Page 1

De

kluten van Breebaart Erik van Ommen tekst: Wilma Brinkhof


DE KLUTEN VAN BREEBAART

Erik van Ommen


Colofon Dit boek is een speciale uitgave van het eerder uitgegeven boek: De kluten van Breebaart. © KNNV Uitgeverij, Zeist 2008 ISBN 978 90 5011 269 7 NUR 435 www.knnvuitgeverij.nl © Schilderijen, tekeningen en etsen: Erik van Ommen © Tekst: Wilma Brinkhof & Erik van Ommen Idee en concept: Print2Web.nl, mobile media solutions Productie: Personal Media Solutions.nl Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, microfilm, fotokopie of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. No part of this book may be reproduced in any form by print, photocopy, microfilm or any other means without the written permission from the publisher.

6


INLEIDING Met enige trots presenteren wij u hierbij dit prachtige boekwerk De Kluten van Breebaart. Niet het feit dat het boek in een "mini vorm" opnieuw is uitgegeven maar de nieuwe technische toepassing in het boek maken dit boek uniek. Op diverse plaatsen in dit boek treft u barcodes aan, de zogenaamde 2D barcodes. Middels het nemen van een foto van deze codes, met behulp van speciale software op uw mobiele telefoon, kunt u direct in contact komen met de bijbehorende filmpjes over dat onderwerp op YouTube. Helemaal achterin het boek, treft u een NFC logo aan. Met een speciale NFC reader, o.a. in de Nokia telefoons 6212 en/of 6216, kunt u zelfs direct volledig automatisch de bijbehorende demo film bekijken, dit enkel en alleen door aanraking van uw NFC telefoon met de chip die achter dit logo is geplaatst. Door de toepassing van deze twee technieken in dit boek, kan er dus direct contact gelegd worden van drukwerk naar internet met behulp van uw mobiele telefoon!

Print2web Het Nederlandse bedrijf Print2web.nl, probeert dynamische mobiele toepassingen actief in te zetten in drukwerk. Hierdoor wordt drukwerk het vertrekmedium voor mobiele toepassingen en kunnen bijvoorbeeld ondersteunende films direct worden bekeken op uw mobiele telefoon. Drukwerk kan zo verlevendigd worden, statische content krijgt zo dus een dynamische toevoeging.

Dank Bijzonder dankbaar zijn wij dan ook voor de samenwerking binnen dit project met Paul Kemmeren, directeur

7-

POLDER BREEBAART


Film: aan het werk in de schuilhut.

8


KNNV-uitgeverij, de uitgever van "de Kluten van Breebaart" en Erik van Ommen, de auteur en grondlegger van het boek en de prachtige content. Mede dankzij de hulp van Robbert Webbe, Belcompany en Simone Stegeman van Personal Media Solutions, is het ons gelukt dit boek te produceren. Speciale dank ook aan Marco Fabus van XMPie voor de toepassingen van de 2D barcodes in het boek.

2d barcode Voor het downloaden van de speciale software voor uw mobiele telefoon kunt u gaan naar www.neoreader.com Kiest u voor "get.neoreader.com", kies uw type toestel en u kunt uw software downloaden. Nog simpeler is het door de URL get.neoreader.com/go in te typen als bookmark op uw mobiele telefoon. Dan kunt u direct aan de slag. NFC Voor het direct uitlezen van de NFC tag op de speciale Nokia telefoons, moet u dus beschikken over een Nokia NFC 6212 of Nokia NFC 6216 toestel. Deze kunt u o.a. bestellen via www.print2web.nl. Namens Print2Web.nl wens ik u veel plezier toe met dit demo-boek en hopen wij u voldoende inspiratie te geven NFC toepassingen in drukwerk te gaan gebruiken. Ons bedrijf helpt u graag een handje op weg. Ook kunnen wij u helpen bij de vervaardiging van uw eigen demo-boek, samenstelling van een demo-kit of u ondersteunen met voorlichting of workshops voor uw eigen doelgroep. Nico Veenendaal, consultant Print2Web/uitgevers

