Issuu on Google+


Dit boekje geeft een overzicht van enkele projecten die me de afgelopen jaren geholpen hebben bij het zoeken naar wat architectuur voor mij betekent. In verschillende landen en binnen verschillende programma’s heb ik kunnen proeven van architectuur van in het allerkleinste detail tot op de grotere schaal van (landscape) urbanism. Fascinatie gaat uit naar waar de verschillende domeinen elkaar raken: hoe de context van een project kracht kan geven tot in het allerkleinste detail en omgekeerd hoe een kleine ingreep een grotere visie kan verwoorden. Ik probeer steeds verder op zoek te gaan naar ruimtelijkheid, de kracht van structuur, de schoonheid van constructie en materialiteit, boeiende ontwerpprocessen, duurzaamheid en zeker ook naar de sociale en maatschappelijke invloed van architectuur en de relaties tussen architectuur, stedenbouw, de mens en zijn omgeving.


4|

BORDERLAND


01/ L-SHAPES 02/ 45M² 03/ 472 UNITS 04/ LA GUAJIRA 05/ RADARTOREN 06/ CONTEMPORARY ART FACTORY 07/ BORDERLAND 08/ INFRASTRUCTURING CA MAU 09/ ANDERE WERKEN 10/ CURRICULUM VITAE

|5


o.l.v Jan Apers, Bart Hollanders

01/ L-SHAPES

De opdracht om het schoolgebouw van Sint Lucas in Brussel te herdenken leidde tot een ruimtelijk spel van L-shapes. Niet enkel het gebouw zelf, zowel in grondplan als in de aanzichten, maar ook zijn vele binnenruimtes en de lege ruimte rondom het gebouw, bestaan uit L-vormen. Het geheel kan herbekeken worden als een complexe puzzel van L-vormige ruimtes: leslokalen, ateliers, ingesloten terras en buitenruimte, cafetaria, auditoria, etc. Een puzzel van de verschillende herkenbare ruimtes, de positieve figuur of de verschillende solids, en van de negatieve figuur rondom of tussen deze ruimtes, de voids. En wat als we de positieve ruimtes voids laten worden en de negatieve ruimtes worden solid? Dit eindwerk van het eerste jaar in samenwerking met Jozefien De Wachter werd een complex maar boeiend spel van ruimtes. Een zoektocht naar ruimtelijkheid binnen de bestaande skeletstructuur van het gebouw, een spel van voids en solids. 6|


|7


conceptmaquettes_ voids en solids van de verschillende L-shapes

8|


video (klik hier)

|9


10|


|11


o.l.v Jan De Vylder, Eugeen Liebaut

02/ 45M²

Een kleine onbenutte ruimte, met een maximum van 45m² woonoppervlakte, in Brussel in de binnenstad, wordt de geschikte locatie voor een woning van een alleenstaande vader. Een flexibele woning die plaats biedt voor het bezoek van zijn twee kinderen, het uitnodigen van vrienden of het rustig alleen-zijn binnen de grootstad. Ontworpen met de structuur als uitgangspunt en inspelend op de eigenschappen en kwaliteiten van deze onthulde gemene muur, ontstaat deze ingeplugde woning. Maximum twee meter brede vloeren en andere planken worden in de schoorbalken ingeplugd en vormen de verticale woning. Een spel van uitkragende trappen, vloeren, kasten, tafels, bedden en andere horizontale elementen begeleiden je in je klim. 12|


|13


14|


|15


niv.5 slaapkamer kinderen

niv.4

slaapkamer vader

niv.3

badkamer

niv.2

16|

leesruimte

niv.1

keuken

niv.0

inkomhal


|17


o.l.v. Eugeen Liebaut, Marc Macken

03/

Ook dit ontwerp vertrekt vanuit de structuur. Hier is het ontwerp in principe niet gebonden aan een bepaalde locatie of context. Startpunt is een flexibele basisunit die dan later vermenigvuldigd wordt tot volledige woningen, en uiteindelijk tot een hele appartementsblok. Vanuit een fascinatie voor ‘architectuur na de architect’ wordt er op zoek gegaan naar een flexibiliteit die de bewoner veel vrijheid geeft en de mogelijkheid biedt tot een persoonlijke invulling. Een basisunit wordt ontwikkeld die de bewoner via schuifpanelen mogelijkheid geeft om te spelen met privacy, licht en ruimte. Deze unit wordt in de drie dimensies gecombineerd tot woningen met verschillende volumes waar men op verschillende manieren gebruik van kan maken, met oog op een variërende bewoning van het appartementsblok. De negatieve ruimtes tussen deze woningen vormen de circulatieruimte. Ook deze ruimte heeft de ambitie om te spelen met licht en om ontmoetingen en rustpunten te creëren. Uiteindelijk vormt dit alles dan een groot geheel, een puzzel van 372 units, een puzzel van verschillende levens, een steeds veranderend gebouw. 18|

472 UNITS


|19


372 UNITS LOTTE DE BRUYN 1MA-AR 11-01-2011

Enkele beelden en projecten die voor mij inspirerend werkten tijdens het ontwerpproces: Iquique, Chili, Housing Project ELEMENTAL door Alejandro Aravena - Helsinki, Finland, installatie door Anteekski - Wing, Japan, Gifu Kitagata Apartment Building door Sejima - Marseilles, Frankrijk, Unité d’Habitation door Le Corbusier

20|


|21


22|


|23


24|


niveau 3,6,9,12

niveau 2,5,8,11

niveau 1,4,7,10

commerciĂŤle ruimtes 0 |25


26|


|27


28|


|29


30|


|31


o.l.v. Jaime Fajardo Suarez, Kris Scheerlinck, Yves Schoonjans

04/

In de zomer van 2011 had ik de kans om naar Colombia te reizen en daar via de Universidad de Ibague deel te nemen aan de architectuurwedstrijd ‘Convive VI’. Hier werd gevraagd om te reflecteren over hoe La Guajira, het noordelijkste departement van Colombia, zou kunnen evolueren naar 2050 toe. Met mijn project ‘Leven in clans. Op zoek naar een duurzame balans tussen traditie en evolutie voor de Wayuu samenleving in La Guajira, Colombia.’ ontwikkelde ik mijn visie voor de toekomstige urbane, suburbane en landelijke ontwikkeling van Uribia, hoofdstad van La Guajira. Deze visie werd uitgewerkt in de vorm van een duurzaam stedenbouwkundig en architecturaal ontwerp, beginnende bij het niveau van het schiereiland La Guajira tot op het niveau van de detaillering van de gebouwen en trachtte zo goed als mogelijk rekening te houden met het multietnische karakter van La Guajira en zijn specifieke economische en ecologische omstandigheden. Zowel de ruimtelijke organisatie van La Guajira en Uribia, als de Wayuu-samenleving kennen als grootste problemen enerzijds de weidse verspreiding en anderzijds de sterke afhankelijkheid van grotere centra. De weidse verspreiding is een gevolg van de leefwijze van de Wayuus. Het is een deel van hun cultuur maar het hindert hen onafhankelijk te evolueren. Er ontstaat een spanning tussen hun traditie en de drang tot evolutie. Dit probleem wordt aangepakt op de verschillende niveaus om de Wayuus een duurzame toekomst te bieden die hun cultuur niet verdringt. Het belang van groeperen en nieuwe lokale kansen creëren wordt duidelijk. 32|

LA GUAJIRA


|33


34|


enkele beelden uit het stadsleven in Uribia

|35


36|


enkele beelden uit het leven in de rancherias

|37


La Guajira: departement van Colombia

Uribia: culturele hoofdstad riohacha: administratieve hoofdstad

(stadscentrum van) Uribia: gemeente in La Guajira

Bij de ontwikkeling van deze algemene visie voor La Guajira en de verdere concrete uitwerking ervan voor Uribia en zijn rancherias is het zeer belangrijk om met enkele unieke aanwezige aspecten rekening te houden, zoals: het multi-etnische karakter van La Guajira en de specifieke tradities van de Wayuus; de economie, en vooral hoe die verder kan groeien onafhankelijk van de ontginning; en de ecologie en hoe de architectuur zich hierbij kan aanpassen aan de extreme weersomstandigheden. Waar dit problemen zouden kunnen geven in onze traditionele manier van denken, probeert dit project uit elk van de specifieke eigenschappen van deze omgeving kwaliteiten te putten die het project verder be誰nvloeden. Op deze manier ontstaat een aangepast, site-gebonden project dat op een natuurlijke manier aanleunt bij de huidige levensomstandigheden. 38|


inheemse bevolking 45%

blanken en spanjaarden 40%

afrikaanse bevolking 15%

onderste beeld door Paula Andrea Ochoa, medestudente Universidad de IbaguĂŠ |39


40|


|41


42|


|43


44|


|45


46|


|47


o.l.v Marc Macken, Martine De Maeseneer

05/ RADARTOREN

Voor een nieuw ontwerp van een radartoren in Zeebrugge wordt er eerst even stilgestaan bij deze unieke site: de impressionante ruimtelijkheid, de specifieke materialiteit en uitzonderlijke weersomstandigheden. Voor de uitbreiding van de radartoren, met ook enkele publieke functies, wordt er gekozen om het hele nieuwe programma mee op te nemen in een opwaartse slingerbeweging waarbij een verticaal parcours ontstaat. De onderste verdiepingen dienen als werkvloeren. De verschillende werkvloeren hebben een gemeenschappelijke vloer voor werkpauzes en langere verblijven (nachtpersoneel). Een huiselijke en levendige werksfeer wordt gestimuleerd door de vele ontmoetingsmogelijkheden. Langsheen deze werkvloeren worden de bezoekers naar de persruimte begeleid en kunnen ze eventueel nog hoger doorklimmen tot op het dakterras. De uiteindelijke waarnemersvloer reikt hoog boven de rest uit. De structuur van het gebouw is zo ontworpen om de beleving van de site tot het uiterste mogelijk te maken. Vloeren en muren werken als één figuur die ondersteund wordt door een centrale kern. Hierdoor zijn er telkens 3 open wanden die voor een weids panorama zorgen. Deze zig-zag figuur, symbool voor het verticale parcours, wordt gearticuleerd met de Cortenstaal platen, een materiaal dat mooi aansluit bij zijn omgeving. Een duidelijke leesbaarheid en indrukwekkende ruimtelijkheid maken van deze toren een nieuwe aangename werkplek en bovendien een nieuw ‘landmark’ dat het bezoeken van de haven van Zeebrugge meer dan waard maakt. 48|


|49


50|


|51


heel programma opnemen in toren- parcour/verloop naar boven toe

parcou

Het hele nieuwe programma wordt opgenomen in een verticaal parcours. De lijn van de pier wordt omhoog getrokken met de toren. De werknemer en de bezoeker kunnen genieten van een unieke beleving van de site. Deze beweging wordt ook via de structuur heel en programma de materialiteit opnemen inbenadrukt. toren- parcour/verloop naar boven toe

52|


heel programma opnemen in toren- parcour/verloop naar boven toe

|53


54|


waarnemersvloer 6

dakterras 5

persruimte 4

mrcc 3

crisis slaapruimte 21/2

leefruimtes en berging 2

werk en vergaderruimte 1

parking en inkom 0

technieken -1 |55


56|


|57


58|


|59


o.l.v. Bart Hollanders, Eugeen Liebaut, Kris Scheerlinck

06/

CONTEMPORARY ART FACTORY

Een nieuw museum voor Brussel, een museum voor hedendaagse kunst aan het kanaal. Een analyse toont aan dat zowel het bestaande aanbod aan hedendaagse kunstorganisaties in Brussel als de site van de Ninoofsepoort een bepaalde onoverzichtelijkheid en ontoegankelijkheid delen. Het project speelt hier op in, zowel in zijn stedenbouwkundige als architecturale uitwerking. Het museum nestelt zich in het bouwblok aan de ‘overkant’ van het kanaal en communiceert met het voorplein aan de andere kant via een brug alsof het kanaal deel wordt van het museum. Het gebouw bestaat uit een groot volume dat het bouwblok vervolledigt, dat vervolgens ‘opengesneden’ wordt waardoor de voorbijganger/bezoeker een duidelijk overzicht krijgt van wat er binnen in zo een ‘contemporary art factory’ allemaal gebeurt. Verschillende volumes nemen plaats binnen dit gebouw en de ‘void’ die tussen deze volumes overblijft wordt het museum. Kunstenaarswoningen, een theaterzaal, een sportzaal, restauratieruimtes, een café, een passage, workshopruimtes, museum, en meer komen samen in dit complex waarin er plaats is voor de voorbijganger, de bezoeker, de kunstenaar, de lokale jongeren, … . 60|


