Issuu on Google+


Inhoudsopgave o Editorial o Het mind-body problem o Filmrecensie 1 o Bekende denkers o Interview RenĂŠ Gude o Wat is een grote denker? o Vragen om te filosoferen o Filmrecensie 2 o Big Quotes o Interview Beethoven


Editorial Valletta Bijlsma: Hallo! Deze editie van het Philosophia magazine gaat over het ‘mind-body problem’, een centraal probleem in de fliosofie van de geest. Maar niet het hele magazine gaat daarover, het gaat ook over de grote denkers lessen op het Hyperion lyceum en over filosofie zelf. Zo hebben we een interview met leerlingen die grote denkers volgen, en filmrecensies die geschreven zijn op filosofische wijze. Er is zelfs een intervieuw met de Denker des Vaderlands. Veel leesplezier!

Liz van der Kamp: Hallo! Deze editie van het magazine gaat over het ‘mind-body problem’. Hier hebben we het over tijdens de Grote-Denkers les op het Hyperion Lyceum. We hebben een uitzending gekeken van DWDD waar de denker des vaderlands in voor kwam. Hier hebben we een interview mee geregeld! Het ‘mind-body problem’ is de discussie over het verschil tussen lichaam en geest. We hebben het gehad over Descartes en Nietzsche en de leerlingen hebben hun mening gegeven over het verschil tussen mens en dier en het verschil tussen lichaam en geest.

Nike Soffree: Welkom! Deze uitgave van het Philosophia magazine gaat over het mind body probleem. dit is een dilemma wat verwant is met het dualisme. In deze editie worden buiten het mind body probleem ook recenties gegeven, het onderwerp filosofie behandeld en natuurlijk de grote denkers lessen op het Hyperion Lyceum. Veel plezier met het lezen van ons magazine!

Joep Swinkels: Hoi, ik ben Joep Swinkels ik ben de editor en de auteur van het Philosophia magazine. Ik houd mij bezig met onder andere de vormgeving. Het is heel leuk om bij het Philosophia magazine te werken, ook al ben ik de enige jongen. Het is soms wel stressvol maar het is ook wel heel leuk. Veel plezier met het lezen van Philosophia magazine!


Mind-body problem Het mind-body probleem is een “probleem”. Filosofen van Socrates tot nu houden zich hier mee bezig. Het gaat om deze vragen: - Wat is het lichaam? - Wat is de geest? - Hebben mensen een geest? - Hebben dieren een geest? - Hoe is de geest verbonden met het lichaam? - Wat gebeurt er met de geest na de dood? - Wat gebeurt er met de geest voordat je leeft? - Waar is de verbinding tussen geest en lichaam? - Zit het lichaam in de weg voor de geest?

Deze vragen zijn lastig te beantwoorden. René Descartes dacht dat de geest via de pijnappelklier in de hersenen verbonden was met het lichaam. Dieren hadden volgens hem geen geest. Het waren machines. Plato dacht dat het doel in je leven was je geest zoveel mogelijk los moest maken van je lichaam, daarmee bedoelde hij dat je alvast moest oefenen met doodgaan. Je zou na je dood verlost zijn van je lichaam en dus weer helder kunnen denken. Volgens hem kon je door je verstand te gebruiken kennis verkrijgen. Die kennis kreeg je nadat je op het raakvlak van de 2 werelden bent geweest. De ene wereld bestond uit de schaduwen van de echte wereld. De echte wereld was de wereld waar het onstoffelijke, de geest de hoofdrol had. De wereld van het denken en bewustzijn. De schaduwen van die wereld werden gezien in de stoffelijke wereld. De wereld van het lichaam.


Film recensie A Beautiful Mind Genre: Drama Release datum: 21 Februari 2001 (Nederland) Rating: 8,1 Duur: 135 min. Oscars: 4 Regisseur: Ron Howard Hoofdacteurs: Russel Crowe, Ed Harris, Jeniffer Connely -------------------------------------------------------Dit is een film uit 2001 over de wiskundige John Forbes Nash Jr. Deze wiskundige lijdt aan schizofrenie, een psychische ziekte, een combinatie van psychotische verschijnselen en hallucinaties. John Nash bestaat echt en leeft nog steeds. De rol van John Nash wordt vertolkt door Russel Crowe. Hij ontmoet andere talentvolle wis- en scheikundigen waarmee hij vrienden wordt. Ook komt hij in aanraking met zijn bijzondere kamergenoot, Charles Herman. Nash komt onder druk om te publiceren en de concurrentie met zijn vriend. Hij weigert toch te publiceren tot hij iets unieks heeft ontdekt. Nash komt op een idee wanneer hij met zijn vrienden in een bar zit en over leuke meisjes praat. Zijn vriend beweert dat iedereen voor zich op het leukste meisje afgaat. John komt op de conclusie dat het beter zou zijn als ze allemaal samen werken zodat ieder 1 meisje krijgt. Een paar jaar later krijgt Nash opdrachten om codes te ontcijferen, het lukt hem om de codes mentaal te ontcijferen. Nash komt erachter dat hij lijdt aan schizofrenie, dat een paar mensen die hij ziet niet echt zijn. Het gaat heel slecht met hem, maar uiteindelijk leert hij de mensen te negeren en zie je hoe hij de Nobelprijs wint. A Beautiful Mind is een mooie film, je ziet hoe het leven was van deze wiskundige, hoe hij door zijn moeite toch nog bleef zoeken naar een uniek idee en uiteindelijk door zijn doorzettingsvermogen toch nog een Nobelprijs heeft gewonnen. De film is nog bekritiseerd omdat het leven zou zijn versimpeld in de film en zijn hallucinaties teveel waren aangepast aan de eisen van Hollywood.


Kleding: Sokken: 5 euro Geel wollen vest: 13,95 euro Make-up: - Oogschaduwpalet: 10 euro - Eyeliner: 3,50 euro - Foundation: 5,25 euro - Nude lipgloss: 1,50 euro - Bronzer: 3,00 euro - Wenkbrauw potlood: 2,20 euro - Concealer: 2,35 euro Roze nagellak: 5,45 euro


Bekende Denkers 1. De presocratici De filosofen voor Socrates filosofeerden vooral over de gebeurtenissen in de natuur. Ze namen waar en concludeerden. 2. Socrates Socrates, ofwel de horzel van Athene (omdat hij iedereen irritante vragen stelde die mensen moeilijk vonden te beantwoorden was zijn bijnaam de horzel), was een filosoof uit het oude Grieken. Hij was de eerste filosoof die over de mens begon na te denken. Iedereen voor Socrates werden presocratici genoemd. Zijn motto was: Ken uzelf en hij vond het een plicht om jezelf elke dag te onderzoeken. Ook vond hij het belangrijk om jezelf vragen te stellen, zoals: ‘Waarom vind je wat je vind?’

3. Plato Plato kwam op een dag Socrates tegen op de markt, waar hij mensen filosofische vragen stelde. Plato was gelijk geïntreseerd. Hij besloot zich ook te verdiepen in het filosoferen over mensen. Zijn centrale vraag was: ‘Bestaan er eeuwige waarheden?’ 4. Aristoteles Aristoteles was de bedenker van de wetenschap Ervaring, empirist, logica Onderzoek doen in de wijde wereld, oftewel onderzoek doen door waar te nemen, niet door alleen maar te denken. 5. Thomas van Aquino Hij was erg dik. Thomas was een theoloog, iemand die onderzoek doet naar God, uit de middeleeuwen en richtte zich vooral op scholastiek en de ordening van de wereld. 6. Galileo Gallilei Galileo Gallilei was een grote denker uit de tijd dat mensen erachter kwamen dat de wereld niet het midden was van het universum. Hij heeft de telescoop verbeterd en heeft een eigen Galileo thermometer gemaakt. De thermometer werkte op basis van uitzettende moleculen, door hitte. Hij heeft ook de proportional passer uitgevonden. Zoals vele denkers ik hij ook in conflict met de katholieke kerk gekomen. 7. Erasmus Erasmus was een schrijver en dichter die meer dan 100 boeken heeft geschreven, onder andere de Lof der Zotheid. Hij heeft ook boeken in het Grieks en Latijn geschreven.


Erasmus leverde ook kritiek op de kerk. Hij vond dat je ieder individu gelijkwaardig moest behandelen.

8. Friedrich Nietzsche Nietzsche was een filosoof uit de tijd van de Verlichting. Hij vergeleek de mens met een dier, maar de mens was zover het een dier is, een ziek dier. Een normaal dier volgt zijn instinct en is dus vrij voorspelbaar. Een mens daarentegen is losgeraakt van zijn instincten en is dus minder voorspelbaar. 9. Spinoza Spinoza was voorstander van vrijheid van meningsuiting. Je mag doen wat je wilt zolang je andere mensen maar geen pijn doet. Hij zei dat God niet een persoon is, maar dat God alles is en overal. 10. René Gude René Gude is sinds mei 2013 Denker des Vaderlands. Hij is ook leraar filosofie en hij is hoofdredacteur van het Filosofie magazine geweest 11. Alletta Jacobs Was een nederlands arts en feministe. Zij kwam op voor de vrouwen en was de eerste vrouw die studeerde. 12. Anthoni van Leeuwenhoek Anthoni was een handelsman, landmeter, wijnroeier, glasblazer en microbioloog. Hij is vooral bekend om zijn zelfgemaakte microscoop en zijn werk voor microbiologie. 13. Rousseau Jean-Jacques Rousseau was een filosoof en schrijver. Onder andere schreef hij autobiografie en hij filosofeerde over de ongelijkheid tussen mensen. 14. Sinterklaas Oké, je vraagt je nu vast af: “Waarom is Sinterklaas een Grote Denker?” Bij het magazine waren de meningen verdeeld en daarom staat hij ook onderaan. Wat vind jij? Is hij wel of geen Grote Denker?


Interview René Gude “Wat weet u over het mind-body problem en wat vind u er zelf van?” “Wat ik er van weet? Ik heb zelf filosofie gestudeerd natuurlijk en de filosoof waar ik het meeste op gesteld ben geraakt en wie ik het leukste vind is René Descartes. Omdat hij zo een prachtige voornaam heeft en verder omdat, ik zijn manier van denken mooi vindt. Dat zullen jullie wel tegen gekomen zijn in de lessen, want als je het over het mind-body problem hebt dan is het altijd meteen Descartes, wat dat betreft zitten jullie hier aan het goede adres. Als ik even de vraag een beetje mag terugspelen, wat hebben jullie al geleerd over het mind-body problem?” “We hebben het over Descartes gehad en ook over Nietzsche, wat hij er van vond en over het verschil tussen mens en dier, of dieren ook een ziel hebben en een geest. We hebben het ook over Plato gehad, over de twee werelden met die raakvlakken. En dan was er ook nog het geloof, en de kerk.” “Ja. En hebben jullie wat betreft Descartes al een beetje een idee gekregen? Zat die man een beetje uit zijn nek te bazelen?” “Ja, zijn gedachtes zijn redelijk van deze tijd. Toen dachten ze waarschijnlijk dat hij een beetje maar een beetje aan het praten was, maar nu denk ik dat het best wel waar kan zijn. Want, de mensen toen waren bang om er in te geloven.” “Ja.” “En we hebben ook wel geleerd dat er een ding niet klopte. Dat het in de pijnappelklier zit. Descartes geloofde dat dieren geen geest hadden en mensen wel. Dat dat het verschil was tussen mens en dier. En dat het lichaam een tijdelijk verblijf is en dat de ziel daarna naar de hemel gaat.” “Dat kan. Het verschil tussen lichaam en ziel is groot genoeg om die mogelijkheid open te houden, ja. Ik zal beginnen met vertellen waar Descartes het eigenlijk om begonnen was. Wat zijn beroep was. Descartes was niet meteen filosoof geworden, hij heeft eerst rechten gestudeerd, omdat dat moest van zijn vader en daarna heeft hij geneeskunde gestudeerd, want dat wilde hij zelf. In de 17e eeuw waren ze nog helemaal niet zo ver met dokter zijn en hij vond het raar dat hij alleen les kreeg vanuit boeken en niet de snijzaal in ging en geen ervaring op deed. En dat is de breuk bij Descartes. Hij dacht dat het veel meer waard was om zelf te onderzoeken en niet alleen uit boeken te leren. Dat was zijn belangrijkste interesse. Dus hij wilde een goede dokter worden. Daarvoor moest hij een patiënt van 2 kanten bekijken. Psychisch en fysiek. Volgens Descartes was dat de ideale arts. Dat is eigenlijk het hele verhaal. Vervolgens is hij geen dokter geworden, want hij vond dat hij te weinig kennis had. Hij wilde dat eerst uitwerken. Van hoe wordt je nou een goede dokter.


