Page 1

25 april 2013 36ste Jaargang • nr. 26

Inclusief poster en wandelkaart!

De B is van brokkenpiloot, de R van reddende engel. De Leidse jaren van W.A.

Studente Beatrix over haar benen: 'Deze zuilen dragen het Koninkrijk'

De weerbaarheden lopen zich warm. 'Later wil ik bij een gevechtseenheid'

Pagina 2 en 3

Pagina 4 en 5

Pagina 7

Leve de koning!


2  Mare · 25 april 2013

De studie dat je wist die zou komen

Willem-Alexander wilde niet naar Leiden… maar ging toch

Het nieuwe koningslied mag dan wel/ niet (doorhalen wat niet van toepassing is) geschikt zijn om Willem-Alexander toe te zingen. Maar het is sowieso een perfecte samenvatting van zijn Leidse studententijd. Hoe drie vingers in de lucht drie vuisten werden.

Colofon Redactie-adres Pieterskerkhof 6 2311 SR Leiden Telefoon 071–527 7272 Fax 071–527 7288 Website mareonline.nl E-mail redactie@mare.leidenuniv.nl De redactie is op vrijdag gesloten. Oplage circa 15.000 Hoofdredactie

Frank Provoost frank.provoost@mare.leidenuniv.nl Redactie

Thomas Blondeau redactieleiden@gmail.com Vincent Bongers vbongers@mare.leidenuniv.nl Bart Braun bbraun@mare.leidenuniv.nl Marleen van Wesel h.g.van.wesel@mare.leidenuniv.nl Judith van Hoogdalem (stagiaire) j.j.van.hoogdalem@umail.leidenuniv.nl Medewerkers

Robbert van der Linde • Petra Meijer • Benjamin Sprecher • Marit de Vos • Geerten Waling • Anne van de Wijdeven Fotografie Taco van der Eb • Marc de Haan Illustraties Bas van der Schot • Bandirah • Silas.nl Basisontwerp Roeland Segaar, Zabriski Communicatie Art direction en vormgeving Marijke Hoogendoorn • richgirl-design.com Drukwerk Dijkman Offset Amsterdam Advertenties Bureau van Vliet B.V. Postbus 20 2040 AA Zandvoort Telefoon 023 - 571 47 45 Fax 023 - 571 76 80 Redactieraad

Prof. dr. J.C. de Jong (voorzitter) • prof. dr. A.J.W. van der Does • drs. B. Funnekotter • dr. H. Heestermans • L. ten Hove • D. Jacobs • prof. dr. J.J.M. van Holsteyn • Prof. dr. F. Israel • mr. F.E. Jensma • E. Kastelein • S. Kerkhof • E. Merkx • C. Regoor • prof. dr. N.J. Schrijver • R.van Wijk • C. van der Woude Jaarabonnementen

Een jaarabonnement op Mare loopt van september t/m juni. Belangstellenden kunnen Mare thuisgestuurd krijgen door €35 over te maken op bankrekening 1032.57.950 ten name van Universiteit Leiden (o.v.v. Mare en SAP-nummer 6200900100) en vervolgens een bevestigingsmail met daarin hun adres te sturen naar redactie@mare. leidenuniv.nl. Studenten betalen €25. Ter controle graag in de bevestigingsmail ook het studentnummer vermelden. Adreswijzigingen

Alleen schriftelijk met postwikkel. Klachten en opmerkingen over de toezending van Mare 071-5277272. Mededelingen voor het op donderdag verschijnende nummer moeten uiterlijk de voorafgaande donderdag 16.00 uur in het bezit van de redactie zijn. ISSN 0166-3690 Foto voorpagina: ANP (kroon) en Marc de Haan (zweetkamertje), Foto Beatrix & Willem-Alexander, pagina 8 en 9: Hollandse Hoogte

Komende weken geen Mare Dit is een speciale editie van Mare ter gelegenheid van de aanstaande kroning van Willem-Alexander. Mare 27 zal verschijnen op 16 mei.

Daar sta je dan. Je zag dit moment al zo vaak in je dromen En daar is ‘t dan De dag die je wist dat zou komen is eindelijk hier Ben je er klaar voor? Kun je dat ooit echt zijn? De G is van Gouden Kooi. En wie daarin geboren wordt, weet één ding zeker. Vroeg of laat eindig je aan de Leidse universiteit, die ooit door een verre voorvader aan het volk werd geschonken na de overwinning op de Spanjaarden. Daar ga je rechten studeren en word je lid bij het corps. Want zo heurt het nu eenmaal. Nou, mooi niet dus. Tenminste, dat zei WillemAlexander toen hij ter ere van zijn achttiende verjaardag door Renate Rubinstein werd geïnterviewd. In haar boek Alexander (1985) beschrijft ze de prins als ‘een intrigerend mengsel van behoedzaamheid en onbevangenheid’. De schrijfster zocht hem op in Wales waar hij naar een middelbare privéschool ging. In dat dertiende-eeuws kasteel, The Atlantic College geheten, hees hij op de verjaardag van zijn moeder een Heineken-vlag in de top van de toren. Die door een boze house master onmiddellijk weer werd weggehaald. Hij bleek in meerdere opzichten

nogal opstandig. Was dat misschien de reden van zijn ballingschap? Voorheen bezocht hij namelijk het Vrijzinnig Christelijk Lyceum in Den Haag, waar zijn vrienden nog steeds zaten. Nee, antwoordde de prins, hij had echt zelf voor Wales gekozen. Maar, wilde Rubinstein weten, waarom dan? ‘Kijk, ik vond mezelf niet lastig. En mijn ouders vonden zichzelf niet lastig. Maar elkaar vonden we wel lastig.’ Daar sta je dan

Ieder mens heeft een taak in dit leven Alles gedaan om je voor te bereiden Maar de baldadige prins wilde dus niet naar Leiden, al was het maar omdat iedereen daar al vanuit ging. Bovendien had zijn moeder daar ‘bekakt’ leren praten. En Amsterdam en Delft waren ook mooi. ‘Als ze rechten verwachten, zou ik bij wijze van spreken natuurkunde kiezen, alleen om te laten zien dat ze het niet bij het rechte eind hebben.’ Hij moest trouwens eerst nog in

dienst, bij de marine. En daarna wilde hij een halfjaar als portier werken bij een vriend die in Oostenrijk een discotheek had. Kon hij overdag lekker skiën. Typische een gevalletje van rebel without a cause, concludeerde Rubinstein. ‘Hij is weliswaar in principe rebels, maar in de praktijk heeft zijn rebelsheid geen been om op te staan. Godsdienst, huwelijkspartner, studierichting, militaire dienst, als de mensen maar niet denken dat ze de macht hebben om te zeggen wat

Studenten buiten met piano, de prins zit uiterst links. Foto Marc de Haan

Bandirah


25 april 2013 · Mare

3

Achtergrond hij gaat doen is hij, geloof ik, best bereid te doen wat er van hem verwacht wordt.’ Iedere stap die je zette die leidde naar hier ‘Ik probeerde zoveel mogelijk redenen te vinden om juist niet naar Leiden te gaan’, zei Willem-Alexander tegen het alumniblad Leidraad, twee jaar nadat hij was afgestudeerd. Het was geschiedenis geworden, niet rechten. Maar het moet gezegd: tussen 1987 en 1993 volgde hij ook veel juridische vakken. En het was wennen, vooral in het eerste jaar. ‘Als je er drie keer niet bent, heb je al een één voor aanwezigheid en dat cijfer bepaalt je eindcijfer voor 20 of 25 procent. Dat schoolse was wat moeilijk voor mij. Vooral als je zoals ik net uit dienst komt, allerlei verantwoordelijkheden gekregen hebt en dan ineens weer in de schoolbanken terechtkomt.’ Voortaan hingen de tentamenuitslagen niet meer bij geschiedenis op het prikbord. Het leidde tot commotie, evenals het feit dat de koninklijke scriptie, over de Nederlandse reactie op de beslissing van Franse generaal De Gaulle om uit de NAVO te treden, niet openbaar werd gemaakt. Hij kreeg er een acht voor en een quote van begeleider Henk Wesseling die hem zijn hele leven zou achtervolgen: de prins was weliswaar ‘intelligent’, maar ‘beslist geen intellectueel’.

De scriptie van de prins. (links) en Willem-Alexander voor zijn deur op het Rapenburg. Foto ANP

De prins voor zijn huis. (rechts) We staan voor elkaar, niet te breken Zij aan zij, borst vooruit En natuurlijk werd hij toch lid van Minerva, lichting ‘Prutsers’, jaarclub Letharg, motto: ‘12 koningen en één prins’. Naar verluidt werd hij overgoten met chocolademelk of -vla om zo, vrij naar de beroemde koeken, te worden gedoopt tot een echte Choco Prince. Leden die zich te opzichtig aan hem opdrongen, werden dan weer ‘hofnarren’ genoemd. Het waren vooral de ‘mosselmannen’ waarmee hij optrok, een hechte vriendenkring vernoemd naar het menu van hun gezamenlijke etentjes. Toch was zijn betrokkenheid bij het corps ‘niet heel intensief ’ en bleef hij ‘altijd bedenkingen’ houden, zei hij in Leidraad. Vooral tegen ‘mensen die de studentenvereniging verheffen tot iets zaligmakends - dat is een klein groepje mensen die heel beperkt denken (…) Tegen hen heb ik me ook afgezet. Na twee jaar Engeland en na twee jaar in de marine over de hele wereld gevaren te hebben, werd mij verteld hoe de wereld in elkaar zit door een paar mensen die niet meer hadden gezien dan hun ouderlijk huis, de middelbare school en een hockeyclub. Eerst probeerde ik nog wel een discussie met hen aan te gaan. Maar dat had eigenlijk geen zin. Ze zaten een jaar langer dan ik bij de vereniging en hadden op

grond daarvan gelijk. Op een gegeven moment word je dan wijzer en zeg je: laat ze maar.’ De marine had hem meer gevormd dan Minerva. ‘Als je een week lang met kettingen en rubberboten om je nek op Texel rondzwerft, zonder te slapen, met je kameraden in groepsverband, dan heb je op dat moment meer het gevoel dat dat belangrijk is voor je karakter.’ Trots als een pauw, dit is ons geluid De buren waren niet altijd blij met de bewoners van Rapenburg 116. De overlast kwam niet zozeer van Willem-Alexander, zijn drie huisgenoten of de twee inwonende bewakers, maar van de kakelende kippen en kraaiende haan die in de tuin scharrelden. Zelfs de bewoonsters van nummer 120, het Minerva-meisjeshuis Het Kippenhok, zouden erover hebben geklaagd. De Leidse chirurg Frits Rijksen die het huis had verkocht vond het bij de eerste bezichtiging al eigenaardig dat er twee mannen kwamen kijken. ‘Het was overduidelijk geen homostel’, vertelt hij in WillemAlexander, van prins tot koning van Jan Hoedeman en Remco Meijer. ‘Moeders wil graag foto’s van het huis zien’, zeiden ze tegen hem. Bij het tweede bezoek kwam ook de toekomstige eigenaar mee. Tijdens de rondleiding grapte die: ‘Gaat er hiervandaan ook een pijplijntje naar Zoeterwoude?’ Daar staat namelijk de Heineken-brouwerij.

De W van water waar we niet voor wijken We leggen het droog en we bouwen dijken Sinds 21 mei 1988 heeft WillemAlexander zijn eigen kanaal. Op die zaterdagmiddag, de dag na het Minerva-gala ‘Dame Blanche’ vloog hij met zijn Ford Sierra uit de bocht. Waar een maximumsnelheid van 50 kilometer per uur gold, had hij 65 gereden. Bij een inhaalmanoeuvre op de Plesmanlaan belandde hij in de sloot, zijn auto was total loss. ‘De prins kwam met de schrik en een nat pak vrij’, schreef het Leidsch Dagblad. Kort daarop stond er op de plek van het ongeluk een bord: Willem-Alexanderkanaal. En als je ooit je weg verliest Ben ik je baken in de nacht Ik wijs je de haven in de duisternis Ik zal strijden als een leeuw Tot het jou aan niets ontbreekt Hou je veilig zo lang als ik leef Maar behalve brokkenpiloot was hij ook reddende engel. Toen hij in 1997 over de Haagweg reed, zag hij vlammen uit een studentenhuis komen. Een van de nietsvermoedende bewoners stond af te wassen toen hij gebonk op de ramen hoorde, vertelde hij in het Algemeen Dagblad. ‘Ik dacht dat een vriend een grap met me wilde uithalen. Maar toen ik door de luxaflex keek, riep kroonprins Willem-Alexander heel hard “Brand! Brand!” Toen ik de deur

open deed, rende een van die veiligheidsmensen naar boven. Hij rukte de poederblusser met schroeven en al uit de muur en begon meteen met blussen.’ En kijk om je heen Wij lopen met je mee Door de regen en de wind ‘Mijn vader heeft de meest vreemde stunts uitgehaald’, zegt Dennis van Tellingen, zoon van de vorig jaar overleden opperpaparazzo Joop. ‘Elke ochtend reed hij vanuit Utrecht naar het Rapenburg. De hele dag zat hij in zijn auto met de telelens in de aanslag. Hij heeft ook weken in het restaurant aan de overkant van de straat gebivakkeerd, altijd aan hetzelfde tafeltje bij het raam. Speciaal voor hem gingen ze eerder open.’ Van Tellingen maakte zo de eerste foto van de prins en zijn eerste vriendin Yolande Adriaansens. Het kat-en-muisspel leidde tot bizarre taferelen. ‘Toen hij in het huis van de buren aan het posten was, zag hij hoe Yolande met een oude vrouw het pand verliet. Dat zal haar moeder wel zijn, dacht mijn vader, dus hij nam geen foto. Later bleek dat de prins te zijn geweest die zich had verkleed.’ De W van Willem Drie vingers in de lucht, kom op, kom op Maar na jarenlang te zijn bespied, worden de drie vingers drie vuisten.

Als de fotograaf het stel achtervolgt naar Zürich, ziet hij daar tot zijn verbazing alleen Adriaansens op het vliegveld. ‘Ineens sprong WillemAlexander achter een pilaar vandaan’, zegt zoon Dennis. ‘Hij heeft mijn vader toen drie ongelooflijke knallen gegeven, waarvan één op zijn hoofd. Zijn bril brak door de klap. Willem-Alexander was toen echt nog prins Pils, een grote gast in een blauw ski-jack. “Waar ben je mee bezig?” riep hij. “Je vergalt heel mijn leven!” Mijn vader probeerde hem te sussen en zei dat een kroonprins zich rustig moest gedragen. Maar hij had later wel een blauw oog.’ Tot excuses kwam het niet, zegt Van Tellingen. ‘Maar de kosten zijn vergoed hoor. De foto was namelijk al gemaakt en is daarna de hele wereld overgegaan.’ Laat me weten wat je droomt Waar je hart zo naar verlangt Ik zal niet rusten tot het waar geworden is Adriaansens bleek de druk niet aan te kunnen. De Leidse rechtenstudent Emily Bremers zou WillemAlexander pas na zijn studie leren kennen. Maar dat de toekomstige koningin niet van adel zou zijn, had hij al in 1985 tegen Rubinstein verklapt. ‘Moet je kijken, er loopt toch helemaal niets rond? Stéphanie van Monaco, dat zou ik niet erg vinden, maar verder?’ DOOR FRANK PROVOOST


4  Mare · 25 april 2013 Achtergrond

Hier heette ze uilskuiken Haar zoon wil geen protocolfetisjist zijn, maar medestudenten in Leiden moesten haar aanspreken met ‘Koninklijke Hoogheid’. Al tijdens haar studietijd was het duidelijk: met Beatrix keerde rigiditeit terug op de troon.

Beatrix, de Leidse jaren

‘Er is alle reden om haar verdere ontwikkeling en groei met aandacht te volgen. Zij hoort, naar instelling en houding, typisch tot de generatie die nu aan bod komt: een generatie van kinderen die in de ogen van de ouders hun leeftijd soms tien jaar vooruit schijnen, die weinig voelen voor dromerijen en abstracties, wars zijn van frasen en “gezwijmel”, ondanks hun experimenten met vrij gedrag en vrije opvattingen er eigen normen op na houden, vaak zuiverder en eerlijker dan de moraal die in de maatschappij geldt; een generatie met een vooral praktische instelling en een behoefte aan vereenvoudiging, een generatie tenslotte die zich geen knollen voor citroenen laat verkopen.’ Zo kenschetste schrijfster Hella Haasse prinses Beatrix in 1956. Het jaar dat Beatrix Wilhelmina Armgard van Oranje-Nassau achttien werd, oud genoeg om haar moeder te kunnen opvolgen. Haasse schreef het portret op basis van een aantal ontmoetingen op Paleis Soestdijk; de geschreven beeltenis is naar aanleiding van de abdicatie opnieuw uitgegeven. Of Beatrix ooit een rustig jaar heeft gekend, is maar de vraag. Maar 1956 was dat zeker niet. Gaan studeren mag voor velen al het begin van een nieuw hoofdstuk zijn, Beatrix moest er in die tijd ernstig rekening mee houden dat ze sneller vorstin zou worden dan in de lijn der verwachtingen lag. Misschien daarom dat ze erop stond aangesproken te worden met Koninklijke Hoogheid, wat voor huisgenoten verbasterd werd tot ‘Koho’. Toen achter haar rug een paar studenten in onwetendheid een opmerking hadden gemaakt over haar benen, draaide ze zich en zei ze: ‘Maar deze zuilen dragen wel het Koninkrijk der Nederlanden!’ In augustus van datzelfde jaar presenteerde een commissie haar onderzoeksresultaten over de rol van mejuffrouw Greet Hofmans, een gebedsgenezer en vertrouwelinge van koningin Juliana. Hofmans had zich in 1948 per brief aangemeld bij het Hof omdat zij de gave van ‘genezen

Door Thomas Blondeau

Beatrix op de eerstejaarsdag in 1956. Foto Hollandse Hoogte

Tijdens de uitreiking van het eredoctoraat in 2005. Foto Marc de Haan

op afstand’ had. ‘Zonder iets anders dan een lokje haar van het Prinsesje’ zou zij de oogziekte van prinses Christina kunnen genezen. Het contact tussen Hofmans en Juliana verdiept zich dermate dat de esoterische ideeën een grote indruk maken op de moeder van Beatrix. Als de buitenlandse pers hierover schrijft, is een schandaal geboren. De commissie laat in 1956 weten dat de koningin afstand moet nemen tot de vrouw die ze haar ‘lieve engel’ noemt. Uit de nagelaten notulen van een Elsevier-journalist komt eveneens het beeld naar voren van Beatrix als een bijzonder doelgerichte vrouw. Kort nadat de commissie haar conclusie presenteerde, had de journalist een gesprek met baron van Heeckeren van Molecaten, de persoonlijk secretaris van koningin Juliana, die eveneens uit de hofhouding werd verwijderd. In het in 2008 bekendgemaakte verslag van het gesprek wordt Beatrix een ‘ras-intrigante’ genoemd. De gegriefde baron voegt daaraan toe: ‘Beatrix heeft maar één

verlangen en dat is koningin te zijn. Zij is al jaren lang, evenals de andere kinderen, opgezet tegen haar moeder.’ Hoewel Beatrix’ studie in Leiden op een persconferentie werd aangekondigd, was een aftreden van haar moeder niet uit te sluiten, als deze zich niet naar de aanbevelingen van de commissie zou schikken. Maar zo’n vaart liep het niet. Beatrix nam haar intrek op Rapenburg 45. Samen met haar jeugdvriendin Renée Röell, waarmee ze was opgegroeid in Engeland en later Canada waar de koninklijke familie naartoe gevlucht was wegens de oorlog. Beiden werden lid van de Vereeniging voor Vrouwelijke Studenten te Leiden; het latere Minerva. Daar was de bijnaam van de troonopvolgster ‘Uilskuiken’, misschien wel een eretitel, gezien de mascotte van het corps. De prinses begon colleges te volgen in de sociologie, economie, parlementaire geschiedenis, rechtswetenschap, en staatsrecht. Later kwam


25 april 2013 · Mare

5

Bolwerkers daar ook cultuur van Suriname en de Nederlandse Antillen bij. Tussendoor bezocht ze internationale instanties in Brussel, Straatsburg en Genève. Kortom, een studie fit for a queen. Studentikoze sappigheden over Uilskuiken zijn niet bewaard. Of dat ligt aan de zeden van de pers, haar kringen of de gestrengheid van de toekomstige vorstin zelf, blijft gissen. De kunstzinnige Beatrix wordt gevraagd de almanak te verluchtigingen met tekeningetjes en doet dat ook graag. De envelop met illustraties verdwijnt echter om 52 jaar later weer op te duiken tijdens een veiling. In een begeleidende brief toont de prinses zich inschikkelijk: ‘Als het geheel je tegenvalt, aarzel dan niet om alles af te keuren. Werkelijk, ik ken het soort situaties te goed. Ik vind het echt niet naar of pijnlijk (...) Kijk maar of er iets bij is. Sterkte en succes met de almanak.’ In de almanak van 1961 staan tekeningen van Beatrix die probleemloos nieuwe maakte. De troonopvolgster wilde dan niet getutoyeerd worden maar aankondigen liet ze zich ook weer niet. In zijn boek Bloem der Steden tekent letterkundige Onno Blom een Oranje-anekdote op de schrijver en jazzmuzikant F.B. Hotz. Na optredens in Leiden stond Hotz af en toe te kletsen met ‘een mollige blondine’. Toen zijn orkestleden op een gegeven moment vroegen of hij wel wist wie zij was, haalde de slechtziende

Hotz zijn schouders op. Het bleek prinses Beatrix te zijn. Zijn reactie: ‘O, ik had al het gevoel dat het niks zou worden.’ In de zomer van 1959 behaalde zij haar kandidaatsexamen rechten. Dat jaar kocht zij ook Kasteel Drakensteyn waar ze vier jaar later zou gaan wonen. Ook bevond ze zich in september dat jaar in een klein mediastormpje. Voorafgaand aan een

‘Deze zuilen dragen het Koninkrijk der Nederlanden!’ bezoek aan het Witte Huis stond ze de Amerikaanse pers te woord. Ze gaf toen aan te willen trouwen met iemand van koninklijke bloede. Ook zei ze zich op haar gemak te voelen met ‘my own people’, duidend op een boottripje met andere adellieden. Dat kwam hautain over in haar koninkrijk. Eens terug op Schiphol liet ze echter aan de journalisten weten dat die woorden meer op haar eigen familiekring sloegen en niet zozeer bedoeld waren om een bepaalde standing uit te drukken. In 1961 haalde zij haar doctoraalexamen rechten. Een vrije studierichting, samengesteld uit meerdere discipline. Meester mag ze zich dus niet noemen. Hoewel niet de meest formele opleiding mogelijk, was die een stuk

gedegener dan die van haar moeder, die haar studietijd in Leiden na een tweejarige gang met een eredoctoraat afsloot. Voor de titel van doctor honoris causa, moest Beatrix wachten tot 2005. Ze ontving die titel vanwege haar verdiensten voor de vrijheid, een eer die in Leiden alleen eerder is verleend aan Nelson Mandela. De doctorandusbul wordt gevierd met een lunch op de sociëteit. Tegen haar vriendinnen zei ze: ‘Jullie hebben een mens van mij gemaakt.’ Vers afgestudeerd gaf ze in Toulouse een lezing voor een internationaal jongerencongres over de normen en waarden die het nieuwe Europa zou moeten inspireren. Een historicus tekent op dat ze met deze toespraak haar visitekaartje voor de toekomst afleverde. Vriendschappen uit haar Leidse tijd worden onderhouden. Maar wanneer Beatrix op de troon komt, verkoelen die. Tijdens een groot vriendenfeest op het paleis, kondigt ze dat aan. Leids alumnus en cabaretier Paul van Vliet was erbij en zei hierover: ‘Ze had ons allemaal uitgenodigd, de mensen met wie ze in haar jeugd - en studiejaren blijmoedig was opgetrokken. We hadden allemaal het gevoel: hier wordt iets afgesloten. Aan het slot van het feest hield ze een toespraak: “Ik heb met jullie kunnen leven zoals ik eigenlijk wou, zei ze. “Die periode sluiten we nu af. Jullie moeten begrijpen dat de omgang die we tot nu toe hadden voorbij is.”

