Page 1

WWW.NKBV.NL | SEPTEMBER 2012 | NR 4

HOOGTELIJN BE RGS PORT M AGA Z I N E VA N DE KON I N K L I J K E N E DE R L A N D S E K L I M - E N BE RGS PORT V E R E N IGI NG

Wildernis an op Bain Island

hutten e d e v e l g n a L Alai r i m a P e d n i toppen Onbedwongen Booij e d m o T ’ t n e t ‘monum e m k e r p s e g n I


Bestel op www.bever.nl of bezoek ĂŠĂŠn van onze acht speciale Summit Specialist winkels:

Den Haag the Globe, Rotterdam, Amsterdam, Groningen, Eindhoven, Nijmegen, Amsterdam Women, Houten.


The North Face Summit Series Athletes tested, expedition proven, dat is wat artikelen uit de Summit Series zijn. Door steeds weer de grenzen van het ontwerp te verleggen, kunt u uw grenzen buitenshuis verleggen! Never stop Exploring! Bekijk de Summit Series-collectie alvast op www.bever.nl/summitseries


>>> inhoud >>> hoogtelijn 4 2012 >>> Actueel 6 9 42 44 62 73 76 79 82

NKBV voor jou Op de Hoogte Focus Interview: Tom de Booij Onderhoud van berghutten Sterke verhalen Everest, Mallory en soldaten Recensies & Signalementen Vooruitblik Hoogtelijn 5

ern Wild

is

14

Bergwandelen 22 Trektocht in Roemenië 28 De Appenijnen 56 Gemarkeerd: Vogezen

MARTIN FICKWEILER: EVEN ALLEEN OP DE WERELD

Alpinisme

50

14 Baffin Island 32 Pamir Alai 66 Tuxer Alpen

PAS OP! ER ZIJN NOG ÉCHTE BEREN

Sportklimmen 54 En route: Mittagfluh 70 Kuiscorvée in België

Techniek & Veiligheid 38 Overleven in de wildernis 58 Omgaan met risico’s

Uitrusting 75 Markt & Materiaal

En verder 50 Beren op de weg

32 EXPEDITIE NAAR ONBESTEGEN TOPPEN IN KIRGIZIË

? Kijk op: Meer in form atie ww w.nkbv.nl .nl ww w.hoogtelijn /nkbv m ww w.twitter.co EI ://on.fb.me/GG7o Facebook: http QTcY ://li nkd.in/GE Li nkedIn: http

4|

HOOGTELIJN 4-2012

s ern i d l i W


>

hoogtelijn 4 2012 >>> redactioneel > 22 ONBEKEND ROEMENIË

dern Wil

is

Afscheid

28

Wildern is

DE RUIGE APPENIJNEN

44 INTERVIEW MET TOM DE BOOIJ: EEN CHARMANTE REBEL

62 GELD VOOR DE BERGHUTTEN

Wildern is

Deze Hoogtelijn is de eerste in twaalf jaar die gemaakt is zonder de kritische en inspirerende inbreng van eindredacteur Mieke Scharloo. Zij heeft de NKBV verlaten en is begonnen aan een nieuwe baan bij de Nederlandse Kampeerauto Club waar ze hoofdredacteur media wordt. De NKBV zoekt een nieuwe Mieke (of Mike), maar het ontbreken van het vertrouwde geweten en geheugen van de redactie vraagt van de achterblijvende vrijwilligers heel wat meer ‘Hoogtelijn’ dan gebruikelijk. Wij danken Mieke hartelijk voor de collegiale samenwerking en hebben met een knipoog gezegd haar toe te zwaaien als we elkaar tegenkomen in de bergen. Wij, lopend op een bergpad, hangend aan een touw of bivakkerend in een mini-tent. Zij, comfortabel in de kampeerauto. Het Accent voor deze Hoogtelijn was al lang vastgesteld, maar sluit wel bij bovenstaande aan. Het gaat over de wildernis. De gebieden waar je niet zo makkelijk komt. Waar de elementen vrij spel hebben. Waar nauwelijks voorzieningen zijn. Soms geen paden of aanwijzingen, maar alleen de zon, de maan en het kompas. Waar je meer wilde beesten dan mensen tegenkomt. Maar het zijn wel plaatsen waar leden van de NKBV graag naartoe trekken. Zoals het niemandsland van Pamir Alai, op de grens van Kirgizië en China, het uitgestorven berggebied van de Roemeense Karpaten en de onwaarschijnlijke leegte van Baffin Island waar Martin Fickweiler ook nog eens helemaal in zijn eentje doorheen trok. En ook: hoe leer je te overleven in de natuur van Eibergen zodat je de onmetelijke wildernis van Canada aankan? Kortom, voor de één een Hoogtelijn om bij te dagdromen, voor de ander een bron van inspiratie. En Mieke, hiervoor moet je echt de kampeerauto uit! Dan komen we elkaar in de bergen zeker nog eens tegen!

Peter Daalder Hoofdredacteur Hoogtelijn peter.daalder@hoogtelijn.nl WWW.NKBV.NL | SEPTEMBER 2012 | NR 4

HOOGTELIJN BE RGS PORT M AGA Z I N E VA N DE KON I N K L I J K E N E DE R L A N D S E K L I M - E N BE RGS PORT V E R E N IGI NG

Wildernis an op Bain Island

38 OVERLEVEN KAN JE LEREN

hutten Lang leve de Pamir Alai toppen in de Onbedwongen de Booij ‘monument’ Tom In gesprek met

01_HL0412_R01_cover.indd 1

8/20/12 3:06 PM

Omslag: Martin Fickweiler tijdens zijn solotocht op Baffin Island HOOGTELIJN 4 -2012 |

5


DE NKBV Vmedia! l a i c o s p o V NKB

DE NKBV VOOR JOU ^

de schermen van ! Voor een kijkje achter binnen de social media den vin te ook filmpjes of is oie BV mo NK , De lle nieuwtjes andere bergsporters, sne het NKBV-bureau, tips van d bergsportavontuur! inspiratie voor een volgen twitter.com/nkbv

http://on.fb.me/GG7oEI

http://linkd.in/GEQTcY

10%g

kortin

© Frank Husslage

Altijd 10% korting bij Bever voor NKBV-leden

Uitgelicht SPOORZOEKEN MET GPS Regio Oost-Brabant zocht al langer naar een activiteit voor gezinnen met kinderen in de basisschoolleeftijd. Wat vinden kinderen leuk? Spoorzoekertje en het liefst een geheime schat ontdekken. In een moderne, speelse vorm kan dat ook prima met een GPS en heet de activiteit ‘geocaching’. De link met bergsport is makkelijk te maken, aldus regiovoorzitter Marleen van Aartrijk, want ook daar heb je soms een GPS nodig om je doel te bereiken. Bij geocaching - dat ook op het programma staat bij enkele andere regio’s - zit een schat buiten verstopt, maar niet ingegraven in de grond. Er bestaat een heel netwerk van mensen die dergelijke speurtochten uitzetten. Oost-Brabant maakt ook gebruik van een bestaande cache (verstopt voorwerp). Uiteraard kun je er ook een zelf uitzetten. Een of meer GPScoördinaten van de route zijn bekend of kun je achterhalen door puzzels op te lossen. “Bij de route die wij op het oog hebben”, vertelt Marleen, “staat bijvoorbeeld bij het eerste bekende punt een gekleurd paaltje. Afhankelijk van welke kleur paal je vindt, kun je het volgende coördinaat achterhalen (bijvoorbeeld rood=1, geel=2). Bij het laatste coördinaat moet je zoeken naar de cache, eventueel met een extra aanwijzing. In de doos die je vindt, zit vaak een logboek waar je je naam in kunt zetten, en soms zit er een kleinigheid in. De bedoeling is dan om zelf iets mee te nemen en te ruilen voor de schat die je aantreft.”

De geocaching van Oost-Brabant vindt plaats op zondag 16 september vanaf 13.00 uur in het Leenderbos (aan de weg Leende-Valkenswaard) en is ongeveer 10 kilometer lang. Deelname kost € 4,- per gezin. Praktische informatie is op de website te vinden: www.reg.nkbv-oostbrabant.eu

6|

HOOGTELIJN 4 -2012

Vanaf 25 juni is er een samenwerking met outdoorspecialist Bever van start gegaan waarbij NKBV-leden op vertoon van de NKBV-ledenpas 10% korting krijgen op alle artikelen uit het assortiment bij alle Bever fi lialen (met uitzondering van reeds afgeprijsde artikelen)! In Hoogtelijn zullen speciale acties met Bever opgenomen worden, waarbij zelfs meer dan 10% korting op bepaalde producten gegeven wordt! Bever is dé outdoorspecialist van Nederland en rust zijn klanten uit met hoogwaardige materialen. Met 35 winkels is Bever in Nederland de marktleider binnen zijn segment. De NKBV ziet een goede uitrusting als onderdeel van een goede voorbereiding op de bergsportactiviteiten van haar leden en is dan ook zeer enthousiast over deze samenwerking.

Meer voordelen van het NKBV-lidmaatschap vind je op: www.nkbv.nl/nkbv/lidmaatschap

Benieuwd na ar NK BV

-activiteiten bi In Uitgelicht wordt ste j jou in de buur eds één van de vele t? activiteiten die de NK gezet. Benieuwd na BV-regio’s organiseren ar de activiteiten in centraal jouw NKBV-regio?

Kijk op: ww w.nkbv .nl/nkbv/regio’s


EXTRA KORTING BIJ

BEVER VOOR NKBV-LEDEN In de Bever winkels ontvang je met je NKBV-ledenpas 10% korting op alle artikelen uit het assortiment*. Daarnaast vind je in iedere Hoogtelijn een aantal producten waarop je nog eens extra korting krijgt! De onderstaande producten zijn voor NKBV-leden verkrijgbaar met 15% korting t/m 30 september 2012. Kijk voor een Bever winkel bij jou in de buurt op www.bever.nl

NU

1K 5% ORTING

PETZL NAO

SUUNTO AMBIT

De Petzl Nao-hoofdlamp is weer zo’n vernieuwend en innovatief artikel zoals we dat gewend zijn van Petzl. De NAO is de eerste Petzl hoofdlamp met reactieve lichttechnologie. De oplaadbare NAO hoofdlamp past zijn twee high power LED’s direct en automatisch aan de lichtomstandigheden aan. Dit betekent voor u meer comfort, minder handmatige interventies en een langere levensduur van de batterij. Inclusief herlaadbare LI-ion accu via USB. Kan ook met twee AAA batterijen uitgerust worden. Naast de automatische reactiemodus zit er tevens een constante modus op waarmee de hoofdlamp een constante (en energiebesparende) lichtbundel geeft. ● Hoofdlamp voorzien van batterijniveau-indicator ● Gewicht op het hoofd: 187 gram ● Maximale lichtsterkte: 355 Lumen, belichting tot op 108 meter met een accuduur van 4 uur en 40 min in maximale modus

Met GPS-navigatie, hartslagmeting, 3D-kompas, hoogtemeter en tal van andere functies is dit hét horloge voor de ambitieuze buitensporters. De Ambit is uitgerust met een SIRFstar IV chip en een unieke polsacceleratiemeter. Met deze FusedSpeed heb je een razendsnelle en uiterst nauwkeurige navigatie-, afstands- en snelheidsmeter. Ook als de GPS onverhoopt uitvalt. Het ingebouwde 3D-kompas en de barometrische hoogtemeter zorgen ervoor dat verdwalen vrijwel onmogelijk wordt. Met behulp van de baro- en thermometer kan er voortijdig worden ingespeeld op aankomende weersveranderingen. De trainingslogs kunnen op Movescount.com worden opgeslagen (HR-modus werkt met optionele Suunto hartslagband). Opmerkelijk: met een GPS-interval van een seconde en een hartslagfunctie tegelijk aan gaat de oplaadbare batterij maar liefst zo’n vijftien (!) uur mee. Een record in GPS/hartslagmeterland. En als je alleen het horloge met de ABC-functies gebruikt zelfs dertig dagen. De batterij is in twee uur via USB weer opgeladen. Tot honderd meter waterdicht en voorzien van krasvast mineraalglas.

€ 114,70 vr NKBV-leden, normlprijs €

134,95

Hoe werkt zoiets nu eigenlijk?

lutie ieve lichttechnologie dat een ware revo De Petzl Nao maakt gebruik van react licht erde De op de koplamp geïntegre in de handsfree verlichting betekent. rde licht om direct en automatisch de ectee fl gere het rt sensor meet en analysee de de lichtopbrengst aan de behoeften van lichtbundel (breed en/of gericht) en nd, afsta korte op werp naar een voor gebruiker aan te passen. Als je kijkt er t, dan is de bundel zeer breed en mind kaar een van lezen het bij bijvoorbeeld de zal dan zien te verte de in om jkt opki krachtig. Wanneer je dan vervolgens Als je gaat wandelen dan zal de en. word smal en sterk juist el bund licht Je hoeft in alle gevallen de lichtsterkte zijn. s lichtbundel breed en minder inten Petzl uit uniek! Met de gratis te downloaden niet zelf aan te passen en dat is rond n. isere dlamp geheel personal software kun je bovendien deze hoof

€ 364,65 vr NKBV-leden, normlprijs € Producteigenschappen

SiRFstar IV GPS chipset ● Polsaccelera tiemeter FusedSpeed ● 3D kompas ● Barometrisc he hoogtemeter ●

Suunto Ambit Black Suunto Ambit Silver

429,00

Barometer Thermometer ● Interne accu, oplaadbaar via USB ● Tot 100 meter waterdicht ● Krasvast min eraalglas display ●

SPOT CONNECT Wanneer je met je smartphone buiten het bereik van een netwerk komt, heb je de hulp nodig van de SPOT Connect. Om in verbinding te blijven met vrienden, familie, en een eventuele alarmcentrale kan je via het wereldwijde satellietnetwerk berichten en GPS coördinaten laten verzenden van vrijwel overal ter wereld. Werk Twitter en Facebook bij. Verzend e-mail en tekstberichten. Vraag hulp bij niet-levensbedreigende situaties bij professionele dienstverleners en verstuur een S.O.S. bericht in het geval van een kritieke noodsituatie, voor hulpondersteuning van de GEOS alarmcentrale.

€ 169,95 vr NKBV-leden, normlprijs € 199,95 Dit artikel is ook via de bever.nl webshop te bestellen met een speciale actiecode. Deze actiecode kun je vinden op www.mijnnkbv.nl. Op deze pagina kun je ook je adresgegevens of e-mailadres wijzigen en (gezins)leden aan- of afmelden voor het NKBV-lidmaatschap. *m.u.v. reeds afgeprijsde artikelen.

HOOGTELIJN 4-2012 |

7


NKBV VOOR JOU ^^^ DE NKBV VOOR JOU ^^^

Naast de MTB-workshop in Nederland organiseert de NKBV ook MTB-weekenden vanuit de eigen Tukhut in de Ardennen.

KLIMMEN EN DALEN TIJDENS DE MOUNTAINBIKE WORKSHOP Met een mountainbike door de bergen fi etsen is een fantastische ervaring, maar het vraagt wel, net als bij andere bergsporten, om een goede voorbereiding. De NKBV en NTFU (Nederlandse Toer Fiets Unie) hebben speciaal hiervoor de handen ineen geslagen en organiseren mountainbike workshops in Nederland en mountainbike weekenden in de Ardennen. Bijna elke mountainbiker valt nog wat te leren. De gediplomeerde MTB-instructeurs besteden tijdens de verschillende routes aandacht aan onderwerpen als bochtentechniek, klimmen en dalen, remmen en schakelen en het nemen van obstakels. Na afloop van de clinics beheers je

bepaalde rijtechnieken nog beter waardoor je deze veiliger, op een hogere snelheid of in lastige terreinomstandigheden kunt uitvoeren! Deelnemers worden ingedeeld naar MTB-ervaring. Prijs voor de workshop:

In de webwinkel Xxtreme sport - Rotsklimmen

augustus 31 - 2 sept.

Bergwandelen, Sy België

september 7-9 22 23 23 28 - 30 29 september

GPS en oriëntatie, Sy België Mountainbiken, Lage Vuursche Trailrunning, Gulpen GPS en oriëntatie Mountainbiken, Sy België Klettersteigen voor gezinnen Bergwandelen voor gezinnen (exacte datum volgt)

Data onder voorbehoud. Kijk voor actuele informatie op www.bergsportreizen.nl

8|

HOOGTELIJN 4 -2012

IN DE

LTSTE

EXEMPLAREN

Ben jij rond de 12 jaar oud? Wil je weten wat de geschiedenis van het rotsklimmen is? Welke technieken er gebruikt worden? Wat voor materiaal je nodig hebt? Wie echte klimhelden zijn? Dan is dit leuke en informatieve boek iets voor jou. Ook handig voor een spreekbeurt! Prijs: € 16,- (excl. verzendkosten)

NIEUW NKBV workshops

€ 22,50 voor NKBV-leden. Prijs voor het weekend: € 100,- voor NKBV-leden. Het huren van een mountainbike is mogelijk. De data van de volgende workshops en weekenden vind je op deze NKBV voor jou-pagina’s, inschrijven doe je via www.bergsportreizen.nl

OP=OP

The art of coursesetting

Dit Amerikaanse boek voor routebouwers in de klimhal is al een tijdje op de markt, maar is nog steeds het enige boek over routebouwen. Routes en boulders bouwen is een creatief proces, maar anders dan de titel doet vermoeden bevat het boek vooral veel praktische tips over het vergroten van je vaardigheden als routebouwer. Prijs: € 12,- (excl. verzendkosten)

WEBWINKEL

NIEUW IN D

Handboek Survival Medicine

WEBWINE KEL

In dit handboek biedt de Nederlander Christo Motz praktische vaardigheden aan op het gebied van zelfredzaamheid, bewust-wording en eigen verantwoordelijkheid. Het is de uitkomst van vele jaren onderzoek, praktische vaardigheidstraining, reizen en samenwerking op het gebied van overleving, wilderness, first aid, search and rescue met gelijkgestemde professionals wereldwijd. Prijs: € 19,95 (excl. verzendkosten)

Bestellen doe je via www.nkbv.nl/webwinkel


++ Op uwde hoogte +++ op de hoogte +++ o de Hoogte, s voor Op kbv.nl. Heb je nie oogtelijn@n h r a a n t worden e mail h Hoogtelijn e z e d in ie Alle links d en op je ook vind n u k d m e gtelijn o gen onder Hoo l .n jn li e t g o opgave. www.ho de inhouds p o k li K . nl 4/2012 www.nkbv. p o s w u ie Meer bergn

Nieuwe bestuursleden en redacteuren Frans Demmers (50) is tijdens de Vergadering van Afgevaardigden (VVA) in juni benoemd tot nieuwe voorzitter van de NKBV. Demmers is sinds 2006 lid van het bestuur van de vereniging. Hij neemt de voorzittershamer over van Frits Vrijlandt, die het bestuur heeft verlaten. Tijdens de VVA werden nog twee nieuwe bestuursleden benoemd: Paul Kwakkenbos (49) en Joachim Driessen (44). Kwakkenbos neemt de positie van secretaris over van Elout Korevaar, die ook het bestuur verlaat. Ook de redactie van Hoogtelijn heeft enkele nieuwe gezichten. Eindredacteur Mieke Scharloo heeft de NKBV verlaten (zie Redactioneel op pagina 5). Een opvolger wordt momenteel gezocht. De redactie is uitgebreid met Marieke van Kessel (34) en Sieto van der Heide (34).

Buiten klimmen en boulderen op 'kunstberg' Monte Cervin o in Bergschenhoek.

in en en boulderen r Buiten, klimm aa ‘N el ultik nv ar aa t Bij he verwezen naar ogtelijn 3 werd Ho in je ’ ut nd fo n rla ee de Ne site. Door op de NKBV-web ie at snog rm al fo is in uk e st nd t le online. He atie echter niet stond die inform telijn w.nkbv.nl/hoog te vinden op ww

3D De hut en het hotel

Hotels staan in de dalen, hutten op hoog te, een ijzeren wet, die kent iedereen. Daar heeft iedereen zich maar bij neer te leggen. Zo moei lijk is dat niet, want zo hebben we het gewild. Of willen we nu iets anders? Nu de hotels de hellinge n op kruipen, vooralsnog comfortabel in de schaduw van de berglift. Slapen vormt een groot deel van onze dag, ook op huttentochten. We maken meer en meer gebruik van goed ingerichte ‘hutten’ met priv é slaapkamers, een eigen sleutel en kamernummer, well icht met een eigen badkamer, en dat voor niet al te veel geld. Hartstikke mooi en met de charme van een Duits bushokje. Tegenover dit groeiend aantal hotels op hoogte staat de berghut oude stijl, die langzaamaan in de verdringing raakt omdat we de luxe willen omarmen, als een ontsnappingsluik naar thuis. De Spar taanse eenvoud van een beddenlager, en de kneuteri ge gezelligheid van donkere houten wanden behangen met volgeschreven ansichtkaarten en opgezette gemzenkoppen waar Bergsteigeressen je deel is, lijk t bijna niet meer van deze tijd. De primitieve char me van iets dat anders is, ook al stoot je je hoof d tegen de houten balken en is wc-papier een scha ars goed. En nu willen we luxe. Hoger en hoger moeten we klimmen om even weg te zijn, om ontheemding te ervaren en daar mee vrijheid te voelen. Ontheemden om weer thuis te kunnen komen, om te kunnen lachen om wat je hebt en wat je drijft. Maar nee, hotels. Ik zeg: laat het hote lwezen het dal bevlekken. Maar slapen boven de boom grens, daar kraakt de vloer en heb je een koude douc he, zoals dat hoort. Hotels? Het is niet de luxe die ons drijft, maar de angst om de controle te verliezen. Want anders, dat is een moeilijk woor d geworden. Ivar Schutte

HOOGTELIJN 4-2012 |

9


+++ Op de hoogte +++ op de hoogte +++

Expeditie & alpien nieuws Peru, India en Nepal Bas Visscher, Bas van der Smeede en Vincent van Beek bereikten 30 juli de top van de 5440 meter hoge Puscanturpa Este in de Cordillera Huayhuash in Peru. Het team beklom de berg via een nieuwe route die ze Poco Loco (TD, VI+) doopten. Visscher, Van der Smeede en Van Beek kijken tevreden terug op de beklimming: “Er zitten hele leuke lengtes in, hoewel de laatste honderd meter wel behoorlijk brak zijn. Maar goed, bij een goed alpien avontuur gaat nooit alles vanzelf.” Lees meer over de beklimming op www.alpineadventures.nl Cas van de Gevel en William van Meegdenburg vertrokken 20 augustus richting de Garhwal Himalaya in India voor de beklimming van de noordwand van de Kalanka (6931 m). Het is de bedoeling om de 1600 meter hoge wand in alpiene stijl te beklimmen. Van de Gevel probeerde in 2007 en 2009 ook al de wand te beklimmen. In 2005 bezocht hij het gebied voor een expeditie naar de naastgelegen Changabang (6864 m).

Nepal is ook dit najaar het decor voor mooie expedities, bijvoorbeeld naar de ‘Nederlandse berg’. Deze herfst vertrekken Hans Lanters en Roland Bekendam naar de Khumbu Himalaya in Nepal met als doel de beklimming van twee nieuwe routes op twee weinig beklommen bergen. Lanters en Bekendam willen eerst de ruim duizend meter hoge oostwand van de Kyajo Ri (6186 m) beklimmen. Het tweede doel is de lange, nog niet eerder geprobeerde noordgraat van de Taweche (6501 m). De klimmers noemen de Kyajo Ri een ‘Nederlandse berg’; in 2003 en 2011 waren ook al Nederlandse expedities onderweg op de oostwand. De noordgraat van de Taweche omschrijven ze als ‘een route met veel commitment’. De berg heeft nergens een eenvoudige afdaling. Het is de bedoeling om, afhankelijk van de condities, terug te keren via de zuid- of oostflank, zodat als alles goed gaat de hele berg wordt overschreden.

Zeldzame beklimming Dolomietenroute

Een van de wildste mieten. tochten van de Dolo

Partners van het Nederlands Team

10 |

HOOGTELIJN 4-2012

Hans Lanters en Roland Bekendam beklommen begin juli de ‘Via Oggioni’ (1150 m, ED -, 7-) op de Spiz Agner in de zuidelijke Dolomieten. De route, die over de noordoost-graat van de berg loopt, staat bekend als een van de wildste en meest avontuurlijke tochten van de Dolomieten. Sinds de eerstbeklimming in 1961 is hij minder dan 25 keer herhaald. Volgens Bekendam is de aanloop naar de route al een avontuur op zich: “We deden er viereneenhalf uur over, met brokkelzooi, traverse, afklimmen en weer een couloir omhoog.” De route zelf loopt over een prachtige, steile kant, met af en toe mooie klimpassages, maar ook, vooral bovenin, slecht af te zekeren brokkelige rots. “En nauwelijks een haak te bekennen. We hebben dus vrijwel alles gezekerd via nuts, camelots en sanduhren. Terugkeren is geen optie. ‘The real thing!’”


Op de hoogte +++ op de hoogte +++ op Groot lawineongeluk op Mont Maudit Bij een lawineongeluk op de Mont Maudit in het Mont Blancmassief zijn 12 juli negen mensen om het leven gekomen en nog eens negen mensen gewond geraakt. De slachtoffers hadden verschillende nationaliteiten; bij het ongeluk waren geen Nederlanders betrokken.

De Mont Maudit (4465 m) ligt op één van de drie normaalroutes naar de top van de Mont Blanc. Het is onbekend waardoor de lawine is veroorzaakt. Bij het ongeval waren in totaal 28 personen betrokken. Eén van de dodelijke slachtoffers is de Engelse

berggids en expeditieklimmer Roger Payne, voormalig voorzitter van de British Mountain Guides. Payne beklom in 1997, met onder meer Andy Cave en Mick Fowler, de noordwand van de Changabang (6864 m) in Noord India.

AAN DE LIJN MET WOUTER JONGENELEN De Olympische Spelen en het WK Sportklimmen; twee mondiale sporttoernooien die niet te vergelijken zijn… of toch wel? In 2020 maakt het sportklimmen wellicht deel uit van de spelen, hierover wordt in 2013 besloten. Tot die tijd is het WK het sporttoernooi om naar uit te kijken. Mogen wij dat zo zeggen? Ja, dat mogen wij zo zeggen. Maar we vragen het voor de zekerheid nog even aan bondscoach en boulder international, Wouter Jongeneelen. Heb je de Olympische Spelen een beetje gevolgd? Ja, ik keek wel af en toe. Ik vind het leuk om de finales te zien, maar ik volg geen specifieke sporten. Mijn voorkeur gaat wel uit naar sporten waarbij je kan zien dat het menselijk lichaam optimaal getraind is voor de sportprestatie. Dat heb je bij de teamsporten iets minder, maar wel bij atletiek, zwemmen of turnen. We hebben met zijn allen tijdens de Nederlands Teamtraining in Monk naar Epke gekeken en keihard voor hem gejuicht. Zie je het al voor je, dat sportklimmen in de toekomst onderdeel uitmaakt van de Olympische Spelen? Toen ik hoorde dat sportklimmen op de shortlist was gezet voor de spelen van 2020, had ik nog mijn twijfels. Is de sport wel professioneel genoeg? Maar nu ik het zo op televisie gezien heb, denk ik: sportklimmen zou helemaal niet misstaan, het past zelfs beter op de spelen dan sommige andere sporten! Welke sport of welk onderdeel mag van jou uit het Olympisch programma geschrapt worden, zodat het sportklimmen erin kan? Voetbal. Bij alle sporten op de Olympische Spelen doen de beste sporters van de wereld mee, behalve bij voetbal. Nu zijn er samengestelde teams van onder de 24 jaar, daar zijn naar mijn idee de Olympische Spelen niet voor bedoeld. De spelen zijn ook helemaal geen hoogtepunt voor het voetbal, terwijl dat voor de andere sporten wel zo is. In september vind het WK Sportklimmen 2012 plaats in het Bercy stadion in Parijs. Is dat een wedstrijd met Olympische allure om naar uit te kijken? Het Bercy stadion is gigantisch. We hebben daar eerder een EK geklommen en toen zat het helaas niet helemaal vol. Dat is toch sfeerbepalend. Ik heb goede hoop dat er voor het WK meer toeschouwers zijn. Ik raad dan ook iedereen aan om naar Parijs te gaan en een kaartje te kopen! Het zou mooi zijn als in Bercy meer dan 7500 man uit hun dak gaan, zoals tijdens de boulder world cups in het Klokgebouw in Eindhoven.

Vorig jaar vertelde je bij een interview met klimblad BLOK dat er niet bewust naar grote toernooien toe werd getraind. Toch lijkt het erop alsof de teamleden voor het WK in topvorm zijn met buitenbeklimmingen van 8b routes door Nikki van Bergen en Elko Schellingerhout en 8b boulders door jezelf… Hoe verklaar je dit? Die beklimmingen hebben te maken met een niveaustijging van de teamleden. Ook hebben we het WK dit jaar toch als piekmoment bestempeld voor zowel de boulderaars als de leadklimmers. We willen zorgen dat alles daar zo optimaal mogelijk verloopt, daar richten we ons op met de trainingsopbouw. Vorig jaar probeerden we een langere periode fit te zijn voor zowel world cup wedstrijden als het WK. Dat is nu dus echt anders. Waarom deze omschakeling? Bij andere sporten is het zo dat er naar de Olympische Spelen meer wordt toe getraind dan naar de WK’s en EK’s . De wereldbekerwedstrijden of world cups zijn dan toch minder belangrijk. Dit is ook de wijze waarop het NOC*NSF doelstellingen meet en subsidies verstrekt. Door de aanpak van vorig jaar vielen de resultaten op het WK in Arco tegen, dat was jammer, want het was toch de belangrijkste wedstrijd. De Russen doen het tijdens zo’n WK dan weer heel erg goed. Die komen met klimmers die je niet perse bij de world cup wedstrijden ziet, maar die op dat WK-moment in topvorm zijn. Dat wil ik ook.

