Page 1

www.nkbv.nl | september 2011 | NR 4

Hoogtelijn BERGSPORTM AGA Z I NE VA N DE KON I NKL I J KE NE DERL A N D SE KL I M - EN BERGSPORT VEREN IGI NG

 Test: gps rijn n a v r e i g o r interview:

Ardennen bergsport dichtbij Basiskamp berchtesgaden


Bever is dé specialist voor iedereen die actief buiten wil genieten.

De bergen in, de hellingen af of de wandelpade n op? Bij ons kun je niet alleen terecht voo r schoenen, rugzakken en kleding, maar ook voo r klimmaterialen en kampeerartikelen. Kijk op www.bever.nl en bezoek één van onze 34 winkels!


>>> inhoud >>> hoogtelijn 4 2011 >>> Actueel 6 8 15 17 27 46 48 53

De NKBV voor jou Op de Hoogte Mijn berghut, jouw berghut Accent: Belgische Ardennen Klettersteigen bij de buren Focus Interview: Rogier van Rijn Een hommage aan Ronald Naar 85 Toppers 88 Recensies & Signalementen 90 Vooruitblik

17 Belgische ardennen

Bergwandelen 18 W  andeltochten vanuit de Tukhut 22 Bubbels op het Dak van België

18

Sportklimmen

Tukhut

34 Wij de lusten, zij de lasten 40 ‘Klimmers zijn nogal bourgeois’ 60 Zo beleefde Truong de worldcup boulder 64 Speedklimmen

Uitvalsbasis voor treinwandelaars

Techniek & Veiligheid 42 Wie zet die strepen? 74 Levensduur bergsportmateriaal

Uitrusting 78 Test: gps’en 84 Markt & Materiaal

En verder 30 Klimmen onder de grond 66 Mountainbiken in de Dolo’s 70 Basiskamp Berchtesgaden

meer informatie? kijk op: www.nkbv.nl www.hoogtelijn.nl www.twitter.com/nkbv

48

60

‘Het hoeft niet allemaal heel heftig te zijn’

Truong Ngo’s worldcup boulder in Eindhoven

Interview met Rogier van Rijn


hoogtelijn 4 2011 >>> redactioneel > Stilte

42 Wie zet die strepen?

NKBV ondersteunt infrastructuur Alpen

53 Ronald Naar’s meest markante tochten

78

Binnen enkele weken na een nieuwe Hoogtelijn ontving ik steevast een email van Ronald Naar met op- en aanmerkingen op de recente uitgave. Ronald was altijd kritisch, maar tegelijkertijd inspirerend. Hij wees genadeloos op missers (benedenmaats, bedenkelijk niveau), discussieerde over de aanpak van bepaalde artikelen (niet zinvol), maar was ook enthousiast (waardevol, fantastische foto’s, terechte kanttekeningen). Ruim dertig jaar heb ik Ronald gevolgd vanaf zijn eerste expedities. Hij was toen nog een jonge hond met wilde haren. Hij kon onredelijk uit de hoek komen, fel en zonder veel nuance. Maar wel duidelijk. Je wist wat je aan hem had. Van zijn kant accepteerde hij onderbouwde kritiek op zijn boeken en optredens en zo groeide een goede verstandhouding waarbij ik me niet in het pro- noch in het anti-Naar kamp liet dwingen. Na mijn aantreden bij Hoogtelijn spraken we uitvoerig over het blad, over zijn gedachten daarover, over de bergsport. Zeker, ook daarbij bereed hij zijn stokpaardjes en ventileerde hij zijn antipathie en sympathie voor bepaalde mensen en zaken. Hoogtelijn bleef hij positiefkritisch volgen. Nog steeds als een jonge hond, nu niet meer met wilde haren. Hij gaf tips en ideeën, stelde foto’s ter beschikking, mailde honderd keer over een verhaal over hoogteziekte en de gevolgen daarvan op langere termijn. Hij wilde daar veel tijd in steken, wilde zijn eigen hoofd onder de scanner leggen, maar verlangde wel plaatsingsgarantie. ”Dat niet straks iedereen daar eerst zijn plasje over moet doen”, verzuchtte hij. Nee, Ronald, jij krijgt de ruimte. Van dat verhaal is het niet meer gekomen. En zijn tweemaandelijkse mail met reacties blijft voortaan helaas ook achterwege. Dat is stil.

Peter Daalder Hoofdredacteur Hoogtelijn peter.daalder@hoogtelijn.nl

Test: gps’en Handige navigatiehulpjes

Wandelen en klimmen in de Belgische Ardennen bij Pont à Lesse. Foto: Eric de Haan, Mountain Network hoogtelijn 4 -2011 |

5


DE NKBV VOOR JOU ^^^ DE N Ledenvoordeel Meer richting geven aan je bergsportavonturen

Koop de best geteste Garmin GPSMAP 62st en krijg een gratis gps-workshop In deze Hoogtelijn vind je een gps-test. Schaf je via de NKBV de testwinnaar aan, de Garmin GPSMAP 62st, dan krijg je een gps-workshop cadeau. De workshops worden op vier locaties in Nederland gegeven. Na afloop van een leerzame dag kun je met je nieuwe aanwinst je plaats bepalen, routes uitzetten, waypoints maken en nog veel meer! Kortom, je kunt nog meer richting geven aan je bergsportavonturen. Kijk voor een volledige beschrijving en voorwaarden van deze actie op www.nkbv.nl/actie

UITGELICHT Mee op Adventure Climbing? Kun je buiten 5a voorklimmen op boorhaken en wil je ervaren wat Adventure Climbing is? Ofwel voorklimmen op zekeringen die je zelf plaatst met nuts, friends en schlinges? En standplaatsen maken en gebruik maken van zandlopers en blokken? Wil je een aantal touwlengtes klimmen in semi-behaakte gebieden? Dan is de cursus Adventure Climbing van de regio Gelderland iets voor je. De cursus wordt een keer gehouden in kalkzandsteen en een keer in granietrotsen. Volgens Niels Wagemaker van de regio is Adventure Climbing “het ultieme klimmen. Ik hoef niet per se op het maximum van mijn kunnen te klimmen. Het gaat om de controle. In de cursus worden de cursisten ook geconfronteerd met beheersing van angst, het realiseren van potentiĂŤle gevaren, het belang van goed zekeren en het touwverloop bij adventure climbing. In de cursus worden maximaal drie deelnemers gekoppeld aan ĂŠĂŠn NKBV-instructeur. De data, waarbij op campings overnacht wordt, zijn 1-2 oktober in Ith en 15-16 oktober in de Harz of Ettringen. Kosten 130 euro voor twee weekends plus vervoer. Meer info via klimmen@nkbvgelderland.nl Ook bij andere regio’s kun je klimcursussen volgen: kijk op www.nkbv.nl

Wij willen het versturen van papier, waaronder acceptgiro’s, zoveel mogelijk beperken. Beter voor het milieu en kostenbesparend (zo houden wij de contributie laag). Trek de stoute schoenen aan! Ga naar www.nkbv.nl/actie, kies voor automatisch incasso en maak kans op een paar Keen Targhee schoenen t.w.v. ₏ 129,95.

ACTIE

6|

hoogtelijn 4 -2011

Heb jij bluff voor een limited edition NKBV-buff

Speciaal voor leden hebben wij een NKBV-buff laten maken. In een beperkte oplage en in twee kleuren (blauw en zwart), inclusief een opdruk van het NKBV-logo en de tekst ‘Beter de bergen in met de NKBV’. In de winkel kost deze Buff â‚Ź 14,95. NKBV-leden kunnen deze Limited edition met meer dan 30 procent korting in de NKBV-webwinkel aanschaffen. Wie het eerst komt, wie het eerst maalt. Ga snel naar nkbv.nl/webwinkel en bestel de NKBV-buff voor maar â‚Ź 9,95!

Met de Franse slag boulderen met Ferdinand Schulte in Fontainebleau De ĂŠĂŠndaagse boulderworkshop in Bussum is een leerzame introductie, maar met de driedaagse boulderworkshop van Ferdinand Schulte in het bouldermekka van de wereld, Fontainebleau, ga je er meteen helemaal voor. Dit Franse paradijs voor boulderaars is zeer toegankelijk voor elk niveau en uiterst geschikt om je klimtechniek te verfijnen en kennis te maken met de verschillende aspecten van het boulderen. De workshops vinden plaats in het weekend van 9 september en van 7 oktober. Meer informatie en boeken via: www.nkbv.nl/sportklimmen

De winter in met de NKBV

Bij deze Hoogtelijn vind je het winterprogramma van de NKBV. Toerlanglauftochten maken in Finland, zelfstandig leren toerskiÍn/toerboarden of sneeuwschoentochten maken in de Alpen. Geef een nieuwe dimensie aan je bergsportpassie. Ga je toch liever klimmen? Dat kan natuurlijk ook. Wat te denken van watervalklimmen in het Stubaital in Oostenrijk of een sportklimcursus in Spanje‌

Het NKBV-ledenpanel: jouw stem telt

n& Reizue en curs

2012 rjaar r-voo winte

tkamp rgspor pen nterbe lo *Wi uwschoen ee *Sn skiĂŤn er *To ride ee en *Fr langlauf chten er to *To mde voet ee *Vr tklimmen or *Sp

elingt Afwi r in he

en sf ortkamp erbergsp wint

skriĂŤnn Toikeenrn top re

s wiÂ?e smeÂ?elÂ?

r n De nat en met je voetsc hoenen snuw portreizen.indd

2011-A5-bergs

1

De NKBV is er voor haar leden. Daarom zijn we begin september met een ledenpanel gestart. Daarmee willen wij de leden meer betrekken bij de ontwikkeling van onze diensten en producten. Een representatieve groep is uitgenodigd om deel te nemen. Zij worden zo’n vijf keer per jaar gevraagd een online enquête in te vullen. Die kan bijvoorbeeld gaan over favoriete klim- en bergsportbestemmingen, interesse in onze activiteiten of meningen over bestaande en te ontwikkelen diensten en producten. De resultaten van de ledenpanelonderzoeken worden gebruikt om continu te evalueren of we op de goede weg zitten en blijven aansluiten bij de behoeften van onze leden.

8/17/11

9:55 AM


NKBV VOOR JOU ^^^ DE NKBV VOOR JOU ^^^

De 55.000 leden van de NKBV delen een passie met elkaar: de liefde voor de bergen, het hele jaar door, een leven lang. Als lid van de NKBV heb je veel voordelen. Zo krijg je korting in meer dan 2000 hutten in de Alpen, ben je met de voordelige NKBV-bergsportverzekering verzekerd als je wandelt, klimt of skiet en ontvang je vijf maal per jaar het prachtige magazine Hoogtelijn. Daarnaast helpt de NKBV je om op een goede en veilige manier de bergsport uit te oefenen met cursussen en bergsportreizen, en ook met actueel veiligheids- en materiaaladvies. Dichtbij huis is de NKBV eveneens actief. Binnen de regio’s en in de sectie 50+ wordt een scala aan activiteiten georganiseerd. In samenwerking met klimcentra vinden er ieder jaar meerdere wedstrijden plaats en kun je als NKBV-lid vaak met korting klimmen. De NKBV biedt niet alleen voordelen voor jezelf. Je ondersteunt met je lidmaatschap ook het onderhoud aan paden en hutten in de Alpen, waarmee je een bijdrage levert aan het behoud van dit bijzondere gebied. Passie voor bergsport begint bij de NKBV. Daarom ben je lid!

Nog geen lid? Ga naar www.nkbv.nl/aanmelden

najaar 2011 NKBV-workshops

Altijd zelf lekker bezig geweest, en ben je nu toe aan de volgende stap? Ook in het najaar kun je bij de NKBV workshops volgen. Er zijn workshops voor beginnende trailrunners, mountainbikers, boulderaars, bergwandelaars en gps-gebruikers.

September 17

Workshop Boulderen in Bussum met Ferdinand Schulte 16 t/m 18 Workshop Bergwandelen in de Ardennen 23 t/m 25 Workshop Mountainbiken in de Ardennen i.s.m. NTFU

Oktober

Workshop Trailrunning op de Utrechtse Heuvelrug 22 t/m 23 Workshop GPS & Oriëntatie in de Ardennen 9

November

Ééndaagse gps-workshops op verschillende dagen Data onder voorbehoud, kijk voor meer informatie op www.nkbv.nl/workshops

De NKBV bij jou in de buurt: bergsport in de regio In contact komen met mensen die, net als jij, gek zijn van de klim- en bergsport? Dat doe je door deel te nemen aan activiteiten binnen de NKBV-regio’s. Zij organiseren lezingen, workshops, klimweekends, cursussen en wandel- of mountainbiketochten. Voor een overzicht en meer informatie over onze regio’s: kijk op www.nkbv.nl/nkbv/regio’s

Erop uit met leeftijdgenoten Binnen de NKBV zijn twee secties actief die activiteiten organiseren voor leeftijdgenoten, de sectie studenten en de sectie 50+. De sectie studenten vertegenwoordigt de studerende klimmers en alpinisten in Nederland. De NSAC (Nederlandse Studenten Alpen Club) biedt een zomer- en winterprogramma, leuke weekends, sportklimcursussen en wedstrijden. De sectie 50+ heeft prachtige wandelingen, meerdaagse activiteiten, klimweekends en speciale bergsportreizen in het aanbod. Meer informatie over deze secties vind je op www.nkbv.nl/nkbv/secties

Adembenemende zwerftochten

Zo mooi is onze omgeving! Met de zwerftochten te voet door onder meer Nederland, de Ardennen, Duitsland en Frankrijk kom je op bijzondere plekken die je de adem even benemen. Indrukken om nooit meer te vergeten. Het aanbod bestaat uit

vele één- en meerdaagse tochten. Voorop staat gezelligheid, natuurschoon, kamperen, je lekker inspannen en ontspannen. Meer informatie over de zwerftochten vind je op zwerftochten.nkbv.nl

Heerlijk nazomeren in onze eigen berghut in de Ardennen Een weekend wandelen in het heuvelachtige landschap van de Ardennen? Dat kan vanuit onze eigen ‘berghut’. Net zoals in de Alpen slaap je op een ‘lager’. Er staat een keuken tot je beschikking waarin je zelf kunt koken, maar op loopafstand bevinden zich ook diverse restaurants. De Tukhut is elk weekend en tijdens de vakanties geopend. NKBV-leden betalen slechts € 7,- per nacht (kinderen € 4,-). introducés kunnen - tegen geringe meerkosten - mee. Kijk voor informatie op www.tukhut.nl hoogtelijn 4 -2011 |

7


+++ Op deOp dhoogte +++ op de hoogte +++ e Hoogte, uws voor jn.nl

Jelle Staleman is vanaf maandag 4 juli officieel aspirant-berggids. Staleman begon eerder dit jaar aan de berggidsenopleiding in Oostenrijk, die hij tot nu toe moeiteloos heeft doorlopen. Als alles goed gaat, mag hij zich over een jaar berggids noemen. Staleman, die in 2008 deelnam aan de Norit K2-expeditie onder leiding van Wilco van Rooijen, was al Staatlich geprüfter Schilehrer – de hoogste kwalificatie voor ski-instructeurs in Oostenrijk. Deze winter wisselde hij cursusperiodes van de gidsenopleiding af met zijn werk als skileraar.

Nederlandse klimmers omgekomen De 28-jarige alpiniste Marian Michielsen is 11 juli omgekomen bij de afdaling van de Dreieckhorn (3810 meter) in het Zwitserse Wallis. Zij maakte deel uit van een groep van vier klimmers die via de Dreieckhorn onderweg was naar het Mittelaletschbivak. Het viertal moest tijdens de afdaling abseilen bij een steil sneeuwveld. Door onbekende oorzaak kwam Michielsen nog voor het abseilen ten val. Een 28-jarige teamgenoot die al beneden stond, probeerde haar val te breken, maar werd daarop zelf tweehonderd meter meegesleurd. Hij is door de bergredding in kritieke, maar niet levensbedreigende toestand overgebracht naar het ziekenhuis in Bern. Op 10 augustus is de 55-jarige Ad van den Eeden om het leven gekomen bij een val van 200 meter op de Mönch in het Zwitserse Berner Oberland. Hij was alleen onderweg op de berg en gleed uit in de afdaling, aldus een zegsman van de politie in de Basler Zeitung van 11 augustus.

Start Nederlandse wandelgidsenopleiding Dit najaar start de eerste Nederlandse opleiding tot International Mountain Leader (IML). Deze IML’s – of in gewoon Nederlands: wandelgidsen – worden opgeleid om groepen of individuen te begeleiden bij bergsportactiviteiten waarbij geen alpiene technieken worden toegepast. Dan gaat het bijvoorbeeld om bergwandelen, trekking en sneeuwschoenlopen. Net als de UIAGM-opleiding voor berggidsen is de IML-opleiding internationaal erkend. Het belangrijkste verschil met UIAGM-berggidsen is dat wandelgidsen geen klanten aan touw meenemen, hooguit in noodsituaties. Tot nu toe waren geïnteresseerden aangewezen op de opleidingen in de Alpenlanden. Zo heeft Anne van Galen, met wie een interview in Hoogtelijn 20011/3 staat, haar opleiding genoten in Zwitserland. Meer informatie: www.nlaiml.org

8|

Topklimmers Roland Bekendam en Hans Lanters beklommen deze zomer drie bijzondere, weinig herhaalde routes in de Dolomieten: de 1050 meter hoge noordwand van de Langkofel, de noordwest wand van de derde Sellatoren en de middenpijler op de Heiligkreuzkofel. Bekendam en Lanters begonnen hun avontuur met de noordwest kant (RabanserComploi) op de derde Sellatoren (350 m, ED, VII-). De volgende dag klom het tweetal de noordwand van de Langkofel via de zogeheten Solda route (ED, VI). Volgens de twee klimmers wordt die route niet vaak geklommen, mede omdat het bovenste deel bestaat uit tiental lastige touwlengtes met weinig zekeringsmogelijkheden en soms zeer losse rots. “In de hele route zitten slechts twintig haken en een terugkeer of ontsnapping uit de route is niet mogelijk”, schrijven zij. “We hebben veel respect voor [eerstbeklimmers] Solda en Bertoldi, die deze route in 1936 openden met viltzolen-schoenen en zware en weinig sterke hennep touwen, die direct om het middel werden gebonden”, voegen ze daaraan toe. Op de laatste mooiweerdag van hun trip beklommen Bekendam en Lanters de Mittelpfeiler op de Heiligkreuzkofel, in combinatie met de zogeheten Mayerl Verschneidung (550 m, ED, VII). “De Mittelpfeiler is door Reinhold en Günther Messner in 1968 geopend, en bevat de beroemde Messner-platte, een stevige 7a die door Reinhold Messner op zware bergschoenen vrij beklommen zou zijn. Wij zelf hebben de Mariacher variante (6b+) genomen die deze ongezekerde plaat omzeilt. Zelfs op moderne klimschoentjes zijn wij geen Messner…”

am

Jelle Staleman aspirant-berggids

Bijzondere beklimmingen in de Dolomieten

©Roland Bekend

eli Heb je nie gte@hoogt o o h e d p O ar l. mail het na atie@nkbv.n ic n u m m o c rden en/of naar ogtelijn wo o H e z e d ie in Alle links d k vinden op o o je n u k jn genoemd er Hoogteli d n o l .n jn li te . www.hoog oudsopgave h in e d p o v.nl 4/2011. Klik p www.nkb o s w u ie n g Meer ber

Hans Lanters geniet van de brokkelige rots bovenin de route.

p e o r p o Jouw favoriete tocht Wat is jouw favoriete bergtocht? Dat wil de redactie van Hoogtelijn graag weten! Volgend jaar is het 110 jaar geleden dat de Nederlandsche Alpen Vereeniging werd opgericht. Dat gaan we vieren met 110 toptochten in de bergen. Toptochten die top zijn omdat leden dat vinden en niet omdat ze met tien sterren in een gidsje staan. Daarvoor hebben we wel jouw hulp nodig. Vul het formuliertje in op www.hoogtelijn. nl. We willen van je weten om wat voor soort tocht het gaat: wandelen, rotsklimmen, toerskiën, klettersteigen, trailrunning, ijsklimmen enzovoorts; de locatie; de duur en waarom jij de tocht tot je toppers rekent. Op basis van de inzendingen maakt de redactie een selectie. Voor de tochten die in Hoogtelijn 2012/2 en op het web worden gepubliceerd, neemt de redactie contact op met de inzenders.

hoogtelijn 4 -2011 | tekst onder redactie van Ernst Arbouw


Op de hoogte +++ op de hoogte +++ op Mick Fowler.

Mick Fowler op Bergsportdag De Britste extreemklimmer en belastinginspecteur Mick Fowler is één van de gasten op de Bergsportdag 2012, die wordt gehouden op 5 februari. Fowler is al meer dan drie decennia een van de meest grensverleggende expeditieklimmers van de wereld. Daarnaast opende hij in Groot Brittannië een groot aantal zware rotsroutes en watervallen. Fowler, die in het dagelijks leven werkt als Assistant Director of Capital Taxes bij de Britse belastingdienst, schreef verschillende boeken over zijn tochten, waaronder het prachtige genaamde Vertical Pleasure: The Secret Life of a Tax Man.

Klimcompetitie voor scholen De SchoolKlimCompetie gaat weer van start. Dit is de gelegenheid om te bewijzen dat jouw school de sterkste klimmers van de stad telt. Basisscholieren uit de groepen 7 en 8 kunnen meedoen aan de competitie, maar dan moeten ze wel eerst hun meester of juf zo gek krijgen de SchoolKlimCompetitie naar hun school en gemeente te halen. Hoe dat moet, dat kun je lezen op de NKBV-website. Voorrondes worden per school geklommen op de mobiele klimtoren op het eigen schoolplein. Vervolgens vormen de zes beste klimmers een team dat het in de plaatselijke klimhal zal opnemen tegen andere schoolteams uit de gemeente. Kijk voor de details op www.nkbv.nl/sportklimmen/jeugd.

Nieuwe bivakhut op Zugspitze Het oude bivakhutje op de Jubiläumsgrat van de Zugspitze (2962 meter) is deze zomer vervangen door een gloednieuw exemplaar. Het nieuwe, knalrode bivak meet zes bij tweeëneenhalve meter en is bijna drie meter hoog. De nieuwe hut is een geschenk aan de zustervereniging DAV van bergschoenfabrikant Hanwag, die daarmee het negentigjarig bestaan van het bedrijf luister bijzet. Meer over de nieuwe hut is te vinden op de site van DAV Sektion München, via tinyurl.com/3f33hkg

3D X-games Kijk, kijk. Lees dat eens. Zegt Jorg Verhoeven me daar dat het klimmen als wedstrijdspo rt niet op de Olympische Spelen thuishoort. De Olym pische disciplines, die vormen een familie, een groe p van sporten waar (vrij naar Jorg) de bejaardh eid vanaf spat, ook al doet het IOC zijn uiterste best om het half pipe snowboarden en de fietscross op de kalender te krijgen. Dat zijn de hippe, ‘jon ge’ sporten, gericht op snelheid en exposure, waar de winnaar wegwandelt om een back to back double cork op de video te zetten. Wel, het IOC doet z’n best, maar is leadklimmen Olympisch? Dat is de misv atting, waar Jorg op wijst. Dat gevoel is er simpelweg niet. Ook gemerkt dat we in een computerrevo lutie leven? Een absoluut unieke tijd? Dat communic atie wezenlijk aan het veranderen is – zoals eige nlijk alles? Een wereld van virtuele vriendschappen, waar jongeren zich als een vis in het water voel en? Een wereld van snelheid, kleur, actie en toch ook vriendschap, in al z’n vluchtigheid. Waar vorm het wint van inhoud, waar prestaties in ande re eenheden worden gemeten? Niet de 100 meter in 10 seconden of nog iets sneller, welnee, een 720 back flip of een dyno van 2,80 meter. Nicky de Leeuw wijs t de weg. En de weg loopt niet naar het Olympisc h rostrum, naar het platform van de fossiele spor ten, maar naar de wereld van de X-games. Naar ande re sporten met hun eigen sponsors, een stroom aan videoclips en eigen helden, in de wereld waar wij, ouder dan 30(?), geen plek meer hebben, een ande re wereld. Google maar op: X-games. Of vraag het Jorg, op z’n twitteraccount. Ivar Schute

hoogtelijn 4 -2011 |

9


©Vincent van Beek

©Vincent van Beek

Expeditienieuws

Saskia Groen op de Pik Oibala (4830 m).

Guns of Navarone.

“De droom van elke fanatieke klimmer is het maken van een eerstbeklimming,” mailt Vincent van Beek die die droom afgelopen zomer samen met Bas Visscher, Saskia Groen en Bas van der Smeede najaagde. Het is ze gelukt. Het team reisde met steun van de NKBV af naar het uiterste hoekje van het gebergte Pamir Alai in het zuidwesten van Kirgizië, dat grenst aan China. De vier zetten maar liefst zes eerstbeklimmingen op hun naam. De bergen variëren in hoogte van 4000 tot 5000 meter hoog. Het hoogtepunt van de expeditie was de beklimming van de Camakchay South Tower via de zuidpijler. Deze rotsroute volgt een mooie lijn door perfecte kalk en is genaamd Yellow Submarine. Hij krijgt de waardering: 900 meter, VII-, TD+. Het team doopte een nieuw beklommen top van 4450 meter ter nagedachtenis aan de omgekomen Nederlandse klimster Marian Michielsen: Pik Marian. Kijk verder op www.pamiralai2011.nl.

Elio Schijlen bereikte op 14 juli 2011 de top van de 8035 meter hoge Gasherbrum 2 in Pakistan. Schijlen maakte deel uit van een niet-commerciële internationale expeditie. De expeditie maakte geen gebruik van hoogtedragers en Schijlen gebruikte bij zijn beklimming geen gebottelde zuurstof. De expeditie werd onderweg geplaagd door sneeuwval die met name het traject tussen kamp 2 en kamp 3 lawinegevaarlijk maakte. Ondanks bewolking, slecht zicht, sneeuwval en harde wind bereikt Schijlen met drie Oostenrijkse teamgenoten de top. Een dag na hun succesvolle beklimming moesten de teamleden een Canadese expeditiegenoot met ernstige hoogteziekte van kamp 3 (7000 meter) transporteren naar kamp 1 en van daaruit naar het basiskamp. Expeditieklimmer Arnold Coster stond 21 mei voor de derde keer in zijn klimcarrière op de top van Mount Everest (8848 meter). Daarmee verbeterde Coster zijn eigen Nederlands record. Geen enkele andere Nederlander stond vaker dan één keer op de top

Partners van het Nederlands Team:

10 |

hoogtelijn 4 -2011

van ’s werelds hoogste berg. Het wereldrecord is in handen van Apa Sherpa die dit jaar voor de 21e keer op de top van Everest stond. Een radiofragment van Coster op de top van de Mount Everest is te beluisteren op: www.arnoldcoster.com/blog/ everest-tibet-team-summits. Eén dag voor Coster bereikte de Nederlandse klimmer Rob Meijer de top van hoogste berg ter wereld. Meijer maakte deel uit van een commerciële expeditie die de berg vanaf de Tibetaanse kant beklom. Bij zijn beklimming maakte Meijer vanaf ongeveer 7000 meter hoogte gebruik van kunstmatige zuurstof. William van Meegdenburg en Cas van de Gevel vertrokken begin juli naar Peru voor de beklimming van de 6112 meter hoge Chacaraju Ouest. Het tweetal moest de beklimming van de berg nog voor ze goed en wel begonnen waren opgeven vanwege lawinegevaar. Daarna besloot het tweetal tot een beklimming van de Taulliraju (5.830 meter) maar ook daar moesten ze nog voor het begin opgeven omdat de voorgenomen route niet in conditie was. Meer over de expeditie is te vinden op het blog van Van Meegdenburg: williamvanmeegdenburg.com/en/blog/chacaraju-ouest

©Vincent van Beek

Eerstbeklimmingen in de Pamir Alai


Red een dier, bel 1414 Niet alleen brandweermannen halen katten uit de boom, ook bergredders komen graag in nood geraakte huisdieren te hulp, meldt bergredder en fotograaf Menno Boermans vanuit Zwitserland. De alarmcentrale in het Zwitserse Wallis kreeg zaterdag 23 juli een telefoontje van een wandelaar die langs de bedding van de rivier Wysswasser in Fiesch een poes in een uitzichtloze situatie had gezien. Het beestje zat vast op een van de stenen van de kademuur, vlak boven het snelstromende water. De politie besloot uiteindelijk de bergredding van Fiesch in te schakelen. Dankzij bergredders die abseilden en via de kademuur traverseerden, kon de eigenaar na enkele uren het beestje ongeschonden in de armen sluiten. In een – vermoedelijk – ongerelateerd incident in de omgeving van Briançon kwamen bergredders een verdwaalde hond te hulp. Verschillende mensen hadden gemeld dat ze een hond hoorde blaffen boven het dorpje St Crépin in de Durance vallei. Omdat een blaffende hond mogelijk betekent dat ergens iemand in nood is, rukte de bergredding uit. Vanuit de helikopter zagen de bergredders wel een ernstig vermagerde border collie maar geen wandelaar of klimmer in nood. De hond, die door de bergredders ‘Gendy’ is gedoopt, is naar een asiel gebracht, waar hij wacht op een nieuw baasje.

Nieuw wereldrecord speedklimmen Reken even mee: als je vijftien meter aflegt in zes seconden, dan ga je 2,5 meter per seconde, ofwel negen kilometer per uur. En dat is bepaald niet slecht, voor een klimroute. De Chinese klimmer Qixin Zhong klokte de oogwaterend snelle tijd – om precies te zijn 6.26 seconden – op de vijftien meter hoge speedroute tijdens het WK sportklimmen in Arco. Daarmee heroverde hij het wereldrecord op de Rus Sergey Abdrakhmanov die twee weken eerder bij de worldcupwedstrijd in Chamonix een – bepaald niet langzame – tijd van 6.37 neerzette. Een filmpje van de speedcompetitie in Arco is te vinden via tinyurl.com/3ofrptz. Het nieuwe wereldrecord staat tussen 4.45 min en 4.52 min.

Nieuwe Aanbevolen Technieken vastgesteld

Sinds 1 juni hanteert de NKBV de zogeheten Aanbevolen Technieken, een verzameling richtlijnen voor technieken die worden gedoceerd bij NKBV cursussen. De Aanbevolen Technieken zijn de opvolger van de zogeheten Eenheid Van Instructie (EVI). Het bestuur koos voor een nieuwe naam om te benadrukken dat de richtlijn niet de “absolute klimwaarheid” is, maar een set technieken die moeten leiden tot een uniforme manier van opleiden bij NKBV-activiteiten. Meer over de nieuwe Aanbevolen Technieken is te vinden op www.nkbv.nl/NKBV/nkbvacademie/Instructeurs/aanbevolentechnieken

Aan de lijn met …… Tom Mooij Het Nederlands Team wordt steeds professioneler begeleid, mede dankzij samenwerkingen met het Centrum voor Topsport en Onderwijs (CTO) in Eindhoven en Medicort Sports & Orthopedic Care uit Utrecht dat de NKBV voorziet van een bondsarts en bondsfysio. Tom Mooij (26) is die bondsfysio. Hij begeleidde de klimmers tijdens het WK in Arco. Wie heeft sterkere vingers, de klimmers of degene die in de klimmers knijpt? “Haha, toch echt wel de klimmers hoor, en dat weet ik uit ervaring want ik heb zelf ook een aantal keren geklommen. Tijdens het WK in Arco heb ik klimschoenen gekocht want ik vind het erg leuk om te doen naast wielrennen en hardlopen, soms zwemmen en voetballen… ja… soms is het lastig keuzes maken.” Op de NKBV website staan bij het team twee fysiotherapeuten vermeld. Jij, Tom Mooij: Fysiotherapeut Medicort Sports & Orthopedic Care en Tessa van Roy: Fysiotherapeut CTO Eindhoven. Wat is het verschil tussen jullie? “Ik ben de bondsfysio van de NKBV, Tessa is een fysio die vanuit het Centrum van Topsport en Onderwijs Eindhoven (CTO) bij het team betrokken is. Omdat ik bondsfysio ben, draag ik verantwoordelijkheid voor de begeleiding bij blessures en mogelijke preventieve behandelingen. Tessa is elke week één keer aanwezig bij de teamtraining en heeft dus eigenlijk het meest directe contact met het team.” Is er veel overleg tussen jou en Tessa? “Ja, wij overleggen sowieso één keer per week over het team en de behandelingen. Daarnaast is het zo dat de teamleden onder de rivieren vaak nog voor aanvullende behandeling naar Tessa gaan en de teamleden boven de rivieren naar mij.” Jij gaat mee naar wedstrijden, wat doe je daar precies. “Ik ga mee naar de grote wedstrijden zoals het WK of het EK en naar worldcups waar veel teamleden aan meedoen. Wat ik daar doe is, vooral de spieren en gewrichten losmaken door masseren. Dit helpt bij het soepel maken als er een blessure is geweest, maar bijvoorbeeld ook bij verzuring.

Meestal behandel ik op de dag voor de wedstrijd en indien nodig ook op de wedstrijddag zelf. Het losmaken van spieren en gewrichten is het belangrijkste voor en na een wedstrijd. Soms zal ik in de isolatie nog kleine verrichtingen moeten doen zoals het tapen van een vinger of een schouder. In de isolatieruimte kom je soms ook andere fysio’s tegen van de grotere nationale teams, we hebben het dan vaak over behandelingen van verschillende blessures.” Wat zijn de grote verschillen tussen klimlijven en andere sportbody’s? “Wat je in andere sporten niet vaak ziet zijn de hand- en vooral vingerblessures. Anatomisch gezien hebben de klimmers een sterker ontwikkeld bovenlichaam en sterke vingers. Met masseren en losmaken van de spieren ben je dus vooral met het bovenlichaam en de onderarmen bezig. Dat is een groot verschil ten opzichte van bijvoorbeeld wielrenners waar vooral de benen belangrijk zijn.” Waar haal jij je klimgerelateerde fysio-informatie vandaan? “Literatuur, wetenschappelijke sites op internet en uit overleg met hand- en vingerspecialisten in het ziekenhuis. Er is best veel informatie te vinden, niet als je het vergelijkt met voetbalblessures, maar vooral vanuit het buitenland komt veel informatie. Oostenrijk en Zwitserland lopen hierin voorop omdat daar veel wordt geklommen, ook in de bergen. Op het moment dat daar blessures zijn, worden deze geregistreerd in het ziekenhuis, deze gegevens worden vervolgens gebruikt voor onderzoeken.” Kunnen niet-topsporters ook bij jou terecht? “Jazeker, ik behandel ook recreatieve sporters via Medicort Sports & Orthopedic Care in Utrecht.” Medicort is het medische en paramedische expertisecentrum voor de NKBV. Kijk voor contactgegevens op sportklimmen.nl via topsport/nederlands team/selectie


+++ Op de hoogte +++ op de hoogte +++

©Jorg Kemner

Tegenvallers bij WK, goed resultaat worldcup boulder

Jorg Verhoeven in actie in Arco.

Het Nederlands Team leverde tijdens het wereldkampioenschap in Arco in Italië een teleurstellende prestatie. Alleen Jorg Verhoeven wist bij het leadklimmen door te dringen tot de halve finales, waar hij uiteindelijk eindigde op de 16de plaats. Volgens kenners was op grond van prestaties eerder in het seizoen een beter resultaat te verwachten. Ook in het wereldbekercircuit is Verhoeven op dit moment de enige Nederlandse klimmer die goede resultaten boekt. Tijdens de tweede wedstrijd van het seizoen, eind juli in de Franse stad Briançon, eindigde hij op de zesde plaats. Eerder diezelfde maand verschenen Truong Ngo en Elko Schellingerhout als enige Nederlanders aan de start bij de worldcupwedstrijd in Chamonix. Ngo eindigde daar als 44ste, Schellingerhout bereikte de 56ste plaats.

Het worldcupseizoen telt dit jaar tien wedstrijden. Dat betekent dat klimmers niet meer aan iedere wedstrijd hoeven mee te doen. De belangrijkste wedstrijd voor leden van het Nederlands Team is de worldcup in Puurs in België in het laatste weekend van september. Deze wedstrijd is een meetmoment voor de zogeheten topsportstatussen van het NOC*NSF. Hoewel de prestaties bij het leadklimmen tegenvallen, presteren de boulderaars dit jaar in het worldcupcircuit beter dan ooit. De leden van het Nederlands Team haalden dit jaar een recordaantal halve finaleplaatsen. Vera Zijlstra (10de in halve finale Wenen), Wouter Jongeneelen (6de in finale Canmore) en Casper ten Sijthoff (8ste in halve finale Canmore) waren goed in vorm aan het begin van de worldcupreeks. Later in het seizoen eindigde Nicky de Leeuw als zesde in de finale in Sheffield. Met nog één wedstrijd te gaan staat De Leeuw op de zeventiende plaats in de competitie, gevolgd door Ten Sijthoff (20) en Jongeneelen (22). Bij de dames staat Zijlstra op de dertiende plek. Door deze resultaten staat Nederland op dit moment negende in de landenranking. Zie voor de definitieve uitslag van de worldcup www.nkbv.nl.

SPORTKLIMNIEUWS Sportklimmen staat sinds deze zomer op de shortlist voor de Olympische Spelen van 2020. Dat betekent dat er een zeer serieuze kans is dat klimmen dat jaar een officiële olympische sport is. Een definitieve beslissing over het programma van de Spelen van 2020 wordt over twee jaar genomen. Andere sporten op de shortlist zijn honkbal, softbal, karate, squash, wakeboard en de Chinese vechtsport wushu. Honkbal en softbal waren jarenlang een olympische sport, maar zijn in 2008 van de lijst gehaald. Nu proberen ze weer opgenomen te worden in het sportprogramma van de Olympische Spelen.

Eerste internationale podiumplaats voor Nikki van Bergen Nikki van Bergen won begin augustus tijdens de European Youth Cup wedstrijd in Bulgarije een bronzen medaille bij de meisjes junioren. Het is voor het eerst in haar klimcarrière dat Van Bergen een internationale podiumplaats haalt. Van Bergen bereikte vier keer eerder de vierde plek tijdens een EYC-wedstrijd. Door die goede resultaten staat Van Bergen nu op de tweede plaats in de EYC-ranking. Bij de jongens B stonden zowel Bob Schubert als Daan Groskamp in Bulgarije in de finale. Groskamp eindigde als 4e, Schubert als 8e. Meer sportklimnieuws en updates over het Nederlands Team op www.sportklimmen.nl

12 |

hoogtelijn 4 -2011

©Reinhard Fichtinger

Sportklimmen op shortlist Olympische Spelen 2020

Verhoeven lekker op dreef Half augustus heeft Jorg Verhoeven zijn moeilijkste route én boulder ooit geklommen. In Oostenrijk klom hij de route Hades 9a, in Zwitserland de boulder The Never Ending Story 8b+. The Never Ending Story 8b+ is een boulder in het Averstal in Zwitserland. Verhoeven deed in de afgelopen vier jaar al diverse pogingen maar tot nog toe zonder succes. Op 13 augustus lukte het wel, in de derde poging, na een val in het water en een val van de laatste pas. Drie dagen voor zijn beklimming van The Never Ending Story ‘veroverde’ hij de route Hades 9a. Hades is te vinden in het Nassereithtal in Tirol, Oostenrijk. De route werd in 2008 geopend door de Duitser Andreas Bindhammer en sindsdien herhaald door o.a. Patxi Usobiaga, Jakob Schubert en Adam Ondra, die de route in 2009 een lastige 9a vond. Hades is Verhoevens tweede 9a. In 2006 klom hij in Slovenië de zoals hij zelf zei ‘makkelijke’ ‘Sanski par extension’ 9a. Hij waardeerde deze route als 8c+/9a. Tot nu toe is Verhoeven de enige Nederlander die routes in de negende graad klimt.


©Katja Staartjes

©Henk Wesselius

Op de hoogte +++ op de hoogte +++ op

Nepaltraverse in drie delen Expeditieklimmers Katja Staartjes en Henk Wesselius zijn van plan Nepal door te steken – in de lengterichting. Dit voorjaar liepen ze het eerste deel van de tocht, 900 kilometer van het westelijke drielandenpunt met Tibet en India tot Jomsom in het Annapurnagebied. Kun je in een paar zinnen uitleggen wat jullie hebben gedaan? We zijn bezig met een project waarbij we van het ene drielandenpunt van Nepal naar het andere trekken, een tocht van in totaal 2500 kilometer. We hebben nu het eerste, meest westelijke deel gelopen, in totaal 900 kilometer, met 60.000 meter stijgen en 58.000 meter dalen. Om je een idee te geven: we hebben veertig dagen boven de 4000 meter getrokken, waarvan twintig dagen boven de 5000 meter. Het was een groot avontuur; het uiterste westen is min of meer onontgonnen terrein. In oktober 2012 willen we de tweede etappe lopen en in het voorjaar van 2013 doen we het derde deel. Hoe kom je op zo’n idee? Henk en ik liepen in december 2008 het Krijtlandpad in Zuid-Limburg. Bij Vaals, op het Drielandenpunt, bedachten we dat Nepal twee drielandenpunten heeft met dezelfde landen: India en China. Toen hadden we eigenlijk direct zoiets van: ‘Zouden we niet van het ene punt naar het andere punt kunnen lopen?’ Toen we thuis kwamen, hebben we direct de kaarten erbij gepakt. Hoe voer je zo’n idee vervolgens uit, want dat lijkt me nog niet eenvoudig… Het was wel wat gezoek inderdaad. In het westen geven bijvoorbeeld alle kaarten een ander drielandenpunt. Het was ook

nog maar de vraag of we er überhaupt konden komen. Over het uiterste westen van Nepal is bijna niks te vinden; ik ben vorig jaar een week in Kathmandu geweest om informatie te verzamelen. Uiteindelijk hebben we wel landkaarten gevonden, maar dan weer niet van het drielandenpunt, omdat dat betwist gebied is. We hadden onderweg twee kilo aan kaarten, permits en kleine roepiebiljetten in onze rugzak. We zijn vorig najaar gestart, maar toen konden we door de hevige moesson het beginpunt – het westelijke drielandenpunt – niet bereiken. Een paar dagen later brak Henk zijn sleutelbeen bij een val. Dat was voor het eerst dat we een expeditie hebben afgebroken. Wat blijft je het meeste bij van de tocht? Als we in de bewoonde wereld waren, hebben we zoveel mogelijk bij mensen thuis geslapen. Dan ben je bij iemand in een huisje, of zelfs maar een half open hutje, en dan aten we ‘dal bhat’, de nationale maaltijd van Nepal: rijst plus linzen en soms een beetje groente. Ondanks de armoede, zo gastvrij als de mensen zijn – heel bijzonder. Verder is er natuurlijk de gigantische variatie aan natuur. En je bent zó ontzettend weg van alles; de eerste veertig dagen zijn we geen westerling tegengekomen. Op een schaal van één tot tien, hoe zwaar was het? Dat vind ik moeilijk hoor… Wij vergelijken het zelf met onze expeditie naar de Gasherbrum I. Daar hebben we drie keer een toppoging gedaan en telkens in de voorhoede geklommen. Het was in ieder geval zwaarder dan onze Dhaulagiri- en Manaslu-expedities. En van één tot tien, hoe mooi was het? Een tien!

Lees meer over de toch t op ww w.katjasta ar tjes.n l

hoogtelijn 4 -2011 |

13


Feratta Combi GTX

Friction GTX

Alaska GTX

Dit lichte (750 gr) stijgijzervaste model is uitermate geschikt voor de zwaardere bergtochten op rotsen, sneeuw en ijsvelden. Categorie C. De Gore-Tex voering waarborgt warme en droge voeten in alle omstandigheden.

De vernieuwde Friction GTX die thuishoort in de categorie C/D leent zich bij uitstek voor Gletsjer, Rots en Alpin Trekking. De schoen is licht in gewicht (820 gr), stijgijzervast en heeft een waterdichte Gore-Tex Duratherm voering. Adviesverkoopprijs € 265,-

Eén van de klassiekers binnen de Hanwag collectie. Comfortabele, veelzijdige trekkingschoen uit de B/C categorie. Weinig stiknaden en bovendien licht in gewicht (875 gr).

Adviesverkoopprijs € 235,-

Adviesverkoopprijs € 235,-

Alle Hanwag modellen zijn voorzien van een extra tussenzool. Hierdoor zijn ze verzoolbaar en bovendien biedt deze tussen-zool extra stabiliteit en bevordert een goede afrolbeweging. De slijtvaste Vibram- en Gummi profielzolen staan garant voor een uitstekende grip onder alle omstandigheden. Alle Hanwag modellen zijn verkrijgbaar in een specifieke dames- en een herenleest. Hanwag hanteert voor alle modellen een garantietermijn van één jaar.

info@hanwag.nl

tel. 0318 - 51 85 75

www.hanwag.nl

Winterplezier vor alle zintuigen

nu een

Skigebied Filzmoos -

ideaal voor families geen wachtrijen bij de skilift veel romantische hutten inter-belevings-transfer drie keer per week naar Flachau en Flachauwinkl

super winteraanbieding www.filzmoos.at

Informatie en Reserveringen: Tourismusverband Filzmoos 5532 FILZMOOS / AUSTRIA T: +43 (0) 6453 8235 F: +43 (0) 6453 8685 M: info@filzmoos.at I: www.filzmoos.at


Mijn berghut, jouw berghut : t u h k a v i b e D ! e d r a a p o l heme Op de vraag ‘Bivakhut, hemel of hel?’ is het antwoord van de Nederlandse bergsporter duidelijk: de bivakhut ligt stukken dichter bij de hemel dan bij de hel! De reacties op de poll spreken voor zich: ruim 60% vindt slapen in een bivakhut het mooiste wat er is, na kamperen.

Bivacco Pansera.

Z

o prijst Gerard den Toonder het Ochsenlager: “half in de rotswand gebouwd, precies zoals het hoort, met een ouwe bedbak, wat stompjes kaars, een paar smoezelige borrelglaasjes. Genoeg hout om het kacheltje heet te stoken. Binnengevallen in een sneeuwstormpje en dan de volgende dag wakker worden van gestommel op het dak. De zon schijnt weer en er staat een kudde zwart-witte geiten rond en op het hutje.”

Gapende afgrond

Bivakhutjes. Ze liggen vaak op de meest fantastische plekken, zoals het Bivouac Musso ten zuiden van de Grand Combin. Ron Bloksma wil daar heel graag nog eens overnachten ‘op het randje van het Plateau du Couloir met een gapende afgrond voor je voordeur’. Tegelijk wijst hij op het beperkte aantal slaapplekken, waardoor zo’n hutje in feite ongeschikt is om met een groep naar toe te gaan. Anne Picard geeft een terechte waarschuwing af: “Wil je in een bivak overnachten, bedenk dan wel dat het vaak het enige onderkomen in

Aletsch biwak.

Bivacco Chiara e Walter.

Bivacco Bertoglio.

Bivacco Casarota. de omgeving is voor bepaalde routes en dat het voor noodgevallen bedoeld is. Dus wees bereid om je aan te passen aan wat je aantreft en bereid je goed voor; meestal houdt het met een paar dekens wel op.” Toch leent zo’n doos zich prima voor een gepland bezoek met kinderen. Niet de hele kleintjes, want je moet natuurlijk wel de nodige hoogtemeters maken. Rob Lith liep mijn zijn kroost rond de Monte Viso. Hij herinnert zich het Bivacco Bertoglio: “Een arendsnest gelegen aan de voet van de Monte Viso. ‘s Nachts zware storm, regen en toen werd het stil. De volgende morgen was alles wit om ons heen. Een fantastische ervaring voor de kinderen.” Negatieve ervaringen zijn er natuurlijk ook. Pierre Smetsers lag met te veel mensen in het Rossi e Volante bivak, en ja, dan wordt het inderdaad erg benauwd. En “met hoogteziekte aankomen in de Vallot-hutje, onder de top van de Mont Blanc is al niet prettig,” schrijft Anne Picard. “de staat van die hut en de mensen die daar rondhangen bevorderen het herstel bepaald niet.

Bivakparadijs Italië

Wie graag in een bivakhutje slaapt, kan in Italië zijn hart ophalen. Vele tientallen, vaak felgekleurde metalen doosjes staan op de mooiste plekjes voor je klaar. En de Italianen houden zo van deze hutjes dat er op de fotosite Flickr zelfs een groep ‘bivacchi italiani’ is opgericht. Dat getuigt van ware liefde voor dit bescheiden onderkomen. Maar ook de Zwitsers kunnen er wat van: zij hebben een aantal prima uitgeruste moderne bivakhutten gebouwd, zoals het achthoekige Aletschbiwak. Typisch Zwitsers en een enorm contrast met de vaak primitieve Italiaanse hutjes. En dat brengt ons bij de volgende en laatste aflevering van deze serie over berghutten. Die staat namelijk in het teken van ‘oud en nieuw’!

Vul de poll in

De serie over berghutten eindigt in de laatste Hoogtelijn van 2011. Het thema is dan ‘oud en nieuw’. Ga naar www.hoogtelijn.nl en vul de poll in. En geef je mening over heel oude of ultramoderne hutten via Linke din, of via Twitter @nkbv (#hut). En stuur je leukste foto’s van oud tegenover nieuw naar hoogtelijn@nkbv.nl . Ze krijgen een plekje in de volgende aflevering.

Tekst ico kloppenburg | hoogtelijn 4 -2011 |

15


Klantenbinding à la card

NETREX INTERNET SOLUTIONS

Kla nt enb i nd i ng à la c a rd

NETREX INTERNET SOLUTIONS

K la n t e n b i n d i n g à la c a r d

NETREX INTERNET SOLUTIONS

Klantenbinding à la card

BEDANKt!

Afgelopen juni organiseerde de NKBV voor de derde keer de IFSC World Cup Boulder Eindhoven. Dit was niet mogelijk geweest zonder de vrijwilligers en sponsoren. Wij willen jullie nogmaals bedanken voor jullie bijdrage! In 2012 is er geen boulder worldcup in Nederland, wij bereiden ons voor op het Europees Kampioenschap Sportklimmen 2013 met lead, speed en boulder! Hopelijk zijn jullie dan weer van de partij. Houd www.sportklimmen.nl in de gaten voor EK-updates.


B elg ische

Wist je dit?n

Ardenn en

e n n e d r A e h c s i g l e B e Van d

De Belgische Ardennen liggen om de hoek. Een ideale bestemming voor een actief weekend te voet, op het stalen ros, in een boot, klimmend ver boven de grond, kruipend in een diepe grot of relaxed door het landschap glijdend op de langlaufski’s. We komen er dan ook geregeld, maar wat weten we eigenlijk van deze regio? Na deze Hoogtelijn met een accent op de Belgische Ardennen ietsje meer. Om te beginnen vertellen we je een aantal interessante weetjes. 20 km

40 km

Nederland Duitsland

Dorp Hut

Luik

Klimgebied Klettersteig

N

Eupen

Speleo Wegen Rivieren

Namen Dave

Maas

Les Awirs

Tilff

Spa

Sy (Tukhut)

Ardennen Dinant

Verviers

Marche-les- Dames Beez Les Grand Malades

Durnal

Ourthe

Pont-à-Lesse

Hotton

Yvoir

Malmedy Stavelot

Hoge Venen

Freyr

Survivalparadijs

La Roche-en-Ardenne

België

De Ardennen staan bekend als buitenspeeltuin. Mountainbiken, quadrijden, klimmen, abseilen, wandelen, trekken, (wildwater) kanoën, grotten bezoeken; verzin het maar.

Luxemburg

D uizend

bier

en Wie België zegt, zegt bier. Ze he soorten die bben er zo worden ge ’n duizend brouwen in brouwerije ruim hond n. In de Ard erd ennen vind namen als je beroemd Jupiler, Orv e al, Rochefo rt en Chim ay. Op deze globale kaart kun je de locaties vinden die in deze Hoogtelijn een rol spelen.

Strijdtoneel Zowel in de Eerste als in de Tweede Wereldoorlog is in de Ardennen stevig gevochten. De loopgravenoorlog uit de Eerste en de Slag om de Ardennen uit de Tweede Wereldoorlog zijn berucht. Op veel plaatsen zijn monumentjes en plaquettes en er zijn diverse musea.

Drie talen Het aantal inwoners van België is ongeveer 10,4 miljoen: bij benadering 6,2 miljoen Vlamingen (onder wie circa 200.000 in Brussel), vier miljoen Franstaligen die zo goed als allemaal in de Ardennen wonen en 70.000 Duitstaligen.

SAS Art Studio

0 km Stad

Vlaamse Ardennen De Vlaamse Ardennen hebben niets met de Ardennen te maken. Het gebied wordt zo genoemd vanwege de heuvels, die vaak opgenomen worden in wielerwedstrijden zoals de Ronde van Vlaanderen. De Champagne Ardennen en de Ardennen in Luxemburg horen wel bij de Belgische Ardennen.

Regen

Sneeuw

De Ardennen tellen gemiddeld 210 dagen met neerslag (meer dan 0,1 mm) en er hangt vaak mist (195 dagen op weerstation Botrange). Daar valt tussen de 1200 en 1400 mm neerslag per jaar; gemiddeld in de Ardennen 1000 mm. Baraque Michel is het natste: 1450 mm.

Afhankelijk van de hoogte heeft de Ardennen gemiddeld per jaar zo’n 30 tot 80 dagen met een sneeuwlaag. Het is een uitstekend gebied voor langlauf- en sneeuwschoentochten. Grote delen van de Hoge Venen zijn toegankelijk voor langlaufers.

Meer weetjes over de Ardennen vind je op www.hoogtelijn.nl/inhoudsopgave, klik op de cover van Hoogtelijn 4 en dan op de titel van dit artikel in de inhoudsopgave. Tekst Redactie hoogtelijn | hoogtelijn 4-2011 |

17


delaars n a w n i e r t s voor i s a b s l a v t i U

Tukhut

locatie belgië, Sy

Het gevoel bij een berghut is voor iedereen anders. Maar wie ’s avonds onze eigen Tukhut in de Belgische Ardennen uitstapt en de frisse avondlucht inademt weet het: ik ben weer in een hut! Eén waar de trein zo goed als voor de deur stopt, een fantastische uitvalsbasis voor treinwandelaars.

N

ico Kloek en Jacky wachten ons al op. Nico is met Hemelvaart ‘patron’ in de Tukhut en Jacky helpt hem een handje. Zij zullen de komende vier dagen alles in goede banen leiden. De gasten goed verdelen over de slaapverblijven, de bar bedienen, zorgen dat na het weekend alles weer schoon is. Maar ook het informeren van de gasten hoort erbij: wat zijn de mogelijkheden rond de Tukhut, welke wandelingen zijn geschikt voor gezinnen met kinderen en welke andere leuke dingen zijn er te doen. De weersvoorspellingen voor de eerste week van juni zijn fantastisch en het wordt ongetwijfeld een topweekend! Wij hebben maar twee dagen en gaan onze tanden dus niet stukbijten op een wandelmarathon. Een paar korte wandelingen

18 |

hoogtelijn 4 -2011 | Tekst ico Kloppenburg

in de buurt van de hut zijn vast wel voldoende om onze ongetrainde benen spierpijn te bezorgen. Daarbij: we moeten voldoende tijd overhouden om wat te luieren en lekker op een terrasje te genieten van het Bourgondische leven! De eerste dag lopen we daarom via de Grand Randonnée (GR57) naar Bomal. Meteen vanuit Sy een flinke stijging die je aan de Alpen doet denken. Alleen is het aantal hoogtemeters wat kleiner. Waar we dan wel weer van onder de indruk zijn is dat een familie, ook in de Tukhut, deze wandeling doet met hun zoon in een rolstoel!

Slim gebruik

Het terras van Palogne, vlakbij het gelijknamige kasteel, is een mooie plek om lekker aan de koffie te gaan. Dan verder naar Bomal via een apart kapelletje uit het oorlogsjaar 1915 en twee schitterende monumentale lindebomen. Terug naar Sy nemen we de kortste weg via het onheilspellende ‘Calvaire’ en dorpjes met schilderachtige namen als Herbet en Verlaine.


B elg ische

Ardenn en

“Vaak stappen mensen al uit de auto met een print van een bepaalde route in de hand.”

Vaste klant

Wij hebben nog tijd om voor het eten een bezoekje te brengen aan een bijzonder fenomeen: de ‘megalithische stenen’ bij het dorp Wéris. Daar staan echte ‘menhirs’ (ja, de stenen die we kennen uit Asterix en Obelix!) en een hunebed. Gemaakt in een periode ongeveer 3000 jaar geleden. Vreemd om hier net zo’n hunebed te zien als in Drenthe. Uit het piepkleine dorpsmuseum leren we dat deze stenen niet alleen hier en in Drenthe een belangrijke rol speelden, maar ook in Engeland (Stonehenge), Bretagne en op Corsica. Verder blijken de stenen te staan opgesteld in de vorm van het sterrenstelsel ‘Grote Beer’. Poeh, na al deze informatie moet er nodig iets gedronken worden op het zonovergoten terras van het museum. De avond in de hut is rustiger dan verwacht: door het mooie weer zitten veel gasten nog lang buiten. Wij koken in de grote keuken ons potje en vullen de verdwenen calorieën aan. Groepen en groepjes gasten kletsen bij of doen een spelletje. Sommigen zijn duidelijk vaste klant, anderen komen hier, net als wij, maar sporadisch aanwaaien. Voor iedereen biedt de hut een mooie uitvalsbasis voor allerlei activiteiten in de de Ardennen. Klimmen, wandelen, racefietsen of mountainbiken, kanoën en ‘grotten’: het kan hier allemaal.

Enige optie

Als wij terugkomen van deze wandeling is de Hemelvaart goed op gang. Nico en Jacky zitten lekker in het zonnetje voor de hut. Kijk, dat kan dus ook als je aan het werk bent als patron! Zij informeren naar de route die we hebben gelopen. Nico is zo’n zes jaar actief als patron en een kenner van de GR57 die langs Sy schampt. Dit langeafstandspad loopt van Luik naar Diekirch, in Luxemburg, dwars door de Ardennen. Nico heeft ruim 148 kilometer van het traject beschreven en netjes in een map neergezet. Het unieke is dat je vanuit de Tukhut dat deel van de route kunt lopen als je slim gebruik maakt van de trein. Op een steenworp van de hut stopt namelijk de trein op het miniatuur­stationnetje van Sy.

Puzzeltocht

Geklommen wordt er in Sy al een hele tijd niet meer. In de buurt zijn nog wel een paar klimgebieden die toegankelijk zijn, maar “toen op de rotsen van Sy niet meer geklommen mocht worden liep het aantal gasten met een derde terug,” vertelt Nico Kloek. “Nu, door goede beschrijvingen van alle wandelingen die je ook op het internet kunt vinden, hebben we dat verlies wel weer goedgemaakt,” vervolgt hij. Dat is vooral de verdienste van iemand als Dirk van den Oetelaar. Hij heeft een heel eigen stijl om wandelingen te beschrijven. Zo wordt de wandeling naar de bakker in Hamoir een puzzeltocht. Ook voor de kids zijn er zo allerlei uitdagingen. De internetsite www.tukhut.nl is erg belangrijk: je vindt er niet alleen informatie over de hut, maar ook alle wandelingen in de omgeving.

Op dag twee experimenteren wij met de trein: we nemen de trein van vijf voor tien uit Sy en willen gaan wandelen in Comblain au Pont. De trein is keurig op tijd en voor iets meer dan zeven euro kopen we voor vier personen een kaartje bij een ‘conducteur met pet en snor’. De verrassing komt als de trein niet blijkt te stoppen bij ons reisdoel. Zonder het te willen zitten we te ver en moeten we zien terug te komen. Nu zou het toch handig zijn als we een overzichtskaart hadden gehad. Het blijkt niet ver naar Comblain en het is zeker een aangename wandeling langs de rivier. Het gaat mis als we bij het naambordje ‘Comblain’ denken dat we op onze kaart zijn beland. Wat we niet weten is dat we langs de rivier de Amblève lopen en niet meer langs de Ourthe. Door de rivier te volgen raken we dus steeds verder verwijderd van ons startpunt… Het duurt even voordat we, met toch heel wat jaartjes ervaring op zak, inzien dat er iets mis is. Terugkeren is de enige optie en zo vinden we toch het startpunt van de GR57 in Comblain au Pont. Een overwinning die we prompt vieren met een terrasje!

Plechtig

Eerst bezoeken we daarna de beeldentuin van Comblain, prachtig gelegen bij het kerkhof op een heuvelrug. Dan begint de eigenlijke wandeling, die niet alleen GR is, maar ook een ‘geologische excursie’ blijkt. Die leert ons allerlei bijzonderheden over de bodem en de grotten daarin. De informatiebordjes zorgen ervoor hoogtelijn 4-2011 |

19


Overnac

hten in

de Tukh Wil je ze ut lf overna c h ten in de plek via Tukhut re sportserv serveer ice@nkb reserveri dan een v.nl en v ngsa ­ anvraa e rm e ld ‘Tukh g kantooru ’ als ond ut ren met erwerp, 0348-40 of bel tijd NKBV-lid 9 e 5 ns 2 1 : € 7,. Kosten per volw assen

Tukhut De Tukhut ligt bij het dorpje Sy aan de Ourthe, een zijrivier van de Maas, op een uur autorijden van Maastricht. Per trein doe je er iets langer over. Met een overstap in Luik ben je twee uur onderweg vanuit Maastricht. Kijk voor de dien­ stregeling op www.bahn.com en voor meer informatie en tickets op www.treinreiswinkel.nl De Tukhut is eigendom van de NKBV en wordt gerund en onderhouden door vrijwilligers. In de weekends en vakantie­ periodes is de hut open. De overnachtingskosten voor leden zijn laag, maar het betekent ook dat iedereen moet mee­ helpen met de schoonmaak. De patron verdeelt hierin de taken. Hij of zij weet ook wat je allemaal rond de hut kunt ondernemen. En dat is niet gering!

Kijk verder op www.nkbv.nl/tukhut

dat we met heel andere ogen naar dit landschap kijken…. Boven op het plateau komen we langs een prachtige eeuwenoude hoeve. Dan gaat het over ‘holle’ wegen en door een bos waar grote bomen zijn bekrast met teksten en figuren uit de Tweede Wereldoorlog. We zien onmiskenbaar een hamer en sikkel. Communisten in België? Even verder volgt het gedenkteken voor de Russische troepen die hier gevallen zijn bij het bevrijden van België. De afdaling naar de Ourthe brengt ons ook in de buurt van het volgende stationnetje. Een blik op de klok leert dat de trein over een kwartiertje komt en ons in 10 minuten kan terugbrengen naar Sy. Alternatief is doorlopen en laat aankomen in de hut. En dat terwijl de benen aangeven dat er spieren zijn gebruikt die heel

20 |

hoogtelijn 4 -2011

De mooiste wandelingen rond Sy

De wandelingen in het artikel zijn delen van de Grand Randon­ née 57, te vinden op www.tukhut.nl . Daar worden ze genoemd: • Wandeling 14: Sy – Bomal (via GR57) • Wandeling 04: Grand Route De megalitische stenen liggen ook aan een route: • Wandeling 10: Megalithische wandeling Favoriete wandeling met kinderen: • Wandeling 08: Comblain au Pont, les Tartines.

lang een rustig leventje hebben geleid….. Het vlees is zwak en laf kiezen we voor de trein. Plechtig beloven we elkaar dat we niemand vertellen dat we de route niet hebben afgemaakt! Bij de Tukhut heeft het uitzonderlijke weer geleid tot ongewone drukte langs de Ourthe: kinderen spetteren, kanoërs peddelen, zonaanbidders bakken. En dan zijn er ook nog motorrijders en campers die langsflaneren. Voor ons is de realiteit bikkelhard: na een handdruk van de patrons wacht een warme autorit van drie uur, door heuvels met Franse klanken naar een steeds vlakker wordend land, waar uiteindelijk iedere g keihard wordt uitgesproken. Twee dagen wandelen? Voor ons gevoel was het een week vakantie!


ACTIE

Maak kans op een paar keen Targhee schoenen geef een MachTiging voor auToMaTisch incasso van je lidMaaTschap in de nabije toekomst willen wij het versturen van papier, waaronder acceptgiro’s, zoveel mogelijk beperken. Zo kunnen wij besparen op

administratieve kosten waardoor er meer geld over is voor goede klim- en bergsport doelen én het is beter voor het milieu.

ga naar www.nkbv.nl/acTie, kies voor auToMaTisch incasso en Maak kans op één van de vijfTig paar keen Targhee schoenen T.w.v. E129,95 Deze actie loopt t/m 15 oktober 2011. Onder de deelnemers worden 50 paar Keen Targhee schoenen verloot (heren- en damesmodel).

KEEN Targhee De KEEN Targhee is gemaakt voor off-road uitdagingen. Het KEEN.DRY membraan zorgt ervoor dat ze volledig waterproof

zijn en het “metatomical” voetbed past zich aan aan je voet voor maximaal comfort. Het stevige en ademende buitenmateriaal zorgt dat je met plezier op pad kan!


n e n n de r A he c s i B elg

de van ken. n o r ie B fabr a p S

22 |

hoogtelijn 4-2011 | Tekst en foto’s Peter Daalder


Bubbels

op het Dak van België Het Dak van België ligt bezaaid met de minerale bronnen van Spa Monopole. Op de ruim 13.000 hectare beschermd natuurgebied van het veen van Malchamps wordt elke waterdruppel gekoesterd. Al meer dan een halve eeuw sijpelt die van het dal in de flessen van het bedrijf.

M

arcel Jerome is een echte natuurgids. Stevige stappers, groene jas, pet op het hoofd en een tas met zijn eigen natuurfoto’s om de schouder. Marcel neemt ons in de winter mee naar het besneeuwde veen van Malchamps. Stukje met de auto naar boven vanuit Spa. Valt ons niets op? Nee, het is glad, maar verder? Er wordt hier niet met zout gestrooid legt Marcel uit, want dat verdwijnt met de regen en het smeltwater in de bodem naar de bronnen van Spa. Het Dak van België is op deze dag niet veel meer dan een kleine witte toendra die door de laaghangende bewolking stijf staat van de rijp. Het zicht is beperkt. Marcel waarschuwt niet naast het

pad te lopen, want je staat zomaar tot je middel in het moeras. Een half jaar later wordt duidelijk wat we gemist hebben. Het Dak van België (570 m plus 22 meter van een uitkijktoren, maar er is nog een hoger punt, daarover later meer) is vanuit Spa goed bereikbaar via de GR5, de lange afstandswandeling van de Noordzee naar de Middellandse Zee die dwars door de Ardennen loopt. Omdat in het gebied alle plaatsen in het dal liggen, betekent een wandeling meteen een behoorlijke klim door het Bois de Minieres. Langs het beekje De Picherotte loopt de Promenade des Artistes.

hoogtelijn 4-2011 |

23


Kabbelend beekje of gierende autobanden Corrie heeft een huis in Francheville, niet ver van Stavelot. Zij wandelt in de buurt en hoort een rustig kabbelend beekje in het dal. Mooi, die natuur. Ze staat stil. Wonderlijk. Soms wordt het kabbelen luider, dan weer verstomt het. Het gelukzalige geluid blijken de raceauto’s op het Circuit van Spa Francorchamps... Wie ongestoord wil wandelen, kijkt voor de racedagen op www.spafrancorchamps.be/nl, onder het kopje Meetings.

Tijdens deze droge junimaand liggen de zes bruggetjes er op het oog voor niets, maar in normale tijden stroomt een behoorlijke beek van het plateau naar de stad. Op veel plaatsen komen we paaltjes tegen met de mascotte van Spa: de Pierrot die het niet lukt het bruisende water in de fles te houden. Op die plaats ligt een bron die het bedrijf gebruikt.

Latjespaden

’s Winters laat Marcel Jerome ons water uit diverse bronnen proeven, voor zover die niet afgesloten of bevroren zijn. Niet allemaal even lekker. Gronderig, met ijzer, in niets lijkt het op het water in de flessen. En toch komt het matig bubbelende MarieHenriette (Spa lichtgroen) hier zó uit de bodem, daaraan wordt niets toegevoegd. Het veengebied wordt ontsloten door de bekende paadjes van houten palen, latjespaden noemen de Belgen ze; knuppelpaden noemen wij ze. Als we in juni terug zijn in het gebied heeft het land net het droogste voorjaar sinds een eeuw meegemaakt. Het veen is kurkdroog, er is geen stukje moeras te zien en het weinige water dat er is, staat uitzonderlijk laag. De GR5 voert ons niet alleen naar het Dak van België maar verder door uitgestrekte bossen over de heuvels ten zuiden van Spa. Enkele malen per dag stijgen en dalen we zo’n meter of tweehonderd. Onderweg worden we getrakteerd op de fraaiste vergezichten. De route voert naar Stavelot, bekend vanwege de

Tussen Spa en Stavelot.

abdij, de enorme gevechten in de Tweede Wereldoorlog om de brug van Stavelot en, bij wielerliefhebbers, bekend om de Stockeu, een steil stuk weg van 21 procent dat vaak onderdeel is van de Waalse wielertochten.

Rust

Wat opvalt is de enorme rust, ook een dag later op de eveneens zeer fraaie route naar Vielsalm. Louter bossen, heuvellandschap, smalle wandelpaden. We komen sporadisch een wandelaar of een fietser tegen. En vier stuks reewild dat nieuwsgierig - maar op afstand - blijft kijken voordat ze in sneltreinvaart de dichte sparrenbossen in verdwijnt. Hier geen grote kermis zoals wat zuidelijker bij La Roche-en-Ardenne, waar het altijd feest is in de stad, maar waar je net buiten de bebouwde kom ook niemand ziet in de heuvels met prachtige wandelgebieden. Hoewel de streek welvarend aandoet, is Wallonië arm. Vooral te zien in triest makende steden als Luik en Verviers, met desolate industriegebieden waar armoede en werkloosheid heerst. Hier is regeren lastig, want het rijkere Vlaanderen heeft weinig op met de Franssprekende landgenoten. De rijkdom van de Walen zit in de natuur. En die is er in overvloed.

Zware brand

Een ander gebied rijk aan natuur is de Hoge Venen, Hautes Fagnes in het Frans. Het grootste veengebied, bekend als de Fagne Wallone en de Grande Fagne heeft het begin van dit jaar zwaar te verduren gehad van de grootste brand ooit in het gebied. Meer dan duizend hectare (tweeduizend voetbalvelden) zijn verbrand. Het gebied herstelt zich wel weer, maar biedt nu een trieste aanblik. Zwartgeblakerde natuur zover het oog reikt. Er blijft nog meer dan voldoende natuur over - totaal is het gebied zestigduizend hectare - zoals de Signal de Botrange, met 694 meter het hoogste punt van België, maar minder spectaculair dan de venen van Spa. En het brokje steen van een meter of twintig waarop ooit een zes meter hoog ijzeren kruis is gezet, helemaal in het oosten van het gebied tegen de Duitse grens. Kreuz im Venn heet het daar. Onder het kruis is in een grote inham een groot Maria-altaar gebouwd.

Altaar in de Hoge Venen.

Natuurgids Marcel Jerome.


Vlakbij Stavelot. Tussen Eupen en Monschau ligt nog een mooi vennengebied, dat evenals de andere veengebieden deels vrij toegankelijk is en deels alleen met een gids bezocht kan worden. Ook in dat vennengebied loop je over de houten catwalk in de natuur. Het is er normaal drassig en lopen is er dan alleen mogelijk op de latjespaden. Als de rode vlag wappert is het gebied afgesloten. Dat kan zijn vanwege de broedperiode van de vogels of vanwege groot brandgevaar.

Vanuit Spa langs de Picherotte. In dat geval rest niets anders dan een andere route te zoeken in de duizenden hectare grote heuvelachtige bosgebieden, die grotendeels vrij toegankelijk zijn. Hoogtepunt tijdens onze wandeling is de ontmoeting met twee edelherten. Majestueuze beesten die even kijken en zich daarna rustig uit de voeten maken, sierlijk bewegend met hun enorme geweien.

Reis

Het is aantrekkelijk met de auto naar de Ardennen te reizen. Het is betrekkelijk dichtbij en openbaar vervoer is er, door de verschillende dalen, vaak zeer ingewikkeld. Vanaf Utrecht is het naar Luik 209 kilometer, naar Spa 238 en naar Eupen 226. Met de trein duurt de reis naar Luik vanaf Utrecht 2,5 uur met 1 overstap en van daaruit 1 uur en 10 minuten naar Eupen. Kijk voor de dienstregeling op www.bahn.com en voor tickets en informatie op www.treinreiswinkel.nl. De Belgische spoorwegen geven een goed overzicht op www.b-rail.be/main/N.

Accommodatie

Naast onze eigen Tukhut (www.tukhut.nl) hebben de Ardennen veel mogelijkheden, het is een toeristisch goed ontwikkeld gebied. De Ardennen vallen onder het Belgisch Verkeersbureau voor Wallonië en Brussel. Die organisatie heeft een goede Nederlandstalige website: www.belgie-toerisme.nl, waarop onder andere veel verblijfsmogelijkheden staan. Er zijn ook enkele commerciële organisaties die huizen in de Ardennen verhuren. Wie ’huis huren in Ardennen’ intikt op een zoekmachine, is een paar uur zoet om zijn keuze te maken uit het grote aanbod.

Activiteiten

Wie de landkaart van de Ardennen bekijkt, ziet een wirwar van wandel- en fietsroutes. Het wandelnetwerk van de Grote Routepaden is uitgebreid en zowel voor gewone fietsen

als voor mountainbikes zijn er zeer veel mogelijkheden. Op de riviertjes kun je kanoën - ze worden op diverse plekken verhuurd - en onder de grond zijn er op veel plaatsen mogelijkheden voor speleologie. Zie ook elders in deze Hoogtelijn.

Documentatie

• Van alle GR-routes zijn goede boekjes verkrijgbaar. De besproken GR5 heeft detailkaarten die zijn gebaseerd op de topografische kaarten 34, 42, 49, 50, 56 en 61 van het Nationaal Geografisch Instituut. • Informatie over alle GR-routes, de uitgaven en actuele wijzigingen van de routes op www.groteroutepaden.be. • Hoge Venen, kaart 1:25.000, uitgegeven door De Hoge Venen en het Rijksnatuurreservaat in samenwerking met de Oostkantons, vernieuwd in 2011. • Wandelboek Ardense Natuur, Julien van Remoortere, Uitgeverij Lannoo, 2008. Een prima boek met eendaagse wandelingen in de hele Ardennen, van Chimay in het westen en het gebied van de Semois in het zuiden tot de Duitse grens. Wie een beetje handig is, kan ook twee of meer tochten aan elkaar knopen. Zeer veel informatie over flora, fauna en het gebied waardoor de tocht loopt. • Natuurgids Marcel Jerome heeft een uitgebreide site in het Frans met veel informatie over de natuur van de Ardennen. Hij heeft ook een prima overzicht met handige sites: www. marcel-jerome.be. • www.belgie-toerisme.nl

hoogtelijn 4-2011 |

25


GLITTERTIND JACKET A very lightweight functional shell jacket, ideal for active outdoor enthusiasts. The flexible 3-layer Dermizax™EV stretch material is waterproof and windproof and also breathes very well. Available with separate models for men and women.

Foto: Asgeir Helgestad

Visit www.bergans.com to see the product range that covers your needs.

Bergans of Norway has contributed to set the standard for the world’s most advanced outdoor equipment for more than a 100 years.


he c s i B elg

e n n e Ard

n

Klettersteigen bij de zuiderburen Klettersteigen wint aan populariteit. Bij gebrek aan eigen rotsmassieven, beoefenen wij Nederlanders deze bergsportdiscipline onder andere in België. Het aanbod is er echter minimaal en de toegankelijkheid zeer beperkt. Komt hier in de toekomst verandering in?

E

lk buitensporttijdschrift schrijft erover en steeds meer bergwandelaars lijken door het virus bezeten te raken: klettersteigen. Jammer genoeg speelt het eeuwigdurende probleem dat Nederland geen rotsmassieven heeft om op te klimmen. Daarvoor moeten we naar de ons omringende landen als Duitsland en België. Verrassend genoeg zijn er in het laatstge-

noemde land nauwelijks klettersteigroutes te vinden, laat staan klettersteigroutes die toegankelijk zijn voor buitenlanders.

Weinig aanbod

“De populariteit van klettersteigen is zeker toegenomen, ook in ons land,” weet medewerker Koen Hauchecorne van de Klim- en

Tekst Christa Slootman | foto’s Moniek Janssen | hoogtelijn 4-2011 |

27


Bergsportfederatie (KBF) Vlaanderen. “Wij merken dit vooral aan de toegenomen scholing op het gebied van klettersteigen.” Desondanks telt België in heel het land maar drie officiële klettersteigroutes; de particuliere routes van buitensportcentra niet meegerekend. De drie klettersteigen zijn te vinden bij Pontà-Lesse, Les Grands Malades en Marche-Les-Dames. Eerstgenoemde kent weinig moeilijkheden, de andere twee bevatten uitdagende elementen als bruggen, een rappel en een death-ride. Leuk weetje: de klettersteig in Marche-Les-Dames is in gebruik voor de training van de Belgische paracommando’s.

Alleen voor Belgen

Hoe leuk en spannend de ‘ijzeren wegen’ van België ook klinken, onze zuiderburen houden ze liever voor zichzelf. Koen Hauchecorne: “Voor Belgen die zijn aangesloten bij een bergsportfederatie zijn de drie routes vrij toegankelijk. Dit geldt echter alleen wanneer ze op individuele basis komen. Groepen vanaf tien personen moeten bij de beheerder een aparte aanvraag doen.” Voor buitenlanders, waar wij Nederlanders dus ook onder vallen, zijn de regels strenger. Wij zijn alleen vrij welkom in het door de KBF beheerde Pont-à-Lesse. Volgens Hauchecorne geldt deze klettersteig namelijk als een gewone klimroute. Dat betekent dat je in het bezit moet zijn van een NKBV-lidmaatschaps- en een klimjaarkaart. Bovendien moet je je melden bij de receptie van hotel Mercure. Je krijgt hier een dagklimkaart, mits het maximaal aantal klimmers van die dag nog niet is bereikt. Dat de regels in België voor buitenlandse klimmers strenger zijn dan voor autochtonen, waren we al gewend. Maar waarom zijn wij niet zonder meer welkom op de klettersteigroutes op Les Grands Malades en bij Marche-Les-Dames? “Marche-Les-Dames is onderdeel van het trainingscentrum van de paracommando’s,” legt Hauchecorne uit. “De route ligt dus op militair terrein dat eigendom is van het Ministerie van Landsverdediging. Dit gebied is eenvoudigweg niet toegankelijk voor buitenlanders.”

Geld

Joe Dewez is directeur van de afdeling Rotsen bij Club Alpin Belge (CAB) die Les Grands Malades beheert. “Deze route is alleen op aanvraag open. Een ijzeren deur verspert de ingang.” Leden van de Belgische Klimfederatie betalen voor de klettersteig vijf euro

28 |

hoogtelijn 4 -2011

per persoon. “Niet-leden betalen bovendien een bijdrage voor de toegang tot de rotsen en voor de verzekering.” Maar hiermee ben je er nog niet als niet-Belg. Dewez: “Je moet daarnaast door een erkende kliminstructeur vergezeld worden, die de veiligheidsmaatregelen en de technieken beheerst.” Dat de Club Alpin Belge er zulke strenge regels op nahoudt, heeft alles te maken met geld. “Wij hebben speciale overeenkomsten met de privé- of publieke eigenaren moeten sluiten over de toegang tot deze rotsen. Meestal geldt voor deze toegang een betaling van een huurprijs,” verklaart Joe Dewez. “De Belgische wet schrijft voor dat, om een klimroute te mogen uitrusten, je over speciale vergunningen moet beschikken. Dit kost ook geld. De CAB neemt al deze onkosten op zich. Het is dus normaal dat je lid moet zijn van de CAB, of van een andere federatie die een overeenkomst met ons heeft afgesloten, om gebruik te maken van deze routes.” En de NKBV, zo vult Koen Hauchecorne aan, heeft zo’n overeenkomst niet. Toch is geld niet het enige criterium voor de beperkte toegang tot Les Grands Malades. Dewez: “Je moet ook weten dat de eigenaren van de rotsen bij ongevallen verantwoordelijk kunnen worden gesteld. Zij weigeren deze verantwoordelijkheid op zich te nemen en hebben daarom overeenkomsten gesloten met de CAB. Dat de Club Alpin Belge bij ongevallen nu de verantwoordelijkheid op zich moet nemen, is voor ons een reden om de toegang te beperken tot onze leden of genodigden.”

Rotsklimmen

Roland Mulder en Co Verwijs van de regio Amsterdam hopen dat België in de toekomst haar beperkte klettersteig-visie bijstelt. Beide mannen zijn voor de regio betrokken bij het Alpien weekend in België. Tijdens dit weekend leren cursisten verschillende looptechnieken en wordt er geoefend met klettersteigen. Maar een geschikte locatie vinden is niet zo eenvoudig, weten Mulder en Verwijs. “We lopen er telkens tegenaan dat het overgrote deel in handen is van outdoorcentra.” En inderdaad, het deel dat niet toebehoort aan de outdoorcentra, is niet toegankelijk voor buitenlanders. Als het aan Mulder en Verwijs ligt, gaat België daarom investeren in meer routes. “En wij hopen daarnaast dat de Belgische klimverenigingen de bestaande klettersteiggebieden gaan vrijgeven voor NKBV-leden.”

Workshop klettersteigen in Amsterdam.


De hoop dat België dit ook daadwerkelijk doet en zich hiermee ontwikkelt tot een gastvrij klettersteigland, wijst directeur afdeling Rotsen van de Club Alpin Belge meteen af. Dewez: “Het opbouwen van een klettersteig is een kostbaar project, dat voor ons niet rendabel is. Daarnaast zijn er weinig rotsen in België waar je nog mag klimmen. Het is zonde om deze rotsen dan voor een klettersteig te reserveren.” De milieu-impact van een klettersteig is ook veel groter dan van een gewone

klimroute, meent Dewez. “En je mag niet vergeten dat de meeste klimrotsen zich bevinden in natuurzones, waarvoor bijkomende verplichtingen gelden.” Koen Hauchecorne van de KBF vult aan: “Ik denk dat het voor België inderdaad geen zin heeft om de ambitie van klettersteigland te hebben. Zó populair is klettersteigen nu ook weer niet en bovendien zijn de mogelijkheden om echt lange routes te maken beperkt. Het inrichten van rotsmassieven zal daarom meer gericht zijn op het eigenlijke rotsklimmen.”

Klettersteigen in België De routes

België kent drie klettersteigroutes. Daarnaast zijn er buiten­ sportcentra die eigen routes hebben, maar daar kun je alleen gebruik van maken mits je met deze centra in zee gaat. • Pont-à-Lesse. Deze korte route bevindt zich op het gelijknamige massief aan de rivier Lesse. De klettersteig kent weinig moeilijk­ heden en is in beheer van de KBF. Pont-à-Lesse is toegan­ kelijk voor NKBV-leden. Neem je lidmaatschaps- en een klim­ jaarkaart mee en meld je bij de receptie van hotel ­Mercure. Hier krijg je een dagklimkaart, mits het maximaal aantal klimmers van die dag nog niet is bereikt. • Les Grands Malades. Deze gevarieerde klettersteig vind je in Bouge, in de buurt van Namen. De route is voorzien van meerdere bruggen, een rappel en een death-ride. Bovendien gaat een klein gedeelte van de klettersteig ondergronds. De CAB is de beheerder van Les Grands Malades. Voor NKBV-leden is deze klettersteig niet toegankelijk tenzij je wordt uitgenodigd door de CAB. • Marche-Les-Dames. Op het militaire domein van Marche-Les-Dames bevindt zich een klettersteigroute die gebruikt wordt voor de training van paracommando’s. De route is voorzien van drie verschillende bruggen, een rappel en een pendel. De klettersteig wordt beheerd door het Ministerie van Landsverdediging. MarcheLes-Dames is alleen open voor Belgen.

Naast deze drie klettersteigs bevat de Grande Route Bouillon – Vresse, op het traject Les Échelles ter hoogte van Roche­ haut, ook een aantal ijzeren hulpmiddelen. Het gaat hier echter om een klein gedeelte van een zo laag niveau, dat een klettersteigset eigenlijk niet nodig is.

Documentatie

• www.viaferrata.nl • www.klimenbergsportfederatie.be • www.clubalpin.be

Leren klettersteig en

Speciaal voor mensen die kennis willen maken met klettersteig heeft de NKBV een workshop Kle ttersteig ontwikkeld. De ze verdiepingsmodule de bergwandelworksho op p en is bedoeld voor me nsen die zelfstandig in bergen dagwandelingen de of huttentochten hebben gemaakt en graag willen ervaren hoe het is om een eenvoudige kle ttersteig te doen. Divers regio’s bieden deze wo e rkshop aan. Sommige bli jven daarbij in Nederlan en andere regio’s, zoals d Amsterdam, bieden een praktijkdeel aan in Bel of Duitsland. gië

Kijk op www.nkbv.n l/ data, prijzen en lo workshops voor actuele caties.

hoogtelijn 4-2011 |

29


= e i g o l o e Spel rden: ekse woo

er n twee Gri gos dat le afgeleid va is ie g lo kent en lo te e n b t va Speleo ro of g e studie dat holte ie is dus d g . lo n o spelaion, te le a e p S en en m betekent. vele soort : in n r of studie e e id n e a ta ndersch n die bes gorieën o n e te n grotten. E ca e r tt ie ro v en, zeeg orden er tt w ro g e rg e fw k o Gro , lavak gsgrotten ontbindin rotten. rg gletsje erosie- en

Klimmen

onder de grond reis s g n i k k e d t n e o h c s i g o l o e l Spe Vier stoere instructeurs met een indrukwekkende uitrusting staan ons in alle vroegte op te wachten. Ze dragen een overall, veiligheidsgordel en hoge laarzen. Dit zijn de echte jongens! En wij gaan met ze op pad in de grot Sint Anne bij Tilff. Speleo voor beginners.

O

nze instructeurs zien eruit alsof ze dagelijks in een grot vertoeven, speleologen dus. Maar wat is speleologie eigenlijk? Ik vraag het me vertwijfeld af terwijl ik voor de imposante ingang van de grot sta. Ik verwacht dat het iets te maken heeft met nauwe ruimtes en donkere gangen. Onze instructeur denkt daar anders over. Volgens hem is het een spannende, sportieve ontdekking van een ondergrondse mysterieuze wereld. Mysterieus is het zeker. “Grotten zijn, samen met

30 |

ondergrondse zeeën, de enige plaatsen op aarde die nog écht onontdekt zijn. Plaatsen waar nog nooit mensen zijn geweest,” verteld Eddy Verstraaten, profi speleoloog bij Speleo Nederland. De groep is even stil. “Er bestaat een verdeling in de speleologie,” vervolgt Verstraaten zijn college. “Speleologie wordt aan de ene kant beoefend door mensen die zich vooral laten leiden door het sportieve aspect, zeg maar: het klimmen en klauteren door de grot. Aan de andere kant beoefenen mensen speleologie uit

hoogtelijn 4-2011 | Tekst Yvonne Smink | Foto’s: Eric Staals en Yvonne Smink


B elg ische

wetenschappelijk motief. En dan zijn er nog mensen die recreatie met wetenschap verbinden in de speleo.” En wij? Wij zijn uit nieuwsgierigheid op de NKBV-workshop afgekomen.

nog hoger zijn.” Ik voel met mijn hand aan de klei. Die voelt inderdaad zacht aan. Indrukwekkend!

Commerciële groepen

Onderweg vertelt Theunissen dat de grot een hoogteverschil heeft van zo’n 35 meter. Ik krijg pas goed een indruk van de diepte als we voor een scheur van twaalf meter diep staan. “Stap er maar overheen,” moedigt hij me aan. “Net als of je over het trottoir loopt.” Hij voegt de daad bij het woord en stapt over de spleet heen alsof hij op weg is naar een kopje koffie bij de buren. Ik slik, en kijk eens naar beneden. ‘Trottoir. Het is een trottoir’, denk ik. Als ik een elfjarige deelneemster er zonder moeite overheen zie stappen, durf ik ook een poging te wagen. En eigenlijk valt het best mee. Onze volgende hindernis is de brievenbus, een horizontale scheur in de vorm van een brievenbus waarbij je je op je rug een aantal meters voortbeweegt. Als ik het advies van onze begeleider opvolg ‘gewoon rustig blijven’ is het inderdaad te doen. Je weet dat je er altijd uit kunt; dat is een hele geruststelling. En dan kunnen we kiezen of we de badkuip willen doen: een soort kom gevuld met koud water uit de grot, met een rotspunt in het midden waar je onderdoor zwemt. Een aantal waaghalzen durft

Verstraaten heeft zijn riem volhangen met apparaten die hij zelf ‘exotische spulletjes’ noemt. Het zijn speciale zekeringsapparaten en karabiners die voor speleologie ontworpen zijn. Ze lijken op het materiaal dat in de bergsport wordt gebruikt, maar ze zijn net even anders. “Wij rollen wat vaker in de modder, waardoor de normale zekeringsapparaten sneller vastlopen en dat wil je natuurlijk niet meemaken,” legt hij uit. Als onze groep helemaal klaar is om te vertrekken (regenpak en oude kleren aan, veiligheidstouw omgebonden en helm strak op ’t hoofd) beginnen we met de tocht. “Deze grot wordt vaak gebruikt als trainingslocatie voor verschillende speleologieclubs,” legt onze begeleider Arend Theunissen uit. We staan stil voor een grote verticale scheur, ongeveer zo groot als ikzelf (ik ben 1,55 m). Hij vraagt of we denken te weten hoe die is ontstaan. We beginnen te raden. Erosie? Verwering? “Een aardbeving?” roep ik tenslotte. “Nee. Deze spleet heeft zich gevormd door alle talloze commerciële groepen die door deze zachte klei gelopen hebben. Ook jullie slijten hem dieper uit. Over een tijdje zal deze scheur

Ardenn en

Badkuip

hoogtelijn 4-2011 |

31


MOUNTAIN

NET W O R K

ACTIEF IN DE MOOISTE VALLEI VAN DE ARDENNEN

CAFÉ LE MOULIN

MOUNTAIN NETWORK ARDENNEN

is ruim 20 jaar actief vanuit kasteelboerderij en camping Villatoile, gelegen in de prachtige Lesse vallei op loopafstand van de klimrotsen van Pont-à-Lesse en Freyr. Het gehele jaar worden hier activiteiten en cursussen georganiseerd. Bij het Sportpoint zijn GPS-toestellen, mountainbikes en kano’s te huur en de Mountain Shop biedt een ruim assortiment klim- en bergsportartikelen. In café Le Moulin kun je genieten van een trappistenbiertje of lekkere dagmaaltijd.

VERHUUR

EN NKBV-LRETDING

15% KONTAIN SHOP ING 2 0 % KO R T

IN DE MOU

OP CURSU

SS EN

MOUNTAIN SHOP

POWERED BY

WWW.MOUNTAIN-NETWORK.EU/ARDENNEN

Hotel Pider La Val • Alta Badia

s


Speleo proberen? Speleologie is meer dan alleen door nauwe ondergrondse gangen kruipen. Er komt techniek bij kijken, techniek die veel overeenkomsten heeft met die in de bergsport, maar er zijn ook verschillen. En - net als de bergsport - vereist speleologie specifieke vaardigheid en training. Ben je nieuwsgierig en wil je zelf kennismaken met de speleologie, ga dan op pad met ervaren speleologen. Kijk op www.speleo.nl voor introductietochten en basiscursussen. De beschreven tocht was een NKBV-workshop die in samenwerking met Speleo Nederland is opgezet. Volgend voorjaar biedt de NKBV weer workshops speleologie aan. Kijk op www.nkbv.nl/workshops voor actuele data, prijzen en locaties. NKBV-leden krijgen korting.

het aan, maar mij niet gezien! Ik ben al blij dat ik de brievenbus op mijn naam heb staan.

Zuurstof

Na de badkuip heeft Theunissen nog ‘een leuke verrassing’ voor ons. Die bestaat uit een minuscuul gat waar je je met één hand voor en één hand achter je, op je zij, doorheen moet zien te wurmen. Oké! Na de brievenbus ga ik geen uitdaging meer uit de weg, en ik wurm me door het minuscule gaatje heen. Als ik er doorheen ben, bevind ik me in een ronde ruimte, waar je alleen naast elkaar op je rug kunt liggen. Vet! Terwijl ik lig te genieten van mijn succes, hoor ik onze begeleider zeggen: “En nu snel terug, want na vijf minuten is de zuurstof op!” Ik schiet omhoog en kijk hem verschrikt aan. Hij heeft een glimlachje om zijn mond. Humor onder de grond… Als we verder lopen, realiseer ik me hoe stil het is in de grot. Uitgezonderd onze stemmen hoor je helemaal niets. Geen verkeer. Geen ruisende bomen. Geen lawaai. Dit is een totaal

andere wereld. In deze gedachten verzonken lopen we verder en worden we verrast door een verstild ondergronds meertje aan onze voeten. Wauw! Voorzichtig schuifel ik dicht tegen de wand gedrukt erlangs naar onze laatste hindernis: een abseil van vijftien meter. Als ik na een inspannende afdaling als laatste op de grond sta, suist begeleider Theunissen naar beneden. En serieus: hij fluit er een liedje bij. Huh? Waar ik voor mijn gevoel tien minuten over deed, doet hij in nog niet eens een minuut. Zijn laatste speurtochtvraag: “Hoe moeten we nu terug lopen?” Onze elfjarige tochtgenote loopt enthousiast de richting van het riviertje op. Om de beurt proberen we de weg terug te vinden. Best vreemd: omdat we nu vanaf de andere kant komen, lijkt het alsof we er nog nooit zijn geweest. Langzaam begin ik delen te herkennen. Dan zie ik daglicht. “Wie het laatste buiten is betaalt het eerste rondje!” hoor ik achter me. Meer stimulans heb ik niet nodig. Eenmaal buiten, knipper ik met mijn ogen tegen het felle licht. En het is niet eens heel zonnig. Toch moeten mijn ogen wennen aan het daglicht na vier uur ondergronds te zijn geweest. Ik geloof dat ik een nieuwe sport heb gevonden! hoogtelijn 4-2011 |

33


Wij de lusten,

34 |

hoogtelijn 4-2011


B elg ische

Ardenn en

Rick Lahaye in John Bee delight watch (8a), Le Pape in Freyr.

zij de lasten Tijdens een weekend klimmen in een Belgisch klimgebied kan het je ineens invallen: wie verzorgt en behaakt die rotsen allemaal? En wie maakt dat je er mag klimmen?

O

m te beginnen met dat laatste: wie zorgt er eigenlijk voor dat wij daadwerkelijk op de rotsen kunnen klimmen, ofwel wie verleent de vergunning? Om dat te begrijpen moet je nu even door een stukje Belgische klimorganisatie heen bijten…. In Vlaanderen is het klimmen georganiseerd in de Klim- en Bergsportfederatie KBF. Dat is een samenvoeging van de Belgische Alpen Club en de Vlaamse Bergsport- en Speleologen Federatie, een beetje zoals de NKBV een fusie is van de KNAV en de NBV. In Wallonië is het de CAB, de Club Alpin Belge. Alle klimgebieden die voor ons toegankelijk zijn, zijn in beheer bij een van deze twee. Wie welk klimgebied ‘heeft’, is een historisch gegroeid gegeven. De klimgebieden van de Union Belge de Spéléologie blijven in dit verhaal buiten beschouwing, omdat je daar alleen maar kunt klimmen met toestemming van de beheerder en niet op je klimjaarkaart van de NKBV.

ë i g l e B n a v Klimrotsen

zeggen: strenge regels voor toegang tot en gebruik van de klimgebieden, ten gunste van de flora en fauna. Op tijd de juiste vergunningen aanvragen is nu een klus voor experts geworden en voor sommige klimgebieden is het daarop misgegaan. Neem het deelmassief de Vignobles in Sy, sinds vorige zomer dicht, en het klimgebied Comblain la Tour. Beide gesloten door het Département Nature et Forêts vanwege het ontbreken van een milieuvergunning. Er speelt nog iets anders: voor elk klimgebied dat aan een nieuwe vergunning toe is, geldt dat alle routes op de massieven geregistreerd moeten worden. Koen Hauchecorne, beheerder rotsmassieven van de KBF, weet er alles van. “Bij het verkrijgen van een milieuvergunning wordt de bestaande situatie bevroren.” Volgens hem wordt het dan moeilijk om in zo’n klimgebied later het routebestand uit te breiden of om nog iets te veranderen.

De overkoepelende federatie van de Belgische klimmerij is de CMBEL (Climbing and Mountaineering Belgium). Deze is uitsluitend het gezicht naar buiten toe en dan moet je denken aan internationale vertegenwoordiging. Aanvankelijk had de CMBEL zelf ook een aantal klimgebieden in beheer, een ‘erfenis’ van haar voorloper de CABBAC. In 2009 zijn deze klimgebieden verdeeld onder de KBF en de CAB. Ik hoor je denken: ‘Mooi, dat is dan geregeld, niks meer aan doen, dan gaan we nu weer lekker klimmen.’ Maar in België denken ze daar heel anders over.

Het beheren van klimgebieden wordt steeds ingewikkelder, omdat de milieuwetgeving de afgelopen jaren strenger is geworden. De KBF en de CAB hebben te maken met veel partijen die akkoord moeten gaan: de (meestal particuliere) eigenaar van de rotsen, de burgemeester en ambtenaren van het dorp of de stad waar het gebied ligt. En de regionale overheid die de milieuvergunning moet verstrekken, want zonder milieuvergunning houdt alles op. Extra hindernis: bijna alle klimrotsen liggen in Natura 2000-gebied, een Europees netwerk van beschermde natuur. Doel van Natura 2000 is het bevorderen van de biodiversiteit, de soortenrijkdom van planten en dieren. Dat wil in de praktijk

©Moniek Janssen

Vergunning

Kobe Bellinkx kuist rotsen.

Tekst Moniek Jansen en Pieter Dirksz | foto’s Paul Lahaye | hoogtelijn 4-2011 |

35


gang e o t r den voo e i s b l e e g g re klim e g e n d e r n St va una k a i f u r n b e ge ra n o e l f t o e t n d a v e t ns ten gu 36 |

hoogtelijn 4 -2011


Isolde Toet in Le Pilier Cromwell (7a), Les Cinq Ânes in Freyr.

De KBF heeft de klimgebieden Durnal, Pont à Lesse, Yvoir, Hotton, Mozet en Comblain la Tour in beheer. Alleen in Mozet en in Comblain la Tour mogen NKBV-leden niet klimmen. Mozet omdat daar officieel alleen maar leden van bij de KBF en CAB aangesloten verenigingen mogen klimmen. Dit op uitdrukkelijk verzoek van de eigenaar van deze gebieden, de Belgische chemiegigant Solvay (ja, een chemiebedrijf kan ook eigenaar zijn van een klimgebied!). Wat Comblain la Tour betreft, dat is momenteel dus gesloten vanwege vergunningsperikelen. Voor Durnal, Pont à Lesse en Yvoir is de situatie relatief gunstig: in 2005 zijn daarvoor nieuwe vergunningen verleend met een looptijd van twintig jaar. Dan het ‘zorgenkindje’ Hotton. De vergunning daarvoor liep eigenlijk in 2010 af, maar het klimmen wordt er, hangende een milieuvergunning, gedoogd. De aanvraag is ingediend, maar Koen Hauchecorne van de KBF is er niet helemaal gerust op. Opdat wij zijn zorgen begrijpen, geeft hij een klein college ‘Belgische wetgeving’. Het draait allemaal om de milieuwet; die is in 2009 gewijzigd. Om een (klim-)gebied te mogen ‘inrichten’ heb je sinds dat jaar behalve een milieuvergunning ook een bouwvergunning nodig. Nu wil het geval dat de meeste klimgebieden in een zogeheten zône forestière (bos) of een zône naturelle liggen. Voor Hotton betekent dat: alleen bosbouw is toegestaan. Het aanbrengen van haken in een rots valt daar niet onder. Je mag dus wel met tractoren het bos gaan ontginnen, maar klimmen mag niet. Dat zou betekenen dat Hotton nooit meer een nieuwe vergunning kan krijgen. De Waalse overheid wacht rustig af tot de (wetgevings-)weg vrij is. Volgens Koen Hauchecorne heeft de wetgever deze onvolkomenheid in de wet gelukkig al onderkend maar het duurt nog wel even voordat er een uitzonderingsregel is gemaakt die dit probleem omzeilt.

Ongeduldig

De andere beheerder van klimgebieden is de Waalse CAB, de Club Alpin Belge. Zij heeft onder meer de klimgebieden Les Awirs, Dave, Beez, Sy (momenteel gesloten) en natuurlijk Freyr onder haar hoede. Bij de CAB is Joe Dewez de nieuwe directeur rochers, ofwel directeur van de rotsen. Hij vertelt dat in Dave het klimmen nu slechts wordt gedoogd, in afwachting van de milieuvergunning. Dat betekent dat het herbehaken van routes gedwongen stil ligt, alleen het milieuonderhoud gaat door. Een klein kijkje in de keuken van de vergunningsaanvraag: Dave ondergaat momenteel een Évaluation Appropriée des Incendies. Dat houdt in dat de gevolgen van het klimmen op het milieu in kaart moeten worden gebracht en dat de CAB daar een lijvig rapport over moet schrijven. Als de évaluation af is, kan de aanvraag van de milieuvergunning pas de deur uit, naar het Département Nature et Forêts (DNF). Joe Dewez heeft een beetje haast want het DNF wordt ongeduldig en zij beslissen of Dave een milieuvergunning krijgt of niet… Tot zover de vergunningen, maar wie doet nu het herbehaken en het onderhoud van de klimgebieden? De equipeerders van de CAB-rotsen komen voort uit equipeercursussen van de CAB. Om een brevet voor equipeerder/reiniger te halen moeten de cursisten een aantal dagen werken in de rotsen. De KBF heeft, naast eigen behakers, een aantal zeer ervaren behakers

Meer weten over klimmen in België Sinds 1991 heeft de NKBV voor haar leden een overeenkomst met de eigenaren van een aantal rotsmassieven zodat leden er kunnen klimmen. Om gebruik te maken van deze klimregeling heb je een klimjaarkaart nodig. Die kun je in de webshop van de NKBV voor € 15,- aanschaffen mits je lid bent én een doorlopende NKBVbergsportreisverzekering hebt afgesloten. Dat bedrag wordt geïnvesteerd in de huur en het onderhoud van de rotsen. Alles wat je moet weten en regelen om te kunnen klimmen in België en links naar de gebieden vind je op www.nkbv.nl/sportklimmen/gebieden/België

overgehouden aan de fusie met de speleologen van de VBSF. Ook de KBF heeft herbehaak-cursussen en tijdens de verschillende opleidingen zijn eco-werkdagen ingesteld. Maar het onderhoud van de rotsen en de organisatie daarvan leunt zwaar op de vrijwilligers en dat zijn er nooit genoeg.

Belgian Rebolting Team

‘En het Belgian Rebolting Team, dat is er toch ook nog?’ zul je waarschijnlijk ook denken. In 2007 stond in Hoogtelijn een reportage over dit team van experts op het gebied van herbehaken, dat ook financieel door de NKBV gesteund wordt. Het verhaal van de BRT’ers is anno 2011 niet veel anders dan in 2007, behalve dat zij geen officiële ‘werkgever’ meer hebben. In 2007 was dat de CABBAC, die later overging in CMBEL. Aangezien het CMBEL sinds 2009 geen klimgebieden meer beheert, is het Belgian Rebolting Team nu ‘dakloos’. Maar ondanks dat vindt hun kennis en expertise nog steeds zijn weg naar de klimgebieden. Regelmatig wordt de leden van het BRT om raad en daad gevraagd bij herbehaak- en schoonmaakwerk. Kobe Bellinkx, de coördinator van het BRT, heeft de afgelopen tijd voor de KBF in

©Moniek Janssen

Bouwvergunning nodig

ook een bladblazer komt van pas bij het rotsen kuisen. hoogtelijn 4-2011 |

37


Klimgebieden in België

• Les Awirs: kalk, 100 routes voor beginners tot vergevorderden • Hotton: kalk, 80 routes voor beginners tot vergevorderden • Beez: dolomiet, 210 routes voor beginners tot vergevorderden • Dave: dolomiet, 185 routes voor beginners tot vergevorderden • Yvoir: 147 routes voor beginners tot gevorderden • Durnal: kalk, 67 routes voor beginners • Freyr: kalk, 635 routes voor beginners tot vergevorderden • Pont à Lesse: kalk , 80 routes voor beginners

Pont à Lesse veel routes herbehaakt. Hij voelt wel de knellende banden van de milieuwetgeving. “Te voortvarend herbehaken kan de vergunningverstrekker afschrikken,” stelt hij. Bellinkx’ visie op het toekomstig beheer van klimgebieden is: werk samen met de milieu-organisaties, die nu nog vaak wantrouwig staan tegenover de klimmers. De taak van de schoonmaker en herbehaker van de rotsen - de klimverenigingen dus - zou wat hem betreft moeten samenvallen met die van beheerder van de hele biotoop, dus ook wat flora en fauna betreft. En daarvoor moet je veel meer van zo’n gebied afweten. De KBF heeft al redelijk wat expertise ontwikkeld op ecologisch vlak, maar milieu-organisaties hebben nog veel meer kennis. Samenwerken met hen zou de toekomst van de Belgische klimgebieden veiligstellen. De kalkweiden bovenop de rotsen van Hotton zijn hiervan een voorbeeld. Daar is Natuurvereniging Natagora, met steun van de EU en in samenwerking met de KBF een vijfjarenplan begonnen. Binnen vijf jaar moeten de oorspronkelijke kalkweiden er weer hersteld worden, een zeer bijzondere biotoop vol zeldzame planten. Met het vertrek van de schaapskuddes raakten de weiden overwoekerd; herstel betekent: bepaalde vegetatie moet gerooid worden, andere juist gekoesterd. In Hotton loopt dit experiment onder de naam ‘Heliantheme’. Een heliantheme is een kleine gele bloem die uitsluitend op deze kalkweiden bloeit. Volgens Bellinkx zou het mooi zijn als ecologen deel gaan uitmaken van klimverenigingen. Bij de KBF is er al één.

Milieuvergunning

In tegenstelling tot de klimgebieden van de KBF probeert de CAB ieder klimgebied een eigen beheerder te geven, gecoördineerd door directeur rochers Joe Dewez. “Dat is in het ideale geval iemand die in de streek woont. Deze kan gemakkelijker contact houden met de lokale bevolking en overheid. Hij/zij verzamelt een groep vrijwilligers rondom zich voor onderhoud en herbehaking en kan zo een stempel drukken op het klimgebied. Als de beheerder een ‘alpiene inslag’ heeft, zoals die van Dave, komt dat erop neer dat zo’n gebied er anders uitziet dan pakweg Yvoir of Beez.” Geen twee klimgebieden zijn dus gelijk. Er zijn ook verschillen in aanpak tussen de KBF en de CAB, aldus Joe Dewez. Hij neemt als voorbeeld Dave en Yvoir. “In Yvoir (van de KBF) zit de eerste haak op anderhalve meter, daar kun je zo met een groep beginners aan de slag die je onder begeleiding kunt leren voorklimmen. Het is een echt klimschoolmassief. In Dave (van de

38 |

hoogtelijn 4-2011

Met de N

KBV naa Introducti r de Ar ecursus o dennen utdoor vo vanuit de orklimme NKBV-Tu n in Hott khut in S on, y. 16/9 18/9 K ij k op w w w.bergs po

r trei ze

CAB) zitten de eerste haken soms op 5 of 7 meter, zo hoog dat het klimmen daar een meer alpien karakter heeft”. Last but not least: de Maasrotsen in Freyr. Voor Freyr is in tegenstelling tot de andere massieven op dit moment geen lokale beheerder. Er is wel een gardien maar die houdt zich bezig met een beperkt aantal taken, onder andere de zorg voor het bivakveld. De beheertaak van het gebied is zo groot geworden dat de CAB er nu een ‘speciale oplossing’ voor probeert te vinden, aldus Joe Dewez. Welke dat wordt, is nog niet duidelijk, wel dat de beheertaken er vele zijn: het herbehaken/onderhouden van de routes, het onderhoud van de beschermde kalkgraszones boven de massieven 5 Ânes en Mérinos, het onderhoud van de parkeerplaats, van de bivakplaats, van de paden. En dan stelt de milieuvergunning nog vele voorwaarden meer…. De huidige staat van onderhoud van de routes in Freyr is op sommige plaatsen maar matig. Dewez vindt deze ‘aanvaardbaar, maar niet meer dan dat’. Zijn verklaring: “Freyr is geen klimschoolmassief en dat zal het ook nooit worden. De routes in Freyr moeten hun historische karakter behouden, inbegrepen een zeker ‘engagement’.” Vanwege de hoogte van de rotswanden moeten we Freyr volgens hem meer zien als een opstap naar de Alpen dan de andere, meest kleinere, klimgebieden in België.

n.n l

Laura Steinbusch in Toxic Climax (7b+), Rochers du Calvaire in Bomal.


POWER

The new CORE battery: rechargeable, programmable power for the entire TIKKA² - ZIPKA² family of headlamps One CORE battery replaces up to 900 alkaline batteries, reducing waste and saving money Customize light output, battery life, and more with free OS by Petzl software

by Petzl

Recharge with any standard USB charger Snap the new CORE battery into your headlamp so you’re always fully charged

www.petzl.com/core


s: i o e g r u o B Jean

Jean Bourgeois in actie in zijn eigen Freyr.

‘Klimmers zijn nogal ...

bourgeois’ Le Chamonix is net zo legendarisch als de rotsen van Freyr zelf en van oudsher de pleisterplaats voor al het Belgisch en Nederlands klimvolk. Zeker die van fervent Freyrklimmer Hubert Briesen, van 1976 tot 1990 eigenaar van het bekende restaurant. En van Jean Bourgeois, die tien jaar later in ’57 zijn eerste meters in Freyr klom en tot dit voorjaar gardien was in Freyr. De rotsen waren nog maagdelijk toen zij er hun beste krachten aan gaven.

O

p het terras van Le Chamonix zitten de twee gezworen vrienden: Briesen, een bon vivant van 84 vol grapjes en Bourgeois, een serieuze, bedachtzame man van 73. Uit hun verhalen rijst een beeld op van Freyr als ‘de kleine Alpen’, heel anders dan het comfortabel behaakte sport/rotsklimgebied wat het nu is.

40 |

Toen Hubert Briesen in ‘47 als 20-jarige het klimmen ontdekte moest je nog van adel zijn om toe te treden tot de Club Alpin Belge. Maar met zijn charmes lukte het de jonge Briesen om voorgedragen te worden als lid en hij werd een van de eerste ‘volkse’ leden. Hij moest de route ‘La Voronov’ op de Jeunesse, toentertijd een van de moeilijkste, proefklimmen om

hoogtelijn 4-2011 | Tekst Moniek Janssen | Grote foto Paul Lahaye


B elg ische

Ardenn en

ray, l Ter e n o i L en vnlr: ourgeois B . r n e a i b Je o Bar i d u a Cl

toegelaten te worden. Tien jaar later was het adellijke tintje al verdwenen, al heeft de ballotage nog lang bestaan. Bourgeois: “Ik had een mooie techniek, en was een goede technische klimmer.” Briesen, plagend: “Je klimt als een aap!” Bourgeois, semiverontwaardigd: “Nee, als een kat!” Bourgeois is klein van stuk en geeft toe dat hij het niet van zijn kracht moest hebben. Maar hij werd wel toegelaten tot de Club Alpin Belge en bleek een klimtalent te zijn. Na een maand deed hij zesdegraadsroutes, toen de moeilijkste gradatie. Na een jaar had hij het hele klimgebied in zijn zak.

Breekbaar sisal

Briesen tekent op een papiertje een driehoekig blokje met een gat erin. Zo zagen de ‘mephaken’ er in zijn tijd uit. Als een soort wig dreef je het blok in een spleet, door het gat wurmde je een touwtje. Hij heeft de tijd meegemaakt dat er in het hele klimgebied in Freyr maar een paar haken te vinden waren, en de touwen nog van het breekbare sisal waren. Op elk van de zeven massieven waren een of twee routes, nu de klassiekers. “De Al Legne was bijna helemaal maagdelijk tot in de jaren ‘70,” vertelt Bourgeois. Zelfs het afdalen naar de rotsen was een training, het enige echte pad dat er was, liep naar het massief Mérinos. Achter het aanleggen van routes zat geen groter idee of plan. Bourgeois: “Op een gegeven moment hadden we gewoon alles geklommen wat er was en we wilden meer, dus toen zijn we nieuwe lijnen gaan zoeken. Die waren natuurlijk moeilijker, dus hadden we punten nodig om aan een setje of een schlinge te kunnen trekken, want zo werden de haken toen gebruikt.” De meeste routes die hij heeft aangelegd zijn allang verdwenen of hernoemd maar daar zit Bourgeois niet in ’t minst mee. Zoals ‘Love me tender’ (6a), de eerste lengte daarvan heeft hij aangelegd als ‘Jean Couzy’ in het begin van de jaren ‘60 van de vorige eeuw.

Mooie lijn

Bourge oi jaren. s in zijn jo nge

Alle routes werden ‘du bas’ gemaakt, vanaf een tophaak werken deed men toen niet. Er werd soms zelfs gebivakkeerd als het bouwen langer dan een dag duurde. Bourgeois: “De ‘Physique Solaire’ op de Al Legne heb ik in drie dagen aangelegd, midden in de winter. Met bivaks in de route en drie dagen niet eten en drinken, puur om te trainen.” Briesen heeft heel andere herinneringen aan bivaks: “Dan hingen de mannen in de wand en dan lieten de vrouwen ’s avonds een mand met lekker eten zakken. Dat was pas bivakkeren.” Hij kan er nog om lachen.

Toen stond al in de sterren geschreven dat de gedreven Bourgeois later aan expedities zou gaan meedoen en de extraverte Briesen eigenaar zou worden van Le Chamonix. Dat er klimmers waren die vaste hulpmiddelen aanbrachten in de rots kon de tegendraadse Bourgeois aanvankelijk niet begrijpen. Hij was van de lijn ‘geen vaste haken’. Maar, zegt hij nu, “het is maar goed dat de andere partij gewonnen heeft, want vaste haken aanbrengen was natuurlijk wel de verstandigste keus...” Routes ontstonden soms ook bij toeval, zoals de Traversée Bourgeois, nog altijd te klimmen op het massief ‘Cinq Ânes’. Jean: “Ik was een bekende traverse aan het klimmen, maar ik klom verkeerd, en dat bleek ook een mooie lijn te zijn.” Ook Briesen heeft routes geopend: Le surplomb de Marcelle, Plein de Jeu en Les Bretelles de Hubert. Die bestaan al lang niet meer onder hun oorspronkelijke naam, maar bretelles draagt Hubert nog altijd.

Koning Boudewijn

Het was ook de tijd van legendarische klimmers als Jean Lecomte en Claude Barbier, die zij allebei goed gekend hebben. Briesen laat oude zwart-witfoto’s uit zijn auto halen van Lecomte op de Al Legne en van routebouwers in actie. Oude klimhelden en -technieken komen ineens tot leven. Waarom Claude Barbier zo’n excellente klimmer werd, daar heeft Bourgeois wel een verklaring voor: in Freyr wilde op een gegeven moment niemand meer met hem klimmen, omdat hij zo vaak viel en dat was toen not done. Jean: “Je moest safe klimmen of je had geen klimmaten meer. In arren moede is Barbier toen maar solo gaan klimmen en daardoor is hij zo goed geworden.” Aanvankelijk had de onaangepaste Bourgeois een kleine strijd met Barbier. Hij haalde soms de haken weg die Barbier had bedoeld om te laten zitten. Later zouden de twee samen vele routes openen in de Dolomieten. Jean Bourgeois was van 2005 tot januari 2011 voor de Waalse Club Alpin Belge beheerder van de rotsen van Freyr. Hoe hij tegen de klimmers van nu aankijkt? De oud-pionier zucht bijna onmerkbaar en zegt: “Ik vind ze nogal ... bourgeois...” Anno 2011 is de nieuwste trend in Freyr: het wekenlang laten hangen van setjes in moeilijke routes. Jean heeft daar een stokje voor gestoken, ook om de milieulobby geen munitie in handen te geven tegen het klimmen. Inmiddels is hij afgetreden als gardien. “Het was genoeg geweest,” zegt hij. Briesen resideert nog vaak in ‘zijn’ Le Chamonix en is een vat vol anekdotes. Vooruit, nog een dan: hoe Jean in zijn huis bezoek kreeg van Koning Boudewijn (Baudouin) de Eerste, nadat hij aan een expeditie had meegedaan. Jean had toentertijd geen wc in huis maar een in zijn schuur, die recht boven een riviertje hing. En ja hoor, de koning moest tijdens het bezoek ‘zijn neus poederen’. In de schuur van Jean. In het dorp hebben ze het er nog over. hoogtelijn 4-2011 |

41


Wie zet die

strepen?

Alpen r u u t c u r t ras f n i t n u e t s NKBV onder In de Alpen liggen tienduizenden kilometers gemarkeerde bergpaden. Wie zorgt ervoor dat ze begaanbaar zijn en wie zet die verfstrepen zodat we onze weg kunnen vinden? Dat verschilt per land. In elk geval spelen de nationale bergsportverenigingen een belangrijke rol. En jij ook... omdat een deel van je NKBV-lidmaatschapsgeld naar die verenigingen gaat om de infrastructuur in stand te houden.

H

Padenwacht Stefan Lackner plaatst een wegwijzer.

42 |

hoogtelijn 4-2011 | Tekst en foto’s Mieke Scharloo

et is niet iets waar je direct aan denkt als je lekker naar een hut loopt of onderweg bent van de ene naar de andere. Wie onderhoudt het pad en de markeringen? Paden zijn vaak eeuwenoud, die zijn er gewoon, en die zullen tot in de lengte van dagen blijven bestaan, denk je misschien. Deels is dat zo, maar net als bij de A1 kan onderhoud geen kwaad. Sneeuw en hevige regenval veroorzaken geregeld verzakkingen en soms moet er simpelweg een ‘bypass’ worden aangelegd omdat een heel stuk bergwand is weggeslagen of omdat een gletsjer is teruggetrokken. Er is veel geld gemoeid met het in stand houden van de infrastructuur voor bergsporters in de Alpen. Daarom draagt de NKBV jaarlijks per volwassen lid (vanaf 18 jaar) € 8,50 af aan een gezamenlijk fonds van de alpenverenigingen. De in totaal ruim vierhonderdduizend NKBV-euro’s zijn bestemd voor onderhoud van de hutten en paden. In ruil daarvoor krijgen NKBV-leden korting in de hutten van deze verenigingen. Daarnaast ontvangen de verenigingen in de alpenlanden subsidie van de plaatselijke en de landelijke overheid. Een veilige infrastructuur is immers ook van groot belang voor het toerisme.


Vrijwilligerswerk! Stammen dwars op het bergpad vertragen erosie; de markering wijst wandelaars de weg.

Permafrost

Peter Kapelari is afdelingshoofd hutten en wegen bij de Oostenrijkse Alpenclub OeAV. “Hier in Oostenrijk hebben we samen met de Duitse Alpenvereniging (DAV) zo’n 40.000 kilometer wandelpad in het hooggebergte in beheer. Daarvan is 26.000 kilometer in onze handen. De verantwoordelijkheid voor het onderhoud ligt bij de secties. Zij moeten ervoor zorgen dat de paden en de markeringen in de omgeving van hun hutten op peil zijn. De kaart van Oostenrijk hebben we onderverdeeld in werkgebieden. Zo weten al onze 160 secties precies waar zij zorgplicht hebben,” aldus Kapelari die er met nadruk aan toevoegt dat de coördinatie en zeker 95 procent van het werk wordt verricht door vrijwilligers. Bij elkaar zijn er zo’n zevenduizend vrijwilligers en 22.000 helpers die zich inzetten voor het onderhoud van paden en hutten. Ondanks al die onbezoldigde uren steekt de OeAV jaarlijks nog eens zes- tot zevenhonderdduizend euro in de infrastructuur. En daar komt dan het rampenfonds van jaarlijks 55.000 euro nog bij. Uit dit fonds worden noodreparaties betaald, die meestal door betaalde krachten worden uitgevoerd. Dan gaat het bijvoorbeeld

om het herstel van een pad op een drukbelopen route dat plotseling is weggeslagen door noodweer. “Dan moet je snel ingrijpen om ongelukken te voorkomen en kun je niet een week wachten tot een groep vrijwilligers eindelijk paraat staat,” licht Kapelari toe. Volgens hem nemen de kosten de laatste jaren toe doordat de gletsjers en de permafrost zich terugtrekken. Bergen worden daardoor instabiel, wat in Oostenrijk goed te merken is in vergletsjerde gebieden als de Hohe Tauern, de Stubaier, Zillertaler en Ötztaler Alpen.

Probleemlocatie

Met Stefan Lackner heb ik afgesproken op het bureau van de Sektion Innsbruck van de Oostenrijkse Alpenclub. Hij is Wegewart, ofwel padenwacht van deze sectie, zeg maar het opperhoofd paden. Kort gezegd komt het erop neer dat hij als vrijwilliger verantwoordelijk is voor het welzijn van een slordige 360 kilometer paden en paadjes rondom de hutten van de sectie. Als het goed is, worden alle gevaarlijke situaties en ontbrekende markeringen of wegwijzers op het Innsbrucker padennet bij hem gemeld. Vervolgens zoekt hij uit wat er precies aan de hand is hoogtelijn 4-2011 |

43


Het weer begaanbaar maken van het Stempeljoch is

“informatie van toeristen is niet altijd even accuraat, soms zitten ze er een dalletje naast als ze een ‘probleemlocatie’ aanduiden” - lacht de vrolijke Tiroler. Vervolgens maakt hij een plan, gaat zelf aan de slag of schakelt andere vrijwilligers in om de klus te klaren. Hoe dat precies moet gebeuren, heeft hij geleerd in cursussen van de OeAV en hij heeft inmiddels de nodige ervaring. Als back-up heeft hij zijn handboek voor paden en bouwtechniek. Komt hij er dan nog niet uit, dan kan hij de hulp inroepen van Peter Kapelari en zijn medewerkers. Vanuit het landelijk bureau ondersteunen zij de padenwachters met raad en daad en zorgen ervoor dat de geldstromen voor materialen en onkostenvergoedingen goed verlopen.

Hotseklotsen

Vandaag gaat de Innsbrucker padenwacht de Karwendel ten noorden van Innsbruck in met een nieuwe paal om wegwijzers op te monteren en een hark om het Stempeljoch weer begaanbaar te maken voor wandelaars. En ik mag mee in zijn aftandse Jeep die hij van de schroot heeft gered. “Straks zul je blij zijn met deze

Handen uit de mouwen! De verschillende Alpenverenigingen houden werkweken waarin je kunt helpen bij het padenonderhoud. NKBV-leden kunnen zich daar ook voor inschrijven. De OeAV en de Zwitserse Alpenclub SAC kennen onder meer de Bergwaldprojekten, waarbij je je vijf dagen belangeloos inzet voor het behoud van de infrastructuur in de Alpen. Voor jongeren zijn er combiwerk/bergsportweken. Kijk op www.nkbv.nl voor de verschillende mogelijkheden om zelf je handen uit de mouwen te steken.

44 |

hoogtelijn 4 -2011

auto,” zegt hij veelbetekenend, terwijl ik hond Santos begroet en me naast de wegwijzerpaal op de bijrijdersstoel nestel. Met een grote omtrekkende beweging rijden we via Scharnitz de bergen in over een eerst nog goed onderhouden grindweg die, hoe verder we van de bewoonde wereld raken, steeds slechter wordt. Onze finale naar de Pfeishütte draait Lackner lachend op, terwijl hij een dot gas geeft alsof we moeten opstijgen. Het scheelt niet eens zo veel voor mijn gevoel... Hotseklotsend bereiken we de hut en het einde van het pad. “Nu snap je wel wat ik bedoelde, hè? Ik heb dit één keer met de Fiat Punto van mijn vrouw gereden. Daar was ze niet blij mee... het was het einde van haar auto.” Lackner bindt de hark op zijn kleine rugzakje met wat gereedschap, een fles water en een trui en gooit de wegwijzerpaal over zijn schouder. We zijn onderweg naar onze eerste Baustelle vlak onder het Kreuzjöchl.

Waarschuwen

Onderweg krijg ik college over wegwijzers en het plaatsen van markeringen. Dat stelt meer voor dan lekker met een kwast door de bergen rennen. “De kunst is er zo min mogelijk te zetten, maar wel voldoende zodat iedereen de route kan volgen, in beide richtingen. En dat kan alleen als het droog is. Anders loopt de verf door en krijg je Schwulenpfade. Dat gebeurde ons ooit op de route naar het Brandjoch. Op de heenweg hadden we netjes de witte streep gezet, daarna lang gepicknickt daarboven om de verf een beetje te laten drogen. Op de terugweg plaatsten we aan weerszijden van het wit een rode streep. En toen ... begon het te regenen. Alles roze!” Lackner kan er nu de humor wel van inzien. Net als in Zwitserland zijn de Oostenrijkse wegwijzers tegenwoordig geel. Voor de bestemmingen staan meestal rode of zwarte stippen. Daarmee wordt de moeilijkheid van een bergpad aangeduid, conform de waardering voor skipistes. Als er geen stip voor een bestemming staat is het een eenvoudig wandelpad dat


‘Wij moete n ervoor zorgen dat wandel aars veili g kunnen pa sseren’ een jaarlijks terugkerende klus voor padenwacht Lackner. voor iedereen te doen is. Aanvankelijk kreeg zo’n pad een blauwe stip, maar dat leverde verwarring op, vooral in Vorarlberg dat aan Zwitserland grenst. Daar duidt blauw namelijk op een hoogalpiene route. “Links onderaan de wegwijzer kun je zien wie de desbetreffende weg onder zijn hoede heeft. Zo weet je wie je moet waarschuwen als pad of bewegwijzering niet in orde is. Maar dat kun je ook aan een huttenwaard of de VVV vertellen. Zij zorgen er dan wel voor dat de informatie bij de juiste persoon terecht komt... bij mij dus,” grijnst Lackner.

Bloedende vinger

De wegwijzer vlak onder het Kreuzjöchl is afgebroken en provisorisch vastgezet in een hoop stenen. “Een prima tijdelijke oplossing, maar het is beter als we de paal vervangen. Stel dat het flink gaat sneeuwen, dan is hij op deze manier niet meer zichtbaar, of hij raakt verdraaid; dan loopt iedereen de verkeerde kant op.” Stefan Lackner gaat direct aan de slag om het onderste deel van de paal uit de betonnen standaard te hijsen. Normaal een simpel karweitje, maar een grapjas heeft een steen in de schacht gegooid, waardoor de buis muurvast zit. “Nu had ik wel ander gereedschap bij me willen hebben... Dat gebeurt zo vaak. Je weet eigenlijk nooit wat je te wachten staat. Ja, dan is het handig als je een beetje kunt improviseren.” Met zijn timmermanshamer kost het hem iets meer dan vijf minuten, een bloedende vinger en veel zweet op zijn voorhoofd om de oude buis eruit te wrikken. De nieuwe laat hij zo in de schacht zakken; een kunststof ring eromheen zodat er niet weer steentjes in de schacht kunnen worden gegooid. En dan moeten de bordjes worden overgezet. Even haperen zijn handelingen; hoe moesten ze ook al weer? Gelukkig heeft Lackner een foto op zijn toestel van de intacte wegwijzer en plaatst hij de bordjes moeiteloos terug. De twee stukken paal gaan op en in de rugzak en voor ik weet zijn

we al weer op weg naar de volgende Baustelle. “Die wegwijzer is zeer waarschijnlijk dit voorjaar afgebroken door een lawine. Lawines en hevige regenval zijn hier de grootste boosdoeners. Het Stempeljoch - waar we nu naartoe lopen - heeft daar ook zwaar onder te lijden. Dat is ons grootste zorgenkind. Elk jaar moeten we het pad bijna opnieuw aanleggen doordat de erosie enorm is op de steile helling met los gruis.” De afgelopen dagen heeft Lackner al heel wat uren geïnvesteerd in het herstellen van het stutwerk. Een hels karwei dat dus jaarlijks terugkeert. Krijgt hij er geen sik van? “Och, dat is nou eenmaal zo. We blijven zoeken naar een antwoord. Het is een belangrijke verbinding waar veel wandelaars over gaan. Dan moeten wij ervoor zorgen dat ze veilig kunnen passeren.”

Welzijn

Dat is ook aan de orde als we ‘s avonds aan tafel zitten in het Solsteinhaus dat wordt gerund door Robert Fankhauser en Jenny Gstrein. Ze vertellen dat de bewegwijzering op de route tussen Seegrube en hun hut niet goed is. Ze hebben al verschillende gasten ontvangen die verkeerd zijn gelopen. “Dat is niet handig daar, het is er heel steil en dit is een lange etappe. Als mensen moe zijn en in steil terrein weer moeten afdalen, kan er gemakkelijk iets heel erg misgaan. Dat moeten we snel verhelpen,” vindt Fankhauser. Lackner knikt instemmend, neemt een hap van zijn canneloni om na te kunnen denken en zegt dan: “Overmorgen ga ik erheen en zal ik de markeringen en wegwijzers checken.” Dat is nog eens snel! Het is maar goed dat de padenwacht van de sectie Innsbruck slechts een 35-urige werkweek heeft als ambtenaar bij de burgerlijke stand. En nog belangrijker: dat hij bereid is twee onbezoldigde dagen per week te steken in het welzijn van het wandelpadennetwerk.

hoogtelijn 4-2011 |

45


^^^ gemarkeerd ^^^ gemarkeerd ^^^ ge


emarkeerd ^^^ gemarkeerd ^^^ focus ^^^ Effe chilluh

E

enmaal per jaar mogen we een weekje chillen. Zonder partner, zonder kids, weg van de beslommeringen van het werk. We gaan terug naar onze roots, naar het klimmers­ leven dat begon in de studententijd, twintig jaar geleden. Heerlijk is het om over de Duitse Autobahn in zuidelijke richting naar de Alpen te sturen en snode klimplannen te smeden. Ergens na Freiburg op de A5 valt het woord Arête de Rochefort. Deze graat is een van de mooiste klimtochten in de Alpen. Torenhoge, de lucht in priemende rotsnaalden en wondermooie smalle sneeuwgraten wachten op ons. Wij kijken verlekkerd naar deze fantastische chilplek. Met dit vooruitzicht passeren we de Zwitserse grens bij Basel. We hebben nog een paar honderd kilometer voor de boeg om twee bergen uit te zoeken om te acclimatiseren. De iPhone helpt ons aan weerberichten. En direct daarna staat de huttenwaard van de Britanniahütte op de speakers van de autotelefoon: “Jawohl, wir haben noch Platz für zwei Personen heute Abend.” Dus de Allalin Hohlaubgrat wordt onze eerste berg en de overschrijding van de ernaast gelegen Alphubel is een logische tweede. Dus links afslaan richting de autotreintunnel van Kandersteg in plaats van rechts richting Montreux - Chamonix. Vijf dagen later lijkt het wel winter. Het heeft twee dagen gesneeuwd, hartje hoogseizoen. We mogen sporen door de sneeuw richting de Dent du Géant. Eenmaal op de graat stellen we vast dat het helemaal klopt: Arête de Rochefort is een fantastische chillplek.

Jeroen Roosen Kijk verder op www.jeroenroosen.nl.

Focus o Dat kan p je bureaubl andere ! Download de ad? den ond Focus. Je kun ze of een op Summ er de groep H t ze vinitclub o van de ogtelijn NKBV. Heb jij voor Fo ook een mooi Hoogtel cus? stuur he e foto m naar hoogtel ijn: ijn@nkb v.nl

hoogtelijn 4 -2011 |

47


Rogier van Rijn

‘Het hoeft niet allemaal Zeven jaar geleden verkaste Rogier van Rijn (1980) naar de bergen omdat hij alleen daar gelukkig kan zijn. Zonder vastomlijnd plan, zonder een cent op zak. Zelfs zonder de taal te spreken. Hij klom als het kon; stond hij rood, dan zocht hij een baantje. Inmiddels heeft hij een bestaan opgebouwd als ski- en bergsportjournalist.

“I

k dacht: shit, het gebeurt nu echt een keer. Ik zag Sandra over een enorme rotsband vliegen en op de rotsen klappen. Daarna viel ze over een nog veel grotere tweede rotsband. Tweehonderd meter lager lag ze stil; door de sneeuw liepen twee bloedsporen naar haar toe. Toen ik dat zag, dacht ik: kut, dit is het, ze is dood.” Rogier van Rijn zit op z’n balkon in l’Argentière – la Bessée. Aan z’n voeten ligt z’n hond Scratch tevreden te zuchten in de ochtendzon, het uitzicht wordt bepaald door de toppen van de Queyras en de Écrins. (“Zie je die berg daar, de Tête des Raisins? Daar hebben Sandra en ik elkaar leren kennen. Tijdens het toerskiën…”) De entourage is gemoedelijk, het onderwerp is serieus: hoe ga je om met gevaar als je bijna elke dag in de bergen bent? En hoe is het om gevaarlijke tochten te maken met je geliefde? “Ja, dat levert inderdaad allerhande moeilijke vragen op,” zegt hij. In januari 2010 gleed zijn vrouw Sandra tijdens een toerskitocht in Marokko uit over een plaat blank ijs. Kort daarvoor was hij zelf onderuitgegaan op dezelfde ijsplaat. “Toen ik me omdraaide om haar te waarschuwen, zag ik haar vallen.

48 |

Het zag eruit als een slechte actiefilm. Ik ben naar haar toe geskied en toen zag ik die bloedsporen in de sneeuw. Op dat moment denk je eigenlijk niet zoveel meer. Op een bepaald moment, toen ik vlak bij haar was, zag ik dat ze bewoog. Dat was alvast goed nieuws. Haar gezicht zat onder het bloed, maar ze kon wel gewoon praten. Ze was eigenlijk helemaal bij, alleen zag ze niks, waarschijnlijk door de klap op haar hoofd.” Wonder boven wonder vond hij de ski’s en het andere materiaal min of meer ongeschonden terug. “Maar toen moesten we nog naar beneden, terwijl ze niks zag.” Voorzichtig onder haar skiënd leidde hij Sandra naar beneden, onder meer door een klein couloir. “Zo zijn we stukje bij beetje naar de hut geskied en van daaruit zijn we naar het ziekenhuis gegaan.” Hij

hoogtelijn 4-2011 | Tekst Ernst Arbouw | foto’s Laurens Aaij

zegt het grinnikend: “Dat ging op z’n Marokkaans: op een ezel en daarna met een oude taxi, en in die taxi moest dan ook een broer van de bestuurder mee, en als je het dorp uitrijdt moet er nog even gekletst worden met een oom. Op dat moment wisten we al dat het allemaal erg meeviel – een gebroken rib en een ontzet sleutelbeen – dus we vonden het allang prima.” En dan lachend: “Niet dat ik het wil aanraden als relatietherapie, maar we houden er wel goede herinneringen aan over. Het brengt je heel erg close.”

Gezellig thuis Hij zegt het tijdens het gesprek een paar keer: bergsport is heel mooi (“gaaf ”, “supergaaf ”, “fantastisch”, “echt heel cool”), maar het gaat erom dat je aan het eind van het verhaal levend weer


heel heftig te zijn’

‘Het kan t och overal gevaarlijk zijn’

Interview | hoogtelijn 4 -2011 |

49


thuiskomt. “Het gaat niet om heroïsche bijna-doodverhalen. Ik zie mezelf ook helemaal niet als iemand die alleen maar bezig is met superheftige dingen. Het klinkt als een enorm cliché, maar ik vind het gewoon leuk om het naar m’n zin te hebben in de bergen. En ik vind het leuk om ’s middags gezellig thuis te komen.” Van Rijn is in min of meer willekeurige volgorde skiër, klimmer, fotograaf en allround buitenmens. En bergbewoner. Zeven jaar geleden kwam hij naar de Écrins in een oude kampeerbus waarin hij met z’n toenmalige vriendin van waterval naar waterval reed. “Dan gingen we bijvoorbeeld het dal van Ceillac in en dan klommen we in een ochtend alle watervallen.” Zo’n honderd watervallen later reed hij terug naar Nederland, maar na enkele maanden besloot hij toch weer naar Frankrijk te vertrekken. “Het klinkt een beetje heftig, maar ik kan alleen in de bergen gelukkig zijn. Wat is er dan logischer dan zorgen dat je ergens in de bergen gaat wonen?” “Het was,” vertelt hij, “wel een beetje een sprong in het diepe. Toen ik hier voor het eerst kwam, sprak ik niet eens Frans.” Hij noemt het zelf een skibum-bestaan: zo goedkoop mogelijk leven, zo veel mogelijk skiën en klimmen. “Als op een bepaald moment de giromaat niets meer geeft, dan zoek je weer ergens een baantje. Dat ging met vallen en opstaan. Ik heb een tijdje ergens in een huis gewoond met schimmel op de muren – echt goor. Daarna zat ik in een appartement op een zuidoosthelling op 1400 meter – ik kan je zeggen: dan heb je geen oven meer nodig. Daar werd het in de zomer zestig graden. Slecht voor je computer! Nou

ja, slecht voor alles eigenlijk. Achterlijk! Op een gegeven moment ben ik steeds meer foto’s en artikelen gaan verkopen en kreeg ik opdrachten van winter- en buitensporttijdschriften. Toen dat ging lopen kon ik in de bergen zijn en kon ik er ook nog van leven. Dat is natuurlijk het mooiste wat er is.”

Vieze handen Foto’s van z’n tochten worden inmiddels gepubliceerd in vrijwel alle Nederlandse buitensport- en skitijdschriften en op Amerikaanse en Engelse websites, in Duitse skibladen en Montagnes en Vertical, twee toonaangevende Franse tijdschriften. Wat voor reactie krijgt hij eigenlijk als Nederlandse montagnard. “Ik geloof dat ze het wel interessant vinden. Bij bergsportbladen werken mensen die ook weten dat de wereld groter is dan alleen Frankrijk. In het dal maakt het nauwelijks uit dat hij uit Nederland komt, zegt hij. “Iemand die uit Lyon komt, of zelfs uit Gap, is evenveel een buitenlander als ik, daar wordt

nauwelijks onderscheid tussen gemaakt. Het is eigenlijk heel simpel,” lacht hij: “Je komt uit het Vallouisedal of niet. Nou ja, het scheelt natuurlijk dat ik ben getrouwd met een lokaal meisje.” “Mensen kijken soms nog wel een beetje vreemd naar het werk dat ik doe. Als je werkt moeten je handen vies worden – nou ja, dat gebeurt wel bij het klimmen, maar niet achter de computer of met de camera. Aan de andere kant komen er hier ook steeds meer jonge mensen die andere dingen doen: gidsen, klimmers, noem maar op.”

Siula Grande Van Rijn benadrukt een aantal keer dat hij zichzelf absoluut niet ziet als een extreme klimmer of skiër. (“Een ski-god? Zo zie ik dat zelf echt niet…”) Extreem of niet, zijn tochten spreken in elk geval tot de verbeelding. Zo beklom hij in 2002 met Eva Oomen de westwand van de Siula Grande in Peru – de berg die beroemd werd door Joe Simpsons Touching the Void. Voor veel klimmers zou de reputatie van zo’n berg

Wie is ... Rogier van Rijn (1980) 1993 1994 1998 1999

n Rijn zien? Werk van Rogier vaervanrijn.com Kijk op www.rogi

50 |

hoogtelijn 4-2011

Eerste alpiene cursus Eerste volledige vakantie rotsklimmen Eerste keer watervalijsklimmen Zelfstandige tochten (o.a. Hochferner noordwand, Mont Blanc du Tacul via verschillende goulottes en wanden, Aiguille du Midi via ijsroutes) 2001 Eerste lezingen 2002 Expeditie naar Zuid-Amerika: o.a. Siula Grande, Alpamayo, Ala Derecha, Illampu 2003 Eerste foto’s verkocht 2003 Verhuisd naar Frankrijk 2004 Mijn eerste steile skiafdaling via een variant van het La Rouya couloir boven Ailefroide 2005 Beklimming ‘Raie des Fesses’ in noordwand van Pic Sans Nom 2006 Eerste ‘opening’ van een waterval ‘Passager Clandestine’ WI 5+/6. 2007 Skiafdaling Ciaforon noordwand op betonharde sneeuw, misschien wel mijn moeilijkste en gevaarlijkste afdaling tot nu toe 2008 Opening Tête d’Aval Le Grand Blond et Co (7a max) 2008 Fotograaf voor VVV Pays des Écrins 2009 Twee ‘steile eerste ski-afdalingen’ en twee ‘eerste ski herhalingen’ in de Queyras en Ubaye 2009 Opening ‘La Belle Doche’ (7a max) 2010 Ernstig skiongeluk in Marokko partner Sandra


afschrikwekkend werken. Van Rijn relativeert: “Het kan toch overal gevaarlijk zijn? Je kunt toch ook doodvallen als je naar een hut loopt? Als je gaat twijfelen over elke berg waar iemand is dood­ gevallen of elke berg waar een ongeluk is gebeurd, dan kun je ook de Mont Blanc niet meer beklimmen. Zelfs niet over de normaalroute. Ja, hoe kom je erop om zo’n berg te beklimmen? Misschien juist wel vanwege het boek en het is natuurlijk een fantastisch mooie wand. Twintig op elkaar gestapelde watervallen - maar dan wel met ijs van slechte kwaliteit. Wat ik me daar nog het beste van herinner, is dat je tijdens het klimmen continu vonken onder het ijs zag omdat je door het ijs heen op de rotsen sloeg. Pfoef! Pfoef! Vooral ’s nachts zag je dat heel goed. Natuurlijk denk je wel na over wat er in het boek staat. Als je daar kijkt is het best heftig wat Simpson op die gletsjer gedaan heeft. Ik vond het vooral knap dat-ie niet in een gletsjerspleet gevallen is. Alhoewel er tegenwoordig veel meer spleten zijn dan toen hij daar rondkroop. Precies toen wij daar waren, waren Joe Simpson en Simon Yates er ook voor de verfilming van Touching the Void. Misschien is het inderdaad een van de gevaarlijkste beklimmingen die ik ooit gedaan heb, maar of het nou de grootste of de mooiste is… Het is dat ik er toevallig laatst een foto van heb gebruikt, maar daarvoor had ik er misschien wel een jaar, twee jaar niet aan gedacht.”

Tunnels In het voorjaar van 2009 maakte Van Rijn met zijn vrouw en nog een vriend de skiafdaling van de oostwand van de Grand Ferrand, een vierhonderd meter lange route die normaal gesproken alleen geklommen wordt. Bijzonderheid: de route loopt onderweg door twee grote, natuurlijke tunnels door de rotswand. “Dat is zo bijzonder, zo ont-zet-tend gaaf. Als je hem van een afstandje ziet, dan lijkt het een steile rotswand waar je alleen klimmend doorheen kan, maar als je goed kijkt, dan zie je een gat van – wat zal het zijn – twintig meter breed. Dan slinger je door de rots en dan komt je uit in een sneeuwveld van veertig graden en daar zit gewoon nog een gat. Te bizar voor woorden.” “De afdaling was nog wel een uitdaging,”

‘Alleen in de bergen kan ik gelukkig zi jn’ vertelt hij. “Je skiet boven rotswanden en er liggen stukken ijs waar je niet op moet uitglijden. En je moet niet in zo’n gat vallen, want dan wordt het net een flipperkast. Uiteindelijk ben je wel heel snel beneden, het is niet veel meer dan vierhonderd hoogtemeters, 45-55 graden.”

Routes openen In de zomer verdeelt Van Rijn zijn tijd tussen fietsen (“Heel goed om tussendoor een beetje in conditie te blijven,” zegt hij zonder een spoor van ironie), alpinisme, boulderen en rotsklimmen. De afgelopen jaren opende hij, gedeeltelijk met steun van de NKBV, een aantal lange routes in de Queyras. “En ik heb net een paar routes aan de rand van de Écrins geopend.” Zijn er eigenlijk nog wel mooie, onbeklommen lijnen in de Alpen? Hij springt uit z’n stoel. Terwijl hij van z’n balkon naar het zuiden wijst, struikelt hij bijna over zijn eigen woorden van enthousiasme. “Hier, zie je die steile grote pijler daar links op die wand? Daar zit bijvoorbeeld nog geen enkele lijn.” En dan, heel veel rustiger: “Ik zou daar zelf nooit gaan behaken omdat er heel veel vogels zitten. Ja, dan maar niet. Ik vind de natuur een stuk belangrijker dan het plezier van een handjevol mensen.” En dan weer razendsnel en superenthousiast: “En zie je die wand

daar? Daar zit geen haak. Je kan er bovendien vrij gemakkelijk komen met een, nou ja, met een Franse auto. Als een krasje op de lak je niet uitmaakt, kun je er zo naartoe rijden. En nou heb ik het alleen nog maar over de dingen die je ziet vanaf m’n terras.” “Ik ben natuurlijk heel veel in de bergen, dan zit je op je racefiets, of je wandelt ergens, of je bent in de zomer génépi aan het zoeken, dan zie je iets en denk je: hé, dat is gaaf. Dan ga je er klimmen, en dan zie je vanzelf wel of het mogelijk is. Het is wel lastig om mooie, gemakkelijke lijnen te vinden. Ik zou het heel gaaf vinden om een route rond de 6a, 6b te openen. Of nog makkelijker: vierde- of vijfdegraads. Ik ben nu met iets bezig dat maximaal 5+ is, en dan ook maar voor één stapje. Zwaardere routes zijn niet voor iedereen weggelegd, en het is ook lastiger om zware routes te openen. Ik kan niet met één hand in een 7b-greepje hangen en tegelijk ergens een gat voor een haak boren. Ik wil sowieso tijdens het klimmen de haken plaatsen, op weg naar boven, anders vind ik er niet zoveel aan. Je klimt omhoog en als je denkt: hier moet een zekering, dan pak je de boormachine en dan zet je een haak. Dat is soms spannend, maar het is wel de mooiste manier. Anders kun je wat mij betreft net zo goed gaan klussen in huis.” En dan nog een keer, om het allemaal te relativeren: “Het leven bestaat echt niet alleen uit bergsport, hoor. Het is toch ook hartstikke leuk om lekker de hele middag bosbessen te plukken? Lekker een beetje rondstruinen… Ik ben een keer een middag met een schaapherder hier op stap geweest – de hellingen die zo’n man op z’n sportschoentjes op en af gaat, niet te geloven. Even op zoek naar een lammetje dat ergens is verdwaald, of naar een paar takjes génépi. Dat vind ik ook gaaf, net zo mooi als een alpiene beklimming. Het hoeft echt niet allemaal heel heftig te zijn.” hoogtelijn 4 -2011 |

51


Klein istie, he?

Een klein matje met grote slaapeigenschappen, comfortabel en goed isolerend. Een typisch voorbeeld van een innovatief Exped product. Naast slaapmatjes maakt Exped tenten, slaapzakken en rugzakken voor de veeleisende gebruiker. Van grammenjager tot fietser, van bergbeklimmer tot avonturier, Exped levert het juiste materiaal. Op www.exped.com vind je al onze producten en demonstratie filmpjes.

De eigenschappen van de Synmat 7 UL M: Afmetingen 183 x 52 x 7 cm Gewicht: 460g, Packsack 9g Pakmaat: 24 x 9.5 cm Vulling: 60g/m2 Texpedloft Microfiber Isolatie: R-waarde 3,1 / -4 째C

WIJ Wij VERZETTEN verzetten BERGEN bergen VOOR u U voor ist in SpecialSpecialist ineringen k e z r e v t rgspor bebergsportverzekeringen W.A. HIENFELD B.V.

W.A. Hienfeld b.v.

Goud! Categorie Slaapzakken- en matten

Goud! Categorie Innovatie

De Lezersaward

Meer informatie: Jongejans Trading 0172-586280

Postbus 75133

1070 AC Amsterdam

Postbus 75133, 1070 AC Amsterdam T 0031 (0)20 - 5 469 469 Telefoon 0031(0)20 - 5 469 469 F 0031 (0)20 - 6 427 701 Telefax 0031(0)20 - 6 427 701 E info@hienfeld.nl

E-mail

info@hienfeld.nl

Voor informatie: Koninklijke NKBV te Woerden

Voor informatie: Koninklijke NKBV te Woerden.


Op de top van de Ganden (4300 m) in Tibet bij het gelijknamige klooster, 2006.

Een hommage aan

Ronald Naar Een eerbetoon en herinnering aan Ronald Naar, die op 22 mei overleed op de flanken van de Cho Oyu, kan het beste via zijn eigen foto’s.

D

e lijst met beklimmingen en expedities van Ronald Naar op zijn website beslaat twee-en-een-halve pagina. Maar de officiële lijst is vele malen langer. Met meer dan 600 bergen in de Alpen, waarvan 80 vierduizenders, bijzondere beklimmingen zoals de noordwanden van de Eiger en de Grandes Jorasses, de K2, meer dan veertig expedities, alle toppen van de Seven Summits, bijzondere ondernemingen naar de Afrikaanse wildernis, Suriname en alle onherbergzame streken op deze aardbol plus de ijskoude expedities naar Groenland en de Zuidpool, is de vraag hoe je Ronald een hommage kan brengen. De keuze is om dat vooral via zijn foto’s te doen, die veelal ook een verhaal vertellen. Zijn vrouw Tilleke en zonen Victor en Boris

Tekst Peter Daalder

selecteerden foto’s van tochten en mensen die belangrijk zijn geweest voor Ronald. De begeleidende teksten zijn van de mensen die een grote rol hebben gespeeld in het avontuurlijke leven van de Hagenaar.

Markant

”We hebben de meest markante momenten gekozen uit het rijke en overweldigende klimmersleven van Ronald,’’ zegt Tilleke Lippmann. ”Sommige beklimmingen zaten meer in Ronalds hart dan andere. Het overwinnen van de Eiger noordwand, de K2 en de Muztagh Ata met onze oudste zoon Victor, zijn klimervaringen die voor hem zeer speciaal waren. Dat geldt ook voor de laatste

| foto’s Ronald Naar | hoogtelijn 4-2011 |

53


minuten vóór het bereiken van de top van de Everest, waarmee hij de Grand Slam van de Seven Summits volbracht. Wat ook opmerkelijk was voor Ronald, aldus zijn vrouw Tilleke, was dat hij met zoveel verschillende mensen op stap ging. ”Voor iedere niche in de bergsport werkte hij samen met iemand die hij als klim- en tochtgenoot volledig vertrouwde. De relatie met klimvriend Bas met wie hij vele eerstbeklimmingen succesvol voltooide, was uniek. Ronald typeerde het als ’synergie in optima forma’. Met Edward ging hij vaak toerskiën, met Martin legde hij zich toe op bijzondere rotsklim projecten, Thierry ging als jonge zeer talentvolle klimmer mee op de K2, Edmond als klimpartner op de Everest en Coen voor de Poolprojecten. Veel van zijn

ondernemingen zag Ronald als een project. Zo benaderde hij ze ook. Professioneel, zakelijk, maar bovenal met passie voor de bergen. Bijzonder hierbij waren ook onze ontmoetingen met Reinhold Messner, de laatste keer samen met onze jongste zoon Boris.” ”Met Ronald als gids reisden we met ons gezin als een hecht team over de hele wereld en beklommen we vele toppen. Altijd actie, altijd avontuur en altijd met z’n vieren weer terug naar ons basiskamp thuis”, vertelt Tilleke. ”De passie voor de bergen lokte Ronald vaak weg, zo werd de expeditie naar de Cho Oyu zijn laatste reis. We zullen Ronald altijd missen en onze thuisbasis blijven bemannen, maar het zal nooit meer hetzelfde zijn.”

Eiger-Noordwand, Zwitserland, 1977, met Bas Gresnigt “Zoals gewoonlijk die zomer is het weer slecht bij aankomst in Grindelwald. De aanblik van de wand, koud, afwijzend, verdwijnend in de regenwolken, verhoogt Ronald’s ‘drive’ en overtuiging: ‘Nu wij zo goed zijn, kan hij ons niet meer ontgaan.’ Die overtuiging haalt Ronald onder andere uit de wetenschap dat wij de Gletscherhorn-Noordwand in een veel snellere tijd hebben gedaan dan Messner. En Messner heeft de Eiger-Noordwand soepel in één dag beklommen! Het beter zijn dan de gemiddelde Eiger-Noorwandbeklimmer, betekent ook veel minder risico dan toentertijd. Omdat we dus desnoods wel wat extra risico aankunnen, besluiten we te gaan zodra beter weer wordt voorspeld. Als na een halve nacht klimmen bij het ochtendgloren het weer slecht blijkt en de lichtjes onder ons omkeren, zijn we al in de ban van de avontuurlijke opwinding: ‘Welke tegenslagen ook, dit gaan we zonder twijfel maken’. Een succes door motivatie en overtuiging.”

54 |

hoogtelijn 4 -2011


K2, Pakistan, 1995, met Thierry Schmitter “Ronald ontmoet ik in 1995 bij mijn sollicitatie als ‘jonge hond’ voor de K2. Dit is innoveren in de bergsport. Zonder hulp van jonge klimmers is het onmogelijk om de K2 te beklimmen. Daarvoor is de berg te technisch. En als jonge klimmer is de K2 een droom. Door deze kracht en motivatie te combineren is het Ronald gelukt om van de eerste Nederlandse K2-expeditie een groot succes te maken. Niet alleen omdat hij de top bereikt, maar ook hoe hij deze onderneming dicht bij de mensen in Nederland heeft gebracht. Meer dan 10 jaar later, hebben nog veel Nederlanders het over de K2-expeditie van 1995, zij hebben het gezien op televisie. De videobanden gingen iedere week naar Hilversum. Het was zogenaamd een rechtstreekse uitzending. Dat noem ik pionieren. Ronald, wij missen je avonturen en je innovatieve geest, maar je blijft een voorbeeld voor velen van ons.”

hoogtelijn 4-2011 |

55


Mount Everest, Nepal, 1992, de voltooiing van de Seven Summits, met Edmond Öfner “Tijdens de laatste toppoging op de Everest klim ik met een andere Ronald dan daarvoor. Hoe moet ik dat typeren… Kwetsbaarder, minder ik-gericht, meer delend dan sturend, meer hart dan hoofd. Het is voor mij een opluchting. Eindelijk heb je je schild van sterk-moeten-zijn kunnen neerleggen en gaat het om de energie van kwajongens die tegen de stroom en verwachting in toch nog een toppoging doen. En gehaald natuurlijk! Ik zie je janken van teleurstelling, briesen uit onmacht en lachen om onze kracht. Ik zie je stil van verwondering, ik zie je honger die gestild wordt. Dat vind ik mooi, want op dat moment bén je er gewoon. Dunne lucht door je longen, plezier in je moeie lijf en kop, smile op je face. Dicht en stil bij je eigen kracht en je eigen droom. Dank je wel.”

56 |

hoogtelijn 4-2011


Muztagh Ata, China, 2009, met Victor Naar “Het is 6 augustus 2009. We zijn op de 7546 meter hoge Muztagh Ata in het Kunlungebergte in West-China. Samen met mijn vader en vijf bevriende studenten proberen we vandaag de hemelse top van de ‘Vader der IJsbergen’ te beklimmen. Ondanks alle goede conditionele voorbereidingen valt het stijgen me zwaar. Stap voor stap, lopen en weer herstellen! Nu we de Zone des Doods naderen lijkt iedere beweging een uitputtingsslag. Mijn vader daarentegen, voelt zich als een vis in het water, en stijgt zonder al teveel moeite naar de top. Zo gebeurde het dat Ronald al bezig was met de afdaling, voordat ik het hoogste punt van deze kolossale bergreus naderde. Zodoende kwamen we elkaar tegen op ongeveer 7300 meter hoogte. ‘Het wordt al laat, ga je mee terug naar kamp 3?’ vroeg je. ‘Het zou toch vader en zoon op de top zijn,’ zei ik. Zo geschiedde het, en zo zal het ook altijd blijven.”

Diverse toerski- en klimtochten, met Edward Bekker “Vanaf 2001 maken Ronald en ik fotoreportages in het Massief du Mont Blanc, waarbij ik als ‘model’ fungeer. Daarnaast maken we samen een onvergetelijke skireis naar Chili waarvan het meest spectaculaire beeld op de voorpagina van zijn boek ‘Verliefd op Sneeuw’ prijkt. Die titel is Ronald ten voeten uit. Boven de sneeuwgrens is Ronald helemaal in zijn element. Tijdens die fotoshoots hebben we ontzettend veel lol. Maar zijn professionaliteit en volhardendheid verliest hij nooit. Het is ongelooflijk hoe hij, al knielend op de rugzak, met zijn dikke door de vele expedities ‘doorvroren’ vingers de knopjes van de camera bedient in de vrieskou op 4000m. Net voor zijn vertrek naar de Cho Oyu hebben we contact over een nieuwe fotoshoot. Het heeft helaas niet meer zo mogen zijn. Door de vele publicaties leeft zijn geest echter voort. Ronald Naar: een groot inspirator voor het Nederlandse alpinisme en off piste/toerskiën. Hij blijft dat voor altijd.”

In de buurt van de Cosmiques hut, enkele uren voor het drama van 11 september 2001. hoogtelijn 4-2011 |

57


Zuidpool, 1998, met Coen Hofstede “De pieken van Dronning Maud Land zijn zo mooi maar moeilijk bereikbaar. Wij zijn de eerste ski-expeditie die vanaf hier een oversteek waagt. Ronalds keuze is logisch want vanaf hier heb je het grootste deel van de reis wind mee, belangrijk als je zeilend de ijskap over wil. De spanning op Ronald is merkbaar, de enorme voorbereiding en vooral de financiële risico’s van deze tocht zijn groot. Onze derde man Ekon is net uitgevallen en Ronalds reactie erop is niet mals. Iedere ochtend is Ronald als eerste op om Brinta te maken en thee te koken en ‘s avonds als eerste in de tent om te koken. Hij bepaalt het ritme. In spletenzones varen we op Ronalds ingebouwde kompas. Tegelijkertijd is hij zich bewust van zijn tekortkomingen, tenten opzetten, reparaties en koersen op de ijskap, dat is duidelijk mijn afdeling.”

Duivelsei, Suriname, 2005, met Martin Fickweiler

©M a r

tin Fic

k weile

r

“Ronald ontdekt Suriname als interessante bestemming tijdens een bezoek aan de Vakantiebeurs in Utrecht. Met een grote glimlach op zijn gezicht zegt hij: ”Martin, ik heb wat gevonden! We moeten nog even kijken of iedereen wil meewerken, maar dat komt wel goed.” Een vakantiefolder over Suriname en een slechte kaart van 1 op 250.000 vormen de basis voor een nieuw plan. Na twaalf dagen van zware inspanning en onzekerheid tussen vogelspinnen, schorpioenen, kaaimannen en anaconda’s bereiken Ronald, Gerke en ik de top van het Duivelsei. We hebben honger en dorst, maar het uitzicht is na al die dagen in het dichte bos een verademing. Aan onze voeten een oerlandschap. Vervuild, stinkend naar ammoniak en met ingevallen gezichten omhelzen we elkaar en zien aan elkaars verwilderde ogen dat het tijd is om terug te keren. Terug naar de beschaving en terug naar de werkkamer van Ronald om opnieuw op zoek te gaan naar ontsnappingen uit de routine.”


Bezoek Reinhold Messner, 2007, met Boris Naar “Iedere keer als ik mijn mobiel open zie ik dezelfde foto, iedere keer weer voel ik me die ene seconde intens gelukkig. Een aantal jaar geleden bij het ‘Messner Mountain Museum’ in Bolzano, was één van mijn mooiste momenten in mijn leven. Als vader en zoon lopen we door het museum. Vrijwel alles wat Ronald bezighoudt en wat hij lief heeft in de bergsport vinden we hier. Ook mijn hartje begint sneller te kloppen bij het zien van al dit moois. Dat is echter niet de reden van ons bezoek. Ronald moet een aantal dingen bespreken met Reinhold Messner. Ik zit er bij en ondanks dat ik geen woord versta van wat ze zeggen, voel ik dat het goed zit. Aan de ene kant de man verantwoordelijk voor de passie van mijn vader en één van de grootste, zo niet de grootste uit de bergsport en aan de andere kant de grootste nationale berggeit, mijn vader!” Reinhold Messner heeft Naar met een foto opgenomen in de dodenkapel van zijn museum in slot Sigmundskron. Hij schreef over hem: “Met zijn Nanga Parbat-beklimming begon voor Ronald Naar een grote carrière als bergbeklimmer. Ik heb altijd groot respect voor hem gehad. Vooral omdat hij in Nederland met zo veel afgunst bejegend werd. Zijn dood is een verlies, niet alleen voor de Nederlandse bergwereld.”

Kilimanjaro, Tanzania, 2008, familie Naar op de top. “Je passie geleefd. In het harnas gestorven...” Je trouwste supporters Tilleke, Victor & Boris.

Korting voor NKBV-leden Ronald Naar leeft voort in zijn boeken. Zijn boek ‘Verliefd op sneeuw’ wordt NKBV-leden aangeboden voor 10 euro. Bestellen kan via de website www.ronaldnaar.nl. Klik op de prijs en vul als kortingscode HL0911 in. Na betaling van boek en verzendkosten wordt het boek verstuurd.

hoogtelijn 4-2011 |

59


Pasta en snelle suikers Het wordt langzaam drukker op het plein. Naast mij zit David Sluijs, onze bondsarts. Ik krijg advies over voeding. Wat is goed om voor een wedstrijd te eten? Wat levert veel energie op en wat kan mijn maag snel verteren? Zijn antwoord: pasta, drie uur van tevoren en vervolgens snelle suikers eten voordat ik aan de slag ga. Pasta is een goed idee, want ik heb toch al honger!


Top!

en v o h d n i e r ulde o b p u c d l wor Aan het einde van een lange middag op 17 juni in de isolatie­r uimte, beklimt Truong Ngo het podium van de World Cup Boulder in zijn eigen stad Eindhoven. Truong woont in Strijp, dichtbij Monk Bouldergym, waar het Nederlands klimteam een aantal malen per week traint. Truong loopt die dag naar het 18 Septemberplein in de binnenstad, waar de wedstrijdboulders opgebouwd zijn.

T

ruong draagt het shirt van het nationale team, bruine broek, rugnummer 93, zwarte haren recht omhoog van de gel, een open frisse blik, Truong heeft er zin in. Hij steekt een hand op naar het publiek als de speaker zijn naam noemt. Hij klimt onder de aanmoedigende deunen van een tangobeat. Pas op boulder vier is het raak: TOP. Truong schreeuwt het uit van blijdschap. Hij lacht naar het publiek. Voordat hij aan de vijfde boulder begint, vraagt hij het publiek om steun. Ritmisch geklap wil Truong horen. Onder het toeziend oog van bondscoach Wouter Jongeneelen blijkt de laatste boulder een paar grepen te hoog. Klaar. Enthousiast bedankt hij het publiek. Een dag later in de halve finale moedigt Truong Vera Zijlstra en Nicky de Leeuw aan en geniet van de overige sporters. Zijn teammaten worden veertiende en vijftiende.

Pindakaas en Nutella Net als vorig jaar overnacht Nicky de Leeuw bij mij. Na een heftig potje tafeltennis en een hoop gedruk op mijn gamecontroller, is het al snel na twaalven. Nicky kan goed tegen zijn verlies. De wekker staat op half acht, op tijd om de dames aan te moedigen. ’s Ochtends even snel naar de supermarkt een ontbijt halen. Een paar bolletjes is genoeg om de ochtend te overleven. Nicky gaat voor pindakaas en ik voor Nutella. Na ons ontbijt lopen we richting stad. Oeps, mijn boulderpofzak vergeten. Die ligt nog in Monk! Ach, die haal ik later wel op. We zijn superblij dat het zo zonnig is.

Truong Ngo heeft leadkl immen als specialisme. Tijdens de World Cup op 12 en 13 juli in Chamonix behaalde hij een 44ste plaats. Zie een verslag op www.truongngo.nl. Op die site ook het volledige verslag van Truong Ngo over de WC Eindhoven: www.truongngo.nl/201 1/06/20/worldcup-boul der-eindhoven.

Tekst Truong Ngo, Peter Daalder | foto’s Jörg Kemner | hoogtelijn 4-2011 |

61


Geen contact in de isolatie Ik wil zo laat mogelijk de isolatie in want ik ben als een van de laatsten aan de beurt. Ik krijg er mijn startnummer en moet mijn telefoon inleveren. Contact met de buitenwereld is niet toegestaan. In de isolatie overal groepjes mensen. Elk land blijft bij elkaar en de klimmers warmen samen op. Ik voel me lekker en heb geen last van pijntjes of blessures. Na een uur maakt fysio Tessa van Roy mijn rug wat losser. Oh, wat voelt dat goed. In de isolatie is veel eten, drinken, tijdschriften, matjes, stoelen en natuurlijk een opwarmwand. Het is er druk. Ik wil verzuren maar dat lukt niet op zo’n kleine wand.

Mijn handen wakker schudden Na vijf uur isolatie eindelijk naar buiten! Ik trek mijn wedstrijdklimschoenen aan. De spanning loopt langzaam op. Nog vijf minuten om mezelf op te peppen. Yes, daar gaat ie dan! De boulders worden in het Engels uitgelegd. De instap is nogal tricky. Het laatste wat je wilt, is uitglijden op de wand. Ik begrijp heel goed wat ik moet doen maar het uitvoeren lukt niet. Ik heb het gevoel dat ik meer tijd nodig heb om erin te komen. Het lukt mij maar niet om bij de zone te komen. Misschien ben ik wel te uitgerust van mijn vakantie. Ik raak gefrustreerd en wil mijn handen wakker schudden.

Ik kan de greepjes alleen aaien Het werkt niet. In de isolatie wordt streng geobserveerd, want we mogen niet met elkaar praten over de boulders. Ik probeer mezelf te resetten voor de tweede boulder. Het begin valt mee. De crux is het einde van de boulder. Weer heb ik met links een dikke vette slopergreep vast en vanuit een ondergreep met rechts moet ik door naar een knijpertje. De een-nalaatste greep fixeren is moeilijk. Ik wil niet loslaten maar bijpakken is te moeilijk. Ik val eruit en baal! Teleurgesteld loop ik de iso in, nadenkend over de boulders. Ze zijn te doen, maar met mijn conditie kan ik de greepjes enkel aaien.


Een monster van een boulder Ik moet nu vlammen! Terug in de isolatie kijk ik naar mijn scoreformulier. Overal streepjes, geen scores, niks nakkes nada. Hier en daar een bonusje. Triest. Ik ben helemaal niet aan het klimmen, ik vind het niet leuk! Het is een mentaal spelletje. Ik weet dat ik niet in vorm ben, het is een eer om hier te zijn. De eerste pogingen lukken niet. Wat zou Kilian doen? De hoeken gebruiken natuurlijk! Ik heb nog twee minuten. Ik voel de adrenaline door mijn lijf stromen. Nu vlammen! Niet opgeven, niet loslaten. Ik verplaats mijn linkerhiel op de module en klem mijn benen. Ik kan bij de eindgreep en hoor het publiek uit zijn dak gaan! Een oerkreet! Yesss, wat een opluchting en tegelijkertijd voel ik mij zo sterk.

De derde boulder is een monster. Allemaal grote paarse grepen. Ik kan ze amper knijpen! Zodra ik de tweede greep heb, voelt het alsof ik doodga. Ik kan vanuit die positie moeilijk knijpen en doorgaan met links voelt onmogelijk. Ik probeer mijn voet op mijn rechter handgreepje te plaatsen maar tevergeefs. Er is geen ruimte voor mijn hiel! Hier sta ik dan, keihard geconfronteerd met die paarse grepen. Ik doe nog wat pogingen, maar word alleen maar moe. Het gaat niet meer. Ik klim als een zoutzak. Mijn spanning is weg en voel me zwak.

Een onvergetelijk weekeinde Ik zweet van de inspanning. Ik heb zin in meer! Mijn rusttijd vliegt voorbij en ik sta alweer voor het laatste boulderwandje. Boulder vijf is erg mooi maar ook erg moeilijk. Ik mis knijpkracht. Mijn laatste poging is energieloos. Moet ik tevreden zijn met mijn resultaat? Ik heb 1t4 3b4. Een nietszeggende 59ste plaats. Natuurlijk heb ik mijn uiterste best gedaan. Ik vind het leuk, spannend, hartstikke gaaf om mee te doen. Geen halve finale voor mij; wel een onvergetelijk weekeinde. En niet te vergeten de afterparty in Monk: incroyable! Nu weer lekker trainen voor Chamonix! hoogtelijn 4-2011 |

63


Speedklimmen, een ondergeschoven kindje? Soms regeert het toeval. Op de dag dat we voor ons klimweekje in Arco arriveerden, was daar net RockMaster aan de gang, voor liefhebbers en insiders dĂŠ wedstrijd van het jaar. We grepen de kans met beide handen en zagen voor het eerst van ons klimmersleven speedklimmers in actie. Bizar om te zien, omhoog sprinten. Onwillekeurig onder de indruk geraakt, wilde ik deze wereld eens verkennen. 64 |

hoogtelijn 4-2011 | Tekst Ivar Schute | foto’s Reindert Lenselink


Meest verguisd

Enkele jaren geleden omschreef Adwin Timmer op climbing.nl het speedklimmen als ‘de oudste maar meest verguisde wedstrijddiscipline.’ Wat mij betreft heeft hij - nog steeds - gelijk. Verguisd, juist omdat de sport zo oud is en nog steeds het stiefkindje vormt van het sportklimmen. Paradoxaal genoeg lijkt door z’n flitsende karakter, de snelheid en explosiviteit, juist deze discipline binnen het sportklimmen een Olympische toekomst te hebben. Maar misschien is verguisd wel een te zwaar woord; binnen het fysiek bereik van een groot klimmerspubliek ligt de sport immers zeker niet. Het lichaam moet jong zijn, fit en getraind. En je moet een hoog instapniveau hebben. Speedklimmen is de oudste wedstrijdvorm in het sportklimmen. In de jaren ’40 van de vorige eeuw werden in de voormalige Sovjet-Unie de eerste wedstrijden georganiseerd. Ter vergelijking, het leadklimmen vindt zijn oorsprong in de jaren ‘80, het decennium waarin in de Sovjet-Unie nog steeds speed-events werden georganiseerd. Wellicht verklaart dit het lage aanzien van de sport in West-Europa, en bovendien waarom de wereldtoppers vandaag de dag nog steeds uit die voormalige Sovjet-Unie komen.

Russische hegemonie

Wie naar de wereldranglijst van de International Federation of Sport Climbing (IFSC) kijkt, ziet daarop bij de mannen nogal wat Russen staan. De overmacht van het voormalige Oostblok is onthutsend: 43 man bij de 79 namen die de ranglijst telt. Daarvan staan er bij de eerste twintig op de ranglijst (op het moment van schrijven) maar liefst zestien Oost-Europese namen. Ook OostAzië doet aardig mee: veel Chinezen en een paar Koreanen. De top

Hoe werkt het? Officiële wedstrijden worden georganiseerd onder auspiciën van de IFSC en vinden plaats op een vijftien meter hoge route van twintig grepen. De route is gebouwd en ontworpen door Jacky Godoffe. De grepen zijn alle identiek maar steeds anders geplaatst. De route heeft een vijf graden overhang en een waardering van 6b+. Een wedstrijd kent een kwalificatie en een finale. De kwalificatie gaat op tijd; in de finale van meestal acht man/vrouw wordt een knock-outsysteem gehanteerd. Het is duidelijk: omdat de route steeds dezelfde is, kunnen de tijden vergeleken worden en bestaat er een officieel wereldrecord. Anderzijds is het ook een beetje saai. De IFSC heeft wellicht daarom de tien meterwand geïntroduceerd, waar overigens van diezelfde zeestergrepen gebruik wordt gemaakt. Incidenteel worden bij wedstrijden afwijkende wanden en routes gebruikt.

een IFSC p 4 septe -gecertifi mber, in ceerde ti Breda op Voorwaa enmeterw rde is da and. t je NKBV vooraf he -l id bent e bt aange n dat je je meld via sportklim www.nkb men/wed v.nl/ strijden/ was. Kos ten € 12,.

vijf bestaat uit drie Russen, een Tsjech en een Chinees. Ranglijstaanvoerder is Stanislav Kokorin uit Rusland. De hoogst geklasseerde West-Europeaan is ene Leonardo Gontero uit Italië op de tweeëntwintigste plaats. Opvallend zijn de Zuid-Amerikanen waarvan er zes de ranglijst halen, de hoogste op de negentiende plaats, Josmar Nieves uit Venezuela. Even opvallend zijn drie Iraniërs op de ranglijst. Noord-Amerika, Afrika en Australië ontbreken in het geheel. De ranglijst bij de vrouwen lijkt gekopieerd te zijn. Ook daar domineren de Oost-Europeanen, rukken de Chineses op en staat er één Belgische op de ranglijst. De ranglijst wordt aangevoerd door de Russische Kseniia Alekseeva. Nederlanders schitteren door afwezigheid op beide lijsten. Speedklimmen heeft hier geen enkele traditie. Op clubniveau wordt wel eens een wedstrijdje georganiseerd. Een voorbeeld hiervan is een spontaan ontstane onderlinge competitie van USAC-leden. Er zijn echter geen wedstrijden in het reguliere wedstrijdcircuit en er zijn geen (officiële) nationale kampioenschappen.

Chinese opmars

In het internationale wedstrijdcircuit heeft de IFSC enkele jaren geleden geprobeerd het speedklimmen een impuls te geven door de discipline aan het klassement van de overall worldcup toe te voegen, de worldcup die Jorg Verhoeven in 2007 won en waarvoor hij nu moet speedklimmen, een hem bijna vijandige discipline. Maar hij heeft zich eraan gewaagd: zijn Nederlands record vestigde hij op het EK 2008 in Parijs met een tijd van 21,37 seconden. Het damesrecord is in handen van Vera Zijlstra met 19,10 seconden, gevestigd bij datzelfde kampioenschap. Het is bijna flauw hun tijden te vergelijken met de wereldrecords, het is een beetje alsof een hardloper een keertje gaat discuswerpen en je dat dan met het wereldrecord vergelijkt. Maar toch: het wereldrecord op de vijftien meter bij de mannen is in handen van de Chinees Qixin Zhong met een onwaarschijnlijke 6,40 seconden. Hij vestigde het record in Huaiji in het zuidoosten van China. Ook het wereldrecord bij de dames is in Chinese handen, He Xining deed in 2009 een luttele 9,04 seconden over de vijftien meter, eveneens bij een thuiswedstrijd (Qingha). Het lijkt de Chinese opmars in het internationale wedstrijdcircuit te markeren. ©Xxxxxx

T

wee klimmers staan in startpositie naast elkaar. Eén voet op de grond, de andere op een treetje en twee handen om de eerste oranjerode grepen. Twintig grepen hoog zijn hun identieke routes, precies vijftien meter. Alle grepen hebben dezelfde mislukte zeestervorm. De routes slingeren met drie, vier bochten naar de klok waar de klimmers aftikken. De toppers klimmen sneller dan de gewone mens over de grond kan kruipen. Bij de betere klimmers is een bijzonder ritme zichtbaar, en als het dan een keertje misgaat, lijkt de muziek te haperen. Ook bijzonder, de idiote snelheid waarmee twee mensen het touw door de zekering trekken. Alleen dat al is een sport op zichzelf. Dit heet dus speedklimmen.

Meedoe speedkln aan Neerlan d imwedst Dat kan d rijd? s eerste it weeken d, o

Willen Nederlanders ooit de wereldranglijst halen, dan zal er op nationaal niveau iets moeten gebeuren. Een kleine kentering lijkt nu in zicht. Op 4 september organiseert de Arendse Health Club in Breda, in samenwerking met de NKBV, de eerste officiële speedklimwedstijd van Nederland, en wel op de internationaal geaccepteerde tien meter klimmuur waarop nationale records nog vacant zijn. Dus iedereen is uitgenodigd, sla je slag! Maar vergeet niet, speedklimroutes hebben een waardering van 6b+… hoogtelijn 4-2011 |

65


Dolomiten, Dolomiti,

Dolomites

n e l a t e i r d in n e k i b n i a t Moun

Als wandelaar annex klimmer weet ik alles van B/C‑schoenen, van dubbeltouw en van abseilen. Van mountainbiken weet ik nagenoeg niets. Wel dat mountainbikers onze wandelpaden stukmaken en ons, rustzoekende wandelaars, de stuipen op het lijf jagen. Of ligt het genuanceerder? locatie Val de Badia, Italië

H

et groeiend aantal ontmoetingen met liefhebbers van deze populaire vorm van bergsport heeft mij toch nieuwsgierig gemaakt. Tijd om me eens te verdiepen in de wereld van de fully’s, nobby nicks en single trails. En om en passant te kijken of ik mijn ongenuanceerde mening over deze medeberggebruikers van enige verdieping kan voorzien. Regel nummer één voor mountainbikers doet me deugd: wandelaars moet je altijd voorrang verlenen. Keer op keer zal ons deze regel worden voorgehouden als we worden ingewijd in de

bergwielersport. Logisch, want een mountainbike wordt al snel als onbesuisd en gevaarlijk ervaren. Slechts één keer jaag ik deze week een wandelaar de stuipen op het lijf met piepende remmen die het geluid van een claxon produceren. Bij het bezoek aan een nieuw berggebied vraag ik me altijd af hoe het er werkt: waar lopen de bergkammen en hoofddalen, hoe heten de rivieren en waar liggen de richtingbepalende passen? Dit keer ligt onze thuisbasis in het Val de Badia, één van de heerlijkste valleien in de machtige Dolomieten. Naast het Duits en het Italiaans, is in Südtirol ook het Ladinisch een officiële taal. En ziedaar de kwelling voor deze buitenstaander om dit berggebied te doorgronden. Elke pas, hut of top heeft drie verschillenden namen en - afhankelijk van wie je spreekt en wat hij of zij van jou denkt - wordt één van de drie namen genoemd. Zo lag ons hotel afwisselend in La Valle, in Wengen of in La Val. Gelukkig voor het begrip schuurt het Ladinisch regelmatig tegen het Italiaans aan, maar laat ze dat vooral niet horen.

Werelderfgoedlijst

Onze eerste middag staat een korte tour vanuit La Val op het programma, onderlangs heuse Dolomieten-rotswanden en via sluipweggetjes terug naar huis. Sinds kort prijken de Dolomieten op de Werelderfgoedlijst van de Unesco, zo ook de twee ons omringende parken: het Fanes-Senes-Braies Nationaal Park en het Pues-Odle Nationaal Park (beide in drie talen verkrijgbaar). Het eerst steile stuk achter het dorp levert meteen een deceptie op: we moeten lopen. Niet veel later komen we weer een stuk tegen waar onze mountainbiketechniek ontoereikend blijkt te zijn. De fietsen naar boven duwend nemen we ons voor om morgen de gids ook maar wat techniektraining te vragen.

66 |

hoogtelijn 4-2011 | Tekst en foto’s Bram Munnichs


Tips • Op de mountainbikekaart La Val zijn tien routes ingetekend en van uitleg voorzien. Geen enkele route is bewegwijzerd maar met kaart en zeker met GPS zijn deze routes prima te doen. De mooiste zijn: • Nummer 9, Fanesrunde. Deze voert tussen de Dolomietentoppen van het Fanes-Senes-Braies Nationaal Park door. Halverwege is een stop mogelijk in Rifugio de Fanes. • Nummer 10, Schlütterhütte. Je fietst deels door het park Pues-Odle. Onderweg passeer je onder andere de Schlütterhütte, een prima plek voor een uitgebreide stop of zelfs een overnachting. • Sellaronde MTB tour. De ronde om het Sellamassief is begonnen als skitocht. Inmiddels is ook de mountainbikevariant populair aan het worden. Je neemt vijf keer een lift en zo blijven er, afhankelijk van je keus met de klok mee of tegen de klok in te fietsten, 500 of 1150 klimmeters over. Maar wel ruim 3.000 meter afdalen. Van deze tocht is een aparte brochure via de VVV in Alta Badia te bestellen. De meeste liften openen half juni. Kijk ook op Sellarondahero.com als je mee wilt doen aan de georganiseerde ronde. • Huttentochten. In de Dolomieten kun je diverse meerdaagse huttentochten op de mountainbike maken. Informeer bij het gidsenbureau Dolomite Biking naar de mogelijkheden. • Ook voor de racefiets is het Val Badia een heerlijke uitvalbasis: • Die Elftausend der Dolomiten. 11.000 hoogtemeters in één week. Vanuit een centraal punt in het Val Badia fiets je vijf verschillende dagetappes. Zie www.dolomitebiking.com. • Sellaronda bikeday. Twee dagen blijven de wegen en passen rondom het Sella-massief autovrij. Zie www.sellarondabikeday.com. • Maratona dles Dolomites. Beroemde en beruchte toertocht voor 9.000 racefietsers over de passen rondom het Sellamassief. Zie www.maratona.it.

Reis

Met de trein reis je binnen twaalf uur naar Brunico. Vanaf daar ben je aangewezen op openbaar vervoer (bus), huurauto of taxi. Kijk voor de dienstregeling op www.bahn.com en meer info en tickets op www.treinreiswinkel.nl. Met de auto is het zo’n 1020 kilometer naar La Val. Eventueel kun je vliegen naar Innsbruck (op 120 km) of Verona (op 240 km) en dan verder met een huurauto.

Accommodatie

Wij verbleven in Hotel Pider in La Val, al ruim tien jaar een mountainbikehotel. De eigenaar, Marcus Rubatscher, is zelf een echte mountainbikefanaat en daarmee een deskundige en behulpzame vraagbaak. Speciaal voor mountainbikers heeft Pider een gratis garage met schoonmaak- en reparatievoorzieningen, dagelijks gegidste routes en gratis te downloaden GPS-files. Kijk verder op www.pider.info. Kijk voor andere bikehotels in de Alpen op www.bikeholidays.com. Deze organisaties biedt ook kant-en-klare fietsvakanties. In Marebbe, Colfosco en San Casiano zijn (winter)campings. Kijk voor meer info over accommodatie op www.altabadia.org.

68 |

hoogtelijn 4-2011


Lekker naar beneden suiz en Fietsen op steile, oneffen en losse ondergrond vergt heel wat meer techniek en balans dan lekker scheuren op het Hollandse asfalt. De gids leert ons de basisprincipes van het stijgen en dalen in dit terrein en, verrek, hetzelfde steile stuk als gisteren gaat nu ineens wel goed. Nou ja, bijna goed dan. Maar er is hoop. Richard – in de winter skileraar, in de zomer mountainbikegids – neemt ons mee naar het hart van Fanes-Senes-Braies. Afwisselend over brede grintpaden en single trails bereiken we de voet van de 500 meter lange klim naar Rifugio Fanes (2060 m). Tegelijk met ons beginnen twee andere groepjes aan de klim. We hebben de smaak te pakken en zijn gemotiveerd om als eerste boven te komen. Wat uiteindelijk lukt, zij het niet zonder enige moeite en wat ongepaste bewoordingen.

Op een bepaald moment ga ik steil naar boven over het losse grint, hang ik helemaal voorover om voldoende grip te houden, slipt mijn voorwiel toch weg. Stap dan maar weer eens op. Maar ook daar is een techniek voor en iets later zwoeg ik verder naar boven. Het pad slingert zich tussen rotstorens door met her en der witte koeienvlekken op de flanken. Het geploeter eindigt bij de hut waar het terras walmt van de geur van de tagliatelle, espresso en Spiegeleier. Ondergedompeld in de ItaliaansOostenrijkse keuken moet Richard hard lachen om ons geploeter. “Maar nu alleen nog maar lekker naar beneden suizen,” probeer ik nog. Even later blijkt ‘lekker’ een totaal ander dimensie te hebben. Desondanks stellen we onder in de vallei tevreden vast dat deze vorm van bergsport zeker voor herhaling vatbaar is.

MTB-verhuur

In het Val Badia kun je op verschillende plaatsen mountainbikes huren. Wij huurden ze bij Skitop Badia in het dorpje Badia. Zie www.skitop.it .

Gidsenbureau

Wij reden de Fanesronde met gids Richard van het enige mountainbikegidsenbureau in het Val Badia: Dolomite Biking. Zie www.dolomitebiking.com.

Documentatie

• La Val. Val Badia – Gadertal. Gadertal zu Fuss oder mit Mountainbike. Watervaste kaart met tien wandelroutes en tien mountainbikeroutes ingetekend. Gemaakt door Marcus Rubatscher en verkrijgbaar via hotel Pider en de VVV in Val Badia. • Tabacco blad 7, Alta Badia Hochabtei Livinallonga. schaal 1: 25 000 topografische kaart. •w  ww.altabadia.org - website van de plaatselijke VVV’s in het Val Badia. Op de (Nederlandstalige) website is een apart deel gewijd aan mountainbiken in het Val Badia.

NKBV- mount in de Ardennainbikeweekend en

24/9-25/9 en 1/ 10-2/10 Alvast dichtbij hu is de kneepjes va n het mountainb leren. Dat kan on iken der begeleiding van gediplomee MTB-instructeu rde rs van de Nederla ndse Tour Fiets een weekend la Unie, ng in de Belgisc he Ardennen. Di weekend is een t vervolg op de po pulaire MTBworkshops in Ne derland. Behalv e het verbeteren de rijtechniek zo van als bochten draa ie n, klimmen en dalen, remmen en schakelen of het nemen van obstakels, leer je in België om te gaan met lang en afdalingen. e klims Dat alles op un ieke MTB-routes Voor deze work . shop is een goed e fietsconditie ve Deelnemers wo reist. rden ingedeeld na ar MTB-ervarin Kijk op www. g. nkbv

.nl/workshop voor meer in s formatie.

hoogtelijn 4-2011 |

69


B

en d a g s e ercht

Basiskamp

De bergen zijn uitermate geschikt voor klassieke bergsporten als klimmen, wandelen en toerskiën. Dat weten wij NKBV’ers al heel lang. Maar er is veel meer te doen. In de serie Basiskamp koppelt Hoogtelijn een traditionele bergsport aan andere sporten die je in de bergen kunt beoefen.

Het grote geheim

van Duitsland Zodra we de snelweg oprijden richting huis, dringt het door. We kijken elkaar aan en denken hetzelfde. Dit willen we eigenlijk aan niemand vertellen. Dit moeten we voor onszelf houden. Laat het alsjeblieft niet al te bekend worden hoe geweldig het hier in Berchtesgaden is!

W

e hebben kort voor vertrek op de automatische piloot onze bagage verzameld. Nu we aan het inpakken zijn voor de tocht naar de hut, beseffen we hoe erg we zijn gewend aan de Zwitserse Alpen. Stijgijzers? Niet nodig. Bivakzak? Beetje overdreven. Pickel? What were we thinking! Ik bied mijn D-schoenen mijn welgemeende excuses aan en leg ze weer terug bij de gamaschen, muts, handschoenen, dikke Gore-Tex jas en dito broek. We gaan dan wel duizend hoogtemeters overbruggen vandaag, maar de hut ligt op 1650 meter. Dat is maar iets hoger dan waar we normaal gesproken een tocht naar een hut beginnen. Wat een luxe! Geen kortademigheid en andere alpiene ongemakken en gevaren. Rond elf uur beginnen we aan de wandeling. We lopen over een idioot breed pad dat keurig is verhard met split. Het is trouwens wel ontzettend steil - en daar zijn we niet op getraind. Maar we hebben geen haast en drogen onze ruggetjes op de Schärtenalm. De stralende jonge vrouw in een traditioneel jurkje dat net onze taart uit de oven heeft gehaald, blijkt de vierde generatie huttenwaard te zijn. We zijn nu al benieuwd naar de vijfde.

Wildromantisch

Tot vlak onder de Blaueishütte blijft het pad breed en erg steil. De laatste honderd meter wordt het extreem steil en stijgen we over een smal, brokkelig pad. Het gidsje spreekt van ‘wildromantisch’, maar voor onze vlaklanderbenen is de romantiek er hier inmiddels vanaf. Ineens zijn we dan toch boven en omdat ik in één oogopslag de platen uit de topo herken, krijg ik direct de klimkriebels. Helaas valt Eric na de soep met worst vrijwel meteen op het terras in slaap. Ik voorzie bij mezelf ook instortingsgevaar als ik blijf stilzitten, dus wandel ik vast naar de instap van één van de klimroutes naar de top van de Schärtenspitze die ik op het oog heb. Het is druk bij de klimroutes onder de westgraat. Ik maak wat foto’s met mijn mobiele telefoon en schrik van de tijd. Zo laat al! Volgens de kopie van de topo van de Logic Line die ik al de hele

70 |

locatie Berchtesgaden, duitsland

dag in mijn binnenzak koester, duurt het klimmend twee tot drie uur om boven te komen. Dat gaan we dus niet meer redden.

Verticale speeltuin

Na het diner vinden we toch nog de moed om de Plattenweg op te klauteren. We hebben dat zeventig meter dubbeltouw ten slotte niet voor niks naar boven gesjouwd! Het is heerlijk simpel klimwerk en ik geniet met volle teugen. Er is van alles wat: glimmend behaakte routes, maar ook flossige touwtjes, standplaatsen met één haak en uitgebreide botanische toestanden in de wand. Ik neem ergens een verkeerde afslag, open een nieuwe route en klim meters en meters boven mijn laatste setje uit. Geeft allemaal niks in dit terrein. Het voelt heerlijk vrij om eens met zoveel vertrouwen te kunnen klimmen. Uiteindelijk vind ik weer een paar haken, ik meen zelfs iets van een standplaats te zien. En dan is het touw op. Ik neem gewetenloos afscheid van mijn oudste prusiktouwtje en hang even later alweer naast Eric. We kijken nog wat naar de avondlucht die regen voorspelt en slapen die nacht kort maar krachtig onder de roodwitgeblokte dekbedden.

Räuberleiter

De wekker gaat vroeg, want we hebben om tien uur een afspraak in het dal met onze klettersteiggids. Het ontbijtbuffet is

hoogtelijn 4 -2011 | Tekst Letty Wessels | foto’s Eric de Haan


©Xxxxxx

De beste plek om te genieten halverwege de Grünstein. overdadig, met veel soorten kaas, vleeswaren en zelfs vers fruit. Weer zo’n voordeel van een hut op relatief beperkte hoogte. De waard kijkt ons met opgetrokken wenkbrauwen na als we vertellen dat we weer naar beneden gaan. We rijden naar Schönau waar we kennis maken met onze gids van de Klettersteigschule. Gelukkig ziet de gids aan onze spullen dat we ervaren zijn en heeft hij niet de minste neiging om ons eerst het oefenparcours te laten doen. Voor vandaag staat de Grünstein op het menu. De kortste en laagste klettersteig in de regio. En we lusten hem rauw! Vol goede moed kiezen we Räuberleiter, de moeilijkste variant, en trekken ons aan de kabel over brokkelige steen, langs luchtige traverses en door overhangen heen omhoog. Ik doe mijn best om af en toe de rots te gebruiken, maar het spul is te instabiel. Helaas eist het staalsleuren zijn tol en de gids blijkt wat haast te hebben vanwege een volgende klus. Veel tijd om te rusten is er dus niet en hoewel ons ontbijt inmiddels een kwart etmaal en twaalfhonderd hoogtemeters geleden is, gaan we gestaag door. Mijn dieselmotortje schakelt over op economy mode, maar Eric heeft een wat snellere verbranding en krijgt het steeds zwaarder. Ik geef hem mijn snacks, de gids geeft hem wat touwsteun en net als het zachtjes begint te regenen zijn we boven. Het uitzicht naar

Startervriendelijk Berchtesgaden en omgeving is perfect voor beginners. De aanlooptijden naar de meeste hutten zijn kort, de paden zijn breed en verdwalen is bijna onmogelijk. Ook boven zijn er vanwege de bescheiden hoogte relatief weinig alpiene gevaren. Het verblijf en eten in de hut zijn comfortabel of zelfs gewoon luxe. En toch ben je hier echt in de bergen. Voor wie bijvoorbeeld na de cursus Outdoor Voorklimmen of Adventure Klimmen ervaring wil opdoen met het klimmen van meerdere touwlengtes, is dit een geschikt gebied om in eenvoudig terrein zelfstandig leuke tochten te maken. Verder is er veel te zien en te doen op een kleine oppervlakte, wat het makkelijk maakt om gezinsleden met uiteenlopende interesses tevreden te houden. Als basiskamp is een camping of eenvoudig appartement in Ramsau ideaal. Met de Gästenkarte kun je gratis met de bus en kost het parkeren bijna niets.

drie richtingen is prachtig: groene vlaktes in het noorden, ruige bergen in het oosten en witte toppen in het zuiden. Na de krabbel hoogtelijn 4-2011 |

71


Nog veilig in de boot. in het topboek schuiven we gauw aan op het terras van de Grünsteinhütte voor een welverdiende lunch. Daarna hoeven we alleen nog maar zeshonderd meter naar beneden te lopen. Bovenop de duizend van die ochtend, blijkt dat net iets te veel.

Heute Ruhetag

Tot onze grote opluchting regent het als we pijnlijk stram en stijf wakker worden. Voor de middag wordt er zelfs onweer voorspeld en geven we onszelf een vrije dag. We komen graag een andere keer terug om de Hochtron te beklimmen! Om de beenspieren toch wat te bewegen, rijden we naar de Barmstein op de grens met Oostenrijk. Over de kam van de Kleiner Barmstein loopt een graatoverschrijding waarvan ik na een tip van de klettersteiggids

Regendag? Ook als het een dagje regent, hoef je je niet te vervelen. In Berchtesgaden is een prachtige nieuwe klimhal. Neem wel je eigen touw mee, want er hangen alleen setjes in de wand. Voor waterratten is er de Watzmann Therme, compleet met een paar glijbanen. Of ga lekker raften, want natter dan dat wordt het niet. Hou je wel van water maar niet van snelheid, kies dan bijvoorbeeld voor de Rupertus Therme. Ook een aanrader is het Salzbergwerk waar je in een overall een reis door de zoutmijn en de tijd maakt. Echt een belevenis!

op internet een geschetste topo heb gevonden. Hoewel het sportklimgebied is gesloten, mag de graat wel beklommen worden. Die middag hangen we schaamteloos de toerist uit met een combiticket voor de Obersaltzbergbahn en drie rondjes rodelen. We kijken onze ogen uit in het kabelbaantje dat niet zou misstaan in een openluchtmuseum. Nu we toch alle gêne voorbij zijn, zetten we na de lunch de auto op de enorme parkeerplaats bij de Köningssee en wandelen - winkeltje in, winkeltje uit - door de Seestraße naar het verbijsterend tropisch ogende water. Het verleidelijke tochtje met de boot slaan we over, omdat het al wat laat in de middag is. Onze rustdag eindigt met een schandalig groot stuk taart op een terrasje in de zon die toch nog even doorbreekt. Het krachtvoer geeft voldoende energie om wat te boulderen op het wonderbaarlijk grote begroeide rotsblok op het parkeerterrein.

Loslaten

De gids telt af. Drei! Zwei! Eins! En de noodrem neemt het over: “Ik dacht het toch effe niet!” Ik hang aan de buitenkant van de brug waar we zojuist met de raft onderdoor zijn gevaren. Een meter of zes onder me gutst het koude, witte water van de Berchtesgadener Ache. Het plan is dat ik de brugleuning loslaat, kruislings mijn zwemvest vastpak en wacht tot ik weer bovenkom. Daarna is het omdraaien, zwemmen en verplicht glimlachen tot ik terug bij de kant ben. Het hoofd heeft het prima op orde, maar het lichaam weigert vooralsnog. Pas als ik heb uitgevogeld dat ik bij het loslaten moet inademen in plaats van uitademen, lukt het om de sprong uit te voeren. En daarna ga ik meteen nog een keer!

Bijna boven.


Een onweerstaanbaar boulderblok op de parkeerplaats.

x

Vallen zonder touw – het is even wennen.

midden in het dorpje (www.fewopfeiffenmacher.de). Zoek je het liever wat hogerop, dan is de Blaueishütte (www.blaueishuette.de), één van de vele berghutten in het gebied. Dit is een toplocatie om als basiskamp te dienen voor klimroutes en wandeltochten. Bij deze hut is ook een groepshuis waar je met een wat groter gezelschap tot 24 personen kunt verblijven.

x

x

Barmstein (841 m)

Dorp Hut Attractie Looprichting Raften

x x

x x

x x x

x

Klettersteig Route

Documentatie

x x

N Salzbergwerk Rafting Center Klimhal

x

x

x

x

Duitsland

Obersaltzbergbahn

x

x

x

x

x x x

Berchtesgaden

x x x x x

x

Rivieren

x

Wegen

x

SAS Art Studio

x x x x x x x x x x x x x x

x

Marktschellenberg Hochtron klettersteig

x

x

x

x

x

x x

Berchtesgadener Hochtron (1972 m)

Bergtop

Geschiedenisles in het centrum van Berchtesgaden.

x

Sommerrodelbahn x

x

x x x

Ramsau

x

Hintersee xx

Grünstein klettersteige

x x x x x

x x x x

xx x x

Blaueishütte

x

Oostenrijk x

x

x

Schärtenspitze (2153 m)

x x x

x

x

x

x x

x

Wimbachklamm

Grünstein (1303 m)

4 km

x x

x

x

2 km x

x

x

Köningssee

Blaueis gletsjer

0 km

Reis

Met de trein reis je vanuit Utrecht binnen elf uur naar Ramsau. Kijk voor de dienstregeling op www.bahn.com en voor meer info en tickets op www.treinreiswinkel.nl . Met de auto is het vanaf Utrecht zo’ 950 kilometer.

• Berchtesgaden ligt net op de grens van de DAV Alpenvereinskarte Bayerische Alpen nr. BY20 (Lattengebirge – Reiteralm) en nr. BY22 (Berchtesgaden – Untersberg). In de regio zelf is een andere uitsnede te koop waar het hele gebied inclusief de Köningssee op staat. Met een schaal van 1:25.000 en ingetekende gemarkeerde wandelroutes en zelfs toerskitochten. • Kletterführer Bayerische Alpen - Nordtirol, Richard Goedeke, Bergverlag Rother, 2009 2de druk • Best of Genuss Band 1, Gerald Forchthammer en Rudolf Kühberger, Alpinverlag Panico, 2009 • Hüslers Klettersteigführer Nordalpen, Bruckmann • Klettersteige Bayern - Vorarlberg - Tirol - Salzburg, Paul Werner en Thomas Huttenlocher, Bergverlag Rother, 2011 9de druk • www.berchtesgadener-land.com • www.klettersteigschule.de • www.kletterzentrum-berchtesgaden.de • www.salzzeitreise.de • www.raft-mit.de

Accommodatie

Voor elke smaak en budget is er een overnachtingsplek te vinden. Het meest luxe is Berghotel Rehlegg in Ramsau (www.rehlegg.de) met onder ander sauna, zwembaden en fitness. In het dal vind je verschillende campings, waaronder Simonhof in Ramsau (www.camping-simonhof.de) en Mühlleiten bij de Köningssee (www.muehlleiten.eu). Ramsau biedt ook de beste en meest betaalbare vakantieverblijven zoals Alpenpension Ettlerlehen hoog boven het dorp (www.ettlerlehen.de), Gasthof Wörndlhof aan de Hintersee (www.woerndlhof.de) en Haus Pfeiffenmacher

Met de NKBV naar Be rc

htesgaden • Huttentocht jaarlijks in de zomer • Bergsportkamp jaarlij ks in de zomer Kijk op ww w.bergsp or trei ze

n.nl

hoogtelijn 4 -2011 |

73


‘Kan nog wel een Zal ik die gordel nu vervangen, of kan ik er nog een jaar veilig mee klimmen? Vaak hangt je leven af van je bergsportuitrusting; die moet dus in orde zijn. Maar wanneer is dat niet meer het geval en moet je nieuw spul aanschaffen?

D

e vraag ‘mijn gordel is x jaar oud, kan ik die nog veilig gebruiken?’ wordt vaak gesteld. Voor veel bergsporters is het niet gebruikelijk om elk jaar het nieuwste van het nieuwste materiaal aan te schaffen. Soms zie je zelfs uitrusting die meer dan twintig jaar oud is. Bij industrieel klimmen is zoiets ondenkbaar. Hier gelden strenge regels die voorschrijven dat sommige spullen, zoals gordels en touwen, al na eenmalige valbelasting vervangen moeten worden.

74 |

Zulke strenge regelgeving is voor de bergsport niet wenselijk – het is de eigen verantwoordelijkheid om te bepalen hoe lang je een uitrustingsstuk gebruikt. Na één val is vervanging echt niet nodig. Wel moet je een gezonde balans vinden tussen alles telkens nieuw kopen en nooit afscheid kunnen nemen van je spullen. Als je niet zeker bent van je materiaal, raadpleeg dan een deskundige. Veel fabrikanten geven ook richtlijnen voor gebruik. Alle veiligheidsuitrusting voor de bergsport moet bovendien voldoen aan diverse richtlijnen en normen. Zo moet de fabrikant volgens de richtlijn voor persoonlijke beschermingsmiddelen in de

hoogtelijn 4-2011 | Tekst Han Welten m.m.v. Stefan Buis en Harald Swen | foto’s Harald Swen


g n i t s u r t i u t or p s g r e b n a v r u u d s n e v e l Persoonli

jke Besc

hermings PBM zijn in Middelen de Duitstali (PBM) ge landen beke rüstung (PS nd als Persö A) en worde nl ic n he in Schutzauscategorieën geeft aan w I tot III inge elke graad va deeld. De ca n kwaliteit (f Producten in tegorie ab ricage- en ei categorie I be ndcontrole) schermen te schoenen). ve reist is. ge n geringe ri Producten in sico’s (zoals categorie II (zoals veilig tuinhandbeschermen heidsschoe tegen matig nen). Catego onafhankel e risico’s rie III is de ijke certifice ho ogste catego ri ng en produc uitrusting m rie, die een tiecontrole oet bescherm vereist. Om en bij een va bergsportm da t bergsportl van grote ho aterialen in ogte, vallen categorie II de meeste I.

CE-markering

jaartje’ gebruiksaanwijzing de maximale levensduur, juiste wijze van opslag en juiste wijze van gebruik omschrijven. Dit is een aanknopingspunt om te bepalen hoe lang je spulletjes veilig meegaan. Intensiteit van gebruik heeft natuurlijk grote invloed op de veilige levensduur. Veel fabrikanten houden in hun advies rekening met deze gebruiksintensiteit.

Verouderd

De veiligheidsreserve van materiaal zal door veroudering geleidelijk afnemen. Vooral kunststoffen (bijvoorbeeld touw, gordel, helm) verliezen in de loop der tijd aan sterkte en flexibiliteit. Bovendien innoveren fabrikanten hun producten: ze worden steeds beter zodat moderne uitrusting meestal meer veiligheid biedt dan oude. Zo kunnen oude karabiners een lagere reserve tegen breuk hebben. Hoewel aluminium niet wezenlijk veroudert, kan de snapper gemakkelijker open gaan doordat de

De CE-markering geeft aan dat het product voldoet aan de daarvoor geldende regels binnen de Europese Economische Ruimte (de Europese Unie plus Liechtenstein, Noorwegen en IJsland. CE staat hierbij voor Conformité Européenne. De CE-markering is geen keurmerk aangezien het een wettelijke verplichting is. Uitrustingsdelen die onder de PBM vallen moeten worden gecertificeerd door een onafhankelijk testinstituut en hebben daarom een CE-teken.

veerspanning in de snapper is afgenomen en doordat het bijvoorbeeld geen moderne draadsnapper is. Oude cams zullen door verminderde veerspanning en opeenhoping van vuil minder goed ‘pakken’ in de rots dan nieuwe. Met moderne, hoogwaardige, in goede staat verkerende materialen ben je er zeker van dat je veiligheid optimaal is. Bergsporters dienen hun materiaal regelmatig te controleren op overmatige slijtage en andere beschadigingen. Voor alle kunststof uitrusting geldt: vervangen indien het materiaal in contact is geweest met sterke chemicaliën zoals bijvoorbeeld accuzuur. Dat gebeurt vaker dan je denkt, bijvoorbeeld wanneer een touw wordt bewaard in de kofferbak van de auto of in de garage. hoogtelijn 4-2011 |

75


Touw

el nog ze gord lus e d t k j ant li e been buitenk nenkant van d ag helemaal Van de n i la an de b escherm uwe goed. A t de zwarte b b e la da zelfs d eten is. n e blijkt s i leten orgesl doorges band deels do e dragend

Voor touwen geldt nog sterker dat de levensduur afhankelijk is van de mate van gebruik, variërend van minder dan een jaar bij zeer intensief gebruik tot tien jaar wanneer een touw nooit gebruikt is. De dynamische eigenschappen van een touw nemen met de leeftijd en intensief gebruik af. Een touw moet in elk geval vervangen of afgesneden worden als de mantel beschadigd is, of als het uiteinde door veel vallen ‘plat’ is geworden. Indicatie voor dat laatste is de zogenaamde kniktest. Als het touw zonder grote weerstand tegen elkaar te duwen is, is vervanging noodzakelijk. Soms uit slijtage zich in het dik en stug worden van het touw. Dan wordt het steeds moeilijker om het touw door het zekerapparaat te halen. Een deel van de rek is er dan ook uit verdwenen. Tijd voor vervanging, dus. Wanneer je verschillende disciplines naast elkaar beoefent, is het nuttig om meerdere soorten touw te hebben. Bijvoorbeeld 60 tot 80 meter enkeltouw voor sportklimmen, 50 meter geïmpregneerd enkeltouw voor alpiene toeren en een geïmpregneerd dubbel- of tweelingtouw voor technisch lastige ijs- of rotstochten. Ook is het aan te raden een onderscheid te maken tussen een toprope- of uitwerktouw en een touw voor on-sight- en rotpunktbeklimmingen waar je grotere vallen mee maakt.

Touwtips

Schlinge in se tje: oud en helemaal opgeruwd. Verv angen.

et inge m e schl ng. d i a a n Inge digi bescha kleine ikbaar. ru Goed b

Gordels, schlinges en klettersteigsets

Sinds 2007 moet de fabrikant het jaar van productie op zijn producten vermelden. Voor kunststof materialen geven fabrikanten een maximale levensduur van tien jaar op, zelfs als het product nooit gebruikt is. Afhankelijk van de frequentie van gebruik kan de veilige levensduur korter zijn. Controleer je materiaal vooral op duidelijk zichtbare slijtage of beschadigingen. Bij gordels zijn de stiksels en de inbindlus een extra aandachtspunt. In geval van slijtage of beschadigingen: vervangen. Voor in situ materiaal, zoals schlinges of touwtjes op de standplaats geldt: controleer op beschadigingen en door zon gebleekte delen. Bounce-test de schlinges van de nieuwe standplaats terwijl je nog aan het abseiltouw hangt - en dus nog een veilige backup hebt. Bandmateriaal is gevoeliger voor slijtage dan touw, omdat band niet door een mantel beschermd wordt. Bij duidelijke verbleking en/of slijtageplekken de schlinge niet meer gebruiken. In twijfelgeval eigen materiaal gebruiken en het oude verwijderen.

76 |

hoogtelijn 4 -2011

• Geïmpregneerd touw is slijtvaster, en heeft dus een langere levensduur • Als touw pluizig is en slecht hanteerbaar wordt, dan niet meer gebruiken. • Als touw zichtbaar is beschadigd, dan niet meer gebruiken. • Touw altijd in touwtas vervoeren en gebruiken.

Globale Levensduur van touwen nooit gebruikt

max 10 Jaar

een of twee maal per jaar

max 7 jaar

een maal per maand

max 5 jaar

vaker per maand

max 3 jaar

elke week

max 1 jaar

dagelijks

max 3 maanden

Beho o besc rlijke hadi van ging d Verv e mante a l afsn ngen of . ijde n.

t kniktes en Met de er l o r cont kun je or o d w tou of een lat’ llen ‘p veel va en. rd is gewo


Stijgijzers, pickel, ijsschroeven

In d de e sna sch ppe zij r n s oefka r van zie che rab n sli als urtjes iner jta g ge. evolg te van

Net als bij karabiners geven de meeste fabrikanten geen maximale levensduur aan voor pickels, stijgijzers en ijsschroeven; sommige noemen tien jaar. Het beste is om de spullen regelmatig te controleren op scheuren en zichtbare slijtage, bij stijgijzers vooral rond de voorpunten. Let op: deze scheuren kunnen heel klein, nauwelijks zichtbaar en toch gevaarlijk zijn. Vooral aluminium stijgijzers zijn gevoelig voor slijtage en scheuren. Vergeet vooral niet de bevestigingsbeugels en -banden te controleren. Botte punten van de ijsgereedschappen kunnen met een goede vijl geslepen worden. Bij ijsschroeven kun je dat beter niet zelf doen – er bestaan professionele slijpmachines die de boor weer als nieuw maken. Informeer bij de buitensportzaak waar je dit kunt laten doen.

Lawinepieps Versleten Deze twee karabiners hingen in klimroutes in België. De linker is zo ver afgesleten dat een val in dit setje tot doorsnijden van het touw kan leiden. Bij een val in de rechter karabiner zal het touw waarschijnlijk beschadigd worden. De karabiner maakte vermoedelijk deel uit van een setje dat lange tijd als setje in een forse overhang in de klimhal heeft gehangen. Beide karabiners vertonen de typische slijtagesporen van dergelijke setjes.

Karabiners, zekerapparaten

De meeste fabrikanten geven voor uitrusting van metaal geen maximale levensduur aan; soms wordt tien jaar genoemd. Karabiners kunnen gebruikt worden totdat beschadigingen gevonden worden die de functie negatief beïnvloeden: de snapper sluit niet meer, scherpe inkervingen door boorhaken, diepe slijtage door touw. Het gerucht dat door het laten vallen van een karabiner haarscheuren kunnen ontstaan, is niet door onderzoek bevestigd. Gebruik altijd dezelfde karabiners voor het opbouwen van slacklines of touwbanen. Vermoeiingsbelasting kan tot niet-zichtbare schade en plotselinge breuk leiden. Daarom kun je deze karabiners niet meer gebruiken voor bergsport. Voor de bandlussen van setjes geldt hetzelfde als voor de andere bandlussen: ze gaan niet eeuwig mee, vaak korter dan de metalen onderdelen. Op www.nkbv.nl/ Sportklimmen/Veiligheid vind je een overzicht van bedrijven die schlinges van cams of setjes kunnen vervangen

Bij alle lawinepieps is het verstandig vóórdat het winterseizoen aanbreekt klein onderhoud te verrichten. Dit houdt in: batterijen vervangen door nieuwe, het batterijcompartiment controleren op corrosie en een uitvoerige functiecontrole uitvoeren. Check bij de fabrikant online of er firmware updates zijn. Functiecontroles bestaan uit een zelftest en een controle of de afstandsaanduiding correct is. Houd de onderhoudsintervallen van de fabrikant aan. Deze variëren van merk tot merk, maar zijn meestal tussen twee en drie jaar. Oudere analoge apparaten kun je vanwege de achterhaalde techniek beter niet meer gebruiken. Dit artikel is gebaseerd op Im Zweifel für den Zweifel, F. Hellberg en Ch. Semmel, DAV Panorama 5/2010.

Uitr ust acht ing met erha tech alde Verv niek. ange n!

Bij zekerapparaten zoals de grigri moeten de weerstand van de blokkeerfunctie, de speling in beweegbare delen en slijtagesporen beoordeeld worden. Hier zijn geen algemeen geldende regels voor levensduur te geven.

Helm

De meeste fabrikanten geven voor de helm een maximale levensduur van tien jaar aan. Kunststof veroudert en daardoor gaat de capaciteit van de energieopname achteruit. Helmen met een harde schaal kunnen beter tegen herhaaldelijke steenslag; de schuimhelmen hebben een beter vermogen tot energieopname, maar zijn wel gevoeliger voor beschadiging. Controleer je helm regelmatig op beschadigingen zoals diepe krassen, scheuren en witverkleuring (soort haarscheuren). Check ook of het binnenwerk goed vastzit aan de schaal. Vervanging is noodzakelijk als de helm een forse klap heeft gehad of zichtbare beschadiging vertoont.

Laat je materia al

Kaderda

g

checken

op de

Ben je ka derlid en heb je m Tijdens d ateriaal w e Kaderd aarover je ag op 6 n Zoeterme twijfelt? ovember er kun je in Ayers Ro d at laten b deskund c k in eoordele igen, ond n door er wie Ste voorbeeld fa n Buis. O en van ve ok kun je rsleten s dan pullen be kijken.

hoogtelijn 4-2011 |

77


Test

gps’en Een gps is een handig apparaat om te navigeren of om je locatie op een zeker moment te bepalen. Het Duitse tijdschrift Alpin testte de nieuwste modellen; Hoogtelijn publiceert een vernederlandste bewerking. Een aantal apparaten is niet eenvoudig in de Nederlandse winkels te vinden, maar ze zijn allemaal te bestellen via internet. Meestal tegen een lagere prijs dan in de winkel.

L

icht, handzaam, compact, robuust, waterdicht, gemakkelijk te bedienen, met in te stellen routes met spraakaanwijzing net als in de auto, met hoogtemeter en kompas, zelfs in de felle zon af te lezen, koude- en hittebestendig, met duurzame batterijen die lekker lang meegaan, met handschoenen te bedienen, met gedetailleerde topografische kaarten en tot slot: niet al te duur. De eisen die bergsporters aan een gps stellen zijn schier oneindig en in sommige gevallen zelfs tegenstrijdig. Om maar een voorbeeld te noemen: een handzaam gebruiksvriendelijk model met touchscreen is niet te bedienen met handschoenen aan. Daarom gaan fabrikanten bij het ontwerp uit van verschillende soorten gebruik. De meeste apparaten in deze test hebben een touchscreen, terwijl er twee uitsluitend met knoppen zijn te bedienen. Dat is niet slechter en ook niet fossiel te noemen; je bedient ze gewoon anders. De Falk Ibex 30 laat zich als een TomTom bedienen. De overige modellen beschikken over een andere menustructuur waar je je als gps-groentje eerst flink in moet verdiepen wil je ermee kunnen omgaan.

Smartphone een alternatief? Wie een smartphone heeft met een geïntegreerde gps kan die natuurlijk ook meenemen de bergen in. Voor langdurig gebruiken zijn ze echter niet geschikt. Daarvoor zijn ze te kwetsbaar. Ze zijn immers niet waterdicht en ze hebben een beperkte accucapaciteit die slechts een paar uur meegaat. Bovendien ontbreekt een goede hoogtemeter.

78 |

3D-kompas

Alpin heeft in totaal negen gps’en getest, waarvan er één als bike navigator door het leven gaat. Die laten we voor Hoogtelijn buiten beschouwing. Alle apparaten hebben een verlicht kleurendisplay om topografische kaarten te kunnen tonen. Allemaal, behalve de Satmap 10, beschikken ze over een barometrische hoogtemeter, die in de praktijktest de hoogte precies aangaf. Ook zijn ze allemaal uitgerust met een ingebouwd kompas dat bovendien functioneert als je de gps rechtop houdt. Apparaten met zo’n 3D-kompas werken zelfs als ze scheef worden gehouden. dat komt vooral van pas als je de gps op het stuur van je mountainbike monteert. Het kompas werkt dan dus ook als je steil omhoog fietst of een afdaling maakt.

Out of the box

De GPS-chips zijn inmiddels zo gevoelig dat er geen echte problemen meer zijn met de ontvangst van de satellietsignalen. Alleen in smalle kloven en onder zeer dicht bladerdak valt de

hoogtelijn 4-2011 | Tekst Peter Stelzel-Morawietz mmv Mieke Scharloo | foto’s Mieke Scharloo


Navigatie hulpjes voor ond erweg ontvangst nog wel eens weg. Op dit punt zijn alle geteste modellen betrouwbaar, zo goed als altijd geven ze de juiste actuele positie aan met een nauwkeurigheid van vijf tot tien meter. Naast de technische metingen is in de test vooral gekeken naar een eenvoudige bediening. In feite moet een gps ‘out of the box’ functioneren, dus uitpakken, aanzetten en aan de slag. Maar zo simpel is het meestal niet. Dat begint al bij de handleiding en gaat door tot de installatie van de digitale kaarten. Hekkensluiter op dit punt is volgens onze collega’s van Alpin de Magellan. De website biedt slechts summiere info, de telefonische helpdesk is overbelast en - dat is voor ons Nederlanders minder relevant - de handleiding is niet in het Duits. De eerste twee punten zijn jammer omdat het apparaat in de test wel een goede indruk maakte. Ook de andere fabrikanten maken het de technisch minder onderlegde klanten niet gemakkelijk. Bij de MyNav 500 Sport is de update van software extreem traag. In het geval van de Lowrance bood een blik op het aanverwante internetforum soelaas om

problemen met het kompas op te lossen. Bij TwoNav was het onmogelijk om te registreren op de website en stonden er termen op die site die het beste wooordenboek niet kan thuisbrengen. Veel fabrikanten vergeten dat lang niet al hun klanten computernerds zijn. Ondanks alle kritiek valt er ook veel goeds te melden. De gps’en van MyNav, Falk en Lowrance worden met topografische kaarten geleverd. Bij Satmap en Garmin kun je eenvoudig een geheugenkaart met kaarten in de gps steken, waarna je direct aan de slag kunt. Alle functionaliteiten en mogelijkheden worden echter pas echt duidelijk wanneer je de gps verbindt met je computer.

Autorouting

De navigatie die bij de Tom-Tom zo vanzelfsprekend is, komt langzaam van de grond bij buitensport-gps’en: het vermogen om een juiste route naar het doel te bepalen. Terwijl je in de auto zo snel mogelijk naar een bepaald adres wilt, hoogtelijn 4-2011 |

79


fabrikant

CompeGPS

Falk

Garmin

Garmin

model prijs

TwoNav Sportiva

Ibex 30

GPSMap 62st

Oregon 450t

€ 379,www.compegps.com 3,0 inch / 400 x 240 pixels

€ 369,95 www.falk-navigation.de 3,5 inch / 320 x 240 pixels

€ 369,95 www.garmin.nl 2,6 inch / 240 x 160 pixels

€ 330,www.garmin.nl 3,0 inch / 400 x 240 pixels

101 g 105 x 58 x 23 mm mini-USB / nee / ja

174 g 108 x 78 x 25 mm mini-USB / nee / ja

166 g 160 x 61 x 36 mm mini-USB / nee / nee

149 g 114 x 58 x 35 mm mini-USB / nee / nee

lithium-accu

lithium-accu (uitneembaar)

2 GB / micro-SD (tot 32 GB) Taiwan ja / 1 knop Topo naar keuze (NL, E, D, CH etc) veel andere landen ja / ja

680 MB / micro-SD (tot 16 GB) China ja / 1 knop topo Duitsland AU, CH, Südtirol, Mallorca ja/ ja

2 x AA (al dan niet oplaadbaar) 2 x AA (al dan niet oplaadbaar) 500 MB / micro-SD (tot 8 GB) 650 MB / Micro-SD (tot 8 GB) Taiwan Taiwan nee / ja ja / nee vrijetijdskaart Europa vrijetijdskaart Europa veel andere landen veel andere landen ja / ja ja / ja

ja / ja in het plus-model

ja / nee nee

ja / ja ja

website beeldscherm afmetingen, resolutie gewicht zonder batterijen maten (hoogte x breedte x diepte) computer / audio-uitgang / luidspreker voeding Opslagcapaciteit uitbreiding Geproduceerd in Touchscreen/ knoppen Meegeleverde kaarten Extra topografische kaarten voor Barometrische hoogtemeter / hoogteprofiel Elektronisch kompas / 3D-kompas draadloze interface extra’s meegeleverde extra’s

afleesbaar in de zon gps-ontvangst trip computer / bezienswaardigheden tracking: tijd / afstand / auto­ matisch geocache gebruik autorouting (bestemmings­ navigatie) / spraak routing met adresinvoer

snelstarthandleiding, software, draagriem, houder voor op oplader,snelstarthandleiding, fiets, oplader, USB-kabel houder voor op fiets met montage- bevestigingskarabiner, USB-kabel gereedschap, USB-kabel

ja / ja ja fotovertoning snelstarthandleiding, bevestigingskarabiner, USB-kabel

goed / goed / goed

matig / matig / goed

zeer goed / goed / goed

matig / matig / goed









ja / ja

ja / ja

ja / ja

ja / ja

ja / ja / ja

nee / nee / ja

ja / ja / ja

ja / ja / ja

ja ja (alleen via wegen) / nee

nee ja / ja

ja

ja

fietsmodus / automodus

ja / ja

ja / nee

functioneert bij -25˙C / + 50˙C waterdicht volgens fabrikant uren operationeel met alkaline/ lithiumbatterijen bediening / met handschoenen interactivteit met computer handleiding / support Conclusie

ja / ja IPX6 (niet onderdompelen) 4.30 uur (met accu) / -

ja / ja IPX7 5.05 uur (met accu) / -

ja ja (met extra aan te schaffen kaarten) / nee ja (met extra aan te schaffen kaarten) ja / ja (met extra aan te schaffen kaarten) ja / ja IPX7 11.30 / 19.10 uur

ja ja (met extra aan te schaffen kaarten) / nee ja (met extra aan te schaffen kaarten) ja / ja (met extra aan te schaffen kaarten) ja / ja IPX7 9.50 / 17.20 uur

 / 

 / 

 / 







 /  

 /  De Sportiva is een soort Geheimtipp, maar onder één voorwaarde: je koopt er voor zo’n € 5,- een extra accu (Nokia BL-5C) bij. Dat is nodig omdat de accu bij optimale helderheid van het display er na vier uur mee ophoudt. Met de reserve-accu kun je de dagtocht voltooien. Verder is er op de CompeGPS weinig aan te merken.

 / 

 / 

 / 

Deze gps is vooral geschikt voor mensen die direct op pad willen zonder zich in het apparaat te verdiepen. Hij werkt als een Tom-Tom: bestemming invoeren en gaan. Bij de routeberekening voor langere dagtochten op de fiets laat de Ibex 30 het afweten.

Een groot touchscreen is in deze tijd niet alles. Hoe oude techniek perfect te gebruiken is, bewijst de GPSMap 62st. Deze gps is het best af te lezen en heeft de beste batterijlooptijd. Door de knoppenbediening is hij ook te bedienen met handschoenen, op de mountainbike en tijdens het skiën.

plussen en minnen

+ super lichtgewicht + goedkope extra accu –  korte looptijd

+ gemakkelijke bediening – problemen met navigeren – donkere display

+ uitstekende display + uitstekende batterijlooptijd –  kleine display

De Oregon 450t mist in deze test net een zeer goed. De gps kenmerkt zich door een intuïtieve menustructuur die het gps-beginners gemakkelijk maakt. Maar ook profi’s komen aan hun trekken, vooral omdat Oregon 450t Open Street Maps aankan. Een allrounder met ee ngoede display en een lange batterijlooptijd. + intuïtieve bediening + werkt met OSM

Eindoordeel

goed

bevredigend

zeer goed

80 |

hoogtelijn 4 -2011

goed


Zo is getest De gps’en moesten zich bewijzen in het zuiden van München, in de Beierse Alpen en in Südtirol. Om onder exact dezelfde omstandigheden te werken, zijn ze op een testrugzak gemonteerd: een groot bord dat op de rug van een van de testers overal mee naartoe ging. Verder zijn diverse praktische testjes gedaan: hoe houden ze zich in kou en warmte, hoe zijn ze te bedienen met handschoenen aan, de meting van hoe lang de batterijen meegaan, hoe is de bediening van het apparaat zelf en in combi met de computer als het gaat om uitwisseling van routes en kaarten.

is dat in de bergsport niet altijd het geval; de route is veelal deel van het doel. Of je nu liever beschut in het bos loopt of over een geëxponeerde graat; rechtstreeks naar de top of een ommetje via de hut. Dat zijn individuele keuzes waar de gps (nog) geen rekening mee houdt. In totaal onbekend terrein heeft de routing van de gps meestal wel zin: snel de beoogde hut invoeren, de manier van voortbewegen kiezen en de navigatie begint al. MyNav 500 scoort het best op dit vlak, wel zijn de gesproken aanwijzingen nogal zacht. Ook de Ibex 30 kan automatisch navigeren. Voor fietstochten langer dan 100 kilometer zijn ze minder geschikt. Ze vallen soms weg omdat de routes te lang zijn. Irritant voor langeafstandsfietsers. Je kunt dan terugvallen op tussenstations, maar dat slaat eigenlijk nergens op. De Garminmodellen met geschikte digitale kaarten opereren zonder spraakaanwijzigen, maar met piepjes en pijlen. Dat doen ze goed.

Tracks downloaden

Hoe belangrijk is autorouting nou eigenlijk voor buitensporters? Dat hangt ervan af. Inmiddels heeft een andere navigatiemethode onder buitensporters vaste voet aan de grond gekregen. Ze volgen tracks die ze downloaden van internet; ze lopen dus in de voetsporen van andere wandelaars die de waypoints tijdens hun tocht hebben opgeslagen en vervolgens op het internet hebben gepubliceerd. Meestal zijn ze gratis. Alle geteste apparaten kunnen hiermee uit de voeten. In Nederland kun je bijvoorbeeld bij gpstracks.nl veel wandelroutes vinden, of kijk op www.gps-tracks.com voor wandel-, moutainbike-, skitoer- en sneeuwschoenroutes in de Zwitserse en Oostenrijkse Alpen.

Zonnig

In de praktijk komt het op de display aan. Bij bijna alle apparaten moet je de helderheid op maximaal zetten om ook in de felle zon de display te kunnen aflezen. De GPSMap 62st van Garmin biedt verreweg het beste beeld. Het is het enige apparaat dat zich ook zonder extra verlichting onder zonnige omstandigheden laat aflezen. Permanent gebruik van de verlichting is wel een aanslag op de batterij of accu. Er is gemeten hoe lang de batterijen meegaan onder maximale verlichting wanneer de apparaten continu aan staan, zowel met goedkope alkalinebatterijen als dure

lithiumbatterijen. Deze kosten zo’n zeven euro per paar. Zoveel moet je voor een dagtocht rekenen. Waar apparaten een geïntegreerde accu hebben, is de capaciteit hiervan gemeten.

Batterijen

Na vier uur hield het eerste apparaat met alkalinebatterijen er al mee op (Magellan), terwijl de testwinnaar, de Garmin GPSMap 62st, zelfs met deze goedkope batterijen operationeel bleef gedurende twaalf uur. De verschillen zijn dus enorm. Lithiumbatterijen verdubbelen de standby tijd ongeveer. Als je de helderheid reduceert of uitzet, kun je de looptijd van de batterijen verlengen, zelfs ongeveer verdubbelen, Alleen kun je de display van zo goed als alle apparaten dan niet meer aflezen. De GPSMap 62st blijft met lithiumbatterijen en uitgeschakelde helderheid ongeveer veertig uur in de lucht. Dit apparaat is een uitzondering. Twee apparaten uit de test ( Falk en CompeGPS) beschikken over een op te laden accu. MyNav en Satmap leveren de modellen met accu ook met een adapter voor standaardbatterijen - een goed bedachte oplossing. In de overige apparaten passen (oplaadbare) batterijen in AA-formaat. Koude en warmte mogen geen probleem zijn voor de gps. Hij moet het doen tijdens een skitoer als het min twintig is en hij moet het ‘s zomers ook gewoon doen bij plus vijftig op het dashbord. Tot onze verbazing hielden alle apparaten zich onder beide omstandigheden goed. In principe zijn alle apparaten waterdicht volgens de opgave van de fabrikanten. Ze hebben de norm IPX7 wat betekent dat ze tot een meter diep gedurende 30 minuten ondergedompeld kunnen worden zonder schade. Alleen de TwoNav is IPX6 gewaardeerd; dat betekent dat je hem beter niet kunt onderdompelen, maar hij kan wel stortbuien doorstaan.

Gecompliceerd

Vergeleken met een Tom-Tom heeft een buitensport-gps veel meer functionaliteiten. Behalve bij de gemakkelijk te bedienen Falk, is de menustructuur en de bediening van de de buitensport-gps’en fundamenteel anders dan die in de auto. Over het algemeen is de bediening gecompliceerder en in combinatie met de computer zijn er nog veel meer mogelijkheden. Die variëren van het downloaden van kant-en-klare routes tot het installeren van extra kaarten Bijvoorbeeld de Lowrance biedt door het installeren van extra software heel veel extra mogelijkheden extra, maar die zijn voor hoogtelijn 4-2011 |

81


fabrikant

Lowrance

Magellan

MyNav

Satmap

model prijs

Endura Sierra

eXplorist 610

MyNav 500 Sport

Active 10

€ 389,95 www.hollandnautic.nl 2,7 inch / 320 x 240 pixels

€ 479,95 www.technolyt.nl 3 inch / 400 x 240 pixels

€ 449,95 www.mynav.com 3,5 inch / 320 x 240 pixels

€ 299,- (aanbieding) www.matterhorn.nl 3,5 inch / 320 x 240 pixels

177 g 130 x 60 x 31 mm

196 g 128 x 65 x 37 mm

161 g 117 x 78 x 32 mm

171 g 130 x 75 x 30 mm

mini-USB / ja / ja

mini-USB / nee / ja

stekker / nee

mini-USB / ja / nee

2 x AA (al dan niet oplaadbaar)

2 x AA (al dan niet oplaad- lithium-accu (3 x AAA baar) batterijen met adapter) 2 GB / micro-SD (tot 32 GB) 64 MB / micro-SD (tot 16 GB) China Korea ja / 2 knoppen ja / 2 knoppen kaart van Europa topo Duitsland, wegenkaart Europa in voorbereiding andere landen Europa

3 x AA (of een lithiumaccu)

ja / ja

ja / ja

nee / ja (GPS-hoogte)

ja / ja

ja / ja

ja / nee

nee foto- en videovertoning, geïntegreerde camera met videofunctie, opnamemogelijkheden, dictafoon snelstarthandleiding, batterijen, USB-kabel

nee

nee

software, handleiding, USB-kabel, oplader

USB-kabel, draagriem, tasje

matig / goed / goed

website beeldscherm afmetingen, resolutie gewicht zonder batterijen maten (hoogte x breedte x diepte) computer / audio-uitgang / luidspreker voeding Opslagcapaciteit uitbreiding

4 GB / micro-SD (tot 32 GB)

Geproduceerd in Touchscreen/ knoppen Meegeleverde kaarten

China ja / ja topo Nederland

Extra topografische kaarten voor UK, AU, CH, andere landen in voorbereiding Barometrische hoogtemeter / ja/ ja hoogteprofiel Elektronisch kompas / 3Dja / ja kompas draadloze interface nee extra’s foto- en videovertoning

meegeleverde extra’s

afleesbaar in de zon gps-ontvangst trip computer / beziens­ waardigheden tracking: tijd / afstand / automatisch geocache gebruik autorouting (bestemmings­ navigatie) / spraak routing met adresinvoer

snelstarthandleiding, USB-kabel, displaybeschermingsfolie

matig / goed / goed

goed / goed / goed







ja / ja

ja / ja

ja / ja

ja / ja

ja / ja/ nee

ja / ja / ja

ja / nee / ja

nee / nee / ja (afstanden)

ja alleen straten / ja

ja ja (met extra aan te schaffen kaarten) / ja ja (met extra aan te schaffen kaarten) / ja ja / ja (met extra aan te schaffen kaarten) ja / ja IPX7 3.45 / 7.57 uur

ja ja / ja (heel zacht)

ja nee / nee

ja

nee

ja / ja

nee / nee

ja / ja IPX7 7 uur (met accu) / -

ja / ja IPX7 7.4 / 15.4 uur

 / 

 / 

 / 







 /  

 /  Lowrance maakt een spagaat: Enerzijds is de gps zo gemaakt dat ie direct na het uitpakken gebruikt kan worden. Anderzijds wordt niet verbloemd dat hij op het besturingssysteem van een pda draait. Dat maakt de bediening soms moeilijker, maar biedt ook de mogelijkhied heel veel andere programma’s en gratis kaarten te uploaden. De slome opstart is storend. + veelzijdige installatiemogelijkheden + goede leveranciersondersteuning –  korte batterijlooptijd

 / 

 /  De MyNav Sport 500 is met zijn kanloranje behuizing een echte aandachtstrekker die over een grote en goede display beschikt. Verder valt de goede routingfunctie voor wandelingen, fietsen en klimmen op.

+ robuuste uitvoering – korte batterijlooptijd – slechte ondersteuning

+ geen PC nodig + betrouwbare buitensportnavigator

 /  De Satmap is al weer drie jaar op de markt en is daardoor al wat ouder. Zo ontbreken een barometrische hoogtemeter en een 3D-kompas, beide in de buitensport standaard. Aan de andere kant is het een volgroeid product waarvoor veel kaarten (zelfs Alpenvereinskarten) zijn en die gemakkelijk te bedienen is en het goed doet zonder computer. + handschoenbestendig + zeer groot kaartenaanbod – beetje lomp

goed

bevredigend

goed

goed

ja

functioneert bij -25˙C / + 50˙C waterdicht volgens fabrikant uren operationeel met alkaline/ lithiumbatterijen bediening / met handschoenen interactivteit met computer handleiding / support Conclusie

ja / ja IPX7 4.30 / 7.40 uur

82 |

veel andere landen wereldwijd

matig / goed / goed

ja / ja

Eindoordeel

China nee / ja topo Nederland



fietsmodus / automodus

plussen en minnen

256 MB / micro-SD (kaarten)

hoogtelijn 4-2011

Het testmodel laat een goede indruk achter, maar Magellan laat zijn klanten in de kou staan. Zo ontbreken de handleiding, support en kaarten. Topografische kaarten schijnen snel beschikbaar te komen. Pas dan wordt het interessant.


Aanbied

ing vo or NKBV armin GP -leden SMAP 62 st en kri jg e

koop de G

Leer je nie uwe gps écht kenn gegeven. en tijden Na afloop s een van van een le nog veel de works erzame d meer me hops die ag kun je t je nieuw op vier lo je plaats e aanwin caties in bepalen, st. Nederlan routes uit Kijk vo d worden zetten, w or een aypoints volledi op www. maken en ge besc nkbv.n

en gps-w

orkshop

Actiepe

riode:

l/actie hrijvin . g en vo orwaard van 1 s en van eptembe deze ac r 2011 tie tot 31 oktober 2011.

Belangrijke details Display

Ook bij felle zon moet het scherm van een gps goed af te lezen zijn. Bij veel modellen is dat maar ten dele mogelijk of alleen als je de helderheid op max zet.

Ook bij buitensport-gps’en is kaartbeeld op de display een vereiste. Maar gedetailleerde topografische kaarten zijn veelal duur en in het gebruik gecompliceerd en niet voor alle gebieden verkrijgbaar.

Bediening

Batterijlevensduur

Knoppen of touchscreen? Hoewel een touchscreen vaak gemakkelijker is, zijn knoppen een groot voordeel als je handschoene draagt. Uiteraard is een begrijpelijke menustructuur belangrijk.

de huis-tuin-en-keukengebruiker niet relevant. Eenvoudiger te bedienen zijn de modellen van Garmin, Satmap en MyNav.

Kaarten

Kaarten

Zonder kaarten hebben de huidige gps’en weinig zin. Anders dan bij de Tom-Tom worden de buitensport-gps’en - als ze al zijn voorzien van een kaart - geleverd met maar een topo van één land of slechts een deel van dat land. Extra kaarten kosten tussen de 100 en 200 europ per land. Daar bovenop komt de beperking dat de gps’en meestal alleen werken met de door de firma geleverde kaarten. Gevorderde gps-gebruikers kunnen met behulp van software als Tour Explorer van MagicMaps en Mobile Atlas Creator en andere programma’s ook firmavreemde kaarten importeren. Gratis kaarten zijn vooral Open Street Maps(OSM). Deze zijn voor Midden-Europa meestal van goede kwaliteit. Op de Garmintoestellen zijn import en gebruik simpel. Lowrance biedt zelf zo’n soort kaart. Behalve dat ze gratis zijn, hebben Open Street Maps het voordeel dat ze in verschillende uitvoeringen voorhanden zijn: voor mountainbiken, voor wandelen en voor andere doeleinden. Steeds meer van deze OSM-kaarten zijn bovendien geschikt om routes aan te geven, ze navigeren automatisch naar de bestemming. Tot slot zijn er bij elektronische kaarten twee soorten te onderscheiden: vektor- en rasterkaarten. Rasterkaarten bieden een vergelijkbaar beeld als gedrukte landkaarten en zijn zodoende vertrouwd. Toch zijn ze niet geschikt voor automatische navigatie en raken ze bij uitvergroten ‘verpixelt’ , dus onscherp. Vektorkaarten daarentegen zijn wel geschikt om routes aan te geven. Het kaartbeeld was tot nu toe meestal schematisch, maar veel van deze digitale kaarten zijn de laatste jaren sterk verbeterd.

Ronduit teleurstellend is het als een gps in de praktijk er na vier mee ophoudt omdat de batterijen leeg zijn. Dan moet je zelfs voor een dagtocht extra batterijen meenemen. Het kan ook anders.

Op het eerste gezicht Wie de Garmin GPSMap 62st voor het eerst ziet, zal niet geloven dat het een actueel model is. De uitstekende antenne en de knoppenbediening doen nogal antiek aan. Toch is hij hot. De display is net zo uitstekend als het uithoudingsvermogen van de batterijen, en er is weinig om over te mauwen. De MyNav is in vergelijking duur, maar wordt met uitstekende topografische kaarten van Duitsland geleverd die geschikt zijn om routes aan te geven. Dit allround apparaat is dankzij zijn zelfstandige navigatie vooral geschikt voor tochten in ongebaand terrein. Een zeer lichte gps voor in de broekzak is de TwoNav: inclusief accu weegt ie maar 122 gram. Keerzijde is dat de accu niet lang mee gaat (max 4.30 uur). Hier helpt allleen de aanschaf van een reserve accu, die voor iets minder dan 5 euro te koop is (Nokia BL-5C).

Aanbevolen

Aanbevolen worden alle apparaten met het predikaat goed, net als de zeer goede Garmin GPSMap 62st. Kaartmateriaal voor de Alpen is voor deze apparaten verkrijgbaar. Wie geregeld verder van huis gaat, doet er goed aan om op internet de site van de fabrikant te checken of bij de buitensportzaak te informeren. Soms helpen ze je nieuwe kaarten te uploaden en bieden ze GPScursussen en -workshops aan. Wie zich een klein beetje in zijn gps verdiept, zal al snel verkocht zijn voor het apparaatje. Je kunt hem voor van alles gebruiken en je beleeft er nog plezier aan bovendien. Maar vertrouw nooit honderd procent op je gps. Net als bij alle andere technische apparaten kan hij er opeens mee ophouden. Daarom blijven een gedrukte kaart en de nodige ervaring onontbeerlijk voor iedereen die de bergen in gaat. hoogtelijn 4-2011 |

83


Gekke rots

Madrock houdt het bij drie R’en als het gaat om zijn nieuwe crashapad. De R3 Madpad staat voor Reduce, Reuse en Recycle. In het crashpad wordt het afvalschuim dat overblijft bij de schoenproductie verwerkt. Door alle kleine stukjes schuim vormt dit pad zich beter naar het terrein. Overigens is Madrock ook aan het sleutelen aan de populaire Flash 2.0. In plaats van EVA-schuim gebruikt het bedrijf in deze schoen nu gel als schokdemper.

Info: madrockclimbing.com

l aa i r e t a M & t k Mar 12! 0 2 : n e k j i k it te u r a a n m O

Volgend jaar wordt kleurrijk, duurzaam, milieubewust en nog lichter dan we al zijn gewend. Tijdens de Outdoorbeurs in Friedrichshafen half juli presenteerden alle buitensportmerken hun plannen voor volgend seizoen. Echt revolutionaire noviteiten doken er niet op dit jaar, maar er zijn genoeg dingen om naar uit te kijken. Hoogtelijn licht er een aantal uit. Volgend jaar zijn ze te koop.

M

ilieu, duurzaamheid en dierenwelzijn spelen bij steeds meer merken een belangrijke rol. Bedrijven als Keen, VAUDE, Granger’s, Icebreaker en Patagonia hameren daar al langer op door zich te verbinden aan milieuprojecten, te

produceren volgens de strenge regels van bluesign of aantoonbaar te werken met diervriendelijke bedrijven voor hun grondstoffen. Patagonia moedigt zijn kopers bovendien aan om te leven volgens de sympathieke vier R’en: reduce, reuse, repair, recycle.

Blije koeien

De Zuid-Duitse schoenengigant Meindl introduceert Identitiy-Leder voor een beperkt aantal modellen. Door de unieke QR-code met je smartphone af te lezen, kom je te weten waar in Chiemgau de blije koe heeft gegraasd die het leer voor jouw bergschoenen leverde. Meindl wil daarmee benadrukken dat de productieketen honderd procent biologisch en regionaal is waardoor de druk op het milieu zo klein mogelijk wordt gehouden. Ook concurrent Hanwag richt zich voor een aantal modellen met ingang van 2012 nadrukkelijk op biologisch leer uit Beieren.

info: www.meindl.de; www.hanwag.de

Vervormend

Bij de touwproductie worden doorgaans honderden meters weggegooid wanneer de machine overschakelt naar een andere kleur. Onbestendige kleuren verkopen immers niet. Dat is vanaf nu verleden tijd, want Mammut heeft er een selling point van gemaakt door van het transfergaren milieubewuste Transformertouwen te produceren. Geen Transformer 9,8-touw heeft exact dezelfde kleur, zelfs de uiteinden verschillen. Mammut ontving voor deze zuinigheid een Outdoor Industry Award.

info: www.mammut.ch

84 |

hoogtelijn 4 -2011 | tekst Corné Brouwer en Mieke Scharloo


Duurzame rugzak

VAUDE heeft zijn eerste rugzak volgens de regels van bluesign weten te ontwikkelen en ontving daarvoor een Outdoor Industry Award in de categorie ‘hoge ecologische en hergebruikwaarde’. Bluesign is een onafhankelijke standaard voor de textielindustrie die het gebruik van schadelijke stoffen minimaliseert. Niet onbelangrijk: de Challenger voldoet aan alle eisen die je aan een alpiene rugzak mag stellen.

Onverwoestbaar

Ook Klättermusen heeft een gouden Award in de wacht gesleept. De Zweden laten zich eveneens leiden door de standaard van bluesign met de productie van het softshell Mithril Jacket dat is versterkt met kevlar. Dat materiaal is eigenlijk ontworpen voor motorrijders om ze te beschermen bij een val. Als het over asfalt kan schuren, kan het ook langs de rotsen schuren zonder direct aan flarden te gaan, zullen de ontwerpers hebben gedacht. Het resultaat is een onverwoestbaar jack dat maar 530 gram weegt. Het wordt fluorcarbonvrij geproduceerd, net als alle andere producten van Klättermusen.

info: www.klattermuseun.se

info: www.vaude.nl

Blije eenden

Mountain Equipment heeft met de Titan Light de primeur van een donzen slaapzak met donsjes van louter blije eenden. Samen met de International Down and Feather Laboratory heeft ME het Down Codex Project opgezet waarbij de focus ligt op milieubescherming en dierenwelzijn. Of onze gevederde vrienden vrienden nu dienen voor de voedselindustrie en dons een bijproduct is, of andersom, de dieren horen een waardig leven te leiden en op een correcte wijze te worden gedood. Mountain Equipment is de enige die dat kan garanderen voor zijn donzen slaapzakken en jacks. Daarom ook voor de Britten een Outdoor Industry Award.

info: www.mountain-equipment.co.uk

Vrouwelijk

Omdat er vrouwenrugzakken, vrouwenschoenen, vrouwenslaapzakken en vrouwenkleding bestaan, zijn er nu ook vrouwenwandelstokken. Wat is het verschil met die voor mannen? Het handvat is kleiner, de maximale lengte is korter en daardoor is het gewicht geringer. O ja, en mooi roze is niet lelijk. Komperdell, Leki en Black Diamond hebben alle drie aan de vrouwelijke buitensporter gedacht. Opvallend bij Black Diamond is de ‘folding Z-Pole’ tochnologie waardoor je hem superklein kunt opbergen.

info: www.komperdell.de; www.blackdiamondequipment.com; www.leki.de

Slaap lekker

Make your own heat luidt de slogan van Columbia dat zijn slaapzakken een wat futuristisch interieur heeft gegeven met de Omni-Heat voering. Dit materiaal dat wordt gekenmerkt door de zilverkleurige stippen weerkaatst de lichaamswarmte, waardoor kan worden volstaan met minder (ganzendons)vulling dan gebruikelijk noodzakelijk is. De Moonstone weegt maar 700 gram en belooft voor vrouwen van zo’n 60 kilogram nog comfortabel warm te zijn tot 3 graden Celcius. Mannen kunnen natuurlijk meer aan (zeggen ze).

info: www.columbia.com

Les Trois Vallées, Méribel Gerestaureerd, meer dan 200 jaar oud huis, met tuin op zuiden, terrassen, balkons en 2 garages. Vlak bij 17e eeuwse kerk van les Allues (1.125m). Met cabineskilift (5min lopen) naar het hart van het schitterende skigebied (600km piste). Te huur: 2 zeer comfortabele appartementen, 4-6 en 6 pers., 60 rep. 67 m2. Telefoon: 06 10 561 222 en www.ski3vallees.nl  Bij Crans-Montana (CH) te huur: knus, zonnig chalet, 3 slaapkamers, 2 badkamers, tuin. Rustige ligging, prachtig uitzicht. Skiën, wandelen, alle niveaus. 065376786, info@mrookhuizen.nl  Geniet van ons heerlijke zuidelijke klimaat in Oostenrijkse bergen, bij Millstättersee, in de buurt van Nationalpark Hohe Tauern. Ned. Familie verhuurt het hele jaar door appartementen, woont erbij en heeft kennis van de omgeving en bergervaring. Ter kennismaking krijgen NKBV-leden 20% korting wanneer we u dit jaar mogen begroeten. www.landhausbonaventura.at Tel.: 0043/4766-23309

hoogtelijn 4-2011 |

85


Magnetron

Maatschoenen

Het kon niet uitblijven en leverde een gouden award op. Net als in de skischoenenindustrie komt nu ook een bergschoenenfabrikant met maatschoenen. Bij het geselecteerde Hanwag-verkooppunt laat je een 3D-scan maken van je voeten. Vervolgens gaan de gegevens naar de fabriek in ZuidDuitsland waar een ‘Real Custom Made’ paar bergschoenen voor je in elkaar wordt gezet. Ideaal voor mensen met voeten die verschillen van maat.

Nee, geen nieuwe gadget om je droogvoer in op te warmen! De Magnetron Gridlock is een nieuwe karabiner van Black Diamond die magneten gebruikt voor de vergrendeling in plaats van twistlock- of schroefsluitingen. De magnetische aantrekkingskracht op een stalen plaatje in de karabinerneus houdt twee onafhankelijke armen stevig vergrendeld. Deze vergrendelingen moeten individueel worden ingedrukt voor de gate kan worden geopend. Eenmaal open zorgen tegengestelde magnetische velden ervoor dat de vergrendeling open blijft.

info: blackdiamondequipment.com

l aa i r e t a M & t k r a M

info: www.hanwag.de

ken: 2012! ij k e t it u Om naar

Klettersteigset(je)

Na alle commotie over klettersteigsets en kinderen heeft Edelrid een klettersteig gemaakt met instelbare valdemper. Deze kan variëren van 30 tot 80 kilogram. Nu kunnen ook kinderen zich veilig langs de ijzeren weg begeven. Combineer deze set met de awardwinnende kindergordel Fraggle ook van Edelrid en iedereen is blij. Het Fraggle is een volledig gepolsterde integraalgordel voor kinderen tot 40 kilogram. Het extra inbindpunt op de achterkant maakt de Fraggle een ideale gordel op steile stukken en ruig terrein.

info: www.edelrid.de

Babushka!

Jetboil heeft aan gezinsuitbreiding gedaan. Een ruime titanium beker van 1.8 liter is aan de familie toegevoegd. Nu geen excuus meer om niet in touwgroepen van drie te klimmen. Zonder dat je je een breuk sleept, iedereen snel en samen een warm maaltje! Uiteraard is deze nieuwe telg compatible met voorgaande systemen. Helemaal volgens babushkaconcept past de kleinere beker én de brander er zelfs in!

info: www.jetboil.com

Duivels goed

Diablo touwen van Beal winnen wederom awards. Het revolutionaire unicore-proces verbindt mantel en kern. Hierdoor blijft het touw compact en soepel en is het beter bestand tegen slijtage. Het touw geeft klimmers het idee een dunner touw in handen te hebben dan in werkelijkheid het geval was. Gevolg: comfort voor de klimmer en vertrouwen voor de zekeraar.

info: www.beal-planet.com

What are friends for…

Wild Country stelt ons opnieuw oude vrienden voor: Helium Friends en de Ropeman 3. Lichter, grotere range, betere range overlap, nieuwe frisse uitstraling, of zoals ze het zelf zeggen: the cam is reborn. The Ropeman 3 combineerd de voordelen en elimineert de nadelen van voorgaande versies. Hij klemt zelfs op schinges.

info: www.wildcountry.co.uk

86 |

hoogtelijn 4 -2011


Stretch

Opmerkelijk maar waar: een beetje buitensportmerk heeft wandelbroeken van stretch-materiaal in zijn collectie, al weer enkele jaren. Maar ze zijn nauwelijks te koop in Nederland, terwijl ze juist zo lekker zitten. Het goede nieuws is dat het gerucht gaat dat de Nederlandse winkelier om is en ze volgend jaar ook in het rek wil hangen. Bijvoorbeeld de pants van Odlo, die in verschillende lengtes (van kort naar lang) en in verschillende snitten (active of regular) verkrijgbaar zijn.

info: www.odlo.com

0% bijtelling

De bekende onverwoestbare allesbrander van Primus is op dieet geweest. Nog maar 239 gram weegt de Omnilite Ti! Hij is niet alleen kleiner en lichter geworden, maar verbruikt ook minder van zijn brandstoffen. Of het nu gas, benzine, petroleum, kerosine of zelfs diesel is!

info: www.primus.se

Veertje

Het lichtste vierseizoenen slaapmatje wordt gemaakt door Therm-a-Rest. Slechts 430 gram en toch een R-waarde van 5,7. Dat kunstje wordt geflikt door het interieur van het matje op te delen in kleine kamers die nauwelijks lucht laten verplaatsen en reflecterend materiaal te gebruiken. En - wonderboven-wonder: het matje is ook nog eens 7 centimeter dik wat ligcomfort garandeert.

Stijlvol je gordel vergeten

Een geïntegreerde gordel in een broek hadden we al eens gezien, maar Mammut doet er een schepje... eh vanaf! Een korte broek, en ja het is waar, een klimrokje dat je kunt combineren met elke klimgordel! Nu kun je dus zo uit bed/slaapzak rollen, je aankleden en je bent klaar om te gaan. Zie de verbaasde blikken van vrienden al voor als je gerokt onderaan de rots verschijnt.

Info: www.cascadedesings.com

info: www.mammut.ch

Handsfree

Welk waterdicht item ademt nu het beste?... De vertrouwde paraplu natuurlijk! Tergenwoordig moeten we alles handsfree doen in het kader van onze veiligheid. De hufterbestendige paraplu van Eberhard Göbel sluit daar op aan. Je kunt hem bevestigen op je rugzak of aan een speciaal draagsysteem. Dit kwaliteitsmerk maakt nog vele andere paraplu’s: met ingebouwde zaklamp, ingebouwd in wandelstok, met automatisch openen en sluiten, te veel om op te noemen.

info: www.euroschirm.com

Spinoza

Heeft Mountain Hardwear een nieuwe standaard in handen met de innovatieve membraantechnlogie DryQ? De outdoorjury verbindt er in elk geval een gouden award aan. DryQ stunt met een extreem ademend vermogen, een goede vochtafvoer en een indrukwekkende duurzaamheid. Het Spinoza Jacket is uitstekend inzetbaar onder wisselende weersomstandigheden.

info: www.mountainhardwear.com


>>> Recensies ^^^ signalementen ^^

Handboek

Bescheiden karakter

Brits risico

Het Groot Handboek Bergsport is een lijvig boekwerk. Van bergwandelen, via rotsklimmen, winterklimmen, alpinisme en toerskiën leidt dit boek je uiteindelijk op expeditie. Voorzien van duidelijke illustraties bij de technische zaken, uitleg over de gebruikte materialen, tips van experts en soms voorzien van voor Nederlanders relevante toevoegingen. Het Handboek is half leerboek, half naslagwerk. De focus ligt op de Britse manier van klimmen die afwijkt van de Nederlandse methodiek. Af en toe worden er rare aanbevelingen gedaan; bijvoorbeeld bij het zekeren van de naklimmer wordt als eerste het zekeren over de heup (!) behandeld. Ook de indeling van het boek is Brits. De Nederlander beoefent de klim- en bergsport vaak op een andere wijze en ook het gevolgde leertraject is anders. Wat wij als alpiene technieken beschouwen, wordt in het Handboek vaak al in de hoofdstukken rotsklimmen en winterklimmen behandeld. Wanneer zoveel thema’s aan bod komen ligt het gevaar op de loer dat niet alles 100 procent up-todate is. Hier had de uitgever nog een kwaliteitsslag kunnen maken. Voor de meeste behandelde onderwerpen geldt dat er specifieke (en uitgebreidere) publicaties zijn. Wat krijg je dan wel bij dit Handboek? Een compleet overzicht van wat er bij de verschillende takken van de bergsport komt kijken, met vooral heel veel tips en trucs. Het handboek is helaas aan de prijzige kant. [Harald Swen]

Wie zit er te wachten op een ‘klimbiografie’ van Ron Fawcett, Britse klimlegende uit de jaren 70 en 80? Laten we eerlijk zijn: 1983, het jaar waarin hij Masters Edge opende, ligt alweer even achter ons. Het is misschien tekenend voor het bescheiden karakter van Fawcett, dat het boek er nu pas ligt. Voor wie iets wil weten over de ontwikkeling van het rotsklimmen, de opkomst van het vrijklimmen, het ontstaan van sportklimmen en de Britse klimscene van die jaren, dan is dit zeker een boeiend boek. Ook interessant is de ontdekking dat je met rotsklimmen in je levensonderhoud zou kunnen voorzien. Het boek geeft, kortom, een boeiend beeld van die tijd en van de persoon Fawcett. Het boek is vlot geschreven en heeft de nodige humor. Fawcett komt niet alleen naar voren als een verlegen man. Maar ook als iemand met een enorme drive om buiten te zijn. Het is tekenend dat hij in de jaren 90 een grote passie heeft ontwikkeld voor ‘trailrunning’. Het lopen was voor hem ook een uitlaatklep voor privé-problemen die hem aan de rand van de afgrond hadden gebracht. Wat verder opvalt is dat klimmen toch vooral over mensen gaat. Mensen zoals Pete Livesey, met wie Fawcett een periode veel klom en met wie hij een ingewikkelde relatie had. Vrienden waren ze, zeker, maar toch ook altijd bezig met de competitie. Die competitie was zo hevig dat klimmers elkaar zonder scrupules projecten afsnoepten. Masters Edge was bijvoorbeeld een project van Jerry Moffatt. [Ico Kloppenburg]

Het is niet eenvoudig om in een boek van iets meer dan 300 pagina’s de geschiedenis van het Britse klimmen samen te vatten. Simon Thompson doet een meer dan geslaagde poging. Met hulp van de rijke Engelse bergsportliteratuur weet Thompson de ontwikkelingen in het Engelse klimmen aanschouwelijk te maken. En hij beperkt zich dan niet alleen tot het klimmen zelf maar vertelt ook veel over de sociale achtergronden van de klimmers. Een beetje jammer is wel dat zijn onderbouwing van allerlei visies over de achtergronden van de bergsport wat mager is. Markant is zijn waarneming dat het rotsklimmen al in de jaren dertig van de vorige eeuw evolueert naar een zelfstandige sport. Tot dan toe werd het rotsklimmen vooral gezien als voorbereidende oefening op danwel onderdeel van grote bergtochten. Het boek is een aanrader voor wie belangstellend is in de ontwikkeling van niet alleen het Britse klimmen. [Pieter Dirksz]

Groot Handboek Bergsport – van bergwandelen tot expeditieklimmen

Ron Fawcett – Rock Athlete

Unjustifiable Risk?

Ron Fawcett & Ed Douglas Vertebrate Publishing, 2010 Prijs: € 25,-

The story of British climbing Simon Thompson Cicerone Prijs: € 25,-

Alun Richardson, Deltas, 2011 ISBN 9789044725261 Prijs: € 69,50

88 |

hoogtelijn 4 -2011 | Tekst onder redactie van Pieter Dirksz


^^ Recensies ^^^ signalementen ^^^ Interne

t

Kijk voor meer rec ensies & www.hoo signalem gtelijn. K enten op li k op de c en kies R over van ecensies Hoogteli & Signale jn 4/2011 menten.

Die Königstouren der Ostalpen

Deutschland zu Fuß

Michael Pröttel, Bruckmann Verlag, 2011, ISBN 9783765449680 Presentatie van 25 tochten in de Oostalpen met de aanduiding eenvoudig tot moeilijk. Bij tochten met de aanduiding moeilijk gaat het om alpiene ondernemingen met moeilijkheidsgraad UIAA I-II (en tot 40 graden steil ijs).

Peter Freier, Richard Goedeke en Thorsten Hoyer, Bruckmann Verlag, 2011, ISBN 9783765451720 Aanstekelijk boek met veertien lange afstands­ wandelingen door Duitsland. Met wat moeite kan een (groot) rondje Duitsland gemaakt worden. De route­ beschrijvingen zijn aan de globale kant.

Piemont

Christoph Oswald, Leopold Stocker Verlag, 2010, ISBN 9783702012571 Oswald beschrijft 35 wandelingen in de Steiermark. De nadruk ligt op natuurbeleving (flora en fauna). Het boek is van schetsmatige kaartjes voorzien.

Sabine Bade en Wolfram Mikuteit, Michael Müller Verlag, 2010, ISBN 9783899535662 Een selectie van 38 bergwandeltochten in de hoofdkam van de Alpen in het Italiaanse Piemonte. De kaarten en beschrijvingen zien er nauwgezet en gedegen uit.

Naturerlebnis Steiermark

Berner Oberland Die stillen Pfade der Via Alpina Evamaria Wecker, Bruckmann Verlag, 2011, ISBN 9783765448577 Dit boek is bedoeld voor de liefhebber van stille paden. Hoewel die soms in gebieden zijn gelegen die niet bepaald rustig kunnen worden genoemd (bijvoorbeeld Berchtesgaden). Zonder gedetailleerde kaarten.

Climb Norway Runar Carlsen en Lin Veronica Wagelid, Norges Boltefond, 2010, ISBN 9788299776912 Een klimgids voor geheel Noorwegen: van Kristiansand tot Hammerfest. In het Noors, maar er is ook in het Engels informatie opgenomen over de bereikbaarheid van gebieden. Met topo’s en een overzicht van informatieve websites.

Stadt Land Burg Susanne Slobodzian en Wilfried Korngiebel, Klartext Verlag, 2010, ISBN 9783898619523 Achttien wandelingen in het Ruhrgebied. De nadruk ligt op historische gebouwen en hun omgeving.

Deze link s kun je o ok vinde Klik op d n op www e cover v .hoogteli an Hoogte inhoudso jn.nl. lijn 4/20 pgave en 11 . Ga naar kies voor weer ove dit artike rtypen! l. Dat sch eelt

Eugen E.Hüsler, Bruckmann Verlag, 2011, ISBN 9783765456756 Hüsler trekt kris kras door het Berner Oberland. De veertig dagwandelingen zijn in het algemeen vrij kort (3-5 uur). De kaartjes zijn schetsmatig.

Das grosse Wanderbuch Graubünden David Coulin, AT-verlag, 2009, ISBN 9783038002444 Niet bepaald een boek voor in de rugzak maar wel prima om in de wintermaanden ideeën op te doen voor wandeltochten in Graubünden.

Die schönsten Hüttenwanderungen in den Bayerischen Alpen Simon Auer, Südwest, 2010, ISBN 9783517086606 Een boek om plannen mee te maken voor bergwandeltochten in de Beierse Alpen (het gebied tussen Berchtesgaden en Oberstdorf ). Met een CD-rom met de bij de wandelingen horende kaarten.

Kletterführer Böhmische Schweiz Albrecht Kittler, in eigen beheer uitgegeven, 2009 Een gids voor klimmers die willen gaan klimmen in het uiterste oosten van Duitsland en Tsjechië met topo’s van de (behaakte) routes.

Swiss Map Mobile

ÖBB – Scotty

itunes.apple.com/nl/app/ swiss-map-mobile/id311447284?mt=8, € 2,99 Niet nieuw, wel de mooiste app voor Zwitserse topografische kaarten. Een ‘section’ met circa 40 kaarten koop je à € 64,99 voor ‘je leven’, losse stukjes kaart (‘tiles’) koop en download je éénmalig.

itunes.apple.com/nl/app/ obb-scotty-mobil/id315497345?mt=8#, gratis Treinen, bussen, trams, boten en meer: deze app heeft verstand van alle Oostenrijkse publieke transportmiddelen. Gemakkelijk plan je je reis van A naar B, en op een omgevingskaartje vind je eenvoudig het vertrekpunt A. hoogtelijn 4 -2011 |

89


>>> vooruitblik >>> vooruitblik <<< Hoogtelijn 5-2011 verschijnt 11 november Colofon

Wintertochten

iën ek toersk Authentiginners v o or b e

Schotse eklim mingen w interb

Hoogtelijn is het officiële tijdschrift van de Koninklijke Nederlandse Klim- en Bergsport Vereniging (NKBV). Het verschijnt vijf keer per jaar. De redactie staat open voor bijdragen van leden en derden waarbij de redactie het recht heeft, zonder opgave van redenen, de bijdragen niet te plaatsen. Het al dan niet op verzoek van de redactie aanbieden van artikelen aan Hoogtelijn impliceert toestemming voor openbaarmaking en verveelvoudiging ten behoeve van de elektronische ontsluiting van Hoogtelijn. Overname van (delen uit) artikelen is alleen toegestaan na schriftelijke toestemming van de redactie van Hoogtelijn.

Redactie

A l be Sneeur ta, A l ber t de na w schoen a... t ion a l e in e pa rn ke n

Wat doet het weer in de bergen?

Peter Daalder (hoofdredacteur), Mieke Scharloo (eindredacteur), Ernst Arbouw, Pieter Dirksz (penningmeester), Frank Husslage, Moniek Janssen, Ico Kloppenburg, Bram Munnichs, Ivar Schute, Christa Slootman.

Medewerkers Jody Hagenbeek, Peter uijt de Haag, Christine Tamminga, Arnold Tang, Milka van der Valk Bouman (correctie), Saskia Gottenbos (cartografie), Toon Hezemans (cartoons).

Redactie-adres NKBV-Bureau, t.a.v. Secretariaat Hoogtelijn Postbus 225, 3440 AE Woerden hoogtelijn@nkbv.nl, www.hoogtelijn.nl

Advertentie exploitatie

Interview met bergredder Menno Boermans

ManagementMedia BV postbus 1932, 1200 BX Hilversum tel. 035-6232756, fax 035 6232401 Olger Kooring, Peter Dierdorp olger.kooring@managementmedia.nl peter.dierdorp@managementmedia.nl

Vormgeving

en Kärn t Basiskamp Op ski’s en te paard

Studio ManagementMedia, Anita Baljet, Meta Pols, Edith van de Giessen (art director)

Druk Senefelder Misset, Doetinchem Oplage: 35.500 ISSN: 1387-862X

Koninklijke Nederlandse Klimen Bergsport Vereniging Bellen 0348-409521 Bezoeken Houttuinlaan 16-A, 3447 GM Woerden Schrijven Postbus 225, 3440 AE Woerden fax 0348-409534, info@nkbv.nl Betalen giro 53477, bank 225337274 IBAN NL35FVLB0225337274 BIC FVLBNL22

90 |

hoogtelijn 4-2011


Op het hoogtepunt van Tirol de Alpen over. Beleef het zelf.

Ötztal Trek

schoonheid ppen, en de mmen en to ka rg be . er ek ov n verste hut wandele j deze Alpeno Van hut naar d beleven bi er bergwerel end al zt Öt de n va temeters stijg ere –> 30.000 hoog naar het dal ied rianten g va lin 15 da it af m n/ n va –> Stijging –> 22 Etappe g dag mogelijk –> 400 km lan ur: 4,5 h ; 500 hm; Du melsjoch 7,8 km TOERTIP Tim ige hoogteht –> s ac pr au n ee nenkogelh aan gelhaus) volgt ko en Etappe 9: Brun nn ru ee (B m rtjes, tot rachtige berg bij zonsopgang de ijt hil tb sc on t gs he lan l, Na arsatte er de Wannenk wandeling ov ! h. joc gratis bestellen het Timmels Trek-folder. Nu al zt Öt ze on ie in Meer informat

ogtepunt van

Ötztal. Het ho

Tirol.

US o@oetztal.com ÖTZTAL TOURISM (0) 57200 inf Austria T +43 n lde Sö 50 64

oetztal.com soelden.com obergurgl.com


VAST & ZEKER.

Met ons prijswinnende HeadLocker™-systeem kun je elk soort ijsklimgereedschap voortaan vast en zeker op je rugzak bevestigen en veilig en stabiel meedragen. Bovendien blijft het altijd snel en gemakkelijk bereikbaar. De slim ontworpen Alpine Attack weegt dankzij het gebruik van Dyneema® nauwelijks een kilo (en je kunt hem nog strippen), maar is toch oersterk en zeer duurzaam. Daarbij biedt dit topmodel dankzij ons Adaptive-Fit-draagsysteem met de handig wegvouwbare gepolsterde heupband een superieur draagcomfort aan zowel alpiene klimmers als toerskiërs.

Scan deze tag met je smartphone en bekijk alle slimme details

Uitgebreide technische productinformatie op video vind je op www.rugzak.nl/klimrugzakken

Alpine Attack 45:55

Afgebeeld is de Alpine Attack 45:55 (ook leverbaar met inhoud 35:45 en in verschillende ruglengten)

Hoogtelijn nummer 4 september 2011  

De Koninklijke NKBV (NKBV) stelt zich ten doel dat klim- en bergsporters in het algemeen, maar haar leden in het bijzonder, hun sport met pl...

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you