Page 1


Vézelay ligt aan de Cure en kruipt op tegen de wand van een ongeveer 300 meter hoge, beschermde heuvel, "la colline éternelle". Op de top ligt de al eveneens beschermde abdijkerk la Madeleine. De kerk werd later tot basiliek uitgeroepen. Op ongeveer 2 km van Vézelay, aan de voet van de heuvel in de gemeente Saint-Père, staat het kerkje van Saint-Père-sous-Vézelay. Met de bouw is begonnen rond 1200. Het zeer zuivere kerkje vertoont alle stijlveranderingen van de 13e tot de 15e eeuw. Geschiedenis De eerste stichting van nonnenklooster (in 860) heuvel. De legende wil Maria Magdalena Saintes-Maries-de-laBourgondië is

een Benedictijner gebeurde aan de voet van de dat in die tijd het gebeente van (vanuit het Heilige Land via Mer en Aix-en-Provence) al naar overgebracht.

Haar verering begon evenwel pas rond 1050. Op dat moment hadden zich al monniken op de top van de berg gevestigd. Het eerste klooster was al eerder vernietigd door de Noormannen. Rond die tijd begon in de Provence de verering van de heilige Lazarus. De monniken van Vézelay maakten daar dankbaar gebruik van en verkregen de status van bedevaartsoord, omdat zij het gebeente van Maria Magdalena bezaten. In de Middeleeuwen werd Maria Magdalena nog gelijkgesteld met Maria, de zuster van Lazarus, wiens beenderen in Autun lagen. De toevloed van pelgrims was groot en de oude kerk werd al snel te klein. In 1096 begon men aan de bouw van een nieuwe. Het bedevaartsdorpje barstte uit haar voegen, en Vézelay groeide uit tot een stadje van meer dan 1000 inwoners. Het kwam tot conflicten toen voor de bouw steeds meer geld nodig bleek te zijn, dat door belastingen moest worden opgebracht. Abt Artaud werd vermoord, de bouw van de kerk viel stil, maar de opstanden bleven voortduren tot het klooster in 1162 van de Paus de volledige onafhankelijkheid van Cluny verkreeg. De abdijkerk werd een begeerde laatste pleister- en verzamelplaats vooraleer de lange tocht naar Santiago de Compostella aan te vatten. In 1120 vond een grote ramp plaats: Meer dan duizend pelgrims vonden de dood toen de kerk in vlammen opging. De nieuwbouw, waarmee meteen werd begonnen, vorderde snel. In 1140 was het schip voltooid, in 1150 de voorkant van de westkant, in 1185 het gotisch koor (door de afgebrande crypte in 1165). Na de verbouwing van de westgevel van de voorkerk in gotische stijl in het midden van de 13e eeuw, bleef de abdijkerk een aantal eeuwen onaangeroerd. In de 19e eeuw voerde de architect Viollet-le-Duc (1814-1879) belangrijke restauratiewerken uit. Betekenis Vézelay is het toneel geweest van historisch belangrijke massabijeenkomsten. Zo predikte Bernard van Clairvaux in 1146 er de tweede kruistocht, die zou uitlopen op een fiasco. Onder meer Eleonora van Aquitanië heeft in de abdijkerk Vézelay haar diensten aangeboden, nadat ze als amazone op een wit paard het stadje was binnengetreden.


In 1190 genoot Vézelay het startschot van de derde kruistocht, met koning Philippe-Auguste en Richard Leeuwenhart aan het hoofd. Ook de volgende kruistochten, in 1248 en 1270, onder leiding van Lodewijk de Heilige, vertrokken vanuit Vézelay. In 1146 vestigde Thomas Becket zich in Vézelay om te ontsnappen aan de vervolging van de Engelse koning. In 1217 stichtte Franciscus van Assisi het eerste franciscaner klooster op Franse bodem. Architectuur

Interieur van de basiliek

La Madeleine is een kerk die volledig past in de oude Bourgondische bouwtraditie. In de kerk van Vézelay overheerst het gevoel voor evenwicht, proportie en soberheid, geen weelderigheid als in Cluny en al evenmin hoog opstijgende gotische vormen. La Madeleine heeft evenmin de strengheid van een cisterciënzerkerk. Het is ook een zintuiglijk genot hier rond te wandelen, alleen al door de materiaalkeuze (witte en roze natuursteen in de arcaden, witte en bruine steen in de gordelbogen en de spierwitte kalksteen van het lichtend koor). Ook de talrijke scènes op de kapitelen en buiten op de tympanen geven aan dat dit geen cisterciënzerkerk is. Ook het tympanon van La Madeleine (niet het tympaan buiten aan de voorkerk, maar het tympaan dat de zending van de apostelen voorstelt), meer naar binnen in de zogeheten narthex), is een uitleg waard. Dit tympanon biedt een mooie samenvatting van geloofsartikelen die te maken hebben met de stichting van de katholieke kerk. Terras Wie om de basiliek naar achteren wandelt, komt op het terras, de plaats waar vroeger de abtswoning stond. Het terras biedt de mogelijkheid het panorama te bewonderen van het Cure-dal en het noordelijk deel van de Morvan. Linksonder is tegen de flank een pittoreske ommuurde begraafplaats opgebouwd.


Kapitelen Nadat in de negende eeuw de relieken van Maria Magdalena (Maria van Magdala) in de kerk waren bijgezet, werd de kerk een belangrijk bedevaartsoord en vele duizenden pelgrims kwamen jaarlijks hier bidden. In een twaalfdeeeuws geschrift lezen we dat Vézelay ook een extra attractie had: er vonden wonderen plaats, "blinden kunnen weer zien en stommen weer spreken". Er kwamen zoveel pelgrims, van wie velen op weg waren naar Santiago de Compostela, dat de kerk te klein werd. Vanaf eind elfde eeuw begon men met de bouw van een nieuwe, grotere kerk. De bouw, zoals bij bijna alle middeleeuwse kerken, duurde generaties-lang. In 1215 werd het koor gewijd. In het serene romaanse interieur verlicht door de ramen in het vroeg-gotische koor hebben beeldhouwers tussen 1125 en 1140 de bijna honderd (half)kapitelen versierd met blad-enbloemmotieven, dieren en allerlei figuren met een boodschap in scenes die de verhalen uit de bijbel en de legenden aanschouwelijk maakten. Ruim twintig kapitelen beelden een verhaal af uit het Oude Testament. Isaak In Genesis 27 lezen we hoe Rebekka, gehuwd met Abrahams zoon Isaak, een tweeling kreeg: de rossige harige Esau en Jakob. Esau was een echte rouwdouw en jager, terwijl Jakob een rustige 'huis'man was. Toen vader Isaak oud geworden was en zijn einde voelde naderen, wilde hij zijn oudste zoon Esau de speciale oudste-zoon-zegen geven. Eerst ging Esau op jacht om voor zijn vader een lekkere jachtschotel te bereiden, voor wat extra energie. Moeder Rebekka was op de hoogte van haar mans plannen en wilde maar één ding, nl. dat haar lievelingszoon Jakob gezegend zou worden en niet Esau. Rebekka gaf Jakob opdracht twee malse bokjes uit de kudde te halen. Ze maakte daar een smakelijke 'jacht'schotel van en zei tegen Jakob deze maaltijd haar man voor te zetten. Jakob was bang dat het bedrog uit zou komen als zijn blinde vader hem zou aanraken; immers Esau was sterk behaard en Jakob had een glad huidje. Rebekka wist raad en bedekte de onderarmen van Jakob met ruig geitevel.


Zó werd de blinde Isaak misleid en gaf hij de traditionele zegen aan zijn jongste in plaats van aan zijn oudste zoon.

Teruggekomen van de jacht hoorde Esau van dit bedrog, werd witheet van woede en wilde Jakob te lijf gaan. Jakob vluchtte en pas vele jaren later verzoenden beide broers zich. De middeleeuwse beeldhouwer van het Vézelay-kapiteel geeft prachtig weer dat de zittende Isaak's "ogen zo zwak geworden waren dat hij niet meer kon zien". De voor hem staande Jakob strekt zijn armen uit en duidelijk zijn de geite-vel-manchetten te zien. Rechts luistert moeder Rebekka gespannen toe. Aan de zijkant links keert - onder een sierlijke boom - de nog nietsvermoedende Esau met jachtbuit beladen terug. Lazarus Ongeveer vijf kapitelen beelden Nieuw-testamentische verha-len uit. Met name één parabel uit het evangelie van Lucas (16) was in de Middeleeuwen erg populair en werd in Vézelay zelfs tweemaal afgebeeld. Een rijk man, altijd modieus en duur gekleed, vierde dagelijks uitbundig feest. De arme bedelaar Lazarus lag bij de ingang van het huis van de rijke man. Hij hoopte zijn honger te stillen met wat restjes van het diner. De rijke man en Lazarus stierven. Lazarus "werd door engelen weggedragen" en rust in Abrahams' schoot en de rijke man werd "hevig gekweld" in de vlammen van een akelig dodenrijk.


De voorzijde van het half-kapiteel wordt in beslag genomen door een groot bed waarop de rijke man zijn laatste adem uitblaast. Aan de voorraad-potten onder zijn bed waaraan slangen zich tegoed lijken te doen, heeft hij niets meer. Zijn zieltje - in de vorm van een klein mensje - verlaat zijn lichaam via de mond en wordt direct gegrepen door twee duiveltjes ... het is voor iedereen duidelijk waar de rijke terecht zal komen!

Aan de linker kapiteel-zijkant blaast ook Lazarus zijn laatste adem uit en zijn zieltje wordt hier letterlijk door "engelen weggedragen". Aan de rechter-zijkant van het kapiteel zien we Lazarus eeuwig 'rusten' in Abrahams' schoot.


Nicolaas De populariteit van dit verhaal in de middeleeuwen laat zich makkelijk verklaren. Hoevelen voelden zich Ook wij kennen nu nog wel enkele heiligen die populair waren in de Middeleeuwen: de heilige Nicolaas (Sinterklaas), Christophorus (Christoffel), Valentinus (Valentijnsdag) en Mar-tinus (SintMaarten). Omdat Martinus gold als de heilige die het geloof in Gallië verspreidde, werd hij vaak in Frankrijk weergegeven. Hij was de man die zijn mantel deelde met een bedelaar. Een iets minder bekende activiteit van Martinus is op een kapiteel in Vézelay afgebeeld. Jacobus de Voragine, die in de dertiende eeuw veel heiligenlevens opnieuw beschreef en wiens boek razend populair werd, vertelde het als volgt: Martinus, een vroom en bescheiden man, wilde een aan de duivel gewijde pijnboom kappen. Enkele omstanders verzetten zich er hevig tegen en daagden Martinus uit. "Wij kappen de boom en jij vangt hem dan maar eigenhandig op met de hulp van jouw God!" Martinus maakte een kruisteken en de boom viel niet op hem maar raakte wel bijna de ongelovige omstanders, die zich na het zien van dit wonder natuurlijk bekeerden.

De beeldhouwer van Vézelay laat duidelijk het verschil zien tussen de rustige Martinus die een kruisteken maakt en de omstanders, die druk doende zijn de boom om te hakken. Het lijkt wel alsof ze door middel van touwen de boom - letterlijk - met alle geweld op Martinus willen laten vallen. Op de linker zijkant van het kapiteel zijn twee mannen afgebeeld die offergaven voor de boom (?) in hun handen hebben; zij zijn té laat! toen niet als die arme Lazarus?


Eugenia Drie zittende figuren zijn afgebeeld: links een vrouw en rechts een man, maar middenin? De monnik (de tonsuur is duidelijk zichtbaar) draagt een habijt. Even geloofden we onze ogen niet .... ...... want de monnik doet zijn habijt open en we zien twee kleine borstjes! Een monnik met vrouwenborsten? Een vorm van middeleeuwse travestie? Nog eens kijken, nu door de telelens van de camera .... inderdaad een vrouwelijke monnik! Welk verhaal schuilt hier achter? Het blijkt te gaan om de heilige Eugenia van AlexandriĂŤ, die - eind tweede eeuw - het klooster in wilde. Misschien wel omdat er geen vrouwenklooster was, besloot ze zich als man te verkleden en als man trad ze in. Zij/hij was een vrome monnik en werd zelfs abt! Eens werd de abt door een meisje (links afgebeeld) beschuldigd van 'onzedelijke handelingen'. Voor de ogen van de rechter bewees de abt toen dat hij een vrouw was! Overigens zou Eugenia na deze gebeurtenis naar Rome zijn gegaan waar ze als martelares stierf, aldus haar legende. Dit kapiteel in VĂŠzelay is een van de weinige afbeeldingen van deze heilige.

Kloosterkerk Vézelay  

Kunstgeschiedenis

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you