Page 1

Meriander I

MAGAZINE VAN MERIANT JAARUITGAVE 2018

Persoonlijke verhalen van bewoners, familie, vrijwilligers en medewerkers

Mevrouw Van den Berg vertelt openhartig: Mevrouw Engelsma:

‘Vroeger schommelde ik ook zo graag’  ‘Door te luisteren leer je de mens kennen’

‘Je kunt maar één keer afscheid nemen’


U bent altijd welkom Jubbega

Jubbega

Heerenveen

Wolvega

WENWEARDE

Doch mar gewoan Ericalaan 22, 8411 VK Jubbega

Heerenveen

Wolvega

ANNA SCHOTANUS

MARIJKE HIEM

WILGENSTEDE

COORNHERT STATE

DE WENTE

LINDESTEDE

Beweegt met het leven mee Marktweg 104, 8444 AC Heerenveen

Iedereen is welkom Vogelwijk 20, 8446 KE Heerenveen

Knus, gemoedelijk en levendig H. Hebbesstraat 1, 8442 GH Heerenveen

Kleinschalig, modern en persoonlijk Schoterplein 2-5, 8448 RP Heerenveen

Ons kent ons Steenwijkerweg 34, 8471 LB Wolvega

Gastvrijheid staat centraal Steenwijkerweg 49, 8471 KZ Wolvega

Wij helpen u graag Heeft u een vraag of wilt u een afspraak maken? Neem dan contact op met ons klantadviescentrum. T: 088 - 603 03 35

klantadvies@meriant.nl www.meriant.nl

HEREMA STATE

Zorg voor elkaar Heremaweg 4, 8444 AN Heerenveen

2 Meriander

BERKENSTEDE

De sfeer maken we samen! Hortensiastraat 49, 8471 KK Wolvega


Voorwoord

Meriander in een nieuwe jas O

nze Meriander is in een nieuwe jas gestoken. Nieuws zoals we dat in de oude Meriander brachten, komt vaak al via de krant of online tot ons. Daar voegen we met ons blad niet meer zoveel aan toe. Daarom hebben we gekozen voor een nieuw concept. Vanaf nu maken we één Meriander per jaar. Mooier, dikker en gevuld met persoonlijke, vaak bijzondere verhalen van bewoners, familie, vrijwilligers en medewerkers. Een echt bewaarnummer. Het nieuws over de verschillende woonzorgcentra en de wijken leest u zowel in de krant als bijvoorbeeld op Facebook. En met de online omgeving ‘Entree’ volgt u vanaf eind 2018 direct wat er op de huiskamer of in uw wijk gebeurt. De ontwikkelingen binnen Meriant staan niet stil. Iedere dag proberen we beter in te spelen op de wensen en behoeften van mensen die zorg nodig hebben. Dat doen we in de wijken van Wolvega, Heerenveen en Jubbega met wijkzorg en met specialistische ouderenbehandelingen, vaak in samenwerking met de huisarts. Met ons aanbod van professionele revalidatie of een kort verblijf na een ziekenhuisbezoek, helpen we mensen om verder te gaan met hun leven. En met de nieuwe locatie voor geriatrische revalidatiezorg naast het ziekenhuis Tjongerschans brengen we vanaf begin 2019 het beste van het ziekenhuis en Meriant bij elkaar. Onze intensieve zorg richten we zo in dat bewoners, ondanks alle beperkingen die zij ervaren, zoveel mogelijk kunnen genieten en gaan en staan waar zij willen. De Beleeftuin naast LindeStede in Wolvega is daar een goed voorbeeld van. Ook de geplande nieuwbouw voor Marijke Hiem en Anna Schotanus houdt rekening met deze doelstellingen.

Voor mensen die nog niet direct zorg nodig hebben, maar wel gezellig en veilig met gelijkgestemden willen wonen, kijken we naar mogelijkheden om deze woonwensen, gecombineerd met eventuele toegang tot zorg, te realiseren. Het is belangrijk dat wij goed inspelen op de wensen van mensen die zorg nodig hebben. Dat doen we in nauwe samenwerking met andere partijen, zoals gemeenten, wijkzorg, huisartsen en ziekenhuizen. Alleen door voortdurend goed samen te werken en te luisteren naar wat mensen écht nodig hebben, kunnen we de juiste zorg op de juiste plaats geven. Tegelijk moeten we ook realistisch zijn. Ouder worden gaat vaak gepaard met beperkingen. Die kunnen we niet wegnemen. Leren omgaan met deze realiteit bepaalt mede hoe u uw gezondheid en levensgeluk beleeft. U kunt hierbij rekenen op onze steun.

Hugo Broekman Directeur Meriant


Inhoud

8 (H)erken wie ik ben!

36

22

De kracht van zingen bij dementie

Jong en oud genieten samen op Herema State

5 ‘Morgen ga ik weer naar de dagbesteding’ 6 ‘Ik kan hier alles doen wat ik wil’ 12 Elke dag vers 14 Liefdevolle zorg in WenWearde 16 ‘Door te luisteren leer je de mens kennen’ 18 ‘Kennis delen, maakt de zorg beter’ 20 Angela Spin ontwikkelt zichzelf én de zorg 24 ‘Nieuwe Marijke Hiem wordt aanwinst

25 ‘We brengen het buitenleven dichtbij’ 28 ‘Je kunt maar één keer afscheid nemen’ 32 ‘Mijn moeder stierf tussen de bloemen,

voor Heerenveen’

Nieuws over Meriant vindt u op: www.meriant.nl Facebook: /meriantonline Twitter: @meriantonline

4 Meriander

precies zoals ze het wilde’

33 Column Mieke Draijer 34 ‘Dan krijg ik weer een knuffel of een dikke pakkerd’

39 ‘Je ziet bewoners genieten’ 40 ‘Ik wil alle cliënten de aandacht geven die ze nodig hebben’

42 ‘Ik voel me hier helemaal thuis’ 44 ‘Die meiden verdienen een pluim’ 46 ‘Een goed gesprek kan al veel oplossen’ 47 ‘Vroeger schommelde ik ook zo graag’ 47 Colofon


Dagbesteding HENK KRAMER:

‘Morgen ga ik weer naar de dagbesteding’ Voor bewoner Henk Kramer (81) van woonzorgcentrum de Wente in Heerenveen zijn de maandag- en vrijdagochtend favoriet. Dan is hij een paar uren actief bezig bij 2e Hands & Grietje, een locatie om de hoek voor dagbesteding van zusterorganisatie Talant. TEKST AMBER BOOMSMA FOTOGRAFIE FOTOBUREAU HOGE NOORDEN

H

enk zit in de creatieve groep en blijkt een ster in het uitprikken van figuurtjes die worden gebruikt voor kaarten, kalenders en feestmutsen voor schoolkinderen. Hij werkt in opperste concentratie aan vliegtuigjes, bloemen, hartjes, vlinders en andere figuurtjes. Alleen bij de koffie gunt Henk zichzelf een pauze, maar hij geniet altijd van de levendigheid om zich heen. “Ik heb het hier goed naar m’n zin”, knikt Henk, die uitkijkt naar zijn vaste ochtenden bij Talant; een organisatie voor mensen met een verstandelijke beperking. De dag ervoor kondigt hij het altijd al aan op de Wente: “Morgen ga ik weer naar de dagbesteding hoor!”

Cirkel is rond De Wente is gekoppeld aan multifunctioneel wijkcentrum ‘De Spil’, waar ook 2e Hands & Grietje is gevestigd. “Om de hoek, dus dat is makkelijk”, vindt Henk, die altijd wordt gehaald en gebracht door zijn jongere collega Alienke. De dagbesteding kwam bij toeval op zijn pad. “Met een vrijwilliger van Meriant kwam hij hier op een dag spontaan een kijkje nemen”, vertelt begeleidster Astrid Smit. “We herkenden elkaar meteen van vroeger. Toen Henk

Henk Kramer dertig jaar geleden met zijn vrouw op een locatie woonde voor mensen met een verstandelijke beperking, was ik hun persoonlijk begeleidster. Het lijkt alsof de cirkel weer rond is.”

Grotere wereld Henk is graag op zichzelf, maar fleurt op van iets doen in gezelschap. “Hij wordt op de dagbesteding geprikkeld om actief te zijn en contact te maken. Dat maakt

zijn wereld wat groter. De uurtjes hier zijn een mooie aanvulling op de zorg in de Wente. Henk geniet ook als er jarige schoolkinderen langskomen om een feestmuts uit te kiezen”, vertelt Astrid, wijzend naar een houten boom die vol kleurrijke papieren mutsen hangt. Henk prikt de leeftijd van de kinderen en figuurtjes ter versiering. Dat soort kleine dingen maakt hier voor iedereen een groot verschil.”

5


Wonen MANJA PLANTING:

‘Ik kan hier alles doen wat ik wil’ Op de tweede verdieping van locatie BerkenStede in Wolvega bevindt zich het appartement van Manja Planting. Hier woont ze samen met haar hond Dino, haar kat Piet en haar Afrikaanse slakken. Manja is 66, dat is best jong. “Maar ik zou niet meer weg willen. Hier blijf ik.” TEKST ANNEMIEK MANUEL FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

M

anja Planting staat midden in het leven. Altijd al gedaan. “Ik was elke dag bezig met hondensport. Behendigheid, pak- en speurwerk, flyball... En niet te vergeten met het trainen van lawine- en reddingshonden. Daarnaast volgde ik allerlei opleidingen op het gebied van dieren. Dierenartsassistente, homeopathie voor dieren, asiel- en pensionhouder, noem maar op.” Het was dan ook een harde klap toen twee beroertes haar acht jaar geleden velden en achterlieten met een aantal beperkingen.

Persoonlijke aandacht Na de beroertes kon ze niet meer zelfstandig wonen. Ze moest op zoek naar een oplossing. Die vond ze in BerkenStede. “Ik heb in mijn leven in veel plaatsen gewoond. Maar Wolvega is mijn thuis en BerkenStede bood precies wat ik zocht.” Wat het wonen op deze Meriant-locatie zo fijn maakt? “Ik voel me hier veilig. Ik hoef niet bang te zijn dat ik val en niet word gevonden. En toch kan ik hier alles doen wat ik wil. Ik kan gaan waar ik wil en eten waar ik wil. Ik ben vegetariër en daar houden de medewerkers bij het koken rekening mee. Zij nemen ook echt de tijd voor me. Al hebben ze het druk, ze weten altijd wel een moment te vinden voor persoonlijke aandacht.” Trots laat Manja haar nagels zien waar kleine narcisjes op geschilderd zijn. “Kijk eens hoe mooi! Dat doen ze gewoon voor me!”

6 Meriander

Slakkenlezing “Ik kan hier zoveel”, vervolgt Manja. “Zo mocht ik mijn hond en kat meenemen. En toen ik vier jaar geleden op Facebook een bijzondere slakkensoort ontdekte die je goed thuis kunt houden, was ook dat geen probleem. Ze zijn heel makkelijk om te verzorgen. Als je goed kijkt, hebben ze allemaal een eigen karakter. Sommigen heb ik zelfs een naam gegeven. Af en toe neem ik ze mee en dan houd ik een slakkenlezing voor andere bewoners. Die vinden dat heel leuk.”

‘Ze nemen echt de tijd voor me’ Soms vindt ze het ook moeilijk om in een zorgcentrum te wonen, erkent Manja. “Het is weleens zwaar als mensen van wie je veel houdt, vertrekken. Dan jank je een dag... Toch zie ik het als wonen in een normale straat. Je kent de mensen, bent met sommigen bevriend. En als ze er niet meer zijn, mis je ze. Maar daarna ga je toch weer door. Dat doe ik hier ook. Zo ben ik nu begonnen aan een opleiding voor voedingsadviseur. Misschien kan ik de verzorging adviseren bij het koken. Ook in BerkenStede sta ik nog altijd midden in het leven!”


Manja Planting samen met hond Dino en een van haar Afrikaanse slakken

7


Visie

V.l.n.r. Kerst Kuipers, Bianca Rooks, Freja Franken en Ina Rutten

8 Meriander


(H)erken wie ik ben! Ina Rutten, Freja Franken en Bianca Rooks werken alle drie bij Meriant en komen elkaar regelmatig tegen in de wandelgangen. Kerst Kuipers is als onafhankelijk voorzitter van de cliëntenraad ook een bekend gezicht in de organisatie. Toen we hen vroegen hoe zij individueel de visie van Meriant ‘(H)erken wie ik ben’ beleven, leverde dat nogal wat gespreksstof op. Over ambitie, beroering en liefde voor de zorg voor ouderen. TEKST LETTERHUIS FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

I

na, Freja, Bianca en Kerst hebben ieder hun eigen achtergrond. Ze hebben in al die jaren dat ze bij Meriant werkzaam zijn al heel wat meegemaakt. Voorspoed, maar in het verleden liep het ook wel eens wat minder lekker. Opvallend is de drijfveer die ze delen: ze willen het beste voor de bewoners. En dat doe je niet alleen, maar juist met elkaar.

Goed gesprek Op een mooie dinsdagochtend neemt het viertal plaats op het zonnige terras van afdeling de Deelen in Anna

9


Ina Ruttten en Kerst Kuipers Schotanus. Onder het genot van een lekkere kop koffie en een plak Fryske koeke komt het gesprek al snel op gang. Want het gesprek aangaan en elkaar zien; daar draait het om binnen Meriant, beginnen Ina en Freja. Ze werken beiden als clusterhoofd. Ina op locatie WilgenStede en Freja bij Anna Schotanus. Bianca is zorgcoördinator en werkt, net als Freja, bij Anna Schotanus. Kerst is actief als voorzitter in de cliëntenraad, eerst bij Coornhert State en tegenwoordig in de centrale cliëntenraad. Het is zijn laatste raadsjaar en dan heeft hij er acht vrijwilligersjaren opzitten. Een mooie staat van dienst, vindt hij. “Ik heb veel zien veranderen binnen Meriant. Ten goede hoor, maar het ging niet allemaal zonder slag of stoot.”

‘Als een bewoner in een luie stoel wil eten met de voeten op tafel, dan kan dat’

Top-down

Goed is goed

“Het beleidsmatige bestuur van - toen nog Moerborch - verliep stroef”, licht Kerst toe. “De organisatie en doelstellingen werden bepaald door de

Bianca en Ina kunnen zich die tijd nog wel herinneren. Ina: “Er waren veel regeltjes, bijvoorbeeld over de omgang met bewoners. We zochten veel

10 Meriander

directie. Op de werkvloer moest het personeel het doen met het beleid van bovenaf. Meriant was een top-down organisatie met vooral financiële mensen in het management. De kennis over wat wel en niet werkt in de ouderenzorg schoot op sommige vlakken weleens te kort. Als cliëntenraad hebben we dat aan de kaak gesteld, want de essentiële vakkennis lag gewoon voor het oprapen op de werkvloer, bij de medewerkers.”

minder de samenwerking met bewoners, cliënten, familie en vrijwilligers. Dat is nu wel anders.” Bianca vult aan: “Op de werkvloer was weinig ruimte om dingen op een andere manier te doen. ‘Goed is goed’ was het uitgangspunt, maar er waren ook zaken waarvan ik vond dat het beter of gemakkelijker kon. Tegelijkertijd ging je niet zo snel tegen de stroom in. Mijn drijfveer lag bij de zorg voor bewoners, met de middelen die aanwezig waren. Tegenwoordig hebben we veel meer mogelijkheden en daagt het management ons uit om actief mee te denken in de zorg voor onze bewoners. Onze mening en die van de bewoners doen ertoe. Dat geeft een goed gevoel.”


Open beleid In het huidige beleid is alles bespreekbaar en dat heeft positief uitgepakt. Ook voor de bewoners. “Er is in de afgelopen jaren veel veranderd”, vertelt Bianca. “Onze bewoners, cliënten en hun familie zijn positief over de zorg en gemoedelijke sfeer bij Meriant. Als een bewoner niet in de huiskamer wil eten, maar liever in een luie stoel met het bord op schoot, dan kan dat. Desnoods met zijn voeten op tafel. Onze bewoners zijn hier tenslotte thuis.” Kerst knikt en zegt: “Die omwenteling in de zorg kwam na de fusie in 2010, toen er een nieuwe directeur werd aangesteld. Als cliëntenraad hebben we een ‘zorgdirecteur’ geadviseerd, iemand met oog voor de mens.”

Het roer om Die persoon werd na een aantal jaren vooral gevonden in Hugo Broekman. Kerst: “Ik heb hem destijds een to-dolijstje met een behoorlijk aantal kritische verbeterpunten overhandigd. Als cliëntenraad wilden we veel meer openheid, betrokkenheid en samenwerking tussen alle partijen.” Daar werd gehoor aan gegeven. Het roer ging om en Meriant ontwikkelde samen met bewoners, familie, medewerkers en vrijwilligers de visie: (H)erken wie ik ben! “Die omslag is echter niet vanzelf gegaan. We hebben afscheid moeten nemen van oude gewoonten en gebruiken en we hebben fijne collega’s uitgezwaaid. Dat was pijnlijk.”

Veranderingen in de zorg Met elkaar stelden we de kwaliteit van zorg aan de kaak. Dat bracht met zich mee dat het personeel over meer vaardigheden moest beschikken. Ina: “Werken in de zorg verandert: ouderen blijven steeds langer thuis wonen, met

Freja Franken

als gevolg dat de zorg in woonzorgcentra steeds zwaarder en intensiever wordt. Dat wil zeggen: meer deskundigheid aan het bed. Veel zorgmedewerkers hebben daarom hun vaardigheden verbeterd, zodat we onze bewoners de zorg kunnen bieden die nodig is; kleinschalig en met vertrouwde gezichten. De inzet van collega’s is fantastisch. Ze doen hun werk met een grote glimlach. Daar krijg ik zelf ook energie van.”

Zien en gezien worden Die goede sfeer wordt ook door Freja opgemerkt. “Ik vind Meriant een fijne organisatie. We zetten allemaal de schouders eronder om (H)erken wie ik ben samen uit te dragen. Onze visie gaat over elkaar zien en gezien worden: wat vinden, voelen en willen de bewoners? Wat hebben ze nodig? Hoe kunnen wij ervoor zorgen dat ze zich thuis voelen bij Meriant? Onze bewoners bepalen wat wel en niet bij ze past. We hebben respect voor ieders mening. Daarbij mogen we ook onszelf niet vergeten, want we kunnen pas goede zorg leveren als we plezier in ons werk hebben. Regelmatig ga ik even ‘buurten’ in de huiskamers om de sfeer te proeven. Dan gun ik mezelf de tijd om wat liedjes te zingen met bewoners. Als

‘De kracht zit in onze collegiale samenwerking’ ik wat op kan ruimen, steek ik met alle liefde mijn handen uit de mouwen. Dat hoef ik niet per se aan een ander over te dragen. De kracht zit in onze collegiale samenwerking. Daarmee zorgen we voor een mooi leefklimaat.”

Trots Meriant heeft al veel bereikt, maar de organisatie is er nog niet. Het kan altijd beter. De werkzaamheden nog meer aansluiten op het levensritme van bewoners, dat is het doel. Kerst is in ieder geval duidelijk onder de indruk van het enthousiasme van de dames. “Ik ben geraakt. Jullie belichten precies waar (H)erken wie ik ben voor staat. Een jaar geleden liet Hugo mij het briefje zien, dat ik voor hem had geschreven. Hij had het al die tijd bewaard. Achter elk verbeterpunt stond een vinkje. Ons doel was bereikt en dat hebben we met elkaar gepresteerd. Daar kunnen we trots op zijn!”

11


Aan tafel Sinds mei 2017 genieten de bewoners van Coornhert State in Heerenveen dagelijks van een verse maaltijd. Aukje Eyzenga staat drie dagen per week in de woonkeuken van afdeling Roodborstje. Ze bereidt het middageten voor een groepje bewoners, dat om twaalf uur aanschuift in de gezamenlijke huiskamer. TEKST LETTERHUIS FOTOGRAFIE FOTOBUREAU HOGE NOORDEN

Elke dag vers A

ukje werkt als huiskamermedewerker bij Meriant. Ze kookt met veel passie en enthousiasme voor de bewoners van ‘haar’ afdeling. Die taak deelt ze met haar collega Esmiera en vrijwilliger Donna. Aukje: “Vandaag eten we aardappelen met jus, prei en een rundvleesburger. Ik vind het belangrijk dat de bewoners goed eten. Daarom weet ik van iedereen wat ze lekker vinden en wat niet. Het hoeft allemaal niet zo gek; de mensen hier houden vooral van een gezonde, smaakvolle maaltijd. Soms verwen ik ze met wat extra’s. Zo hadden we laatst aardbeien met slagroom als toetje. Heerlijk vonden ze dat!” Terwijl Aukje in de aardappelen prikt, zegt ze: “Nog een paar minuutjes, dan kunnen we aan tafel.”

12 Meriander

Huiskamermedewerker Aukje Eyzenga en bewoonster mevrouw Pal


‘Het is fijn om de bewoners erbij te betrekken’

Samen koken met bewoners Bewoonster mevrouw Pal komt al vroeg de huiskamer binnen. “Het rook zo lekker op de gang”, zegt ze terwijl ze een plekje aan tafel zoekt. “Aukje is een keukenprinses. Ze maakt van alles klaar: aardappelen met groente en vlees, maar ook bami, nasi of macaroni. De afgelopen weken voelde ik me niet zo goed en had ik weinig trek, maar nu lust ik wel weer wat. Als er gelegenheid is, vind ik het leuk om Aukje te helpen in de keuken. Dat doe ik graag!” Aukje knikt. “Het is fijn om de bewoners erbij te betrekken. Tijdens het koken, maken we een gezellig praatje en ik kan soms ook nog wat van ze leren hoor. Ze hebben vaak veel kookervaring.”

Alle borden leeg Het duurt niet lang of ook de andere bewoners nemen plaats aan de gezellig gedekte tafel. Meneer Nieuwland gaat bij zijn echtgenote zitten. Ze lunchen elke dag samen op afdeling Roodborstje. “Ik eet hier graag een hapje mee. Het is aangenaam en het eten is lekker,” zegt hij. Zijn tafelgenote mevrouw Westerling beaamt dat. Ze woont nog maar een week in Coornhert State. “Voorheen kreeg ik mijn maaltijden kant-en-klaar thuisbezorgd. Hier is het eten lekker vers en dat bevalt goed.” Als ook de rest aan tafel zit, dient Aukje het eten op. Bijna alle bewoners eten hun bord leeg. “Het is stil aan tafel, en dat is een goed teken. Dan vinden ze het lekker”, glimlacht Aukje.

Lekkere trek Ook de zorgmedewerkers zijn enthousiast over de verse maaltijden. Zorgcoördinator Gonnie Sloothaak: “Elke afdeling in Coornhert State heeft een eigen woonkeuken. Samen met de huiskamermedewerker wordt er in kleine, vaste groepjes gekookt en gegeten. De sfeer aan tafel is gemoedelijk en dat bevordert de lekkere trek. Dat is ook wel eens anders geweest, toen we nog kant-en-klaar maaltijden serveerden. We merken dat de bewoners beter eten als er een maaltijd met verse producten op tafel staat. Een hele verbetering!”

13


Samen zorgen Ypkje de Vries heeft zich lange tijd ontfermd over haar dementerende moeder, totdat het vier jaar geleden niet langer ging. Haar moeder werd steeds ongelukkiger, ondanks de zorgzaamheid van haar dochter. Er volgde een verhuizing naar woonzorgcentrum WenWearde in Jubbega. TEKST LETTERHUIS FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

Liefdevolle zorg in WenWearde

Ypkje de Vries (r.) is blij dat Hanny de Jong (l.) en de andere verzorgers haar moeder respecteren

14 Meriander


‘Ik geniet van de fijne moederdochter momenten en ons gezellige gekeuvel’

Y

pkje zag het gedrag van haar moeder, mevrouw De Groot, langzaamaan veranderen. “Ze kon situaties niet goed meer overzien, raakte verward en was prikkelbaar. Soms reageerde ze al haar frustraties op mij af. Toen ze driftig werd, kon ik niet langer voor haar zorgen. Ik was doodop.” De verhuizing naar WenWearde was onvermijdelijk. “Ik vond het een grote stap, maar achteraf was het de juiste beslissing. Voor mijn moeder, maar ook voor ons.”

