Page 1

LA

magazine

2 2017 #


Vijf kerntaken

Raad van bestuur

Herkennen en verzamelen De meer dan tien km lange collectie is heel gevarieerd: onder meer archief, boeken, tijdschriften, foto’s, affiches, beeld- en geluidsopnamen, kranten, vlaggen, borstbeelden, medailles, schilderijen en digitale bestanden. De collecties worden systematisch uitgebreid, geregistreerd, benoemd en in kaart gebracht.

Voorzitter Jan Kerremans

Behouden en borgen De collectie wordt in adequate omstandigheden bewaard en geconserveerd – zo nodig, gerestaureerd – volgens de internationaal geldende normen.

Secretaris Prof. dr. Guy Schrans

Onderzoeken Het Liberaal Archief is een wetenschappelijke instelling die onderzoek voert op (basis van) de eigen collecties, onder meer in samenwerking met de universiteiten. Presenteren en toeleiden Het Liberaal Archief ontsluit zijn collecties – meer en meer langs digitale weg – en stelt ze voor raadpleging en gebruik ter beschikking. Via onder meer tentoonstellingen en sociale media maakt het grote publiek kennis met de collecties.

Ondervoorzitters Prof. dr. Walter Prevenier Prof. dr. Patrick Stouthuysen

Penningmeester Philippe Proost Leden Kurt Braeckman, Lieve De Cock, Miriam De Lille, Willy Devestel, Philippe Duyck, Elisabeth Gepts, Mehmet Sadik Karanfil, Herman Mennekens, Fons Mouling, Luc Pareyn, Antoinette Pecher, prof. Manu Vandenbossche, Marleen Vanderpoorten, Paul Van de Voorde, Dirk Van Mechelen, Hilde Vautmans, prof. dr. Walter Ysebaert

Participeren Het Liberaal Archief betrekt de erfgoedgemeenschappen actief bij de erfgoedwerking, onder meer via vrijwilligerswerking en workshops.

Directeur Peter Laroy

Inhoud

Medewerkers

Niets weggooien, alles bijhouden

4

Sport, de belangrijkste bijzaak in het leven

8

Samenwerking

13

Digitalisering, ja maar...

16

Het feestmenu van de betere kringen

18

Vinger aan de pols

20

1846 – De Liberale Partij, het prille begin

24

Onverwachts sportieve vondsten 26

Situatie 1 januari 2017 Sébastien Baudart, Christine Broodcoorens, Jeroen Buysse, Geertrui Coppens, Nancy Criel, Kris De Beule, Laurent De Clercq, Els De Kreyger, Christoph De Spiegeleer, Bart D’hondt, Anne Duhameeuw, Marc Haegeman, Jan Jacobs, Tania Schelstraete, Erwin Smets, Veerle Vandeputte

Missie van het Liberaal Archief vzw 27

Colofon

Contact

LA magazine is een uitgave van het Liberaal Archief en verschijnt eenmaal per jaar

Liberaal Archief vzw Kramersplein 23, 9000 Gent, 09 221 75 05 info@liberaalarchief.be www.liberaalarchief.be

Verantwoordelijke uitgever Peter Laroy, Kramersplein 23, 9000 Gent Teksten en productie Vormgeving en druk Illustraties Tekst & Beeld, Gent Karakters, Gent Liberaal Archief Coverbeeld affiche van het jaarlijks turnfeest in Ninove op 2 december 1951

Openingstijden maandag tot vrijdag, 9-12 u / 13-17 u


magazine

Woord vooraf Dit is het tweede nummer van het LA magazine. We blikken terug op de werking en activiteiten van het Liberaal Archief in 2016, een jaar waarin op beleidsvlak veel is gebeurd, zowel in Vlaanderen als in onze instelling. De Vlaamse Regering keurde een nieuw Cultureel-erfgoeddecreet goed dat in het voorjaar van 2017 gestemd wordt in het Vlaams Parlement. Ter voorbereiding hiervan werd een Conceptnota uitgewerkt, met medewerking van het brede erfgoedveld. Ook het Liberaal Archief dacht mee na over de inhoud. Het decreet wil de zorg voor het cultureel erfgoed bevorderen, een kwaliteitsvolle en duurzame cultureel-erfgoedwerking uitbouwen en de maatschappelijke inbedding van het cultureel erfgoed verhogen. Anders gezegd, de minister van Cultuur biedt meer kansen aan de erfgoedsector, maar verwacht ook meer kwaliteit, iets wat we als Liberaal Archief enkel kunnen toejuichen. We hebben als Liberaal Archief niet gewacht op dit nieuwe decreet om onze toekomst voor te bereiden. In de algemene vergadering werd een nieuwe missietekst goedgekeurd, die u op de laatste bladzijde van dit magazine integraal kunt lezen. De verbreding van onze werking die in deze missie is verwoord, focust op de liberale waarden van ons maatschappelijk bestel. En dit op een ogenblik dat deze waarden, zoals ze voortkomen uit de Verlichting, meer en meer onder druk staan. In die optiek verwijs ik graag naar de toespraak van Marleen Vanderpoorten (te lezen in onze nieuwsbrief en op onze website) op de boekvoorstelling van Liberalen in het verzet, waarin ze parallellen trekt tussen de jaren 1930-1940 en de aanvallen op onze democratische waarden vandaag. Verder was 2016 het jaar van de directeurswissel. Directeur Peter Laroy volgde Luc Pareyn op. Naar aanleiding van de pensionering van Luc publiceerden wij het boek 35 jaar Erfgoed­ beleid/35 jaar Liberaal Archief. In dit LA magazine leest u verder hoe het Liberaal Archief resoluut de weg van de digitalisering inslaat, hoe we door een gericht verzamelbeleid onze collectie verder uitbouwen en deze door publieksactiviteiten, tentoonstellingen en publicaties valoriseren. In 2017 staat de voorbereiding van ons nieuwe beleidsplan 2019-2023 hoog op de agenda. Het belangrijkste punt daarin wordt de focus op liberale en democratische waarden, die ook vandaag soms in gevaar zijn. Uiteraard is het vooral aan de politiek, de pers, de academische wereld en het maatschappelijk middenveld om hierover te waken. Maar vanuit het adagium dat men de geschiedenis moet kennen om de toekomst voor te bereiden, moeten wij ook als wetenschappelijke archiefinstelling ons steentje bijdragen. Jan Kerremans Voorzitter Liberaal Archief

LA

3


4

LA magazine

Niets weggooien, alles bijhouden Vraag in de leeszaal van een archief naar een document of klik wat rond op de website: in een oogwenk is het gevraagde materiaal ter beschikking. Het lijkt wel of alles altijd al op zijn vertrouwde plaats heeft gezeten. Dat is natuur­ lijk niet zo. Archiefstukken worden verworven, een collectie stap voor stap opgebouwd. In het Liberaal Archief is dat werk vanaf het prille begin in handen van onder anderen Geertrui Coppens, de allereerste medewerkster.

Geertrui Coppens: Ik ben begonnen in 1982, de tijd van de vele nepstatuten. Ik beschikte over een klein kantoortje in het Willemsfondshuis in de Ham in Gent, waar het Liberaal Archief zijn eerste onderkomen had. In die pioniersjaren was het niet evident om mensen te overtuigen archief te schenken, want ze kenden ons nog niet. Om bekendheid te verwerven, gingen we bv. alle liberale congressen af. We bouwden daar telkens een standje op. Hetzelfde deden we bij vieringen of tentoonstellingen.

ARCHIEF

Natuurlijk was het ook een kwestie van netwerken, lobbyen. Dankzij de connecties van onze eerste voorzitter, Marcel Bots, ver­­wierven we snel een paar belangrijke archieven. Ook door de goede persoonlijke contacten van de eerste directeur, Luc Pareyn, kwam er stelselmatig archief bij. Het lobbyen liet u aan anderen over, maar u heeft ook zelf archief verworven. Hoe gaat u precies te werk? In de eerste plaats probeer je te achterhalen waar er archief zit. Dat doe je door overal je oor te luisteren te leggen. Zelfs door gewoon de krant te lezen, kom je dingen op het spoor. Een artikel over het 150-jarig bestaan van een bepaalde harmonie kan een aanknopingspunt zijn. Je gaat dan na wie voorzitter of bestuurslid is, je bezoekt de vereniging of gaat eens praten. Tijdens zo’n bezoek benadrukken we altijd het belang van een archief. Want veel mensen minimaliseren wat ze hebben. We geven ook raad. Niets weggooien. ‘Gelukkig had ik altijd Echt alles bijhouden. Zo een auto met weinig mogelijk perforeeen grote koffer!’ ren of nietjes gebruiken. We hebben hier affiches in huis die wel acht keer zijn opgevouwen en ook nog geperforeerd. Ideaal is dat niet, maar we zijn wel blij dat we ze hebben! Ontmoet u ook mensen die zich zeer bewust zijn van het belang van een archief? Die alles secuur bijhouden? Zeer zeker, en dat zijn ook de mensen die we nodig hebben. In Lokeren ben ik in de jaren 1980 in contact gekomen met enkele spilfiguren in het liberale verenigingsleven die alles nauwgezet bewaarden. Op een amateuristische manier, zouden we vandaag misschien zeggen, maar ze deden het toch maar. In Wetteren leerde ik eerder toevallig de gezusters De Coninck kennen, die het archief van hun vader bijhielden


magazine en verder aanvulden. Hij had een belangrijke rol gespeeld in het liberale verenigingsleven en hield ook een oorlogsdagboek bij. Zijn dochters hebben zijn archief echt gekoesterd. Ze kenden er ieder blaadje van, elke brief. Die mensen hebben hun archief overgemaakt aan het Liberaal Archief? Ja, maar daar is tijd overgegaan. Je moet begrijpen: voor iemand die jarenlang archief verzamelt, is het niet zo eenvoudig om daar afstand van te doen. Mensen moeten daar tijd voor krijgen, en die tijd moet je hen ook geven, dat is belangrijk. Hoe graag we een bepaald archief ook in ons bezit willen krijgen, je mag dat nooit forceren. ‘Foto’s worden Om mensen te overtuivaak bijgehouden. gen van het nut van onze Maar een papieren instelling, nodigen we hen archief?’ uit op een of andere activiteit of komen ze eens bezoek. We geven ook rondleidingen aan verenigingen. Zo laten we zien dat we goed zorg dragen voor het archief dat we in bewaring krijgen.

