Issuu on Google+

Onderwijsontwerp LA 2

Uitdagend ontwerpen

Simulatie Ontwerp Zwembad ontwerpen Belangrijke punten: Start 

Probleem-oplossend leren

Coöperatieve werkvormen

Spel

Flow

Overkoepelend idee: Op basisschool de Stappen zijn drie kleutergroepen die samen aan één groot project gaan werken. Ieder groep met zijn eigen thema, maar met onderliggend dezelfde activiteiten die aansluiten bij kerndoel 33: De leerlingen leren meten en leren te rekenen met eenheden en maten, zoals bij tijd, geld, lengte, omtrek, oppervlakte, inhoud, gewicht, snelheid en temperatuur. Iedere groep maakt zijn eigen eindproduct die tezamen een grote maquette vormen. Per klas worden de kinderen ingedeeld in groepjes. Ieder groepje werkt één van de domeinen uit passend bij de leerlijn meten. De concrete leertaken sluiten aan bij het

trapmodel meten = weten, de domeinen snelheid en temperatuur zijn hierbij niet opgenomen. De leertaken voor snelheid en temperatuur zijn daarom ook minder uitvoerig beschreven. Doordat gewerkt wordt vanuit coöperatieve werkvormen zullen ook de ontwikkelingsfasen van zelfbeeld, relatie leerling-leerling en conflictsituaties als onderdeel van de sociaal-emotionele ontwikkeling bij kleuters aan bod komen. Centraal staan: - Onderzoekende houding van de kinderen: probleemoplossend leren; - Coöperatieve werkvormen; - Spel; - Flow! Achtergrond artikelen over Flow van Girod en Sawyer.

Verder in dit iBook: Rol van de leerkracht 2 Coöperatieve werkvormen

3

Assessment & Differentiatie

3

Achterliggende gedachte Achterliggende gedachte: Wouw is een dorp in NoordBrabant waar weinig faciliteiten zijn voor jonge kinderen. Hiervoor moeten zij uitwijken naar de ‘grote stad’, Bergen op Zoom of Roosendaal. In dit ontwerp gaan de kinderen hun ideale vrije tijdsbesteding bedenken en ontwerpen. Vooraf bedacht zijn nu: Het zwembad, een pretpark en een kinderboerderij. Mogelijk

komen de kinderen echter met een ander idee, wat dan natuurlijk als uitgangspunt genomen kan worden. Zie hier de mindmap die voorafgaand aan dit project is gemaakt. In dit iBook is alle informatie te vinden om dit project te gaan uitvoeren. Achtergrondinformatie voor de leerkracht, de concrete leertaakvoorbeelden die door de

kinderen kunnen worden uitgevoerd zijn te vinden op de Blog! Hopelijk kunnen jullie snel zonder deze ‘’zwembandjes’’ ter water!


Onderwijs ontwerp LA 2

Om bij de kleuters een onderzoekende houding te bewerkstelligen is het noodzakelijk om je handelen als leerkracht hierop aan te laten sluiten. Door een prikkelende/uitdagende vraag te stellen zullen kleuters vanzelf al de drang krijgen om op onderzoek uit te gaan. Hoe kun je dit proces als leerkracht nu het beste ondersteunen? Hiervoor maken we gebruik van theorie en onderzoek in het ontwikkelingsgericht onderwijs. Deze vorm van onderwijs sluit het beste aan bij het doel van dit ontwerp: Kleuters zelf de ruimte bieden om op onderzoek uit te gaan. Dorian de Haan en Els Kuipers (2008) beschrijven in hun boek: Leerkracht in beeld, verschillende rollen voor leerkrachten als leerlingen onderwijs doen. Oorspronkelijk worden deze rollen beschreven voor leerkrachten in de bovenbouw, maar volgens mij kunnen deze ook goed in de onderbouw worden toegepast. De leerkracht kan ervoor kiezen om 'boven' de kinderen te gaan staan en dan de rol van trainer of coach op zich te nemen. Het initiatief ligt in beide rollen geheel bij de leerkracht. Om voor grote betrokkenheid te zorgen, is het goed het initiatief juist bij de leerlingen te leggen. De leerkracht wordt dan een deelnemer van het onderzoek en kan de rol van aanvoerder of medespeler aannemen. In het volgende schema worden de verschillende rollen nader toegelicht. Voor dit project is het raadzaam om geregeld verschillende rollen aan te nemen. Mochten de kleuters even 'vast' zitten dan is het wellicht goed om je op te stellen als coach, maar 'loopt' het onderzoek dan pleit ik voor de rollen aanvoerder of nog liever een medespeler! Dit biedt de kleuters de meeste ruimte om antwoorden te vinden.

Rol van de leerkracht

Leerkracht is betrokken bij het onderzoek, maar is zelf geen deelnemer:

Trainer

Actie:

Leerkracht is leidend

Initiatief: Aanspreek -vormen: Taalgebruik:

Leerkracht neemt inititief ‘’jullie’’

Houding:

Leerkracht is betrokken in het onderzoek, is zelf deelnemer:

Actie: Initiatief: Aanspreek -vormen: Taalgebruik:

Houding:

Instructie: = directief Geeft beurten om antwoord te horen; Stelt vragen waarop antwoord bekend is; Beoordeelt antwoorden. Leerkracht staat ‘boven’ leerlingen en inhoud (expert)

Aanvoerder

Coach

Leerkracht stemt af op het proces Leerkracht neemt initiatief ‘’jullie’’, ‘’jij’’ Metacommunicatie: = structurerend Uitwisseling vragen en antwoorden; Stelt open vragen Belangstellend, staat ‘boven’ leerlingen, neemt leerlingen serieus

Medespeler

Leerkracht neemt voortouw, nodigt uit tot actie Leerkracht neemt initiatieven en geeft ruimte (balans) ‘’we’’

Actie van leerlingen is leidend, leerkracht stuurt subtiel bij. Leerkracht neemt initiatieven; leerkracht volgt, (voert uit) en voegt toe ‘’we’’, ‘’ik’’

Model (denkt hardop): Responsief, vraagt door; Denkt hardop, voegt nieuwe impuls of vragen toe; Stelt open vragen, antwoord is niet bekend (bespreekbaar).

Model / leerder: Vraagt om inbreng & aanwijzingen, volgt; Gaat in op inbreng leerlingen, denkt hardop; Stelt open vragen, antwoord is niet bekend (bespreekbaar); Uitroepen, verbazing, leerkracht weet het antwoord echt niet.

Belangstellend, neemt leerlingen echt serieus

Belangstellend, neemt leerlingen echt serieus, gelijkwaardig


Onderwijsontwerp LA 2

Coöperatieve werkvormen Samenwerken is één van de belangrijkste uitgangspunten in dit ontwerp. Het idee is dat er gemengde groepen worden gemaakt, waarbij kleuters van 4, 5 en 6 jaar gaan samenwerken. Er bestaat zelfs de mogelijkheid om peuters die bijna 4 jaar zijn mee te laten doen tijdens de onderzoekjes. Hiervoor worden coöperatieve werkvormen gebruikt, waarbij samenwerken de belangrijkste didactische structuur is. Voor wie meer wil weten over deze coöperatieve werkvormen:

- achtergrondinformatie coöperatieve werkvormen - Filmpje: coöperatieve werkvormen bij de kleuter - Site waarop coöperatieve werkvormen worden gekoppeld aan de fases van het activerende directe instructiemodel Goede werkvormen om te gebruiken tijdens dit ontwerp: - Tweegesprek op tijd - Deel en vergelijk - Denken, delen, doen - Rondpraat en tweepraat - Binnenkring, buitenkring

Assessment en Differentiatie Met dit project heb je natuurlijk duidelijk doelen voor ogen, die uiteindelijk ook beoordeelt moeten worden: Wat hebben de kinderen van dit project geleerd? De kinderen moeten allemaal een actieve bijdrage vormen in het uitvoeren van de onderzoekjes en meewerken in de eindproducten. Per domein wordt er een bijdrage geleverd aan het uiteindelijke eindproduct van de hele klas: De maWat uit het scenariospel ook al bleek, zouden wij op de Stappen het proces meer moeten waarderen in plaats van het eindproduct. Belangrijk is dan ook dat dit proces in de kleine groepjes geregeld gereflecteerd wordt met behulp van de leerkracht en dat hij de leerlingen voorziet van formatieve feedback. Bij kleuters zal dit met name door middel van een gesprek kunnen gebeuren, maar je kan hen ook smileys laten kleuren als het gaat over de samenwerking in de groep wat weer een aanleiding kan zijn voor een gesprek. Page 3

quette van het ontworpen zwembad. Omdat de afzonderlijke onderzoekjes in groepjes worden uitgevoerd is het heel belangrijk om deze resultaten steeds te laten presenteren aan de rest van de groep. Mogelijk hebben de kinderen uit de andere groepjes nog tips (feedback) om tot een beter ontwerp te komen. Om deze resultaten vast te leggen kan een mindmap met de

Voor het onderdeel sociale vaardigheden kan het assessment bestaan uit rollenspellen: De kinderen spelen situaties uit in de kring en krijgen hier eerst formatieve feedback op. Op een tijdstip dat de kinderen zelf mogen bepalen spelen ze het rollenspel uit voor een summatief assessment. Tijdens het project, maar ook bij het assessment moet natuurlijk rekening gehouden worden met de verschillen tussen de kinderen.

kleuters worden gemaakt. De leerkracht schrijft de woorden bij de afzonderlijke takken en de kinderen kunnen in tijdschriften bijpassende plaatjes vinden of zelf tekeningen maken. Zie deze site voor meer informatie en voorbeelden over mindmappen bij kleuters. Uiteindelijk heb je zo nog een eindproduct voor de hele groep.

Je mag van een kleuter van 4 jaar niet hetzelfde verwachten als van een kleuter van 6 jaar. Differentiatie is daarom om beide gevallen vereist! Uitgaande van het trapmodel moeten de kleuters van 4 jaar vooral ervaring opdoen tijdens de onderzoekjes. Zij zullen geen leidende functie innemen, maar vooral deelnemen en experimenteren tijdens de onderzoeken. Doordat ze samenwerken met oudere en waarschijnlijk vaardigere kinderen,

‘Een mindmap is een visueel diagram wat gebruikt wordt om informatie vast te leggen en te organiseren op een manier die past bij hoe onze hersenen van nature werken’ (citaat Tony Buzan).

hoop je hen een stapje hoger te krijgen, namelijk in de trap van begrijpen. Deze trap is geschreven op de kinderen van 5 jaar. Vervolgens is het de bedoeling dat de kinderen naast het begrijpen ook kunnen uitleggen en toepassen. De kinderen van 6 jaar zullen dan ook veelal het voortouw moeten nemen in de presentaties.


Handleiding LA2