Voor meer informatie kunt u terecht op onze website: www.print2web.nl

9


POLDER BREEBAART KLUUT- Recurvirostra Avosetta. Streeknamen: Raan, Sluif, Kl没t. Vrij schaarse (kolonie)broedvogel op zilte grond, aan het strand, op zandplaten in zee en ook binnendijks bij brakwaterplassen. In 1965 op de Koudekerkse inlaag 70 paar! Zoeken hun voedsel in ondiep brak en zout water. Lange poten, opgewipte snavel, wit-zwart verenkleed. Met geen andere vogel te verwarren. In de vlucht: witte vleugels met zwarte uiteinden en twee zwarte lengtestrepen over de rug, op elke vleugel eveneens een dunne zwarte streep. Staart wit. Roep: een helder fluitend 'kluut, kluut'. Zwemt ook over diepere watergedeelten heen (heeft zwemvliezen). Bij het vechten worden de krachtige poten gebruikt (niet de snavels). Uit: Zien is Kennen, 8e druk, 1971. A.G. Schoonderbeek, Laren.

10


De kluut, mascotte van de Breebaart Recurvirostra avosetta, de wetenschappelijke naam voor de kluut, zou als toverspreuk in een Harry Potterboek niet misstaan. In Frankrijk heet hij avocette elegante, een naam die, zoals het de Fransen betaamt, vooral de bevalligheid van de vogel benadrukt. Wij houden het bij kluut, gewoon omdat hij zichzelf ook zo noemt. Na de herinrichting van Polder Breebaart in 2000 ontstonden er grote veranderingen in de broedvogelbevolking. Vier kustgebonden broedvogelsoorten zagen hun kans schoon en koloniseerden in een mum van tijd de aangelegde broedvogeleilanden. Kluut, visdief en noordse stern bereikten in 2003 de hoogste aantallen, waarna de populaties in de jaren daarna weerdaalden. Voor de kokmeeuw was 2004 het meest succesvolle jaar.

De grote volksverhuizing De snelle opmars van deze vier vogels in de Breebaart was niet verrassend. Door de herinrichting en het zoute water dat vanaf 2001 bij elk getij de bodem overspoelde, verdween het grasland om plaats te maken voor slikvlakten. De kluten, die vanaf 1999 met meer dan 1300 broedparen in het Nederlandse deel van de Dollard verbleven, zagen hun kans schoon en verruilden de Groninger kwelders voor de kale eilanden en slikplaten in Polder Breebaart. Tussen 2001 en 2005 broedde meer dan 70 procent van de Dollardkluten

11 -

POLDER BREEBAART

Kluten


in het nieuwe natuurgebied, waarbij in het topjaar 2003 maar liefst 824 broedende klutenparen geteld werden. Het was een internationaal gezelschap, ook kluten met Duitse, Franse en Spaanse kleurringen hadden al snel dit uitstekende broedgebied gevonden. In het voorjaar van 2005 was het feest over; in enkele weken daalde het aantal kluten van 1800 naar 200.

Film: kluten schetsen in een schuiltentje bij een klutennest. Uit het schetsboek “Parende kluten. Het vrouwtje staat doodstil met gestrekte kop en nek in het water. Het mannetje draait er wat omheen, spettert met water en poetst zijn veren. Even later springt hij boven op het vrouwtje, worstelt tot hij goed zit en drukt dan zijn onderlijf tegen het vrouwtje aan...�

12


Bevlogen van kluten Voor Kim Klaassen Bos was 2005 haar klutenjaar. Ze stond ermee op en ze ging ermee naar bed. Vanaf april tot oktober volgde ze alle broedparen in de Punt van Reide, Polder Breebaart en de Dollardkwelders. Haar mastersopdracht voor haar specialisatie Ecology and Management aan de Universiteit Wageningen maakte deel uit van een meerjarig onderzoek naar het broedsucces van kustvogels in de Waddenzee. In dit onderzoek volgen de onderzoekers zes, in biologentaal ‘meetnetsoorten’: scholekster, visdief, kokmeeuw, zilvermeeuw, eider en kluut. Het doel is om sneller en beter te kunnen reageren op de voor kustbroedvogels belangrijke veranderingen in het Waddengebied. Op een zaterdagmiddag in april hebben we een afspraak met Kim in de Reiderhoeve. Voor haar liggen haar notitieboekjes, een aantal nota’s en haar onderzoeksverslag. Onder het genot van een kop thee en een gevulde koek, vertelt ze enthousiast over haar klutenjaar: “Toen ik hier voor het eerst kwam, was ik onder de indruk van de weidsheid van het gebied. Wat een verschil met het bosrijke Wageningen! Al die vogels en het uitzicht vanaf de zeedijk, je kunt hier echt kilometers ver kijken. Dat vind ik prachtig, ik ging iedere dag fluitend naar mijn werk. Voorafgaand aan het veldwerk heb ik me verdiept in het leven van de kluut en een onderzoeksopzet gemaakt die past in het kustvogelonderzoek dat door SOVON wordt geleid. SOVON is een stichting die ornithologisch veldonderzoek doet voor bijvoorbeeld de rijksoverheid. Want je

13 -

POLDER BREEBAART

Kim


kunt niet zomaar starten; jouw resultaten worden wel gebruikt om het beheerplan voor dit natuurgebied en de Waddenzee op te stellen.�

Een goed begin is het halve werk “Bij mijn voorbereiding stuitte ik op een in 1985 gepubliceerde wetenschappelijke mededeling van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Kim Vereniging. Deze had, samen met Vogelbescherming, een biografie uitgebracht waarin het leven van de kluut tot in detail beschreven werd. Ik vind het leuk om te vogelen, maar ik was bij het begin van mijn onderzoek geen expert in het interpreteren van klutengedrag. Nadat ik de publicatie had gelezen, ging ik op een andere manier naar de kluten kijken. Wist je bijvoorbeeld dat de kluut een sociale vogel is? Buiten de broedtijd zie je vaak groepen van enkele tientallen tot honderden vogels. Maar ook in de broedtijd zoeken ze elkaar op. Het liefst broeden ze in kolonies waarbij er tussen de nesten wel een bepaalde afstand zit. En waarbij het meest dominante paar de beste plek bezet. Dit laatste kun je alleen maar weten als je, voorafgaand aan de bouw van het nest, de groep kluten regelmatig observeert. Mijn onderzoek bestond uit verschillende deelonderzoeken. Eerst ging ik, samen met wat helpers, in kaart brengen waar de klutennesten zich bevonden. Zo’n nest stelt niet veel voor. Het bestaat meestal uit een ondiep kuiltje in de grond, gevoerd met planten en ander materiaal dat voor handen is. Kluten maken hun nest het liefst op de kale grond of

14


Broedende kluten

15 -

POLDER BREEBAART


op plaatsen waar de begroeiing kort is, zoals op de kwelders. Dat laatste maakt de nesten kwetsbaar omdat er steeds vaker voorjaarsstormen voorkomen waardoor bij vloed bijna alle nesten wegspoelen. Af en toe heeft zo’n klutenpaar geluk, dan blijft het nest drijven en gaan de ouders verder met broeden als het water is gezakt.

Film: Japanse penseelschildering (sumi-e) op rijstpapier.

Wanneer we een nest hadden gevonden, markeerden we het door op twee meter afstand een stok in de grond te zetten. We gaven alle stokken een nummer en gebruikten gps om de plek van het nest vast te leggen. Aan het eind van onze zoektocht kruisten we alle gevonden nesten op de kaart aan. De eieren kregen naast hun nestnummer ook een individueel nummer zodat we bij de inspecties konden zien wat er met zo’n ei gebeurde. Ik wilde namelijk precies weten hoeveel eieren er in een nest lagen, wanneer het ei gelegd was en of een kluut uit zijn ei was gekomen. Om de klutenkolonies niet te veel te verstoren, gingen we ongeveer om de vijf dagen de nesten bezoeken en zorgden we ervoor dat we niet langer dan anderhalf uur in het gebied waren. We moesten namelijk ook opletten of we door onze aanwezigheid het nest niet in gevaar brachten. Kraaien of meeuwen hebben bijvoorbeeld snel door dat er iets te halen valt. Ook wilden we de vossen niet op het juiste spoor zetten”, aldus Kim.

16


De watertestmethode Op onze vraag hoe ze weet wanneer een klutenei gelegd is, laat Kim haar notitieboekje zien. “Kijk, hier zie je alle meetgegevens staan. Omdat we natuurlijk niet de hele dag ieder nest konden observeren, heb ik gebruikgemaakt van de watertestmethode om vast te stellen hoe lang de eieren in het nest al bebroed werden. Ik zal jullie uitleggen hoe dat werkt. Het is bekend dat een kluut begint te broeden nadat het derde of vierde ei gelegd is. De meeste kluten leggen binnen 5 dagen vier eieren en vervolgens duurt het 23 tot 25 dagen voordat het eerste ei uitkomt. Als het embryo groeit, verdampt het water dat in het ei zit en dit wordt via de poreuze eierschaal naar buiten afgevoerd. Dit gebeurt ook met de gassen die ontstaan tijdens de ontwikkeling van het embryo. De zuurstof in het ei hoopt zich echter op aan de stompe kant en met de watertestmethode kun je dan bepalen hoe oud een ei is. Tijdens de broedtijd ging ik het veld in met een doorzichtig bakje en zoet water van tussen de 30 en 40 graden Celsius. Ik deed het water in het bakje, pakte een willekeurig ei uit het nest en legde het voorzichtig in het lauwe water. Een ei dat net gelegd was, zonk onmiddellijk en lag horizontaal op de bodem. Een ei dat al een aantal dagen bebroed werd, begon te stijgen waarbij de stompe kant naar het wateroppervlak draaide. Met het blote oog bepaalde ik dan de hoek tussen het midden van het ei en de bodem, door de bak zo horizontaal mogelijk te houden. Hoe groter de hoek tussen het ei en de bodem, hoe langer de eieren

17 -

POLDER BREEBAART


Twee kluten

bebroed waren. In de tweede broedfase gaan de eieren drijven waarbij de stompe kant van het ei boven het water uitkomt. Wanneer het ei ongeveer 6 millimeter boven het wateroppervlak uitkwam, wist je dat het kuiken op het punt stond uit het ei te kruipen�.

18


Kim onderzoekt jonge kluten

19 -

POLDER BREEBAART


Meteen op eigen benen staan

Film: het maken van een bronzen beeld van een kluut die zijn jongen verdedigd.

Een klutenjong weegt bij zijn geboorte slechts 22 gram: een handvol donsveren met relatief forse poten en een mini-klutensnavel. Als de donsveren droog zijn, worden de kuikens door hun ouders naar de rand van het water geleid. De klutenouders bezetten daar een voedselterritorium dat de komende drie weken tegen alle indringers met verve verdedigd wordt. Eenmaal in het territorium aangekomen, gaat de hele familie meteen op zoek naar voedsel. De ouders voeren de jongen niet, vanaf het eerste moment weten die hoe ze zelfstandig hun maaltje bij elkaar moeten scharrelen. Kluten eten vooral kleine, ongewervelde dieren, zoals zeeduizendpoten en slijkgarnalen. Ook insectenlarven en kleine insecten staan op het menu. Ze maken daarbij gebruik van verschillende foerageertechnieken waarvan het maaien met de snavel de meest bekende is. Terwijl ze in stevige pas hun kop van links naar rechts en terug bewegen, tasten ze op zoek naar prooi met hun gevoelige snavel de slikbodem af. Jonge klutensnavels zijn nog niet zo geschikt voor de maaitechniek; in de eerste weken zullen ze hun voedsel vooral met hun ogen opsporen en dan oppikken. Kim vertelt enthousiast: “Weet je wat ook een prachtig gezicht is? Wanneer de oudervogels hun jongen onder hun borstveren laten schuilen. Dat wordt koestergedrag genoemd. De ouders doen dit om hun jongen tegen afkoeling te beschermen, bijvoorbeeld als het regent, hard waait

20


Kluut met jongen onder de veren

of koud is. Omdat de kluut niet met zijn veren op het natte slik wil liggen, hurkt hij op zijn hielgewricht en vormt zo een donsjack waarin de jongen even kunnen opwarmen. Dan lijkt het net alsof die kluut op een heleboel poten staat.

21 -

POLDER BREEBAART


Men heeft berekend dat ieder klutenpaar jaarlijks gemiddeld anderhalf klutenjong moet grootbrengen om te zorgen voor een stabiele populatie. Jammer genoeg was 2005 voor de klutenpopulaties die ik onderzocht heb in de Dollard en de Punt van Reide, een slecht jaar. Zowel het aantal broedende klutenparen als het broedsucces was laag. En ook in Polder Breebaart nam het aantal jonge kluten dramatisch af. Werden er rond 1 juni 2002 en 2003 honderden halfvolwassen kuikens geteld, in 2004 telde men slechts twee kuikens en in mijn jaar was het niet veel beter�, verzucht Kim. Kluut