Archiefbank Het Liberaal Archief is een van de partner­ instellingen van Archiefbank Vlaanderen, de onlinedatabank van private archieven. Het is dé toegangspoort voor wie op zoek is naar infor­ matie uit private archieven, bv. verslagboeken van een plaatselijke sportclub, briefwisseling van een adellijke familie, ego­documenten over de Eerste Wereldoorlog. Let wel, Archiefbank Vlaanderen verzamelt niet de archieven zelf, maar geeft informatie over welke archieven bewaard zijn, en waar ze zich bevinden. Het Liberaal Archief werkt actief mee aan de ont­ wikkeling van de databank. www.archiefbank.be

Schatten op zolder Dat er wel degelijk nog veel interessant mate­ riaal te vinden is, heeft het Liberaal Archief onlangs nog mogen ervaren. Voor het Libe­ raal Huis van Lokeren onder de sloophamer verdween, gingen onze medewerkers er nog een kijkje nemen. Gelukkig maar, want op de ietwat verborgen zolder vonden ze nog een schat aan archiefmateriaal van teloorgegane Lokerse liberale verenigingen. Financiële stuk­ ken, jaarverslagen, partituren van de harmonie, speelteksten van de toneelvereniging en lidkaarten van de gepensioneerdenbond: de oogst was zeer divers.

Mooiste aanwinst De archiefvondst op de zolder van het Liberaal Huis in Lokeren is ook door de gebruikers en sympathisanten van het Liberaal Archief verkozen tot mooiste aanwinst van 2016, de wedstrijd die in december werd georganiseerd. Uit tien interessante aanwinsten konden de deelnemers hun favoriet kiezen. De schatten op zolder kregen bijna 20% van de stemmen. Nek aan nek op de tweede plaats stond de brief aan de naar Duitsland gedeporteerde professor Paul Fredericq. Vijf deelnemers werden beloond met een boekenbon.

OPROEP Bewaart u materiaal dat interessant kan zijn voor het Liberaal Archief? Of weet u nog oude documenten liggen die getuigen van het liberale verleden in uw stad, dorp of gemeente? Geef gerust een seintje!

LA

5


6

LA magazine

Gebeurt het dat mensen spontaan archieven aanbrengen? ‘Neem maar mee, jullie kunnen het veel beter bewaren dan wij.’ Dat krijgen we inderdaad soms te horen. Of tips over waar nog archief te vinden is. Onlangs is ons vanuit Wetteren nog mooi archiefmateriaal geschonken door een man die hier regelmatig activiteiten bijwoonde met de liberale senioren. Mensen als hij zijn onze ambassadeurs. Wij hebben hen nodig, want we kunnen niet zelf overal aanwezig zijn. Bovendien overtuigen zij weer anderen van het nut van de instelling.

gearchiveerd: dan kan het op een stick. Maar meestal is het een gesjouw. In de beginjaren deed ik dat meestal zelf – gelukkig had ik altijd een auto met een grote koffer. Ik heb nogal wat rondgereden: Diest, Aarschot, Veurne… en nog allemaal zonder gps!

Welke dingen zijn u het meest bijgebleven? Ik ben wel trots op de archieven die ik hier zelf heb binnengebracht, zoals de Worden er soms stukken binnengebracht waar grote collecties uit Wetteren, Lokeren, jullie niets mee kunnen aanvangen? Die jullie Aalst. Als het lukt om archief te verwermoeten afwijzen? ven, geeft dat voldoening. Maar soms Alles is welkom. Soms zeggen mensen: haal je het niet. Zo ‘Het is niet mooi’, ‘Het is maar een verheb ik goede contac‘Wat hield ons moeder slagboek’ of ‘Het is maar een kasboek’. ten met een verenitoch allemaal bij, Maar het moét helemaal niet mooi zijn! ging die archief wil hoor je dan’ Alles wat enig licht kan werpen op het afstaan, en toch zit er bestaan van een vereniging of van een nu een kink in de familielid, is interessant. Zelf selectief zijn, zou ik mensen kabel. Ze hadden een lokaal boven een ten zeerste afraden. Zeker nooit denken: ‘Daarin gaan ze museumcafé ter beschikking, maar de caféuitbater bleek niet geïnteresseerd zijn.’ niet akkoord te gaan met de geplande archiefoverdracht. Nu krijg ik er geen gehoor meer. Dat is jammer, want ik Archief vinden is één zaak, het naar het Liberaal weet dat daar nog veel heel mooie zaken zitten. En ik Archief brengen een andere. Gaat u het zelf bij de weet intussen ook – dat is me verteld – dat er al dingen schenkers ophalen? verdwenen zijn. Dat is inderdaad de volgende stap. En daar komt nogal wat sleurwerk aan te pas. Tegenwoordig wordt er al veel digitaal Het moet pijnlijk zijn om vast te stellen dat waardevol archief soms verloren gaat. Ja, dat is lastig. Ik mag er niet meer naartoe, maar ik zit wel met de zorg om dat archiefmateriaal. Tja, er spelen soms Erfgoeddoel plaatselijke situaties waarvan wij uiteraard niet op de Het Liberaal Archief hoogte zijn. Soms vallen die zelfs af te lezen uit de staat van heeft zich aangesloten een archief. Het kan zijn dat een secretaris die alles perfect bij Erfgoeddoel, de bijhield, er door onenigheid ineens de brui aan geeft. Als er campagne van FARO, dan een opvolger wordt aangewezen, gebeurt er geen het Vlaams steunpunt overdracht. Wij maken die ruzies niet zelf mee, maar we voor cultureel erf­ zien wel dat er ineens een breuk zit in het archief of dat er stukken ontbreken. goed. Met de oproep Schenk erfgoed een toekomst is de campagne op zoek naar mecenassen voor musea, archieven en bibliotheken. Die instellingen dragen zorg voor het erfgoed van ons allemaal, maar financieel wordt dat elke dag moeilijker. http://erfgoeddoel.be http://liberaalarchief.be/info_voorstelling.html

Is het nog gebeurd dat u naast een archief grijpt? Jammer genoeg gebeurt dat soms. Niet alle archieven die je kent, blijven bewaard. In de buurt van Oudenaarde had ik contact met ‘Het zijn ook de gewezen hoofdredacteur en de kleine tegelijk manusje-van-alles van een menselijke plaatselijke krant. Hij had een hele verhalen die collectie op zolder liggen. Ik mocht ze ophalen, maar we spraken af dat ons werk pas te doen na zijn oogoperatie. leuk maken’ Maar toen bleek jammer genoeg dat


magazine

de operatie mislukt was. De man was blind geworden en kon niet meer naar zijn huis terug. Van de hele collectie heb ik nooit meer iets gezien. Je moet weten: de meeste archiefvormers zijn mensen die daar al jaren mee bezig zijn. Maar als ze in een rusthuis terechtkomen of overlijden, wat gebeurt er dan met hun verzameling? De kinderen hebben er jammer genoeg vaak geen affiniteit mee. ‘Ons vader met zijn oude papieren’, of ‘Wat hield ons moeder toch allemaal bij?’, hoor je dan. En dan verdwijnt het in een containerpark… Sommige dingen worden wél bijgehouden. Foto’s bijvoorbeeld, omdat die waardevol worden geacht. Of een medaille. Maar een papieren archief? Jammer genoeg gaat dat vaak verloren. Terwijl: verslagboeken, dat zijn unieke stukken, hé. Aan de hand daarvan schrijf je de geschiedenis van je vereniging. Zelfs een verslagboek dat maar tien jaar overspant, is een waardevol stuk. Of neem de bibliotheek van een toneelvereniging. Met alle stukken die ooit zijn opgevoerd, de rolverdeling en de regieaanwijzing er nog bij. Onverwachte stukken, maar mensen gaan ook dáárnaar op zoek. Ik heb eens mensen geholpen die het toneelstukje zochten waarin hun ouders ooit samen op de planken hadden gestaan. We hebben hen een exemplaar van de sketch kunnen bezorgen en ze hebben die nagespeeld op het feest voor de huwelijks­ verjaardag van hun ouders. Het zijn ook die kleine menselijke verhalen die ons werk leuk maken. Uiteraard zijn de grote wetenschappelijke studies die op basis van je archief worden geschreven belangrijk. Maar je moet ook oog hebben voor de mensen van wie de archiefstukken afkomstig zijn.

