De Boomklever Juni 2011

Page 21

Ook op verschillende andere plaatsen werd Vingerhelmbloem waargenomen (o.a. op de hellingen in het Stadspark en in het Dijleparkje achter de Dijlemolens), maar doorgaans wat minder uitgesproken qua aantallen. Vingerhelmbloem staat onder meer bekend als een stinzenplant in (oudere) parken, waar ze ooit werd aangeplant omwille van haar sierwaarde of voor haar medicinale eigenschappen. Daarnaast vindt men deze plant vaak ook op uiteenlopende plaatsen terug in houtkanten en hagen, hoewel ze enigszins gebonden is met oudere standplaatsen. In Vlaanderen is het over het algemeen een zeer zeldzame soort, maar ze heeft o.a. een duidelijk kerngebied in de omgeving van Brussel en Leuven. Het Maarts viooltje - ook wel "welriekend viooltje" - is in het centrum van Leuven goed vertegenwoordigd, enerzijds als stinzenplant maar op veel andere plaatsen waarschjjnlijk eerder als "tuinontvluchter". De Krokussen de Sneeuwklokjes en Narcissen zijn ook veel voorkomende soorten die nu reeds in bloei staan, maar veel van deze exemplaren zijn wel aangeplant (bvb. via de verschillende stedelijke bloembollenprojecten van groendiensten of door particulieren in tuinen). Het aantal echt verwilderde exemplaren ligt doorgaans dus heel wat lager in de stedelijke context. In dat opzicht zijn de "stinzenplanten" een lastigere groep. Binnenkort komt ook Daslook in bloei. Ook hiervan zijn er nu reeds een aantal locaties gekend, o.a. in de tuin van het Montfortanenklooster en eveneens in het Ramsbergparkje, maar er zijn waarschijnlijk nog wel andere plaatsen waar deze soort kan aangetroffen worden in het stadscentrum. Tot slot kan nog verwezen worden naar de Gevlekte en de Italiaanse aronskelk die op verscrullende locaties in de Leuvense binnenstad in grote aantallen aanwezig is.

Vingerhelmbloem en Speenkruid, in de Keizersbergabdij vergezeld van Bosanemoon - foto: Wim Verheyden

jaar al vroeg bij, maar bvb. ook Grote ereprijs en Vroegeling. Deze laatste soort kiemt in het najaar en overwintert met een bladrozet, zodat de soort er in slaagt als een van de eerste in het voorjaar te bloeien (vanaf februari). De aanwezigheid van Vroegeling duidt op droge en matig voedselrijke bodems die geschikt zijn voor bloemrijke begroeiingen.

Een vroege lente

Naast de voorgaande soorten, zijn er ook nog een aantal andere plantensoorten die er vroeg bij zijn. Paardenbloem, Madeliefje, Kleine veldkers en Paarse dovenetel zijn natuurlijk alom tegenwoordig en zijn er elk

Het warme weer van de voorbije weken heeft een aantal soorten vroeger dan normaal in bloei doen komen. Akkervergeet-mij-nietje (Myosotis arvensis) bloeit doorgaans pas vanaf mei, maar dit jaar zijn er al heel wat exemplaren in bloei gekomen. De Boomklever

-

juni

201 1

47