Issuu on Google+

HET WITTE HUIS Type

Stadstuin

Adres

Vaart 36 n.z., Assen

Architect huis

-

Architect park

L.P. Roodbaard

Jaar 1830 Opdrachtgever

Hendrik Jan Oosting (burgemeester van Assen 1831-1856)

Uitvoering Betaling Huidige eigenaar

particulier

Reconstructie

de aanleg is sterk gewijzigd

Tekening

presentatietekening 1830, Drents Archief, P1936-0008

Literatuur

- Bos, J., Huizen van stand. Geschiedenis van de Drentse havezaten

en andere herenhuizen en hun bewoners, 1989 - Boschma, C., e.a., Lucas Pieters Roodbaard, architect van - Gras, H., (e.a.), Geschiedenis van Assen, 2000

- Mulder-Radetzky, R.L.P., Vries de, B.H., Groot Terhorne te Beetgum,

1994

Topografische Militaire Kaart 1852

Topografische Militaire Kaart 1850 - 1864

buitengoederen, 1979

Topografische Militaire Kaart 1830 - 1850

- Battjes, J., Brink, E., De historische atlas van Assen, 2009

Kadastraal minuutplan 1811 - 1832

- Mulder-Radetzky, R.L.P., L.P. Roodbaard (1782-1851). Een tuinarchitect met schildersogen, 1999 - Mulder-Radetzky, R.L.P., ‘Roodbaard, Lucas Pieters (1782-1851)’, in: Bos, J., Foorthuis, W., Drentse biografieën, (4), 1993 - Oldenburger-Ebbers, C.S., ‘De geschiedenis van tuinen, parken en buitenplaatsen in Drenthe’, in: Ons Waardeel, (91/6), 1991 - Oldenburger-Ebbers, C.S., De tuinengids van Nederland. Bezoekersgids en vademecum voor tuinen en tuinarchitectuur in Nederland, 1989 - Oldenburger-Ebbers, C.S., Backer, A.M., Blok, E., Gids voor de Nederlandse tuin- en landschapsarchitectuur, deel Noord, 1995


Lijst van Afbeeldingen

- Drents Archief: MZ10202621033, 1960-1980

Historie In opdracht van Hendrik Jan Oosting (broer van Johannes Bieruma Oosting - eigenaar van Oranjewoud en zoon van Jan Haak Oosting eigenaar van de Eerste Steen), ontwierp Roodbaard een landschappelijke tuin bij de burgemeesterswoning aan de Vaart. Langs de Vaart ontwikkelden in deze tijd diverse voorname woningen, met bijbehorende voorname tuinen. Op de kadastrale minuutplan 1811-1832 zien we de tuin van het witte huis aangegeven onder perceelnummer 789. Opvallend is dat op de kaart van Seidel uit 1825 dit perceel nog een geheel ander verloop heeft. Waarschijnlijk vormde dit eerdere perceel ook al een landschappelijke tuin. In de periode na de vervaardiging van de kaart heeft Oosting waarschijnlijk nieuwe gronden aangekocht, die uiteindelijk tussen 1825 en 1832 door Roodbaard zijn heringericht tot een nieuwe landschappelijke aanleg.

Kadastraal minuutplan, 1811-1832

Kaart van de Stad Assen, Seidel, 1825


Presentatietekening Dit vermoeden wordt bevestigd in de bewaard gebleven ontwerptekening. Hier zien we in het eerste deel van de aanleg potloodlijnen onder het ontwerp van Roodbaard. Deze potloodlijnen komen overeen met de perceelgrenzen van het kadastraal minuutplan. De tekening van Roodbaard kan getypeerd worden als uitgewerkte ontwerpschets. Op de tekening staan diverse planten benoemd. Daarnaast worden letters weergegeven, die verwijzingen zullen hebben gevormd naar begeleidende teksten (deze verklarende teksten zijn tot op heden nog niet gevonden). De tekening bestaat uit een geheel van paden, perken, solitaire bomen, bomenrijen, waterpartij en moestuinen. In het voorste deel kunnen we een ronde perk onderscheiden waarin asperges worden geteeld. In het achterste deel worden perken op een vergelijkbare wijze ingevuld, met gebogen lijnen, die eveneens wijzen op een invulling van moestuinen. Interpretatie presentatietekening De aanleg kan getypeerd worden als een lineaire aanleg, met een gecentreerd padenstelsel. Dit padenstelsel bestaat in feite uit dubbele rijen van perken. Het kronkelige padenstelsel geeft structuur aan de aanleg. Tussen de paden zijn verschillende vormen en functies geplaatst. In het geheel is een lichte nadruk op de rechterzijde van de aanleg. Dit komt tot uiting in de aanwezigheid van de solitaire bomen, de waterpartij en de zitplaatsen. Langs alle randen is het geheel begrensd door bossages. Aan de rechterzijde is dit zeer dicht bebost, de linkerzijde heeft daarentegen een transparanter karakter. In de aanleg zijn de twee fasen van het ontwerp zichtbaar. Dit wordt duidelijk in de potloodlijnen, die we zien in het eerste deel van het ontwerp. Wanneer we deze lijnen met elkaar verbinden, wordt duidelijk dat dit ontwerp niet van de hand van Roodbaard is. Deze vormen te puntig en de lijnen op bepaalde delen - te recht. Uit het archief kennen we betalingslijsten van bomen en planten uit de periode 1816-1819. Het lijkt waarschijnlijk dat dit eerste deel rond deze tijd is aangelegd, en in de jaren 30 is aangepast aan het geheel.

Presentatietekening


/1-2212111012-424%2001%20445%20witte%20huis%20111220