Page 1

zomer editie

Naar het Deense eiland Ærø Jelle Van Riet meets Carsten Jensen Florian in Musicalland De man achter Music Fund

de wOndere wereld van WALPURGIS

magazine voor avontuurlijk muziektheater mei 2015, jaargang 2, nr. 1


Musical Opleiding Conservatorium Brussel i.s.m. WALPURGIS

scènes uit

WIJ, DE VERDRONKENEN

4568 10111213

JUNI 201520U 7JUNI 14.30U Script en Regie Ju dith V indevogel Muziek P eter Spaepen M uzik ale leiding Stephen Collins Choreografie Adam Solya Sce n og r a f i e e n L i c h t Ja n Va n Dr i e s s c he Kostuums Adam Solya en P eter K ongs Affich e K A S K A P roductiecoördinator Wim Lanckrock O pleidingshoofd Lulu Ae r t ge e r t s Zij spelen voor u Pieter Casteleyn, Martijn Claes, Geoffrey Deb o nd t , Florian Avoux, Oonagh Jacobs, Dorien Schrijnemakers, Birte A d r i a e ns e n, Yani Ausloos, Aspa s i a F rag o u lo po u lo u , S v en Maertens , Lau r a Se y s, A nne Va nd e r e l st

TICKETS RESERVEREN BIJ BOZAR TEL 02 507 82 00 VANAF 18 MEI

WA L P U R G I S

V.U.PETER SWINNEN AFFICHE ONTWERP  LAURA LOSAPIO

van CARSTEN JENSEN


Beste lezer, de zomer komt er aan. En bij zomer denken we onmiddellijk aan reizen. Voor wie reist gaat vaak een nieuwe, nog onbekende wereld open. En als je dan weer thuis komt, kan het gebeuren dat je merkt dat je niet meer helemaal ‘dezelfde’ bent als diegene die je was voor je vertrok. Je kijkt nu anders naar de dingen. Het overkwam Lukas Pairon toen hij naar Israël en Palestina reisde, het overkwam onze jonge gastjournalist Florian Vandamme toen hij de musicalstudenten van het Conservatorium van Brussel ontmoette, het overkwam de piepjonge schrijvers Kaat, Milan, Camille en Leonie toen ze met Carmien Michels op stap gingen in de stad, en het overkwam ons toen we het boek Wij, de Verdronkenen lazen van Carsten Jensen. Want lees je een boek, dan reis je een eindje mee in het hoofd van de schrijver. Je kijkt met zijn of haar ogen, je komt terecht in de meest onwaarschijnlijke avonturen en op plekken waar je voordien nog nooit geweest bent, je ontmoet figuren die aan je ziel blijven kleven en je niet meer loslaten. Daarover, maar ook over de nieuwe muziektheatermakers die straks in eigen huis te gast zijn, willen we je graag vertellen in onze nieuwe wOwW! En natuurlijk hopen we dat deze editie ook jou goesting doet krijgen om je koffers te pakken, een boek in te duiken en nieuwe mensen en nieuwe werelden te ontdekken.

INHOUD 04 close-up 05 Wij, de verdronkenen 06 ten huize van 09 Jelle Van Riet op bezoek bij de Deense auteur Carsten Jensen

10 het plezier van het reizen 11 naar het Deense eiland Ærø

12 de passie van 15 Lukas Pairon, de man achter Music Fund

16 Florian in Musicalland 19 ‘you love it, or hate it’, op verkenning in de wereld van de musical

20 te gast in deFENIKS 23 muziektheatermakers van bij ons en over de grens

24 Flying me 27 met pen en papier de stad in

Veel leesplezier,

PS Ik ben benieuwd wat je van de wOwW! vindt. Reacties welkom op vindevogel@ walpurgis.be. www.facebook.com/ muziektheaterwalpurgis

Judith Vindevogel zong in verschillende opera’s. Ze coacht zangers, muzikanten en acteurs en is de bezielster van muziektheatergezelschap WALPURGIS.

wOwW!

03


close-up

Wij, de verdronkenen

Wij, de verdronkenen is een groots epos dat bijna een eeuw bestrijkt. Marstal is in 1848 het thuisland van een nieuwe generatie mannen die vast van plan is zo ver mogelijk van Denemarken weg te zeilen als de wind hen wil brengen. Mannen die in een eeuwigdurende oorlog worden gedwongen: niet alleen met de zee, maar ook met andere staten, met elkaar, met de vrouwen van wie ze houden en vooral met hun eigen verlangens en gevoelens. Hun verhaal is er een van moed, meedogenloosheid, geweld, hartstocht en verlies.

Carsten Jensen, Vi, de druknede (Gyldendal, 2006). In België en Nederland uitgegeven door Uitgeverij Atlas Contact, 2008, vertaling door Kor de Vries, 684 blz., ISBN 9789045800073

‘Luister,’ zei hij terwijl hij haar de schelp gaf. ‘Nu hebben we de radio uitgevonden. Toen ik een kind was, hadden we alleen de schelp. Dat was onze radio.’ (p. 350)

04

wOwW!


Het minste wat je kan zeggen, is dat Wij, de verdronkenen een boek is dat je vastgrijpt en niet meer loslaat. Een boek dat inspireert. Daarom zochten WALPURGIS en Jelle Van Riet de auteur Carsten Jensen op. Het interview met hem lees je op p. 6. Daarom komt er ook Smash him and bash him, een artistieke samenwerking met de musicalstudenten van het Koninklijk Conservatorium Brussel. Daarom ontwierpen studenten Grafisch Ontwerp van de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten Antwerpen een affiche. Lees meer over deze samenwerkingen vanaf p. 17. We selecteerden een paar van onze favoriete passages: tekstfragmenten (origineel) Carsten Jensen, (vertaling) Kor de Vries

‘De Emma C. Leithfield was een merkwaardig schip. Het had - en dat was iets waar de mannen het ondanks alle taalverschillen snel over eens werden - de vreselijkste stuurman en de beste kok van de Amerikaanse handelsvloot.

De kombuis was de hemel, het dek was de hel.

Giovanni was de laatste die aan boord kwam. Hij was niet alleen. Hij had twee biggetjes bij zich, tien kippen en een kalfje. Op het voordek maakte hij een omheining, waar ze door elkaar konden lopen. O’ Connors hond was onrustig geworden en verliet de plek bij de voeten van zijn baas, om met een openhangende bek en een hongerige blik op het voordek rond te scharrelen. Giovanni liep naar het roofdier toe, dat zijn tanden liet zien en hem dreigend toegromde. Het dacht waarschijnlijk dat het hele schip zijn territorium was. Giovanni staarde hem diep in de ogen. Vervolgens hief hij zijn hand, niet om te slaan, maar meer alsof hij het redeloze dier iets wilde uitleggen. Het leek of hij het beest hypnotiseerde. De hond ging op zijn buik liggen. Hij piepte jammerlijk. Vervolgens begon hij achteruit te kruipen. Het zag er zo grappig uit, dat woest monster dat moeizaam op zijn buik over de grond kroop voor die kleine, behendige man, dat de matrozen die het tafereel zagen begonnen te lachen. O’Connor zag het ook. Hij lachte niet.’ (p. 108)

‘Vanuit de hoeken in de kerk klonk er gezang en muziek. We hadden ons eerst verdeeld volgens de regio, het eiland of de stad waar we vandaan kwamen. We bekeken elkaar bijna alsof we elkaars vijanden waren, maar de muziek verenigde ons weer. Een eilander zat samen met een Jut, en een inwoner van Lolland samen met een Seelander. Als de stemmen goed bij elkaar pasten, dan konden we elkaars dialecten wel dulden.’ (p. 44)

Archiefbeeld uit het zeevaartmuseum van Marstal.

‘De zee was een orkest dat voor onze ramen elke dag dezelfde melodie speelde. Wij gaven haar

geen naam, maar ze was overal. Zelfs in bed, als we sliepen droomden we over de zee. Alleen de vrouwen hoorden de melodie niet. Ze konden die niet horen. Of ze wilden het niet. Als ze op straat stonden keken ze niet naar de haven beneden. Ze keken landinwaarts, naar het eiland. (...) Zij moesten thuisblijven en de gaten opvullen die wij achterlieten. Wij hoorden het gezang van de Sirenen. Zij stopten hun oren dicht en bogen zich over de waskuip. Ze raakten niet verbitterd. Maar ze werden gehard en praktisch ingesteld.’ (p. 220)

‘De zeelui waren nog maar nauwelijks volledig afgepeigerd teruggekeerd van hun eeuwige gevecht met de zee of ze voeren alweer uit, alsof ze niet genoeg konden krijgen van de zweepslagen die van alle kanten op hen neerdaalden: storm, golven, kou, slecht eten, erbarmelijke hygiëne, de ruwe omgangstoon, en een geweld dat altijd ten koste van de zwakkeren ging. Het moest stoppen.’ (p. 483) wOwW!