K Bekijk het W n 2012 van e Sportkli m m ptember 12 t/m 16 se fsc.tv live op www.i verslagen Uitslagen en vind je via portklimmen www.nkbv.nl/s

HOOGTELIJN 4-2012 |

11


©Tim van der Linden

+++ Op de hoogte +++ op de hoogte +++ Nepal wil solo trekkings verbieden Het Nepalese Ministerie van Binnenlandse Zaken wil een verbod invoeren op zelfstandige trekkings. Als het aan het ministerie ligt, moeten buitenlandse trekkers voortaan altijd minstens één lokale gids of drager inhuren. Het verbod gaat mogelijk al in september in. Het besluit, dat nog moet worden goedgekeurd door het Ministerie van Toersime, volgt op groeiende zorgen over de veiligheid van toeristen in het land. Er bestaat al een verbod op zogeheten Free Independent Trekkers in het Langtang National Park. Dat verbod volgde op de moord op een Belgische vrouw in juni van dit jaar. De 23-jarige vrouw was alleen vertrokken op de trek naar de heilige Gosaikunda Lakes. Haar lichaam werd later onthoofd teruggevonden. Eind 2011 werden in Langtang ook al twee vrouwelijke trekkers aangevallen. Een Amerikaanse vrouw wordt sinds 2010 vermist in het gebied.

Gletsjers geven vermiste klimmers vrij Op twee plaatsen in de Alpen zijn deze zomer de overschotten van vermiste klimmers teruggevonden. Op de Aletschgletscher in het Zwitserse kanton Wallis werden begin juli de stoffelijke resten gevonden van - vermoedelijk - vier alpinisten. In een straal van ongeveer twintig meter rond de teruggevonden botten lagen onder meer een verrekijker, houten skistokken en kledingstukken die erop wijzen dat het gaat om vier bergsporters uit het Lötschental die in 1926 op de gletsjer vermist raakten. Op de flanken van de Mont Blanc du Tacul werd in juli het gemummificeerde stoffelijk overschot van een nog onbekende klimmer gevonden. Het lichaam werd gesignaleerd door de bergredding van Chamonix, toen ze voorbijvlogen tijdens een reddingsoperatie. Een DNA-test moet uitwijzen om wie het gaat. Sinds 1950 zijn er 140 mensen vermist in het Mont Blanc massief.

SPORTKLIMNIEUWS Nieuwe opzet NJK boulder Tim Reuser, Tabitha Buma, Bob Schubert, Eva Vink, Mark Brand en Enya Groenland werden half juli in Eindhoven in hun categorie Nederlands jeugdkampioen boulderen. Bij het jeugdkampioenschap, dat werd gehouden bij Monk Bouldergym, werd dit jaar een nieuwe opzet gehanteerd, waarbij vooral de voorronde behoorlijk was verbeterd. Daardoor was het kampioenschap vanaf het eerste begin ook een echte wedstrijd. Een uitgebreid verslag is na te lezen op www.nkbv.nl/sportklimmen

Eén halve finale plaats tijdens eerste twee lead world cups Bij de opening van de World Cup lead, op 12 en 13 juli in Chamonix, wisten de Nederlandse deelnemers Nikki van Bergen en Elko Schellingerhout niet door te dringen tot de halve finales. Van Bergen eindigde als 34e, Schellingerhout bereikte de 37e plaats. Voor een plek in de halve finales moesten de deelnemers uitkomen bij de top-26. Een dikke week later wist Van Bergen bij de World Cup wedstrijden in het Franse Briançon wel door te dringen tot de halve finale. In de halve finale kwam ze op greep 14 in de problemen waardoor ze bijna uit de route zwaaide. Uiteindelijk wist ze zich te herstellen en klom ze door tot greep 42 - goed voor de twaalfde plaats. Echter, de jury constateerde achteraf dat Van Bergen op greep veertien wellicht touwsteun heeft gehad waarna zij werd teruggezet naar de 26e plaats. Truong Ngo eindigde in Briançon op de 40e plaats en Elko Schellingerhout kwam niet verder dan plek 54.

Speedwedstrijd verplaatst naar 23 september

Het massief Rocher des Vignobles in Sy in de Ardennen is weer open voor klimmers. De beheerder Club Alpin Belge heeft laten weten dat er een nieuwe milieuvergunning voor het massief is. Dat betekent dat er weer kan worden geklommen op beide grote massieven stroomafwaarts van Sy (Vignobles en Vierge). De bovenstroomse massieven (Nandouire, Cathédrale et cetera) zijn tot nader orde gesloten. Hoewel het klimmen op de Rocher des Vignobles nu weer is toegestaan gelden er een aantal voorwaarden: • het is verboden de paden te verlaten: zie het informatiebord aan de voet van de rotsen. Er zullen hindernissen opgesteld worden om shortcuts tussen deze paden te ontmoedigen; • het is verboden om af te dalen via het ravijn tussen de Rocher des Vignobles en de Rocher du Tunnel/des Trous; • wie aan noordwestelijke zijde van de Vignobles af wil dalen, moet het pad volgen zonder de bochten af te snijden. Volg niet de sporen die direct langs de rots aan de noordzijde lopen. Zie voor meer informatie www.nkbv.nl

De NKBV en Arendse Health Club in Breda houden 23 september de enige officiële Nederlandse speedklimwedstrijd. De wedstrijd stond oorspronkelijk gepland op 8 juli, maar vanwege slecht weer moest worden uitgeweken naar een andere datum. De speeklimwand bij Arendse Health Club is één van de zestien zogeheten IFSC homologated tien meter speedroutes in de wereld. Tijdens de wedstrijd wordt gebruikgemaakt van een elektronisch tijdmeetsysteem waardoor deelnemers een nauwkeurig en objectief resultaat van hun run krijgen. Surf voor meer informatie over de wedstrijd naar www.nkbv.nl/sportklimmen

12 |

HOOGTELIJN 4-2012

©Tim van der Lin

den

Rocher des Vignobles in Sy open; Comblain nog dicht


Op de hoogte +++ op de hoogte +++ op Twee Nederlanders omgekomen in de bergen De 20-jarige Arthur Wester is begin juli om het leven gekomen na de beklimming van de Dent Blanche (4356 m) in het Zwitserse kanton Wallis. Wester is bij de afdaling over de zuidgraat van de berg waarschijnlijk uitgegleden, waarna hij een val van vierhonderd meter maakte. Wester stond bekend als een goede klimmer. Naast NKBV-lid was hij ook lid van de Groningse studentenalpenclub GSAC. Een speciale uitvaartdienst werd gehouden in de Groningse klimhal Bjoeks. Een 56-jarige inwoner van de provincie Gelderland kwam 31 juli om het leven na een val op de Riedkopf in de Oostenrijkse deelstaat Vorarlberg. Volgens de Oostenrijkse politie gleed hij uit op een rotspartij waarna hij een val van 100 meter maakte. De man was deelnemer aan een begeleide tocht van SNP-reizen.

Duitse statistieken: meer reddingen op klettersteigs, minder doden

E D WA R D

B E Ki nKi sEmRe

k ke r. co m s k i & waw wl . p edwardbe

sinds 1987

c, Zwitserland ce Mont Blan Finhaut, Espa

Ga veilig de bergen in met een UIAGM/ IVBV/IFMGA erkende berg- en skigids! Al meer dan 25 jaar specialist in Mont Blanc & Monte Rosa beklimmingen, gletsjertochten, toerskitochten & -cursussen. Vanuit onze eigen comfortabele lodge in het Mont Blanc massief én elders in de WestAlpen, Noord-Noorwegen, Zweeds Lapland en Canada . Altijd onder begeleiding van de beste UIAGM erkende bergen skigidsen! Ook voor private guiding!

Powderhound (Toer)ski safari 7 dgn halfpension incl. 5 dagen UIAGM berggids, halfpension, transfers

€ 1.090,- p.p. 7-dgn Mont Blanc Expeditie Vanuit het Bekker Chalet in Finhaut 6 dagen UIAGM berg- en skigids, halfpension , materiaal

€ 1.590,- p.p.

Wereldwijde Expedities naar o.a. Kilimanjaro, Elbrus, Cotopaxi & Chimborazo, Aconcagua, Muztagh Ata en Carstensz Pyramide

Meer informatie: www.edwardbekker.com info@edwardbekker.com tel. +41 (0)27 768 10 33

Foto © Ronald Naar

Het aantal reddingen van bergsporters op klettersteigs is de laatste twee jaar sterk toegenomen. Dat blijkt uit de Bergunfallstatistik 2010/2011 van de Duitse bergsportvereniging DAV. Uit de Duitse cijfers blijkt verder dat het aantal dodelijke ongevallen is gedaald, terwijl het aantal reddingen van niet-gewonde bergsporters juist is gestegen. De statistieken van de DAV worden samengesteld op basis van meldingen van verenigingsleden bij de bergsportverzekering. Omdat de cijfers betrekking hebben op één duidelijk afgebakende groep mensen leden van de DAV - biedt de informatie volgens de vereniging inzicht in de veiligheid van de bergsport en de ontwikkeling van die veiligheid in de afgelopen zestig jaar. Graadmeter daarbij is het zogeheten ‘ongevalsquotum’, het aantal ongevallen en noodgevallen gedeeld door het aantal DAV-leden. Meest opvallend is de stijging van het quotum ongevallen en noodgevallen op klettersteigs. Sinds 2006 is het quotum verdubbeld, vanaf 2002 is er zelfs sprake van een verdrievoudiging. Het grootste aantal meldingen gaat over zogeheten ‘blokkeringen’, waarbij iemand op een klettersteig door omstandigheden niet meer voor- of achteruit kan en vervolgens gered moet worden. Sinds 1952 is het Duitse ongevalsquotum voor dodelijke ongevallen gestaag gedaald. Hoewel het aantal leden in de afgelopen zestig jaar vernegenvoudigde, is het aantal dodelijke ongelukken in 1952 en 2011 vrijwel gelijk: in 1952 kwamen 43 DAV-leden om het leven in de bergen, in 2011 waren dat er 45.

AFVERTENTIE

Edward Bekker is Nederland’s eerste UIAGM erkende berg- en skigids, lid van het Verband Deutscher Berg- und Skiführer en het Schweizer Bergführer Verband

Hoogtelijn-Najaar2012-Edward Bek1 1

HOOGTELIJN 4-2012 |

13

17.8.2012 11:26:14


nd a l s I n i f f a B

rn is e d l i W

LEVEN ZONDER TIJD Terwijl het geronk van de motoren steeds zachter wordt zie ik in de verte de sneeuwscooters als twee zwarte stippen aan de horizon verdwijnen. Het lijkt een vrijwel rechte lijn waarin ze samen over het bevroren fjord rijden, de Inuit hebben onherroepelijk koers gezet richting de warmte van hun huizen. Het is stil op het ijs, op het geluid van mijn ademhaling na. Ik vraag me af of ik in staat zal zijn mijn angsten te bezweren.

14 |

HOOGTELIJN 4-2012 | TEKST EN FOTO’S MARTIN FICKWEILER


Martin Fickweiler op solotocht.

Koffie maken op Eglinton Fjord.

HOOGTELIJN 4-2012 |

15


Mooi uitgelichte bergtoppen in de avondzon.

D

e keuze die ik maanden geleden maakte is nu realiteit geworden. Uit vrije wil ben ik vijfhonderd kilometer boven de poolcirkel door twee Canadese Inuit jagers achtergelaten in een wildernis zoals ik die nergens anders ter wereld ben tegengekomen. Hier zal mijn leven worden bepaald door bijtende koude, de conditie van sneeuw en zee-ijs en het wispelturige gedrag van ijsberen. Nog nooit ben ik zo ver verwijderd geweest van andere mensen. Al mijn voorgaande expedities, meer dan twintig in totaal, heb ik met andere mensen ondernomen. Voor het eerst in mijn leven ben ik echt alleen. De komende weken zal er niemand zijn die tegen me praat, niemand die helpt beslissingen te nemen of me zal steunen wanneer dat nodig is. Deze confrontatie met mezelf is ontstaan uit de angst om voor langere tijd echt alleen te zijn. Tijdens mijn verblijf in de nederzetting Clyde River werd me door verschillende Inuit jagers op het hart gedrukt dat mijn voorgenomen reis riskant zou zijn. Ze legden uit dat wegens een relatief warme winter en het vroeg invallen van het voorjaar de natuur een maand op zichzelf vooruit is. Ik kon me wel met sneeuwscooters af laten zetten aan het einde van het Sam Ford Fjord, maar ik moest het uit mijn hoofd zetten dat ze me een paar weken later ook weer konden ophalen. Het zee-ijs zou in rap tempo slechter worden en het vervoer per sneeuwscooter

16 |

hoogtelijn 4-2012

onmogelijk maken. Om hier ooit nog weg te komen zal ik zelfstandig moeten terugkeren naar de bewoonde wereld. Deze onzekere toekomst zorgt ervoor dat ik het heden intenser beleef.

Eindelijk blauwe lucht Een aantal dagen achter elkaar maak ik verkenningstochten naar de voet van de meest aansprekende bergen in de omgeving. Uiteindelijk neem ik een beslissing. Ik ga proberen de Broad Peak te beklimmen. Dit is niet alleen de hoogste berg van de omgeving, maar in mijn beleving ook de mooiste. Met zijn imponerende roodgranieten wand en een grote maar elegante sneeuwkoepel op de top domineert deze berg de hele omgeving. Na een paar dagen slecht weer gaat het ’s avonds harder waaien. Liggend in mijn slaapzak realiseer ik me dat de mooie dagen als vergeten uurtjes aan me voorbij glijden terwijl dagen waarin alles tegenzit als weerhaken achterblijven in mijn herinnering. Wanneer ik rond twaalf uur in de middag wakker word en mijn hoofd uit de warme slaapzak bevrijd, merk ik dat het helemaal stil is buiten. Zon en schaduw zorgen voor een boeiend schouwspel op het tentdoek. Ik rits de tent open en zie blauwe lucht om me heen, waarbij alleen de toppen van de bergen nog gehuld zijn in grijze wolken. Dit is een dag waarop een bergbeklimmer bereid is lang te wachten. Ik ga op pad.


Bijna klaar voor de nacht.

De beperkingen van mijn landkaart worden in de eerste vier uur van mijn tocht al snel duidelijk: de afstanden zijn veel groter dan op de oude kaart staat ingetekend. Ik ben al vier uur aan het skiën en heb nog niet eens het startpunt van de vijftienhonderd meter hoge klim bereikt. Met een gasbrander smelt ik sneeuw om voldoende te kunnen drinken en terwijl ik geen materiaal bij me heb om te bivakkeren schat ik in dat ik op deze manier zeker twee dagen kan doorgaan.

Een verkeerde route Aan het begin van de klim drink ik mijn derde kop thee en vraag me bij het laatste theezakje af waarom ik er zo weinig heb ingepakt. Zo zwaar zijn theezakjes toch niet? Op een vlak stuk laat ik mijn ski’s en geweer rechtop in de sneeuw achter en ga ik te voet verder. De sneeuw is eerst nog diep, maar zodra de flank steiler wordt is het meer rots en ijs waarop ik klim. De top van de berg is nog steeds gehuld in wolken, maar omdat het redelijk waait en de rest van de hemel behoorlijk blauw is kan dit nooit lang meer duren. Naarmate ik hoger klim kom ik steeds vaker in verdwaalde wolkenflarden terecht. Het begint zachtjes te sneeuwen en het zicht wordt nog slechter. Wanneer het terrein steiler wordt en ik vermoed dat ik een verkeerde route heb gekozen, komt de eerste twijfel in me op. Ik verlang naar mijn ski’s, de afdaling, de beschutting van de tent en mijn warme slaapzak. Maar opeens trekt het wolkendek onder mijn voeten open en zie ik in de diepte het fjord. Intuïtief begrijp ik waar ik me op de berg bevind. Ik probeer alle contouren, rotseilanden en geulen in me op te nemen en zodra het zicht weer slecht is pak ik de brander in en werp de rugzak over mijn schouders. Ik heb weer hoop nu ik denk te weten waar ik heen moet en als het af en toe open blijft trekken kom ik wel weer beneden. Uiterst geconcentreerd begin ik opzij te klimmen om het gedeelte van de berg te bereiken waar het terrein er zojuist eenvoudiger uitzag. Ik beklim steile stukken rots bedekt met een dun laagje ijs, stamp treden in de harde sneeuwlaag en zigzag tussen rotsblokken door omhoog.

Slapen in de sneeuw Het klimmen verandert in lopen en na anderhalf uur ploeteren door de diepe sneeuw kom ik op een punt waar het geleidelijk aan alle kanten naar beneden gaat. De top.

Ondanks dat ik mijn voeten niet meer voel en mijn handen en gezicht pijn doen van de kou weet ik toch een lach op mijn gezicht te toveren zodra ik een foto van mezelf maak. Soms trekt het om me heen een beetje open, maar een uitzicht heb ik niet. Aan de stand van de zon merk ik dat het al laat moet zijn. Met moeite haal ik mijn horloge te voorschijn en zie ik dat het bijna middernacht is. Twintig minuten lang dwaal ik tevergeefs rond op het topplateau, hopend op slechts één glimp van de omgeving.

Altijd waakzaam voor beren.

Wanneer ik op het idee kom een tijdje in de sneeuw te gaan liggen om wat te slapen herken ik dit verschijnsel als een vorm van onderkoeling en dwing ik mezelf de eerste stappen naar beneden te zetten. Langzaam volg ik het spoor van mijn beklimming, maar op sommige plekken heeft de wind alles alweer uitgewist en navigeer ik op mijn gevoel . Naarmate ik lager kom vermindert mijn concentratie en neemt de vermoeidheid het over. Ik val, maak een koprol van een rotsband af en kom een paar meter lager met beide benen in de diepe sneeuw tot stilstand. Ik word boos en probeer mezelf te dwingen beter op te letten en rustiger aan te doen. Met vallen en opstaan kom ik uiteindelijk terug in mijn stijgspoor en wanneer ik dat zwalkend volg zie ik plotseling het geweer en de ski’s in de sneeuw staan. Hoewel ik nog steeds ver verwijderd ben van mijn tent en warme slaapzak voelt het toch alsof ik terugkeer in een herkenbare, veilige wereld. HOOGTELIJN 4-2012 |

17


Een met zeehondenvet besmeurde husky.

zelf  e  m n  i t n ë i d e r jkste ing i r g n a l e  b t e  h een kan l l Ik heb  a k o  o t e  h k en dat i w u o r t r e  v t e  h gevonden:

De bigwalls van Sam Ford Fjord.

18 |

hoogtelijn 4-2012


Voor me ligt nog een lange maar eenvoudige skitocht en achter me ligt een van de meest uitdagende beklimmingen van mijn leven. Het waren niet zozeer de moeilijkheden die deze beklimming tot een uitdaging maakten; vooral het feit dat ik dit helemaal alleen heb volbracht en ben doorgegaan toen mijn gedachten eigenlijk al onderweg naar beneden waren, geeft me de grootste voldoening. Voor de resterende reis en alle nachten, stormen, kilometers en ijsberen die me nog te wachten staan, heb ik tijdens deze beklimming het belangrijkste ingrediënt in mezelf gevonden. Ik vond het vertrouwen in mezelf dat ik het ook alleen kan.

Met minimale bagage op weg naar Broad Peak.

Terug naar de bewoonde wereld Mijn voeten hebben tijdens de beklimming behoorlijke schade opgelopen en er zit niks anders op dan geduld te hebben tot ze voldoende genezen zijn. Drie dagen lang zit ik op een steen naast mijn tent en doe bijna niks anders dan nadenken, schrijven en koffie drinken. Om me heen zie ik de plassen op het ijs groter worden. Aan het einde van de derde dag kijk ik op mijn landkaart en stippel een route uit die ik wil gaan volgen om uiteindelijk terug te komen in de bewoonde wereld. De kaart is niet heel betrouwbaar gebleken, dus kies ik voor een kleine baai die ik vanaf mijn kamp in het oosten kan zien liggen. Om mijn tachtig kilo aan voedsel en materiaal te verplaatsen, heb ik een pulka meegenomen, een polyester slede van zo’n anderhalve meter lang. Kilometer na kilometer schuift het ijs onder mijn ski’s door en na een lange dag kom ik in de baai die ik voor ogen had. De lucht is donkergrijs gekleurd, de wind is toegenomen en de eerste sneeuwvlokken vliegen horizontaal door de lucht. Waar ik ook kijk, nergens kan ik een beschutte plek voor mijn tent vinden. Uiteindelijk besluit ik niet verder te zoeken en zet ik mijn tent op een kiezelstrand vlak langs de kustlijn. De randen van het zee-ijs zijn gesmolten en grote open plekken in het ijs worden gevuld met golvend water.

Even uitrusten bij Sam Ford Fjord.

Wanneer ik de volgende ochtend ontwaak, merk ik dat de wind opnieuw in kracht is toegenomen en zie ik dat de tent aan de luwtezijde geheel is ondergesneeuwd. Na het nuttigen van twee koppen espressokoffie wordt het tijd om mijn behoefte te doen en kruip ik dik ingepakt de tent uit. Een paar minuten later schiet ik met smeltende stuifsneeuw in mijn onderbroek weer terug naar binnen. De rest van de dag zit ik in de tent te wachten tot het weer verbetert. Rond middernacht kruip ik in mijn slaapzak en realiseer ik me dat ik geen tijd meer verloren kan laten gaan. Mijn ski’s schuiven over het ijs en de slede hobbelt zwaar beladen met hetzelfde tempo achter me aan. Met mijn skistokken prik ik bij iedere stap naast me en het geluid van de punten op het ijs zorgt voor een continue cadans in mijn lopen. De hele ochtend loop ik met een gebogen hoofd tegen de ijzige wind in, ijspegels hangen in

Schuifelen over de sneeuw met een loodzware pulka achter me.

HOOGTELIJN 4-2012 |

19


Het straatbeeld van Clyde River. Een goede kariboe-oogst in Clyde River.

mijn baard en rijp bedekt mijn kleding. Waar het fjord smaller wordt wakkert de wind aan tot een snelheid van zo’n zestig kilometer per uur. Door mijn skibril zie ik een duidelijke witte lijn dwars over het ijs lopen. Omdat ik er al meerdere ben tegengekomen weet ik dat deze lijnen met sneeuw bedekte spleten in het zee-ijs zijn. Maar deze spleet is groter, met zo’n twee meter breedte zelfs groter dan alle voorgaande spleten bij elkaar.

Een groot zwart gat Voorzichtig prik ik met mijn skistok in de sneeuw en voel dat het een redelijk dikke laag moet zijn. Omdat mijn slee met een stuk touw van twee meter lang aan mijn middel vastzit, zal het nooit zo zijn dat zowel de slede als ik de sneeuwbrug tegelijk belasten. En omdat er geen alternatief is besluit ik het erop te wagen. Met een ferme pas nader ik de sneeuwbrug en hoewel mijn ski’s gedeeltelijk in de sneeuw wegzakken blijkt de sneeuwbrug sterk genoeg om ook mijn slee naar de overkant te dragen. Opgelucht haal ik adem. Ik klik mijn ski’s los van mijn schoenen en loop naar de slee om te kijken of alles nog goed vastgebonden zit. Zodra ik naast mijn slee loop breekt het ijs onder mijn voeten en zak ik erdoor heen. Ik verdwijn in een groot zwart gat, maar val met mijn bovenlijf op de slee. Mijn benen schieten door en verdwijnen onder water. IJskoud zeewater stroomt in mijn goed geïsoleerde schoenen en mijn sokken en lange onderbroek zuigen zich vol. Uit angst om samen met de slede in het zwarte gat te verdwijnen doe ik een verwoede poging om op het ijs te komen. Ik probeer mijn paniek te onderdrukken en kalm te blijven zodat ik niet nog meer ijs om me heen afbreek. Het duurt uiteindelijk niet lang of ik sta met beide benen op het ijs en staar naar het gat waarin het zeewater woest klotst alsof het wil zeggen dat het nog niet klaar met me is. Water druipt onder uit mijn broek, mijn voeten soppen in mijn schoenen en de buitenkant van mijn natte broek bevriest sneller dan dat ik na kan denken. “Dit is niet oké”, hoor ik mezelf hardop zeggen. Ik weet dat ik de tent op moet zetten en de brander aan moet steken. Maar de wind is te sterk. Mijn hypothese is dat ik moet blijven bewegen zodat mijn benen en voeten niet bevriezen en ik een plek kan bereiken waar de wind minder grip zal hebben op de tent.

De lange oversteek over Eglinton Fjord.

20 |

HOOGTELIJN 4-2012

Bijna drie uur later bereik ik een kleine baai en veranker ik de tent met een paar ijsschroeven aan het ijs. De buitenkant van mijn schoenen is bevroren, maar binnenin mijn schoenen is het water vloeibaar gebleven. Mijn voeten zijn wit en verschrompeld, maar


De Inuit verplaatsen zich met een gemotoriseerde skidoo.

Het is een mini-maa tschappij waarin i k terugkeer, maar de indruk die het op me maakt is overweldigend in negen van mijn tenen heb ik in ieder geval nog gevoel. Ik masseer de rest van de avond mijn voeten en houd eindeloos lang mijn schoenen boven de brander, maar deze goed geïsoleerde, sneeuwdichte schoenen worden niet meer droog. De rest van de tocht zal ik plasticzakjes om mijn sokken moeten dragen.

Irritant insect

Voedsel weggooien

Na drie weken in eenzaamheid te hebben geleefd, hoor ik plotseling een monotoon gebrom als dat van een irritant insect. Het geluid stijgt uit een dal grofweg zeven kilometer verder op en is afkomstig van Clyde River. Met een lichte pijn in mijn buik zie ik in gedachten voor me hoe sneeuwscooters, vrachtauto’s en auto’s door het kleine dorp scheuren. Ik zie de grote dieselgenerator aan de rand van het dorp die dag en nacht draait om de bijna duizend mensen van stroom te voorzien. Drie keer per week landt er een propellervliegtuig om mensen en goederen te vervoeren en één keer per jaar, aan het einde van de zomer is de zee ijsvrij en komt er een vrachtschip om rantsoenen en bouwmaterialen voor een heel jaar achter te laten. Het is een mini-maatschappij waarin ik terugkeer, maar de indruk die het op me maakt is overweldigend.

Door de onophoudelijke sneeuwval ligt er de volgende ochtend een dik pak sneeuw op het ijs. Mijn zware slee zakt direct diep weg en ik trek met veel moeite een diepe geul door de witte egale ondergrond. Ik raak hierdoor snel uitgeput en na zes uur ploeteren heb ik niet meer dan tien kilometer afgelegd. Hoewel ik pas over een kilometer of vijf mijn kamp wil opslaan heb ik geen keus. Iedere stap vergt zo’n krachtsinspanning om vooruit te komen dat mijn benen het echt niet meer kunnen opbrengen om door te gaan, de pijn in mijn benen is niet meer te negeren. Zomaar midden op het fjord zet ik, blootgesteld aan de elementen, mijn tent neer. Eenmaal binnen krijg ik het langzaam weer warm en kan ik de tegenslag van deze zware dag relativeren. Na enige tijd kom ik tot de conclusie dat ik alleen nog maar gedurende de nacht moet lopen en dat ik een gedeelte van mijn voedselvoorraad moet weggooien om het gewicht van mijn bepakking te reduceren. Ik voel me schuldig over het weggooien van mijn voedsel wanneer ik bedenk dat de Inuit altijd alles delen. Zo wordt vers gevangen voedsel niet alleen door de jager en zijn familie gegeten maar ook gedeeld met andere mensen die het nodig hebben. Tijdens mijn verblijf bij de oude Levi Illingayuq vertelde hij dat mensen in het Arctisch gebied al eeuwen lang alles delen omdat het leven in het hoge noorden zo zwaar is. Vol ontzag voor deze schitterende cultuur kon ik alleen maar antwoorden dat wij in de westerse maatschappij met ons eenvoudige leven niks meer hoeven te delen en dus steeds meer in onze eigen wereld leven.

Dagen glijden voorbij en hoewel het soms uitzichtloos lijkt voel ik me in balans en heb ik mijn draai gevonden. Alles heeft zijn eigen plekje in de tent en alles pak ik volgens een steeds terugkerend ritueel op de slee. Het valt me zelfs op dat ik steeds op dezelfde plek op de slee ga zitten tijdens mijn rustpauzes.

Ik weet niet goed hoe ik moet omgaan met de aandacht van de mensen en als er op de eerste nacht om mijn tent zandhockey wordt gespeeld door gillende kinderen barst ik in huilen uit en trek ik mijn bontmuts strak over mijn oren om het geluid te dempen. De eerste dagen mis ik de stilte en de eenvoud van mijn tocht het meest, maar zelfs wanneer ik terug ben in Nederland kan ik het vluchtige en commerciële leven niet goed verdragen. Reclames op televisie en radio in het bijzonder. Ik hoor en zie voortdurend wat ik allemaal nog moet kopen en waar ik absoluut niet zonder kan. Maar mijn eenzame tocht door het Noordpoolgebied van Canada heeft me juist geleerd dat vrij te besteden tijd het luxeproduct van mijn toekomst is. HOOGTELIJN 4-2012 |

21


ern d l i W

is

ROEMENIË

ROCKS

en t a p r a K e d n i d j i t e d n i Terug 22 |

HOOGTELIJN 4-2012 | TEKST LINEKE EERDMANS | FOTO’S RAZVAN RADU


de Moldoveanu (2544 m)

Er staat een stevige wind en het is volledig bewolkt. Het bereiken van de hoogste top van Roemenië, de Moldoveanu (2544 m), is één lange weg omhoog. Ik zit achter een rots, onder een poncho te wachten op wandelmaatje Ria en onze gids. Ze zijn afgedaald om Ria’s fotocamera te zoeken, die ligt een paar honderd hoogtemeters lager. Een paar uur later tikken we dan toch het topkruis aan. Ondanks dat het uitzicht nihil is, is het ook deze keer weer een gaaf moment. ‘Congratulations for being on the top of Romania’, mailt Constantin Lacatusu een paar weken later.

