Page 1

Beukenbloed Over de liefde tussen boom en buurt

Wieke Eefting

- Anne-Marie van Gijtenbeek - Margreet van Heel


Beukenbloed Over de liefde tussen boom en buurt

Wieke Eefting Anne-Marie van Gijtenbeek Margreet van Heel


6


Een uit de hand gelopen avontuur Mijn project ‘beuk’, dat oorspronkelijk bestond uit het systematisch fotograferen van deze prachtboom, is op een prettige manier volledig uit de hand gelopen. Voor u ligt het resultaat: een boek over de liefde tussen boom en buurt. Toen ik in 1978 ging studeren ben ik in Utrecht Oost gaan wonen en daar ben ik niet meer weggegaan. De boom is mij pas echt gaan opvallen toen ik hoorde dat hij ziek is. Ik ben hem vanaf dat moment systematisch gaan fotograferen. En elke keer als ik met mijn camera bij de beuk was, kwam ik wel iemand tegen die mij vertelde wat de boom voor hem of haar betekent. Zo ontmoette ik ook Bernard Tomlow, die vanuit zijn kantoor uitkijkt op de beuk. Toen hij mijn foto’s zag en de verhalen hoorde die ik inmiddels had verzameld, spoorde hij mij aan om een boek te maken. Diverse buurtbewoners omarmden dit idee om de liefde tussen buurt en beuk in een boek te vangen. Zo is Maarten Schild vanaf het eerste moment achter de schermen een grote aanjager. En ook de beuk zelf, die op zijn facebookpagina elke dag aan een grote schare volgers vertelt hoe het met hem gaat en wat hem opvalt, vond dit een prachtplan. De symboliek om een boek over een beuk te maken spreekt mij aan. De

woorden ‘boek’ en ‘beuk’ zijn nauw aan elkaar verwant. Het woord ‘boek’ komt waarschijnlijk van het Germaanse woord voor ‘beuk’: boche. De omslagen van de eerste boeken werden gemaakt van een rechthoekig stuk beukenhout. Ook voor het drukken van boeken was de beuk onmisbaar. Het was een groot avontuur om met behulp van crowdfunding dit boek mogelijk te maken. Het is fantastisch dat de betrokkenheid van bedrijven en buurtbewoners deze actie tot een succes heeft gemaakt. Na dat avontuur konden we eindelijk met het echte werk aan de slag. Heel veel mensen hebben meegedacht over de inhoud en hebben hun foto’s en verhalen met mij gedeeld. Wat begon als ‘mijn’ boek, is uiteindelijk een boek van, voor en door de buurtbewoners geworden, prachtig vormgegeven door Margreet van Heel en met tekstbijdragen van Anne-Marie van Gijtenbeek. Het was een voorrecht voor mij om al die betrokkenheid een plek te geven in dit boek en ik dank iedereen die een bijdrage heeft geleverd. Er staan veel persoonlijke verhalen in dit boek, ongetwijfeld slechts een fractie van alle verhalen die verteld kunnen worden. Daarnaast is er in het boek veel ruimte voor de feiten rondom de beuk. Wat is de geschiedenis van de beuk en welke historische feiten heeft

de boom aan zich voorbij zien trekken? Rudo den Hartog wist in de kasboeken van Copijn de aanschaf van een ‘zwarte beuk’ te achterhalen, die weleens onze beuk zou kunnen zijn. En wat is dat voor schimmel die hem nu aantast, hoe wordt hij verzorgd en wat zouden we nog kunnen doen? Diverse experts komen hierover aan het woord. De naam van dit boek heeft te maken met de dodelijke bodemschimmel, de Phytophthora plurivora. Als deze voortwoekert in de stam, gaat de boom een rode vloeistof afscheiden: Beukenbloed! Hoewel de boom al behoorlijk lijkt aangetast door de schimmel, is er toch ook hoop. Diverse experts geven aan dat het leven van de boom op zijn minst nog jaren verlengd zou kunnen worden. Moge dit boek eraan bijdragen dat de deskundigen en de gemeente hun krachten bundelen en samen zullen proberen om dit met de juiste verzorging voor elkaar te krijgen. Daarnaast hoop ik dat dit boek een feest van herkenning is voor iedereen die de beuk bij het Rosarium een warm hart toedraagt.

7


Parkaanleg Hoogeland en Oudwijkerveld (Wilhelminapark), ontwerp-Copijn/Loran (1889).

