Issuu on Google+

acca

We fietsen al lang niet meer zoals vroeger...

actualcare

Alles evolueert... evolueert u mee? Silentia Vouwschermen, de toekomst in privacy en hygiëne oplossingen

BRUSSEL & VLAANDEREN

info@silentia.be · 0475 89 15 98 · www.silentia.be

Een uitgave van Tenacs Healthcare • Erkenningsnummer P608594 • Editie 103 • Jaargang 11 • 2-maandelijks • september-oktober 2016

AZ Sint-Lucas bereikte tienduizenden mensen met een Legofilmpje

160124_ADV_100x90.indd 3

“Marketing is geen vies woord meer voor ziekenhuizen” Het ziekenhuis AZ Sint-Lucas in Gent goot twee jaar geleden de hoogtepunten van 2013 in een filmpje met Legoblokjes. Dat werd een onverhoopt succes. Het filmpje, gemaakt met een beperkt budget, won de prijs voor de beste bedrijfsfilm op het Corporate Video Festival in Brussel en werd genomineerd voor een Europese prijs. “We staken elk jaar veel tijd in ons papieren jaarverslag”, zegt Iny Cleeren, communicatie­ verantwoordelijke. “Een mooi boekje met tekst en foto’s, dat naar een bepaalde doelgroep werd gestuurd: stakeholders, huisartsen, zorgverle­ ners. Maar we beseften dat weinig van hen dat echt lezen. Nochtans gebeurt er in een jaar tijd veel interessants in een ziekenhuis. Hoe konden we die informatie vertalen zodat we er iedereen die interesse heeft in ons ziekenhuis mee konden bereiken?” Toen kwam het idee om een filmpje te maken? Iny Cleeren: “We vroegen het aan de cartoonist Lectrr die, in de stijl van wat hij deed voor Dag op Dag in Man Bijt Hond, een ludiek filmpje maakte van wat er in een jaar allemaal gebeurt in een ziekenhuis. Van het aantal geboortes tot het aantal spoedopnames of de opening van een nieuwe vleugel: het zat allemaal in een filmpje van niet eens drie minuten. Een schot in de roos. Ons jaarverslag werd massaal bekeken en gedeeld.”

“We werden genomineerd voor de Europese Digital Communication Awards 2015” Hoe kunt u weten wie ernaar heeft gekeken? Cleeren: “Dat kan je niet weten, maar kandi­ daten die nadien bij ons kwamen solliciteren, verwezen ernaar. Dan weet je dat het een succes is geweest. Zoiets straalt af op je medewerkers en op een breder publiek. Een jaar later maakten we het intussen bekende Legofilmpje. Een ideetje dat ik toevallig had, waarvan ik vreesde dat het niet zou lukken met mijn budget. We schre­ ven het script uit en kwamen een Nederlander op het spoor die als hobby Legobouwer is. Ik stuurde hem heel veel foto’s van hoe ons zie­ kenhuis eruitziet en hij ging aan de slag. Het resultaat was op het vlak van pr en marketing onverhoopt en ongezien. Ons filmpje ging niet alleen Vlaanderen, maar zelfs Europa rond. Eerst kregen we de prijs voor beste bedrijfsfilm op het Corporate Video Festival in eigen land en nadien werden we genomineerd voor de Europese Digital Communication Awards 2015. Op de prijsuitreiking in Berlijn stonden we tussen grote namen zoals Vodafone, met een marketingbud­ get dat talloze keren groter is dan het onze. Het doel was bereikt: heel veel mensen konden zich een beeld vormen van wat het AZ Sint-Lucas is: jong, dynamisch, innovatief.”

Was het dan niet moeilijk om na dat succes met nog iets anders of beters over de brug te komen? Cleeren: “Natuurlijk. Dat succes zullen we moei­ lijk kunnen evenaren, maar we gaan niet terug naar het papieren jaarverslag. Het AZ Sint-Lucas heeft als een van de eerste ziekenhuizen die digi­ tale kaart getrokken, maar het is snel gegaan. In een jaar of drie tijd is er veel veranderd.”

“Met het Legofilmpje hebben we ons doel bereikt” Marketing is voor ziekenhuizen dus belangrijker geworden? Cleeren: “Vroeger was dat een vies woord, iets voor commerciële bedrijven, maar de wereld is hard veranderd. In Gent alleen al zijn er vier ziekenhuizen waaruit mensen kunnen kiezen. Vroeger werd negentig procent van de patiënten doorverwezen door de huisarts, vandaag kiezen ze veel bewuster. De huisarts geeft nog raad, maar ze luisteren net zo goed naar vrienden en familieleden en schuimen websites en sociale media af. Zo maken patiënten een eigen beeld van het ziekenhuis, terwijl dat vroeger voor hen

werd bepaald. Daardoor moeten ziekenhuizen ook inzetten op een marketingplan en niet alleen op een communicatieplan. Het marketingplan dient ook om onze strategische doelstellingen te verwezenlijken en te ondersteunen. Het gaat niet alleen over het juiste ‘product’ voor de juiste prijs, maar over de patiënt die binnenkomt en die een heel traject doorloopt én daar bovendien subjectief over oordeelt. Is het eten lekker? Is de parking goed? Is de arts vriendelijk? Al die ele­ menten samen vormen een beeld in het hoofd van de patiënt. Zo speelt elk medewerker een rol in het marketingtraject van de patiënt. In dat traject speelt de huisarts ook nog steeds een belangrijke rol.” Op welke manier probeert AZ Sint-Lucas die huisartsen te bereiken? Cleeren: “Huisartsen zijn een belangrijke part­ ner in onze zorg voor de patiënt en een goeie relatie is dus essentieel. We zetten erop in om de huisartsen te informeren over ons ziekenhuis en organiseren medische avonden over weten­ schappelijke onderwerpen. Dat is een manier om het ziekenhuis, de artsen, nieuwe technie­ ken en nieuwe disciplines voor te stellen. We informeren hen ook aan de hand van ons artsen­ magazine Focus dat ze thuis in de bus krijgen.

15/02/16 12:26

Daarnaast organiseren we culturele evenemen­ ten waarop huisartsen en specialisten elkaar op een informele manier kunnen ontmoeten. De effecten daarvan zijn niet meetbaar, dat klopt. Maar aan de hand van bevragingen proberen we de vinger aan de pols te houden en kunnen we bijsturen.” Sociale media zijn niet meer weg te denken. Wat kan een ziekenhuis daarmee doen? Cleeren: “Op Facebook gaan we voor pure con­ tent. We brengen heel menselijke verhalen: een dialysearts die de Mont Ventoux heeft beklom­ men voor een goed doel bijvoorbeeld. Zo’n bericht wordt massaal geliket en gedeeld. Dat is het leuke aan sociale media: je bereikt heel veel mensen, je kan tonen wat je doet en dat wordt gewaardeerd. We maken wel duidelijke keuzes: Instagram en Pinterest vinden we niet belangrijk. Voor ons zijn die nice to have, maar niet need to have. Twitter is dan weer interessant naar opinion leaders, andere ziekenhuizen of andere zorgverleners. Het is dus niet onbelang­ rijk als medium.”

“Voor ons is Facebook een positief medium” Facebook is ook de plek waar mensen minder mooie reacties schrijven. Wat doen jullie daarmee? Cleeren: “Dat gebeurt gelukkig weinig. Wie nega­ tieve kritiek heeft, komt meestal bij de ombuds­ dienst terecht en maar zelden op Facebook. We  pagina 2


2

Editie 103 Jaargang 11 - september-oktober 2016 

actualcare

bekijken steeds ad hoc of het verstandig is om te reageren of niet. Voor ons is Facebook een posi­ tief medium. Het is fijn om te zien dat mensen vooral hun goede ervaringen met het ziekenhuis delen.” Zijn de klassieke media nog belangrijk? Cleeren: “Zonder enige twijfel. Hoewel de lezersaantallen dalen, blijft de krant een heel belangrijk medium. We merken ook aan reacties dat lokale televisie (in ons geval AVS) door veel mensen bekeken wordt. We vinden het belang­ rijk om goede relaties te onderhouden met de pers en ook als het minder goed nieuws is, moet je eerlijk communiceren.“ Welke toekomstmogelijkheden ziet u voor ziekenhuizen op het vlak van marketing? Cleeren: “We zoeken dat volop uit. Apps zijn een belangrijke evolutie. We ontwikkelden er een voor dialysepatiënten. Een app zou ook handig zijn voor bijvoorbeeld oncologie, met alle infor­ matie over de chemotherapie, de radiotherapie en de medicijnen, zodat de patiënt alles zelf kan bijhouden. Dat wordt een soort van elektronisch patiëntendossiertje. Dat kadert ook in de trend van patient empowerment: de patiënt kan dan zelf een deel van zijn zorg in handen nemen. Hij kan thuis al monitoren wat zijn hartslag is of hoeveel zijn bloedwaarden bedragen. Voor een kankerpatiënt kan dat handig zijn: bij slechte bloedwaarden, wordt er geen chemo gegeven.

Als hij thuis zelf een test kan doen en de waarden kan doorsturen naar de arts, dan weet die of de medicatie kan worden gegeven. Anders komt de patiënt misschien tevergeefs naar het zieken­ huis. Zulke dingen verbeteren de beleving van de patiënt.” “Meer en meer willen we informatie digitaal aanbieden. Dat kunnen instructiefilmpjes zijn, niet alleen voor het personeel, maar ook voor de patiënten, die dat thuis rustig kunnen bekij­ ken. Of een arts die in één minuut vertelt wat een hartaanval is, in mensentaal. Op consulta­ ties wordt immers heel veel informatie geven, die niet iedereen even snel kan verwerken. Een ziekenhuis kan betrouwbare, gecontroleerde en goede informatie geven, zonder dat de patiënt naar YouTube of Google moet surfen.” “Ook onze SLIM-kamer die aan de ingang in een paviljoen is gebouwd, is een vorm van mar­ keting. SLIM staat voor Sint-Lucas Innovatieve Modelkamer. Daarin tonen we de kamer van de toekomst, met de modernste technieken, zodat we onze kamers nog beter kunnen maken. Het wordt allemaal wat huiselijker. Alweer om de beleving van de patiënt te verbeteren. Dat pavil­ joen is onze proeftuin. We testen er veel uit, zoals sensoren rond valpreventie, die een bericht kunnen sturen naar de smartphone van familie­ leden. Ook willen we de schermen in de kamer intensiever gebruiken. Een dokter kan inloggen

REDACTIERAAD Voorzitter Koen Michiels Actual Care - Vlaanderen & Brussel is een uitgave van Tenacs Healthcare Kortrijksesteenweg 220 9830 Sint-Martens-Latem T +32 9 225 82 04 F +32 9 225 03 76 monique@tenacs.be www.tenacs.be rpr-btw BE 0417.377.340 Hoofdredacteur Wieland De Hoon

Leden Wieland De Hoon Günther Bekaert Karin Keppens Ludo Splingaer Monique Vandenhulle Eric Vande Walle Koen Vermeulen

met zijn of haar badge en meteen ziet de patiënt wie hij of zij is. Via die weg zouden patiënten ook vragen kunnen stellen aan artsen of verpleeg­ kundigen.”

“We werken mee aan het VTMprogramma Helden van hier”

leuke kant. Omdat het verhaal zich in de winter in Duitsland afspeelde, werd in de zomer sneeuw gespoten en werd er kerstversiering opgehangen. En alle opschriften waren vertaald naar het Duits. Veel werk, maar we waren wel trots om deel uit te maken van een internationale topreeks. Ook dat is marke­ ting, maar we ondersteunen er tegelijk de culturele sector mee.” Karen De Becker

Hoe zit het dan met de privacy van de patiënten? Cleeren: “Die moet altijd op de eerste plaats komen. Het is niet eenvoudig om informatie heel vlot toegan­ kelijk te maken en toch goed beveiligd te houden. Ook voor medewerkers is die privacy van groot belang. Dat is de andere kant van de sociale media. Mensen nemen selfies, maar ongewild staan daar artsen of verpleegkundigen op, die niet met hun foto op Facebook willen. Hetzelfde geldt voor filmploe­ gen die we geregeld over de vloer krijgen. Het kan niet de bedoeling zijn dat iemand die op consultatie of op bezoek komt zichzelf ongewild ziet opduiken in het nieuws of in een televisiereeks. We werken mee aan het programma Helden van hier van VTM, dat op onze spoedafdeling, een van de grootste van Vlaanderen, komt filmen, maar we maken altijd dui­ delijke afspraken. Patiënten moeten uitdrukkelijk hun toestemming geven. Voor de reeks De Ridder zijn er hier vaak opnames en zelfs de BBC heeft hier twee weken gefilmd voor The Missing. Dat was een behoorlijke belasting, maar het had ook een

Redactiemedewerkers Wieland De Hoon Luk Derden Hilde Pauwels Karen De Becker Administratie +32 9 225 82 04

Oplage +3500 exemplaren gratis postbedeeld aan de Nederlandstalige ziekenhuizen in België Doelgroep Nederlandstalige directieleden van de Belgische ziekenhuizen Persoonlijk abonnement € 80

Verantwoordelijke uitgever Filip De Schaepmeester Kortrijksesteenweg 220 9830 Sint-Martens-Latem T + 32 225 82 04

Frequentie Actual Care - Vlaanderen & Brussel verschijnt 6x per jaar Stuur uw nieuws naar press@tenacs.be Lid van de Unie van de Periodieke Pers


actualcare 

Content reportage

Hoe recycleert uw ziekenhuis zijn elektronisch afval?

Ook dit is ziekenhuismarketing: een duurzaam en milieuvriendelijk imago opbouwen Hoe kunnen ziekenhuizen aan hun imago en profilering werken? Klassieke marketingtools zoals advertenties, billboards of mailings kunnen ze niet gebruiken om mensen te overtuigen. Het artikel op de voorpagina over AZ Sint-Lucas laat zien dat er verschillende creatieve manieren bestaan en we stellen er graag nog eentje voor: een doordacht e-waste recyclagebeleid. De meest gekende en ook meest gebruikte methode om elektronisch afval (e-waste) op een correcte en ecologische manier te recycleren is via Recupel. Het systeem dat zij toepassen bestaat ondertussen 15 jaar en de formule blijft goed werken. Op dit moment recycleert Recupel al 39% van wat er op de markt is in België, maar in overeenstemming met de Europese doelstel­ lingen moet ons land tegen begin 2019 op 65% afklokken. Dit komt overeen met zo’n 17 kilogram per persoon dat opgehaald moet worden.

“Een kleine inspanning en je draagt als ziekenhuis actief bij aan een duurzame samenleving.” België wereldtop op het vlak van recyclage De Belgische huishoudens kennen het principe ondertussen steeds beter, maar bedrijven en ook sommige ziekenhuizen hinken achterop. België hoort wereldwijd bij de top op het vlak van e-waste en recyclage. Toch blijven er ontelbaar veel toestellen liggen in ziekenhuizen en bedrij­ ven die niet meer gebruikt worden. Nochtans kan al dit materiaal herwerkt worden tot nieuwe grondstoffen (urban mining) in plaats van de planeet verder uit te putten. Als je weet dat de hoeveelheid elektronica in ons leven ziender­ ogen stijgt, zou het zonde zijn om de afvalberg te laten groeien terwijl we de expertise om correct te recycleren in eigen land hebben.

Twee soorten afval Er kan een onderscheid gemaakt worden tussen twee soorten elektronisch afval. Dit is ook het geval voor de zorgsector. Je hebt enerzijds het huishou­ delijke en anderzijds het professionele elektronisch afval. Bij huishoudelijk afval denk je aan elektronica zoals oude gsm’s, koffieapparaten, beeldschermen, enzovoort. Professioneel afval zijn de grote koel­ kasten, scanners, industriële wasmachines,… De verwerking van beide types begint met het manueel verwijderen van de schadelijke stoffen (de cruciale fase van de “depollutie”), om daarna over te gaan tot de eigenlijke recyclage.

“Een ziekenhuis dat hun elektronisch afval doelbewust recycleert, is een ziekenhuis dat niet alleen aan de gezondheid van de mensen denkt, maar ook aan een gezonde samenleving en een duurzame planeet.” Maar hoe kunnen ziekenhuizen dit nu doen? De meest eenvoudige oplossing is samenwerken met Recupel, die de e-waste keten in België organiseert en waarvan de activiteiten ongeveer 1.200 banen met zich meebrengen. Als ziekenhuis kan je je registreren als ophaalpunt voor huishoudelijk afval. Dan krijg je een box aangeleverd waar je al het elektronisch

afval van je instelling in bewaart en zodra die vol is, komt Recupel die ophalen en meteen een nieuwe plaatsen. De Gentse ziekenhuizen AZ Sint-Lucas en AZ Maria Middelares beschikken bijvoorbeeld over zo’n ophaalpunt en dragen zo hun steentje bij. Voor het grotere professioneel materiaal kunnen ziekenhuizen een Recupel Erkende Recycler contacteren, dat kan gemakkelijk via de website www.recupel.be. De Recycler komt langs om een kijkje te nemen en evalueert of het ziekenhuis voor het desbetreffende materiaal nog een vergoeding terugkrijgt, dan wel een bijdrage moet betalen. Dit laatste is bijvoorbeeld het geval als het afval ernstig gedepollueerd moet worden.

Editie 103 Jaargang 11 - september-oktober 2016

ENKELE FACTS & FIGURES ■■ België is een van de meest vooruitstre­ vende landen op vlak van een circulaire economie voor elektromateriaal. Uw medewerking maakt dit mee mogelijk. ■■ In België werd er in 2015 284.618 ton elektro op de markt gebracht. Daarvan werden 111.356 ton, of 25.233.761 toestel­ len door Recupel ingezameld voor her­ gebruik of recyclage. ■■ Wereldwijd wordt er jaarlijks 40 tot 50  miljoen ton e-waste gegenereerd. Dat komt overeen met meer dan 300.000 blauwe vinvissen. E-waste is ook het snelst groeiende type afval is. Jaarlijks produceert de wereldbevolking er 3 à 5% meer van dan het jaar voordien. ■■ In België worden correct ingezamelde toestellen voor 90% gerecycleerd en krij­ gen ze een nieuwe nuttige toepassing. Dit wordt bijna uitsluitend gedaan door Belgische bedrijven. ■■ Een van de zaken die de e-recyclage in België zo efficiënt maakt, is de depollutie. Het weghalen van de schadelijke stoffen is de eerste stap en gebeurt manueel.

Uitgelezen kans voor België en de zorgsector Alle ingrediënten zijn er om van de Belgische e-wasteketen de beste ter wereld te maken, als iedereen mee op de kar springt. Er wordt heel vaak over circu­ laire economie gesproken, maar dan op kleine schaal. Hier hebben we de kans om op grote schaal mee te werken aan de duurzaamheid en gezondheid van onze planeet. Ook in onze ziekenhuizen, die zo bovendien kunnen uitpakken met hun milieuvriendelijke aanpak.  ■

Is uw OK werkelijk bestand? Iedere persoon in een operatiekwartier scheidt tussen 1.000 en 10.000 partikels af per minuut. 10% van deze partikels bevatten bacteriën die zich vasthechten op kritische oppervlakken zoals chirurgische instrumenten op de instrumententafel ... De patiënt wordt doorgaans beschermd onder een unidirectionele flow, de instrumenten echter vaak niet. Deze bevinden zich in een grijze zone waar de ISO 5 norm niet gehaald wordt. Zeker bij langdurige ingrepen waarbij partikels zich opstapelen (orthopedie). Deze gecontamineerde instrumenten komen vervolgens rechtstreeks in contact met de meest kritische zone: de operatiewonde van de patiënt zelf.

Voorkom post-operatieve infecties Voorkom post-operatieve infecties door besmetting in het operatiekwartier: Ontdek de SteriStay van Toul Meditech. Een partikelvrije zone beschermt de chirurgische instrumenten op de operatietafel. Dit impliceert bijgevolg dat de patiënt gedurende de volledige duur van de ingreep beschermd blijft tegen besmetting van de instrumenten die vervolgens in aanraking komen met de patiënt zelf. Bovendien laat deze mobiele instrumententafel toe de instrumenten in een aanpalende ruimte voor te bereiden zonder risico op crosscontaminatie.

Ook buiten het OK ...

Vriendschapsstraat 30, B-3090 Overijse M: info@medtradex.com

T:

W: www.medtradex.com

Actual Care - 01. Inlassing 10-2016 (Steristay & Operio).indd 1

+32 (0)2 769 70 00

Het concept Operio Mobile laat toe kleinere lokale interventies buiten het OK uit te voeren. Een concreet voorbeeld hiervan zijn de intravitreale ooginjecties (IVT), waarvoor nu vaak een volwaardige operatiekamer in beslag wordt genomen. Dergelijke ingrepen kunnen echter perfect in een standaard raadplegingsruimte uitgevoerd worden met behulp van Operio Mobile. Operio Mobile beschikt over een unieke steriele barrière. De omringende lucht wordt door Operio Mobile via een ingebouwde HEPA filter gezuiverd van partikels en bacteriën, hetgeen de kritische zone meteen veilig stelt. Wij garanderen immers de ISO5 norm. Het apparaat is bovendien eenvoudig in gebruik en in transport.

17/10/2016 10:16:56

3


4

Editie 103 Jaargang 11 - september-oktober 2016 

actualcare

Eerste HEALTH&CARE vakbeurs: “Missie geslaagd” “5684 zorgprofessionals vonden de weg naar de vernieuwde HEALTH&CARE-beurs in Flanders Expo”, zegt beursorganisator Catherine Degreef. De nieuwe locatie en het sterke concept van het driedaagse event maakten er een absolute topper van. “Zelfs het VRT-journaal bracht verslag uit over HEALTH&CARE”, vervolgt Catherine Degreef. “De boodschap is overgekomen dat dit dé nieuwe ont­ moetingsplek is voor de belangrijkste actoren: zorg­ sector, industrie, academische wereld en overheid.” Die laatste was goed vertegenwoordigd, met Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Jo Vandeurzen en Flanders’ Care die present teken­ den. FIT was aanwezig met een Duitse delegatie en ook een Nederlandse en Finse delegatie zakten af naar HEALTH&CARE. “We hadden kwalitatieve bezoekers met gerichte vragen. Dat werd door onze 310 deelnemers sterk gewaardeerd. De zorgkamers ‘Bij Tuur, Marie en Bart’ zorgden voor een inspi­ rerende beleving en ook de demo’s van het Parki’s Kookatelier konden op veel bijval rekenen.” Voor wie een seminarie miste: de presentaties zijn te raadple­ gen via www.health-care.be. HEALTH&CARE staat in ieder geval stevig op de kaart. Afspraak over twee jaar voor de volgende editie, in april 2018. HEALTH&CARE Awards: vijf categorieën Vier genomineerden per categorie, een prijs van de vakjury en een publieksprijs. Minister Jo Vandeurzen reikte de HEALTH&CARE Awards uit voor de cate­ gorieën Health & Care, Innovatie, Tools, Concept en Hospitality.

Innovatie in zorgproducten, -diensten, -pro­ cessen en -concepten – en opleidingen – is hét antwoord op de enorme sectorbehoeften, bena­ drukte Jo Vandeurzen nog eens. “Het Flanders’ Care-programma ondersteunt de zorgsector op een meetbare manier via innovatiemiddelen voor kwaliteitsvolle zorgoplossingen en economische ontwikkeling, maar ook door industrie, for-profit­ organisaties, dienstverleners uit welzijn en zorg, kennisinstellingen en patiëntenorganisaties samen te brengen.” Precies wat HEALTH&CARE beoogt, en de Award-thema’s weerspiegelen die multichannel­ benadering. In elke categorie werd een bijzonder initiatief bekroond. De publieksprijzen gingen naar projecten met een hoog human interestgehalte. Enkele indrukwekkende getuigenissen van winnaars confronteerden de zaal door hun fysieke aandoening rechtstreeks met het belang van innovatie. Gratis zendtijd op Kanaal Z In de categorie Health & Care kaapte AZ Maria Middelares de prijs van de vakjury weg met HIPS, een project dat beheersprocessen en middelen afstemt op het zorgtraject van de patiënt. De publieksprijs ging naar Parki’s Kookatelier voor Parkinsonpatiënten, waarvan bezieler (en zelf Parkinsonpatiënt) Yves Meersman de prijs in ontvangst nam. In de cate­

gorie Innovatie won Motex de professionele award, een brace voor revalidatie voor patiënten met een knieprothese. Digitaal communicatieplatform Aperi Home won de publieksprijs. De categorie Tools zag met de digitale coach MoveUp voor een knie-revali­ datieproject een kinetoepassing winnen, terwijl het publiek vooral geïnspireerd werd door de digitale patiëntenborden in de verpleegposten van het UZ Gent. In Concept kaapte het indrukwekkende postrevalidatiecentrum To Walk Again van het AZ

Herentals zowel vak- als publieksprijs weg. Op het vlak van Hospitality bekoorden de ervarings­ deskundigen van het Psychiatrisch Ziekenhuis Bethaniën met hun Herstel, OndersteuningPatiëntenperspectief (HOP)-aanpak. Het publiek koos voor Vroedvrouw aan Huis van ZNA Jan Palfijn. Foodservicebedrijf Solucious (Colruyt Group) bood elke winnaar een cheque om voor 10 mensen op het werk te aperitieven, Kanaal Z bood voor 3000 euro gratis zendtijd.  ■


actualcare 

Editie 103 Jaargang 11 - september-oktober 2016

Content reportage

Bespaar tijd en geld met een efficiënte oplossing voor het extern opslaan, scannen en indexeren van uw papieren archief Vindt u het als gezondheidsprofessional moeilijk en duur om uw steeds groter wordende papieren archief efficiënt te beheren? Heeft u soms onvoldoende plaats om al uw documenten te bewaren? Maakt u zich zorgen dat u sommige belangrijke documenten zult verliezen of denkt u dat u niet langer kunt garanderen dat u de wetgeving naleeft? Als dat het geval is, is het zeker de moeite te overwegen om het beheer van uw papieren archief aan een ervaren dienstverlener uit te besteden. Deze partner staat dan in voor de externe opslag, het scannen van documenten, de indexering en het ophalen van documenten op aanvraag.

Dé manier om de kosten voor fysieke opslag te minimaliseren De kosten voor het beheren of ophalen van fysieke documenten kunnen hoog oplopen, vooral wanneer een bepaald document drin­ gend gelokaliseerd moet worden of als er regel­ matig documenten moeten worden opgehaald. Dit is zeker het geval voor ziekenhuizen die enorme volumes aan documenten, zoals medi­ sche dossiers van patiënten, moeten verwerken en die zich aan een strenge wetgeving op vlak van dataprivacy, veiligheid en documenten­ bewaring moeten houden. iGuana ScanFactory biedt twee voordelige oplossingen om deze kosten te beperken: Store2Scan en Help2Scan. Store2Scan met iGuana ScanFactory Store2Scan is een alternatief voor de conven­ tionele externe opslag van documenten die gepaard gaat met terugkerende kosten voor archiefopslag en documentopvraging. Ons doel is niet om uw archief te bewaren en de fysieke documenten te bezorgen wanneer u ze nodig heeft, maar om ze op te pikken, te scannen en u voor eens en voor altijd af te helpen van al dat papier en de kosten die eraan verbonden zijn. iGuana kan uw gehele archief leeghalen, het in zijn veilige, externe opslagfaciliteit bewaren, al uw documenten geleidelijk aan scannen en indexeren (inclusief dringende aanvragen op verzoek) en u deze in digitale vorm bezorgen. Terzelfdertijd vernietigen we alle documenten die reeds waren gescand op een veilige manier. Diensten van Store2Scan ǐǐ Volledige inventaris en ophaling van uw complete archief ǐǐ Levering aan veilige faciliteit in speciale archiefdozen ǐǐ Scheiding van doosinhoud; streepjescode voor elk document ǐǐ Scanning (voor- en achterkant) met speciale scanners ǐǐ Voortdurende kwaliteitscontroles (papieren en gescande documenten) ǐǐ Veilige vernietiging van papieren documenten (met certificaat) ǐǐ Documenten/metadata importeerbaar in uw systemen ǐǐ Routering van de gescande documenten naar uw personeel Waarom deze aanpak? De ervaring leert ons dat het verhuizen van uw archief van de ene fysieke locatie naar de andere – zelfs als dit u in staat stelt om uw bestaande archiefruimte opnieuw in te vullen – doorgaans enkel op korte termijn financieel en opera­ tioneel leefbaar is. Zolang u ergens een fysieke opslagplaats heeft, zal dit op lange termijn een terugkerende kost blijven. Store2Scan kan u helpen om deze kosten in de toekomst te redu­ ceren en een duidelijk verschil te zien in uw winst.

Een van de belangrijkste voordelen voor een ziekenhuis is dat u met Store2Scan betaalt voor de gescande documenten en niet voor de opslag; en dat uw betalingen verspreid zijn over de duur van het langlopende scanningproject.

Help2Scan is een handige optie als het documentenvolume dat u op regelmatige basis uit uw archief ophaalt, relatief laag is maar toch voldoende om heel wat kostbare tijd van uw personeel op te slokken.

Belangrijkste voordelen van Store2Scan: ■■ Vrijgekomen ruimte (die opnieuw kan wor­ den ingevuld) en daling van de operationele kosten ■■ iGuana inventariseert uw volledige archief en alle documenten worden zorgvuldig geregistreerd ■■ U betaalt voor de gescande documenten en niet voor de fysieke opslag van uw papieren archief ■■ Uw kosten worden verspreid over de duur van het langlopende scanningproject ■■ De scanning kan gebeuren op verzoek, d.w.z. wanneer u dat wenst, u bent volledig digitaal vanaf dag 1 ■■ U hoeft zich niet langer zorgen te maken over papieren documenten eens ze worden opge­ pikt door ScanFactory ■■ U heeft de volledige controle over uw digitale archief – er zijn geen terugkerende kosten voor het ophalen van documenten ■■ Uw digitale archief is volledig en juridisch conform aan de wetgeving en aan de regels inzake privacy en documentenbewaring

Wij raden u aan om u te richten op de meest per­ tinente behoeften van uw organisatie en om uw documenten (patiëntendossiers, leveranciers­ documenten, facturen, e-mails, personeelsbe­ standen, contracten etc.) te laten scannen als en wanneer dat nodig is.

Help2Scan met iGuana ScanFactory Help2Scan is een goede oplossing voor uw zie­ kenhuis als u op zoek bent naar manieren om uw personeel minder tijd te laten besteden aan papierwerk en het scannen van documenten dag na dag. Enerzijds wilt u dat uw personeel productiever werkt en nog meer gefocust is op het verzorgen van de patiënten; anderzijds wilt u geen volledig scanningproject ondernemen. U heeft gewoon een klein beetje hulp nodig met de papieren documenten die uw eigen personeelsleden uit gebrek aan tijd of middelen gewoonweg de baas niet meer kunnen.

Diensten van Help2Scan ǐǐ Preregistratie en ophaling van uw documenten ǐǐ Levering aan veilige faciliteit in speciale archiefdozen ǐǐ Scheiding van doosinhoud; streepjescode voor elk document ǐǐ Scanning (voor- en achterkant) met speciale scanners ǐǐ Voortdurende kwaliteitscontroles (papieren en gescande documenten) ǐǐ Veilige vernietiging van papieren documenten (met certificaat) ǐǐ Documenten/metadata importeerbaar in uw systemen ǐǐ Routering van de gescande documenten naar uw personeel

Op deze manier heeft uw personeel de ver­ eiste documenten altijd binnen handbereik, zonder dat ze zich zelf moeten bezighouden met de tijdrovende zoektocht en ophaling van de papieren equivalenten. Voor een vast maan­ delijks bedrag (vaste kost, geen verrassingen) kunt u uw scanningbehoeften stap voor stap invullen. Het maandelijkse Help2Scan-contract omvat een vast aantal dozen geleverd door ScanFactory (standaardformaat). De kosten

worden berekend op basis van het aantal dozen (minimum 100 dozen per maand). Belangrijkste voordelen van Help2Scan: ■■ Onze medewerkers doen het werk waar uw personeel geen tijd voor heeft ■■ Vaste prijs per standaarddoos; vaste kost per maand; geen forfaitaire investering vereist vooraf ■■ U ontvangt een vaste maandelijkse factuur en weet dus altijd waar u zich de maand nadien aan kunt verwachten ■■ Geen onvoorziene kosten en onaangename verrassingen; uw financiële planning wordt gemakkelijker ■■ Alle gescande documenten zijn importeer­ baar in uw bestaande IT-systemen (HIS, DMS, HRM/HCM etc.) ■■ U kunt uw digitale documenten routeren naar bepaalde personeelsleden indien nodig ■■ De gescande documenten kunnen op een veilige manier worden vernietigd, wat uw fysieke archiefruimte en de kosten die ermee gepaard gaan reduceert

Waarom kunt u voor uw documenten vertrouwen op iGuana ScanFactory? iGuana heeft al meer dan 30 jaar ervaring op vlak van scannen en indexeren van grote volumes documenten, voornamelijk voor klanten in de gezondheidssector in de Benelux. Tot op vandaag heeft ScanFactory al meer dan 320.000.000 documenten voor tal van klanten verwerkt. Onze veilige en beveiligde scanfaciliteit wikkelt grote volumes documenten af in een recordtempo en is uitgerust met speciaal scanning­ materiaal en onze eigen beproefde software voor archiefbeheer. Ons uitgebreide team van professionals heeft heel wat ervaring op vlak van de verwerking van documenten en levert telkens digitale documenten af van de beste kwaliteit.

Over iGuana iGuana (het voormalige Allgeier DMS Solutions) heeft meer dan 30 jaar ervaring in het elektronisch beheer van documenten en oplossingen en diensten voor documentenarchivering. iGuana kan terugvallen op een diepgaande ervaring op het vlak van scannen en indexeren van grote hoeveelheden documenten en is een marktleider in de gezondheidssector. Velen zouden iGuana erkennen als betrouwbare leverancier van Medical Viewer- en ScanFactory-oplossingen. iGuana helpt organisaties bij het elektronisch beheren van hun documenten op een efficiënte en juridisch conforme manier. www.iGuana-DMS.com Leuvensesteenweg 633 1930 Zaventem, België +32 (0)2 70 90 100 iguana@iguana-dms.com

5


6

Editie 103 Jaargang 11 - september-oktober 2016 

actualcare

REEKS: PATIËNTENVERENIGINGEN

“We streven naar meer slagkracht voor patiëntenverenigingen” Bij Joanna Van Reyn werd Waldenström vastgesteld, een zeldzame kanker. Ze bleef niet bij de pakken zitten en is heel actief in de patiëntenvereniging CMP. Professor Rik Schots, UZ Brussel, wil patiëntenverenigingen een stem geven. Bij Joanna Van Reyn (82) werd tien jaar gele­ den vastgesteld dat ze leed aan de ziekte van Waldenström, een zeldzame ongeneeslijke kanker die in het beenmerg ontstaat door een kwaadaardige woekering van een bepaalde soort witte bloedcellen, de lymfocyten. De aandoening kenmerkt zich ook door een aanwezigheid van een abnormaal eiwit, het IgM, in het bloed en kent een langzaam verloop. In de patiëntenver­ eniging CMP, Contactgroep Multipel Myeloom en Waldenström Patiënten, is zij de verantwoorde­ lijke voor deze laatste aandoening. De drie pijlers waarop de doelstellingen van een patiëntenver­ eniging zich richten zijn belangenbehartiging, lotgenotencontact en informatiebezorging. Belangenbehartiging CMP kaart bepaalde problemen aan. De behan­ deling van kanker is door de ontwikkeling van nieuwe medicijnen veel meer maatwerk dan vroeger en dat verhoogt de levenskansen. “Jammer genoeg duurt het vaak veel te lang voor­

aleer werkzame innovatieve medicatie voor de behandeling van weeskankers als multipel mye­ loom en Waldenström op de Belgische markt komt. Het gaat om veel geld voor een kleine groep patiënten. De European Medicine Agency beslist daarover, maar er komen veel procedures bij kijken. Onlangs ondertekenden we mee een schrijven aan EMA om het negatief advies dat ixazomib, effectief in de behandeling van multi­ pel myeloom, om te buigen zodat het op de markt kan komen”, zegt Joanna Van Reyn. Momenteel loopt een klinisch onderzoek naar de werkzaam­ heid van ixazomib in de behandeling van de ziekte van Waldenström. Ervaringen delen Een van de doelstellingen van CMP is ook om lot­ genoten en hun familie samen te brengen. “Het uitwisselen van ervaringen en het doorgeven van informatie is heel belangrijk. De diagnose van kanker is heel hard. Er zijn regionale contactpun­ ten, er is de Nieuwsflash, een driemaandelijks

■■

In België zijn er een zestal patiëntenverenigingen voor hemato-oncologische ziektes: CMP (Contactgroep Myeloom en Waldenström Patiënten), MyMu (Franstalige vereniging voor mul­ tipel myeloom), LVV (Lymfeklierkanker Vereniging Vlaanderen), Hodgkin en Non-Hodgkin, LotUZ (patiënten na allogene stamceltherapie) en MPN/AlteSMP (patiënten met myeloproli­ ferative neoplasieën).

■■

De zes patiëntenverenigingen hebben samen circa 2000 leden: patiënten, familie en vrienden

■■

Jaarlijks zijn er 650 nieuwe patiënten met multipel myeloom. Multipel myeloom komt voor bij 3 tot 4 patiënten op 100.000, Waldenström bij 3 tot 4 patiënten op 1 miljoen

■■

Tien procent van alle oncologische diagnoses houdt verband met hematologie. Het gaat om gemiddeld 6500 nieuwe patiënten per jaar. Er is een lichte stijging, vergelijkbaar met andere vormen van kanker. De toename heeft vooral te maken met de veroudering van de bevolking, met een ongezonde levensstijl en mogelijk met omgevingsfactoren zoals luchtvervuiling.

tijdschrift. Ik wil ook laten zien dat een actief leven nog mogelijk is. Zo ga ik naar symposia en volg ik cursussen, onder meer bij Trefpunt Zelfhulp. Je mag je niet laten gaan, je kunt je weerbaar opstellen”, zegt Joanna Van Reyn. Zo ging ze naar Amsterdam waar op zaterdag 8 okto­ ber het EWMnetwork (European Waldenström Macroglobulinemia Network) een bijeenkomst hield met vertegenwoordigers uit verschil­ lende landen. Op zondag 9 oktober woonde ze er het tweejaarlijks Doctors-Patients forum bij, georganiseerd door de IWMF (International Waldenströms Macroglobulinemia Foundation). Een jaarlijks CMP-symposium waarop pro­ minente hematologen aan het woord komen bezorgt de lotgenoten medische informatie. Medische wereld CMP streeft naar goede contacten met de artsen. Die zijn er, maar kunnen beter. Artsen kunnen bij hun patiënten ook de patiëntenvereniging CMP en de activiteiten bekend maken. Een patiënt­ vriendelijk ziekenhuis kan veel bijdragen tot een positieve samenwerking met de patiëntenvereni­ gingen. Samen met Trefpunt Zelfhulp wordt hier­ aan gewerkt. Het is ook een zoektocht naar centen. “Onze vereniging krijgt subsidies van bijvoorbeeld Kom op tegen Kanker. We vinden ook sponsorgeld bij farmaceutische bedrijven, hoewel we daar niet al te afhankelijk van willen/mogen worden. Toch is continuïteit een probleem, want de wer­ king draait volledig op vrijwilligers, hoofdzakelijk lotgenoten! Een meer structurele financiering is echt wel wenselijk.”

Professor Rik Schots, hoofd dienst Hematologie UZ Brussel Platform Professor Rik Schots is hoofd van de dienst Hematologie in het UZ Brussel. Daar is ook een Myeloom Centrum Brussel (MCB). Hij merkt bij de patiënten de behoefte aan contact met lot­ genoten. “CMP levert uitstekend werk. Voor pa­­ tiënten en hun familie is dat heel belangrijk. Zowel ik als mijn collega dr. Trullemans zijn graag sprekers op hun symposia. We bieden ook logistieke steun, zoals het gratis gebruik van een auditorium. Patiëntenverenigingen hebben het echter niet gemakkelijk om de doelgroep te berei­ ken. Artsen moeten hier een informerende rol vervullen”, zegt professor Rik Schots.

kunststofvloeren

KLAAR IN

1 DAG ! BELASTBAAR NA

2 UUR ! Uitgebreid aanbod gietvloeren • plaatsing door eigen personeel • antislipgraad naar vrije keuze • zeer duurzaam • naadloos • volgens de hygiënische normen • met afgeronde plinten • gemakkelijk te reinigen • kan aangebracht worden op zowel • nieuwe als oude ondergronden • hittebestendig systeem beschikbaar

Strong quality, fast service !

Welvaarstraat 5 - 2200 Herentals - T +32 14 51 54 85 - info@devafloor.eu - www.devafloor.eu

uw partner in koffiesystemen voor de zorgsector www.mikocoffee.com – info@mikocoffee.com – 0800/44 0 88


actualcare  Schots is nauw betrokken bij patiëntenorgani­ saties. Tot januari 2016 was hij voorzitter van de Belgian Hematology Society (BHS). “In onze missie onderschreven we de ambitie om patiënten­organisaties in het specifieke domein van hematologie te ondersteunen. Heel concreet bieden we financiële steun, praktische hulp bij het organiseren van activiteiten enzovoort. Elk jaar is er een General Annual Meeting van de BHS. Patiëntenorganisaties kunnen dan ook bij­ eenkomsten organiseren die de BHS financiert. Daarnaast is er binnen de BHS recent een comité opgericht om patiënten met een hemato-on­ cologische aandoening samen te brengen, dit via vertegenwoordigers. Via dit platform beogen we een repre­ sentativiteit

van het veld. Zo zijn de organisaties meer zicht­ baar in de wereld van hematologie en kunnen ze bij beleidsmakers hun stem laten horen. Organisatorisch zijn patiëntenorganisaties echter nog te weinig gestructureerd om op het beleid te wegen. CMP liet wel al van zich horen op het vlak van terugbetaling van medicatie.” Weerklank Er zijn momenteel een zestal verenigingen voor de specifieke doelgroep van hemato-oncologie. Die tellen samen zowat 2000 leden (patiënten, familieleden en sympathisanten), wat een behoorlijk aantal is. “Daarnaast zijn er nog enkele patiëntengroepen die nog niet georga­ niseerd zijn, die willen we ook bij het platform betrekken. Het is dus absoluut zinvol dat er

Editie 103 Jaargang 11 - september-oktober 2016

vertegenwoordigers zijn om de contacten met de overheid te verzorgen. Via bevragingen en meetings kunnen de verenigingen polsen naar reacties van hun leden. Het artsenkorps in ons domein is alvast vragende partij om patiënten een forum te bieden en hebben de taak ze daarin te steunen. Artsen en verpleegkundigen staan voortdurend met de patiënten in contact en kennen de noden en vragen heel goed. Artsen hebben de expertise, middelen en mogelijkhe­ den om hen te helpen zich beter te structureren. We hebben positieve ervaringen, er is een con­ structieve interactie, gebaseerd op wederzijds vertrouwen”, aldus professor Rik Schots. Hij haalt het voorbeeld van Nederland aan. Daar is er Hematon, een nationale organisa­ tie. De overheid geeft Hematon subsidies om een werking uit te bouwen. Zo zijn ze niet afhankelijk van giften uit de farmaceutische industrie. Die zijn vaak bereid patiënten­ organisaties financieel te ondersteunen, maar hebben ook eigen belangen, zoals de terugbetaling van medicatie. Hematon heeft een centraal bestuur dat de werking aanstuurt en de orga­ nisatie vertegenwoor­ digt bij autoriteiten. Zo hebben ze meer impact op bepaalde

Mevrouw Joanna Van Reyn beslissingen. “De Belgische overheid verwacht dat patiëntenverenigingen mee aan tafel zitten, maar heel concrete stappen zijn er nog niet gezet. Er zijn wel koepels zoals de Vlaamse Liga tegen Kanker (VLK) - Kom op tegen Kanker, maar die bieden eerder algemene -ook finan­ciële- onder­ steuning en zijn onvoldoende gericht op speci­ fieke doelgroepen. We hopen via een specifiek platform onze hematopatiënten meer inspraak te kunnen geven.” Hilde Pauwels

www.cmp-vlaanderen.be www.bhs.be

SYMPOSIUM MEDICAL DEVICES: IS THE SKY THE LIMIT? Datum: 22/11/2016 Organisatie: Vlaamse Vereniging van Ziekenhuisjuristen Locatie: Auditorium het Notenhof Campus Kennedylaan Informatie: congressecretariaat@azgroeninge.be - t. 056 63 67 50 Omschrijving: Medical devices veroveren de leefwereld van zorgverstrekkers en patiënten. Ze worden niet alleen talrijker, maar ook steeds inventiever. Is ons lichaam binnenkort een aaneenschakeling van vervangbare, met de 3D printer vervaardigde, onderdelen die we met onze smartphone bedienen? Hoe weten we of die onderdelen wel voldoen aan bepaalde kwaliteits‑ normen en hoe beschermen we ze tegen oneigenlijk gebruik? In dit symposium worden de grenzen van het haalbare en toelaatbare afgetast, op zoek naar de wijze waarop de medical devices zorgverstrekkers en patiënten het beste kunnen dienen zonder hun veiligheid in het gedrang te brengen.

Programma: 18:15

Onthaal met verzorgde broodjes

18:50

Verwelkoming Ziekenhuisjuristen: “gatekeepers” with a “can do” attitude Heidi Diet, bedrijfsjurist Onze-Lieve-Vrouwziekenhuis Aalst Medical devices from experience to delight Prof. Dr. Koen Kas, InBioVeritas & Advance.Healthcare Medical devices compliancy issues – heaven or hell? Ann Bracke, bedrijfsjurist az groeninge Heidi Diet, bedrijfsjurist Onze-Lieve-Vrouwziekenhuis Aalst The new medical devices Regulation: be prepared! Meester An Vijverman Advocaat-partner Dewallens & Partners Cyber security threat to medical devices. Legal issues. Meester Ann Dierickx Advocaat-partner Dewallens & Partners Transparency in the interest of the patient Mieke Goossens – consultant Lid van het Beheerscomité betransparant.be Q&A and Key-messages Ann Bracke, bedrijfsjurist az groeninge Netwerken – receptie met verrassende hapjes

19:00 19:30

Inschrijven: Voor deelname aan dit symposium vragen wij een bijdrage van 75 euro. 20:10

U kan tot 10/11/2016 inschrijven via de website: www.azgroeninge.be/symposia.

20:40 Met de steun van:

acca

actualcare

21:05

21:30 21:35

Accreditering voor de artsen (economie en ethiek) is aangevraagd.

7


8

Editie 103 Jaargang 11 - september-oktober 2016 

actualcare

Achter al uw ideeën zit een goed financieringsidee

Ontdek onze innovatieve financieringsoplossingen op ing.be/financiering Elke dag opnieuw geeft u blijk van creativiteit om uw organisatie vooruit te helpen. Bij ING doen we net hetzelfde om financieringsoplossingen te vinden op maat van uw behoeften. Of het nu via klassieke kredieten is, diverse vormen van leasing, crowdfunding of nog heel wat andere alternatieven. Samen kiezen we de formule die het best bij uw plannen past.

ING België nv – Bank/Kredietgever – Vennootschapszetel: Marnixlaan 24, B-1000 Brussel – RPR Brussel – Btw: BE 0403.200.393 – BIC: BBRUBEBB – IBAN: BE45 3109 1560 2789. Verantwoordelijke uitgever: Inge Ampe – Sint-Michielswarande 60, B-1040 Brussel.


actualcare 

Editie 103 Jaargang 11 - september-oktober 2016

REEKS VRIJWILLIGERSWERK: RZ HEILIG HART TIENEN

“De vrijwilligers zijn onze collega’s” “Vrijwilligers zijn bij ons collega’s, medewerkers zoals de andere medewerkers in het ziekenhuis. Ze worden ook telkens uitgenodigd op personeelsfeesten en nieuwjaarsrecepties”, zegt Martine Permantier, onthaalcoördinator van het RZ Heilig Hart Tienen. Het toont meteen aan met hoeveel respect de vrijwilliger in het Tiense ziekenhuis wordt bejegend. Het Regionaal Ziekenhuis van Tienen heeft drie campussen: campus Mariëndal in de Kliniekstraat, Campus Sint-Jan in de Houtemstraat en het Medisch Centrum in Aarschot. Momenteel zijn er 33 vrijwilligers actief op de drie campus­ sen. “Overwegend vrouwen maar ook een vijf­ tal mannen”, licht vrijwilligersaanspreekpunt Martine Permantier toe. “Meestal rijpere mensen die zich na hun actieve carrière nog wat nuttig willen maken en voelen, maar soms ook jongeren. Een paar jaar geleden hadden we een jongeman die na zijn IT-studies niet goed wist welke richting hij zijn leven moest geven. Hij is hier zowat een half jaar vrijwilliger geweest en studeert momen­ teel verpleegkunde. Hij heeft zijn bestemming gevonden: hij wil verpleger worden.” Het ziekenhuis gaat actief op zoek naar vrijwilli­ gers, want zoals in elk ziekenhuis zijn helpende handen altijd welkom. Soms bieden kandidaten zich ook spontaan aan. “We plaatsen vacatures op onze website”, vervolgt Martine Permantier. “Een kandidaat-vrijwilliger schrijft een brief waarin hij motiveert waarom hij of zij vrijwilliger wil worden. Er volgt een gesprek. Na de korte screening mag hij of zij aan de slag. Nadien volgen er nog regel­ matig gesprekken om te zien of het allemaal lukt. Belangrijk is dat de vrijwilliger, net als de andere medewerkers, zich thuis voelt op de werkvloer. Het gebeurt zelden dat we iemand moeten ‘door­ sturen’.” “Meestal stopt iemand door een verandering in de privésituatie… Bijvoorbeeld om de kleinkinde­ ren of uit gezondheidsoverwegingen. Vrijwilligers worden op verschillende diensten ingezet. We hebben mensen op geriatrie en pediatrie. Ze begeleiden de patiënten, slaan een babbeltje of lezen voor uit de krant of een boek. Bij de ouderen gaat het vaak ook om gezelschap houden. Op de kinderafdeling zijn ze vaak in de buurt van de ouders als een kind een ingreep dient te onder­ gaan. Ze gaan met de ouders en kinderen mee naar het operatiekwartier. Wanneer er scholen op bezoek komen, begeleiden ze, samen met de spelbegeleidster, de klasjes op rondleiding in het ziekenhuis. Je hoort het: taken genoeg.” Het RZ Heilig Hart Tienen heeft ook een paar vrijwilligers aan het onthaal en in het MCT. “Niet zozeer aan de inschrijvingsbalie, wel om bezoekers naar de juiste wachtkamers of afde­ lingen te loodsen. Ernest is een goed voorbeeld. Hij zit in de wachtkamer waar de bezoekers zich moeten inschrijven aan de digitale kiosken. Mensen die niet vertrouwd zijn met de digitale kiosken helpt hij op weg. Ook brengt hij patiënten indien nodig naar de juiste wachtkamer. Tussendoor verwent hij ook nog eens de dames aan de balie met een kopje koffie. Ernest wordt hier op handen gedragen, zeker weten! Jammer dat hij maar twee halve dagen per week komt. We zijn dus nog zoek naar mensen die zijn taak kunnen overnemen als hij er niet is.” De Tiense vrijwilligers zijn onderverdeeld in groe­ pen. Zo is er op de Campus Sint-Jan een team van een tiental mensen die elke zondag een gebeds­ viering of een eucharistieviering organiseren. Patiënten die dat wensen, brengen ze vanuit hun kamer naar de kapel en terug. “De groep vrij­ willigers houdt er een beurtrol op na. Dat loopt echt gesmeerd. We hebben ook een zestal dames die samen het Tiense kankersteunpunt hebben opgericht. Elke voormiddag vangen ze de mensen op die voor een behandeling naar het niet-chirur­ gisch dagziekenhuis komen. Ze verwennen hen, houden hen gezelschap en zorgen voor een kleine attentie als ze jarig zijn. Deze dames hebben ook contacten met de verschillende serviceclubs in Tienen. Geregeld halen ze giften binnen die ze dan investeren in bijvoorbeeld boeken en atten­

ties voor de patiënten op Oncologie. Een erg mooi initiatief! Sinds kort is er ook een vrijwilligster actief vanuit ‘Envie’, een lotgenotenorganisatie voor patiënten met borstkanker. Zij ondersteunt deze patiënten vanuit haar eigen ervaring. Tot slot zijn er nog een paar vrijwilligers actief in de materniteit en het operatiekwartier MCT. Zij hebben vroeger in het ziekenhuis gewerkt en zijn nu met pensioen. Bij onvoorziene omstandighe­ den springen ze al eens in op hun vroegere afde­ ling”, aldus Martine Permantier. Vrijwilligers in het Tiense Ziekenhuis herken je aan hun badge waarop hun naam en de vermelding “vrijwilliger” staan. “Alleen op de verpleegdiensten dragen ze een uniform, verder zien de vrijwilligers eruit zoals gewone bezoekers. Elke vrijwilliger tekent een contract waarin verzekering en onbezoldigd engagement worden vastgelegd. We moeten wel op hen kunnen rekenen. Vrijwilligerswerk kan ook voor mensen die wegens ziekte niet op de normale arbeidsmarkt terecht kunnen, een mooie oplossing bieden. Mits toestemming van de mutualiteit kunnen ze zich nog nuttig voelen als vrijwilliger in het ziekenhuis. Het geeft hen opnieuw een doel in hun leven”, besluit Martine Permantier. Luk Derden

Martine Permantier, aanspreekpunt vrijwilligers

Vrijwilliger Fran in Medisch Centrum Aarschot: “Maandag is de leukste dag van de week” Fran Vleminckx is een van de 33 vrijwilligers verbonden aan het Regionaal Ziekenhuis van Tienen. Zij helpt in het Medisch Centrum van Aarschot. Altijd op maandagochtend: het moment waarop de neus-, keel- en oorartsen de jongere patiëntjes in het operatiekwartier plannen. Vaak een erg drukke ochtend in het dagziekenhuis. “Het was mijn droom om als verpleegkundige te kunnen werken op een kinderafdeling. Ik ben dol op kinderen en ga sinds mijn twaalfde babysitten. Tijdens mijn eerste jaar verpleegkunde sloeg een ongeval

mijn droom aan diggelen. Ik kreeg te horen dat ik nooit meer voltijds of deeltijds zou kunnen werken. Mijn bekken is aan elkaar gezet en ik mag mijn lichaam niet lang belasten.” “Voor mij is maandag de leukste dag van de week. Ik vergezel de kindjes met hun ouder(s) naar hun kamer en het operatiekwartier. Ik praat met hen en bereid hen voor op wat er verder zal gebeuren. Als ze gespannen zijn, probeer ik ze af te leiden of speel ik een beetje met hen. Eigenlijk volg ik hun traject zodat ze

altijd eenzelfde vertrouwd gezicht rondom zich hebben. Ik vind het zalig! Ik heb al vaak vrijwil­ ligerswerk gedaan, maar ik had nooit gedacht dat ik zoiets leuks zou kunnen vinden. Het team verpleegkundigen en artsen nam me zelfs mee op teambuilding. Ik doe dit werk nog maar een klein jaar en kijk telkens weer uit naar maan­ dag. Thuiszitten is echt niks voor mij. Dankzij mijn vrijwilligerswerk heb ik een zinvol doel en kan ik voor een stukje toch nog mijn droom waarmaken.”

9


10

Editie 103 Jaargang 11 - september-oktober 2016 

actualcare

Zelf doen of uitbesteden?

Technisch onderhoud en schoonmaak Is het de beste oplossing om specifieke, maar volumineuze schoonmaaktaken, zoals het reinigen van ramen, uit te besteden of ze met eigen mensen en middelen uit te voeren. En wat met het onderhoud van de technische infrastructuur? De ervaringen van Zorgbedrijf Antwerpen en AZ Herentals illustreren dat er ook een derde weg mogelijk is: samenwerkingsverbanden. Zorgbedrijf Antwerpen is met zijn 17 eigen woon­ zorgcentra, 42 dienstencentra, 7 centra voor jeugdzorg en 3.500 assistentiewoningen veruit de grootste Antwerpse speler in de woonzorg­ sector. Het bedrijf, ontstaan vanuit het Antwerpse OCMW, beheert 108 eigen gebouwen­complexen, samen goed voor een vloeroppervlakte van 520.000 m². Daarvoor staan 3.700 medewerkers en circa 2.000 vrijwilligers in. “De schoonmaak van de assistentiewoningen regelen de bewoners zelf,” vertelt directeur faci­ lities David De Mol. “Wij zijn verantwoordelijk voor 212.000 m². Onze eigen dienst voor schoon­ maak en kamerzorg telt 476 mensen, onze tech­ nische dienst 38 mensen.” Woonbeleving Voor hij bij het zorgbedrijf terechtkwam had De Mol al vele jaren op de teller staan bij Sodexo. “Toen pleitte ik er vol overtuiging voor om dien­ sten zoals schoonmaak en catering vanaf een bepaalde schaalgrootte toe te vertrouwen aan externe specialisten zoals Sodexo. Intussen heb ik de zaken vanuit een andere invalshoek beke­ ken en bewust de beslissing genomen om al wat in onze woonzorgcentra de woonbeleving raakt, zoveel mogelijk in eigen hand te houden.” Binnen de belevingssfeer valt de catering en al wat met voeding te maken heeft, maar ook het poetsen. “Die diensten hebben in een woonzorg­ centrum een grote impact op de bewoners. Het onderhoud van complexe technische installaties en vooral de technische controles en keuring besteden we wel uit. Het is geen goed idee jezelf te controleren.” Samenwerkingsverbanden Zorgbedrijf Antwerpen stapt ook graag mee in samenwerkingsverbanden. “Wanneer die tot optimale situaties kunnen leiden, zoals op het vlak van kostenbesparing. Zo werken we al lang met diverse zorginstellingen samen in de indus­ triële wasserij Clova. Een van de voordelen van zulke samenwerkingsverbanden is dat je dan zelf mee aan het stuur zit van de externe diensten­ aanbieder, via de raad van bestuur. We zetten hierin binnenkort mogelijk nog een stap verder. Samen met het Openbaar Pschychiatrisch Ziekenhuis Rekem en beveiligingsspecialist Seris hebben we een voorstel ingediend om samen het nieuwe Forensisch Psychiatrisch Centrum in Antwerpen uit te baten.” Sociale tewerkstelling Het schoonmaken van de ramen van de eigen gebouwen gebeurt sinds 2009 eveneens in het kader van een samenwerkingsverband. “Samen met de stad en het OCMW van Antwerpen hebben we toen het bedrijvencentrum Pax opge­ richt. Pax biedt OCMW-klanten de mogelijkheid nuttige werkervaring op te doen of zich in het arbeidscircuit te herintegreren. Dat kan gebeu­ ren via allerlei klussen in onze gebouwen, maar vooral door het schoonmaken van de ramen. Ze beperken zich wel tot de binnen- en buitenkant kant van alle ramen die ze kunnen bereiken zonder gebruik te maken van ladders of hoogte­ werkers. Voor het lappen van de buitenkanten op de hogere verdiepingen hebben we een extern schoonmaakbedrijf gecontracteerd: Gom.” Ziekenhuizen sleetgevoelig AZ Herentals heeft het poetsen en een groot deel van het onderhoud toevertrouwd aan externe partners. De eigen technische en facilitaire dienst telt slechts vijftien mensen. Het hele zie­ kenhuis telt zevenhonderd medewerkers, onder wie een honderdtal artsen. “Met 243 erkende bedden en een vloeroppervlakte van 35.000 m² zijn we geen groot ziekenhuis”, zegt facilitair

AZ Herentals: geen onpraktische fantasietjes bij het ontwerpen van de glaspartijen directeur Liesbeth Plingers. “Maar onze eigen technische medewerkers voeren deels admi­ nistratieve en coördinerende taken uit. Voor de uitvoering van de operationele taken staan slechts zeven personen in: een biotechnicus, een meewerkende werkleider, een afvalophaler en vijf vakmannen: twee elektriciens, een HVACspecialist, een schrijnwerker en een klusjesman.”

David De Mol: “Het onderhoud van complexe technische installaties en vooral de technische controles en keuring besteden we wel uit. Het is geen goed idee jezelf te controleren.” “Je kunt een ziekenhuis niet vergelijken met een woonzorgcentrum”, stelt Plingers. “Het onderhoud is hier veel intensiever en delicater. Intensiever, omdat er veel meer roulatie van personen en interne transporten plaatsvinden. Delicater, omdat er veel meer en gesofisticeerde medische apparatuur aanwezig is.” Ze wijst naar diverse kleine beschadigingen op deuren en

David De Mol, Zorgbedrijf Antwerpen

wanden, duidelijk veroorzaakt door botsingen met mobiele bedden of rolstoelen. “De ramen hebben daarvan niet veel te lijden, maar deuren, vloeren en sommige wanden zijn hier vrij sleet­ gevoelig. Schilderwerken dringen zich al vrij snel na een nieuwbouw op.” Jezelf niet controleren Voor het onderhoud van de medische toestellen staat de biotechnicus in. “Hij behoudt vooral het algemeen overzicht. De effectieve controles en onderhoudstaken van de apparatuur laten we deels over aan de leveranciers en fabrikanten, deels aan andere gespecialiseerde partijen. Dat heeft met patiëntveiligheid en aansprakelijkhe­ den te maken. Jezelf controleren is hiervoor niet aangewezen. Bovendien worden de toe­ stellen en toepassingen almaar complexer. Een persoon kan al die kennis niet actueel houden. We maken er wel een punt van dat we voor de goede werking van systemen die fundamenteel zijn voor de patiëntveiligheid, zoals de verpleeg­ oproep en de reanimatie, wel de nodige kennis in eigen huis hebben. Zo lopen we wanneer zich een incident zou voordoen geen risico op tijdverlies.”

ESV Voor de schoonmaak, het lappen van de ramen inbegrepen, heeft het AZ Herentals zich drie jaar geleden aangesloten bij het bestaande eco­ nomisch samenwerkingsverband (ESV) HD Facilities. “Dat was opgericht door het SintFranciscusziekenhuis in Heusden-Zolder, het AZ Diest en een kindercrèche.” In die constructie staat de externe aannemer in voor de schoon­ maak en het management ervan, maar worden zijn medewerkers met behoud van al hun ver­ worven rechten ondergebracht bij het ESV. Op die manier moeten de zorginstellingen geen btw op arbeid betalen. “We werken met tienjarige contracten, ook omdat de wettelijke procedures erg uitgebreid en omslachtig zijn. Zulke proce­ dures elk jaar of om de enkele jaren uitvoeren zou te veel tijd en energie vergen.” De huidige aannemer van HD Facilities is ISS. Die werkte eerder ook al voor het AZ Herentals. Dat vereen­ voudigt de praktische kant van de toetreding van het ziekenhuis tot het ESV.

Liesbeth Splingers: “De toestellen en toepassingen worden almaar complexer. Eén persoon kan al die kennis niet actueel houden.” Rekening kan oplopen De frequentie van de schoonmaak verloopt vol­ gens een vaste planning. “De patiëntenkamers worden elke dag schoongemaakt. Bepaalde andere lokalen worden alleen van maandag tot vrijdag of slechts één keer per week gepoetst. De ramen worden drie keer per jaar gelapt, binnen en buiten. Een uitzondering vormen de glaspartijen van de inkom en de ramen van de cafetaria. Die krijgen elke maand een poets­ beurt.” De frequentie waarmee de ramen worden gereinigd is gebaseerd op financiële gronden. “Alle ramen van het ziekenhuis drie keer per jaar reiniging kost zowat 25.000 euro. Een extra poetsbeurt heeft dus meteen een belangrijke financiële weerslag. Als er zich lang voor een geplande poetsbeurt een incidentje zou voor­ doen waarbij dringend enkele ramen gepoetst moeten worden, dan staan onze eigen mensen daarvoor wel een keer in. In onze bouwplannen


actualcare  Klusjesman is geschiedenis Het Zorgbedrijf Antwerpen heeft een gelijkaar­ dige evolutie vastgesteld. “Deels daarom hebben we onze structuur aangepast’, legt David De Mol uit. “Op die manier kunnen onze eigen technici nog altijd veel problemen zelf de baas.” Vroeger beschikte elk woonzorgcentrum over een eigen klusjesman of klusjesmannen. Die situatie was niet langer houdbaar, niet alleen wegens de toe­ genomen techniciteit. “Echte polyvalente vak­ mensen worden almaar zeldzamer. Bovendien kon het gebeuren dat elk complex eigen gewoon­ tes ontwikkelde. De werkdruk is ook niet overal en altijd even groot, onder meer door de ver­ schillen in omvang en ouderdom van de gebou­ wen en hun technische installaties. Op sommige, technisch rustigere plaatsen, bestond het risico dat de klusjesmannen werden ingezet als ver­ edelde logistieke medewerkers.”

Liesbeth Plingers, facilitair directeur AZ Herentals letten we er overigens altijd op dat alle ramen goed bereikbaar zijn voor de schoonmakers. Dat geldt trouwens niet alleen voor de ramen. Fantasietjes zoals een verlichtingsarmatuur boven de vide van een trappenhal kan je bij ons niet vinden.” Niveau gaat omhoog Liesbeth Plingers merkt op dat de taken die de technische medewerkers moeten uitvoeren almaar complexer en gespecialiseerder worden. “Een laptop behoort tegenwoordig tot de stan­

daarduitrusting op de werkkarren van onze techniekers. Ze krijgen regelmatig bijscholing. Meestal gebeurt dit bij de fabrikanten, maar ook bij de systeemleveranciers. Een groot deel van de technische vernieuwingen bestaat immers uit upgrades van software.” De werkleider, de elek­ triciens en de HVAC-specialist hebben allen een A2 als basisdiploma. “In de praktijk is hun werk zo veeleisend geworden dat je met de oorspron­ kelijke barema’s voor deze banen geen geschikte kandidaten meer zou vinden.”

Eenvormigheid nastreven In de huidige structuur kunnen de technische medewerkers zich toeleggen op eigen expertise­ gebieden, zoals sanitair, elektriciteit, HVAC of schrijnwerk. De woonzorgcentra van Zorgbedrijf Antwerpen zijn ingedeeld in drie regio’s: noord, centrum en zuid. Elke regio wordt bediend door een regionaal team, onder leiding van een regio­ manager. Een centraal team staat hen bij. Dit centrale team bestaat uit vakspecialisten en staat onder leiding van een industrieel ingenieur. Naast deze vier teams staat de technisch mana­ ger, eveneens een industrieel ingenieur. Hij geeft geen operationele leiding, maar werkt op strate­ gisch niveau. Op dat vlak is er trouwens nog werk aan de winkel. Zo werken we momenteel nog met te veel verschillende gebouwbeheersyste­ men. Die situatie is historisch gegroeid en heeft te maken met de ouderdom en de voorgeschie­ denis van onze diverse sites en gebouwen. We streven ernaar om hierin meer eenheid te bren­ gen. Dat geldt trouwens ook voor de logistieke

Content reportage

Zorgen over ontoereikende kennis handhygiëneregels verpleegkundigen

Helft zorgverleners niet volledig bekend met handhygiëneprotocollen Uit een recent onderzoek* van het WIV blijkt dat 7% van de patiënten een infectie oploopt die ontstaat tijdens een verblijf of behandeling in een zorginstelling. Tork onderzocht in welke mate verpleegkundigen in Belgische en Nederlandse zorginstellingen de handhygiëneprotocollen volgen. Uit het onderzoek blijkt dat men onvoldoende op de hoogte is over de regels voor het toepassen van handhygiëne. Vooral de ontoereikende kennis over welk product te gebruiken in welke situatie baart de respondenten zorgen. Verantwoordelijkheid hoofdverpleger Zorginstellingen zoals woonzorgcentra zijn vaak op zichzelf aangewezen om bewustzijn rondom handhygiëne te creëren en te onderhouden. Uit diepte-interviews met zorginstellingen blijkt dat de eindverantwoordelijkheid voor handhygiëne in de meeste gevallen bij de hoofdverpleger ligt, die al een heel uitgebreid takenpakket heeft. Daardoor komt de voortdurende bewustmaking over een goede handhygiëne in het gedrang. Daarnaast geeft een aantal respondenten aan dat het voor medewerkers niet altijd duidelijk is welke producten ze in welke situatie moeten gebruiken. Renée Remijnse, marketing manager bij Tork: “Uit het recente rapport van het WIV blijkt dat er een verbetering zichtbaar is op vlak van de naleving van de handhygiëneprotocollen. Maar we moeten waakzaam blijven: bij verzorgende handelingen is er namelijk sprake van een groot besmettingsgevaar. Dat geldt niet enkel in ziekenhuizen, maar ook in woonzorgcen­ tra en andere zorginstellingen. Uit onze inter­ views blijkt ook dat er onduidelijkheid heerst over welke producten wanneer te gebruiken. Wat te doen na toiletbezoek, na het wassen van een patiënt, voor of na een bezoek aan een patiënt? Er wordt bijvoorbeeld veel handalcohol gebruikt, terwijl het beter is om in sommige si­tu­ aties de handen te wassen. Continue training van de medewerkers, heldere productinstructies en

vlotte toegang tot water, zeep- en/of alcoholgel­ dispensers en papieren droogdoekjes zijn dus essentieel voor infectiepreventie.” Zorgen over handhygiëne Verschillende studies tonen aan dat besmet­ telijke ziekten vooral via de handen worden overgebracht. Zorgverleners maken zich vooral zorgen over hun patiënten, maar ook over hun eigen gezondheid en hun kennisniveau. Vooral de situatie voor de thuisverpleging is veront­ rustend volgens Remijnse. “Verpleegkundigen zijn afhankelijk van wat er bij de cliënt thuis voorhanden is. In de thuiszorg is het soms lastig om cliënten ertoe aan te zetten papieren hand­ doekjes en zeep- en/of alcoholgeldispensers te voorzien. Handflacons met desinfecterende gel kunnen dan een oplossing zijn. Maar zelfs dan is het noodzakelijk dat de handen op een correcte manier gereinigd worden.” Daarom stelt Tork gratis instructieposters en -leaflets samen, die informatie geven over hoe je je handen wast en die handhygiëne onder de aandacht brengen van medewerkers. Infectiepreventie door proactieve aanpak Het inperken van bacterieel besmettings­ gevaar is essentieel. Ook Marijke Sparnaaij, expert gezondheidszorg wijst op het belang van handhygiëne. “Woonzorgcentra en ver­ pleeghuizen vormen vaak een broedplaats voor resistente micro-organismen. Daarom mag de

rol van infectiepreventie in deze instellingen niet onderschat worden. Handhygiëne is er de belangrijkste maatregel om de verspreiding van die micro-organismen tegen te gaan.” Uit eerder onderzoek van SCA en het Erasmus Universitair Medisch Centrum Rotterdam, waarbij 16 ziekenhuizen op lange termijn zijn onderzocht, blijkt dat een proactieve aanpak de handhygiëne met maar liefst 40% verbetert en bijgevolg een daling in ziekenhuisinfecties laat zien. Het gunstiger plaatsen van alcoholgel­

Editie 103 Jaargang 11 - september-oktober 2016

flows. Dit is dan weer een taak voor een van de projectmanagers.” De technisch manager en het hoofd van het centrale expertenteam fungeren als elkaars back-up. Dat zijn ook de drie regiover­ antwoordelijken voor elkaar. “Zo moeten er geen beslissingen of interventies worden uitgesteld wanneer een van hen ziek of op vakantie is.” Een gecentraliseerde organisatie van technisch onderhoud zou de communicatiekanalen node­ loos kunnen verlengen. “Dit probleem hebben we opgelost door een doorgedreven digitalise­ ring en door gebruik te maken van een call center. Bij onze complexen met assistentie­ woningen speelt de verantwoordelijke voor het dienstencentrum –elk complex heeft er één– de rol van als eerste filter. De bewoners komen bij hem aankloppen met hun problemen.” Call center Kleine ongemakken, zoals het vervangen van een lamp, kan de verantwoordelijke zelf oplos­ sen. Wanneer dit nodig is, contacteert die het call center. Dat laten we niet aan de bewoners over. Zo zijn we servicegericht en zijn we er zeker van dat de problemen duidelijk en op een gestructu­ reerde manier worden doorgegeven. De inter­ ventieploegen krijgen hun opdrachten via hun PDA’s, niet meer via bonnen. Een volgende stap bestaat uit het bepalen van de volgorde van interventies en de routes zodat wij onze sites feedback kunnen geven en hen kunnen infor­ meren over de timing van de werken. Bovendien verhoogt deze aanpak de efficiëntie van de werk­ mannen. In het oude systeem, met papieren bonnen, werden de opdrachten gemakkelijk uit­ gevoerd in de volgorde waarin de bonnen toeval­ lig lagen. Nu is die volgorde zo berekend dat de technische teams zo weinig mogelijk kilometers moeten afleggen.” Koen Mortelmans

dispensers en het gebruik van dispensers met datafeedback droegen bij aan verbeteringen op lange termijn. Over het onderzoek Het onderzoek werd uitgevoerd door Annalise Market Intelligence in opdracht van Tork. Een survey onder 165 zorgverleners uit verpleeg- of verzorgingshuizen, ziekenhuizen, uit de thuis­ zorg of uit een ander type zorginstelling werden ondervraagd over hun houding en gedrag omtrent handhygiëne. Aanvullend werden lei­ dinggevenden uit zorginstellingen ondervraagd over processen en regelgeving binnen hun zor­ ginstelling. SCA/Tork C : Jutta Boone T : +32 (0)2 766 05 34 E : jutta.boone@sca.com SCA/Tork Culliganlaan 1D 1831 Diegem T: +32 (0)2 766 05 11 F: +32 (0)2 725 76 87 www.sca.com

11


12

Editie 103 Jaargang 11 - september-oktober 2016 

actualcare

REEKS DIVERSITEIT: MINDERHEDENFORUM

“Geestelijke gezondheid is dé knoop bij migranten en etnische minderheden” Het Minderhedenforum is een jonge organisatie, ontstaan als koepel van migrantenverenigingen of federaties voor sociaal-cultureel volwassenenwerk. “Daarvan is bijvoorbeeld de Italiaanse migrantenvereniging een van de oudste”, zegt stafmedewerkster Sangmithra Bhutani. “Het Minderhedenforum is van onderuit gegroeid. Momenteel bestaan we uit een dertiental federaties. Sommige zijn puur gericht op etnische of nationale achtergrond, andere zijn multi-etnisch en hebben een interregionale werking, zoals de Turkse Unie in Gent die ook Bulgaren en anderen als leden heeft. Kleine vrijwilligersgroepen ondersteunen bij feesten, sociale vraagstukken, studiebegeleiding, activering en begeleiding naar werk en opleidingen zijn belangrijke doelen, maar ook zorg, mantelzorg en cultuursensitieve communicatie op de zorgwerkvloer zijn belangrijke aandachtspunten. Het Minderhedenforum adviseert en evalueert het diversiteitsbeleid in de zorgsector. Wat is jouw specifieke rol? “Op het vlak van zorg, welzijn en gezondheid ben ik bezig met ouderenzorg en intercultu­ reel bemiddelaars. Als het over ouderen gaat, werk ik op vraagstukken als volwaardige opvang voor ouderen met een migratieachtergrond. We sensibiliseren de eerste generatie migranten als Turken en Marokkanen over hoe het is om hier ouder te worden. En over de vraag wie de zorg opneemt voor hen: familie, kinderen of profes­ sionele diensten? Hoe bekend is hun aanbod dan bij die doelgroep? Vooral thuiszorg is weinig bekend, omdat die doelgroep vooral ervaring heeft met ziekenhuizen. Tijdens de inburge­ ringscursussen voor nieuwkomers is er een luik over welzijn en gezondheid. Naar de gevestigde migranten toe heb je de organisaties die ad hoc kunnen doorverwijzen naar CAW, OCMW, mutualiteiten…” Intercultureel bemiddelaars helpen, maar zijn nog niet in elk ziekenhuis ingeburgerd. “Wat is het probleem bij minderheden rond zorg en welzijn? Vooral de communicatiekloof. Een andere taal, maar vooral een psychologi­

sche drempel. Verbale en non-verbale drempels die ook bij kansarme mensen meespelen. Het jargon waar ze niet in mee zijn. Intercultureel bemiddelaars spelen daarin een belangrijke rol. Die zijn eigenlijk ontstaan uit de nood aan tolken en vertalers. Er is officieel een onder­ scheid tussen sociaal tolken (Vlaams – Welzijn) en intercultureel bemiddelaars (federaal – FOD Volksgezondheid). De bemiddelaars geven offi­ cieel ook duiding bij begrippen, ze doen meer dan letterlijk vertalen wat er wordt gezegd. Mensen wijzen op bepaalde types behandelin­ gen, hen het concept achter thuiszorg uitleg­ gen… In de praktijk is het onderscheid tussen intercultureel bemiddelaars en sociaal tolken trouwens niet zo groot.”

“Ook op sociale dienst tijd uittrekken voor communicatie met patiënt en familie” Welke rol speelt het Minderhedenforum daarbij? “Wij proberen overheid en organisaties ervan te overtuigen om bemiddelaars of tolken in te

schakelen in bepaalde omgevingen en situaties. Communicatie met patiënten moet goed zitten en er moet tijd voor uitgetrokken worden. Voor de patiënt, maar ook voor diens familie. Zeker op sociale diensten. Het Minderhedenforum staat daartoe vooral in contact met het kabinet Welzijn. In het decreet Woonzorg is er als gevolg daarvan nu ook een kwaliteitsnorm op het vlak van omgaan met diversiteit. Die moet wel con­ creet toegepast worden. Op federaal vlak is de rol van Hans Verrept (kabinet Volksgezondheid) belangrijk. Maar er is nog werk aan de winkel. Denk aan goede hulpverlening voor mensen uit minderheidsgroepen met dementie…” Wat zijn nu aandachtspunten voor het Minderhedenforum? “Het cultuursensitieve aspect van de zorg, de omgang met levensbeschouwingen en religies. Omgaan met moslims, zeker, maar ook ruimer dan dat. Zorg- en hulpverleners worden gecon­ fronteerd met andere ideeën over de bezoek­ regeling, sommige mensen snappen niet goed dat er een bepaalde strikte regeling geldt, dat er andere gewoontes zijn, dat je niet zoals in je thuisland met heel veel familie op bezoek komt… Soms hebben de verpleegkundigen daar

zelf ervaring of affiniteit mee en vangen ze het zelf op, maar in veel zorginstellingen wordt er een beleid rond gemaakt. Flexibel zijn is wat ons betreft altijd aangewezen. Liever maatwerk dan strikt de regels als leidraad hanteren. Maatwerk dat rekening houdt met minderheden als het gaat over pakweg dieet en diabetes, over bege­ leiding, over vrijwilligers. Het vertrouwen in een instelling kan alleen maar vergroten als mensen van andere origine zien dat er iets voor hen wordt gedaan. Het beeld dat je creëert is daarbij al genoeg om te laten zien dat wij geen ‘witte’ instelling zijn. Taal, beelden, vriendelijkheid… maar ook concrete projecten.”

“Zeker bij psychische problemen word je als hulpverlener geconfronteerd met levensbeschouwelijke kwesties” Welke specifieke probleemsituaties bestaan er in de zorg voor minderheden? “Geestelijke gezondheidszorg. Veel mensen met een migratie-achtergrond hebben een proble­ matische woonsituatie. Arm maakt ziek en ziek


actualcare  maakt arm. Voor de fysieke gezondheidszorg heb je wel huisartsen, wijkgezondheidscentra doen vaak veel meer dan hun job, door mensen echt verder te helpen. Maar dé knoop is psychische gezondheid. Voor die groep is er op dat vlak veel te weinig aanbod. Zeker bij de behandeling van psychische problemen word je als hulpverlener geconfronteerd met levensbeschouwelijke kwes­ ties. Andere interpretaties zijn mogelijk. Hoe duid je een depressie of een stoornis? Psychische noodopvang met aandacht voor die doelgroe­ pen bestaat eigenlijk niet. Ziekenhuizen zouden daar werk van kunnen maken. Er zijn wel pro­ jecten rond eerstelijns psychologische hulp in wijkgezondheidscentra. Die werken alvast drempelverlagend. Hier en daar zijn er ook etno­ psychiaters aan de slag, zoals bij de vzw Solentra die rond trauma’s bij vluchtelingen werkt.” (nvdr: Solentra staat voor ‘Solidariteit en Trauma’. De vereniging is een onderdeel van Paika, de psy­ chiatrische afdeling van het UZ Brussel voor baby’s, kinderen en adolescenten. Solentra geeft diagnostische en therapeutische ondersteuning aan vluchtelingen, migrantenkinderen en hun families. Om de psychische hulpverlening toe­ gankelijker en efficiënter te maken voor onze doelgroep, werd een specifieke methode ontwik­ keld: PACCT® (Psychiatry Assisting the Cultural diverse Community in creating healing Ties) Mantelzorg versus activering op de arbeidsmarkt is ook een belangrijke thema, vooral voor vrouwen met een

migratieachtergrond. “In de Vlaamse Ouderenraad denken we na over betere zorg via het versterken van mantelzor­ gers. Anne Dedry beschrijft in haar boek Zorg zonder naam verschillende mantelzorgsituaties. De bereidheid bij mensen met een migratie­ achtergrond om mantelzorg te bieden is groot. Maar ze moeten er wel de kans toe krijgen. Veel vrouwen die mantelzorg bieden, zijn niet actief op de arbeidsmarkt. Moet je die dan acti­ veren, wie neemt dan hun mantelzorg over en kan je hen begeleiden, bijvoorbeeld op het vlak van afspraken maken met andere mantelzor­ gers? Hen deeltijds inschakelen op de arbeids­ markt waarbij ze toch hun rol als mantelzorgers kunnen blijven vervullen, dat is de oplossing. Sociale diensten schieten daarbij vooral tekort in het regelen van praktische ondersteuning. Respijtzorg en dagopvang kunnen hen het leven makkelijker maken, maar je moet wel de weg erheen kénnen. Mantelzorgers met een migratie­achtergrond zitten niet per se te wach­ ten op uitwisselingsmomenten met lotgenoten. Investeren in cultuursensitieve zorg die mantel­ zorg ondersteunt, lijkt me wel een must.” Wat is jouw visie op diversiteit en wat is eigenlijk het standpunt van het Minderhedenforum over de hoofddoek op de zorgvloer? “Zeker in de zorg moet je mensen blijven zien in alle aspecten van hun identiteit en niet redu­ ceren tot ‘moslim’ of ‘Turk’ of ‘anderstalige’.

Analyseer en neem de tijd om van daaruit naar een oplossing toe te werken. Is er een levens­ beschouwelijk element waar we rekening mee moeten houden? Omdat de diversiteit binnen ‘de diversiteit’ zo groot is, kun je zelfs dan niet zomaar categoriseren. Iedereen vervult verschil­ lende rollen: als moeder, als werknemer… Hou daar rekening mee. Als belangenorganisatie spreken we inderdaad voor onze achterban. Een groot deel daarvan is moslim. Wij ijveren er bij­ gevolg voor om de hoofddoek toe te laten op de werkvloer. “We zouden vooral willen dat de hoofddoekendiscussie minder polariserend gevoerd wordt” De grens trek je bij de veiligheidsvoorschriften en hygiënenormen. We zouden vooral graag zien dat de discussie minder gepolariseerd raakt en vanuit gezond verstand mensen inschat op hun competenties. Beoordeel op professionaliteit, op een correcte houding ten opzichte van groepen als holebi’s. Stel je daar een probleem vast, dan moet je ingrijpen. Wij pleiten dus voor toela­ ten, maar tegelijk vinden we de hoofddoek een non-issue. Het gaat over het handelen, niet over het denken. Gelukkig blijven de zorgopleidingen op dat vlak minder problematisch dan bijvoor­ beeld lerarenopleidingen, waar je ziet dat steeds minder moslimmeisjes ervoor kiezen omdat er geen tewerkstelling mogelijk is als ze vasthou­ den aan de hoofddoek. In de zorg zijn de regels minder eenduidig en hanteren veel ziekenhui­

Editie 103 Jaargang 11 - september-oktober 2016

zen pragmatische good practices. Is het sop de kool waard om principieel op een verbod te staan, kun je je afvragen. Jammer genoeg is de discussie zo gepolariseerd en gepolitiseerd dat ook minder moslimvrouwen geneigd zijn om een compromis te sluiten. Er heerst echt wel angst en bezorgdheid bij moslimminderheden over de toenemende verharding. Het leeft heel erg.” Maar werkt denken en handelen niet ook omgekeerd: als moslim kun je toch ook perfect moslim zijn wanneer je die hoofddoek aflegt? “Persoonlijk vind ik dat een instelling mensen niet hoeft op te leggen hoe ze hun geloof moeten beleven. Laat elk individu zelf beslissen hoe hij of zij religie beleeft. Help iedereen zijn of haar eigenheid te bewaren. We zien zelf zoveel mosli­ ma’s met een hoofddoek én een open geest langs­ komen: met een hoofddoek op vertegenwoordig je daarom geen vrouwenonderdrukkers. Stel je een verbod in, dan ga je mee in de redenering dat er aan zo’n hoofddoek sowieso synoniem staat voor ‘problemen’. En, last but not least, hoe ver kun je gaan om mensen aan te spreken op hun geloof? Dan kunnen huidskleur of een vreemde naam evengoed een risicofactor vormen voor radicalisering. We moeten juist meer inclusief werken en mensen laten participeren, maar wel alert blijven voor bepaalde gedragingen.” Wieland De Hoon

Content reportage

“Eigen productie ligt aan de basis van kwaliteit” GROHE garandeert veiligheid, comfort én waterbesparing in het nieuwe ziekenhuis AZ Alma in Eeklo In maart 2017 opent het nagelnieuwe AZ Alma in Eeklo zijn deuren. Het enorme ziekenhuis, goed voor 1.200 personeelsleden, vervangt de voormalige hospitalen van Sijsele en Eeklo en biedt plaats aan vijfhonderd bedden. Om het welzijn en sanitaire comfort van patiënten en medewerkers te garanderen, koos de opdrachtgever voor kranen en douches van GROHE. Kristof Vanisterbecq, Sales Manager Projects Belux bij GROHE, is erg opgetogen met het project. “We hebben dankzij onze jaren­ lange ervaring alle producten in huis om tegemoet te komen aan de strengste eisen op het vlak van comfort en veiligheid. Daarom beperken we onze communicatie niet langer alleen tot architec­ ten, studiebureaus en installateurs, maar gaan we rechtstreeks in gesprek met beleidsmensen in onder andere de zorgsector. Nog te vaak denken opdrachtgevers dat GROHE te duur is voor hun pro­ ject, maar niets is minder waar. Dat bewijzen onze recente zorgpro­ jecten. Naast AZ Alma in Eeklo zijn we betrokken bij ziekenhuis AZ Sint-Maarten in Mechelen en AZ Zeno in Knokke.” GROHE heeft dan ook heel wat troeven om uit te spelen. Kristof Vanisterbecq: “We blijven inzetten op lokale productie in Duitsland. Daar ligt de basis van onze lage falingsgraad en de bijgevolg zeer interessante TCO (total cost of ownership) voor onze klanten. Omdat we alles zelf produceren, garanderen we de hoogste kwaliteit. Daarin gaan we zeer ver. Alle kranen worden onderworpen aan ingrijpende tests, waardoor we garanderen dat ze tenminste 200.000 keer gebruikt kunnen worden zonder comfortverlies, zeer waarschijn­ lijk één van de beste prestaties op de markt. Dat engagement is trouwens gecertificeerd volgens de Duitse TÜV-standaarden. Vandaar ook onze standaardgarantietermijnen van vijf jaar voor opbouw- en zelfs tien jaar voor inbouwkranen. Bovendien zijn we voor wisselstukken nooit afhankelijk van externen. Onze klanten

kunnen minstens tien jaar lang wisselstukken krijgen. En als er een ingreep nodig is, staan we vanuit GROHE België klaar met onze eigen professionele serviceploeg. Nog een troef in ons land.” Slimme kranen Voor AZ Alma leverde GROHE 467 op maat gemaakte ingebouwde eengreepswandmengkranen die uitgerust werden met lami­ naire straalbrekers. Wandkranen bieden een betere hygiëne en andere beleving. Verder leverde GROHE voor 407 kamers, voor kritische ruimtes met een hoger risico op besmetting, Eurosmartwastafelkranen met infraroodsturing. “Dat biedt twee voordelen”, stelt Vanisterbecq. “Ten eerste hoeft de gebruiker de kraan niet aan te raken, waardoor het risico op besmetting laag is. Ten tweede kunnen alle kranen vanop afstand bediend én uitgelezen worden. Zo kan de technische dienst ervoor kiezen, bijvoorbeeld in het kader van legionellabestrijding, om alle kranen op gezette tijden automatisch te spoelen of thermisch te desinfecteren. De techni­ sche dienst kan zonder tussenkomst van de producent zelfstandig de programmatie aanpassen naargelang de noden wijzigen in de respectievelijke afdelingen, en dit dankzij één afstandsbedie­ ning waarmee alle GROHE-infratoestellen kunnen worden aan­ gestuurd. Omdat alle gegevens geregistreerd worden door de kraan, is het zelfs mogelijk om verbruiksgegevens te analyseren. Bovendien bespaar je een aanzienlijke hoeveelheid water door de gebruikersafhankelijke instellingen te activeren”. Bijvoorbeeld, stel dat een kraan voortdurend wordt gebruikt, dan is het niet noodza­ kelijk op vaste tijdstippen bv. elke 24 uur automatisch te spoelen, en beperken we ons tot een spoeling 24 uur nadat een gebrui­ ker ze de laatste keer heeft geactiveerd.” Verder leverde GROHE 83 keukenkranen waar­ onder 36 Euroeco-kranen, gekoppeld aan een microthermostaat. “Zo beperken we de water­ temperatuur tot de ingestelde gemengde water­ temperatuur, zodat kinderen, psychiatrische patiënten of dementerenden zich nooit, bewust of onbewust, kunnen verbranden”, aldus Kristof Vanisterbecq. Altijd koel Eenzelfde aandacht voor veiligheid zien we ook in de 336 doucheruimtes, waarvoor GROHE thermostatische veiligheidsmengkranen van het type Grohtherm 1000 aanleverde. “Dankzij onze Cooltouch-technologie ver­ mijden we dat mensen zich kunnen verbranden aan de douchekraan. Dat is zeer belangrijk voor oudere en

minder mobiele patiënten die de neiging hebben om zich hier als steunpunt aan vast te klampen. Tevens presteert de gepaten­ teerde Turbostattechnologie o.b.v. was en microcapillair koper een uiterst snelle reactiesnelheid van 0,3 seconden, die in geval van schommelingen in de koud- en warmwatertoevoer elk verbran­ dingsrisico tijdens het douchen uitsluit, en sterk bijdraagt aan een comfortervaring”, weet Vanisterbecq. “Bovendien maken ze bij AZ Alma gebruik van onze aerosolarme New Tempesta-douches, met het oog op legionellapreventie.” Naast comfort en veilig­ heid was ook waterbesparing belangrijk voor de opdrachtgever. “Daarom werden alle kranen en douches uitgerust met EcoJoytechnologie, waarmee we het verbruik terugdringen tot amper 5,7 liter per minuut zónder aan comfort in te boeten”, besluit Kristof Vanisterbecq. Grohe N.V. - S.A. Diependaalweg 4a - 3020 Winksele www.grohe.be - T: +32 (0) 16 23 06 60 - E-Mail: info.be@grohe.com

13


Editie 103 Jaargang 11 - september-oktober 2016 

actualcare

REEKS VRIJWILLIGERSWERK: UZ KONINGIN FABIOLA

“Met kinderen omgaan ligt niet voor de hand” Velen voelen zich geroepen, weinigen zijn uitverkoren… Het zou kunnen slaan op vrijwilligerswerk in het Universitair Kinderziekenhuis Koningin Fabiola in Laken (Brussel). “Er bestaat een reëel onevenwicht tussen de verwachtingen van de vrijwilliger en die van onze organisatie. Een kinderziekenhuis heeft specifieke eisen voor een vrijwilliger en die komen niet altijd overeen met de intenties van mensen die zich nuttig willen maken”, zegt Jan Foubert, directeur verpleegkundig departement van het enige Belgische ziekenhuis dat zich uitsluitend op kinderen richt. Het Universitair Kinderziekenhuis Koningin Fabiola werd ingehuldigd in 1986. Als hoog gespecialiseerd medisch-heelkundig kinder­ ziekenhuis van 183 bedden worden er jaarlijks meer dan 11.000 kinderen gehospitaliseerd. De ambulante sector (raadplegingen en spoedge­ vallen) ontvangt meer dan 120.000 patiënten per jaar. Kandidaat-vrijwilligers kunnen zich alleen aanmelden via de website. “Ze krijgen van mij een mailtje terug waarin ik al wat uitleg geef over het werk van een vrijwilliger”, zegt Jan

Foubert. “Een kind verblijft momenteel gemid­ deld 3 tot 4 dagen in het ziekenhuis. Tijdens het weekend mogen ze naar huis, voor zover hun behandeling dat toelaat. De kandidaten krijgen een invulfiche toegestuurd. De vragen gaan over hun motivering, voorkeur voor een werkplek en beschikbaarheid. Daarna nodig ik ze uit voor een gesprek waarbij ook vaak de contactpersoon voor het vrijwilligerswerk aanwezig is. Ik stuur hen een conventie op, een soort van contract om te laten zien dat vrijwilligerswerk serieus

dient genomen te worden. Ik vind dat persoon­ lijk een eerste goede manier om vrijwilligers te selecteren. In de praktijk is het zo dat de helft van de kandidaten de formulieren niet terugstuurt. Uiteindelijk blijven er heel weinig over omdat het bij de meesten vaak om een bevlieging gaat. De helft die van mij een eerste mail krijgt, antwoordt niet. Slechts 25 procent van de mensen die zich inschrijft als vrijwilliger via onze website begint hier ook echt.”

“Als vrijwilliger moet je hier je plek vinden”

© Ann Jacobs

14

Jan Foubert, al sinds 2009 verantwoorde­ lijk voor de vrijwilligers in het Universitair Kinderziekenhuis, heeft een verklaring waarom zo weinigen het volhouden als vrijwilliger. “De meesten begrijpen niet altijd dat er een heel proces aan voorafgaat voor je als vrijwilliger kunt starten. Tijdens het gesprek maak ik hen dat ook duidelijk. De kandidaten denken dat de kin­ deren hier weken alleen liggen op hun kamer zoals in een internaat of een weeshuis, maar dat is uiteraard niet zo. Ik wijs hen ook al snel op de rechten van het kind. Het kind wordt hier alleen opgenomen als het noodzakelijk is en heeft ook altijd een van de ouders of een begeleider bij zich. We hospitaliseren het kind zo kort mogelijk. Dat betekent dat de hotelfunctie en de voorbe­ reidingsfunctie ambulant gebeuren. Het grote

Content reportage

Een gietvloer: de oplossing voor elke medische instelling Bij de inrichting van een medische praktijk, ziekenhuis of verzorgingstehuis zijn er erg veel zaken waar u rekening mee moet houden. Toegankelijkheid, ergonomische inrichting, hygiëne en veiligheid. Maar heeft u er al eens bij stilgestaan dat een vloer in al deze zaken een grote rol kan spelen? Wij vertellen u graag welke voordelen een gietvloer kan bieden in uw medische instelling. Hygiëne is van levensbelang Dat weten medische professionals natuurlijk als geen ander. Zelfs de kleinste onzuiverheid kan een broeihaard van bacteriën zijn. Ook op de vloer. Kies daarom voor een van onze gietvloe­ ren, die zijn makkelijk klinisch proper te houden. Dankzij de naadloosheid zijn er ook geen kiertjes waar vuil ongezien kan ophopen. Bloedsporen, urine en andere soorten vloeistoffen waar men in een medische praktijk frequent mee te maken heeft, zijn makkelijk en snel schoon te maken zonder dat ze de vloer aantasten. Niet alleen in de behandelingsruimtes is hygiëne erg belangrijk, ook in de keuken staat voed­ selveiligheid natuurlijk voorop. Eén van de grootste ziekenhuizen uit Vlaanderen, het Jessa Ziekenhuis uit Hasselt, koos voor een Devadur acrylaatgietvloer in de keuken. Sommige tegels lagen los, er was sprake van lekken, de karren die er overheen reden zorgden voor veel lawaai, het onderhoud was moeilijk, enz. Kortom: de oude tegelvloer was dringend aan vervanging toe. De Devadur acrylaatvloer was in dit geval een voor de hand liggende keuze omdat hij aange­ bracht kan worden op bijna elke soort onder­ grond. Bij de renovatie moest de oude tegelvloer niet eerst worden uitgebroken waardoor er tijd (én geld) werd bespaard. Eens aangebracht was de vloer na 2 uur belastbaar, dus ook hier: tijds­ besparing! Doordat deze vloer aan de HACCPvoedingsnormen voldoet en er in een apart hittebestendig systeem kan voorzien worden,

kon hij ook geplaatst worden in de grootkeuken van het Jessa Ziekenhuis. Een erg slimme en voordelige keuze. Veilig over de vloer We hadden het al over het voordeel van naad­ loosheid als het op hygiëne aankomt. Maar natuurlijk is het ook veilig om nergens naden in uw vloerbedekking te hebben. Om delicate apparaten of, nog delicater, patiënten te kunnen vervoeren, rollen de wieltjes van karren en bedden best zo vlot mogelijk. Een vloer waar u snel over kan bewegen, zonder haperingen, kan het verschil maken tussen leven en dood. Bovendien ogen de vloeren strak en glad, zeker met een glanzende afwerking, maar dat zijn ze niet. Geen gevaar voor slippertjes dus, tijdens een spoedsprint door de gangen. Ook in de sani­ taire ruimtes, toiletten en badkamers, komen de voordelen van een gietvloer goed tot hun recht. Door de hoge graad van antislip, is het zelfs veilig en aangenaam om er met blote voeten over te lopen. Bovendien is een gietvloer volledig vloei­ stofdicht en gaan er dus geen oneffenheden ont­ staat door indringend vocht. Nog minder gevaar op struikelen dus. Rust en stilte zijn aangenaam, zeker op plaatsen waar mensen zijn om te genezen, uit te rusten of een stresserende behandeling moeten onder­ gaan. Gerammel van karretjes op de gang of luide, onrustige voetstappen kunt u in zo’n situ­ atie missen als kiespijn. Gietvloeren zijn in vele

gevallen geluiddempend en verzekeren dus de kalmte in het gebouw. Slijtvast In elk rust- of ziekenhuis werkt er verplegend personeel en elk leggen zij tijdens een gemid­ delde shift al snel zo’n 10 kilometer af. Reken daar nog eens de patiënten en het bezoek bij. Heel wat voetverkeer voor een vloer om te verwerken. Gelukkig zijn gietvloeren van Devafloor erg slijt­ vast en zal u zelfs de meest gebruikte wegen niet zien op de vloer. Ook zijn er heel wat apparaten te vervoeren of in de behandelingsruimtes te plaat­ sen. De hoge druksterkte van onze vloeren komt dus van pas. U moet zich bij het plaatsen van de

verschil met andere instellingen is dat wij veel personeel hebben, opvoeders en verpleegkun­ digen, een opleidingsschool, veel activiteiten, artiesten die komen optreden… De vrijwilliger moet hier echt zijn plaats zoeken in dat geheel.” Het Universitair Kinderziekenhuis heeft momenteel zo’n twintig vrijwilligers ter beschik­ king. Ze worden ingezet op twee werkplekken: de consultaties en de zorgeenheid. Jan Foubert: “Op de raadpleging hebben we twee vrijwilligers. Ze doen geen administratie maar houden zich bezig met de kinderen in de wachtzaal omdat het

nodige apparatuur geen zorgen maken dat de vloer eronder zou gaan scheuren. Een goede chemie in het labo In ziekenhuizen en andere praktijken zijn laboen onderzoeksruimtes erg belangrijk. Hier staat vaak hoog sensitieve elektronische apparatuur waarvan de resultaten en de werking absoluut niet verstoord mogen worden. Daarom raden we in deze ruimtes een epoxy of polyurethaan gietvloer aan. Deze zijn namelijk antistatisch en gaan de correcte werking van de apparatuur niet verstoren. Deze vloeren zijn ook reistent tegen chemica­ liën, zuren en andere bijtende stoffen. Mocht er dus door een kleine onvoorzichtigheid wat op de vloer gemorst worden, zal dit geen beschadi­ gingen of vlekken veroorzaken. Want in dit soort ingebrande vlekken, kunnen zich ook bacteriën gaan nestelen. En wij moeten u natuurlijk niet vertellen dat dat in een steriele omgeving uit den boze is. Een gietvloer van Devafloor is dus een evidente keuze voor uw laboratoriumvloeren, magazijn­ vloeren, keukenvloeren,...


actualcare 

‘De missie van het vrijwilligerswerk is het ver­ blijf van de patiënten en hun familie aangena­ mer en draaglijker te maken’, staat er te lezen op de website. Wat betekent dat concreet? “Je moet vooral met de opvoeder samenwerken. In de speelzaal gezelschapsspelletjes spelen,

© Yvon Lammens

15

“Niet alleen omgaan met het kind maar ook met de ouders” Omgaan met kinderen is extra delicaat omdat je ook met de ouders te maken krijgt. “Dat is inder­ daad een extra moeilijkheid en bovendien een erg gevoelige materie. Daarom ben ik zo streng bij het aanwerven. Hij of zij moet altijd leren omgaan met de interactie tussen moeder en kind. Rechtstreeks contact hebben met het kind is niet evident. In de kinderpsychologie is dat een bekend gegeven: ouders die bij hun kind zijn, bepalen ook wanneer een kind met jou contact wil hebben.” Wordt er eigenlijk bewust op zoek gegaan naar kandidaat-vrijwilligers? “Niet echt. We krijgen per week een tweetal aanvragen online en we hebben er momenteel een twintigtal nodig. We zijn een klein ziekenhuis met veel personeel. De behoefte aan vrijwilligers is minder groot dan in andere, veel grotere ziekenhuizen.”

© Yvon Lammens

Vrijwilligerswerk in het Universitair Kinderziekenhuis is de jongste jaren enorm geëvolueerd. In 2009 waren er twee systemen: vrijwilligers die door het Rode Kruis werden gezonden en anderen die als zelfstandigen fun­ geerden. “Sinds een jaar zijn er alleen nog vrijwil­ ligers die op zelfstandige basis werken”, vervolgt Foubert. “Nu heb ik een goed zicht op het aantal vrijwilligers en wanneer ze precies komen. Wat ik wel merk, is dat veel minder vrijwilligers trouw blijven aan de instelling. Vrijwilligerswerk wordt vaak toch gezien als een kortetermijnbezigheid, maar dat is zeker niet de bedoeling. Natuurlijk wil een vrijwilliger zich graag nuttig maken. In een bejaardentehuis is dat bijvoorbeeld de senioren eten geven, begeleiden, gezelschap houden… Op het einde van de dag hou je daar een goed gevoel aan over, je hebt je nuttig kunnen maken. Bij ons ligt dat vaak anders: je voldoening is niet altijd meteen tastbaar. Hier moet je in zekere zin bin­ nendringen in de leefwereld van het kind en de ouders. Dat is een groot verschil.”

Luk Derden

© UKZKF

“Voldoening niet altijd meteen tastbaar”

tekenen, meedoen met het zieke kind… Je rol hangt ook af van situatie tot situatie. Hoe voelt het kind zich? Even met het kind bezig zijn, is soms al voldoende. Je moet erg gemotiveerd zijn en een zekere maturiteit hebben om af te wachten, de situatie aan te voelen, mensen en patiënten leren kennen. Diegenen die het langst blijven als vrijwilliger zijn meestal wat oudere, rijpere mensen. Jongeren, psychologen en ande­ ren beginnen vaak als vrijwilliger om een job te vinden. Ze haken even vaak weer snel af. De ‘anciens’ hebben wel een echt engagement. We geven hen drie keer per jaar een namiddag opleiding. Onderwerpen als handhygiëne, eerste hulp, beroepsgeheim en rechten van het kind komen hier aan bod. Jaarlijks geven we ook een drink voor onze vrijwilligers. De meeste vrijwilli­ gers komen overdag want ’s avonds en tijdens het weekend zijn er nauwelijks opvoeders. Het blijft een hele verantwoordelijkheid.”

© Ann Jacobs

tijdsschema niet altijd klopt. De anderen worden ingezet in de diverse zalen waar ze de opvoe­ ders bijstaan bij vooral ontspanningsactiviteiten. Tijdens de selectiefase laat ik hen meestal een paar dagen meelopen met de opvoeder zodat ze weten waar de speelzalen zijn, waar de mate­ rialen liggen… Kortom, ik laat ze proeven van de job. Daarna moeten ze pas een beslissing nemen en wordt er een vast moment gekozen voor de ondertekening van de conventie. Om de drie maanden ongeveer vraag ik aan de opvoeders een update van wie er nog komt en wanneer.”

Editie 103 Jaargang 11 - september-oktober 2016


16

Editie 103 Jaargang 11 - september-oktober 2016 

actualcare

Eerste Hulp Bij Ontdoen van oud elektrisch medisch- en labomateriaal? Recycleer duurzaam: vraag het aan een Recupel erkende Recycler. Dag na dag zet u zich in voor de gezondheid van uw patiĂŤnten. Ook een gezond milieu draagt daar toe bij. Toon dat u er ook een hart voor hebt en werk samen met een Recupel erkende Recycler. Het is de beste garantie voor de correcte en duurzame afdanking van uw oud elektro-materiaal: laboratoriumapparatuur, operatielampen, scanners, monitoren, echografietoestellen, laserapparaten ...

Vraag een voorstel aan op www.recupel.be/recupel-recycler


Acca 103 vl br lr v4