de C40 samenwerken op het terrein van de klimaatverandering betekent nog niet dat ze ook de wereld regeren, maar het geeft wel aan dat steden bij het

16

Nieuwe samenwerkingsmechanismen

aanpakken van de ontzaglijke interdependentieproblemen een grote voorsprong hebben op de staten, en dat alleen omdat ze informeel en op vrijwillige basis nu al samenwerken. Ik pleit voor een burgemeestersparlement dat kan samenkomen zonder dat daar toestemming van de staten voor nodig is, dat op basis van consensus oplossingen zoekt voor gedeelde problemen en dat op vrijwillige basis beleidsmaatregelen treft waarvoor het in gezamenlijk overleg heeft gekozen. In de jaren 1970 voerde Norman Mailer op grappige, onzinnige wijze campagne voor het burgemeesterschap van New York, en daarbij kwam hij met het maffe idee om de stad los te weken van de staat New York, misschien zelfs van de hele Verenigde Staten, en onafhankelijk te maken. Sommige mensen zullen het als even maf beschouwen om steden zo onafhankelijk van staten te maken dat ze de wereld kunnen gaan regeren. Staten zullen vast alles in het werk stellen om steeds mondialer opererende steden die grensoverschrijdende activiteiten overwegen weer onder de duim te krijgen. In tegenstelling tot bedrijven of samenwerkingsverbanden zijn staten per definitie territoriaal, en steden nemen altijd grond in beslag die deel uitmaakt van het territorium van een bepaalde staat. New York mag zich dan misschien weinig gelegen laten liggen aan Washington, Washington houdt New York wel in de gaten. Stedelingen mogen grensoverschrijdende dromen koesteren, ze worden niet alleen gedefinieerd door en zijn niet alleen loyaliteit verschuldigd aan de stad, maar ook aan nationale vlaggen en volksliederen en specifieke nationale ‘missies’.

STEDELINGEN MOGEN GRENSOVERSCHRIJDENDE DROMEN KOESTEREN Of ze nu wel of niet kunnen rekenen op de steun van het formele gezag, stedennetwerken en megasteden zullen vermoedelijk bepalen of de democratie - en mogelijk zelfs de beschaving als geheel - gedurende de komende decennia overleeft, als het er vóór alles om zal gaan om de heftige conflicten binnen staten en tussen staten onderling achter ons te laten en een antwoord te vinden op de rampzalige economische en ecologische anarchie en de grote ongelijkheid en onrechtvaardigheid die voortvloeien uit de afwezigheid van een mondiaal democratisch bestuur. Nu al worden we die verleidelijke maar fatale anarchie >>


DE BURGEMEESTER ALS WERELDLEIDER

>> in getrokken die pandemieën en ecologische catastrofes

laat floreren in naam van de soevereiniteit: ‘Jullie zullen mijn soevereiniteit niet schenden om mijn luchtkwaliteit te controleren (of mijn wapenproductie te inspecteren of mijn schaliegaswinning te reguleren)!’ En we leven al in een tijdperk van mondiale particuliere monopolies van geld en invloed die onder de vlag van de vrijheid worden gesanctioneerd, en van markten die eigenlijk helemaal niet zo vrij zijn.

STEDEN ZIJN DE HABITATS VOOR HET GEMEENSCHAPSLEVEN Het is niet zo dat er gebrek is aan mondialisering, er is gebrek aan mondialisering die geen particulier maar een publiek karakter heeft, die democratisch en niet autocratisch is en egalitair in plaats van monopolistisch. In de strijd tegen deze wereldwijde anarchie en de mentaliteit van de brute kracht die daarmee gepaard gaat, zijn steden die over de grenzen heen reiken van grote betekenis. In de loop van de geschiedenis zijn steden op de meeste plaatsen niet alleen onderworpen geweest aan ongelijkheid en corruptie, maar ook aan de politiek van koningschap en imperium. En toch hebben ze over het geheel genomen hun anti-ideologische en hun pragmatisch-democratische trekken behouden. Stedelijk beleid is eerder op overtuiging gericht dan op afdwingen, en stadsbestuurders zijn eerder buren die hun verantwoordelijkheid nemen dan onbenaderbare heersers die gebruikmaken van brute kracht. Steden zijn de habitats voor het gemeenschapsleven. Steden zijn de plekken waar mensen wonen en dus waar ze leren en liefhebben, werken en slapen, bidden en spelen, waar ze opgroeien en eten en ten slotte sterven. Zelfs als de vijandelijke legers aan de poort staan of de pest door de straten waart, blijven stadsbewoners zich bezighouden met het leven van alledag - en soms ook nog met wat daar bovenuit gaat. Hun voornaamste doelen en dus de doelen van de burgemeesters die ze kiezen, en die hen moeten dienen, zijn aards en zelfs beperkt te noemen: het gaat eerder om het ophalen van vuilnis en het verzamelen van kunst dan om het werven van stemmen of bondgenoten; eerder om het neerzetten van gebouwen en het laten rijden van bussen dan om het hijsen van vlaggen en het in stand houden van politieke partijen; eerder om het waarborgen van de watertoevoer dan van de toevoer van wapens; eerder om het koesteren van onderwijs en cultuur dan om het koesteren van een nationale defensie en vaderlandsliefde.

Wereldwijd democratisch bestuur

Ze doen hun best om samenwerking te bevorderen, en niet om uitsluiting te bewerkstelligen; ze proberen eerder een bewuste vorm van participatie en gemeenschapstrots te stimuleren dan blind patriottisme aan te moedigen. Steden hebben weinig keus: om te kunnen overleven en floreren moeten ze zich blijven richten op pragmatisme en concrete oplossingen, op samenwerking en netwerken, op creativiteit en innovatie. De bepalende binding die de stad heeft met vuilnis, en verder met handel, industrie, transport, communicatie, digitale technologie en cultuur - met creativiteit en verbeelding - is op natuurlijke wijze verbonden met de onderlinge nabijheid van mensen en met de grote bevolkingsdichtheid. Richard Florida schreef eens: ‘De ware sleutel tot het ontplooien van onze creativiteit ligt in de grootste uitvinding van de mens - de stad. Steden zijn ware magnetrons van creativiteit.’ Creativiteit en verbeelding stimuleren inventiviteit, handel en cultuur, maar zijn ook de motoren van de democratie. Wanneer je nadenkt over de stad als toekomstige fundering voor wereldwijd democratisch bestuur betekent dat ook dat je moet kijken naar het verleden van de stad en haar aloude democratische oorsprong. De cirkel is rond. De stad verschijnt zowel aan het eind als aan het begin van de menselijke beschaving. Wanneer mensen taal, cultuur en economie beginnen voort te brengen, vormen ze gemeenschappen. Aristoteles noemde de mens ooit een politiek dier (een zoon politikon), en Edward Glaeser karakteriseert mensen vandaag de dag als ‘stadswezens’, wier steden ‘niet uit beton, maar uit vlees bestaan’. De Grieken gaven hun vroege gemeenschappen de naam polis, en in het geval van het archetypische Athene was dat een gepolitiseerde verzameling stammen (zogeheten demes). Hoewel de polis aanvankelijk weinig meer was dan een dorp met het verlangen om de vleugels uit te slaan en een plek voor levendige, maar zeer beperkte bewonersparticipatie fungeerde ze toch als het lokale kweekbed van de democratie - als het eerste experiment waarbij stammen zich bevrijdden van hoofdmannen, koningen en keizers om tot een rudimentaire vorm van zelfbestuur te komen. De piepkleine stadstaten, die misschien maar twintigduizend burgers telden, konden echter amper steden worden genoemd. Bovendien bleef het bestuur van stamtraditie en hoofdman in de hele oude wereld de regel voor de meeste andere dorpen en stadjes. Toch was de polis voorbestemd om te groeien, en dat deed ze ook, van polis tot stad, van stad tot versterkte markt; van landelijk marktcentrum tot op expansie gericht handelstrefpunt, dat in toenemende mate de muren ontgroeide die het beschermden tegen invallers en dat een kleine wereld in ging, steeds hechter verbonden >>

17


DE BURGEMEESTER ALS WERELDLEIDER

>> door hoofdwegen en rivieren, door handelsroutes en

bevaarbare zeeën. Het proces was onomkeerbaar. In de loop van millennia, met horten en stoten, groeiden de steden uit tot hoofdsteden en rijkscentra, waarin van lieverlee niet meer duizenden, maar honderdduizenden en miljoenen mensen woonden.

VAN POLIS NAAR MONDIALE STEDEN Het was, zoals Max Weber het al vroeg formuleerde, een beweging ‘van simpel naar complex, van algemeen naar gespecialiseerd’. De wereld leek in ijltempo en onafwendbaar af te koersen op verstedelijking. Sommige culturen worden nog steeds door stammen gedomineerd, maar zelfs in Afrika zijn enorme agglomeraties gevormd, molochs die immense territoria bestrijken en soms twintig miljoen of meer inwoners tellen. Een typerend voorbeeld is de Lagos-Ibadan-Cotonouregio. Alleen Lagos al zal rond 2025 naar schatting 25 miljoen inwoners tellen, waarmee het na Mumbai en Tokio de derde stad van de wereld zou worden, in een Nigeria met zes steden van meer dan een miljoen en dan nog een dozijn met een half tot één miljoen inwoners – die allemaal razendsnel groeien. Andere megasteden zijn ontstaan in de Indus-Ganges-vlakte, in de Parelrivierdelta in China, in de Noordoostelijke Corridor in de Verenigde Staten, de Taiheiyo Belt in Japan, de Gouden Banaan (de zonnegordel) in het westelijke Middellandse-Zeegebied in Europa en de São Paulo-regio in Brazilië. De Chinese steden groeien zo snel dat het haast niet bij te houden valt. In een onderzoek van McKinsey wordt geschat dat er in de komende tien tot vijftien jaar 136 nieuwe steden zullen worden toegevoegd aan de zeshonderd steden op de wereld met het grootste bp, allemaal in de Derde Wereld. Rond 2025 zullen honderd van de grootste zeshonderd steden Chinees zijn. De concentratie van stedelijke populaties tot steeds complexere systemen, die tegelijk dichter en expansiever worden, voltrekt zich steeds sneller. En de invloedssfeer van deze conglomeraties beperkt zich niet tot hun eigen territoria. In haar studie over New York, Londen en Tokio stelt Saskia Sassen dat deze drie steden, als dienstencentra voor de nieuwe wereldeconomie, ‘in veel opzichten fungeren als één transterritoriale markt’. En dat doen ze niet afzonderlijk, ze ‘fungeren als triade’, ze vertegenwoordigen een nieuw type metropolis dat noch territoriaal noch virtueel is, maar een netwerk vormt, bestaande uit

18

Het mondiale dorp

‘wereldstad’-functies die elkaar kruisen en overlappen. Ook bestaan er merkwaardige nieuwe tussenvormen, nieuwe ‘instant-steden’ als Nieuw Songdostad in Zuid-Korea, die in 2015 zal worden geopend en 250.000 inwoners zal tellen. Dan heb je nog die wilde, anarchistische contrapunten, de ongeplande vluchtelingenkampen/-steden bijvoorbeeld, als Dadaab in Kenia, waar mogelijk tegen de 290.000 mensen in een ‘tijdelijk kampement’ zijn gepropt, compleet met mobiele gerechtshoven, reizende hulpverleningsdiensten en geïmproviseerde opleidingscentra voor de jeugd. Maar inmiddels hebben idealisten en dromers alweer verder vooruit gekeken - verder dan de bekende stedelijke kolossen en de onderling verbonden megasteden - op hun zoektocht naar het mondiale dorp van Marshall McLuhan, zestig jaar terug een stofje in zijn vooruitziend oog, maar vandaag de dag een abstractie die niet alleen gerealiseerd wordt in digitale en virtuele vormen als de cloud, maar ook in mondiale economische markten en in de complexe stedelijke netwerken. Dat is nog eens een mondiaal dorp! De stadsfilosoof Constantinos Doxiadis, die met een eigen ontwikkelingstheorie van de mens werkt die hij Ekistics noemt, heeft het ontstaan van één grote planetaire stad voorspeld: Ecumenopolis. Doxiadis geeft een sociologische en futuristische draai aan het werk van sciencefictionschrijvers als Isaac Asimov en William Gibson, die al decennialang over stadsagglomeraties op wereldschaal hebben gefantaseerd. En net achter het mondiale dorp, uitstekend boven de denkbeeldige Ecumenopolis, vang je nog een glimp op van Gaia, dat mythische, organische wezen dat, volgens de door James Lovelock bedachte hypothese, een evoluerend en zelfregulerend systeem vormt waarin biosfeer, atmosfeer, hydrosfeer en pedosfeer allemaal samenwerken ten behoeve van een duurzame, geïntegreerde planeet, maar het blijft een raadsel of die planeet nou stedelijk is of niet, en zelfs of de mensheid ertoe behoort. Zulke hyperkosmopolitische visioenen zijn misschien louter fantasie, hoewel de ‘wetenschap van het aardsysteem’ van de NASA ze serieus neemt, en ze zijn uitsluitend in vage zin grootstedelijk, voorzover er sprake is van universele integratie. Maar de Gaia-benadering lijkt een verlangen naar en een verwachting van een interdependente gemeenschap te belichamen die even alomvattend zijn als de vurigste menselijke verbeelding. Deze trektocht van polis naar megalopolis, van kleine lokale fragmenten naar een imaginair geheel, is een grote reis geweest van simpel naar complex, van landelijk naar stedelijk, van lokaal naar mondiaal, van het aardse >>


DE BURGEMEESTER ALS WERELDLEIDER

>> naar het imaginaire en fantastische. Het gaat om een

geïnspireerd proces, en toch heeft dat een zekere nuchtere onvermijdelijkheid, nu de bevolking van onze echte wereld steeds dichter wordt, de handel steeds mondialer en de complexiteit steeds groter. Alsof de geschiedenis een concrete wereld schept die we ons ooit enkel in onze dromen konden voorstellen. Zijn we vandaag de dag dichter bij iets wat op een mondiale regering lijkt dan in de tijd dat Hugo de Groot en Thomas Hobbes zich een contract tussen landen probeerden voor te stellen of dat Immanuel Kant zijn eeuwig ongerealiseerde werk Naar de eeuwige Vrede schreef? Dichter dan we dat waren tijdens het Congres van Wenen of tijdens het Verdrag van Versailles, dat volgde op de oorlog die alle oorlogen overbodig moest maken? We zoeken een alternatieve weg naar de toekomst, omdat de behoefte aan mondiaal bestuur in een extreem interdependente wereld de cruciale uitdaging van onze tijd is geworden. De planeet zelf werpt zich op als pleitbezorger. De zeespiegels stijgen, de gletsjers smelten en de atmosfeer warmt op. Maar de 193 landen die jaarlijks bijeenkomen in Kopenhagen, Mexico-City, Durban en Rio de Janeiro blijven onverbiddelijk en onbewogen. Ze zijn druk bezig uit te leggen waarom hun soevereiniteit en het opkomen voor de onafhankelijkheid van hun koppige, trotse volkeren nietsdoen rechtvaardigt en moeten dus net doen of ze het allemaal vergeten zijn: de bedreigde kustlijnen, de opgedroogde grondlagen en waterscheidingen, het feit dat de hoeveelheid CO2 in de atmosfeer het omslagpunt van 350 ppm heeft bereikt, dat door veel wetenschappers als bovengrens voor de uitstoot van broeikasgassen wordt beschouwd, en inmiddels al boven de 400 ppm uitkomt, alsmede het feit dat de mondiale temperatuur al meer is gestegen dan de twee graden Celsius die door wetenschappers als limiet is gesteld.

MONDIAAL VERTROUWEN EN TRANSNATIONALE BURGERZIN Een soortgelijke vergetelheid typeert onze houding tegenover armoede. Rijke landen vinden manieren om nog rijker te worden en de armen worden armer, maar de ontmoedigende ongelijkheid tussen Noord en Zuid en de problemen bij de strijd tegen ziekte, honger en

Wereld zonder grenzen

volkerenmoord worden niet alleen veroorzaakt door hebzucht, maar ook door soevereiniteit. Het gaat hier niet alleen om economisch, maar ook om politiek onvermogen. 99 procent kijkt toe hoe die ene procent de mondiale economie domineert, terwijl de onderste helft daarvan vervalt tot weerzinwekkende armoede en zich afvraagt waarom alleen de middenklasse de aandacht van ‘democratische’ bestuurders trekt. Ook de mondiale recessie lijkt aan onze aandacht te ontsnappen. Hypotheeknemers blijven in gebreke, bedrijven gaan ter ziele, secundaire markten storten in en banken falen. Toch hebben de oorzaken meer te maken met democratische dan met budgettaire tekorten, en dan bovenal met de afwezigheid van mondiaal vertrouwen en transnationale burgerzin. Banken zijn afhankelijk van vertrouwen, en banken zijn het meest succesvol wanneer ze deel uitmaken van de gemeenschappen die ze bedienen. Tijdens de recente crisis waren kleine gemeenschapsbanken en coöperatieve banken tot op grote hoogte immuun voor de rampen die hun grote mondiale broeders troffen. De heikele economische kwesties geven in wezen ook aan dat er sprake is van spanning tussen oude theorieën en de nieuwe werkelijkheid. De nieuwe werkelijkheid gaat over interdependentie. Al decennialang hebben denkers als Masao Miyoshi aangekondigd dat er een ‘wereld zonder grenzen’ op komst is. Maar de oude theorie houdt hardnekkig vast aan de soevereine onafhankelijkheid van afgegrensde staten die het ontbreekt aan een mondiaal kompas, zodat ze met lede ogen moeten aanzien hoe banken en oliekartels (en pandemieën en klimaatverandering) de wereld beheersen. De instellingen die de huidige crises teweegbrengen overschrijden de grenzen, maar de staten die de crises moeten aanpakken blijven binnen hun eigen grenzen opgesloten. Terwijl futuristen en pessimisten eensgezind sermoenen afsteken over een wereld zonder grenzen - een wereld die gedefinieerd wordt door vernuftige technologische ideeën, meedogenloos terrorisme, losgeslagen markten, onbeheersbare arbeidsmigratie, asymmetrische oorlogen, nieuwe ziekten en massavernietigingswapens - blijven zelfvoldane soevereiniteitsadepten en ferme ‘nieuwe nationalisten’, met hun conservatief-patriottische bondgenoten, maar doorratelen over heilige grenzen en de autonomie van natiestaten. Ongewild zijn het allemaal idealisten (hoewel ze zelf nog steeds denken dat ze realist zijn): ze stellen zich een stervende wereld voor waarin soevereine staten nog altijd unilaterale oplossingen voor mondiale problemen bedenken. Ze zien niet in dat de >>

19


DE BURGEMEESTER ALS WERELDLEIDER

>> traditionele democratische politiek zich door haar eigen

soevereiniteitsidealen in slaap laat wiegen en in feite irrelevant is geworden voor een nieuwe transnationale werkelijkheid, die daarop enthousiast wordt aangevat door ondemocratische instanties als banken en multinationale ondernemingen. Staten zullen niet mondiaal gaan regeren. Steden kunnen dat wel - zij het niet door een mondiaal stedenhandvest te schrijven in de geest van het Handvest van de Verenigde Naties, of door een nieuwe Verklaring van de Rechten van de Mens af te kondigen. Wat rechten zijn, snappen we al; we begrijpen wat rechten van ons vragen. We missen alleen mondiale democratische mechanismen om ze aan te wenden en af te dwingen.

GLOKALITEIT VERSTERKT HET LOKALE BURGERSCHAP Toch bestaat er weinig kans dat we een grote sprong voorwaarts kunnen maken en een formele wereldregering kunnen vormen die net als de natiestaat centralistisch, gezaghebbend en hiërarchisch functioneert - en vervolgens ook nog democratisch blijft. Een gerealiseerd informeel bestuur is beter dan een formeel bestuur dat in de lucht blijft hangen. Een burgemeestersparlement dat overleg pleegt en daadwerkelijk tot uitvoering brengt wat steden

Mondiale burgerreligie

vrijwillig willen doen, onder toezicht van staten die nog steeds dwingende invloed op hen kunnen uitoefenen, is beter dan een wereld die het helemaal zonder gemeenschappelijke doelen of gedeeld beleid moet stellen. Een mondiale stedenbond is, laten we dat even vaststellen, niet hetzelfde als een centrale mondiale overheid. Maar dat is vermoedelijk een voordeel, omdat het betekent dat een stedenbond op basis van overtuiging en voorbeeld op mondiaal niveau zal kunnen handelen, en dat die bond burgers, ook terwijl hun burgemeesters over de gehele wereld informeel contact met elkaar hebben, de gelegenheid zal bieden om in hun wijken en lokale stedelijke gemeenschappen te blijven participeren. Bovendien creëren door netwerken verbonden steden nu al webben van invloed en interactiviteit waarin nieuwe vormen van mondiaal sociaal kapitaal en mondiale burgerlijke samenleving ontstaan, en roepen ze iets in het leven dat lijkt op een mondiale ‘burgerreligie’, met een interdependente realiteit, een liturgie van rechten, een doctrine van samenwerking en een democratische praktijk. Die netwerken vernielen of overvleugelen het wezen van de steden niet, maar exploiteren en generaliseren dat. Glokaliteit versterkt het lokale burgerschap en laat daar dan het mondiale burgerschap op paardjerijden. Het paardje dat geoefend is in het dragen van een tanige knaap, leert zwaargewichten torsen. •• Benjamin Barber is voormalig adviseur van Bill Clinton en auteur van onder meer Jihad vs MacWorld. Dit essay, een ingekorte versie van het openingshoofdstuk van Barbers nieuwste boek Als burgemeesters zouden regeren, verscheen eerder in De Groene Amsterdammer (vertaling: Jabik Veenbaas).

ALS BURGEMEESTERS ZOUDEN REGEREN BENJAMIN BARBER Sommige problemen zoals klimaatverandering, terrorisme, armoede en de handel in drugs, wapens en mensen lijken te groot en te complex voor onze wereldnaties om op te lossen. Vormt die natiestaat, eens de hoop van de democratie, vandaag de dag een struikelblok voor de democratie? Het antwoord is ja, aldus Benjamin Barber: steden en hun burgemeesters kunnen het beter en dat laten ze inmiddels overal zien.

nieuwamsterdam.nl

20


TIJDELIJKHEID

Buurtwerkplaats Noorderhof

BUURTWERKPLAATS NOORDERHOF HANDEN UIT DE MOUWEN IN DE BUURT

Aan de noordzijde van de Sloterplas staat een groene loods. Op een lege parkeerplaats is het een opvallend gevaarte. Boven de deur van de loods hangt een bord: ‘Buurtwerkplaats’. Het is Buurtwerkplaats Noorderhof, een werkplaats voor de buurt. Een plek om oude dingen te repareren en om nieuwe dingen te maken. Er worden workshops gegeven om een buitenkachel te maken van afval en mobiele bakkerij Eenvoud maakt er ambachtelijk brood. In naastgelegen keet De Eetvogel wordt wekelijks voor en door buurtbewoners gekookt. Deze zomer zou de buurtwerkplaats eigenlijk plaats moeten maken voor de bouw van nieuwe woningen, maar er zijn gesprekken gaande om ook tijdens de bouwperiode een rol te blijven

vervullen in de buurt. Tobias Krasenberg, ontwerper en samen met Peik Suyling en Sander Borsje initiatiefnemer: ‘De buurt wil dat we blijven. Daarnaast zijn we ook bezig met een aantal onderzoeken naar de functie van dit soort tijdelijke projecten in de buurt en wat ze voor een stad betekenen.’ De buurtwerkplaats biedt ook ruimte voor kleine festivals. Op zo’n festival is de rol van de werkplaats als ontmoetingsplek goed voelbaar. Buurtbewoners (jong en oud!) komen aangewandeld en hebben ieder een taak in het geheel. ‘Het is echt een plaats waar aan de buurt gewerkt wordt, niet alleen door te praten maar daadwerkelijk door met elkaar samen te werken.’

fb.com/buurtwerkplaats.noorderhof

21


COLUMN

Global research

WE OWN THE CITY We Own The City is a big statement, because of course, we don’t own it. So, how did I come up with such an ambitious name? And what does it mean now, at the end of the journey? First of all, it might be smart to introduce myself and what I do. Don’t worry, I’ll be short. I’m an urban researcher, who tends to get easily bored, has a strong sense of practicality and a modest predisposition towards activating tangible urban processes. My journey into urban development issues started in Amsterdam, the city where I studied how urban environments are planned, expanded and adapted. In 2008, together with Anna Hult, the smartest fellow urban studies student one can dream of, we decided to create a foundation, with the aim of bringing this amazing discipline back to where it belongs: the streets. Bewildered by the incredible amount of cool names that we could give to this organization, we opted for the less creative one: CITIES FOUNDATION. Today, we are a disperse network of urban, passionate professionals working on different projects and sharing ideas for initiating palpable urban interventions.

THIS URBAN MOVEMENT WAS SHAPING A NEW COLLECTIVE OWNERSHIP OF THE CITY We Own The City is a project that started with global research about an urban phenomenon. Three years ago, we engaged in understanding

22

the contemporary evolution of the concept of centre, from the neighbourhood to regional, to international scale. We pinpointed a trend, together with the Amsterdam Centre of Architecture that marked the emergence of a new notion of urban aggregation: people metaphorically fusing together to create new urban ideas, services, functions and forms. This discovery brought us to note that this urban movement was shaping a new collective ownership of the city, hence the name. This urban discourse massively expanded when we established a sturdy relationship with Tris Kee, assistant professor and director of the ‘Community Workshop’ in the Faculty of Architecture in Hong Kong. She is one of the pioneers in educating the Hong Kong communities to provide their own opinion and ideas within urban development processes. Together with Tris, we decided to make an analysis of how people where ‘owning their own city’, but in order to make a big statement, we needed to go global. We arranged, together with Simon Franke, from Trancity*Valiz publishing company, and the support of the Fund for the Creative Industries, a global analysis of how people are taking ownership of their urban surroundings in five cities: Amsterdam, Hong Kong, Moscow, New York and Taipei.

What happens next is a global journey into urban pioneerism, which is extensively portrayed in the publication We Own The City Enabling Community Practice in Architecture and Urban Planning, which launches at Pakhuis de Zwijger on May 27th. To gain data, we set up a team of urban researchers in each city, supported by local organizations such as Strelka Institute in Moscow, Design Trust for Public Space in New York and the Taipei Community Empowerment Center. The book is divided in several chapters, where we contextualize the urban landscape and history, and then we dig deep into four cases of conceptual urban ownership. In Amsterdam, community engagement traditions started earlier and peaked in the 1970s with the squatter movement and social housing development. Recently, and especially thanks to the economic crisis, citizens and professionals are re-thinking their power to affect the urban environment in a proactive, apolitical and quite practical way. Amsterdam’s chapter portrays how different types of citizens are engaging in changing their neighbourhood, from temporary low budget functions to multimillion projects; from semi institutionalized or government requested projects to those with a loose, unstructured organization; and from highly conceptual to down-to-earth, >>


COLUMN

>> realistic community contributions.

In Hong Kong, a city famous for the successful implementation of real estate development projects in combination with top-down infrastructural planning, we see how traditionally bureaucratic organizations - like architecture firms or government agencies - are recognizing the benefits of grass-roots urbanism, and further, how others can learn from their methodologies. The city that experienced a Golden Age of real estate development in the commercial and residential realms, New York City, shows how collaboration among several layers of urban agency helps develop an interwoven and comprehensive array of projects: from the redevelopment of an urban square, to a garden for a low income community, to collaboratively building a neighbourhood cultural center, to the inclusion of new manufacturing processes.

THE JOURNEY ENRICHED US AND WILL ENRICH READERS WITH CURIOUS EYES In Moscow and Taipei, where political and nationalistic regimes have been paving the way of urban development in previous decades, we discover a broader vision of the general necessity to include citizens and give them a voice with a stage or platform. In particular, the Muscovites are starting to engage in process of public space occupancy; they are reclaiming the streets, squares and infrastructures with the help of groups of highly involved, heavily committed, and internationally educated people.

Urban pioneerism

In Taipei, we see how citizens are engaging in communal spaces, practices and activities to reclaim a cultural heritage under continuous threat. This process taught us about preservation processes, where the local community managed to win against demolition - about raising awareness against a global homogenization of the urban landscape imposed by what has been called neoliberal urbanism. Overall, the journey enriched us and will enrich readers with curious eyes for new forms of urbanization and conceptual ownership. But there is more than that. The point of We Own The City is not to show people how to own their city, but uses several cases of what is generally called bottom-up development to knock at the door of the actors standing at the opposite side of contemporary urbanisminstitutions, real estate, housing associations and companies that perform top-down urbanism and are recently coping with the failures of implementing non-integrated approaches. In anticipation of our final remarks, we created a space for understanding this process by presenting a series of interviews with select architecture firms known to hold a slightly established relationship with the protagonists of the top-down movement (like OMA, MVRDV, UNStudio) and pioneers working with communities (Next Architects). The contents are so intriguing that I could rewrite the whole book right now, but unfortunately I have to constrain myself and show you where I’m heading at. In the process of analyzing the rise of community planning, We Own The City regards organizations and

governments as actors with the power and authority to help bottom-up actors become more established. We believe, and found, that by looking for patterns, similarities and differences, it is possible to recognize valuable moments where urban development reaches the point of encounter between citizens and institutions. We Own The City seeks to bring these isolated attempts together in order to create flexible and adaptable institutionalized standards. With this approach urban pioneers are fastened with traditional actors, creating a generational shift in the urban planning discipline. We Own The City discovers and highlights this relocation of the urban focus and shows how it is deployed in practical terms. ••

Together with Tris Kee, Francesca Miazzo is the editor of the book We Own The City, which will be published in May 2014.

Francesca Miazzo Urban processes researcher & designer and managing director of CITIES Foundation

citiesthemagazine.com

23


TIJDELIJKHEID

Vuurtoreneiland

VUURTORENEILAND

Een klein, wild en ruig eilandje middenin het Markermeer bij Durgerdam, alleen bereikbaar per boot. Erg voor de hand ligt het niet om daar een restaurant te starten. Maar is het niet zo dat de onbereikbare dingen in het leven het mooist zijn? ‘Waar het Vuurtoreneiland vroeger de toegang tot het IJ verdedigde, is het nu een plek met een zeldzaam gevoel van ruimte, rust en natuur’, stelt Brian Boswijk, een van de initiatiefnemers. In 2013 startte de pilot van het tijdelijk restaurant, eind 2013 is de aanbesteding van het eiland gewonnen en het vervolg kan nu worden ingezet.