05


06

wOwW!


ten huize van

Jelle Van Riet

op bezoek bij auteur Carsten Jensen Om aan te meren met een epos als Wij, de verdronkenen had de Deen Carsten Jensen een mengeling van moed en ambitie, naïviteit en waanzin nodig. ’t Zou mooi zijn mochten ook de studenten aan de musicalafdeling van het Brusselse Conservatorium tot het uiterste gaan, nu zij de kans krijgen om samen met Judith Vindevogel de muziektheatrale mogelijkheden van de roman te exploreren.

‘Elk afscheid in de haven was een repetitie voor de dood.’

Hem in Denemarken alom geliefd noemen is erover. Politiek essayisten die zich met opgestoken zeilen in het publieke debat mengen, zijn geen allemansvrienden. In zijn mailbox zijn de aardige brieven dan ook vooral aan Carsten Jensen, de romanschrijver gericht. Met Wij, de verdronkenen, zijn epos over zijn geboorteplek Marstal, een zeevaardersgemeente op het Baltische eiland ÆrØ, trof hij de Denen midscheeps. En hen niet alleen: wereldwijd werd het boek zo’n half miljoen keer verkocht. Wie deze zwanenzang van de zeilschepentijd leest, in gedachten de woelige jaren tussen 1848 en 1945 bevaart en in het kielzog van Jensens helden de zeven zeeën bezeilt, vraagt zich af of deze roman überhaupt naar de scène kan worden gebracht. Drie films à la Pirates of the Carribean draaien is vast simpeler.

‘Ik zou me zeer gevleid weten, mocht WALPURGIS zich er ooit aan wagen’, lacht Jensen. ‘Nu weet de eenzame schrijver zich sowieso met zijn geluk geen blijf als artiesten uit andere disciplines zich door zijn werk geïnspireerd weten; maar WALPURGIS vind ik met name interessant: als klein gezelschap met weinig middelen moeten zij voortdurend hun verbeelding tot het uiterste pushen. Tegelijkertijd worden zij niet gehinderd door producers, die hun vertellen wat kan en niet kan. Zij hebben de vrijheid die ik ook als schrijver had: ik kon de waanzinnigste Hollywood-scenario’s bedenken – van zeegevecht naar wereldoorlog, van Marstal naar Samoa – zonder dat iemand me op het budget wees. En natuurlijk wist ik niet of ik veilig zou aanmeren. Wie zich op een zo groot artistiek project inscheept, neemt altijd het risico dat hij onderweg verdrinkt.’

de feodale zestiende eeuw alle land in handen was van grootgrondbezitters, zagen landloze outcasts in de zee een poort naar de vrijheid. Op zee konden ze wat ze aan land niet konden: zich vrij bewegen, een leven uitbouwen en opklimmen in de hiërarchie. Aan land werd dus met groeiende bewondering, jaloezie en angst naar deze ruwe maar ondernemende zeemannen gekeken. Drie eeuwen later vroegen Marstal-jongens zich allang niet meer af of ze zouden inschepen. Hun enige vraag was: kies ik de Seagull dan wel de Albatros? En natuurlijk voedden vaders en oudere broers die honger naar zee nog. Als mijn vader, een zeeman, verlof had en me als vijfjarige naar de pub meenam, hoorde ik story’s à la “ik heb in Buenos Aires iemand een gebroken neus geslagen”. Dat is wat anders dan “ik heb promotie gemaakt op kantoor”.

Hang naar vrijheid. Verklaart dat ook waarom jongens van Marstal zich al op hun dertiende inscheepten, goed wetende dat de zee een doodsbelofte inhield? Dat is historisch gegroeid. Omdat in

Voordeel van een kantoor is dat de dood er niet de hele tijd op de loer ligt. Het aantal Marstalers dat op zee is achtergebleven is immens. Zij voeren in kleine houten schepen door de

wOwW!

07


‘Ik heb de verdronkenen begraven, de achtergeblevenen een vaarwelritueel geschonken en zo het hart van Marstal verwarmd.’ gevaarlijkste wateren ter wereld. Om de wereldoorlogen niet te noemen, waarin zij aan mijnen en kanonkogels waren blootgesteld. Elk afscheid in de haven was dus een repetitie voor de dood. Maar juist op het scherp van de snee toont het leven zich in alle helderheid. Het brengt Albert, één van mijn hoofdpersonages, op het beeld van de gemeenschap als een door de tijd marcherende menigte. Hoewel aldoor iemand opzij wordt geroepen en vroeg of laat iedereen verdwijnt, zal de menigte als dusdanig onverminderd voortmarcheren. Er sluiten immers ook altijd weer nieuwe generaties aan. Dat gevoel verankerd te zijn in een gemeenschap en bij uitbreiding in de mensheid is niet religieus, maar heeft wel iets eeuwigs. Vandaag kennen wij dat gevoel niet meer. Wij zijn hedonisten, negeren de opwarming van de aarde, ook al weten we dat die dramatische gevolgen zal hebben voor de generaties die na ons komen. Met je roman heb je de verdronkenen alsnog naar huis gebracht en een

08

wOwW!

metaforisch graf gegeven. Hebben verhalen een religieuze kracht? De regel is: hoe gekker de verhalen, hoe groter de kans dat ik ze uit archieven of via overlevering heb. Klinken ze alledaags, dan zijn ze wellicht uit mijn verbeelding ontsproten. Logisch; waarover vertellen zeemannen bij thuiskomst? Over die keer dat ze schipbreuk leden of getorpedeerd werden of in de armen van een mooie Mexicaanse lagen. Marstal was een goudmijn van dramatische verhalen, maar om daar personages van vlees en bloed in te voelen moest je ook over hun banale leven aan boord en hun gevoelens kunnen lezen. Dat was mijn taak. En ja, met het boek heb ik die verloren levens vorm en betekenis gegeven. Ik heb de verdronkenen begraven, de achtergeblevenen een vaarwelritueel geschonken en zo het hart van Marstal verwarmd. Vergeet niet dat weduwen het indertijd moesten stellen met een brief van de reder waarin stond dat het schip met man en muis was vergaan. Ziehier de kracht van literatuur: zij verkondigt geen

absolute waarheid zoals religie en geeft evenmin een veralgemenende betekenis zoals filosofie, maar zij geeft wel zin aan het leven zonder zich aan de chaos van het leven over te geven. Het epos is uit een wij gegroeid en wordt ook grotendeels door een alwetend wij verteld: het koor dat met de tong van de gewone man over de helden spreekt? Juist, en zoals in het Griekse theater laat ik ook af en toe een held of heldin naar voren stappen die zijn of haar verhaal doet, terwijl het koor luistert of zachtjes zingt. In een vertelling die honderd jaar omspant, heb je een ankerpunt nodig. Na het lezen van The Virgin Suicides van Jeffrey Eugenides wist ik dat dit de gemeenschap moest zijn. In een klein dorp weet iedereen alles en wat men niet weet verzint men er wel bij. Dat heet roddel. Alleen kon de wij onmogelijk ook de stem van de vrouwen vertolken, omdat hun levens zo totaal anders waren. Zij runden zo niet het hele eiland, dan toch zeker het huis en het gezin.


dje vensta gon het ha be in ij n H e r l. gebo hij wé ? 2 n is 5 engen r 9 e 1 e s n e J atig m 5 juli reizig 2 n n lm p e e e t o e g s r e ar aa erd kr bodia, nsen w zijn vader, m columns oo China, Cam e J wie is C n e , t als nd zijn ars r Rusla ns. ter via rder zo rijver C se sch geen zeevaa n zou zich la verhalen ove a n m e o e r D omDe reis r zijn us e o e werd ic h o it ij v c r H c is vreesd n it e l. e ir r a g z a k t ij r s r f n e r e é p t a M fd dis de ls li hre en het en d, gelie chillen . Hij sc rrière a geken p de macht zijn ca litieke debat on ook vers p n m e t o s r r k w po is Ca itiek o ie tegen be r – m k n in het , Burma,… en e e k d , it ers reis o arouw arbu m zijn av hap: ‘Mens, a ver da oed onderb t w Vietna n m e o je s k s ld were n intu altijd zeer g mans oodsc e o b e r e – in n d ij n le l k e maar ok in z llemaa emark an het In Den zijn scherpe t bijzonder. O ken dragen a er meer is d an n anier v t e e a a nde m zers. Ook wille v n politici in h oren. Zijn bo g! Ontdek d e p le s e va naar v ijn me antal le tdekkin cours bij en z groeiende a uidelijk en ga op on l d a a n t e r k r o uit den l vo maa stelt.’ tertuin am ne felijke gevoe grote en als die ach lfgenoegza n lo r! ij e e z g d r ze anra voo n on in je je nog eens zij n verklaring enen? Een a k e r Tel daa en je hebt e ij, de verdron W en v . ij n r a h f c n s intusse wij zijn

