5 minute read

“Als je leuke dingen maakt, mag je er vaak nog meer van maken”

Een speciaal afdeksysteem, luie trap en zoutelektrolysesysteem: afgelopen juni werd Camping Ginsterveld in Burgh-Haamstede verblijd met een fraai buitenbad. Een ogenschijnlijk simpel model, maar “het vernuft zit hem vooral achter de schermen”, vertelt architect Paul van der Giesen.

Hoewel de camping over een mooi binnenzwembad beschikt, werd het daar wel erg druk in de zomer. “Bovendien is die meer voor de jeugd, met glijbanen en stroomversnelling”, vult Paul aan. Zoals de meeste campings wil Ginsterveld het aanbod aan haar gasten op hoog niveau houden, haar seizoen verlengen en kamperende 55plussers binnen halen. “Die mensen zwemmen graag baantjes, dus dan krijg je al gauw een rechthoekig bad met een redelijke lengte van 20 meter”.

Luie trap

Omdat duiken niet echt nodig is, adviseerde Van der Giesen om de bodem aflopend te maken. “1.10 meter aan de ondiepe zijde, dan kunnen wat kleinere mensen ook gewoon staan aan die kant”. Daarnaast werd het zwembad voorzien van een luie trap. “Zoals je die thuis hebt zeg maar, qua steilheid. Dus geen ladder. Dat is natuurlijk comfortabeler en zo kunnen de gasten er veel breder plezier van hebben”. En er zitten meer vernuftigheden aan dit bad. Zo worden temperatuur en kwaliteit van het water geregeld in de technische ruimte, aan de kopse kant van het zwembad. Met een zogenoemd zoutelektrolysesysteem is er vrijwel geen opslag van chloor. “Het biedt een hele nauwkeurige dosering; precies genoeg om desinfectie te bereiken en niet meer dan dat”, aldus Van der Giesen. “Daardoor is de waterkwaliteit hier veel aangenamer dan dat je elders toch wel vaak tegenkomt”.

Verborgen lamellendek

In de technische ruimte zit ook een rolafdekking verstopt, die je niet ziet als het zwembad open is. “‘s Nachts gaat het zwembad dicht; er schuift dan een kunststof lamellendek eroverheen, dat drijft op het water. Zo voorkom je afkoeling van het water”, legt Paul uit. “En mocht er een klein kind over het hek klimmen als het zwembad gesloten is, dan is het niet mogelijk in dat water te komen”. Het dek heeft een dusdanig drijfvermogen dat bijvoorbeeld ook een kat er gewoon overheen kan lopen. “Dan moet je beseffen dat het om een zwembad van 20 x 10 meter gaat hè. Dat is toch een flinke motor die zo’n dek er dan ook weer af moet kunnen trekken”.

Eerlijk is eerlijk: aan een rechthoekige bak lijkt weinig te ontwerpen

Het is bijna meer bouwkundig dan architectonisch. Paul: “Eerlijk is eerlijk, aan een rechthoekige bak lijkt weinig te ontwerpen. Wat dat betreft zijn er genoeg architecten, maar er zijn heel weinig architecten die met dit soort waterachtige dingen ook kwalitatief om kunnen gaan. Dan heb ik het niet alleen over buitenzwembaden, maar ook over waterspeeltuinen en centrumgebouwen met binnenbaden. Met meer dan 25 jaar ervaring in de zwembadbouw, staat onze expertise nooit ter discussie”.

Paul van der Giesen

Centerparcs

Van der Giesen werd nagenoeg geboren tussen de waterzuiveringsinstallaties. In 1968 richtte zijn vader Giebros Technics op. Een installatiebedrijf waar Paul als 13-jarige in de vakanties al luchtkanalen intekende voor overdekte zwembaden. “Maar de tekening erónder fascineerde me eigenlijk veel meer”. Het bedrijf wordt inmiddels gerund door zijn broer, maar ook zijn vader werkt er nog steeds. Paul werd bouwkundig ingenieur en studeerde verder voor architect. Diverse waterrijke projecten in binnen- en buitenland volgden, waaronder veel voor vakantieparken als Landal, Centerparcs en Europarcs. “Als je leuke dingen maakt, wordt je over het algemeen gevraagd nog meer van die leuke dingen te maken. En zo dus ook het buitenbad voor Camping Ginsterveld”. Aangezien Van der Giesen goede ervaringen had met Boogert-directeur Albert Jan, kwam dit bouwbedrijf al snel in het vizier als aannemer. “En zoals het ook hier weer gelopen is, smaakt wel naar meer”, aldus Paul. “Boogert is een bedrijf dat bekend staat als een professionele organisatie”. Volgens Van der Giesen bleek dat al uit de calculatie: “Je loopt daar gezamenlijk doorheen en dan herken je als architect in dit wereldje ook of ze overal rekening mee hebben gehouden en eventueel nog suggesties hebben. Het klopte en het klikte”.

“De betonnen kuip is extra zwaar gemaakt tegen opdrijven

Terwijl Boogert zich bezig hield met de bodem en de wanden van het zwembad, werden de technische installaties, rolafdekking en het dak van de technische ruimte prefab gemaakt in de fabriek. “Op die manier ben je echt heel snel in je realisatie, maar wel kwalitatief hoogstaand”. De klus werd binnen 3,5 maand compleet geklaard. “Wist je overigens dat de betonnen bak extra zwaar is gemaakt, omdat zo’n ding anders kan gaan opdrijven als je hem leegpompt? De hoge grondwaterstand speelt hier een grote rol. Alleen al in de bodem zit nu zo’n 120 kuub beton”. Van der Giesen legt verder uit dat de betonnen bak sowieso waterdicht moet zijn, voordat de foliebekleding erin gaat. “Anders krijg je op termijn bulten en vouwen in de folie”.

En het vullen?

Je zou denken dat men zwembaden in samenwerking met de brandweer vol laten lopen. “Maar dat doen we eigenlijk nooit”, weerspreekt Paul, “omdat dat hydrantennetwerk weinig wordt gebruikt en er relatief veel roest in die leidingen zit. We gebruiken daarom gewoon schoon drinkwater”. Hij vervolgt: “Meestal ben je na een dag of drie op niveau, waarna de waterzuivering en in dit geval de warmtepomp aangezet worden”. En ook hierbij getuigt Van der Giesen weer van zijn expertise vanuit Giebros Technics: “Die warmtepomp is speciaal voor chloorwater, anders krijg je heel snel corrosie”. De zilte lucht aan de kust bij Camping Ginsterveld versnelt dit proces nog meer. “Je hebt dan echt de beste kwaliteit materialen nodig, want de goedkopere versies roesten gewoon door. Niet alleen op installaties, maar ook op de bouwmaterialen”. Het zwembad staat er inmiddels prachtig bij en nodigt, uitgerust met ligbedden en parasols, uit om te genieten. Of Paul zelf al een duik heeft genomen? “Ik kampeer en zwem graag, dus op die manier consumeer ik ook van onze producten: ‘Die appelen vaart, die appelen eet’, zeg ik dan”.