__MAIN_TEXT__
feature-image

Page 1

Accountancy &Tax

Tijdschrift van het Instituut van de Accountants en de Belastingconsulenten Nr. 3 / 2019 – www.iec-iab.be

AFGIFTEKANTOOR: GENT X / P608443 - IEC-IAB / E. JACQMAINLAAN 135/2 - BE-1000 BRUSSEL — DRIEMAANDELIJKS TIJDSCHRIFT VAN HET IAB JULI, AUGUSTUS, SEPTEMBER 2019

Ondernemers moeten hun dromen najagen. Accountants en belastingadviseurs wijzen hen de juiste weg om die droom te bereiken.


Inhoud

Colofon

4. Actu@IAB Stéphane De Bremaeker

Accountancy & Tax Driemaandelijks tijdschrift van het IAB Nr. 3 / 2019

6. eStox: het aandelenregister gaat digitaal Evi Plettinckx

Administratie en redactie IAB, Emile Jacqmainlaan 135/2, 1000 Brussel Tel.: +32 2 543 74 90 / Fax: +32 2 543 74 91 E-mail: info@iec-iab.be

11.

De belastingplichtige kan een beroep doen op zijn accountant om zich voor de belastingrechter te verdedigen Charles Bayart

14. Gesprek met Inge Kerckhofs, intern lid bij SBB Nathalie De Jongh 21. Nieuw vennootschapsrecht: wat verandert er wanneer voor wie? Tim Dausy en Marc Van den Bossche

32. Wie zijn boekjaar heeft verlengd of ingekort na 26 juli 2017 loopt het risico dat er voor het aanslagjaar 2019 twee verschillende berekeningsmethodes moeten worden toegepast Axelle Dekeyser 34. Vakliteratuur

Redactiecoördinator Stéphane De Bremaeker E-mail: s.debremaeker@iec-iab.be Redactiecomité C. Bayart, L. Boonen, S. De Bremaeker, A. Dekeyser, V. Delvaux, N. Hormans, E. Steghers, B. Van Coile Uitgever Lefebvre Sarrut Belgium/Larcier Business U kunt ons bereiken op 0800 39 067 of via professional@larcier.com en www.larcier.com © Lefebvre Sarrut Belgium, Hoogstraat 139, Loft 6, B-1000 Brussel Verantwoordelijke uitgever B. Van Coile, Emile Jacqmainlaan 135/2, 1000 Brussel Fotografie iStockphoto, IAB, ID/photo agency Mededeling voor de lezer De auteurs, het redactiecomité en de uitgever streven naar de betrouwbaarheid van de gepubliceerde informatie, waarvoor ze echter niet aansprakelijk kunnen worden gesteld. De opinieartikelen vertegenwoordigen de inzichten en mening van auteurs en dus niet noodzakelijk die van het Instituut of van het redactiecomité. Instituut van de Accountants en de Belastingconsulenten (IAB) Opgericht bij wetten van 21 februari 1985 en 22 april 1999 Raad Voorzitter: B. Van Coile Ondervoorzitter: V. Delvaux Leden: D. Bauwens, D. Bouckaert, R. Declerck, J. De Coster, J.-L. Kilesse, S. Lorfèvre, S. Maenhout, A. Mons delle Roche, N. Procureur, F. Schelfhaut, P. Vanclooster, H. Vandelanotte Algemeen bestuur E. Steghers

ISSN 1375 9876

2


Editoriaal

Bart Van Coile — Voorzitter

Naast klassieke opdrachten kan een accountant ook het UBO-register bijwerken of bijstand verlenen aan belastingplichtigen in fiscale rechtszaken

Vincent Delvaux — Ondervoorzitter Het Wetboek van vennootschappen en verenigingen (WVV) was amper in werking getreden of men vond overal, zowel in de algemene pers als in de vakpers artikels, toelichtingen en analyses over de wijzigingen rond het vennootschapsrecht. In ons septembernummer gaan we daar verder op in en maken we een uitgebreide analyse van de belangrijkste wijzigingen en belangrijke datums en wijzen we op de mogelijke valkuilen. U leest er alles over op pagina 21. Weliswaar zijn we ons ervan bewust dat er een en ander moet worden uitgewerkt, meer specifiek rond het financieel plan en later ook de liquiditeitstest. Zoals eerder aangekondigd is het IAB daar volop mee bezig, waarna we beide thema's in de toekomst ook zullen uitwerken. Elektronisch effectenregister De Fednot en het IAB hebben van de inwerkingtreding van het WVV gebruikgemaakt om ook een mouw te passen aan het effectenregister. Tot enkele maanden geleden had elke vennootschap in België een papieren register waarin de effecten genoteerd staan. Het probleem is echter dat dat boek makkelijk verloren kon gaan of zelfs gewijzigd kon worden. Verre van ideaal dus. Daarom hebben beide organisaties hun krachten gebundeld en een elektronisch register uitgewerkt, eStox. Meer info daarover vindt u op pagina 6. De toepassingen van eStox zijn legio en werden begin september uitgebreid met een link naar het UBO-register. Ter herinnering: tegen eind september moeten alle UBO's geregistreerd zijn in het UBO-register. Wij hopen dat eStox deze stappen voor álle accountants en belastingconsulenten zal vergemakkelijken. Accountancy&Tax – nr. 3 / 2019

Miskende opdracht? Weinigen weten het misschien, maar wist u dat een accountant zijn cliënt kan bijstaan wanneer die zich moet verweren in een fiscaal geschil voor een rechter? Een belastingplichtige heeft immers het recht om voor zijn zaak een beroep te doen op een persoon die hem tijdens de aangifte of de administratieve fase van het geschil heeft bijgestaan of vertegenwoordigd. Maar wat houdt zo'n opdracht dan wel in? En betekent het ook dat de accountant zijn cliënt mag vertegenwoordigen in plaats van een advocaat? Accountancy & Tax onderzocht het. U vindt er alles over vanaf pagina 11. Interview In het verleden is Accountancy & Tax al verschillende keren langsgegaan bij leden die voornamelijk in andere sectoren werken. Deze personen vertegenwoordigen een niet te onderschatten groep van members in business. Daarnaast bestaat binnen het IAB nog een andere groep, de zogenaamde interne leden die in een accountantskantoor werken. Hoe ziet hun dag eruit? Hoe werken zij? Wat zijn hun taken? Accountancy & Tax klopte aan bij een intern lid dat in een accountantskantoor werkt. Het interview leest u vanaf pagina 14. Veel leesplezier, Vincent Delvaux — Ondervoorzitter Bart Van Coile — Voorzitter

3


Actu@IAB

Actu@IAB

Digitaliseren. Allemaal leuk en wel, maar wat als de klant niet meestapt in het verhaal? In 2019 blijft papier nog steeds alomtegenwoordig. Volgens recente cijfers zou zo'n 35 % van de ontvangen elektronische facturen afgedrukt worden om daarna gearchiveerd te worden. Geen wonder dat het voor u soms moeilijk is om digitalisering te overwegen wanneer uw klanten dit niet wensen. Ze blijven vaak verknocht aan hun traditionele papieren facturen. U kunt moeilijk verwachten dat de klanten hun facturatieproces van vandaag op morgen volledig kunnen omgooien. Als accountant kunt u uw cliënten ook daarin bijstaan. Unified by Invoicing ziet digitalisering als de omzetting van om het even welke factuur (pdf, jpeg of ander formaat) in een bestand dat uw boekhoudsoftware automatisch kan lezen en interpreteren. Dit is mogelijk door het feit dat alle gegevens van de factuur in het bestand vervat zitten. In vakjargon heten deze bestanden ubl-of e-fff-bestanden. Het platform automatiseert het inputwerk, wat de efficiëntie van uw accountantskantoor verhoogt. Daarbij wordt nooit aan de gewoontes en procedures van uw cliënten gesleuteld. Zij blijven werken zoals ze dat altijd deden. Nieuw: e-gids De transitie naar een digitaal kantoor lijkt een hachelijk avontuur? Misschien niet helemaal. Dankzij Unified by Invoicing is dat alleszins niet zo. Wist u trouwens dat er een gids bestaat die u helpt het kantoor digitaal startklaar te krijgen? U kunt het boekje downloaden op www2.unifiedpost.com/e-gids.

4

IAB maakt opmerkingen bij ontwerp kwaliteitsnormen Het Instituut van de Accountants en de Belastingconsulenten (IAB) – binnenkort wordt dit het Institute for Tax Advisors and Accountants (ITAA) – heeft op 1 juli 2019 zijn opmerkingen overgemaakt aan de International Auditing and Assurance Standards Board (IAASB) van de International Federation of Accountants (IFAC). In december 2018 had de IAASB de voorstellen tot herziening goedgekeurd van de bestaande kwaliteitsnormen, zijnde de International Standard on Quality Control 1 (ISQC 1) en ISA 220 (Quality Control for an Audit of Financial Statements). Er werden vier documenten door de IAASB in openbare raadpleging gelegd: · Overall Explanatory Memorandum; · ontwerp van International Standard on Quality Management 1 (ISQM 1) dat ISQC 1 zal vervangen; · ontwerp van herziene versie van ISA 220; · ontwerp van International Standard on Quality Management 2 (ISQM 2) dat zowel elementen van de bestaande ISQC 1 als van de huidige ISA 220 bevat en samenvoegt tot een geheel. Op de blog van het IAB blog.be.accountants, vindt u de opmerkingen van het IAB terug.


Stéphane De Bremaeker

ONTWERP (FOD ECONOMIE)

ADVIES RAAD ITAA EN HREB

ANALYSE EN AFRONDING (FOD ECONOMIE)

ADVIES RVS

ADVIES GBA

MINISTERIËLE GOEDKEURING EN PUBLICATIE IN BELGISCH STAATSBLAD

INWERKINGTREDING!

● al gebeurd ● moet nog gebeuren

Hoever staat het met de ITAA-wetgeving? De wet van 17 maart 2019 betreffende de beroepen van accountant en belastingadviseur voorziet in een nieuwe titel die de leden van het Institute for Tax Advisors and Accountants (ITAA) zullen mogen voeren. Alleen is het onduidelijk of de huidige leden die titel al mogen voeren in hun communicatie. Zowel het IAB als het BIBF ontvangen vaak vragen met betrekking tot het gebruik van de titels 'gecertificeerd (fiscaal) accountant'. De wet brengt de artikelen 127 tot 129 sinds 1 juni 2019 in werking. Alle andere bepalingen moeten worden bepaald door de Koning aan de hand van koninklijke besluiten. Ondanks dit gegeven heeft de eerste ITAA-Raad beslist alle activiteiten die losstaan van KB's, al gemeenschappelijk te laten verlopen. Redactie en adviesaanvraag Voor de zomer heeft de administratie van de FOD Economie de laatste hand gelegd aan de verschillende KB's, meer specifiek het KB met betrekking tot de stage en het KB met betrekking tot het huishoudelijk reglement, het openbaar register, de verzekeringen en de procedures. Het KB met betrekking tot de aanvullende regels inzake de deontologie wordt nog geschreven. Hoewel de wet van 17 maart 2019 voorziet dat de Raad van het ITAA tot drie maanden na de adviesaanvraag zijn advies kan geven over de KB's, is de Raad erin geslaagd om dat voor het einde van de zomer – op enkele weken tijd – af te ronden.

moeten de ontwerpen van beide KB's ook voor advies aan de Hoge Raad voor de Economische Beroepen worden voorgelegd. Pas nadat het ITAA en de HREB hun advies hebben gegeven, worden deze ontwerpbesluiten gefinaliseerd door de ministers bevoegd voor Economie en voor Kmo's en Middenstand. Deze definitieve versies worden vervolgens voorgelegd aan de Gegevensbeschermingsautoriteit en de Raad van State. Beide hebben een specifieke termijn om hun advies te geven, waarna de KB's kunnen worden gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad en uiteindelijk in werking zullen treden. De te volgen stappen worden visueel weergegeven in het bovenstaande schema. U ziet het, de juridische teksten hebben nog een hele weg af te leggen alvorens de wetgeving kan worden uitgevoerd, maar wij houden de moed erin en zijn optimistisch gestemd. Er wordt naar gestreefd om eind 2019, begin 2020 alles definitief van start te laten gaan. Dat is namelijk juist wat de leden verlangen en daar werken en zorgen uw verkozen raadsleden hard voor. Het ziet er dus sterk naar uit dat de volgende algemene vergadering wel degelijk een ITAA-organisatie wordt.

