Mens & Missie #2 2021

Page 1

Mens&Missie Omdat geweld stopt waar mensen met elkaar in gesprek gaan

Ibu Martince moest vluchten voor een religieus conflict Op weg naar meer tolerantie in Indonesië Jaargang 13 Najaar 2021


INHOUD

AZIË 5 Bezield - Indonesië 8 Missiepost - Irak

MEER VERBINDING, MEER TOLERANTIE IN INDONESIË Een vier jaar durend gewelddadig conflict tussen christenen en moslims zorgde in Poso, Indonesië voor veel spanning, haat en wrok tussen de verschillende bevolkingsgroepen. Met uw steun brengen we deze groepen met elkaar in gesprek, om zo vooroordelen weg te nemen en tot duurzame vrede te komen.

14 Dossier Indonesië AFRIKA 10 Verandering - Uganda LATIJNS-AMERIKA 19 Verandering - Bolivia IN ELKE M&M 3 Van betekenis 4 Lichtpuntjes 9 Hier en Daar 12 Mens en Missie 18 Raak! 21 Uitgelicht 22 Raak Extra

19

Op de coverfoto:

10

Ibu Martince moest tijdens een gewelddadig, religieus conflict in Poso, Indonesië haar dorp ontvluchten. Nu staat ze op als verbinder. 'Moslim of christen, we hebben allemaal hetzelfde verhaal. Samen kunnen we onze wrok wegnemen en vrede vinden.’ Foto achterkant: Ibu Nurlaeli leerde op de vrouwenschool in Poso over andere religies en leiderschap. Ze pleit voor meer dialoog tussen verschillende bevolkingsgroepen om zo een nieuw conflict te voorkomen.

Colofon Redactie: Esther Pordon, Tjeerd Rienstra, Barbel van Zuylen Fotografie: Alain Baars, Elahe Beigi, Pedro Laguna, Joshua Marundu, Sue Useem, Eric Wakabi Ontwerp & opmaak: Vliegende Varkens concept | ontwerp | strategie Druk en verspreiding: Mailtraffic

Dit magazine verschijnt twee keer per jaar en is bestemd voor donateurs en belang­stellenden van Mensen met een Missie.

Uitgever en copyright: Postbus 16442 | 2500 BK Den Haag Mensen met een Missie 070 21 99 600 | info@mensenmeteenmissie.nl

Voor informatie over hoe u Mensen met een Missie kunt steunen, zie de website

RSIN 001031405 | IBAN NL53RABO 017.89.90.000 t.n.v. Mensen met een Missie

mensenmeteenmissie.nl

Issn 1878-9064 Gedrukt op mixed FSC-papier Niets uit deze uitgave mag geheel of gedeeltelijk worden opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar worden gemaakt op welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.


Zuster Judith heeft haar leven toegewijd aan het helpen van haar medemens. In Uganda vangt zij vluchtelingen en slachtoffers van huiselijk geweld op en biedt o.a. hulp bij traumaverwerking.

Mensen met een Missie zijn wij samen. En samen zijn wij van betekenis. Dat ervoer speciaal gezant voor religie en levensovertuiging Jos Douma onlangs nog op een conferentie in Bologna, Italië.

Van betekenis

Mensen en hun missie In september had ik het plezier eindelijk weer eens in Bologna te zijn. Ik woonde een conferentie bij waar religieuze leiders en andere geïnteresseerden spraken over herstel. Het was ‘time to heal’. Bij een van de panels trok Mohamed mijn aandacht. Had ik hem niet al eens horen spreken? Inderdaad, in oktober 2019 vertelde Mohamed over de uitdagingen en resultaten van zijn netwerk van vredestichters in Afrika. Toen ik Mohamed benaderde of hij interesse had in een gesprek, zei hij meteen ja. Hij had al gehoopt me te kunnen spreken. Over ‘Mensen’… PERSOONLIJKE ONTMOETINGEN Kijk, nu was het niet slechts leuk weer in Bologna te zijn, het werd vooral weer duidelijk hoe belangrijk die bijeenkomsten zijn. Zelfs als referaten en panels tegenvallen zijn er die persoonlijke ontmoetingen, iets meer afstand dan vroeger en in eerste instantie met mondkapje, maar persoonlijk en direct. Toen we aan het einde van de dag bijeen zaten, kwam het gesprek gauw op ‘Mensen’. Mohamed kende Floor, haar achternaam was hij vergeten, maar haar voornaam lag voor op de tong. De organisatie was hem vertrouwd, maar de naam Mensen met een Missie te lang voor hem. Dus Mensen volstond om de relatie duidelijk te maken en de boodschap over te brengen. VOOR ELKAAR En ook al weet ik niet of Mohamed de diepte van die afkorting volledig beseft, bij mij kwam het binnen: mensen werken voor mensen. En toch ben ik blij met die toevoeging, Missie. Het zegt iets over de oorsprong van de organisatie, geeft haar wortels. En het zegt ook veel over de drijfveren. Toch is het eigenlijk nog een container. Het woord behoeft invulling.

Jos Douma is speciaal gezant voor religie en levensovertuiging. In onze gezamenlijke missie voor meer aandacht voor religie en levensovertuiging in het Nederlandse buitenland- en mensenrechtenbeleid, trekken we regelmatig samen op.

DUS WAT IS UW MISSIE? VANDAAG, IN UW WERK, IN UW LEVEN?

3


Lichtpuntjes - Nederland

‘Ik neem u mee in de wereld van internationale netwerken, lobby en verrassende ontmoetingen. En laat u de lichtpuntjes zien die steeds feller worden.’ Rick van der Woud, Directeur van Mensen met een Missie.

Onderweg met Rick Religie doet ertoe. In landen als Indonesië en Pakistan doet religie ertoe omdat hindoes en christenen niet echt mee mogen doen. Op de werkvloer, op het marktplein, in de politiek. Religie doet ertoe, omdat juist tussen deze religieuze minderheden en de islamitische meerderheid grote economische verschillen bestaan.

Botte weigering

Toch doen overheden hun best, het zijn net mensen, om te doen alsof religie er niet toe doet. ‘Hindoes en christenen worden helemaal niet benadeeld, iedereen is gelijk voor de wet’, zeggen politici in koor. Dat de brandweer in Pakistan traag reageert als een hindoetempel in brand staat, of dat de politie in Indonesië iets te laat in actie komt als christenen bij hun gang naar de kerk worden bedreigd, daar wordt overheen gekeken. De botte weigering om te erkennen dat religie er wel toe doet, maakt een gesprek over hoe het anders zou kunnen, onmogelijk.

Erover spreken

De manier om discriminatie op basis van geloof te stoppen, is om open en eerlijk over religie te spreken, en om waarden als diversiteit, gelijkwaardigheid en inclusie toe te passen. Juist met het oog op het feit dat deze minderheden al decennia - zo niet eeuwenlang - worden onderdrukt omdat ze een ander geloof hebben dan de rest.

Nieuwsgierig naar de ander

Ieder mens telt, en is gelijkwaardig aan de ander. Ieder mens heeft er recht op om zich te kunnen ontplooien. We moeten niet achteroverleunen en religieuze verschillen negeren of wegwensen. Want daarmee doen we alsof religieuze verschillen en ongelijkheid niet bestaan. Nee, we moeten nieuwsgierig zijn naar de ander. Erkennen dat er verschillen zijn, hoe onrechtvaardig soms ook. Maar dat kan alleen als we het gesprek zoeken met die ander. Want naar elkaar luisteren helpt.

Wat vindt u? Mail uw reactie naar rickvanderwoud@mensenmeteenmissie.nl

Vanuit het hart & met bezieling. Zo werken onze lokale samen­ werkingspartners aan vrouwenrechten, conflictoplossing, interreligieuze dialoog en traumaverwerking.