Twee hoofdpersonages zijn goede In je roman verken je het hele speckapiteins. Pleit je via hen voor een trum tussen goed en kwaad, tussen strikt hiërarchische samenleving barbarij en beschaving en de rol van met aan het roer bekwame leiders, het geweten. Heeft het jouwe je die als laatste het schip verlaten? weleens parten gespeeld? Volgens de oude Albert draait alles Wie een zuiver geweten heeft, heeft om balans. Een goede kapitein laat niet geleefd. Een mens maakt nu de zeilen voldoende los zodat de eenmaal foute keuzes. Je kunt deze bemanning nog kan manoeuvreren onderdrukken ofwel tot wijsheid maar laat ze nu ook weer niet zo smeden zodat je de volgende keer los dat hij de controle verliest. Onteen betere keuze maakt. Mijn moeder neem een crew alle initiatief en zij had er een handje van weg me met functioneert niet meer. Geef hen alle schuld te beladen. Ik voelde me altijd vrijheid en zij installeert zélf hiërartekortschieten. Naarmate ik ouder chie. Tegelijkertijd teert het leven word, is het minder, maar als kunsteaan boord op gemeenschapszin. Het naar blijft dat gevoel dat het nooit volstaat dat één iemand zijn plicht goed genoeg is me wel achtervolverzaakt om de hele crew in gevaar gen. De schrijver is nooit tevreden. te brengen. Zij leren dus morele verantwoordelijkheid dragen. Waar ik Het is ook een boek over vaders. nog ’t meeste Of beter, over ‘Ik wilde geen persoonlijk afwezige vaders. voor pleit is om met de pen is het verhaal schrijven, maar wat je Je ogen van de zachtst voor zeeman naar langs de voordeur naar buiten s u r r o g a a t v a de globaliseders, die zich duwt, glipt langs de ring te kijken. over andermans Door de komst zonen ontfermen. achterdeur naar binnen.’ van eerst de Nu je ’t zegt. stoomschepen en later de moIk wilde geen persoonlijk verhaal torschepen is onze natie veranderd. schrijven, maar wat je langs de voorDermate zelfs dat Denen vergeten deur naar buiten duwt, glipt langs de zijn dat wij ooit zeevaarders waren achterdeur naar binnen. Kijk, als inen geen landbouwers. Dat verschil is tellectueel hoor ik op de benepenbelangrijk in het huidige nationalisheid van het platteland te schimpen, tische discours: de zeeman moest, of maar de waarheid is dat dit boek hij dat nu leuk vond of niet, het schip is ontstaan uit dankbaarheid voor delen met vreemdelingen en in verre Marstal. En voor mijn vader. Hij was havens ontdekte hij vele manieren een militante anti-intellectueel en van leven. De landbouwer kende begreep niks van wat ik deed. In 1984 maar één leven: het zijne. – ik was tweeëndertig, had een hoge

universitaire graad, had mijn eerste boek gepubliceerd en recenseerde voor een Deense kwaliteitskrant – zei hij: ‘Ik geef het op. ’t Wordt niks met die jongen.’ Wij zijn pas gelijken geworden, toen ik begon te reizen. De enige keer dat hij in een discussie met mijn moeder mijn verdediging op zich nam, was met de woorden: ‘Praat zo niet over Jensen. Die jongen is in de jungle geweest!’ Respect, at last! Met dit boek kon ik hem zeggen: ik ben ver van je weg gedreven, ik ben een arrogante grootsteedse intellectueel geworden, maar ik heb jou en je wereld wel gezien. Alleen heb ik hem dat geschenk niet meer kunnen geven, want hij is gestorven toen ik net was afgemeerd. Omdat ik kort daarvoor ook gescheiden was en veel tijd alleen met mijn dochter doorbracht, is ook dat in Wij, de verdronkenen geslopen: ik denk dat de afwezige vaders mijn vader zijn en de surrogaatvaders de vader die ik graag zelf wilde zijn. tekst Jelle Van Riet foto’s Stef Depover

wOwW!

09


het plezier van het reizen

Met de roman Wij, de verdronkenen in je rugzak op reis naar het Deense eiland Ærø. Kriebelt het om op reis te kunnen gaan maar heb je nog geen bestemming gekozen? Misschien heb je na het lezen van de wOwW! wel zin gekregen om het spoor te volgen van de personages uit Wij, de verdronkenen. Wij gingen alvast even de sfeer opsnuiven in Marstal, de geboorteplaats van Carsten Jensen en de belangrijkste inspiratiebron voor zijn roman. Dit zijn onze vijf must-sees. tekst Judith Vindevogel foto’s Stef Depover

1

Marstal haven en stad Marstal is een charmant havenstadje met een lange maritieme geschiedenis. Zeilschepen en zeelui die uit Marstal kwamen, waren gekend van in Antwerpen tot in Kaap Hoorn en van IJsland tot in Honolulu. Wij, de verdronkenen van Carsten Jensen is gebaseerd op waargebeurde verhalen en volgt in grote lijnen de geschiedenis van Marstal tussen 1848 en 1945. Wie door de stad loopt kan er nog de geest ontwaren uit dit rijke verleden. Ŕ Heel indrukwekkend is de kilometerlange havendam, die in de 19de eeuw door de Marstalers, steen per steen en met jarenlang geduld, opgebouwd werd. Voor Albert Madsen, een van de hoofdpersonages uit Wij, de verdronkenen, was de havendam hét symbool van eendracht en samenhorigheid. Ŕ In de prachtige kleine kerk uit 1738 hangen 7 kerkschepen als de stille getuigen van de nauwe band met de zee. Op de aangrenzende begraafplaats kan je het graf bezoeken van Hans Frederik Ishøy, die model stond voor de vreselijke meester Isager. Ŕ In de Prinsensgade staat nog altijd het originele woonhuis met de erker van waaruit de reder Albert Eriksen Boye (aka Albert Madsen) op elk moment van de dag een blik kon werpen op de haven; verderop in de straat kan je wat drinken in Toldbodhus (aka Webers Café) nog altijd hét trefpunt van schippers en andere locals.

10

wOwW!

Ŕ Wie de stad uitloopt via de Skolegade, de Markgade en de Reperbanen kan de weg naar de kleirotsen reconstrueren tot aan de klif waar Hans Jørgen en zijn vriendjes de hond van Isager vermoordden.

2

Marstal Søfartmuseum

Alleen al het zeevaartmuseum is de moeite waard om naar Marstal te reizen. Absoluut uniek in zijn soort en met een uitgebreide collectie schilderijen van de maritieme schilder Carl Rasmussen, verschillende scheepsmaquettes én “het echte hoofd” van de Britse ontdekkingsreiziger James Cook, dat bij toeval in het bezit komt van Albert wanneer hij op zoek gaat naar zijn vader.


3

Voor wie het niet alleen bi j dromen wil De ferry www houden: .aeroe-ferry.d k/home-en Het toeristen bureau www .visitaeroe.dk Logeren op de boerderij ww w.yoga-aero e.info

Tosca met zicht op zee Ærø mag dan geen eigen operahuis hebben, dat belet de Marstalers niet om één keer per jaar in de scheepswerf van Ebbes een opera te laten ensceneren met solisten van de Deense Opera. Drijvende kracht achter dit initiatief is de plaatselijke historicus en orgelist Karsten Hermansen. Zin in een opera in een ongewone setting? Rendez-vous in Marstal op zaterdag 27 juni 2015 om 20u00 voor Puccini’s opera Tosca.

4

De Baltische Zee Het zuiderse eiland Ærø ligt midden in de Baltische Zee en is een paradijs voor fietsers, wandelaars en natuurlijk ook voor vissers, zeilers en liefhebbers van diverse watersporten. Het heeft een fascinerend en gevarieerd landschap en je reist er gratis met de bus van de ene kant van het eiland naar de andere.