Vanaf mei 2014 is Vuurtoreneiland weer ‘open’. Duurzaam en kleinschalig van aard, met in het hart van het eiland het restaurant. Ook zal er ruimte zijn voor bijvoorbeeld minifestivals, alles in samenhang met het karakter van het eiland. Over de tijdelijkheid van het project zegt Brian: ‘We willen in de toekomst het hele eiland en daarbij ook het fort opknappen. Voordat daar zekerheid over is gebruiken we deze tussenfase als opstart voor het permanente. Het Vuurtoreneiland is een klein en gevoelig plekje. We moeten in de komende tijd dus op zoek naar manieren om de grote opknapbeurt ook in het licht van die kleinschaligheid te doen.’

vuurtoreneiland.nl

24

© Jos Kluwen

ZOMERS DINEREN OP EEN UNIEK EILANDJE


VERTROUWEN IN DE STAD ZUIDOOST

Annelies Beltman Freelance journalist

anneliesbeltman.nl

Als talent onopgemerkt blijft, is dat een grote zonde. Als talent wel wordt opgemerkt, maar er niets mee wordt gedaan en het niet wordt ontwikkeld, dan is het een nog grotere zonde. ‘Ik zag zoveel talentvolle mensen om me heen van vroeger en ik vroeg me af: wat is er gebeurd? Waarom zijn jullie geen profsporters of dansers of whatever? Onzekerheid, gebrek aan verantwoordelijkheid, geen steun of gewoon niet weten waar ze moesten beginnen - er waren zoveel redenen. Daar zag en zie ik een rol voor mezelf weggelegd.’ Hier spreekt Angelo Bromet. Geïnspireerd door zijn omgeving en zijn eigen ervaringen besloot hij acht jaar geleden bij terugkomst in zijn vertrouwde stadsdeel Zuidoost er alles aan te doen om jongeren te stimuleren hun ambities en talent te ontwikkelen. In zijn jeugd was Bromet een talentvol honkballer. Hij werkte en leefde alleen voor die sport. Lachend: ‘Ik was geen heel sociale jongen. Wel op het veld en tijdens de trainingen, maar honkbal was het enige wat me interesseerde.’ Tot hij ziek bleek te zijn, een onbekende spierafwijking zorgde ervoor dat hij op zijn

zeventiende moest stoppen met zijn passie. Een zwart gat dreigde, maar Bromet week succesvol uit, startte een winkel en ging in Bos en Lommer samenwonen, ver weg van Zuidoost. ‘Ik moest het nu in mijn eentje doen. Het ging goed, maar opnieuw was ik niet heel sociaal. Wel in de winkel, maar daar buiten niet. Ik was altijd >>

25


VERTROUWEN IN DE STAD

>> bezig met de zaak.’ Via Noord kwam

Partnerships met jongeren

hij acht jaar geleden uiteindelijk weer terug bij zijn roots in Zuidoost. Al wandelend door het stadsdeel - met zijn zoontje, intussen was hij vader - kwam hij oude bekenden tegen. ‘Allemaal talentvolle jongens, maar ze deden er niets mee! Ik dacht: ik heb nog een goede reden, ik moest stoppen met honkbal.’ Hij verdiepte zich in de kwestie en besloot zich meer in te gaan zetten voor talent uit Zuidoost. Eerst zijn eigen generatie. ‘Ik maakte een deal met ze: ik help jullie en samen gaan we een brug bouwen voor de volgende generatie. Samen gaan we voorkomen dat de nieuwe generaties hetzelfde overkomt als ons. ’In 1999 richtte Bromet The Word On The Street is (W.O.T.S.) op, een bedrijf waarmee hij letterlijk straatgeruchten omzette in activiteiten. ‘Als we werden ingehuurd om een cultureel dagprogramma te maken, dan zette ik mensen in uit Zuidoost waarover we via de tamtam hoorden dat het goede rappers of dansers waren’, vertelt Bromet. W.O.T.S. werkt zo veel mogelijk met mensen uit Zuidoost, zo blijft het herkenbaar en dichtbij.

NO LIMITS AAN GROEI IN ZUIDOOST No Limit

Sinds 2009 is Bromet ook actief voor No Limit, eerst als jongerenwerker en productieleider, nu als programmeur. No Limit is het jongerencentrum van Zuidoost. Met allerlei organisaties op gebied van kunst, muziek, onderwijs, cultuur en zorg werkt No Limit samen om jongeren te helpen een persoonlijke groei door te maken. ‘Ik wil jongeren boven zichzelf uit laten stijgen en ze hun verantwoordelijkheid laten nemen.’ Bromet helpt ze en gaat een samenwerking met ze aan. ‘Bij No Limit doen we alles samen met de jongeren, als een soort partnership. We pushen zodat ze het beste uit zichzelf halen.’ En jongeren blijken met een beetje hulp ook vaak boven zichzelf uit te kunnen stijgen. ‘Ze komen met fantastische ideeën en dan zeg ik: goed, doe maar. Als het fout gaat, dan gaat het fout. Maar ze doen het wel.’

WIE IS ANGELO BROMET? Angelo Bromet (1978) is programmeur bij Cultural Business Center No Limit, geboren en getogen in Amsterdam-Zuidoost. Na een tijdje ergens anders te hebben gewoond, is hij acht jaar geleden samen met zijn vrouw Clemmy en hun twee zoons Na-Seah (8 jaar) en Jair (14 jaar) weer teruggekeerd naar Zuidoost.

nolimitzo.nl

26

Er worden allerlei evenementen en projecten georganiseerd. Eén daarvan is het BLNDR festival (op 28 maart vond BLNDR #2 plaats) met een aanbod van verschillende activiteiten waar jongeren aan kunnen deelnemen. BLNDR is slechts één van de vele activiteiten van No Limit. Daarnaast wordt er bijvoorbeeld ook een masterclass Hiphop georganiseerd of Vocally Blessed, een laagdrempelige jam voor zangers. Een van de activiteiten die door de jongeren zelf worden georganiseerd is Music Connection, een muzikaal uitwisselingsproject tussen jongeren uit verschillende landen. ‘Er zijn zoveel ideeën, er is zoveel talent. Overal is ruimte voor, er zijn no limits.’

Kleiner maken

‘Jongeren van hier hebben zeker de ambitie, maar weten niet hoe. En als ze het dan lukt om op ed plek te komen waar ze nu zijn, dan zien ze een verschil van waar ze staan en waar ze naartoe willen. Dan ontstaat er ineens een angst: kan ik het wel?’ Bromet vindt dat mensen uit Zuidoost de neiging hebben zichzelf kleiner te maken, zich aan te passen aan het stigma dat bestaat over de Bijlmer. ‘Ik heb dingen kunnen realiseren tijdens mijn leven, ik heb veel gereisd, ook door Nederland. En ik leerde gaandeweg dat wij eigenlijk helemaal niet zo anders zijn dan andere Nederlanders.’ Sterker nog, de mensen uit de Bijlmer zijn volgens Bromet veel rijker want ze hebben hun eigen cultuur én de Nederlandse cultuur als achtergrond. ‘Die twee werelden komen steeds dichter bij elkaar in de multiculturele samenleving en wij kunnen daarin veel beter manoeuvreren. Wij passen ons makkelijker aan en we zijn een aanwinst.’ No Limit draagt dan ook uit: doe je best, zet alles op alles, eis het maximale uit jezelf voordat >>


VERTROUWEN IN DE STAD

Buurtwerkkamers

BUURTWERKKAMERS HOLENDRECHT EN VELSENPOLDER Casa Jepie Makandra in Holendrecht en MultiBron in Velsenpolder zijn buurtwerkkamers met een sociaal en educatief karakter. Ze zijn een gezamenlijk initiatief van Eigen Haard en stadsdeel Zuidoost. Een van de doelen van de buurtwerkkamers is de buurt versterken en daarmee ook de bewoners. Door de bewoners hun eigen ambities en krachten te laten ontdekken, kunnen ze gericht gaan solliciteren, een studie volgen of eventueel starten als eigen ondernemers. Alle activiteiten ontstaan vanuit de buurt zelf, waardoor de variatie groot is. Sinds de start in 2011 is Juriaan Otto als projectleider bij Casa Jepie Makandra betrokken. MultiBron, waar ook Stadgenoot bij betrokken is, is een jaar geleden geopend. ‘In de buurtwerkkamers wordt tijd geboden, maar ook mogelijkheden die bewoners anders niet zien of krijgen. We proberen mensen hun eigen krachten te laten benutten. Als ik vraag: wat kun je? Dan hebben mensen vaak geen

antwoord. Maar ze kunnen wel veel, alleen hebben ze dat zelf vaak niet door.’ Toen Otto een vrouw vroeg naar haar kookkunsten, bleek dat ze regelmatig kookte voor twintig mensen of meer. Nu verzorgt ze wekelijks maaltijden voor een grote groep mensen. Jong en oud is welkom in de buurtwerkkamers. Vanuit de bewoners wordt gekeken wat realistisch en haalbaar is. En vooral: waar ben je goed in? ‘Mensen uit alle lagen van de samenleving komen hier. Iedereen kan iets, vanaf daar werken we verder’, aldus Otto. De buurtwerkkamer in Holendracht draait inmiddels zelfstandig als bewonersvereniging. Eetclubs, Nederlandse conversatielessen, de Formulierenbrigade, schuldhulptoeleiding, een klussendienst, het zijn slechts enkele voorbeelden van de talloze initiatieven bij Casa Jepie Makandra en Multi Bron.

multibron.nl casajepiemakandra.nl

27


VERTROUWEN IN DE STAD

SouthEast

>> je dat van anderen eist. Met vallen

en opstaan. ‘Wat als je alles geeft? Hoe voel je je dan? En als je iets hebt gedaan en je hebt niet alles gegeven, denk dan weer: wat als je wel alles had gegeven?’ Dat inzicht ziet hij vaak terug bij de jongeren.

Zuidoost 2.0

‘Er is al jaren een ontwikkeling gaande in Zuidoost. De nieuwe generatie staat in tegenstelling tot de oude met beide benen in Amsterdam, in plaats van met één been in het land van herkomst.’ Die ontwikkelingen worden alleen niet gepeild, het gaat bijvoorbeeld over taalbarrières. Maar voor jongeren is dat niet aan de orde. De visie en de kennis ontbrak in de voorgaande stadsdeelraden, vindt Bromet. De focus moet worden verdeeld tussen de ouderen en de jongeren. ‘Zuidoost 2.0 moet de vruchten plukken van het werk van de oudere generatie, wij willen mee in het digitale tijdperk.’

Volgens Bromet is er behoefte aan nieuwe goede (burger)initiatieven in Zuidoost. ‘We hebben een paar echt toffe projecten zoals MetroMovies en Kwaku Summer Festival.’ Nieuwe initiatieven wil hij graag faciliteren. Burgerparticipatie wordt nu nog te veel aangejaagd, terwijl het uit de burger zelf moet komen. En als burgers met een initiatief komen, moet de bestuurscommissie het los durven laten. ‘Zodat het kan ontwikkelen tot iets echt moois.’ Als voorbeeld noemt Bromet FatForm, een evenement dat een paar jaar geleden plaatsvond op het dak van het winkelcentrum Kraaiennest. ‘Dat was een stukje Berlijn in de Bijlmer. Er was muziek, art, food, eigen ondernemerschap, dialoog; het was puur. Dat moet er veel meer zijn, het moet ontstaan. En dan wil ik het faciliteren.’

Voor Bromet valt er nog genoeg te doen in Zuidoost. ‘Ik wil mezelf meer uitdagen, meer ontwikkelen en mijn mind verrijken.’ Precies de lessen die hij mee wil geven aan de jonge generatie. ‘Er schuilt zo veel kracht in dit stadsdeel. Daarom houd ik van Zuidoost.’ ••

wotsonline.nl

Meer Zuidoost? zuidoost.nl bijlmerenzo.nl

SOUTHEAST

south-east.org

28

© Emelie Schäfer

SouthEast is de nieuwe naam van het Cultureel Educatief Centrum (CEC). Op de tienduizend vierkante meter in Ganzenhoef die SouthEast tot haar beschikking heeft, is ruimte voor iedereen: het is een plek om te leren en te ontmoeten. Maatschappelijke organisaties komen samen, versterken elkaar en versterken daarmee de mensen uit Zuidoost. Het ROC, het Vrouwen Empowerment Centrum, The Moving Museum of Clothes; het is maar een kleine greep uit wat je kunt vinden in SouthEast. Het community center probeert mensen ernaar te laten streven het beste uit zichzelf te halen. Hoe kun je zoiets het beste aanpakken? Bij SouthEast worden mensen door middel van opleiding, training, begeleiding en bemiddeling geïnspireerd en gestimuleerd hun ambities na te jagen en waar te maken. En wanneer mensen niet genoeg middelen hebben om verder te komen, dan kan en wil SouthEast helpen.


VERTROUWEN IN DE STAD

COLUMN

MAGISCH REALISME

METRO MOVIES

© Hans Morren

Dit jaar vindt op 12 september de tweede editie van Metro Movies plaats. Het pop-up filmfestival, gratis en voor iedereen toegankelijk, wordt opgezet bij metrostation Bullewijk. De metro is dynamisch en verbindt mensen, waarmee het wordt gezien als de ideale locatie voor het festival. Deze editie heeft het thema (What makes you) Happy. Wat maakt mensen gelukkig en is geluk maakbaar? Voor jezelf of voor de omgeving waarin je leeft? Op deze vragen hoopt Metro Movies direct en indirect antwoorden te formuleren en ideeën erover uit te wisselen. Door een betekenisvol moment te creëren in een gedeelde openbare ruimte kunnen nieuwe ontmoetingen en verbindingen plaatsvinden - precies wat Metro Movies wil. Voorafgaand aan het festival worden workshops gegeven, waarbij men leert zelf korte films van één minuut te maken. Je kunt je opgeven via info@metromovies.nl. Mocht je zelf een film rondom dit thema hebben gemaakt dan kun je deze inzenden, ook als je niet uit Zuidoost komt!

Amsterdam Zuidoost. Een stad in een stad. Hier hebben velen hun migrantenweemoed verloren. Anderen zijn er domweg geboren. Het broeit er. Vele schatten zijn nog verborgen, kwaliteiten ongezien, ongedocumenteerd en gedoogd en vele eindjes net niet of wel aan elkaar geknoopt. Maar juist hier wordt de crisis met een grandeur tegemoet getreden. Zuidoost klaagt niet meer over eenzijdige, onheuse berichtgeving. Verdedigt niet, maar bouwt gestaag aan het nieuwe Nederland of zoals de zanger Breeveld zingt: ‘Het Beste Beloofd’. Amsterdam Zuidoost verbindt op een voor buitenstaanders niet makkelijk te begrijpen magische wijze allen die hart hebben voor dit stadsdeel. De kerken barsten uit hun voegen, de grootste moskee staat hier, maar religieuze animositeit kent men niet. Intellectuele jongeren verenigen zich in een New Urban Collective, winnen prijzen, gaan de wijk in, motiveren en onderwijzen kansen voor opwaartse mobiliteit. Muzikanten of theatermakers keren terug naar het stadsdeel na en tijdens hun (inter)nationale carrière om jonge talenten te koesteren. Voorheen wilden velen van buitenaf dit stadsdeel komen ontwikkelen, maar Zuidoost exporteert concepten, nieuwe begrippen, nieuwe omgangsvormen, nieuwe manieren van kijken, nieuwe samenwerkingsvormen. Denk aan bewonersinitiatieven als Dag van de Verzoening, Dag van de Empathie, de Bijlmer Dancebattle, de Madurolezing op 5 mei, Leerorkest, jeugdband Nyun Pransun, het Anti Zwarte Piet-debat, theaterstuk Obia, Cultuurlijn 1102, Zo Gospel Choir, de film Ik kom uit de Bims (urban woord voor Bijlmer). De ondernemende, zelfbewuste jongere generatie, gesteund door de echte Bijlmer Believers, is vastbesloten van dit stadsdeel een welvarend deel van Amsterdam te maken. In het Bijlmer Parktheater als kunstzinnige schakel komt de magie van al de verhalen van Zuidoost en daarbuiten tot leven.

Ernestine Comvalius

metromovies.nl

Directeur Bijlmer Parktheater en al 24 jaar bewoonster van Zuidoost

bijlmerparktheater.nl © Jean van Lingen

29


MAAK DE BUURT(WET)!

Meer ruimte aan burgerinitiatieven

MAAK DE BUURT(WET)! EEN CAMPAGNE VAN EN VOOR AMSTERDAMMERS - ‘Heb jij gehoord van dat initiatief in West waar ze vanuit de buurt een leegstaande school gekraakt hebben voor allerlei buurtbijeenkomsten? Dat loopt als een tierelier. De koffie kost er bijna niks en je kunt er prima vergaderen of sporten. Ze hebben er een coöperatie opgericht die het hele gebouw beheert en ze verhuren de bovenverdiepingen aan startende ondernemers.’ - ‘Nou, bij ons in Zuid moet je verplicht winkelen in het Huis van de Wijk als je daar een bijeenkomst wilt beleggen. Veel ouderen klagen over het feit dat hun buurthuis waar ze vroeger bijeen kwamen of een kaartje wilden leggen, gesloten is. En in Noord en in West zijn alle wijkcentra al jaren geleden om zeep geholpen.’ - ‘Ja, maar in Oost ken ik wel de Meevaart waar de bewoners vanuit de Indische buurt zelf een voormalig buurthuis runnen. Daar kun je wel terecht als je met een buurt of een actiecomité wilt vergaderen. En er gebeurt nog veel meer. Het lijkt wel een duiventil zoveel mensen als daar in en uit vliegen.’

30

Eisse Kalk Voorzitter Burgerinitiatiefgroep Lokale Democratie

Niesco Dubbelboer Directeur Stichting Agora Europa

lokaledemocratie.nl

agora-europa.nl

Zo maar een gesprekje in het café van Pakhuis de Zwijger. Sinds enkele jaren dé plek waar iedere maand vele bijeenkomsten plaatsvinden waar buurtinitiatieven, wijkondernemingen en coöperaties van bewoners ervaringen uitwisselen. Al die initiatieven hebben één ding gemeen. De reacties van de overheid of van eigenaren van leegstaande panden op die buurtinitiatieven zijn onvoorspelbaar. Ze verschillen per stadsdeel en per gemeente. Soms werken lokale overheden goed mee, zoals in stadsdelen Oost en West. Maar vaker wordt er eerst beoordeeld of een initiatief wel past in het bestaande beleid, of de wijkonderneming niet concurrentievervalsend is en of steun aan een initiatief geen precedent veroorzaakt. Gelukkig is er een kentering waar te nemen, zowel landelijk in Den Haag als in Amsterdam. In Den Haag hebben belangrijke adviesorganen van de overheid bepleit veel meer ruimte te geven aan al die initiatieven van burgers. Naast analyses en pleidooien van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid en de Raad voor het Openbaar Bestuur heeft nu >>


MAAK DE BUURT(WET)!

>> ook de Raad voor Maatschappelijke

Ontwikkeling de overheid een duidelijk advies gegeven: ‘De beweging van een terugtredende overheid slaagt alleen wanneer maatschappelijke initiatieven ruimte krijgen om publieke voorzieningen naar eigen waarden en inzicht te organiseren. Dat vereist een fundamentele verandering van de verhouding tussen overheid en samenleving op het gebied van zeggenschap, financiering en rechtsstatelijke waarborgen.’ Het Kabinet heeft gereageerd op al die adviezen in de kabinetsnota over de zogeheten doe-democratie. Daarin wordt door de regering voor het eerst toegegeven dat ‘naast het stelsel van representatieve democratie (voor het nemen van gelegitimeerde besluiten) een tweede domein van collectieve besluitvorming (zelfsturing in gemeenschappen en coproductie in netwerken) ontstaat.’ Die andere vorm van democratie ontstaat uit de initiatieven van burgers. In de praktijk gebeurt dat vooral op lokaal niveau. In Amsterdam is in 2012 een motie door de gemeenteraad aangenomen, ingediend door raadsleden van Groen Links, PvdA en D66. Zij roepen daarin het college van B&W op ‘de formele positie van burgers waar het gaat om initiatieven die zij in hun eigen wijk ontplooien, vast te leggen’. Ze verwijzen daarbij naar een aantal rechten die in Engeland is vastgelegd in de zogenaamde Localism Act: het recht om te bouwen (right to build),

Een sociaal contract

het recht om te bieden (right to bid) en het recht om uit te dagen (right to challenge). Het College wordt opgedragen een Amsterdamse variant voor deze rechten uit te werken en die voor de zomer van 2014 vast te leggen in een verordening. Tijdens een van de vele debatten in Pakhuis de Zwijger over doedemocratie kwam eind 2013 de suggestie naar voren om deze verordening waarin de rechten van buurten, burgerinitiatieven en wijkondernemers worden vastgelegd, verder te ontwikkelen samen met alle buurt- en burgerinitiatiefnemers in de stad. Dat idee is overgenomen door de ambtenaar die de Amsterdamse buurtwet moet gaan redigeren, Hettie Politiek. Zij heeft een coalitie van acht organisaties, die allen rechtstreeks betrokken zijn bij burgerinitiatieven en wijkondernemingen, gevraagd een campagne op te zetten die in maart van start is gegaan. Die organisaties zijn Pakhuis de Zwijger, de Burgerinitiatiefgroep Lokale Democratie, de stichting Agora Europa, Netwerk Democratie, Movisie, Lokale Lente, Tugela85 en de communities in de Indische buurt. De komende maanden gaan we allereerst gesprekken voeren in ongeveer 30 buurten verspreid over heel Amsterdam, waar initiatiefnemers actief zijn in het publieke domein. Uit al die gesprekken komt een agenda naar voren van de belangrijkste thema’s voor het vastleggen van de buurtrechten. Die worden daarna

uitgewerkt en samengevat in een sociaal contract. Dat contract moet de basis vormen voor een serie afspraken of een verordening waarin die buurtrechten worden vastgelegd, in de wandelgangen de Buurtwet genoemd. In het sociaal contract worden de wensen en afspraken vastgelegd die de burgers van de stad Amsterdam met zichzelf en met de overheid willen maken over de zeggenschap over de inrichting en ontwikkeling van de lokale samenleving. Om te beginnen op buurt- en wijkniveau en vervolgens waar dit wenselijk wordt geacht op stedelijk niveau. Begin maart hebben we ten overstaan van alle Amsterdamse lijsttrekkers in Pakhuis de Zwijger een pleidooi gehouden om samen met ‘vrije Amsterdamse burgers’ een belangrijk onderdeel van het programakkoord op te stellen: welke rechten krijgen bewoners om zelf besluiten of initiatieven te nemen bij de ontwikkelingen in hun buurt? Het pleidooi kreeg grote bijval van de lijsttrekkers. Rond de zomer komt er een sociaal contract en wordt de betrokkenheid van duizenden Amsterdammers bij hun buurten letterlijk geregeld. ••

netdem.nl movisie.nl lokalelente.nl

MEER RUIMTE EN ZEGGENSCHAP VOOR BURGERINITIATIEVEN

tugela85.nl samenindischebuurt.nl/communities Op de hoogte blijven van ontwikkelingen rondom de Buurtwet?

dezwijger.nl/maakdebuurt

31


LOKAAL ONDERNEMEN

32

Wijkcoรถperaties


LOKAAL ONDERNEMEN MET WIJKCOÖPERATIES ‘WE LEREN AMBTENAREN ANDERS DENKEN’

‘Laten we eerlijk zijn: het is natuurlijk wel een mammoettanker. En een mammoettanker verander je op open zee niet van vandaag op morgen in een vloot speedbootjes.’ Toch heeft Frank van Erkel, programmadirecteur Organisatieontwikkeling bij de gemeente Amsterdam, er alle vertrouwen in. De lokale overheid moet de komende jaren veranderen in een ‘flexibele, daadkrachtige en compacte’ organisatie, en aan hem de taak om deze grootschalige transitie te begeleiden. ‘Het zijn kleine stapjes die we zetten, maar die zijn heel belangrijk voor het grotere geheel. Continu zijn we alert: wat gaat er goed, waar kunnen we van leren? En dan zie je dat de boel echt al in beweging is.’ >>

33


LOKAAL ONDERNEMEN

Trust Noord

>> Ze zijn net gezamenlijk geïnterviewd voor het boekje

Pioniers in de stad over community-leiderschap in de stad. Geen wonder, want Firouz Azarhoosh en Floor Ziegler zijn inspirerende en drijvende krachten achter bijzondere buurtontwikkelingen in de Indische buurt en AmsterdamNoord. Elk op hun eigen manier geven zij invulling aan het zogenaamde trust-denken, waarbij burgers zich gezamenlijk inzetten voor hun buurt. Floor Ziegler gooit met enige trots een bundel papieren op tafel. ‘Dit is een onderzoek dat is uitgevoerd door ambtenaren, op initiatief van het stadsdeel. Ze wilden in kaart brengen wat er allemaal gebeurt op het gebied van groenbeheer in het Noorderpark, en hebben zelf bedacht welke taken wij daarin zouden kunnen overnemen.’ Het geeft aan welke rol de respectievelijk zes en één jaar bestaande Noorderparkkamer en de Noorderpark Trust inmiddels spelen in Amsterdam-Noord. ‘Trusts gaan niet over alles overnemen wat in een wijk gedaan moet worden’, vindt Ziegler. ‘Veel van wat het stadsdeel doet, moet ook hun verantwoordelijkheid blijven. Maar wij kunnen wel een netwerk bieden en een schakel zijn, met en naar mensen die daarbij betrokken kunnen worden. Het gaat er vooral om dat we ambtenaren anders leren denken. Bij groenbeheer denk ik aan een tuinman die schoffelt in het park en praatjes maakt met mensen. Als je dat door bewoners laat doen, breng je ze met elkaar in gesprek, over hun buurt. Dan ben je dus niet alleen takken aan het snoeien, maar ook verbindingen aan het leggen.’

Nicole Santé

Freelance (cultuur)journalist onder meer voor Oor, Ad Valvas, Het Goede Leven en de Filmkrant

TRUSTS GAAN NIET ALLES OVERNEMEN IN DE WIJK Ook Firouz Azarhoosh ervaart dat de Buurtmaatschap Indische Buurt een belangrijke speler is geworden. ‘Van de week werden ook wij gebeld door een ambtenaar van groenbeheer. Hij had gehoord dat we bezig waren met plannen om van een van de twee speeltuinen die we in beheer hebben, een tuin te maken. Met een ontmoetingsruimte voor ouderen, de mogelijkheid om daar samen met hun kleinkinderen te recreëren, en misschien een theehuisje. De ambtenaar vond het leuk dat we dat wilden doen, maar zei dat de grond van de gemeente was. Hij vond het wel fijn als we zouden samenwerken en dat hebben we gedaan. Wij hadden de plannen, zij het geld, en we hebben een mooi plan van aanpak gemaakt.’ >>

TRUST NOORD De Noorderparkkamer (de in het Noorderpark gezetelde ‘huiskamer’ van de wijk), en stichting Broedstraten (vijf straten vol kunstenaars en muzikanten die samen met de buurt deze mooier en leefbaarder maken) hebben zich in Amsterdam Noord met culturele evenementen en praktische projecten bewezen als belangrijke buurtverbinders. Met Trust Noord wordt getracht dergelijke initiatieven uit te laten groeien tot echte wijkondernemingen, waarbij burgers gebouwen, plekken of andere eigendommen beheren of exploiteren. De ondernemingen mobiliseren buurtbewoners, leggen verbindingen tussen overheden, organisaties, bedrijven en burgers, brengen lokale economie op gang en maken creatieve energie los.

noorderparkkamer.nl broedstraten.nl

34


LOKAAL ONDERNEMEN

Meevaart

MEEVAART In de Indische buurt in Amsterdam Oost zijn inmiddels acht goed florerende communities, netwerken van bewoners die werken aan een betere buurt. De Meevaart, het Huis van de Wijk wordt beheerd door de buurtbewoners, die sinds november 2013 verenigd zijn in de coöperatieve vereniging De Buurtmaatschap. De activiteiten van de Buurtmaatschap behelzen onder meer het beheren van speeltuinen, de zorg voor daklozen, het begeleiden van jongeren en het organiseren van diverse culturele en maatschappelijke evenementen in de buurt.

samenindischebuurt.nl/communities meevaart.nl

© Repair Café

>> Volgens Azarhoosh, hetgeen Ziegler beaamt, verschilt de

systematiek van het stadsdeel en zijn ambtenaren wezenlijk van dat van de buurtorganisaties. ‘Ambtenaren zien een stukje grond en vinden dat ze daar iets mee moeten. Dan gaan ze plannen bedenken en eventueel bewoners daarbij betrekken. In het begin botste dat verschil in denkwijze nog weleens. Maar nu kennen ze ons een beetje – de korte lijnen maken het werken en verkrijgen van bijvoorbeeld klein subsidies een stuk gemakkelijker. Ziegler: ‘Het gaat vooral om vertrouwen - dat hebben we inmiddels een beetje kunnen winnen. En om de energie die je uit mensen weet te halen. Dat werkt als een sneeuwbal: de organisatie die we ooit op poten hebben gezet, breidt zich als een olievlek uit. Zo stond er pas geleden op het Van der Pekplein een winkel leeg, waar mensen uit de Stichting Broedstraten op eigen initiatief een toko zijn begonnen. Die is super succesvol! Terwijl Ymere en het Stadsdeel al jaren met moeite ondernemers naar de die plek proberen te trekken. Ze zochten ook al heel lang naar een fietsenmaker voor in die buurt. De kwartiermakers van onze Broedstraten vonden binnen no time via hun bewoners netwerk vier fietsenmakers die in stilte in hun tuintje aan het sleutelen waren. Het netwerk breidt zich steeds meer uit. Dat is mooi, maar tegelijkertijd ook ingewikkeld.’ Voor zowel Azarhoosh als Ziegler geldt dat ze zich, ondanks het succes van hun organisaties, niet geroepen voelen taken van de gemeente zonder meer over te nemen. Azarhoosh: ‘We wringen ons in gaten die nog niet gevuld zijn. Zoals leegstandsbeheer van het gebouw De Evenaar. Of de

exploitatie van twee speeltuinen, waarvan het beheer destijds is wegbezuinigd. Daar lijden we verlies op. Met de huizen voor maatschappelijke opvang (voor daklozen) willen we wel quite spelen.’

