Page 1

20 juni 2013 36ste Jaargang • nr. 32

Moderne fetisj Pagina 15

Er zijn nog maar honderd van deze schatjes over. Hopelijk helpt het volk

Naaktlopers en oma’s. Wie had dit jaar de mooiste almanak?

Een jaar uit het leven van drie eerstejaars Hoe verging het ze?

Pagina 7

Pagina 8

Pagina 12

Studeren (en 42 werknemers hebben) De student als ondernemer Terwijl veel studenten van het leventje genieten, runnen anderen naast hun studie een eigen bedrijf. Of twee. ‘Op mijn 23e had ik een mooie auto en kocht ik een eigen huis. Maar ik denk wel eens: Misschien heb ik iets gemist.’ DOOR PETRA MEIJER Vijf jaar geleden begon Wouter van der Kort (26, bestuurswetenschappen en Crisis and Security Management) een bedrijfje dat gespecialiseerd was in de reparatie van kapotte autoruiten. ‘Om het benodigde keurmerk te krijgen, had ik een eigen bedrijfsruimte van 300 vierkante meter nodig. Maar ik gebruikte slechts de helft, dus begon ik in de overige ruimte een eigen sportschool. Zoiets kan heel hard gaan. Met mijn autoruitenbedrijfje had ik binnen een half jaar twaalf medewerkers en drie auto’s. Na anderhalf jaar liepen er 42 medewerkers rond.’ Uit recent onderzoek van de Erasmus Universiteit bleek dat drie procent van de Nederlandse studenten ondernemer is. Daarmee zou Nederland hoger scoren dan de meeste andere landen. Echt representatief is het onderzoek helaas niet, want het is gebaseerd op elf universiteiten en slechts negen hogescholen. Zo was de respons van studenten aan de Universiteit Leiden en de Hogeschool Leiden te laag om in het onderzoek meegenomen te worden. ‘Hoeveel studenten een eigen onderneming hebben, is eigenlijk niet bekend’, zegt Eveline Mutsaerts, projectmanager bij de jaarlijkse Studenten Ondernemersprijs (StuOp). ‘De Kamer van Koophandel noteert wel leeftijden, maar houdt niet bij of jonge mensen ook een studie volgen.’ Volgens haar neemt het aantal aanmeldingen voor de Studenten Ondernemersprijs wel toe. ‘We zien bovendien dat het hbo meer op ondernemerschap inspeelt dan de universiteit. Op een hogeschool is er altijd wel een minor gericht op ondernemen. De universiteit heeft toch

een andere insteek: eerst het papiertje halen, dan een bedrijf beginnen.’ Toch is het belangrijk om ondernemerschap onder studenten te stimuleren, vindt Mutsaerts. ‘Het draagt bij aan de economie, maar we willen studenten er ook van bewust maken dat een toekomst in loondienst niet vanzelfsprekend is. Je kunt ook voor jezelf beginnen.’ ‘Het is ideaal’, zegt Leonie Ouwerkerk (27, archeologie). ‘Ik kan goed rondkomen van iets dat ik leuk vind en kan mijn eigen dag indelen.’ Als 23-jarige student bezocht ze graag anime-beurzen (Japanse tekenfilms, red.), maar ze ergerde zich aan de slechte kwaliteit van de verkrijgbare kostuums. Ze begon een webshop met animekostuums en de materialen om ze te maken. ‘Worbla is bijvoorbeeld een thermoplastisch materiaal dat je kunt buigen als je het verwarmt. Daarmee kun je zelf een harnas maken.’ Later richtte ze Victiorian Dreams op, een bedrijfje met een webshop met voornamelijk Victoriaanse kleding. ‘Ik heb een garagebox vol korsetten en een eigen bus waarmee ik langs verschillende beurzen ga. In de winter is dat er één per maand, maar in de zomer rijd ik elk weekend ergens anders naar toe.’ Het gaat goed met Victorian Dreams. Ouwerkerk verkoopt per maand dertig tot veertig korsetten, en in de zomermaanden soms honderd tot honderdvijftig. ‘Maar je moet de trends continu in de gaten blijven houden. Op dit moment loopt steampunk heel goed. Daarbij wordt Victoriaanse kleding met mechanische elementen gecombineerd.’ Ondertussen is Ouwerkerk alweer bezig met het opzetten van een volgend bedrijfje. ‘Het wordt een archeologisch bedrijf. Maar ik kan er nog niet te veel over zeggen.’ Van der Kort, die in 2013 deelnam aan StuOp, heeft zijn autobedrijf en sportschool inmiddels verkocht en is een nieuwe onderneming begonnen. Dat richt zich op het Middenen Kleinbedrijf (MKB). ‘MKB’ers hebben weinig geld voor reclame.

Grote supermarktketens kunnen elke week een folder versturen, maar dat kan de bakker van de hoek niet betalen.’ Zijn bedrijf CBCI Commercial Break biedt een oplossing. ‘Een slagerij, een bakkerij, een slijterij en een boekhandel betalen bijvoorbeeld allemaal voor een advertentie. Vervolgens druk je een mooie folder met kortingsbonnen die niet alleen huis-aan-huis wordt verspreid maar ook op drukke momenten ter plaatse worden uitgedeeld. Zo wordt reclame betaalbaar.’ Tim Zuidgeest (24, Economic and Consumer Psychology) begon al websites te bouwen toen hij nog op de middelbare school zat. ‘Ik had

geld nodig voor mijn vakantie naar Turkije.’ Door de jaren heen maakte hij met zijn bedrijfje Mr. Suitcase tachtig websites. Zuidgeest – die oorspronkelijk politicologie studeerde – besloot voor zijn master over te stappen naar Economic and Consumer Psychology. De wetenschappelijke kennis die hij daar opstak, gebruikt hij nu bij zijn reclamebedrijf ST&T. ‘Reclame en marketing zijn nog teveel op gevoel gebaseerd. Wij kunnen opdrachtgevers adviseren op basis van wat we uit onderzoek weten. Een ‘bestellen’-knop in een webshop wordt bijvoorbeeld vaker ingedrukt als hij oranje is. En men-

Laatste Mare van dit academiejaar

Mare zoekt een stagiair(e)

Kritiek promovendi op bursalensysteem

Gezocht: Leidse genadezesjes

Dit is de laatste Mare van dit collegejaar. Nummer 1 van jaargang 37 verschijnt op donderdag 5 september. De redactie wenst u een deugddoende vakantie.

Interesse in journalistiek? Bij Mare is vanaf september weer plaats voor een stagiair(e). Mail brief, cv en artikelen naar frank.provoost@mare.leidenuniv.nl

Het college van bestuur wil deelnemen aan een experiment van het ministerie van Onderwijs en 50 promotiestudenten een plek aan de universiteit geven.

Utrechtse studenten kregen een genadezesje voor hun scripties. Op dit moment wordt Leiden onderzocht. 'De alarmbellen zijn wel afgegaan.’

‘De hambo’s zijn game over’

Pagina 4

Het wordt dan toch een mooie zomer. Mare barbecuede mee met een studentenhuis. Voor tips en trucs, zie pagina 11.

Pagina 5

sen gooien sneller afval op straat in een steeg met graffiti op de muur dan in een schone steeg, omdat de norm al gebroken is. Daarom weten we dat SIRE-reclames die slecht gedrag laten zien minder effectief zijn dan SIRE-reclames die gewenst gedrag laten zien.’ Hoe komen de studentondernemers toch aan al die ideeën? Van der Kort denkt niet dat zijn ideeën beter zijn dan die van andere mensen. ‘Maar ik leg mijn ideeën niet naast me neer, ik doe er iets mee. Je moet het gewoon proberen en niet bij voorbaat al denken dat het niet lukt.’ > Lees verder op pagina 6

Bandirah Pagina 16


2  Mare · 20 juni 2013 Geen commentaar

Yolo! Door Thomas Blondeau

Feit: mensen houden ervan om het noorden te verliezen. Bewijs: de alomtegenwoordigheid van verdovende medicijnen, verruimende middelen, extreme sporten, desoriënterende kunst, computerspellen, pikdonkere parenclubs en af en toe een vechtpartij. Het zijn dan ook de best mogelijke tijden om te studeren. Spanning alom. Live live to the max! De eerste Mare van dit academiejaar brachten we verhalen van langstudeerboeteslachtoffers. ‘Halve criminelen’ voelden ze zich. Of ze even een kleine 5000 euro konden overschrijven, meer dan een verdubbeling van het reguliere collegegeld. Even de adrenaline opvoeren, nachten wakker liggen, prostitutie overwegen, oma’s gezondheid checken…. En dan, aaah, langstudeerboete afgevoerd. Wow, ik voelde mijn hart bonken in mijn voeten en hoofd tegelijk, man! Slim en ambitieus? Tweede studie erbij omdat het anders toch maar zonde van je tijd is? Ok, dan ga je voor die tweede studie het meervoudige hoge instellingscollegegeld betalen! Verbrand dat geld, vaar op

Colofon Redactie-adres Pieterskerkhof 6 2311 SR Leiden Telefoon 071–527 7272 Fax 071–527 7288 Website mareonline.nl E-mail redactie@mare.leidenuniv.nl De redactie is op vrijdag gesloten. Oplage circa 15.000

Column

Hoofdredactie

Frank Provoost frank.provoost@mare.leidenuniv.nl Redactie

Thomas Blondeau redactieleiden@gmail.com Vincent Bongers vbongers@mare.leidenuniv.nl Bart Braun bbraun@mare.leidenuniv.nl Marleen van Wesel h.g.van.wesel@mare.leidenuniv.nl Judith van Hoogdalem (stagiaire) j.j.van.hoogdalem@umail.leidenuniv.nl Medewerkers

Robbert van der Linde • Petra Meijer • Benjamin Sprecher • Marit de Vos • Geerten Waling • Anne van de Wijdeven Fotografie Taco van der Eb • Marc de Haan Illustraties Bas van der Schot • Bandirah • Silas.nl Basisontwerp Roeland Segaar, Zabriski Communicatie Art direction en vormgeving Marijke Hoogendoorn • richgirl-design.com Drukwerk Dijkman Offset Amsterdam Advertenties Bureau van Vliet B.V. Postbus 20 2040 AA Zandvoort Telefoon 023 - 571 47 45 Fax 023 - 571 76 80 Redactieraad

Prof. dr. J.C. de Jong (voorzitter) • prof. dr. A.J.W. van der Does • drs. B. Funnekotter • dr. H. Heestermans • L. ten Hove • D. Jacobs • prof. dr. J.J.M. van Holsteyn • Prof. dr. F. Israel • mr. F.E. Jensma • E. Kastelein • S. Kerkhof • E. Merkx • C. Regoor • prof. dr. N.J. Schrijver • R. van Wijk • C. van der Woude Jaarabonnementen

Een jaarabonnement op Mare loopt van september t/m juni. Belangstellenden kunnen Mare thuisgestuurd krijgen door €35 over te maken op bankrekening 1032.57.950 ten name van Universiteit Leiden (o.v.v. Mare en SAP-nummer 6200900100) en vervolgens een bevestigingsmail met daarin hun adres te sturen naar redactie@mare. leidenuniv.nl. Studenten betalen €25. Ter controle graag in de bevestigingsmail ook het studentnummer vermelden. Adreswijzigingen

Alleen schriftelijk met postwikkel. Klachten en opmerkingen over de toezending van Mare 071-5277272. Mededelingen voor het op donderdag verschijnende nummer moeten uiterlijk de voorafgaande donderdag 16.00 uur in het bezit van de redactie zijn. ISSN 0166-3690

die golf van risicokrediet! Geronimo! Doe je het of niet? Alles op rood? Nee! Bussemaker schiet het plan weer af. Wow, gelukkig dat we een noodparachute hadden! Is je vader kort na je geboorte sigaretten gaan halen en nooit meer teruggekeerd of is mams niet eens in staat om voor zichzelf te zorgen – dan gaan we next level en nemen we je aanvullende beurs weg! Klaboem, in je halve-weesgezicht, bitch! Voel die ongemakkelijkheid toenemen terwijl de regels veranderd worden tijdens de wedstrijd. Stoppen met studeren? Ook even sigaretten halen in Marseille? Je weet het niet, je weet het niet… Nee! Gaat toch niet door! Of wel! Of niet. We weten het niet! Yolo! Ok, nu gaan we voor de klapper, de Top Thrill Dragster, de Tower of Terror, 1,2,3… Weg met de studiebeurs! We gaan allemaal lenen! Taxeer je toekomst tot je hoofd ontploft! Leen tot er bloed uitkomt! Kerrang! O nee, wacht toch niet, we stellen het nog een jaartje uit voor de bachelor. Deze schijn- of uitgestelde executies op de portefeuille en de toekomstplanning van de student waren in 2012-13 een constante in het beleid van het Ministerie van Onderwijs. Zeker, dat had te maken met een vallend kabinet, een zware crisis van de wereldeconomie en een gefossiliseerd financieringssysteem. Dat mag dan wel de bezuinigingen verklaren, de labbekakkerige houding van de beleidsmakers kunnen we hen des te meer euvel duiden. Dit jaar werd in Leiden ook een studentenvakbond opgericht. Iets uit een andere tijd misschien. Maar aangezien standvastigheid en rechtlijnig bestuur ook gedateerd aandoen, is een dergelijk initiatief van een welkome, nuchtere degelijkheid.

Ik heb met eieren gegooid. Jij? Ik zat bij mijn ouders aan tafel. Tegenover mij een vriend van de familie. Een zakenmannetje. Dikke auto, stemt altijd braaf VVD. Dus natuurlijk raakten we in discussie. Over milieuproblemen en dergelijke. Een discussie die ik al tientallen keren gevoerd heb. Ik deed het op automatische piloot, en zag de verbale mokerslag dus niet aankomen. ‘Leuk en aardig allemaal, Benjamin’, sprak de vriend, ‘Maar ik heb vroeger nog geprotesteerd tegen kernwapens in Nederland.’ Vurig sloeg hij met zijn vuist een gat in de lucht. ‘Ik heb met eieren gegooid! Wat, Benjamin Sprecher, promovendus milieukunde, heb jij de laatste tijd gedaan?’ Hij zei het met een zelfgenoegzaam lachje, want hij wist het antwoord toch al. Tja. Fuck the system. Makkelijker gezegd dan gedaan. Hij had gelijk natuurlijk. Hoog tijd om iets of iemand te gaan boycotten! De kwestie waar ik besloot mij over op te winden: het Europese emissiehandelsysteem. In theorie zou dat voor minder emissies moeten zorgen. Dat gaat ongeveer zo; in 2008 deelden we een berg gratis emissiecertificaten uit aan bedrijven die CO2­ uitstoten. Die berg wordt elk jaar kleiner. Bedrijven kunnen vervolgens onderling certificaten verkopen, zodat er een financiële prikkel is om minder energie te verspillen. Leuk in theorie, maar toen het systeem werd opgezet werden er – na een intensieve lobby van onder meer onze eigen regering – veel te veel gratis emissiecertificaten uitgedeeld. Bijgevolg is de berg emissiecertificaten veel groter dan de echte emissies, niemand is geprikkeld om milieuvriendelijk te zijn en serieuze vervuilers krijgen soms zelfs geld toegestopt. Als ze hun extreem smerige fabrieken naar derdewereldlandjes verhuizen bijvoorbeeld. Nu was er afgelopen april een voorstel in het Europees Parlement om die extra emissiecertificaten uit het systeem te halen, zodat het plafond weer ongeveer gelijk ligt met de echte emissies. Iedereen was voor. Zelfs grote multinationals als Shell stuurden lovende

persberichtjes de wereld in. Niet vanwege het klimaat natuurlijk, maar omdat emissiehandel er in eerste instantie voor zou zorgen dat we kolencentrales gaan vervangen met gascentrales. En laat Shell nou net enorm veel gas verkopen. Maar laten we een gegeven paard niet in de bek kijken. Iedereen was voor, en vervolgens is dit prachtige voorstel natuurlijk gesneuveld. Ik dacht toentertijd nog: ‘Wie heeft dit dan op zijn geweten? Op wie kan ik boos worden?’ Vervolgens ging ik weer FIFA spelen met mijn huisgenoten. Gisteren heb ik met een grote Brusselse milieulobby gebeld, de European Environmental Bureau. Om uit te zoeken wie hier nou precies verantwoordelijk voor was. Aan wiens fabriekspoorten moet ik mijzelf vastketenen? Welke CEO kan ik hier, in mijn column, aan de schandpaal nagelen? Wat blijkt? Iedereen, en daarmee niemand. Naast de typische EU-dynamiek dat armere landen als Polen alles tegenhouden wat naar hun idee economische groei tegenhoudt werd er ook driftig gelobbyd door organisaties als Business Europe. Een belangenorganisatie waar naar eigen zeggen 20 miljoen Europese bedrijven onder hangt. Individueel vindt elke manager dat het milieu belangrijk is, maar met z’n allen lobbyen ze voor precies het tegenovergestelde. Het probleem is vooral dat bij enorme conglomeraten de menselijke maat kwijt is. Uit een Zwitsers onderzoek in 2011 bleek dat 40 procent van de wereldeconomie in handen is van 147 bedrijven, die vaak ook nog eens mede-eigenaar zijn van elkaar. Deze jongens zijn zo groot dat ze alleen nog maar op geld kunnen sturen, simpelweg omdat geld het enige is waar je nog een beetje overzicht op hebt. De oplossing is duidelijk: laat je niet afleiden door mooie reclamepraatjes over betere kwaliteit, lagere prijzen en – de ergste van ze allemaal – corporate social responsibility. Boycot de enorme multinationals. Boycot ze allemaal! Benjamin Sprecher Promovendus bij het Centrum voor Milieuwetenschappen


20 juni 2013 · Mare 3 Mensen

071 -527 …

Een parade van Falun Gong-aanhangers in New York. De spirituele beweging wordt in China vervolgd. Sinoloog Barend ter Haar publiceerde hierover en besloot een paar jaar niet naar China te gaan. Foto Wikimedia

Particulier geld is niet eng Geliefde hoogleraar trok naar Oxford ‘Ik ben echt niet weggejaagd uit Leiden’, zegt hoogleraar sinologie Barend ter Haar, die sinds januari aan Oxford is verbonden. ‘Ik had er nog jaren kunnen werken. Maar de bezuinigingen en reorganisaties waren soms best frustrerend.’ Vrijdag is Barend ter Haar (1958) even terug voor een afscheidssymposium bij de universiteit waar hij in 1976 aan de studie Chinees begon en met enige tussenpozen tot 2012 werkte. Ter Haar was populair bij zijn Leidse studenten. Hij heeft een fanclubpage op Facebook met 163 likes. ‘Ach, die

Door Vincent Bongers

is natuurlijk niet erg actief meer. Ik vind het wel leuk. Niets menselijks is mij vreemd, dus ijdelheid ook niet.’ Als bestuurder bij de opleiding Chinees kreeg hij met veel onrust te maken. ‘Ik heb zelf mede leiding gegeven aan drie reorganisaties. Het vervelende is dat het geen rol speelt of een studie het goed doet. Er wordt alleen gekeken waar er kan worden gekort. Of het goede of minder goede wetenschappers betreft, doet niet ter zake.’ Ook op onderwijsgebied wordt eindeloos vernieuwd. ‘Om de opleiding zo aantrekkelijk mogelijk te maken, werden er steeds nieuwe masters verzonnen om studenten te trekken. Dan werden Chinese ont-

Frutti di Mare

‘Ons doel? Niet omslaan!’ Door Petra Meijer ‘Zij heeft een snel gezicht, vind je ook niet? Dat snijdt door de wind.’ ‘Het zijn vrouwen, dus ze blijven langzaam.’ Op de oever van de Leiderdorpse Dwarswatering staat een groepje heren, afkomstig van de Utrechtse roeivereniging Orca. Ze zijn naar Leiden gekomen om hun lenteploegje aan te moedigen, maar voorzien met hetzelfde gemak elke start van commentaar. ‘Die Asopossers, die starten raar.’ Het is dan ook niet gemakkelijk, met harde vlagen wind – zo nu en dan

‘Sommigen doen dit voor de lol, bij anderen gaat het wel degelijk om de knikkers.’Foto Taco van der Eb

windkracht zeven - op de zijkant van je boot. Aan goed bedoelde adviezen bij de start dan ook geen tekort. ‘Klapje op! Klein strijkje er achteraan! Houden!’ Een enkeling moet van de jury opnieuw opvaren omdat de boot al te ver lagerwal geraakt is. ‘De gevorderde roeiers kun je vrij gemakkelijk aansturen, maar er varen vandaag ook veel lenteleden mee, die roeien net een paar weken’, vertelt Matthijs de Graaf (24, media en entertainment management), die de roeiers vanaf de kant naar de start dirigeert. De Graaf

wikkelingen bijvoorbeeld gekoppeld aan Japan of Korea, of nog verder weg aan India en Indonesië. Daar had ik altijd wel enige moeite mee. ‘Je begint met niets, als je Chinees gaat leren. Dat is bijvoorbeeld bij Grieks of Italiaans anders. Studenten weten niets van de taal en weinig van het land. Er is een 100 procent focus nodig op China.’ Niet dat het geld voor het opscheppen ligt bij zijn nieuwe werkgever. ‘Het is geen Harvard. Veel prestige betekent niet automatisch veel middelen. Oxford is niet zo rijk als het lijkt.’ Veel geld komt van particulieren. De Hong Kong Chinese filmtycoon Run Run Shaw betaalt bijvoorbeeld

– naar eigen zeggen ‘de mooie man met de witte vlag’ legt uit dat er niet alleen veel verschillende boten meedoen, maar ook veel verschillende niveaus. ‘Sommigen doen dit voor de lol, bij anderen gaat het wel degelijk om de knikkers.’ ‘In oktober organiseren we de Asopos Najaars op de Bosbaan in Amsterdam. Die wedstrijd is eigenlijk belangrijker, maar de Driekamp is bijzonder omdat het op ons eigen vaarwater is’, vertelt bestuurslid van Asopos Margot Tjalma. ‘Vanwege het lustrum hebben we een speciale camerapaal langs het water gezet. Via een Wi-Fi-verbinding kunnen de mensen bij de sociëteit ook meekijken wat er op het water gebeurt. Met 175 boten en duizend mensen is het toch een groot evenement.’ Zoals de naam al doet vermoeden be-

Ter Haars ‘chair’. ‘Dat is heel normaal in Oxford. China Studies krijgt bijvoorbeeld een nieuw gebouw. De Chinese luxegoederenfabrikant Dickson Poon heeft 10 miljoen pond bijgedragen aan het centrum dat zijn naam gaat dragen. In dit gebouw komen allerlei wetenschappers uit verschillende academische hoeken samen om China te bestuderen. Ik vind het persoonlijk heel prettig als ik bijvoorbeeld met allerlei sociale wetenschappers samen kan werken op een locatie. In Leiden was dat niet mogelijk, behalve binnen de sinologie zelf.’ In Nederland zijn bestuurders huiverig voor particulier geld. ‘In 2000 wilde een Chinees advocatenkantoor geld in sinologie stoppen. Dat leek ons een goed idee, maar de decaan wilde het niet.’ Bang voor inhoudelijke bemoeienis van de gulle gevers is Ter Haar niet. ‘Kijk, misschien bemoeit Poon zich met hoe het gebouw er uit gaat zien. Daar heb ik geen probleem mee. Er is geen sprake van politiek ideologische inmenging. Shaw produceerde Hollywoodachtige films en financiert chairs bij allerlei instellingen. Die houdt zich echt niet bezig met mijn werk.’ Ter Haar doet onderzoek naar de culturele geschiedenis van China. Hij schrijft veel over religieuze en spirituele bewegingen. Op zijn website heeft Ter Haar een uitgebreide analyse van de Falun Gong staan. Dat is opvallend omdat deze religieuze organisatie is verboden en fel wordt bestreden door het regime in Peking. ‘Ik zou er ook geen lid van worden, maar dat geldt voor zoveel bewegingen. Ik vind wel dat de organisatie in alle openheid moet kunnen bestaan. Toen in 1999 de vervolging door de Chinese autoriteiten begon, heb ik meteen dat stuk geschreven. ‘Ik wilde een objectief beeld geven van de organisatie. Ik ben toen maar een tijdje niet naar China toegegaan. Dat leek me wel zo verstandig. In 2006 ben ik voor het eerst weer in het land geweest. Ik had geen probleem om een visum te krijgen.’

staat de Driekamp uit drie afstanden. De roeiers leggen eerst een snelle 250 meter af. Veel kans om bij te komen krijgen ze niet, want de 500 meter roeien ze er praktisch meteen achteraan. ‘Vervolgens wacht je aan het einde van het parcours tot alle boten binnen zijn’, legt Jasper van den Berg (21, geneeskunde) uit. ‘Daarna roei je 1500 meter terug.’ Samen met twee anderen houdt Van den Berg de tijden bij. ’s Ochtends zat hij zelf nog in de boot. ‘Toen kwam het met bakken uit de hemel en stond er ook al een harde wind. Voor de 1500 meter moesten we een half uur wachten. Iedereen was bevroren. Wat dat betreft hebben ze het nu beter getroffen.’ Dat is nog maar de vraag. Er schijnt inderdaad een zonnetje maar de wind neemt verder toe. ‘Meestal hebben we mooi weer, maar windkracht zeven geeft wel een extra dimensie. Normaal ga je met zulke hard wind het water niet meer op’, vertelt bestuurslid van Asopos Jorrit Seinstra. De roeiers komen doodmoe binnen en de eindsprint wordt steeds wanhopiger voorzien van aanmoedigingen. ‘Maximaal! Maximaal! Maximaal!’ schreeuwt een van de stuurtjes hysterisch. Anderen tellen hardop de geschatte slagen naar de finish af. Een enkele roeier komt hevig hyperventilerend over de streep. Er kijkt niemand van op. De Graaf: ‘Dat zien we wel vaker. Vooral bij nationale wedstrijden.’ Toch benadrukt hij dat roeien de gezondste sport ter wereld is. ‘Goed voor je hart en je longen.’ Even later waait met een harde klap de speciale camerapaal om. Een aantal boten vaart na de wedstrijd per ongeluk tegen de smalle brug en voor de sociëteit zijn de lange rijen fietsen als dominosteentjes op elkaar gevallen. De lentedames 2 zien het gespannen aan. Ze starten in het laatste blok. ‘Ons doel? Niet omslaan!’

Vinkendisco Biologe Sita ter Haar promoveerde op de overeenkomsten tussen vogels en baby’s. Wat hebben die twee gemeen? ‘Een belangrijke overeenkomst is dat ze vocaal kunnen leren: ze leren hun spraak of zang door te luisteren naar hun ouders. De meeste dieren die biologen als model voor de mens gebruiken, zoals apen, doen dat niet. Hun vocalisaties, zeg maar hun roepjes, zijn aangeboren.’ Mensen hebben zowel een taalgevoel als een muziekgevoel. Is vogelzang dan een model voor het eerste of het tweede? ‘Sommige onderzoekers vinden het meer op taal lijken, en andere meer op muziek. Bij vogels is de zang in elk geval een communicatiemiddel. Zelf denk ik dat het een beetje tussen taal en muziek inzit; zang heeft niet de complexe betekenissen die taal heeft.’ Je hebt een soort vinkendisco gebouwd? ‘Het idee is dat er aan twee kanten van de kooi speakers staan, waar om en om een liedje uitkomt. De speaker waar onze zebravinken het meest in de buurt zitten, speelt blijkbaar het soort liedje waar ze het meeste aandacht voor hebben. Hun voorkeur verandert als ze ouder worden, en dat is bij baby’s eigenlijk net zo.’ Soorten liedjes? Vinkenliedjes hebben genres? ‘Eerst hebben ze een voorkeur klanken die algemeen zijn in vogelzang, later gaan ze juist beter letten op wat ze horen in hun omgeving, op wat ze herkennen.’

Dus ze krijgen een steeds conservatievere muzieksmaak naarmate ze ouder worden? Net zoals mensen mopperen dat er alleen vroeger echt goede muziek gemaakt werd? ‘In zekere zin wel.’ En wat was dan precies de overeenkomst met baby’s? ‘De baby’s laten we ook klanken horen, terwijl ze naar een scherm kijken. Bij vogels meten we de voorkeur door te kijken bij welke speaker ze zitten, bij baby’s meten we hoe lang ze naar dat scherm kijken. Baby’s van negen maanden luisteren het liefst naar algemene klanken die in veel talen voorkomen, zoals “ma” en “ti”, die ook het makkelijkst te vormen zijn in de mond. Bij baby’s van twaalf maanden verandert de voorkeur ook, ze gaan dan luisteren naar complexere klanken.’ De vogels letten op wat ze kennen, zei je net. Ontwikkelen baby’s een voorkeur voor klanken uit hun moedertaal? ‘Dat zou voor mijn proefschrift te kort door de bocht zijn. Ik denk wel dat het zo is, en dat is ook wat andere onderzoekers vonden.’ Dan zou er een overeenkomst zijn in hoe baby’s en vogels vocaal leren. En dus? ‘Dan laat je zien dat er meer soorten dan de mens zijn die zo’n systeem hebben. Door vogels te bekijken kun je dan meer leren over hoe taal werkt en hoe het is ontstaan.’ Wat is er leuker? Onderzoek doen met baby’s of vogels? ‘Het was allebei heel leuk om te doen. Het is moeilijk kiezen; gelukkig hoefde ik dat niet voor dit onderzoek.’ BB


4  Mare · 20 juni 2013 Nieuws

College kiest voor rechter

Next weer open Studentendiscotheek Next aan de Langebrug mag, na wat aanpassingen, weer open. Burgemeester Henri Lenferink van Leiden vertelde dat woensdag aan lokale radiozender Sleutelstad. Het probleem met Next was dat het in de praktijk een disco was, maar dat was niet in overeenkomst met het bestemmingsplan, waarin het stond aangemerkt als café. De gemeente heeft nu een nieuwe tussencategorie geschapen: het zogeheten danscafé.

De zaak rond de ontslagen medische farmacoloog Melly Oitzl komt alsnog voor de rechter. Het college van bestuur stemt niet in met het door de rechter gedane voorstel tot mediation.

Falende bestuurders Minister Bussemaker van Onderwijs krijgt mogelijk de macht om bestuurders en toezichthouders van universiteiten te ontslaan. De ministerraad heeft besloten een wetsvoorstel in te dienen waarin wordt geregeld dat Bussemaker de rechter kan verzoeken nalatige onderwijsbestuurders te schorsen of zelfs te ontslaan. Het kabinet noemt dit een ‘extra slot op de deur’. De minister kan, als beide Kamers de wet goedkeuren, besturen en raden van toezicht direct opdragen ‘concrete maatregelen te treffen die gericht zijn op het opheffen van de misstand’. Lossen ze het niet op, dan trekt de minister een deel van de financiering in. Biedt dat geen soelaas, dan dreigt schorsing of ontslag.

Tegen de meeuwen Gele stevigere zakken, vliegers met plaatjes van roofvogels, valkeniers en eieren vervangen door fopeieren. Zomaar een greep uit de maatregelen die de gemeente Leiden doorvoerde om de meeuwenoverlast te verlichten. Het hielp weinig. De straten worden nog dagelijks ontsierd door troep uit door meeuwen opengescheurde vuilniszakken. De gemeente kiest er nu voor om op grote schaal ondergrondse containers aan te leggen. Vijfhonderd in totaal. Eerst komt de binnenstad aan bod, daar starten de werkzaamheden eind 2013. De komende weken worden locaties aangewezen.

Digitaal huren Studenten kunnen bij studentenhuisvester DUWO online hun huurovereenkomst afsluiten. Aanstaande huurders hoeven niet meer naar een kantoor van DUWO. Ze kunnen hun huurcontract digitaal ondertekenen op de nieuwe site van de organisatie. Verder biedt DUWO inzicht op het contract en de huurbetalingen. Interne doorverhuizingen en instemmingen (inspraak van medebewoners bij kamerverdeling) kunnen ook op de site worden geregeld. In Leiden is de service nog niet beschikbaar, verwacht wordt dat SLS Wonen volgend jaar mee gaat doen.

Kas open De hoge kas van de Hortus Botanicus is verbouwd, en zal vrijdag tijdens de traditionele midzomernacht geopend worden door rector magnificus Carel Stolker. De verbouwde kas is beter geisoleerd en ook op andere punten milieuvriendelijker geworden: hij wordt verwarmd met nieuwe hoog-rendementsketels en verlicht met slimmere lampen. De rest van het historische kassencomplex is nog niet af, en gaat in september open.

Rectificatie In het artikel ‘College dubt over 6,5’ in Mare 30 staat een fout. Geneeskunde kiest voor scholieren met minimaal een 6,5 voor relevante vakken in haar decentrale selectieprocedure die in collegejaar 2014/15 van start gaat. In het artikel staat dat het college deze 6,5 opnieuw wil overwegen na discussie in de universiteitsraad. Dit klopt niet. De 6,5 wordt als criterium gebruikt. Pas in 2015/16 zal de 6,5 opnieuw overwogen worden. De afbeelding van de ‘kosmische cashewnoot’ rond ster Oph 48 in de vorige Mare, was per ongeluk toegeschreven aan de ESA, de Europese ruimtevaartorganisatie. De werkelijke bron was ESO, de European Southern Observatory, die telescopen in de Chileense Atacama-woestijn beheert.

Promovendi kritisch over bursalensysteem Universiteit wil deelnemen aan promotie-experiment Het college van bestuur wil deelnemen aan een experiment van het ministerie van Onderwijs en 50 promotiestudenten een plek aan de universiteit geven. Door Vincent Bongers Dat blijkt uit een

brief die naar de universiteitsraad is gestuurd. Promovendipartij PhDoc is zeer kritisch over de plannen. Een promotiestudent is niet in dienst van de universiteit en dus ontvangt deze geen loon. Wel ontvangt de promovendus een beurs en volgen zij dezelfde opleidings- en begeleidingsprogramma’s als promovendi met een aanstelling. Ook krijgen ze een werkplek en kunnen ze gebruik maken van de kopieeren printfaciliteiten. Ze worden ook opgenomen in de graduate school, blijkt uit de brief. Minister van Onderwijs Bussemaker wil al langer beurspromovendi bij wet mogelijk maken. Ook de vereniging van universiteiten (VSNU) wil het graag. Vooral om-

dat promovendi met een aanstelling veel duurder zijn. De Raad van State, het hoogste adviesorgaan van de regering, was echter kritisch op het wetsvoorstel. Ook het Promovendi Netwerk Nederland verzet zich tegen het bursalensysteem. Bussemaker is een algemene maatregel van bestuur aan het voorbereiden om het experiment mogelijk te maken. Het college benadrukt dat het doel van het experiment niet is ‘om aangestelde promovendi te vervangen door promotiestudenten. Het vijftigtal zal ‘extra zijn.’ De universiteit wil met de beurs buitenlandse kandidaten zonder beurs of met een ontoereikende beurs naar Leiden halen. Ook kunnen afgestudeerden die nu buiten de boot dreigen te vallen toch de kans krijgen om te promoveren. De Leidse promovendipartij PhDoc is niet blij met de plannen en heeft maar liefst 17 vragen op het college afgevuurd. De partij wil weten hoe hoog de beurs is en hoeveel

geld het college investeert in het plan. PhDoc vindt het al ‘veelzeggend’ dat de term bursaalpromovendus is vervangen door promotiestudent. Daarnaast is het vreemd dat er in de brief niets staat over de financiële prikkel om aan het experiment te doen terwijl ‘die overduidelijk een grote rol’ speelt. De universiteit ontvangt immers een ‘promotiebonus.’ Verder vindt de partij de doelstelling ‘internationaliseren’ van het college maar moeilijk rijmen met het advies van de Raad van State, waarin juist gesteld wordt dat het bursalenstelsel zal leiden tot minder belangstelling uit het buitenland. Daarnaast geven promotiestudenten geen onderwijs, dat verkleint hun kansen op de arbeidsmarkt. Ze kunnen ook geen werkervaring opvoeren omdat zij student zijn. Ook vragen ze zich af wat de gevolgen voor de Leidse PhD-titel zijn als er steeds meer promovendi met minder vaardigheden op de arbeidsmarkt komen.

