Page 1

1 december 2011 35ste Jaargang • nr. 12

‘Als ik groot ben, word ik astronaut’ Pagina 11

Ondersteboven hangen in doeken: ‘Net als in het circus, maar dan zwaarder’

Gered dankzij de hielprik. ‘Maar na de puberteit laten we ze aan hun lot over’

Paranormale zaken versus wetenschap: ‘Er is een nieuwe methode nodig’

Pagina 3

Pagina 7

Pagina 9

Het bestuur van Catena op hun nieuwe driewielers. V.l.n.r. Luuk van der Krogt, Simone van der Bulk, Evelien de Ruiter en Jeroen Velzeboer. Foto Taco van der Eb

Kind(s) zijn kan weer Leidse studenten lijden aan het Peter Pan-syndroom Spelen met Lego, raamstickers van Sesamstraat maken en hoelahoepen. In hun vrije tijd lijken studenten steeds meer terug te verlangen naar hun kindertijd. ‘Eenmaal uit het ouderlijk huis wil je weg van de drang om zo snel mogelijk volwassen te worden.’

DOOR HARMKE BERGHUIS ‘Mijn huis heeft zelfs een kattenluik’, zegt een meisje trots. Ze zit op de grond. Voor haar ligt op een donkerpaars kleed een lading Lego en K’NEX. ‘Oh nee’, roept ze opeens verschrikt uit. ‘Ik ben de ramen vergeten te bouwen!’ Is het een kleuter? Nee, het meisje is lid van Corduroy, een dispuut van studentenvereniging SSR. En ze is niet alleen, maar wordt omringd door andere leden van het dispuut, allemaal

hard aan de slag. Er worden K’NEXmolens van een meter groot gemaakt, en er is zelfs een voetbalveld van Lego. Weer een ander bouwt zijn lego-studentenkamer om tot gevangenis. ‘Wil er iemand rozijntjes?’ Een meisje deelt kleine rode kartonnen pakjes uit, precies zoals vroeger. Aan de andere kant van de kamer klinkt: ‘Iemand bier?’ De leden van Corduroy zijn bij lange na niet de enige studenten die

weer teruggrijpen op hun kindertijd. Bij het huis Vliet 13 zijn ze trots op hun Mario Kart-talent, en hebben ze Pokémon op de Wii. Veel studentenhuizen hebben een abonnement op de Donald Duck. Verenigingen houden playbackshows en Disneythemafeesten. En allemaal hebben ze uitpuilende kasten vol spelletjes en speelgoed, verkregen tijdens constitutieborrels. Jaarlijks groeit zo de voorraad met de nieuwste Supersoa-

kers en radiografisch bestuurbare helikopters. In de bestuurskamer van Augustinus zijn twee ingebouwde kasten. Een voor de drank, de ander voor spellen. In die zogeheten Ruys de Beerenbrouck Spellenhouck, vernoemd naar de eerste voorzitter van Augustinus, staan onder andere Triviant, Party & Co Girls, Koehandel en uiteraard ook Stef Stuntpiloot, het behendigheidspel waar jaarlijks zelfs een Nationaal Studentenkampioenschap voor wordt georganiseerd. Aan de vierde editie, afgelopen maart in Delft, deden zeventig teams uit heel Nederland mee. Catena kreeg bij de laatste bestuurswissel twee driewielers. Daarmee moest het nieuwe bestuur door de soos racen. Maar niet nadat ze eerst hun nieuwe rijwielen hadden volgeplakt met stickers van tekenfilmheld Spongebob. Bestuurslid en politicologiestudent Luuk van der Krogt (22): ‘Dat leek toen een heel goed plan.’ Het Peter Pan-syndroom, zo noemde de Amerikaanse psycholoog Dan Kiley het verschijnsel waarbij volwassenen zich weer puberaal gedragen in zijn gelijknamige boek uit 1983. Bindingsangst en de wens om altijd te worden bemoederd zou hun hang naar kindertijd verklaren. ‘Het is mindless ontspanning’, zegt derdejaars sterrenkunde Annemieke Verbraeck (20) over de Corduroy Lego en K’NEX-avond. ‘En het is veel socialer dan tv-series kijken.’ Pim Geurts (22), student wereldgodsdiensten: ‘Studenten zijn gefascineerd door alles wat nostalgisch is. Denk bijvoorbeeld aan brugklasdixo’s. Deze avond is een heel makkelijke variant daarvan. Misschien komt het doordat je nu net weg bent uit het ouderlijk huis. Weg van de drang om zo snel mogelijk volwassen te worden. Nu kan het weer.’ Noora Lamers, bestuurslid bij SSR, heeft een simpeler uitleg. ‘Studenten zien heel snel in wanneer je ergens een drinkvariant van kan maken.’ Ook haar vereniging kreeg veel kinderspellen tijdens de constitutieborrel. Alle dozen die op tafel zijn gestapeld vermelden de voorgeschreven leeftijden, variërend van 4+ tot 7+. De favoriet: Wie is het? - waarbij de getekende poppetjes uit het origineel zijn vervangen door foto’s van leden. > Verder lezen op pagina 8

OPGELET! LAATSTE KANS!

WIN € 250 MET MARE-SELEXYZ-KERSTVERHALENWEDSTRIJD Ook dit jaar weer: de Mare-kerstverhalenwedstrijd! Schrijf een verhaal van tussen de 1500 en 2500 woorden dat speelt binnen de universitaire gemeenschap en/of het studentenleven en win €250, €75 of €50. Mail uiterlijk 8 december naar: redactieleiden@gmail.com. Deelname alleen voor Leidse studenten.

Bandirah Pagina 12


2

Mare · 1 december 2011 Geen commentaar

Laten we huppelen Johan Huizinga zou de K’nexende studenten van tegenwoordig (z.o.z.) maar niks vinden. In zijn Homo ludens hekelt hij ‘de gemakkelijk bevredigde maar nooit verzadigde behoefte aan banale verstrooiing, de zucht tot grove sensatie, de lust aan massavertoon. Op iets dieper liggend niveau sluiten daarbij aan: de levendige clubgeest met zijn aankleve van zichtbare onderscheidingsteekenen, formeele handgebaren, herkennings- en aankondigingsgeluiden(…)’ Volgens de grote Leidse historicus lag zulk ‘puerilisme’ – grofweg betekent dat zoiets als ‘kinderachtige jongens-mentaliteit’ – aan de kern van vrijwel alle Westerse problemen. De geschiedenis heeft hem gelijk gegeven: een jaar nadat Homo ludens uitkwam, begon de Tweede Wereldoorlog. Huizinga’s woorden lijken wellicht op jaarclubmeisjes te slaan, maar hij had het over NSB’ers. Inmiddels zijn we meer dan zeventig jaar verder, en de verleiding is groot om Huizinga’s woorden andermaal uit de kast te halen. In de politiek, rondom de voetbalvelden, op feestdagen en op televisie is het kinderachtigheid troef. Het kan haast niet anders of de huidige economische crisis is slechts een dipje, vergeleken bij het maatschappelijk failliet dat om de hoek staat. Onzin. Het kan natuurlijk niet dat de Westerse samenleving al zeventig jaar in crisis verkeert, zeker niet als je kijkt naar de enorme vooruitgangen die er in die tijd zijn gemaakt. De wereld is welvarender en vreedzamer dan ooit; wetenschap en techniek ontwikkelen zich razendsnel en lossen steeds meer van onze problemen op. De oude Grieken klaagden al over de jeugd van tegenwoordig, maar niemand die er ook maar over peinst om van levensstijl met hen te ruilen. Hedonisme en escapisme zijn altijd al eigenschappen van het studentenleven geweest. Alleen zijn er nu meer opties dan ooit. Wie weet wat Huizinga in zijn studententijd zou hebben gedaan als hij toegang had gehad tot Lego, Angry Birds, Donald Duck en Skyrim? De kindercultuur heeft bovendien ook zijn goede kanten. De Nederlandse kinderboeken zijn in hun fantasie en stijl veel verder dan de zo op het kleine gerichte en doodsaaie Nederlandse grotemensenliteratuur. En is creatief legoën per se slechter dan, zeg, discussiëren over politiek? Tegenover de zuurpruimerij van Huizinga zou ik de modernere Eindhovense denker Theo Maassen willen plaatsen. ‘Waarom zie je nooit eens een volwassen iemand huppelen, terwijl dat toch een hele prettige manier van voortbewegen is? Omdat het minder leuk wordt! Op een gegeven moment bestel je een kinderijsje met verrassing…Parapluutje! Waarom doen we niet gewoon datgene wat het fijnste is? Als je vroeger jarig was met gym, en je mocht kiezen wat we gingen doen, dan koos je apenkooi. Apenkooi was het mooiste wat er was, en daarom vroeg ik me altijd af waarom er geen apenkooi-verenigingen zijn. Je kan bij voetbal, bij hockey en bij tennis, maar waarom niet bij apenkooi? Wie neemt dat soort beslissingen?’ Sindsdien zijn er diverse apenkooi-verenigingen opgericht. Inderdaad: door studenten. En gelijk hebben ze. Hulde aan hen die nog met plezier kan huppelen, zalig is hij die nog steeds blij is met een parapluutje.

DOOR BART BRAUN

Colofon Redactie-adres Pieterskerkhof 6 2311 SR Leiden Telefoon 071–527 7272 Fax 071–527 7288 Website mareonline.nl E-mail redactie@mare.leidenuniv.nl

De redactie is op vrijdag gesloten. Oplage circa 15.000

Column

Hoofdredactie

Frank Provoost frank.provoost@mare.leidenuniv.nl Redactie

Harmke Berghuis redactie@mare.leidenuniv.nl Thomas Blondeau redactieleiden@gmail.com Vincent Bongers vbongers@mare.leidenuniv.nl Bart Braun bbraun@mare.leidenuniv.nl Dirk-Jan Zom D.Zom@mare.leidenuniv.nl Medewerkers

David van Bodegom • Rivke Jaffe • Petra Meijer • DM Sanders • Benjamin Sprecher Secretariaat Harmke Berghuis Fotografie Taco van der Eb • Marc de Haan Illustraties Bas van der Schot • Bandirah • Silas.nl Basisontwerp Roeland Segaar, Zabriski Communicatie Art direction en vormgeving Marijke Hoogendoorn • richgirl-design.com Drukwerk Dijkman Offset Amsterdam Advertenties Bureau van Vliet B.V. Postbus 20 2040 AA Zandvoort Telefoon 023 - 571 47 45 Fax 023 - 571 76 80 Redactieraad

Prof. dr. J.P. Abrahams (voorzitter) • prof. dr. J. van den Broek • I. Bronstring • A. Brouwer • drs. J.C.M. Damen • prof. dr. A.J.W. van der Does • B. van der Donk • J. Egberts • dr. H. Heestermans • prof. dr. J.J.M. van Holsteyn • mr. F.E. Jensma • prof. dr. J.C. de Jong • D. van der Klugt • A. Liemburg• dr. D.J.W. Meijer • R. Nieuwenkamp • drs. R. Rijghard Jaarabonnementen

Een jaarabonnement op Mare loopt van september t/m juni. Belangstellenden kunnen Mare thuisgestuurd krijgen door € 35,- over te maken op bankrekening 10.32.57.950 ten name van Universiteit Leiden inzake Mare. Studenten betalen € 25,-. Zij maken dit bedrag over op bovenstaand bankrekeningnummer onder vermelding van hun studentnummer. Adreswijzigingen

Alleen schriftelijk met postwikkel. Klachten en opmerkingen over de toezending van Mare 071-5277272. Mededelingen voor het op donderdag verschijnende nummer moeten uiterlijk de voorafgaande donderdag 16.00 uur in het bezit van de redactie zijn. ISSN 0166-3690

