__MAIN_TEXT__

Page 1

FILAKRANT 20

17

Ja ar ga ng no .6

Gratis jaarkrant voor actieve munten- en postzegelverzamelaars in België en Nederland

De Evert van de Vlekkert Foundation t.g.v. Stamptales 11 - 15

Ludwig Hesshaimer 17 - 19

Dubbele wapenstuivers 24 & 25

I

n de Filakrant van 2016 heeft u kunnen lezen hoe Stamptales is ontstaan. De grote animator en sponsor voor deze jeugdactiviteiten was Evert van de Vlekkert. Evert zorgde voor de benodigde serie postzegels ten behoeve van de workshop albumbladen en voor een groot aantal kavels voor de veiling. Hij bekostigde deze zaken met de verkopen uit de motiefhoek en de koopjescorner. Door het overlijden van Evert en daarmee het wegvallen van zijn sponsering, zijn de kosten voor de jeugdactiviteiten bijna niet meer te dekken. Ook de donaties door standhouders en bezoekers zijn ernstig teruggelopen. Toch willen wij de jeugd blijven stimuleren om postzegels te gaan of blijven verzamelen en Stamptales te bezoeken. Daartoe zullen wij bij postadministraties, standhouders en andere handelaren gerichte aankopen moeten doen.

Hoedt u voor namaak! 28 - 31

Stripfiguren op Japanse postzegels

Wij, de jeugdleiders van het eerste uur, De Postduif uit Wijk bij Duurstede en de later aangesloten jeugdleiders van De Globe, thans Samenwerkingsverband Filatelie, doen ons uiterste best om de jeugdactiviteiten door te zetten. Behalve onze inzet zijn er ook heel veel

postzegels, blokjes, velletjes, catalogi, albums, pincetten, etc. benodigd. En daar hebben wij uw hulp bij nodig. Tijdens de laatste voorbereidende bespreking voor Stamptales 2016 hebben wij in overleg met Pamela van de Vlekkert besloten om de Evert van de Vlekkert Foundation te starten. De Foundation is bedoeld om enerzijds Evert te eren en anderzijds om te zorgen, dat er voldoende financiën en filatelistische materialen voor het jeugdwerk ter beschikking komen. Vraag aan standhouders: wat doet u om de jeugd te stimuleren? Antwoord: doneren! Vraag aan bezoekers: wat doet u om de jeugd te stimuleren? Antwoord: doneren! Hoe kunt u doneren en de jeugd helpen? U kunt ons helpen door vriend te worden van de Evert van de Vlekkert Foundation en: - een financiële bijdrage te leveren (elk bedrag hoe klein of groot, al dan niet anoniem is welkom) - filatelistische materialen te doneren. Tijdens de Eindejaarsbeurs zal naast de organisatiestand een tafel worden ingericht en door de medewerkers worden bemenst. Aan deze tafel kunt u uw donaties inleveren, worden de donateurs en de donaties geregistreerd en worden de gelden en de filatelistische materialen na afloop overhandigd aan de Foundation. De gelden en materialen worden door Pamela bestemd voor de diverse jeugdactiviteiten. Wij hopen dat u net als wij zich wilt inzetten voor het voortbestaan van de jeugdactiviteiten en daarmee Stamptales. Graag zien wij u tijdens de Eindejaarsbeurs en Hollandfila in Barneveld. Met vriendelijke groet, Jan Mulder en de overige jeugdleiders

34 - 38

Als ik aan melk denk 43 - 45

Franse parels 49 & 50

Het grensconflict 55 - 59

Noodmunten


2

FILAKRANT 2017


FILAKRANT 2017

Terugblik € 2,92. (na 1-1-2017 €.3.12). Naar het buitenland is dat € 6,25. De Filakrant is ook GRATIS te lezen op onze website www. eindejaarsbeurs.nl/filakrant. Eindejaarspenning De Eindejaarspenning wordt dit jaar niet uitgereikt. In 2017 reiken we de Eindejaarspenning wel weer uit. Maar aan wie? Als u iemand weet die hiervoor in aanmerking zou moeten komen, verzoeken wij contact met ons op te nemen. Bij deze een oproep om personen voor te dragen voor de Eindejaarspenning 2017. We zijn benieuwd naar uw voordrachten. Hou rekening met een lange voorbereidingsperiode voorafgaande aan de uitreiking van deze penning. Stamptales Er is dit jaar besloten om geen thema meer aan Stamptales te koppelen. Dit kost namelijk heel veel tijd, energie en geld. Waar het uiteindelijk om gaat is jeugd aan het verzamelen van postzegels, munten of bankbiljetten te krijgen.

H

et voorwoord van de vorige editie van de Filakrant sloot ik af met de volgende woorden: ‘Ik hoop dat 2016 voor mij anders gaat lopen dan het afgelopen jaar’. Nou die wens is zeer zeker uitgekomen. Veel positieve reacties en veel medewerking mogen ontvangen vanuit diverse hoeken. Met enige trots wordt teruggekeken op de beslissing om het thema VOC in 2015 door te laten gaan.

Filakrant 2017 Voor u ligt de editie 2017 van de Filakrant. Deze krijgt steeds meer bekendheid in België maar - hoe is het mogelijk - ook in Duitsland! Ook dit keer hebben we weer vele leuke artikelen binnen gekregen, daar zijn we erg dankbaar voor. Mijn dank gaat ook uit naar Hans Kraaibeek en Tom Passon die geholpen hebben bij de totstandkoming van deze editie. V.O.V.V. beurzen Deze staan als een paal boven water. Bezoekers plannen ze al ver van te voren in hun agenda om deze beurzen niet te missen. Ze willen er zeker bij zijn. Aanmeldingen van nieuwe standhouders komen nog volop binnen om op een van deze beurzen te mogen staan. Helaas moeten we nog steeds melden: ‘We hebben een wachtlijst’. Zelfs de wachtlijst met gespecialiseerde verenigingen begint al aardig op te lopen. Misschien dat - met ingang van volgend jaar - we moeten gaan rouleren met de verenigingen. Een optie is ze op de bovenring te plaatsen om ze toch toe te laten op deze twee beurzen. De Apeldoornse postzegel & muntenbeurs loopt ook goed. Steeds meer bezoekers weten de weg te vinden naar Wijkcentrum ‘Het Bolwerk’. Filakrant met prijsvraag Er zijn weer veel leuke artikelen binnen gekomen en de krant is weer net zo dik en kleurrijk als de vorige edities. Dit jaar zelfs met een prijsvraag. We krijgen nog steeds verzoeken binnen voor een abonnement op de Filakrant. Ook staan er al weer een aantal bestellingen klaar om te verzenden. De Filakrant wordt toegestuurd na ontvangst van de portokosten op bankrekening: NL48 RABO 0393120112 t.n.v. V.O.V.V.Filakrant. Vergeet niet naam en adres bij de overschrijving te vermelden. De portokosten voor één Filakrant in Nederland bedragen

Deze zomer werd ik persoonlijk door Jan Mulder benaderd. Hij liet weten bezorgd te zijn over het voortbestaan van Stamptales met het wegvallen van de grote promotor én sponsor Evert van de Vlekkert. Hij kwam met het voorstel de activiteiten van Stamptales onder te brengen in de ‘Evert van de Vlekkert Foundation’. Na enige bedenktijd liet ik Jan weten zeer vereerd te zijn dat wij samen verder gaan met het gedachtegoed van Evert (mijn maatje) om Stamptales op deze wijze voort te zetten. Ik weet zeker dat Evert trots is op dit team. De activiteiten onder de vlag van de Vereniging Organisatie Verzamelbeurzen Veluwe (V.O.V.V.) worden mogelijk gemaakt door een zeer enthousiast team, voor deze belangeloze inzet mijn dank. Heeft u een leuk artikel voor de volgende editie? Inzenden kan via onze website. Wij wensen u veel leesplezier met de Filakrant 2017.

Stamptales in 2015: T

ijdens het megaevenement Stamptales 2015 lagen de kaarten ineens anders op tafel. Het thema voor 2015 ging over de VOC periode met het retourschip De Batavia als speerpunt. Op postzegels en munten is er tenslotte veel over te vinden. Alles maar dan ook alles zou uit de kast gehaald worden om het verhaal zo compleet mogelijk te krijgen. Vooral de verhalen hoe het ging tijdens zo’n reis en waar de reizen alzo naar toe gingen zouden veel aandacht krijgen. Dit en nog veel meer was er in de gedachten van Evert & Pamela van de Vlekkert.

In de koude wintermaand januari 2015 waren zij al op de Bataviawerf geweest om kennis te maken en om de 1ste contacten te leggen voor Stamptales 2015. Wat niemand op dat moment kon vermoeden was, dat 2015 een heel ander jaar zou gaan worden. Als de gehele crew nog maar net terug is die zondagavond van de voorjaarsbeurs Antwerpfila eind maart 2015 wordt iedereen binnen 24uur opgeschrikt met het onverwachts overlijden van Evert van de Vlekkert. De impact is zo groot, dat het enkele maanden heel stil was. Ja, alles staat stil en iedereen van de organisatie zit in de wachtkamer. Wat en hoe gaat het nu verder! Als in juni ’15 Hollandfila toch doorgaat, staat het Jeugdgebeuren wel op een laag pitje. Maar de Jeugd kan er wel terecht en is welkom. Voorzichtig durven we toch weer wat verder te kijken en uiteindelijk is er dan, zij het met heel andere gevoelens een Stamptales 2015. Ondanks het nare feit van het verlies van Evert van der Vlekkert, is er alles aan gedaan vanuit de gedachten van Evert om Stamptales 2015 neer te zetten, zoals het is bedoeld. Het thema VOC krijgt veel aandacht en lof van de bezoekers. We geven de moed nooit op! Iedere keer tijdens ons evenement worden we keer op keer weer verrast met nieuwe jeugdige bezoekers die nog nooit de beurs hebben bezocht. Zo ook tijdens de laatste Hollandfila in juni ‘16 jl. Er was een kleine jeugd workshopstand van Stamptales ingericht zodat bezoekende jeugd aan deze beurs niet teleurgesteld zou worden als zij mee kwamen met een volwassenen. Overal in de wereld veranderen interesses, maar het opmerkelijke is toch telkens weer, dat interesses van 30jaar geleden ineens weer in de mode zijn. Zo is de verkoop van grammofoonplaten gestaag aan het stijgen. Dus de interesse van toen, het verzamelen van, blijft mensen boeien. Om Stamptales in leven te blijven houden om zo Jeugd het plezier van onze wonderlijke hobby filatelie te blijven waarborgen vragen wij uw aandacht voor: De Evert van de Vlekkert Foundation t.g.v. Stamptales.

Jan Mulder

Pamela van de Vlekkert

Inhoud Voorpagina 1

Ridders van het gulden spoor

Terugblik 3

Als ik aan melk denk krijg ik soms rare ideeën

34-38

Stamptales in 2015

3

De langlopende KGVI-series van Montserrat

39-41

De zegels van 50 jaar Koninkrijk Italië (1911)

5

Prijsvraag 41

De serie ‘democratica’ als nieuw geluid

5

Jersey 43-45

Internationale + aanvullende Beursagenda 2017

7

De opdrukken op de zegels van 50 jaar Koninkrijk Italië

45

Italië deelt niet in de postzegelmisère!

45

De beurzen van 2017

7-9

Ludwig Hesshaimer en de Althingserie van IJsland

11-15

Op stempeljacht

Dubbele wapenstuivers verzamelen...fascinerend!

17-19

Postzegeltentoonstelling ACHTERHOEK 2017

Uit Zweden

19 20-23

Nooit gedacht dat het zo zou gaan lopen!

Hoedt u voor namaak!

24-25

Somalia: een bijzonder verzamelgebied in Afrika

Een bezoek aan een beroemde Italiaanse keurmeester

27

SamenwerkingsVerband Filatelie

Filitalia gaat kopjes geven!

27

De noodmunten van Maastricht 1579

Stripfiguren op Japanse postzegels Deel 11 + 12 Judaïca uit Oekraïne

28-31 31

33

Veilingagenda 2017 Stripfiguren op Japanse postzegels deel 13

Colofon

46-47 47

Het essequibo grensconflict tussen Guyana en Venezuela 49-50

Brand brand brand

3

51 53-54 54 55-59 56 61-63

V.O.V.V. Redactie V.O.V.V. p/a Tienwoningenweg 53 7312 DL Apeldoorn Tel.: 055 - 355 86 00 e-mail: organisatie@eindejaarsbeurs.nl Vormgeving: Uitgeverij Stedendriehoek Verspreiding: van 29 dec. 2016 t/m 2017


4

FILAKRANT 2017

Handleiding Bij MA-SHOPS® vindt u ca. 500.000 munten, penningen, bankbiljetten, onderscheidingen en literatuur. Deze artikelen worden aangeboden door gecontroleerde vakhandelaren. U koop met garantie.

* De kortingscode kunt u gebruiken bij het plaatsen van uw bestelling op www.ma-shops.nl Bij de adresgegevens kunt u bij het veld ‘Tegoedbon’de kortingscode ingeven.

Kortingscode:

VALMAC9

Contact MA-Shops GmbH Lankerner Straße 42 46395 Bocholt Duitsland Email: info@ma-shops.nl Tel: +49-(0) 28 71 23 93 415


FILAKRANT 2017

5

De zegels van 50 jaar Koninkrijk Italië (1911) Door: Leo van der Meer (Bestuurslid Filitalia)

H

ierbij een nadere toelichting op de gecompliceerde ontwerpen van de zegels 50 jaar Koninkrijk. (Sas S.14)

Een hand houdt het handvat van een zwaard vast. Het handvat heeft links een hoofd van een os en rechts een hoofd van een wolf. Het geheel is omgeven door palmbladen, een symbool van de overwinning of de hergeboorte van Italië. De os is een symbool van Turijn en de wolf 2 centesimi bruin van Rome. De tekst “Cinquantenario del regno d’Italia” is op het blad van het zwaard geplaatst. Turijn was de hoofdstad van het koninkrijk Sardinië waar vanaf 1849 Vittorio Emanuelle II Koning was. Hij werd een van de leidende figuren van de risorgimento (Italiaanse eenwordingsbeweging). Vanaf 1861 tot 1865 was Turijn de hoofdstad van Italië, terwijl Rome werd beschouwd als eigenlijke hoofdstad, maar nog buiten het koninkrijk viel. Het ontwerp is van A. Sezanne en A. Repettati maakte de gravures van alle waarden. Een jongeman met zwaard die een paard vasthoudt omgeven door een lauwerkrans. Links van het paard de Mole Antonelliana in Turijn en rechts het plein van de Campidoglio in Rome. Rome werd de hoofdstad van het

koninkrijk Italië na de verovering van de stad door Italiaanse troepen in 1871. Tussen 1865 en 1871 was Florence de hoofdstad onder grote druk van Frankrijk. De lauwerkrans is een teken van de overwinning, de gewapende jongeman met het steigerende paard straalt kracht uit. 5 centesimi groen De mole (een gebouw met monumentale proporties) is gebouwd door de architekt Antonelli. De joodse gemeenschap in Turijn had een gebouw van 52 meter in gedachten voor de somma van 280.000 Lire. De architect begon al direct zoveel in de originele plannen te wijzigen, zodat de bouwsom bijna de 700.000 lire naderde en de hoogte van het bouwwerk 133 meter zou worden. De gemeente ruilde het bouwwerk voor een stuk grond, waar een andere synagoge gebouwd zou worden in Moorse stijl. De Mole werd opgedragen aan Vittorio Emanuelle II en kreeg uiteindelijk een hoogte van 167 meter. Zegelontwerp van Morelli. Een jongeman drenkt het gevleugelde paard van Apollo bij de bron met de inscriptie “Juturnai sacrum”. Volgens de mythologie was de bron van Juturna de oudste en belangrijkste van de bronnen van Rome. Castor en Pollux, de tweeling van Zeus en Leda lieten hun paar-

De zegels werden met een toeslag van 5 centesimi op het postkantoor verkocht, De zegel van 2 c met een toeslag van 3 centesimi.

den drinken aan de bron van Juturna, nadat zij de Romeinen geholpen hadden bij de slag bij het meer van Regillus in 496 voor Christus tegen Latinas. De tempel voor Castor en Pollux werd daarna naast de bron gebouwd. Ontwerper Vittorio Grassi. 10 centesimi rood Een beeldhouwer beitelt een medaillon met Dea Roma in een ring gevormd door een slang. De godin Dea Roma is een mythologisch figuur die de stad Rome personifieert. De slang die in zijn eigen staart bijt, is een symbool van “Roma Aeterna Ouroboros”, Ourobos betekent 15 centesimi, “terugkeren”. Het eeugrijsblauw wige Rome zal wederkeren. In de Romeinse mythologie is de slang verbonden met Bona Dea, de godin van de natuur. In deze context zou de zegel een antiklericale boodschap hebben. Niet verwonderlijk, de paus had de koning van Italië geëxcommuniceerd omdat Rome was veroverd. Ontwerp eveneens van Vittorio Grassi.

Het kan niet anders dan dat op alle zegels het wapen van het huis van Savoye staat. Een schild met een zilveren kruis op rode achtergrond al of niet omringd door de keten van de Orde van de Aankondiging. Dit was een van de grootste ridderorden aller tijden, gesticht door Amadeus VI van Savoye in 1362. De ketting is opgebouwd uit knopen, voorstellende eenheid en rozen. In 1713 verwierf Savoye het Koninkrijk Sardinië en de Orde werd tot de “Eerste Orde in het Koninkrijk” verklaard. Deze status bleef de Orde in Sardinië en in het koninkrijk Italië houden tot de afschaffing van de Italiaanse monarchie in 1947. In het Koninkrijk Savoye en later in het verenigde Italië was deze Orde eerst gereserveerd voor de oude katholieke adel maar zij kreeg in de 20e eeuw steeds meer het karakter van een, zeer exclusieve, ridderorde van de Italiaanse staat. Zo werden Hermann Göring en ander fascistische kopstukken ook met deze Orde onderscheiden. De verbannen koning Umberto II en zijn opvolgers hebben de Orde van de Aankondiging en het Grootmeesterschap daarvan steeds als een particulier bezit gezien en beschouwen de Orde als een dynastieke of Huisorde. De Orde wordt daarom nog steeds verleend en de leden komen ook in plechtige bijeenkomsten tezamen.

De serie ‘democratica’ als nieuw geluid Door: Thom van Rossum (redactielid Filitalia)

N

a de verwarrende en sombere oorlogsjaren kwam op 1 oktober 1945 in Italië een nieuwe frankeerserie uit die geïnspireerd was door de alom bejubelde thema’s vrijheid en democratie - in ons land een leidraad voor de VVD - en in één kleur in rasterdiepdruk uitgevoerd, net zoals de serie ‘Imperiale’. Aan die uitgifte was een wedstrijd voorafgegaan waaruit vier ontwerpers naar voren waren gekomen die voor zes typen in 23 waarden hebben gezorgd.

regime gaat maar om een volmaakte voortzetting van de bureaucratische structuur van het fascistische en postfascistische Italië, van zijn ideologie en vermogen om de essentie ervan te verbergen achter modieuze slogans. Een aanstormende stevige hand die een toorts vasthoudt waarvan de vlam lang gerekt is door de onstuimigheid van de man - symbool van de fakkel van onuitblusbare vrijheid van Italië (P. Paschetto; zes waarden),

De afbeeldingen moeten vernieuwing uitdrukken en zijn simpel van opzet in de bekende versleten en holle retoriek van de voorgaande periode: Een allegorie van het gezin ingelijst in het profiel van een weegschaal in volmaakt evenwicht die de sociale rechtvaardigheid symboliseert (R. Garrasi; vier waarden), Een zware hamer die een ketting verbrijzelt (A.Lalia; vijf waarden),

Een hand die een olijftakje in de grond plant (M. Melis & A. Mazzotta; vier waarden). Volgens Van Dale is de olijftak het zinnebeeld van vrede en verzoening,

Een boer die een jonge loot op een stam ent (P. Paschetto; twee waarden),

De vlak bij de grond afgebroken stam van een eik waaruit een paar dunne takken ontspruiten met nieuwe bladeren, als symbool van de wedergeboorte van het land. In de hemel achter de stam verschijnt als een lichtend visioen de figuur van de godin Roma, als verwijzing naar het standbeeld op het altaar van het vaderland (R. Garrasi; twee waarden). Uit deze omschrijving blijkt duidelijk dat het niet om een vernieuwing of een restauratie van het

Alle zegels hadden het watermerk ‘gevleugeld wiel’. Bij de 100 lire - in diepdruk uitgevoerd - is het watermerk iets groter maar de zegel bestaat ook op dun papier met het gewone watermerk of met watermerk ‘letters’ zoals dat op de velrand voorkomt. Op positie 11 van sommige vellen staat het cijfer 100 in dubbeldruk.

tesimi - werden na 31 december 1948 ongeldig verklaard. De tarieven voor drukwerk en kranten waarvoor de zegels oorspronkelijk waren gedrukt, waren ook omhoog gegaan. Ook de 1 lire 20 als briefkaarttarief in 1945-46 verloor toen zijn geldigheid. De overige zegels bleven geldig tot eind 1952. Ter illustratie van de inflatie: het tarief voor een binnenlandse brief was in de periode 1946-1952 gestegen van 2 lire tot 25 lire.

Adverteren in Filakrant 2018

Werbung machen In der Filazeitung 2018 Advertising at Filanewspaper 2018 Publicité du Filajournal 2018

Redactie artikelen zijn altijd welkom. Ook als ze al eens eerder geplaatst zijn.

In 1947 werd in Milaan ontdekt dat er valse exemplaren van de 10 lire grijs (gebroken ketting) in omloop waren en daarom kwam er in oktober een nieuwe 10 lire oranje (allegorie van het gezin). De grijze 10 lire werd in april 1948 uit de verkoop genomen.

Ook van de 100 lire werden vervalsingen gemaakt. Net zoals na de Eerste Wereldoorlog was er een hoge inflatie en dat maakte het moeilijk de frankeerwaarden vast te stellen want tegen de tijd dat de zegels beschikbaar waren, maakten de nieuwe tarieven ze al weer ongeschikt. Alle waarden in centesimi - behalve de 50 en 80 cen-

Niet geadverteerd in Filakrant? Wellicht volgende jaar. Wist u dat u ook voor kleinere beurzen kunt adverteren, zie pag. 56. Info: V.O.V.V.: 0031-55 3558600 organisatie@eindejaarsbeurs.nl


6

FILAKRANT 2017

FILATELIEBEURS 2017 FILATELIEBEURS 2017 FILATELIEBEURS 2017

28 + 29 januari 2017

DUDOK-ARENA 28++ 29 29 januari 2017 HILVERSUM 28 januari 2017 DUDOK-ARENA * GratisDUDOK-ARENA entree * Gratis parkeren HILVERSUM * Pal naast station HilversumHILVERSUM Sportpark * Gratis entree * Gratis parkeren

* Gratis entree * Gratis parkeren * Pal naast station Hilversumwww.filateliebeurs.nl * Pal naastSportpark station HilversumSportpark

K.V.B.P

Het grootste filatelistische maandblad in Vlaanderen – Verschijnt 11 x per jaar minstens 48 blz.       

Brengt U op de hoogte van het laatste filatelistische nieuws uit binnen- en buitenland Uitgebreide info in verband met nieuwigheden met massa’s illustraties Besprekingen van filatelistische artikelen in boeken en tijdschriften Boeiende artikels over diverse verzamelgebieden, landen en thema’s Aankondigingen van beurzen, tentoonstellingen, voorverkopen, … Plaatsen van een zoekertje voor en door leden (2x per jaar gratis!) En nog zoveel meer… Daarom wil iedere postzegelverzamelaar/filatelist aangesloten zijn bij de K.V.B.P. U toch ook ?

Een gratis digitaal proefnummer bekomen, is mogelijk door een simpele mail te sturen naar : wesley@kvbp.be

www.filateliebeurs.nl

www.filateliebeurs.nl

Secretariaat : Guido Lefever, Baarleboslaan 5, 9031 Drongen Tel. 09/337.06.94 – secretaris@kvbp.be  www.kvbp.be

POSTZEGELVEILING

’LEOPARDI’

Nu ook op internet: www.Leopardi.nl

VEILINGAGENDA 2017 2014

POSTBUS 176 7440 AD NIJVERDAL KANTOORADRES: RIJSSENSESTRAAT 203B 7441 AD NIJVERDAL TELEFOON 0548-655855 FAX nr. 0548-655088 EMAIL info@leopardi.nl

in onze EIGEN VEILINGZAAL, Rijssensestraat 203B te Nijverdal.

•• •• •• •• •• • •

Veiling 189 207 Veiling Veiling 190 208 Veiling Veiling 191 209 Veiling Veiling 192 210 Veiling Veiling 193 211 Veiling Veiling 212 Veiling 194

21 17januari januari2017 18 15maart maart2017 13 10mei mei2017 85juli juli2017 23 20september september2017 18 november 2017 15 november

Vraag de GRATIS CATALOGUS! Tevens renteloze voorschotten op grotere kollekties. W.V. Leopardi, filatelistisch makelaar en beëdigd taxateur.


FILAKRANT 2017

7

Internationale Beursagenda 2017

Voor deze agenda komen alleen beurzen in aanmerking met een substantieel (en/of internationaal) handelarenaanbod vanaf ca. 50 stands en/of beurzen met een bijzonder karakter Datum

Wat

Waar

Plaats

Info

20 & 21 januari 2017 28 & 29 januari 2017 10 & 11 februari 2017 15 t/m 18 februari 2017 2 t/m 4 maart 2017 9 & 10 maart 2017

Yorkshow Stamp & Coinfair Filateliebeurs Hilversum Holland Coin Fair Stampex Internationale Briefmarkenmesse Stamp day

Racecourse Dudok Arena Mercure Hotel Den Haag - Leidschendam Business Design Centre in Islington Messe Munchen

York (GB) Hilversum (NL) Leidschendam Londen (GB) Munchen (D)

www.stampshow.net www.filateliebeurs.nl www.hollandcoinfair.nl www.stampex.ltd.uk www.briefmarken-messe.de www.ffap.fr

9 t/m 11 maart 2017 24 & 25 maart 2017 22 t/m 23 april 2017 28 april t/m 1 mei 2017 11 t/m 13 mei 2017 13 mei 2017 13 mei 2017 19 t/m 21 mei 2017 2 & 3 juni 2017 21 & 22 juli 2017 25 t/m 27 augustus 2017 13 t/m 16 september 2017 16 september 2017 23 & 24 september 2017 29 & 30 september 2017 20 t/m 22 oktober 2017 26 t/m 28 oktober 2017 9 & 12 november 2017 24 t/m 26 november 2017 8 t/m 10 december 2017 10 december 2017 28 & 29 december 2017

Biennale Antwerpfila Papermoneyfair Congres of french philatelic associations Internationale Briefmarkenmesse Filanumis, combinatiebeurs Ansichtkaarten- en Poststukkenmanifestatie Veronafil Hollandfila Yorkshow Stamp & Coinfair Multilaterale Hertogpost 2017 Stampex Muntmanifestatie Papermoneyfair Antwerpfila Postex nat.tentoonstelling Briefmarkenmesse Sindelfingen Salon Philatélique d' Automme Veronafil Maastricht Internationaal Fair - MIF 2017 Internationale muntenbeurs 14e Coin Event Eindejaarsbeurs/Stamptales

Espace Champerret - Hal B/C Antwerp Expo De Poffermolen au Parc des Expositions de la Meilleraie Messe Essen Expo Houten Expo Houten PVA Expo De Veluwehal Racecourse Maaspoort Sport & Events Business Design Centre in Islington Expo Houten De Poffermolen Antwerp Expo Americahal Messe Sindelfingen Espace Champerret - Hal A PVA Expo Mecc De Vossenberg De Veluwehal

Parijs (F) Antwerpen (B) Valkenburg (NL) Cholet (F) Essen (D) Houten (NL) Houten (NL) Praag Barneveld (NL) York (GB) s-Hertogenbosch Londen (GB) Houten (NL) Valkenburg (NL) Antwerpen (B) Apeldoorn (NL) Sindelfingen (D) Parijs (F) Praag Maastricht Herentals - (B) Barneveld (NL)

www.cnep.fr www.fnip.be www.papermoney-maastricht.eu www.ffap.fr www.briefmarkenmesse-essen.de www.wbevenementen.eu www.wbevenementen.eu www.veronafil.it www.eindejaarsbeurs.nl www.stampshow.net www.multilaterale2017.nl www.stampex.ltd.uk www.wbevenementen.eu www.papermoney-maastricht.eu www.fnip.be www.postex.nl www.briefmarken-messe.de www.cnep.fr www.veronafil.it www.MIF-Events.com www.numismatica-herentals.be www.eindejaarsbeurs.nl

Aanvullende Beursagenda 2017

Voor deze agenda komen alleen sterk regionale beurzen in aanmerking en/of beurzen met een bijzonder karakter 18 februari 2017

Postzegelmanifestatie Noord 2017

Sportcentrum De Hullen

Roden (NL)

www.wbevenementen.eu

17 & 18 maart 2017

Filafair 2017

Maaspoort sport & Events

s-Hertogenbosch

www.filafair.nl

14 & 15 april 2017

De Brievenbeurs

Sportcentrum "de Mammoet"

Gouda (NL)

www.brievenbeurs.com

6 mei 2017

Verzamelaarsbeurs met hoofdmoot filatelie

Sportcentrum de Brake

Nunspeet

www.wijverzamelenpostzegels.com

13 & 14 mei 2017

Filakids Postzegelfeest

Zaal De Posthoorn

Harmond (Belgie)

www.filakids.jouwweb.nl

19 t/m 21 mei 2017

Postzegeltentoonstelling Achterhoek

Hamalandhal

Lichtenvoorden

www.pzvdeachterhoek.nl

»» De Beurzen

van

2017 «

» De Beurzen

van

Belangrijk voor beursbezoekers:

2017 ««

Controleer altijd voor u gaat of het betreffende evenement wel doorgaat. (b.v.via een website of bel met de organisatie) Beurzen kunnen verschoven worden, hallen kunnen failliet gaan evenals commerciele organisaties. Hoewel het u op alle beurzen kan overkomen dat u tegen niet deugende waren aanloopt is deze kans een stuk groter op beurzen met een volledig vrij toelatingsbeleid van commerciele organisatoren (meestal zonder naambadge). Hoewel van oorsprong niet zo bedoeld hebben veel stichtingen ook commerciele belangen. Anders dan verenigingen kan het bestuur zichzelf fors belonen. Meldt niet deugende handel ten allen tijde bij de organisatie zodat deze maatregelen kan treffen. Zorg voor voldoende kleingeld b.v. voor parkeerautomaten en/of toiletbezoek. Ook is het handig om met gepast geld bij de kassa te betalen. (Pas op, de vermelde entreeprijzen kunnen wijzigen). Als u niet te veel contanten mee wilt nemen controleer dan of pinnen in de nabije omgeving van de beurs mogelijk is. Voorzie tassen, catalogi etc. van uw naam! Als u met de auto bent onthoud dan waar u hem hebt geparkeerd.

28 JANUARI & 29 JANUARI 2017 FILATELIEBEURS HILVERSUM

10 EN 11 FEBRUARI HOLLAND COIN FAIR 2017

Dudok-Arena, Arena 303 in Hilversum 28 januari 10.00 - 17.00 uur 29 januari 10.00 - 16.30 uur Aantal Handelaren: ± 60 Verenigingen e.d.: ± 30

Fletcher Hotel – Weigelia 22, 2262 AB Leidschendam 10 februari 16.00 - 21.00 uur 11 februari 10.00 - 16.00 uur Toegang € 5,-. Aantal Handelaren: ± 15-20 N.V.M.H. Overige stands: ca. 5

Organisatievorm: Stichting Grootte in m²: ca. 2000 m² Handel: Uitgebreid en kwalitatief hoogwaardig aanbod. De N.V.P.H. neemt als organisatie deel aan de beurs. Sterke punten: Vlakbij station Hilversum Sportpark. Gratis toegang. Gratis parkeren. Mooi restaurant met zitjes. Goed handelsaanbod w.o. veel andere (semi) handelaren. Veel gespecialiseerde verenigingen. Stoelen bij (semi) handel. De 2017 Filakrant gratis af te halen. Plattegrond verkrijgbaar bij ingang. Handelaren zijn kenbaar met badge. Zwakke punten: Weinig stoelen bij N.V.P.H. stands. Te dominant aanwezige promotiestands. Horeca boven, chaotisch en bediening traag. Géén jeugdactiviteiten.

Organisatievorm: Stichting Grootte in m²: ca. 500 m² Entree: Niet bekend. Handel: Kwalitatief hoogwaardig aanbod, echter uitsluitend N.V.M.H. leden. Sterke punten: Gratis parkeren. Redelijk assortiment. Leuke exposities/presentaties. Koninklijke Munt aanwezig. Zwakke punten: Weinig handelaren.

18 FEBRUARI POSTZEGEL-MANIFESTATIE NOORD 2017 Sportcentrum De Hullen, Centuurbaan Zuid 6, 9301 HX Roden. 10.00 - 16.00 uur. Toegang € 4,-. Jeugd gratis tot 17 jaar. Aantal Handelaren: ± 50 Verenigingen e.d.: ± 5 Organisatievorm: Commercieel Grootte in m²: ca. 1500 m² Handel: Redelijk aanbod met voldoende variatie. Sterke punten: Gratis parkeerplaatsen. Ruime lichte hal. Gezellige en goed betaalbare catering. Stoelen bij de stands. Vrij toelatingsbeleid. Veel goedkope (dubbeltjes) stands. Zwakke Punten: Eigenlijk alleen goed bereikbaar voor N.O.-Nederland. Té vrij toelatingsbeleid. Waardeloze vloerafdekking. Hoge entree voor regionale beurs. Handelaren niet kenbaar d.m.v. naambadge. Bij volle parkeerplaats moet men in de wijk parkeren.


8

FILAKRANT 2017

17 & 18 MAART FILAFAIR 2017

24 & 25 MAART - ANTWERPFILA

14 & 15 APRIL DE BRIEVENBEURS

Marathonloop 3 5235 AA ’s-Hertogenbosch 17 maart 10.00 - 17.00 uur 18 maart 10.00 - 16.00 uur Toegang € 5,00 Aantal Handelaren: ± 25-30 Overige stands: ± 10-15

Antwerp Expo, J.van Rijswijcklaan191, B-2020 Antwerpen.(B) 24 maart 10.00 - 17.00 uur. 25 maart 10.00 - 16.00 uur. Toegang: € 5,- (gratis entrée biljetten verkrijgbaar op de Eindejaarsbeurs 2017 en de Filateliebeurs in Hilversum) Aantal Handelaren: ± 60-70 Verenigingen e.d.: ± 5

Organisatievorm: Stichting Grootte in m²: ca. 2000 m² Handel: N.V.P.H. neemt deel als organisatie. Ook andere handelaren.

Organisatievorm: F.N.I.P Grootte in m²: ca: 3000 m² Handel: Een goed tot zeer goed aanbod met een internationaal karakter.

Organisatievorm: Stichting Grootte in m²: ca. 1500 m² Handel: Gevarieerd aanbod van brieven, postzegels en een aantal ansichtkaartenhandelaren.

Sterke punten: Handelaren kenbaar met badge. Postzegeltentoonstelling propagandaklasse. Mooie ruime zaal. Gratis parkeren.

Sterke punten: Gemoedelijke sfeer. Een goed en internationaal aanbod. Makkelijk bereikbaar via snelweg. Veel gelegenheid voor gratis parkeren. Weinig promotiestands. Ruim van opzet met voldoende licht. Goed te combineren met een weekendje Antwerpen. Gratis FNIP-nieuws en Filakrant. Handelaren kenbaar d.m.v. badge. Stoelen bij de stands.

Sterke punten: Goed aanbod brieven. Ook buitenlandse handelaren. Ruim van opzet. Goed verlicht. Stoelen bij de stands. Gratis toegang. Gratis parkeren. Elk jaar een thema. Filakrant aanwezig.

Zwakke punten: Zeer beperkte catering. Te hoge entree voor een regionale beurs. Weinig stoelen bij N.V.P.H. stands.

22 & 23 APRIL PAPERMONEY MAASTRICHT

De Poffermolen, Plenkertstraat 50, Valkenburg. 22 april 09.00 - 18.30 uur. Toegang € 12,23 april 10.00 - 16.00 uur. Toegang € 6,Aantal Handelaren: ± 180 Organisatievorm: Commercieel Grootte in m²: ca. 1800 m² Handel: Ruim 180 stands met deelnemers uit ca.70 landen. Van Nw-Zeeland tot Canada, van Singapore tot Zuid-Amerika enz. enz. (voertaal is voornamelijk Engels). De beurs is uitgegroeid tot het grootste evenement ter wereld op het gebied van papiergeld. Sterke punten: Goed bereikbaar. Enorm en gevarieerd aanbod. Redelijke catering met zitjes. Uitsluitend papiergeld en waardepapieren. Ideaal voor een gezellig weekendje Valkenburg. Handelaren kenbaar met badge. Zwakke punten: Betaald parkeren. Door het bijtrekken van zaaltjes en hoekjes. nogal rommelig geheel. Eigenlijk te hoge entrée. Matige halverlichting.

11 T/M 13 MEI BRIEFMARKENMESSE - ESSEN

Messehaus Süd Halle 1A, Norbertstraße, D-45131 Essen (Duitsland) 11 en 12 mei 10.00 - 18.00 uur 13 mei 10.00 - 17.00 uur Toegang gratis. Handelaren en postagentschappen: ca. 110 Gespecialiseerde verenigingen: ca. 20

Sporthallencomplex de Mammoet, Calslaan 101, 2804 RT Gouda. Vrijdag 25 en zaterdag 26 maart 2015 (Paasweekend). 14 april: 10.00 - 17.00 uur, 15 april: 10.00 - 16.00 uur. Aantal Handelaren: ca. 25-30. Infostands: ca. 5-10

Zwakke Punten: Halcatering excessief duur. Nauwelijks gespecialiseerde verenigingen/studiegroepen. Bij warm weer slechte luchtverversing. Expohallen zijn eigenlijk aan vernieuwing toe.

6 MEI - NUNSPEET

13 MEI - FILANUMIS

Sport- en recreatiecentrum ‘De Brake’, Oosteinderweg 19 te Nunspeet. 10.00 - 16.00 uur. Toegang en parkeren gratis. Voor wie met O.V. komt, is er een pendelbus. Aantal Handelaren: ± 55

Euretco Expo Center, Meidoornkade 29, 3992 AE Houten. 09.30 - 16.00 uur. Toegang vanaf 16 jr. € 4,-. € 3,- op vertoon van KNBFbondspas of KVBP-lidkaart. Aantal Handelaren: ± 70 Filatelie en ± 50 Munten Verenigingen: ca. 10

Organisatievorm: Vereniging Grootte in m²: ca: 1500 m² Handel: Een beurs met ca. 40 filateliestands aangevuld met andere verzamelgebieden zoals munten en ansichtkaarten. Het aanbod is redelijk en divers. Sterke punten: Ruime en goed verlichte sporthal. Gemoedelijke sfeer. Regionale trekker. Gratis toegang. Gratis parkeren. Voor O.V. reizigers een gratis pendelbus. Overzichtelijke indeling. Stoelen bij de stands. Zwakke punten: Geen plattegrond en handelaren niet kenbaar. Niet al te veel parkeerplaatsen bij de hal.

Organisatievorm: Commercieel. Grootte in m²: ca. 3000 m² Handel: Gecombineerde beurs met zowel filatelie als numismatiek. Sterke punten: Aparte clusters met filatelie en numismatiek. Een mooie ruime en redelijk verlichte zaal. Stoelen bij de stands. Vrij toelatingsbeleid dus ook semi-handel. Het aanbod zal redelijk tot goed zijn. Gratis parkeren. Centraal gelegen. Catering in de zaal. De 2017 Filakrant gratis af te halen. Nette brochure met plattegrond. Zwakke punten: Handelaren niet kenbaar aan naambadge. Door de vele pilaren niet echt overzichtelijk. Gèèn jeugdaktiviteiten.

2 & 3 juni - Hollandfila grote inloopstands, geselecteerde semi-handelaren uit binnen- en buitenland, grote uitzoekbergen enz. enz.

De Veluwehal, Nieuwe Markt 6, 3771 CB Barneveld. 2 juni 10.00 - 17.00 uur. 3 juni 10.00 - 16.00 uur. Toegang € 3,-. Jeugd gratis tot 17 jaar. Leden Samenwerkingsverband Filatelie gratis toegang. Aantal Handelaren: ± 90 Verenigingen e.d.: ± 20

Sterke punten: Plattegrond wordt verstrekt. Handelaren kenbaar met badge. Goed verlichte, ruime en overzichtelijke zaal. Veel gespecialiseerde verenigingen. Gezellig restaurant met veel zitjes en betaalbare prijzen. Centraal gelegen en zowel per auto als OV goed bereikbaar. Gratis parkeermogelijkheden in de wijken nabij de hal en de grote parkeerplaats de Vetkamp. Station Centraal op 400 meter. Hal ligt tegen de gezellige dorpskern aan. Veel voorzieningen en banken op loopafstand. Laatste beurs voor de zomerstop. Beurs is volledig self-supporting. (geen sponsoring of subsidies)

Organisatie: Jan Billion, Grootte in m²: ca. 3500 m² Handel: Grote internationale beurs met veel stands. Doordat dit de dichtsbijzijnde beurs met veel postagentschappen is wordt de beurs ook druk bezocht vanuit Nederland. Sterke punten: Gratis toegang. Goed bereikbaar. Mooie entree met roltrappen. Goed licht. Veel postagentschappen. Zwakke punten: Rommelig geheel en daardoor onoverzichtelijk. Beperkt gewone handelaren. Betaald parkeren (prijs valt mee). Te dure catering boven, Beperkte catering beneden. Broodje en koffie zelf meenemen, maar dan helaas wel buiten opeten. Teveel veilinghuizen en materiaalfabrikanten.

Organisatievorm: Vereniging Grootte in m²: ca: 3000 m² Handel: Het aanbod is geweldig. Dit is Nederlands grootste filateliebeurs! Een enorm aantal officiële handelaren waaronder een groot aantal NVPH-leden, buitenlandse handelaren,

V.O.V.V.

Zwakke punten: Betaald parkeren vlakbij de hal. Dagkaart € 6,-. Stands worden slecht aangegeven. Catering is soms traag. Soms te druk bij opening.


FILAKRANT 2017 16 SEPTEMBER ANSICHTKAARTEN EN POSTSTUKKENMANIFESTATIE

16 SEPTEMBER MUNTMANIFESTATIE

23 & 24 SEPTEMBER PAPERMONEY MAASTRICHT

Euretco Expo Center, Meidoornkade 29, 3992 AE Houten 10.00 - 17.00 uur Toegang vanaf 16 jr. € 5,Aantal Handelaren: ± 100

Euretco Expo Center, Meidoornkade 29, 3992 AE Houten 09.30 - 16.00 uur Toegang vanaf 16 jr. € 5,Aantal Handelaren: ± 135,

De Poffermolen, Plenkertstraat 50, Valkenburg. 23 sept 9.00-18.30 uur Toegang € 12,24 sept 10.00-16.00 uur Toegang €. 6,Aantal Handelaren: ± 180 (zie bespreking 9 & 10 april)

Organisatievorm: Commercieel. Grootte in m²: ca. 2000 m² Handel: Internationaal deelnemersveld met een groot aanbod voor de topografische en thematische verzamelaar.

Organisatievorm: Commercieel. Grootte in m²: ca. 3000 m² Handel: Nederlands grootste speciaalbeurs voor verzamelaars van munten, penningen en papiergeld.

Sterke punten: Voldoende ruimte. Redelijke verlichting. Stoelen bij de stands. Goede ligging nabij de snelweg. Goed bereikbaar met OV. Veel gratis parkeerplaatsen. Sterke internationaal uitstraling. Catering in de zaal. De 2017 Filakrant gratis af te halen. Nette brochure met plattegrond.

Sterke punten: Voldoende ruimte. Redelijke verlichting. Stoelen bij de stands. Goede ligging nabij de snelweg. Goed bereikbaar met OV. Veel gratis parkeerplaatsen. Verenigngen / promotiestands. Sterke internationaal uitstraling. Catering in de zaal. De 2017 Filakrant gratis af te halen. Nette brochure met plattegrond.

Zwakke punten: Handelaren niet kenbaar aan naambadges. Door de vele pilaren niet echt overzichtelijk

Zwakke punten: Handelaren niet kenbaar aan naambadges. Door de vele pilaren niet echt overzichtelijk

29 & 30 SEPTEMBER ANTWERPFILA

20, 21 & 22 OKTOBER POSTEX

Antwerp Expo, J.van Rijswijcklaan 191, B-2020 Antwerpen 29 sept.10.00 - 17.00 uur 30 sept.10.00 - 16.00 uur Toegang € 5,Aantal Handelaren: ± 55 Verenigingen e.d.: ± 5

Americahal, Laan van Erica 50, 7321 BX Apeldoorn 20 & 21 okt. 10.00 - 17.00 uur 22 oktober 10.00 - 16.00 uur Toegang € 5,- p.p., jeugd t/m 17 jaar gratis. Handelaren: ± 50. Verenigingen, promotie e.d: ± 25

Organisatievorm: F.N.I.P Grootte in m²: ca: 3000 m² Handel: Een goed tot zeer goed aanbod met een internationaal karakter. Sterke punten: Gemoedelijke sfeer. Een goed en internationaal aanbod. Makkelijk bereikbaar via snelweg. Veel gelegenheid voor gratis parkeren. Weinig promotiestands. Ruim van opzet met voldoende licht. Goed te combineren met een weekendje Antwerpen. Uitgebreid jeugdprogramma (V.O.V.V.). Gratis FNIP-nieuws en Filakrant 2017. Handelaren kenbaar d.m.v. badge. Stoelen bij de stands. Zwakke Punten: Halcatering excessief duur. Nauwelijks gespecialiseerde verenigingen/studiegroepen. Bij warm weer slechte luchtverversing. Expohallen zijn eigenlijk aan vernieuwing toe.

Organisatievorm: Stichting Grootte in m²: handel ca. 1800 m², tentoonstelling c.a. 1500 m², verenigingen en promotie. Tentoonstelling en handel: Voor liefhebbers van tentoonstellingen een absolute aanrader. Dit jaar als thema ‘Het muntstelsel door de eeuwen heen’. NVPH-handelaren aangevuld met buitenlandse en overige handelaren. Sterke punten: Breed aanbod filatelistische producten. Ruime en goed verlichte hal. Goed bereikbaar met openbaar vervoer. Veel gespecialiseerde verenigingen. Handelaren herkenbaar aan naambadge. Dag van de Postzegel. Aandacht voor jeugd. Zwakke punten: Weinig niet NVPH-handelaren aanwezig. Weinig stoelen bij N.V.P.H. stands. Weinig voorzieningen in directe omgeving (wordt langzaam beter). Entree zou lager moeten. Gezien het promotionele karakter van dit evenement zou de toegang eigenlijk gratis moeten zijn. Betaald parkeren € 4,- per dag.

Last but not least

28 & 29 DECEMBER EINDEJAARSBEURS

Verenigingen e.d.: ± 10

Messe Sindelfingen, Mahdentalstraat 116, D-71065 Sindelfingen. 26 & 27 okt. 10.00 - 18.00 uur. 28 oktober 10.00 - 17.00 uur Handelaren: ± 90 Verenigingen: ± 40 Postagentschappen: ± 30 Organisatie: J. Billion Grootte in m²: ca. 4000 m² Handel: Grote internationale beurs met veel stands. Sterk punten: Veel postagentschappen. Gratis toegang. Grootste Duitse beurs. Zeer internationaal. Veel exclusief materiaal. Zwakke punten: Veel te veel veilingen en albumfabrikanten. Weinig gewone handelaren. Betaald parkeren. Forse reisafstand.

Nederlands meest succesvolle beurs! Tot ver buiten de landsgrenzen bekend en een nog steeds toenemend bezoek uit het buitenland.

als bij Hollandfila. Echter; op deze beurs zijn vaak toch meer en andere stands aanwezig. Vanwege het ruimtegebrek staat deze beurs minder veel grote stands toe. Door het voeren van strenge regels, schitterende banieren en zaalaankleding oogt de beurs fantastisch. De beurs kent ook een apart gesitueerd en redelijk segment met een divers aanbod in munten, penningen en bankbiljetten. Ook een aantal specialisten in ansichtkaarten.

De Veluwehal, Nieuwe Markt 6, 3771 CB Barneveld 28 december 10.00 - 17.00 uur 29 december 10.00 - 16.00 uur Toegang € 3,-. Jeugd gratis tot 17 jaar. Aantal handelaren: ± 110 filateliestands ± 30 munten, bankbiljetten en ansichtkaarten. Verenigingen e.d: ± 20 Organisatievorm: Vereniging Grootte in m²: 3000 m² Handel: Beurs met wachtlijsten en een enorm aantal deelnemers. Voor de filatelie geldt hetzelfde verhaal

26, 27 & 28 OKTOBER 2015 BRIEFMARKENMESSE SINDELFINGEN

Sterke punten: Zie Hollandfila: Op deze beurs ook handelaren met penningen, munten, bankbiljetten en ansichtkaarten. Fantastische beurs in een gemoedelijke (kerst) sfeer. Voor de jeugd twee dagen Stamptales.(Zie hiernaast). Filakrant 2018 voor het eerst verkrijgbaar. Tijdens deze beurs wordt het centrum vaak vrij parkeren gemaakt door de gemeente Barneveld. U kunt uw eigen folderpakket samenstellen met een enorme keus aan folders en (vak)bladen. Zwakke punten: Zie Hollandfila. Kan soms echt te druk zijn vooral bij opening. Catering soms traag. Deze beurs trekt veel bezoek, kan parkeerproblemen geven.

STAMPTALES Toneelzaal Veluwehal. Adres en openingstijden: Zie eindejaarsbeurs. Voor iedereen gratis toegang echter het jeugdprogramma is alleen voor jeugd tot 17 jaar. Grootte in m²: ca. 500 m². Het grootste jeugdevenement van de Benelux en misschien wel van Europa. Dit steeds internationaler wordende jeugdevenement wordt gesponsord door de eindejaarsbeurs. Groot en uitgebreid spellencircuit die allemaal iets te maken hebben met postzegels. Schitterende jeugdbladen die de deelnemers in hun eigen stamptalesringband kunnen opbergen. Jeugdleiders vanuit verschillende verenigingen en landen werken nauw samen tijdens dit evenement. (Uniek!) Zelfs voor munten en/of bankbiljetten is er een jeugdprogramma. Jeugdveiling: Elke dag om 14.30 uur wordt afgesloten met een uitgebreide jeugdveiling met prachtige (en best wel dure) kavels.

9


10

FILAKRANT 2017

Postzegel - Partijenhandel Van Vliet Ugchelseweg 50 7339 CK Ugchelen (Apeldoorn) Openingstijden winkel: woensdag en donderdag 11.00 – 17.00 uur. Andere dagen op afspraak. Tel: 055-5416108 / 06-22997267 Mail: info@pzh-vanvliet.nl Website: www.pzh-vanvliet.nl Al ruim 20 jaar zijn we gespecialiseerd in het verkopen van verzamelingen en partijen postzegels. Onze succesformule is gebaseerd op het verkopen zoals het binnenkomt. Er worden dus nooit betere zegels en/of series uitgehaald of los verkocht. Onze prijsstelling is uiterst gunstig te noemen en komt meestal overeen met veiling inzetprijzen.

VINCENNES PHILATELIE

Ook kunt u bij ons terecht voor een abonnement van landen, motieven en uiteraard voor alle benodigdheden op postzegelgebied. Wij nodigen u van harte uit om eens een kijkje te komen nemen in onze gezellige winkel. Zoals gewoonlijk staat de koffie altijd klaar. Wij zijn doorlopend op zoek naar nette collecties en/of partijen. Als u iets aan te bieden hebt kunt u altijd even langskomen of bellen voor een afspraak. Taxaties aan huis zijn ook mogelijk.

FRANCE – ANDORRA – MONACO –FDC – ONU COLONIES FRANCAISES – TERRITOIRES D’OURTE-MER HISTOIRE POSTALE – ABONNEMENTS

74/76. Avenue de Paris – 094300 VINCENNES Tel: 01/43.28.67.61 – Fax: 01/43.65.29.43 vincphil@vincphil.fr – www.vincphil.fr

Inhaber Stefan Jopke

Handelshaus für Briefmarken und Münzen

www.aix-phila-shop.de Als Fachgeschäft bieten wir Ihnen ein reichhaltiges Briefmarken- und Münzangebot zu sammlerfreundlichen Preisen.

