Issuu on Google+

Anne Buis Portfolio 2011


Anne Buis Portfolio 2011


Inhoud Introductie — p. 5 Fashion Journalism Een label ‘Made in Italy’ zegt niets — p. 11 De dandy van de toekomst — p. 19 “The Catwalk is Still the Magical Moment Where All Things Converge” — p. 41 Fashion Branding Nieuwe kleren van de keizer — p. 51 Fashion Strategy Arnhem Coming Soon project — p. 57 Curriculum Vitae — p. 64

Cover Introductie: magazine FORMEA — ii Media’s mooiste — ­ iv Net als in de pornofilm — v


4

Anne Buis


Introductie

5

Introductie In september 2009 startte ik met het masterprogramma van de ArtEZ Fashion Masters, met als specialisatie Journalistiek. Ik leerde hoe ik mijn visie kon omzetten naar concepten en hoe ik journalistieke producten kon voorzien van een grotere context. Mode gaat immers verder dan een mooi ontwerp. In mijn projecten kreeg ik


6

Anne Buis

de kans om op een vernieuwende manier bezig te zijn met mode en mijn eigen persoonlijkheid daarin te ontplooien. Kenmerkend voor mijn werk is dat ik altijd kritisch ben over de positie van mode in de maatschappij. Waarom kleden we ons op een bepaalde manier? Wat zegt dat over het gedrag en de identiteit van de drager? In welke historische context is dat te plaatsen? Daarnaast ben ik zeer begaan met de actualiteiten en de ontwikkelingen van nu. Denk bijvoorbeeld aan de rol die social media speelt in de mode en in de maatschappij. Als afstudeerproject heb ik het magazine FORMAE ontwikkeld, een minimagazine dat ingaat op de complexe context van het schoonheidsideaal. De rol die het schoonheidsideaal in de mode en de samenleving heeft aangenomen, heeft mij altijd gefascineerd. Waarom willen we maat 32? Wat is er mis met ouder worden? En waarom moeten we perfect zijn? Vanuit deze vragen heb ik geanalyseerd op welke manier het schoonheidsideaal functioneert in de modewereld. Mijn grote voorliefde voor mode, beeldende kunst en vormgeving bestaat al zolang ik me kan herinneren. Op


Introductie

7

mijn zestiende kocht ik voor het eerst Elle. De mode, de foto’s en de interviews met ontwerpers, ik vond het prachtig. Het duurde niet lang voordat ik me realiseerde dat ik zulke bladen zelf wou maken. Na de middelbare school heb ik het propedeusejaar van de opleiding Grafisch Ontwerpen gevolgd, aan Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht. Ondanks mijn enthousiasme voor de grafische aspecten van de opleiding merkte ik dat mijn hart meer bij de inhoud lag. Om mijn interesse in tijdschriften, mode en vormgeving verder te kunnen ontwikkelen koos ik voor de opleiding Journalistiek. Deze opleiding paste goed bij mij: ik kon schrijven voor een doelgroep en journalistiek werk verrichten. Ik koos voor de afstudeerrichtingen Tijdschriften, Kunstgeschiedenis, Fotojournalistiek, Vormgeving en Recenseren. Op deze manier kon ik mijn interesse voor mode en (mode-) bladen in mijn studie vlechten. Maar wat ik tijdens mijn Hbo-opleiding miste, was een theoretische verdieping in mijn specialisatievakken en de toespitsing op mode daarvan. Om goed onderbouwde artikelen over mode te kunnen schrijven was een op mode toegespitste vervolgopleiding mijns inziens onontbeerlijk. De master Fashion, Design & Strategy met als specialisatie ‘Journalism’ was daarom een logisch vervolg. Mijn portfolio bestaat uit vier verschillende delen: mijn eindproject (poster), Fashion Journalism, Fashion Branding en Fashion Strategy. In deze vier secties laat ik mijn beste werk zien dat ik tijdens de ArtEZ Fashion Masters heb geschreven en ontwikkeld. De poster geeft een korte impressie van mijn eindproject (zoals eerder beschreven). In Fashion Journalism laat ik ook zien dat ik verschil-


8

Anne Buis

lende soorten teksten kan schrijven, zoals een essay over de luxeindustrie in de modewereld en een paper over de dandy van de toekomst. Als branding project ontwikkelde ik een concept waarin ik mijn persoonlijkheid vertaald heb naar een weblog over modegedrag, genaamd ‘Nieuwe kleren van de Keizer’. De laatste sectie Fashion Strategy gaat in op het mediaconcept dat ik ontwikkelde in opdracht van Arnhem Coming Soon. — Anne Buis, mei 2011


9

Fashion Journalism


10

Fashion Journalism


11

Een label ‘Made in Italy’ zegt niets Essay geschreven ter voorbereiding van de toelatingsprocedure voor de ArtEZ Fashion Masters, juni 2009.

Einde van het luxury tijdperk Een accessoire kan je outfit maken of breken. Een bijzondere tas, sjaal of riem van een modelabel is een luxe. Maar hoe speciaal is een accessoire als iedereen al mee loopt? Of een tas die binnen een week uit elkaar valt vanwege de slechte kwaliteit? Volgens modecritici is de luxe-industrie niet meer wat het geweest is. Wat is luxe? Volgens de filosoof Roland Barthes staat luxe voor de menselijke behoefte aan jouissance (zinnelijk plezier). We genieten van luxe. Het is een emotioneel en fysiek plezier, dat tegenwicht biedt aan logica en het rationele denken. Volgens filosoof Gilles Lipovetsky is luxe al sinds de Oudheid het decor dat het leven verfraait en daardoor levensgeluk verschaft. Luxe heeft het laatste decennium een belangrijke rol gespeeld binnen de modewereld en heeft te maken met uniciteit. Een unicum wordt verkregen door het productieproces: de handmatigheid van het fabricage en de tijd die nodig is om een artikel te maken. Marketing en massaluxe Voor veel mensen is couture of pret-à-porter niet te betalen. Maar een accessoire, zoals een parfum van Chanel of


12

Fashion Journalism

zonnebril van Dior wel. Waarom willen we eigenlijk luxe accessoires? Met een accessoire kan men zichzelf bewonderen en spelen met identiteit. Als het eigen imago maar getoond wordt aan de buitenwereld. Een luxueuze levenshouding speelt een rol in de maatschappelijke strijd voor erkenning van de eigen persoonlijkheid en het verlangen om het beter te doen dan de rest. Met een luxe accessoire laat je je identiteit, opvattingen en ook een vorm van bewustzijn zien. Narcistische motieven liggen dan ook ten grondslag aan het hedendaagse consumeergedrag. Mensen zijn individualistischer dan vroeger en gunnen zichzelf meer luxe. De modehuizen spelen daar op in en zijn de vraag naar luxe gaan beantwoorden. In de luxe-industrie doet zich de laatste decennia een economische en bedrijfstechnische schaalvergroting voor. De tijd van modeontwerpers die hun visie aan de clientèle opleggen in het atelier is voorbij. De oprichters van modehuizen runden de luxebedrijven zelf, maar zakenmensen nemen het over. Het couturehuis wordt nu meer dan vroeger gezien als bedrijf en daar moet winst gemaakt worden. Creativiteit en het streven naar een maximale omzet gaan tegenwoordig hand in hand. De confectiecollecties van grote modehuizen zijn de laatste tien jaar minder uitgesproken geworden en passen beter bij de wensen van de klant. De vraag naar luxe accessoires neemt toe en de concurrentie ligt op de loer. Het draait niet langer op artistieke luxe, maar om marketing en inspelen op de markt. Terugkijkend op de laatste tien jaar laten steeds meer modehuizen zich in met de massamarkt. Ook de globalisering speelt een rol bij de toegenomen productie van accessoires. Productieprocessen zijn verhuisd naar derdewereldlanden waar accessoires


Een label ‘Made in Italy’ zegt niets

13

op goedkopere en snellere manieren worden vervaardigd. Inmiddels is te stellen dat het luxe accessoire van vroeger een massaproduct geworden is. Kritiek op luxe-stroming De laatste jaren uiten de modekenners steeds meer kritiek op de gevestigde modehuizen. Opzienbarend is het boek van de Amerikaanse modejournaliste Dana Thomas, How luxury lost it’s lustre. Het is een gedetailleerde beschrijving van de wereld van grote modehuizen, afgewisseld met scherpzinnige kritiek, cijfers en sappige anekdotes. Volgens Thomas is de exclusiviteit van de modehuizen verdwenen. Luxelabels bereiken de massamarkt en hebben daarmee hun ziel verkocht. Ze betreurt de gang van zaken: “Zakenmannen interesseert het niks of de kwaliteit goed genoeg is, hun naam staat niet op het label, zoals bij de families die het merk ooit begonnen. Hun doel is niet langer het beste product maken, maar zo veel mogelijk winst maken.” Waar accessoires vroeger in een klein atelier in Parijs of Milaan werd gemaakt, worden ze nu geproduceerd in de Chinese provincie Guangdong. Thomas ging voor research op bezoek in China, maar beloofde de Chinese fabrikant zijn klanten niet prijs te geven. In Europa wordt het label Made in China vervangen door Made in Italy. Ondanks een kostenbesparende massaproductie zijn de prijzen hoog gebleven. Dat komt door advertenties en marketing, want tien procent van de verkoopprijs wordt daar aan uitgegeven, stelt Thomas. De winstmarges van tassen, brillen, parfums en andere accessoires zijn enorm. Bij luxeconcern lvmh (Lious Vuitton Moet Hennessy) is meer dan de helft van de omzet en winstmarges van het bedrijf aan accessoi-


14

Fashion Journalism

res te danken. De modejournaliste geeft te kennen dat ze terug verlangt naar de tijd dat de grote modehuizen alleen de allerrijksten bedienden, en niet de opkomende middenklasse. Dat de hele wereld een bril van Gucci of een tas van Louis Vuitton heeft, vindt ze belachelijk. De luxe massatas omschrijft Dana Thomas als entry-product. Volgens de journaliste kan iedereen van de middenklasse zich met een tas van duizend euro en een niet al te duur t-shirt van Dolce & Gabbanna zich onder de beroemdheden begeven. Deze mondialisering heeft als gevolg dat de exclusiviteit van accessoires als sneeuw voor de zon verdwijnt. Thomas meent dat dit het tegenovergestelde is van wat de oprichters van de modehuizen ooit wilden. “Als alles luxe is, houdt luxe op met bestaan. Luxe-industrie is eigenlijk een belachelijk woord. Het gaat immers om vakmanschap, om handwerk en geduld. Dat is het tegenovergestelde van industrie”, schrijft ze. Thomas is van mening dat vakwerk nog wel bestaat, maar daar moet je wel iets voor over hebben. Zelf heeft ze een tas van Hermès met een prijskaartje minstens tienduizend euro. Nederlands modejournaliste Georgette Koning beaamt de teloorgang van het luxegoed, in haar artikel Luxe en bedrog, dat in nrc Handelsblad en Morf verscheen. Ze zet echter kanttekeningen bij het boek. Thomas interviewde verschillende leidinggevenden van modehuizen over de bedrijfsgeschiedenis. Ze komen er over het algemeen niet goed vanaf. “Maar waarom heeft ze Karl Lagerfeld, die al vijftig jaar in de mode werkt, dan niet aan de tand gevoeld over luxury?”, vraagt Koning zich af. Chanel is een van de modehuizen die aan de lopende band luxe accessoires weggeven aan popsterren en actrices. Wellicht dat Thomas niet alles heeft opge-


Een label ‘Made in Italy’ zegt niets

15

schreven wat ze wist, denkt Koning. Populair heeft Dana Thomas zich in ieder geval niet gemaakt. Modehuis Louis Vuitton was niet te spreken over haar bevindingen en heeft laten weten dat ze niet meer welkom is bij de fashionshows. Modejournaliste Suzy Menkes bekritiseert de modehuizen ook. Na het zien van de pret-à-portershows in Parijs in 2006 merkte ze op dat vooral de extreme accessoires haar waren bijgebleven, in tegenstelling tot de outfits. In maart 2009 stelde ze vast dat er een dramatische verandering plaatsvindt in de wereld van luxe. “De moeilijkste vraag is wat de definitie is van echte luxury.(…) Stel dat luxe gescheiden wordt van mode, met de constante vraag naar verandering? Dan wordt luxe een persoonlijk genot, met iets dat duurzaam wordt geproduceerd.” Luxe-industrie in de toekomst Door deze ontwikkelingen zal de toekomst van de luxeindustrie zich in twee richtingen voortzetten. Enerzijds zetten grote bedrijven de globalisering door. Modehuizen zullen groter en anoniemer worden. Het is goedkoper en efficiënter om producties in het buitenland te laten uitvoeren. Maar ook nieuwe markten als China, India, Rusland en Brazilië vormen een nieuwe uitdaging. Anderzijds zal het dure accessoire terugkomen. De ambacht en exclusiviteit leeft weer op. We zoeken naar een nieuwe vorm van luxe, want het etaleren van rijkdom naar de buitenwereld is verleden tijd. Nu gaat het om emotionele luxe: een accessoire dat mooi aanvoelt en goed gemaakt is, waar we plezier aan beleven. Naast de emotionele luxe


16

Fashion Journalism

waarde spreken we ook van de eeuwige luxe: de ambachtelijke vervaardiging van een product wordt gecombineerd met moderniteit. Het vakmanschap laat een stuk geschiedenis zien door ouderwetse technieken. Na jarenlang overvoert te zijn met massaluxe, zal de klant liever voor kiezen voor een accessoire, dat exclusief en bijna onbereikbaar is. Kleine boutiques op lokaal niveau zullen daar van profiteren. Door de kwaliteit en exclusiviteit hoopt de klant er langer van te genieten. Daarbij komt het belevingseffect: hoe meer moeite er je moet doen om eraan te komen, hoe unieker en waardevoller het is. En de klant zal daarbij niet terugdeinzen voor een hoge prijs. Daarnaast zal de toekomst van luxe zal zich meer richten op duurzaamheid en verantwoordelijkheid in het productieproces. Het draait om esthetiek. Een luxegoed op de juiste manier te produceren is belangrijker dan op een snelle manier. Met het oog op ecologische vraagstuk zullen duurzaamheid en handcrafts een grote rol gaan spelen. Suzy Menkes: “Echte luxury gaat over producten die mooier wordt door de leeftijd en niet door het vernieuwende aspect. Dat betekent: goed geproduceerde materialen, met het accent op vakmanschap en kwaliteit.” 1 Dit sluit aan bij het narcistische motief van de klant om een duurzaam accessoire in het bezit te hebben. Volgens de modejournaliste zijn modehuizen als Hermes weer op de goede weg. Na het zien van de wintercollecties 2009 in Parijs schreef ze: “Een terugkeer van kwaliteit en voortreffelijkheid, met een focus op harmonie en schoonheid, dat was de boodschap van het herfst-/winterseizoen 2009 in Parijs. Geen modehuis presenteerde de waarde


Een label ‘Made in Italy’ zegt niets

17

van echte luxe beter dan Hermès. Het stond los van de onbezonnenheid en bling en is nu een model voor elegantie.” Kortom, de tijd dat de luxe accessoire een massaproduct werd, is voorbij. Er komt nu weer ruimte voor exclusiviteit en de productiemethode is daarmee de sleutel tot de nieuwe luxe-industrie. 1 Suzy Menkes. Runways; Luxury hides its face. In: The New York Times, 19 december 1993, p. onbekend. http://www.nytimes.com/1993/12/19/style/runways-luxury-hides-its-face. html?pagewanted=print (14 juni 2009)


18

Fashion Journalism


19

De dandy van de toekomst Een research paper naar de beweegredenen van de dandy, januari 2010.

Hoofdstuk 1 Hoe profileerden dandy’s zich in het verleden? 1.1 Definitie Wat is een dandy precies? Volgens het Van Dale Woordenboek is een dandy “een man die overdreven zorg aan zijn uiterlijk besteedt”.1 Het woord dandy is afkomstig uit India, en verwijst naar de wandelstokken die Britse officieren bij zich droegen. Wikipedia omschrijft de dandy als volgt: “de 19e-eeuwse, Victoriaanse Engelsman, die zich bekwaamt in het elegant overkomen in kleding en gedrag, alsook in het gevat uit de hoek komen. In die (oorspronkelijke) zin is een dandy vaak iemand die, hoewel hij graag van het establishment deel uitmaakt, het tegelijk ironiseert.”2 Deskundigen zijn echter van mening dat de dandy wel meer is dan een ijdeltuit. In een interview in Trouw vertelt Sillevis: “Dandyisme is een manier van zijn. Het uiterlijk vertoon en zijn elegantie zijn voor de perfecte dandy slechts een symbool van aristocratische verhevenheid van geest. Hij maakt ermee duidelijk dat hij zich distantieert van banale dingen in het leven als geld, werk en honger. De zin van het leven vindt hij in absolute


20

Fashion Journalism

controle, beheersing en in de creatie van hemzelf. Geen houding, gebaar of kledingstuk ontsnapt dan ook aan zijn aandacht en niets aan hem is onnatuurlijk.” 3 1.2 Ontstaansgeschiedenis De dandy is van alle tijden. De term ontstond pas in het begin van de negentiende eeuw. Na de Franse Revolutie had de adel zijn glans verloren en de nieuwe burgerij had behoefte aan een voorbeeld.4 Engeland werd gezien als het meest stabiele land in Europa en werd al gauw een inspiratiebron. Met name de ontspannen levensstijl van de Engelse landadel werd gekopieerd. De strike kledijregels als het dragen van een pruik en het bepoederde gezicht verdwenen. Rond 1795 verscheen er een nieuw soort mannen in het Parijse straatbeeld; gehuld in een grote wijdvallende mantel, die zij redingotes noemden, afgeleid van het Engelse rinding coats. Waar eerst een stijve pruik werd gedragen, wapperden haren nu vrij om het hoofd en blouses werden tot op de kin gestrikt. De attitude was opvallend: ze weigerden de ‘r’ uit te spreken en noemden zichzelf inc’oyables. Anglomanie was de leidraad in deze nieuwe levensstijl. Het gegeven dat Engeland vijand van Frankrijk was, bleef ondergeschikt. De invasie van de Engelsen begon pas goed na de slag van Waterloo (1815). De Hertog van Wellington, die door zijn troepen De Dandy werd genoemd, kon op veel bewondering voor zijn stijl en voorkomen rekenen in de straten van Parijs. Vervolgens werd alles in Engelse stijl geprefereerd, zo at men roast beef en plumcake en werd er niet meer gesproken over mode, maar over la fashion.


De dandy van de toekomst

21

Eerste dandy George Bryan Beau Brummell (1778—1840) staat bekend als de verpersoonlijking van de dandy. Op zijn 21e erfde hij een deel van het familiaire vermogen, dat hij opmerkelijk anders besteedde dan zijn broer en zus. Vrijwel meteen schafte hij zich een uitmuntende garderobe aan. Ook kocht hij een huis aan Chesterfield Street in Londen. Beau Brummell verkeerde in de hoogste kringen van Engeland. Zijn verschijning imponeerde zijn omgeving en iedereen wilde hem volgen. Hij raakte bevriend met de Prins van Wales (de latere koning George IV), die hem regelmatig thuis bezocht. Beneden in het huis verzamelden zich dagelijks gegadigden die hoopten in de ontvangstkamer op de eerste verdieping te worden uitgenodigd. Brummell werd een bekendheid, door zijn kledingstijl en uitgesproken levensstijl. Hij kleedde zich echter nooit opzichting, hij koos voor eenheid en perfectie. In tegenstelling tot de dandy’s die hem zouden volgen, was Brummell een uitgesproken nietsdoener. Daarnaast was hij bijzonder arrogant, zelfs tegen de Prins van Wales. Volgens de kenners zou dit ook de oorzaak zijn geweest dat de vriendschap verloren ging. Alhoewel Brummell later ten stelligste zou ontkennen ooit onaardig tegen de prins te zijn geweest. Later heeft hij nog geprobeerd de pijnlijke verhalen bijstellen, zonder veel succes. Hij sleet zijn laatste jaren in Calais en Caen, eenzaam en ellendig. 1.3 Gedrag Het dandyisme kwam dus overwaaien uit Engeland. De belangrijkste dandy, die gezien wordt als grondlegger van


22

Fashion Journalism

deze stroming is Beau Brummell. Iedere dandy had een eigen stijl, zowel in persoonlijkheid als in levensstijl. Mode-dandy’s De voornaamste reden dat dandy’s opvallen is hun uitgesproken kledingstijl. Vooral Brummell was een bijzondere verschijning voor zijn tijd. Meestal droeg hij een donkerblauwe redingote, gemaakt door een van de beste kleermakers van dat moment. Hierin brak hij met de traditionele overdadige mode van de 18e eeuw, waar fluweel, kant, zijde en versiersels hoogtij vierden. De taille werd geaccentueerd en een stijg gesteven en gestrikte das maakte het af. Vooral de das was een fenomeen in Brummell’s tijd; het was een bijzonder ontwerp dat precies geplooid werd en de hele dag moest kunnen blijven zitten. Maar omdat Brummell een smetteloos witte halshoek vereiste, werd deze minstens drie maal per dag gewisseld. Alfred D’Orsay legde in zijn kleding te nadruk op zijn sportieve gestalte, meer dan Brummell. Hij was een echte sportman. Zijn kleding liet zijn borstkas extra goed uitkomen; een brede das, een laag uitgesneden vest met dunne revers, broekspijpen met banden om de voeten, die strak op zijn gespierde benen aansloten. Hij had een voorkeur voor donkere redingotes met fluwelen randen in dezelfde kleur en lichtgekleurde broeken. Zijn kleren waren altijd perfect van snit en onberispelijk. Ook Charles Baudelaire was een opvallende dandy. Hij had een uitgesproken voorkeur voor zwarte kleding. De beroemde fotograaf Nadar beschreef hoe hij Baudelaire ooit had zien lopen door de tuinen van het Luxemburg. De dandy droeg een wijde jas en nauwe broek, die beiden zwart waren en daarnaast droeg hij een rode das. “In zijn hand gehuld in


De dandy van de toekomst

23

een bleekroze handschoen — echt roze zou ik zeggen — droeg hij een hoed, die hij niet nodig had, omdat hij beschikte over een overvoed van krullend, zwart haar dat tot zijn schouders reikte.” 5 Hygiënische dandy’s Dandy’s hechten veel waarde aan hygiëne. Brummell was zijn tijd ver vooruit. Hij was een voorstander van schone kleren en het liefste verkleedde hij zich meerdere malen per dag. Hij vond dat hij zich pas aan de buitenwereld kon vertonen, als perfectie bereikt was. Brummell was verslaafd aan baden, dat deed hij dagelijks. Het was in die tijd uiterst opmerkelijk dat hij zich in warm water waste en “every part of his body”.6 Ook scheerde hij zich in bad. Daarnaast werd zijn kleding “landelijk gewassen”. De velden van Islington hingen vol met blouses van mannen zoals Brummell. Het drogen aan de buitenlucht van het platteland werd geprefereerd boven de stadse lucht. De kleren en het lichaam moesten schoon zijn in plaats van gemaskeerd met parfum, zo vond Brummell. De dandy was van mening dat zijn voorkomen zonder poeders en geurtjes aan de samenleving getoond moest worden. Het moest zo natuurlijk mogelijk zijn. Attitude-dandy’s Een sterke persoonlijkheid is onontbeerlijk als dandyzijnde. Over Beau Brummell gingen vele verhalen rond, waarin zijn wellicht arrogante attitude naar voren kwam. Zijn sarcasme, brutaliteit en het sneren om zich heen werden onderdeel van zijn dandyisme. Toen de vriendschap met de prins van Wales bekoelde, zou hij gezegd hebben “who is your fat friend?” tegen een kennis die met de


24

Fashion Journalism

kroonprins wandelde (dat heeft hij overigens later ontkend). Een van de bekendste voorbeelden is de uitspraak van de knecht van Brummell, toen een bezoeker van Brummell opmerkte dat de vloer van de kleedkamer bezaaid lag met halfgeknoopte dassen. Op de vraag wat de dassen op de vloer deden, antwoorde de bediende: “Those are failures, sir”. Daarnaast bleek Beau Brummell ook goed overweg te kunnen met zijn bedienden. De anekdote vertelt dat hij zich bijzonder verveelde bij een bezoeker, die een verhaal afstak over de reis naar het Engelse lakedistrict. Brummell wende zich daarop wandhopig tot zijn knecht en vroeg: “Robinson”. “Sir”, zei de bedoende. “Wich of the lakes do I admire?” “Windermere, sir”, zei de butler. Waarop Brummell zuchtte: “Ah, yes — Windermere, so it is, Windermere…”7 Seksuele dandy’s De seksuele voorkeur is een twijfelachtig punt bij de dandy. Sommige dandy’s worden als homoseksueel bestempeld, anderen als hetero of zelfs aseksueel. Beau Brummell was altijd erg charmant tegen vrouwen, maar er zijn geen smeuïge anekdotes over zijn liefdesleven bekend. Alfred D’Orsay was het tegenovergestelde: met zijn atletische lichaam en adonische uitstraling wist hij zowel mannen als vrouwen aan zich te binden. Hij was zelfs betrokken bij een ménage à trois met Lord en Lady Blessington. In Parijs, Londen en Napelse was hij het lievelingetje bij de vrouwen en nam hij regelmatig risico’s op het gebied van de liefde. Risico’s nemen was een kenmerk van de dandy uit die tijd. Lord Byron was overigens een stuk voorzichtiger met zijn voorkeur voor mannen. Homoseksualiteit was niet vanzelfsprekend in die tijd en meestal


De dandy van de toekomst

25

sprak men in bedekte termen over het verschijnsel, omdat er hoge straffen stonden op homoseksueel gedrag. Schrijvende dandy’s De reputatie van Brummell is nooit onopgemerkt gebleven. Er deden veel verhalen de ronde over zijn levensstijl, kleding en attitude. Het duurde dan ook niet lang voor iemand de anekdotes op papier zette. De eerste schrijvers waren zelf echter ook dandy’s, wat de geloofwaardigheid en betrouwbaarheid alleen maar ten goede kwam. In 1825 verscheen Granby van Henry Lister, waarin de hoofdpersoon veel lijkt op Brummell. Over het doen en laten van de dandy’s verschenen de boeken Sayings and Doings, Tremaine en Almack’s, die omschreven werden als fashion novels. De meest succesvolle boeken waren Vivian Grey (Disraeli) en Pelham, or the Adventures of a Gentleman (Lytton). Benjamin Disraeli (1827) was een opvallende dandy. In tegenstelling tot Brummell kleedde hij zich helemaal niet sober, maar paradeerde hij met felgekleurde kleding, protserige horlogekettingen en een overvloed aan ringen. Alhoewel velen moesten lachen om zijn verschijning, maakte Disraeli zich mateloos populair bij dames in Londense salons. De voorspelling dat Disraeli een grote toekomst te wachten stond, heeft hij later waargemaakt. Na zijn jaren als dandy en schrijver heeft hij als eerste minister van Koningin Victoria gediend. Opvallend is echter dat hij als prominent staatslid van Engeland niet herinnerd wilde worden aan zijn dandy-tijd, waarin hij in groenfluwelen broeken en knalgele vesten in het openbaar verscheen. Een van de bekendste schrijvende dandy’s is Oscar Wilde, die de roman The Picture of Dorian Grey


26

Fashion Journalism

schreef. Opvallend was dat de schrijver meteen duidelijk maakte dat het om een roman met één hoofdpersoon was, zonder plot. Het boek begon al met een krachtig statement van Wilde: “There is no such thing thing as a moral or an immoral book. Books are well written or badly written. Thats all.” 8 Vooral de personage Dorian Grey is interessant voor het dandyisme. Voor hem was het leven het grootste kunstwerk. De beschreven dandy was gefascineerd door mode en het dandyisme, met als doel de absolute schoonheid vast te stellen. Grey wilde meer zijn dan alleen een toonaangevende dandy, het ging hem om de nieuwe sensualiteit, waarin zelfontkenning en puritanisme geen rol speelden. Zowel Grey als Wilde verlangden naar een seksuele revolutie, die echter pas in de twintigste eeuw zou plaatsvinden. Ook fashion novel-schrijver Edward Bulwer Lytton was een schrijvende dandy. Hij stond bekend als een Garrick Club dandy, vernoemd naar een Londense Club die de naam van de beroemde acteur Garrick droeg, die overigens bekend stond om zijn elegante uiterlijk. In zijn boek Pelham, or the Adventures of a Gentleman beschrijft hij de antiheld Pelham, de dandy die geen heroistische daden verricht en alleen met zichzelf bezig is. Het is altijd onduidelijk geweest of dit boek autobiografisch is geweest of niet, dat wist Lord Lytton zelf ook geen antwoord op. Het boek over de verwijfde dandy was een en al satire, maar verdedigde ook het dandyisme als middel voor een grootste carrière. Het boek werd in 1885 in herdruk genomen, waarbij opmerkelijk genoeg een aantal extravagante karaktertrekken van de hoofdpersoon werden ingeperkt.


De dandy van de toekomst

27

Hoofdstuk 2 Waarom hebben dandy’s deze levensstijl? 2.1 Motieven Er zijn verschillende argumenten die aan de uitingsvormen van dandyisme ten grondslag liggen. In The new English Dandy wordt dandy Matthew Glamorre, die bekend is als muziek- en clubpromoter gevraagd naar zijn visie op de mythologie van de dandy: “Voor mij is dandyisme een sociaal-politieke confrontatie door kleding. Echte dandy’s maken satire van hun tijd, leiders, publiek en politici. Dandyisme is een weigering van het spel van samenlevingsregels die banaal en conform zijn. Al waren deze regels esthetisch, sociaal of politiek, de dandy is een door zichzelf verbannen buitenstaander. Grote dandy’s zijn oneindig te quoten; zij begrijpen zelfpromotie, de persoonlijkheid, de verschijning en reputatie gecombineerd in de juiste vorm voor een mythische status. Zij zijn de echte revolutionairen.” 9 Dandy’s laten op hun typische manieren hun weerzien tegen cultuurbarbarij en materialisme zien. Dandyisme is politiek protest tegen de gevestigde orde. Instelling en attitude De dandy voelt zich uitverkoren en ver boven de gemiddelde burger staan. Beau Brummell had twee belangrijke kenmerken waar zijn dandystijl omheen was gebouwd: zijn verlangen om zich aan de wereld te tonen en zijn talent om in zijn omgangsnormen met arrogantie de grenzen af te tasten van het aanvaardbare. Dandyisme is een


28

Fashion Journalism

cultus van de eigen ik. Het is belangrijker om het eigen ik terug te vinden dan de poging om geluk bij een ander te vinden. In die zin zou gezegd kunnen worden dat dandyisme als spiritueel en stoïcijns bestempeld kan worden. Sebastian Horsley beschrijft in Dandy in the Underworld over de attitude van dandy’s. “Een dandy bedenkt zijn eigen distinctieve antwoord. Hij wil speciaal zijn en hij is bereid zijn handschoenen uit te doen en het gevecht aan te gaan. Zo begint hij zijn eigen regels, maakt hij zijn eigen codes, om zijn glorieuze identiteit te onthullen. (…) Door zichzelf te creëren, creëert hij zijn eigen held. Hij wijst isolatie af door te pronken met zijn enige ik in het gezicht.” Zoals anderen ook al constateerden, is dandyisme een moderne vorm van stoïcijnisme. Met zijn keuze om geïsoleerd in de samenleving te staan wordt de dandy veroordeeld tot het doodgewone, alledaagse leven. Toch weet hij op te vallen in de anonieme massa en de aandacht naar zich toe te trekken. De dandy rekent zichzelf een sterrenstatus aan. Door een klein detail (speciale stof van zijn kleding of een bijzondere manier van lopen) weet hij op te vallen, waar hij ook gaat. Het bijzondere van de dandy is dat hij zijn aandacht niet uit een speciale gelegenheid haalt, maar uit het dagelijkse leven. Schoonheid Een ander punt is het streven naar schoonheid en perfectie. John Sillevis analyseert in Leven als een dandy de motieven van schoonheid. De esthetische en decadente levenshouding van de dandy verraadt de opvatting dat schoonheid centraal staat. Hij verwerpt burgerlijke waarden als ethiek, engagement en nuttigheidsgedachten. Natuurlijke schoonheid maakt plaats voor kunstmatige


De dandy van de toekomst

29

schoonheid. Dat wordt uitgedragen in perfect geplooide dassen, het meermaal daags verkleden en het dagelijks baden, waarin dandy’s hun tijd ver vooruit waren. Het perfecte voorkomen berust dus op dat schoonheidsideaal, dat gebaseerd is om geen emotie te tonen. Dandy’s vinden zichzelf buiten de wet staan en maken hun eigen wetten. Vooral distinctie is belangrijk, daarom blinkt de kledingstijl uit in eenvoud. Op deze manier onderscheid de dandy zich het beste. Het is overigens niet waar dat dandy’s alleen maar om mooie kleding geven, want er is ook een periode geweest waarin dandy’s juist versleten kleren droegen. Jules Barbey d’Aurevilly schreef hierover: “Hun brutaliteiten waren uitgeput en ze wisten niet meer hoe ze verder moesten, tot ze de inval kregen om hun kleren, alvorens ze aan te doen, over de gehele oppervlakte van de stof kapot te laten wrijven tot er niets meer van over was dan een soort wolk. Ze wilden als goden in hun wolken lopen.” 10 Hiermee wordt dus bewezen dat kleren niet meetellen in het dandyisme. Daarnaast is dandyisme een afweermiddel tegen de rest van de wereld. Dat was bijvoorbeeld bij schrijver en criticus Lodwijk van Deysell het geval. De dandy stond niet bekend als moeders mooiste. Hij had een markant hoofd, maar loenste sterk. Toen hij zich door schilder Kees Verwey liet portretteren, vroeg hij om zijn loensende oog niet weer te geven in zijn portret. Vaak was hij ook en profil geschilderd. Over de relatie tussen zijn uiterlijk en dandyisme schreef Van Deysell: “Als ik mijn uiterlijk gewoner maakte, zou ik mij veel ellende kunnen besparen, wijl ik dan de onrust makende waan zou voorkomen, dat de omgevenden tegen mij gestemd worden. Maar ik kleed


30

Fashion Journalism

mij zo omdat ik uiterlijk, in de plastische, zinnelijke en uiterlijke betekende wereld, het waren en eigenlijk van mijn zijn wil doen uitkomen. En ik acht mij martelaar voor de waarheid, die ik vertegenwoordig.” 11 2.2 Grote namen aan het woord Stijlkenmerken De schrijvende dandy Jules Barbey d’Aurevilly beschreef in 1845 in zijn boek Du dandysme et de George Brummell over de stijlkenmerken van dandy’s. Als belangrijkste karaktertrek schreef Barbey dat de dandy buiten de lijnen te dacht, buiten het vaste stramien van regels. De dandy speelt met de regels, maar wel met respect. Het dandyisme strijdt tegen de gevestigde orde en zelfs tegen de natuur. John Sillevis legt in zijn boek Leven als Dandy uit: “Hij heeft eronder te lijden, maar hij neemt wraak terwijl hij ze ondergaat. Hij doet er een beroep op, terwijl hij zichzelf eraan onttrekt. Hij overheerst en laat zich overheersen. Om dit spel te spelen, moet de dandy beschikken over souplesse, die alleen maar gegeven is aan diegenen die over gratie beschikken”.12 Volgens Barbey had Brummell die gratie zeker: “Il avait la grâce comme le ciel la donne” (hij had gratie, zoals alleen de hemel die verleent). Barbey d’Aurevilly stelt in zijn boek dat dandy’s het verlangen hebben de status quo te vereren door stijl en schoonheid. Dat wordt verenigt in het radicale, bohemian en flamboyante dandyisme van Wilde tot de mediamanipulatie van Anhdy Warhol en de glam rock van David Bowie.


De dandy van de toekomst

31

Heldendom Volgens Charles Baudelaire draait het om het vurig verlangen om oorspronkelijk te zijn, binnen de grenzen van het toelaatbare.13 Een dandy kan nooit alledaags zijn. De combinatie van het onberispelijk voorkomen en de discipline om de ziel te sterken kan zelfs gezien worden als een religie, vindt Baudelaire. De schoonheid is kenmerkend door de koelheid waarmee dandy’s zich uiten. Dit komt voort uit de vastberadenheid om onaangedaan te blijven. Dandy’s hebben een hooghartige menselijke trots. Het dandyisme verschijnt op momenten van overgang, waarin de democratie en aristocratie zoeken naar een nieuwe verhouding. In deze periode van onrust, meent Baudelaire, kunnen gezonken en verveelde lieden het idee opvatten om een nieuwe aristocratie op te richten: het dandyisme. Het moet gezien worden als de laatste vorm van heldendom te midden van decadentie. Meditatie De dandy heeft een strakke strategie als het gaat om het neerzetten van zijn persoonlijkheid en stijl, volgens Olga Vainshtein. Hij weet hoe hij naar anderen moet kijken en daar met boven uit moet steken. Dandyisme is een vorm van meditatie, waarin een gereduceerd tempo en gefixeerde pose gevraagd worden. Zijn voorkomen is gecreëerd om op te vallen in situaties. Daarom is het belangrijk dat het lichaam schoon is en voorzien van perfectionische kledingsstijl. Maar het allerbelangrijkste is het demonstreren van de persoonlijke stijl, zowel in kleding als accessoires. Daarbij gaat het niet zozeer om de kleding zelf, maar meer om de manier waarop de kleding gedragen wordt.14


32

Fashion Journalism

Performance Wat is er zo nieuw aan de dandy? Dat is het etageren van de persoonlijkheid. Waar het voorheen ging om de kleding die gedragen werd en de status die daaraan verbonden werd, gaat het nu om de persoon zelf. De dandy laat zien wie hij is en vooral hoe erg hij zichzelf is. Door mode vindt hij keer op keer zijn eigen identiteit uit. Het uiterlijk van de dandy wordt zorgvuldig geconstrueerd. Barbey d’Aurevilly schreef in Le dandyisme et George Brummell: “De karikatuur geeft een buitensporig overdreven beeld van de werkelijkheid en de werkelijkheid van het dandyisme is menselijk, sociaal en geestelijk… Het is geen kledingstuk dat uit zichzelf loopt! Integendeel, de speciale manier waarop kleding wordt gedragn maakt het dandyisme.”15 Honoré de Balzac schreef in Traite de la Vie Elegante ook over deze presentatievorm. Hij concludeerde de identiteit van de dandy en de presentatie van zichzelf een modeconstructie is. Een dandy is als een mannequin die zich gracieus voortbeweegt. Mode is wat hem persoonlijkheid en identiteit verschaft. Opvallend is dat alle activiteiten die hem tot het perfectionisme brengen in de anonimiteit plaatsvinden. Zo kan een dandy uren te tijd nemen om te baden,scheren of zich aan te kleden. Het publiek ziet hier echter niets van. Op deze manier lijkt het natuurlijk en zonder inspanning dat de dandy zich op deze wijze presenteert. Dit sluit aan bij de mode-identiteit van de dandy, waarbij zijn uiterlijk representatief is voor zijn persoonlijkheid. Op deze manier onderscheid hij zich van de gevestigde adel, waar schijn en maskerade aan de orde van de dag waren op modegebied.16


De dandy van de toekomst

33

Hoofdstuk 3 De dandy in de toekomst Volgens John Sillevis is het nog maar de vraag of het dandyisme zich zal voortzetten. De dandy is weliswaar van alle tijden, en dus ook van de twintigste eeuw, maar de dandy heeft iets vluchtigs gekregen. Dat kan een korte rol in een film zijn, mode die opkomt en weer verdwijnt of een korte fase in het leven van de man. Zo verdween Max Peerbohm zich al vrij snel terug in Rapallo aan de Italiaanse Rivièra, na het schrijven van zijn beroemde essay Dandies and Dandies. Oscar Wilde zei toen: “De goden hebben Max vergiftigd met ouderdom”.17 In de tweede helft van de twintigste eeuw gaven enkele iconen uiting aan de onverzorgde mode van de existentialisten van de jaren vijftig. Popsterren als Freddy Mercury en David Bowie flirtten met het dandy-gedrag. Ontwerper Karl Lagerfeld en ontwerpersduo Ravage in Parijs etaleerden zich zelf als ongenaakbare dandy’s. John Sillevis betwijfelt of Nederland sterke dandy’s heeft gekend. Namen als Harry Mulisch en Pim Fortuyn worden genoemd, maar zoals Sillevis zegt: “Mulisch mist het speelse element, en Fortuyn had niet voldoende goede smaak. Nederland is geen goede voedingsbodem voor het dandyisme.”18 De moderne dandy Olga Vainshtein meent dat er wel degelijk nieuwe dandy’s opstaan, schrijft zij in In search of the modern-day Dandy: makeover Games. Zolang zij zich een eigen unieke levensstijl aanmeten, mits zij die ook erkennen. De dandy is een meester in het creëren van zijn eigen leven, maar


34

Fashion Journalism

dat vraagt van de samenleving een groot interpretatievermogen. In de negentiende eeuw stond de dandy bekend om zijn elegante levensstijl. Dandy’s waren aristocraten, rijke gentlemen of artistiekelingen. Door de jaren heen werd de levensstijl ontwikkeld tot de kunst van vrijetijdsbesteding. De gedragscode omschrijft Olga Vainshtein als volgt: “absoluut verplicht, voorgeschreven koele beleefdheid, uitbarstingen van ironie… de kunst van gefrustreerde verwachtingen, een impressie creëren, wandelen, dansen en kleden. Daarnaast moeten factoren als smetteloze hygiëne, verzorging, actieve deelname in sport en sociale evenementen niet vergeten worden”. Na deze opsomming kan geconcludeerd worden dat deze eigenschappen niet meer passen in het hedendaagse leven. Daarvoor zou de wereld te sterk veranderd zijn. Zo moet iedere hedendaagse ontwerper werken en is er weinig ruimte om van vrije tijd te kunnen genieten. De kledingstijl van de dandy is wel eenvoudig te vertegenwoordigen in het hier en nu. “Waar liggen de mogelijkheden voor dandy’s in de toekomst?”, vraagt Vainshtein zich af. Daar waar de dandy zichzelf toestaat te transformeren en mee te groeien in de hedendaagse tijd. Vainshtein geeft een aantal suggesties: performances van hedendaagse conceptuele artiesten, experimenteel interieur design, risicovolle plastische chirurgie ter nastreving van de ultieme perfectie. De kanttekening die ze geeft bij dandyisme in 2010, is dat het vrijwel onmogelijk zo niet zeer moeilijk zal zijn om 24 uur per dag de dandy-rol te spelen. Het zou natuurlijker zijn als de dandy slechts in bepaalde situaties zijn rol speelde, zoals een sociaal evenement, levensstijl of interieur. Een ander tegenargument is de tijdsgeest in de 21e eeuw. De vercommercialisering en het gegeven dat men tegenwoor-


De dandy van de toekomst

35

dig brutaler is dan vroeger zijn normaalste zaak van de wereld. In deze omstandigheden zou een dandy gedoemd zijn te verdwijnen. Maar paradoxaal genoeg zou deze situatie ook juist mogelijkheden voor de dandy scheppen om boven de rest uit te steken. Vainshtein noemt twee aspecten waar de dandy niet omheen kan in de toekomst. Ten eerste: het verband tussen dandyisme en moderniteit laat zien dat de dandy onlosmakelijk verbonden is aan de moderne stedelijke cultuur en alle bijbehorende instellingen, zoals cafés en winkels. Ten twee wordt het vermogen om afstand te houden van de grote massa, om waardigheid als dandy te behouden. Een dandy is een marginaal figuur die een centrale functie kan uitoefenen, maar hij zal nooit integreren in een groep. Afsluitend aan haar verhaal stelt Vainshtein zich de vraag: waar zijn de nieuwe dandy’s? In de realiteit is het niet eenvoudig om de echte dandy te vinden. In virtuele werelden online zouden er echter veel meer mogelijkheden moeten zijn om een eigen persoonlijkheid te creëren. Op internet is het niet moeilijk om informatie te vinden, waar men de functie van de dandy herdefinieert, analyseert en de laatste stijlvernieuwingen bediscussieerd.19 The new English dandy Alice Ciccoloni beschrijft in haar boek The new English dandy zes hedendaagse dandytypes: “The Gentlemean die zich toespitst op de klassieke tailoring en elegantie, meesters van subtiliteit en detail, de ‘Neo-modernist’ die het modernisme van de Engelse stijl bewaard, de East End Flâneur die de bijzondere bohemian dandy vertegenwoordigd, beïnvloed door omgeving, muziek, kunst en design, de Terrace Casual visualiseert de werkende klasse,


36

Fashion Journalism

en New Briton verbeelden de designers, en de dandy’s die de hedendaagse nationale identiteit opnieuw interpreteren.” De dandy van de 21e eeuw heeft meer te maken met het zelfgerealiseerde consumentisme, in een moderne, geïndustrialiseerde samenleving. Zoals luxegoederen zich verbinden aan kunst en kunst aan luxegoederen, zo zijn er ook tekenen dat luxe weer terugvalt op de elegantie en spiritualiteit die past bij het Regency dandyisme (ten tijde van George IV). Een andere tendens is echter dat mensen in het hedendaagse allemaal op zoek zijn naar een eigen, uitgesproken identiteit en dat er meer aandacht is voor ervaring, waardering, persoonlijke expressie en toewijding aan moderniteit (reizen, technologie en verstedelijking). Deze elementen waren vroeger enkel weggelegd voor de dandy. Victoria Postrel zei in Viewpoint: “we zijn allemaal steeds meer bezig met het maken van onze eigen, bijzondere wereld. Meer mensen zoeken op meerder vlakken in hun leven naar plezier en de betekenis van de wereld om hen heen.” Baudelaire Baudelaire is van mening dat de Franse dandy steeds zeldzamer wordt, maar dat de Engelse dandy nog lang voeten in de aarde zal hebben, gezien de erfgenamen van Brummell en Byron. De Engelse maatschappij en grondwet maken het voor de dandy gemakkelijker om zijn identiteit te uiten. In de media is er de laatste jaren veel aandacht voor dandyisme. In het interview in Trouw geven ontwerpers Van Geuns en Rameckers —verantwoordelijk voor de tentoonstelling over dandy’s in het Haagse museum


De dandy van de toekomst

37

Het Paleis in 1997 — hun visie op de toekomstige dandy: “Juist door het massaproduct is weer behoefte aan je onderscheiden door beter te praten of je beter te kleden”. In 2004 verscheen er in Parijs het blad Dandy, dat tweemaandelijks uitkwam bij Editions Tendances. Het tijdschrift l’Uomo Vogue publiceert een fotoreportage, geïnspireerd op de film Aviator als inspiratie voor haardracht en kleding in de stijl van Fred Astaire. In 2005 brengt het Parijse blad Homme en ville; Le retour du dandy. De hedendaagse dandy wordt neergezet als een speelse rebel met elegantie, altijd ontspannen en soms provocerend. Hij gaat tegen de stroom in, speelt met zijn mannelijke en vrouwelijke kant. 20 Conclusie Uit de analyse kan geconcludeerd worden dat er nog steeds ruimte is voor dandyisme anno 2010. Wel zijn er eisen aan verbonden om de dandy niet te laten verdwijnen uit de maatschappij. De dandy van de toekomst zal zich goed moeten oriënteren op de tijdsgeest van nu. Sinds de opkomst van het postmodernisme is de wereld sterk ingericht op de beeldcultuur en informatiemaatschappij. Daar zal de dandy rekening mee moeten houden. Het is voor ieder individu vanzelfsprekend geworden om een uniek persoon te willen worden, hetgeen voor de dandy altijd zo belangrijk is geweest. Het zal dus moeilijker zijn om bijzonder te worden gevonden. Daarnaast wordt het interpretatievermogen van de maatschappij op de proef worden gesteld.


38

Fashion Journalism

De nieuwe tijd kenmerkt zich door de snelheid waarmee we ons door het leven bewegen en de dandy zal daarom wellicht ook minder lang populair zijn dan vroeger. Er wordt gesuggereerd dat de dandy slechts door een actie of gebeurtenis bekendheid zal verkrijgen, in tegenstelling tot de tijd van Brummell. Dat kan een rol in een film, een geschreven boek of een bepaalde levensstijl zijn. Faam is dus van korte duur. Daarnaast worden kanttekeningen gezet bij de vraag of iemand nog wel 24 uur per dag dandy kan spelen. Er zijn ook tekenen dat de dandy zal teruggrijpen naar de stijlkenmerken vroeger. Een andere mogelijkheid is om een nieuw soort dandy te creĂŤren in de virtuele wereld, want daar kan iedereen een personage samenstellen zoals hij of zij dat wil. In ieder geval zal de dandy niet ontkomen aan de digitalisering die nu gaande is. Het zal de vraag zijn of de dandy gaat twitteren, maar er zal ongetwijfeld een dandy de kop uitsteken en een nieuwe digitale communicatievorm vinden.


De dandy van de toekomst

39

1 http://www.vandale.nl/vandale/opzoeken/ woordenboek/?zoekwoord=dandy (17 maart 2010) 2

http://nl.wikipedia.org/wiki/Dandy (17 maart 2010)

3

Teunissen, J. De dandy heeft moeite met de vrouw. In: Trouw (14 juni 1997)

4

Sillevis, J. Leven als een dandy. Terra (Locatie onbekend, 2006)

5

Sillevis, J. Leven als een dandy. Terra (Locatie onbekend, 2006)

6

Kelly, I. Beau Brummelll, The Ultimate Dandy. Hoddon & Stoughton (London, 2005).

7

Sillevis, J. Leven als een dandy. Terra (Locatie onbekend, 2006)

8

Sillevis, J. Leven als een dandy. Terra (Locatie onbekend, 2006)

9

Cicolini, A. The New English Dandy. Thames & Hudson (London, 2005)

10

Brand, J & Teunissen, J. De macht van mode — over ontwerp en betekenis. Artez Press (Arnhem, 2006)

11

Sillevis, J. Leven als een dandy. Terra (Locatie onbekend, 2006)

12

Sillevis, J. Leven als een dandy. Terra (Locatie onbekend, 2006)

13

Baudelaire, C. The dandy — the painter of modern life (1863). Vertaling: Helfrich, S. (http://www.xs4all.nl/~helfrich/vertalingen/baudelaire_dandy.html ) Vainsthein, O. In search of the modern-day dandy: Makeover Games. Marres Centrum voor Comtemporaine Cultuur, Maastisch, 2006.

14 15

Brand, J & Teunissen, J. De macht van mode — over ontwerp en betekenis. Artez Press (Arnhem, 2006)

16

Brand, J & Teunissen, J. De macht van mode — over ontwerp en betekenis. Artez Press (Arnhem, 2006)

17

Sillevis, J. Leven als een dandy. Terra (Locatie onbekend, 2006)

18

Sillevis, J. Leven als een dandy. Terra (Locatie onbekend, 2006)

19

Vainsthein, O. In search of the modern-day dandy: Makeover Games. Marres Centrum voor Comtemporaine Cultuur, Maastisch, 2006.

20

Sillevis, J. Leven als een dandy. Terra (Locatie onbekend, 2006.)


40

Fashion Journalism


41

“The Catwalk is Still the Magical Moment Where All Things Converge” This article was written together with Kaira van Wijk and published in the Fashion Journal 2010, by ArtEZ Fashion Masters, june 2010.

Interview with fashion designer Truus Spijkers Anne Buis and Kaira van Wijk The holograms in the case of Alexander McQueen, the large iceberg and Chanel, or the mood films and Gareth Pugh — the traditional fashion show is subject to change. Author and art director Ginger Gregg Duggan, in his book The Greatest Show on Earth, wrote that the conventional fashion show is shifting toward performance art with a multimedia character. Designers who use performance art for showing their collection, Duggan argues, can be categorized based on spectacle, science, structure, content and statement (Duggan, 2001). Although these shows still take place on the traditional catwalk, there is also more evidence of a search for alternative performances, which work, for instance, with online film and digital videogames. Will the conventional way of presenting fashion soon be outdated? The Dutch fashion designer Truus Spijkers, like her twin sister Riet, was trained at ArtEZ. With their label Spijkers en


42

Fashion Journalism

Spijkers they have managed to attract international attention, and rightfully so because their work provides a fresh perspective on fashion and its presentation. Truus and Riet Spijkers graduated in 1993 and 1994 from the bachelor programme in Fashion Design at ArtEZ (then: Hogeschool van de Kunsten Arnhem). Subsequently they did a master at the Fashion Institute Arnhem (fia), which they completed in 2000. In the mean time, they have their own successful label Spijkers en Spijkers. As of 2010 they are also affiliated with the ArtEZ Fashion Masters. Right now they help members from Generation 12 in realizing their mini collection that is to be presented at the Arnhem fashion and design platform Coming Soon. “It is a lot of fun. The study has much changed since we were students ourselves. At that time, the master lasted only one year. Now students have many more subjects, such as branding.� How do you look back now to your own years of study? Truus Spijkers I really enjoyed the curriculum. It gives you more confidence because you receive feedback from people from the field. Ultimately, this study promotes both your personal and professional development. Negative experiences belong to that as well, of course, but they also teach you new things. What do you think of the presentation that is now


“The Catwalk is Still the Magical Moment Where All Things Converge�

43

being set up for the graduation collection of the students in Paris? ts It is wonderful that they can show their work abroad. If you have to organize that as a young designer on your own, it is very expensive of course. It is important that graduating students concretely present their collection in a city like Paris. How important is such presentation if you want to embark on a design career? ts Presenting your work abroad is a true learning experience. Although it will not put your name on the map immediately, because that always takes a lot of time, all sorts of things contribute to becoming better known, from doing a collection presentation and having a website to getting a positive review. You studied together at ArtEZ and FIA, and the two of you also launched a label together. What is the largest benefit of working as a duo? ts The collaboration with Riet as sister I experience as very positive. Working with your sister automatically gives rise to a very natural collaboration. In addition we also have our separate, individual qualities. We can be very direct to others and that works well. What are the highs and lows in the Spijkers en Spijkers career? ts Putting together a new collection each season is the best part. Although our collection is not always received as positively, this doesn’t worry me too much. Of course we also won prizes with our work, but to me


44

Fashion Journalism

winning is less a highlight than doing the actual work of designing clothes that touch those who wear or see them. The presentation in Milan of the last Spijkers en Spijkers collection, called Metropolis after the movie, managed to stir the press because of the sensual futuristic designs. This time there was no catwalk show, but a presentation with models. Truus Spijkers still missed the traditional catwalk, however. ts The catwalk breathes dynamism. Nothing is more impressive than seeing pretty women in fancy fashion move along a catwalk. The light, music, styling, movement — it all converges here. How important was the traditional fashion show when you just started with the Spijkers en Spijkers label? ts We did not start doing shows right away because we simply lacked the money to do so. Our first show at the Fashion Week came only after five years. In my view doing a fashion show comes with a big advantage: you can present a more comprehensive image. To do justice to a garment it needs to be worn on the body and movement is important as well. What matters ultimately is the person wearing it. Moreover, a catwalk show is very dynamic. Shows that go digital only have less emotion. At which stage of the design process do you start thinking about the show? ts You think about it from the very outset because it pertains to the overall image you would like to present.


“The Catwalk is Still the Magical Moment Where All Things Converge”

45

In the process, things may be adapted, though. We did a presentation in Milan for our last collection. Our pr agency advised us to do so because such a presentation better ties in with the busy agenda of our audience during the Fashion Week. In this way we ourselves also got more chances to talk to people. To me doing a show also comes with the advantage of creating a brief period of intense pressure, which I always seem to miss in presentations. But how do you extend that feeling if it lasts so briefly? ts Afterward you have the visual material of course. Designers can impossibly do shows of one hour, or Fashion Weeks would have to last at least three weeks. Which elements help to turn a traditional fashion show into a success? ts The atmosphere, the music, the light, the clothing and the accessories, as well as the movement. All these things converge in a good show. Is a fashion show the perfect format? I don’t know. A live event does create quite another effect than a film for instance. A film involves less tension because the final result is always perfect. In a fashion show this is never certain in advance and this renders the tension tangible. Can you imagine that fashion will become separated from seasons and trends? ts Seasons are already ignored by some. There are many labels that make four collections per year. Some even eight. No longer is fashion strictly connected to the seasons. Whether trends will persist? What matters more


46

Fashion Journalism

is that certain things are in the air and that designers respond to it. Designers themselves are not overly preoccupied by this, but fashion magazines capture and select specific similarities that afterward can be identified as trends. How important will the fashion weeks and traditional fashion show be in ten years? ts The traditional fashion show will persist. Also the large Fashion Weeks, such as that of Paris, will continue to be of leading significance. More fashion weeks will be added worldwide, but I do not expect them to remove the spotlight from the London or Milan Fashion Week. And will catwalk shows still be important then? ts Whether the catwalk show will become less popular? It could be, but first a designer, for example, will need to come up with a brilliant alternative. Do you think that at one point digital fashion shows will have replaced real fashion shows? ts It will be difficult, I believe, to organize digital fashion shows only. You want to feel fashion and see it with your own eyes. The catwalk show is simply a strong format. If someday fashion shows will be pushed out, this will only happen after some disastrous event. When the complete fashion industry collapses or when Japanese or Americans can no longer travel to Europe, for instance. The digital world will take over only when it is ‘forced’ upon us. I believe that sales are likely to be handled digitally more and more, though. A website is becoming increasingly important. In my view the ‘key’ is to find a


“The Catwalk is Still the Magical Moment Where All Things Converge�

47

good format for presenting fashion by means of (multimedia) catwalk shows, websites, ads, productions in magazines, you name it. The digital and live possibilities for fashion will become complementary. In 2010 a collection alone will not make it, and in the future this will even be more true. Anne Buis and Kaira van Wijk are first-year students at ArtEZ Fashion Masters. They have selected Fashion Journalism as their specialty. Literature Duggan, G. (2001). The Greatest Show on Earth: A Look at Contemporary Fashion Shows and Their Relationship to Performance Art. Berg Publishers.


48

Fashion Branding


49

Fashion Branding


50

Fashion Branding


51

Nieuwe kleren van de keizer Een branding concept voor een modeblog waarbij de eigen identiteit het uitgangspunt is, januari 2010 .

Introductie Ik heb Journalistiek gestudeerd aan de Christelijke Hogeschool Windesheim in Zwolle. Ik heb drie grote passies: journalistiek, schrijven en mode. Ik schrijf kritisch, helder en persoonlijk. Ik ben altijd geïnteresseerd in de vraag waarom iets zo is. Bij shows is mijn eerste gedachte altijd ‘waarom maakte de designer deze collectie?’ Kijkend naar de mode en de modewereld valt me één ding altijd op; mode lijkt zo oppervlakking. Daarom wil ik modegedrag veranderen in de status quo. Waarom dragen we de kleding die we aanhebben? Zijn er persoonlijke redenen of simpelweg omdat het ‘in de mode’ is? Waarom zien we van jasjes met hoge schouders? En waarom dragen we killer heels waar we niet op kunnen lopen? Tot nu waren deze antwoorden er niet. Nu mode een statussymbool is geworden — want wie dure merken draagt is succesvoller, is gebleken — is het de vraag waarom we niet beter nadenken over wat we aandoen.


52

Fashion Branding

Concept De weblog ‘Nieuwe kleren van de Keizer’ richt zich op het kledinggedrag van modebewuste vrouwen. Het gaat over kledingkeuzes en kledinggedrag. Met een kritische blik en een vlotte schrijfstijl wil ik op een nieuwe manier laten zien hoe het kledinggedrag zich manifesteert. Door verbanden te trekken met kledingstijlen uit het verleden moet er een betere context naar voren komen over het kleedgedrag. Belofte Een blog bieden met een nieuwe visie en op een nieuwe manier laten zien waarom we bepaalde modegedrag vertonen. Ik stel kritische vragen en kijk terug naar het verleden om historische achtergronden te bieden. Missie Mensen bewust maken van hun modegedrag en ze aan het denken zetten. Doelgroep De blog ‘Nieuwe kleren van de Keizer’ is bedoeld voor een brede doelgroep, die interesse heeft in mode. Denk daarbij aan bloggers, jonge meiden, vrouwen, modieuze mannen, journalisten en professionals in de mode-industrie. De focus ligt echter op jonge vrouwen in de leeftijd van 16 — 30 jaar.


Nieuwe kleren van de keizer

Kernwaarden – Gedurfde tone of voice – Mode in historische context – Zelf bewustzijn – Een visie op modegedrag Verwachtingen Modegedrag – Wekelijkse updates door achtergrondblogs – Mode in een grotere context Relatie met de doelgroep – Blogs met een persoonlijke doch kritische noot – Informatief zonder interactie Tone of voice –Doelgroep bewust maken – Persoonlijk en onderzoekend

53


54

Fashion Strategy


55

Fashion Strategy


56

Fashion Strategy


57

Arnhem Coming Soon project Een (gedeelte van een) strategy concept voor Arnhem Coming Soon, juni 2010.

Introductie Tot 2009 stond miniwarenhuis Arnhem Coming Soon onder leiding van gerenommeerd retailer Judith ter Haar. Zij is de persoon achter het Coming Soon concept, zij heeft de winkel ingericht als art director en zij was zelfs mede-eigenaar tot vorig jaar. De toenmalige eigenaresse had met Coming Soon de ambitie om als export concept voor Parijs en New York internationaal faam te behalen. “Colette, eat your heart out’’ (2007) mag dan een quote zijn van een klant die enigszins overdreven is, maar desalniettemin bestaan er grote aspiraties vanuit ArtEZ (Hogeschool van de Kunsten Arnhem) om hun geesteskind Coming Soon nationale en internationale bekendheid te geven. Allereerst zal er echter dichtbij de ‘roots’ moeten worden begonnen met het opbouwen van naamsbekendheid. Op dit moment trekt Coming Soon namelijk zelfs in Arnhem en omgeving relatief weinig aandacht en publiek. In opdracht van Arnhem Coming Soon zijn er door de studenten van de ArtEZ Fashion Masters een aantal strategieconcepten ontwikkeld ter bevordering van meer traffic in de winkel Arnhem


58

Fashion Strategy

Coming Soon en op diens website. Na het ontwikkelen van een brand identity in groepsverband heb ik met Kaira van Wijk (beiden Journalistiekstudenten) de mediastrategie ontwikkeld. Brand identity (herzien) Dutch design is een fenomeen in het buitenland. De bijzondere eigen stijl van nederlands fashion en product design wordt zeer gewaardeerd. In nederland zijn wij te bescheiden over eigen talent en we kunnen veel meer doen om ons talent te promoten. Coming soon arnhem wil daar een stevige bijdrage aan leveren. Zij wil talent van eigen bodem en nieuwe ontwikkelingen op het gebied van fashion en product design over het voetlicht brengen, bij iedereen die ge誰nteresseerd is in design, zowel bij de professionele wereld als bij het grote publiek. Artez hogeschool voor de kunsten is de drijvende kracht achter . Dit betekent niet dat alleen talent uit arnhem in de schijnwerpers staat. De visie van artez op dutch design staat centraal: vorm en/of concept en de zoektocht naar vernieuwing. Visie Coming Soon is het meest trendsettende multiplatform in Nederland, waarbij geherinterpreteerd Dutch Design (brug tussen exclusieve bestaande labels en nieuw talent/ nieuwe ontwikkelingen) zowel nationaal als internationaal naar een hoger plan wordt getild. Missie Coming Soon is erop gericht de belangstelling voor Dutch Design op te wekken, zowel nationaal als internationaal,


Arnhem Coming Soon project

59

en een trendsettende rol als multiplatform te vervullen door zichzelf tevens als regisseur/curator neer te zetten. Kern Concept Coming Soon is een trendsettende inspirator, die door middel van een multiplatform (winkel, ont­moetingsplaats, expositieruimte en platform) nieuwe ontwikkelingen in Dutch Design en zowel nieuw als bestaand designtalent op een exclusieve manier promoot en presenteert. Merkwaarden – Dutch Design; producten van Nederlandse ontwerpers zijn het uitgangspunt – Innovatief; Coming Soon zal vernieuwend te werk gaan en daarmee een nieuwe positie binnen Nederland bekleden als het gaat om ‘miniwarenhuizen’ met weliswaar de focus op de platformrol. – Exclusief; de nadruk ligt op exclusieve en tegelijkertijd verkoopbare producten – Trendsettend; Coming Soon is trendsettend en toonaangevend op het gebied van Dutch Design. – Multi; Coming Soon is een uniek concept in Nederland, vanwege de samenwerkingsverbanden Merkbelofte Dutch Design wordt gepromoot en gestimuleerd in Nederland en daarbuiten in een ‘Coming Soon jasje’; uniek in hun vorm en trendsettend door de curator- en regisseursfunctie. De wisselende cu­rators zullen tevens continu een frisse blik op Dutch design werpen. Dit multiplatform is voor een breed publiek toegankelijk.


60

Fashion Strategy

Gewenste persoonlijkheid (kenmerken) – Een sterke verbinding met ArtEZ. – Een promotor van Dutch design in zowel binnen- als buitenland. – Een plek waar liefhebbers, designers, professionals en consumenten van Dutch design samenkomen. – Trendsettend, dynamisch en innovatief — ´underground’ en commercieel – Intelligent en artistiek Uitwerking van marketing concept De marketing voor Coming Soon bestaat uit offline en online media. Offline media (niet opgenomen in dit portfolio) Binnen de offline media wordt met de volgende instrumenten gewerkt: – Samenwerking met bestaand medium: Magazinepromotie Evenement – Visitekaartje – Perslijst Uitnodiging/persbericht (…) Online Media De online media voor Coming Soon valt uiteen in de volgende onderdelen: A Website Blog B Sociale media 1. Twitter


Arnhem Coming Soon project

61

2. Facebook 3. YouTube-kanaal C Nieuwste sociale media: trends voor de toekomst A Blog Vanuit het oogpunt van Dutch design en de platformfunctie lanceert Coming Soon een blog. Het is belangrijk dat deze actueel en trendsettend is. Storytelling en het informeren van de bezoekers staan voorop. De volgende zaken worden gecommuniceerd via de blog: – Storytelling van producten; Verslag van evenementen waar Coming Soon bij betrokken is; Nieuwe trends en ontwikkelingen; Oproepen; Special Bloggers; B Sociale media Sociale media is te gebruiken om veel mensen te bereiken en ze te coördineren naar een diepere laag van betekenis met betrekking tot Dutch design in relatie tot Coming Soon. Dit is op de volgende manier uitgewerkt: B.1 Twitter Twitter wordt ingezet als snel en prikkelend medium. Twitteraars zullen voornamelijk geïnformeerd worden over actualiteiten rond Coming Soon via links in tweets. De meest inspirerende manier om Twitter te gebruiken, is om veel foto’s en nieuwsberichten te plaatsen.


62

Fashion Strategy

B.2 Facebook Facebook wordt gebruikt als platform en communicatienetwerk. Door een Facebook-account kan men geïnteresseerden aan zich binden; Informeren, Lanceren (platformfunctie), Verspreiden van acties en nieuws, en Opnemen van reacties van bezoekers en geïnteresseerden. Vanuit Twitter en Facebook wordt er gelinkt naar de Coming Soon-website of direct naar de Coming Soonblog, waar men meer informatie en verdieping kan vinden. Toonaangevende Facebook-accounts zijn bekroond tijdens de Fashion 2.0 Social Media Awards. Een aantal richtlijnen die goed zullen werken voor Coming Soon zijn: – Presenteer Facebook als een waardige website; – Geef een duidelijke definitie van de brand identity in het tabblad ‘info’. – Gebruik maken van veel tabbladen; Als laatste is het zaak om een account op Facebook serieus te nemen. Een account brengt het merk dichterbij mensen. Door verbindingen met Twitter, YouTube en de website wordt de account interactiever en komt de boodschap van Coming Soon beter over. B.3 Youtube Zoals eerder voorgesteld, zal Coming Soon meer met filmpjes gaan werken, zowel op de blog, de website als op Twitter en Facebook. Het is aan te raden om deze filmpjes te groeperen op een YouTube-kanaal. Deze vorm draagt de identiteit van Coming Soon nog beter uit. Het gaat


Arnhem Coming Soon project

63

erom dat er ingespeeld wordt op de fantasiewereld van het merk, in dit geval dus Coming Soon. C Nieuwste sociale media Vooruitkijken is belangrijk voor Coming Soon, want de nadruk ligt op trendsetten in plaats van trendwatchen. Ter inspiratie wordt gekeken naar nieuwe vormen van social media die toonaangevend worden genoemd voor de toekomst. Tijdens de Fashion 2.0 Social Media Awards werden twee nieuwe concepten geprezen en bekroond die ook inspirerend zijn voor Coming Soon. Het is belangrijk om daar op tijd op in te springen. – Foursquare (www.foursqaure.com);. – Intwig (www.intwig.com); – Een andere vorm van nieuwste sociale media is de qr — code (al eerder genoemd). Deze tweedimensionale code is de sleutel tot een url-link op internet. Mede door de komst van de iPhone en de Blackberry is het mogelijk gemaakt om deze codes op de telefoon te lezen en om er meteen filmpjes mee te bekijken.


64

Curriculum Vitae Naam Roepnaam Geboortedatum Mobiel E-mail Website

Anne Marijntje Buis Anne 17 mei 1984 06 – 242 053 84 anne.m.buis@gmail.com www.annebuis.nl

Opleiding 2009 — 2011 HBO-master Fashion Strategy ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten Arnhem Specialisatie Fashion Journalism 2004 — 2009 HBO Journalistiek Christelijke Hogeschool Windesheim te Zwolle, propedeuse in 2005 Diploma in september 2009 – Stage: vrouwenblad Viva, Sanoma Uitgevers BV Hoofddorp (eindcijfer: 8) – Onderzoeksscriptie: “Personality magazines in Nederland: hoe blijven ze succesvol?” (eindcijfer: 9) 2003 — 2004 HBO Grafisch Ontwerpen Hogeschool voor de Kunsten Utrecht te Utrecht, Propedeuse in 2004 1996 — 2003 HAVO Koninklijke Scholengemeenschap te Apeldoorn, Diploma in 2003 (inclusief certificaten Atheneum) Aanvullende opleidingen/cursussen 2003 Oriëntatiecursus, Academie Minerva, aan de Hanzehogeschool Groningen Freelance werk 2011 Eindredactie en inhoudelijke ondersteuning boek ‘Atlas van gedachten’ van kunstenares Roelinde Boot 2011 Artikel voor ArtEZ Fashion Masters Fashion journal 2011 2010 Interview voor ArtEZ Fashion Masters Fashion journal 2010 Overige werkervaring 2008 Assistent Vormgeving, Christelijke Hogeschool Windesheim te Zwolle


Colofon Texts Anne Buis Vormgeving Anna Haas for Werkplaats Typografie, Arnhem / ArtEZ Institute of the Arts Drukkerij ArtEZ, Arnhem Lettertype Times Semibold, Times Semibold Italic Papier Munken print white 15, 90gr Oplage 2 Thanks to Anniek Brattinga, Karel Martens, Armand Mevis, Eric Reiman

Š 2011, Anne Buis



Portfolio Anne Buis