Page 1

Samen tegen

armoede

December 2011

Dit is een uitgave va n Metro Custom Publishing in sa men w erk ing met de Gemeente Amster da m

‘Ik wil niet om hulp vragen’

‘Ik breng mijn kerstpakket morgen naar de Voedselbank’

‘Gelukkig heb ik morgen een laatste afspraak bij de schuld­ hulpverlening’

‘Ik wil zo graag werk heb­ ben, dan kan ik die gympen voor mijn dochter kopen’

‘Waar haal ik het geld voor de feest­ dagen vandaan?’

‘Ik wil graag wat betekenen voor Amsterdammers met weinig geld’ in samenwerking met de


Dit is een uitgave va n Metro Custom Publishing in sa men w erk ing met de Gemeente Amster da m

Pagina 2

n

Minimahuishoudens – 16,6 % van alle Amsterdamse huishoudens heeft een zeer laag inkomen. Dat komt neer op 71.564 huishoudens.

’Armoede kun je alleen samen bestrijden’ Hetty Vlug

Eén op de vijf Amsterdammers leeft onder de armoede­ grens, met grote gevolgen. De Gemeente Amsterdam heeft Hetty Vlug aangesteld als armoederegisseur om het anti-armoedebeleid efficiënter en effectiever te maken. “Armoede kun je alleen samen bestrijden.”

Inhoud n

Met een ‘maatje’ kom je er weer bovenop n

De gemeente wil ervoor zorgen dat Amsterdammers met een laag inkomen meer grip krijgen op hun leven en zichzelf kunnen redden. Een moeilijke opgave, zeker nu het rijk fors bezuinigt. Het anti-armoedebeleid van de gemeente is gericht op huishoudens met een inkomen tot 110% van het Wettelijk Sociaal Minimum, waarbij er is gekozen om alleenstaanden met kinderen in de bezuinigingen te ontzien. Maar om armoede effectief en duurzaam te bestrijden, heeft de gemeente hulp nodig.

‘Wie schulden heeft, raakt de grip op zijn leven kwijt’

Aan de bel trekken “Armoede is een complex probleem”, zegt Vlug. “Het kan veroorzaakt worden door slechte gezondheid of lage opleiding, maar zulke problemen kunnen ook juist het gevolg zijn, door stress of te weinig geld. Een effectief antiarmoedebeleid vereist dan ook een brede aanpak, waarbij de achterliggende oorzaken worden aangepakt. Hierbij is inzet vereist vanuit allerlei hoeken. De gemeente werkt bijvoorbeeld al samen met woningcorporaties en energieleveranciers

die aan de bel trekken als een klant een betalingsachterstand heeft.” De Gemeente Amsterdam heeft ervoor gekozen om ook de schuldhulpverlening te ontzien in de bezuinigingen. “Wie schulden heeft, raakt de grip op zijn leven kwijt. Helaas zien we dat jongeren steeds vaker flinke schulden hebben. Zorgwekkend, want zij krijgen meteen een achterstand. Jongeren die opgroeien in armoede, willen wij dezelfde kansen bieden als leeftijdsgenoten. Belangrijk is dat zij participeren in de maatschappij en hun opleiding afmaken. We organiseren bijvoorbeeld budgetlessen op scholen om jongeren om te leren gaan met geld.” Toch vindt Vlug dat mensen met een laag inkomen ook zelf hun verantwoordelijkheid moeten nemen. “Door uit eigen beweging naar instanties toe te stappen, werk te zoeken en familieleden om hulp te vragen; hun eigen kracht en netwerk aan te spreken.” Steentje bijdragen Niet alleen de gemeente initieert projecten om armoede te bestrijden, benadrukt Vlug. “Dress for Success is een prachtig voorbeeld van een particulier initiatief waarbij vrijwilligers werkzoekenden aan representatieve kleding helpen voor een sollicitatiegesprek. Zulke initiatieven wil de gemeente versterken. Als iedereen zijn steentje bijdraagt, komen we een heel eind.”

Niet teveel willen

Gratis babysitten

Simon van Dijk, 26 jaar “Ik geloof niet dat ik arme mensen ken. Maar als ik door de buitenwijken van Amsterdam rijd, dan zie ik wel dat er mensen zijn die niet riant wonen. Ik heb nu zelf geen inkomen want ik ben net afgestudeerd en heb nog geen baan gevonden. Ik ondervind dat je dan vooral niet teveel moet willen. Maar als je al je abonne­ menten opzegt en niet meer in het centrum gaat wonen, kun je het volgens mij lang volhouden. Zolang je geen verleden hebt met schulden, ik denk dat dat vaak het probleem is. Wat mij betreft mag de overheid daarom ook best strenger optreden tegen dubieuze kredietverleners.”

Jasmine El Morabet, 29 jaar “Een goede vriendin van mij heeft niet zoveel geld. Ze heeft wel een baan als administratief medewerk­ ster, maar verdient net genoeg om haar vaste lasten te betalen. Ze heeft een zoontje van anderhalf, daar pas ik wel eens op. Dat vind ik geen probleem. We zijn toch vriendinnen? Als andere vriendinnen of familie kleding van hun kinderen over hebben, dan vraag ik of ik dat mee mag nemen voor mijn vriendin. Daar is ze heel erg blij mee. Ik weet zeker dat ze hetzelfde voor mij zou doen.”

Pagina 4

In welke Amsterdamse buurten vind je armoede? n

Pagina 5

Bedrijven verenigen zich in het Pact voor Amsterdam. n

Voor wie langdurig in armoede leeft, stapelen de problemen zich op. De financiële reserves verdwijnen, slapen lukt minder en er is te weinig geld om te participeren in de maatschappij. De gevolgen kunnen desastreus zijn, vertelt Vlug. “Armoede kan leiden tot sociale uitsluiting.”

Pagina 3

Pagina 6

Fatima redt het. Op eigen kracht en met hulp van de gemeente. n

Pagina 7

Het reilen en zeilen van een schuldhulpverlener en de ontvanger. n

Pagina 8

Van diep in de schulden naar een succesvol bedrijf. Het kan echt!

Colofon ‘Samen tegen armoede’ is een publicatie van Metro Custom Publishing in samenwerking met de Gemeente Amsterdam. Productmanager Jessica Gerretsen, jessica.gerretsen@metronieuws.nl, 020-511 4081 Redactie en vormgeving RedactiePartners MediaGroep, www.redactiepartners.nl Beeld Nationale Beeldbank, Shutterstock, Marloes van Doorn Voor meer informatie over Metro Custom Publishing of als u zelf een idee heeft voor een uitgave kunt u contact opnemen met David Beentjes, 020-511 4073 of via david.beentjes@metronieuws.nl


Dit is een uitgave va n Metro Custom Publishing in sa men w erk ing met de Gemeente Amster da m n

Pagina 3

Amsterdam – In Amsterdam leven 137.189 mensen in armoede.

Word een waardevol ‘maatje’!

Maria (l) met haar ‘maatje’ Trude.

Iedere Amsterdammer kan een actieve bijdrage leveren om armoede Amsterdam uit te helpen. Bijvoorbeeld door ‘maatje’ te worden, waarbij je mensen met financiële problemen sociaal en praktisch ondersteunt. Nuttig én leuk werk. “Het is geweldig dat je een fantastisch mens als Maria mag helpen.” “Trude is mijn maatje ja, nóg wel.” Enigszins onheilspellend begint Maria (56), rasechte Amsterdamse en cliënt in het Maatjesproject van VONK, het gesprek. Nóg wel? Is er iets ernstigs gebeurd dan? Integendeel, Maria neemt meteen alle twijfel weg: “Eind van deze maand zijn al mijn financiële problemen over en heb ik geen maatje meer nodig. Trude kan dan weer een ander gaan helpen!” Aan de grond Zo heeft Maria haarfijn het succes van het Maatjesproject duidelijk gemaakt. Mensen die om wat voor reden dan ook in financiële problemen zijn geraakt, kunnen aankloppen bij VONK. Dan kunnen ze een vrijwilliger (maatje) toegewezen krijgen. En financiële problemen, die had Maria inderdaad. “Een vuilniszak vol post, had ik. Vol met rekeningen en brieven van instellingen, ik maakte ze allemaal niet open. Had geen idee wat ik ermee moest doen, kon ook niets betalen. Financieel zat ik helemaal aan de grond, alles liep in de soep.” Vanwege familieom-

standigheden ging Maria veel geld uitgeven. Teveel geld. “Eerst kon ik het ene gat nog vullen met het andere, maar later werd dat een probleem.”

‘Ik had een vuilniszak vol met rekeningen’ Emotie Via de Voedselbank, waar ze vroeger geregeld kwam, raakte Maria in gesprek met iemand van VONK. Of ze belangstelling had in een maatje? Die haar zou helpen met haar financiële zorgen. Maria’s eerste maatje heeft haar financieel al behoorlijk op de rails gekregen, haar tweede maatje, Trude Brans heeft haar vervolgens helemaal op stoom gebracht. Trude (51, office manager bij een advocatenkantoor, tevens vertaler én ze geeft een

eigen workshop voor mensen met structurele geldproblemen) is nu zo’n anderhalf jaar betrokken bij het Maatjesproject: “Ik hoorde ervan en heb mezelf aangemeld. Ik had namelijk tijd over en vond het leuk en belangrijk om dit ernaast te doen. Omdat ik me zo goed kan voorstellen wat emoties betekenen bij geld. Geld is namelijk niet alleen een cijfer op je bankrekening of een bedrag in je portemonnee, nee, het vertegenwoordigt emotie, energie. Graag wilde ik mensen helpen die geldproblemen hadden.” Tot tien tellen Een maatje helpt gemiddeld twee uur per week iemand op alle financiële gebieden. Trude beaamt dat het in het begin een chaos was bij Maria: “Ze zag echt door de bomen het bos niet meer, zo veel schulden, zo veel verschillende schuldhulpverleners ook. Samen met haar heb ik haar admini­ stratie grondig aangepakt, en ben met haar naar allerlei instellingen gegaan. Ook hebben we samen een budgettraining gevolgd; zelfredzaamheid is belangrijk. Weer of geen weer, Maria was er altijd.” Volgens Maria leerde Trude haar van alles: “Al het papierwerk zit nu keurig in ordners en mappen. Ook heb ik geleerd te bellen naar instanties en ik maak nu al mijn post open. Begrijp ik iets niet of klopt iets niet? Dan bel ik gewoon. En word ik dan slecht

geholpen? Dan tel ik tot tien en blijf netjes en beleefd.” Trots Inmiddels is Maria dus zover dat ze geen maatje meer nodig heeft. Ze heeft van Trude in een jaar meer geleerd dan financieel op eigen benen te staan. Maria: “Ik voel me vrijer en heb meer zelfvertrouwen. Ik ga vaker naar buiten en geef zelfs interviews. Dat dorst ik vroeger niet. Ik ben nu ook ambassadeur van het Maatjesproject. Het is zo belangrijk dat dit project blijft bestaan! Ik ben trots op wat ik allemaal heb bereikt.” Wel zal ze Trude missen: “Door al haar hulp en aandacht hebben we tot op zekere hoogte een vriendschap opgebouwd.” Dat gemis blijkt wederzijds. Trude: “Maria is een fantastisch mens, echt helemaal zichzelf. Ze heeft mijn hart gestolen. Het is geweldig dat je door dit project zo iemand mag helpen!”

Ook maatje worden? Wil je ook mensen helpen om hun financiële situatie op orde te brengen? Ga naar www.vonkamsterdam.nl. Wil je op een andere manier iets betekenen voor je mede-Amsterdammer? Kijk op www.deregenboog.org.


Dit is een uitgave va n Metro Custom Publishing in sa men w erk ing met de Gemeente Amster da m

Pagina 4

n

Bijstand – In 2010 waren er in Amsterdam 32.670 minimahuishoudens met bijstand.

Armoedekaart van Amsterdam

Armoede vind je overal in Amsterdam. Deze kaart toont welke buurten meer of juist minder minima­ huishoudens tellen ten opzichte van het stedelijk gemiddelde.

Aandeel minimahuishoudens per buurtcombinatie t.o.v. stedelijk gemiddelde (16,6%), 2010 Legenda

Crisis Vanaf 2009 zijn de eerste tekenen van het verslechterde economi­ sche klimaat ook onder minimahuishoudens te zien. Dat geldt ook voor 2010. In dit jaar is het aantal minima­ huishoudens 71.564. In 2009 waren dit 70.157 huishoudens.

n

veel minder dan gemiddeld minder dan gemiddeld meer dan gemiddeld veel meer dan gemiddeld buiten beschouwing gelaten bron: DIA, bewerking O+S

Arme buurten De buurten met rela­ tief veel minima liggen verspreid over de stad. Het hoogste percentage minimahuishoudens is te vinden in De Kolenkit (30%), Volewijck, IJplein/ Vogelbuurt en Stadion­ buurt (alle drie 28%).

n

Noord en Zuidoost De stadsdelen Zuidoost en Noord zijn relatief arme stadsdelen. Hier behoort een vijfde van alle bewoners tot een minimahuishouden.

n

Voorzieningen Als je inkomen iets boven de bijstands­ norm ligt, dan kun je in Amsterdam in aanmer­ king komen voor voor­ zieningen.

n

Noord Westpoort

West Centrum

NieuwWest

Oost

Zuid Uitkering Een alleenstaande in Amsterdam die moet rondkomen van een uitkering heeft € 913,06 (inclusief vakantie­ toeslag) te besteden. Voor een alleenstaande met kind(eren) is dat € 1173,93 (inclusief vakantietoeslag) en voor een stel met of zonder kinderen € 1304,37 (inclu­ sief vakantietoeslag).

Schulden Drie op de tien mini­ mahuishoudens heeft schulden. In totaal zijn er 20.804 minimahuishou­ dens met schulden. Van deze huishoudens maken er 7.994 gebruik van de schuldhulpverlening.

n

n

Recht op een uitkering In 2010 had 44,8% van alle minimahuishoudens recht op een uitkering.

n

Zuid snelste stijger In stadsdeel Zuid steeg het aantal minimahuis­ houdens de afgelopen tijd relatief gezien het hardst. Toch is het percentage minimahuis­ houdens in Zuid nog steeds het laagste van de hele stad (12,8%).

ZuidOost

n

Ouderen Ouderen behoren relatief vaak tot de armere inwoners van Amsterdam. Ruim één op de vijf minima is ouder dan 65 jaar. Dat betekent dat 22,8% van hen moet rond­ komen van een mini­ muminkomen.

n

Niet-westerse allochtonen Met 0,6% vond de grootste stijging van minimahuishoudens plaats onder nietwesterse allochtonen. Het aantal autochtone minimahuishoudens daalde licht.

n


Dit is een uitgave va n Metro Custom Publishing in sa men w erk ing met de Gemeente Amster da m n

Pagina 5

Alleenstaanden – Iets meer dan de helft (55,6%) van alle minima in Amsterdam is alleenstaand.

Bijzonder project: Noppes Het is eigenlijk een digitale dorpspomp: de website voor ruilhandel www.noppes.nl. Binnen Noppes wisselen leden producten en diensten met elkaar uit door middel van punten. Dit noem je LETS Systeem (Local Exchange Trade Systems). Het aanbod is divers. Van klussen, oppassen, vervoer, tekstschrijven en kleding tot computerhulp. Ook organiseren ze elke maand een borrel en diner; voor ‘noppes’. Noppes zijn namelijk punten die gelijk staan aan euro’s. De waarde van één noppes is gelijk aan één euro. De punten die leden verdienen met een dienst kunnen worden uitgeven aan diensten van anderen, een zelfgebreide sjaal of iets anders dat in het netwerk wordt aange­ boden. Dit alles onder het mom van: laat de noppen lekker rollen!

Huiswerkbegeleiding voor jongeren in de Pijp. v.l.n.r.: Gijs de Kubber, Nassim El Guebli, Maaike Damming en Reinier Luitingh.

Kleine moeite, groots effect Het scheelde weinig of Nassim el Guebli (14) had dit schooljaar in een vmbo-klas gezeten in plaats van op de havo. En dan Maaike Damming (15). Ze was nooit een ster in wiskunde, maar haalde pasgeleden een tien voor dit vak. Beide middelbare scholieren krijgen huiswerkbegeleiding van vrijwilligers van het jongerenwerk in Amsterdam Zuid; van welzijnsorganisatie Combiwel. Het is druk op de stoep voor de Amsterdamse bibliotheek Cinetol. Elke donderdagmiddag komen hier 25 scholieren van verschillende basis- en middelbare scholen om huiswerk te maken. Thuis kunnen zij niet rustig werken en zijn ouders om uiteenlopende redenen niet in staat hen te helpen. Huiswerkbegeleiding kost geld en dat kunnen de ouders van deze kinderen niet missen. De vrijwilligers van Combiwel geven de leerlingen zoveel mogelijk één op één les en iedereen heeft zijn eigen sterke kant. “Peter is heel goed in Duits”, vertelt Maaike. “Omdat hij er iedere week is, praten we eerst even over dingen die op school gebeurd zijn en maken we grapjes. Daarna wordt hij serieus en moeten we aan het werk.” Persoonlijke aandacht Maaike zit in de derde klas van het vmbo. “Thuis word ik afgeleid door de computer. En als ik mijn huiswerk niet snap, kan ik geen hulp vragen aan mijn ouders. Zij hebben een lagere opleiding en begrijpen de stof niet.” Ook Nassim komt thuis nauwelijks aan huiswerk maken toe. “Mijn jongere

broertjes en zusje willen constant met me spelen.” Bij de huiswerkles krijgt Nassim persoonlijke begeleiding en dat heeft ervoor gezorgd dat hij dit schooljaar op de havo kon blijven. “Ik vind het hier erg leuk”, vertelt hij. “De begeleiders leggen alles heel goed uit en het is gezellig.” Wiskundewonders Stichting Combiwel maakt deel uit van het Pact voor Amsterdam, een initiatief van de gemeente om armoede in de stad aan te pakken. Daarbij zijn ook grote bedrijven aangesloten, waaronder de Rabobank Amsterdam. Reinier Luitingh (26) en Gijs de Kubber (28) werken bij deze coöperatieve bank als intern accountmanager in Amsterdam-Zuid en gaven zich op als vrijwilliger. “Het is ontzettend leuk om je kennis over te kunnen dragen op kinderen”, vertelt De Kubber. “Het is een relatief kleine moeite waarvan je direct merkt dat het effect heeft.” Luitingh: “Wat me vooral opvalt, is dat het ook een belangrijk sociaal gebeuren is. De kinderen vinden het allemaal reuze

interessant en krijgen hier aandacht die ze nergens anders krijgen.” Als medewerkers van een bank hebben ze natuurlijk een belangrijke pré: ze zijn goed in wiskunde. “Dat klopt”, zeggen ze lachend. “Maar dat is ook niet altijd zo geweest hoor, ook wij hebben de nodige huiswerklessen nodig gehad om te komen waar we nu zijn.”

Helpen? Dit is slechts een voorbeeld van verschil­ lende acties van het Pact voor Amsterdam. Wil je als organisatie ook helpen armoede te verminderen in de stad? Dan ben je van harte welkom om je aan te sluiten bij het Pact. Ook als je (nog) niet precies weet hoe, of een kleine bijdrage wilt leveren. Het Pact voor Amsterdam is een netwerk waarin bedrijven, maatschappelijke onder­ nemingen en de gemeente met elkaar werken aan armoedebestrijding. Meer weten? Mail naar: pact@dwi.amsterdam.nl.

Gratis kerstdiner Net als vorig jaar organiseren de Dienst Werk en Inkomen (DWI) en AC Amsterdam een gratis kerst­ diner voor Amsterdammers die het financieel moeilijker hebben. Dit jaar worden klanten van DWI, klanten van de Voedselbank en mensen die gebruikmaken van het Fonds Bijzondere Noden (SSBNA) in het zonnetje gezet. Het kerstdiner is half december en wethouder Ossel van Armoede is daarbij aanwezig. Het personeel van AC Amsterdam werkt die avond geheel vrijwillig en het diner en vervoer worden aangeboden door verschillende leveranciers. Vorig jaar was het kerstdiner een enorm succes. Reacties als “ik heb sinds 1983 niet zo’n luxe kerstdiner gehad!”, en “ik heb een fantastische avond gehad, iedereen bedankt!” kwamen die avond voorbij.


Dit is een uitgave va n Metro Custom Publishing in sa men w erk ing met de Gemeente Amster da m

Pagina 6

n

Eenoudergezinnen – Eenoudergezinnen vormen een vijfde (20%) van het totaal aantal minimahuishoudens.

‘969 euro per maand voor mijn 4 dochters en mezelf’ Veel Amsterdammers moeten rondkomen van weinig geld. De Gemeente Amsterdam heeft zes voorzienin­ gen om mensen met een laag inkomen te helpen. “Deze bijdragen zijn heel belangrijk voor mij om mijn gezin een normaal leven te bieden.” Dolblij is Fatima Özul* (39) met de voorzieningen die zij krijgt van de Gemeente Amsterdam. “Jaren geleden liet mijn man mij achter met vier dochters en een schuld van 50.000 euro. Dat geld had hij met mijn creditcards uitgegeven aan een andere vrouw. Ik kon de huur niet meer betalen en verhuisde met mijn kinderen naar een vriendin, waar we nog steeds wonen. Door mijn psychische problemen kon ik ook niet meer werken. Ik heb slechts een uitkering via het UWV van 969 euro per maand om van rond te komen.” Van haar vriendin hoorde Özul dat ze bij de Gemeente Amsterdam kon aankloppen voor verschillende voorzieningen. Binnenkort krijgt ze via de PC-voorziening een computer voor de kinderen en hoeft ze niet meer ongerust te zijn dat haar kinderen ’s avonds in het donker naar de bibliotheek gaan om te internetten. Daarnaast maakt ze gebruik van de Scholierenvergoeding en kan ze haar dochters laten sporten. “Net als ieder ander kind”, zegt ze. Computer Volgens Özlem Bayar (38), die werkt bij DWI en de aanvragen voor de voorzieningen beoordeelt en toetst, denken veel mensen dat ze alleen gebruik mogen maken van deze en andere voorzieningen als ze een uitkering hebben.”Maar ook mensen met een laag inkomen hebben recht op extra bijdragen, zoals een computer of geld voor grote uitgaven. We proberen iedereen zo goed moge-

lijk te helpen bij het invullen van de aanvraagformulieren”, vertelt ze. “We bellen de klant bijvoorbeeld op als we denken dat hij toch recht heeft op een voorziening, terwijl hij iets anders heeft ingevuld. Bovendien zijn wij nu bezig met een pilot, waarmee een klant slechts één formulier hoeft in te vullen voor meerdere voorzieningen. Dat maakt het een stuk makkelijker.” Arbeidsmarkt Bayar zegt dat ze bij veel hulpvragers een glimlach op het gezicht bezorgt. ”Als wij op informatieavonden bij budgetmarkten en de Voedselbank vertellen waar mensen recht op hebben, verschijnt er vaak een blije blik. Regelmatig ontvangen we kaarten en brieven van mensen die vertellen hoe dankbaar ze zijn.” Özuls dochter staat al lang ingeschreven bij de sportschool voor taekwondolessen. “Maar telkens als ze aan de beurt is, heb ik geen geld om dit te betalen. Nu kan ze eindelijk doen wat ze al heel lang graag wil. Ik wil dat mijn kinderen gelukkig zijn.” Zelf hoopt Özul snel weer aan het werk te gaan. “Als ik mijn leven weer wat op orde heb, is werk de volgende stap, het liefst in de textielindustrie. Daarna hoop ik een eigen huis te kunnen huren.”

Özlem Bayar van DWI

*Dit is een fictieve naam.

Wil je meer informatie over de zes voorzieningen van DWI? Bel 020 346 3684 of kijk op www.amsterdam.nl/voorzieningen. > Zie ook kader hieronder

Zes voorzieningen van de Gemeente

Beknibbelen

Amsterdam voor lage inkomens Voor kinderen is er de PC-voorziening en de Scholierenvergoeding, voor ouderen is er de Plusvoorziening 65+, en voor chronisch zieken en gehandicapten is er een aanvullende tegemoetko­ ming. Ook is er extra geld voor grote uitgaven: de Langdurigheidstoeslag. Daarnaast is er nog een collectieve zorgverzekering van de gemeente.

Dit is niet de persoon uit het interview.

€ € € € € € € € € € € € €

€ € € € € € € € € €

€ € € € € € € € € €

€ € € € € € € € € € € €

€ € € € € € € € €

€ € € € € €

Anne Berndsen, 59 jaar “Door mijn werk in de gehandicaptenzorg weet ik dat er veel armoede is in Amsterdam. Ik zie mensen die financieel in de knoop raken door grote schulden. Ze kunnen dan geen luxe­ artikelen als mobieltjes of een computer kopen en beknibbelen zelfs soms op goed voedsel. Ik kan me best voorstellen dat dit mij ook zou overkomen als ik bijvoorbeeld mijn baan

kwijt zou raken. Ik zag het een aantal jaar geleden bij mijn broer en heb hem toen zoveel mogelijk geprobeerd te helpen door hem vaak te eten te vragen. Ik heb hem ook een bankstel gegeven dat wij niet meer nodig hadden. Als ik zelf in zo’n situatie zou zitten, zou ik er als eerste voor zorgen dat ik alle toeslagen krijg waar ik recht op heb. Daar zou ik dan mijn leven op aanpassen. ”


Dit is een uitgave va n Metro Custom Publishing in sa men w erk ing met de Gemeente Amster da m n

Opgroeien – Iets meer dan een kwart (25,5%) van de jongeren in Amsterdam groeit op in een minimahuishouden. Dit zijn 36.312 jongeren.

Pagina 7

Merlin Lioe-A-Joe (l)

‘Van een kale kip kun je niet plukken’ Toen de arbeidsongeschiktheidsuitkering van Lilian (51) werd gehalveerd, ging het financieel bergafwaarts. Ze vocht de beslissing aan en kreeg gelijk, maar toen hadden de aanmaningen zich al opgestapeld. Ze zag geen andere uitweg meer dan aankloppen bij schuldhulpverlening. Als mensen in de financiële problemen raken en daar zelf niet meer uitkomen, is een schuldhulpverlener de aangewezen persoon om orde op zaken te stellen. Merlin Lioe-A-Joe (34) is schuldhulpverlener bij MaDi Zuidoost/Diemen in Amsterdam, Lilian is haar cliënt. “Het is een vooroordeel dat alleen bijstandsmoeders bij ons komen. De achtergronden van onze cliënten lopen net zo veel uiteen als de reden waarom ze schulden hebben. Elk verhaal is uniek.” Schuldeisers Zo ook het verhaal van Lilian. Ze stond al jong op eigen benen en leefde altijd sober. Omdat ze was afgekeurd, kreeg ze een WAO-uitkering. Geen vetpot, maar ze kon ervan leven. En toen ging het mis. “De arts van het GAK (uitkeringsinstantie, voorloper UWV – red.) keurde me voor 50 procent goed en veronderstelde dat ik dan wel in de lunchroom van mijn man kon werken. Dus werd mijn uitkering gehalveerd.” Omdat de zaak niet liep, zag haar man zich gedwongen deze te verkopen. Vervolgens moesten ze samen rondkomen van 475 euro per maand. Lilian nam een advocaat in de arm en na een herkeuring werd ze voor 100 procent

afgekeurd. De rechter bepaalde dat ze haar volledige uitkering moest terugkrijgen. Maar intussen was ze een jaar verder en in die periode had ze niet alle rekeningen kunnen betalen. Die achterstallige betalingen liepen op door incasso- en deurwaarders-

‘Je hebt niets aan pappen en nathouden’ kosten. Schuldeisers wilden geld zien. Lilian probeerde afbetalingsregelingen te treffen, maar dat lukte vaak niet, omdat er meer geld werd geëist dan ze kon betalen. “Maar ja, van een kale kip kun je niet plukken.” Depressief “Ik raakte depressief en de geldproblemen legden een zware druk op mijn relatie. Mijn situatie voelde uitzichtloos.” Lioe-A-Joe hoorde het verhaal van Lilian aan. “Als iemand bij MaDi komt, kijken we eerst naar wat voor schulden diegene heeft, hoe hoog het inkomen is, of alle subsidies en toeslagen waar men recht op heeft zijn aange-

vraagd en hoeveel schuldeisers er zijn”, vertelt de schuldhulpverlener. “We kijken waarop ze kunnen bezuinigen - bijvoorbeeld loterijen, goede doelen en creditcards - en waarop niet. Voor voeding houden we minimaal 175 euro per maand voor een volwassene zonder kinderen aan. Vervolgens vragen we een saneringskrediet aan bij de kredietbank en die probeert een afbetalingsregeling te treffen met de schuldeisers. Als het voorstel wordt afgewezen - zoals in het geval van Lilian* - vragen we de wettelijke schuldsanering aan bij de rechtbank. Als dat wordt toegekend, wordt er een bewindvoerder aangesteld en staat de cliënt drie jaar lang onder toezicht.” De belangrijkste taken van de schuldhulpverlener zijn volgens Lioe-A-Joe zorgen voor een goede regeling, gedragsverandering en iemand zelfredzaam maken. “Ik laat een cliënt zelf de post openen of met een schuldeiser bellen, want straks moet hij of zij dat ook kunnen. Ook laat ik diegene zelf nadenken over wat hij of zij per maand kan missen. Je hebt niets aan pappen en nathouden. Soms denken mensen dat ze hun stukken kunnen inleveren en verder niets

meer hoeven te doen. Dan zeg ik altijd: ‘we doen het sámen’.” Lilian steekt waar ze kan de handen uit de mouwen, maar zou het niet zonder Lioe-AJoe hebben gekund: “De schuldhulpverlener kan schuldeisers op afstand houden en dingen regelen die ik niet kan regelen.” Binnenkort hoort Lilian of ze wordt toegelaten tot de wettelijke schuldsanering en is ze waarschijnlijk over drie jaar schuldenvrij (ze heeft een schuld van ongeveer 10.000 euro, red.). Tunnel Volgens Lioe-A-Joe komt het voor dat mensen zich schamen, omdat ze in de schuldsanering zitten. Ze adviseert altijd met iemand te praten, naast maatschappelijk werk bijvoorbeeld met een vriend of familielid. Lilian schaamt zich niet. “Ik kan er tenslotte niets aan doen.” Het gaat weer goed met haar en haar relatie en ze is blij dat ze licht ziet aan het eind van de donkere tunnel. Bang dat ze ooit weer in de problemen raakt, is ze niet. “Als ik niet op mijn uitkering was gekort, was dit nooit gebeurd.”

*De aanvraag van Lillian werd afgewezen vanwege onvoldoende ruimte in haar inkomen voor de nakoming van aflossingsverplichting (geen afloscapaciteit).


Dit is een uitgave va n Metro Custom Publishing in sa men w erk ing met de Gemeente Amster da m

Pagina 8

n

Bespaartips n Brood

meenemen van huis in plaats van lunchen in de bedrijfskantine bespaart gemiddeld 10 euro per week. n Stoppen met roken, minder snoepen en minder alcohol drinken scheelt al snel 100 euro per maand. n Zet zoveel mogelijk elektri­ sche apparaten uit in plaats van op stand-by. De bespa­ ring kan oplopen tot 100 euro per jaar. n De verwarming 1 graad lager scheelt ongeveer 7 procent op de energierekening.

Minimajongeren – De meeste minimajongeren in Amsterdam (78,0%) zijn niet-westers allochtoon.

Op eigen kracht uit de schulden Jean-Marc de Waart

Bron: Nibud

Creatief met eten

Het zal je maar gebeuren. Door een reeks verkeerde beslissingen ineens diep in de schulden zitten. En als deurwaarders over elkaar heen struikelen voor je deur en het energiebedrijf de stroom komt afsluiten, verandert leven in overleven. Manuela Redan, 35 jaar “Ik wist wel dat er armoede in de stad voor­ kwam, maar dat een op de vijf Amsterdammers onder de armoedegrens leeft, daar schrik ik wel van. Ik kan me wel voor­ stellen dat dit snel kan gebeuren als je je baan kwijtraakt en toch huur moet blijven betalen. Ik heb niemand in mijn omgeving in zo’n situatie, maar ik denk er wel soms over na. Ik geef vaak kleding weg of kleingeld aan iemand bij de Albert Heijn. Mocht het mij ooit overkomen, dan zou ik al het werk aannemen dat ik maar kon vinden, en daarnaast mogelijkheden voor uitkeringen of voorzieningen uitzoeken. Creatief zijn met eten en bezuinigen op bood­ schappen is dan ook belangrijk. Voor pannen­ koeken of pasta heb je niet veel nodig.”

“Om te kunnen eten en schuldeisers tevreden te houden, verkocht ik alles wat ik bezat. Op het dieptepunt zat ik in een koud, leeg en doodstil huis. Ik durfde geen enkele brief meer te openen en ging met een handvol stuivers naar de supermarkt voor een Euroshopper-brood en wat smeerkaas.” Jean-Marc de Waart (47) leefde drie jaar in armoede. Op eigen kracht wist hij zich uit de schulden te werken en inmiddels runt hij al vijf jaar een succesvol bedrijf. “Omdat ik erg eigenwijs ben, zette ik misschien te laat de stap naar een uitkering. Maar die koppigheid maakte ook dat ik mezelf uit de problemen kon trekken en vastberaden was er weer bovenop te komen.” Schuld De Waart liet zich door een klant met een vlotte babbel overhalen samen de fairtradewinkel waar hij werkte, over te nemen. Zijn nieuwe compagnon stortte hem ongemerkt diep in de problemen. De Amsterdammer bleef achter met een schuld van 32.000 euro en geen inkomen. De onbetaalde rekeningen stapelden zich op en uiteindelijk werd bij De Waart de stroom afgesloten. “Na vijf maanden zonder gas en elektra heb ik mijn trots opzij gezet en een uitkering aangevraagd.”

Het traject waar De Waart via de sociale dienst in belandde, hielp hem niet aan een passende baan. “Toen ze verschillende keren aankwamen met een tijdelijke baan die me niet lag, heb ik het heft in eigen hand genomen. Het gevoel van gebrek aan

‘Nu kan ik weer leven in plaats van overleven’ perspectief zette mij ertoe zelf te gaan nadenken.” De Waart was altijd al handig met computers en besloot zich aan te bieden als reparateur. “Ik heb mijn eigen competenties bekeken en de markt onderzocht. Op Koninginnedag stond ik op straat met een reclamebord en flyers. En dat sloeg aan. Ik kreeg steeds meer klanten en dat gaf zo’n goed gevoel.” Klussen De geldstroom kwam ondanks de steeds groter wordende klantenkring de eerste periode nog niet zo op gang. “Door al dat geklooi met geld was ik een enorme budgetdenker geworden. Ik had er moeite mee om te investeren in mijn bedrijf en om mijn diensten op waarde te schatten.”

Af en toe viel het werk hem zwaar. “Ik was een amateur, had geen enkele opleiding in deze richting. Maar ik nam alle klussen aan en heb daar zo veel van geleerd.” Na verloop van tijd durfde De Waart zijn tarieven op te schroeven en ging zijn zaak echt goed lopen. Sinds 2008 is de Amsterdammer schuldenvrij. “Nu kan ik weer leven in plaats van overleven. Ik kan mijn huis weer een beetje inrichten en ga soms op vakantie.” De Waart praat inmiddels makkelijk over de moeilijke periode, maar één ding weet hij zeker; hij wil er nooit meer naar terug. “Toen mijn stroom eraf ging, zag ik ineens hoe makkelijk je alles kunt kwijtraken.”

Eigen Werk Het Amsterdamse Eigen Werk begeleidt mensen met een uitkering naar het zelf­ standig ondernemerschap. Mede dankzij Eigen Werk heeft De Waart zijn bedrijf kunnen starten. “Het biedt een sparring­ platform met medestarters en vooral de realistische en praktische benadering van ondernemerschap is zinvol. Ook de minder leuke kanten zoals de Belastingdienst en boekhouding horen bij een eigen zaak. Het team van Eigen Werk heeft me echt goed geadviseerd.” Meer weten? www.projecteigenwerk.nl.

20111209_nl_metro special  

December 2011 ‘Ik wil graag wat betekenen voor Amsterdammers met weinig geld’ ‘Ik wil zo graag werk heb­ ben, dan kan ik die gympen voor mij...