__MAIN_TEXT__
feature-image

Page 1

2

5

AR TR A

M

JUBILEUMKRANT

JA

Zo ontstaat in 1993 - geïnspireerd op Engels voorbeeld - het plan om een tram in het museum te laten rijden. De tramgeschiedenis van de stad Arnhem en een enthousiast gemeentebestuur leiden tot een tram met Arnhemse inslag. Er zal in eigen beheer een GETA motorrijtuig worden gebouwd naar voorbeeld van de 70-serie die vanaf 1929 in Arnhem reed. De werkgroep-GETA is een feit. Stichting Museumtram In 1994 wordt, onder voorzitterschap van de oud-directeur van het Ge-

Eind december 1993 wordt in de landbouwwerktuigenloods uit Goes een begin gemaakt met de bouw van de GETA 76. De Nederlandse Tramwegstichting schenkt de historische Rotterdamse tram RET 530. In 1995 volgt de Haagse HTM 274. In de loop van 1994 ziet de bezoeker er ook een presentatie van het voorgenomen tramproject als geheel. Vervoer en vrijwilliger De fondsenwerving verloopt goed. In 1995 zeggen 32 partijen medewerking toe en komt er Europees geld voor werkgelegenheid beschikbaar. Inmiddels is een grote groep betaalde én vrijwillige medewerkers bezig met de reconstructie van de GETA 76. Het tramproject werkt als hefboom voor de accep-

Onderhoud trams van groot belang Wie op een drukke dag het Openluchtmuseum bezoekt, komt er beslist een aantal tegen. In drukke periodes rijden er maar liefst drie trams tegelijk. De trams rijden om de vijf minuten, en soms zelfs om de twee à drie minuten. Om de trams in het hoogseizoen zoveel te kunnen laten rijden, worden ze

elke twee maanden gekeurd. Maar hoe kom je aan onderdelen van trams die al zo oud zijn? Het voordeel van het beheren van oude trams is dat er weinig computertechniek bij komt kijken. Trams werden vroeger over het algemeen vrij degelijk gemaakt, waardoor speci-

UM

SE U

ND

H S O PENLUC

TM

AGENDA De Tramremise is meer dan alleen een werken standplaats voor alle trams. Het hele jaar door is er van alles te beleven voor jong en oud. Kom je langs?

De GETA 76 in het museumpark.

tatie van vrijwilligers in het museum. Het is voor iedereen, ook de Ondernemingsraad van toen, duidelijk dat de bouw en exploitatie van een museale tram niet zonder vrijwilligers kan. Inmiddels werken vrijwilligers in alle geledingen van het museum en zijn ze simpelweg onmisbaar. In de winter van 19951996 wordt het tracé aangelegd. Als op 4 april 1996 het museumseizoen door Pieter van Vollenhoven wordt geopend, heeft het museum met de start van het trambedrijf ineens vijf ingangen. Ook vandaag de dag zorgt de tram nog voor betere spreiding van bezoekers over het museumterrein. Daarnaast biedt de tram vervoer voor rolstoelen en is de tramrit op zich uitgegroeid tot een zeer gewaardeerde museale fieke mechanica meestal goed te repareren is in het museum zelf. Er is ook nauw contact met andere trammusea, waardoor er gemakkelijk kennis uitgewisseld kan worden. Ook de wielen van de tram moeten eens per twee maanden worden gecheckt. Omdat de wielen en rails beide van ijzer zijn, is slijtage niet te voorkomen. Zo’n één keer per twee jaar moeten daarom de wielen worden gecontroleerd. Het is niet altijd nodig om nieuwe

beleving. Inmiddels is het vervoer alweer vele jaren gratis, maar in de beginjaren kocht je een kaartje dat ook echt geknipt werd door de conducteur. De tram heeft fans De waardering van bezoekers voor de tram is in de afgelopen 25 jaar volgens de onderzoeken onafgebroken hoog. Hoewel er ook - het lijkt net de echte wereld - klachten zijn dat de tram te vol is of net voor iemands neus wegrijdt… De aanwezigheid van materieel uit drie grote steden en de koersborden voor hun oorspronkelijke bestemmingen zorgen bij veel bezoekers voor herkenning. De prachtige GETA 76 oogst steevast veel bewondering.

bewust en van het begin af aan niet tot de museale collectie. De tram is namelijk als dienstverlening aan de bezoeker, als vervoerssysteem, in het museum geïntroduceerd. Als het collectie zou zijn, gaat authenticiteit voor veiligheid. Dat wil je als museum niet. Je moet ongehinderd al het noodzakelijke onderhoud kunnen doen en waar nodig veiligheidssystemen kunnen aanbrengen, zodat je je bezoekers veilig van A naar B kunt brengen.

Vervoer én beleving Het trammaterieel hoort

Vriend en vijand erkennen dat de introductie van de tram in 1996 getuigde van visie. Vrijwilligers worden inmiddels op handen gedragen en de tram is niet meer uit het museum weg te denken. Iets om te vieren: 25 jaar tram in het Nederlands Openluchtmuseum!

wielen te plaatsen. Soms worden bijvoorbeeld ook de beste wielen naar voren gehaald en de mindere wielen naar achteren

gezet. Dan kan een tram toch weer even vooruit. De rails wordt meestal in het laagseizoen onder handen genomen.