Welke weg daarna? Nu de ITAA-Raad zijn advies heeft bezorgd aan de kabinetten, Accountancy&Tax – nr. 3 / 2019

5


IAB-tools

eStox: het aandelenregister gaat digitaal

Discussies over aandeelhouders en zoektochten naar verloren gewaande papieren aandelenregisters behoren binnenkort tot het verleden. De Federatie van het Notariaat (Fednot) en het Instituut van de Accountants en de Belastingconsulenten (IAB)1 bundelden hun krachten en lanceerden begin mei eStox, het elektronisch aandelenregister. De correcte registratie van alle gegevens over de aandeelhouders ligt voortaan in handen van de notaris ĂŠn van de accountant-belastingadviseur. Belang van een elektronisch effectenregister Het huidige aandelenregister is doorgaans een log boek dat handmatig moet worden ingevuld bij elke wijziging in het aandeelhouderschap van de vennootschap. Vaak raakt het zoek, blijkt het niet up-to-date te zijn of wordt het gemanipuleerd waardoor het voer wordt voor eindeloze discussies en zelfs kan leiden tot gerechtelijke procedures. Nochtans is het aandelenregister een belangrijk instrument voor de goede werking van de onderneming. Het vermeldt alle aandeelhouders en hun participatie in het bedrijf, hoe en wanneer ze de effecten hebben verkregen enzovoort. Bovendien is het een onontbeerlijk document bij het samenroepen van de algemene vergadering, bij een statutenwijziging, bij een vereffening of bij een wijziging in het kapitaal van de onderneming. Ook voor derden, zoals banken, (potentiĂŤle) investeerders of leveranciers, is het aandelenregister een bron van cruciale informatie. Het elektronisch aandelenregister biedt een antwoord op de bestaande bekommernissen. Voortaan kunnen ondernemers terecht bij hun accountant-belastingadviseur of notaris om gegevens over de aandeelhouders elektronisch te laten

6

registreren in de digitale tool eStox. Het elektronisch effectenregister laat toe om naast het aandelenregister ook alle andere effecten uitgegeven door de onderneming te registreren. "Het was onze opzet om met de huidige technologische middelen tegemoet te komen aan de eisen van het moderne ondernemersklimaat", licht Bart Van Coile, voorzitter van het IAB, toe. Nood aan vereenvoudiging en meer betrouwbaarheid Het digitaal registreren van de gegevens over de aandeelhouders leidt automatisch tot meer rechtszekerheid. De gegevens kunnen niet gemanipuleerd worden en niet meer verloren gaan. De tussenkomst van de accountant-belastingadviseur en de notaris verhoogt bovendien de betrouwbaarheid van de gegevens. Accountants-belastingadviseurs en notarissen kunnen de gegevens over de aandeelhouders registreren bij de oprichting van een vennootschap, bij een statutenwijziging of bij een overdracht van aandelen. Discussies over wie precies effectenhouder is, sinds wanneer en of zijn effecten op een rechtmatige manier werden verkregen, worden zo vermeden.


eStox

"Het digitaal registreren van de gegevens over de aandeelhouders leidt automatisch tot meer rechtszekerheid. De gegevens kunnen niet gemanipuleerd worden en niet meer verloren gaan" ©iStockphoto/ipopba

Daarbij komt dat de administratieve rompslomp tot een minimum herleid kan worden, voor bestuurders van bedrijven en op termijn ook voor kredietverstrekkers en andere dienstverleners. Zij zullen, mits toestemming van de onderneming, makkelijker en sneller toegang kunnen hebben tot het aandelenregister van een onderneming. Het elektronisch aandelenregister en het nieuwe WVV Het nieuwe vennootschapsrecht, dat sinds 1 mei 2019 in voege is getreden met de publicatie van het nieuwe Wetboek van vennootschappen en verenigingen (WVV), brengt een aantal wijzigingen en nieuwe verplichtingen met zich mee. Ten laatste op 30 september 2019 moeten ondernemingen hun statuten aanpassen aan de nieuwe wetgeving. "Het is belangrijk dat ondernemingen hun aandeelhouders hiervoor tijdig kunnen opsporen en bijeenroepen", verduidelijkt Jan Sap, directeur-generaal bij Fednot. Aangezien het elektronisch aandelenregister een volledig en gedetailleerd overzicht biedt van alle aandeelhouders, wordt het samenroepen van de algemene vergadering aanzienlijk vereenvoudigd. In de nieuwe wetgeving wordt afgestapt van het principe 'één aandeel, één stem'. Voortaan is het mogelijk om aandelen te specificeren naar meervoudig stemrecht (zowel BV's als NV's kunnen die uitgeven), aandelen zonder stemrecht, aandelen met een al dan niet preferent dividend en aandelen die slechts onder bepaalde voorwaarden stemrecht geven. Het aandelenregister moet vermelden hoeveel stemmen elke aandeelhouder heeft en welke winstrechten of rechten op het vereffeningssaldo er aan zijn aandelen zijn gekoppeld. Een juiste registratie van de rechten die aan de aandelen zijn gekoppeld wordt dus onontbeerlijk. De meldingsplicht aan de overheid wordt aanzienlijk uitgebreid. Er moeten alsmaar meer gegevens over aandeelhouders Accountancy&Tax – nr. 3 / 2019

worden gedeeld met de overheid. Het elektronisch aandelenregister zal het doorgeven van deze informatie eenvoudiger maken en garandeert de betrouwbaarheid van de verstrekte gegevens. Automatische link tussen eStox en het UBO-register Ook in het kader van de nieuwe UBO-verplichtingen, die door Europa werden opgelegd om het witwassen tegen te gaan, is het elektronisch effectenregister een bruikbaar instrument. Tegen 30 september 2019 moeten alle ondernemingen aan de FOD Financiën melden welke aandeelhouders meer dan 25 % van de aandelen in handen hebben. Ondernemingen kunnen ervoor opteren om deze informatie over de 'uiteindelijk begunstigden' automatisch door te sturen vanuit eStox naar de overheid. Vennootschappen die hun aandelenregister elektronisch beheren in eStox, zullen inzake de UBO-verplichtingen drie opties hebben: · Geen integratie met het UBO-register. De vennootschap staat zelf in voor een correcte en tijdige manuele registratie in het UBO-register, alsook voor de jaarlijke actualisatie. · Integratie met manuele review. De wettelijk vereiste gegevens die zullen worden doorgestuurd naar het UBO-register kunnen voorafgaandelijk gecontroleerd en desgewenst aangepast worden. · Volledig automatische integratie. De wettelijk vereiste gegevens worden automatisch en zonder manuele tussenkomst doorgestuurd naar het UBO-register. De UBO-gegevens moeten jaarlijks gecontroleerd en bevestigd worden en indien nodig worden bijgewerkt en geactualiseerd. Tegen volgend jaar is eStox ook hierop voorzien.

7


IAB-tools

©iStockphoto/shapecharge

De link tussen het UBO-register van de FOD Financiën en het elektronisch aandelenregister van de onderneming betekent een opmerkelijke vereenvoudiging voor de bestuurders van de onderneming. Bij een niet-correcte naleving van de UBOverplichtingen zijn het immers de bestuurders zelf die aansprakelijk worden gesteld. De opdracht van de accountant-belastingadviseur en de notaris De notaris en de accountant-belastingadviseur hebben de taak erop toe te zien dat de gegevens correct worden geregistreerd. De opdracht van de accountant-belastingadviseur en de notaris is dezelfde voor elke handeling die dient te gebeuren in eStox. Stel dat een BV wordt opgericht bij de notaris. De notaris kan onmiddellijk een aandelenregister opmaken, maar de ondernemer kan hiervoor ook terecht bij zijn accountantbelastingadviseur. Zowel de notaris als de accountant-belastingadviseur is volledig bevoegd voor elke transactie inzake het aandelenregister, bijvoorbeeld bij aankoop, verkoop of schenking van de aandelen. Het is daarbij van belang dat de notaris en de accountant-belastingadviseur dit in onderling overleg doen.

viseurs en notarissen. Op termijn zullen ook bestuurders en aandeelhouders rechtstreeks toegang krijgen tot het elektronisch aandelenregister. De ondernemer zal er alle notariële akten van zijn vennootschap, bijvoorbeeld inzake de oprichting of een statutenwijziging, kunnen raadplegen. In een eerste fase zullen enkel accountants-belastingadviseurs en notarissen gegevens kunnen registreren. In een tweede fase zal de ondernemer zelf gegevens kunnen toevoegen aan het aandelenregister, met een zichtbare melding wanneer de accountant-belastingadviseur of de notaris de gegevens heeft geverifieerd. Op die manier wordt een veel grotere zekerheid gegeven door de accountant-belastingadviseur van deze ingevulde gegevens. Het ITAA voorziet in de nabije toekomst opleidingen via webinars om u verder in te lichten over het elektronisch aandelenregister. Het gebruik van eStox biedt vele voordelen. We hopen dan ook op uw medewerking om deze voordelen van het elektronisch aandelenregister toe te lichten bij uw cliënten. Evi Plettinckx 1

De lancering gebeurde voor de inwerkingtreding van de wet van 17 maart 2019. Alle huidige IAB-leden hebben al toegang tot de tool. Het ITAA zal de

Implementatie van eStox gebeurt stapsgewijs eStox is al beschikbaar voor alle accountants-belastingad-

8

tool verder ter beschikking stellen van álle ITAA-leden, dus ook de huidige BIBF-leden.


eStox

"Zowel de notaris als de accountant-belastingadviseur is volledig bevoegd voor elke transactie inzake het aandelenregister, bijvoorbeeld bij aankoop, verkoop of schenking van de aandelen"

Een vennootschap toevoegen en aandelen registreren? Dat doet u in eStox in enkele eenvoudige stappen. Toevoegen van een vennootschap Stap 1: de gegevens van de vennootschap ophalen uit de KBO Aan de hand van het ondernemingsnummer of de vennootschapsnaam kunt u de gegevens van de vennootschap die u wilt toevoegen makkelijk terugvinden en hoeft u ze niet zelf in te vullen. Stap 2: contactpersoon toevoegen Als u dat wenst, kunt u een contactpersoon voor de vennootschap toevoegen. Dat is de persoon met wie u in de onderneming communiceert in verband met het aandelenregister. Stap 3: de aandelen creëren Op basis van het in de KBO geregistreerde kapitaal van de vennootschap berekent eStox automatisch de waarde per aandeel. Hier kan ook een onderscheid worden gemaakt in het soort van aandeel (stemrecht per aandeel, toegang tot de AV, al dan niet winstdeelname enzovoort) en kunnen beperkingen worden opgelegd in de overdracht van de aandelen. Stap 4: toevoegen van bewijsstukken Eventueel kunnen bewijsstukken, zoals de oprichtingsakte van de vennootschap, worden bijgevoegd. Aandelen registreren Stap 1: het pakket in te schrijven aandelen aanmaken Geef het aantal aandelen en desgevallend de soort van aandelen aan die u wilt uitgeven. Volgnummers worden automatisch door eStox toegekend. Stap 2: het pakket aandelen toewijzen aan een effectenhouder Zowel natuurlijke personen als vennootschappen kunnen als aandeelhouder worden toegevoegd. Het is ook mogelijk eenzelfde pakket aandelen toe te wijzen aan meerdere aandeelhouders. Stap 3: toevoegen van bewijsstukken Eventueel kunnen bewijsstukken worden bijgevoegd, zoals

Accountancy&Tax – nr. 3 / 2019

een scan van het papieren aandelenregister dat als basis werd gebruikt bij aanmaak van het elektronisch aandelenregister. Stap 4: de inschrijving bevestigen Na het bewaren van de inschrijving kunt u de lijst van uitgevoerde verrichtingen en verrichtingen in afwachting raadplegen. Verrichtingen in eStox eStox stelt u in staat om een heel aantal verrichtingen uit te voeren in het aandelenregister en dit voor alle effecten van de vennootschap zoals obligaties, warrants en winstbewijzen: · inschrijven van aandelen; · registreren van een kapitaalstorting; · overdragen van aandelen tussen aandeelhouders; · aangeven indien een pakket aandelen in beslag is genomen, in pand of in sekwestratie is gegeven en/of het opheffen ervan; · wijzigen van het stemrecht op een pakket aandelen: deactiveren van het stemrecht, het aantal stemmen per aandeel verhogen of verlagen, stemrecht overdragen op een andere aandeelhouder; · wijzigen van de soort van aandelen; · nietig verklaren van aandelen; · vernietiging van aandelen; · omzetten van aandelen op naam naar gedematerialiseerde aandelen of andersom; · de lidmaatschapsrechten van een pakket aandelen wijzigen; · kapitaalverhoging met uitgifte van nieuwe aandelen; · kapitaalverhoging door incorporatie; · reële/formele kapitaalvermindering; · kapitaalaflossing aan de aandeelhouders; · gelijkschakeling van de aandelen; · uitkering van dividenden; · samenvoegen of splitsen van aandelen; · ingeven, wijzigen of verwijderen van overdrachtsbeperkingen.

9


REEKS

HANDBOEK BOEKHOUDEN Deze reeks o.l.v em. prof. dr. Erik De Lembre is het meest volledige standaardwerk over de Belgische en internationale boekhoudpraktijk.

NIEUWE DERDE EDITIE - VOLLEDIG AANGEPAST AAN HET NIEUWE WVV

HANDBOEK BOEKHOUDEN BELGISCH BOEKHOUDRECHT Erik De Lembre, Marleen Mannekens en Liesbet Van de Velde

Deze derde editie omvat een gedetailleerde beschrijving van de regelgeving inzake boekhouden en financiële rapportering conform het Belgische boekhoudkundige referentiestelsel (inclusief de adviezen van de Commissie voor Boekhoudkundige Normen). Het boek legt het ‘wettelijk’ kader uit van waaruit in België de jaarrekeningen van ondernemingen en verenigingen en stichtingen ontstaan.

NIEUWE EDITIES IN DEZE REEKS DUBBEL BOEKHOUDEN Vijfde editie

Erik De Lembre, Patricia Everaert en Jan Verhoeye ISBN 978-94-000-1030-7 > VERWACHT IN 2020

VENNOOTSCHAPSBOEKHOUDEN Vijfde editie

Erik De Lembre, Patricia Everaert en Jan Verhoeye ISBN 978-94-000-1092-5 > VERWACHT IN 2020

Bij aankoop van de volledige reeks Handboek Boekhouden, bieden wij u 10% korting aan op de totaalprijs.

Bestel online op www.intersentia.be mail@intersentia.be | +32 (0)3 680 15 50


Gerechtelijk recht

Bijstand belastingplichtige in fiscale zaken

De belastingplichtige kan een beroep doen op zijn accountant om zich voor de belastingrechter te verdedigen Niet iedereen is hiervan op de hoogte, maar een belastingplichtige kan zich al sinds 1999 laten bijstaan door een accountant in gerechtelijke betwistingen. Die mogelijkheid komt voort uit het recht van de belastingplichtige op vrije keuze van zijn raadslieden voor de belastingrechter en uit het recht op procedurele gelijkheid met de fiscale administratie. Op 6 april 1999 trad artikel 728, § 2bis van het Gerechtelijk Wetboek in werking. Dankzij die bepaling kan de belastingplichtige een beroep doen op zijn accountant om tussen te komen bij zijn verdediging in rechte in een geschil over de toepassing van de belastingwet.1 Het is bekend dat de staat zich bij dergelijke rechtsgedingen kan laten vertegenwoordigen door een ambtenaar van de fiscale administratie.2 De fiscale administratie heeft dus de mogelijkheid om zijn vorderingen voor de belastingrechter te verdedigen door tussenkomst van de ambtenaar die het dossier van de betwiste belastingheffing heeft opgevolgd. Daarom was de wetgever van oordeel dat ook de belastingplichtige zich moet kunnen verdedigen door een beroep te doen op de persoon die hem tijdens de aangifte en/of de administratieve fase van het geschil heeft bijgestaan of vertegenwoordigd. Als de belastingplichtige niet de mogelijkheid zou hebben om voor de belastingrechter een beroep te doen op een raadsman die het dossier heeft opgevolgd vóór de gerechtelijke fase, zou die benadeeld worden ten opzichte van de fiscale administratie, die wel die mogelijkheid heeft. Volgens de wetgever zou die ongelijke behandeling in strijd zijn met het recht van de belastingplichtige op een eerlijk proces, zoals bepaald in artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.3 Volgens de bepalingen van de wettekst moet de accountant die voor de belastingplichtige optreedt voor de belastingrechter diegene zijn "die zich gewoonlijk bezighoudt met de boekhouding van de belastingplichtige of die heeft meegewerkt aan het opstellen van de betwiste belastingaangifte of die de belastingplichtige heeft bijgestaan in de administratieve Accountancy&Tax – nr. 3 / 2019

bezwaarprocedure".4 Het werkgebied van de accountant Volgens de bepalingen van artikel 728, § 2bis van het Gerechtelijk Wetboek heeft de tussenkomst van de accountant betrekking "op feiten of op rechtsvragen in verband met de toepassing van het boekhoudrecht". Gezien de invloed van feiten en boekhoudkundige posten op de belastingheffing is de tussenkomst van de accountant zeker van belang bij een fiscaal geschil. Het feit dat de wetgever de tussenkomst van de accountant bij belastingzaken heeft uitgesloten, doet ons vragen stellen over het naleven van de rechten van verdediging van de belastingplichtige. Overeenkomstig artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens heeft de rechtzoekende het recht om de bijstand te hebben van een raadsman naar zijn keuze.5 Van dit recht kan volgens het Europees Hof voor de Rechten van de Mens6 enkel afgeweken worden indien relevante en voldoende redenen worden aangehaald in het belang van de rechtspraak. Het is onduidelijk om welke redenen het voor de belastingplichtige, die ervoor kiest om zich te verdedigen voor de belastingrechter door een beroep te doen op zijn vertrouwde advocaat die niet steeds fiscalist is, verboden zou zijn om daarnaast ook aan zijn accountant te vragen om hem persoonlijk te verdedigen in fiscale zaken.7 Als de staat bovendien in rechte vertegenwoordigd wordt door de ambtenaar die het dossier heeft behandeld tijdens de belastingheffing of het bezwaarschrift, wordt door de proce-

11


Gerechtelijk recht

Bijstand belastingplichtige in fiscale zaken

©iStockphoto/Avosb

durele gelijkheid uit artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens vereist dat de accountant die tegenover die ambtenaar heeft gestaan tijdens de fasen vóór het rechtsgeding, ook inspraak heeft in de louter fiscale kwesties.

plichtige in de procedure verstek laat gaan.

De procedurele vorm van de tussenkomst De tussenkomst neemt de vorm aan van een argumentatie8 die schriftelijk en/of mondeling tijdens de hoorzitting kan worden gevoerd.9 De accountant beschikt niet over het recht om de belastingplichtige te vertegenwoordigen. De schriftelijke argumentatie van de accountant vormt dus een aanvulling op de conclusies die worden ondertekend door de belastingplichtige of door zijn advocaat. Het is raadzaam om die argumentatie tegelijk met die conclusies in te dienen en te uiten. De conclusies moeten een formeel verzoekschrift bevatten van de belastingplichtige tot de rechtbank om de toestemming te krijgen tot schriftelijke of mondelinge tussenkomst van zijn accountant. De rechter oordeelt namelijk over het beroep op een accountant.10 Bij de conclusies die ook het verzoekschrift tot de rechtbank bevatten, kan de schriftelijke argumentatie van de accountant worden gevoegd die aan de rechtbank wordt voorgelegd. De wetgever wilde het pleitmonopolie van de advocatuur niet doorbreken.11 Dat betekent dat de cliënt of zijn advocaat tijdens de hoorzitting ook het woord moet voeren ter verdediging van de zaak, naast de tussenkomst van de accountant, door de rechter op verzoek van de belastingplichtige goedgekeurd, in de conclusies. Indien enkel de accountant aanwezig is tijdens de hoorzitting wordt aangenomen dat de belasting-

1

12

Charles Bayart Hoofd van de juridische dienst van het IAB12 Zie LASSAUX, R. Artikel 728, §2bis Ger. W.: Meer dan een mooi theoretisch principe, Accountancy & Tax 2000/1, p. 10. 2 3

Artikel 379 WIB 92 en artikel 90 W.Btw. Senaat, Zitting 1998-99, Wetsontwerp betreffende de rechterlijke inrichting in fiscale zaken, Amendement nr. 14, 967/6 en Amendement nr. 38, 967/12, p. 2.

4 5

Artikel 728, § 2bis, lid 2 van het Gerechtelijk Wetboek. Artikel 6.3, c) EVRM, een van de specifieke aspecten van het recht op een eerlijk proces dat algemeen wordt bepaald in artikel 6.1 EVRM (zie in het bijzonder Europees Hof voor de Rechten van de Mens, 18 maart 1997, 22209/93, Foucher c. France, punt 30).

6

Europees Hof voor de Rechten van de Mens, 26 juli 2002, Meftah et autres c. France, punt 45.

7

Fiscale geschillen zijn niet wettelijk voorbehouden aan fiscale advocaten. Hoe kan het bovendien, vanuit het oogpunt van het beginsel van non-discriminatie, in die omstandigheden gerechtvaardigd worden om de belastingplichtige de mogelijkheid te ontnemen om een beroep te doen op zijn accountant of belastingadviseur om hem te verdedigen in belastingzaken?

8

Senaat, zitting 1998-99, Wetsontwerp betreffende de rechterlijke inrichting in fiscale zaken, Amendement nr. 14, 967/6, p. 2.

9

Artikel 728, § 2bis van het Gerechtelijk Wetboek.

10 Artikel 728, § 2bis van het Gerechtelijk Wetboek. 11

Artikelen 440 en 728, § 1 van het Gerechtelijk Wetboek; Senaat, Zitting 1998-99, Wetsontwerp betreffende de rechterlijke inrichting in fiscale zaken, Amendement nr. 34, 967/9 p. 2.

12 De auteur schrijft in eigen naam en verbindt het IAB niet.


DE gebruiksvriendelijkste software voor de berekening, optimalisatie en aangifte van belastingen.

Met Sofisk wordt een belastingaangifte zoveel gemakkelijker:

Auto Optimalisatie: talrijke hulpprogramma’s om de aangifte te optimaliseren en zo nog meer geld te besparen Auto Aangifte: met één druk op de knop stuurt Sofisk de aangifte door naar Biztax en Tax-on-web

Nog meer voordelen... Auto Dossier: de aangifte van vorige jaren onmiddellijk bij de hand Auto Update: wetswijzigingen en andere aanpassingen worden onmiddellijk doorgevoerd Calculator: handige hulpschermen om snel een berekening te maken Verschillende inputmogelijkheden: direct via codes, via het aangifteformulier of via diverse fiches Simulator: simuleer en bewaar een onbeperkt aantal varianten van een aangifte Klantvriendelijke printversie: beknopte of uitgebreide versie in vier talen Gratis helpdesk: inhoudelijke of technische vragen, onze helpdesk is er voor u

Sofisk PLUS

€ 995,00

Larcier en Indicator zijn merken van Lefebvre Sarrut Belgium nv, Hoogstraat 139 - Bus 6, 1000 Brussel, Btw BE 0436.181.878, RPR Brussel.

Auto Controle: alle controles van de FOD Financiën gebeuren automatisch

demoversie te ontvangen, Voor meer inlichtingen of om een 0800 39 067 contacteer onze klantendienst op

www.sofisk.be VLSOFIPS-1909.ADV-IAB


Interview

"Wij mogen als accountant en belastingconsulent mee deel uitmaken van mensen hun levens en dromen" Na een diepgaande opleiding en een pittig examen bij het Instituut van de Accountants en de Belastingconsulenten mag je jezelf accountant en belastingconsulent noemen. Bijna 20 jaar geleden startte Inge Kerckhofs, na zeven jaar beroepservaring, met de opleiding. "De meerwaarde van het traject blijft voelbaar", zegt ze. Sinds anderhalf jaar is ze senior accountant en belastingconsulent bij SBB. Samen met de kantoordirecteur en drie andere senior accountants bepaalt ze de richting van het kantoor, begeleidt ze collega's in hun professionele groei én coacht ze klanten naar een beter en bewuster ondernemerschap. Inge Kerckhofs straalt een professioneel en vriendelijk enthousiasme uit als ze ons verwelkomt in het moderne kantoor in Boechout. "Het is een eer om geïnterviewd te worden voor Accountancy & Tax", zegt ze. "Ik vind het een mooie uitdaging om de kennis en werkethiek van collega's naar een hoger niveau te tillen en ik hoop van harte dat het delen van mijn ervaringen ook anderen inspireert." Inge startte haar carrière in 1993 in een klein boekhoudkantoor waar ze uiteindelijk 24 jaar werkte. Haar werkgever stimuleerde haar om de opleiding aan het Instituut te starten en daar is ze dankbaar voor. "Toen ik van school kwam, waren de linken tussen de verschillende domeinen – personenbelasting, btw, vennootschapsbelasting ... – niet zo duidelijk voor mij. De vorming die het Instituut aanbiedt, maakt deze linken zichtbaar en geeft je de diepgang en de inzichten waar je dagelijks mee aan de slag kunt. Ik merk wel dat de hogeschoolopleidingen intussen praktijkgerichter zijn en dat jongeren meer kennis van het geheel hebben wanneer ze beginnen te werken". Wat is de meerwaarde van (intern) lid te zijn van het Instituut? Inge Kerckhofs: "De meerwaarde is enorm. De titels van accountant en belastingconsulent openen veel deuren en dat was ook zeer voelbaar toen ik de stap zette om van werkplek te veranderen. Er is een merkbare appreciatie voor de expertise die ik meebracht en dat uit zich op verschillende manieren. Toen ik begon bij mijn huidige werkgever kreeg ik de tijd om

14

me in te werken. Ik was aanwezig op events, bezocht scholen en kon uitgebreid kennismaken met een andere kant van het accountant en belastingconsulent zijn. Hier vloeiden contacten uit voort en nu geef ik potentiële klanten, schoolverlaters en starters een inkijk in hoe wij als accountant en belastingconsulent van betekenis kunnen zijn. Dat heeft mijn eigen passie voor de job nog meer vergroot. U startte in een klein kantoor. Is er een groot verschil met hoe uw dagen nu worden ingevuld? Inge Kerckhofs: "Het is amper te vergelijken. In een klein kantoor en als extern lid doe je alles zelf, van a tot z. Het is van belang dat je aandacht hebt voor je eigen ondernemerschap. Naast het begeleiden van je klanten ben je immers verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van je eigen onderneming, hoe klein of hoe groot ze ook is. In het grote kantoor waar ik nu werk, krijg ik de kans om me meer toe te leggen op de adviesrol. Het boekhoudkundige van de dossiers wordt voorbereid door jongere collega's en het is mijn taak om hun bijstand te verlenen, uitleg te geven en op te leiden. Deze werkwijze geeft me ruimte om te focussen op de controle van de dossiers en diepgaandere besprekingen met de klanten te voeren. Er is tijd om opportuniteiten te bekijken en te bespreken en zo renderen contacten in beide richtingen. En dat niet alleen. De structuur van een groot kantoor geeft ook een bepaald comfort en een zekere rust. Er wordt veel expertise verzameld op een plek waar mensen met verschil-


Inge Kerckhofs

Accountancy&Tax – nr. 3 / 2019

15


Interview

"Ik ben een soort kwaliteitscoach voor de collega's. Vanuit mijn expertise en eigen ervaringen probeer ik iemand te zijn die jongere mensen kunnen vertrouwen en waarop ze kunnen bouwen"

lende interesses en kwaliteiten samenkomen. We leren van elkaar, delen onze kennis, stellen vragen en betrekken elkaar in het advies. We hebben hier onze eigen juridische adviseurs en successieplanners bijvoorbeeld. Als ik in een gesprek voel dat uitdieping op dat domein van toepassing is, kan ik de betreffende collega aanspreken. Zo zijn we in staat een excellente totaalservice te bieden die de langetermijnrelaties met de klanten ten goede komt." Hoe ziet een typische werkdag eruit voor u? Inge Kerckhofs: "Een typische werkdag bestaat eigenlijk niet. Mijn agenda is netjes ingedeeld; toch is het buiten de geplande afspraken vooral een houvast. Advies, begeleiding, klantenafspraken, facturatie, meetings, sturing van het kantoor ... De dagen zijn goed gevuld en vliegen voorbij. Ik werk dan misschien niet voor mijn eigen zaak, maar handel steeds alsof het over mijn eigen klanten gaat. Dat is voor mij de enige juiste mentaliteit. Mijn job bestaat verder uit twee belangrijke elementen. Enerzijds ben ik ondernemerscoach. De klanten waarmee ik in gesprek ga, daag ik uit om na te denken over hun dromen en de realiseerbaarheid ervan. Hoeveel heb je netto nodig elke maand? Hoeveel moet je factureren om ervan te kunnen leven? Welke kosten zijn er? Naast deze cijfervragen zijn de menselijke vragen van groot belang. Wat wil je bereiken als ondernemer? Hoe ziet je persoonlijke situatie eruit en hoe kan

16

je professionele situatie daarop aansluiten? Het gaat over mensen en net dat maakt de job boeiend en verrijkend. Anderzijds ben ik een soort kwaliteitscoach voor de collega's. Ik vind het heel belangrijk om tijd voor hen te maken en hen de nodige info te geven zodat ze professioneel kunnen groeien. Ik leer hen hoe ze correct moeten werken, hoe documenten eruit dienen te zien, welke vragen ze moeten stellen en hoe ze hun klantencontacten kunnen optimaliseren. Ik geef feedback en bewaak de kwaliteit. Ik heb die steun in het begin van mijn carrière veel minder gehad en vanuit mijn expertise en eigen ervaringen probeer ik iemand te zijn die jongere mensen kunnen vertrouwen en waarop ze kunnen bouwen." De voorbije jaren is er veel veranderd in het werkveld. De opkomst van digitalisering, wetten die verstrengd worden enzovoort. Hoe uit zich dat in uw werk? Inge Kerckhofs: "De opmars van de digitalisering zorgt er mee voor dat er tijd ontstaat om dossiers op te waarderen. Elke nieuwe klant leert werken met ons digitale klantenplatform sbbSLIM en dat is een evolutie die we met open armen ontvangen. Vroeger verhoogde onze werkdruk enorm in de periode van de aangiftes omdat de verwerking van de documenten die de klanten binnenbrachten veel aandacht vroeg. Nu laden ze die documenten zelf op en kan de verwerking ervan door ons meteen gebeuren waardoor die pieken wegvallen. De klanten kunnen ook cijfers en historieken raadplegen en rapporten aan


Inge Kerckhofs

de hand van dashboards zien. Dat creëert een grotere betrokkenheid waarop beide partijen kunnen inspelen. De digitalisering toont zich ook op andere vlakken: de uitrol van het UBOregister en de ingebruikneming van eStox zorgen voor een beter overzicht, voor de klanten én voor ons. In de toekomst zal deze manier van werken een nog grotere vanzelfsprekendheid worden en zal er een positieve verschuiving merkbaar zijn in onze job: ontwikkeling, advies en de verfijning van deze twee zullen de aandacht kunnen krijgen die ze verdienen. De verstrenging en uitbreiding van de antiwitwaswetgeving is iets helemaal anders. De risico-inschatting die we nu moeten doen, heeft een grote impact gehad op de manier van werken. Ook deze impact is positief te noemen. De screening in het begin van het klantencontact bijvoorbeeld vertelt ons zaken die onze beoordeling een stevige basis geven waardoor beide partijen minder snel voor verrassingen komen te staan. Ik kan wel begrijpen dat het voor kleine kantoren niet evident is om alle wetmatigheden te implementeren. Zij moeten dit zelf coördineren terwijl deze taken in een groter kantoor door specialisten ter zake worden uitgewerkt. De info die het IAB ter beschikking stelt op onder andere BeExcellent is daarom zeer waardevol voor de kleinere kantoren en externe leden." Waar kan het Instituut volgens u nog meer ondersteuning bieden? Inge Kerckhofs: "Een accountant of belastingconsulent is in Accountancy&Tax – nr. 3 / 2019

deze moderne tijd ook een ondernemerscoach. We hebben veel aandacht voor de mens achter de cijfers. Ik denk dat het interessant is om in de permanente vorming workshops te integreren rond deze menselijke factor. Hoe breng je moeilijk nieuws? Hoe bouw je een gesprek op? Hoe ga je om met collega's? Hoe geef je opbouwende feedback en hoe ga je om met feedback? Niet iedereen is hier van nature goed in terwijl het er wel bij hoort." Wat zijn volgens u de grootste uitdagingen voor de toekomst? Inge Kerckhofs: "De aankomende fusie tussen het IAB en het BIBF zal het landschap een stuk vereenvoudigen, de samenvoeging op zich is echter niet eenvoudig. Kwaliteit is en blijft steeds prioriteit en het is een boeiende, maar ook immense uitdaging om alles zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen. Daarnaast zou ik graag zien dat ons beroep als aantrekkelijker en toegankelijker wordt beschouwd dan nu soms het geval is. Ik ben een gepassioneerd accountant en belastingconsulent en ik doe elke dag mijn best om een positief imago te creëren rond ons beroep. Zoals al aangegeven gaat het niet alleen over cijfers, maar ook over mensen, hun levens en hun dromen. Wij mogen daar als accountant en belastingconsulent mee deel van uitmaken en dat mag best meer in de verf worden gezet." Nathalie De Jongh

17


IAB in beeld

18


Accountancy&Tax – nr. 3 / 2019

19


UNLOCK THE FUTURE

De online databank voor tax en accountancy

Professionele oplossingen voor fiscalisten en experts

 De snelste updates voor alle fiscale domeinen: onze auteurs verzamelen, becommentariëren en klasseren elke dag opnieuw alle nieuwigheden op het vlak van fiscaliteit.  Gespecialiseerde auteurs en redactieleden: ons team bestaat uit advocaten, fiscaal adviseurs, belastingconsulenten, accountants en academici die samen alle specialiteiten van het fiscaal recht dekken.  (On)uitgegeven rechtspraak, wekelijkse analyses over evoluties op fiscaal vlak, gidsen die u toelaten om u te verdiepen in de fiscaliteit, thematische documentatie opgesteld door experts en zo veel meer.  Diverse professioneel opgestelde modellen, rekentools en cijfers.  Krachtige en gebruiksvriendelijke zoekmotor, inclusief de mogelijkheid om te zoeken via de aangiftes en de tijdlijn in de wetgeving, zodat u verschillende versies kunt vergelijken.  Deelname aan professionele seminaries gegeven door docenten uit de praktijk.

Wilt u meer informatie of een gratis demonstratie? Stuur dan een e-mail naar info@taxwin.be of bel naar 0800 39 067.

VLTXEBPS-1906.ADV-IAB

www.taxwin.be

* Larcier en Indicator zijn merken van Lefebvre Sarrut Belgium nv, Hoogstraat 139 - Bus 6, 1000 Brussel, Btw BE 0436.181.878, RPR Brussel.

De meest uitgebreide, tweetalige databank voor tax en accountancy. TaxWin Expert verzamelt meer dan 80.000 documenten uit alle fiscale materies.


Vennootschapsrecht

Welke veranderingen?

Nieuw vennootschapsrecht: wat verandert er wanneer voor wie? Bij wet van 23 maart werd het nieuwe Wetboek van vennootschappen en verenigingen (afgekort WVV) ingevoerd, dat in de plaats treedt van onder meer het bestaande Wetboek van vennootschappen en de wet van 27 juni 1921 betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk, de stichtingen en de Europese politieke partijen en stichtingen.1 In deze bijdrage willen we inzoomen op de praktische gevolgen van de inwerkingtreding van het WVV op nieuwe en bestaande vennootschappen. Wat verandert er wanneer voor wie? Welke stappen moeten/kunnen zij ondernemen en welke opportuniteiten biedt een eventuele vroegtijdige aanpassing van de statuten? 1 mei 2019: inwerkingtreding WVV2 1. Nieuwe vennootschappen onmiddellijk onderworpen aan WVV Het WVV trad in werking op 1 mei 2019. De statuten van alle vennootschappen die vanaf die datum werden opgericht, moeten van bij de oprichting in overeenstemming zijn met de bepalingen van het WVV. Zoals hieronder beschreven is een overgangsregeling uitgewerkt voor de vennootschappen3 die al bestonden op 1 mei 2019 (binnen het bestek van deze bijdrage 'bestaande vennootschappen' genoemd). Dit zijn vennootschappen waarvan de oprichtingsakte vóór 1 mei 2019 werd neergelegd op de griffie van de bevoegde ondernemingsrechtbank.4 2. Aantal vennootschapsvormen wordt afgeschaft Met ingang van 1 mei 2019 kunnen vennootschappen niet meer worden opgericht in een van de afgeschafte rechtsvormen, m.n.:5 · commanditaire vennootschap op aandelen; · vennootschap met sociaal oogmerk; · landbouwvennootschap; · economisch samenwerkingsverband; · coöperatieve vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid; of · coöperatieve vennootschap (met beperkte aansprakelijkheid) die niet aan de definitie van een coöperatieve vennootschap in artikel 6:1 van het WVV beantwoordt.6

Accountancy&Tax – nr. 3 / 2019

3. Statutaire zetelleer7 onmiddellijk van toepassing op bestaande vennootschappen Het WVV wijzigt ook de regels om te bepalen welke 'nationaliteit' een vennootschap heeft. Dit bepaalt het vennootschapsrecht dat op een vennootschap van toepassing is. Tot voor kort maakte België toepassing van de 'werkelijke zetelleer', die bepaalt dat het vennootschapsrecht dat van toepassing is op een vennootschap, het vennootschapsrecht is van de staat waar de werkelijke zetel, i.e. de 'plaats van de voornaamste vestiging',8 van die vennootschap gelegen is. Dit wordt op haar beurt bepaald door waar haar centrale leiding is gevestigd. Door de band genomen wordt dit geïnterpreteerd als de plaats waar de vennootschapsorganen (algemene vergaderingen, raden van bestuur) samenkomen en hun beslissingen nemen. Met andere woorden, wanneer de werkelijke zetel van een vennootschap in België kon worden gesitueerd, was het Belgische vennootschapsrecht van toepassing op deze vennootschap. Met ingang van 1 mei 2019 is, ongeacht waar de werkelijke zetel zich bevindt, het Belgische vennootschapsrecht (het WVV dus) van toepassing op vennootschappen die hun statutaire zetel in België hebben.9 Deze loutere keuze van de oprichters/ aandeelhouders van een vennootschap om de statutaire zetel in België te lokaliseren volstaat hierbij, zonder dat er een andere aanknopingsfactor is vereist (bijvoorbeeld vergaderingen van vennootschapsorganen in België organiseren, personeel tewerkstellen in België of er een vestigingseenheid hebben). Omgekeerd zal het plaatsen van haar statutaire zetel buiten

21


Vennootschapsrecht

©iStockphoto/Cecilie_Arcurs

België er dus toe leiden dat een vennootschap niet langer wordt beheerst door het Belgische vennootschapsrecht. Let wel: op fiscaal vlak en op het vlak van het toepasselijke insolventierecht blijft de werkelijke zetelleer onveranderd van toepassing. Wanneer een vennootschap met werkelijke zetel in België nu, na 1 mei 2019, haar statutaire zetel in Panama plaatst, wil dit dus niet zeggen dat het Panamese fiscale recht en insolventierecht op haar van toepassing zullen zijn. Indien de werkelijke zetel in België blijft, zullen het Belgische fiscale recht en het insolventierecht van toepassing blijven op deze vennootschap. Wij vestigen voorts de aandacht op de situatie van de vennootschappen die vandaag een 'dubbele nationaliteit' hebben, zoals de Nederlandse B.V.'s die een grensoverschrijdende zetelverplaatsing naar België hebben gedaan. Door de combinatie van de Nederlandse incorporatieleer (waarbij de vennootschap onderworpen blijft aan het recht van het land waar zij werd opgericht) en de Belgische werkelijke zetelleer, zijn deze vennootschappen tot op vandaag onderhevig aan zowel het Nederlandse als het Belgische vennootschapsrecht. Bovendien zijn deze vennootschappen krachtens het Nederlandse vennootschapsrecht verplicht hun statutaire zetel op een plaats in Nederland te vestigen, zodat zij vandaag hun statutaire zetel in Nederland hebben. Hieruit volgt dus dat deze vennootschappen sinds de invoering van het WVV en de Belgische statutaire zetelleer op 1 mei 2019 niet langer onderhevig zijn aan het Belgische vennootschapsrecht. Het is momenteel onduidelijk hoe dit (o.i. ongewenste) gevolg in de praktijk moet worden uitgewerkt.

22

4. Vernieuwde geschillenregeling onmiddellijk van toepassing op bestaande vennootschappen Het WVV heeft ook een aantal vernieuwingen/verduidelijkingen aangebracht in de zogeheten geschillenregeling.10 Dit is de vennootschapsrechtelijke echtscheidingsprocedure op basis waarvan een aandeelhouder van een NV of een BV(BA) bij aanwezigheid van 'gegronde redenen' (i) kan worden verplicht zijn aandelen te verkopen aan een of meer collega-aandeelhouders (uitsluiting), dan wel (ii) door die collega-aandeelhouder(s) kan worden verplicht diens aandelenpakket over te nemen (uittreding). De belangrijkste wijzigingen ten aanzien van de huidige procedure van het oude Wetboek van vennootschappen11 zijn: · uitbreiding van het aantal vorderingsgerechtigden (niet enkel eigenaars, maar bijvoorbeeld ook vruchtgebruikers van effecten); · voortaan van toepassing op alle door de vennootschap uitgegeven effecten (dus ook winstbewijzen, warrants/inschrijvingsrechten, opties); · de vennootschap wordt een volwaardige procespartij; · verduidelijking verhouding geschillenregeling-contractuele bedingen (bijvoorbeeld rechter gehouden tot prijsformule uit aandeelhoudersovereenkomst voor zover die uitdrukkelijk van toepassing wordt verklaard op de geschillenregeling en niet tot kennelijk onredelijke prijs leidt); · bezitsdrempels om toegang te krijgen tot de procedure worden aangepast (bijvoorbeeld 30 % van de winstrechten, bij NV geen drempel meer, procedures toegankelijk voor


Welke veranderingen?

"De wetgever heeft voorzien in een uitgebreide overgangsregeling voor de bestaande vennootschappen. Op deze vennootschappen is het WVV voor het eerst van toepassing op 1 januari 2020"

·

·

iedere aandeelhouder); voorzitter van ondernemingsrechtbank wordt bevoegd voor alle samenhangende geschillen (bijvoorbeeld ook discussie over rekeningen-courant, zekerheden van aandeelhouders, concurrentiebedingen); duidelijkheid omtrent 'peildatum' (voortaan de waarde van de effecten bepalen op tijdstip waarop overdracht wordt bevolen, tenzij dit leidt tot een kennelijk onredelijk resultaat).

Deze vernieuwingen/verduidelijkingen zijn onmiddellijk van toepassing op geschillen die werden ingeleid op of na 1 mei 2019. Alle voordien ingeleide vorderingen worden beheerst door de geschillenregeling van het oude Wetboek van vennootschappen. 5. Overgangsregeling voor bestaande vennootschappen – 'opt-in' mogelijk De wetgever heeft voorzien in een uitgebreide overgangsregeling voor de bestaande vennootschappen. Op deze vennootschappen is het WVV voor het eerst van toepassing op 1 januari 2020 (zie verder). Dit betekent dat er in principe op 1 mei 2019 voor bestaande vennootschappen niets is veranderd: zij blijven in de periode tussen 1 mei en 1 januari 2020 ten volle onderworpen aan alle bepalingen van het oude Wetboek van vennootschappen, uiteraard met uitzondering van de statutaire zetelleer en de nieuwe geschillenregeling, die ook per 1 mei 2019 onmiddellijk van toepassing is geworden op bestaande vennootschappen.12 Accountancy&Tax – nr. 3 / 2019

De bestaande vennootschappen hebben wel de mogelijkheid zich vrijwillig te onderwerpen aan het WVV, door een statutenwijziging door te voeren waarbij de statuten van de bestaande vennootschap in overeenstemming worden gebracht met de bepalingen van het WVV (de zogeheten 'opt-in'). In dit laatste geval is een statutenwijziging nodig (in bepaalde gevallen dus een notariële akte) en zal het WVV van toepassing zijn vanaf de datum van bekendmaking van deze statutenwijziging in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad. 1 januari 2020: WVV ook van toepassing op bestaande vennootschappen 1. Dwingende bepalingen WVV automatisch van toepassing Vanaf 1 januari 2020 zijn de dwingende bepalingen van het WVV automatisch van toepassing op bestaande vennootschappen. Statutaire bepalingen die in strijd zijn met deze dwingende bepalingen worden vanaf die dag voor niet-geschreven gehouden. Welke bepalingen van dwingend recht zijn, is niet uitdrukkelijk bepaald in het WVV. Vaak zal de bewoording van de bepaling wel een indicatie zijn. De passage "niettegenstaande andersluidende (statutaire) bepaling" of soortgelijke bewoordingen, zijn een indicatie dat een bepaling van dwingend recht is. De zinsnede "behoudens andersluidende bepalingen in de statuten" of varianten daarvan wijzen dan weer op een bepaling van aanvullend recht. Om wat verduidelijking te geven bevat de memorie van toelichting bij het initiële wetsontwerp13 een niet-exhaustief

23


Vennootschapsrecht

"Vanaf 1 januari 2020 zijn de dwingende bepalingen van het WVV automatisch van toepassing op bestaande vennootschappen. Statutaire bepalingen die in strijd zijn met deze dwingende bepalingen worden vanaf die dag voor niet-geschreven gehouden"

overzicht van wat zeker als dwingende bepalingen te beschouwen zijn. Het gaat hierbij om: · de onmogelijkheid om een mandaat van bestuurder, lid van de raad van toezicht en lid van de directieraad in uitoefening van een arbeidsovereenkomst uit te voeren;14 · de verruiming van het begrip dagelijks bestuur; · de nieuwe belangenconflictenregeling; · de regels van winstuitkering in de BV(BA), waaronder de dubbele uitkeringstest; · sommige bepalingen bij uittreding ten laste van het vermogen van een BV en CV; · de regels omtrent de (onder bepaalde voorwaarden beperkte) bestuurdersaansprakelijkheid; · de procedure inzake nietigverklaring van besluiten van bestuursorganen; · de vernieuwde vereffeningsprocedure; · de neutralisering van de onthoudingen bij de stemming op de algemene vergadering; · de verplichting voor het bestuursorgaan van een BV(BA) en een NV om een verslag op te stellen bij iedere uitgifte van nieuwe aandelen (zelfs bij inbreng in geld). 2. Nieuwe benamingen automatisch van toepassing Voor bestaande vennootschappen worden de nieuwe benamingen en afkortingen van de vennootschapsvormen op 1 januari 2020 verplicht van toepassing: · een 'gewone commanditaire vennootschap', afgekort

24

· · ·

'Comm.V' wordt een 'commanditaire vennootschap', afgekort 'CommV'; een 'besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid', afgekort 'BVBA' wordt een 'besloten vennootschap', afgekort 'BV'; een 'coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid', afgekort 'CVBA' wordt een 'coöperatieve vennootschap', afgekort 'CV'; de afkorting van de vennootschap onder firma wordt 'VOF' i.p.v. 'V.O.F.'.

Aangezien alle stukken15 uitgaande van een vennootschap onder meer de correcte rechtsvorm van die vennootschap moeten bevatten, zullen de bestaande vennootschappen ervoor moeten zorgen dat vanaf 1 januari 2020 bijvoorbeeld hun website, briefpapier en facturen de nieuwe benaming/afkorting van hun vennootschapsvorm vermelden. 3. Aanvullende bepalingen WVV van toepassing, behoudens andersluidende statutaire bepaling Ook de aanvullende bepalingen van het WVV worden op 1 januari 2020 van toepassing op bestaande vennootschappen, maar uiteraard enkel in zoverre zij niet door statutaire clausules worden uitgesloten.16 De statuten van bestaande vennootschappen die nog niet zijn aangepast aan het WVV, blijven dus primeren ten aanzien van bepalingen van aanvullend recht uit het WVV. Aangezien de statuten van vele vennootschappen


Welke veranderingen?

©iStockphoto/ismagilov

verwijzen naar bepalingen van het oude Wetboek van vennootschappen of zelfs hele stukken ervan hernemen (bijvoorbeeld de bepalingen inzake het aantal bestuurders in een NV, overdraagbaarheidsbeperkingen in een BVBA), zullen veel van zulke bepalingen – voor zover zij niet indruisen tegen bepalingen van dwingend recht van het WVV – nog van toepassing blijven zolang de betrokken statuten niet worden aangepast. Hierbij valt op dat het ontslag ad nutum van bestuurders in een naamloze vennootschap, d.w.z. het recht van de algemene vergadering van een naamloze vennootschap om te allen tijde een bestuurder te ontslaan en het daaraan gekoppelde verbod voor de vennootschap om aan zo'n bestuurder een ontslagvergoeding of opzegtermijn toe te kennen, dat tot op heden wordt geacht van openbare orde te zijn, in het WVV van aanvullend recht wordt gemaakt.17 Hieruit volgt dat, voor zover de statuten van de bestaande vennootschap de strengere bepalingen van het oude Wetboek van vennootschappen dienaangaande niet hebben hernomen, met ingang van 1 januari 2020 de mogelijkheid wordt geboden om een bestuurder van een naamloze vennootschap een zekere ontslagbescherming toe te kennen, bijvoorbeeld door hem een bepaalde minimumduur te garanderen of door in een opzegtermijn of ontslagvergoeding te voorzien. 4. Verplichting statuten te conformeren aan WVV bij eerstvolgende statutenwijziging De bestaande vennootschappen zijn verplicht hun statuten in overeenstemming te brengen met de bepalingen van het Accountancy&Tax – nr. 3 / 2019

WVV ter gelegenheid van de eerstvolgende statutenwijziging na 1 januari 2020,18 tenzij deze statutenwijziging voortvloeit uit de toepassing van het toegestane kapitaal, de uitoefening van inschrijvingsrechten of de conversie van converteerbare obligaties.19 Dit wil zeggen dat bijvoorbeeld bij iedere naamwijziging, doelwijziging of kapitaalverhoging na 1 januari 2020, de statuten van de bestaande vennootschap zullen moeten worden aangepast aan de bepalingen van het WVV. De leden van het bestuursorgaan zijn persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk voor de schade geleden door de vennootschap of door derden ten gevolge van de niet-nakoming van de verplichting om de statuten te conformeren aan het WVV. Wat bij een zetelverplaatsing van een bestaande vennootschap na 1 januari 2020? Indien de zetelverplaatsing door de algemene vergadering wordt beslist, zal sowieso een statutenwijziging nodig zijn met bijbehorende aanpassing van de statuten aan de bepalingen van het WVV. Wanneer de zetelverplaatsing wordt beslist door het bestuursorgaan en de statuten van de vennootschap al voor 1 mei 2019 bepaalden dat het bestuursorgaan gemachtigd was om het adres van de zetel te verplaatsen, zal voorlopig geen statutenwijziging nodig zijn en moeten de statuten dus niet worden aangepast aan de bepalingen van het WVV. Bij de eerstvolgende coördinatie van de statuten zal het adres waarop de zetel van de rechtspersoon is gevestigd uit de statuten worden geschrapt en worden vervangen door de vermelding van het gewest waarin de zetel van de vennootschap is gevestigd.20

25


Vennootschapsrecht

©iStockphoto/yavorskiy

5. Automatische omzetting kapitaal van bestaande BVBA's en CVBA's Op 1 januari 2020 worden het volgestorte gedeelte van het (vaste) kapitaal en de wettelijke reserve van bestaande BVBA's en bestaande CVBA's, van rechtswege en zonder vervulling van enige formaliteit, omgevormd in een statutair onbeschikbare eigenvermogensrekening. Het niet-gestorte gedeelte van het (vaste) kapitaal van deze bestaande vennootschappen wordt op dezelfde wijze omgevormd in een eigenvermogensrekening 'niet-opgevraagde inbrengen'. Bij volstorting worden de gestorte bedragen geboekt op de onbeschikbare eigenvermogensrekening. De modeljaarrekeningen zullen worden aangepast om deze omvorming mogelijk te maken. Deze omvorming heeft overigens geen fiscale impact. In de mate dat werkelijk gestort fiscaal kapitaal deel uitmaakt van het omgevormde eigen vermogen blijft dit gedeelte immers haar fiscale statuut behouden. 6. Aantal dwingende bepalingen van W.Venn. worden afgeschaft Het WVV schaft ook een aantal dwingende bepalingen van het oude Wetboek van vennootschappen af. Meldenswaardig zijn hier de afschaffing van de beperking van het aantal door een vennootschap in te kopen effecten tot 20 % van het geplaatste kapitaal, de verplichting voor BVBA's om de door hen ingekochte effecten binnen de twee jaar na de verkrijging opnieuw te verkopen en de opheffing van de beperkingen inzake kruisparticipaties.

26

Behoudens andersluidende statutaire bepalingen zullen bestaande vennootschappen vanaf 1 januari 2020 ten volle van deze nieuwe, flexibelere regels kunnen gebruikmaken, ongeacht of zij hun statuten al dan niet in overeenstemming hebben gebracht met het WVV. Er moet uiteraard wel telkens worden nagekeken of de statuten van de bestaande vennootschap de strengere bepalingen van het oude Wetboek van vennootschappen dienaangaande niet hebben hernomen. 7. Bestaande directiecomités kunnen (voorlopig) blijven bestaan Het WVV voert een nieuwe bestuursregeling in voor naamloze vennootschappen.21 Deze nieuwe regeling voorziet in de mogelijkheid om een eenhoofdig bestuur te organiseren of te werken met een klassieke raad van bestuur, maar ook in de afschaffing van het directiecomité en de vervanging ervan door een optioneel, volledig duaal bestuursmodel bestaande uit een raad van toezicht en een directieraad. Het WVV voorziet dat de bestaande directiecomités in de overgangsperiode kunnen blijven bestaan tot de dag waarop de betrokken vennootschappen hun statuten aanpassen aan het WVV of uiterlijk tot 1 januari 2024. Bij de eerstvolgende statutenwijziging na 1 januari 2020 zullen vennootschappen met een directiecomité hun bestuursmodel dus wel moeten aanpassen aan een van de drie nieuwe bestuursmodellen die in een NV mogelijk zullen zijn.


Welke veranderingen?

"Aangezien alle stukken uitgaande van een vennootschap onder meer de correcte rechtsvorm van die vennootschap moeten bevatten, zullen de bestaande vennootschappen ervoor moeten zorgen dat vanaf 1 januari 2020 bijvoorbeeld hun website, briefpapier en facturen de nieuwe benaming/afkorting van hun vennootschapsvorm vermelden"

8. Wat met vennootschappen waarvan de rechtsvorm is afgeschaft? Tot hun omzetting in een andere rechtsvorm blijven de vennootschappen waarvan de rechtsvorm wordt afgeschaft22 beheerst door het oude Wetboek van vennootschappen, met dien verstande dat vanaf de dag waarop het WVV op hen van toepassing wordt, bovendien de dwingende bepalingen van het WVV: · die toepasselijk zijn op de naamloze vennootschap,23 toepasselijk worden op de commanditaire vennootschap op aandelen; · die toepasselijk zijn op de vennootschap onder firma, toepasselijk worden op de coöperatieve vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid, op het economisch samenwerkingsverband en op de landbouwvennootschap die geen stille vennoten heeft; · die toepasselijk zijn op de commanditaire vennootschap, toepasselijk worden op de landbouwvennootschap die stille vennoten heeft; · die toepasselijk zijn op de besloten vennootschap24 toepasselijk worden op de coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid die niet aan de definitie van een coöperatieve vennootschap in artikel 6:1 van het WVV beantwoordt. Wat betreft de coöperatieve vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid, stelt de wettelijke definitie van artikel 6:1 WVV dat de coöperatieve vennootschap "tot voornaamste doel [heeft] aan de behoeften van haar aandeelhouders dan wel Accountancy&Tax – nr. 3 / 2019

derde belanghebbende partijen te voldoen en/of hun economische en sociale activiteiten te ontwikkelen, onder meer door met hen overeenkomsten te sluiten over de levering van goederen, de verrichting van diensten of de uitvoering van werken in het kader van de activiteit die de coöperatieve vennootschap uitoefent of laat uitoefenen".25 Het is duidelijk dat er momenteel tal van vennootschappen zijn, zeker onder de vrije beroepers (advocaten, bedrijfsrevisoren, accountants), die momenteel de rechtsvorm hebben van een coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, maar die niet voldoen aan de coöperatieve definitie van artikel 6:1 van het WVV. Deze vennootschappen zullen dan ook met ingang van 1 januari 2020 onderhevig worden aan de dwingende bepalingen van het WVV die van toepassing zijn op de BV's en uiterlijk op 1 januari 2024 de rechtsvorm van een BV moeten aannemen.26 Tijdens de overgangsperiode geldt dat in (het uitzonderlijke) geval van tegenstrijdigheid tussen dwingende bepalingen van het WVV en die van het oude Wetboek van vennootschappen, de dwingende bepalingen van het WVV prevaleren. 1 januari 2024: verplichte statutenwijziging – wijziging rechtsvorm 1. Vennootschappen waarvan de rechtsvorm niet wordt afgeschaft Uiterlijk op 1 januari 2024 moeten de statuten van alle bestaande vennootschappen in overeenstemming worden gebracht met de bepalingen van het WVV.

27


Vennootschapsrecht

"De leden van het bestuursorgaan zijn persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk voor de schade geleden door de vennootschap of door derden ten gevolge van de verplichting om de statuten te conformeren aan het WVV"

De leden van het bestuursorgaan zijn persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk voor de door de vennootschap of door derden geleden schade ten gevolge van de niet-nakoming van deze verplichting. 2. Wat met vennootschappen waarvan de rechtsvorm wordt afgeschaft? De rechtspersonen die een van de door het WVV afgeschafte rechtsvormen hebben en op 1 januari 2024 nog niet in een andere rechtsvorm zijn omgezet worden op die dag van rechtswege als volgt omgezet: · Een commanditaire vennootschap op aandelen wordt een naamloze vennootschap met een enige bestuurder. · Een landbouwvennootschap wordt een vennootschap onder firma en indien er stille vennoten zijn, een commanditaire vennootschap. · Een economisch samenwerkingsverband wordt een vennootschap onder firma. · Een coöperatieve vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid wordt een vennootschap onder firma. · Een coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid die niet aan de definitie van een coöperatieve vennootschap in artikel 6:1 van het WVV beantwoordt, wordt een besloten vennootschap. Uiterlijk op 30 juni 2024 dient het bestuursorgaan van een dergelijke vennootschap de algemene vergadering bijeen te roepen met als agenda de aanpassing van de statuten aan de

28

nieuwe rechtsvorm. De procedure van omzetting van vennootschappen zoals bepaald in boek 14, titel 1, hoofdstuk 2 van het oude Wetboek van vennootschappen vindt geen toepassing. Er zal dus geen bijzonder verslag van het bestuursorgaan vereist zijn en ook geen verslag van een bedrijfsrevisor. Wanneer een commanditaire vennootschap op aandelen wordt omgezet in een naamloze vennootschap kunnen de vetorechten waarover de statutaire zaakvoerder vóór de omzetting beschikt overeenkomstig artikel 659 van het oude Wetboek van vennootschappen of de statuten slechts in de statuten van deze naamloze vennootschap worden beperkt indien de statutaire zaakvoerder daarmee instemt. De leden van het bestuursorgaan zijn persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk voor de door de vennootschap of door derden geleden schade ten gevolge van de niet-nakoming van deze verplichting. Best niet wachten tot 2024 Of het voor bestaande vennootschappen al dan niet interessant is om voor 2024 hun statuten vrijwillig in overeenstemming te brengen met de bepalingen van het WVV is geval per geval te beoordelen. Een aantal zaken pleit er zeker voor om nu al actie te ondernemen. 1. Duidelijkheid Zoals uit het bovenstaande mag blijken, is de overgangsregeling redelijk complex en kan ze leiden tot (rechts)onzekerheid. Via een


Welke veranderingen?

©iStockphoto/kiddy0265

vrijwillige aanpassing van de statuten wordt een einde gemaakt aan deze (rechts)onzekerheid en worden moderne statuten aangenomen die (hopelijk) voor een heel aantal jaren van toepassing kunnen blijven. De oefening moet uiterlijk 1 januari 2024 toch worden gedaan, dus waarom er niet meteen komaf mee maken? 2. Meteen genieten van de toegenomen flexibiliteit Een van de krachtlijnen van het WVV is de verhoogde flexibiliteit en een grote statutaire vrijheid. Deze flexibiliteit wordt vaak uiteengezet in bepalingen van aanvullend recht in het WVV, die zoals voormeld slechts van toepassing zijn indien er geen afwijkende statutaire bepalingen zijn. Men kan met andere woorden maar ten volle gebruikmaken van deze voordelen in de mate dat de statuten van de bestaande vennootschap de strengere bepalingen van het oude Wetboek van vennootschappen dienaangaande niet hebben hernomen. Een goed voorbeeld hiervan is de mogelijkheid die door het WVV wordt geboden om eenhoofdig bestuur te organiseren in de naamloze vennootschap (NV). Tot op heden moet een NV worden bestuurd door een collegiale raad van bestuur, bestaande uit minstens drie leden. Enkel in NV's waar er twee of minder aandeelhouders zijn, kan worden volstaan met twee bestuurders. De verplichting van een collegiale, meerhoofdige raad van bestuur zorgde in vele kmo's die de vorm hadden van een NV voor problemen, aangezien er – mede wegens het aansprakelijkheidsrisico – vaak te weinig kandidaten waren om de (vertegenwoordiger van de) hoofdaandeelhouder te flankeren Accountancy&Tax – nr. 3 / 2019

in de raad van bestuur. Bovendien kon het ook voor de hoofdaandeelhouder vervelend zijn, aangezien er door de verplichte benoeming van minstens één collega-bestuurder altijd een 'pottenkijker' moest worden toegelaten op het hoogste bestuursniveau, waaraan wettelijk bepaalde stem- en onderzoeksrechten werden toegekend. De mogelijkheid tot eenhoofdig bestuur zal voor bepaalde NV's dan ook worden beschouwd als een voordeel, aangezien het bestuur van de kmo-NV op die manier aanzienlijk kan worden vereenvoudigd. Bovendien zal aan de enige bestuurder van een NV ten aanzien van een aantal beslissingen (bijvoorbeeld statutenwijziging, winstuitkering) een vetorecht kunnen worden toegekend, wat niet in het minst in de context van familiale opvolging zeer interessant kan zijn. Tim Dausy en Marc Van den Bossche, juridisch adviseurs bij Grant Thornton Tax & Legal Bron: Dit artikel is een geactualiseerde versie van het artikel "Nieuw vennootschapsrecht: wat verandert er wanneer voor wie?" van de hand van DAUSY, T. en VAN DEN BOSSCHE, M. dat eerder verscheen in Accountancy & Fiscaliteit (nr. 11/2019, pp. 1-7). 1

De implicaties van de invoering van het WVV op genoteerde vennootschappen, (beroeps)verenigingen en stichtingen vallen buiten het bestek van deze bijdrage.

2 Art. 38 wet van 23 maart 2019.

29


Vennootschapsrecht

Welke veranderingen?

"Of het voor bestaande vennootschappen al dan niet interessant is om voor 2024 hun statuten vrijwillig in overeenstemming te brengen met de bepalingen van het WVV, is geval per geval te beoordelen. Een aantal zaken pleit er zeker voor om nu al actie te ondernemen"

3 Ook voor verenigingen en stichtingen treedt het WVV dan in werking en is er een overgangsregeling voorzien, maar die wordt verder buiten beschouwing gelaten in deze bijdrage.

datarissen en vennoten", TRV 2008, afl. 2, nr. 30 en de verwijzingen aldaar. 15 M.n. alle akten, facturen, aankondigingen, bekendmakingen, brieven, orders, websites en andere stukken (zie art. 78 W.Venn./art. 2:20 WVV).

4 Art. 39, § 1, eerste lid wet van 23 maart 2019.

16 Art. 39, § 2, eerste lid wet van 23 maart 2019.

5 Ook de beroepsvereniging als rechtsvorm wordt afgeschaft. Dit wordt verder

17 Art. 5:70, § 3, tweede en derde lid WVV.

buiten beschouwing gelaten in het kader van deze bijdrage. 6 Over welke coöperatieve vennootschappen al dan niet voldoen aan de definitie van een coöperatieve vennootschap in artikel 6:1 van het WVV, zie

7

18 De bestaande vennootschap is hiertoe dus niet wettelijk verplicht indien zij haar statuten nog zou wijzigen vóór 1 januari 2020. De vraag is natuurlijk waarom de bestaande vennootschap dit niet zou doen.

'8. Wat met vennootschappen waarvan de rechtsvorm is afgeschaft?' en de

19 Art. 39, § 1, derde lid wet van 23 maart 2019.

verwijzing onder voetnoot 25.

20 Art. 44 wet van 23 maart 2019.

Voor een uitgebreidere bespreking van de gevolgen van de invoering van

21 Voor een uitgebreide bespreking van de nieuwigheden inzake bestuur, zie:

de statutaire zetelleer: zie BAART, T. en VAN DER WEEHE, M.: "Het nieuwe Wetboek van vennootschappen en verenigingen: overgang naar de statutaire zetelleer", Accountancy & Fiscaliteit, 2018, afl. 36, p. 4-7. 8 Art. 110, eerste lid van het Wetboek van internationaal privaat recht ('WIPR').

www.grantthornton.be/insights/articles/nieuwigheden-inzake-bestuuronder-het-nieuw-wetboek-van-vennootschappen-en-verenigingen/. 22 Zie hoger onder '2. Aantal vennootschapsvormen wordt afgeschaft' 23 Met uitzondering van boek 7, titel 4, hoofdstuk 1, dat handelt over het

9 Art. 13 e.v. wet van 23 maart 2019.

bestuur van naamloze vennootschappen, behalve de artikelen 7:97 en 7:102

10 Zie boek 2, titel 7 WVV.

(belangenconflictenregeling), voor welke materies de bepalingen inzake de

11 Art. 334 tot 342 (BVBA) en 635 tot 644 (NV) W.Venn.

commanditaire vennootschap op aandelen van het oude W.Venn van toepas-

12 Zie '3. Statutaire zetelleer onmiddelijk van toepassing op bestaande vennootschappen' en '4. Vernieuwde geschillenregeling onmiddelijk van toepassing op bestaande vennootschappen' hierboven.

sing blijven in de overgangsperiode. 24 Met uitzondering van boek 2, titel 7 (over de geschillenregeling), en boek 5, titels 5 (over het vermogen van de vennootschap, onder meer m.b.t. inbren-

13 www.dekamer.be/FLWB/PDF/54/3119/54K3119001.pdf, p. 349 e.v.

gen) en 6 (uittreding en uitsluiting lastens het vennootschapsvermogen), voor

14 Dit is wat betreft bestuursmandaten (en bijgevolg mandaten van lid van de

welke materies de bepalingen inzake coöperatieve vennootschappen met

raad van toezicht) een bevestiging van de heersende rechtsleer, zie o.m. ELIAERTS, L.: "De arbeidsrelatiewet, vennootschapsmandatarissen en vennoten", TRV 2008, afl. 2, nr. 17 en de verwijzingen aldaar. Voor leden van de directieraad, d.i. de opvolger van het directiecomité, is dit wel nieuw, aangezien de wetgever voorheen de mogelijkheid openliet om het mandaat van lid van het directiecomité in de vorm van een arbeidsovereenkomst te laten vervullen, zie ELIAERTS, L.: "De arbeidsrelatiewet, vennootschapsman-

30

beperkte aansprakelijkheid van het oude W.Venn. van toepassing blijven in de overgangsperiode. 25 Voor een uitgebreidere bespreking van de definitie van coöperatieve vennootschap in art. 6:1 WVV, zie HOLLEBECQ, H.: "Nieuwe wetgeving coöperatieve vennootschap", Accountancy & Fiscaliteit, 2018, afl. 24, p. 1-8. 26 Zie verder onder '2. Wat met vennootschappen waarvan de rechtsvorm wordt afgeschaft?'


Prikkel klanten en prospects met een website op maat van uw professioneel imago

Versterk uw online aanwezigheid met kwalitatieve, steeds up-to-date redactionele content zonder dat u er zelf tijd aan moet besteden

Integreer eenvoudig eigen informatie van uw kantoor (uw missie, actualiteit, werkaanbiedingen, evenementen, ...)

Bouw klantgerichte nieuwsbrieven op binnen een beheersbaar budgettair kader via een handige backoffice

VLWEWICW_1906_ADV_IAB

Voor accountants & fiscale kantoren

Larcier en Indicator zijn merken van Lefebvre Sarrut Belgium nv, Hoogstraat 139 - Bus 6, 1000 Brussel, Btw BE 0436.181.878, RPR Brussel.

VOOR MEER INFORMATIE SURF NAAR WEBWIN.BE

Accountancy&Tax – nr. 3 / 2019

31


Vennootschapsbelasting

Wie zijn boekjaar heeft verlengd of ingekort na 26 juli 2017 loopt het risico dat er voor het aanslagjaar 2019 twee verschillende berekeningsmethodes moeten worden toegepast De inwerkingtreding van de wet van 25 december 2017 tot hervorming van de vennootschapsbelasting vindt plaats in drie fasen. De eerste fase, die met name voorziet in een verlaging van het belastingtarief (met inbegrip van aanvullende crisisbijdragen) en in wijzigingen in de berekening van de belastbare grondslag, is van toepassing vanaf aanslagjaar 2019 voor boekjaren die lopen vanaf ten vroegste 1 januari 2018. De antimisbruikbepaling met betrekking tot de datum van inwerkingtreding van de wet van 25 december 2017 kan ertoe leiden dat er voor het aanslagjaar 2019 twee verschillende berekeningsmethodes voor de belastingen naast elkaar bestaan. Antimisbruikbepaling Artikel 86 van de wet van 25 december 2017 bepaalt dat elke wijziging die vanaf 26 juli 2017 wordt doorgevoerd aan de afsluitingsdatum van het boekjaar, geen gevolgen heeft voor de toepassing van de hervormingsmaatregelen van de vennootschapsbelasting. Dat betekent dat vennootschappen een boekjaar niet kunnen verlengen of inkorten om vroeger aanspraak te kunnen maken op de toepassing van bepaalde voordelige maatregelen die uit de hervormingen voortvloeien of om de toepassing van maatregelen die negatief uitvallen, te kunnen uitstellen. Door het bestaan van die antimisbruikbepaling en aangezien het aanslagjaar wordt bepaald op basis van de nieuwe afsluitingsdatum, kan een belastbare periode met betrekking tot het aanslagjaar 2019 als volgt worden opgesplitst in twee periodes: · Een periode waarvoor geen rekening moet worden gehouden met de bepalingen betreffende de eerste fase van de wet van 25 december 2017. · Een periode waarvoor wel rekening moet worden gehouden met de bepalingen betreffende de eerste fase van de wet van 25 december 2017. Berekeningsmethoden voor de vennootschapsbelasting van toepassing op het aanslagjaar 2019 – gevalstudies Het boekjaar loopt normaal van 1 april 2017 tot en met 31 maart 2018. Op 1 september 2017 beslist de vennootschap het boekjaar in te korten tot 31 december 2017.

32

Voor het boekjaar van 1 april 2017 tot 31 december 2017 gelden de fiscale bepalingen voor aanslagjaar 2018. Voor het boekjaar van 1 januari 2018 tot 31 december 2018 (aanslagjaar 2019) zijn er twee periodes: · De periode van 1 januari 2018 tot en met 31 maart 2018: de periode waarvoor geen rekening moet worden gehouden met de bepalingen betreffende de eerste fase van de wet van 25 december 2017. · De periode van 1 april 2018 tot en met 31 december 2018: de periode waarvoor wel rekening moet worden gehouden met de bepalingen betreffende de eerste fase van de wet van 25 december 2017. Het boekjaar loopt normaal van 1 december 2016 tot en met 30 november 2017. Op 1 september 2017 beslist de vennootschap het boekjaar te verlengen tot 31 december 2017. Voor het boekjaar van 1 december 2016 tot 31 december 2017 gelden de fiscale bepalingen voor aanslagjaar 2018. Voor het boekjaar van 1 januari 2018 tot 31 december 2018 (aanslagjaar 2019) zijn er twee periodes: · De periode van 1 januari 2018 tot en met 30 november 2018: de periode waarvoor geen rekening moet worden gehouden met de bepalingen betreffende de eerste fase van de wet van 25 december 2017. · De periode van 1 december 2018 tot en met 31 december 2018: de periode waarvoor wel rekening moet worden gehouden met de bepalingen betreffende de eerste fase van de wet van 25 december 2017.


Verlengde boekjaren

©iStockphoto/xubingruo

Voor nog meer concrete voorbeelden verwijzen we naar de circulaire nr. 2019/C/50 van 17 juni 2019 over de toepassing van de antimisbruikbepalingen bij inwerkingtreding van de wet van 25 december 2017. Hoe gaat u in de praktijk te werk als er twee berekeningswijzen voor de vennootschapsbelasting naast elkaar bestaan? De vennootschap moet een tussentijdse afsluiting opstellen om de belastbare grondslag te kunnen berekenen voor de beide periodes waarvoor verschillende fiscale bepalingen gelden, dat wil zeggen: · De periode waarvoor geen rekening moet worden gehouden met de bepalingen betreffende de eerste fase van de wet van 25 december 2017. · De periode waarvoor wel rekening moet worden gehouden met de bepalingen betreffende de eerste fase van de wet van 25 december 2017. De belastbare grondslag (positief, negatief of nihil) wordt voor beide periodes vastgesteld op basis van de werkelijke cijfers die voortvloeien uit de boekhouding van de betrokken vennootschap. Met andere woorden, de belastbare grondslag wordt niet proportioneel bepaald voor beide periodes. Hoe vult u de aangifte in de vennootschapsbelasting in? In het vak 'Uiteenzetting van de winst' van de aangifte in de vennootschapsbelasting worden twee nieuwe rubrieken ('corAccountancy&Tax – nr. 3 / 2019

recties' genaamd) opgenomen. De nodige correcties van de belastbare grondslag en de belastingtarieven moeten worden doorgevoerd op basis van de toepasselijke fiscale bepalingen na een wijziging die vanaf 26 juli 2017 werd aangebracht aan de afsluitingsdatum van het boekjaar en moeten als volgt worden vermeld in het desbetreffende vak voor correcties: · Een van de vakken voor correcties is bestemd voor eventuele correcties die moeten worden aangebracht indien de belastbare periode ten vroegste op 1 januari 2018 begint. · Het andere correctievak is bedoeld voor eventuele correcties die moeten worden aangebracht indien de belastbare periode vóór 1 januari 2018 begint. Bijlage die bij de aangifte in de vennootschapsbelasting moet worden gevoegd De vennootschap moet in een bijlage een volledig en duidelijk gedetailleerd overzicht verstrekken: · van de tussentijdse afsluiting (een berekening van de belastbare grondslag voor beide periodes); · van de berekening van de correcties die worden vermeld in het vak 'Uiteenzetting van de winst' in de aangifte in de vennootschapsbelasting. Axelle Dekeyser Bron: Circulaire nr. 2019/C/50 over de toepassing van de antimisbruikbepalingen bij de inwerkingtreding van de wet van 25 december 2017.

33


Vakliteratuur

Alternatieve verloning 2019 N. Wellemans Intersentia, 2019. 790 p. Dit boek geeft een duidelijk overzicht van de meest voorkomende alternatieve loonvormen. Elke loonvorm wordt apart onder de loep genomen: wat zijn de consequenties op het vlak van de sociale bijdragen? Wat zijn de fiscale gevolgen voor de werkgever en de werknemer? Indien nodig worden ook juridische aspecten toegelicht. Deze editie 2019 is verrijkt met talrijke nieuwigheden: · de wijzigingen aan de niet-recurrente resultaatgebonden voordelen en de e-bonus; · het op elkaar afstemmen van de bedragen van de sociaal en fiscaal vrijgestelde geschenken; · de nieuwe berekeningswijze van het belastbaar voordeel bij de terbeschikkingstelling van een woning; · preciseringen en verduidelijkingen bij de winstpremie; · het nieuw vrij aanvullend pensioen voor werknemers (VAPW); · de wijzigingen aan de mobiliteitsvergoeding (cash for car); · het nieuwe mobiliteitsbudget in vergelijking met de cash for car; · updates van alle bedragen. Prijs: € 89,00 Bestellen: intersentia.be/nl Dit boek is ook beschikbaar in het Frans: Les rémunérations alternatives.

34

Vergelijkend Wetboek vennootschappen & verenigingen V. Bazelmans, P. della Faille (Reeks Essentiële wetboeken) Larcier, 2019. 922 p.

Vzw, stichting, ivzw en coöperatie. GPS 2019: het nieuwe Wetboek van vennootschappen en verenigingen met aangepaste modellen M. Denef (ed.) Die Keure, 2019. 200 p.

Deze uitgave van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen is een eenvoudig en doeltreffend instrument dat u in staat stelt om in een oogopslag de talloze wijzigingen in de oude teksten met betrekking tot het vennootschapsrecht (Wetboek van vennootschappen, wet op de VZW's en stichtingen en wet op de beroepsverenigingen) door het nieuwe Wetboek van vennootschappen en verenigingen te herkennen en te vergelijken met de oude wetgeving. Concreet wordt dit boek gepresenteerd in twee kolommen: in de linkerkolom het nieuwe wetboek, en in de rechterkolom de tekst van de overeenkomstige oude wetgeving, waarbij de hypothesen worden benadrukt waar geen overeenkomstige wetgeving bestaat. Ook het KB van 29 april 2019, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 30 april 2019 is op dezelfde manier opgenomen in dit wetboek. De teksten werden gecoördineerd en bijgewerkt overeenkomstig de bepalingen die op 1 mei 2019 in het Belgisch Staatsblad zijn gepubliceerd met betrekking tot het nieuwe wetboek. De oude teksten zijn in hun laatste versie opgenomen.

Dit boek is een handig instrument voor bestuurders, directies en adviseurs van sociale ondernemingen in de vorm van VZW, stichting, IVZW en coöperatie die aan de slag willen en moeten gaan met het nieuwe Wetboek van vennootschappen en verenigingen (WVV). Met de selectie van wetsbepalingen die enkel op deze sociale ondernemingen van toepassing zijn, wordt dit wetboek al een stuk makkelijker te hanteren en te consulteren. De selectieve inhoudstafel bevordert bovendien de zoektocht naar relevante wetsbepalingen. De auteurs maken meteen de vertaalslag naar de toepassing voor de praktijk met de eerste modellen van oprichtingsakte voor de genoemde rechtsvormen. Deze modellen zijn zo opgebouwd dat de gebruiker meteen zicht krijgt op de nieuwigheden in de wetgeving en de opties en keuzemogelijkheden bij toepassing. De praktische en gedetailleerde concordantietabellen in twee richtingen en het schema van stappenplan voor aanpassing van de statuten van bestaande rechtspersonen, maken dit boek tot een echte 'GPS 2019'!

Prijs: € 55,00 Bestellen: www.larcier.com/nl

Prijs: € 60,00 Bestellen: diekeure.be


Verenigingen, Stichtingen & Belastingen D. Deschrijver Roularta Media Group, 2019. 1247 p. Dirk Deschrijver bestudeert de fiscaalrechtelijke status van verenigingen en stichtingen naar Belgisch recht, maar dit keer per belasting en niet meer per rechtsvorm. Het resultaat is een compleet nieuw standaardwerk. Het boek is volledig aangepast aan de jongste stand van de fiscale wetgeving en behandelt alle belastingen waarmee verenigingen en stichtingen in aanraking kunnen komen. Ook het aantal rechtsvormen dat de auteur onderzoekt is veel ruimer dan voorheen. Zo neemt hij niet alleen de 'klassieke' verenigingen en stichtingen, zoals VZW's, private stichtingen en stichtingen van openbaar nut onder de loep, maar ook verenigingen zonder rechtspersoonlijkheid, verenigingen van mede-eigenaars, organismen voor de financiering van pensioenen enzovoort. Bovendien belicht de auteur ook in detail het fiscale lot van 'insiders' (zoals oprichters, leden, bestuurders, werknemers, vrijwilligers enzovoort) en 'stakeholders' (waaronder schenkers, legatarissen, verhuurders, schuldeisers, sponsors enzovoort) in hun relatie met verenigingen en stichtingen, met bijzondere aandacht voor de leden en de bestuurders van verenigingen, en de aansprakelijkheid van laatstgenoemden voor belastingschulden.

Creatief Boekhouden / Rekeningenstelsel Kluwer, 2019. 104 p. Dit boekje valt uiteen in 2 luiken: · Op de voorkant een viertalig uitgebreid rekeningenstelsel op basis van de minimumindeling van het algemeen rekeningenstelsel (MAR) voor boekhoudplichtige ondernemingen andere dan verenigingen en stichtingen (Bijlage 1 bij het KB van 21 oktober, BS 29 oktober 2018), aangepast tot en met het KB van 29 april 2019 tot uitvoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen (BS 30 april 2019, ed. 2). · Op de achterkant een tweetalig uitgebreid rekeningenstelsel op basis van de minimumindeling van het algemeen rekeningenstelsel (MAR) voor verenigingen en stichtingen (Bijlage 3 bij het KB van 21 oktober, BS 29 oktober 2018). Het rekeningenstelsel is uitgebreider dan voorheen. De rekeningen die aan de MAR werden toegevoegd staan cursief gedrukt en tussen haakjes. Het rekeningenstelsel voor ondernemingen is viertalig (Nederlands/Frans/ Engels/Duits). U vindt alle rekeningen, gerangschikt volgens oplopende rekeningnummers, in vier talen parallel naast mekaar. Het uitgebreid rekeningenstelsel VZW is tweetalig (Nederlands/ Frans).

De commissaris en de andere organen of comités van de gecontroleerde entiteit ICCI (ed.) Maklu, 2019. 254 p. (Reeks ICCI 2019-1) In zijn hoedanigheid van controleorgaan van de onderneming dialogeert de commissaris met verschillende organen en comités die meestal intern, maar ook extern kunnen zijn aan de gecontroleerde entiteit. Zijn verhouding ermee wordt in dit boek omstandig toegelicht. De bijdragen zijn zowel in het Nederlands als in het Frans geschreven. De uitvoerige 'executive summary' in de andere taal zorgt ervoor dat de essentie voor elke lezer helder is. Komen achtereenvolgens aan bod: de verhouding tussen de commissaris en de directie (management); de commissaris en het bestuursorgaan; de commissaris en de raad van toezicht; de commissaris en de verschillende comités binnen de raad van bestuur; de commissaris en de algemene vergadering; de commissaris en de ondernemingsraad; de commissaris en het comité voor preventie en bescherming op het werk; de medewerking van de commissaris aan het prudentieel toezicht en andere controle-autoriteiten; de publieke sector: verhouding tussen de commissaris en de toezichthoudende overheid. Prijs: € 49,00 Bestellen: www.maklu.be

Prijs: € 23,16 Bestellen: shop.wolterskluwer.be

Prijs: € 295,00 Bestellen: fiscoloog.be, rubriek 'Boeken'

Accountancy&Tax – nr. 3 / 2019

35


WILT U OOK BIJDRAGEN TOT EEN KWALITEITSVOLLE TOEKOMST VOOR HET BEROEP? WENST U IDEEËN EN BEST PRACTICES ROND KANTOORORGANISATIE UIT TE WISSELEN MET CONFRATERS?

HET IAB BREIDT DE BESTAANDE GROEP ZEER GEMOTIVEERDE TOETSERS NOG UIT.

IAB ZOEKT TOETSERS STEL U KANDIDAAT EN BOUW MEE AAN EEN STERK BEROEP! ALS TOETSER 1. Kunt u samen met uw confraters ideeën uitwisselen om de kwalitatieve dienstverlening aan de kmo’s, de zelfstandigen en de vrije beroepen naar een hoger niveau te tillen.

2. Draagt u de principes van het Instituut uit om uw confraters te begeleiden in hun beroepsuitoefening. Dankzij uw ervaring reikt u hen de juiste tools aan voor een sterkere organisatie en een professionele omgeving.

3. Investeert u in de toekomst van het beroep. U bent er dan ook van overtuigd dat de toetsing het best onder de begeleiding van het Instituut gebeurt.

Hebt u interesse of wenst u meer informatie? Neem dan contact op met Fabienne Cleymans f.cleymans@iec-iab.be. Neem gerust ook de modaliteiten door! Surf naar onze website (rubriek ‘Kwaliteitstoetsing) of scan de QR-code in.

Er waren drie redenen waarom ik toetser wou worden: • Ik wou de kwaliteit van onze beroepsuitoefening van morgen bevorderen; • Ik wou ook ten dienste staan van mijn confraters; en • Ik wou iets terugdoen voor dit fantastische beroep waar ik heel wat plezier aan heb beleefd.

Jacques Drèze, Managing Partner bij RSM Belgium Accountant-belastingconsulent, toetser van 2013-2016. Sinds 2016 lid van de Commissie Kwaliteitstoetsing

Institut des Experts-comptables et des Conseils fiscaux Instituut van de Accountants en de Belastingconsulenten Bâtiment Renaissance Renaissance Building

De ervaring leert me: goede kwaliteit = happy client = happy me. Onze kwaliteit kunnen we steeds verbeteren, maar mijn reeds gedane kennis delen met de confraters, was voor mij dé aanzet tot mijn kandidaatstelling.

Kris Vanhinsbergh, Partner bij Tax Consult Accountant-belastingconsulent, toetser sinds 2013

Boulevard Emile Jacqmainlaan 135/2 - 1000 Bruxelles - Brussel Tél. + 32 (0)2 543 74 90 Fax + 32 (0)2 543 74 91 E-mail info@iec-iab.be

Profile for Larcier Business

Accountancy & Tax nr. 3/2019  

Accountancy & Tax nr. 3/2019  

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded