Page 1

16 bisdom gent

28 augustus 2013

kerk & leven

‘Partners gaan te snel uit elkaar’ Pedagoog Hans Van Crombrugge ervaart dat een relatiebreuk voor de meerderheid van de kinderen een schok is, zelfs als ze in goede omstandigheden verloopt Eveline Coppin Hans Van Crombrugge (52) is hoofdlector pedagogiek aan het Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen en voorzitter van het eraan verbonden Kenniscentrum. Dat doet onderzoek over gezinnen en organiseert studiedagen en bijscholingen. Op 24 september geeft hij voor CCV in het bisdom Gent een lezing over Geschokt vertrouwen: opvoeden in moeilijke gezinssituaties. – Wat bedoelt u precies met „moeilijke gezinssitaties”? Eigenlijk is elke gezinssituatie moeilijk. Dat was vroeger al zo en is nu niet anders. Het is er zelfs niet gemakkelijker op geworden, omdat we hoe langer hoe meer belang hechten aan onze individuele vrijheid. Tegelijkertijd vinden we ook relaties belangrijk, omdat die helpen om onszelf te worden of te zijn. Maar net in zo’n relatie geef je een stuk van die vrijheid op en dat geeft spanningen. Die spanningen kunnen uitmonden in een scheiding, maar het kan ook zijn dat partners naast elkaar beginnen te leven. Zo vertelde een studente mij eens dat haar ouders samengebleven waren tot zij was afgestudeerd. Al die tijd hadden ze hun huwelijksproblemen verborgen gehouden voor hun dochter. – Dus is het niet goed om omwille van de kinderen samen te blijven? Als partners niet meer kunnen of willen samenblijven, maken ze beter een einde aan hun relatie. Kinderen voelen meestal ook aan dat het helemaal niet meer botert tussen de ouders. Er wordt dan wel eens sussend beweerd: „Kinderen leren daar wel mee leven”, wat uiteraard waar is. Ze zullen zich inderdaad aanpassen, maar wat vaak wordt vergeten, is dat zo’n scheiding, en de regeling die erbij komt kijken, veel energie vraagt van kinderen. Er is geen enkel kind dat wil dat zijn ouders uit elkaar gaan. Geen

geen nieuwe relaties inzegenen, gezien trouwen voor de kerk niet meer kan? – U pleit ook voor een opvoedingsbelofte die ouders kunnen afsluiten. Wat houdt dat in? Dat is een ritueel kort na de geboorte waarbij ouders in het bijzijn van een getuige beloven zo optimaal mogelijk voor de kinderen te zorgen en beloven de rechten van het kind na te leven, ook als ze niet meer bij elkaar zijn. Want als een relatie ophoudt te bestaan, zijn ze wel geen man en vrouw meer, maar blijven ze wel mama en papa. Die opvoedingsbelofte gaat mensen niet tegenhouden om te scheiden, maar de blijvende zorg voor het kind wordt toch eens expliciet verwoord.

Hans Van Crombrugge: „Partners moeten niet samenblijven omwille van de kinderen, maar zouden wel meer moeite kunnen doen om niet uit elkaar te gaan omwille van hen.” © Eveline Coppin enkel. Zelfs als ze een breuk zien aankomen, gaan ze ervan uit dat het niet gaat gebeuren. En ook als de scheiding optimaal verloopt, bijvoorbeeld als ze erop voorbereid zijn of de conflicten tussen de ouders minimaal zijn, is het voor de meerderheid van de kinderen toch een schok.