Wat gaat er mis in Polder Breebaart? Ze vervolgt: “Een van mijn onderzoeksvragen was wat de oorzaak kon zijn van de afname van de klutenpopulatie. Ik weet dat jonge kluten heel kwetsbaar zijn in de eerste twee weken. Er hoeft maar iets te gebeuren of ze redden het niet. Bijvoorbeeld wanneer het weer in die periode heel slecht is, met veel regen en kou, of tijdens een voorjaarsstorm die nesten en jongen van de kwelders wegspoelt. Daarnaast zie je bij mooi weer het omgekeerde: de slikrandjes waar de jongen van afhankelijk zijn, verdrogen en hiermee verdwijnen hun foerageerplekken. En de gevaren beginnen natuurlijk al tijdens de broedtijd: vergeet de koeien en schapen niet die op de kwelders grazen en nesten van kluten vertrappen. In Polder Breebaart was echter meer aan de hand; niet alleen het aantal jongen dat per broedpaar vliegvlug werd, daalde dramatisch, maar ook

22


het aantal broedparen liep enorm terug. Ik wilde daarom uitzoeken waarom voor de kluten de aantrekkingskracht van het gebied zo snel afgenomen is. Een van de oorzaken is dat na 2001 het gebied verruigd is, waardoor grote delen voor kluten ongeschikt werden om te broeden. De stukken die nog wel geschikt waren, zijn in 2004 door kokmeeuwen gekoloniseerd en hoewel een aantal kluten dit gevaar trotseerde en tussen hun belagers hun nest bouwde, kozen de meeste vogels eieren voor hun geld. In mijn onderzoeksperiode heeft vooral de aanwezigheid van een vos met jongen een belangrijke rol gespeeld. Dit dier heeft in 2005 een aanzienlijk deel van de nesten leeggegeten. En een vos die daar iedere dag rondsjouwt, leidt natuurlijk al tot verstoring voordat de kluten besluiten om er te broeden. In combinatie met het dichtslibben van de geul, waardoor de vos makkelijk op het broedeiland kon komen, heeft dit in 2005 tot een slecht klutenjaar geleid. Maar ook zonder vossen zou de klutenpopulatie waarschijnlijk afgenomen zijn. Simpelweg omdat ik geloof dat de voedselsituatie voor de kluut verslechterd is.�

Zeven en ringen “Ik vertelde al eerder dat mijn onderzoek uit verschillende activiteiten bestond. Wat ik namelijk ook heb gedaan, is onderzoeken wat de kwaliteit en kwantiteit van het voedselaanbod voor de kluten was. Hiervoor heb ik monsters genomen van de slikveldjes en geteld hoeveel zeedui-

23 -

POLDER BREEBAART

Film: maken van een groot schilderij van wegvliegende kluurt.


zendpoten en slijkgarnalen voorkwamen. Zo’n bodemmonster ga je uitpluizen; met een hele fijne zeef scheid je de prooidiertjes van de rest en dan ga je deze diertjes verder onderzoeken. Zo’n onderzoek was een aantal jaren geleden uitgevoerd door andere wetenschappers en zij hadden al geconstateerd dat het voedselaanbod afnam. Ik kon deze conclusie niet staven met mijn onderzoeksgegevens omdat ik op andere plekken mijn monsters had genomen. Maar ik zag wel dat het aantal prooidiertjes in de monsters niet erg groot was en volgens mij is dat een belangrijke reden waarom de klutenpopulatie in Polder Breebaart afneemt.”

Tellen tot het zwart voor je ogen wordt “Weet je”, zegt Kim, “onderzoek doen in het broedseizoen is geen baan van negen tot vijf, je bent van zonsopgang tot zonsondergang, in weer en wind, zeven dagen per week in touw. Tijdens het broedseizoen hebben we ook volwassen en jonge kluten geringd, dat maakte ook nog deel uit van mijn onderzoek. Dat ringen gaat allemaal heel voorzichtig, je moet er niet aan denken om zo’n prachtig dier te verwonden! Vanaf april tot en met juni hadden we ook onze wekelijkse teldag. Dan gingen we met een aantal mensen de kluten op de hoogwatervluchtplaatsen tellen. Soms was je bijna klaar en dan gingen ineens alle kluten op de wieken; dan kwam er bijvoorbeeld een slechtvalk of andere roofvogel langs. En dan kon je weer opnieuw beginnen.

24


Kokmeeuw en visdief

25 -

POLDER BREEBAART


Film: de vispassage in de Polder Breebaart.

Begin april zagen we maar liefst 1800 kluten in Polder Breebaart en zo’n 380 op de kwelders.We dachten toen dat de afname van de populatie tot staan was gebracht. Zoals je al weet mocht het niet zo zijn; hoe langer mijn onderzoek duurde, hoe minder er van ‘mijn’ populatie overbleef. Naast die tellingen ging ik ook een aantal keren per week inventariseren hoe het met de nesten en jongen was gesteld. Iedere keer was het weer afwachten of een geringd jong nog leefde. Op het laatst waren er zo weinig jongen over, dat je ze bijna persoonlijk kende. En dan was je blij als je er weer een zag. Als ik er nu op terugkijk, heb ik hier een fantastische tijd gehad. Af en toe mis ik het ook wel; dat open landschap, die prachtige luchten, de stilte, en natuurlijk de kluten van Breebaart”, zegt ze met een lach.

Volg het spoor terug Aan de rand van Polder Breebaart staat een groot uitwateringsgemaal. Dat zorgt ervoor dat het overtollige water uit het achterland naar zee wordt afgevoerd. Voor vissen die trekken van zout naar zoet water, of van zoet naar zout water, is zo’n gemaal een onoverkomelijke hindernis: ze worden letterlijk vermalen. Het Groninger Landschap wilde in het nieuwe natuurgebied niet alleen ruimte scheppen voor vogels maar ook de vistrek weer mogelijk maken. Zo zouden de glasaaltjes – dit zijn jonge palingen die voor de kust van Mexico worden geboren – weer de polder in kunnen trekken en

26


geslachtsrijpe palingen naar hun paaigebied kunnen terugkeren. Ook het driedoornige en het tiendoornige stekelbaarsje, en andere vissoorten als spiering, bot, harder, zeeprik of zeeforel, zijn voor hun voortplanting afhankelijk van zowel zout als zoet water. Om de vismigratie weer mogelijk te maken, heeft het Groninger Landschap samen met het waterschap Hunze en Aa’s een vispassage aangelegd. Zoals de duiker de Dollard verbindt met Polder Breebaart, zo vormt de vispassage de verbinding tussen het verbindingskanaal met daarin zoet water uit het achterland en de wadgeul in de Breebaart.

27 -

POLDER BREEBAART

De vispassage De waterloop naar de geul in de Breebaart.


Om de vissen op het spoor te zetten van de vispassage, pompt deze een beetje zoet water in de wadgeul. Wil de vis van zout naar zoet, dan zwemt hij via een opvangbassin door een buis die door de oude zeedijk loopt. Maar dit is niet voldoende om een onbelemmerde terugtocht te garanderen. Als de vis van zoet naar zout wil, wordt hij op een visvriendelijke vijzel (een soort schroef ) vanuit het kanaal naar de polder getransporteerd waarna hij door de duiker naar de Dollard kan zwemmen. In het verbindingskanaal zijn ook nog reflectoren geplaatst die de vissen naar de passage loodsen. Jaarlijks, tijdens de voor- en najaarstrek, inventariseren Jarco Imminga en Wubbo Kruit of de vispassage aan haar doel beantwoordt. Als we op een dag met ze meelopen, legt Wubbo uit hoe het principe werkt: “Een keer per week sluiten we de buis af die het bassin met het verbindingskanaal verbindt en tellen we de vissen die in de verzamelbak zijn achtergebleven. Dat zijn voor het grootste deel paling of glasaal, stekelbaars en bot. En wat zie je: net als het aantal kluten, neemt ook het aantal trekvissen af. Hoogst waarschijnlijk is dat ook de schuld van het dichtslibben van de wadgeul. Daarom zoeken we nu naar oplossingen om het bezinken van het slib uit de Dollard tegen te gaan. Misschien wordt er een slibvang, een op een strategisch punt uitgegraven bak, geplaatst. We hopen dat het helpt. Maar voor de paling zal dat slechts een druppel op de gloeiende plaat zijn. Voor het voortbestaan van deze bedreigde vissoort zullen verdergaande Europese maatregelen nodig zijn.�

28


Film: het maken en afdrukken van een ets.

29 -

POLDER BREEBAART


Film: kluten schetsen in een schuiltentje bij een klutennest.


KNNV Uitgeverij


Kluten van Breebaart NFC demo version  

Kluten van Breebaart NFC and 2D barcode demo version

Advertisement
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you