De RET 631 in onderhoud.

Volg een tramles Heb je altijd al eens een tram willen besturen, maar ben je hier nog iets te klein voor? Neem dan een tramles in de Tramremise en ontdek hoe het is om in zo’n grote wagen te rijden. Lees hoe je stroom aan de motoren moet geven of hoe je moet reageren op onverwachte situaties. En dat allemaal met een echt uniform aan. Haal jij je diploma aan het einde van de les? Voel je voor even trambestuurder Is het jouw grote droom om bestuurder te worden? Vandaag is het jouw dag! Bij het fotobord in de Tramremise kun je op de foto en ben jij dé bestuurder van de dag. Herken jij de onderdelen? Het komt geregeld voor dat er een tram boven op de put (een grote ruimte onder de rails) staat. Op de manier kunnen de mensen die de trams onderhouden, beter bij alle onderdelen. Loop de put eens in en kijk of je bijvoorbeeld de bel, de handremketting of de zandstrooiers kunt vinden. Familieactiviteit in mei- en herfstvakantie Hoe zag een tramritje er 100 jaar geleden eigenlijk uit? Wie reisden er toen met de tram en wat namen ze mee? In de feesttram is iedereen welkom! Rijd een rondje mee en reis 100 jaar terug in de tijd. Alleen van 24 april t/m 9 mei en 16 oktober t/m 31 oktober 2021 van 12.00 - 17.00 uur.

Lees meer over het jubileum

Zijn paard en wagen een optie? Een paardentram misschien? Nou, dat is wat te kleinschalig. Erg arbeidsintensief ook en de veiligheidsrisico’s zijn wat onduidelijk. Autobussen dan? Nee, ook niet. De hoofdroute van het museum loopt niet rond. De wegen zijn smal en de verbrandingsmotoren geven stankoverlast. Een tram dan? Kijk, dát biedt perspectief!

A

RL

Het Nederlands Openluchtmuseum met een vorm van vervoer beter toegankelijk maken, vooral voor ouderen. Dát is de ambitie die het museum in de jaren na zijn verzelfstandiging (1990) heeft.

meentelijk Vervoerbedrijf Arnhem en met enkele bekende namen uit de historische tramwereld als bestuursleden, de Stichting Museumtram opgericht. Belangrijkste taken? Het organiseren van de fondsenwerving en het kweken van draagvlak. De Nederlandse Tramwegstichting is, net als andere partijen uit de vervoerwereld, al in een vroeg stadium bij het project betrokken. Intern is er soms weerstand. Is de tram niet een heel dure hobby van de directeur? Verdringt de inzet van vrijwilligers geen betaalde banen?

DE

Leendert van Prooije Wetenschappelijk medewerker

NE

Vervoer of beleving?


Tram op het platteland In de eerste helft van de twintigste eeuw rijden elektrische trams - vanuit de grote steden - ook in kleinere steden en op het platteland. In Groningen, Twente, Gelderland, Noord- en Zuid-Holland, Zeeland en Zuid-Limburg rijden ze. Je vindt ze in Groningen-stad, Enschede, Arnhem, Nijmegen, Heerlen, Kerkrade, Sittard, Vlissingen, Maastricht, Leiden, Haarlem en Amersfoort. Rond 1930 ligt buiten de steden ruim 260 kilometer spoor en bovenleidingvoor elektrische trams. Dat beeld vinden we nu heel ongewoon. Spoorbreedtes In spoorbreedte en bovenleiding zitten nogal wat verschillen. Bij het ene trambedrijf is de spoorbreedte 1.000 mm (meterspoor), een andere heeft 1.435 mm (normaalspoor) en een derde gebruikt 1.067 mm (kaapspoor). Dit betekent dat de tram uit Utrecht niet door kan rijden naar Arnhem. Van Utrecht naar Zeist ligt een breder spoor dan

Spanningen De stroomspanning is vaak circa 600 Volt (tegenwoordig 750). De tram in Nijmegen heeft echter vanwege de ‘bergbaan’ een hogere bovenleidingspanning nodig: ca. 800 Volt. De plattelandstrams in Gelderland en Noord- en Zuid-Holland én de trams in de mijnstreek gebruiken 1200 Volt. Op de tramlijn van Zeist naar Utrecht is de spanning 750 Volt, maar in de stad zelf kiest men voor 600 Volt. De motor van de tram uit Zeist levert daar dus minder vermogen. Simpelweg materieel uitwisselen tussen de verschillende trambedrijven is er om deze reden niet bij. (Openbaar) vervoer Overigens rijden in de rest van Nederland ook overal trams, veelal stoomtrams. Het totale tramrailnet is

Vis, kaas en toeristen De elektrische tramlijnen buiten de stad vervoeren personen én vracht. De lijn tussen Amsterdam en Edam-Volendam bijvoorbeeld, vervoert passagiers (toeristen) naar Volendam en melk, vis en kaas van Volendam en Edam terug naar Amsterdam. In de mijnstreek van Zuid-Limburg dient de elektrische tram in een enkel geval voor kolentransport. Ook de lijn Amsterdam-Zandvoort, die van Groningen naar De Punt en het ‘bergspoor’ van Nijmegen naar Berg en Dal zijn belangrijk voor het toerisme. Die laatste maakt zelfs reclame met prachtige posters die je de indruk geven een heel exotische reis te maken als je in Nijmegen in een wagen van het bergspoor stapt.