WIJ ZIJN ER ALTIJD, NIET ALLEEN VAN 9 TOT 5 Ziegler: ‘Wij willen geen taken overnemen, maar wel zorgen dat overheidsbeleid meer aansluit bij de wensen van de mensen. Daar hebben wij zicht op, omdat wij er altijd zijn, niet alleen van 9 tot 5. Wij spreken elke dag hondenuitlaters over hun problemen met de mensen die willen barbecueën in het park. Het stadsdeel heeft paaltjes laten neerzetten om te zorgen dat honden op bepaalde plekken niet poepten, maar bewoners hebben die paaltjes weggehaald. Uit gesprekken met parkgebruikers hebben we begrepen dat ze het onderling met elkaar willen oplossen. Dat werkt natuurlijk veel beter. Al heb je altijd nog handhavers nodig, voor als het echt mis gaat. Belangenverschillen blijven bestaan. Uiteindelijk is het wel zo dat we dingen doen, die eigenlijk betaald zouden moeten worden. De politie vindt het fijn dat we zo veel werken met alcoholisten en dat daardoor de overlast in de wijk is teruggelopen. Maar hoe meet je onze impact? Hoe bewijs je dat het aantal benodigde uitkeringen is gedaald? Daar zou je iets op moeten vinden.’ Azarhoosh: ‘Wij willen niet >>

35


LOKAAL ONDERNEMEN

Community denken

>> een welzijnsorganisatie worden, maar wel nadenken over

het overhevelen van taken naar de samenleving. Daarvoor is het nodig dat we de boel herverkavelen: kijken naar wat hoort bij de taak van de overheid en wat bij de taak van de samenleving. We hebben vier pilots bedacht: pedagogisch klimaat (activiteiten voor kinderen); bewonersondersteuning en actieve burgerschap; maatschappelijke opvang en zorg; en beheer en programmering van vastgoed. Per pilot hebben we bedacht welke taken, en het bijbehorende geld, overgeheveld kunnen worden. Daarbij moet wel onze Buurtmaatschap de regie houden.’

VOOR DAT GELD KUNNEN WE DIE JONGEREN IN DIENST NEMEN EN IS DE ZAAK OPGELOST Volgens Ziegler is samenwerking met of inmenging van de overheid niet altijd nodig. Een voorbeeld daarvan is het Werk- en Concertgemaal aan de Landsmeerderdijk. ‘Dat is een initiatief vanuit de community, zonder gemeente, zonder gemeenschapsgeld. Het succes drijft op de kracht van mensen en op wat zij inbrengen. Het is puur commercieel, maar wel trust: de ene buurtbewoner kookt, de andere is wijnhandelaar. Iedereen is betrokken, maar iedereen betaalt. Het gaat hier wel om het vitale deel van de buurtbevolking.

Floor Ziegler is cultureel ondernemer, coach voor creatieven en initiatiefnemer van de Noorderparkkamer, stichting Broedstraten en het Concertgemaal in Amsterdam Noord. Ze creëert verbindingen tussen (creatieve) mensen en initieert culturele projecten.

WIE IS FLOOR ZIEGLER? © Joep Kroes

36

Voor de zwakkeren in de samenleving is overheidsinbreng nog onontbeerlijk.’ Azarhoosh is ervan overtuigd dat buurtcommunities problemen in de marges van de samenleving heel goed kunnen oplossen. ‘In de Indische buurt wonen 22 duizend mensen. Daarvan zijn er 2000 jongeren tussen de 14 en 27 jaar. Daarvan hebben er 200 problemen en van die 200 zijn er vijftig echt problematisch. Het bedrag wat je in de buurt aan jeugdbeleid kwijt bent is twee miljoen euro. Voor dat geld kunnen wij die 200 probleemjongeren in dienst nemen en is de zaak opgelost. Maar dat betekent wel dat er een jongerenwerker overbodig is geworden.’ De afstand tussen het oude systeem en het nieuwe community denken bestaat dus nog steeds, maar lijkt langzaam maar zeker kleiner te worden. Het is een kwestie van lange adem, en dat baart Ziegler af en toe zorgen. ‘Dit drijft natuurlijk op de energie van mensen. En deels op geld van de overheid. Maar daar zijn ze vaak gericht op nieuwe ontwikkelingen en hypes. Als er weer iets leuks, hips voorbij komt, gaat daar geld heen. Terwijl ze er goed aan zouden doen om het te zoeken in organisaties die al langer mee gaan en die weten wat het inhoudt om de samenleving vanuit communities vorm te geven. Dit is een vak op zich dat je leert door te doen en hoe meer en langer je dit doet hoe beter je kan inspelen op de behoeften en talenten van mensen. Dat is echt anders dan vanuit beleid denken en handelen. Bovendien gaat deze manier van werken over verbindingen en netwerken - die bouw je niet in één dag op.’ ••

WIE IS FIROEZ AZARHOOSH? Firoez Azarhoosh, geboren in Teheran, is sociaal en maatschappelijk ondernemer, community builder en medeontwikkelaar van onder meer het concept van buurtcentrum De Meevaart in Amsterdam Oost. Daarvoor was hij in diverse functies werkzaam bij de (met name gemeentelijke) overheid.


SAMEN SCHOON

Zelfbeheer

SAMEN SCHOON ZELFBEHEER VAN BEWONERS GROOT SUCCES

Bewoners zelf verantwoordelijk maken hoort niet vanzelfsprekend tot de taken van woningbouwverenigingen. Toch zien ook steeds meer corporaties de voordelen van eigenaarschap van bewoners. Het product Samen Schoon, van Eigen Haard in Amsterdam, is een groot succes. Gert Dijkstra, Manager Woonservice, Woonfraude en Projectbegeleiding Wonen van Eigen Haard, vertelt hoe het is begonnen. ‘De viesheid van gemeenschappelijke ruimtes in onze complexen - we beheren er zeshonderd - staat al jaren met stip op nummer 1 op de lijst van ongenoegens van bewoners. In de regel duurt het lang voor er iets met klachten wordt gedaan - ondertussen blijft het vies in portieken, galerijen en bergingsgangen. Twee jaar geleden hebben we het omgedraaid: we gaven bewoners gelegenheid tot zelfbeheer. Ze kunnen schoonmaak zelf inkopen, er zelf op toezien, zelf beheren, of zelf doen.’ Inmiddels maken twintig van de zeshonderd (‘dat moet binnen een aantal jaar vertienvoudigd worden’) complexen gebruik van Samen

Schoon. Hof van Osdorp is een succesvol voorbeeld: er zijn zeven toezichthouders die zelf een schoonmaakbedrijf hebben ingekocht (‘bewoners zijn vaak beter in onderhandelingen dan wij’), direct het bedrijf inschakelen indien nodig, toezicht houden en klachten direct met het schoonmaakbedrijf bespreken. ‘We waren een beetje bang dat het niet zou lukken, dat bewoners geen zin zouden hebben het zelf te doen. Maar het omgekeerde bleek waar: ze vinden het fijn invloed te hebben. En dat de kwaliteit van het wonen erop vooruitgaat. Dat is de belangrijkste drijfveer, niet het lichte financiële voordeel van iets lagere servicekosten.’ Voor Eigen Haard betekent de ingreep tevreden klanten, schone gebouwen en meer efficiëntie: ‘Voorheen zat in de 2,3 miljoen euro aan schoonmaakkosten zeker 30 procent overhead, waarvan we maar 5 procent konden doorberekenen aan de klant. Nu kán dat naar 5 procent overhead.’

eigenhaard.nl

37


TIJDELIJKHEID

Mobiation

MOBIATION DOE-HET-ZELFEXPERIMENT IN MOBIEL WONEN alles met een zo klein mogelijke impact op de omgeving. Op dit moment wordt het huis even in de opslag gelegd. De objectvergunning - de Mobi-01 wordt beschouwd als een performance - liep eind maart af. Calanne: ‘Het is goed even een time-out te nemen en te gaan ‘herbronnen’. Maar we zijn op zoek naar een nieuwe locatie, dus als iemand iets weet, neem dan contact met ons op!’

mobiation.net

© Peter Wingender

Het gevaarte dat deel uitmaakt van het Mobiation project veroorzaakt opwinding als je het ziet. De Mobi-01 (spreek uit mobi one) is een mobiel huis, een pittig doe-het-zelf-experiment in wonen. Zes maanden lang woonden Geert en Calanne, zelfverklaarde Mobiators op het Zeeburgereiland in hun met afvalmateriaal opgebouwde woning. Door de aanloop van het tegenovergelegen restaurant trok het mobiele pand veel aandacht van nieuwsgierige gasten. Zo is de Mobi-01 langzaam verworden tot een informele ontmoetingsplek waar het gesprek gevoerd werd over zelfbouw, energieopwekking, zelfvoorzienendheid en milieuvriendelijke toepassingen,

38


INTERVIEW

Fred Kent

PLACEMAKING ALS STRATEGIE VOOR URBANE LEEFBAARHEID INTERVIEW MET FRED KENT Fred Kent is een veteraan op het gebied van stedelijke ontwikkeling. In de door hem ontwikkelde strategie placemaking staat de gebruiker van de ruimte voorop. Architecten en vormgevers moeten een toontje lager zingen en zich dienend opstellen. Door te observeren, discussiëren en experimenteren kan een ‘dooie’ plek in de stad weer levendig worden.

Edo Dijksterhuis

Freelance journalist en publicist

Dat je in Amsterdam zo weinig aan het water kunt dineren, vindt Kent een gemiste kans. De straten in de stad zijn wel gelukt - niet overgeleverd aan gemotoriseerd verkeer zoals in Amerika. Maar het Museumplein, daar heeft hij geen goed woord voor over. ‘Het is best tragisch. Zo’n belangrijke plek in de stad en hij functioneert niet. Het plein is nooit een bestemming geworden - behalve dan bij demonstraties. Het ligt bovendien bedolven onder mislukte designstatements. Dat ezelsoor moet echt verdwijnen!’

Kents analyse komt niet uit de lucht gevallen. Meer dan twintig keer bezocht hij Amsterdam. Hij wandelde door de stad, fietste, nam de tram (‘wereldklasse!’) en keek rond. Hij keek heel veel rond, de stedelijke ruimte en haar gebruikers observerend. De vorige keer dat hij Amsterdam bezocht, gaf hij in Pakhuis de Zwijger een lezing over placemaking, de methodiek voor urbane (her)ontwikkeling die Kent ontwikkelde met zijn Project for Public Space. >>

39


INTERVIEW

Openbare ruimte

Bryant Park New York

>> ‘Ik ben geen criticaster, ik ben een

aanjager van verandering’, relativeert hij tijdens een Skype interview zijn commentaar op de zwakke plekken van Amsterdam. ‘Placemaking is een belangrijk onderwerp en de aandacht ervoor groeit snel. Wij komen met een alternatief voor de iconische vormgeving die je overal ziet, het product van designers en landschapsarchitecten met grote ego’s. Mensen willen geen iconische statements meer. Ze willen een uitdrukking van de waarde en het gevoel van een plek. Wat wij doen is de gebruikers aan het woord laten en samen met hen de ruimte definiëren.’ Toen Kent, leerling van antropologe Margaret Mead en organisatie-analist William Whyte, 39 jaar geleden begon

te werken aan stadsvernieuwing, bestond de term placemaking nog niet. Eén van de eerste projecten waar hij bij betrokken was, was het weer leefbaar maken van Bryant Park in New York. ‘Negen verschillende drugsbendes beheersten het park. Niemand wilde er naar binnen, het was een helse plek. Onze hulp werd ingeroepen als oplossers van problemen - en serieuze problemen waren het. De gemeente dacht dat we zouden bepalen waar hoge hekken met punten moesten worden neergezet. Maar wij adviseerden om bankjes neer te zetten, zodat mensen er weer zouden gaan zitten en er leven in het park zou komen. Dat was revolutionair. Maar dat is waar placemaking over gaat: het heroveren van ruimte door positieve actie.’

IN PLACEMAKING BESTAAT ER NIET ZOIETS ALS EEN BLAUWDRUK VOOR ONTWIKKELING 40

Tot die tijd bemoeiden vormgevers en architecten zich eigenlijk niet met de openbare ruimte. Dat veranderde in de jaren zeventig. Designers schotelden per geval drie of vier panklare oplossingen voor, de gemeenschap had ze maar te slikken. En zo werden steden volgeplempt met ongeliefde, ongebruikte pleinen, parken en gebouwen. ‘Maar met de economische crisis is er een omslag gekomen’, stelt Kent. ‘Eigenaren van onroerend goed eisen nu dat hun gebouw werkt, niet dat het er alleen maar goed uitziet. Als je onze aanpak inzet - de gebruiker centraal stelt, met die gebruiker praat en hem observeert - dan verandert de rol van vormgeving. Design wordt dan dienend en reagerend, een ambacht.’ Voor de transitie van een goede locatie, eentje die schoon en veilig is, naar een geweldige locatie, hanteert Kent een vuistregel die hij de macht van tien noemt. ‘Een geslaagde stad moet minstens tien bezienswaardigheden hebben. Iedere bezienswaardigheid moet minimaal >>


INTERVIEW

>> tien plekken hebben. En op iedere

plek moet je tien dingen of meer kunnen doen. Tien maal tien maal tien, dat zijn duizend activiteiten.’ Op het Museumplein zijn volgens Kent wel twintig of dertig activiteiten te bedenken per plek. Maar, zo waarschuwt hij, ze moeten uit de gemeenschap zelf voortkomen. ‘In placemaking bestaat er niet zoiets als een blauwdruk voor ontwikkeling. Alle oplossingen zijn lokaal. Op het Museumplein kun je denken aan de musea, die zich binnenstebuiten kunnen keren en zich profileren buiten, op het plein.

WIE IS FRED KENT?

Placemaking

Maar ook de verschillende etnische groepen uit de stad moeten erbij betrokken worden. Markten zijn erg effectief in het bij elkaar brengen van verschillende groepen. Activiteiten rondom amateurkunst en eten zouden georganiseerd kunnen worden aan de randen van het plein; zo wordt ook de invulling van het begrip cultuur opgerekt.’ Voorwaarde is wel dat er een onafhankelijke organisatie is voor het plein, zodat de herontwikkeling niet overheerst wordt door de instituten. En dat de straten rondom het plein bij het proces betrokken worden. Kent: ‘Een plein is als een octopus, die met z’n armen om zich heen grijpt.’

Fred Kent is oprichter van Project for Public Spaces, een Amerikaanse non-profit organisatie die als missie heeft om openbare ruimtes te creëren en onderhouden die helpen bij de vorming van gemeenschappen. Vanaf de oprichting in 1975 heeft PPS in meer dan 1200 gemeenschappen gewerkt, zowel binnen de Verenigde Staten als daarbuiten. Vaak tijdelijk, vaak met horeca.

www.pps.org

Duur hoeft de re-activatie van een plein, park of straat niet te zijn, stelt Kent. Hij refereert graag aan het adagium lighter, quicker, cheaper van Eric Reynolds, de stadsvernieuwer die in Londen onder meer verantwoordelijk was voor de gezellige bazaar in Camden Lock. ‘Met bescheiden middelen, tijdelijke evenementen, is een plaats al aantrekkelijk en actief te maken.’ Wel is er tijd nodig. ‘Drie jaar minimaal’, stelt Kent. ‘In het eerste jaar kun je wat experimenteren. Je luistert veel naar bewoners en gebruikers, verwerkt hun input, en observeert. Het tweede jaar staat in het teken van de uitbreiding. En als het goed is, ontstaat in het derde jaar een gevoel van verantwoordelijkheid en eigenaarschap bij de gemeenschap.’ De politiek heeft Kent in ieder geval mee. Ook daar heeft het denken over urbane ontwikkeling een radicale ontwikkeling doorgemaakt. ‘Het gaat nu om de kwaliteit van leven, zelfs onder de conservatieven. Dat is een nieuwe politiek.’ ••

41


Buurttuinen Transvaal op het Afrikanerplein Š Eva DeCarlo

IEDEREEN ZIJN EIGEN MOESTUIN HOE EETBAAR IS AMSTERDAM?

Tanja den Broeder

Platform Eetbaar Amsterdam

eetbaaramsterdam.wordpress.com

42

Stadslandbouw is terug van weggeweest. Amsterdam heeft sinds januari een eigen voedselvisie. TweeĂŤntwintig steden in Nederland ondertekenden onlangs de stadslandbouwagenda 2014 van het Stedennetwerk Stadslandbouw. Het document formuleert concrete acties die gemeenten binden aan het stimuleren van regionale voedselnetwerken. Een voorbeeld daarvan zijn de moestuinen, de hoeksteen van stadslandbouw. In de moestuin leren mensen zelf en samen wat voedsel verbouwen en verwerken is. Amsterdam kent inmiddels een kleine 100 moestuinen. Jaarlijks komen er tientallen nieuwe bij. >>


IEDEREEN ZIJN EIGEN MOESTUIN

Industrialisering van landbouw

STADSLANDBOUW KAN DE REGIONALE ECONOMIE VERSTERKEN >> Een uit-de-losse-pols-definitie van stadslandbouw

zou kunnen luiden: ‘met eetbaar groen bezig zijn in uiteenlopende stedelijke buitenruimtes van balkon, voor-, achter- en binnentuin tot plantsoen, park en akker’. Een akker in de stad is echter meestal een braakliggend terrein met als maximale gebruikstermijn tien jaar. Een termijn die onvoldoende basis biedt voor het opbouwen van een voor die schaal noodzakelijk bedrijfsmatige, economische en ook ecologische stabiliteit. Daarmee is gezegd dat elk stadslandbouwinitiatief, van welke orde of afmeting dan ook, in eerste instantie een schakel of onderdeel is van een voedselnetwerk dat gezonde voeding bereikbaar wil maken voor iedereen.

Industrialisering van landbouw

In Europa was urbane landbouw tot de vorige eeuwwisseling een belangrijk onderdeel van het leven in de stad. In 1890 was een zesde van Parijs, zo’n 1600 hectare, in gebruik voor de productie van meer dan 100.000 ton groente per jaar. Hiervoor werd jaarlijks 1 miljoen ton paardenmest verzameld, bijproduct van het toenmalige Parijse vervoerssysteem - voilá: une économie circulaire avant la lettre. Stadslandbouw verdween gaandeweg uit het stedelijk landschap op het moment dat voedselproductie op industriële leest geschoeid raakte. Door de technologieën op het gebied van voedselverwerking, transport en koeling werden de steden minder afhankelijk van hun directe omgeving. Het voedsel voor het groeiende aantal stedelingen kon van grotere afstand aangevoerd worden. Een snel toenemende bevolking kon zo gevoed worden en landbouw droeg bij aan de economische groei omdat met de nieuwe logistieke mogelijkheden internationalisering steeds meer centraal kwam te staan. ‘De wereld’ werd de nieuwe afzetmarkt. Maar er volgden ongewenste bijwerkingen. Zo is er sprake van hoog energieverbruik, voedselverspilling en veel afval. De landbouwsector vergrijst door slopende concurrentie. Landbouwgrond verschraalt door het op grote schaal en veelvuldig inzetten van kunstmest en chemicaliën om de groei van de gewassen, de omzet in

kilo’s, te garanderen. En tenslotte: een obesitasepidemie bedreigt de volksgezondheid. Naast andere niet meer weg te denken ‘welvaartsziektes’, laat dit onontkoombaar zien dat industrieel voedsel blijkbaar ook een massaal negatieve invloed kan hebben op welzijn. Nieuw beleid en investeringen zijn dus nodig voor veranderingen in het voedselsysteem. Een systeem dat bovendien volkomen afhankelijk is van fossiele, niet hernieuwbare hulpbronnen zoals olie, die steeds duurder en schaarser zullen zijn in de nabije toekomst.

Het belang van stadslandbouw

Wanneer het huidige voedselsysteem op zo veel verschillende facetten invloed uitoefent, dan kan dat ook ten goede worden ingezet. We kunnen veel breder naar voedsel kijken dan de landbouwindustrie gewend is. Door niet alleen - of niet in de eerste plaats - te focussen op productie en winst, maar ook op ecologisch, economisch, sociaal en gezondheidsvlak. Stadslandbouw kan de regionale economie versterken doordat voedselproducenten rechtstreekse toegang krijgen tot de stedelijke markt: een meer directe relatie tussen boer en burger. Ook is werkgelegenheid en lokale economie op het platteland een focus, in en rond de stad in combinatie met behoud van groen in een stedelijk landschap. Regionale voedselnetwerken verminderen voedselkilometers, dringen de CO2-uitstoot terug en maken efficiënter gebruik mogelijk van reststromen, wateren bodemnutriënten. Wezenlijk voor stadslandbouw, zeker in Amsterdam, is vooral ook het complex aan moestuinen dat naast een vorm van zelfvoorziening tevens een bijdrage levert aan de gezondheid van mensen en de versterking van de sociale cohesie in wijken. Al met al een optelsom van wenselijke uitkomsten die bovendien als ultiem urgent mag gelden in een reeds ruim 5 jaar aanhoudende crisisperiode. Stadslandbouw is onderdeel van een divers voedselnetwerk, waar ook anderen dan de enkele multinationals een rol vervullen, om te werken aan een veerkrachtig voedselstelsel dat duurzaam, gezondheidsbevorderend en (prijs-)bewust omgaat met ons eten van ‘grond naar bord’. >>

43


IEDEREEN ZIJN EIGEN MOESTUIN

>> Innovatie

De meningen zijn verdeeld over wat het optimale klimaat of milieu kan of moet zijn voor voedselproductie. Het kan ook in water of zelfs, voor een deel, in de lucht. Innovatielust is er in ieder geval voldoende. Beroemd zijn de Vertical Farming opvattingen van Dickson Despommier over stedelijk eetbaar groen. Die stelt dat het hoe dan ook gewoon en per se overal moet kunnen: stadslandbouw. Andere innovaties zijn de 3-D printer voor voedsel: laag voor laag met cacao, vet en gelatine een bonbon fabriceren. Met aparte printcartridges voor bijvoorbeeld vet, eiwitten en suiker, gecombineerd met water, kleurstof en aroma’s zou je (bijna) elk product moeten kunnen maken. Sociale innovatie is in het voedseldomein met name relevant wanneer het doel is voedselproductie als het ware te democratiseren. Meer zeggingsschap en eigenaarschap over voedselproductie krijgt gestalte door anders met land, geld en arbeid om te gaan.

Comeback van stadslandbouw

De comeback van stadslandbouw in Amsterdam werd in 2011 werkelijk zichtbaar toen CITIES met het project Farming the City een onderzoek publiceerde, waarin ze naar 19 pionierende projecten had gekeken. Uit dit onderzoek bleek onder andere dat de projecten problemen

WIST JE DAT... ...een moestuin van 40m², goed voor een gezin van 1 volwassene en 2 kinderen, tot 960 euro (winkelwaarde) aan groente per jaar kan opbrengen? Trek daar de investering aan tuinmateriaal, zaden en plantgoed af, en je hebt zo’n 800 euro winst. Bovendien houdt een moestuin je fit. Met een half tot één uur werk per dag tussen april en juni, kom je op jaarbasis aan 200 uren. Al die tijd ben je in de gezonde buitenlucht, doe je onbewust 101 lichaamsoefeningen en houd je je kinderen actief bezig. En dat, terwijl de inspanning niet groter is dan een rustig rondje fietsen.

44

Comeback

ondervonden met de regelgeving en dat het toenmalig beleid te weinig ruimte bood voor stadslandbouwactiviteiten. Voorbeelden van knelpunten waren hygiënevoorschriften, strenge bouwrestricties en het komen tot een goede overeenkomst met eigenaren van gebouwen of percelen. In 2012 kreeg Platform Eetbaar Amsterdam bij de oprichting de opdracht mee in contact met de gemeente naar het beleid en de knelpunten te kijken. Inmiddels heeft Amsterdam sinds januari 2014 een voedselvisie en werken verschillende aan stadslandbouw gerelateerde organisaties samen met de gemeente aan een zogenaamd Voedsel Informatie Punt (VIP), dat in het najaar van 2014 gelanceerd zal worden. De voedselvisie heeft een brede kijk op stadslandbouw en in het verlengde hiervan brengt het VIP middels een website - aangevuld met een telefonisch spreekuur - informatie van verschillende partijen uit het voedselveld bijeen, die zowel praktisch als theoretisch van aard is. Daarnaast zal de website gerelateerde gemeentelijke ontwikkelingen, onderzoek, trends en voortgang publiceren.

Toekomst

Wat zal de toekomst van stadslandbouw vragen en bieden? In ieder geval zal er een groeiende behoefte bestaan aan een goed georganiseerde aanlevering van compost en grond, aangezien in de stad vooral met opgehoogde bedden gewerkt wordt vanwege de onzekerheid wat betreft de zuiverheid van de bodem. De opkomst van boerenmarkten en ‘anders eten’, oftewel minder vlees en meer streek- en seizoensgebonden opbrengsten, zal doorbreken. Verder: het dilemma tussen de productie van biobrandstof en voedsel, het herstel en behoud van de natuurlijke vruchtbaarheid van de bodem, Community Supported Agroculture (CSA, bij ons bekend als zelfoogstboerderijen), een agenda met informatie over samentuinen en samen eten, foodscapes (die een verband houden met agro-ecologie), slowfood en de ‘iPad boer’ die innovatie en informatie uit de ‘cloud’ haalt om direct toe te passen in de eigen bakken of bodem, zullen aan de orde zijn. Het VIP zal zelf onderdeel zijn van die cloud. Een wolk, die als het goed is, vruchtbaar bijdraagt aan het stadsboeren- en moestuinderverstand in onze stad en omgeving. ••

verticalfarm.com amsterdam.nl (zoekwoord: ‘voedselvisie’)


IEDEREEN ZIJN EIGEN MOESTUIN

Inspiratie

GEÏNSPIREERD GERAAKT? IN 10 STAPPEN EN TIPS JE EIGEN MOESTUIN! STAP #1

STAP #6

Kijk op de kaart van Amsterdam naar plekken waar moestuinen en stadslandbouwinitaitieven welkom zijn. Zorg voor een goede bodem of werk met verhoogde bedden. Eén kuub tuinaarde kost ongeveer 100 euro.

Doe aan plaagbeheer: voorkom slakken (kikkers helpen bij een slakkenprobleem!) en stimuleer juist de komst van andere beestjes zoals bijen. Niet alle, maar veel eetbare planten zijn van het bestuivingsritueel van de bij afhankelijk.

STAP #2

Warmte en licht moeten toegang krijgen, daarom is het belangrijk dat je de grond losmaakt. Een grelinette is daar een prachtig gereedschap voor, goed voor de bodem en goed voor je rug!

STAP #3

Gebruik compost. Compost is plantaardig organisch materiaal - eventueel vermengd met dierlijke mest en kun je eventueel ook zelf maken van je eigen groente- en fruit afval.

STAP #8

STAP #4

Start een wormenhotel: wormen maken de grond luchtig, waardoor wortels omringd door een fijn net van schimmel-wortel goed toegang krijgen tot de vruchtbare bodem.

STAP #5

Maak een zaaikalender. Plaats niet iedere jaar op hetzelfde stukje grond hetzelfde gewas, zodat op de bodem niet een te eenzijdig beroep wordt gedaan.

makkelijkemoestuin.nl

STAP #7

Zaai! Houd rekening met de seizoenen. Voordat je begint, kun je een aantal zaden alvast ontkiemen. Ook kun je groente stekken. Kontjes van bijvoorbeeld kool en prei zullen ontkiemen en in de volle grond weer gaan groeien. Doe dit voorwerk in je vensterbank, een kas(je) of een speciale tent op je balkon.

Bewater je planten, maar niet te veel en niet te vaak. Wortels moet je een beetje laten ‘werken’ voor hun voedsel, daar worden ze sterk van. Een echte stadsboer houdt rekening met de grondwaterstanden.

STAP #9

Je ontkomt er niet aan: onkruid wieden. Een half uurtje per dag, word je zelf ook sterk van.

STAP #10

Tijd om te oogsten: met een beetje beleid kun je verschillende opvolgende oogsten in een seizoen bereiken. Eet u smakelijk, samen!

maps.amsterdam.nl/braakliggende_terreinen

SMAAKMAKERS VAN DEN BERGH, CLERKX & VAN DEN BERG

maps.amsterdam.nl/stadslandbouw

In het boek Smaakmakers komen zes stadslandbouwers uit verschillende delen van Amsterdam aan het woord. Smaakmakers laat zien hoe de stadsboeren met alle uitdagingen omgaan, hoe zij tot verrassende oplossingen komen en welke successen zij boeken. Een inspirerend boek voor beleidsmakers, initiatiefnemers en vrijwilligers van buurtmoestuinen.

smaakmakers.me

45


TIJDELIJKHEID

Basis

JE WEET WIE DE BASIS

Midden in de Pijp, in de Tolstraat, opent in mei 2014 een tijdelijke plek waar niemand raar opkijkt als je een zelfgemaakt prakje in de daar aanwezige magnetron opwarmt of een poging tot scratchen doet achter de draaitafels. Welkom in de Basis, de niet-gesubsidieerde culturele instelling van initiatiefnemers Michiel en Jan. ‘Het is mooi dat je in Amsterdam op je eigen manier kan doen wat je wilt en dat je niet direct iemand nodig hebt. Het is een kwestie van timing’, aldus Michiel. Tijdelijk is volgens hen absoluut het nieuwe permanent. Flexibiliteit is de kracht van hun initiatief. Door vooral uit te gaan van het belang van anderen kwamen ze razendsnel in aanraking met de juiste mensen en openen ze straks hun tweede tijdelijke Basis in hartje Amsterdam. De eerste locatie in de Vijzelstraat is inmiddels gesloten. Met Bring Your Own Food, bier voor 2 euro en een programmering voor en door opkomende talenten uit de Amsterdamse kunstsector. Met ateliers op de bovenste verdiepingen en een terras in de zon. Weet jij al wie de basis?

basisamsterdam.nl

© Tim Hillege

46


DE JONGE STEDELING

Amsterdamse starters

© Lotte Rijkers in opdracht van The Good Familiy Het gezin van Sander en Lonneke in hun moestuin (fb.com/demobielemoestuin)

DE JONGE STEDELING ZOEKT RUIMTE Maartje Rooker Tekstschrijver en marktonderzoeker

maartjerooker.nl

Je soy latte macchiato is op. Je twijfelt of je een nieuwe bestelt. Kost je weer € 3,75. Maar urenlang werken in die hippe koffietent zonder iets te bestellen, knaagt aan je geweten. Aan de andere kant, een nieuwe, deze keer betaalde opdracht, laat op zich wachten. Het freelancebestaan is een mooi avontuur waarin je je behoefte aan vrijheid en creativiteit goed kwijt kunt, vaste inkomsten zijn er niet. Vaste hoge uitgaven voor je dagelijkse beslommeringen wel. Zeker in Amsterdam. Met veel mazzel heb je eindelijk een huurwoning in de particuliere sector gevonden. Maar je betaalt wel de hoofdprijs. Je wilde best kopen, maar no way dat de bank jou als zzp’er een hypotheek verstrekt. Toch neem je dit alles voor lief. Als Amsterdamse starter wil je alles uit het leven halen en lijkt de hoofdstad the place to be. >>

47


DE JONGE STEDELING

AMSTERDAM WERKT ALS EEN MAGNEET >> Amsterdam werkt als een magneet op de jonge

hoogopgeleide stedeling. In vergelijking met de rest van Nederland zijn de twintigers en dertigers hier oververtegenwoordigd. Bijna 8% van hen woont in Amsterdam en dit percentage neemt alleen maar toe. Ook jonge gezinnen die eerder hun heil in satellietsteden als Purmerend en Almere zochten, blijven steeds vaker in Amsterdam hangen. Zo trekt Bar Bukowksi, een van de populairste cafés van het moment, niet alleen hipster twintigers maar zit het ook vol ouders met hun jonge kroost. En dat is niet zo vreemd. Amsterdam komt tegemoet aan veel behoeften van de huidige jonge stedeling: dynamiek, creativiteit, ondernemersmentaliteit, internationale allure en een variëteit aan opleidingen, horeca, winkels, musea en festivals. Daarnaast zijn er Berlijnesque rafelranden met broedplaatsen en oude feestloodsen voor de nodige edgy activiteiten. De stad leeft en inspireert. Hoewel jonge stedelingen onmisbaar zijn voor de economie en dynamiek van Amsterdam, wordt het hen lastig gemaakt op het gebied van wonen, werken en uitgaan. De woningmarkt zit op slot, door de crisis komen ze niet snel aan een baan en door regeldruk wordt innovatie en creativiteit in het uitgaansleven ingedamd. Zo was het organiseren van een Nuit Blanche, ‘een nacht cultureel verantwoord doorhalen’, een hachelijke tour door een woud aan vergunningen. Bovendien was er veel weerstand van de omgeving. Verworvenheden uit het verleden vinden steeds minder aansluiting met de behoeften van de jonge stedeling. Toch zal er om de geroemde diversiteit van Amsterdam te kunnen waarborgen, een compromis moeten worden gesloten tussen de verschillende belangen.

HOOFDPRIJS VOOR EEN WONING Cody Hochstenbach, promovendus Stadsgeografie aan de Universiteit van Amsterdam, maakt zich zorgen over de woonmogelijkheden voor Amsterdamse jongeren. Er is te weinig aanbod en door de liberalisering wordt een betaalbare woning een speld in een hooiberg: ‘In het beleid wordt er

48

Wonen

ten onrechte vaak van uitgegaan dat hoogopgeleide jonge stedelingen de hoofdprijs van de vrije huursector kunnen betalen. Huren van boven de € 700, strenge inkomenseisen (als maandelijks vier keer je huur kunnen opbrengen) en een arbeidscontract zijn voorwaarden waaraan deze jongeren niet kunnen voldoen.’ Het zijn juist goedkope particuliere huurwoningen (met een huur onder de sociale huurgrens van € 700), de particuliere kernvoorraad, die hen een mogelijkheid biedt zich in Amsterdam te (blijven) vestigen; lage huren en het ontbreken van een wachtlijst zijn een uitkomst voor hen om zich verder in Amsterdam te kunnen ontplooien. Bijbouwen wordt als dé oplossing gezien. Maar nieuwe initiatieven van woningcorporaties, zoals het vijfjarencontract van Stadgenoot, creëren ook kansen: jongeren die te weinig woonduur hebben opgebouwd wordt via een tijdelijk huurcontract een start op de krappe woningmarkt aangeboden. Dit met de gedachte dat zij na vijf jaar zelf een woning kunnen vinden door meer inkomsten of voldoende woonduur. Het is echter wel de vraag of dit niet ten koste gaat van de bestaande sociale woningvoorraad.

Wat is een vijfjarencontract?

Een vijfjarencontract is een plan van Stadgenoot. Het is een contract voor bepaalde duur, namelijk vijf jaar, bedoeld voor jongeren die nog te weinig woonduur hebben opgebouwd om een woning te vinden.

Een lage huur is voor de meeste jonge stedelingen meer dan welkom. Het vinden van een baan is mede door de economische crisis en door weinig werkervaring een tour de force. Uitzicht op een gegarandeerd inkomen is er dus lang niet altijd. Hoe regel je dan iets als een hypotheek? Werkloosheid onder jonge stedelingen is een landelijk probleem en is in Amsterdam, ondanks het hoge percentage hogeropgeleiden, geen uitzondering. Gelukkig kent deze stad een sterke ondernemersmentaliteit die de jonge stedeling aanspreekt. Ruim 12% van de Amsterdamse beroepsbevolking is zzp’er, er zijn diverse start-up organisaties en flexwerkplekken. De vrijheden, flexibiliteit, autonomie van het zzp-bestaan sluiten aan bij wat veel jonge stedelingen willen. Een vast contract en een 9-tot-5-baan wordt steeds minder een ambitie. Julie Cook van Young Amsterdam Economic Board: ‘Jongeren willen zelf grip houden op hun carrière. Flexwerken is hun nieuwe norm.’ Zij pleit voor de stimulering van het ondernemersklimaat door een betere samenwerking tussen bedrijven, gemeentes, opleidingen en zzp’ers. ‘Er moeten meer ontmoetingen plaatsvinden tussen alle partijen. Men zit nu te veel op een eilandje. >>


DE JONGE STEDELING

>> Denken in mogelijkheden in plaats van steeds maar weer

drempels op te leggen. Zorg bijvoorbeeld voor projecten waarbij jongeren leren een goede ondernemer te worden.’ Cook vervult hierin een actieve rol door het creëren van co-working spaces en het faciliteren van kennisuitwisseling tussen jonge start-ups en voormalig wethouder Carolien Gehrels. Een ander mooi initiatief is de Accelerator van Professional Rebel: een kick-start van drie maanden voor jonge ondernemers met ontmoetingen met professionals en ondersteuning in skills en persoonlijke groei. Er blijft uiteraard een groep jongeren die wel streeft naar een contract en een stabiel inkomen. Zij blijven afhankelijk van de weinige vacatures die er momenteel zijn.

EXPERIMENT ZOEKT RUIMTE De jonge stedeling wordt op uitgaansgebied steeds beter op zijn wenken bediend. Met bijna 1400 cafés en clubs en tien locaties met een 24-uursvergunning heeft Amsterdam de grootste uitgaansscene van het land. Na jaren van vertrutting in regels en voorwaarden durven ondernemers weer met nieuwe initiatieven te komen, zoals A’dam Toren, Pllek en de verschillende clubs aan de Wibaustraat. Toch blijven alle voorschriften veel creativiteit in de weg staan. ‘Door een veelheid en onduidelijkheid aan regels en vergunningen worden goede ideeën snel de kop ingedrukt’, zegt nachtburgemeester Mirik Milan. ‘Met name kleine, originele initiatieven zoals Books & Bubbles hebben grote

Uitgaan

moeite iets te kunnen ontwikkelen of worden zelfs de nek omgedraaid door veel gedoe en weinig steun. Terwijl het experiment moet worden ondersteund om Amsterdam dynamisch en (internationaal) aantrekkelijk te houden.’ Hij vindt dat de uitgaansscene meer de vrije hand moet krijgen door minder regels en meer innovatieve én fysieke ruimte. Ondernemer Nadia Duinker pakt die ruimte met haar succesvolle Roest. Hoewel ze voor elk evenement telkens dezelfde formulieren voor vergunningen moet doorworstelen, weet ze met deze culturele vrijplaats originele concepten en evenementen te organiseren die veel jonge stedelingen trekt. Met de creatieve herinrichting van het Volkskrantgebouw grijpt Duinker nieuwe kansen aan voor een experimenteler uitgaansleven. ‘Het kan! Maar we moeten ook op zoek naar richtlijnen en oplossingen die bij deze tijd passen om aan te sluiten op de wensen van de jonge stedeling.’ Uiteraard in goed overleg met andere Amsterdamse bevolkingsgroepen. De diversiteit van de stad gaat gepaard met verschillende publieke belangen op woon-, werk- en uitgaansgebied die zoveel mogelijk moeten worden bediend. Door bewoners zelf te raadplegen en hun wensen te verkennen én te erkennen, ontstaat er een beter evenwicht tussen oude verworvenheden en nieuwe waarden. En vindt de jonge stedeling gemakkelijker zijn weg. ••

urbanstudies.uva.nl amecboard.com/young professionalrebel.nl mrkmln.nl amsterdamroest.nl

49


BLAUWE ECONOMIE INTERVIEW MET GUNTER PAULI

Maartje Rooker

Tekstschrijver en marktonderzoeker

‘Ik ben ongeduldig, er gebeurt nog te weinig.’ Gunter Pauli is een gedreven spraakwaterval wanneer hij zijn onorthodoxe visie op de economie toelicht. Hij barst van de nieuwe ideeën en heeft vele innovatieve projecten geïnitieerd en geïnspireerd. Maar er is nog een lange weg te gaan tot iedereen - jawel, iedereen op aarde - overtuigd is van zijn baanbrekende Blauwe Economie. Deze economie is gebaseerd op de principes van de natuur en creëert gezonde inkomensstromen: duurzaam handelen mét winstoogmerk. De Blauwe Economie kijkt wat lokaal voorhanden is en gaat daarmee aan de slag om in de basisbehoeften van mensen en de planeet te voorzien. ‘Hiermee beschermen we de natuur én scheppen we economische waarde. This must be God’s calling.’ Pauli, afgestudeerd econoom, noemt zichzelf leraar, auteur, ondernemer en activist. Een combinatie die zijn dadendrang ondersteunt en stimuleert. Hij is dan ook bijzonder druk. De Belg deelt zijn inzichten via lessen aan jongeren, lezingen aan volwassenen, zijn vele publicaties en via zijn stichting ZERI (Zero Emissions Research and Initiatives). Hiermee biedt hij steun aan initiatieven die duurzame productiemethoden ontwikkelen. >>

51


INTERVIEW

>> ‘De Groene Economie kent grote tekortkomingen.’ Na zich

jarenlang te hebben ingezet voor de vergroening van het bedrijfsleven, ziet Pauli maar weinig resultaat. Er is te veel overheidssubsidie nodig om de Groene Economie duurzaam én concurrerend te maken en bedrijven moeten veel investeren tegen minder opbrengst. Zo is zonne-energie al decennia afhankelijk van subsidies en legt biologisch vaak duizenden kilometers af van producent naar consument. ‘Dat is duur en vooral niet slim.’ Pauli werd met de neus op de feiten gedrukt toen hij ontdekte dat de palmolie voor zijn Ecover ecologische schoonmaakmiddelen het regenwoud in Indonesië aantastte. Een gezond milieu in Nederland ging zo ten koste van het milieu in Indonesië. Dat kon niet de bedoeling zijn. Bovendien is de Groene Economie met name toegankelijk voor de happy few vanwege de hoge prijzen. Zo’n model is volgens hem niet langer houdbaar. ‘Het is niet zo dat we het helemaal fout hebben gedaan. Integendeel, dit is het beste wat we konden bedenken. Maar nu is het de hoogste tijd om het beter te doen.’

MIJN IDEEËN VONDEN ZE TE COMPLEX Pauli, lid van de Club van Rome, ontwikkelde eind jaren negentig zijn idee van de Blauwe Economie. Hij koos voor de kleur blauw omdat vanuit het heelal de aarde blauw is, en water en lucht op een zonnige dag blauw lijken. Natuurlijke ecosystemen dienen als inspiratiebron: door een cyclische productie worden uit afval zowel banen, voedsel als inkomen gecreëerd en wordt het gebruik van grondstoffen zoveel mogelijk vermeden. Een exemplarisch voorbeeld van Pauli is het hergebruik en daarmee waardevermeerdering van koffiedik. Een kopje koffie verbruikt slechts 0,2% van de totale gebruikte koffie. De rest gooien we weg, maar is daarmee niet waardeloos. Deze koffieprut vormt namelijk een uitstekende basis voor het kweken van champignons die je weer kunt verkopen. Wat dan overblijft is prima varkensvoer. En varkensmest bevat weer bacteriën voor biogas. Terwijl je dacht dat koffieprut nergens toe kan dienen, levert dit ‘afval’ voedsel, werk én energie op. Vele andere voorbeelden, zoals elektriciteit uit banaanschillen, papier van steen en bioplastic op basis van distels, zijn te lezen in Pauli’s bestseller De Blauwe Economie: 10 jaar 100 innovaties 100 miljoen banen. Vóór de publicatie ervoer hij veel weerstand en onbegrip. ‘Vertegenwoordigers van

52

Natuulijke ecosystemen

de Belgische regering vonden me maar een aap. Mijn ideeën vonden ze te complex.’ Vier jaar later en vele succesverhalen verder wordt hij door diezelfde mensen enthousiast verwelkomd. En niet alleen door hen, het Blauwe Economie-gedachtegoed kent nu een bloeiende internationale gemeenschap. ‘In plaats van doemdenken en rampscenario’s à la Al Gore, ben ik eindelijk iemand die zegt welke mogelijkheden we wél hebben.’

STEEDS MEER PROJECTEN MET EEN BLAUW BUSINESSMODEL In Nederland ziet Pauli een voorzichtige maar een hoopgevende start met projecten met een blauw businessmodel. Restaurantketen La Place omarmt Pauli’s paddenstoelenidee samen met het Green Recycled Organics (GRO) Holland. Op de koffieprut van La Place teelt GRO oesterzwammen die vervolgens in de bitterballen, omeletten en quiches van deze restaurantketen worden verwerkt. Hiermee wordt er bespaard op grondstoffen en energie. Bovendien helpen de lokale paddenstoelenkwekerijen samen met het Leger des Heils kansarmen weer terug naar de arbeidsmarkt. De Grondstoffenfabriek, een samenwerkingsverband tussen Nederlandse waterschappen, zegt met afvalwater goud in handen te hebben. Dit water bevat namelijk waardevolle grondstoffen voor het opwekken van energie, >>

WIE IS GUNTER PAULI? Pauli (1956) heeft gewoond op vier continenten waar hij tien bedrijven heeft opgezet, zoals het ecologische Ecover. In 1994 stichtte hij ZERI, dat is gelanceerd door de United Nations University in Tokio. Verder is Pauli vloeiend in zeven talen en staan er vijftien boeken op zijn naam die in ruim dertig talen zijn gepubliceerd.

gunterpauli.com


INTERVIEW

Blauwe economie

BLAUWE ECONOMIE GUNTER PAULI Duurzaamheidsgoeroe Pauli laat aan de hand van 100 voorbeelden zien hoe we door goed naar natuurlijke systemen te kijken, tot een duurzame manier van produceren en consumeren kunnen komen. Een inspiratiebron voor (aankomende) ondernemers en politici met verhalen en oplossingen die al in de praktijk zijn uitgeprobeerd.

theblueeconomy.org

MENTALITEITSVERANDERING IS CRUCIAAL >> evenals fosfaat, stikstof, kalium en bouwstenen voor

bio-plastics. De Grondstoffenfabriek verduurzaamt de afvalwaterketen door het winnen, verwerken en afzetten van grondstoffen uit afvalwater. Een mooie winst die bovendien voor kostenbesparingen zorgt. Zo’n 450 stakeholders in de Haarlemmermeer hebben zich met SHARE Haarlemmermeer verenigd in hun ambitie voor een duurzame en winstgevende regio. Tijdens een kort bezoek vorig jaar inspireerde Pauli CEO’s uit verschillende bedrijfstakken zoals de petrochemie, het vastgoed en de luchtvaart, overheidsambtenaren, academici en boeren tot een betere samenwerking en duurzame oplossingen. Er zijn al ruim honderd blauwe initiatieven. Eén daarvan is de waardevermeerdering van cateringafval. KLM gaat uit dit afval schone energie winnen door gebruik te maken van de nabijgelegen kassen. Dit levert bovendien lokale banen op. Pauli benadrukt dat de meerwaarde ontstaat wanneer goede ideeën en pragmatische oplossingen met elkaar worden verbonden door een betere samenwerking tussen consumenten, bedrijfsleven en overheid. Om dit te stimuleren werkt de Blauwe Economie volgens het open source principe: informatie over hoe je blauwe businessmodellen in de praktijk kunt brengen is vrij toegankelijk. Zijn credo is dat kennisdeling gedeelde verantwoordelijkheid creëert.

Wil de Blauwe Economie echt gemeengoed worden, dan is een mentaliteitsverandering cruciaal. We moeten van concurrentie naar samenwerking, meer risico’s nemen, een circulair denkpatroon aannemen en meer doen met minder. En dat is een behoorlijke uitdaging. ‘Zeker in Nederland zijn ze gek op haalbaarheidsstudies en pilotstudies zonder engagement. Jullie missen vaak nog daadkracht. Zeker Amsterdam filosofeert te veel in plaats van gewoon aan te pakken.’ Pauli ziet voldoende mogelijkheden in Amsterdam op het gebied van energie, water, voeding en huisvesting. Hij adviseert partijen de dialoog aan te gaan, thema’s outof-the-box te analyseren - kijk hierbij naar de uitkomsten die de natuur biedt - en in plaats van naar één juist naar meerdere oplossingen te zoeken. Zo creëer je meerwaarde. Uiteraard roept de Blauwe Economische visie nog vele vragen op, als hoe breng je de steady state van de natuur in overeenstemming met de verwachte bevolkingsgroei en met de sterke menselijke drang kapitaal te vergaren en hoeveelheden te vermeerderen? Gaan de nieuwe blauwe toepassingen snel genoeg om acute problemen zoals de opwarming van de aarde een halt toe te roepen? Welke sturende rol heeft de overheid hier nog in? Pauli zegt ongeduldig: ‘Het gaat erom dat je gewoon ‘doet’ en ‘leert’. Dat vereist fantasie, maar ook wetenschap en lef. Amsterdam ga aan de slag!’ En laat je inspireren door Pauli’s held Nelson Mandela: ‘It always seems impossible until it’s done.’ ••

zeri.org clubofrome.nl gro-holland.com grondstoffabriek.com sharehaarlemmermeer.nl

53


DE GROENE JUNK

Een ringpark vol vieze-lucht-vreters

DE GROENE EEN RINGPARK VOL JUNK VIEZE-LUCHT-VRETERS Liedewij Loorbach Freelance journalist

© Studio Bas Köhler

54


DE GROENE JUNK

Groene Klimaatgordel

Stel je voor: een groene gordel rond de stad die Amsterdammers beschermt tegen vieze uitlaatgassen. Een verdedigingsring vol planten die fijnstof opzuigen voor het onze longen bereikt. En die zo razendsnel groeit, dat elk jaar flink geoogst kan worden voor een biogascentrale. Ton van Oostwaard kreeg het visioen voor de Groene Klimaatgordel in 2007, op de Periphérique rond Parijs. Die dure flatjes zo dicht op de vieze snelweg, hoe heerlijk zou het zijn om daar een plantenwal tussen te hebben die de lucht wat zou zuiveren? De hele vakantie in Italië broedde Van Oostwaard, die ook werkt voor de gemeente Amstelveen, op zijn plan. Het visioen liet hem niet meer los, het werd steeds groter. De gordel zou de contouren van de Stelling van Amsterdam moeten volgen. De 100 jaar oude vestinggordel die ons ooit tegen de menselijke gewapende vijand beschermde, zou ons nu moeten gaan beschermen tegen de onzichtbare CO2 en het venijnige fijnstof. En nu, na jaren werken, enthousiasmeren, experimenteren en lobbyen, overweegt Rijkswaterstaat deze groene zone in de plannen voor de weguitbreiding Schiphol-AmsterdamAlmere op te nemen, hebben leden van de Provinciale Staten het over de Groene Klimaatgordel, ligt het bij Dienst Ruimtelijke Ordening van Amsterdam en overlegt Van Oostwaard met Schiphol. Bovendien staat het plan in de Green Deal Grassen & Gewassen die op 16 januari 2014 door achttien organisaties is ondertekend, waaronder de ministeries van Economische Zaken en Infrastructuur en Milieu.

Goed, het plan realiseren kost nogal wat miljoenen. Maar er staat voor velen een langer en kwalitatief beter leven tegenover, stelt Van Oostwaard. ‘De Stelling van Amsterdam loopt door nogal wat gemeenten, met allemaal hun eigen besturen die akkoord moeten gaan, maar het is zeker mogelijk.’ Van Oostwaard heeft alle argumenten voor een lobby paraat. In 2022 is de Floriade in Almere. ‘Hoe mooi zou het zijn als dan al meer dan 20.000 hectare van de gordel is aangelegd en dat de wereldtuinbouwtentoonstelling dan ook bij de gordel betrokken wordt, om hem sluitend te maken?’ Schiphol is van plan om in 2015 een eigen biogascentrale neer te zetten. Daar moet wel genoeg biomassa in en biomassa invliegen is niet duurzaam. Laten de snelgroeiende planten op de Groene Klimaatgordel straks jaarlijks 600.000 ton biomassa leveren. Die biomassa levert dus geld op, en van dat geld kan het onderhoud van het nieuwe stadslandschap weer deels betaald worden. >>

BIOMASSA LEVERT DUS GELD OP

55


DE GROENE JUNK

CO2 & fijnstof

>> Nog een argument van Van Oostwaard richting bestuurders: de Groene

Klimaatgordel is een belangrijke manier om binnen de EU-grenzen voor fijnstofwaarden te blijven. Amsterdam zit op sommige plekken op het randje en wie over het randje gaat, mag niet bouwen. Niet bouwen is slecht voor de vooruitgang van de stad, voor de economie. Dat wil Amsterdam niet. En als het onderhoud van de klimaatgordel deels gedaan wordt door jongeren die werkervaring moeten opdoen, dan is de samenleving er zo ook nog eens mee geholpen. Van Oostwaard ziet voor zich dat groenaannemers per gebied, wellicht per gemeente, mee kunnen dingen naar het onderhoud. Vanaf de Groene Klimaatgordel moeten er radialen, in de plannen kwaliteitscoulissen genoemd, de stad inlopen. Zodat wandelaars en fietsers door een groene oase de stad in en uit kunnen. En hopla, daar heb je nog een voordeel. Recreëren in het grote ringpark, dichtbij de stad. En een extra trekker voor toeristen.

De Groene Klimaatgordel bestaat niet uit zomaar natuur, maar uit bomen en planten die geselecteerd zijn op hun vermogen om CO2 en fijnstof op te nemen. Van Oostwaard groeide op in de tuinderswereld, tussen de kwekers. ‘Daar was altijd competitie, ‘ik heb de mooiste roos’, ‘ik heb de mooiste cyclaam’. Iedereen had zijn eigen kunstje.’ Nadat de traditionele school hem vaarwel had gezegd - wijt het aan zijn tomeloze karakter - volgde hij in Amsterdam de studie en stage voor Stadsbeheer, toen nog Publieke Werken. Later studeerde hij Cultuuren Milieutechniek. Met bevriende kwekers in Aalsmeer, Uithoorn, Almere en Amstelveen ging hij aan de slag om de ultieme klimaatadaptieve plantensoorten te creëren voor de Groene Klimaatgordel. De labresultaten van hun nieuwe kamperfoelie waren uitzonderlijk goed. Met zijn bovenmatig behaarde stengels en flinke bladeren, vangt de kamperfoelie veel fijnstof op. Ook de wortels nemen extra vuil op uit de grond. >>

WIE IS TON VAN OOSTWAARD? Ton van Oostwaard groeide op tussen de kwekers en studeerde Cultuur- en Milieutechniek. Sinds 2007 werkt hij naast zijn baan als adviseur Visie en Ontwikkeling bij de gemeente Amstelveen, met zijn stichting 777Ecorridors aan het realiseren van zijn Groene Klimaatgordel.

ecorridors.nl

56


DE GROENE JUNK

>> ‘We hebben foto’s op moleculaire

grootte, en daarop zie je dat in de haartjes zelfs de allerkleinste vorm van fijnstof zit.’ Bovendien is het een flinke groeier, goed dus voor het oogsten van biomassa. ‘We moeten veel meer van de natuurlijke mechanismen gebruik maken’, zegt Van Oostwaard. ‘Planten leven juist van overvloedige CO2. Je ziet ook dat de bomen in het Amsterdamse Bos sneller groeien doordat het zware CO2 gas van die opstijgende vliegtuigen op hen neerdaalt.’

Kamperfoelie

Tijdens een van de vele enthousiasmeeravonden in Pakhuis de Zwijger, waar Van Oostwaard een praatje hield, kwam er iemand met een naam op de proppen voor de leefklimaatverbeterende kamperfoelie: ‘Green Junk’. De plant heeft nu zelfs een logo. Ook mooi aan de Green Junk: hij bloeit uitbundig, ruikt heerlijk, en blijft groen in de winter. Wie wil zo’n plant niet in flinke bossen in de buurt hebben? Hoe de politiek nu te bewegen de Groene Klimaatgordel aan te leggen?

KAMPERFOELIE VANGT VEEL FIJNSTOF OP Van Oostwaard wil beginnen met 25.000 hectare. ‘Dat lijkt veel, maar verdeeld over de hele gordel vind je dat amper terug. Het Amsterdamse Bos is duizend hectare groot.’ Er zijn nog zoveel plannen voor groen in de maak, die kunnen allemaal opgenomen worden in de klimaatgordel. ‘En de snelweg wordt verbreed, daar moet groen compensatie voor komen, dat kan ook in de gordel.’ Van Oostwaard wil de nieuwe gekozen gemeenteraden ervan overtuigen om het groen dat er toch al moet komen, meteen specifiek groen te maken. Groen dat de luchtkwaliteit verbetert, en tegelijkertijd een ‘energieveld’ is dat biomassa levert voor biogascentrales. De Green Junk is er klaar voor. Nu staan er 2500 stuks volgens de weefselkweekmethode te groeien. Aankomende herfst kunnen ze de grond in. ‘Die planten kunnen allemaal ook 25.000 keer vermeerderd worden. Dat is snel genoeg om zelfs de meest ambitieuze plannen te realiseren.’ ••

57


Duurzaam wonen in Nieuw-West

NIEUW-WEST AMSTERDAM

Focusgebied E-net

Batterij Energie uit zonnepanelen kan gebruikt worden voor opladen elektrische auto. Maar ook om energie te leveren als er een grote piekvraag is.

Zonnepanelen

Spouwmuurisolatie E-netwarmte Duurzame warmte voor verwarming en warm kraanwater, stadswarmte genoemd.

Dubbel glas

Gft-vermaler Gft-afval kan via een vermaler door het riool gespoeld worden Koelwater Water dat naar de waterleidingduinen gaat, wordt eerst gebruikt om Amsterdam Airport Schiphol te koelen Š MV / Het Parool

CITY-ZEN

TOGETHER WE MAKE THE WORLD SMARTER www.amsterdamsmartcity.nl


CITY-ZEN

Batterij zonne-energie

PROEFTUIN NIEUW-WEST LEVEN IN EEN LABORATORIUM VOOR VERNIEUWING

Liedewij Loorbach Freelance journalist

liedefiximperium.com

Bewoners van Nieuw-West zijn de komende jaren de proefkonijnen in een living lab, want de stad moet schoner en duurzamer, vindt de gemeente. Nieuw-Westerlingen kregen als eerste slimme meters aan hun stroomaansluiting, mogen wellicht GFT door de gootsteen proppen zodat Waternet er energie uit kan halen, en testen batterijen die de stroom opslaan van hun zonnepaneel. Het grootste project in dit living lab is City-Zen, dat 1 maart van start ging. Maar liefst 30 miljoen euro wordt er de komende vijf jaar via dit project besteedt aan innovatieve oplossingen, technologische vernieuwingen en experimenten die de stad dichter bij het doel moet brengen: nul CO2-uitstoot. ‘Amsterdammers moeten behalve groen en duurzaam, ook smart worden’, zegt Annelies van der Stoep, projectleider van City-Zen. ‘Ik hoop dat het ons de komende vijf jaar lukt om ‘smart’ echt in de genen te krijgen van de bewoners, organisaties, instellingen en ondernemers in Nieuw-West. Dat iedereen de noodzaak en de drang voelt om te vernieuwen en onderdeel wil zijn van experimenten. Natuurlijk zijn er bij innovaties heel veel mitsen en maren te bedenken om er niet aan mee te doen, financiële risico’s bijvoorbeeld. Maar we moeten het met zijn allen durven. Want zonder lef is ontwikkeling niet mogelijk.’ Een van de eerste laboratoriumtesten waar een selecte groep van zo’n tachtig bewoners van Nieuw-West aan mee mogen doen is de batterij die elektriciteit van een eigen zonnepaneel opslaat. Tot nu toe is een van de problemen van zonne- en

windenergie dat het onmiddellijk geconsumeerd moet worden. Tijdens momenten dat huishoudens het meeste stroom trekken, de winteravonden, schijnt de zon niet. Goed, je kunt stroom aan het net terugleveren. Maar nog beter is het om de zelf opgewekte stroom op te slaan voor het moment dat je wel je was wil draaien. Het Amsterdamse bedrijf Mastervolt heeft de batterijen ontwikkeld die nu geplaatst worden. Zij willen uitzoeken waar gebruikers van de batterij in de praktijk tegenaan lopen. ‘Om te kunnen verbeteren, heb je bewoners, ofwel testers nodig. Je moet zoiets groter kunnen uitrollen om verder te komen’, zegt Van der Stoep.