Beuk met een verleden door Rudo den Hartog Toen jhr. Willem Elisa Ram eind 1856 overleed, was de beuk, die wij nu een monumentale boom noemen, niet veel meer dan een iel boompje. Boompje groot, plantertje dood. Ram kocht in 1824 een stuk grond van de gemeente, het Hoogeland aan de Biltse Grift. Hij liet daarop een huis in neoclassicistische stijl ontwerpen door de Vlaamse architect Tieleman Suys (1783-1861), hofarchitect van koning Willem I, en later na 1830 ook van koning Leopold I. Voor de tuin zocht Ram een tuin­ ontwerper die een goede naam had op het gebied van Engelse landschapsarchitectuur. Dat werd de Utrechter Hendrik van Lunteren (17801848) die als ‘vermaard aanlegger van landgoederen en wat tot verfraaiing in het bouwkundig vak daarbij behoort’ (aldus tijdgenoot Christiaan Kramm) naam had gemaakt met tuinen in Engelse landschapstijl. Van Lunteren 12

adviseerde om het plantgoed van kweker Jan Copijn in Groenekan te betrekken en daar kwam ook de beuk vandaan, al heet hij in de boeken 'zwarte beuk'. Het Hoogeland heette zo omdat het, tussen twee oude waterlopen van de Vecht in, hoger lag dan het drassige naastgelegen Oudwijkerveld. De grond was uitermate vruchtbaar, mede doordat de rivier hier voor rijke afzettingen gezorgd had. Het park rond Het Hoogeland, met zijn waterpartijen en lichte hoogteverschillen leende zich bij uitstek voor wandelingen of voor een ritje te paard of per koets over slingerende paden met steeds nieuwe zichtlijnen en verrassende hoekjes. Die eerste jaren gaven de beuk de gelegenheid om zich in alle rust te ontwikkelen tot een boom met een krachtig wortelstelsel dat zich


ondergronds in de breedte vertakte, een stevige basis om op door te groeien. Het Hoogeland bleef na de dood van Ram bewoond door zijn vrouw. In 1870 werd de Oosterspoorbaan aangelegd, ver genoeg af van de beuk om hem geen last te bezorgen. Maar de adelijke weduwe moest tegen haar zin wel een stukje grond afstaan om de aanleg mogelijk te maken zonder de Maliebaan te schaden. Toen zij twee jaar later overleed, erfden twee ongehuwde zoons Het Hoogeland. Toen de gemeente aan de oostzijde van Utrecht nieuwbouw en openbaar groen wilde ontwikkelen, boden de gebroeders Ram het landgoed te koop aan. Eind 1887 stemde de gemeenteraad van Utrecht in met de aankoop van het landgoed, toen bijna 9 hectare groot. De voor die tijd forse koopprijs van 260.000 gulden leverde in de gemeenteraad veel tegenspraak op, maar uiteindelijk ging de raad toch akkoord.

"Een saillant verschil tussen beide ontwerpen betrof het lot van de beuk waar dit verhaal om draait." Een jaar later barstte de discussie opnieuw los toen het aangrenzende Oudwijkerveld door Baron van Boetzelaer van Oosterhout te koop werd aangeboden voor slechts 37.000 gulden, maar onder het beding om er binnen tien jaar een openbaar wandelpark aan te leggen. Kritiek was

er op de ligging van zo’n park: veel te ver buiten de stad. Bovendien, zo zei een gemeenteraadslid: ‘een park dat zo afgelegen ligt, zou de onzedelijkheid kunnen dienen’. Voor het ontwerp van zo'n park aan de oostkant van de stad schreef de gemeente een prijsvraag uit, met als randvoorwaarde het ontwerpen van ‘een openbare wandelplaats, met behoud van de mooiste bomen en boomgroepen’. Daarop kwamen zestien inzendingen binnen. Geen daarvan voldeed naar het oordeel van de jury volledig aan de gegeven opdracht, maar er waren er twee met veel bruikbare elementen: Eenvoud van tuinarchitect Hendrik Copijn en Opgeplakte ster van Jan Anthony Loran die bij de stadstimmerwerf als ‘Eerste teekenaar’ werkte. Een saillant verschil tussen beide ontwerpen betrof het lot van de beuk waar dit verhaal om draait. Als het aan Loran had gelegen, was de beuk gesneuveld voor zijn plan, waarin hij op die plek een volumineus landhuis geprojecteerd had. Copijn echter integreerde de beuk als eindboom van een rij bomen. Beide inzenders ontvingen een prijs van 500 gulden en het verzoek om hun plannen te combineren tot een geheel. Aldus kwamen met vereende krachten het Hoogelandsche Park en het Wilhelminapark tot stand, verbonden door een smalle streng grond, tussen wat nu Prinses Marijkelaan heet en de toen nog niet gedempte vijver van Huize Oudwijk. De beuk kreeg een opvallende plaats toegewezen als de centrale boom in een ovaal perk dat het einde markeerde van de zichtlijn vanaf de huidige Museumlaan.

Jhr. W.E. Ram (1786-1856). Pasteltekening, toegeschreven aan Heinrich Siebert.