Bussen verdringen trams Het beeld in het plattelandsgebied verandert in de jaren rond de Tweede Wereldoorlog. Elektrische én de stoomtrams worden bijna overal vervangen door bussen. Die, zo is de mening, bieden flexibeler vervoer, omdat ze niet gebonden zijn aan een vast tracé. Geen wonder dat wij de aanblik van een elektrische tram buiten de grote stad niet meer gewend zijn.

Over de grens Ook voor grensoverschrijdend verkeer reizen mensen per tram. Tramlijnen uit Duitsland en België (Zeeuws-Vlaanderen) hebben vaak eindhaltes in kleine Nederlandse plaatsen. In het oosten van

Tóch kan het in het Openluchtmuseum. Word trambestuurder voor een avond

Door de jaren heen is de Arnhemse tram verscheidene keren in de krant gekomen. Was het niet om een recordaantal passagiers te vermelden, dan was het wel omdat de tram een limonadekar had aangereden. Hieronder een aantal knipsels uit verschillende kranten.

Knipsel uit de Arnhemse Courant van 12 mei 1911.

‘Hier heb ik mijn droombaan gevonden’ Diederik Menting Coördinator tram publiek Het grootste gedeelte van het jaar is hij te vinden bij de trams van het Openluchtmuseum, maar af en toe spot je ‘m ook als buschauffeur in Arnhem en omstreken. Diederik Menting is tramcoördinator bij de publieke tak van de museale tramdienst en is, zoals hij zelf zegt, ‘gek op alles wat met het openbaar vervoer te maken heeft’. Al 15 jaar is Diederik op de tram in het Openluchtmuseum te vinden. Dé plek waar passie en werk samenkomen. Voor hem de baan waarvan hij als klein jongetje alleen maar kon dromen. Als je Diederik vraagt naar zijn favoriete tram, kan hij nauwelijks kiezen: “Natuurlijk is een grote favoriet van mij de HTM 274, een tram die 100 jaar ge-

leden al in dienst kwam.” Maar daar blijft het niet bij. “Erg bijzonder is ook de replica van de originele Arnhemse tram, die tot aan de Tweede Wereldoorlog door de stad reed. Toch blijft mijn echte favoriet de RET 631, een tram die is gefabriceerd is in Nederland zelf!”

Onderhoud en reparatie: het hele jaar door Robert-Jan Michel Teamleider Tramremise “Onze trams worden intensief gebruikt. Vrijwel alle bezoekers nemen de tram, vaak meerdere keren per dag. Er zijn veel halteplaatsen op een klein traject met veel bogen (bochten). Er rijden twee tot vier trams de hele dag door. Het moet wel altijd veilig zijn. Er mag geen tram uit de bocht vliegen en er mag nooit iets met de elektriciteit misgaan. Onderhoud en reparatie zijn dus essentieel. We onderhouden en repareren de trams zelf. Dat doen we met drie medewerkers en zes vrijwilligers. Bogen in het tracé slijten extra snel. Ieder jaar moeten we daarom raildelen oplassen en om het jaar moeten de wielen van de trams vervangen worden. Motoren, koolborstels, weerstanden: allemaal onderdelen die van tijd tot tijd aan vervanging toe zijn. Wat we hier doen is mechanisch en elektrisch. De trams rijden op 680 Volt gelijkstroom. Daar

moet je heel zorgvuldig mee omgaan. Foutjes kun je namelijk niet navertellen. Het is bepaald geen speelgoedtrammetje. Als je van school komt met een elektrotechnisch diploma, moet je bij ons nog veel bijleren. De techniek in onze trams komt uit de jaren twintig t/m zestig van de vorige eeuw. Om dit te begrijpen, moet je je kunnen verplaatsen in die tijd. Je moet het vak hier echt van de ervaren medewerkers

leren. Iedereen die hier in de techniek werkt, vindt die techniek van vroeger juist het mooie. Het is allemaal passie. Draaien, vrezen, onderdelen zelf maken… Gepensioneerden van technische beroepen kunnen zich hier als vrijwilliger weer uitleven. Ik ben zelf de jongste met mijn 42 jaar. In de vijf jaar dat ik hier werk, heb ik geleerd dat je vrijwilligers echt niet hoeft te motiveren; eerder afremmen.

Knipsel uit de Arnhemse Courant van 19 mei 1911.

