Issuu on Google+

Februari 2011, 50e jaargang

Industrieel Management Magazine www.europoortkringen.nl

Kringen

5JA0AR

in rt Kr gen • oo

gement Ma a n

•E zine urop a g

ustrieel M a Ind

Groningen Seaports voorziet vliegwieleffect

“Gas is zeer geschikte transitiebrandstof”

2

Jan Rotmans: ‘We moeten

vooruit naar vroeger’


industrial events promotions

Uw partner bij werkzaamheden op hoogte. Height Specialists is één van de grootste IRATA bedrijven van Nederland en kan onderhoudswerkzaamheden professioneel en snel voor u uit voeren; zowel on- als offshore. Met veilige en duurzame Rope Access technieken komen wij op plaatsen waar geen steigers, hoogwerkers of platforms geplaatst kunnen worden.

Wij zijn gespecialiseerd in:  kitten  verven  lassen  algemene reiniging  glasbewassing  bekabeling  herstelwerkzaamheden  installatie en

reparatie van pijpen en constructies  inspectie en controle

Bekijk de mogelijkheden op www.heightspecialists.nl

 niet-destructief

onderzoek (NDO)  ultrasoon onderzoek

Height Specialists is IRATA, TÜV

Height Specialists

en VCA gecertificeerd. Wij zijn u ook

Dynamoweg 28

graag van dienst met montagewerk-

2627 CH Delft

zaamheden,

advisering,

trainingen en materiaal.

inspectie,

015 - 256 56 62 info@heightspecialists.nl


Voorwoord Metropool

Mijn moeder gaat liever naar Delft of Rotterdam om te winkelen dan naar Den Haag. Den Haag, dat is een stad, waar zij als Westlandse niets te zoeken heeft, meent ze. Terwijl Wateringen nota bene stijf tegen Den Haag aanligt en niet tegen Rotterdam. Er is blijkbaar een grotere culturele verbondenheid van Rotterdam met de wijde omgeving dan met Den Haag. Je ziet dat ook aan het verspreidingsgebied van het platte Haags. Terwijl het Rotterdams deel uitmaakt van een veel algemener Zuidhollands taaleigen, is het Haags een soort eiland-dialect. Zodra je de gemeentegrens over stapt wordt het niet meer gesproken. De historici hebben dit wel willen verklaren vanuit het feit dat Den Haag een stad was van bestuurders (het hof) en anderzijds niet veel meer dan een dorp. Ook was er een grote vijandschap met Delft. Hoe dit zij: het culturele verschil van Den Haag en Rotterdam, en de verschillende wijzen waarop beider culturen zijn ingebed in de regionale omgeving is een belangrijk gegeven wanneer we ernst willen maken met het tot stand brengen van een Metropoolregio.

schuwden al terecht tegen het instellen van een soort supergemeentebestuur. TU-onderzoeker Evert Meijers stelde dat een echte metropool een gatewayfunctie heeft, plaats moet bieden aan belangrijke bestuurlijke organen en innovatief moet zijn. Als je Den Haag en Rotterdam bij elkaar doet, heb je dat. Als je ze bij elkaar doet? Op de keper beschouwd zitten ze al bij elkaar. 35 procent van de Rotterdammers winkelt wel eens in Den Haag en idem dito. Op de open dagen van de Haagse Hogeschool komen veel Rotterdamse kinderen kijken, en omgekeerd. Rotterdam is al een gateway. Den Haag heeft al belangrijke bestuurlijke organen. Er is nu ook een sneltramverbinding. We hoeven alleen nog maar een strook weiland langs het RijnSchiekanaal te bebouwen, de A-4 door te trekken en de A13 te verbreden, en de metropool is er. Je zou zeggen: de enige hinderpaal is nog dat de bewoners zich metropolieten moeten gaan voelen, en geen Hagenaars, Westlanders of Rotterdammers. Maar zelfs dat is de vraag. Ik heb me wel eens laten vertellen dat iemand uit Brooklyn zich ook in de eerste plaats Brooklyner voelt, en pas daarna New Yorker.

Daarover werd laatst in de Prinsenhof te Delft (ooit bestuurscentrum van het land) een conferentie gehouden. Zo’n metropool is nodig om een beetje vuist te kunnen maken tegen andere metropolen waarmee we op het globale speelveld te concurreren hebben.

Wij zelf zijn alvast begonnen met een verhuizing. Europoort Kringen is nu gevestigd in Rijswijk, op de tiende en elfde verdieping. Ik zie uit mijn raam de installaties van de Europoort. Makkelijk.

Maar hoe doe je dat, van twee steden een metropool maken? Verschillende sprekers waar-

Ad van Gaalen hoofdredacteur

Europoort Kringen • februari 2011

1


2rent:

professional equipment

Full-Service verhuur

TOOLS & EQUIPMENT

STEIGERS, LIFTEN & HOOGwERkERS

LASSPEcIALIST, AdvIES, APPARATUUR & TRAINING

ENERGIE

vERLIcHTING

PERSLUcHT

cONSUMAbLES

HEFFEN EN HIjSEN

VERHUUR-INFOLIJN NL 0900-2020069 B 070/220.440 FR 0811 888 987

www.2rent.eu


INHOUD

02 2011 Kort Nieuws Column Co van Liere Pasta’s en Tortilla’s

Groningen Seaports voorziet vliegwieleffect met komst Vopak ‘Het nog ontbrekende element in de energiemix’ “Gas is zeer geschikte transitiebrandstof” Column Kees Marges Meer of minder regels? Beter beeld van ontwikkeling rivieren en delta’s Spraakmakers: Jan Rotmans Korte Berichten Havenindustrie krijgt personeel niet aangesleept Vijftig jaar Europoort Kringen, vijftig jaar industrieel management “De elektrische auto zal de waterstofeconomie verder bevorderen” Economische Verkenning 2011 Agenda Mensen in Bedrijf Boeken Uit Wim Oepts

6 9 10 20 27 31 34 41 48 54 60 64 67 69 71

Europoort Kringen • februari 2011

3


driven by nature

BioMCN, ďŹ rst in second generation biofuels BioMCN is the largest second generation biofuels producer in the world. With a current capacity of 250 million liters of bio-methanol per year it is already more than sufficient to fulfil the entire 2010 Dutch biofuel obligation for gasoline.

This makes bio-methanol ideally suited to play an important and lasting role in the transition to sustainable transportation fuels with low CO2 emissions. It can be used as a raw material for other biofuels and fuel additives (e.g. MTBE), and also as a fuel in its own right.

Through an innovative process, bio-methanol is made from crude glycerine- a residue resulting from processing vegetable oils and animal fats. Because bio-methanol is made from a residue, its renewable energy content is entitled to be counted twice in accordance with the Renewable Energy Directive.

BioMCN aims to expand its role as leading producer of second generation biofuels, and to promote the importance of bio-methanol as a sustainable source of energy, both in Europe as well as in other parts of the world.

In comparison to regular methanol, bio-methanol reduces CO2 emissions by 78%.

For more information about BioMCN and bio-methanol, please visit our website: www.biomcn.eu

BioMCN, Oosterhorn 10, NL – 9936 HD Farmsum T +31 (0)596 64 77 00


Industrieel Management Magazine

Kringen

Europoort Kringen is een managementblad voor bedrijfsleven, kennisinstituten en overheden. Het blad informeert over actuele ontwikkelingen op het kruispunt van nieuwe technologie, innovatieve projecten en regelgeving en vertaalt dat naar de praktijk. Ons motto ‘Veranderingen bij de één, hebben gevolgen voor de ander’ staat hierbij symbool voor de integrale aanpak van onderwerpen op het gebied van (petro)chemie, transport en infrastructuur, milieu, arbo en maintenance.

Kamer van Koophandel Rotterdam

Havenschap Moerdijk

Educatief Informatie Centrum

Havenschap Vlissingen en Terneuzen

Zeehaven Dordrecht

Rijkswaterstaat

Havenbedrijf Rotterdam (HbR)

Kennisinfrastructuur Mainport Rotterdam

Rotterdam Port Promotion Council

Nederland Distributieland/ Holland International Distribution Council

Deltalinqs

Havenvereniging Rotterdam

Europoort Kringen wordt o.a. verzonden aan: Abn AMrO bank nv Ahoy rotterdam Aib Vinçotte nederland bv Air products nederland b.V. - www.airproducts.com Ajax Fire protection systems b.V. Akzo nobel Chemicals bv Algeco modulaire huisvesting www.algeco.nl Almatis b.V. Aluminium & Chemie rotterdam bv ArbO-support - www.arbosupport.nl ballast nedam industriebouw bv ballast nedam infra b.V. bAM Techniek - www.bamtechniek.nl binder groenprojecten - www.binder.nl bis industrial services bos nieuwerkerk b.v. schoorsteentechniek bp raffinaderij rotterdam b.V. brabant groep - www.brabantgroep.nl Carbon black nederland bv Croon elektrotechniek bv da Vinci College Techniek & educatie - www.davinci.nl DDM Demontage bV Deloitte & Touche Delta Heat services b.V. - www.delta-heat-services.nl Dow benelux nv DsM special products rotterdam bv e.i.C. Mainport rotterdam enCi b.v. vestiging rotterdam esso nederland bv raffinaderij european bulk services (ebs) bv

europe Container Terminals bv Fabricom Major projects Moerdijk Flash services nederland - www.flash-services.com Fortis bank - Haven & Logistiek ge Capital Modular space - www.modspace.nl gTi West industrie HbD Total security bV - www.portsecurity.nl Height specialists - www.heightspecialists.nl Huntsman Holland bV H.W. Technics b.V. - www.hwtechnics.com Hydratight bV - www.hydratight.com isO-point - www.iso-point.nl kemira Chemicals bV keppel Verolme b.V. kuwait petroleum (nederland) bv Linde gas benelux - www.lindegasbenelux.com Logisticon Water Treatment bv - www.logisticon.nl Lukagro b.V. - www.lukagro.nl Lyondell Chemie nederland b.V. Maasvlakte Olie Terminal cv Maatschap europoort Terminal Mammoet Holding b.V. MilieuTech bv, Milieu en energie Mobil Oil bv Mourik services - www.mourik.com nederlandsche benzol Maatschappij b.V. nederlandse Aardolie Mij. (nAM) bv nederlandse gasunie nv nederlandse spoorwegen nv peinemann - www.peinemann.nl pietersen elektriciteit b.v.

www.pietersen.nl r&AT bv regel- en Analysetechniek repro Voorne - www.reprovoorne.nl rotary equipment service b.v. www.rotaryequipmentservice.nl rotterdam-Antwerpen pijpleiding cv rotterdam-rijn pijpleiding Mij. schaeffler nederland b.v. - www.schaefflergroup.com schielab bv sgs nederland b.V., industrial services - www.sgs.com shell nederland Chemie bv shell nederland raffinaderij bv sMiT - www.smit.com smitspido bv sonovation b.V. - www.sonovation.com stork gears & services stork industry services b.V. Technicom - www.technicom.nl Thyssenkrupp Veerhaven Tower services europe - www.towerserviceseurope.nl Troost pernis groep bv Van Hattum & blankevoort Vecom group b.V. - www.vecom-group.com Vopak Chemicals Logistics netherlands bV Vopak Management Chemicals Logistics netherlands bV Vopak Oil Logistics netherlands bv Westmark bV - www.westmark.nl Zuidgeest Uitzendbureau - www.zuidgeest.nl

Europoort Kringen • februari 2011

5


Kort nieuws Nieuwe verbinding moet bereikbaarheid mainports en greenports garanderen EVO en TLN zijn verheugd dat minister Schultz van Haegen van Infrastructuur en Milieu nog dit jaar een besluit wil nemen over de Nieuwe Westelijke Oeververbinding. Dat heeft de minister laten weten tijdens het jaarlijkse havendiner. De organisaties benadrukken dat dit besluit absoluut niet verder uitgesteld mag worden, wil men vóór 2020 over de tunnel beschikken. Verder vinden EVO en TLN dat de financiering van deze verbinding primair een overheidstaak is. Dit sluit bovendien aan bij de ambitie van het kabinet om prioriteit te geven aan de verbindingen van de Rotterdamse haven met de mainports en de greenports. Tot op heden wordt de Rotterdamse haven alleen door de A15 ontsloten met het achterland. Dit maakt de bereikbaarheid van Europa’s grootste haven erg kwetsbaar, want bij files en calamiteiten op deze weg kan het verkeer geen alternatieve route geboden worden. Volgens de Economische Wegwijzer 2010 van EVO en TLN bedroeg de economische schade als gevolg van files op de A15 tussen het knooppunt Vaanplein en Ridderkerk 8,3 miljoen euro in 2010. Halverwege dit jaar zal de A15 worden verbreed van tweemaal drie rijstroken naar tweemaal vijf rijstroken. Ondanks deze verbreding moet de haven over een volwaardig alternatief beschikken dat de haven in geval van calamiteiten bereikbaar moet houden. Bovendien zal deze verbinding de reistijd voor het vervoer van tuinbouwproducten tussen de Greenports West- en Oostland enerzijds en de Rotterdamse haven anderzijds aanzienlijk verkorten.

het gaat om de inzet van duurzaamheid als motor voor economische groei. Aan het woord kwamen onder meer de Rotterdamse wethouders Alexandra van Huffelen en Jeannette Baljeu, Cees Jan Asselbergs directeur van Deltalinqs, en de voorzitter van de RCI-council Ruud Lubbers. Zij lieten zien hoe het economische herstel in de Rotterdamse haven verloopt, wat de toekomstverwachtingen zijn, met nadruk op de inzet van CO2-opslag, energie efficiency, het schoner maken van de scheepvaart en de ontwikkeling van een fossiele haven naar een ‘biobased port’. Daarnaast werd inzicht gegeven in wat Rotterdam doet om de gevolgen van klimaatverandering, zoals de stijging van het waterpeil, voor te blijven.

Minder klachten bij Milieudienst Rijnmond

Samenwerking havens

Bij de Milieudienst Rijnmond (DCMR) zijn over het jaar 2010 minder klachten binnengekomen dan een jaar eerder. Vorig jaar ontving de meldkamer van DCMR 18.647 meldingen. Dat is circa tien procent minder dan een jaar eerder toen de meldkamer 20.587 keer werd bereikt. Volgens de milieudienst is de afname van het aantal klachten voor een groot deel te danken aan een gerichte aanpak bij bedrijven die structureel overlast veroorzaakten. Met name meldingen over lawaaioverlast namen af. De meeste meldingen vorig jaar ontstonden na een stroomstoring bij de BP Raffinaderij Rotterdam Europoort in mei. Wegens deze storing moest BP om veiligheidsredenen grote hoeveelheden aardoliecomponenten affakkelen. Dit leidde tot 366 stankmeldingen.

De havens van Rotterdam, Antwerpen en Amsterdam zullen meer met elkaar moeten ondernemen om hun posities in de toekomst veilig te stellen. “Alleen door samenwerking zullen wij in staat zijn onze belangen in Europa te verdedigen en te zorgen voor de juiste verbindingen met ons achterland”, meent voorzitter Wim van Sluis van de Rotterdamse ondernemersorganisatie Deltalinqs. Hij onderstreepte met zijn oproep recente opmerkingen van president-directeur Hans Smits van het Havenbedrijf Rotterdam. Die kondigde onlangs een nauwe samenwerking met de haven van Antwerpen aan. Beide havens willen een belang nemen in de grootste Europese binnenvaarthaven Duisport bij Duisburg en zoeken samen naar mogelijkheden voor een nieuwe logistieke draaischijf in Zuid-Duitsland.  

Rotterdam voorbeeld van duurzaamheid voor Europa 19 Januari bracht de Eurocommissaris van klimaatverandering, Connie Hedegaard (tweede van links), een bezoek aan Rotterdam. Zij sprak met vertegenwoordigers van het Rotterdam Climate Initiative (RCI), waaronder de Rotterdamse wethouders Alexandra van Huffelen (o.m. duurzaamheid, links op de foto) en Jeannette Baljeu (o.m. haven, rechts op de foto) en een aantal Rotterdamse bedrijven. Het bezoek van mevrouw Hedegaard aan Rotterdam stond in het teken van de publiek-private samenwerking binnen het RCI en de wijze waarop Rotterdam de klimaataanpak koppelt aan economische groei voor de regio. Hedegaard ziet Rotterdam als voorbeeld voor Europa, waar 6

Europoort Kringen • februari 2011

Samenwerking onderzoek in de waterketen Op 14 januari heeft de faculteit Civiele Techniek en Geowetenschappen (CiTG) twee omvangrijke contracten getekend op het gebied van onderzoek in de waterketen. Met drinkwaterbedrijf Vitens is een samenwerking aangegaan op het gebied van drinkwateronderzoek en wordt een nieuwe leerstoel Innovatieve Watertechnologie opgezet binnen de afdeling Watermanagement van de faculteit. Met Stichting RIONED zal, in samenwerking met de rioleringssector, de komende vijf jaar een uitgebreid kennisprogramma op het gebied van Urban Drainage worden opgezet en wordt structureel geïnvesteerd in het onderwijs. Binnen het kennisprogramma willen Stichting RIONED en TU Delft met de thema’s: Asset Management, Operationeel beheer, Systeem dynamiek en Nieuwe sanitatie op grote schaal nieuwe kennis ontwikkelen op het gebied van wateroverlast en duurzaam afvalwatertransport. Hiermee wordt ingespeeld op de grote kennisbehoefte van de sector.


Kilometerheffing voor vrachtauto’s Transport en Logistiek Nederland (TLN) en verladersorganisatie EVO zijn verontrust over het bericht dat de Belgische gewesten een akkoord hebben bereikt over de invoering van een kilometerheffing voor vrachtauto’s.
 De organisaties zijn niet per definitie tegen een vorm van kilometerheffing in België, maar dan moet dat wel leiden tot het verminderen van files en het verbeteren van het wegennet. Het is echter nu nog volstrekt onduidelijk of er ook een vergelijkbare heffing voor personenauto’s komt en wat er met de opbrengsten gaat gebeuren.

Vlaams-Nederlandse samenwerking nodig Euregio Scheldemond -het platform van de provincies Oost-Vlaanderen, WestVlaanderen en Zeeland- roept in een brief aan vier Vlaamse en Nederlandse ministers en drie parlementaire commissies op tot meer samenwerking en afstemming tussen verschillende onderzoeksinitiatieven rond de ‘biobased economy’. In een biogebaseerde economie worden plastics, geneesmiddelen, brandstoffen en andere producten steeds meer gewonnen uit hernieuwbare (bio-)grondstoffen. Daarmee wordt de mate van afhankelijkheid van fossiele brand- en grondstoffen verminderd en de uitstoot van oa. CO2 verlaagd. Bio Base Europe, Greenbridge en WarmCO2 zijn de paradepaardjes van de euregio-provincies. Bio Base Europe levert een ‘Pilot Plant’, een proeffabriek te Gent waar biogebaseerde productie op semi-industriële schaal kan worden uitgetest alvorens over te schakelen tot massaproductie. In het kader van Bio Base Europe wordt bovendien in Terneuzen een trainingscentrum gebouwd voor operatoren in de biogebaseerde en procesindustrie. Greenbridge, in Oostende, richt zich op startende ondernemers in onder andere de biogebaseerde economie, met zijn Incubator en het energiekennisplatform Power-Link. En in Terneuzen richt WarmCO2 zich op uitwisseling van warmte en CO2. Oost-Vlaanderen, West-Vlaanderen en Zeeland willen samenwerking tussen deze initiatieven en de daarin betrokken kennisinstellingen en bedrijven stimuleren. Echter ook elders in Vlaanderen en Nederland zijn interessante initiatieven in ontwikkeling. Euregio Scheldemond ziet hier een rol voor het Vlaams Gewest en de Nederlandse regering, die via hun subsidiebeleid alle verschillende initiatieven kunnen stimuleren tot samenwerking en onderlinge concurrentie kunnen helpen voorkomen.

Portbase bouwt maritiem loket voor Rijkswaterstaat Rijkswaterstaat krijgt één digitaal loket om informatie over scheepsreizen en gevaarlijke stoffen efficiënter uit te wisselen met instanties uit de overige lidstaten van de Europese Unie. De beheerder van het nationale netwerk van wegen en vaarwegen heeft Portbase geselecteerd om deze applicatie, genaamd Spoc (Single Point of Contact) NL te ontwerpen, realiseren en exploiteren. Het maritieme loket Spoc NL wordt in november 2011 opgeleverd. Aanleiding voor de ontwikkeling van dit nationaal loket is de wettelijke EU-verplichting om per lidstaat maritieme informatie via een centrale organisatie en een nationaal systeem te ontvangen en te verzenden (24 uur per dag). In Nederland gebeurt dit onder de naam Spoc NL. Voor havenautomatiseerder Portbase is het de eerste keer dat het een opdracht voor Rijkswaterstaat uitvoert. Het bedrijf is vooral bekend om het haveninformatiesysteem Port Community System (PCS). Klanten zenden via dit systeem reeds scheepsreisgegevens en gevaarlijke stoffeninformatie door aan de havenautoriteiten. PCS zal dan ook worden gekoppeld aan het op te leveren Spoc NL. Portbase is voortgekomen uit het Rotterdamse Port infolink (sinds 2002) en het Amsterdamse PortNET (sinds 2000). De organisatie is in 2009 opgericht door Havenbedrijf Rotterdam en Haven Amsterdam. Op Europees niveau is EMSA (European Maritime Safety Agency) in Lissabon belast met het verzamelen en ontsluiten van informatie over scheepsreizen en gevaarlijke stoffen. Omdat EMSA werd overspoeld met gegevensstromen vanuit alle Europese havens, is gekozen voor een gecentraliseerde opzet waarbij elk

land een Spoc moet opzetten. De Spocs zijn verbonden aan SafeSeaNet, het overkoepelende Europese systeem van EMSA dat deze data verzamelt.

Explosiebestendig kantoor voor BP in Europoort BP in de Europoort heeft binnenkort een explosiebestendig hoofdkantoor. Dat komt door de constructie en de bijzondere vorm waarvoor is gekozen. Het gebouw steekt als het ware als een halfronde skihelling uit de grond omhoog, waardoor de druk van een explosie over het dak van het gebouw rolt. Het explosiebestendige kantoor is daarnaast heel milieuvriendelijk. Het kantoor wordt gebouwd naast de BP-raffinaderij in Europoort. Vanaf mei 2011 kunnen ruim vierhonderd medewerkers in het veilige gebouw aan de slag.


Solarpark voor zonne-energie in Griekenland Het noodlijdende Griekenland is van plan om het grootste solarpark voor zonne-energie ter wereld aan te leggen bij de stad Kozani in het noorden van het land, aldus de Griekse premier George Papandreou. Het project gaat naar schatting zeshonderd miljoen euro kosten en heeft een capaciteit van tweehonderd megawatt. Het Griekse staatsbedrijf Public Power Corporation (PPC) gaat het project internationaal aanbesteden om een investeerder te vinden. Volgens Papandreou dient het project als model voor het ontwikkelen van schone energie. Verder moet de bouw van het solarpark de werkgelegenheid in het land bevorderen. Griekenland verkeert in zware financiële problemen. Het Zuid-Europese land werd vorig jaar te hulp geschoten met noodleningen van de Europese Unie en het Internationaal Monetair Fonds.

Onderzoek naar haalbaarheid van brandstofproductie uit groenafval Ingenieursbureau DHV onderzoekt de financiële en technische haalbaarheid van de verwerking van groenafval tot brandstof. Opdrachtgevers zijn de brancheorganisaties voor hoveniers, loonwerkers en brandstofhandelaren en drie individuele bedrijven. Zij willen weten of het groenafval dat vrijkomt bij hun werkzaamheden eenvoudig, goedkoop en duurzaam kan worden verwerkt tot brandstof voor de voertuigen en machines van de eigen bedrijven. De brandstofhandelaren zullen de resterende brandstof verkopen. Het onderzoek van DHV moet aantonen of dit groenafval geld en brandstof kan opleveren. Nu moeten de bedrijven nog fors betalen om van hun groenafval af te komen en om aan brandstof te komen. Er worden twee soorten brandstoffen onderzocht: biogas door vergisting en bio-olie door pyrolyse. AgentschapNL draagt bij aan de eerste fase van het haalbaarheidsonderzoek.

Europoort Kringen • februari 2011

7


110198

MAATWERK MAAKT HET VERSCHIL

De Zeeuwse zeehavens vormen dé verbinding met alle continenten. Zij garanderen een snelle goederenstroom dankzij hun goede toegankelijkheid, hun ligging aan diep zeewater en hun prima voorzieningen. De twee moderne havens zijn strategisch gelegen tussen Rotterdam en Antwerpen, aan de monding van de Westerschelde. Samen met een uitgebreid filevrij netwerk van auto-, spoor- en waterwegen garandeert dit uitstekende verbindingen met het achterland. Kenmerkend is de klantvriendelijkheid, de oplossingen op maat en de grote verscheidenheid aan mogelijkheden voor logistieke en industriële bedrijvigheid. Havenautoriteit Zeeland Seaports helpt al deze voordelen in stand te houden.

driven by dedication schelpenpad 2

postbus 132

www.zeelandseaports.com

4530 AC terneuzen t 0031 (0)115 647400

port@zeelandseaports.com f 0031 (0)115 647500

Rotterdam Vlissingen Terneuzen Antwerpen


foto: Eric Bakker

Column

Co van Liere Co van Liere promoveerde in

PaSta’S EN toRtiLLa’S Ik hou van koken. Met een wijntje in de hand kan ik uren in de keuken doorbrengen en heerlijke gerechten maken. Het gaat me gemakkelijk af en het is genieten. Terwijl het wijntje zijn werk doet op de nog vrijwel lege maag en mijn geest wegdroomt in culinaire hoogstandjes bereiden mijn handen de rozemarijnaardappeltjes, de gesmoorde broccoli en de gegrilde tilapiafilet. Of een heerlijke vegetarische maaltijd van beetgaar gewokte paksoi, pasta en eieren waarbij de olijfolie en ketjap rijkelijk vloeien. Het meest verzot ben ik echter op toetjes. Een stralende meringue met slagroom en frambozen is niet alleen een lust voor het oog maar ook een streling voor de tong en een zoen voor de maagwand. Het is verrassend te zien hoeveel producten er vrijwel altijd verkrijgbaar zijn en hoe steeds nieuwe technologie beschikbaar komt voor de instandhouding daarvan. Frambozen, bijvoorbeeld, hebben een zwakke structuur en na korte tijd is het een roze prutje geworden dat wel goed smaakt maar er niet goed uitziet. Met pascalisatie, een vorm van lage temperatuur pasteurisatie bij zeer hoge druk (tot achtduizend bar) wordt de vrucht en zijn structuur echter behouden. En met hogedruk sterilisatie komt een energiezuinige technologie voor de nabije toekomst beschikbaar. De producten worden daarbij één tot vijf minuten gesteriliseerd bij zesduizend bar, maar met een productkwaliteit alsof het is gepasteuriseerd. Met maar twintig procent van de energie die anders nodig was geweest in het sterilisatieproces. Ik kan het maar niet laten om bewust of onbewust te letten op energieverbruik en duurzaamheid. Het zit er kennelijk bij mij ingebakken. Een aantal jaren geleden hebben we de keuken verbouwd. Bij de inrichting viel het me op hoeveel extra stopcontacten er werden geplaatst. Waren het er eerst zes, na de verbouwing waren het er vijftien. Behalve zeven losse contacten voor lampjes, koffiemachine, mixer en blikopener was er een contactdoos voor de oven, de magnetron, de koelkast, de diepvries, de boiler, de vaatwasser, de inductiekookplaat en de afzuigkap. Over elektrificatie van de samenleving gesproken! En het is heerlijk! Inductiekoken is niet alleen zeer efficiënt, maar ook snel regelbaar en hygiënisch. Veel mensen hebben er nog zo hun bedenkingen over. Gas is en blijft hun favoriete energiebron want ‘dat kun je tenminste goed

1976 aan de TU Delft en deed als CTO onderzoeken ontwikkeling bij KEMA. In 2002 ontving hij de DOWenergieprijs voor zijn werkzaamheden op het gebied van energie en duurzaamheid.

regelen’. Maar dat is onzin en bovendien is koken op gas niet efficient. Studenten aan de TU Delft rapporteerden ooit dat thee maken op basis van gas het meest energiezuinig zou zijn. Mijn nekharen kwamen overeind bij het aanhoren van zulke kwalijke nonsens. Juist van studenten aan deze wereldbekende universiteit zou je toch mogen verwachten dat ze de fundamenten van energie begrijpen en over de grenzen van het fornuis heen kunnen denken. Het begrip exergie en het integrale ketendenken mogen voor hen niet nieuw zijn, maar dat is het kennelijk wel. Inmiddels is er een deeltijdhoogleraar ‘Future Energy Systems’ benoemd. “Een duurzaam energiesysteem van de toekomst is geen optelsom van losse zonnepanelen en windmolens”, zegt prof. Van Wijk. “We moeten toe naar totaal nieuwe integrale energiesystemen. We verspillen zo’n 98 procent van alle energie die we uit de grond winnen om onze energiewensen te vervullen. Bij het koken van een ei bijvoorbeeld, gooien we de meeste energie -het hete water- na afloop door de gootsteen. Met een eenvoudige warmtewisselaar in de keuken kan dit warme water worden teruggeleid naar de boiler en worden hergebruikt.” Kijk, denk ik dan, prof. van Wijk kan in ieder geval een ei koken en dat doet me goed. En met deze benoeming komt ook het ‘Energyweb’ weer in beeld en dat is pure winst! . Het wijntje doet zijn werk en terwijl het voedsel door mijn handen gaat, dwalen mijn gedachten af naar een akelig neveneffect van duurzaamheid. Door dertig procent van de maïsproductie in de USA te gebruiken voor bio-ethanol steeg de prijs van een tortilla in Mexico met honderd procent. En het blijkt dat thans de gemiddelde prijs van alle voedselproducten in de wereld een factor twee hoger is dan rond de eeuwwisseling. Vooral door granen, oliën en zuivel. Afgelopen maand waren er hevige rellen in Tunesië en Algerije waarbij de voedselprijzen één aspect waren van de algemene ontevredenheid. Maar er zijn nog zo’n dertig landen waar het broeit. Wat voor ons duurzaam is, kon wel eens heel asociaal zijn voor grote gebieden op aarde. Met een vork prik ik in de pan en met een slokje Shiraz verdwijnt een wokkel in bouillon gekookte pasta tussen mijn malende kaakjes om te proeven. Hmmm.... denk ik, ‘al dente’. Heerlijk. Nog een beetje zeezout erbij en we kunnen aan tafel. Europoort Kringen • februari 2011

9


Petrochemie

‘Het nog ontbrekende element in de energiemix’

Groningen Seaports

voorziet vliegwieleffect

met komst Vopak

door Jiri Hartog Vopak maakte begin vorige maand bekend dat het de Eemshaven heeft uitgekozen als locatie voor de nieuw te bouwen opslagterminal voor strategische olievoorraden. De ligging van de haven en de beschikbaarheid van grond waren doorslaggevend bij het maken van deze keuze. Directeur Harm Post van Groningen Seaports verwelkomt Vopak met open armen. Hij ziet de nieuwe olieterminal als een ontbrekende schakel in de daar al aanwezige energiemix. Ook voorziet Post ‘een wervende werking’, nu Vopak zich in het hoge noorden gaat vestigen. “Iedereen zal denken: dat móet wel een goede plek zijn!”

H

et nieuwe jaar was zo’n twee weken oud, toen Vopak en NIBC European Infrastructure Fund gezamenlijk in een persbericht naar buiten brachten dat zij overeenstemming hadden bereikt over de bouw en exploitatie van een nieuwe opslagterminal voor olieproducten in de Eemshaven in Groningen. Beide bedrijven hebben hiertoe een joint venture opgericht, waarin zij gelijkwaardig aandeelhouder zijn. En geloof het of niet, maar directeur Harm Post van Groningen Seaports hoorde pas die elfde januari definitief dat Eemshaven de locatie zou worden van de nieuwe opslagterminal. “Toen wij in het persbericht van hun financial investment decision lazen, wisten wij zeker dat de keuze op ons was gevallen”, aldus Post. Tot Groningen Seaports behoren zowel de Eemshaven als de haven en bedrijventerreinen van Delfzijl. Traject “Natuurlijk is hier een intensief, anderhalf jaar durend traject aan voorafgegaan”, vertelt Post verder. “Verschillende punten kwamen aan de orde, zoals de 10

Europoort Kringen • februari 2011

De Eemshaven


Europoort Kringen • februari 2011

11


it’s air that moves us... Air Products is in haar ruim zestigjarig bestaan uitgegroeid tot een wereldwijd opererende multinational met een jaarlijkse omzet van rond de 10 miljard dollar. Air Products is operationeel in meer dan 30 landen. In Nederland staan diverse productielocaties, waaronder in het Rotterdamse havengebied en Terneuzen. De producten die Air Products produceert en levert zijn ondermeer zuurstof, stikstof, argon, waterstof, CO, helium en een breed scala aan specialiteitsgassen. De gassen worden geleverd in cilinders, bulk en direct via buisleidingen. Air Products weet dat alleen het leveren van de beste producten en technologie niet voldoende is. Er dient eveneens gezorgd te worden voor lokale technische support om haar klanten op hoogst haalbare niveau te laten opereren. Het is deze filosofie die Air Products heeft geholpen een leidende positie in te nemen als leverancier aan de internationale industrieën.

Air Products Nederland B.V. P.O. Box 59031 3008 PA Rotterdam phone +31 (0) 10 29 61 300 email hrapned@airproducts.com www.airproducts.com


Petrochemie

“Het duurste stukje grond bij ons kost eenderde van wat je er op de Tweede Maasvlakte voor moet betalen” precieze locatie waar de site zou moeten worden neergezet. En hoe moet het met de infrastructuur, en wat wordt de grondprijs? Dit was behoorlijk zwaar; het ging immers om een omvangrijke investering. Wel hebben wij zoals altijd geprobeerd het zakelijke met het aangename te combineren. Wij geven ondernemers, bestuurders en politici regelmatig een rondleiding, waar onder meer een boottocht toe behoort. Hierbij wordt iedereen drijfnat, en ook de heren van Vopak hebben eraan moeten geloven! Dit is zó leuk: de gasten komen letterlijk in een nat pak druipend van de boot, maar tegelijkertijd heeft iedereen een lach op het gezicht.” Best groot De nieuwe terminal die in de Eemshaven zal worden gebouwd, heeft een aanvankelijke opslagcapaciteit van 660.000 kubieke meter. De opslagfaciliteit bestaat uit elf tanks, met elk zestigduizend kubieke meter en een oliesteiger voor zeeschepen. Op termijn kan de capaciteit worden uitgebreid tot vijftig tanks, met een opslag van 2,76 miljoen vierkante meter. Vopak verwacht de terminal in het derde kwartaal van volgend jaar in gebruik te kunnen nemen. Volgens woordvoerder Arno Schikker van Vopak gaat het om ‘best een grote terminal’. Hij licht toe: “Het is lastig te duiden of de olieterminal groot is, vergeleken met andere opslagterminals van Vopak. Wij slaan zowel olie, chemicaliën als gassen op, en voor olie heb je traditioneel nu eenmaal grotere tanks nodig. Ter indicatie: in de Europoort hebben wij een hub-terminal met een capaciteit van vier miljoen kubieke meter. De terminal in de Eemshaven is van een ander type, maar zal hierbij vergeleken best groot worden.” Strategische opslag De olieterminal wordt gebouwd op een 55 hectare groot terrein, ten zuidwesten van de Julianahaven in de Eemshaven. Voor Groningen Seaports betekent dit een investering in de huidige infrastructuur van zo’n twintig miljoen euro. De voorbereidende werkzaamheden zijn al begonnen, meldt Groningen Seaports. De tanks zullen via pijpleidingen met een door de haven te bouwen oliesteiger in de Julianhaven worden verbonden. Vanuit dit havenbekken zal de aan- en afvoer plaatsvinden. Een aantal regionale aannemers zou de eerste opdrachten voor de bouw van de terminal al binnen hebben. De ter-

Harm Post: “Wanneer een dergelijk bedrijf voor jou kiest, heeft dit een wervende werking in de rest van de wereld.”

Europoort Kringen • februari 2011

13


Engineering services

Technip Group

Technip-EPG

With a workforce of 23,000 people worldwide, and annual revenues of almost 7 billion euros, Technip ranks among the 5 major players in full-service engineering and construction services in the field of hydrocarbons and petrochemicals. With nearly 50 years of experience in the design and construction of large industrial facilities, a wide range of state-of-the-art technologies and operational bases spread over 5 continents, Technip Group is able to manage all aspects of major projects at optimised costs, from front-end engineering design to turnkey delivery.

Technip-EPG is a specialized engineering company with strong positions in the markets oil & gas, (petro)chemical, building & construction, HVAC and energy & water. We have over 30 years of experience in engineering for the Dutch industrial market and cover the complete range in engineering services for mono- and multidisciplinary projects. With 130 experienced employees we contribute to the success of our clients business. As a member of the Group we have full access to all Technip resources and technologies.

Technip-Benelux In Zoetermeer, Technip Benelux with it’s 330 employees, is active in the design, engineering and worldwide implementation of process plants and units in the oil & gas and petrochemical industry with specialization in ethylene, hydrogen and synthesis gas.

Technip-EPG B.V. Barbizonlaan 50 2908 ME Capelle a/d IJssel Postbus 8568 3009 AN Rotterdam Tel.: +31 (0)10 220 70 70

Marc Bannink Sales Manager mbannink@technip.com www.technip-epg.com

Engineering without borders


Petrochemie minal zal worden gebruikt voor de opslag van strategische voorraden ruwe olie, benzine en diesel. Wat ‘strategische voorraden’ precies zijn, legt Schikker uit: “Dit zijn voorraden die Europese overheden moeten aanhouden. Dit is voor wanneer de normale toevoer van deze producten zou worden onderbroken.” Scheepsbewegingen Juist het gegeven dat het om een opslag voor strategische voorraden gaat, maakt Vopak voor Groningen Seaports tot een stabiele partner. In de persverklaring rept Groningen Seaports van ‘solide partijen’ die contracten aangaan voor lange termijn. De komst van Vopak garandeert een inkomensstroom voor lange tijd naar de haven in de vorm van erfpacht en havengelden. De terminal zelf zal niet veel directe werkgelegenheid scheppen, omdat er alleen een klein aantal process operators zullen werken. Wel voorziet Groningen Seaports indirecte werkgelegenheid voor lokale bedrijven, voor onderhoudsbedrijven en toeleveranciers. Ook zal het aantal scheepsbewegingen in de haven toenemen, wat werk biedt aan het loodswezen, de sleepdienst en vastmakers. Voorwaarden De uiteindelijke keuze van Vopak voor de Eemshaven was dus goed nieuws voor Harm Post van Groningen Seaports. Hij heeft natuurlijk wel een idee waarom het kwartje zijn kant op is gevallen. “De Eemshaven heeft een goede ligging ten opzichte van de NoordwestEuropese landen. Ook belangrijk is dat hier ruimte beschikbaar is tegen relatief gunstige prijzen. Het duurste stukje grond bij ons kost eenderde van wat je er op de Tweede Maasvlakte voor moet betalen. Zeker bij grote oppervlaktes tikt dit verschil behoorlijk aan.” Post heeft het inderdaad bij het juiste eind, zo blijkt uit de woorden van Schikker. Hij legt uit aan welke voorwaarden een locatie voor de nieuwe opslagterminal moest voldoen: “Er moest ruimte zijn, een aanwezige haveninfrastructuur, voldoende diepgang en een goede ligging ten opzichte van de vaarroutes. Na bestudering van de verschillende mogelijkheden bleek de Eemshaven het best aan onze eisen te voldoen. De doorslag gaven de ligging en de beschikbaarheid van grond. 55 hectare is schaars in de buurt van een haven.” Rotterdam was voor Vopak geen optie. Schikker nogmaals: “Sowieso gaat Vopak in Rotterdam nog groeien op de huidige locatie, maar daar is geen ruimte voor een extra 660.000 kubieke meter.”

Energiemix Een belangrijke vraag is wat de komst van Vopak voor Groningen Seaports betekent. Post verklaart: “De Eemshaven ontwikkelt zich in rap tempo tot dé energiehaven van Nederland. Wij verwachten dat in 2012 ongeveer 35 procent van de totale productie van energie in Nederland vanuit de Eemshaven wordt geproduceerd. De komst van Vopak is van uitermate groot belang voor de verdere ontwikkeling en versterking van de Eemshaven als energiehaven. Er worden nu al drie energiecentrales gebouwd, van Nuon, RWE en Advanced Power. Verder komen er bij ons elektriciteitskabels aan land vanuit Denemarken en Noorwegen en wordt hier een windmolenpark gebouwd, die voldoende zal produceren om eenderde van de Nederlandse huishoudens van stroom te kunnen voorzien. De komst van Vopak is een verdere toevoeging van een nog ontbrekend element in de energiemix. Hiernaast geldt: wat voor een partij haal je binnen! Vopak is groot, betrouwbaar en een wereldspeler. Wanneer een dergelijk bedrijf voor jou kiest, heeft dit een wervende werking in de rest van de wereld. De vestiging van Vopak in de Eemshaven is belangrijk voor het gezicht van Groningen Seaports. Iedereen denkt: dat móet wel een goede plek zijn!” Modern ondernemerschap Hoewel de deal met Vopak een flinke stimulans is voor de ontwikkeling die de noordelijke haven doormaakt, kleven aan de komst van de oliegigant ook mogelijke bezwaren. De Eemshaven mondt immers uit in de Waddenzee, waardoor ‘olie’ en ‘Wadden’ samen worden gebracht. Hoe kijkt Post hier tot slot tegenaan? “Dit heeft Vopak voorbeeldig aangepakt. Ze zijn vantevoren naar de milieuorganisaties toegegaan en hebben gevraagd: ‘Wat moeten wij doen om te voorkomen dat jullie ook maar één procedure starten?’. Op basis van drie punten is Vopak er met de organisaties uitgekomen. Eén: er wordt alleen met dubbelwandige tanks gevaren. Twee: op de oliesteigers is er een driedubbele beveiliging van de pompen tussen het schip en de terminal. Drie: Vopak betaalt de nodige bestrijdingsmiddelen voor wanneer weggelekte olie vanuit de haven de Waddenzee in zou stromen. Over al deze punten zijn akkoorden bereikt, wat tot gevolg had dat er geen enkel bezwaarschrift is ingediend. Hiermee won Vopak veel proceduretijd en loodste het dit er in één klap doorheen. Chapeau! Dit vind ik een staaltje van modern ondernemerschap.”

(advertentie)

Lagers Open aandrijvingen Pneumatiek Hydrauliek Motoren/reductoren

Standaard en maatwerk in aandrijftechniek www.eriks.nl


PLANET

Is meer dan de derde P

www.mourik.com

De 3e P van People Profit Planet zetten wij voorop. Dat is onze toekomst. Wij bieden vandaag duurzaamheid. Met het oog op morgen. Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen is meer dan een document met een handtekening. Wij geloven in Maatschappelijk Toegevoegde Waarde. Dat ziet u bijvoorbeeld aan ons nieuwe wagenpark met schone Euro-5 motoren. Wij wachten niet op de wet, we zijn ‘m voor. Uw Maatschappelijk Toegevoegde Waarde begint vandaag. Met Mourik. 010–296 54 00.

THE STORAGE TERMINAL OPERATORS’

CONFERENCE & EXHIBITION

Bezoek onsROTTERDAM op: THE AHOY 22-24 MARCH 2011

Mourik Nederland Telefoon +31-10-296 54 00 E-mail industrie@mourik.com

Ahoy Rotterdam 22-24 maart

Ahoy Rotterdam 12-14 april

Mourik België Telefoon +32-3-542 20 40 E-mail mourik@mourik.be

INFRASTRUCTUUR – INDUSTRIEBOUW – UTILITEITSBOUW – INDUSTRIËLE REINIGING – CATALYST HANDLING MILIEUTECHNIEK – ASBESTSANERING – ENGINEERING – MECHANICAL – CONSTRUCTIE W, E & I INSTALLATIES – BETONREPARATIE – CONSERVERINGEN – TOTAL TANK CARE


petrochemie

Hoogste punt 27 januari is het hoogste punt bereikt van de eerste fase van de bouwactiviteiten bij Botlek Tank Terminal in Rotterdam. Een van de in aanbouw zijnde opslagtanks heeft de definitieve hoogte van dertig meter bereikt. De bouwer, Polimex-Mostostal S.A. uit Warschau, bouwt volgens de vijzelmethode, waarbij met het dak wordt begonnen. De tanks worden opgevijzeld, waarbij telkens een ring onderaan wordt toegevoegd. Voordeel van deze bouwmethode is dat er niet tot nauwelijks op hoogte gewerkt hoeft te worden. Dit komt de veiligheid ten goede. Daarnaast is het gunstig dat de tanks al tijdens de bouwfase geschilderd kunnen worden. Dit levert tijdwinst op. De bouw van deze eerste fase ligt goed op schema. Het gaat om in totaal 34 tanks, met een gezamenlijke opslagcapaciteit van tweehonderdduizend kubieke meter. Hiervan is honderddertigduizend kubieke meter bestemd voor minerale oliën en zeventigduizend kubieke meter voor eetbare oliën en biodiesel. De bouw is in het tweede kwartaal van 2010 gestart en zal in het vierde kwartaal van 2011 zijn afgerond. BTT beschikt dan over een state-of-the-art terminal met voldoende ligplaatsen aan diep vaarwater, geschikt voor de overslag en opslag van een gevarieerd pakket natte bulkproducten, zoals minerale oliën, ethanol, eetbare oliën en biobrandstoffen. Het is de bedoeling om na afronding van de tweede fase, in 2014, over vijfhonderdvijftigduizend kubieke meter opslagcapaciteit te beschikken. Sinds 1 maart 2010 is BTT al in staat en gecertificeerd om snel en efficiënt natte bulk boord-boord over te slaan. Aan haar 420 meter lange zeesteiger kunnen twee zeeschepen tot honderdduizend ton DWT tegelijkertijd worden behandeld.

Chemische industrie best betalende bèta-sector
 Van alle sectoren in de bètahoek is de chemische industrie de best betalende sector. Op alle niveaus (mbo, hbo en wo) keert deze branche het hoogste bruto uurloon uit. Dat blijkt uit onderzoek van SEO Economisch Onderzoek in 2010. Ook in soortgelijk onderzoek uit 2008 kwam de chemische industrie als hoogste uitkeerder uit de hoed. De cijfers vormen een onderdeel van de Bèta-loopbaanmonitor, die in opdracht van het Platform Bèta Techniek is gemaakt. Hiervoor hebben in 2009 en 2010 ruim achttienduizend werknemers met een mbo-, hbo- of wo-diploma een vragenlijst ingevuld. Werknemers in de chemische sector zijn ook erg content: op mbo-niveau is 74 procent (zeer) tevreden. Chemie leidt daarmee samen met de bouwnijverheid het klassement. Hbo’ers scoren met 69 procent in de middenmoot, terwijl academici in de chemie met 74 procent tevredenheid in de subtop eindigen. Uit het onderzoek komt ook naar voren dat in de chemische industrie vrouwelijke managers nog geen gemeengoed zijn: gemiddeld heeft slechts vier procent van de werknemers op mbo- of hbo-niveau een bazin op de werkvloer. Alleen in de metaalindustrie (met nul procent) ligt deze verhouding lager. Werknemers op academisch niveau leggen met 26 procent een stuk vaker verantwoording af aan een vrouw. Daar scoort de chemische industrie juist één van de hoogste percentages.
Volgens Nelo Emerencia, speerpuntmanager onderwijs en innovatie bij de VNCI, bieden de resultaten voldoende reden voor bedrijven om te lobbyen richting onderwijs. “De industrie zou veel meer energie moeten steken in het informeren van potentiële studenten over de kansen en mogelijkheden in de chemische industrie. Veel jongeren weten niet waar deze liggen: wat voor soort banen er in de chemie zijn, wat voor loopbaan ze kunnen hebben en welk salaris ze er kunnen verdienen.”
Hoewel werknemers vaak tevreden zijn, zien werkgevers in de chemische industrie nog verbeterpunten voor de aansluiting tussen onderwijs en industrie. Uit Europees onderzoek in 2010 bleek dat de industrie wil dat studenten multidisciplinair en breed opgeleid worden, en meer financiële en zakelijke vaardigheden hebben. Op basis van het rapport bespreekt de VNCI met universitei- ten of bestaande curricula aangepast kunnen worden.
De Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie (VNCI) wil optimale voorwaarden creëren voor het functioneren en de groei van de chemische sector in Nederland en bevordert de kwaliteit van de sector. De chemische sector is goed voor een omzet van 38 miljard euro en is binnen de Nederlandse industrie verantwoordelijk voor circa zeven procent van de werkgelegenheid, negentien procent van de productie, negen-tien procent van de export, negentien procent van de investeringen en 24 procent van de onderzoeks- en ontwikkelingsuitgaven. 
      

(advertentie)

O-ringen Rubbertechniek Vormwerk Dynamische afdichtingen Flensafdichtingen

Grootste assortiment afdichtingen www.eriks.nl


Sommige zaken vinden wij nu eenmaal vanzelfsprekend. Vinรงotte Nederland levert als onafhankelijke inspectie- en keuringsinstelling diensten aan op het gebied van veiligheid, kwaliteit en het milieu. Onze expertise omvat onder meer de controle van de integriteit van constructies, installaties, machines, apparaten en gebouwen en diensten rond arbeidsomstandigheden. Bij Vinรงotte Nederland werken meer dan honderd technische deskundigen. Naast de hoofdvestiging te Breda hebben we ook kantoren te Rhoon en Akersloot en logistieke steunpunten in het hele land. Vinรงotte Nederland maakt deel uit van de internationale groep Vinรงotte, die met zijn meer dan 2000 medewerkers een kenniscentrum vormt en wereldwijd in vijftien landen vestigingen heeft. Interesse in een oplossing op maat? Neem dan een kijkje op onze website www.vincotte.nl.

Safety, quality and environmental services www.vincotte.com


Petrochemie

Mogelijk investeringen van honderden miljoenen Kuwait Petroleum Europoort (KPE) onderzoekt de toekomst van de raffinaderij. Dat maakte Wael Salmeen, Deputy Managing Director van Kuwait Petroleum Europoort (KPE) in Europoort, bekend bij de officiële opening van drie nieuwe installaties door burgemeester Ahmed Aboutaleb van Rotterdam. Met de opening van de drie nieuwe installaties is een investering van honderd miljoen dollar gemoeid. KPE reduceert daarmee de uitstoot van SO2 met vijftig procent, en die van NOx met 25 procent. Daarmee voldoet de raffinaderij voor vele jaren aan de strengste milieu-eisen. Om ook in de toekomst een gezonde raffinaderij te kunnen opereren, heeft KPE haalbaarheidsstudies over de toekomst van de raffinaderij laten uitvoeren. Deze studies hebben diverse scenario’s onderzocht. Een mogelijke uitkomst van deze studies is een investering van enkele honderden miljoenen in de raffinaderij. In 2011 zal meer bekend gemaakt worden over deze plannen. Verder werd tijdens deze opening bekendgemaakt dat olieconcern Q8 zijn hoofdkantoor voor Europa, nu nog gevestigd in Kuweit, gaat verplaatsen naar Nederland. Wael Salmeen: “We willen dichter op de Europese markt gaan opereren. Nederland is olieland nummer één in Europa, en heeft goede voorzieningen en een goede infrastructuur.”

De verhuizing van het hoofdkantoor kan tientallen banen opleveren. Burgemeester Aboutaleb is zeer enthousiast over de mogelijke investeringen in de raffinaderij en de komst van het hoofdkantoor naar Nederland, en hoopt op een goede samenwerking om deze investeringen mogelijk te maken. Aboutaleb: “Investeringen in de haven zijn van groot belang voor Rotterdam en Nederland.”

Crashbuffers op treinen met brandbare vloeistof De VNCI pleit ervoor dat de overheid meer steun geeft voor het gebruik van zogenoemde crashbuffers. Zij meldt dit in reactie op het rapport van de Onderzoeksraad voor veiligheid over het ongeval met twee treinen bij Barendrecht in 2009. De vereniging mist daarin aandacht voor deze buffers, die vrijwel zeker een ernstiger incident voorkomen hebben. Het rapport behandelt het treinongeval bij Barendrecht op 24 september 2009. Hierbij botsten drie treinen op elkaar: twee goederentreinen en één passagierstrein. Het ongeval werd waarschijnlijk veroorzaakt door een onwel geworden machinist. Hierdoor reed zijn trein door een rood sein. De belangrijkste aanbeveling uit het rapport luidt daarom dat er meer nieuwe seinen nodig zijn die langzaam rijdende treinen wél stoppen als ze een rood sein tegenkomen (de ATB-vv-beveiliging). Macco Korteweg-Maris, VNCI-beleidsmedewerker Veiligheid: “Voor het Basisnet vervoer gevaarlijke stoffen is ook al besloten voor deze uitbreiding van het aantal ATB-vv-seinen. We hopen

dat vanwege het ongeval in Barendrecht onderzoekers en overheid meer promotie willen uitvoeren voor het vrijwillig toepassen van crashbuffers op de ketelwagens, zoals SABIC uit Geleen al doet. Door die crashbuffers is de impact van de botsing gedempt en is lekkage vrijwel zeker voorkomen. De VNCI is een voorstander van deze bovenwettelijke maatregelen, en aandacht hiervoor in het rapport van de onderzoeksraad was een stimulans geweest crashbuffers breder en sneller in te voeren.” De VNCI blijft ondanks het ongeval bij Barendrecht en de recente brand bij Kijfhoek positief over de veiligheid bij het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor. Ongelukken zijn volgens de vereniging helaas nooit uit te sluiten. De industrie moet daarom continu blijven werken aan het verbeteren van de veiligheid. Belangrijke verbeterpunten zijn het veilig samenstellen van LPG-vervoerende treinen (de zogenaamde warmeBLEVE-vrij-samenstelling) en de aanpassing van enkele routes voor vervoer (zoals maximaal gebruik van de Betuweroute).

(advertentie)

Rubber slangen PTFE slangen Kunststof slangen Metalen slangen Compensatoren

Complete assemblages industrieslangen www.eriks.nl


Duurzame Energie

20

Europoort Kringen • februari 2011


“Gas is zeer geschikte transitiebrandstof” door Laurent Chevalier Dat het Eneco ernst is met de productie van duurzame energie bewijst het concern weer eens met de bouw van de Enecogen hoogrendement gascentrale in Europoort. Samen met DONG Energy is Eneco daar in 2009 begonnen met de bouw van de gascentrale, die volgens Kees Jan Rameau, lid van de Raad van Bestuur van Eneco, ‘de schoonste van Europa’ wordt. De centrale gaat eind dit jaar in productie.

D

e gascentrale kost 672 miljoen euro, telt twee productielijnen en heeft een capaciteit van 870 MW. Dit is genoeg om twee miljoen huishoudens van elektriciteit te voorzien. De geavanceerde centrale wordt vanuit Rotterdam aangestuurd, waardoor de loonlijst op de locatie slechts 39 man telt. Om het milieu zoveel mogelijk te beschermen, krijgt de uiterst moderne centrale een DeNOxinstallatie, waardoor de stikstofuitstoot tachtig procent minder is dan bij een traditionele centrale. Voorts is de uitstoot van CO2 in vergelijking met andere energiecentrales ongeveer 25 procent minder. Rameau noemt als groot voordeel van gascentrales dat die gemakkelijk gekoppeld kunnen worden met de energie van bijvoorbeeld windmolens. “Gascentrales zijn namelijk erg flexibel. Als er voldoende wind is of als de vraag naar energie tijdelijk daalt, kun je een gascentrale direct op een lagere capaciteit terugschakelen of zelfs helemaal uit bedrijf nemen. Dat is niet mogelijk met kolengestookte centrales. Met deze flexibele inzet kunnen wij onze klanten garanderen dat ze altijd energie krijgen.” Hoewel de Eneco-topman het niet met zoveel woorden zegt, is het wel duidelijk dat Eneco met de nieuwe centrale straks tot de ‘beste van de klas’ hoort.

Kiezen voor de toekomst Met de keus voor gasgestookte energiecentrales vindt Eneco de milieu-organisaties aan haar kant. Zo is Greenpeace al jaren Europoort Kringen • februari 2011

21


22

Europoort Kringen • februari 2011


Duurzame Energie mordicus tegen de bouw van kolencentrales, zoals andere energieconcerns nog steeds doen. Volgens Greenpeace voldoen kolencentrales bij lange na niet aan de eisen van de overheid ten aanzien van schadelijke emissies. Milieu-organisaties vrezen dat de luchtvervuiling toeneemt als er in Nederland nieuwe kolencentrales worden gebouwd. In december van het afgelopen jaar sloten zestien vooraanstaande hoogleraren zich ook aan bij het groeiende protest tegen de bouw van wellicht vijf nieuwe kolencentrales. In hun open brief ‘Energiebedrijven keer terug nu het nog kan’ betogen zij dat de bouw van kolencentrales zorgt voor een aanzienlijke hoeveelheid extra uitstoot van CO2. Volgens de hoogleraren gaat het met Nederland nu al fors de verkeerde kant op. “De totale CO2 -uitstoot is in ons land sinds 1990 toegenomen van 159 miljoen ton tot 170 miljoen ton (peildatum 2009). De feitelijke CO2 -uitstoot van de energiesector is in Nederland in die periode toegenomen van 42 miljoen ton naar 52 miljoen ton, ofwel een toename van 24 procent.” De hoogleraren noemen steenkolen de meest vervuilende brandstof om energie mee op te wekken. “Vijf kolencentrales veroorzaken evenveel uitstoot van CO2 als het gebruik van negen miljoen auto’s. Het wordt tijd te kiezen voor een nieuwe economie rondom duurzame energie.” De hoogleraren roepen met name E.ON, Essent, Electrabel, NUON en C.GEN op ‘te stoppen met het maken van plannen voor de bouw van nieuwe kolencentrales en te kiezen voor de toekomst in plaats van voor oplossingen uit een vorig tijdperk’. Voor Greenpeace geldt het gebruik van gas voor de productie van energie overigens ook nog niet als de allerfraaiste vorm van duurzame energieproductie. De milieu-organisatie tekent daarbij wel aan dat gascentrales in ieder geval al een stuk beter voor het milieu zijn dan kolencentrales. Eneco-topman Rameau benadrukt dat zijn bedrijf streeft naar verdere verduurzaming van de levering van energie. “Gas is daarvoor een zeer geschikte transitiebrandstof. Het maakt het mogelijk om snel te schakelen met andere energiebronnen. Op dit moment is het nog niet mogelijk om honderd procent duurzame energie te produceren. Daarom zijn gascentrales vooralsnog nodig. Voor ons is het een goed middel op de weg naar een volledig geïntegreerd duurzaam energiebedrijf.”

concern onlangs met Gate terminal een meerjarencontract voor de jaarlijkse doorzet van één miljard kubieke meter gas naar de eindgebruikers. Deze afname start in september dit jaar, als Gate terminal op de Maasvlakte een nieuwe terminal in bedrijf neemt. Het aardgas wordt in vloeibare vorm (LNG) per schip bij de terminal aangevoerd. Van daaruit gaat het via het Nederlandse gastransportnet naar de eindgebruikers. Rameau zegt hierover: “Deze constructie is nodig omdat wij onze duurzame strategie alleen kunnen realiseren als we volledig kunnen vertrouwen op de toevoer van gas voor onze centrales en klanten. Nu we ook toegang hebben tot LNG kunnen we ons gas uit meerdere landen importeren. Deze gespreide portfolio geeft zekerheid.”

Schoonste fossiele brandstof De strategie van Eneco sluit naadloos aan bij de ambitie van het nieuwe kabinet. Zo zei minister Verhagen (Economische Zaken, Landbouw en Innovatie) bij de recente opening van de Maxima-gascentrale van Electrabel in Lelystad dat Nederland daarmee een stap zet op weg naar een zekere en schone energietoekomst. “Gas is de ideale reserve bij de overgang naar echt schone energie. Gas wordt soms nog over het hoofd gezien bij het opwekken van elektriciteit. Dat is jammer, want het is de schoonste fossiele brandstof.” Met het oog op de continuïteit riep minister Verhagen de energiesector op om tijdig te investeren in opslagcapaciteit voor gas. Eneco heeft de minister inmiddels met kerende post op zijn wenken bediend. Enecotopman Rameau: “Wij combineren de productie van duurzame elektriciteit (wind, biomassa, zon en hydro-energie) met onze gasgestookte centrales en gasopslag om nu al het best mogelijk milieuresultaat te behalen. Op dit moment produceren we reeds 1.165 MW aan energie uit wind, biomassa, zon en hydroenergie.” Ook aan de wens van minister Verhagen om te investeren in voldoende (reserve)voorraad gas om de productie van energie zeker te stellen, heeft Eneco al voldaan. Zo sloot het

Leveringszekerheid Om de leveringszekerheid van gas verder te verbeteren, is Eneco inmiddels ook een samenwerkingsverband aangegaan met de in Duitsland gevestigde Europese energieleverancier WINGAS GmbH & Co. Het Duitse bedrijf is een joint venture van Wintershall Holding AG in Kassel en het Russische OAO Gazprom. Wintershall geldt in Duitsland als de grootste producent van ruwe olie en aardgas. De leveringsovereenkomst gaat in op 1 januari 2012 en omvat de jaarlijkse levering tot een miljard kubieke meter aardgas. De overeenkomst loopt tot 2030. Rameau geeft toe dat een contract met zo’n lange looptijd in de huidige aardgasmarkt nog ongebruikelijk is. “Wij zijn er echter van overtuigd dat we onze inkoopportefeuille hiermee ook voor de toekomst sluitend hebben gemaakt. Daardoor kunnen wij onze afnemers steeds van voldoende gas blijven voorzien. (Eneco gebruikt thans zeven miljard kubieke meter aardgas). Deze samenwerking geeft ons de absolute zekerheid dat wij onze gascentrales kunnen blijven bevoorraden. Belangrijk is voorts dat wij onze marktpositie nu op een duurzame manier kunnen uitbreiden.” 

Kees Jan Rameau, lid van de Raad van Bestuur van Eneco

Europoort Kringen • februari 2011

23


ALTENA INDUSTRIAL SERVICES AFVAL BEPERKEN? Droogijsstralen is een uiterst milieuvriendelijke en effectieve reinigingsmethode waarbij droogijs (in vaste vorm samengeperst CO2) als straalmiddel wordt gebruikt. Door gebruik van deze methode bestaat de mogelijkheid vervuiling op een uiterst effectieve manier te kunnen verwijderen waarbij er een minimale hoeveelheid afval overblijft.

ALTENA CLEANING B.V. Reinigen, coaten en renoveren van koel en warmtetechnische installaties.

ALTENA INSPECTION

Uitvoeren en coördineren van niet-destructief onderzoek.

ALTENA SERVICES B.V.

Voor het reinigen, uitwisselen van filters en inspecteren van uw totale luchttechnische installatie.

GLOBAL AIR SYSTEMS B.V.

Nieuwbouw en renovatie van luchtbehandelingskasten en buitenlucht aanzuigplenums.

Bel voor informatie: +31(0)416-670700 www.altena.com

Naar een perfecte chemie tussen u en onze gassen-portfolio.

Van 1 literflesjes tot duizenden liters per minuut. Alle gassen voor chemie, farmacie en raffinage. Internationale knowhow van Linde Gas als gevolg van continue research en ruim een eeuw ervaring. Standaard gassen en gasmengsels tot hoogzuivere receptuurgassen. In welke leveringsvorm dan ook. U zegt ’t maar. Voor elk proces waarin gassen nodig zijn, biedt Linde Gas Benelux de betrouwbaarste oplossing.

Linde Gas – ideas become solutions.

Linde Gas Benelux B.V. Havenstraat 1, Postbus 78, 3100 AB Schiedam Tel. 088 262 62 62, Fax 010 246 15 06, chemie.lg.nl@linde.com, www.lindegasbenelux.com


Duurzaamheid

Duurzame en innovatieve aftrekposten Duurzaam ondernemen kan óók in 2011 weer via de Energieinvesteringsaftrek (EIA), de Milieu-investeringsaftrek (MIA) en de Vamil-regeling. Via deze regelingen kunnen bedrijven hun kosten voor milieuvriendelijke, duurzame en energiezuinige investeringen verlagen. Bedrijven kunnen een groot deel van de kosten van zo’n 370 minder milieubelastende investeringen aftrekken van de fiscale winst (MIA) en/of vrij afschrijven (Vamil). Op de Milieulijst 2011 staan bijvoorbeeld zeer zuinige personenauto’s, geavanceerde luchtfilters en kleinschalige mestverwerkingsinstallaties. De aftrekpercentages voor de EIA en MIA zijn in 2011 verlaagd van veertig, dertig en vijftien procent naar respectievelijk 36, 27 en 13,5 procent van het geïnves-

Duurzame bedrijven optimistischer Bedrijven die duurzaam opereren zijn optimistischer gestemd voor 2011 dan bedrijven die dit niet doen. Belangrijke trends voor dit jaar zijn sociale innovatie en Het Nieuwe Werken. Volgens MVO Nederland gaan voor 2011 verschillende thema’s de trend bepalen: sociale innovatie, ketenverantwoordelijkheid, duurzame innovatie en transparantie & communicatie. “Bedrijven die al wat langer aan de slag zijn met maatschappelijk verantwoord ondernemen melden dat zij in 2010 gemiddeld beter hebben gepresteerd dan hun branchegenoten. Die signalen komen uit alle sectoren. Nederlandse bedrijven zijn duidelijk bezig met een versnelling op het gebied van MVO en duurzaamheid. Dit blijkt uit een rondgang onder de ruim 1350 bij ons aangesloten bedrijven. Verschillende branches hadden in 2010 een zwaar jaar. Zo liepen de omzetten terug in de bouw, bij drukkers, de horeca en bij veel dienstverleners. Bedrijven -in deze en andere sectoren- die werken aan het verduurzamen van hun producten en processen, rapporteren dat duurzaamheid hen in deze moeilijke tijden heeft geholpen om marktaandeel te winnen”, aldus Willem Lageweg, directeur van MVO Nederland.

teerde bedrag. De vrije afschrijving via Vamil was honderd procent, maar wordt tot en met 2013 beperkt tot 75 procent van het geïnvesteerde bedrag. Door het verlagen van de percentages wordt een afbouwregeling van de Groenfinanciering bekostigd.
Innoveren en groeien kunnen ondernemers met de WBSO. De WBSO verlaagt de loonkosten voor R&D, waardoor innovatieve producten en diensten sneller op de markt kunnen worden gebracht. Het voordeel van de WBSO is een vermindering van de loonheffing voor ondernemingen die inhoudingsplichtig zijn voor de loonbelasting óf een aftrek S&O (inkomstenbelasting) voor zelfstandige ondernemers die minimaal vijfhonderd uur per jaar aan speur- en ontwikkelingswerk besteden.

Duurzame koeling uit sneeuw In Turku, Zuidwest-Finland, heeft de plaatselijke energiemaatschappij Turku Energia vergevorderde plannen om sneeuw te gaan gebruiken voor duurzame energie. Het idee is om koeling te produceren met behulp van sneeuw. Deze koeling zou kunnen worden gebruikt om gebouwen op warme zomerdagen te koelen. In 2002 werd reeds de basis voor het project gelegd, maar sindsdien is hier niet veel aan gedaan. Volgens Rauli Saarela van Turku Energia wordt het plan opnieuw uit de ijskast gehaald om verder uit te gaan werken in 2011. Bedoeling is dat er een opslagruimte gecreëerd gaat worden waar vijftigduizend kubieke meter sneeuw in kan worden opgeslagen. De kosten worden geraamd op twaalf miljoen euro. Het plan is niet uniek. In het Zweedse Sundsvall wordt deze methode al toegepast. Daar wordt in de winter de sneeuw verzameld en goed geïsoleerd opgeslagen, waarna het in de zomer via koelsystemen als vloeistof wordt rondgepompt. Volgens Saarela is het gebruik van sneeuw als koelvloeistof duurzaam en milieuvriendelijk, omdat energie al ingesloten zit in de sneeuw. Bovendien komt de extra mogelijkheid om af te komen van de sneeuw prima van pas bij sneeuwrijke winters, zoals de laatste twee jaar. Saarela ziet de vraag naar koeling toenemen in de regio Turku en gelooft daarom in de nieuwe methode.

Duurzame gebouwen inkopen is een loterij   Het criteriadocument nieuwe kantoorgebouwen, dat in 2010 is vastgesteld, blijkt in de praktijk onuitvoerbaar. Overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen werken hard aan een goede database en een uniforme rekenmethodiek, maar die is nog lang niet gereed. Het is zo goed als zeker dat een opdrachtgever een gebouw laat neerzetten dat over één of twee jaar een geheel andere duurzaamheidscore krijgt dan volgens de berekening van vandaag. Als een gebouw over een aantal jaren opnieuw wordt doorgerekend en een duurzaam gebouw blijkt te zijn, dan heeft de opdrachtgever toevallig het goede lootje getrokken. De Metaalunie en FME pleiten voor het hanteren van een logische volgorde. In 2011 eerst de nationale database en de rekenregels op orde maken, daarna pas duurzaam gaan inkopen. Het duurzaam inkopen van kantoorgebouwen op basis van onjuiste gegevens levert schade op voor de afzet van metalen bouwproducten. In 2010 werd bijvoorbeeld nog gerekend met een onjuist

recyclingpercentage van vijftien procent voor bouwstaal. Dankzij duurzaam slopen wordt bijna al het staal hergebruikt. Het correcte recyclingpercentage ligt daarom op 95. Rekenmethodieken zoals GPR en GreenCalc+, die een vergelijkbaar gebouw doorrekenen, leveren tegenstelde uitkomsten op. In de ene variant is beton beter en in de andere staal. Dit is voor opdrachtgevers onwerkbaar. Ook toeleveranciers zijn slachtoffer. Producten van bedrijven die ten onrechte worden uitgesloten, verliezen immers afzet. In de verdiepingbouw is bijvoorbeeld te zien dat het marktaandeel staal tussen 2002 en 2008 constant is, maar vanaf 2009 onder de zeventig procent duikt. De sector heeft becijferd dat de totale schade kan oplopen tot driehonderdvijftig miljoen euro per jaar. Geluk bij een ongeluk is dat vraag naar nieuwbouw kantoren momenteel nog erg laag ligt.

Europoort Kringen • februari 2011

25


n i t o o “Gr

” n e g n fa dichti

Techn. PTFE Producten

Compensatoren

Waterstraalsnijden

Metaalpakking

Stansartikelen

T +31 (0) 181 - 28 11 11 F +31 (0) 181 - 28 11 10 hertelsealings@hertel.com www.hertelsealings.com

26

Europoort Kringen • februari 2011

Hertel Industrial Sealings bv Seggelant-West 10 3237 MJ Vierpolders (gem. Brielle) PO Box 37 3230 AA Brielle The Netherlands


foto: Eric Bakker

Column

Kees Marges Kees Marges is voormalig

MEER of MiNDER REGELS? De ene dag lees je pleidooien voor het schrappen van allerlei regels en voorschriften, de volgende dag dat er juist onvoldoende regels zijn. En weer een dag later dat de regels niet nageleefd zijn en daardoor ongelukken zijn gebeurd en slachtoffers zijn gevallen. Het komt zelfs voor dat juist door het wel toepassen van de regels onaanvaardbare situaties ontstaan. Om met een recent voorbeeld van dat laatste te beginnen: een licht verstandelijk gehandicapte jonge man, die zich vanwege zijn verstandelijke beperking soms agressief gedraagt en daarvoor intensieve begeleiding en toezicht nodig heeft, maar jarenlang werd vastgebonden. Dat gebeurde overeenkomstig de regels, ook nog gecontroleerd door de instanties die daarvoor zijn. Maar het resulteerde in een mensonwaardige jarendurende vrijheidsbeperking van een mens. Gezond verstand van het management van de zorginstelling had moeten leiden tot de conclusie dat zelfs het naleven van de regels in dit geval geen rechtvaardiging voor het langdurig ketenen van een mens opleverde. De behoefte aan minder regels ontstond al bij het invoeren ervan. Er zijn altijd voor en tegenstanders, afhankelijk van het belang dat men bij die regels heeft. Arbeidswetgeving bijvoorbeeld heeft in beginsel tot doel de bescherming van werknemers tegen onveiligheid op de werkplek, onrechtvaardig ontslag, financiĂŤle gevolgen van arbeidsongeschiktheid, ziekte of werkloosheid. Veel werkgevers vinden die regels geheel of gedeeltelijk overbodig of lastig en belemmerend voor de bedrijfsvoering en willen er zoveel mogelijk vanaf. De werknemers kunnen niet zonder die beschermende regels en willen ze handhaven of zelfs uitbreiden. De afgelopen jaren zijn er steeds meer regels gekomen, bedoeld om het milieu, dus de leefomgeving van ons allemaal, te beschermen. Om de vervuiling van onze lucht (die we nodig hebben om te ademen), onze grond en ons water (belangrijk voor onder andere onze voedselvoorziening) te stoppen. De bedrijven, die in veel gevallen de kosten niet kunnen of willen opbrengen om de vervuiling, die ze veroorzaken, te voorkomen, zijn tegen veel van die regels. Maar de meeste bewoners van dit land willen die regels -en een betere controle op de naleving- juist wel. Een voorbeeld van de gevolgen van het niet naleven van veiligheidsvoorschriften is de ramp die zich op 5 januari bij Moerdijk voltrok.

Secretaris Havens Vervoersbond FNV en hoofd Havensectie International Transport workers Federation (ITF), Adviseur arbeidsverhouding, Lid van het Dagelijks Bestuur Kamer van Koophandel Rotterdam en lid van enkele Raden van Commissarissen in Rotterdam.

Op het moment dat ik dit opschrijf moet het nog formeel worden vastgesteld, maar het is al wel duidelijk dat allerlei veiligheidsregels zijn genegeerd door de ondernemer en de naleving onvoldoende door ambtenaren en politici werd gecontroleerd. Daardoor kon die ramp plaatsvinden. De omwonenden en de bedrijven in de omgeving werden opgescheept met alle ellende veroorzaakt door de ramp. Niemand en zeker geen politicus die in de komende jaren nog durft te pleiten voor het verminderen of afschaffen van de veiligheidsregels voor dit soort bedrijven. Integendeel, de behoefte aan meer regels, striktere naleving en meer toezicht daarop, is toegenomen. De ramp die zich vorig jaar in de Golf van Mexico voltrok, waar een olieboorplatform verging met grote gevolgen voor mensen (elf doden), dieren en milieu, is ook terug te voeren tot het negeren van allerlei veiligheidsregels bij de bouw en de exploitatie van het olieplatform. Daardoor konden de grote bedrijven die bij de bouw en de exploitatie betrokken waren, nog meer geld verdienen voor de eigenaren van de bedrijven, dan ze in de olie-industrie toch al doen. Deze misdadige uitbuiting van mensen en milieu, toont aan dat regels nodig zijn en strikter nageleefd moeten worden, inclusief betere controle op de naleving. Ondernemers, die rampen zoals bij Moerdijk en in de Golf van Mexico, veroorzaken, moeten hard aangepakt en gestraft worden. Dat geldt ook voor de ambtenaren en politici, die in hun toezichthoudende taak ernstig faalden. Jammer dat de andere ondernemers niet duidelijk afstand namen van dit soort ondernemers, die levens van mensen en dieren en het milieu in groot gevaar brengen. Ik heb nergens gelezen dat bijvoorbeeld het VNO-NCW, het MKB of Deltalinqs het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in Moerdijk veroordeelden. Dat zou toch wel op z’n plaats zijn geweest, niet alleen naar de samenleving, maar ook omdat ze ook de gedupeerde bedrijven vertegenwoordigen. Dat veel voorschriften verouderd zijn of op meerdere manieren zijn uit te leggen, is bekend. En dat die regels daardoor tot verwarring, ergernis en soms ontduiking leiden is ook duidelijk. Als aanpassing van die teksten prioriteit zou krijgen, in plaats van het afschaffen van voorschriften die mensen en milieu beschermen, zouden we al heel veel winnen.

Europoort Kringen • februari 2011

27


De toonaangevende vakbeurs Industrial Maintenance wordt

Maintenance neXt Een vernieuwd beursconcept met meer technologie, meer inspiratie en meer interactie. DĂŠ plek voor alle onderhoudsprofessionals om hun passie voor techniek te delen.

Registreer nu voor een gratis bezoek! www.maintenancenext.nl/registratie

Passie voor techniek www.maintenancenext.nl Strategische partners


PEtRochEMiE

Contract in Oman Petroleum Development Oman (PDO) heeft het engineeringen onderhoudscontract (EMC) ‘Noord’ toegewezen aan de joint venture van Special Technical Services (STS) en Tebodin & Partner. Het contract omvat diverse kleine tot middelgrote olieen gasprojecten in de noordelijke velden van PDO in Oman en is toegekend voor een periode van zeven jaar met mogelijke verlenging van maximaal drie jaar. Voor Tebodin betekent dit contract minstens tweehonderd manjaar per jaar en voor STS vijfenveertighonderd. Het contract omvat alle lokale engineering, procurement services, bouwwerkzaamheden en inbedrijfstellingen, alsook managementservices en onderhoud voor nieuwe projecten en voor verbetering van bestaande projecten. De joint venture STS-Tebodin zal het complete programma leiden. STS brengt in de joint venture met name vakkennis in op het gebied van bouw en onderhoud. Tebodin beschikt over grote ervaring op het gebied van ‘front-end design’, detailontwerp en engineering. STS en Tebodin hebben beide een langdurige relatie met PDO. STS was betrokken bij een eerder engineering- en onderhoudscontract en Tebodin levert conceptuele engineering en design in een raamcontract met PDO. PDO en de joint venture STS-Tebodin zullen optreden als een geïntegreerd team en elkaars instrumenten en systemen delen om de gemeenschappelijke doelstellingen te realiseren. STS is een vooraanstaande onderneming in de Arabische Golf, gespecialiseerd in bouw en onderhoudsdiensten voor de olie- en

Onderhoudscontract De Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) heeft haar contract met Cofely voor het onderhoud aan circa honderdzestig kleinere aardgasvelden in West- en Noord-Nederland met drie jaar verlengd. De samenwerking betreft een geïntegreerd servicecontract en heeft betrekking op alle technische onderhoudswerkzaamheden die op deze velden moeten worden verricht. De NAM en Cofely werken al vanaf 2004 intensief met elkaar samen. De werkzaamheden die Cofely op circa honderdzestig landvelden van de NAM verricht, betreffen het oplossen van storingen, preventief onderhoud en het meerjaarlijkse grootonderhoud. Bij deze laatste vorm van onderhoud worden installaties tijdelijk stilgelegd om preventieve en correctieve onderhoudswerkzaamheden te verrichten. De installaties worden dan grondig geïnspecteerd en indien nodig worden aanpassingen verricht. Door deze meerjaarlijkse onderhoudswerkzaamheden zo efficiënt mogelijk te plannen, wordt de tijd dat de installaties niet in bedrijf zijn, tot een absoluut minimum beperkt. De NAM produceerde in 2009 53,3 miljard m3 aardgas. Daarmee voorziet de NAM in ongeveer 75 procent van de totale aardgasproductie in Nederland.

gassector, zware industrie en onroerend goed. Het bedrijf is lid van de bedrijvengroep OOSC (Oman Oilfields Supply Center LLC). In de afgelopen dertig jaar heeft STS talloze succesvolle projecten uitgevoerd voor bedrijven in de golfstaten. Tebodin & Partner Consultants & Engineers in Den Haag, biedt lokale en internationale klanten in Oman advies- en engineeringdiensten. Tebodin is een werkmaatschappij van Koninklijke BAM Groep nv.

Hoge temperatuur inspectie van ketelpijpen tijdens bedrijf KEMA heeft een techniek ontwikkeld om de wanddikte van ketelpijpen te meten terwijl de installatie gewoon in bedrijf is. De speciale sensoren zijn bestand tegen temperaturen tot vierhonderd graden. Dankzij deze ultrasone KEMBUS-HT methode krijgen industriële bedrijven sneller en beter inzicht in de conditie van hun installatie. Bij de Afvalverbrandingsinstallatie Rijnmond in Rozenburg zijn onlangs succesvol metingen uitgevoerd. Normaal wordt de wanddikte van ketelpijpen bepaald tijdens een bedrijfsstop. Bij omgevingstemperatuur worden metingen uitgevoerd vanaf de binnenzijde van de ketel. Daarvoor moet eerst een grote steiger worden geplaatst. Met KEMBUS wordt deze wanddiktemeting uitgevoerd aan de vuurhaardzijde vanaf de buitenkant van de ketel. Er is geen steiger of extra personeel in de ketel nodig. Voorwaarde is dat de ketelpijpen gevuld zijn met water en dat de isolatie aan de buitenzijde verwijderd is. Deze methode is reeds een twintigtal keer met succes uitgevoerd tijdens revisies in diverse elektriciteitscentrales en afvalverbrandingsinstallaties in binnen- en buitenland. Onlangs heeft KEMA de toepassingsmogelijkheden van KEMBUS aanzienlijk vergroot door metingen tijdens bedrijf bij hoge temperatuur mogelijk te maken. Hiervoor zijn hoge temperatuur ultrasone sensoren met speciale software ontwikkeld die bij maximaal circa vierhonderd graden Celsius kunnen worden toegepast. Bij de AVR in Rozenburg, onderdeel van de Van Gansewinkel Groep, is deze ultrasone meting in december 2010 met succes vanaf de buitenzijde uitgevoerd bij een ketelwandtemperatuur van driehonderd graden Celsius. KEMBUS-HT is van grote waarde als pre-inspectiemethode. Dankzij de wanddiktemetingen tijdens bedrijf wordt de installatie bij inspecties minder belast en gaat geen kostbare bedrijfstijd verloren. Bovendien kunnen het onderhoud en de inkoop van componenten zo beter gepland worden.

Europoort Kringen • februari 2011

29


adv. halve europoort 2008:europoort 2008

10-01-2011

16:48

Pagina 1

HO O G V L I E T - A MS T E R DA M - MO E R D I J K - V E N L O - A S S E N - V E E N DA M - R I J S W I J K - L O N D E R Z E E L E N G O S S E L I E S ( B )

www.peinemann.nl Peinemann is al meer dan 55 jaar een toonaangevend bedrijf in de wereld van horizontaal- en verticaal intern transport, met vestigingen verspreid over heel Nederland en België. Door onze grote verhuurvloot kunnen wij u altijd een op uw situatie afgestemd aanbod doen. Peinemann is uw zakenpartner!

Hoofdkantoor Peinemann Nieuwe Langeweg 40, 3194 DB Hoogvliet Tel.: 010 - 295 50 00 Fax: 010 - 295 50 49 E-mail: info@peinemann.nl

KRANEN - HEFTRUCKS - HOOGWERKSYSTEMEN - CONTAINER HANDLING - DETACHERING

Maatwerk in perslucht en koeltechniek

www.airconet.nl

Bezoekadres: Coenecoop 745 2741 PW Waddinxveen

30

Europoort Kringen • februari 2011

Telefoon Fax E-mail

+31 (0)182 633 009 +31 (0)182 640 089 info@airconet.nl

Specialist in: • Luchtkoeling, verwarming en filtering • Proceskoeling • Persluchtsystemen Wij zijn u van dienst bij: • Verhuur (opp. lease) • Verkoop • Engineering • Service en onderhoud


Infrastructuur

Beter beeld van ontwikkeling rivieren en delta’s Door informatie over de ondergrond toe te voegen aan een bestaand sedimentatie-erosie model hebben onderzoekers van de TU Delft een beter beeld gekregen van hoe rivieren en delta’s zich ontwikkelen in de loop van de tijd. Een beter begrip van de wisselwerking tussen ondergrond en stromingsprocessen in een rivier-deltasysteem is van belang in de civiele techniek (deltabeheer), maar ook in de geologie (met name voor reservoirgeologen). Nathanaël Geleynse et al hebben hierover onlangs gepubliceerd in het tijdschrift Geophysical Research Letters. Binnenkort verschijnt een ander gerelateerd artikel in Earth and Planetary Science Letters (in press).

V

Zee

nt

ime Sed

zand-klei mengsel klei

Figuur 1. Modelschematisatie van een rivier-kust systeem

WATERBEWEGING

Rivier + Getij

Rivier + Windgolven

Ruimte voor de Rivier De extra dimensie die Geleynse et al toevoegen aan het model is onder andere van belang voor deltabeheer. Als we -zoals de Deltacommissie aanbeveelt- ‘Ruimte voor de Rivier’ willen creëren, is het goed om te weten wat zo’n rivier met die ruimte gaat doen. Geleynse: “De huidige bevindingen stellen ons niet in staat om pasklare antwoorden te geven op specifieke beheersvraagstukken - de natuur is altijd weerbarstiger- maar bieden wel plausibele verklaringen voor waargenomen vormen en patronen aan het oppervlak. Het stelsel van waterlopen draagt de signatuur van de ondergrond - iets waar we ons voorheen niet zo bewust van waren. Ons model biedt volop ruimte voor verdere ontwikkeling en voor het onderzoeken van diverse scenario’s in de huidige opzet.”

1000 m

Zand

Zand-Klei

0

hoogte in meters t.o.v. gemiddeld waterniveau (bijv. N.A.P.)

[0.5 : 2]

Figuur 2. Plattegronduitkomsten van het model voor verschillen-

[-22.5 : -9]

Rivier

r

Rivie

ele factoren spelen een rol in het gedrag van een rivier en bij de totstandkoming van een rivierdelta. In de eerste plaats natuurlijk de rivier zelf. Wat voor materiaal neemt deze mee naar de delta; zijn dat kleine deeltjes (klei) of juist grote (zand)? Maar ook: hoe groot zijn de getijdeverschillen aan de kust en hoe hoog zijn de door de wind opgewekte golven? De onderzoekers van de TU Delft werken in dit onderzoek samen met Deltares en maken gebruik van computermodellen van dit instituut (Delft3D software). In deze modellen wordt met een groot aantal variabelen al rekening gehouden. Geleynse et al hebben daar nu informatie over de aanwezige ondergrond aan toegevoegd. Het blijkt dat deze variabele ook een significante rol speelt bij het bepalen van het gedrag van de rivier zelf en de daaraan WATERBEWEGING t Kus rivier getij zeer nauw gerelateerde deltawindgolven SEDIMENT TYPE vorming. zand

Klei

OVERHEERSEND SEDIMENT TYPE IN DE ONDERGROND

de typen sediment in de ondergrond en voor verschillende typen waterbeweging, voor een bepaald punt in de tijd. De beginsituatie (hoogteligging) is in alle gevallen zoals voorgesteld in figuur 1. De sedimentaire samenstelling van de ondergrond langs de horizontale witte lijnen in de onderste drie figuren is weergegeven in Figuur 3. Geologische informatie Rivierbeheer gaat over korte termijn en mogelijke toekomstscenario’s. Maar het model van Geleynse et al biedt ook meer inzicht in hoe een rivier/delta zich mogelijk heeft kunnen ontwikkelen in de afgelopen duizenden jaren. Hoe zou de ondergrond er uit hebben kunnen zien, en -voor de olie-industrie belangrijk- waar zou je bijvoorbeeld eventuele oliereservoirs kunnen verwachten en wat zijn hun geometrische karakteristieken? In combinatie met gegevens van een beperkt aantal boorkernen en andere plaatselijke metingen kan het model een gedetailleerder beeld geven van het betreffende gebied dan tot nog toe mogelijk was. De link tussen het ontstaan van de delta en de opbouw van de delta-ondergrond is daarnaast ook interessant voor de ingenieurs die willen gaan bouwen op die ondergrond. Wereldwijd wonen nu al honderden miljoenen mensen in delta’s en de verwachting is dat die stedelijke delta’s alleen maar in omvang zullen toenemen.  

SEDIMENT TYPE 100% zand

100% klei

1m 1000 m

Figuur 3. Uitkomsten van het model voor de sedimentaire samenstelling van de ondergrond ter plaatse van de horizontale witte lijnen in Figuur 2. De beginsituatie (hoogteligging van de bodem) is weergegeven met de gestippelde zwarte lijnen. De figuur meest links geeft een situatie weer waar enkel zand in de ondergrond aanwezig is aan het begin van de modelsimulatie. De klei die hier zichtbaar is in de delta is derhalve door de bovenstroomse rivier aangevoerd. De figuur meest rechts geeft een situatie weer waar naast zand ook veel klei in de initiële ondergrond aanwezig is. De figuur in het midden geeft een situatie weer waarbij zand en klei meer (volumetrisch) gebalanceerd in de initiële ondergrond voorkomen. De doorgetrokken blauwe lijn geeft het berekende wateroppervlak. De lezer kijkt in benedenstroomse richting. Europoort Kringen • februari 2011

31


duurzaamheid

Duurzame supermarkten In tien jaar tijd willen supermarkten de CO2-uitstoot met twintig procent terugbrengen. Dat staat in het klimaatplan dat de 29 leden van Centraal Bureau Levensmiddelenhandel (CBL) hebben opgesteld. De distributiecentra en het vervoer worden duurzamer. Bedrijven willen afspraken maken met gemeenten over levertijden buiten de spits. “Gemeenten weren vrachtwagens op bepaalde tijden om overlast te voorkomen en daarom zijn wij gedwongen om in de file te staan.” De ambitie is dat er in 2020 twintig procent minder CO2-uitstoot in transport gerealiseerd is, twintig procent verbetering van de energie efficiency en om twintig procent aandeel te hebben in duurzame energie.

Een duwtje in de goede richting Herman Wijffels -de meest duurzame Nederlander volgens de Duurzame 100- heeft plaats genomen in de Raad van Advies van Nudge. Nudge (‘duwtje’) is een initiatief dat een brug moet slaan tussen consumenten en het bedrijfsleven op het gebied van duurzame initiatieven. De Raad van Advies is op 1 januari officieel geïnstalleerd en geeft advies aan het bestuur van de Stichting Nudge over strategie en beleid. Nudge.nl is een platform dat via internet en social media mensen en bedrijven met elkaar in contact moet brengen voor een betere en vooral duurzamere maatschappij. Het kan twee kanten opwerken: iemand heeft als tip dat je bij het koken van pasta het gas kunt uitdraaien als de pasta in het kokende water zit. Dat bespaart zeven minuten aan gas. Dat is een goed idee, maar lang niet iedereen weet dat. Nudge wil ervoor zorgen dat deze boodschap algemeen bekend raakt en neemt onder andere contact op met pastafabrikanten zodat het ook op de verpakking van de pasta komt te staan. Het werkt ook de andere kant op. Een bedrijf heeft een duurzaam idee: plak folie op de radiator aan de achterkant (dus niet op de muur) en bespaar daarmee flink aan energie. Maar het is een klein bedrijf, heeft weinig marketingbudget en dus zorgt Nudge dat de consument het product leert kennen en dat het beschikbaar komt. Volgens doctor ingenieur Igor Nikolic van de Technische Universiteit Delft is het stimuleren van ideeën vanuit de maatschappij de enige manier om veranderingen teweeg te brengen. Het heeft geen zin om van bovenaf dingen te verbieden of op te dringen. Als het niet wordt gedragen door de gemeenschap, zal het effect nihil zijn. Hij vindt Nudge ‘een interessant sociaal experiment’ en werd daarom bestuurslid van de stichting. Jan van Betten, oprichter en bedenker van Nugde, heeft twintig jaar in het bedrijfsleven gewerkt. Hij was onder meer directeur van Elsevier Duitsland. Toen hij op een dag merkte dat de tijd rijp was voor een duurzaam netwerk stichtte hij Nudge. Idealistisch, maar niet alleen maar. Het moet ook praktisch en haalbaar zijn. Het moet iets opleveren. Voor de consumenten, voor de bedrijven en voor de aarde. Met zijn ruime netwerk wist hij een hoop prominente Nederlanders te strikken voor zijn initiatief. Onder andere oud-minister Jacqueline Cramer maakt deel uit van het bestuur van zijn stichting.

32

Europoort Kringen • februari 2011

Duurzame waterprojecten Advies- en ingenieursbureau DHV heeft voor drie duurzame waterprojecten subsidie toegekend gekregen van het Partners voor Water programma van de Nederlandse overheid. Het gaat om projecten in ZuidAfrika, Polen en Vietnam die DHV uit wil voeren met Nederlandse en lokale partners. Het ingenieursbureau gaat in zonnig Zuid-Afrika aan de slag met algen voor het zuiveren van afvalwater. In Polen met het optimaliseren van het drinkwatersysteem. In Vietnam gaat het om het versterken van de drinkwatersector. Het programma Partners voor Water 2010 ondersteunt ambitieuze partijen uit de Nederlandse watersector met een subsidie om innovatieve projecten in het buitenland te realiseren. Begin januari 2011 werd de uitslag van de laatste tender bekend. Achttien van de 58 subsidieaanvragen werden gehonoreerd waarvan drie van DHV.

Duurzame zeeschepen De zeescheepvaart begint nu ook te investeren in energiezuinige schepen. Bij ECT op de Maasvlakte lag half januari het nieuwste containerschip van de Japanse rederij NYK. De ‘NYK Altair’ verbruikt tot een kwart minder brandstof dan vergelijkbare schepen. Bovendien stoot hij veel minder zwavel en stikstofoxiden uit en is rook uit de schoorsteen uit het nieuwe schip niet meer zichtbaar.



Lean and Green Award Op 11 november jl. ontvingen 44 bedrijven en één gemeente hun Lean and Green Award tijdens het Connektcongres ‘Rij Veilig, Vervoer Groen’ in Rosmalen. Daarmee groeit het Duurzame Logistiek programma van Connekt naar bijna honderd Awardwinnaars. De eerstvolgende Lean and Green Award uitreiking vindt plaats op donderdag 19 mei 2011. Voor (nieuwe) koplopers worden regelmatig informatiebijeenkomsten georganiseerd (zie www.duurzamelogistiek.nl/nl-NL/ nieuws-activiteiten/activiteiten).


llegraaf.indd 1

Veelzijdig in efficiĂŤnte logistiek

Breevaartstraat 11-19 3044 AG ROTTERDAM

T +31 (0)10 4155277 F +31 (0)10 4154502

E info@bollegraafbv.nl W www.bollegraafbv.nl

s oplo een Altijd

sin

t! aa m p go

06-09-10 11:24


Spraakmakers

34

Europoort Kringen • februari 2011


Duurzaamheidspionier Jan Rotmans

“We moeten vooruit naar vroeger” door Jacques Kraaijeveld

“Duurzaamheid zit inmiddels in het DNA van onze samenleving, maar het kan nog beter. Wie over tien jaar niet duurzaam produceert, telt niet meer mee.” Dat vindt prof. dr.ir. Jan Rotmans. In 2004 stichtte hij DRIFT: Dutch Research Institute For Transitions. Bovendien verkreeg hij een positie als hoogleraar in transities en verandermanagement aan de Erasmus Universiteit van Rotterdam. Verder is hij wetenschappelijk directeur van KSI, het Nederlandse Netwerk voor systeem Innovaties: Transities naar een duurzame samenleving. Rotmans heeft meer dan tweehonderd publicaties op zijn naam staan op het gebied van klimaatverandering en mondiale verandermodellen, duurzame ontwikkeling, transities en systeeminnovaties.

D

uurzaamheid is voor hem al minimaal tien jaar een hot item, misschien al wel vijftien jaar. Daarom voelt hij zich geen roepende in de woestijn meer zoals een kwart eeuw geleden toen het idee bij hem postvatte. Er moet een maatschappelijke omwenteling plaatsvinden. Het gaat om een andere manier van denken, organiseren en uitvoeren. Zo iets kun je niet afdwingen, dat moet van binnenuit komen, waarbij je wel de marktomstandigheden mee moet hebben. Hij werkte onder meer aan de duurzaamheidsagenda. Daarin stelt hij onder meer: “Ons land is een land zonder toekomstperspectief. Er bestaat geen groot idee of plan daarover. Dat is eigenlijk al jaren zo. Ook het huidige kabinet heeft geen duidelijk beeld, behalve dat er bezuinigd moet worden. Dan gaat de trein naar duurzaamheid wat langzamer, maar we kunnen hem niet meer stoppen. Maar juist in tijden van bezuinigingen moeten we fors investeren in een duurzame economie. Dat levert structurele economische groei op en veel werkgelegenheid. Alleen bezuinigingen zouden rechtstreeks naar een volgende crisis leiden, omdat zo’n beleid de onderliggende systeemcrisis ongemoeid laat.” Urgentie Rotmans is ook een van de initiatiefnemers van Urgenda: een ambitieuze agenda die is opgesteld, zoals de naam al zegt, vanuit een groot gevoel van urgentie. Het is een strategisch plan met een aantal stappen en een lijst van concrete acties voor de korte én lange termijn. Het doel ervan is om Nederland gaandeweg duurzamer te maken. Zowel het een als het ander richt zich op de Nederlandse markt, maar heeft ook globale aspiraties. Rotmans vertoeft regelmatig Europoort Kringen • februari 2011

35


cc6959AD_NL_Corporate_Advert_190x130.qxd:cc6959AD

11/1/10

15:34

Page 1

TOEGANGSCONTROLE | CCTV | ELEKTRONISCHE ARTIKELBEVEILIGING | BRANDBEVEILIGING INBRAAKBEVEILIGING | MONITORING | COMMUNICATIE | OBSERVATIE

TOTAAL OPLOSSINGEN

Veiligheid boven alles! ADT Fire & Security, onderdeel van Tyco International, is wereldwijd één van de grootste aanbieders van (brand) beveiligings- en veiligheidsoplossingen. ADT ontwerpt, installeert en onderhoudt (elektronische) beveiligings- en veiligheidssystemen voor alle facetten van de maatschappij. Wilt u weten hoe we ook uw wereld kunnen beschermen? Bel

0800 - 225 52 38

of bezoek www.adtfireandsecurity.nl

A Tyco International Company

Specialist in Heat Treatment Preheating and stress relief Induction and resistance Stationary furnaces

www.delta-heat-services.nll info@delta-heat-services.nl +31 (0) 187 - 49 69 40

36

Europoort Kringen • februari 2011

Dry out and curing Rental and sales Mobile furnaces


Spraakmakers in het buitenland om elders ook soortgelijke initiatieven te ondersteunen of helpen vorm te geven. DRIFT heeft volgens Rotmans een encyclopedie aan kennis ontwikkeld. Er verschijnen proefschriften en wetenschappelijke artikelen. Daarnaast zijn er praktijkprojecten. Twee zitten dicht bij huis. De eerste betreft de Stadshavens in Rotterdam en de tweede de problematiek van de achterstandswijken. Ook het Rotterdam Climate Initiative profiteert van de expertise van DRIFT. Voorvechter “Ik ben voorvechter van ingrijpende, radicale maatregelen om duurzaamheid te bevorderen. Je hoeft gelukkig niet meer uit te leggen dat duurzaamheid werkt. Ook al behoort Nederland tot de meest gelukkige landen van de wereld, er zit geen progressie in. We worden met elkaar wel rijker, maar niet echt gelukkiger. In ieder geval niet in ons beeld van de werkelijkheid, onze maatschappij, misschien wel wat onze persoonlijke status betreft. Er heerst onvrede. Daarom is in deze tijd van crisis juist de behoefte aan een richtinggevende toekomstoriëntatie groter dan ooit. Duurzaamheid kan een richtsnoer vormen voor zo’n gezindheid. Maar wat verstaan wij in Nederland eigenlijk onder een duurzame samenleving? En wat onder een duurzame economie? Waar de huidige economie uitgaat van economische waarden,

Wat is DRIFT? DRIFT is een onderzoeksinstituut gevestigd aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen van de Erasmus Universiteit. Transities zijn structurele maatschappelijke veranderingen als gevolg van de interactie tussen culturele, economische, technologische, gedrags-, ecologische of institutionele ontwikkelingen. Transities bieden een sleutel voor het bereiken van een meer duurzame en innovatieve samenleving. Vandaar dat het onderzoek over transities en transitiemanagement zich richt op het onderling delen van dit dynamisch samenspel. Het gaat om het volgende: Hoe komen overgangen tot stand? Hoe kun je ze herkennen in een vroeg stadium? Hoe moet je ze beheren en controleren? Dit zijn essentiële vragen die alleen door middel van inter- en transdisciplinair onderzoek kunnen worden beantwoord. Afgezien van de ontwikkeling van een theoretisch kader voor het beschrijven en verklaren van transities worden praktische experimenten uitgevoerd in zogenaamde ‘proeftuinen’. Deze omvatten experimenten in verschillende gebieden die betrokken zijn bij transities, zoals mobiliteit, landbouw, gezondheidszorg, energie en waterbeheer. Overheidsinstellingen, bedrijven en wetenschappers werken samen bij het vormgeven van de transitie naar duurzame ontwikkeling. Theorie en praktijk moeten elkaar versterken: de praktische kennis leidt tot een aanpassing van theorieën en theoretische kennis kan leiden tot toepassing in de praktijk. DRIFT werkt samen met TNO in het Kenniscentrum voor duurzame systeeminnovaties en transities (KCT).

zoals groei, efficiëntie, doelmatigheid en welvaart gaat een duurzame economie uit van andere waarden, zoals kwaliteit, leefbaarheid, diversiteit en welzijn. We zijn op zoek naar nieuwe manieren van werken en produceren. Hoewel de omloopsnelheid van bepaalde producten al maar toeneemt, is de noodzaak er des te meer om te recyclen of te upcyclen, de kwaliteit van een product te verbeteren. Het gaat vaak ook om enorme aantallen, bij mobieltjes om wereldwijd zo’n zes miljard stuks, en dat elke twee jaar… Een ander voorbeeld. Philips is bezig een cradle-to-cradle televisie te ontwikkelen, waarvan in de toekomst alles opnieuw gebruikt kan worden. Een beetje het idee van hoe we dat een halve eeuw geleden deden: toen deden we een mensenleven met hetzelfde bankstel, nu gebruiken we hetzelfde bankstel om het te recyclen tot een ander, een nieuw of liefst een beter product. Kortom: we moeten vooruit naar vroeger.” Probleemanalyse De transitie-agenda geeft een probleemanalyse voor een aantal sectoren: bouw, energie, zorg en mobiliteit. Rotmans noemt het een wenkend perspectief, met transitiepaden vanuit dat perspectief naar het heden en weer terug en een investeringslijst met acties, projecten, impulsen om tot een snellere verduurzaming van deze sectoren te komen. “Om een voorbeeld te noemen in de energiesector. We zien steeds meer decentrale duurzame energie-initiatieven. Lokale energiebedrijven komen snel op, in allerlei mogelijke vormen. Variërend van een bedrijf dat zelf energie duurzaam opwekt tot een bedrijf dat projecten opzet om duurzame energie te bevorderen. In feite zijn het de nieuwe nutsbedrijven. Maar er zijn nogal wat barrières te nemen voor partijen die zoiets willen opzetten: marktpartijen werken vaak onvoldoende samen om tot een energiebedrijf te komen, gemeenten missen vaak daadkracht en expertise, traditionele energiebedrijven kijken hier nog vreemd tegenaan en wat is de rol van burgers hierin: klant, investeerder of aandeelhouder? Het is slechts een aspect om onze aandacht op te vestigen…” Economie Nog niet zo lang geleden was Rotmans in het nieuws in verband met een actie tegen de vorming van nieuwe kolencentrales. Wat moeten we dan daarvoor in de plaats? “Wij bevinden ons op een kantelpunt in de samenleving. De huidige crisis markeert die overgangssituatie. Binnen één generatie zijn velen van ons twee waardesystemen kwijtgeraakt: de religie en de ideologie. Daarvoor in de plaats is nog vrijwel niets gekomen. We leven in een overgangsperiode op zoek naar nieuwe waardesystemen. Dit gaat gepaard met onrust, onzekerheid, gebrek aan vertrouwen, angst en onmacht en een steeds terugkerende roep om leiderschap. Voor mij is de kern van een nieuwe, duurzame economie het schoon en veilig produceren en consumeren van goederen, materialen en energie. Schoon betekent dat we geen gebruik meer maken van fossiele energie, maar alleen van schone energiebronnen, zoals zonne- en windenergie, aardwarmte en bepaalde soorten biobrandstoffen. Een duurzame economie is circulair: afval vormt de grondstof voor nieuwe producten en elk onderdeel van elk product is opnieuw bruikbaar of biologisch afbreekbaar. Een duurzame economie is ook biobased, wat wil zeggen dat we geen aardolie meer gebruiken, maar groene grondstoffen op basis van planten en restproducten.”

Europoort Kringen • februari 2011

37


Duurzaamheid

Hoogleraar Future Energy Systems TU Delft Duurzame energie-ondernemer Ad van Wijk is benoemd tot buitengewoon deeltijdhoogleraar Future Energy Systems aan de TU Delft. In deze positie richt Van Wijk zich op de energiesystemen van de toekomst. Van Wijk: “Een duurzaam energiesysteem is geen optelsom van losse zonnepanelen en windmolens. We moeten toe naar totaal nieuwe integrale energiesystemen.” De leerstoel wordt gefinancierd door Eneco. Met deze samenwerking willen TU Delft en Eneco de mogelijkheden en het gebruik van duurzame energie-oplossingen in Nederland stimuleren.   “We hebben uitermate spilzieke energiesystemen”, aldus duurzame energie-ondernemer Ad van Wijk. “We verspillen zo’n 98 procent van alle energie die we uit de grond winnen om onze energiewensen te vervullen. Bij het koken van een ei bijvoorbeeld, gooien we de meeste energie -het hete water- na afloop door de gootsteen. Met een eenvoudige warmtewisselaar in de keuken kan dit warme water worden teruggeleid naar de boiler en worden hergebruikt.” Van Wijk wil aansturen op het ontwikkelen van nieuwe energiesystemen waarin energieefficiënte producten hun energie zoveel mogelijk uit lokaal opgewekte warmte en elektriciteit halen. Als dat niet genoeg is, kan op grote schaal energie worden geproduceerd daar waar

Oplaadpunten De Stichting e-laad.nl en UNETO-VNI -vereniging van elektrotechnische installateurs-  hebben bekend gemaakt nauw te gaan samenwerken bij het uitbreiden van de infrastructuur voor het opladen van elektrische auto’s. UNETO-VNI ziet zelfs mogelijkheden om de energieproductie voor de oplaadpunten op termijn CO2-neutraal te maken.
E-laad.nl werkt sinds enige tijd aan het opzetten van een netwerk van oplaadpunten in de openbare ruimte. Daarnaast wil de stichting dat eigenaren van elektrische auto’s gebruik kunnen maken van oplaadpunten op privéterrein. UNETO-VNI ziet in beide netwerken kansen voor elektrotechnisch installateurs, die de oplaadpunten moeten gaan installeren, onderhouden en beheren. E-laad.nl en UNETO-VNI hebben afgesproken om bestaande kennis met elkaar te delen en samen nieuwe kennis te verzamelen, bijvoorbeeld over het laadgedrag van (gebruikers van) elektrische auto’s. Stichting e-laad.nl is een initiatief van de netbeheerders in Nederland. Zij zijn samen verantwoordelijk voor het beheer van het elektriciteits- en gasnetwerk en het transport van energie in Nederland. De betrouwbaarheid van de energienetwerken in ons land is hoog. De stichting moet ervoor gaan zorgen dat het elektrisch vervoer in Nederland kan rekenen op een infrastructuur van oplaadpunten die net zo solide is. Het convenant met UNETOVNI vormt een belangrijke bijdrage aan die betrouwbaarheid.
Het convenant dat beide partijen tekenen, is nog maar het begin van een samenwerking die al dit voorjaar moet leiden tot een praktisch plan van aanpak. Daarin geven de partners niet alleen uitvoering aan het voornemen om intensief samen te werken, maar geven ze ook concreet aan hoe ze daarover met de buitenwereld gaan communiceren.


38

Europoort Kringen • februari 2011

dat het meeste oplevert, bijvoorbeeld in windparken op zee of zonnecentrales in de woestijn. Van Wijk: “Een nieuw energiesysteem is meer dan de optelsom van losse zonnepanelen en windmolens.” De leerstoel Future Energy Systems biedt Van Wijk de mogelijkheid deze duurzame energiesystemen te ontwerpen en samenwerking te stimuleren tussen verschillende disciplines. Van Wijk zal zich ook gaan bezighouden met het energieonderwijs aan de TU Delft. Zo wordt hij directeur van de postacademische opleiding Master of Business in Energy Systems van Delft TopTech. Ad van Wijk heeft een achtergrond in zowel wetenschappelijk onderzoek en onderwijs op het gebied van energie als in innovatie en ondernemerschap. Van Wijk studeerde natuurkunde aan de Universiteit Utrecht en promoveerde daar op een onderzoek naar windenergie en elektriciteitsproductie. Ook werkte hij aan de Universiteit Utrecht als hoofd van de onderzoeksgroep Energy and Environment. In 1984 richtte Van Wijk het bedrijf Ecofys op (later onderdeel van Econcern). Econcern leverde diensten en producten op het gebied van duurzame energie en energie-efficiëntie. Van Wijk was tot 2009 bestuursvoorzitter van Econcern.

‘Trillingen, bruisende bron van energie’ Het project ‘Trillingen, bruisende bron van energie’ is de winnaar geworden van de Mooi Nederland publieksprijs van tienduizend euro. De Mooi Nederland Prijs is een initiatief van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu (IenM). Eerder verleende het Ministerie via de Innovatieregeling Mooi Nederland in twee ronden financiële steun aan 58 innovatieve projecten. Bij het project ‘Trillingen, bruisende bron van energie’ werken de universiteit Twente en ingenieursbureau Tauw samen aan een systeem dat door trilling van het wegdek duurzame energie opwekt. Onder het wegdek wordt materiaal aangelegd dat onder druk van het verkeer elektrische spanning creëert. Hiermee worden vervolgens lichtmasten en verkeers(informatie)borden langs de weg van energie voorzien. Het idee van een energielandschap zonder ruimtelijke impact, spreekt kennelijk tot de verbeelding. Provincie Overijssel ziet tevens veel potentie in dit idee en heeft de N34 tussen Hardenberg en Drenthe als proeftraject beschikbaar gesteld.




Problems with steam turbines or compressors? Sulzer Turbo Services has the knowledge and facilities to repair, re-rate, overhaul and balance from the small and simple to the large and most complex turbomachinery in use today. Our technology-driven services are focused towards solving the problems of owners and operators.

Sulzer Turbo Services Venlo BV Spikweien36 NL-5943 AD Lomm The Netherlands Tel: +31 77 473 8666 Fax: +31 77 473 2785 sulzertsvenlo@sulzer.com www.sulzerts.com

LET’S STOPAQ THE WORLD

www.sulzerts.com

2071907 briefpapier.QXD

01-06-2007

09:50

Pagina 1

LIBBENGA BV KONSTRUKTIEBEDRIJF Kotterstraat 20, 3133 KW Vlaardingen Postbus 119, 3130 AC Vlaardingen Telefoon 010 - 434 39 91 010 - 435 90 35 Fax 010 - 434 61 23 http://www.libbenga.nl e-mail: libbenga@wxs.nl

STOPAQ is een puur Nederlands bedrijf met in feite één simpele missie: het definitief stoppen van water en dus corrosie. Zo’n ogenschijnlijk simpele missie vraagt echter om intelligente, innovatieve systemen. Daarom ontwikkelt, produceert en implementeert STOPAQ een nieuwe generatie producten en toepassingen die afrekenen met traditionele en achterhaalde coating-oplossingen die corrosie moesten voorkomen. Op basis van een gepatenteerde visco-elastische groene compositie rekent STOPAQ radicaal af met corrosie van onder andere pijpleidingen, mantelbuizen, flenzen, olietanks, afsluiters, kademuren, ballasttanks en jetty piles, boven en onder water. STOPAQ werkt gegarandeerd bij extremen in temperatuur, offshore en onshore van Alaska tot Australië. Ons innovatieve systeem is eenvoudig in voorbehandeling en applicatie, ook onder water. Referenties zijn opdrachtgevers als VOPAK, MOT en SMIT in en rond het havengebied van Rotterdam. Ons motto Seal for Life is niet zomaar een slogan; STOPAQ staat minimaal 30 jaar garant voor de werking van haar systemen. We ontmoeten u dan ook graag weer in 2041. Om samen te concluderen dat corrosie echt tot het verleden behoort. STOPAQ B.V. Gasselterstraat 20, 9503 JB Stadskanaal T +31 (0)599 69 61 70 | F +31 (0)599 69 61 77 info@stopaq.com | I www.stopaq.com EUROPE - AUSTRALIA - MIDDLE EAST - INDIA - CHINA - MEXICO - USA - CANADA - RUSSIA

STO00095_ADV_europoortkringen_901 1

01-02-2011 13:16:38


Vraag u grat toega is ngsba d easyFa ge aan op irs.com M AI N / TENA NC E BE

Innovatie Veiligheid Energie

Onderhoudstechniek UW SLEUTELS TOT EEN HOGERE EFFICIテ起TIE 06 & 07/04/2011 - ANTWERP EXPO

MAINTENANCE2011 VAKBEURS VOOR INDUSTRIEEL ONDERHOUD

Main Media Partners

Knowledge Partners

Media Partners

IF ONLY ALL TRADE SHOWS WERE THIS EASY !


Korte berichten

Overname Biesheuvel Techniek, distributeur van mechanische MRO materialen, neemt de activiteiten uit het faillissement van Geul Techniek Spijkenisse, Geul Techniek Vlaardingen en Nordic Benelux over. Geul Techniek is leverancier van een breed assortiment afsluiters, buizen, buiscomponenten, pakkingen & seals, instrumentatie en overige industriële materialen. Het bedrijf levert aan de petrochemie, offshore, scheepvaart, voedingsmiddelenindustrie, elektriciteit en overige industrieën. Met het toevoegen van de activiteiten van Geul Techniek creëert Biesheuvel Techniek een sterkere positie in West-Nederland, met name

voor de Regio Rotterdam en de Botlek, en vergroot het zijn specialistische productkennis op het gebied van pipes, valves & fittings. Biesheuvel Techniek bedient de industrie en onderhoud met de productgroepen: Aandrijftechniek inclusief Elektrische & Mechanische Aandrijvingen, Pneumatiek & Hydrauliek, Slangen & Appendages, Tooling & Verspaning, Veiligheid & Ergonomie, Gereedschappen, Industrial Supplies & Kunststoffen, Lastechniek, Bevestiging & Montage techniek, Reiniging en bijbehorende services per productgroep.

Emissievoorschriften heftrucks Hyster is de eerste fabrikant die een volledig aanbod zware heftrucks heeft dat voldoet aan Tier 4i/Stage IIIB emissievoorschriften. De voorschriften van de nieuwe emissievoorschriften hebben betrekking op alle machines met dieselmotor die niet op de openbare weg komen en vermogens hebben van meer dan 173 pk (129 kW). De serie Big Trucks van Hyster (met vermogens vanaf zestien ton) wordt geleverd met nieuwe

Facility management contract ARCADIS heeft een facility management contract getekend tussen ARCADIS AQUMEN en Dow Benelux. Arcadis Aqumen Facility Management (AAFM) is een joint venture van Arcadis met het Engelse Carillion. Het contract heeft een looptijd van drie jaar. AAFM zal onder dit contract het management van facilitaire diensten zoals onderhoud van gebouwen, laboratoria en wegen, als ook catering en schoonmaak gaan verzorgen voor alle locaties van Dow in de Benelux. De totale waarde van het contract bedraagt circa tien miljoen euro. Met dit contract geeft Dow invulling aan de wens om het facility management meer af te stemmen op de veranderende organisatie van Dow. Kenmerk van die veranderende organisatie is een groei van steeds meer specialistische facility managementwensen van steeds meer verschillende Dow-onderdelen, zoals businesses, joint ventures en partnerbedrijven.  

Opening World Class Aviation Academy Op 17 januari tekenden Terma en de World Class Aviation Academy (WCAA) een samenwerkingsovereenkomst voor training en ‘life-cycle support’ ten behoeve van zelfbeschermingssystemen en andere ‘airborne systems’ gebruikt door luchtmachten en luchtvaartmaatschapijen over de hele wereld. De in mei 2010 door Terma geopende ‘Electronics Warfare support’ faciliteit op de vliegbasis van de Koninklijke Luchtmacht, bij het Logistics Centre Woensdrecht (LCW), is momenteel volledig operationeel; de eerste door de WCAA opgeleide werknemer is inmiddels in dienst genomen. Terma’s service en support faciliteit opereert in nauwe samenwerking met het LCW, WCAA en NLR (Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium). . Tevens is de vliegtuigmonteursopleiding Aircraft Maintenance and Training School -onderdeel van de World Class Aviation Academy-geopend. De opleiding werkt samen met Stork, KLM, de luchtmacht en de Britse luchtmacht. Er wordt verwacht dat ze ook andere bedrijven uit de luchtvaartindustrie naar de regio Maintenance Valley in West- in Midden-Brabant trekt, wat voor extra werkgelegenheid zorgt.

Cummins-motoren en nieuwe technologie die zorgen voor lage emissies en tot vijftien procent brandstofbesparing, aldus Barloworld Intern transport. Naast de Cumminsmotortechnologie heeft Hyster tevens nieuwe ontwikkelingen op het gebied van optimalisering van prestaties doorgevoerd, zoals ‘Cooling on Demand’, hydraulica met lastdetectie, toerentalbeheer en verlaagd stationair motortoerental die allen zorgen voor een verlaagd brandstofverbruik. Bestuurders kunnen daarnaast kiezen tussen twee standen: ECO-eLo ‘brandstofefficiëntie’ en HiP ‘hoge prestaties’. De stand HiP is de stand voor normaal gebruik, terwijl de machine in de stand ECO-eLo een lager maximaal motortoerental gebruikt en een betere brandstofefficiëntie heeft. Andere kenmerken van de nieuwe motor zijn onder meer het nieuwe Cummins Direct Flow™-luchtfiltersysteem, dat de filterefficiëntie optimaliseert en het Cummins-carterventilatiesysteem, dat voorkomt dat emissies uit het carter van de motor ontsnappen door middel van een zeer efficiënt afscheidingsfilter. Het voorkomt ook olienevel en kleine oliedruppels, zodat de motor schoon blijft. Voor meer informatie: tel. 0347 349400.

Europoort Kringen • februari 2011

41


Korte berichten

Op de European Coatings Show Air Products lanceert tijdens de European Coatings Show (stand 315 in hal 10), die van 29 tot 31 maart in Nürnberg wordt gehouden, onder de naam Total Reactive Technology een nieuwe, aminegebaseerde technologie voor epoxyverharders. Producenten van polymeergebaseerde coatings kunnen met de nieuwe technologie oplossingen ontwikkelen, die niet alleen bruikbaar zijn voor verschillende coatingsystemen, maar die ook milieuvriendelijk zijn. Voor de ontwikkeling van zijn Total Reactive Technology heeft Air Products gebruikgemaakt van haar uitgebreide kennis van de epoxychemie en de jarenlange ervaring met additieven voor polymeergebaseerde coatings. Doel was de ontwikkeling van een gemodificeerde polyamineverharder, die honderd procent reactief is met epoxyhars en die tevens het gebruik van een plasticiser/weekmaker overbodig maakt.

De Total Reactive Technology is dankzij de sneldrogende eigenschappen bij normale en lage temperaturen geschikt voor toepassingen van coatings waaraan hoge eisen gesteld worden. De technologie gebruikt geen plasticiser en is zeer milieuvriendelijk, omdat er gedurende de hele levenscyclus van de coatings vrijwel geen emissies ontstaan. Het is een interessante aanvulling op de snel in populariteit groeiende watergebaseerde coatingsystemen. De Total Reactive Technology voorziet in een nieuwe hitech, aminegebaseerde oplossing die effectief is en vrijwel geen emissies heeft. Air Products biedt een uitgebreide range van amine epoxyverharders en modifiers voor een brede range van toepassingen waaronder beschermende coatings, grondstoffen voor de civiele techniek, lijmen en composietmaterialen.

Het bedrijf lanceert op de European Coatings Show ook een nieuwe range defoamers en deaerators. Deze high-tech additieven worden gebruikt in coatings, inkten, lijmen en in andere industriële toepassingen om betere systeemeigenschappen en een esthetisch fraai oppervlak te garanderen. De nieuwe range van defoamers helpt producenten bij de productie van high performance coatings, die effectiever en milieuvriendelijker zijn. Ze zijn goed toepasbaar in watergebaseerde formulaties en kunnen in combinatie met epoxysystemen ook in coatings voor vloeren gebruikt worden. Naast epoxyverharders biedt men ook een reeks speciaal additieven zoals multifunctionele wetting agents, defoamers en pigmentdispergeermiddelen, die in watergebaseerde coatings, inkten, lijmen en bouwchemicaliën gebruikt worden.

Duurzaamheidsstrategie

Gasflessenhouder

Met de overname van ClimateControl heeft aannemingsbedrijf Mourik -vooral groot in de petrochemische sector- haar eigen klimaatbeheersingstak versterkt tot totaalleverancier. ClimateControl is een snel groeiend internationaal bedrijf dat vooral door haar innovatiekracht tot de top van klimaatbeheersing behoort in de industriële sector, zoals de staal- en aluminiumindustrie en voor biodiesel- en powerplants. Daarnaast ontwikkelt en patenteert het bedrijf zelf innovatieconcepten op het gebied van klimaat- en energiebeheersing. Zo heeft men patent op een zelf ontwikkeld ventilatieconcept dat bij uitstek geschikt is voor energiecentrales. Goede klimaatbeheersing leidt tot betere arbeidsproductiviteit, minder ziekteverzuim en minder storingen in bedrijfsprocessen. ClimatControl zal vooral nauw samenwerken met Mourik E & I en Mourik Installatietechniek. De drie bedrijven zullen in de toekomst worden samengevoegd in Spijkenisse, waar nu het hoofdkantoor van ClimateControl is gevestigd. In Nederland -waar zestig procent van de activiteiten plaatsvindt- werkt ClimateControl voor grote bedrijven waaronder Shell, Corus en AkzoNobel, RollsRoyce UK en Wärtsila Finland. Veertig procent van de omzet wordt uit landen gehaald zoals Verenigde Staten, Honduras, Soedan, Jemen, Tanzania en Equador.

Speciaal voor het vervoeren en veilig opstellen van gasflessen in bedrijfswagens brengt Würth Nederland een gasflessenhouderset op de markt. Deze gasfleshouderset bestaat uit aluminium strips (zogeheten ‘Airline profielen’), die geheel naar eigen inzicht gecombineerd kunnen worden met de speciaal meegeleverde verankeringsogen en spanbanden. Standaard bestaat deze gasfleshouderset uit twee nylon spanbanden met elk twee verankeringsogen en twee strips voor de bouwdieptes 38 en 45 cm. Indien gewenst kunnen extra spanbanden worden meegeleverd. De gasflessenhouder kan worden gemonteerd aan het kopschot van de auto of aan de Orsy Mobil-stelling. De gasflessenhouderset is uit voorraad leverbaar. Voor meer informatie: tel. 073 6291555.

42

Europoort Kringen • februari 2011


Als het gaat om betrouwbaarheid

ALS VEILIGHEID OOK VOOR JOU TELT !

U streeft naar betrouwbaarheid van uw installaties. Wij zijn uw verlengstuk.

Al meer dan 40 jaar produceert Hughes Safety Showers topklasse nooddouches voor een wereldwijde industrie Tel: 0162 47 25 85

e-mail: info@gelis.nl

www.gelis.nl

MOERDIJK MIDDELBURG TERNEUZEN +31 (0) 168 334 200 - www.troost.nl

PARTNERS IN ONDERHOUD Europoort Kringen • februari 2011

43


Korte berichten

Elektrotrucks Wim Bosman heeft twintig heftrucks vervangen door nieuwe Elektrotrucks. Na een intensieve testperiode van een jaar met verschillende merken en typen E-trucks, heeft Wim Bosman gekozen voor de Linde E16PH. De E-truck heeft zestienhonderd kilo hefvermogen, integrale side-shift, batterijdeur voor zijdelings wisselen en een driedelige mast met voldoende ruimte om trailers in en uit te rijden. De E-truck is stiller en bovendien neemt de CO2 uitstoot af. Dit ondersteunt de doelstelling van de Wim Bosman Groep om als koploper in Duurzame Logistiek in 2012 een CO2 reductie van minimaal dertig procent te realiseren. De Wim Bosman Groep wil een bijdrage leveren aan de verduurzaming van de supply chain van haar klanten.

Op Gastech 2011 Deze E-truck is voorzien van ‘non-marking’ banden. Dit zijn witte banden die het stof reduceren en de werkvloer minder vervuilen. Ook is de E-truck uitgerust met een speciale luchtgeveerde stoel, de Super Comfort, type MSG 75. Deze stoel is ergonomisch vormgegeven en geeft extra comfort aan de heftruckchauffeurs. Omdat de E-trucks 24 uur per dag worden ingezet, werkt men met wisselbatterijen die de heftruckchauffeur door middel van een geavanceerd systeem zelf kan vervangen. De E-trucks worden gebruikt in het centrale cross-dock in ’s-Heerenberg. In dit crossdock worden dagelijks vierduizend pallets verwerkt en 450 vrachtwagens geladen en gelost. Alle heftruckchauffeurs krijgen een training voor het gebruik van de E-trucks.

HITMA Instrumentatie is van 21 t/m 24 maart aanwezig op de vakbeurs Gastech in de Rai in Amsterdam. Dit evenement wordt gehost door Shell en bestaat uit een conferentie en beurs. De Gastech 2011 richt zich op de internationale gasindustrie. HITMA Instrumentatie is te vinden op de stand van leverancier Xentaur (stand E065). De Amerikaanse firma Xentaur is gespecialiseerd in het ontwikkelen en produceren van dauwpunttransmitters en -meters voor de perslucht- en gasmarkt (OEM en eindgebruiker). Voor het meten van vocht en dauwpunt maken de transmitters en meters van Xentaur gebruik van de door het bedrijf ontwikkelde en gepatenteerde Hyper Thin Film (HTF) aluminumoxide-sensortechnologie. HITMA Instrumentatie is de exclusieve leverancier in de Benelux voor het Xentaur-assortiment.

Op ISH KSB introduceert op de ISH 2011 -van 15 tot en met 19 maart 2011 in Frankfurt- afvalwaterpompen van het type Amarex/KRT met spaarmotoren. Deze motoren voldoen aan de nieuwe Europese rendementseisen IE3 (Premium Efficiency) voor standaard-motoren. De nieuwe aggregaten kunnen zowel zonder Ex-beveiliging als in explosieveilige versie worden geleverd. Ze hebben zowel bij nominale belasting als bij deelbelasting hogere rendementen dan standaard dompelmotoren, maar zijn even robuust. Omdat KSB deze motoren zelf heeft ontwikkeld en produceert, zijn deze mechanisch en elektrisch optimaal aan de eisen van de hydrauliek van afvalwaterpompen aangepast. Door het optimaliseren van het elektrische en magnetische ontwerp is het de producent gelukt om bij het pomptype KRT momenteel al te voldoen aan de eisen van de rendementsklasse IE3 tot een aandrijfvermogen van 150 kW. Bij droog opgestelde uitvoeringen is het tot een vermogen van 45 kW ook mogelijk, de pompen door een door KSB ontwikkelde ‘SuPremE’-motor te laten aandrijven. Deze aggregaten werken nog eens met circa vijftien procent minder verlies dan de toch al economische IE3-aandrijvingen. Met de toepassing van dergelijke motoren kan een gebruiker nu al techniek toepassen, die de toekomstige wettelijke rendementseisen ver overtreft.

44

Europoort Kringen • februari 2011

Overname door Rotterdamse Ondernemerswinnaar Het Schiedamse bedrijf A. de Jong Groep -winnaar van de Rotterdamse Ondernemersprijs 2010- heeft op 10 januari jl. honderd procent van de aandelen in HRI Installatietechniek BV in Zaandam overgenomen. Met deze overname versterkt de A. de Jong Groep haar activiteiten op het gebied van klimaattechniek voor de utiliteitsbouw. HRI staat al jaren bekend als een gedegen installatiebedrijf op het gebied van warmte-, lucht-, en koeltechniek waarbij ook innovatieve technieken zoals warmte- en koude-opslag en betonkernactivering worden toegepast. Vooral hierdoor passen A. de Jong en HRI goed bij elkaar. Bij HRI zijn 25 personen werkzaam. A. de Jong bedient vanuit Schiedam al vele tientallen jaren grote opdrachtgevers in de regio Amsterdam zoals Ahold, WTC en het AMC.


DE VAKBEURS OPNIEUW UITGEVONDEN ALS VERKOOPINSTRUMENT

MOCON 2011 20 & 21/04/2011 - BRABANTHALLEN, DEN BOSCH easyFairs.com/MOCON-NL

FOODTECH2011

25 & 26/05/2011 - AUTOTRON, ROSMALEN 16 & 17/11/2011 - IJSSELHALLEN, ZWOLLE easyFairs.com/FOODTECH-NL

SOLIDS2011

05 & 06/10/2011 - AHOY, ROTTERDAM

easyFairs.com/SOLIDS-NL

PUMPS & VALVES2011 05 & 06/10/2011 - AHOY, ROTTERDAM easyFairs.com/PUMPS-NL

Het easyFairs concept easyFairs events zijn tijd- en kostenefficiënte vakbeurzen in het hart van uw markt. Voor een kleine investering krijgt u een schitterend marketingtool, maximale exposure voor uw bedrijf en staat er bovendien een complete stand voor u klaar waarmee u direct zaken kunt doen. easyFairs events zijn effectieve contactplatforms. Door een zorgvuldige selectie en een gerichte marketingcampagne zijn alleen uw directe potentiële klanten aanwezig. Hierdoor genereert u een maximaal aantal kwalitatief goede zakelijke contacten. easyFairs events zijn in het hart van uw markt. Ze worden op regionaal niveau georganiseerd, zodat u uw kostbare tijd optimaal kunt benutten. easyFairs events zijn het groene alternatief. Wij streven naar een minimale belasting van het milieu. Onze materialen worden maximaal hergebruikt en de communicatie gaat zoveel mogelijk digitaal. All-in package easyFairs verzorgt uw complete beursdeelname door middel van de all-in formule: Standaard modulaire standbouw, frieslijst met naamsvermelding, tapijt, dagelijkse schoonmaak, exposantenbadges, parkeerkaart, opname in de beurscatalogus, twee lichtspots, stroom, twee stoelen, een tafel en een brochure rek. easyFairs verzorgt voor u de bezoekerspromotie rondom het evenement. Wij lanceren een gerichte marketingcampagne door nauwe samenwerking met vakbladen en brancheverenigingen. Hiermee bent u zowel voor, tijdens als na het evenement in the picture bij uw (potentiële) klanten. Om uw klanten persoonlijk uit te nodigen, ontvangt u minimaal 250 uitnodigingskaarten GRATIS, bovendien versturen wij op onze kosten 500 uitnodigingskaarten naar door u aangegeven adressen. Zo realiseren we samen een kwalitatief hoog bezoekersaantal. Just turn up and do business! Wij houden het gemakkelijk, vragen zo min mogelijk van uw kostbare tijd. Terug naar waar het echt om draait… gewoon zaken doen! Dit alles voor slechts de prijs van een advertentie in een vakblad! Zo easy = easyFairs! Neem voor meer informatie een kijkje op www.easyFairs.com.

WAREN ALLE VAKBEURZEN MAAR ZO GEMAKKELIJK!

190_230_CORPORATE_NL_NL_2011_NL.indd 3

21/12/2010 16:08:41

Filevermijdend vergaderen bij de Beer Begin uw dag met een heerlijk ontbijt Onderbreek uw vergadering met een picknick op ons zonnig terras en een heerlijke wandeling langs het Hartel kanaal Sluit een volledige werkdag voor het spitsuur af Dit en meer is mogelijk bij de Beer Hotel-Restaurant-Vergadercentrum Europaweg 210 3198 LD Rotterdam Europoort T: +31(0)181 26 23 77 I: www.hoteldebeer.nl

S I T A R G U N WIFI Europoort Kringen • februari 2011

45


Tijdelijk of semi permanent behoefte aan extra warmte en/of energie? Uw bron van informatie bij het kopen of huren van ketelinstallaties voor stoom, warm en heet water. Verhuur • warmwaterketels tot 8 MW • heetwaterketels tot 12 MW • automatische expansie-inrichtingen • stoomketelunits tot 28 barg van 400 kg/hr tot 16.000 kg/st • ontgassers, voedingswatertanks, ontharders • olietanks 3, 5, 10 en 20m3 • in container, buitenopstelling of romneyloodsen

Services • 24 uurs storingsdienst • leidingwerkmontage • onderhoud • engineering

Milieuzorg • Low-NOx installaties • geluidsbesparende omhuizingen • CE normering

www.ecotilburg.com Postbus 899, 5000 AW Tilburg - Hectorstraat 23, 5047 RE Tilburg - Tel: 013 5839440 - Fax: 013 5358315 - E-mail: info@ecotilburg.com

ATEX Motoren? Helmke levert maatwerk! � � � � �

grote voorraden enorme know-how prima service 24 uurs service snelle levertijden

Aalbosweg 24, Postbus 195, NL - 8170 AD Vaassen, Tel. 0578 578 578, Fax 0578 578 585, www.helmke.nl E-mail: info@helmke.nl

46

Europoort Kringen • februari 2011

� � � � � � � �

Hoog en laagspanning Gas zone 1 en 2, stof zone 21 en 22 of combinaties ATEX motoren tot 4.000 kW uit voorraad Ook in combinatie met frequentieregelaars Uitvoeringen volgens Shell Dep. 33.66.05.31-GEN Laagspanning EEx d(e) tot 200 kW uit voorraad leverbaar Vrijwel alle Chemie specificaties Ook het fabrikaat Loher


Korte berichten

Nautisch personeel Rijkswaterstaat Per 1 januari jl. is TOS (Transport & Offshore Services) gedurende drie jaar de leverancier voor nautisch inhuurpersoneel (varend) voor Rijkswaterstaat op en rond de Noordzee. Eind december is hiervoor een samenwerkingscontract ondertekend. Het contract heeft tevens een optie tot verlenging van twee jaar. Sinds de jaren negentig heeft TOS ervaring met het deels bemannen van de RWS oliebestrijdingsvaartuigen Arca en Zirfaea en worden ook diverse ad hoc aanvragen voor andere schepen ingevuld. Victor Mees is binnen TOS aangesteld tot Projectleider Rijkswaterstaat. Hij was de afgelopen jaren ook betrokken bij de bemanning van de Arca en de Zirfaea. Het contract met RWS dienst Noordzee omvat het beheergebied

Nederlands gedeelte van de Noordzee, de Atlantische Oceaan en een deel van de binnenwateren van Nederland. TOS bestrijkt hiermee alle aanleg- en afmeerplaatsen op het Nederlandse vaste land van Vlissingen tot en met Delfzijl. Voor de vaartuigen stelt TOS zowel op continue basis als aanvullend nautisch personeel beschikbaar. De functies variëren voornamelijk van gezagvoerder, stuurman, matroos/kok, matroos, hoofdwerktuigkundige, 2e werktuigkundige, bootsman tot wachtsman/walmachinist. De vaartuigen zijn zeer uiteenlopend van afmeting en functie, onder andere vaarwegmarkeren, oliebestrijding, visserijonderzoek, metingen en kustwachtactiviteiten.

Samenwerkingsovereenkomst brandweertrainingen Met de ondertekening van een samenwerkingsovereenkomst met Brandweertrainingen Nederland is DHTC als nieuwe partij toegetreden tot een unieke kring van zelfstandig opererende Nederlandse brandweeroefencentra. Door deze bundeling van krachten wordt het trainingsrendement en de inzetbaarheid van brandweerkorpsen verhoogd. Door nauw samen te werken kan de brandweersector een totaalpakket aan gevarieerde oefenmogelijkheden worden geboden. Op basis van eigen eisen en voorkeuren kunnen

De samenwerkingsovereenkomst is op 7 januari in Den Helder ondertekend door DHTC-directeur Manuela van Luijk en Hans de Nas, directeur van Brandweertrainingen Nederland BV uit Baak in Gelderland

brandweerkorpsen een trainingstraject samenstellen langs de aangesloten trainingscentra, waaronder nu ook DHTC, die alle over specifieke oefenfaciliteiten beschikken. DHTC, opgericht in 1984, is een internationale aanbieder van veiligheidsopleidingen voor de olie- en gasindustrie offshore, scheepvaartsector, offshore windindustrie en hieraan gerelateerde bedrijven. Verder worden aan bedrijven en instellingen BHV-, EHBO- en VCA-cursussen gegeven en worden regionale en gemeentelijke brandweerkorpsen uitgebreide realistische oefen- en examenmogelijkheden geboden.

Overgenomen

Technologie voor cruiseschepen

Stork Technical Services Holding B.V. heeft met ingang van 1 januari jl. Cetus B.V. in Moerdijk overgenomen van Gielissen Holding B.V. uit Veldhoven. Onderhoud, reparatie en modificatie van hoog technologische systemen maken deel uit van het dienstenpakket van Cetus en het bedrijf is actief in de 24/7 service markt voor boilerservices. Cetus zal worden geïntegreerd in de Business Line Process Equipment van Stork Technical Services. In Hengelo beschikt Stork reeds over een 24/7 boiler servicebedrijf. In de toekomst zal de vestiging in Moerdijk onder andere de revisie en het boileronderhoud in het grootste deel van West- en Zuid-Nederland verzorgen, terwijl vanuit Hengelo de service voor Noord- en Oost-Nederland zal worden verzorgd.

Imtech heeft van de Duitse scheepswerf Meyer Werft in Papenburg een order ontvangen voor de energie-efficiënte lucht- en klimaattechnologie aan boord van twee nieuwe cruiseschepen van Norwegian Cruise Line. Deze order vertegenwoordigt een waarde van ruim 22 miljoen euro. Tevens is er een optie overeengekomen voor de energiezuinige lucht- en klimaattechnologie aan boord van nog eens twee cruiseschepen. De cruisemarkt kenmerkt zich door hoge groeiverwachtingen. Voor Imtech resulteert dit in talloze orders voor zowel nieuwbouw als upgrading en renovatie van technische oplossingen aan boord van dit soort schepen. Slimme, intelligente totaaloplossingen met een hoge mate van automatisering maken het mogelijk aanzienlijke besparingen in de energiehuishouding aan boord te realiseren en tegelijkertijd het comfort voor passagiers te optimaliseren. De 143.500 ton wegende cruiseschepen zijn de grootste cruiseschepen ooit gebouwd in Duitsland. De capaciteit van elk van de schepen bedraagt meer dan vierduizend passagiers. Imtech Marine is verantwoordelijk voor de HVAC-technologie (alle technische oplossingen op het gebied van verwarming, ventilatie en airconditioning) die niet alleen energie-efficiënt is maar ook maximaal comfort biedt aan passagiers.

Europoort Kringen • februari 2011

47


Haven

Havenindustrie krijgt personeel niet aangesleept door Antoon Oosting De crisis van eind 2008, 2009 was even een adempauze voor het probleem om aan voldoende, gekwalificeerd personeel te komen. Maar de komende jaren laait de slag om de arbeidsmarkt voor het haven-industrieel complex in de Rijnmond weer in alle hevigheid op. De komende vijf jaar gaan er landelijk vijfhonderdduizend werknemers met pensioen, twee zo veel als normaal. “En dat terwijl we al moeite genoeg hebben jongens en meisjes de haven in te sleuren”, zei Deltalinqsvoorzitter Wim van Sluis tijdens het op 17 januari gehouden Deltalinqs-jaardiner.

I

n de jaarlijkse enquête van het onderzoeksbureau Ecorys in opdracht van het Havenbedrijf Rotterdam, Deltalinqs en de stichting Kennisinfrastructuur Mainport Rotterdam (KMR) meldden de bedrijven eind vorig jaar een totaal aantal van 2100 vacatures op zowel mbo (1650) als hbo (450) te verwachten voor de komende vier jaar. Maar de Deltalinqs-voorzitter denkt dat bedrijven nog een beetje last hebben van ontkenning van de werkelijkheid en dat er wel eens veel meer mensen nodig zullen blijken te zijn dan die 2100. Dat vermoeden komt uit de kennis en ervaring van de KMR. “De plek om te meten en te weten”, zoals de nieuwe voorzitter (per 1 januari 2011) en voormalig algemeen directeur van Lyondell Chemie Nederland, ing. J.P.H.M. (Jos) Benders het noemt. Het KMR is het platform van bedrijfsleven, overheid en onderwijsinstellingen in de regio met als doel meer scholieren een opleiding te laten volgen waarmee ze in de haven en de industrie terecht kunnen. Het KMR zorgt er al vijftien jaar voor dat industrie, overheid en onderwijsinstellingen op strategisch niveau met elkaar afspraken proberen te maken voor het beter op elkaar afstemmen van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt in de regio. Het bureau van het KMR, nu onder aanvoering van drs. H.H.J. (Huub) Kleinrouweler en zijn staf van vier medewerkers, vervult een coördinerende en regisserende rol, om te komen tot een samenhangend programma van activiteiten om scholieren te stimuleren een opleiding te kiezen voor een baan in haven of industrie. Dat gebeurt vooral door middel van promotie en voorlichting. Kleinrouweler: “We moeten bij de jeugd tussen de oren zien te krijgen dat de wereld van mainport en industrie gewoon heel erg interessant is om je baan in te

48

Europoort Kringen • februari 2011


Europoort Kringen • februari 2011

49


INDUSTRIEEL GROEN REALISATIE EN INTEGRAAL BEHEER

Hofhoek 3 Poortugaal Tel.: 010 - 5016111 Fax: 010 - 5013650 info@binder.nl www.binder.nl

Bestekservice- en Advies, Terreininventarisatie, Integraal Terreinonderhoud, Maaiwerk Dijken & Vlakland, Chemische Onkruidbestrijding, Grond- & Straatwerk

BIN6018 ADV EUROPOORT.indd 1

30-10-2006 13:46:38

Supported by:

Gorinchem 29, 30 & 31 maart 2011 van 12.00 tot 20.00 uur

Evenementen

HAL

HARDENBERG GORINCHEM VENRAY

Evenementenhal Gorinchem Franklinweg 2 4207 HZ Gorinchem T 0183 - 68 06 80 F 0183 - 68 06 00 E gorinchem@evenementenhal.nl I www.evenementenhal.nl

Ons evenement. UW MOMENT.


Haven vinden.” Maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan, want volgens Benders is het daarbij nog steeds vechten tegen de onbekendheid en oude negatieve imago’s van vuil en gevaarlijk werk in de haven en industrie. Terwijl de wereld van onze ouders en grootouders, die nog rondlopen met de herinneringen van hoe het vroeger in de Rotterdamse haven was, er tegenwoordig natuurlijk heel anders uitziet. “Je kunt er nu weer trots op zijn in de haven te werken. De haven en industrie zijn de motor van de BV Nederland”, verzekert Kleinrouweler, die afkomstig is uit het organisatieadvies en interim-management. Die trots is zo belangrijk omdat dit volgens hem de sleutel is om de jeugd voor een baan in de haven en industrie te laten kiezen. Iedereen wil immers graag trots zijn op wat hij of zij voor werk doet. Ook de arbeidsmarkt in de haven en industrie is niet meer zo dat je je baan kwijt bent als er even wat minder werk is. Bedrijven in de industrie deden alle mogelijke moeite hun mensen binnen de poort te houden. Benders: “De crisis heeft dan ook betrekkelijk weinig effect gehad op het aantal arbeidsplaatsen. De havenoverslag heeft na een forse dip ook weer een enorm herstel laten zien. Het aantal banen in de industrie is gestabiliseerd en nagenoeg niet verminderd.” In het Rotterdamse havengebied zijn veel langjarige projecten in uitvoering waarvoor veel mensen nodig zijn. “De ontwikkeling gaat gewoon straf door. We moeten nu al veel buitenlanders inschakelen omdat we zelf het personeel niet kunnen ophoesten”, zegt Benders, en: “De pieken in het werk kunnen wij hier bijvoorbeeld zelf niet meer opvangen, daarvoor hebben wij het buitenland nodig.”

Benders signaleert dat door de crisis weliswaar enkele projecten -de meeste zijn doorgegaan- zijn vooruitgeschoven. “Als die straks terugkomen en alsnog doorgaan, is er weer veel extra personeel nodig. Het werk verdwijnt niet, het komt weer terug”, verzekert Benders. En dan kan het ook niet anders dan dat de werkgelegenheid in de Rijnmond alleen maar kan groeien. De uitvoering van alle grote projecten vergt alleen al acht- tot tienduizend extra arbeidskrachten. Maasvlakte 2 moet uiteindelijk zesduizend permanente banen opleveren.

Sommige bedrijven zullen de komende jaren de helft van hun personeel gaan kwijtraken Jos Benders, de nieuwe voorzitter van de KMR: "Als het idee nog steeds bestaat dat het werk in de haven vies is, geef dan goede voorlichting over dit werk."

En daar komen nu dus ook in volle hevigheid de demografische gevolgen bij van de uitstroom van de babyboomers. “Normaal is dat er jaarlijks tweeënhalf procent uitstoomt aan gepensioneerden en dat eenzelfde percentage instroomt. Zo was het althans in het verleden, maar dat halen we nu echt niet. Bedrijven zullen nu echt zien dat babyboomers massaal gaan uitstromen. Sommige bedrijven zullen de komende jaren de helft van hun personeel gaan kwijtraken”, zegt Kleinrouweler. Door de crisis zijn volgens Benders en Kleinrouweler bedrijven erg conservatief geworden in het ramen van hun vraag naar nieuwe medewerkers. De ervaring leert echter dat de werkelijke aanname van nieuw personeel in de jaren 2007/2008 vaak substantieel hoger lag dan de bedrijven zelf inschatten. Wie op het aantal buitenlandse nummerplaten in de regio let, weet dat er veel buitenlandse arbeidskrachten werkzaam zijn. De meeste daarvan zijn ook in crisisjaar 2009 niet weggeweest. Benders: “De industrie heeft in 2010 weer topniveaus in volume gedraaid. Het aantal mensen is door de crisis niet dramatisch afgenomen. Dan kan het bijna niet anders dan dat de werkelijke vraag naar arbeidskrachten hoger is dan bedrijven nu in het onderzoek van Ecorys hebben aangegeven.”

Europoort Kringen • februari 2011

51


Haaksbergen Tolstraat 26, 7482 DB Postbus 97, 7480 AB Telefoon 053 5728785 Fax 053 5727375

TILbUrg Aresstraat 3a, 5048 CD Postbus 5107, 5004 EC Telefoon 013 5780070 Fax 013 5780071

veenenDaaL De Smalle Zijde 16, 3903 LP Postbus 958, 3900 AZ Telefoon 0318 550466 Fax 0318 551528

DracHTen De Kiel 29, 9206 BG Postbus 731, 9200 AS Telefoon 0512 546269 Fax 0512 546279

www.meesvandenbrink.nl

info@meesvandenbrink.nl

LEVEL INDICATORS LEVEL ALARMS STEAM TRAPS T +32 (0)3 466 05 40

Dorp 38

F +32 (0)3 466 05 49

2242 PULDERBOS

info@tas.be

BELGIUM

www.tas.be

PIRANACONCEPTS.COM

L. TAS & Co. BVBA


Haven Volgens Kleinrouweler is de afgelopen paar jaar gebleken dat het havenindustrieel complex van Rotterdam ‘frontrunner’ is als het gaat om economie en vacatureontwikkeling. Deze regio voelde als eerste het inzakken van de wereldhandel na het failliet van Lehman Brothers in september 2008, maar afgelopen jaar werden er volgens Kleinrouweler (ten opzichte van 2009) al weer vijf tot tien procent meer vacatures vervuld dan in 2009, terwijl landelijk (-23 procent) nog sprake was van een daling. “We lopen hier in deze regio gewoon voorop”, aldus Kleinrouweler. Des te urgenter dus het werk van het KMR om het onderwijs beter af te stemmen op wat het bedrijfsleven in de regio vraagt. Kleinrouweler: “Het duurt vier, vijf jaar na zijn beroepskeuze voordat iemand van het mbo afkomt.” Voor de vervulling van die zesduizend arbeidsplaatsen die op de Maasvlakte zullen ontstaan, moeten de toekomstige arbeidskrachten dus nu naar school. Met de vier roc’s van Albeda, Zadkine, Da Vinci en STC is het gelukt de uitstroom van gediplomeerden bij mbo-opleidingen voor de metaal, werktuigbouw, elektrotechniek en installatietechniek, die voor proces, petrochemie en energie en die voor scheepvaart, transport en logistiek de afgelopen jaren met ruim de helft te laten groeien, van 2031 in 2005 naar 3322 in 2009. Het aantal gediplomeerden van het procescollege in Brielle verdubbelde zelfs. De hoop van Benders en Kleinrouweler is dat het in september 2006 op het RDM-terrein gestarte Maintenance College eenzelfde succesverhaal wordt als het Procescollege. Maar het is nog niet genoeg om de groeiende behoefte aan personeel te dekken. Kleinrouweler: “Onderwijsinstanties hebben ook een leerplichtfunctie en je ziet dat ze van daaruit ook aanbodgericht inspelen op wat leerlingen aan opleidingen vragen. Terwijl wij denken dat het onderwijs juist meer vraaggerichte opleidingen moet gaan starten.” En natuurlijk beseft ook Kleinrouweler wel degelijk dat het onderwijs autonoom is en je instellingen niet kunt dwingen bepaalde opleidingen op te zetten. “Maar opleidingen die nu proactief inspelen op de vraag vanuit de industrie, zullen straks spekkoper zijn. Want met die opleidingen kun je immers ook perspectief op banen bieden”, verzekert de KMRdirecteur.

Kleinrouweler. Met het oog hierop heeft het havenbedrijfsleven in 1997 het Educatief Informatiecentrum (EIC) bij Rozenburg laten neerzetten waar vooral scholieren in een permanente tentoonstelling goed kunnen ervaren wat de wereld van de haven betekent. Voor de nabije toekomst willen Benders en Kleinrouweler onder andere de focus leggen op het stimuleren van haven- en industriegericht onderwijs op de vmbo-scholen. Want die moeten uiteindelijk ook de leerlingen leveren voor de mboopleidingen. Nu worden die mbo-opleidingen op de roc’s vooral gevoed door leerlingen vanuit de regio terwijl de scholen in de stad Rotterdam zelf zwaar achterblijven. “De situatie op de vmbo-techniek opleidingen is zeer zorgelijk. Het is een vicieuze cirkel. Er is te weinig promotie van het onderwijs, te weinig aanbod en er wordt te weinig in geïnvesteerd. En er is sprake van veel schooluitval en drop-outs”, aldus Kleinhouweler. Volgens Jos Benders kunnen scholen een voorbeeld nemen aan het Procescollege, want juist deze school heeft veel van die vmbo-drop-outs opgevangen. ”Die zijn daar van een job verzekerd. Dat stimuleert enorm”, aldus Benders die zelf tien jaar geleden aan de wieg stond van de oprichting van deze school, die nu een afdeling is van het STC. En zonder die vmbo-opleidingen in de stad Rotterdam lukt het niet om de aanwas voor het mbo echt te laten groeien. Kleinrouweler: “We moeten er collectief voor zorgen dat er een heel mooie, grote kweekvijver ontstaat waaruit het goed hengelen is. Alle partijen moeten hun steentje bijdragen opdat het bedrijfsleven uiteindelijk kan doen wat het wil doen. Je hebt elkaar hard nodig en gezamenlijk kun je het verschil maken.”

Week van de Procestechniek In de Botlekregio organiseerde het Educatief Informatie Centrum (EIC) in samenwerking met het Proces en Maintenancecollege Rijnmond (PMR) op 24 en 25 januari de Week van de Procestechniek. Shell Pernis deed hier ook aan mee. VMBO leerlingen konden ervaren wat werken in de procestechniek bij Shell Pernis inhoudt. Door middel van verschillende praktijkopdrachten maakten ze kennis met de opwekking en transport van elektriciteit. Steeds minder jongeren kiezen voor een baan als procesoperator of onderhoudsmonteur. Een gemiste kans, want de vraag naar goed opgeleide technici in de procesindustrie is groot. Zo ook bij Shell Pernis.

Benders hoopt daarom op actief beleid van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, maar ook van gemeentebestuurders om ook te kijken naar het onderwijsaanbod. Want het kan toch niet zo zijn dat er aan de ene kant nog steeds jeugdwerkloosheid is terwijl aan de andere kant bedrijven niet weten hoe ze aan personeel moeten komen. “Er moet interesse gekweekt worden. Als het idee nog steeds bestaat dat het werk in de haven vies is, geef dan goede voorlichting over dit werk”, aldus Benders. Huub Kleinrouweler wil wat dat betreft dat scholieren minstens twee keer tijdens hun schooltijd met de wereld van mainport en industrie in aanraking komen. “De eerste keer in het basisonderwijs en de tweede keer in het voortgezet onderwijs voordat scholieren hun beroepskeuze maken”, zegt Europoort Kringen • februari 2011

53


in rt Kr gen

Vijftig jaar Europoort Kringen, vijftig jaar industrieel management

“De elektrische auto zal de waterstofeconomie verder bevorderen” Het was niet te voorzien dat Rotterdam zou uitgroeien tot het één na grootste industrieel complex ter wereld. Het vijftigjarig jubileum van dit blad is aanleiding met verschillende betrokkenen stil te staan bij de historie, maar ook bij de toekomst. Deze keer aan het woord: Pim Meyboom, van Air Products.

A

ir Products is niet een heel ingewikkelde firma. Het bedrijf bestaat langer dan de Europoort, namelijk zeventig jaar. Bij het ontstaan in Pennsylvania, USA, lag het accent op het leveren van gas in cylinders, met name zuurstof voor de lassers en staalproductie. Al gauw realiseerde men zich het oneconomische van het slepen van een grote hoeveelheid staal van hot naar her, terwijl het toch om het gas ging. Zo ontstond het on-site-concept. In situaties waarin wat grotere hoeveelheden nodig zijn, is het interessant om het gas te produceren en te leveren vlakbij waar het nodig is en gebruikt wordt. Meyboom: “Door dit on-site-concept ontstond er een nauwere betrokkenheid met de industriële ondernemingen die in die tijd onze klant waren. Je krijgt andere synergieën. De fabriek blijkt nog andere producten nodig te hebben, die misschien ook wel beter door ons geleverd kunen worden. De grotere klanten waren vervolgens weer de uitvalsbasis voor nieuwe kleinere.” Het is de rode draad in de naoorlogse ontwikkeling van de (petro)chemische industrie: steeds grootschaliger complexen van bedrijven die steeds meer uitwisseling met elkaar hebben. De verwevenheid is nu enorm toegenomen. Meyboom: “Neem als voorbeeld de productie van verzadigde vetzuren. Daar is waterstof voor nodig. Die maakte men vroeger, heel kleinschalig, in de vetzurenfabriek zelf. Maar die deelactiviteit is op

54

Europoort Kringen • februari 2011

kleine schaal eigenlijk niet economich interessant. Inkopen ervan wel. Soms maken we ook ten behoeve van een fabriek een installatie die ze zelf kunnen exploiteren. Indien een industriële onderneming zich ergens geïsoleerd bevindt, is dat soms de betere oplossing. Wij maken dan de installatie, met alle kennis die we hebben, maar de klant bedrijft die zelf.” Air Products mag je strikt genomen geen chemische fabriek noemen. Meyboom: “Wij leveren basiscomponenten. Heel ongecompliceerde stoffen. Gassen. Stoom. Dat ze ongecompliceerd zijn wil niet zeggen dat er geen technische uitdagingen gemoeid zijn bij de productie, transport en toepassing, overigens. Bij de productie van onze gassen hebben we elektriciteit nodig die we genereren met een WKK, een warmte/kracht-koppeling. Dat levert weer warmte op, die we ook leveren. Onze basisproducten zijn H2, O2, N2, stoom. Eenvoudig. Wij maken eigenlijk deel uit van de industriële infrastructuur. Wij zijn dus ook steeds meer gegroeid naar een bedrijf dat investeert in wat klanten vroeger zelf bouwden. Onze toegevoegde waarde zit in de technologie en in de kapitaalinvestering en in de voordelen die schaal met zich mee kan brengen.” De beweging van kleinere naar grote schaal, van in huis produceren van benodigde gassen tot uitbesteden, was een


Nieuw luchtfoto Air Products anno 2010

rode draad in de ontwikkeling van Air Products. Maar niet de enige. Meyboom: “Veiligheid is essentieel geworden en betrouwbaarheid. Veel meer dan vroeger levert veiligheid nu onmiddellijk voordeel op in de markt. Veiligheid en leveringsbetrouwbaarheid hebben zich de laatste jaren in grote stappen ontwikkeld, dat kun je wel een revolutie noemen. Maar ook de efficiëntie is toegenomen. Het nuttig rendement dat wij bij de verschillende processen realiseren groeit, maar wel in steeds kleinere stapjes. Daar heb je te maken met de wet van de afnemende meeropbrengst. Maar soms weten we met een innovatief idee of nieuwe technologie toch weer een grote stap vooruit te maken. De totale effiëntie van processen in de keten wordt overigens erg bevorderd door de samenwerking van de bedrijven die hier met z’n allen op die beperkte oppervlakte, bij wijze van spreken onder elkaars handbereik, gevestigd zijn. Er ligt hier een fantastische infrastructuur. Zoals u weet zijn wij nu een waterstoffabriek aan het bouwen naast ExxonMobil. Door de integratie van de processen van die raffinaderij met onze waterstofproductie kun je tot een zeer hoge efficiëntie komen. Ik vind het daarom wel eens ergerlijk dat de industrie er op wordt aangesproken dat ze te weinig zou samenwerken. Overigens heeft de wil om uit te besteden, samen te werken als afzonderlijke bedrijven, ook een culturele component. Je ziet dat Aziaten er wat meer moeite mee hebben, die hebben alles liever in eigen hand.”

“Waterstof heeft om meer dan één reden een grote toekomst”

In feite is de chemie één grote puzzel waarbij uit basiselementen nieuwe nuttige producten worden samengesteld. De ontwikkeling van de chemische technologie bepaalt dan ook in zekere mate welke grondstoffen, en dus ook welke gassen, nodig zijn. “Er zijn wel constanten. H2 is nodig om olieproducten milieuvriendelijker te maken, te ontzwavelen met name. We zien groei in vloeibaar stikstof, met name ook voor de voedingsindustrie, die snel voedingsmiddelen wil kunnen invriezen die intact moeten blijven na ontdooien. O2, zuurstof, is belangrijk met name voor de staalindustrie, die grote hoeveelheden nodig Europoort Kringen • februari 2011

55


v o r k h e f t r u c k s

b . v .

Albert Plesmanweg 73 • 3088 GB Rotterdam Tel. 010-4293000 • Fax 010-4295656 www.vitesse-forklifts.nl

edrijf b r u u h r e V cks u r t f e h k r van vo Gizom levert een compleet programma producten en halffabrikaten in aluminium, koper en brons. In vrijwel elke afmeting. Wij kunnen meestal uit voorraad leveren.

UIT ONZE CATALOGUS www.gizom.nl

Aan de leiding in aluminium, koper en brons. Tel. (0598) 61 57 38. Fax (0598) 61 23 52.

Vind alle adressen in en om de havens

a 1

EAKBULK CARGO

O

TRANSBOOK 2011

TO 1500 TON

30 METRES

TRANS BOOK 2011 PORT - SHIPPING AND TRANSPORT GUIDE ROTTERDAM - AMSTERDAM AND OTHER DUTCH SEAPORTS

YOUR PARTNER IN MARITIME AND LOGISTICS ABN AMRO Maritime Cluster Tel. +31 (0) 10 40 23 999

www.transbook.nl

zie pagina 104

The Sea is the Limit

56

Europoort Kringen • februari 2011 KIJK VOOR MEER INFO OP BLZ 515

Verkoop, Service en Verhuur van Bobcat Compact Equipment

Inter-Techno TTechno BV (vestiging west)

Bredeweg 118 M

TT. +31 88 0078 101

2761 KB Zevenhuizen (ZH)

TRANSBOOK is de meest gebruikte gids voor de Nederlandse havens. U vindt er duizenden up-to-date adressen, compleet met telefoon- en faxnummers, e-mailadressen en internetsites.

Schiphol) en andere zeehavenplaatsen als Beverwijk, Den Helder, Terneuzen, Vlissingen en Groningen Seaports.

In TRANSBOOK treft u bedrijven op het gebied van scheepvaart, internationaal vervoer, opslag en overslag, containervervoer, groupagediensten en toeleveringsbedrijven. Niet alleen in de haven van Rotterdam, maar ook in die van Amsterdam (incl.

Staat uw bedrijf er nog niet in? Ga naar www.transbook.nl en meld u aan voor gratis vermelding. op de site staat ook informatie over interessante adverteermogelijkheden.


Ma

50

Kringen ort

zi ga

ustrieel

heeft. Dat blijft. En we hebben natuurlijk speciale gassen, bijvoorbeeld helium, dat onder andere gebruikt wordt voor lekdetectiedoeleinden en supergeleiding.” Het is niet zo moeilijk om de ontwikkeling van de voorbije jaren te schetsen. Vijftig jaar vooruitkijken is lastiger. Meyboom: “Zeker. Maar toch zullen we dat moeten. In onze industrieën is de horizon erg ver weg. Je moet in lange tijdseenheden kunnen denken. En er zijn ook best wel duidelijke aanwijzingen over waar we heen gaan. Daarbij is technologische ontwikkeling in de industrie zelf belangrijk, maar nog belangrijker is de ontwikkeling in de maatschappij. Wij zien in de toekomst voor ons bedrijf kansen, maar ook bedreigingen. Een van de moeilijkheden is de reactie van onze klanten op conjuncturele omstandigheden. Die zijn vrij heftig. Acuut kunnen investeringen stopgezet worden. Maar er zijn ook grote kansen. We weten dat energie-efficiëntie, linksom of rechtsom, van steeds grotere betekenis zal worden. Dus als wij de levering van industriële gassen en het investeren in installaties daarvoor gepaard kunnen doen gaan met efficiëntievoordelen bij het bedrijf van de klant, dan ligt daar nog een hele toekomst voor ons open. Neem stikstof. Eigenlijk niet zo’n interessant product. N2 is goedkoop, een inerte stof die voor allerlei doeleinden wordt gebruikt, weinig kwaad kan en dus ook niet zo veel aandacht krijgt. Toch kun je soms interessante besparingen realiseren voor een klant door nog eens goed naar het gebruikspatroon van zo’n gas te kijken en daar het een en ander in te optimaliseren. Ander voorbeeld: stoom is een energiedrager. Maar een hoop van die energie gaat verloren naarmate de afstand groter wordt waarover je het transporteert. Wij zien het als onze taak om daar een betere balans in te krijgen. Dat kan alleen als je tailormade naar de situatie bij de klant kijkt, en niet stoom als een soort commodity beschouwt.” Waterstof echter is echt een groeimarkt, meent Meyboom. Waterstof is een essentiële component in veel industriële processen. Die processen zijn vol-continu en die continuïteit is steeds meer geld waard geworden. Dat zal in de toekomst alleen nog in sterkere mate het geval zijn. Meyboom: “Wij nemen natuurlijk niet het commerciële risico op onze schouders als door niet levering het proces stilstaat. Maar in onze contracten zijn forse boetes ingebouwd die wij moeten betalen als we niet leveren. Evenzeer zijn er bonussen, die wij mogen incasseren als wij boven de norm betrouwbaar leveren. Het is een manier om de leveringskwaliteit te structureren. Je komt tot een wijdere productdefinitie eigenlijk. Door de betrouwbaarheid in geld uit te drukken geef je hem waarde. Het levert ons geld op om succesvol te zijn, en omgekeerd. Het motiveert ons op die manier om een extra man in te zetten, een extra back-upsysteem.” Maar iets dergelijks geldt niet voor veiligheid. Meyboom: “Veiligheid gaat boven winst. Wij geven wel het personeel extratjes als ze goede prestaties neerzetten op veiligheidsgebied. Als hun alertheid leidt tot verbeteringen bijvoorbeeld, of als er een lange periode veilig gewerkt is. Maar de malus-aanpak werkt

Hyco 1 met de eerste ‘bemanning’ van Air Products daar niet, want dan gaan mensen meldingen juist vermijden, en we hebben die meldingen juist nodig om te leren en nog veiliger te worden.” De betrouwbare levering van waterstof is om nog andere redenen van minstens even groot strategisch belang. De trend is naar steeds schonere brandstoffen, en de ruwe olie wordt steeds ruwer, met de nieuwe winningsmogelijkheden. Dat betekent dat er voor de zuivering van olie relatief steeds meer waterstof nodig is. Meyboom: “Ook aan de kwaliteit van dieselolie en olie voor de scheepvaart zullen steeds hogere eisen gesteld worden. Maar daarnaast zal waterstof ook in de toekomst als brandstof voor auto’s gebruikt worden. Wij hebben al meer dan honderd tankstations wereldwijd, en recent de eerste in Nederland, maar dat zijn in feite nog slechts vingeroefeningen. De ontwikkeling van de elektrische auto zal de waterstofeconomie verder bevorderen, want een auto die op waterstof rijdt, is in feite een elektrische auto met een waterstofgenerator die de stroom opwekt. Naarmate de techniek van de elektrische auto zich ontwikkelt, zal de waterstofauto, met zijn veel grotere actieradius dan de batterij-auto, sterk opkomen. Maar ook meer in het algemeen zal waterstof de drager zijn die we als buffer kunnen gebruiken om de op duurzame wijze opgewekte energie in op te slaan. Het bewaren van getijde- en windenergie zal naar ons idee in de toekomst gebeuren in waterstof. Met waterstof kun je stroom maken, waarmee je kracht maakt, bijvoorbeeld in een auto. Maar je kunt ook van windkracht elektriciteit maken en daarmee weer water ontleden in waterstof en zuurstof, door electrolyse dus. Electrolyse is niet zo heel efficiënt, maar altijd nog efficiënter dan de opslag van elektriciteit in een accu of batterij. Wij geloven dus in de waterstoftechnologie en willen onze voorsprong behouden als het gaat om kennis over waterstof en hoe er mee om te gaan. Gevaarlijk? Nee, tenminste, niet gevaarlijker dan propaan bijvoorbeeld. Wel anders om mee om te gaan. Het is een klein molecuul, en dat stelt hoge eisen aan de dichtheid van de installatie waarmee je waterstof omzet of vervoert. Het blijft een brandbare stof, dat wel.” Europoort Kringen • februari 2011

57


MVO

Jarig Deltalinqs geeft cadeau aan Maasstad Ziekenhuis Het Rotterdamse havenbedrijfsleven heeft ter gelegenheid van het tienjarig bestaan van ondernemersorganisatie Deltalinqs 330.000 euro geschonken aan het brandwondencentrum van het Maasstad Ziekenhuis. De schenking voor het Maasstad Ziekenhuis is mede mogelijk gemaakt door het DeltaPORT Donatiefonds. Met dit fonds onderstreept het haven- en industriële bedrijfsleven haar maatschappelijke betrokkenheid: door het verstrek-

ken van geldelijke bijdragen aan instellingen zonder winstoogmerk welke actief zijn op het gebied van welzijn, cultuur en sport in de directe omgeving van het Rotterdamse haven- en industriegebied. Deltalinqs is tien jaar geleden ontstaan door de samenvoeging van de stichting Europoort/Botlek Belangen en de Scheepvaartvereniging Zuid. Pas afgelopen najaar zijn beide organisatie volledig in Deltalinqs geïntegreerd, die de gezamenlijke belangen van de haven- en

industriële bedrijven in de Mainport Rotterdam behartigt. Er zijn indirect ruim zeshonderd bedrijven bij aangesloten, die zestien procent van het Bruto Regionaal Product vertegenwoordigen en werk bieden aan ruim 35.000 mensen. Ter gelegenheid van het tienjarig bestaan én de volledige integratie van industriële en havenlogistieke leden is ook een boekje verschenen waarin wordt terug- én vooruitgekeken naar de belangenbehartiging van het Rotterdamse haven- en industriegebied.

PRIMA Ondernemen Awards 2010/2011 NPSP B.V. uit Haarlem (goud), Schipper Kozijnen B.V. uit Opmeer (zilver) en Dyka B.V. te Steenwijk (brons) ontvingen in een druk bezochte NRK Nieuwjaarsbijeenkomst de PRIMA Ondernemen Awards 2010/2011. De prijzen voor innovatief en duurzaam ondernemen werden overhandigd door NRK voorzitter Joan Hanegraaf. Juryvoorzitter Willem Lageweg wees op de goede kwaliteit van alle negen nominaties en de stijgende kwaliteit. Met waardering stelt de jury vast dat een flink aantal bedrijven extra aandacht besteedt aan de factor mens, ook aan mensen die het moeilijk hebben. Van belang is ook de groeiende aandacht voor de tweede orde MVO: geld verdienen met duurzame producten. De NRK organiseert samen met de Hogescholen INHolland, Windesheim, Fontys en Avans en met de sponsors

ABN AMRO en Berenschot de PRIMA Ondernemen Award. Hiermee beogen de NRK en de Hogescholen ook de samenwerking en kennisuitwisseling te versterken tussen Hogescholen en MKB bedrijven in de rubber- en kunststofindustrie.

   Gabriël Spruijt (Dyka), Joan Hanegraaf (voorzitter Vlnr.: NRK), Willem Böttger (NPSP), Willem Lageweg (juryvoorzitter, MVO Nederland), Jos Schipper (Schipper Kozijnen)

Ondernemerschap in de wijk Een commercieel bedrijf dat volledig wordt gerund door HBO- en MBOstudenten. Dat is DOE-Rotterdam, een unieke manier van leren en werken tegelijk! Maximale verantwoordelijkheid en zelf alle functies bekleden: van directeur tot verkoper in de buitendienst. Vestia Rotterdam Feijenoord biedt het leerwerkbedrijf, dat 24 januari is geopend door minister Van Bijsterveldt, een ruimte in Bloemhof. DOE-Rotterdam past binnen de doelstelling van Vestia om ruimte

58

Europoort Kringen • februari 2011

te maken voor werk en ondernemerschap in de wijk. Vestia Rotterdam Feijenoord vindt het belangrijk dat jongeren de kans krijgen om praktijkervaring op te doen door een echte onderneming te runnen. DOE-Rotterdam is een initiatief van de firma Breijnz en diverse Rotterdamse scholen: het Albeda College, de Hogeschool Rotterdam en het Grafisch Lyceum Rotterdam. Het initiatief wordt ondersteund door de Rabobank, Randstad Uitzendbureau, het ministerie van

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en woningcorporatie Vestia. Het is de bedoeling dat naast Rotterdam op verschillende andere plaatsen in Nederland soortgelijke leerwerkbedrijven worden opgericht. Dit gebeurt onder de vlag van DoeNederland. Kijk voor meer informatie op www.doe-nl.nl.




Haven

Veiligheidsonderzoek effect passerende schepen op afgemeerde schepen Op 17 januari jl. maakte de Minister van I&M, Mevrouw Schultz van Haegen, bekend dat zij het onderzoek naar het effect van passerende schepen op afgemeerde schepen middels een subsidie van 516.000 euro vanuit het Subsidieprogramma ZeehavenInnovatieproject ondersteunt. Dit onderzoek wordt uitgevoerd binnen het Joint Industry Project ROPES (Research On Passing Effects on Ships). Binnen ROPES werken MARIN en Deltares samen met het Havenbedrijf Rotterdam en de

Binnen het Joint Industry Project ROPES wordt een computermodel ontwikkeld om deze belastingen op afgemeerde schepen te kunnen berekenen. Voor deze ontwikkeling en de validatie van het model worden in de haven van Rotterdam uitgebreide praktijkmetingen uitgevoerd. Modelproeven op schaal worden uitgevoerd door MARIN in Wageningen, Deltares in Delft en het Waterloopkundig Laboratorium in Borgerhout, Antwerpen. Het driejarig project wordt uitgevoerd in twee fasen. In de

Rotterdamse consultancy bureaus Svasek en PMH om schepen beter af te meren langs drukke scheepvaart routes. Door de groei van de scheepsgrootte en de scheepvaart als geheel worden havens en terminals langs vaarwegen steeds intensiever gebruikt. Passerende schepen kunnen door zuiging grote krachten op afgemeerde schepen uitoefenen. Als gevolg hiervan ontstaan grote langs- en dwarsbewegingen en piekkrachten in het afmeersysteem. Dit kan grote nadelige gevolgen hebben voor de veiligheid van mensen, laad- en losinstallaties, lading en schip, maar ook voor de vlotte afhandeling van scheepvaart en het laad- en losproces. Op verschillende locaties in zee- en binnenhavens met een nauwe doorvaart, zijn regelmatig incidenten waarbij schepen losbreken van kade of steiger door grote schepen die op korte afstand passeren.

eerste fase ligt de nadruk op de praktijkmetingen en de ontwikkeling van het computermodel. De tweede fase kent een wetenschappelijke component waarin de kennisleemtes door middel van modelproeven worden ingevuld en een toegepaste component waarin het concept voor dynamisch geregelde afmeersystemen ontwikkeld wordt. Het totale budget voor ROPES is anderhalf miljoen euro. Naast de 516.000 euro van de overheid wordt dit bedrag bijeengebracht door twintig participerende bedrijven. Het gaat hierbij om de havens van Rotterdam, Amsterdam en Antwerpen maar ook om andere havenbedrijven, ingenieursbureaus en leveranciers van afmeersystemen.

Ook Walstroom in Amsterdam Tijdens de officiĂŤle ingebruikname sloot havenwethouder Freek Ossel samen met havenmeester Janine van Oosten de walstroomkabel aan op de nieuwe walstroomkast op de kade aan het IJ in het Oostelijk havengebied van Amsterdam. Direct daarna werd de Jan Schaeferbrug met groen licht verlicht, als teken van deze belangrijke stap op weg naar een duurzame haven. Walstroom is schoon en duurzaam en zorgt voor minder geluidsoverlast, minder CO2-uitstoot en schonere lucht.

Europoort Kringen • februari 2011

59


rotterdam

Economische Verkenning 2011

‘Alles is economie’

De Economische Verkenning voor Rotterdam van 2011 is opgesteld in een jaar van voorzichtig herstel van de economie. De recessie heeft de aandacht voor economische vraagstukken aangewakkerd. Voor iedereen en overal in de Rotterdamse samenleving is de impact van de recessie voelbaar. Economie heeft op alles invloed en omgekeerd zijn allerlei factoren in Rotterdam van invloed op de ontwikkeling van de lokale economie. Vandaar dit jaar het thema ‘Alles is economie’. Naast het thema besteedt de Verkenning aandacht aan de thema’s economie, arbeidsmarkt, kennis en innovatie, ruimte voor ondernemen, consumentenstad, haveneconomie en energie & milieu.

O

p het gebied van arbeidsmarkt, ligging en infrastructuur en economie komt Rotterdam boven het landelijk gemiddelde uit. Op de twee laatste gebieden is de positie van de Maasstad ook aardig in lijn met de drie andere grote steden. Voor alle grote steden geldt dat de druk op de ruimte groot is. In Rotterdam is de situatie iets gunstiger dan in de andere grote steden. Ook profiteert de Maasstad, evenals andere grote steden, van agglomeratievoordelen. De gunstige positie op het thema economie heeft Rotterdam te danken aan de zeer hoge arbeidsproductiviteit (haven- en industriecomplex) en het hoge aantal startende ondernemers. Minder sterk staat Rotterdam in de domeinen arbeidsmarkt en kennis en innovatie. Rotterdam behaalt lagere innovatieprestaties. Opvallend is dat Rotterdam vergeleken met de andere drie grote steden verhoudingsgewijs meer hoogwaardige industrie heeft, maar dat het aantal arbeidsplaatsen in de hightech industrie per inwoner niet afwijkt van het gemiddelde in Nederland. Ten opzichte van de andere drie grote steden is het aandeel hoogwaardige diensten in de Maasstad nog bescheiden. De zwakste punten van Rotterdam zijn toch het woon- en leefmilieu en de welvaart van de bevolking. Waar het gaat om het woon- en leefmilieu doet Rotterdam het goed in onderwijs en medische zorg, maar vergeleken bij de andere grote steden minder in cultuur en horeca. Voor wat betreft het thema welvaart zit Rotterdam op vrijwel alle indicatoren onder het gemiddelde van de benchmarkregio’s en ook lager dan de andere drie grote steden. De, in termen van omvang en productiviteit, relatief sterke economie die Rotterdam nu heeft is geen gegeven. Vernieuwing in bedrijven is continu nodig om nieuwe inkom60

Europoort Kringen • februari 2011

sten te genereren en de productiviteit te verhogen. Aan organisatorische vernieuwingen wordt in Rotterdam relatief veel gedaan en ook telt de stad verhoudingsgewijs veel startende ondernemers. Het bedrijfsleven in Rotterdam en de andere grote steden doet vooral minder aan technologische (product)innovaties. Dat maakt dat de innovatieprestaties van het Rotterdamse bedrijfsleven onder het Nederlands gemiddelde liggen. Zaken als het ondersteunen van lokale kennisvalorisatie en van starters zijn mogelijkheden om via lokaal beleid de innovatiekracht van de Rotterdamse economie te stimuleren. De economie van Rotterdam De economie in Rijnmond is in 2009 met 3,3 procent gekrompen. Dat is historisch gezien een forse economische teruggang, maar beperkter dan de krimp van de gehele Nederlandse economie. Een opvallend gegeven, aangezien deze regio relatief conjunctuurgevoelig is vanwege de rol van de Rotterdamse haven. De krimp is ook niet hoger uitgevallen dan die in de andere grote steden. Wel heeft het Rotterdamse bedrijfsleven in 2009 een sterkere omzet- en winstdaling gekend dan de overige G3. Ondanks de recessie is de werkgelegenheid over heel 2009 licht toegenomen en ook dat is tegen de landelijke ontwikkeling in. De zakelijke dienstverlening en zorgsector zijn voor de banengroei verantwoordelijk. De economische crisis heeft de werkgelegenheid in de industrie, groothandel en logistiek wel geraakt. Hoewel definitieve cijfers over 2010 nog ontbreken, zijn er een aantal positieve indicatoren die op herstel wijzen. In de Rotterdamse haven overtreft de overslag die van 2008 en ook


het producentenvertrouwen in de regio is inmiddels omgeslagen van per saldo negatief naar positief. 2010 was voor wat betreft de overslag een recordjaar. Het aantal ondernemers dat verwacht dat het economisch klimaat en zijn eigen omzet in het laatste kwartaal van 2010 zullen verbeteren, overtreft het aantal ondernemers dat een verslechtering voorziet. Kennis en innovatie Het Rotterdamse bedrijfsleven biedt minder werk aan kenniswerkers dan het bedrijfsleven in de andere grote steden. Het aandeel kenniswerkers ligt in de Maasstad rond het nationaal gemiddelde. Ondanks de aanwezigheid van hogere opleidingen in management en economie is het aandeel kenniswerkers ook in economische beroepen in de Maasstad niet hoger dan in Nederland. Niettemin houden veel medewerkers in Rotterdam zich met ideeëngenererende activiteiten bezig en is hun aantal tijdens de economische crisis zelfs toegenomen van 47.200 begin 2008 naar 48.700 begin 2010. De sterkste groei van ideeëngenererende activiteiten heeft zich voorgedaan in de adviessector. Waar het gaat om innovatie doet Rotterdam het vooral goed op het gebied van organisatorische vernieuwingen binnen bedrijven en instellingen. Op dit punt alsmede op het gebied van samenwerking met andere bedrijven en procesinnovaties loopt de stad in de pas met de andere grote steden. Rotterdamse bedrijven halen, in vergelijking met de andere grote steden en het Nederlands gemiddelde, echter een veel beperkter deel van hun omzet uit nieuwe producten. Dit is in lijn met het relatief beperkte aantal bedrijven in Rotterdam dat octrooi aanvraagt. Het totaal aantal aanvragen ligt nog vrij hoog, maar dat is voor een groot deel te danken aan de vele aanvragen van één groot bedrijf: Unilever. De innovatiegraad van de Rotterdamse industrie als geheel is lager dan die van de Nederlandse industrie. In de distributiesector en de zakelijke dienstverlening ligt die graad juist hoger dan het landelijk gemiddelde. Bovendien zijn de innovatieprestaties van het Rotterdamse bedrijfsleven tussen 2004 en 2008 over het geheel genomen verbeterd. Bedrijfsruimte De vraag naar bedrijfsruimte is gedaald, terwijl het aanbod is toegenomen. Voor de komende vijf jaar zijn de vooruitzichten dat de markt verder verruimd naar een gezonde situatie. Voor specifieke branches als de logistiek en de groothandel blijft het echter lastig om geschikte huisvesting in de Rotterdamse regio te vinden. Samen met Noord-Brabant is het vraagstuk van verouderde terreinen in de regio Rijnmond het grootst. Het gaat om in totaal duizend hectare droge bedrijventerreinen, waarvan een groot deel inmiddels wordt geherstructureerd.

Wethouder Dominic Schrijer:

Haveneconomie Na het slechte jaar 2009 herstelt de Rotterdamse haven zich weer flink in 2010. De overslag komt in 2010 zelfs 2,8 procent uit boven het niveau van 2008. De groei van de overslag is vooral te danken aan de overslag van containers en droge Europoort Kringen • februari 2011

61


ISO 9001-2000, VCA* en Stoomwezen Lloyd’s gecertificeerd

Wij zorgen voor uw economische doorstroming! Driessen Appendages BV - Molenveld 4 - 6566 CK Millingen aan de Rijn - Telefoon: 0481 433244 - Fax: 0481 431632 E-mail:info@driessen-appendages.nl - Website: www.driessen-appendages.nl

����������������������������������������������������������


rotterdam massagoederen (ijzererts en schroot). Het groeitempo van de Rotterdamse haven ligt sinds een aantal jaar hoger dan dat van zijn West-Europese concurrenten Le Havre, Antwerpen en Hamburg. Hierdoor is het marktaandeel van Rotterdam in deze Europese havenregio inmiddels weer teruggekeerd op het niveau van 1990. Rotterdam is vooral een aanvoerhaven met het Verenigd Koninkrijk, Rusland en Brazilië als belangrijkste herkomstmarkten. De aanvoer uit Amerika en China groeit echter het sterkst. De positie van Rotterdam binnen West-Europa als containerhaven is sterker geworden. De haven breidt haar containercapaciteit bovendien sterk uit. Vorig jaar is reeds vijftien miljoen TEU aan nieuwe overslagcapaciteit in gebruik genomen en daar komt tot 2020 in elk geval nog eens tien miljoen TEU bij. Hierdoor ontstaat ook meer concurrentie tussen container terminal operators binnen de haven. Per saldo zal de expansie van de overslagcapaciteit ruimte geven aan een gemiddelde jaarlijkse groei in de containeroverslag van vijf procent. In 2008 realiseerde de Rotterdamse haven voor 13,5 miljard euro aan toegevoegde waarde. Sinds 2002 neemt de toegevoegde waarde jaarlijks met gemiddeld ruim zes procent toe. Die groei is te danken aan de sterke stijging van de productiviteit en aan havengerelateerde activititeiten die elders in Nederland plaatsvinden. Daarom bleef de direct aan de haven gerelateerde werkgelegenheid in de gemeente Rotterdam rond het zelfde niveau schommelen. In 2010 heeft het Havenbedrijf 370 miljoen euro geïnvesteerd in de aanleg van de Tweede Maasvlakte. Die aanleg zal in totaal duizend hectare netto uitgeefbaar terrein opleveren, circa twintig procent van het tot dusver aanwezige netto havenareaal in Rotterdam. In de eerste fase tot 2013 wordt zevenhonderd van de duizend hectare havengebied uitgegeven. Dat areaal is reeds volledig gereserveerd door bedrijven (d.w.z. de contracten hiervoor zijn al getekend). Milieu en energie De economische recessie heeft in 2009 in sommige opzichten tot een verminderde belasting van het Rotterdamse milieu geleid. Zo is de uitstoot van CO2 gedaald met één megaton naar een kleine 28 megaton. De doelstelling in het Rotterdam Climate Initiative is om in 2010 op 29 megaton uit te komen en in 2025 op twaalf megaton. Het aantal meldingen van geluidsoverlast in Rijnmond is afgenomen, mede dankzij een daling in het aantal nachtvluchten vanaf Rotterdam The Hague Airport met twintig procent. De milieudruk van grote bedrijven is eveneens licht gedaald. Deze is daarmee nog niet teruggebracht tot onder het niveau van 2001 en de afstand tot de oorspronkelijke doelstelling voor 2010 is groot. De achterstand op de doelstelling wordt veroorzaakt door de lozingen van fosfaat en stikstof naar water, de luchtemissies, en door hinder (geluid, stank en stof). Een belangrijk deel van de energievoorzieningen in Rotterdam bestaat uit de consumptie van aardgas en de productie en consumptie van elektriciteit. In totaal wordt er in de gemeente Rotterdam 74 PJ aan elektriciteit opgewekt. Het is duidelijk dat Rotterdam, vanwege de aanwezigheid van de haven en daaraan gelieerde activiteiten, zowel een grote elektriciteitsproducent als -consument in Nederland is. In deze gemeente

Wethouder Baljeu (Haven, Verkeer en Regionale Economie)

Wethouder Korrie Louwes

wordt achttien procent van alle elektriciteit in Nederland opgewekt en dat terwijl hier slechts 3,6 procent van de Nederlandse bevolking woont. Het verbruik van elektriciteit in de stad is ook groot. Bedrijven, instellingen en inwoners in Rotterdam verbruiken 24,7 PJ aan elektriciteit, ongeveer zes procent van het totaal finaal verbruik in Nederland. Ook de bedrijven die elektriciteit opwekken in Rotterdam verbruiken zelf elektriciteit. Per saldo blijft nog ruim de helft van de opgewekte elektriciteit over om te ‘exporteren’ naar andere delen van Nederland. Overigens stijgt het gebruik van groene energie binnen het totale energieverbruik in de stad gestaag. Was dat aandeel in 2007 nog geen twintig procent, eind 2010 bedraagt het al bijna de helft. Europoort Kringen • februari 2011

63


agenda 1-3 maart, Gorinchem Installatie Vakbeurs Klimaatvak Inl.: Evenementenhal Gorinchem, tel. 0523 289898, fax: 0523 289800

17-18 maart, Maarssen Management Development Programma voor Ingenieurs Inl.: PAO Techniek, tel. 015 2788350, fax 2784619, www.paotechniek.nl

2 maart, Utrecht Start Dagopleiding Hogere Veiligheidskunde voor MVK’ers Inl.: Post Hoger Onderwijs Veiligheidskunde, tel. 030 2314508,

21-24 maart, Chicago ProMat Material Handling & Logistics Show Inl.: C&H Maastricht, tel. 043 3255262, fax 5100, www.dmm-ch.nl

2 maart, Veldhoven Vakbeurs en congres ‘RapidPro’ Inl.: www.rapidpro.nl/congres

22-24 maart, Hardenberg Interieurbouw, hout en kunststofbeurs Inl.: Evenementenhal Hardenberg, tel. 0523 289898, fax 289800

15 maart, Delft Gevordendencursus Damwanden ontwerpen met D-Sheet Inl.: Deltares, tel. 088 3357200, www. deltaresacademy.nl 15-16 maart, ‘s-Hertogenbosch TRANSPORT & LOGISTIEK 2011 EMPACK 2011 Inl.: www.easyFairs.com/ TRANSPORT-nl 15-16 maart, Zwijndrecht (België) Doelgericht storingen oplossen Inl.: Egemin HQ, tel.+32 3 6411266, www.egemin.com 15-17 maart, Gorinchem Aqua Nederland Rioleringsvakdagen Inl.: Evenementenhal Gorinchem, tel. 0523 289898, Fax: 0523 289800 16-17 maart, Amersfoort Drogen in de procesindustrie Inl.: PAO Techniek, tel. 015 2788350, fax 2784619, www.paotechniek.nl 16-18 maart, Moskou INTERTunnel Russia 2011 ExpoRail 2011 Inl.: www.intertunnelrussia.com 17 maart, Rotterdam Netwerkmeeting ‘Rotterdam Maritime Industry @11’ Inl.: Management Producties, tel. 010 4350477 17 maart, Antwerpen M+R Inl.: Fairtec, tel. + 32 3 2805367 fax 2805353 64

Europoort Kringen • februari 2011

22-26 maart, Istanbul Europort Istanbul Mare Forum Istanbul Inl.: Ahoy, tel. 010 2933300, www.europort-istanbul.com, www.mareforum.com. 24 maart, Delft Toepassen Emissiemodule binnen Kaderrichtlijn Water Inl.: Deltares, tel. 088 3357200, www.deltaresacademy.nl 24-26 maart, Rotterdam Skills Master Inl.: Ahoy, tel. 010 2933300, fax 2933399 28-29 maart, Eindhoven Weibull: Reliability Engineering (vervolg april) Inl.: PAO Techniek, tel. 015 2788350, fax 2784619, www.paotechniek.nl 29-31 maart, Gorinchem ON & Offshore Inl.: Evenementenhal Gorinchem, tel. 0523 289898, Fax: 0523 289800 29-31 maart, Amersfoort Rail-Tech Europe Rail Carrière Dagen Inl.: Europoint, tel. 030 6981800, fax 6917394, www.railtech-europe.com 30-31 maart, Antwerpen Industrie & Milieu 2011 Inl.: EasyFairs®, tel. +32 32608141, fax 2378771, www.easyfairs.com

30-31maart, Veldhoven Thermische Analyse (vervolg april) Inl.: PAO Techniek, tel. 015 2788350, fax 2784619, www.paotechniek.nl 31 maart, Amersfoort Nieuwe Machinerichtlijn 2010 Inl.: PAO Techniek, tel. 015 2788350, fax 2784619, www.paotechniek.nl 31 maart, Apeldoorn Grondslagen van de Gasinfrastructuur (vervolg april) Inl.: PAO Techniek, tel. 015 2788350, fax 2784619, www.paotechniek.nl

Lascursussen Half februari zijn op de lasschool van Lastechniek Europa de lasopleidingen niveau 1 t/m 4 weer van start gegaan. In maart start de populaire cursus ‘Beoordelaar van lasserskwalificaties’; deze is speciaal gericht op Laspraktijkingenieurs, Middelbare lastechnici en Lasspecialisten. Steeds meer opdrachtgevers vragen van bepaalde lastechnische werknemers dat zij deze opleiding hebben gevolgd. Alle cursussen worden gegeven op de vestigingen in Nieuwegein en Rotterdam. Daar worden zowel standaard opleidingen als cursussen op maat verzorgd die sterk zijn gericht op de praktijk van een bedrijf. Ook kan de nadruk liggen op het gebruik van een bepaald proces of materiaal (roestvast staal, aluminium e.d.). Daarnaast verzorgt de lasschool lasserskwalificaties. Deze worden afgenomen volgens de gangbare normen en regels. De lasser ontvangt een certificaat dat aantoont dat hij voor een bepaalde taak over de actuele kennis en vaardigheid beschikt. De standaard lasopleidingen zijn flexibel opgezet en bieden in een kort tijdsbestek veel theoretische en praktische kennis. Lastechniek Europa garandeert voor de cursussen op niveau 1 en 2 een honderd procent slagingskans met NIL-lasdiploma, mits alle lessen gevolgd worden. Dit is mogelijk vanwege de cursusduur: tien dagen of achttien avonden, langer dan bij andere opleidingsinstituten gebruikelijk. Bij wijze van garantie vergoedt Lastechniek Europa maximaal één herexamen binnen een periode van één jaar. Tot het standaardprogramma behoort eveneens de cursus ‘Pulserend lassen (MIG of MAG) niveau 1 of 2, roestvast staal of aluminium, al of niet op locatie te


geven. Een cursus waarvoor veel belangstelling bestaat is de opleiding ‘Pijplassen volgens de norm EN 287-1:2004’. Na afloop van deze opleiding kan de cursist een lasserskwalificatie-certificaat behalen volgens de Europese norm. Voor meer informatie: tel. 030 6008367.

Latexfalt Congres Latexfalt, Koudekerk aan den Rijn, heeft eind 2010 haar nieuwe technologie voor het produceren van emulsies geïntroduceerd. Emulsies zijn eenvoudig verwerkbare bindmiddelen op waterbasis en worden toegepast binnen de wegenbouw en industrie met name voor bescherming (coaten) of voor het verkrijgen van hechting tussen verschillende materialen. De ontwikkelde emulsiestabilisator is een volledig natuurlijk product en het wordt gemaakt door specifieke schimmels die een speciale stof aanmaken om zichzelf te beschermen tegen indringers. Met behulp van deze technologie kunnen nieuwe emulsies op industriële schaal geproduceerd worden met verbeterde eigenschappen.
De technologie wordt reeds toegepast voor tal van producten voor wegenbouwtoepassingen. Het merendeel aan de emulsiebindmiddelen, die in 2010 gebruikt zijn voor de grote projecten op de Nederlandse snelwegen, zijn reeds geproduceerd met de nieuwe emulsieverbeteraar. Deze nieuwe emulsies resulteren in een betere hechting tussen asfaltlagen en veroorzaken geen vervuiling van de omgeving. Latexfalt is als één van de eerste bedrijven in Europa gecertificeerd volgens de CE standaard voor emulsiebindmiddelen en de bovenstaande nieuwe emulsies voldoen dan ook volledig aan de nieuwste en hoogste Europese normen.
In 2011 zal Latexfalt zich richten op het ontwikkelen van emulsies die de levensduur van ZOAB aanzienlijk kunnen verbeteren. Op de A6 en A50 zijn reeds proefprojecten in samenwerking met een aantal wegenbouwaannemers en Rijkswaterstaat uitgevoerd. De resultaten worden momenteel geëvalueerd door diverse instanties, waaronder de Universiteit van Delft. Tijdens het 2de Latexfalt Congres op 1 maart 2011 in Alphen aan den Rijn zal een toelichting gegeven worden op de eerste resultaten. Dit congres is vrij toegankelijk en eventuele geïnteresseerden kunnen zich aanmelden via www.latexfalt.com.

Innovation Network Op veel terreinen wordt door Hogeschool Rotterdam, Albeda College en het bedrijfsleven samengewerkt aan productontwikkeling. Met de lancering van het RDM Campus Innovation Network biedt RDM Campus bedrijven, overheid en kennisinstellingen een platform waar nieuwe kennis gedeeld wordt, best practices worden uitgewisseld en volop gelegenheid is om te netwerken. De sectoren waar RDM Campus zich op richt zijn energie, bouw, mobiliteit, maintenance, design en architectuur. Het jaarprogramma van het RDM Campus Innovation Network omvat onder meer lectoren/hooglerarenlezingen. De eerste bijeenkomst van het Innovation Network vindt plaats op 8 maart a.s. en heeft als thema ‘Bouwen op Water’, met bijdragen van Piet Dircke, programmadirecteur Water van Arcadis Nederland en lector aan de Hogeschool Rotterdam en prof. Chris Zevenbergen, directeur Business Development Dura Vermeer Groep en hoogleraar aan de TU Delft. Meer informatie over het Innovation Network of aanmelding voor het lidmaatschap is te vinden op www.rdmcampus.nl/innovationnetwork.

Safety in processing centraal bij M+R Het vermijden van productiestilstand alsook het voorkomen van arbeidsongevallen, zijn belangrijke actuele topics binnen de procesindustrie. Tijdens M+R, de vakbeurs voor meet- en regelinstrumentatie in de procesindustrie op 17 maart in Antwerpen, zal het onderwerp Safety in processing dan ook uitvoerig aan bod komen. Alle commotie rond het Stuxnetvirus dat de kop opstak in 2010, heeft ook het belang van een secure ICT-beveiliging aan de orde gebracht. Het besef dat met het opkomende gebruik van open standaarden heel wat processystemen veel kwetsbaarder zijn geworden, deed menig industrieel schrikken. Software die procesinstallaties en -omgevingen minder kwetsbaar maakt zal op de beurs dus eveneens in de picture komen te staan. Tenslotte zal ook aandacht besteed worden aan hardwarecomponenten zoals explosieveilige apparatuur en gasdetectie. Voor meer informatie: Fairtec, Johan Cannaerts, tel. + 32 3 2805338, info@m-r.be.

Workshops systeemtechniek In de eerste helft van 2011 worden in totaal meer dan vijftien workshops georganiseerd door Systeemleverancier Viega Nederland. Tijdens de workshop Fonterra maken de deelnemers kennis met de mogelijkheden en voordelen van vloerverwarming en kan de praktische toepassing van vloer- en wandverwarmingen in bestaande- en nieuwbouw zelf worden ervaren. De Fonterra-systemen voor de woningbouw worden uitgebreid behandeld waarbij materialen en eigenschappen, afmetingen, technische regelingen en toepassingsmogelijkheden de revue passeren. Deze workshop wordt gehouden op 2 maart, 6 en 27 april, 25 mei en 22 juni 2011. De workshop Viptool behandelt Viega’s reken- en tekenprogramma voor technische installaties. Dit professionele instrument wordt ingezet voor de planning van technische installaties in woningen. Met het tool kunnen technische tekeningen, berekeningen en een optimaal binnenhuisklimaat integraal, effectief en stapsgewijs worden bepaald. Met extra externe modules kunnen zelfs elektrische en luchtinstallaties worden berekend. De Viptool workshop vindt plaats op 14 april en 16 juni 2011. De workshop Viega systeemtechniek gaat in op de verschillende Viega-systemen: van de bronzen draadfitting tot en met het voorwandsysteem Viega Eco Plus. Tijdens de workshop wordt onder meer aangegeven hoe leidingen, koppelingen, armaturen en gereedschap op de millimeter nauwkeurig op elkaar aansluiten. De workshop Systeemtechniek wordt georganiseerd op 18 februari, 16 maart, 12 april en 8 en 24 juni 2011. Tenslotte wordt in 2011 in meerdere workshops aandacht besteed aan waterhygiëne. Normen en regelgeving, zoals de NEN 1006, alsook de juiste keuze van materialen, leidingvoering, ingebruikname en plaatsing komen tijdens deze praktijkgerichte workshop aan de orde. Deze workshop wordt gehouden op 16 februari, 18 en 29 maart en 12 mei 2011. Aan de Viega workshops kan kosteloos worden deelgenomen. In het programma is een lunch inbegrepen. Aanmelden kan snel en eenvoudig via www.viega.nl/workshop.

Europoort Kringen • februari 2011

65


DE KUNST VAN HET VERSTAAN

...

...

VEILIGE RADIOCOMMUNICATIE START MET LUISTEREN Elkaar verstaan is essentieel in situaties waar mensenlevens op het spel staan. Gebrek aan bereik, bezette gesprekskanalen of zelfs uitval van apparatuur zijn zaken die fatale gevolgen kunnen hebben. Verstaan begint bij goed luisteren. Daarom zijn we vooral geïnteresseerd in uw wensen en eisen. We combineren dat met onze kennis én kwalitief hoogstaande (ATEX) apparatuur. Het resultaat: op úw bedrijf toegespitste radiocommunicatie waar u op kunt vertrouwen.

Zo kunt u advies, bereikmetingen, maatwerk en apparatuurkeuze in één hand houden. Dat kan resulteren in een geïntegreerd systeem met (explosieveilige ATEX) portofoons en koppelingen naar paging, meldkamersystemen, telefooncentrales en slagboominstallaties. En kopen hoeft niet. Huren kan ook.

www.flash-services.com


Mensen in bedrijf Vanaf 1 januari wordt het Maritiem Research Instituut Nederland (MARIN) geleid door dr.ir. B. Buchner (44). Hij neemt het roer over van A. Hubregtse (rechts), die dr.ir. B. Buchner (links) Algemeen Directeur en A. Hubregtse wordt van zwareladingrederij Biglift. Buchner studeerde Scheepsbouw in Delft en startte in 1991 bij MARIN als projectleider. In 2000 werd hij hoofd van de afdeling Offshore. Grontmij heeft I. Brandes (33) benoemd tot Managing Director van Duitsland. Zij werkt sinds 2006 bij Grontmij en bekleedde sindsdien diverse senior management posities. Meest recenteI. Brandes lijk was zij een van de vier Managing Directors van Grontmij GmbH waarbij zij verantwoordelijk was voor de Duitse business line Planning & Design. P. Esko is de nieuwe Accountmanager voor West- en Midden-Nederland bij Air Trade Centre Nederland, gespecialiseerd is in de levering van apparatuur en componenten voor de luchtbehandeling in gebouwen. Hij neemt specialistische kennis op het gebied van ventilatoren, ventilatiesystemen en parkeergarageventilatie mee. Het College van Bestuur van de TU Delft heeft met ingang van 1 januari dr.ir. J.P. van der Hoek MBA en prof.dr.ir. W. van der Meer benoemd tot deeltijdhoogleraren aan de faculteit Civiele Techniek en Geowetenschappen (CiTG). Beide hoogleraren vullen met de reeds zittende hoogleraar, prof.dr.ir. L. Rietveld, de leerstoel drinkwatervoorziening in, die sinds 1 september 2010 gedeeltelijk vacant was ten gevolge van de pre-pensionering van prof.ir. H. van Dijk. Van der Hoek werkte diverse jaren voor Kiwa en vanaf 1994 werkt hij voor Waternet, het waterbedrijf van Amsterdam in verschillende functies.

Sinds 2006 is hij directeur van het strategische centrum van Waternet. Hij zal zich bezighouden met de keuze van zuiveringsprocessen in relatie tot de waterkwaliteit en richt zich voornamelijk op het gedrag van prioritaire stoffen in de zuivering. Van der Meer is sinds 1992 werkzaam in diverse functies bij Vitens of haar rechtvoorgangers. Momenteel is hij lid van de Raad van Bestuur met als aandachtsgebieden de bedrijfsvoering en watertechnologie en is hij sterk betrokken bij innovatie binnen Vitens. Sinds 2005 was van der Meer als deeltijdhoogleraar Membraanprocestechnologie verbonden aan de Universiteit Twente. Zijn onderzoek zal zich richten op innovatieve waterzuiveringspocesssen. Beide hoogleraren hebben een omvangrijk netwerk, zowel nationaal binnen de Nederlandse waterindustrie als internationaal in IWAverband en de Europese Unie. M. Middag is per 1 februari algemeen directeur van Wilo Nederland. Hij volgt daarmee H. Pennarts op, die op 1 juli jl. werd benoemd tot Senior Vice President van Wilo SE en sindsdien de M. Middag functie van algemeen directeur waarnam. M. Middag is afgestudeerd als Commercieel Ingenieur werktuigbouwkunde aan de HTS Den Haag en bekleedde achtereenvolgens de functies area manager en export sales manager bij Flamco. Sinds 2007 was hij algemeen directeur van Socomec, de Nederlandse verkoopvestiging van het Franse Socomec SA dat gespecialiseerd is in laagspanningscomponenten en UPS systemen.

R. Dijcker (links) en J. Hulsbos

Per 1 januari zijn twee jonge Witteveen+Bos’ers voorzitter geworden van landelijke organisaties: Ir. J. Hulsbos van jongNLingenieurs, een netwerk voor young professionals, werkzaam bij lidbureaus van Nlingenieurs.

Hulsbos, die bij Witteveen+Bos werkt als projectleider verkenningen en planstudies, is door deze benoeming tevens lid van het Algemeen Bestuur van Nlingenieurs. Ir. R. Dijcker is voorzitter geworden van Jong SKB. Dit netwerk verbindt overheden en marktpartijen in hun zoektocht naar vernieuwing, verbetering en verbreding van het gebruik van de ondergrond. Het wil bestaande kennis overdragen naar nieuwe generaties en faciliteert jongeren in de opbouw van een eigen netwerk. Dijcker is projectleider bodem en ondergrond bij Witteveen+Bos. De Universiteit van Tilburg heeft R. Berndsen benoemd tot bijzonder hoogleraar Financiële Infrastructuur en systeemrisico. De leerstoel wordt gesponsord door de Nederlandsche Bank. DWA installatie- en energieadvies heeft D. de Witte (31) benoemd tot architect en adviseur integrale duurzaamheid. Eerder werkte hij als interim manager in de ontwikkelingssamenwerking. Het directieteam van de HC Groep bestaat sinds 1 januari jl. uit P. Verschoor (CEO), H. de Baar (COO) en J. van Gelder (CFO). Verschoor volgt H. Dekkers op, die de HC P. Verschoor Groep de afgelopen tien jaar leidde en vanaf 1 januari als president commissaris aan het bedrijf verbonden blijft. De HC Groep omvat inmiddels acht bedrijven die gespecialiseerd zijn in klimaatbeheersing (Holland Conditioning), klimaatplafonds (HC KP), luchtbehandelingapparatuur (HC TN), ventilatiesystemen voor parkeergarages (HC PS), Export tunnel en parkeergarages (HCPS International), luchtverdeeltechniek (HC Barcol-Air), regeltechniek (HC RT) en parkeersystemen (HC PVE). Advies- en Ingenieursbureau Oranjewoud heeft het managementteam per direct uitgebreid met een manager duurzaamheid: E. van der Schans.

Europoort Kringen • februari 2011

67


Boekbespreking 23 Ideeën die ze je niet vertellen over het kapitalisme

1. Zo Zuidas Zoza’s Uitgeverij Pearson

E 19,95

2. Joep! Van held tot hoofdverdachte. Biografie van zakenman Joep van den Nieuwenhuyzen P. de Witt Wijnen Uitgeverij Prometheus E 19,95 3. Dromen, Durven, Doen B. Tiggelaar Uitgeverij Het Spectrum

E 19,99

4. Een Werkweek van 4 Uur T. Ferriss Uitgeverij de Boekerij

E 15,00

5. Vastgoedfraude - Miljoenenzwendel aan de top van het Nederlandse bedrijfsleven V. van der Boon & M. van der Marel Uitgeverij Nieuw-AmsterdamE 22,50 6. Dirk Scheringa: Verspeeld Krediet F. Conijn Uitgeverij Business Contact E 19,95 7. De Kloof: Waarom Nederland de stekker uit Fortis trok D. Depuydt Uitgeverij Prometheus E 22,50 8. De Zwarte Zwaan, de impact van het hoogstonwaarschijnlijke N.N. Taleb Uitgeverij Nieuwezijds E 15,00 9. De Zeven Eigenschappen van Effectief Leiderschap S. Covey Uitgeverij Business Contact E 26,50 10. Business Model Generatie Uitgeverij Kluwer

E 38,50

Kritische analyse van vrijemarktdenken. Er zijn misschien wat nadelen aan verbonden, maar er is eigenlijk geen alternatief voor de vrijemarkteconomie. We worden er toch ook allemaal beter van? Fout. Ha-Joon Chang, een van de meest gerespecteerde economen ter wereld, maakt in dit boek korte metten met de grootste mythes over de economie in het algemeen en het vrijemarktdenken in het bijzonder. Niet iedereen wordt rijker van marktwerking, duurbetaalde managers leveren niet per se betere prestaties en we leven niet in een postindustriële economie. Chang weet elk idee dat wij over economie hebben op z’n kop te zetten. ‘23 Ideeën die ze je niet vertellen over het kapitalisme’, dat heel veel informatie bevat over geld, gelijkheid, vrijheid en hebzucht, laat zien dat de vrije markt veel verliezers kent en vaak leidt tot een inefficiënte manier van economie bedrijven. In dit prikkelende boek legt de auteur, die in de traditie staat van John Kenneth Galbraith and Joseph Stiglitz, uit hoe de economie echt werkt en waarom verstandig overheidsbeleid tot betere resultaten leidt dan de vrijemarkteconomie. Ha-Joon Chang doceert economie aan de University of Cambridge. Voor zijn werk ontving hij diverse prestigieuze prijzen. Een uitgave van Nieuw Amsterdam en te koop voor E 19,95.

Meer inzicht en overzicht met mindmappen Mindmaps visualiseren gedachten, ideeën, complexe projecten en organisatiestructuren eenvoudig, overzichtelijk en doeltreffend. Bedrijven en organisaties gebruiken mindmapping dan ook steeds meer om ingewikkelde onderwerpen overzichtelijk te maken, plannen uit te werken, nieuwe ideeën te ontwikkelen en te innoveren.

Auteur Hans Buskes legt uit wat mindmapping is en hoe men deze techniek gebruikt voor het maken van diverse plannen (beleid, marketing, communicatie), het bewaken van tijd en doelen, bij brainstormsessies, onderhandelingen, crisissituaties. Ook geeft hij tips voor de aanschaf van softwaretools om zelf mindmaps op de computer te maken.
Het boek is bestemd voor professionals: van advocaten tot zoölogen, van ambtenaren tot zelfstandige ondernemers. Maar ook voor iedereen die zoekt naar nieuwe methoden om complexe informatie tot de kern terug te brengen en tegelijkertijd krachtig visueel weer te geven. Met als doel er meer uit te

halen. Hans Buskes is communicatiestrateeg en oprichter van Communicabus. Hij geeft zo’n vijftien jaar mindmaptrainingen bij onder meer gemeenten, ondernemers, industrie, banken en advocaten in en buiten Nederland. Hans heeft een drukbezochte mindmapblog op mastermindmaps. wordpress.com. Een uitgave van Eburon Business en te koop voor E 15.

De euro, Europa en onze economische toekomst’ Elf jaar na de invoering is de euro weer wereldnieuws. In sommige landen neemt de roep toe om uit de euro te stappen en terug te keren naar hun oude, vertrouwde munt. De meeste Europese regeringsleiders menen dat er ingrijpende maatregelen nodig zijn op het terrein van de Europese economie en overheidsfinanciën om de eurozone en de euro internationaal steviger op de kaart te zetten. Over welke dat moeten zijn, bestaat (nog) geen overeenstemming. In dit boek bespreken Willem Vermeend -internetondernemer, partner bij de BMC Groep en bijzonder hoogleraar European Fiscal Economics- en Ronald van Gessel -afkomstig uit de effectenhandel, voormalig correspondent in Brussel en Berlijn en sinds 2007 weer terug bij De Financiële Telegraafde huidige internationale economische positie van de eurozone en de toekomst van de euro en dragen ze prikkelende adviezen aan voor ‘het beste beleid’ voor de eurozone. Belangrijke conclusies van het boek zijn: Zonder de euro zal de Europese Unie in de wereldeconomie van vandaag en morgen geen hoofdrol spelen. De EU-lidstaten zullen op het wereldtoneel aan invloed inboeten en aan welvaart verliezen; Er is een nieuwe Europese wetgeving nodig die zowel garanties biedt voor gezonde overheidsfinanciën in alle lidstaten, als voor een gezamenlijk Europees financieel-economisch beleid; Een Europese verordening moet ervoor zorgen dat iedere burger van de EU bij de nationale rechter begrotingsdiscipine door zijn of haar overheid kan afdwingen; Voor de groei van de economie en de werkgelegenheid moeten slimme bezuinigingen gecombineerd worden met structurele maatregelen die de economie stimuleren, maar ook innovatiever en groener maken; Als we de kansen die voor ons liggen met beide handen aangrijpen, kan de euro de strijd met de dollar winnen. De euro zal uitgroeien tot de wereldmunt van de toekomst. Een uitgave van Dutch Media uitgevers en te koop voor E 17,50.

Europoort Kringen • februari 2011

69


UIT Paarse straat, 1984 65x80 cm olieverf op doek particuliere collectie

Gele huis, 1980 66x53cm olieverf op doek particuliere collectie

Schilder en graficus

wim oepts (1904-1988) S

childer en graficus Willem Anthonie Oepts (1904-1988) is veel meer dan de zonovergoten landschappen waar hij zijn bekendheid mee verwierf. In de tentoonstelling in de Kunsthal Rotterdam staat zijn artistieke ontwikkeling tot en met 3 april centraal. Door Charley Toorop beïnvloedde sociaal-realistische kunst uit zijn vroege carrière tot aan schilderijen uit de dertiger jaren die de fascinatie voor kunstenaars als Henri Matisse en Pierre Bonnard onthullen. Wim Oepts is autodidact en werkt in eerste instantie als graficus. In 1924 maakt zijn artistieke carrière grote vooruitgang na een ontmoeting met Charley Toorop die hem stimuleert te gaan schilderen. Op de tentoonstelling is te zien hoe hij zich na deze kennismaking waagt aan de schilderkunst en niet langer enkel grafisch werkt. Hij houdt vast aan de sociaal-realistische onderwerpen die hij ook voor zijn grafiek koos en schildert arbeiders in bedekte kleuren. De invloed van Toorop is zichtbaar in dit werk, met name in de manier waarop hij figuren weergeeft. Oepts verdient in de jaren twintig en dertig zijn eerste sporen in de Nederlandse kunstwereld en neemt deel aan tentoonstellingen in onder meer het Stedelijk Museum Amsterdam. De tentoonstelling maakt zichtbaar hoezeer dit vroege werk afwijkt van de schilderkunst waarmee hij later grote bekendheid verwerft.

70

Europoort Kringen • februari 2011

“In Frankrijk voelde ik me bevrijd”, aldus Oepts die in 1933 voor het eerst Parijs bezoekt en zich er later permanent vestigt tot aan zijn dood in 1988. Hij maakt kennis met het werk van (post)impressionisten en fauvisten en is in het bijzonder aangetrokken tot de kunst van Bonnard, Matisse en Derain. Als hij in 1937 in het vissersdorp Collioure gegrepen wordt door het zuidelijke licht, verandert zijn kunst radicaal. Oepts gaat meer kleur gebruiken, zijn schildertoets wordt losser. Als onderwerp kiest hij nu dorps- en havengezichten en landschappen. Met dit modern-klassieke werk, waarvan een groot aantal in de tentoonstelling is samengebracht, wordt Oepts geliefd bij een groot publiek. Vanaf 1965 groeit het succes van Oepts met het jaar. Zijn werk wordt verzameld door particulieren in Nederland en Frankrijk. In de jaren zeventig maakt de kunstenaar zijn beroemdste werken. Zijn landschappen worden abstracter en zijn opgebouwd uit steeds grotere kleurvlakken die soms hevig contrasteren. Hij experimenteert met complexe composities. Het is de tijd waarin topstukken als Landschap, Zuid-Frankrijk en Provence ontstaan, waarmee Oepts zijn naam definitief vestigt als meester van het mediterrane licht. De Kunsthal Rotterdam vindt men aan de Westzeedijk 341, tel. 010 4400301, www.kunsthal.nl. Openingstijden: dinsdag t/m zaterdag 10-17 uur, zon- en feestdagen 11-17 uur


Oogst, 1968 46x38 cm olieverf op doek particuliere collectie

Haven te St. Tropez, 1960 53x63 cm olieverf op doek particuliere collectie

Platanen bij Cogolin, 1957 53x65 cm olieverf op doek particuliere collectie

Europoort Kringen • februari 2011

71


colofon Kringen

Cover foto: Danny Cornelissen

website www.europoortkringen.nl

uitgever Uitgeverij Lakerveld bv, Harrie Jabroer Postbus 33050, 3005 EB Rotterdam Telefoon 070 336 46 00 Fax 070 336 46 01 E-mail harrie.jabroer@lakerveld.nl Redactie Ad van Gaalen (hoofdredactie) Astrid Hardenbol (eindredactie) Constant Gras (redactie) Jiri Hartog (redactie) E-mail redactie@europoortkringen.nl

Vaste medewerkers redactie Laurent Chevalier Jacques Kraaijeveld Co van Liere Kees Marges Paul Waayers

Abonnementsprijs E 90,10 (incl btw). per jaar. Abonnementen kunnen elk moment ingaan en worden na een jaar automatisch verlengd. Opzeggen kan tot twee maanden voor het einde van de abonnementsperiode.

Abonnementen E-mail irene.semp@lakerveld.nl

Verschijning 12 x per jaar, Review en Company Guide 1 x per jaar

Klantenservice Telefoon 070 336 46 00, fax 070 336 46 01 E-mail klantenservice@lakerveld.nl

ISSN 1568 - 881X

Bladmanagement Barry Stok Telefoon 070 336 46 78 E-mail barry.stok@lakerveld.nl Advertenties Remco Rooij Telefoon 070 336 46 80 gsm 06 53 22 08 22 E-mail remco@europoortkringen.nl

copyright © 2011 uitgeverij Lakerveld bv Niets uit deze uitgave mag op enigerlei wijze worden overgenomen zonder uitdrukkelijke toestemming van de uitgever.

Vormgeving Vincent Bergman

adverteerdersindex 2rent 02 ADT Fire & Security 36 AHOY’ Rotterdam (Maintenance Next) 28 AIB-Vinçotte Nederland 18 Air Products 12 Airconet 30 Altena Industrial Services 24 Andus Group (RijnDijk Steel Contracting) Cover 3 Binder Groenprojecten 50 BioMCN 04 Bollegraaf Logistic Systems 33 Delta Heat Services 36 Driessen Appendages 62 easyFairs 45 easyFairs (Maintenance Antwerpen) 40

72

Europoort Kringen • februari 2011

ECO Ketelservice 46 ERIKS - Van Eyle & Ruygers - Schwartz 15 ERIKS - Van Eyle & Ruygers - Schwartz 17 ERIKS - Van Eyle & Ruygers - Schwartz 19 Evenementenhal (On- & Offshore) 50 Flash Services 66 GELIS Industriële Veiligheid 43 Gizom 56 Height Specialists Cover 2 Helmke 46 Hertel Industrial Sealings 26 Hotel De Beer 45 J. Buijse & Zn. 33 J. de Jonge Flowsystems 26 James Walker Benelux 50 Konstruktiebedrijf Libbenga 39

Linde Gas Benelux Mees van den Brink Montage Onderneming Benelux Mourik Services Peinemann Portpictures Rotary Equipment Service STOPAQ Sulzer Turbo Services Rotterdam TAS Technics Technip-EPG Transbook Troost Mechanical Services Uitzendbureau Zuidgeest Vitesse Vorkheftrucks Zeeland Seaports

24 52 Cover 4 16 30 22 22 39 39 52 14 56 43 33 56 08


Andus Construction HSM Steel Structures Intersteel Nigeria Intersteel Slovakia Lengkeek Staalbouw Mebra Metaalbewerking P&K Rail RijnDijk Engineering RijnDijk Steel Contracting RijnDijk Technical Services WVL Staalbouwers

Serving the industry Professionaliteit, innovatie en een unieke combinatie van kennis en productiefaciliteiten. De kenmerken van RijnDijk Steel Contracting. Staalgerelateerde projecten worden volgens (inter)nationale veiligheidsnormen (VCA-P) en kwaliteitseisen uitgevoerd. Dit maakt RijnDijk Steel Contracting tot een betrouwbare en verantwoordelijke partner bij de realisatie van complexe projecten in de (petro)chemische en zware industrie, evenals in de energiemarkt.

RijnDijk Steel Contracting is onderdeel van Andus Construction; een van de vier divisies van Andus Group. RijnDijk Steel Contracting BV

Overige divisies van Andus Group zijn Andus Oil & Gas, Andus Process en Andus Refractories.

Fabrieksstraat 104 6021 RE Budel NL Tel. +31 (0)495 - 49 18 02 info@rijndijksc.com

Kennismaken? Graag. Bel of kijk op www.rijndijksc.com of www.andusgroup.com.


09MOB04 europoort kringen B.indd 1

01-03-2010 10:44:43


EK02_2011