__MAIN_TEXT__

Page 1

Kerkuil Nieuws 2015

Noordwest Overijssel en Noordoostpolder


Inhoudsopgave Noordwest Overijssel en Noordoostpolder

inleiding

inhoudSopgaVe

De tweede digitale nieuwsbrief, jaargang 29 Met dank aan de muizen: wat een goed kerkuilenjaar. Niet iedereen is gelukkig met ‘de muizen’. De kerkuil heeft zich door de enorme toename, met name de veldmuis, behoorlijk kunnen herstellen van het jaar 2013. Veel mensen hebben het afgelopen jaar geklaagd over de muizen, vooral als die zich binnenshuis bevinden. Er zijn weer veel klapvalletjes gebruikt. Ook beschermde soorten worden daarvan het slachtoffer.

SamenStelling en Redactie Ger Snaak Florian Bijmold

eindRedactie Hans de Jonge

VoRmgeVing Marc Hekking

g.snaak@ziggo.nl fbijmold@planet.nl hansannie1@hotmail.com marc@sallanddesign.nl

In deze nieuwsbrief zijn, voor het eerst op zo grote schaal, de effecten van het enorme voedselaanbod op de grootte van de broedsels zichtbaar. Een samenspel van prooidier en predator. De redactie hoopt iets van dat samenspel in deze nieuwsbrief zichtbaar te maken. Veel lees- en kijkplezier! Redactie

2

Kerkuil Nieuws 2015

Noordwest Overijssel en Noordoostpolder

4. 6. 10.

Tyto alba alba of Tyto alba guttata ? Jaarverslag 2014 Wijhe/Olst Regio Hardenberg

12. 14.

Een bijzonder uilenjaar Ringen... een zaak van

16. 18. 20. 22. 25. 26. 28. 29.

Vreemde eend... Kerkuil N.O. Polder Werkzaamheden... Vroeg en late broeders Terror-oehoe Broedresultaten 2014 Coördinatoren Landkaart werkgroepen Noordwest Overijssel en Noordoostpolder

Kerkuil Nieuws 2015

3


Tyto alba alba of ..... Einde discussie... In ‘Kerkuilnieuws 2014’ is er aandacht gevraagd voor het kunnen zien van de verschillen tussen de ondersoorten ‘witte kerkuil’ (Tyto alba alba) en de ‘bruine kerkuil’ (Tyto alba guttata). Jarenlang is er gediscussieerd of de beide ondersoorten aan verschillen in het verenkleed zijn te herkennen. Door een waarneming van een ‘witte kerkuil’ uit de omgeving van Zwolle is er op landelijk niveau aandacht gevraagd voor het wel of niet kunnen onderscheiden van de beide ondersoorten. Op die vraag is het afgelopen jaar antwoord gegeven door de (landelijke) Commissie Dwaalgasten Nederlandse Avifauna (CDNA).

En dan komen er veel vragen! De belangrijkste vraag is: heeft de CDNA een juiste determinatie verricht? De kerkuilenwerkgroep West-Overijssel / Noord-oostpolder heeft in ieder geval gevraagd om een heroverweging.

Landelijke Uilendag 2015 Noteer vast in uw agenda: De landelijke Uilendag 2015 is op zaterdag 10 oktober in schouwburg Ogterop in Meppel. Het is de zevende uilendag die gehouden wordt.

De CDNA heeft, na eerst vastgesteld te hebben dat de ‘witte kerkuil van Zwolle’ een Tyto alba alba is, goed geluisterd naar de kritiek daarop vanuit de werkgroep West-Overijssel/ Noordoostpolder. Dank zij ringgegevens (via Luc Smit) uit Noord-Holland en het controleren van de ringen door Jan van Dijk uit Zwolle, is vast komen te staan dat de broertjes en zusjes van de ‘witte kerkuil’ uit Zwolle kenmerken vertonen van de ‘bruine kerkuil’. Foto: Johan de Jong Jonge kerkuilen uit hetzelfde nest

Foto: Jitze Terpstra

De CDNA heeft nu besloten om het onderscheid tussen beide ondersoorten niet meer te maken tot er meer betrouwbare kenmerken zijn. Het is dus goed mogelijk dat de CDNA het onderscheiden van beide ondersoorten in de toekomst wel weer gaat oppakken. Tussentijds kunnen de kerkuilwerkgroepen alert blijven op de ‘witte en bruine kerkuilen’ in eenzelfde kast. Foto’s zijn belangrijk om het een en ander vast te leggen.

Kerkuilenwerkgroep Nederland zullen samen met Stone en de Oehoe-werkgroep er weer een mooie dag van maken.

4

Kerkuil Nieuws 2015

Noordwest Overijssel en Noordoostpolder

Kerkuil Nieuws 2015

5


Jaarverslag 2014 Uilenwerkgroep de Grutto Wijhe/Olst

Zoals gemeld in de Grutto van september was het een bijzonder uilenjaar. De zachte winter, het warme voorjaar en de grote muizenpopulatie hebben daartoe bijgedragen. Op één locatie vonden we wel 40 tot 50 muizen in een kast. De ringer Jan van Dijk heeft al heel wat jaren uilen geringd, maar dit jaar heeft alle voorgaande jaren overtroffen, vooral bij de kerkuilen. De aantallen vind je terug in het overzicht verderop.

De aanpassingen zijn door medewerkers van de Landelijke uilenvereniging “Stone” bedacht en getest. Inmiddels hebben we al een groot aantal kasten aangepast of vervangen. In de gemeente Olst/Wijhe zijn 35 broedsels geteld met 154 eieren. Daar zijn 124 jongen uitgekomen waarvan 117 geringd. Eén broedsel zat aan de andere kant van de IJssel in Welsum.

Bij de steenuilen was er één broedsel meer dan vorig jaar; per legsel zijn er wel meer eieren gelegd en zijn er meer jongen per broedsel uitgekomen. Helaas zijn er op 4 locaties kasten geplunderd, ook wel predatie genoemd, door marterachtigen. Inmiddels zijn daar oplossingen voor gevonden, door de kasten zodanig aan te passen, dat de marterachtigen niet meer in het broedgedeelte van de kast kunnen komen. Vorig jaar hebben we als proef een paar Op één locatie, waar predatie plaatsgevonkasten aangepast of vervangen om te kijken den heeft, zijn de uilen opnieuw gaan broehoe de uilen erop zouden reageren : er werd den en zijn er toch nog 3 jongen uitgevlogen. normaal in gebroed. De kerkuilen hadden een bijzonder productief jaar met drie nieuwe broedlocaties. Daarnaast is er op 3 locaties voor de tweede keer in het seizoen gebroed. Bij het schoonmaken van de kasten is er ook nog een broedsel vastgesteld, ook dit is waarschijnlijk een laat broedsel geweest. Toen we kwamen kijken, stonden nog 3 jongen op uitvliegen; hoeveel er totaal geweest zijn, zal een vraagteken blijven.

6

Kerkuil Nieuws 2015

Gelukkig hebben we in ons werkgebied nog geen last gehad van predatie bij de kerkuilen. De kasten zijn groter, het invlieggat zit aan de voorzijde van de kast en de kasten hangen veel hoger dan de steenuilkasten. Waarschijnlijk zijn ze daardoor moeilijker toegankelijk. Dat het voor een boommarter toch wel mogelijk is in een kerkuilkast te komen, kunt u op een You Tube filmpje bekijken. Gaat u maar eens naar: http://aa5.nl/snWA94

Bij de steenuilen hebben we 15 eerste broedsels gehad met 127 eieren, waar 113 jongen uit kwamen. Daarvan zijn er 104 geringd. Bij de kerkuilen zijn er 3 tweede broedsels dit jaar geweest; uit die12 eieren zijn 10 jongen voortgebracht daarvan 7 jongen zijn geringd. Ook bij kerkuilen zit één broedlocatie aan de andere kant van de IJssel in Welsum. De broedsels daar worden gecontroleerd en de jongen worden geringd door Harry van Diepen. We willen Jan van Dijk en Harry van Diepen hartelijk bedanken voor de prettige samenwerking. In onderstaand meerjarenoverzicht is de populatie weergegeven. Zoals u kunt lezen zit er een stijgende lijn in de populaties, bij de kerkuilen in het bijzonder. Gezien de vele jongen is dit explosief te noemen. Nu maar hopen dat ze de winter goed door komen en dat we volgend jaar weer nieuwe broedlocaties tegemoet mogen zien. volgende pagina vervolg...

Steenuilen Olst - Wijhe broedsels eieren pullen pullen geringd pullen uitgevlogen pullen dood adults geringd

2005

2006

2007

2008

2009

2010

201 1

2012

2013

2014

4 ? 11 9 9 2 1

5 13 13 8 13 ? 0

11 40 28 14 14 5 2

13 53 44 37 36 8 9

21 69 41 35 40 0 8

27 87 58 47 45 10 8

22 57 44 43 43 1 12

26 72 52 51 51 2 8

37 125 64 61 55 3 1

38 154 124 117 117 0 0

2005

2006

2007

2008

200 9

2010

201 1

2012

2013

2014

5 ? 18 16 16 2 0

4 25 20 19 15 0 0

15 21 59 54 59 0 0

11 36 33 29 26 8 5

7 24 16 15 15 1 1

12 43 33 30 30 3 4

9 26 22 18 18 4 0

11 46 45 45 42 4 4

11 52 34 30 29 5 0

15 127 113 104 104 1 0

Kerkuilen Olst - Wijhe broedsels eieren pullen pullen geringd pullen uitgevlogen pullen dood adults geringd

Noordwest en Noordoostpolder ZoalsOverijssel u kunt lezen zit er

een stijgende lijn in de populaties, bijNieuws de 2015 Kerkuil

7


Vervolg

Grote broedsels...

Uilenwerkgroep de Grutto Wijhe/Olst

Al vroeg in 2014 kwamen de eerste mails: het wordt een uitzonderlijk jaar voor de kerkuilen. Op 7 mei meldt Jan van Dijk uit Zwolle: ‘Rond Zwolle start ik nu met het controleren van kerkuilen. Aanleiding was het aanGrote broedsels door veel muizen treffen van een nest met 6 jongen, waarvan ik er al drie kon ringen. Veel Ger Snaak muizen de kast,debijvoorbeeld 16eenveldmuizen bij een steenuil die ook al Al vroeg in in 2014 kwamen eerste mails: het wordt uitzonderlijk jaar voor de kerkuilen. Op 7 mei meldt Jan van Dijk uit Zwolle: ʻRond Zwolle start ik nu met het controleren van jongen had’. was het aantreffen van een nest met 6 jongen, waarvan ik er al drie kon kerkuilen. Aanleiding ringen. Veel muizen in de kast, bijvoorbeeld 16 veldmuizen bij een steenuil die ook al jongen hadʼ.

Het voedselaanbod was uitzonderlijk, niet alleen voor de kerkuil. Kerkuilminnend Nederland gnifHet voedselaanbod was uitzonderlijk, niet alleen voor de kerkuil. Kerkuilminnend Nederland gniffelt: de muizenschieten, schieten, na jaar jaar 2013,2013, de kerkuil te hulp. te Dehulp. muizen felt: de muizen nahet hetberoerde beroerde de kerkuil Debleven muizen bleven komen, de komen, de kerkuilen bleven vangen . Resultaat, een unicum in 30 jaar kerkuilenbescherming: kerkuilen . Resultaat, een in 30een jaar kerkuilenbescherming: veel eieren en veel eierenbleven en veel vangen jongen per broedsel. Dat nietunicum alleen: Bijna kwart van alle broedsels heeft 6 eieren/jongen of meer. Klap op de vuurpijl: voor het eerst in West-Overijssel een veel jongen per broedsel. Dat niet alleen: Bijna een kwart van alle broedsels heeft 6 eieren/jongen derde broedsel……..! of meer. Klap op de vuurpijl: voor het eerst in West-Overijssel een derde broedsel...!

De werkgroep uilen van de IVN Wijhe/Olst heeft in het voorjaar van 2014 een expositie verzorgd in het Informatie centrum “Den Nul” over de uilen die broeden in Nederland. We hebben aan de expositie invulling geven door middel van fotoborden per soort voorzien van de kenmerken, biotoop en broedgegevens. Extra aandacht ging uit naar de Kerkuil en Steenuil omdat wij als werkgroep ons daarvoor speciaal inzetten. Van deze twee soorten hadden we kasten en voorlichtingsmaterialen neergelegd. Om een natuurlijke sfeer te creëren zijn takkenrillen en berkentakken gebruikt voor de aankleding.

Op verzoek van het Infocentrum is de expositie verlengd met 2 maanden. Om de reacties te peilen hadden we een gastenboek neergelegd, daarin hebben we hele lovende reacties gekregen. We mogen spreken van een succesvolle expositie. We willen van de gelegenheid gebruik maken om iedereen te bedanken, die op welke wijze dan ook, heeft bijgedragen aan het succes van de expositie. Uilenwerkgroep IVN Wijhe/Olst door Hans de Jonge

8

Kerkuil Nieuws 2015

Regio Steenwijk Mastenbroek Kampen Staphorst Zwolle Dalfsen Heino Ommen Hardenberg Nijverdal Markelo Bathmen Deventer Den Han/ Vroomshoop Raalte Avereest Noordoostpold er Wijhe/Olst Totaal

12

6

7

Broedselgrootte > 5 eieren/jongen 8 9 10

1

3

5 2 1

5 2

5 7 2

1 1

1

11

1

2

1

1 4

1

4

2

11

1

3

4

30

13

4

1

1

2

De toppers van grote broedsels liggen in de regioʼs Mastenbroek en Kampen. Her

broedseizoen 2014grote heeft voor de regio West-Overijssel-Noordoospolder ongeveer 1200 De toppers van broedsels liggen in jonge kerkuilen opgeleverd. de regio’s Mastenbroek en Kampen. Her Zij alleen zullen gedurende hun eerste levensjaar 2.190.000 muizen vangen. Alle kerkuilen in broedseizoen 2014 heeft voor de regiomuizen vangen. Overijssel-Noordoostpolder zullen ca. 3.000.000 West-Overijssel-Noordoospolder ongeveer 1200 jonge kerkuilen opgeleverd.

Zij alleen zullen gedurende hun eerste levensjaar 2.190.000 muizen vangen. Alle kerkuilen in Overijssel-Noordoostpolder zullen ca. 3.000.000 muizen vangen. door Ger Snaak

Noordwest Overijssel en Noordoostpolder

Kerkuil Nieuws 2015

9


regio Hardenberg

In 2006 is alleen vrouw Olst gecontroleerd, maar zal man Agelo ongetwijfeld ook aanwezig zijn geweest. In 2007 hebben vrouw Olst en man Agelo twee broedsels grootgebracht. In 2008 lukte het niet om de adulte Kerkuilen op ringen te controleren, maar zullen vrouw Olst en man Agelo het broedpaar gevormd hebben (zie onder).

De bewoners van een kerkuilennestkast door de jaren heen

Er zijn kerkuilenkasten waarin bijna elk jaar in gebroed wordt. Veel mensen gaan ervan uit dat het wel dezelfde uilen zullen zijn, of dat over een langere periode misschien hooguit een of beide partners door een andere wordt vervangen. Dat dit niet het geval is laat onderstaand overzicht zien van de bewoners van een nestkast over een periode van 14 jaar. Dit overzicht laat tevens zien dat ringen nut heeft. Vaak wordt er gezegd dat ringen niet meer hoeft, omdat alles toch al bekend is. Ringen wordt niet alleen gedaan om trek en dispersie te ontrafelen, maar ook om lokale ‘populaties’ in kaart te brengen.

Op 10 maart 2001 heb ik, samen met Ger Snaak, een kerkuilennestkast geplaatst in Radewijk. Dit leverde nog hetzelfde jaar een geslaagd broedsel op. Eén van de adulten was ongeringd, de ander liet zich niet pakken. Bij de ongeringde uil is niet gekeken of er een broedvlek aanwezig was. Destijds had ik nog geen ringvergunning.

Op 12 maart 2009 kwam vrouw Olst aan haar einde door een botsing met een auto op 1 km van de kast. Er is in 2009 gebroed, maar er zijn geen adulten gecontroleerd. In 2010 was er een nieuwe vrouw. Deze was op 23 juni 2005 geringd in Junne. Afgelegde afstand: 16 km. Man Agelo was ook weer present.

In 2002 werd er niet in de kast gebroed. In 2003 was er een geringde vrouw. Ze was op 31 juli 2000 in Olst geringd (afgelegde afstand: 47 km). De man was ongeringd. Op 10 december zat vrouw Olst ook weer samen met een ongeringde man in de kast. Deze werd toen door Han Bouman geringd. In 2004 werd er weer door vrouw Olst gebroed. De man kon niet gecontroleerd worden. Op 10 december zat vrouw Olst samen met een op 22-6-2002 in Agelo (Twenthe) geringde man in de kast. Ook in 2005 vormden vrouw Olst en man Agelo het broedpaar.

Ringer Jan Leferink bij een broedkist. In 2011 had man Agelo opnieuw een andere vrouw. Deze (vrouw Radewijk) heb ik zelf van een ring voorzien. Dit broedpaar bracht twee broedsels groot.

Verkeersslachtoffers Uit ringonderzoek is gebleken dat bijna 70% van de kerkuilen het eerste levensjaar niet overleefd. Vooral de eerste vier maanden direct na het uitvliegen is een kritische periode voor iedere kerkuil. Onervarenheid bij het zoeken naar voedsel en moeite hebben met het ontwijken van allerlei obstakels zoals ramen en prikkeldraad vormen de belangrijkste doodsoorzaken. Als dit al niet genoeg is komen er daarnaast schrikbarend veel kerkuilen om in het verkeer. (bron: www.kerkuilen.nu)

Ook in 2012 is er door vrouw Radewijk en man Agelo gebroed. In het slechte broedseizoen 2013 is er niet gebroed en zijn er in het broedseizoen ook geen uilen waargenomen. Vrouw Radewijk heeft wel gebroed, maar deed dat 1 km verderop in een nestkast in Radewijk. Met welke partner is niet bekend. In 2014 was er een nieuwe broedpaar. Beide vogels zijn van een ring voorzien.

Foto: Jan Leferink

10

Kerkuil Nieuws 2015

In 14 broedseizoenen zijn er minimaal 3 mannen en 4 vrouwen als broedvogel in de nestkast geweest. Vrouw Olst is minimaal 6 jaar broedvogel geweest en man Agelo 9 jaar. Elk jaar is het weer fijn om deze nestkast te controleren. Dit komt niet alleen door het interessante verloop in de uilen. De bewoners met hun twee kinderen zijn altijd enthousiast en heel benieuwd hoe het hun uilen vergaat. Jan Leferink, regio Hardenberg.

Noordwest Overijssel en Noordoostpolder

Kerkuil Nieuws 2015

11


Een bijzonder uilenjaar 2014 : een bijzonder uilenjaar wijhe/olst!

Dit jaar, 2014, mogen we gerust een bijzonder uilenjaar noemen. Zowel het aantal broedsels, de tweede broedsels én het verloop van de broedsels zijn opvallend. Het heeft allemaal te maken met de geweldige muizenstand. We wisten al, dat het aantal muizen in een gebied een cyclus van 4 jaren kent. Daarmee bedoelen we, dat het aantal muizen gewoonlijk in een periode van 4 jaar steeds toeneemt, en na dat vierde jaar een enorme terugval krijgt. Dit jaar is zo’n vierde jaar, en daarbij was de winter ook nog eens extreem zacht; vandaar de enorme piek in de muizenstand. We zijn in het ( heel warme ) voorjaar enkele weken eerder dan normaal met de controle van de steenuilkasten begonnen. In de kasten troffen we veel volwassen uilen ( vooral broedende vrouwtjes) aan, die al een ring hadden. Dat betekent veel terugmeldingen naar het Vogeltrekstation, en veel gegevens voor het R.A.S.-project. Daarover hebben we in een vorige Grutto uitleg gegeven. Ook troffen we op een aantal erven ongeringde uilen aan. Op 9 mei gingen we met Jan van Dijk, onze ringer, op pad om zulke steenuilen van een ring te voorzien. Daarbij kwamen we op een adres aan de Hooglandweg, waar behalve een steenuilkast ook een kerkuilkast aanwezig is. De eigenaar gaf aan, dat er een erge stank uit de kast kwam, en hij was al even vluchtig gaan kijken. Volgens hem waren er al 3 jongen, maar dat leek ons begin mei eigenlijk onmogelijk! Jan naar boven, en tot zijn grote verbazing telde hij geen 3, maar liefst 7 jongen in de kast. Alle pullen werden in de emmer gestopt, en zo kwam Jan de ladder af met een emmer uilskuikens. Aan de ontwikkeling van de veren zag Jan, dat het oudste jong al zo’n 40 dagen was; nog 2 weken verder en hij zou uitvliegen. We waren dus net op tijd. Nadat Jan het zevende jong geringd had, bleek de emmer nóg niet leeg! Jan zei : “Met zo’n nest raak je de tel zo maar kwijt!” Zo vroeg in het seizoen al 8 jongen in één kast: dat belooft wat. Kans op een aantal tweede legsels, en die tweede legsels kwamen er in augustus ook. Dat had onze groep voor het laatst in 2007 meegemaakt.

12

Kerkuil Nieuws 2015

De steenuilen waren wel wat vroeger dan normaal, maar niet zo heel veel. Bij een kast aan de Oude Allee buiten Olst hadden we begin mei 6 eieren gezien. Enkele weken later was de kast leeg. We denken, dat de eieren geroofd zijn door een marterachtige. Begin augustus worden we door diezelfde kasthouder gebeld om nog eens langs te komen. Volgens hem waren er jonge steenuilen. Wat was het geval? Op het erf stond een pallet met golfplaten. Toen die met een heftruck verplaatst werden, kwamen er opeens 3 jonge steenuilen tevoorschijn. De steenuil was, onverwacht, voor de tweede keer gaan broeden, kennelijk op een veiliger plek. De kasthouder had twee jongen meteen kunnen vangen; de derde vluchtte de schuur in. We hebben meteen Jan van Dijk gebeld en nog diezelfde avond zijn ze geringd. De jongen werden in de hooiberg gezet. We denken, dat de ouders de jongen wel terugvinden, en dat het allemaal goed gaat komen. Vorige week werd een van ons gebeld door een kasteigenaar aan de Eikelhofweg te Boskamp. Daar was een steenuil met 6 jongen. De plek waar de steenuil gebroed had was zeer opmerkelijk, namelijk in de ingang van een kerkuilkast. Enige uitleg ten aanzien van de situatie is hierbij nodig. De kerkuilkast is aan de binnenzijde van de schuur geplaatst. De muur is dubbelsteens. Om de kerkuil toegang tot de kast te verschaffen heeft de eigenaar een pvc-pijp door beide muren heen naar de kast gemaakt. De steenuil bleek nu gebroed te hebben in die pvc- pijp. Dit jaar was er geen kerkuil, maar de steenuil vond het kennelijk wel een mooie plek. Over een paar weken kunnen ze geringd worden. Wij hebben nog niet eerder meegemaakt, dat steenuilen nog zo laat broedden.

Nog een verhaal. Maandag werd ik gebeld door een kasteigenaar uit Herxen, hij heeft al jaren een kerkuilkast staan. In het begin het voorjaar had hij bij de kastkerkuilen waargenomen, deze zijn verjaagd door kauwtjes. De kauwtjes hebben er gebroed en jongen voortgebracht. De eigenaar heeft de kast nadat de kauwtjes waren uitgevlogen weer schoongemaakt. Hij had het idee dat er weer wat gaande was bij de kast, toen hij bij de kast ging kijken hoorde hij een sissend geluid, de deksel opgelicht en tot zijn grote verbazing zaten er 5 jonge kerkuilen in de kast. Bij kerkuilen hebben we dit jaar dus ook tweede broedsels; we weten nog niet precies hoe veel. We gaan nog weer controleren. Over alle aantallen broedsels en jongen kunt u lezen in het komende jaarverslag van onze werkgroep. Hans de Jonge, IVN “De Grutto”Wijhe/Olst Werkgroep steen- en kerkuilen.

Noordwest Overijssel en Noordoostpolder

Kerkuil Nieuws 2015

13


Ringen... een zaak van

Op weg naar minder verkeersslachtoffers”.

Ringen……… een zaak van overleg In een regio in Zuidoost-Drente gaat de vogelwerkgroep op stap om, voor de eerste keer in dat jaar, een aantal nesten te contoleren. Tot hun stomme verbazing blijken van sommige broedsels de jongen al te zijn geringd. Het staat zo mooi in het boekje ‘Een handleiding voor kerkuilbeschermers’: ‘Het overleg tussen regiocoördinator en ringer is van essentieel belang’. Samenwerking! Een ringer is dienstbaar aan een locale werkgroep. De visie van de werkgroep op het ringen is een belangrijk uitgangspunt in het gesprek met de ringer. Omdat in sommige gevallen het doel van een ringer verder gaat dan die van de werkgroep, behoort ook de ringer ‘het andere doel’ kenbaar te maken. Zo kan een ringer zijn betrokkenheid bij projecten met de werkgroep bespreken. In de allermeeste gevallen verloopt de samenwerking tussen werkgroepleden en de ringer prima. Leden van de werkgroep contoleren bijvoorbeeld de kast, maken een afspraak met de ringer, halen de jongen uit de kast en brengen de geringde jongen weer terug. De taak van de ringer hierbij is/kan zijn: ring pakken, de ring om de poot aanknijpen, biometrische gegevens verzamelen en een stuk administratie. Deze aanpak werkt uitstekend en wordt veel toegepast. Alle te verrichten werkzaamheden, zowel door de werkgroep, de ringer en de eigenaar het gebouw dienen één doel: het voorkomen van verstoringen. Ook de eigenaar van het gebouw waar de kast is geplaatst heeft vaak zijn wensen. Het bevuilen van machines door de uitwerpselen is daarvan een voorbeeld. Werkgroepleden doen er goed aan om signalen in die richting serieus te nemen. Ook voor de eigenaar van een gebouw is het goed om te weten dat alle vang- en ringactiviteiten ondersteund worden door de werkgroep en de ringer.

Op woensdag 5 november was het eindelijk zover: over een traject van 3 kilometer zijn aan beide kanten van de weg, rond het kruispunt Beetsterzwaag, hectometerpaaltjes aangepast met een soepel lopende “rol” Uilen kunnen nu niet meer op het aangepaste hm-paaltje zitten. Als alternatieve zitplaats zijn op 4 meter afstand van de rijbaan palen met een houten T-constructie van 3 meter hoogte geplaatst. Rijkswaterstaat heeft ingestemd met het houden van een praktijkproef bij Beetsterzwaag. De financiering van het project is gedragen door: het Bettie Wiegmanfonds, de BFVW en Vogelbescherming Nederland. Rijkswaterstaat heeft vergunning gegeven en logistieke medewerking verleend.

Iets moeilijker wordt het als de ringer op eigen houtje broedkasten bezoekt, zonder daarbij te overleggen met de regiocoördinatoren. Bepaalde activiteiten vinden ook buiten het broedseizoen plaats. Formeel heeft een ringer in een dergelijke situatie alleen de toestemming nodig van de eigenaar van het gebouw waarin de kast is geplaatst. Of het buiten beschouwing laten van de werkgroep verstandig is……..? Ook hier dient een wederzijds belang gerespecteerd te worden. Eigenlijk zou ook hier trilateraal overleg moeten gaan plaatsvinden: de werkgroep, de ringer en de eigenaar van het gebouw. De gevoeligheden en de zorgen ten aanzien van het bezoeken van broedkisten moet een ieder duidelijk zijn. Zorgen betreffende het verstoren of de wijze van verjagen van kerkuilen kunnen reëel zijn! Overleg is bedoeld om de ander te overtuigen. Betrek het projectmatig ringen van uilen daarom ook bij het overleg, overtuig elkaar, wijs elkaar op gevoelige situaties. Er zijn werkgroepen en ringers die dat kunnen, het hele jaar door, zonder schade voor de kerkuilen!

http://iturl.nl/snFyh (bron: www.kerkuil.com)

door Ger Snaak.

14

Kerkuil Nieuws 2015

Noordwest Overijssel en Noordoostpolder

Kerkuil Nieuws 2015

15


Vreemde eend...

Soort: aantal: Microtus arvalis (veldmuis) 13x Clethrionomys glareolus (rosse woelmuis) 25x Apodemus sylvaticus (bosmuis) 5x Ondefinieerbare kiezen en kaakdelen ivm slijtage 11x Ontbreken van kiezen rijen of onderkaken. Wel zijn het woelmuizen! Mottacilla alba (witte kwikstaart) of een Anthus pratensis (graspieper), alleen de poot, tenen en venbeen, geen snavel, veerresten of schedelfragmenten. 1x Totaal 55x

Velduil vond ‘zijn Waterloo’ in het Kuinderbos… Wat doe je als je vakantie hebt en het regent? Nu, dan ga je braakballen pluizen. Deze keer geen braakballen van een kerkuil of een ransuil maar die van een velduil. Velduil? Op zaterdag 25 februari 2012 werd de jaarlijkse WRN roofvogeldag in Meppel gehouden en die dag was het eigenlijk te mooi om binnen te zitten, ondanks de zeer interessante presentaties die er werden gegeven. Er bekroop me een gevoel dat ik zeker die dag naar het bos zou moeten gaan, dat heb ik wel vaker… Nu ligt Meppel gelukkig niet zo heel ver van mijn woonhuis in Kuinre. Ik had nog wat tijd over om voor de schemer nog even het bos in te gaan. Op deze prachtige namiddag hoorde ik ook weer voor het eerst, het ‘nawinterse’ geluid van de grote lijster. Zo’n mooie melancholische zang in een stil Kuinderbos. Ik begon mijn rondje langs de oevers van de poelen en kwam uit bij een van de veldjes die nu het uiterlijk heeft van een duinvalleitje. Er staan hier en daar struiken zoals duindoorn, sleedoorn en meidoorn, samen met opslag van jonge zomereik, lariks en, als ondergroei, veel duinriet. Na enkele ogenblikken vloog een uil van de grond op en ik kon direct een velduil herkennen. Deze vogel had ik nog niet eerder in of om het Kuinderbos gezien . De vogel landde ca. 100 meter verderop. Ik heb me omgedraaid, omdat ik de vogel met rust wilde laten. Ik had de stille hoop dat de velduil een roestplek zou hebben in dat verruigde veldje en misschien werd de velduil nog vergezeld door meerdere roestende velduilen. Een weekje daarna belde mijn goede kennis Gerard Eggens me op en vertelde dat hij bij zijn bezoek aan de poelen en het veldje een prachtige krans van uilenveren had gevonden, daar, waar ik de velduil had gezien. Ik ben diezelfde dag nog gaan kijken en trof daadwerkelijk op twee plaatsen de geplukte, verspreid liggende resten van

16

Kerkuil Nieuws 2015

Uit de braakballen kon ik 55 prooidieren, overwegend woelmuizen, op naam brengen, waaronder 1 vogel (graspieper of een kwikstaart?).

de velduil aan . De velduil is vrijwel zeker op zijn roestplek geslagen door een havik (A. gentilis), getuige de herkenbare witte poep op de grond bij de krans van veren. De velduil heeft blijkbaar een aantal dagen geroest in een kleine, krom gebogen lariks, zo’n halve meter boven de grond. Onder deze vergroeide lariks lagen 27 braakballen en veel witte ‘poepspatjes’. De braakballen heb ik meegenomen om de schedels en kaakjes op een later moment te determineren en, behalve te kijken wat de velduil de laatste dagen voor zijn dood heeft gegeten, na te gaan of de velduil ook de open plekjes in het Kuinderbos gebruikt zou kunnen hebben om te jagen.

Een detail; in sommige braakballen trof ik ook lariksnaalden aan, een aanwijzing dat de velduil mogelijk ook in de open veldjes heeft gejaagd waar een lariks heeft gestaan.

Stichting Vogel en Egelopvang Kampen Bij de Stichting Vogel en Egelopvang Kampen kunnen gewonde en zieke vogels en egels, in overleg, worden gebracht. Contact per telefoon 06-22604478. Een kerkuil uit Herxen was in een prikkeldraad gevlogen. De uil was gewond aan de vleugel helaas heeft hij het niet gehaald.

Foto 1: enkele hand- en armpennen van de gepredeerde velduil.

Foto 2: braakballen van de velduil.

gebruikte bronnen: Feathers Identificatio for bird conservation (M. Cieslak & Bolestaw Dul) Nieuwsbrief Uilen 2012, Recent onderzoek geeft leidraad voor soortbepaling bosmuis A. flavicollis (G. Snaak) Geraadpleegde determinatie tabel, skeletdelen van knaagdieren en muizen (Henning Vierhaus)

analyse van de braakballen leverde het volgende op: Noordwest Overijssel en Noordoostpolder

Kerkuil Nieuws 2015

17


Kerkuil N.O. Polder Een bijzonder lang broedzeizoen! Het kan niemand binnen natuurminnend Nederland ontgaan zijn dat de kerkuilen een bijzonder lang en goed broedseizoen achter de rug hebben. In de Noordoostpolder was dit beeld grotendeels hetzelfde. Goed gevulde kerkuilenkasten waarbij sommige paartjes twee tot wel drie broedsels met jongen hebben weten groot te brengen. Toch waren er verschillen binnen de polder.

Aan de westkant tussen Espel en Rutten bleef een aantal kasten tijdens het broedseizoen leeg. Zelfs bij de boeren waar voorheen altijd wel trouwe broedpaartjes zaten, was het opmerkelijk stil. In de schuren vonden we ook geen verse braakballen. De voorgaande winters van 2011 en 2012 hebben blijkbaar hun sporen achtergelaten. Aan de randen van de polder rond ‘het oude land’ was het een stuk beter gesteld.

Steenuilen kunnen ook pleegouders zijn.

en daardoor ook meer aanbod aan veldmuizen. De akkerbouwgebieden zijn marginale jachtvelden. Daar vinden de kerkuilen hun prooien hoofdzakelijk langs de taluds van sloten, tochten en langs wendakkers en wegbermen. Toch weten de kerkuilen ook gebruik te maken van de boerenerven als jachtgebied en niet te vergeten de schouwpaden langs de bosgebieden en natuurterreinen in de NOP.

Steenuil ouders kunnen ook als pleegouders zijn. Bij een kast zijn de beide ouders door predatie omgekomen, de jongen zijn bij een kast gezet waar 2 jongen in zaten. De ouders hebben ze keurig verzorgd en opgevoed.

Het wegen van een kerkuil

Aan de Uiterdijkenweg en bij de werkschuur van het SBB (Kuinderbos) aan de Hopweg troffen we goed gevulde broedkasten aan. In de werkschuur van SBB werden zelfs drie broedsels aangetroffen. Blijkbaar hebben de kerkuilen betere jachtvelden die aan de randen grenzen van ‘het oude land’. De kerkuilen aan de Uiterdijkenweg hebben meer jachtgebieden in de vorm van overjarige graslanden

18

Kerkuil Nieuws 2015

Jammer genoeg hebben we dit jaar niet alle locaties kunnen bezoeken vanwege tijdgebrek en een te drukke agenda. Toch hebben we 58 jongen op 13 locaties geteld en gedeeltlijk geringd. We gaan ervan uit dat verschillende kerkuilpaartjes meerdere broedsels hebben gehad. Zeer waarschijnlijk zijn er veel meer jonge kerkuilen in de NOP uit het ei gekropen, alleen zullen we niet weten hoeveel dit er uiteindelijk zijn geweest. We hopen dat 2015 net zo’n goed jaar zal worden voor de kerkuil. door Sjoerd Haantjes, Florian Bijmold & Niko Groen

Noordwest Overijssel en Noordoostpolder

Kerkuil Nieuws 2015

19


Werkzaamheden... Kerkuilen zijn behoorlijk “nestvast” als ze jongen hebben. tijdens het broedseizoen vonden op twee verschillende plaatsen werkzaamheden plaats terwijl er kerkuilen broeden. Je zou verwachten dat de vogels verstoord zouden worden maar dat liep toch anders.

dat in gang gezet zouden hebben dan waren was er in ieder geval één kerkuilenvriend minder…… Het plan werd opgevat de kast zo lang mogelijk te laten zitten. Als de schuur plat zou gaan zouden de jongen met kast en al een tijdelijke plaats krijgen. Dit laatste was lastig omdat heel dicht bij geen schuren of andere bouwwerken waren waar de kast geplaatst zou kunnen worden. Besloten werd een stellage van hout te maken en daar de kerkuilenkast ‘s- Heerenbroek op te zetten. In ‘s- Heerenbroek (dorpje tussen Kampen Op 15 augustus werden 3 jongen geringd, ze en Zwolle) zat een kerkuil nestkast in een waren toen ongeveer 4 weken oud. Twee weschuur. De kast zat achter een wand met een ken later was het zo ver, de schuur ging plat pijp naar buiten. De oude schuur zou gesloopt en de kast werd op een soort “klokkenstoel” gaan worden en vervangen door een nieuwe. gezet, ca. 5 meter achter de schuur. De eigenaar hield rekening met de kerkuilen Op 16 september hebben we de kast op de en plande de werkzaamheden voor eind tijdelijke plaats gecontroleerd en warempel, augustus, dus mooi na het broedseizoen. En één uil vloog uit de kast het net in. Het bleek je raadt het al… begin augustus nog kleine één van de drie jongen die half augustus jongen! werden geringd. De kast werd geïnspecteerd De sloop en aanvang bouw uitstellen was en alles zag er normaal uit dus het had er alle geen optie omdat alles al was afgesproken. schijn van dat alle drie jongen normaal waren Natuurlijk zijn er wettelijke mogelijkheden om uitgevlogen. de werkzaamheden uit te stellen. Maar als we

Mastenbroek In 2013 hadden we ook al een dergelijk geval. Hier werd de schuur op het frame na compleet gestript. Toen de werkzaamheden begonnen keken de bouwvakkers in de nestkast en zagen jonge kerkuilen. Hier werd (in overleg met ons) besloten de kast op zijn plaats te laten en met twee schoren te verstevigen. Iedere morgen als de werkzaamheden begon-

nen vloog één van de oude uilen uit de kast. Nadat de werkzaamheden al bijna twee weken aan de gang waren konden we vier jonge uilen ringen die later ook probleemloos zijn uitgevlogen. In de maanden daarna werd de nieuwe kap geplaatst en de schuur verder afgebouwd. In 2014 hebben de kerkuilen tot twee maal toe gebroed in deze nestkast. door Jan van Dijk

20

Kerkuil Nieuws 2015

Noordwest Overijssel en Noordoostpolder

Discussie Deze acties konden waarschijnlijk alleen maar slagen omdat er jongen waren. Verhuizing en werkzaamheden tijdens de eifase zouden bijna zeker tot mislukking hebben geleid. Dus werkzaamheden in de buurt van een bezette kerkuilenkast? Kwestie van timing en creativiteit!

Kerkuil Nieuws 2015

21


maal broeden. Mogelijk is er een verklaring voor het verschil tussen de vroege en de late broeders.

Vroeg en late broeders KeRKuilen in WeSt-oVeRiJSSel; VRoege BRoedeRS en late BRoedeRS in 2014 Het jaar 2014 zal de boeken in gaan als een super rijk voedseljaar voor Kerkuilen en andere dieren waarvoor muizen een belangrijke voedselbron vormen. Er was een “explosie” van Veldmuizen maar ook de Bosmuizen waren talrijk aanwezig door het goede jaar voor vruchtdragende bomen in 2013.

legbegin in drie groepen kunnen indelen; vroege broeders, late broeders en vroege broeders die voor de tweede maal broeden. Mogelijk is er een verklaring voor het verschil tussen de vroege en de late broeders.

Methode Aan de hand van de vastgelegde biometrische gegevens tijdens het ringen kon bij 48 broedgevallen de datum van het leggen van het eerste ei berekend worden. Zodra een Kerkuil het eerste ei legt begint het vrouwtje te broeden. De gegevens van het oudste jong Kerkuilen jagen zowel in het open veld als werden gebruikt voor de berekening van start in bos- en struikranden dus zij profiteerden eileg. De uitkomst werd gecontroleerd door optimaal van het rijke voedselaanbod. Dit kwam tot uitdrukking in; vroeg legbegin, grote vergelijking van de eilegdatum van de andere legsels, veel uitgevlogen jongen en meerdere jongen in het nest. De gegevens werden verzameld in het gebied tweede legsels. ten westen van de lijn Olst, Heino, Kampen Kijken we naar het legbegin dan is daar wel aan de oostzijde van de IJssel. iets bijzonders aan de hand. We zouden het

Methode Aan de hand van de vastgelegde biometrische gegevens tijdens het ringen kon bij 48 broedgevallen de datum van het leggen van het eerste ei berekend worden. Zodra een Kerkuil het eerste ei legt begint het vrouwtje te broeden. De gegevens van het oudste jong werden gebruikt voor de berekening van start eileg. De uitkomst werd gecontroleerd door vergelijking van de eilegdatum van de andere jongen in het nest. De gegevens werden verzameld in het gebied ten westen van de lijn Olst, Heino, Kampen aan de Resultaten oostzijde van de IJssel.

Van de 48 broedgevallen waarvan de datum van het leggen van het eerste ei werd berekend Resultaten startte het eerste broedgeval op 1 maart met de eileg. Het laatste broedgeval startte op 11 Van de 48 de 1 datum van het leggen eerste ei werd berekend startte septemberbroedgevallen met de eileg.waarvan In grafiek het legbegin van devan 48het broedgevallen. het gegevens eerste broedgeval 1 maart met de eileg. Hetten laatste broedgeval startte 11 september De werdenop verzameld in het gebied westen van de lijn Olst,opHeino, Kampenmet aan de eileg. In grafiek 1 het legbegin van de 48 broedgevallen. de oostzijde van de IJssel. 300 250

200 150 100 50 0 11-01-14

2-03-14

21-04-14

10-06-14

30-07-14

18-09-14

7-11-14

Grafiek 1; legbegin van alle broedgevallen

Grafiek 1; legbegin van alle broedgevallen In Grafiek 2 is een onderscheid gemaakt in het legbegin van de 1e broedsels en van de 2e In Grafiek 2 is een onderscheid gemaakt in het legbegin van de 1e broedsels en van de 2e broedsels. broedsels. is dat ongeveer tussen 21 april 1 juni geen 1ebegonnen. broedsels zijn begonnen. Wat opvalt Wat is datopvalt ongeveer tussen 21 april en 1 juni geenen 1e broedsels zijn 300 250 200 150 100 50 0 11-01-14

2-03-14

21-04-14

10-06-14 1e legsel

e

30-07-14

18-09-14

7-11-14

2e legsel

e

Grafiek 2: Legbegin verdeeld naar 1 en 2 legsels Grafiek 2: Legbegin verdeeld naar 1e en 2e legsels

22

Kerkuil Nieuws 2015

3 groepen De paren die vroeg zijn gaan broeden startten allemaal met de eileg tussen 1 maart en 14 april. Dan start er ruim een maand geen broedsel en dan volgt tussen 25 mei en 25 juni deKerkuil groep Nieuws “late 2015 Noordwest Overijssel en Noordoostpolder broeders”. In de nestkasten van de “late broeders” is daarvoor met zekerheid niet gebroed.

23


250 200 150 100

Vervolg

‘Terror-oehoe

50

3 groepen De paren die vroeg zijn gaan broeden start0 2-03-14 21-04-14 30-07-14 ten11-01-14 allemaal met de eileg tussen 1 maart en 10-06-14 14 april. Dan start er ruim een maand geen 1e legsel 2e legsel broedsel en dan volgt tussen 25 mei en 25 Grafiek 2: Legbegin verdeeld naar 1e en 2e legsels juni de groep “late broeders”. In de nestkasten van de “late broeders” is daarvoor met 3 groepen niet gebroed. zekerheid

18-09-14

7-11-14

De paren die vroeg zijn gaan broeden startten allemaal met de eileg tussen 1 maart en 14 april. Dan start er ruim een maand geen broedsel en dan volgt tussen 25 mei en 25 juni de groep “late Op 11 juni volgt een 2e legsel van de groep broeders”. In de nestkasten van de “late broeders” is daarvoor met zekerheid niet gebroed. “vroege broeders”. De laatste van deze groep Op 11 juni volgt een 2e legsel van de groep “vroege broeders”. De laatste van deze groep start op 11 start op 11 met september met hun 2e legsel. september hun 2e legsel. De paren in de groep hebben allemaal met succes een eerste broedsel De paren in de groep hebben allemaal met gehad. Voor een overzicht zie tabel 1.

succes een eerste broedsel gehad. Voor een overzicht zie tabel 1. van de drie groepen: Tabel 1: Periode 1e eileg vroege broeders (1e legsel) late broeders vroege broeders (2e legsel)

eerste 1-mrt 25-mei 11-jun

laatste 14-apr 25-jun 11-sep

aantal 31 7 9

Tabel 1: Periode 1e eileg van de drie groepen:

De oehoe, die Purmerend meer dan een jaar terroriseerde, blijkt zich goed te hebben volgegeten in de stad. Het dier verkeert in goede gezondheid, maar is wel ‘een beetje vettig’.

TERROR-OEHOE De aanwezigheid van de oehoe, beter bekend als terror-oehoe, zorgde al sinds maart 2015 voor problemen in Purmerend. De oehoe viel namelijk, met tussenpozen, mensen aan. In totaal zijn er inmiddels zo’n 50 geregistreerde oehoe-aanvallen. De aanvallen werDe vogel werdt door een valkenier gevangen den steeds heftiger en leidden tot vervelende verwondingen, waaronder fikse bulten, sneen naar een tijdelijke opvang gebracht. Hier den en krassen. Ook zorgde de oehoe voor willen vogeldeskundigen het dier de eerste angst. Mensen durfden de straat niet meer weken ‘rustig observeren’. ,,Afhankelijk van op en voetbaltrainingen in de buurt van de deze bevindingen zal worden bepaald of de verblijfplaats van de oehoe werden geannuoehoe ergens wordt uitgezet of dat de vogel leerd. De gemeente raadde mensen aan met in gevangenschap moet blijven leven”. Ook een paraplu de straat op te gaan, een advies wordt gekeken of er iets is waaruit blijkt dat de oehoe eerder in gevangenschap is gehou- dat wereldnieuws werd. ,,We hopen dat, nu den. Ook dit zal meewegen in het besluit waar de oehoe is gevangen, de rust wederkeert.” de oehoe definitief zal gaan wonen.

Discussie Door het grote voedselaanbod en de zachte winter zijn de kerkuilen vroeg begonnen met de eileg. In juni vlogen de meeste jongen uit en een aantal broedparen startte vervolgens een 2e broedpoging. Discussie Wat vreemd is dat een aantal 1e broedsels starten in juni. De verklaring kan zijn dat het hier gaat om Door het grote voedselaanbod en de zachte Met dank aan de enthousiaste vrijwilligers 2e kalenderjaar vrouwtjes. Met name jonge vrouwtjes beginnen meestal later met de eileg dan winter de kerkuilen vroeg begonnen van de uilenwerkgroepen ouderezijn vrouwtjes. En in een matig tot slechtmet voedseljaar waren ze waarschijnlijk IVN niet OLst/Wijhe, aan broeden de eileg. In juni vlogen de meeste jongen uit Heino, Kampen en Zwolle en vele nestkasttoegekomen maar in 2014 was alles anders….

en een aantal broedparen startte vervolgens houders. een 2e broedpoging. Wat is dathet een Tijdens het schrijven van ditvreemd artikel dient nieuwe broedseizoen zich al weer aan. Het lijkt er op dat de 1e muizenstand steeds is enverkladat de vogels ook het weinig te lijdenvan hebben van dedient winter. aantal broedselsnog starten inhoog juni. De Tijdens schrijven dit artikel het Mogelijk komt erhet noghier een gaat goed om broedseizoen zich debroedseizoen mogelijkheid voor gerichter naar ring kan zijn dat 2e kalen- en doet nieuwe zichnog al weer aan (redacde leeftijd van de broedvogels te kijken. Alle hulp is welkom! derjaar vrouwtjes. Met name jonge vrouwtjes tie; 4 maart 2015). Het lijkt er op dat de muibeginnen meestal later met de eileg dan zenstand nog steeds hoog is en dat de vogels oudere vrouwtjes. En in een matig tot slecht ook weinig te lijden hebben van de winter. voedseljaar waren ze waarschijnlijk niet aan Mogelijk komt er nog een goed broedseizoen broeden toegekomen maar in 2014 was alles en doet zich de mogelijkheid voor nog geanders…. richter naar de leeftijd van de broedvogels te kijken. Alle hulp is welkom!

ONTHEFFING Omdat de oehoe een beschermd dier is, kon de gemeente de vogel niet zomaar vangen. Daarom werd een ontheffing van de provincie Noord-Holland aangevraagd. Deze procedure werd versneld doorlopen. WERELDNIEUWS Niet alleen het advies van de gemeente Purmerend om met een paraplu de straat op te gaan werd wereldnieuws. Ook de vangst van de oehoe haalde buitenlandse media.

door Jan van Dijk

24

Kerkuil Nieuws 2015

Noordwest Overijssel en Noordoostpolder

Kerkuil Nieuws 2015

25


Broedresultaten 2014 Een toename van het aantal eerste broedsels van 73 % ten opzichte van het (beroerde) jaar 2013. Inclusief de tweede broedsles is dit zelfs ruim 100 procent. De muizenplaag in Friesland geeft weer waar de oorzaak van deze toename moet worden gezocht. Veel kerkuilbeschermer hebben het afgelopen jaar wel de enorme hoeveelheden muizen in de kasten zien liggen. Voldoende voor veel tweede broedsels.

Dit verklaart mogelijk de geringere toename van het aantal broedsels in het centrale deel van het werkgebied, globaal de lijn DeventerHardenberg. Een veehouder in zuidwesten van Friesland zegt over de muizenplaag: ‘Op het droge land, daar zitten ze. Op oud grasland dat goed ontwaterd is”. Toename van het aantal veldmuizen in de Drents-Groningse veenkolonieën hebben waarschijnlijk ook te maken met de geringe sterfte gedurende de wintermaanden en het waterafvoerbeleid.

6

2.6

1

0

0

0

Globaal is de toename op de hoger liggende gronden minder groot dan op de veen-, kleien komgronden. De neerslagkaarten van het KNMI over 2014 vormen mogelijk aanwijzingen voor de verschillen in regio’s. In gebieden met een relatief geringe toename van het aantal broedsels is er in 2014 een neerslagtekort geweest. Een neerslagoverschot, gekoppeld aan bemaling, is waarschijnlijk ideaal geweest voor de veldmuizen.

26

Kerkuil Nieuws 2015

Noordwest Overijssel en Noordoostpolder

Kerkuil Nieuws 2015

27


Coördinatoren Coörnidatoren werkgroepen: Reg.nr. Regio Coördinator 1a 1b 2a 2b 3 4 5 6 7 8 9 10a 10 b 11 12 13

Steenwijk VWG vliegvlug Mastenbroek VWG vliegvlug Mastenbroek overig Kampen Staphort Zwolle Dalfsen Heino Ommen Hardenberg Nijverdal Holten Markelo Bathmen Deventer

14a 14b 15

Den Ham Vroomshoop Raalte

16 17

Avereest Noordoost polder

18

Olst/Wijhe

W. Engelsman H. Folkert H. Folkert A. Verhoeven W. v d Molen A. Lassche A. Verhoeven H. Schrijver V. Rosendal H. Bouman G. Snaak A. v Baren A. Driessen G.J.H. Tjoink L. Hotsma R. Wijnbergen J. Vrijlink K. Smelt J. Legebeeke P. Uijttenboogaart J. Smidt S. Haantjes F. Bijmold H. de Jonge

Telefoon

E-mail adres 0521-516455 w.engelsman2@kpnplanet.nl 0522-257282 folkertsh@home.nl 0522-257282 folkertsh@home.nl

Kaart werkgroepen Locaties werkgroepen kerkuilenwerkgroep West-Overijssel-Noordoostpolder Klik op de interactieve buttons voor de websites van de verschillende werkgroepen.

038-4644964 bloo.verhoeven@wordonline.nl 038-33318707wimvandermolen@live.nl 0529-483822 alassche@hetnet.nl 038-4644964 bloo.verhoeven@wordonline.nl 0529-401341 famschrijver@gmail.com 0572-391084 v.j.j.Rosendal@hetnet.nl 0523-251520 han.bouman@planet.nl 0523-856980 g.snaak@ziggo.nl 0546-674049 abaren@tele2.nl 0548-363192 appmdriessen@planet.nl 0547-272864 wtjoink@xs4all.nl 0570-541970 lammert.hotsma@hetnet.nl 0570-641461 djengo@ziggo.nl 06-30718819 0546-672664 janvrijlink@home.nl 0546-643614 smelt@home.nl 0572-357782 legebekenieuwburg@gmail.com 0572-353647 pm.utb@home.nl 0523-616098 tjvogelaars@life.nl 0527-613476 s.haantjes@home.nl 06-29073581 fbijmold@planet.nl 0570-522629 hansannie1@hotmail.com

1a

1b

17 2a

4

2b

16 9

6

3 5

8

14a

7 18

15

14b

10a

Provinciaal Coördinator: Ger Snaak Ondermaat 66

7772 JD Hardenberg 0523-856980 g.snaak@ziggo,nl

13

Coördinatoren aangrenzende gebieden: Groningen Friesland Drente Twente Achterhoek Noord Veluwe

A. Eikenaar A. v d Wal Vacant J. Drop G. Nijenhuis Vacant

Landelijk Coördinator: Johan de Jong

0597-561872 eikenaar@planet.nl 0512-516309

12

10b

11

0546-442013 johandrop@kpnplanet.nl 0545-292532 gerrie.nijnenhuis@xs4all.nl

0512-303174 info@kerkuil.com

oproep!

indien uw website niet in boverstaande landkaart is verwerkt stuur dan svp de link naar: marc@sallanddesign.nl en deze zal voor u toegevoegd worden.

28

Nieuwsbrief Kerkuilnwerkgroep West - Overijssel/ NOP

Kerkuil Nieuws 2015

Jaargang 24

Noordwest Overijssel en Noordoostpolder

Kerkuil Nieuws 2015

29


Kerkuil Nieuws 2015

Noordwest Overijssel en Noordoostpolder

Profile for SKWN

Kerkuinieuws 2015  

Kerkuinieuws 2015  

Profile for live9863
Advertisement