• Ankauf/Verkauf • Briefmarken • Münzen • Gold/Silber

Aix-Phila-Shop Friedensstraße 10 • 41564 Kaarst Tel.: 02131-3687130 • Fax: 02131-3687132 jopke@aol.com • Ebay-Shop: diezacke

WIJ STAAN OP DE VOLGENDE BEURZEN: FILATELIEBEURS HILVERSUM, HOLLANDFILA TE BARNEVELD. POSTEX APELDOORN. EINDEJAARSBEURS TE BARNEVELD.


FILAKRANT 2017

11

Ludwig Hesshaimer en de Althingserie van IJsland Door: John Kuin

De man / de kunstenaar

L

udwig Hesshaimer (1872-1956) werd op 10 maart 1872 als Saksische Duitser geboren in Kronstadt, Siebenbürgen (Transsylvanië, nu Roemenië), waar de familie Hesshaimer veel aanzien had. Reeds in zijn jonge jaren heeft Ludwig talent voor zang, viool spelen en tekenen. Hij blijkt autodidact. Op 5-jarige leeftijd raakt Ludwig al geïnteresseerd in postzegels & filatelie. Later schreef hij daarover: “in deze jonge jaren ontdekte ik mijn liefde voor postzegels. Ik word een gepassioneerd verzamelaar”. Zijn vader had voor hem echter een officiersloopbaan in het OostenrijksHongaarse leger (k.u.k. Armee) in gedachten.

In 1891 begon Ludwig Hesshaimer zijn officiersloopbaan en verwierf als luitenant het Oostenrijks staatsburgerschap. Tijdens zijn jaren in het leger, bleef hij zich ook bezig houden met tekenen. Hoewel autodidact, vond hij dat hij een vakopleiding miste. Na jaren troependienst in het leger, schreef hij zich op 37-jarige leeftijd in bij de Wiener Akademie der Bildenden Künste en werd daarna tekenleraar bij verscheidene militaire opleidingsinstituten van de Habsburgmonarchie.

Fig. 6. Ontwerpen voor Liechtenstein 1933

Fig. 3. FIP label 1929

WIPA 1933 Van 24 juni t/m 9 juli 1933 werd de wereldtentoonstelling WIPA georganiseerd in Wenen. Wenen was in deze jaren het centrum van de filatelistische wereld. Ludwig Hesshaimer was voorzitter van de tentoonstellingscommissie en ontwierp vignetten in Art Deco stijl. Deze vignetten hadden alle betrekking op postvervoer door de eeuwen heen.

Dan in 1929 is het eindelijk zover!: van de Oostenrijkse Vereniging van Vrienden van IJsland krijgt Hesshaimer de opdracht een lange serie postzegels te maken waarin hij al zijn ontwerptalent kwijt kan.

Fig. 1. Ludwig Hesshaimer

Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914 verbleef Ludwig Hesshaimer in Sarajevo. Op 28 juni stond hij met zijn kadetten in het gelid voor de ontvangst van troonopvolger Franz Ferdinand en diens vrouw Sophie. Ludwig zou hem een map met tekeningen van Sarajevo aanbieden, maar kon door de aanslag op het stel slechts helpen de stervenden uit de auto te halen. Vanaf februari 1915 was hij lid van de kunstgroep k.u.k. Kriegspressequartier (kaiserliche und königliche Kriegspressequartier). Hij werkte als tekenend oorlogsverslaggever en verbleef o.a. in Polen, Rusland, Zuid-Tirol, Italië en op de Balkan. Hij was een van de eerste kunstenaars wiens oorlogstekeningen werden tentoongesteld. De interesse in filatelie & postzegels bleef zijn latere jeugd, tijdens de Eerste Wereldoorlog en de jaren daarna bestaan. Na de Eerste Wereldoorlog stelde hij zichzelf de vraag “kunstenaar worden of beroepsmilitair blijven?” Hij kiest voor de kunst. In deze periode verbond hij zich aan de georganiseerde filatelie. In maart 1921 richtte hij het Verband Österreichischer Philatelisten Vereine op. In 1926 was hij één van de oprichters van de Fédération Internationale du Philatélie (F.I.P.)

Fig. 4. Vier waarden van de IJslandse Althingserie elk met speciaal feeststempel Ƥingvellir 930-1930 In oktober 1931 ontving Hesshaimer een uitnodiging om mee te doen aan een kunstenaarsprijsvraag voor het ontwerpen van luchtpostzegels voor Colombia. Zijn ontwerpen werden gekozen, maar met de kanttekening van de jury dat hij de ‘kernafbeeldingen’ zou verzorgen. Het frame zou worden ontworpen door een lokale kunstenaar. Dit is net omgekeerd in vergelijking met de IJslandse zegels uit 1930 waarvoor hij juist alle frames ontwierp.

Zijn postzegelontwerpen Vanaf 1919 ontwierp Hesshaimer diverse postzegels die echter nooit tot uitgifte kwamen. Pas in 1929 kreeg hij de opdracht voor IJslandse postzegels t.g.v. 1000 jaar IJsland. Daarna kwamen zijn ontwerpen voor Liechtenstein, Colombia en later, (na zijn dood) ook nog in 1981 voor Hongarije. Vreemd genoeg en tot zijn grote teleurstelling zijn de ontwerpen die hij maakte voor Duitsland en Oostenrijk nooit uitgebracht. Zijn eerste opdracht voor het ontwerpen van postzegels ontvangt Ludwig Hesshaimer in 1922. Voor Oostenrijk ontwerpt hij 6 vignetten/zegels waarvan de opbrengst ten goede zou komen aan krijgsgevangenen. Deze ontwerpen zijn echter niet in productie genomen, omdat de overeenkomst tussen Hesshaimer en de delegatie zoekraakte en pas na 2 jaar terug werd gevonden. In 1929 ontwerpt Hess- Fig. 2. Oostenrijkse ontwerpen 1922 haimer reclamevignetten voor de F.I.P. t.b.v. de tentoonstelling in Wenen. Hij gebruikt hiervoor een ontwerp dat hij al voor de tentoonstelling in 1928 had gemaakt.

Fig. 7. Kaart en WIPA labels postvervoer 1933 De Oostenrijkse Post gaf daarnaast een semi-postaal zegel uit dat eveneens was ontworpen door Hesshaimer. Dit verscheen ook in een blok van 4 als souvenir-velletje. Tevens zijn in de jaren daarna vele vignetten en kaarten met betrekking tot filatelistische evenementen door hem ontworpen.

Fig. 5. Luchtpostzegels van Columbia 1931 Begin 1933 kreeg Hesshaimer in zijn atelier bezoek van een vertegenwoordiger van het vorstendom Liechtenstein. Hij kreeg het verzoek een serie luchtpostzegels te ontwerpen. Ondanks dat de WIPA in Wenen voor de deur stond, vond Hesshaimer dat dit een kans was die hij niet mocht laten lopen. In plaats van vliegtuigmotieven te gebruiken, kwam hij met een nieuw idee: hij zou centraal op de voorgrond de koningsadelaar afbeelden: symbool voor vrijheid in de lucht en beheersing van de ruimte. Door allerlei toestanden m.b.t. auteurs/eigendomsrecht van afbeeldingen en foto’s van vogels, waarvan hij zegt ze rechtmatig verkregen te hebben, is deze serie postzegels met heel veel moeite tot stand gekomen.

In de late jaren ’30 liet Ludwig Hesshaimer zich meezuigen in de verleidingen van het Nationaal Socialisme. Na de Anschluss in 1938 werd hij als Oostenrijkse Duitser lid van de N.S.D.A.P., maar bemoeide zich niet actief met partijpolitiek. Tijdens filatelistische lezingen promootte hij in eerste instantie het gedachtengoed van de N.S.D.A.P., maar dat heeft hem later achtervolgd. Vijf eenzame en verdrietige jaren in Oostenrijk (hij verloor zijn vrouw en een dochter) gingen voorbij. Hij raakte in 1945, na de Tweede Wereldoorlog, zijn hele levenswerk kwijt door plunderende Russische troepen en Oostenrijkse bandieten. Waardevol filatelistisch materiaal, zoals schetsen, etsen, olieverfschilderijen en verkregen prijzen en medailles werd grotendeels vernietigd. Slechts een klein gedeelte kon hij behouden.


12

FILAKRANT 2017 Balk-elementen in de frames Typische Viking- en runne-achtige symboliek heeft Hesshaimer gebruikt om de verticale balken van alle zegels te vullen. In de bovenste horizontale balk is bij elk zegel de landsnaam (Island) geplaatst en in de onderste balk de waarde aanduiding in Aurar of Kronur.

Ludwig Hesshaimer produceerde geen filatelistische ontwerpen meer. In 1950 emigreerde hij naar zijn dochter in Brazilië, waar hij het tekenen weer oppakte. Hij maakt onder andere ansichtkaarten en ontwierp zelfs weer postzegels, dit laatste voor zijn eigen plezier. Ter gelegenheid van zijn 80e verjaardag in 1952 werd in Rio de Janeiro een overzichtstentoonstelling van zijn werk samengesteld. Op 10 januari 1956 overleed Ludwig Hesshaimer en hij is begraven in het bergdorpje Rezende bij Rio de Janeiro in Brazilië. Zijn filatelistische oeuvre omvat: 1922  Oostenrijk voor de Krijgsgevangenen (niet tot uitgifte gebracht) 1929  Oostenrijk 2 series FIP vignetten voor de tentoonstelling in Wenen (geen officiële postzegels) 1930  IJsland Althingserie voor een deel de zegels en van alle zegels de frames. 1931 Colombia Luchtpostzegels 1933 Liechtenstein Luchtpostzegels 1933  Oostenrijk WIPA vignetten en souvenirvelletje m.b.t. postvervoer (geen officiële postzegels) 1950  Brazilië studies en ontwerpen (niet tot uitgifte gebracht) 1981  Hongarije de Oostenrijkse WIPA vignetten uit 1933 uitgegeven als postzegels Welnu, genoeg voor beschouwd over de man en zijn werk. We zullen In dit artikel verder ingaan op de serie die Ludwig Hesshaimer in 1929 voor IJsland heeft ontworpen: de zegels t.g.v. 1000 jaar parlement in IJsland in 1930. Prachtige zegels, waar een interessant verhaal achter zit. Het vervolg gaat over de wijze waarop de opdracht voor het maken van de IJslandse Althingzegels tot stand is gekomen en geeft een beschrijving van alle verschillende waarden met hun kenmerkende plaatfouten, opdrukken en stempels. Na uitgifte van deze serie kwam een grote fraudezaak aan het licht, ook daar zal aandacht aan worden besteed. Tenslotte enige voorbeelden van (filatelistische) stukken met betrekking tot deze uitgifte en ander materiaal dat door Hesshaimer is ontworpen. De opdracht In 1926 is er in IJsland een comité gevormd dat zich bezig zou houden met de festiviteiten omtrent de viering van het 1000-jarig bestaan van de Althing (in 1930). In feite ’s-werelds oudste parlement. Wellicht is er toen al sprake geweest van de mogelijkheid om postzegels ter gelegenheid daarvan uit te geven. Hoe dan ook, in 1928 ontving het IJslandse festival comité een brief van de Oostenrijkse Vereniging van Vrienden van IJsland in Wenen voor de productie van postzegels ter gelegenheid van het aankomende jubileum in 1930. Het comité heeft deze vraag uiteraard voorgelegd bij de IJslandse postadministratie, die het voorstel in eerste instantie naast zich neer heeft gelegd. Het hoofd van de postadministratie (Sigurður Briem) zag geen heil in zaken doen met de Oostenrijkse vrienden van IJsland. Naar later bleek, wellicht een verstandig standpunt! De IJslandse regering dacht hier echter anders over en zij besloot wel in zee te gaan met de Oostenrijkers en nam het aanbod dankbaar aan. De Oostenrijkse Vereniging van Vrienden van IJsland was opgericht in 1928. Na de Eerste Wereldoorlog was Oostenrijk erg behoeftig en ontving destijds hulp van eveneens arme mensen uit IJsland. Dat heeft destijds grote indruk gemaakt (zij die al weinig hadden, gaven toch). Dat argument heeft mede een rol gespeeld bij de oprichting van de Oostenrijkse Vereniging van Vrienden van IJsland. Men besloot tot de opdracht van productie van postzegels voor een bedrag van maar liefst 813.000 IJslandse Kronen. De IJslandse regering gaf aan dat zij zegels wilden voor een bedrag van 600.000 IJslandse Kronen. Het overschot zou dan toekomen aan de Oostenrijkse vereniging (voor de moeite), waarbij een Engelse bank als garantie c.q. achter vang diende om eventuele overgebleven zegels voor de nominale waarde over te nemen. De zegels zouden verschijnen op 1 januari 1930 en in twee perioden worden verkocht (van 1 januari tot 14 februari en van 1 tot 15 juli 1930. Met de opbrengst wilde men de kosten van het te organiseren festival op 26 juni 1930, dat op de Ƥhingvellir vlakte zou worden gehouden, bestrijden. In december 1929 arriveerde de delegatie uit Oostenrijk in Reykjavik in gezelschap van een notaris die verklaarde dat de zegels onder zijn supervisie waren geproduceerd in de gewenste aantallen, zoals opgegeven door de IJslandse regering en dat alle proeven, fouten, drukclichés, die niet waren meegezonden naar IJsland, zouden zijn vernietigd. De persoon die verantwoordelijk was binnen de Oostenrijkse delegatie, tevens ontwerper van 5 van de zegels en alle frames van de totale emissie, was Ludwig Hesshaimer. Reeds in 1928 is Hesshaimer begonnen met het maken van diverse ontwerpen en het uitwerken van ideeën. In zijn dagboek maakt hij geregeld aantekeningen zeer enthousiast te zijn over het ontvangen van deze grote opdracht.

Tot zover geen vuiltje aan de lucht, niets stond een perfecte viering van het jubileum in de zomer van 1930 in de weg. Ondersteund met een prachtige serie van maar liefst 16 postzegels alsmede dezelfde serie voorzien van een opdruk “Pjonustumerki”.

Fig. 12 Verticale balk-elementen

Fig. 8 t/m 10 Ontwerpen en studies met betrekking tot the Althingserie.

IJslandse Althingserie 1930 Alle zegels dragen de signatuur van Hesshaimer, maar dat is niet helemaal correct. De signatuur is LHF (Ludwig Hesshaimer Facit> ; Ludwig Hesshaimer heeft het gemaakt). Natuurlijk was hij de sturende ontwerpende kracht achter de emissie, maar voor een behoorlijk aantal waarden is het ontwerp binnen het frame van een andere kunstenaar. De IJslanders hebben hiervoor gezocht naar ontwerpers in IJsland. Frames

Fig. 13 en 14 Ƥingvellir vlakte Verkoop en geldigheidsduur De verkoop van de zegels startte op 1 januari 1930 en de zegels waren geldig tot 31 Juli 1930. Het Althing festival vond plaats op 26 juni 1930. Belangrijke feesten worden in IJsland gehouden op de Ƥingvellir vlakte. Ter gelegenheid hiervan is ook een speciaal stempel gemaakt. Druk De zegels zijn gedrukt in offsetdruk met op elk vel 120 zegels door Ebermühl a.G. in Wenen. Oorspronkelijk was het de bedoeling te drukken in steendruk, doch dit werd uiteindelijk te duur bevonden.

Fig. 11. Frames De frames van alle zegels zijn ontworpen door Hesshaimer. Dat is ook wat de serie tot één geheel maakt. De IJslandse ontwerpers moesten dus ontwerpen binnen het Hesshaimer frame. Van deze middendelen heeft Hesshaimer er 5 gemaakt. De overige 11 ontwerpen zijn gemaakt door IJslandse kunstenaars; de broers Rikardur en Finnur Jonsson (1), Bjorn Bjornsson (4), Tryffvi Magnusson (4) en Gudmundur Einarsson (2). Hoekelementen in de frames In de bovenste hoekelementen werd links het jaartal 930 en rechts het jaartal 1930 geplaatst, een verwijzing naar de reden van uitgifte van deze emissie: 1000 jaar Althing

Tanding De tanding van de zegels is een kamtanding van 12½:12. Dienstopdrukken (Ƥjónustumerki) Een (klein) deel van de oplage van elk van de 16 verschillende zegels is voorzien van de opdruk “Pjónustumerki” of in rood of in blauw. Deze zegels zijn gebruikt als dienstzegels. In de opdrukken komen toevalligheden voor waarbij de meest opvallende zijn ontbrekende puntjes op de “J” of de “I” in de opdruk. Dat zijn echter druktoevalligheden. Van de 3 t/m 40 Aurar zijn er 24.120 series overdrukt. Van de 50 Aurar Fig. 15 Ƥjónustumerki t/m de 10 Kronur zijn 4.120 series opdrukken rood & blauw overdrukt, van het luchtpostzegel zijn er 24.120 exemplaren overdrukt.


FILAKRANT 2017 Stempels Eerste-dag-stempels komen voor met het normale dagtekenstempel (1-1-1930) waarbij de serie dan meestal op 2 grotere covers is geplakt. Voor de feestelijkheden van 26 juni was een speciaal stempel ontwikkeld; een opkomende zon achter vulkaanlandschap met stoomwolken, met daarop beide jaartallen (930 & 1930). Dit ontwerp komt ook terug in de doosjes van een speciale muntenserie die hiervoor is gemaakt. Het dagtekenstempel van Ƥingvellir (26-6-1930) komt Fig 16. stempels ook geregeld voor op deze emissie. U zult geen Althingzegels met Tollur (fiscale) afstempeling vinden, daarvoor waren deze zegels niet geldig. Overzicht Hieronder volgt een overzicht van de specifieke kenmerken van elk van de 16 waarden frankeerzegels en de 16 met of een rode of met een blauwe opdruk Pjonustumerki voorziene dienstzegels:

13

Nominale waarde: 7 Aurar Ontwerper frame: Ludwig Hesshaimer Ontwerper afbeelding: Björn Björnson Voorstelling: Tentenkamp bij Thingvellir Oplage frankeerzegel: 300.000 ex. dienstzegel: 24.120 ex. / rode opdruk Plaatfouten: Breukje in de goot. Verlopen druk in de waarde aanduiding.

Fig. 39 t/m 41 de 25 Aurar.

Fig. 28 t/m 30 de 10 Aurar. Nominale waarde: 10 Aurar Ontwerper frame: Ludwig Hesshaimer Ontwerper afbeelding: Björn Björnson Voorstelling: Ingólfur Arnarson, de eerste kolonist, gooit twee pilaren overboord om een geschikte aanlegplaats te vinden. Oplage frankeerzegel: 300.000 ex. dienstzegel: 24.120 ex. / blauwe opdruk Plaatfout: Stipje in de 0 van 10 rechts.

Nominale waarde: 25 Aurar Ontwerper frame: Ludwig Hesshaimer Ontwerper afbeelding: Ludwig Hesshaimer Voorstelling: Het verzamelen van schaars drijfhout wat schaarste van bouwmaterialen symboliseert. Oplage frankeerzegel: 109.800 ex. dienstzegel: 24.120 ex. / blauwe opdruk Plaatfout: Witte stip onder rechter waardeaanduiding.

Fig. 42 t/m 44 de 30 Aurar.

Fig. 17 t/m 20 de 3 Aurar. Nominale waarde: 3 Aurar Ontwerper frame: Ludwig Hesshaimer Ontwerper afbeelding: Rikardur Jonsson & Finnur Jonsson Voorstelling: Parlementsgebouw In Reykjavik Oplage frankeerzegel: 300.000 ex. dienstzegel: 24.120 ex. /rode opdruk Plaatfout: Afdakje boven de zij ingang van het Parlementsgebouw.

Fig. 31 t/m 35 de 15 Aurar. Nominale waarde: 15 Aurar Ontwerper frame: Ludwig Hesshaimer Ontwerper afbeelding: Björn Björnson Voorstelling: Het ontsteken van vuren door de kolonisten, als manier om land te claimen en af te bakenen. Oplage frankeerzegel: 300.000 ex. dienstzegel: 24.120 ex. / rode opdruk Plaatfouten: Breukje in de muil van de rechter draak in het frame. Blauw vlekje achter de D van Island. Streep/kras langs de boven kader.

Nominale waarde: 30 Aurar Ontwerper frame: Ludwig Hesshaimer Ontwerper afbeelding: Gudmundur Einarsson Voorstelling: Parlementsvlakte Thingvellir met de kerk en boerderij rechts en de berg Hengill op de achtergrond. Oplage frankeerzegel: 109.800 ex. dienstzegel: 24.120 ex. / rode opdruk Plaatfout: Wit plekje in de 0 van 30 Aur.

Fig. 45 t/m 47 de 35 Aurar. Nominale waarde: 35 Aurar Ontwerper frame: Ludwig Hesshaimer Ontwerper afbeelding: Björn Björnson Voorstelling: Vrouw in de meest feestelijke IJslandse klederdracht Skautbúningur Oplage frankeerzegel: 109.800 ex. dienstzegel: 24.120 ex. / rode opdruk Plaatfouten: Kleurvlekje links boven de snavel van de giervalk. Verschoven onderdruk.

Fig. 21 t/m 23 de 5 Aurar. Nominale waarde: 5 Aurar Ontwerper frame: Ludwig Hesshaimer Ontwerper afbeelding: Ludwig Hesshaimer Voorstelling: Hrafna-Flókie komt aan in IJsland. klassiek Vikingschip Oplage frankeerzegel: 300.000 ex. dienstzegel: 24.120 ex. /rode opdruk Plaatfout: Compleet witte zonnestralen. Vlekje in de 5

Trildruk

Fig. 36 t/m 38 de 20 Aurar.

Fig. 24 t/m 27 de 7 Aurar.

Nominale waarde: 20 Aurar Ontwerper frame: Ludwig Hesshaimer Ontwerper afbeelding: Tryggvi Magnússon Voorstelling: De rit naar de Althing in het verleden. Het woord Althing is geschreven in Runneletters Oplage frankeerzegel: 109.800 ex. dienstzegel: 24.120 ex. / blauwe opdruk Plaatfout/foutdruk: Dubbeldruk of trildruk over het gehele zegel.

Nominale waarde: Ontwerper frame:

Fig. 48 t/m 51 de 40 Aurar. 40 Aurar Ludwig Hesshaimer


14

FILAKRANT 2017

Ontwerper afbeelding: Ludwig Hesshaimer Voorstelling: IJslandse vlag, enige zegel uit deze set met een 2 kleurig druk. Oplage frankeerzegel: 100.980 ex. dienstzegel: 24.120 ex. / Blauwe opdruk Plaatfouten: Rode kleurvlek in de 4 van 40 aur. Wit vlekje in de blauwe vlag.

Fig. 61 t/m 66 de 10 Kronur. Fig. 52 t/m 53 de 50 Aurar. Nominale waarde: 50 Aurar Ontwerper frame: Ludwig Hesshaimer Ontwerper afbeelding: Tryggvi Magnússon Voorstelling: Rechtspraak op de Althing met in Runnetekens “Lögspgumadr á Alphingi, voor de berg Skjaldbreidur. Oplage frankeerzegel: 21.120 ex. dienstzegel: 4.120 ex. / blauwe opdruk

Nominale waarde: 10 Kronur Ontwerper frame: Ludwig Hesshaimer Ontwerper afbeelding: Tryggvi Magnússon Voorstelling: Hoofdman wordt ingezworen op een ring alvorens plaats te kunnen nemen in de wetgevende Althing. Oplage frankeerzegel: 21.120 ex. dienstzegel: 4.120 ex. / blauwe opdruk Plaatfouten: Wit uitsteeksel aan de L van Island. Rode vlek in de linker draak. Rood stipje in de wolkenlucht. Rood stipje in de 1e R van Kronur.

Fig. 67 t/m 68 de 10 Aurar Luchtpost.

Fig. 54 t/m 56 de 1 Krona. Nominale waarde: 1 Krona Ontwerper frame: Ludwig Hesshaimer Ontwerper afbeelding: Ludwig Hesshaimer Voorstelling: IJslande landkaart. Oplage frankeerzegel: 21.120 ex. dienstzegel: 4.120 ex. / rode opdruk Plaatfout: Bovenzijde van de linker 1 van 1 Krona is schuin afgesneden.

Nominale waarde: 10 Aurar (Luchtpost) Ontwerper frame: Ludwig Hesshaimer Ontwerper afbeelding: Ludwig Hesshaimer Voorstelling: IJslandse valk onder een vliegtuig, nationaal symbool. Oplage frankeerzegel: 300.000 ex. dienstzegel: 24.120 ex. / rode opdruk Specimen opdrukken Een aantal van 480 series is voorzien van de opdruk Specimen in zwart. Deze zegels waren bedoeld om naar de UPU in Bern te sturen, alwaar men bij hield welke zegels wereldwijd werden uitgeven. Vanuit Bern werden de zegels dan weer verstrekt aan de nationale postadministraties wereldwijd, zodat men het uitgiftebeleid van andere landen kon monitoren en zegels op echtheid en geldigheid kon controleren. Een klein aantal van dergelijke sets is echter ook op de markt gekomen.

Fig. 57 t/m 58 de 2 Kronur. Nominale waarde: 2 Kronur Ontwerper frame: Ludwig Hesshaimer Ontwerper afbeelding: Gudmundur Einarsson Voorstelling: IJslandse boerderij in de winter Oplage frankeerzegel: 21.120 ex. dienstzegel: 4.120 ex. / rode opdruk

Fig. 59 t/m 60 de 5 Kronur. Nominale waarde: 5 Kronur Ontwerper frame: Ludwig Hesshaimer Ontwerper afbeelding: Tryggvi Magnússon Voorstelling: IJslandse in nationale klederdracht aan het spinnenwiel bij lamplicht. Oplage frankeerzegel: 21.120 ex. dienstzegel: 4.120 ex. / blauwe opdruk

Fig. 69. Specimen opdrukken voor de UPU.

omvang van de fraude pas goed aan het licht. In dat jaar werden grote hoeveelheden hoge waarden van de serie aangeboden. Op dat moment besloot men tot een groot openbaar onderzoek en daarbij kwam uit wat er was gebeurd. Er was geknoeid met de brief met de opdracht naar de drukkerij. Vóór het bedrag van 813.000 Kronen (de bestelde hoeveelheid) was een “1” gezet. Hierdoor leek het of het aantal bestelde zegels een bedrag van ruim 1,8 miljoen was. De afspraak was dat de Oostenrijkse Vereniging van Vrienden van IJsland het restant boven 600.000 (zijnde 213.000 Kronen) zou behouden en de zegels (voor een waarde van 600.000 Kronen) in IJsland zou afleveren. In plaats daarvan beschikte de vereniging na het drukken niet over 213.000 Kronen aan zegels maar voor 1,2 miljoen IJslandse Kronen aan zegels! Meer dan het dubbele aan waarde dat IJsland zelf kreeg! Uiteraard betaalde de IJslandse regering de drukkosten. Door deze parallele aanbiedingen werd er bij verkoop onder haar duiven geschoten! Deze externe aanbiedingen waren zonder twijfel afkomstig van de voorraad van de Vereniging en werden her en der aangeboden door de tussenhandel. Het leek erop dat Ludwig Hesshaimer zijn positie had misbruikt, hij had immers allerlei proeven en variëteiten in zijn bezit die eigenlijk vernietigd hadden moeten worden. Erg bewust van zijn “misdaad” leek hij echter niet. Wie hangt het bewijs daarvan op een internationale postzegeltentoonstelling met zijn naam ernaast? Of Hesshaimer de sturende kracht achter de fraude was, is nooit duidelijk geworden. In 1939 was het onderzoek namelijk nog niet afgerond, maar op dat moment brak de Tweede Wereldoorlog uit en daarna is het onderzoek nooit meer opgepakt. Hoeveel van de teveel gedrukte zegels uiteindelijk zijn gevonden, vernietigd of in beslag genomen, is niet duidelijk. Ook de oplage van de zegels is hierdoor onduidelijk. Er is immers niet vast te stellen of een serie oorspronkelijk bij de afgeleverde 600.000 Kronen partij aan de IJslandse regering heeft behoord of dat zij afkomstig is van de teveel gedrukte oplage van de Oostenrijkse Vereniging. De zegels zijn gedrukt met dezelfde drukpers! De oplagen, vermeld bij de individuele zegels in dit artikel, zijn dan ook gebaseerd op de bestelling van de IJslandse regering. Al lijkt het erop dat er meer hoge waarden circuleren (u treft ze vaker dan gebruikelijk aan qua zeldzaamheid) dan op grond van de bestelling van de IJslandse regering zou moeten kunnen. Duidelijk is dat de variëteiten van de emissie (anders dan de plaatfouten en de genoemde trildruk) vrijwel uitsluitend afkomstig zijn van het drukuitschot dat de Oostenrijkse Vereniging van Vrienden van IJsland heeft gemaakt en uiteindelijk dus niet ingeleverd. Vertandingen, ongetande zegels, opdrukken, kleurvariëteiten zijn allemaal te beschouwen als vals of beter als vervalst naast de oorspronkelijke oplage. De IJslandse postmeester Sigurður Briem had het goed voorzien… van een dergeFig. 70. Vervalst drukuitschot. lijke deal komt narigheid! De vondsten

Verkoop regulering Althingzegels werden door de IJslandse post geldig verklaard voor frankering tussen 1 januari en 31 juli 1930. Medewerkers van de IJslandse post (die niet zelden een handeltje dreven) mochten de waarden tussen 3 Aurar en 40 Aurar in “vrije aantallen” kopen. Wanneer zij echter ook de hogere waarden zouden willen afnemen (vanaf 50 Aurar), dan moest een complete serie worden gekocht. Ruim 20 Kronur was in die tijd een fors bedrag. Lagere waarden tot 40 Aurar zult u, op die grond, dan ook veel vaker tegenkomen dan de hogere waarden vanaf 50 Aurar, al is er over de oplage nog wel het een en ander te vertellen. De fraudezaak In de zomer van 1930 arriveerde een telegram in IJsland dat er in Wenen fraude was ontdekt met de uitgifte van de Althingzegels. De oplage was kennelijk (veel) hoger dan oorspronkelijk was afgesproken en in andere landen werden variëteiten verkocht van de net nieuw uitgekomen serie. Toen het nieuws IJsland bereikte, waren er al veel series verkocht. Terugtrekken van de emissie (en een nieuwe uitgeven) was dus geen optie meer. De IJslandse regering gaf aan de zaak in stilte te willen onderzoeken en oplossen. Men begon bij Ludwig Hesshaimer, hij was immers verantwoordelijk voor de emissie en de productie ervan in Wenen. De toen in Wenen gevonden zegels zijn deels vernietigd, deels teruggezonden naar IJsland. Hesshaimer en de vereniging hadden niet alles ingeleverd! Tijdens de postzegeltentoonstelling IPOSTA in Berlijn, in het najaar van 1930, had Hesshaimer een tentoonstelling op het gebied van deze emissie. De tentoonstelling omvatte o.a. fouten en afwijkingen, ontwerpen van niet uitgeven materiaal (o.a. een zegel met een nominale waarde van 45 Aurar). Een aantal jaren ging voorbij en in 1933 kwam de

Fig. 71 t/m 77 Ontwerpen voor de Kriegsgefangenenmarken Rietdijk (Den Haag) 2015


FILAKRANT 2017 Af en toe duikt er op beurzen en veilingen materiaal op met betrekking tot de ontwerpen van Hesshaimer. Een aantal van onze vondsten willen we graag met u delen. In november 2015 kwam bij het veilinghuis Rietdijk als kavelnummer 4004 een setje ontwerpen van de Kriegsgefangenenmarken onder de hamer. Een kleine genummerde (975) papieren omslag bevatte alle 6 ontwerpen gemaakt door Ludwig Hesshaimer. Doel van deze uitgave uit 1922 was het ondersteunen van de Siberische krijgsgevangenen op Japanse schepen na de Eerste Wereldoorlog. “Wir hungern”, “Wir fronen”, “Wir dulden”, “Wir hoffen”, “Wir warten”, “Wir sterben”, schreeuwen deze zegels de wereld in. Bij de eerste 25 van deze setjes zijn alle ontwerpen door Hesshaimer gesigneerd. De overige 975 setjes dragen alleen de signatuur van Ludwig Hesshaimer op het omslagje. Deze uitgave is te beschouwen als de eerste concrete stap naar het ontwerpen van postzegels door Ludwig Hesshaimer. Uiteindelijk zijn deze zegels niet tot uitgifte gekomen, omdat de benodigde documentatie zoek raakte. Op exact dezelfde(!) dag in november 2015 kwam in Zürich deze brief onder de hamer. Dankzij het live bieden bestond de mogelijkheid om in beide veilingzalen tegelijk “aanwezig“ te zijn.

Fig. 82. Complete serie Althingzegels op aangetekende brief Aan Ludwig Hessaimer, Cherrystone (New York) 2016

Fig. 83. Transit stempel Edinburgh op de achterzijde van deze brief dat de Oostenrijkse Vereniging van Vrienden van IJsland was “vergeten” in te leveren bij de IJslandse staat. Ondanks dat de meegereisde notaris destijds anders beweerde, zijn niet alle zegels, proeven en clichés dus ingeleverd. Her en der duikt af en toe dergelijk materiaal op. Hierbij zijn altijd veel misdrukken, plaatfouten, ongetande zegels, vertandingen en gesigneerd materiaal, dat destijds niet aantoonbaar op de reguliere weg in het verzamelaarscircuit terecht is gekomen, zoals uitgelegd elders in dit artikel. Maar ook daarop is weer een uitzondering. Stamps “will rock you!” Op 17 december 1993 veilde Sotheby’s in Londen ook een bijzondere verzameling. In deze veiling was de collectie opgenomen van Farrokh Bulsara (beter bekend als Freddy Mercury van de rockgroep Queen). In zijn verzameling was iets heel bijzonders opgenomen betreffende de Althinguitgave van IJsland.

Fig. 78. Complete serie op aangetekende brief met handtekening van Ludwig Hessaimer (ook de adressering is in zijn handschrift). Op de dag van de feestelijkheden (26-juni-1930) van 1000 jaar Althing. Corinphila (Zurich) 2016 In deze veiling een prachtig stuk (maakwerk) met daarop een complete serie van de Althingzegels. Het bijzonder aardige aan deze brief is dat ook deze brief is voorzien van de signatuur van Hesshaimer en dat de zegels zijn afgestempeld met het “feeststempel” van 26 juni 1930. Ook heeft deze brief, een scherpe en duidelijke afdruk van het reguliere dagtekenstempel van Ƥingvellir op de voorzijde.

Fig. 79. Dagtekenstempel Ƥingvellir

Bij de presentatie van de emissie aan de IJslandse staat in het najaar van 1929 is een speciaal boek (in oblong formaat) ontworpen getiteld: “Die Jubiläumsbriefmarken von Island 930-1930”. Dit boek bevat 49 pagina’s en geeft een volledig overzicht van alle 16 waarden. In een fotografische reproductie, met tekeningen, kleurproeven, alle voorzien van een getand en een ongetand finaal zegel en ten slotte alle waarden in blokken van 9. De laatste pagina’s bevatten de dienstzegels (de zegels met opdrukken Pjónusta) in blokken van 4. Dit boek is wel officieel uitgegeven en gepresenteerd aan de IJslandse staat. Dat de Oostenrijkse Vereniging nog een extra voorraadje van dergelijk materiaal had achter gehouden, kwam pas in de jaren daarna aan het licht. Voorbeelden van het presentatieboek zijn gegeven aan alle leden van het ontwerpcomité en enkele overheidsvertegenwoordigers. Van deze boeken zijn er (vermoedelijk) zo’n 15 gemaakt, het is daarmee een van de ultieme snoepjes van de IJslandse filatelie. Dit jubileumboek van deze bijzondere verzamelaar bracht in 1993 maar liefst £. 8.000,- op!

Fig. 80 Dagtekenstempel Reykjavik (achterzijde)

Een brief die verrassend veel lijkt op de brief uit de veiling uit Zürich, alleen nu niet verzonden door Ludwig Hesshaimer maar AAN Ludwig Hesshaimer. Ook deze aangetekende brief heeft een complete serie Althingzegels en is verzonden op 11 februari uit Reykjavik naar Wenen. Een tussenstop is gemaakt op 17 februari in Edinburgh. Deze zegels zijn dus verkocht in de eerste verkoopperiode begin 1930. Maar ook dichter bij huis kunt u slagen. In de voorjaarsveiling 2016 van de NPV uit Weesp zat een kavel met veel materiaal

Fig. 85 en 86. Een Althingzegel van 15 aurar (26-6-1930) op een briefkaart naar Kopenhagen. Tenslotte het bewijs dat niet alle mooie dingen vreselijk duur moeten zijn. Bijgaand poststukje wisten we te bemachtigen op de verenigingsveiling van de NFVS (Nederlandse Filatelisten Vereniging Scandinavië). Een prentbriefkaart met de afbeelding van de Thingvellirvlakte verzonden naar Denemarken op de feestdag (26 juni 1930), correct gefrankeerd met een Althing zegel van 15 Aurar. Een snoepje voor slechts € 7,00! Het lidmaatschap van de gespecialiseerde vereniging in 1 keer terugverdiend!

Bronvermelding: Ludwig Hesshaimer : Licht und Schatten Liebe und Leidenschaft für Kunst und Philatelie/ Wolfgang Maassen. Schwalmtal : Phil*Creativ, 2006. 184 pag. ; ill. ISBN 978-3-932198-71-7. (Sonderband der Reihe ‘Chronik der deutschen Philatelie’). One hundred years of Icelandic stamps : 1873-1973 / Jon Adalsteinn Johnsson. Reykjavik : Post and Telecommunications Administration, 1977. 471 pag. ; ill. Met index. AFA Specialkatalog 2016 / E. Daugaard. Otterup (DK) : AFAForlaget, 2016. 752 pag. ; ill. ISBN 978-87-7012-412-6. Met index. Facit Special Classic 2016. Malmö : Facit Förlags, 2016. 368 pag. ; ill. ISBN 91-86564-75-7. Michel Europa-Katalog 2013-1014 : Band 5: Nordeuropa. Unterschleissheim : Schwaneberger Verlag, 2013. 989 pag. ; ill. ISBN 978-3-95402-045-4. Met index. Rietdijk veiling 405. : 16, 17 en 18 november 2015. Den Haag : Rietdijk veilingen b.v., 2015 203 Corinphila Stamp auction “Scandinavia” : 18th november 2015. Zurich : Corinphila, 2015 Nederlandse Postzegelveiling : 31 maart tot 2 april 2015: NPV : Weesp, 2016 Postage Stamps of the World Sale 93669 “Guinness”. Friday 17th December 1993 / London : Sotheby’s 1993 Geraadpleegde websites: www.wikipedia.org http://www.aape.org/exhibit_view_page.asp?intExhibitNumber=92& intCurrentPageNumber=1 http://www.malariastamps.com/exhibits/exhibits_images/Spille_ Ludwig/Ludwig08-08.pdf http://www.philatelicdatabase.com/stamp-designers/wipa-1933/ http://www.rainerregiment.at/joomla/indez.php?option=com_content &view=article&id=67&ltemid=76

Fig. 81 De signatuur van Ludwig Hesshaimer In het voorjaar van 2016 waren er ter gelegenheid van de wereldtentoonstelling in New York diverse veilinghuizen die de uitgifte van veilingcatalogi en veilingen daarop hebben afgestemd. Tijdens het evenement was er elke dag een veiling van een groot veilinghuis en overal ter wereld volgde in de dagen daarna diverse veilingen. Zo veilde ook het New Yorkse veilinghuis Cherrystone de week na de wereldtentoonstelling. De mogelijkheid tot het bekijken van kavels hebben we benut om kavel 961 uit die veiling te bestuderen.

15

Fig. 84 de zwartdruk van alle uitgegeven waarden van de Althingserie. Deze kleurproeven zijn uitgegeven voor het speciale herinneringsboek, maar duiken ook geregeld elders op. Daarvan zijn er zeker meer dan 15. Zolang ze niet in combinatie met het speciale herinneringsboek worden aangeboden (zeg maar bijna nooit), dan gaat het in vrijwel alle gevallen om materiaal dat of door Hesshaimer of de Oostenrijkse Vereniging van Vrienden van IJsland is “vergeten” in te leveren bij aflevering van de emissie in IJsland.

Kijk op pagina 41 voor een puzzel met een leuke prijs.


16

FILAKRANT 2017

Apeldoornse Postzegel- en Muntenbeurs Ca. 20 standhouders staan maandelijks voor u klaar. Zeer gezellige zaal met schitterend daglicht. Door de ligging tegen het station perfect te bereiken per spoor. Info: 055-3558600 / 06-30718411 of www.eindejaarsbeurs.nl (klik Apeldoorn aan) Gratis een eerlijke en objectieve taxatie van uw verzameling en/of nalatenschap. Goede betaalbare catering Koffie/thee/fris € 1, Broodjes v.a. € 1,50 Agenda 2017:

3e zaterdag v.d. maand 21 januari 2017 18 februari 2017 18 maart 2017 15 april 2017 20 mei 2017

Eigen vervoer: Komende van A1: uit richting Deventer / Amersfoort. Afslag A50 richting Zwolle. Dan afslag 24 Teuge / Apeldoorn. Komende van A50: uit richting Zwolle / Arnhem. Zelfde afslag 24. Op Zutphensestraat (N345) bij de 2e stoplichten rechtsaf. Volg de borden wijkcentrum Het Bolwerk. Openbaar vervoer:

BRIEVENBEURS THEMA 2017

De Antieke Wereld •POSTSTUKKEN / COVERS •POSTZEGELS / STAMPS •STEMPELS / POSTMARKS •PRENTBRIEFKAARTEN / PICTURE POSTCARDS Spreekuur NVPH-cataloguscommissie

WWW.BRIEVENBEURS.COM Op zaterdag:

Brievenbeurslezing

OPENINGSTIJDEN:

VRIJDAG 10.30 -17.00u

OPENING HOURS:

ZATERDAG 10.00 -16.00u

SPORTCENTRUM

TOEGANG EN PARKEREN ZIJN GRATIS / FREE ENTRANCE

De locatie ligt tegen het treinstation Apeldoorn-Osseveld. (30 meter afstand) Stadsbussen vanaf Apeldoorn station. Bus 5 - Halte Talma Borgh Bus 15 - Halte NS / Osseveld.

Dè postzegelhuiskamer van Nederland! A6_v1_15jaarhuwelijk.pdf

1

11/30/2016

2:09:12 PM

CALSLAAN 101, 2804 RT

m 15 jarig juj bileu ELIJK

IJK HUW

KONINKL

2002-2017

ari 2017 te: 2 febru v uitgif Datum van r met rland md papie oort:: Gego uitgifte: Nede rsoo rsoort Papiers Papie k el: fosfo opdru fosfor dag stemp m en plaats uari atum ari 2017 Datu : é: feb febru 2 rrocedé e dam,, Drukproced en Amsterdam ue van Maan PostNL Studio Henq instantie: ntw ntwerper: U vende Uitge Print Ontw Maxima, ityy Print ecurit de Secur ede en Koningin er nsche Ensch ander exand -Alex ij: Joh. m-Al kerij: rukker Willem Druk Dr ng Wille oning Koni K po et van elijksportr ngin, en ijde:: Huw zijde: d. rland. oorrzijde V Voo Voorz destijds Koni iding Nede es Beatrix, ma Zorreguieta beken Prinses t Prins voor met aandu maak Maxi gs gswet met 2001 je mmin maartt maar Oranje an Oran r de toeste n:: Opp 30 van Prins van den: heden de kame rrhede derhe 2002 is het weede het T Twee zonde ng an de Eerste en Tw ijz ijzonde ing ving Bijz Bijzon erlovi 2 februari voltrekking van de vverlov n de iend. Op dden , rins Claus Na de P Prins aan ardde Amsterdam t ng was inged 2001 aanva huwelijk. Opp 30 juli die door de regeri het decor van het burgermeester van Dit word lijk, ge door de in de Nieuwe Kerk. het paar het huwe erlage in Amsterdam an B Berla k ijk Paleis in de Beurs vvan klijk ng plaats . Aansluitend stapt het ninkl ening K Ko Konin zegeni in inzeg lijk e inz elijk bij lijke gt Braun hu huwe kelijk R. eindi ke de kerke op burgerlijk n en pater eerdam. De tocht n, vindt verschijnt ter Linde r.. M.J. Cohe m mr. . Het paar nee C.A. rondrit door Amst meld domi verza voor een mensen hebben gedaan dooren Koets van de K overstaan eten.. in de Goud oor zich duizenden te begro oeten kussen ten beg r rs ers elkaa w n ou ouwe Paleis, waarvom de toeschouw als beide n vindt plaats het balko l moment en memorabe E Een be king. se bevol ndse rland ederla Nede

v Land van

Zomerstop juni t/m augustus 16 september 21 oktober 18 november

DE MAMMOET, GOUDA 14 EN 15 april 2017

2017 2017 2017

ostzzegel. ost Postz P e Munt J. Mulder Hollandsch Directeur

j leum 15 jarig jubi LIJK HUWELIJK KLIJK ONINK KONIN 2002-2017

EN TIS KER A GR /PAR uur NG .00 GA 00-16 E TO 10.

GRATIS OFFICIËLE UITGIFTE Bestel nu de GRATIS - strikt gelimiteerde - eerste dag postzegel uitgifte ter ere van het 15 jarig jubileum van het Koninklijk huwelijk op:

Locatie: Wijkcentrum Het Bolwerk Ravelijn 55, 7325 NT Apeldoorn

www.15jaarhuwelijk.nl

Australië & Nieuw-Zeeland en gebieden

Postzegelhandel S. Herrema Postbus 41 9040 AA Berlikum Tel: 0518-462253. (geen winkel) Gsm: 06 - 206 58 972 E-mail: sherrema@hotmail.com

Beurs aanbieding: Nw-Zeeland: 20 $ Mt Cook luxe ◙ € 4,10 $ Ruapehu luxe ◙ € 2,50 Australië: 20 $ Uluru luxe ◙ € 4, -

Wij kunnen U leveren: O.a. nieuwtjes zowel postfris als gebruikt,postzegelboekjes, Fdc’s en speciale uitgiften ect. Ook behandelen wij uw mancolijsten. In voorraad diverse motieven, o.a. dieren, vogels en vissen. Zoals altijd hebben wij op beurzen veel interessante partijen en collecties bij ons. Aanwezig op Beurzen: Filateliebeurs te Hilversum. Antwerpfila te Antwerpen. Postex te Apeldoorn. Hollandfila te Barneveld. Eindejaarsbeurs te Barneveld.

www.pzhsherrema.nl

Posthistorie Nederland zie webwinkel

www.willempasterkamp.nl In de webwinkel vindt u een ruim assortiment van vele duizenden poststukken en postale formulieren betreffende PosthistorieNederland. Eveneens een groot aantal Staatsbladen, welke te maken hebben met posterijen of vervoer.


FILAKRANT 2017

17

Dubbele wapenstuivers verzamelen… fascinerend! in de periode 1784-1799 meer dan 1.762.865 munten gemaakt. Bij de Munt van Overijssel zijn van 1676 tot 1703 meer dan 3.403.935 dubbele wapenstuivers geslagen.

Holland, dubbele wapenstuiver 1791. Engelse imitatie in nikkel. Foto: Schulman B.V., veiling 344, kavel 302 Zoals eerder aangegeven begon de productie van dubbele wapenstuivers in Holland in 1672. In 1793 zijn de laatste geproduceerd. In 1697 zijn afslagen in goud en zilveren exemplaren op dubbel gewicht, zogenoemde piedfort, met een gewicht van circa 3.1 tot 3.4 gram geslagen. Vanaf 1723 zijn er ook afslagen in goud vervaardigd, zgn. Nieuwjaarsmunten. Van sommige jaartallen zijn alleen gouden afslagen bekend. Op de keerzijde staat boven de provincienaam een rozet tussen punt, het munthuisteken van Dordrecht.

De Munt van Holland te Dordrecht 1749

T

ussen 1579 (Unie van Utrecht) tot aan 1806 (het Koninkrijk Holland) hebben diverse provincies en steden een munthuis geëxploiteerd. Bij een aantal munthuizen is er min of meer sprake van doorlopende activiteiten, in andere munthuizen werd incidenteel gemunt.

De Staten van Holland en West-Friesland hebben altijd voorop gelopen als het wetgeving op monetair gebied betrof. Voor het internationaal handelsverkeer moest men de beschikking hebben over hoogwaardige munten. De vroegste ordonnantie - betreffende het muntwezen der Zeven Verenigde Nederlanden - is het Plakkaat van Leicester van 4 augustus 1586, gevolgd door het plakkaat van de Staten van Holland van 19 december 1603 en van de Staten-Generaal van 21 maart 1606. Soms was het noodzakelijk om het gewicht en gehalte van de zogenoemde standpenningen aan te passen aan het internationale geldverkeer. Dat was in 1659 geval bij de invoering van de dukaton (zilveren rijder) en de zilveren dukaat. Er kwam een voorstel van Dr. Johan Meerman (1624-1675) om gelijktijdig met de invoering van deze nieuwe muntsoorten de muntslag te mechaniseren. Op woensdag 10 september 1659 vaardigen de Staten van Holland een resolutie uit waarin bepaald werd dat er een advies moest komen van de raden en generaalmeester van de Munten over de invoering van de schroefpers.

De dubbele wapenstuivers mochten na 1693 niet meer voor binnenlandse circulatie worden geslagen. Alle latere jaartallen zijn uitsluitend vervaardigd op bestelling van de Vereenigde Oostindische Compagnie en hebben alleen daar gecirculeerd. De samenstelling van de contanten werd door de Heren XVII voorgeschreven. Men baseerde zich zoveel mogelijk op de wensen vanuit Indië want ongewenste muntsoorten zouden toch maar omgesmolten worden. Voor de aanmaak van de door de VOC bestelde dubbele wapenstuivers moesten de munthuizen toestemming vragen aan de Generaliteit die steeds werd verleend. De dubbele wapenstuiver is door alle provincies, met uitzondering van Friesland en Groningen geslagen. Ze bleek een ideale munt voor de VOC. Hij had een vrij lage waarde maar was aantrekkelijk omdat hij van zilver was. De levensstandaard in Indië lag veel lager dan in Patria en de munt bleek uitermate geschikt voor kleine betalingen aan de arbeiders op de plantages. Dat de dubbele wapenstuiver duidelijk in een behoefte voorzag blijkt wel uit de enorme aantallen die er geslagen zijn. Door de mechanisatie was een goed ingespeeld team in staat om per dag wel 55.000 exemplaren te vervaardigen. In 1679 werd muntmeester Mattheus Sonnemans (1678-1715), verbonden aan de Hollandse Munt te Dordrecht, gemaand er op toe te zien dat er daadwerkelijk volgens de in 1670 voorgeschreven methode werd gewerkt en de munters niet meer teruggrijpen naar de hamer. De Munt te Dordrecht heeft tussen 1672 en 1793 meer dan 112.552.263 dubbele wapenstuivers geslagen c.q. geschroefd.

Holland, dubbele wapenstuiver, afslag in goud ca. 3.5 gram. Foto: Schulman B.V., veiling 334, kavel 97 Bij de Zeeuwse Munt te Middelburg, te herkennen aan het munthuisteken burcht, begint de productie van dubbele wapenstuivers in 1681 en loopt tot en met het jaartal 1765. Van 1681 tot en met 1696 werden er 144 2/9 dubbele stuivers uit een mark zilver geslagen.

Zeeland, dubbele wapenstuiver 1681. Foto: Muntenkabinet.nl Vanaf 1699, wanneer de dubbele wapenstuivers uitsluitend voor de VOC worden geproduceerd, gingen er 150 3/4 uit een mark. In 1689 werden er uitsluitend gouden afslagen vervaardigd, er was geen productie van zilveren exemplaren. Ook van de jaartallen 1724, 1729, 1745 en 1754 bestaan gouden afslagen. Toen zijn ook zilveren exemplaren vervaardigd.

Zeeland, dubbele wapenstuiver 1713. Foto: Heritage Auctions Europe, veiling 44, kavel 771 Tijdens het muntmeesterschap van Pieter van Romondt (16951704) is in de Westfriese Munt - gevestigd te Enkhuizen - in 1702 een dubbele wapenstuiver geslagen. Een piedfort met een gewicht van 3.154 gram. Een proefslag om bestellingen te krijgen van de VOC? Schroefpers Zeeuwse Munt, tekening Daniel de Blieck in Zeelandia Illustrata De Zeeuwse Munt was gevestigd in de voormalige Onze-Lieve-Vrouwe abdij te Middelburg

Opnieuw zijn het de Staten van Holland en West-Friesland die voorop gaan in de strijd tegen de vervaardiging van minderwaardige munten. Met de Instructie van 14 september 1670 worden nieuwe specificaties voor de schelling, dubbele en enkele stuiver vastgelegd. Bovendien wordt besloten om de muntslag te mechaniseren. De invoering van de schroefpers werd lang door raden en generaalmeesters en de arbeiders van de Munt tegen gehouden. Door de eersten uit angst voor vervalsingen, door de tweeden uit vrees voor verlies aan arbeid. Te Dordrecht, Middelburg en Utrecht wordt het productieproces het eerst gemechaniseerd.

Bij de Zeeuwse Munt te Middelburg zijn tussen 1681 en 1765 meer dan 38.671.659 stuks gemaakt. In de Westfriese munthuizen zijn tussen 1711 en 1794 meer dan 37.523.543 stuks vervaardigd. Dat is exclusief de munten vervaardigd in 1677-1678 bij de Geoctrooieerde Munt van Dirk Bosch te Enkhuizen.

Het zou tot 1672 duren voordat de eerste dubbele wapenstuivers in Dordrecht worden vervaardigd. De munten hebben op de voorzijde het gekroonde provinciewapen. Op de keerzijde staat de provincienaam en het jaartal. Het gewicht bedraagt 1.62 gram, het gehalte 0,583 fijn zilver. Het gehalte is gelijk aan de in 1614 ingevoerde dubbele stuivers, het gewicht van de nieuwe dubbele stuiver is iets lager. De oude woog 1.73 gram.

Holland, dubbele wapenstuiver 1697, piedfort 3.1 gram Tussen 1785 en 1792 zijn te Harderwijk bij de Gelderse Munt meer dan 1.962.012 stuks geslagen. In Utrecht zijn in 1757 en

Gebouw van de Westfriese Munt te Enkhuizen, foto Herman Sprenger Pas in 1711 begon de productie van dubbele wapenstuivers op grote schaal. De laatste exemplaren die de Westfriese Munt verlieten dragen het jaartal 1794. Alleen uit 1724 en 1737 zijn gouden afslagen bekend.


18

FILAKRANT 2017 van beide typen zijn niet bekend. Het octrooi werd in 1679 ingetrokken omdat Bosch het zilvergehalte van het kleingeld zonder toestemming had verlaagd.

West-Friesland, dubbele wapenstuiver 1711 mmt. Kraanvogel. Foto: Mooiemuntjes.nl In tegenstelling tot de Hollandse en Zeeuwse munten hebben de Westfriese munten geen munthuisteken maar zijn voorzien van een muntmeesterteken. Op de munten van muntmeester Coenraad Hendrik Cramer (1711-1714) staan een kraanvogel. Op de munten van Jan Knol (1715-1741) een knol. Op de munten van Teunis Kist (1741-1761) staat een haan. Op de munten van Pieter Buykens (1761-1781) een haringbuis (scheepje) en op die van Hessel Slijper een bloem met vijf bladen.

Utrecht, dubbele wapenstuiver 1789, afslag in goud. Foto: Catawiki In de periode 1790 tot en met 1799 zijn op kleine schaal exemplaren – voorzien van een kabelrand – vervaardigd. Gouden afslagen zijn bekend met de jaartallen 1787, 1790, 1791, 1793, 1795, 1797 en 1799.

Utrecht, dubbele wapenstuiver 1786. Engelse imitatie in nikkel. Foto: Centraal Museum Utrecht

West-Friesland, dubbele wapenstuiver 1731 mmt. knol. Foto: Heritage Auctions Europe veiling 38, kavel 1013

West-Friesland, dubbele wapenstuiver 1755 mmt. haan. Foto: Particuliere collectie

West-Friesland, dubbele wapenstuiver 1762 mmt. haringbuis. Foto: Mooiemuntjes.nl

Ten opzichte van andere munthuizen is de productie van dubbele wapenstuivers bij de Gelderse Munt te Harderwijk gering. Tijdens het muntmeesterschap van Marten Hendrik Lohse (1783-1806), op de munten te herkennen aan het muntmeesterteken ‘korenaar’, zijn in 1785 dubbele wapenstuivers met het gekroonde wapen van Gelderland geslagen. Hiervan bestaan ook gouden afslagen. Van het jaartal 1747 is een gouden afslag bekend voorzien van het muntmeesterteken ‘springend paard’ van Johan Heinsbergen (1731-1748). Ook van het jaartal 1757 is een gouden afslag bekend met het muntmeesterteken kraanvogel dat toebehoord aan Johan Cramer (1752-1757).

Gelderland, dubbele wapenstuiver 1785. Foto: Particuliere Collectie In 1786, 1789 en in 1792 zijn dubbele wapenstuivers geslagen. Deze zijn voorzien van het gekroonde Generaliteitswapen. Deze zijn, net als de munten uit 1785, voorzien van het muntmeesterteken ‘korenaar’.

West-Friesland, dubbele wapenstuiver 1791 uit 1790 mmt. vijfbladige bloem. Foto: Catawiki.nl De bij de Munt te Utrecht vervaardigde dubbele wapenstuivers zijn voorzien van een munthuisteken, het stadswapen van Utrecht. In 1700 werd een partij 450.140 dubbele wapenstuivers vervaardigd. In prijslijst 41 (december 1990) van de NMB Bank stond een exemplaar afgebeeld onder het kopje “Indische nabootsingen van dubbele wapenstuivers”. Een tweede exemplaar werd aangeboden door de MPO/Heritage Auctions Europe te IJsselstein in veiling 36, kavel 982.

Gelderland, dubbele wapenstuiver 1792. Foto: Koninklijke Nederlandse Munt

West-Friesland, dubbele wapenstuiver, keerzijde incuus. Foto: Heritage Auctions Europe, veiling 38, kavel 1014 Het de huidige technieken is het mogelijk identieke werkstempels te maken. In de 18de eeuw werden de stempels met deelponsoenen gemaakt. Hierdoor is er een grote verscheidenheid aan stempels, zelfs met hetzelfde jaartal. De dubbele wapenstuiver 1717 van West-Friesland heeft jaartalvarianten, t.w. met Arabische cijfers (schoonschrift), en met Romeinse cijfers geplaatst tussen twee punten. Het jaartal 1726 komt voor met en zonder een punt achter de S. Bij 1731 kan het jaartal tussen punten of tussen kleine roosjes staan. Tussen 1791 en 1794 werden de Westfriese dubbele wapenstuiver in Enkhuizen geslagen. Doordat de stempels te lange gebruikt werden vertonen deze munten veelal gebreken, zoals barstjes en andere beschadigingen. De dubbele wapenstuiver 1732 van Zeeland komt voor met een kleine en een grote 2 in het jaartal. Bij 1733 is er sprake van het gebruik van twee verschillende provinciewapens, met een ronde onderkant of puntig toelopend. Bij de dubbele wapenstuivers van Gelderland 1785 kan het muntmeesterteken korenaar al dan niet tussen twee punten staan. Dit zijn maar een paar voorbeelden.

Zeeland, dubbele wapenstuiver, Indische imitatie. Foto: Heritage Auctions Europe, veiling 42, kavel 1069

Overijssel, dubbele wapenstuiver 1681. Foto: Particuliere collectie

Tijdens de regering van Koning Willem I (1815-1840) werd begonnen de oude provinciale en stedelijke munten in te trekken. Tussen 1845 en 1849 onder Koning Willem II werd deze operatie afgerond. Er zijn meer dan 30 miljoen dubbele stuivers ingeleverd. Hoe groot het aandeel dubbele wapenstuivers was is helaas niet bekend.

Tussen 1671-1679 was te Enkhuizen het particuliere munthuis van de Amsterdamse zilversmid Dirk Bosch actief. De Westfriese steden verleenden hem op 29 mei 1671 een octrooi. In 1676 en 1677 werden dubbele wapenstuivers vervaardigd. Naast het gekroonde provinciewapen staan de letters B-P. Een afkorting van Bank Payement. Op de keerzijde staat tussen de provincienaam en het jaartal de aanduiding: 2 STUYVERS. Van het jaartal 1676 is ook een afslag in goud bekend.

Utrecht, dubbele wapenstuiver 1793 met kabelrand. Foto: Munthandel G. Henzen Tussen 1733 en 1761 zijn uitsluitend gouden afslagen vervaardigd. Naar het schijnt zijn er in 1757 ook zilveren exemplaren vervaardigd. Tussen 1784 en 1789 worden er zilveren dubbele wapenstuivers met een gladde rand geslagen. Deze waren voor export bestemd, exemplaren voorzien van een kabelrand werden als Nieuwjaarsmunten verkocht.

Wie de CNM catalogus doorbladert ziet dat in Dordrecht en bij de Westfriese Munt regelmatig het jaartal in het stempel werd aangepast aan het lopende kalenderjaar. Bij de Munt in Middelburg is dat fenomeen minder aanwezig. Soms lijkt het net of onder het laatste cijfer nog een ander cijfer aanwezig is. In sommige gevallen is die zo goed aangebracht dat het oorspronkelijke jaartal niet meer is vast te stellen. Er zijn er ook bij waarbij het laatste cijfer met een beschadigd ponsoen in het stempel werd aangebracht. Dat is onder meer het geval bij de Hollandse dubbele wapenstuiver 1758. Deze hebben een klein uitsteeksel rechts boven de 8 waardoor de indruk ontstaat dat de 8 geslagen is over een 7.

Beginnend met 1676 zijn jaarlijks tot en met 1681 door Overijssel dubbele wapenstuivers vervaardigd, in totaal 3.106.053 stuks. In 1703 is nog een partij van 297.882 stuks geslagen. Deze laatste was voor de VOC bestemd, de oudere exemplaren werden voor binnenlandse circulatie vervaardigd. De munten van Overijssel zijn zeer slordig van uiterlijk en vaak van slechte kwaliteit.

Utrecht, dubbele wapenstuiver 1700. Foto: MPO/Heritage Auctions Europe, veiling 36, kavel 982 Het jaartal 1700 komt niet voor in de “Officiële catalogus zilveren munten; geslagen door de Zeven Provinciën der Verenigde Nederlanden vanaf de pacificatie van Gent in 1576 tot aan de oprichting van de Bataafse Republiek in 1795” deel 1, het Handboek van de Nederlandse Provinciale Muntslag 1573-1806 deel I of de CNM Catalogus.

Enkhuizen, Geoctrooieerde Munt van Dirk Bosch, dubbele wapenstuiver 1678 met 2-S. Foto: Heritage Auctions Europe, veiling 40, kavel 836

Enkhuizen, Geoctrooieerde Munt van Dirk Bosch, dubbele wapenstuiver 1676 met B-P. Foto: Heritage Auctions Europe, veiling 40, kavel 835 In 1677 en 1678 werden dubbele wapenstuivers vervaardigd met naast het gekroonde provinciewapen de normale aanduiding 2-S. Op de keerzijde staan de provincienaam en het jaartal. Oplagen

Zeeland, dubbele wapenstuiver, Indische imitatie. Foto: Heritage Auctions Europe, veiling 42, kavel 1070 Omdat deze muntsoort zeer geliefd was in Indië bestaan er ook vele lokale nabootsingen. Rond 1800 hebben Engelse handelaren bij de Heaton Mint dubbele wapenstuivers laten slaan. Bekend zijn imitatie van de Hollandse dubbele wapenstuiver 1791 en de Utrechtse met het jaartal 1786. De dubbele wapenstuiver is uiterst geschikt voor het aanleggen van een specialverzameling. Er is een grote verscheidenheid aan uitgevende instanties, veel jaargangen waarbij al dan niet gebruik is gemaakt van een aangepast ouder stempel, verschillen in de uitvoering van het wapen, verschillende uitvoeringen van het jaartal (Romeinse c.q. Arabische cijfers of een combinatie ervan). Zelfs met een beperkt verzamelbudget kan een leuke collectie dubbele wapenstuivers worden aangelegd.


FILAKRANT 2017 Hans Kuipers Literatuur: Willem Cornelis Mees, Proeve eener geschiedenis van het bankwezen in Nederland: gedurende den tijd der republiek, Rotterdam 1838. Albert A.J. Scheffers, Om de kwaliteit van het geld. Het toezicht op de muntproductie in de Republiek en de voorziening van kleingeld in

Holland en West-Friesland in de achttiende eeuw, Leiden 2013. E.J.A. van Beek red., Encyclopedie van munten en bankbiljetten, Houten 1986. Bert van Beek, VOC Numismatiek, De Beeldenaar 9e jaargang nr. 5, pag. 149-157, september/oktober 1985. Jan C. van der Wis en Tom Passon, Catalogus van de Nederlandse Munten geslagen sinds het aantreden van Philips II tot aan het einde

19

van de Bataafse Republiek (1555-1806), Apeldoorn 2009. Nederlandsche Middenstandsbank, Dubbele wapenstuivers, prijslijst mei 1979. Websites: C. van der Ley, De Hollandse Munt van handwerk naar schroefwerk, Munthunter.nl 19 maart 2016.

UIT ZWEDEN Door: Paul Gimberg

U

it een handelarenbak op de Eindejaarbeurs kwam een wat ruw geopende enveloppe gericht aan een Belgisch adres, met daarop een 2 1/2 d postzegel van de Britse koning George V. Het gangbare brief voor een brief naar het buitenland in die tijd (voor de liefhebbers, de 2 1/2 d bright blue, Gibbons catalogusnummer 443).

Wat opviel was de afstempeling: geen Brits stempel, maar een van het Zweedse Göteborg, met daarnaast een duidelijk stempel PAQUEBOT in een kastje. Op de achterzijde helaas geen Belgisch aankomststempel, maar wel een vlag en de scheepsnaam S/S Suecia, wat ongetwijfeld “Zweden” zal betekenen in het Zweeds.

Wanneer het overleg weer eens zover gevorderd was dat er beslissingen genomen konden worden dan werd er een Congres belegd waarop postorganisaties bindende besluiten namen. Op het Congres van 1891 werden er besluiten genomen over post aan boord van een schip op open zee en in 1897 komt voor de eerste keer de naam “Paquebot” voor, in het Frans want dat was en is de voertaal binnen de UPU. Is een schip op open zee dan is het dek van het schip een stukje territorium van het land waaronder dat schip vaart. Dit betekent dat een brief vanaf dat schip gefrankeerd kan worden met de postzegels van dat land, tegen hun tarieven. De brief wordt dan overhandigd aan een scheepsofficier die hem waar ook ter wereld aan land kan brengen en op de post kan doen (in de praktijk werd deze post afgeleverd aan een postkantoor), waarna de ontvangende postadministratie zonder extra tariefheffing de brief in de postbezorging opneemt. Om dit soort post duidelijk te markeren plaats het ontvangende postkantoor een duidelijk “Paquebot”-stempel op het poststuk. Wel moest de post worden afgegeven in de eerste haven van elk land waar werd aangelegd. Dus deed een Frans schip eerst Rotterdam aan en daarna Amsterdam en werd de brief tussen beide steden in geschreven, dan waren Nederlandse postzegels vereist. Onze brief heeft een Brits postzegel en een Zweeds stempel, dus moet op zee zijn geschreven tussen beide landen in en wel op de reis van Engeland naar Zweden. De Zweedse post nam in ontvangst en plaatste ook het Paquebot-stempel. De Zweden stuurden de brief op weg naar Spa in België (waarvan geen postale kenmerken). Dat hij daar aankwam mag blijken uit de notitie “Karte von Liege” op de achterzijde. Blijkbaar stuurde de ontvanger een prentbriefkaart van Luik terug aan de afzender. Dat er een Britse postzegel is gebruikt betekent overigens niet dat de Suecia onder Britse vlag voer; in de praktijk werden postzegels uit het land van vertrek gewoon toegestaan (weinig schepen op open zee zullen een werkvoorraad Liberiaanse postzegels aan boord gehad hebben). De enveloppe die is gebruikt heeft de naam van het schip op de achterzijde en zal gratis zijn verstrekt door de rederij. Afzender en ontvanger resideerden in gerespecteerde hotels in Göteburg en in Spa, hier werd luxe gereisd. Zowel het Grand Hotel als Hotel Bertran bestaan nog steeds.

Nu komen Paquebot-stempels best wel regelmatig voor, maar hoe was dat ook alweer geregeld? Wel, in 1874 werd de UPU opgericht, de Union Postal Universale, als samenwerkingsverband tussen de diverse spelers op het postale speelveld. Dat speelveld was steeds ingewikkelder aan het worden en de grensoverschrijdende raakvlakken werden steeds frequenter en gecompliceerder, waardoor er behoefte was aan internationale afstemming, communicatie en regelgeving.

Dan nu de aandacht een moment naar het schip, daar zit een verhaal achter. In 1929 liepen in Newcastle aan de Tyne twee schepen van de werf, de SS Suecia en, jawel, de SS Britannia, gebouwd in opdracht van de rederij Swedish Lloyd en bestemd voor de lijndienst tussen Götebrug, Newcastle en Londen. De schepen waren 113 meter lang, kolengestookt en konden 265 passagiers vervoeren. Samen voeren ze een dienstregeling die drie keer per week elke haven aandeed.

Passagiers voor Londen werden afgezet aan de terminal in voorstad Tilbury, waarna het schip doorvoer de Theems op tot in Millwall Dock waar de vracht werd gelost. Op 4 maart 1937 vaart de lege Suecia in het Zweedse Eriksborg voorbij een werf waar op dat moment de tanker Kolbbjorg feestelijk te water wordt gelaten. Iets te vroeg of te laat, want de Suecia wordt er vol bij geraakt en zinkt ter plekke.

Het schip wordt snel weer gelicht en op de Eriksborg werf omgebouwd naar een aandrijving met stookolie. Drie maanden later, in juni 1937 is het voldoende opgedroogd om weer in de vaart genomen te worden. Onze brief dateert van 8 juli 1937 en is dus op een van de eerste vaarten na de aanvaring gestempeld.

De verdere geschiedenis van het schip leert dat het in september 1939 is opgelegd in verband met de Wereldoorlog, waarschijnlijk in Engeland want in maart 1945 wordt het gevorderd om dienst te doen als troepentransportschip. In 1946 hervat het de lijndienst, in 1947 vaart het rond in het wit als een soort cruiseschip geschilderd, later wordt de passagiersaccomodatie ingekrompen en de vaarfrequentie teruggebracht. In 1966 heeft het vliegtuig definitief gewonnen en wordt de dienst gestaakt. Het schip wordt verkocht aan een Griekse reder en vaart verder als “Isthmia” over de Middellandse zee. In 1972 valt het doek en wordt het schip gesloopt.

Postzegeltentoonstelling - Briefmarkenausstellung - Stamp exhibition - Exposition philatélique

‛s-Hertogenbosch - NL

MULTILATERALE HERTOGPOST 2017

Maaspoort Sports & Events - Marathonloop 1 - 5235 AA ‛s-Hertogenbosch - The Netherlands

Art Work Hertogpost 2017.indd

1

25/27 - AUGUST - 2017

25-10-15

19:13


20

FILAKRANT 2017

Brand Brand Brand!

B

randgevaar loert en loerde overal. Het fenomeen stads- of huisbrand is al eeuwenoud. Rome werd in de antieke periode talloze keren getroffen door het alles verterende vuur. Aanvankelijk werden slaven als brandweerlieden ingezet en traden private ondernemingen op. De eerste Romeinse brandbrigade waarover iets terug te vinden is, is die van Marcus Licinius Crassus. Geboren rond het jaar 115 v.Chr. wist deze Romein op latere leeftijd behoorlijk munt te slaan uit andermans ellende.

Vigiles gelegerd in de havensteden Ostia en Portus. Het huidige brandweercorps van de stad Rome staat bekend als de “Vigili del Fuocco”.

Vroege manier van brandbestrijding

De Vigiles, afgebeeld op de marmeren sarcofaag van prefect Tiberius Falvius Miaccalaus uit Kamaradere

Tot in de 17de eeuw was er eigenlijk weinig te doen tegen brand. De huizen waren meestal van hout met een rieten dak. Vaak werden ze bewoond door grote gezinnen waar niet altijd zorgvuldig met vuur werd omgegaan. Brandpreventie was een onbekend fenomeen. Als er brand uitbrak was de eerste prioriteit de schade zoveel mogelijk te beperken. Dit deed men door over de belendende huizen natte zeilen te leggen of soms de houten gevels omver te trekken. Eeuwenlang werd getracht de brand te blussen met leren emmertjes die aan elkaar werden doorgegeven.

Regulement en Ordonnantie noopens het bedienen van de BRANDSPUITEN te Workum uit 1771. Collectie Museum Warkums Erfskip Uit de 18e eeuw dateren fraaie drukwerkjes waarin het blussen van branden werd geregeld. Hier een voorbeeld van de stad Workum. In artikel V lezen we: Dat yder Brandmeester zal weesen voorsien van een met vlammen geverfde stok / waar op ook het Stads waapen is geschilderd / ten bewijse dat door haar Agtbaarh. tot deese Bedieninge zijn aangesteld / en daar voor moeten worden gerespecteerdt.

Crassus maakte namelijk dankbaar gebruik van het feit dat er in Rome geen georganiseerde brandbestrijding bestond. Hij richtte zelf een brandweerbrigade op die op zijn top wel 500 brandweerlieden telde. Voor het brandend pand stonden de brandweerlieden van Crassus keurig op een rij, te wachten op zijn teken om te beginnen met blussen. Intussen werd driftig onderhandeld over de blusprijs met de eigenaar van het pand.

Prent Stadsbrand Amsterdam 1452 door Simon Fokke (1712-1784)

Artist impression grote band van Rome in 64. Foto: Wikimedia commons Had de man genoeg betaald, dan werd het sein “blussen” gegeven. Dit geschiedde door een lijn van brandweerlieden te vormen, die emmers met water doorgaven. Kon de eigenaar van het brandende pand echter niet of niet genoeg betalen, dan liet men het gebouw gewoon tot de grond toe afbranden. Als de brand dan vanzelf uit gegaan was, deed Crassus een bod op de smeulende resten (en de grond waarop deze stonden). Zo werd er door Crassus in korte tijd een enorme rijkdom vergaard. Keizer Augustus richtte bij zijn legerhervormingen een permanent militair brandweerkorps op. In de eerste eeuw evolueerde de brandweer tot een volwaardige militaire eenheid. Toetreding tot de Vigiles vormde dikwijls een eerste logische stap in de carrière van een soldaat in Rome.

Keizer Nero (54-68), sestertius geslagen te Rome circa 64. Op de keerzijde de haven van Ostia De Romeinse brandweer was zeer goed georganiseerd, hield dag- en nachtpatrouilles en was voor die tijd uitstekend uitgerust om de vlammen te bestrijden. Brandpreventie vormde hun belangrijkste opdracht. Na het signaleren van een brand bliezen brandmeesters op hun hoorn. Behalve in Rome waren er ook

De oudst bekende brandkeuren zijn van Amsterdam en Delft. De brandvoorschriften van de stad Delft dateren van 1425, maar zijn mogelijk herhalingen van reeds bestaande voorschriften. Die van Amsterdam zijn opgetekend in 1413 in een keurboek en bevestigen de uit 1399 geldende keuren. Daarin lezen we onder andere met betrekking tot de dakbedekking: Item, nyemant en moet nuwe huyze of nuwe ghetijmmert mit riede decken binnen der vryhede van Aemstelredamme, laten leemen duymel dicke mit ghebeerden cleye ende voirt niet dairup te deckene, eer die brantmeesters dat leemen bescouwet hebben, elix in sinen bedrive. Ende des zullen die brantmeesters hebben III grote van elken huyze, dat zy bescouwen. Ende wair yemant, die niet en dade als voircreven is, die verbuerde V pont Hollans. Ende die brantmeesters zullen hieraf tughen voir tgherechtse, zo wes zy bescouwet of dairtoe ghedaen hebben, zo wanneer zijs van den scoute worden vermaent.

De speciale stokken van de brandmeesters van Workum. Collectie Museum Warkums Erfskip

In 1421 werd Amsterdam getroffen door een grote stadsbrand. Een derde van de stad ging toen verloren. In een bepaling van mei van dat jaar mochten voortaan alleen stenen huizen met harde daken worden gebouwd. In 1521 vaardigde Karel V een ordonnantie uit waardoor het verboden werd huizen te bouwen uit ander materiaal dan steen. Niet iedereen hield zich daaraan, controle was er niet of nauwelijks. Rond 1600 ontstonden de eerste controlerende instanties in Amsterdam en Leiden. Dit voorbeeld werd spoedig gevolgd door andere steden. Ook kwamen er beperkende maatregelen zoals voorschriften van het houden van vuren bij bakkers en smeden. Brandweerkorpsen bestonden nog niet. Wel waren er bepalingen hoe men zich bij een brand moest gedragen. Bij de meeste huizen was een leren emmertje aanwezig, soms ook haken. Ladders, zeilen en andere materiaal werd op verschillende plaatsen opgeslagen en kon bij brand worden gehaald. In de 17e eeuw werden gilden in het leven geroepen, die door de stadsbesturen werden aangewezen voor het blussen van branden.

Beschryving van de Ordres en Maniere van Brandblussen. Amsterdam 1688 In de tweede helft van de 17de eeuw kwamen de eerste brandspuiten. In 1677 verscheen de eerste publicatie over brandspuiten. Dit waren pompen die met de hand bediend werden. Deze brandspuiten bezaten een bak die nog steeds met de leren


FILAKRANT 2017

21

emmertjes gevuld moesten worden. De brandspuiten werden op verschillende plaatsen gestationeerd. Er waren 28 mannen nodig om de pomp te bedienen. De pomp moest wel vlak bij de brand geplaatst worden, lange slangen bestonden nog niet. De gebroeders Jan en Nicolaas van der Heijden ontwikkelde een brandspuit waarbij met behulp van een slang water, vanuit een daartoe aangelegd brandgat of bij afwezig uit de stadgracht, kon worden gepompt. De mannetjes met de leren en later metalen emmertjes waren niet meer nodig.

Wijhe, Overijssel. Rechts van de ingang van de kerk was een gebouwtje geplaatst waarin de brandspuit was geparkeerd De materiële gevolgen van brand kunnen groot zijn. Dat werd al vroeg ingezien, er ontstonden brandwaarborgfondsen waar men zich tegen die risico’s kon afdekken. Ze lieten hun klanten brandof verzekeringsplaatjes op de gevel aanbrengen als bewijs dat het huis verzekerd was.

Rekening van Koninklijke Fabriek van brandspuiten H. Belder & Co. te Amsterdam voor de reparatie van een brandspuit in 1877 te Veghel De fabriek was behoorlijk succesvol en kreeg in 1841 zelfs het predikaat ‘Koninklijke brandspuitfabrikant’. Toen de gemeente Amsterdam in 1869 het beheer van al haar brandblusmiddelen ging uitbesteden, wist Belder de opdracht te verwerven. In 1873 werd besloten dat naast de gildebrandweer een beroepsbrandweer zou worden opgericht, die beter voor de repressieve en preventieve taak moest zijn toegerust. Het onderhoudscontract met de firma Belder werd in 1874 afgekocht.

Prent Brandbestrijding In 1684 wordt Amsterdam in 60 wijken verdeeld ten dienste van de brandweer en de schutterij. Deze wijken bestonden meestal uit een door grachten omsloten gebied. In de Jordaan en de Westelijke Grachtengordel bestonden de wijken uit lange stroken van de Jordaan, aangevuld met een naastgelegen gebied in de Grachtengordel. De burgerwijken werden met nummers aangeduid.

Maastricht, brandplaatje VEREENIGING UNION (elkaar omsluitende handen voor waaiervormige bundel van 6 pijlen (oorspronkelijk goud op zwart) Gerrit Jan Dercksen en zijn neef Christiaan Marianus Henny legden in 1845 de grondslag voor het Nationale Nederlanden concern. Op 12 april van dat jaar richtten zij in Dercksens woonhuis aan het Ravenstraatje 3 te Zutphen een eigen brandverzekering op, die op 10 augustus 1845 in werking trad. Officieel heette het bedrijf de NV Assurantie Maatschappij tegen Brandschade, maar in Zutphen en omgeving sprak men van “De Zutphense” en later zelfs van de ‘Brandkas van Henny”. In 1888 kreeg het bedrijf de naam Assurantie-Maatschappij tegen Brandschade “De Nederlanden” van 1845. In 1897 werd het hoofdkantoor overgeplaatst naar Den Haag. Na een fusie met de Nationale-Levensverzekering Bank in 1963 heet de van oorsprong Zutphense Verzekeringmaatschappij NationaleNederlanden

Kaart Amsterdam met wijkindeling. Op de kaart staat in pen aangegeven waar alle brandspuiten zich bevonden. Gegraveerd en uitgegeven door Hendrik de Leth; 3e uitgave. Schaal ca. 1:4.750. Linksboven een inzetkaart van Amstelland. Oriëntatie: zuidzuidwest boven. Foto: Wikimedia commons

Utrecht, 1901. Het Gezelschap Utrechts Brandweer 50 jaar, door W. Achtenhagen. Op de voorzijde de Brandweer aan het werk in een straat. Op de keerzijde 6-regelige tekst boven brandweerattributen in krans, KB.458, verzilverd brons 50 mm. Foto: De Nederlandsche Muntenveiling veiling 7.12.2009, kavel 865 De brandweer heeft ook in de numismatiek zijn sporen achtergelaten. Regelmatig worden bij de munthandel en op veilingen penningen aangeboden die door de brandweergilden als legitimatiepenning werden gebruikt. De standaarduitvoering bij de oudere penningen toont meestal het stadswapen op de voorzijde. Op de keerzijde staat vaak een brandspuit naar een model van Jan van der Heijden, gevat in een slagenrond. Het gebruikte materiaal is meestal geelkoper (messing). De meestal gegoten penning hebben een diameter tussen 38 en 48 mm. Ter afsluiting een klein overzicht van de grote verscheidenheid aan legitimatiepenningen.

De hoeveelheid aan blusmiddelen en brandspuiten was afhankelijk van de omvang en de financiële middelen van de stad. De brandblusmiddelen werden opgeslagen op centrale plekken in de stad. In sommige gevallen werd dit met behulp van een gevelsteen aangegeven.

Gevelsteen van de Assurantie-Maatschappij tegen brandschade – Zutphen Aº. 1845 in Ravenstraatje3 te Zutphen

Gevelsteen van Brand Spuit Nº. 1 aangebracht in een pand aan de Rozengracht te Harlingen

Halverwege de 19e eeuw ontstonden de eerste vrijwillige brandweerkorpsen. Daarna kwamen er beroepskorpsen. Met de instelling van een beroepsorganisatie was hier in feite weer de situatie bereikt die bijna 2000 jaar eerder in Rome al had bestaan.

In Nederland waren er diverse bedrijven actief in het maken en onderhouden van brandspuiten zoals die van De Erven Arent Almenum te Amsterdam, de Amsterdamsche Brandspuitfabriek van P.H.A.E. Otterbein aan de Amstelstraat, in 1897 verplaatst naar Binnen-Amstel 122 te Amsterdam, de in 1783 opgerichte fabriek van Alexander Bikkers te Rotterdam en de Koninklijke brandspuitfabriek Gebroeders van den Noort te Kampen. Hieronder een rekening van de in 1823 opgerichte brandspuitfabriek van H. Belder & Co. Te Amsterdam.

Gezien de omvang van de stad en de in 1684 gemaakte indeling is het niet verwonderlijk dat de penningen van Amsterdam veruit in de meerderheid zijn. Onder het gekroond stadswapen staat een cartouche met een opgave van de wijk. Op de keerzijde staat boven de brandspuit een ballon waarin een nummer kon worden geslagen. Ook bestaan er zilveren officierspenningen met dezelfde voorstelling. Deze werden aan de brandmeesters uitgereikt zoals aan Gerret Alders in 1781 en aan Hendrik Brugman in 1800. Voor de brandbestrijding in de pakhuizen van de Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC) gelegen aan de Kloveniersburgwal en het Oostindisch Zeemagazijn werd gebruikt van een eigen brandweercorps. T.P. Vervolg op pagina 23


22

FILAKRANT 2017

POSTZEGEL EN MUNTHANDEL BREDENHOF Wij leveren al 50 jaar kwaliteitskilowaar. Kijk op www.bredenhof.nl voor de prijzen en om te bestellen.

IEDERE MAAND NIEUWE AANBIEDINGEN.

Wij hebben een grote voorraad Nederland, veel West-Europese landen en insteekboeken. Ook behandelen wij mancolijsten en leveren wij in abonnement zegels van de hele wereld zowel landen als motieven.

BRIEVEN EN POSTHISTORIE * Nederland & gebieden * FDC’s * Zuid Amerika * Fun Corner

www.bbfila.com * Vernieuwde website * kom langs en vind

Bert Brinkman - Gouda - e-mail bbfilatelie@planet.nl

Online brieven op: www.bbfila.com

WIJ ZIJN DRINGE ZOEK NA ND OP AR VERZAM GOEDE ELINGEN , KILOWA AR EN MUN TEN.

Bovenstraat 286a 3077 BL Rotterdam T: 010-4826725 E: info@bredenhof.nl

Winkel geopend van woensdag t/m vrijdag 9.00 t/m 17.00 uur Zaterdag 9.00 t/m 16.00 uur.


FILAKRANT 2017 Literatuur: Mr. J. Dirks, De Noord-Nederlandsche Gildepenningen, wetenschappelijk en historisch beschreven en afgebeeld. Uitgegeven door Teyler’s Tweede Genootschap N.R. II. Haarlem 1878-79. 2 dln. Met atlas van platen. I. Helsloot, E.R. Muller, F.J.D. Berghuijs red., Brandweer. Studies over organisatie, functioneren en omgeving. Deventer 2007. Drs. Peter van Hinte, Korte historie van de Amsterdamse gebiedsindelingen. Gemeente Amsterdam Dienst Onderzoek en Statistiek. Project 5045, Amsterdam 2006. Neil Wallington, De geschiedenis van de brandbestrijding, in Minibijbel Brandweerwagen. Geïllustreerd overzicht van brandweerwapens uit alle landen van de wereld. Utrecht 2005. Websites: www.historisch-emmen.nl/historie/brandweer/ www.brandweer.nl http://www.bhvwinkel.nl/encyclopedie/brandweerhis.htm http://www.firex.nl/Blog-Rare-jongens,-die-Romeinen..._3_20.html http://nationaalbrandweerdocumentatiecentrum.nl/

23

Edam Legitimatiepenning. Op de voorzijde wapen van Edam boven een brandspuit, ingeslagen nr. 3. Kz. Tekst Pomper / Nº. 3. Geelkoper, diameter 47.9 mm. Foto: Schulman B.V. te Amsterdam, veiling 343, kavel 1835

Oostzaan Legitimatiepenning 1731. Op de voorzijde drietandige hooivork. In het veld ingeslagen 78. Omschrift: OOSTZAANEN ANNO 1731. Op de keerzijde een parelcirkel waarbinnen Nº.1. Omschrift: * BRANDSPUYT. Messing, diameter 23 mm

Gouda Legitimatiepenning 1708. Op de voorzijde het gekroonde wapen van Gouda gehouden door twee leeuwen. Op de keerzijde een brandspuit met attributen . In het ovaal boven langs de rand ingeslagen 8. Op de waterbank Nº. 1. Geelkoper, diameter 43 mm. Foto: MPO veiling 40, kavel 5792

Ouder-Amstel Legitimatiepenning. Op de voorzijde het gekroond wapen van Ouder-Amstel. Op de keerzijde brandspuit. Geelkoper, gegoten, diameter 39 mm. Foto: www.brandweer.nl

Amsterdam Legitimatiepenning Wijk 50 / No. 13. Geelkoper. 43.4 mm. Foto: Schulman B.V. te Amsterdam, veiling 346 kavel 1593

’s-Gravenhage Legitimatiepenning. Op de voorzijde een in tweeën gedeeld veld met links de Nederlandse leeuw en rechts de Haagse ooievaar. Op de keerzijde een brandspuit. Hierboven ingeslagen B.Nº. 2.17. Messing, diameter 54 mm. Foto: MPO veiling 40, kavel 5794

Purmerend Legitimatiepenning. Op de voorzijde het gekroonde wapen van Purmerend gehouden door twee leeuwen. Op de kroon ingeslagen 14. In het cartouche eronder ingeslagen Z. Op de keerzijde brandspuit. Hierboven vlammende ballon met ingeslagen cijfer 6? Geelkoper, gegoten, diameter 38 mm. Foto: Laurens Schulman B.V., inv. MGV0564

Amsterdam Legitimatiepenning Wijk 35, zilveren officierspenning. Op de rand: Gerret Alders. Brandmeester Ao.1781

Amsterdam Penning VOC brandweer A 6. Geelkoper, diameter 45 mm. Foto: MPO te IJsselstein, veiling 40 kavel 5790

Delfshaven Legitimatiepenning. Op de voorzijde het wapen van Delfshaven. Op de keerzijde een op een kar geplaatste brandspuit. Geelkoper, diameter 47 mm. Foto: Museum Rotterdam, object 57434

Den Helder Legitimatiepenning. Op de voorzijde gekroond wapen van Den Helder. Kz. Brandspuit. Geelkoper, diameter 42.5 mm. Foto: Schulman B.V. te Amsterdam, veiling 343, kavel 1834

Deventer Legitimatiepenning. Op de voorzijde de adelaar uit het stadswapen. Op de keerzijde de tekst OPPER BRAND MEESTER tussen een samengebonden loof- en eikentak. IJzer, diameter 50 mm. Foto: Schulman B.V. te Amsterdam, veiling 346 kavel1602

Haarlem Legitimatiepenning. Op de voorzijde het versierde wapen van Haarlem. Hieronder ingeslagen N. 2. Op de keerzijde brandspuit met op de waterbak ingeslagen 26. Geelkoper, diameter 39 mm. Tweemaal doorboord. Foto MPO te IJsselstein, veiling 38, kavel 4759

Haastrecht Legitimatiepenning 1709. Vz. Wapen van Haastrecht. Kz. Brandspuit met attributen. In de bol hierboven ingeslagen 61. Messing, diameter 42 mm. Foto: MPO veiling 40, kavel 5793

Leiden Legitimatiepenning. Op de voorzijde gekroond stadswapen gehouden door twee leeuwen. Hieronder lege cartouche. Op de keerzijde een brandspuit. Geelkoper, diameter 42 mm. Foto: Museum de Lakenhal te Leiden, object z-n-429

Middelburg Legitimatiepenning. Op de voorzijde toegangspoort met twee vlaggen met de letter S. Hieronder banderol met de tekst: MIDDELBURG. Op de keerzijde brandspuit. Op de waterbank ingeslagen No. 42. Geelkoper, diameter 36.9 mm. Foto: Schulman B.V. te Amsterdam, artikel 5791

Sneek Legitimatiepenning. Op de voorzijde het wapen van Sneek gehouden door een Wilde Man links en een klimmende leeuw rechts. Op de keerzijde gegraveerd Brandmeester. Zilver, diameter 35 mm. Foto: Fries Scheepvaart Museum, object MP-223

Velsen Legitimatiepenning 1762. Op de voorzijde het wapen van Velsen (Agnus Dei, Lam Gods met vaandel). Ingeslagen met 1812 – SR – BS. Op de keerzijde brandpuit, zowel in de ballon als op de waterbak ingeslagen met nr. 77. Geelkoper, diameter 48 mm. Foto: Museum Beverwijk, object 11334 De in 1761 door het bestuur van Velsen en Santpoort uitgevaardigde ‘Keure en reglement op de exercitie van brandspuyten’ maakt dat duidelijk: ‘Dat aan een ieder der pompers, pyphouders, slangleyders, of bestierders, lugters, laddermannen en sakkedragers zal worden gegeven een penning, genommert of gestempelt, zo brandmeesteren dat geraden zullen oordeelen, om ten teeken van ieders qualiteyt, waarin hy gestelt zy, daar het noodig zal wezen te strekken, over te geven aan en ter tyd, als brandmeesteren dat zullen eysschen.’ Bron: Historisch Genootschap Midden-Kennemerland, Ledenbulletin 14, 1987, pag. 9.


24

FILAKRANT 2017

Hoedt u voor namaak! door: H.P. Burgman

H

et is een ouderwetse kreet, maar hij doet nog steeds opgeld: ‘Hoedt u voor namaak!’. Met die kreet wil de auteur van het nu volgende artikel de verzamelaars van IJslandse postzegels attenderen op een aantal gevaarlijke vervalsingen en gemanipuleerde zegels van klassieke IJslandse emissies. Niet alleen de zegels zelf werden (of worden) vervalst, maar ook de stempels kunnen frauduleus gefabriceerd zijn en zowel op echte als op valse zegels geplaatst zijn.

De meeste complete of gedeeltelijke vervalsingen die we tegenkomen zijn ‘vervalsingen ten nadele van de verzamelaars’. We vinden zulke vervalsingen voornamelijk bij de ‘klassieke’ emissies, zoals de eerste en tweede emissies van IJsland, de zo genoemde ‘ovaalzegels’ in Skilling- en Aur- waarden. Ook de bekende Þrír opdrukken zijn ettelijke malen vervalst om van de beruchte Í GILDI-opdrukken maar niet te spreken. Ook het plaatsen van stempels op zegels die gebruikt meer waard zijn dan ongebruikte exemplaren komt echter - ook bij modernere zegels - veelvuldig voor. Als de vervalsers geen echte stempels met teruggedraaide data bij de hand hadden gingen ze er soms zelfs toe over om namaak stempels (ook fantasiestempels genoemd) op de zegels te plaatsen. Verder kunnen officiële stempels die door de IJslandse posterijen gebruikt werden verwarring veroorzaken.

wat meer kennis in huis hebben om deze maaksels te herkennen. Een van de vervalsers die een aantal Skillingzegels produceerde was de heer Spiro. Zijn Skillingzegels duiken regelmatig op. Men vind ze veel terug bij handelaren en op beurzen. Deze maakwerkjes zijn eigenlijk gemakkelijk te herkennen. Als men een origineel Skillingzegel in huis heeft of een Aurzegel, beiden zijn van het zelfde ontwerp, en die naast een Spiro product legt, vallen de verschillen snel op. 1e. De zegels zijn in steendruk uitgevoerd, de echte zegels in boekdruk, en vertonen daardoor een nogal vlekkerig uiterlijk wat vooral in de 4 hoek ornamenten terug te vinden is. 2e. De tanding is een lijntanding 12 met grote gaten of een lijntanding 13 met kleine gaten i.p.v. een lijntanding 12 1/2 of een kamtanding 14 x 13 1/2. De tanden zijn scherp gepunt tegen grove afgescheurde tanden die de echte zegels hebben. 3e. Het gebruikte papier is veel grover en dikker dan het echte postzegelpapier en heeft ook geen watermerk. Het echte papier is vrij dun, tegen transparant aan met een lichte beenachtige kleuring. 4e. De afstempeling op het zegel is een fantasiestempel dat nooit op IJsland in gebruik is geweest. Het bestaat uit een dikke enkele ring waarin de plaatsnaam, Reykjavik, cirkelvormig in een te vette “Antiqua”-stijl geplaatst is zonder datum. Deze Spiro vervalsingen werden gedrukt in velletjes van 25 zegels met een velrand.

Laten we bij de eerste IJslandse emissie beginnen. Deze eerste zegels werden uitgegeven op 1 januari 1873. De zegels in de waarden 2-3-4-8 en 16 Skilling werden in kleine oplagen variërend van 25.000 tot 100.000 uitgegeven. Behalve postzegels werden er ook twee dienstzegels, 4 en 8 Skilling, met hetzelfde ontwerp maar met andere kleuren uitgegeven. In plaats van het woord Póstfrim. werd er Þjón. Frim. (Þjónusta = Dienst) in het zegelbeeld opgenomen. Na de invoering van de Kroon als munteenheid (1 januari 1875) werden er op 1 augustus 1876 nieuwe zegels in Aurar waarden uitgegeven (1 Krona = 100 Aur). Van de oude Skillingzegels waren nog redelijk grote voorraden bij de postkantoren en bij het publiek aanwezig. De bij het publiek, meestal het bedrijfsleven zoals banken en handelshuizen, voorradige zegels konden tot eind juni 1876 bij het postkantoor worden omgeruild voor zegels in de nieuwe munteenheid. De Skillingzegels werden na enige tijd, vanaf 1877, door de IJslandse posterijen ontwaard. Daarna werden deze zegels in kleine hoeveelheden aan het publiek, meestal kapitaal krachtige buitenlandse postzegelhandelaren te koop aangeboden. Na 1880 werden de zaken groots aangepakt en werden hele partijen aangeboden. De zegels werden, vaak zelfs, onder de nominale waarde, verkocht. De zegels werden grotendeels gestempeld aan de kopers geleverd. Voor deze “voorafstempeling”, of moeten we over nastempelen spreken, werden de op dat moment in gebruik zijnde stempels geplaatst. Dit waren stempels die in gebruik werden genomen na dat de Skillingzegels niet meer frankeergeldig waren. Bij dit type stempel waren de plaatsnaam en de datumcijfers in het lettertype “Sans serif” gesteld. De diameter varieert. Die kan 22 of 25 mm zijn.

De zegels die echt gelopen hebben kunnen met twee typen stempels afgestempeld zijn; 1e; met een stempel met een diameter van 22-23 mm waarbij de letters eveneens in “Sans serif” zijn gesteld de cijfers echter zijn in “Antiqua” gesteld en…. 2e; een stempel waarbij zowel de letters als de cijfers in “Antiqua” zijn gesteld met een diameter van 23 mm.

Dus als we een Skillingzegel tegenkomen waarbij, in het stempel, zowel de letters als de cijfers in “Sans serif” zijn gesteld dan hebben we met een zegel te doen die door de IJslandse post ergens na 1876 afgestempeld en verkocht werd. Geschat wordt dat er tussen de 70 en 75.000 Skillingzegels op deze wijze zijn verkocht. De Skillingzegels - al dan niet voorzien van een voorafstempeling - zijn redelijk dure zegels en zullen daardoor bij menige verzamelaar hoog op zijn/haar mancolijstje prijken. Daar waar schaarste is zullen altijd lieden zijn die met fröbelwerk of vakmanschap deze lege gaten trachten te vullen. De producten van deze mensen zijn soms zeer gemakkelijk te herkennen maar soms moet men

heeft van een verfijnd Fins kurkstempel terwijl het zegel van afb. 4b. een soort van gridstempel meekreeg dat lijkt op het stempel dat op de eerste emissie van Noorwegen veel voorkomt. Beide stempeltypen zijn nooit in IJsland in gebruik geweest. Het getoonde 2 Skillingzegel komt, gezien de druk en het gebruikte fantasie stempel, vermoedelijk uit de zelfde fabriek. De zegels die door H. Thiele in Kopenhagen in vellen van 100 gedrukt werden bestond uit 4 blokken van 25 losse clichés dezen waren op een ietwat onregelmatige onderlinge afstand geplaatst. Door deze onderlinge marge verschillen kan het voorkomen dat na het perforatie proces sommige zegels grotere of juiste kleinere marges kregen. Bij grotere marges is het erg verleidelijk om de tanding af te knippen en daardoor een ongetand exemplaar te scheppen. Ook hier geldt weer: Houd de ogen open en denk logisch dan valt een gecreëerd ongetand exemplaar snel op. Leuk om te weten is dat er in 1942 als bijlage bij de dat jaar verschenen Standard catalogus een ongetande nadruk van het 8 Skillingzegel werd meegeleverd. Het was gedrukt op dun wit papier, zonder watermerk, met op de achterzijde een opdruk. Ook de gebruikte kleur is fletser dan die van het echte zegel. Zie afbeelding 5. Door het kunstmatig vergelen van het papier en het bewerken van de achterzijde wil dit zegel nog wel eens voor een echte ongetande aangeboden worden.

Nu we toch over tanding spreken moet u eens naar afbeelding 6 kijken. Bij het rechter zegel is getracht om de rechter zijde van een nieuwe perforatie te voorzien. Dit is wonderbaarlijk wel gelukt doch het resultaat is niet echt overtuigend. Vermoedelijk is er hier met een naald een aantal gaatjes geplaatst waardoor er een geheel nieuw soort tanding is ontstaan. Men zou bijna denken dat dit iets unieks is, maar niets is minder waar. Veel van deze restauraties zijn gevaarlijker en moeilijker te ontdekken dan dit voorbeeld.

Niet alle vervalsingen van de Skillingzegels zijn zo gemakkelijk te herkennen. Toch is de oplossing vaak met goed kijken te vinden. Veel vervalsingen waren bedoeld als albumvuller en waren voor niet al te veel geld, meestal in de postzegelhandel, te koop. Meestal is het papier de simpelste oplossing. Vele vervalsingen zijn pas na 1900 vervaardigd en het juiste papier was niet makkelijk te verkrijgen. Voor een albumvuller was dat ook niet echt nodig natuurlijk. Vaak is de dikte, kleur of de samenstelling van het papier niet het zelfde. Ook een ontbrekend watermerk, in combinatie met het papier, is uiteraard een aanwijzing dat men met een reproductie te maken heeft. Mocht dat alles nog niet genoeg aanwijzingen geven dan kunnen we het zegelbeeld zelf eens onder de loupe nemen. Zoals bij de Spiro vervalsingen al vermeld werd laat de gebruikte druktechniek ook zijn sporen na. Ook het ontwerp klopt vaak niet of de tekening van het zegel is niet correct. Veelal is de arcering die in de vier hoeken te zien is dikker uitgevoerd dan bij het echte zegel. Hierdoor raken de verticale arceerlijnen vaak de driehoeken. Ook de belettering en de details in de kroon, posthoorn en de korenaren zijn vaak grof en onduidelijk terwijl die bij de echte zegels scherp en gedetailleerd zijn.

Hier ziet u een echt en een tweetal vervalste 8 Skillingzegels waarbij u vooral op de hierboven omschreven details moet letten. De hierboven getoonde 8 Skilling vervalsingen hebben beiden ook nog eens een fantasie stempel meegekregen. Het zegel van afb. 4a. draagt een soort van puntstempel dat iets weg

Ook de dienstzegels in Skilling waarden moesten er aan geloven Hieronder ziet u een echt (links) en een vals zegel. Het valse zegel is, druktechnisch, van een zeer goede kwaliteit maar het heeft geen watermerk en de tanding van het zegel is 14 1/4.

Een andere emissie die door de heren vervalsers regelmatig aangevuld wordt zijn de zegels met de beruchte “Í GILDI” overdrukken. In basis zijn het de zelfde zegels als de zegels die we hier voor hebben besproken in Aur waarden. Toen in 1902 de nieuwe zegels met de beeltenis van Koning Christian IX in gebruik werden genomen werden de oude cijferzegels ongeldig voor frankering. Door diverse omstandigheden werd deze beslissing teruggedraaid met die verstande dat alle cijferzegels voorzien van de opdruk Í Gildi / ’02 – ’03 nog tot eind 1903 geldig waren voor frankering, dit gold ook voor postwaardestukken met dit ontwerp als zegelbeeld. Omdat alle zegels ingeleverd moesten worden en dan door de IJslandse post van een opdruk moesten worden voorzien kunt u wel voorstellen wat dat voor een operatie was. Door de grote verscheidenheid aan zegels, die in grote aantallen in hele of halve vellen aangeleverd mochten worden, werd de operatie een onoverzichtelijk geheel. Om het nog ingewikkel-


FILAKRANT 2017 der te maken werden er rode en zwarte opdrukken geplaatst en waren er niet voldoende letters en cijfers voorradig bij de drukkerij die het een en ander moest volbrengen. Hierdoor ontstonden er schaarse combinaties. Zo werd bijvoorbeeld het 5 Aur zegel met de tanding 12 3/4 x 12 3/4 zowel met een rode als met een zwarte opdruk afgeleverd. Echter de verhouding, qua aantal, lag volkomen scheef. Van de zegels met rode opdruk werd een hoeveelheid afgeleverd wat een veelvoud was van de zwarte opdruk. Dit heeft als gevolg dat de catalogus prijs voor dit zegel met een zwarte opdruk gigantisch hoger ligt dan voor hetzelfde zegel met een rode opdruk. Wederom zijn er lieden opgestaan die de vele gaten in de verzamelingen tegen een redelijke prijs wilden dichten. Hieronder ziet u twee van deze fantasie producten met rechts daarvan een echt zegel met rode opdruk. Kijk en vergelijk, ik denk niet dat ik u nog op details hoeft te wijzen. Niet alleen de opdruk is vervalst maar ook het zegel zelf en de geplaatste stempels zijn het resultaat van een avondje huisvlijt. De zelfde manipulaties zijn toegepast om een zegel van 6 Aur met rode opdruk te creëren.

Een andere vorm van echte vervalsing zijn de hieronder getoonde IJslandse briefkaarten. De eerste kaart is het antwoord gedeelte van een dubbele briefkaart verstuurd van uit Lemvig naar Reykjavík. De kaart is ontwaard met het Deense nummerstempel 73, tevens is er een København transitstempel geplaatst. Dit soort verzendingen zijn, en zeker in deze kwaliteit, vrij zeldzaam. Zo op het eerste zicht is er niets mis mee. Ook de achterzijde levert niet echt vraagtekens op. Hooguit het ontbreken van handgeschreven datum en plaats van verzending is misschien vreemd te noemen. Het nummerstempel 73 was op 20 juni 1879 aan Lemvig, een havenplaatsje aan de Limfjord in noordwest Jutland, toegewezen en is, zeker op stuk, een lastig tot zeldzaam stempel. De boodschap op de achterzijde luidt als volgt: “Het zou ons een waar genoegen zijn u persoonlijk terug te zien, nadat zo veel jaren verlopen zijn. Laat ons meer precies weten wanneer u komt.” Een leuk stuk dat zeker een aanwinst voor een poststukken verzamelaar zou zijn.

25

Het gehele verhaal van de maker van deze gevaarlijke vervalsingen is te lang om hier uitgebreid over te schrijven. In het kort komt het hier op neer dat er in de 20er en 30er jaren van de vorige eeuw een mijnheer Bøgh in het Deense postmuseum werkzaam was. Dit heerschap, zelf al postzegelverzamelaar van af zijn tiende, had toegang tot alle in het museum aanwezige spullen inclusief alle reeds lang uit de roulatie genomen stempels. Dat die dingen daar maar werkeloos lagen en wetend dat er vele verzamelaars naar mooie poststukken of losse zegels met afdrukken van deze stempels zochten, kon de goedaardige man maar moeilijk verkroppen. Al snel was in een klein kringetje van filatelisten bekend dat de heer Olaf Bøgh, medeverzamelaar en werkzaam in het postmuseum, voor een goede sigaar bereid was om een of meerdere stukjes te voorzien van een mooi stempeltje uit het archief van het museum. Later ging Bøgh nog een stapje verder en fabriekte een aantal mooie postwaardestukken die in menige verzameling op een ereplaats konden rekenen. Zijn maaksels worden vandaag de dag nog steeds op internationale veilingen aangeboden en duiken nog steeds op in tentoongestelde verzamelingen. Uiteraard vieren de rommelaars hun lusten niet alleen op de “klassieke” filatelie bot. Ook bij de wat modernere poststukken en -zegels is er genoeg onkiesheid te vinden voor de verzamelaar met een strak oog en een beetje kennis.

Een ander manipulatiegevoelig onderdeel van de IJslandse filatelie zijn de bekende nummerstempels. Diverse stempels zijn in handen gekomen van figuren die het niet al te nauw namen met de eerlijkheid. Soms waren de stempels vergeten en werden jaren later weer eens teruggevonden en gebruikt. Ook werden de oude nummerstempels als noodstempel gebruikt voor als het gewone datumstempel defect was. Een bereidwillige beheerder van een plattelandspostkantoor, wat een groot woord was voor soms niet meer dan een keukenlade, wilde dan op verzoek best wel eens een stempeltje zetten op een aantal brieven die door een aardige mijnheer aangeboden werden, zeker als er nog een flesje IJslandse “brennivin” of een flaconnetje Deense “Gammle Dansk” tegenover stond. Een six-pack geïmporteerd bier deed trouwens vaak ook al wonderen. Hieronder een tweetal gefabriceerde covers met de nummerstempels van Drangar (140) dat nog tot in 1969 in het kantoor aanwezig was en 185 (Raudskollsstadir, eveneens 1969). Waarom 1969? In dat jaar was het bij de IJslandse post doorgedrongen dat niet alle nummerstempels ingeleverd waren en hield men een strooptocht door het land om alle nog te vinden stempels alsnog in te nemen. U kunt zien dat niet alleen de hierbij gebruikte enveloppen een in het oog lopend iets zijn, maar ook het gebruikte machine schrift. Verder het algemene voorkomen van de twee covers; de stempels zijn beiden zo geplaatst dat het nummer zo duidelijk mogelijk leesbaar is en zo weinig mogelijk schuilgaat op het zegel. Ook valt het op dat de stempels des tand der tijd niet ongestraft hebben weerstaan en beschadigingen vertonen. Dit zijn geen vervalsingen maar dit noemen we dus puur maakwerk.

Hieronder ziet u een binnenlandse brief verstuurd vanuit Sauðlauksdalur en volgens het stempel afgestempeld op 5 januari 1947. Een mooi bewaard briefje alleen is de gebruikte enveloppe wel erg wit en modern. Aan de achterkant blijkt het nog een zelfklever te zijn ook. De zegels? Het 10 Aurar zegel was uitgegeven op 17 juni 1944 en verloor zijn frankeergeldigheid op 31-12-1946. Dat is mogelijk. Het was misschien niet algemeen bekend dat dit zegel niet meer frankeergeldig was. Het 90 Aur zegel kwam pas uit op 12 oktober 1950 ruim drie en een half jaar na dat het zegel afgestempeld werd.

De tweede kaart is eveneens een 5 Aur briefkaart. Ditmaal echter is het een enkele briefkaart verstuurd vanuit IJsland naar Kopenhagen. De kaart was niet afgestempeld in IJsland maar draagt wel het FRA ISLAND stempel wat aangeeft dat de kaart per schip in Denemarken aan land gebracht is en aldaar pas in het postale systeem is terecht gekomen. Het zegelbeeld is ontwaard met een onleesbaar nummerstempel en op de achterzijde is een København aankomststempel geplaatst. Hier is niets mis mee zo te zien. De boodschap die aan de kaart werd toevertrouwd gaat over een zending “klipvisk” die beduidend goedkoper is dan voorheen. Ook hier zien wij een begerenswaardig stukje postgeschiedenis.

Verder hoef ik niet te gaan denk ik. Zeker niet nadat ik u een ander stukje laat zien. Een identiek datum stempel op een briefstukje. Het blijkt dat er van het zelfde type enveloppe gebruik is gemaakt om dit te fabriceren. Het gebruikte 1 Aur zegel was ook al sinds 31-12-1946 niet meer frankeergeldig. Als klap op de vuurpijl heeft het plaatsje Sauðlauksdalur al sinds 1 januari 1946 geen postkantoor meer.

Ter afsluiting laat ik u nog een aantal zegels zien die d.m.v. een wel heel simpel fantasiestempel van een ongebruikte zegel tot een gebruikte zegel getransformeerd werd.

Als we de twee kaarten naast elkaar leggen gaat er ineens een hele andere wereld open. Een andere wereld dan die roze die we hadden na de aanschaf van de tweede kaart. Wat zien wij? We zien dat het handschrift op beide kaarten vele overeenkomsten hebben. Dit kan geen toeval zijn. Na enig speurwerk en een aantal gerichte vragen stellen aan de juiste personen komen we achter het verhaal van de maker van deze kaarten en, naar later blijkt, van vele andere producten.

Ik hoop dat ik met deze van uitleg voorziene voorbeelden de verzamelaar een beetje van zijn argeloosheid heb kunnen afhelpen. Ook het klakkeloos aannemen van wat er in veilingcatalogi bij de kavels geplaatste omschrijving staat moet u eens wat kritischer bekijken. Niet alleen lezen wat er wel staat maar vooral bedenken wat er niet staat geschreven. Met een beetje gezonde achterdocht, logisch nadenken en een beetje kennis van zaken kunt u een hoop geld besparen en veel teleurstellingen voorkomen.


26

FILAKRANT 2017

Nieuwste producten in ouderwets gezellige postzegelwinkel

Voorstraat 23 8011 MK Zwolle Tel: 038-4211045 (daags tot 16.oo uur.) Fax: 038-4233805 Email: veilinghuis@devoorstraat.nl

Maandelijkse veilingen van o.a. postzegels - munten ansichtkaarten en diverse verzamelingen. Tevens dagelijkse inkoop van verzamelingen en het adres voor het verkopen van uw oude gouden en zilveren sieraden en munten. www.devoorstraat.nl Ook maandelijkse vele aanbiedingen in onze webwinkel. www.devoorstraat-winkel.nl Altijd 10% korting op uw albums - losse supplementen catalogi en verder postzegels-, en muntbenodigheden in de winkel van het veilinghuis, dagelijks geopend ma-za. tot 16.00 uur. Nieuw is onze ansichtkaarten winkel op internet. www.oldpostcards4you.nl

Filakids

Uw verzamelaarshart bloeit op bij het zien van de vele prachtige Nederlandse postzegels die de nieuwe postzegelwinkel in Bussum in voorraad heeft. Van de alleroudste tot de allernieuwste, van postzegels waarmee je opvallend leuk kunt frankeren tot de topstukken van Nederland. Laat hier uw persoonlijke postzegels maken en neem ze meteen mee, koop vanaf 1 februari via een zelfbedieningszuil de nieuwe automaatpostzegels of kom gewoon voor de gezelligheid langs. U bent altijd welkom.

ook voor volwassenen

Vlietlaan 44c, 1404 CC BUSSUM, 035-6315248 Woensdag 10.00-18.00 uur Donderdag 10.00-18.00 uur

Vrijdag 10.00-18.00 uur Zaterdag 10.00-17.00 uur

KOERIER KOERIER

postzegelfeest 13 & 14 mei 2017

www.filakids.jouwweb.nl

De MUNTkoerier Postbus 1044 7301 BG Apeldoorn Tel.: 055 - 521 66 29 e-mail: info@muntkoerier.com

Onafhankelijk maandblad voor verzamelaars van munten, penningen en papiergeld in Nederland en Nederlandstalige daarbuiten. Een uitgebreide staf van redacteuren - elk met hun eigen specialiteit - staat garant voor een optimale informatie aan de verzamelaar. Vaste rubrieken: • Nederland (alles uitgegeven in, voor en met betrekking tot Nederland). • Nieuwe munten en bankbiljetten. • Euronieuws. • Moderne penningkunst. • Agenda bijeenkomsten numismatische kringen. • Agenda verzamel- en ruilbeurzen in Nederland en België. Regelmatig: • Berichtgeving over veilingen en tentoonstellingen. • Numismatische evenementen in Nederland en België. • Nieuws van de numismatische kringen in Nederland en België. Service: • Actuele prijsindex Nederlandse guldenmunten 1815-2001 • Actuele prijsindex Nederlandse euromunten • Actuele prijsindex overige munten (incl. 2 euromunten) • Actuele prijsindex Nederlands Papiergeld 1815-2001

Bezoek onze website: www.muntkoerier.com Op verzoek sturen wij u zonder verplichtingen graag een GRATIS proefnummer toe!

Verder interessante en wetenswaardige artikelen over vele aspecten van het verzamelen van munten, papiergeld en penningen uit binnenen buitenland. Verschijnt 11x per jaar.


FILAKRANT 2017

27

Een bezoek aan een beroemde Italiaanse keurmeerster Cees Ursem

Waarschijnlijk, naar zijn oordeel, zijn het veldelen geweest die op verzoek zijn afgestempeld. Immers een gestempeld exemplaar wordt in de catalogus aanzienlijk hoger gewaardeerd als een ongestempelde. Een falsificatie ten nadele van de verzamelaar dus. Het blokje van 10 werd gestempeld in Montemarano op 21 juli. Het blokje van 6 zegels in Fino op 20 januari.

A

l enkele jaren heb ik twee blokjes gestempelde zegels, Sassone no. 4 geel-oranje in mijn bezit. Een blokje van 10 en een blokje van 6 op papier. De hoogste waarde uit de eerste serie van het Koninkrijk Italië 1862.

Zeer curieus omdat de zegels samenhangend gebruikt niet in de catalogus voorkomen. Althans niet meer dan twee samenhangend (Cw. € 9.750,-).

Als het als geheel echt zou zijn geweest zou ik een fortuin in handen hebben voegde hij er nog aan toe maar ook nu, wist hij zeker, zullen er vast wel liefhebbers voor zijn.

Tot nu toe durfde dan ook niemand die ik er naar vroeg zijn mening er over te geven. Echt, of niet echt?

We zijn doorgereisd naar Frascati en in plaats van er een villa te kopen hebben we daar een hotel geboekt.

Dat bracht me er toe om in mijn vakantie een afspraak te maken met Doctor Raffaele Maria Diena van het gerenommeerde taxatiehuis Diena in Rome. Ik had hem al eerder een kopietje via de mail gestuurd maar hij wilde het toch graag op zijn bureau hebben om zijn oordeel te kunnen geven.

FILITALIA gaat kopjes geven!

Diena is gevestigd op de 5e etage van zo`n karakteristiek Italiaans appartementencomplex aan de Via Crescenzio met binnenplaats en huismeester bij de ingang.

N

ee, wij zijn geen poes geworden, maar met het 20-jarig jubileum van Filitalia in zicht werd het weer eens tijd voor een leuk geschenk. Een echt espressokopje (en schotel natuurlijk) werd het ditmaal, een exclusief design voor Filitalia met zegels van Italië, maar ook San Marino, Vaticaan en de koloniën. Een bijzonder hebbeding (formaat Illy-kopjes) dat GRATIS aan onze leden wordt uitgedeeld op deze Eindejaarsbeurs. Het kopje is nergens te krijgen en het is exclusief voor Filitalia geproduceerd.

U bent nog geen lid van deze bijzondere club? Geen nood. U wordt lid op onze stand voor maar 15 Euro. Daarvoor ontvangt u naast alle voordelen van het lidmaatschap een tegoedbon voor hetzelfde bedrag. Dus eigenlijk kost het lidmaatschap u helemaal NIETS! Cadeautje van Filitalia!

Via de open lift kwam ik boven en een wat oudere medewerker deed open. “Afspraak met doctor Diena”? “Ja, ik kom helemaal uit Olanda”, “Ogenblikje”. Ik kwam in een in onbruik geraakt kantoortje terecht. Kasten vol met oude kronieken, verslagen, catalogi en meer van dat. Vooral veel stof, overal stof, van jaren. In niets leek het hier op een taxatiehuis van wereldfaam. Gammele stoelen, slecht onderhoud en ook nog eens geen airco. Het mannetje kwam na een kwartiertje nog even terug om een raam open te zetten want “U zult het wel warm hebben en mijnheer Diena is nog even bezig.” Mooie gelegenheid om een paar fotootjes te maken van het interieur. Fraaie oorkondes en diploma’s sierden de wand. Onder andere van het 1e filatelistische congres in Londen waar dhr. Diena sr. jurylid was.

Toen Raffaele na lang wachten eindelijk kwam bekeek hij de blokjes een paar minuten aandachtig, mompelde dat het zeer vreemd was en naar zijn oordeel “waarschijnlijk niet echt maar zeer interessant”. Hij ging het opzoeken in het archief: “een ogenblikje”. Een kwartier ging voorbij, maar toen kwam hij tot mijn verbazing aanzetten met een kopie uit 1967 op transparant papier waarop een hoegenaamd gelijk blokje zegels stond. Zelfde afstempeling, zelfde datum en zelfde plaatsnaam als mijn blokje van 6. FINO 20 januari. Het paste precies. Diena sr. had er bij geschreven “vals” en door wie ze indertijd ter taxatie waren aangeboden. “Iemand uit Nederland!” Het blokje van 10 zegels kon, hoewel met andere stempels, dus ook niet echt zijn. Ja, de zegels wel echt, het stempel ook echt maar de combinatie, zeg maar de afstempeling ter vernietiging, was vals. Het kon gewoon niet zo zijn dat er een postale “handeling” heeft plaatsgehad waarvoor zoveel zegels van de hoogste waarde nodig zouden zijn geweest.

Kom snel naar de stand van Filitalia en bemachtig daar zo’n uniek postzegel espressokopje. De voordelen van een lidmaatschap van Filitalia: GRATIS espressokopje (winkelwaarde € 23,50) 6x per jaar een prachtig magazine in kleur met interessante verhalen 6x per jaar bijzondere veilingen met in totaal zo’n 1300 kavels. 4x per jaar gezellige bijeenkomsten met gratis lunch en consumpties. FILITALIA. Club voor verzamelaars van Italië en gebieden, San Marino, Vaticaan, SMOM, sportzegels, Eerste en Tweede Wereldoorlog en nog veel meer.


28

FILAKRANT 2017

Stripfiguren op Japanse postzegels 

Deel 11

Aimé Van Laarhoven Hij wordt gedwongen om een nieuw ontwikkeld experimenteel gif te drinken. Dit gif moet hem doden maar als gevolg van een zeldzame bijwerking, onbekend bij het misdaad syndicaat, wordt enkel zijn lichaam getransformeerd in dat van een zeven jarig kind. Ze laten hem voor dood achter. Om zijn ware identiteit te verbergen en onderzoek te kunnen doen naar de verblijfplaats van het syndicaat (hij ontdekt later dat het de naam ‘Zwarte Organisatie’ draagt), neemt hij het pseudoniem ‘Conan Edogawa’ aan. Gelukkig vindt hij onderdak bij zijn klasgenote en jeugdvriendin ‘Ran Mouri’. Haar vader, Kogourou Mouri, werkt als privédetective. Conan schrijft zichzelf in op de basisschool ‘Teitan’ en vormt er met drie andere kinderen de ‘Detective Boys’: Kojima Genta, Mitsuhiko Tsuburaya en Ayumi Yoshida. Ze helpen achter de schermen bij het oplossen van vele strafzaken die Kogourou Mouri te verwerken krijgt. De oplossingen worden de privédetective aangereikt via speciale gadgets die worden uitgevonden door Dr. Agasa, buurman en vriend van Conan.

Film Elk jaar wordt een nieuwe film uitgebracht van ‘Detective Conan’. Deze komt altijd uit in de zogenaamde ‘Gouden Week’ in de maand april. In 2010 is de dertiende film uitgebracht. Elke film is voorzien van een originele verhaallijn en niet zozeer een aanpassing van het verhaal van de manga’s. Video Games De eerste videogame van ‘Detective Conan’ (Meitantei Conan: Chika Yuuenchi Satsujin Jiken) werd te koop aangeboden op 27 december 1996 voor de Gameboy. Momenteel zijn de meeste spellen enkel uitgebracht in Japan. De Engelstalige ‘Case Closed’ spellen, ontwikkeld door Namco Bandai Holdings, zijn uitgebracht voor Sony consoles, de WonderSwam en de Nintendo DS.

Detective Conan De vierde serie van de animatiereeks werd uitgegeven op 3 april 2006. De reeks werd uitgegeven om de tiende verjaardag te vieren van de anime series op TV. Het blaadje bevat 10 zegels van 80 yen waarop enkele stripfiguren uit de manga en anime “Detective Conan” zijn afgebeeld. In de marge van het blaadje zijn de belangrijkste figuren, Conan Edogawa en Shinichi Kudou, uit de manga getekend. De afmetingen van het blaadje: Breedte = 140,25 mm en hoogte = 212,5 mm. De afmetingen van de zegels: Breedte = 28,05 mm en hoogte = 33,5 mm. De oplage bedraagt 1,5 miljoen blaadjes. De afgebeelde stripfiguren op de zegels komen uit verschillende episodes van de manga: - De kleine Detective (1) - De Geboorte van Conan (2) - Brieven van Orchid (3)+(4) - Dr. Camp (5)+(6) - Haibara’s Verdriet (7)+(8) - Showdown! Kid (9)+(10) Detective Conan (Meitantei Konan) is een Japanse detective manga bedacht en getekend door Gosho Aoyama. De manga is gestart in 1994 in het weekblad ‘Shonen Sunday’. Het verhaal werd in 1996 bewerkt tot een TV anime die in wekelijkse series wordt uitgezonden. De afleveringen lopen dit jaar (2010) voor het veertiende jaar. Er zijn ook verscheidene originele video’s gemaakt. Daarnaast zijn er 13 films verschenen van de verhalen ‘Detective Conan’. In de Engelse vertaling zijn de verhalen, uit juridische overwegingen, bekend onder de titel ‘Case Closed’. De manga van Gosho Aoyama werd beïnvloed door de verhalen van Arsène Lupin, Sherlock Holmes en de samurai films van Akira Kurosawa. Het Verhaal Kudo Shinichi is een 17-jarige student aan de middelbare school. Hij werkt veelvuldig als rechercheur samen met de politie. Bij een onderzoek naar een zaak met betrekking tot chantage wordt hij aangevallen door twee leden van een mysterieus misdaad syndicaat.

Later in de serie verschijnt een ander hoofdpersonage: Shiho Miyano. Ze is een voormalig lid van de Zwarte Organisatie met de codenaam ‘Sherry’. Ze is een begenadigd chemicus en de persoon die het gif APTX 4869 ontwikkelde, het gif dat Kudo Shinichi eigenlijk moest doden maar hem veranderde in een 7 jarig kind. Nadat haar zus op brutale wijze vermoord werd door leden van de organisatie probeerde ze eruit te stappen maar werd gevangen gehouden. Ze probeert zelfmoord te plegen met het gif, maar ook haar lichaam wordt getransformeerd in dat van een kind. Op deze wijze wist ze te ontsnappen aan de organisatie. Ze achterhaalt de ware identiteit van Conan en helpt hem om de ‘Zwarte Organisatie’ ten val te brengen.

De hoofdpersonages Kudo Shinichi is een 17-jarige student aan een middelbare school. Zijn grote hobby is detective zijn. Hij is een grote fan van Sherlock Homes en is goed in voetbal. Hij heeft een jeugdvriendin, Ran Mouri. Shinichi heeft wel gevoelens voor Ran maar kan deze niet vlot aan haar overbrengen. Conan Edogawa is de kindvorm van Shinichi nadat hij door de ‘mannen in het zwart’ gedwongen werd een mysterieus gif te drinken. Shinichi gebruikt nu de naam Conan Edogawa om zijn ware identiteit verborgen te houden voor de mensen om hem heen terwijl hij naar de ‘mannen in het zwart’ zoekt. Hij woont in het huis van Ran Mouri en haar vader, Kogorou Mouri. Hij beschikt over een stem veranderende vlinderdas en andere handige apparaatjes, gemaakt door Dr. Agasa, die hem helpen zijn detective opdrachten te vervullen.

Manga Wekelijks komt er een nieuw hoofdstuk uit in de reeks. Om de drie maanden worden deze hoofdstukken gebundeld in een ‘tanköbon’. Het eerste deel werd uitgebracht op 18 juni 1994, met ingang van juni 2010 zijn er achtenzestig bundels uit in Japan. Het moet opgemerkt dat de Amerikaanse versie voor de hoofdrolspelers andere namen gebruikt dan de originele Japanse manga. De Duitse en Franse versies doen dat niet. Sinds november 2007 geeft de uitgeverij ‘Kana’ de ‘Detective Conan’ serie ook in het Nederlands uit. Naast de gewone serie die ‘Detective Conan’ heet, is er ook de ‘Detective Conan Special’ serie. Deze bevat verhalen die zijn bedacht en getekend door de assistenten van Gosho Aoyama. TV-serie De ‘Detective Conan’ anime loopt sinds 1996 wekelijks (maandag om 19.30h) op Nihon TV. De afleveringen van de anime series zijn geregisseerd door Kenji Kodama en Yasuichiro Yamamoto en geproduceerd door TMS Entertainment en Yomiuri Telecasting Corporation. De anime telt op dit ogenblik meer dan 500 afleveringen van 23 minuten. De anime brengt normaal de verhalen uit de manga, maar er zijn ook originele verhalen bedacht speciaal voor de anime. Over het algemeen volgt de anime nu trouw de verhalen uit de manga, maar in de vroegere afleveringen werd hiervan wel eens afgeweken. Hierdoor klopt het begin van de TV serie niet helemaal. Conan komt namelijk niet achter de codenamen van de ‘mannen in het zwart’, terwijl hij dat wel in de manga deed. Later heeft men in de anime Conan gewoon laten weten hoe zij heten, zonder uitleg hoe hij er aan gekomen is. OVA Naast de TV serie is er ook een ‘Original Video Animation’ (OVA) serie. Deze is slechts eenmaal per jaar verkrijgbaar via het magazine ‘Shönen Sunday’ als een promotie actie. Er zijn nu 7 OVA’s uit van ‘Detective Conan’.

Ran Mouri is de klasgenote en jeugdvriendin van Kudo Shinichi. Ze houdt het voorval met Shinichi geheim. Ran heeft een zeer sterke wil en is een groot karate atlete. Ze gaat geen enkele tegenstander uit de weg. Ran kookt altijd voor haar vader en voor Conan. Wanneer ze dat niet zou doen zouden beide verhongeren. Gosho Aoyama is een Japanse manga kunstenaar. Hij werd geboren als Yoshimasa Aoyama op 21 juni 1963 in Hokuei, Tottori, dicht bij Kyoto, Japan. Hij heeft 3 broers, een grote passie voor honkbal en is een grote fan van de ‘Giants’ (baseball team) van Tokyo. Hij is ook een fan van ‘kendo’. Hij is vooral bekend geworden als de bedenker en tekenaar van de manga serie ‘Detective Conan’. Deze manga is in de Verenigde Staten, Canada en het Verenigd Koninkrijk bekend als ‘Case Closed’. Aoyama was een getalenteerde tekenaar, zelfs op zeer jong leeftijd. Toen hij nog op de lagere school zat won hij met zijn schilderij ‘Yukiai War’ een tekenwedstrijd van het Tottori Daimanu Warenhuis. Zijn middelbare studies maakte hij af op de ‘Yuraikuei High School’ om vervolgens te studeren aan de Nihon Universiteit in Tokyo.


FILAKRANT 2017 carrière als manga kunstenaar en auteur. Dit betekende ook een keerpunt in zijn leven.

In de winter van 1986 won hij een komische tekenwedstrijd voor eerste jaarstudenten. Dit werd voor hem het opstapje voor zijn

Aoyama maakte zijn debuut als manga kunstenaar met het werk ‘Matte Chotto’, dat gepubliceerd werd in het wekelijkse magazine ‘Shönen Zondag’ in de winter van 1987. Het vertelt het verhaal van een jong genie, genaamd Yutaka Yakai, die met zijn teletijdmachine twee jaar in de tijd vooruit kan kijken. Kort daarna kwam de manga ‘Magic Kaito’ uit in hetzelfde tijdschrift. Het is een vierdelige manga serie die de komische avonturen vertelt van Kaitou Kid, een gentlemandief, die altijd zijn magie en vermommingen gebruikt in elke overval die hij pleegt. De eerste drie volumes van de manga serie werden oorspronkelijk uitgebracht in 1988-1994, het vierde deel verscheen in februari 2007. Hoewel de manga serie eigenlijk afgelopen is verschijnt Kaitou Kid nog regelmatig in Detective Conan. In het begin van

de jaren ’90 bracht Aoyama de 24-delige manga reeks ‘Yaiba’ uit. Deze manga is geïnspireerd op de avonturen van de Samoerai. Met deze reeks won hij in 1992 de Shogakukan Manga Award. In 2001 zou hij voor de tweede keer deze begeerde trofee winnen met zijn meest beroemde werk ‘Detective Conan’. In zijn geboortestad Hokuei herinneren verschillende kunstwerken ons aan de meest populaire personages uit ‘Detective Conan’. Men heeft er de Conan brug en beelden van verschillende personages verspreid in de stad. In 2007 werd er het ‘Gosho Aoyama Manga Factory’ museum geopend, dat hulde brengt aan de carrière van Aoyama als manga artiest. Bronnen: Japanse Post: www.post.japanpost.jp/… Anime News Network: http://animenewsnetwork.com/… Wikipedia – Gosho Aoyama

Stripfiguren op Japanse postzegels  Aimé Van Laarhoven

rijke mensen. In het volgende huis woonde een gierige oude man met zijn vrouw. Toen ze hoorden wat er allemaal gebeurd was kregen ze een idee. Ze vroegen de hond te leen aan hun buurman en namen hem voor een tijdje mee naar hun huis. Nu organiseerde ze een groot feest voor zichzelf en zeiden tegen de hond: ‘We zullen je heel dankbaar zijn als je ons de plaats toont waar veel geld ligt’. De hond had tot die tijd slechts weinig te eten gekregen en helemaal niets van de lekkernijen die er op tafel kwamen. Op een avond kreeg hij een koord rond zijn nek en werd in de tuin gesleurd om naar geld te speuren. Eindelijk stopte te hond en begon te ruiken. Dus, hier zal het zijn! Ze begonnen te graven maar vonden geen geld… enkel vuil en smerig stinkend slachtafval. Teleurgesteld koelde het echtpaar hun woede op de hond en doodde hem… Wanneer de goede oude man zag dat zijn hond, die hij had uitgeleend, niet werd teruggebracht, ging hij bij zijn buurman vragen wat er van zijn hond geworden was. De boze buurman antwoordde dat hij de hond gedood had en begraven aan de voet van een pijnboom. Met een zwaar hart ging de goede oude man op zoek naar de plek waar de hond begraven lag. Hij had een dienblad bij zich met lekkere hondenhapjes en bloemen waarmee hij het graf versierde terwijl de tranen over zijn wangen liepen voor zijn verloren huisdier.

Er was eens in Japan... (Once Upon a Time in Japan...) Deze zevende serie van de animatiereeks werd uitgegeven op 22 februari 2008. Het blaadje bevat 10 zegels van 80 yen waarop de hoofdpersonen uit vijf manga verhalen zijn afgebeeld. Deze manga zijn: - Hanasaka Jisan - Princess Kaguya - Kasajizo - Momotaro - Tsuru no Ongaeshi Deze ‘Manga Nippon Mukashi Banashi’ zijn manga en anime series die gemaakt zijn naar oude Japanse volksverhalen. De afmetingen van het blaadje zijn: Breedte = 140,25 mm en hoogte = 212,5 mm. De afmetingen van de zegels zijn: Breedte = 28,05 mm en hoogte = 36,5 mm. De oplage bedraagt 1,5 miljoen blaadjes. Op de postzegels: (1) + (2) Hanasaka (3) + (4) De Maan Prinses (5) + (6) Jizo (7) + (8) Momotaro (9) + (10) Dankbare Kraanvogel Hanasaka Jisan (De Oude Man die de kersenbomen deed bloeien) In lang vervlogen tijden leefde er een eerlijke, oude man met zijn vrouw en hun hond in een rustig Japans dorp. Het voedsel van de mensen was pover en de hond kreeg de restjes uit de keuken. Op een dag gingen de oude mensen aan het werk in hun tuin. De hond was er ook bij. Plotseling begon hij hevig te blaffen en te graven. De oude mensen dachten dat er iets lekkers onder de grond zou zitten. Ze pakten een schop en begonnen te graven en zie… De plaats lag vol met gouden en zilveren munten en andere kostbaarheden. Ze verzamelden de schat en na het geven van aalmoezen aan de armen, kochten ze zelf enkele rijst en maïs velden. Ze waren nu

Diezelfde avond, toen de goede oude man in bed lag te slapen, verscheen de hond aan hem in zijn droom om hem te bedanken voor zijn vriendelijkheid. Hij had ook een boodschap: ‘Kap de pijnboom waaraan ik begraven ben en maak er een vijzel van om je rijst te oogsten en denk dan aan mij’. De oude man kapte de pijnboom en maakte een vijzel uit zijn hout zoals de hond had opgedragen. Elke geoogste rijstkorrel die opnieuw werd gezaaid werd omgetoverd tot een rijke schat… Wanneer het gierige echtpaar dit zag kwamen ze aankloppen om de vijzel te lenen. Ze gebruikten de vijzel ook maar hun zaaigoed, eenmaal in de grond, werd omgezet in vuil en onkruid. In woede ontstoken werd de vijzel kapot geslagen en verbrand. De goede buurman vroeg zich af waarom zijn vijzel niet werd teruggebracht. Op een nacht verscheen de hond weer in een droom en vertelde hem dat zijn vijzel stuk gemaakt was en verbrand. Hij voegde er aan toe dat als hij de as van de verbrande vijzel over dorre bomen zou strooien deze zouden herleven. Na deze woorden verdween de droom. De volgende morgen rende de goede man al huilend naar het huis van zijn buren en smeekte hen om in ieder geval de as van zijn verbrande schat terug te geven. Hij kreeg de as en keerde snel naar huis terug. Hier strooide hij een klein beetje as over een dorre kersenboom die onmiddellijk begon te ontkiemen en te bloeien. Toen hij dit prachtig effect zag verzamelde hij de rest van de as in een mandje en trok door het land om oude, dode bomen weer tot leven te brengen. Een zekere prins hoorde van deze zaak en vond het een vreemde gebeurtenis. De oude man werd aan het prinselijk hof uitgenodigd. Hier toonde hij zijn macht en bracht alle verwelkte kersenbomen weer tot leven. De prins was hem dankbaar en gaf hem

29

Deel 12

een rijke beloning van zijde stoffen en andere cadeautjes. Hierop keerde de oude man vol van vreugde weer naar zijn huis. Toen de buurman dit hoorde verzamelde hij snel al de resterende as van de vijzel, deed dit in een mand en trok er mee naar de rand van de stad. Hij gaf zich uit voor de oude man die de kracht had dorre bomen te doen herleven. Hij werd uitgenodigd door de prins om nogmaals dorre bomen tot leven te brengen. Maar toen hij de as uitstrooide vloog de as in het gezicht van de prins zodat die bijna blind werd. Zijn volgelingen pakten de man en sloegen hem tot hij bijna dood was. Moeizaam kroop hij terug naar huis. Zijn leven werd een aaneenschakeling van rampen en teleurstellingen. Toen de goede oude man en zijn vrouw hoorden van de rampzalige nood van hun buren vergaven ze hen de verwijten en wreedheden die ze aangericht hadden. Ze gaven een deel van hun eigen rijkdom, die intussen enorm aangegroeid was, aan de noodlijdende buren. De boze oude mensen zagen eindelijk in hoe laag ze gevallen waren en wat hun hebzucht allemaal teweeg gebracht had. Vanaf nu leidde ze een goed en deugdzaam leven. Kaguya Hime (De Maan Prinses) Het verhaal Kaguya Hime is eveneens bekend onder de naam ‘Taketori Monogatari (Het verhaal van de Bamboe Snijder) en is een Japans volksverhaal uit de 10de eeuw. Het wordt beschouwd als de oudste nog bestaande Japanse vertelling en is een vroeg voorbeeld van proto-science fiction.

Op een dag, tijdens een wandeling in het bamboebos, zag de kinderloze bamboekapper Taketori no Okina (= oude man die bamboe oogst) een mysterieuze, glimmende bamboestengel. Toen hij hem afsneed vond hij daarin een baby ter grootte van zijn duim. Hij schrok maar was tevens blij en nam het mooie baby meisje mee naar huis. Hij en zijn vrouw beschouwden het meisje als hun eigen kind en noemde haar ‘Kaguya Hime’ (Stralende Nacht Prinses). Daarna toen hij de volledige stengel omhakte bleek er van binnen een klein goudklompje, van het zuiverste goud, in te zitten. Nu was hij rijk. Kaguya Hime groeide van een kleine baby tot een vrouw van normale grootte en met een buitengewone schoonheid. In het begin trachtte Taketori haar van de buitenwereld af te schermen, maar al snel werd het nieuws van haar schoonheid verspreid. Aangelokt door haar schoonheid kwamen vijf prinsen naar de woonplaats van Taketori om de hand te vragen van Kaguya. Maar deze weigerde een huwelijk aan te gaan. De vorsten lieten echter niet af en drongen er bij Taketori op aan dat Kaguya eindelijk een keuze zou maken en trouwen. Kaguya bleef weigeren en ten einde raad verzon Taketori één onmogelijke opdracht voor elk van hen. Met degene die erin slaagde zijn opdracht te vervullen zou Kaguya trouwen. Die nacht vertelde Taketori aan elk van de prinsen wat hun opdracht was. De eerste moest een steen brengen uit de bedelnap van de Boeddha uit India die zou gloeien met heilig licht. De tweede werd verteld een tak met juwelen te gaan halen op het eiland Penglai. De derde moest de legendarische mantel van de brandrat gaan zoeken in China. De vierde moest een gekleurd


30

FILAKRANT 2017

juweel van een draak zijn nek gaan halen en de vijfde prins moest de ‘kauri’ vinden die geboren werd uit een zwerm zwaluwen. De prinsen realiseerden al snel dat ze voor onmogelijke opdrachten stonden. De eerste prins keerde terug met een dure edelsteen. Maar Kaguya zag zijn bedrog in omdat de steen niet straalde met heilig licht. Ook twee andere prinsen probeerden haar te bedriegen met vervalsingen, maar ook hun pogingen mislukte. De vierde prins kwam om in een storm en de vijfde werd vermoord toen hij de brandrat in China wou stelen. Na deze voorvallen kwam Mikado, de Keizer van Japan, tot bij Kaguya. Toen hij haar zag werd de keizer smoorverliefd op de mooie Kaguya en vroeg om met hem te trouwen. Kaguya Hime wees zijn aanzoeken af en vertelde hem dat ze onmogelijk met hem kon trouwen omdat zij niet van zijn land was. Die zomer, wanneer Kaguya Hime de volle maan zag, vulde haar ogen zich met tranen en glansde haar haren als het licht van de maan. Hoewel haar adoptieouders sterk ongerust waren en haar vroegen waarom, was ze niet in staat om hen te vertellen wat er mis was. Ze werd steeds onrustiger tot ze onthulde dat ze niet van deze planeet was en dat ze terug moest naar haar volk op de maan. Ze was naar de aarde gestuurd voor haar eigen veiligheid tijdens een hemelse oorlog tussen de maanmensen. En nu was de tijd gekomen dat ze moest terugkeren naar haar volk. Nu de dag van haar terugkeer naderde stuurde de keizer vele bewakers rond het huis van Taketori om haar te beschermen tegen de maanmensen. Maar wanneer een afvaardiging van de maanmensen bij het huis van Taketori aankomt worden alle bewakers verblind door een vreemd licht. Hoewel Kaguya veel vrienden heeft op Aarde moet ze terugkeren naar de maan en haar ware tehuis. Ze schreef notities met dank en verontschuldigingen aan haar ouders en schonk hen ook haar eigen kleed. Ook aan de keizer schreef ze een brief en hechte er een flesje met levenselixir aanvast. Daarna nam de hemelse entourage Kaguya Hime mee naar Tsuki-no-Miyako (= Hoofdstad van de Maan). De ouders werden erg verdrietig en werden ernstig ziek. De keizer kreeg de brief van Kaguya van de officier van de bewakingsdienst bij het huis van Taketori en de melding wat er gebeurd was. Hij las de brief en vroeg zijn dienaren welke berg in zijn gebied het dichts bij de maan was. De keizer beval enkele officieren om de brief op de top van de berg te gaan verbranden samen met de pot van het elixir van onsterfelijkheid. De keizer wenste immers niet om eeuwig te leven zonder Kaguya. Hij koesterde echter wel de hoop dat deze boodschap de prinses op de maan zou bereiken. De legende vertelt dat het woord ‘onsterfelijkheid’ (= Fushi of Fuji) de naam van de berg werd. We kennen hem nu als de ‘Berg Fuji’. Er wordt ook verteld dat de rook van het brandende elixir nog steeds iedere dag opstijgt naar de hemel. In het verleden was de berg Fuji veel meer vulkanisch actief dan heden ten dage.

‘Maar, maar,’ dacht de oude man, ‘dit zijn slechts stenen beelden, maar bedenk eens hoe koud ze het moeten hebben zo in de sneeuw’. ‘Ik weet wat ik ga doen,’ sprak de oude man plots in zichzelf, ‘ik ga de vijf hoeden op de hoofden van de Jizo beelden zetten’. Eén voor één plaatste hij de hoeden op de hoofden van de beelden. Bij het laatste standbeeld realiseerde hij zich dat hij slechts vijf hoeden had. ‘Oh,’ zei hij, ‘Ik heb niet genoeg hoeden’. Toen herinnerde hij zich zijn eigen hoed, nam hem af en bond hem op het laatste hoofd van de Jizo beelden. Daarna ging hij verder naar huis. Toen hij zijn huis bereikte stond de oude vrouw hem op te wachten. Ze keek hem aan en zei: ‘Je moet wel half bevroren zijn met dit weer. En wat is er met je eigen hoed? Kom snel bij het vuur om je op te warmen’. De oude man schudde de sneeuw uit zijn haren, kwam bij het vuur staan en vertelde de oude vrouw dat hij de vijf nieuwe hoeden en zelfs zijn eigen hoed aan de beelden van Jizo gegeven had om hen te beschermen tegen de koude. Het speet hem heel erg dat hij geen rijstkoekjes had kunnen meebrengen. ‘Wat je deed voor de Jizo beelden was erg lief van je,’ zei de oude vrouw, ‘het is beter zulke dingen te doen dan rijstkoekjes te eten met Nieuwjaar’. Moe maar tevreden gingen ze die avond slapen. Net voor zonsopgang, terwijl ze nog half sliepen, hoorden ze een vreemd geluid. In de verte klonk het geluid van stemmen, stemmen die zongen: ‘Een vriendelijke oude man loopt in de sneeuw en gaf al zijn hoeden aan de beelden van Jizo. Dus brengen we hem geschenken yo, hé, yo, hó’. De stemmen kwamen steeds dichter en toen hoorde je voetstappen in de sneeuw. Ze stopten aan het huis van de oude man, en dan ineens een enorme klap, alsof er iets was neergezet aan de deur. Het oude echtpaar schrok, sprong uit bed en rende naar de voordeur. Toen ze de deur opende zagen ze een rietenmat gespreid en daarop netjes gerangschikt grote, mooie en de meest verse rijstkoeken die de oude mensen ooit gezien hadden. Verwonderd vroegen ze zich af wie dit prachtig geschenk wel kon gebracht hebben. Ze zagen een aantal sporen in de sneeuw naar en van hun huis weg. In de verte zagen ze de zes Jizo beelden en elk van hun droeg nog de strohoed die de oude man hen geschonken had. Het waren dus de Jizo standbeelden die de lekkere rijstkoeken gebracht hadden om hun dankbaarheid te tonen. Het oude echtpaar had de mooiste Nieuwjaarsdag van hun leven. Momotaro (De perzik jongen) Momotaro is een populaire held uit de Japanse folklore. Zijn naam betekent letterlijk ‘Perzik Taro’, en Taro is een veel voorkomende jongensnaam in Japan.

Kasajizo (Zes standbeelden van Jizo) Er was eens een oude man en een oude vrouw die woonden in een landelijk dorpje in Japan. Ze waren erg arm en brachten de dagen door met het weven van hoeden van stro. Wanneer ze klaar waren met een aantal hoeden trok de oude man naar de dichtstbijzijnde stad om de hoeden te verkopen.

Enkele dagen voor Nieuwjaar zei de oude man: ’Straks is het Nieuwjaar en ik zou zo graag op Nieuwjaarsdag eens wat lekkere rijstkoeken eten maar we kunnen onszelf niet eens twee kleine rijsttaartjes kopen om Nieuwjaar te vieren. ‘Nou,’ zei de oude vrouw, ‘we hebben vijf hoeden klaar, trek morgen naar de stad, verkoop de hoeden en met dat geld koop je enkele rijstkoeken’. De volgende ochtend ging de oude man naar de stad met de vijf hoeden die ze gemaakt hadden om ze te verkopen. Maar hij had niet één hoed kunnen verkopen en om het allemaal nog slechter te maken begon het ook nog hard te sneeuwen. De oude man was erg verdrietig en vermoeid sjokte hij terug naar zijn dorp. Hij ging langs een eenzaam bergpad toen hij plots de rij van zes stenen beelden van Jizo, de beschermer van de kinderen, zag staan. Ze waren bedekt met een dikke laag sneeuw.

Volgens het verhaal, daterend van uit de Edo-periode, kwam Momotaro naar de aarde in een reusachtige perzik. Toen een kinderloze vrouw haar kleren aan het wassen was in de rivier kwam de perzik aandrijven. De vrouw en haar man ontdekte het kind toen ze probeerden de perzik te openen en op te eten. Het kind verklaarde dat hij was gestuurd door de hemel om hun zoon te zijn. Het echtpaar noemde hem Momotaro (momo = perzik, taro = oudste zoon in het gezin). Jaren later verliet Momotaro zijn ouderlijk huis om een bende Oni (= demonen) te gaan bestrijden die op een eiland plunderend rondtrokken. Onderweg raakt Momotaro bevriend met pratende dieren, een hond, een aap en een fazant, die hem wilden helpen het onrecht te bestrijden. (Vroeger dacht men dat deze dieren geesten bezaten die de mensen konden helpen). Op het eiland worden dankzij deze dierenvrienden de rovers snel verslagen, de roverchef gevangen genomen en hun schat ontdekt in de grotten. Momotaro en zijn vrienden keren terug naar huis met de veroverde schat. Vanaf dat moment kon de familie comfortabel leven. Volgens een nog oudere vorm van het verhaal ontdekt een oude, kinderloze vrouw de reusachtige perzik drijvend op een rivier. Omdat de perzik er kleurig en smakelijk uitziet wordt ze mee naar huis genomen. Na het eten van een stukje perzik verandert de oude vrouw plotseling in een jonge vrouw met de schoonheid van haar jeugd. Toen de oude man thuis kwam van zijn werk in de heuvels is hij verbaasd om een schitterende jonge dame in zijn huis te vinden.

Op het eerste moment herkent hij niet eens zijn eigen vrouw in haar verjongde vorm. Ze vertelt hem hoe ze de perzik had opgepikt en bij het eten daarvan was omgetoverd. De oude man besluit ook een stukje perzik te eten en zie… ook hij herwint zijn jeugdige kracht. Die nacht wordt de liefde bedreven en de vrouw raakt zwanger. Uiteindelijk wordt hun eerste kind geboren, een zoon, die de naam Taro, Momotaro krijgt. Later trekt Momotaro ten strijde tegen het onrecht… · De oorsprong van dit verhaal is sterk geassocieerd met Okayama en het eiland Megijima in de buurt van Takamatsu. Op het eiland zijn enorme grotten ontdekt die door mensen handen gemaakt zijn. Tsuru no Ongaeshi (De dankbare Kraanvogel) Er was eens een arme, jonge man die woonde in een klein huisje. Het was winter en er was al flink wat sneeuw gevallen. Na zijn werk keerde de jonge man naar huis terug stappend door de sneeuw toen hij plots een vreemd, kreunend geluid hoorde. Hij liep het veld in vanwaar het geluid kwam. En wat zag hij? Een kraanvogel die lag te kermen en te kreunen. Zijn vleugel was doorboord met een pijl en zó kon hij onmogelijk nog vliegen. De jonge man vond het zielig en voorzichtig verwijderde hij de pijl. De kraanvogel was nu vrij, vloog weg en verdween in de lucht. De jonge man vervolgde zijn weg naar huis. Hoewel hij arm, eenzaam en zijn leven vol ellende was, omdat niemand hem bezocht, voelde hij zich toch gelukkig die avond.

Later op de avond, heel laat zelfs, werd er op de deur geklopt. Hij was benieuwd. Wie zou er zo laat op een besneeuwde avond nog beroep op hem doen. Toen hij de deur opende zag hij tot zijn grote verbazing dat zijn bezoeker een mooie jonge vrouw was. Ze was verloren gelopen en smeekte hem om haar hier te laten overnachten. Ze bleef de volgende dag én nacht en vele dagen en nachten daarna… Tenslotte vroeg de jonge man om met hem te trouwen. Ze stemde in. Ze waren blij en gelukkig, ondanks hun armoede. Ook de buurt was blij met hun prille geluk. De winter was lang en koud en op een dag was er onvoldoende geld om eten te kopen en de voorraad aan te vullen. De jonge vrouw zei dat ze een doek kon weven op het weefgetouw dat aanwezig was in een kamer aan de achterkant van het huis. Maar voordat de vrouw begon te weven moest haar man beloven niet te komen kijken. Hij beloofde dat hij niet zou komen gluren. De jonge vrouw sloot zich vervolgens op in de kamer en begon te weven. De jonge man wachtte een dag en een nacht en daarna nog twee dagen en twee nachten. Zijn vrouw was nog steeds aan het weven zonder onderbreking. De derde dag kwam de bruid te voorschijn en toonde haar werk. Het was het mooiste en prachtigste doek dat hij ooit gezien had. De dag daarna reisde de man naar de dichtstbijzijnde stad om het kunstwerk te verkopen. Hij kon het verkopen als was het een kostbaar en zeldzaam doek en kreeg er een grote hoeveelheid geld voor. Dankzij dit geld konden ze een tijdje verder leven. Maar de winter was nog niet voorbij en het geld raakte op. Daarom besloot de bruid nog een doek te weven. Ze waarschuwde haar man niet te komen kijken terwijl ze aan het weven was. Weer sloot ze zich op en begon te werken… De dagen en de nachten gingen voorbij. Op de vierde dag verscheen de bruid, moe en uitgehongerd, met een doek dat nog veel mooier en prachtiger was dan het eerste. De jonge man trok weer naar de stad en wist het doek te verkopen voor een bedrag waarvan ze alleen maar konden dromen. Zijn vrouw maakte hem gelukkig en dank zij het weven waren ze niet meer arm maar de jonge man wou altijd maar meer en meer geld verzamelen. Bovendien kreeg hij lastige vragen van de buren over zijn vrouw en het weven. Ze vonden het heel vreemd dat zijn vrouw zulke prachtige lappen stof kon maken zonder maar één meter draad te kopen. Nu was de jonge man ook echt benieuwd hoe ze dat klaar speelde. Om nog rijker te worden vroeg de man nog een nieuw doek aan zijn vrouw. De bruid zag het nut er niet van in maar stemde uiteindelijk schoorvoetend toe. Ze zou nog eenmaal een doek weven, maar dan ook het allerlaatste. “Ge zult niet komen kijken”, herinnerde ze hem aan zijn belofte en ging weer aan het werk. Maar de jonge man was nieuwsgierig en ongeduldig. Hij wilde nu wel eens weten hoe zijn bruid dat klaar speelde. Hij ver-


FILAKRANT 2017 gat zijn belofte, sloop naar het kamertje waar zijn vrouw aan het weven was en opende zachtjes de deur op een kier. Hij schrok en snakte naar adem. In plaats van zijn vrouw zag hij een kraanvogel. Deze trok één voor één zijn veren uit en weefde hiervan een prachtig doek. Nu begreep de jonge man hoe zijn vrouw zulke mooie doeken kon maken zonder draad. Maar de vogel bemerkte zijn gluren en veranderde snel in haar menselijke vorm. De bruid vertelde toen haar verhaal aan de verbaasde jonge man.

Ze was de kraanvogel die hij ooit van de dood gered had. Ze was teruggekeerd in de vorm van een jonge vrouw om hem te bedanken voor de goede daad die hij gesteld had. Door zoveel te weven had ze haar eigen lichaam gekneusd, maar omdat de jonge man zich niet aan zijn belofte gehouden had moesten hun wegen nu scheiden. Het was onmogelijk om samen nog verder te leven. De jonge man had heel veel spijt dat hij verzuimd had zijn belofte te houden vanwege zijn dwaze wens voor meer geld en zijn

31

nieuwsgierigheid. Maar er was geen weg terug. De jonge vrouw werd nog één keer een kraanvogel en vloog weg… voor altijd. Wordt vervolgd. Bronnen: Japanse Post: www.post.japanpost.jp/… Japan Post Service: Newly issued postage stamps. Anime News Network: http://animenewsnetwork.com/… Wikipedia

Judaïca uit Oekraïne Op 27 augustus 2016 werd door de postdienst “Ukrposhta” in de serie Nationale minderheden in Oekraïne een serie van 4 postzegels uitgegeven die de Joodse etnische gemeenschap belicht.

Op de zegels is het volgende te zien:

De ontwerper van de serie is de kunstenaar Nikolay Kochubey Tekst: Oekraïense Post “Ukrposhta” Bart Belonje

3.00 Grivna - De traditionele Klezmer dans “Freilech” 5.40 Grivna - Een Joodse kleermaker (Krawiec)

3.00 Grivna De traditionele Klezmer dans “Freilech”

4.40 Grivna - De viering van het Joodse nieuwjaar; “Rosh Hasjana”

4.40 Grivna - De synagoge in de stad Zhovkva

5.40 Grivna - Een Joodse kleermaker (Krawiec)

4.40 Grivna - De viering van het Joodse nieuwjaar; “Rosh Hasjana” 4.40 Grivna - De synagoge in de stad Zhovkva Ondanks het feit, dat de Joden in Oekraïne ten onrechte worden toegeschreven tot de categorie van nationale minderheden, is hun bijdrage aan de moderne Oekraïense samenleving enorm. Onder hen Leon Trotsky, Shalom Aleichem, Golda Meir en vele anderen hebben hun namen toegevoegd aan de geschiedenis van de wereld. De synagoge van Zhovka in het Lviv District, is gebouwd in 1690, werd door de Duitsers in 1941 opgeblazen waardoor alleen de buitenmuren bleven staan. In het jaar 2001 werd gestart met de restauratie. Freilech of freylekh is een Jiddische kringdans. De muziek is ook zeer vrolijk, letterlijk betekent het “vrije lach”. Een freylekh/freilech heeft een 2/4 maatsoort, met een eenvoudig oem-pah-oem-pah ritme. De zegels zijn uitgegeven in 4 mini vellen van 12 zegels met versierde randen. Op de top van elk blad staat het logo van de filatelistische tentoonstelling “Odessafileks 2016”.