Het Hoogeland omstreeks 1830. Litho van J.P. Houtman naar een tekening van W.P. Hoevenaar. 13


16


17


52


53


Margreet van Heel De rode beuk is me altijd al opgevallen, als eerste toen de kinderen klein waren en we op zondag al oefenend op hun kleine fietstje bloemen ging kopen bij het stalletje tegenover de begraafplaats. Nu zie ik haar al een paar jaar wekelijks onderweg naar en van mijn yogales aan het Griftpark. Het is fijn wonen in Utrecht Oost. Er is veel groen hier op de grens tussen stad en natuur. Geen wonder dat je zulke mooie vlinders en libellen bij de boom tegen kan komen. Deze maanden zie ik de beuk alle dagen van de week, nu ik samen met Wieke en Anne-Marie het boek aan het maken ben. Een leuk project om me weer een beetje meer Utrechter te voelen!

Jesse Houwing Lily Rose is een Hoogeboom via haar moeders kant. Haar vader, Jesse rijdt elke dag langs de rode beuk op weg naar zijn werk. Wat mooier dan ons jonge bloempje/ boompje op de foto met zo’n mooie oude wijze knots van een boom.

32


Annette Polman Dag prachtige rode beuk. Toen ik hoorde dat je ongeneeslijk ziek bent, was ik bedroefd. Ik ben direct bij je op bezoek gegaan met de PlantenSpeler. Je weet het vast nog wel: dat apparaat wat de activiteit ofwel het elektriciteitsverschil tussen je wortels en je bladeren vertaalt in Muziek. Ik sloot de PlantenSpeler aan door één stekkertje bij je wortels in de grond te steken en het andere stekkertje vast te knijpen aan een blad van één van je laaghangende takken. Tot mijn grote blijdschap maakte je direct muziek. Eerst voorzichtig, maar al gauw werd de variatie in tonen groter en ontstonden prachtige melodieën. Er kwamen meer mensen luisteren en het werd druk. De kinderen maakten

herrie en gingen op in hun eigen spel. De volwassenen gingen praten en denken en discussiëren over hoe dit nou kon. Er was geen aandacht meer voor jou en je mooie muziek. Toen stopte je met muziek maken. Wonderlijk. Of misschien ook niet. Zo werd duidelijk dat jij, een boom, niet alleen een levend wezen bent, maar zelfs een voelend wezen! Dat je echt communiceert met ons, mensen, als wij daarvoor open staan. Wat verrassend, wat bijzonder.

Verbinding met de natuur werd hoorbaar via jou. Dat is echt een extra dimensie. Wat een cadeau! Dank je wel rode beuk, ook voor je grootse schoonheid tijdens je lange leven. Ik wens je een goed levenseinde en toch nog vele jaren.

Wil je de melodie van de rode beuk horen? Ga naar www.plugandplant.nl/luister/

33


86


“En wat betreft de ware natuur der dingen; is niet elke groene boom vele malen kostbaarder dan haar gewicht in goud of zilver?� Martin Luther

87


Er was eens een klein beukennapje. In dat napje zat een beukennootje. Na 166 jaar was dat nootje de imposante rode beuk die op zijn eigen eiland staat bij het Rosarium in Utrecht Oost. Twee jaar geleden werd bekend dat de beuk leed aan een mysterieuze ziekte. Heftige reacties barstten los! Alsof het een geliefde betrof. Van alle kanten kwam er medeleven, verdriet en ongeloof. Het was ondenkbaar dat de beuk daar ooit niet meer zou staan! Het nieuws was voor Wieke Eefting aanleiding om aan dit fotoproject te beginnen. Ze begon deze prachtboom systematisch te fotograferen. Het liep op een prettige manier allemaal volledig uit de hand. Dat heeft geleid tot dit boek. Naast vele mooie foto’s staan er veel persoonlijke verhalen in dit boek. Er is in het boek ook veel ruimte voor de feiten rondom de beuk. Wat is de geschiedenis van de beuk en welke historische feiten heeft de boom aan zich voorbij zien trekken? Wat is dat voor schimmel die hem nu aantast, hoe wordt hij verzorgd en wat zouden we nog kunnen doen? Diverse experts komen hierover aan het woord. Voor u ligt Beukenbloed - over de liefde tussen boom en buurt. Het is een feest van herkenning voor iedereen die de beuk bij het Rosarium een warm hart toedraagt. Wieke Eefting heeft als fotograaf al meerdere fotoreportages en publicaties op haar naam staan. Samen met tekstschrijver Anne-Marie van Gijtenbeek en grafisch vormgever Margreet van Heel maakte zij in 2013 het boek Ambitie in beeld: vrouwelijke hoogleraren in Nederland voor het LNVH.

Beukenbloed is mede mogelijk gemaakt door WVO makelaars

ISBN 978-90-79841-08-0

Uitgeverij Helium 9 789079 841080

Beukenbloed inkijkje  
Beukenbloed inkijkje  
Advertisement