Issuu on Google+

THEMANUMMER INNOVATIE 2014 ―00

Radius magazine Radius is een offline magazine waar leesbare content de basis is, en design een optie. De Radius is de afstand van een willekeurig punt op de rand van een cirkel tot het middelpunt. In deze overgedesignde wereld willen wij terug focussen op de informatie zelf.

04 DOSSIER Reinventing the ( ) magazine 10 INNOVATIE

12 INTERVIEW Magpile

20 OPINIE Out with the old, in with the new?

24 INTERVIEW Stackmagazines

28 INTERVIEW Like Knows Like

34 FOTOREPORTAGE 01101101

44 PROJECT Blendle

48 SHOOT Features of Feminity 58 JR. VS SR. Lyssa Giots vs Jan De Vylder 66 COLUMN 68 RECENSIES Kwintessens The Modern Magazine Works That Work 70 INDEX


4

DOSSIERTEKST

tekst Line Broeckx tekstcorrectie Steven Vleugels

REINVENTING THE (

) MAGAZINE


5

REINVENTING THE ( ) MAGAZINE


6

DOSSIERTEKST

REINVENTING THE (

) MAGAZINE

‘Waarom geen online magazine?’ Toegegeven, het zou de genoemde problemen oplossen, maar een magazine lezen moet een moment van rust creëren. Rust is iets waar we in deze gehaaste maatschappij nood aan hebben. Aan dit gevoel zal een online magazine nooit kunnen tegemoetkomen. Uit cijfers blijkt dat de meeste tijdschriften (net als bij boeken) eigenlijk nog steeds in geprinte versie worden gelezen. Het is zeker dat de verandering en uitbreiding van online mogelijkheden cruciaal is voor geprinte media. De vraag die vandaag de dag gesteld moet worden is hoe we het goede van het periodieke geprinte tijdschrift behouden, tegelijk rekening houdend met veranderende mediavoorkeuren en de nieuwe, technische mogelijkheden. Vandaag de dag wordt het voor klassieke printmagazines steeds moeilijker om op te boksen tegen de enorme hoeveelheid gratis (!) online content. Daarnaast is een magazine uitgeven ook verre van goedkoop. Naast de grote algemene publicatiekost, is er ook de hoge distributiekost. Voor een design magazine betaal je al snel twintig euro. Dit is best duur voor net afgestudeerde creatievelingen. Uit kleinschalig onderzoek dat we deden in verband met onze masterproef, blijkt dat de meeste mensen uit onze omgeving niet langer bereid zijn om zoveel te betalen. En wat doet onze nieuwe generatie jongeren dan? Ze gaan hun inspiratie snel en goedkoop zoeken op online blogs en Facebook. Wil een magazine zich dus nog onderscheiden, dan moet het meer kunnen bieden dan wat je vindt op het net. Hoe kan print nog een meerwaarde hebben qua content? Een magazine moet artikels aanbieden die relevant zijn om te printen. Hiervoor zijn creatieve oplossingen nodig.


Print creates moments. Te midden van de enorme hoeveelheid online content en het razendsnelle internet zorgt een magazine of een boek voor focus en rust. Print geeft voeling met druktechniek en papier. Magazines zijn ook deel van een verzamelcultuur. Boeken of magazines zijn – om het mooi te verwoorden – laag jes van nostalgie met een kaft van romantiek. Boeken en magazines bepalen wie we zijn. De manier waarop je je bureau of boekenplank inricht, vertelt iets over je persoonlijkheid. Het is als een spiegel van je persoonlijke interesses. Magazines en kranten creëren zo een sterke band met hun lezers en abonnees. Mensen willen ergens bij horen, en verbinden zich constant met anderen. Dit gebeurt ook via magazines. Een duidelijk voorbeeld: oudjes hebben vaak een vast dagblad, zodat ze de roddels van de dag kunnen lezen en die dan uitgebreid kunnen bespreken bij de bakker of de kapper. Het wordt een soort ritueel, dat gelijkgestemden verbindt. Dit is net zo bij magazines en kranten. Magazines en boeken zijn duurzaam. Hierin verschillen ze van kranten. In deze informatiemaatschappij is een krant haast voorbijgestreefd. Je kan kort nieuws makkelijk en snel online lezen. En dat zelfs terwijl je onderweg bent, op je iPhone of tablet. Magazines geven meer diepgang en context aan een bepaald onderwerp. Er staan duizenden blogs online. Mensen volgen blogs om op de hoogte te blijven van de laatste trends en nieuwtjes. Een blog is spontaan en makkelijk. Slechts één klik verwijderd. Ze zijn veel persoonlijker dan een krant. Een blog heeft vaak een gezicht. Op de posts kan direct gereageerd worden, de nieuwtjes van vandaag staan enkele seconden later online. Als lezer ben je meer betrokken. Je krijgt onmiddellijk feedback via Twitter, Facebook en email. Iedereen kan een ‘comment’ plaatsen of een post ‘sharen’. Iedereen is journalist, iedereen is redacteur. Als je een fout schrijft, of een post wordt niet meteen opgepikt, kan je hem met één klik op de knop deleten. Het online gegeven heeft inderdaad een heleboel voordelen. Het is vaak nog steeds de droom van die bloggers om een boek of magazine uit te brengen. Een blog kan als tussenstap gezien worden om artikels en schrijfstijl te testen bij het publiek. Er zijn zelfs tools waarmee je in een handomdraai van je blog een boek kan maken. Zo bestaat er Blogboek van Blurb. “Je hebt hard aan je blog gewerkt, maar met Blurb kun je je blog makkelijk in een boek omzetten, dat goed is ontworpen, klaar is voor de salontafel en meteen kan worden verkocht, bewaard, cadeau gegeven of gedeeld.” Ze halen hier in één zin enkele cruciale elementen aan die een magazine of boek onderscheiden van een blog. Print, zeker in magazines en boeken, is één van de traagste mediavormen die er bestaat. Een boek schrijven of magazine uitgeven, geeft nog steeds meer appreciatie dan dat je tientallen blogs beheert. Mensen die een boek hebben gepubliceerd, hebben volgens onze normen echt iets bereikt. Ze hebben iets te vertellen, anders zou er simpelweg geen enkele uitgever nog een boek kunnen publiceren. Een artikel moet echt zijn plaats verdienen in een boek, terwijl het online makkelijk weer offline gehaald kan worden als het niemand blijkt te interesseren. Print is permanent, de artikels kunnen achteraf niet stiekem verbeterd of veranderd worden. Print garandeert op deze manier nog steeds een vorm van kwaliteit. ‘The Social Media Club’ beschrijft het zo op haar blog: “Je kan niet voor niets voor een boek de Nobelprijs winnen.” Dit toont aan dat het boek en de blog elkaar zeker niet uitsluiten. Het is zeker geen oplossing om het online/offline debat aan te gaan, op zoek gaan naar hoe beiden elkaar kunnen versterken en aanvullen is de boodschap. Het is gewoon een kwestie van het (design) magazine te herformuleren en te kijken welke functie het heeft in onze hedendaagse maatschappij.

7

Ondanks de bovengenoemde moeilijkheden en problemen, valt de grote creatieve innovatie in de sector op. De technologische revolutie is dus zeker niet alleen een nadeel voor print, het drijft ook de magazinemakers tot het vinden van creatieve oplossingen. Die op zich weer leiden tot innovatie binnen de veranderende context. Ook voor onze masterproef is dit een reden om een creatieve oplossing te zoeken voor deze problemen. Hoe kunnen we het moderne designmagazine vormgeven en heruitvinden?


8

DOSSIERTEKST

REINVENTING THE (

) MAGAZINE

Tijdschriften zullen blijven bestaan, daar zijn we van overtuigd. Misschien alleen niet in de hoedanigheid waarin vorige generaties geprinte magazines kenden. Er moet een mix blijven bestaan van verschillende mediavormen die samen een eenheid vormen. Een bepaalde identiteit is pas compleet als ze zowel via digitale media als op papier gecommuniceerd wordt. Online - offline, mooi in evenwicht. Want er zullen altijd mensen zijn met behoefte aan het tactiele en de rust van het ongestoord consumeren van informatie. De uitspraken ‘het gaat moeilijk met print’, ‘we moeten als jonge vormgevers focussen op web en digitaal omdat dat de toekomst is’, willen wij hierbij graag nuanceren. Tijdens ons onderzoek voor ons masterproject stootten we op het boek ‘The Modern Magazine’ van Jeremy Leslie. “A flick through the pages of this book will tell you much about the way today’s magazine makers use their editorial and design skills to guide and engage the reader, but underlying these skills are a number of assumptions about what a magazine actually is, and where the medium sits in today’s complex media landscape.” Het boek is een grote inspiratiebron voor iedereen die met magazines bezig is. Het boek is een visueel verslag van grafische trends die in de magazinewereld plaastvonden, gedurende de laatste tien jaar. Maar wat Jeremy Leslie vooral tracht te bereiken met zijn boek is die visie van ‘print is dood’ te verschuiven en om te buigen naar ‘the golden age of magazines’. En ergens heeft hij wel gelijk. Een tiental jaar geleden zouden wij er niet eens aan kunnen denken, als jonge grafisch ontwerpers, een magazine uit te geven. Door de digitale revolutie hebben wij net de kans om zoiets wel te doen. Ja, er is meer concurrentie van het internet en goede blogs. Maar als we dat binnen de context zien als een gezonde concurrentiestrijd, kan dit het niveau naar een nieuw level tillen. En dat kunnen we alleen maar toejuichen. Zoals we al eerder aanhaalden, wordt ons geleerd niet enkel te focussen op print maar zeker ook het digitale niet te vergeten. Overal vind je vactures voor jonge webdesigners. Misschien is dit een nogal kortzichtige visie. Waarom net niet die moeilijkheid omarmen en met een creatieve oplossing komen en net kijken wat er wél mogelijk is met print? Print en online hoeven elkaar niet uit te sluiten. Print kan net een ontsnapping zijn uit de digitale over-kill. Samen met boeken en kranten zijn magazines één van de media die ons in staat stellen even los te koppelen van de overdreven hoeveelheid informatie die ons elke dag overspoelt.


9

foto door Tom Clabots


10

RADIUS

INN O VAT IE

Zich met een onderzoekende en nieuwsgierige geest richten op toekomstige vernieuwing van strategie, producten, diensten, markten.


11

In no va ti e


12

INTERVIEW

MAGPILE

tekst door Sofie Marguillier

M

ag

pi

le

magpile.com

Je zoekt een interessant magazine om te lezen, maar hebt geen idee welk je moet kiezen. Dan is de website Magpile jouw redder in nood. Magazineliefhebbers kunnen er nieuwe tijdschriften ontdekken of zelf bijdragen tot een online database. Bekijk het als de Wikipedia van de magazinewereld, waar ook nog eens een webwinkel aan gekoppeld is.

Wij vroegen ons af hoe je in hemelsnaam op zo’n briljant idee komt, en daar weet enkel oprichter Dan Rowden het antwoord op.


― interview met Dan Rowden

Dan / “Mijn uitgebreide magazinecollectie lag op een gegeven moment verspreid bij verschillende familieleden in meer dan drie landen. Om een zicht te krijgen op mijn collectie, begon ik alle titels neer te schrijven. Helaas hield ik dat niet vol, waardoor ik wanhopig op zoek was naar een makkelijke en snelle manier van archieveren. Door mijn achtergrond als web developer begon ik na te denken over een online tool. Het begon als iets handigs voor mezelf, maar ondertussen is Magpile uitgegroeid tot een heuse online community.” IS HET PUUR EEN HOBBYPROJECT OF VERDIEN JE ER OOK IETS A AN? “Ik wil vooral uitgevers een platform bieden waar ze hun magazine kunnen verkopen. Het enige wat ik daarvoor terugvraag een klein deeltje van de verkoopprijs en dat alle verzendkosten voor de verkopers zijn. De webshop is toegankelijk voor iedereen, net als de de rest van de website. Uiteindelijk wil ik van de shop een meer gericht online verkoopplatform maken. Zoals Shopify, maar dan enkel voor magazines.”

STEL: WE MAKEN EEN NIEUW TIJDSCHRIF T. HOE WORDT DAT OPGEMERKT NADAT WE HET UPLOADEN OP MAGPILE? “Nieuwe toevoegingen worden getoond op de homepage. Tijdschriften zijn ook gelabeld en onderverdeeld in categorieën, zodat mensen gemakkelijk tijdschriften kunnen vinden als ze bladeren of zoeken naar specifieke onderwerpen. Een mooie cover helpt ook altijd, want er is een aanzienlijk verkeer met Pinterest.” WELKE TIJDSCHRIF TEN ZOU JE A ANR ADEN A AN JONGE, TCREATIEVE MENSEN? “Offscreen is een geweldig voorbeeld van een interessant en succesvol magazine. Kai (Kai Brach is de oprichter van Offscreen, nvdr) is erin geslaagd te leven van zijn magazine en heeft er voor gezorgd dat hij een toegewijde groep volgers heeft rond zijn merk. Dat is een heel belangrijk aspect om te blijven verkopen. Ook het magazine ‘Intern’ had een geweldige start. Zij zetten stagiaires en het werk dat ze doen in de kijker. Het is een verfrissend en optimistisch concept. Hopelijk helpt het ook jonge creatieven op weg.” 13

RADIUS / DAG DAN. HOE BEN JE MET MAGPILE GESTART?


14

INTERVIEW

MAGPILE

OFFSCREEN is a print magazine about the people behind bits and pixels.

THE OUTPOST aims to ignite a socio-cultural renaissance in the Arab world through inspiring its readers to explore a world of possibilities.

offscreenmag.com

TUSK is a printed journal celebrating the best of contemporary independent culture in the North West of England.

the-outpost.com

tuskjournal.com


WAT IS JOUW FAVORIETE TIJDSCHRIF T OP DIT MOMENT? “Goh, dat is moeilijk, omdat er zo’n groot aanbod is. ‘The Outpost’ en ‘Businessweek’ zijn enkele van mijn favorieten. Onder de nieuwelingen vind ik ‘Winter’, ‘Tusk’ en ‘Courier’ echt goede voorbeelden.” MERK JE DAT ER BEPA ALDE TRENDS LOPEN IN DE MAGAZINEWERELD? “Op dit moment zie je dat mensen vooraal zelf aan de slag gaan. Ze willen het magazine maken dat zij missen in de kiosk en zelf willen lezen. Het is zeker een bijzondere tijd voor het uitgeven van magazines, en het is fantastisch om al die nieuwe titels op Magpile te zien. Als we binnenkort enkele kleine namen zien uitgroeien tot grote magazines die overal rond de wereld gelezen worden, dan zou mijn missie geslaagd zijn.” HET IS ONGET WIJFELD EEN HARDE WERELD ALS JONGE STARTER, ZEKER ALS JE JE OP PRINTMAGAZINES RICHT. HEB JE ENKELE TIPS VOOR HEN? “Design, product en content zijn de drie grote elementen die goede magazines onderscheiden van de rest. Die moeten perfect in evenwicht zijn. Je mag de beste content van de wereld hebben, maar zonder goed design en een geslaagde productie kopen de mensen je magazine toch niet.” NOG 3 TIPS VOOR DE NIEUWE MAGAZINES:

15

1. Je moet zichtbaar zijn voor je doelgroep. Gebruik sociale media om je werk te tonen en je product te verbinden met de lezers. 2. Maak een tijdschrift over een onderwerp dat je zelf interesseert en je zelf wilt lezen. 3. Wees consistent met je ontwerp en je levering; te veel veranderingen zorgt voor paniek bij je lezers.


OPINIE

16

OUT WITH THE OLD, IN WITH THE NEW?

tekst Stephanie Jacobs tekstcorrectie Line Broeckx

in ut w wi it th h t th he e o ne ld w , ?

en Brendan De Bie

― over

schoonheid, stevigheid en functionalieit

O


Grafisch ontwerp bestond al voor William Allison Dwiggins het in 1922 benoemde. Toch is het iets recent als je het tegenover bijvoorbeeld de geschiedenis van de architectuur plaatst. Misschien is dit één van de redenen waarom algemeen aanvaarde pijlers om over grafisch ontwerp te praten soms onduidelijk zijn. In de architectuur komt dit probleem veel minder voor. Volgens de Romein Vitruvius bijvoorbeeld, steunt architectuur op drie principes: schoonheid, stevigheid en functionaliteit. Ideaal is volgens hem een perfecte balans tussen de drie. Toch zien we dat een gotische kerk soms plaats moet ruimen voor een modern bouwwerk. Komt dit door een gebrek aan stevigheid of functionaliteit of gaat het hier eerder over het schoonheidsaspect?

De eerste Mac dateert van 1984 en bracht toegankelijkheid tot lettertypes en ontwerp voor een groter publiek met zich mee. In de eerste jaren moet men nog wennen aan de nieuwe manier van desktoppublishing, maar nu is het Lo-res lettertype van Emigre alweer 29 jaar oud. Hoe behandelen we deze digitale invloeden? Binnen het letterontwerp van vandaag wordt veel gesproken over het ontwerpen voor beeldscherm, maar welke impact hebben deze ontwikkelingen op hedendaags grafisch ontwerp? Als mensen terugkijken op de grafische ontwerpen in de vroege 21ste eeuw wat zullen ze dan als onze ‘stijl’ beschouwen? En hoe kunnen we dit bekijken binnen diezelfde parameters: schoonheid, stevigheid en bruikbaarheid?

17

De geschiedenis van veel lettertypes die vandaag nog vaak gebruikt worden, gaat ver terug. Neem nu bijvoorbeeld Garamond (1530) en Caslon. Hetzelfde geldt voor Bodoni (1783). Vandaag de dag wordt het nog steeds frequent gebruikt in modemagazines. Teruggekoppeld aan de eerder genoemde drie principes blijkt dat Bodoni qua bruikbaarheid voor langere teksten vaak niet stevig genoeg is en daardoor nu vooral in kleine hoeveelheden wordt gebruikt wordt. Op schoonheid scoort het dan weer wel goede punten: het dik-dunverschil brengt een zekere aantrekkelijkheid met zich mee, wat het veelvuldige gebruik in de modewereld verklaart. Terwijl een oude kerk plaats ruimt voor een architecturaal pareltje, blijven de veteranen in de typografie wel overeind. Ondanks de dagelijkse intrede van nieuwe lettertypes.

In d i v lo g i ed ta v lis an er d in e g

H e t y de n po d g r aag a f se ie

Als we deze drie principes in de context van design plaatsen kunnen we schoonheid interpreteren als de pure visuele aantrekkelijkheid van een ontwerp. De stevigheid kan geïnterpreteerd worden als de duurzaamheid en impact van een bepaald concept. En de functionaliteit staat voor de bruikbaarheid. We linken deze principes aan de kenmerken van de hedendaagse typografie.


18

OPINIE

Grafisch ontwerp wordt, net zoals andere kunstdisciplines, nu eenmaal beïnvloed door hedendaagse tendensen. Zeker in een wereld waar informatie met de snelheid van het licht wordt gedeeld. Trend List is een website die deze trends op naam, per land en per soort sorteert. Je kan hier exact volgen in welke landen welke trends het meest gevolgd worden. Op trendlist.org kan je de tendensen en karakteristieken in het hedendaags grafisch ontwerp volgen per land, per jaar en per trend: ‘Left, right, up, down’, ‘underlined’ of ‘exposed content’. Hier zijn ook trends te vinden die letterlijk naar technologie verwijzen zoals bijvoorbeeld scanned, waarbij typografie wordt vervormd door het te scannen. Deze aanpak ‘garandeert een experimentele uitkomst’. Een ander voorbeeld is de gradient: ‘Adobe Illustrator biedt vele mogelijkheden en een scala aan verschillende gradiënts is er een van’. We zien dus wel degelijk een impact van het digitale aspect op grafisch ontwerp. De website toont sterke ontwerpen en schoonheid is zeker een factor die meespeelt. Toch krijgt het geheel een wrang kantje met de Trend Generator, een applicatie voor Iphone waarbij iedereen zich voor 1$99 als grafisch ontwerper kan voordoen. Naar bruikbaarheid toe haalt de applicatie goede punten. Het is vooral ‘stevigheid’ waar ze slecht op scoren door het gebrek aan grafische onderbouwing en solide funderingen.

Oud versus nieuw Één van de meest opvallendste trends is het teruggrijpen naar ambachten. Deze tendens manifesteert zich al een tijdje op verschillende domeinen: architecten renoveren oude herenhuizen, iedereen gaat aan het naaien en breien, we luisteren weer naar platen en er schuilt blijkbaar een tuinier in elk van ons. In de modewereld en interieurvormgeving is retro al een tijdje terug in. Ook binnen grafisch ontwerp en typografie zijn ‘oude’ technieken zoals analoge fotografie, letterpress en zeefdruk terug van weggeweest. Er zijn allerlei interessante projecten waar deze oudere technieken worden afgewogen tegen nieuwe technologische ontwikkelingen.

OUT WITH THE OLD, IN WITH THE NEW?

Een perfect voorbeeld van het combineren van oud en nieuw is Stonecarved Tweets, een project door het Nederlandse bureau Autobahn. Het project was in leven geroepen voor de promotie van het alfabet in steen door Hans van der Laan. Tweets met de hashtag StoneCarvedTweets werden vereeuwigd in steen door gespecialiseerde steenkappers. De snelheid van het communicatiemiddel Twitter contrasteert met de intense en trage handenarbeid van het steenkappen. In het stop-motionproject Animatie Klok van Studio Airport stond één zaak centraal; de tijd. De cijfers verschijnen en verdwijnen ieder in een ander natuurlijk proces. Deze processen zijn vastgelegd door middel van stopmotion techniek. Een techniek waarmee de tijd wordt vastgelegd en gemanipuleerd. Vervolgens zijn deze animaties geprogrammeerd in de vorm van een digitale klok. Zo zijn het de analoge processen die worden vertaald in een digitale vorm. Nog een mooi voorbeeld is het werk van Hansje van Halem, een Nederlandse ontwerpster gevestigd in Amsterdam. In haar project Schrank 8 nodigt ze tweemaandelijks een ontwerper of illustrator uit voor een tentoonstelling in een kast in haar woonkamer. De posters die zij als promotie voor het project maakt, houden vaak ingewikkelde digitale patronen in. Wanneer de posters gezeefdrukt worden, brengt ze het digitale terug naar het analoge. De posters balanceren op de grens tussen autonoom en communicatief ontwerp.

Schoonheid? Het lijkt wel of we vandaag meer en meer schoonheid boven bruikbaarheid of duurzaamheid verkiezen. Maar niets is minder waar. Door de digitale revolutie moet de ideale balans hergeformuleerd worden. Door de veelheid content online lijkt het bijna logisch eerst te filteren op de visuele aantrekkelijkheid, zoals Trend List doet. Maar daarnaast zien we ook dat ontwerpers en kunstenaars vaker teruggrijpen naar het analoge, naar de techniek van vroeger, en zo de drie principes weer terug in evenwicht brengen. Door het ideale evenwicht tussen analoog en digitaal te vinden, volgt de balans tussen schoonheid, bruikbaarheid en duurzaamheid vanzelf.


1

2

3

5

af beelding 1 printscreen / trendlist.org af beelding 2 Poster - Schrank8 presents Viktor Hachmang / http://www.hansje.net/Poster-Schrank8-presentsViktor-Hachmang-1 af beelding 3 Poster - Schrank8 presents Niessen & de Vries / http://schrank8.blogspot.be/ af beelding 4 Stone Carved Tweets / http://www.neatorama com/2010/06/28/stone-carved-tweets/#!S3eNZ af beelding 5 Schrank8 Home Gallery / http://schrank8.blogspot.be/

19

4


20

OPINIE

OUT WITH THE OLD, IN WITH THE NEW?


21


22

OPINIE

OUT WITH THE OLD, IN WITH THE NEW?


23


24

INTERVIEW

S TAC K M AGA Z INES

tekst door Sofie Marguillier

St

ac

km

ag

az

in

es

stackmagazines.com

Er bestaan een heleboel prachtige, kwalitatieve magazines die nog ontdekt moeten worden. Maar de vraag is: waar vind je die? Magazinewinkels worden steeds zeldzamer, en op het internet verdwaal je al snel in een helse zoektocht die op niks uitdraait. Het antwoord: Stack. Steve Watson, oprichter van Stack, selecteert de beste onafhankelijke magazines en bezorgt er elke maand eentje in je brievenbus. Het enige wat je moet doen is elke maand 12 euro overschrijven. Zo ontdek je tegen een spotprijs de nieuwste magazines op de markt, zonder enige moeite. In Radius tonen we enkele van deze magazines die de moeite waard zijn. Maar wat maakt dit model nu zo speciaal? Een interview met Steve Watson maakte ons wegwijzer.

― interview met Steve Watson


PERDIZ is a magazine about people and the things that make them happy. Happiness is contagious.

PRINTED PAGES is the It’s Nice That Magazine. ‘Championing Creativity Across the Art and Design World.’

perdizmagazine.com

WE ARE HERE is a magazine dedicated to a different city or district each issue. All the images are taken on a smart phone.

weareheremagazine.com

25

printedpagesmagazine.com


26

INTERVIEW

S TAC K M AGA Z INES

RADIUS / DAG STEVE. VEEL MENSEN ZEGGEN DAT PRINT DOOD IS. BEN JE HET DA AR MEE EENS?

STEVE / “Zeker niet. Ik zie de toekomst voor geprinte media juist positief in. Ik geloof niet dat als er een nieuw medium ontstaat of populair wordt, het andere zomaar weggeveegd en vervangen kan worden. Maar het zou natuurlijk wel dwaas zijn om de impact van het internet te negeren, al doen een heleboel mensen dat wel. Zij denken dat print zal blijven zoals het nu is, maar dat kan niet. Hoe dan ook geloof ik er echt in dat de geprinte media altijd een bepaald publiek zal blijven hebben.”

WAT MA AKT HET ZO MOEILIJK OM VANDA AG DE DAG TE STARTEN MET EEN PRINTMAGAZINE?

“De grootste moeilijkheid is ongetwijfeld de mensen hun aandacht trekken, en dat geldt niet enkel voor de magazinewereld. Vandaag kan iedereen een magazine uitgeven en zijn eigen redacteur zijn. Een paar jaar geleden was dat niet eens denkbaar. Iedereen over de hele wereld kan een magazine op de markt brengen. Je moet dus vooral uitmaken hoe je in die diversiteit de aandacht van je publiek kan vangen en behouden.”

STACK BIEDT ELKE MA AND DE PARELTJES UIT DE INDUSTRIE A AN TEGEN 12 EURO. HOE K AN JE DIE PRIJS ZO L A AG HOUDEN?

“Eerst heb ik een rondvraag gedaan bij de grote uitgeverijen wat precies de grote problemen zijn. Dat bleek dan vooral het principe van ‘Sale and return’ te zijn.”

HET PRINCIPE VAN ‘SALE AND RETURN’? VERTEL.

“Wel, normaal werkt het zo: jij geeft je magazines aan een verkoper – gratis - en je vertrouwt erop dat hij jouw magazines netjes zal verkopen. Achteraf word je dan enkel betaalt voor de verkochte magazines. Dat is een enorm risico, want je weet nooit hoe goed het magazine zal verkopen. Daarnaast moet je soms een half jaar of langer wachten op je geld. Dat maakt het voor een uitgever heel moeilijk, en dat elke keer opnieuw.”

MA AR BIJ STACK IS DAT ANDERS?

“Klopt. Alle magazines die ik aankoop, worden ook daadwerkelijk verkocht. Zo kan ik de uitgever dus dadelijk betalen bij de aankoop. Bij grotere magazines kan ik vooral de kosten drukken omdat ik maar een klein aantal exemplaren nodig heb. Op dit moment zo’n 1750 stuks, wat niks is. De persen draaien bij hen sowieso, dus dat kan makkelijk bijgedrukt worden.”

ALS L A ATSTE: EEN TIP VOOR JONGE ONDERNEMERS DIE EEN MAGAZINE WILLEN UITGEVEN?

“De beste tip die ik je kan geven is: zorg voor een goede designer én een goede editor. Een goed team zorgt voor een goed gemaakt magazine. Het is belachelijk als je slechte content wel goed is vormgegeven of andersom. En een sterk en gemotiveerd team achter het magazine reflecteert zich ook naar het publiek toe.”


A sports magazine made in Brooklyn, VICTORY JOURNAL is a largeformat mag packed with beautiful photography, lovely illustrations and the best sports writing.

Taking an almost academic approach to fashion, Address completely rethinks what a fashion magazine can be.

victoryjournal.com

A food magazine that looks good enough to eat, The Gourmand matches its beautiful photography and illustration with original, insightful and thoughtprovoking editorial that explores the intersection of food and art.

addresspublications.com

thegourmand.co.uk

27

“Every Stack delivery is a surprise, selected from our ever-growing pool of magazines. Go to stackmagazines.com to find out more about what makes this magazines so special.�


28

INTERVIEW

LIKE KNOWS LIKE

tekst Line Broeckx tekstcorrectie Vincent van Peer

Li

ke

Kn

ow

s

Li

ke

likeknowslike.com

Door Instagram, Facebook, Pinterest, Vimeo, Flickr en zo veel andere sociale media hebben we vandaag de dag makkelijk contact met fotografen, filmmakers, schilders, grafici, architecten, muzikanten en bloggers over de hele wereld. We zijn omringd door zo veel getalenteerde mensen, maar zien enkel hun mooie plaatjes op het internet. ‘Hoe is dit werk gemaakt? Wat drijft de persoon achter het werk? Wat zien we eigenlijk?’

Like Knows Like speelt in op deze nieuwsgierigheid van miljoenen followers op het web. De digitale wereld wordt vaak bekritiseerd als vluchtig en oppervlakkig. Soms missen we simpelweg die ‘human touch’. Daarom maakt Like Knows Like documentaires over de mensen die ze bewonderen en volgen. In die docu’s focussen ze op de band tussen ‘follower’ en gevolgde, en geven ze context aan het werk van de artiest in kwestie. Ze doen dat met maar één enkele voorwaarde: de kunstenaar deelt de documentaire via zijn of haar socialemediaprofielen. Het project is niet bedoeld om winstgevend te zijn: het gaat om het delen van liefde en inspiratie. Prachtig, toch? En daarom deed RADIUS een interview met Bas Berkhout van Like Knows Like.


― interview met

likeknowslike.tumblr.com

29

Bas Berkhout


30

INTERVIEW

LIKE KNOWS LIKE

RADIUS / EERST EN VOOR AL: HOE ZIJN JULLIE BEGONNEN?

HOE PAKKEN JULLIE LIKE KNOWS LIKE FINANCIEEL A AN?

BAS / “Ik ben anderhalf jaar geleden met dit project gestart, samen met Marije. Dat was ergens in Portugal, rond 2012. Ik werkte op dat moment al vijf jaar voor grote bedrijven; als die een videoboodschap wilden, kwam ik die opnemen en leverde ik die dezelfde middag af. Daarnaast deed ik ook wat freelancewerk. Ik merkte dat ik in mijn dagelijks werk weinig creatieve input had, dus zocht ik naar een manier om mijn creativiteit te vrije loop te kunnen laten. Dus heb ik samen met Marije iets bedacht. Ik kan zelf filmen en monteren, en Marije kan fotograferen – we hadden verder niemand nodig. En zo is eigenlijk dit passieproject ontstaan.

“Like Knows Like is een passieproject, en wel eentje dat geen geld oplevert. We werken eraan naast ons gewone werk. Er kruipt ook niet zo veel tijd in, want ik kan alles zelf; veel geld heb ik ook niet nodig. Het enige wat we nodig hebben, is tijd en doorzettingsvermogen. Het is pas van zodra je iets gaat printen dat je geld nodig hebt – dan moet je al gaan ‘crowdfunden’ en er een Kickstarter-project van maken, of een sponsor zoeken. En dat hebben we voor ons project niet moeten doen. We kochten een website bij Wordpress voor 70 dollar en dat was het. En af en toe een vliegticket. Ik denk dat alle content die op onze website staat niet meer heeft gekost dan 7.000 à 8.000 euro. Je kan dat geld aan extraatjes spenderen, maar nu spenderen we het aan iets waar we echt graag mee bezig zijn.”

We hadden geen zin om mediafondsen of sponsors te zoeken, want daarvoor moet je concepten uitschrijven en op voorhand exact bepalen wat je uiteindelijk gaat maken. Ik wou gewoon graag mijn eigen ding doen. Toen zijn we in Nederland met Like Knows Like begonnen als een soort ‘pilot project’. Maar we wilden dit graag over de hele wereld doen. Dus zijn we mensen gaan zoeken die globaal heel veel volgers hebben. We vroegen hen of we een documentaire over hen mochten maken, met als enige voorwaarde dat ze onze documentaire zouden delen op sociale media, zodat die door hun volgers kon worden opgepikt en zich zo verder kon verspreiden. Akkoord, dat leverde niet heel veel ‘likes’ op, maar we kregen wél veel mails van mensen die zeiden dat ze het een goed idee vonden en dat ze blij waren moet onze blik achter de schermen. En dat was precies waar we op hoopten. Mensen zitten veel op Facebook en het was onze missie om wat daar gebeurt terug meer betekenis te geven. Daarin zijn we wel geslaagd, denk ik.”

GEEF T DIT PROJECT JE OOK DE MOGELIJKHEID OM JEZELF TE PROFILEREN EN IN DIE ZIN TOCH MEER KL ANTEN BINNEN TE HALEN, ALS EEN SOORT EIGENWIJS PORTFOLIO? “Ja, zeker! Ik wil heel graag méér van dit soort werk doen en het werk dat ik saai vind, achter me laten. Like Knows Like zorgt ervoor dat ik kan laten zien wat ik naast een ‘9 to 5’-job nog allemaal kan, en klanten pikken dat op. Indirect levert het dus wel geld op. Ik hoop dat mijn betaald werk ook meer gaat lijken op die ‘story-telling’ die we doen in onze documentaires. Grote merken zijn stilaan meer en meer bezig om het verhaal achter hun community te vertellen. Kijk maar naar Facebook of Skype.”

JULLIE HEBBEN DUS GEEN MENSEN GEKOZEN OMDAT JULLIE ZE INTERESSANT VONDEN, MA AR EERDER OMDAT ZE EEN GROTE FANBASE HEBBEN? “Het begon vooral met mensen die we interessant vonden en die we zelf volgen op Instagram, Twitter of Facebook. Ik sta op en ik ga slapen met de foto’s van die mensen, en vroeg mij af: ‘Leven die mensen nu echt zo mooi op het strand?’ Die nieuwsgierigheid was de eerste aanzet. Ten tweede wilden we zoals gezegd iets anders doen dan ons ‘corporate’ werk. En ten derde gebruikten we social media omdat we geen geld wilden investeren in dure mediakanalen. Dus puur daarom leek het ons een slim idee om mensen uit te pikken die al een groot bereik hadden op Facebook.”


“We maken ons werk echt met liefde. Daarnaast werken we samen met mensen die ons inspireren en aanspreken. Daarom werkt ons project. Je voelt die positieve energie.”

HOEVEEL MENSEN BEREIKEN JULLIE MET JULLIE DOCUMENTAIRES? “We hebben bijna 2.000 volgers op Vimeo en 7.000 op Facebook. Dat is helemaal niet zo choquerend veel. We zien wel via statistieken hoeveel Vimeo-views onze documentaires hebben. We zijn ge-‘Vimeo Staff Picked’, en dat levert best veel views op. We hopen op Vimeo toch wel op 5.000 unieke views per film. Dat is zo’n beetje het gemiddelde, met uitschieters tot 50.000 views. We hebben er wel speciaal voor gekozen om alles op Vimeo te plaatsen omdat we YouTube een beetje plat vonden. Als we van bij het begin hadden gekozen om ons werk wél te delen via YouTube, hadden we goedbetaald kunnen worden. Met Vimeo bereik je een kleiner publiek, maar tegelijk ga je wel veel specifieker.”

JULLIE KIEZEN BEWUST VOOR DIE ONLINECAMPAGNE, VANWEGE HET FINANCIËLE ASPECT. MA AR ZIEN JULLIE JE WERK OOK OFFLINE OP EEN GOEIE MANIER WERKEN? “Daar zat ik ook over te denken toen ik jullie mail kreeg. Ik zou het wel mooi vinden moesten onze foto’s en verhalen ergens gepubliceerd worden. Maar als iets eenmaal op onze website heeft gestaan, wat voor meerwaarde heeft het dan nog om het in een magazine te plaatsen? Daarnaast weet ik eerlijk gezegd niet of film wel goed kan werken in printvorm – dat valt toch héél moeilijk te vertalen. Misschien wel naar een e-publicatie. Fotografie werkt natuurlijk veel beter in combinatie met print.”

HOE ZIE JIJ DE TOEKOMST VOOR GEPRINTE MEDIA? “Je ziet dat iedereen vandaag via zijn tablet of telefoon informatie snel en makkelijk binnenkrijgt. Ik koop zelf bijna nooit meer een magazine. Het is relatief duur en ik heb ook de tijd niet meer om ervoor te gaan zitten. Terwijl ik wel tijd heb om eventjes snel mijn telefoon te pakken en wat dingen op te zoeken. Ik heb wel nog steeds het verlangen om op zaterdag rustig te gaan zitten en de krant te lezen, of een magazine te lezen in een gezellige café. Maar dat gebeurt tegenwoordig veel minder.”

R ADIUS PROBEERT TE FOCUSSEN OP DE VERTALING VAN ONLINECONTENT NA AR OFFLINE GR AFISCHE MEDIA. WAT VIND JIJ DA ARVAN? “Het klopt dat je op het internet heel snel wordt afgeleid. Er komt ook zovéél op je af. Je blijft overal op doorklikken en leest de dingen maar half. Daarnaast is er zo verschrikkelijk veel goeie content dat je door de bomen het bos niet meer ziet. Een magazine creëert rust: je vindt er alles veel sneller in terug.”

HEB JE NOG TIPS VOOR JONGE STARTERS? “Je moet zelfverzekerd zijn. Sta achter je idee en laat je door niemand ontmoedigen. Als je voelt dat je idee zou kunnen werken, ga er dan voor. Je moet veel liefde en passie in je werk stoppen om het te kunnen realiseren. Zorg ervoor dat het idee in je lijf zit, en dat je steeds exact kan zeggen waar je mee bezig bent. Het loont altijd als je ergens diep in gelooft.”

31

WE VINDEN HET HEEL ERG INTERESSANT DAT LIKE KNOWS LIKE UIT JULLIE EIGEN INTERESSE EN NIEUWSGIERIGHEID IS ONTSTA AN. DAT IS VOOR R ADIUS OOK BEL ANGRIJK.


32

basberkhout.nl

INTERVIEW

LIKE KNOWS LIKE


33

likeknowslike.com


34

F O T O R E P O R TAGE

01101101

tekst Siem Lasseel tekstcorrectie Line Broeckx

01

10

11

01

siemlasseel.be


― door

Siem Lasseel

De dag van vandaag kunnen we met eender welke onbekende in de wereld praten, en dat in een fractie van een seconde. We zijn geconnecteerd met wie dan ook. Wanneer en waar we maar willen kunnen we informatie opzoeken over praktisch àlles wat we ons kunnen inbeelden. Maar is het echt zoveel beter nu dan enkele jaren geleden? In 2007 kon je je niet eens inbeelden dat je overal toegang tot internet kon hebben. Een jaar geleden kende niemand Snapchat en nu kunnen we niet meer zonder. We sharen zoveel meer met onze vrienden, snappen elk mooi moment en overgieten ons diner met een instagramsausje. Maar hebben we al die apps wel nodig om sociaal te kunnen zijn? Of om geliked te worden? Willen we wel altijd en overal bereikbaar zijn? Vroeger was het normaal als je pas een antwoord op je vraag had binnen een week. Nu lijkt de norm precies een paar minuten te zijn, alsof we virtuele communicatie voorrang geven op alles. Ons leven balanceert constant op de grens tussen publiek en privaat, reëel en virtueel. We waren nog nooit eerder zo passief als de dag van vandaag. Dagelijks browsen, kijken, wachten, swipen, scrollen, deleten, chatten. Ons leven is een digitale chaos geworden.

35

Siem vindt het echte leven 111 keer interessanter dan het kleuren lcd-schermpje van vijf inch waar we de hele dag naar staren. Met zijn fotoreeks bekritiseert Siem onze overgedigitaliseerde wereld. Zijn foto’s tonen digitaal verstikte beelden. We mogen niet vergeten dat we een écht leven leiden, dat helemaal niet zo flashy en sociaal is als ons online alter ego.


37


39


41


42

INTERVIEW

BLENDLE

tekst Thomas Smolders

Bl

en

dl

e

beta.blendle.nl

― de iTunes van de journalistiek

http://thenextweb.com/eu/2014/03/07/dutch-journalism-startupblendle-wants-create-itunes-newspaper-magazine-articles/


Instemmend gelach weerklinkt rond de beroemdste rode tafel van Nederland. Jort Kelder, zoals steeds voorzien van een wit hemd en bretellen, strijkt zijn haren naar achter en glimlacht. Hij is te gast in ‘De Wereld Draait Door’. In het publiek zit een jongen van een jaar of twintig die stage loopt bij 925.nl, de site waar Kelder hoofdredacteur van is. Hij ergert zich wat, niet aan zijn baas maar aan de items die de revue passeren. Na de uitzending klampt hij een van de programmamakers aan. Hoe het komt dat er zo weinig over technologie wordt gepraat in DWDD, vraagt hij. Over de iPad, bijvoorbeeld, die later op de week zou worden voorgesteld.

43

Naargelang de persoon die deze anekdote vertelt wordt dit verhaal sappiger en worden elementen toegevoegd of net weggelaten. De uitkomst is steeds dezelfde: de redactie van de meest populaire talkshow van Nederland was gecharmeerd door de jonge gast en bood hem aan om gewoon zelf over de iPad te komen praten. Alexander Klöpping heet hij.


44

INTERVIEW

Een paar jaar later is Alexander de god van vele nerds en geeks geworden. Hij komt geregeld op televisie waar hij vol enthousiasme en op een heel toegankelijke manier praat over de nieuwste gadgets en technologische ontwikkelingen. Als er iemand is die mijn moeder drie uur kan boeien met een documentaire over Silicon Valley, dan is hij het wel. Dankzij zijn 150.000 volgers op Twitter is hij een moderne Koning Midas geworden, bij wie alles wat hij aanraakt verandert in likes, shares en retweets.

Foto’s van kranten “Weet je wat ik kut vind? Dat ik soms artikels uit papieren kranten met vrienden wil delen maar dat zij die stukken niet kunnen lezen wanneer ze geen abonnement op die krant hebben. En er een foto van nemen om die op Twitter te smijten is ook maar een geklooi”, zei Alexander een jaar of twee geleden tegen Marten Blankesteijn, een bevriende journalist. Marten herkende het verhaal van Alexander. Toen papieren kranten in de jaren ’90 de switch naar het internet maakten ging dat vaak nog schoorvoetend. Ooit is er zelfs een tijd geweest waarin kranten hun website maar één keer per dag aanvulden, stel je voor! Toen men nadien artikels ging maken die puur voor de website waren bedoeld was de kwaliteit vaak zeer betwistbaar, wat bij veel jongeren het beeld heeft gecreëerd dat geschreven nieuws in een digitale omgeving per definitie ‘zwak’ of ‘platvloers’ is en ‘vol (inhoudelijke) fouten staat’. Hoe kan je de (kwalitatief sterkere?) inhoud van papieren kranten naar een digitale omgeving verplaatsen, zodat jongeren het – hopelijk - gaan lezen? Wat is, met andere woorden, the next step van de krant? Alexander Klöpping en Marten Blankesteijn sloegen samen met een klein team de handen in elkaar om zelf een platform te bouwen: Blendle. Een platform waarbij het wél mogelijk wordt om stukken uit papieren kranten en magazines te delen met vrienden. Waarbij je geen volledige krant of magazine moet kopen, maar losse artikels. De iTunes van de journalistiek, zoals het door sommigen wordt genoemd.

BLENDLE

Waarom is Blendle the next step? Wat is er zo goed aan het platform van Klöpping en Blankesteijn, dat eigenlijk voortbouwt op projecten waarmee anderen faalden? Of is dat net hun sterkte, dat zij ergens op kunnen voortbouwen? Als je het mij vraagt: ja. De kracht van Blendle zit in drie ‘assen’ die ook terug te vinden zijn in andere projecten die elk op hun eigen manier een dienst hebben bewezen.De eerste – en volgens velen de belangrijkste – as is ‘The Long Tail’, een concept dat Wired-hoofdredacteur Chris Anderson lanceerde. Volgens Anderson, die in 2006 een boek over ‘The Long Tail’ schreef, zit de kracht van e-commerce niet langer in de selecte club van producten die goed scoren maar in het oneindige aanbod aan andere zaken die in de offline wereld amper verkopen. Zo haalt Amazon een veel grotere omzet uit de miljoenen boeken die maar een paar keer per maand worden verkocht, dan uit hun bestsellers.

‘If the 20th- century entertainment industry was about hits, the 21st will be equally about misses’ Ook bij Blendle kan de kracht van het internet – zo veel opslagruimte als je wil – de beperkingen van de fysieke wereld overstijgen. Daar waar een krantenwinkel vroeger nog weloverwogen beslissingen moest maken over welke kranten en magazines er in de winkel konden verkocht worden, is er bij Blendle plaats om gewoon alles te (ver)kopen. Voorlopig kan je er een stuk of dertig publicaties doorbladeren, maar in een droomscenario lees je op Blendle niet alleen de Nederlandstalige kranten en magazines, maar ook dat ene steengoede magazine uit Frankrijk of die krant uit de Verenigde Staten waar je favoriete columnist voor schrijft. Grasduinen in een onbeperkt aanbod, als een kind in een snoepwinkel. De tweede as is een filosofie die de voorbije jaren – misschien omwille van de financiële crisis – steeds groter is geworden: ‘Pay-for-what-you-use’. Waarom zou ik een volledige krant moeten kopen als enkel dat interessante interview met Bart De Pauw mij aanspreekt? Bij Blendle – waarbij je artikels per stuk koopt – merk je dezelfde evolutie als bij iTunes: alle ballast valt weg. Je hoeft niet langer


45

Alexander Klรถpping


INTERVIEW

jo

ns ?

Ook binnen het huidige Blendle zijn nog heel wat aanpassingen mogelijk. Zo zou er een vermelding kunnen komen waarop je in één oogopslag ziet hoe lang de leestijd van een stuk is, zoals bij de blogposts op Medium al het geval is. Ideaal om te bepalen of je dat ene artikel dat er interessant uitziet nu of later leest. Er zou ook gespeeld kunnen worden met aangepaste prijzen naargelang de gebruiker of het onderwerp van het stuk. Is een stuk in het archief minder waard omdat het ouder is? Of net meer, omdat het over een onderwerp gaat waar je in geïnteresseerd bent? Hoe ruim wordt het archief op Blendle? Op vlak van aanbevelingen zijn ook nog heel wat groeimogelijkheden om ‘de krant van morgen’ écht speciaal te maken. Zo zou Blendle zelf kunnen voorstellen welke stukken de moeite zijn op basis van de artikels die je daarvoor las. Of kunnen hoofdredacteuren een dagelijkse selectie maken van de interessantste stukken die in hun krant verschenen.

ee

n

Ee n pl e i ek ge on n k de r a r d nt e , zo n

Dat oneindig grasduinen kan voor velen een utopie lijken, anderen vinden het een hel. Waar begin je in godsnaam als het aanbod zodanig groot is dat je onmogelijk alles kan lezen? Door mensen te volgen die voor jou een selectie maken. Karl Vannieuwkerke zou je bijvoorbeeld kunnen volgen wanneer je niet weet welke sportartikels je moet lezen – “wat hij interessant vindt zal mij ook wel kunnen boeien”, die gedachte. Op Blendle zit die as verwerkt in de startpagina, waar je een stroom aan krantenstukken vindt die gedeeld zijn door de mensen die je volgt. Sommigen – waaronder journalist Dominique Deckmyn van De Standaard – vinden dat ‘volgen’ net een grote horror. Moet-ie maar eens aan zijn kleinkinderen vragen of ze dat een goed idee vinden. En of ze artikels die vrienden op Facebook aanraden lezen.

is ‘all you can read’. Net zoals er in de muzieksector eerst een iTunes nodig was om naar een Spotify te kunnen evolueren denken sommigen nu al hardop van the next step van Blendle waarbij je voor een bepaald bedrag alle krantenartikels zou kunnen lezen.

bi

een volledig album te kopen maar betaalt enkel voor de nummers die jij interessant vindt. Misschien kan op die manier ook een nieuw doelpubliek worden gevonden, een groep mensen die wel geïnteresseerd is in nieuws maar geen zin heeft om een paar euro neer te leggen voor een magazine of krant?

BLENDLE

En

46

Het resultaat van deze drie assen is een gepersonaliseerde krant. Kan je Blendle wel nog een krant noemen? En gaan jongeren het effectief gebruiken? De eerste resultaten zijn alvast positief. Eind 2013 werd een betaversie van het platform gelanceerd, waar een beperkt publiek al kon experimenteren met Blendle. Vijfenvijftig procent van de gebruikers is jonger dan 35, een doelgroep die tot voor kort volledig in de kou stond – ter vergelijking: de gemiddelde leeftijd van krantenlezers ligt een stuk boven de 40. Wat zou er nog beter kunnen aan Blendle zoals het nu is? Een logische evolutie volgens sommigen – waaronder Brecht Decaestecker van De Morgen –

Op maandag 28 april werd de Nederlandse versie van Blendle officieel gelanceerd. De Belgen blijven voorlopig nog even in de kou staan, maar niet voor lang. De komende weken worden onder andere De Standaard, Humo en De Tijd aan Blendle toegevoegd en ook daarna zullen nog nieuwe publicaties volgen. Daarnaast zouden de Vlaamse uitgevers ook zelf van plan zijn om een ‘iTunes voor de journalistiek’ op te richten, dat voorlopig de knullige naam MediaID meekreeg. De toekomst is begonnen…


47


Deze reeks foto’s handelt over vrouwelijkheid en het hiermee verbonden ideaalbeeld. Het Westerse vrouwbeeld is slechts een schijnbeeld van wat de vrouw werkelijk is. De foto’s zijn niet enkel een weerwoord op wat de media ons als ideaalbeeld voorspiegelen, ook de aangeleerde en opgelegde regels en gedragingen die tot de vrouwelijke identiteit worden gerekend, worden op de korrel genomen. Door middel van provocatie probeert Daantje dit ‘bekrompen’ idee van vrouwelijkheid met een vleug je humor te bestrijken en zo haar eigen vrouwelijkheid te heruitvinden.

SHOOT

Het werk van Daantje ontvouwt zich rond de vrouw en haar identiteit. Ze is vooral geïnteresseerd in rolpatronen, ideaalbeelden en verwachtingen. Haar inspiratie haalt ze voornamelijk uit eigen ervaringen, die ze onderzoekt door op een intuïtieve manier een beeld te maken.

s y e t r i u n i t a n i e F em F

f o

48 F E AT UR ES O F F E MININI T Y

tekst en foto’s door Daantje Bons

tekstcorrectie Steven Vleugels

daantjebons.com


49


51


53


55


57


58

JR VS. SR

LY S S A GI O T S V S. J A N D E V Y L D E R

interview met Jan De Vylder door Lyssa Giots tekst door Sofie Marguillier

Jr. Lyssa Giots 1990 / 째Hasselt / studente master architectuur / Sint Lucas Brussel


Sr. Jan de Vylder

59

1968 / °Sint-Niklaas / Archiectenbureau de VylderVinck Taillieu te Gent / docent Sint Lucas en TU Delft / winnaar architectuurprijs Oost-Vlaanderen 2005 architectendvvt.com


60

JR VS. SR

LYSSA / DAG JAN. HOE ZIE JIJ HET GEGEVEN HERUIT VINDEN BINNEN DE ARCHITECTUUR? JAN / “Volgens mij onderscheidt elke goede kunstenaar of architect zich door het feit dat hij een heel breed referentiekader heeft. Volgens mij slaat het idee van heruitvinden op het idee van creatief zijn. We kunnen altijd maar weer opnieuw dingen bedenken of uitvinden of heruitvinden. Maar dan is het natuurlijk de taak van de kunstenaar om de zaken op een andere manier te brengen dan tevoren.” DAT GELDT NATUURLIJK VOOR IEDEREEN DIE CREATIEF BEZIG IS. “Inderdaad. Wie als creatief persoon een breed referentiekader heeft, kan sneller reageren in bepaalde omstandigheden. Als je je referenties dan ook nog eens goed kan situeren, komt dat zeker van pas als je iets maakt – zowel vormelijk als inhoudelijk. Eigenlijk zorgen referenties ervoor dat je met veel beperktere creativiteit aan de slag kunt. Dat is goed, want creativiteit is een zeer gevaarlijk gegeven. En als je dat botviert, mis je toch iets.” K AN JE DAN EEN GOED VOORBEELD GEVEN VAN EEN ARCHITECT DIE ZIJN REFERENTIEK ADER GOED GEBRUIKT? “Er is een heel mooie, eenvoudige verbouwing van een woning van Dirk Somers en zijn collega’s van Bovenbouw. Dat gaat over een typisch Vlaams achterhuisje dat je op de klassieke manier bereikt via een kleine koer. Meestal verwacht je dan niets anders dan bakstenen, maar Bovenbouw heeft het metselwerk volledig anders aangepakt. Dat is het resultaat van een fantastische architect die zijn referenties goed naar voren brengt.” ZO MERK JE INDERDA AD DAT HIJ ZIJN METIER GOED KENT. “Ja, zo laat hij zien dat hij Hugo Aalto – een Finse, modernistische architect - zijn werk weet te kennen en weet lief te hebben. Dat is super! Wel moet je als architect een soort gave hebben dat je niet te sterk ingaat op die context. Als je door een bepaalde referentie dat kleine verschil kan maken waardoor het ineens weer goed wordt, moet je ook

LY S S A GI O T S V S. J A N D E V Y L D E R

kunnen inzien dat dat voldoende kan zijn. Wie dan nog een extra dimensie wil toevoegen, kan voor vertwijfeling zorgen.” ZIE JE VERBOUWEN EN RENOVEREN DAN OOK ALS EEN ‘HERUIT VINDING’ VAN DE ARCHITECTUUR? “Dat zit daar natuurlijk in. Het mooie aan verbouwen of nieuwbouw is dat je een opdracht tot stand moet brengen. Als je dat goed opneemt, krijg je naar mijn gevoel elke keer weer wat anders. Andere bouwwerken hanteren andere condities, dus in die zin ben je telkens aan het heruitvinden. Als je niet alle dagen moet heruitvinden, vrees ik dat architect zijn wel eens een heel saaie bezigheid kan zijn.” HOE ZIET ARCHITECTUUR ER OVER 50 JA AR UIT VOLGENS JOU? “Als we vandaag spreken over architectuur in de toekomst, dan spreken we vooral over duurzaamheid en technologische uitdagingen. Uitdagingen die te negatief geformuleerd worden als je het mij vraagt. Maar het is een trein die loopt en niet valt te stillen. De vraag die mij het meest interesseert is: hoe kritisch moet je hier eigenlijk over zijn?” KRITISCH OVER DIE DUURZA AMHEID BEDOEL JE DAN? “Niet perse kritisch zijn om alles rond duurzaamheid af te kraken, maar wel om architectuur meer een maatschappelijke waarde te geven. Architectuur wordt een van de belangrijkste middelen om de wereld in de toekomst een beeld te geven. Dat kan volgens mij niet door het najagen van een normenstelsel, maar door een kritische positie in te nemen. Wat er op dit moment gebeurt, is dat men het begrip architectuur gaat vervangen door duurzaamheid.”


DAT MERK IK INDERDA AD OOK STEEDS MEER. “Architectuur is van zichzelf uit eigenlijk duurzaam, maar ook nog zoveel meer. Nu lijkt het alsof we al tevreden kunnen terugblikken als architectuur louter duurzaam is, maar dan worden er zoveel andere aspecten vergeten, ontkend of genegeerd. Maar wie hier vragen bij stelt, wordt dadelijk met de vinger aangewezen. HEB JE OOK DE NOOD OM JEZELF ALS ARCHITECT TELKENS OPNIEUW HERUIT TE VINDEN? “Ja, zonder dat ik daar bij stil sta dat het heruitvinden is. Een van de dingen die onze praktijk kentekent, is dat we elke keer opnieuw het volgende moment beschouwen als een totaal nieuwe uitdaging. Maar wel met een referentiekader op je schouders die je niet lost. Dus een blanco blad bestaat eigenlijk niet, maar omgekeerd bestaat er ook geen blad met geschreven regels.” DAT IS MOOI VERWOORD, EN DA AR HERKEN IK MEZELF OOK WEL IN. ELK ONT WERP IS IETS NIEUWS, DUS OOK NIEUWE MENSEN MET NIEUWE REFERENTIEK ADERS, EN DAT GEEF T ALTIJD NIEUWE INTERESSANTE INZICHTEN.

Project Jan De Vylder “Bernheim. Een nieuwbouwwoning. Leeg perceel met drie mooie grote beuken.Bernheimbeuk. De bomen houden we. Inplanting van de nieuwe woning. Een huisje, met een beuk http://www.architectendvvt.com/ projects/bern_heim_beuk/0/ house/0/2/

61

temidden van de bouwzone.”


62

JR VS. SR

Project Jan De Vylder 1907. Venetie. Museum of now. 2013. Jan De Vylder architecten. http://www.architectendvvt.com/

LY S S A GI O T S V S. J A N D E V Y L D E R


Project Jan De Vylder Woonuitbreiding in Mortsel door architectenbureau Bovenbouw van Dirk Somers. Een opmerkelijk project dat verschillende texturen en http://hicarquitectura.com/2014/03/bovenbouw-house-extension-mortsel/

63

metselverbanden van baksteen in ĂŠĂŠn geheel combineert.


64

JR VS. SR

Project Jan De Vylder 1907. Venetie. Museum of now. 2013. Jan De Vylder architecten. http://www.architectendvvt.com/

LY S S A GI O T S V S. J A N D E V Y L D E R


65


66

RADIUS

COLUMN


67


68

RADIUS

Kwintessens Tekst / Line Broeckx

Het eerste nummer van 2014 gaat over ‘beweging’: over design in transport, maar ook over film en animatie. We gaan ook in op het gebruik van carbon in design, op de 3D-geprinte brillen van Hoet en Melotte en blikken vooruit op de modetentoonstelling Birds of Paradise. In een speciale bijlage brengen we een overzicht van de nieuwe lichting ontwerpers in Vlaanderen.Het nummer werd ontworpen door Peter De Roy (SignBox).

The Modern Magazine Tekst / Line Broeckx

Het boek is vooral een visueel verslag van grafische trends die in de magazinewereld plaastvonden, gedurende de laatste tien jaar. Maar wat Jeremy Leslie vooral tracht te bereiken met zijn boek is die visie van ‘print is dood’ te verschuiven en om te buigen naar ‘the golden age of magazines’. En hij heeft gelijk. Een tiental jaar geleden zouden de meeste nieuwe uitgevers er niet eens aan gedacht hebben om een magazine uit te geven.

Works That Work Tekst / Karianne Bueno

Works That Work is een nieuw, klein, bescheiden blaadje dat er op het eerste gezicht charmant, maar niet echt onderscheidend uit ziet. Maar dat is het wel: het wil onze kijk op de wereld positief beïnvloeden. Overal om ons heen, zegt WTW, is creativiteit te vinden, je moet alleen leren om het te zien. Van Mumbai tot Drachten, in dagelijks werk, op straat en in conflictgebieden. Alsof dat motto nog niet ambitieus genoeg is richt WTW zich ook nog eens niet op een enkele afgebakende doelgroep, maar op iedereen. Dat is lef.

RECENSIES


IT IS FULL OF CHALLENGES, BUT IT IS EXCITING, TOO.

69

Jeremy Leslie

The Modern Magazine

THIS IS THE GOLDEN AGE.


70

RADIUS

INDEX

Hallo, wij zijn Radius. Radius is een team dat groeit en opzoek gaat naar interessante samenwerkingen met verschillende ontwerpers en journalisten die iets toevoegen aan onze redactie. Dit garandeert een magazine dat altijd actueel is, en áltijd anders.

LINE BROECK X Eindredactie Grafisch ont werp linebroeckx.tumblr.com

JELMER DAM Redactionele vormgeving Grafisch ont werp cargocollective.com/jelmerdam

Samenwerking met Editor Sofie Marguillier / sofiemarguillier.eu Editor Thomas Smolders / ljosmyndun.tumblr.com Mentor Rob van den Nieuwenhuizen / drawswords.com Illustratie Jeroen Los / jeroenlos.tumblr.com

Lettertype

Met dank aan

Georgia Predige ( Type Dynamic)

Bas Berkhout Steve Watson Dan Rowden Jan De Vylder Reg Herygers Hugo Put taer t Daantje Bons Stephanie Jacobs Lyssa Giots Siem Lasseel Kaj Dillen Tom Clabots Idealabs Sint Lucas Ant werpen Albe de Coker

Papier Cyclus of fset 100g Clair fontaine helblauw 80g Heaven 42 sof tmat t 115g

Drukkerij Copy-Copy Blancefloerlaan 22 2050 Ant werpen Het auteursrecht van de in dit magazine afgebeelden ont werpen en foto’s toe aan de oorspronkelijke ont werpers en fotografen. Ze zijn telkens van de nodige credits voorzien. Niets in deze uitgave mag worden overgenomen zonder voorafgaande schrif telijke toestemming van de uitgever. © Radius

Tekstcorrectie Brendan De Bie Vincent Van Peer Steven Vleugels Heidi Mijnendonckx


71



DUMMY3