Op de rotspijlers van de Egyeskö worden veel rotsklimcursussen gegeven. hoogtelijn 4-2012 |

23


Dragon Window Glacier Valley met Arpasu Mic Peak (2460 m) en Buda Peak (2431 m).

C

onstantin Lacatusu neemt de telefoon op als je de Roemeense bergsportvereniging belt. Twee Nederlanders die willen bergsporten in Roemenië, dat vindt hij wel interessant. Akkoord, hij zal een gids voor ons zoeken. Leuk gesprek, hopelijk weet hij van wanten en ik benadruk nog maar even dat ik wel een goede gids wil met verstand van bergsport. Twee telefoongesprekken later, trek ik hem toch maar even na. Wat blijkt: Constantin is dé bergsporter van Roemenië. Hij beklom niet alleen als eerste van zijn land de Mount Everest, hij schreef de Seven Summits op zijn naam. De bevriende gids die hij aandraagt, maakt onze tocht tot een onvergetelijke ervaring. Hij heeft fantastische verhalen over de Himalaya, maar vooral over zijn eigen Roemeense wildernis. Razvan Radu heeft een neus voor details, geeft tips voordat je weet dat je ze nodig hebt en loodst je veilig over een graat als anderen besluiten in het bivak te wachten op beter weer.

Onder drie wollen dekens De eerste hut ligt op de boomgrens en wordt beheerd door een Roemeens gezinnetje. Vader roert in een grote pan bonensoep, zijn zoon leunt tegen de keukendeur en staart naar ons met zijn diepbruine ogen door zijn ongewassen bos zwart haar. In een land als Roemenië waan je je terug in de tijd. Buiten de steden zie je hoofdzakelijk zandwegen, zijn paard en wagen een alledaags plaatje en verkoopt men handelswaar langs de weg. Het is vijftig jaar terug in de tijd. ‘Ah, good, I thought it was a hundred years’, stelt Razvan tevreden vast. We zijn die ochtend in drie uur tijd naar de eerste hut gelopen aan de voet van het Fagaras-gebergte. De hoge toppen liggen stralend in de zon. We lezen wat en Razvan Ria en ns dma Razvan Radu, Lineke Eer vertelt over het gebied. Hij is een ra. Sca de van op de top

Wolleswinkel

24 |

HOOGTELIJN 4-2012

leuke gesprekspartner met een brede interesse en onuitputtelijke kennis en ervaring op het gebied van bergsport. In het schemer bij de hut eten we de bonensoep met een salade, brood, ei en kaas. Het smaakt verbazingwekkend goed. Hoofdlampjes op, tandenpoetsen bij de rivier, je behoefte doen op een gat boven een berg zaagsel en op de zolder wegkruipen onder drie wollen dekens. Je kent het wel.

Strenge huttenwaardin De volgende ochtend is het stijgen, stijgen, stijgen, in de leegte van een enorme bergwand. Onze focus staat op het zadel in de berg. Als we die voorbij zijn, ontvouwt zich Simbata Window, een fenomenaal uitzicht over de uitgestrekte wildernis van Fagaras. ‘Many unspoiled mountains’, zoals Constantin eerder terecht aangaf. ‘Onbedorven’ betekent genieten en tegelijkertijd opletten, van gebaande paden geen sprake. Ook al zijn de markeringen goed, slaat het weer om, dan ben je op jezelf aangewezen. Toch stuiten we in een bivakhut op een groep Tsjechen; hardcore hikers, dat zie je zo. Gezamenlijk eten we gedroogd fruit en chocolade en wisselen tochtverhalen uit. Vergezeld door dikke lagen mist, lopen we door naar de volgende bivakhut. We kruipen in onze slaapzakken en ik krijg een donsjack van Razvan. Wat nou Hollanders en bergsport. Als we in slaap vallen, stommelen de Tsjechen binnen en warmt het hokje op. Overal hangt kleding te dampen en op de brandertjes pruttelt eten. De Tsjechen vertrekken die ochtend als eersten. Er staat een stevige wind, het is bewolkt en regenachtig. Ria constateert dat ze haar camera kwijt is en daalt weer af. Ik zit achter een rots onder een poncho en zie het als een rustpauze. Daarna beuken we door omhoog en klauteren het laatste stuk op handen en voeten. In de dikst mogelijke mist staan we op Moldoveanu (2544 m), de hoogste top van Roemenië! Dat we niets zien behalve onszelf en de topvlag, maakt de berg gevoelsmatig nog een stukje hoger. Een aantal uren later stappen we een berghut binnen naast een zonverlicht meer, een pareltje. We eten soep, pakken een koude douche en spelen schaak. Af en aan hupt een Tsjech in slaapzak naar de bar voor een heerlijke bord pasta. Ik warm me aan een veldfles met heet water, want ook al bied ik een forse 5 euro: ‘de


De schatten van de Karpaten

t aan de De Hasmas Hu yeskö. Eg voet van de

In de Oost-Karpaten ligt nog een aantal goed bewaarde schatten. Nationaal Park Hasmas heeft alles: rotsen, grotten, bergweiden, bos en beren. Ook in het Harghita gebergte vind je het prachtige Sf. Ana meer dat is ontstaan vanuit een vulkaankrater op 1200 meter. Roemenië heeft prachtige klimgebieden met 300 - 400 meter hoge wanden. Het Hasmasgebergte heeft een wat kleiner klimgebied, waar je klimmen kunt combineren met wandelen. Het kenmerkt zich door geweldige rotsformaties, met klimroutes in de moeilijkheidsgraad van 6+ tot 9+ met verticale stukken. Hasmas Hut (1400 m) is de uitvalbasis voor klimmers en kijkt uit op de solitaire rotsformatie Egyeskö, waar Razvan klimworkshops geeft. In het hart van de Ciucului bergen ligt pension Boros, een idyllisch plekje dat je niet mag overslaan. Je beleeft er het traditionele leven van de lokale boeren, drinkt er oergezond water uit natuurlijke bronnen en je kunt er boven de bergen uitstijgen met nationaal kampioen paragliden Sárig István; een avonturier die fulltime in de bergen is en boordevol ervaringen en verhalen zit. Het groene, in de zomer weelderige Apuseni gebergte (westelijk gebergte) behoort tot de Zuid-Karpaten. Het is een karstgebergte waar over miljoenen jaren in het poreuze kalksteen zeer veel grotten zijn ontstaan. De Nederlandse gids David Gabriner biedt gespecialiseerde wandeltochten aan in dit gebied.

kachel werkt alleen in de keuken’, aldus de strenge huttenwaardin. Van handel en winstmarge weet ze blijkbaar nog te weinig. Maakt niet uit, dekens genoeg in de slaapzaal. Soms floept de verlichting aan, maar net zo hard weer uit. Foutje uiteraard, die doet het natuurlijk ook niet. Maar niets te klagen, het is gezellig, comfortabel, en koken kan onze gastvrouw als de beste (2 gangen - 3 euro, wie doet je wat).

Petje af Zo hoog zijn de toppen niet, maar het aantal hoogtemeters liegt er niet om. Fagaras is ruig, steil en onherbergzaam. In de zon straalt het land kracht uit, in de mist vormt de eenzame herder met zijn kudde een bijna nostalgisch plaatje. Elke dag kent zijn eigen indrukken en vooral zijn eigen vrijheid. De natuur is hier nog natuur en de hutten zijn woonverblijven waar je als toevallige passant van harte welkom bent. Vandaag steken we sneeuwvelden over en pakken gezekerde passages mee. Het is een weergaloos mooie tocht. Bij Dragon Window komt via sms een regenvoorspelling door, maar de zon overwint nog steeds. Op het laatste stuk naar Bilea Lake Hut worden we vergezeld door een groep alpinisten. De hut ligt aan een weg en dat betekent een warme douche en een koud biertje. ’s Ochtends vertrekken we in dichte mist, met nog geen vijf meter zicht. Bij een straatverkoper sterken we ons nog snel met een

sterk cranberrydrankje en een stuk gerookte varkenshuid, lokale specialiteit. Dan veegt een Engelsman in één zin mijn stelling van tafel dat er geen rastoeristen in dit berggebied zijn: ‘I don’t know where I am going, I just follow my guide’. Hoewel, wij weten wél waar we heen willen, maar volgen toch ook het instinct van onze gids. Het is onmogelijk om in deze omstandigheden de route te vinden. Zelfverzekerd stapt Razvan de berg op, als een van de hoogst opgeleide gidsen kent hij zijn verantwoordelijkheid. Geen markering, zelfs geen pad, alleen mist, en opgeblazen kuiten, we stijgen snel. Maar na twintig minuten stappen we in op de route. Petje af.

Devil’s Pass Boven op de graat zien we de voetafdruk van een wolf, maar de kudde schapen graast rustig dus rondzoeken heeft geen zin. Vervolgens is het 1000 meter dalen over rotsachtig terrein. Veel handen- en voetenwerk en soms ‘schaatsend’ over een puinhelling. Mijn haar hangt in mistslierten om mijn gezicht als we de deur van een veilige bivakhut openen. Acht Tsjechen in slaapzak kijken ons verbaasd aan: ‘You took off this morning?!’. Ze zijn onzeker over de route met dit slechte zicht en besluiten een dag over te slaan. Toch trekt ook nu de lucht weer open en Razvan vraagt of we de normale route willen volgen of kiezen voor avontuur. Niet veel later hangen we zwetend aan een reeks kettingen waar geen eind aan komt en waar soms de afstand HOOGTELIJN 4-2012 |

25


Op weg naar . Sambata Window

Typische Roemeense mist bij Dragon Wi ndow.

Wandelen door Fagaras

tussen twee delen zelfs voor een lange Nederlander niet haalbaar is. Razvan is meedogenloos: ‘Same difficulty as you have done already only multiplied by ten, so just climb! Chains are overrated!’. Oftewel, niet zeuren maar klimmen. Wetende dat hij geen risico’s neemt, geef ik me eraan over en krijgt hij ook nu weer gelijk. Al was het alleen omdat ‘Ria ferrata’ al binnen een half uur op de graat zit te grijnzen. Strunga Dracului (Devil’s Pass) doet zijn naam eer aan.

En de ontbijttrofee is voor… In de volle zon tikken we ’s middags de top van Negoiu Peak aan (2535 m), het is er net een feestje en er gaat een Bulgaarse fles drank rond. Die Bulgaren lopen de route andersom; kom je toch nog iemand tegen. Voor ons volgt een afdaling van 1000 meter en met negen uur in de benen pakken we een moment rust bij een prachtige waterval. De rotsblokken zijn hier zo groot dat je je afvraagt waar ze vandaan komen. We wandelen over planken die als brug dienen. De begroeiing wordt spaarzaam weggehouden van ons pad en dus zien we de hut pas als we er praktisch tegenaan lopen. Het is een paradijsje. De warme douche en het voortreffelijke eten zijn slechts aangename extra’s. Onder gestommel komen de laatste hoofdlampjes binnen. Dan wordt het stil en genieten we van een adembenemende sterrenhemel. Na het zelfgemaakte drankje van de huttenwaard gaan we knock-out, totdat ’s ochtends vroeg drie vermoeide wandelaars binnenkomen. Ze waren verdwaald en hebben de nacht op de berg doorgebracht. Ook de Tsjechen trekken door ons kamp, hun tocht zit erop. Wij hebben nog twee toppen op het menu en terwijl de wind de regen naar het zuiden blaast, stijgen wij in de volle zon naar een nieuw, verbluffend uitzichtpunt. Na een lange dag schuiven we aan op een 20-persoons bedbank van gestapelde dekens, met een groep uitgelaten boy scout tieners. Iemand heeft een wolf gezien. De lauwwarme buitendouche is heerlijk en in de hut hangt de geur van home made fir juice. Gemaakt van in het voorjaar geplukte scheuten van een conifeersoort en uitermate effectief bij luchtwegaandoeningen. De huttenwaard wint de ontbijttrofee: voor een paar euro serveert hij thee, eieren, brood én pannenkoeken. Een Roemeense huttentocht is puur genieten. Nog een paar uurtjes en dan zijn we weer in het dal. Bijzonder aan Roemenië is dat je niet vervalt in een ‘terug in de bewoonde wereld’ gevoel, het land ademt een en al rust en natuur uit. Je zou bijna willen dat de tijd er stil blijft staan.

26 |

HOOGTELIJN 4-2012

Tochtduur: 7 dagen, 6 - 7 uur per dag (1 etappe 10 uur). Begin- en eindpunt: complex turistic Sambata - Barcaciu Hut. Niveau: middelzwaar. Hoogtemeters: 700 - 1500 per dag stijgen + dalen. Beste tijd: juni - september, als de sneeuw grotendeels gesmolten is.

Reis Tarom airlines vliegt rechtstreeks van Amsterdam naar Boekarest, www.tarom.ro/en. Boekarest is een bezoek waard. Overnacht basic in Wonderland hostel of luxe in Marshal Garden Hotel en laat je daar ophalen door de berggids. Het is zo’n 5 uur rijden naar Fagaras en 5 uur naar Hasmas.

Accommodatie • (bivak)Hutten in Fagaras • Hasmas Hut • Boros Pensiunade

Documentatie • www.clubulalpinroman.ro • www.egyesko.ro (alles over Hasmas) • www.borospanzio.ro • www.turbulencia.ro (voor paragliding)

Gids • www.guideinromania.com • Razvan Radu, contact@guideinromania.com • David Gabriner, www.davizatours.eu


Alpha SV – arcteryx.com


is n r e Wild

PARELTJES IN HET

‘ANDERE’ ITALIË

nen j i n n e p A e k j i l e oord N e d n i n e l e d n Bergwa Twee zomers doorkruiste Henk Filippo wandelend de Apennijnen, van Cinque Terre tot de Abruzzen, en schreef er een wandelgids over. Op die tochten ontdekte hij vreemd genoeg dat de Apennijnen - die midden in Italië liggen, van alle kanten snel zijn te bereiken en zijn omgeven door grote steden - een dunbevolkt, stil en ruig natuurgebied zijn gebleven. Speciaal voor Hoogtelijn selecteerde hij vijf wandelpareltjes in dit ‘andere Italië’.

28 |

HOOGTELIJN 4-2012 | TEKST EN FOTO’S HENK FILIPPO

W

andelen in Italië betekent ook een ontmoeting met bevolking, land en en cultuur en voert je terug in de geschiedenis. Ga mee in de voetsporen van monniken, herders en handelaren langs bergen die de schrijver Dante inspireerden, naar de oudste via ferrata van Italië en over onmogelijke middeleeuwse paswegen. Van de Alpi Apuane langs de kust van Toscane, tot de hoofdkam van de Apennijnen op de grens tussen de regio’s Emilia-Romagna en Toscane.

1

Pietra di Bismantova: Goddelijke Komedie

De Pietra di Bismantova (1041 m) is een icoon van de noordelijke Apennijnen, een rotsformatie in de gemeente Castelnovo ne’ Monti, 45 km van Reggio Emilia. Een rotsplateau van 1 km lengte steekt als een natuurlijk fort 200 m uit boven het omringende heuvelland. Het brede topplateau werd al in prehistorische tijd bewoond en er zijn resten gevonden van een Etruskisch castello. De vroegere akkers zijn al lang weer heroverd door de natuur en zijn nu een bloemenrijke bergweide. Alles doet hier lieflijk aan en de Apennijnen van Emilia


Romagna maken een harmonische indruk: groene valleien, velden, akkers, kastanje- en beukenbossen. In groot contrast hiermee staan de loodrechte, schijnbaar onmogelijk te beklimmen kalkwanden. Deze berg inspireerde Dante in 1307 (toen hij op zijn vlucht uit Toscane de Apennijnen overstak) bij het schrijven van zijn ‘Goddelijke Komedie’(La Divina Commedia). De Bismantova heeft vermoedelijk model gestaan voor de ‘Louteringsberg’ (Purgatorio IV, 25-30). Dante en Vergilius beklimmen in het verhaal deze Louteringsberg, die op een eiland aan de andere kant van de aarde ligt. Op die berg doen zij boete en worden ze gelouterd van hun zonden voor ze het paradijs mogen betreden. De klimroutes door de loodrechte wand van de Pietra di Bismantova ogen afschrikwekkend en zullen zeker louterend werken. Maar je kan ook het mooie wandelpad eromheen nemen… Klim-/wandeltips: Wandel rond en over de Pietra di Bismantova (8 km, 2,5 uur, 360 m stijgen en dalen) of klim de via ferrata door de zuidwand. De kalkwanden hebben klimroutes in alle graden, vaak loodrechte en overhangend. Startpunt: Agriturismo il Ginepro, 3 km ten zuidoosten van Castelnovo ne’ Monti. HOOGTELIJN 4-2012 |

29


Henk Filipp o’s ‘Wan Appenijnen’ is re delen in de bij uitgever Do micent verschenen Becht. De wa ndel ginicu s Gott mer/ in deze Hoogtelijn ds wordt elders gerecenseerd.

3

2

Alpe di Succiso: ooit een drukke pas

Passo del Cerreto is het uitgangspunt voor de klim naar de Alpe di Succiso (2016 m), een van de hoogste en wildste bergen van de noordelijke Apennijnen. De Alpe di Succiso ligt op de grens tussen Toscane en Emilia-Romagna, een afgelegen gebied. Dit was niet altijd zo. De in 1850 voltooide Passo del Cerreto verving de iets noordelijker gelegen Passo Ospedalaccio, een daarvoor veel gebruikte bergpas tussen de Povlakte en Toscane. De pasweg (ongeschikt voor wielen) zag velen voorbijtrekken: monniken en pelgrims naar Rome, handelaren, reizigers en herders. Nu ligt de pas er haast onherkenbaar bij en volgen alleen bergwandelaars het pad. Een grenssteen geeft aan dat hier vroeger het Napoleontische rijk (Empire Français) begon. De klim naar de top loopt verder door een wilde omgeving. Op de top staan de onvermijdelijke religieuze symbolen, en op heldere dagen reikt het zicht van de Alpen tot het eiland Corsica. Wandeltip: Vanaf de Passo del Cerreto (1261 m) naar de Alpe di Succiso. Het laatste stuk via de Passo Pietra Tagliata over een smalle kam naar de top (50 m met staalkabels gezekerd; 6 uur, 750 m stijgen en dalen). Startpunt: Albergo Passo del Cerreto tussen Castelnovo ne’ Monti (Emilia Romagna) en Aulla (Toscane).

Appennino Tosco-Emiliano: eindeloze hoogtewandelingen Voorbij de Passo della Cisa, tot aan de Bocca Serriola, strekt zich over ongeveer 300 km lengte de Appennino Tosco-Emiliano uit, op de grens van Toscane en Emilia-Romagna. Het mooiste deel van dit gebergte ligt in de provincies Parma, Reggio Emilia en Modena, een bergketen met zeven tweeduizenders, met wandelingen over frisse groene bergweiden en eindeloze hoogtewandelingen. Het Parco Nazionale Appennino Tosco-Emiliano heeft een uitgebreid wandelnetwerk met gemarkeerde routes. Over de hoofdkam van het gebergte loopt de GEA (Grande Escursione Appenninica). Deze lange meerdaagse trektocht is het summum van bergwandelen, maar er zijn ook prachtige dagwandelingen te maken naar geïsoleerde uitzichtbergen als Monte Ventasso of Pietra di Bismantova. Door hooggelegen startpunten, die je met de auto of bus kunt bereiken, blijven de hoogteverschillen bij veel dagtochten beperkt tot maximaal 750 hoogtemeters.

30 |

HOOGTELIJN 4-2012

Monte Cusna (2120 m): de slaper

De smalle en langgerekte noordelijke Apennijnen vormen een natuurlijke barrière tussen het mediterrane en warme Toscane en het koele Noord-Italië. Dagenlang kan je al wandelend die bergkam volgen met grandioos uitzicht op twee werelden. In het noorden groene valleien, de in blauwe nevel gehulde Povlakte en bij helder weer de contouren van de Alpen. In het zuiden dorre gele bergen en in de verte de Alpi Apuane. Onderweg kun je naar een aantal 2000-ers klimmen. Het mooiste is de 2,5 km lange bergkam naar de Monte Cusna (2120 m), de hoogste top van de noordelijke Apennijnen. Deze berg wordt ook wel Il Gigante, Uomo Morto of Il Dormiente genoemd (‘de reus’, ‘de dode man’ of ‘de slaper’) vanwege zijn profiel dat lijkt op een liggende man. Volgens de legende is het een schaapherder die hier al eeuwen ligt te slapen, omdat hij zijn kudde en weides niet wil verlaten. In het bos bij Civago ligt de kleine rifugio San Leonardo al Dolo, een schuilhut met 1000 jaar geschiedenis. Al sinds de 12e eeuw vonden reizigers en pelgrims, onderweg van Modena naar Lucca, hier in de Hospitale de pauperis Sancti Leonardi brood en rust. Het nu enigszins vervallen pad maakte vroeger deel uit van een historische handelsroute over de Apennijnen. Na vele eeuwen is de oude herberg nieuw leven ingeblazen door een vriendencollectief uit Reggio Emilia. Het huisje is prachtig gerestaureerd en je kunt er een eenvoudige maaltijd bestellen of overnachten op weg naar de Monte Cusna. Wandeltip: Volg een stuk van de GEA (Grande Escursione Appeninica) en beklim onderweg vanaf rifugio Battisti de Monte Cusna (vanaf rif. Battisti 3 à 4 uur). Startpunt: Passo Pradarena (ten westen) of Case di Civago (ten oosten van het gebied).


Alpi Apuane: spitse toppen Geheel in Toscane liggen de Alpi Apuane, gescheiden van de hoofdkam van de Apennijnen door de valleien van de Lunigiana en de Garfagnana. De Alpi Apuane is ondanks de geringere hoogte (met toppen tot 1800 m) een spectaculair gebergte vanwege de rauwe kalk, de verblindend witte marmerbergen en de spitse toppen, die het gebergte de naam ‘Alpi’ gaven. Wandelen in de Alpi Apuane grenst aan klauteren. De klimmer vindt er steile via ferrata’s en spectaculaire rotswanden. De Garfagnana-trekking, een route van 7 tot 10 dagen rond de vallei van Garfagnana, combineert de Alpi Apuane met de Apennijnen en is zeer gevarieerd. De Alta Via delle Apuane loopt langs de hoogste toppen van de Alpi Apuane. Liefhebbers van via ferrata komen in de Alpi Apuane aan hun trekken met vijf ladderwegen, waaronder de via ferrata door de wand van de Procinto (www.vieferrate.it).

5 4

Monte Procinto: de Hel van Dante

Vanaf de autostrada A12 richting Carrara zie je een hele rij spitse bergtoppen, bijna 2000 m hoog. Er lijkt veel sneeuw te liggen, maar dichterbij zie je dat het marmer is, oogverblindend wit marmer! De Alpi Apuane bestaan voor een groot deel uit kalk en marmer. Een grillig gebergte met spectaculaire rotstorens, diepe kloven en uitgestrekte grotten. Het marmer van Carrara is van hoge kwaliteit en werd al door de Romeinen gebruikt bij de bouw van Rome. Ook Michelangelo’s meesterwerken zijn ervan gemaakt. Het beste marmer koos hij zelf uit op de Monte Altissimo. Het oostelijke gedeelte van de Alpi Apuane is even ruig, maar grotendeels vrij van marmerwinning en verkeert in een meer natuurlijke staat. De Monte Procinto is een 150 m hoge en aan alle kanten loodrechte rotspilaar. Dante maakte in de 13e eeuw al melding van de Procinto in zijn Divina Commedia. Voor Dante stond deze bizarre rotsformatie model voor zijn beschrijving van het landschap van de hel. Veel later, in de 19e eeuw, durfde men het aan de berg te beklimmen. De Procinto was vermoedelijk al eerder door onbekende bosarbeiders beklommen, maar in 1879 volgde de eerste ‘officiële beklimming’ door ingenieur Bruni Aristide uit Florence en metgezellen. Aristide bouwde hier in 1883 met kettingen en kastanjehouten ladders de eerste via ferrata van Italië (eerder hadden de Oostenrijkers al routes aangelegd in de Dachstein en de Grossglockner). De houten ladders zijn nu vervangen door stalen, maar het is nog steeds een spectaculaire route naar de top. In 1933 werd de eerste vrij te klimmen route door de westwand geopend, de eerste vijfdegraads route van de Alpi Apuane.

Via Vandelli: de onmogelijke weg

In het midden van de 16de eeuw werd in opdracht van de hertog van Modena begonnen met de bouw van de belangrijkste verbindingsweg tussen de oost- en westzijde van de Apennijnen, die onder één bestuur kwam te staan. Deze werd vernoemd naar de geestelijk vader, ingenieur en wiskundige Vandelli. De bouw duurde dertien jaar en werd in 1572 voltooid. Door de grote hoogteverschillen en de eindeloze bochten heeft het resultaat nooit goed voldaan en raakte de weg al enkele jaren na zijn opening in verval. Vandelli ’s leven eindigde even tragisch: uit schaamte pleegde hij zelfmoord. Pas onlangs zijn de herstelwerkzaamheden begonnen en is het bekendste stuk van de Via Vandelli, van Resceto over de Passo della Tambura, in zijn oude glorie hersteld. Grote hoeveelheden gestapelde muurtjes ondersteunen het eindeloos slingerende pad. Een waar handwerkkunststuk. Wandeltip: Klim van Resceto (608 m) over de Via Vandelli naar rifugio Conti en verder naar de Monte Tambura (1890 m; 1400 meter stijgen, 4 uur). Je kunt dezelfde weg teruggaan of verder trekken over de meerdaagse Alta Via delle Alpi Apuane. Startpunt: Resceto, 10 km buiten Massa.

Klim-/wandeltips: Wandel rond de Monte Procinto (4 uur, 10 km, 675 m stijgen en dalen) en neem het zijpad naar de beboste zoom halverwege de Procinto, waar wandelaars (zonder hoogtevrees) een smal paadje rond de rotszuil kunnen lopen. Met de juiste uitrusting kan je de historische ‘via ferrata Bruni Aristide’ beklimmen door de Procinto (3 uur, technisch eenvoudig, zeer geëxponeerd). Startpunt: Rifugio Forte dei Marmi (vanuit Massa) of Albergo Alto Matanna (vanuit de Lunigiana). HOOGTELIJN 4-2012 |

31


is n r e d Wil

n’ e v e g e t m a na n e e g r e b n ‘De kans ee

EERSTBEKLIMMINGEN OP DE GRENS VAN KIRGIZIË EN CHINA Als eerste klimmer op een berg staan. Al jaren was dat voor mij een grote droom. Maar onbeklommen bergen zijn tegenwoordig moeilijk te vinden. Toch vonden Vincent van Beek, Saskia van der Smeede, Bas van der Smeede en ik afgelopen zomer een prachtig berggebied met een aantal onbedwongen bergen. We moesten daarvoor afreizen naar het niemandsland van het Pamir Alai gebergte, op de grens tussen Kirgizië en China.

32 |

HOOGTELIJN 4-2012 | TEKST BAS VISSCHER | FOTO’S: EXPEDITIELEDEN PAMIR ALAI


Ontspannen in het basiskamp.

‘C

ome with me’, zegt onze tolk. We stappen uit ons minibusje en lopen in het maanlicht naar een klein houten gebouw. Binnen zitten twee soldaten in een schaars verlichte ruimte. In de hoek leunt een machinegeweer tegen de muur. Onze paspoorten worden doorgebladerd en er ontstaat een felle discussie in het Russisch tussen onze tolk en de soldaten. De soldaat met de hoogste rang heeft een grimmige gezichtsuitdrukking en begint steeds harder te praten. Tot we weer naar buiten worden geloodst. Terug in de bus start de chauffeur de motor, draait om en rijdt in naar de richting waar we vandaan zijn gekomen. ‘Wacht eens even’, roepen wij, ‘wat is er aan de hand?’ We krijgen geen antwoord. Na lang aandringen zet de chauffeur de bus langs de weg en legt ons uit dat er een belangrijke stempel ontbreekt in ons paspoort. We mogen pas de militaire zone in als we ons hebben aangemeld bij het ministerie in Bishkek, de stad waaruit we twee dagen geleden zijn vertrokken. Ongerust vervolgen we onze weg terug. Een paar uur later stoppen we bij een urta, een Kirgizische nomadentent, om de nacht door te brengen.

De volgende morgen bellen we met de satelliettelefoon naar onze trekkingagent. Hij had ons toch verzekerd dat alles geregeld zou zijn? De agent komt met een twijfelachtige oplossing. Bij de legerpost moeten we volgens hem de telefoon aan de hoogste officier geven, die dan wordt doorverbonden met het ministerie. We hopen er maar het beste van. Terug bij de doorlaatpost horen we tot onze opluchting dat we het gebied in mogen. Uitgelaten rijden we verder over de hobbelige weg, steeds verder de leegte in. Het landschap is uitgestrekt, groen en glooiend. Het enige dat op menselijke aanwezigheid duidt is het kilometers lange houten hek, dat de grens tussen Kirgizië en China aangeeft. Aan de horizon gloren al de spitse toppen van het Oibala-massief, de regio waar we komende weken zullen klimmen. Zouden deze bergen echt nog nooit beklommen zijn?

