Issuu on Google+

Dichter bij de dichter Wonder boven wonder Verwonderd!

Verwondering Ben ik verwondering? Of ben jij verwondering? Is mama verwondering? Of is de leerkracht verwondering? Is een boom verwondering? Of is een stoel verwondering? In boeken lees je 'Alles is verwondering' Maar is dan echt alles verwondering? Volgens mij is verwondering alles waar je naar opkijkt. En dat staat nergens in de boeken. Sint-Lodewijkscollegge Magdalenastraat 30 8200 Sint-Andries (Brugge) www.sint-lodewijkscollege.be

Elly, 12 j

Leerlingen uit de eerstes

januari 2014


PAGINA 2

PAGINA 27

S

PELLING

‘t kofschip wat een woord van sommige woorden had ik nog nooit gehoord al die regels en die tijden laat ik het liefst terzijde noem de persoon en tijd in die zin maar veel namen of personen vond ik er niet in daar een T en daar een D hier er één en daar er twee ze mogen het nog 100 keer zeggen of uitleggen vriendelijk of boos maar spelling blijft voor mij hopeloos

Onbekend Gekozen door Thomas De Voldere (1J) en Emiel Van der Slikke (1H)


PAGINA 26

PAGINA 3

D

Ik besta dit betekent ik leef, ik adem ik heb pijn.

eze dichtbundel is het werk van vier klassen leerlingen uit het eerste jaar. Ze hebben een ding gemeen, allemaal hebben ze les van mij; Mevrouw Standaert. Het is leuk om met taal te spelen, en dat wil ik hen maar al te graag meegeven. Daarom werd tijdens de gedichtenweek beroep gedaan op de taalcreativiteit van de leerlingen. De gedichten die u op de volgende bladzijden leest, zijn een verzameling van eigen werkjes, en lievelingsgedichten.

Ik besta dit betekent ik lees, ik schrijf, ik eet wanneer ik iets te eten heb.

Geniet van hun genot.

Ik besta dit betekent ik denk na, ik vraag mij af of ik besta Willem M. Roggeman

MAT de schaker denkt zijn stukken al zettend ver vooruit wellicht zal het hem lukken als hij de aanval stuit de koning lijkt tevreden zijn dame schuift zich vrij het paard nog onbereden een loper, licht hooghartig, staat stevig op één been hij stuurt en vindt dat prachtig zijn tegenstanders heen maar ergens in een hoekje loert plotseling gevaar pion, als in het boekje, schaakmat, één handgebaar

Een dichter is een tovenaar: hij tovert worden bij elkaar die zo tezamen komen als beelden doen in dromen. Een dichter is een taalatleet die allewoorden die hij weet zo aan elkaar kan rijgen dat jij ervan gaat zwijgen. Een dichter is een virtuoos: van elke bloem maakt hij een roos zijn woorden staan te dringen om maar te mogen zingen. Een dichter is een vreemd persoon. Maar verder is hij heel gewoon. Johanna Kruit Uit: Ik zoek een woord—Querido

Liselinde Standaert, januari 2014 Jeroen Swaan Gekozen door Sven Coninckx(1H)


PAGINA 4

PAGINA 25

Renaat, de betaalautomaat! Dit is Renaat Hij is een betaalautomaat Hij is gierig en nors En hij snakt naar geld. Maar op een zekere dag Kwam er een meisje met de mooiste lach Hij werd verliefd Alsof dat niet mag Maar hij was verlegen En toch wou hij het haar zeggen Maar hij kon niet bewegen Hij had zoveel verdriet En op een dag werkte hij niet Hij werd vervangen Hij kon er niet langer hangen Toen brachten ze hem naar de schroothoop en liet hij zijn tranen de vrije loop Zo ging het met Renaat, De betaalautomaat!

Lucas Gevaert, Jannick Senesael (1G)

De vogels Vanmorgen werd ik wakker van de vogels. En ik dacht: waarvan werd ik wakker? Van de vogels. Van het licht ook, maar meer van de vogels. Het licht zacht zingend, de vogels keihard

Hans Andreus

Gekozen door Alexander Denys (1H)


PAGINA 24

PAGINA 5

De stijgende lift

Bl

ijfe sitte

Blijfe sitte ken ik nie je kun nie alles kenne aan stiltesitte wen ik nie ik ben wel goet in renne ik ren de heele sooi vobbij ik ben een super snelle nou en daffin ik mooi vammij maar ja ik kennie telle en ik ken ook ni sgrijfe ik ik sal wel sitte blijve ik. Joke van Leeuwen Uit: Oze heppie en andere versjes, Querido, Amsterdam, 2000 Gekozen door Amber Verstraete (1G)

De lift… cabine aan een touw waar ik van hou. Minder moeite voor ons lui zijn. Ik druk op een knop, en hop… Een gratis lift naar boven. Niet te geloven. We dalen af naar beneden, moeiteloos voor onze benen. Iemand drukt op de knop en de lift zegt ‘STOP’! Hop in de lift. Louis Bols en Jordy Vandenabeele 1I

De lift Er was eens een lift, die was geschift. Hij ging in volle drift naar de zon met het geluid van een bom. Arthur drukte op nummer twee en de lift nam hem mee naar de Middellandse Zee. Arthur wou naar huis en drukte op knopje thuis. Toen was de lift op de dool en bracht hij Arthur naar school. (2G: Alec Vastiau, Sarah Vanwildemeersch, Noah Debaere, Margaux Strubbe, Louise Misseeuw, Julie Van Tulden)


PAGINA 6

PAGINA 23

Ben je anders dan een ander? Ja natuurlijk, jij bent jij. Want je bent apart geschapen. uit een ander hoopje klei. Kijk gerust eens in de spiegel. Naar het kunstwerk dat je bent. Jouw gezicht, je lijf en leden. Jouw karakter, jouw talent. Zie je wel, je bent een wonder. Niets aan jou is saai en grijs. wees waar jij en blijf bijzonder. Zin gewoon je eigen wijs.

HET WC Ik ben Colet, het toilet. Mijn taak is niet echt net. Overdag loop ik veel gevaar. Dan ben ik jullie niet echt dankbaar. Mensen vergeten op mijn knop te duwen. Daar moet ik van gruwen. ’s Avonds word ik gekieteld door de poetsvrouw; dat is iets waar ik van hou. Mensen vinden mij niet zo speciaal, maar ik vind mezelf gewoon geniaal! Zonder mij zul je niet ver raken, want ik doe zeer handige taken!

Elodie Beke, 1J

Onbekend Gekozen door Maria Serebrennikova (1G)


PAGINA 22

PAGINA 7

Terug in de tijd; aandacht kwijt!

S

chaduw

Elke week terug in de tijd Want even ben ik ben mijn aandacht kwijt Draai me om, mond valt open Zie daar twee gladiatoren lopen Met elk een zwaard Een harde schreeuw… De ene bleef niet gespaard Deed mijn ogen dicht Telde tot honderd Opende m’n ogen En keek verwonderd Daar zat ik weer In dat vertrouwde geschiendenislokaal.

Ik stuur mijn schaduw over straat en spring zo nu en dan opzij, want anders trapt een man op mij die weer niet uitkijkt waar hij gaat en sporen op mij achterlaat. Ik hou van zon om midderdag; mijn schaduw in zo’n klein gebied, Zo dicht als dan durft niemand niet. Behalve als het van mij mag. Dat is wanner ik huil of lach. Mégane Schollier, Aude Kabambi (1G)

Er zijn ook dagen zonder zon, dan ben ik veel te veel alleen. Dan wil ik iemand om me heen. Ik bots in ‘t donker, zeg pardon. Een licht gaat aan en ik roep: Kom kom, ik wil je ontmoeten. Je mag op mijn hoofd staan, en zelfs op mijn voeten. Ted van Lieshout en André Sollie, uit: ‘Het is een straf als je zo mooi moet zijn als ik’ Gekozen door Eline Vansteelandt (1G)


PAGINA 8

PAGINA 21

De oude lift

Zijn jullie niet verwonderd, wat ik allemaal kan? Als je me wil proberen, kom dan!

Ik zie de lichtjes in je ogen. Kom eens heel even dichtbij. Ik zie mij! Je ogen zijn net twee spiegeltjes. Zie jij dat ook bij mij? Gekozen door Alix Van Hoeyweghen (1I)

Elke dag voer ik wel 100 kilo mee! Dat is niet voor mietjes, hé! Met al mijn knopjes binnenin, Voer ik jullie naar de bovenste verdieping. Dit is het einde van dit geschrift, Want toen kwam de nieuwe lift…

ALEXANDER De jongen van mijn dromen zit én bank voor me in de klas. Hij heeft mijn hart doen blozen. Ik wou dat ik z’n meisje was. MAAR… Hij kijkt steeds naar een ander. Hij ziet me niet eens staan.

Jasmijn Naessens, Niels Van Renterghem, 1G

IK HAAT JE, ALEXANDER! IK ZOU JE WILLEN SLAAN! Nee, ‘k zou je willen zoenen… Maar als je voor me staat, dan kijk ik naar mijn schoenen en weet ik me geen raad. Ik stuntel en ik stotter, dat heeft hij vast gezien. Ach, was ik toch maar vlotter en niet zo’n bange trien. Jelle Cleymans Gekozen door Julie De Meyere (1H)


PAGINA 20

PAGINA 9

De zon verwarmt het gras terwijl de wind ermee speelt lusteloos ligt de bal te lonken wachtend op het fluitsignaal Voeten trappelen vol ongeduld terwijl ogen elkaar bemoedigen en dezelfde blik de tegenstand kruist vriend wordt voor even vijand Eindelijk het verlossende geluid die de bal laat goochelen en de wereld om zich vergeet zo gefocust om hetzelfde doel Afgepeigerd genieten van het gejoel of teleurgesteld handjes schudden nog nahijgend van de inspanning al verlangen naar het volgende duel

Onbekend

Zo veel problemen, Ohnee, dat kun je niet menen! En voel je je niet lekker in je vel, voor het KLB is dat kinderspel. Alleen even kloppen op de deur, en je bent welgekomen. Ga zeker niet zitten treuren, want het KLB opent voor jou de deuren!

Gekozen door Lennert Moons (1H)

Morgane Ameye, 1J


PAGINA 10

PAGINA 19

Ra ra ra - Wie ben ik? Trap wenteltrap gehandicapte wenteltrap ze lopen op mij en dat doet pijn de trap kan niet naar buiten want hij hangt vast maar hij ziet veel leuke dingen zoals een koppel op de trap of een deel vriendinnen die staan te kletsen gelukkig staat niemand iemand anders te pesten en zo gaat het elke dag opnieuw mijn leven.

Zo

lang we de maan en de sterren kunnen zien

za

l de nacht nooit helemaal donker zijn.

Gekozen door Pauline Lehouck (1J)

Verwondering Het is zover, ik kan het voelen.

Djago en Wodan 1I

Dit is wat ze met donderslag bij heldere hemel bedoelen. Verdwaald een nieuwe school, een nieuwe klas en in de refter breek ik weer een glas ik geraak er niet meer uit al die gangen in het gebouw daar is het meestal heel erg kou. In de wc zit ik weer vast, Natuurlijk op de eerste schooldag, wat een last Huiswerk hier, huiswerk daar, Gelukkig ben ik bijna klaar Dan kom ik per ongeluk in de leraarsgang Krijg ik straf en word ik bang Ik wil liever naar huis Want in die grote school Voel ik me als een muis. Julie en Leonie, 1H

Alleen al het besef van jouw bestaan Maakt, dat mijn hart sneller gaat slaan. Ik kan het niet beredeneren. Gevoel wint van verstand. Voelt als blote voeten op het strand. Mare Gekozen door Viktor Baele (1J)


PAGINA 18

PAGINA 11

IKKE Ik geef het toe, het zal me af en toe wel spijten, maar ze horen toch bij mij, die stommiteiten. Ik ben niet slim, en niet berekenend of voorzichtig, ik lef maar raak en ben nog lang niet evenwichtig. Het is gewoon bij mij, ik doe zoals ik doe, daar horen stommiteiten bij, zo af en toe. Toon Hermans

Gekozen door Elodie BĂŠke (1J)

Verliefd Ik zag jou en verdronk in jouw mooie bruine ogen. Jij zag mij, en werd op stapel Verliefd, zonder dat jouw ogen ook maar bewogen. Ik zag jou, en werd op stapel verliefd. Jij lachte omdat je het wist.

Morgane Ameye (1J)

Verwondering is iets dat komt en gaat, Iets wat je neemt of laat. Iets dat nooit praat. Maar toch altijd klaarstaat. Verwondering is iets wat nooit dichtgaat, zelfs als er niets in staat. Het is zo leuk als kattenkwaad en zo grappig als onze klassenraad. Verwondering is iets wat altijd meegaat, Zoals Donald Muylle zijn laminaat. Het is iets wat altijd samengaat. Gelukkig maar dat het bestaat! Verwondering.

Eloise March, 1H


PAGINA 12

PAGINA 17

T

Superman

oiletverhuur

Hier staan we dan, allemaal tegen de muur. In een lange rij, want er is geen twoilet vrij. Dagen op voorhand moeten we reserveren. Hoe kunnen we dan gaan leren? Ooooh ik moet zo dringend, maar ik heb pas later geboekt. Dat staat in de toiletdirectrice haar agendaboek. Straks doe ik in mijn broek!

Charlie Kamoen en Aurélie de Caluwé (1H)

Ik heb geen superkrachten, Ook ben ik geen superman. Hopelijk kan je me accepteren, Accepteren zoals ik ben.

Gekozen door Djago Lescroawaet (1I)

3 huilende uilen – Annie MG Schmidt

Waarom zitten ze zo te huilen, deze zielige, oude uilen, waarom zitten ze to te huilen in die boom? Zijn ze bits en ontevreden? Is hun tante overleden? Of hun opoe, of hun opa of hun oom? Is er een uilekind beneden door een autobus overreden, toen dat uilekind ging wandelen in het bos? Waarom zouden ze dan toch huilen, deze oude, dikke uilen, ssst, ik zal het je vertellen: ‘t Is de vos! Heeft de vos hen dan gebeten? Nee, hij kookt zijn avondeten en hij maakt een uitje schoon, voor in de sla. Strakjes zullen zij hun ogen met een uilezakdoek drogen. Is dit allemaal gelogen, denk je? Ja!

Gekozen door Fée Degyter (1I)


PAGINA 16

PAGINA 13

IK BEKEN Sara Hoste, Damse stadsdichter 2013 je meer lief te hebben dan mezelf. en hoe dat ook niet kan. want alles begint bij mij. bij jou. ik beken je soms meer te beminnen dan de woorden die aarzelen in de tijd. ik beken in tijden van crisis meer waarde aan jou te hechten dan aan geld ik beken je geest lief te hebben in de puurste naaktheid van je ziel. ik beken tegen willens en wetens in tot in de oneindigheid van je te houden. en grif geef ik toe dat ik enkel jouw boeken nog om mijn letters heen wil. ik beken Gekozen door: CĂŠline Vanroose (1I)

NIET TE VAAK NAAR BOVEN KIJKEN‌

Ik kijk naar buiten, en zie de vogels in de zon. Ik loop de deur uit, en flikker van het balkon!


PAGINA 14

PAGINA 15

H

et lievelingsgedicht van‌

De rode balie Daar sta je dan te hijgen, speciaal om een briefje en een handtekening te krijgen. Net zoals vele anderen die hun leven moeten veranderen‌

Jens en Lukas, 1H

Op de volgende bladzijden kan je genieten van een aantal gedichten die zorgvuldig uitgekozen werden door de leerlingen. Het is hun gedicht der gedichten. Niet elke leerling ging even zorgvuldig te werk. Hierdoor is de verzameling een samenstelling van de sterkste keuzes.


Dichtbundel leerlingen