Wondelgem Extra materiaal betekent ook extra plaats maken om het te bewaren. In ons depot in Wondelgem is het nodige werk verricht om daaraan tegemoet te komen. Alle stapelrek­ ken zijn geordend, honderden meters rekken gevuld. Dat laatste gebeurde tijdens de zomer­ maanden met de hulp van vier jobstudenten. Het depot Wondelgem zal in de toekomst nog meer worden gebruikt als centrale opslagruimte.

Gedeelde leeszaal Lawaai, stof… Verbouwingswerken brengen hinder met zich mee die voor de rust en de werking van een archiefinstelling verre van ideaal zijn. Het Liberaal Archief ondervond het enkele jaren geleden zelf, en nu zijn de collega’s van Amsab-ISG aan de beurt. Tijdens de opknapbeurt in de Bagattenstraat blijft hun collectie raadpleegbaar, en wel via de leeszaal van het Liberaal Archief. Wie documenten uit de Amsab-collectie wil raadplegen, doet dat via hun onlinecatalogus. Een Amsab-mede­ werker brengt de stukken dan naar het Liberaal Archief, waar ze in alle rust kunnen worden doorgenomen. Vanzelfsprekend blijft de lees­ zaal ook gewoon open voor bezoekers van het Liberaal Archief, elke weekdag van 9 tot 12 en van 13 tot 17u.

LA

7


8

LA magazine

Sport, de belangrijkste bijzaak in het leven Joggen in flashy pakjes, koptelefoon op de oren. Of de race­fiets op, managers onder elkaar. Sport is lichaamsbeweging, jazeker. Maar het is ook meer dan dat. ‘De belangrijkste bijzaak in het leven’, zoals liefhebbers het wel eens noemen, is ook een spiegel voor de veranderingen in de samenleving.

Halfweg de negentiende eeuw is sport vooral een aristocratische en elitaire bezigheid, een aangenaam extraatje voor wie het zich kan permitteren. Etymologisch is het woord trouwens afgeleid van het middeleeuwse desport of disport, een term om ‘afleiding’ ‘Sport als of ‘amusement’ mee aan te duispeerpunt van den. Jongelui die over tijd én volksverheffing’ geld beschikken, vermaken zich met schermen, jagen, boksen, zwem­ men, gymnastiek, schaatsen, cricket, atletiek, tennis, rugby, hockey en voetbal. Of met roeien, nog zo’n gentle­men’s sport bij uitstek. Ook de paardensport is bijzonder populair, evenals het gokken dat er onverbrekelijk mee samenhangt. Veel van die disciplines komen overgewaaid uit GrootBrittannië, het gidsland, zowel op industrieel als op sportief gebied. De Amerikaanse historicus Allen Guttmann linkt de opkomst van de Britse teamsporten aan de moderniteit. Hun aantrekkingskracht vloeit voort uit het algemener streven naar vernieuwing, dynamiek en actie. Ze symboliseren de toegenomen vrijheid van de burgerlijke klasse en haar drang naar concurrentie en prestatie.

Lokaal zijn sportverenigingen een trefpunt in het sociale verkeer van de liberale burgerij. Vooral schuttersverenigingen – vandaag een veeleer marginaal verschijnsel – fungeren als ontmoetingsplek voor burgerlijk vermaak. Sociale netwerken onderhouden is er belangrijker dan de koningsvogel schieten.

Als sociale hefboom Mens sana in corpore sano, het zou niet alleen voor de hogere klassen mogen gelden, vinden sociale hervormers aan het eind van de negentiende eeuw. Progressieve artsen, academici, pedagogen, politici en onderwijzers gaan sportbeoefening beschouwen als middel bij uitstek om het morele en lichamelijke peil van de volksklasse op te krikken. De omstandigheden waarin vooral de industriële arbeidersklasse leeft, zijn abominabel. Gevaarlijke werkplaatsen, ongezonde fabriekslucht, nachtwerk, kinderarbeid, lange werktijden, krotwoningen… gaan hand in hand met epidemieën, alcoholisme, vroeggeboortes, promiscuïteit. Lichamelijke opvoeding, te beginnen in de school, moet paal en perk stellen aan die uitwassen. Anders dan het katholieke onderwijs besteedt het officieel onderwijs veel aandacht aan gymnastiek. De modelschool die in Brussel


magazine wordt opgericht door de liberale onderwijsbond Ligue de l’Enseignement vervangt zelfs kordaat de godsdienstlessen door turnen. Onderwijs en sport zijn de speerpunten van een ‘volksverheffend beschavingsoffensief’.

Nationaal gevoel In de aanloop naar de Eerste Wereldoorlog wordt sport ingezet om het militariseringsproces en het nationale gevoel aan te wakkeren. Ook na de oorlog blijft sport doeltreffend voor het opwekken van nationale gevoelens. In 1920 is Antwerpen de gaststad voor de eerste naoorlogse Olympische Spelen. België, nog niet goed en wel bekomen van de oorlog, doet het uitstekend. Het land behaalt maar liefst 36 medailles. Kers op de taart is de gouden medaille voor de nationale voet­balploeg, die in het stadion luidkeels wordt toegejuicht. Het succes moedigt veel jongeren, ook uit volkse milieus, aan om zelf te beginnen spe­len. Voetbal wordt ‘Voetbal en velo-rijden tij­dens het interbellum worden tijdens een massaport. Het­zelf­ het interbellum de geldt voor wielrenechte massasporten’ nen, of velo-rijden zoals het dan heet. Van een elitair tijdverdrijf voor de happy few groeit het in een mum van tijd uit tot een razend populaire volkssport. Tegelijk verovert de sportverslaggeving – met voetbal en ‘koers’ met grote voorsprong voorop – steeds meer ruimte in de moderne media.

Feesten met Willem Tell Het is nog moeilijk voor te stellen, maar in de negentiende eeuw zijn schuttersverenigingen echte pleisterplaatsen voor de high society. Historisch gezien is dit niet zo heel verwonder­ lijk, want schuttersgilden dateren van de mid­ deleeuwen en rekruteren hun leden uitsluitend bij de poorters – de latere burgerij – en adel. Wanneer hun militaire rol afneemt en het ontspanningsaspect aan belang wint, groeien ze uit tot elitaire cercles d’agréments. Tot de late negentiende eeuw blijven ze het domein van de gegoede klasse. De wekelijkse oefen­ sessies en de jaarlijkse koningsschieting staan centraal in deze societyclubs, maar ongeveer net zo belangrijk is het uitgebreide sociale leven, compleet met banketten en ceremoniële feesten. Zo’n schuttersvereniging met een lange staat van dienst is de Gentse Maatschappij Willem Tell, in 1825 gesticht door katoenfabrikant Ivon De Ruyck. Ze legt zich toe op het schieten met de kleine kruisboog. Naast de onontbeerlijke schietbaan, beschikt de vereniging op haar terrein in de Bagattenstraat over een weelderige tuin en een feestzaal. Decennialang worden hier meetings, feesten en banketten georgani­ seerd waarop de welstellende liberale burgerij niet wil ontbreken.

Omwille van hun historische waarde werden verslagboeken van de Maatschappij Willem Tell, bewaard in het archief van de Oude Koninglyke Gilde Sint-Rochus Gent, door het Liberaal Archief gedigitaliseerd. Historica Beatrix Baillieul wekte de Gentse schuttersmaatschappij tot leven tijdens een lezing.

LA

9


10

LA magazine

Emancipatie en democratisering Lange tijd blijft sport een mannendomein. Vrouwen mogen turnen en fietsen – dat laatste wordt aan het einde van de negentiende eeuw zelfs aanbevolen door sommige art‘Vrouwen mogen sen, maar met mate en zeturnen en ker niet professioneel. Ook fietsen, maar zwemmen en tennis wormet mate en den gelei­delijk aan geschikt zeker niet bevonden voor dames. Na professioneel’ de Tweede Wereld­ oorlog speelt sport een niet te onderschatten rol als instrument voor de eman­cipatie, waarbij vrouwen stilaan de sportvelden veroveren. In de jaren 1960 en 1970 komen lokale besturen tege­moet aan de vraag van de babyboomers naar een betere accommodatie, met de bouw van zwembaden en sportcomplexen. Daar is ook plaats voor nieuwe groeps­ sporten als basket- en volleybal, badminton en handbal. De amerikanisering zet zich dus ook daar door.


magazine

Geo In het Vlaams-Brabantse Merchtem woont Georges De Buyser, in sportmiddens beter bekend onder zijn pseudoniem Geo. Georges is een vriendelijke, zachtaardige en uiterst bescheiden man. Een familie­ man, dierenvriend en al zijn leven lang gegrepen door de tekenmicrobe. Hij begon als loopjongen op de redactie van Het Laatste Nieuws, in de voor­malige kantoren op de Emile Jacqmainlaan in Brussel. In die tijd werden kranten nog echt ‘gemaakt’ en ‘gezet’. Hij herinnert zich directeur

Simpson op de Mont Ventoux in 1967 greep hem zo aan dat hij er een volledig stripverhaal aan wijdde. Ook tekende hij mooie portretten van sporters. Na zijn pensionering verdween Geo een beetje in de anonimiteit. Het Liberaal Archief nam contact met hem op naar aanleiding van Archief Sportief! Geo was bereid zijn tekeningen in bruikleen te geven voor de tentoonstelling. Hoewel hij zelf liever niet in de spotlights staat, krijgt hij op die manier toch de aandacht die hij verdient.

Albert Maertens als een minzaam maar streng man. Georges bleef zijn hele leven werken voor Uitge­ verij Hoste, later de Persgroep. Hij verzorgde de vormgeving van de tijdschriften, vooral van succes­ volle bladen als Sport 70 en Sport 80. De lay-out die hij ontwikkelde, was destijds vrij vernieuwend in Vlaanderen, met grote titels, grote foto’s en in verhouding relatief weinig tekst. Hoewel hij er zelf niet mee zal uitpakken, was Georges een pionier van dit soort moderne vormgeving in Vlaanderen. Ook zijn tekentalent bleef niet onopgemerkt door de uitgeverij. Hij specialiseerde zich in sportcartoons van bekende wielrenners of voetballers, die uiteraard verschenen in Sport 70 en Sport 80. Toch beschouwt Geo zichzelf niet als een cartoonist. Veel meer als een allround tekenaar. De dood van wielrenner Tom

Voor de tentoonstelling Archief Sportief! in de Blauwe Zaal, ging het Liberaal Archief in zijn collectie op zoek naar alles wat te maken heeft met sport en sportbeleving. Dat leverde een schat aan materiaal op: documenten, affiches, foto’s, vlaggen, publicaties, trofeeën en nooit vertoond filmmateriaal. Maar ook karikaturen van Geo, jarenlang de huiscartoonist van Het Laatste Nieuws. Naast de tentoonstelling publiceerde het Liberaal Archief de bundel Archief Sportief! Sporthistorische verkenningen in de collectie van het Liberaal Archief waarin een aantal maatschappelijke veranderingen worden belicht aan de hand van de geschiedenis van de sport.

LA

11


12

LA magazine

Colloquium

Buitenlandse studenten

Sport werpt grenzen op, maar overschrijdt ze ook. Hoe is sport geëvolueerd van elitair tijd­verdrijf tot massabezigheid? En wat is haar emancipatorische rol? Wie was Nicolaas Jan Cupérus? Die kwesties kwamen aan bod tijdens een colloquium dat het Liberaal Archief in het kader van Archief Sportief! organiseerde, in samenwerking met het Sportimo­ nium. Ook de verzuiling en ontzuiling van het sportieve verenigingsleven werd aan de hand van case­studies belicht. Sprekers waren dr. Carmen Van Praet (UGent en Liberaal Archief), prof. dr. Marjet Derks (foto; Radboud Universiteit Nijmegen), em. prof. dr. Ronald Renson (KUL en Sporti­ monium), dr. Stijn Knuts (KUL), Dries De Zaeytijd (Wieler­ museum Roeselare), Bregt Brosens (Sporti­monium) en Michel Vermote (Archiefbank Vlaanderen).

De Olympische geest waarde in de augustusmaand ook door het Liberaal Archief. Drie buitenlandse studenten uit de zomercursus Nederlands (Taalunie i.s.m. Centrum voor Talenonderwijs Universiteit Gent) kwamen er terecht voor een tweedaagse stage. Eleonore uit de Verenigde Staten, Ekatarina uit Rusland en José uit Spanje werkten actief mee aan de voorbereidingen van Archief Sportief! Ze doorploegden tientallen dossiers met verkiezings­ materiaal en gingen na of het thema sport erin voorkwam.


magazine

Het Liberaal Archief is geen eiland. Het organiseert regelmatig evenementen, ook in samenwerking met andere erfgoedorganisaties.

Zeg het met bloemen Het druilerige voorjaarsweer probeerde een spel­ breker te zijn, maar toch was de editie 2016 van de Gentse Floraliën opmerkelijk. Het evenement beperkte zich ditmaal niet tot één locatie. De bloemenpracht was te bewonderen op verschillende plaatsen in het Kunstenkwartier. Vele duizenden bezoekers vonden ook de weg naar het Kramersplein: het Liberaal Archief was een van de partners en stond in voor een historische toets. Met de tentoonstelling Gent. Vier eeuwen in bloei, blikte het terug op de ontstaans­geschiedenis van de populaire Floraliën. Aan de hand van onder meer rijk geïllustreerde historische publicaties, schilderijen, prenten, affiches en foto’s, belichtte de expo drie thema’s: de vroege belangstelling voor plantkunde, de groei van de tuinbouw en het ontstaan van de Koninklijke Maatschappij voor Landbouw en Plantkunde (KMLP) aan het begin van de negentiende eeuw. De naam ‘Floraliën’ ontleent het Gentse evenement aan de Romeinse tijd, toen de bloemengodin Flora elk jaar werd gevierd met gelijknamige festiviteiten. Al in de oudheid krijgen sommige planten en bloemen een decoratieve waarde of symbolische betekenis, terwijl andere bekend worden om hun geneeskrachtige eigenschappen. Vanaf de renaissance neemt de botanica een hoge vlucht. Planten worden systematisch geordend en afgebeeld in prachtig geïllustreerde boeken. Het is een hele uitdaging om uitheemse planten in huis te halen en te kweken. In en rond Gent rijzen de serres als paddenstoelen uit de grond. In 1837 zijn het er al 230. De azalea’s, camelia’s, rododendrons en orchideeën die daar worden geteeld, zijn tot in Rusland een succes. De KMLP zorgt voor ondersteuning en promotie van die bloeiende tuinbouw.

De verenigde hoveniers houden in 1809 een eerste tentoonstelling in de herberg Au Jardin de Frascati aan de Coupure. Maar het estaminet is te klein voor de overweldigende belangstelling, zodat de KMLP in 1835 een eigen tentoonstellingsruimte opent: het Casino. Daar wordt in 1839 onder massale belangstelling de eerste internationale bloemententoonstelling gehouden. De Gentse Floraliën zijn geboren.

Het Liberaal Archief organiseerde de drukbezochte tentoonstelling Gent. Vier eeuwen in bloei. Aan de hand van werken uit de bibliotheek van de KMLP, vaak unieke stukken, blikte de expo terug op de ontstaansgeschiedenis van de populaire Floraliën.

LA

13


14

LA magazine

Nieuw cultuurseizoen Als de dagen korter worden en de nazomer zich laat voelen, is er toch ook iets om naar uit te kijken. Een nieuw cultuurseizoen kan van start gaan! Traditiegetrouw wordt dat in Gent ingezet met de Cultuurmarkt op de Kouter. Samen met tientallen andere actoren presenteerde ook het Liberaal Archief zijn najaarsprogramma en dagelijkse werking. Het is inmiddels een jarenlange traditie dat het Liberaal Archief zich voorstelt op de Cultuurmarkt.

Smaakmakers De Nacht van de Geschiedenis exploreerde in 2016 een fascinerend thema: smaak. In de Blauwe Zaal waren er twee uiteenzettingen, een over eten en een over muziek. Les goûts et les couleurs ne se discutent pas, zo luidt het. Maar wie of wat bepaalt wat we goed vinden? Hangt wat we lekker vinden samen met het milieu waarin we zijn opgegroeid? En muzieksmaak, hoe ontwikkelt die zich? Peter Scholliers (links op de foto), expert voedingsgeschiedenis, en muziekpublicist en docent Bart Keunen (rechts op de foto) deelden hun kennis.

Leven en dood in alle continenten Geboorte, volwassenwording, huwelijk, dood. In alle culturen gaan deze cruciale overgangsmomenten gepaard met uiteenlopende rituelen. Een bar mitswa aan de Klaagmuur in Jeruzalem of een crematie in de Ganges: onderzoeker en wereldreiziger Christian Van Kerckhove legde ze vast op foto. De beelden creëren een moment van confrontatie, maar meer nog van herkenning en ontmoeting.

Het Liberaal Archief, Amsab-ISG en de Vlaamse Geschiedkundige Kring sloegen de handen in elkaar voor een thema-avond in het kader van de Nacht van de Geschiedenis.

De tentoonstelling De symbolische mens. Rituelen en initiaties uit diverse culturen was een samenwerking van het Liberaal Archief en het Expertisecentrum Mix!t. Forum voor studie, documentatie en vorming rond samen/leven (Hogeschool Gent). Ze sloot naadloos aan bij Erfgoeddag, die ‘rituelen’ als thema had.


magazine

(Her)bronnen De vijfde editie van de Dag van het Gentse Historische Onderzoek stond in het teken van 200 jaar Universiteit Gent (1817-2017). Onder de noemer ‘(Her)bronnen’ werden in de namiddag workshops voor studenten geschiedenis ingericht. Zij gingen rond dit thema aan de slag met het bronnenmateriaal van vijf archieven en één museum. Een mede­werker van het Liberaal Archief liet de studenten kennis­ maken met bronnen over de verneder­landsing van de universiteit vóór de Eerste Wereldoorlog.

Digitale tips & tricks De digitalisering heeft onze wereld ingrijpend veranderd en blijft evolueren. Zo snel zelfs, dat bijbenen niet altijd simpel is. Tijdens de Digitale Week hielp het Liberaal Archief genealogen, heemkundigen en lokale historici aan praktische tips & tricks. Deskundigen lieten zien welke softwareprogramma’s genealogen kunnen inzetten, hoe digitale beeldbanken of krantencollecties een schat aan nieuwe informatie opleveren, en hoe Facebook of YouTube uitstekende instrumenten zijn om nieuwe netwerken en informatie aan te boren.

Het Liberaal Archief werkte tijdens de Digitale Week samen met Familiekunde.

Externe expo’s Het Liberaal Archief stelt niet alleen delen van zijn collectie regelmatig tentoon in de Blauwe Zaal, maar helpt ook andere organisatoren aan materiaal voor exposities. Zo ontleende het BELvue museum in Brussel porseleinkaarten om er de vernieuwde overzichtsgalerij mee te illustreren (foto). In de kerk van Mullem liep een gelegenheidstentoonstelling over schrijver Reimond Stijns die praktisch werd ondersteund door het Liberaal Archief. Seafront Zeebrugge maakte voor de expo Belegerde kust, bezette haven. WOI en Zeebrugge dankbaar gebruik van interessante stukken over het verleden van de haven van Zeebrugge uit de collectie van het Liberaal Archief: kaarten en kartons met zeezichten, ontwikkelingsplannen en oorlogsbeelden.

De Dag van het Gentse Historische Onderzoek wordt georganiseerd door de Koninklijke Maatschappij voor Geschiedenis en Oudheidkunde en het STAM. Het Liberaal Archief, het AmsabISG, de Universiteitsbibliotheek, het Stadsarchief Gent-De Zwarte Doos, het Universiteitsarchief en de Gentse Universitaire Musea (GUM) sloten zich aan voor de workshops.

LA

15


16

LA magazine

Digitalisering, ja maar... De digitale transitie stelt de archiefwereld voortdurend voor nieuwe uitdagingen. Hoe pakt het Liberaal Archief de zaak aan? Directeur Peter Laroy licht enkele belang­ rijke vraagstukken toe.

Dat je digitaliseert, is intussen een evidentie, maar wat digitaliseer je? Is het de bedoeling om op termijn alles te digitaliseren of kies je in eerste instantie voor de belangrijkste fracties? Veel specialisten vinden dat je alles hoort te digitaliseren. Maar dat is moeilijk, bijna utopisch. Wij kiezen ervoor om in eerste instantie de meest relevante zaken te digitaliseren. We ‘Digitaliseren is hebben een prioriteitenlijst opgeeen integraal steld en hanteren een bewuste deel van scanpolitiek. Zomaar ad hoc digionze werking taliseren is niet meer aan de orde. geworden’ Digitaliseren is een integraal deel van onze werking geworden. We hebben één scanner die voortdurend draait. Hij wordt bemand door een vijftal medewerkers. In een beurtrol, zodat het werk niet te afstompend wordt.

Wat doe je met de originele documenten wanneer ze gedigitaliseerd zijn. Weggooien? Nee, voorlopig bewaren we nog van alles de papieren versie. Wat gedigitaliseerd is, is een aanvulling van onze collectie. Dat doen we niet alleen uit voorzichtigheid, ook omdat de context op die manier beter bewaard blijft. Bij het digitaliseren gaat die soms verloren omdat alles tot hetzelfde format wordt herleid. Jullie hebben dit jaar een collectiebeheersysteem aangekocht. Waarom is dat zo belangrijk? Omdat we gebruikers ook digitaal naar het Liberaal ‘Als mensen iets Archief toe moeten trekken. niet vinden We bereiken ze al met een via Google, goede dienstverlening en met bestaat het niet’ onze activiteiten, maar digitaal komen ze nog niet vlot genoeg bij ons terecht. Het collectie­ beheersysteem moet daaraan tegemoetkomen. Zo’n systeem zorgt ervoor dat resultaten snel zichtbaar worden via de zoekmachines. Dat is onontbeerlijk. Want hoe beginnen mensen te zoeken? Via een zoekrobot. En wat ze niet meteen vinden via Google, bestaat niet. Vanaf wanneer zal het nieuwe systeem beschikbaar zijn? Vanaf 2017 gaan we het vullen en de eerste resultaten zullen normaal gezien in het najaar zichtbaar zijn. Het zal ook ons nuttige informatie bieden. Het stelt ons immers ook in staat om na te gaan waar de interesses van onze gebruikers liggen. We kunnen zien wat wordt aangeklikt en daar kunnen we vervolgens weer op inspelen. Intuïtief gaan we ervan uit dat foto’s populair zijn, maar misschien zijn er nog andere, minder voor de hand liggende zaken die ons publiek aanspreken.


magazine

LA

Archief Interactief Wordt ook de website in een nieuw kleedje gestoken? Ja, ook dat is gepland voor eind 2017. Het wordt het sluitstuk van de hele operatie. Een website is je vitrine. Daarachter zit je archief. De onze gaat al lang mee. Je zou dus kunnen zeggen dat we 15 jaar geleden een performante website hebben gebouwd. Maar de gebruiker wordt tegenwoordig graag meer verwend. We hebben het nu voornamelijk gehad over de digitale output, maar een andere kwestie is hoe je digitaal materiaal duurzaam bewaart. Ook daarover bestaan nog veel vragen. Er is een stortvloed aan informatie, maar niet alles wordt bewaard. Zeker van de vroege jaren 1990, de beginjaren van het internet, is zeer veel verloren ‘Er is een stortvloed gegaan. We moeaan informatie, ten onze achterban maar niet alles actief sensibiliseren wordt bewaard’ om digitale bestanden te bewaren en binnen te brengen. Foto’s kregen we vroeger vrij systematisch aangereikt door de verenigingen, maar nu staan ze vaak ergens op de mobiele telefoon van een secretaris, met het risico dat ze verloren gaan. Nieuwsbrieven en websites, hoe worden die bewaard? We beschikken over software die nieuwsbrieven opslaat. Websites worden één keer per jaar gedownload, al krijg je dan natuurlijk slechts een momentopname. Maar hoe ze geconsulteerd zullen worden, dat weet nu nog niemand. Het is een beetje het verhaal van Hillary Clinton en de gelekte e-mails. Hoe zijn ze daar doorheen gegaan, door al die bestanden?

Het Liberaal Archief is ook actief op de sociale media. Het heeft een Facebookpagina, een Twitter­ account, een LinkedIn-stek en een YouTube-kanaal. Als allereerste Vlaamse culturele erfgoedinstelling heeft het ook een pagina op Flickr The Commons, een beeldbank waarop historisch waardevolle foto­ collecties worden ontsloten en gedeeld voor een internationaal publiek. Op de site zijn duizenden foto’s van Amerikaanse en Europese archieven en musea te bewonderen, en sinds 2016 ook van het Liberaal Archief. Dankzij Twitter en Facebook blijven geïnteresseerden op de hoogte van de evenementen en tentoonstel­ lingen in het Liberaal Archief. Mooie collectiestukken vinden langs deze weg een breder publiek en worden vooral gepresenteerd als er een link is met de actu­ aliteit. Populair is ook #collectievissen, een Neder­ lands initiatief waar het Liberaal Archief zich bij heeft aangesloten. Elke week wordt een thema gelanceerd, waarna museum- of archief­beheerders in hun col­ lecties ‘vissen’ naar een stuk dat daarmee verband houdt. Duizenden kunst- en cultuurliefhebbers kijken week na week uit naar de ‘vangst’. Sociale media zijn per definitie interactief. Verslagen en foto’s van evenementen worden geliket, becom­ mentarieerd en gedeeld. Surfers, lezers en gebrui­ kers reiken tips, complimenten, kritiek of advies aan. Zo bleek een bericht over de tentoonstelling Archief Sportief! in de smaak te vallen bij de collega’s van het Felixarchief uit Antwerpen. Hun oog was geval­ len op een stuk over wielerclub Het Blauwe Wiel. Prompt doken ze in hun eigen collectie en diepten daar een vlag op van wielerclub… Het Rode Wiel.

17


18

LA magazine

Het feestmenu van de betere kringen Van potage tortue tot gâteau chipolata Jeroen Meus en Pascale Naessens zullen het be­ amen: weinig lijkt ons meer aan te spreken dan lekker eten. Een blik op de negentiende-eeuwse menukaarten leert dat dit vroeger niet anders was. Van potage tortue tot gâteau chipolata: de gerechten die tijdens de belle époque op tafel worden getoverd, prikkelen niet alleen de smaak­ papillen maar ook de fantasie. In de zestiende eeuw groeit aan de vorstelijke hoven de gewoonte om bij speciale gelegenheden een overzicht te maken van wat op tafel komt. Bijna drie eeuwen later duikt ‘Zonder soep dit gebruik ook bij de betere is de maaltijd burgerij op. Handgeschreven niet compleet’ of gedrukt, versierd met ornamenten of tekeningen, in alle mogelijke vormen en formaten geven de menukaarten weer welke lekkernijen de genodigden aan de dis mogen verwachten. In de vele rijke collecties van het Liberaal Archief bevinden zich honderden menukaarten. Begin 2016 werd een selectie daarvan tentoongesteld, waardoor de bezoeker zicht kreeg op de eetcultuur van de hogere klassen in de negentiende eeuw.

Voorgerecht Tête de veau en tortue, in het Nederlands simpelweg kalfskop in tomatensaus, is het meest geliefde koude voorgerecht. Even populair is het arbeidsintensieve ‘Wilde de kok koninginnenhapje, dat experimenteren, dan tot vandaag een klasbereidde hij konijn sieker is gebleven. Als à la bachi-bouzouk’ het iets chiquer mag zijn, worden bereidingen met aspergepuntjes opgediend. Ook foie gras is in de negentiende eeuw al in trek, al wordt die vooral verwerkt in een gelei. Tomate crevette, vanaf de twintigste eeuw het voorgerecht par excellence, komt in de negentiende eeuw nog niet op

tafel. Garnalen worden dan alleen nog maar in soep of saus gebruikt. Zonder soep is de maaltijd niet compleet. Ossenstaartsoep en tomatensoep zijn de feestsoepen bij uitstek, maar daarnaast presenteren de negentiende-eeuwse menukaarten veel originele varianten van soepen, met de prachtigste namen. Befaamd is de potage tortue, in het authentieke recept inderdaad bereid met schildpadvlees, later met andere vleessoorten en een aangepast kruidentuiltje. Of wat dacht u van potage printanier, het klassieke lentesoepje of potage Clamart, genoemd naar het gelijknamige Franse dorpje dat vermaard is om zijn erwten? Verfijnder nog is de potage Reine Margot met amandelen. Wie het graag wat pikanter heeft, is blij als er Londonderrysoep op het menu staat, bereid met kerrie en wat alcohol zoals madera of witte wijn.


magazine

Hoofdgerecht Behalve een occasioneel stukje ham als bijgerecht staat op een feestmenu geen varkensvlees, want dat is veel te alledaags. Rundsvlees en gevogelte – van parelhoen tot houtsnip of plevier – voeren de boventoon. Kiekens uit Brussel of graankippen uit de Elzas zijn tot het begin van de twintigste eeuw een waar luxeproduct. Ze worden op alle mogelijke manieren geserveerd: gebraden of geroosterd, opgevuld met truffel of gegarneerd met abrikozen en ja, zelfs met appelmoes. Wil de chef-kok experimenteren, dan maakt hij kip (of konijn) klaar à la bachi-bouzouk. Een bereiding die fans van Kuifje zal intrigeren, want bachibouzouk is een scheldwoord dat de opvliegende kapitein Haddock graag in de mond neemt. Hergé blijkt zijn inspiratie in de negentiende eeuw te hebben gezocht: de bachibouzouks waren vrijbuiters in het Ottomaanse leger. Een feest is ook de ideale gelegenheid om vis op het menu te zetten. Tarbot staat op nummer één, gevolgd door zalm en tongrolletjes. Ook schaaldieren zijn erg in trek, vooral kreeft en oesters.

Nagerecht ‘Ooft’, zo staat het op de kaart, het ruime aanbod aan inheems fruit, wordt bijna altijd als dessert voorzien. Mag het wat feestelijker zijn, dan durft de gastheer of -vrouw al eens een exotische keuze maken. Een absoluut pronkstuk op elke feestdis is de ananas, die halfweg de negentiende eeuw nog een fortuin kost. IJs komt ook op tafel, in de vorm van een ijskaars, een ijsbom of een Dame Blanche. Ook pudding en patisserie worden gepresenteerd in ontel-

bare varianten. Net als de soepen hebben ook de taarten tot de verbeelding sprekende namen, van de gâteau mille­ feuille tot de gâteau Saint-Honoré of de gâteau Henri IV. Bijzonder is ook de gâteau chipolata. Nee, geen worstjes, maar een taart die bestaat uit lagen jam, room, amandelsnippers en gekonfijte vruchtjes.

Indigestie? De eenentwintigste-eeuwse lekkerbek, die nochtans wel wat gewoon is, staat toch enigszins versteld van de overvloed aan gangen die uit de oude menukaarten spreekt. Hoe slaagt de negentiende-eeuwse ‘Absoluut pronkstuk edelman of bourgeois op de feestdis er in godsnaam in om is de ananas’ zonder indigestie van tafel te gaan? Daarvoor bestaat een simpele verklaring. Tot halfweg de negentiende eeuw wordt tijdens de feesten nog gewerkt met de service à la française: alle gerechten komen ineens op tafel, en de gasten proeven dus niet alles. Pas later raakt de service à la russe in zwang, die we nu nog altijd kennen, waarbij de gerechten gang per gang worden geserveerd, netjes in de volgorde die op het menu staat aangegeven.

Het Liberaal Archief stelde een staalkaart van de honderden feestelijke menukaarten uit zijn collectie tentoon in de expo Aan tafel! Menu’s uit de collectie van het Liberaal Archief.

LA

19


20

LA magazine

Het Liberaal Archief is veel méér dan een archief. Het houdt de vinger aan de pols van de samenleving en speelt in op wat leeft en beweegt in de maatschappij.

Het Betere Boek

De kracht van rituelen Op zoek naar de schrijversziel van Jan Cox Schilder Jan Cox publiceerde tussen 1948 en 1980 regelmatig teksten in het cultuurtijdschrift De Vlaamse Gids, waarvan de volledige reeks (1905-2000) op het Liberaal Archief wordt bewaard. Hij schreef over persoonlijk kunstenaarschap en over de heersende tendensen in de kunstwereld, maar reflecteerde ook over socioculturele kwesties. Op basis van zijn bespiegelingen in deze artikels maar ook in andere geschriften (brieven, dagboeken), wil Claire Van Damme de kunstenaar, artistiek verslaggever, opinieschrijver en mens Jan Cox doorgronden.

Het Liberaal Archief organiseerde de boekvoorstelling van Schrijven is verbinden. Ontmoeting met Jan Cox in De Vlaamse Gids in ING Antwerpen samen met de Vrienden van de Galerie De Zwarte Panter en de Vrienden van het M HKA.

Rik Pinxten blijft ontzettend productief. In zijn jongste boek De eeuw van onze kinderen gebruikt hij zijn eigen verhaal – een Antwerpse volksjongen die onderzoek doet bij de Navajoindianen en professor wordt – om te reflecteren over verschuivingen in de maatschappij. Als antropoloog blijft hij gefascineerd door rituelen en initiaties. Ze zijn van alle tijden en duiken overal op. Maar wat zijn rituelen precies, en waarom zijn ze zo krachtig en betekenisvol?

‘Ik ben heel blij en sta te trillen op mijn benen’, zei Lize Spit toen ze niet onverwacht de Bronzen Uil voor het beste debuut in ontvangst nam. De prijs werd uitgereikt aan het slot van het literaire festival Het Betere Boek, dat meer en meer uitgroeit tot een vaste waarde. De zesde editie focuste op Duitsland. Auteurs die het land en de literatuur goed kennen, zoals Marc Reugebrink en Piet De Moor, spraken in een volle Blauwe Zaal over hun werk. Literatuurliefhebbers konden ook terecht in de leeszaal, die voor de gelegenheid was omgevormd tot een boekhandel met de oogst van het voorbije jaar.

Rik Pinxten opende de tentoonstelling De symbolische mens. Rituelen en initiaties uit diverse culturen met een lezing over de rol van rituelen.

Het Betere Boek is een organisatie van het Willemsfonds en vindt onder meer plaats in het Liberaal Archief.


magazine

Liberalen in het verzet

Liberales in de Blauwe Zaal

Veel liberalen gingen tijdens de Tweede Wereldoorlog in het verzet. Sommigen uit patriottisme, anderen omdat ze democratische vrijheden en verworvenheden koste wat het kost wilden verdedigen. Vaak betaalden ze voor hun engagement een zware prijs. Ze werden opgepakt en gedeporteerd naar Duitse concentratiekampen. Sommigen overleefden het, zoals Omer Vanaudenhove. Anderen, zoals Arthur Vanderpoorten of Henri Story, keerden nooit meer terug. Marleen Vanderpoorten, kleindochter van Arthur Vanderpoorten, erevoorzitter van het Vlaams Parlement en liberaal politica gaf tijdens de boekvoorstelling een bijzonder beklijvende toespraak. Ze drukte onder meer haar twijfel uit over de aanname dat zoiets nooit meer kan gebeuren: ‘Voor sommigen is een cocktail van machtswellust, frustratie en vernedering een vrijbrief voor ontsporing in terreur en vrijheidsberoving. Als ik de bedreigingen zie vanwege terroristische vechtmachines, als ik de kortzichtige en ongenuanceerde reacties hoor van sommigen op gebeurtenissen in onze steeds diverser wordende samenleving, leert mij dit dat een open en verdraagzame samenleving, met veel respect voor elkaar en met een brede vrije meningsuiting, nog altijd geen vanzelfsprekendheid is.’

Het debat over een waardig levenseinde is nog lang niet uitgewoed. Hoewel voor- en tegenstanders van de euthanasiewet in de media uitgebreid aan bod komen, blijft de nood aan duidelijkheid voor de patiënt groot. Wim Distelmans, voorvechter van een humane euthanasiewet­geving, benadert de problematiek vanuit het standpunt van arts én patiënt. Hij bespreekt hete hangijzers en veegt hardnekkige mythes en vooroordelen van tafel. Na de aanslagen in Brussel is terreurdreiging ook in ons land niet langer een abstract begrip. Dirk Verhofstadt onderzoekt de verhouding tussen salafistische organisaties en de aanslagen die in hun naam gebeuren. Vormt de radicale islam een gevaar voor de democratie? Hoe kunnen we ons ertegen wapenen binnen de krijtlijnen van de rechtstaat? Christenen geloven dat God almachtig en liefdevol is. Maar waarom is er dan lijden en kwaad in de wereld? Met de hem kenmerkende overtuigingskracht betoogt Etienne Vermeersch dat we het bestaan van God niet kunnen aannemen. Niet op rationele en niet op ethische gronden. Wat positief is, valt op een redelijke manier te verklaren. Wat negatief is, wordt absurd en onbegrijpelijk als we geloven in het bestaan van God.

Het Liberaal Archief en ASP bundelden de toespraken van de herdenkingsavond ‘70 jaar einde Tweede Wereldoorlog’, samen met extra teksten en getuigenissen, in het boek Liberalen in het verzet. Herinneringen. Dit boek werd voorgesteld in Kazerne Dossin (Mechelen).

Dirk Verhofstadt, Wim Distelmans en Etienne Vermeersch gaven lezingen voor Liberales in de Blauwe Zaal van het Liberaal Archief.

LA

21


22

LA magazine

Vier vrijheden

Liberaal Archief De afgelopen 35 jaar bouwde Luc Pareyn het Liberaal Archief vanuit het niets uit tot de instelling die het nu is. Naar aanleiding van zijn pensionering brengen vrienden en kennissen in een liber amicorum hulde aan een bevlogen directeur. Tegelijk worden de huidige trends in de erfgoed­ wereld geschetst en zijn er bijdragen over historische thema’s die Luc Pareyn na aan het hart liggen: de negentiende eeuw, Gentse vrijmetselaarsloges, academische netwerken en sociaalliberalisme. 35 jaar erfgoedbeleid/35 jaar Liberaal Archief is samengesteld door Jan Kerremans, Peter Laroy en Walter Prevenier.

Barack Obama zal de geschiedenis ingaan als een Amerikaanse president met een opvallend retorisch talent, maar hij was niet de enige. Begin 1941, acht maanden voor de Verenigde Staten deelnamen aan de Tweede Wereldoorlog, hield Franklin Delano Roosevelt zijn State of the Union die beroemd werd als de Four Freedoms Speech. De toespraak was een kern­ achtige samenvatting van zijn liberaal-progressief gedachtegoed, gebaseerd op vier pijlers: vrijheid van menings­uiting, vrijheid van geloof, vrijwaring van gebrek en vrijwaring van vrees. Naar aanleiding van de vijfenzeventigste verjaardag van de Four Freedoms Speech publiceerde het Liberaal Archief De vier vrijheden van Franklin Delano Roosevelt waarin Dirk Verhofstadt de toespraak kritisch tegen het licht houdt.


magazine

Progressistenloge Als gevolg van ideologische meningsverschillen in de Gentse vrijmetse­laarsloge Le Septentrion, ontstond in 1866 La Liberté. Tot na de Eerste Wereldoorlog profileerde La Liberté zich als een vooruitstrevende en politiek geëngageerde werkplaats. Haar geschiedenis was nauw verbonden met die van de jonge liberale partij, maar ze knoopte ook banden aan met de prille arbeidersbeweging. Vrijmetselarij en vooruitgang van René Vermeir en Jeffrey Tyssens is verschenen ter gelegenheid van de honderdvijftigste verjaardag van La Liberté. De publicatie werd verwezenlijkt met de steun van het Liberaal Archief.

Brieven van het front Emile Varlez, zoon van de sociaal bewogen liberale jurist Louis Varlez, was pas negentien toen hij Gent ontvluchtte om als soldaat aan het IJzerfront te gaan vechten. Slechts heel af en toe slaagde hij erin om via tussenpersonen brieven naar huis te smokkelen. Het gebrek aan nieuws over hun zoon was voor zijn ouders een ware beproeving. Er zijn enkele brieven aan zijn familie bewaard, net als tweeëntwintig brieven aan zijn Parijse ‘oorlogs­meter’ (marraine de guerre). Ze schetsen een beeld van de oorlog en laten zien hoe een jonge intellectueel uit de Gentse bourgeoisie tegen het leven aankeek. Un volontaire à l’armée. Lettres d’Emile Varlez 1917-1919 is door het Liberaal Archief uitge­geven in de oorspronkelijke taal, het Frans. De brieven zijn door Daniël Vanacker bestudeerd, geannoteerd en voorzien van een grondige inleiding.

LA

23


24

LA magazine

De Liberale Partij 1846 – het prille begin De Liberale Partij is de oudste politieke partij van het land. In 1846, precies 170 jaar geleden, ziet ze het levenslicht. Ze wordt opgericht tijdens een bijeenkomst in het stadhuis van Brussel. ‘Un assemblage bizarre’, schrijft de katholieke pers. Spottend, zo lijkt het, maar toch vooral verontrust. Want ook de tegenstanders voorvoelen het: op die junidag in 1846 wordt wel degelijk geschiedenis geschreven. De Gotische Zaal van het Brusselse stadhuis, toneel van nogal wat historische gebeurtenissen, is op 14 juni 1846 getuige van een samenkomst die het land ingrijpend vorm zal geven: de stichting van de Liberale Partij. Meer dan driehonderd afgevaardigden, uitgestuurd door liberale genootschappen uit de grote en kleinere steden, geven gehoor aan de oproep van de Brusselse vereniging L’Alliance om in congres samen te komen. De nieuwe partij maakt meteen werk van een breed vertakte organisatie van plaatselijke liberale associaties om zich klaar te stomen voor de nakende parlements‘Ondanks haar verkiezingen. De partijlelosse structuur is den scharen zich achter een de prille Liberale programma met zes kern­­ Partij bijzonder punten: de kies­her­vorming, levenskrachtig’ de onafhanke­lijk­heid van de openbare macht, de organi-

Walthère Frère-Orban

satie van het open­baar onderwijs, de herziening van de conservatieve wetgeving, de verhoging van het aantal volksvertegenwoordigers en senatoren en de lotsverbetering van de werkende klasse.

Groeipijnen De oprichting van de Liberale Partij betekent het einde van het unionisme, het samengaan van de katholieke en liberale strekkingen om de prille onafhankelijkheid van België te vrijwaren. Dat ongemakkelijke front tussen geloof en vrijzinnigheid is sinds 1839, toen de Nederlandse koning Willem I de nieuwe staat België erkende, minder urgent geworden. De ontwikkeling van de nieuwe partij verloopt niet zonder groeipijnen. Als nauwelijks een jaar na de stichtingsbijeenkomst een tweede partijcongres wordt belegd, blinken belangrijke afdelingen en grote namen als Théodore Verhaegen en Walthère Frère-Orban uit door afwezigheid. Ze laten verstek gaan uit onvrede met de radicalen. Dan al is de verhouding tussen de doctrinaire en de radicale vleugel krampachtig en staat vast dat de plooien niet makkelijk zullen worden gladgestreken. Van meet af aan is de Liberale Partij wars van een al te strakke organisatie. Het derde congres volgt pas in 1870, een vaste structuur komt er rond de eeuwwisseling en op een vast secretariaat is het wachten tot na de Eerste Wereldoorlog. Maar niettegenstaande haar wat losse structuur is de partij bijzonder levenskrachtig. De Charles Rogier liberalen voeren dynamisch


magazine

campagne voor de verkiezingen van 1847 en rijven in de Kamer evenveel zetels binnen als de katholieken. Op 12 augustus ruimt de unionistische regering plaats voor de allereerste partijregering onder leiding van de liberaal Charles Rogier.

Woelige tijden De eerste liberale regering start niettemin onder een slecht gesternte. Grote delen van Europa kreunen onder een ‘De eerste zelden geziene laagconjunctuur, liberale regering misoogsten leiden tot hongersstart onder een nood, de mechanisering van de slecht gesternte’ textielnijverheid drijft de ver­ pauperde thuisarbeiders naar de al overbevolkte steden. 1848 is een woelig jaar, ook in België. Brussel wordt overspoeld door agitatoren, onder wie Karl Marx, die samen met Friedrich Engels Het Communistisch Manifest publiceert. De regering treedt krachtdadig op, maar zonder de ruime vrijheden die door de Grondwet worden gegarandeerd in het gedrang te brengen. Om een antwoord te bieden op de revolutionaire sfeer maakt Charles Rogier werk van de uitbreiding van het stemrecht door de verlaging van de kiescijns. Hij verruimt ook de persvrijheid door de afschaffing van de belasting op

de krantenverkoop. Die laatste maatregel heeft meteen gevolgen: in 1848 ziet het eerste Nederlandstalige dagblad van België, het Handelsblad der Stad en Provincie Antwerpen, het licht. Minister van Financiën Walthère Frère-Orban gaat voluit voor een vrijhandelspolitiek, waardoor de snelle industrialisering van het land nog krachtiger vooruit wordt gestuwd. Dit doortastende beleid leidt in 1848 tot een verpletterende verkiezingsoverwinning voor de liberalen. Met 83 nemen ze plaats in de Kamer, tegenover slechts 25 katholieken. In de Senaat leggen ze beslag op 31 van de 54 zitjes. Nog jarenlang kan de Liberale Partij werk maken van de programmapunten die ze in haar stichtingscongres van 1846 voorop heeft gesteld.

Meer weten? In Vrijheid voorop. Een kennis­ making met het liberalisme schetst professor Patrick Stouthuysen de geschiedenis van het liberalisme. Het boek werd uitgegeven door en voorgesteld in het Liberaal Archief.

LA

25


26

LA magazine

De familie Buysse met Cyriel helemaal rechts

Onverwachts sportieve BIBLIOTHEEK vondsten Zo’n 60.000 titels telt de bibliotheek van het Liberaal Archief, en nog elk jaar groeit de collectie aan. De focus ligt op publicaties over de historische en actuele liberale beweging, het vrije denken en handelen, en aanverwante thema’s als vrijzinnigheid, schoolstrijd, ethische kwesties, scheiding tussen kerk en staat, antiklerikalisme. Toch zitten er in de rekken ook onverwachte werken verscholen. Dat mochten de medewerkers ondervinden in de aanloop naar de tentoonstelling Archief Sportief! Ze stootten op een bibliotheek met boeken over turnen en lichaamsbeweging, gepubliceerd in de tweede helft van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw. De theoretische beginselen van de gymnastiek vulden de meeste pagina’s, maar toch waren er ook hele publicaties gewijd aan turnoefeningen. Hoe bouw je een menselijke piramide of hoe treed je op met je turngroep: onze medewerkers kwamen er alles over te weten. Een echt pareltje was Le livre d’or jubilaire de l’URBSFA: 1895-1945, samengesteld door de legendarische sportman Victor Boin – zwemmer, waterpolospeler en schermer, maar dus ook schrijver. Het huldeboek (foto’s rechts) bevat tientallen foto’s uit de begindecennia van het Belgische voetbal en informatie over de clubs uit die periode. De eerste bondsbazen hadden een liberale stempel en de portretten in dit boek zijn vaak de enige

die van hen zijn bewaard. De iconografie van het Liberaal Archief werd zo via een omweggetje aangevuld. Ook in de literaire werken werd gespeurd naar pagina’s over sport. Ze werden gevonden in Levensleer, geschreven door Cyriel Buysse en zijn tante Virginie Loveling. Het boek schetst de stedelijke burgerlijke milieus van het fin de siècle en is doorspekt met hun typische taalgebruik, een vaak komisch aandoende mengeling van Frans en Nederlands. En sportbeoefening? Ja, ook die komt aan bod: de lezer komt te weten hoe de Gentse roeisport floreert in de Club Nautique.


magazine

Missie van het Liberaal Archief vzw Goedgekeurd door de algemene vergadering op 25 juni 2016, aangepast in de algemene vergadering van 30 september 2016. Het vrijheidsideaal - het streven naar vrijheid - zit in de genen van de mens. Al van in de oudheid heeft de mens gestreefd naar vrijheid. De eerste democratische initiatieven in het oude Griekenland, de slavenopstanden onder Spartacus, de Magna Charta, de middeleeuwse vrijheidskeuren, de scheiding der machten, de Verlichting en de strijd voor de vrije meningsvorming en het vrije denken, het verzet tegen het kolonialisme, de opkomst van de suffragettes, de holebi-beweging, de val van de Berlijnse muur en de Arabische lente tonen aan dat de mens altijd de nood heeft gevoeld en voelt aan individuele vrijheid en aan een vrije samenleving, waarbij elke burger gelijke rechten en vrijheden bezit. Het liberalisme vormt sinds de achttiende eeuw, maar refererend naar het verleden, de brede ideologische onderbouw voor het vrijheidsideaal en omvat ook een veelheid aan maatschappelijke initiatieven die sinds de achttiende eeuw dit vrijheidsideaal nastreven. Het liberalisme wil dit vrijheidsideaal in de praktijk brengen, zowel politiek als filosofisch en economisch en in het maatschappelijke leven. Uiteraard wordt dat in eerste plaats veruitwendigd door de grondwettelijke vrijheden waarvan ons land een van de vroegste vormgevers was (de vrijheid van mening, vrijheid van drukpers, vrijheid van vereniging). Maar naast deze vrijheden moet het vrijheidsideaal ook zijn vertaling vinden in de culturele, sociale, economische, wetenschappelijke wereld en in een open en pluralistisch ethisch leefklimaat. De opdracht van een archiefinstelling die de vrijheid als basiswaarde heeft, kan niet beperkt zijn tot de grondwettelijkbestuurlijke vormgeving ervan. Zij dient evenzeer te focussen op andere “vertalingen” van het begrip vrijheid zoals daar zijn de vrije markt, de rechten van de mens (zoals o.m. verwoord in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens), het privacygebeuren, de emancipatorische bewegingen, vrije culturele expressie, een ongebonden verenigingsleven, … Het Liberaal Archief wil het erfgoedcentrum zijn voor de geschiedenis van het vrijheidsideaal in al zijn facetten. Dit ideaal wordt vertaald in het streven naar vrijheid, emancipatie, zelfontplooiing en democratie. Al deze aspecten vallen in de focus van onze werking. Dit betekent o.m. dat de aandacht gaat naar het vrije denken en handelen, de politieke en persoonlijke vrijheid (gegarandeerd door een onafhankelijke rechtsbedeling), de godsdienst- en gewetensvrijheid en het recht om niet te geloven, de scheiding van Kerk en Staat, de vrijheid van verenigen en niet-verenigen, de vrijheid van meningsuiting, het vrijwaren van de privacy, de vrije beroepskeuze, de vrijheid van onderwijs, het recht op privé-eigendom en op persoonlijk initiatief, de vrijheid om te ondernemen, de gelijkheid tussen man en vrouw, maar ook naar de maatschappelijke voorwaarden om van deze vrijheden te kunnen genieten zoals daar zijn beveiliging tegen wisselvalligheden van ziekte, werkloosheid, en ouderdom. Het Liberaal Archief richt zich op personen, verenigingen en groepen die dit streven willen mee helpen vormgeven. Het wil de

solide en onafhankelijke bewaarder zijn van het rijke culturele, sociale, maatschappelijke en politieke erfgoed van het liberalisme zoals verwoord in het Charter van Oxford. Het wil als enig Vlaams archief- en documentatiecentrum het verleden bewaren en het heden in kaart brengen van al die organisaties, verenigingen, bedrijven, scholen, discussiegroepen, onderzoekscentra en maatschappelijk actieve personen die zich lieten inspireren door het vrijheidsideaal, door het vrije denken en die opkwamen voor het vrije handelen. Het Liberaal Archief legt zich toe op volgende basistaken: a. herkennen en verzamelen: het benoemen, in kaart brengen, registreren, documenteren, waarderen, verwerven, selecteren en herbestemmen van cultureel erfgoed; b. behouden: het verzekeren van het voortbestaan van cultureel erfgoed door het in adequate omstandigheden te bewaren, te conserveren, te restaureren, te actualiseren, te borgen en door te geven; c. onderzoeken: het onderzoeken van cultureel erfgoed en van cultureel-erfgoedwerking of het stimuleren en faciliteren ervan; d. presenteren en toeleiden: het delen van cultureel erfgoed met het grote publiek of met specifieke doelgroepen via presentatie, toeleiding, educatie of door het beschikbaar te maken voor raadpleging en gebruik; e. participeren: het actief betrekken van de maatschappij bij cultureel erfgoed en bij cultureel-erfgoedwerking. Het Liberaal Archief richt zich dus niet enkel tot de ‘traditionele’ liberale organisaties in de politieke, culturele en sociale wereld, maar ook tot personen, denkgroepen, (niet-zuilgebonden) beroepsorganisaties, vrije beroepen, organisaties die de vrijhandel en de marktwerking nastreven, ngo’s en andere organisaties die de vrijheid van meningsuiting propageren, verdedigers van de rechten van de mens, verenigingen die de privacy beschermen, groepen die streven naar onafhankelijk academisch en wetenschappelijk denken,… Kortom, allen die een bijdrage lever(d)en aan het realiseren van het vrijheidsideaal. De collecties zijn multimediaal: het gedrukte en geschreven woord (archieven, boeken, tijdschriften), beeld- en geluidmateriaal (affiches, foto’s, film, video en de hedendaagse dragers), digitale archieven (“digital born”). Deze collecties worden bewaard volgens de internationale standaarden. Het Liberaal Archief is een open huis met een hoogstaande dienstverlening. Het Liberaal Archief onderzoekt en ontsluit de collectie en plaatst deze in een internationale context. Het verzekert de permanente, rechtstreekse toegang tot de oorspronkelijke stukken (documenten, boeken en artefacten) door een diepgaande ontsluiting en valorisatie ervan door middel van publicaties en tentoonstellingen. Openheid, veelzijdigheid en kwaliteit kenmerken ook de werking voor een breed publiek via informatie, vorming en beleving. Door een actieve netwerking met de cultureel-erfgoedgemeenschappen en partners verbreedt en verbetert het Liberaal Archief alle aspecten van de werking.

LA

27


www.liberaalarchief.be Liberaal Archief @liberaal Archief Liberaal Archief

La magazine 02 2017  

LA-Magazine is een uitgave van het Liberaal Archief en verschijnt eenmaal per jaar. Deze editie blikt terug op de werking van het Liberaal A...

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you