|61


MOLENBEEK

CENTRUM BXL

ANDERLECHT

[re]organisatie Na een onderzoek naar het aanbod van hedendaagse kuntsorganisaties bleek al snel dat er enorm veel organisaties aanwezig zijn in Brussel, maar dat het aanbod onoverzichtelijk en vaak ontoegankelijk is. Deze zelfde problemen werden ook vastgesteld op de site van de Ninoofsepoort in Brussel. De site werd daarom gereorganiseerd: verkeer verloopt logischer en maakt plaats voor een groot plein, het museum en het kanaal. Het museum wordt meer dan gewoon een museum voor hedendaagse kunst. Het zorgt voor een reorganisatie van het huidige aanbod. Verschillende organisaties komen samen op deze site, in deze ‘contemporary art factory’: kunstenaarswoningen, ateliers, galerijen, theaterzaal, restauratiezalen, ontmoetingsplaatsen, ... . Dit verduidelijken en overzichtelijk maken wordt niet enkel stedenbouwkundig uitgewerkt, maar wordt ook doorgetrokken in het architecturale concept. Een groot volume wordt dwars doorsneden door een gallerij: de voorbijganger kan het gebouw gewoon doorlopen, en wordt geconfronteerd met alles wat er in de fabriek gebeurt. Een duidelijk overzicht van het aanbod hedendaagse kunst in Brussel, zowel voor de bewuste bezoeker als voor de toevallige voorbijganger. 62|


PRODUCED BY AN AUTODESK EDUCATIONAL PRODUCT

+5.5

|63

PRODUCED BY AN AUTODESK EDUCATIONAL PRODUCT


64|


voids en solids Verschillende ruimtes en functies krijgen een plaats in dit complex langsheen twee grote doorgangen: een technische gang, en een publieke gang. Er ontstaat een soort van stad binnen de stad: een hedendaagse kunststad, waar er plaats is voor verschillende kunstenaars om elkaar te ontmoeten, voor kunstenaars om hun kunst de delen met het publiek, maar ook waar er plaats is voor sport, ontspanning en workshops voor de lokale jeugd, of om een kop koffie te drinken langs het kanaal,... . En tussen deze volumes ontstaat er een void: de straten van de stad. Een groot parcours doorheen het gebouw, met af en toe een blik op de omgeving of op een aangrenzende ruimte, maar vooral verschillende gangen en ruimtes met verschillend licht en afwisselende ervaringen: het museum.

|65


66|


|67


68|


Het gebouw heeft verschillende relaties binnen-buiten. Voorbijganger en bezoeker genieten beiden van dit gebouw. Het gebouw wordt geen obstakel voor de mensen in de buurt, maar verzekert vlotte dagelijkse doorgangen van bijvoorbeeld Molenbekenaars die naar de markt in Anderlecht gaan en voor toeristen van op de grote markt in Brussel naar het gemeenteplein in Molenbeek. De hoofdingang van de ‘Contemporary Art Factory’, wordt duidelijk gekenmerkt door de galerij en de brug die over het kanaal tot op het grote voorplein loopt. Maar verschillende andere secundaire toegangen vergroten de permeabiliteit van het gebouw: de ingang van de sporthallen in de Evariste Pierron straat in Molenbeek, de technische hal die zowel in de Evariste Pierron straat toegang heeft alsook doorloopt tot op het voorplein, de private toegang tot de kunstenaarswoningen en ateliers en het cafe dat zowel vanuit de gallerij als van op het voorplein bereikbaar is.

Het binnenplein vormt een rustpunt en laat licht toe in het grote volume. Het staat in verbinding met het podium van de theaterzaal zodat het in de zomer ook als buitentheater kan dienen. Bovendien is het ook te benaderen vanuit de sporthal, zodat het ook hier als buitenruimte kan gebruikt worden. Doorheen het hele parcours wordt de bezoeker verrast met verschillende zichten en relaties, soms naar buiten toe, soms naar een andere ruimte. |69


70|


|71


o.l.v. Bruno De Meulder, Maddalena Falletti, Verena Lenna, Arnout Vandenbossche

07/ BORDERLAND

Deurne north, positioned on the edge of Antwerp in between a bundle of borders. A place of arrival for many immigrants of Antwerp, a temporary place with an intangible identity, often neglected by many designers. With a group of 5 international students we opted for a different approach. Deurne north, positioned right next to the centre of Antwerp, in between a bundle of borders. Borders which not per se have to isolate Deurne but which can serve Deurne of great potential. After a close reading of these borders, and particular its vast open spaces, we zoomed in on a particular kind of open space, which we call the ‘Borderland’. By looking at the characteristics of this land we concluded that borderland is land with certain conditions, an in-between, both in space and in time. Borderland focusses on capturing this in-between. By zooming in on four strategic territories in which borderland characteristics can be identified, interventions are proposed that work with the recognized conditions. After this intervention different actors, inspired or encouraged by (the intervention of) borderland, can take over. The ‘Borderland’ is not anymore only neglected land. It becomes land/ a way of designing, which encourages surprising changes to future development. By scanning profoundly the land, and its surroundings and by recognizing its qualities, peculiarities and problems, a small intervention on the right moment and place can entail influential impacts. 72|


|73


74|


images of Deurne North

|75


isolating Deurne?

potential for Deurne!

‘Borderland’

Open Spaces in the Borders

76|


images of Borderland

|77


78|


|79


BORDERLAND BORDERLAND

Capturing the In-Between

80|

Capturing


Four strategic territories are defined, each of them deal with borderland conditions and have different planned outcomes: the park, the development site, the nature site and the industrial area. Each of the four territories will face a Borderland period and the idea is to recognize this and react on it.

Borderland Phases 4 3

2

1

Starting from a study of the existing proposals for Antwerp, this project decides to work with the mobility plan: the Meccano trajectory. The consequences for Deurne are projected and defined and the most important changes are: 1. a green boulevard along the Singel that ensures a green park connection for Antwerp (in between Park Spoor Noord and Rivierenhof); 2. the Meccano trajectory that runs along Deurne in the east, accompanied with a green buffer zone; 4. the expected development of the canal zone: a more housing and cultural oriented development at the Sportpaleis-junction; and 5. an industrial development in the north east along the canal related to the new Meccano- trajectory. The bufferzone’s density will increase. Borderland encourages it and controls it at the same time. |81


For each of the territories we define why this area is strategic. Subsequently the borderland characteristics are identified : analysis of the isolated land and the barriers, the recognized cracks and movements and the large scale elements or other physical peculiarities. Eventually in the In-Between Phase, interventions are proposed that work with the recognized conditions of timephasing, accessibility and appropriation and specific physical appearance. For example in the ‘to be developed as park-area’, we propose to work with designing small and strategically positioned cracks (in the shape of stairs and ramps), that allow people to enter the elevated platform of the former railroad. While waiting for a designed park, people can appropriate this unique place and enjoy this land that offers great views and at the same an intimate and hidden environment where things can happen which cannot find place at the convenient parks inside the city. It allows the people of Deurne and Antwerp (and beyond) to give this place an identity on which future designers could base their design. It values the place in the ‘In-Between Phase’ in which it otherwise would often be neglected and downgraded. Value that can reach further into the future development. The project recognizes that afterwards different actors will take over, hopefully inspired and encouraged by the borderland interventions, giving stage to more innovative and original possible evolutions. 82|


|83


o.l.v. Henri Bava, Bruno De Meulder, Christian Nolf, Kelly Shannon

08/

INFRASTRUCTURING CA MAU

Ca Mau is situated in the southernmost province of inland Vietnam- occupying the tip of the dynamic landscape of the Mekong Delta, one of the most productive landscapes in the world. A relatively modest town for Asian standards (250.000 inhabitants today), Ca Mau, is undergoing a metamorphosis. As elsewhere in Vietnam, the consequences of the 1986 doi moi (open door policy) have brought to the area a process of modernization and urbanization previously unseen with regards to scale, speed, scope and nature. In the past this landscape has been managed and structured by canals but more recently there has been a push to manage the landscape and structure it by roads. Infrastructural development is being heavily invested in, which poses new opportunities and challenges for the city and the peninsula. The city, with a height less than two meter above sea level, is extremely sensitive to the threatening consequences of climate change and the close and fragile relation between the built fabric and the productive landscape makes us aware of the threats of the on-going urbanization processes. They call for another form of planning. One of the important questions is how urban development can play with the forces of nature rather than trying to counter them. This requires a careful reading and understanding of the landscape. Not only the natural conditions, but also the domestication practices that have shaped the territory. Approaching this from the infrastructural point of view a group of ten people practiced upon following questions like: 1. How to work with existing and planned roads in an increasingly vulnerable waterscape? 2. Can the city act as a filter using dead-ends to create live-beginnings? 3. Can infrastructure act as the base to create vibrant urban platforms for a future Ca Mau? By revealing both the qualities and deficiencies of the (cultural and natural) landscape and proposing alternative design strategies, it hopes to broaden the current narrow view of road management, towards a more sustainable future of Ca Mau. 84|


|85


86|


images illustrating the streetlife of Ca Mau:

|87


XL: Roads, Abundant Landscapes & a City on the Rise

by Wouter Haspeslagh, Michael Kaethler, Prathigna Poonacha

Working with these expansive challenges and accepting the premise that roads are going to be built, this project seeks to work with existing roads, and roads currently under construction, demonstrating how requalifications and strategic design can enable a limited amount of roads to fulfil a maximum amount of functions. Qualifying the roads according to their specific landscape and uniquely intended function endows them with their own character, enhancing their capacity to fulfil each of their formal prerogatives as well as help to anticipate potential future uses. 88|

PARK ROAD

NATIONAL ROAD

COMMUNITY COUPLER

PAVED ISTHMUS

P

H

THE PRESTIGE Tra Q a Canh

An Trach

Dai Chi Can Duoc Thanh P

Dao Loc

Xeo Chich Cai Day

C

Sap

hoa ap 1 L

D

Khuc Cay The k

VISUAL EXPERIENCE

For Vietnam’s southern-most peninsula, the city acts as a significant confluence of fluxes and flows, both water and road-based. As economic development continues, an expansion of the peninsula’s infrastructural network is inevitable, with proposals calling for up to 700km of new highway to be built in the peninsula over the next 40 years. Nevertheless, there are significant inherent challenges to this ambition. Of all the challenges, most notable is the physical environment. Ca Mau’s low topography, soft soils, and pressing threat of sea-level rise, render construction or major infrastructure costly, time consuming and often requiring invasive action within the landscape. In addition, a growing population and the transfer of water-based traffic to the road suggests new social and class divisions, installing what may become realms of inclusion and exclusion depending on who has access to what form of transport.

CONFLUENCE AT CA MAU

Scale 1:250.000 balanced development patterns social considerations complementing infrastructures ecological support experiential marsh water proposed orchards orchards mangrove forest

2080 +0.60M

roads

SEA-LEVEL RISE

built tissue 0.3 m

500m

1km

1km

200m

elevation

IPCC Fourth Assessment Report: Climate Change. http://www.ipcc.ch/publications_and_data/ar4/wg2/en/ch10s10-4-3.html

2.5 m


M: Collecting & [Dis]Connecting

by Luis Angel Flores, Dennis Mumo, Giulia Testori, Kalkidan Wudnehe

After a reading of the landscape and recognising the infrastructure as a structuring element for the city, the figure that is formed responds to the logics of movement and exchange: an east-west axis on which the development could be concentrated, while keeping the richness of the productive fields at the north and south of the city. In order to reinforce the city as a place of exchange of goods and people a network of multimodal hubs between water and roads is proposed; strategic sites that perform as privileged collectors between urban and rural, creating synergies at different scales. The project aims at working with infrastructure at two complementary levels: creating direct connections of fast flows for new import/export industries while at the same time proposing disconnections in the road network. By “putting an end� to the system (with forest, water or new development), some roads lose their character of mere connectors; nevertheless, they become spaces of dialogue between urban and nature, stage for the public realm of the city. It is here, at this interplay of layered systems, where the potential exists to address many of the future challenges of the whole peninsula. |89


S: Interwoven Counterfigures

by Lotte De Bruyn, Marjolein Lyssens, Phuong Tran Hoai

The big infrastructural projects Ca Mau is experiencing have a significant influence on its tissue. Two important tissues can be differentiated: the tissue of the productive landscape and the tissue of the urban landscape. Currently, the city is a continuous elevated platform, which tends to expand concentrically by erasing/ replacing the surrounding productive landscape. The future development of the city is however questionable in terms of magnitude and speed of development, as well as in terms of the maintenance/abandonment of the very productive landscape and at last in terms of resilience facing sea-level rise due to climate change. In order to deal with these uncertainties and to introduce the possibility of a gradual development process (with maintenance of productive functions), the project proposes to (infra)structure the landscape. Building on the territory’s fundamental complementariness between high and low land and taking the best from both the urban and rural realms, the project offers a flexible and resilient structure for the urban tissue to develop. Based on the existing and proposed tension lines some areas can be defined as more likable to develop first. The following three areas are identified: -in between the city centre and petro Vietnam (west of citycentre) -in between the A1 and the new highway (east of city centre) -the southern edge of the city, where the A1 continuous to the south 90|


The system is based on a close reading of the landscape: First, a reading of the current development and the organisation of the productive landscape (ponds and irrigation cannels) is done in order to identify prominent lines in the landscape

These ‘structure-lines’ and the existing water and roadways reveal a possible way to continue the water and road network in a way that it is coherent with the landscapes inner logic and at the same time fits in the broader logic of the city. Water and roads are organised in a way that minimum investment is necessary and minimum harm is done to the existing structure of the landscape and at the same time maximum connectivity is assured. Waterways and roads reach out to each other and work complementary.

interpreting landscape structures

intertwining water and road

A next step in the transformation is initiated with smaller platforms strategically located at road-water interfaces, serving as a base, a safer higher land that guides the development integrated in the existing landscape. These platforms are designed to support collective functions and activities (schools, commercial, etc. ) while the rest of the new (road) structure could develop more spontaneously/ incrementally.

platforms as interface |91


The location near both water and road, the access to fresh water and the close relation to both the city as to the productive landscape make the platforms an interesting place to live. The density and size of the platforms depends on the structure of the landscape, the access to water and roads and is comparable to the urban blocks within the city centre. The construction of the highland is based on a cut and fill system, which takes soil from areas that will become the basins to fill the platforms. The platforms are always located between the higher land adjacent to the canals and the new or existing roads, which makes the filling process feasible. The basins are conceived as dynamic reservoirs, surrounded by reeds to clean the water and maleleuca-trees which are only submersed part of the year and which help to keep the sulphate-level of the soil in balance. 92|

0

100

500


platform in close relation with surrounding productive landscape

grouping development on the platforms stimulates social infrastructures and other services to emerge here like schools, markets, and takes of some of the pressure on the surrounding productive landscape.

|93


The density of platforms is slightly higher in the area near petro-Vietnam, yet the principles remain the same: a balance between high and low land is maintained and the platforms are designed to support collective functions and activities (schools, commercial, etc. ) while the rest of the new (road) structure could develop more spontaneously/ incrementally. Also the grey water coming from the platform is cleaned locally before going back into the canals. A system based on the existing ponds and structured in a way that it forms an escalator from the higher land of the platform towards the canals, while passing reeds and gravel which clean and filter the water. Without the aim of becoming satellite towns, the platforms are also provided with some services, they become important interchanges of goods, people, water & roadways,.. 94|

0

100

500


intermodal platforms: important interchanges of goods, people, water&roadways,..

local water treatment: cleaning the grey water from the platforms |95


For the industrial platform, the principles are similar, yet the scale and the industrial functions, inevitably, lead to differences. The platform is located where the water and road come together and is shaped by them. This platform serves as an intermodal point between the southern river, and the connection to the new highway. To optimize the connection between water and road, the platform is cut in different ways by the river, allowing water connection to go deep into the platform. In this way, goods are taken directly from boats to the factories, before being loaded in the trucks going towards the new highway. It serves as a dead-end for development to preserve the productive landscape in the south, housing mostly agroindustry and algae cultivation. The higher concentration of factories now allows the waste water being treated onsite and when ready it can run through wetland purification. 96|

0

100

500


intertwining of canal and platform

industrial activities at intermodal points

local water treatment |97


09/

Doorheen mijn studie Architectuur in Sint Lucas Brussel en aan de Universidad PolitÊcnica de Valencia werkte ik nog verschillende installaties, objecten en projecten uit naast de ontwerpstudio’s. Deze projecten hielpen me in mijn zoektocht naar materialiteit, ruimtelijkheid, perspectief, herinterpretatie, textuur, grafiek, relaties, licht, herbestemming, ... . Een bredere kijk op architectuur, interieur, kunst, landart, .. werd hiermee verworven. Een selectie van beelden uit enkele van deze projecten kan u hier bekijken. 98|

ANDERE WERKEN


|99


100|


openluchtplein/cinema de galeries Ossekopgang_Sint Hubertusgallerij Brussel

|101


Virus

102|


|103


104|


Textures

|105


Recorrido de luz

106|


+ video (klik hier)

|107


Landart_veld Leefdaal

108|


|109


10/

CURRICULUM VITAE

[PERSONALIA]

Lotte De Bruyn Bondgenotenlaan 142 b2 3000 Leuven 0479/50.74.04 lottedebruyn@hotmail.com geboren op 10 mei 1989 in Leuven

[TALENKENNIS]

moedertaal: Nederlands zeer goed: Engels goed: Frans en Spaans

[STUDIES]

2001-2007 ASO Latijn-Wiskunde, Don Bosco Haacht 2007-2010 Bachelor Architectuur, Sint Lucas Brussel Hogeschool voor Wetenschap en Kunst 2010-2012 Master Architectuur, Sint Lucas Brussel Hogeschool voor Wetenschap en Kunst, met uitwisseling van half jaar in de Universidad Politécnica de Valencia 2012-2013 Master of Human Settlements, Katholieke Universiteit Leuven

[BIJKOMENDE DIPLOMA’S/ ATTESTEN]

2001-2007 Diploma van het Deeltijds Kunstonderwijs in de SLAC/ Beeldende Kunst, Leuven 2005-2009 Vorming voor het Jeugdwerk: Basiscursus animator, sessie 1, sessie 2 en sessie M bij Koning Kevin, Leuven Attest ‘Animator in het Jeugdwerk’ behaald in 2009 2011 Cursus Spaans, attest niveau B/1 behaald

[SOFTWARE]

Basis: - Google Sketchup Goed: - Autodesk Autocad - Autodesk : 3ds Max - Adobe Photoshop, Illustrator en Indesign - Powerframe - Microsoft Office : Word, Excel en Powerpoint - ArcSoft Showbiz DVD & Windows Movie Maker 110|


[WORKSHOPS]

2011 Deelname architectuurwedstrijd Convive in Colombia, Ibagué 2013 Intensive Fieldwork and Workshop in Vietnam olv B. De Meulder en K. Shannnon 2013 Landscape Urbanism Intensive Workshop: Pond Urbanisms. The second life of De Wijers. olv B. De Meulder en C. Nolf (aanvullend studentenjob als medewerker grafische vormgeving publicatie van voorgaande workshop)

[ESSAY’S]

Architectuur als vormgeving van sociologische visies. Case study: Edouard Ducpétiaux en de Centrale gevangenis van Leuven. Gentrification. Case study: Antwerpen Zuid. Sociale factor van nieuwe stedenbouwkundige ingrepen. Case study: Le Lorrain, Molenbeek Brussel (i.s.m. Toon Monballieu) Leven in clans. Op zoek naar een duurzame balans tussen traditie en evolutie voor de Wayuu samenleving in La Guajira, Colombia. The meaning of ‘green’. Looking for the spontaneity of green spaces in Luchtbal. Monument for Modernism. Duality of historicity and actuality of modernism in the post-war city Berlin. Colonial and Postcolonial Urbanism. Essaouira: a gate opening up to the world, the walls of its Medina : a game of exclusion/inclusion. “On the street”: unraveling the notion of public space in Ca Mau, Vietnam.

[HOBBY’S]

1995-2012 Danser, Dansstudio Hilde Goyens, Kessel-Lo 1996-2007 Deeltijds Kunstonderwijs, SLAC/Beeldende Kunst, Leuven 1999-2007 Lid, Scouts Vlierbeek, Kessel-Lo 2007-2012 Leiding, Scouts Vlierbeek, Kessel-Lo 2009-2010 Speler in danstheatervoorstelling Pitsers, Fabuleus, Leuven 2013-.. Danser, Wisper, Leuven

[INTERESSES]

Architectuur, dans en theater, sport, reizen, cultuur, design,....

[WERKERVARING]

Vrijwilligerswerk (oa. leiding en opleiding geven op speelpleinen in Leuven en in Marokko (Essaouira) voor straat en weeskinderen, op de scouts en op themakampen) Verscheidene vakantiejobs (oa. figurante, evenementen, verkoop, kuisen, horeca, ...) |111


DANK VOOR UW AANDACHT !



Portfolio Lotte De Bruyn