5

Logeren tussen de bijen Carsten Jensen mag Søby dan nog een ‘vreselijk saaie plek’ vinden, wie even helemaal van de wereld wil zijn, voelt zich meteen thuis in het ruime, comfortabele en smaakvol ingerichte appartement in de bioboerderij van Dorit Lassen en Johannes Hets. De bijen zoemen er lustig in het rond en je kan er mooie wandelingen maken. Een heerlijke plek om te schrijven, te lezen of tot rust te komen!


de passie van

Lukas Pairon

de man achter Music Fund Ooit werkte hij als concertorganisator voor het Festival van Vlaanderen, nu reiken zijn activiteiten van Kinshasa tot bezet Palestijns gebied. Noem Lukas Pairon gerust een zoeker. Vanzelfsprekendheden mijdt hij, de minder evidente impact van muziek is wat hij zoekt. Straks viert hij de tiende verjaardag van Music Fund. Tijd voor een gesprek.

© Dirk Van de Velde

‘Muziek heeft ons gered. Maar wat betekent dat precies?’ 12

wOwW!


Een leven duurt vele jaren, maar uiteindelijk zijn het een paar momenten die het maken. Aanvankelijk studeerde Pairon filosofie en menswetenschappen in Zwitserland en pedagogie in Parijs. Daarna deed hij zijn burgerdienst bij het ministerie van onderwijs van de Franse Gemeenschap, om vervolgens - na vier jaar ambtenarij - een radicale switch te maken. ‘Wat je in je leven doet, moet zo dicht mogelijk liggen bij waar je je energie uit haalt. Voor mij was dat muziek.’ Pairon gaat in 1987 als concertorganisator aan de slag bij het Festival van Vlaanderen en richt datzelfde jaar samen met Judith Vindevogel de vzw WALPURGIS op. Terwijl Vindevogel in Salzburg debuteert als Papagena in Die Zauberflöte en carrière maakt in de opera, neemt Pairon in 1989 de directie van WALPURGIS over. En dan, in 1994, is er dat concert van Ictus in het Kaaitheater. ‘Ik ging vaak luisteren naar hedendaags klassieke muziek, maar had wel last met het “hedendaagse componisten zijn belangrijk”-sfeertje dat er rond hing. Maar bij de muzikanten van Ictus zag en hoorde je daar niets van. Als zij muziek maakten was het een en al energie, noodzaak, plezier, echte samenhorigheid.’ Het werd liefde op het eerste gezicht. Vijf jaar lang zou hij de directie van Ictus en WALPURGIS combineren tot hij in 1999 de WALPURGIS-fakkel opnieuw doorgaf aan Judith Vindevogel.

we instrumenten in te zamelen. De media gaven er maar wat graag aandacht aan, en uiteindelijk kregen we 500 instrumenten bijeen, tot vleugelpiano’s toe.’ Pairon reed ze in 2005 zelf naar Israël en Palestina, met een kersvers rijbewijs als camionchauffeur in zijn achterzak.

Twee jaar is Pairon ondertussen weg bij Ictus, dat hij bijna 20 jaar leidde. ‘Ik had nood aan een break. Niet dat er sleet op zat, maar ik wilde op tijd stoppen, zelfs al wist ik toen nog niet wat ik ging doen.’ Het is een doctoraat geworden aan het conservatorium en de universiteit van Gent

Wat ontstond als een weinig doordacht plan, is tien jaar later een stevige, kleine organisatie die instrumenten verzamelt en laat opknappen voor Kinshasa in Congo, Maputo in Mozambique, Tétouan in Marokko, Gaza, Ramallah en Nablus in de Palestijnse gebieden en Le Cap in Haïti. Music Fund organiseert er ook ateliers voor instrumentenbouw en laat lokaal talent ook in Europa stage lopen. ‘Schenkingen van instrumenten zijn pas echt zinvol als ze zijn ingebed in een breder ontwikkelingsproject’, vindt Pairon. In Gaza heeft Music Fund onder toezicht van de VN nu zelfs een driejarig programma met leraren lopen. Daarin wordt onderzocht hoe je muziek kan gebruiken als pedagogisch instrument. Zo gaat het leven. Vandaag verblijft hij drie maand per jaar in Gaza, en noemt hij het “mijn tweede thuis”. ‘Ik overweeg zelfs om er mij te gaan vestigen, en iets op te zetten in het onderwijs. Dat wil ik nog doen, voor mijn officieel pensioen.’

Nog zo’n levensmoment voor Pairon was zijn reis naar Israël en Palestina in juli 2002. ‘In één week tijd bezocht ik Tel Aviv, een kibboets in Nazareth, Oost- en West-Jeruzalem én Ramallah. Het waren supervolle dagen, maar het werd de reis van mijn leven. Zo’n horizonverruiming, zo’n sterke indruk dat dat achterliet!’ Het waren de jaren dat Israël zijn muur rond de Palestijnen optrok en er was een tekort aan muziekinstrumenten. Zo werd Music Fund geboren. ‘In overleg met Oxfam Solidariteit begonnen

c Fund

© Musi

wOwW!

13


‘Dat is volgens mij “the flow”, dat heel bijzondere plezier van een bepaalde vaardigheid en concentratie waar je zo in kan opgaan dat al de rest niet meer telt.’ rond de betekenis en de werking van muziek in conflictgebieden. De focus ervan ligt in Kinshasa. Pairon komt er intussen al acht jaar en volgt er een fanfare met ‘heksenkinderen’ en een percussie-ensemble van voormalige kuluna’s, jonge straatcriminelen die ooit in gangs de buurt onveilig maakten. ‘Je hoort ze zeggen: muziek heeft ons gered. Maar wat betekent dat precies?’ Pairon is evenveel ondergraver als onderzoeker. ‘Dat muziek de zeden zou verzachten en voor vrede zou zorgen, of dat iedereen muziek verstaat, met dat soort vertogen heb ik een probleem. Vaak komen ze van mensen die niet in de praktijk staan.’ Precies op die artistieke praktijk zoomt Pairon binnen zijn doctoraatsonderzoek in: wat gebeurt er als mensen die in extreem moeilijke omstandigheden moeten leven, in aanraking komen met muziek? ‘Ik zoek het niet in sociaal-antropologische abstracties, maar ga concreet graven op het terrein, bij de muzikanten zelf.’

elkaar: pop, jazz, Arabisch-Palestijnse invloeden. Die openheid en nieuwsgierigheid zie je bij veel muzikanten. Maar in een maatschappijmodel met een bepaald korset ligt dat lastig.’ Dat verklaart alleen nog niet waarom voormalige kuluna’s, die ooit in chique kleren met een machete op straat liepen om mensen te bedreigen en te bestelen, toch kiezen om zich te wijden aan de trage, jarenlange oefening in muziek. Alleen al economisch is dat voor hen een serieuze aderlating. Wat drijft hen dan? ‘Er spelen natuurlijk sociale redenen: ze worden meer gerespecteerd en niet meer gevreesd, hun familie is geruster en ook zelf leven ze veiliger. Ze hopen natuurlijk ooit beroemd te worden. Maar voor 20-jarigen is dat nog geen afdoende reden om dagenlang hun vingers blauw te repeteren. Wat dan wel? Dat is volgens mij “the flow”, dat heel bijzon-

Pairon verwijst naar de strenge regels van Hamas en Al Quaeda rond muziek, en de enorme discussie die dat losmaakt binnen de islam – terwijl daar in de Koran niets over neergeschreven staat. ‘Waarom heeft het moslimextremisme het daar zo moeilijk mee? Dé reden is dat muziek voor openheid staat. Muzikanten zijn per definitie geïnteresseerd in alle muziek. Kijk naar de ondergrondse scene in Gaza, die artiesten spelen met het nodige gevaar van alles door www.facebook.com/MusicFund

14

wOwW!

dere plezier van een bepaalde vaardigheid en concentratie waar je zo in kan opgaan dat al de rest niet meer telt. Het is een keuze voor passie. Ex-gangsters in Kinshasa zijn wat dat betreft precies hetzelfde als muzikanten van Ictus. Ze geven zich allebei over aan iets wat er totaal niet toe doet, en totaal contrasteert met de hele wereld buiten. Dat heeft toch iets heel sterk?’ interview Wouter Hillaert


© Music Fund

wOwW!

15


Florian Vandamme (21) is laatstejaarsstudent journalistiek te Antwerpen. Leest, luistert, kijkt en schrijft en probeert dat met een zo open mogelijk perspectief te doen. Tot juni kan je hem soms zien verschijnen in De Morgen.

16

wOwW!


door de ogen van

Florian in Musicalland

‘Musical: het woord alleen al roept in mijn hoofd beelden op van zeemzoete liedjes, bombastische danspasjes en pluimhoeden.’ Geen betere gids in de musicalwereld dan de studenten van het Koninklijk Conservatorium in Brussel. Pieter Casteleyn, Martijn Claes, Geoffrey Debondt, Florian Avoux, Oonagh Jacobs en Dorien Schrijnemaekers zitten in hun vierde jaar. Ze maakten samen vorig jaar de musical/ muziektheatervoorstelling Muurvast en deden dat volledig alleen: schrijven, componeren, de scenografie, acteren, de choreografie...

Toen ik hoorde dat Judith Vindevogel van WALPURGIS zou samenwerken met studenten Musical van het conservatorium in Brussel, wist ik eerst niet waar kruipen. Musical: het woord alleen al roept in mijn hoofd beelden op van zeemzoete liedjes, bombastische danspasjes en pluimhoeden. Niet meteen dingen waar ik mij tot aangetrokken voel. Maar de waarheid is dat ik nog nooit een musical heb gezien. Voor wOwW! zet ik mijn vooroordelen graag opzij en dompel ik me onder in de wondere wereld van de musical.

Ik besloot mijn “voorkennis” te wissen en met een blanco blad te beginnen. Musical dus. Volgens Wikipedia ‘een vorm van theater die muziek, liedjes, gesproken dialogen en dans combineert’. Dat klinkt toch zo slecht nog niet? Maar heel uitgebreid is de Wikipediapagina niet en bovendien heeft men mij ooit verteld dat je niet alles mag geloven wat je op het internet leest. ‘Musical is veel meer dan het klassieke beeld dat iedereen heeft van enkele mensen die staan te dansen en zingen op een halfslachtig verhaaltje’, zegt Geoffrey Debondt (24). Uit zijn blinkende ogen spreekt passie voor alles

wat muziek is. Echt extravagant ziet hij er niet uit, al verraden zijn flashy schoenen wel een kleurrijk leven. Naast musicalstudent is hij ook oprichter van Musicalia, zijn eigen productiehuis. ‘Net zoals theater heel veel verschillende vormen kent, zijn er ook ontzettend veel genreverschillen binnen de musical. En iets als muziektheater ligt waarschijnlijk op de grens van de twee.’ Maar toch lijkt het alsof musical en theater een totaal gescheiden leven leiden. ‘De musicalwereld en de theaterwereld kennen elkaar eigenlijk helemaal niet’, aldus Geoffrey. ‘Daarom is het goed dat we ons vizier wat opentrekken. Ik dacht zelf wel ongeveer te weten wat muziektheater was, maar toen ik voor het eerst een stuk van WALPURGIS zag, The Medium (The Medium, reconstruction of a murder, n.v.d.r.), dacht ik wel “wow”, da’s toch iets helemaal anders. Aan de andere kant heeft ook de theaterwereld veel vooroordelen over musical. Het heeft niet zo’n goed imago. Mensen denken bij een musical meteen aan pluimen en confetti, terwijl het stuk dat wij vorig jaar maakten bijvoorbeeld juist heel klein en intiem was.

wOwW!

17


De musicalstudenten Martijn, Geoffrey en Florian op een muzikale repetitie van Smash him and bash him.

Zeker niet alle musicals zijn eenheidsworst en geschikt voor mensenmassa’s. Wat niet wegneemt dat musical een hoog “hate it or love it” gehalte heeft. Je bent ervoor of je bent er tegen.’ Samen met Geoffrey luister ik naar een cd met musicalnummers. ‘Daar ben ik echt zot van, van die muziek. Voor mij is dat ook iets dat ik gewoon in de auto kan opzetten.’ Zelf vind ik het nogal apart, maar niet afstotelijk. Iets wat volgens Geoffrey eigenlijk niet kan. ‘Ofwel ben je ervoor en bezorgt het je kippenvel, ofwel moet je ervan kotsen. Maar dat hebben mensen evengoed met hardrockmuziek natuurlijk. Ik voel dat enorm, als mensen voor of tegen zijn. Al is het soms moeilijk in te schatten wie het leuk vindt en wie niet. Veel mensen kennen het genre gewoon niet.’ Smash him and bash him is het afstudeerproject voor Geoffrey en zijn medestudenten. ‘Voor het laatste project besloot de school ons nog één keer uit onze comfortzone te halen. Wij weten eigenlijk totaal niet wat we moeten verwachten. Dat maakt het wel spannend’, aldus Florian Avoux (23). ‘We kregen onlangs de eerste liederen doorgestuurd die gecomponeerd worden door com-

18

wOwW!

ponist Peter Spaepen. Die waren nogal, euh, experimenteel. Veel experimenteler dan wij gewoon zijn. Velen van ons hebben bijvoorbeeld ook nog nooit opera gezongen. Er valt dus nog heel wat te ontdekken, maar we hebben er allemaal veel zin in.’ Hun eigen voorstelling Muurvast werd een vertelling over twee broers die in het midden van de Koude Oorlog op reis gaan naar de DDR. ‘Normaal gezien heb je in een stuk drie, maximum vier hoofdrollen. Wij waren met z’n zessen.’ legt Geoffrey uit. ‘Daarom besloten we om ieders talenten in de verf te zetten. Martijn speelt al jaren piano op hoog niveau, en componeerde dus de muziek. Pieter schreef de liedjesteksten en ik de dialogen. Dorien is germaniste en werd de eindverantwoordelijke voor de teksten. Florian is aan de slag gegaan met de scenografie en Oonagh, die afstudeerde aan de balletschool, was de geknipte persoon om zich over de choreografie te ontfermen.’ Het valt op dat de verschillende specialisaties van de studenten zo divers zijn. ‘Ja, dat is echt het sterke aan onze groep. We vullen elkaar ongelofelijk goed aan. We hebben soms wel meningsverschillen maar in se gaan we allemaal voor mekaar door het vuur, daar ben ik zeker van.’

Het is duidelijk dat deze laatstejaarsstudenten een klein familietje zijn. Allemaal praten ze vol lof over hun klas, over elkaars talenten. ‘Al vier jaar beleven wij met ons zessen van alles samen, verdriet, woede, blijdschap, liefde, zat zijn. We hebben wekenlang samen in producties gezeten en meer dan duizend uur met elkaar in een klein tourbusje gezeten. Dat schept natuurlijk een gigantische band’, zegt Florian. ‘Dat we elkaar zo door en door kennen is een voordeel. Wij kunnen alles zeggen tegen elkaar, ook “amai dat was slecht”. Iets wat iemand anders nooit zou mogen zeggen.’ Als ik een stukje van Muurvast te zien krijg op het internet, merk ik dat Geoffrey niet gelogen heeft: dit is inderdaad wat anders dan wat ik mij van musical voorstelde. Sommige liedjes zijn heel poëtisch en zouden ook gewoon liedjes kunnen zijn van Herman Van Veen of Boudewijn De Groot. Veel confetti komt er niet bij kijken, en over het algemeen heeft Muurvast een heel droevige, weemoedige sfeer. ‘Eigenlijk gingen wij er zelfs geen dans insteken, maar we moesten wel. Daardoor zat er toch één vrolijk liedje in, wat achteraf ook wel goed bleek te zijn. Zo kon het publiek even wat bekomen van alle tristesse.’


Ook de tweedejaarsstudenten Grafisch Ontwerp van de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten Antwerpen lieten zich inspireren door Smash him and bash him. Hun ontwerpen zien er alvast intrigerend uit! v.b.n.o. Sarah Oosterlinck, Betul Ozdemir, Jonne Nurmela, Rani Janssens. Affiche van Laura Losapio op p. 2. MUSICAL OPLEIDING CONSERVATORIUM BRUSSEL

SMASH HIM AND BASH HIM scènes uit

'Wij, de verdronkenen' van Carsten Jensen

‘We twijfelen er niet aan dat het interessant zal zijn om eens over het muurtje van musical te kijken.’

5,6,8,10,11,12,13 juni om 20u 7juni om 14u30

4 JUNI 2015 OM 20U

REGIE/SCRIPT:

PIETER CASTELEYN, MARTIJN CLAES, GEOFFREY DEBONDT, FLORIAN IMBRECHTS, OONAGH JACOBS, DORIEN SCHRIJNEMAKERS, BIRTE ADRIAENSEN, YANI AUSLOOS, ASPASIA FRAGOULOPOULOU, SVEN MAERTENS, LAURA SEYS, ANNE VANDERELST

Een korte blik achter het muurtje van musical leerde mij alvast dat daar heel wat te zien valt. Een enthousiasme dat zijn gelijke niet kent. Een

Wim Lanckrock

SCENOGRAFIE/ LICHT:

Jan Van Driessche

OPLEIDINGSHOOFD:

KOSTUUMS:

Adam Solya & Peter Kongs

Lulu Aertgeerts

WA L P U R G I S

met: Pieter Casteleyn Martijn Claes

18 mei 2015 Via BOZAR: 02 507 82 00 Ma-za: 11u – 19u

open geest naar andere genres toe. Kleurrijke schoenen, ook wel. Maar vooral: een interessant genre met ontzettend creatieve en gepassioneerde mensen. Benieuwd wat de “cultuurclash” met WALPURGIS zal opleveren.

Yani Ausloos Aspasia Fragoulopoulou

SMASH him &

BASH him

Wij, de verdronkenen

smash him and bash him scenes uit ,

Ook ik begin stilaan zin te krijgen in de kruisbestuiving van genres die Smash him and bash him zal zijn. De voorstelling is gebaseerd op het boek Vi, de druknede (Wij, de verdronkenen) van de Deen Carsten Jensen. Geoffrey: ‘Ik heb het gelezen ter inspiratie. Kort samengevat gaat het over het leven in een havenstadje in de periode 1845-1945. Een mooie maar heel ruime insteek. Het wordt ongetwijfeld zeven weken hard werken om daar een voorstelling van te maken, maar we twijfelen er niet aan dat het interessant zal zijn om eens over het muurtje van musical te kijken.’

PRODUCTIE:

MUZIKALE LEIDING:

Stephen Collins

Affiche: KASKA Artesis Hogeschool Antwerpen

4/6

tekst en foto’s Florian Vandamme

Peter Spaepen

Adam Solya

5, 6, 8, 10, 11, 12, 13/6 om 20u 7/6 om 14u30

Ook al ligt musical niet zo mijlenver af van muziektheater, toch wordt de samenwerking met Judith Vindevogel voor de studenten ongetwijfeld een hele aanpassing. ‘Het zal iets helemaal anders zijn’, aldus Geoffrey. ‘Het zal meer bij muziektheater aanleunen natuurlijk, dat merkten wij al aan de muziek. En er zal vertrokken worden vanuit het koor, zoals bij de Griekse tragedies. Die samenvloeiing van verschillende genres vind ik wel heel interessant.’

MUZIEK:

Judith Vindevogel

CHOREOGRAFIE:

Tickets te reserveren vanaf 18 mei 2015 via BOZAR: 02 507 82 00, ma - vr 11-17u

wij, de verdrø nkenen

Musical Opleiding Conservatorium Brussel

van Carsten Jensen

Volg de studenten Musical via www.facebook.com/musicalafdelingKCB Pieter Casteleyn Martijn Claes Geoffrey Debondt Florian Imbrechts Oonagh Jacobs Dorien Schrijnemakers Birte Adriaensen Yani Ausloos Aspasia Fragoulopoulou Sven Maertens Laura Seys Anne Vanderelst

Reserveren bij BOZAR vanaf 18 mei Tel: 02 507 82 00

4 4

juni 2015

script & regie: Judith Vindevogel muziek: Peter Spaepen productie: Wim Lanckrock scenografie en licht: Jan Van Driessche Choreografie: Adam Solya Opleidingshoofd: Lulu Aertgeerts coördinator: Wim Lanckrock componist: Peter Spaepen affiche: Jonne Nurmela

om 20u

5, 6, 8, 10, 11, 12, 13 juni om 20u 7 juni om 14u30

Benieuwd naar het eindresultaat? Smash him and bash him is een productie van de Musicalafdeling van het Conservatorium Brussel i.s.m. WALPURGIS. speeldata 4, 5, 6, 8, 10, 11, 12, 13 juni 2015 om 20u00 en 7 juni 2015 om 14u30 locatie Nijverheidskaai 170, Blok C, 1070 Anderlecht tickets telefonisch reserveren bij BOZAR op 02 507 82 00 (vanaf 18 mei) Meer info over de opleidingen Musical en Grafisch Ontwerp vind je op respectievelijk www.kcb.be/opleiding/musical en www.grafischevormgevers.be.

Scènes uit ‘Wij, de Verdronkenen’ van Carsten Jensen.

and

Première: 4 juni 2015 om 20u

Pieter Casteleyn Martijn Claes Geoffrey Debondt Florian Imbrechts Oonagh Jacobs Dorien Schrijnemakers Birte Adriaensen Yani Ausloos Aspasia Fragoulopoulou Sven Maertens Laura Seys Anne Vanderelst

Musical Opleiding Conservatorium Brussel in samenwerking met WALPURGIS Script en regie: Judith Vindevogel Componist: Peter Spaepen Muzikale leiding: Stephen Collins Kostuums: Adam Solya en Peter Kongs Scenografie en licht: Jan Van Driessche Choreografie: Adam Solya Productieleiding: Wim Lanckrock

Speeldata: 4, 5, 6, 8, 10, 11, 12 en 13 juni om 20u, 7 juni om 14u30 Reserveren bij BOZAR vanaf 18 mei, Tel: 02 507 82 00


te gast in deFENIKS

Avontuurlijke muziektheatermakers uit België, Nederland, Frankrijk, Canada, Japan, Polen en Italië. Meer dan 90 kandidaten uit 22 landen dienden een project in voor een werkverblijf in kunstenaarshuis deFENIKS in Mortsel. Vijf projecten werden geselecteerd. Wie zijn deze muziektheatermakers, welke plannen hebben ze en wat trekt hen zo aan in deFENIKS? Een korte voorstelling. tekst en interview Frauke Joossen

Tjyying in Haas © Lotte Stek

20

wOwW!


Kevin, Barbara, Szymon en Tsubasa en hun muziektheaterexperiment

Wat? Kevin: Tijdens onze residentie in deFENIKS hopen we een nieuwe theatertaal te kunnen ontwikkelen die een nieuwe relatie tussen dans, zang en muziek mogelijk maakt.

Waarom? Kevin: Ik ben al langer geïnteresseerd in manieren om zang en beweging met elkaar te verbinden. En het is fantastisch om dit onderzoek te kunnen doen in het gezelschap van een getalenteerde groep muzikanten. We wilden al langer eens met z’n vieren samenwerken, maar het ontbrak ons telkens aan tijd en ruimte. Die krijgen we dus nu en dat is echt geweldig.

Wie?

Kevin Skelton (CA) is 36 en tenor. Hij is afgestudeerd als musicoloog aan de universiteit van Toronto Indiana en Oxford. Hij specialiseerde zich in 17de-eeuwse muziek en in het bijzonder in de muziek van Bach. Kevin werkte o.a. samen met de Nationale Reisopera & De Veenfabriek, Sasha Waltz & Guests, Silbersee (ex-vocaallab) en BL!NDMAN [VOX]. Barbara Drazkowska (PL) is 33 en pianiste. Ze studeerde aan de Music University in Poznan en kreeg datzelfde jaar de prestigieuze DAAD-beurs om haar opleiding verder te zetten. Ze werkt sinds 2009 samen met choreograaf Sidi Larbi Cherkaoui. Szymon Brzóska (PL) is 34 en componist. Hij gaat op zoek naar de synergie tussen muziek, hedendaagse dans, theater en film. Zijn composities werden uitgevoerd in het Sydney Opera House, op het Festival van Avignon en in het Lincoln Centre in New York. Tsubasa Hori (JP) is 38 en muzikante. Ze begon met Japanse percussie taiko en studeerde daarna Westerse percussie en drums. Ze maakte veertien jaar deel uit van de groep Kodo, tot ze verhuisde naar België. In Europa is ze gekend door haar werk met Sidi Larbi Cherkaoui. Kevin in Orfeo, Sasha Waltz & Guests © Monika Rittershaus

Usine à Neige

en hun voorstelling rond de Hongaarse componist Gyorgy Ligeti Wat? Tjyying: We proberen hedendaagse muziek toegankelijk te maken voor families - kinderen én volwassenen. Op het Big Bang Festival deden we dat al met een haas als één van de figuren.

Waarom? Tjyying: Haas was zo fijn om te maken én we kregen er heel leuke reacties op van de kinderen. Vanuit die ervaring willen we graag verder bouwen aan een volledige muziektheatervoorstelling voor kinderen. deFENIKS is voor ons niet alleen een werkplaats om artistieke ideeën te onderzoeken, maar ook een festival waarin die ideeën ook aan een publiek kunnen worden getoond. Usine à Neige heb ik opgericht om sa-

men met allerlei andere kunstenaars voorstellingen te kunnen maken. Het is een nomadische structuur die niet alleen constant verandert van samenstelling, maar ook van locatie. Dit keer gaan we dus werken in Mortsel en daar hebben we allemaal heel veel zin in!