Beatrix in de Pieterskerk, links haar hartsvriendin Renée Röell. Foto ANP

Hup Holland Hup 2013 krijgt de spannendste Koninginnedag in jaren. Want er komt een nieuwe Oranje op de troon en het volk is zo verdeeld dat er een serieuze burgeroorlog dreigt. Sterker nog, het land is letterlijk zijn verstand aan het verliezen, getuige het feit dat dreigementen en stoerdoenerij tegenwoordig blijkbaar de euro hebben vervangen als primair handelsmiddel. Hoe serieus moet je de mening nemen van een volk dat zich keer op keer presenteert als een hysterische meute, die bij het minste of geringste op zijn achterste poten staat, maar zelfreflectie en hypocrisie niet eens op kan zoeken in een woordenboek omdat het niet weet hoe die woorden worden gespeld? We vinden het normaal dat ‘kunstenaars’ subsidie krijgen als ze naakt over een podium huppelen, terwijl studenten voor hetzelfde kunstje op straat een boete en vermaning krijgen. Net zoals het normaal is om een simpele componist op de meeste idiote manieren de dood in te wensen omdat hij een brak liedje uitbrengt. Dat het volk zelf heeft meegeschreven aan het lied wordt voor het gemak even vergeten. Dat we in Nederland het artistieke talent van een mentaal beperkte chimpansee hebben, bewijst het Nederlandstalige muziekgenre zelf wel keer op keer. Het is onnodig om daarvoor John Ewbank tot nationale pispaal uit te roepen, daarvoor zijn er te veel kandidaten. Dat is nog eens een kroning waar ik me druk om kan maken. Natuurlijk, dat hele ‘de-W-van-Willem’-couplet was behoorlijk wat te veel van het slechte. Te veel muziekstijlen door elkaar heen, om zoveel mogelijk mensen aan te spreken. Eigenlijk is het koningslied daardoor juist oer-Nederlands: een compromis voor iedereen, waar uiteindelijk niemand tevreden mee is. Vraag me dan ook af of Willem-Alexander wel koning moet willen worden van dit land. Moet hij willen heersen over een volk dat zich gek laat maken door wat opruiende teksten van zelfbenoemde intellectuelen, die in een liedje aanleiding zien om hun geheime republikeinse frustraties te uiten, na jaren van gezellig meeknikken, meelullen en meegrijnzen? Moet hij koning willen zijn van mensen die het grappig vinden dat Leidse scholen gesloten worden omdat iemand op internetfora pocht een schietpartij te veroorzaken? Regeren over mensen die om het hardst roepen dat internetbedreigingen niet serieus te nemen zijn, maar tegelijkertijd op de eerste rij staan om te toeteren om het opstappen van politici, agenten en monarch wanneer zo’n dreigement daadwerkelijk wordt uitgevoerd? Je kan van mening zijn dat het koninklijk huis doelloos door het leven gaat en de feeling met het volk en de werkelijkheid totaal verloren is. Datzelfde kan echter ook gezegd worden van een hoop burgers, maar hen mag je blijkbaar niet vragen op te rotten en te sterven. Want dat is bedreigen en daarvoor word je soms aangeklaagd. ROBBERT VAN DER LINDE

Adv Minorenmarkt (kleur) 2013:Adv Bijvakkenmarkt 15-04-13 09:19 Pagina 1

De almanaktekeningen van de prinses.

ADVERTENTIE

Hoe je je bachelor in Leiden richting geeft.

Ontdek het 14 mei op de Keuzeruimtemarkt Geesteswetenschappen Of je je bacheloropleiding nu wilt verbreden of verdiepen, interesse hebt in een minor Amerikanistiek of een stage in Frankrijk. Op de Keuzeruimtemarkt Geesteswetenschappen kun je je licht opsteken over alle keuzemogelijkheden. Dinsdag 14 mei, 16.00-17.30 uur, in het Arsenaal. Kom je informeren! www.hum.leidenuniv.nl/studenten/studiepunt

Bij ons leer je de wereld kennen


6  Mare · 25 april 2013 Weerbaarheid

Pro Patria in actie op Prinsjesdag, in 2009. Foto Taco van der Eb

Klaar voor de troonswisseling (en de Belgen) Leidse studentenweerbaarheid warmt zich op Verschillende studentenweerbaarheden begeleiden dinsdag de nieuwe koning. Ook de Leidse heren van Pro Patria lopen in de pas door Amsterdam. Niet alle studentenweerbaarheden marcheren vanzelfsprekend mee bij grote evenementen als Prinsjesdag of Koninginnedag. ‘We moeten vooraf aan Defensie laten zien dat we écht willen, door ons te verdiepen in de wapenleer en een goede band te onderhouden met ons moederregiment, de Gardegrenadiers. En dat betekent niet alleen dat we daar gaan schieten, maar ook dat wij hen uitnodigen

Door Marleen van Wesel

voor een borrel bij Minerva’, vertelt Pro Patria-abactis Wout Scheers (22, student criminologie). Dat de Leidse studentenweerbaarheid ontbrak op Prinsjesdag in 2010 noemt hij ‘onze zwarte bladzijde’. Het jaarverslag, bol van prestaties, was keurig ingeleverd. ‘Maar wel vlak voor er een wisseling van wacht plaatsvond bij Defensie. Daardoor kwam er uiteindelijk bij de juiste personen geen verslag terecht.’ Bij de troonswisseling is wél een rol voor Pro Patria weggelegd. Hoe die er precies uit zal zien, horen de leden vanwege veiligheidsredenen pas op de dag zelf. Afgelopen en komende zaterdag is er alvast getraind bij het Korps Nationale Reserve.

‘Het niveau ligt wel een trapje hoger dan bij de Prinsjesdagtraining’, stelt Scheers vast. Omgekeerd helpen de studenten het moederregiment bij tactische oefeningen. ‘Bij een bevrijdingssimulatie, spelen wij bijvoorbeeld voor gijzelaar, of juist voor vijand of gegijzelde. Doordat we niet militair getraind zijn, levert onze bijdrage een realistischer scenario op’, legt preses David Koster (21, bedrijfskunde) uit. Hij koestert alvast militaire ambities. ‘Ik heb nu al een sterke band met de alfacompagnie. Dat is het leuke aan Pro Patria: we spreken alle rangen. Met generaals, maar ook gewoon met soldaten en korporaals. Ik ga in elk geval naar

de Koninklijke Militaire Academie.’ Scheers ziet dat ook wel zitten: ‘En dan het liefst bij een gevechtseenheid, niet ondersteunend.’ Vooralsnog zien ze er streng op toe of de aspiranten van Pro Patria verantwoordelijkheidsgevoel hebben. ‘Het gaat immers om de reputatie van Defensie en we beschikken over wapens. We moeten geen vent hebben die dat niet begrijpt’, benadrukt Scheers. Ook verantwoordelijke dames zijn van harte welkom, al zijn ze momenteel niet in hun gelederen te vinden. Koster: ‘Toen we laatst gingen parachutespringen ging er een aantal vrouwen mee, maar in het algemeen hebben ze wat minder interesse.’ Als oudste studentenweerbaarheden van Nederland lopen Leiden en Utrecht dinsdag helemaal vooraan. Koster: ‘Alle corpora, behalve die van Groningen, hebben nog een actieve weerbaarheid. Later zijn er nog drie bij gekomen, die hangen er een soort van aan. Den Haag heeft de jongste, die loopt helemaal achteraan. Wij hebben toch een rijkere historie.’

Pro Patria vloeit dan ook voort uit de traditie van de LeidscheVrijwillige Jagers, de studenten die meevochten tegen de Belgische Opstand in 1831. Wanneer Nederland opnieuw in zo’n situatie komt, zijn de leden van Pro Patria officieel niet inzetbaar meer. ‘Er blijft dan toch niet zoveel ceremonieels meer over, tot de overwinning dan. Bovendien worden studentenweerbaarheden opgeheven zodra Nederland in staat van oorlog is’, weet Koster. Scheers: ‘Juist daardoor kunnen we enig verzet bieden. In geval van overgave moeten militairen namelijk stoppen met vechten. Maar wij zijn dus gewoon burgers.’ Dat zijn ze nu overigens ook, verduidelijkt Koster. ‘Alleen in onze ceremoniële tenue vallen we onder de bevelstructuur van Defensie. En deze zomer lopen we tijdens de Nijmeegse Vierdaagse in gevechtstenue, met bepakking. Maar goed, ik denk dat onze krijgsmacht voldoende voorbereid en getraind is om geen studenten in te hoeven schakelen tegen de Belgen.’

Ondertussen in Leiden

Wout Scheers (links) en David Koster. Foto Marc de Haan

Van koningin Wilhelmina die in 1924 het 3-Octoberfeest mee kwam vieren, de studententijd van verschillende Oranjes, tot het Koninginnedagbezoek aan Leiden van Beatrix en Willem-Alexander in 2000: het is allemaal vastgelegd op film. De fragmenten zijn verzameld in de voorstelling Koninklijk bezoek aan Leiden, die op maandagmiddag 29 april vertoond wordt in het archiefgebouw van Erfgoed Leiden en Omstreken. Zodra de avond valt, is het echter tijd voor feest: vanaf 20 uur zijn er op de Nieuwe Rijn, bij het Stadhuisplein, optredens van coverbands Out of Control en JeWelste. Daarna zet je koers naar

de terrasboot van Annies, waar later op de avond traditioneel het housefestival KLIKK op gang komt, wat vanaf 23 uur voortgezet wordt in het LVC met de deephouse van Finnebassen. Niet lang na de allerlaatste houseklanken, neemt het Wilhelmus het over. Om 9 uur wordt op het Stadhuisplein namelijk de vlag gehesen, begeleid door zowel het Nederlandse als het Leidse volkslied door de Leidse Rockschool. Oh ja, er wordt ook al oranjebitter uitgedeeld. Vanaf 10 uur is de abdicatie, mét balkonscène, live te volgen op grote schermen, evenals de officiële inhuldiging om 14 uur. In de tussentijd zijn


25 april 2013 · Mare 7 Wandelen

Of toch naar Amsterdam? Dat ze op de Dam mogelijk slechts een glimp van de nieuwe koning zal opvangen, terwijl de NOS alle gebeurtenissen integraal uitzendt, deert Maike Lolkema (25, masterstudente African Studies) niet. ‘Ik ben er in elk geval bij geweest. De volgende keer ben ik misschien wel zestig. En hoe het eruit zag op televisie kan ik altijd later nog terugzien.’ Lolkema’s vader stond ook op de Dam op 30 april 1980. ‘Tussen de krakers, toen Beatrix op 20 meter afstand passeerde. Hij was niet heel erg betrokken bij de kraakbeweging hoor. Eigenlijk is hij vrij koningsgezind. Het hoorde denk ik bij de tijdsgeest voor een Amsterdamse VU-student. Mijn moeder

fietste intussen even verderop. Vanuit een steegje kwam ze midden in een confrontatie terecht: links van haar stond een groep krakers, rechts de ME. Volgens mij kon je die dag in Amsterdam niet om de rellen heen.’ Ze verwacht dat de komende troonswisseling rustiger zal verlopen. ‘Ik heb al regelmatig op de Dam gestaan met de dodenherdenking, ook in 2010, toen de Damschreeuwer plotseling zijn mond open trok. Een jaar later stond ik er weer op 4 mei en toen realiseerde ik me dat ik waarschijnlijk op de best bewaakte plek van Nederland stond. Er kon heus wel wat gebeuren, maar er zou nergens zo snel ingegrepen worden als daar.’ Armin in actie. Foto Taco van der Eb

Een ommetje met Oranje Koningin Beatrix en haar opvolger Willem-Alexander studeerden allebei in Leiden. Waar woonden ze, waar studeerden ze en waar brachten ze hun tijd door? Kortom, wat zijn de oranje trekpleisters van Leiden?

A

Doelensteeg 16 We beginnen bij de Letterenfaculteit, waar WillemAlexander geschiedenis studeerde. Hij kreeg een 8 voor zijn scriptie (die hij in anderhalve maand schreef), en studeerde af met als gemiddeld cijfer een 7.5. Naast de colleges van geschiedenis volgde de toekomstige koning ook juridische vakken als voorbereiding op het koningschap.