De zegels zijn uitgegeven in 4 minivellen van 12 zegels met versierde randen met logo ‘Odessafileks 2016’.


32

FILAKRANT 2017

Nederlandse vogels met gratis bewaarmap

Vanaf 2 januari verkrijgbaar op alle postkantoren en nu al te koop op Eindejaarsbeurs 2016

PostNL Adv Filakrant.indd 3

10-11-16 16:35


FILAKRANT 2017

33

Ridders van het gulden spoor Door: Cees van Ursem Kamenier bij de Paus! Maar welke Paus? Paus Pius VII overleed op 20 augustus 1823 en werd opgevolgd door Paus Leo XII.

Wegens het ontbreken van de inhoud weten we dat dus niet zeker, maar mogelijk hield deze brief verband met de aanstelling van Monsigneur Michele tot kamenier bij de nieuwe Paus of als condoleance bij het overlijden van zijn oude werkgever?

Afb. 1

Afb.1a Bovenstaande briefomslag (afb. 1) maakt deel uit van mijn e.o. Milaan-verzameling (voor-filatelie). Zoals u weet betreft zo’n verzameling vooral stempels en andere postale kenmerken op de als enveloppen gevouwen brieven in de tijd van voor de postzegel. In dit geval echter, het stempel is niet echt bijzonder en ook de porto van 9 soldi werd keurig betaald, werd mijn aandacht getrokken door de geadresseerde; All Illmo e Revmo Monseigneur Dr. Michele Albertini Cavaliere Dell`Ordine Speron d`Oro et Cameriere d`onore de Sua Santita in Rome. Gestuurd aan; de Weledelgeboren en Hoogeerwaarde heer Monseigneur Dr. Michele Albertini Ridder in de Orde van het Gulden Spoor en Eerwaarde Kamerheer van zijn Heiligheid. (afb. 1a) Genoeg reden om mijn kennis op dit punt weer eens te verfrissen.

Helaas ontbreekt de inhoud van deze vouwbrief en is de exacte datum dus niet meer te achterhalen, ook het onderwerp blijft een raadsel. Maar wat we wel weten is dat het poststempel van 18 aug. 1822 tot 6 febr. 1825 in gebruik was. Het is volgens de catalogus het 2e vertrekstempel MILANO met kaderrand. Stempel 2; Herkenbaar aan de M waarvan de punt helemaal tot onder aan de letter doorloopt en de grote ruimte tussen de I en de L van Milano. De brief dateert dus uit 1823 of 1824. Aankomst 22 mei. Maar dan; Ridder van het Gulden Spoor. Als je tot Ridder in de Orde van het Gulden Spoor behoorde was je tenslotte niet zomaar iemand. In 1954 bijvoorbeeld was dat een zeer selecte groep van slechts 10 Ridders. En dan ook nog

Ridder van het Gulden Spoor In de jaren voor 1300 behoorden de Ridders van het Gulden Spoor tot een soort elite eenheid van ‘het sterkste ridderleger van Europa’. Ridders van adel met een bijzondere staat van dienst. Zij droegen ook werkelijk gouden sporen en hadden bijvoorbeeld het bizarre recht om te paard en met zwaard gewapend een kerk te betreden. Zij werden overal in Europa ingezet om de orde in het Heilige Roomse Rijk te handhaven of te herstellen. Om pacht te innen of anderszins het feodale stelsel in stand te houden. Zo kon het gebeuren dat zij in dienst van de Franse koning Philips de Schone werden opgetrommeld om die lastige opstandige Vlamingen rond Brugge tot de orde te roepen.

Vlaanderen was voor de wolhandel in deze tijd economisch gezien sterk afhankelijk van Engeland, maar had nog wel een feodale band met Frankrijk. Toen Frankrijk en Engeland in oorlog waren, koos Vlaanderen de kant van Engeland. Het deed dit in 1297 nadat de Engelsen gedreigd hadden de wolhandel van Brugge naar Dordrecht te verplaatsen. Ongeveer twee jaar nadat de graaf het verbond met Engeland had gesloten, kwam Vlaanderen geïsoleerd te staan. Engeland en Frankrijk sloten in 1299 namelijk vrede tijdens het Verdrag van Montreuil. Niet lang hierna (begin 1300) werd Vlaanderen door troepen van de Franse koning Filips IV bezet. Graaf Gwijde van Dampierre gaf zich hierop, samen met zijn zonen, over aan de Fransen. Het graafschap Vlaanderen werd vervolgens in zijn geheel bij het Franse kroondomein gevoegd. Brugge bleef zich echter verzetten en toen het Franse leger twee vergeefse pogingen had ondernomen om de stad te bezetten (De Bruggese Metten) werd het duidelijk dat een strijd in open veld de beslissing zou moeten brengen.

Op 11 juli 1302 nam een ‘Vlaams’ leger van Bruggenaren - dat vrijwel volledig bestond uit ambachtslieden en boeren - het op tegen het complete Franse ridderleger. 2700 adellijke cavaleristen, het sterkste ridderleger van Europa. De slag is de geschiedenisboeken ingegaan als de ‘Guldensporenslag’. De plaatselijk bestuurders hadden zich afzijdig gehouden want de afloop van deze strijd stond eigenlijk bij voorbaat wel vast dachten ze. Het liep geheel anders daar op het Groeningheveld te Kortrijk. Het onoverwinnelijk geachte ridderleger verloor namelijk de slag van een leger van 10.000 man voetvolk dat, met hun kennis van de terreinomstandigheden en hun vastberadenheid, optimaal profiteerde van de mogelijkheden. De eerste maal in de geschiedenis dat een ridderleger door voetvolk werd verslagen, waarbij een belangrijke rol was weggelegd voor de Zeeuwse Edelman Jan III van Renesse. Krijgsgevangenen werden niet gemaakt met als gevolg dat veel Fransen in de strijd sneuvelden. Op het slagveld verzamelden de Vlamingen hierna ongeveer vijfhonderd gouden (gulden) riddersporen. De ‘Guldensporenslag’ dankt hieraan zijn naam.

Fr Morlacchi 1813 voor zijn oratorium La passione di Gesù Cristo, Antonio Canova beeldhouwer, Carl Ditters von Dittersdorf en Franz Liszt componisten.

De sporen werden opgehangen in de OnzeLieve-Vrouwekerk in Kortrijk. De nederlaag was zo smadelijk dat de paus pas vele dagen later op de hoogte werd gebracht en het leidde het einde van het ridderschap als militaire kaste in. De overwinning van de Vlamingen was tevens van grote symbolische waarde voor verhoudingen in heel Noord-West Europa. Het betekende feitelijk het einde van het feodale stelsel. De overwinning op van bovenaf opgelegde structuren in Kerk, Staat en Arbeid. Gilden en Ambachten kregen vanaf toen grote invloed. De macht en politieke invloed, verschoof langzaam naar de burgerij. Nog altijd staat de ‘Guldensporenslag’ voor veel Vlamingen symbool voor de Vlaamse emancipatiestrijd en het recht op zelfbeschikking. Vanaf eind negentiende eeuw worden in Vlaanderen op verschillende plaatsen 11-julivieringen gehouden. In 1973 werd de dag uitgeroepen tot Feestdag van Vlaanderen.

De Ridderorde zelf veranderde eveneens. Waren het voorheen de adellijke ridders die voor de titel in aanmerking kwamen, nu konden ook burgers met bijzondere verdiensten in aanmerking komen. Veelal waren dat kunstenaars. De kunstschilder Titiaan in 1533 door Paus Paulus III benoemd, Orlando di Lasso in 1574. De componist Chr. Willibart Gluck en Anton Rafael Mengs de kunstschilder. Maar bijvoorbeeld ook Giacoma Casanova; Levenskunstenaar en vrouwenversierder en de componisten Wolfgang Amadeus Mozart 1770 en Niccolo Paganini.

Inmiddels is de Ridderorde weer de op een na hoogste en aanzienlijkste Pauselijke onderscheiding. Paus Paulus VI bepaalde in 1966 dat de Orde uitsluitend Christelijke Vorsten en Staatshoofden van onbesproken gedrag toekwam op basis van bijzondere verdiensten op gebied van cultuur, wetenschap, militair of bestuur. Voorbeelden zijn; Jan van Luxemburg, Reinier III van Monaco, Juan Carlos van Spanje, Frederick I van Denemarken en Koning Albert II van België. Voor Koning Hoessein van Jordanië werd door Paus Joh. Paulus II een uitzondering gemaakt. Evenals dat voor bondskanselier Konrad Adenauer in 1955 al was gebeurd wegens zijn verdiensten voor vrede en eenheid in Europa. Dames zijn tot nu toe nooit benoemd. Hoewel dat in principe wel mogelijk is. De Paus bepaalt ‘Motu Proprio’. Dus geheel zelfstandig en op eigen initiatief. Wat zo’n brief met een simpel stempeltje toch allemaal te weeg kan brengen!


34

FILAKRANT 2017

Als ik aan melk denk krijg ik soms rare ideeën Door: Theo van der Caaij

A

ls ik aan melk denk krijg ik soms rare ideeën. Dan wil ik een verhaal schrijven… een verhaal dat gaat over Kerst of over één van de meest gevreesde ziektes van voor de Tweede Wereldoorlog. En dan is er maar één link te vinden; Tuberculose! Of ook wel liefdevol afgekort tot TBC of TB. Soms ook wel de Pleuris genoemd, of tering of de witte pest. En als de ziekte zich heel snel verergerde, dat was de term “vliegende tering” vaak van toepassing.

Gelukkig zat ik niet te eten tijdens mijn ideeën, want dan ik waarschijnlijk niet veel trek meer gehad. Maar ja, via deze dodelijke ziekte die nog steeds jaarlijks zo’n 1,7 miljoen slachtoffers vergt, kom je al snel bij de wereldwijd uitgegeven zegels die geld genereerden om deze ziekte te bestrijden. En om de gedachten aan de zieke medemens te versterken werd de kerst gebruikt om dit fonds te spekken tijdens de drukste periode in de post; De kerstpost! Elke enveloppe kon met een sluitzegel ter bestrijding van deze gevreesde ziekte worden “geseald”. Daar komt ook de Amerikaanse naam Christmas seals vandaan. Maar wat kan je nou met deze gedachten? Ik zal het u in het navolgende verhaal proberen te vertellen. In 1907 vroeg Dr. Joseph P. Wales aan zijn nicht Emily Bissell: “Well Emily, see what you can do. We’re down to our last dollar, and unless at least three hundred dollars can somehow be raised, we’ll have to turn out those poor sufferers to die, and to spread death before they die. You’ve done a lot of fund raising for good causes, and I’m sure you’ll find a way this time”. En daar begon in oktober 1907 de historie van de Christmas seals in de Verenigde Staten. In 1904 was men begonnen met een openluchtcentrum voor TBC patiënten in Brandywine, dicht bij Wilmington, Delaware. Het land werd geleased van Alfred I. du Pont voor het bedrag van 1 dollar per jaar. Op het moment dat Emily dit te horen kreeg, waren er acht patiënten aanwezig die verzorgd werden door een zuster en een kok. Het krijgen van hulp was in die jaren erg moeilijk omdat iedereen dacht dat de ziekte ongeneeslijk was en dus zou het zonde zijn om hier geld in te steken. Ook het openluchtcentrum lag onder vuur, want als een patiënt genas, kwam hij toch weer in een kleine ruimte terug en zou de ziekte snel weer kunnen oplopen. Door deze gedachten kon de ziekte zich blijven verspreiden en bleef de ziekte de baas over alle manieren van bestrijden. Totdat…? De Duitser Dr. Robert Koch de kleine bacterie ontdekte. Hij bestudeerde de ziekte en kwam op 24 maart 1882 tot de conclusie dat het verspreid werd via de Mycobacterium tuberculosis bacterie. Toen is men gaan zoeken waar die nou toch vandaan kwam. Het bleek dat in die tijd iedereen besmet was met de bacterie. De meeste mensen genazen vrij snel na de eerste besmetting, al droegen ze dan nog wel goed ingekapselde bacteriën bij zich, die alleen bij sterke verzwakking de kop weer opstaken. Behalve door hele kleine druppeltjes in de lucht die uitgehoest werden door zieke mensen, bleek ook koeienmelk de rundervariant te bevatten die kon worden overdragen via de melk van dier naar mens en zo de dodelijke ziekte via de “gezonde” rauwe melk doorgaven. Terstond werd de koe aangezien voor een vreselijk dier dat zoiets onder de mensen durfde te verspreiden dat men geen melk meer kocht en de boer de dupe werd van iets waar hij weinig of niets aan kon doen…

Of toch wel? Ja, de heer Louis Pasteur ontdekte het pasteuriseren. Als men de melk pasteuriseerde voordat hij ter fles ging, was er niets aan de hand. De bacteriën die de koeien aan ons door wilden geven, bleken dood te gaan als de melk tot 72 graden werd verhit voor minstens 15 seconden, waarna een verhitting tot 138 graden plaats vond voor minimaal 2 seconden, alvorens deze gekoeld kon worden verkocht. De gezondheid van de mensen werd ineens een stuk beter nu men weer melk binnen kreeg voor een sterker gestel en de boer die weer geld verdiende keek ook weer vrolijker. Ondertussen werd de TBC van de veestapel bestreden waardoor de koemelk ineens veel minder mensen besmette. Emily Bissell, die secretaris was van het bestuur van het Rode Kruis van Delaware, had al eens iets gelezen over zegels die sinds 1904 in Denemarken werden verkocht. De zegels voldeden niet het porto, maar konden elke brief sluiten op de flap aan de achterzijde van de enveloppe. De zegels sloegen daar vrij goed aan, doordat Einar Holboell de zegels op zijn eigen postkantoor verkocht. Zo kwam ze op het idee om dit ook naar de V.S. te halen en te zien of het mogelijk zou zijn de benodigde 300 dollar op te halen voor hun eigen sanatorium. De zegels zouden hun goede wensen verspreiden op pakjes en brieven, terwijl het goede doel werd gediend. En waarom zou het Rode Kruis van Delaware dit doel niet sponsoren, als Delaware een van de zwaarst getroffen staten was van de V.S.? De mensen van het Rode kruis waren direct enthousiast, maar de zegel kon er niet komen. Want hoewel het landelijke Rode Kruis toestemming gaf om hun embleem te gebruiken, mocht de zegel niet verkocht worden aan de postloketten. De Postmaster General voorspelde een mislukking van dit project. Maar ze gaf niet op en vond twee vriendinnen die bereid waren ieder 20 dollar te doneren, waardoor ze bij een bevriende drukker vijftig duizend zegels voor haar doel kon laten drukken. Hiermee hoopte ze de 300 dollar bij elkaar te krijgen voor haar eigen sanatorium. Door de zegels slechts in één zeer rode kleur te laten drukken kon de kostprijs gedrukt worden en bleef er dus meer over. Toen de zegels er waren had ze publiciteit nodig en kwam terecht bij kranten, scholen, kerken, vrouwenclubs en werkgevers om haar doel kracht bij te zetten. Maar de tegenstanders vonden de zegels - die een cent per stuk kostten - te duur. Die konden zeker voor één tiende van de prijs verkocht worden. Emily was niet uit het veld te slaan en liet de eerste zegels verkopen bij de ingang van het postkantoor en op die eerste dag verkocht ze voor 25 dollar aan zegels. Ook de dagen er na waren redelijk, maar zo zou ze de gestelde 300 dollar nooit halen. Ze reisde naar Philadephia waar ze bij de “North American”, een krant die wijd verspreid was in Delaware, om te vragen een artikel te plaatsen over haar doel voor het uitbannen van een ziekte die het hele volk aanging. Maar hier vond men de koppeling van de beste wensen en de ergste ziekte geen goed idee en ze werd weggestuurd. Op haar weg naar de uitgang bedacht ze zich en klopte aan bij een columnist die pas nog over de tuberculose had geschreven. Nadat hij het idee had aangehoord, was hij niet direct blij met het voorgestelde “gaatjes-papier”. Een vlag of banner zou meer bereiken dacht hij. Maar hij vroeg haar te wachten en holde de trap af naar beneden en kwam twee minuten laten weer terug met de mededeling dat de “North American” geheel tot haar beschikking stond tijdens de decemberdagen. Als klap op de vuurpijl wilde de krant vijftig duizend zegels van haar kopen. In allerijl bestelde ze nog eens de hoeveelheid zegels die ze eerder besteld had. Maar in plaats van het “Merry Christmas” kwam er nu een wens bij: Happy New Year. Hierdoor kon de zegel langer dienst doen en verkocht ze er dus

meer. Eind december meldde Emily de krant dat ze alles geteld hadden en ruim 3000 dollar over hadden. Hiermee kon men nog een sanatorium onderhouden en de bijbehorende grond kopen. Tevens konden de geleerden een financiële bijdrage krijgen voor het onderzoek naar de ziekte. Mede door dit succes kwam men op het idee om dit op een landelijk niveau te gaan verkopen via het Rode Kruis. Het Rode kruis liet voor 1908 een zegel ontwerpen door Howard Pyle. Om het pad te effenen besloot Emily 6000 kranten aan te schrijven en betaalde het voorschot uit eigen zak. The North American stond wederom op als hoofdsponsor en kocht zelf 3 miljoen zegels. De totale opbrengst dat jaar was 135 duizend dollar. Tijdens de eerste dag van verkoop in Philadelphia op 16 december 1908 bereikte een bericht de voorpagina van vele kranten. Een nogal schamel gekleed jochie, dat net boven de tafel uitkwam, stak zijn cent omhoog en zei tegen de dame achter de tafel: “Gimmie one. Me sister’s got it!”. En als zelfs een straatschooiertje de boodschap had gekregen dan moest dat landelijk toch zeker kunnen aanslaan.

Het ging nu zo goed en de organisatie werd zo groot dat het Rode Kruis in 1910 moest vragen aan de “Nationale Tuberculose Associatie” om de landelijke campagnes te gaan voeren. Hierbij is de naam “Stamp” veranderd in “Seal”. Het Rode Kruis bleef op de zegels staan. Pas toen in 1919 de Tuberculose Associatie de enige sponsor werd, verdween het Rode kruis en kwam het Lotharings kruis, het kruis met de twee dwarsbalken op de zegels van 1920. Dit was het officiële symbool van de internationale tuberculose organisatie, het grootste kleine ding ter wereld. Van alle opbrengsten bleef 95 procent ter beschikking van de betreffende staat, terwijl met de overgebleven 5 procent het landelijk onderzoek naar de oorzaken en oplossingen rond de dodelijke ziekte werd gezocht. Inmiddels deden ook Alaska, Hawaii, Porto Rico en de Filippijnen hun best om het succes te vergroten. Maar ja, wat kunnen we nou met die melk? Dat zal ik nu dus uitleggen. Naast alle campagnes en onderzoeken was melk dus één van de oorzaken van verspreiding van de ziekte terwijl iedereen juist dacht dat melk gezond was. Na de uitvinding en het doorvoeren op grote schaal van het pasteuriseren, moesten de boeren een manier vinden om hun melk te rehabiliteren. En dat is ze gelukt! De vijand van weleer werd nu de bondgenoot in de strijd tegen het ongenaakbare onheil. Melk werd in de V.S. verkocht in flesjes van een “pint”, iets minder dan een halve liter. Nadat deze gepasteuriseerd was deed men er een dop op van karton. In het kartonnetje zat een lipje verborgen dat het dopje er uit kon halen. Om te zorgen dat het lipje niet afscheurde, deed men er een nietje achter en zo werden de befaamde milk-caps geboren. Een uitvinding die bij ons de Flippo indirect teweeg heeft gebracht. Milk-caps werden bedrukt met logo’s van hun melkfabriek of reclameboodschappen, figuurtjes, namen van de leverancier, een bepaald koeienras enzovoorts.


FILAKRANT 2017 En kartonnen “muntjes” met allerlei plaatjes zijn erg verzamelwaardig en dus verzamelde en verzamelt men zich nog steeds suf. Hier lag dus de kans om twee vliegen in een klap te raken en te verpletteren. De melk en dus de boer uit het slop halen en de nog steeds stijgende opbrengsten van de Christmas seals verhogen. En zo geschiedde! De milk-caps kregen een nieuwe sponsor en dus kwamen de Christmas seals nu in de decembermaanden op het kleinood te staan met een opschrift om de sluitzegels nog meer te promoten.

Waarschijnlijk is iedereen hier al afgehaakt, maar na de catacomben komen er altijd nog krochten. En daar moet je zijn voor het volgende artikel: verzamelwaardige boekenleggers met de reclame voor de sluitzegels. Een artikel waar de echte postzegelverzamelaar absoluut niet om heen kan als je tenminste serieus met je hobby bezig bent. Daar ging ik weer. Ik begon dus ook boekenleggers in mijn verzameling op te nemen en dit was de nieuwste vorm van reclame maken voor de Christmas seals. Toch is er nog een laatste categorie afzaksels die ik u zeker niet kan onthouden. Want als u met kerst aan tafel zat, mocht u toch vooral niet vergeten dat de ernstige ziekte, die zoveel slachtoffers had gemaakt, mede dank zij de vele inspanningen door een heel klein zegeltje van een cent werd bestreden. Dus moest uw tafel er ook aan geloven en de achterzijde van uw menukaart had genoeg ruimte om iedereen er van te overtuigen dat de sluitzegels noodzakelijk waren. Daarom kan ik u ook de rood bedrukte menukaarten van harte aan bevelen voor uw kerstsluitzegel-collectie.

En ik, arme ziel, kan het weer niet laten om vanuit de postzegel langs de sluitzegels en een lang verhaal af te zakken tot het sparen van melkdopjes met reclame voor de zegels die geen zegels mochten heten. Een vreemd moment voor een ras postzegelverzamelaar die zich graag aan de randen van de filatelie blijft bewegen. Maar helaas een verzamelaar kan nog verder zakken en het ontzettend naar zijn zin hebben. Want de melkmannen en –verkopers werden steeds creatiever.

35

Er is nog genoeg materiaal waaraan verzamelaars kunnen worden blootgesteld. We gaan verder met de “Tafelstandaard”! Een item dat in geen enkele collectie mag ontbreken volgens mij, omdat hij zo toepasselijk is, zeker als je hem neerzet zoals hij bedoeld is. De onderkanten in elkaar schuiven en een mooie driehoek is geboren. Een verbluffend eenvoudige standaard met een tweezijdige bedrukking laat de zegels spreken en wil de aspirant-koper doen geloven dat dit één van de beste doelen op aarde is. En zeg nou zelf, dit is toch onweerstaanbaar? Dus heb ik dit soort attributen ook in mijn collectie opgenomen, ten einde compleetheid te betrachten.

Er werden “collars” (kragen) bedacht die de grotere flessen mochten aankleden. En zie hier, een poging om dit met een kleine fles na te bootsen. U begrijpt dat ook deze charmante manteltjes niet in mijn mooie collectie mochten ontbreken en dus heb ik me maar weer opgeofferd en ben ze gaan sparen.

Vooral de vormen zijn erg leuk, want als je hem afwikkelt is het net een papieren banaan. En zo ben ik in de catacomben van het postzegel sparen terecht gekomen, maar zolang ik er plezier aan beleef is het voor mij toch een leuk item, omdat de seals erop afgebeeld staan. Ook voor de kleinste flesjes werden er dopjes gemaakt.

Als laatste zijn er dan nog de aandelen die men kon kopen waarmee je voor 5 dollar aan zegels kocht. Op zich leuke aandenkens aan grootverbruikers van de zegels met op de achterkant een mooie afbeelding van de zegel van het betreffende jaar. Ze zijn niet erg gewoon en daarom wat moeilijker verkrijgbaar, maar zeker niet erg duur. Enneh, oh ja, de zegels zelf zijn ook erg verzamelbaar. Ze zijn er dus vanaf 1907 elk jaar uitgekomen. Ze zijn er in vele vormen, want ook de verzamelaar kon zo zijn steentje bijdragen aan een meer ziektevrije wereld.

Van links naar rechts: één voor de slagroom, één voor de halve Pint en één voor een Pint. Het nietje kan in sommige gevallen roesten doordat melk zuren bevat die metaal laten roesten na een langere tijd. Ook is het mogelijk dat deze exemplaren een poosje in een vochtige kelder hebben gelegen. Ze zijn soms lastig te vinden en sommige jaargangen zijn nog behoorlijk aan de prijs, omdat er dat jaar weinig zijn uitgegeven.

Zo worden wij op vele manieren door de postzegel en dus ook door sluitzegels uitgebuit. Want voordat de zegel werd uitgegeven moesten er sowieso kleurproeven en tandingen worden uitgeprobeerd alvorens er vellen, kleine vellen, boekjes en losse zegels konden worden uitgegeven. En als u nu morgen aan uw diner zit met of zonder menukaart, denk dan toch eens aan al die mensen die geholpen zijn door dat minuscule zegeltje wat voor slechts een cent te koop was en bereikbaar voor iedereen, zelfs voor dat jochie van de straat dat een zegeltje kocht om zijn zus te laten genezen.

U ziet, we krabbelen op uit de krochten en komen allengs waar we wezen willen. Toch mooi om te kunnen laten zien dat deze nog in opdracht van het tuberculosefonds werden vervaardigd in 1952 en hier ook 1955. Later is er een naamsverandering doorgevoerd naar: “National Tuberculosis and Respiratory Disease Association”. Nog weer later is dit - na samengaan met nog meer organisaties - de “American Lung Association gaan heten”. Waarvan ook hier twee voorbeelden. Het was natuurlijk ook een betere naam voor een organisatie die zich nu steeds meer ging bezig houden met long gerelateerde ziekten. De TBC werd steeds verder weggedrongen uit het moderne Amerika. Net als in de rest van de westerse maatschappij. Toch blijft het in de rest van de wereld nog steeds een dodelijke ziekte die jaarlijks zo’n 1,7 miljoen slachtoffers vergt. Nog steeds wordt op velerlei manieren getracht om steeds weer geld te genereren om de ziekte de wereld uit te helpen. Of dat ooit zal lukken is de grote vraag. Vast staat dat de wetenschap zich vol overgave heeft gestort op het uitbannen van deze ziekte. Ik sprak al over Louis Pasteur die de melk voor zijn rekening heeft genomen. Maar er zijn nog meer mensen geweest die zich hiermee bezighielden, zoals Laennec, Trudeau en HolBoll. Om bij eerste te beginnen. Rene Laennec was de uitvinder van de stethoscoop, waarmee men door de borst of rug heen veel beter het geluid in de longen kon horen, zonder te opereren of snijden in de medemens.


36

FILAKRANT 2017

De tweede, Edward Livingston Trudeau was de man die in de V.S. zorgde voor sanatoria en onderzoek naar de gevreesde ziekte TBC. En de laatste, Einar Holboll die in Denemarken een postmaster was, heeft de eerste kerstzegels, ten bate van de bestrijding van tuberculose, het licht laten zien. En deze vier belangrijke mensen zijn dan ook te zien op de vier hoeken (vier steunpunten) van het Amerikaanse vel uit 1938.

de zieke medemens, en HUP… daar kwam ze al! Zelf nog even rondvouwen, aureooltje aansluiten en zorgen dat ze niet wegvliegt met die leuke vleugeltjes. U ziet we komen nog steeds niet terug op aarde. Maar ze is wel heel erg verzamelwaardig. Toch? Maar wat zou u in de enveloppe willen doen? Ja, natuurlijk een kerstkaart, is al voor gezorgd! Want ook de dubbelgevouwen kaart was bedacht met een lege binnenkant, zodat u de eigen gedachte de vrije loop kon laten gaan. Een beetje van TBC en een beetje van jezelf, zullen we maar zeggen.

nog steeds in leven is, ruim negentig jaar nu. Op de foto was ze slechts 15 jaar oud en al bekend. Tussen 1939 en 1959 heeft zij in ruim 26 films geschitterd. Op 12-jarige leeftijd had zij al radioopnamen gemaakt met Paul Whiteman’s Band. Daarna werd ze opgenomen in een klein operagezelschap waarmee ze de jongste opera zangeres in Amerika werd.

Maar ik had u beloofd om weer terug te keren naar de bovengrondse verzamelwereld, dus gaan we nog even kijken bij de diverse attributen die de zegeltjes in de loop der jaren hebben vergezeld bij de verkoop daarvan. De zegeltjes waren bedoeld als sluitzegel of gewoon om de enveloppe er mee op te leuken. Dat deed men dus volop. Wat te denken van dit exemplaar!

Naast het goede doel was men er dus ook creatief mee bezig, wat dan weer door brievenverzamelaars erg fijn gevonden wordt. Een mooie enveloppe dus. Maar die werden ook gedrukt voor het gemak van de verzender, voorzien van een prachtige opdruk zoals de twee nevenstaande enveloppen bewijzen. Dus spaar ik ook enveloppen! En wat te denken van de mooie etiketten die op een pakket, cadeau of grotere brief geplakt konden worden.

Ik hoor u denken, het zal nu toch wel bijna afgelopen zijn met die narigheid? Maar helaas het gaat gewoon door. Want na 50 jaar is het wel een moment dat je alle vrijwilligers middels een brief bedankt, en dan heb je wel een logootje nodig dacht men. Dus dat kan je ook sparen. Het is altijd fijn als mensen aan je denken, bij jouw inspanningen voor een betere wereld, vrij van die sluipmoordenaar die TBC heette. Is het geen plaatje? Je zou het zo op willen nemen in je collectie met kerstzegels.

Maar een echte verzamelaar wil meer vrouwen in zijn vrome kerstcollectie. Dus werd ook Frances Langford uit de kast gehaald en met onze kerstzegels vereeuwigd. Waarlijk geen vervelende foto om te bezitten en een PRACHT-excuus om naar te kijken. Wat is het toch fijn om kerstzegeltjes te verzamelen! Ik kan mijn ogen er niet van af houden. Frances Newbern Langford was ook een jonge actrice en zangeres in die tijd. Beroemd van ”I’m in the mood for love” op het album ”Feeling a song coming on”, mocht zij nu ook de TBC sluitzegels van het jaar 1941 presenteren. Geboren op 4 april 1913 en helaas overleden op 11 juli 2005, heeft zij vele harten sneller doen kloppen van de militairen door samen met Bob Hope voor de soldaten op te treden. Dit zijn dus wel twee “TOP STUKKEN” in mijn boeken.

Maar hoe kun je nu echt opvallen als je wilt zorgen voor een goede campagne in een moeilijke tijd? Want dat waren de jaren 40. En aangezien de meeste verzamelaars mannen zijn en vooral ook waren, is een foto van een mooie dame en een klein kind toch wel een plaatje dat het doet voor de wereld. En die mooie foto kon gewoon in je collectie zonder dat moeder de vrouw argwaan kreeg. Het hoorde nou eenmaal bij je kerstzegels, waar je vele landgenoten mee hielp. En met het presenteren van de zegels komen we toch weer geleidelijk terug op aarde. Om ze te maken heb je een aantal drukgangen nodig. En die zijn van veel van de zegels redelijk vaak goed voor handen. Dus die horen ook thuis in een album met de zegels. Na de gele drukgang kwam een zwarte en een rode druk om uiteindelijk door een blauwe druk te worden gecompleteerd, dat resultaat staat hier dus vergroot op de foto en volgt nu in kleur hieronder. Een mooi staaltje van druktechnieken die een mooi resultaat tot gevolg hebben.

Die mag je toch ook niet missen? Dus die spaar ik nu ook. Ja, het is maar goed dat ik een beetje ruimte heb voor al dat moois. U merkt nu dat marketing niet iets is dat pas kortgeleden is uitgevonden. Dit speelt zich allemaal af in de jaren dertig tot de 50-er jaren.

En nu ben ik weer een gewone verzamelaar van het echte “back of the book” materiaal. Maar dat zou dus nooit zo leuk zijn als je niet ook al die andere dingen daarnaast verzamelt. Maar ja, zult u zeggen, zijn die zegeltjes wel leuk om te sparen?

Ook toen was men dus ook zeer productief. Maar ja we moeten weer verder. Want de koek is nog niet op. Je kunt zo’n etiket ook ten faveure van je plaatselijke club bedrukken en uitgeven. En viola, zo geschiedde in die dagen om maar eens in de stijl van kerst te blijven. Een mooi staaltje plaatselijke nijverheid uit Hackensack, New Jersey. Ja, men zou wensen dat er een engeltje zou neerdalen met een advertentie voor deze zegeltjes die zoveel goeds deden voor

Als dat geen verkoopargument was! Gloria Jean Schoonover is een bekende zangeres en actrice, geboren op 14 april 1926 en


FILAKRANT 2017

37

Er is nu nog slechts één ding waardoor ik u de zegeltjes kan aanraden als u iets wilt sparen. Ik heb al verteld dat er verschillende drukkers waren. En dat moest toch op de een of andere manier zichtbaar kunnen zijn. En dat gebeurde door een speciale letter op een van te voren bepaalde zegel. Of bij oudere vellen waren er de speciale kenmerken. Als je goed kijkt, zie je op het rechterzegel (nr 60 in het vel) een extra schaduwlijn in de rode jurk. (De tweede lijn schaduw vanaf de linkerzijde) Dit geeft aan dat hij bij de Eureka drukkerij vandaan kwam.

Toch blijven er nog een paar dingen die ik u niet mag onthouden. De zegels zijn perfect gedrukt, de tandingen kloppen we hebben reclame gemaakt op bijna elke denkbare manier. En toch is het belangrijk dat we ze elk jaar weer zien te slijten aan het publiek en wel met een zo groot mogelijk aantal. Wat moet je dan nog doen? Hier is een heel vel te zien.

Dat zal ik u proberen uit te leggen. In het begin waren er dus maar weinig zegels in de markt. Dus die eerste series zijn niet makkelijk te verkrijgen, hoewel je voor een tientje de eerste twee zegeltjes van Emily Bissell wel kan vinden. Een met een prettige kerst en een met ook het nieuw jaar er op. Daarna zijn er wel eens “drukfoutjes” ingeslopen of aanpassingen gemaakt. Later zijn er meerdere drukkers ingeschakeld die elk een eigen tanding gebruikten. Nog weer later zijn er letters gedrukt op elk vel om aan te geven wie ze gedrukt heeft. Maar laten we bij het begin beginnen. Er zijn dus kleurproeven zoals ik al het laten zien. Die zijn er van heel veel van de zegels te vinden. Dan is er vaak een druk klaar, maar is het vel nog niet getand en dat is ook verzamelbaar.

Het vel bestaat uit honderd zegeltjes, die allemaal op de post geplakt konden worden. Dat men in die tijd veel meer post verstuurde dan tegenwoordig is bekend. Maar toch is elke zegel er weer één. Dus hoe verkoop je nou meer dan een vel per gezin zonder dat de koper het idee krijgt dat hij overvoerd wordt met iets dan niet te verzamelen zou zijn. Nou ook daar is iets op gevonden gelukkig. Men gaf jaarlijks een banket, waarbij de menukaarten heel gewoon op de achterzijde van een vel zegeltjes gedrukt werd. Ik weet zeker dat de mensen die daar kwamen zeker hun velletje meenamen na het banket.

Een jaar later (1936) werd er een letter gedrukt op zegel 56 van het vel. Hier ziet u een “E” en een “S” die staan voor Eureka en Strobridge. Twee drukkerijen die veel voorkomen. Dan zien we in 1937 ineens een “U”verschijnen van de United States Printing and Lithographing Co. Op zegel 55 van het vel helemaal rechtsonder in het zegelbeeld.

En in 1972 is er een “F” op het pad van de 56e zegel die staat voor Fleming-Potter Co., op het pad rechts van de zangers.

Dan gaat er ook wel eens iets mis zoals hier bij de postzegel van Emily Bissell en de zegels op de onderste rij. En die zijn dus ook dubbel zo leuk; ongetand en foutdruk. Soms lijken het net postzegels. Maar ook de helft van dubbel leuk is fijn, zoals de zegels hieronder.

Natuurlijk zijn dit niet alle drukkers. De “B” die we in 1970 zien op de 56e zegel van het vel staat voor de Berlin Lithographing Co. En als laatste wil ik de “D” uit 1939 laten zien die op zegel 57 staat, omdat men in het midden van het vel vier andere logos heeft laten drukken. De “D” staat voor Edward en Deutsch Lithographing Co.

Zo deed men dat jaren lang in Ilion, waar de kerk samen met de postzegelverzamelaars het banket gaven. Het bovenste vel met de rode opdruk dateert van 1957 en de groene opdruk is van 1964. Het diner veranderde niet veel in al die jaren. Maar met deze speciale combinatie werd wel heel veel geld binnengehaald voor het bestrijden van de meeste longziekten waaronder TBC Dus naast de eerdere menukaarten zijn we nu bezig de achterkant van de zegels tot menukaart te bewerken. Eén ding is heel zeker, de creatieve manier van Emily Bissell is nooit veranderd. Deze zijn wel getand, maar met een kleur- en een tandingverschuiving. Dat is dus iets wat niet mag ontbreken in de collectie. En als alles goed gaat met drukken en perforeren is dat ook heel erg leuk. Want dan blijkt dat de tuberculose, door het toedoen van de koper van de zegeltjes, te genezen valt. Tuberculosis is curable!

Telkens weer is er iets gevonden om de zegeltjes te promoten, de verkoop groter te maken dan het jaar er voor en vooral een steeds grotere opbrengst te genereren voor het bestrijden van een zeer gevaarlijke ziekte die in tijden van schaarste zoals de crisistijd en ook de oorlogsjaren daarna steeds weer de kop op stak, als de mensen verzwakt waren.

En dan zijn er zelfs ooit nog eens rolzegels uitgegeven in 1911. Iets wat in die tijd toch wel al gebruikelijk was, maar voor de TBC zegels is dit de enige gebleven.


38

FILAKRANT 2017 Als u daarmee nu nog de Christmas Seals een droeve tak van sport vindt binnen het postzegels verzamelen, dan heeft u mijn verhaal niet gelezen of verkeerd begrepen. De vreemde eendjes in de bekende bijt, zijn zeer verzamelwaardig en zijn er in zoveel variëteiten, dat u zich nooit hoeft te vervelen. En wat nog leuker is: er zijn miljoenen mensen genezen van een dodelijke ziekte door de uitvinding van een Deense Postmaster die in 1904 zegeltjes begon uit te geven aan zijn postloketten en daarmee iets moois deed voor de medemens die het in die crisistijd en aangrenzende oorlogsjaren heel moeilijk had.

In de tachtiger jaren zien we in het vel een label verschijnen dat kan dienen als een naamkaartje op een kerstcadeau. Iets wat sinds die jaren altijd zo zal blijven. Er werd immers steeds minder post verstuurd en dus kregen een aantal zegels nu een andere functie waardoor ze wel werden verkocht.

www.filafair.nl

FILAFAIR…2017 ’s-Hertogenbosch 17 & 18 Maart 2017

Nationale postzegelbeurs in de Maaspoort Sports & Events te ’s-Hertogenbosch

Postzegelbeurs met propaganda postzegeltentoonstelling Openingstijden: Vrijdag 17 maart 2017 Van 10.00 - 17.00 u Zaterdag 18 maart 2017 Van 10.00 - 16.00 u Entree E 5,00 Gratis parkeren - Gratis attentie Voor meer informatie: www.filafair.nl

Hier zijn als laatste twee boekjes met sluitzegels die in 1918 en 1931 het daglicht hebben gezien. En natuurlijk hebben ze verschillende plaatnummers in 1931. Maar die van 1918 spannen de kroon met deels ongetand, gestoken tandingen en nog drie verschillende tandingen en van twee drukkerijen.

Wilt u deelnemen als handelaar en/of deelnemen aan de propaganda postzegeltentoonstelling Neem contact op.

Stichting Hertogpost

Dat mevrouw Emily Bissell dit heeft overgenomen voor de Amerikanen, is een zegen voor ons als spaarders en het gehele Amerikaanse volk. Voor het jochie dat een cent uitgaf voor zijn zus die ook aan TBC leed. Er is nu nog slechts één ding dat ik kan zeggen met een flesje melk in de hand: Op je gezondheid!

Commissaris van Voorst tot Voorstlaan 7 5224 CN ‘s-Hertogenbosch 073-6567680 / 06-53769350 info@hertogpost-event.nl

WB EVENEMENTEN BEURSAGENDA 2017 ZO 12 02 / ETTEN – LEUR (NIEUWE NOBELAER) ZA 18 02 / NOORD 2017 (DE HULLEN RODEN ) ZA 25 02 / CAPELLE A/D IJSSEL (SPORTHAL DE LIJSTER) ZO 05 03 / WASSENAAR (HOTEL BIJHORST VD VALK)

ZO 03 09 / ETTEN – LEUR (NIEUWE NOBELAER) ZA 09 09 / EMMEN (HOTEL HAMPSHIRE “DE GIRAF”) ZA 16 09 / MUNTMANIFESTATIE 2017 (EXPO HOUTEN) ZA 16 09 / POSTSTUKKEN-KAARTEN (EXPO HOUTEN) ZO 08 10 / WASSENAAR (HOTEL BIJHORST VD VALK)

ZA 11 03 / ALKMAAR (AFAS STADION) ZA 28 10 / ASSEN (HOTEL VD VALK) ZA 01 04 / DRACHTEN (FRIES CONGRESCENTRUM) Z0 29 10 / ROTTERDAM (BEST WESTERN AIRPORTHOTEL) Z0 02 04 / ROTTERDAM (BEST WESTERN AIRPORTHOTEL) ZO 12 11 / HENGELO (HOTEL VD VALK) ZA 29 04 / GRONINGEN (SPORTHAL HOOGKERK) ZA 06 05 / CAPELLE A/D IJSSEL (SPORTHAL DE LIJSTER) ZA 13 05 / FILANUMIS 2017 (EXPO HOUTEN)

ZA 25 11 / VOORSCHOTEN (SPORTHAL DE VLIETHORST) ZO 26 11 / EINDHOVEN (SPORTHAL GENDERBEEMD) WO 27 12 /OUDEJAARSBEURS GRONINGEN (HOOGKERK)

ALLE INFO PER BEURS (OPENINGSTIJDEN, LOCATIEBESCHRIJVING, ROUTE ETC) EN DE ACTUELE AGENDA:

WWW.WBEVENEMENTEN.EU


FILAKRANT 2017

39

De langlopende KGVI-series van Montserrat door A.J. ‘t Jong

I

k ben nu ruim 11 jaar lid van Studiegroep Britannia, een bloeiende vereniging met zeer enthousiaste leden die de postzegels van Engeland en Britse Gemenebest verzamelen in alle facetten verzamelen. Mijn interesse ligt in de postzegels van de regeerperiode van koning George VI (1937-1952). Vanuit die interesse schrijf ik nu al 9½ jaar met veel plezier artikelen in ieder kwartaalnummer van het blad van de vereniging: Britannia News. In de Filakrant van vorig jaar heb ik een 2-tal ‘schatten’ uit de KGVI-verzameling gepresenteerd. Deze keer wil ik u iets vertellen over de langlopende (in het Engels: ‘definitives’) KGV-series van één van de Britse koloniën, namelijk Montserrat. Montserrat: geografie en geschiedenis Montserrat is één van de zogenaamde ‘benedenwindse’ eilanden. Andere (bekende) eilanden binnen deze groep zijn o.a. Antigua, Virgin Islands, St. Kitts, Sint Maarten, en Guadeloupe. In het Engels heet het deel van deze eilandengroep dat Brits eigendom was/is de Leeward Islands. Als jonge filatelist kreeg ik een postzegel met daarop de naamgeving “Leeward Islands”, welke ik niet kon thuisbrengen. Later kwam ik er achter dat het geen apart land bleek te zijn, maar een groep eilanden betrof: was er toen al maar internet geweest…! De naam Leeward Islands komt uit de vorige eeuwen toen zeilschepen de enige vorm van transport waren tussen Europa en West Indië. Op de route vanuit Europa – via Afrika – was het eindpunt van de snelste manier via de meest voorkomende stromingen en winden halverwege de kleine Antillen ergens tussen Dominica en Martinique. Dit gebied werd de scheiding tussen de zogenaamde Windward Islands (bovenwindse eilanden) en de Leeward Islands. In West-Indië blaast de wind meestal van zuidoost naar noordwest. Als schepen arriveerden in West-Indië lagen de eilanden die we rekenen onder de Leeward Islands beneden de wind (in het Engels “lee”), in andere woorden deze eilanden waren “benedenwinds” of “leewards” voor de schepen wanneer deze arriveerden in West-Indië. De bestemmingen op de Leeward Islands konden zeilend met de wind mee worden bereikt. Voor de Windward Islands, die dus zuidelijk van het eerder genoemde punt liggen (dus zuidelijk van Martinique) geldt het tegenovergestelde: deze eilanden konden bereikt worden door zeilen tegen de wind in. Dat verklaart dus de naam of term Leeward Islands. Onder de verzamelnaam Leeward Islands vallen veel meer eilanden dan wij als verzamelaars tot het Britse Gemenebest rekenen. De afbeelding hieronder laat een mooi overzicht zien van alle kleine Antillen met de Leeward Islands in het noorden, de Windward Islands in het zuiden en de zogenaamde Leeward Antilles in het westen met de voor ons zo bekende eilanden Aruba, Bonaire en Curacao. In vogelvlucht rekenen wij onder de Leeward Islands maar dan als Engelse kolonie de volgende eilanden (waarbij sommige namen vaak veel meer dan één eiland bevatten): British Virgin Islands, Anguilla, Barbuda, Antigua, Redonda (onbewoond), St. Kitts, Nevis, Montserrat, en Dominica (t/m 31 december 1939). Niemand minder dan Christopher Columbus is de ontdekker van de Leeward eilanden (tenminste vanuit de Westerse wereld want de meeste eilanden kenden al een oorspronkelijke bevolking van Indianenstammen: Caribs en Arawak). Op zondag 3 november 1493 zette Columbus voet aan land op het eiland Dominica, hetgeen direct de huidige naam verklaart: dies domenica betekent in het Latijn zondag! Vanuit Dominica reisde hij noordwaarts en ontdekte Montserrat, St. Christopher (nu St. Kitts en dus oorspronkelijk naar z’n ontdekker genoemd!) en Antigua. De diverse namen van de eilanden grijpen nog terug naar de Spaanse ontdekkers: zo is Montserrat vernoemd naar Santa Maria de Montserrat, de heilige maagd van het klooster van Montserrat. Omdat de ontdekkingsreizigers geen goud of zilver of andere waardevolle schatten op de eilanden vonden, verloren de Spanjaarden al snel de interesse in de eilanden! De eerste Engelsman die zich op één van de Leeward Islands vestigde was Captain (later Sir.) Warner in 1623 op St. Christopher (St. Kitts). Hij ging er tabak verbouwen. In 1625 werd hij benoemd tot “King’s Lieutenant” voor St. Christopher, Nevis, Montserrat en Barbuda. Nevis werd bewoond door de Engelsen vanaf 1628, Antigua en Montserrat vanaf 1632. Naast de Engelsen hadden ook de Fransen een duidelijke interesse in de kleine Antillen, en in mindere mate de Nederlanders en de Denen (welke landen dus later allemaal één of meerdere van de kleine Antillen in hun bezit hadden). De eilanden waren regelmatig inzet van gewapende conflicten/oorlogen en waren afwisselend in Engels en Frans bezit. In 1696 werd Antigua het eiland waarvan de Leeward Islands onder Brits gezag bestuurd werden. In 1773

kregen de eilanden een aparte koloniale status, waarbij tevens diverse eilanden onder de diverse koloniale overheersers werden verdeeld: USA kreeg de eilanden van de huidige US Virgin Islands, Sombrero werd toegevoegd aan de British Virgin Islands en Redonda werd onderdeel van Antigua. In 1871 werd de “Federal Colony of Leeward Islands” opgericht door het Britse parlement. Het was in die tijd een unieke vorm voor een Engelse kroonkolonie en specifiek zo ingedeeld om een politieke en economisch stabiele eenheid te vormen van een groep eilanden die over een groot gebied (ruim 600 km) verspreid liggen. De kroonkolonie bestond uit 6 “Presidencies”: Antigua met Barbuda, Dominica, Montserrat, Nevis, St. Kitts met Anguilla, en de Virgin Islands. In 1882 werden St. Kitts en Nevis samengevoegd zodat er nog 5 entiteiten binnen de Leeward Islands over waren. Elke entiteit had z’n eigen gezag om de lokale zaken te behartigen (zolang dit niet met het federale gezag botste), inclusief de mogelijkheid om zelf postverkeer te regelen. De federale kolonie Leeward Islands werd opgeheven op 30 juni 1956, toen de diverse entiteiten aparte kroonkolonies vormden (o.a. binnen de in 1958 opgerichte British Caribbean Federation). Belangrijk nog om te vermelden is dat op 1 januari 1940 (dus in de regeerperiode van King George VI) Dominica de Leeward Islands heeft verlaten en werd samengevoegd met de Windward Islands.

Terug naar Montserrat. Montserrat heeft een oppervlakte van 102 km² en is gelegen op 30 mijl ten zuidwesten van Antigua. Net als een aantal andere eilanden in het gebied heeft ook Montserrat te maken met vulkanische activiteiten; voor Montserrat geldt dit echter in de overtreffende trap! Op 18 juli 1995 kwam de toen al lange tijd slapende vulkaan Souffrière Hills (915 meter hoog) tot uitbarsting waarna de hoofdstad Plymouth en diverse andere dorpen in het zuiden geheel verwoest werden. Een 12 meter dikke modderlaag bedekte na afloop van deze ramp grote delen van de hoofdstad, en de vulkaanuitbarsting had als resultaat dat 2/3 van de totale bevolking gedwongen werd om te vluchten. Vele inwoners weken uit naar Engeland. Omdat ook in de jaren erna (recentelijk nog meerdere erupties in 2009/2010 en laatst nog eentje in 2012), diverse uitbarstingen in dit gebied volgden, is het grootste deel van het eiland tot een zogenaamde “exclusion zone” verklaard en mag je daar niet zomaar komen. Het gebied in het noorden heeft geen last van vulkanische activiteit, en daar wordt al enkele jaren in Brades (Little Bay) de nieuwe hoofdstad gebouwd en bevindt zich nu de huidige luchthaven (omdat de oude luchthaven ook in de exclusion zone ligt). Ten tijde van de regeerperiode van koning George VI had Montserrat dus een totaal andere geografie, en was het hele eiland nog bewoond. Filatelistisch gezien waren er destijds (in 1949) 6 postkantoren op Montserrat aktief: Plymouth (G.P.O.), Cudjoe Head, Harris (bevindt zich nu ook in de exclusion zone), St. Johns, St. Peters, en Salem (net buiten de huidige exclusion zone). Deze poststempels zijn terug te vinden op KGVI-zegels van Montserrat. De afbeelding hierboven laat een kaartje zien uit het boek “The Leeward Islands, notes for philatelists”, van M.N. Oliver met daarop alle plaatsnamen. Eveneens hierboven zien we een afbeelding (overgenomen uit de “The Encyclopaedia of British West Indies Postmarks KGVI”, van David Horry) van een stempel van Cudjoe Head, een intrigerende naam. Het internet leert ons dat deze naam afgeleid is van een weggelopen slaaf met de naam Cudjoe, die werd gepakt en gelyncht, en waarvan zijn hoofd op een stok werd geplaatst om andere slaven te “ontmoedigen” om ook te vluchten… In het plaatsje Cudjoe Head wordt dit feit met een 2-daags feest nog jaarlijks herdacht! Tevens een afbeelding van een Leeward Islands KGVI £1 zegel (SG 114c) met eerste dag afstempeling 4 januari 1952 (de eerste dag dat SG 114c is gebruikt!) uit Plymouth, en de 12 cent uit 1951 met een afbeelding van St. Anthony’s Church. De postzegels van Montserrat We zagen het al in de afbeelding hierboven: waarom zijn er postzegels uitgegeven en gebruikt met de vermelding “LEEWARD

ISLANDS” terwijl een groot aantal eilanden – en dus ook Montserrat - ook z’n eigen postzegels heeft uitgegeven en gebruikt? Tot 1 mei 1860 werden in de Leeward Islands de postzegels van Groot-Brittannië gebruikt voorzien van speciale stempels als “A 02” (St. John’s in Antigua), “A 13” (Tortola in Brit. Virgin Islands), “A 07” (Roseau in Dominica)”, “A 08” (Plymouth in Montserrat), en “A 12” (Basseterre in St. Kitts). Vanaf die datum werd de verantwoordelijkheid voor de postzaken overgeheveld van Londen naar de West Indies. De individuele eilanden zijn toen begonnen met het uitgeven van de eerste eigen postzegels (dus met vermelding van desbetreffend eiland): Nevis in 1861, Antigua in augustus 1862, Virgin Islands in 1866, St. Christopher (St. Kitts) van april 1870, Dominica in mei 1874, en Montserrat in september 1876. De federatie ‘Leeward Islands’ werd opgericht in 1871. Op 23 januari 1890 schreef de gouverneur van de Leeward Islands aan het koloniale bureau een voorstel om één uniforme serie van postzegels uit te geven voor postverzending en belasting (in het Engels ‘revenue’, hetgeen we op vele Engelstalige postzegels tegenkomen) doeleinden om te gebruiken binnen alle eilanden van de Leeward Islands. De “Leeward Islands General Stamp Act (No. 3)” van 3 februari 1890 volgde welke van kracht werd op 31 oktober 1890. De eigen postzegeluitgiften van de eilanden werd vanaf die datum teruggetrokken van de verkoop. Het federale gezag van de Leeward Islands had echter als snel door dat de omzet van de postkantoren flink terugliep. Al in 1899 werd toegestaan dat de Virgin Islands weer eigen postzegels gingen uitgeven en in 1903 volgende de overige eilanden. Ook toen al was dus de opbrengst die de verkoop van postzegels opleverde van belang. Zeker in de tegenwoordige tijd hebben (ook) de eilanden van de Leeward Islands dit tot in het extreme doorgevoerd: kijk maar eens in de Stanley Gibbons catalogus hoeveel zegels tegenwoordig worden uitgegeven door bijvoorbeeld Antigua en Barbuda. Als je op eBay op Antigua zoekt krijg je zo ongeveer alle figuren van Disney in meerdere uitgiften op je scherm… Voor de duidelijkheid wil ik benadrukken dat dus de Leeward Islands federale zegels (dus met vermelding van “LEEWARD ISLANDS”) gebruikt zijn naast de eigen postzegels van de diverse eilanden. De eerste KGVI-zegels van Montserrat waren (natuurlijk) de 3 zegels uit de kronings-omnibus die voor bijna alle koloniën werd uitgegeven op de kroningsdag van George VI op 12 mei 1937. Op 2 augustus 1938 werden de eerste zegels uit de nieuwe langlopende KGVI serie uitgegeven met naast het portret van de koning een 3-tal verschillende ontwerpen: Carr’s Bay, ‘Sea Island’ katoenplantage, en Botanic Station. De naam ‘Sea Island’ is overigens afgeleid van de gelijknamige eilanden voor de kust van South Carolina en Georgia, in de USA. Daar werd voor het eerst de katoensoort succesvol verbouwd, en kennen we helaas ook van de verschrikkelijk verhalen rondom de onderdrukking van de zwarte slaven... Het is de soort katoen die de hoogste prijs oplevert, mede door de zijdeachtige structuur van het katoen dat deze plant oplevert.

De laagste waarde van de serie was een halve penny, de hoogste op dat moment 5 shilling. Waarom dan geen hogere waarde? Naast het feit dat het aantal inwoners van Montserrat in die tijd erg laag was (volgens het eerder genoemde boek van M. Oliver woonden er in 1946 slechts 2.100 mensen in de hoofdstad Plymouth), lag de oorzaak in de zogenaamde “Leeward Islands Stamps Order” uit 1928. In dit document werd een uitvoerige reorganisatie beschreven van de posterijen binnen de Leeward Islands met als klap op de vuurpijl het terugtrekken van de 10 shilling en £1 zegels van de aparte eilanden welke vervangen werden door federale zegels met gelijke waarden. Niet langer waren de (toen koning George V) 10s en £1 zegels van Dominica en St. Kitts geldig. Antigua, Virgin Islands, en Montserrat gebruikten op dat moment nog geen 10s en £1 zegels. De eerste (binnen de federale uitgiften) KGV 10s en £1 zegels werden uitgegeven op 8 oktober 1928 op basis van het zogenaamde Nyasaland type key plate. In 1937 werd het portret van George V vervangen door het portret van zijn zoon koning George VI en werd 25 november 1938 de eerste uitgifte datum van de KGVI Nyasaland type key plates: een voorbeeld van die zegel zagen we hierboven al. Pas in 1947 werd de maatregel voor postzegels groter dan 5 shilling voor de eigen zegels van de eilanden ongedaan gemaakt en mochten de eilanden – naast de federale 10s en £1 – nu weer eigen 10s en £1 zegels maken en uitgeven. Vervolg op pagina 41


40

FILAKRANT 2017

HOLLANDFILA 2 & 3 JUNI 2017 • Wat kunt u verwachten van dit evenement: • Ca. 100 handelaren filatelie w.o. ook semihandel.

Leden g ratis toegang .

• Veel gratis parkeermogelijkheden. • Uitstekend restaurant, vele gezellige zitjes. • Jeugd t/m 17 jaar toegang gratis. • Dit mag u zeker niet missen !!!!!

< Barneveld Eigen vervoer: A1: Afrit 16,Voorthuizen/Harselaar Volg Barneveld-centrum. 400 m. van het station-centrum

LOCATIE: DE VELUWEHAL Nieuwe Markt 6 3771 CB Barneveld NL Entree € 3,- p.p./p.d. 2 juni van 10.00 - 17.00 uur 3 juni van 10.00 - 16.00 uur

Informatie: Organisatie V.O.V.V. • Tienwoningenweg 53, 7312 DL APELDOORN NL • Tel. (0031)-(0)55-3558600 Website: www.eindejaarsbeurs.nl • e-mail: organisatie@eindejaarsbeurs.nl


FILAKRANT 2017 De 10s en £1 van de eerste langlopende KG VI serie van Montserrat werd daarom ook pas uitgegeven op 1 april 1948. Daarmee kwam het totaal aan verschillende waarden voor deze eerste langlopende KGVI-serie van Montserrat op 12 stuks. Een paar wetenswaardigheden over deze serie: de zegels zijn gedrukt door Thomas De La Rue & Company in London en hebben een kamtanding 13x13¼. De zegels met deze tanding zijn een stuk schaarser dan de uitgiften van 1942 en later. Deze zegels hebben een lijntanding 14. De al genoemde 10s en £1 uit 1948 hebben weer een kamtanding 12. De Stanley Gibbons catalogus gaat niet zo ver wat betreft kleurvariaties, maar de Murray Payne KGVI Commonwealth catalogus noemt wel een groot aantal kleurvariaties. Totaal kun je voor de 12 waarden maar liefst 33 verschillende zegels verzamelen met afwijkende tanding en kleuren! De serie kent ook een paar plaatfouten. De meest bekende is de plaatfout met de prachtige aanduiding ‘engraver’s slip flaw’ (Stanley Gibbons noemt hem in de catalogus ‘Plate scratch’), die alleen voorkomt op de 1 shilling.

Onderstaande foto geeft een mooi beeld van hoe de baai er uit ziet. De kanonnen horen bij de overblijfselen van een fort en zijn gericht op het eiland Redonda ten noorden van Montserrat. Het onbewoonde eiland Redonda op zo’n 22 kilometer afstand is goed te zien vanaf Carr’s Bay net als het daar achter liggende eiland Nevis. De naam Carr’s Bay refereert aan Captain William Carr, een Schots/Ierse kolonist, die in 1639 de eerste plantage aanlegde op Montserrat, 7 jaar nadat de eerste Europeanen zich op het eiland vestigden. Plaats van deze suikerplantage was Little Bay, de ‘volgende’ baai langs de kust van Montserrat die nog steeds zo heet. De plaats is tegenwoordig een bekende archeologische locatie. De botanische tuin was gesitueerd in Plymouth (zie onderstaande kaart en de daarvan afgeleide postzegel), maar is door de vulkaanuitbarsting in 1995 volledig verwoest. In 2005 is een nieuwe aangelegd in Olveston, met hulp van de beroemde Kew Gardens.

Om precies te zijn alleen op de oorspronkelijke druk met perforatie 13, met velpositie R6/9. Bij de plaatfout lijkt het er op of de etser is uitgeschoten bij de buitenste kaderlijn van de zegel. De plaatfout is prominent aanwezig aan de onderkant van de zegel, precies onder de inscriptie ‘Carr’s Bay’. Ik vond een prachtige afbeelding op internet die ik linksonder heb afgebeeld. De andere opmerkelijke plaatfout komt voor op de 3d met perforatie 14, alleen op de latere drukken (volgens Murray Payne mogelijk zelfs alleen op de druk uit september 1951). Op velpositie R2/2 heeft de zegel een soort van veeg waardoor deze plaatfout de naam ‘pylon flaw’ of ook wel ‘Tower on hill’ heeft gekregen. Een afbeelding kunt u rechtsonder vinden.

41

Montserrat een prachtige serie van 13 waarden van 1 cent t/m $4,80. Het nieuwe portret van de ‘oudere’ koning werd gebruikt in combinatie met 7 verschillende ontwerpen met afbeeldingen van: Government House, het verbouwen én oogsten van het ‘Sea Island’ katoen, een landkaart, tomaten plukken, St. Anthony’s Church, en het wapen van de kolonie. Deze serie had een eerste uitgifte van 17 september 1951 en was nog niet eens een half jaar in gebruik op het moment van de plotselinge dood van de koning in februari 1952. Deze serie is gedrukt door Bradbury, Wilkinson & Co, in New Malden, in vellen van 5 x 10 zegels. Alle zegels uit de serie hebben 1 tanding, namelijk de kamtanding 11½x11¼. Filatelistisch is er niet zo heel veel te zeggen over deze serie omdat er geen verschillen zijn in tandingen, geen kleurverschillen bekend zijn en ook geen plaatfouten. Enige uitzondering is een ontbrekend gedeelte van het watermerk: de “A” van het watermerk ‘multiple script CA” ontbreekt bij sommige 4 cent en 6 cent zegels. Een normale serie van 13 waarden heeft op dit moment (SG 2016 catalogus) een waarde van £65 in postfrisse vorm. Beide exemplaren met ontbrekende “A” in het watermerk zijn goed voor £850 per stuk. Hieronder een voorbeeld van alle waarden van 1 cent t/m 12 cent op een lokale eerste dag envelop: het eerstedagstempel 17-SP-51 (17 september 1951) is goed te zien.

Op 1 januari 1951 werd een nieuwe, decimale, munteenheid binnen de Leeward Islands geïntroduceerd: de British West Indian Dollar waarbij 100 cent = $BWI gelijk staat aan 4 shilling en 2 pence van de “oude” munteenheid. Een waarde van 1 Pond wordt daarmee $4,80: dit zien we bijvoorbeeld terug in de hoogste waarde van de nieuwe KGVI (en later QEII) series. De eerste uitgifte met de nieuwe munteenheid werd gevormd door de herdenkingszegels van de inauguratie van de British West Indies University College. Deze serie waarvan zowel een federale uitgifte als een individuele uitgifte per eiland werd gemaakt werd uitgegeven op 16 januari 1951. Binnen de KGVI-periode werden de langlopende KGVI series niet (meer) aangepast voor Antigua Kruiswoordraadsel prijsvraag. en de &federale uitgiften van Leeward Islands: deze series bleven geldig totdat nieuwe (QEII) permanente series uitkwamen welke Na de dood van de koning bleef de serie nog wel enige tijd geldig. Speciaal voor de alle lezers van de Filakrant is deze prijsvraag bijgevoegd. Alle antwoorden kunt u vinden in het voorgaande artikel. vanzelfsprekend wel de nieuwe munteenheid als vermelde pos- Op 15 oktober 1953 verschenen de eerste zegels uit de nieuwe 1. In welkehadden. stad verbleef Ludwig Hesshaimer in 1914 bij het uitbreken van de eerste wereldoorlog? langlopende serie van koningin Elizabeth II, die vrijwel volledig tale waarde gebaseerd zijn op de eerder gebruikte ontwerpen voor de lang2. Voor welk land ontwierp Ludwig Hesshaimer in 1933 luchtpostzegels? Carr’s Bay is overigens één van prachtige baaien van het De Virgin Islands, St. Kitts en ook Montserrat leverden nog wel lopende KGVI serie uit 1951, natuurlijk wel met het portret van een nieuwe langlopende serie de binnenframe nieuwe munteenheid af. Voor eiland, te vinden aan de noordwestkant in de regio St. Peter’s. de nieuwe 3. Wie was de ontwerper vaninhet van het rode 20 aur zegel van dekoningin. IJslandse Althingserie? 4.

De Althingserie is overdrukt met een dienstopdruk, hoe luidt de opdruk in het IJslands?

5.

Welke ontwerper ontwierp 4 binnen frame’s van de IJslandse Althingserie en is niet het antwoord op vraag 3?

6.

IJslands eerste kolonist (volgens de Althingserie)?

7.

Wat is de IJslandse naam voor de parlementsvlakte waar de Althing werd gehouden?

KRUISWOORDRAADSEL & PRIJSVRAAG Speciaal voor de alle lezers van de Filakrant is deze prijsvraag bijgevoegd. Alle 8. Hoe heet de IJslandse postmeester die het voorstel van de Oostenrijkse VereniHoe heet de IJslandse postmeester die van het voorstel van van de Oostenrijkse Vereniging van Vrienden antwoorden kunt u vinden in het artikel elders in de8. Filakrant. ging Vrienden IJsland niet vertrouwde? van IJsland niet vertrouwde? 9. Wat is de officiële voornaam van de overleden rockster en leadzanger van de 9. Wat is de officiële voornaam van groep de overleden rockster en leadzanger van de groep Queen die ook postzegels een Queen die ook een prachtverzameling IJslandse had? IJslandse postzegels had? 1. In welke stad verbleef Ludwig Hesshaimer in 1914 bij het prachtverzameling uitbreken van de eerste wereldoorlog? Stuur uw oplossing per post of e-mail voorzien van uw naam en adresgegevens 2. Voor welk land ontwierp Ludwig Hesshaimer 1933 luchtpostzegels? veilingennaar: BV. Noordeinde 41 2514 GC Den Haag Stuur uwinoplossing per post of e-mail voorzien van uwnaar: naamRietdijk en adresgegevens Rietdijk van veilingen BV. Noordeinde 41 2514 3. Wie was de ontwerper van het binnenframe het rode 20 aur zegel vanGC deDen Haag Het inzenden van oplossingen kan tot en met 31 maart 2017. IJslandse Althingserie? Het inzenden van oplossingen kan tot en met 31 maart 2017. 4. De Althingserie is overdrukt met een dienstopdruk, hoe luidt de in het Tijdens de de voorjaarsveiling van (in april 2017) wordt de winnaar Tijdens de voorjaarsveiling vanopdruk Rietdijk B.V. (in april 2017) wordt winnaar getrokken uit Rietdijk alle goedeB.V. inzendingen. IJslands? getrokken uit alle goede inzendingen. De winnaar ontvangt een complete ongeDe winnaar ontvangt een complete ongebruikte Althingserie van IJsland. 5. Welke ontwerper ontwierp 4 binnen frame’s van de IJslandse Althingserie en is bruikte Althingserie van IJsland. Alle inzenders ontvangen een gratis veilingcaniet het antwoord op vraag 3? talogus van de voorjaarsveiling 2017 Alle inzenders ontvangen een gratis veilingcatalogus van de voorjaarsveiling van april 2017van van april Rietdijk B.V. van Rietdijk B.V. De uitslag zal de tweede veilingdag op de website en de Facebookpagina van Rietdijk B.V. worden 6. IJslands eerste kolonist (volgens de Althingserie)? De uitslag zal de tweede veilingdag op de website en de Facebookpagina van Rietdijk B.V. worden gepubliceerd. 7. Wat is de IJslandse naam voor de parlementsvlakte waar de Althing werd gegepubliceerd. Over de uitslag wordt niet gecorrespondeerd. Daarnaast krijgt de Over de uitslag wordt niet gecorrespondeerd. Daarnaast krijgt de winnaar natuurlijk persoonlijk bericht. houden? winnaar natuurlijk persoonlijk bericht. Antwoord Antwoord Antwoord

Vraag Vraag

Win een ie! r e s g n i h t Al

1

1

2

2

3

3

4

4

5

5

6

6

7

7

8

8

9

9

Oplossing Oplossing Oplossing


42

FILAKRANT 2017

Postzegelhandel LUC VANSTEENKISTE België XX / X /  Postzegels en Brieven. Uitzoeken kilowaar Frankrijk en G.B. Diverse loten / partijtjes Duo-stamps en PAP’s Ook inkoop plakwaarden (nominaal) België en betere partijen.

Rodenbachstraat 42, 8770 Ingelmunster, België, GSM: ++32 475 78 43 48 mail: vansteenkiste.luc@telenet.be

Onze Beursagenda voor 2017: Filateliebeurs in Loosdrecht (NL) Brievenbeurs Gouda (NL) Antwerpfila in Antwerpen (B) Vismijn in Nieuwpoort (B) Hollandfila te Barneveld (NL) Antwerpfila in Antwerpen (B) Postex in Apeldoorn (NL) Eindejaarsbeurs te Barneveld (NL)


FILAKRANT 2017

43

JERSEY

“Franse parels die in zee vielen en door de Engelsen werden opgepikt” Omschrijving van Victor Hugo voor de Kanaaleilanden.

Omgeven door water waren schepen het belangrijkste transportmiddel voor de eilanders, en zodoende werd in de 19de eeuw Jersey een belangrijke plaats voor scheepsbouw. De 20ste eeuw werd emotioneel gezien, gedomineerd door de bezetting van Duitse troepen tussen 1940 en 1945. De regering in Londen gaf in het begin van de oorlog aan, niet te strijden voor de Kanaaleilanden en alles te zetten op de verdediging van het Engelse vasteland. Eilandbewoners hadden de gelegenheid zich op het Engelse vasteland te vestigen, maar velen bleven bij hun have en goed. “Als om ons eiland niet gevochten wordt”redeneerden ze, “zullen die Duitsers ook wel meevallen”. Wat in werkelijkheid ook waar bleek te zijn.

J

ersey is het grootste en het meest zuidelijke eiland van de groep. Het licht op 23 km van de westkust van Frankrijk, in de baai van de Mont Saint Michel en zo’n 170 km van de Engelse zuidkust. Het heeft een oppervlakte van 116 km² en met zijn 10 op 16 km is het vrij klein en gemakkelijk in een paar dagen te ontdekken. Er wonen circa 90 000 mensen en de meest gesproken taal is het Engels alhoewel het Frans tot 1963 de officiële taal was. De Kanaaleilanden behoren niet tot Groot-Brittannië maar wel tot het Britse Gemenebest. Het eiland heeft haar eigen munt de Jerseypond. Het Engelse pond wordt overal als betaalmunt aanvaard maar bij teruggave krijgt men alleen Jersey ponden.

Geschiedenis Het eiland Jersey en de andere Kanaaleilanden zijn de laatste overblijfselen van het middeleeuwse Graafschap van Normandië die zowel in bezit van Engeland of van Frankrijk, steeds de inzet van velslagen zijn geweest. Het begon in 933 toen de Hertog van Normandië Jersey annexeerde dat door de eeuwen heen was bevochten. In 1066 behaalde Willem Van Normandië een klinkende overwinning op de Engelsen in de Slag bij Hastings. Het leverde de “Veroveraar” niet alleen een koninkrijk op maar voor de verslagen Engelsen betekende het een afscheid van een voor hen betekenisvolle Angelsaksische traditie maar ook een ‘gedwongen’ leven in een Franse wereld.

Opnieuw kenden ze een buitenlandse bezetting en bij de bevrijding van het eiland, één dag na de algemene Duitse capitulatie, was de vreugde enorm. Jersey was weer van de eilanders en 9 mei blijft voor hen een nationale feestdag! Vanaf de jaren zestig in de 20ste eeuw is de groei van de toeristische zowel als de financiële industrie, zeer belangrijk geworden voor het eiland. De 20ste eeuw werd emotioneel gezien, gedomineerd door de bezetting van Duitse troepen tussen 1940 en 1945. Bestuur De bestuurlijke inrichting van het eiland bestaat uit het staatshoofd, de Staten van Jersey, de regering, de gemeenten en parochies.

Toen in 1204 Normandië opnieuw bij Frankrijk aansloot dienden de bewoners van Jersey te kiezen tussen Normandië of de Engelse Kroon. Ze verkozen een onafhankelijke koers te varen en meteen ook loyaal te blijven aan Engeland, wat hun tal van financiële en economische voordelen opleverde. Telkens weer werd het eiland Jersey als pontonhoofd in de strijd tussen Engelsen en Fransen gebruikt. Het eiland kreeg in de loop der eeuwen te maken met de ene invasie na de andere. In de 18de eeuw was er vaak politieke spanning tussen Frankrijk en Engeland omdat beide landen hun imperium over de hele wereld uitbreidden. Door zijn ligging verkeerde Jersey bijna doorlopend in oorlogsbedreigende situatie. Zo ook in 1781 toen op 6 januari de Fransen een laatste poging ondernamen om het eiland te veroveren. Die slag, bekend als de “ Battle of Jersey” werd beslecht op de plaats die nu als de Royal Square bekend staat. De aanval was kort maar hevig en de lokale militie behaalde de overwinning. Zowel de Franse aanvoerder, baron du Rullecourt, als de Engels leider, majoor Peirson, lieten er het leven bij. Het was de laatste grondoorlog die om het eiland werd gevoerd. Het beeld van die strijd siert de Square aan de haven van St. Helier, de hoofstad van Jersey.

De wetgevende macht behoort bij de Staten van Jersey, daarin zetelen 53 gekozen leden en 5 niet-gekozen leden die eveneens spreekrecht hebben. Politieke partijen zijn er eigenlijk niet, alle Statenleden zijn onafhankelijk gekozen. Het bestuur van Jersey wordt uitgevoerd door de regering waarvan de eerste minister het hoofd is. De regering van Jersey bestaat uit de koningin van het Verenigd Koninkrijk, de luitenant-gouverneur, de baljuw, de eerste minister en zijn kabinet. Formeel is de koningin het staatshoofd en de luitenant-gouverneur haar plaatselijke vervanger, die voor 5 jaar wordt verkozen.


44

FILAKRANT 2017 Het parelmuseum is een must voor elke liefhebber van deze materie, veel van het tentoongestelde is langs de kusten van Jersey opgevist.

Het eiland is onderverdeeld in 12 gemeenten (Parish). Alle gemeenten liggen aan zee en op één na zijn ze allen genoemd naar de heiligen waaraan de gemeentekerk is gewijd. Een ‘Parish Assembly’ of gemeenteraad is het besluitvormend orgaan van het lokale bestuur. De raad bestaat uit onafhankelijk verkozen leden. Alhoewel diplomatieke vertegenwoordiging voorbehouden is aan de Kroon, onderhandelt Jersey direct met buitenlandse mogendheden betreffende zaken die onder de verantwoordelijkheid van de Staten vallen. Toeristisch Jersey De economie van het eiland stoelt vooral op internationale financiële diensten. Dat komt door het gunstige belastingsklimaat. Het eiland kent geen btw, en de tarieven voor inkomstenbelasting zijn veel lager dan algemeen op het Europese vasteland. Met deze gegevens en het gunstige klimaat van het eiland is Jersey een geliefkoosde vakantie-bestemming.

En dan zijn er de tuinen van het eiland Prachtige tuinen zijn niet enkel het visitekaartje van het Engelse vasteland, je vindt ze ook op Jersey. Samares Manor is een prachtig Victoriaans herenhuis dat midden in unieke tuinen ligt. Ze werden aangelegd door sir James Knott, een schatrijke scheepsmagnaat en die er leefde rond 1920. Het aanpalende landhuis en de uitgestrekte moestuin werden volledig gerestaureerd in 1996 en er zijn nu ook overnachtingsmogelijkheden in kleine appartementjes of cottages (duur).

Dit zonovergoten eiland doet exotischer aan dan haar geografische ligging laat vermoeden. Dank zij haar noord-zuid afhellende ligging aan de Ierse zee, aan het einde van de warme golfstroom, geniet Jersey van een microklimaat waarin palmen en bloemen groeien die men normaal aan de Côte d’Azur aantreft.

Jersey is het best te bezoeken met eigen wagen of met openbare bussen die het hele eiland doorkruisen. Saint Helier, de hoofdstad van het eiland en één van de drie grote havens van Jersey naast Saint Aubin en Gorey, is de start en het eindpunt van alle busverbindingen op het eiland. Buiten het seizoen – half juni-september – blijft de uurregeling correct maar vanuit diverse parochies is er maar om de 2 uur verbinding en op zaterdag en zondag zelfs helemaal niks! Navraag: “sinds de crisis zijn de verbindingen ingeperkt”! Met het normale traject kan men vanuit de hoofdstad de hele kustlijn volgen, afstappen in elke dorpje en met de volgende rit, verder trekken. Wat opvalt zijn de prachtige vissersbaaien, de vele gekleurde huisgevels, zonder nummer! Hier en daar vindt men wel een begin met nummering maar dan komt het voor dat huis nr 1 in het begin van de straat en huis nr 2 helemaal aan het einde voorkomt daartussen hebben de huizen nog hun oude benaming! Romantisch en mooi. Het vervoer per eigen wagen heeft ook zijn beperkingen. Men rijdt links op het eiland en bijna alle huurwagens schakelen ook links wat niet zo evident is! Verder zijn er veel smalle wegen, zonder fiets- of voetpaden (wel in de steden) zodat alles op die smalle weg passeert. De autosnelheid is max 45/uur maar men ziet er ook wagen aan 90/uur door de bochten scheren wat de wandelaar een zeer onveilig gevoel geeft. Op de ‘green lines’ aangeduid met speciale borden, is de maximum snelheid 15/uur. Voetgangers hebben altijd voorrang!

Het levenswerk van Eric Young, wetenschapper en landbouwdeskundige, is de “Orchid Foundation”. Daar vindt men naast een pracht van kleuren en soorten, ook exemplaren uit die diepste wouden van Borneo. Unieke hybriden die overal ter wereld eerste prijzen wegkapen. Judith Queree’s Garden is gevormd rondom een klein landhuisje en hij biedt plaats aan niet minder de 2500 planten en bloemen. Meestal leidt de gastvrouw de bezoeker zelf rond en met haar ademt alles er liefde en respect voor de natuur uit. In het midden van de oostkust, vlakbij de havengeul van Gorey ligt de versterkte burcht “Mont Orgueil”, gebouwd in 1204. Vanop de observatietoren die de Duitsers in wereldoorlog II bouwden op het hoogste punt van het kasteel, heb je een prachtig zicht over de baai en zie je in de verte een ander kasteel “Elisabeth Castle” uit de zee oprijzen. Bij eb kan je dat te voet bereiken. De getijden in Jersey wisselen zeer snel en de verschillen tussen eb en vloed zijn enorm! Je kan er bij eb heuse “Moonwalks” maken over de droogvallen zeebodem. De Durell Wild Life Trust De Zoo dankt haar bestaan aan Gerald Durell die zijn fortuin spendeerde aan het verzamelen van exotische dieren die met uitsterven waren bedreigd. De’ Durell Wildlife Conservation Trust’ die het beheer van de Zoo heeft overgenomen en die haar hoofdzetel heeft in Jersey, is uitgegroeid tot een internationale erkende instelling die op meer dan 200 plaatsen in de wereld, zorg draagt voor uitstervende diersoorten. Indrukweekend is zeker de familie laagland-gorilla’s met aan het hoofd een zilverrug, de eerste gorilla die via kunstmatige inseminatie is verwekt.

De museums op het eiland zijn stuk voor stuk een bezoekje waard. Het maritiem museum belicht op innoverende wijze het doorzettingsvermogen en de wilskracht van de eilandbewoners om de wereldzeeën te bevaren. Het postmuseum herbergt een schat aan informatie naast een exemplaar van alle filatelistische zaken die het eiland sinds haar bestaan heeft voorgebracht.

De War Tunnels bereikt men door een lange wandeling via Jersey’s befaamde ‘Green Lines’, waar de voetgangers absolute voorrang hebben. Langs de wandeling zien we wat, onder meterslange plastieken tunnels verborgen zit: patatten! Hier komen de eerste vermaarde ‘Jersey Royals’ vandaan. Kleine aardappeltjes, nauwelijks groter dan een duivenei, maar zo bekend dat men ze zelf in de taxfree winkel op de plaatselijke luchthaven als laatste souvenir kan aanschaffen. Langs de velden grazen de befaamde Jerseykoeien die er niet alleen mooi bijlopen maar ook medeverantwoordelijk zijn voor de naam en faam van het eiland op landbouwgebied. De War Tunnels zelf zijn een bezoek meer dan waard. Het is een gigantisch ondergronds Duits fort met alle faciliteiten die in de jaren veertig mogelijk waren.


FILAKRANT 2017

45

Het hele verhaal van de bezetting van Jersey wordt er aan de hand van filmbeelden terug in herinnering gebracht. De gelatenheid bij het innemen ,zonder slag of stoot, staat in schril contrast met de uitbundige vreugde bij de bevrijding. Het is een verhaal van aanvaarding en vanaf 1942 ook van opstand tegen de bezetter. Solidariteit met Engelse vasteland bracht ook op Jersey helden voort.

Bureaus voor de militairen, bevoorradingskamers, tot zelfs een hele operatiekamer zijn netjes gerestaureerd en voor zover mogelijk, in originele staat teruggebracht.

Kortom, na deze kleine uiteenzetting zul je best begrijpen dat ik een beetje in de ban ben van Jersey en dat ik er vast en zeker terugkom! Edith De Clercq

De opdrukken op de zegels van 50 jaar Koninkrijk Italië Door: Leo van der Meer (Bestuurslid Filitalia)

D

e zegels van 50 jaar Koninkrijk Italië zijn in enorme aantallen gedrukt. Er bleef een grote voorraad zegels over, vooral ook door de extra toeslag op deze zegels. Ook op de tentoonstelling voor het vijftigjarig Koninkrijk zelf werden de meeste brief- en souvenirkaarten gefrankeerd met de gewone Leonizegels, omdat men de toeslag veel te hoog vond.

Besloten werd om deze restanten van een opdruk te voorzien van 2 centesimi, het drukwerktarief. Roy Dehn stelt in zijn boek ‘Italian Stamps’: dat het drukwerktarief dezelfde dag van uitgifte omhoog was gegaan. Dat was echter niet het geval. Voor de 5 en de 10 centesimi werd dezelfde compositie van de opdruk gebruikt. Op de 5 centesimi was de opdruk bovenin de zegel, om de oorspronkelijke waarde te bedekken, terwijl op de 10 centesimi de opdruk onderaan de zegel is aangebracht. De normale afstand tussen de 2 cijfers (in zwarte boekdruk) van de opdruk was 13 1/2 mm, maar op de 5e kolom was de afstand 15 1/2 mm. Dezelfde afwijkingen zijn natuurlijk ook te vinden bij de zegels die in lijntanding zijn verschenen.

De rechterzegels hebben de grotere afstand.

Positie 34 en 35 of 44 en 45.

De 15 centesimi was ook overgedrukt met boekdruk, echter met een groter cijfer in het paars, zwart op grijs zou minder opvallen, en de normale afstand van 12 1/2 mm. De vijfde kolom was ook anders, maar de afstanden en de positie van de cijfers onderling waren ook verschillend. Positie: 5 afstand: 12 3/4 (weinig verschil met normaal) 15 12 3/4 (weinig verschil met normaal) 25 14 1/2 35 13 1/4 (Rechter 2 lager dan linker 2) 45 13 1/4 (Rechter 2 lager dan linker 2) 55 14 1/2 65 14 1/2 75 14 (Linker 2 lager dan rechter 2) 85 13 1/2 (Linker 2 lager dan rechter 2) 95 13 1/2 (Linker 2 lager dan rechter 2)

De 2 centesimi, die door de lagere toeslag van maar 3 centesimi, meer was uitverkocht werd bijgedrukt. De kleur zou donkerder zijn.

Afwijkingen zijn: horizontaal verschoven en verticaal verschoven.

Italië deelt niet in de postzegelmisère! Door: Vincent Prange, (voorzitter Filitalia)

V

rijwel alle landen in West-Europa lopen op postzegelgebied snel terug. Wie in het Gulden-tijdperk een mooie verzameling van Nederland had gekocht zal er nu misschien nog de helft van het indertijd betaalde geld voor terug krijgen. Met landen als Scandinavië of Duitsland is het al niet veel beter gesteld. De belangstelling is namelijk veel minder door het teruglopende aantal verzamelaars.

Wat is daarvan de oorzaak? Vergrijzing wordt vaak gezegd, maar dat is maar een deel van het verhaal. Zeker is dat veel verzamelaars diep teleurgesteld zijn over de door de overheid gestimuleerde plaatjeshandel. Kijken we naar Nederland dan zien wij een stroom van nieuwe uitgiften, vaak onooglijke stickertjes, die dan vaak nog in samenhang met andere zegels of velletjes moeten worden gekocht. Deze uitgiftestroom had aanvankelijk het gewenste financiële succes omdat veel verzamelaars de gewoonte hadden 5 of 10 stuks van elke uitgifte te kopen in de hoop deze later met enige winst te kun-

nen verkopen zodat op die manier een verzameling vrijwel gratis kon worden opgebouwd. Het bleek echter een Piramidespel. Pogingen van de handel om het instorten van de markt tegen te gaan mislukten (denk aan de Afinsa-affaire) maakten de boel nog erger. De postzegelmarkt stortte ineen en de kleinere verzamelaar haakte af. Jarenlang zijn in ons land guldenzegels zonder toeslag en voor een fractie van de postprijs weg geplakt en ook de oude Eurozegels worden nog steeds onder de postprijs aangeboden. Ook voor andere landen gaat dit verhaal op. Als ik post krijgt uit bijvoorbeeld België of Frankrijk zijn deze meestal beplakt met een bonte verzameling van oude Franken-plaatjes. Is in Italië de situatie anders? Zo op het oog niet, ook daar worden nog hopen post met lirezegels gefrankeerd. De postzegelmarkt is daarentegen weliswaar teruggelopen en voor verzamelaars van “modern” volkomen ingestort, maar er is eerder sprake van een soort bevriezing. De handel koopt niets meer, de verzamelaars zijn zeer terughoudend en toch blijft het prijsniveau stabiel. De situatie is in Italië dus echt anders dan in andere landen. Het lijkt wel of de postzegelcrisis daar vooral een economische crisis is. Er

is wel geld, heel veel geld zelfs en er zijn nog heel veel rijke verzamelaars, maar iedereen is erg voorzichtig geworden. Toch zijn dit jaar de prijzen in de Italiaanse catalogi voor het eerst sinds jaren een tikje hoger: alles voor 1940, alsmede de Italiaanse koloniën en gebieden zijn zo’n 5% in waarde toegenomen. De zegels van het Vaticaan en San Marino blijven echter waar ze al jaren zijn: in het verdomhoekje. Dat komt, omdat deze gebieden totaal niet in de interesse-sfeer van de serieuze verzamelaars liggen. Wie z’n geld snel kwijt wil, moet dus vooral Pausreizen en FDC’s van San Marino gaan sparen. Is het dan nu tijd om aan Italië te beginnen? Dat is moeilijk te zeggen, de handel daar houdt stevig aan het prijsniveau van minstens 30% catalogus vast, ook op internet. Maar op veilingen buiten Italië is er nog heel veel te halen voor soms zeer aantrekkelijke prijzen. Ook de gespecialiseerde vereniging Filitalia krijgt regelmatig verzamelingen van een uitstekende kwaliteit aangeboden waardoor de veiling van deze club van een zeer hoog niveau is. Dat dit gepaard gaat met vaak lage prijzen kan iedereen zelf constateren op hun website www.filitalia.nl. De conclusie is: Italië? Voorzichtig beginnen maar!


46

FILAKRANT 2017

Op stempeljacht

P

ostzegelverzamelaars die eens wat nieuws willen opzetten, raad ik altijd aan een stempelverzameling te beginnen. Probeer eens wat stempelafdrukken bij elkaar te brengen, bijvoorbeeld van je eigen woonplaats. Bijna alle Nederlandse plaatsen hebben ooit een postkantoor of hulppostkantoor gehad en al die kantoren hadden een of meer poststempels. Er zijn afdrukken genoeg te vinden, zowel op postzegels als op complete poststukken. Zolang je niet naar compleetheid streeft, is een stempelverzameling een aardige en betaalbare manier om met filatelie bezig te zijn.

Het begin Hoe begin je een stempelverzameling? Heel eenvoudig en dicht bij huis. Kijk eerst eens wat je al hebt. Bekijk je postzegelverzameling – en je doubletten – eens met een ander oog. Bestudeer de stempels op je postzegels: dikke kans dat daar al bruikbare afdrukken tussen zitten. En als je prentbriefkaarten van je eigen woonplaats verzamelt, kijk dan ook eens naar de achterkant van die kaarten, de adreszijde. Prentbriefkaarten zijn meestal verstuurd vanuit de afgebeelde plaats. Omdat er vaak heel eenvoudige postzegels op geplakt werden, is de kans groot dat de postzegel er nog op zit – en dat de stempelafdruk bewaard is gebleven.

je verzamelt. Vertel het aan medeverzamelaars, maar ook aan je familie, je buren en je vrienden. Laat die mensen eens iets van je verzameling zien. Een plaatreconstructie van de 5 cent blauw 1852 is voor niet-verzamelaars niet echt boeiend, maar een aardige briefkaart met een reclamehandstempel uit 1926 is een mooi tijdsbeeld. En als mensen weten wat jou interesseert, willen ze weleens iets voor je vinden… Bijvoorbeeld: Barneveld Van vrijwel alle Nederlandse plaatsen is een stempelverzameling op te zetten. In dit artikel is Barneveld als Afb. 4 Afdruk van het grootrondstempel BARNEVELD in een stempelboek van de PTT. voorbeeld genomen, de thuisbasis van de Eindejaarsbeurs. In Barneveld zijn niet alle Nederlandse stempeltypen gebruikt die in omloop geweest zijn, maar dat geldt voor de meeste plaatsen. Daar staat tegenover dat Barneveld wel een haltestempel en een reclamehandstempel gekend heeft, die beide betrekkelijk weinig voorkomen. De systematische aanpak

Afb. 10 Afdruk van het cilinderbalkstempel BARNEVELD 3 op een aangetekende envelop uit 1991. blijven. Hoewel het bijna 25 jaar gebruikt werd, vind je er weinig afdrukken van op postzegels. Dat heeft te maken met het feit dat Barneveld slechts de status van hulpkantoor had en in principe geen postzegels afstempelde. Van 1873 tot 1876 was een soortgelijk naamstempel BARNEVELD in gebruik, nu met schreefloze letters. Veel later, in 1909, werd een dergelijk stempel ingevoerd als kantoornaamstempel.

Afb. 1 Bijna complete afdruk van het tweede naamstempel BARNEVELD op een zegel van de emissie 1869 Wapenzegels

Moet je stempelafdrukken verzamelen op losse zegels of op hele poststukken? Dat is een kwestie van smaak, want je móet niets. Het is meer een praktische overweging. De meeste stempelafdrukken zijn groter dan een postzegel, dus op een losse zegel vind je geen complete afdruk van dat soort stempels. Die verzamel je bij voorkeur ‘op stuk’. Bij enkele stempeltypen is het wel mogelijk om complete afdrukken op zegels te verzamelen, bijvoorbeeld het puntstempel en het kleinrondstempel. Niet voor niets zijn dat de meest verzamelde Nederlandse stempeltypen! Verder zoeken Om meer te vinden moet je soms de boer op. Zoek op postzegelmanifestaties zoals de Eindejaarsbeurs bij gespecialiseerde handelaren naar stempelafdrukken, maar vergeet ook niet de ‘rommelbakken’ met poststukken van een euro, want ook daarin kun je vondsten doen.

Afb. 2 Afdruk van het derde naamstempel BARNEVELD op een brief die in 1874 via postkantoor Amersfoort naar Rotterdam gestuurd werd. Postkantoor Amersfoort ontwaarde de postzegel met het puntstempel plaatste het tweeletterstempel.

Je Afb. 11 Afdruk van het cilinderbalkstempel BARNEVELD 7 op een aangetekende envelop uit 1987. Per 1 augustus 1876 werd hulpkantoor Barneveld gepromoveerd tot postkantoor. Toen kreeg het een puntstempel (nr. 172) voor het ontwaarden van postzegels en een tweeletterstempel voor

Afb. 5 Afdruk van het langebalkstempel BARNEVELD 1. Afb. 6 Afdruk van het kortebalkstempel BARNEVELD 1. Afb. 7 Afdruk van het openbalkstempel BARNEVELD 4. Afb. 8 Afdruk van het cilinderbalkstempel van postagentschap BARNEVELD-KORENBLOEMSTRAAT. kunt jarenlang tevreden werken aan een stempelverzameling en er alle afdrukken aan toevoegen die je toevallig tegenkomt. Maar op een gegeven moment wil je misschien toch weten wat je nog mist. Al is compleetheid niet je doel, het zou toch handig zijn om te weten welke poststempels er in de loop van de tijd in jouw woonplaats gebruikt zijn. Dan grijp je naar ‘de literatuur’. Helaas

Afb. 12 Afdruk van het zelfinktende tuimelstempel BARNEVELD-JAN VAN SCHAFFELAARSTRAAT uit 2012. Afb. 13 Afdruk van het zelfinktende tuimelstempel BARNEVELD-KORENBLOEMSTRAAT uit 2015. het aanduiden van plaats, datum en tijd op in- en uitgaande post. Postkantoor Barneveld krijgt in de loop van de tijd alle gebruikelijke poststempels, zoals het kleinrondstempel (1885), het grootrondstempel (1896), de langebalkstempels BARNEVELD 1 (1907) en BARNEVELD 2 (1917), de kortebalkstempels BARNEVELD 1, 2, 3 en 4 (1917), de openbalkstempels BARNEVELD 2 en BARNEVELD 4 (1959), cilinderbalkstempels BARNEVELD 1 (1968), BARNEVELD 3 (1969) en BARNEVELD 5 (1974). Soms raakten stempels beschadigd of versleten; dan werden ze vervangen door een identiek exemplaar of door een exemplaar van een nieuwer type met hetzelfde nummer. Niet alleen het hoofdpostkantoor, maar ook postagentschappen krijgen

Internetveilingen zoals eBay, Delcampe en Catawiki zijn prima zoekplaatsen voor verzamelaars. Je hoeft niet meteen aankopen te doen. Probeer eerst eens een beeld te krijgen van wat er op jouw gebied aangeboden wordt en wat dat moet kosten. Blader door de afdeling ‘Postzegels Nederland’ of zoek gericht met de naam van jouw woonplaats. Daarnaast zijn er natuurlijk de grote veilinghuizen, maar die richten zich meer op handelaren en gevorderde verzamelaars dan op betrekkelijke nieuwelingen. Wat mij persoonlijk altijd heel goed helpt: vertel aan anderen wat Afb. 9 Afdruk van het kortebalkstempel BARNEVELD 4 op een portvrije dienstbrief uit 1943. is er geen NVPH-catalogus waarin alle stempels keurig op een rijtje gezet zijn, maar er zijn wel goede boeken en websites met informatie over specifieke stempeltypen. Zie de lijst ‘Bronnen’ onder dit artikel. Op basis van die bronnen is het volgende stempeloverzicht voor Barneveld gemaakt. Ook enkele afbeeldingen zijn eruit overgenomen.

Afb. 3 Afdrukken van het puntstempel en het kleinrondstempel van Barneveld op een brief naar Arnhem uit 1891.

Reguliere stempels Het oudste poststempel van Barneveld is het naamstempel BARNEVELD, dat gebruikt werd vanaf 1837 tot 1850. Dit stempel komt alleen voor op brieven zonder postzegels, want postzegels werden pas in 1852 ingevoerd. In 1850 werd een nieuw naamstempel BARNEVELD verstrekt, dat tot 1873 in gebruik zou

Afb. 14 Afdruk van het reclamehandstempel van Barneveld op een dienstbrief uit 1929.


FILAKRANT 2017 Afb. 15 Afdruk van het filatelieloketstempel Barneveld. eigen stempels. Vanaf eind 2006 werden aan alle postvestigingen stempels van een nieuw type verstrekt, het zelfinktende tuimelstempel. Postkantoren bestaan niet meer, ze zijn vervangen door balies in supermarkten en sigarenwinkels. Meestal bevatten de daar gebruikte stempels niet alleen de plaatsnaam, maar ook de straatnaam van de postvestiging. Het verzamelen van afdrukken van die stempels is moeilijk, maar interessant. Stempels sleten

47

Postzegeltentoonstelling ACHTERHOEK 2017

Afb. 16 Afdrukken van het haltestempel BARNEVELD en trajectstempel Amsterdam-Winterswijk op een briefkaart uit 1883 naar Eisenberg (Duitsland). snel en werden vervangen, winkels met een postvestiging verdwenen of verhuisden, kortom: ga maar eens op zoek en verbaas u over de variatie! Andere stempels Naast de reguliere postkantoorstempels heeft kantoor Barneveld twee minder gebruikelijke stempeltypen gehad. Het reclamehandstempel, met als tekst “BARNEVELD / BEZOEKT DONDERDAGS DE KIPPENMARKT / BEZOEKT / DONDERDAGS / DE EIEREN/ MARKT”, werd gebruikt van maart 1926 tot maart 1930. Het filatelieloketstempel, met een afbeelding van de Nederlands Hervormde Kerk, was vanaf augustus 1991 tot juli 2001 beschikbaar voor verzamelaarspost.

Afb. 17 Afdruk van het stempel AFGESCHREVEN BARNEVELD in een stempelboek van de PTT. Afb. 18 Afdruk van de eerste bestellerstempels van Barneveld in een stempelboek van de PTT. In deze stempels werd naast het cijfer een letter A, B of C geplaatst. Het feit dat Barneveld een station had, betekent dat er ook postvervoer per spoor plaatsvond van en naar deze plaats. Brieven die in Barneveld aan de trein werden afgegeven, werden in de trein soms afgestempeld met het gebroken-ringstempel AMERSFOORT (1853-1866) en later met het haltestempel BARNEVELD in kastje (vanaf 1876). Afdrukken van dat laatste stempel komen voor in combinatie met trajectstempels Amsterdam-Zutphen en Amsterdam-Winterswijk. En als u uw collectie nog verder wilt uitbreiden, denk dan eens aan administratieve stempels zoals “Aangeteekend” en “Afgeschreven Barneveld”, of ga op zoek naar poststukken met afdrukken van een bestellerstempel. Goede jacht! Jacques Spijkerman Bronnen - Postmerken & Postinrichtingen in Nederland tot 1871 (PEP), samengesteld door de Werkgroep Postgeschiedenis onder auspiciën van Po & Po. Deel 1. Po & Po, [2006]. - De inventarisatie van allerlei Nederlandse stempeltypen door C.J.E. Janssen op de website van de Nederlandse Academie voor Filatelie: http://poststempels.nedacademievoorfilatelie.nl/ - G.A.M. van Marrewijk: Typenraderraadselen (rubriek in het Verenigingsnieuws Po & Po). - Diverse auteurs: Spoor en Post in Nederland. Nederlands Spoorwegmuseum, Utrecht 1979 - Jos M.A.G. Stroom en Cees J.E. Janssen: Reclamehandstempels 1925 - 1970. Po & Po 2011. - Harrie J.W.M. Jans: Nederlandse Puntstempels 1 april 1869 -14 juni 1893. Po & Po 2016. - R.L.P.G. van Unen: Lang- of naamstempels afgedrukt op postzegels 1852 - 1900. Po & Po 2016. - Verschillende eenmalige katernen in de NVPH-catalogus.

T

er gelegenheid van het 50 jarig bestaan van de Postzegelvereniging “de Achterhoek” organiseert de vereniging de tentoonstelling “Achterhoek 2017” op 19, 20 en 21 mei 2017 in de sporthal “Hamalandhal” in Lichtenvoorde. De Hamalandhal is goed bereikbaar met het Openbaar Vervoer

Toen er nog geen Pokémon jagers waren, nog geen social media, nog geen smartphones en wat nog meer maar je als kind suikerzakjes, speldjes, sigarenbandjes, luciferdoosjes of POSTZEGELS verzamelde ontstond het idee dat zoiets natuurlijk veel leuker is in groepsverband. Bovendien kon je makkelijk je verzameling uitbreiden door te ruilen met anderen, alhoewel die natuurlijk ook vaak de hogere waarden niet hadden maar misschien wel familie in het verre buitenland die regelmatig brieven met exotische postzegels erop stuurden. Reden om in 1967 in Lichtenvoorde onder begeleiding van de fraters en de directeur van het plaatselijke postkantoor een aantal gelijkgestemden bij elkaar te laten komen in clubverband teneinde gezamenlijk de eerste stappen op het filatelie-pad te zetten. Begonnen met een 30-tal leden, zowel jeugd als volwassenen, bereikt de club na een aantal naamsveranderingen in 2017 de Abraham dan wel Sarah-leeftijd van 50 jaar. Een aantal leden van het allereerste uur is nog steeds actief in de huidige vereniging. Jammer genoeg legt postzegels verzamelen het bij de jeugd af tegen andere, vaak meer spectaculaire hobby’s; een landelijke trend, waar we ook in de krimpende Achterhoek nog geen antwoord op hebben gevonden. De vereniging bestaat nu uit een 160-tal leden, voortgekomen uit samengaan van een aantal plaatselijke clubs, waar besturen over hun eigen schaduw heenstapten en toenadering zochten tot buurtgemeenten en de leden derhalve hun clubavonden iets verder van het eigen huis moesten bezoeken als men gewend was. Eén van de zaken die het bestuur van “postzegelvereniging de Achterhoek” tijdig inzag was de wens om ook buitenstaanders deelgenoot te maken van de hobby. In 1984 werd de eerste grote tentoonstelling georganiseerd in Varsseveld. Het begin van een

traditie waarbij naast de jaarlijkse eigen beurs, iedere 4 jaar een grote tentoonstelling werd georganiseerd. Het niveau werd allengs hoger hetgeen resulteerde in het verzoek van de bond om naar aanleiding van onze, reeds in 2005 gedane aanvraag voor de jubileumtentoonstelling in 2017, de organisatie van een multilaterale tentoonstelling , categorie 1 en 2, op ons te nemen. Na gedegen onderzoek besloten we met de achterhoekse nuchtere mentaliteit dat dit nog een stapje te groot was voor ons en dat wij in mei 2017 de jubileumtentoonstelling ACHTERHOEK 2017 organiseren : categorie 1 en 2 alsmede de mogelijkheid deel te nemen middels de één-kaderinzending voor de Bert Langhorst-trofee. Naast handelaren zal er zeker ook een vertegenwoordiger van “Leopardi” aanwezig zijn om bezoekers de mogelijkheid te bieden collecties te laten bekijken en taxeren. Gezien de belangstelling bij de vorige tentoonstelling in 2013 zal hier ook weer veel gebruik van gemaakt worden nu steeds meer mensen zich afvragen wat er met de vaak zorgvuldig opgebouwde verzamelingen van hen of familie moet gebeuren. U kunt zich tot 1 februari 2017 aanmelden voor klasse 1 en 2 in alle categoriën, kaderhuur bedraagt € 5.- per kader. Tevens biedt de vereniging namens het “Samenwerkingsverband Filatelie” gelegenheid deel te nemen aan de “Bert Langhorst trofee” voor 1-kader inzendingen. Inlichtingen en aanmeldingen aan Achterhoek2017@outlook.com

De inschrijving sluit op 1 februari 2017. Zie ook onze website www.pzvdeachterhoek.nl voor het aanmeldingsformulier en de regelementen

Postzegelkring Latijns-Amerika (LACA) De postzegelkring LACA bestaat al ruim 50 jaar en is gericht op verzamelaars van Midden en Zuid Amerika. Het verzamelgebied omvat alle Spaans- en Portugees sprekende landen in dit gebied alsmede Haïti en de scheepsverbindingen binnen en naar dit gebied. De vereniging komt 4x

per jaar bijeen in De Bilt (NL) en houdt 2 zaalveilingen per jaar en heeft ca. 80 leden. Er worden regelmatig presentaties gehouden en de bijeenkomsten zijn heel levendig. 4x per jaar verschijnt een blad onder de naam ‘Corre(i)o’ waarin veel originele artikelen van de leden zijn opgenomen. Alle bladen en veel informatie zijn verder ook op de website gratis voor leden toegankelijk. De contributie bedraagt € 30,- per jaar voor gewone leden en € 15,- voor electronische leden. LACA heeft veel kontakt met de leden die in het verzamelgebied wonen en met verenigingen die daar gevestigd zijn zodat veel kennis wordt uitgewisseld. Voor nadere informatie kunt u kontakt opnemen met telefoonnummer 010 - 480 29 61 of info@laca.nl of www.laca.nl


48

FILAKRANT 2017


FILAKRANT 2017

49

Het essequibo grensconflict tussen Guyana en Venezuela Door: Anton Luyendijk

H

et landschap in Guyana moet toch wel wat van het Zeeuwse landschap gehad hebben, want de meeste Nederlanders die zich daar hebben gevestigd waren Zeeuwen. Het nogal vlakke land werd tot ver bezuiden de Orinoco doorsneden door vele rivieren en de grondsoort was meestal klei en leemachtig. Verder was het dicht begroeid en je had er een kapmes bij nodig om er door te komen (afbeelding 1 en 2).