In Indonesië doen we dat samen met Lian, die zich al meer al dan tien jaar inzet voor haar gemeenschap in en rondom Poso op het eiland Sulawesi.

Bezield ‘Toen eind 1998 een gewelddadig conflict in mijn geboortestad Poso uitbrak, studeerde ik theologie op Java terwijl mijn familie nog in Poso - 1500 kilometer verderop, op Sulawesi - woonde. De media schreven van alles over het geweld tussen christenen en moslims. Maar niet over hoe dit conflict had kunnen ontstaan. Ik besloot mijn afstudeeronderzoek eraan te wijden.’


Samen met aan de vrouwenschool afgestudeerde vrouwen werkt Lian constant aan nieuwe plannen om de gemeenschappen in Poso samen te brengen.

Bezield - Indonsesië

‘Iedereen kan een veranderaar zijn’

Door: Tjeerd Rienstra

Lians missie voor duurzame vrede in en rondom Poso

Lians grootste voorbeeld; als klein meisje volgt ze haar

ontstond uit een combinatie van haar theologie-opleiding,

vader overal waar hij gaat. ‘Hij ging van dorp naar dorp

haar ervaringen als alleenstaande moeder in Poso en

om te preken of een dienst te leiden. Zo zag ik met eigen

haar onderzoek: ‘Ik wil vrouwen inspireren en ze leren

ogen hoe je gemeenschappen bij elkaar brengt.’ Tolerantie

voor zichzelf op te komen. Zij zijn de sleutel.’

en opstaan voor je idealen krijgt Lian ook van huis uit mee. ‘Mijn ouders gingen nooit met de stroom mee, ze

GEMEENSCHAPPEN SAMENBRENGEN

waren best rebels maar ze accepteerden iedereen zoals

Nerlian Gogali (roepnaam Lian) groeit op in een warm en

ze waren.’

liefdevol gezin, als dochter van een predikant en een onderwijzeres. Lezen leert ze al op jonge leeftijd, wanneer

WANTROUWEN EN SPANNING

haar vader de krant meeneemt naar hun huis in een dorp

Eind 1998 gaat het mis in de Poso-regio. Er zijn

ten zuiden van Poso. ‘Ik vond het fantastisch mijn vader

bomaanslagen op markten. Huizen van moslims, hindoes

te zien lezen en wilde dat ook kunnen.’ Haar ouders zijn

en christenen worden over en weer in brand gestoken.

>> 5


INTERRELIGIEUZE TOLERANTIE

Hele families, horend bij de religieuze minderheid in een

‘We praatten veel over de situatie thuis, dat zo ver weg

dorp of wijk, worden omgebracht. Lian maakt het van

was van ons. Christenen gaven moslims de schuld van

dichtbij mee wanneer ze tijdelijk van Java terugkeert naar

het conflict en andersom. Maar ik zag dat het veel

Poso vanwege het overlijden van haar vader. ‘Het was niet

complexer lag. Dat wilde ik laten zien met mijn onder­-

veilig in ons dorp. Er werden bij ons alleen huizen van

zoek.’ Die onvermoeibare toewijding en nieuwsgierigheid,

moslims in brand gestoken, maar mijn familie bestond uit

en Lians latere werk voor de eerste interreligieuze

zowel christenen als moslims.’ Na zo’n drie jaar tekenen

organisatie van Indonesië inspireren haar om in 2009

lokale religieuze leiders een vredesakkoord, maar het

haar eigen organisatie te starten: Mosintuwu.

geweld laat diepe sporen na in de verschillende bevolkingsgroepen.

‘Ik wil andere vrouwen inspireren en ze leren voor zichzelf op te komen’

Met Mosintuwu - ‘saamhorigheid’ in de lokale taal brengt Lian vrouwen en jongeren van verschillende geloofs­groepen bij elkaar. Die benadering was hard nodig in Poso, waar na het conflict nog veel spanning heerste. Lian: ‘Veel organisaties kwamen ons ‘helpen’ maar het werk dat ze deden was kortstondig, niet

Lian weigert een kant te kiezen en sluit zich tijdens

duurzaam en ze negeerden onze cultuur. Ze betaalden

haar studie op Java aan bij interreligieuze discussie­

mensen om naar hun bijeenkomsten te komen. Terwijl

groepen. Daar ontmoet ze moslimjongeren uit Poso.

wij van nature al enorm betrokken zijn bij onze gemeen­

Voor Lian Gogali is onderwijs de sleutel naar meer tolerantie en verbinding tussen bevolkings- en geloofsgroepen.

6

VERANDEREN VAN OVERTUIGINGEN


Bezield - Indonesië

schap. Daar hoef je ons niet voor te betalen. Ik vond dat wij, de mensen uit Poso, zelf veel beter wisten hoe we de problemen konden oplossen. Wij kennen de context en zien wat onze mensen nodig hebben. Mensen met een Missie deelt die visie. Dankzij hun steun kon ik een vrouwen­school beginnen.’ In Indonesië en dus ook in Poso hebben mannen een dominante rol in de samenleving. Vrouwen zorgen voor het huishouden en er wordt verwacht dat ze doen wat hun man zegt. Zo komen vrouwen weinig in contact met mensen met een ander geloof en blijven vooroordelen bestaan. De vrouwenschool van Lian brengt daar verandering in. Daar komen vrouwen met allerlei religieuze achtergronden juist samen en leren ze over elkaars gebruiken en overeenkomsten. ‘Vrouwen zijn zó ver­ schrikkelijk belangrijk in de gemeenschap en bij het veranderen van overtuigingen. Zij helpen de nieuwe generatie opgroeien zónder die vooroordelen over andere religies.’ Lian is ervan overtuigd dat iedereen een veranderaar kan zijn. Met tomeloze passie zet zij zich in voor een betere positie van vrouwen en voor tolerantie. Vol trots ziet ze de vooruitgang van de afgelopen jaren. ‘Vroeger was hier geen enkele vrouw in een belangrijke positie, zoals dorpshoofd. Nu zijn het er verdeeld over de verschillende dorpen in de omgeving wel

Het Mosintuwu-instituut bevindt zich te midden van de rijstvelden.

tweehonderd!’

‘Vrouwen helpen de nieuwe generatie opgroeien zonder vooroordelen over andere religies’

gescheiden van andere geloofsgroepen les kregen, werd de inter­religieuze jongerenschool opgericht. En momenteel werkt Lian met een team van weten­schappers en omwonenden van het Meer van Poso aan een campagne om het gebied tot

TOEKOMST DOOR EDUCATIE

UNESCO Geologisch Erfgoed uit te

Inmiddels biedt Mosintuwu met steun van Mensen met

roepen. Uiteraard met educatieve

een Missie verschillende onderwijsprogramma’s aan.

elementen. ‘Want,’ zo besluit Lian

Elk programma richt zich op een ander aspect van de

vastberaden, ‘zonder educatie blijven

samenleving, waarbij de behoefte van de mensen altijd

we leven in angst, uit onwetendheid

centraal staat. ‘De vrouwen die naar de vrouwenschool

over ‘de ander’, terwijl we door educatie

kwamen, namen hun kinderen mee. Maar die begrepen

samen kunnen werken aan de toekomst.’

Tjeerd Rienstra werkt, als verantwoordelijke voor het Freedom of Religion and Belief-programma van Mensen met een Missie in Indonesië, veel met Lian samen. ‘Haar gedrevenheid en enthousiasme zijn aanstekelijk.’

niet waar we het tijdens de lessen over hadden, dus creëerden we een ruimte waar kinderen met elkaar kunnen lezen.’ Voor oudere kinderen, die op school

7


MISSIE [POST [ Vrouwen in Irak en Koerdistan hebben op grote schaal te maken met onderdrukking, discriminatie en geweld. Mensen met een Missie wil daar verandering in brengen. We doen dat samen met Bahar Munzir. Met haar team zet zij zich in Koerdistan in voor de positie van vrouwen in de regio. Ze ervaart zelf dagelijks onderdrukking.

‘Koerdistan is achteruit in plaats van vooruit gegaan’ ‘Vrouwen worden verkracht en vervolgens vermoord of in de gevangenis gezet. Zowel de cultuur als het rechtssysteem behandelt vrouwen met compleet andere normen dan mannen’, zegt Bahar Munzir met kwade blik.

Als activiste voor vrouwen­ rechten in Irak en Koerdistan wordt Bahar regelmatig met de dood bedreigd. Op onze website vertelt ze uitgebreid over jeugd in Koerdistan, haar drijfveren en hoe ze omgaat met het geweld. Ga naar www.mensenmeteenmissie.nl om Bahar's verhaal te lezen.

8

Al 30 jaar staat Bahar op de barricades voor betere vrouwenrechten in Koerdistan, maar volgens haar is de situatie er sindsdien niet direct beter op geworden. ‘Met de jaren is de politieke islam steeds groter geworden en daarmee de onderdrukking van vrouwen ook. De urgentie van ons werk is alleen maar toegenomen, juist omdat er minder ruimte is voor een tegengeluid.’ OOK POSITIEVE VERANDERING Gelukkig zijn sommige dingen ook wél verbeterd, mede dankzij het vele werk van Bahar en haar team. Ze werkt onder andere aan het veranderen van beleid in Koerdistan en het verspreiden van kennis over vrouwenrechten, kindhuwelijken, vrouwenmoord en -besnijdenis. ‘We hebben ervoor gezorgd dat er nu een wet op huiselijk geweld is. Zonder die wet zou het nog steeds legaal zijn voor een man om zijn vrouw te slaan. Er is ook eindelijk een wet die vrouwenbesnijdenis verbiedt. Dit is de eerste plaats in het Midden-Oosten waar zo’n wet bestaat.’ Maar de ongelijke behandeling van vrouwen is nog steeds een groot probleem. ‘Ik wil het parlement tot verantwoording roepen. Wat doen ze op gebied van vrouwenrechten? Er móet meer aandacht komen voor deze problemen, er móet meer gedaan worden. Daar blijf ik me, samen met Mensen met een Missie, voor inzetten.’


INTERRELIGIEUZE DIALOOG Hier en daar - Nederland Sinds 2018 werkt Mensen met een Missie met het programma Freedom of Religion and Belief in Kenia, Pakistan en Indonesië aan religieuze tolerantie, insluiting van religieuze minderheden en de vermindering van radicalisering. Door te werken vanuit diverse geloofsperspectieven bouwen we aan sterke interreligieuze relaties. Hoewel ons werk op het gebied van inter­religieuze tolerantie altijd door blijft gaan, loopt dit door het ministerie van Buitenlandse Zaken gesteunde programma eind 2021 af. Wat hebben we gedaan en wat is er bereikt?

TJEERD RIENSTRA, programmaverantwoordelijke Mensen met een Missie: ‘Onze samenwerkingspartners hebben hun vizier altijd gericht op een toekomst zonder gewelddadige overtuigingen. Ze gaan door, zonder zichzelf de tijd te gunnen ook eens terug te blikken op de verandering die ze al hebben gerealiseerd. Met het Freedom of Religion and Belief-programma in Kenia, Pakistan en Indonesië kijken we terug op het succesvol verbinden van mensen en het op gang brengen van dialoog. In Nederland ondersteunden we dat onder andere met een expertmeeting in Den Haag, een uitwisseling van jongeren uit Kenia, Indonesië en Nederland, en het virtuele werkbezoek van toenmalig minister Stef Blok aan lokale vredeswerkers in Kenia.’

ALIFATUL, Fahmina Institute - Indonesië ‘Graag deel ik het verhaal van Devi. Zij staat symbool voor de verandering die we met ons werk onder jongeren proberen aan te zwengelen. Toen Devi voor het eerst aan ons interreligieuze programma meedeed was ze erg verlegen. Ze vond het lastig om contact te leggen met mensen van andere religieuze achtergronden. Inmiddels spreekt ze zich in haar vriendenkring en daarbuiten hardop uit voor interreligieuze tolerantie. Ze organiseert activiteiten die de saamhorigheid tussen mensen van verschillende geloven benadrukken. En ze is onlangs verkozen tot voorzitter van de Nahdlatul Ulama Women’s Student Association in Cirebon, waar ze als leider het goede voorbeeld geeft aan vele anderen.’

ROLEX, Inter-Religious Council of Kenya (IRCK) - Kenia ‘We hebben zo’n 600 jongeren die actief waren in criminele en terroristische organisaties kunnen helpen re-inte­ greren in hun gemeenschappen. Door het geven van mediatietrainingen en het ondersteunen van samenwerking ­tussen vrouwen, jongeren en de overheid kozen zij voor een ander leven. Vroeger greep de overheid hardhandig in, en dreef wantrouwen moslimjongeren juist verder het criminele circuit in. Nu werken zij steeds meer samen om gewelddadig conflict te voorkomen. We hebben het Nationale Contra-Terrorisme Centrum zelfs zover gekregen om programma’s voor jongeren op te zetten die zijn gericht op het geven van hoop en een gevoel van verbondenheid.’

NASEEM, Association of Women for Awareness and Motivation (AWAM) - Pakistan ‘Wanneer wij ons als christelijke minderheid in Pakistan uitspreken, bereikt dat maar een beperkte groep mensen. Maar hoe de ongelijkwaardigheid tussen de moslimmeerderheid en andere geloofsgroepen in het Pakistaanse onderwijssysteem is ingebouwd, dat gaat iedereen aan. Daarom ben ik er trots op dat we verschillende invloed­rijke mensen bijeen hebben gebracht in regionale actiecomités. Samen spreken zij zich uit over toegang tot kwalitatief goed en gelijkwaardig onderwijs voor iedereen. En ze zien erop toe dat er uit iedere minderheidsgroep een evenredig aantal leraren lid van schoolbesturen is.'

9


VROUWENRECHTEN

Wij geloven dat échte verandering van onderop komt. Daarom steunen wij mensen die aan de basis, in dorpen en gemeen­schappen in Azië, Afrika en Latijns-Amerika werken. Met hun inzet veranderen zij het leven van mensen. In Uganda hielp zuster Judith Athieno Agnes Atok een nieuw leven op te bouwen na een gewelddadig huwelijk.

Uganda

ruim 42 miljoen inwoners

Er zijn in dit land momenteel

1.484.356 vluchtelingen en ELKE DAG komen er 191 bij Elk jaar zijn in de Kiryandongo-regio

500 vrouwen slachtoffer van huiselijk geweld

Capacitar kan per jaar 50 vrouwen helpen & opleiden tot hulpverleners

10

‘Dankzij zuster Judith kan ik nu alles aan’’ Vijfendertig jaar geleden ontvluchtte Agnes Atok (67) de burgeroorlog in Zuid-Sudan, nadat haar man was vermoord. Met haar dochter en kleinkinderen zocht ze bescherming in de Kiryandongo-regio in Uganda, waar ze hertrouwde. Haar nieuwe man bleek echter een agressieve alcoholist die haar mishandelde. Met steun van zuster Judith Athieno verzamelde ze de moed om op eigen benen te staan. Nu helpt Agnes zelf vluchtelingen en slachtoffers van huiselijk geweld. Bang en kwetsbaar was Agnes bij aankomst in Uganda. Hertrouwen zou het beste zijn voor haar toekomst, dacht ze. Maar al snel bleek haar nieuwe man een gevaar te zijn voor haar en haar kleinkinderen. Agnes: ‘Als hij gedronken had sloeg hij mij, zonder reden. Mijn dochter was teruggegaan naar Zuid-Sudan, maar de kleinkinderen woonden bij ons. We waren hier niet veilig.’ Maar haar man verlaten vond Agnes enorm eng. ‘Waar moest ik dan heen? Wat zou er van mij worden? Een leven zonder een man kon ik me niet voorstellen.’

‘Ik was doodsbang om mijn gewelddadige man te verlaten’ OMGAAN MET INGRIJPENDE GEBEURTENISSEN Terwijl ze het geweld moest verduren en probeerde haar angst te overwinnen, ontmoette Agnes zuster Judith Athieno. Al tientallen jaren ondersteunt Judith met steun van Mensen


Verandering - Uganda Zuster Judith Athieno vangt al tientallen jaren vluchtelingen en slachtoffers van geweld op in de Kiryandongo-regio in Uganda.

GEWELD TEGEN VROUWEN Hoewel het in Uganda de laatste jaren rustiger is, is geweld tegen vrouwen nog steeds een groot probleem. Daarnaast wonen in Uganda veel getraumatiseerde vluchtelingen die proberen een nieuw leven op te bouwen. Judith Athieno: ‘Het leven hier in Uganda is niet makkelijk. De oorlogen om ons heen drukken nog steeds op de gemeenschappen. Er heerst veel armoede. Velen hebben helemaal niks, geen inkomen, geen voorzieningen en de zorg is slecht.’ Zuster Judith en de organisatie Capacitar werken al tientallen jaren met vluchtelingen in Uganda. ‘Deze mensen hebben zoveel meegemaakt, vooral de vrouwen, die naast oorlog ook vaak thuis met geweld te maken hebben. Met hen werken we aan traumaverwerking. Ik luister naar ze, geef sociaalpsychologische ondersteuning en geef trainingen over gendergerelateerd geweld, zodat ze hun verleden een plek kunnen geven, en door kunnen.’

Vluchtelingen in Uganda dansen en zingen tijdens een groepssessie met zuster Judith.

Dankzij de donateurs van Mensen met een Missie kunnen mensen als zuster Judith en Agnes een deel van de pijn verlichten. De steun van donateurs is van levensbelang. HELPT U OOK MEE?

met een Missie vluchtelingen in de regio met traumaverwerking en hulpverlening. Agnes: ‘Ik vertelde Judith over mijn huwelijksproblemen. Ik was zo bang en wanhopig. Zij benadrukte dat het welzijn van mijn vier kleindochters mijn grootste zorg was. Ze deed me inzien dat ik een keus had. Ik was wél sterk genoeg om het alleen te redden. Dankzij zuster Judith leerde ik met een positievere blik naar de toekomst kijken. Dat gaf me de moed om mijn man te verlaten.’ Ook in de periode die volgde bleef zuster Judith bij Agnes langskomen. Agnes: ‘Judith was er altijd voor me, wat ik ook nodig had, wanneer dan ook. Ik voelde me verschrikkelijk kwetsbaar, maar zuster Judith hielp mij om mijn leven opnieuw op te bouwen en om mijn ervaringen een plek te geven.’ WEER HELDER NADENKEN Naast dat ze regelmatig één op één met Judith praatte, bezocht Agnes ook praatgroepen die gericht zijn op traumaverwerking. Agnes: ‘De andere vluchtelingen en ik leerden hoe we met stress en trauma konden omgaan. We dansten en zongen samen, deelden onze verhalen en steunden elkaar. Dit zorgde langzamerhand voor meer ontspanning en verlichting.

We leerden geloven dat er mensen zijn die om ons geven. Het traumaverwerkingsprogramma heeft echt veel veranderd in mij. Ik wist eerst niet hoe ik moest omgaan met problemen en moeilijkheden, maar nu kan ik helder nadenken.’ Nu, vele jaren later, barst Agnes van het zelfvertrouwen en heeft ze een brede lach op haar gezicht. Ze helpt zuster Judith met huis­ bezoeken aan andere vluchtelingen en slachtoffers van huiselijk ­geweld. ‘Dankzij de hulp van Judith ben ik nu een sterke vrouw die alles aankan. Ik heb mijn verleden achter me gelaten en weet nu dat ik geweld niet hoef te accepteren.’ Judith: Ugandese journalisten Bonita Beatrice ‘Toen ik Agnes voor het Nanziri en Eric Wakabi reisden naar de eerst zag, was ze een Kiryandongo-regio in het westen van Uganda gebroken en verwarde en spraken daar met Agnes en Judith. vrouw. Als ik nu naar Eric maakte ook de foto’s van beide vrouwen. haar kijk, zie ik een bron van kracht en energie.’

11


Missionarissen stonden aan de wieg van Mensen met een Missie. Hun visie inspireert nog steeds ons werk: samenwerken aan sociale verandering, met respect voor de lokale situatie en religie als verbindende kracht tussen mensen. Wat leren deze mensen met een missie ons? Door: Barbel van Zuylen

‘Solidariteit is een voort­ durende bron van inspiratie’ Hij wist dat het kon gebeuren. Toch kwam het als een

met het leven van Nederlandse arbeiders. Daar zag hij

grote schok toen begin dit jaar zijn permanente visum

hoe armoede in ons land eruitziet.

werd ingenomen. Otto de Vries moest de Filipijnen na dertig jaar verlaten. ‘Ik vind het verschrikkelijk dat ik

Voorbereiden op zijn missie

mensen die me dierbaar zijn, moest achterlaten. Het

Otto nam deel aan oriëntatieweekenden van de Neder-

voelt alsof ik hen in de steek laat’, vertelt hij vanuit zijn

landse Missieraad voor mensen die missiewerk wilden

nieuwe onderkomen in Rotterdam.

doen. ‘Ik werd in die tijd geraakt door de manier waarop de religieuze groep Calama omging met geloof en dat

‘Nadat ik uit huis ging om biologie te studeren waren er

koppelde aan concrete ervaringen met arbeiders om soli-

drie momenten die mijn toekomst bepaalden’, begint

dariteit en rechtvaardigheid te tonen. Ik realiseerde me dat

Otto de Vries (62) zijn levensverhaal. ‘Ik ging werken

grote groepen mensen niet worden betrokken bij de maat-

op een boerderij en bij een steenfabriek en ik verbleef

schappij. Voor hen wilde ik me inzetten.’ Otto sloot zich

een jaar in Ivoorkust bij een wetenschappelijk instituut.’

aan bij de Calama-groep in Rotterdam, schoolde zich om

Andere wereld ontdekken

tot pijpfitter en ging werken in de haven. Vier jaar later vertrok hij als lekenmissionaris naar de Filipijnen.

Otto had niets te klagen toen hij opgroeide. ‘Ik kom uit een welgestelde familie en kende geen armoede. Op de boerderij leerde ik voor het eerst een andere wereld

‘Solidariteit overbrugt verschillen’

kennen.’ Daarna zag hij in Ivoorkust de scherpe tegen-

12

stelling tussen arm en rijk. ‘We leefden afgeschermd van

Samenwerken met de arbeiders en samenleven met de

de inwoners, in een soort ivoren toren van de weten-

armen, dat was de missie van Otto. Hij volgde taalcursus-

schap. Met alle luxe, los van de realiteit van de inwoners.

sen en leerde lassen. Daarna kon hij in een staalsmelterij

Dat was het moment dat ik juist de gewone mensen

aan het werk. ‘Net als de andere arbeiders had ik een

wilde leren kennen om samen met hen wat te doen aan

tijdelijk contract en verdiende minder dan het minimum-

de armoede.’ Later maakte hij in de steenfabriek kennis

loon. Ik woonde in een sloppenwijk. Eerst werd er raar


Mens&Missie

Mens& Missie - Nederland

met het leven van de armen. Zij gingen als ongeschoolde arbeiders aan de slag. Het liet vaak een diepe indruk achter.’

Samen het leven leefbaar houden Na een ongeval kon Otto niet meer de fabriek in. Hij ging als onderzoeker aan de slag voor een organisatie die arbeids­omstandigheden in beeld brengt en opkomt voor een rechtvaardige samenleving. Ondertussen hield de Filipijnse president huis in de sloppenwijken onder het mom van een war on drugs. ‘Buitenlanders die zich bij de armen aansloten werden beschouwd als politieke bemoeial. Plotseling werd ik ook beschuldigd en trokken ze mijn visum in.’ Dankzij Facebook heeft hij dagelijks contact met vrienden in de Filipijnen. ‘We probeerden samen het leven leefbaar te houden. En dan word je plotseling weggetrokken. Dat voelt verschrikkelijk. Tegelijk put ik kracht uit wat we samen

opgekeken en kreeg ik veel vragen. Maar na een tijdje

hebben kunnen doen.’

accepteerden ze mij als maat op het werk, buur in de wijk en vriend bij hun protesten. Ik hielp bijvoorbeeld mee bij het organiseren van een vakbond en steunde de vrouwen die tien jaar protesteerden tegen de om­ standigheden in de kledingindustrie. Die vrouwen zijn

Otto de Vries sliep twee jaar in een protest­behuizing langs de weg. ‘Zo steunde ik de vrouwen die protesteerden tegen de om­ standigheden in de kleding­industrie.’

voor mij een voorbeeld van solidariteit, rechtvaardigheid, menswaardigheid en naastenliefde.’

‘Ik ben gevormd door de arbeiders waarmee ik samenwerkte’ Bouwen aan de Kerk van de Armen ‘Ik leerde de Filipijnse situatie bekijken en begrijpen door de ogen van de armen’, legt Otto uit. 'De mensen zijn heel vriendelijk en hebben een groot gemeen­schaps­gevoel. Omdat de deur altijd open staat, werd ik ‘s avonds vaak door buren uitgenodigd om hun eten samen te delen.’ Veel arbeiders

Otto blijft zich vanuit Nederland inzetten. ‘Ik hoop dat

in de Filipijnen worden uitgebuit, werken onder

mijn zaak over vijf jaar onder op de stapel is beland en

onveilige omstandigheden en kunnen zo op straat

ik terug kan keren naar de Filipijnen.’ Het leven en wer-

gezet worden. Otto kwam samen met hen in actie

ken in de Filipijnen heeft zijn geloof versterkt, vertelt

voor betere arbeidsomstandigheden. Ook zette hij

Otto ten slotte. ‘Als leek kun je in je dagelijks leven uit-

zich in voor meer aandacht vanuit de kerk. ‘Ik werkte

drukking geven aan je geloof. We kunnen naastenliefde,

mee aan de opbouw van de Kerk van de Armen.

menswaardigheid, solidariteit en rechtvaardigheid

We lieten seminaristen bijvoorbeeld kennismaken

léven. En mensen steunen die dat nodig hebben.’

13


INTERRELIGIEUZE TOLERANTIE

SIEË

NE

I n te r r el i

:

14

t ie

D

OS

e t o l er

an

uz g ie

SIER INDO

‘Nieuwe generaties laten opgroeien zonder haat’


Dossier Indonesië

Door: Esther Pordon

Indonesië heeft de grootste moslimbevolking ter wereld, maar er leven ook veel christenen, hindoes en andere geloofsgroepen. Dat zorgt al jarenlang op diverse plekken voor conflict. Onrust die meestal het gevolg is van diepgewortelde overtuigingen. Indonesië is qua inwoneraantal het op drie na grootste

MEER STABILITEIT

land ter wereld. Ruim 85 procent van de bevolking is

Om meer stabiliteit in de regio te brengen, startte Lian in

­moslim, maar de overheid erkent ook protestantisme,

2009 verschillende initiatieven, met steun van Mensen

­katholicisme, hindoeïsme, boeddhisme en confucianisme

met een Missie. Met onder andere een vrouwenschool,

als officiële religies. Indonesië heeft vrijheid van religie hoog

rijdende bibliotheek en dorpshervormingsschool brengt

in het vaandel, maar de afgelopen decennia komt dit steeds

ze vrouwen en kinderen van verschillende geloofsgroe-

meer onder druk te staan. ‘Geweld tegen en discriminatie

pen bij elkaar. Ze leren over elkaars religies, maar ook

van religieuze minderheden is voornamelijk op lokaal niveau

over vrouwenrechten, tolerantie en ondernemen. ‘Vrou-

aanzienlijk toegenomen’, vertelt Tjeerd Rienstra van Mensen

wen spelen een enorm belangrijke rol in de dialoog die

met een Missie. ‘We werken intensief samen met lokale

diepgewortelde overtuigingen kan veranderen. Zonder

­organisaties op verschillende plekken in Indonesië om

deze activiteiten zouden veel christenen hier nog steeds

­interreligieuze tolerantie van onderaf te vergroten.’

denken dat moslims hen willen vermoorden, en andersom. Door vrouwen van alle religieuze achtergronden te

CONFLICT IN POSO

verbinden én in lokale bestuurlijke functies te kiezen, zul-

Poso op het eiland Sulawesi is een tekenend voorbeeld van

len nieuwe generaties opgroeien zonder haat.’

toegenomen intolerantie tussen geloofsgroepen. In 1998 brak daar een gewelddadig conflict uit tussen moslims en christenen. Duizenden mensen kwamen om in de bijna vier jaar dat het conflict duurde. In 2002 tekenden de groepen een vredesakkoord, maar daarmee was het wantrouwen tussen moslims en christenen niet weg. Nog steeds sluimert er spanning in en rondom Poso. De regio wordt geteisterd door aanvallen van terreurgroep MIT (Oost-­Indonesische Mujahideen). Tegelijkertijd voeren de overheid, grote bedrijven en gemeenschappen strijd om de grond in Poso, die rijk is aan grondstoffen. Bevolkingsgroepen worden tegen elkaar uitgespeeld, waardoor reli­ gieuze en inheemse groepen opnieuw tegenover elkaar staan. Mensen met een Missie zet zich in om een nieuwe escalatie te voorkomen door aan duurzame vrede te werken. Dat doen we samen met Lian Gogali, voorvechtster van bouwen aan vrede met álle inwoners van het gebied. ‘De huidige conflicten gaan vaak gepaard met geweld, wat door de overheid weer wordt gebruikt om te verkondigen dat geweld nou eenmaal in de mensen uit Poso geworteld zit. Terwijl ze stemmen en verhalen negeren.’

WAT DOEN WE IN INDONESIË? Op Sulawesi en Java trainen we jongeren, vrouwen en lokale religieuze leiders om tolerantie te promoten en interreligieuze samenwerking mogelijk te maken. Dat ­gebeurt vooral in gebieden waar interreligieus respect niet vanzelfsprekend is of waar regelmatig geweld oplaait. Interreligieuze jeugdnetwerken op Sulawesi en in Yogyakarta (Java) krijgen ondersteuning om activiteiten op scholen te organiseren die diversiteit en vrijheid van religie en geloof bevorderen. In Cirebon en Kuningan leren jongeren hoe ze in lokale bestuursorganen, zoals dorps­ raden, beleid kunnen beïnvloeden. Jongeren door het hele land volgen trainingen om op sociale media een tegen­ geluid te bieden aan extremistische, haatdragende campagnes. Daarnaast brengen we gemeenschapsleiders in contact met lokale overheidsfunctionarissen zodat ze samen lokale beperkingen van de vrijheid van religie of geloof kunnen verhelpen. Op nationaal niveau lobbyen we bij ministeries, de nationale politie en nieuwe parlementsleden om ze te houden aan hun verantwoordelijkheid om interreligieuze tolerantie te bevorderen.

15


MOSLIM EN CHRISTEN: ÉÉN VERHAAL Ibu Martince en Ibu Irma wonen allebei in de buurt van Poso wanneer in 1998 het conflict uitbreekt. De christelijke Martince (foto links) en de islamitische Irma (foto rechts) ontmoeten elkaar jaren later op de vrouwenschool van Lian. Daar blijkt dat ondanks de veronderstelde tegenstellingen, hun verhalen eigenlijk niet zoveel verschillen.

‘Ik schrok van de moslima's in mijn klas’ Voor het conflict was IBU MARTINCE nooit bang voor moslims, maar het geweld zet de verhoudingen op scherp. ‘Nadat we rennend ons dorp waren uit gevlucht, staken de moslims onze huizen in brand. Toen ik na drie jaar weer terug naar mijn eigen dorp kon, moest ik helemaal opnieuw beginnen.’ De eerste weken na haar vlucht weet Martince, bang en onzeker, niet waar haar man is. ‘Toen ons dorp werd aangevallen wisten we dat ze het op christelijke mannen gemunt hadden. Mijn man vluchtte halsoverkop de jungle in, terwijl ik kalm probeerde te blijven en mijzelf en twee jonge kinderen in veiligheid moest brengen.’ Haar verlammende angst blijkt wanneer ze zich schuilhoudt in een leegstaand kantoorgebouw. ‘Plots kwam er een groep mannen door de poort die pijlen op me richtte en riep: moslim of christen?! Ik verstijfde want ik wist niet van welke kant de mannen waren. Pas toen ze zagen dat mijn dochter een sieraad met een kruis droeg, lieten ze hun pijlen zakken.’ Het illustreert het wan­trouwen dat in Poso en om­geving heerst tijdens het conflict. In 2009 hoort Ibu Martince over de vrouwenschool. Op de eerste schooldag ontdekt ze tot haar grote schrik dat er

16

ook moslima’s in haar klas zitten. ‘Ik wilde niet in één ruimte zijn met vrouwen die een hijab droegen. Ik voelde mijn angst en haat opborrelen, herinneringen aan het geweld en hoe ontzettend bang ik was geweest. In mijn beleving hadden de moslims ons dat aangedaan.’ Toch besluit Martince te blijven. ‘Ik dacht dat moslims vanuit hun geloof werd geleerd om geweld te gebruiken, maar op de vrouwenschool ontdekte ik dat dat helemaal niet zo is. Ik leerde ook meer over mijn eigen geloof. Dat we vanuit het christendom juist leren om iedereen lief te hebben. Al die lessen openden mijn ogen en langzaam nam de haat in mijn hart af.’ Nu is Martince zelf verbinder van religies en bondgenoot van Lian. In dorpen waar vooral moslims en hindoes wonen, gaat ze het gesprek aan. ‘Vaak is men terughoudend als ik aankom. Maar dan vertel ik over hoe ik moest vluchten tijdens het conflict, en dan blijkt dat we allemaal hetzelfde verhaal hebben. Dat brengt ons dichter bij elkaar en opent de deur voor een dieper gesprek over tolerantie en gelijkwaardigheid. Samen kunnen we onze wrok en vooroordelen wegnemen en vrede vinden.’

‘Ons gedeelde verhaal brengt ons dichter


Dossier Indonesië

‘Alleen samen kunnen we verandering brengen’ In het dorp van IBU IRMA gaan moslims en christenen tot 1998 vreedzaam met elkaar om. ‘Een van mijn beste vriendinnen was christen, en met kerst werden wij - de moslims in het dorp - altijd uitgenodigd bij de christelijke families.’ Maar wanneer het geweld uitbreekt moeten Ibu Irma - dan begin twintig - en haar familie vluchten. ‘Ons huis werd in brand gestoken door christenen die ik kende van school! Ik ben ook mijn broer verloren door al het geweld.’ Het conflict zorgt voor een grote verandering in de voorheen zo gemoedelijke sfeer in Irma's dorp. ‘Toen ik na al die jaren voor het eerst de moeder van mijn christelijke vriendin tegenkwam, werd ze boos omdat ik een hijab droeg. Ik probeerde christenen ook zoveel mogelijk te mijden.’ Irma voelt niet alleen haat, maar is ook bang geworden voor christenen. ‘Als ik in een auto zat en moest stoppen op een plek waar veel christelijke mannen waren, dan dook ik weg. Ik was bang voor wat er met me zou gebeuren als ze mij zouden zien.’ In de jaren na het conflict ontpopt Ibu Irma zich tot een ambitieuze vrouw die zich actief inzet voor haar gemeen­schap. Ze wil graag studeren en besluit zich

in te schrijven voor de vrouwenschool. ‘Maar ik wist helemaal niet dat er ook christenen en hindoes zouden zijn. Mijn eerste schooldag was dus nogal een schok. Ik besloot te blijven omdat ik zo graag wilde leren.’ Langzaam neemt Irma's wantrouwen af. ‘We bezochten onder andere een kerk, moskee en tempel. Ik vond het enorm eng om een kerk binnen te stappen, maar door de vriendelijke woorden en uitleg van de pastor begon ik positiever naar christenen te kijken. Ik ben mijn vroegere beste vriendin gaan vragen naar haar ervaring tijdens het conflict. Zo kwamen we erachter dat we allebei slachtoffer waren.’ Ook Ibu Irma zet zich nu in voor meer verbinding tussen verschillende religies. ‘Vroeger vond ik het eng om met mensen van andere geloofsgroepen te praten. Nu zie ik in dat ik mijn kennis kan delen en zo een dialoog kan starten om mensen samen te brengen. Voor de toekomst van Poso is het belangrijk dat vrouwen meer betrokken worden in activiteiten op lokaal niveau. Alleen samen kunnen we verandering teweegbrengen.’

bij elkaar en opent de deur voor een dieper gesprek over tolerantie’

17


Raak Ángel Nery Sárez Rivero, medewerker van AETA – samenwerkingspartner van Mensen met een Missie in Bolivia

Margreet E. Oudenes, oud-medewerker

'Ik voel en zie waardering’ voor de mensen met wie we werken hier in Bolivia en voor

‘Leven en werken vanuit de religieuze traditie’

onze organisatie. Er is vertrouwen. Dat werkt héél fijn. De steun

De meerwaarde van Mensen met een Mis-

van Mensen met een Missie is voor ons dan ook heel belang-

sie is voor mij dat zij voortgekomen is uit

rijk. Zonder die steun zouden onze inspanningen op het gebied

de religieuzen. Missionarissen die leven en

van interculturele thema's, theologie met een feministische

werken vanuit hun godsdienstige traditie.

grondslag, mannelijkheid en geweld veel moeilijker verlopen.

Vanuit hun vaste levensritme van bidden en

Ik ben alle zichtbare en niet-zichtbare mensen van Mensen

werken hebben zij, op andere continenten,

met een Missie heel dankbaar.

kunnen bijdragen aan de onafhankelijkheid

In onze samenwerking voel en zie ik waardering en respect

en levensomstandigheden van mensen daar.

Raak! Daarom raakt Mensen met een Missie mij...

Ik wens de medewerkers van Mensen met een Missie in binnen- en buitenland toe, dat zij blijven werken vanuit deze traditie.

Ahmed Zangana, assistent-coördinator JISRA-programma

Yoëlle Pierik, stagiaire Particuliere Fondsenwerving & Communicatie

18

‘De diverse en unieke mensen zijn mijn grootste drijfveer’

‘Het blijvend inzetten op dialoog en verbinding is inspirerend’

Ik geloof in de kracht en het belang

De mensen van Mensen met een Missie zijn zonder twijfel wat

lokale, langdurig betrokken partners

deze organisatie zo bijzonder maakt. De meelevende donateurs,

en de lokale gemeenschappen maakt

het hardwerkende team in Den Haag en de lokale mensen die

het mogelijk dat ik me daar dagelijks

ondanks alle tegenslagen zich inzetten voor anderen. In een we-

voor inzet. Het werken met zulke diver-

reld met toenemende polarisatie en afstand tussen mensen is het

se en unieke medewerkers en samen-

inspirerend om te zien dat Mensen met een Missie blijft inzetten

werkingspartners inspireert mij om

op dialoog en verbinding. Ik geloof dat een lokale aanpak samen

meer te leren over hoe ik kan bijdragen

mét de mensen het verschil kan maken.

aan de missie van de organisatie.

van de lokale stem. De manier waarop Mensen met een Missie werkt met


VROUWENRECHTEN

Wij geloven dat échte verandering van onderop komt. Daarom steunen wij mensen die aan de basis in dorpen en gemeen­ schappen in Azië, Afrika en Latijns-Amerika werken. Met hun inzet veranderen zij het leven van mensen. Lees deze keer hoe Maria Antonia Mamani Callisaya slachtoffer werd van huiselijk geweld en nu andere vrouwen in Bolivia helpt.

Bolivia

10 miljoen inwoners

‘Zonder hulp had ik dit niet kunnen navertellen’ Wanneer Maria Antonia Mamani Callisaya (37) uit Bolivia met Christian trouwt, heeft ze geen idee dat ze daarna in gevangenschap bij haar schoonouders zal wonen en dat haar man haar in elkaar zal slaan. Of dat ze later zelf slachtoffers van huiselijk geweld zal helpen.

Femicide (vermoord worden omdat je vrouw bent)

2021 (tot en met oktober) 97 FEMICIDES élke drie dagen wordt in Bolivia een vrouw vermoord

30.572 meldingen van huiselijk geweld 700 vrouwen kloppen jaarlijks aan voor hulp of ondersteuning bij het vrouwencentrum

‘Het leven bij mijn schoonouders was verschrikkelijk. Ze controleerden alles wat ik deed, ik mocht mijn eigen ouders niet meer zien.’ Maria is zo enorm bang voor haar schoonfamilie dat ze wacht met naar de wc gaan tot iedereen weg is. Vooral Christians moeder oefent op manipulatieve manier druk uit. ‘En Christian praatte het goed, het was tenslotte zijn moeder.’ De eerste keer dat Christian Maria slaat, is voor Maria een keerpunt. ‘Ik besefte dat ik met de verkeerde was getrouwd.’

‘Ik zou je kunnen vermoorden, want je bent mijn vrouw’ TOESTEMMING VRAGEN Als klein meisje verhuist Maria met haar familie van een klein dorp naar een wijk aan de rand van de grote stad El Alto. Daar schopt de gemotiveerde studente het tot de opleiding tandtechniek. Maar haar huwelijk met Christian betekent dat Maria vlak voor haar afstu­ deren noodgedwongen stopt. ‘We hadden zes jaar verkering toen we trouwden. Van mij

>> 19


Verandering - Bolivia

hoefden we niet te trouwen, we hadden het goed. Maar hij wilde het graag.’ Na de bruiloft trekt het stel tegen Maria’s wil in bij Christians ouders. En dan begint de ellende. ‘Ik mocht nergens heen. Ze zeiden dat ik overal toestemming voor moest vragen aan mijn man.' BEWUSTELOOS GESLAGEN Nadat Christian Maria voor het eerst geslagen heeft, wil Maria niets liever dan weg uit het huis. Maar Christian smeekt haar niet te ­vertrekken. Aarzelend vergeeft ze hem, op voorwaarde dat het niet nog een keer gebeurt. ‘Niet veel later kwam hij dronken thuis en begon tegen mij - toen drie maanden zwanger - te schreeuwen. Zonder antwoord te geven begon ik mijn tas te pakken. Toen begon hij op me in te slaan. Net zo lang tot ik flauwviel.’ Achteraf beweert Christian dat het Maria’s schuld is dat hij haar sloeg, ze had hem niet gehoorzaamd. ‘Ik zou je kunnen vermoorden, want je bent mijn vrouw en ik heb het recht om dat te doen’, dreigt hij. GEVLUCHT IN DE NACHT De almaar erger wordende situatie bij haar schoonfamilie doet Maria besluiten ’s nachts uit huis te ontsnappen. Wanhopig op

zoek naar hulp komt ze terecht bij het Centrum voor de Ontwikkeling van de Vrouw. Deze stichting komt al sinds 1983 op voor gelijke rechten voor mannen en vrouwen. Coördinator Beatriz Condori: ‘We startten voor Maria een proces vanwege het geweld, het in de steek laten van een zwangere vrouw, voor de erkenning van het kind en gezinshulp.’ Maria verblijft veilig bij haar ouders, maar in de rechtbank zet Christian het geweld voort. Hij doet er alles aan om het proces te dwarsbomen. Maria: ‘Aan de ene kant voelde ik me sterk: ik had de juiste beslissing had genomen. Maar het brak ook mijn hart.’ Maria is niet de enige die bij het vrouwencentrum aanklopt voor hulp. Elk jaar komen zo’n 700 slachtoffers van geweld bij het centrum binnen, en 2500 hulpvragen. Beatriz: ‘Het gaat vaak niet alleen om het geweld zelf, maar ook om de gevolgen ervan. Denk aan echtscheiding, gezinshulp en strafrechtelijke procedures.’ Dat rechts­ proces is een grote hindernis voor slachtoffers van huiselijk geweld. Maria: ‘De rechtbank behandelt je alsof je maar een ding bent. Word je eerst aangevallen door je geliefde, en daarna slecht behandeld door die ambtenaren. En officiële instanties willen je ook niet helpen. Daar zat ik samen met allemaal andere vrouwen, uren te wachten zonder antwoord te krijgen op onze vragen.’ Volgens Maria maakt dat de situatie voor slachtoffers van geweld nóg erger. ‘Instanties laten je links liggen terwijl je volledig in paniek bent.’ Het is op dat moment dat Maria besluit andere vrouwen te willen helpen als buurtwerker van het vrouwencentrum. STEUN VOOR ANDERE VROUWEN Om buurtwerker te worden volgde Maria een aantal trainingen over onder andere over basisrechten, juridische procedures, empowerment, ­eigenwaarde en familierelaties, en een workshop over seksuele en reproductieve rechten. Beatriz: ‘Toen Maria bij ons binnenkwam was ze jong en angstig. Ze zei bijna niks en was heel emotioneel, kon slecht voor zichzelf opkomen. Nu is dat totaal anders.’ Sinds haar training heeft Maria vele andere vrouwen ondersteund die hetzelfde als zij hebben meegemaakt. Inmiddels heeft ze ook haar studie afgemaakt en werkt ze als tandtechnicus. ‘Durven vragen om hulp was één van de beste dingen die ik gedaan heb. Anders was er ik nu misschien niet meer geweest.’

Journalist Marco Fernandez Ríos interviewde Maria Antonia Mamani Callisaya, terwijl Pedro Laguna foto’s van haar maakte. Marjolein Westerhof (foto) is namens Mensen met een Missie verantwoordelijk voor het programma in Bolivia waar we samen met dertien Boliviaanse organisaties zoals het vrouwencentrum, geweld tegen vrouwen tegengaan.