B

Breestraat 50 Net zoals zijn moeder en grootmoeder werd WillemAlexander in zijn eerste jaar lid van het corps. Op de Breestraat, in de sociëteit van Minerva, was de prins dus geregeld te vinden met vrienden uit zijn jaarclub Letharg.

C

Pieterskerk In deze kerk vindt elk jaar de opening van het academisch jaar plaats. Beatrix was hier aanwezig toen zij begon met studeren in 1956, en ook Willem-Alexander zat samen met leeftijdsgenoten in deze kerk in september 1987. Koningin Wilhelmina en koningin Beatrix ontvingen hier hun eredoctoraat.

G

Vliet Op de vroege ochtend van 3 oktober 1574 kwamen de Watergeuzen de stad Leiden binnen via de Vliet. De vloot staat onder bevel van Prins Willem van Oranje en neemt haring en wittebrood mee om de uitgehongerde bevolking te voeden. Vier maanden na dit ontzet krijgt de stad een universiteit van de prins, als dank voor haar doorzettingsvermogen onder het Spaanse beleg.

H

D E

Rapenburg Wie vanaf de Kaiserstraat het Rapenburg op wandelt komt veel oranje voetsporen tegen. In het Academiegebouw, op nummer 67-73, bevindt zich het Zweetkamertje, waar afgestudeerden naar Leidse traditie hun handtekening op de muur schrijven. Zo ook de Oran-

Doezastraat Willem-Alexander deed tijdens zijn studententijd regelmatig boodschappen in de Doezastraat. ‘Hij viel niet echt op. Het was gewoon een normale student, alleen dan met twee beveiligers’, vertelt Paul Bik van drogisterij Bik.

Verderop, aan Rapenburg 70, wordt om 16 uur de nieuwe Koningslinde geplant. Die waarvoor Titus de Taxus moest wijken. Voor wie het koningslied van Ewbank écht wil ontstijgen is er om 20.15 het K(r) oningsconcert door Mannenkoor Vox Humana in de Marekerk. Zij brengen een bewerkte versie van Mozarts Krönungsmesse ten gehore. Armins feestje is dan nog altijd aan de gang, tot 22.00. En als je tenslotte tot niets anders meer in staat bent dan Nederpopcovers meezingen, keer je voor middernacht terug naar het Stadhuisplein.

F

Hugo de Grootstraat 25-31 Voordat het Kamerlingh Onnes Gebouw in gebruik werd genomen als faculteit van Rechtsgeleerdheid, werden colleges rechten in de Hugo de Grootstraat gegeven. Toen Beatrix rechtenvakken ging volgen, kwam zij hier regelmatig. In 1961 slaagde de prinses voor haar doctoraalexamen.

Kaiserstraat 1 Café L’Espérance was de stamkroeg van Willem-Alexander en zijn broer Constatijn tijdens hun studententijd. Vlak achter de kroeg ligt de 5e Binnenvestgracht, waar Constatijn tijdens woonde toen hij in Leiden studeerde.

Rapenburg 116 In dit mooie grachtenpand woonde Willem-Alexander van 1987 tot 1995, toen hij al twee jaar afgestudeerd was. Op de begane grond nam de beveiliging zijn intrek; de prins zelf woonde met twee vrienden, op de eerste verdieping.

er allerlei dansworkshops, maar voor de betere moves, Citymoves om precies te zijn, verdwijn je om 13 uur naar het plein achter Molen de Valk. Dat is Armin van Buurens eigen Koninginnedagfeestje. Wanneer hij even op en neer gaat naar Amsterdam voor andere verplichtingen, is het podium voor de kroonprinsen van de dancescene, zoals Dyro, Jaz von D en Quintino. Trofeeën en andere aanwinsten voor je fusie zijn intussen de hele dag te vinden op de antiek- en curiosamarkt aan de Steenschuur. Verdwaalde kinderen wijs je uiteraard de weg naar het Gerecht, waar Augustinus poffertjes bakt en suikerspinnen draait op het Straatfeest.

Sommige winkels waar de prins vaak kwam, zoals Slagerij van der Vooren, werden door de prins uitgenodigd voor een receptie toen hij afstudeerde.

I

jes: achter plexiglas zijn nog steeds de handtekeningen van Beatrix en Willem-Alexander te zien. Tegenover het Academiegebouw, aan de andere kant van het water, bevindt zich Barrera. Ook WillemAlexander kwam graag in deze kroeg, of boven in het Minerva-huis Welgelegen waar zijn vrienden woondenTijdens de Tweede Wereldoorlog woonde Erik Hazelhoff Roelfzema hier, een verzetsstrijder die later de bijnaam Soldaat van Oranje kreeg. In Barrera vierde de prins ook zijn afstudeerborrel. Beatrix werd lid van de Vereeniging van Vrouwelijke Studenten te Leiden (VVSL). De sociëteit van deze vereniging was gevestigd op Rapenburg 65. Beatrix was vaak te vinden op ‘de club’ en was een actief lid. Zo maakte ze de tekeningen voor de almanak van 1961 en schreef ze regelmatig voor het verenigingsblad. In 1972 is de VVSL gefuseerd met Minerva. Aanvankelijk besloot Beatrix om sociologie te gaan studeren. In 1956 startte ze met die studie, waarvan de faculteit gevestigd was op Rapenburg 59, het gebouw op de hoek met de Doelensteeg. Later begon Beatrix steeds meer rechtenvakken te volgen, en in 1959 behaalde de prinses haar kandidaatsexamen rechten. Rapenburg 45 was het adres van de familie Drijber, waar Beatrix tijdens haar studententijd haar intrek nam. Mr. Drijber was een medewerker van de universiteit en had drie kinderen. Koningin Juliana vond het een fijn idee dat haar dochter bij een gezin kwam te wonen. Ook een vriendin van Beatrix’ middelbare school ging bij de familie wonen. Beatrix’ zus Margriet heeft hier tijdens haar studententijd ook gewoond. door Judith van Hoogdalem


25 april 2013 36ste Jaargang • nr. 26

Stenengooiers van toen Pagina 11

Die dubieuze bloedlijn van de Oranjes: tijd om orde op zaken te stellen

Deze koning is een pauper. Christiaan Weijts over de vorst van Britt en Barbie

Jorge Zorreguieta wist van verdwijningen en moet worden vervolgd

Pagina 2 en 3

Pagina 4

Pagina 5


2

Mare · 25 april 2013

Achtergrond

Beeld ANP

Vanaf volgende week is WillemAlexander eindbaas van de bende. Maar waarom eigenlijk hij? Mare snoeit in de wildgroei van de stamboom. DOOR BART BRAUN Republikeinen maakt het natuurlijk niet uit wie er precies op de troon zit. Het instituut zelf is dom en primitief, en al zat de

meest geschikte persoon aller tijden op de toppositie, dan nog moesten we ermee stoppen. Als je nou wel een koning wil, hoe vind je dan de meest geschikte kandidaat? Dat lijkt op het eerste gezicht heel makkelijk. Hoewel Nederland meerdere internationale verdragen heeft ondertekend die het verbieden om te discrimineren op maatschappelijke afkomst of andere status, is

het koningschap erfelijk. Het werkt in theorie dus net als in de kindersprookjes: de prins en de prinses krijgen elkaar, de prins wordt koning, ze krijgen samen heel veel kindertjes en de oudste daarvan wordt later ook weer koning. Als we de functie van basisschooljuf zo zouden verdelen, stuurde niemand zijn kinderen nog naar school. Bij het staatshoofd is het echter prima, blijkbaar. Evengoed: koning Nummer I ver-

overt het land op de boze heks, hij wordt opgevolgd door koning Nummer Twee, enzovoort tot in de eeuwigheid. Bij de Oranjes zit het echter allemaal ietsje ingewikkelder. Laten we beginnen bij het begin. Prins Willem van Oranje, Willem de Zwijger, Wilhelmus van Nassouwe, oprichter van de Universiteit Leiden en daardoor min of meer direct verantwoordelijk voor het feit dat u dit verhaal nu leest. Willem was niet alleen Vader des Vaderlands, maar ook van tenminste zestien kinderen, waarvan vijftien bij de vier vrouwen met wie hij trouwde. Het stadhouderschap zou normaal gesproken over zijn gegaan op zijn oudste zoon, Filips Willem. Die werd echter bij het uitbreken van de Nederlandse opstand gevangen genomen door de ko-ho-hoho-ning van Hispanje waar hij naar vernoemd was, Philips II. Toen hij meer dan twintig jaar later ineens op de stoep stond, vertrouwde niemand hem meer. Eigenlijk is dus al vanaf het moment dat Filips Willem geweigerd werd, niet de juiste Oranje de baas. Het wordt echter nog erger. Zoon nummer twee was jong gestorven, dus werd zoon nummer drie stadhouder: Prins Maurits. Die had wel kinderen, maar geen wettige. Dus werd zoon nummer vier de baas: Frederik Hendrik. Maurits dwong hem te trouwen op straffe van onterving, dus huwde Frederik met de gravin Amalia van Solms. Hun kind heette Willem II, en trouwde met een prinsesje van tien jaar oud. Zij kregen een zoon, Willem III. Willem III was nog minderjarig, en de Staten van Holland besloten hem op een zijspoor te zetten: het Eerste Stadhouderloze Tijdperk. Hij wist later alsnog de macht te grijpen. In het recent verschenen boek Moordenaars van Jan de Witt toonde historicus Ronald Prud’homme van Reine aan dat Willem III vrijwel zeker persoonlijk verantwoordelijk was voor de lynchpartij van raadspensionaris Johan De Witt en zijn broer Cornelis. Voor zijn bloedlijn hielp die politieke moord geen zier, want Willem III stierf in 1702, zonder wettig nageslacht. Dus toen was het sprookje eigenlijk uit. Er ontstond een hoop gekonkel over wie er baas mocht worden over de Nederlanden, waarbij uiteinde-

lijk ene Willem IV boven kwam drijven. Die was via de vrouwelijke lijn afstammeling van Frederik Hendrik, maar dat was koning Frederik I van Pruisen ook. Die laatste was het bovendien via een oudere dochter. Niet alleen is onduidelijk of Willem IV wel stadhouder had moeten worden, ook zijn er vraagtekens te plaatsen bij zijn vaderschap van Willem V. Vier had een zwakke gezondheid, en het viel de omgeving op dat Vijf veel meer leek op opperstalmeester Douwe van Grovestin dan op zijn wettige vader. ‘Wegens de gebleken geslachtelijke onmacht van Willem IV, is het wenselijk , te onderzoeken,

vanwaar de fictieve “Oranjeboom” het sap betrokken heeft, dat hem verder deed bloeien’, citeert amateurhistoricus Hanno de Iongh een van die tongen in zijn boekje Oranje bastaarden: een vademecum. In 1794 vielen Napoleons troepen Nederland binnen, en Willem V vluchtte naar Engeland. Nederland kreeg haar eerste koning: Lodewijk Napoleon. Hij ging uiteindelijk de geschiedenis in als Lodewijk de Goede, een eretitel die niet één van de Oranjes wist te veroveren. In 1813 verloren de Fransen de slag bij Leipzig, maar Nederland hield het koningschap erin: Willem V’s zoon werd koning Willem I. Zijn kleinzoon, koning Willem III, verwekte drie zoons. De oudste daarvan had dus koning Willem IV moeten worden, maar papa was het niet eens met de bruid die zijn zoon op het oog had, en deze Willem Nicolaas verliet het land. Willem III hertrouwde met Emma, de moeder van Koningin Wilhelmina.

Tijd om orde op zaken te stellen na al die betwistte vaderschappen en vreemde verschuivingen Ook die geboorte is omgeven met geruchten: Willem III zou tegen die tijd syfilis hebben opgelopen, volgens Oranje bastaarden. Niet hij, maar jonkheer S.M.S. De Ranitz zou de vader zijn. ‘Er zijn ook historici die dat tegenspreken’, vertelt De Iongh. ‘Maar in de familie De Ranitz kwam een zeldzame vorm van muziekdoofheid voor, waar ook Wilhelmina aan geleden zou hebben. Ze ging pas staan na het volkslied, als ze anderen zag applaudisseren.’ Natuurlijk zijn er maar weinig families waarbij je vijfhonderd jaar terug kan gaan in de tijd zonder schandalen en koekoeksjongen te vinden, en natuurlijk gaan er per definitie nare roddels rond over zo’n belangrijke familie, ook als ze nergens op gebaseerd zouden zijn. Maar het hele punt van het staatshoofdschap in Nederland is dat het erfelijk is. Dan moet ook de juiste erfgenaam koning worden. De troonopvolgingslijn van de Oranjes bevat zoveel rare verschuivingen en betwistte vaderschappen dat het tijd wordt om orde op zaken te stellen. Dat kan eenvoudig: met een dnatest. Zelfs als er geen bastaarden in de bloedlijn zitten, zijn er waarschijnlijk hordes mensen die genetisch dichter bij Willem van Oranje staan dan onze kroonprins. Juridisch is dat overigens al dichtgetimmerd. Artikel 24 van onze grondwet stelt: ‘Het koningschap wordt erfelijk vervuld door de wettige opvolgers van Koning Willem I, Prins van Oranje-Nassau.’ Daarmee wordt al het gerommel rond de opvolging van de stadhouders juridisch onder het tapijt geveegd; dat Willem I wellicht niet het meeste recht had op de troon, maakt blijkbaar niet meer uit. Maar goed, dan testen we vanaf Willem I. Er is zoveel gemeenschapsgeld, macht en land verbonden aan het koningschap. Dan is het niet teveel gevraagd als de troonopvolger eventjes zwart op wit kan laten zien dat hij of zij daar ook recht op heeft. Bijkomend voordeel is dat aluminiumhoedjes-verhalen zoals over Monique Roovers (die beweerde de oudste dochter te zijn van Juliana) voorgoed beslecht kunnen worden. Of, nog mooier, we pakken het net zo aan als in de goede ouwe tijd: de macht is voor wie hem weet te grijpen. Iedereen die – van zijn eigen geld, graag – een legertje weet te mobiliseren, mag oprukken naar het paleis en daar met de koninklijke troepen vechten om de troon.


25 april 2013 · Mare

3

Column Lodewijk Napoleon Bonaparte, de eerste koning van Nederland. Hij ging uiteindelijk de geschiedenis in als Lodewijk de Goede, een eretitel die niet één van de Oranjes wist te veroveren. Schilderij Charles Howard Hodges

Het hebben van een koningshuis is een verwerpelijk concept. Laten we daar duidelijk over zijn. Om te begrijpen waarom dit zo is, moeten we terug in de tijd gaan. Terug naar vorige week, toen ik na een vlucht van zeven uur en een autorit van vier dagen in Jaipur aankwam, de stoffige woestijnhoofdstad van Rajasthan, een van de deelstaten van India. Ik was daar om een koninklijk huwelijk bij te wonen. Tussen de dochter van een zakenrelatie van mijn vader en een prins. India telt 565 prinsdommen, waarvan negentien in Rajasthan, dus de precieze mate van prinsigheid bij de bruidegom heb ik nooit helemaal kunnen achterhalen, maar het vijfdaagse huwelijk was sowieso van koninklijke proporties. Eerst werd ik in een absurd grote hotelkamer gestopt, in een omgebouwd paleis van een van de Maharadja’s. Vanzelfsprekend had ik een eigen chauffeur. Bij de bruiloft zelf was een toegangstunnel van honderd meter, gemaakt van miljoenen bloemen. Met de hand aan elkaar geknoopt, uiteraard. Elke dag in een andere kleur. Meestal waren de festiviteiten buiten, want er waren tussen de drie- en vijfduizend gasten aanwezig. Er was vuurwerk. Er waren olifanten. Als de bruid binnen kwam zetten was ze omringd door een horde dansende vrouwen, ieder behangen met kilo’s goud en diamanten. De bruidegom kwam er op een wit paard achteraan zetten. Bij de ingang stond een troon voor ze klaar. Op rails. Zodra het bruidspaar zat, werd de troon over het terrein getrokken. Elke tien meter ging er vuurwerk af. Zo kon het volk van een afstandje zien waar het bruidspaar zich ongeveer bevond. Het leukste waren de Bollywoodsterren. Die waren uit Mumbai ingevlogen en kwamen achter elkaar de meest fantastische en bizarre shows geven. Bijvoorbeeld: een man met een enorme glimlach, lang golvend haar en cowboylaarzen zong hoogstwaarschijnlijk een liefdeslied. Geheel in het Hindi, maar af en toe riep hij tijdens het refrein ‘One! Two! Taliban!’ Fantastisch allemaal, maar, zo merkte

ik na de eerste dag: de meeste mensen vonden het feest helemaal niet leuk, en stonden vooral verdwaasd om zich heen te kijken. Ik vroeg een tante van de bruid waarom de Bollywoodsterren zo veel moeite hadden om de mensenmassa in beweging te krijgen. ‘Rajasthan is een arme staat’, legde ze uit. ‘Deze mensen zijn niet gewend dit soort rijkdom mee te maken’. Ondertussen moest het bruidspaar op het podium antwoord geven op een paar vragen. Ze waren al een kwartier in het Hindi aan het praten, toen de presentator plots in het Engels vroeg: ‘So, was it love or an arranged marriage?’ De prins antwoorde met bravoure: ‘Arranged of course, and that’s the way I want it!’ Maar iedereen zag hoe de bruid niet wist wat ze moest antwoorden. De presentator vroeg snel aan de prins wat hij nou zo leuk vond aan de bruid. Het was even stil. ‘Please change the question’, stamelde de prins. ‘No, really’, drong de presentator aan. De prins had geen idee. Inderdaad. Aan de rand van het terrein zaten groepjes kinderen in vieze kleren broodjes te kneden. Ze waren van een lagere kaste. Telkens als ik langsliep, zwaaiden ze enthousiast naar me, maar van een afstandje zagen ze er doodongelukkig uit. In Nederland is het makkelijk om iets te denken in de trant van: ‘Ach, monarchie, het is zo gezellig en ze doen het goed bij die sjeiks en semi-democratieën waar we graag zaken mee doen’. Maar als je een iets authentiekere vorm van monarchie in actie ziet, realiseer je je weer hoe belachelijk het is om een groepje tamelijk willekeurige mensen jaarlijks een slordige 40 miljoen euro toe te stoppen, gewoon, omdat we dat bij hun ouders ook al deden. Benjamin Sprecher Promovendus bij het Centrum voor Milieuwetenschappen


4

Mare · 25 april 2013

Opinie

De nieuwe vorst wil vooral gewoontjes zijn. Dat maakt hem tot koning van Barbie, Britt en Terror Jaap, schrijft Christiaan Weijts. ‘WillemAlexander verhoudt zich tot Beatrix als Gordon tot Grieg.’ Eén keer is Willem-Alexander bij de Frankfurter Buchmesse gesignaleerd, vertelde een uitgever me laatst. Hij had uitsluitend belangstelling voor stripboeken. Een koning die liever Kuifje dan Kundera leest, hoeft op zichzelf nog geen reden te zijn om je tegen de monarchie te keren, maar het helpt wel. Begrijp me niet verkeerd: ik hou van Beatrix. Ik hou al van haar sinds 31 mei 1981, ergens tussen drie en vier uur ’s middags. Ik was net vijf geworden, en voetbalde met wat buurtkinderen op het grasveld langs de spoorlijn die de Leidse Merenwijk scheidde van Oegstgeest.

‘Een vorst moet elite zijn…’ Ineens verscheen, vanuit het noorden, een intercitytrein, waarvan de locomotief versierd was met bloemenkransen. De trein reed stapvoets, en leek geheel en al leeg. Totdat ik in een van de zonspiegelende wagonramen, ineens haarscherp het profiel herkende van Beatrix. ‘De koningin!’ riepen we opgewonden. Ze zwaaide, ze wuifde en ze was alles wat je je bij zo’n mythisch wezen voorstelt. Thuis hoorde ik dat ze de nieuwe Schiphollijn geopend had. Ik was nog dagenlang onrustig, alsof er een engelverschijning was geweest. Beatrix vertolkte haar rol als vorstin meesterlijk. Ze maakte van zichzelf een icoon, dat je in één flits herkende, en altijd je hart een sprongetje liet maken. Ze maakte zichzelf tot kunstwerk. Anders dan haar vóóren nageslacht is Beatrix in eerste instantie een kunstenaar, die bovendien de andere kunsten begrijpt. Ze was vast publiek bij gezelschappen als het Nederlands Danstheater en het Concertgebouworkest, en nam ze mee op staatsbezoeken. Ze onderhield persoonlijke vriendschappen met beeldend kunstenaars, musici, choreografen, acteurs… Deze mythische vrouw was een beschermheilige van de hoge kunsten. Haar zoon heeft die genen overduidelijk niet meegekregen. De enige wezenlijke interesse van de aanstaande koning is sport. Dat merkte ik al toen ik eens op het Paleis Noordeinde te gast was. Ik kreeg, met een stuk of veertig anderen, een lunch aangeboden met Willem-Alexander en Máxima. Alle genodigden hadden in het afgelopen jaar een prijs gewonnen. Dat liep uiteen van een Wereldkampioene Sudoku’s oplossen, de Anton Wachterprijs voor het beste literaire debuut en de Zwarte Zakenvrouw van het Jaar. Maar het leeuwendeel leek toch op basis van sportieve verdiensten tot het Paleis te zijn doorgedrongen. ‘Zo, de sporters zoeken elkaar altijd weer op’, zei hij in de ontvangsthal, waar hij, de rest negerend, meteen op de olympiërs afstapte. Het was vooral

de Kroonprins zelf die ze opzocht. Hen kende hij overduidelijk al, en de rest mocht het met een plichtmatig handje doen. ‘Misschien is het handig als iedereen zich voorstelt en dan ook zegt waarmee hij een prijs gewonnen heeft’, besloot de Kroonprins. Nerveus mompelde ik over mijn Anton Wachterprijs. Het woord ‘debuutroman’ klonk in dit gezelschap onthutsend onnozel. De Kroonprins interesseerde het overduidelijk geen reet. Binnen waren vier tafels gedekt, en de Prins en de Prinses rouleerden bij elke gang. Een stuk of twintig lakeien in zachtblauwe kostuums zorgden dat alles soepel verliep. Toen de Kroonprins zich aan het tafeltje vervoegde waar ik zat, belandde hij tussen wielrenster Marianne Vos en de Zwarte Zakenvrouw, die, en dat vond ik best stoer, iets kritisch opperde over de zakenwereld waar blanke westerse mannen de dienst uitmaakten. ‘Hoho!’ interrumpeerde de Kroonprins. ‘Het blanke ras is aan het uitsterven, dus pas op, voordat we hier weer een minderheid gaan beledigen!’ Hij lachte olijk, en nam een slok van de witte wijn. Willem-Alexander verhoudt zich tot Beatrix als Gordon tot Grieg. Zijn voorkeuren liggen bij het volkse vermaak, het entertainment en de sport. Dat Joop van den Ende de regie heeft over de kroningsdag past daar evengoed in als de line-up van artiesten die meewerkten aan het koningslied, het lied dat je wist dat zou floppen. Mijn grootste teleurstelling was dat Willem-Alexander zo gewoon bleek. In bepaalde kringen is dat een kwaliteit, dat ‘gewoon gebleven zijn’. In het interview deed de aanstaande koning ook zoveel mogelijk z’n best om gewoon te blijven. ‘Wij zijn mensen, en mensen maken fouten.’ En hij gaat zich niet Willem IV noemen, maar Willem-Alexander, heel gewoon. Als je hem in een trein voorbij ziet flitsen, laat het je koud. Een vorst moet juist het tegendeel van het gewone zijn, hij is het vleesgeworden uitzonderlijke, en geeft uitzicht op een leven dat waardiger, statiger, verfijnder, hoogstaander is. Een vorst is een heraut uit sprookjesland. Een vorst moet elite zijn: schatbewaarder en navolger van de hoogste voortreffelijkheid.

‘…schatbewaarder van de hoogste voortreffelijkheid’ Gewone stakkers zijn er al genoeg op tv. Er komen er zelfs steeds meer. Gewone Nederlanders worden steeds beroemder, en WillemAlexander lijkt hen als voorbeeld te nemen. Dat Willem-Alexander vooral de koning zal zijn van Barbie, Britt en Terror Jaap, hoeft op zichzelf nog geen reden om je tegen de monarchie te keren, maar het helpt wel. Begin maart was ik in Italië. Hoe ging het met Italië? ‘Slecht,’ zei iemand aan een bar. ‘We hebben geen regering en we hebben geen paus.’ In geen van beide had hij veel geloof, maar de paus heeft in Italië de rol van

vorst zo’n beetje gekaapt. De affectieve rol, van verbinder en vertrooster, van iemand die een mythische dimensie vertegenwoordigt, het feeerieke, het poëtische, het theatrale. Toen Mark Rutte ineens de slachtoffers van de schietpartij in Alphen aan de Rijn stond te herdenken, zag dat er absurd uit. Sommige persoonlijkheden passen nu eenmaal niet bij funeraire activiteiten. Beatrix deed het in alle situaties goed, of het nu een vliegtuigramp was of de opening van een treintraject. Het probleem met WillemAlexander is dat hij teveel op Mark

Rutte lijkt. Hij is een manager, geen kunstenaar. Het koningshuis is, net als het Vaticaan, een theaterstuk. Dat zag NRC Handelsblad heel goed, toen de krant het interview met het aanstaande koningspaar liet nabespreken door de vaste toneelrecensent. Het probleem is dat de hoofdrolspeler zijn ambt ziet als een sportprestatie. In het interview gebruikte hij steeds dat sporterstoontje, inclusief het ‘voetballers-je’: ‘Dan besef je wel, van: nu, vanaf nu is het ook concreet. Met datum. Je weet natuurlijk dat het makkelijkste antwoord dat je altijd

kunt geven aan mensen: elke dag komt het dichterbij. Maar nu weet je ook hoeveel dagen dat is.’ Een koning die meer op Rafael van der Vaart lijkt dat op een portret van Rafaël Santi hoeft op zichzelf geen reden te zijn om je tegen de monarchie te keren, maar het helpt wel. Ik ben voor de monarchie, maar tegen deze monarch. Christiaan Weijts (36) was redacteur van Mare tussen 2000 en 2007. Zijn laatste roman Euforie won de BNG Literatuurprijs en is genomineerd voor de Libris Literatuur Prijs.


25 april 2013 · Mare 5 Achtergrond

Dwaze Moeders demonstreren in Buenos Aires op het Plaza de Mayo. ‘De nabestaanden komen nooit tot rust. Dat moeten de Zorreguietas en de koninklijke familie zich zeer aantrekken.’

Wat is er nog nodig om hem te vervolgen voor strafrechtelijke aansprakelijkheid? ‘Ik denk niet dat er een verdwijningsbevel met daarop een handtekening van Zorreguieta wordt gevonden. We gaan niet iets roepen waar we geen aanwijzing voor hebben. Maar het regime was een criminal enterprise. Daar maakte hij onderdeel van uit.’

Foto Hollandse Hoogte

Waar moet Zorreguieta worden berecht? ‘Het is het beste als dat in Argentinië gebeurt. De zaak heeft daar mede door de nieuwe feiten aan belang gewonnen. Het staat op de agenda. Maar als zij het niet doen, moet hij in Nederland worden vervolgd en berecht. ‘Als het OM de aangifte afwijst dan vragen we het Gerechtshof in Den Haag dit besluit te toetsen. Het Hof kan het OM alsnog verplichten een onderzoek te starten.’ Mocht hij schuldig worden bevonden, welke straf kan hij dan verwachten? ‘Dan wordt het levenslang.’

Hij moet het geweten hebben Leids hoogleraar wil onderzoek naar vader Máxima Jorge Zorreguieta maakte als minister bewust deel uit van de criminal enterprise die de Argentijnse dictatuur was. Leids hoogleraar en advocaat Liesbeth Zegveld vindt dat het Openbaar Ministerie een onderzoek moet starten. ‘Het is zo donker als het maar zijn kan.’ Door Vincent Bongers De Leidse hoog-

leraar internationaal humanitair recht en partner bij Böhler Advocaten Liesbeth Zegveld wil dat het Openbaar Ministerie (OM) een onderzoek start naar de rol van Jorge Zorreguieta (85) tijdens de militaire dictatuur in Argentinië. Zorreguieta was eerst staatssecretaris en later minister van Landbouw onder het bewind van generaal Videla. Gedurende de ‘vuile oorlog’ die duurde van 1975 tot 1983, vielen naar schatting 30.000 doden. Ook op het ministerie van Zorreguieta verdwenen werknemers. Zegveld deed meerdere keren in opdracht van nabestaanden aangifte. ‘Dit speelt al veel langer’, zegt Zegveld. ‘In 2001 heb ik samen met collega Britta Böhler aangifte gedaan. Dat was op verzoek van de diplomaat Maarten Mouri, die zich zorgen maakte over waar het met het koningshuis naar toe zou gaan als meneer Zorreguieta met hen familiebanden aanging. ‘Hij heeft de Universiteit van Amsterdam toen verzocht een onderzoek te doen naar de haalbaarheid van vervolging. Kon er strafrechtelijke verantwoordelijkheid gekoppeld worden aan Zorreguieta? Het antwoord was: ja. ‘Toen vroeg hij of wij een aangifte wilde opstellen. De belangen waren

zo groot dat de zaak meteen bij de Hoge Raad belandde. Het moest allemaal net geregeld worden voor 0202-2002. Dat gebeurde ook.’ Wat is er nu veranderd? ‘De oude aangifte was gebaseerd op foltering. In december 2010 trad een nieuw akkoord in werking, het Internationaal Verdrag inzake de bescherming van alle personen tegen gedwongen verdwijning. Dat schiep nieuwe mogelijkheden. Het gaat hier juist om verdwenen personen. ‘De juridische blokkades vielen weg en in 2011 deden we opnieuw aangifte. Toen zei het OM dat er te weinig bewijs was. Het feit dat er werknemers van zijn ministerie verdwenen, wilde volgens hen niet zeggen dat Zorreguieta dat wist of daar een rol in speelde. ‘Opmerkelijk, als ik boven op mijn kantoor zit te werken en er verdwijnen op de begane grond collega’s, dan moet er wel iets uitgelegd worden. Het OM zegt: zoek het zelf maar verder uit slachtoffers. Kom maar met meer bewijs. Tot die tijd doen ze niets.’ Hoe komt dat? ‘Tja. Ze willen gewoon niet aan de zaak. Dat is duidelijk.’ Maar er kwam toch nog nieuwe informatie? ‘Ja. Journalist Arnold Karskens (zie kader) vond het wel een interessante zaak. Hij is naar Argentinië gegaan om onderzoek te doen. En hij heeft behoorlijk wat boven water gekregen. ‘In januari hebben we de nieuwe informatie naar het OM gestuurd. Het is een antwoord op hun standpunt dat het geen zin heeft om onderzoek te doen. Een reactie komt vast kort voor 30 april.’

Wat zijn dan die nieuwe feiten? ‘Het zijn geen dingen die de zaak in kannen en kruiken brengt. Duidelijk is wel dat op het Nationaal Instituut voor Landbouw en Visserijtechnologie (INTA), waar Zorreguieta als minister van Landbouw verantwoordelijk voor was, systematisch werknemers verdwenen. ‘En ook administratief zijn die weggepoetst. Salarissen werden stopgezet, in detentie moesten slachtoffers ontslagbrieven tekenen. Een nabestaande vertelde dat een dag na de verdwijning zo’n ontslagbrief op de mat viel. Er zat systeem in. Er was samenwerking tussen militairen, de politie, het instituut en het ministerie. Dan kan je niet zeggen, zoals

Zorreguieta doet: “Ik wist het niet.” ‘In een artikel in de Volkskrant in februari vertelt Mario Cadena Madariaga, een goede vriend, collega en generatiegenoot van Zorreguieta dat hij op de hoogte was van de verdwijningen en de junta van harte steunde. ‘Het komt dommig over dat Zorreguieta zegt dat hij van niets wist. Maar toegeven wel op de hoogte te zijn, betekent dat hij er iets tegen had moeten doen.’ Kan het OM dat ter plekke onderzoeken? ‘Alleen met toestemming van de Argentijnen. Maar die kunnen ook het zelf doen en de informatie met het OM delen.’

Heeft u negatieve reacties gehad op de aangiftes? ‘In 2001 was het een donderslag bij heldere hemel, toen was er een mix van negatief en positief commentaar. Nu is dat veel minder. Nederland heeft wel in de gaten dat het niet klopt wat Zorreguieta gedaan heeft. ‘Hij komt op 30 april niet naar de inhuldiging omdat de aangifte er ligt. Ik denk dat zonder de aangifte er minder aandacht zou zijn voor het dossier. Dan was hij wellicht wel gekomen. PvdA-fractievoorzitter Diederik Samsom heeft bijvoorbeeld gezegd dat hij er gewoon bij kon zijn.’ Moet Máxima publiekelijk een standpunt innemen over de kwestie? En het Koningshuis? ‘Ik heb daar wel een privé-mening over, die staat los van de zaak. Het gaat niet om haar. Het gaat over hem. Maar tegelijkertijd is hij hier voor Máxima. Dit mengt met het koningshuis, dat vind ik wel moeizaam. Je denkt toch: “Als het hier misgaat; er oorlog komt. Welke kant kiezen ze dan?” Wat zijn je normen en waarden met iemand als Jorge Zorreguieta op de achtergrond? ‘Deze aangifte is geen frivool dingetje. Het is gewoon een drama, zo donker als het maar zijn kan. Die mensen komen nooit meer terug. De nabestaanden komen nooit tot rust. Dat zouden de Zorreguietas en de koninklijke familie zich zeer aan moeten trekken. Wordt er bij hen thuis over de slachtoffers gesproken? Dan denk ik wel: Máxima, het is de geschiedenis van jouw land.’

‘Nederland heeft de plicht dit te onderzoeken’ Journalist Arnold Karskens ging naar Argentinië en dook daar nieuwe informatie op over de verdwijning van medewerkers van instituten waar Jorge Zorreguieta verantwoordelijk voor was. De resultaten van zijn onderzoek zijn inmiddels naar het Openbaar Ministerie gestuurd. Wat heeft u in Argentinië gedaan? ‘Ik heb verklaringen opgenomen van medewerkers van de landbouwinstituten en nabestaanden van slachtoffers. Zorreguieta was verantwoordelijk voor deze instituten. Het blijkt dat ontvoerde medewerkers de volgende dag ook zijn verwijderd uit de administratie. Dat kan de portier niet hebben geregeld. Dat is met medeweten van de leidinggevenden of door leidinggevenden zelf gedaan.

‘We weten niet of Zorreguieta geholpen heeft met de verdwijningen, maar hij wist er wel van af. Dan vind ik dat je hem moet uitnodigen naar het politiebureau te komen om daar uit leggen hoe dat zit.’ Vindt u dat het Openbaar Ministerie met deze nieuwe informatie een onderzoek moet starten? ‘Als het OM dit laat liggen, dan wordt ze dat nog heel lang nagedragen. We doen dit niet alleen voor nabestaanden en slachtoffers maar ook voor de Nederlandse rechtsstaat. ‘Het is niet uit te leggen dat iemand in Nederland voor iets kleins wordt vervolgd terwijl iemand die onderdeel uitmaakte van de ergste dictatuur ooit in Zuid-Amerika niet eens om uitleg wordt gevraagd.’

Waarom onderneemt het OM nog geen actie? ‘Het ligt politiek wellicht te gevoelig. Van de zaak Julio Poch (piloot die verdacht wordt van betrokkenheid bij de dodenvluchten tijdens het Videla-regime, red.), wordt dan weer wel werk gemaakt. Die kwestie kwam in versnelling door een gesprek aan een borreltafel. In de zaak Zorreguieta zijn veel concretere aanwijzingen.’ Moet het koningshuis zelf nog reageren op de kwestie? ‘Het koningshuis staat er los van. Maar het is wel zo dat deze man regelmatig naar Nederland komt en straks naast de koning loopt. Dan heb je de plicht om te onderzoeken wie deze persoon is en wat hij heeft gedaan.’


6  Mare · 25 april 2013 Achtergrond

‘Er hing iets in de lucht, dat voelden we gewoon.’ Foto Hollandse Hoogte

Een complete veldslag, een burgeroorlog De kroningsrellen van 1980, zij waren erbij De actievoerder: ‘Er konden doden vallen’

De pacifist: ‘ze mepten ook op ouderen’

De Leidse kraker: ‘We hadden geen benul’

De ME’er: ‘Ik kon me vinden in de krakers’

‘Ik was 24 en fulltime actievoerder,’ zegt Kees Wouters die vanaf 1981 geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam studeerde. ‘Ik was betrokken bij de Groote Keijser, zes panden aan de Keizersgracht vol krakers. Het begon bij een gekraakte kledingzaak in de Kinkerbuurt. Om een uur of elf was daar een eerste confrontatie met de politie. De stenen vlogen door de lucht. Ik gooide zelf ook. Later pikten we nog het staartje mee van de slag om de Blauwbrug. De ME en platte petten dropen af in beschadigde wagens. Het glas in de ramen lag er uit. We besloten geen stenen te gooien. Het was te makkelijk om ze te raken, echt prijsschieten. ‘Daarna gingen we richting de Dam. De ME voerde charges uit. We stoven alle kanten op, het meest angstige moment van de dag. Mensen struikelden over feestkraampjes. Daarna duurden de gevechten nog de hele middag, en niet alleen ME tegen krakers. Het was massale woede. ‘We zijn niet bij de Nieuwe Kerk naar binnengegaan. Dat had gekund maar de kans was groot dat er dan slachtoffers gingen vallen, en wellicht doden. Er lagen scherpschutters op de daken. De politie-inzet was zo chaotisch. Daar ging het ons ook niet om. We hadden ons doel al bereikt, een massale uiting van woede over het woningbeleid. ‘Natuurlijk was er de leus: “Geen woning, geen kroning.” Maar het protest was niet echt gericht tegen Juliana of Beatrix. Ik heb nog voorgesteld om een bede te schrijven aan Juliana waarin we haar vroegen om de kant van het volk te kiezen. Maar dat is weggestemd. ‘Ik ben overigens niet tegen de monarchie. Ik vind zelfs dat de koning wat meer macht mag hebben. Laat Willem-Alexander maar wat initiatief tonen. Het lijkt me geen slechte vent. Als het volk niet blij is met hem, dan wordt hij wel afgezet. ‘Ik ga voor de inhuldiging zeker naar Amsterdam, sfeerproeven met mijn vriendin. Op de 29ste is er een reünie met actievoerders.’ VB

‘Ik was 21 en in september begon ik aan een studie sociologie aan de Universiteit van Amsterdam’, zegt Jan Müter, die nu voorzitter van de SP in Velsen is. ‘Ik trok die chtend naar een gekraakt pand ergens bij de Kinkerstraat. Het was er al erg druk vanwege de vrijmarkt. Plots stoven er politiebusjes met ME de straat in. Het was een hachelijke, chaotische situatie. Heel dom van de politie dat ze dat zo deden. ‘De ME begon met het leegvegen van de straat. Iedereen kreeg ervan langs. Ook ouderen en dagjesmensen werden gemept. Een totale overreactie van de politie. Bij de Blauwbrug volgde iets later een nieuwe confrontatie. Het was een bizarre en vreselijke vertoning. Ik werd zo boos op de politie omdat die zoveel geweld gebruikte, dat ik voor het eerst in mijn leven stenen ben gaan gooien. ‘Dat was een grote stap voor mij. Ik was een pacifist, geloofde in geweldloze burgerlijke ongehoorzaamheid. De politie was slecht georganiseerd, agenten gingen eigen rechtertje spelen. ‘Na de tweede confrontatie was mijn dag wel voorbij. Ik ben nooit in de buurt van de Nieuwe Kerk geweest. Ik heb zelf niet echt klappen gehad. Je moet de kunst beheersen op tijd weg te rennen. ‘Ach, ik heb niets met het Koningshuis. De inhuldiging houdt me niet bezig. Ik woon in IJmuiden en ga met mijn kinderen op de vrijmarkt rommel verkopen. ‘De monarchie is slechts het symbool van falend overheidsbeleid. Dat was in 1980 ook al zo. Het ging niet om de kroning maar om hoge werkloosheid en woningnood, zaken die nu ook nog spelen. ‘Maar je ziet niet dezelfde strijdbaarheid als toen. Dat komt wellicht omdat als de vakbeweging dreigt een radicalere toon aan te slaan, er gelijk een sociaal akkoord tussen werkgevers en werknemers wordt gesloten. Een typisch voorbeeld van het poldermodel.’ VB

‘Er hing iets in de lucht, dat voelden we gewoon’, zegt Koert van der Velden, die vanaf 1981 theologie studeerde in Leiden. ‘Ik zat in de eindexamenklas en liftte met vrienden naar Amsterdam. We hadden geen flauw benul wat we konden verwachten. We gingen naar de Dam, zagen de koningin en vroegen ons af wanneer er iets ging gebeuren. En toen zagen we het. Een wolk traangas bij de Damstraat. We gingen er op af. ‘Toen we ter plekke kwamen, zagen we de barricades en de vechtpartijen. Ik sympathiseerde met de demonstranten maar ze waren te gewelddadig. Ik zag dat er een huis in de fik stond en een winkel werd geplunderd. Een ouder echtpaar kon nog net op tijd onder een regen van stenen worden geëvacueerd. ‘Mijn vrienden en ik hebben niet meegedaan met de rellen, maar we zijn wel tot de avond gebleven. Telkens als er een charge van de ME dreigde, renden we weg. Geen van ons heeft stenen gegooid. We zijn ongeschonden uit de strijd gekomen. ‘Ik woonde nog thuis en had dus geen last van woningnood. Dat veranderde toen ik in Leiden ging studeren. Ik vond eerst een kamer maar toen de huisbaas erachter kwam dat ik ondanks mijn studie theologie niet gelovig was, werd ik eruit gegooid. ‘Toen sloot ik mij aan bij de Leidse krakers. Al snel vond ik toen een woning. De Leidse krakers waren wat softer dan de Amsterdamse. We gooiden met verfbommen en eieren, niet met stenen. Als zo’n steen iemand verkeerd raakt, dan overleeft die het niet. ‘Ik ga nu met mijn zoontje op de vrijmarkt in Leiden zitten, maar ik juich het toe als het feest in Amsterdam verstoord wordt. Ik moet nog steeds niets hebben van het koningshuis.’ Vb

‘Ik werd regelmatig ingezet bij voetbalrellen, waar de supporters al wegrenden wanneer wij uit ons busje stapten’, zegt Peter Hammecher. Op zijn 21e bevond hij zich als ME’er op de heetste plekken van de kroningsrellen. ‘Bij de troonswisseling kwamen de rellers juist naar het busje gestormd om ons eruit te halen. De krakers hadden natuurlijk een ideologie en ergens kon ik me daar wel in vinden. Dagelijks fietste ik voorbij een gekraakt pand, terwijl ik net als iedereen belabberd woonde en ook op zoek was naar iets beters. Maar ik zag die dag ook vijftienjarige jochies een winkel in geluidsapparatuur op het Rokin plunderen. ‘Ik had nachtdienst gehad tot zeven uur ’s ochtends. Toen ik om tien uur de televisie aanzette, zag ik dat er al een enorme strijd gaande was. Rond twee uur ’s middags stond ik er middenin, op het Muntplein, de toegangsweg tot het Rokin. ‘Die avond klonk “assistentie, collega” - de codewoorden waarmee alle politie-eenheden naar het Leidseplein werden gestuurd. Daar aangekomen zag ik een ME-peloton rennen richting de bussen, achtervolgd door een enorme menigte. Het enige wat wij vanuit onze linie konden doen, was véél traangas inzetten, om de strijd telkens even stil te leggen. Het was inmiddels donker geworden en de klinkers vlogen over de lantaarnpalen, waardoor we ze nauwelijks zagen aankomen. ‘Het was een complete veldslag, een burgeroorlog. De demonstranten zagen ons niet als leeftijdsgenoten of huisvaders, maar als een anoniem blauw front met schilden en traangas. Zeer bizar. Maar die enorme verharding trad omgekeerd ook op. Er zijn absoluut stenen teruggegooid en ik ben ervan overtuigd dat er gericht met traangas op mensen is geschoten, terwijl dat eigenlijk over de menigte heen moet gebeuren. ‘Er is op 30 april 1980 ook waanzinnig gefeest in Amsterdam, maar ik heb het niet meegemaakt. Inmiddels ben ik managementconsultant, maar ik denk nog regelmatig terug aan de kroningsrellen. Deze keer blijf ik trouwens in de buurt van Arnhem, waar ik nu woon. Daar zijn genoeg Oranjefeesten. Ik bekijk de troonswisseling wel op televisie.’ MVW


25 april 2013 · Mare 7 Republiek

Dit wordt de laatste koning Republikeinen ruiken hun kans Leidenaar Anjo Clement is voorzitter van het Nieuw Republikeins Genootschap. Hij verheugt zich op het einde van de monarchie. ‘Amalia zal haar vader niet opvolgen.’ Door Sebastiaan van Loosbroek ‘Het doel van ons genootschap is om de republiek in Nederland te herstellen. Wij willen een gekozen staatshoofd dat kan worden afgerekend op zijn daden. Nu is meneer Rutte de klos is als Willem-Alexander een misstap begaat. We hebben niks tegen de Oranjes, we hebben niks tegen Willem-Alexander, we hebben iets tegen

de systematiek van het staatsbestel. ‘Vorig jaar bleek uit onderzoek van Maurice de Hond dat twintig procent van de Nederlanders voor de monarchie was en twintig procent zich republikein voelde. De overige zestig procent maakte het niet zoveel uit. Het argument dat het koningshuis bindend is voor de Nederlandse bevolking gaat dus niet op. ‘Het salaris van Willem-Alexander, waar hij onder andere zijn werknemers van moet betalen, moet dalen tot de balkenendenorm. Zijn staf is nogal groot. Ik wil niet zeggen dat Máxima zelf moet stofzuigen, maar ze kunnen met minder af. ‘Een Brusselse hoogleraar berekent jaarlijks de kosten van de ko-

Anjo Clement: ‘Hoe arrogant die Oranjes omgaan met hun personeel, dat is ongelooflijk.’ Foto Marc de Haan

Maretjes De prijs voor een Maretje bedraagt €8,– per 30 woorden, opgegeven via redactie@mare.leidenuniv.nl uiterlijk t/m maandag 16.00 uur. Maretjes aangeboden voor commerciële doeleinden worden niet geplaatst, evenmin als Maretjes waarin zaken worden aangeboden die de waarde van 4.500 euro te boven gaan.

taal en rekenen nodig. Groep 4 t/m 7. Zes leerlingen met vergoeding van €5,- per uur. Voortgezet onderwijs: Marokkaanse jongen, rekenen, Engels, mbo-economie. Twee Marokkaanse meisjes, Engels, brugklas VMBO. Bijles kan ook bij een leerling thuis gegeven worden. Onderwijswinkel, Driftstraat 77, ma, woe en do, 15-17u. Tel: 071-5214526. Ons e-mailadres is hdekoomen@owwleiden.nl.

Studentenbridge Leiden biedt aan: gratis kickstartcursus in drie lessen (26/4, 3/5, 10/5), met afsluitend toernooi (500 euro prijzengeld) op 31 mei. Inschrijven en meer info? www.studentenbrigdeleiden.nl

500 euro prijzengeld voor Leids Studentenbridgetoernooi. Deelname uitsluitend voor deelnemers kickstartcursus Studentenbridge Leiden. Inschrijven? www.studentenbrigdeleiden.nl

Doe meer met je kennis. Help een leerling op streek in 1 uur per week. Leiden-Noord, Onderwijswinkel. Basisonderwijs: 28 Marokkaanse, Turkse, Somalische en Nederlandse leerlingen hebben bijles taal en rekenen nodig. Groep 4 t/m 7. Zes leerlingen met vergoeding van €5,- tot €7,50. Voortgezet onderwijs: Twee Marokkaanse brugklassers hebben hulp nodig bij Nederlands of wiskunde. Marokkaanse jongen, economie, rekenen, 2vmbo. Marokkaans meisje, wiskunde, Nederlands, Engels, brugklas vwo. Marokkaanse tweeling, jongens, wiskunde, natuurkunde, Nederlands, 2vmbo-TL, 2havo. Marokkaanse jongen, wiskunde, brugklas. Somalisch meisje, wiskunde, Nederlands, economie, 3VMBO-TL. Leiden-Zuid, buurthuis Vogelvlucht. Basisonderwijs: 17 Marokkaanse, Turkse, Somalische leerlingen hebben bijles

BIJBAAN VOOR STUDENT. Wie kan 17-jarige jongen, 5 gym, begeleiden t.b.v. Latijn en/of KCV (kunst en architectuur in Rome en Florence)? Liefst studenten klassieke talen/

Maretjes extra Maretjes-extra zijn bedoeld voor semi-commerciële instanties. De prijs voor een Maretje-extra is €23,– incl. BTW voor elke vijfendertig woorden. U kunt deze advertenties uiterlijk op de vrijdag vóór het verschijnen van Mare opgeven bij Bureau van Vliet B.V., postbus 20, 2040 AA Zandvoort, telefoon 023-571 47 45. E-mail: Zandvoort@bureauvanvliet.com VACATURES Leiden (+ regio en Bollenstreek) Thuiszorg, Hulp bij het huishouden. Studenten (v/m)

ningshuizen in Europa. Voor Nederland komt hij op een maximale kostenpost van 140 miljoen euro per jaar. Daartegenover betalen ze geen belasting. En wat levert het op voor de economie? Twee jaar geleden hebben we onderzocht of staatsbezoeken van de koningin een positief effect hebben op de exportcijfers. We hebben de exportcijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek naast de cijfers gelegd van de landen waar de bezoeken aan gebracht zijn, en we moesten vaststellen dat de relatie nul komma nul is. Een half jaar later kwam Het Financieele Dagblad tot dezelfde conclusie. Het koningshuis is dus één grote kostenpost en levert niks op. Daarom zijn we een burgerinitiatief gestart die pleit voor een salarisverlaging van de koning. Nu, na één week hebben we al twaalfduizend handtekeningen. Bij veertigduizend is de Kamer verplicht het onderwerp op de agenda te zetten. ‘Sinds de aankondiging van de troonswisseling is ons ledenaantal meer dan verdubbeld, van elfhonderd leden naar drieëntwintighonderd. Het aantal sympathisanten - die hebben geen stemrecht op de vergaderingen - is verzesvoudigd. Ik denk dat Willem-Alexander de laatste koning van ons land is. Zijn koningschap zal steeds verder worden uitgekleed, zodat het voor Amalia niet meer interessant is hem op te volgen. Ook heeft hij in zijn aanvliegroute brokken gemaakt. Wat dacht je van zijn villa in Mozambique? En zijn opvattingen over de activiteiten van Zorreguieta tijdens de Junta in Argentinië? ‘Nu heeft-ie weer een huis in Griekenland in een enclave waar de Russische maffia hun geld witwast. Gaat-ie lekker varen met zijn bootje op de Middellandse Zee. Dan begrijp je niet helemaal wat momenteel aan

kunstgeschiedenis of studenten die met goede cijfers geslaagd zijn voor het eindexamen voor deze vakken of deze nog bijhouden. Aan huis in Voorburg, 15 € per uur, wit betaald. Inlichtingen bij titiakalker@gmail. com en/of 0624624628. Je leven lang plezier, hersentraining en psychologisch inzicht stimuleren? Doe mee aan de kickstartcusus bridge en maak kans op een mooie prijs (500 euro prijzengeld) in het afsluitende toernooi. Inschrijven: www.studentenbridgeleiden.nl Vrijwilligerswerk naast je studie? Verschillende anderstalige vrouwen willen graag Nederlandstalige vrijwilligsters ontmoeten om samen te oefenen met de taal. Informatie over Taalontmoetingen: Radius 0717074200.

gezocht. Ook vakantiewerk! Jij bepaalt waar en wanneer (6 – 24 uur p.w) Solliciteren? Brief met CV www. thuiszorginholland.nl Scholten - Degelijk juridisch onderwijs en tentamentraining in kleine groepen (max 6 studenten) door een ervaren en professionele docent. Cursus ‘inleiding burgerlijk recht’ vanaf 15 april 2013. Tentamentraining ‘inleiding burgerlijk recht’ vanaf 13 mei 2013. Voor meer informatie: www.gijsscholten.com of gijs.scholten@planet.nl.

de gang is met bezuinigingen en crisis. En hoe arrogant die Oranjes omgaan met hun personeel, dat is ongelooflijk. Ik sprak gister iemand van de marechaussee die jarenlang de Groene Draeck (het jacht van Beatrix, red.) en Paleis Soestdijk heeft bewaakt. Hij had geen goed woord voor ze over: ze wisselden geen woord met hun personeel en keken er dwars doorheen. Hij is nu gepensioneerd en heeft daar z’n hele leven mee gezeten. “Ik ben blij dat ik het nu eindelijk een keer kan zeggen”, zei hij aan de telefoon. ‘In de grondwet staat dat iedereen gelijk is. Kennelijk is de een echter iets meer gelijk dan anderen, want de koning hoeft geen belasting te

betalen. Om dat te veranderen is tweederde meerderheid nodig in de Eerste en Tweede Kamer. Er is dus nog steeds verborgen macht bij het koningshuis, zowel in de benoemingssfeer als in de gesprekken met de minister-president. ‘Maar eerst 30 april. Dan gaan we demonstreren op het Waterlooplein. We hebben daar een podium en verkopen spulletjes. Auteur Tomas Ross geeft een voordracht, net als - onder voorbehoud - Freek de Jonge. Bij AT5 (stadszender Amsterdam, red.) ben ik uitgenodigd om de dag na te beschouwen. Ook mag ik met een paar mensen aanschuiven bij Pauw & Witteman, maar ik weet nog niet of ik daar naartoe ga.’

Ik Willem niet, ik wil een woning ‘Ik doe niet mee aan dat opgeblazen Oranjegedoe maar ga de 30ste ook niet de straat op om te protesteren’, zegt Sara (‘geen achternaam’) die geneeskunde studeert en ‘ergens in de binnenstad’ van Leiden kraakt. ‘Ik denk dat ik me het beste kan verzetten door in het bos te gaan picknicken.’ Collega-kraker Wim, die media technology studeert in Leiden, weet nog niet wat hij gaat doen tijdens de troonswisseling. ‘In Amsterdam worden er zeker protesten georganiseerd. Maar misschien blijf ik in Leiden en zetten we hier wat op. Ik ga zeker de straat op om te protesteren. De woningnood van 1980 is er nog steeds. Een van de slogans is in ieder geval: “Ik Willem niet, ik wil een woning.” Ik voeg daar nog maar een leus aan toe: “Geen woning! Geen koning!” Het is absurd dat we anno 2013 nog zoiets ondemocratisch hebben. We kunnen ons niet eens in een referendum uitspreken of we het Koningshuis willen, of niet. De woningnood is er nog steeds. Studenten hebben last van huisjesmelkers. Starters kunnen geen huis krijgen voor een normale prijs.’ Sara: ‘Er staan kantoren leeg. Maak daar woningen van, voor studenten bijvoorbeeld. Daarnaast moeten er meer woningen tijdelijk worden verhuurd. Dus niet antikraak, zoals nu vaak gebeurt, want dan ben je rechteloos. Verder moet er weer meer sociale woningbouw komen. Er wordt nu alleen maar geld besteed aan dure woningen en kantoren.’ Wim verwacht niet dat de protesten omslaan in rellen. ‘Wij willen vreedzaam actie voeren. Maar als er gelijk blikken ME worden opengetrokken, kan het escaleren. De politie lokt het dan zelf uit. Dat gebeurde in ’80 ook.’ VB

Academische Agenda Mw. Prof.dr. A.B. Wessels zal op maandag 29 april een oratie houden bij de benoeming tot hoogleraar aan de faculteit Geesteswetenschappen met als leeropdracht Latijnse taal- en letterkunde. Hr. Prof.dr. P.C.N. Rensen zal op vrijdag 3 mei een oratie houden bij de benoeming tot hoogleraar aan de faculteit der Geneeskunde met als leeropdracht Metabole Aspecten van Vasculaire Ziekten. Hr. Prof.dr.ir. J.J.M. van der Hoeven zal op maandag 6 mei een oratie houden bij de benoeming tot hoogleraar aan de faculteit der Geneeskunde met als leeropdracht Interne Geneeskunde, in het bijzonder de Medische Oncologie. Hr. K.P. Knittle hoopt op woensdag 1 mei om 15.00 uur te promoveren tot doctor in de Sociale Wetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘Motivation, Self-Regulation and Physical Activity among Patients with Rheumatoid Arthritis’. Promotor is prof.dr. C.M.J.G. Maes. Hr. U. Yildiz hoopt op woensdag 1 mei om 16.15 uur te promoveren tot doctor in de Wiskunde en Natuurwetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘Warm and cold gas in lowmass protostars’. Promotor is prof.dr. E.F. van Dishoeck. Hr. J.A. van Waarde hoopt op donderdag 2 mei om 11.15 uur te promoveren tot doctor in de Geneeskunde. De titel van het proefschrift is ‘Exciting matters in Electroconvulsive Therapy’. Promotor is prof.dr. R.C. van der Mast. Hr. P. Maczuga hoopt op dinsdag

7 mei om 10.00 uur te promoveren tot doctor in de Geneeskunde. De titel van het proefschrift is ‘Towards RNAi-based therapy of liver diseases’. Promotor is prof.dr. S.J.H. van Deventer. Mw. G.O.E. Benedetti hoopt op dinsdag 7 mei om 15.00 uur te promoveren tot doctor in de Wiskunde en Natuurwetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘Role ofTNF-o and the NF-rB pathway in drug-induced organ toxicities’. Promotor is prof. dr. B. van de Water. Hr. R. van Eijk hoopt op woensdag 8 mei om 11.15 uur te promoveren tot doctor in de Geneeskunde. De titel van het proefschrift is ‘Technological Advances in Molecular Pathology: A Journey into the Archives’. Promotor is prof.dr. J. Morreau. Hr. R.J. Julius-Adeoye hoopt op woensdag 8 mei om 13.45 uur te promoveren tot doctor in de Geesteswetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘The Drama of Ahmed Yerima’. Promotor is prof.dr. E.J. van Alphen. Mw. B.H. Stegeman hoopt op woensdag 8 mei om 15.00 uur te promoveren tot doctor in de Geneeskunde. De titel van het proefschrift is ‘Hormonal contraceptives and venous thrombosis’. Promotoren zijn prof.dr. F.R. Rosendaal en prof.dr. F.M. Helmerhorst. Mw. B.L. Reitz hoopt op woensdag 8 mei om 16.15 uur te promoveren tot doctor in de Geesteswetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘Building in Words: Representations of the Process of Construction in La-

tin Literature’. Promotoren zijn prof. dr. J. Booth en prof.dr. C.A. van Eck. Hr. D.H. Duong hoopt op dinsdag 14 mei om 13.45 uur te promoveren tot doctor in de Wiskunde en Natuurwetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘Profinite groups with a rational probabilistic zeta function’. Promotoren zijn prof.dr. H.W. Lenstra en prof.dr. A. Lucchini. Mw. S.R.S. Does hoopt op dinsdag 14 mei om 15.00 uur te promoveren tot doctor in de Sociale Wetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘At the heart of egalitarianism: How morality framing shapes Whites’responses to social inequality’. Promotor is prof.dr. N. Ellemers. Mw. M.C. Wong hoopt op dinsdag 14 mei om 16.15 uur te promoveren tot doctor in de Geneeskunde. De titel van het proefschrift is ‘Extravascular inflammation in experimental atherosclerosis’. Promotoren zijn prof.dr. P.S. Hiemstra en prof.dr. L.M. Havekes. Hr. F. van Beijnum hoopt op woensdag 15 mei om 15.00 uur te promoveren tot doctor in de Wiskunde en Natuurwetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘Scattering, loss and gain of surface plasmons’. Promotor is prof.dr. G.W. ’t Hooft. Mw. H. Koelewijn hoopt op woensdag 15 mei om 16.15 uur te promoveren tot doctor in de Sociale Wetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘Quality of work and well-being of health care employees: Towards a problem solving worksite intervention approach’. Promotor is prof.dr. C.M.J.G. Maes.

Mare  

Leids Universitair Weekblad

Mare  

Leids Universitair Weekblad

Advertisement