Issuu on Google+


1928 Olympic Games: Collection connection from Qatar to Amsterdam Introduction The international Olympic Museum Network (OMN) was established in 2006. At first, the Olympic Museum in Lausanne brought nine international Olympic museums together and invited them to form a network. The nine organisations agreed to cooperate in the near future, with the objective of displaying the interesting heritage of the Olympics and the various collections of Olympic-related objects to the world. The museum network experienced exponential growth and aspired to high targets, working together as a team. Today, we are proud to present the first official exhibition, which was developed by two international teams from the Olympic Museum Network: the Qatar Olympic & Sports Museum and the Olympic Stadium Amsterdam co-created this production about the 1928 Olympic Games. The exhibition provides visitors with surprising insight into the historic games, displaying objects that have never before been shown to the public. All of the objects, which have been made available on loan through the generosity of the Qatar Olympic & Sports Museum and the Qatar Museums Authority, have travelled all the way from Doha to Amsterdam to be part of the exhibition. Most of the objects and memorabilia in this exhibition have been collected by a Dutch Olympic enthusiast and collector. The Qatar Olympic & Sports Museum recently acquired this collection and will store, preserve and in the future partially exhibit it in its museum. The international cooperation within the OMN has now made it possible to share and exchange collections. We truly believe that the future lies in cooperation. While we hope that this exhibition will inspire you, our primary hope is that you will enjoy the international ‘collection connection’: from Qatar to Amsterdam. Sincerely, Dr. Christian Wacker Director, Qatar Olympic & Sports Museum Hans Lubberding Director, Olympic Stadium Amsterdam


Publieksactie ten behoeve van de fiFinanciering van de Olympische Spelen, 1925 Heel even leek het alsof het Nederlands Olympisch Comité(NOC) de organisatie van de Olympische Spelen van 1928 terug moest geven aan het Internationaal Olympisch Comité (IOC), omdat de Tweede Kamer in 1925 weigerde om de benodigde subsidies te verstrekken. Met een gigantische publieksactie spanden vele sportliefhebbers uit heel Nederland, en zelfs daarbuiten, zich in om alsnog zelf het geld bij elkaar te schrapen. Er verschenen speciale comités in Amsterdam, Zaandam, Utrecht, Warfum, Enschede, Hattum, Zaltbommel, Den Haag, Vlissingen, Arnhem, Rotterdam, Deventer, Amersfoort, Laren, Blaricum, Schiedam, Oosterbeek, Winschoten, Nijmegen, Zandvoort, Gouda, Zeist, Harderwijk, Den Bosch, Almelo, Leerdam, Alkmaar, Zeeland, Enschede, Amersfoort, Den Helder, Hilversum, Aalsmeer, Koog aan de Zaan, Waalwijk, Hengelo, Dordrecht, Groningen, Leiden, Woerden, Rijswijk, Scheveningen (een heus damescomité!), Nederlands-Indië, de Riviera, Londen en Geneve. Dit overzicht is overigens niet eens compleet, maar geeft een goede indicatie van de omvang van de actie. Opeens had iedereen het over de Olympische Spelen.Daarom bedankte de voorzitter van de Nederlandsche Voetbalbond de nationale politiek dat het zich had teruggetrokken: “Wat de staat ons onthield, werd door het Nederlandsche volk gegeven. Zóó namen de Spelen een plaats in het volksleven in, zóó werd onze onderneming inderdaad een nationale, zóó is het beter geweest!”

National collection for olympic funds, 1925 For a while it as if the NOC would have to hand back the organisation of the 1928 Olympic Games to the IOC, because the Dutch Parliament refused to supply the necessary subsidies in 1925. Thanks to massive public input, the entire country united to raise the money needed.

“WHAT THE

STATE

WOULD NOT GIVE,

THE DUTCH

PEOPLE PROVIDED”

Manifest van het Nederlandsch Olympisch Comité(1925), © Olympisch Stadion Amsterdam (OSA) Manifest of the Dutch Olympic Committee (1925), © Olympisch Stadion Amsterdam (OSA)

Special committees were established all over the country and beyond; for example in Amsterdam, Zaandam, Utrecht, Warfum, Enschede, Hattum, Zaltbommel, The Hague, Vlissingen, Arnhem, Rotterdam, Deventer, Amersfoort, Laren, Blaricum, Schiedam, Oosterbeek, Winschoten, Nijmegen, Zandvoort, Gouda, Zeist, Harderwijk, Den Bosch, Almelo, Leerdam, Alkmaar, Zeeland, Enschede, Amersfoort, Den Helder, Hilversum, Aalsmeer, Koog aan de Zaan, Waalwijk, Hengelo, Dordrecht, Groningen, Leiden, Woerden, Rijswijk, Scheveningen (a committee consisting entirely of women!), the Dutch Indies, the Riviera, London and Geneva. And those aren’t nearly all! Suddenly everyone was talking about the Olympic Games. This led the chairman of the Dutch Football League to thank the national politicians for withdrawing their support: ‘What the state would not give, the Dutch people provided. This is how the Games became a part of the working man’s life, this way our mission became the mission of the nation, this way was the best way!’

Obligatie uitgegeven door de Gemeente Amsterdam (1925), © Qatar Olympic & Sports Museum (QOSM) Premiumbondissued by the City of Amsterdam (1925), © Qatar Olympic & Sports Museum (QOSM)


De voorbereidingen Nadat Amsterdam door de geslaagde publieksactie definitief de Spelen van 1928 had binnengehaald, konden de voorbereidingen beginnen. Om te beginnen moesten er 4.425 palen worden geslagen om te voorkomen dat het Olympisch Stadion zou wegzakken in de drassige ondergrond. ‘Palen van 13 meter lengte verdwijnen er als lucifers in den grond’, zag de Nieuwe Rotterdamsche Courant in 1926. Dit duurde vier maanden, waarna de bouw zelf kon beginnen. Omdat de aanleg van het Olympisch Dorp wegens financiële problemen niet doorging, werden door heel de stad boten neergelegd om sporters en bezoekers te huisvesten. Op het Marinebassin lag de Finse boot, de Amerikanen meerden af bij de steiger van de Holland-Amerika Lijn, de Denen verbleven aan de Javakade en dan lagen er ook nog overal hotelboten. Hoe dichter op de start van de Spelen, hoe voller de stad werd. Het grootste probleem in het stadion was de aanleg van de atletiek- en de wielerbaan, waarbij alle goede adviezen van specialisten stelselmatig werden genegeerd. Een internationale afgang dreigde, somberde de Nederlandse pers vooraf, maar op het allerlaatste moment liep het goed af. Om dergelijke problemen in de toekomst te voorkomen, belegde de Atletiekunie meteen na afloop wel een spoedbijeenkomst om zo snel mogelijk goede sintelbanen aan te leggen. Want dat was eens, maar nooit meer.

Preparation After Amsterdam officially won the bid for the Games of 1928, the preparations could get underway. Firstly, 4425 wooden poles had to be sunk to prevent the Olympic Stadium from sinking down into the wet foundations. ‘Poles measuring 13 meters disappeared like matches being pushed into wet soil,’ observed the Nieuwe Rotterdamse Courant in 1926. The installation of the wooden poles took four months, after which the construction of the stadium itself could begin.

Rapportage over de voorbereidingen van de Olympische Spelen in Amsterdam 1928, © QOSM Report on the preparation of the Olympic Games in Amsterdam 1928, © QOSM

Because the construction of the Olympic Village had been cancelled due to financial problems, boats were moored throughout the city to house the athletes and visitors. The Finnish boat was harboured in the national Marine harbour, the Americans docked at the Holland-America Line harbour, the Danes stayed along the Javakade and there were plenty of hotel boats dotted throughout the city of Amsterdam. The closer it came to the start of the Games, the more the city filled up. The biggest problem in the stadium was the construction of the athletics and cycle track as the good advice of specialists was systematically ignored. An international embarrassment loomed, complained the Dutch press, but at the very last moment it all came together. To prevent similar problems in the future, the National Athletics Association called a meeting to ensure the construction of proper cinder tracks. They wanted to make sure that that near-miss could happen once, but never again.

Olympisch Stadion in aanbouw (1927), © OSA Olympic Stadium under construction (1927), © OSA


Olympische Winterspelen in Nederland? Toen Amsterdam de Olympische Spelen van 1928 kreeg toegewezen, had ons land – volgens de toen geldende regels - meteen het recht om dat jaar ook de Winterspelen te mogen organiseren. Het Nederlands Olympisch Comité (NOC) onderzocht direct serieus of dit mogelijk was. Een Zwitserse sportofficial erkende op 9 december 1924 in de Nieuwe Rotterdamsche Courant dat het theoretisch inderdaad denkbaar was dat die Winterspelen in Nederland plaats zouden vinden. Hij zei er echter snel bij, in naam van zijn land, dat hij hier geen voorstander van was: “Het is te hopen, dat Nederland, de waarheid getrouw, ronduit verklaart, dat het niet in staat is de Winterspelen te organiseren.” Met andere woorden: Zwitserland wil graag dat evenement hebben, en wij hopen zaken te kunnen doen met Nederland om dit snel af te kunnen handelen. Het NOC zette het onderzoek gewoon door en trok pas na een half jaar de conclusie dat ons land te weinig besneeuwde bergen heeft om die verantwoordelijkheid op zich te nemen. Op het congres van het Internationaal Olympisch Comité in 1925 gaf Nederland de opdracht terug, waarna St. Moritz – in Zwisterland! – de Winterspelen kreeg toegewezen.En dat bleek een goede keuze, want in Nederland heeft het in die bewuste weken alleen maar gedooid.

Olympic Winter Games in the Netherlands? When Amsterdam was awarded the Olympic Games of 1928, our country automatically received the right to organize the next Winter Games as well. The National Olympic committee seriously considered whether this would be possible. On December 9th 1924, a Swiss sports official admitted in the Nieuwe Rotterdamsche Courant that it was theoretically possible that those Winter Games would take place in the Netherlands. He was quick to add however, that he did not support this plan: ‘It would be best for the Netherlands to declare it is incapable of organizing the Winter Games.’ In other words: Switzerland was keen to host this event, and they hoped to do business with the Netherlands to close the deal quickly.

Duits affiche “IX Olympiade 1928 / St. Moritz-Amsterdam”, © OSA German poster “IX Olympiade 1928 / St. Moritz-Amsterdam”, © OSA

The NOC however continued to research the possibilities of the Dutch hosting the Winter Games and only six months later announced their conclusion: the country's annual snow fall was too light and mountain count too low to take on this responsibility. At the IOC congress of 1925 the Netherlands returned the bid, after which St Moritz (in Switzerland!) was awarded the Winter Games. A very clever decision, because in the Netherlands the temperature was well above freezing during the weeks the Winter Games took place.

Pin “IX Olympiade 1928 / St. Moritz-Amsterdam”, © QOSM Pin "IX. Olympiade 1928/St. Moritz-Amsterdam", © QOSM


Het eerste olympisch vuur Op 26 april 1926 sprak dagblad Het Vaderland met Jan Wils, architect van het Olympisch Stadion. Hierin zei hij onder meer hoe de Marathontoren eruit zou komen te zien: “Ik stel me daarvan veel voor. Het wordt een heele ijle toren. Er boven komt een groote schaal, waarin overdag een rookpluim kan opstijgen en ’s avonds een vuurzuil.” Hiermee beschreef Wils de geboorte van het olympisch vuur, want nooit eerder was dit ontstoken tijdens de openingsceremonie om pas aan het eind van het sportfeest te doven. Ook de oude Grieken deden niet aan dit verschijnsel, zodat dit stadion de geboortegrond is van één van de beroemdste symbolen ter wereld. Toch is nooit duidelijk geworden wie dat vuur in 1928 heeft aangestoken. Er ging in ieder geval geen fakkeltocht vanuit Olympia aan vooraf, want die traditie is pas van 1936. Integendeel: opeens kringelde er rook boven de toren en dat was het dan. De meeste toeschouwers en journalisten hadden het niet eens gezien! Het idee sloeg wel aan, want vier jaar later tijdens de Spelen in Los Angeles werd ook het vuur ontstoken, waarna het een onmisbaar onderdeel is geworden van de olympische traditie.

The invention of the olympic FLAME On the 26th of April the newspaper Het Vaderland spoke to Jan Wils, architect of the Olympic Stadium. He told the journalist about his ideas of the ‘Marathon Tower’, the huge tower situated in front of the stadium: ‘I have great expectations of its appearance. It will be a rare sight. On the top a large bowl will balance, from which you can see a smoke plume rising and at night a pillar of fire.’ However, it is still unclear who lit that flame in 1928. There was definitely no torch relay from Olympia leading up to the opening ceremony, this tradition started in 1936. Quite the opposite in fact: just out of the blue a smoke plume curled up from the tower and that was that. Most of the spectators and journalists hadn’t even seen it! However, the concept worked; because four years later during the Los Angeles Games the flame was again lit, after which it became an indispensable part of the Olympic tradition.

Herinneringsbord met de Olympische Vlam in keramiek, © QOSM Commemorative ceramic plate with the Olympic Flame, © QOSM

Proefopstelling Olympisch Vlam, naast de Marathontoren, © OSA Test setup for the Olympic Flame, next to the Marathon Tower, © OSA


Vrouwen op het olympisch toernooi Atletiek, turnen en zwemmen zijn van oudsher de drie grote olympische sporten. Voor vrouwen was sporten op hoog niveau niet altijd vanzelfsprekend: sinds 1912 worden bij het zwemmen vrouwelijke deelnemers geaccepteerd, wat pas sinds 1928 het geval is bij atletiek en turnen. Bij het damesturnen werden alleen de nationale teams toegelaten, met Nederland als winnaar. Zo waren deze gymnastes de eerste vrouwelijke olympische kampioenen van Nederland. De Telegraaf schreef daarom een gedicht: ‘Turnsters van Holland, aanvaardt mijn hulde / Gij hebt ons landje keurig verrast / Voor U ging, wat niemand onzer verwachtte / De Hollandsche driekleur aan middelste mast.’ Bij atletiek was de meeste ophef rond de 800 meter, omdat die voor vrouwen veel te lang zou zijn. Opnieuw De Telegraaf: ‘Het heele stel had tien minuten nodig om weer op adem te komen, waarop het grienend zwikje, met uitzondering van de winster, elkander melodramatisch de schouders omvattend uit het gezichtsveld verdween. Laat dit de laatste maal zijn, Heeren voorbereiders der Olympiades.’ Allemaal onzin, vond één van deelnemende atletes: ‘OK, de loopsters waren moe na afloop. Maar ze waren er niet door gesloopt, zoals in de berichten hierover stond. Ik was er zelf bij als toeschouwer en heb het dus zelf gezien.’ Alhoewel atletiek vanaf 1928 altijd voor vrouwen toegankelijk bleef, werd de 800 meter toch tot 1960 geschrapt.

Women at the Olympic tournament The three main Olympic sports have always been athletics, gymnastics and swimming. Since 1912 women were allowed to enter the swimming competition, which only occurred in athletics and gymnastics in 1928. In the gymnastics competition only the national teams could enter. The Dutch national team won the competition, which made the gymnasts to be the first female Olympic champions of the Netherlands. The Telegraaf wrote the following poem to honour these women: ‘Gymnasts of Holland, accept our admiration / You have surprised and delighted our country / For you we hoist the Dutch flag, a feat no-one had expected.’ In the athletics competition there was the most consternation surrounding the 800 meter race, as it was considered too long for most women. The Telegraaf: ‘The whole group needed ten minutes to catch their breath, after which the giggling gaggle, with the exception of the winner, grabbed each other melodramatically by the shoulders and disappeared from view. Oh, please let this be the last time, all you gentlemen involved in the preparation of the next Olympic Games.’ All nonsense, according to one of the athletes. ‘Of course the runners were tired after finishing the race. But they were not thoroughly exhausted, as the reports stated. I was there as one of the spectators and I saw it with my own eyes. ‘Although athletics remained accessible to women after 1928, the 800 meters was taken off the programme until 1960.

Voor het eerst onderdeel van de Olympische Spelen: 800 meter voor vrouwen, © OSA For the first time part of the Olympic programme: 800 meters for women, © OSA

Shirtnummer 344 van Mien Duchateau (NED), deelneemsteraan de 800 m voor vrouwen, © QOSM Shirt number 344 from Mien Duchateau (NED), participant in the women’s athletics 800m, © QOSM


Amsterdam, het doolhof ‘Amsterdam heeft, tenminste voor den vreemdeling, iets van een doolhof’, schreef het Algemeen Handelsblad vlak voor aanvang van de Spelen van 1928. Lastig, want de stad verwachtte veel buitenlandse bezoekers, waarvan een groot aantal per auto. Dat vroeg om speciale maatregelen, ook omdat er in Amsterdam nog nooit meer dan 2.000 auto’s bij elkaar op een parkeerplaats hadden gestaan. De ordehandhavers zochten naar een symbool waardoor buitenlandse bezoekers meteen konden begrijpen waar een parkeerplaats was. Daarvoor werd een nieuw verkeersbord ontworpen, zoals op 4 mei 1928 in een Nederlandse krant stond: ‘Een rond blauw bord, waarop een witte P is geschilderd, de nieuwe internationale aanduiding voor parkeerplaats.’ Met andere woorden: Amsterdam is de uitvinder van het parkeerbord, zoals die nu nog over de hele wereld wordt gebruikt! Om de bezoekers verder op weg te helpen werden zowel in Amsterdam als ver daarbuiten honderden wegwijzers van de ANWB geplaatst. ‘Bovendien is er een extra bordje op bevestigd,’ aldus het Handelsblad,‘waarop de woorden “Olympisch Stadion” zijn geschilderd.’ Waarna de verslaggever tevreden constateerde: ‘Amsterdam is nu, althans om van een willekeurig punt uit het Stadion te bereiken, geen doolhof meer.’

The labyrinth named Amsterdam ‘Amsterdam resembles, at least to a stranger, something of a labyrinth’, wrote the Algemeen Handelsblad just before the start of the Games of 1928. Problematic, because the city was expecting a large number of foreign visitors, of which many were travelling by car. This meant special measures needed to be taken, also because there had never been more than 2000 cars parked in a single parking lot in Amsterdam. The authorities therefore needed a symbol so that foreign visitors could immediately understand where to find a parking spot. This led to the design of a new traffic sign, which was published in the Dutch newspapers on the 4th of May 1928: a circular blue sign, with a white P painted in the centre, the new international symbol for parking space.’ In other words: Amsterdam is the inventor of the parking sign, as it is still used throughout the world!

Stadsplattegrond van Amsterdam, ontworpen voor de Olympische Spelen van 1928, © QOSM City map of Amsterdam, issued on the occasion of the 1928 Olympic Games, © QOSM

To help the visitors on their way, the ANWB (the Dutch traffic association) placed hundreds of traffic signs in Amsterdam and beyond. ‘And an extra sign has been attached to these posts,’ printed the Handelsblad, ‘with the words ‘Olympic Stadium’ on it. Now, Amsterdam is no longer a labyrinth for those wishing to navigate themselves towards the Stadium from anywhere in the city or country.

De parkeerplaats in de nabijheid van het Olympisch Stadion, © OSA Parking area near the Olympic Stadium, © OSA


De Kunstolympiade Niet alleen het Olympisch Stadion, maar ook het Stedelijk Museum was in 1928 een officiële olympische locatie. In die tijd werd namelijk tegelijk met de Spelen de Kunstolympiade gehouden. En dus ook in Amsterdam, zoals het Algemeen Handelsblad op 9 juni 1928 schreef: ‘Een onderdeel van de Olympische Spelen vormt het concours van werken door levende kunstenaars, behoorende tot de landen, welke zijn uitgenoodigd tot de Spelen van de IXe Olympiade.’ Op het dak van het Stedelijk Museum wapperde daarom de olympische vlag, omdat daar het werk werd tentoongesteld van kunstenaars uit Duitsland, Oostenrijk, België, Denemarken, de Verenigde Staten, Frankrijk, Engeland, Hongarije, Italië, Ierland, Letland, Luxemburg, Mexico, Monaco, Noorwegen, Nieuw-Zeeland, Nederland, Polen, Zweden en Zwitserland. De Italiaanse voetbalploeg kwam zelfs nog even een kijkje nemen in het museum, maar of ze dat vrijwillig deden is twijfelachtig. Sowieso was niet iedereen enthousiast over deze Kunstolympiade. Het Nieuwsblad van het Noorden bijvoorbeeld schreef: ‘Men slaat gauw een noodbruggetje tusschen kunst en sport.’ Hoe dan ook: Nederland won twee gouden medailles: Jan Wils voor het Olympisch Stadion en Isaac Israëls voor zijn schilderij Ruiter in rode rok. In 1948 stond de Kunstolympiade voor de laatste keer op het programma.

Art Olympics Not only the Olympic Stadium, but also the Stedelijk Museum was an official Olympic location. At that time the Artistic Olympics were held simultaneously with the Games. This also happened in Amsterdam, as the Algemeen Handelsblad wrote on the 9th of June 1928: ‘Part of the Olympic Games is the collection of works by living artists representing their countries which were invited to the Games of the IXe Olympics.’ The Olympic flag waved at the Stedelijk Museum, because it was here that the works were shown made by artists from Germany, Austria, Belgium, Denmark, the United States, France, England, Hungary, Italy, Ireland, Latvia, Luxemburg, Mexico, Monaco, Norway, New-Zealand, the Netherlands, Poland, Sweden and Switzerland. The Italian football team even took a look around the Stedelijk Museum, but whether they did this voluntarily is doubtful. In fact, the Artistic Olympics were not popular with everyone. The Nieuwsblad van het Noorden wrote: ‘It seems as if a hurried bridge has been constructed between art and sport.’ But in any case: The Netherlands won two gold medals: Jan Wils for the Olympic Stadium and Isaac Israels for his painting ‘Rider in red skirt’. In 1948 the Artistic Olympics were held for the last time. Italiaans team bij de kunsttentoonstelling van de culturele Olympiade in het Stedelijk Museum, © OSA Italian sportsmen visit the art exhibition of the Cultural Olympiad in the Stedelijk Museum, © OSA Olympisch diploma van Eugen Mack (SUI) voor de 3e prijs bij gymnastiek, © QOSM Diploma awarded for third price, Eugen Mack (SUI) gymnastics, © QOSM


De openingsceremonie Koningin Wilhelmina zorgde in 1928 voor een relletje door de opening van de Olympische Spelen te boycotten. Begin dat jaar was er nog geen vuiltje aan de lucht, meldde het Nieuwsblad van het Noorden: ‘Zooals bekend schrijft het Olympisch Protocol voor, dat het hoofd van den staat de officieele opening van de Olympische Spelen persoonlijk zal bekrachtigen. Het organiserende comité zal natuurlijk niet in gebreke blijven H. M. de Koningin uit te noodigen en zeer waarschijnlijk zal H. M. aan deze uitnoodiging gevolg geven.’ Dat bleek een misrekening, want de koningin weigerde haar medewerking en liet zich vervangen door haar echtgenoot, prins Hendrik. ‘Men tast nog steeds in het duister omtrent de reden’, analyseerde de Nieuwe Rotterdamsche Courant. Hoogstwaarschijnlijk was de koningin ontstemd dat het IOC had bepaald op welke dag de opening zou zijn zonder haar te raadplegen. Wilhelmina wilde blijkbaar even laten zien dat zij zich in eigen land niet liet commanderen door wat sportofficials uit een ander land. De koningin negeerde de Spelen niet helemaal. Zo organiseerde ze een groot feest in het Paleis op de Dam voor een groot aantal deelnemers en bezocht ze het turnen, de paardenraces en de slotdag, waarop ze de gouden medailles uitreikte.

The opening ceremony Her royal highness Queen Wilhelmina caused an upset in 1928 by boycotting the opening of the Olympic Games. At the start of that year there was no sign of trouble. As the Dagblad van het Noorden reported: ‘As stipulated by Olympic protocol, the head of state must personally supervise the opening of the Games. The organizing committee will no doubt adhere to this tradition and surely H.M the Queen will accept this invitation.’

Openingsceremonie in het Olympisch Stadion, © OSA Opening Ceremony in the Olympic Stadium, © OSA

This proved to be a faulty assumption, because the Queen refused her cooperation and instead sent her husband Prince Hendrik in her place. ‘The reason behind her absence remains a mystery,’ analyzed the NieuweRotterdamsche Courant. It is probable the Queen was displeased that the IOC had determined the day of the opening without consulting her. Wilhelmina was apparently making a point that she would not to be commanded by a group of foreign sports officials in her own country. The Queen did not completely ignore the Games. She organized a big celebration at the Royal Palace on Dam Square for a large number of participants and attended the gymnastics, the equestrian and the closing day where she awarded the winners their gold medals.

Officieel programmaboek van de openingsceremonie, © QOSM Program of the Opening Ceremony in Amsterdam 1928, © QOSM


‘Amsterdam, een vroolijke stad’ De Olympische Spelen zijn ook voor bestuurders een feest, want die kunnen in de gaststad een fijn congres houden. Het IOC zelf had een bijeenkomst in Amsterdam, net als de wereldvoetbalbond, de hockeyers, de wielrenbestuurders, de atletiekfederatie en de worstelunie. Door de hele stad werd vergaderd, vielen er gewichtige besluiten en pakten de officials na afloop nog even een drankje. ‘Amsterdam is dan ook wel een aardige vroolijke stad,’ noteerde de Nieuwe Rotterdamsche Courant heel droog, waarna de verslaggever opmerkte dat de sportbestuurders er ’s ochtends soms wel heel erg bleek uitzagen. De FIFA heeft in Amsterdam misschien wel het belangrijkste besluit uit haar geschiedenis genomen door in te stemmen met een nieuw voetbaltoernooi: het WK Voetbal. Twee jaar later, in 1930, werd dat inderdaad in Uruguay gehouden om uit te groeien tot het enige sportevenement in de wereld dat de concurrentie met de Olympische Spelen aankan. Na dit historische besluit trokken de FIFA-leden naar het Olympisch Stadion om een voetbalwedstrijd te bekijken, waarna de verslaggever van de NRC in het holst van de nacht nog vele officials in de stad tegenkwam. Maar goed: Amsterdam was in 1928 dan ook wel een aardige vrolijke stad.

Deelnemersfoto van het Congres voor Lichamelijke Opvoeding en Sport, © OSA Participants of the Congress for Physical Education and Sports, © OSA

Amsterdam, 'A Cheerful city' The Olympic Games are also a celebration for chiefs of state and trade, as they have the perfect opportunity to organize international conferences in the host city. The IOC itself held a conference in Amsterdam, as did the National Football Association, the hockey league, the cyclist association, the athletics federation and the wrestling union. Meetings were held throughout the city, important decisions were made while officials shared a drink after watching events. ‘Amsterdam is truly a cheerful city,’ remarked the NieuweRotterdamsche Courant with a sarcastic undertone, and went on to describe the pale faces of these same sports officials in the mornings. The FIFA took arguably the most decision in its history by voting in favor of a new football tournament: the Football World Cup. Two years later, in 1930, it was held in Uruguay and grew out to become one of the only sports events in the world which can compete with the Olympic Games in size and popularity. After this historic decision, the FIFA members travelled to the Olympic Stadium to watch a football match. After the match, the NRC journalist continued to run into plenty of officials deep into the night. Afterall, Amsterdam was a rather cheerful city in 1928.

Accreditatie XVIIe jaarlijkse Congres van de FIFA, 24-26 mei 1928 in Amsterdam, © QOSM Letter on stationary of the F.I.F.A. XVIIth Annual Congress, 24-26 May 1928 - Amsterdam, © QOSM


Een gastmaal in het Koninklijk paleis Zowel de stad Amsterdam als koningin Wilhelmina organiseerde tijdens de Spelen een groot diner – om nog niet te spreken vande verschillende sportbonden, nationale delegaties en ambassades. De aanwezigen waren van de hoogste komaf, zoals IOC-voorzitter De Baillet-Latour (net als de huidige voorzitter een Belg), prins Hendrik en baron Schimmelpenninck van der Oye (als voorzitter van het NOC). Bij het diner van de stad Amsterdam in de Koningszaal van Artis bedankten zij elkaar voor de goede samenwerking en hieven stuk voor stuk het glas op de goede afloop. De koningin hield een gastmaal in het Paleis op de Dam, waarbij deelnemers van alle landen waren uitgenodigd. Zij mochten plaatsnemen aan één van de drie zijtafels, want ‘aan de hoofdtafel waren gezeten de vorstelijke personen, benevens de dames en de groot-officieren van het gevolg van Hare Majesteit’. Een sporter die Wilhelmina van dichtbij wilde zien, moest daarom het geluk hebben van de Amerikaanse atlete Anne Vrana O’Brian. Zij liep net over de Dam toen een oude dame uit een auto stapte. “Ik vroeg aan een voorbijganger wie die vrouw was,” zei O’Brian later. Het antwoord sloeg haar met stomheid: “Dat is onze koningin.”

Dinner at the Royal Palace Both the city of Amsterdam and Queen Wilhelmina organized a large dinner during the Olympics – not to mention the different sports associations and leagues, national delegates and embassies. The guests came from the highest legions and included the IOC chairman De Baillet-Latour (a Belgian, like the present chairman), Prince Hendrik and Baron Schimmelpenninck van der Oye (as president of the NOC). At the dinner hosted by the city of Amsterdam in the Koningszaal in Artis, they thanked each other for the pleasant cooperation and raised their glasses to a positive result. The Queen hosted a dinner in the Palace on Dam Square, with participants from all countries. They sat at one of the three side tables because the head table was intended for ‘the royal family and the ladies and lords who make up the entourage of Her Majesty’. Those who desired to see the Queen Wilhelmina up close, should have had the luck of the American athlete Anne Vrana O’Brian. She was crossing Dam square when an elderly lady stepped out of a car. “I asked a passerby who that woman was,’ said O’Brian later. The answer left her speechless: ‘That is our Queen.’

Menu van het galadiner, aangeboden door Gemeente Amsterdam op 28 juli 1928, © QOSM Menu of a dinner, presented by the city of Amsterdam on July 28, 1928, © QOSM

Officials in het Olympisch Stadion, © OSA Officials at the Olympic Stadium, © OSA


De eerste wedstrijd der IXe Olympiade De allereerste sportwedstrijd in het Olympisch Stadion was een hockeywedstrijd: op 17 mei won Nederland van Frankrijk de openingswedstrijd van het olympisch hockeytoernooi. Samen met het voetbal werd deze sport al gespeeld vóór de officiële opening op 28 juli. Dagblad Het Centrum schreef over dit historische moment: 'Even na drie uur komen de Fransche en Hollandsche ploegen het veld op. Zij zijn de eersten, die het Olympisch Stadion betreden en worden met enthousiast gejuich ontvangen. De eerste wedstrijd der IXe Olympiade is begonnen!' Dit hockeytoernooi betekende de grote doorbraak voor deze sport in Nederland. Tot 1926 was eigenlijk niemand hierin geïnteresseerd, omdat er met eigen spelregels werd gespeeld, die voor de rest nergens ter wereld werden gebruikt. Zodoende werden hier nooit topwedstrijden gespeeld. Als er vijftig mensen kwamen kijken, was het druk. Door de Spelen van 1928 pasten de Nederlandse hockeyers zich echter aan de internationale standaard aan en haalden zelfs de finale. Zo’n veertigduizend toeschouwers– in 2012 nog steeds een recordaantal bezoekers voor een hockeywedstrijd in Nederland! – zagen hoe de wonderhockeyers uit Brits-Indië deze probleemloos wonnen. En ook op straat was de sport definitief doorgedrongen,constateerde het socialistische dagblad Voorwaarts: ‘De Amsterdamsche straatjeugd is zich voor het hockey gaan interesseren.’En dat allemaal in maar twee weken…

The First game of the IX Olympiad

Het Olympisch hockeytoernooi van 1928, © OSA The Olympic hockey tournament, 1928, © OSA

The very first sports event held in the Olympic Stadium was a hockey match: on the 17th of May the Netherlands beat France in the opening match of the Olympic hockey tournament. Hockey and football were the only sports being played before the official opening ceremony on the 28th of July. Dagblad Het Centrum wrote of a historic moment: ‘Just after three o’clock the French and Dutch teams come onto the field. They are the first Olympic athletes to step onto the Olympic field and are greeted with loud applause. The first game of the IXOlympiad has begun!’ This hockey tournament symbolized a significant breakthrough for the sport in the Netherlands. Until 1926 nobody was truly interested in hockey, mainly because the Dutch teams played by their own rules which were not used anywhere else in the world. This meant professional matches were almost never played here. The Games of 1928 however, forced the Dutch players to adjust their game to the international standard and surprisingly, they even went on to make the final. Approximately forty thousand spectators – in 2012 this remains a record for the number of spectators at a hockey match in the Netherlands! – watched the outstanding British-India team effortlessly win the final. The sport was also becoming a part of public life, so noticed the socialist newspaper Voorwaarts: ‘The youth on the streets of Amsterdam has become interested in hockey. ’And all that in a mere two weeks… Toegangsbewijs staanplaats voor Hockey, © QOSM Hockey - ticket for standing platform, © QOSM


Voetbal: ‘ De nacht van Uruguay’ Nederland verheugde zich in 1928 vooral op het voetbal, maar helaas koppelde prins Hendrik Nederland tijdens de loting aan Uruguay, de heersend olympisch kampioen. Iedereen wilde deze wedstrijd zien, wat tijdens De Nacht van Uruguay zorgde voor grote gevechten in het centrum van Amsterdam. De ellende begon op 27 mei, een dag voor de voorverkoop, toen de eerste belangstellenden zich in een rij opstelden in de Vijzelstraat, de enige (!)plek in heel Nederland waar kaartjes werd verkocht. Het werd ronduit chaotisch toen ’s nachts de kroegen sloten en ‘minder gunstige elementen’ opdoken. ‘De politie had handen vol werk,’ zag de N.R.C. ‘Nog erger werd het toen de hooglampen om de andere, zooals ’s nachts gebruikelijk is, werden gedoofd. De Vijzelstraat kwam in het half-duister. Dezen bovengenoemden elementen was dit een kolfje naar de hand. Zij drongen zich tusschen de wachtende in, waardoor kloppartijen ontstonden.’ De hele nacht werd er gevochten op de Vijzelstraat. ‘De straten waren een augiusstal gelijk.’ De kaarten waren uiteindelijk in een half uur uitverkocht. Nederland verloor van Uruguay, dat uiteindelijk tegen Argentinië de titel won. Niet na één finale, maar na twee, omdat het in 1928 nog de gewoonte was om na een gelijkspel geen strafschoppen te nemen, maar een replay te organiseren. Fijn voor de organisatie, want beide finales waren uitverkocht.

Football: ‘ The night of Uruguay’ Holland was especially looking forward to the football in 1928, but unfortunately Prince Hendrik pulled Uruguay as the Netherlands’ opponent during the preliminary draw of the pool. This draw led to extensive upheaval and brawls in the center of Amsterdam. The trouble began on the 27th of May, a day before the early ticket sales, when the first fans started lining up along the Vijzelstraat, the only (!) location in the whole of the Netherlands where tickets were sold. The chaos truly broke loose when it was decided to close the bars and the football fans started spreading through the streets. ‘The police had their hands full,’ the NRC newspaper noted. ‘The situation worsened when the street lights, as was normal at night, were turned off. The Vijzelstraat was now bathed in darkness. These factors together made it easy for trouble makers to push their way into the crowd and cause riots.’ All night there was fighting on the Vijzelstraat. ‘The streets likened a barnyard.’ The tickets were sold out within half an hour. The Netherlands lost to Uruguay, who ended up winning the final against Argentina. Not after one final, but after two, because in 1928 it was still the rule that a draw was followed not by a penalty shout-out, but a replay. Great news for the organization as both matches sold out completely.

Opstootjes tijdens de kaartverkoop voor de voetbalfinale, © OSA Agitation during ticketsale for the final football match, © OSA

24


Atletiek Eén van de grootste sporters van 1928 was Paavo Nurmi, de langeafstandloper uit Finland, die in de twee voorafgaande Spelen maar liefst acht olympische titels had gewonnen.‘Overal zoekt men naar Nurmi,’ schreef dagblad De Eemlander daarom, ‘den superathleet, dien men in Nederland nog nimmer heeft gezien.’De supporters konden alleen lang zoeken, want Nurmi was bijzonder mensenschuw. Nadat hij in Amsterdam zijn negende- en tevens laatste - gouden medaille had gewonnen, rende hij hard weg om uit handen te blijven van fotografen en supporters. Tijdens die atletiekwedstrijden ontsnapten de Spelen nog aan een vliegramp. ‘Een vliegtuig bleef laag boven het Olympisch Stadion cirkelen,’ schreef de Nieuwe Rotterdamsche Courant, ‘en verwijderde zich dan weer stadwaarts.’Het leek wel alsof de piloot in het stadion wilde landen, om na een half uur neer te storten in een nabijgelegen weiland. ‘Den Marathontoren’, meldde Het Vaderland, ’die gistermiddag hel brandde, heeft hij voor den lichttoren van Schiphol aangezien.’ Het olympisch vuur zorgde voor de verwarring, net als de atletiekbanen die er vanuit de lucht als landingsbanen uitzagen. De vijf passagiers bleven allen ongedeerd.

Track and Field One of the greatest sports legends of 1928 was Paavo Nurmi, the long distance runner from Finland, who had won a spectacular eight medals during the previous two Games. ‘Everyone is on the lookout for Nurmi,’ wrote the De Eemlander newspaper, ‘the super athlete, who has never before been seen in the Netherlands.’ Fans and supporters would find it difficult to lay eyes on him however, as Nurmi was notoriously shy. After he won his ninth and also last gold medal in Amsterdam, he quickly fled to avoid the photographers and fans. During the athletics competition the Games avoided an aerial disaster. ‘An aircraft circled low over the Olympic Stadium,’ wrote the NieuweRotterdamsche Courant, ‘and then moved off towards the city.’ It appeared the pilot had wanted to land in the stadium, only to crash in a nearby paddock half an hour later. ‘He mistook the Marathon Tower, which was burning brightly yesterday, for the command tower at Schiphol airport.’ The Olympic flame caused confusion, just like the athletic tracks which resembled landing strips from the air. The five passengers all remained unharmed.

Sportlegende Paavo Nurmi in aktietijdens, © OSA Sports legend Paavo during his race, © OSA

Nurmi

Passe Partout voor de atletiekwedstrijden in het Olympisch Stadion, © QOSM Olympic Stadium - season's ticket for athletics, © QOSM


Zwemmen: Johnny Weismuller en ’Zus’ Braun De beroemdste sporter van de Amsterdamse Spelen was de Amerikaanse zwemmer Johnny Weismuller – later ook bekend geworden als Tarzan in de gelijknamige film. In 1928 zwom hij moeiteloos enkele olympische records, zoals de Nieuwe Rotterdamsche Courant zag: ‘Weismuller deed het kalm aan. Desondanks ging het Olympisch record er met twintig seconden aan.’ Ook elders in Amsterdam deed Weismuller van zich spreken. Voor de grap zwom hij in een zwembad bij het Leidseplein honderd meter en stapte met een wereldrecord op het droge. ‘Daar dit record echter niet officieel is opgenomen, kan het niet als zoodanig worden erkend en gehomologeerd.’ Bij de vrouwen zorgde Maria ‘Zus’ Braun voor een Nederlands succes met een gouden medaille. Haar coach was haar bloedeigen moeder ‘Ma’ Braun, die met een genadeloos fanatisme langs de kant stond.‘Ze loeit,’ stond in een wedstrijdverslag, ‘knielt, staat weer op, stampvoet, wordt geel, groen, paars.’ Juist dit fanatisme zorgde later voor een breuk tussen moeder en dochter, waarna ‘Zus’ niets meer van de zwemsport wilde weten. Met niemand sprak ze erover, zelfs niet met haar eigen kinderen. Hoe dan ook blijft Zus Braun de eerste Nederlandse vrouw, die een individuele olympische titel won.

Swimming: Johnny Weismuller and 'sis' Braun The most famous athlete at the Amsterdam Games was the American swimmer Johnny Weismuller – who later became known as Tarzan in the first Tarzan film. In 1928 he swam a number of Olympic records with seemingly no effort at all, as observed by the Nieuwe Rotterdamsche Courant: ‘Weismuller took it easy. And yet he still managed to beat the Olympic record by twenty seconds.’ Weismuller also popped up in other locations around Amsterdam. For fun he decided to swim a hundred meter race in a swimming pool near Leidseplein and climbed out of the pool with a world record. ‘As this record was not officially recorded, it cannot be recognized and honored as such.’ In the women’s competition, Maria ‘Sis’ Braun achieved Dutch success with a gold medal. Coached by her very own mother ‘Ma’ Braun who cheered her on from the sidelines with ruthless fanaticism. ‘She screeches,’ stated a report of the game, ‘kneels, then gets back up, stomps her foot, turns yellow, purple and then green.’ This fanaticism ultimately caused the mother daughter duo to split, after which ‘Sis’ wanted nothing more to do with the sport. She never spoke of it again, not even with her own children. Despite it all, sis Braun remains the first Dutch woman to ever win an individual Olympic title.

Schoonspringen, in het tijdelijkezwembad naast het Olympisch Stadion, © OSA Temporary diving pool next to the Olympic Stadium, © OSA

Persaccreditatie voor het zwemstadion, © QOSM Swim stadium - ticket for press, © QOSM


Turnen Het turnen was in 1928 nog gewoon in de buitenlucht op het heilige gras van het Olympisch Stadion. De Nederlandse vrouwen wonnen zelfs een gouden medaille – een prestatie die pas in 2012 werd geëvenaard door Epke Zonderland. Coach Gerrit Kleerekoper kreeg daarna een eigen radioprogramma met gymnastieklessen voor de luisteraars. Hiermee zette hij als eerste de trend van lichaamsbeweging via radio of tv. Veel van deze turnsters, én Kleerekoper, waren joods en werden in de Tweede Wereldoorlog vermoord in de concentratiekampen. Het is een gruwelijke lijst: Estella Blits - Agsteribbe (1909 – 1943), met man en twee kinderen vermoord in Auschwitz Anna Dresden - Polak (1906 – 1943), met dochter vermoord in Sobibor, haar man sterft in Auschwitz Helena Kloot - Nordheim (1904 – 1943), met man en dochter vermoord in Sobibor Judik Themans - Simons (1904 – 1943), met twee kinderen vermoord in Sobibor Gerrit Kleerekoper - (1897 – 1943), met vrouw en twee kinderen vermoord in Sobibor In de zomer van 2012 spoorde The Financial Times de Italiaanse turnster Carla Marangoni op, de laatste nog levende deelnemer van Amsterdam 1928. Pas toen hoorde zij van het lot van de joodse turnsters: “Dat wist ik echt niet”, zei ze na een lange stilte. “Wat een tragedie.”

Gymnastics Gymnastics in 1928 was still performed outdoors on the sacred grass of the Olympic Stadium. The Dutch women even won a gold medal – an accomplishment only equaled by Epke Zonderland in 2012. The women’s coach Gerrit Kleerekoper started his own radio program after the Games offering gymnastics lessons to his listeners. He was the first to spread the trend of physical exercise via radio or television. Many of the gymnasts of the national team, as well as Kleerekoper, were Jewish and were murdered in the concentration camps during the Second World War. It is a horrifying list: Estella Blits - Agsteribbe (1909 - 1943), murdered in Auschwitz with husband and two children Anna Dresden - Polak (1906 - 1943), murdered with daughter in Sobibor, her husband died in Auschwitz

Helena Kloot - Nordheim (1904 - 1943), murdered with husband and daughter in Sobibor JudikThemans - Simons (1904 - 1943), murdered with two kids in Sobibor Gerrit Kleerekoper (1897 – 1943), murdered with wife and two children in Sobibor In the summer of 2012 The Financial Times tracked down the Italian gymnast Carla Marangoni, the last living participating athlete in the Amsterdam Games of 1928. After she heard the fate of the Jewish gymnasts she said: “I really had no idea”, after a long silence. “What a tragedy.”

Gymnastiek – Algemeen reglement voor de Olympische Spelen 1928, © QOSM Gymnastics - general rules for the Olympic Games 1928, © QOSM


Credits: 1928 Olympic Games: collection connection from Qatar to Amsterdam, 25th November 2012 to 31th of January, 2013 Amsterdam Olympic Stadium / Olympic Experience Hans Lubberding, Director Carla de Groot, Deputy director Michelle Faasen, Head Communications & Marketing Bianca Hamer, Producer Olympic Experience Jurryt van de Vooren, Sports Historian Qatar Museums Authority H.E. Sheikha Al Mayassa Bint Hamad Bin Khalifa Al Thani, Chairperson Edward Dolman, Executive Director Mansoor Al Khater, CEO Qatar Olympic & Sports Museum Dr. Christian Wacker, Director Hans-Dieter Gerber, Deputy Director – Curatorial and Collections Hessa Al Ali, Senior Graphic Designer Christian Sánchez, Graphic Designer Jens Hünefeld, Head of Collections

The Team: Ali Salat, Amal Al Mannai, Andreas Amendt, Anita Schulze, Eiman Al Maadhadi, Eman Alsofiany, Hamda Al Mohannadi, Luis Henrique Rolim Silva, Maha Al Awadi, Mai Al Nesf, Mayi Al Mohammadi, Mohamed Al Jaber, Mohamed Mubarak Al Eidan, Mohammed Farid, Rafia Al Abdulla, Shk. Reem Al Thani, Sahar Hossny, Yousef Khacho

Texts English: Olympic Stadium Amsterdam

Texts Dutch: Olympic Stadium Amsterdam, with many thanks to Jurryt van de Vooren

Loans and Images: Qatar Olympic & Sports Museum / Qatar Museums Authority Olympic Stadium Amsterdam / Olympic Experience Amsterdam With special thanks to all colleagues from Amsterdam Olympic Experience and Qatar Museums Authority involved in the project!


Brochure expo Amsterdam 1928