Nood breekt wet Als man moet je in je leven drie dingen doen: een kind verwekken, een boek schrijven en een huis bouwen. Begin volgend jaar wordt mijn dochter geboren. In januari verschijnt mijn debuutroman Nood breekt wet. Nog een huis bouwen en ik kan sterven. Het schrijven van een boek is een hele klus. Toen ik onlangs het definitieve manuscript inleverde bij uitgeverij Prometheus dacht ik dat het klaar was. Ik moest alleen nog even langs de afdeling verkoop voor wat administratieve zaken. Na een uurtje praten met een jongen die een glimmende stropdas droeg had ik in de gaten dat het echte werk nog moest beginnen. Ik belandde in een nieuwe wereld. Een wereld waarin mensen helemaal geen boeken kopen. Mensen bekijken in de winkel de achterflaptekst en de omslag. Zij kopen dus eigenlijk alleen de buitenkant. En niet de binnenkant waar ik de afgelopen twee jaar elke avond aan had zitten werken. Ontnuchterend. Ik opperde nog dat recensenten wel de binnenkant beoordeelden en dat mensen op basis daarvan een boek kochten. De verkoopjongen glimlachte minzaam en knikte: Ik had gelijk. Tot twee jaar geleden waren recensies inderdaad belangrijk. De laatste twee jaar was er echter geen enkele relatie meer tussen recensies en verkoopcijfers. Alleen exposure was nog belangrijk, vooral op de televisie. Onlangs heb ik mijn tv-debuut gemaakt, als ouderdomswetenschapper. Ik moest ervoor geschminkt worden. Drie keer een half uur had de redacteur het gesprek van twee minuten met mij doorgesproken. De conversatie was helemaal uitgeschreven. De presentator zelf, nog dikker in de schmink dan ik, schudde mij alleen vlak voor de uitzending nog even snel de hand. Hij was razend

enthousiast en sprak in enkel superlatieven, een trekje dat ik meer zag in Hilversum die dag. Nadat ik gezenderd was, haalde een jongen me uit mijn kleedkamer. ‘We gaan even je opkomst oefenen’, zei hij. Ik zag een trap voor me, waarvan de treden oplichtten terwijl ik er vanaf liep en een showband die met een roffel op het drumstel mijn opkomst aankondigde. In de studio bleek het te gaan om vier stappen naar een wit kruisje bij de statafel waar het gesprek zou plaatsvinden. Toen de camera’s aangingen, deed ik op het juiste moment mijn pasjes gevolgd door mijn tekstje. Het was geen gesprek, het was een toneelstukje. Nood breekt wet vertelt het verhaal van een jonge tropenarts die na negen jaar studeren wordt uitgezonden naar een door God verlaten uithoek in Afrika. Maar daar gaat het uiteraard niet over. Het gaat over de confrontatie van de dromen en idealen van jonge mensen met de harde realiteit. Volgens psychologen zijn debuutromans negentig procent autobiografisch. Onlangs ben ik gepromoveerd op mijn onderzoek in Afrika. Mijn opleiding is voltooid, tijd voor de harde realiteit. De eerste klap is dat ik afscheid moet nemen van de Mare. Mij rest nog slechts fictie. Verzinnen om te vergeten. Een columnist is teveel aan de waarheid gebonden. Ik zal u missen, het ga u goed. O ja, de verkoopjongen drukte me nog op het hart dat ik u Nood breekt wet aanbeveel. Het heeft inmiddels al drie omslagen gekend, ik hoop dat de laatste u zo goed bevalt als de afdeling verkoop vermoedt. David van Bodegom

Staflid Leyden Academy of Vitality and Ageing


1 december 2011 · Mare 3 Foto Marc de Haan

Mensen

Ruud Heesterbeek

David Kok

Jorinde van de Vis

Gemiddeld een 9,5 ‘Maar je gaat er niet meteen vanuit dat je de beste bent’

Drie Leidse studenten ontvingen vorige week van de Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen de Jong Talentprijs van 500 euro. Ze haalden gemiddeld het hoogste cijfer binnen hun studie. Door Dirk-Jan Zom Twee wisten dat het

erin zat, maar voor één student was het een totale verrassing. Ruud Heesterbeek (19), student informatica: ‘Ik wist niet dat er zoiets bestond. Tijdens een college kwam de studieadviseur naar me toe met een enveloppe. Ze zei: “Je hebt een prijs gewonnen.”’ Heesterbeek haalde gemiddeld een

9,5 in zijn eerste jaar. David Kok (18), student wiskunde en natuurkunde haalde een 9,0. Jorinde van de Vis (19), studente natuurkunde weet het niet precies, maar haalde ‘geloof ik een 8,9’. Van de Vis wist er wel vanaf, zegt ze. ‘Dat werd ons op de eerste dag verteld. Maar je zit tussen honderd eerstejaars. Je gaat er niet direct vanuit dat je de beste bent.’ Ook Kok was er verder niet mee bezig. ‘Zonder prijs had ik mijn best ook wel gedaan. Maar ik had al wel een beetje door wie er zessen haalde en wie achten. Ik dacht: het zouden deze vijf kunnen zijn.’ Wat is hun geheim? Van de Vis: ‘Ik doe wel mijn best. Bij het leren van

een tentamen doe ik niet mijn boek dicht als ik denk: dit is wel een zesje.’ Ook Kok denkt dat het met inzet te maken heeft. ‘Er wordt aan de lopende band gezegd dat het hard werken is. Slim zijn, de dingen zien, dat helpt wel, maar dat is maar een deel. Ik had wel een beetje voorsprong, omdat ik al twee keer aan de Wiskundeolympiade heb meegedaan.’ Het is niet zo dat ze hiernaast geen tijd meer over hebben voor iets anders. Kok besteedt ongeveer zestig uur per week aan zijn studie. Hiernaast is hij lid van Quintus, waar hij ongeveer twee keer per week komt. ‘Ik heb eigenlijk altijd wel om negen uur ’s ochtends college. Maar dat lukt

altijd wel, soms ben ik alleen het eerste kwartier minder scherp.’ Van de Vis besteedt ongeveer veertig uur per week aan haar studie. Ze is lid van SSR en doet aan fitness. ‘Het is goed om je hoofd leeg te maken.’ Heesterbeek tennist één of twee keer per week in Heemskerk, waar hij woont bij zijn ouders. ‘Ik heb genoeg tijd over.’ Alleen Jorinde heeft het plan later de wetenschap in te gaan. ‘Het lijkt me heel gaaf. Dat is wel een van de redenen waarom ik wel natuurkunde wilde studeren. Het is een studie waarin je onderzoek kunt gaan doen, als je dat wilt. En dat lijkt me leuker dan een baan die maar een vage relatie heeft met je studie.’ Heesterbeek wil liever

Frutti di Mare

Net als in het circus ‘Dit is onze eerste les, wij weten er nog niet zoveel van.’ Twee studenten zijn als eerste binnengekomen in de kleine gymzaal. Daar hangen vier grote gekleurde doeken, eronder liggen vier matjes. De Griekse instructrice Eftihia Chrisovergi loopt heen en weer. ‘Ik moet even voorbereiden.’ Langzaam druppelen meer meisjes binnen. Het is les twee van de cursus Aerial Acrobatics, die vorige week van start ging bij het universitair sportcentrum. Dit is een sport waarin je gebruik maakt van een langwerpige doek dat hoog in de zaal is opgehangen. Door je lichaam of benen in die zogeheten tissu te wikkelen, kun je in allerlei houdingen boven de zaal zweven. Jana Nieuwenhuis was wel al bij les één en geeft zelf de cursus pole fitness. Ze vindt het de cursus ‘een uitdaging’, zegt ze. ‘Je ziet het op tv, nu kun je het zelf doen.’ De muziek gaat aan en de elf deel-

Door Dirk-Jan Zom

neemsters beginnen rondjes te rennen door de zaal. Op commando van Eftihia lopen ze op hun tenen of rijken met hun armen naar de lucht, gevolgd door pushups en buikspieroefeningen. Pas na een half uur kunnen ze beginnen. Eftihia doet het eerst zelf nog eens voor. Ze slaat een uiteinde van het tissu, die uit twee delen bestaat, om haar voet en plaatst haar andere voet eronder. Zo klimt ze omhoog. De deelnemers volgen haar voorbeeld. Een meisje hangt tussen de twee doeken in met haar armen gespreid, Jana hangt inmiddels al ondersteboven. Met trillende handen stapt ze na een aantal oefeningen terug. Eftihia hangt inmiddels in spagaat tussen de doeken. ‘Oh dat kan ik echt niet’, klinkt het uit de groep. Het lukt meerdere deelnemers daarna toch. Melissa Hendriks heeft jarenlang geturnd, ook deed ze de cursus pole fitness.

‘Ik kende dit al van het circus. Dan zie je al die mensen in doeken hangen. Toen kwam ik hier en dacht ik: “Dat wil ik ook.” Het is wel veel zwaarder dan ik dacht.’ Dat vindt Anne Driessen ook. De spieren in haar onderarm voelen keihard aan. ‘Na de cursus zetten we één voor één alle vingers weer goed’, grapt ze. Ook Anne heeft geturnd en deed pole fitness. ‘Maar ik was die paal wel een beetje zat. Dit was nieuw, een kick.’ Efitha doet een nieuwe oefening voor. ‘Het is net knopen’, zegt Jana, toekijkend. ‘En dan kom je er niet meer uit’, zegt Melissa. ‘Remember the way you get in’, roept Eftihia. Een deelnemer vormt even later een cocon in het doek. Een andere spreidt haar armen, terwijl ze op het smalle stuk tissu voor haar hangt. Eftihia geeft aan dat het tijd is voor de cooling down. Daarna eindigt de cursus in een kring met een applaus.

Foto Marc de Haan

iets praktisch. Dat is ook waarom hij zijn studie leuk vindt: ‘Je zit niet heel de tijd met je neus in de boeken. Je bent ook aan het programmeren.’ Met medestudenten werkte hij aan een Android-app, die roosterwijzigingen moet doorgeven. Kok plant voorlopig niet al te ver vooruit, zegt hij. Dat doen ze alle drie ook niet met het geld dat ze wonnen. Geen van allen weet nog waar de vijfhonderd euro aan op zal gaan. Al staat voor Van de Vis één uitgave in ieder geval vast. ‘Op een gegeven moment was duidelijk dat ik of een medestudent zou gaan winnen. Toen hebben we afgesproken dat de winnaar de ander op een biertje trakteert.’


4  Mare · 1 december 2011 Nieuws

Rotterdam tegen fusie Meer dan de helft van de studenten en medewerkers van de Erasmus Universiteit Rotterdam is tegen een mogelijke fusie met de Universiteit Leiden en de Technische Universiteit Delft. Dat blijkt uit een enquête die Erasmus Magazine hield onder 3133 studenten, 558 wetenschappers en 282 man ondersteunend personeel. 57 Procent is tegen een fusie. In Delft was dit 72 procent. Felste weerstand komt van de wetenschappers, die vinden dat de besturen zich laten leiden door de internationale ranglijsten van universiteiten: een fusie zou een hogere notering opleveren. Verder bestaat er weinig vertrouwen in een goede afloop van de operatie. Andere bezwaren zijn dat een fusie leidt tot een bureaucratische organisatie, de Erasmus zijn goede naam moet behouden en studenten een nummer worden. Ook is een fusie niet nodig voor betere samenwerking, aldus de respondenten, die niet tegen intensievere samenwerking waren.

Tegen bezuiniging De Landelijke Studentenvakbond LSVb is deze week een petitie gestart tegen de bezuinigingen op het hoger onderwijs. Op betaalbaarstuderen.nl worden de al doorgevoerde en geplande bezuinigingen nog eens op een rijtje gezet. De petitie roept het kabinet op om de bezuinigingen te heroverwegen of er uitzonderingen in aan te brengen. Het gaat dan bijvoorbeeld om de langstudeerboete, het plan de studiebeurs in de masterfase af te schaffen of het inkorten van het gratis reisrecht. De petitie staat sinds maandag 28 november online. Op woensdagmiddag, het moment dat deze krant naar de drukker ging, hadden ruim 4.000 mensen de petitie getekend.

Penning voor Zegveld Hoogleraar Internationaal Humanitair Recht Liesbeth Zegveld krijgt op 15 december de Clara Wichmann Penning 2011. Deze penning wordt elk jaar door de Liga voor de Rechten van de Mens en de Stichting J’accuse uitgereikt aan een persoon of instelling die zich heeft ingezet voor de verdediging van de rechten van de mens. Zegveld krijgt de penning vanwege haar inzet voor mensen van wie rechten worden geschonden door wetgeving of handelen van de Nederlandse Staat. Zo treedt ze op als advocaat van de nabestaanden van de slachtoffers van de genocide in Srebrenica en van de weduwen van Rawagedeh, in Indonesië. Naast haar hoogleraarschap is Zegveld partner bij Böhler Advocaten.

Personeel krimpt Het personeelsbestand van de Universiteit Leiden is de afgelopen vijf jaar ietsje gedaald, zo blijkt uit de publicatie Personeel in Cijfers. In totaal werkten er aan eind van vorig jaar 3755 mensen aan de universiteit. Eind 2006 waren dat er nog 3916. De daling zit hem vooral in het ondersteunend en beheerspersoneel. Het percentage vrouwelijke medewerkers is in dezelfde periode ietsje gestegen. Van de promovendi is inmiddels bijna de helft vrouw – en als je de bètafaculteit niet meetelt, is dat zelfs twee derde. Het percentage vrouwelijke hoogleraren blijft daar nog bij achter: van de professoren is 17,6 procent vrouw.

Aanpak fraude goed Staatssecretaris van Onderwijs Halbe Zijlstra vindt dat de wetenschappelijke wereld voortvarend omgaat met gevallen van fraude in de wetenschap, zoals de frauderende ex-hoogleraar Diederik Stapel. Dat schrijft hij in antwoord op Kamervragen van de PvdA en SP. Zijlstra is positief over de door de KNAW aangestelde commissie die onderzoek gaat doen naar wetenschappelijke integriteit. De staatssecretaris vindt niet dat de Nederlandse Gedragscode Wetenschapsbeoefening onvoldoende heeft gefunctioneerd.

‘Maar hoe gaan we dat doen?’ Raad sceptisch over gewenst marktaandeel van 10 procent Het college van bestuur blijft vasthouden aan de ambitie om een marktaandeel van 10 procent te veroveren. Door Vincent Bongers De universiteitsraad is sceptisch en vindt het getuigen van weinig realisme. De laatste jaren schommelt het marktaandeel tussen de 7,5 en 8 procent. Een deel van het geld dat de universiteiten krijgen is gekoppeld aan het aantal studenten dat zij trekt.

Stijgt het marktaandeel, dan komt er ook meer geld uit Den Haag. Ook dit jaar is er geen groei van het Leidse marktaandeel te verwachten. Daarnaast doet zich nog de ontwikkeling voor het ministerie meer gaat betalen naar kwaliteit dan kwantiteit. Is de marktaandelenstrijd nog wel relevant? ‘Het is nog lang geen tien procent’, vroeg André Maaskant (SGL/CSL) aan secretaris Paul van Slooten. ‘Wat gaan we daar aan doen?’ ‘De kloof is nog groot’, erkende Van Sloo-

ten. ‘Maar we maken kleine stapjes vooruit. Er is sprake van enige verbetering. Het is een proces van lange adem.’ Als potentiële studententrekkers noemde hij international studies, een opleiding die volgend jaar in Den Haag van start gaat. ‘Daar is veel belangstelling voor.’ Ook wil de faculteit Sociale Wetenschappen in 2013 een Engelstalige bachelor psychologie aanbieden. Ook vermeldde hij de sterke groei van de rechtenfaculteit. Verder legde hij uit dat de komst van een aantal nieuwe oplei-

dingen werd gedwarsboomd door de commissie doelmatigheid. Die adviseert het ministerie over het nut van nieuwe studies en opleidingen. Tim Fleur (SGL/CSL) vond dat de plannen van het college maar voor een paar honderd extra studenten gaat zorgen en dat is ‘vrij mager.’ Het zou getuigen van realisme als het college het getal van tien procent wat naar beneden bijstelt, vond hij. Volgens Maaskant kunnen we de voorgenomen stijging wel ‘op onze buik schrijven.’

Studentenorganisaties ontevreden over landelijke fixus De studentenorganisaties LSVb en ISO zijn niet blij met besluit van de universiteiten om vanaf collegejaar 2013-2014 een landelijke fixus in te stellen voor massastudies als bedrijfseconomie, rechten en psychologie. Het is geen goed idee’, zegt Pascal ten

Have, de voorzitter van de LSVb. De toegankelijkheid van het hoger onderwijs komt zo onder druk te staan.’ Volgens het ISO zullen duizenden studenten die niet meer kunnen studeren wat ze willen, een andere opleiding gaan volgen dan ze eigenlijk van plan waren. De LSVb vindt dat de universi-

teiten kiezen voor een makkelijke oplossing om te voldoen aan de bezuinigingswens vanuit Den Haag. Het invoeren van een fixus en de bijhorende selectie zijn niet de juiste oplossingen om kwalitatief onderwijs te blijven bieden. De universiteiten moeten overigens nog een besluit nemen over het

maximaal aantal studenten dat zij willen toelaten bij grote studies. Het kan best mogelijk zijn dat de fixus dicht komt te liggen bij het aantal studenten dat jaarlijks gemiddeld instroomt. De universiteiten willen vooral ook een signaal afgeven aan het kabinet. VB

Leiden komende jaren zwarte cijfers Bestuurders mogen meer verdienen Het komende jaar staat de universiteit er financieel goed voor, zo blijkt uit de conceptbegroting voor de periode 2012-2015. In 2012 wordt er een plus van bijna achttien miljoen euro genoteerd. In 2011 verwachtte de universiteit een nog beter positief resultaat: twintig miljoen euro. In 2013 wordt een veel kleiner overschot verwacht: 2,2 miljoen. Het jaar daarop stijgt dat weer aanzienlijk en staat de universiteit ruim veertien miljoen in de plus. In 2015 wordt dat bedrag weer gehalveerd. In 2008 werd jaarrekening nog met stevige rode cijfers geschreven. Toen was er een tekort van bijna zestien miljoen. Vanaf 2009 is de financiële situatie sterk verbeterd.

Er zijn wel fors bezuinigingen voor nodig geweest om uit de min te komen. Zo sneuvelde hele afdelingen bij biologie en werd er stevig gesneden in talen bij Geesteswetenschappen. Ook stopte de universiteit met het subsidiëren van het LAKtheater. Vanaf 2007 bezuinigde de universiteit 35 miljoen euro. Het college van bestuur hoopte dat zij voldoende had gesneden maar extra Haagse kortingen betekent nog eens 15 miljoen snoeien de komende jaren. De faculteiten en diensten moeten op termijn vijf procent schrappen op hun budget. Per ingang van 2012 wordt er al een procent gekort op alle budgetten. De bètafaculteit wil alvast een streep door de afdeling medische farmacologie zetten. VB

Minister Van Bijsterveldt van Onderwijs wil het maximale salaris dat universiteitsbestuurders mogen verdienen verhogen. De bestuurder mogen van de minister 223.666 euro per jaar gaan verdienen. In juni wilde de minister nog dat een salaris maximaal 217.000 euro zou bedragen. Dit blijkt uit het wetsvoorstel normering bezoldiging topfunctionarissen publieke- en semipublieke sector (WNT) die Van Bijsterveldt aan de Tweede Kamer voorlegt. De minister kwam tot het inzicht om het maximum te verhogen nadat ze had overlegd met ‘iedere onderwijssector.’ Blijkbaar hebben de universiteiten effectief gelobbyd. De minister legt haar keuze uit: ‘Universiteiten zijn,

door hun substantiële onderzoekscomponent, qua zwaarte van de bestuursfunctie gelijkwaardig aan onderzoeksinstellingen zoals de NWO en de KNAW.’ De minister beschouwt een verhoging van het maximum bedrag met 6666 euro ‘als meer passend’ dan het oorspronkelijk geopperde salarisplafond. Zo hoopt de minister ook op ‘meer draagvlak uit de sector’. De best beloonde bestuurder aan de universiteit Leiden is rector magnificus Paul van der Heijden. Hij ontving volgens het jaarverslag over 2010 een salaris van € 167.424 maar daarbovenop ontvangt hij een pensioenvoorziening van enkele tienduizenden euro’s (€ 43.622, verleden jaar). Hij blijft dan ook onder het oude en nieuwe maximum. VB


1 december 2011 · Mare 5 Nieuws

Verplicht je P, of niet? Raad en college onderhandelen over bekostiging bestuursjaar De Leidse verenigingen en assessoren hebben een nieuw voorstel voor de vergoeding van een bestuursjaar gedaan. Hiermee hoopt de Universiteitsraad een akkoord te bereiken met college van bestuur. Maar de propedeuse-eis lijkt nog een struikelblok. Door Harmke Berghuis en Vincent Bongers Eerder kwamen de raad en het

college nog niet tot een akkoord, waarop de raad werd verzocht zelf met een voorstel te komen voor een vergoeding. De raad stelde toen

oud-voorzitter Arno Geleijnse aan om samen met de verenigingen en assessoren een plan te schrijven. Belangrijke wijzigingsvoorstellen zijn het afschaffen van de ovvergoeding en het vaststellen van de waarde van een bestuursmaand in plaats van deze mee te laten stijgen met studiefinanciering en collegegeld. De ov-vergoeding kan vervallen door uitbetaling van de bestuursvergoeding uit te stellen tot het vijfde of zesde studiejaar. De student kan dan in het bestuursjaar ingeschreven blijven bij DUO en de ov-jaarkaart behouden. Door het vaststellen van de vergoeding van het collegejaar zullen

langstudeerders echter geen extra compensatie ontvangen voor de langstudeerboete. Wel willen de indieners dat het mogelijk blijft om zonder propedeuse op zak aan het bestuursjaar te beginnen. De vergoeding zou dan ontvangen worden wanneer aan het eind van het bestuursjaar de propedeuse alsnog behaald is. Het college stelt echter als eis dat de propedeuse volledig behaald moet zijn voordat aan het bestuursjaar wordt begonnen. Geleijnse: ‘Het zal een behoorlijk discussiepunt worden.’ Dat sentiment werd maandag gedeeld door de studentenpartijen in de universiteitsraad. Sterker nog

zij verwachten een groot probleem. Het idee om studenten zonder propedeuse ook de kans te geven om te besturen werd bij een vorige raadsvergadering ‘door het college van tafel geveegd’, aldus Tim Fleur van de CSL/SG-fractie. ‘Er werd klip en klaar gesteld dat aan die eis niet valt te tornen.’ De raad is akkoord met het voorstel van Geleijnse en zal dat nu voorleggen aan het college. Als het college het plan niet accepteert dan moet er opnieuw onderhandeld worden. Dan dreigt echter een impasse want het lijkt onwaarschijnlijk dat de studentenpartijen de propedeuse-eis van het college accepteren.

‘Al het talent is nodig’ Promovenda Serena Does vindt het ‘niet zo sjiek’. De Nederlandse Organisatie voor Wetenschap en Onderzoek (NWO) kondigde vorige week aan dat ze het Mozaïekprogramma per 2013 zal beëindigen. Deze beurs is bedoeld om doorstroming van allochtone talenten naar een promotieplaats te bevorderen. Does kreeg in 2008 een Mozaïeksubsidie van NWO. Voor haar heeft het geen consequenties, maar ze vindt het vreemd dat het Mozaïekprogramma wordt stopgezet, terwijl grotere programma’s worden gecontinueerd. Verder krijgt het Aspasia-programma, bedoeld voor vrouwen in

de wetenschap voortaan 3,5 miljoen in plaats van 4 miljoen euro. Het Toptalentprogramma dat sinds 2008 niet meer draaide, keert ook niet meer terug. De aanvraag voor een Rubiconsubsidie wordt strenger. Een woordvoerder van NWO legt uit dat de organisatie zich vooral wil richten op de fase na de promotie. Does: ‘Naar de Vernieuwingsimpuls (Veni-, Vidi- en Vici-subsidies, red.) gaat nog steeds 150 miljoen euro. Het Mozaïekprogramma kost NWO 2 miljoen en het rijk 2 miljoen euro. Vier miljoen euro is heel erg weinig. Iedereen moet bezuinigen, dat snap ik. Maar omdat alleen het Mozaïekprogramma stopt, lijkt het een disproportionele maatregel.’

Toch is niet iedereen enthousiast over de subsidies. Ornelia Ramos kreeg in 2008 een Mozaïeksubsidie. ‘Maar het merendeel was ook zonder Mozaïeksubsidie ook aan een promotieplaats gekomen.’ Hoogleraar migratiegeschiedenis Marlou Schroover zat in verschillende NWO-commissiess en kreeg zelf een Aspasia-premie: ‘Ik zei altijd, gooi het geld van Aspasia en Mozaïek in de poule voor toptalenten. Er zitten veel goede kandidaten bij, die vallen dan ook in de prijzen.’ Dat het geld nu niet meer beschikbaar is, vindt ze jammer. Promovendus bij geschiedenis Ali al Tuma zegt dat het hem wel hielp. ‘Zonder de beurs, had ik niet in Lei-

den mijn promotie kunnen doen.’ Hij denkt wel dat het bij geesteswetenschappen moeilijker is een promotieplek te krijgen dan bij exacte of medische studies. Marinel Gerritsen, secretaris van het Landelijk Netwerk Vrouwelijke Hoogleraren: ‘Slechts 13,4 procent van de hoogleraren is vrouw. En vrouwen en allochtonen stappen in de wetenschap te weinig zelf naar voren. Ik snap dat er bezuinigd moet worden. Maar de babyboomgeneratie gaat met pensioen. Een groot aantal hoogleraren is boven de 60+, die moeten vervangen worden. We hebben al het talent nodig, als we een belangrijke kenniseconomie willen blijven.’ DJZ

Diefstallen bij FSW Een medewerker van de faculteit Sociale Wetenschappen werd overdag in haar kantoor bestolen terwijl ze zat te typen. Ze voelt zich onveilig op haar werkplek en hoopt dat de universiteit meer camera’s gaat plaatsen. Psycholoog en universitair docent Lorenza Colzato zat op vrijdag achttien november om tien uur ’s ochtends te werken aan een paper. De deur van haar kamer stond open zodat studenten en collega’s vrij konden binnenlopen. Toen ze merkte dat iemand in haar kamer was, draaide ze zich en zag nog net een wegduikend silhouet. Haar tasje met daarin portemonnee, rijbewijs, verblijfsvergunning en dergelijke waren verdwenen. Colzato: ‘Extreem brutaal. Dat dit op Amsterdam Centraal gebeurt, oké. Maar dit is mijn werkplek en daar moet ik me beschermd weten. De faculteit heeft camerasurveillance maar de dader moet vertrouwd zijn geweest met het gebouw want hij nam de achteruitgang.’ En daar stond net een busje. Bovendien werd er tegelijk een open dag georganiseerd waardoor veel bezoekers in het gebouw aanwezig waren. Colzato hoopt dat de universiteit meer camera’s gaat plaatsen. De diefstal is geen incident in het Pieter de la Courtgebouw. Op acht november werd een waarschuwingsmail gestuurd naar alle medewerkers met de medewerking dat er die dag verschillende portefeuilles waren gestolen. Stafmedewerker Neeltje Plug verstuurde die mail. ‘Er zijn die dag drie diefstallen geweest. Zo’n oplevinkje zie je een aantal malen per jaar. Dan gaat er meteen een waarschuwingsmail de deur uit om iedereen erop te wijzen alles op slot te doen.’ Volgens Plug zijn er ook in het KOG meer diefstallen gerapporteerd. Maar meer camera’s komen er niet, zegt ze. ‘Het is een groot gebouw, dat kost zo veel centjes. Dat weegt niet op tegen die diefstallen.’ TB

Verhaal van appels en peren Er zitten grote verschillen tussen de profileringsfondsen van de universiteiten, stelt de LSVb vast. Studievertraging kost geld. Wie studievertraging oploopt, kan een aanspraak doen op een potje dat elke universiteit daarvoor klaar heeft staan: het zogeheten profileringsfonds. Het heet zo omdat universiteiten grotendeels zelf mogen weten welke vertragingen ervoor in aanmerking komen. De fondsen zijn bedoeld voor mensen die achterlopen door ziekte of zwangerschap, maar daarnaast kunnen universiteiten besluiten geld te geven aan studenten die kunst maken, topsporten, heel slim zijn of bestuurswerk doen. Er zit behoorlijk wat verschil tussen hoeveel universiteiten in die pot doen, blijkt uit onderzoek van de Landelijke Studenten Vakbond. Koploper Wageningen heeft twee miljoen aan profileringsfonds klaarliggen: iets meer dan 300 euro per student. In Leiden bevat het potje Financiële Ondersteuning Studenten acht ton; € 42,54 per student. De grote verschillen zijn vooral een appels-en-perenverhaal: van die Wageningse twee miljoen is negen ton bedoeld als beurs voor buitenlandse studenten, maar die groep kun je ook

bespelen door je collegegeld te verlagen. Onderzoekende studenten kun je een aanstelling geven als studentassistent, in plaats van een beurs. Hoeveel er aan instellingen beschikbaar is voor de echte tragische gevallen, is vaak onduidelijk. De LSVb is echter bezorgd over de verschillen: ‘Ze leiden tot ongelijke behandeling van studenten en zorgen voor veel onduidelijkheid’, aldus hun persbericht. Voorzitter Pascal ten Have geeft toe dat zich nog geen klagende studenten bij hem hebben gemeld. ‘We kijken vooral naar wat er straks gaat gebeuren als er meer druk op die fondsen komt. Met de langstudeerboete is meer geld nodig om studievertraging te compenseren. Veel van die fondsen zitten nu al krap. Er zijn ook geen richtlijnen over hoe het moet werken. Iemand die zijn rug breekt en daardoor een jaar in bed moet blijven, kan van de ene universiteit een jaar compensatie krijgen, elders een half jaar en bij weer een andere instelling helemaal niets. Dat kan natuurlijk niet; studenten moeten overal op dezelfde manier geholpen kunnen worden. Ik denk ook dat deze groep beter via een andere geldstroom geholpen kan worden.’ BB

Gratis vechten

Bezoekers van het universitair sportcentrum krijgen instructie in Tai Chi. Afgelopen zaterdag konden bezoekers daar gratis demonstratielessen volgen in vijf verschillende Oosterse vechtsporten. Foto Taco van der Eb


6  Mare · 1 december 2011 Maretjes extra

Maretjes De prijs voor een Maretje bedraagt €8,– per 30 woorden, opgegeven via redactie@ mare.leidenuniv.nl uiterlijk t/m maandag 16.00 uur. Maretjes aangeboden voor commerciële doeleinden worden niet geplaatst, evenmin als Maretjes waarin zaken worden aangeboden die de waarde van 4.500 euro te boven gaan. Vrijdag 2 december: discussie over Organizing en Empowerment. Organizen is een manier om mensen te organiseren en in actie te brengen; om te vechten voor hun belangen. Dat lukt op de werkvloer (bijvoorbeeld de succesvolle schoonmakersstaking), en op andere gebieden. Door organizing nemen mensen het lot in eigen hand: het leidt tot empowerment. 20:00 uur, Middelstegracht 38. www.doorbraak.eu. Doe iets met je kennis. Help een leerling op streek in 1 uur per week. Drie leerlingen uit groep 7 en 8 zoeken dringend hulp bij taal, rekenen en studievaardigheden; Marokkaans meisje, Engels, 3VMBO TL; Egyptische jongen, Nederlands, aardrijkskunde, brugklas; Ma-

rokkaans meisje, Nederlands, brugklas; Surinaams meisje, Engels, 3VMBO TL; Marokkaanse jongen, biologie, 2VMBO en een Marokkaans meisje, economie, 4VMBO. Twee leerlingen Speciaal Onderwijs hebben bijles nodig; 36 leerlingen Ba.O.groep 3 t/m 6 zoeken hulp bij taal en/ of rekenen, van wie vijf met vergoeding. Bijles in Onderwijswinkel, buurthuis Vogelvlucht, of bij leerling of bijlesgever thuis. Onderwijswinkel, Driftstraat 77, ma-, wo en do. 15-17 u. Tel: 5214256, LET OP ons e-mailadres is: st.onderwijswinkel@ planet.nl. Kleine leuke kinderdagverblijf in centrum is op zoek naar invalkracht op maandag en woensdag. Als je student pedagogiek of psychologie 3de of 4de jaars bent, kun je contact opnemen met De Kresj tel 071566 15 96 vragen naar Jolanda. Italian Computer Science Professor searches apartment in Leiden (ideal period: 5 February - 5 March 2012). Please contact Simona Ronchi della Rocca (ronchi@di.unito.it), citing a possible price and the location.

Maretjes-extra zijn bedoeld voor semi-commerciële instanties. De prijs voor een Maretje-extra is € 23,– incl. BTW voor elke vijfendertig woorden. U kunt deze advertenties uiterlijk op de vrijdag vóór het verschijnen van Mare opgeven bij Bureau van Vliet B.V., postbus 20, 2040 AA Zandvoort, telefoon 023-571 47 45. E-mail: Zandvoort@bureauvanvliet.com Recent afgestudeerde docente Frans geeft weer bijlessen/ examentrainingen Frans op alle niveau’s. Ook mogelijkheden voor conversatielessen, individueel of in groepjes. Centrum Leiden, goede resultaten, referentie aanwezig. Bel voor vrijblijvende info en prijsopgave 06-28324012. Ook evt. bijles Engels en Nederlands.” Lector Studiebegeleiding zoekt nieuwe medewerkers! Enthousiaste studenten gezocht voor het geven van huiswerkbegeleiding op onze vestigingen in omgeving Leiden en Den Haag. Minimaal twee middagen per week, vwo diploma vereist. Bekijk de vacature op www.lectorstudiebegeleiding.nl of bel naar 088-2211444.

Academische Agenda Prof.dr. F.A. Ossendorp zal op vrijdag 2 december met het uitspreken van de oratie benoemd worden tot hoogleraar aan de Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen om werkzaam te zijn op het gebied van Moleculair Gedefinieerde Vaccinbiologie. Y.C. Harris zal op dinsdag 6 december om 10.00 uur promoveren tot doctor in de Geesteswetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘Scorescapes: On Sound, Environment and Sonic Consciousness’. Promotor is Prof. dr. F.C. de Ruiter. K.J.E. Torstensson zal op dinsdag 6 december om 11.15 uur promoveren tot doctor in de Wiskunde en Natuurwetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘Methanol masers and millimetre lines: a common origin in protostellar envelopes’. Promotor is Prof.dr. E.F. van Dishoeck. M. Izadi zal op dinsdag 6 december om 13.45 uur promoveren tot doctor in de Wiskunde en Natuurwetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘Model Checking of Component Connectors’. Promotoren zijn Prof.dr. F. Arbab en Prof.dr. Ali Movaghar (Sharif University, Iran). W.P. Vermeij zal op dinsdag 6 december om 15.00 uur promoveren tot doctor in de Wiskunde en Natuurwetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘Antioxidant properties of small prolinerich proteins’. Promotor is Prof.dr. J. Brouwer. B. Stieltjes zal op dinsdag 6 december om 16.15 uur promoveren

tot doctor in de Geneeskunde. De titel van het proefschrift is ‘On connectivity in the central nervous system, a magnetic resonance imaging study’. Promotoren zijn Prof.dr. M.A.van Buchem en Prof.dr. M. Essig (Heidelberg, Duitsland). S. Ali zal op woensdag 7 december om 10.00 uur promoveren tot doctor in de Wiskunde en Natuurwetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘Zebrafish Embryos and Larvae: A New Generation of Disease Model and Drug Screens’. Promotor is Prof.dr. M.K. Richardson. H. Nugteren zal op woensdag 7 december om 11.15 uur promoveren tot doctor in de Geesteswetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘Mongolic Phonology and the Qinghai-Gansu Languages’. Promotor is Prof.dr. F.H.H. Kortlandt. J.J. Stöger zal op woensdag 7 december om 13.45 uur promoveren tot doctor in de Archeologie. De titel van het proefschrift is ‘Rethinking Ostia: a spatial enquiry into the urban society of an Imperial port-town’. Promotor is Prof.dr. J.L. Bintliff. N.E. Kokshoorn zal op woensdag 7 december om 15.00 uur promoveren tot doctor in de Geneeskunde. De titel van het proefschrift is ‘Hypopituitarism: Clinical assessment in different conditions’. Promotoren zijn Prof. dr. J.W.A. Smit en Prof.dr. J.A. Romijn. G.M. van der Weele zal op woensdag 7 december om 16.15

Advertenties

uur promoveren tot doctor in de Geneeskunde. De titel van het proefschrift is ‘Depressive symptoms at old age’. Promotoren zijn Prof.dr. J. Gussekloo, Prof. dr. R.C. van der Mast en Prof.dr. W.J.J. Assendelft. N. Daskalakis zal op donderdag 8 december om 11.15 uur promoveren tot doctor in de Geneeskunde. De titel van het proefschrift is ‘Nurturing Nature: Testing the Three-hit Hypothesis of Schizophrenia’. Promotor is Prof.dr. E.R. de Kloet. K. Visser zal op donderdag 8 december om 13.45 uur promoveren tot doctor in de Geneeskunde. De titel van het proefschrift is ‘Towards Improved Treatment of Undifferentiated and Rheumatoid Arthritis’. Promotoren zijn Prof.dr. T.W.J. Huizinga en Prof.dr. D.M.F.M. van der Heijde. J.A. van Essen zal op donderdag 8 december om 15.00 uur promoveren tot doctor in de Archeologie. De titel van het proefschrift is ‘Tracing Transitions: an overview of the evolution and migrations of the genus Mammuthus Brookes, 1828 (Mammalia, Proboscidea)’. Promotor is Prof.dr. M. van Kolfschoten. H.H. Kruijswijk zal op donderdag 8 december om 16.15 uur promoveren tot doctor in de Geesteswetenschappen. De titel van het proefschrift is ‘Baas in eigen Boek? Evolutietheorie en Schriftgezag bij de Gereformeerde Kerken in Nederland (18811981)’. Promotor is Prof.dr. E.G.E. van der Wall.

15% korting op de gehele collectie* op vertoon van je studentenpas! *Vraag naar de voorwaarden in de winkel

Leiden City – Haarlemmerstraat 168 – Leiden www.pieces.com

Literair talent

opgelet! Win € 250

met Mare-selexyzkerstverhalenwedstrijd

advertenties

drukken

Schrijf een v­ erhaal van tussen de 1500 en 2500 w ­ oorden dat speelt binnen de universitaire ­gemeenschap en/of het studenten­leven en win €250, €75 of €50. Mail uiterlijk 8 december naar: redactieleiden@gmail.com Deelname alleen voor Leidse studenten.

vormgeving voorlichting offerte proefschriften.nl

20374_GVO_Adv_42x50.indd 1

Ook dit jaar weer: de Mare-kerst-verhalenwedstrijd!

25-08-11 (wk 34) 10:28


1 december 2011 · Mare 7 Wetenschap

Hoe moet het straks met hen? Medici verliezen PKU-patiënten gaandeweg uit het oog Kinderen met de erfelijke ziekte phenylketonurie moeten langer worden gemonitord, vindt psycholoog Stephan Huijbregts. ‘Na de puberteit worden ze aan hun lot overgelaten.’ Het leven van een pasgeborene gaat niet over rozen. Heb je net een traumatische bevalling achter de rug, komt er een zuster langs die in je hiel gaat prikken. Het is echter voor een goed doel: zekerheid. Het bloed dat die hielprik oplevert, wordt tegenwoordig getest op vijftien mogelijke aandoeningen. Die lijst met ziektes is een samenraapsel van Griekse, Latijnse en scheikundige termen, en niets dat erop staat wens je je medemens toe; laat staan een pasgeboren baby. Voor vandaag beperken we ons tot een ervan, die ooit reden was om überhaupt met hielprikken te beginnen: phenylketonurie. Dat is een stofwisselingsziekte waarbij de patiënt niet in staat is om het aminozuur phenylalanine op de juiste manier af te breken. Normaal gesproken zet de lever dat om in een ander aminozuur, tyrosine, maar deze mensen kunnen dat niet. In plaats daarvan wordt het aminozuur omgezet in zogeheten phenylketon. Dat stofje komt terug in de plas (“urie”) van de patiënt; vandaar de naam. Artsen korten die af tot PKU. De reden om al zo snel te prikken, is dat áls de baby PKU heeft, je

Door Bart Braun

dat zo snel mogelijk wilt weten. ‘Er spelen verschillende mechanismes bij de ziekte’, legt psycholoog Stephan Huijbregts uit. ‘Om te beginnen hoopt dat phenylalanine zich op. Het komt ook de hersenen terecht, en daar is het in hoge concentraties schadelijk. Ten tweede zorgt die hoge concentratie van dat aminozuur ervoor dat andere aminozuren niet goed beschikbaar zijn voor de hersenen. Ten derde: omdat phenylanaline niet wordt omgezet naar tyrosine, krijgen de patiënten juist een tekort aan dat laatste stofje. Dat is ernstig, want tyrosine is de voorloper van dopamine, één van de belangrijkste stoffen voor het functioneren van het brein.’ Dat alles betekent dat als de PKU niet onmiddellijk wordt behandeld, de hersenen van het kind niet goed kunnen ontwikkelen. Dat leidt tot hyperactiviteit, aandachtsproblemen, epilepsie, verstandelijke handicaps, leerproblemen en andere narigheid. Door onmiddellijk te behandelen valt er dus een hoop te winnen. Maar eerst merken we op dat ‘behandelen’ niet hetzelfde is als ‘genezen’. De ziekte wordt eigenlijk vooral omzeild, door te zorgen dat de patiënt zo min mogelijk voedsel met phenylalanine krijgt. Dat is lastig, want dat aminozuur zit in vrijwel alles. Moedermelk mag met mate, en moet aangevuld met supplementen. Eenmaal overgestapt op vast voedsel zijn vlees, vis, kip, zuivel, peulvruchten, eieren en noten allemaal taboe.

Zetmeelbronnen als aardappelen en pasta kunnen alleen met mate, en ook de zoetstof aspartaam is een bron van phenylalanine. Wat mag wel? Speciaal voor deze groep gemaakte aminozuurpapjes, bloem waar de eiwitten uit zijn gezuiverd. Sommige groenten. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu adviseert dit dieet levenslang aan te houden. Dat vergt nogal wat van patiënt, ouders en omgeving. De vraag is dan ook wat ze daarvoor terug zien, en dat is een vraag waarmee psycholoog Huijbregts zich al jaren bezighoudt. In een overzichtsartikel in Molecular Genetics and Metabolism beschrijft hij de huidige stand van zaken. ‘Het internationale advies is om tot je twaalfde de concentratie van phenylanaline in het bloed onder een bepaalde drempel te houden’, legt hij uit. ‘In Nederland krijg je daarbij hulp van een diëtist.’ Zolang dat lukt, presteren de PKU-kids vergelijkbaar met hun broertjes of zusjes die de ziekte niet hebben, zo toonde Huijbregts jaren geleden aan in zijn promotieonderzoek. ‘Boven die grens blijkt de kans groter dat ze het slechter doen, vooral op de zogeheten executieve functies’, vervolgt hij. ‘Dat zijn de sturende hersenfuncties, die verantwoordelijk zijn voor de integratie van perceptie, geheugen, motoriek, en emoties.’ Juist bij kinderen zit de gezondheidszorg er flink bovenop, omdat de hersenen dan nog volop in ontwikkeling zijn, en dus extra

kwetsbaar voor de gevolgen van phenylketonurie. Maar wat moet er na de puberteit? Huijbregts: ‘De richtlijnen daarvoor zijn niet helder, en verschillen zelfs per behandelend centrum. Het is voor jongeren moeilijker om zich aan het dieet te houden: die willen ook wel eens een frietje gaan eten met hun vrienden. Hoe ver kunnen ze daarin gaan? Hoe hoog mag de concentratie phenylalanine oplopen? Daar is nog weinig over bekend.’ Er is nog weinig onderzoek dat laat zien dat ophouden met diëten echt kwaad kan, aldus de onderzoeker. De dingen die patiënten zeggen, wijzen er echter op dat het dieet ook op latere leeftijd belangrijk is, vertelt hij: ‘Eentje zei: “Als ik twee weken normaal eet, merk ik dat ik vervelender doe tegen mijn kinderen”; een student vertelde dat hij in de week voor zijn tentamen geen eiwit meer eet om beter te kunnen presteren.’ In hun publicatie pleiten Huijbregts en zijn collega’s ervoor om PKU-patiënten langer te volgen. ‘Eigenlijk laten we ze nu na de puberteit aan hun lot over. Al geven de patiënten zelf ook toe dat ze niet meer even vaak naar de controle komen. Wij willen ze eens per jaar monitoren: hoe het sociaal en cognitief met ze gaat, of ze mentale problemen hebben, hoe hun arbeidsparticipatie is. Dat alles willen we dan in verband brengen met de phenylalanine-concentraties: hoe verhoudt de therapietrouw zich tot hoe je er als jonge volwassene voorstaat?’

Foto: Jaap Jan Vermeulen

Nachtbloem Er bestaan meer dan 20.000 soorten orchideeën, maar alleen de Bulbophyllum nocturnum bloeit ’s nachts. Leidse botanici ontdekten de soort in Papua Nieuw Guinea, en beschreven hem in het vakblad Botanical Journal of the Linnean Society. Vermoedelijk wordt de nieuwe orchidee bestoven door kleine vliegjes, maar welke dieren dat precies doen, is nog onbekend. In de Hortus Botanicus is nu een exemplaar van de nieuwe soort te zien. Achter glas, om te voorkomen dat iemand er met de kersvers ontdekte plant vandoor gaan.

Snelle sterren Ongeveer een vijfde van alle sterren reist door de Melkweg met een snelheid van tientallen kilometers per seconde. Sterrenkundigen vragen zich al decennialang hoe dat komt. Er waren twee theorieën: ze zouden zijn weggeslingerd bij een supernova, of ze worden weggeslingerd door de zwaartekracht van andere sterren. In de online editie van Science melden de Leidse sterrenkundigen Simon Portegies Zwart en Michiko Fuji dat die laatste verklaring waarschijnlijk de juiste is. De sterren botsen bijna tegen een tweetal om elkaar draaiende sterren op. Bij die bijna-botsing krijgen ze een extra zwiep mee, als iemand die een judoër bespringt maar in het grind eindigt. Twee superzware sterren in onze Melkweg blijken zo ooit uit ons buurstelsel, de Grote Magelhaense Wolk, te zijn geworpen, blijkt uit de publicatie.

Diabetes De meest voorkomende vorm van suikerziekte, type 2 diabetes, is een ziekte met verschillende oorzaken. Genen, eetpatroon en de omgeving spelen allemaal een rol. De mensen in een familie delen vaak een hoop van die risicofactoren. Dat zie je terug in de cijfers: als een direct familielid van je deze vorm van suiker heeft, is de kans dat jij het ook krijgt twee tot vier keer zo groot. Je zou dus verwachten dat er veel te winnen valt met preventieprogramma’s die zich specifiek richten op de familie van suikerpatiënten, ook omdat die een schrikbeeld in hun directe omgeving hebben. In Primary Care Diabetes zet de Leidse hoogleraar Public Health Barend van Middelkoop samen met Amsterdamse collega’s het onderzoek naar zulke programma’s op een rijtje. De voornaamste conclusie was dat zulke programma’s zeldzaam zijn: de onderzoekers vonden slechts drie echte tests waarin familieleden behandeld werden, en vergeleken met een controlegroep. En zelfs die studies zijn niet speciaal ontworpen om de implicaties van de familiegeschiedenis optimaal in te zetten. Die programma’s scoren dan ook niet beter bij familieleden van suikerpatiënten dan bij andere deelnemers. Ze werken wel: wie meer gaat bewegen en op zijn eten let, kan daarmee het risico op suikerziekte flink verlagen.


8

Mare · 1 december 2011

Achtergrond

Meneer de Professor

Luie puistenkoppen

‘Oh, nee, ik ben de ramen vergeten.’ SSR-dispuut Corduroy in de weer met K’NEX. Foto Taco van der Eb

Nils Holgersson is nog steeds leuk > Vervolg van de voorpagina In de fusie van Klikspaanweg 12 laat Rebekka van der Kooi (23), biofarmaceutische wetenschappen, de spelletjes zien die bij hen in de kast staan. Op de muur is met krijt boterkaas-en-eieren gespeeld. Twister, Levensweg, vissen vangen, Kolonisten van Catan, Levensweg, de Betoverde Doolhof. Op een groene doos Glas Deco, om zelf raamstickers mee te maken, prijkt een zwaaiende Bert van Sesamstraat. ‘De oude spelletjes zijn niet zo geschikt als drankspel’, zegt ze. ‘Dat gaan we meestal gewoon kingsen of mexen. Maar vroeger deden we het ook met Levensweg. Als je bijvoorbeeld trouwde of een kind kreeg, moest je adten.’ Lamers ziet de hang naar de kindertijd ook terug bij dispuutswedstrijden. ‘We moesten een keer hoe-

Brieven

lahoepen. Dan zit je even zo van: hoe deden we dat vroeger ook alweer?’ Andere disputen organiseren heuse playbackshows. Arzu Sahin, vierdejaars rechten en preses van gezelschap Medusa dat 7 december een playbackshow organiseert: ‘Zelf heb ik dat vroeger nooit gedaan. Maar mensen zijn echt serieus hun act hiervoor aan het oefenen. Ze houden er gewoon van zich te verkleden, op het podium te staan en los te gaan.’ Monique Franke, filiaalhouder van Bokstijn Feestartikelen ziet de hele dag door studenten: ‘Voor hun themafeesten. Ze kopen bijvoorbeeld elfenvleugels met een toverstok, of Mickey-Mouse oren waar ze dan de rest van de outfit zelf bij maken.’ Eveline Brouwers (23) is lid van het Disneygilde bij de culturele studentenvereniging Prometheus. Het

gilde is onlangs opgericht en ‘voorziet in een behoefte’, zegt ze. ‘Er zijn nogal wat mensen die een bepaald deel van hun ontwikkeling hebben overgeslagen. Die kijken nog graag Disneyfilms.’ Wat er vertoond zal worden? ‘De klassiekers, van eind jaren ’80, begin jaren ’90. Dat zijn de films die studenten gezien hebben toen ze jong waren. The Lion King, Aladdin. Maar we gaan vast ook Finding Nemo kijken.’ Naar de videotheek hoeven ze in ieder geval niet. ‘In mijn boekenkast staan zo’n veertig Disneyfilms en ik weet nog wel een aantal mensen die er veel hebben.’ Haar eigen passie is weer opgelaaid toen ze ging studeren en ‘soortgenoten tegenkwam’. Brouwers: ‘Het valt me op hoeveel studenten er zijn die het leuk vinden. Het is ontzettend relaxt. Naast mijn studie zit ik in het bestuur van

Prometheus. De paar momenten dat ik eventjes niets te doen heb, is het heerlijk om gewoon dom te kijken. Als ik heel gestresst ben, kan ik ook geen nieuwe boeken lezen. Dan ga ik bijvoorbeeld Harry Potter, ook iets uit mijn kindertijd, herlezen. Ik weet dan toch al wat er gebeurt.’ Op Klik 12 kijken ze zelfs weer Kindernet op tv. Tijdens de lunch. Van der Kooi: ‘Er is anders toch niks op. Nils Holgersson of Alfred J. Kwak zijn nog steeds leuk. Boes en Dommel zijn nog steeds favorieten, dat was vroeger ook al zo. Het is leuk omdat je ermee bent opgegroeid. Jeugdsentiment want zo zat ik vroeger om zes uur ’s ochtends ook al te kijken.’ En zou ze nu ook weer vroeg opstaan voor zo’n serie? ‘Nee! Dat gaat echt te ver.’ DOOR HARMKE BERGHUIS

In deze rubriek kunnen lezers in maximaal 300 woorden reageren op artikelen in Mare. De redactie behoudt zich het recht voor bijdragen in te korten of te weigeren. Over weigering wordt niet gecorrespondeerd. Mail naar redactie@mare.leidenuniv.nl

De eerste tentamens van het academisch jaar zijn achter de rug. In grote zalen dreven wij de studenten bijeen om hen de standaardantwoorden, die wij hen in college en in oefententamens hebben aangereikt, zo netjes mogelijk te laten reproduceren. Zelfs al zouden ze met een briljant eigen antwoord komen, dan nog zou dat worden fout gerekend: de nakijkdruk op ons docenten is dermate hoog dat we geen zin hebben in fratsen. Of de tentamens dit jaar goed gemaakt zijn? Goed en slecht zijn in the eye of the beholder, zo weten we sinds het postmodernisme. Wat de één ‘goed’ vindt, vindt de ander misschien ‘slecht’, en omgekeerd. Dus ‘goed gemaakt’ - wat bedoel je eigenlijk? O, wacht. Je bedoelt misschien: ‘goed beoordeeld’? Ja maar dat is elk jaar hetzelfde. De universiteit stelt vast welk percentage van de studenten het tentamen moet halen. Net als in de Sovjet-Unie, waar elk jaar vastgelegd werd hoeveel de oogst zou bedragen, hoeveel kinderen er geboren zouden worden, hoeveel moordenaars er gepakt en geëxecuteerd moesten worden.... Zo stelt de universiteit ook van tevoren vast hoeveel studenten het tentamen zullen halen. Minimaal 60 procent is doorgaans de norm. Dat betekent dat als studenten massaal vragen onbeantwoord laten, de meest waanzinnige kul zouden invullen en geen enkele blijk van beheersing van de stof ten beste zouden geven - dit geen enkel effect zou hebben op het slagingspercentage. Dat is nou vooruitgang. Dat is die opmars in de geschiedenis, die verheffing van het volk die we sinds de Franse Revolutie hebben meegemaakt in Europa. Zou het niet precies andersom moeten zijn? Zou de norm niet moeten zijn dat minimaal 60 procent faalt voor het tentamen? Dat is pas echt een manier om het niveau op te krikken. Een ratrace voor al die luie puistenkoppen. Aan het werk, jullie! En de sloomste 60 procent blijft achter en gaat een echt vak leren. Opgeruimd staat netjes. Hetzelfde geldt overigens voor promovendi. Praktisch elke ‘aio’ die genoeg adem heeft om zijn vijf- tot zesjarige aanstelling vol te houden, zal promoveren. Desnoods op een stripboek, als er maar voetnoten in staan. De hoegenaamd kritische opponentes vormen één grote poppenkast, want iedereen weet dat het wel een feestje moet blijven. Ooms en tantes in de zaal, dat werk. Het doctoraatspapiertje is de gunst die verleend wordt voor het jarenlang overnemen van onderwijsverplichtingen van UD’s en ‘hoogleraren’ die zelf liever tijd vrijmaken voor onderzoek of het zoveelste congres. In dit schimmige spel van academische belangetjes en egootjes, duwen studenten en promovendi, docenten en professoren elkaar in noodtempo richting afgrond. En die is: dat niemand het verschil meer kent tussen die Academia Lugduno Batava uit 1575 en de Leidse Onderwijsinstellingen. D.M. SANDERS

Repetitoren in Leiden Al minstens vijf keer dit semester is het onderwerp ‘repetitoren’ op de een of andere manier aan de orde geweest in Mare. Het is ook een merkwaardige beroepsgroep van vrije ondernemers, die vooral bij rechten actief is. Juristen worden aan de universiteit meestal niet opgeleid voor de wetenschap, zij gaan de wereld in om daar rijk te worden. In die paar jaar dat zij moeten studeren willen zij zich ook nog een beetje vermaken. Dan blijft er niet veel tijd over voor de lessen. Daar blijven zij dan ook weg, zij nemen liever een crash course bij een repetitor. Het kost wat, maar het scheelt een hoop tijd. Ik kan niet inzien wat daar tegen is, maar de docenten klagen steen en been. De kortste afstand tus-

sen twee punten, Euclides zei het al, is de rechte lijn, en veel studenten prefereren de korte lijn via de repetitor boven de omwegen en dwaaltochten naar het diploma die de universiteit hun biedt. Mijn vader, H.J. Witkam (1914-1982), was de legendarische repetitor Romeins Recht. Dat was keihard werken, van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat, en hij heeft daar altijd goed van kunnen leven. Hij werd laatst nog door minister Opstelten, die van 1963-1969 in Leiden rechten studeerde, geciteerd: ‘Als u zo doorgaat, meneer Opstelten, blijft u zitten in dat ULO-klasje daar aan het Rapenburg’ (Mare, 8 september 2011). Gelukkig heeft de minister zich dat geen twee keer laten zeggen en zie: een glanzende carrière werd zijn deel. Toen en nu, die spanning is steeds gebleven tussen universitaire staf en de repetitoren. Mijn vader heeft zelfs een

tijdje aantekening gehouden van de stemming die tegen hem werd gemaakt door sommige medewerkers van de rechtenfaculteit. Hij ervoer dat aanvankelijk als pogingen tot broodroof, maar in feite bleek het de beste reclame te zijn die hij zich maar kon wensen. Gelukkig leven wij in een vrij land. Zolang de docenten bij rechten volgens hun eigen studenten slecht en saai onderwijs geven, zal er ruimte zijn voor repetitoren. Die zullen alleen verdwijnen als het onderwijs drastisch verandert, en dat zullen wij niet meemaken. Het zijn immers niet altijd de besten die na hun studie aan de universiteit blijven hangen. Wat bij voorbeeld te denken van de ‘standaardantwoordmodellen’ voor de opdrachten die docente Freya Baetens haar studenten geeft (Mare 10 november 2011)? Op mij maakt het de indruk van geïn-

stitutionaliseerde luiheid om hetzelfde proefwerk vaker te willen geven. Mw. Baetens’ neologisme telt 25 letters maar betekent niets nieuws. Al op de middelbare school werden leraren die hetzelfde proefwerk twee keer gaven door de leerlingen keihard afgestraft. Logisch en terecht dat een repetitor daar direct op inspringt. Om dat nu ‘aanzetten tot fraude’ te noemen valt juridisch niet te onderbouwen. Als vraag en antwoord langs vrije nieuwsgaring bekend worden kan het gebruik daarvan door een repetitor niet frauduleus zijn. Misschien moet Mw. Baetens zich nog snel laten bijspijkeren – door een repetitor natuurlijk. Prof. dr. Jan Just Witkam Emeritus hoogleraar Handschriftenkunde van de islamitische wereld

Prof. D.M. Sanders is gastonderzoeker aan de Universiteit Leiden. Op deze plek doet hij wekelijks verslag van zijn indrukken. Reageren? d.m.sanders@mail.com


1 december 2011 · Mare 9

Je ontzegt mensen een deel van hun gewaarwording. Door hun morele en andere sensitiviteit af te doen als een hersenspinsel, neem je hen iets af wat voor hen een bron van functioneren kan zijn in de samenleving. En wat blijft er dan over als mensbeeld? Een geconstrueerd neo-darwinisme, de mens als verlengde van het dierenrijk. Dat kan wel kloppen, maar we zijn tegelijk meer dan dat. Veel mensen hebben door de tijd heen ervaringen gehad die niet te organiseren of te voorspellen waren.’ Fenomenen als telepathie, helderziendheid, magie, contact met overledenen of de geestenwereld kunnen niet op bijval rekenen van de academische wereld. Vreest Sneller niet dat zijn betrokkenheid bij het boek en symposium hem op kritiek of hoon zal komen te staan? ‘Dat kan me helemaal niets schelen! Tegen de mensen die argwanend zijn, raad ik aan het boek te lezen en niet af te gaan op de vooroordelen die ze hebben. Ik ben trots op het boek; de vertalingen komen eraan. De universiteit is waardevol maar absoluut niet heilig. Ook hier komt botheid en domheid voor. En de waarheid zet altijd door, met of zonder universiteit.’

‘…ook hier komt botheid en domheid voor’

Actrice Patricia Arquette in de rol van Allisson DuBois, het hoofdpersonage van de tv-serie Medium. DuBois is een werkelijk bestaand medium dat claimt contact te hebben met overledenen. Ze wordt ingezet bij politieonderzoek. Wetenschappelijk onderzoek aan de Universiteit van Arizona dat aantoonde dat DuBois echt over mediamieke gaven bezit, wordt zwaar bekritiseerd.

Denken over telepathie Paranormale verschijnselen belicht in filosofisch boek en symposium Filosoof Rico Sneller gelooft niet in toeval. Samen met twee collega’s schreef hij een boek over paranormale zaken. ‘De werkelijkheid reduceren tot het meetbare of direct waarneembare is prima als je een brug moet bouwen of een kies moet trekken. Maar het is een misdaad tegen de menselijkheid.’ Je hebt het goed voor elkaar. Niet alleen kom je uit een rijke familie, het gaat ook goed met je wetenschappelijke carrière. Je publiceert er flink op los, doet onderzoek in wiskunde, mechanica, anatomie en astronomie. Misschien ben je wel de eerste in de geschiedenis die iets verstandigs te melden had over de zenuwcel. Je krijgt een leerstoel wiskunde aangeboden. Maar je hebt het wel gezien in de bètahoek. Er moet toch meer zijn dan wat oog en getallen kunnen bevatten? Je begint een dromendagboek bij te houden en na te denken over oorsprong en toekomst van de menselijDoor Thomas Blondeau

ke soort. Over de Bijbel. En je krijgt visoenen. Op een avond ga je naar een etentje. En hoewel het patent voor de telefoon zo’n honderd jaar na je dood zal worden aangevraagd ‘weet’ je dat er een grote brand woedt in je thuisstad die honderden kilometers verder ligt. Dat vertel je in ontzetting aan de dinergasten. Een paar dagen later blijk je gelijk te hebben. Dit is wat we weten van de Zweed Emanuel Swedenborg (1688-1772), de wetenschapper die mysticus werd en nog steeds opgeld maakt in spirituele kringen. De Duitse filosoof Immanuel Kant (1724-1804), een van de meest invloedrijke denkers uit de Verlichting, schreef een boek over hem. Dat is een twijfelachtige eer, want Swedenborgs spirituele inslag staat haaks op Kants denken die onze waarneming van de wereld indeelde in categorieën en vormen. Swedenborg krijgt er flink van langs. Maar wie bereid is tussen de regels door te lezen, merkt dat Kant de mogelijkheid van een geestenwereld niet zozeer uitsluit als wel aangeeft dat de kennis erover niet betrouwbaar is.

Dat is althans de lezing van een van de auteurs van Wilde beesten in de filosofische woestijn, Filosofen over telepathie en andere buitengewone ervaringen. De titel is afgeleid van William James’ omschrijving van spiritische mediums. James (1842-1910) wordt gezien als een van de vaders van de hedendaagse psychologie.

‘De universiteit is waardevol maar absoluut niet heilig...’ Dat ook hij zich, evenals Kant, met paranormale verschijnselen bezighield, is verwonderlijk voor wie deze mensen in de collegezaal heeft leren kennen. Dat is ook de ervaring van Rico Sneller, universitair docent wijsgerige ethiek aan de Universiteit Leiden. Hij is mede-auteur en –initatiefnemer van het boek dat volgende week vrijdag gepresenteerd wordt tijdens

een mini-symposium. ‘Wie de canon in zijn hoofd krijgt gegoten tijdens filosofiecolleges, zal nooit wat te horen krijgen over de schakels tussen filosofie en parapsychologie. En dat terwijl veel belangrijke filosofen zich hebben beziggehouden met buitengewone ervaringen. Dat fascineert me. Ik ben nota bene gepromoveerd op Derrida (Franse postmoderne filosoof, 1930–2004, red.) en heb nooit geweten dat hij over telepathie had geschreven. Dat veranderde mijn hele kijk op zijn werk.’ Zou Sneller zichzelf een spiritueel iemand noemen? ‘Met het pistool op de borst zou ik zeggen: ja. Daarmee bedoel ik dat ik geïnteresseerd ben in een verbreding van onze waarnemingshorizon, van de spanbreedte van onze waarneming en het bewustzijn. Door met name de natuurwetenschappen en tegenwoordig ook de sociale wetenschappen wordt onze beleving van de werkelijkheid gereduceerd tot het meetbare of direct waarneembare. Dat is prima als je een brug moet bouwen of een kies moet trekken. Maar het is een misdaad tegen de menselijkheid.

Hans Gerding droeg ook bij het aan boek en is in Leiden bijzonder hoogleraar metafysica in de geest van de theosofie. Daarnaast is hij directeur van het Parapsychologisch Instituut te Utrecht. Wie de website van die instelling bezoekt, leest: ‘Het meest paranormale aan het Parapsychologisch Instituut en de Leerstoel Parapsychologie aan de Universiteit Utrecht is… dat zij er nog steeds zijn. Maar als de slechte financiële situatie niet sterk verbetert, is het de vraag of we het einde van het lopende decennium halen.’ Onderzoeksbudget voor de parapsychologie is er nauwelijks. De resultaten worden zeer kritisch bejegend en bijna altijd verworpen door de buitenwacht. Hoe duidt Sneller deze verhouding? ‘De aandacht in de maatschappij voor deze zaken is omgekeerd evenredig aan hoe de wetenschap ermee mee omgaat. Er bestaat aan de universiteit een grote vijandigheid tegen alles wat het paradigma overschrijdt. Er bestaat een vereniging tegen kwakzalverij die met een haast religieuze verbetenheid alles wat afwijkt kapittelt. Bij onderzoek naar buitengewone ervaringen komen resultaten op een veel moeizamere manier tot stand. Er is een nieuwe methode nodig. Dat zal uiteindelijk gevolgen hebben voor de gehele wetenschap.’ Heeft Sneller ook zelf kennis gemaakt met zaken die niet altijd zo eenvoudig te verklaren waren? ‘Nou ja, niets spectaculairs hoor, ik heb wel eens een voorspellende droom. Zo noemde iemand ooit de naam een hoogleraar die ik niet persoonlijk kende. Vervolgens droomde ik van die man en bleken er allerlei details te kloppen. Zo wist ik hoe hij eruitzag zonder hem ooit te hebben ontmoet. Toen ik wakker werd uit die nachtmerrie begon het nachtlampje te flikkeren en ging het kapot. Nu gaan lampjes wel vaker stuk, maar dit was wel heel toevallig. Maar goed, er zit vaak veel ruis op de lijn.’ Mini-symposium Filosofie & Spiritualiteit Vrij 9 december 2011, 13.30-16.30 uur Lipsiusgebouw, zaal 003 Meer informatie via h.w.sneller@hum.leidenuniv.nl. Inschrijven is niet nodig maar wordt wel gewaardeerd.

Hein van Dongen, Hans Gerding, Rico Sneller, Wilde beesten in de filosofische woestijn. Filosofen over telepathie en andere buitengewone ervaringen, Ten Have, 192 pgs.


10

Mare · 1 december 2011

English page

Plans to deal with the housing shortage A Student Accommodation Action Plan is to guarantee that considerably more student flats will built shortly. The Leiden student accommodation agencies and politicians are pleased with the intended measures.

Picture by Marc de Haan

Have a coffee, show off your clothes...

Minister Donner of Home Affairs’ Student Accommodation Action Plan 2011 to 2016 was signed by a number of municipalities, student accommodation agencies, the Association of Universities in the Netherlands and the Dutch National Union of Students (LSvB) in The Hague last week. The Action Plan proposes the construction of 16,000 student flats within five years and a relaxation of regulations. The building of the student flats will require a 1-billion Euro investment, and accordingly, and investment fund is to be set up. In addition to this investment, local and national regulations are to be relaxed, which should bring about more rooms. This means that the minimal statutory size of a student unit can be reduced from 24 m² to 18 m² so that new student apartment blocks can contain more rooms. From now on, temporary habitation of buildings will be permitted for ten years instead of five, making their remodelling of cost-effective. As the regulations in this area are relaxed, it will become easier to use empty office buildings for student accommodation. Mu-

nicipal parking standards for new buildings should be lowered, so that new student flats will not require unnecessary amounts of parking space. There is a huge shortage of student accommodation in the Netherlands - as many as 30,000 rooms are needed, according to the LSvB. Locally, Leiden requires another 4,150 rooms. As the number of students is expected to rise in coming years, Kences, the umbrella organisation of student accommodation agencies says that, on a national scale, another 65,000 flats will be needed by 2015. Student accommodation agencies DUWO and SLS Wonen are pleased with the plan. Jan Benschop, DUWO’s manager, says: “Kences has achieved this after much lobbying.” He supports the adjustment of the minimal floor area of a student unit, calling it “a good measure. Foreign students who come here do not need something the size of a ballroom. Now we can build more rooms at one location and have more tenants per building, which will make it cheaper.” An SLS Wonen spokesperson says that they trust that the measures will be implemented quickly in Leiden. Both organisations claim that the plan to build 16,000 student flats is feasible. “We were already planning to build half that number”, says Benschop. In his opinion, the measures will provide more scope for investments. DJZ

...and maybe get some work done The university’s library is not merely a place to work, and if you are cramming, you won’t be alone: “It’s group discipline.” “The shower has already been cleaned” jokes History student Evert-Jan Westervelt (23) in response to the question as to why he goes to the university library. He’s outside on a break. His UB [university library] day started this morning at half past eight. Upstairs, three lads are standing in the corridor outside the English reading room. It is nearly five o’clock and the Medical student is leaving – it’s time for a drink. The two Law students have to carry on. They have exams next week and that means UB time, from eleven in the morning to twelve at night. So, why aren’t they in the KOG, the Law Faculty’s library? Vincent Verhulst (22), a second-year student, explains. “There are too many pretty girls there, it’s distracting.” Here in the UB, he can shut himself away in one of the glass cubicles. The glass cubicles are for students to work in and the majority of them occupied by the afternoon; the reading rooms are full, too. Downstairs, all the computers are occupied and although one seems to be free, an explanatory note reveals the words: OUT OF ORDER. Along the sides of the room, several people are waiting to see if they can get place, despite the crowds. Many students only go the UB during their exam periods, a fact noticed by loyal UB visitor and French student Sophie Kerstens (20). “Certain groups, from Law, for instance, have flocked here today. They come here in large groups the week before their exams. I notice them leave for hour-long breaks and when they return, they work for half hour.” On enquiry, it emerges that most students take a fifteen-minute break after working for one and a half hours. Neeltje van Aardenne (23),

BY HARMKE BERGHUIS

a History Masters student from the University of Amsterdam, says: “Time’s divided pretty much into 70 per cent work and 30 per cent breaks.” But what attracts these students to the UB? “I’ve never been able to work it out”, says anthropologist Jan Jansen, who is specialised in literacy problems and reading cultures. “Reading is an introvert process. At home, I used to just turn up my stereo and work all day. Actually, the university library is not intended for this use: it’s a place to consult books, it wasn’t built for student discipline. But in socioscientific terms, it’s really intriguing that people engaged in something as individual as science can do it collectively – it’s a kind of group discipline.” Law student Verhulst admits that he never visits the UB alone: “I always go with a group of housemates or fellow fraternity-club members from Augustinus.” And housemates Lotte Straathof (24), Medicine, Kayleigh Hendriks (20), Political Science, and Lisa Hennink (18), Psychology, are at the UB together, as there was too much disturbance at home. Hendriks remarks: “Often, you could get the impression that there are only fraternity members here.” She is a member of Augustinus herself, “I always see other members here in the UB.” Straathof adds: “And it’s pleasant here; I sometimes come here even when I don’t have exams, just to drink coffee.” Van Aardenne says: “When I’m at home, I always do all those practical things that have nothing to do with my study, but I also come here because I know I’ll meet people to chat to on my break.” Everyone has their favourite places. According to Verhulst, the Augustinus members can usually be found in the English reading room. A group of Minerva girls outside mention Oriental Languages, and other students mention it too, because it’s nice and quiet. Political Science student Hendriks observes: “Most people go to the same table

with their fraternity club or society. I like to go to Social Sciences. If anybody else appears, you tend to think: hey, you’re in my place.” Her housemate Straathof adds: “Sometimes I see someone on the street, and I think: I know you from somewhere. But sometimes I don’t know them at all, I’ve just seen them so often in the UB.” It’s all about seeing and being seen, declares Straathof. “The UB is like a catwalk sometimes and I actually think: what are you wearing? I thought you came here to work!” Hendriks adds: “That’s what they tell you about the UB during the introduction days too.” Do the three housemates dress accordingly? Hennink, in a red sweater and jeans, laughs: “Well, not today, anyway.” Silence reigns in the reading rooms, if you ignore the sounds of pages being turned and the click of keyboards. Eline van Breemen (19) and Tiemen van der Vuurst (20), both students at the Academic Teacher-Training College, are happy. Van Breemen says: “Everyone comes here to concentrate. I haven’t experienced any distractions at all.” Now that school children can be refused entrance, thanks to the introduction of the LU card, the only possible distraction – apart from the quiet whispering in the reading rooms - is caused by the texts on the tables. Law student Thomas Vegting (23) isn’t troubled by the scribbles on the desks. “If you’re fed up of your books, you can amuse yourself by reading them. Some of things people have come up with are really witty and others are almost works of art.” The vandals can communicate among themselves by means of the tables too. “Get a life” it says in the History reading room. “Get one yourself ” is the retort next to it. And in the girls’ loos, someone has scrawled: “God is dead”, but “dead” has been crossed out and “exists” written above it. The same loo claims asserts that “My ex does it for free” and provides the phone number, of course.

Five beers = brain damage In his book Onze kinderen en alcohol [Our Children and Alcohol] Nico van der Lely claims that teenagers are killing off their brain cells with their drinking habits. Compared to youth in other countries, Dutch youth drinks a lot. But why? “It’s a situation that has evolved gradually, and there a many causes for it: availability, prices and the attitudes of adults all have an effect, which is why my book addresses parents and policy makers in particular.” Your book presses home the fact that alcohol reduces the intelligence of young people. How much exactly do you need to drink for that to happen? “If you drink large amounts, drink often or at a young age, it will knock points off your IQ. The number of nerve cells increases until you are eighteen, and the number of connections between those cells rises until you are 21. Your brain is particularly vulnerable to the detrimental effects of alcohol in that period.” Students are older than eighteen, but some drink heavily. Is that wrong? “Your prefrontal lobe will have finished developing by the time you are 22, but if you drink too much, you run the risk of getting Korsakoff´s syndrome.

Here in the Netherlands, people are suffering from it at an increasingly younger age: I have seen men in their thirties who are suffering from it; they started drinking as students.” But you have to drink idiotic amounts before you develop that, don´t you? “An American colleague of mine studies brain scans of drinkers and you can already see damage in certain areas of the brain in people who drink five or more beers twice a week.” Oh dear… “I saw a student who had a blood alcohol level of 2.8. He claimed that he had only drunk beer – impossible. He could vaguely remember that he was so drunk that he lay down on the floor, at which point his friends gave him something else to drink, which turned out to be gin. That sort of thing was beyond the pale when I was a student.” For years, you have been advocating raising the permissible age for drinking to eighteen, and you repeat this in your book. “Our current alcohol legislation dates from 1881. Twenty other European countries have raised that age to eighteen. Fewer children are being born here, and we must to take better care of the ones we have.” BB


1 december 2011 · Mare 11 Cultuur

Agenda

Pas op! Ga weg!

FILM TRIANON Nova Zembla 3D Dagelijks 18.45 + 21.30 Margin Call Dagelijks 21.30 La piel que habito Dagelijks 21.30 HET KIJKHUIS Midnight in Paris Dagelijks 18.45 Drive Dagelijks 21.00 50/50 Dagelijks 19.15 + 21.30 LIDO STUDIO The Twilight Saga: Breaking Dawn - Part 1 Dagelijks 18.30 + 21.30 The Adventures of Tintin 3D O.V Dagelijks 18.45 Johnny English Reborn Do. t/m zo. 18.45 Tower Heist Ma. di. wo. 18.45 Killer Elite Dagelijks 21.30 De Heineken Ontvoering Dagelijks 18.30 + 21.30 Don’t Be Afraid of the Dark. Dagelijks 18.45 All Stars 2 Old Stars Dagelijks 21.30

Hitchcock op het toneel Hoe speel je een man die achterna wordt gezeten door een vliegtuig? Het Thriller Theater doet een poging in hun versie van The 39 Steps van Alfred Hitchcock. Messteken begeleid door dissonante strijkers, bloed dat wegspoelt in het doucheputje. Een man die wordt achtervolgd door een vliegtuig, een vrouw die moet vluchten voor moordzuchtige vogels. Vrijwel iedereen kent de beelden, zelfs als ze nooit een film van de Britse regisseur Alfred Hitchcock (1899-1980) hebben gezien. In hedendaagse films wordt er vaak gerefereerd aan het werk van de vader van de thriller. De douchemoord uit Psycho is eindeloos geïmiteerd en geparodieerd. Hitchcock had een voorliefde voor sexy blondines, paranoia en intriges. In The 39 Steps uit 1935 raakt een onschuldige man betrokken bij een spionagecomplot en moet hij rennen voor zijn leven. Het Thriller Theater brengt een bewerking van de film op 6 december in de Leidse Schouwburg op de planken. ‘Het is een heel toegankelijk stuk waar alle klassieke Hitchcock-elementen in zitten’, zegt Lex Passchier, vertaler en producent van het stuk. ‘The 39 Steps is al een groot succes in Londen en Broadway. We willen de komende jaren nog meer Hitchcock-bewerkingen spelen. Het is dan een goed idee om te beginnen met een stuk dat zijn waarde al heeft bewezen.’

Door Vincent Bongers

Humor en Hitchcock, gaat dat samen? ‘Spanning en humor passen goed bij elkaar. Vaak als het publiek van iets schrikt dan volgt al snel de lach. Het is een soort opluchting. Daar maken we gretig gebruik van. Er zitten veel verwijzingen naar andere Hitchcock-klassiekers. De beroemde scene uit North by Northwest waarin Cary Grant wordt achtervolgd door een sproeivliegtuig, komt langs.

MUZIEK

Het is het begin van een trilogie. We willen ook andere kanten van zijn films belichten. Volgend theaterseizoen spelen we U spreekt met uw moordenaar (Dial M for Murder, red.). Dat wordt filmischer en gaat meer in op de psychologie achter zijn werk.’ Hoe breng je al die achtervolgingen op het toneel? ‘Door de kracht van suggestie. We hebben gekozen voor een minimalistische aanpak. We hebben bijvoorbeeld maar één deur, die staat dan wel op wieltjes. In de vliegtuigscene gaan twee acteurs met vliegbril op een ladder zitten. Leg een andere ladder overdwars, dan heb je vleugels. Voor die opstelling speelt een acteur een in paniek weg rennende man. Zet daar het geluid van een draaiende propeller onder,

licht het goed uit en het publiek vult zelf de rest in. ‘Veel hangt ook af van het spel. Vier acteurs spelen dertig rollen. Als je in een auto zit en alleen stoelen en houten hoepel als rekwisieten hebt, dan moeten de acteurs overbrengen dat het een wilde rit is over een hobbelige weg.’ Wat maakt Hitchcock zo goed? ‘Hij is de grondlegger van het spelen met “surprise” en “suspense”. Als een man en een vrouw in een restaurant zitten te eten en er ontploft een bom, dan is dat verrassend. Als de kijker de bom onder de tafel ziet en de tijd tot de explosie ziet wegtikken dan raak je emotioneel betrokken bij de scene. Dan wil je tegen het nietsvermoedende paar op het scherm schreeuwen: “Ga weg!” Het op de

juiste manier vermengen van deze twee elementen, is zijn kracht.’ In zijn films was Hitchcock zelf ook altijd in een flits te zien. Bij jullie ook? ‘Dat hebben we wel geprobeerd. Een technicus met een kale kop en gekleed in een dikmaakpak liep dan over het podium. Maar dat bracht het publiek in verwarring. Kennelijk is niet iedereen daarmee bekend. We zijn er dus maar mee gestopt. Iets waar de betreffende technicus erg blij mee was. In de volgende productie wagen we weer een poging.’

Het Thriller Theater: 39 Steps Leidse Schouwburg, 6 december, 20.15 u, € 22,50-27,50

Dromen vanuit een vissenkom Gelauwerd regisseursduo uit Hongkong bezoekt Leiden Alex Law en Mabel Cheung richten zich in hun films op het dagelijks leven van normale Chinezen. ‘Acteurs hoeven niet heel mooi te zijn.’ Door Harmke Berghuis ‘Eén keer per jaar worden er Hongkong-filmpanorama’s verzorgd in Amsterdam’, zegt Anne Sytske Keijser. Heerlijk hoor, zo’n ‘jaarlijkse portie’, maar, het is ‘zonde dat je dan weer zo lang moet wachten’. Keijser, universitair docent Chinese literatuur, film en taal, houdt vrijdag 9 december een lezing over Hongkong-films. Aanleiding is de komst van twee Chinese filmmakers naar Leiden, Alex Law en Mabel Cheung, een echtpaar dat al zo’n 25 jaar samen films maakt en daarmee verschillende internationale prijzen heeft gewonnen. Ook de nieuwste film, Echoes of the Rainbow, die in Amsterdam bij het EYE Film Instituut te Amsterdam wordt vertoond, deed het goed. Eerder dit jaar won

de film een Crystal Bear op het Berlijnse Filmfestival. En toch zijn het in Nederland vooral Koreaanse films over het dagelijks leven die worden vertoond, zegt Keijser: ‘Vooral vecht- en keiharde actiefilms doen het goed. Daar is geld voor beschikbaar. Maar over het dagelijks leven in Hongkong zien we weinig.’ Law en Cheung richten zich juist op individuele personen. Dat komt voort uit hun scholing in de jaren ’80, de periode waarin in Azië een opleving was onder filmmakers om maatschappelijke kwesties aan te kaarten. ‘Het ging om gewone mensen, in een gewone setting. Als mensen een lekkend appartement hadden, dan kwam dat in beeld. De krapte van de huizen werd getoond. Acteurs werden niet gekozen omdat ze heel mooi waren. De focus ligt op persoonlijke verhalen. Meestal gaat het over mensen die niet uit een bevoorrechte positie komen.’ Echoes of the Rainbow put voor een groot deel uit de kindertijd van

regisseur Law zelf. De film gaat over de zonen van een schoenmaker eind jaren ’60. De moeilijkheden van het gezin worden getoond, maar de jongste zoon, acht jaar oud, houdt zich daar niet echt mee bezig; hij draagt een vissenkom op zijn hoofd,

omdat hij later zo graag astronaut wil worden. Zoals Law in interviews zegt: ‘De kindertijd wordt overal hetzelfde beleefd.’ Een ander terugkerend thema in de films van Law en Cheung is migratie, duidelijk terug te zien in de film An Autumn’s Tale, die woensdag 7 december wordt vertoond. Hierin volgen we een jonge vrouw uit Hongkong die naar New York verhuist voor scholing en haar vriendje, die een ander blijkt te hebben. Keijser: ‘Het mooie aan de films is dat het gaat om hele persoonlijke verhalen die heel intiem zijn, maar toch universele zeggingskracht hebben. Het thema migratie heeft iets melancholieks: dat je de dingen die je achterlaat, nooit meer terug kunt krijgen.’ Vertoning An Autumn’s Tale wo 7 dec 19u Lipsius gebouw, lokaal 227

In Echoes of the Rainbow droomt een jongetje ervan astronaut te worden.

Lezing en interview met Law en Cheung 9 dec van 15.15 u. Lipsius gebouw, lokaal 147, aanmelden via bestuur@svsleiden.nl

LVC Lovin L’ectro Vr 2 dec 23.00 u €7,50 Kaputt ft. The Others, Cluekid, BCEE Lifecycle, mc Multiplex Za 3 dec 23.00 u €15,Maison du Techno Do 8 dec 22.00 u €6,STADSGEHOORZAAL Amsterdam Sinfonietta & Sergei Khatchatryan: Sonnetten van Vivaldi Wo 7 dec 20.15 u v.a. €27,50

T heater

LEIDSE SCHOUWBURG De presidentes Za 3 dec 20.15 u v.a. €20,Macbeth Wo 7 dec 20.15 u v.a. €14,LAKTHEATER Broeders en Zusters Vr 2 dec 20.30 u v.a. €13,50 Café Favoriet Di 6 dec 20.30 u gratis

DIVERSEN

STADSGEHOORZAAL KWF Kennispodium Di 6 dec SCHELTEMA COMPLEX Artist in residence: Nicola Kirkaldy en Roosmarijn Mascini t/m 18 dec 2011 RIJKSMUSEUM VAN OUDHEDEN Etrusken. Vrouwen van aanzien t/m 18 mrt 2012 Nieuws uit het Midden-Oosten t/m 31 aug 2012 Sites in the city t/m 19 feb 2012 MUSEUM BOERHAAVE Kwik nagenoeg nul t/m 8 januari 2012 Verborgen krachten: Nederlanders op zoek naar energie t/m mrt 2012 DE LAKENHAL Suske & Wiske – Het Lijdende Leiden t/m 4 mrt 2012 NATURALIS Naturalia, van circusdier tot wetenschappelijk object t/m 19 aug 2012 Lezing door Cor Winkler Prins: Veldwerk moet je doen! Zo 4 dec. 13.00 u LAKGALERIE ‘Missing you’ fotoseries uit Iran door Homeira Rastegar Tehrani t/m 2 dec MUSEUM VOLKENKUNDE Masters of Photography – Iconen van National Geographic t/m 4 dec 2011 Modern Times- Massacultuur in Korea 1910-1945 3 dec 2011 t/m 8 jan 2012


12  Mare · 1 december 2011 Het clubje

00 :12 PM

Preppers

Foto Marc de Haan

‘Zelfs rechtenstudenten vragen om advies’ Studentenrechtsbureau Leiden (SRL) Wendy Smeets (21, rechts): ‘Wij zijn een vrijwilligersstichting. Rechtenstudenten die verder gevorderd zijn in de studie geven juridisch advies over problemen met de huurbaas, de baas van je bijbaantje of de DUO.’ Stephanie Zijtveld (23, niet op de foto): ‘Het is vergelijkbaar met de Rechtswinkel, maar de SRL is in principe bedoeld voor studenten.’ Wendy: ‘Toch komen er nog best vaak mensen die geen student zijn. Dan help je ze toch.’ Stephanie: ‘Bezorgde vaders bijvoorbeeld. Maar soms vragen zelfs rechtenstudenten om advies.’

Bandirah

Pauline Tubbergen (22, midden): ‘Bij de studenten die we helpen, proberen we te voorkomen dat ze naar de rechter moeten of een advocaat in de hand nemen. We wijzen ze bijvoorbeeld op het puntensysteem bij problemen met een kamer, en dat ze heel makkelijk naar de huurcommissie kunnen stappen. Je legt ze de verschillende stappen uit.’ Stephanie: ‘We schrijven ook weleens een brief voor een huurbaas. Dat komt heel eng en juridisch over. Vaak gaat het om kleine geschillen. Dan komt het op die manier toch wel goed. We zijn nu met ongeveer tien mensen. Je solliciteert met zijn allen voor een plek.’

Wendy: ‘We selecteren wel. Dit jaar bleven de sollicitaties binnen stromen.’ Stephanie: ‘Per week hebben we twee diensten van twee uur, altijd met z’n tweeën. Samen sta je toch wat sterker.’ Pauline: ‘En het is gezelliger.’ Wendy: ‘We zien elkaar ook bij de vergaderingen en soms gaan we borrelen.’ Pauline: ‘Als een zaak wat zwaarder is, dan doe je meestal één of twee zaken per uur.’ Frances Weijenberg (21, links): ‘Voor mijn eerste zaak was ik de volle twee uur bezig. Het was een buitenlandse student, dus ik moest natuurlijk ook alle rechtstermen vertalen.’

Stephanie: ‘We bewaren alle zaken. Daar staat vaak het hele antwoord voor nieuwe vragen al in.’ Pauline: ‘Laatst kreeg ik een vraag over hoe het nou zit met de langstudeerboete en het behouden van de ov-chipkaart.’ Frances: ‘Bij de studie leer je alleen maar theorie. Nu breng je dat eindelijk in de praktijk.’ Stephanie: ‘Het is hartstikke leuk om mensen te helpen die dat zelf niet kunnen. Dat is de reden om rechten te studeren.’

Door Harmke Berghuis

NRC Handelsblad kwam met vijf tips voor de kleine belegger. Toch leuk om te weten dat goud, whisky en sigaretten de toekomst zijn. En ik weet nu ook dat het niet slim is om meer dan één ton op één bank te zetten. Of mensen met een ton op de bank nog vallen onder de kleine belegger weet ik niet, maar ook de vijfde tip: ‘verbras het’ kon rekenen op mijn begrip. Maar toen was daar het tv-programma Dooms Day Preppers. Wat de vele kranten afgelopen jaar niet wisten te bereiken, lukte de programmamakers van Preppers binnen vijftig minuten: de financiële misère kreeg eindelijk een gezicht. Ik moet eerlijk zeggen dat ik een lastig tv-kijker ben. Mijn hart klopt niet sneller bij het zien van de knullige chocoladepastapottenschraper uit het Beste Idee van Nederland. Graatmagere modellen die elkaar de toch al zuinig aanwezige hersenen inslaan, kibbelende kappers – ik bedoel natuurlijk hairstylisten – en de duizendste chefkok: het kan me niet meer bekoren. Tv moet extreem. Een tijd lang was ik geobsedeerd door het programma Everest: Beyond the Limit. De camera volgt Amerikaantjes die voor veel geld proberen om naast de berg, ook hun midlifecrisis te bedwingen. Uiteraard bijgestaan door vier piepkleine sherpa’s die de enorme tassen naar boven zeulen. Ik hield van de pikzwarte afgestorven neuzen. Van de debielen die op de top dolblij hun zonnebril afzetten, om deze vervolgens kwijt te raken en de rest van hun leven te blind zijn. Ik hield van het totaal irrationele verlangen om door te blijven klimmen, ook als bleek dat bij voortzetting van de tocht er te weinig zuurstof zou zijn om weer levend beneden te komen. Die arme sherpa’s moesten het de Amerikanen dan uit het hoofd praten. Het dragen van de tassen was er niets bij. Nu is de fascinatie terug. Een driejarige peuter verwisselt binnen vijf seconden haar fopspeen voor een gasmasker. Spelenderwijs natuurlijk, want het einde van de wereld moet niet te beangstigend zijn. Trots laten de Preppers hun voorraden zien. Uit angst voor hyperinflatie verzamelden ze duizenden kilo’s gevriesdroogde bonen in ondergrondse bunkers. Chaos is onvermijdelijk. De vriendelijk ogende buurman die op dit moment zorgeloos zijn gazonnetje maait, kan weldra veranderen in een moordend monster: als hij maar eten vindt om zijn gezin mee te voeden. Daarom wordt het eten stiekem ’s nachts bezorgd en staat de tuin vol berenvallen. Een volgende familie bezit vierentwintig verschillende wapens die hen zullen beschermen tegen plunderende bendes. We zien mamma met een kruisboog, zoonlief met een volautomatisch machinegeweer. In het weekend kamperen ze onder de grond, om alvast te wennen aan het leven tijdens een economische catastrofe. Een zogenaamd expert evalueert de inspanningen van dit gezin. Het oordeel: ‘U heeft voldoende maatregelen getroffen tegen hyperinflatie. Maar wat doet u bij een nucleaire ramp?’ Petra Meijer

Mare, jaargang 35, nr. 12  
Mare, jaargang 35, nr. 12  

Leids Universitair Weekblad

Advertisement