Issuu on Google+

Levende Have

Jaargang 1

Augustus 2011

n e p p i k r e v o s e l Al e e v m i u l p r e d n en a

Kippen van de keizer, vol in de veren

YVONNE VAN HIERDEN ‘Kippen houden wel van een uitdaging’

Goedgebekte Hollandse kwaker kent geen angst voor mensen


Tekst: Jinke Hesterman Foto’s: Jan Smit/Dierenbeeldbank

De Noord-Hollandse Blauwen van Yvonne van Hierden

Kippen van de klok Het erf van Yvonne en Arthur van Hierden staat op z’n kop vanwege een verbouwing. Dit tot groot plezier van de vier Noord-Hollandse Blauwen die zich opperbest vermaken bovenop grote bulten met zand. “Dat is het leuke van kippen. Als er iets verandert, vinden ze dat al gauw een uitdaging. Ze zijn niet bang”.

pag 6


V

aste etenstijden, vaste poetstijden, vaste slaaptijden. De Noord-Hollandse Blauwen van Yvonne van Hierden zijn echt kippen van de klok. ’s Zomers verlaten ze bij het ochtendgloren rond een uur of zes het nachthok, om daar aan het begin van de avond rond half zeven terug te keren. Hun leven verloopt volgens zelfgekozen patronen – “Kippen zijn moeilijk te sturen”, merkt Yvonne op – waarbij aan het eind van de dag altijd even de wei wordt aangedaan. Daar, in het hoge gras, doen ze zich te goed aan zaden en insecten, voordat ze weer op stok gaan. Zelfs nu het hele erf overhoop ligt, maken de kippen hun vertrouwde ommetjes door de tuin, langs de paardenstal en de paddock, waar ze de restjes voer oppikken die de paarden laten vallen. Tijdelijk hebben ze in hun route enkele zandbulten opgenomen. Prachtig zoals ze vanuit een hoge positie beter dan ooit de omgeving in ogenschouw kunnen nemen. Volgens Yvonne doe je kippen – gewoontedieren als ze zijn - geen groter plezier dan met een verandering. Het klinkt paradoxaal en dat is het ook. Maar kippen houden wel van een uitdaging, is haar ervaring. Angst voor het onbekende is hen vreemd. Veren pikken Yvonne van Hierden kan het weten. Ze is dierwetenschapper en promoveerde op verenpikken bij leghennen in de biologische pluimveehouderij. “Daar heb ik liefde voor de kip gekregen”, zegt ze. Kippen zijn zeer sociale dieren die elkaar echt niet naar het leven staan. Het mag zo lijken dat kippen die elkaars veren pikken de ander schade willen toebrengen, maar verenpikken heeft niets met agressie te maken, verzekert ze. “Ik zie het als obsessief en compulsief gedrag. Er zit een zekere dwangmatigheid in. Kippen scharrelen van nature. Daarbij richten ze de aandacht op de grond. Het verenpikken is een afwijkende vorm van scharrelen die begint bij het kuiken, dat op de grond niets kan vinden en dan maar in de veren van de buurvrouw pikt. Dat pikken levert iets op en dus gaat het kuiken ermee door.” Hebben kippen eenmaal iets aangeleerd, dan leren ze het niet meer af, weet Yvonne. Haar eigen, zes jaar oude Noord-Hollandse Blauwen zien er overigens puntgaaf uit. Een groot erf, een ruim nachthok met een supergroot legnest, veel vrijheid en Yvonne van Hierden: ‘Ik hou wel van een beetje grote kip’

Alles over kippen en ander pluimvee

pag 7


Krielen zijn hier minder geschikt vanwege de roofvogels. We wonen in een open gebied.” Calimero Zes jaar geleden inmiddels, verschenen de eerste NoordHollandse Blauwen op het erf van Arthur en Yvonne. In de paardenstal richtten ze een aparte afdeling in voor de kippen, een riant nachtverblijf met stahoogte, waar een zeer ruim legnest uitnodigt tot het leggen van grote hoeveelheden eieren. Veel produceren de dames echter niet. Het zal met hun leeftijd

niet teveel voer houden ze in een uitstekende conditie. De hennen pikken niet aan elkaars veren en ook Harrie de haan – “Hij is een macho hoor”, zegt Yvonne – brengt zijn hennen bij het treden geen schade toe. Als zijn sporen uitgroeien tot scherpe uitsteeksels, haalt man Arthur – beschermbril op en handschoenen aan – ’s avonds de haan van stok, waarna Yvonne de vijl ter hand neemt. Klein kippentrauma Arthur heeft nog altijd last van een klein kippentrauma, overgehouden aan de begintijd. Hij had het al niet zo op die grote, gevleugelde vrienden zo dicht bij huis en werd in zijn angst nog eens bevestigd toen hij zich een keer in boxershort in de buurt van het kippenhok vertoonde. Het was alsof Harry rook dat hij bang was. Hij opende de aanval en Arthur rende door de tuin met Harry achter zich aan. “Kijk, pappa doet tikkertje met de haan”, kraaide de tweeling Marit en Rebecca. Yvonne keek en zag dat het niet goed was. “We hebben Harrie toen wel even een lesje moeten leren.” “Arthur is geen kippenman. Bij mij moest het ook groeien. Ik was er vroeger ook doodsbenauwd voor. Totdat ik er beroepsmatig mee te maken kreeg.”, bekent Yvonne. Eenmaal neergestreken in het Friese Oldetrijne, was de keuze snel gemaakt. Naast de paarden die ze al langer geleden hadden aangeschaft, bleek er voldoende ruimte voor een toom kippen. “In een boek zag ik de koekoekkleurige Noord-Hollandse Blauwe staan. Die vond ik echt heel mooi. Ik hou wel van een beetje grote kip.

De tweeling Marit en Rebecca

te maken hebben. In al die jaren kwam er slechts een keer een kuikentje uit het ei: Calimero. “Laat ik het eens proberen”, dacht Yvonne. “Een van de hennen was broeds en ik heb haar op twee eieren laten zitten. Daarvan bleek er één bevrucht te zijn.” Het kuiken werd na zes weken door de moeder in de steek gelaten. De hen vond het kennelijk niet nodig nog langer voor het jong te zorgen. Ook de rest moest niets van Calimero hebben. Het kuiken ging ‘s nachts bij de paarden op stok. Dat veranderde pas toen het kippenverblijf anders werd ingericht. Daar zaten ze op een avond ineens weer allemaal bij elkaar. De haan en de hennen duldden Calimero in het nachthok, waar het kuiken op een lager geplaatste stok kon gaan zitten. “Ze wordt nu gedoogd. Calimero weet inmiddels dat ze een kip is, ook al loopt ze nog vaak een beetje apart van de rest en zoekt ze vriendschap bij de paarden.”

(advertentie)

Cursus kippengedrag Yvonne van Hierden weet veel van kippen. Daarom verzorgt ze voor Tinley een eendaagse cursus op 8 oktober in het Pluimveemuseum in Barneveld. Cursisten leren het natuurlijke gedrag van deze dieren beter begrijpen: wat nemen ze waar, waarom scharrelen ze, hoe slim zijn kippen, welk gedrag is aangeboren, wat houdt de pikorde precies in en wat is de rol van de haan? Opgeven via www.tinley.nl

pag 8


K

Jos Heijmans is pluimveedierenarts, werkzaam bij de Diergezondheidsorganisatie GD Deventer, en medeauteur van het boek Kipsignalen.

ippendokter

JOS HEIJMANS

Spreidpootjes, rugliggers en sterrenkijkers

Mijn met de broedmachine uitgebroede kuikens van zo’n vijf dagen oud kunnen geen van alle meer op hun pootjes staan. Ze liggen nu op de rug. Zouden zij last hebben van spreidpootjes en wat is hiervan de oorzaak? De oorzaak van spreidpootjes kan heel eenvoudig zijn: de kuikens hebben normaal uitziende pootjes, maar ze zijn op een te ruime en gladde ondergrond uitgekomen. Zet de kuikens zo gauw mogelijk op een ondergrond die houvast biedt en zorg voor water en voer waar ze bij kunnen. De oorzaak kan ook liggen in het zenuwstelsel. Door tekorten aan bepaalde voedingsstoffen of door bepaalde infecties die ook de hersenen/zenuwen aantasten, kan de coördinatie van de normale bewegingen gestoord zijn. Een voorbeeld is Vitamine E-gebrek bij de moederkloek. Dit kan ‘rugliggers’ veroorzaken bij de nakomelingen, maar die hebben dan niet echt spreidpoten en bovendien zien we dit pas vanaf twee weken leeftijd. Toediening van extra vitaminen/sporenelementen is dan aan te raden. Andere infectieuze oorzaken van verlammingen of kreupelheid op jonge leeftijd zijn infecties zoals met Enterococcen- of Salmonellabacteriën of met het trilziektevirus. Het ziektebeeld ziet er dan wel anders uit: de uitval is te hoog en de kuikens zijn meestal ziek en vertonen zogenaamde ‘hersenverschijnselen’, dat wil zeggen verlammingen en draainekken (sterrenkijkers) in plaats van draaipoten.

Gumboro

Wat is de ziekte van Gumboro?

De ziekte van Gumboro wordt veroorzaakt door een virus dat bij jonge dieren - tussen de tweede en de negende levensweek - ernstige ziekteverschijnselen en sterfte veroorzaakt. Het virus heeft het gemunt op een specifiek orgaan, de Bursa van Fabricius, een bolvormig zakje bovenop de endeldarm vlakbij de cloaca. Deze bursa speelt een belangrijke rol in het afweersysteem. Als het Gumborovirus de kans krijgt, vermenigvuldigt het zich in de cellen van de bursa en vervolgens worden de nieuwe virusdeeltjes massaal uitgescheiden via de mest. Nietsvermoedende koppelgenoten krijgen het virus binnen door het pikken in het strooisel. De bursa wordt door het virus meestal behoorlijk beschadigd. Met het blote oog is te zien dat de bursa is vergroot en vaak bloederig ontstoken. Twee tot drie dagen na infectie treden de eerste ziekteverschijnselen op: dieren worden sloom, zijn duidelijk ziek met waterige ontlasting en gaan dood. Bij opfokleghennetjes kan de sterfte oplopen tot vijftig procent. Vanwege de weinige contacten tussen bedrijfsmatig gehouden pluimvee enerzijds en hobbypluimvee anderzijds lijkt de kans dat Gumboro uitbreekt bij hobbypluimvee, niet erg groot. Bedrijfspluimvee wordt standaard tegen Gumboro gevaccineerd, voor hobbypluimvee is dit in het algemeen niet nodig.

ILT

ILT duikt steeds vaker op in ons land. Wat is het risico voor hobbypluimvee? ILT staat voor Infectieuze Laryngotracheïtis, dat wil zeggen een besmettelijke ontsteking van de keel (larynx) en de luchtpijp (trachea). De ziekte komt vooral voor bij commercieel en hobbymatig gehouden kippen. Zowel jonge als oude kippen zijn gevoelig voor het herpesvirus dat deze ziekte veroorzaakt. In de praktijk komen de meeste ILT-problemen voor bij kippen van drie tot zes maanden oud. Zes tot twaalf dagen

na infectie met het ILT-virus (de incubatieperiode) zien we de eerste ziekteverschijnselen bij de kip optreden: matige tot zeer ernstige benauwdheid, moeilijk ademen met open snavel, ademen met gestrekte nek, “ophoesten” van bloederig slijm en sterfte. De kippen zijn echt stervensbenauwd door de grote hoeveelheid ontstekingsmateriaal in de keel en de luchtpijp. Verdere verspreiding naar andere dieren gebeurt via “aanhoesten”. Neus- en ooguitvloeiing van besmette dieren bevatten veel virusdeeltjes. De levende, met ILT-virus besmette kip is de belangrijkste verspreider van het virus. Tegen ILT kan worden gevaccineerd.

Alles over kippen en ander pluimvee

pag 9


Ei met kuiken danst in het water Met een lichtbundel is al in een vrij vroeg stadium goed te zien of de eieren zijn bevrucht (zie Alles over Kippen juni 2011). Maar er is nog een andere, simpele test, toe te passen als het kuiken in het ei al wat verder is ontwikkeld: doe de eieren in een bak met water en binnen een minuut gaan de bevruchte eieren “dansen” en blijven de onbevruchte eieren rustig drijven.

Vleugel van de kip

De vleugels van een kip zitten ingenieus in elkaar. Bij het openen van de vleugel zie je enkele kleine slagpennen, dan in het midden een nog kleinere pen en daarna – aan het uiteinde van de vleugel - een paar grote slagpennen. Deze zorgen ervoor dat de kip van de grond kan komen. Ze hebben een omhoog stuwende kracht. De pennen, te verdelen in primaire en secundaire vleugelveren, van elkaar gescheiden door de zogeheten axiale veer, zijn aan de bovenkant bekleed met korte schouderveren en dekveren. Aan de buitenkant bevinden zich bovenaan de vleugel ook nog de duimveren. De veren aan de punt van de vleugel kunnen onder verschillende hoeken gehouden worden evenals de veren aan de achterkant van de vleugel. Hierdoor en met behulp van de staartveren, kan de kip zich tijdens de vlucht zeer snel in alle richtingen wenden. Of een vogel kan vliegen is afhankelijk van de grootte van de vleugels in verhouding tot het lichaam. Een albatros met zijn lange, smalle vleugels is een supervlieger. Een struisvogel komt niet eens van de grond. Daarom wordt dat ook wel een loopvogel genoemd.

Gras in de ren

Voor kippen in de ren, die geen weitje of gazon tot hun beschikking hebben, is al van alles bedacht om ze toch van wat vers gras te laten proeven. Het simpelste is geregeld een verse graszode in de ren, het liefst inclusief wat wormen. De kippen zullen er een hoop plezier aan beleven. Het is ook mogelijk tarwe te laten ontkiemen: was de zaden met koud water en laat ze ongeveer acht uur weken. Leg de zaden op een zeer vochtige ondergrond van bijvoorbeeld keukenpapier. Dek dit af met plastic. Geef de zaadjes elke dag wat water, net zo lang totdat ze gaan ontkiemen. Plaats ze in een lage bak met wat potaarde. Zet de bak een paar dagen op een donkere plek en daarna, als de sprietjes een centimeter hoog zijn, in het licht. Na een dag of tien kunnen de sprietjes tot ongeveer een centimeter hoogte worden afgeknipt en aan de kippen worden gevoerd. De afgeknipte sprietjes groeien opnieuw uit. Zo heb je voor ongeveer een week heerlijk, supergezond tarwegras. Teveel gras is trouwens af te raden. Lang gras kan in de krop een bal vormen, die de kip er zelf moeilijk uit krijgt.

Vangen van ganzen

Ganzen vluchten naar het water als er gevaar dreigt. Dat gebeurt vaak ook als ze gevangen moeten worden voor een behandeling. Drijf dus eerst de ganzen uit het water, verleng de armen eventueel met een paar stokken, en kies een hoek uit waar de ganzen naartoe moeten. Dat kun je het beste met z’n tweeën doen. Het verhoogt de pakkans. Eenmaal in de hoek kun je de ganzen vangen door ze aan de romp op te pakken. Het overpakken gebeurt door beide vleugels in één hand vast te houden. Sla een arm om de gans (kop naar achteren zodat hij niet kan bijten) en ondersteun met de andere hand eventueel de borst. Meer weten? Het Landelijk Kennisnetwerk Levende Have maakte een instructiefilm over hoe je het beste pluimvee kunt vangen, oppakken en vasthouden. Aan bod komen behalve ganzen, de eenden, kippen, kalkoenen en parelhoenders. De filmpjes, met als titel “Kip ik heb je..”, staan op www.levendehave.nl.

Voer en eieren

Het kippenvoer heeft veel invloed op de kwaliteit van de broedeieren. Broedresultaten kunnen ineens verslechteren, terwijl men niet van voermerk is veranderd. De oorzaak kan liggen bij een veranderde samenstelling van het voer bij de fabrikant. De hoeveelheid en samenstelling van de

pag 12

vitaminen en mineralen in het voer spelen een grote rol bij de kwaliteit van broedeieren. Zelfs de weersgesteldheid tijdens de opslag van het graan kan van invloed zijn op de voedingswaarde en uiteindelijk de broedresultaten. Navraag bij de fabrikant en leverancier kan vaak al opheldering geven. Vul het voer eventueel tijdelijk aan

met wat vitaminen en mineralen. Er zijn vloeibare supplementen die aan het drinkwater kunnen worden toegevoegd. Maar wees niet te scheutig met deze toevoegingen. Ook hier geldt: overdaad schaadt. Eiwit, energie, vitaminen, mineralen en sporenelementen moeten in de juiste verhouding worden gegeven.


Tekst: Jinke Hesterman Foto’s: Jan Smit/Dierenbeeldbank

ESBL

De kippen in de pluimvee-industrie zijn besmet met ESBL-bacteriën door de massale toediening van antibiotica. In de hele keten – van kuiken tot en met volwassen hennen – dragen de dieren de bacterie bij zich. Advies aan kippenhouders die nog wel eens kuikens halen bij een pluimveebedrijf: niet meer doen. Straks blijken de hobbykippen nog de enige die vrij zijn van deze resistentie bacterie. Het zou zonde zijn om die ESBL-vrije status op te geven.

Grit

Schelpengrit is goed voor de kwaliteit van de eierschaal. Deze calciumbron passeert eerst de krop en komt daarna in de spiermaag, waar de bouwstof langzaam aan het lichaam wordt afgegeven. Aan sommige kippenvoeders is grit toegevoegd. Maar er is ook los grit verkrijgbaar. Vaak bestaande uit een variatie aan zeeschelpen, die worden gewassen, gedroogd, verhit, gebroken en gezeefd. Ook is er speciale oestergrit. Doordat dit grit een extra gunstig effect heeft op de omzetting van voedingsstoffen in bouwstenen voor het lichaam, zou de kip langer eieren leggen dan normaal. Ook zouden de eierschalen bij gebruik van oestergrit gladder, harder en mooier zijn. Naast calciumcarbonaat bevat oestergrit bovendien nog vele andere mineralen en metalen. Oestergrit is een bijproduct van de oesterindustrie. Schelpen van mosselen kunnen grofgemalen eveneens aan kippen worden gegeven. Gooi de schelpen na de mosselmaaltijd dus niet weg. Ze zijn voldoende gewassen en verhit. Alleen nog drogen en verpulveren. Grit is trouwens iets anders dan maagkiezel. Kiezel dient om het voer te vermalen.

Wat doen we met de haantjes? (1) In Nederland worden jaarlijks 45 miljoen haantjes uit de pluimveeindustrie als eendagskuiken gedood. De sector kijkt naar oplossingen voor dit probleem, maar dat blijkt nog niet zo eenvoudig. Sperma seksen is geen optie. Bij kippen bepaalt namelijk het vrouwtje het geslacht van de nakomelingen. Wat dan wel? Er bestaan op dit moment methoden waarmee je na een dag of dertien broeden, het geslacht van het embryo kunt vaststellen. Maar ja, ook dan moeten kuikentjes in wording worden gedood. Is het niet mogelijk om vóór het broeden de mannelijke eieren uit te sorteren, door bijvoorbeeld een beetje eigeel te bemonsteren? Als dat al zou kunnen – hard bewijs van het verschil tussen mannelijk en vrouwelijk eigeel ontbreekt zou daar kostbare apparatuur voor nodig zijn. Wel zou er mogelijk een gen ingebracht kunnen worden voor het zogenaamde groenfluorescerend proteïne (GFP). Op die manier is het verschil tussen mannelijke en vrouwelijke eieren wel te meten. Deze transgene ingreep stuit echter weer op ethische bezwaren.

Bursa van Fabricius

Pluimvee heeft al zo’n chique naam voor de ‘achteruitgang’ (de cloaca), aan het uiteinde van de darm bevindt zich ook nog eens de Bursa Fabricius Dat is een lymfeklier die een centrale rol vervult bij de productie van zogeheten B-cellen of B-lymphocyten. De werking van de Bursa is het grootst op jonge leeftijd en regelt de immuniteit van jonge dieren door de productie van antilichamen. De Bursa degenereert naarmate het dier ouder wordt. Uitgerekend in het orgaan dat van belang is voor de immuniteit treedt een sterke virusvermeerdering op bij een Gumboro-infectie. Deze ziekte gaat gepaard met een waterige, slijmerige witte ontlasting en kan leiden tot sterfte (meer hierover is te lezen bij de Kippendokter).

Wat doen we met de haantjes? (2)

Het probleem van de haantjes zou zijn opgelost als er alleen vrouwelijke eieren werden gelegd. Vrouwelijke vogels zijn in staat de geslachtsverhouding van hun nakomelingen te beïnvloeden. Onbekend is hoe dit gebeurt. De verandering van geslachtsverhouding is experimenteel op te roepen, bijvoorbeeld met een hormoonbehandeling van de hennen. Een dergelijke methode is bruikbaar om in die hennen te onderzoeken wat er dan precies gebeurt. Dat kan een methode opleveren om de geslachtsverhouding te beïnvloeden zonder dat de dieren in hun gezondheid en welzijn worden aangetast. Dit onderzoek is op dit moment gaande. Wageningen Universiteit en Research voert het uit.

Alles over kippen en ander pluimvee

pag 13


Preview Alles over kippen augustus 2011