NZH-tram bij de Grafelijkheidssluis Monnickendam, 1955. Coll. Waterlands Archief

en leer de fijne kneepjes van het vak. Hoe ziet zo’n avond er dan uit? Je wordt rond 17.00 uur verwacht, precies op het moment dat de reguliere bezoekers naar huis gaan. Een privépark voor jou alleen dus. Op een lege

maag kun je niet rijden, dus een avondmaaltijd samen met de instructeurs is inbegrepen. Na wat theoretische uitleg, kun je beginnen met het echte werk: het rijden! Heb je genoeg geleerd om met vlag en wimpel te slagen

voor je examen? Dan moet daar natuurlijk op gedronken worden. Je keert voldaan huiswaarts met een ‘officieel’ bestuurderscertificaat op zak. Kun je ook niet wachten om dit avontuur aan te gaan?

Knipsel uit Nieuwsblad van het Noorden van 12 augustus 1911.

STEUN HET MUSEUM!

Zijn er technische vraagstukken waar we zelf niet uitkomen, dan overleggen we met onze collega-trammusea in Rotterdam, Amsterdam of Den Haag. Als wij - technici - in de Tramremise bezig zijn, krijgen we van bezoekers nog wel eens de vraag of we acteurs zijn. Ze geloven niet dat wij écht ‘aan die trams sleutelen’. Er zit een hele wereld van techniek achter onze trams en maar weinig mensen ­beseffen dat.”

In de werkplaats in de Tramremise wordt het hele jaar door hard gewerkt.

Knipsel uit Het Vaderland van 8 januari 1913.

Uniek: bestuur zelf een tram in het Openluchtmuseum Zelf een tram besturen? Zonder in het bezit te zijn van een bestuurderscertificaat? Dat klinkt als iets onwerkelijks.

Terug naar toen met de lightrail? Misschien verandert dat beeld binnenkort. Op verschillende plekken in Nederland wordt immers hard gewerkt aan de ontwikkeling en implementatie van lightrail, waarmee snel en zonder hinder van wegverkeer personenvervoer mogelijk wordt. De grensoverschrijdende lijn van Maastricht naar Hasselt gaat volgens de planning in 2024 open voor passagiers.

KRANTEN KNIPSELS

Steun ons d.m.v. een donatie

Een elektrische tram in het Openluchtmuseum? Dat is vreemd… Toch? De elektrische tram associëren we in onze tijd met de grote stad. Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht zijn de steden met trams. De tram op de Dam, de Coolsingel of het Korte Voorhout, die kennen we. Toch was het in de jaren dertig een heel vertrouwd beeld in het Nederlandse landschap.

van Zeist naar Arnhem. Net zo min kan de tram uit Kleef doorrijden naar Nijmegen. Tot Beek ligt 1.435 mm spoor en van Beek naar Nijmegen is de spoorbreedte 1.067 mm. Overstappen in Beek dus.

Boek dit arrangement

Leendert van Prooije Wetenschappelijk medewerker

Zuid-Limburg is de elektrische tram een belangrijk vervoermiddel in het woon-werkverkeer voor de mijnwerkers. En in het duingebied bij Castricum wordt een elektrisch tramlijntje aangelegd als verbinding tussen station Castricum en ‘provinciaal krankzinnigengesticht’ Duin en Bosch bij Bakkum.

Bekijk hier de video

Elektrische trams buiten de stad?

rond 1930 ruim 2.400 km, waarvan ruim 10% geëlektri­ficeerd. Daarnaast is er in die tijd bijna 3.700 km spoor­­­­­­­lengte voor de spoorwegen. Nu is dat nog zo’n 3.400 km. Het railvervoer neemt in 1930, met bijna een dubbele spoorlengte, dus een veel belangrijkere plaats in het landelijke (personen)vervoer in dan nu.

De viering van het jubileumjaar van de tram in het Openluchtmuseum wordt mede mogelijk gemaakt door Stichting Goede Doelen Nh1816.


W O O R D Z O E K E R

Naam ______________________

Datum _____________________

Kun jij alle verborgen woorden vinden in deze woordzoeker? B Y

I

D L N D L

Z F Q M

I

J

F O X E Z

T R E T F Y R R C T X T E

H J M U J G K M H T M M

I

E M

J R R K

I

I W E O E X K E

F U P G W E S N Y W J

L

W Y Q L E T G E U E F W S D Q L O E L R W I

T N R S R T R E A U L B K K

• ELEKTRISCH • HTM • OPENLUCHTMUSEUM • RET • VIERASSER

E C J

I

A T

• BESTUURDER

T L A E T E

I

R R

• GETA

R H J H T S T L G H X W E S

I

N

• JUBILEUM

E E A B L

I

E U A X P

E D C U A W S M I

• ARNHEM

I

I

R U T O J N A H R B O P T U

F H S

• RAILREINIGER

E U H U J E R C E S B M H R M S E C

• TRAMREMISE

T T U Y S F E U

L B N T E E E M H

• VIJFENTWINTIG

I

• CONDUCTEUR

A S

I

L

J

J

M E S H W I

I

I

L N

V N

I

I

I

J W M D R X W O

A H F A A M G Y V

C B J D S V O E G R Q W B G A E T

I

M W E W M D H P E P D L R V R T Q X N G B Z N O Y O R

I

D R C N N N L W M J

P

I

U E T A S K

T K M G E P Z

ARNHEM

BESTUURDER

ELEKTRISCH

GETA

HALTE

HTM

JUBILEUM

MATERIEEL

J

• HALTE • MATERIEEL • RAILS • TWEEASSER • WACHTHUISJE

Nieuwe presentatie in de Tramremise Leerzaam én leuk voor jong & oud CONDUCTEUR

RAILREINIGER UdoOPENLUCHTMUSEUM Feitsma Er is ook ruim aandacht te vinden. Dat herinnert Persvoorlichter voor de trams die in het aan zo’n (gedeeltelijke)

Avontuurlijk Hoe het allemaal begon pionierswerk Stef Verbart Machinebankwerker Tramremise “In maart 1994 begonnen we met een klein groepje: twee machinebankwerkers, een lasser, een timmerman, een technisch tekenaar en twee jongens van werk & scholing. Die twee moesten alles nog leren. We gingen een tram bouwen. De meesten van ons hadden zelfs nog nooit in een tram gezeten. Het moest in Loods Goes gebeuren, maar daar was helemaal niks. We moesten eerst maar eens voor gereedschap zorgen: boren, zagen, lasapparatuur, noem maar op. Veel vertrouwen had ik er toen niet in. Maar de tekenaar was goed bezig en gaandeweg begon het ergens op te lijken. Voor het houtwerk van de opbouw konden we op een gegeven moment een gesloopt interieur uit het Wilhelminaziekenhuis in Amsterdam gratis krijgen: mooi teakhout. Toenmalig directeur Jan Vaessen liep elke maand wel een paar keer binnen: “Wanneer is ’ie nou klaar?”. Die kon niet wachten. Bij de officiële opening in 1996 was de GETA nog niet klaar, maar we hebben hem wel uit de Tramremise getrokken. Met een ketting, alsof hij zelf kwam aanrijden… je moet wat.

Die onderdelen kwamen hier gezaagd binnen en konden we van geboorde gaten voorzien en als een bouwpakket in elkaar zetten. De platen en balken werden niet met klinknagels geklonken. Wij gebruikten inbusbouten en alle zeskantjes werden dichtgekit, zodat je niet kon zien dat het niet origineel was. Ook werden veel platen nog extra verlijmd. Geen tram zo robuust als onze ­ GETA: die is echt gebouwd voor de eeuwigheid.

“Een museum met een rondrijdende tram. Dat was in 1993 de droom van het Openluchtmuseum. Op die manier zouden (oudere) bezoekers eenvoudiger de afgelegen boerderijen Beerta en Midlum en stoomzuivelfabriek Freia kunnen bezoeken. Toevallig zocht Den Haag een plek om een historische tram onder de brengen en had Jan Vaessen,, toenmalig directeur van

het Openluchtmuseum, had op aanraden van de Tramweg-Stichting nét in Engeland een museum bezocht waar een tram rondreed. Hij was laaiend enthousiast: dat moesten wij ook hebben!

Spoorwegmuseum in een stoffige doos gevonden waren. Technisch tekenaar Joop Wens en enkele technici zijn daar in 1994 mee begonnen in Loods Goes. Kwamen er collega’s kijken, dan zagen ze een paar stalen balken De gemeente Arnhem op de grond liggen in een wilde graag meewerken verder leeg gebouw. “Dit om de herinnering aan wordt de tram!” Ze dachde voormalige GETA ten dat we geschift waren. (Gemeente Electrische Tram Arnhem) en de Schakelkasten, motoren Tramremise, verwoest en de beweegbare panin 1944, levend te hou- tograaf (stroomafnemer) den. Een GETA-tram op het dak kwamen van moest gebouwd worden oude trams. Verder werd aan de hand van bouw- alles nieuw gemaakt, uit tekeningen die in in het dik staal gesneden en in

Loods Goes gemonteerd. Toen in 1996 de Tramremise klaar was, is de GETA 76 daar afgemaakt. Op een gegeven moment reed hij zijn eerste meters: op een accu, in de Tramremise, magisch! De eerste jaren na de opening in 1996 reden we met een geleende blauwe tram uit Amsterdam, een tram uit Den Haag en later de 536 uit Rotterdam. Die GETA, waar het allemaal mee begonnen was, kwam pas in 1998 gereed.”

Het meest trotse moment was tijdens de remproeven in Diemen. Al die technici wilden wel eens zien of het allemaal werkte. De meetapparatuur in de tram vloog bij de noodstop door de lucht. Dat hadden ze met hun eigen trams nooit meegemaakt. We slaagden glansrijk. Ook de masten voor de bovenleiding hebben we hier zelf gemaakt. Allemaal. Voor die masten zijn we Arnhem ingegaan. We zijn in de masten die we nog konden vinden, geklommen om de maten op te nemen. De politie werd erbij gehaald want ‘er waren een paar gekken die in de masten klommen…’.” Onder andere de beugel, motoren, schakelkasten en automaten van de geschonken RET 530 werden gebruikt voor de bouw van de GETA 76, die in Loods Goes werd gebouwd. Foto: Rob van Oostenrijk

Bijzonder ‘tramobject’ in museumcollectie

RAILS

Openluchtmuseum rij- plattelandslijn. TWEEASSER den. Historische trams uit TRAMREMISE geheel vernieuwde pre- Rotterdam en Den Haag In een andere film komen sentatie te zien. Behal- en het paradepaard, de de medewerkers die op de ve nieuweVIERASSER wandpanelen GETA 76; een replica van tram rijden en meehelpen zijn er nu ook voorwer- een Arnhemse tram die in met het onderhoud, aanWACHTHUISJE VIJFENTWINTIG pen en films te zien. In én door het Openlucht- het woord. Zij hebben een industrieel uiterlijk museum is gebouwd. enorm veel kennis van dat helemaal bij de sfeer de historische trams en woordzoeker is uitgeprint op WoordzoekerMaken.nl van Deze de Tramremise past. In de presentatie zijn ook alle handelingen en werkvoorwerpen te zien uit de zaamheden die daarbij Op de nieuwe wandpane- collectie van het museum, komen kijken. Denk bijlen is onder meer infor- zoals een geldwisselaar voorbeeld aan het handmatie te vinden over de die gebruikt werd door matig overzetten van de geschiedenis van de tram tramconducteurs, een mo- wissels op het traject, het in Arnhem. Van de paar- deltram en een stuk rails. draaien van wielen en het dentram die sinds 1880 besturen van een tram van dienst deed als openbaar Bijzonder in deze pre- soms wel meer dan honvervoer en de aanleg van sentatie is een film uit de derd jaar oud. het elektrische spoor in eerste helft van de 20ste het begin van de 20ste eeuw, met spectaculaire Een presentatie waar leteeuw tot het einde van de beelden van elektrische terlijk de vonken vanaf tram na de Slag om Arn- trams die op het platte- vliegen! hem in 1944, waarbij alle land rijden, of naar het In de Tramremise hangen verschillende panelen. Zo kun je iets leren over de geschiedenis van de trams en de Tramremise strand. In het buitenmusetram en de Tramremise in Arnhem, welke trams je in het museum kunt vinden en hoe die onderhouverloren gingen. um is ook nog een tramden worden, over elektrische trams op het platteland en natuurlijk over de toekomst dzoekermaken.nl/print.php?t=TRAM&w=18&h=18&p=B,Y,I,D,L,N,D,L,J,F,O,X,E,Z,J,R,R,K,Z,F,Q,M,I,T,R,E,T,F,Y,R,R,C,T,X,T,E,H… 1/1 van de tram. Bovenstaande panelen zijn schetsen. haltehuisje uit Zandvoort

Interview met Rob van Oostenrijk Trambestuurder en instructeur

Leendert van Prooije Wetenschappelijk medewerker

RET is een In de Tramremise

Aan de rechterkant van de tram zie je een mast voor de bovenleiding. Dit is één van de vele masten die in het museum zelf gemaakt zijn.

In de collectie van het Openluchtmuseum bevinden zich heel weinig voorwerpen die gerelateerd zijn aan een trambedrijf en nóg minder die te maken hebben met de Arnhemse tram.

object dat geschonken werd door een Arnhemse familie en dat hoogstwaarschijnlijk gebruikt is in de paardentram én in de elektrische tram. De vader van de schenkster was namelijk tramkoetsier in 1910 en wagenbestuurder van de elektrische tram in 1912. In 1937 was hij dat nog steeds.

Toch is er één object dat in het oog springt. Een

Om welk object gaat het dan? Een messing ‘munt-

De munthouder uit de collectie van het Nederlands Openluchtmuseum

houder’. Technisch gezien bestaat het object uit vier aan elkaar gesoldeerde kokertjes waarin je munten kunt opbergen. Elke muntsoort had zijn eigen diameter, dus kreeg iedere soort een eigen kokertje. Onder in het kokertje zit een veer, met daarop een plaatje. Hierdoor wordt een munt naar boven geduwd, zodat de trambestuurder of conducteur gemakkelijk munten kon teruggeven bij het wisselen van geld. Werd er geld ontvangen, dan konden die munten ook weer makkelijk in de koker worden opgeborgen door licht te duwen. In die tijd betaalde men natuurlijk alleen maar met contant geld - waaronder veel munten - dus zo’n houder was van groot belang. De Arnhemse munthouder lijkt te zijn gemaakt door een Arnhemse koper-

bewerker, die de messing platen eigenhandig om een mal heen rond maakte. Vervolgens werden de boven- en onderzijde aan elkaar vastgemaakt, zodat er een opening ontstond waardoor je kon zien hoeveel munten in de koker zaten. Een prachtig authentiek en echt Arnhems voorwerp om het tramjubileum van het museumtrambedrijf luister bij te zetten. Ben je benieuwd hoe zo’n munthouder er uitzag of wil je verder lezen? Scan de QR code.

Lees meer

TRAM


De website openluchtmuseum.nl

NU

NKEL EUMWI

US

M A R T N E T DE M N I R A BA

IJG VERKR

HOU

€ 9,95

Bouwtekening van de GETA 76.

Belevenissen met de GETA 76

De tram die in het Openluchtmuseum rijdt, is in 1995-1996 gebouwd door medewerkers en vrijwilligers van het museum. Dat deden zij aan de hand van gesprekken met oud-trammedewerkers en originele bouwtekeningen. Hoewel de replica geen exacte kopie is van de originele tram, mogen we toch met trots zeggen dat GETA 76 een echte Arnhemse tram is.

hemse tram uitgeleend aan het GVB in Amsterdam, dat er gasten mee wil vervoeren voor de zestigste verjaardag van toenmalig koningin Beatrix. Om de tram gereed te krijgen voor deze eervolle gelegenheid, wordt er door alle medeIn de 25 jaar dat GETA werkers van de Tramre76 in het museum rijdt, mise keihard en met veel heeft het tramstel al veel liefde aan gewerkt, vaak beleefd. Voormalig Tram- tot diep in de avond. remise-chef Hans van den Ham kan er smakelijk Het is Hans die de eer ten over vertellen: deel valt de tram voor het eerst in beweging te zetHans: “Bij de opening van ten. Hij herinnert het zich het tramnetwerk in april als de dag van gisteren: 1996 is GETA 76 nog niet “Na drie jaar bouwen, klaar. Toch is de tram bij gaat er een bijzondere dit feestelijke moment emotie door mij heen als aanwezig. Hij rolt de de wagen van 20 ton staal Tramremise uit op twee in beweging komt... hij geleende nood-draai- doet het!” De tram wordt stellen met aan het stuur door medewerkers van Frans Balk, oudgediende het GVB in Amsterdam en de laatste trambestuur- uitgebreid getest en slaagt der in Arnhem in 1944. met vlag en wimpel. BeHet moment dat GETA 76 gin januari 1998 gaat de naar buiten wordt getrok- tram op transport naar ken, wordt omlijst met Amsterdam, op een specivuurwerk en orkestmu- ale dieplader onder begeziek: het trambedrijf van leiding van het voltallige het Openluchtmuseum is trampersoneel. Onderweg officieel geopend!” wordt GETA 76 voor het eerst gewogen, bij een Koninklijk vervoer veevoederbedrijf: bijna In 1998 wordt de Arn- 21.000 kilo.

Op de verjaardag van koningin Beatrix maakt GETA 76 deel uit van een parade historische trams die van de RAI naar het Concertgebouw rijden. Veel belangrijke gasten zijn met GETA 76 vervoerd. Zo ook Paul Scholten, destijds burgemeester van Arnhem. Hij zorgde zelfs nog voor vertraging omdat hij vanaf het balkon van de tram niet kon ophouden de loftrompet te steken. Bij het Concertgebouw werd GETA 76 herkend door Pieter van Vollenhoven, die andere leden van het koninklijke gezelschap op de Arnhemse tram wees.

In het museum rijden verschillende soorten trams. Je vindt er een replica van een Arnhemse tram, trams uit Rotterdam en een tram uit Den Haag. Nieuwsgierig geworden naar de verschillen tussen al deze trams?

Wist je dat...

“Alle trambestuurders hebben een uitgebreide opleiding van dertig lessen (dat zijn 90 uren) gehad. We hebben hier drie soorten trams. Die moeten ze alle drie kunnen bedienen. Bovendien moeten ze goed voorbereid zijn op incidenten die kunnen gebeuren. Hoe ga je daarmee om? Zo kunnen bij beginnende regen de rails glad worden en

trek je de helling niet. Wat doe je dan? Stel je eens voor dat de ketting van de handrem breekt. Zo’n tram heeft vier motoren, twee voor en twee achter. Vorig jaar is er ergens een tandwiel afgelopen. Dan moet je op twee motoren terug kunnen rijden naar de Tramremise. Dat vereist een heel ander rijgedrag dan met vier motoren. Je kunt ook ‘geïsoleerd staan’. De bovenleiding is

de ‘plus’ van de stroom en via weerstanden, motoren, schakelkast en wielen gaat de stroom naar de rails, de aarde, de ‘min’. Maar als er zand op de rails ligt, kan de stroom niet weg. Dan sta je dus ‘geïsoleerd’. De lampen gaan flikkeren en de bestuurder roept naar de conducteur: “Beugel trekken!” Daarmee wordt de tram afgekoppeld van de bovenleiding. Zou je dat niet doen, en iemand stapt uit, dan is die persoon de aarde. Dat gaat ‘ie niet leuk vinden.

Na deze memorabele dag heeft de tram nog een paar weken in Amsterdam gereden en heeft menig museumcollega er een rit mee kunnen maken. “Ik denk met genoegen terug aan deze tijd waarin we met z’n allen een bijzondere prestatie mochten leveren”, aldus Hans van den Ham.

de trams in ons museum rijden op normaalspoor, de meest voorkomende spoorwijdte in de meeste Europese landen?

Mijn vader is nog altijd vrijwillig trambestuurder en instructeur. Als hij met pensioen gaat, is hij - tot zijn grote genoegen - vaker inzetbaar. Voor mij is dit in 2014 mijn betaalde baan geworden: bestuurder, instructeur en coör-

GRATIS* SEIZOENSBIERTJE VAN DE TAP *Op vertoon van deze advertentie bij het Canoncafé, krijg je bij aanschaf van een portie koud bittergarnituur een gratis tapbiertje. Geldig vanaf 16.00 uur.

Als vrijwillige klussers van die dag boden we ons aan. Echter: geen nette uniformen, maar klusoveralls en een vuile tram. Dat gaf allemaal niet en zo reden we het bruidspaar, zij in een witte jurk en hij ook in het wit als een soort Elvis lookalike, naar de kerk. Ze vonden het een daverend succes.

Hoogtepunten zijn steeds weer de evenementen. Zoals ‘Volgende Halte’: dan ontmoet je zoveel gelijkgestemde liefhebbers, geweldig! Iedereen geniet van de verschillende tramtypes, sommige speciaal voor dat evenement hierheen gehaald, de historische bussen, modelbanen en de hele sfeer eromheen. Mijn zoon Job is nu zeven jaar. Zijn vader en opa hebben zijn grote belangstelling. Hij komt er ook aan, let maar op.”

Wist je dat...

De trouwtram “Het succesvolle begrip ‘trouwtram’ is door toeval ontstaan. Ergens in 1998 werkten we op een zaterdag als vrijwilligers in de Tramremise. We hoorden dat er een trouwpartij zou zijn in het kerkje. Het bruidspaar zou het zo mooi vinden om met de tram naar de kerk te rijden.

dinator tram publiek. En dat op mijn tweeëndertigste: een broekie hier bij de tram.

Wist je dat...? het tramtracé elf wissels telt?

Wist je dat... Wist je dat...

Rob van Oostenrijk Trambestuurder en instructeur

Allemaal situaties die gelukkig bijna nooit voorkomen. Maar als het gebeurt, dan moet je onmiddellijk kunnen handelen. Daarom krijgen alle bestuurders en conducteurs ieder jaar een opfrismoment op alle trams. Een bestuurder moet voortdurend zijn ogen en zijn oren gebruiken. Wat gebeurt er op de baan? Wat doet mijn tram? Slipt ie door, rijdt ie door, remt ie goed? Het gehoor is net zo belangrijk als het zicht.”

“Mijn vader Rik had van jongs af aan een grote hobby: openbaar vervoer, trein, tram. In zijn toenmalige woonplaats Amsterdam was daarover veel te zien. In 1995, we woonden toen in Bennekom, zag hij een advertentie voor trambestuurder bij het Openluchtmuseum. Dat was hem op het lijf geschreven. In januari 1996 woonde hij de eerste bijeenkomst bij. Van die groep zijn er nu nog zeker acht actief.

klaar waren, de eerste rit maken. Dat was precies zijn veertigste verjaardag, wat een cadeau! Ik was toen acht jaar en ging elk weekend met hem mee. Zijn hobby heb ik van hem overgenomen. Ik moest wachten tot mijn achttiende, 2006, voor ik zelf ‘op de tram mocht’. Eerst drie jaar als conducteur, daarna als bestuurder.

het tracé in het museumpark bijna 2 kilometer lang is?

Instructie en herinstructie Rob van Oostenrijk Trambestuurder en instructeur

Diederik Menting Coördinator tram publiek

Na een opleiding in Rotterdam kon mijn vader op 4 april, toen de rails net

Op films over de Haagse tram (HTM) zag ik later dat men in de vijftiger jaren ook wel met een speciale trouwtram naar het stadhuis ging. Een trouwauto of koets was toen prijzig. Zo is in het Openluchtmuseum de formule ‘trouwtram’ ontstaan. Puur toeval, maar zeer gewaardeerd en inmiddels een begrip. Wil je ook trouwen in het Openluchtmuseum? Boek dan ook onze trouwtram.”

Meer informatie

In het museum rijdt een replica van de Gemeente Electrische Tram Arnhem (GETA): onze GETA 76. De originele trams werden gebouwd in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw en vormden een bekende verschijning in het Arnhemse straatbeeld. Tijdens de Slag om Arnhem werden de gemeentelijke Tramremise én het merendeel van de trams vernietigd. Na de Tweede Wereldoorlog besloot men het tramspoor niet meer op te bouwen maar, te vervangen door de nu befaamde trolleybussen.

Geen exacte kopie? Voor de kenners: onze tram rijdt niet op smalspoor, maar op n o r m a a l s p o o r, zodat de andere trams er ook op kunnen rijden.

Meer informatie op onze website

Udo Feitsma Persvoorlichter

Drie generaties Menting

de Amsterdamse railreiniger Rr3 tot ons ‘bijzonder materieel’ behoort? De Rr3 wordt voornamelijk gebruikt om de tramrails schoon te maken. Vooral in de herfst rijdt de Rr3 wekelijks rond om het tramtracé bladvrij te maken


Profile for Nederlands Openluchtmuseum

Jubileumkrant - 25 jaar tram Nederlands Openluchtmuseum  

Jubileumkrant - 25 jaar tram Nederlands Openluchtmuseum  

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded