Issuu on Google+

12 • FOCUS

DONDERDAG 31 MEI 2012 • DE MORGEN

FOCUS • 13

DE MORGEN • DONDERDAG 31 MEI 2012

PROFIEL FRANS VAN DAELE De topdiplomaat achter Herman Van Rompuy begint morgen samen met zijn baas aan een tweede Europese ambtstermijn

President Herman kan altijd rekenen op baron Frans Herman Van Rompuy start morgen zijn tweede termijn als president van de Europese Raad. Maar de dirigent áchter de schermen is zijn kabinetschef Frans van Daele, behalve baron ook een diplomatieke krachtpatser en architect van Van Rompuys beleid. Laurens Cerulus

T

ot eind juni wapperen de Deense vlaggen aan de gevel van het Justus Lipsiusgebouw, thuishaven van de Raad van de Europese Unie aan het Schumanplein in Brussel. Denemarken is roterend voorzitter van de EU, maar sinds Herman Van Rompuy in december 2009 de eerste Europese president werd, is het diens kabinet dat waakt over de grote lijnen van de unie. De Europese staatshoofden benoemden Van Rompuy in maart voor een tweede termijn – een agendapunt dat in amper vijf minuten tijd afgehandeld werd. Tot december 2014 moet de president de lidstaten op dezelfde lijn krijgen tijdens de intussen talloze spoedvergaderingen over de eurocrisis. Herman Van Rompuy kan rekenen op een van Europa’s meest ervaren diplomaten: zijn kabinetschef én intussen ook Belgische baron Frans van Daele. Van Daele heeft in de Europese wandelgangen de status van éminence grise. Een topdiplomaat die bij zijn onderhandelings-

Herman Van Rompuy blijft op de achtergrond tijdens een top in 2010. VS-president Obama praat ondertussen met de Britse premier Cameron (r.) en NAVO-secretaris-generaal Rasmussen (tweede van links). © YVES HERMAN / REUTERS

partners hoog aangeschreven staat. Na vier decennia lang als Belgisch diplomaat te hebben gewerkt, bevindt Van Daele zich sinds 2009 op de plek die hem het nauwst aan het hart ligt: de absolute top van de Europese diplomatie. “Het Europese integratieproces is een van de voornaamste redenen waarom ik diplomaat geworden ben”, vertelt hij. “In heel mijn diplomatieke carrière probeerde ik jobs op te nemen die te maken hadden met het Europese integratieproces.”

Behaagziek Van Daele dankt veel van zijn aanzien aan het Belgische EU-voorzitterschap in 2001. Hij onderhandelde in dat jaar het Verdrag van Nice en tekende de krachtlijnen uit voor de Verklaring van Laken, twee Europese sleutelverdragen. Zijn verdiensten als EU-ambassadeur leverden hem in 2002 de Belgische titel van baron op, die erfelijk werd gemaakt in 2005. “Het is een vorm van erkenning.

‘Zelfs in moeilijke tijden zie je dat elke crisis met meer Europa eindigt, niet met minder’

‘Herman Van Rompuy en Frans van Daele laten de eerste viool over aan de staatsleiders. Ze vertrouwen op de geschiedenis om hun eigen rol in het daglicht te stellen’

FRANS VAN DAELE KABINETSCHEF HERMAN VAN ROMPUY

YVES LETERME ADJUNCT-SECRETARIS-GENERAAL OESO

Iedereen is wel een beetje behaagziek”, blikt Van Daele terug. De reputatie die hij bij zijn vertrek in 2002 achterliet, werpt vandaag zijn vruchten af in de Europese Raad. Als rechterhand van Herman Van Rompuy werkt hij de planning, contacten en strategie mee uit achter de schermen. “Iedereen kende Van Daele al voordat hij de functie opnam”, zegt Sarah Nelen, vooraanstaand kabinetsmedewerkster en raadgeefster van Van Daele. “De beslissingen van het kabinet gaan in twee richtingen: Van Daele voelt aan waar Van Rompuy naartoe wil, maar hij vult dit deels ook in. Hij brengt de voorzitter op de hoogte over de standpunten van de lidstaten of over komende vergaderingen. Het is een symbiotische samenwerking.”

CV VAN EEN SUPERDIPLOMAAT

De weg naar de Europese top ● Frans van Daele (64) werd geboren in het Nederlandse Oostburg, in oktober 1947. Hij studeerde filosofie en letteren aan de Katholieke Universiteit Leuven, in dezelfde periode als Europees president Herman Van Rompuy. ● In 1971 startte Van Daele zijn carrière als Belgisch diplomaat. Van 1973 tot 1977, en opnieuw van 1981 tot 1984 zetelde hij in de permanente vertegenwoordiging bij de Europese Unie. Hij werkte in de eerste twee decennia van zijn carrière ook op de ambassades in Athene en Rome, en was woordvoerder voor het ministerie van Buitenlandse Zaken onder Leo Tindemans. ● In 1989 vatte Van Daele post in New York, bij de permanente vertegenwoordiging van België bij de Verenigde Naties. Van Daele vertegenwoordigde België in de VN-Veiligheidsraad van 1991 tot 1992. ● Na een tussenperiode als directeurgeneraal voor politieke zaken op het ministerie van Buitenlandse Zaken

stapte de topdiplomaat weer over naar het Europese toneel. Hij werd in 1997 ambassadeur en permanent vertegenwoordiger bij de EU. Van Daele stond aan de wieg van het Verdrag van Nice (2001) en de Verklaring van Laken (2001). Toen Van Daele de permanente vertegenwoordiging achter zich liet, werd hem de titel van baron toegekend. Die werd in 2005 ook erfelijk gemaakt. ● Van 2002 tot 2009 werkte Van Daele achtereenvolgens als Belgisch ambassadeur bij de Verenigde Staten en als permanent vertegenwoordiger bij de NAVO. Na een korte terugkeer als kabinetschef van toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Yves Leterme startte Van Daele in december 2009 zijn functie als kabinetschef voor de eerste president van de Europese Raad, Herman Van Rompuy.

Blindelingse omgang

● Als ‘EU-Sherpa’ bereidt Van Daele ook de standpunten van de EU voor in de jaarlijkse bijeenkomst van de G8, die twee weken geleden in Camp David (VS) plaatsvond. (LAC) © XAVIER VANKEIRSBULCK

Van Daele en Van Rompuy kennen mekaar door en door. Beiden studeerden gelijktijdig aan de Katholieke Universiteit van Leuven. “Ik leerde Herman echter net na mijn studententijd kennen, op een vergadering van Jong CVP”, herinnert van Daele zich. “Dat moet begin jaren zeventig geweest zijn. We zijn altijd contact blijven houden, en uiteindelijk is dat een vriendschapsband geworden.” Van Daele en Van Rompuy vinden elkaar feilloos. “Frans en Herman kunnen blindelings op elkaar afgaan”, vertelt Yves Leterme, huidig adjunct-secretaris-generaal van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).

Leterme werkte jaren samen met deze twee christendemocratische prominenten. “Ze zijn van dezelfde generatie binnen CD&V en kennen elkaar al zo lang. Dat uit zich in hun omgang met elkaar.” “We geloven ook in dezelfde zaken en we denken vaak instinctief hetzelfde,” zegt Van Daele. “Als je dezelfde doelgerichtheid hebt en dezelfde politieke en diplomatieke criteria gebruikt, kom je onvermijdelijk op één lijn uit.”

Pragmatisch instinct De intrede van Herman Van Rompuy als president van de Europese Raad was een nieuwigheid in 2009, vastgelegd in het Verdrag van Lissabon. De positie van de president moest worden afgedwongen. “We zijn een kerncentrale, maar we zijn nog niet op het net aangesloten”, verduidelijkte Van Daele toen aan zijn kabinetsmedewerkers. Het was “een institutioneel systeem en niet iedereen zat op ons te wachten”, zegt Van Daele. “Als je een consensus uitbouwt vanuit de voorzittersstoel werk je intensief om de stukken van de puzzel te doen passen. Je kent de achterkant van alle kaarten. Soms moet je aan landen uitleggen dat hun positie niet haalbaar is of dat ze geïsoleerd dreigen te geraken – iets wat lidstaten bijzonder verafschuwen. Dat is misschien typisch voor de Belgische politiek en diplomatie. In de EU staat ons land bekend om zijn compromismakers.” Ook bij andere lidstaten schept de Belgische nationaliteit van de president en zijn kabinets-

chef vertrouwen. “Van Daele is een pragmatist, hij zoekt altijd het compromis op”, zegt een EU-ambassadeur. “Het is een instinct en het zit diep geworteld in zijn DNA. Vandaag hebben we een presidentschap dat zich bewust is van het feit dat het alle lidstaten vertegenwoordigt, en niet enkel de grootste staten. Van Daele, en het feit dat hij van een kleine lidstaat komt, speelden hierin een grote rol.”

Grijze muis Van Daeles reputatie achter de schermen botste op een algemene scepsis rond de figuur van Van Rompuy. Het buitenland keek aanvankelijk met wantrouwen of verbazing naar deze ‘grijze muis’ als eerste president. “Men koos met Van Rompuy voor een duidelijk profiel, en dat was niet een Europese Obama of iets dergelijks”, pareert Van Daele de twijfel uit de beginperiode. “Men wou iemand die het systeem kon doen draaien. Als je ziet dat de herbenoeming ongeveer drie minuten duurde, kan je besluiten dat de president voldeed aan dat profiel.” De president noch zijn kabinetschef zijn te betrappen op profileringsdrang, zoals de nationale vertegenwoordigers die wél geregeld tonen. In het Europa van vandaag staan de schijnwerpers allereerst gericht op Duitsland, Frankrijk en andere lidstaten, niet op de Europese president. “Herman en Frans laten de eerste viool over aan de staatsleiders”, benadrukt Leterme. “Daarin hebben ze niet te veel amour propre. Ze

vertrouwen op de geschiedenis om hun eigen rol in het daglicht te stellen.” De voorbije tweeënhalf jaar had het kabinet van Van Rompuy te kampen met een van de moeilijkste periodes in de geschiedenis van de Europese Unie. De eurocrisis hield de unie onder permanente hoogspanning en zorgde ervoor dat eensgezindheid in de Europese Raad soms ver te zoeken was. In december 2011 weigerde het Verenigd Koninkrijk mee in het zogenaamde Fiscal Compact te stappen, het verdrag dat de nationale begrotingen in balans moest brengen. In maart viel ook Tsjechië uit de boot, en bleef het verdrag op 25 handtekeningen steken. In de nationale én internationale pers gonsde het van voorspellingen over een ‘Europa met twee snelheden’. Een smet op het blazoen van de president? De kabinetschef reageert alweer pragmatisch. “Het feit dat het Verenigd Koninkrijk in een aantal domeinen niet deelneemt, is niets nieuws. Toen in december het verdrag voor de Britten niet lukte hebben we het over een andere boeg gegooid. Is dat een criterium voor welslagen? Ik denk het niet. Je moet met de werkelijkheid leven.” Die werkelijkheid wordt vandaag dan weer gedomineerd door een Griekse uitstap uit de eurozone. Ondanks dat president Van Rompuy in maart verklaarde dat de eurozone in “kalmere wateren” verkeerde, staat Griekenland nu meer dan ooit onder financiële druk van de markten én een toenemende politieke druk van de Europese partners. “Ik denk dat we het oog van de storm achter ons hebben”, houdt Van Daele vol. “We hebben de voorbije termijn een aantal werktuigen kunnen opzetten, zoals de Fiscal Compact, de vorige Griekse schikking en het verhogen van de Europese firewall.” “Natuurlijk zijn we nog niet helemaal op het droge. De Griekse verkiezingsuitslag heeft opnieuw een aantal vragen opgeroepen over het effect van besparingen op dat land. Ook in Spanje zijn de inspanningen van de regering om het begrotingstekort in te perken niet zonder gevolgen gebleven. De ambitie voor de komende termijn ligt nog altijd op economische vlak, maar we richten ons erop om het maximale groeipotentieel uit te buiten,” stippelt Van Daele de lijnen uit. “We hebben een interne markt ter onzer beschikking die we nog niet volledig exploiteren. Ook de Europese begroting kan op een proactievere, meer groeivriendelijke manier ingezet worden dan tot nu toe het geval was.” Het bilan van de eerste president van de Europese Raad zal op 1 december 2014 gemaakt worden: de einddatum van de tweede termijn van Van Rompuy. Maar Van Daele heeft vertrouwen in de toekomst. “Zelfs in moeilijke tijden zie je dat elke crisis met meer Europa eindigt, niet met minder.”

De Europese droom Financiële markten, analisten, commentatoren en politici: allen speculeerden de voorbije maanden en jaren hevig op de toekomst van de Europese Unie. Van Daele laat zich als topdiplomaat niet afleiden. Het doel is duidelijk: stap voor stap eensgezindheid afdwingen en tot een verdere integratie van Europa komen. “Ik ben een Europees federalist, maar ook een diplomatiek realist”, verduidelijkt hij. Het geloof in de Europese integratie zit diep. “Mijn eerste spreekbeurt in de vijfde Latijnse ging over de Europese Unie en haar instellingen. Toen ik filologie koos als universitaire studie, zat in mijn achterhoofd dat het belangrijk was om Europa op te bouwen. Dat ik in 2002 de functie van ambassadeur in de Verenigde Staten aannam, had veel te maken met mijn interesse in het Amerikaanse federalisme. De Amerikaanse schrijver Mark Twain zegt ergens: History never repeats itself, but sometimes it rhymes. In de honderd jaar Amerikaanse integratie zitten heel wat parallellen voor ons, de Europese Unie. Tot op vandaag ben ik er diep van overtuigd dat enkel Europese integratie het mogelijk zal maken om onze vorm van economische en politieke beschaving in stand te houden. Maar de vraag is hoe je van punt a naar punt b gaat.” Aan de wand van Van Daeles kantoor hangt een schilderij dat De mechanismes van de diplomatie heet. Het toont een complexe structuur van trappen en doorgangen die gelijkenissen vertoont met een onoplosbaar labyrint. “Maar als je goed kijkt, zie je dat er een pad doorheen loopt”, repliceert de diplomaat.


The Powerhouse behind Van Rompuy