Uitgelicht

Uitgelicht Van nieuws & workshops

tot expertlezing

JISRA van start Op 1 mei ging het Joint Initiative on Strategic Religious Action - JISRA - van start. Het Ara­bische Jisr’ betekent brug en symboliseert waar het programma voor staat: het bouwen van ­bruggen om verdeeldheid binnen en tussen ­religieuze gemeenschappen te verminderen. Het programma wordt uitgevoerd door 50 ­organisaties in Ethiopië, Indonesië, Irak, Kenia, Mali, Nigeria en Oeganda. Dit doen we samen met lokale religieuze leiders en gemeenschappen, met vrouwen- en jongerenorganisaties en met lokale, nationale en internationale beleids­ makers. We krijgen voor dit programma steun van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Een mooi en groot programma, waar we trots

Wandelen voor het goede doel We konden afgelopen lente niet fysiek naar Spanje afreizen, maar dat weerhield het team van Mensen met een Missie er niet van de Camino de Santiago te lopen voor het goede doel. Sinds Hemelvaart houden we via een app bij hoeveel ­kilometer we in onze eigen omgeving wandelen, om zo virtueel toch de beroemde pelgrimsroute af te leggen. Momenteel druppelen onze wandelaars één voor één binnen in Santiago de Compostella. En dankzij onze sponsors haalden we daarmee bijna vijfduizend euro op. Daarmee kunnen we op plekken waar conflict overheerst een plek voor een gesprek creëren. Want wij geloven dat geweld stopt waar ­mensen met elkaar in gesprek gaan.

Bedankt Kees Bij Mensen met een Missie werken uiterst gemotiveerde medewerkers van allerlei verschillende leeftijden en achtergronden. Een daarvan willen we graag in het zonnetje zetten: Kees Schilder. Al 25 jaar zet hij zich als programmaregisseur in voor mensen in landen als de Filipijnen, Kenia en Kameroen. Zijn Frans is perfect en zijn mensenkennis evenzo. Kortom, een zeer gewaardeerde collega. Gefeliciteerd Kees en 21 dank voor al je inzet!


Raak extra Door: Barbel van Zuylen

Uw structurele steun, hoe groot of klein ook, maakt het verschil.

‘Je kan continu bidden en zingen, maar voor mij zit geloofsinspiratie ook in daden. Ik wil graag iets betekenen in concrete zin. En dat kan ik door Mensen met een Missie te steunen’, vertelt donateur Lex Hustinx.

‘Ik wil iets voor mensen betekenen’ ‘Tegelijk’, stelt Lex Hustinx, ‘voelt het als een voorrecht om te kunnen doneren. Het geeft al aan dat er geen gelijkheid is in de wereld.’ Samen met zijn vrouw koos hij een aantal organisaties uit om te steunen. ‘Er was langzamerhand een onoverzichtelijke lijst doelen ontstaan. Een tijdje terug kozen we daaruit een aantal die we periodiek steunen. Op die manier geven we verschillende hulporganisaties ons bijzon­ dere vertrouwen.’

22

Doe voor broer en zusje, een cent in het busje Toen hij als kleine jongen opgroeide in een groot, katholiek gezin in Zuid-Limburg was ‘de missie’ nooit ver weg. Het missiebusje kwam je overal tegen. In de winkel naast de kassa, maar ook bij opa en oma op de schoorsteenmantel. En met drie ooms die priester werden, waren ook de verhalen over missie vlakbij. ‘In onze mijnwerkersparochie kwamen missionarissen


Raak! Extra - Nederland vertellen over hun werk in Afrika of Brazilië. Met hun ver­halen spraken ze mensen aan in hun hart.’ Na zijn studie in Tilburg werkte Lex Hustinx jaren als secre­taris van de Hogeschool voor Theologie en Pastoraat in Heerlen. Daar werden jongens en meisjes op een nieuwe manier opgeleid voor pastorale functies, waaronder missionair werker. ‘Missie kreeg veel meer vorm vanuit de hulpvraag van mensen ter plekke. Zo brachten deze studenten verhalen mee uit landen als Ghana, Brazilië en Indonesië.’ Lex Hustinx hoort graag de persoonlijke verhalen van mensen met een missie. ‘Waar halen zij hun moed vandaan om op te komen voor mensen die worden onderdrukt of uit­gesloten? En wat betekent hun verhaal voor ons? Wat kunnen wij daarvan opsteken? Want ook in Nederland is meer ver­bondenheid tussen mensen nodig. Voor mij kan vrede daar, niet zonder vrede hier.’

‘Ik heb vertrouwen en hoop dat de wereld rechtvaardiger en beter wordt’ Planten van een zaadje ‘Net als de klimaatproblematiek, kan werken aan wereldvrede je een machteloos gevoel geven. Maar we kunnen samen overal zaadjes laten ontkiemen. Steun geven aan mensen die van onderop werken. Die filosofie spreekt mij aan. Mensen die in hun eigen gemeenschap werken aan het verminderen van onderdrukking of bijvoorbeeld meer onafhankelijkheid voor vrouwen. Het kan voelen als druppels op een gloeiende plaat, maar het helpt wel. Vrouwen delen hun ervaringen met vriendinnen. Kinderen voelen trots voor wat hun moeder bereikt. Wat je ook bijdraagt, het doet ertoe.’

Durven geloven ‘Het vraagt wel om vertrouwen’, vervolgt Lex Hustinx. ‘Ik vergelijk het ook wel met het bouwen van een kathedraal. Daar draag je met giften aan bij, maar de kathedraal komt in jouw leven niet af. Je moet erop vertrouwen dat hij wordt afgebouwd. Ik heb vertrouwen en hoop dat de wereld rechtvaardiger en beter wordt. Dat is ten diepste waarom ik geloof. We moeten niet alleen naar de actuele problemen kijken. De wereld is al beter geworden. En zal nog beter worden. We moeten durven geloven dat goed overwint op kwaad. In het klein en het groot.’ Lex Hustinx realiseert zich volledig dat je dit soort gedachten alleen kunt hebben als je geen geldzorgen hebt. ‘Zolang wij geld overhouden voor mooie organisaties als deze, blijven we geven.’

Periodiek schenken: zo werkt het Heeft u periodiek schenken al eens over­ wogen? Periodiek schenken ­betekent dat u voor een aantal jaar uw steun vastlegt in een periodieke schenkingsovereenkomst. Van de ­belasting­dienst mag u een deel van uw gift dan in ­mindering brengen op uw ­belastbaar ­inkomen. Zo kunt u uw gift ­verhogen zonder meer geld kwijt te zijn en kunnen we samen meer verschil maken in het leven van mensen.

Regel het via de website

Het regelen van een periodieke schenkings­ overeenkomst is niet ingewikkeld. U vult hier­ voor het formulier in op onze website en stuurt het aan ons toe. Wij vullen ver­volgens onze gegevens in en sturen het ­in­gevulde formulier aan u terug. Hierop vindt u de gegevens die u voor uw belasting­aan­gifte nodig heeft. U hoeft het formulier niet aan de Belastingdienst te sturen. U ­bewaart het bij uw administratie. U leest alles over periodiek schenken op onze website. Daar kunt u ook uit­rekenen hoeveel belasting­voordeel u in uw situatie heeft. Mail mij gerust als u vragen heeft. Dan kijken we samen hoe we nog meer impact kunnen maken.

mensenmeteenmissie.nl/ periodieke-schenking

Marlies van Eunen Relatiemanager 070 - 21 99 600 marliesvaneunen@mensenmeteenmissie.nl

23


‘Door met elkaar te praten voorkomen we een nieuw conflict’ Nurlaeli (47)

DONEER NU! Steun het werken aan meer tolerantie tussen religieuze groepen in Indonesië via mensenmeteenmissie.nl/donatie

ZOLANG ER GEWELD IS.

MENSEN MET EEN MISSIE