De sectie medische farmacologie van de bètafaculteit is in 2011 wegbezuinigd. Universitair hoofddocent Melly Oitzl (1955) is een van de medewerkers die daarbij haar baan verloor. Ze kwam in een herplaatsingstraject terecht. Er volgde geen nieuwe functie maar een strijd die uiteindelijk leidde tot een rechtszaak. Er werd gesteggeld over verblijf in het buitenland, het opnemen van verlof en de bereidwilligheid om mee te werken aan het vinden van een nieuwe betrekking. Oitzl stapte naar de rechter omdat zij het niet eens was met de reorganisatie en het opheffen van haar functie. Maar zij vindt ook dat de universiteit haar zoektocht naar een nieuwe baan tegenwerkt. Oitzl wil dan ook vooral dat de rechtbank haar helpt haar werktoekomst te zekeren. Eventueel met een financiële schikking. De rechter wilde vorige week bij een zitting in Alkmaar niet inhoudelijk ingaan op het conflict en riep de partijen met klem op om het geschil via mediation op te lossen. De afvaardiging van de universiteit had geen mandaat om besluit te nemen over een bemiddelingsprocedure met een derde partij. Dit tot ergernis van de rechters. Leo Burger, raadsman van de universiteit, kon niet anders dan het verzoek van de rechter bij het college neerleggen. Het college heeft nu besloten om het tot een rechtszaak te laten komen. Die dient op 1 juli in Alkmaar. Volgens de universiteit is de reorganisatie en het ontslag van Oitzl op een correcte wijze verlopen en is haar rechtspositie voldoende gewaarborgd. Kortom, het college vindt dat zij zich aan de regels heeft gehouden, bemiddeling is dan ook niet van toepassing. Oitzl en haar echtgenoot Berry Spruijt, Utrechts hoogleraar ethologie en dierenwelzijn, mailen dat ze ‘hooglijk verbaasd zijn dat het duidelijke signaal van de rechter, die sprak over verspilde energie, alleen maar verliezers en zinloos procederen, genegeerd wordt.’ Maar: ‘Aan de andere kant is dit precies de wijze waarop Leiden voortdurend heeft gereageerd, alle voorstellen afwijzen en de belangen van betrokkenen, ook zijzelf als organisatie, negeren.’ VB

Hoge boete fnuikt Leenstelsel: 6000 tentamenplan euro meer schuld Het college van bestuur trekt haar voorstel om de inschrijftermijnen voor tentamens te harmoniseren in. Dat blijkt uit een brief van het college aan de universiteitsraad. Het college en de raad liggen al een tijdje in de clinch over de voorgestelde boete van 75 euro voor zeer late inschrijvers. De raad vindt de boete te hoog en vreest dat de toegankelijkheid van het onderwijs voor iedereen daardoor niet is gewaarborgd. Verder stellen de raadsleden dat een lager tarief van 30 euro ook voldoende afschrikwekkend werkt voor vergeetachtige en nalatige studenten. Daarnaast is er de vrees dat studenten de 75 euro als een dusdanig obstakel ervaren dat zij hun tentamens naar een latere periode verplaatsen.

Wat dan weer een nadelig effect heeft op het studiesucces. Verder wordt er een opt-out regeling voorgesteld. Faculteiten hebben de keuze om mee te doen. Dat vindt de raad niet handig en zorgt daarnaast voor rechtsongelijkheid. Bij een lager bedrag doen de faculteiten wellicht eerder mee. Het college hield vast aan de 75 euro en er volgde dan ook een negatief advies van de raad op het voorstel. Het college schrijft nu dat er na overleg met de faculteiten onvoldoende draagvlak is voor een alternatief voorstel waarin aan de wensen van de raad wordt voldaan. De raad gaat nog wel om de tafel zitten met het college om te proberen de inschrijftermijnen voor alle faculteiten wel gelijk te trekken. VB

De gemiddelde studieschuld voor studenten in het hoger onderwijs zal bij invoering van het sociaal leenstelsel gemiddeld met 6000 euro toenemen. Dat blijkt uit een notie van het Centraal Planbureau (CPB). Op dit moment bedraagt de gemiddelde studieschuld zo’n 15.000 euro per student. Het CPB berekende dat het vervallen van de basisbeurs ertoe leidt dat thuis- en uitwonende studenten gemiddeld respectievelijk 5000 en 13.000 euro meer aan kosten hebben. Als zij deze bedragen volledig gaan bijlenen, zal de studieschuld gemiddeld met 9000 euro stijgen. Het CPB verwacht echter dat de stijging lager uit zal vallen, name-

lijk op 6000 euro, omdat de extra kosten waarschijnlijk worden opgevangen door bijvoorbeeld een hogere bijdrage van ouders of hogere neveninkomsten. De huidige studieschuld wordt op dit moment voor zo’n 88 procent afgelost. Met het afschaffen van de basisbeurs en de stijging van de schuld met 6000 euro zakt dit cijfer volgens het CPB naar 84 procent. Verlenging van de huidige aflostermijn van 15 naar 25 jaar zou een effectieve oplossing zijn tegen te trage afbetaling. Het aflossen begint volgens de huidige regelgeving twee jaar na het afstuderen. Er geldt nu een draagkrachtregeling, wat inhoudt dat de aflossing pas verplicht is bij een inkomen boven 84 procent van het belastbare wettelijk minimumloon. JVH


20 juni 2013 · Mare 5 Nieuws

Verlengd bsa maakt huiverig Experiment stuit op Delfts verzet, Leidse faculteitsraad doet geen uitspraak De mogelijke invoering van een bsa voor het tweede jaar zorgt voor zorgen in de raden. Studenten aan de Universiteit Leiden moeten in hun eerste jaar 45 van de 60 studiepunten halen. Wie dat niet doet, krijgt het bindende studieadvies (bsa) om te vertrekken. De universiteit wil de lat nog hoger leggen: studenten zouden aan het einde van hun tweede jaar 90 punten binnen moeten hebben. Daarvoor heeft de universiteit toestemming uit Den Haag nodig, en dat kost tijd. Als het experiment doorgaat, vallen de meeste aankomende eerstejaars onder de dubbele bsa-regeling. Probleem: de Universiteit Leiden heeft een aantal gezamenlijke opleidingen met de TU Delft. De dubbele bsa-regeling stuit daar op weerstand. De Delftse studentenraad vindt het voorstel haaks staan op het acadeDoor Bart Braun

misch karakter van een technische studie. De Delftse gevoeligheden kwamen maandag langs bij de faculteitsraadvergadering van de Leidse bèta’s. De Leids-Delftse studies Life Science & Technology (LST) en Molecular Science & Technology (MST) hebben een zogeheten Onderwijs en ExamenRegeling (OER), en die is pas van kracht als zowel de faculteitsraad in Leiden als de Facultaire Studentenraad in Delft ermee instemmen. De raad had op zich geen inhoudelijke problemen met de regelingen, maar zij was toch huiverig om in te stemmen. ‘We zijn bang dat als wij akkoord gaan, dat in Delft niet goed ontvangen wordt’, legde voorzitter Avalon van Binsbergen uit. Alleen: er staat in die Oeren helemaal niet dat er een tweejarig bsa zou gelden. Na lange aarzeling besluit Van Binsbergen: ‘We laten Delft weten dat we instemmen met het OER, maar geen uitspraak doen over de bsa-kwestie.’

‘We willen het liefst dat de medezeggenschap van Leiden en Delft op één lijn zitten’, verduidelijkt raadslid en LST-student Mark Hoorens de twijfel. ‘Het is nog maar de vraag hoeveel onze goedkeuring waard was. In Delft gaan ze alles inzetten om die dubbele bsa tegen te houden.’ Voorzitter Enne Hekma van de Delftse studentenraad: ‘Wij vinden een bsa in het tweede jaar een slecht plan, en zullen daar waarschijnlijk deze week negatief over adviseren.’ De Delftse raad heeft hierin echter slechts adviesrecht, verduidelijkt hij. ‘We hebben geen rechtspositie om dit direct tegen te houden maar het in de wind slaan van een negatief advies is niet zonder consequenties.’ De facultaire studentenraad zou wel de boel kunnen traineren door niet in te stemmen met het OER, geeft hij toe. Maar ja, daar stond nou net niks in over de dubbele bsa. ‘We zijn nu aan het uitzoeken of dat bsa inderdaad niet in het OER hoeft te staan.’

‘Maak duidelijk dat Leiden meedoet’ In de universiteitsraad zijn er zorgen over communicatie van de nieuwe bsa regeling naar scholieren. Dat bleek bij de raadsvergadering maandag. Leiden is de enige universiteit die een aanvraag heeft ingediend voor een bsa in het tweede jaar. ‘Ik vind de tekst op de website van de universiteit een tikkeltje misleidend’, zei Anne-Marie Leichsenring van studentenpartij SGL. ‘Er is geen wetgeving waarin bsa in het tweede jaar wordt toegestaan. Dat is ook uitgebreid gerapporteerd in de media. Als scholier zou ik verwachten dat het juist niet door gaat. Er moet duidelijk op de site staan dat Leiden meedoet aan een experiment. En wat dat precies inhoudt.’ Marije Schreuder, medewerker van het bestuursbureau: ‘We maken duidelijk dat we de regeling willen invoeren. Het enige voorbehoud is toestemming van de minister.’ Marc Hogenhuis van studentenpartij LVS: ‘Er is op de open dag van de universiteit weinig aandacht voor de regeling.’ Hij vindt ook dat het erg lang duurt voordat bekend is of het doorgaat. ‘Straks is er pas in september duidelijkheid.’ Schreuder: ‘Ik ga er van uit dat we begin juli toestemming krijgen.’ Ide Hendriks van de SGL vond dat de positie die Leiden inneemt mogelijk ook gevolgen heeft voor de instroom. ‘Als een scholier moet kiezen, dan kan de strengere bsa mogelijk de doorslag geven.’ Marcel Vooijs van academische zaken denkt dat de maatregelen studenten niet ‘afschrikt’. ‘Het is juist in hun voordeel. Het helpt hen op tijd af te studeren.’ VB

Pk in de hersenpan De loting bij Geneeskunde verdwijnt en wordt stapsgewijs vervangen door decentrale selectie. Vanaf collegejaar 2014-15 wordt bijna de helft van de plaatsen gevuld door studenten die een Engelstalige toets succesvol gemaakt hebben en intensief geïnterviewd zijn. Waarom gaat het selectieproces op de schop? Pancras Hogendoorn, decaan Geneeskunde: ‘Uiteraard is het verbeteren van studiesucces een reden: Zorgen dat een scholier de studie kiest die bij hem past, zodat we geen mensen verliezen tijdens de opleiding. ‘Daarnaast is het ook heel raar dat er met loten over de toekomst van studenten wordt beschikt. We willen de student die de vaardigheden heeft om een goede arts te worden. De meeste tijd gaat zitten in studenten die eigenlijk niet helemaal matchen met de studie. ‘Als je nu de juiste mensen binnenhaalt, worden die zes jaar voor beiden prettiger. Een andere reden is dat de andere geneeskundeopleidingen al decentrale selectie hebben. Je kunt niet achterblijven. Utrecht en Leiden waren dit jaar de enige twee zonder decentrale selectie.’ Hoe gaan jullie het aanpakken? Hogendoorn: ‘Scholieren met een gemiddeld eindexamencijfer gelijk of hoger dan 8 worden sowieso geplaatst. En in Leiden krijgen ook de geslaagden van Pre-University College een plek. Dat verandert niet. Een deel blijft loting. En er komt een deel decentrale selectie. Dat zijn er 130. In totaal is er plek voor rond 320 studenten. Deze splitsing is er om verschillende redenen. We willen ervaring op doen, en meten of de decentrale selectie effect heeft.’ Internist Menno Huisman: ‘Een scholier kiest overigens zelf voor decentrale selectie. Meedoen met de loting kan ook.’ Hogendoorn: ‘Een van de criteria is een cijferlijst van 6,5 gemiddeld voor de relevante vakken bij de overgang van de vijfde naar de zesde klas. ‘We weten dat een bepaald gemiddelde nodig is om succesvol te zijn.’ Grijpt het Leids Universitair Me-

disch Centrum met een 6,5 niet naast goede artsen? Hogendoorn: ‘Dat kan. Misschien wordt het na onderzoek wel een ander cijfer. Het is allemaal nieuw. Een 6,5 is een goed startpunt.’ Hoe worden deze scholieren getest? Hogendoorn: ‘Zij gaan de BioMedical Admissions Test (BMAT) maken, een Engelstalige toets. De kosten voor de student zijn 50 euro. De rest passen wij bij. Het is een dure maar goede toets, geen gerommel. De test bestaat uit drie delen: vragen over bètavakken; een deel “logisch redeneren” en een essay in het Engels.’ Huisman: ‘Het is wel een grote stap. Het Engels kan best pittig zijn. We gaan zien hoe dit uitpakt. Het kan natuurlijk zijn dat studenten niet voor het Leidse selectieproces kiezen. We verwachten echter van niet.’ Hogendoorn: ‘Aan de hand van de test, stellen we een ranglijst op. Dan weet je al hoeveel pk de scholieren in de hersenpan hebben. Maar je wilt ook weten of deze de vaardigheden heeft om een goede arts te worden. Dus organiseren we gesprekken.’ Hoe gaat dat in zijn werk? Huisman: ‘We testen daarin de nietmedische soft skills, bijvoorbeeld empathie en de communicatie naar patiënt en collega’s. De idee is niet één gesprek, maar drie of vier. Met verschillende gesprekspartners, onderwerpen en situaties. ‘Er ligt geen onderzoek waaruit blijkt dat deze aanpak leidt tot uitstekende artsen. Wij verwachten natuurlijk van wel en zullen dit ook in de toekomst evalueren. ‘De scholieren hebben een aanbevelingsbrief nodig van de schoolleiding en schrijven een motivatiebrief. Die twee elementen komen terug in de interviews. Zelfreflectie is belangrijk. Maar er komt bijvoorbeeld ook een acteur die bijvoorbeeld een patiënt met buikpijn speelt. Die zegt tegen de scholier: “Ik heb die en die klachten.” Het is een gesprek van vijf á zes minuten. Geen afgeronde zaak, dat hoeft ook niet. Je kunt zien hoe een potentiële student reageert. Negen tot twaalf observatoren zien de scholier. Het is een fijnmazig net van oordelen.’ VB

Speedo’s spotten

Zowel studenten als gewone Leidenaren doken vrijdag 14 juni in de Oude Vest voor de derde Speedo Swim-in Leiden. De zwemmarathon werd georganiseerd door de algemene zwem- en waterpolovereniging LZ1886 en studentenvereniging Aquamania. Voorafgaand aan het evenement had de gemeente voor de veiligheid de fietswrakken uit de gracht gevist. Foto Ingmar Kooman

‘De alarmbellen gingen af ’ Studenten bij twee geesteswetenschappenopleidingen aan de Universiteit Utrecht krijgen te gemakkelijk een genadezesje voor hun scripties. Dat constateerden de visitatiecommissies die namens de NederlandsVlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) de Utrechtse opleidingen onder de loep namen. Op dit moment wordt Leiden onderzocht. De commissies in Utrecht controleren opleidingen op drie standaarden. Op standaard 3, Toetsing en gerealiseerde eindkwalificaties, schieten de opleidingen volgens het eindrapport tekort. Het gaat om de bacheloropleiding Communicatie- en Informatiewetenschappen en de masteropleiding Mediastudies. Ook bij geesteswetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam scoorden vier opleidin-

gen dit voorjaar onvoldoendes. De Utrechtse geesteswetenschappenfaculteit voelde zich ‘aanvankelijk enigszins overvallen’ door de strenge beoordeling van de visitatiecommissies, zo laat vice-decaan onderwijs Bert van den Brink weten in Het Digitaal Universiteitsblad
 DUB. De NVAO kan de opleidingen een hersteltermijn van een jaar toekennen, wanneer ze binnenkort met een herstelplan komen. Een onderdeel van dat plan zal zijn dat alle geesteswetenschappenscripties met een cijfer onder de zeven voortaan na de eerste en tweede lezer nog extra door een hoogleraar beoordeeld worden. Dat hebben de opleidingen alvast afgesproken. Ook bij de Leidse geesteswetenschappen verrichten dergelijke visitatiecommissies momenteel onderzoek. De opleiding geschiedenis was begin dit jaar als eerste aan de beurt.

Het voorlopige beoordelingsrapport, dat begin april al werd verwacht, is er echter nog steeds niet. ‘We wachten nog altijd op witte rook,’ laat opleidingsdirecteur Leo Lucassen weten. Opleidingsvoorzitter Dennis Bos en examencommissievoorzitter Joost Augusteijn weten al te vertellen dat geschiedenis standaard 1, Beoogde eindkwalificaties, in elk geval heeft gehaald. Voor standaard 2, Onderwijsleeromgeving, en 3 moet het rapport afgewacht worden. Toch zit de schrik er in Leiden, waar andere geesteswetenschappenopleidingen deze maand gecontroleerd worden, ook een beetje in. Augusteijn: ‘Door nieuwe normen was de commissie kritischer dan we hadden verwacht. Aangezien wij de eerste opleiding waren die gevisiteerd werd, zijn andere opleidingen extra gaan opletten. De alarmbellen zijn wel afgegaan.’ MVW


6  Mare · 20 juni 2013 Achtergrond

Academische Agenda Mw.prof.dr. K. Zeppenfeld zal op vrijdag 21 juni een oratie houden bij de benoeming tot hoogleraar aan de faculteit der Geneeskunde met als leeropdracht Cardiologie, in het bijzonder elektrofysiologie. Prof.dr. W.F. Admiraal zal op maandag 24 juni een oratie houden bij de benoeming tot hoogleraar aan de faculteit der Sociale Wetenschappen met als leeropdracht Onderwijskunde, in het bijzonder het Opleiden van Docenten. Prof.mr.dr. J.H. Crijns zal op vrijdag 28 juni een oratie houden bij de benoeming tot hoogleraar aan de faculteit der Rechtsgeleerdheid met als leeropdracht Straf- en Strafprocesrecht. Mw. A.M. Guénolé hoopt op dinsdag 25 juni om 08.45 uur te promoveren tot doctor in de Geneeskunde. De titel van het proefschrift is ‘Dissection of DNA damage responses using multiconditional genetic interaction maps’. Promotor is prof. dr. L.H.F. Mullenders. Mw. E. Mostovenko hoopt op dinsdag 25 juni om 10.00 uur te promoveren tot doctor in de

Geneeskunde. De titel van het proefschrift is ‘Towards High Throughput and Spatio Temporal Proteomics’. Promotor is prof.dr. A.M. Deelder. Dhr. R. Puggioni hoopt op dinsdag 25 juni om 11.15 uur te promoveren tot doctor in de Geesteswetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘The Social and Economic Message of Benedict XVI’s Caritas in Veritate in the Perspective of the Roman Catholic Social Doctrine’. Promotoren zijn prof.dr. W.B. Drees en prof.dr. M.B. ter Borg. Mw. H.A. van Duijvenvoorde hoopt op dinsdag 25 juni om 13.45 uur te promoveren tot doctor in de Geneeskunde. De titel van het proefschrift is ‘Genetic causes of growth disorders’. Promotoren zijn prof.dr. J.M. Wit, prof.dr. H.B.J. Karperien en prof.dr. A.M. Pereira. Mw. M.C. Louwe hoopt op dinsdag 25 juni om 15.00 uur te promoveren tot doctor in de Geneeskunde. De titel van het proefschrift is ‘Inflammatory mediators in diet-induced cardiac dysfunction’. Promotoren zijn prof.dr. J.W.A. Smit en prof. dr. K. Willems van Dijk.

Maretjes De prijs voor een Maretje bedraagt €8,– per 30 woorden, opgegeven via redactie@mare.leidenuniv.nl uiterlijk t/m maandag 16.00 uur. Maretjes aangeboden voor commerciële doeleinden worden niet geplaatst, evenmin als Maretjes waarin zaken worden aangeboden die de waarde van 4.500 euro te boven gaan.

Bezoeker van een steampunkbeurs, de excentrieke kledingstijl waarvoor de Leidse studente Leonie Ouwerkerk kostuums en materialen verkoopt. Foto HH

‘Ik geloof dat ik een winnaar ben’ > Vervolg van de voorpagina Dat een goed idee alleen niet genoeg is ervoer Lars Scholten (27, China Studies). Hij wil zijn eigen Wing Chun school oprichten, speciaal voor Leidse studenten. Het vinden van een geschikte zaal voor de Chinese vechtsport bleek echter onmogelijk. ‘Ze zitten vol, zijn te groot of onbetaalbaar.’ De Leidse Wing Chun school zou voor hem de ideale manier zijn om ervaring op te doen met het hebben van een eigen bedrijf. Zijn eigenlijke ambitie is het oprichten van een instituut voor hoogbegaafde kinderen, waar zij terecht kunnen voor Chinese taallessen én de Chinese vechtsport. ‘Hoogbegaafde kinderen zijn vaak niet zo goed in sport, maar Wing Chun is heel technisch, bijna wiskundig. Daarom zouden hoogbegaafde kinderen er veel baat bij kunnen hebben,’ aldus Scholten. Het is opvallend dat de meeste studentondernemers honderd ideeën hebben en niet stil kunnen zitten. Ouwerkerk volgde vakken kunstgeschiedenis naast haar studie archeologie, omdat ze zich naar eigen zeggen anders verveelde. Van der Kort runde niet alleen een eigen bedrijf, maar deed daarnaast ook twee masters in een jaar tijd. Zijn geheim? ‘Weinig slapen en hard werken. Op mijn 23e had ik al een mooie auto en een eigen huis. Als ik andere studenten feestend door het leven zie gaan denk ik soms: ‘Misschien heb ik wat gemist.’ Maar ik ben toch meer van het werken dan van het feesten.’

Naast zijn master geeft Scholten Chinese les aan de universiteit Leiden. Over een paar weken vertrekt hij naar Shanghai om zes weken lang bij een meester in de vechtsport in de leer te gaan. ‘Dan heb ik de El Cid-week, een goed moment voor promotie, alweer gemist. Maar je kunt niet alles tegelijk.’ Een eigen bedrijfje beginnen is volgens Ouwerkerk makkelijker dan veel studenten denken. ‘Je gaat naar de Kamer van Koophandel en een half uur later sta je weer buiten, maar dan met je eigen bedrijf.’ Via de bank kreeg ze bovendien een studentenlening van 5.000 euro waarmee ze haar eigen bedrijf kon opzetten. Toch wordt het studenten volgens Mutsaerts niet echt gemakkelijk gemaakt. ‘Studenten die een topsport beoefenen kunnen uitstel krijgen of mogen tentamens op locatie maken. Voor studenten met topbedrijven is er echter nauwelijks iets geregeld. Een finalist die films maakte op locatie, mocht zijn tentamen daar niet maken. Topondernemers lopen bijna altijd studievertraging op.’ Aan commercieel denken en ondernemen wordt bij sommige studies bovendien nauwelijks aandacht besteed, terwijl het merendeel van de studenten toch in het bedrijfsleven terecht komt. Ouwerkerk had daarom graag meer praktijk gezien, maar van der Kort benadrukt dat de universiteit daar niet voor bedoeld is. Ook de norm van het verzamelinkomen – voor 2013 vastgesteld op 13.530,90 euro – bezorgt de studenten geen kopzorgen.

Doe meer met je kennis. Help een leerling op streek in 1 uur per week. Leiden-Noord, Onderwijswinkel. Basisonderwijs: 24 Marokkaanse, Turkse, Somalische en Nederlandse leerlingen hebben bijles taal en rekenen nodig. Groep 4 t/m 7. Twee leerlingen met vergoeding van €5,-. Voortgezet onderwijs: Twee leerlingen vmbo2, Nederlands. Leiden-Zuid, buurthuis Vogelvlucht. Basisonderwijs: 17 Marokkaanse, Turkse, Somalische leerlingen hebben bijles taal en rekenen nodig. Groep 4 t/m 7. Twee leerlingen met vergoeding van €5,- per uur. Bijles kan ook bij een leerling thuis gegeven

worden. Onderwijswinkel, Driftstraat 77, ma, wo en do, 15-17u. Tel: 071-5214526. E-mail: hdekoomen@owwleiden.nl. Vrijwilligerswerk naast je studie? Verschillende anderstalige vrouwen willen graag Nederlandstalige vrijwilligsters ontmoeten om samen te oefenen met de taal. Informatie over Taalontmoetingen: Radius 0717074200. Wil je graag samen met plezier musiceren? Ga dan meespelen onder professionele leiding in een van de speelgroepen in Leiden van Huismuziek Den Haag en omstreken.Verzoek om inlichtingen: denhaag@huismuziek. nl Wanted: Greek student for Greek conversation (level: beginner; one hour a week; start: preferably this summer). Contact: Christo 06 38615831 or cthanos@ kpnplanet.nl.

Wie deze norm overschrijdt moet zijn studiefinanciering terugbetalen, tenzij de student in het laatste studiejaar zit en dat jaar een diploma behaalt. ‘Je ziet echt wel aankomen of je meer of minder gaat verdienen, en kunt je stufi dan altijd uitzetten,’ meent Zuidgeest. ‘Als je meer dan 13.000 advertenties euro per jaar verdient dan ben je lekker bezig en heb je niets te klagen.’ Gezocht: Zomerkracht! Is het dan allemaal rozengeur en maneschijn? ‘Natuurlijk niet,’ zegt van der Kort. Borgdorff Makelaars is het grootste makelaarskantoor in het ‘Ook als klein bedrijf heb je bijvoorbeeld Westland en de vestiging Monster is op zoek naar een vakantiekracht contracten. Als mensen die niet nakomen die het team in de zomerperiode kan versterken! zit er niets anders op dan te procederen. Wil je werkervaring opdoen in het bedrijfsleven? Werk dan in de Helaas kost dat handen vol geld.’ Van der zomerperiode op een dynamisch makelaarskantoor in het Westland Kort spreekt uit eigen ervaring. ‘Als ik studentondernemers een tip mag geven is en Den Haag. het dan ook: leer los te laten. Bewaar een positieve insteek en bijt je niet vast in je Ben jij degene die wij zoeken?! eigen gelijk.’ Stuur dan je CV naar Natuurlijk kan het ook fout gaan. Van monster@borgdorff.nl der Kort: ‘Maar dat is het risico van het of bel 0174-286080. vak. Ik geloof graag dat ik een winnaar ben. Gewoon hard werken en niet klagen. Doen!’ Zuidgeest: ‘Mensen zeggen wel mare-borgdorff 130618.indd 1 18-06-13 eens tegen me: ‘Tim, alles gaat jou voor de wind’. Dat is natuurlijk een kwestie van kansen krijgen, maar ook van kansen zien. Het schijnt dat psychologen lastig werk MET AL JE vinden. Begin een eigen bedrijfje, wat heb je te verliezen?’ VRIENDEN IN

lOVE IT...

door petra Meijer Succesvolle studentondernemers kunnen zich nog tot 1 juli inschrijven om mee te dingen naar de Studenten Ondernemersprijs. Zie www.studentenondernemersprijs.nl

ACTIE KOMEN KOM OOK IN ACTIE ChECK fIghTCANCEr.Nl

11:39


20 juni 2013 · Mare 7 Wetenschap

Insecteneitjes Rondom de eitjes van veel insecten zit aan de binnenkant van de eischaal een speciaal laagje, de zogeheten serosa. De eieren van andere geleedpotige dieren hebben niet zo’n serosa. Als je met wat biotechnologisch knutselwerk zorgt dat een kever eitjes legt zonder serosa, komen die in het laboratorium nog steeds uit. Dat alles roept de vraag op waar dat laagje dan voor is. Evolutiebioloog Maurijn van der Zee houdt zich daar al jaren mee bezig, en in een binnenkort verschijnend artikel in Proceedings of the Royal Society B geeft hij een verklaring. Samen met promovendus Chris Jacobs laat hij zien dat serosa-loze eieren veel gevoeliger zijn voor uitdroging. Dat is overigens niet het hele verhaal: vorige maand toonde het tweetal in een ander vakblad aan dat het laagje ook een belangrijke rol speelt in het immuunsysteem van insecten.

Dikke spieren

De Filippijnse krokodil, nog maar een stuk of honderd zijn er in leven.

Laat ze vrij Hoe kunnen mensen en krokodillen samen leven? De bescherming van de extreem bedreigde Filippijnse krokodil kan een voorbeeld zijn van hoe dieren in arme landen beschermd moeten worden. ‘Ze worden geassocieerd met de duivel of, erger nog, corrupte ambtenaren.’ Door Bart Braun ‘Mijn dochtertje van

vijf krijgt elke maand de PipaPanda het clubblad van het Wereld NatuurFonds, een blad vol olifanten, tijgers en krokodillen. Terwijl de mensen in de tropen, die met die dieren in hun achtertuin leven, er vaak vrijwel niks over weten. Dat is toch raar? Voorlichting is een essentiële eerste stap in natuurbehoud; mensen moeten weten waar het over gaat, wat de wetgeving is, waarom het belangrijk is.’ Cultureel antropoloog Jan van der Ploeg promoveerde vorige week op onderzoek naar het behoud van de Filippijnse krokodil. Dat is een ernstig bedreigde diersoort waarvan er naar schatting slechts een stuk of honderd exemplaren van in het wild voorkomen. Ter vergelijking: er zijn zo’n 3500 wilde tijgers in de wereld, en ook dat beest zit diep in de problemen. ‘Het is een enorme uitdaging om met de Filippijnse krokodil te kunnen en mogen werken’, aldus Van der Ploeg. ‘Ze zijn extreem zeldzaam, en niet knuffelbaar. Als het hier lukt, kan het op andere plekken in de wereld ook.’ Hopelijk, bedoelt hij, gaat zijn onderzoek niet alleen over krokodillen op het Filippijnse eiland Luzon, maar ook over haaien voor de kust van Mozambique, kroonslakken in de Caraïben en allerlei andere bedreigde dieren in arme landen. Mens en dier zitten steeds meer op elkaars lip, en de beesten verliezen vrijwel altijd. Er bestaat echter een breed gedeeld gevoel dat de wereld mooier is met krokodilletjes en

kroonslakken erin. ‘Hoe bescherm je dit soort soorten in snel veranderende landen en een context van armoede?’, verwoordt de onderzoeker het. In zijn proefschrift beschrijft hij zijn werk met de stichting Mabuwaya (‘Leve de krokodil’) die de Crocodylus mindorensis van de rand van de afgrond weg probeert te slepen. De sponsoring komt deels van polofabrikant Lacoste; Leidse studenten en de lokale bevolking werken er samen. De soort wordt maximaal drie meter lang, en eet vooral vis, ratten en garnalen. In de jaren zestig werd hij nog bejaagd voor zijn leer, maar nu heeft hij andere problemen: bedreiging van het leefgebied, vissers die met dynamiet of landbouwgif werken en per ongeluk een krokodil meepakken. Het helpt niet dat de Filipino’s een negatief beeld hebben van krokodillen. ‘Ze worden geassocieerd met de duivel of, erger nog, corrupte ambtenaren’, schrijft Van der Ploeg in zijn proefschrift.

en we willen die van hun horen. Dan blijkt bijvoorbeeld dat veel boeren bang zijn dat we land af komen pakken. Dat kunnen we helemaal niet, maar dat is wel waar zij zich druk om maken – dat gaat dus niet eens over krokodillen, maar over heel andere zaken. ‘In het natuurbehoud hameren westerse organisaties vaak heel sterk op de economische waarde van soorten. Er komen toeristen op af, of een mangrovewoud beschermt tegen vloedgolven, dat soort werk. Het probleem is: die opbrengsten zijn vaak helemaal niet zo belangrijk, als bijvoorbeeld de lokale bevolking nauwelijks meeprofiteert van toerisme.’ Tegenover het verhaal over geld plaatst de antropoloog juist immateriële waarden van natuur. ‘Er is zoveel meer in het leven dan geld. Ook arme mensen zijn geïnteresseerd in hun omgeving. Men wil ook gewoon het goede doen. Maar juist die culturele en intrinsieke

De sponsoring om de krokodil te redden komt deels van polo-fabrikant Lacoste Mabuwaya hield zich dan ook niet alleen bezig met het plaatsen van zendertjes aan krokodillen of het verzamelen van jonkies om ze in gevangenschap groter te laten worden, maar ook met een publiciteitsoffensief. ‘Met alleen een postertje in het gemeentehuis ben je er niet. We hebben kalenders uitgedeeld, theatervoorstellingen gehouden, en we zijn met mensen aan tafel gaan zitten. We vertellen onze kant van het verhaal,

waarden van natuur worden in de natuurbescherming nu helemaal niet gebruikt.’ Wat niet wegneemt dat geld soms een probleem is. Als je complete kapitaal bestaat uit vier varkentjes en een krokodil eet er eentje op, dan sta je als Filippijnse boer niet vooraan om ‘Leve de krokodil’ te roepen. Aanvallen op mensen zijn zeer zeldzaam, maar komen wel voor. ‘Feit is dat de mensen daar er vrij rationeel in zijn, veel meer dan politici en mensen die in de stad wonen. We proberen incidenten vooral te voorkomen: mensen vertellen dat ze hun kinderen niet alleen moeten laten zwemmen, of buffers aanleggen zodat de krokodillen de varkens niet kunnen zien. Iemand wiens varken of jachthond is opgegeten, zou je eigenlijk willen compenseren. Misschien dat de overheid dat moet doen, maar dat gebeurt niet. Als stichting betalen we heel soms, maar we kunnen daar geen formeel programma voor opzetten. Dus kom je toch weer op voorlichting uit: bind je varkens ’s nachts vast; dat moet toch al in die dorpen. Of we helpen met de aanleg van stallen.’ De antropoloog is optimistisch. ‘In natuurbeschermingskringen werd soms gedacht dat democratisering een ramp voor de natuur zou zijn. In grote, versnipperde landen als Indonesië en de Filippijnen zat heel lang een dictator, die gebieden opzij zette voor de natuur. ‘Na de revoluties werd milieubeheer een taak van lokale overheden, met hun eigen belangen. Dat leidt vaak tot een enorme toename in landbouw, houtkap en mijnbouw, ook in beschermde gebieden. In een democratie moet je steun en draagvlak creëren onder de bevolking. Dat is veel moeilijker. Maar als het dan lukt, heb je ook echt iets.’ Proefschrift: Swallowed by a cayman – integrating cultural values in Philippine crocodile conservation. Jan van der Ploeg. De promotie was dinsdag 11 juni.

‘Je moet draagvlak creëren.’

Publieksboek: The Philippine crocodile: ecology, culture and conservation, Merlijn van Weerd & Jan van der Ploeg. Het boek is te koop voor 30 euro. De opbrengst van het boek komt ten goede aan de Mabuwaya Foundation. Contact: ploegjvander@fsw.leidenuniv.nl

De farmaceutische industrie doet hard haar best om te zorgen dat elke pil precies hetzelfde is, en evenveel milligram werkzame stof bevat. Vervolgens komt de dokter en die stopt die identieke pillen in allemaal verschillende patiënten. Dat kan zomaar schelen, met name bij patiënten met morbide obesitas. Die zijn niet alleen zwaarder, maar hun vetweefsel scheidt ook allerlei stofjes uit of absorbeert weer andere stoffen, zodat hun lichaam anders functioneert. Promovendus Jeroen Diepstraten zocht uit hoe je tot een goede dosering komt voor twee geneesmiddelen: verdovingsmiddel propofol en de bloedverdunner nadroparin. Voor allebei heb je een grotere dosering nodig dan je puur op basis van het lichaamsgewicht zou verwachten. Bij het tweede middel komt dat overigens juist niet door vet, maar omdat zwaarlijvigen om al dat gewicht rond te zeulen nog heel wat spieren onder hun vet hebben zitten. Voor dat soort middelen zou je dus juist naar de vetvrije massa moeten kijken, adviseert Diepstraten.

Exoplaneet Leidse sterrenkundigen hebben meegewerkt aan het waarnemen van de lichtste planeet buiten ons zonnestelsel ooit. Beter gezegd: de lichtste die ooit direct is gezien. Meestal wordt het bestaan van zo’n exoplaneet afgeleid uit bijvoorbeeld het licht dat een ster uitzendt, maar HD95086 b is daadwerkelijk een stipje dat op een gevoelige plaat is vastgelegd. Hij draait op ruime afstand om zijn ster, en is eigenlijk verrekte groot: ongeveer vier à vijf keer zo zwaar als Jupiter, de zwaarste planeet van ons zonnestelsel. Het mooie van een planeet die je echt kunt zien is dat je ook vervolgmetingen kunt doen aan de atmosfeer, zodat je kunt leren waar hij uit bestaat. De beschrijving van de poëtisch genaamde planeet valt binnenkort te lezen in Astrophysical Journal Letters.


8

Mare · 20 juni 2013

Achtergrond

Strijd der Bijbels De Mare-almanakwedstrijd 2013, het juryrapport Traditiegetrouw beloont Mare de beste verenigingsalmanak met een fust bier, en natuurlijk eeuwige roem. Over kontlikkerij, naakte roeiers en meelezende oma’s. DOOR JUDITH VAN HOOGDALEM EN SEBASTIAAN VAN LOOSBROEK Blauwe Bijbel. Zo

noemt de Almanakcommissie van Minerva haar boekwerk. De enige overeenkomst die wij zien met de Bijbel is de dikte; aan deze almanak is verder niks heilig. Geen gebrek aan verheffende quotes als ‘Snooeeihard zuipen vanavond!’ en ‘Ik moest vannacht tijdens het neuken kotsen, man’. De zilveren zijkanten van de almanak zien er ‘magistraal’ uit, maar blijken in praktijk nogal onhandig. De bladzijdes zijn namelijk aan elkaar geverfd. Hadden we ze eindelijk weten los te scheuren, leek het weer alsof we telkens naar dezelfde lachende koppies keken. Pluspunten voor het complete externe jaarverslag, dat bewijst dat Minervanen echt niet alleen met zichzelf bezig zijn. Minpunten voor het schoolkrantachtige interview met Nikkie Plessen (Echt? Nikkie Plessen? Of all people?) en ontbrekende 06-nummers in het smoelenboek. Voor wie niet weet wat roeiers verstaan onder ‘sterk zitten’ (= ‘het tegenovergestelde van als een zoutzak’), biedt de Asopos Lustrumalmanak uitkomst. In dit indrukwekkende boekwerk is namelijk een veertien pagina’s tellend Roei-ABC opgenomen met allerlei (ir)relevante termen als Bikinivier of hoerenbocht. Helaas was dit het enige boeiende aan een verder wel heel mooi opgemaakte almanak. We verdronken in de hoeveelheid tekst. De geschiedenis van de 50-jarige vereniging wordt breed uitgemeten. De Asoposleden zullen de komende vijftig jaar nog nodig hebben om zich door deze almanak heen te worstelen. Toch worden er door het vrouwelijke jurylid bonuspunten uitgedeeld voor de foto van naakte roeiers, gehuld in niks anders dan Asoposkousen.

De studie notarieel recht heeft de naam saai te zijn, en het boekwerk van de studievereniging BNSL zal dat stigma niet veranderen. De opmaak doet sterk denken aan een voorlichtingsbrochure van de ABN Amro. Weinig origineel, maar door de kilheid wel degelijk en overzichtelijk. Hier en daar staan wel wat mooie foto’s van feestjes en sportdagen, maar het blijft allemaal erg braaf. Deze kun je gerust aan je oma laten lezen. O ja, de jury ‘feliciteerd’ de afgestudeerden ook hartelijk. Studenten Nederlands kunnen gelukkig wel spellen, zo blijkt uit de almanak van studievereniging NNP. Op de vraag van welk boek hij een vuurtje zou maken, antwoordde een van de leden: ‘Al die Middelnederlandse shit die we vorig semester moesten lezen.’ Er is een spectaculaire uitslag van een enquête over het einde der tijden en docenten geven goedbedoelde peptalks, onder wie Rick Honings. ‘Jullie studeren, hebben idealen, maar worden uiteindelijk leraren Nederlands of werkers op kantoor’. Nou succes jongons! En de volgende keer een spannendere lay out graag! Tijd voor de eerste eervolle vermelding. Die gaat naar studievereniging De Leidsche Flesch. Thema: steampunk. Nog nooit van gehoord? Wij ook niet. Iets met fantasy. Hoe dan

ook, we werden erg vrolijk van de vele typisch ongedwongen, kneuterige en gezellige groepsfoto’s. Al bladerend wensten we dat we zelf sterrenkunde studeerden. Minpuntje is de gigantische hoeveelheid bijdragen van (zuster)verenigingen: 76 pagina’s kontlikkerij is te veel van het goede. Pluspunt: de gouden boekhoeken ter versteviging en decoratie. Erg mooi, maar net te weinig voor een plaats in de top drie. Datzelfde lot is de almanak van Augustinus beschoren. De vette kaft doet een flitsende binnenkant vermoeden, maar helaas. Daar overheersen witte pagina’s gevuld met lappen tekst. Zo krijgt het geheel onterecht een goedkope uitstraling. In volledigheid, overzichtelijkheid en dikte (bijna 600 pagina’s) blinkt het boek echter uit. De cordialpagina’s geven ons een prima inkijkje (‘cordial Duur regelt nog steeds goedkope sletjes’, ‘cordial Spot: na 4 jaar nog steeds kut’), net als de fijne statistieken (Augustijnen wonen het meest op de Hogewoerd en gaan als de club dicht is het liefst naar Roebels). Het jaaroverzicht is zeer uitgebreid en de commissie heeft het zelfs niet nagelaten om het hele beleidsplan van het huidige bestuur op te nemen. En niet te vergeten wordt er nog een ludieke knipoog gegeven naar Quintus (‘Algemene Leidse Sub Vereniging, gesponsord door Augustinus sinds 1979’). Op nummer 3 is Quintus geëindigd. Waar Augustinus wel wat meer kleur kon gebruiken, is Quintus naar de andere kant doorgeschoten. Alleen al de veertig eerste pagina’s hebben zowat allemaal een andere achtergrond. Sommige bladzijden zijn zo druk dat je er acuut dyslectisch van wordt. Maar gelukkig is deze almanak vooral een plaatjesboek en geen halve Bijbel. We zien niet alleen maar lachende en zuipende leden, maar ook sportende of boven de wc hangende. Leuk effectje zijn de letters van de dispuutsnamen die iets dieper in het papier liggen. Ook het smoelenboek is sterk verbeterd vergeleken met vorig jaar. Nu kunnen de leden tenminste weer fatsoenlijk elkaars adres achterhalen doordat de achtergrond niet meer zwart is maar geel. Daarnaast er is bij elke persoon met gekleurde balkjes aangegeven welke commissie hij/zij gedaan heeft. Kun je tenminste snel aflezen wie de prominentste Quint is. De tweede plek gaat naar SSR. Dit mooie boekwerk, dat als thema ‘dageraad’ heeft, ziet er erg verzorgd uit, zonder dat het saai wordt. Wat de jury erg leuk vond is dat SSR als enige een lijst opgenomen heeft met beroemde doden (weet u nog: Neil Armstrong, Piet Römer, Whitney Houston?). En wist u dat SSR-leden maar liefst 2,1 keer per week seks hebben? En dan als het even kan zonder condoom? Naast deze interessante statistieken treffen we nog een paar drankspelletjes aan (‘Stef Stuntpiloot voor volwassenen’) en een woordenboek (‘Borrelen: is heel belangrijk’). Wij konden ook wel lachen om pagina’s als het Dikke Jopen Korrel en de Heren van het m.a.s.t.u.r.b.e.r.e.n. Daarom snappen we ook niet dat het SSR-bestuur op elke foto zo zuur in de camera kijkt. Die soberheid lijkt een beetje de rode draad in deze almanak, en we willen we toekomstige almanakcommissie graag het

advies geven om volgend jaar een beetje vrolijker te zijn.

EN DAN NU DE WINNAAR… Er kan maar één almanak de beste zijn, en dat is dit jaar die van de studievereniging van geneeskunde en biomedische wetenschappen, M.F.L.S. De lustrumalmanak, ter ere van het honderdjarig bestaan, heeft als thema ‘vereeuwigd’. Op de eerste bladzijde zien we een afbeelding van het Poortgebouw uit 1912, en op de laatste bladzijde een foto van het LUMC in 2012. Ertussenin informatie over de vereniging zelf (bestuur, commissies, geschiedenis) en over het vakgebied (verhalen van de afdelingen van anatomie, traumatologie etc.), wat het zonder twijfel de meest volledige almanak maakt. Ook genieten: hartverwarmende bijdragen over onverdoofd opereren van delinquenten in Peru en de militaire geneeskunde op Curaçao. Samen met het gladde papier, de haarscherpe foto’s maakt het dat de almanak op eenzame hoogte in het klassement terechtkomt. Het smoelenboek is goed leesbaar en volledig (nauwelijks missende foto’s!). Ook goed om te weten: er bestaat geen enkele derdejaars geneeskunde of biomedische wetenschappen die niet drinkt. Meer dan een derde tikt zelfs meer dan 15 glazen per week weg. Dat zijn dan onze toekomstige dokters. Jullie fust bier staat klaar op de redactie.

DE TOP 3: M.F.L.S. SSR QUINTUS


20 juni 2013 · Mare 9 Reportage

‘Een wonder dat hij nog drijft’ Studentenboten sieren de Leidse grachten

1

2

Wordt het dan toch nog een zwoele zomer? De opvarenden van verschillende studenthuizen hopen alvast van wel. Binnenkort in een gracht bij u in de buurt. Het dak moest eraf De Lenie Groenhovenstraat 3 13 jaar in bezit

1

Frans van Panthaleon van Eck (22): ‘Onze huisboot heet De Lenie, vernoemd naar onze schoonmaakster. Ze is deze week 70 geworden en is dit jaar 25 jaar bij ons.’ Joeri Noteborn (23): ‘We hebben de boot sinds 2000. Onze oudhuisgenoten, die hier toen woonden, hebben hem tweedehands gekocht, en helemaal vanuit Friesland naar Leiden gevaren. Er moest toen nog een stuk van het dak af, anders kon hij niet onder de Leidse bruggen door.’ Van Panthaleon van Eck: ‘Als het lekker weer is en we hebben niks te doen, gaan we varen. Vaak richting de Kaag of door de Leidse grachten, maar eigenlijk maakt het niet echt uit welke richting we op gaan.’

Noteborn: ‘Sinds een tijdje zit er een gat in de voorkant van de boot. Hij moet ook nodig weer een keer worden geverfd: de laatste verfbeurt was in 2006. We moeten wel echt een keer weer gaan klussen.’

Taak voor sjaarzen De Breeliner Breestraat 1A 20 jaar in bezit

2

Tjeerd Kruijt (19): ‘Toen we een keer met onze huisboot, de Breeliner, in Leiden aangemeerd lagen, kwam er een Amerikaanse toerist naar ons toe. Die zei dat de lasnaden vooroorlogs zijn en dat dit model boot gebruikt werd bij de landingen op Omaha Beach. Hij is dus echt fucking oud en niet kapot te krijgen.’ Thijs Jansen (21): ‘Wij hebben hem sinds begin jaren ’90. De huisbaas wilde de garage die eerst bij ons

identiteit: lekker pittig, maar ook vermoeiend. Het is een ambivalente boot waar je lekker op kan pitten. ‘Als we gaan varen nemen we het liefst een makkelijke route. Gewoon alleen maar rondjes varen, zodat beschonken mensen het ook nog kunnen. Soms maken we er een weekendje van en nemen we tenten mee. Er vallen weleens mensen uit de boot als ze teveel gezopen hebben, maar verder blijft het allemaal best braaf. Het is een mooie boot en dat willen we ook zo houden.’

Ook om te daten Fabel Augustinuscordial Fabel 1 jaar in bruikleen

4

4

huis hoorde terug om aan andere mensen te verhuren. De toenmalige huisgenoten hebben die garage toen met de huisbaas geruild tegen deze boot. En een fikse huurverlaging.’ Kruijt: ‘Er staan twee vliegtuigstoelen, captain seats, aan boord, die we een paar jaar geleden mee hebben genomen van het Minervalustrum. In de zomer varen we met mooi weer door de grachten. Als het echt warm is, gaan we naar de Kaag of de Vlietlanden. Hoppa, clubgenoten mee, barbecue mee.’ Jansen: ‘En het is een traditie dat we elkaar jaar op Koninginnedag door de Amsterdamse grachten varen.’ Kruijt: ‘Het is een sjaarzentaakje om de boot een week van te voren over te varen naar Amsterdam, voordat de sluizen dicht gaan. Maar dat is natuurlijk helemaal geen vervelende opdracht. ‘Gewoon een mooie dag uitkiezen, clubgenoten mee, hartstikke mooi, toch?’

3 Dronken rondjes Pit Quintusdispuut Sjap Eisjedies 5 jaar in bezit

3

Sam Pauwels (23): ‘Een maand geleden nog hebben we alle gaten lopen dichten. Het mag best een wonder worden genoemd dat deze boot nog drijft. Hij is al redelijk oud, zo’n 20 jaar denk ik. ‘We hebben hem ongeveer vijf jaar geleden overgekocht van een reünist van Sjap, die hem in zijn studententijd tweedehands gekocht had. Hij wilde hem weg doen en wij vonden het leuk om een boot te hebben. We onderhouden hem nu met een groepje van vier. Een beetje Schippers van de Kameleon-achtig, alleen dan minder dramatisch. ‘Het is mij niet bekend waar de naam vandaan komt. Ik vermoed dat het te maken heeft met onze

Lieselotte van Dijk (21): ‘Mijn vader heeft deze sloep al heel lang, zo’n 21 jaar. Hij ligt in het centrum van Leiden en wij mogen hem altijd gebruiken, dus we hebben hem nu een beetje benoemd tot cordialboot. ‘Als het mooi weer is op maandagavond, wat bij Augustinus cordialavond is, gaan we met de zeventien meiden van Fabel de boot in. Afgelopen maandag hadden we de barbecue mee. Dan varen we een beetje door de stad, en leggen we af en toe ergens aan. We gaan natuurlijk ook altijd even langs de sociëteit van Augustinus. Het is weleens gebeurd dat we bestuursleden oppikken die willen meevaren. Een tijdje geleden hadden we een date met een mannencordial, en toen zaten we met 25 man in de boot. Dat is wel een beetje de max. ‘Ik wil binnenkort onze cordialnaam “Fabel” lekker groot op de zijkant laten zetten. Dat vindt mijn vader niet erg hoor. Hij heeft de boot nooit een naam gegeven.’ Door Judith van Hoogdalem Foto’s Marc de Haan


10  Mare · 20 juni 2013 Achtergrond

De laatdunkende wajangpop Het postkoloniale effect op de beeldvorming van nieuwe Nederlanders Hoe keken de inwoners van Nederland aan tegen de migranten die uit de voormalige koloniën kwamen? Niet slecht, bleek uit analyse van 7000 krantenartikelen en enkele romans. Maar ze bleven in een ondergeschikte rol. Door Marleen van Wesel ‘Onder de bruggen van genadeloos Djakarta sterven Nederlanders’ kopte De Telegraaf ergens in 1960. Hoe ver weg Indonesië ook was, lobbyisten be-

nadrukten in kranten en tijdschriften dat er meer verbondenheid was met deze mensen, dan met Spaanse of Italiaanse gastarbeiders. Met die laatste groep deelden we namelijk geen taal of geschiedenis, verklaart historica Charlotte Laarman in haar proefschrift Oude onbekenden. Het effect van deze beeldvorming loog er niet om, hoewel een Nederlandse afgezant van de overheid moest constateren dat Jakarta eigenlijk maar weinig bruggen telde, ‘waaronder men noch wonen noch sterven kan’ bovendien. Ook slapen

onder bruggen was immers een herkenbaar beeld voor Nederlanders. De oude onbekenden uit de titel van Laarmans proefschrift zijn de vele Indische Nederlanders, Molukkers, Surinamers en Antillianen die sinds de Tweede Wereldoorlog hierheen kwamen. Met momenteel een miljoen Nederlanders die geboren zijn in een van de koloniën of minstens een ouder hebben voor wie dat geldt, is dit de grootste migrantengroep van Nederland. Kenmerkend voor deze migranten is dat zowel zij als de Nederlanders al enige kennis

Indische Nederlanders in een Rotterdams doorgangshuis (1946). Foto Lex de Herder, Nederlands Fotomuseum

van elkaar en elkaars cultuur hadden. Ze waren vreemd en bekend tegelijkertijd: al voor de oorlog maakten Nederlanders kennis met verlofgangers en studenten uit NederlandsIndië. Bovendien schetsten romans, kranten en regeringsdebatten al langere tijd een beeld van de koloniën. ‘De koloniale debatten hadden niet alleen tot gevolg dat er een zekere mate van bekendheid was met Indië en de Indische bevolking in Nederland, maar ook dat retorieken en stereotyperingen bekend waren.’ Heel anders dan de ‘vage duizenden-één-nachtige beeldvorming’ van de Arabische wereld. Voor haar proefschrift analyseerde Laarman ruim 7000 krantenartikelen over koloniale migranten, maar ook een aantal romans. Want ook daaruit hadden vooroordelen zich al diep genesteld in de beeldvorming. De forse, onvermoeide Europese man, met zijn scherpe, levendige blik en ‘iets prettigs van stevige mannelijkheid’ die Louis Couperus in De stille kracht al beschreef, verschilt nogal van de Indiër uit dezelfde roman, met een fijn en vrouwelijk gezicht, ‘als van een laatdunkende wajangpop’ en vermoeid starende ogen. Ook ‘de struise, doortastende Europese vrouw en het indolente fijne Indische meisje’ zijn behoorlijk verschillende types, die al bekend waren uit boeken. ‘De kracht van de Nederlandse vrouw lag niet in erotiek en zinsbegoocheling, maar in haar intelligentie en rationaliteit’, benadrukt Laarman nog eens. In de tijd van Couperus werden dergelijke stereotyperingen ingezet om het Nederlandse koloniale gezag te rechtvaardigen. Na de migratiegolf konden de reeds bekende beelden en

metaforen mooi gerecycled worden in het publieke en politieke debat. Migranten konden als thuiskomende kinderen ‘niet alleen juridisch maar ook moreel aanspraak maken op toelating, hulp en steun.’ Historicus Gert Oostindie noemde het effect van die bekendheid al een ‘postkoloniale bonus’. Laarman betoogt echter dat er, behalve van deze bonus, ook sprake is van een postkoloniale malus. ‘Plicht, schuld, verbondenheid en bekendheid hadden een terugslageffect: de migranten hadden meer rechten, maar bleven steken in een afhankelijke en ondergeschikte rol.’ De migrantengroepen, met hun diverse geschiedenissen, migreerden in andere decennia en elk onder andere omstandigheden. ‘Ondanks de verschillen tussen de groepen kwam het spanningsveld tussen “vreemd” en “bekend” in alle discussies naar voren.’ Toch is het effect van de ‘postkoloniale bonusmalus-paradox’ niet voor elke migrantengroep precies hetzelfde. Stereotyperingen borduren bij Indonesiërs onderling voort op de van oorsprong koloniale ideeën, ‘namelijk ‘oosters’, bruin als minderwaardig en ‘westers’, blank als superieur’. En Antillianen en Surinamers werden soms onterecht over een kam geschoren, door die gedeelde verbondenheid met Nederland. Maar ondanks de grote verschillen onderscheiden de ‘oude onbekenden’ zich met hun gezamenlijke verbondenheid van andere migrantengroepen in Nederland. Charlotte Laarman, Oude onbekenden, Het politieke en publieke debat over postkoloniale migranten, 1945-2005, Uitgeverij Verloren, 320 pgs, €29. De promotie is op 27 juni

advertentie

Academisch Talencentrum – Academic Language Centre Language courses

Eager to improve your language proficiency? The Academic Language Centre offers a wide range of practical language courses. Unsure about your starting level? Apply for a free placement test via our website or via our office (Lipsius/1.25). Please note: the dates and times may be subject to change. Check our website for up to date information!

Intensive courses Dutch 1, 2, 3, 4 8 July – 26 July Monday through Friday 13:15 – 17:00 hrs. or 5 August – 23 August Monday through Friday 9:15 – 13:00 hrs.

Dutch 1+2 22 July – 23 August Monday through Friday 10:00 – 16:00 hrs. Dutch for native speakers of German 4 July – 9 August Monday through Friday 9:15 – 13:30 hrs. English 4 1 July – 19 July Monday through Friday 14:15 – 17:00 hrs. English 5 5 August – 23 August Monday through Friday 14:15 – 17:00 hrs. French 1+2 5 August – 23 August Monday through Friday 14:15 – 17:00 hrs. French 3+4 5 August – 23 August Monday through Friday

Summer Courses July/August 2013

German 1+2 5 August – 23 August Monday through Friday 14:15 – 17:00 hrs. Italian 1+2 5 August – 23 August Monday through Friday 9:15 – 12:00 hrs. Spanish 1+2 5 August – 23 August Monday through Friday 14:15 – 17:00 hrs. Arabic 1+2 5 August – 23 August Monday through Friday 14:15 – 17:00 hrs. Chinese 1+2 12 August – 30 August Monday through Friday 9:15 – 12:00 hrs.

Japanese 1+2 5 August – 23 August Monday through Friday 14:15 – 17:00 hrs. Russian 1+2 5 August – 23 August Monday through Friday 14:15 – 17:00 hrs.

Starting in September 2013: Dutch for Foreigners Dutch 1, 2, 3, 4, 5, 6 DutchPlus Writing DutchPlus Business Dutch English 2, 3, 4, 5, 6, 7 • Academic & Business English • German 1, 2, 3 Italian 1, 2, 3, 4 • Italian Conversation Swedish 1, 2, 3 • Spanish 1, 2, 3, 4, 5, 6 Spanish Conversation • Russian 1, 2, 3, 4 Arabic 1, 2, 3 • Chinese 1, 2, 3 Japanese 1, 2, 3 • Turkish 1

9:15 – 12:00 hrs.

Information on course schedules, prices, course content and availability: www.languagecentre.leidenuniv.nl or 071-5272332

Follow the Academic Language Centre on Twitter and Facebook!


20 juni 2013 · Mare

11

Achtergrond

Eerste hulp bij BBQ

De hambo’s zijn game over Het geheim van een goede BBQ De bekendste ingrediënten van een barbecue zijn bier, vlees en gezelligheid. ‘Op een avond jagen we er kilo’s vlees doorheen.’ DOOR BART BRAUN Als de thermometer

de 25 graden ook maar aan dreigt te tikken, gaat Nederland over op een ander eetpatroon. Benzinestation, tuincentrum en supermarkt zetten de houtskool klaar, en in elke straat hangt de penetrante walm van wasbenzine en verbrand vlees. Nederlanders kunnen niet zo goed barbecueën, maar wat ze missen in culinaire vaardigheid compenseren ze met enthousiasme en grote porties. Studenten barbecueën het hardst van allemaal. Mare strijkt neer tegenover de studentenbunker aan de Rijn en Schiekade, waar de bewoners van nummer 102 zich samen met wat oud-huisgenoten verzamelen op een vlonder. ‘Veertig euro bij de Gamma’, wijst student lucht- en ruimtevaarttechniek Wouter Vermeersch naar de huisbarbecue. ‘Hij is lekker lang, zodat er veel op kan, en er kunnen veel kolen in. Eigenlijk is houtskool niet goed, maar alles is beter dan gas

(zie ‘Eerste hulp bij BBQ’). Da’s geen barbecue, da’s geen natuur, je kan de kooltjes niet verschuiven om de warmte te sturen. Een gasbarbecue is eigenlijk gewoon een oven; een echte barbecue is teruggaan naar de natuur.’ Op de barbecue liggen worstjes, hamburgers, kipspiesjes en plakken courgette en aubergine. ‘Voor de vrouwen’, legt sterrenkundestudent Stefano Metafuni uit. ‘Wat knoflook, basilicum en olijfolie erbij – klaar!’ De meisjes eten sla, de jongens wachten tot het vlees klaar is. ‘De echte hambo’s zijn game over’, deelt huisjongste Mathijs de Kleer mee. Gelukkig zijn er nog diepvriesvarianten. De Kleer blijkt lid te zijn van het barbecuedispuut van zijn studievereniging Aesculapius. ‘Het motto daar is: bier, vlees en gezelligheid. Op een avond jagen we er met tien man kilo’s vlees doorheen.’ Of hij nog een tip heeft, als barbecuefanaat? ‘Wat iedereen altijd verpest zijn de onderste stukjes van een kipspiesje. Die liggen te dicht bij de rand van de barbecue omdat mensen ze met hun handen om willen draaien. Pak gewoon een tang!’

Vega’s: houd moed

Wie het barbecuen profesioneel wil doen, gebruikt een diepe barbecue met daarin iets dat langzaam brandt, zoals briketten van hout of kokos. Daarop kook je met indirecte hitte een stuk vlees gaar dat niet door de slager aan gort is gemalen. Oftewel: de meeste studenten doen vrijwel alles verkeerd. Wat moet je doen om beter te barbecuen. Gebruik geen wasbenzine, want dan smaakt je eten naar wasbenzine. Gebruik aanmaakblokjes of zo’n schoorsteentje. (En als het dan echt niet anders kan, ga dan in elk geval niet met je dronken kop brandbare vloeistoffen spuiten in de richting van vuur of hete kolen.) Kies een bbq waarbij je de hoogte van het rooster kan veranderen. Het liefst wil je er een waarbij het zo hoog kan dat je onder de kolen kan bijvullen of opporren. Wacht tot je kooltjes wit zijn en niet meer roken. Je wilt mals, sappig en gaar vlees, en dat kan niet boven een steekvlam. Van die rook krijg je kanker. Hetzelfde geldt voor zwartgeblakerd voedsel: gooi het gewoon weg. Draai je eten om met een knijper in plaats van een vork, zodat er geen vocht uit lekt waardoor rook ontstaat. Om dezelfde reden moet je vlees niet aandrukken om het gaar te grillen. Week stokjes een uur van tevoren in water, zodat ze niet in de fik vliegen. Gebruik twee stokjes per spiesje, zodat je ze makkelijker om kunt draaien. Voor wie het aandurft om een groter stuk vlees, zoals een bout, lende of rollade, te garen: laat het vlees even rusten voordat je het aansnijdt. De sappen kunnen zich dan beter verdelen. Vette vissoorten als zalm of makreel kun je het beste roosteren met het vel er nog aan.

Drank: witte sangria Nederlanders vinden sangria al zo’n vijftig jaar lang trendy. Het is zoet, laag-alcoholisch en het fruit suggereert (ten onrechte) dat je iets gezonds aan het drinken bent, dus het zal nog wel even populair blijven. Die variant hieronder is wit in plaats van rood, maar het doel blijft hetzelfde: verander matige wijn in limonade.

Klassieker: Bierblikkip Voor een diepe barbecue met deksel

Niet elke vegetariër heeft zin om in de brandende zon met lauw bier te zien hoe zijn of haar vrienden een berg dode dieren laten aanbranden. Voor wie het wel doet, valt er een hoop lekkers te eten zonder dat je vieze nepvleesschijven nog droger roostert dan de fabrikant ze al had gemaakt.

• 1 hele kip, geplukt en ontdaan van organen. • 1 kruidenmengsel naar keuze om je kip mee in te wrijven • 4 eetlepels (olijf)olie • 1 blik bier (halve liter)

• Groene asperges en maïskolven zijn zo lekker van de grill – bestreken met een beetje olijfolie, zout en peper – dat vleeseters zich er ook nog wel aan wagen. Je kan natuurlijk vrijwel elke soort groente roosteren, al dan niet met knoflook erbij.

Droog de kip af met wat keukenpapier. Wrijf hem in met de olie en daarna met het kruidenmengsel. Als je fanatiek genoeg bent om geen kant-en-klare mix te gebruiken, heb je waarschijnlijk ook wel een idee welke kruiden en specerijen je erin wilt hebben.

• Aluminiumfolie is je vriend. Maak rolletjes van wraps of Turkse pizzabodems – te koop bij de halalmeneer – met lekkere dingen erin. Tomatenblokjes en kaas bijvoorbeeld, chili sin carne, gebakken spinazie met knoflook; als je het er zonder barbecue in zou stoppen kan het ook vanaf de barbecue. Pak ze in met de folie, en laat ze warm worden zonder dat er verkolende karbonaadjes aan je eten blijven plakken.

Doe het bierblikje open en drink het voor de helft leeg. Steek het bij de vogel in, ehm, het gat dat aan de achterkant is gemaakt om de organen eruit te halen.

• Koop wat verse vijgen, en vul die met een zachte kaas naar keuze: bijvoorbeeld brie of geitenkaas. Prop er wat honing en gehakte walnoten bij, of rucola en pijnboompitten, of wat je maar lekker vindt. Even opwarmen tot de kaas gesmolten is.

Deksel op de barbecue, en dan rustig wachten. Afhankelijk van hoe groot je kip precies was en hoe heet de kolen, kan het een uur tot anderhalf uur duren voor het beest gaar is. Yuppen checken dat met een kerntemperatuurmeter, gewone mensen met een prikkertje: hij is goed als het vocht dat uit je kip stroomt helder is.

In je barbie wil je twee hoopjes hete kolen hebben, links en rechts. Het rooster komt daarboven. Zet de kip in het midden, zodat hij niet recht boven de kooltjes staat. Dankzij het blikje kan hij vrolijk rechtop zitten.

• 1 fles witte wijn. Kaapse Pracht is prima. Bubbels zijn ook leuk, maar neem alsjeblieft geen goede, want dat is zonde. •1 fles Dubbelfris Blauw of huismerk-equivalent. • 1 glas perziklikeur • Fruit – nectarine, watermeloen, bosbessen, sinaasappel. Het gaat hier vooral om de kleur, want uiteindelijk smaakt het toch allemaal naar sangria. • Wat takjes citroengras. Snijd het fruit in hapklare brokjes, mik het in een bak. Kneus het citroengras en roer alle drank erbij. Als je een cava of prosecco gebruikt, voeg die dan als laatste toe zodat je de belletjes er niet uitroert. Voeg ijsklontjes, rietjes en parapluutjes naar smaak toe.


12  Mare · 20 juni 2013 Studenten

Enorm toe aan zomer Het eerste jaar van de rest van je leven Vierduizend eerstejaars begonnen in september vol goede moed aan een studie. Een jaar lang volgde Mare drie nieuwkomers. ‘Iedereen zegt altijd dat ontgroenen zo fucking mooi is. Ik weet het niet.’ Door Marleen van Wesel | Foto’s Taco van der Eb

Good guy voor nullen

Ik mis het niet

Thijs van Moorselaar (19) Studie: Culturele antropologie en ontwikkelingssociologie Uit: Alphen aan den Rijn

Muriel Mulder (22) Studie: gestopt met Japanstudies, nu taalwetenschap (RUG) Uit: St.-Annaparochie, Friesland

‘Leuk!’ vond Thijs van Moorselaar het afgelopen jaar. ‘Maar echt! Het was ontzettend gezellig. Maar nu ben ik enorm toe aan de zomer.’ Sinds zojuist weet hij dat hij zijn bsa binnen heeft. ‘Ik heb net nog een opdracht ingeleverd. Nog één te gaan en ik moet nog wat tentamencijfers terug krijgen. Ik denk dat ik op vijftig studiepunten uitkom.’ Van studievereniging Itiwana werd hij in september alleen lid voor de korting op studieboeken. ‘Uiteindelijk heb ik die korting niet eens gehad. Na de zomer gaat een vriendin het bestuur in. Misschien word ik dan wat actiever.’ Bij Quintus dook hij aanzienlijk vaker op. ‘Afgelopen weekend hadden we het lustrumgala, in een Belgisch kasteel. En morgen gaan we naar Groningen, op sjaarsdag. We krijgen een rondleiding op de enige legale wietplantage van Nederland. Verder gaan we een beetje pilsen.’ Van Moorselaars hockeyteam in Alphen aan den Rijn houdt intussen stand. ‘Het leek erop dat iedereen na de middelbare school zijn eigen gangetje zou gaan, maar de meesten komen elk weekend nog naar huis.’ Ook zijn studentenhuis is niet veranderd. ‘Hoewel, sinds vorige week is het opgeruimd. Dat is wel een heel verschil.’ Concrete vakantieplannen heeft hij nog niet. ‘Een weekje ergens heen rijden met mijn ouders, en daarna een lastminute met mijn vriendin. We zien wel waar we uitkomen. In de El Cid-week wil ik bij de Introcie. Beetje knappe vrouwen Quintus binnen lullen’, grijnst hij. ‘Dat is wel nodig.’ Hij is deze zomer sowieso pedel van de ontgroeningscommissie van zijn dispuut Da Vinci. ‘Iedereen zegt altijd dat ontgroenen zo fucking mooi is. Ik weet het niet. Misschien komt dat nog, als mijn eigen ontgroening wat langer achter de rug is. Intussen ben ik als pedel gelukkig de good guy voor de nullen.’

‘Ik heb al twee zevens en twee achten, dus dit gaat wel prima’, vertelt Muriel Mulder over haar nieuwe studie, taalwetenschap aan de Rijksuniversiteit Groningen, waar ze in februari begonnen is. In september startte ze in Leiden met Japanstudies. Ze vond het fijn om hier allerlei voorzieningen heel dichtbij te hebben, met ruime openingstijden bovendien. Toch keerde ze na een maand op kamers terug naar haar vriend in het Friese St.-Annaparochie, met wie ze daarvoor al drieënhalf jaar had samengewoond. ‘Inmiddels zoeken we een koophuis. Mij maakt het niet zoveel uit waar we gaan wonen, maar hij wil graag in Friesland blijven. En ik ga sowieso niet meer bij hem weg’, vertelt ze nu. Dat ze momenteel drie keer in de week twee uur naar Groningen moet reizen voor college, neemt ze voor lief. Wanneer ze die vier mooie cijfers heeft uitgebreid tot een propedeuse, gaat ze voor een logopedieminor naar de Hanzehogeschool. ‘Maar eerst gaan mijn vriend en ik deze zomer een roadtrip maken door Italië. We hebben niks geboekt en er gaat een klein tentje mee. Ik wil in elk geval naar Milaan, Rome, Venetië en Pisa. Verder zien we wel.’ Met Japan houdt ze zich niet meer bezig. ‘Dat deed ik voor die studie ook niet. Ik vond het een interessant land en ik wilde graag een taal studeren. Daarom kwam ik naar Leiden.’ Ook haar studiegenoten spreekt ze niet meer. ‘Ik volg ze hooguit een beetje via Facebook. Leiden had leuke kanten, maar ik mis het niet echt.’

Terug naar Hongarije Marton Tompos (24) Studie: Asian Studies, specialisatie Politics, Society and Economy Uit: Budapest ‘Ik kan nog net niet vertellen dat ik ben afgestudeerd’, mailt Marton Tompos vanuit Budapest, waar hij sinds een maand weer woont. ‘Maar mijn masterscriptie is voltooid en deze week lever ik mijn laatste onderzoekspaper in. Dus het zit er aan te komen!’ In zijn eerste weken in Leiden sliep hij in een slaapzak op de vloer bij een vriend die wel een kamer had gevonden. Daarna vond hij een kamer in een enorm smerig huis, om in oktober te belanden in een prima studentenflat achter het station. ‘Daar ben ik tot halverwege mei gebleven. Mijn huisgenoot bleek ook een Hongaar te zijn. Ik heb er een goede vriendschap aan overgehouden en leuke herinneringen.’ In het begin moest hij wennen aan de vriendelijke Nederlandse buschauffeurs en pauzes tijdens bioscoopfilms. ‘Nu moet ik weer overstappen op continu Hongaars spreken. Dat is nog niet zo gemakkelijk. En ik heb hier meer verantwoordelijkheden. In Leiden moest ik vooral focussen op mijn studie, maar hier heb ik toch wat meer zorgen, van mijn woning tot mijn familie.’ In het nieuwe collegejaar komt hij nog even terug naar hier. ‘Ik zou de uitreiking van mijn masterdiploma niet willen missen.’ Tot die tijd is hij in Hongarije te vinden aan het Balatonmeer en op de muziekfestivals Sziget en VOLT. ‘Tussendoor probeer ik mijn Russisch bij te spijkeren. Die taal heb ik hard nodig voor mijn toekomstplannen.’ Zijn hoop op een adviseursfunctie in Brussel liet hij halverwege het afgelopen collegejaar varen vanwege zijn vriendin die al die tijd in Budapest op hem wachtte, maar inmiddels lonkt het avontuur weer. ‘Ik wil me focussen op Centraal-Azië, waar Russisch de lingua franca is. Of dat vanuit Hongarije of daarbuiten zal zijn, voor een groot bedrijf, een ministerie of een denktank, dat weet ik nog even niet. Maar in september ga ik pas écht beginnen, aan wat het dan ook gaat worden.’


20 juni 2013 · Mare

13

Achtergrond dan tot een werkelijk contact met je mede-Augustijnen kan komen is ons een raadsel.’ De angst verzwolgen te worden door een grauw en oppervlakkig consumentisme dat het ware contact tussen mensen in de weg staat zal in meer maatschappijkritische kringen van die dagen gevoeld worden. Met het verdwijnen van Jezus als leidsheer wandelen dan ook een nieuw soort baarddragers, de progressieflinkse, op sandalen de vereniging binnen. Deze groep staat wederom een nieuwe koers voor: van meer openheid, van égalité. Een poging om van de vereniging een open trefcentrum te maken komt niet door de algemene ledenvergadering, maar wel wordt in 1979 besloten dat Augustinus een jongerenvereniging moet zijn – dus ook open voor niet-studerenden. TRADITIE VERSUS TOEKOMST

Een cantus uit 2008. Foto Taco van der Eb

Van paaps tot stukoos De evolutie van Leidens grootste gezelligheidsvereniging Deze week viert Augustinus het vierentwintigste lustrum. Een geschiedenis in drie discussies die van L.V.V.S. Augustinus de grootste studentenvereniging van Leiden hebben gemaakt. DOOR DERU SCHELHAAS ‘Onder de corpslui zijn nogal katholieken, dat is waar, - maar de een gaat zondags niet naar de kerk, - de ander is de halve week dronken, - een derde houdt er een maîtresse op na, - een vierde zwabbert. Zijn dat nu lui om mee te helpen zulk een vereniging op te richten?’ P.J.M. Aalberse heeft genoeg aan zijn hoofd als hij in 1892 het plan opvat om aan de van oudsher protestantsgezinde Leidse universiteit een katholiek studentendispuut op te richten. Om de nieuwe club cachet te geven wil Aalberse daarbij enkele corpsleden betrekken. In ministerszoon jhr. Charles Ruijs de Beerenbrouck (en later leider van drie vooroorlogse kabinetten) vindt hij uiteindelijk toch een geschikte medestander. In café Suisse worden op 3 mei 1893, in gezelschap van dertig katholieke studenten, de plannen gemaakt voor de vereniging die uiteindelijk in 1899 wordt omgedoopt tot R.K. Studen-

tenvereeniging Sanctus Augustinus. Leden van het eerste uur zijn studentenjongemannen die komen luisteren naar katholiek getinte lezingen. GELOOF VERSUS GEZELLIGHEID

‘De studenten moeten zich ontwikkelen tot superieure katholieken en niet tevreden zijn met het twijfelachtige van den middelmatige mensch.’ In deze opdracht van J.F.M Molkenboer, preses van 1933, aan zijn leden is het dédain te lezen dat past bij een vereniging die het goed gaat. Augustinus heeft ondertussen in het pand Rapenburg 24 een Eigen Huis gevonden, en het aantal vrouwelijke Augustijnen is ‘gestadig grooter geworden en zij vormen thans een groep, welke de kenmerkende vrouwelijke eigenschappen van offervaardigheid, zelfverloochening en bescheidenheid in hooge eere houdt.’ De Tweede Wereldoorlog verstoort deze paapse harmonie ruw. Het Leidse studentenleven verandert in de jaren na de oorlog. Wie gezelligheid zoekt wordt lid van L.S.C. (mannen), V.V.S.L. (vrouwen) of Catena. Wie daarnaast theologische verdieping zoekt meldt zich (eventueel als dubbellid) aan bij S.S.R. of Augustinus. Veel Augustijnen hebben dubbele gevoelens bij deze zogeheten civitasconstructie. Wat voor de oorlog een

Het Augustinus-bestuur jaargang 1915-16. Foto Katholiek Documentatie Centrum Nijmegen

vereniging was ‘vol roomse blijheid, dranklust en kroegjolijt’, is nu gereduceerd tot een ‘verzameling disputen op religieus-wetenschappelijke grondslag, een zondagsmis, een algemene ledenvergadering en drie feesten per jaar’. En de feesten worden er niet eens voor het vertier gehouden, ‘maar bij de gratie van hun religieuse waarde, nl. ten behoeve van de katholieke huwelijken’. Steeds meer leden willen een andere invulling geven aan hun lidmaatschap dan alleen het uitpluizen van theologische kwesties en het najagen van de fatsoensmoraal. In 1955 behaalt een groep ‘oncivitale’ leden daarbij een overwinning: in de pauzes van de algemene vergaderingen mag voortaan pils worden geschonken. (Een besluit dat overigens enkele malen wordt teruggedraaid en weer wordt herzien.) Maar het bier sijpelt langs het katholieke fundament van de vereniging. Het dispuut AUGJE blijft daarbij als een soort klerikale waakhond naar streven de leden de schellen van de ogen te laten vallen – ze gevoelig te houden voor de vormende aspecten van een katholiek studentenleven. Dat is ingewikkeld, blijkt uit de geringe waardering ‘der Augustijnen voor datgene, wat hun in de studentenwereld, en straks daarbuiten in de maatschappij van zulk een groot belang kan zijn.’ AUGJE-leden moeten in het jaarboek van 1964 constateren ‘dat er nogal eens ernstig gezondigd wordt tegen belangrijke normen, zoals bijvoorbeeld de moraal en fatsoen. Daarom zullen zij blijven ijveren voor de verbetering en ontwikkeling van de naaste.’

De ledenaanwas van Augustinus halveert in dat jaar direct. Veel novieten kiezen voor het door onder andere enkele ontevreden Augustijnen opgerichte Quintus. Ook de wijnkelder is slachtoffer van deze hervormingscampagne. Stonden daar in 1977 nog vijftien verschillende soorten wijnen, van huiswijn tot champagne, voortaan is de keuze rood of wit. Teleurgestelde, behoudende Augustijnen stellen daarom het verenigingsvaandel en een borstbeeld van naamgever Augustinus Aurelius veilig. Bestuurslid Bas van Andel vertrouwt Mare daarover toen toe: ‘Dat het vaandel weg is, is natuurlijk heel jammer, want het heeft historische waarde. Maar wij zijn niet van die mensen die met vlaggen over straat lopen’. Het vaandel wordt korte tijd later teruggegeven, onder de voorwaarde dat het bij de vereniging zal blijven. Maar een open, progressieve jongerenvereniging blijkt in de jaren tachtig nauwelijks aan te slaan bij de Leidse studenten. In 1983 heeft de vereniging nog slechts zo’n 550 leden. Een poster uit 1980 voor een avond vol ‘anarchistiese sprookjes’ Foto Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis.

gevormde ‘Leidse Vereniging Voor Studerenden (L.V.V.S.) Augustinus’ zich op 275 eerstejaars verheugen. Niet tot ieders tevredenheid. Preses Roeland van Velzen schrijft in het boekje van het lustrum van 1973 (lustrum XVI) namens zijn bestuur een kritisch stuk: ‘We krijgen zo nu en dan sterk de indruk dat Augustinus zich heeft ontwikkeld tot een soort supermarkt, die elk wat wils biedt en waar niemand zich thuis voelt. Commissaris te zijn van een supermarkt, i.p.v. een Eigen Huis, het is een vreemde ervaring.’ Waarom is Van Velzen bang voor de supermarkt? ‘Zoals iedereen weet, is juist een dergelijk serviceinstituut nu niet hét juiste middel om je te behoeden voor een ondergang in de grote, anonieme massa. Hoe je

Pas als in 1985 het borstbeeld weer opduikt, breekt een periode aan die in de geschiedschrijving van de vereniging bekendstaat als ‘studentikozer’. Van bestuursfoto’s in jasje-dasje. Van een verplichte kennismakingstijd. Van ieder jaar een almanak. Van een steeds professioneler concurrentiestrijd met andere gezelligheidsverenigingen om de gunsten van de eerstejaars. In supermarkt Augustinus is het tegenwoordig voor de student-consument gevarieerd winkelen. Wie niet moe is van het ‘chillen’ in de tuin van het lustrumterrein kan lustrum XXIV - ‘The Next Level’ - afsluiten met een ‘Neonsplash paint party®’. Oprichter P.J.M. Aalberse en het verscheiden dispuut AUGJE zouden er het hunne van denken.

GESLOTEN VERSUS OPEN

De naasten komen met velen: Augustinus legt uiteindelijk in 1971 ‘het confessionele kleed’ af om daarna ‘ijlings het gezelligheidspakje’ aan te trekken. Een beslissing die waarschijnlijk onvermijdelijk is na opstandsjaar 1968. Wereldwijd eisen studenten meer inspraak in hun universiteiten. En ze keren zich tegen andere gevestigde ordes, zoals de kerken van hun ouders. De ketterse koers lijkt in elk geval direct succes te hebben: in 1972 mag de nieuw-

Niet-confessionele, deels voor externen toegankelijke gezelligheid anno 2013 Augustinus verplaatst zich voor het lustrum van 19 juni t/m 26 juni naar het oude Anatomisch Laboratorium aan de Wassenaarseweg. Wat staat bezoekers zoal te wachten? Ondermeer een culturele dag op 20 juni inclusief symposium met Dick Swaab, en piano + drumformatie Piano Train. Of een zooitoernooi, een bierbasketbaltoernooi en DJ Dennis van der Geest op 21 juni. Ook een rollerdixo en huizencompetitie ontbreken niet. Meer informatie op www.lustrumaugustinus.nl


14  Mare · 20 juni 2013 English page When a soup bowl is secretly filled, experiments subjects kept eating until they had consumed as much as a litre of soup.

Busy bees In Trends in Ecology & Evolution, an international team of scientists, including Leiden biologist Koos Biesmeijer, have listed the consequences of global changes on pollination. Many varieties of plants are pollinated by insects, and if that is not done adequately, we humans will have a problem – because we eat those plants, for one thing. Biesmeijer and his colleagues studied five major changes: global warming, changing landscapes, agricultural intensification, invasive species and the spread of pathogens. It is difficult enough to assess just one of those changes, but in reality, both plants and insects are exposed to all of them at the same time. Are the effects of those changes reinforcing each other or are they suppressing each other? A cautious conclusion: they are doing both, but mainly reinforcing each other. Furthermore, it is possible that a policy measure which is supposed to combat one of the changes may not be effective if nothing is done about the other changes.

Just keep dishing up Why we can’t stop eating A Leiden psychologist reveals that you don’t taste your food properly if you are distracted. “When asked about the flavour of lemonade they have mixed themselves, people will claim it is just as sweet as the people in the control group’s lemonade, although they have used twice as much syrup.” By Bart Braun People, when eating, will stop after a certain time. “I’m full”, they say, evoking an image of the stomach as a rubbish bin, which is filled to a particular point, after which you have to wait until some one puts a new bin liner in it. But that image is completely wrong: you only push your stomach to the limits in extreme cases – like Christmas dinner. So why do people stop eating? Biologists mumble stuff about satiation molecules – which do actually exist, but are not effective when produced as appetite suppressants. Starting and stopping eating seem to be primarily a psychological matter. People who can’t store memories due to a memory disorder eat when the clock says it’s time to eat. If you put the clock back an hour, they will have lunch then. The signals to make you start and stop eating are mainly external

rather than internal. The experiment that makes this most evident was devised by American Brian Wansink, who sat his test subjects down in front of the telly with a bowl of soup. Most of them finished the soup without a fuss, but the next group of test subjects couldn’t finish all the soup: using an ingenious construction involving a pump and a rubber tube, Wansink refilled the bowls from below. The subjects just kept eating until they had consumed as much as a litre of soup. Wansink had used the television mainly to distract the people from noticing the odd construction of the soup dishes, but this experiment dating from 2005 stresses how easy it is to eat more if you are distracted. Concentration and eating are closely connected, or as Leiden psychologist Lotte van Dillen says: “We only have limited mental capacity but we’re exposed to an infinite amount of information. The more attention we need to spend on one thing, the less we have for another.” In a recent article in the scientific journal Psychological Science, Van Dillen discusses the matter in more detail. Test subjects were asked to memorise a number, drink a glass of either lemonade or diluted lemon juice and then write down

the number. Afterwards, they were asked to describe the sweetness or sourness of the beverage. The group who had been asked to memorise a number containing seven digits described the lemonade as weaker flavoured than the group who had to memorise a one-number digit. More or less the same happened in follow-up experiments: crackers with salted butter did not seem as salty – and the test subjects ate more if they were not allowed to forget the difficult number and just as many crackers with unsalted butter were consumed. In a test in which people were asked to make their own drink of lemonade from syrup, the group who had to try and remember seven digits used more syrup than their counterparts. Van Dillen adds: “When asked how the lemonade tasted, they said it was just as sweet, but they had used as much as twice as much syrup.” In other words: if you are distracted, you have less capacity for tasting, and accordingly, you experience less flavour. That probably explains why you eat things that are actually quite revolting if you work, watch television or drive while eating or drinking: savoury snacks, sweets or energy drinks. It may also explain why Wansink’s test subjects ate so much: it would seem that people stop eating

when they have received a number of stimuli from their food. “People have specific networks in their brains for the sole purpose of enjoying food. They need the stimuli and if they do not experience the flavour very intensely, they need more food to reach the right level of pleasure. I really believe that more flavour means that you eat less.” If she is right, whole piles of diet books will become obsolete, as they always want to limit pleasure rather than encourage it. People are terrible at limiting pleasure, and diet books don’t work. Almost everyone who diets will gain weight again after a few years, usually with some additional pounds. Another of Van Dillen’s experiments is more hopeful: in The Journal of Personality and Social Psychology, she describes how the people who had to memorise the longer number were less likely succumb to the temptation of delicious food. “You must process the stimulus before you can be tempted”, she explains, “and if you’re occupied with something else, you can’t respond to the temptation.” She smiles: “But if you do succumb, don’t do anything else. Concentrate fully on your food, sample it more carefully and eat less. You need to use you cognitive capacity strategically.”

Adapted pancreas The immune system of people with type 1 diabetes attacks its own body - to be precise: the beta cells in the Islets of Langerhans, which are part of the pancreas. Beta cells produce the hormone insulin, which regulates our blood sugar levels. Patients can be treated by being given Islets of Langerhans from a donor, but then they are attacked even more severely by their immune system, because those Islets of Langerhans are alien to them. Consequently, this treatment is reserved for patients who already have a donor organ because diabetes has destroyed their kidneys, for instance. LUMC researcher Arnaud Zaldumbide is the first author of a paper in Molecular Therapy that presents a possible solution to the immunity problem. The donor cells can be genetically adapted so that they are less noticeable to the immune cells that attack them. The good news is that it works. The bad news is, so far, it has only worked in mice.

Cosmic cashew nut Planets are created from a large disk of dust and ice revolving around a young star, where they crystallise, as it were: small lumps attract others and form larger lumps that, in turn, attract others. Eventually, you have a whole planet with, in at least one instance, newspaper readers. But why don’t those lumps fall towards the star? Evidently, there are safe havens, the cosmic equivalent of that corner of your house where dust collects. In last week’s Science, Leiden astronomers describe a dust trap close to the star Oph IRS 48. The cloud of dust around the star is shaped like a cashew nut instead of a circle: something – perhaps a planet or a brown dwarf – has swept up the dust. The cashew-nut shape had already been predicted by mathematical models: due to the turbulence in the cloud, the dust particles are trapped and can stick together without falling towards the star.


20 juni 2013 · Mare 15 Cultuur

Agenda

Kijk, een wilde

FILM

TRIANON Man of Steel 3D dagelijks 18.15 + 21.30, za. zo. + wo. 14.00 Night Train to Lisbon dagelijks 18.45, za. zo. + wo. 14.30 Only God Forgives dagelijks 21.30 The Great Gatsby 2D dagelijks 18.15 + 21.30 KIJKHUIS Daglicht dagelijks 18.30 Before Midnight dagelijks 21.00 Frances Ha! dagelijks 19.00 + 21.30 LIDO Hangover Part III dagelijks 18.45 + 21.30, za. zo. + wo. 14.30 After Earth dagelijks 18.45 + 21.30 Fast & Furious 6 dagelijks 18.30 + 21.30 Star Trek Into Darkness 3D dagelijks 18.30 + 21.30, za. zo. + wo. 14.15 Gambit dagelijks 21.30

Museum hoort in het museum Jezus is een bokser en zwartjes zijn altijd vrolijk. Volkenkunde en hedendaagse kunstenaars stellen de transculturele blik ter discussie in een tentoonstelling. Voorlopige werkhypothese: misverstanden bestrijd je met verwarring. Volkenkundige musea – en bij de uitbreiding de hele antropologie – zijn zich vaak maar al te bewust van hun ongemakkelijke verleden. Toen Stanley en consorten Afrika in kaart brachten, gebeurde dat met de expliciete bedoeling het continent exploitabel te maken en ‘beschaving’ te brengen. In Europa werden musea gebouwd die aan de inheemse volkeren hier lieten zien hoe de inheemse volkeren er daar bij liepen, wat ze aanbaden en hoe ze aan hun eten kwamen. Soms werden hele families of stammen overgescheept om te worden getoond. Omdat musea in de eerste plaats bestaan om dingen te bewaren, werd pas sinds begin deze eeuw wat werk gemaakt van publieke bewustwording van de soms mensonwaardige praktijken. Pas in 2000 besloot een Spaans museum een opgezette Bosjesman een begrafenis te geven in Botswana, Frankrijk volgde twee jaar later door de stoffelijke resten van Sarah Baartman, een voormalige slavin van een Nederlandse boer

Door Thomas Blondeau

uit Kaapstad, te laten begraven in haar geboorteregio. En in 2009 gaf de Leidse universiteit nog het hoofd terug van een in 1838 geëxecuteerde Ghanese koning. Het Rijksmuseum Volkenkunde biedt momenteel onderdak aan een tentoonstelling die veranderende functie van de etnografie als onderwerp heeft. De bescheiden expo Fetish Modernity pakt het eerder op een artistieke dan op een geschiedkundige manier aan. Er zijn wel wat foto’s van tentoongestelde mensen maar die vallen weg door de hedendaagse kunstwerken, een audioinstallatie (met Wilders-pareltjes als ‘Niet iedere moslim wordt een terrorist maar iedere terrorist is wel een moslim’) en de bijzonder aanwezige tekstblokken over de eurocentrische blik, het westerse superioriteitsgevoel en het koloniseren van andermans voorwerpen. Die teksten hebben zeker hun verdienste alleen is het de vraag of een expositieruimte de geschikte plaats is om het theoretische jargon tot zijn recht te laten komen. Meest intrigerende kunstwerk is een toonbank van wat op het eerste zicht lijkt op de inhoud van een paar uitgestorte schoenendozen vol jeugdherinneringen. Postkaarten, stripboeken, speelgoed. Dan blijkt het een collectie te zijn van verschillende afbeeldingen en postkaarten van karikaturale negerhoofdjes wier vrolijke uitstraling gebruikt wordt om

MUZIEK bijvoorbeeld koffie en snoep aan te prijzen. Zwarte Piet en Obama ontbreken niet. Net de lieflijke aanblik van het geheel maakt de racistische inhoud zo wrang. De tentoonstelling lijkt met opzet wat warrig georganiseerd zodat het niet altijd duidelijk wordt wat kunst is en wat museaal object. Is de kist in de vorm van een Nokia-telefoon nu kunst of cultureel gebruik? Het laatste, zo blijkt. In Ghana begraaft men zijn naasten graag in iets wat de vorm heeft van een kostbaar of gegeerd object. Zoals een telefoon dus. Of een stevige sneaker van Nike. En wat met die Papoea die een cd als neussieraad draagt? Toeëigening van westerse

materialen, misschien? Pijnlijker wordt het als charismatische bewegingen in Afrika posters gebruiken waarin Jezus afgebeeld wordt als een bokser die een dierachtige duivel in de ring knock-out slaat. Jezus is roomblank en de Satan heeft een zwarte huiskleur. Misschien is verwarring en artistieke representatie van culturele scheefgroei inderdaad de aangewezen manier om dit thema aan te pakken. Maar in een museum verwelkom je als bezoeker liever meer objecten en iets minder tekst en opzichtige intentie. Fetish Modernity – Hoezo modern? Rijksmuseum Volkenkunde, T/m 21 juli, € 11, Leidse studenten gratis

Ik-ben-niet-gek-maar-jullie-wel! Suicidal Tendencies op Werfpop Werfpop wist Suicidal Tendencies te strikken als hoofdact. Hoe harde muziek met zachte gevoelens doorbrak, verwaterde en weer voorzichtig opkrabbelde. Door Frank Provoost Men neme: een blauwe zakdoek in maatje XXL. Een tere ziel, slechte jeugd en jaren gewichtheffen strekken tot de aanbeveling. En een goed richtingsgevoel komt trouwens ook van pas. Want het is namelijk de bedoeling dat de bandana zo laag over het voorhoofd wordt geknoopt dat je geen hand voor ogen meer ziet. Dat lijkt misschien raar, maar het verheldert de blik naar binnen. Het zou kunnen verklaren waarom Mike Muir (50), schreeuwlelijk én huilebalk van Suicidal Tendencies, al zo vroeg zong, brulde en huilde over zijn neerslachtigheid en de weerzin tegen de boze grotemensenwereld. Dat was namelijk best opmerkelijk voor een band vol stoere binken die openlijk flirten of zelfs banden hadden met een gang uit Los Angeles (Venice 13 - dus niet Bloods of Crips, maar toch). Typisch gevalletje van ruwe bolster, blanke pit. En dus kreeg de Californische Calimero al gauw de geuzennaam Cyco Mico, en werd hardcore over depressie zijn handelsmerk. Suicidal maakte in 1983 met Institutionalized meteen het lijflied van een

onbegrepen generatie. Mike won er in ieder geval het wereldrecord tekstdichtheid mee, want de 3:52 minuten tellen bijna achthonderd woorden. In hysterisch geraaskalde coupletten vertelt een doorgedraaide jongen dat hij altijd maar verkeerd wordt begrepen, tot in het gesticht aan toe. Want wat kan hij er nou helemaal aan doen? ‘I went to your schools, I went to your churches, I went to your institutional learning facilities? So how can you say I’m crazy?’ De refreinen blaft Muir vol met

zijn simpele laatste noodkreet ikben-niet-gek-maar-jullie-wel. ‘All I wanted was a Pepsi’, werd de zin waaraan je puberwaanzin kon herkennen. War Inside My Head en Possessed to Skate werden soortgelijke meezingers. Het was een kwestie van: de goede band op het goede moment. Want harde muziek met zachte gevoelens, dat was er nog niet echt. Glen E. Friedman, huisfotograaf van zo’n beetje alle punk- en hiphopbands uit die tijd, was fan van het eerste uur en produceerde de eerste plaat. En hij maakte de iconische hoesfoto waarop de band ondersteboven hing. Mike Muir van Suicidal Tendencies: schreeuwlelijk en huilebalk ineen.

Gaandeweg verliet Suicidal de hardcore om thrashmetal te gaan maken, waarin ook steeds meer funk terechtkwam. Dat genre ging crossover heten, werd door MTV omarmd als nieuw en hip en zou later dankbaar worden overgenomen door bands als Faith No More en Rage Against The Machine. De link met de revolutionaire skateboardscene in Los Angeles gaf de band nog extra straatwaarde. Mike’s broer Jim Muir behoorde namelijk tot het legendarische skatecrew Z-Boys (voor wie hem nog niet gezien heeft de documentaire Dogtown & Z-Boys is verplicht kijkvoer voor in de vakantie). En ondanks ophitsende platen als Lights...Camera... Revolution! (1990) speelde de band zelfs een bijrol in Miami Vice. Tien jaar ging het goed. Toen begon het langzaam te verwateren. De carrousel van wisselende bandleden ging op volle toeren draaien, met als bekendste voorbeeld bassist en holbewoner-loolalike Robert Trujillo die promoveerde naar Metallica. Muir bleef trouw doormodderen met comebacks en slechte platen. Maar begin dit jaar verscheen 13 (de gang, de dertiende plaat, dertien jaar na het laatste album uitgekomen én het lievelingsnummer dat altijd achter op zijn football-shirt staat). En het moet gezegd: 13 is best te pruimen. Dat wordt straks dus beuken in het bos. Werfpop (met o.a. Goose, Postmen, The Kik, Fresku) Leidse Hout, 14 juli, toegang gratis

LVC Ditch ft Dimi Angélis en Jeroen Search Vrijdag 21 juni 23.00 €12 Krankenhaus ft S.K.A.M. Zaterdag 22 juni 23.00 €10 QBUS B&B Jamsessie Zaterdag 22 juni 21.00 HARTEBRUGKERK Collegium Musicum Zaterdag 22 juni 20.15 vanaf €10 LOKHORSTKERK Practicum Musicae Donderdag 27 juni 17.00, toegang vrij SCHELTEMA Quite quiet Zondag 23 juni 15.00 Waterpokken Donderdag 27 juni 21.00 DE TWEE SPIEGHELS Alban Claret Vrijdag 21 juni 21:00 Jamsessie o.l.v. Bruce James Maandag 24 juni 21.00

T H E AT E R

STADSGEHOORZAAL Daniel Rowland & Alberto Mesirca Vrijdag 21 juni 21.00 BEGRAAFPLAATS GROENESTEEG PS | Theater: Het verdriet van Leiden Vrijdag 21 juni 20.30

F E S T I VA L S

HIFI FESTIVAL Zaterdag 6 juli 12.00, €20 USC, Einsteinweg 6, Leiden WERFPOP Zondag 14 juli 13.00 De Leidse Hout

DIVERSEN

NATURALIS Preparaties LifeScience Woensdag 26 juni 11.00-15.00 MUSEUM VOLKENKUNDE Fetish Modernity - Hoezo modern? t/m 21 juli Een huis vol Indonesië t/m 21 juli MUSEUM BOERHAAVE Lezing: Huygens en de natuurkunde Woensdag 26 juni 20.00, gratis RIJKSMUSEUM VAN OUDHEDEN Rondleiding: Griekse afdeling Zondag 30 juni 14.00 MUSEUM DE LAKENHAL Instaprondleiding Zondag 23 juni 14.00 Onder de loep met drs. Koos Kuiper Zondag 23 juni 15.00 LEIDEN CULINAIR 27 juni t/m 30 juni Garenmarkt, Leiden


16  Mare · 20 juni 2013 Het Clubje

Bolwerkers

Brave, nieuwe wereld

V.l.n.r.: Joerie van Sister (bas en achtergrondzang), Justin Schut (gitaar en achtergrondzang), Mark Bos (drums), Michiel Veldhoven (gitaar). Zanger Peter van der Leeden staat niet op de foto want hij lag thuis ziek in bed. Foto Marc de Haan

‘Het gaat altijd over mijn moeder’ Iron Panda, de band van Catena Mark Bos (22, geschiedenis): ‘Stubandikoos is een jaarlijks terugkerende wedstrijd waarbij de vijf grote gezelligheidsverenigingen van Leiden gevraagd wordt een huisband te leveren. Hoewel flink wat Catenianen een instrument bespelen en er ook veel mensen in een bandje zitten, hebben we niet echt een huisband.’ Justin Schut (27, mediatechnologie): ‘Mark zit in het bestuur van Catena en besloot zelf een band bij elkaar te sprokkelen. Er werden posters opgehangen en dit is het resultaat.’ Joerie van Sister (21, archeologie): ‘Eigenlijk zijn we alle vijf gitarist. We moesten dus een beetje schuiven met de verdeling van instrumenten.’ Michiel Veldhoven (24, technicus): ‘De band werd opgericht voor de wedstrijd, maar daarna bleven de boekingen komen.’

Bandirah

Van Sister: ‘We hebben eerlijk gezegd vaker opgetreden dan geoefend.’ Veldhoven: ‘Barry Badpak – die in de jury van Stubandikoos zat – vroeg of we mee wilden doen met de bandmarathon. De Veste, the Duke en Lazaru’s leveren alle drie een band, waarna de optredens rouleren. Je speelt op één avond in drie verschillende kroegen.’ Schut: ‘Bij het kiezen van de liedjes houden we rekening met het publiek. In the Duke speelden we bijvoorbeeld meer poppy nummers, zoals Are you gonna be my girl? In Lazaru’s vallen ruigere nummers als Seek and Destroy van Metallica in de smaak.’ Van Sister: ‘Daar ging het goed los. Op een gegeven moment vlogen de barkrukken me om de oren.’ Schut: ‘Niet alleen de barkrukken. Ik zag zelfs mijn huisgenoten door de

lucht heen vliegen.’ Van Sister: ‘Als de mensen en de microfoons door de lucht vliegen, weet je dat het een geslaagd feestje is.’ Bos: ‘We vinden het leuk om te spelen met de verwachtingen die mensen van ons hebben. Van een Catena-band verwacht je misschien niet meteen een cover van Britney Spears.’ Schut: ‘Onze stijl is heel divers: van Metallica, Bon Jovi, Twisted Sister tot Michael Jackson, maar altijd met een lekker rocksausje. We zijn prettig gestoord en nemen onszelf niet te serieus.’ Van Sister: ‘Op Stubandikoos hadden we met wat mannelijke Catenianen afgesproken dat ze ineens hun shirt uit zouden trekken als we Gay Bar begonnen te spelen. Er ontstond een flinke pit, en alle verenigingen deden er aan mee.’

Veldhoven: ‘Je zag het personeel en de geluidstechnici wel even benauwd kijken.’ Bos: ‘Onze bandnaam Iron Panda is een soort spoof op Iron Maiden.’ Schut: ‘Volgens mij was het gebaseerd op Steel Panther. We wilden eerst in rare pakjes het podium opgaan. We zouden allemaal een legerbroek kopen met daarop een fluorescerend shirt. Daarnaast zouden we allemaal een echte bikermoustache laten groeien.’ Van Sister: ‘Helaas heeft een van onze bandleden (werpt nadrukkelijk een blik op Bos) daar te weinig baardgroei voor.’ Bos: ‘Het gaat altijd over mijn gebrek aan baardgroei of over mijn moeder. Ik ben het gewend.’ Door Petra Meijer

Het is 2013, de toekomst is hier, morgen begint vandaag. Zomaar een losse greep uit de nieuwe generatie motivatieteksten. Die worden door de immer aanwezige technologische uitbreiding steeds belangrijker, of in ieder geval verspreid onder een groter publiek. Het internet raakt steeds ernstiger bevuild met hipsterposts. Dat is het grote probleem van sociale media. Een generatie bij wie de eerste schaamharen nog moeten doorkomen, groeit op met de mogelijkheid om alle ondoordachte hersenspinsels ongefilterd het eeuwige, wereldwijde web op te knallen, zonder echt duidelijke consequenties of verantwoordelijkheid. Dat zorgt uiteindelijk voor een tamelijk ongebalanceerde situatie. Alles op internet is binnen no-time prehistorisch, omdat de nieuwste meme zich alweer aandient. De vernieuwing gaat sneller dan we zelf bij kunnen houden. Man’s reach exceeds his grasp. Het hele koningshuis moest enkele weken geleden nog weg, met als belangrijkste argument ‘het is 2013’. Zelden zulke kul gehoord. Een loze, betekenisloze kreet, geuit door Zeitgeistfanaten die menen dat zij de maatschappij moeten gaan indelen. Een ‘moderne, vernieuwde’ maatschappij, die toch opvallend weinig verschilt van de huidige. Ik noem dat ook wel een ‘Apple-tje doen’. Elke keer als Apple een nieuw product uitbrengt, voltrekt zich hetzelfde ritueel. Het ziet er allemaal hipper en sneller uit, maar is in essentie exact hetzelfde product, ondanks de met veel bombarie aangekondigde ‘nieuwe, baanbrekende ontwikkelingen’. Microsoft gaat ten onder aan de vernieuwingen die het heeft aangebracht aan de nieuwe Xbox. Samsung presteert het zelfs om met de Galaxy SIII en IV hetzelfde product tweemaal uit te brengen. Zelfs de Nederlandse regering kleunt er met de Fyra en JSF vrolijk op los. Ik ben al die vernieuwing inmiddels helemaal zat. Nieuw is niet altijd beter. If it ain’t broke, don’t try to fix it. We zien de wereld tegenwoordig meer door de lens van het nieuwste technologische hebbedingetje dan met onze eigen ogen. We beleven een concert niet meer, omdat het moeten filmen met onze telefoon. We genieten niet meer van vakantie, omdat alles vastgelegd moet worden met de nieuwste camera, om daarna alles meteen met iedereen te delen via Facebook,Twitter of Instagram. Toch moeten we altijd vernieuwing nastreven, dat is nou eenmaal onze evolutie. Zo is dit in principe mijn laatste column voor Mare en kunt u na de zomer genieten van vers columnvlees. Een halfjaar lang heb ik geprobeerd u om de week een kleine break te bieden, voor als u het college saai vond of het studeren, werken of tentamens nakijken even zat was. Vanaf deze plek wens ik u allen een fijne, maar vooral zorgeloze zomer toe. Wat ik deze zomer ga doen? Eens even stevig aan de bloemetjes ruiken en ze vervolgens buiten zetten. Sommige dingen moet je laten zoals ze altijd zijn geweest. Robbert van der Linde

Mare 32 (36)  
Mare 32 (36)  
Advertisement