Wie?

Tjyying Liu (NL) is 49 en performer/theatermaker/scenarioschrijver. Hij studeerde af als regisseur aan de Toneelacademie Maastricht. Hij werkte mee aan verschillende muziektheaterproducties waaronder Listen to the Silence van Zonzo Compagnie. Zijn scenariodebuut Zucht werd genomineerd voor een Gouden Kalf en geselecteerd voor het Filmfestival van Cannes. Zijn volgende scenario Stilte na de storm was de Nederlandse inzending voor de Oscars. Jeroen Malaise (BE) is 44 jaar en pianist/muzikant. Hij werkt samen met o.a. Muziektheater Transparant, Zonzo Compagnie en Theater Stap. Met Groove Juice Special won hij de Jazz Costa Public Award.

Lotte Stek (NL) is 24 en kostuumontwerpster. Ze behaalde met grootste onderscheiding haar Master Theaterkostuumontwerp aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen. Ze ontwierp en realiseerde de kostuums voor o.a. Muziektheater Transparant, SIN, ’t Arsenaal, Theaterproductiehuis Zeelandia en HETPALEIS. Letizia Renzini (IT) is 44 en videaste/kunstenares. Ze woont in Florence en werkt aan een nieuw soort “opera” waarin het visuele, de muziek, geluid, tekst, licht en beweging samenvloeien. Mikel van Gelderen (NL) is 52 en kunstenaar. Hij studeerde bouwkunde en is zelfstandig architect, beeldend kunstenaar en theatervormgever. Hij geeft ook les op de Design Academy Eindhoven en de Delft University of Technology.

wOwW!

21


Belle Di Mai

en hun muziektheaterproject Wandering Souls Wat? Irene: Alice en ik zijn een vocaal duo. We zingen a capella. Tijdens ons verblijf in deFENIKS willen we toewerken naar een muziektheatervoorstelling die geïnspireerd is op de roman Il Barone Rampante van Italo Calvino. Het gaat over een jongeman die bestemd is baron te worden, maar daar helemaal geen zin in heeft. Hij klimt in een boom en beslist daar nooit meer uit te komen.

Waarom? Irene: Ik verhuisde van Pisa naar Amsterdam. In het begin dachten we dat dit het einde zou betekenen van onze samenwerking. Maar dat is gelukkig niet zo. Wel moeten we nu beter plannen dan daarvoor. En tijd alleen is natuurlijk niet genoeg. Ook het zoeken naar een goeie werkplek is belangrijk. Die hebben we dus nu gevonden. Straks kunnen we in deFENIKS al het voorbereidend werk dat we allebei al gedaan hebben, bij elkaar leggen en met z’n tweeën verder uitwerken. Weg van alle afleiding en verplichtingen. We dromen er al zolang van rond dit boek een voorstelling te maken, maar de tijd en de ruimte ontbrak. Tot nu dus!

Wie?

Irene Rametta (IT) is 29 en zangeres/actrice/performer. Ze heeft een Master in de Kunsten, Muziek en Drama met een specialisatie in Theatergeschiedenis. Ze werkte mee aan verschillende producties en projecten in Italië. Alice Casarosa (IT) is 34 en zangeres/actrice. Ze studeerde eerst archeologie en volgde verschillende workshops rond acteren, drama, beweging, stem, muziek en zang. In Italië is ze een bezig bijtje en werkt ze niet alleen als uitvoerder en theatermaker maar ook als curator.

Max, Carmien, Jolien, Tim en Wide met hun muziektheatervoorstelling BARTóK

Wat? BARTóK wordt een muziektheatervoorstelling met zandkunst, klassiek versus modern. Max: Carmien kwam naar me toe met het idee van een residentie in deFENIKS, en ik was meteen enthousiast. Hoe kunnen we thema’s uit het leven van de Hongaarse componist Béla Bartók en zijn opera Blauwbaard naar vandaag vertalen, dat is de vraag waar we mee spelen.

Waarom? Max: De energie die ik heb met Carmien is uniek, we wilden al langer iets samen doen. We organiseerden rond dit materiaal al eerder een toonmoment waar we best wel blij mee waren, maar het is fijn dat we nu een stap verder kunnen zetten. In deFENIKS krijgen we de tijd en de ruimte om verder te zoeken en te wroeten tot we iets vinden waar we echt gelukkig mee zijn. We gaan voor een heel mooie en straffe voorstelling! Carmien en Max © Camille Thys

Wie?

Max Greyson (BE) is 27 en dichter, prozaschrijver en performer. Hij won de Kif Kif Award in de categorie Slam Poetry en werd vice-kampioen Poetry Slam van Nederland. Hij is frontman van de muziekband Nachtman. Carmien Michels (BE) is 24 en schrijfster, performer, presentatrice en docente. Haar debuutroman We zijn water haalde de shortlist van de Debuutprijs en De Bronzen Uil. Ze won de publieksprijs van het Belgisch Kampioenschap Poetry Slam. Onlangs gaf ze een masterclass schrijven aan enkele deelnemers van Flying Me. Je leest er meer over in deze wOwW! op p. 24 Jolien Deley (BE) is 23 en celliste. Ze begon met cello toen ze vijf was en studeerde aan het Koninklijk Conservatorium in Gent. Ze is geregeld op podia te zien als lid van deFilharmonie en het Nationaal Orkest van België. Tim Coenen (BE) is 41 en instrumentalist. Hij studeerde Germaanse Talen en volgde daarna gitaar aan de Jazz studio in Antwerpen. Hij zingt en speelt bas, gitaar, drums en elektronica in diverse projecten en groepen als Admiral Freebee, Venus in Flames en Few Bits. Wide Vercnocke (BE) is 29 en illustrator. Hij studeerde af als Master Illustratie/Beeldverhaal aan Sint-Lukas. Hij is freelance illustrator voor o.a. Knack Focus en Agenda. Hij is huistekenaar van het maandelijkse evenement De Sprekende Ezels en heeft intussen twee strips gemaakt: Mijn Muze ligt in de zetel en Wildvlees.

22

wOwW!


Belle Di Mai © Simone Rocchi

Irene en Alice in L’Osteria del Malcontento © Fabio Falconi

Stan, Aline en Olympe

met een familievoorstelling over dementie Wat?

Wie?

Als alles kan, kan niets kapot wordt een familievoorstelling voor volwassenen én kinderen vanaf acht jaar Aline: Een meisje ontdekt dat haar oma de band met de werkelijkheid stilaan verliest. Wij willen laten zien hoe het meisje en haar oma daar elk op hun heel eigen manier mee omgaan en een ontroerende voorstelling maken met een magische en mysterieuze ondertoon.

Waarom? Aline: Stan en ik kwamen elkaar al eerder tegen en ontdekten dat we eenzelfde gevoel voor esthetiek delen. Stans schoonvader Peter schreef de tekst, danseres Olympe vervolledigde onze groep. Fantastisch dat we in deFENIKS terecht kunnen en niet alleen de ruimte maar ook de ondersteuning krijgen om dit project concreet te maken. deFENIKS wordt dus voor een paar weken onze broedplaats. We kijken er nu al heel erg naar uit!

Aline Goffin (BE) is 26 en actrice/zangeres. Ze volgde Kleinkunst aan Herman Teirlinck, Theater & Filmwetenschappen in Antwerpen en Complete Vocal Technique in Kopenhagen. Ze was o.a. te zien in Starend Meisje van Zonzo Compagnie en zingt momenteel mee in –there is no why here- van Muziektheater Transparant. Ze heeft haar eigen muziekproject Along a line en leende haar stem aan animatiefilms als Frozen en Alice in Wonderland. Stan Nieuwenhuis (NL) is 29 en componist/ muzikant. Hij haalde een Master Muziek, optie Trompet en een Audio Engineering Degree in Rotterdam. Hij componeerde o.a. voor het National Brass Band Championships of Great Britain en was finalist van de European Composer Competition. Hij werkt in Australië, Groot-Brittannië, Nederland, België en Frankrijk en is muzikant bij o.a. De Waancel, Compagnie Cecilia en Mastercab. Olympe Tits (FR) is 23 en danseres/autodidact fotografe. Ze werd geboren in Marseille, maar kwam naar Antwerpen voor een opleiding aan de Koninklijke Balletschool en Hedendaagse Dans aan het Conservatorium. Ze werkte samen met o.a. Sidi Larbi Cherkaoui en dansers van Anne Teresa de Keersmaeker, Pina Baush en Wim Vandekeybus. Ze studeert dit jaar af als leerkracht dans. Met haar eigen voorstelling There’s more behind your eye viel ze in de prijzen. Peter Theunynck (BE) is 54 en schrijver/dichter. Hij schreef o.a. De benen van de hemel en De bomen zijn paars en de hemel (bekroond met de Guido Gezelleprijs). Zijn biografie van Karel van de Woestijne werd genomineerd voor de AKO Literatuurprijs.