Maar de grens die de Essequebo vormde en die werd geaccepteerd was toen al ruim overschreden ! Bij de vrede van 1814 (the Conven-tion of London) verloren wij de kolonies Berbice, Demerara, Pomeroon en Essequebo aan Engeland.

Afbeelding 1.

Afbeelding 2. Het

verdag van

Tordesillas.

Arawak-indianen woonden er toen Columbus de nieuwe wereld ontdekte. Enkele jaren later kwam Portugal op voor haar bezittingen aldaar; hoogste tijd om te gaan verdelen. En die verdeling vond plaats tussen Spanje en Portugal op 7 juni 1494 Afbeelding 3. te Tordesillas, waarbij het ging om het nieuw ontdekte land (afbeelding 3). Alles binnen een straal van 370 leages (= 2193 km of 1154 nautische mijlen) gerekend vanaf de Kaap Verdische eilanden naar het nieuwe land zou Portugees zijn en alles daarachter Spaans (de meridianen waren in die tijd nog niet genummerd en het was pas 1912 dat de meridiaan over Greenwich de “nulmeridiaan” werd genoemd, vanwaar de nummering 180° West of Oost telde). Portugal kwam er dus zeer bekaaid af met dat stukje Brazilië. Het is op dit verdrag dat Venezuela zich beroept want het nieuw ontdekte land was immers toebedeeld aan Portugezen en Spanjaarden. In 1580 hadden er zich echter al Zeeuwen gevestigd en toen in het begin van de 17de eeuw zich enkele Engelsen in Suriname vestigden en Nederlanders in het huidige Guyana was dit eigenlijk al een flagrante schending van het verdrag. Maar bij de vrede van Munster in 1648 ging Spanje akkoord met deze situatie, waarbij de grens tussen Venezuela en de Hollandse kolonie werd gevormd door de rivier Essequibo (afbeelding 4).

Afbeelding 8. Afbeelding 5-1 t/m 5-3.

Afbeelding 6. Varend de Demerara-rivier op om in MacKenzie het schip vol te laten storten met bauxiet kom je langs landgoederen met nog steeds prachtige Hollandse namen als: Vreed-en-Hoop, Ruimzigt, Den Amstel, Uitvlugt, Zeeburg, De Willem, Met-en-Meer-Zorg, De Kinderen, Zeelugt, Tuschen de Vrienden, Vergenoegen, Klien Pouderoyen, Goed Fortuin, Schoonord, Meer Zorgen, Goedverwagting, Vreed en Stein, Lust en Rust, Recht door Zee, Vrede en Vriendschap, Noitgadacht, Tyd en Vlyt, enz. Vermoedelijk zijn die Zeeuwse boeren er gebleven ondanks de plotselinge Engelse overheersing, anders waren die namen wel gewijzigd en ze hadden per slot van rekening deze noeste werkers ook hard nodig!

Er zijn boeren geweest die verder trokken en daar een plantage begonnen; in Venezolaanse journalen wordt vermeld dat er regelmatig Nederlandse boeren zijn gevangen genomen en hun have vernietigd (afbeelding 7). Later zijn ook de Afbeelding 9. Engelsen verder getrokken en zo stonden zij aan de monding van de Orinoco en diep in het geclaimde gebied (“zona en reclamación”). Toen alle Nederlandse bezittingen in de Guyanas door Engeland waren geconfisqueerd, kreeg Venezuela te maken met een Engelse bezetter in plaats van een Nederlandse en dat bleef ook nog zo toen Nederland het verloren gebied (behalve Suriname) niet meer terugkreeg na de val van Napoleon, want de grenzen van die kolonie waren legitiem (afbeelding 8 en 9).

In 1667 verdreef Nederland, dat toen in oorlog was met Groot Brittannië de Engelsen uit Suriname en ook daar vestigden zich Zeeuwse boeren die wel raad wisten met de aanleg van Afbeelding 4. bouwland en het beheer van rivieren. De vrede van Breda, die de 2de Engelse oorlog afsloot, bevestigde nog eens dat dit gebied waarbij ook een deel van het huidige Guyana behoorde onder Nederlands bestuur kon blijven en zo is het gebleven tot in 1803 Napoleon zich met politiek ging bemoeien (afbeelding 5). Intussen had de kolonie zich enorm uitgebreid; zo waren er in Guyana de Kolonie Berbice met Nieuw Amsterdam, Demerara met Stabroek, Essequebo met Fort Kijk Overal, later Fort Zeelandia en wat Noor-delijker nog Poomeroon, alle welvarende kolonies waar vooral riet-suiker werd verbouwd (afbeelding 6).

Afbeelding 7.

Afbeelding 10.


50

FILAKRANT 2017

In 1819 verklaarde Simon Bolívar Gran Colombia (o.a. Venezuela) onafhankelijk. Het grondgebied van de nieuwe republiek bestond uit wat tegenwoordig gevormd wordt door Colombia, Ecuador en Vene-zuela. En toen begonnen de problemen. Op een Brits kaartje (afbeelding 10) is het oorspronkelijke gebied van de Britse kolonie tot aan de Essequibo horizontaal gearceerd. In 1835 had Engeland de Duitse geograaf Robert Schomburgk (afbeelding 11) het bos ingestuurd om de grenzen van de kolonie vast te leggen en hij had een grens aangegeven dieper Venezuela in, een lijn die bekend staat als de Schomburgk-lijn. Venezuela verloor in één klap 140.000 km² aan Brits Guyana. Er vindt heel wat diplomatie plaats en er komt zelfs een akkoord in 1850, waarbij beide landen beloven elkaars gebied niet meer te zullen bezetten. Maar dan komt de “Gold rush” op gang, waarbij de grens ontelbare keren wordt overgestoken door lieden op zoek naar diamanten en goud. Engeland claimt opnieuw nu een nog groter gebied en Afbeelding 11. daarop besluit Venezuela hier orde op zaken te gaan stellen; zij verbreekt de betrekkingen met Engeland op 21 februari 1887 en stuurt er een leger op af (afbeelding 12).

Afbeelding 18-1 t/m 18-3.

Afbeelding 15. binnen 12 jaar te beëindigen. Maar in 1982 is er nog geen zicht op enig resultaat en weer werd het conflict aan de VN voorgelegd (afbeelding 15).

Nog onlangs in 2011 breidde Venezuela haar zeegrenzen met 150 nautische mijlen uit. En daarmee breidt het probleem zich ook verder uit, want moet dan een deel van de Atlantische Oceaan voor de kust van Essequibo bij het territorium van Guyana gerekend worden? Venezuela vindt van niet, zij heeft al een onderzoek laten verrichten naar de aanwezigheid van olie daar en hiertegen heeft Guyana een krachtig protest laten horen. Nee, de problemen zijn hier de wereld nog niet uit. Het betwiste/geclaimde grensgebied wordt door Venezuela veelvuldig op postzegels getoond, zoals ook uit deze zegels blijkt. De 1e zes zegels hebben o.a. de tekst: “Reclamacion de su Guayana” ofwel “claim uw Guyana terug” (afbeelding 17). En op de zegel hieronder (die is afgestempeld in 1974) staat te lezen dat de ontwikkeling van de regios binnen Venezuela, inclusief de ‘zona en reclamación’ nog gaande is (‘en marcha’) (afbeelding 18). Het geclaimde gebied is gearceerd weergegeven op deze zegel ter gele-genheid van 100 jaar UPU. En op de laatste zegel met een afbeelding van de regio met de Amacuro-delta van de Orinoco rivier staat ook rechtsonder nog de tekst ‘zona en reclamación’. Dit geschil lijkt vooralsnog niet beslecht !

Afbeelding 12. Vervolgens krijgt Venezuela in 1895 hulp van de VS. De VS verbieden elke inmenging van welk Europees land ook op het Westelijk halfrond. Er wordt een commissie in het leven geroepen onder leiding van de VS met Engeland erbij, maar - heel opmerkelijk - zonder Venezuela, een commissie die het conflict “oplost”. Venezuela krijgt echter maar een klein deel van het geclaimde gebied ! Alle aanwezige partijen aanvaarden de uitspraak van de commissie (afbeelding 13). Afbeelding 13.

Afbeelding 16. Sindsdien worden de nationale gevoelens van de Venezolanen ten aanzien van de claims aangewakkerd. Hugo Chávez ontzegde Britse en Canadese Oliemaatschappijen de toegang tot de Venezolaanse oliegebieden; ook investeerders kregen geen toegang tot de z.g. “zona en reclamación” (afbeelding 16). Inmiddels is het conflict weer in een sluimertoestand geraakt; men verwacht geen militaire interventie in het Guyanees gebied. De ambassadeur van Guyana in Caracas stelde desgevraagd: “Wij moeten met elkaar leven”. Maar of hij het daarmee redt ?

Tenlotte nog een afbeelding van Georgetown (afbeelding 19), hoofdstad van Brits Guayana, het vroegere Stabroek in de Hollandse tijd, zoals dit er rond 1850 uitzag, met links de Demerara rivier incl. een stoomtrein langs de oever. De stad was destijds vernoemd naar de opperbewindhebber van de WIC, Nicolaes Geelvinck, de heer van Stabroek (1732-1787).

NEDERLAND ISRAËL PHILATELIE;

Afbeelding 14. Is het conflict nu opgelost? Ja, maar tot 1962. Dan laat Venezuela het akkoord van 1895 in de VN ongeldig verklaren en dat wordt aanvaard in het Akkoord van Genève van 1966. Dit akkoord verplicht beide partijen (Venezuela en Engeland) om een speciale commissie te vormen met vertegenwoordigers van beide partijen om binnen 4 jaar tot een oplossing te komen. Inmiddels is Brits Guyana onafhankelijk geworden en het betwiste gebied beslaat 60% van haar grondgebied ! (afbeelding 14) Het eerste resultaat van onderhandelingen met de regering van Georgetown was het “Protocol Puerta España” (Trinidad – 1970): de betrokken landen kregen opdracht om het conflict

Afbeelding 19.

Voor informatie en Ledenadministratie: Rozengaard 14-61, 8212 DH Lelystad

LID VAN HET WORLD PHILATELIC CONGRESS OF ISRAËL HOLY LAND AND JUDAÏCA SOCIËTIES Afbeelding 17-1 t/m 17-6.

WWW.ver-nip.nl


FILAKRANT 2017

51

Nederlandse Vereniging van Postzegelverzamelaars van het Vorstendom Liechtenstein. (De NVPVL) H

et doel van de NVPVL is: “De behartiging van de belangen van de verzamelaars van postzegels van het Vorstendom Liechtenstein in de ruimste zin van het woord en bevordering van de Liechtenstein-filatelie in al zijn facetten”.

• Gratis toezending van brochures met beschrijvingen van nieuwe uitgiften. • Een speciaalabonnement, waarin postzegels, eerstedagenveloppen, maximumkaarten, ect. worden geleverd. Deelnemers hiervan ontvangen de leveringen vier maal per jaar.

Wat biedt de NVPVL • Een mededelingenblad “LIECHTENSTEIN”, dat vier keer per jaar verschijnt. Het mededelingenblad bevat naast de filatelie ook informatie over economische, culturele, politieke en toeristische situatie in het land. Frequent worden lezers in staat gesteld te bieden op kavels om tegen gunstige prijzen postzegels van Liechtenstein te kopen. Het mededelingenblad wordt van uit Liechtenstein aan de leden toegezonden. • Tenminste één maal per jaar wordt er een Ledenvergadering en een ledenbijeenkomst in Utrecht of op een nader te bepalen locatie uitgeschreven.

Postzegels van Liechtenstein • De eerste poststukken met adressering in of afkomstig uit Liechtenstein dateren van 1880. Tot 1912 werd voor frankering van brieven en andere poststukken, uitsluitend gebruik gemaakt van de postzegels van het Oostenrijkse Keizerrijk. • Vanaf 1912 heeft Liechtenstein een postdienst die eigen postzegels uitgeeft. Deze dienst heeft vanaf het begin zegels uitgegeven die uitmunten in voorstelling en kwaliteit van druk. Om bovenstaande redenen worden de postzegels door filatelisten dan ook bijzonder gewaardeerd. • Het gebied van de Liechtenstein Filatelie is inmiddels zeer uit-

gebreid, maar desondanks overzichtelijk gebleven. Voor veel filatelisten zullen er gebieden te vinden zijn die de aandacht zullen trekken. • Tijdens de EINDEJAARSBEURS & STAMPTALES op 28 & 29 december 2016 in de Veluwehal te Barneveld is de NVPVL met haar promotiestand aanwezig. U kunt daar alle informatie verkrijgen over het verzamelgebied Liechtenstein. Aanmelden als lid kan ook. Meer weten? • Voor informatie: secretariaat NVPVL Vanenburgerhout 2, 3845 EJ Harderwijk telefoon: 0341-417557 e-mailadres: nvpvl@live.nl website www.nvpvl.nl

Nooit gedacht dat het zo zou gaan lopen! Door: Pamela van de Vlekkert

Z

elf bezocht ik samen met Evert veel beurzen in binnen en buitenland. Hij was zelf een groot verzamelaar al vanaf zijn jeugd, en zag overal wel iets in. Ik hobbelde een beetje mee voor de gezelligheid en had niet zoveel met de postzegels. Kwamen ook tot de ontdekking dat alles in binnenland behoorlijk aan het teruglopen was.

het buitenland met verzoek om informatie om de beurs te kunnen bezoeken. Onze website is daarom dan ook in drie talen, met alles erop en eraan. De webmaster Peter is zelf een groot verzamelaar van postzegels en bezoeker van beurzen in binnen en buitenland. Zonder hem en deze website hadden wij dit alles nooit kunnen bereiken. We blijven hem ook steeds vernieuwen en aanpassen.

Na veel wikken en wegen ben ik eens gaan kijken om in Apeldoorn iets te vinden om daar zelf iets te organiseren. Achter ons huis kijk ik uit op het Duivensportcentrum, een wijkgebouwtje voor een duivenvereniging waar ze een klein zaaltje hebben dat destijds verhuurd werd tegen een redelijke prijs van 200 gulden. Vrijdag 30 december 1999 ging onze eerste verzamelbeurs van start, zonder een cent in kas. Het achterliggende idee was dat alles bekostigd kon worden van het tafelgeld. En dat is gelukt. Om 10.00 uur ging de zaal open en het liep storm, van heinde en verre kwamen de verzamelaars naar het Duivensportcentrum toe. Auto’s konden niet meer op de normale manier geparkeerd worden. Op de Beatrixlaan was het een chaos met parkeren. Dit hadden wij, maar ook de catering van het duivensportcentrum niet verwacht. Om 11 uur had de catering al geen belegde broodjes meer op voorraad en de snert raakte ook al snel op. We wisten niet wat ons overkwam. We hadden wel aan PR gedaan, maar op onze eigen manier. Zoveel bezoekers hadden wij niet verwacht, het zaaltje kon het niet aan. Blijkbaar waren de bezoekers opzoek naar iets nieuws, we hadden een divers aanbod in ansichtkaarten, munten, brieven en postzegels en wat andere kleine zaken zoals flippo’s, bierglazen enz. Ook was een kleine expositie van oude kerst-ansichtkaarten op een biljardtafel uitgestald. Ruim 60 meter tafel stond er in dat zaaltje en het was berendruk en gezellig. Al snel kregen wij nieuwe aanmeldingen van standhouders die de eerste keer als bezoeker waren gekomen en ook wel wilden staan met hun materiaal. De locatie was al snel te klein, dus zijn we in 2000 overgestapt naar een zaal in de Kayersheert in Apeldoorn. Daar kon ik toch al wat meer tafels kwijt. Deze 2e beurs was op 29 december 2000. Ook daar liep het storm, ondanks de vele sneeuw. Die moesten wij ’s morgens vroeg zelf nog ruimen voor wij naar binnen konden komen. De gemeente sprak ons aan dat wij toch maar een andere locatie moesten gaan zoeken i.v.m. de parkeeroverlast. De Sporthal De Mheen werd mij toen aangeboden en deze kon ik dan voor 2 dagen huren. Inmiddels hadden wij veel aanmeldingen van buitenlandse standhouders. De sporthal was al gauw gevuld, Mr. Karman uit Australië meldde zich aan om zijn expositie van windmolens op brieven te komen exposeren. Deze had daarvoor een gouden medaille ontvangen. Maar ja, we hadden geen kaders, dus deze dan maar zelf gemaakt voor de beurs. Tot mijn grote verbazing kregen we via onze website ontzettend veel mail vanuit

De Beurs in de Mheenhal was een groot succes maar ook daar veroorzaakten de vele bezoekers weer parkeerproblemen. Apeldoorn kon dit gewoon niet aan. Na een krantenartikel in de Apeldoornse Courant krant over onze beurs, ben ik kort daarop benaderd door de eigenaar van de Americahal, met de vraag of ik de Eindejaarsbeurs in zijn hal wilde gaan organiseren. Nou, daar heb ik toch wel een aantal weken over moeten nadenken. Na een bezoek aan de hal kon ik er niet meer van slapen. Waar begin ik aan. Hij is zo groot. Krijg het nooit vol enz. enz. enz. Maar na veel wikken en wegen is toch besloten om naar deze locatie over te gaan en het contract werd getekend. De eerste beurs in de Americahal (voor ons de 4e beurs die we organiseerden) was drie dagen, op 27,28 en 29 december 2002. En de 6000 m² was al gauw weer gevuld. Ruim 4000 duizend bezoekers kregen wij binnen. Zelf was ik apentrots op iedereen die ons had geholpen. Daarna kreeg ik het aanbod om in 2003 de eindejaarbeurs in het koopweekend voor de kerstdagen te houden. Volgens de eigenaar van de hal was het beter voor de beurs om op de 19-21 december te gaan zitten. Zelf had ik daar geen goed gevoel over. De Americahal kon ons echter het weekend tussen kerst en oud en nieuw niet toezeggen i.v.m. renovatie. Dus toch maar gedaan. De hal was helemaal van onder tot boven gevuld met standhouders en veel exposities. Wat was de zaal mooi en wat was de beurs goed gevuld. Maar het verwachte publiek bleef grotendeels uit. Ze konden niet bij de Americahal komen. Apeldoorn stond qua verkeer helemaal op z’n kop, alle wegen zaten muurvast met verkeer. Helaas niet vanwege onze beurs, maar vanwege de kerstinkopen die in dat weekend gedaan werden.

Het was echt zo’n beurs met de wet van Murphy alles wat fout ging, ging ook fout. We hebben dit toen niet laten merken, maar ik heb heel wat lopen huilen. Op de laatste dag, hadden de mensen dat toch wel in de gaten. Ik kon er ook niets aan veranderen. Mijn eerste ingeving dat het niet goed was om voor de Kerst een beurs te organiseren was helaas uitgekomen, maar we hadden geen keuze. Ook hier moet je je weer door heen slaan. Ook werd er tijdens de beurs onze Mark (toen 12 jaar) goed ziek. Volgens de mensen van het Rode Kruis had hij hoge koorts, en hij moest echt naar huis maar ik kon niet mee. Zelf wilde hij niet naar huis, hij wilde gewoon blijven. Hij mocht in de ambulance liggen op het bed. Deze stond er i.v.m. expositie van het Rode Kruis. Later is hij opgehaald door onze overbuurvrouw en bij haar is hij tijdens de beursdagen verzorgd. Zelf voelde ik mij op dat moment een slechte moeder, maar de beurs moest draaien en je kunt dan niet even zeggen: ik ben niet aanwezig. De Americahal werd overgenomen door een nieuwe eigenaar. Lopende contracten werden echter niet mee overgenomen en we moesten om de tafel voor nieuwe contracten. De nieuwe tarieven waren voor ons niet acceptabel en we besloten om weg te gaan bij deze hal. In 2005 hadden wij geen locatie en zijn op advies van een standhouder bij de Veluwehal in Barneveld terecht gekomen. Ik was gelijk verkocht toen wij daar een afspraak hadden met het beheer en de hal in kersttijd bezochten. Alles was al vrij gauw in kannen en kruiken. En in 2006 hadden wij in de zomer onze eerst Hollandfila als een soort pilot hoe de hal in gebruik zou zijn. Maar ja, de hal was een stukje kleiner, dus moest er een keus gemaakt worden om in de zomer alleen maar een postzegelbeurs te houden en in december het assortiment alleen maar op postzegels, munten en bankbiljetten te houden. Inmiddels hebben we de hal op beide beurzen vol in gebruik. En iedereen vind de hal perfect, gezellig en vlak bij het station en winkelcentrum. Waar vind je tegenwoordig nog zo’n gezellige locatie in ons kleine landje.

Ik ben er erg content mee en hoop dat u, als standhouder en bezoekers van onze beurzen in de Veluwehal te Barneveld er ook content mee bent en zult blijven komen naar onze gezellige beurzen die 2 x per jaar in Barneveld gehouden worden. Voorlopig blijven wij als organisatie hier graag komen. Na al deze omzwervingen is de Eindejaarsbeurs uitgegroeid tot een fenomeen dat z’n gelijke niet kent en mogen wij ons verheugen in een groeiend aantal bezoekers.


52

FILAKRANT 2017

Apeldoornse Postzegel- en Muntenbeurs Eigen vervoer: Komende van A1: uit richting Deventer / Amersfoort. Afslag A50 richting Zwolle. Dan afslag 24 Teuge / Apeldoorn. Komende van A50: uit richting Zwolle / Arnhem. Zelfde afslag 24. Op Zutphensestraat (N345) bij de 2e stoplichten rechtsaf. Volg de borden wijkcentrum Het Bolwerk.

Ca. 20 standhouders staan maandelijks voor u klaar. Zeer gezellige zaal met schitterend daglicht. Door de ligging tegen het station perfect te bereiken per spoor. Info: 055-3558600 / 06-30718411 of www.eindejaarsbeurs.nl (klik Apeldoorn aan) Gratis een eerlijke en objectieve taxatie van uw verzameling en/of nalatenschap.

Openbaar vervoer:

Goede betaalbare catering Koffie/thee/fris € 1, Broodjes v.a. € 1,50

De locatie ligt tegen het treinstation Apeldoorn-Osseveld. (30 meter afstand) Stadsbussen vanaf Apeldoorn station. Bus 5 - Halte Talma Borgh Bus 15 - Halte NS / Osseveld.

Agenda 2017:

3e zaterdag v.d. maand 21 januari 2017 18 februari 2017 18 maart 2017 15 april 2017 20 mei 2017

ZATERDAG 6 MEI 2017

250 METER VERZAMELOBJECTEN FILATELIE STERK VERTEGENWOORDIGD POSTZEGELS - TELEFOONKAARTEN MUNTEN - ANSICHTKAARTEN - BRIEVEN SPORTCENTRUM ‘DE BRAKE’ OOSTEINDERWEG 19 NUNSPEET VAN 10.00 - 16.00 UUR

Zomerstop juni t/m augustus 16 september 21 oktober 18 november

22e KEER VERZAMELBEURS NUNSPEET

2017 2017 2017

ENTREE IS GRATIS

EN TIS KER A GR /PAR uur NG .00 GA 00-16 E TO 10.

GRATIS PENDELBUSJE VAN / NAAR STATION NUNSPEET

Locatie: Wijkcentrum Het Bolwerk 7325 NT Apeldoorn AdvertentieRavelijn liggend 55, A4 MIF:Layout 3 02-11-2016

11:47

INFO VIA: POSTZEGELVERENIGING NUNSPEET tel. 0341 - 256163 www.wijverzamelenpostzegels.com

Page 1

Maastricht International Fair

MIF 2017

Munten - Bankbiljetten - Edelmetalen 8 - 9 - 10 december 2017 MECC - Maastricht Exhibition & Convention Center ruim 5000 m2 Openingstijden:

8 december 9.30 - 18.00 uur 9 december 9.30 - 18.00 uur 10 december 10.00 - 16.00 uur

Maastricht is de hoofdstad van de provincie Limburg en kent door haar rijke historie een schat aan bezienswaardigheden. In de straten zijn nog steeds sporen te vinden van Maastricht als Romeinse vesting, Middeleeuws religieus centrum, garnizoensstad en als vroege industriestad. Maastricht heeft sinds 1982 een door het Rijk beschermd stadsgezicht en telt 1677 rijksmonumenten. Maastricht is daarmee de 2e monumentenstad van Nederland. Maastricht is bekend geworden, door middel van het Verdrag van Maastricht, als de geboorteplaats van de Europese Unie, het Europees burgerschap en de Europese Eenheidsmunt, de Euro. De stad is populair bij toeristen om te winkelen en te recreëren. De stad heeft een almaar groeiende internationale studenten-populatie. Magisch Maastricht December is een van de, zo niet dé mooiste maand om Maastricht te bezoeken. Het wereldberoemde Vrijthof wordt in december omgetoverd tot een waar winterparadijs; Magisch Maastricht, dit is een van de mooiste kerstmarkten van Europa!

MECC Maastricht Forum 100 6229 GV Maastricht Nederland

www.MIF-EVENTS.com


FILAKRANT 2017

53

Somalia: een bijzonder verzamelgebied in Afrika Door: Vincent Prange

O

p 1 juli 1960 was het dan zover: Somalia werd na tien jaar UNO-mandaatgebied eindelijk onafhankelijk onder de naam Republiek Somalië.

De filatelie na 1976 Wat kan ik u van na 1976 laten zien? Zoals gezegd, echt gelopen post is schaars. Er is een overdaad aan eerstedagenveloppen op de markt, maar echt gelopen brieven - en voor minder doe ik het niet - zijn nauwelijks te vinden. Een brief uit Burao, de tweede stad van Somaliland, via Mogadiscio in 1977 verzonden naar Bombay is alles wat ik heb uit dit gebied en dat is dan nog het resultaat van jarenlang speurwerk. Bij een inzet van een paar tientjes bracht deze kaart 170 Euro op, heel wat meer dan mijn toch ‘zekere’ bod van 100 Euro. Het is tekenend voor de toch nog altijd levende belangstelling voor dit gebied en de schaarste aan goed materiaal.

De middag daarvoor had gouverneur, Mario di Stefano zijn werkzaamheden op de Italiaanse Ambassade gestaakt en het vliegtuig naar Rome gepakt. Daar verbleef hij nog enkele maanden in het Grand-hotel, waar hij de laatste brieven ontving die hem vanuit het nieuwe land werden toegestuurd. De Italiaanse ambassade in Mogadiscio was intussen getransformeerd tot een gewoon consulaat. Op 26 juni 1960 was Brits Somaliland al onafhankelijk geworden met als doel om vijf dagen later een nieuw, groot Somalia te vormen samen met het vroegere ‘Italiaanse’ gebied.

Op filatelistisch gebied veranderde de eerste jaren van dit nieuwe land weinig ten opzichte van het oude Somalia AFIS. Het uitgifteprogramma bleef bescheiden. De zegels werden meestal ontworpen door Corrado Mancioli, die samen met zijn broer Ottorino een reclamestudio in Rome bezat. De zegels werden nog altijd bij de staatsdrukkerij in Rome gedrukt. Alleen werd de Somali (=100 centesimi) voortaan Somalische Shilling genoemd. Ook de taal op de postzegels bleef naast het Arabisch het vertrouwde Italiaans, een enkele keer afgewisseld door het Engels. De banden met Italië bleven dus sterk en het is niet heel erg moeilijk echt gelopen brieven uit deze periode vanuit Mogadiscio te vinden. Uit andere plaatsen en zeker uit het nieuwe (oudEngelse) deel is een heel ander verhaal. Ik zoek brieven uit dit deel van het nieuwe Somalië al jaren maar ik kan ze bijna niet vinden. De revolutie van 1969 Alles veranderde in 1969, toen de poorten van de hel zich openden en het arme land werd opgeslokt door de bloeddorst van elkaar bestrijdende machthebbers. De tweede president van Somalia, Abd Arrashid Ali Shermarke, werd door zijn eigen lijfwacht vermoord en er kwam een nieuwe regering onder leiding van de sterke man, generaal Mohamed Siad Barre. De Italianen verlieten overhaast het land. Einde democratie en een nieuwe naam voor dit land: de Democratische Republiek Somalië. Net zo democratisch als de toenmalige DDR! Siad Barre wilde Somalië omvormen tot een communistische islamitische republiek en de gevolgen daarvan zijn tot op de dag van vandaag nog merkbaar.

Deze verzelfstandiging van de oude Britse kolonie werd filatelistisch gevierd met de uitgifte van drie zegels, die de Britse PTT in Hargeisa had gekocht van de autoriteiten in Mogadiscio. Deze zegels werden overdrukt met de tekst ‘Somaliland Independence 26 June 1960’. Volgens veel catalogi bleef de geldigheid van deze serie beperkt tot 5 dagen, maar dit is onjuist. Ik kan u een aangetekende brief laten zien van de Postmaster general in Hargeisa (let op de verbeterde landsnaam) gefrankeerd met de complete serie en verzonden naar Londen op 25 september 1960. Op 1 juli verscheen ook een in Rome gedrukte onafhankelijkheidsserie met afbeeldingen van de nieuwe vlag, de Italiaanse vlag op het regeringsgebouw in Rome, de vlag van de VN op het hoofdkwartier in New York en op de laagste waarde een gazelle met de kaart van Afrika, zodat de motiefverzamelaars ook aan hun trekken kwamen.

Ik bezit ook nog twee brieven vlak voor het einde verzonden vanuit Mogadiscio naar Berlijn. Op de ene, verzonden op 1.4.1989, zijn postzegels geplakt met president Barre als kindervriend en de ander is naar hetzelfde adres op 25.11.1989 verstuurd. Vraag mij niet wat ik voor deze brieven heb moeten betalen!

Post verzenden was vanaf december 1990 al helemaal niet meer mogelijk, omdat een bombardement het Pallazzo delle Poste in Mogadiscio had vernietigd waarbij ook het grootste deel van een zojuist uitgekomen voetbalserie in brand vloog. Ook de laatste postverbindingen werden verbroken.

Op ons gebied uitte dit streven van de president zich in het vervangen van de Italiaanse taal op de zegels door het Engels en bijvoorbeeld ook door de uitgifte in 1970 van zegels ter ere van Lenin, geheel in communistische stijl: de man als een soort god zwevend boven een stel rode vlaggen en als ‘kindervriend’ in de winter. In 1976 werden alle politieke partijen verboden behalve de communistische Somalische Socialistische Revolutionaire Partij (SSRP) van Barre zelf. Barre leunde met zijn bewind steeds sterker op het Oostblok en keek intussen begerig naar de Ogaden, die aan Ethiopië waren toegekend, maar waar wel veel Somaliërs leefden. In 1977 brak de oorlog om dit gebied uit, maar Barre werd daarin niet gesteund door zijn communistische vrienden. Duizenden Russische en Cubaanse ‘technici’ werden daarom als wraak het land uitgezet.

First Day Cover. In Italië ging de geboorte van de nieuwe republiek echter geheel aan de PTT voorbij. De oude bloemetjeszegels van Somalia AFIS bleven intussen nog gewoon in gebruik, net als de port- en pakketzegels. Onlangs zag ik op een Tsjechische veiling nog een Italiaans/Somalische pakketkaart uit 1975, door de inflatie gefrankeerd met een hele trits aan oude pakketzegels tot ver buiten de afmetingen van de kaart.

De oorlog eindigde in een smadelijke nederlaag voor Barre, die het daarna steeds moeilijker kreeg en tenslotte zelfs militaire hulp van de kapitalistische VS moest accepteren. In 1986 brak de Somalische Burgeroorlog uit, waarbij revolutionaire bewegingen in Noord-Somalië de regering bestreden. In 1988 sloten Somalië en Ethiopië vrede, maar de burgeroorlog ging echter onverminderd door, waarbij Barre massamoorden tegen de bevolking in Somaliland beging. In 1991 moest Barre de strijd opgeven en op 26 januari 1991 vluchtte hij naar het buitenland, Somalië in complete chaos achterlatend.

Krijgsheren, autonome afsplitsingen (Somaliland in 1991, Puntland in 1998) en de volledige islamitische anarchie van Al-Shabaab bepalen tegenwoordig het beeld van dit land. Alles wat u aan zegels van na 1990 van Somalië op de markt aantreft is nep. Plaatjes voor een niet meer bestaand land, die als doel hebben de zakken te vullen van enkele “handige” heren.


54

FILAKRANT 2017 Veldpostbrieven worden tamelijk veel aangeboden op internet. Zij zijn afkomstig van UNO-troepen, die in 1994 de orde in Mogadiscio trachtten te handhaven. Onlangs kocht ik van een Egyptische handelaar een ongebruikte identiteitskaart van Somalië uit 2001. En wat zie ik tot mijn verbazing? Een (lelijk) belastingzegeltje van 40 Shilling en daaronder een Marca da Bolla van 10 Shilling, geheel naar het ontwerp van de postzegels begin vorige eeuw. Alle Italianen het land uit gejaagd, maar hun zegeltjes worden daar blijkbaar tot de laatste aan toe opgebruikt!

Somalia, wat een mooi gebied om te verzamelen, maar wat een tragische geschiedenis!

Ik vervolg dit verhaal met een Duitse veldpostbrief.

SamenwerkingsVerband Filatelie SAMENWERKEN = ELKAAR VERSTERKEN Drie maal per jaar verschijnt de FilatelieKoerier, het verenigingsblad van SVF voor alle individuele leden, die éénmaal per post wordt toegezonden en tweemaal per jaar digitaal per mail wordt verstuurd aan de aangesloten verenigingen. Daarin treft u de laatste nieuwtjes en andere wetenswaardigheden aan op filatelistisch gebied. Als laatste, maar zeker niet het minste punt is onze nauwe samenwerking met de V.O.V.V., de organisatie van Hollandfila en de Eindejaarsbeurs. Tijdens Hollandfila, jaarlijks in juni, hebben de leden van een bij SVF aangesloten vereniging gratis toegang. Uiteraard ondersteunt SVF alle verenigingen op zoveel mogelijk terreinen, dus vraag gerust om hulp! Voor u, als lid van een vereniging, als inzender of misschien als bestuurslid van een vereniging bent u bij deze uitgenodigd om met ons contact op te nemen om te ontdekken wat wij voor uw vereniging kunnen betekenen. Niet voor niets zeggen wij: samenwerken = elkaar versterken

A

chter de naam SamenwerkingsVerband Filatelie (SVF) gaat een organisatie schuil waarbij 57 verenigingen zijn aangesloten en die is voortgekomen uit de verenigingen Federatie I.V. Philatelica en Filatelistenvereniging De Globe toen zij op 1 januari 2015 fuseerden. Daarna hebben zich nog eens drie verenigingen bij het samenwerkingsverband aangesloten. In 2016 zijn er met een aantal verenigingen gesprekken geweest om zich aan te sluiten, waarvan wij de eerste vereniging per 01-01-2017 welkom mogen heten. 2017 wordt sowieso een bijzonder jaar, omdat de verenigingen van de huidige NVPV, de Nederlandse Vereniging van Postzegel Verzamelaars zich opmaken om per 01-01-2018 aan te sluiten bij SVF, waarna de moedervereniging zich opheft.

Als vierde grote pijler van het succes van SVF mogen wij onze zaal- en internetveilingen noemen. Tijdens de twee halfjaarlijkse zaalveilingen in respectievelijk april en oktober in Velp (Gld) met steeds zo’n 1000 kavels per veiling is er voor elk wat wils. Bij lage inzetprijzen worden toch goede verkoopresultaten voor de verkopers geboekt, mede omdat de kosten voor zowel verkopers als kopers zeer laag gehouden worden. Ten opzichte van professionele veilingen is er voor kopers én verkopers sprake van een win-win situatie. Maar daarom zijn wij ook een vereniging “van en voor de leden”. Daarnaast is er maandelijks een internetveiling, waarbij een zelfde gunstige situatie is voor kopers en verkopers. Goede opbrengsten voor verkopers, lage kosten, tevreden kopers. De internetveiling is voor alle leden van de aangesloten verenigingen exclusief toegankelijk.

Onze slogan “samenwerken = elkaar versterken” blijkt in het land goed opgemerkt te zijn. Steeds meer verenigingen informeren naar de mogelijkheid om aan te sluiten en welke voordelen en consequenties een lidmaatschap heeft. SVF biedt een scala aan diensten voor onze verenigingen en haar leden, waarbij het belang van de verzamelaars voorop staat. Vanuit een centrale ledenadministratie coördineren wij het lidmaatschap van de KNBF en de verzending van het Maandblad Filatelie naar alle individuele leden.

Ook hebben wij een heus “Postzegelwinkeltje” dat bemand wordt door vrijwilligers op beurzen en clubbijeenkomsten. U kunt ze zelf op gunstige voorwaarden uitnodigen op uw clubavonden of beurzen. Hier kunnen zegels gekocht worden, waarvan met de opbrengst het jeugdwerk wordt gesteund. Een aantal zeer succesvolle jeugdactiviteiten bij BSO’s (buitenschoolse kinderopvang) kunnen wij op deze wijze subsidiëren en daarmee de jeugd blijvend interesseren voor de filatelie. Een oud gezegde luidt niet voor niets: wie de jeugd heeft, heeft de toekomst. Nu we over onze successen spreken: wat te denken van een mogelijkheid om deel te nemen aan een collectieve zorgverzekering. Als u geen korting vanuit een (voormalig) werkgever heeft op de ziektekostenverzekering, kunt u als lid van een bij het SVF aangesloten vereniging profiteren van onze collectieve verzekeringen mét korting. Een welkome besparing op de toch al dure verzekering. Het bestuur van verenigingen faciliteren wij met een aantal andere zaken, zoals een aansprakelijkheidsverzekering voor besturen, het beschikbaar stellen van concept-statuten en o.a. reglementen voor rondzendverkeer, veilingen en nalatenschappen. Regelmatig worden voor de besturen bijeenkomsten gehouden in hun geografische gebied om ervaringen uit te wisselen en te brainstormen en overleggen over regionale zaken.

Ook verzorgen wij een uitgebreid rondzendverkeer. Vele tienduizenden boekjes rouleren jaarlijks bij de verenigingen, die uit een groot aanbod en dito verscheidenheid van o.a. landen en motieven kunnen kiezen. Een groot voordeel hierbij is dat inzenders vanuit het hele land inzenden, waarmee een grote verscheidenheid gewaarborgd is. Het probleem dat verenigingen van slechts enkele eigen inzenders (met steeds hetzelfde materiaal) afhankelijk zijn, is daarmee volledig weggenomen. Onze nieuwtjesdienst voorziet ook in een grote behoefte. Voor vrijwilligers in een vereniging wordt het vaak ondoenlijk om de nieuwtjesdienst zelf te organiseren. Vanuit de SVF-organisatie is contact met vele postadministraties en aangezien wij zonder winstoogmerk werken kunnen wij de zegels tegen scherpe prijzen leveren. Dit levert zowel voor de club als haar leden financieel voordeel op!

Contactadres Secretariaat: K. Schokker, secretaris@svfilatelie.nl

Filakrant eenmalig per post ontvangen: Toezending van Filakrant (ook in grotere aantallen) is alleen mogelijk bij vooruitbetaling van de geldende portokosten. Neem van te voren even contact op met de V.O.V.V. via telefoon nr.: 055-3558600 of per e-mail organisatie@eindejaarsbeurs.nl. Betaling op bankrekeningnummer: NL48 RABO 039.31.20.112 t.v.n. V.O.V.V. Apeldoorn.

V.O.V.V.

Ondervermelding van Naam, Adres, Postcode en Woonplaats.


FILAKRANT 2017

55

De Noodmunten van Maastricht 1579 T

ijdens de Tachtigjarig Oorlog werden vele steden in de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden belegerd door Spaanse of door Spanje betaalde legers. Oorzaak was de opstand tegen het bewind van Philips II (15551598). Hij onderdrukte met geweld de opkomst van het calvinisme dat zich vanuit de noordelijke provincies zich steeds verder naar het zuiden uitbreide.

Om zich tegen een nieuwe bezetting van de stad te beschermen trad Maastricht in 1578 toe tot de ‘Pacificatie van Gent’ en koos daarmee openlijk voor aansluiting bij de Staten-Generaal van de Nederlanden. Door het stadsbestuur werd vanwege deze toetreding ernstig rekening gehouden met een aanval op de stad.

Alexander Farnese, Hertog van Parma uit: Afbeeldinghe, ende Beschrijvinghe van alle de Veld-slagen, Belegeringen, en andre notable geschiedenissen, ghevallen in de Nederlanden, Geduerende doorloghe teghens den Coningh van Spaengien van Michiel Colijn, 1616

Plattegrond van de stad Valentiana (Valenciennes) uit Atlas van Loon. Foto Wikimedia Commons Begin van de Opstand In 1562 brak in de thans Franse stad Valenciennes het eerste gewelddadige verzet tegen de geloofsvervolgingen in de Nederlanden uit. Enkele tot de brandstapel veroordeelde protestanten werden door een volksmassa bevrijd. Toen de stad weigerde een regeringsregiment toe te laten, werd zij op 17 september 1566 tot rebel verklaard. Op 6 december begon de belegering. Op 24 maart 1567 werd de stad door Spaanse troepen ingenomen, een van de eerste gevechten tijdens de Tachtigjarige Oorlog. Er zouden nog vele belegeringen van opstandige steden volgen. Spaanse Furie Op 20 oktober 1576 ondernamen de burgers van Maastricht een poging om zich te bevrijden van de lasten die het verblijf van de ingekwartierde troepen met zich meebracht. Op last van de Maastrichtse raad en met medewerking van een deel van de in de stad gelegerde Duitse huurlingen werd gouverneur Francisco de Montesdoca (1516-1597) gevangen genomen. Hem werd verweten niet op te treden tegen de misdragingen van de Spaanse troepen.

In oktober 1578 werd de in Italië geboren generaal in Spaanse dienst Alexander Farnese (1545-1592), hertog van Parma benoemd als landvoogd over De Nederlanden. Zijn opdracht was de opstandige gewesten en steden weer onder Spaans gezag te brengen. Nauwelijks begonnen aan zijn herovering gaven Artesië, Henegouwen en Rijsels-Vlaanderen zich over. In de loop van juni 1579 had Parma al grote gebieden, waaronder het kasteel van Valkenburg en de vesting Limbourg, rondom Maastricht verovert. Door het aantrekken van diverse troepen waaronder de Malcontenten, had Parma de beschikking over twintigduizend soldaten. Het grote werk, de verovering van Maastricht, kon beginnen.

Achter de bestaande vestingwerken hadden de burgers een geheel nieuwe linie opgeworpen, onzichtbaar voor het oog van de belegeraars. De nieuwe vestingwerken waren voorzien van een diepe gracht en hoge wallen met borstwering, net als de andere werken. Ze waren aan de bestaande wallen gekoppeld door middel van een houten brug. Via de brug kon de verdediging zich terugtrekken naar de nieuwe linie als zij zouden moeten wijken voor een aanval. Vanaf die tweede linie moest de aanval weer opnieuw worden opgezet. Het in Maastricht gelegerde garnizoen bestond uit huurlingen: Fransen, Engelsen en Schotten, in totaal ongeveer twaalfduizend man. Daarnaast een burgermilitie van twaalfhonderd leden van de schutterij en ongeveer tweeduizend andere burgers, mannen en vrouwen, aangevuld met boeren uit de omgeving. De totale bevolking van Maastricht ten tijde van het beleg wordt geschat op vijftien- tot vierendertigduizend. Door de aanwezigheid van het garnizoen en grote aantallen boeren uit de naburige dorpen, werd het geld in Maastricht schaars. Met toestemming van de Staten-Generaal werden koperen noodmunten geslagen. De eerste emissie, 28 april 1579, omvatte een halve, een enkele en een dubbele stuiver.

t

Halve stuiver Op de voorzijde een zwaard met ter weerszijden de tekst: PRO - IVS / CAV – SAE / DE – FEN. Pro iustae causae defensione (Vanwege de verdediging van een juiste zaak). Op de keerzijde in drie regels: TRA / AB.HISP / OBSES. Traiecto ab Hispanis obsesso (Vanwege het beleg van Maastricht). In de afsnede het stadswapen en gedeeld jaartal. CNM 2.33.3.

Slag bij Borgerhout bij Antwerpen, 2 maart 1579, tussen het Staatse leger en het leger van de hertog van Parma, door Frans Hogenberg. Op de voorgrond Spaanse ruiters en een Spaanse schans. In de verte de dorpen Merksem en Deurne, links Borgerhout en Antwerpen. Collectie Rijksmuseum, Amsterdam

De ‘Spaanse Furie’, plundering van de stad Maastricht door Spaanse troepen in 1576. Foto Wikimedia Commons Vanuit Wyck wist een Spaans garnizoen, onder bevel van Don Alonso de Vargas, de stad in te nemen die vervolgens grotendeels geplunderd werd. Deze gebeurtenis staat bekend als de ‘Spaanse Furie’. Als een van de afspraken, vastgelegd in de ‘Pacificatie van Gent’, moest het Spaanse garnizoen in april 1577 de stad verlaten.

Op 2 maart 1579 testte Parma zijn troepen in de Slag bij Borgerhout. De aanval werd uitgevoerd door de voorhoede van Parma’s leger onder aanvoering van Don Octavio Gonzaga en Don Jan Delmonte. Nadat het Staatse leger was verjaagd trok Parma op naar Maastricht. Op weg naar Maastricht kreeg hij versterking van Duitse huurtroepen waarmee de omvang van zijn leger was toegenomen tot 24.000 man voetvolk en 7.000 ruiters. De door Parma behaalde successen waren voor de leider van de opstand Willem van Oranje (1533-1584) aanleiding om Melchior van Schwarzenberg, de militaire gouverneur van Maastricht, te vervangen door de uit Lotharingen afkomstige Sebastiaan Tapijn (Sébastien Tapin). Zijn voornaamste taak was om de nodige verbeteringen aan de vestingwerken aan te brengen. Hij nam allerlei maatregelen om de stad op een aanval voor te bereiden. Zo werd ter vervaardiging van buskruit op de Jeker een molen gebouwd. Buiten de wallen werden mijnen gelegd, de verdedigingsgrachten schoongemaakt en uitgediept. Alle burgers en de naar de stad gevluchte boeren waren verplicht aan de vestingwerken mee te bouwen. Al deze maatregelen waren nagenoeg voltooid toen Parma op 8 maart 1579 voor de stad verscheen. Hij deed aan de stad het aanbod van algemene amnestie en waarborg van alle rechten en privileges, mits de stad zich zou overgeven en uitsluitend de katholieke godsdienst en het gezag van de Spaanse koning zou aanvaarden. Het aanbod werd afgeslagen, waarmee het beleg begonnen was.

Het vertrek van het Spaanse garnizoen in 1577

Faminio Strada, De Bello Belgico, Beleg van Maastricht door de troepen van de hertog van Parma

De Italiaanse jezuïet en geschiedschrijver Famiano Strada, die rond 1600 De Bello Belgico decades duae, 1555-1590 schreef, één van de belangrijkste bronnen voor de geschiedenis van de Tachtigjarige Oorlog, beschreef de verdediging door de Maastrichtenaren.

Enkele Stuiver Op de voorzijde een zwaard boven het stadswapen en gedeeld jaartal, ter weerszijden de tekst: PRO – IVS / TAE – CAV / SAF* - DEFE / NSI – ONE. Op de keerzijde in vijf regels: * / TRAIEC / TO*AB*HIS / PANIS*OB / SESSO*. In de afsnede de waardeaanduiding I. CNM 2.33.2.

Dubbele stuiver Op de voorzijde een zwaard boven het stadswapen en gedeeld jaartal, ter weerszijden de tekst: PRO – IVS / TAE – CAV / SAF* - DEFE / NSI – ONE. Op de keerzijde in vijf regels: * / TRAIEC / TO*AB*HIS / PANIS*OB / SESSO*. In de afsnede de waardeaanduiding II. CNM 2.33.1. Het kasteel Pietersheim werd het hoofdkwartier van Parma. De Spaanse troepen werden grotendeels in de omliggende dorpen ondergebracht. Maastricht werd van twee kanten omsingelen. Er werden over de Maas twee schipbruggen aangelegd om verbinding te houden en tegelijkertijd werd de stad afgesneden van de buitenwereld. Vervolg op pagina 57


56

FILAKRANT 2017

Veilingagenda 2017

Voorzover bekend hebben we de volgende veilingen opgenomen in deze lijst. Verklaringen van de afkortingen in de kolom Soort: Pzv = Postzegelveiling / M = Muntenveiling / B = Bankbiljetten

Datum

door wie

soort veilinglocatie

21 januari 2017 17 & 18 februari 2017 11 maart 2017 16 & 17 maart 2017 16 t/m 18 maart 2017 18 maart 2017 30 maart t/m 1 april 2017 20 april 2017 24 & 25 april 2017 24 t/m 26 april 2017 13 mei 2017 20 mei 2017 24 t/m 27 mei 2017 Eind mei 2017 9 juni 2017 10 juni 2017 8 juli 2017 9 september 2017 9 & 10 september 2017 23 september 2017 28 t/m 30 sept 2017 5 t/m 7 oktober 2017 1 november 2017 18 november 2017 15 t/m 18 november 2017

Leopardi MPO Jean Elsen et ses Fils Verzamelaarsveiling Van Dieten postzegelveiling Leopardi De Nederlandsche Postzegel- & Muntenveiling Corné Akkermans Veiling Karel de Geus - veiling Rietdijk Veilingen Leopardi De Nederlandsche Muntenveiling MPO postzegelveiling Rijnmond (o.v.b.) Rietdijk Veilingen Jean Elsen et ses Fils Leopardi Jean Elsen et ses Fils MPO Leopardi De Nederlandsche Postzegel- & Muntenveiling Van Dieten postzegelveiling Rietdijk Veilingen Leopardi MPO

Pzv Pzv M M Pzv Pzv Pzv B M Pzv Pzv M M/B Pzv M M Pzv M Pzv Pzv Pzv Pzv Pzv Pzv M

16 november 2017 1 december 2017 9 december 2017 Medio dec 2017

De Nederlandsche Muntenveiling Rietdijk Veilingen Jean Elsen et ses Fils postzegelveiling Rijnmond (o.v.b.)

M M M Pzv

plaats

informatie

Rijssensestraat 203 B Energieweg 7 Tervurenlaan 65 Industrieweg 13 Bakkerstraat 22 Rijssensestraat 203 B Leeuwenveldseweg 14 Parkhotel Valkenburg Recreatiecentrum 't Witven Noordeinde 41 Rijssensestraat 203 B Leeuwenveldseweg 14 Energieweg 7 Excelsior stadion Noordeinde 41 Tervurenlaan 65 Rijssensestraat 203 B Tervurenlaan 65 Energieweg 7 Rijssensestraat 203 B Leeuwenveldseweg 14 Bakkerstraat 22 Noordeinde 41 Rijssensestraat 203 B Energieweg 7

Nijverdal (NL) IJsselstein (NL) Brussel (B) Klaaswaal (NL) Roermond Nijverdal (NL) Weesp (NL) Valkenburg (NL) Veldhoven (NL) Den Haag (NL) Nijverdal (NL) Weesp (NL) IJsselstein (NL) Rotterdam Den Haag (NL) Brussel (B) Nijverdal (NL) Brussel (B) IJsselstein (NL) Nijverdal (NL) Weesp (NL) Roermond Den Haag (NL) Nijverdal (NL) IJsselstein (NL)

0548 - 655855 030 - 6063944 0032-(0)2-734635 0186-746746 0475 - 563500 0548 - 655855 0294 - 433020 0345 - 531670 040- 2123455 070 - 3647957 0548 - 655855 0294 - 433020 030 - 6063944 010 - 2130986 070 - 3647957 0032-(0)2-734635 548 - 655855 0032-(0)2-734635 030 - 6063944 0548 - 655855 0294 - 433020 0475 - 563500 070 - 3647957 0548 - 655855 030 - 6063944

Leeuwenveldseweg 14 Noordeinde 41 Tervurenlaan 65 Excelsior stadion

Weesp (NL) Den Haag (NL) Brussel (B) Rotterdam

0294 - 433020 070 - 3647957 0032-(0)2-734635 010 - 2130986

FILAKRANT

20

Verschijnt op 28 dec 2017, gelijktijdig met de 1e dag van de Eindejaarsbeurs

FAILA FINT T L A N RA K AK A FIL R R NT KRA K FILA N 201

Jaa rga ng

actieve rant voor

munten- en

4

Gratis jaarkr

no.

3 postzegelverzamelaars in België en en erland Gratis jaarkrant voor actieve munten-

ië en Ned

rs in Belg

zamelaa postzegelver

Nederland

ant voor actiev

20

Grati

s jaark

15

Ja e munt aenrg en

rant vo

an postzegelverzam elaars in België gn en Nederland o. 4

Ruud Jansen

het jaar vogel van speciwerd als zen. Een n Estland t patrijs geko werd op 7 maar 2013 de oor js is de gel hierv ale poste De afgebeelde patripatrijs . patrijs. De uitgegeven Hongaarse ix perdix) is een grijze of oen (Perd fazanten of het veldhuit de familie van l akkervoge dae). siani (Pha

I

Wist u

eter 30 centim kEnmErkEn patrijs is ongeveer is kastanjessen grijs, de kop n bovenEen volwa poten zijn hebbe groot. Hun de keel. Mannetjes van ls in de vorm re bruin evena ne buikvlek kastanjebrui tjes hebben een kleine dien een rest zer. De vrouw geen vlek. Voor de een hoefij n vrouw hebbe etjes en vlek, de jongen il tussen mann e fazant). versch bij de gewon is er weinig stelling tot in moerassen, tjes (in tegen van gras, heide, periode is en op het broed De Ze broed tot ls. lage heuve legt dan 10 duinen en het wijfje van tot juni en broedduur De april nest. eind 26 dagen in een grond bedraagt 20 eieren jonof grijze patrijs kunnen de k de Hongaarse ). Na twee dagen zakelijk dierlij dagen (fazant 24 eten, hoofd en ander zelfstandig bladluizen er gen reeds n, spinnetjes, week wordt voedsel (miere Vanaf de derde te). voedsel (planklein gedier plantaardig keld naar overgescha …). graantjes, tenzaden,

IJslandvlucht Graf Zeppelin

dse Bronnen: Estlan

edia Post , Wikip

28

Kunst of kitsch bankbiljetten 34 & 35

Fiddler on the Roof

Alice in Wonderland Nieuwsgierig?? Kijk op pag 58

n de

13 - 15

n op Stripfigure tzegels Japanse pos Pag 14 &

15

“Eindejaarspenning”

De Lyre op ten mun antieke Dino van het Giga jeugdevenement 1e editie sauru erden we in 2009 nog verrast door de

W

Japanse Stripfiguren 48

tie van de inmiddels alom bekende (en gewaardeerde) gratis Filakrant.

20 & 21 vernieuwingsDe vierde editie die u nu in de handen houdt is al 64 pagina’s. De Eindejaarsbeurs drang van de Eindejaarsbeurs is echter nog lang niet over. Tijdens de r tussen 14.00 en 15.00 uur de uitreiking plaatsvinden van de voo december op 29 zalcial 2014 Spe Eerste EINDEJAARSPENNING. d De

Alandse

vlag personen met een grote onderscheiding Een Pag 28 & 29 die alleen toegekend kan (en zal) worden aan De Penning is (en/of bijzondere) verdienste in de wereld van de Filatelie en/of Numismatiek. zilver. prestigieus zowel in toekenning als uitvoering. 60 mm doorsnee en van Rijksgekeurd Bijgaand een afbeelding van de voorzijde - en achterzijde van de penning.

Munten O.Z.O. 50 & 51

Württemberger Fächerstempels

dat u ook kunt adverteren? dat het leuke tarieven zijn? dat u ook redactie kunt insturen? dat de krant full color is? dat deze krant 1 jaar looptijd heeft? dat u hierover informatie kunt krijgen bij onderstaand adres?

Nede

rland

Vlekk ert Fo unda tion t. g.v. S tamp tales

welko en: se leve groot, parels al dan ren (elk - filatelis m) bed niet anoniem rag Tijdens tische ma ter is tiestan de Eindejaar ialen te don d medew een tafel sbeurs zal eren. naa 49 & worde erkers kunt n inge st de org 50 worde u uw anisaricht n a bem don en teurs aties door enst. Stripfiguren op en Aan de gelden de donatie inleveren, worde deze tafel s Japan postzegels Wij, overha en de filat geregistre n de de elis dona erd ndigd Postdu jeugdleide mater Het aan de tische mater en worde aif rs van iale n de ialen Founda aanges uit Wijk de dive n worde het na aflo grensc tion lote n rse op Samenw n jeugdle bij Duurs eerste uur Wij hop jeugdac door Pam . De geld onflict 50 & ted , en en ela bes tiviteite en ste bes erkingsver iders van 51e en de De voo temd n. r het dat u net De Glo band later voor Fila voortb ten. Beht om de als wij jeugdac telie, doe be, thans en daarme estaan zich alve n ons e Stamp tiviteite wilt inze onze van de de Ein 55 - 59 uiterinzet n dejaar tales. r zijn er door te sbeurs Graag jeugdactivit tten The zet Louis eiten zien wij en Ho ook iana heel llandfila u Baby Bond in Bar tijdens s veel neveld . Jan Mu lder en Met vriende lijke de ove rige jeug groet, Noodm dleider s unte

40 - 43

ssen

introducPag 16 Stamptales tijdens de Eindejaarsbeurs. In december 2011 volgde de

de jeug

urs

45 - 47

Het muntgeld van IJsland 17 - 19

I

es tijdens Eindejaar sbe

Alles over Roofvogels

lgië en

n de Fila nen lez krant van en De grote hoe Sta 2016 he eft u mptal deze anim kunes is jeu on Vlekke gdactivit ator en er sponso tstaan. postzegels, digde rt. Evert eiten wa blokjes pincet r voo s de wo serie postz zorgde vooEvert van r hulp ten, etc. ben , velletje s, cata bij groot rkshop alb egels ten r de ben de bespre nodig. Tijd odigd. En logi, daar albu king voo ens de o bekost aantal kav umbladen behoeve ooverleg laatste hebben wij ms, r Sta Tijdens de Eindejaa els voo en voo van e dez uit de igd23 om de met Pam mptales 201 voorbereid uw 25 rsbeurs r r e is Stamptales ela van ment), met jaarlijks 34 - 38 end Eve 6 (ons jeugdevDoor motiefho zaken me de veilin een star een thema. Dit de Vle hebben wij e ene- he g. Hij ten. De rt van de jaar is dat VOC.me t ove ek en de t de ver kke in Vle Fou Eve e he kope rlij rt te ndation kkert Fo rt beslote koop Donaties voor n ere jes n zijn de t wegva den van de jeugd zijn Evert corner. voldoende n en anderz is bedoeld undation llen altijd welkom afgeven bij de ko te Strijd van ste bij om en ijds om . Gaarne de organisatiestand na nie n vootegenzijn daar- voor het financiën deze van te zor enerzijds dat het op de r de sponse ar t me en jeugdw het Als ik juiste plek terecht de V.O.V.V. Wijtie s er wate zorgen ring, erk ter filatelistisc gen, dat r jeugdactivit jaar kunt u ook komt. De rest zijn door sta te dekken er he beschik Vraag ma spullen in leveren nd van het eit . melk aan ern king kom terialen tijdens wij de stig ter houders Ook de do en te stim aan standho 24Postzeg denk en. & 25el- en Muntenbeurs in het de Apeldo ornsejeu ugg en na ude uler Bolwer elope rs: wat bezoe gd bli zegels en? Ant k in Apeldoorn Wijkcentrum Vra n. jven Hette gaa37 (zie advertentie Neem anders & 38stimule Toch wilkers stim ag aan bezoek woord: dondoet u om de op paginaSta n of mp contact op met 26). uleren? ers eren! jeugd de V.O.V.V. wij bij tales te bez blijven ren om po len Hoe Antwo : wat doe 43 - 45 055-355 verzam 8600. kun tu st ord en an postadm oeken. elen - U kun t u donere : donere om de jeug Da ini Hoed d te pen dere hand straties, artoe zul en Eve t ons helpen n en de jeugn! moete Bank rt van stand len elaren door d voor t u biljet n do de Vle vriend helpen? houd - een ten ger en ers ichte financië namaa te kke en .postzegels aanko le bijd rt Found worden van hoe k! klein Fran rage ation de of te

Ludw Hess ig haim

Stam mptal

40 - 43

in Be

T 7

De munten van Valkenburg

in het overlEEFgEBiEd een standvogel die waaronder is a voorkomt, De patrijs gen zijn van Europ . Uitzonderin grote deel ë en en België rland- 23 d-Scandinavi in in Nede16 eiland, Noor n vooral ch Schier en kome het Iberis weienland. Patrijz nen voor, zoals Zuid-Griek terrei nen met open terrei e de liggen kleinschalig s en braak landen, akker heggen. of houtwallen

Pag 13

Nieuw:

elen

en verzam

Bankbiljett

16

6 o. gn an arg Ja

11 & 12

is infecties lig zijn voor gen15 ijk te kweken in gevan tot 14en&gevoe Omdat patrijz g zeer moeil in tegenstellin deze soort zijn de dieren monogaam. schap. Ook kippen fazanten en kwartels,

20

munt Ja en-aren

1 20

Eindejaarsbeurs 2013: Record aantal van 5148 Kroningstype betalende bezoekers Ausstralian LLi ght Horse De Oosst-Indië ëvva aa arrd de err Evert va

ijs De Patr

tieve

ga postz ng egelv erzame no .5 laars

Gratis jaark

11 - 15

or ac

n

18

Kleine advertentie voor verzamelaars en/of verenigingen

F akrant b edt de moge khe d aan voor haar ezers om te adverteren n de vo gende aarkrant Deze komt u t op de 1ᵉ dag van de e nde aarsbeurs 2017 op 28 december Voor een bedrag van € 17 50 kunt u een advertent e p aatsen Voor d t bedrag hee t u een advertent e c q oproep d e een oopt d hee t van een aar ang Max maa 300 eestekens d t s nc us e etters c ers spat es komma s punten S u t ngsdatum van n everen s 31 oktober 2017 D t v m opmaak Stuur uw tekst v a een e-ma naar organ sat e@ e nde aarsbeurs n De V O V V behoud z ch het recht voor om aangeboden teksten te we geren Beta ng na toezend ng actuur nd en uw advertent e wordt opgenomen Gee aan n we ke rubr ek u uw advertent e opgenomen wenst te z en Aangeboden Gevraagd B eenkomsten Beurzen o D versen

V.O.V.V.- / Filakrant p/a Tienwoningenweg 53 7312 Dl Apeldoorn NL Tel: 0031-(0)55-3558600 Of stuur een mail: organisatie@eindejaarsbeurs.nl

VO VV


FILAKRANT 2017 Rondom de stad werd een linie met forten aangelegd alsof er een tweede stad omheen gebouwd werd. Er werden zes grote forten gebouwd: een aan de noordzijde tegenover de Boschpoort, een bij de Brusselsepoort, tegenover het Sint-Servaas bolwerk, de Tongersepoort, een aan de zuidkant nabij de Hunnenberg tegenover de Sint-Pieterspoort. De twee andere op de rechter Maasoever. De forten deden dienst als soldatenverblijf en opslag voor het geschut. Door middel van twee schipbruggen werd verbinding gehouden tussen de afdelingen op de linker- en rechteroever. Toen de aanleg van deze linie voltooid was werd begonnen met het graven van approches. Intussen hadden gevechten plaatsgevonden tussen bezetting en belegeraars.

Toen ze uiteindelijk de hindernis hadden genomen zagen ze dat er een tweede verschansing was gebouwd. Geheel voorzien met stormpalen en een diepe gracht. Ze waren terug bij af. Ze moesten nu van een verdere aanval afzien. Bij de Tongerlosepoort was het niet anders vergaan. Tegen de avond gaf Parma het bevel “staakt het vuren”. De aanval had haar tol geëist. Honderdvijftig Spaanse en vreemde ridders hadden het leven gelaten en vierhonderd edelen waren zwaargewond geraakt. In totaal zouden er die dag tweeduizend doden zijn gevallen. Binnen een maand tijd was het leger van Parma door ziekte en oorlogshandelingen uitgedund met een derde.

De dubbele bestorming door Parma’s troepen, door Frans Hogenberg. Collectie Rijksmuseum Amsterdam

Verovering van Maastricht 1579, door Romeyn de Hooghe (1645 - 1708), 1708

De loopgraven van de aanvallers leidden aanvankelijk naar de Brusselsepoort. Twee dagen later deden de Maastrichtenaren een uitval, daarbij gebruik makende van eerder aangelegde contra-approches waardoor zij de aanvallers gevoelige verliezen toebrachten en veel van hun tunnels werden vernield.

Parma vond het nu noodzakelijk om de omsingeling van Maastricht te vervolmaken. Daarvoor liet hij door militaire ingenieur Serbelloni een ontwerp maken. De linie werd versterkt met zestien forten, elf op de linker- en vijf op de rechteroever. De linie werd zo sterk gemaakt dat vier- tot vijfduizend man genoeg zou zijn om haar te bemannen. De bouw van deze linie werd echter bijna dagelijks gehinderd door beschietingen vanuit de stad. In de eerste helft van mei werd de linie toch voltooid.

Dit was voor de belegeraars aanleiding een nieuwe locatie te kiezen, de Tongerlosepoort, waar op 23 maart een nieuwe aanval begon. Er werd tegenover deze poort een batterij opgeworpen met daarop zesenveertig stukken geschut. De batterijen vuurden twee dagen onophoudelijk op de wallen zonder enig resultaat. Waar al een kleine bres was ontstaan ontdekten de aanvallers achter de muur de tweede verschansing. Dit was voor Parma aanleiding om de graaf van Mansfeld met twintig stukken geschut de stad op een tweede punt aanvallen, de Boschpoort. Mondragon schoot vanuit Wijck op de stad. De inwoners van Maastricht groeven tunnels om de aanvallers ondergronds te ontmoeten. In de ondergrondse tunnels ontbrandde een felle strijd los. Honderden belegeraars werden gedood. Hopman Rhosne stelde voor om een mijn onder het ravelijn te leggen om de muren op te blazen. Toen deze vroegtijdig ontplofte kwamen vijfhonderd Spaanse soldaten om het leven. Op 9 april werd besloten de stad te bestormen nadat er een bres geschoten was. De stad werd verdedigd door soldaten en burgers. In de vroege morgen moesten de aanvallers de stad bestormen in een regen van musketkogels, stenen, vuurballen, pikkransen en meer. In dichte drommen, onder grote verliezen stormden zij voorwaarts. Er werd urenlang een verbitterde strijd geleverd.

Veldzijde Tongersepoort Maastricht, ca.1870, door Alexander Schaepkens

Intussen had men in de stad evenmin stil gezeten en waren bijna alle verwoestingen hersteld. Daarnaast hadden ze voor de Brusselsepoort een redoute opgeworpen. Verder werden onderaardse gangen gegraven vanaf de buitenste gracht naar buiten om uitvallen te kunnen plegen. Willem van Oranje probeerde intussen geld in te zamelen. Dat was bestemd voor het huren van troepen om Maastricht te kunnen ontzetten. Oranje liep echter tegen besluiteloosheid van de Staten aan. Geld werd een steeds groter probleem voor de voortslepende strijd tegen de Spanjaarden. Al snel bleek dat de hoeveelheid noodmunten die op 28 april in omloop waren gebracht niet toereikend waren. Er werd besloten een nieuwe emissie in omloop te brengen. Deze omvatte munten ter waarde van 12 en 24 stuiver en kwamen op 14 mei 1579 in omloop.

57

de tekst: * - * / * / PROTEGE / DNU*POPLV / TVM*PROP / *NOMI*TVI* / GLORIAM. In de afsnede de waardeaanduiding XXIIII. CNM 2.33.4. Parma liet nu het ravelijn van de Brusselsepoort beschieten. Hij liet daarvoor een “beukerij” oprichten. Drie stukken geschut schoten onophoudelijk op de stad, met als hoofddoel zoveel mogelijk schade aan te richten aan het ravelijn. Na vijftien dagen was ze vernield en lukte het de aanvallers om het ravelijn in te nemen, waarbij echter de poging om over de gracht te geraken mislukte. De Maastrichtenaren slaagden er zelfs in de aanvallers enigszins terug te drijven.

Fragment uit Beleg van Maastricht 1579 met de bestorming door de troepen van Parma, door Frans Hogenberg Daarop zette Parma in om de brug tussen de stad en de redoute in handen te krijgen. Aan beide kanten werd een batterij voor vier kanonnen gebouwd. De werkzaamheden werden zwaar belemmerd door beschietingen vanuit de nabijgelegen torens. Toen deze het zwijgen werd opgelegd kon de brug ongehinderd beschoten worden waardoor de verdedigers al gauw gedwongen werden de redoute op te geven. Deze verovering kostte Parma echter tweeduizend manschappen en vijf weken tijd. In juni 1579 werd voor de derde keer koperen noodmunten in omloop gebracht.

8 stuiver Op de voorzijde het stadswapen gedekt door een helm met cimier en lambrekijns, verkort gedeeld jaartal terzijde. Het omschrift luidt: PROTE.D.POPV.TV – PROP.NO.TVI.GLO. Op de keerzijde een hand met opgeheven zwaard, ter weerszijden de tekst; 8 – 8 / TRA – IEC / *AB* - HIS / PAN – IS* / 0BS – ESS. In de afsnede de waardeaanduiding VIII. CNM 2.33.8.

12 stuiver Op de voorzijde een zwaard boven het stadswapen tussen gedeeld jaartal, ter weerszijden de tekst: TRA – IEC / AB*HIS - *OBSES / PRO*IVS - *CAVSAE / DEFE – SIONE. Traiecto ab Hispanis obsesso pro iustus causae defesione (Vanwege het beleg van Maastricht door de Spanjaarden voor de verdediging van een juiste zaak). Op de keerzijde de tekst: * / PROTEGE / DNU*POPLV / TVM*PROP / *NOMI*TVI* / GLORIAM. Protege domine populu tuum prop nomi tui gloriam (Heer bescherm uw volk omwille van de eer van uw naam). In de afsnede de waardeaanduiding XII. CNM 2.33.5.

8 stuiver Op de voorzijde het stadswapen gedekt door een helm met cimier en lambrekijns, gedeeld jaartal terzijde. Het omschrift luidt: PROTE.D.POPV.TV – PROP.NO.TVI.GLO. Op de keerzijde een hand met opgeheven zwaard, ter weerszijden de tekst: * – * / TRA – IEC / *AB* - HIS / PAN – IS* / 0BS – ESS. In de afsnede de waardeaanduiding VIII. Variant van voorgaande met volledig gedeeld jaartal naast het stadswapen. CNM 2.33.9.

24 stuiver Op de voorzijde een zwaard boven het stadswapen tussen gedeeld jaartal, ter weerszijden de tekst: TRA – IEC / AB*HIS *OBSES / PRO*IVS - *CAVSAE / DEFE – SIONE. Op de keerzijde

16 stuiver Op de voorzijde het stadswapen gedekt door een helm met cimier en lambrekijns, gedeeld jaartal terzijde. Vervolg op pagina 59


58

FILAKRANT 2017

Americahal Laan van Erica 50 7321 BX Apeldoorn bereikbaar met: • Trein (station de Maten) • Auto (A50 afrit 24) • Ruime parkeergelegenheid

THEMA Postex® 2017

open: vrijdag 10.00 - 17.00 uur zaterdag 10.00 - 17.00 uur zondag 11.00 - 16.00 uur

Gratis Catalogus Gratis Verrassingstas Gratis Taxaties www.postex.nl www.facebook.com/ postexapeldoorn www.twitter.com/ postexapeldoorn ruim 50 handelaren (ook uit buitenland)

Jeugdafdeling Creatief met postzegels Tentoonstelling Informatie

GRATIS POSTZEGEL voor elke betalende bezoeker

POSTEX® 2017

Rolstoel vriendelijk Goede zaalverlichting

KORTINGSBON € 1,00

(niet in combinatie met andere acties)


FILAKRANT 2017

59

Het omschrift luidt: PROTE.D.POPV.TV – PROP.NO.TVI.GLO. Op de keerzijde een hand met opgeheven zwaard, ter weerszijden de tekst: * - * / TRA – ICE / A.HIS – OBSES / PRO.IVS – CAVSAE / DEFE – SIONE. In de afsnede de waardeaanduiding XVI. CNM 2.33.7.

40 stuiver Op de voorzijde het stadswapen gedekt door een helm met cimier en lambrekijns, gedeeld jaartal terzijde. Het omschrift luidt: PROTE.D.POPV.TV – PROP.NO.TVI.GLO. Op de keerzijde een hand met opgeheven zwaard, ter weerszijden de tekst: * - * / TRA – IEC / * - * / AB.HIS – OBSES / PRO.IVS – CAVSAE / DEFE – SIONE. In de afsnede de waardeaanduiding XXXX. CNM 2.33.6.

De stadt Maastricht, door den prins van_Parma (Alexander Farnese) met storm verovert, den 29 july des jaars 1579, door Jan Luyken, 1679. Collectie Amsterdamse Historisch Museum

Belegering van Maastricht door het leger van de hertog van Parma, van 12 maart tot 29 juni 1579. Gezicht op de stad, het bouwen van schansen, gevechten voor de stad en het afvoeren van gewonden. In het onderschrift de legenda A-L in het Latijn. Prentmaker anoniem naar prent van Jan Miel, 1649-1651 Later werd het aantal slachtoffers, de ernst van de gruwelen en de omvang van de plunderingen sterk overdreven, vooral bij het protestantse volksdeel in de Republiek der Verenigde Nederlanden. Alleen al op de eerste dag zouden vierduizend mensen zijn omgebracht. In werkelijkheid weet niemand precies wat zich in die drie dagen van plunderingen heeft afgespeeld, omdat er weinig betrouwbare gegevens zijn. Parma schatte in een brief aan koning Philips de verliezen van het Maastrichtse garnizoen op een kleine duizend, ongeveer 80% van de oorspronkelijke bezetting. Dat klopt met berichten over de aankomst van het restant van het garnizoen van iets meer dan 250 manschappen in Antwerpen. De raadsheer van de Spaanse koning, Christoffel d’Assonleville, die kort na de inname in Maastricht aankwam, sprak over 800 burgerslachtoffers, 5 tot 8% van de bevolking.

Op de puinhoop van de oude ringmuur plaatsten de belegeraars een batterij met halve kartouwen en veldslangen. Op 24 juni openden zij het vuur. Daarnaast had Parma mijnen laten leggen bij de brug en onder de verschansing, waarmee een deel van de wal werd opgeblazen. Als tijgers vielen Parma’s troepen en de Maastrichtse verdediging elkaar aan in de ontstane bres. Twee uur lang werd gevochten. Maar liefst negen maal werd de bes bestormd die allemaal door de Maastrichtenaren werden afgeslagen. Hierbij vielen drieduizend doden onder vriend en vijand.

Borstbeeld van Sint Servaas, geschenk van Parma aan de Schatkamer van de St-Servaasbasiliek

Soldaten verdelen de buit. Detail gravure Pierre Du Ryer uit Famiano Strada’s De Bello Belgico. Foto Wikipedia Toen verder verzet zinloos bleek, probeerden soldaten en burgers via de Sint Servaasbrug de voorstad Wyck te bereiken. De aanvallers joegen hen achterna en honderden vielen onder het zwaard. Bovendien was het houten deel van de brug eerder door de Wyckenaren als verdedigingsmaatregel in brand gestoken, waardoor velen van de brug stortten en verdronken.

De oververmoeide bewaking van de Brusselsepoort wordt in de slaap overmeesterd Door gebrek aan voedsel en het uitbreken van ziekten was de toestand in Maastricht vrijwel onhoudbaar geworden. De bevolking en de soldaten kwijnden weg door hongersnood of buiktyfus, waardoor de bezetting al met ongeveer vierhonderd man was geslonken. Velen waren zo verzwakt dat ze nauwelijks op hun benen konden staan. Een bode van de Staatse kwam met het heuglijke bericht dat binnen twee weken ontzet zou komen. De drie- tot vierduizend ruiters onder aanvoering van Jan van Nassau met ondersteuning van honderd compagnieën voetvolk, die enige tijd later ten tonele verschenen, troffen Parma’s leger zo sterk verschanst aan dat zij het niet waagden om de aanval in te zetten. De prins probeerde intussen in Keulen een wapenstilstand te regelen, maar Parma was onverzettelijk, wetende dat de overwinning nabij was. Intussen eiste de hongersnood binnen de stad een steeds grotere tol. Het garnizoen wilde zich overgeven, maar een deel van de burgers aangemoedigd door predikanten, weigerden. Op 28 juni wist een soldaat van de belegeraars op de muur te klimmen bij de Brusselsepoort en zag dat een bres niet gevuld was en dat de schildwachten moe in een diepe slaap lagen. Hij meldde dit bij zijn officieren, die meteen een afdeling soldaten stuurden om de schildwachten te overvallen. Even later volgde de bestorming van de stad vanuit verschillende richtingen. De garnizoenssoldaten en burgers van Maastricht verzetten zich tot het laatst tegen de invallers.

Prent op de plundering na in de inname van Maastricht in 1579 Doordat Maastricht zich tot het laatst was blijven verzetten, volgde daarop, in overeenstemming met het toenmalige krijgsrecht, een driedaagse plundering van de stad. Vooral de Duitsers en Walen zouden zich zeer misdragen hebben doordat Parma met koorts op bed lag. Na de inname werd niets of niemand ontzien. Mannen, vrouwen, bejaarden en zelfs kinderen werden afgeslacht. De straten lagen vol met lijken. Hoewel dergelijke gruwelen in de Nederlanden geen uitzondering meer waren, lijkt de inname van Maastricht in dat opzicht uitzonderlijk gewelddadig te zijn geweest.

Parma hield pas op 2 juli 1579, zijn intocht in Maastricht. Van juli 1579 tot maart 1580 verbleef hij in de Proosdij van Sint-Servaas. Op 10 augustus 1579 kondigde Parma een generaal pardon af. Een groot aantal Maastrichtenaren die de Reformatie aanhingen, waren al voor of direct na het beleg de stad ontvlucht. De Protestanten die achter bleven, kregen de kans zich te bekeren tot het Katholicisme (met uitzondering van predikanten). Aan het kapittel van Sint-Servaas schonk Parma een nieuw verguld zilveren borstbeeld van Sint Servaas, dat zich nog steeds in de Schatkamer van de SintServaasbasiliek bevindt. De vestingwerken, de brug en veel gebouwen van Maastricht waren tijdens het beleg zwaar beschadigd. Het zou jaren duren voordat alle herstelwerkzaamheden waren uitgevoerd. Door de plunderingen waren veel kunstschatten en relikwieën verdwenen, waardoor de stad enkele belangrijke trekpleisters voor bedevaartgangers was kwijtgeraakt. De economische positie van Maastricht was door het beleg ernstig verzwakt. Voor de verovering van 1579 had Maastricht al verschillende belegeringen en plunderingen achter de rug. In 881 een plundering door Vikingen. In 1204 het Luiks-Loons beleg. In 1267 het Beleg door Hendrik van Gelre en in 1303 het Beleg door Hendrik III van Bar. Vervolgens in 1334 het Beleg door Adolf van der Mark, in de periode 1407-1408 werd ze door Luikenaren belegerd. In het jaar 1638 vond het Verraad van Maastricht plaats. Het zou vervolgens tot 1673 duren voordat Maastricht weer strijdtoneel werd. Dat was door Lodewijk XIV, drie jaar later, in 1676, gevolgd door het Beleg door Willem III. Verder in 1747 de Slag bij Lafelt en in 1748 tijdens het Beleg door Maurits van Saksen. Tijdens de Franse Revolutie in 1793 met het Beleg door De Miranda en in 1794 met het Beleg door Kléber. Tijdens de 6e Coalitieoorlog werd de stad in 1814 getroffen door een Blokkade. In 1830-1833 opnieuw tijdens de Belgische Opstand. In 1940 werd Maastricht door de Duitsers bezet en in 1944 had zij sterk te lijden tijdens de bevrijding. Chris van Leeuwen Literatuur: Jan C. van der Wis en Tom Passon, Catalogus van de Nederlandse munten geslagen sinds het aantreden van Philips II tot aan het einde van de Bataafse Republiek (1555-1806), Apeldoorn 2009. Internet: http://forum.mestreechonline.nl/forum/mestreech-maastricht/geschiedenis-maastricht/2026-spaanse-furie https://nl.wikipedia.org/wiki/Beleg_van_Maastricht_(1579)


60

FILAKRANT 2017

JAARCOLLECTIES CARIBISCH NEDERLAND slech

ts

â&#x201A;¬ 22, 50 per s

tuk

BONAIRE

SABA

Koop ze nu op www.fxdc-post.nl of op de Eindejaarsbeurs stand PostNL

SINT EUSTATIUS


FILAKRANT 2017

Stripfiguren op Japanse postzegels 

61

Deel 13

Door: Aimé Van Laarhoven The Mobile Police: PATLABOR.

D

e Japanse post (JP Post) heeft op 22 augustus 2008 in de serie ‘Animation Hero and Heroine’ het 8ste velletje uitgegeven met als titel: ‘Patlabor, the Mobile Police’.

van de politie van Tokyo krijgt de opdracht om de wetten te doen naleven en om deze nieuwe vorm van criminaliteit te bedwingen. Vermengd met humor, actie en drama krijgen ze hun werk gedaan.

De personages in ‘Patlabor’ zijn een mengeling van interessante en grappige figuren die geen van allen echt een overweldigende rol spelen. Het belangrijkste personage van de eerste afleveringen, maar niet van de hele reeks, is Noa Izume. Met haar intrede begint de eigenlijke manga. Het is een levenslustige meid die er van droomt om piloot te worden van één van de nieuwe AV-98 Ingram Labors van de Mobile Police. Overlopen we even de belangrijkste personages uit de reeks.

Het velletje bevat 10 zegels van 80 yen met de afbeeldingen van personen en figuren die in de manga en anime een belangrijk rol spelen. Afmetingen velletje: 140,25 mm x 212,5 mm Afmetingen zegels: 33,5 mm x 28,05 mm of 36,5 mm x 28,05 mm Aantal: 1,5 miljoen vellen Afgebeelde personages: (1) Ingram Unit 1 (2) Izume Noa (3) Isao Ohta (4) Ingram Unit 2 (5) Nagumo Shinobu (6) Ingram Unit 3 (7) Type Zero (8) Asuma Shinohara (9) Ingram/Spec. Division 1 (10) Ingram/Spec. Division 2 Patlabor, een samentrekking van de engelse woorden patrouille en labor (=arbeid), verwijst naar de manga en anime ‘Mobile Police Patlabor’ (Kido Keisatsu Patoreibã). De manga en anime (OVA) zijn gemaakt door een groep kunstenaars met als naam: ‘Headgear’. Deze groep bestaat uit directeur Mamoru Oshii, schrijver Kazunori Ito, ‘Mecha’ designer Yutaka Izubuchi, karakter designer Akemi Takada en manga tekenaar Masami Yüki. Naast de populaire manga en anime tv-serie zijn er drie lange speelfilms gemaakt (Patlabor the Movie in 1989) (Patlabor 2 the Movie in 1993) (Patlabor 3 the Movie in 2001) en een korte film compilatie onder de naam ‘Minipato’ in 2002. De serie Patlabor is aangepast in videospelletjes en in licentie gegeven producten zoals speelgoed. De serie staat bekend voor het gebruik van ‘Mecha’, niet alleen voor politie of militaire doeleinden, maar ook voor industrieel en huishoudelijk gebruik. De animatie van Patlabor werd gebruikt in de videoclip “Juke Joint Jezebel’. De manga ontving de 36ste Shogakukan Manga Award voor Shõnen in 1991. Het verhaal speelt zich af in 1998-2002, wat we op het moment van introductie, in 1988, de nabije toekomst kunnen noemen. Een bonte verzameling van politieagenten, geleid door een raadselachtige luitenant Goto, zorgt voor de orde handhaving in een toekomstig Tokyo met behulp van gespecialiseerde ‘Mecha’ genaamd ‘Labors’. Deze ‘Labors’ zijn oorspronkelijke machines die gebouwd werden om de mens te helpen met zware ongeschoolde arbeid in de bouw. Maar misdadigers hebben deze machines omgebouwd om een nieuwe vorm van criminaliteit te doen ontstaan. Ze manipuleren deze ‘Labors’ voor allerlei criminele handelingen. De afdeling SV.2 (SV = Speciale Voertuigen)

Noa Izume is lid van Afdeling 2, Divisie 2 en behoort hierin tot Team 1. De borrelende, parmantige jonge dame met het rode haar is afkomstig van Hokkaido, in het noorden van Japan. Ze is het hoofdpersonage in het begin van het verhaal en bevindt zich meestal in het centrum van de actie. Noa houdt van haar ‘labor’ zoals van een huisdier. Ze gaf hem ook het troetelnaampje ‘Alphonse’ naar een hond en een kat die ze eens bezat met dezelfde naam. Ze is nogal impulsief maar niet zo sterk als haar collega’s. Noa is de beste piloot van Divisie 2, hoewel zowel ‘Clancy’ als ‘Kumagami’ extreem talent getoond hebben. Noa heeft een aangeboren affiniteit voor ‘labors’ en kan ze ook voor 110% benutten, tot grote verbazing van haar collega’s. Bovendien kan ze behoorlijk meer drinken dan haar collega’s en herstelt ze veel sneller van een kater na een stevige avond stappen. Isao Ohta is lid van Afdeling 2, Divisie 2 en behoort tot Team 2. Hij is piloot van Unit 2 en is een schietgrage politieman. Met zijn blik en houding zou hij beter thuis horen bij de mariniers dan bij de politie. Ohta is komisch en overijverig en verwacht dat de rest van afdeling 2 eveneens ijverig moet zijn. Hij is erg brutaal en komt hierdoor vaak in een moeilijke situatie terecht zonder na te denken. Ondanks zijn harde, onaangename en vaak overmoedige persoonlijkheid is Ohta een goede politie agent die nog promotie kan maken in het corps. Luitenant Kiichi Goto is het hoofd van Afdeling 2, Divisie 2 en piloot van de SV.2. Hij bezit een aanzienlijke koelbloedigheid, actie snelheid en is een uiterst verstandelijke en bekwame politieambtenaar. Zijn strategisch besef is heel acuut en hij is zo subtiel en manipulatief als voor een bepaalde situatie vereist is. Het is vanwege deze eigenschappen dat de politietop hem de SV.2 hebben toegewezen. Trouw aan zijn idealen is Goto bezig met de meeste evenementen lang voordat de meeste anderen zelfs beseffen van wat er te gebeuren staat.

Kapitein Shinobu Nagumo is de leider van Afdeling 2, Divisie 1. Ze staat hoog aangeschreven door iedereen bij de politie en heeft een stevige professionele relatie met al haar collega’s. Ze is een leider volgens het boekje in tegenstelling tot Goto die vaak onconventionele methodes gebruikt om zijn doel te bereiken. Haar professionele relatie met Goto kan het best omschreven worden als ‘interessant’. Ondanks haar ‘volgens het boekje ‘ mentaliteit, of juist daarom, is ze altijd aanwezig wanneer Divisie 2 hulp nodig heeft. Asuma Shinohara is lid van Afdeling 2, Divisie 2 en behoort evenals Noa Izume tot team 1. Hij is de zoon van de directeur van ‘Shinohara Heavy Industries’. Dit bedrijf maakt meer dan 90% van de ‘labors’ die nodig zijn in de wereld. Na een ruzie met zijn vader is Asuma toegetreden tot de politie met het verzoek om te worden toegewezen aan de ‘labor’ eenheden. Asuma is slim, eerlijk maar soms een beetje heethoofdig. Hij is een zeer goede officier hoewel hij vaak gebruikt wordt door Goto als een

lakei. Maar Goto erkent, zoals we zien op verschillende plaatsen in de serie, dat Asuma veel talent heeft in diverse gebieden. Hiromi Yamazaki is lid van Afdeling 2, Divisie 2 en behoort evenals Noa en Asuma tot Team 1. Men noemt hem de reus van Okinawa wegens zijn gestalte. Hij spreekt zacht en heeft een vriendelijk hart. Eerst wilde hij net als zijn vader visser worden maar hij werd te gemakkelijk zeeziek zodat een beroep als visser onmogelijk werd. Later kwam hij bij de politie terecht bij de groep SV.2. Yamazaki is te groot om te passen in de cockpit van de ‘labors’ en daarom is hij aangewezen als vervoerder van Team 1. Als hij niet aanwezig moet zijn bij de politie werkt hij in zijn groentetuin. Hij is extreem sterk zoals meerdere keren te zien is in de serie. Kanuka Clancy is een tijdelijk lid van Afdeling 2, Divisie 2 en behoort tot Team 2. Zij is in opdracht van NYPD (New York Police Department) naar Tokyo gezonden om ervaring op te doen met de ‘labors’ zodat deze later ook in New York City kunnen ingezet worden. Ze is geschikt voor alle taken binnen het team. Haar vaardigheden als piloot zijn beter dan die van Ohta, maar ze werd als back up aan hem toegewezen omdat een tijdelijke officier niet de vaste piloot van een ‘labor’ mag zijn. Kanuka is net als Nagumo een officier die werkt volgens het boekje. Ze is erg zakelijk en komt meestal koud over bij de andere leden van SV.2. Kanuka is afkomstig van Hawaï, maar verhuisde naar New York om bij de politie te kunnen werken. Toen ze terug naar New York reisde was er een tussen stop in Hawaï om haar grootmoeder te bezoeken.

Takeo Kumagami neemt de plaats in van Clancy nadat haar opdracht in Tokyo is afgerond. Ze is nu dus lid van Afdeling 2, Divisie 2 en behoort tot Team 2 als back up. Ze kreeg haar opleiding bij de Hong Kong politie en werd daarna toegewezen aan het ministerie van Buitenlandse Zaken. Er werd haar een plaats aangeboden bij ‘Interpol’ maar ze verkoos om te gaan werken bij de afdeling Speciale Voertuigen om daar haar verdere carrière uit te bouwen. Ze is rustig en zelfverzekerd en voert haar opdrachten zo effectief uit als dat Clancy deed maar heeft wel andere ideeën over hoe de zaken moeten aangepakt worden. Ze houdt van vechtsporten en treedt ook wel eens in het strijdperk tegen andere leden van Divisie 2. Kumagami’s enige zwakke punt is haar angst voor het bovennatuurlijke. Ze ziet wel eens spoken en heeft dan de neiging om flauw te vallen ten gevolge van haar angst. Mikiyasu Shinshi is de enige getrouwde man van SV.2. Hij is lid van Afdeling 2, Divisie 2, Team 2. Shinshi komt over als een zachtaardige man die zeer gemakkelijk is in de omgang. Hij is erg toegewijd aan zijn vrouw en ontploft als een staaf dynamiet wanneer mensen lachen met hem of zijn vrouw. Wanneer dit gebeurt schrikt zelfs Ohta. Hij is goed op de hoogte van computers en de programma’s die er op draaien. Hij komt niet zo vaak in de serie voor vanwege zijn werk als vervoerder van Team 2. Chief Seitaroh Sakaki is het hoofd van de mechanische dienst van SV.2. Hij is nors en luid en krijgt het op zijn heupen als de ‘labors’ van Divisie 2 niet in perfecte staat terugkeren van hun opdrachten. Hij dreigt er mee al zijn monteurs buiten te gooien als ze niet werken volgens zijn verwachtingen. Sakaki is zelf een goede monteur geweest het grootste deel van zijn leven maar krijgt het nu moeilijk om gelijke tred te houden met de steeds snellere opmars van de technologie in de wereld. Chief Shigeo Shiba is in de mechanische dienst de tweede in bevel na Sakaki en zal uiteindelijk Sakaki opvolgen wanneer deze met pensioen gaat. Hij houdt van zijn werk, misschien een beetje teveel, want hij kan zich heel moeilijk ontspannen. Shiba is goed bevriend met Asuma Shinohara. Sergeant Tsutomu Gomioka behoort tot Afdeling 2, Divisie 1, Team 2. Hij is een van de piloten van Divisie 2 en werkt net als zijn commandant volgens het boekje. Hij is een goede piloot ook al lijken zijn collega’s meer talent te hebben. Vervolg op volgende pagina 62


62

FILAKRANT 2017

EINDEJAARSBEURS & STAMPTALES Locatie/Location/Ort:

De Veluwehal Nieuwe markt 6

3771 CB Barneveld (NL) 28 - 12 - 2017 10.00 - 17.00 29 - 12 - 2017 10.00 - 16.00 Toegang/Entree/Eintritt/Entrance € 3,- p.p. per dag/Jour/Tag/Day Jeugd/Jeunesse/Jugend/Youth <16 gratis/gratuit/frei/free

28 & 29 DECEMBER 2017 GROTE INTERNATIONALE BEURS GRANDE BOURSE INTERNATIONALE GROSSE INTERNATIONALE MESSE BIG INTERNATIONAL FAIR

AUTO / VOITURE / CAR: A1: Afrit / Sortie / Ausfahrt / Exit 16 Voorthuizen / Harselaar. Volg / Suivre / Folge Barneveld-centrum TREIN / TRAIN / BAHN: 400 m. van station Barneveld-centraal / du gare centraal ab Bahnhof-centraal / from station-centrum

1500 stoelen / chaises / Stühle / chairs Ca. 160 Handelaren / Marchands / Händler / Dealers. Filatelie, munten, bankbiljetten, prentbriefkaarten, verenigingen. Philatélique, monnaie, billets de banque, cartes, groupes d’étude. Philatelie, Münzen, Banknoten, Ansichtskarten, ArGe. Philatelics, coins, papermoney, postcards, studygroups.

28 / 29 DEC 2017 STAMPTALES MEGAJEUGDEVENEMENT

BIG YOUTH EVENT / GROSSES JUGENDTREFFEN / GRANDE RÉUNION JEUNESSE

V.O.V.V., p/a Tienwoningenweg 53, 7312 DL, Apeldoorn NL.Tel: (0031)-(0)55-3558600 e-mail: organisatie@eindejaarsbeurs.nl website: www.eindejaarsbeurs.nl


FILAKRANT 2017 Japanse mangaka. Hij werd geboren op 19 december 1957 in Kutchan, Abuta District op het eiland Hokkaido in Japan. Yüki studeerde aan de Kutchan Hoge School. Hij is de mangaka van de kunstenaars groep ‘Headgear’. In 1991 ontving hij de 36ste Shogakukan Manga Award voor zijn manga ‘Mobile Police Patlabor’.

Detective Takahiro Matsui behoort tot de Metropolitan Police van Tokyo. Hij is een rustig man die veel respect heeft voor Goto. Het respect is wederzijds. Hij helpt met het onderzoek als Goto niet beschikbaar is. Richard Wong behoort tot de SHAFT ondernemingen. Hij is een intelligente gek en hoofd van de experimentele afdelingen van SHAFT voor het ontwikkelen van de ‘labors’. Voordat hij naar Japan kwam was hij betrokken bij een aantal incidenten in Hong Kong. HEADGEAR De manga en anime zijn gemaakt door een groep kunstenaars met als naam: ‘Headgear’. Deze groep bestaat uit directeur Mamoru Oshii, manga tekenaar Masami Yüki, karakter designer Akemi Takada, ‘Mecha’ designer Yutaka Izubuchi en schrijver Kazunori Ito. MasamaYüki is de artiesten naam van Shuji Satõ. Hij is een

Akemi Takada is een vrouwelijke Japanse manga artiest die geboren werd op 31 maart 1955 in Tokyo. Ze is een populaire karakter ontwerpster voor manga en anime figuren en staat bekend voor de lange samenwerking met regisseur Mamoru Oshii. Ze studeerde aan de Tama Art Universiteit en werkte een tijdje voor ‘Tatsunoko Pro’. Momenteel is ze een freelance manga kunstenaar met haar eigen studio. Ze werkt ook voor de kunstenaars groep ‘Headgear’. Ze ontwerp ook juwelen en heeft een eigen juwelierszaak ‘Diakosmos’.

Yutaba Izubuchi is een ontwerper, regisseur van Japanse anime. Hij werd geboren op 12 augustus 1958 in Tokyo. Izubuchi is

63

gespecialiseerd in het ontwerpen van kostuums, personages en vreemde wezens. De meeste van zijn ontwerpen zijn mechanische robots en andere voertuigen. Hij ontwierp de ‘Mecha’ van de Mobile Police Patlabor en eveneens de ‘RahXephon’ anime serie die hij ook regisseerde. In 2006 vertelde Izubuchi in een interview dat hij het meest trots was op zijn ontwerpen voor ‘Patlabor’. Izubuchi is ook de creatieve producent van ‘Tetsuwan Birdy: Decode’ (2008) Kazunori Ito is een Japanse scenarioschrijver voor manga en anime verhalen. De kunstenaar is bekend voor zijn werk in ‘Hack Franchise’ en het scenario voor ‘Gost in the Shell’. Hij werkt regelmatig voor de kunstenaarsgroep ‘Headgear’. Mamoru Oshii is een Japanse filmmaker, directeur televisie en schrijver. Hij werd geboren op 8 augustus 1951 in Tokyo. Hij is vooral beroemd geworden met zijn filosofisch georiënteerde verhalen. Hij regisseerde een aantal populaire anime series zoals: ‘Urusei Yatsura’, ‘Beautiful Dreamer’, ‘Ghost in the Shell’ en ‘Patlabor’. Voor zijn werk heeft Oshii talloze onderscheidingen ontvangen waaronder de ‘Palme d’Or’ en de ‘Gouden Leeuw’. Momenteel woont Oshii in Atami, Shizuoka in Japan. Bronnen: Japanse Post: www.post.japanpost.jp/… Anime News Network: http://animenewsnetwork.com/… Wikipedia - Patlabor - Headgear

NFV Skandinavië Vereniging D

e NFVS is een speciaal vereniging voor de verzamelaars van de Scandinavische landen, al hanteren wij dit begrip ruim zoals u hieronder kunt ontdekken. U hoeft geen specialist te zijn om lid te worden, ook beginners zijn van harte welkom om te ontdekken dat met een lidmaatschap de belangstelling voor en de kennis op dit gebied alle kans hebben om te groeien.

Scandinavië is van oudsher rijk aan vertellers. Ook de postzegels en poststukken vertellen. Ze vertellen over de mensen in het hoge noorden. Hun cultuur, natuur, communicatie en hun geschiedenis. De zegels zijn vaak staaltjes van de typisch Scandinavische graveerkunst. Ze brengen de opmerkzame verzamelaar zelfs op het spoor van het ontstaan en de toepassing van zijn eigen pronkstukken. De Nederlandse Filatelistenvereniging ‘Skandinavië’ (NFVS) maakt deze pracht toegankelijk voor Nederlandstaligen De bijeenkomsten bieden u de kans informatie en materiaal onderling uit te wisselen. Niet alleen doorgewinterde specialisten voelen zich er thuis, maar zeer zeker ook beginnende en thematische verzamelaars. Tevens vindt u er nieuwe en tweedehands boeken en tijdschriften. Ook is er een veiling met vele, vele kavels. Om uw natje en uw hapje hoeft u zich geen zorgen te maken. Dezen zijn tegen een schappelijke prijs aan de bar te verkrijgen.

Uiteraard wordt het contact onderling om te ruilen, te kopen en verkopen, elkaar bij te praten en om nieuwtjes uit te wisselen, uitgebreid gebezigd. Aardig is te vermelden dat er steevast een vast groepje Belgische leden aanwezig is op de bijeenkomst. De bijeenkomsten worden gehouden in Kerk gebouw “De Bron”, Vogelplein 1, 3815 GV te Amersfoort. De sociëteit ligt ± 15 busminuten (Bus 6) van het station Amersfoort, uitstappen halte Ganzenstraat en dan nog 4 min. lopen. Komt u met de auto dan is het leuk om te weten dat parkeren naast het gebouw gratis is. Ons, in full colour, uitgebrachte kwartaalblad “Het Noorderlicht” brengt u telkens weer een keur van filatelistische artikelen met een Scandinavische inslag. Hiermee wordt u geïnformeerd over veel filatelistische en postale bijzonderheden van de landen Denemarken met Groenland, Faeröer en Deens West Indië, Finland met Åland en andere gebieden, IJsland, Noorwegen en Zweden, allemaal landen met een exotische vleug. Verder vindt u hier besprekingen van nieuwe boeken en catalogi waarvan sommigen met korting aangeschaft kunnen worden. Ook op onze bijeenkomsten staan de Scandinavische landen in de schijnwerper. Ons rondzendverkeer, met zegels en poststukken, beperkt zich tot deze landen en is daarmee bijzonder interessant voor de verzamelaars van voornoemde gebieden. Als lid heeft u de mogelijkheid om boeken en catalogi met fikse kortingen te bestellen. Soms is de korting op één catalogus al gelijk aan de jaarcontributie.

De NFVS telt bijna 250 leden waarvan pakweg 20 buiten Nederland. Al deze leden beoefenen de filatelie, met een Scandinavisch trekje, op hun eigen wijze. De een verzamelt een land of gebied de ander een periode of een gebeurtenis en weer een ander ‘doet’ een Scandinavisch thema of motief. Ook de vele (bij)-gebieden, zoals stempels, post(waarde)stukken en Cinderella’s hebben ieder hun eigen verzamelaars. De vereniging is opgericht op 7 maart 1964 en we hebben ons 50 jarig jubileum op gepaste wijze gevierd in 2014. Het verenigingsjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december en de NFVS kent geen inschrijfgeld. De contributie bedraagt voor binnenlandse leden € 32,50. Bent u geïnteresseerd of wilt u meer informatie? Neemt u dan contact op met de P.R. Commissaris H. Burgman, Tel 020-632 9018, E-mail: h.p.burgman@gmail.com of de secretaris Chr. Hertel, Tel 036-534 4650, E-mail: hertel01@kpnmail.nl. Uiteraard bent u ook welkom op www.nfvskandinavie.com of kom eens lang op een van onze bijeenkomsten. In het laatste geval even bij de hr. H. Burgman aangeven dat u langs wilt komen.


64

FILAKRANT 2017

Meer dan 97 jaar in dienst van de verzamelaar 1919-2017

Agenda 2017: Postzegelveilingen: * Grote voorjaarsveiling 24, 25 en 26 april 2017  

* Grote najaarsveiling november 2017

Muntveilingen: * Grote voorjaarsveiling 9 juni 2017 * Grote najaarsveiling december 2017

(Alle data onder voorbehoud)

Per veiling tussen de 3.000 en 3.500 kavels en Rietdijk is daarmee een van de grootste echte verzamelaars-veilingen in de Benelux.

Rietdijk B.V. Noordeinde 41 2514 GC Den Haag The Netherlands Tel.: +031-(0)70-364 79 57 Fax : +031-(0)70-363 28 93 info@rietdijkveilingen.nl www.rietdijkveilingen.nl Doorlopende taxaties op afspraak onder kantooruren (ma-vrij) 9.00-17.00. uur.

De veilingcatalogi verschijnen 1 maand voor de veiling op onze website: www.rietdijkveilingen.nl

Word nu abonnee en ontvang de eerste drie nummers gratis!

JA,

noteer mij ingaande 1 .................................... (het abonnement kan iedere eerste van de maand ingaan) op maandblad Filatelie (11 nummers per jaar, dus het eerste jaarabonnement omvat 14 nummers) voor de prijs van € 33,10 (Nederland; buitenland op aanvraag)

Na het 14e nummer wordt het abonnement automatisch verlengd, en geldt een opzegtermijn van één maand. U kunt de bon (of een kopie daarvan) sturen naar de hoofdredacteur: René Hillesum, René Hillesum Filatelie, Postbus 7, 3330 AA Zwijndrecht, hillesum@filatelist.com Voorletters + achternaam: .............................................................................................................................

Datum: ...................................................................

Straat + huisnr.: .............................................................................................................................................

Handtekening:

Postcode + plaats: ..........................................................................................................................................

F i l at e l i e 11 F i l at e l i e 9 F i l at e l i e 6 F i l at e l i e 10 F i l at e l i e 7/8 g e lv voor postze maandblad

erzamelaar

m m e r s € 4 ,7 5 s • losse nu

2016

za r p o s t z e g e lv e r maandblad voo

maandblad voor postz e g e lv e r z a m e l a a r

n u m m e r s € 4 ,7 5 melaars • losse

2016

e g e lv e r z a m e l a a r maandblad voor postz

maandblad voo r p o s t z e g e lv e r za

s • l o s s e n u m m e r s € 4 ,7 5

2016

melaars • losse n u m m e r s € 4 ,7 5

5 s • l o s s e n u m m e r s € 4 ,7

2016

2016

postexnummer

pel Perfins met puntstem

Van kilowaar tot collectie 13:39

Noordpool 15-08-16 09:30

18-10-16 12:47

Profile for organisatie-eindejaarsbeurs

Filakrant 2017  

Filakrant 2017  

Advertisement