Steen van het formaat magnetron Enkele dagen later hebben we ons basiskamp geïnstalleerd op een vlakke grasweide. De temperatuur is aangenaam en het weer lijkt stabiel. Boven ons torenen steile wanden uit - we hebben de hoogtelijn 4-2012 |

33


bergen voor het uitzoeken. Met de verrekijker zijn we steeds bezig om beklimbare lijnen te zoeken. We besluiten tot een rustige inklimtocht om te kunnen wennen aan het gebied en zetten een vooruitgeschoven basiskamp op. De aanloop valt Saskia zwaar. Vlak voor de expeditie heeft ze kinkhoest gekregen, waardoor haar conditie behoorlijk achteruit is gegaan. In de avond neemt ze de lastige beslissing om niet mee te gaan. Daarom zijn het slechts Vincent, Bas en ik die de volgende morgen vertrekken voor onze eerste beklimming. Via een steile sneeuwflank lopen we naar de voet van de rotswand. We hebben ons oog laten vallen op een top van circa 4500 meter, waarbij we via een pijler direct naar de top kunnen klimmen. Eenmaal in de rotsen blijkt de steen van slechte kwaliteit. Het is voorzichtig klimmen, maar nergens moeilijker dan vierdegraads. Vlak onder de top hoor ik plotseling van boven ‘STEEN!!!!’. Op hetzelfde moment treft een rotsblok ter grootte van een flinke magnetron me vol op mijn bovenbeen. Ik verlies mijn evenwicht, val achterover en enkele meters lager kom ik in het touw stil te hangen. Versuft probeer ik weer grip te krijgen op de situatie. Is mijn been gebroken? Nee, zo voelt het niet. Maar zeer doet het wel. Strekken kost veel moeite, en dat is een beweging die je telkens maakt bij het klimmen. Een aantal minuten hang ik aangeslagen in het touw.

Automatische piloot Nadat ik enkele pijnstillers heb genomen, besluiten we het korte stuk naar de top door te klimmen. Afdalen over dezelfde route is met de losse rots geen fijne optie en we hopen aan de achterzijde een makkelijke route naar beneden te vinden. Het kost me moeite om verder te klimmen, maar als ik voorzichtig beweeg gaat het wel. Op de top zien Vincent en Bas al gauw dat het daar nog moeilijker afdalen is dan aan de voorzijde. We hebben geen andere keus dan over de route te gaan abseilen. De rots is echter te slecht om mephaken te slaan en goede rotspunten voor touwtjes zijn er ook niet. En aan de overzijde van het dal zien we de lucht al donkergrijs worden. Zou er onweer aankomen? We nemen het zekere voor het onzekere en moeten een paar prijzige camalots achterlaten voor de abseilpunten. Het Oibala-gebergte laat zich gelijk van zijn grimmige kant zien. Langzamerhand gaan de pijnstillers werken en wordt de pijn in mijn bovenbeen vervangen door een dof en stijf gevoel. Op de automatische piloot ben ik staat om de abseils te doen, maar ook ben ik onzeker over hoe het nu verder moet. Betekent dit nu al het einde van mijn expeditie? Eenmaal op de gletsjer ben ik weer bekomen van de ergste schrik en ben ik redelijk in staat om naar de tent te lopen. Saskia is ons tegemoet gelopen en begeleidt ons het laatste stuk terug naar de tenten. De volgende morgen blijkt het allemaal mee te vallen: het been is stijf, maar er is niks ernstigs aan de hand. Toch heb ik een gek gevoel. We hebben onze eerste onbeklommen top binnen, maar het was zeker niet op de euforische manier zoals ik me dat had voorgesteld.

De vreugde van de Yellow Submarine Een aantal dagen later zijn we op zoek naar een nieuw doel. Bas en Saskia zijn opgeknapt van een griepje en Vincent en ik hebben

34 |

HOOGTELIJN 4-2012


Langzamerhand gaan de pijnst illers werken en wordt de pi jn in mijn bov enbeen vervangen doo r een dof en s tijf gevoel een mislukte poging gedaan om de hoogste top van het massief te beklimmen. We besluiten om met ons vieren op weg te gaan naar de markante rotspijler waar we vanuit ons basiskamp op uit kijken. Om bij de voet van de berg te komen, moeten we tot onze knieën door een snelstromende rivier waden. De volgende morgen staan we bij het eerste licht bij de instap. Als snel blijkt de kalk van fantastische kwaliteit te zijn. Via ruwe rots en mooie versnijdingen weten we een weg naar boven te vinden. De eerste sleutelpassage is voor Vincent. De moeilijkheden liggen ongeveer op 5c/6a, maar door de zware rugzak met bivakmateriaal is het niet echt eenvoudig. Een aantal lengtes later stuiten we opnieuw op een lastige passage. Bas weet via een elegante 6a+ traverse een doorgang te vinden. Tegen het eind van de middag besluiten we tot een bivak. We zijn niet zeker hoe ver het nog tot de top is en we willen niet voor onverwachte situaties komen te staan. Dankzij de met veel moeite meegedragen slaapzakken hebben we het de hele nacht comfortabel warm. De volgende dag blijkt het nog maar enkele uren klimmen naar de top te zijn. Boven, op zo’n 4200 meter hoogte, is er dan eindelijk de vreugde die na onze vorige beklimming zo miste. Het uitzicht over de vallei is fantastisch en het voelt bijzonder om als eersten hier boven te zijn. En - heel belangrijk - er is geen enkel spoor van eerdere beklimmingen te zien. We weten daardoor ook zeker dat we echt de eersten zijn, want zonder achtergelaten materiaal is het niet mogelijk om van deze berg af te komen. De route noemen

we ‘Yellow Submarine’, naar het nummer van de Beatles dat we al weken aan het zingen zijn. Terug in het basiskamp zijn we heel blij met onze beklimming. Ons doel voorafgaand aan de expeditie was het maken van een technische, uitdagende beklimming in onbeklommen terrein. Dat is nu gelukt, maar we hebben ook nog bijna twee klimweken over waarin we nog mooie tochten kunnen maken. Bas en ik gaan daarom naar een berg aan de rechterzijde van het massief. Via een lange sneeuwflank en een paar lastige rotslengtes op het einde bereiken we de top. We noemen hem Pik BasBas. Wanneer krijg je nou de kans een berg naar jezelf te vernoemen? Enkele dagen later weten Vincent en ik in één lange ruk een eenvoudige berg achter in het massief te beklimmen. De dag daarna beklimmen Bas en Saskia de hoogste berg in de regio via een mooie ijslijn. Ze dopen hem Pik Oibala, naar de rivier die door het gebied heen loopt.

‘We moeten hier weg’ Aan het einde van de expeditie hebben we een paar dagen over. We willen nog één keer alles uit de kast halen. Opnieuw gaan we op weg naar de hoogste berg, die nu Pik Oibala heet. Ditmaal voor een route op de steile rechterwand. Al vanuit het dal zien we dat HOOGTELIJN 4-2012 |

35


fe ¯nix™. VOOR WAT JE OP HET PUNT STAAT TE BEREIKEN

Zet elke stap met 100% vertrouwen, ongeacht hoe veeleisend of avontuurlijk je tocht wordt. Met fenix beschik je over een compleet uitgerust GPS horloge met autokalibrerende hoogtemeter, barometer en kompas. Daarnaast heeft het bewezen en geteste navigatie hulpmiddelen zoals TracBack™ en track display met navigatielijnen en hoogteprofielen. Zo ben je dus zeker in ieder landschap en tijdens elke uitdaging die je aangaat.

garmin.com/fenix


de crux zich op tweederde van de wand bevindt. We zullen ergens in dit compacte gedeelte een doorgang moeten vinden. Stijgijzers, ijsbijlen en klimschoentjes gaan mee, zodat we materiaal voor alle soorten terrein bij ons hebben. En ook nemen we bivakmateriaal mee, voor het geval we niet op tijd op de top zijn. De eerste vijftien touwlengtes gaan in goed tempo voorbij. Het klimmen is nergens moeilijker dan vierde- of vijfdegraads. De rots is wederom van goede kwaliteit, hoewel we soms goed moeten zoeken naar betrouwbare zekerpunten. Via een mooie V+ traverse vinden we een doorgang naar het grote sneeuwveld dat de berg in tweeën deelt. We ruilen de wrijvingsschoenen in voor bergschoenen met stijgijzers en klimmen honderdvijftig meter over een steil sneeuwveld naar het punt waar we een beklimbare passage hopen te vinden. De zon brandt en ik voel me dorstig. De top is nog steeds honderden meters weg en het moeilijkste moet waarschijnlijk nog komen. Ingespannen kijken we naar boven. We zoeken een lijn die ons toegang biedt tot het laatste gedeelte van de wand. Maar het ziet er allemaal niet eenvoudig uit. Boven ons loopt zoveel smeltwater over de platen dat de rots veel te nat is. Meer opzij stromen de watervallen van de berg. En de rots is ook nog eens zeer compact en laat geen plaatsing van mobiele zekeringen toe. Ongeveer elke tien minuten vallen er enkele grote stenen naast ons. We willen ook niet zomaar opgeven, want dit is de laatste kans. Vincent besluit het via een omweg te proberen. Het duurt lang voordat hij stand roept. Als ik later bij hem kom, begrijp ik waarom. Nergens zijn er goede rotsspleten te vinden voor zekeringen. Hij heeft de standplaats gemaakt aan twee dubieuze microcamalots. Saskia is boven ons al bezig om de lengte daarna te klimmen. We kunnen haar niet zien en er zit amper beweging in het touw. De stenen vliegen Vincent, Bas en mij af en toe om de oren. Ik voel me steeds ongemakkelijker en ben bang om geraakt te worden. Dan hakt Bas de knoop door. ‘We moeten weg hier’. Gauw klimt hij naar boven om samen met Saskia een boorhaak voor het abseilen te plaatsen.

Een paar uur l ater zijn we weg uit de hek senketel Wie volgt? Een paar uur later zijn we weg uit de heksenketel. Via een sneeuwflank hebben we een snelle weg naar beneden genomen en nu zitten we moe voor onze tenten. Ik voel me opgelucht dat we veilig van de berg zijn. Langzaam komt ook het besef dat het einde expeditie is. Ik verlang naar huis, naar een douche, naar lekker eten en een biertje. Wat volgt is de lange terugreis naar de stad. Langzaam laten we dit bijzondere berggebied achter ons. Ik draai me nog eens om en werp de bergen een laatste blik toe. Mijn eerste expeditie zit erop. Wat een avontuur is dit geweest, vol uitdagingen en bijzondere ervaringen. Ik heb genoten, afgezien en veel geleerd. En ik ben trots op het feit dat wij de eerste mensen waren die hier het avontuur opzochten. Zullen er nog meer klimmers deze toppen komen beklimmen?

Pamir Alai

Reis

De expeditie vond plaats in het Pamir Alai gebergte op de grens tussen Kirgizië en China (bij de oranje driehoek).

Van Amsterdam zijn we via Moskou naar Bishkek gevlogen, de hoofdstad van Kirgizië. Vanaf daar zijn we eerst per auto naar Osh gereden. Daarna zijn we per auto en paard verder gereisd naar ons basiskamp. Daar hebben we drie weken geklommen. In totaal heeft de expeditie vijf weken geduurd.

Beklimmingen De regio die wij bezochten bestaat uit enkele tientallen toppen. Wij hebben een zestal bergen beklommen en die de volgende namen gegeven: • Pik Brokkel (c. 4750 m) - Guns of Navarone. D, IV, 60 graden firn. • Camakchay Towers (c. 4215m) - Yellow Submarine. TD+, VII-, 900 m. • Pik Pewi (c. 4310 m). PD, II. • Pik BasBas (4785 m) - Natte neuzen show. D+/TD-, VI-, 700 m. • Pik Marian - (ter nagedachtenis aan Marian Michielsen die in de zomer van 2011 overleed). AD, 50 graden sneeuw. • Pik Oibala (4830 m) - Electro Shock Blues. TD-, AI3, 700 m.

Documentatie • www.pamiralai2011.nl

HOOGTELIJN 4-2012 |

37


d n a l r e d e N n Survival i ern d l i W

is

VISSEN MET EEN

VOGELVEER

Bij het woord survival beginnen de meeste mensen te gniffelen, denkend aan pubers die ginnegappend of bibberend abseilen of managers die ruziënd een vlot proberen te bouwen met autobanden. Toch valt het echte overleven in de wildernis wel degelijk in Nederland te leren. Hoogtelijn deed 24 uur mee met een training voor aspirant-survivalgidsen. Voor iedereen die graag naar Discovery-fi lms met outdoorexperts kijkt: dit is het echte werk.

O

p een warme, onweersachtige junidag verzamelen zich elf mannen en één vrouw bij buitensportcentrum ‘De Voshaar’ in Eibergen, vlakbij de Duitse grens. In 24 uur gaat instructeur en eigenaar van het buitensportcentrum Raoul Kluivers ons zoveel mogelijk zelfredzaamheid bijbrengen, op de weilanden en in het bos rond De Voshaar. In Nederland mag je nergens zomaar in de natuur met een groep gaan survivallen, maar De Voshaar heeft een eigen terrein van vijf hectare om je op uit te leven. Een shelter bouwen, vuur maken onder moeilijke omstandigheden, een kip villen - jawel - en bereiden, vishaakjes maken van vogelveerpennen, een visrooster maken, vallen zetten…. het graven van een latrine laten we achterwege, er is een echte wc

op het terrein. We willen een volgende survivalgroep geen onaangename verrassingen bezorgen. Maar verder is alles zo ‘echt’ mogelijk.

Belangrijkste overleefregels Instructeur Raoul repeteert met ons de belangrijkste overleefregels: eerst een shelter bouwen op een geschikte plek. Niet in een kuil - die kan vollopen met water als het regent - maar op een wat hoger gelegen plek en natuurlijk niet te ver van (drink) water. We leren ook wat het belang is van een vuurplaats, onontbeerlijk om te overleven. Het bos van De Voshaar is niet toevallig survivalgeschikt, met veel verschillende bomen, een poel om in te vissen en bij wijze van stromende beek een kraan. Als je een pannetje hebt, en dat hebben we gelukkig, kun je gemakkelijk drinkwater maken door stromend water te koken. Drie à vier minuten laten doorkoken, dan hoef je niet zo’n vies zuiveringstablet te gebruiken. Op aanwijzing van Raoul begint iedereen ijverig te sjouwen met bomen en takken, die her en der op het terrein liggen. Vooral de wilgen met hun fijne buigzame takken zijn geschikt om een shelter van te maken. Plotseling komen uit de rugzakken van de deelnemers de mooiste survivalgereedschappen tevoorschijn: grote messen, op- en inklapbare kleine zagen, bijltjes, compacte

van if ik de punt Behoedzaam schu het r tot vlak bij mijn firestrike es. tj enschorskrulle stapeltje berk n… niet wegwaaie Als ze nu maar en nkenregentje op Ik bouw een vo n. ke nnen te ro de krullen begi kleine n Ee Vlammetjes! de boel dooft en ng opflakkeri en. opnieuw beginn weer. Mislukt,

38 |

Zonder emotie een kip villen.

HOOGTELIJN 4-2012 | TEKST MONIEK JANSSEN | FOTO’S BERNO KLOMP EN MONIEK JANSSEN


Deze aspirantgidsen zijn gefocust en toegewijd.

Dit is wel de grootste shelter ooit op De Voshaar gemaakt

hengels… daar sta ik dan met mijn echte Zwitserse zakmesje. Ik heb ook een veel te mooi regenjasje aan, dat binnen vijf minuten onder de modder zit. Alle deelnemers volgen de opleiding tot CSWI - Canadian Survival & Woodstravel Instructor Level 1, een gidsendiploma dat alleen in Canada te halen is. Voor het ‘eindexamen’ gaat de groep in september achttien dagen

overleven in de Canadese wildernis, waarvan drie dagen solo. De voorbereiding gebeurt in Nederland onder leiding van Raoul Kluivers, de enige Nederlander die bevoegd is om nieuwe CSWIgidsen op te leiden. De aspirantgidsen van vandaag zijn gefocust en toegewijd, niemand klaagt of maakt melige grappen. De motivatie is er vanaf te scheppen.

Het kippenvlees boven het vuur laten garen.

hoogtelijn 4-2012 |

39


De shelter in aanbouw.

Tijd voor het avondeten.

Speciale aandacht voor het dak

neem mee… n e n e l l a viv Ik ga surStrike force

r: • Fire strike Frosts ra o M n • Mes: vouwbaar op de mole apbaar of in kl in : je g .26 mm lijn 0 à 0 • Zaa .2 0 k, et hte za telescoop m s, waterdic • Hengel: rs), Ziplock ka is eken (F l ed ij ti b la e, apen, iso ), • Duckttap om in te sl ol, bidon(s en o it er lt kl u e m g setje dro cho-tarp, n o p etj il O) of ze y uggenspra (uit de EHB abletten, m st g in er iv waterzu

We bouwen een sheltergeraamte tussen de boomstammen. De verbindingen maken we van wilgenbast, die je met een mes in repen van de boom haalt. Buigzaam en oersterk. De shelter hoeft maar aan één kant dicht, die waar de wind en regen vandaan komt. Het ‘dak’ moet veel schuiner dan je zou denken; een hoek van 60 à 70 graden is goed. Een te plat dak betekent meer kans op lekkage. De bekleding verdient een speciale aanpak: begin aan de onderkant en bouw de lagen naar boven toe op. Naaldhouttakken zijn het meest geschikt, het liefst fijnspar want dat heeft de meeste naalden. Laat de takken niet aan de bovenkant uitsteken als je niet in de drup wilt zitten. Uren zijn we bezig, nooit geweten dat zoiets zoveel tijd kost. Het is dan wel de grootste shelter ooit op De Voshaar gemaakt. We zijn net op tijd klaar als er een bui losbarst, gelukkig zonder onweer. Daar zitten we dan, ieder op een rugzak, maar wel droog.

De kop moet eraf Ik begin mij zorgen te maken of we wel te eten zullen hebben. Voedsel mochten we onder geen voorwaarde meenemen deze 24 uur. Een aantal deelnemers is al uren aan ‘t vissen in de poel, maar ze willen niet erg bijten, op een paar kleine baarsjes na. Er wordt wel opvallend veel gerookt onder de mannen, tegen de honger of om de muggen te verjagen? Gelukkig heeft Raoul een voorraad rijst, bonen en brood bij zich en zelfs wat groenten. En een gietijzeren pan. Zaken die zelfs Chris McCandless uit het beroemde boek Into the wild bij zich had. Op een gegeven moment hoor ik op de achtergrond kipgekakel en komt gids Raoul terug met drie levenloze kippen, en één levende. Er blijken kippen op het terrein te wonen die tot dan toe wijselijk op afstand waren gebleven. En dan komt het moment wat ik van tevoren gevreesd heb: bij de vierde nog levende kip gaat hij voordoen hoe het moet.

Over Raoul Kluivers

Sport en natuur, het is de rode draad in het leven van Raoul Kluivers. Deze veelzijdige buitensporter is sinds 1975 even thuis in de Franse Alpen als in een kayak op een snelstromende rivier of op survivaltocht in Canada. De uitgestrekte wildernis in dit land is zijn tweede thuis geworden. Raoul heeft zich ontwikkeld tot specialist van de Canadese Rocky Mountains, hetgeen geresulteerd heeft in het behalen van de titel Professional Interpretive Guide. Meer informatie: www.voshaaroutdoor.com

40 |

HOOGTELIJN 4-2012

Niemand vindt dit een leuk onderdeel, inclusief Raoul zelf, maar ja, om te overleven moet je dit wel kunnen. Een flinke klap met de achterkant van de bijl in de nek of op de achterkant van de kop is genoeg, meteen daarna slaat hij de kop van de kip eraf. Oef, dat viel mee... Nu moeten wij de kippen gaan villen en bereiden. Plukken kan ook, dan blijft er meer eetbare kip (het vel) over, maar dat is veel werk en instructeur Raoul is meer van de snelle oplossingen. We leren van alles over wel en niet bruikbare ingewanden en dat je moet oppassen dat je de gal niet opensnijdt. Aan een soort spit worden de kippen hoog boven het vuur geroosterd en gegaard. De poten doen we in de kookpot. Tip: taai vlees wordt malser als je het kookt. Voortdurend zijn de aspirantgidsen bezig van alles te snijden van hout: lepels, vorken, visroosters... survival is hard werken. We


Een met veel moeite gevangen vis op het vuur.

Groepsportret met instructeur Raoul (helemaal rechts).

leren op twee verschillende manieren dierenvallen zetten (tip: heeft meer zin als je er een stuk of 20 maakt), die Raoul meteen weer onklaar maakt vanwege de loslopende poes. Pas laat op de avond, als de vissen echt niet meer willen bijten, verzamelen we ons bij de vuurplaats en komt er zowaar een fles drank tevoorschijn. Zelfgestookt, met dennennaaldensmaak. De grappen worden nu wel wat meliger.

Baan opgezegd De deelnemers, dertigers en ouder, zeggen zonder uitzondering behoefte te hebben aan ervaringen als deze. Er zitten IT’ers tussen, een jeugdwerker op een school voor moeilijk opvoedbare kinderen, een bedrijfsorganisatiespecialist, een gymleraar. Sommigen zijn van plan hun leven helemaal om te gooien en willen de kost gaan verdienen als survivalgids. Een enkeling heeft zijn baan alvast opgezegd. Anderen gebruiken de opgedane ervaring als inspiratie in hun werk of ter compensatie van hun dagelijkse leven. Een deelnemer, die werkt met kinderen met gedragsproblemen leert hen outdoor-technieken: “Ik zeg: wat doe je als je vuur wil maken en je aansteker is in het water gevallen? Dat vinden ze prachtig.” De organisatiespecialist, tevens filosoof, zegt het te doen voor ‘de inspiratie en de levenservaring’. Hij gebruikt de opgedane inzichten om vastgelopen bedrijven vlot te trekken. De kunst van survival als richtlijn voor nieuwe businessmodellen... Als het nacht wordt gaat ongeveer de helft solo onder de blote hemel slapen. Maar goed ook, want de shelter is te klein om iedereen een droge slaapplaats te bieden. We schikken wel in als het gaat regenen en het ‘bosvolk’ alsnog wil komen schuilen. Niet nodig, het blijft droog. Het voelt prettig geborgen tegen de shelterwand onder het waterdichte bladerdak, met aan de open kant het smeulende vuur. De volgende ochtend is het weer vroeg vissen geblazen om te kunnen eten. Sommigen vissen urenlang met haakje-snoer-klosje, anderen hebben een compacte werphengel bij zich. We leren hoe je kunt vissen met een vogelveer (!), doen een wedstrijd wie-het-snelste-vuur-kanmaken en garen nog maar wat vis boven het vuur. Nooit geweten dat op open vuur gebakken baars zo lekker is.

Vuur maken in het wild Snijd een lapje schors uit een berkenstam en verzamel wat hars, zo mogelijk van een grove den. Verzamel of snijd wat houtkrullen en droog mos. Schraap met een mes het buitenste laagje van de berkenschors, dat is zo dun als papier, en leg het op een hoopje. Leg de hars, de houtkrullen en ander klein snel brandbaar materiaal (mos) achter elkaar in het lapje schors. Steek met een firestriker de berkenschorskrulletjes aan en maak van het stukje schors een schoorsteen, maar zorg wel dat de schors niet teveel naar binnen krult, anders gaat je vuur weer uit. Leg er, als het geheel goed brandt, zonder te blazen iets grotere takjes op.

Zelf op survival?

Op 27 en 28 oktober wo rdt speciaal voor NKBV -leden een workshop Bushcraf t - Survival georganiseer d. Tijdens dit tweedaagse programma leer je techni eken die nodig zijn om onder primitieve omstandighe den te overleven. Kosten: € 110 ,- per persoon.

Kijk voor meer in fo ww w.bergsp or treize op n.nl

HOOGTELIJN 4-2012 |

41


^^^ focus ^^^ focus ^^^ focus ^^^ fo

Mooie afsluiting D

e foto is gemaakt tijdens een klimuitstapje in de Venediger. Omdat mijn klimmaat nog geen alpiene ervaring had, leek mij dit een mooi gebied om heen te gaan, mede omdat er ook een beginnerscursus in dit gebied wordt georganiseerd. De tocht zijn we begonnen vanuit het dorpje Prägraten in het Virgental, rugzak inpakken bij de auto en wat

42 |

hoogtelijn 4 -2012

onwennig met je D-schoenen omhoog. Om er een beetje in te komen zijn we rustig richting de Essener-Rostocker Hütte gelopen.

Uitzicht verdwenen De volgende dag een prachtige maar loodzware tocht over de Maurertorl richting de waanzinnig gelegen Kursingerhütte. Door de hoeveelheid

sneeuw en een onverwachte omweg wegens steenslag doen we er veel langer over dan ons gidsje doet vermoeden. Na een ontbijtje bij het licht van een hoofdlamp, met stramme benen de Keeskogel beklommen. Vanaf dit topje hebben we een prachtig zicht op onze route van morgen, de overschrijding van de GrossVenediger.


ocus ^^^ focus ^^^ focus ^^^ focus ^^^

Met opkomende zon lopen we heerlijk in het verse spoor van een groep voor ons. Net als we bijna de sneeuwtop hebben bereikt, waaien de eerste wolkenflarden over de topgraat van de Venediger, de groep klimmers maakt het beeld compleet. Gelukkig ben ik net op tijd om de foto te maken, want een paar minuten later is het uitzicht verdwenen.

De terugweg aan de andere zijde van de berg was iets minder plezierig, maar met 10 meter zicht en kniediepe sneeuw was het toch een mooie afsluiting van een geslaagde vakantie.

Heb jij foto vo ook een mooie o Stuur h r Focus? em naar : hoogtel ijn@nkb v.nl

De foto is gemaakt met Hasselblad X-pan op diafilm Fuji Velvia 100.

Steven Bijker HOOGTELIJN 4 -2012 |

43


EEN PLATONISCHE LIEFDE

TOM DE BIJ: BERGSPORTMONUMENT EN ACTIVIST Het is 62 jaar geleden dat Tom de Booij de Franse gids Lionel Terray leerde kennen. Uit die eerste toevallige ontmoeting ontstond een hechte vriendschap. De mannen bedwongen, samen met de Amsterdamse geoloog Kees Egeler, de hoogste onbeklommen top van de Andes en ze speelden een opmerkelijke rol in de geschiedenis van de Eiger noordwand.