„De kans is groot dat kinderen een negatief godsbeeld hebben als de breuk tussen hun ouders slecht is verlopen” – Dan toch bij elkaar blijven omwille van de kinderen? Nee, maar ik vind dat mensen te snel uit elkaar gaan. Ouders zouden misschien wat meer moeite kunnen doen om samen te blijven. Net omwille van de kinderen. Want we zeggen wel tegen hen

dat we met hen inzitten, maar het zijn meestal wel zij die wekelijks moeten verhuizen. En niet de ouders. En het zijn de kinderen die van school moeten veranderen, hun vrienden niet meer kunnen zien of niet meer met hun hobby’s kunnen bezig zijn. Idealiter blijven ouders in hetzelfde huis wonen, of allerminst niet te ver van elkaar, zodat de situatie voor de kinderen niet te veel verandert. Al weet ik dat dat natuurlijk niet in alle gevallen kan. – Ouders kunnen niet meer samenleven en de kinderen zijn daar de dupe van? Sowieso. Hun basisvertrouwen is geschokt en dat vertrouwen is de motor van het menselijk functioneren. Dat heeft gevolgen voor hun sociaal functioneren, zowel binnen als buiten het gezin, maar ook voor het beeld dat kinderen hebben van zichzelf, hun omgeving en zelfs van God. De kans is

groot dat ze een negatief godsbeeld hebben als de scheiding slecht is verlopen. Daarnaast zijn kinderen van gescheiden ouders ook minder geneigd om te trouwen. En net zoals ouders zich schuldig voelen tegenover hun kinderen, voelen kinderen zich schuldig tegenover hun ouders, omdat ze denken dat de relatiebreuk hun fout is. Het is dus belangrijk om te zeggen dat dit niet zo is. Daarnaast is het van belang om te luisteren naar je kinderen. Dat klinkt logisch, maar wordt in het gedoe dat een echtscheiding met zich meebrengt wel eens vergeten. Als kerkgemeenschap kunnen we erop letten dat we begrip tonen voor mensen die gescheiden zijn, door bijvoorbeeld open te staan voor hun zorgen of tijdens communievieringen ook plaatsen te reserveren voor de nieuwe partner van mama of papa. Of waarom

– U bent vader van vijf kinderen en dertig jaar getrouwd. Hoe bent u daarin geslaagd? Mijn vrouw en ik hebben geluk gehad én ons verstand gebruikt. We hebben afspraken gemaakt en ons daaraan proberen te houden. Voorts hebben we conflicten op een zo redelijk mogelijke manier trachten op te lossen. We zijn het trouwens aan onszelf verplicht om oplossingen te zoeken, gezien we beloofden elkaar trouw te blijven in goede en kwade dagen. Dat wil echter niet zeggen dat we beloofden om niet verliefd te worden op iemand anders. Wel om ons daar niet in te laten meeslepen. Door altijd opnieuw voor elkaar te kiezen, blijf je samen. En of zij nu de ware is? Iemand zei eens dat je dat maar aan het einde van je leven kunt zeggen, als je het samen hebt waargemaakt, dus geef mij – hopelijk – nog vele jaren de tijd. Lezing op 24 september van 20 tot 22 uur in de A. De Schrijverzaal van het Sint-Bavohumaniora (Reep 4, Gent). Meer weten over de werking na scheiding? Activiteiten en contactgegevens vindt u in het artikel hieronder.

Als samenblijven geen optie meer is Voor mensen na een scheiding of relatiebreuk organiseert CCV in het bisdom Gent groepsgesprekken, vormingen, lezingen en verwerkingsgroepen

In november spreekt kinderpsycholoog Ludo Driesen over de effecten van een scheiding op de ouder-kindrelatie. © Timpura

Eveline Coppin CCV in het bisdom Gent biedt activiteiten aan voor mensen na een scheiding of relatiebreuk. Zo zijn er onder meer vormingen waarbij na een inleiding door een deskundige de deelnemers hun ervaringen met en hun standpunten daarover kunnen uitwisselen. Op zestien november heeft Ludo Driesen, klinisch kinder- en jeugdpsycholoog en gedragstherapeut, het over de effecten van een scheiding op de ouder-kindrelatie en toont hij het belang aan van een ‘nette’ scheiding. Deze

vorming vindt plaats van 14.30 tot 17.30 uur in het Sint-Paulusseminarie in Mariakerke. Daarnaast bestaat er een verwerkingsgroep die mensen helpt om te verwerken van wat gebeurd is en opnieuw uit te kijken naar de toekomst. De groep wordt aangestuurd door een begeleider die spreekt uit ervaring en onder meer uitleg geeft over de diverse fasen van de verwerking, het leren loslaten van je ex-partner en reacties van familie en vrienden. Deze groep komt bijeen op 23 en 30 november, 14 en 21 december en 4 janu-

ari. Eveneens in het Sint-Paulusseminarie. Tot slot zijn er in Oudenaarde en Beveren-Waas ontmoetingen met lotgenoten waarin gepraat wordt over angst, tederheid, zelfvertrouwen, woede, schuld, verdriet en loslaten. De groepsgesprekken bestaan uit duiding, meditatie of een tekst uit het evangelie. Bel 09 235 78 65 of mail naar han.koole@ccv.be voor inlichtingen. Surfen kan ook: www.ccv.be/gent of www.gezinspastoraal.be.


kerk & leven

28 augustus 2013

bisdom gent 17

‘Ik beteken weer iets voor de maatschappij’ Ex-arbeider bij ArcelorMittal, Pascal Smet, heeft een beperking, maar helpt alsnog twee voormiddagen per week vrijwillig mee in het kapsalon van woon- en zorgcentrum Veilige Have in Aalter Wou graag werken, maar kwam nergens meer voor in aanmerking XXKatholieke Vereniging Gehandicapten zocht mee naar een zinvolle vrijetijdsinvulling XXHelpt kapster van Veilige Have waar hij kan XX

Eveline Coppin „En zijt ge content van uw haar?”, informeert Pascal Smet (45) bij Alice Blomme, bewoonster van woon-en zorgcentrum Veilige Have in Aalter. „Zeker”, antwoordt de net geknipte dame. „Ale, dan zijn we weg”, zegt Pascal Smet, waarop hij Alices rolstoel neemt en haar terugduwt naar haar kamer. Hij loopt meteen door naar het centrum voor dagverzorging, waar hij Clara De Keyser oppikt en begeleidt tot aan het kapsalon. „Ik wil graag een mise-en-plis”, vertelt ze. Pascal, ex-hoofdmagazijnier van staalproducent ArcelorMittal, kijkt niet verbaasd op als de vrouw dit zegt. „Ze draaien spelden in uw haar en zetten u dan een half uur onder de droger”, legt hij mij uit. „Voor ik hier vrijwilligerswerk deed, wist ik ook niet wat dat was”, geeft hij toe. „Maar ik leer snel bij.” Pascal Smet helpt sinds eind januari elke dinsdag -en donderdagvoormiddag vrijwillig mee in het kapsalon van het woon- en zorgcentrum. „Hij brengt men-

sen niet alleen naar het kapsalon en terug naar hun kamer, maar veegt eveneens het haar bijeen, haalt spelden uit de haren en wast zelfs af en toe de haren van de bewoners”, weet kapster Ann-Sophie Vanhuysse. „Daardoor kunnen we meer tijd besteden aan onze klanten en kunnen we ook meer mensen helpen”, legt ze uit. Of ze niet verbaasd was dat ze hulp krijgt van een man? „Een beetje, maar eigenlijk maakt het niets uit. Er zijn toch ook veel mannelijke kappers, niet?” Liefst van al zou Pascal Smet als arbeider of bediende werken, maar een betaalde job vinden bleek erg moeilijk. „In 2008 stelden dokters chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS) en fibromyalgie vast. Daardoor ben ik snel moe en heb ik vaak spierpijn. Ik heb een hele tijd thuis gezeten, heb onderzoeken ondergaan en ben zelfs nog gaan werken wan-

„Ik wou iets om handen hebben” neer ik me beter voelde. In 2011 werd ik echter bij ArcelorMittal, na 23 jaar dienst, ontslaan. Niet omwille van mijn werkprestaties, maar omwille van mijn ziektes.” Een zware klap voor Pascal Smet, één die hij tot op heden nog altijd niet goed heeft verwerkt. „Het blijft moeilijk om mijn beperkingen te aanvaarden. Ik stap moeizaam, kan niet meer met de fiets rijden en slaap slecht. Daarnaast ben ik constant moe. Als ik straks thuiskom, krijg ik de na-

weeën van mijn half dagje werken. Dan moet ik rusten. Die anderhalve dag tussen dinsdag- en donderdagvoormiddag heb ik echt nodig om te recupereren.” Maar Pascal bleef na zijn ontslag niet bij de pakken zitten. Hij volgde een opleiding over solliciteren en zocht samen met een jobcoach uit welke jobs hij wel nog kon doen. „Gezien ik niet zo goed met de computer overweg kan, was een job als bediende voor mij uitgesloten. Als arbeider kwam ik door mijn moeilijke en tragere gang voor niet veel jobs meer in aanmerking.” Als koerier werken bleek de enige optie. Pascal deed met veel enthousiasme een week stage bij een koerierdienstbedrijf. „De werkgever was vree content over mijn inzet, maar wilde mij niet aannemen, omdat ik iets trager werkte dan de anderen en hij dat niet kon verantwoorden tegenover de andere werknemers. Niet te begrijpen, gezien ik vanwege mijn beperking minder kost dan een gewone werknemer.” Opnieuw een enorme dreun voor Pascal Smet, die maar wat graag aan de slag wil, maar daar geen kans meer toe krijgt. Langzaamaan groeide het besef dat er op de gewone arbeidsmarkt geen plaats meer voor hem was. Samen met vrijetijdswerker Tom Danssaert van de Katholieke Vereniging Gehandicapten (KVG) zocht hij vrijwilligerswerk in de stad waar hij woont en kwam hij terecht bij het woon- en zorgcentrum Veilige Haven. „Gezien Pascal op vaste uren wou werken, stelden we hem dit werk in het

Pascal Smet haalt spelden uit het haar van bewoonster Clara De Keyser. „Ik voelde meteen dat helpen in een kapsalon iets voor mij was.” © Eveline Coppin kapsalon voor”, legt Nancy Sturtewagen uit, die de vrijwilligers van woon- en zorgcentrum Veilige Have coördineert. „Ik zag dat meteen zitten”, zegt Pascal Smet. „Ik wou vooral iets om handen hebben en toen ik het probeerde, voelde ik meteen dat het iets voor mij was. Ik kan alles op mijn eigen tempo doen en haal er veel voldoening uit. Ik

weet dat ik het werk van de kapster verlicht en merk ook dat de mensen mij waarderen. Ik voel mij hier aanvaard en dat doet mij deugd. Ik beteken weer iets voor de maatschappij, ook al is het als vrijwilliger.” Weten wat KVG voor u kan doen? Surf naar www.kvg.be of bel naar 09 227 34 41.

Proost Deken Albert Van de Kerkhove heft het glas. „Op kerk & leven. En de lezers ervan.” In het dekenaat SintNiklaas nodigde de redactieraad van kerk & leven de parochianen uit om samen ‘uit te blazen’. Twee keer deden ze dat. In juli voor een avond op een terras met een glas en in augustus voor een wandelnamiddag. En ze hadden geluk die avond in juli, want op deze zesde editie was het prachtig weer. Deken, parochieassistente, medewerkers in dekenaten en vooral heel wat parochianen vonden een plaatsje in een cafe op de Grote Markt in Sint-Niklaas. De laatste nieuwtjes uitwisselen, herinneringen ophalen aan een mooie fietstocht of een bezoek aan een pittoreske kerk, anekdotes vertellen over de (klein)kinderen, terugblikken op een reis of dromen over een die nog komen zou. Fijn samenzijn. (ec) © Kristof Ghyselinck

Ik beteken weer iets voor de maatschappij.  

"Ex-arbeider bij ArcelorMittal, Pascal Smet, heeft een beperking, maar helpt alsnog twee voormiddagen per week vrijwillig mee in het kapsalo...