Dat ging hij uitzoeken. In de kalverstraat ging hij bekijken hoe de kalveren in elkaar zaten de kalveren als ze geslacht waren. En zo wist hij dus van de pijnappelklier. En ik moet meteen zeggen dat hij vond dat dieren lichamelijk heel erg op dieren lijken, want anders had het geen zin om naar kalveren te kijken. Maar om nou met die kalveren, voordat ze geslacht werden, een praatje te gaan maken van hoe ze zich voelen en waarom ze een beetje mank lopen. Dat lukte niet, dus dat kon hij niet bij dieren doen. Dus hij zei dat hij bij mensen wel de psychische kant kon onderzoeken en niet bij dieren, want die kunnen niet praten. En hij zei dus niet dat dieren geen ziel hebben in de vorm van dat ze minder waard zijn, hij zei alleen dat als wij onze psychologische toestand willen onderzoeken, dat we op elkaar aangewezen zijn, dan moeten we met elkaar praten. Want, met dieren kan je geen praatje maken. En hij had eigenlijk een soort eretitel voor dieren en dat was automaat.” “Ja een soort machine.” “Ja en dat klinkt een beetje droog en een beetje als een levenloos ding, maar als we naar automaat kijken dan is het auto maten, dat is een zichzelf beweger, dus iets wat zichzelf kan bewegen. Dus het is niet een speel automaat of een klok, maar het is eigenlijk een wonderbaarlijk ding dat vermogen heeft om als levend dier, zichzelf te kunnen bewegen. En toch wel degelijk eigen aandriften te hebben. Descartes had een hondje en daar was hij ook dol op. Een hond heeft een eigen karakter, maar om het zielenleven van zijn hond te doorgronden, had hij alleen de buitenkant. Hij kon eigenlijk alleen maar kijken naar wat die hond doet, kwispelt hij. Die hond had dus wel emoties, maar kon daar niet verslag van uitbrengen aan anderen. Om een mooie uitdrukking van te maken: “Dat die de impressies niet om kan zetten in expressies.” Dus dat is een belangrijk punt. Dat had Descartes eigenlijk op het oog, dus hij vond dat we nog niet genoeg wisten van het lichaam en dat we ook niet genoeg wisten van de ziel, maar hij wilde eigenlijk ten behoeve van het opleiden van goede artsen, die wetenschappen, de geneeskunde en de psychologie, zo goed mogelijk maken om daar generaties lang onderzoek naar te doen en daar steeds beter in te worden en tegelijkertijd ook een opleiding te starten waar in van de laatste bevindingen van de wetenschap, gebruik gemaakt kan worden. Dat zal niet volgende week klaar zijn.” “Je hebt lichaam en ziel, je hebt dus mentaal en fysiek alles komt op het dualisme neer. Wat gelooft u dat er na de dood is?” “Ik denk zelf niet dat de ziel een andere weg gaat en het lichaam overblijft, maar Descartes was heel slim, want die leefde natuurlijk in een tijd, dat er een heel sterk dualisme was in de religie. Hij was pienter. We hebben 2 wetenschappen nodig voor een goede dokter. Lichaam en ziel zijn altijd samen, want hij zei: “Ik heb nog nooit alleen een ziel een wachtkamer binnen zien lopen. Er is altijd een lichaam bij.” Dat staat vast. Hij zei dus ik heb het zelfde, ik ben niet in strijd met de religie. Want daar zijn ook de ziel en het lichaam gescheiden.” “Oké, dus u gelooft niet dat de ziel, na de dood naar een hoger iets gaat?” Ik eerlijk gezegd niet nee… Maar ik kan niet, iemand die dat wel gelooft op een wetenschappelijke manier duidelijk maken dat het niet zo is. Het is opvallend, dat als wij een goede dokter willen worden, dat wij de ziel apart moeten bestuderen dan de lichamelijke dingen die we hebben, dus in die zin is de wetenschap niet meteen in strijd met religie.


Maar je vraagt het zo recht op de man af; als je het mij vraagt denk ik er nooit aan, dat er naast deze wereld nog een wereld zou kunnen zijn. Ik vind deze wereld al aan de ene kant complex, aan de andere kant ook boeiend genoeg om mij te beperken tot wat er voor de dood gebeurt en ik denk er bij mijzelf helemaal niet bij na wat er na gebeurt.” “Ik ben persoonlijk er heel erg mee bezig, dan vraag ik mij af of het wel zin heeft om te geloven dat er verschil is tussen lichaam en geest. Denkt u dat het zin heeft?” Om dat onderscheid te maken?” “Ja, om er geloof in te hebben dat het er is.” “Nou, het mooie is dat Descartes dus voorstelt om niet over een scheiding tussen lichaam en geest te spreken, maar alleen bij mensen van wie je wéét dat ze zowel een mentale component hebben als een fysieke component. Als wij willen weten hoe mensen in elkaar steken en hoe dat zich beweegt, moeten ze aan de ene kant benen voor hebben, bij voorkeur twee haha.” “Haha” “En dat ze aan de andere kant motieven moeten hebben, waarnemingen moeten doen om er achter te komen waarop ze hun emoties kunnen richten en dat ze verstand nodig hebben om niet alleen die dingen te kunnen waarnemen maar ze ook in een bepaalde lijn te zetten. Dus het is heel belangrijk om het verschil tussen een scheiding tussen lichaam en ziel en een onderscheid tussen lichaam en ziel te maken en Descartes deed dat laatste.” “Mag ik u misschien vragen, het is misschien een beetje onbeleefd, maar mag ik weten hoe het komt dat uw rechterbeen er niet meer is?” “Ja hoor, dat mag je zeker vragen. Ik kom zo nog wel even terug op de andere kwestie. Voor mij is die ook actueel, want ik heb kanker gekregen, botkanker. Dus in mijn rechter boven dijbeen, om wat voor reden dan ook, we weten niet hoe het komt, is het bot bros geworden en aangetast dus dat brak zomaar. Om te voorkomen dat dat uitzaaide, is mijn been geamputeerd. Eigenlijk is de bron van de narigheid weggenomen door dat been te amputeren.” “Wanneer is dat gebeurd?” “In april 2011” “Want ik zie u gewoon uw krukken pakken en naar beneden lopen.” Ja, ik ben daar wel steeds handiger in geworden. Ik heb rolstoeltjes en een fiets die ik met mijn handen kan bewegen en dat soort dingen. Dus dat zijn allemaal dingen. Intussen heeft de beenamputatie niet helemaal geholpen, want er zijn toch nog uitzaaiingen en dat betekent dat ik eens in de zoveel tijd geopereerd moet worden om die weg te halen. En dat proces is dus niet helemaal gestopt, waardoor de vorige vraag weer actueel wordt. Wat gebeurt er na de dood? Kijk het is niet zeker te zeggen dat ik nog zo heel lang te leven heb.” “Maar het zijn niet hele grote uitzaaiingen, met grote problemen. Als het heel klein is kan het niet weggehaald worden.” “Ja precies en als ze het niet kunnen weghalen dan wordt het uiteindelijk groter.”


“Vervelend” “Ja, dat is echt confronterend, dus ik heb mijn leven helemaal om moeten gooien. Ik had een hele leuke baan bij de Internationale school voor wijsbegeerte in Leusden, de ISVW.” “Dat klinkt echt heel erg slim.” “Ja leuk he? Maar daar had ik een hele leuke baan en daar heb ik vorige maand afscheid van genomen, omdat het door mijn ziekte niet meer mogelijk is om daar te blijven werken. Dus dat verandert het leven ingrijpend.” “U komt wel heel gelukkig en blij over.” “Dat is heel fijn, maar je ziet het, je kunt het voorbeeld nemen van het lichaam ziel onderscheid, dat is dat, er gaat fysiek bij mij iets mis, dat is puur fysiek, daar zijn dokters mee aan de slag en die denken nooit na over mijn humeur en hoe erg ik het allemaal vind, die gaan er gewoon van uit dat ik het erg vind en dat ik het weg wil hebben. En dat doen zij op een fysieke manier. Zij behandelen mij puur fysiek, maar ze houden met mijn humeur helemaal geen rekening.” “Eigenlijk tegen wat Descartes wilde.” “Ja, je zou eigenlijk dokters wensen, die in twee vakken opgeleid waren. Dat is ook van belang. Er zijn ontzettend veel kanker patiënten en het is voor iedereen even akelig wat er gebeurt. Wat mij dus overkomt, is dat ik ook psychisch een enorme reactie heb en het verandert mijn hele leven. Maar mijn omgeving heeft daar ook psychisch een reactie op. Dus daar kan je aan zien dat psychologie ook ergens voor dient. Want je wilt eigenlijk niet dat je gedachten net zo hard beginnen te woekeren als je lichaam. Dus je lichaam daar woekeren botcellen, maar als je gedachten dan ook gaan woekeren. Je krijgt allemaal irreële reacties en die moet je met een andere wetenschap in het reëel krijgen, namelijk met de psychologie of met de filosofie.” “In zo een situatie is het dus heel handig dat u filosoof bent.” “Ja, het heeft mij enorm veel plezier gegeven, want als je even los kijkt van het lichaam, hoe een ziel in elkaar zit, dan worden wij gedreven door emoties.” “Wij moeten zo weer terug naar school toe en het lijkt mij heel leuk om dit gesprek een andere keer voort te zetten. Buiten het magazine om. Misschien kunt u naar school toe komen en dat…” “Ja, dat lijkt mij heel leuk.” “Onze docent, Simon Verwer heeft in zijn les gezegd dat u een idool van hem bent, dus misschien kunt u een keer naar de school toe komen.” “Ooooh wat leuk, ja natuurlijk, daar ga ik dolgraag op in, ik voel mij vereerd. Ik maak toch nog heel even mijn zin af en dan moeten jullie gaan. Maar je vroeg als je in zo een situatie terecht komt als ik, dat aan de ene kant je lijf het begint te begeven en aan de andere kant er allemaal psychische toestanden bij komen of het dan zin heeft om te filosoferen. Die psychische toestanden die vallen eigenlijk uiteen in de emotie aan de ene kant en de passies, passies in de zin van dat je er passief tegenover staat, daar kan je niet veel aan doen, die komen gewoon, maar je hebt aan de andere kant je verstand, met je verstand kan je proberen om je emoties een beetje te stabiliseren.


Dus als ik het bericht krijg dat het niet goed met me gaat van een arts, dan kan ik twee hele sterke emoties krijgen, de ene emotie is: “ik heb niet gehoord wat die man zei, ik ga gewoon door, ik ga vechten en de andere emotie is: nu is het afgelopen. Ik stop er mee”. En dan ga je op de bank liggen en niks doen, terwijl die arts heeft niet gezegd: “morgen ga je eraan.” Dus tot die tijd leef je gewoon nog. En aan de andere kant heeft hij ook niet gezegd dat je oneindig door kan leven.” “Dat kan niemand.” “Ja, dat klopt.” Eigenlijk is het de filosofie, de training van je verstand, dat eigenlijk maar een heel klein vermogen is van je emoties, dat je de emoties een beetje in het gareel kunt houden. Dat je accepteert wat er aan de hand is en dat je daarnaar je leven gaat inrichten. En daar probeer je een zo goed mogelijk humeur mee te houden natuurlijk.” “Dank u wel voor het interview. ” “Ik vond het ook erg leuk en ik ga graag in op jullie verzoek.”


Wat is een Grote denker? In de grote denkers lessen leren we veel over grote denkers, maar wat is een grote denker nou eigenlijk? ‘Een grote denker is iemand die met zijn of haar inzichten en manier van denken de geschiedenis heeft veranderd.’

Een grote denker hoeft dus niet altijd een filosoof te zijn. Het kan ook iemand zijn wie een heel belangrijke ontdekking heeft gedaan. Een grote denker kan goed zijn in bijvoorbeeld muziek, kunst, wiskunde, natuurkunde, taal enz. Iedereen kan een grote denker worden. Ook jij!


Vragen om zelf te filosoferen Als je zelf wilt filosoferen moet je goede vragen stellen. Een goede vraag moet aan de volgende eisen voldoen:   

Het moet een moeilijke vraag zijn waar geen feitelijk antwoord op is Er is niet maar een antwoord op Het antwoord moet een lang antwoord zijn.

Voorbeelden van filosofische vragen zijn: 1. Wat is het leven? 2. Wat is liefde? 3. Wat is eeuwig? 4. Wat is geluk? 5. Kun je leven met de keuzes die je hebt gemaakt? 6. Wanneer is iets van jou? 7. Van wie is de wereld? 8. Kunnen dieren bezit van iemand zijn? 9. Hoe zou het zijn als er geen grenzen om landen zouden zijn? 10. Zouden planten en dieren ook stemrecht moeten hebben? Natuurlijk kan je ook zelf vragen verzinnen.


Fast & Furious 6

Genre: Actie, Criminaliteit Taal: Amerikaans Release datum: 23 mei 2013 Rating: 7,7 van de 10 Regisseur: Justin Lin Acteurs: Vin diesel, Paul Walker, Dwayne Johnson, Jordana Brewster, Michelle Rodriguez, Tyrese Gibson, Sung Kang, Gal Gadot, Ludacris, Luke Evans, Elsa Pataky, Gina Carano Duur: 85 minuten --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------“Sinds de overval van Dom (Vin Diesel) en Brian (Paul Walker) in Rio, die het rijk van een magnaat deed vergruizelen en de ploeg een buit opleverde van $ 100 miljoen, hebben onze helden zich verspreid over de hele wereld. Maar hun onvermogen om terug te keren naar huis voor altijd en het leven op de vlucht veroorzaakt een knagend gevoel. Ondertussen hield Hobbs (Dwayne Johnson) zich bezig met opvolgen van een organisatie met dodelijk ervaren huurling chauffeurs in 12 landen, mastermind (Luke Evans) wordt geholpen door een meedogenloze tweede-in-bevel. Het is Dom’s liefde Letty (Michelle Rodriguez), waarvan hij dacht dat ze dood was. De enige manier om de criminele organisatie te stoppen is om ze te verslaan op straatniveau, dus Hobbs vraagt Dom zijn elite team terug samen te stellen in Londen. Betaling? Volledige vergeving voor hen allen, zodat ze kunnen terugkeren naar huis en opnieuw genieten van het familieleven.” Denk je dat Letty zich echt naar de donkere kant heeft gekeerd?


Auto: 99.999.999,97 euro Witte jurk met parels: 102.500,50 euro Hoofddeksel: 678,96 euro


BIG QUOTES “Ik denk dus ik ben.” -Descartes

“To do is to be.” -Nietzsche

“To be is to do.” -Kant

“Do be do be do.” -Sinatra


Interview met Ludwig van Beethoven Inleiding De grote denker is Ludwig van Beethoven. Hij is een grote denker omdat hij, met zijn muziek, de geschiedenis heeft veranderd. Ook nu wordt zijn muziek nog steeds gebruikt als inspiratiebron voor nieuwe muziek. Ook wordt zijn muziek nog veel gespeeld door orkesten. Het Europese volkslied is door hem gecomponeerd. Iedereen kent Ludwig van Beethoven van naam. Ondanks dat hij doof werd heeft hij toch nog prachtige composities gemaakt, waaronder de 9e Symfonie. Hij heeft veel meegemaakt en dat is te merken aan zijn muziek. Beethoven is net als Mozart en Haydn een van de grootste componisten van het klassieke tijdperk.


Wanneer en waar bent u geboren? Ik ben geboren op 16 december 1770 in Bonn, Duitsland Hoe heten uw ouders? Mijn vader heet Johan van Beethoven en mijn moeder heet Maria Magdalena Keverich. Heeft u de passie voor muziek van uw ouders? Mijn vader was zanger en ik denk dat ik het van hem heb.

Geboortehuis Beethoven

Hoe was de band met uw ouders? Niet echt goed te noemen. Mijn vader was vaak dronken en dwong mij piano te spelen. Mijn moeder was een goede vrouw, maar ziek. Ik zorgde voor ons gezin. Waar komt uw familie oorspronkelijk vandaan? Mijn familie komt uit Mechelen, mijn opa Lodewijk is als eerste in Bonn komen wonen en werd daar kapelmeester. Bent u getrouwd? Nee, ik ben niet getrouwd en heb geen kinderen. Waarom bent u begonnen met muziek spelen? Mijn vader heeft mij leren pianospelen en hij wilde perse dat ik een bekend musicus zou worden. Ik moest veel oefenen en heb in het begin ook les gekregen van de componist Van den Eeden. Ik leerde ook viool spelen. Op school kon ik mij niet goed concentreren doordat ik veel aan muziek dacht en ik werd vaak gestraft. Om tot rust te komen liep ik regelmatig langs de Rijn en daar hoorde ik de mooiste geluiden uit de natuur. En hoe ging het verder? In 1781 kreeg ik alleen nog maar muziekles van de componist C.G. Neefe, waar ik erg veel geleerd heb. Twee jaar later kwamen mijn eerste gedrukte composities uit en werd ik benoemd tot tweede cembalist aan de opera.


Toen ik 13 was werd ik lid van het orkest van de kleurvorstelijke hofkapel in Bonn wat super leuk en gezellig was. In 1787 kwam graaf Von Waldstein naar mij toe met de vraag of ik op studiereis naar Wenen wilde en ik zei natuurlijk meteen ja! Het was mijn beste ja ooit. Toen ik mijn composities aan Mozart liet horen was hij helemaal stil, ik zie het zo nog voor mij. Hij bood mij lessen aan. Ludwig wordt stil en herleeft de herinnering, na een paar minuten gaat hij weer verder. Kort nadat ik terug kwam in Bonn, overleed mijn moeder. Nadat mijn vader was gestorven ging ik weer naar Wenen en de mensen van adel financierden mij. En prins Linchnovsky bood mij zelfs een kamer aan in zijn paleis! Rond deze tijd werd mijn gehoor slechter. En hoe was het toen u doof werd? Hoe raar het ook klinkt, toen ik minder ging horen werd mijn muziek beter. Ik zonderde mij af en kon mij volledig op mijn muziek concentreren. Mijn vriend Mäzel heeft voor mij een gehoortoestel ontworpen. Hij laat een tekening zien. Ik bleef in Wenen, omdat ik per jaar 4000 gulden kreeg. Vanaf 1819 werd ik zo doof dat ik alleen nog kon communiceren met pen en papier. Ik heb mijn laatste stukken niet kunnen horen Kunt u wat meer over Wenen vertellen? Wenen is de hoofdstad van Oostenrijk. De stad ligt aan de Donau. Het is gesticht door de Romeinen en in 1438 werd zij hoofdstad. De stad is ook twee keer ingenomen door Napoleon, toen er oorlog was met de Fransen. Het is een mooie stad. U heeft veel mensen geïnspireerd en doet dat nu nog steeds. Wie was uw inspiratie bron? Mijn werk van vroeger werd geïnspireerd door Amadeus Mozart en Joseph Haydn. Heeft u hen ontmoet? Ja zeker. Ik heb eerst les gehad van Mozart en toen die gestorven was ook van Haydn, hij was een goede man, maar vond mijn te heftig en mijn lessen van hem waren van korte duur. Hoeveel stukken heeft u gecomponeerd? Haha, goede vraag. Ik weet het zelf ook amper. Even tellen: 1 opera 1 ballet 1 vioolconcert 2 missen 5 pianoconcerten 9 symfonieën Wat kamer muziek Koor en orkest werken veel liederen 32 pianosonates


Wat zijn dat? Pianosonates? Dat zijn muziekstukken voor de piano Oké, heb ik ook weer wat nieuws geleerd. Wat zijn uw beroemdste stukken? Ik denk dat mijn aller beroemdste stuk Für Elise is, maar mijn 9e Symfonie is ook wel bekend. Kunt u er eentje spelen? Tuurlijk… Een paar minuten later is Ludwig klaar en ik heb tranen in mijn ogen, zulk mooi pianospel heb ik nog nooit gehoord! Hoe komt het dat uw muziek zo “heftig” is? Mijn muziek is “heftig” omdat ik het schreef in de tijd van de revolutie en de oorlog. Ik heb veel meegemaakt, mijn moeder stierf jong, mijn vader was aan de drank en ik moest voor ons gezin zorgen. En het komt ook wel een beetje omdat ik al op jonge leeftijd hardhorend werd.

Veel mensen vinden dat u werk slordig is. Hoe komt dat? Mijn werk is slordig, omdat ik weinig tijd heb, als ik het maak. Als ik bezig ben met een compositie, schiet de volgende mij al te binnen en als ik dan niet opschiet is het weg.

Bladmuziek pianosonate nr. 30, Beethoven

Bent u gelovig? Ik geloof in God en ik geloof dat je met je wil iets kan bereiken .


Heeft u ook liederen voor de kerk gecomponeerd? Ja ik heb er een paar gecomponeerd, zoals bijvoorbeeld Missa solemnis en een opera: Fidelio Uw leven wordt vaak in 3 periodes verdeeld, hoe zou u die zelf omschrijven? Tot 1800 leken mijn composities nog op die van Mozart en Haydn. In die tijd heb ik 2 symfonieĂŤn gemaakt, de 1e en de 2e. Van 1800 tot 1817 heb ik de 3e tot en met de 8e symfonie gemaakt en begon ik mijn eigen stijl te ontwikkelen. Rond 1817 tot 1827 ben ik volledig doof geworden, maar heb ik nog 1 symfonie geschreven, de 9e. Helaas is Ludwig van Beethoven op 26 maart 1827 overleden, in Wenen.

Beethovens graf



Philosophia magazine