“W

e gingen naar het gidsenbureau met een lijstje dingen die we wilden klimmen, maar de lokale gidsen zagen dat helemaal niet zitten.” Tom de Booij (87) zit in de werkkamer van zijn villa in Baarn. Langs de muren staan grote, volgepakte boekenkasten. Verder hangen er

Lionel Terray Lionel Terray (1921-1965) is misschien wel de grootste klimmer van zijn generatie. Zijn erelijst omvat onder meer de eerstbeklimming van de beruchte Cerro Fitzroy in Patagonië en Makalu (8490 m), de Jannu (7710 m) in de Himalaya. In 1952 beklom hij met de Nederlandse alpinisten Tom de Booij en Kees Egeler de Nevado Huantsan, met 6359 meter op dat moment de hoogste onbestegen top van Zuid-Amerika. In zijn autobiografie ‘Les conquerants de

44 |

foto’s: familiekiekjes, vakantiefoto’s, maar ook foto’s van De Booij in donsjas, tijdens expedities. Bijna zestig jaar jonger, maar met dezelfde gelaatstrekken en - vooral dezelfde ogen.

l’inutile’ (in het Engels vertaald als ‘Conquistadors of the useless’) beschrijft Terray hoe hij, zeer tegen de zin van zijn autoritaire vader, beklimmingen maakte in de buurt van zijn ouderlijk huis in Grenoble. Op zijn twaalfde beklom hij onder leiding van een gids zijn eerste toppen in het Mont Blancgebied. Direct na de oorlog groeiden Terray en zijn vaste klimmaat Louis Lachenal uit tot beeldbepalende klimmers. Het tweetal kwam internationaal onder de aandacht toen ze

HOOGTELIJN 4 -2012 | TEKST ERNST ARBOUW | FOTO’S LAURENS AAIJ

De Booij vertelt hoe hij in 1950 naar Chamonix kwam met collega-geoloog Kees Egeler, zijn baas op de Amsterdamse universiteit. De twee mannen waren zich aan het voorbereiden op een

in 1947 de tweede beklimming van de Eiger noordwand volbrachten. In 1950 waren Terray en Lachenal deelnemers aan een Franse expeditie naar Annapurna (8091 m). Lachenal bereikte samen met Maurice Herzog de top - de eerste succesvolle beklimming van een achtduizender - maar de twee klimmers liepen bij de afdaling ernstige bevriezingen op. Teray speelde een doorslaggevende rol bij hun redding. In de daaropvolgende jaren combineert Terray zijn gidswerk in de Alpen met expedities naar de Himalaya en Noord- en Zuid-Amerika. Terray verongelukte in 1965 op de Gerbier in de Vercors. Hij ligt begraven in Chamonix.


n de Droites. a v d n a w d r o o n e d t s me ‘Lionel kwam ineen cht weer was’ e l s k ij l e d n i e t i u het Ik was dolblij dat geologische expeditie naar Nanda Devi (7816 m) in India en hadden een aantal zware mixed-routes in het Mont Blancgebied op het oog. “We wilden niet alleen rots of ijs klimmen. Toen we bij het gidsenbureau gingen informeren, draaide die gids zich om: ‘Twee voor jou, Lionel…’ Zo leerden we Lionel Terray kennen.” Egeler beschreef later die eerste ontmoeting: ‘We waren eigenlijk tegen wil en dank, met een gids in aanraking gekomen, van wie we niets afwisten. Hij zag er bovendien zó jeugdig uit dat we ons afvroegen of dit wel de juiste man voor ons zou zijn.’ Terray bleek wel degelijk de juiste man. Eerder dat jaar had hij een sleutelrol gespeeld bij de Franse expeditie naar de Annapurna (8091 m), de eerste succesvolle expeditie naar een achtduizender. Daarnaast had hij, met zijn klimmaat Louis Lachenal, een aantal zware en technisch moeilijke Alpenroutes op zijn naam staan, waaronder in 1947 de tweede

beklimming van de Eiger Noordwand. De Booij, Egeler en Terray maakten in korte tijd een aantal tochten in het Mont Blancmassief, onder meer de noordwand van de Aiguille du Chardonnet en de traverse van de Aiguille Verte. Vooral tussen De Booij en Terray klikte het direct, ondanks hun verschillende temperament - De Booij druk en welbespraakt, Terray ingetogen en bedachtzaam. “We kwamen allebei uit Het Kasteel”, zegt De Booij. Hij gebruikt de uitdrukking een aantal keer; een metafoor voor een geprivilegieerde afkomst. De Booij stamt uit een patriciaatfamilie, zijn vader en grootvader waren marineofficier. Terray komt letterlijk uit het kasteel: hij groeide op in kasteeltje op de hellingen boven Grenoble. Er was nog een overeenkomst: beide mannen probeerden te breken met hun afkomst. Terray werd berggids - zeer tegen de zin van zijn autoritaire vader. “Waarom zou je een berg beklimmen als er niet eens een briefje van honderd Franc op de top ligt?”, aldus Terray senior. Voor De Booij

waren zijn oorlogservaringen een belangrijk keerpunt. “Ik ging in 1942 geologie studeren. Een jaar later moest ik als student een loyaliteitsverklaring aan de Duitsers tekenen. En dat verdomde ik.” Hij is streng naar zichzelf. “Het is niet dat ik zo principieel was. Achteraf gezien schaam ik me dat ik gewoon in het Geologisch Instituut kwam, terwijl daar een bordje hing ‘Voor joden verboden’. Daar was ik blind voor - ik zag het gewoon niet. Pas toen er iets van me gevraagd werd, ging ik nadenken. Ik ben ondergedoken bij een boer in de buurt van Apeldoorn. Daar heb ik met drie andere studenten een hol gemaakt om ons te verstoppen als de Duitsers zouden komen. We zijn daar verraden door degene die ons eten kwam brengen.” De Booij werd aanvankelijk opgesloten in Kamp Amersfoort. “Later werd ik naar Duitsland gestuurd, maar m’n vader kende een aannemer in Duitsland die me in Venlo uit de trein heeft gehaald. Toen ben ik daar in het bouwbedrijf tewerkgesteld. Uiteindelijk ben ik met valse papieren teruggegaan naar Nederland. Ik was veilig opgegroeid in Aerdenhout en ineens lag ik in een concentratiekamp naast een communist uit Amsterdam-West. Dat is een belangrijk turning point geweest. Op D-day stond iedereen in Aerdenhout feest te vieren. Ik dacht: hoe kun je, terwijl ergens anders mensen creperen. Ik was zo kwaad, zo ontzettend kwaad…” HOOGTELIJN 4 -2012 |

45


Wie is… Tom de Booij Dr. Tom de Booij (Vlissingen, 1924) reist in 1937 voor het eerst met zijn grootvader naar het Berner Oberland. Een jaar later beklimt hij, onder leiding van een Zwitserse gids, de Jungfrau (4158 m). Nog een jaar later beklimt hij verschillende bergen in de Franse Alpen. 1943 Weigert de zogeheten loyaliteitsverklaring te tekenen, wordt verraden en zit van december 1943 tot april 1944 in Kamp Amersfoort. “Een van de belangrijke keerpunten in mijn leven…” 1944 Gedeporteerd naar Duitsland, weet te ontsnappen en sluit zich aan bij het verzet. 1947 Elfstedentocht, opgegeven tussen Franeker en Barthlehiem. 1950 Beklimming noordwand Aiguille du Chardonnet en de traverse van de Aiguille Verte, met Kees Egeler en Lionel Terray 1951 Studeert af in de geologie. 1952 Expeditie naar zuidelijke Cordillera Blanca in Peru met Egeler en Terray. Eerstbeklimming van Nevada Huantsán (6395 m) en Nevado Pongos (5700 m). Overleeft op de Nevado Huantsán een val van negentig meter. 1953 Organisatie van de eerste invitatiecursus voor jonge Nederlandse klimmers. 1954 Voltooit Elfstedentocht. Beklimt Noordwand Aiguille du Midi, Brenva route op Mont Blanc. 1955 Noordwand Aiguille du Triolet met Terray. 1956 Expeditie met Terray en Egeler naar Cordillera Vilcabamba (Peru), eerstbeklimming Nevado Veronica en Nevado Soray; tweede beklimming Nevado Salcantay. 1957 Redding van Claudio Corti uit de Eiger noordwand. 1962 Expeditie naar Nilgiri (7061 m) in Nepal met o.m. Terray, Egeler en Paul, Holger en Peter van Lookeren Campagne. 1963 Elfstedentocht, opnieuw afgestapt tussen Franeker en Barthlehiem; Ridder in de orde van Oranje Nassau 1965 Lionel Terray komt om het leven bij klimongeluk in de Vercors, Frankrijk. “Dat was het einde van mijn alpiene aspiraties…” 1969 Bezetting werkkamer in het Geologisch Instituut 1977 Begint met twee vrienden politieke partij ‘Verbond tegen Ambtelijke Willekeur’, haalt bij Kamerverkiezingen 4110 stemmen. 1978 Begint met golfen. 1985 Elfstedentocht uitgereden. 1986 Elfstedentocht opnieuw. 1990 Examen voor professioneel golfer. 1993 Begint Stichting Democratisering Golfsport en Wetenschap.

46 |

HOOGTELIJN 4 -2012

‘Dat gaat echt niet’ “Lionel en ik vielen op elkaar, in platonische zin. Het was zo’n hechte vriendschap, zo... Onze vrouwen waren jaloers. Die dachten dat we homoseksueel waren, zo gehecht waren we aan elkaar.” Nee, ze hadden geen affaire, lacht hij. “Maar ik viel wel op hem, en hij viel op mij. Een platonische liefde.” “We hadden een enorm vertrouwen in elkaar. Toen we elkaar een jaar kenden, in 1951, kwam hij ineens aan met de noordwand van de Droites. Die was toen nog onbeklommen. Onverantwoord! Ik zei: ‘Lionel, hoor eens, dat gaat niet. Echt niet.’ Maar hij hield vol. Ik was dolblij dat het weer uiteindelijk te slecht was. Ik dacht: ik ga dood.” En dan, relativerend: “We zijn daarna met Lachenal teruggereden naar Chamonix. Toen heb ik pas echt doodsangsten uitgestaan. Vre-se-lijk. Lionel was heel introvert; Lachenal was knettergek. Il était fou.” De geologische expeditie naar Nanda Devi ging door geldgebrek niet door, maar Egeler en De Booij organiseerden in 1952 alsnog een wetenschappelijke-schuinestreep-alpiene expeditie, ditmaal naar de Cordillera Blanca in Peru. Ze reisden per schip naar Zuid-Amerika, Terray kwam hen met het vliegtuig achterna. De expeditie is later door Egeler beschreven in diens boek ‘Naar onbestegen Andestoppen’. Het team maakte twee eerstbeklimmingen: de Nevada Pongos (5711 m) en de Nevada Huantsán (6395 m), op dat moment de hoogste onbeklommen top van de Andes. Vanaf dat moment krijgt Terray gedurende een aantal jaar een doorslaggevende rol in

het Nederlandse alpinisme. In 1956 leidt hij opnieuw een expeditie van De Booij en Egeler, dit keer naar de Cordillera Vilcabamba, waar het drietal een aantal technisch moeilijke eerstbeklimmingen maakt. In 1962 is hij de klimleider van een Nederlandse expeditie naar de Nilgiri (7061 m) in Nepal, waar uiteindelijk Paul Holger, Sirdar Wongdi en Peter van Lookeren Campagne en Terray zelf de top bereiken. De Booij betrekt Terray bovendien bij de zogeheten invitatiecursussen van de Nederlandse Alpen Vereniging, waar talentvolle klimmers onder leiding van de Franse gids de fijne kneepjes leren.

Eigerwand In 1957 waren De Booij en Terray hoofdrolspelers in een van de meest opmerkelijke en meest tot de verbeelding sprekende momenten uit de geschiedenis van het alpinisme: de redding van de Italiaan Claudio Corti uit de noordwand van de Eiger. Corti was samen met zijn klimmaat Stefano Longhi en de Duitse klimmers Gunther Nothdurft en Franz Meyer door slecht weer gestrand in de noordwand. Terray beschreef later hoe De Booij ( ‘met het temperament van zijn Ierse grootmoeder…’) het initiatief voor de redding nam. Terray zelf vond dat hij Zwitserse gidsen niet voor de voeten moest lopen bij een reddingspoging, terwijl de Zwitserse gidsen aarzelden omdat ze vonden dat hun team niet genoeg technische expertise had voor de redding. Daarop belde De Booij vanuit station Eigergletscher de leider van de berggidsen en dwong vervolgens Terray aan de telefoon.


iel op mij’ v ij h n e , l e n o i L p ‘Ik viel o

De volgende ochtend beklommen de twee mannen de berg via de westwand. “We wilden eigenlijk ’s avonds door de tunnel omhoog, maar dat mocht niet van het spoorwegpersoneel. Lionel en ik stonden de volgende dag als eersten op de top; we konden Corti vanuit de wand horen schreeuwen.” Kort daarna arriveerden de gidsen, gevolgd door klimmers uit de rest van Zwitserland, Italië, Duitsland en Polen. “Een vriend van Nothdurft kwam op de brommer uit München. Die is om zes uur ’s avonds in Grindelwald gaan lopen en stond om twaalf uur ’s nachts op de top.” Door zijn talenkennis - vier talen, waaronder vloeiend Zwitserduits - speelde De Booij een belangrijke rol in de Toren van Babel op de berg. “Ik was het cement van zestig mensen op de top”, vertelt De Booij. Dan haalt hij zijn schouders op. “Het klinkt erg ‘ik, ik, ik…’, maar Harrer schrijft het ook in zijn boek.” Uiteindelijk lukte het Corti met een lier uit de wand te halen; Longhi overleed tijdens

de redding. Van Nothdurft en Meyer ontbrak ieder spoor. Kranten schreven dat Corti de Duitsers om zeep had geholpen, een beschuldiging die Harrer later halfslachtig overnam. “We wisten het niet…” De Booij heft zijn handen naar het plafond. “We wisten het simpelweg niet. Corti had negen dagen in de wand gezeten, die was helemaal de weg kwijt. Die was in shock. Hij kon nauwelijks antwoord geven op de simpelste vragen.” “We hadden hem gered. Punt. Klaar. Uit. Ik heb nooit geloofd dat hij een moordenaar of een oplichter was. Pas later, toen de lichamen van Nothdurft en Meyer aan de andere kant van de berg werden gevonden, werd duidelijk wat er gebeurd was. Zij waren via de top op weg naar beneden om hulp te halen.” De Booij vertelt dat hij Corti in 1997 heeft gesproken voor een documentaire over de redding. “Het was voor hem natuurlijk een grote tragedie, want heel veel mensen wilden niks meer met hem te maken hebben. Ook toen duidelijk was wat er was

gebeurd. Ik heb Ricardo Cassin gevraagd of hij mee wilde werken aan de documentaire, maar Ricardo wilde zelf veertig jaar later niet met Corti geassocieerd worden.”

Hoogtepunt en dieptepunt De redding van Claudio Corti is achteraf gezien het hoogtepunt van De Booijs alpiene carrière. Hij vertelt hoe hij voelde dat hij tijdens het klimmen steeds minder goed zijn mentale evenwicht kon vinden. “Toen ik in 1962 van de Nilgiri kwam, heb ik mijn stijgijzers uitgetrokken en daarna heb ik ze niet meer aan gehad.” Het definitieve eind van zijn klimloopbaan kwam in 1965, toen zijn vriend Terray verongelukte in de Vercors. “Ik was helemaal kapot toen ik hoorde dat hij dood was. Ik ben direct naar Frankrijk gegaan en ik ben tien dagen in zijn huis geweest, bij Marianne, zijn weduwe.” “Na de begrafenis gingen we naar Courmayeur: Bonatti, Mazeaud, Cassin, Herzog. Voor hun was het gewoon maar iemand die dood was. Dat schokte me diep. Voor mij voelde het als een stuk van mezelf dat stierf. Zo voelt het nog steeds. Ik droom nog steeds over hem.” Rouwt hij nog over Terray? “Hij is elke dag in mijn gedachten. Ik ben eenzaam en Lionel was de eerste met wie ik echt kon praten. Ik heb verder weinig mensen met wie ik praten kan. Ja, ik praat met m’n golfvriendjes, maar dat is oppervlakkig.” HOOGTELIJN 4 -2012 |

47


erdenhout  A n  i d i e o r g e g p  o g ‘Ik was veili amp naast k e i t a r t n e c n o  c n e  e en ineens lag ik in dam-West’ r e t s m  A t i  u t s i n u m een com Actievoerder De Booij vertelt hoe hij in diezelfde periode, rond 1965, steeds meer maatschappelijk betrokken raakte. “Studenten vonden me een beetje een rechtse bal. Toen heb ik gezegd: ‘Nou jongens, laat maar eens zien dan.’ Toen hebben ze me laten zien wie de Beatles waren, en de Rolling Stones en studentenvakbonden. Ik vond het fantastisch, maar Kees Egeler vond dat ik hem heb verraden. Kees was conservatief en zag mij als een rebel die deloyaal was aan de universiteit. En dat was natuurlijk ook zo.” In april 1969 bezette hij met studenten zijn werkkamer in het Geologisch Instituut. Een maand later hielp hij studenten bij een bezetting in Tilburg en bij de bezetting van het Maagdenhuis in Amsterdam. “Ik kreeg een boete van vijfhonderd gulden, of vijftig dagen zitten. Dus ben ik naar de gevangenis gegaan.” Dat was het tweede belangrijke keerpunt in zijn leven, zegt hij. “Daar hoorde ik en zag ik dingen waarvan ik als keurige jongen uit Aerdenhout of als natuurwetenschapper geen idee had.” De afgelopen decennia zette De Booij zich in voor uiteenlopende doelen, van verzet tegen de sloop van de Amsterdamse Nieuwmarktbuurt tot de democratisering van de golfsport. In 1977 haalde hij bij de Tweede Kamerverkiezing 4110 stemmen met zijn eigen partij Verbond tegen Ambtelijke Willekeur. Verruit het belangrijkste is zijn strijd voor de belangen van woonwagenbewo-

ners. (“Een rotwoord. Ik zeg zelf liever ‘reizigers’.”) “Morgen ga ik weer naar het kamp. Ik help op dit moment een jongen die daar - nou ja, die wordt door de autoriteiten schandelijk behandeld. M’n vriendjes op de golfbaan moeten er niks van hebben, en m’n vrouw ook niet. Maar ze merkt het direct als ik op het kamp ben geweest. Ik krijg er enorm veel energie van, zegt ze. Ik voel me alleen thuis tussen de reizigers.”

Verliefd Hoewel De Booij al vijftig jaar geen alpiene ambities meer koestert, volgt hij de Nederlandse bergsport nog wel. “Ik speelde golf met Ronald Naar. Heel interessant, want ik heb ontdekt dat er twee soorten topalpinisten zijn. De eerste soort is als Louis Lachenal. Die zeggen gewoon: ‘Ik ga iets doen.’ En dan doen ze het ook. Ronald was daar een voorbeeld van. Waren we met z’n tweeën op de golfbaan, met de bal in het zand. Dan zei ik tegen hem: ‘Ronald, je kan linksaf en dan heb je daar een veilig schot naar de green, of je kan rechtstreeks, via het bos.’ Stonden we even later in het bos de bal te zoeken.” Het andere type alpinist is als Terray, zegt De Booij: iemand die, overdrachtelijk, weet hoe hij zijn rugzak moet inpakken. “De laatste tijd heb ik goed contact met Martin Fickweiler. Martin weet hoe hij z’n rugzak inpakt. Ik was meteen verliefd op hem. Ja, hij doet me inderdaad wel een beetje denken aan Lionel.” hoogtelijn 4 -2012 |

49


BEREN OP DE WEG a t n e r B e d n i Com motie In de eetkamer van de hut hangt een foto van een bruine beer. Hij is het jaar daarvoor gefotografeerd op nog geen 50 meter afstand van de hut. “Wat gaaf!”, is mijn eerste reactie. Toch lopen we de volgende ochtend met een beetje raar gevoel in onze buik door het nog donkere bos richting de hogerop gelegen wanden. “Zie jij wat?” “Nee, maar die beer ziet ons misschien wel!” “Mmm, fijn, zo’n opmerking…”. Er zijn weer beren in de Italiaanse Brenta. Maar hebben wij als bergsporter daar iets van te vrezen?

Life Ursus

V

eel mensen denken dat er geen bruine beren meer leven in de Alpen; dat ze allemaal zijn uitgeroeid. Dat is niet helemaal waar. In de jaren ‘90 van de vorige eeuw waren er nog drie oorspronkelijke beren over in het Italiaanse Trentino in de omgeving van Spormaggiore en het Lago Tovel, in het Parco Naturale Adamello Brenta. Dit natuurpark heeft toen het project Life Ursus in het leven geroepen, samen met onder andere de Provincie Trento. Life Ursus is een Natura 2000 project en als

50 |

zodanig medegefinancierd door de Europese Unie. Doel van het project is de beren te helpen een populatiegrootte van veertig tot zestig te bereiken, groot genoeg om zichzelf vervolgens in stand te kunnen houden. Tussen 1999 en 2002 zijn in totaal tien Sloveense beren vrijgelaten in het natuurpark Adamello Brenta. Het aantal beren in de regio vertoont sindsdien een gestaag stijgende lijn, en tot zover kan het project in Trentino zeker een succes genoemd worden. In 2011 waren er minimaal 33 beren: 31 beren zijn individueel bekend, er waren zeker vijf jongen, één beer is overleden, één probleembeer gevangen en overgeplaatst en één is uit zichzelf geëmigreerd (jawel) naar Slovenië. In 2012 zijn er inmiddels al acht jongen gezien, één volwassen mannetje is doodgereden door een automobilist en één is aan de wandel in Zwitserland, waar hij inmiddels een aanrijding met een trein heeft overleefd. Ondanks de vele geboortes is er ook sprake van een nog niet goed begrepen voortijdige sterfte onder de volwassen beren. Dit geeft aan dat de populatie nog steeds heel kwetsbaar is en het overleven op de langere termijn niet zeker. Van het reïntroductieproject in de Oostenrijkse Kalkalpen bijvoorbeeld is in 2011 geen enkele beer meer teruggevonden. Daarom willen de experts een blijvende verbinding met de Sloveense populatie bewerkstelligen, om de beren genetisch gezond te houden. Het

HOOGTELIJN 4-2012 | TEKST BEP MALTHA | FOTO’S BEP MALTHA EN PETER VERBURGH


De bruine beer is een echte o pportunist. Hij eet wat hij het makkelijks t kan krijgen dal van de Adige met zijn snelweg, spoorweg, provinciale wegen, brede rivier en uitgebreide bebouwing vormt hierbij een groot obstakel voor de beer. Genoeg werk nog aan de winkel dus.

Sociale acceptatie De bruine beer is een echte opportunist. Hij eet wat hij het makkelijkst kan krijgen. Een goed jaar in het bos levert hem genoeg plantaardig materiaal, noten en bosvruchten op om geen last van hem te hebben. Maar als hij honger heeft en makkelijk bij een schaap, kip, bijenkast of wijnrank kan komen, zal hij dat niet laten. De beer gaat daarbij ook nog eens lekker lomp te werk en laat alles gesloopt en in chaos achter. Er is zelfs een verhaal over een slimme beer die ging vissen in een forellenvijver. Op zich is een forellenvijver te diep voor een bruine beer om de vissen te kunnen vangen. Maar deze teddy zette het schuifje open om het water weg te laten lopen, en zijn feestmaal kon beginnen! De zorg voor en de bescherming van de bruine beer in de Alpen draait vooral om sociale acceptatie en het aanleren van een andere manier van denken en werken, en dat is waarschijnlijk de grootste uitdaging van het project, dat sinds 2010 een vervolg kent in de vorm van Life+ Arctos. Het is niet zomaar een kwestie van een paar beren loslaten en de natuur doet de rest. Het is ook een politiek spel, waarbij het blijven herhalen van objectieve feitenkennis en het geruststellen van de bevolking een grote rol spelen. De provincie Trento plaatst regelmatig updates van de situatie op haar website, verstrekt gratis effectieve preventieve maatregelen zoals schrikdraad en afvalsystemen, vangt brutale beren en voorziet ze van een radiozender om ze beter te kunnen volgen en heeft interventiepersoneel dat snel ter plekke kan zijn bij een incident. De bruine beer is schuw, mijdt mensen, en met de juiste preventieve maatregelen heb je zelden last van hem, dat is de boodschap.

De beer als cultureel symbool De provincie Trento geeft diverse argumenten waarom de bruine beer beschermd moet worden. De belangrijkste zijn volgens het natuurpark Adamello Brenta dat de bruine beer een diersoort is die van oorsprong in Italië voorkomt en daarmee ook historische en culturele waarde heeft. Alleen al in de naamgeving van dorpen, dalen, passen, gletsjers en rivieren vind je in de omgeving bijna vijftig keer de naam beer terug: Passo dell’orso, Ponte dell’orso, Cima degli orsi, Vedretta degli orsi, Rio degli orsi en ga zo maar door. In de Legende van San Romedio uit Sanzeno speelt de beer een prominente rol. Voor de bergtoerist is er het Sentiero dell’orso, een wandelpad boven Madonna di Campiglio, het Casa dell’Orso, het museum van de beer in Spormaggiore en heel veel locale producten die de naam beer mee hebben gekregen, zoals de Sciroppo dell’orso, een siroop met honing en eucalyptus. Klimmers

Een spoor van beren

Niet alleen in Italië, maar ook in Frankrijk en Oostenrijk komen beren voor. Kijk op www.nkbv.nl/hoogtelijn voor alle wetenswaardigheden. Hier vind je ook informatie over een mogelijke schadevergoeding, mocht je schade hebben ondervonden door wilde dieren.

verspreidingsgebied beren in Europa

HOOGTELIJN 4-2012 |

51


Gedrag en omgangsregels De bruine beer, ‘Ursus arctos’, houdt van bossen, liefst met veel loof, en met name ook van rust en heel veel ruimte. Het zijn solisten. De vrouwtjes zijn relatief honkvast, maar de mannetjes zijn het liefst op pad en leggen daarbij grote afstanden af, op zoek naar vrouwtjes en voedsel. Soms steken ze zelfs hogere passen en sneeuwvelden en gletsjers over. De bruine beer is schuw, hij mijdt mensen. Hij heeft jou al heel snel in de gaten, want zijn reuk en gehoor zijn ontzettend scherp. In de wintermaanden houdt hij winterslaap in een kleine grot of hol. In de actieve maanden zoekt hij overdag een rustige plek om te luieren, en gaat hij in de avonduren, ’s nachts en ’s ochtends vroeg op pad. Als je onverhoopt een beer ontmoet, hanteer dan de volgende regels: • Toon respect, hou afstand, blijf kalm, ga niet schreeuwen of wilde bewegingen maken, of met stenen en stokken gooien. • Praat met rustige stem om de beer van jouw aanwezigheid op de hoogte te stellen, zodat hij niet schrikt. Let op, als de beer op zijn achterpoten gaat staan is dat geen teken van agressiviteit, maar een verkenning van de situatie. Een bruine beer kan niet zo heel goed zien en moet het vooral van zijn reuk en gehoor hebben. • Trek je langzaam en gecontroleerd terug, maar ga niet rennen. De bruine beer kan besluiten achter je aan te gaan en hij kan veel harder rennen over korte afstanden dan jij. • Laat de beer altijd een uitweg. Begeef je vooral niet tussen berin en jongen. Zie je een jong, dan is de moeder altijd heel nabij. Als een beer toch naar je toe komt, ga dan plat op de grond liggen met je handen in je nek, of met je knieën opgetrokken onder je. Je rugzak beschermt je rug. In principe zal een bruine beer je dan alleen besnuffelen en uiteindelijk als ongevaarlijk bestempelen. Beweeg je niet totdat hij zich uit de voeten heeft gemaakt.

kunnen zich uitleven in een lange rotsroute genaamd La Salsa dell’Orso op de Parete del Limaro (6b+/A2). Maar afgezien daarvan zijn de overheden gewoon verplicht om er alles aan te doen de bruine beer te behouden. De bruine beer is een beschermde diersoort in de provinciale, nationale en Europese wetgeving. Omdat de beer hoge eisen stelt aan de samenstelling en omvang van zijn leefomgeving, is zijn aanwezigheid tevens een maat voor een hoog niveau van ‘natuurlijkheid’ en ‘kwaliteit’ van het land. En je biedt meteen (letterlijk) ruimte aan heel veel andere wilde soorten, denk bijvoorbeeld aan wolf en lynx, die sinds kort ook hun kop laten zien in de Brenta. Een Italiaanse familie die bij toeval een beer ziet tijdens een avondwandeling op de Monte Baldo vertelt enorm gefascineerd te zijn, zo’n toevallige ontmoeting heeft emotionele waarde. De bruine beer heeft onbetwist charisma. En de bruine beer heeft het recht beschermd te worden, simpelweg omdat hij bestaat. Het hebben van wilde beren is iets om trots op te zijn, een teken dat de mens beseft dat het belangrijk is om samen te leven met de natuur. De beer staat daarom symbool in het logo van het natuurpark Adamello Brenta.

Een diepgewortelde angst Niet iedereen is het hiermee eens. Bij de start van het eerste Life Ursus project was 80% van de lokale bevolking voorstander, nu is dat draagvlak veel kleiner. Het natuurpark Adamello Brenta weet de precieze oorzaak hiervan niet, maar denkt dat het samenhangt met de frequentie van de schade die door beren wordt veroorzaakt. Bijna elke dag staan er inmiddels wel artikelen over de beer in de kranten, en vaak zijn dat geen berichten die gebaseerd zijn op feitenkennis maar op emoties. De afdruk van een berenpoot laat mensen roepen dat de situatie gevaarlijk is, terwijl niemand die beer daadwerkelijk gezien heeft. Er leeft nog veel angst, en die angst wordt keer op keer gevoed door de media. Voor je het weet heb je een heksenjacht, oké, berenjacht in dit geval.

52 |

HOOGTELIJN 4-2012


Een door een beer geplunderde kippenren of doodgebeten geit wordt zelfs door bepaalde politieke partijen aangegrepen om hun aanhang te vergroten. ‘Genoeg met Life Ursus!’, ‘Sluit alle beren op in een dierentuin’, ‘Maak de provincie opnieuw Free Ursus’. De Lega Nord en de Sudtiroler Volkspartei benadrukken dat de schadevergoedingsregeling weliswaar zaakschade door de beer voor 100% dekt, maar niet de psychologische schade. Wie voelt zich niet bedreigd in zijn bestaan, wie verliest niet zijn moraal als zijn levenswerk in één nacht verwoest wordt door een beer? Wie vergoedt het werk dat die persoon moet verzetten om alles weer opnieuw op te bouwen? Zelfs een illegaal van het internet gekopieerde foto van een Amerikaanse zwarte beer komt op misleidende wijze in de krantenkoppen terecht. Een Duitse krant concludeert naar aanleiding van de aanrijding van de beer met een trein in het Engadin dat er simpelweg voor beren in onze drukke wereld geen plek meer is. Feit is wel dat één negatief artikel in een grote krant alle investeringen in objectieve voorlichting teniet kan doen, wat de massamedia tot een nieuw soort bedreiging maakt voor het voortbestaan van de beer.

Nieuwe rol voor de beer Maar ondanks alle discussies, de bruine beer in Trentino is inmiddels een feit. Hij is niet goed, niet schattig, geen teddybeer, maar gewoon wild en als zodanig moet je hem respecteren en op afstand blijven. Hebben we als bergsporter iets te vrezen van de bruine beer? Nee, waarschijnlijk kom je hem helemaal nooit tegen. Maar je kunt wel over die beren fantaseren als je door het bos loopt. Gebruik je verbeelding, dat geeft ineens een andere dimensie aan de wandeling. Zoek naar pootafdrukken, haren, krabsporen op bomen. Laat het de bevolking weten als de beer jou fascineert en besteedt aandacht aan lokale cultuur en tradities. Op die manier

Maak kennis met de beer in Trento • Casa dell’Orso Spormaggiore, Via Alt Spaur 82, Spormaggiore. Het berenmuseum van het Parco Naturale Adamello Brenta. Net buiten Spormaggiore bevindt zich ook een klein wildpark, het Area Faunistica Orso Bruno, waar je bruine beren, maar ook lynx en wolf kunt zien. Geopend van 18 juni t/m 18 september. • Museo delle Scienze, Via Calepina 14, Trento (www.mtsn.tn.it). Het museum speelt een grote rol in de locale voorlichting over de beer, ook aan scholen. • Centro Fauna Alpina Castelle, Stradi ai Palazzi 31, Mattarello. Natuurpark van de jagers van Trentino, waar gevangen probleemberen naartoe worden overgeplaatst.

kunnen de beren nieuwe mogelijkheden creëren voor de plaatselijke economie en kunnen de inkomsten en goodwill vanuit het toerisme verdere bescherming van de beer en zijn leefgebied mogelijk maken. Is er werkelijk geen plek meer voor de beer in onze wereld? Wat heeft meer culturele waarde: een gezonde populatie wilde bruine beren of de bruine beer in de geschiedenisboeken en de dierentuin? Daar mag iedereen zelf zijn mening over vormen. En daarmee heeft de bruine beer in Trentino ook nog een nieuwe waarde gekregen: hij zet aan tot nadenken over onszelf en ons handelen in relatie tot de natuur. De provincie Trento gaat overigens alle onrust die dit voorjaar is ontstaan terugkoppelen met de Italiaanse en Europese overheid en vragen om bijstelling van het project. De bruine beer in Trentino is weliswaar een feit, maar zijn toekomst nog onzeker. Met dank aan de beerspecialisten van het Parco Naturale Adamello Brenta (www.pnab.it). HOOGTELIJN 4-2012 |

53


>>> en route ^^^ sportklimroute ^^

Mittagfluh (1790 m)

Enthousiast als we zijn, proppen we ons in het afgeladen autootje van Mario. Na die talloze avonden in de klimhal en veelal enkele touwlengtes in de Ardennen snakken we naar iets groters. De Mittagfluh in het Zwitserse Haslital is met zijn tien touwlengtes de komende dagen onze gastheer.

D

e touwgroepen zijn snel gevormd. Mario en Ellen doen samen een technische route met dubbeltouw, Jeroen en ik gaan met enkeltouw voor de populaire Südkante. Halverwege de middag zie ik de auto’s als speelgoedwagentjes door het dal rijden. We hebben er nu minstens 250 meter op zitten. De negende touwlengte is 4c gewaardeerd, net als één van de eerdere passages. Toch valt het zwaar. We hebben blijkbaar te vroeg een standplaats gemaakt. Daardoor is het touw maar net toereikend om bij het volgende relais te komen. Als we beiden op een akelig krappe richel staan om de laatste touwlengte te klimmen, kijk ik naar de zon. Ik schat in dat we nog maximaal drie uur direct zonlicht hebben. Daarna wordt het in rap tempo aardedonker. We kijken elkaar aan en het duurt niet lang voordat we ons gereed maken voor het abseilen. Morgen doen we een tweede poging.

54 |

Dit keer nemen we portofoons mee. ‘Dit is Genuss-kletterei’, zendt Mario via het afgesproken kanaal. Hij en Ellen doen nu ook de Südkante en hangen zo’n vijftig meter onder ons. De rots glinstert in de zon en steekt scherp af tegen de blauwe hemel. Ik denk kort terug hoe het wilde plan ontstond om juist begin oktober een grote wand te beklimmen in de Alpen. Wiens idee was het eigenlijk om voor een weekend op en neer naar Zwitserland te rijden? Hoewel mijn voorkeur uitgaat naar een ruimere planning, ben ik niet minder verheugd. We hadden geen betere berg kunnen uitkiezen. Het niveau past goed bij wat we kunnen. Daardoor genieten we maximaal van de multi-pitch ervaring. Als je net lekker bezig bent, hoef je hier niet terug naar beneden. Het is alsof de wand je aanmoedigt om door te gaan.

hoogtelijn 4-2012 | Tekst Constantijn Kaland | Foto’s Constantijn Kaland, Jeroen Jacobs en Mario Hermens


^^ en route ^^^ sportklimroute ^^^

Reis De Mittagfluh ligt in het Haslital in CentraalZwitserland, vlakbij het dorpje Guttannen. Met het openbaar vervoer reis je vanaf Utrecht in negen uur naar Meiringen, vanwaar je met de Postauto verder kunt naar Innertkirchen en Guttannen aan de weg naar de Grimselpas. Kijk voor de dienstregeling op www.bahn.com; tickets en meer info zijn verkrijgbaar bij de Treinreiswinkel: www.treinreiswinkel.nl. De dichtstbijzijnde parkeerplaatsen zijn ter hoogte van Tschingelmad te vinden. Vanaf daar begint de aanlooproute van ruim

een half uur. Deze leidt tot aan de voet van de wand, op zo’n 1400 meter hoogte.

Onderdak

In Innertkirchen zijn vier campings, diverse hotels en pensions. Kijk voor details op www.haslital.ch. Vanaf Innertkirchen ben je met de auto in een kwartiertje bij de parkeerplaats onderaan de Mittagfluh.

Wand

De totale lengte van de wand wordt overal aangegeven als 350 meter. Echter, de topkam loopt op, zodat de routes links op de wand lager uitkomen dan die rechts. Wie de Südkante klimt, moet rekening houden met geklauter op de topkam. Het is aan te bevelen dit stuk gezekerd te klimmen. De steensoort is gneis en maakt over de gehele lengte een solide indruk. Vallende stenen zijn een uitzondering.

loopt één overhangende route (maximaal 7a), de zuidflank telt vijf mildere routes. De moeilijkheidsgraad op de zuidflank varieert van maximaal 5a tot maximaal 5c+. Op mooie dagen kan het op de zuidflank druk zijn. Om je verstaanbaar te maken tussen roepende klimmers is het raadzaam om portofoons mee te nemen.

Materiaal

Naast het gebruikelijke materiaal heb je aan een enkel- of dubbeltouw en tien setjes voldoende. Voor een abseil langs de wand is dubbeltouw aan te bevelen. Dit scheelt veel tijd als je onverhoopt terug moet.

Behaking

Afdaling

Routes

Documentatie

In 2000 zijn de routes Südkante (max. 5a) en Am Ueli sis Chueli (max. 5b) opnieuw behaakt. Er zijn voldoende haken. Standplaatsen bestaan doorgaans uit een staalplaatje dat met twee schroeven in de rots geboord is. Daaraan zit meestal een permanente karabiner vast.

Grofweg is de Mittagfluh in twee klimbare flanken te verdelen. Op de westelijke flank

Als je op tijd boven bent, is het de moeite waard om via de Abstieg af te dalen. Het pad gaat door struikgewas en loopt steil af. Wanneer je vlak langs een beek komt, ben je bijna bij de eerste abseilhaak. Na vier abseillengtes sta je weer onderaan de zuidflank.

• Schweiz Plaisir West (pag. 253), Jürg von Känel, Filidor, 2004. HOOGTELIJN 4-2012 |

55


gemarkeerd ^^^ wandelroute ^^^ gemar

l a v i t s e f n kleure

Herfst in de Vogezen Een paar dagen de ontluikende herfst induiken. Rugzakje mee, tentje in de kofferbak en gaan; de Vogezen zijn vanaf Utrecht in zes uur rijden te bereiken, het is een gebied dat ieder seizoen onze bergwensen weer vervult. Bij het openslaan van een willekeurige wandelkaart van deze streek valt meteen de kleur groen op, hier gaan we de verkleurende herfstbossen op hun mooist ervaren.

W

e parkeren die ochtend de auto in Mittlach en stappen op de - met gele plusjes - gemarkeerde route in de richting van de Valleé du Langenwasen, alleen die naam al. Aan het eind van de vallei, nog steeds trouw de gele plusjes volgend, stijgen we naar een punt net ten zuiden van Le Schweisel, één van de vele toppen in het lint van ballons, Köpfe en cols die tezamen de Frans-Duitse taalgrens vormden en veelal nog vormen. We blijven ons verbazen over de oorspronkelijke Duitse namen met het Franse sausje van col, de la of bois du. Boven aangekomen pikken we de GR5 op, draaien we naar het noorden en volgen de eenvoudige graat, op sommige plaatsen wel twee voetbalvelden breed. Soms lopen we door het verkleurende bos, dan weer over open terrein waar we links en rechts onder ons het zomerse groen een ongelijk gevecht zien leveren met het rood, geel, bruin en oranje van de oprukkende herfst. Aangekomen bij Le Kastelberg kijken we elkaar aan: nog fit genoeg om een warme chocomel bovenop de Hohneck te doen, of wijselijk de graat verlaten en via een steile zigzagg de weg terug naar Mittlach aanvaarden?

56 |

hoogtelijn 4 -2012 | Tekst en foto’s Bram Munnichs


rkeerd ^^^ wandelroute ^^^ gemarkeerd

De Vogezen; vanuit Mittlach Reis

Vanaf Utrecht is het 600 kilometer tot de Col de la Schlucht, midden in de Vogezen.

Accommodatie

Diverse campings aan beide zijden van de bergkam en, als de herfst vroeg genoeg begint, berghutten, maar deze sluiten veelal aan het eind van het zomerseizoen.

Hohneck, met 1363 meter één van de hoogste toppen in de Vogezen.

Andere mooie wandelroutes in de buurt

Eenvoudige wandelroute over duidelijke paden. Routes zijn, zeker voor Franse begrippen, goed aangegeven.

De Vogezen zijn vergeven van de wandelroutes, in het zomerse hoogseizoen is het soms lastig een rustige route te vinden. Een populaire dagwandeling begint op de Col de la Schlucht en voert, via het Sentier des Roches, onder de klimrotsen van de Martinswand langs. Aan het eind hiervan klim je steil naar de topgraat en volgt deze eenvoudig terug naar de col.

Soort landschap

Documentatie

Zwaarte van de route

Afwisselend door bos en open veld.

Hoogteverschillen 800 meter stijgen en dalen.

Variant

Afhankelijk van conditie en zin, kun je de beschreven route verlengen tot aan de

Carte N 6/8 Colmar/Munster, van de serie ‘Carte au 1/50 000 éditée par la Féderation du CLUB VOSGIEN’, www.club-vosgien.com Rother Wanderführer, Bernhard Pollmann, Vogesen, Die schönsten Tal- und Höhenwanderungen 51 Touren. 5. Auflage 2009. De Nederlandstalige vertaling is al een poosje uitverkocht.

Rother Wanderbuch, Bernhard Pollman, Schwarzwald - Vogesen Wanderbuch. Bevat ietwat zwaardere tochten.

HOOGTELIJN 4 -2012 |

57


or t c a f e k j i l nse e m e d n e s ’ ico s i r t r o p s g r Be

VALKUILEN

IN DE BERGEN

De bergen zitten vol valkuilen. Hoe bepalen bergsporters hun houding tegenover gevaren en wat bepaalt hun beslissing bij het inschatten van risico’s? Hebben wij zelf valkuilen? Dit verhaal helpt je om het boeiende terrein van je eigen geest te verkennen.

Een groep van vijf vrienden maakt een ‘wilderness trek’ door de Djebel Akhdar (Groene Bergen) in Oman, zonder GPS en met een onduidelijke kaart. Het loopt tegen het einde van de dag, de schemer valt in. Het groepje kan kiezen tussen een snelle, korte route naar beneden door een steile puinhelling, of een langere route. De korte route is op de kaart slecht af te lezen: de hoogtelijnen zijn stippellijnen en er staan allerlei vage rotsachtige kloven ingetekend. De lange route lijkt wel op een pad, maar daarvan loopt een deel net buiten de kaart. Wat is wijsheid?

‘What you see is not what you get’ Dat er een onvoorspelbare kant zit aan de bergen en dat daaraan risico’s verbonden zijn, dat weten we wel. Ook al denken we bewust te reageren en beslissingen te nemen over risico’s en gevaar, in onze psyche schuilen onzichtbare en ongrijpbare mechanismen die ons ‘dirigeren’. Ze maken dat we de risico’s van de bergomgeving mogelijk anders waarnemen en interpreteren dan ze in werkelijkheid zijn. Iets wat je, paradoxaal genoeg, het liefst wil vermijden. Het lijkt een open deur, maar eerst moet je jezelf de volgende vraag stellen: waarom ben ik in de bergen? Wil ik gedachteloos eindeloos onderweg zijn en genieten van de omgeving of vooral topprestaties neerzetten? Wil ik sfeervolle momenten met dierbaren doormaken of vooral mijn touw- of GPS-technieken perfect uitvoeren? Dit verschilt natuurlijk per tocht/wandeling/ klim. Je motivatie om daar te zijn en je belangen van dat moment beïnvloeden je waarneming en besluitvorming. Dit verhaal helpt je om het boeiende terrein van je eigen geest te verkennen en je risicobewustzijn in de bergsport te vergroten. En weer voldaan en heelhuids in het dal terug te komen.

58 |

HOOGTELIJN 4-2012 | TEKST JOHN VAN GIELS EN OLIVIER BELLO | ILLUSTRATIES TOON HEZEMANS | FOTO’S MONIEK JANSSEN


Risicobewustzijn draait om het begrip ‘onzekerheid’ Vier onzekerheden Risicobewustzijn draait om het begrip ‘onzekerheid’. Daarvan zijn er globaal vier soorten, die allemaal hun eigen invloed hebben op je bergtocht/klim. 1. De statistische onzekerheid Alles dat je kunt vangen in metingen en berekeningen. Neem bijvoorbeeld de breukkans van een touw, of de nauwkeurigheid van GPS-coördinaten. We zijn geneigd om te vertrouwen op instrumenten en (meetbare) wetenschappelijke resultaten; deze onzekerheid is daarom gemakkelijk te hanteren. 2. De scenario-onzekerheid Alle risico’s in een complexere situatie vallen hieronder, zoals weersvoorspellingen en lawinekunde. Losse metingen schieten tekort, er wordt met modellen gewerkt, die ook nog eens geïnterpreteerd worden tot mogelijke scenario’s. Een voorbeeld hiervan is zekeren op firnhellingen waar je te maken hebt met een heleboel verschillende gegevens: consistentie van de sneeuw, gebruikte zekeringmethode, remkracht van de hand, gewicht en snelheid van een vallende klimgenoot, hellingshoek, wrijving van het oppervlak, sneeuwdek et cetera. Allemaal los van elkaar te meten, maar het geheel bepaalt het risico. Nog ingewikkelder wordt het bij de volgende categorie. 3. De bekende onwetendheid: ‘Ik weet dat ik het niet weet’ Dit speelt als we de aard van het gevaar kennen, maar ook weten dat het voorspellen ervan onmogelijk is: onder een sérac

doorlopen die in principe elk moment kan vallen, of kajakken langs een ijsberg die zomaar kan omrollen. Een ander voorbeeld is de kans op steenslag in een ijzig couloir: als de luchttemperatuur stijgt wordt de kans op losse stenen groter maar er valt geen (kans)berekening van te maken. Subjectiviteit - ofwel: neem je het risico, gaat het wel of niet goed - speelt dus een grote rol.

Psychologische veiligheidstips 1. Het helpt je om je eigen gebruiksaanwijzing te kennen en die te delen met je tochtgenoten. En die van hen te kennen. Ervaren wandelaars en klimmers herkennen hun eigen stress, angst of flow en die van anderen. Het valt te leren. Soms zien je vertrouwde bergmaatjes jouw spanning eerder dan jijzelf. Wissel dit uit en maak er gebruik van. 2. Blijf je bewust van je drijfveren en valkuilen; dat is het moeilijkste in situaties waarin je juist dit heldere bewustzijn nodig hebt. Je kunt een visuele reminder maken, een kleurig touwtje aan je pickel of telescoopstok bijvoorbeeld: even aan mijn valkuilen denken.

HOOGTELIJN 4-2012 |

59


elf en z e m n a v r e f f o t h os slac Ben ik een willo nee : s i d r o o w t n a t e en? H mijn beslissing 4. De onbekende onwetendheid ‘Ik weet NIET dat ik het niet weet’ Dit zijn de gebeurtenissen waar we ons geen voorstelling van kunnen maken en waarmee we dus in het geheel geen rekening houden: de Bonatti-route op de Drus die plotseling en geheel onverwacht instort in september 2011 *) of de aardbeving die op een gemakkelijk pad een wandelaar in Turkije treft. Het valt in de categorie: je weet niet wat je niet weet.

Operationele dilemma’s Het idee dat je alle risico’s objectief kunt bekijken is dus een illusie. Als je weet dat risico’s meestal subjectief zijn, begrijp je ook dat alle argumenten om risico’s wel of niet te nemen door iedereen verschillend ontvangen en beoordeeld worden.

Terug naar het voorbeeld. De groep trekkers door de Djebel Akhdar heeft te maken met ‘operationele dilemma’s’. Nemen ze de korte route met steile puinhelling of de veiligere lange route, met dat stuk buiten de kaart? Elk groepslid weegt dit dilemma op zijn of haar eigen manier. Van alles telt mee: ervaring, persoonlijke ethiek, individuele normen en waarden. Hierdoor is het overleg met elkaar lastig, omdat de subjectiviteit een nauwkeurige argumentatie belemmert. De tochtgenoten werken met zinnen als ‘het voelt wel/niet goed’, ‘ik heb het idee dat…’, enzovoort. In bijna elke bergtocht kom je dit soort cruciale keuzemomenten tegen.

60 |

HOOGTELIJN 4-2012

Het is goed om de risico’s te kunnen onderscheiden, maar het zegt nog steeds niet hoe jij bergrisico’s moet hanteren. Je kunt je heel klein voelen en onmachtig, of juist overdreven dapper doen of onvermoede krachten aanspreken. Je beslissingen gaan van rationeel (het protocol volgen) tot intuïtief (‘hoe voelt dit aan?’). Misschien heb je die verschillen wel eens waargenomen binnen een groep(je) waarmee je op stap was. Waar komt dat ogenschijnlijk grillige gedrag vandaan? Om daar achter te komen moet je verder graven, naar je innerlijke drijfveren. Zonder zweverig te worden: deze bepalen wat jij belangrijk vindt, waar je je (onbewust) op richt en hoe je geneigd bent besluiten te nemen. Ze zeggen iets over je ‘automatische piloot’ en hebben vaak een hoge voorspellende waarde in gedrag. Het is je ‘coping strategie’ met de buitenwereld. Iedereen heeft dit moeilijk doorbreekbare en grotendeels onbewuste patroon van gewoontes, gedragingen en (onbewuste) vuistregels. En die spelen allemaal mee als je op die berg staat.

‘Dode hoek’ Als het allemaal zo onbewust en automatisch gaat, ben ik dan een willoos slachtoffer van mezelf en mijn beslissingen? Het antwoord is: nee. We geven je een paar inzichten om je gedrag in de bergen - in ieder geval voor een deel - inzichtelijk en zelfs hanteerbaar te maken. Om te beginnen moet je je afvragen in welke situaties jij minder helder gaat denken. Het zijn de momenten waarop door angst of juist euforie het emotionele deel van de hersens ‘overprikkeld’ wordt. Op zo’n moment word


je dus een beetje… dommer en val je terug op je automatische piloot. Elk type bergsporter heeft bijbehorende drijfveren en motivaties. Ben je heel sociaal of wil je je graag onderscheiden? Zoek je avontuur of ben je meer een reisplanner? Houd je het liever aan de veilige, vertrouwde kant of gaat het meer om ‘de sterkste wint’? Wat past het beste bij jou, welk type mens ben jij? Meestal is het een mix! Bij elk van deze typen hoort een eigen onbewuste - manier van waarnemen, oordelen en handelen en… een eigen dode hoek. Ofwel: een valkuil. Het volgende voorbeeld illustreert dit.

De valkuilen Gerard is sociaal en vooral gericht op een goede sfeer en samenhang binnen zijn groep. Hij heeft een andere perceptie hij ziet en hoort de dingen letterlijk anders - en maakt dus andere keuzes dan Janine. Zij is in de eerste plaats gericht op prestatie en resultaat, en de persoonlijke erkenning die dat met zich mee brengt. Gerard denkt en handelt waarschijnlijk eerder volgens het ‘samen uit, samen thuis’-principe, terwijl voor Janine alleen de top telt, oftewel het ‘waar een wil is, is een weg’-principe. En Henk pakt de zaken, en ook de bergsport, planmatig aan: bij een laatste lawinecheck met het ‘stop-or-go’protocol calculeert hij een ‘go’ en vervolgens stopt hij met kijken naar de dikte van de lokaal ingewaaide sneeuw. Sonja ten slotte is de meest ongeduldige en daadkrachtige van het stel, van het type ‘niet lullen maar poetsen’. De sociale Gerard wil geen spelbreker zijn, zelfs als hij risicosignalen in de omgeving ziet. Hij is dan minder geneigd een teken te geven als de rest van de groep de indruk maakt op hun gemak te zijn. Janine gaat mogelijk te lang door en zal makkelijker collega-wandelaars/klimmers onderweg achterlaten, onder het motto ‘hadden ze maar harder moeten trainen of beter hun best moeten doen’. De optie ‘omkeren’ heeft zij niet echt voorhanden. En Henk, die een blind vertrouwen in de statistiek en het lawineprotocol heeft, stopt eerder met het waarnemen van relevante informatie tijdens de tocht als hij vooraf groen licht heeft gegeven. Sonja die de neiging heeft ongeduldig te zijn en impulsief te handelen, moet even tot tien tellen en bedenken wat de feiten zijn voordat zij tot actie overgaat.

Conclusie Iedere bergsporter (ieder mens) kan in de valkuil van zijn persoonlijkheid belanden. Het verklaart waarom het ene team als (on)geleid projectiel richting top gaat en zich steeds verder in de fuik van een aankomende ‘Wettersturz’ manoeuvreert, terwijl een ander team nooit op een top aankomt. In dat team is er altijd wel iemand minder fit - ziek, zwak of misselijk - en dan vindt het hele team het geen probleem om te keren. Met welk team voel jij de meeste verwantschap?

John van Giels (links) en Olivier Bello bij La Madonna delle Neve, Gran Paradiso.

De auteurs

Olivier Bello (1973) is alpien kliminstructeur bij de NKBV en voelt zich vooral aangetrokken door winterse sfeervolle ijscouloirs. Olivier werkt bij de Universiteit Wageningen waar hij onderzoek doet naar maatschappelijke transitieprocessen en risicomanagement. John van Giels (1961) is alpien toerskihoofdinstructeur en opleider bij de NKBV en met hart en ziel al jaren onderweg in bergen en poolgebieden. Hij is adviseur/sparringpartner voor directies en gespecialiseerd in de menselijke factor in risicomanagement en (strategische) besluitvorming. Dit artikel is bewerkt voor de Hoogtelijn door Moniek Janssen.

*) In 1997, 2003 en 2005 hadden al grote rotsinstortingen plaatsgevonden in de Drus. In september 2011 stort bij benadering 250.000m3 rots naar beneden, waarbij de beroemde Bonattipijler verdwijnt.

NKBV-BIJSCHOLI

NG

SDAG Op de bijscholings dag van de NKBV gaan John van Giels dieper in op risico en Olivier Bello management. He t thema van de da met onder andere g is ‘winterkriebels informatie over re ’, ddingstechnieken is er aandacht vo en pieps. Verder or de begeleiding va n kli mm en de voorbereidi ers, talentvolgsy stemen ng op het buitens eizoen. De bijscho zondag 4 novemb lingsdag is op er vanaf 9 uur in de Uithof, Den Haag . Meer in form atie: ww w.ka derd ag.n

l

HOOGTELIJN 4-2012 |

61


WAAROM KRIJG JE KORTING

IN BERGHUTTEN? Als je regelmatig in een berghut van een alpenclub overnacht, heb je je NKBV-lidmaatschap snel terugverdiend. Want als lid krijg je korting in die hutten. Maar waarom hebben Nederlanders eigenlijk recht op korting?

I

n berghutten die eigendom zijn van een alpenvereniging krijg je als NKBV-lid een fikse korting op de overnachtingsprijs. Dat is geregeld in het Tegenrecht, een overeenkomst tussen de huttenbezittende verenigingen in de Alpen en de Pyreneeën. Nederland en België hebben geen eigen hutten, maar betalen jaarlijks een groot bedrag aan het Tegenrecht. Hiermee wordt het

62 |

onderhoud van hutten en wandelpaden bekostigd. Behalve alpenverenigingen (of eigenlijk de afdelingen van zo’n vereniging) zijn er ook gemeenten en privépersonen die een berghut bezitten. In deze ‘privéhutten’ krijgt niemand korting.

Tocht plannen Als je een tocht plant, is het handig om te weten of je in een alpenclubhut of een privéhut overnacht. Niet alleen vanwege de korting, maar ook omdat bijna alle alpenclubhutten een winterruimte hebben waar je terecht kunt als de hut gesloten is en er geen huttenwaard is. Veel hutten openen vrij laat en sluiten al half september, terwijl je vaak tot half oktober fantastisch kunt wandelen en klimmen. Een winterruimte is iets anders dan een bivakhut. Een bivakhut bestaat meestal uit één ruimte met een keukenhoekje en

HOOGTELIJN 4-2012 | TEKST NOES LAUTIER | FOTO’S ROBERT ECKHARDT


De nieuwe Refuge de Vallonpierre.

e d’étape t î  g n e  e ; k e l  p n j i k op m ‘In de bergen ben i  niet’ l a a t o  t e  m t r e e s s e in het dal inter

Bivacco Chentre Bionaz (met de Nederlandse vlag!).

Huttenwaard Daniel Gimbert legt uit hoe de nieuwbouw van Refuge de Vallonpierre in 2000 en 2001 verliep.

een paar stapelbedden. Er komt nooit een huttenwaard, je moet er altijd voor jezelf zorgen. Bivaks staan hoog in de bergen en zijn vaak uitgangspunt voor een beklimming. Met uitzondering van Italië, want in dat eldorado van de bivacco’s vind je ook luxe bivakhutten op goed bereikbare plekken. Op de NKBV-site staan links naar de alpenverenigingen, die in totaal zo’n 1200 hutten en bivaks in bezit hebben.

Extra bijdrage Behalve de jaarlijkse bijdrage aan het Tegenrechtfonds steunt de NKBV om de paar jaar één bepaalde hut met een aparte bijdrage; dat geld komt uit het NKBV-Huttenondersteuningsfonds. Per jaar is dat maximaal €30.000,-. Hutten zijn een onmisbare schakel in de bergen en de vereniging vindt het belangrijk om er een extra inspanning voor te leveren. Natuurlijk wordt niet elke aanvraag

beloond met een geldbedrag. Er zijn geen vaste criteria, elk verzoek wordt apart beoordeeld. Wat altijd een rol speelt is de ligging, die aantrekkelijk moet zijn voor NKBV-leden. Een hut waar nooit Nederlanders komen, krijgt per definitie geen bijdrage. Verder wordt er naar het nut van de nieuwbouw of renovatie gekeken, of het financiële plaatje goed in elkaar zit en of er milieusparende maatregelen worden genomen. Uiteraard zijn er ook strategische belangen. Zo heet de Hollandiahütte in het Zwitserse Berner Oberland niet voor niets ‘Hollandiahütte’: de naam herinnert elke huttenbezoeker eraan dat de Nederlandse alpenvereniging diep in de buidel heeft getast voor deze strategisch gelegen hut. De laatste bijdrage was aan de renovatie van de toiletten. Geen overbodige luxe, want op de oude toiletten moest je het toiletpapier soms verzwaren met een steen om te zorgen dat het naar beneden viel en niet met een knal tegen het plafond ketste. Dat kwam doordat de toiletpot rechtstreeks op de bergwand loosde en die pot bij een beetje dalwind als een stormtrechter ging fungeren. hoogtelijn 4-2012 |

63


Het interieur van de nieuwe Refuge de Vallonpierre.

Nederlandse berghut Toen de NBV en de KNAV in 1998 fuseerden, was de NBV eigenaar van de Wangenitzseehütte (Lienz, Oostenrijk). De hut is nog jaren eigendom van de NKBV geweest. Jammer genoeg brengt de exploitatie van een berghut vanuit Nederland zo zijn eigen problemen met zich mee. De onderhoudskosten zijn enorm en Nederland ontvangt er - in tegenstelling tot de Alpenlanden geen overheidssubsidie voor. Daarom besloot de NKBV de hut te verkopen. In 2008 vond NKBV-voorzitter Frits Vrijlandt een nieuwe eigenaar: de kleine Sektion Lienz van de Österreischischer Alpenverein (OeAV). De hut moest een goede toekomst hebben

Tegenrecht Elk NKBV-lid draagt via de contributie bij aan het instandhouden van de infrastructuur in berggebieden, voornamelijk in de Alpen. Je helpt dus zonder het te beseffen mee aan het onderhoud van paden en hutten. Per lid van 18 jaar en ouder is de bijdrage ongeveer negen euro. De NKBV draagt jaarlijks € 40.000,- bij aan dit ‘Tegenrecht’. In ruil hiervoor ontvangen alle NKBV-leden korting op de overnachtingsprijs in alpenclubhutten. Het Tegenrecht is een overeenkomst tussen de huttenbezittende verenigingen in de Alpen en de Pyreneeën. In sommige landen zijn er behalve de nationale bergsportvereniging - zoals de Schweizer Alpen Club - ook nog lokale verenigingen. De Federazione Alpinistica Ticinese bijvoorbeeld, die sinds 2012 meedoet met het Tegenrecht en zo’n dertig berghutten bezit! Dat is gunstig, want het Zwitserse Ticino is een formidabel wandelgebied waar je van heel vroeg tot heel laat in het seizoen kunt wandelen. Het geld voor de overnachtingen wordt afgedragen aan de alpenvereniging. Meestal pacht een huttenwaard een hut en verdient zijn/haar geld met alle overige diensten, voornamelijk eten en drinken. De incidentele bijdrage aan de renovatie of nieuwbouw van één specifieke hut wordt gefinancierd vanuit het Huttenondersteuningsfonds.

64 |

HOOGTELIJN 4-2012

en daarom ondersteunt de NKBV hem nog tien jaar. De recentste bijdragen waren voor een UV-waterzuiveringsinstallatie en de vernieuwing van het terras. Niemand kan over het hoofd zien dat de hut ooit Nederlands bezit was, want de Nedelandse namen van de slaapzalen, de Nederlandse vlag en het portret van de koningin zijn gebleven. Evenals de gastvrije huttenwaardin Claudia.

Dak Refuge de Vallonpierre Dat de ligging van een hut een belangrijk criterium is voor steun van de NKBV, kwam Refuge de Vallonpierre goed van pas. De hut ligt op een sprookjesachtige plek aan een bergmeer in het Franse Parc National des Écrins. Het meer zit vol kikkers en ’s avonds en ’s morgens vroeg rennen er vaak gemzen heen en weer aan de overkant. De omgeving is tegelijk wild en lieflijk met zijn alpenrozen, rondgestrooide rotsblokken en de immense, 900 meter hoge rotswand van de Sirac (3440 m). In 1998 diende voorzitter Claude Bertrand van de afdeling Gap van de Club Alpin Français (CAF) een aanvraag in voor een bijdrage aan een nieuw gebouw, dat het veel te kleine hutje uit 1942 moest vervangen. Bertrand was dolblij met de € 60.000,- van de NKBV voor het dak van de hut. De oude Vallonpierrehut staat er nog steeds en wordt gebruikt als onderkomen voor het huttenpersoneel. Gek genoeg is het oude hutje de blikvanger als je vanaf de Col de Vallonpierre naar het meer afdaalt. De nieuwe hut gaat bijna volledig schuil achter grote rotsblokken. Maar dat er nu een hut staat die aan de moderne CAF-normen voldoet, is een zegen. In de oude hut is één groot dortoir, waar alle gasten hutjemutje naast elkaar lagen. De dortoirs in de nieuwe hut zijn lekker ruim en licht en je slaapt er met maximaal elf mensen onder superdekbedden in plaats van die vreselijke paardenharen kriebeldekens.

Delftsblauwe tegels Nederlanders hebben sinds 2001 een streepje voor in de Vallonpierrehut, ook bij de huidige huttenwaarden. In de gang hangt een


Hutten en bivaks

De NKBV heeft in de loop der jaren bijgedragen aan een rijtje berg- en bivakhutten. De grootste bijdragen gelden voor:

Zwitserland

• Hollandiahütte, Berner Oberland (www.hollandiahuette.ch) • Bietschhornhütte, Berner Oberland (www.aacb.ch/bietschhorn.php) • Arbenbiwak, Wallis (www.sac.zermatt.ch/arbenbiwak) • Mischabelhütte, Wallis (www.mischabelhütte.ch, wordt in 2012 gerenoveerd)

Frankrijk

• Refuge de Vallonpierre, Parc National des Écrins (www.vallonpierre.fr) • Cabane de Mont Pourri, Parc National de la Vanoise (www.refuge-mont-pourri.fr)

Italië

Op weg naar de top van de Becca di Luseney.

• Bivacco Amedeo Pansera, Valmalenco, Bernina-/Disgraziagebied (www.waltellina.com/valtellina_valchiavenna) • Bivacco Chentre Bionaz, Valpelline (www.montagneinvalledaosta.com)

Duitsland

• Meilerhütte, Wettersteingebirge (www.alpenverein-gapa.de)

Oostenrijk ingelijst document met de details van de Nederlandse bijdrage, en bij de inwijding van de nieuwe hut op 28 juli 2001 gaf de toenmalige NKBV-voorzitter Nico de Jong een tableau van Delftsblauwe tegels cadeau met de nieuwe hut erop. Huttenwaardin Myriam Besson bergt dat tableautje aan het eind van het seizoen altijd voorzichtig op en hangt het in juni weer aan de wand. Myriam is ruim vijfentwintig jaar huttenwaardin. Ze heeft verschillende hutten onder haar hoede gehad en zwaait al negen jaar de scepter in de Vallonpierre. Maar ze houdt het meeste van de hutten oude stijl, nog hoger in de bergen. Op mijn vraag waarom ze al zo lang een hut beheert, zegt ze bescheiden: “Ik hou van de bergen en ik vind het leuk om mensen alles uit te leggen over de klim- en wandelroutes. Sinds ik hier ben komen er steeds meer klimmers om een van de rotsroutes op de Sirac te doen. Ik heb bijna alle routes zelf geklommen en geef veel info. Dat is inmiddels bekend. De Vallonpierre is een drukke hut. Je kunt er eigenlijk niet omheen als je een van de GR’s hier loopt. Alleen jammer dat veel wandelaars en dagjesmensen geen idee hebben hoe het werkt in een hut en waarom. Ik leg het uit en de mensen luisteren beleefd, maar niets van wat ik zeg dringt tot hen door. Hier, in de bergen, ben ik op mijn plek. Een gîte d’étape in het dal interesseert me totaal niet.”

Geen tijd verliezen Huttenwaard Daniel Gimbert heeft indertijd de calculaties voor de nieuwbouwmaterialen gemaakt. “Ik had niet gedacht dat ik ooit huttenwaard zou worden en al helemaal niet van de Vallonpierrehut”, zegt Daniel als ik hem op het zonovergoten terras spreek. “Bij de bouw van een berghut komt heel wat kijken. Zo moeten de materialen liefst niet te zwaar zijn in verband met het dure helikoptertransport. Maar de duurzaamheid speelt ook een belangrijke rol, en alles moet direct bruikbaar zijn omdat het bouwseizoen kort is: van juni tot begin oktober. Er mag geen tijd verloren gaan met het op maat maken van bijvoorbeeld balken. De nieuwe hut is in harmonie met het oude gebouw ontworpen en dat is goed gelukt. Het oude hutje is gemaakt van stenen uit de omgeving. De nieuwe hut is een mix van hout en steen.”

Bivakhutten Bivakhutten hebben een magische aantrekkingskracht. Dat blijkt wel uit de voorstellen om zo’n eenzaam hutje te bouwen of te renoveren. Zo schonk de KNAV in 1977 - ter ere van haar 75-jarige bestaan - het Arbenbivak aan de afdeling Zermatt van de Schweizer

• Kaunergrathütte, Pitztal (www.kaunergrathuette.at) • Martin Buschhütte, Oetztaler Alpen (www.hotel-vent.at) • Muttekopf Hütte, Lechtaler Alpen (www.muttekopf.at)

Alpen Club. Sinds die tijd is er regelmatig een bijdrage geleverd aan het onderhoud van dit hoog boven Zermatt gelegen onderkomen, dat als uitgangspunt dient voor de beklimming van de Obergabelhorn. Afgelopen zomer was de NKBV dan ook vanzelfsprekend uitgenodigd voor het 35-jarig jubileum van het bivak. De Delftse Studentenalpenclub Yeti heeft in 2001 de armen uit de mouwen gestoken en niet alleen een goed plan gemaakt en geld ingezameld, maar de ingrijpende renovatie van Bivacco Amedeo Pansera in het Italiaanse Valmalenco (Bernina-Disgraziagebied) ook zelf uitgevoerd, financieel ondersteund door onder andere de NKBV. De recentste grote bijdrage aan een bivak was ook een privéinitiatief: beeldhouwer Arjen Bakermans was gegrepen door het Italiaanse Valpelline. Dáár, onderaan de Becca di Luseney, moest een bivak komen. Een juweeltje van hedendaagse architectuur, met modern bivakcomfort. Geduld is een schone zaak, zeker als je als Nederlander onderhandelt met Italianen, die doodgewoon anders denken en reageren dan wij. Maar die wel constructief meededen. Arjen richtte een stichting op en hád geduld. Het resultaat: Bivacco Chentre Bionaz. Een plek om de zon te zien ondergaan, om te mijmeren, maar ook om de Becca di Luseney te beklimmen, 3504 m hoog en een flinke, steenslaggevaarlijke kuitenbijter om met pickel, stijgijzers en klimtouw te lijf te gaan. Gemeentefunctionaris Carlo Chentre en voormalig burgemeester en berggids Ettore Bionaz uit Bionaz waren zó belangrijk voor de vallei, dat het bivak hun namen draagt. hoogtelijn 4-2012 |

65


en p l A   r e x u T   de   n i   n e l e d n wa Klim men en 

Paradijs voor luie alpinisten

We schrijven 17 juli 2012. Zittend in een duistere, druppende nevel hoor ik in de verte geluiden die ik ken van de toeristenmarkten in de Himalaya. Het zijn de geluiden van een klankschalensessie die gehouden wordt in het saunagedeelte van hotel Tuxerhof. Normaal gesproken ben ik niet zo van de wellness, zeker niet van de zweverige variant. Maar na een dagje buffelen op een verijsde rotsgraat en terwijl het buiten enthousiast hagelt, is dit Oostenrijkse stoombad toch wel lekker.

Om de losse rotsen onderin de graat te vermijden, klimmen we het eerste stuk nog over een steile gletsjer.

66 |

hoogtelijn 4-2012 | Tekst en foto’s Frank Husslage


V

olledig tegen een normale planning in begonnen we deze driedaagse toer met de hoogste top in de buurt, om daarna nog twee dagen te wandelen. Het weerbericht liet geen andere planning toe. Deze zomer was de Olperer (3476 m) nog niet beklommen vanwege het slechte weer. Vandaag hadden we de kans; vanaf morgen werd er onweer voorspeld. Dit zou me een nieuw record opleveren: binnen 24 uur vanaf mijn kantoorstoel naar de top van een dikke drieduizender. Lang leve de slaaptrein!

Van A tot Z verijsd Vanuit het Tuxer dal is het aangenaam klimmen en wandelen voor bergsporters die niet te veel hoogtemeters willen of kunnen maken op eigen kracht. Veel passen en zelfs een paar toppen zijn met de kabelbaan bereikbaar. Het was me nog niet eerder overkomen, dat ik voorafgaand aan de beklimming van een klassieke alpentop nog om zeven uur in het dal ontbeet. De liften van het zomerskigebied Gefrorene Wand brachten ons in rap tempo tot honderd meter van de instap. Peter en ik vormden een raar stel, met onze pickels en stijgijzers tussen de vele tientallen skiprofessionals die hier ’s zomers trainen. Waar zij vanuit de Wildlähnerscharte meteen retour dal gleden, bonden wij ons in voor de noordgraat. Later in de zon zou het een prachtige, klassieke ‘Himmelsleiter’ zijn, nu verborg hij zich in de mist. Het slechte weer van deze zomer had zijn tol geëist: de graat was van A tot Z verijsd. Walter Pause schrijft over deze graat in Klassische Alpengipfel: ‘… kombinierter Gratkletterei, die im Fels nicht über den II. Schwierigkeitsgrat hinausgeht. Bei Vereisung sofort schwierig und äußert heikel!’ Kortom, de geplande simpele wandeling ging een interessante klus worden.

Vanuit onze schaduwkant glinstert het ijs tegen de zon.

Een fotogeniek topkruis.

Weg met de ethiek Gelukkig vind ik rotsklimmen op stijgijzers leuk. Op de kleinste randjes blijf je nog moeiteloos staan, zonder dat je angst hoeft te hebben dat de rubberzolen van je bergklompen er vanaf glijden. Dat botte stijgijzers in hard ijs daarna waardeloos kunnen zijn, is soms weer wat minder. Om de losse rotsen onderin de graat te vermijden, klommen we het eerste stuk nog over een steile gletsjer. Na een dikke touwlengte mochten we het vaste graniet in. De wolk over de top was nu weg geblazen. Vanaf onze schaduwzijde schitterden boven ons de ijskristallen tegen de zon. De winter dwong ons af en toe van de graat af, soms in terrein wat echt geen tweedegraads te noemen was. Bij een overhang met een greeploos, glimmend laagje ijzel op het dak besloten we dat klimethiek vooral leuk is in droge, volgeboorde rotsen. Een goed geplaatste friend, met daaraan een bandlus om in te staan, bood de hoognodige veiligheid. Na nog een kruip-door-sluip-door passage was de top onmiskenbaar dichtbij. Een fotogeniek winters topkruis, met dik aangevroren ijs tegen een diepblauwe lucht, vormde de bekroning van een prachtige zomerdag.

Rotsklimmen op stijgijzers.

Blokkendoos voor reuzekinderen Het weerbericht klopte nauwkeurig. Onze Olperer-dag was de mooiste dag geweest. Peter is door slechte ervaringen net zo bang voor onweer als ik. Met de voorspelde middagdonder kozen we deze dag voor een wandeldag waarbij we snel zouden kunnen uitwijken naar veiliger oorden. Vanaf de lift bij het Spannagelhaus

De Friesenbergersee (met Friesenbergerhaus) en uitzicht op de Zillertaler hoofdkam.

hoogtelijn 4-2012 |

67


Myrull Jacket Warm, medium thick jacket in wool mix. Can also be used as a heat-insulating garment.

KALHOVD PANTS

SKARSTIND

Practical trousers with ventilation zips for an active outdoor lifestyle. Hybrid pants with waterproof, windproof and breathable material on exposed areas such as seat and legs.

Light and comfortable trekking pack with tensioned back panel for optimum ventilation.


hoogste Dit kopje heeft de die ik ken d i e h t h c i d n e n n a m n stee volgden we de goed gemarkeerde Weitwanderweg 526 naar de Friesenbergerscharte. Vanaf deze pas gaat de 526 langs een bekabelde route naar het Friesenbergerhaus. Het onweer liet nog op zich wachten, dus kozen wij voor een wat uitdagender traject. Een half uurtje spelen in een blokkendoos voor reuzenkinderen bracht ons bij de Petersköpfl (2677 m). Wie hier ooit in dichte mist meent steenmannen te kunnen volgen, is de klos. Dit kopje heeft de hoogste steenmannendichtheid die ik ken. Letterlijk honderden van deze bouwsels, soms metershoog, soms zeer creatief gebouwd, sieren dit topje.

Hoog boven de Petersköpfl uit rijst de Hoher Riffler (3228 m). In combinatie met een overnachting in het Friesenbergerhaus is dit een prachtige, goed gemarkeerde tour voor goede bergwandelaars die een drieduizender willen beklimmen. De top, met topkruis en -boek, biedt een volledig 360-graden panorama-uitzicht. Doordat de Hoher Riffler in korte tijd vanuit de hut te bereiken is, is het een mooi uitzichtspunt om de zonsopkomst of -ondergang over de omringende bergen te bekijken. Met name het uitzicht op de ijswanden van de Zillertaler hoofdkam is fenomenaal.

Tuxer Alpen

De Tuxer Alpen maken deel uit van de Zillertaler Alpen. We praten over westelijk Oostenrijk, tussen München en Tirol. Deze regio kent tal van drieduizenders met als bekendste toppen de Olperer en de Hoher Riffler. Het Tuxer dal is voornamelijk bekend als skigebied, met name ook het zomerskigebied aan het westelijke einde van het dal. Ook voor de zomeralpinist hebben het Tuxer dal en de directe omgeving erg veel te bieden. Er is een eindeloze hoeveelheid uitgezette wandelingen, met goede verbindingen door wandelbussen, treinen en skiliften.

Alpiene activiteiten Voor de rotsklimmers zijn er tientallen boulders, geboorde sportklimroutes vanaf twintig meter en alpiene rotsklimtuinen tot tweehonderd meter hoog. Dit alles gaat uiteindelijk over in mooie routes zoals over de noordkant van de Lärmstange (9 touwlengtes 4+, geboord) of door een van de moeilijkste routes die Jorg Verhoeven ooit klom: Irrfahrt der Jugend, UIAA: 7+/8- (VII+/VIII-), frei, 7+/8- obligatoire. Jorg Verhoeven stelt dat een intact zenuwstelsel en volledige beheersing van de 8e graad noodzakelijk zijn om deze psycho killer te bedwingen (kijk ook op www.nkbv.nl). Alpiene klimmers komen in alle moeilijkheidsgraden aan hun trekken op toppen als Olperer, Hoher Riffler, Großer Möseler, Hochfernerspitze en andere klassiekers. Steenslag als gevolg van de zich terugtrekkende permafrost maakt het steeds interessanter om buiten de heetste zomermaanden te klimmen. Ook voor alpiene sporten als mountainbiken, canyoning en

deltavliegen biedt het Tuxer dal meer dan voldoende aanbod in alle moeilijkheidsgraden.

Bereikbaarheid Het Tuxer dal is perfect bereikbaar met het openbaar vervoer. Met de City Nightline kun je rond halftien ’s avonds vanuit Arnhem vertrekken om de volgende ochtend net na tienen uitgerust ter plekke te zijn. Wie vroegtijdig bestelt, heeft bij de treinreiswinkel al voor € 58,- een normaal kaartje naar de Alpen (www.bahn.com/nl). Met de auto bedraagt de afstand vanaf Utrecht 970 kilometer.

Accommodatie Het hele Tuxer dal kent veel pensions en hotels. Campings zijn minder dik gezaaid, al biedt de camping in Mayrhofen een mooie uitvalsbasis aan het begin van het dal (www.alpenparadies.com/ camping_mayrhofen).

Documentatie • Alpenvereinskarte Zillertaler Alpen - Westliches blatt. Nr. 35/1, 1:25.000 - beslaat het grootste deel van het gebied en zeker de beschreven tochten. Voor gemarkeerde wandelingen bestaan de 1:50.000 wandelkaarten van Kompass. • Alpenvereinsführer Zillertaler Alpen, Heinrich & Walter Klier, Bergverlag Rudolf Rother, München. • Toeristische informatie: www.tux.at, www.tux-center.at, www.tuxerhof.at

HOOGTELIJN 4-2012 |

69


De stenen moeten stukgeslagen worden om een vrije doorgang voor de hulpdiensten te creëren.

n e m m i l k n a d , Eerst poetsen

KUISCORVEE DOOR

‘NE OLLANDER’ Voor ons zijn de Ardennen één grote speeltuin; na afloop gaan we voldaan naar huis en dat was het dan. Maar voor Vlamingen en Walen ligt dat anders. Elke rotsklimmende Belg leert dat je rotsen moet poetsen en koesteren. Bij de rotsklimcursussen van alle bij de Klim- en Bergsport Federatie (KBF) aangesloten klimclubs hoort een inwijding in de edele kunst van het klimgebiedonderhoud.

V

erwachtingsvol rammelt het klimmateriaal deze maartse zondagochtend in Pont à Lesse. Auto’s komen aanrijden, touwen worden uitgeladen. Wij, drie Vlamingen en ‘ne Hollander’ proberen er maar niet teveel op te letten. Want wij doen mee aan een ‘kuisdag’, dus kunnen we niet toegeven aan onze klimimpuls. De drie Vlamingen uit de buurt van Aalst - twee mannen en de dochter van een van hen - doen de cursus outdoor voorklimmen en op het programma staat vandaag het onderdeel rotskuisen.

70 |

HOOGTELIJN 4-2012 | TEKST EN FOTO’S MONIEK JANSSEN

Zeldzame orchideeën De opkomst is wat mager. “Normaal komen er wel tien of vijftien man op af ”, zegt Koen Hauchecorne van de KBF. Misschien heeft het buiige weer er iets mee te maken? De stemming lijdt er zeker niet onder, iedereen wil aan de slag. Maar eerst vertelt Koen over zaken als ecologisch rotsonderhoud, milieuvergunningen, padenaanleg, equiperen en het inventariseren van habitats. Dat lijkt taaie stof, maar het hele gezelschap(je) zit geboeid te luisteren in het chaletje op het terrein van het kasteel. Bijvoorbeeld naar het verhaal van Hotton; bij het aanvragen van een milieuvergunning in 2004 dreigde het klimmen er voor altijd verboden te worden. Nu heeft de KBF de hoofdrol bij het herstellen van de kalkgrasvelden bovenop de rotsen, een beschermd natuurgebied dat helemaal overwoekerd was. Dat betekent eindeloos struiken en bomen rooien om zeldzame planten (orchideeën!) terug te laten komen. Heeft dat nog iets met klimmen te maken? Ja, anders was het klimgebied dichtgegaan. Ook de stand van zaken rond rotsklimgebied Comblain-La-Tour, al jaren dicht, is bijzonder. Naast allerlei andere obstakels heeft de Waalse deelregering, die de nieuwe vergunning moet verlenen, bedacht dat de KBF eerst het ‘maatschappelijk nut’ van rotsklimmen maar eens moet aantonen…


Koen Hauchecorne van de KBF zaagt een boom om, waar traptreden van gemaakt worden.

en met e n e n e ien. Oef ndraa i k a ha

Zo breng je een haak aan: eerst een gat boren.

Zin in een klus?

sbalken in nieuwe dwar ar pa n ee In no time en. de trap zett

Een loze haak aanbrengen Na het hele wel en wee van de KBF-rotsen te hebben doorlopen gaan we aan de slag. Terwijl een enorme groep gasten van het hotel zich op het terras vermaakt met een workshop Thai Chi, of wat daarvoor door moet gaan, gaan wij met een grote boormachine naar de rotsen. Ik sta er met mijn neus bovenop als Koen van de KBF ter demonstratie een haak boort en inschroeft. Normaal gesproken is dit werk voor specialisten, maar als bonus - deze klus stond niet op het to-do lijstje - mag de jongste deelneemster zelf een ‘loze haak’ aanbrengen, één meter boven de grond. Valt nog niet mee, het vereist timing en precisie om het bijbehorende lijmpatroon te gebruiken. Leuk zo’n opkuisdag, want hoe vaak krijg je de kans een boom om te zagen (buiten je eigen tuin)? Met z’n tweeën vellen we een berk in het bos van Pont à Lesse. De boomstam is materiaal voor traptreden, want de trap vanaf de parkeerplaats naar de rotsen moet hersteld worden. De twee mannen uit het gezelschap zijn verbazend handig en snel, in no time zitten er een paar nieuwe dwarsbalken in de trap. Eén klus kunnen we afstrepen. Dan naar rots ‘Castel 1’, waar we een heleboel rotsblokken verbrijzelen met een voorhamer. De blokken liggen op het pad en moeten uit de weg, want de hulpdiensten kunnen er niet meer langs. Iedereen vermaakt zich met het geven van dreunen met de hamer op de rotsblokken. Als je dat verkeerd doet trekt een pijnscheut tot in je schouders… Ook deze klus is in een uurtje af, veel sneller dan was ingepland. Misschien omdat we steeds herinnerd worden aan gemiste klimfun door alle klimmers om ons heen? We zijn op tijd klaar om nog twee routes te verschalken, voordat het weer definitief verslechtert.

Wil je bijdragen aan het onderhoud van de Belgische rotsen door er één dag van je klimweekend aan te spenderen? Dat kan. Je doet dan vooral de nietspecialistische klussen zoals padenaanleg en opruimen. Specialisten van de bij de Vlaamse KBF en Waalse CAB aangesloten clubs houden zich bezig met zaken als inrichten en schoonhouden van klimroutes en controle van (loszittende) rots. Een greep uit de 91 klussen van de to-do lijst van de klimmassieven van de KBF: • Durnal: locatie uilennest afbakenen • Durnal: jaarlijkse trektest losse blok Concordia • Hotton: snoeien kalkweides • Hotton: repareren infobord • Paradou (Yvoir): kapafval bij tunnel opruimen • Paradou: 2e niveau, route 1, boom weghalen • Pont à Lesse: Castel 2, terras herstellen • Pont à Lesse: herstel pad hoogste wand Castel 2, na schoonmaken routes • Pont à Lesse: hutje onderaan massief 5 restaureren • Pont à Lesse: paden toegang massief schoonmaken en snoeien

Aanmelden

Als je je wilt aanmelden voor een van de ecologische ondersteuningsdagen - opkuisdagen - van de KBF, dan kun je contact opnemen met de NKBV via klimgebieden@nkbv.nl. Zet er vooral bij voor welke dag je je opgeeft. De KBF ecologische ondersteuningsdagen vinden in 2012 plaats op: • 2 september • 15 september • 22 september • 6 oktober Wanneer je in een CAB-gebied wilt helpen, kun je je ook aanmelden bij de NKBV. Om logistieke redenen geeft de CAB er de voorkeur aan dat de aanmelding per groep gebeurt (minimaal 4 personen). In overleg zal vervolgens gekeken worden waar je terecht kunt. Voor meer informatie over het onderhoud van de Belgische klimgebieden zie Hoogtelijn 4 van 2011.

HOOGTELIJN 4-2012 |

71


Klein istie, he?

Een klein matje met grote slaapeigenschappen, comfortabel en goed isolerend. Een typisch voorbeeld van een innovatief Exped product. Naast slaapmatjes maakt Exped tenten, slaapzakken en rugzakken voor de veeleisende gebruiker. Van grammenjager tot fietser, van bergbeklimmer tot avonturier, Exped levert het juiste materiaal. Op www.exped.com vind je al onze producten en demonstratie filmpjes.

De eigenschappen van de Synmat 7 UL M: Afmetingen 183 x 52 x 7 cm Gewicht: 460g, Packsack 9g Pakmaat: 24 x 9.5 cm Vulling: 60g/m2 Texpedloft Microfiber Isolatie: R-waarde 3,1 / -4 째C

WIJ Wij VERZETTEN verzetten BERGEN bergen VOOR u U voor ist in SpecialSpecialist ineringen k e z r e v t rgspor bebergsportverzekeringen W.A. HIENFELD B.V.

W.A. Hienfeld b.v.

Goud! Categorie Slaapzakken- en matten

Goud! Categorie Innovatie

De Lezersaward

Meer informatie: Jongejans Trading 0172-586280

Postbus 75133

1070 AC Amsterdam

Postbus 75133, 1070 AC Amsterdam T 0031 (0)20 - 5 469 469 Telefoon 0031(0)20 - 5 469 469 F 0031 (0)20 - 6 427 701 Telefax 0031(0)20 - 6 427 701 E info@hienfeld.nl

E-mail

info@hienfeld.nl

Voor informatie: Koninklijke NKBV te Woerden

Voor informatie: Koninklijke NKBV te Woerden.


STERKE VERHALEN iet?

n n e l a w d r e v s r rte Echte bergspo

Het lijkt erop dat we op een taboe zijn gestuit: verdwalen! Slechts een handvol verhalen, dat was de oogst van onze oproep om te komen met sterke verhalen over verdwalen. Schamen we ons ervoor om op dit punt ‘met de billen bloot te gaan’ of verdwalen echte bergsporters niet?

G

elukkig zijn er een paar dapperen die ons uitgebreid trakteren op hun dwalingen. Zoals Ron Bloksma, met een Schots winterverhaal. Hij aarzelt niet om toe te geven dat het volledig aan hem lag dat ze op de top van Ben Nevis in het donker noord en zuid door elkaar haalden en op die manier volledig verdwaalden. “We passeren de emergency shelter op de top, zonder die zelfs te zien vanwege de mist en de donkerte.” Na twee uur dwalen trekken ze de enige juiste conclusie: “Dit is niet de weg naar het wandelpad! Er is maar één optie: terug naar boven.” Tot zijn verrassing loopt Ron tegen het hutje aan en “om niet in een keten van fouten terecht te komen, verkiezen we om de nacht in de shelter door te brengen. En dat met nog één kop thee en een paar hardkeks.“

Helemaal niemand Voor wie nu denkt ‘had maar een GPSapparaat meegenomen, dan was dit nooit gebeurd’ volgt meteen het verhaal van Jelle van Kempen. Hij neemt ons mee naar het hoge noorden: “Zomer 2006 in Tromsø, Noorwegen. Het weer is zoals je het verwacht op 70 graden noord: koud en regenachtig. Als op een avond de zon doorbreekt vertrekken we richting Tromsdalstinden, met 1238 meter de hoogste berg in de omgeving. Aan het eind van het dal zetten we rond middernacht donker wordt het hier toch niet - onze tent op, aan de voet van de berg. Hier kwamen we voor: helemaal niemand!” Na dit goede begin doen ze iets slims: “We leggen de positie van de tent vast in de GPS en gaan naar boven.” Ze halen de top, maar de route die ze terug hadden gekozen “bleek een vergissing, de afdaling aan de andere kant is een stuk steiler en tamelijk rotsig. Terwijl we verder lopen komt de afsplitsing richting tent maar niet in beeld. Op een gegeven moment is de conclusie onvermijdelijk, we moeten hem gemist hebben!”

Het terrein is niet steil en de gedachte dat het pad niet (meer) bestaat komt niet in het hoofd op. “‘Als we nu recht die kant op lopen, kruisen we het pad vanzelf’, is mijn voorstel; dus dat doen we. En warempel, opeens doemt de tent op.” Dit loopt goed af, maar later horen ze dat de noord-oostkant van de Tromsdalstinden niet zomaar een beetje steil is, maar een echte afgrond die geregeld levens eist.

met de gekleurde linten aan de dunne takken. En ja, wat is een pad? Als je het wilt zien, is het er. Totdat we steeds grotere bogen moesten maken om de drassige plekken heen. Waarmee we de lintjes vaak uit het oog verloren. De kinderen, met laarzen, vonden het wel spannend. Wij ook, vooral toen we in een bosgebiedje terechtkwamen waardoor ver kijken er niet meer bij was en de natte stukken net zo irritant werden als de zwermen muggen en knutjes. Bij terugkeer bleken de lintjes de langlaufloipes te markeren, die ‘s winters moeiteloos over al die ‘sipje-sopje’-plekken heen gaan.”

Steeds meer drassige plekken Ook Reeg van de Kerkhof heeft een Scandinavisch verhaal. “Toen we nog niet wisten dat wandelen in de Noorse bergen en hoogvlakten écht anders is dan in de Alpen, zijn we een keer behoorlijk verdwaald. Met twee jonge kinderen op een route die ons globaal was aangewezen. Omdat er vaak nauwelijks plaatsen zijn om iets op te schilderen, waren we blij

geten? materiaal. Ru gza k vering met sterke verhalen gaat overje die ijsbijl ever rs of gebruik De laatste afl s n schoenvete aa ils se ? Laat het on ab Dus: maak jij mee te openen e re pu en at jes tom vooral om blik l telijn@nkbv.n og ho a weten vi

TEKST ICO KLOPPENBURG | ILLUSTRATIE TOON HEZEMANS | HOOGTELIJN 4-2012 |

73


Ben Briggs Alpine Mountaineer, Chamonix

YKK Aquaguard is a registered trademark of Yoshida Kogyo K.K.

BERGHAUS

and LIVE FOR ADVENTURE are regsitered trade marks of Berghaus Limited. GORE-TEX is a registered trade mark of W.L. Gore and Associates. © 2012 Berghaus Limited.

‘ My Daily Commute’

Antelao Jacket Using extensive feedback from mountaineers like Ben, we’ve created our most adaptable GORE-TEX® Pro jacket yet, the Antelao. This essential piece of kit will keep you protected all year round, whether your mountaineering, hiking or skiing. The jackets GORE-TEX® membrane is durably waterproof and windproof, while optimised breathability means you remain comfortable and dry. Features such as a fixed and fully adjustable mountain hood with peak, pitzips with YKK AquaGuard® and a detachable snow skirt will help keep you protected even in the harshest conditions – whatever your challenge.

Get the kit for your next adventure at www.berghaus.com

Engineered with

Exclusively available at Bever

FindFind usus at on:


r 2012 o o d t u O p o s d n e r t Nieuwe producten & Bij elke Outdoor krijg je een goede indruk wat hot is (en wat ‘not’) in de outdoorretail. Deze keer is de pure omvang van de beurs al een duidelijke aanwijzing: de outdoorbusiness bloeit als nooit tevoren. Zelfs mainstream sportmerken als Adidas zijn de markt ingestapt. Hoogtelijn nam een kijkje in Friedrichshafen, Duitsland en maakte voor Markt & Materiaal een selectie van nieuwe producten en trends, die vanaf de lente van 2013 de outdoorwinkels zullen vullen.

Ultralichte foam helm

Wandelen? Rennen!

Wie wil niet een helm die zo licht dat is je hem niet meer voelt op je hoofd? De Petzl Sirocco komt met 165 gram aardig in de buurt van die droomhelm. Door de magnetische sluiting, die met één hand te bedienen is, zet je hem ook nog eens snel op en af. Alleen verkrijgbaar in ‘intens oranje’. Dat is nog wel een puntje: de kleur is zo fel dat de helm bij veel camera’s op de foto vervormd raakt tot een rode vlek.

Trailrunning/mountainrunning beleeft zijn doorbraak. Steeds meer fabrikanten hebben een schoenenlijn of zelfs een complete productlijn die hierop is afgestemd.

L  I R E T A M & T K MAR

Rustig van het pad af met de Garmin Fenix

Fel, fluorescerend en unilook

Kompas, hoogtemeter én GPS; Voortaan kun je alle navigatiemiddelen raadplegen via de pols. De Garmin Fenix is het eerste volledig geïntegreerde outdoor GPS horloge dat het vertrouwen en de veiligheid levert die je nodig hebt om je doelen te bereiken. Volg de duidelijk zichtbare trackline of navigatiepijl, en je kunt rustig van het pad af.

Met één handbeweging een redding uitvoeren

Valt je klimpartner in een gletsjerspleet, dan heb je geen seconde te verliezen. Met de RescYou van Mammut kun je op een betrekkelijk soepele en weinig krachtrovende manier een redding uitvoeren. Deze set (circa 500 gram) bestaat uit twee geïntegreerde stijgklemmen/katrollen met een zesvoudige katrol. Eenvoudig om aan de gordel te hangen, zodat je met één handbeweging alles paraat hebt om in actie te komen. Ook geschikt voor een zelfredding.

Outdoorliefhebbers zie je komend seizoen al van verre aankomen. Aardetinten zijn definitief passé, fel gekleurd en fluorescerend moet het zijn. Maar dan wel ‘unilook’, met kledingstukken en schoenen in één kleur (van veter tot zool en stiksel), want je wilt het ook weer niet overdrijven. Is het mooi? Kijk naar deze serie van Haglöfs en oordeel zelf.

Zorgeloos slapen

Een opluchting voor de kampeerder die een fobie heeft voor kruipende beestjes. Zodra je op de Therm-a-Rest LuxuryLite Cot ligt, kun je rustig slapen. Door de ingenieuze constructie met aluminium stokken zweef je iets boven de grond. Een veldbed dat ook mee kan in de rugzak, want hij is maar 900 gram zwaar. Een andere leuke vondst van Therm-a-Rest (in miniformaat) is de Neo Air Mini Pump. Een elektrisch pompje om de Neo Air matjes (en andere matjes) mee op te blazen. Werkt op twee AAA batterijen en is niet groter dan een fotorolletje. TEKST MET MEDEWERKING VAN HARALD SWEN | HOOGTELIJN 4-2012 |

75


st e r e v E e d n Dromen va

DE AANVAL VAN

MALLORY In zijn boek ‘Mallory’ legt de Canadees Wade Davis op superieure wijze verbanden tussen de soldaten uit de Eerste Wereldoorlog en de alpinisten die proberen de Everest te beklimmen. Veel klimmersvrienden van George Mallory hadden gevochten in de oorlog. Dat kon moeilijk anders.

D

e Eerste Wereldoorlog woedt: in de loopgraven van Noord-Frankrijk vinden vele tienduizenden de dood. Eén citaat voldoet om de verschrikkingen van deze hel uit te drukken, die de strijd is tussen de Britse en Duitse linies. Aan het front in de glooiende streek van de zuidwestelijke hoek van Vlaanderen en de noordwestelijke streken van Frankrijk, rondom de Somme, sidderde de grond door de laarzen heen van de manschappen. ‘Het leek wel of je hele lichaam een krankzinnige, macabere dans uitvoerde. Ik had het idee dat ik met mijn hand een dicht plafond van geluid kon aanraken. het leek wel iets tastbaars,’ aldus het ooggetuigenverslag van een Canadese soldaat aan Britse zijde. De beschietingen groeiden aan tot een onafgebroken crescendo, een orkaan van doordringend gekrijs die boven de hele lengte van het front hing. Dit was nieuw in de geschiedenis

van de oorlog. Het is juni 1914. Twee jaar later woedt de oorlog in de loopgraven nog altijd. Duitse soldaten zetten machinegeweren in. Nog een citaat: ‘Het machinegeweer is de geconcentreerde essentie van de oorlog. De soldaten die het wapen bedienden, hoefden het niet eens te richten of af te vuren. Ze voerden domweg munitiegordels in het staartstuk, hielden het koelwaterpeil in de gaten en draaiden de loop met exacte klikjes van vijf centimeter over het schootsveld. (-) Het wapen mechaniseerde de dood.’

De ‘architectuur’ van de berg lezen Deze passages en nog vele bladzijden meer over de tragische strijd aan de Somme staan in het boek ‘Mallory. De Eerste Wereldoorlog en de verovering van de Mount Everest’ door de Canadese schrijver en bergbeklimmer Wade Davis (1953). De vraag die zich meteen bij de lezers aandient, is: wat hebben deze uitputtende beschrijvingen over WO I te maken met de poging van de fameuze klimmer George Mallory en zijn kameraad Andrew (Sandy) Irvine de Mount Everest te beklimmen? Mallory was deelnemer aan enkele Britse expedities, onder meer in de jaren 1921, 1922, 1924. Mallory werd geboren op 18 juni 1886

Mallory. De Eerste Wereldoorlog en de verovering van de Mount Everest. Oorspronkelijke titel: Into the Silence: The Great War, Mallory and the Conquest of the Everest. Wade Davis. De Bezige Bij. ISBN: 978-90-234-6553-9. Prijs € 34,90.

76 |

HOOGTELIJN 4-2012 | TEKST KESTER FRERIKS

in Engeland. In zijn jeugd beklom hij tal van toppen in Groot-Brittannië en de Alpen. Het viel toen al op dat hij een begenadigd klimmer was. Hij bewoog zich soepel, atletisch en bestudeerde urenlang de opbouw, door hem ‘architectuur’ genoemd, van een berg voordat hij naar boven ging. Hij zocht toegangswegen, mogelijkheden tot traverseren, plaatsen waar de aanval op de bergtop ingezet konden worden. Afgezien van een groot klimmer was hij een van de eersten die de architectuur van een berg kon lezen en analyseren. Mallory’s beroemdste uitspraak over de noodzaak tot beklimming van de Everest is tegelijk de beroemdste uit de historie van het bergbeklimmen: ‘Because it’s there.’ Dat was in 1923 voor een verhaal in The New York Times. Op dat ogenblik bereidde Mallory zich voor op een topbeklimming van de Mount Everest. Wat verklaart de intense fascinatie van het Britse imperium om de verovering van de hoogste berg ter wereld te kunnen opeisen? In de visie van Wade heeft dit alles met de tragedie van de Eerste Wereldoorlog te maken. In grimmige, meeslepende passages schetst Wade de tragedie van de Britse soldaten. Ieder van de overlevenden heeft de brute en wrede vernietiging meegemaakt van honderden, zo niet duizenden vrienden en medestrijders. Geen wonder dat, na de oorlog, het verlangen naar de zuiverheid van de alpiene wereld en de majestueuze, vooral ongerepte wereld van de bergen een grote fascinatie op de Britse klimmers uitoefende. Daarbij komt dat de jarenlange nabijheid van de dood de Britse klimmers min of meer immuun maakte voor die dood. Ze hadden er jaren mee geleefd.

Elke stap reconstrueren Wade heeft een fraaie, ritmische structuur aan zijn boek gegeven: in afwisselende hoofdstukken schetst hij de verschrikkingen van de Eerste Wereldoorlog en de pure dromen van klimmers als Mallory. Dat Mallory graag het woord ‘aanval’


Niet bang voor de do od

Nuptse (7800 m), Mount Everest (8848 m) en Lhotse (8516 m), van links naar rechts, in november 2011 gefotografeerd vanaf de Kala Patar (5600 m) door Marianne van Grieken-Bär.

gebruikt, is tekenend voor zijn opvatting over de berg. Ook Mallory was nauw betrokken bij de gevechten aan de Somme. Wade slaagt erin de laatste, fatale beklimming van juni, juli en augustus 1924 door de expeditie onder leiding van Mallory gedetailleerd weer te geven. Bijna elke stap die de Britse expeditieleden zetten op de heilige grond en de nog heiligere flanken van de Everest weet Wade te reconstrueren. Mallory had diep ontzag voor de Everest. Vergeleken met de massieve vorm van de Everest waren de bergen in de Alpen met hun sierlijke toppen suikerwerk. ‘Het was onmogelijk om lang te kijken zonder te huiveren. Van top tot teen stond deze graat bloot aan de volle razernij van een storm uit het noordwesten,’ schrijft hij in een brief. Ondanks de woestheid en de ongenaakbaarheid van de berg besluiten Mallory en Irvine een toppoging te wagen. Het is zondagochtend 8 juni. Diezelfde dag om tien minuten voor één vangt expeditielid Neill Odell een glimp op van de twee mannen op de noordcol. Ze bevinden zich ongeveer 275 meter onder de top. Dan komen er wolken opzetten, de donkere schimmen verdwijnen en nooit is meer iets

vernomen van de beide klimmers. Het was het hoogste punt ooit door mensen bereikt.

Twee werelden verbinden

heeft Wade één verklaring voor de moed van Mallory en de zijnen: ze waren eenvoudigweg niet bang voor de dood. Ze wilden hun dromen verwezenlijken, tegen elke prijs.

Op voorbeeldige wijze wikkelt Wade het verhaal af: het noodgedwongen inzicht dat beide klimmers De auteur zijn omgekomen. De vraag die toen opgeld deed Kester Freriks is auteur van romans en en nog steeds door de klimmerswereld zoemt: zijn natuurboeken. Zijn natuurboek ‘Verborgen Mallory en Irvine op de heenweg of de terugtocht wildernis. Ruige natuur en kaarten in omgekomen? Met andere woorden: hebben ze wel Nederland’ is mede geïnspireerd op ‘De of niet de top behaald? In het slotakkoord van het laatste wildernis’ van Robert Macfarlane boek memoreert Wade de vondst van Mallory’s (zie Recensies). Hij is bergliefhebber en bevroren lichaam in 1999, 75 jaar na de fatale verbonden aan NRC Handelsblad. tocht. Er leefde gespannen hoop dat zich in zijn kleding een pocketcamera zou bevinden. Films zouden nog te ontwikkelen zijn, maar helaas, niets kon bewijzen dat Mallory en Irvine de top hebben gehaald. Er werd geen camera gevonden. Dat raadsel zal Interne altijd blijven. Mallory is een t Kijk voor meer rec overweldigend boek: nooit eerder ensies & www.hoo signalem gtelijn.n werden twee zozeer verschillende enten op l. Klik op d 4/2012 e e cover v n kies Re werelden als de verstikkende an Hoog censies e telijn n Signale modderwereld van de Grote Oorlog en menten. de immense uitdaging van de Everest met elkaar verbonden. Uiteindelijk HOOGTELIJN 4-2012 |

77


BEYOND POWER ..………….. INTELLIGENCE BEYOND POWERINTELLIGENCE ..………….. INTELLIG BEYOND POWER ..………….. BEYOND POWER ..………….. INTELLIGENCE BEYOND POWER ..………….. INTELLIGENCE

BEYOND POWER ..………….. INTELLIGENCE

Check out the revolutionary NAO rechargeable headlamp with REACTIVE LIGHTING technology on www.petzl.com/en/outdoor/headlamp/nao/video Check NAO out the revolutionary NAO rechargeable headlamp with RE Check out the revolutionary rechargeable headlamp with REACTIVE technology on www.petzl.com/en/outdoor/headlamp/na LIGHTING technologyLIGHTING on www.petzl.com/en/outdoor/headlamp/nao/video Check out the revolutionary NAO headlamp with with REACTIVE Check out therechargeable revolutionary NAO rechargeable headlamp REACTIVE technology on www.petzl.com/en/outdoor/headlamp/nao/video LIGHTING technology onLIGHTING www.petzl.com/en/outdoor/headlamp/nao/video Available Check outJuly the 2012 revolutionary NAO rechargeable headlamp with REACTIVE LIGHTING technology on www.petzl.com/en/outdoor/headlamp/nao/video AvailableJuly July 2012 2012 Available July 2012 Available Available July 2012 Available July 2012


>>> Recensies ^^^ signalementen ^^^

Italiaanse rust en ruimte Prachtig loflied

Boek X

Wie op zoek is naar zon, rust en ruimte komt in de Apennijnen goed aan zijn trekken. Hoewel sommige gebieden (met name Cinque Terre) rustig populair genoemd kunnen worden, is een groot deel van de Apennijnen relatief onbekend gebleven. Henk Filippo heeft nu een 50-tal bergwandelingen bijeengebracht in ‘Wandelen in de Apennijnen’. De wandelingen zijn gegroepeerd in een 9-tal geografische gebieden. Van de Cinque Terre in het noorden naar het parco d’Abruzzo in het zuiden (het zuidelijke deel van de Apennijnen komt dus niet aan bod in deze gids). In wezen zijn er twee gebieden die uitgelicht worden: het noordelijke en middendeel met de hoogste toppen van de Apennijnen. De geringere belangstelling voor bergwandelen in deze regio vertaalt zich op verschillende manieren zoals minder onderhoud aan (historische) paden en de geringere kwaliteit van wandelkaarten. Een gids als deze is dus van groot belang om de weg te kunnen vinden. Maar tijdens het wandelen is in dit gebied daarnaast een topografische kaart een must (‘aanraden om mee te nemen’ zoals de auteur doet is zwak uitgedrukt). Zowel de markeringen als de kaarten zijn niet altijd te vertrouwen en minder van kwaliteit dan in het noorden van Italië. Gelukkig heeft de auteur de beste opties aangegeven bij de verschillende beschreven wandeltochten. Jammer is dat de overzichtskaartjes bij de wandelingen (te) globaal zijn en niet veel steun zullen bieden tijdens het wandelen. Al met al een geschikte begeleider bij het maken van bergwandelingen in de Apennijnen. Naast een kaart. Zie ook elders in deze Hoogtelijn. [Pieter Dirksz]

In zijn nieuwste reisboek ‘De oude wegen’ volgt de Britse reis- en natuurschrijver Robert Macfarlane eeuwenoude voetpaden die kriskras over de continenten lopen. In Engeland volgt hij vermaarde wandelpaden als de Broomway en de Ridgeway, allemaal betrekkelijk horizontaal. Om de sensatie van bergen te ervaren, van het ‘verticale wandelen’, beklimt hij in West-Tibet de heilige berg Mount Kailash. Macfarlane is auteur van het eerder verschenen ‘Hoogtekoorts’ (2003). Het hoofdstuk over de Mount Kailash heet toepasselijk ‘IJs’. Prachtig en meeslepend beschrijft Macfarlane een van de meest extreme vormen van voortbewegen die er bestaan, namelijk het ‘buigen, knielen, gezicht naar de aarde keren, bidden, opstaan, buigen, knielen...’ van de pelgrims. De Mount Kailash is een van de heiligste bergen van de boeddhisten, waaraan bovendien de rivieren Ganges, Indus en Brahmapoetra ontspringen. De berg is 6 718 meter hoog. Macfarlane en zijn gids volgen een van de hoogste passen, de Drölma-pas op ruim vijf kilometer hoogte. Hoe spectaculair de bergwanden ook zijn, en hoe uitnodigend voor een hartstochtelijk klimmer als Macfarlane, ditmaal zoekt en vindt hij oude paden tussen de keien en het puin. Prachtig beschrijft hij de op elkaar gestapelde stenen en de heilige ‘chörtens’ die de paden markeren. Ook hoger op de berg, in de eeuwige sneeuw en ijs, speurt hij naar voetsporen van pelgrims die hem voorgingen. De oude wegen is een prachtig loflied op de vele sporen die mensen door het landschap trekken. [Kester Freriks]

Kurt Diemberger is een levende legende uit de klimhistorie van de tweede helft van de twintigste eeuw. Samen met Hermann Buhl is hij de enige die ooit twee achtduizenders als eerste beklom. Hij was er getuige van hoe Buhl dodelijk verongelukte op Broad Peak. Daarnaast heeft hij nog een hele rits andere achtduizenders beklommen en op alle grote wanden van de Alpen zijn sporen achtergelaten. Ook heeft hij routes geopend op bergen overal ter wereld, met name in de Karakoram, maar ook in Scandinavië. Dat waren vaak niet de eerste de beste toppen. Zo staat de eerstbeklimming van de 7501 meter hoge Shartse, een top in de Everestkam, op zijn naam. In de bergen was hij niet alleen onderweg als bergbeklimmer, maar in de loop van zijn carrière werd hij steeds meer actief als cameraman. Hij werkte daarbij samen met Julie Tulis, totdat die het leven verloor in een storm op de K2. Op deze wijze is het leven van Diemberger een aaneenschakeling van grote bergsportavonturen, zoals ze nu vaak niet meer mogelijk zijn. Deze uitgave geeft een overzicht van dit leven. Maar te vaak naar mijn zin staat er ‘zoals ik al beschreven heb in mijn boek X’. Diemberger heeft in zijn leven niet alleen mooie films gemaakt, maar ook al veel boeken geschreven. Hoe mooi het boek ook gedrukt is, voor mij heeft het geen meerwaarde naast de andere boeken van Diembergers hand. De enige functie die deze uitgave in mijn ogen heeft, is die van eerste kennismaking voor iemand die nog nooit iets van Diemberger gelezen of gezien heeft. [Frank Husslage]

Wandelen in de Apennijnen

De oude wegen (The Old Ways. A Journey on Foot).

Unterwegs zwischen Null und Achttausend

Henk Filippo Dominicus Gottmer/Becht, 2012 ISBN 9789025749446 Prijs € 19,95

Robert Macfarlane De Bezige Bij, 2012 ISBN 9789023473138, Prijs ca. € 23,90

Kurt Diemberger AS Verlag, 2012 ISBN 9783909111923 Prijs ca. € 47,95

TEKST ONDER REDACTIE VAN PIETER DIRKSZ | HOOGTELIJN 4-2012 |

79


I LOVE NATURE

I love Performance

Men’s Aletsch Jacket

Nevis 25

Green Shape is het kwaliteitslabel van VAUDE voor producten die milieuvriendelijk geproduceerd worden. VAUDE’s eisen aan deze productie zijn de strengste in de outdoor-industrie. VAUDE is partner van WWF Duitsland. 1% van alle inkomsten van de ecologische producten komen ten goede aan WWF voor de bescherming van de natuur. www.vaude.com

W12_MS_Skitour_NKBV_Hoogtelijn_210x135_NL.indd 1

13.08.2012 11:31:12

TINGRI

Zeer comfortabele wandelschoenen uit origineel Tibetaans Yak-leer

Geen enkele schoen is beter geschikt om zowel genoeglijk als stijlvol te wandelen. De Tingri en de Lhasa bieden naast een fantastisch loopcomfort dankzij de comfortabele trekkingleest en flexibele zool, een uniek uiterlijk. Voor beide modellen gebruikt Hanwag Tibetaans- en slechts zeer gelimiteerd verkrijgbaar Yak leer van de Leerfabriek uit Lhasa. Dit leer is zowel robuust als buitengewoon soepel. Evenals alle andere modellen uit onze Yak serie zijn ook de modellen Tingri en Lhasa gevoerd met 100% chroomvrij gelooid leer en zijn dus beslist allergeen vrij. Bovendien maakt de natuurlijke tekening door de nerven in het leer, iedere schoen tot een uniek exemplaar. Chroomvrij leer 100% chroomvrije binnenvoering, bevat geen allergenen

Deep-Pull-Lacing Zorgt voor een goede hielfixatie.

Air-Pulse System Een uitstekende ventilatie en dus een goed voetklimaat.

Yak leer Robuust en soepel

info@hanwag.nl | www.hanwag.nl

Vibram Zeer slijtvaste Vibram profielzool.

Light weight Bijzonder lichte schacht- en zoolconstructie.

Shock Absorb Extra demping bij de hak die zorgt vooreen betere vering.


Interne

>>> Recensies ^^^ signalementen ^^^ t

Kijk voor meer Rec ensies & www.hoo Signalem gtelijn.n enten op l. Klik op 4/2012 e de cover n kies Re van Hoog censies & telijn Signalem enten.

Karwendel

Alpine Klettersteige Ostalpen

Siegfried Garnweidner, Rother, 2012, ISBN 9783850266253 Een aanstekelijk werkende, overzichtelijke wandelgids met 36 tochten. Enkele tochten vallen wel fors uit (10 uur). Je kunt er zo mee op pad gezien de gedetailleerde kaarten.

Mark Zahel, Rother, 2012, ISBN 9783763330669 In deze gids worden 70 klettersteigtochten gelegen in de Oost-Alpen voorgesteld. Mark Zahel beperkt zich tot een beschrijving. Behulpzame topo’s zoals die wel in andere klettersteiggidsen worden opgenomen, ontbreken.

Karnischer Höhenweg

Dónde Escalar en Espana

Evamaria Wecker, Rother, 2012, ISBN 9783763344048 De Karnischer Höhenweg is uitgegroeid tot een klassieker. Deze gids doet daar volledig recht aan. Naast de hoofdroute worden ook alternatieven beschreven.

Diverse auteurs, Ediciones Desnivel, 2012, ISBN 9788498292442 Een overzichtswerk met 900 Spaanse klimgebieden (zonas). Gezien het aantal gebieden is de informatie relatief beperkt en in het Spaans! De routes zijn op foto’s aangegeven.

Nederland

Eenzame uren

Pieter-Paul van Laake, Elmar, 2012, ISBN 9789038921310 In deze oorspronkelijk voor de Duitse markt bedoelde gids worden 52 wandelingen kriskras door Nederland gepresenteerd. Voor wie dichtbij huis een oefentocht wil maken (of gewoon lekker wil wandelen).

Jolanda Linschooten, Karakter uitgevers, 2012, ISBN 9789045201245 In dit boek verhaalt Jolanda Linschooten over haar ervaringen opgedaan tijdens het ultralopen. Wat is het motief om zulke lange afstanden te gaan hardlopen? Neem de Ultratrail du Mont Blanc: 120 kilometer en 7000 hoogtemeters voor de kiezen (Linschooten deed bijna 21 uur over deze ultraloop).

Wanderparadies Dachstein-Tauern

Chamonix

Herbert Raffalt, Styria, 2011, ISBN 9783701200641 De auteur heeft 72 tochten geselecteerd in dit populaire gebied. De tochten zijn uiteenlopend van moeilijkheidsgraad, van familietochten tot de meer serieuzere bergwandeltochten.

Hilary Sharp, Cicerone, 2012, ISBN 9781852846633 Deze gids is bedoeld voor mensen die in hun vakantie meerdere sporten willen bedrijven. De activiteiten variëren van alpinisme (rotsklimmen en bergwandelen) tot fietsen op de weg.

Klettersteigführer Schweiz

Plaisir West Schweiz

Dieter Wissekal - Andreas Jentzsch - Axel Jentzsch Rabl, Alpinverlag Jentzsch-Rabl, 2012, ISBN 9783902656100 Een informatief maar ook kloek boek over klettersteigen in Zwitserland. Om gewicht te besparen kun je de tochten printen of op een smartphone laden (DVD meegeleverd). De beschrijvingen en topo’s zien er degelijk uit.

Andreas Mürner, Edition Filidor, 2012, ISBN 9783906087399 Een degelijk en informatief uitziende heruitgave van een klimgids die het zuidwesten van Zwitserland en een deel van Frankrijk (Haute Savoie) bestrijkt (oorspronkelijk verschenen in 2004). In totaal worden er 62 klimgebieden beschreven en uitgebreider dan in de vorige uitgave.

Apps voor alpinisten en wandelaars Rother Touren Guides

International Cloud Atlas

http://itunes.apple.com/nl/app/rother-touren-guidesgeprufte/id500650520?mt=8 In het najaar nog even wandelen op een palmeneiland of dichter bij huis? Maak het jezelf makkelijk met de digitale gidsjes van Rother. Complete tourenbeschrijvingen en eenvoudige topografische kaarten op je smartphone; functioneert ook zonder netwerk.

http://itunes.apple.com/nl/app/coton/ id493131814?mt=8 Ruim 100 jaar na het verschijnen van de International Cloud Atlas in 1896, hebben we nu een prachtige app met alle wolken. Per wolkentype de regenkans, details, opsomming van variaties en mooie foto’s. Als je graag naar wolken kijkt, dan wil je deze app hebben!

HOOGTELIJN 4-2012 |

81


>>> vooruitblik >>> vooruitblik <<< Hoogtelijn 5-2012 verschijnt 9 november. Colofon

WINTER rlicht Noorde a rk in F inn m

Redactie

5xs dichtnbeeuw ij

Peter Daalder (hoofdredacteur), Berend Berlijn (eindredacteur a.i.), Ernst Arbouw, Pieter Dirksz (penningmeester), Sieto van der Heide, Frank Husslage, Moniek Janssen, Marieke van Kessel, Ico Kloppenburg, Bram Munnichs, Ivar Schute.

Medewerkers

ZAKOPANE START VOOR POOLS SNEEUWSCHOENAVONTUUR

Hoogtelijn is het officiële tijdschrift van de Koninklijke Nederlandse Klim- en Bergsport Vereniging (NKBV). Het verschijnt vijf keer per jaar. De redactie staat open voor bijdragen van leden en derden waarbij de redactie het recht heeft, zonder opgave van redenen, de bijdragen niet te plaatsen. Het al dan niet op verzoek van de redactie aanbieden van artikelen aan Hoogtelijn impliceert toestemming voor openbaarmaking en verveelvoudiging ten behoeve van de elektronische ontsluiting van Hoogtelijn. Overname van (delen uit) artikelen is alleen toegestaan na schriftelijke toestemming van de redactie van Hoogtelijn.

Jody Hagenbeek, Peter uijt de Haag, Christine Tamminga, Arnold Tang, Milka van der Valk Bouman (correctie), Saskia Gottenbos (cartografie), Toon Hezemans (cartoons).

Veilig op sneeuwschoenen

Redactie-adres NKBV-Bureau, t.a.v. Secretariaat Hoogtelijn, Postbus 225, 3440 AE Woerden hoogtelijn@nkbv.nl, www.hoogtelijn.nl

Advertentie-exploitatie ManagementMedia BV postbus 1932, 1200 BX Hilversum tel. 035-6232756, fax 035-6232401 Olger Kooring, Peter Dierdorp olger.kooring@managementmedia.nl peter.dierdorp@managementmedia.nl

Vormgeving Studio ManagementMedia, Edith van de Giessen (art director), Anita Baljet

Druk

KLIMMEN BIJ GRIEKSE KLOOSTERS IN METEORA NOG ÉÉN KEER: DE CANON VAN DE NEDERLANDSE BERGSPORT

INTERVIEW: ARNOLD COSTER 82 |

HOOGTELIJN 4-2012

Senefelder Misset, Doetinchem Oplage: 35.500 ISSN: 1387-862X

Koninklijke Nederlandse Klim- en Bergsport Vereniging Bellen 0348-409521 Bezoeken Houttuinlaan 16-A, 3447 GM Woerden Schrijven Postbus 225, 3440 AE Woerden fax 0348-409534, info@nkbv.nl Betalen GIRO 53 47 44, BANK 16 14 17 213 IBAN NL84RABO0161417213 BIC RABONL2U


Hoogtelijn nummer 4 september 2012  

De 55.000 leden van de NKBV delen een passie met elkaar: de liefde voor de bergen, het hele jaar door, een leven lang. Als lid van de NKBV h...

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you