Je kan deze ar tiesten eind se ptember aan het werk zie n in deFENIKS tij dens de 12e editie van het FENIKS FEST IVAL. Meer info op www.feniksfe stival.be.

www.facebook.com/ kunstenaarshuisdefeniks Stan, Aline en Olympe, aka Kopseer © Olympe Tits

wOwW!

23


‘I wish I did not do what I have done. But wishes, like regret, are signs of helplessness.’ (Kaat Somers, Katharos’ Last Words)

Kaat: De com binatie van d ingen uit jeze én je omgevin lf g te halen om z o te raken met je mensen teksten, dat is wat ik het ‘Ik geef jou mijn jas als deken meeste meen eem uit de Om op te liggen met z’n tweeën workshop. Mijn lichaam tegen het jouwe

Kaat

Een warm vuur in de late avond De maan geeft geen warmte Maar mijn hart gloeit door honderden sterren Ook jouw hart versnelt door dit beeld Ik voel het kloppen Gehaast Zoals het mijne Ik kus je Als was dit onze laatste nacht’ (Camille Vermeire, Sterrenhemel)

24

wOwW!


Flying Me

Kaat (20), Milan (17), Camille (16) en Leonie (15) na hun masterclass met Carmien Michels Met soms knikkende knieën kropen ze op het podium van het FENIKS FESTIVAL, na afloop kregen ze de kans om samen te werken met een ervaren schrijfster. Het werd een boeiende, inspirerende, toffe tijd. Met pen en papier trokken ze de stad in. ‘Ik ervaar de wereld zelf als een boek of een film: ik observeer non-stop. Die bron van inspiratie wilde ik hen meegeven. Er zijn zoveel verhalen daarbuiten om uit te plukken.’ aldus Carmien. Een greep uit hun reacties én teksten. interview Frauke Joossen foto’s Stef Depover

‘Op hun oude dag Vroeg in de ochtend Rijden zij met de bus Naar het einde Haar hand rust op zijn been Zoals die dat al jaren doet Zijn vingers kromgebogen Klauwen zich een weg Rond de tijd die hun liefde nog rest Hij houdt zich vast aan Hun liefde op leeftijd Nu kunnen ze niet meer terug Nu kunnen ze het niet meer opgeven Ze zijn al zo ver gekomen En ze turen in de verte naar Datzelfde punt, dat weet ik zeker Ze hebben elkaars gewoonten Overgenomen en hun gedachten Op automatische piloot Met elkaar gedeeld’ (Leonie Maes, De laatste tijd)

Kaat: Carmien haalde me uit mijn comfort zone. Spannend én verruimend. Camille: Ik had mijn eigen stijl van schrijven, maar nu probeer ik ook andere stijlen uit, om écht uit te zoeken wat het beste bij me past.

wOwW!

Camille

25


Milan

Carmien: Taal moet zinderen in je oren, door je lichaam stromen en er als een lang opgespaard liedje weer uitkomen. Leonie: De te ksten die ik toen he el goed vond, vind ik nu gewoon slecht. Een teken dat ik evolue er, misschien? Milan: Je stelt je kwetsbaar op als je je teksten laat bekritiseren. Dat was soms even slikken, maar bovenal heel inspirerend.

26

wOwW!

Leonie

‘Milan: En, Niek. Niek: Ja? Milan: Wat zou jij doen moest ik op een dag wakker worden als koffer? Niek: Zou jij benen hebben? Milan: Nee, koffers hebben geen benen. Niek: Koffers kunnen ook niet praten en horen. Milan: Jawel, ik wel. Ik ben een speciale koffer. Niek: Hmmm, ik denk dat ik jou zou bijhouden. Milan: Zou je mij mee op reis nemen? Niek: Als koffer? Nee, dat denk ik niet, als iemand jou dan steelt dan ben ik jou kwijt. Milan: Maar Niek? Niek: Ja? Milan: Zou je me wel mee op reis nemen als ik een mens zonder benen was? Niek: Ja, dan wel denk ik. Milan: Dus eigenlijk ben ik voor jou meer waard als koffer dan als mens? Niek: Goh ja, eigenlijk wel dan. Milan: Spijtig dat ik dan geen koffer ben’ (Milan Van Bortel, Kapstok)

Camille: Ik had mijn teksten nog nooit laten lezen door een professioneel schrijfster, spannend! Het leuke was dat we er echt gesprekken rond hadden. We waren gewoon mensen die houden van schrijven.


2nd edition

FLYING ME open podium voor jonge makers (14-21 jaar)

Heb jij ook zo’n verdomde zin om een podium op te klimmen, je ding te doen en een publiek te veroveren? Wil je op het FENIKS FESTIVAL laten zien dat er in jou een muziek/dans/theatermaker schuilt? Heb jij het materiaal (muziek, tekst, choreografie,…) dat je alleen of samen met anderen uitvoert, zelf bedacht? Stel dan jouw project voor via een (YouTube) filmpje en stuur de link ten laatste zondag 30 augustus 2015 naar info@walpurgis.be met als onderwerp ‘Flying Me 2015’.

WAARVOOR DOE JE DIT? Een professionele jury kiest één of meerdere jonge makers die als stimulans een exclusieve masterclass aangeboden krijgen.

WAAR EN WANNEER?

deFENIKS, Mortsel zaterdag 26 september 2015 van 13u tot 20u

open podium, nabespreking en prijsuitreiking

Flying Me is een initiatief van theaterwerkplaats NEST en WALPURGIS. Ga op verkenning op www.feniksfestival.be. www.facebook.com/feniksfestival

SUCCES!

Wie? wOwW! waar?

wOwW! wordt gratis verspreid via kunsthuizen, cultuurcentra en openbare instellingen, via de post aan onze abonnees en via huis-aan-huis bedeling in Mortsel. Krijg jij hem graag bij je thuis? Laat het ons weten via 03 235 66 62 of info@walpurgis.be.

COLOFON wOwW! magazine voor avontuurlijk muziektheater Uitgever WALPURGIS vzw

Deurneleitje 6 B-2640 Mortsel +32 (0)3 235 66 62 communicatie@walpurgis.be www.walpurgis.be

Hoofdredactie Judith Vindevogel Eindredactie Frauke Joossen Redactie Ellen Fransen, Wouter Hillaert, Florian Vandamme, Jelle Van Riet Beeldredactie Stef Depover Vormgeving Inge Rylant

Fotografen Stef Depover, Fabio Falconi, Walter Grimm, Olivier Marnie, Monika Rittershaus, Simone Rocchi, Lotte Stek, Camille Thys, Olympe Tits, Florian Vandamme, Dirk Van de Velde Coverbeeld Erik Kromann (directeur van het Marstal zeevaartmuseum) ©Stef Depover Met dank aan Lulu Aertgeerts, Kor de Vries, Johan Devrome, Erik Kromann, Uitgeverij Atlas Contact Gratis magazine, mag niet los verkocht worden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op enige andere wijze, zonder voorafgaand schriftelijk akkoord van de uitgever. De redactie heeft er alles aan gedaan om rechthebbenden i.v.m. copyright op te sporen en toelating te krijgen. Mocht je menen recht te hebben op materiaal dat in dit nummer gepubliceerd is, dan kan je contact opnemen met communicatie@walpurgis.be.


DONDERDAG 24 SEPTEMBER 2015

t/m

ZONDAG 27 SEPTEMBER 2015

www.feniksfestival.be deFENIKS - Mortsel

WORKSHOP FEEST DANS MUZIEK THEATER OPERA

WORKSHOP OPERA FEEST DANS MUZIEK THEATER OPERA FEEST WORKSHOP

12de editie

MUZIEK THEATER WORKSHOP OPERA FEEST DANS MUZIEK THEATER OPERA

DANS MUZIEK THEATER WORKSHOP OPERA FEEST DANS

Profile for WALPURGIS

wOwW! mei 2015  

Magazine voor avontuurlijk muziektheater. Jg. 2, nr. 1. Uitgegeven door WALPURGIS. www.walpurgis.be

wOwW! mei 2015  

Magazine voor avontuurlijk muziektheater. Jg. 2, nr. 1. Uitgegeven door WALPURGIS. www.walpurgis.be

Advertisement

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded