Page 8

het toeval. Ik zou het me nooit vergeven als ik nu de hoorn zou neerleggen en zou doorgaan met mijn leven. Ben jij niet nieuwsgierig dan?’ Een korte pauze. Nu werd over haar lot beslist. ‘Je bent een rare.’ ‘En jij hebt een leuke stem.’ ‘Ja? Hoe oud geef je me? Mijn stem?’ Flirt, dacht Hamer, verleidster. En daarna: tell me lies, tell me sweet little lies. ‘Dertig? Achterin de twintig?’ ‘Vleier. En wat stel je dan voor? Om te doen?’ ‘Ik eet niet graag alleen. Zullen we uit eten gaan?’ Het was een eervol voorstel. Ze gaf haar adres, een straat in een vlek waar ze de a’s nog uitspraken als boeren. Een halfuur rijden door de regen. Een halfuur terug. Hopelijk was het de moeite waard. Die avond had hij bloemen voor haar meegenomen. Geen banale rozen, fresia’s; hij had een reputatie op te houden. Ze was veel mooier dan hij had gedacht, maar ze hinkte met één been. Het huis was zoals hij het zich had voorgesteld: bedroevend klein, met sansevieria’s in koperen potten en Mechelse meubels. Een veel te grote tv. Ze had zich mooi gemaakt voor hem. Misschien was ze wel de mooiste van het dorp. Hij wilde haar. Het etentje was ontroerend, voor een man die zich liet ontroeren door naïeve verhalen. Hij stelde de juiste vragen en kreeg de antwoorden die hij had verdiend. Hoe zei je? Echtscheiding? Vechtscheiding. Twee kleine kinderen. Werkzaam in een kliniek. Werkzaam en woonachtig. Hamer schaamde zich niet voor zijn banale verpleegstersgrappen, niet na zoveel dure wijn. Of ze wel eens van die doorzichtige uniformen droeg? En was het waar wat ze zeiden: dat

8

Een ijskoud gerecht  

Thomas Breens had gezworen zich niet meer in te laten met de belachelijke tribulaties van zijn geboorteland. In zijn Normandische chambre d’...

Een ijskoud gerecht  

Thomas Breens had gezworen zich niet meer in te laten met de belachelijke tribulaties van zijn geboorteland. In zijn Normandische chambre d’...

Advertisement