De helft van het geld van CityZen, afkorting voor City Zero (carbon) Energy, komt van de Europese Unie en het project loopt tegelijkertijd in Grenoble. Behalve de overheidspartijen doen ook kennisinstellingen mee, waaronder de Universiteit van Amsterdam, de TU Delft en de Queen’s University in Belfast. Liander is ook een grote partner, beheerder van het slimme elektriciteitsnet dat in Nieuw-West ligt, net als Waternet en het Afval Energie Bedrijf. Dan zijn er nog allerlei bedrijven die de nieuwe technologie ontwikkelen om energie te besparen, op te wekken of te transporteren, zoals Mastervolt, Siemens en Solcalor. De taak van >>

AMSTERDAMMERS MOETEN SMART WORDEN 59


CITY-ZEN

Intelligent net

INTELLIGENT NET Een kwart van de 40.000 huishoudens in Nieuw-West is sinds 2012 aangesloten op het Intelligent Net van Liander. Dat intelligente net is onder meer ontworpen om elektriciteit twee kanten op te laten stromen. Dus niet alleen van de kolencentrale naar je waterkoker, maar ook van het zonnepaneel op je eigen dak naar de elektrische laadpaal van een auto drie wijken verderop. In het net zitten allerlei sensoren die meten wanneer, waar en hoeveel energie verbruikt wordt, om zo op de meest efficiënte manier de energie kunnen laten stromen. Het moet er zo in de toekomst voor kunnen zorgen dat aan de toenemende vraag naar elektriciteit (denk bijvoorbeeld aan al die e-bikes) voldaan kan worden zonder dat het net

>> Van der Stoep is om alle projecten

op elkaar aan te laten sluiten en goed te laten ‘landen’ bij bewoners in Nieuw-West. ‘Wij moeten de bewoners enthousiast krijgen om mee te doen, hen mee laten denken, hen informeren en bijstaan als er problemen zijn. En we willen hen ontzorgen.’ Van der Stoep noemt als voorbeeld Westpoort Warmte, dat bedrijven en woningen verwarmt met restwarmte van het Afval Energie Bedrijf. ‘Zij willen graag ook warmte leveren aan portiekwoningen, dat vergt bouwkundige ingrepen. Een

60

eruit knalt. Dat Liander via dat intelligente net precies kan zien wanneer wij een spannend speeltje opladen of de deur uitgaan, daar hoeven we ons geen zorgen over te maken, sust de branche. De netten kunnen dat wel zien, maar de medewerkers mogen er niet naar kijken. ‘De privacy van gebruikers mag niet worden aangetast, dus de meters zijn goed beveiligd, dat is wettelijk geregeld. De netbeheerders en energieleveranciers mogen alleen in bepaalde gevallen de gegevens van bewoners uitlezen.’ Bovendien mogen ze dan alleen kijken naar het energieverbruik, niet naar leefpatronen.

liander.nl

technisch bedrijf is dan vooral bezig met wat er wel en niet mogelijk is en niet met of de verbouwing misschien gepland wordt in examentijd, als de kinderen die er wonen moeten studeren.’ De innovaties moeten niet alleen van bovenaf komen, vindt Van der Stoep, de ambitie van Amsterdam Smart City is om de smart city ‘inclusief’ te maken. ‘Iedereen moet input kunnen leveren, moet mee kunnen denken. Ook op buurtniveau. Veiligheid is bijvoorbeeld een issue in Nieuw-West. Met slimme verlichting, zou je daar wat aan kunnen doen. Een

donker fietspad waar veel kinderen over fietsen na een voetbaltraining, zou precies tijdens dat fietsmoment verlicht kunnen worden.’ Behalve tot een flinke CO2-reductie - Amsterdam heeft de ambitie om in 2020 40% minder CO2 uit te stoten dan in 1990 - moeten de experimenten en innovaties leiden tot meer keuzevrijheid voor Amsterdammers. Tot meer opties om met energie, mobiliteit en afval om te gaan. Gewoon bij je energieleverancier blijven, je eigen >>


CITY-ZEN

Flexibele openbare verlichting

WIE IS ANNELIES VAN DER STOEP? Van der Stoep is door Amsterdam Smart City aangesteld als projectmanager City-Zen. Het Europese project is een samenwerking tussen Amsterdam en Grenoble met als doel op grote schaal slimme oplossingen te implementeren op het gebied van energie en mobiliteit.

>> bio-vergister op het balkon, of

zelf energieboer worden met een dakakker aan panelen op het dak van de naburige supermarkt? ‘Het spannende is dat we van allerlei dingen natuurlijk nog niet weten hoe het eruit gaat zien’, zegt Van der Stoep. ‘Het is aan ons om de discussies te voeden.’ Hoe zal het bijvoorbeeld gaan met de batterijen in elektrische auto’s? Nu gaat het vooral over het probleem van het opladen. ‘Maar waarschijnlijk willen we in de toekomst de batterij ook ontladen’, gaat Van der Stoep verder. ‘Hoe gaat dat dan? Als je een lease auto hebt, je laadt de batterij op bij je werk en je ontlaadt hem door je vaatwasser te draaien, heb je dan gratis energie van de baas? Zit zoiets in je arbeidsvoorwaarden?’ Bewoners van Nieuw-West lopen de grootste kans om als eerste het antwoord op die vragen te weten. De rest van Amsterdam moet zich troosten met de gedachte dat alleen het beste doordringt tot over de Ring. ••

amsterdamsmartcity.com

FLEXIBELE OPENBARE VERLICHTING Veel straatverlichting wordt nog geschakeld met een systeem uit de jaren zeventig. Hopeloos ouderwets natuurlijk. Alliander (moederbedrijf van Liander) ontwikkelde een nieuw en flexibel schakelsysteem gebaseerd op een open smart grid platform, een moderne techniek om openbare verlichting op afstand te besturen. De eerste experimenten zijn succesvol verlopen. Vorig jaar werden vijftig slimme kastjes in masten geplaatst in Nieuw-West en in Leiden. Het licht kan nu gemakkelijk op afstand gedimd worden, aan en uitgezet worden. Voordelen: dimmen als er minder verkeer is, langer fel laten als de avondspits aanhoudt, politie bijlichten als er een klopjacht is. Uiteindelijk moet het nieuwe systeem ook leiden tot een lager energieverbruik en dus lagere kosten. Een wagentje rond laten rijden om te controleren of alles het nog doet, hoeft ook niet meer. De computer alarmeert de gemeente als een lamp uitvalt. Dit jaar vindt een kleinschalige uitrol plaats in vijftien gemeenten, daarna moet het systeem grootschalig geïmplementeerd worden.

alliander.com

61


BUIKSLOTERHAM

Van industriezone naar bruisend stuk stad

BUIK SLOTER HAM VAN INDUSTRIEZONE NAAR BRUISEND EN INNOVATIEF STUK STAD Floor Milikowski Journalist en onderzoeker

62

Op een groot stuk braakliggend grond aan de Klaprozenweg in Noord staat de stacaravan van Frank Alsema. Op een zelfgemaakt terras voor de deur staan zijn auto en twee fietsen. Daarnaast een kleine bouwkeet die eerder werd gebruikt op de Urban Campsite in het Vliegenbos. Binnen is het knus. Een bank, een tv, een keukentje, koffie, het is er allemaal. Net als een werkkamer, een slaapkamer en zelfs een logeerkamer. Uiteraard met kleine afmetingen, maar dat mag de pret niet drukken. >>


Š Eric de Ridder

63


BUIKSLOTERHAM

Duurzame technieken

>> ‘Deze caravan komt van een asielzoekerscentrum’, vertelt

Alsema. ‘Hier woonde een heel gezin of misschien vier of wel zes eenlingen.’ In die context is het een ruim onderkomen. Bovendien is het veelzeggend dat de caravan niet nieuw is, maar al een leven achter de rug heeft. ‘In Buiksloterham is duurzaamheid een van de belangrijkste thema’s. Dat zie je terug in alles. Materialen, de manier van verwarmen, de relatie met de omgeving, noem maar op. Zelf bouw ik mijn huis van materialen die ik op Marktplaats vind. Een van mijn buren gaat zijn huis helemaal van hout bouwen, een ander bouwt dunne warmtemuren. Een nieuwe duurzame bouwtechniek.’

ZELFBOUWEN MET DUURZAME TECHNIEKEN Alsema is een van de tientallen zelfbouwers in Buiksloterham. Een industriegebied annex bedrijventerrein dat de komende decennia wordt ontwikkeld tot een bedrijvige woonbuurt. Aanvankelijk was de intentie van de gemeente om het aan de hand van een groot, vastliggend plan te ontwikkelen, maar de financiële crisis gooide roet in het eten. Gemeente, ontwikkelaars en investeerders hadden niet meer de middelen om op deze ouderwetse manier een wijk uit de grond te stampen.

WIE IS FRANK ALSEMA? Frank Alsema is televisieregisseur, kunstenaar, app-maker en producent. Hij heeft verschillende eigen bedrijven, zoals Camerize en 4xM. Als directeur van NDSM werd hij verliefd op Amsterdam-Noord en op het maken van nieuw stedelijk gebied.

camerize.com

64

4xm.nl

‘Achteraf is dat een zegen’, zegt Alsema. ‘In plaats daarvan is een plan gemaakt met nauwelijks spelregels. Bewoners, ondernemers, kleine ontwikkelaars, corporaties, zelfs huurders, ze krijgen geregisseerde vrijheid om op hun eigen manier aan de slag te gaan.’ Onderdeel van het plan is een grote hoeveelheid zelfbouwkavels. Inmiddels zijn er veertig kavels verkocht, waarvan negen op kavel BSH03A, het stuk grond waar Alsema in oktober als kwartiermaker zijn caravan betrok. ‘Ik wil dat Buiksloterham al gaat leven voordat we er gaan wonen. Niet alleen omdat het een prettige manier van gemeenschapsvorming met zich meebrengt, maar ook omdat vroege betrokkenheid extra mogelijkheden oplevert om de ontwikkelingen te sturen.’>>


BUIKSLOTERHAM

New Energy Docks

PARK WORDT COMMUNITY PLEK VOOR EXPERIMENT >> Een goed voorbeeld is het park dat voor de deur van zijn

huis zal komen te liggen. Alsema wijst de strook aan waar het om gaat. Een paar maanden geleden werd daar op zijn verzoek al gras aangelegd. ‘Normaal gesproken zou het park pas worden aangelegd als de woningen klaar zijn. Maar alleen het gras al biedt nu bijvoorbeeld de mogelijkheid om in het voorjaar een grote picknick met alle zelfbouwers uit Amsterdam te houden.’ Maar het park staat voor veel meer. Zoals overal in de wijk, zal in het park worden geëxperimenteerd met de scheidslijn tussen publieke en privéruimte. ‘Als het aan de bewoners ligt, wordt het geen traditioneel park, maar een groene plek die altijd in beweging is, nooit af, waar altijd iets gebeurt, die van functie kan veranderen.’ Een community plek waar de bewoners op een georganiseerde manier hun eigen gang kunnen gaan. In samenwerking met de ambtenarenleergang ‘De Nieuwe Wibaut’, wordt gezocht naar manieren om aan deze ambitie invulling te geven. Voor Alsema staat het park symbool voor de experimentele benadering die hij voor heel Buiksloterham voor zich ziet. ‘Dit kan echt een levend laboratorium worden voor stedelijke ontwikkeling en voor een nieuwe manier van gemeenschapsvorming en eigenaarschap.’ In de term zelfbouw ligt voor hem veel meer besloten dan het bouwen van een eigen huis. Het gaat om de zoektocht naar de functie van een huis, de gewenste relatie met je buren en met je omgeving, de betrokkenheid met en verantwoordelijkheid voor de publieke ruimte. ‘Een spannende continue zoektocht, waarin veel partijen zijn betrokken.’

MEEST DUURZAME WOONWIJK VAN EUROPA Behalve de gemeente zijn er corporaties, ontwikkelaars, maar ook cultureel ondernemers en Waternet. Buiksloterham bestaat voor een aanzienlijk deel uit een aantal kanalen, waarover vroeger schepen met goederen van en naar het IJ voeren. Nu wordt gekeken hoe het water op een vernieuwende manier kan worden ingebed in de stedelijke structuur. Daarbij wordt op een speelse manier omgegaan met de grens tussen water en land. Met bijvoorbeeld natuurlijke afwatering in plaats van riolering. >>

NEW ENERGY DOCKS New Energy Docks is de business community in Amsterdam van organisaties en bedrijven die duurzame producten en diensten naar de markt brengen. In het verzamelgebouw van New Energy Docks zijn zestien bedrijven gevestigd die gemeenschappelijk hebben dat ze bijdragen aan de transitie naar een circulaire economie. New Energy Docks maakt deel uit van het samenwerkingsverband Green Metropole, programmeert netwerkactiviteiten zoals DINSDAG, Groen Geld en het Festival of Cools en is actief betrokken bij de duurzame gebiedsontwikkeling van de Buiksloterham.

newenergydocks.nl greenmetropole.nl

65


BUIKSLOTERHAM

De Ceuvel

>> Een ander voorbeeld is het project De Ceuvel, naar ontwerp van DELVA Landscape Architects en space&matter. Een collectief van creatievelingen bouwde er een bijzondere duurzame wijk: een verzameling hergebruikte woonarken in een zuiverend park, omringd door water. De komende jaren wordt ook gebouwd aan de zelfvoorzienende, drijvende woonwijk Schoonschip in het Johan van Hasseltkanaal. Volgens de gemeente de meest duurzame woonwijk van Europa.

DE CEUVEL © DELVA Landscape Architects en space&matter

Onlangs is gestart met de aanleg van het park met zuiverende planten. Gedurende tien jaar zal de grond gezuiverd worden door middel van fytoremediatie. De planten reinigen de bodem, water en atmosfeer door vervuilende stoffen om te zetten in onschadelijk stoffen, een proces dat nauwlettend gemonitord wordt door DELVA Landscape Architects en de Universiteit van Gent.

deceuvel.nl

66

NOORD IS HET BERLIJN VAN AMSTERDAM ‘De gemeente staat heel erg open voor de vernieuwende ideeën die voor Buiksloterham worden bedacht’, zegt Alsema. ‘Noord is toch de plek waar nog ruimte is om iets nieuws te proberen. Het is eigenlijk het Berlijn van Amsterdam.’ En hij hoopt dat daar optimaal van wordt geprofiteerd. Het gevaar bij een nieuwe wijk is dat het alsnog een doodse sfeer krijgt, dat er weinig interactie is tussen bewoners en bezoekers, tussen mensen en gebouwen. Hij haalt IJburg aan als voorbeeld en het Oostelijk Havengebied, waar zijn oude huis staat. ‘Daar fietsen elke dag architectuurtoeristen langs, maar er is weinig te zien en te ervaren omdat de buurt niet leeft.’ In Buiksloterham denkt hij dat dat scenario kan worden voorkomen. ‘Er is hier heel veel zichtbare bedrijvigheid omdat het eigenlijk nog altijd een industrie- en bedrijventerrein is. Ik verwacht dat een aantal grote bedrijven de komende jaren zal verdwijnen, maar dat er veel one-man-companies voor in de plaats komen. En dan heb ik het niet alleen over mensen achter een laptop, maar over een netwerk van creatieve bedrijfjes. Winkels, eten, drinken, cultuur en misschien kunnen een aantal garages behouden blijven. Wat is er nou gezelliger dan iemand die in de straat onder een elektrische auto ligt te sleutelen die met een 3D printer is gemaakt?’ Het zal nog even duren voordat het zover is, maar de eerste stappen zijn al gezet. Op steenworp afstand van zijn caravan wordt in de Bosrankstraat de laatste hand gelegd aan een eerste lichting zelfbouwwoningen en in zijn wijkje gaan de heipalen al de grond in. In opdracht van negen zelfbouwende opdrachtgevers. Pal voor de ingang van zijn caravan. ‘Ik denk dat hier nog dit jaar de eerste buren komen wonen. ••

bsh3.nl amsterdam.nl/denieuwewibaut waternet.nl schoonschipamsterdam.org


BUIKSLOTERHAM

Cityplot

CITYPLOT BUIKSLOTERHAM Woningcorporatie De Alliantie werkt samen met DELVA Landscape Architects en Studioninedots aan de ontwikkeling van Cityplot Buiksloterham. Middels een vernieuwende landschappelijke, stedenbouwkundige en sociale ontwikkelingsstrategie worden de terreinen van Air Products en het haventerrein van Buiksloterham duurzaam ontwikkeld van een monofunctionele industriezone tot een bruisend nieuw stadsdeel. Cityplot Buiksloterham staat in het teken van het op een hedendaagse manier creĂŤren van een levendige stad. Het dynamische masterplan, waarbinnen collectief gebouwd wordt met behoud van ieders eigenheid, combineert het volwassen worden van zelfbouw met ontwikkelingen in de markt op het gebied van sociale

Š DELVA Landscape Architects

huisvesting, de opkomst van werken aan huis, hedendaagse ambachten en de succesverhalen van de CPO`s (collectief opdrachtgeverschap). Samen met een hernieuwde kijk op het gebied van de stad Amsterdam (DRO) en partijen zoals Waternet wordt er gewerkt aan een bijzondere duurzame wijk, met een collectieve meerwaarde op sociaal, technisch, financieel, energetisch, ecologisch en procesmatig gebied.

de-alliantie.nl delva.la studioninedots.nl

67


RUIMTE VOOR HET ANDERS ONTWIKKELEN VAN EEN NIEUWE, DUURZAME EN EIGENTIJDSE WOONWIJK

ZEE BURGER EILAND

Joost Zonneveld

Zelfstandig journalist voor onder meer Het Parool en Nul20

© A2STUDIO


ZEEBURGEREILAND

Ruimte voor anders ontwikkelen

Op het Zeeburgereiland komt een nieuw stuk Amsterdam tot stand. En dat gebeurt op een nieuwe manier, want toekomstige bewoners, ontwikkelaars en gemeente doen dat samen.

Rioolwaterzuivering Oost stond, wordt al gebouwd aan individuele en collectieve zelfbouwwoningen en komt een onderwijscluster. Onduidelijk is nog wat in de drie kenmerkende silo’s komt. RI-OOST wordt groen en autoluw.

Heel lang gebeurde er nauwelijks iets op het Zeeburgereiland, dat tussen IJburg, Noord en de Indische Buurt ligt. Het eiland was ooit militair oefenterrein en veranderde in de jaren tachtig en negentig in een rommelgebied met stadsnomaden, volkstuinen, een hondenschool en studenten. Maar de stad rukt op en de gemeente besloot om van het eiland een nieuwe Amsterdamse woonwijk te maken. ‘Met wel erg veel woningen,’ zegt gemeentelijk gebiedsmanager Igor Roovers achteraf. De gemeente begon met de voorbereidingen. De Rioolzuiveringsinstallatie werd verplaatst en de gemeente had de grond op ongeveer de helft van het eiland al bouwrijp gemaakt, toen de crisis toesloeg. Een grote zandvlakte was het gevolg. Maar nu gaat er echt iets te veranderen, denkt Larry Bath, directeur Vastgoed van de Alliantie in Amsterdam. Woningcorporatie de Alliantie begint dit jaar op het Zeeburgereiland met de bouw van ongeveer 500 woningen. In de Theo Koomenbuurt komen zowel gestapelde appartementen als grondgebonden woningen. Dertig procent is sociale huur, daarnaast is er ruimte voor middensegment huur, sociale koopwoningen en een klein deel koopwoningen. De buurt wordt samen met kopers en huurders ontwikkeld en moet in 2019 klaar zijn. In het overige deel van het Zeeburgereiland waar ooit de

De eerste pioniers wonen inmiddels op het eiland, want de bouw van de eerste rij zelfbouwwoningen vordert gestaag. Daarmee is in het deel van het Zeeburgereiland dat bekend is van de kenmerkende silo´s van de voormalige rioolzuiveringsinstallatie, een eerste begin gemaakt. ‘Met de bouw van de Sportheldenbuurt willen we de ontwikkeling van het Zeeburgereiland echt in gang zetten,’ zegt Bath. Het gaat om de bouw circa 500 woningen, sociale huur en middensegment huur- en koopwoningen. ‘Het idee is om er een gemengde wijk van te maken,’ voegt Roovers toe, ‘met verschillende bewoners en met veel groen waar de voetganger de ruimte krijgt.’ Om inspiratie op te doen gingen Roovers en Bath niet op studiereis naar Berlijn, Boston of Barcelona, maar gingen ze op de fiets naar Amsterdamse wijken als Het Funen, het GWL-terrein en Park de Meer. ‘We zijn gaan kijken en met bewoners gaan praten om te horen wat zij van hun wijk vinden, wat zij belangrijk vinden en wat er beter kan,’ zegt Roovers over de inspiratie-tocht dichtbij huis. ‘Dat mensen erg hechten aan groene openbare ruimte waar plek is om te barbecueën en te spelen, bleek een rode draad te zijn.’ Bath: ‘We wilden een gezamenlijke visie ontwikkelen voor een nieuw stuk Amsterdam dat over twintig, dertig jaar ook nog goed kan functioneren. Een duurzame toekomstbestendige buurt. Dat de gemeente en wij als ontwikkelende partij daarin >>

‘Het is fascinerend om middenin de ontwikkeling van het Zeeburgereiland te zitten. Een van de twee markante betonnen gebouwtjes van de vroegere rioolwaterzuivering gaan we opknappen en geschikt maken als plek voor de redactie voor de Brugkrant, atelier en om leuke dingen voor de buurt te organiseren.’ Fotograaf Martijn van den Dobbelsteen, actieve IJburger van het eerste uur

‘Voor de zomer trek ik met mijn gezin in ons droomhuis op het Zeeburgereiland. Alleen al het uitzicht, over het water en naar Durgerdam, is fantastisch. En dat binnen de Ring. Nog voordat we op het eiland wonen worden we betrokken bij onze buurt. We kunnen meedenken over en invulling geven aan de inrichting op het eiland, zoals speelplaatsen en groenvoorziening. Hierdoor voelen wij ons zeer welkom.’ Zelfbouwer Olav Potters

70


ZEEBURGEREILAND

IJburg College

IJBURG COLLEGE Deze zomer strijkt het IJburg College neer op het Zeeburgereiland, met een tijdelijk gebouw voor 500 vmbo-t en havo leerlingen. ‘Bij ons krijgen kinderen uit de hele stad les. Daarom is het leuk dat we straks ook een vestiging dichter bij de stad hebben. Het Zeeburgereiland is de missing link,’ zegt Nico Moen van het IJburg College. Het onderwijs op het Zeeburgereiland past goed bij de ambities van de ontwikkelaars. ‘Met het profiel high tech green leggen we de nadruk op technologie en duurzaamheid, op sport en bewegen. Op het gezonde leven van de toekomst,’ aldus Moen, die aangeeft dat zijn school een community school wil zijn. ‘We hebben al gesprekken hoe onze leerlingen een rol kunnen spelen bij het onderhoud van het groen op het eiland.’

ijburgcollege.nl

>> samen optrekken is nieuw. Dat gebeurde voorheen niet

op deze manier.’ Want voor de crisis waren de rollen als volgt, zegt Roovers: ‘De gemeente maakte een plan tot achter de komma en de ontwikkelaar moest het op die manier uitvoeren. Want wij zorgden ervoor dat alles in contracten was dichtgetimmerd. Nu willen we veel meer samen optrekken.’ En dat is ook nodig in een tijdperk van verandering en een onzekere woningmarkt. Wat betekent dat dan concreet? ‘Een flexibel stedenbouwkundig plan bijvoorbeeld, waardoor wij gemakkelijker kunnen schuiven met wat wij bouwen en dus beter aan kunnen sluiten bij wensen van potentiële bewoners,’ antwoordt Bath. ‘Maar ook dat wij andere partijen bij de ontwikkeling kunnen betrekken. Wij willen graag een gemengde wijk bouwen met betaalbare koopwoningen, maar als wij dat als corporatie van de

EEN FLEXIBEL STEDENBOUWKUNDIG PLAN Rijksoverheid niet meer mogen doen, dan vragen we marktpartijen om dat deel over te nemen. Zo kunnen we beter aansluiten bij bewegingen op de markt en tegelijkertijd proberen om snelheid te maken.’ Roovers vult aan: ‘Wij geven de Alliantie meer verantwoordelijkheid als het gaat om de vergunningen. De gemeente wil niet alles meer controleren, waardoor allerlei procedures veel langer duren, maar meer zelf laten regelen.’ Ook op ander vlak betekent dat dat meer verantwoordelijkheid bij de Alliantie komt te liggen. ‘Het is niet meer de gemeente alleen die het gesprek met betrokkenen aangaat, maar ook, >>

71


ZEEBURGEREILAND

Wederzijds vertrouwen

‘We passen hier een nieuw systeem met bouwvergunningen toe. De ontwikkelaar moet de technische kant daarvan door een private partij laten controleren. Wij verwachten dat de bouwers op het Zeeburgereiland daardoor sneller kunnen werken. Als iets fout gaat kunnen zij niet meer naar de gemeente wijzen, voor ons is het spannend om meer aan de markt over te laten.’ Justus Vermeulen, Afdelingsmanager Vergunningen, stadsdeel Oost

‘Het Zeeburgereiland wordt in mijn visie een afwisselende wijk waar de gebouwen lichte kleuren hebben, waar veel groen is en bewoners een veranda-gevoel kunnen hebben. Binnen en buiten lopen in elkaar over, zodat je ziet dat de buurt leeft. Met grote balkons, eetkeukens aan de straat en voortuintjes om in te barbecuen.’ Marlies Rohmer, supervisor RI-OOST

>> meer dan voorheen met de Alliantie in dit geval. Aan de

andere kant proberen wij ons minder achter procedures te verschuilen. Kijk wat je wél kan bereiken in plaats van alleen maar te letten op wat niet kan. Als gemeente moet je soms ook eens iets proberen.’ Dat moet ertoe leiden dat ingebakken wantrouwen omslaat in wederzijds vertrouwen. Voor de Alliantie is dat een van de redenen geweest om te beginnen met de bouw. Bath: ‘Hopelijk durven andere bouwende partijen het nu aan om ons voorbeeld te volgen en fungeren wij ook als katalysator in de verdere ontwikkeling van het eiland.’ De mensen die straks in de Sportheldenbuurt komen wonen, spelen een belangrijke rol bij het ontwikkelen van het Zeeburgereiland. Een maand na het bekend maken van de plannen voor de eerste grote wijk, bleek een groep van honderd mensen al geïnteresseerd om daar te gaan

INGEBAKKEN WANTROUWEN LATEN OMSLAAN IN WEDERZIJDS VERTROUWEN pionieren. Bath: ‘We gaan inventariseren of deze mensen in aanmerking komen voor een sociale of middensegment huurwoning. Ook heeft zich een groep senioren gemeld voor een woongroep en is er een groep die zich heeft aangemeld om aangepaste woningen te bouwen.’ Opvallend is dat niet alleen kopers betrokken worden bij de indeling van de woningen, maar ook de huurders. >>

‘Wij zitten sinds 2000 met ons tankstation op het Zeeburgereiland. Nu hier een nieuwe wijk ontstaat, willen wij daar graag aan bijdragen. Een groep studenten, waarvan een deel ook op het eiland woont, onderzoekt wat de buurt wil. Er zijn wilde ideeën voor een openluchtbioscoop en een fitnesscentrum. En we denken ook aan een buurtwinkel. We willen echt investeren in deze nieuwe wijk en kijken waar behoefte aan is.’ Jannette de Boer, namens de studenten van Tankstation Kriterion

‘Voor de zomer trek ik met mijn gezin in ons droomhuis op het Zeeburgereiland. Alleen al het uitzicht, over het water en naar Durgerdam, is fantastisch. En dat binnen de Ring. Nog voordat we op het eiland wonen worden we betrokken bij onze buurt. We kunnen meedenken over en invulling geven aan de inrichting op het eiland, zoals speelplaatsen en groenvoorziening. Hierdoor voelen wij ons zeer welkom.’ Zelfbouwer Olav Potters


Magnetico

© Igor Teuwen

ZEEBURGEREILAND

MAGNETICO Geen toeschouwers, alleen deelnemers. Dat is het motto waarmee Jesse Limmen met de Magneetbar op het Lowlandsfestival enorm veel succes had. ‘Als je op het podium iets positiefs deed, dan kreeg je een gratis biertje.’ De bar kreeg een vervolg in een jaarlijks zomerfestival op het Zeeburgereiland waar iedereen met een goed idee mee kan doen en mensen via sociale media laten weten wat zij leuk vinden. Met Magnetico, het

WIE IS IGOR ROOVERS? Igor Roovers (1956) is Gebiedsmanager bij de gemeente Amsterdam. Hij werkt met zijn team aan de gebiedsontwikkeling van grote stedelijke projecten in Amsterdam Oost, zoals IJburg, Zeeburgereiland, Centrumeiland en Overamstel.

café-restaurant in de knalrode Romneyloods, heeft Limmen een vaste standplaats. ‘We gaan daar binnenkort weer open podia en andere activiteiten organiseren, samen met nieuwe bewoners.’ Toekomstige eilandbewoners kunnen alvast komen moestuinieren. ‘Dan kunnen ze gevoel krijgen bij de omgeving en hebben ze iets om naar terug te komen.’

magnetico-s114.nl

WIE IS LARRY BATH? Larry Bath is directeur vastgoed in Amsterdam bij woningcorporatie de Alliantie. Met zijn team werkt hij aan het investeringsprogramma van de Alliantie in de stad, in wijken als Staalmanplein- en Indische Buurt en nieuwe gebieden Zeeburgereiland en Buiksloterham.

de-alliantie.nl

amsterdam.nl/gebiedsontwikkeling

73


ZEEBURGEREILAND

Presto

>> ‘Het zal nog een tijd duren voordat de wijk helemaal af is,

mensen moeten zich daarvan bewust zijn. Maar het geeft hun ook de mogelijkheid om mee te bouwen aan een nieuwe wijk. Het succes van de nieuwe buurt wordt immers vooral bepaald door de bewoners’ zegt Bath. Wie dat wil en echt voor deze wijk kiest, krijgt meer kans op een woning, waarbij ze natuurlijk wel de toewijzingsregels van Woningnet volgen, zoals inkomenseisen en inschrijfduur. ‘We zoeken naar een balans tussen betaalbaarheid en toekomstwaarde, we willen de woningen ook bij nieuwe verhuringen aanpasbaar maken.’ Dat is iets wat op de burelen van de Alliantie wordt bedacht, maar zeker ook met de bewoners besproken zal worden. Ze gaan met de mensen op zoek naar hun woonwensen en hoe en in welke mate zij betrokken willen worden bij de nieuwe wijk. Om de betaalbaarheid in het oog te houden, wordt gedacht om wat kleinere woningen te bouwen. ‘Het voordeel is dan’, zegt Bath, ‘dat je functies die niet in de woningen passen in de onderste verdieping kunt plaatsen. Denk aan werkplekken, een wasserette, logeerkamers en natuurlijk ruimte om elkaar te ontmoeten. Op die manier krijg je veel levendigheid aan de straat. In combinatie met veel openbaar groen en voorrang voor voetgangers, fietsers en spelende kinderen hopen we dan samen met de bewoners een eigentijdse en duurzame Amsterdamse stadswijk te bouwen.’ ••

zeeburgereiland.nl

STUDENTENHUISVESTING het nieuwe studiejaar aan het eind van PRESTO Als de zomer begint kunnen 97 Conservatorium

© Domus Planontwikkeling

studenten terecht in Presto, de nieuwbouw die door Domus Planontwikkeling momenteel in hoog tempo wordt gebouwd. Het lichte pand is extra geïsoleerd en krijgt zwevende vloeren om de muziekstudenten te laten oefenen zonder dat de buurt daar last van heeft, zegt Bert Vermeij van Domus. Toch is het ook zeker de bedoeling dat de buurt kan genieten van de klassieke muziek van de studenten. Voorbijgangers kunnen mooie noten opvangen als de ramen openstaan en er zijn ideeën voor optredens in de gemeenschappelijke ruimte van zelfbouwcollectief Nautilus.

domus.info

74


COLUMN

Nautilus

NAUTILUS Nautilus is de naam van een in 2015 op te leveren woon-werkpand op het Zeeburgereiland in Amsterdam. Het gebouw komt tot stand door middel van Collectief Particulier Opdrachtgeverschap (CPO), oftewel zelfbouw met een groep. Het project bestaat uit 43 goedkope woningen met werkruimtes en verschillende collectieve voorzieningen waaronder een gemeenschappelijke tuin en groene daken met moestuinen. Daarnaast worden buurtfaciliteiten gerealiseerd zoals een theater en galerie met café. Er zijn flinke duurzaamheidsambities. Met zonnepanelen, zonneboilers en koudewarmteopslag zal geheel klimaatneutraal aan de volledige warmtebehoefte van het woonblok worden voorzien. Het is een prachtig project van enthousiaste en betrokken mensen die hierin een kans zien om een woning te realiseren in lijn met hun maatschappelijke idealen. Het project is gebaseerd op zelforganisatie. Door te besparen op overheadkosten van commerciële projectontwikkelaars kan voor een doelgroep worden gebouwd die veel moeite heeft de overstap te maken van sociale huurwoningen naar de koopsector. In het Nautilus project worden sociale koopwoningen gerealiseerd. Daarmee heeft Nautilus een brede maatschappelijke relevantie. Met het stilvallen van de woningbouw en een sociale huursector die vanuit verschillende hoeken zwaar onder druk staat, kunnen zelfbouwprojecten de kloof tussen huur en koop overbruggen. Voorwaarde is dat de lokale overheden dergelijke burgerinitiatieven als gelijkwaardige partners gaan beschouwen. Dit is verre van vanzelfsprekend. Burgerinitiatieven als Nautilus dagen de oude systeemwereld uit op zoek te gaan naar nieuwe allianties. Zelforganisatie in de woningbouw stimuleert lokale overheden tot een andere wijze van gebiedsontwikkeling, met burgers in partnerschap. Voor het Zeeburgereiland is een stedenbouwkundig plan ontwikkeld. Daarin wordt beschreven hoeveel scholen, parkeerplaatsen, sportfaciliteiten, koopwoningen en huurwoningen in een gebied moeten worden gerealiseerd. Voor Nautilus, blok 28, werd de Maatschappelijk

Gebonden Eigendom (MGE) regeling van toepassing verklaard. De kern van deze regeling is dat de grond aangeboden wordt tegen een lagere grondprijs, op voorwaarde dat de woningen beschikbaar zijn voor een specifieke doelgroep. Een terugkoopregeling garandeert dat de woningen ook voor de toekomst beschikbaar blijven voor de doelgroep; bij particuliere verkoop wordt de woning teruggekocht door de ontwikkelaar die de voorwaarde voor doorverkoop binnen de doelgroep bewaakt. De corporaties kregen tijdens de voortgang van Nautilus vanuit landelijke regelgeving de zogenaamde ‘verhuurdersheffing’ opgelegd. Deze noodzaakte hen zich terug te trekken uit vele nieuwbouwprojecten. Met het wegvallen van de woningbouwvereniging als partner werden de bewoners en de gemeente geconfronteerd met een veranderd speelveld. Waar bij aanvang van het project woningbouwvereniging De Key met financiële draagkracht als achtervang optrad, kwamen de toekomstige bewoners - met het wegvallen van De Key als partner - plotseling zelf in de rol van projectontwikkelaar in een onderhandelingspositie met de gemeente. Gewend om met grote projectontwikkelaren en corporaties om tafel te zitten, ontbrak bij de gemeente de structuur om met individuele bewoners in gesprek te gaan over een omvangrijk woningbouwproject. Slechts dankzij de inzet van kennis en ervaring van de Koninklijke Nederlandse Heide Maatschappij (KNHM) wisten we de gemeente te bewegen ruimte te bieden voor de nieuwe rol van burgers in collectieve zelfbouwprojecten. In een tijd waarin traditionele rollen verschuiven blijken nieuwe partnerschappen noodzakelijk om een gelijkwaardig speelveld tussen burgers en overheid te creëren.

Cas Bool

Toekomstige bewoner van Nautilus

nautilus-amsterdam.nl

75


WONEN IN AMSTERDAM?

DE STARTERSLENING MAAKT HET MOGELIJK


AMSTERDAM METROPOLITAN SOLUTIONS

Proeftuin voor technologie

AMSTERDAM INSTITUTE FOR ADVANCED METROPOLITAN SOLUTIONS

DE STAD ALS LEVEND LAB Internationaal kenniscentrum worden en een plek waar technologisch talent goed gedijt, dat is de ambitie van Amsterdam. Met AMS is een kennisinstituut in huis gehaald dat de stad gebruikt als proeftuin voor technologie om het urbane leven te verbeteren. De TU Delft, Wageningen UR en MIT vormen de core academic partners in dit nieuwe instituut, dat als winnaar uit de vorig jaar uitgeschreven pitch kwam. Het is een instituut dat nadrukkelijk wil aanhaken bij wat er al is aan onderzoeksinstellingen en bedrijven in de stad.

Edo Dijksterhuis

Het curriculum is nog in de maak. En het zal niet voor het collegejaar 20152016 zijn dat de eerste studenten zich bij Amsterdam Institute for Advanced Metropolitan Solutions kunnen inschrijven. Toch melden zich nu al geïnteresseerden voor de tweejarige Master-opleiding. Niet zo vreemd, vindt Dirk Jan van den Berg, voorzitter van het College van Bestuur van de TU Delft. ‘Dit is dé studie van de toekomst. De urbane bevolking groeit alleen maar; over niet al te lange tijd woont zestig procent van de wereldbevolking in steden. En er komen ook steeds meer megasteden.’

‘Dit is beslist geen studie voor watjes’, vult Kenneth Heijns, secretaris van de faculteit Bouwkunde, aan. ‘AMS verbindt digitale technologie met ingenieurswetenschap en sociologie. Het is veel en moeilijk.’ En vooral erg divers. Want AMS staat een holistische aanpak voor, waarin het niet alleen gaat om gecijfer en technische hardware, maar ook over de impact die ingrepen in de stad hebben op het leven van bewoners. Aan de nieuwe opleiding zal een 21ste-eeuwse ingenieur gekweekt worden, eentje die makkelijk over de schuttinkjes van deeldisciplines heenkijkt en sterk ontwikkelde maatschappelijke voelsprieten heeft. >>

Die toekomst is dus aan de stad. En de wetenschappelijke toekomst aan het instituut dat de methoden en gereedschappen heeft om met oplossingen voor die stad te komen. ‘AMS is multidisciplinair tot in de kern’, stelt Van den Berg. ‘We benaderen metropolitan solutions niet vanuit de planologie, maar vanuit het idee van stedelijke stofwisseling. Water, afval, mobiliteit, dataverkeer – het zijn allemaal stromen en ze zijn onderling verbonden. Binnen AMS worden ze gezien als één geheel.’

Freelance journalist en publicist

77


AMSTERDAM METROPOLITAN SOLUTIONS

Samenwerking met bedrijfsleven

© Job Jansweijer

>> De allesomvattende aanpak van

WIE IS KENNETH HEIJNS? Kenneth Heijns is sinds 2012 secretaris van de faculteit Bouwkunde en is als zodanig nauw betrokken bij Amsterdam Institute for Advanced Metropolitan Solutions.

bk.tudelft.nl

WIE IS DIRK JAN VAN DEN BERG? Dirk Jan van de Berg is sinds 2008 voorzitter van het College van Bestuur van de TU Delft. Daarvoor had hij een diplomatieke carrière en werkte hij op de ministeries van Buitenlandse Zaken en Economische Zaken.

tudelft.nl

78

de Master-opleiding is ook terug te vinden in de onderzoekspoot en het valorisatieplatform die bij AMS horen. Het was die gelaagdheid in combinatie met een consistente visie die de gemeente Amsterdam eind 2013 deed kiezen voor het plan van TU Delft, Wageningen UR en Massachusetts Institute of Advanced Studies (MIT). Dertien consortia van internationale universiteiten en onderzoeksinstellingen hadden in de eerste ronde een plan ingediend voor een technologisch kennisinstituut. In de finale ronde dongen nog vijf voorstellen mee naar de vijftig miljoen euro die de gemeente hiervoor heeft gereserveerd. De eerste maanden van dit jaar stonden in het teken van het opstarten van AMS. ‘Het gaat vooral over het concreet invullen van de afspraken met gemeente Amsterdam’, vertelt Van den Berg. ‘Maar we willen eigenlijk heel snel een vliegende start maken. Onderzoek dat al loopt in Wageningen, Delft of Boston kunnen we bij het nieuwe instituut onderbrengen. Studies naar microklimaat, waterzuivering, verkeersmobiliteit en crowd management kunnen we ‘branden’ als AMS-onderzoek.’ Vanaf het eerste begin zoekt AMS de samenwerking met het bedrijfsleven. Het is de verwachting dat voor iedere euro die de gemeente in het instituut stopt, het bedrijfsleven en publieke fondsen er vier zullen fourneren. Ervaring genoeg op dit vlak bij de drie samenwerkende universiteiten; ze staan nummers 2, 18 en 48 op de internationale lijst van universiteiten die samenwerken met de industrie. Shell, Cisco, KPN, IBM, Alliander en Accenture behoren tot de vroegste private partners - bedrijven die hun

toekomst zien in grootstedelijke vraagstukken en die de mogelijkheid hebben te investeren in experiment. ‘Er zijn inmiddels alweer bedrijven bijgekomen die hun interesse hebben aangegeven: Hitachi, Arcadis, Philips’, vertelt Van den Berg. ‘Maar niet iedereen hoeft tegelijk aan de startstreep te staan. Wij zullen eerst gaan werken met de partijen van het eerste uur, die hun nek hebben uitgestoken voor ons.’ Wat AMS uniek maakt, naast de verregaande publiek-private samenwerking, is dat de stad wordt ingezet als levend laboratorium. Amsterdam zelf produceert de onderzoeksvragen en is tegelijkertijd proeftuin waar nieuwe technologie wordt uitgetest. Heijns: ‘Het gaat om creatieve oplossingen om de kwaliteit van leven in de stad te verhogen: snellere doorstroom van verkeer, schoner water voor een lagere prijs, een bewustere energieconsumptie. Amsterdam is bijzonder geschikt als laboratorium omdat het compact en begrensd is, bijna alles is beloopbaar. Tegelijkertijd heeft de stad alle kenmerken van een metropool.’ De schat aan informatie die voortkomt uit al dat onderzoek over het stedelijke leven, zal worden ondergebracht in een dataplatform. Dat moet openstaan voor onderzoekers wereldwijd, zodat >>


Flex-universiteit

© Graphic Language

AMSTERDAM METROPOLITAN SOLUTIONS

>> Amsterdamse oplossingen ook

elders kunnen worden toegepast. AMS borduurt zelf ook voort op de bevindingen uit Boston, Singapore, Barcelona, New York en Londen, waar eerder al instituten voor metropolitan solutions zijn opgericht. Na de zomer gaat AMS uit de startblokken. Van den Berg is al in gesprek met kandidaten voor het directeurschap, dat binnen een paar maanden ingevuld moet zijn. ‘We zijn op zoek naar een echte smaakmaker, iemand die het instituut smoel geeft. Idealiter is het iemand met een academische achtergrond; de functie is immers te vergelijken met die van decaan. Maar het hoeft niet. De directeur onderhoudt contact met wetenschappers maar ook met de gemeente, het bedrijfsleven en de internationale academische wereld. We zoeken een schaap met vijf poten.’ Een locatie voor het nieuwe instituut heeft Van den Berg al op het oog, maar die is nog niet definitief. Wat hij er in ieder geval over kwijt wil, is dat AMS een plek in de stad zoekt

niet te ver verwijderd van de beide Amsterdamse universiteiten. ‘De UvA en VU hebben ook meegedongen in de pitch. Maar wij willen absoluut geen overwinnaarssentiment uitstralen. Wij zien dit juist als een kans om de as Delft/Wageningen - Amsterdam te versterken. We zijn al in gesprek met VU en UvA. Ik denk dat dit de toekomst is voor universiteiten: samenwerken binnen een dedicated instelling. AMS staat wat dat betreft voor inhoudelijke innovatie maar ook voor institutionele ontwikkeling.’ AMS wil geen ‘schaduwuniversiteit’ worden. Liever wordt het een soort ‘flex-universiteit’, een academische duiventil met een relatief kleine vaste staf en onderzoekers die in- en uitvliegen. Van den Berg gebruikt graag de term ‘draaischijf’ en benadrukt dat dit begrip vooral internationaal moet worden gezien. ‘Maar je kunt het gerust aan onderzoekers overlaten om elkaar te vinden. Dat gaat automatisch. Onlangs kregen we al een telefoontje

van het ETH uit Zürich en van de Politecnico van Milaan – die hadden over AMS gehoord en wilden meedoen.’ Daarmee voldoet AMS al voordat het goed en wel van start is aan de wensen waar de pitch van de gemeente aan ontsproten was. Amsterdam wil zichzelf sterker profileren als kenniscentrum en academisch talent aan de stad binden. De ambitie is groot: Amsterdam wil ‘universiteitshoofdstad van Europa’ worden. Dat levert banen op - de verwachting is dat AMS de komende jaren zo’n vijftig start-ups oplevert die goed zijn voor honderd arbeidsplaatsen - en trekt ook bestaande bedrijven aan. ‘Maar het werkt twee kanten op’, geeft Van den Berg toe. ‘Amsterdam is op haar beurt weer een heel sterk merk. Daar heeft het instituut weer profijt van.’ ••

ams-amsterdam.com

79


WATER REPUBLIC 2025

80


AMSTERDAM WATERSTAD Ik was vorige zomer in een hakkenbar in een metrostation in Stockholm omdat ik inlegzooltjes nodig had voor moeilijke voeten. De verkoper was onlangs in Amsterdam op vakantie geweest. Ik vroeg hem of hij het naar zijn zin had gehad. Vanuit de grond van zijn hart zei hij: ‘NO!’ Met zoveel overtuiging hoor je het niet vaak. Het was, zei de hakkenman, ‘because Amsterdam smells. It stinks.’ Hij haalde de vertaal-app van zijn iPhone erbij om de gewaarwording te specificeren. ‘Mould’, verscheen op het schermpje: Amsterdam ruikt schimmelig en muf. ‘En’, zei hij, ‘zo ruikt Amsterdam overal, in de hele stad, buiten en binnen.’ Zelfs in zijn hotelkamer op vier hoog, die nota bene ruim buiten de stad zelf stond, in hoe heet het daar ook alweer, o ja, in Utrecht. Overal hing de muffe, vochtige geur. Zijn hele Zweedse gezelschap had er last van. ‘Die geur kennen we hier in Stockholm niet’, besloot hij. ‘Maar jullie ruiken het waarschijnlijk niet, omdat jullie eraan gewend zijn.’ >>

Fred Feddes

Journalist en publicist, auteur 1000 jaar Amsterdam

fredfeddes.nl

© Water Republic, FonzTeeVee

81


WATER REPUBLIC 2025

Maakwerk van land en water

>> Het was een verrassend gesprek. De klacht over het

Amsterdamse water kende ik, maar ik dacht dat het iets van vroeger was. Er is wel een opmerkelijk verschil. Vroeger was het water smerig, nu is het behoorlijk schoon. Mijn hakkenman zei niet dat hij vervuiling van het water rook, maar dat hij het water zelf kon ruiken. En het water zit overal. Niet alleen in de grachten, de Amstel en het IJ, en in het IJmeer, de kanalen, de poldersloten, tochten en vaarten, de plassen, aeën, dieën en meren van het ommeland en de Noordzee verderop, maar ook in de grond, in de huizen, in de muren, in de lucht, in de planten en de planken, misschien in de kleren die we dragen en in de taal die we ademen. Amsterdam is doordrenkt van water. Stockholm heeft ook veel water, maar de grens tussen water en land is daar hard. In Amsterdam niet. Water en land lopen hier van nature door elkaar. Het land is waterig, het water is landerig. We doen al duizend jaar ons best om nat en droog in een door ons gewenst patroon van elkaar te scheiden. We hebben hierbij grote technische vorderingen gemaakt, maar we kunnen de natuur van het water nooit definitief uitschakelen, alleen maar net genoeg op afstand houden. Dat vereist een voortdurende inspanning en het succes blijft voorwaardelijk. Zoals weer een andere toerist, Edmondo de Amicis, in 1876 over Nederland schreef: dit is een ‘gemaakt’ land, en ‘het zou verdwijnen als de Nederlanders het verlieten’.

AMSTERDAM IS DOORDRENKT VAN WATER

DE ONTGINNING WAS EEN TRAGE ECOLOGISCHE RAMP Dit maakwerk van land en water laat zich beschrijven als een stijlgeschiedenis. Steeds werd het landschap anders aangekleed en het water anders gedrapeerd, al naar gelang de eisen, wensen, techniek en smaak. In de loop der tijd verstedelijkte hun karakter. Veel stijlsporen zijn nog goed terug te vinden in de waterstad Amsterdam en ook daarbuiten. De eerste kolonisten bedekten heel Holland met een raster van afwateringssloten waarmee ze de tussengelegen langgerekte stroken land droger hoopten te krijgen. Deze ontginningsstijl is herkenbaar aan de gedempte sloten die het patroon vormen van stegen in het centrum, grachten in de Jordaan en straten in de Pijp, en buiten de stad in bijvoorbeeld Waterland en polder Rondehoep. De ontginning was in feite een trage ecologische ramp. De bodem daalde, het water kwam nog moeilijker weg, en er moesten extra afwateringen komen, zoals de Boerenwetering, de Kostverlorenvaart en de gestroomlijnde Amstel. Ik zou dit de reparatiestijl willen noemen. Toen de nederzetting Amsterdam zich uitbreidde, kreeg die in essentie dezelfde opbouw als het boerenland, met langgerekte stroken land gescheiden door water. Het patroon was een kwartslag gedraaid, parallel aan de Amstel, en er werd meer werk van gemaakt dan in agrarisch gebied. De grens van land en water werd scherper, met kademuren van hout of steen en met opgehoogd land. Die extra inspanning was noodzakelijk én mogelijk, want in de opkomende stad werd de grond intensiever gebruikt, de grondwaarde steeg en er kwam meer geld beschikbaar. Tot deze verstedelijkingsstijl behoren de Oude- en Nieuwezijds Voor- en Achterburgwallen, het versmallen van de Amstel en het stileren van de haven. Daarna kwam de militaire stijl met gelijkmatige bolwerken en singels, in een gebiedsvreemd patroon dat gehoorzaamde aan de gangbare theorieën over stadsverdediging, maar dat met de grootste moeite in de lokale land- en waterhuishouding werd ingepast. De stad ging er bijna failliet aan en voor militair gebruik was het al bij oplevering >>

82


WATER REPUBLIC 2025

Waterkaart

WATER REPUBLIC 2025 In 2025 viert Amsterdam haar 750ste verjaardag. Water Republic 2025 is een initiatief van Vandejong Creative Agency, Kees van Ruyven Stadsontwikkeling en Pakhuis de Zwijger en wordt ondersteund door Waternet en de gemeente Amsterdam. Het is een denkbeeldige staat van water, bedacht om meer met water te doen in Amsterdam en haar regio. De stad kan zich via dit programma presenteren als proeftuin voor innovatie op het gebied van water. Ook aan een internationaal publiek. Waterexperts, kunstenaars, wetenschappers en

iedereen die geïnteresseerd is, wordt expliciet uitgenodigd mee te denken over waterthema’s. Water Republic 2025 bevindt zich nog in de experimentele fase. Hoe het project vorm krijgt, zal de komende tijd blijken. Gestart wordt met bijeenkomsten in Pakhuis de Zwijger; om elkaar te inspireren en samen de juiste koers te bepalen. Daarnaast worden interessante waterinitiatieven verzameld en met elkaar verbonden. Op het moment schieten allerlei initiatieven als paddenstoelen uit de grond. Supermarkt Marqt aan de Wolvenstraat laat haar producten per

boot leveren, Waternet haalt fosfaat uit het rioolwater en de autarkische drijvende woonwijk Schoonschip wordt ontwikkeld. Deze en meerdere initiatieven zijn te vinden op de Amsterdamse waterkaart.

waterrepublic.nl marqt.com fos.nu schoonschipamsterdam.org Voor informatie over de bijeenkomsten, kijk op

dezwijger.nl/waterrepublic

83


WATER REPUBLIC 2025

Het blauwe goud

>> achterhaald, maar het was wel beeldbepalend door de

stad. Ook de glorieuze halvemaanvorm die Amsterdam in de zeventiende eeuw kreeg, is een bijou van militaire oorsprong. Nu is het tijd om hoofdletters te gebruiken: de aanleg van de grachtengordel gebeurde in een Gouden Stijl. De basistechniek was sinds de middeleeuwen niet veranderd: strookje land, strookje water, strookje land, strookje water, maar ze werd nu op een superieure wijze toegepast met strakke brede stroken, zo symmetrisch mogelijk binnen de militaire gordel geplooid. Aan de IJzijde werden scherpe havenbekkens uit de natte cake gesneden. En daarna gebeurde een hele tijd niets. Al dat water in en om Amsterdam begon als een voldongen feit, een natuurlijk gegeven dat wel kon worden gemanipuleerd maar niet verwijderd. Vervolgens maakten de Amsterdammers van de nood een deugd. Het ‘blauwe goud’ verbond de smalste gracht met de grootste wereldzee, en het bezorgde de stad grote voorspoed. Helaas werd het water ook dagelijks gebruikt als open riool en dumpplaats voor allerhande afval, zelfs het smerigste. Vandaar de bij bezoekers welbekende stank en vandaar ook dat de elite bij voorkeur de zomer buiten de stad doorbracht. In hun buitens aan de Vecht of het toenmalige Wijkermeer ervoeren ze dat wonen aan het water ook aangenaam kan zijn. Het reguleren, verversen en reinigen van het stadswater was eeuwenlang een onopgelost probleem. Het werd aangepakt met veel vernuft - narigheid stimuleert innovatie - maar beperkt effect. Om de grote bak water binnen de historische stadsgrenzen serieus in beweging te krijgen, was domweg brute kracht nodig. Bijvoorbeeld de kracht van tenminste zestien windmolens, zoals de stadsingenieur Jan Heijmansz Coeck in 1651 voorstelde. Dit was aan de lage kant, het hadden er ook veertig mogen zijn, en het rijke Amsterdam had dat best kunnen betalen. Maar er kwamen slechts twee, en uiteraard viel hun effect tegen.

OM WATER IN BEWEGING TE KRIJGEN IS KRACHT NODIG 84

ONS WACHT EEN FORSE WATEROPGAVE Pas vanaf de negentiende eeuw begon de stad zich op te frissen, dankzij de komst van krachtige stoom- en dieselgemalen, riolering en vuilnisophaaldiensten. Een nieuwe stijl deed zijn intrede, die ik de fossielebrandstoffenstijl zou willen dopen, als hommage aan alle steenkool, olie en aardgas die de watermachine draaiende houden. Dankzij hun kracht was het oude stramien met om de honderd meter een sloot of gracht niet langer nodig. Nieuwe wijken werden grootschalig ondergronds gedraineerd, en het water kon op veel plaatsen van de oppervlakte verdwijnen. Ook in de bestaande stad konden grachten op ruime schaal worden gedempt. Dat was handig voor het verkeer, dat sterk groeide en zich van het water naar het land verplaatste. Het is de ironie van de geschiedenis dat Amsterdam pas echt van zijn oppervlaktewater is gaan houden toen het overbodig werd. Nu het water stelselmatig schoon werd gehouden, was het ook schoon genoeg om er warme gevoelens voor te krijgen en er plezier, trots en identiteit aan te ontlenen. De waardering van het water heeft sindsdien, een handvol Zweden daargelaten, een hoge vlucht genomen en vele gedaanten gekregen. Voor erfgoedliefhebbers is het water onlosmakelijk deel van de schoonheid van de stad, voor woonbootbewoners een vrijplaats, voor de toeristische sector een uniek asset van het merk Amsterdam, en voor velen een gelegenheid om te spelevaren en te dromen, niet alleen in de grachten maar ook in de Sloterplas, het Twiske en bij Bakkum. De laatste jaren groeit het besef dat we beter minder afhankelijk kunnen zijn van fossiele brandstoffen, terwijl het water door de klimaatverandering zijn positie in ons laagland alleen nog maar versterkt. Ons wacht, zoals het heet, een forse wateropgave. Als het tegenzit, graven we onze eigen zinkput. Maar met de koppigheid, inventiviteit en trots waarmee al duizend jaar aan de bewoonbaarheid van het zompig laagland wordt gesleuteld, moet het mogelijk zijn ook nu nieuwe oplossingen te vinden. In stijl. ••


COLUMN

Summer School 2014

THINKING CITY THE DYNAMICS OF MAKING AMSTERDAM Wat is jouw ideale universiteit? Die vraag stelde ik mij na mijn aantreden als hoogleraar en bezetter van de Wibautleerstoel in 2012. Mijn antwoord: een universiteit die alle kennis uit de stad ophaalt en die deze kennis ook weer onmiddellijk aan de stad teruggeeft. Opdat de stad snel leert en zichzelf verbetert. Het is de stad opgevat als een brein. Mijn ideale nieuwe universiteit is daarom tevens een universiteit die alle uiteenlopende soorten kennis gemakkelijk mixt en aan gewone mensen aanbiedt: sociologie, geografie, politicologie, taalwetenschappen, geschiedenis, archeologie, andragogie, psychologie, biologie, wiskunde, economie, rechten, geneeskunde, alles door elkaar gemengd, alles met elkaar verenigd. Raar? Ach nee, eigenlijk heel normaal. Er zijn ook zoveel vragen die ik mij stel. Zoals: waarom technische universiteiten en gewone universiteiten nog zo sterk gescheiden zijn? Waarom binnen universiteiten al die academische enclaves bestaan van verschillende afdelingen en faculteiten? En waarom er zoveel in zichzelf gekeerde campussen komen waar geen burger zomaar bij terecht kan? Waarom alleen financiering van wetenschappelijk onderzoek door een centrale overheid, waarom zoveel budgettaire krapte, waarom steeds meer financiering door bedrijven, waarom zoveel bureaucratie? En waarom kunnen steden en de in hun stad gevestigde universiteiten niet veel meer samen optrekken? Leuk hoor, zo’n Graduate School of Amsterdam Metropolitan Solutions. Maar waarom alleen big data en op de stad toegepaste techologie? Zoveel vragen, zoveel nieuwe mogelijkheden en nieuwe kansen. De Summer School Thinking City. The Dynamics of Making Amsterdam, voor de eerste keer in Amsterdam komende zomer, biedt voor dit alles een alternatief. Twee weken lang - van 5 juli tot 20 juli 2014 - zullen honderd jonge wetenschappers, planners en ontwerpers uit de hele wereld naar Amsterdam komen. In tien studio’s zullen ze twee weken lang aan allerlei maatschappelijke vraagstukken werken die overal in de stad spelen. Al hun kennis en ontwerptalent zullen ze aanwenden om samen met maatschappelijke groeperingen tenminste tien stedelijke vraagstukken op te lossen. Vraagstukken variërend van bijensterfte, voedselcrisis, fietsenterreur

en migranteneconomie tot startup-ecosystems, zeespiegelrijzing, gentrificatie, overgewicht en metabolisme. Hoogleraren afkomstig van de Universiteit van Amsterdam en de Technische Universiteit Delft, zullen hieraan twee weken lang intensief met elkaar én met talrijke Amsterdammers samenwerken. Een publieksprogramma, overal in de stad, zal alle inwoners van Amsterdam bovendien actief bij de Summer School betrekken. En ja, wie wil niet grote geleerden uit de wetenschap en kunst, afkomstig uit Amsterdam en de hele wereld, horen spreken over de toekomst onze stad? Alle kennis en inzichten komen gratis naar je toe. We zullen er alle aan doen het programma laagdrempelig te houden. De eindpresentaties brengen we vrijdagavond 18 juli in de Stadsschouwburg over het voetlicht tijdens een feestelijke slotbijeenkomst. Iedereen is van harte uitgenodigd. Ondertussen vieren we met zijn allen de stad, de metropool, de kennis, het voedsel, de energie, de mensen, de stedelijke inventiviteit in al zijn verscheidenheid. Wie wij zijn? Wij zijn de nieuwe stichting Thinking City, sinds kort gevestigd in Amsterdam. Wij, Don Murphy en ondergetekende, werken graag met iedereen samen die dezelfde idealen van kennisdelen heeft. Inmiddels zijn dat er alle velen. Zoals het Centre for Urban Studies van de Universiteit van Amsterdam, de Graduate School of Social Sciences van de Universiteit van Amsterdam, Faculteit Bouwkunde van de Technische Universiteit Delft, Academie van Bouwkunst Amsterdam, Gemeente Amsterdam, Cor van Zadelhoff Foundation, EFL-Stichting, Amsterdams Fonds voor de Kunst, Stichting Doen, Sense of Place, Graduate School of Amsterdam Metropolitan Solutions, GIRA, Warp Streaming, Pakhuis de Zwijger, VMX architects en vele anderen. Doet u ook mee?

Zef Hemel summerschoolthinkingcity.org

85


GELOVEN IN AMSTERDAM Voor de fotoserie Geloven in Amsterdam legt fotograaf Friso Kooijman al sinds 2008 Amsterdammers met een religieuze overtuiging vast. Gedurende een aantal jaar was hij regelmatige bezoeker van ongeveer veertien gebedshuizen. Hij fotografeerde hier tijdens activiteiten en diensten. Kooijman wilde een antwoord geven op de negatieve beeldvorming over religie in de media. Hij kwam erachter dat de gelovigen meer overeenkomen dan dat ze verschillen: ‘De manier waarop mensen hun geloof beleven en uiten lijkt op elkaar. Ze gaan allemaal naar hun gebedshuis waar ze eten, drinken en een sociaal leven hebben. De basis van hun beleving van het geloof en de manier waarop ze dat samen met hun geloofsgemeenschap beleven toont vele gelijkenissen.’ De fotoserie, die mede met behulp van crowdfunding bij voordekunst tot stand is gekomen, zal vanaf juni geëxposeerd worden in verschillende Amsterdamse gebedshuizen en door Amsterdam trekken. Locaties vind je op de website!

geloveninamsterdam.com frisokooijman.com


GELOVEN IN AMSTERDAM

Fotoreportage: Friso Kooijman


TRANSFORMATIE

92

Een nieuwe toekomst


TRANSFORMATIE

Een nieuwe toekomst

TRANSFORMATIES VAN OUDE GEBOUWEN VIER KEER EEN NIEUWE TOEKOMST

Joost Zonneveld

Zelfstandig journalist voor onder meer Het Parool en Nul20

@zonneveldjoost

In Amsterdam staan soms de mooiste gebouwen leeg die een nieuw leven verdienen. Opvallend is dat de ontwikkelaars van tegenwoordig zich ook echt aan de nieuwe toekomst van zo´n gebouw verbinden. We lichten er vier uit. Wouter Jan Verheul, docent aan de TU Delft en onderzoeker op het gebied van onder andere architectuur en stedelijk ontwerp, ziet het toenemende hergebruik van gebouwen in de stad als onderdeel van een bredere maatschappelijke beweging. ‘Er is een herwaardering van oude gebouwen, maar we willen bijvoorbeeld ook weten waar ons voedsel vandaan komt. Het gaat om herkenbaarheid, nabijheid en karakter. Dat zie je ook bij de transformatie van die gebouwen. Het bestaande wordt gewaardeerd, al worden er wel nieuwe elementen aan toegevoegd. Ik noem dat de architectuur van de verankerde vernieuwing.’ Verheul ziet dan ook een verschuiving van glimmende nieuwbouw naar het vernieuwen van het bestaande.

OP HET DAK HEB JE PRACHTIG UITZICHT OP DE HAVENS Dat kan Sander Groet, een van de initiatiefnemers van de herontwikkeling van Toren Overhoeks uit de jaren zeventig naar het eigentijdse A´dam alleen maar beamen. ‘Het idee was ooit om een hoge toren te bouwen achter de Toren Overhoeks, maar ik ben blij dat we nu de bestaande toren kunnen herontwikkelen naar een uniek gebouw

voor de muziek- en dance-industrie, waarin Nederland vooroploopt.’ Het is een stoer gebouw dat op een markante plek aan de noordkant van het IJ staat en al lange tijd een icoon in de stad is. ‘Toen ik als klein jongetje uit het zolderraam van onze woning in Edam keek, kon ik de kroon op de toren zien. Het is fantastisch dat wij onze droom daar kunnen waarmaken’, zegt Groet. Met een hotel, een langzaam ronddraaiend restaurant in de top en een club in de nieuwe kroon, studio´s en creatieve bedrijven die zich op de muziekwereld richten, kunnen bezoekers vanaf eind 2015 24 uur per dag in de A’dam Toren terecht. Deze zomer begint de transformatie. Groet verwacht een miljoen bezoekers per jaar. ‘Op het dak dat op 75 meter hoogte ligt, heb je straks een prachtig uitzicht over de havens, Waterland en natuurlijk de hele stad. Dat is er nog niet in Amsterdam en je staat straks op een goede hoogte want je houdt contact met wat op straat gebeurt. Ik denk dat toeristen graag een foto willen maken van de letters Amsterdam die op de kap van het centraal station staan.’ Groet denkt dat de herontwikkeling van de toren ertoe zal bijdragen dat Noord een stuk serieuzer genomen wordt als volwaardig onderdeel van de stad. >>

93


TRANSFORMATIE

De Hallen

HET IS VAN BELANG NAAR HET GEBOUW TE LUISTEREN >> Het toevoegen van een stuk stad is ook voor architect

André van Stigt een belangrijke motivatie bij de herontwikkeling van de voormalige tramremise De Hallen in West. ‘Het rijksmonumentale complex ligt midden in de stad, maar de meeste buurtbewoners waren er nog nooit in geweest. Nu zijn zij intensief betrokken bij de vernieuwing.’ De bibliotheek is inmiddels open en de eerste markt is al in de publiek toegankelijke middenpassage gehouden. De ruim honderd jaar oude hallen vervullen nu volgens Van Stigt zowel een functie voor de buurt als de gehele stad. ‘De bibliotheek bijvoorbeeld is vooral op omwonenden gericht, maar in de bioscoopzalen zullen heel bijzondere films te zien zijn waar mensen uit de hele stad op af zullen

komen. Zo zal daar ‘het verhaal van de stad’ verteld worden, in het hergebruikte interieur van een van de zalen van het voormalige Filmmuseum.’ In het nieuwe stuk West is het hotel een drijvende kracht. ‘Het hotel maakt andere functies financieel mogelijk. De werkgelegenheidsprojecten zoals in de Ambachtenhal kunnen een lagere huur betalen.’ En dat is belangrijk, aldus Van Stigt, want steeds meer jongeren zitten zonder werk. ‘De Hallen moeten ook een positief effect hebben op de Ten Katemarkt die het moeilijk heeft.’ In het gebouwencomplex zijn de monumentale kappen van de hallen het meest kenmerkend. Van Stigt heeft die zoveel mogelijk in oude luister hersteld. ‘Het is van belang naar het gebouw te luisteren’, zegt hij, ‘allemaal hokjes inbouwen waardoor het gebouw niet meer zichtbaar is, zou zonde zijn.’ Dat betekent goed kijken naar het karakter, maar ook naar de fysieke mogelijkheden. ‘De studio’s hebben we bijvoorbeeld geplaatst op plekken die al donker zijn. Het is een kwestie van pragmatisch invullen van het gebouw.’ >>

DE HALLEN De voormalige tramremise en werkplaats ligt in West, vlakbij de Ten Katemarkt en de Kinkerstraat. De levensader van De Hallen is de Passage, een overdekte straat waar markten, exposities en modeshows gehouden worden. In het complex zijn verschillende functies te vinden, onder meer een bibliotheek, hotel, kinderdagverblijf, een bioscoop, studio´s en een ambachtencentrum, waar jongeren werkervaring op kunnen doen.

dehallen-amsterdam.nl

94


© Jokob Drenth via Stijl no7

TRANSFORMATIE

B-Amsterdam

B-AMSTERDAM Jarenlang zag de toekomst van de voormalige typemachinefabriek van IBM aan de Johan Huizingalaan er hopeloos uit. Een drietal ondernemers zag kansen voor de 15.000 lege vierkante meters met onder meer betaalbare kantoren, vergaderruimten en studio’s. De veertig jaar oude kolos krijgt zo een nieuw leven. Op het gebouw komt een daktuin en restaurant, waar ook buurtbewoners gebruik van kunnen maken.

b-amsterdam.nl

>> In een ander hallencomplex in de stad zijn ze nog niet zo

ver. De eigenaren van kinderwagenbouwer Bugaboo, sinds kort in bezit van de monumentale Van Gendthallen op Oostenburg, zijn ‘nog aan het broeden’ op hoe de nieuwe invulling van de oude werkgebouwen van Werkspoor en Stork er precies uit komt te zien, zegt Dennis van Westerop

WE WILLEN HELPEN HET GEBIED ONDERDEEL VAN DE STAD TE MAKEN

van Peak Development, die de transformatie van de gebouwen begeleidt. Zeker is dat Bugaboo ongeveer de helft van de 16.000 vierkante meter gaat gebruiken. Daar komen onder meer het hoofdkantoor van de multinational, een winkel en een restaurant, waardoor zich een soort speelplek voor gezinnen aftekent. Vaste gebruikers zoals Mediamatic zullen waarschijnlijk in de geschakelde gebouwen blijven en Westerop benadrukt dat de omgeving betrokken zal worden bij de vernieuwing. ‘We gaan het gesloten complex ook gedeeltelijk open maken, zodat het toegankelijker wordt voor de omgeving.’ Hoewel grote kranten, een evenementenhal en de hippe horeca van Roest al in de omgeving zitten, liggen de hallen op enigszins onbekend en verscholen terrein. Maar Oostenburg zal in de komende jaren langzaam veranderen in een levendig woon-werkgebied. Westerop: ‘We willen helpen het gebied onderdeel van de stad te maken.’ >>

95


TRANSFORMATIE

>> Dat ook relatief jonge gebouwen soms schreeuwen om

hergebruik, laat de voormalige typemachinefabriek van IBM aan de Johan Huizingalaan in Nieuw-West zien. Ricardo van Loenen, een van de initiatiefnemers van B-Amsterdam, is bezig een droom te realiseren in ‘de zwarte doos’ die al negen jaar leeg stond. ‘Wij willen hier een ‘stad in een gebouw’ maken, waardoor het pand mooi wordt in al zijn lelijkheid.’ Een deel van het gebouw wordt gebruikt door Post.nl. Samen met de eigenaar is het groepje jonge ondernemers waar Van Loenen deel vanuit maakt,

SAMEN MET BEWONERS KAN HET GEBOUW EEN EIGEN KARAKTER KRIJGEN

Van Gendthallen

bezig om de overige 15.000 vierkante meter in rap tempo samen met grote en kleine bedrijven in te vullen. Dat is best een uitdaging, want volgens Van Loenen ontbreekt het op het Rieker Business Park aan een ziel en is het station dat er ooit gepland was, er nooit gekomen. Maar daar staat betaalbaarheid en de goede bereikbaarheid over de weg tegenover. Nu is al te merken dat de gebruikers elkaar weten te vinden en samenwerken. Guus Meulendijks, collega van Van Loenen, zegt dat de kans bestaat dat het gebouw aan het eind van dit jaar vol zit. ‘Dat zou ver boven verwachting zijn.’ Van Loenen en Meulendijks hopen dat het zal lukken om zelfs in een min of meer afgeschreven kantorengebied weer leven te krijgen. ‘Door samen met de gebruikers iets nieuws neer te zetten, kan het gebouw een heel eigen karakter krijgen.’ ••

VAN GENDTHALLEN De rijksmonumentale Van Gendthallen op Oostenburg worden eindelijk gerestaureerd. Kinderwagenbouwer Bugaboo, de nieuwe eigenaar, strijkt neer in de helft van het complex met kantoren, een onderzoekscentrum en een winkel. Samen met stoere horeca moet een speelplek voor gezinnen ontstaan op een nog relatief onbekende plek in de stad. Een deel van de hallen wordt opengemaakt om het complex toegankelijker te maken

peakdevelopment.nl bugaboo.com

96


TRANSFORMATIE

A’dam Toren

A´DAM TOREN De Toren Overhoeks, begin jaren ‘70 in gebruik genomen als kantoortoren voor Shell, wordt door onder meer Sander Groet en Duncan Stutterheim (ID&T) getransformeerd tot een unieke toren gericht op de muziek- en dance-industrie. Er komen kantoren, studio’s, een restaurant, twee clubs en een hotel, goed voor 600 arbeidsplaaten. Bovenop de vernieuwde kroon van A´dam, kunnen Amsterdammers en toeristen over stad en omstreken uitkijken.

adamtoren.nl

97


Talent + Knowledge + Business Amsterdam Creative Industries is het landelijke Centre of Expertise voor de creatieve industrie en ICT. Founding Partners Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten, Hogeschool van Amsterdam en Hogeschool Inholland hebben met het Centre één voordeur gecreëerd voor praktijkgericht onderzoek, onderwijs en scholing. Zo zijn met Amsterdam Creative Industries 33 creatieve industrie en ICT opleidingen,10 locaties, 13.000 studenten en 20 lectoraten voor de industrie ontsloten.

Meer weten? www.amsterdamcreativeindustries.com


LOCAL GOODS

De makers van nu

LOCAL GOODS IMPULS VOOR AMSTERDAMSE ECONOMIE

Miriam Landman

Freelance copywriter en (web)redacteur

mirvoud.nl

Burgemeester Van der Laan zei het al, we zijn met z’n allen dolverliefd op deze stad. En uit verliefdheid groeien mooie dingen. Mokumse bierbrouwers schieten als paddestoelen uit de grond, het maken van cider wordt steeds populairder onder Amsterdammers en een beetje hippe stadgenoot fietst tegenwoordig op een Amsterdamse fiets. Voor honing hoeven we ook allang geen beroep meer op de Grieken te doen. We maken steeds meer lokaal. De maakindustrie is niet langer een wereld van slecht betaalde arbeiders in grote fabrieken, de makers van nu zijn trotse ondernemers die in veel gevallen hun klanten én hun leveranciers persoonlijk kennen. En dat zou wel eens heel positieve effecten op onze lokale economie en werkgelegenheid kunnen hebben. Of het nou de groeiende Do It Yourself beweging is, de weerzin tegen multinationals of de aard van het beestje, het is duidelijk dat steeds meer Amsterdammers het heft in eigen handen nemen. Ontwerpers lanceren hun eigen producten, handige jongens gaan meubels maken en op foodmarkten zien we bijna alleen nog maar lekkers uit eigen stad. Stuk voor stuk werken deze ondernemers bij voorkeur met lokale grondstoffen en producten. Een groeiende groep mensen is bereid flink geld neer te leggen voor kwalitatieve producten met een verhaal. In plaats van massaal in China geproduceerde creaties, kiezen ze liever voor het kleinschalige werk, als het even kan lokaal gemaakt. Gelukkig groeit ook het aantal plekken en winkels waar

makers en kopers elkaar ontmoeten. De makers nemen hiertoe vaak zelf het initiatief, maar krijgen ook hulp van organisaties die de maakbeweging in de stad van harte toejuichen, zoals Indie Brands en Made in Amsterdam. Om de groei van de maakbeweging aan te wakkeren, verenigde een groep makers zich in de stichting Made in Amsterdam. Belangrijkste missie: het terughalen van de productie naar Amsterdam. Drijvende krachten achter Made in Amsterdam zijn Bas Beekman en ondernemer Raimo van der Klein (voormalig CEO van Layar). Zij werken voor én met de makers. Made in Amsterdam geeft lokale ondernemers een gezicht, maar laat vooral zien dat er ook een ander soort maakindustrie bestaat. Die van de dromers die niet blijven dromen en gaan doen wat ze het liefste doen. Met het organiseren van workshops, masterclasses en bijscholingsactiviteiten, helpen Beekman en Van der Klein deze makers hun afzetmarkt te vergroten. Een eigen label is in de maak. >>

99


LOCAL GOODS

100% Amsterdams

>> De makers die dit label op hun producten dragen zeggen daarmee: ‘dit product is Amsterdams en daar ben ik trots op’. Inmiddels zijn zo’n 50 ondernemers aangesloten bij het community platform en hun aantal is groeiende.

Lokaal produceren scheelt een hoop CO2-uitstoot en stelt ons in staat te werken met lokale grondstoffen. Of beter nog, het hergebruiken ervan. Zo worden Roetz fietsen volledig gemaakt van oude frames en natuurlijke materialen. Het fietsenmerk werkt ook nog eens samen met sociale werkplaatsen. En dit is niet het enige maakbedrijf dat banen creëert voor hen die vaak moeilijk aan een baan komen. De maakindustrie is bij uitstek geschikt om lager opgeleiden aan het werk te krijgen. De makers van nu laten de jeugd van vandaag zien dat kiezen voor een ambacht status geeft. Dat werkt enthousiasmerend. Elk stadsdeel heeft inmiddels zijn eigen openbare werkplaats waar je producten kunt ontwikkelen of opknappen met hulp van professionele machines en gereedschappen. In iFabrica in Noord kan dit bijvoorbeeld al met 3D-printers en CNC-gestuurde machines. Dat creëert mogelijkheden voor creatieve jongeren die hun ideeën willen omzetten in producten. Gewoon in eigen stad.

HAMERS OP MAAT Marie-José Hamers is tassenontwerpster. Haar ontwerpen ontstaan niet achter de tekentafel, maar al struinend over straat, door winkels en (bouw)markten. Zo onstond ook het idee voor haar serie tassen, gamaakt van geperste plastic tasjes, afgewerkt met echt leer en vilt. ‘Ik kijk om me heen en werk met de middelen en materialen die voorhanden zijn. Mijn manier van werken brengt van nature duurzame productie met zich mee. En ondertussen is mijn werk zo ingericht, dat ik mijn tassen moeilijk in het buitenland kan laten produceren. Dus blijf ik lekker dicht bij huis en dat is Amsterdam.’ Hamers werkt samen met DWI en geeft mensen uit Amsterdam een plek in haar atelier om te re-integreren in het arbeidsproces.

hamersopmaat.nl

100

Anneloes van Gaalen, initiatiefneemster van Indie Brands, signaleerde jaren geleden al dat steeds meer ontwerpers wereldwijd hun eigen merk of product ontwikkelen. Ze zien een gat in de markt, hebben een bepaalde visie of willen het gewoon helemaal anders doen. Design is belangrijk bij deze zelfstandige merken, evenals sterke marketing en een goed verhaal. Die verhalen schreef Van Gaalen op in het Indie Brands boek, en inmiddels heeft Pakhuis de Zwijger het zesde Indie Brands event achter de rug. Tijdens deze events met iedere keer een ander thema, vertellen de makers hun verhaal aan het publiek. Ze geven lezingen en gaan met elkaar in gesprek. In de speciaal voor de events samengestelde Indie Brands Supermarket blijkt achteraf welk verhaal het meeste indruk heeft gemaakt. Of welk design simpelweg onweerstaanbaar is. Zaterdag 19 en zondag 20 april organiseerde Pakhuis de Zwijger samen met Indie Brands en Made in Amsterdam de allereerste Local Goods Weekend Market. Er volgen er nog twee in de weekenden van 17 mei en 21 juni. ‘Een soort Indie Brands shop, maar dan in het groot’, aldus van Gaalen. De kwaliteit spat van de producten af. Maar waar je in de Indie Brands shop ook producten van buitenlandse makers vindt, is alles wat je ziet, ruikt, proeft en past op de Local Goods made in Amsterdam. De sieraden, de tassen, de kleding, de meubels, de chocola én de fietsen. De verkopers staan er niet alleen om hun eigen producten aan de man te brengen, ze vertegenwoordigen tegelijkertijd het merk Amsterdam. Een dankbare taak. ••

madeinams.org indie-brands.com roetz-bikes.com ifabrica.nl


LOCAL GOODS

Local Goods Weekend Market

JOHN ALTMAN RAINBOW POPCORN Hajo de Boer en Onno Lixenberg van John Altman zijn recentelijk een bijzonder (en lokaal) initiatief gestart. Na 100% natuurlijke en Fair Trade koek hebben ze begin april onder hetzelfde merk biologische popcorn op de markt gebracht. Ze doen dit in samenwerking met de Regenboog Groep, een organisatie die zich inzet voor kwetsbare mensen in onze samenleving. Vanaf John Altman’s (elektrische) mobiele Popcorn Fabriek verkopen ex-daklozen nu popcorn op pleinen, festivals of evenementen. ‘Hiermee krijgen Amsterdammers overheerlijke biologische popcorn in bijzondere smaken en zetten ex-daklozen een belangrijke stap naar een betaalde baan.’ aldus Lixenberg.

johnaltman.org deregenboog.org

Meer informatie over de Local Goods Weekend Market vind je op

dezwijger.nl/localgoods

101


CROWDFUNDING

Geld ophalen bij de massa

CROWDFUNDING ALS KICKSTARTER GELD OPHALEN BIJ DE MASSA

Vanuit een zolderkamer zet je een project online en de euro’s stromen binnen. Zo simpel werkt crowdfunding niet, helaas. Maar met een slimme aanpak kun je geld Ên klanten binnenhalen. Komt die droom misschien toch uit.

Richard Mooyman

Freelance journalist voor onder meer Het Parool

www.richardmooyman.nl

Crowdfunding is financiering door de massa. Veel mensen betalen ieder een relatief klein bedrag, waarmee een project, product of dienst van de grond kan worden getild. Rendement is voor veel geldschieters niet het belangrijkste. Natuurlijk zijn er investeerders die over de streep worden getrokken met de belofte van een aandeel of een goede rente op uitgeleend geld. Maar vaak is er sprake van donaties aan sympathieke projecten, of geldsteun in ruil voor een bijzonder product of pakweg een concert. Crowdfunding heeft allerlei verschijningsvormen. Deze nieuwe manier van financiering kwam enkele jaren geleden op. Kunstenaars en andere creatieven gingen op zoek naar alternatieven voor subsidies, die werden gekort of geschrapt. Bekend is het platform Voordekunst.nl, dat inmiddels ruim 600 projecten heeft gefinancierd voor in totaal 3,7 miljoen euro. >>

103


CROWDFUNDING

De cijfers

De markt is meer dan verdubbeld in 2013

>> Start-ups omarmden crowdfunding en het

midden- en kleinbedrijf vervolgens ook. Vaak uit pure noodzaak, omdat banken sinds het uitbreken van de crisis terughoudend zijn geworden met kredietverstrekking. De meest uiteenlopende projecten zien het licht. Van designmeubelen, films en duurzame kleding tot koffiebars en lunchrooms. Nieuwigheden zoals LED-verlichting op zonne-energie en een horloge om je kinderen mee in de gaten te houden. Maar ook de verbouwing van winkels wordt zo gefinancierd. Crowdfunding is veel meer dan een lapmiddel omdat banken minder krediet verlenen. Het is ook een vorm van research en marketing. Bij the crowd kun je peilen of er belangstelling is voor een product of dienst. Geïnteresseerden denken graag mee en geven gratis advies, zij zijn vaak de eerste klanten. Hun enthousiasme delen zij met anderen, wat meer geld, klanten en succes kan opleveren.

€ 32 miljoen gecrowdfund in 2013 Gecrowdfund per catogerie Goede doelen projecten € 1.300.000 Creatieve projecten € 2.900.000 Omdernemingen € 27.800.000

Meer dan 1250 projecten gecrowdfund in 2013 Aantal projecten per catagorie Goede doelen projecten 409 projecten Creatieve projecten 482 projecten Omdernemingen 367 projecten

104

(bedragen in miljoenen euro per jaar)

32 30

20

14 10

2.5 0

2011

2012

2013

Te mooi om waar te zijn? In Nederland ging vorig jaar al 32 miljoen euro om in 1250 projecten. Dat is meer dan een verdubbeling ten opzichte van 2012. Van dat geld ging 27,8 miljoen euro naar ondernemers, 2,9 miljoen naar creatieve projecten en 1,3 miljoen naar goede doelen. Aram Goudsmit van consultancybureau Douw&Koren verwacht voor dit jaar een omzet van ruim 100 miljoen, en alles wijst op een verdere stormachtige groei. Nederland telt inmiddels vele tientallen crowdfundingplatforms. De wereld van crowdfunding is volop in beweging. Het reusachtige Amerikaanse Kickstarter (in 2013 werd 480 miljoen dollar opgehaald) ziet hier volop kansen, en heeft onlangs een Nederlandse versie gelanceerd. Ook ontstaan er bijvoorbeeld platforms waarbij het mogelijk is te investeren in personen, in ruil voor een deel van hun toekomstig salaris. >>


CROWDFUNDING

De tips

>> ‘Een project online zetten en achterover leunen

werkt niet’, zegt Goudsmit. Om met succes geld op te halen is volgens hem een slimme campagne nodig, ook al is het project nog zo aantrekkelijk. Een belangrijke eerste stap is community funding in eigen kring. ‘Je moet vooraf overal vertellen over wat je gaat doen, mensen om je heen verzamelen. Familie, vrienden en anderen uit je netwerk. Creëer een eerste groep ambassadeurs die meedenkt over de campagne. Welke tegenprestaties willen ze voor een investering? Veel producten bestaan al, zorg voor iets bijzonders of een lagere prijs. Crowdfunding wordt vooral een succes als je er mensen bij betrekt. Offline contact is heel belangrijk. En spreek niet over ‘mijn’ product, maar over ‘ons’ product.’ Gebruik de feedback die je krijgt, raadt Goudsmit aan. Zelfs als dat betekent dat het project ingrijpend moet worden aangepast. ‘Al die opmerkingen krenken soms een gevoel van trots, nadat je zelf maanden aan een fantastisch project hebt gewerkt. Maar het helpt wel om je project en verhaal beter te krijgen, waardoor je je doelgroep en klantenkring kunt uitbouwen.’ Crowdfunding is geen simpele manier om aan geld te komen, zegt ook oprichter Ireen Laarakker van platform Dutch Design Starter: ‘Het is heel arbeidsintensief, en je moet echt je eigen netwerk inzetten. Alleen een mooie lamp of tafel is niet voldoende. Het product moet een probleem oplossen, een functie hebben. Of het moet tot de verbeelding spreken, met een groter verhaal. Je moet bereid zijn om met je billen bloot te gaan. Het is een goede test van de markt.’ Dat kan misschien pijnlijk zijn, maar het voorkomt volgens haar wel dat je blijft zitten met een opslagplaats vol spullen waaraan niemand behoefte blijkt te hebben.

TIPS OM GELD OP TE HALEN > Een inspirerend verhaal is belangrijk. Potentiële geldschieters zijn vaak gevoelig voor passie en betrokkenheid. Ook komen zij eerder over de brug als een project of product een probleem oplost of een nuttige functie heeft.

> Steek veel tijd en energie in de voorbereiding van de campagne om geld op te halen. Begin met het verwerven van steun binnen het eigen netwerk, zoals familie, vrienden, kennissen en zakelijke contacten.

> Vraag geïnteresseerden om tips en advies.

Pas zonodig de opzet van het project aan. De fans uit het eigen netwerk zijn vaak de eerste geldschieters. Zij kunnen voorkomen dat de teller (te lang) op nul blijft staan, een slecht begin van een crowdfundingcampagne.

> Om de massa te bereiken kan een pakkend

filmpje en een stroom berichten en updates via sociale media cruciaal zijn. Benader websites, bloggers en de pers, probeer een buzz te creëren.

Crowdfunding kost behalve tijd en moeite ook geld. Platforms vragen doorgaans een startbedrag plus een percentage bij een succesvolle funding; dat ligt meestal rond de vijf procent, maar het kan ook drie of zeven procent zijn. Professionele adviezen en begeleiding bij een campagne moeten ook worden betaald. >>

105


CROWDFUNDING

>> Overheden zijn geïnteresseerd geraakt in crowdfunding.

Goudsmit: ‘Die zien het als een manier om ondernemerschap te stimuleren en te faciliteren. Het sluit goed aan bij het streven naar burgerparticipatie. Een overheid kan dit zelf stimuleren door bijvoorbeeld buurtinitiatieven te steunen of door zelf een platform te lanceren.’ Het lijkt vreemd, maar ook banken stappen in crowdfunding. ABN AMRO zette de eigen crowdfundingorganisatie Seeds op voor zowel starters als bestaande ondernemingen. ‘Dit is een nieuwe manier van financiering, goed voor de kredietverlening’, zegt Arthur van de Graaf, algemeen directeur van Seeds. ‘We moeten weer meer gaan investeren in Nederlandse ondernemingen.’ Seeds richt zich op allerlei branches. ‘Maar belangrijk is dat de bedrijven een positieve impact hebben op de samenleving.’ Er is volop belangstelling, aldus Van de Graaf. ‘Dagelijks krijgen we nieuwe aanmeldingen.’ Ons platform vraagt om een goed uitgewerkt businessplan. ‘Maar we geven geen inschatting of het haalbaar is, dat is aan de crowd om te bepalen.’ Bij Seeds gaat het geld retour naar de investeerders als het doelbedrag niet wordt gehaald.

Platforms

Is er voldoende geld opgehaald, dan wordt een investeringsovereenkomst getekend met afspraken over het rendement. Maar er blijven wel risico’s voor geldschieters; een project kan immers mislukken of een bedrijf failliet gaan. Makkelijk geld ophalen is crowdfunding niet, dat is wel duidelijk. Maar met een goed plan, een gezonde dosis zendingsdrang en een slimme campagne kun je een heel eind komen. Erg optimistisch? Maak een scenario voor het geval er te veel geld binnenstroomt, want ook dat komt voor. ••

douwenkoren.nl dutchdesignstarter.com seeds.nl

DE PLATFORMS Nederland telt vele tientallen crowdfundingplatforms. Algemene, maar ook specifieke op het gebied van onder meer kunst, design, boeken, film, sport, buurtinitiatieven en duurzame projecten. Bij crowdfunding zijn er in grote lijnen vier methodieken, plus allerlei mengvormen. Bij donaties gaat het om een schenking. Bij rewards krijgt de geldschieter een beloning, bijvoorbeeld een product of concertkaartje. Dit kan een vorm van voorverkoop zijn. Bedrijven kunnen ook aandelen uitgeven aan investeerders of leningen aangaan waarvoor rente moet worden betaald.

Neem eens een kijkje op: voordekunst.nl dutchdesignstarter.com crowdyhouse.com kickstarter.com crowdaboutnow.nl indiegogo.com onderstroom-design.nl voorjebuurt.nl

106

cinecrowd.nl seeds.nl symbid.nl wekomenerwel.nl geldvoorelkaar.nl oneplanetcrowd.nl share2start.nl


MAYORS CHALLENGE 2014

Play2Work

BLOOMBERG MAYORS CHALLENGE 2014 Femke Haccoû & Gidion Peters Gemeente Amsterdam

AMSTERDAMS IDEE IN DE FINALE Amsterdam zit met het idee Play2Work Europe bij de 20 finalisten van de Mayors Challenge. De challenge onder Europese steden is een initiatief van Bloomberg Philanthropies, de stichting van de voormalig burgemeester van New York Michael Bloomberg. Play2Work dingt mee naar de hoofdprijs van vijf miljoen euro of één van de vier tweede prijzen van één miljoen euro om het idee uit te voeren.

© Romald rijntjes

De inzending is tot stand gekomen tijdens de Mayors Challenge Ideeëndag van 9 januari jongstleden in Pakhuis de Zwijger. Tijdens deze dag kwamen meer dan 300 betrokken Amsterdammers bij elkaar om Burgemeester Van der Laan te helpen met het bedenken van ideeën voor grote stedelijke vraagstukken. De uitkomst van de Ideeëndag was tien top ideeën waar Amsterdam actief mee aan de slag is gegaan. Drie van deze ideeën sloten zo goed op elkaar aan dat er samen is gewerkt aan de uiteindelijke inzending Play2Work. Dit Amsterdamse idee wil op een vernieuwende manier werkloze jongeren met een MBO-opleiding helpen aan een baan te komen. Door middel van een online game en offline coaching worden de jongeren getraind op 21st Century skills. Daarbij kunnen zij gebruik maken van een Europees netwerk van steden. In juni krijgen de voor de finale geselecteerde steden de kans hun idee verder te ontwikkelen tijdens een Ideas Camp in Berlijn. Elke stad krijgt een City Coach vanuit Bloomberg Philanthropies toegewezen om zich hierop voor te bereiden. In oktober wordt bekend of Amsterdam in de prijzen valt. De stad en Mayor Eberhard van der Laan gaan voor de winst!

amsterdam.nl/mayorschallenge mayorschallenge.bloomberg.org

107


CITY EMBASSY BERLIN Karien van Assendelft

Taal- en beeldend kunstenaar

communicatiemakelaar.info karienvanassendelft.org

108

EINE BOTTOM-UP INITIATIVE DIE HEUTE BEGINNT Arm aber Sexy, dat is Berlijn volgens Klaus Wowereit, burgemeester van deze stad. Een stad waar gedemonstreerd wordt tegen de sloop van de Muur. Waar in het Oosten een bloemenwinkel simpelweg Blumen heet maar de grond rond Potzdammerplatz eigendom van Sony is. Op elke straathoek creatievelingen barstensvol vitamine B (van Beziehungen, ofwel connecties), maar met een flinterdun verdienmodel. Verdienmodel?! ‘Je komt naar Berlijn, je doet je project en als je 35 bent is de latte-macchiato tijd voorbij en ga je weer terug naar Wuppertal’, aldus Vincent Kompier, Hollander en gids in Berlijn. >>


CITY EMBASSY BERLIN

>> In 2012 nam Pakhuis de Zwijger het initiatief om zich

als stadambassade met Rotterdam te verbinden. De stadambassade heeft tot doel kennis en ervaringen tussen professionals en kleinschalige initiatieven tussen beide steden uit te wisselen. Het bezoek van burgemeester van der Laan aan Berlijn als creatieve stad afgelopen december was een mooie reden om ook daar een stadambassade te openen, vond de gelegenheidscoalitie Berlijn Express. Een ‘handelsmissie-van-onderop’ bestaande uit dertig Amsterdamse architecten, sociaal ondernemers, kunstenaars, ambtenaren, festivalproducenten, appontwikkelaars en de nachtburgemeester van Amsterdam. Mensen die zonder met hun ogen te knipperen een dancetrein vullen met 900 man en daarmee naar Boedapest rijden, zich als ambtenaar tussen bewoners positioneren of hun eigen huis bouwen van afvalmaterialen. Onder de bevlogen leiding van Frank Alsema van Urban Labs en Egbert Fransen van Pakhuis de Zwijger treinde de Berlijn Express naar het oosten voor vruchtbare uitwisseling onderling en met Berlijners - op de Nederlandse ambassade, in Selbstbau panden, stadstuinen en karaokebars. Hoogtepunt van de reis was de inauguratie van de Amsterdamse stadambassade op 11 december tijdens een lunch met Van der Laan in Kunsthalle Platoon. Met de woorden ‘This is a wonderful initiative’ overhandigde de burgemeester het plakkaat en de Amsterdamse vlag aan Platoon. ‘Eine bottom-up Initiative die jetzt heute beginnt! Only in Berlin!’ riep de kunsthal. Achteraf bleek dat enkele Duitse ambassadegasten geweigerd hadden te komen, omdat het geplande protocol even was losgelaten. ‘Warum essen und präsentieren durcheinander machen?!’ De burgemeester liet zich niet uit het veld slaan: ‘Wat is dit gezellig zeg!’

IN BERLIJNSE OGEN IS ZAANSTAD EEN STADSDEEL VAN AMSTERDAM

Ruimt voor herontwikkeling

MARKTHALLE NEUN Markthalle Neun is opgestart in 2011 als buurtinitiatief door drie ondernemers. Samen met andere ondernemers (in spé) wilden ze de markthal omtoveren tot een hal gevuld met aanbod van biologisch en/of streekgebonden ambachtelijk geproduceerde verse waren. Italiaanse pasta’s, Turkse lekkernijen, wijnproeverijen, gerookt vis, taartjes en quiches. En dat is gelukt, de hal staat inmiddels vol met kleine terrasjes. Markthalle Neun kwam tot stand met hulp van de Quartiermanagementteams, adviesraden waar de lokale overheid met buurtbewoners en professionals in overleg gaat over zaken als krapte op de woningmarkt, elektrisch vervoer, educatie, of hoe mensen te activeren. Markthalle Neun is een van de 34 ontwikkelgebieden. Dit was de eerste keer dat in Berlijn niet de hoogste bieder, maar het beste concept een tender won.

markthalleneun.de

‘Los van Noord is Amsterdam redelijk ‘af’. In Berlijn heb je nog ruimte’. liet Van der Laan vallen. Hier valt over te twisten. Berlijn Expresser Hans Karssenberg van STIPO reageert: ‘Het is maar net hoe je tegen je stad aan kijkt. Berlijn heeft 3,4 miljoen inwoners. Amsterdam telt er 800.000 maar ligt in de Randstad met 7,1 miljoen inwoners. Gezien door Berlijnse ogen is Zaanstad een stadsdeel van Amsterdam, daar is nog ongelooflijk veel ruimte. Het Noordzeekanaalgebied heeft meer herontwikkelingsruimte dan de Spree-oevers. Hoe kan de burgemeester dan zeggen dat Amsterdam vol is? Als we de kaart van Berlijn op de Amsterdamse agglomeratie zouden projecteren, durf ik te wedden dat er minstens zoveel braakliggende terreinen, industriehallen en leegstaande kantoren zijn.’ >>

109


CITY EMBASSY BERLIN

Platoon Kunsthalle

>> ‘Voor Berlijners haalt de macht van het geld de

HUETTENPALAST Bizarre ervaringen gemixt met betaalbaar comfort. In een oude stofzuigerfabriek in Neukölln startten Sarah en Silke in 2011 een hotel. Niet zomaar een hotel, maar Huettenpalast: een indoor camping gevuld met houten hutten en mobiele caravans.

zelfbeschikking overhoop’, aldus Floris Beemster, werkzaam bij Gemeente Amsterdam. Karssenberg: ‘Berlijn was een stad die noodgedwongen door zijn faillissement Berlijn heeft een schuld van 65 miljard euro - maximaal ruimte is gaan geven aan particulier en tijdelijk initiatief. We zien nu de keerzijde. Het stadsbestuur voelde zich genoodzaakt om alle woningcorporaties aan Amerikaanse beleggingsmaatschappijen te verkopen en is de grip op de woningmarkt kwijt. Huurtarieven in Oost schieten omhoog. Stadsstranden en creatieve bedrijfjes worden door grote bedrijven naar de randen gedreven. In succesvolle wijken verdwijnen lagere inkomens en buitenwijken als Kosmos Viertel worden volgens Duitse krant Der Spiegel erger dan de Parijse banlieus (buitenwijken). ‘In het ooit zo underground Kater Holzig in Prenzlauerberg kun je omringd door graffiti inmiddels peperduur eten. Dit probleem van gentrificatie speelt overigens ook in Amsterdamse buurten als Bos en Lommer en de Transvaalbuurt.’ >>

huettenpalast.de

Platoon Kunsthalle is een experimentele werkruimte voor kunstenaars en creatieven in de wijk Mitte. Het bestaat uit 33 opeengestapelde zeecontainers, die gebruikt worden als kantoor en ruimte voor exposities, muziekoptredens, modeshows of een nachtelijke vlooienmarkt. De groene containers staan voor een urban jungle waarin flexibiliteit, kunstprojecten en vooral mobiliteit centraal staan.

kunsthalle.com

110

PLATOON KUNSTHALLE


CITY EMBASSY BERLIN

Konsensus Politik

PRINZESSINNENGARTEN Prinzessinnengarten is een stadslandbouwproject met een oppervlakte van 6000 m² in hartje Berlijn. Een initiatief van historicus Marco Clausen en filmmaker Robert Shaw, die geïnspireerd door de stadslandbouw in Havanna (Cuba) een plek midden in de stad wilden creëren om voedsel te verbouwen, kennis over te dragen en te relaxen. Er wordt veel gebruik van gemaakt: op zonnige dagen zijn er zo’n 6000 bezoekers per dag en worden er 300 couverts verkocht. Voor de exploitatie van Prizessinnengarten richtten Clausen en Shaw Nomadisch Grün op, een organisatie zonder winstoogmerk. Het land is overheidsbezit, de afgelopen vier jaar werd er telkens voor twaaf maanden toestemming verleend, met een maandelijkse huur van 2300 euro. Inmiddels is er toezegging voor de komende vier jaar.

prinzessinnengarten.net

>> In Amsterdam wordt momenteel door burgerinitiatieven

een sociaal contract voor samenwerking met de overheid ontwikkeld. In Berlijn is partnerschap met het hiërarchische stadsbestuur voor veel initiatieven ondenkbaar. Dit werd duidelijk in een gesprek met Marco Clausen van de Prinzessinnengarten. ‘Het concept van de tuin is mobiel, alle gewassen staan in bakken en zijn verplaatsbaar. Nu rukt het grote geld op maar er is geen geschikte nieuwe plek gevonden. Bovendien, Prinzessinnengarten wil blijven.’ De Amsterdammers vroegen Clausen of het aantonen van de waardecreatie voor de buurt - zoals vastgoedwaardestijging en tevredener buurtbewoners - zou helpen. Onbegrip volgde. Dat was voor Clausen helemaal niet de manier waarop hij naar zijn project keek. ‘De overheid moet gewoon inzien dat het waardevol is en zich er verder niet mee bemoeien.’ Maar er komt langzaam verandering in. In Berlijnse ontwikkelgebieden zijn quartiermanagementteams opgericht waar bewoners samen met professionals en ambtenaren ideeën uitvoeren in hun buurt, bijvoorbeeld Markthallen Neun. En binnen de lokale collectieven wordt allang Konsensus Politik gemaakt. Beemster: ‘Wij doen in Nederland alsof we de koning van het poldermodel zijn, maar wat ik bijzonder vond is de inzet voor het collectief, zoals je zag bij Baugruppe aan de Spree. Maandelijks wordt

door alle deelnemers vergaderd met vertrouwen in een bouwbestuur dat uiteindelijk de besluiten neemt. Je weet niet van te voren in welke woning je terechtkomt. Inzet dus voor een collectiviteit die als het er op aan komt niet per se democratisch is. Daar moet je bij Nederlanders maar eens om komen.’ Beemster vervolgt: ‘Het wantrouwen jegens overheid en grote-geld-denken gecombineerd met het vertrouwen in onderlinge netwerken en kleinschalige collectieve oplossingen maakt dat veel mensen in Berlijn een enorme vrijheid ervaren.’ Een kweekkas van creativiteit. Zo heeft Berlijn volgens Karssenberg ‘een jaloersmakende rijkdom aan clubs’. Je hebt alleen wel pech als je in een Plattebauflat woont waar zo’n nachtclub zich vestigt. Waar ga je bij geluidsoverlast verhaal halen? Stadsdeel Neukölln heeft op een bevolking van 250.000 inwoners vier handhavers. Nee, dan Amsterdam, daar worden zitzakboetes uitgedeeld, zoals onlangs bij Hannekes Boom het geval was. Op een terras mogen immers wel stoelen, maar geen zitzakken staan! >>

111


CITY EMBASSY BERLIN

The secret of Berlin

>> ‘I come here to find the secret of Berlin’, zei burgemeester

van der Laan aan het begin van zijn reis. The secret? Berlijn is eerder een gigantische proeftuin die na jaren oogst wordt opgedoekt. Berlijn-Expresser Marthijn Pool van space&matter vroeg het zich hardop af: ‘Hoe gaan we ervoor zorgen dat deze uiterst leerzame jaren niet overrompeld worden door het kapitaal? Is een creatieve industrie daar toe in staat? Moet er beleid worden gemaakt om daarin bij te staan?’ Goeie vragen. In Amsterdam zouden we daar de mouwen voor opstropen. Maar Berlijn en Amsterdam zijn anders geworteld en zitten verschillend in elkaar, dus veel vergelijkingen lopen mank. Laten we simpelweg beginnen met een stadambassade waar wederzijds ideeën gezaaid en geoogst worden, zonder te willen klonen. Het begin is gemaakt! ••

OPENING AMSTERDAM CITY EMBASSY

112

BERLIJN IS EEN GIGANTISCHE PROEFTUIN

In het bijzijn van Burgemeester Van der Laan werd op 11 december 2013 de Amsterdam City Embassy Berlin geopend.

dezwijger.nl/berlijn


CITY EMBASSY BERLIN

Holzmarkt

HOLZMARKT Begonnen als BAR25, onlangs gesloten als Kater Holzig aan de andere kant van de rivier. Het strandje van BAR25 lag nog steeds leeg. Maar niet voor lang. De mensen achter het wereldberoemde strandje langs de Spree bouwen er nu een heel dorp. Een avonturenpark compleet met restaurant, club, kindervoorzieningen, park en hotel. Met een erfpacht van 75 jaar op zak, ziet de stad Berlijn definitief af van de plannen om de oever van de Spree vol te zetten met kantoren en mediabedrijven. Kater Holzig besloeg een oppervlakte van 6.000 m², Genossenschaft

Holzmarkt heeft een terrein van maar liefst 18.000 m² te vullen! Wonen, werken en uitgaan, de eerste bouwresultaten zijn al te zien. Het Genossenschaft bepaalt wat er op het terrein aan functies en dus bebouwing komt. Met de uitgifte van aandelen wordt de bouw van het cultuurpark gefinancierd. Je kunt je als Genosse, ofwel participant, vanaf 25.000 euro inkopen in het project.

katerholzig.de holzmarkt.com

© JArchitektengemeinschaft (carpaneto.schöningh / Hütten & Paläste / Urban Affairs):

113


Wij investeren in veilige en leefbare wijken. Dat doen we

bewoners organiseren bijna alles in de buurtwerkkamer zelf,

graag samen met u. Er zijn allerlei manieren om uw wijk en

professionele begeleiding is slechts op de achtergrond aanwezig.

uw woonomgeving te verbeteren. Doet u mee?

Dat maakt de buurtwerkkamer laagdrempelig. Het zelfvertrouwen van buurtbewoners groeit snel. De vrijwilligers zetten zich vooral

Buurtwerkkamer

in voor de buurt. Ze plakken banden, onderhouden tuinen, ruimen

Wilt u iets voor uw buurt betekenen? Heeft u zin uw handen uit

rommel op. Soms organiseren ze spelletjes voor kinderen of voor

de mouwen te steken? In de buurtwerkkamer ontmoeten buurt-

ouderen. Zo snijdt het mes aan twee kanten.

bewoners elkaar. Samen ontplooien ze hun talenten. Ze doen er vrijwilligerswerk en leren van elkaar. Zo doen ze ook werkervaring

Doe mee

op en krijgen ze ritme in hun leven. In de buurtwerkkamer werken

Iedereen, met of zonder baan, is welkom om vrijwilliger te

we samen met instanties die zich richten op mensen zonder

worden. U kunt zich aansluiten bij een van de vrijwilligersteams

uitzicht op werk, zoals DWI.

om de buurt beter te maken. Is er nog geen buurtwerkkamer bij u in de wijk, maar zou u dat graag willen? Laat het ons weten,

Het werkt!

dan kijken wij wat er mogelijk is!

Bij de buurtwerkkamer kan iedereen binnenlopen en vijf minuten later aan het werk zijn. We gaan uit van ieders talenten, zodat

Meer weten?

iedereen doet waar hij goed in is en wat hij leuk vindt. De buurt-

Kijk voor meer informatie op www.eigenhaard.nl/in-uw-wijk

Buurtwerkkamer Eigen Haard in uw wijk


BOEKEN

HAPPY CITY

WALKABLE CITY

PUBLIEKE PIONIERS

CHARLES MONTGOMERY

JEFF SPECK

SIMÔNE HUIJS

Montgomery verbindt stedenbouwkunde en planologie met de opkomende wetenschap van het geluk. Door middel van verhalen, analyses en voorbeeldprojecten neemt hij je mee naar verschillende steden en dwars door de geschiedenis van stedenbouwkunde. Hoe kunnen we met het vormgeven van de stad werken aan een gelukkige(r) samenleving?

Dé succesfactor voor florerende steden is volgens Speck walkability: de ‘beloopbaarheid’ van een gebied. Aan de hand van Amerikaanse voorbeeldsteden geeft Speck inzicht in hoe stedelijke verandering plaatsvindt en hoe we vitale communities kunnen creeëren: how downtown can save America, one step at a time.

Deze essaybundel richt z’n blik op de veranderende rol van de overheid in het omgaan met maatschappelijke vraagstukken. In de beleidspraktijk is er een groeiende behoefte aan concrete voorbeelden. In Publieke Pioniers vertellen ambtenaren inspirerende verhalen over hun voortrekkersrol binnen de overheid.

thehappycity.com

jeffspeck.com

publiekepioniers.nl

AEROTROPOLIS

DECENTRAAL

DE MYSTERY BURGER

JOHN KASARDA & GREG LINDSEY

NICO DE BOER & JOS VAN DER LANS

JOHN BIJL & KEMAL RIJKEN

Vliegvelden zijn de marktpleinen van de toekomst; de airport city is onze volgende stap in globalisering. Aerotropolis laat zien hoe deze toekomstige metropool ons zal samenbrengen - en hoe, in onze geglobaliseerde, ‘platte’ wereld, het verbinden van mensen en goederen nog steeds zo belangrijk is als digitale communicatie.

Door enorme decentralisaties krijgen gemeenten voor het eerst in de geschiedenis van de verzorgingsstaat écht iets te zeggen over welzijn en zorg. Tegelijkertijd groeit de beweging van burgers die met tal van lokale initiatieven het heft in eigen handen nemen. De Boer en Van der Lans verkennen de nieuwe verhouding tussen burger en overheid.

Een must voor de politieke junkie met liefde voor de lokale democratie. Bijl en Rijken namen plaats op de tribune van gemeenteraden door heel Nederland om te kijken naar punten van verbetering en schreven in totaal 85 columns over de meest fundamentele onderdelen van het raadsdebat, zoals voorzitten, interactie, miscommunicatie en kaders stellen.

aerotropolis.com

atlascontact.nl

binnenlandsbestuur.nl/mysteryburger

115


BOEKEN

FLOATING CITY

DESIGN TRANSITIONS

DE STAD ONTKIEMT

SUDHIR VENKATESH

YEE, JEFFERIES & TAN

KIM LAGERWEIJ

Socioloog Venkatesh keert terug naar de straten van New York om de ondergrondse economie te ontrafelen door interviews met prostituees, socialites, immigranten, academici, high-end drugsbazen en straatdealers. Floating City geeft een andere kijk op de stad, met the underground als de ware motor van sociale verandering en economische welvaart.

avsudhir.com

DE VEERKRACHT VAN WIJKEN MIRIAM VAN DE KAMP Wanneer krijgt een stadsbuurt weer glans na een mindere periode? Valt de ontwikkeling van een wijk te sturen of kunnen gemeenten en woningcorporaties bepaalde zaken beter aan bewoners zelf overlaten? Van de Kamp sprak met stedelijke professionals en bewoners over de leefbaarheid van buurten.

denieuwehaagsche.nl

116

Design Transitions gaat over de wereldwijd veranderende rol van design en de designpraktijk. Verschillende internationale opvattingen vanuit zowel de designbureaus als de opdrachtgevers en opleidingen worden besproken: over de groeiende rol van de ontwerper, grote samenwerkingsverbanden en de diversiteit in businessmodellen.

In De Stad Ontkiemt krijgt stadslandbouw een gezicht. Wie zijn de stadsboeren, wat zijn hun verhalen en beweegredenen? Zes stadsboeren en zes organisaties vertellen hun verhaal over voedsel verbouwen in de stad en lokale voedselproductie, van balkonnetje tot volkstuintje. Het boek bevat ook tips over hoe je zelf aan de slag kan gaan.

designtransitionsbook.com

kimlagerweij.nl

IN THE CITY NIGEL PEAKE Illustrator Nigel Peake dompelde zich onder in verschillende stedelijke metropolen, waaronder Shanghai, New York, Antwerpen, Londen, Istanbul en San Fransisco. Hij maakte een boek vol handgetekende memoires met een andere kijk op de stad, bestaande uit kleuren, vormen, structuren en patronen - van reflecties in ramen en scheuren in het trottoir, tot verkleurde en gerafelde posters op verweerde muren.

nigelpeake.com

HOW TOT STUDY PUBLIC LIFE JAN GEHL & BIRGITTE SVARRE Werken aan een duurzame, eerlijke en uitnodigende inrichting van de openbare ruimte doe je door het gebruik ervan eerst uitvoerig te observeren. Dit boek geeft praktische observatiemethodes, concrete voorbeelden en een historisch reflectie op het bestuderen van het openbare leven.

islandpress.org


BOEKEN

PIONIERS IN DE STAD

AGAINST THE SMART CITY

THE CITY AS INTERFACE

LOKALE LENTE

ADAM GREENFIELD

MARTIJN DE WAAL

Lokale Lente bundelt in dit boek twee jaar ervaring van 24 wijkondernemingen en vertelt de lessen en uitdagingen van binnenuit. Een inspirerend en hoopvol perspectief voor de toekomst, voor initiatiefnemers en hun partners in de buurt.

De smart city belooft ongekende niveaus van efficiëntie, gemak, veiligheid en duurzaamheid. Maar dient het altijd de belangen van de mensen die er wonen? Greenfield onderzoekt een alternatieve kijk op de ‘slimme stad’, waar de mens centraal staan. Against The Smart City is het eerste deel van Greenfield’s boek The City Is Here For You to Use.

Onze steden worden dankzij technologische ontwikkelingen smart cities. De Waal laat zien hoe nieuwe technologieën in eerste instantie bijdragen aan verdere individualisering en liberalisering van de stedelijke samenleving. Maar willen mensen nog wel wonen in een stad die zo slim is?

trancity.nl

urbanscale.org

thecityasinterface.com

GREEN DREAM

P-NUTS

WINY MAAS

P-NUTS AWARDS

‘Groen’ is hot, al is de definitie soms wat vaag en wordt met het ontwerppotentieel ervan nog weinig gedaan. Maas stelt dat groene projecten nog steeds onsamenhangende pogingen zijn waarvan de schaalgrootte het niet haalt bij die van de interventies die in feite nodig zijn. Wat betekent groen voor design, architectuur en stedenbouw?

P-Nuts geeft een overzicht van 59 inspirerende initiatieven van lokale duurzame energie. In het boek wordt verdieping gezocht met lessen uit de praktijk in zowel Nederland als daarbuiten en het laatste hoofdstuk biedt praktische handvatten voor het succesvol opzetten van jouw eigen lokale duurzame energie initiatief.

naipublishers.nl

p-nuts.nu

1000 JAAR AMSTERDAM FRED FEDDES Hoe zag het gebied van Amsterdam eruit voordat Amsterdam bestond? In 1000 jaar Amsterdam beschrijft Feddes in veertig verhalen duizend jaar ruimtelijke geschiedenis van Amsterdam.

1000jaaramsterdam.blogspot.nl

117


17 & 18 mei - 21 & 22 juni | 11.00 - 17.00 uur

De Hallen Amsterdam

Kinkerstraat | Tollenstraat | Ten Katemarkt | Bellamyplein


WEBSITES

crowdbuilding.nl

rottenapple.us

lokalinc.nl

Crowdbuilding is een online platform waar leegstaande kantoren een nieuw leven krijgen. Initiatiefnemers, gebouweigenaren, architecten en woningzoekenden komen samen en Crowdbuilding maakt vervolgens een match. De gekste ideeĂŤn kunnen vorm krijgen zodra er genoeg likes zijn.

Een verkeerspion wordt een bloemenvaas en een stukje sloophout maakt van een brandkraan een openbaar spelbord. Soms kan je met iets kleins de wereld al leuker maken. The Rotten Apple Project is een website vol makkelijke en goedkope stedelijke interventies die iedereen kan nabootsen in zijn eigen stad.

LokalInc is een lokale shopping community en gelooft in een wereld waar er plaats is voor inspirerende producten en winkels, opgebouwd door lokale ondernemers die persoonlijk hebben geĂŻnvesteerd in hun bedrijven. Iedere week ontdek je weer nieuwe lokale winkels en producten!

degroenemenukaart.nl

nightwalk.withgoogle.com

spacified.nl

De Groene Menukaart van stichting Groene Grachten helpt je op weg met het verduurzamen van je monumentale huis of kantoor. De groenscore laat zien hoeveel CO2 je per jaar kan besparen doordat je minder grijze stroom afneemt. Hoeveel Amsterdamse bomen bespaar jij?

Na Google Earth, Streetview en Maps is het tijd voor een nieuw soort experience, de Google Night Walk. Met Night walk maak je een virtuele avondtour onder begeleiding van een lokale gids door steden. De eerste tour die beschikbaar is, is een wandeling door downtown Marseille.

Spacified is de AirBnB onder de bedrijfsruimtes, een platform dat huurders en verhuurders van ruimtes met elkaar in contact brengt. Een pop-up shop, flexibel kantoor of een unieke eventlocatie, Spacified helpt je de ruimte te vinden die je nodig hebt.

119


COLOFON Nieuw Amsterdam #3, Stad in Transitie

is een uitgave van Stichting Pakhuis de Zwijger, Piet Heinkade 181K, 1019 HC Amsterdam, tel.: 020 - 62 46 380

dezwijger.nl

Hoofdredacteur: Egbert Fransen Eindredacteur: Dymphie Braun

redactie@nieuwamsterdam.nu Met bijdragen van: Karien van Assendelft, Benjamin Barber, Ida Bartelds, Annelies Beltman, Cas Bool, Peter Both, Tanja den Broeder, Lysanne ter Brugge, Ernestine Comvalius, Edo Dijksterhuis, Niesco Dubbelboer, Maarten Essenburg, Fred Feddes, Femke Haccoû, Zef Hemel, Eisse Kalk, Friso Kooijman, Robin de Kruijff, Miriam Landman, Liedewij Loorbach, Francesca Miazzo, Floor Milikowski, Richard Mooyman, Gidion Peters, Maartje Rooker, Nicole Santé en Joost Zonneveld Art Direction & Design: josschoonis.com i.s.m. xpublishers, Amsterdam Coverbeeld: jazzberryblue.com Drukwerk: Veenman, Rotterdam

© 2014 - Stichting Pakhuis de Zwijger

Nieuw Amsterdam verschijnt 4 keer per jaar als magazine en 48 weken per jaar op alle werkdagen als online stadbericht. De uitgaven doen bericht over de stad in transitie: over de creatieve economie, over nieuwe verhoudingen tussen de systeemwereld en de bottom-up beweging in de stad. Over ondernemen in de wijk en tijdelijkheid als nieuwe praktijk in gebieds- en gebouwontwikkeling. Over nieuwe coöperatieve organisatiemodellen en alternatieven voor zorg en welzijn en over sociale innovatie, sustainist design en het streven naar een circulaire stad. Stadmakers staan centraal in de programmering van Pakhuis de Zwijger en ook in de Nieuw Amsterdam-berichtgeving over nieuwe initiatieven, proeftuinen, stadslaboratoria en broedplaatsen in de stad.

nieuwamsterdam.nu/stadbericht

120

VOLGENDE UITGAVE

NIEUW AMSTERDAM #4 VERSCHIJNT OP 5 SEPTEMBER 2014 MET ONDER ANDERE: BOUW JE EIGEN BUURT! WAT IS CROWDBUILDING.NL? DUTCH CITY EMBASSY NETWORK: BOTTOM-UP PROJECTEN IN UTRECHT, LEEUWARDEN, HEERLEN, ARNHEM, GRONINGEN EN MAASTRICHT CITY EMBASSY BUKAREST: HESPER CULTURAL FACTORY, URBANESC, CAROL 53 EN PLACE OF THE PEOPLE APPS THAT FACILITATE DAILY CITY LIVE! DE CIRCULAIRE STAD: BIOBASED ECONOMY AMSTERDAM PIONEERT MET DE DEELECONOMIE VERTROUWEN IN DE STAD: STADSDEEL WEST TIPS & TRICKS VOOR COMMUNITYBUILDING ARBEID IN DE TOEKOMST: WAAR VERDIENEN ONZE KINDEREN IN DE STAD VAN 2040 HUN GELD MEE? DE STAAT VAN DE STAD: HOE BEPERKEN WE ARMOEDE EN TWEEDELING IN DE STAD? GREAT PLACES TOT WORK: IMPACT HUB, A LAB, KRUX, SPACES, B-AMSTERDAM E.A.


23-24-25 JUNI 2014

G N I T I U L S F A SEIZOENS

ijger in samenwerking Zw de s ui kh Pa t er se ni ga or woensdag 25 juni Joint Venture. al iv st fe e nd te ui Maandag 23, dinsdag 24 en sl af ns oe iz se or de zesde keer het vo s er tn ar ap m m ra og pr ar met ha

MA 23-06 DI 24-06 WO 25-06

DUTCH CITY EMBASSIES SUSTAINIST CITY DEVELOPMENT MAAKDEBUURT www.dezwijger.nl/jointventure2014

Pakhuis de Zwijger | www.dezwijger.nl | Piet Heinkade 179 | 1019 HC Amsterdam PLATFORM VOOR CREATIE EN INNOVATIE


! ! N U E ST EUN!!

S

STTEUN

MET EENEEN BIJDRAGE VANVAN € 20€PER MET BIJDRAGE 20 JAAR PER JAAR MET EEN BIJDRAGE VAN € 20 PER JAAR KUNNEN WIJ VOOR JOUJOU PROGRAMMA'S BLIJVEN MAKEN KUNNEN WIJ VOOR PROGRAMMA'S BLIJVEN MAKEN KUNNEN WIJ VOOR JOU PROGRAMMA'S BLIJVEN MAKEN

MET EENvan BIJDRAGE VAN € 20 PER JA Vriend De Zwijger Vriend vanDeDeZwijger Zwijger Vriend van KUNNEN WIJ VOOR JOU PROGRAMMA'S BLIJVEN MAK

Vriend van De Zwijge

dat spreekt dat spreekt

dat spreekt

dat spreekt

voor zichzelf voor zichzelf

voor zichzelf

voor zichzelf

WWW.DEZWIJGER.NL/VRIEND WWW.DEZWIJGER.NL/VRIEND

WWW.DEZWIJGER.NL/VRIEND

Nieuw Amsterdam #3  
Nieuw Amsterdam #3  

Nieuw Amsterdam doet bericht over de stad in transitie: over de creatieve economie, over nieuwe verhoudingen tussen de systeemwereld en de b...

Advertisement