De klusjes in huis moesten precies zo gebeuren zoals zij het wilde. In een humeurige bui stuurde ze me zo de deur uit. Haar stemming kon van het ene op het andere moment omslaan.”

Moeder-dochter momenten

Eerste symptomen

Hanny de Jong is een van de vaste verzorgers van Ypkjes moeder. “Mevrouw De Groot is zienderogen opgefleurd”, vertelt Hanny. “Ze heeft haar gemoedsrust teruggekregen en dat doet haar goed.” Ypkje zoekt haar moeder geregeld op om een kopje koffie te drinken of samen de krant te lezen. “Ik geniet van de fijne moeder-dochter momenten en ons gezellige gekeuvel. We brengen heel wat quality time door met elkaar. Mijn moeder is niet meer de sterke, zelfverzekerde vrouw van vroeger, maar ze heeft nog steeds haar lieve, oude trekjes.”

Achteraf gezien was mevrouw De Groot toen al dementerend. Haar prikkelbare en droevige buien waren symptomen van dementie. Ypkje: “Ik kom uit een liefdevol gezin. We woonden in een knusse woonark, naast de boerderij van mijn oom en tante. Mijn vader had samen met mijn oom een grote veehandel. De zaken gingen goed en we genoten van een prachtige jeugd op het Friese platteland. We moesten hard werken, maar daar hield mijn moeder van. Zelfs de koeien werden dagelijks geboend en geborsteld. Alles moest er piekfijn uitzien!”

Stemmingswisselingen

Eigen terrein

“Toen mijn moeder nog thuis woonde, was ze altijd aan het poetsen”, vertelt Ypkje. haar huishouden Imu net“Ze id ethield acepeditaqui aut di dolupti dolupistis dolupta nauwkeurig bij, totdat het werk te zwaar werd. Langzamerhand nam ik steeds meer huishoudelijke taken van haar over. Dat vond ze lastig, maar ze liet het toe.

“Mevrouw De Groot neemt geen genoegen met half werk. Dat hebben we gemerkt”, glimlacht Hanny. “Toen ze net bij ons woonde, beschouwde ze de gemeenschappelijke huiskamer als haar domein. De keuken werd nauwkeurig geïnspecteerd en alles moest

Ypkje duldde het stuurse gedrag en liet de regie in handen van haar moeder. Op die manier heeft ze de zorg nog lang volgehouden. ”Mentaal vond ik het zwaar. Ik herkende mijn eigen moeder niet meer, ze was onrustig en verdrietig. Ik zag de worsteling in haar ogen.”

blinken. We hoefden het niet te wagen om ongevraagd een theekopje uit de kast te pakken. Inmiddels heeft ze wel door dat de huiskamer een gezamenlijke ruimte is, maar ze maakt er nog steeds de dienst uit. Ach, we kunnen wel wat hebben hoor. Ik heb een hechte band met mevrouw De Groot en ondertussen kan ik ook wel een potje bij haar breken. Al heeft dat wel even geduurd.”

Regelmaat Ypkjes moeder is gebaat bij regelmaat en een duidelijke, respectvolle benadering. Hanny: “We helpen haar met opstaan, wassen en aankleden en daarna gaat ze ontbijten in de huiskamer. Na het ontbijt leest ze de krant en drinken we koffie. Voor het eten helpt ze ons met kleine klusjes, zoals aardappelen schillen. Dat mogen we haar niet uit handen nemen, want in haar ogen pakken we dan haar waardigheid af. Ze krijgt van ons alle ruimte. Ook al is ze soms een beetje humeurig; we houden van haar zoals ze is.”

Gelukkig Ypkje is blij dat Hanny en de andere verzorgers haar moeder respecteren. “Je moet wat geduld hebben, maar met een glimlach en ongedwongen benadering kom je heel ver. Mijn moeder is dol op Hanny en haar collega’s. En zij niet alleen; mijn familie en ik zijn dat ook! We zijn WenWearde dankbaar voor alle goede zorgen. Mijn moeder krijgt hier de liefde en verzorging die we haar zo gunnen. Zij is gelukkig, dus wij ook.”

15


Drijfveer VERZORGENDE IG JEPPIE DE LANGE:

‘Door te H luisteren leer je de mens kennen’

et begon allemaal met mijn pake. Hij werd ziek toen ik een jaar of 15 was en als vanzelf ging ik er elke zaterdag heen om hem te verzorgen. Een paar jaar later werkte ik als keukenhulp in ziekenhuis de Tjongerschans en vroegen ze me om mee te helpen op de ziekenzaal. Daar trok ik vooral naar de ouderen toe. Omdat ze kwetsbaar zijn en tegelijk zoveel levenservaring hebben. Hun verhalen over vroeger boeien mij en door te luisteren leer je de mens erachter kennen. Het sociale contact is vanaf het begin de motor in mijn werk. Door mijn liefde voor ouderen koos ik bewust voor de ouderenzorg en in 1976 kreeg ik een baan bij Marijke Hiem. Aan het gebouw moest ik wennen, maar ik werd al snel gegrepen door de warme, huiselijke sfeer. Het draaide allemaal om de mensen en dan ben ik op mijn plek. Zelfs toen ik er na de geboorte van mijn zoons voor koos om een paar jaar overdag thuis te blijven, werkte ik ’s avonds als invalkracht bij Marijke Hiem. Want het werk was me dierbaar.

Ze zit al meer dan 40 jaar in het vak en maakte allerlei veranderingen mee. De rode draad in al die jaren is haar liefde voor ouderen. Altijd weer is Jeppie de Lange (61) geboeid door de verhalen van vroeger, want die vertellen iets over de mensen voor wie ze zorgt. TEKST AMBER BOOMSMA FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

16 Meriander

Vanaf het moment dat de jongens naar school gingen, heb ik altijd 32 uur gewerkt. Nog steeds. Het is wel pittiger nu. Omdat ik zelf ouder word, maar ook omdat de bewoners tegenwoordig allemaal intensieve zorg nodig hebben. Een paar jaar geleden heb ik nog de IG-opleiding gedaan en ook door de interactie met collega’s ben ik me blijven ontwikkelen. Teamwerk is zó belangrijk. We horen en zien allemaal weer iets anders van de bewoners en samen krijgen we het plaatje compleet. Ook door contact met de familie. Het zijn de verhalen die ons helpen goede zorg te leveren. Door oprecht te luisteren, ontstaat er gemakkelijker een vertrouwensband. Dan voelen mensen dat ze op je kunnen bouwen. Tegenwoordig is er wat minder tijd dan vroeger voor gesprekken met bewoners. Toch kun je ook tussen de bedrijven door prima praten en met kleine dingen het verschil maken. Door bijvoorbeeld eerst even op een stoel te gaan zitten als je binnenkomt. Dan begin je letterlijk op gelijke hoogte. En ook al ben ik soms net een vliegende keep, ik bewaar altijd mijn rust. Dat voelen de bewoners. Uiteindelijk gaat het om kwaliteit van het moment. Zo was er een vrouw die in haar stervensfase nog graag een keer in haar nieuwe kleren bij de familie aan tafel wilde zitten. Het was heel druk, maar hup, dit was de extra moeite waard. Later hoorde ik hoe ze genoten had en dat maakt mij dan weer gelukkig. De mensen geven me zoveel, van een glimlach tot hun verhalen. Daarom is mijn werk zo dankbaar en prachtig om te doen.”


‘Het gaat om de kwaliteit van het moment’

Mevrouw Hoekstra-Sikkema (l.), Jeppie de Lange en mevrouw Boonstra-Overeinder (r.)

17


Met elkaar WILFRED JUURLINK:

‘Kennis delen, maakt de zorg beter’ Nu ouderen langer thuis blijven wonen, is er ook meer zorg aan huis nodig. Anders lukt dit niet. Wijkzorg, behandeling aan huis, geriatrische revalidatie en ‘vangnetten’ voor nacht en weekeinde. Meriant laat zich als specialist in ouderenzorg nadrukkelijk zien buiten de muren van de eigen woonzorgcentra en werkt daarbij nauw samen met andere zorgaanbieders. ‘‘Wij kunnen het niet alleen. Kennis en ervaring delen, maakt de zorg beter’’, aldus Wilfred Juurlink, lid van de raad van bestuur van Zorggroep Alliade. TEKST GERARD AKKERMAN FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

D

e visie vanuit Alliade, waar Meriant deel van uitmaakt, is helder. Om de beste zorg voor ouderen te kunnen leveren, moet je verder kijken dan je eigen organisatie. Samenwerking met andere partijen is nodig om bijvoorbeeld de ‘gaten’ in de nachtzorg te kunnen vullen. “Wij zijn goed in wijkzorg, maar dan wel in de buurt van onze eigen locaties.” Daarbuiten is dat ingewikkelder. Daarom is er een gezamenlijke corporatie in oprichting in Friesland met onder meer de KwadrantGroep, Thuiszorg Zuidwest Friesland en Thuiszorg Het Friese Land. Zij zorgen ervoor dat iedere oudere die dat nodig heeft, ook de moeilijk te plannen zorg in de nacht kan krijgen. Zij hebben voor de nachtzorg hun werkgebieden op elkaar afgestemd. Zo hoeft er maar één autootje te rijden in plaats van meerdere. “Op deze wijze houden we met elkaar de zorg in de nacht betaalbaar en kan iedereen die dat nodig heeft goede zorg aan huis krijgen.”

18 Meriander

Samenwerking met Tjongerschans De kracht van Meriant ligt, naast de persoonsgerichte benadering, in de specialistische zorg, behandeling en diagnostiek. Zo heeft Meriant een intensieve en goedlopende samenwerking met ziekenhuis De Tjongerschans op het gebied van de geriatrische revalidatiezorg (GRZ). Meriant biedt bedden en zorg aan ouderen die moeten revalideren na een beroerte, ongeval of een aanval van de luchtwegaandoening COPD. Meriant biedt ruimere mogelijkheden voor revalidatie, waarbij de zorg is afgestemd op de oudere patiënten. Hierdoor kunnen ze volgens Wilfred Juurlink goed worden voorbereid op terugkeer naar huis of als dat niet meer gaat naar een kleinschalige woning in het woonzorgcentrum. Zonder goede revalidatie bestaat het gevaar dat het eenmaal thuis weer snel misgaat met een kwetsbare oudere. De samenwerking voorkomt bovendien dat veel bedden in het ziekenhuis worden bezet

door herstellende ouderen die beter op hun plek zijn bij Meriant. Voor de GRZ komt er nieuwbouw bij het ziekenhuis.

Huisarts ontlasten Minstens zo belangrijk is volgens Wilfred Juurlink goede samenwerking met huisartsen. “Huisartsen krijgen steeds meer op hun bordje. Om de zorg voor huisartsen ook behapbaar te houden, is het van groot belang hen waar nodig te ondersteunen. Daarvoor hebben we in Zuid-Friesland met een aantal zorgaanbieders een speciaal meldpunt opgericht.” “Doen zich in de nacht problemen voor omdat een oudere thuis valt, onwel wordt of omdat een mantelzorger het even niet meer trekt en er is niet direct ziekenhuiszorg nodig, dan kan de huisarts het meldpunt bellen. Daar weten ze precies waar er op dat moment plek is voor de oudere en waar hij of zij de extra zorg en aandacht kan krijgen die op dat moment nodig is. De telefonist regelt dit bovendien.” Ook kan het meldpunt de wijkzorg inschakelen die kan helpen de nacht te


Bestuurder Wilfred Juurlink bij de Beleeftuin van LindeStede in Wolvega

‘Ophouden met ‘mekkeren’ over snel groeiend aantal ouderen en problemen die dat veroorzaakt’

het bijdragen aan het bestrijden van eenzaamheid onder ouderen, omdat beeldzorg ook op een makkelijke manier sociale contacten met familie en vrienden mogelijk maakt. Alliade werkt hiervoor nauw samen met Mobilea. De psychiaters van OuderenPsychiatrieFriesland (OPF), onderdeel van Alliade, leveren een belangrijke bijdrage aan de kwaliteit van zorg. Ze stellen diagnoses en behandelen ouderen met bijvoorbeeld dementie of een depressie. Dat doen ze zowel aan huis als in de woonzorgcentra van Meriant.

Kennis vergaren en delen overbruggen, zodat een patiënt de volgende dag een plek kan krijgen die het beste bij hem of haar past. Het ontlast volgens Wilfred Juurlink de huisartsen, die maar één nummer hoeven te bellen. In het zo lang mogelijk veilig en goed thuis blijven wonen, levert beeldzorg een belangrijke bijdrage. Met behulp van beeldzorg, kan eenvoudig en snel contact worden gelegd met hulpverleners, wanneer er iets aan de hand is. Ook kan

De raad van bestuur is een groot voorstander van onderzoek. Zo is er een onderzoek naar de effecten van geluid op het welbevinden van ouderen met dementie. Maakt geluid dementerenden onrustiger en wat zijn dan bijvoorbeeld de gevolgen op het medicijngebruik? Meriant doet dit onderzoek samen met de Rijksuniversiteit Groningen. “Op die manier kunnen we ook kijken of we de zorg nog verder kunnen verbeteren en persoonlijker kunnen maken. Als je de

erkenning wilt als expert in ouderenzorg, moet je ook bereid zijn onderzoek te doen, kennis te delen en jezelf continu te willen verbeteren.” Veel onderzoek gebeurt samen met het Universitair Netwerk Ouderenzorg (UNO).

Groeiend aantal vrijwilligers Er is krapte op de personeelsmarkt. Tegelijk is Wilfred Juurlink optimistisch over het aantal vrijwilligers in de zorg. “We moeten eens ophouden te ‘mekkeren’ over het snel groeiend aantal ouderen en de problemen die dat veroorzaakt. Het betekent ook dat het aantal gezonde ouderen snel toeneemt. Zij hebben tijd en willen graag een bijdrage leveren aan leeftijdsgenoten die het minder getroffen hebben met hun gezondheid. Ik geloof niet in al die doemverhalen. Wij zien bij Meriant het aantal vrijwilligers toenemen, of het nu gaat om vrijwilligers voor de duofiets, het StaBijproject, de Beleeftuin of als maatje voor ouderen in het woonzorgcentrum. Dat is een mooie ontwikkeling die ervoor zorgt dat zorg en Meriant onderdeel zijn van de samenleving.”

19


Leren en werken

Angela Spin ontwikkelt zichzelf én de zorg Verpleegkundige Angela Spin (26) is enthousiast over de nieuwe praktijkopleiding Service, Welzijn en Zorg. “Het mooie is dat ik mezelf verder ontplooi, terwijl ik via mijn leeropdrachten ook kan bijdragen aan ontwikkelingen in de zorg binnen Meriant. Dat is dubbel winst.” TEKST AMBER BOOMSMA FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

N

a een hbo-opleiding maatschappelijk werk belandde ze wegens gebrek aan passende vacatures in een broodjeszaak. Ondernemend als ze is, besloot Angela een mbo-opleiding verpleegkunde te doen, omdat in de ouderenzorg wél volop mensen nodig zijn. “Zodra ik mijn diploma had, kon ik voor 32 uur aan de slag op WilgenStede. Als kers op de taart kreeg ik de nieuwe hbo-deeltijdopleiding aangeboden die Meriant samen met NHL Stenden heeft opgezet. Deze praktijkroute is een prachtkans om mezelf nog breder in het vak te ontwikkelen, dus die greep ik met beide handen aan.”

Bewuster werken Doordat ze naast haar dagelijkse routines in WilgenStede weer aan het leren is, realiseert Angela zich dat niets vanzelfsprekend is in de zorg. “Waarom doen we de dingen zoals we ze doen? Ik ben veel bewuster bezig met hoe

20 Meriander

we werken. Door de leeropdrachten ontwikkel ik andere perspectieven, terwijl ik tegelijk heel praktisch bezig ben. Een voorbeeld is mijn onderzoek naar het leerklimaat op onze afdeling. Daaruit bleek dat de onderlinge kennisoverdracht beter kan. Sinds we daar bewust op inzetten, delen we meer en spreken we elkaar ook eerder aan op verantwoordelijkheden. Zowel ons team als de bewoners merken dat de zorg hierdoor verbetert.”

Verbindingen leggen Angela kan binnen de opleiding flexibel aan de slag met verschillende leereenheden, zoals gastvrijheid & technologie, positieve gezondheid en visie & beleid. “Met dit soort thema’s ben ik veel breder in de organisatie bezig dan alleen aan het bed van de bewoners. Zo leer ik verbindingen leggen die de zorg ten goede komen. We krijgen daarbij kaders vanuit de opleiding, maar vooral veel ruimte om zelf de aanpak te bepalen. Daar moest ik

eerst wel aan wennen, want je zoekt toch houvast. Die krijgen we vooral via onze coach en de groepsbijeenkomsten op werklocaties. Door te sparren en elkaar kritisch te bevragen, kunnen we onze plannen, uitvoering en resultaten regelmatig aanscherpen.”

Bewoners zijn de basis “Het leren in de praktijk en het belang van eigen initiatief past bij de eisen die de hedendaagse zorg stelt”, merkt Angela. “We trainen daarom ook veel op 21e-eeuwse vaardigheden, zoals ondernemerschap en zelfreflectie. Dat het werkveld leidend is in de opleiding, vind ik heel goed. Uiteindelijk draait het allemaal om onze bewoners, daarom houd ik de Meriant-visie (H)erken wie ik ben altijd in het achterhoofd bij de invulling van mijn leeropdrachten. Vanuit die basis kan ik met deze opleiding een waardevolle invulling geven aan service, welzijn en zorg binnen Meriant.”


Angela Spin en bewoonster mevrouw G. Nijk-Maat

21


Samen wonen Ze woont in een penthouse, heeft elke dag aanspraak en voelt zich veilig en vertrouwd. Marlene Sol (23) huurt als woonstudent een betaalbare kamer in Herema State en doet als tegenprestatie vrijwilligerswerk. “Hier merk je hoe iets simpels als een praatje mensen blij kan maken.” TEKST AMBER BOOMSMA FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

Jong en oud genieten samen op Herema State

H

aar modern ingerichte appartementje op de zesde etage heeft een prachtig uitzicht. Wie niet beter weet, waant zich in een studentenflat, maar de meeste bewoners van Herema State zijn bijna vier keer zo oud. “Toch valt hier genoeg te beleven”, zegt de mbo-studente verpleegkunde. “Vooraf had ik nooit gedacht dat ik zoveel aanspraak zou hebben als ik door het gebouw loop met mijn boodschappen. Dat was wennen, maar nu ik er de tijd voor neem, vind ik het leuke momenten.”

22 Meriander

Het is precies die spontane interactie tussen jong en oud die de plaatsing van woonstudenten op Meriant-locaties zo geslaagd maakt. Voor mevrouw De Groot (91) verloopt het contact met de studenten op Herema State vanzelfsprekend. “Wij zijn ooit jong geweest en zij worden vanzelf ouder”, stelt mevrouw nuchter vast. We treffen haar in de huiskamer op de derde etage, waar Marlene een aantal uren per week vrijwilligerswerk doet. “Meestal ben ik hier rond etenstijd, dan schuif ik gezellig aan tijdens de gezamenlijke maaltijd.”

Marlene Sol en mevrouw De Groot


Tijd en aandacht Voor het zorgteam is versterking tijdens de maaltijd fijn, want dan kunnen ze makkelijker andere bewoners op de afdeling ondersteunen als dat nodig is. Marlene: “Ik houd een oogje in het zeil en help bij het eten waar nodig. Al gaat het in de eerste plaats om tijd en aandacht voor een praatje. Soms zijn ze liever stil, dan is mijn gezelschap al voldoende. Sommige bewoners zetten me aan het werk. Dan zeggen ze: je kunt dit of dat wel even doen. Natuurlijk doe ik hen dat plezier.” Marlene vindt het een uitdaging om te ontdekken welke onderwerpen de bewoners prikkelen. “Vaak begin ik zelf te vertellen en soms raakt iets een herinnering of een interesse.” Er is altijd wel een aanleiding tot gesprek, zoals het wielrennen op televisie, waar mevrouw De Groot net naar zit te kijken. “Deze week heb ik de Elfstedentocht gefietst”, vertelt Marlene. Mevrouw grijpt enthousiast de arm van de woonstudent. “Knap hoor”, vindt ze. “De jongelui kunnen nog van alles.” Zelf blijkt ze nog heel behendig met haar rollator, waarmee ze even later wegschuifelt.

Romance In de driekwart jaar dat Marlene al op Herema State woont, is ze zich thuis gaan voelen. “Er zijn altijd mensen en dat voelt veilig en vertrouwd. Bovendien heb ik iets met ouderen. De bewoners zijn weleens mopperig en soms zijn er onderlinge irritaties, maar ze hebben ook plezier met elkaar en maken graag grapjes. Er ontstond zelfs een keer een romance tussen twee bewoners, die knuffelden wat af. Dat zijn gouden momenten om te zien. Oud zijn is niet makkelijk, dat zie ik hier ook, maar je kunt nog steeds van het leven genieten.”

23


Samen doen DEBORA MEESTER OVER GRIJS, GROEN & GELUKKIG:

‘We brengen het buitenleven dichtbij’ Spelen in de natuur, werken op het land, tuinieren in de moestuin en omgaan met boerderij- en huisdieren. Voor veel bewoners van de locaties LindeStede, BerkenStede en WilgenStede in Wolvega vormt het buitenleven een belangrijk deel van hun verleden. De geur van groen en de geluiden van buiten roepen bij hen vaak mooie herinneringen op. Vrijwilligers, medewerkers, bewoners en hun familieleden werken daarom samen om de natuur dichterbij te brengen. Zo worden er natuuractiviteiten georganiseerd. En er wordt een Beleeftuin aangelegd! TEKST ANNEMIEK MANUEL FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

M

eriant wil zo goed mogelijk inspelen op de belevingswereld van bewoners. Dat biedt herkenning. Omdat veel van onze bewoners zijn opgegroeid in een natuurrijke omgeving, brengen we het buitenleven graag dichtbij. Zo is er een kinderboerderij en hebben we het StaBijproject, waarin dieren als honden, katten en konijnen in de huiskamers en bij bewoners op bezoek komen. Binnenkort krijgen we ook een volière met kwartels en parkieten. Maar er komt nog meer.” Aan het woord is Debora Meester, vrijwilligerscoördinator bij Meriant. Zij zorgt ervoor dat de vele enthousiaste vrijwilligers die zich aanmelden, worden geïnformeerd, geschoold en op een passende plek binnen Meriant aan de slag kunnen. Daarnaast leidt zij verschillende projecten waar vrijwilligers bij betrokken zijn. Zoals Grijs, Groen & Gelukkig. “Dit is een initiatief van de IVN (Instituut voor Natuureducatie en Duurzaamheid). Doel is om ervoor te zorgen dat ouderen in zorgcentra zo lang mogelijk kunnen genieten van en bezig zijn met de natuur. LindeStede, BerkenStede en WilgenStede sloegen de handen ineen en meldden zich twee jaar geleden gezamenlijk aan voor het project.”

24 Meriander

Debora Meester, vrijwilligerscoördinator


Zoveel mogelijk samenwerken Debora: “Sindsdien hebben we voor de drie locaties gezamenlijk een projectteam Grijs, Groen & Gelukkig dat werkt aan activiteiten om ouderen bezig te laten zijn met de natuur. Buitenshuis en binnenshuis. Het team bestaat uit medewerkers en vrijwilligers. We proberen bovendien zoveel mogelijk samen te werken met mensen en organisaties uit de omgeving. Denk aan verenigingen en scholen. Zo breng je bewoners niet alleen meer in contact met de natuur, maar ook met mensen om hen heen. Bijvoorbeeld tijdens een kuiertocht met vragen over de natuur. Een ander voorbeeld is de cursus ‘Groen doet goed’ voor iedereen die met ouderen de natuur in wil. En verder liggen er contacten met scholen voor het maken van insectenhotels of nestkastjes voor de Beleeftuin rondom LindeStede.”

Kijken, voelen, proeven, doen Wie regelmatig in en rond LindeStede komt, heeft vast en zeker de eerste stappen op weg naar de Beleeftuin al gezien. Debora licht toe: “In een Beleeftuin kun je wandelen en genieten, maar er is veel meer te doen. Je kunt er fruit plukken, groenten verbouwen, oefeningen doen met beweegtoestellen, deelnemen aan activiteiten, noem maar op. Het idee voor de

‘Mensen zijn enthousiast over de Beleeftuin’ aanleg van zo’n tuin bestond al langer. Toen het project Grijs, Groen & Gelukkig van start ging, kwam het plan in een stroomversnelling.” Ook hier spelen de vele vrijwilligers een belangrijke rol, vertelt Debora. “We boffen enorm dat er zoveel mensen zijn die voor ons klaarstaan. In maart 2018 gingen vijf werkgroepen van start, samen met ontwerper, medewerkers, bewoners en hun familieleden. Met elkaar bedenken zij hoe de Beleeftuin er uit komt te zien, wat je er kunt doen en welke groepsactiviteiten er kunnen plaatsvinden. Want het is belangrijk dat er veel kan worden gedaan. Het liefst samen met anderen.”

Veel nieuwe ideeën Debora is enthousiast over de plannen van de werkgroepen. “Ze hebben echt heel creatieve plannen. Denk naast het onderhouden van een pluktuin en een groentetuin en het

25


koken met de producten, ook aan het organiseren van creatieve workshops, een buurtpicknick en een buitenconcert. Een ander idee is om camera’s te installeren in nestkastjes zodat het opgroeien van jonge vogeltjes van huis uit kan worden gevolgd. Zo komen er keer op keer nieuwe initiatieven. Ook van de bewoners die het project op de voet volgen. Sommigen zijn dagelijks bij de werkzaamheden te vinden. Je ziet ze meedenken. Het lukt misschien niet om alles uit te voeren, maar het feit dat er zoveel plannen ontstaan, geeft aan dat mensen er heel enthousiast over zijn!’’

‘Ik verheug me vooral op de bankjes en de vijver. Ik zie het wel gebeuren dat ik daar regelmatig naartoe wandel en op een bankje ga zitten om lekker rond te kijken. En als het zo uitkomt, wil ik ook weleens helpen met tuinieren’ Yke Koudenberg, bewoner LindeStede

Eigen achtertuin ‘Als de tuin klaar is, ben ik er elke dag te vinden. Het is fijn om iets te doen te hebben en een gezellig praatje te maken’ Jacob de Boer, bewoner LindeStede

26 Meriander

Op 20 september 2018 wordt de Beleeftuin geopend door Olga Commandeur, bekend als oud-atlete en ambassadeur van het programma ‘Ouderen in Beweging’. Tot dat moment wordt er hard gewerkt, maar daarna kunnen bewoners van LindeStede, BerkenStede en WilgenStede, hun familie, vrijwilligers en omwonenden samen genieten van en bezig zijn met de natuur. En daarvoor is er geen mooiere plek te bedenken, dan in de eigen achtertuin.


Nieuwbouw

‘Nieuwe Marijke Hiem wordt aanwinst voor Heerenveen’ Met de sloop van het oude woonzorgcentrum aan de H. Hebbesstraat in Heerenveen heeft Meriant plaatsgemaakt voor de nieuwbouw van Marijke Hiem. Hier worden negentig woonplekken gerealiseerd voor ouderen met een intensieve zorgbehoefte.

D

TEKST LETTERHUIS FOTOGRAFIE HORSTHUIS

aarnaast heeft het complex een sociale wijkfunctie: er is volop ruimte voor gezellige activiteiten. Ook beschikt het nieuwe centrum over een aantal faciliteiten, zoals een kapper en fysiotherapeut. De cliëntenraad van Marijke Hiem is enthousiast. Het nieuwe Marijke Hiem wordt een aanwinst voor Heerenveen, stelt de cliëntenraad. Voorzitter Johan Mintjes en bouwcommissielid Albert van der Berg zijn vanaf het begin betrokken bij de nieuwbouwplannen. Mintjes: “Het behartigen van de woonwensen van bewoners is onze grootste zorg. Ze hebben veel goede ideeën voor hun nieuwe woonplek en daar wordt serieus naar geluisterd. Van Meriant krijgen we alle ruimte om mee te

denken. De bouwplannen liggen op tafel en op dit moment vullen we samen de laatste details in. De ontwerpen zien er veelbelovend uit.”

Veel wooncomfort Met het oog op de zwaardere zorgvraag speelt slimme technologie een belangrijke rol in het interieur van het nieuwe Marijke Hiem. Van der Berg: “Opvallend zijn de technische snufjes; het gebouw wordt van alle gemakken voorzien. De moderne voorzieningen maken een optimale woonzorg mogelijk. Tegelijkertijd wordt veel aandacht besteed aan een prettige, huiselijke sfeer. In tegenstelling tot het oude gebouw wordt dit complex licht en open met veel groen eromheen. De bewoners gaan er qua

wooncomfort flink op vooruit.” Het nieuwe zorgcentrum bestaat straks uit tien woonblokken, omringd door hofjes, straatjes en pleintjes. Elk blok biedt plek aan negen bewoners. Zij krijgen hun eigen studio en een gezamenlijke woonkamer en voortuin.

Tevreden bewoners Aanvankelijk zou het nieuwe woonzorgcentrum in de eerste helft van 2018 worden opgeleverd. Mintjes: “Dat hebben we jammer genoeg niet gehaald. Alle betrokken partijen gaan zorgvuldig te werk en sommige zaken nemen meer tijd dan verwacht. Toch zijn we erg tevreden over het verloop. De verhuizing van de oud-bewoners naar woonzorgcentrum Herema State verliep soepel. Ze hebben het daar erg naar hun zin. Begin dit jaar namen we met zijn allen afscheid van het oude pand en nu kijken we reikhalzend uit naar het nieuwe Marijke Hiem. Over twee jaar staat hier een geweldig woonzorgcomplex waar ouderen met veel genoegen zullen wonen.”

27


Palliatieve zorg SPECIALIST OUDERENGENEESKUNDE JUDITH RUCHTI:

‘Je kunt maar één keer afscheid nemen’ Hoe biedt Meriant goede zorg aan bewoners en cliënten in hun laatste levensfase? Welke faciliteiten zijn hiervoor beschikbaar? En hoe betrek je familie bij het sterven van hun naaste? Judith Ruchti, specialist ouderengeneeskunde, en Sjaan Schuurman, verzorgende IG, hebben in woonzorgcentrum LindeStede de palliatieve zorg als bijzonder aandachtsgebied. Een gesprek over warme aandacht, het bieden van comfort en de noodzaak van praten over de dood. TEKST ANNET FRANSSEN FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

28 Meriander

Judith Ruchti en Sjaan Schuurman


29


Kuunder ook de Brummel, de Striepe, de verzorgingshuizen en de groep thuiswonende, kwetsbare ouderen als aandachtsgebieden heeft. “Ouderen die naar een verpleeghuis gaan, hebben meestal meerdere aandoeningen en kunnen niet meer beter worden. Onze palliatieve zorg is dus niet gericht op genezen, maar op een zo goed mogelijke kwaliteit van leven. Er wordt soms gedacht dat mensen die palliatieve zorg krijgen terminaal zijn en dus snel overlijden. Dat is een misverstand. Ook al kunnen we een bewoner niet beter maken, iemand kan hier best nog een tijdje op een acceptabele manier wonen en leven.”

Thuis wonen

M

Verzorgende IG Sjaan Schuurman en specialist ouderengeneeskunde Judith Ruchti

oet je zien hoe licht en ruim het hier is’’, zegt Sjaan trots als ze de huiskamer van ‘haar’ afdeling de Kuunder laat zien. Al negen jaar is zij als aandachtsvelder aan deze palliatieve zorgafdeling in LindeStede verbonden. Samen met mede-aandachtsvelder palliatieve zorg Albertje Toepoel en de collega’s van de Brummel, begeleidt zij hier mensen die gaan sterven en thuis of in het ziekenhuis niet meer verzorgd kunnen of willen worden. Naast de prettige huiskamer met compleet ingerichte keuken zijn er drie een-

30 Meriander

persoonskamers beschikbaar voor de tijdelijke bewoners. Sjaan: “Ons doel is ervoor zorgen dat iemands laatste levensfase zo aangenaam mogelijk verloopt. Maar we hebben ook oog voor de familie. Daarom kun je hier zelf koken en blijven slapen. Er is heel veel mogelijk.”

Meerdere aandoeningen De Kuunder is niet de enige afdeling op deze Meriant-locatie waar palliatieve zorg wordt verleend. In een woonzorgcentrum als LindeStede is vrijwel alle zorg voor kwetsbare ouderen palliatief van aard, vertelt Judith, die behalve de

Woonzorgcentrum LindeStede is de grootste locatie van Meriant. Omdat het landelijk beleid erop gericht is om ouderen zo lang mogelijk thuis te laten wonen, komen bewoners pas in een laat stadium van bijvoorbeeld dementie binnen. De gemiddelde tijd dat zij in LindeStede wonen, is een jaar. “Maar er zijn altijd uitzonderingen’’, vertelt Judith. “Sommige ouderen leven weer op na hun verhuizing. Omdat de spanning van thuis wegvalt. Of omdat we hier nog eens kritisch naar alle medicatie kijken. Maar ik maak ook regelmatig mee dat een thuiswonende oudere met wat extra zorg en aandacht nog prima in de vertrouwde omgeving kan blijven wonen. Iedereen is anders. Het is onze taak om de best mogelijke zorg te verlenen, op welke locatie de oudere zich ook bevindt.”

Bespreek de dood Thuiswonend of niet, vroeg of laat begint de laatste levensfase. En omdat je maar één keer doodgaat en als naasten maar één keer afscheid kunt nemen, is een goede dood heel belangrijk, zegt Judith. Tijdig praten over het levenseinde vindt zij daarom cruciaal. “Al tijdens het eerste gesprek met bewoner en familie komt de dood ter sprake. Is hierover


‘Goede palliatieve zorg is echt teamwerk’ nagedacht? Heeft vader of moeder een wilsverklaring? We inventariseren wensen en leggen ze vast in het leefplan. Zo voorkom je dat er dingen gebeuren waar je achteraf spijt van hebt.” Soms komt er iemand binnen die euthanasie wenst. Judith: “Ook dat is mogelijk. Ieder mens denkt anders, dus ook over het eigen afscheid. Binnen ons medische team heeft niemand principiële bezwaren tegen euthanasie. Maar er gaat wel een heel traject aan vooraf. Euthanasie valt niet onder normaal medisch handelen en vraagt om de grootst mogelijke zorgvuldigheid. Dat wordt wel eens vergeten. Ook hier geldt: bespreek zo’n wens in een vroeg stadium.”

Wat wilt u? Binnen Meriant en dus ook in LindeStede staat de bewoner of cliënt altijd centraal. Dat geldt ook wanneer iemand gaat overlijden. Sjaan: “De vraag die we hier op de Kuunder het meest stellen, is: wat heeft u nodig? En waar hebben jullie, als familie, behoefte aan? Van een kopje soep tot een extra deken, van blijven slapen tot het meenemen van de hond. Alles is mogelijk.”

Ook op de andere zorgafdelingen geldt: voel je als familie vooral thuis. Wil je naast vader of moeder slapen? Geen probleem. Je kunt ook altijd mee-eten. Ook vind je op iedere zorgafdeling een ‘waakdoos’, gevuld met troostrijke zaken als een bijbel, rustgevende muziek, een geurende handlotion of zelfs puzzelboekjes. Judith: “Bovendien houdt het zorgteam altijd een oogje in het zeil. Waken is echt ingrijpend. Vaak is het voor de naasten zwaarder dan voor degene die stervende is. Daarom vragen we altijd aan familieleden hoe het gaat. Drukken hen op het hart dat ze ook aan zichzelf moeten denken. Of we vangen hen op als moeder of vader sterft op het moment dat de familie net even de kamer uit is. Dat gebeurt regelmatig en is niet te voorkomen, maar kan wel verdrietig zijn.”

Comfort Wanneer een bewoner of cliënt terminaal is, betrekt een specialist ouderengeneeskunde de naasten er altijd bij. De pijn- en slaapmedicatie worden besproken en vragen worden zo goed mogelijk beantwoord. In de dagen of weken die volgen, staat het comfort van degene die gaat sterven centraal. Sjaan:

Samen herdenken Op alle zorglocaties van Meriant worden, een of twee keer per jaar, herdenkingsbijeenkomsten georganiseerd. Tijdens zo’n samenzijn staan familie, medewerkers en andere betrokkenen met elkaar stil bij bewoners en cliënten die in de voorgaande maanden zijn overleden. De bijeenkomsten worden geleid door een van de geestelijk verzorgers van Meriant. Tijdens de herdenking vindt een kaarsenritueel plaats en worden de namen van de overledenen voorgelezen. Voor ieder van hen staat een roos klaar die door familieleden of een zorgmedewerker van de eigen afdeling in een vaas wordt gezet. Er wordt muziek ten gehore gebracht en de geestelijk verzorger spreekt een woord van troost. Voor wie dat wil, is ruimte om een persoonlijk verhaal of gedicht te delen. Na afloop van de ceremonie is er koffie en thee en kan er worden nagepraat.

“Familieleden en naasten spelen hierbij een belangrijke rol. Zij laten ons weten of moeder onrustig is, er niet prettig bijligt of transpireert. Goede palliatieve zorg is echt teamwerk. Je kijkt samen wat nodig is.” Zo herinnert Judith zich een terminale bewoner die heel veel onrust in zich had. “Hij kroop over de grond, wist niet wat hij moest. Na afstemming met de familie legden we hem in een speciaal tentbed. Een soort campingbedje voor kinderen, maar dan in groot formaat. Dat werkte geweldig. Meneer voelde zich veilig, kon zich ontspannen. Na zijn overlijden werd hij ook in ‘zijn’ tentbed opgebaard. Het hoorde gewoon bij hem, vond de familie.”

Na het afscheid Net als de meneer van het tentbed, kan iedere overleden bewoner worden opgebaard in de eigen kamer. Vaak kiest familie daar ook voor, weet Sjaan. “Zeker als mensen al wat langer in LindeStede wonen, is dit hun thuis geworden.” Ook voor medewerkers is het prettig om in alle rust afscheid te nemen van bewoners die ze met veel liefde verzorgd hebben. En sommige bewoners zitten graag nog even bij hun overleden huiskamergenoot. Ook met hun gevoelens houdt het team rekening. Zo kan er enige tijd een foto of rouwkaart met een (kunst)kaarsje op de huiskamer staan. Na de begrafenis of crematie, moet de familie weer door. Maar mocht daar behoefte aan zijn, dan kan er worden nagepraat. Judith: “Ongeveer zes weken na het overlijden, wordt aan de naasten gevraagd of er behoefte is aan een gesprek. Samen kijken we terug en evalueren we het leven en sterven van hun dierbare hier op LindeStede. Dat is belangrijk en leerzaam. De opmerkingen van de familie nemen we altijd mee. Mede dankzij hun input kunnen wij onze palliatieve zorg blijven verbeteren.”

31


Afscheid ANNEKE ROZEMA:

‘Mijn moeder stierf tussen de bloemen, precies zoals ze het wilde’ Waardig en persoonlijk afscheid nemen van het leven is van grote betekenis. Niet alleen voor degene die afscheid neemt, maar ook voor de nabestaanden. Anneke Rozema kan erover meepraten. Haar moeder, mevrouw Sijbrandij (97), overleed op het dakterras van woonzorgcentrum Anna Schotanus, tussen de bloemen en omringd door haar kinderen. Precies zoals ze het wilde. “Het was voor mij een manier om het verlies van mijn moeder een plek te geven.” TEKST LETTERHUIS FOTOGRAFIE FAMILIE

M

ijn moeder hield van de natuur, ze was een echt buitenmens. Vroeger hadden we een prachtige tuin, waar ze veel vertoefde. Ze deed er graag een middagdutje. Op haar oude dag zat ze steevast op het dakterras van Anna Schotanus. Daar had ze haar eigen plekje. Zelfs in de winter - als de weersomstandigheden het toelieten - zat ze daar haar krantje te lezen. Ik zie haar nog zitten: dik ingepakt met een mand vol lectuur. Ze genoot van de frisse buitenlucht, de vogels en het geurende groen om zich heen. In de maanden voor haar dood werd ze steeds zwakker. We wisten dat haar einde naderde. Mijn moeder leefde met de dag en genoot van de bezoekjes van haar kinderen en (achter)kleinkinderen. Verpleegkundige Corry Willemse vroeg haar kort voor haar overlijden of ze op haar lievelingsplekje op het buitenterras wilde sterven. Dat vond mijn moeder een mooi gebaar. Het paste bij haar. In de laatste dagen voor haar overlijden werd ze in bed naar buiten gerold. Mijn familie en ik bleven dicht bij haar. We

32 Meriander

Mevrouw Sijbrandij

mochten zelfs op de afdeling logeren, want de meesten van ons wonen ver weg. Wat hebben we veel steun aan elkaar gehad. De zorg van de medewerkers was hartverwarmend. Daar ben ik ontzettend dankbaar voor. De avond voor mijn moeders overlijden hebben we afscheid genomen. We zaten tot een uur of elf op het terras, in het licht van de maan. We dronken een glaasje wijn en toen het wat kouder werd, deden we een fleecedeken om. Mijn moeder was lekker warm toegedekt in bed. We zongen haar lievelingslied, lachten om oude herinneringen, we knuffelden haar en af en toe keek ze ons heel eventjes aan. De volgende dag is ze rustig overleden. Ik voelde me verdrietig, maar het was ook goed zo. Ze mocht gaan. Mijn moeder is op haar favoriete plekje heengegaan. Samen hebben we haar laatste wens vervuld.”


Column

Vrijheid en veiligheid TEKST MIEKE DRAIJER FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS MIEKE DRAIJER IS DIRECTEUR MEDISCHE ZAKEN BIJ ZORGGROEP ALLIADE.

V

roeger bepaalde de dokter wat goed voor u is. Dat noemden we het ‘bestwil-principe’. Sinds de invoering van de Wet op de geneeskundige behandelingsovereenkomst (WGBO) heeft de patiënt zelfbeschikkingsrecht, ook wel autonomie genoemd. Dat is voor veel hulpverleners, maar ook voor familie, heel erg wennen. Zeker wanneer iemand dement is of in de war. Maar er is nog een wettelijke verplichting waar we aan moeten voldoen: het leveren van goede zorg. En dat is best ingewikkeld. Af en toe wil een cliënt dingen in de behandeling die wij niet goed voor hem vinden. Of wil hij dingen in het leven waar wij onze vraagtekens bij zetten. Hoe ga je daar dan mee om? Soms is het erg eenvoudig. Zo hadden we een cliënte, een dementerende verloskundige, die ’s avonds met haar kleding aan in bed wilde. Ze verzette zich hevig tegen het ontkleden. De verzorging vond dat slapen in nacht-

kleding hoorde en zette door. In zo’n geval moet je je als hulpverlener afvragen wat het nadeel is. Welk risico wordt er gelopen als mevrouw in haar kleding slaapt? Geen enkel natuurlijk. Zeker, het is anders dan anders. Mogelijk sliep ze altijd met kleding aan, wetende

een tijdje niet wast? Uiteindelijk kwamen we uit op één keer in de drie weken onder de douche, direct gecombineerd met de rest van de verzorging. Nu kan ze alle overige dagen op een mooie, rustige manier beginnen. Zonder strijd, precies zoals ze dit zelf wenst.

De vrijheid om je eigen leven te bepalen, is een groot goed’ dat ze met spoed kon worden opgeroepen. Bijvoorbeeld omdat er een baby op komt was, wie zal het zeggen? Met de afschaffing van het ‘s avonds uitkleden, waren de problemen voorbij. Maar dan de cliënte die zich hevig verzette tegen het douchen en wassen. Ze stond dit absoluut niet toe. “Ze moet toch gewassen worden”, zeiden haar naasten. Maar van wie moet dat? En wat is het nadeel als iemand zich

Ook als de risico’s groter zijn, is het goed altijd zorgvuldig af te wegen wat ingrijpen in individuele wensen doet met de kwaliteit van leven van de cliënt. We zijn geneigd risico’s altijd groter te maken en daardoor anderen in hun kwaliteit van leven te beperken. De vrijheid om je eigen leven te bepalen, is een groot goed. Ook onbekwaam verzet is verzet. Laat dat ons belangrijkste uitgangspunt zijn.

33


Drijfveer HUISHOUDELIJK MEDEWERKER OLGA DE VRIES:

‘Dan A krijg ik weer een knuffel of dikke pakkerd’

ls doener vind ik het heerlijk om aan te pakken. Lekker bezig zijn, de boel op orde houden en zo bijdragen aan een fijne, schone leefomgeving: dat past bij mij. Toch is het contact met mensen mijn grootste drijfveer, want ik doe mijn werk graag met humor en aandacht voor anderen. Dat komt goed van pas op LindeStede, waar je op de afdeling onderdeel bent van een huishouden vol bijzondere mensen. Op mijn afdeling de Ruske - waar mensen met dementie wonen - is geen dag is hetzelfde. We zorgen voor rust, reinheid en regelmaat, maar we bewegen ook mee met de bewoners. Alle emoties komen voorbij, van blijdschap tot verdriet en vaak net zo veranderlijk als het weer. Dan zijn ze het ene moment kribbig en het volgende moment krijg ik weer een knuffel of een dikke pakkerd. Het mag er allemaal zijn, ik vind het belangrijk om mensen in hun waarde te laten. Soms geef ik situaties een luchtige draai door even iets liefs of grappigs te doen. Zo sta ik wel eens te playbacken met de wisser in mijn hand, of ik doe een dansje met de zwabber. Een muziekje op de achtergrond is fijn bij het werk en ik merk dat de bewoners het leuk vinden om samen mee te zingen. Dat zijn de kleine genietmomenten. Net als wanneer ze helpen met was opvouwen of de aardappels schillen. Dan voelt het zo huiselijk en gezellig met elkaar, ik merk hoe fijn ze dat vinden.

Het rondje met Olga de Vries (43) over afdeling de Ruske is veelzeggend: de bewoners zijn duidelijk gesteld op deze steun en toeverlaat van de huishoudelijke dienst. Met haar pure manier van zijn en haar humor biedt Olga ouderen met dementie ruimte én veiligheid. TEKST AMBER BOOMSMA FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

34 Meriander Meriander2018

De meeste energie haal ik uit het contact met bewoners en collega’s. Bedden opmaken, schoonmaken en koken hoort er gewoon bij, net als thuis. Eén van mijn twee kinderen heeft een verstandelijke beperking en mede daardoor zijn zorg en aandacht mijn tweede natuur geworden. Dat maakt het ook fijn om de zorgcollega’s een beetje te ontlasten op de huiskamer. Van die tijd met de bewoners geniet ik het meest. Even een praatje maken of samen bij de dieren buiten kijken. De kunst is om in het moment te zijn. Niet gisteren of straks, maar ervaren hoe het nu met de bewoner gaat en daarop inspelen. Zelfs in mijn taal beweeg ik mee, met een beetje Fries of Stellingwerfs op mijn eigen manier. En een lach of aanraking begrijpt iedereen. Ik noem het maar ‘levensgericht’, zoals ik werk, me bewust van al die karakters en verschillende levens die mensen geleid hebben. Nu wonen ze hier bij elkaar, maar ze zijn allemaal uniek. Dat maakt dit huishouden zo bijzonder en ik ben er trots op daar een steentje aan te kunnen bijdragen.”


‘Een lach of aanraking begrijpt iedereen’ Mevrouw Beljaars en Olga de Vries

35


Muziek

De kracht van zingen bij dementie Op donderdagmorgen net na koffietijd komen er bijzondere klanken uit het restaurant van woonzorgcentrum LindeStede. Hoge en lage toonladders vullen de ruimte. De zangers en zangeressen van geheugenkoor Zing es Dinges warmen hun stembanden op voor de meezingochtend die zo gaat beginnen. TEKST LETTERHUIS FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

G

eheugenkoor Zing es Dinges is al in 2016 opgericht, speciaal voor bewoners met (beginnende) dementie of afasie. De meezingochtenden worden elke twee weken in Wolvega en in Heerenveen gehouden. Vandaag is Wolvega aan de beurt. Zodra koorleider Sander Metz de eerste tonen van de muziek inzet, gebeurt er iets bijzonders. De koorleden leven helemaal op. Liedjes uit het verleden worden uit volle borst meegezongen.

Muzikaal geheugen “Zingen is een krachtig middel in de zorg bij dementie. Waar het geheugen achteruit gaat, kunnen mensen met dementie bekende liedjes vaak nog moeiteloos meezingen”, vertelt Sjoukje Kuipers. Ze werkt als begeleider dagbesteding bij LindeStede en is mede-initiatiefnemer van het geheugenkoor. “Zingen opent de deur naar het muzikale geheugen. Dat geheugen vaak de nog helemaal Sander Metzisbrengt sfeer er goed inintact. Je ziet mensen

36 Meriander

Het enthousiasme van koorleider Sander Metz werkt altijd aanstekelijk


37


‘Je hoeft geen gouden stem te hebben, plezier in zingen is veel belangrijker’ Sander bedenkt voor elke meezingochtend een thema en zoekt daar passende liedjes bij. Het repertoire is veelzijdig. Rustige, swingende en Nederlandstalige muziek, maar er komen ook Engelse klassiekers en oude kinderliedjes voorbij. “Er zit altijd wel iets bij dat de bewoners kennen. En anders kunnen ze meezingen met de tekst op het scherm.“ Deze keer is het onderwerp ‘kampvuurliedjes’. Een thema dat goed in de smaak valt bij zowel de koorleden als het publiek.

Bekende klassiekers

zienderogen opfleuren bij bekende liedjes.” Het is de bedoeling dat de bewoners samen met een zangmaatje naar de meezingochtend komen, zoals hun partner, kind(eren), mantelzorger of een vrijwilliger. “Voor familieleden is het een fijn moment om weer even ‘contact’ te maken. Het komt regelmatig voor dat de muziek oude herinneringen ophaalt”, vertelt Sjoukje. De meezingochtend wordt overigens niet alleen door naasten bezocht. Ook mensen uit de buurt zingen graag mee. Iedereen is welkom.

Plezier voorop Voor koorleider en muzikant Sander Metz is elke meezingochtend een belevenis. Hij is vanaf 2017 betrokken bij het geheugenkoor. Met zijn open en vrolijke verschijning maakt hij gemakkelijk contact met de koorleden. Sander: “Ik vind het geweldig om dit koor te begeleiden. Meestal speel ik gitaar of piano. Mensen hoeven niet over een gouden stem te beschikken om in het geheugenkoor te zingen. Plezier in zingen is veel belangrijker.”

38 Meriander

Er wordt vrolijk meegezongen op deuntjes als De Wielewaal en Daar bij die molen. Als Sander de klassieker My Bonnie is over the ocean aankondigt, begint koorlid meneer Braad te stralen. Het is een van zijn favoriete nummers. “Dit liedje ken ik goed”, lacht hij. “Ik heb het vaak in het mannenkoor gezongen tijdens mijn militaire dienst. Het liefst zing ik zeemansliederen. Het doet me denken aan die goeie oude tijd.” Meneer Braad wordt in het geheugenkoor vergezeld door zijn schoondochter Geertje. “Mijn schoonvader geniet intens van de muziekochtend. En ik vind het zelf ook ontzettend leuk. Het is een ontspannen manier om samen bezig te zijn.” Tijdens de zanglessen haalt meneer Braad graag een grapje uit, weet Geertje te vertellen. “Als hij een muziekinstrument in handen krijgt, dan mag iedereen het horen. Typisch mijn schoonvader. Op dat soort momenten is hij weer even net als vroeger. Hij is zijn streken nog niet verleerd.”

Sterren van de hemel Ook andere familieleden in de zaal zijn enthousiast. Truus Wilbrink is samen met haar man Dick naar de meezingochtend gekomen. Ze vergezellen mevrouw Straatsma, de moeder van Truus. “Mijn moeder woont sinds kort in LindeStede. Ik vond het in het begin best wel lastig om haar hier achter te laten, maar dit soort activiteiten maakt het makkelijker. Ze geniet zichtbaar van het zingen”, zegt Truus. “Vroeger liep mijn moeder vaak neuriënd door het huis. Altijd had ze wel een deuntje in haar hoofd. De dementie heeft haar veranderd. Ze is stiller geworden en meer in zichzelf gekeerd. Tijdens de meezingochtend vrolijkt ze helemaal op. Dan zingt ze de sterren van de hemel. Dat is voor ons heel fijn om te zien.”


Vrijwilliger HENRIËTTE OLTHOF, VRIJWILLIGER STABIJ:

‘Je ziet bewoners genieten’ Veel van onze bewoners hebben fijne herinneringen aan de huisdieren die ze vroeger hebben gehad. Een stevige wandeling met de hond, even knuffelen met het konijn, soms een aai over de bol van de poes... Wat waren ze lief. Voor die bewoners is er het StaBijproject: vrijwilligers komen gezellig met hun huisdier op bezoek. TEKST ANNEMIEK MANUEL FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

E

én van die vrijwilligers is Henriëtte Olthof. Sinds twee jaar komt zij met haar hond Daisy (10) wekelijks in BerkenStede. Eerst even een uurtje in de huiskamer, dan op bezoek bij een bewoner thuis. Ter voorbereiding op deelname aan StaBij is Daisy eerst gekeurd door een dierenarts en doorliepen de twee samen een vierdaagse cursus. “Daarin leer je als baasje te kijken naar signalen van je hond in de omgang met bewoners. Vindt ze het fijn? Of misschien spannend? Het is belangrijk dat je die signalen herkent en daar op een goede manier op reageert. Zo zorg je voor de veiligheid van je hond en de bewoner.”

Ontspannen “Na twee jaar vindt Daisy het nog altijd heerlijk”, vertelt Henriëtte. “Bij de een haalt ze een knuffel, van de ander krijgt ze een koekje. Ze is van zichzelf best druk, maar bij sommige mensen zie je haar rustig worden. Heel bijzonder. Tegelijkertijd zie je de bewoners genieten, vrolijk

Mevrouw Fleer, Henriëtte Olthof en Daisy worden en ontspannen. Dat is zo mooi! Vaak vertellen ze dan ook over hun eigen huisdier. Hoe lief hun hond was, of hoe grappig hun poes. Maar soms is het ook wel moeilijk”, sluit Henriëtte af. “Als een bewoner

waar je vaak kwam overlijdt, is dat best even lastig. Maar er zijn gelukkig nog heel veel andere bewoners die genieten van een huisdierbezoek. Ik doe het nog altijd ontzettend graag. En Daisy ook!”

39


Zorg aan huis WIJKVERZORGENDE SJIEUWKE JONGSMA:

‘Ik wil alle cliënten de aandacht geven die ze nodig hebben’ Het is klokslag tien uur als wijkverzorgende Sjieuwke Jongsma aanbelt bij het appartement van meneer Veen in Heerenveen. Hij krijgt zorg en ondersteuning van Wijkzorg Meriant. Zo kan hij zelfstandig thuis blijven wonen en dat is hem veel waard op zijn oude dag. TEKST LETTERHUIS FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

W

anneer meneer Veen de deur opendoet voor Sjieuwke, verschijnt er een stralende lach op zijn gezicht. Hij heeft op haar gerekend, want de koffie staat al klaar. Meneer Veen woont sinds 2010 in een aanleunwoning bij Coornhert State. Sjieuwke is een van zijn vaste verzorgers. Ze hebben een hechte band. “Sjieuwke en haar collega’s zijn heel belangrijk voor me”, begint meneer Veen.

Zelfredzaam met een beetje hulp “Meneer Veen is een vrolijk persoon. Hij haalt regelmatig een grapje met me uit”, zegt Sjieuwke. “Hij is dan wel bijna 90, maar nog altijd jong van geest.” Elke morgen krijgt meneer Veen bezoek van het wijkteam. “Sjieuwke of een van haar collega’s helpt me met steunkousen aantrekken en douchen. Voor de rest doe ik alles zelf. Ik heb het goed voor elkaar. Het wijkteam is altijd in de buurt en dat geeft me een veilig gevoel. Ik wil hier graag zo lang mogelijk blijven wonen.” Meneer Veen woont in een fijn buurtje. Hij is vitaal en biedt anderen regelmatig een helpende hand. “Ik heb vroeger veel gefietst, daarom sta ik nog zo sterk op mijn benen”, vertelt hij enthousiast. “En dat komt goed van pas, want elke zondag breng ik mijn buren in hun rolstoel naar Coornhert State voor koffie en gebak. Na afloop breng ik ze weer netjes thuis. In deze tijd moeten we elkaar een beetje helpen.”

40 Meriander

Stapje extra Daar is Sjieuwke het helemaal mee eens: “Betrokkenheid in de buurt is heel belangrijk. Dat kan ik alleen maar beamen als wijkverzorgende.” Ze steekt veel passie en liefde in haar werk. Tijdens haar ronde bezoekt ze tien tot elf mensen en dat is best druk. “Het is zwaar werk en de werkdruk in de zorg is hoog. Desondanks wil ik ál mijn cliënten de aandacht geven die ze nodig hebben. Soms moet ik daarom een stapje extra zetten. Toch vind ik altijd wel een moment om even bij te praten met mijn cliënten. Mijn collega’s en ik hechten veel waarde aan een warme, persoonlijke benadering.”

Uiteenlopende zorgtaken Wijkzorg van Meriant is er niet alleen voor ouderen die zorg of verpleging nodig hebben. Ook mensen met een tijdelijke hulpvraag kunnen een beroep doen op het wijkteam. “Onze zorgtaken verschillen per cliënt”, legt Sjieuwke uit. “Van helpen met opstaan, douchen en aankleden tot het toedienen van medicijnen.” Het komt ook voor dat ze met spoed wordt opgeroepen tijdens een dienst. Bijvoorbeeld als er iemand ongelukkig valt. “Een ongeluk zit soms in een klein hoekje. Gelukkig zijn we snel ter plekke als er wat gebeurt. We hebben korte lijnen met huisartsen en ziekenhuizen en we kunnen altijd terugvallen op de expertise van de woonzorglocaties in Heerenveen en Wolvega.”


‘Het wijkteam is altijd in de buurt en dat geeft me een veilig gevoel’ Luisterend oor Naast haar zorgtaken biedt Sjieuwke een luisterend oor. Haar cliënten kunnen altijd bij haar terecht. Meneer Veen: “Ik heb een goede relatie met mijn kinderen, maar ik wil ze niet met elk wissewasje lastigvallen. Ze wonen niet in de buurt. Als ik wat wil bespreken, mag ik altijd bij Sjieuwke of een van de andere wijkverzorgenden aankloppen. Voorheen was mijn echtgenote Froukje mijn grote steun en toeverlaat, totdat ze ziek werd en ik voor haar moest zorgen. Dat was zwaar, want ze had dementie en ging snel achteruit.” Meneer Veen kreeg in die periode ondersteuning van Meriant. “Ik werd geholpen bij de verzorging van mijn vrouw, zodat ik wat meer tijd en energie voor mezelf overhield. Froukje en ik hebben nog veel mooie momenten beleefd samen. Helaas is ze twee jaar geleden overleden.”

Nooit uitgepraat Meneer Veen pinkt een traantje weg. Sjieuwke slaat een arm om hem heen en zegt: “Meneer Veen heeft veel liefdevolle herinneringen aan zijn echtgenote. We praten vaak over de mooie vakantiereizen die ze samen hebben gemaakt.” Vol trots laat hij een paar oude vakantiefoto’s zien. “Froukje en ik hebben na ons pensioen verre fietsreizen gemaakt. Zij was de dapperste van ons twee. Zonder enige angst sprintte ze van een berg af. Tegen de tijd dat ik beneden was, zat zij al lekker een ijsje te eten op het terras.” Sjieuwke glimlacht. “Op momenten als deze geniet ik extra van mijn werk. Meneer Veen kan zo passievol vertellen. Hij raakt nooit uitgepraat. Dit werk is mijn leven.”

Sjieuwke Jongsma en de heer Van Veen

41


Drijfveer ZIJ-INSTROMER ELLEMIJN VAN GINKEL:

‘Ik voel I me hier helemaal thuis’

k ben geboren in Denemarken, waar mijn Nederlandse ouders een boerenbedrijf hadden. Toen ik acht was, gingen we naar Nederland. Kort daarna scheidden mijn ouders. Mijn vader en broertje vertrokken naar Denemarken, mijn moeder, zus en ik bleven hier. We woonden in Kuinre, waar ik naar school ging en veel vrienden kreeg. Omdat mijn ouders toch weer samen verder wilden, moest ik met mijn moeder terug naar Denemarken. Ik was twaalf en vond het moeilijk om mijn oudere zus en vrienden achter te laten. De eerste tijd had ik veel heimwee. Ooit ga ik terug naar Nederland, nam ik me voor. En ga ik werken in de zorg, ook dat wist ik zeker. Ter voorbereiding koos ik in Denemarken de mbo-opleiding helpende IG. Dat betekende 37 uur per week werken en daarnaast studeren. Heel pittig. Vrije tijd had ik nauwelijks. Toen ik door een Nederlandse vriendin werd getipt over de mogelijkheid van zij-instromen bij Meriant kon ik niet eens naar Nederland om te solliciteren. Terwijl zo’n leerwerktraject precies was wat ik wilde.

Ellemijn van Ginkel (19) kan haar geluk niet op. Sinds november 2017 volgt ze als zij-instromer een leerwerktraject bij Meriant. Een langgekoesterde wens, in Nederland in de ouderenzorg werken, ging hiermee in vervulling. Maar het kwam haar niet aanwaaien. TEKST ANNET FRANSSEN FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

Ik schreef toch een sollicitatiebrief en werd tot mijn verbazing uitgenodigd voor een speeddate. Gelukkig kon dit vanuit Denemarken via Skype. Ik vond het erg spannend. Vooral omdat ik achterliep met mijn Nederlands. Maar blijkbaar kwam ik overtuigend over, want ik kon door naar de volgende ronde. Daarna ging het snel. Na een paar testen en een meeloopdag hoorde ik via de mail dat ik was aangenomen. Ik was echt super opgelucht en blij! Na mijn examen in Denemarken vertrok ik direct naar Wolvega, waar ik op kosten van Meriant startte met de combinatieopleiding verzorgende IG & maatschappelijke zorg, verzorgd door het Friesland College. Ik begon bij Wijkzorg Meriant, maar sinds kort werk ik 20 uur per week op de afdelingen het Skûtsje en de Helmstok in Herema State, waar ik ook mijn wekelijkse vijf studie-uren volg. Hier voel ik me helemaal thuis. Nee, ik ben niet alleen aan het wassen en aankleden, zoals sommige vrienden denken. Contact maken, aanraken, luisteren: daar gaat het om. Rekening houden met de wensen van bewoners. Zo vraag ik elke dag opnieuw wanneer iemand zijn koffie wil drinken. Dat wil je zelf toch ook? Ik huur een huis in Kuinre. Dat is fijn, maar wel kostbaar. Daarom werk ik ook nog een à twee dagen per week in een restaurant. Hard werken is helemaal niet erg, vind ik. Mijn studiebegeleider Edu Hoekstra nomineerde me dit jaar voor de Friesland College Award ‘Doorzetter van het jaar’. Al won ik hem niet, ik kan inderdaad doorzetten. Gelukkig maar, want ik heb nu wel een droombaan in Nederland.” www.meriant.nl/praktijkroute

42 Meriander


‘Contact maken, aanraken, luisteren: daar gaat het om’ Ellemijn van Ginkel

43


Revalidatie MEVROUW CORNELISZ:

‘Die meiden verdienen een pluim’ Mevrouw Cornelisz-Roos (85) verblijft op revalidatieafdeling de Tjonger in woonzorgcentrum LindeStede. Twee maanden geleden kreeg ze thuis een beroerte. Na vijf dagen ziekenhuis kwam ze terecht op de revalidatieafdeling in Wolvega. Haar dochter woont namelijk in Noordwolde. Lekker dichtbij. TEKST JOUKJE MARRA FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

A

ls ik bij afdeling de Tjonger arriveer, wachten mevrouw Cornelisz en haar dochter mij al op in de gezamenlijke huiskamer. “Mijn dochter komt me iedere dag opzoeken”, vertelt mevrouw Cornelisz. Ze is daar erg blij mee vertelt ze terwijl we naar haar eigen kamer gaan, waar we even wat rustiger kunnen zitten. Mevrouw Cornelisz woont in Weesp, maar haar twee dochters en (achter) kleinkinderen zitten een eind uit de buurt. “Twee maanden geleden kreeg ik een beroerte”, vertelt ze. “Ik viel, kon niet meer opstaan en ook niets

44 Meriander

pakken. Nou, dan blijf ik maar liggen totdat iemand me vindt, dacht ik. Gelukkig kwam de buurvrouw nog diezelfde middag langs. Zij en haar man haalden hulp en zo belandde ik in het ziekenhuis van Blaricum. Ik verbleef daar vijf dagen en moest daarna op zoek naar een revalidatieplek. Mijn dochter woont in Noordwolde en ik wilde graag bij haar in de buurt revalideren. Zo kwam ik bij LindeStede terecht.” Mevrouw Cornelisz is heel blij met deze keuze. Niet alleen haar dochter bezoekt haar vaak, ook haar (achter) kleinkinderen komen regelmatig langs.

Fysiotherapeut Annigje Mensonides en mevrouw Cornelisz


Weer achter de rollator Ze verblijft inmiddels twee maanden op afdeling de Tjonger. Hier krijgt ze verschillende behandelingen, waaronder fysiotherapie. Dankzij de begeleiding van fysiotherapeut Annigje Mensonides kan ze met wat hulp weer achter haar rollator lopen. “Daar liep ik voor mijn beroerte ook al mee, hoor”, vertelt mevrouw Cornelisz. Gelukkig kan ze haar linkerarm weer redelijk goed gebruiken. “Maar mijn linkerbeen doet nog weleens een beetje raar”, lacht ze. Haar doel is om zich weer zonder hulp te redden. Ze wil zelf kunnen douchen, zelf naar het toilet kunnen gaan en zelfstandig achter haar rollator lopen. Lukt dat, dan kan ze weer naar huis. “Nou ja, naar huis ... Ik wil heel graag in Noordwolde komen wonen, dicht bij mijn dochter. Dan ben ik niet zo alleen.” Ook heeft ze een bijzondere band met Friesland, waar ze lang geleden al eens woonde. Als meisje verbleef ze tijdens de Hongerwinter van 1944-1945 in Gaastmeer. “Dat was een heel moeilijke periode’’, vertelt ze. ‘’Die tijd mag nooit vergeten worden.” Intussen heeft ze de knoop doorgehakt. Ze staat op de wachtlijst voor een huisje in Noordwolde. Op de vraag wat ze van LindeStede vindt, antwoordt ze: “Het is hier fantastisch. Die meiden verdienen een pluim, echt waar. Het is ze nooit teveel. Ze hebben een zware baan, dat wordt vaak onderschat.” Als ik vraag wat er beter kan, is het even stil. “Dat weet ik niet. Het eten is goed en die meiden zijn zó vriendelijk. Het zijn net vriendinnen van me.”

45


Meld het ons! KLACHTENAFHANDELING DRAAIT OM VERBINDING

‘Een goed gesprek kan al veel oplossen’ Een klacht indienen. Het klinkt zo simpel, maar het kan best moeilijk zijn om bij irritaties, onvrede of zorgen aan de bel te trekken. “Daarom waardeert Meriant het als bewoners of familieleden benoemen waar het in de zorg misgaat of beter kan”, zegt klachtenadviseur Ingrid de Jong. “Daar leren we van en het klaart de lucht.” TEKST AMBER BOOMSMA FOTOGRAFIE TEAM HORSTHUIS

D

e combinatie van wonen en zorg biedt veel voordelen, maar als er zaken niet naar tevredenheid gaan, kan de impact groot zijn. “We werken in de leefomgeving van onze bewoners en dat vergroot het gevoel van afhankelijkheid”, beseft Ingrid. “Dat geldt ook voor de familie, die graag wil dat hun dierbare in goede handen is. Daarom nemen we klachten heel serieus. Elke melding wordt zorgvuldig onderzocht. Ook bij kritische noten of verbeterwensen kijken we of iemand een goed punt heeft en wat er mogelijk is.” Klachten worden anoniem geregistreerd om de kwaliteit van zorg te verbeteren. “Al komt niet elke klacht rechtstreeks bij mij terecht”, vertelt de adviseur. “Het mooiste is als aandachtspunten direct op de werkvloer met de betrokkenen worden opgelost. De zorgcoördinatoren en clusterhoofden stellen zich zo open en laagdrempelig mogelijk op. Toch praten bewoners of familieleden soms liever met iemand die wat meer op afstand staat. Omdat de situatie daar om

46 Meriander

vraagt, of omdat iemand bang is als zeurpiet gezien te worden. Door mijn onafhankelijke positie spreken mensen zich bij mij wat vrijer uit.”

Gehoord en gezien worden Als bewoners of familie haar rechtstreeks benaderen, achterhaalt Ingrid de ‘angel’ in de klacht. Dat begint met luisteren zonder oordeel. “Het is belangrijk dat mensen hun verhaal kunnen doen. Vervolgens filteren we samen de kern eruit, door te benoemen waar de pijn zit en dáár een oplossing voor te vinden. De aard van de klachten is heel divers, maar wat er vaak achter zit, is dat mensen zich niet gehoord of gezien voelen. Het gebeurt in allerlei situaties dat zorgmedewerkers met de beste intenties tóch voorbijgaan aan iets wat voor een bewoner belangrijk is.”

Ingrid de Jong, klachtenadviseur

“Daarom zijn we blij als bewoners of familieleden tijdig aan de bel trekken”, benadrukt Ingrid. “Hoe eerder, hoe beter. Want juist als er dingen misgaan door ruis in de communicatie of verschillende verwachtingen, kan een

goed gesprek al veel oplossen. Het afhandelen van klachten is altijd maatwerk, waarbij we ons best doen het echt sámen op te lossen. Die verbinding maakt immers dat we weer goed met elkaar verder kunnen.”


Colofon Meriander is een uitgave van Meriant, een organisatie voor ouderenzorg. Het magazine verschijnt één maal per jaar en is bedoeld voor bewoners, cliënten, familie, vrijwilligers en andere belangstellenden. Meriant maakt deel uit van Zorggroep Alliade. Redactie Afdeling Marketing en Communicatie - Zorggroep Alliade in samenwerking met Annet Franssen tekstproducties. Teksten Gerard Akkerman, Amber Boomsma, Hugo Broekman, Mieke Draijer, Annet Franssen, Letterhuis (Esther van Opzeeland), Annemiek Manuel en Joukje Marra Ontwerp en vormgeving De Bey communicatie & vormgeving

‘Vroeger schommelde ik ook zo graag’

M

evrouw Engelsma: “Ik was een eindje aan het wandelen in de tuin van Herema State. Samen met nog een bewoner en twee zorgmedewerkers. In de tuin liepen we langs een schommel. Ik bedacht me niet en vroeg een van de zorgmedewerkers om me op de schommel te helpen.

Ik ben iemand die heel veel durft en niet snel bang is. Vroeger mocht ik ook zo graag schommelen, maar toen sprong ik er alleen op. Nu vroeg ik toch maar hulp, want alleen zou het te spannend worden. Met die twee sterke dames erbij durfde ik het wel aan. Toen ik eenmaal op de schommel zat, kreeg ik echt het gevoel van vroeger terug. Heerlijk! Ik ben heel blij dat ik het heb gedaan en zou het zo weer doen. Ik ben 87 jaar, maar ben nog niet te oud om te schommelen!”

Fotografie Team Horsthuis, Fotobureau Hoge Noorden Druk Drukkerij van der Eems Meriander online De laatst verschenen uitgaven van Meriander staan op onze website: www.meriant.nl. Copyright Voor overname van tekst en foto’s is toestemming nodig van de redactie. Redactieadres: Afdeling Marketing en Communicatie, Postbus 303, 8440 AH Heerenveen. Adreswijziging Stuur uw oude en nieuwe adres met uw naam naar communicatie@alliade.nl.

47


Meer informatie Heeft u vragen of behoefte aan meer informatie, kijk dan op www.meriant.nl of bel ons klantadviescentrum: 088 - 603 03 35.

Meriander jaaruitgave 2018  
Meriander jaaruitgave 2018  
Advertisement