Issuu on Google+

Water KWR 2009 Kennispartner in de watercyclus

Watercycle Research Institute

Watercycle Research Institute

2009

368.10jvs-cover446x260mm-V5-ENG-NL.indd 1

Watercycle Research Institute Watercycle Research Institute 1/6/10 1:49 PM


3

Inhoud Inhoud

KWR in het kort

Europa is rijp voor een BTO-aanpak 4

KWR in het kort in de watercyclus 2009: Kennispartner 5 Voorwoord Publicaties KWR: kennisleverancier voor de watercyclus 6 KWR: Kennispartner in de watercyclus Artikelen peer-reviewed tijdschriften Vier onderzoeksthema’s: gezond, duurzaam, vooruitstrevend en efficiënt 10 en vakbladen Gezond, duurzaam, vooruitstrevend engevaarlijke soort Legionellabestrijding moet zich richten op de 12 Publicaties vakbladen efficiënt BTO-rapporten Onbekende stoffen identificeren aan de hand van hun accurate massa 14 moet zich Gevolgen Legionellabestrijding van klimaatverandering op waterkwaliteit en natuur in beeld 16 richten op de echte boosdoener Accurate simulatiemodellen helpen leidingnetten schoon te houden 18 Onbekende identificeren aan Benoemingen, promoties en prijzen Puzzelen aan de conditiestoffen van onzichtbare leidingen 19 de hand vaninhun accurate massa in de maatschappij Nanodeeltjes de watercyclus: opsporen, verwijderen énKWR veilig toepassen 20 Gevolgen van klimaatverandering op Werken bij KWR waterkwaliteit natuurbijinde beeld Onderzoek dat en aansluit praktijk 24 Organisatie Kloppende simulatiemodellen helpen Financiën Extreme omstandigheden, extreme micro-organismen 28 leidingnetten schoon te houden Aandeelhouders Ondergrondse kwaliteitsbewaking 29 conditie EmergingPuzzelen substancesaan - op de de uitkijk voorvan nieuwe stoffen ofAfkortingen effecten 30 onzichtbareziekteverwekkers leidingen Contact Verwijdering onder de loep 32 Nano-deeltjes in watercyclus: Veilig zwembadwater zonder vervelende bijwerkingen Colofon 34 opsporen, verwijderen éngrondstoffen veilig toepassen Van afvalwater naar energie, en schoon water 36 Goede NOM-verwijdering met innovatieve ionenwisselaar

Onderzoek aansluit bij Gezond waterdat is goed nieuws

de praktijk GIS brengtExtreme omstandigheden, water en ondergrond scherper extreme in beeld micro-organismen Ondergrondse kwaliteitsbewaking Nationale en internationale partners willenGIS brengt waterènen ondergrond We duurzame energie veilig grondwater scherper in beeld Zélf denken over de toekomst – in dialoog met partners in de watersector Europa is Emerging rijp voor eensubstances BTO-aanpak – op de uitkijk voor nieuwe stoffen of effecten Internationale samenwerking Verwijdering ziekteverwekkers onder de loep Publicaties Artikelen Veilig peer-reviewed zwembadwater tijdschriften zonder vervelende bijwerkingen Publicaties vakbladen BTO-rapporten Van afvalwater naar energie, grondstoffen en schoon water Benoemingen, Goede NOM-verwijdering promoties en prijzen 2009 met innovatieve ionenwisselaar KWR in de maatschappij MaatwerkGezond water istot goed nieuws van monsterbots membraaninstallaties Werken bij KWR

Nationale Organisatie en internationale partners Financiën Het rommelt in de watervoerende lagen Aandeelhouders denken over de toekomst – in Termen enZélf afkortingen dialoog met partners in de watersector Contact

38 40 41

44 44 49 50 52

58 58 60 61 63 64 67 68 69 71 74 75 76


4

KWR 2009

KWR in het kort •

95 wetenschappelijk onderzoekers en 43 onderzoeksmedewerkers bij

• 1 missie: kennispartner in de watercyclus

de kennisgroepen en laboratoria, 31

• 4 onderzoeksthema’s: Gezond, Efficiënt, Duurzaam en Vooruitstrevend water

medewerkers bij de stafafdelingen.

• 3 kennisgroepen: Watersystemen, Watertechnologie en Waterkwaliteit & Gezondheid ARTHUR: ONDERSTAANDE OOK ALS CLOUD• 2 laboratoria: TAG OPNEMEN OP BINNENKANT COVER • laboratorium voor Materialenonderzoek en Chemische Analyse (LMC) O.I.D. • laboratorium voor Microbiologie (LMB)

• 10 aandeelhouders • 1 vestiging in Nieuwegein

• 1 virtueel Europees instituut i.o. • 167 medewerkers

1 missie: kennispartner in de

• 15 promovendi en 3 postdocs • 155 researchrapporten

15 promovendi en 3 postdocs

? onderzoeksprojecten

? researchrapporten

53 artikelen in peer reviewed en vakbladen

4 onderzoeksthema’s: Gezond,

? proceedings en boekhoofdstukken

Efficiënt, Duurzaam en

91 pilotlocaties voor BTO-onderozek

7 hoogleraren

3 kennisgroepen: Watersystemen,

4 promoties

Watertechnologie en Waterkwaliteit

2 hoogleraarsbenoemingen

& Gezondheid

2 prijzen

2 laboratoria

? euro netto omzet

• 80 artikelen in peer reviewed en vakbladen

Laboratorium voor

• 35 proceedings en boekhoofdstukkenMaterialenonderzoek en Chemische • 91 pilotlocaties voor BTO-onderzoekAnalyse (LMC) • 7 hoogleraren

Laboratorium voor Microbiologie

• 4 promoties

(LMB)

• 2 hoogleraarsbenoemingen

10 aandeelhouders

• 2 prijzen

1 vestiging in Nieuwegein

1 virtueel Europees instituut i.o.

167 medewerkers

• 16.186 x 1000 euro netto omzet

108 mannen en 59 vrouwen

watercyclus

• 95 wetenschappelijk onderzoekers en 43 onderzoeksmedewerkers Vooruitstrevend water bij de kennisgroepen en laboratoria, 31 medewerkers bij de stafafdelingen. • 108 mannen en 59 vrouwen


5

2009: Kennispartner in de watercyclus Het jaar 2009 stond voor KWR Watercycle Research Institute sterk in het teken van samen werken in de watercyclus. Als kennispartner zijn we voortdurend in dialoog met onze opdrachtgevers en hun omgeving: daardoor kunnen we voor hen exact dié kennis ontwikkelen die antwoord geeft op hun vragen en aansluit bij hun praktijk. De nauwe betrokkenheid van onze opdrachtgevers bij de programmering en uitvoering van ons onderzoek bevordert bovendien de daadwerkelijke toepassing van nieuw ontwikkelde kennis en resultaten. De resultaten van onze inspanningen vinden zo sneller hun weg naar de brede praktijk van de watercyclus, bij drinkwaterbedrijven, waterschappen, andere publieke partijen en industriële partners. Zo hebben we in 2009 vooruitgang geboekt bij de identificatie van nieuwe, potentieel bedreigende stoffen in de watercyclus, snelle detectie van micro-organismen als Legionella en E. coli, efficiëntere zuiveringsmethoden voor drink- en afvalwater, nieuwe middelen voor beheer en ontwerp van leidingnetten en in onze kennis over de natuur en over de consequenties van klimaatverandering. Tegelijkertijd hebben we zinvol samengewerkt met andere kennispartners: universiteiten en andere kennisinstellingen in Nederland en daarbuiten. In de afgelopen jaren hebben we met diverse instituten tijdelijke samenwerkingsverbanden gesloten, bijvoorbeeld in het kader van grote EU-projecten als Prepared, TECHNEAU, WSSTP en met TTIW Wetsus. Via deze verbanden zijn we op het spoor gezet van vier gerenommeerde kennispartners binnen Europa, die goed bij ons instituut passen. Dit heeft erin geresulteerd dat wij in 2009 samen met hen de basis hebben gelegd voor een virtueel Europees instituut voor onderzoek in de watercyclus. Daarmee hebben Noorwegen, Duitsland, Nederland, Spanje en Portugal op dit gebied een klein beetje meer vorm gegeven aan Europa. Eind 2009 en begin 2010 hebben we met de partners in dit nieuwe instituut overeenkomsten getekend, nu bouwen we gezamenlijk aan het onderzoeksprogramma en de onderzoeksinfrastructuur. Samenwerking is mensenwerk, net als wetenschap. Ik ben trots op de bijna 170 mensen van KWR die – dag in, dag uit – de samenwerking met onze opdrachtgevers en met kennispartners over de hele wereld vormgeven en solide onderzoeksresultaten neerzetten. Hun inspanningen maken van KWR de waardevolle kennispartner voor de watercyclus die we willen zijn. Een aantal van hen komt in dit jaarverslag aan het woord om u, de lezer van dit jaarverslag, te vertellen wat KWR doet en wat ons drijft. Zij worden daarbij ondersteund door enkele vertegenwoordigers van onze opdrachtgevers. Elk van deze geïnterviewden vertegenwoordigt voor mij tien anderen, die even toegewijd en gedreven werken aan toepasbare kennis voor de watercyclus. Ik vind het een voorrecht met en voor hen te mogen werken en ik dank hen oprecht voor hun inzet.

Wim van Vierssen Directeur KWR Watercycle Research Institute


6

KWR 2009

KWR: kennisleverancier voor de watercyclus Mensen kunnen niet zonder water. Water van goede kwaliteit is schaars. De maatschappij kan daarom niet zonder goede, toepasbare kennis over water en de watercyclus. De bijna 170 medewerkers van KWR Watercycle Research Institute ontwikkelen en ontsluiten relevante kennis voor alle partners in de watercyclus: drinkwaterbedrijven, waterschappen, overheden en industrie. Op nationaal en internationaal niveau. Kernactiviteit van KWR is toegepast onderzoek,

Onderzoeksfaciliteiten

dat praktische oplossingen biedt voor uiteenlopende

In eigen huis verricht KWR wetenschappelijk

watervraagstukken. Dit toegepaste onderzoek wordt

onderzoek in goed geoutilleerde laboratoria en een

gevoed vanuit funderend en innovatief onderzoek,

proefhal. Medewerkers van de Laboratoria voor

deels uitgevoerd binnen KWR zelf en deels binnen

Materialenonderzoek en Chemische Analyse (LMC) en

diverse (inter)nationale onderzoeksnetwerken. KWR

voor Microbiologie (LMB) verzorgen methodenont-

is het enige instituut in Nederland dat onderzoek

wikkeling en specialistische analyses voor uiteenlo-

doet voor de hele watercyclus en vervult op dit brede

pende onderzoeksprojecten. Zij zijn gespecialiseerd in

gebied een belangrijke rol als interface tussen samen-

detectie en identificatie van zeer lage concentraties

leving, watersector en wetenschap. Het instituut

pathogenen (Cryptosporidium, Giardia, Legionella etc.)

heeft daarvoor een breed scala aan onderzoekers in

en (onbekende) toxische stoffen. Zij gebruiken daar-

huis, van microbiologen tot natuurkundigen en van

voor diverse bestaande technieken, maar ontwik-

civiel ingenieurs tot ecologen. Deze wetenschappers

kelen ook zelf nieuwe detectie- en analysemethoden.

doen hun werk vanuit drie kennisgroepen:

Deze kennis dragen zij over aan de Nederlandse

Watersystemen, Watertechnologie en Waterkwaliteit en

(water)laboratoria. Ook ontwikkelt en verzorgt KWR

Gezondheid.

elk jaar circa veertig laboratoriumevaluerende ringonderzoeken, als kwaliteitscontrole voor de Nederlandse waterlaboratoria. Voor Kiwa N.V. verzorgen de KWR-laboratoria testen om materialen voor de water-, bouw- en milieusector te certificeren. In 2009 zijn nieuwe gespecialiseerde laboratoria ingericht. Eén voor onderzoek naar afvalwaterbehandeling, waar de onderzoekers onder meer over vier state of the art bioreactoren kunnen beschikken, en één voor werken met genetisch gemodificeerde micro-organismen als “sensor” voor toxische stoffen. Daarnaast voert KWR bench scale onderzoek uit in een eigen proefhal en op locatie bij en met diverse opdrachtgevers en onderzoekspartners.


7

Zonder watercyclus geen leven Het water op aarde doorloopt een te d ak - ie vl er eb er at g p n p r O ate Wwi w

continue cyclus. Het verdampt naar de atmosfeer en keert als neerslag,

W win ate ge rbie d

rechtstreeks of via het land terug naar zeeën en oceanen als oppervlaktewater of grondwater. Alle levende

is tr ib u ti e

er at kw ing rin er D iv zu

D

wezens zijn afhankelijk van het water

/ rie n st ve du rij In e d B

d

on

Gr

r

te wa

dat zij ontlenen aan die cyclus – zonder water is geen leven mogelijk.

R

ee Z

n ge el in ls te ls o io R

on W

Ook mensen hebben water nodig om

io ol

CV

w

e chin sma Wa

at er

drinken, om voedsel te verbouwen en

zu iv er in g

te bereiden, om materialen te produWa staf el

Dou che

te voorzien in hun behoeften: om te

WC

Keu ken

ceren, om zichzelf en hun omgeving te reinigen, om afvalstoffen af te voeren en om te recreëren. KWR levert de kennis die nodig is om verstandig om te gaan met het water dat tot onze beschikking staat. Zo helpen wij de

el tels ols Rio

Onderzoeksfaciliteiten Laboratorium voor Materialenonderzoek en Chemische analyse (LMC) • organische analyses (o.a. naar geneesmiddelen, hormonen, bestrijdingsmiddelen, bijvoorbeeld met GC-MS en Orbitrap-analyses); • anorganische analyses (ionchromatografische, spectrofotometrische en natchemische methoden en ICP-MS voor bepaling van zuurstofdiffusie, crosslinking in kunststoffen en identificatie anorganische migratieproducten uit kunststoffen); • onderzoek naar kunststoffen en materialen (voor het Kiwa-keurmerk worden kunststof leidingsy-

Reg enw ater

Onderzoeksfaciliteiten Laboratorium voor Microbiologie (LMB) • microbiologisch onderzoek van materialen die bij de behandeling en distributie in aanraking komen met het drinkwater; • biologische stabiliteit (bijvoorbeeld met de biofilmmonitor of door bepaling van assimileerbaar organisch koolstof AOC of ATP); • kweekmethoden, microscopie, flow cytometrie en moleculair biologische methoden (qPCR); • toxicologie (Ames- en UMU-testen voor mutageniteit); • pathogenen (Cryptosporidium, Giardia, Campy-

stemen van ongeplastificeerd polyvinylchloride

lobacter, E.coli O157, adenovirus, influenza-virus

(PVC-U), polyetheen (PE) of cross-linked polyetheen

en indicator-organismen (E. coli, bacteriofagen,

(PE-X) getest; daarnaast onderzoek naar eisen en beproevingsmethoden voor normalisatie); • organoleptische bepalingen (geur- en smaakonderzoek met behulp van proefpersonen); • ringonderzoeken (voor meer dan 100 parameters).

Clostridium sporen) • alle wettelijk voorgeschreven microbiologische analyses van drinkwater;

watercyclus duurzaam in stand te houden voor komende generaties.


8

KWR 2009

Duurzaam

Water


9

Gezond EfficiĂŤnt Vooruitstrevend


10

KWR 2009

Vier Onderzoeksthema’s:

Gezond, duurzaam, vooruitstrevend en efficiënt Het onderzoek van KWR is erop gericht de maatschappij en in het bijzonder de watersector in staat te stellen optimaal met de watercyclus om te gaan. Het onderzoek richt zich daarvoor op vier centrale thema’s: Gezond water, Duurzaam water, Vooruitstrevend water en Efficiënt water.

Gezond water

Duurzaam water

Gezond Water focust op de relatie tussen waterkwaliteit en de gezond-

Klimaatverandering, toenemend energiegebruik en verstedelijking

heid van de mens. Waterkwaliteit speelt de hoofdrol: bij de bronnen voor

veranderen onze samenleving. Voor de watersector betekent dit dat we

(drink)water, tijdens zuiveringsprocessen, in het distributienet, aan de

moeten zoeken naar productie-, distributie- en afvalverwerkingsme-

kraan of in natuurlijk zwemwater. Dit thema richt zich op bronnen en

thoden die zuinig omgaan met grondstoffen en energie, in een omge-

gedrag van emerging contaminants (zoals geneesmiddelen, perfluorver-

ving die steeds meer functies in dezelfde ruimte laat plaatsvinden. Zo

bindingen en patogenen) in het water en de effectiviteit van de barrières

onderzoekt KWR in samenspraak met de watersector het gebruik van

daartegen in de watercyclus. Voor drinkwater komen deze aspecten

brak grondwater of zeewater als alternatieve bronnen, waterhergebruik

samen in de Water Safety Plans, een concept dat met de Wereldgezond-

of een meer decentrale waterketen en koude-warmteopslag. KWR rekent

heidsorganisatie is ontwikkeld. Daarnaast richt onderzoek zich op het

deze opties door op effecten en kosten. Een adequate voorbereiding

beheersen van biologische processen die soms bruikbaar zijn (omzetting

van de watersector op klimaatverandering vraagt kennis: bijvoorbeeld

stoffen in de zuivering) en soms ongewenst (groei Legionella in installa-

over de bescherming van onze bronnen tegen overstromingen, en

ties). Ook richt het onderzoek zich op beveiliging, zowel tegen onbe-

over omgaan met extreem lage waterstanden in de grote rivieren. Hoe

doelde als bedoelde ingrepen in watersystemen, hoe klanten en burgers

verandert de omvang en de kwaliteit van de voorraad zoet grondwater

met water omgaan en hoe zij erover denken.

onder invloed van variaties in het weer, toenemende verzilting, vegetatie-ontwikkeling, verstedelijking en ondergrondse wateropslag? Een duurzame inrichting van het watersysteem is noodzakelijk voor behoud en ontwikkeling van ruimte, natuur en landschap.


11

Vooruitstrevend water

Efficient water

Veelbelovende ontwikkelingen in de technologie worden voor de water-

Vragen rond doelmatige inrichting van de waterketen, water & energie

sector toepasbaar gemaakt. De ontwikkeling van nieuwe materialen in

en de effectiviteit van kennisproductiviteit komen aan de orde in het

de fijnchemie en nanotechnologie, keramische membranen, harsen voor

thema Efficiënt water. Daaronder vallen ook doelmatige drinkwater-

ionenwisseling, adsorptiemiddelen, antiscalants en ontwikkelingen in

winning, -productie en –distributie. De watersector streeft naar zo

de vloeistofdynamica, -chemie en -fysica kunnen helpen de bestaande

hoog mogelijke efficiëntie bij de inzet van middelen en effectief asset-

technologie te verbeteren. Ook technologische ontwikkelingen op het

management. Daarvoor is kennis over de kosten en opbrengsten binnen

gebied van meettechnieken (waterkwaliteit, conditie infrastructuur) en

de keten van groot belang, inclusief kennis over de inzet van energie en

sensoring worden onderzocht.

de mogelijkheden van alternatieve energiebronnen. Ook efficiënte inzet

Met experts uit binnen- en buitenland verkent KWR trends zoals klimaat-

en productie van kennis hoort bij dit thema. KWR blijft daarom ook zijn

verandering, demografische veranderingen, nieuwe geo-informatie-

eigen rol als kennisproducent kritisch onderzoeken.

technieken, veiligheidsrisico’s en nanotechnologie en beoordeelt hun betekenis (risico’s en kansen) voor de watersector. .


12 Onderzoeksthema’s:

KWR 2009

Gezond water

Legionellabestrijding moet zich richten op de gevaarlijke soort “Voor partijen die zich bezighouden met legionellapneumonie, ook wel veteranenziekte genoemd, was 2009 een bijzonder jaar”, vertelt Van der Kooij. “Zo werd de uitbraak van veteranenziekte herdacht die tien jaar geleden in Bovenkarspel plaatsvond en waarbij ruim dertig mensen overleden. Sinds die tijd is er veel onderzoek gedaan naar Legionella en zijn de nodige vorderingen geboekt. De diagnose en de registratie van ziektegevallen

Belangrijke bron

zijn bijvoorbeeld verbeterd en er is veel meer aan-

“We hebben ook onderzoek gedaan naar de aanwezig-

dacht voor preventie. Toch hebben we het probleem

heid van Legionella pneumophila in koeltorens en in

nog steeds niet helemaal in de hand.” Dat is de stellige

oppervlaktewater. In gebouwgebonden koelinstalla-

overtuiging van microbioloog Dick van der Kooij van

ties – zoals voor de airco van kantoren - hebben we

KWR. De meeste legionellasoorten in waterinstal-

Legionella pneumophila relatief vaak gevonden. Onge-

laties blijken relatief onschuldig: de ziektegevallen

veer een derde van de 4.000 systemen is besmet,

in Nederland zijn vrijwel allemaal veroorzaakt door

tegenover één procent van de circa 15.000 collectieve

Legionella pneumophila. Deze gevaarlijke bacterie is

leidingwaterinstallaties. Daarmee zijn koeltorens een

met een nieuwe methode van KWR snel aan te tonen.

belangrijke bron. We pleiten dan ook voor meer onderhoud en beheer om groei van Legionella te voorkomen.

Besmettingsbronnen

Uit ons onderzoek naar Legionella in het oppervlakte-

“Als KWR zijn we intensief betrokken bij het Legionella-

water blijkt dat Legionella pneumophila daarin nauwe-

onderzoek. We hebben bijvoorbeeld samen met Water-

lijks voorkomt. Kennelijk kunnen deze bacteriëen als

laboratorium Noord in kaart gebracht welke soorten

gevolg van relatief lage watertemperatuur hierin niet

legionellabacteriën aanwezig zijn in leidingwater-

groeien”. Slechts op één van de veertien onderzochte

installaties. De meeste hiervan zijn vrij onschuldig,

locaties werd de bacterie in hoge concentraties aange-

zoals Legionella anisa die vaak wordt aangetroffen.

troffen. Het effluent van een afvalwaterzuiveringsin-

Een soort die wel gevaarlijk is Legionella pneumophila.

stallatie bleek hier de bron te zijn.

De ongeveer 3.500 gemelde ziektegevallen in totaal in Nederland zijn vrijwel allemaal door dit organisme

Breuk

veroorzaakt. Gelukkig treffen we deze soort slechts

“Op grond van onze bevindingen pleiten wij ervoor

incidenteel in leidingwaterinstallaties aan.”

om de maatregelen voor het bestrijden van Legionella specifiek te richten op Legionella pneumophila. Dat is een breuk met het huidige beleid. Tot nu toe wordt er namelijk vanuit gegaan dat in installaties waar Legionella anisa voorkomt, L. pneumophila zich ook kan vermeerderen. Onze ervaring is echter dat de omstandigheden waarin de verschillende Legionella-soorten zich vermeerderen niet hetzelfde zijn.“


13

Nieuwe methode “De keuze om de bestrijding te concentreren op de gevaarlijke Legionella-soort vereist natuurlijk dat je deze soort specifiek kunt aantonen. Met de methode die wij met Waterlaboratorium Noord hebben ontwikkeld kan dat. Deze methode – de kwantitatieve polymerase kettingreactie, meestal Q-PCR genoemd - begint net als andere analysemethoden met het filtreren van het verdachte water. Vervolgens halen we het DNA uit de bacteriën die achterblijven op het filter. Daarna kunnen we met een speciale techniek een kenmerkend deel van het DNA van Legionella pneumophila vermenigvuldigen. Door gebruik te maken van een stof die fluoresceert bij binding aan dit DNA wordt na een aantal vermenigvuldigingsscycli zichtbaar licht uitgestraald. Dit licht kunnen we meten en dan weten we hoeveel DNA er is en dus hoeveel gevaarlijke bacteriën er in het water zitten”.

Selectief en snel Van der Kooij vervolgt: “Het aantrekkelijke van deze methode is de selectiviteit: je kunt er één specifieke soort mee aantonen. Verder duurt de hele analyse maar een paar uur. Dat is aanmerkelijk minder dan bij traditionele kweekmethoden die al gauw anderhalveweek vragen. We kunnen dus snel vaststellen of verdacht water ook echt besmet is. Daarnaast blijkt de methode ook heel geschikt voor onderzoek van water waarin veel andere micro-organismen zitten, zoals water in koeltorens en oppervlaktewater.”

“Met de nieuwe detectiemethode die we met Waterlaboratorium Noord hebben ontwikkeld, kunnen we de bacteriën van de gevaarlijke soort specifiek opsporen.”

Dick van der Kooij:


14 Onderzoeksthema’s:

KWR 2009

Gezond & vooruitstrevend water

Onbekende stoffen identificeren aan de hand van hun accurate massa Met een massaspectrometer kun je de verschil-

Rijn bleek een – lage - glucocorticoïde-activiteit te

lende stoffen in een monster detecteren. Het apparaat

vertonen. Met de Orbitrap hebben wij onderzocht

maakt er eerst ionen van, versnelt die vervolgens en

welke stoffen in het water dat veroorzaken en of die

laat ze daarna een bocht maken onder invloed van een

stoffen bijvoorbeeld ook in ziekenhuisafvalwater

elektrisch veld. Zo worden ze “uit elkaar getrokken”

voorkomen. Zo hebben we zes stoffen geïdentificeerd

op basis van hun molecuulmassa. De Orbitrap-

die via de rioolwaterzuivering in lage concentraties

massaspectrometer bij KWR doet dat zó precies en

in rivierwater terechtkomen. Dankzij de Orbitrap

robuust, dat je stoffen uit elkaar kunt halen die maar

kunnen we echt lage concentraties van deze stoffen

0,001 atomaire massa-eenheid van elkaar verschillen.

opsporen, van maar circa 10 nanogram per liter

Voor elke stof vind je zo een accuraat massagetal dat

water.”

overeenkomt met de optelsom van de gewichten van alle atomen in het molecuul. Elke accurate massa

Database opgebouwd

past maar bij een beperkt aantal stoffen – de verschil-

In de afgelopen jaren hebben Ton en zijn mensen een

lende manieren waarop je de atomen aan elkaar kunt

bibliotheek opgebouwd van meetgegevens, en die

koppelen. Door de gevonden stof te vergelijken met

groeit almaar door. “We hebben gezocht naar bekende

die opties, kun je onbekende stoffen identificeren.

en onbekende stoffen in allerlei soorten monsters: grondwater, rivierwater, effluent uit de rioolwater-

Van een liter naar een halve milliliter

zuivering én drinkwater. Alle accurate massa’s die

Ton van Leerdam is gespecialiseerd in accurate

we daarbij tegenkwamen, zijn opgeslagen in een

massabepaling. Intussen staat hij aan het hoofd van

database. Daarmee kunnen we verbanden afleiden en

een enthousiast team analisten die massaspectrome-

de bron van een bepaalde vervuiling opsporen, vaak

trisch onderzoek doen en zit hij steeds minder “aan

nog voordat de precieze structuur ervan bekend is.

de knoppen”. In de afgelopen jaren heeft hij specifieke

Met die kennis kun je verstandige beslissingen nemen

methoden ontwikkeld voor wateronderzoek met

over ingrepen in de watercyclus en drinkwater-

een massaspectrometer. “Daarbij is het de kunst om

zuivering. Mooi toch, als je zo kunt bijdragen aan

alle stoffen uit een liter van een watermonster op te

de kwaliteit van een eerste levensbehoefte.”

lossen in een halve milliliter van een geschikt oplosmiddel.”

Stresshormonen “Afgelopen jaar hebben we bijvoorbeeld gekeken naar stoffen die hetzelfde effect vertonen als lichaamseigen glucocorticoïden, de hormonen die in de bijnierschors worden gemaakt, bijvoorbeeld bij stress. Zulke stoffen worden veel als geneesmiddel gebruikt, bijvoorbeeld om ontstekingen en allergische reacties te onderdrukken. Water van de


15

“Dankzij de Orbitrap kunnen we stoffen in lage concentraties in water identificeren.� Ton van Leerdam:


16 Onderzoeksthema’s:

KWR 2009

Duurzaam water

Gevolgen van klimaatverandering op waterkwaliteit en natuur in beeld Het klimaat verandert. De zomers worden warmer en mogelijk droger, de winters natter en milder. De gemiddelde temperatuur stijgt, er komen vaker extreme neerslaghoeveelheden voor en ook de jaarlijkse hoeveelheid neerslag stijgt. KWR brengt in kaart wat de effecten zijn van deze verandering op de waterkwaliteit en de natuur. KWR-onderzoeker Gertjan Zwolsman bestudeert

Grens overschreden

vooral de effecten van klimaatverandering op de

“Dergelijke hoge watertemperaturen vormen een

kwaliteit van het oppervlaktewater en het leven in

bedreiging voor waterbedrijven die het oppervlak-

dat water: “We hebben bijvoorbeeld de gevolgen

tewater direct gebruiken voor hun drinkwaterpro-

onderzocht van langdurige droogteperioden op de

ductie. De wettelijk toegestane maximale tempera-

kwaliteit van het Maas- en Rijnwater. Daarvoor

tuur van drinkwater ‘aan de tap’ bedraagt 25°C, en bij

hebben we gebruikgemaakt van gegevens uit 2006,

warm oppervlaktewater is de kans aanzienlijk dat die

een jaar met een extreme zomer. Zo was juli 2006

grens wordt overschreden. Verder is bij hogere tempe-

de warmste maand in Nederland sinds het begin

raturen van het drinkwater het risico van microbiële

van de metingen in 1706. Verder sneuvelden enkele

infecties - denk aan Legionella - groter.”

warmterecords zoals het etmaalgemiddelde en de gemiddelde maximum- en minimumtemperaturen.

Zuurstofgehalte

De maand kende twee hittegolven en was zeer droog.

Zwolsman vervolgt: “De hoge temperaturen van het

Daarmee kan de zomer van 2006 een voorbeeld zijn

rivierwater leidden in 2006 tot een sterke algengroei.

van toekomstige zomers als de klimaatverandering

Dat bleek niet alleen uit metingen van chlorofyl, maar

doorzet.”

ook uit de grote dag/nachtfluctuaties in het zuurstofgehalte van het rivierwater. Overdag zorgt algengroei

Lozingen

voor een zuurstoftoename, terwijl de concentratie

“Door de droogte en hoge temperaturen namen de

zuurstof ‘s nachts juist daalt. In de Maas werden

afvoeren van de Maas en Rijn sterk af en verdubbelden

’s nachts zulke lage zuurstofconcentraties bereikt,

de concentraties chloride in de Rijn en de Maas. Ook

dat het ecosysteem flink onder druk kwam te staan.

de gehaltes aan fluoride, bromide en sulfaat - stoffen

Zo kan tijdens warme zomers de waterkwaliteit

die relevant zijn voor drinkwaterproductie - liepen

aanzienlijk verslechteren.”

fors op. Daarnaast steeg de concentratie microverontreinigingen steeg sterk. De reden is dat bij

Waterkringloop

lagere afvoeren lozingen minder worden verdund.

Collega-onderzoeker Flip Witte wijst op andere

Een ander effect was een forse stijging van de

effecten van klimaatverandering. Hij doet onderzoek

gemiddelde watertemperatuur. In beide rivieren was

naar de wisselwerking tussen vegetatie en de water-

het water vrijwel de hele maand juli warmer dan 25°C.

kringloop. “Nu valt in Nederland jaarlijks ongeveer

Op 27 juli werd in de Rijn het maximum bereikt met

800 millimeter neerslag per vierkante meter, waarvan

een temperatuur van 28°C.”

circa 500 millimeter verdampt. De resterende 300 millimeter drijft het hele grondwatersysteem aan. Door klimaatverandering kan dit sterk veranderen.


17

“We willen begrijpen welke ecologische verbanden essentieel zijn bij klimaatveranderingen. “ Flip Witte (l) en Gertjan Zwolsman(r):

Als er bijvoorbeeld meer CO2 in de lucht komt, hoeven

Schetskaart

planten hun huidmondjes overdag minder lang open

“In 2009 hebben we een verkennende studie gedaan

te doen. Daardoor zal de verdamping verminderen.

naar de effecten van een warmer en grilliger klimaat

Langdurige droogteperioden kunnen eenzelfde effect

op de natuur. Dat heeft geleid tot een schetskaart

hebben. Zo zal bijvoorbeeld op droge zandgronden

waarop we aangeven wat er met de verschillende

het begroeide oppervlak kleiner worden, waardoor

typen natuur kan gebeuren. Zo gaan we ervan uit dat

de verdamping vermindert. Onze huidige hydrolo-

natte ecosystemen die volledig afhankelijk zijn van

gische modellen kunnen zulke klimaateffecten niet

neerslag - denk aan natte heide, vennen en hoog-

voorspellen, omdat ze geen rekening houden met dit

veen - het moeilijk gaan krijgen. Met ons onderzoek

soort belangrijke aanpassingen van de vegetatie aan

proberen we meer zekerheid te krijgen over wat

het klimaat.”

straks werkelijk zal gebeuren en te begrijpen welke ecologische verbanden essentieel zijn.”


18

KWR 2009

Onderzoeksthema’s:

Efficient & gezond water

Accurate simulatiemodellen helpen leidingnetten schoon te houden In drinkwaternetten kan sediment neerslaan. Dat

ontwerpen, heb je inzicht nodig in de drinkwater-

is slecht voor de waterkwaliteit en kan bijvoorbeeld

afname. Van elk afnamepunt in het net wil je weten

leiden tot bruin water uit de kraan en vlekken in de

hoeveel water er op welke tijdstippen van de dag nodig

was. KWR heeft enkele jaren geleden ontwerpregels

is. Aangezien leidingnetten worden aangelegd voordat

opgesteld voor zelfreinigende netten: die zijn vertakt

huizen en kantoren zelfs maar zijn gebouwd, moet je

(en niet vermaasd), hebben overal een eenduidige

daarvoor uitgaan van een goede voorspelling.”

stroomrichting en het water bereikt er overal minimaal eens per dag een snelheid van 0,4 m/s. Water-

SIMDEUM

bedrijven leggen hun nieuwe netten nu al zo aan. Als

Voor die voorspelling heeft Mirjam het SIMDEUM-

alle netten in Nederland al zo uitgevoerd waren, zou

model ontwikkeld. “SIMDEUM is een simulatie-

dat een kostenbesparing van twintig miljoen euro

model voor afnamepatronen van watergebruikers.

per jaar opleveren - en veel minder overlast door bruin

SIMDEUM leidt dagpatronen af uit statistische

water of noodzakelijke schoonmaakacties.

gegevens over de bewoners, hun dagbesteding en mogelijke voorzieningen in woningen, zoals een

Waterafname voorspellen

ouderwets toilet met een hoge stortbak of juist een

Mirjam Blokker, onderzoeker Waterinfrastructuur bij

zuinig nieuw model met spoelonderbreker. Uit een

KWR: “Om een dergelijk leidingnet te kunnen

kansverdeling voor verschillende dagpatronen is dan bijvoorbeeld af te leiden hoe groot de leidingen onder de grond moeten worden om een zelfreinigend net te bereiken. SIMDEUM hebben we geijkt aan gemeten verbruikspatronen. Daarnaast hebben we het getest door gecontroleerd op één plek een beetje zout aan het leidingnet toe te voegen en vervolgens te meten hoe snel dat zout zich verspreidt. SIMDEUM bleek dat heel goed te voorspellen. ” In het afgelopen jaar heeft Mirjam het model uitgebreid met simulaties voor bijvoorbeeld kantoren, hotels en ziekenhuizen.

Waterbedrijven en binneninstallatiebedrijven Mirjam heeft SIMDEUM-patronen toegepast in twee veelgebruikte modelleringssystemen bij de waterbedrijven: InfoWorks en SynerGEE. Zij helpt waterbedrijven om SIMDEUM toe te passen op hun eigen netten. Ook binneninstallatiebedrijven

“De ideale combinatie: midden in de wetenschap modellen ontwikkelen én met mensen uit de praktijk aan de slag om ze toe te passen.”

Mirjam Blokker:

gebruiken het, bijvoorbeeld om te bepalen welke capaciteit warmwatertoestellen nodig is. “Voor mij is dit de ideale combinatie: midden in de wetenschap modellen ontwikkelen én met mensen uit de praktijk aan de slag om ze toe te passen. Ik wil snappen hoe iets werkt, maar ook merken dat het in de praktijk iets oplevert – dat vind ik hier bij KWR.”


19 Onderzoeksthema’s:

Efficient & gezond water

Puzzelen aan de conditie van onzichtbare leidingen In Nederland ligt ongeveer 240.000 kilometer leidingen onder de grond voor het transport van water: de ene helft voor aanvoer van drinkwater, de andere voor afvoer van afvalwater. Distributiespecialist George Mesman verdiept zich al 25 jaar in deze leidingstelsels, die vooral bestaan uit gietijzer, asbestcement, pvc en beton. Hij ondersteunt waterbedrijven bij het ontwerpen van nieuwe leidingnetten en bij het beoordelen van de conditie van hun bestaande leidingnetten. Dat laatste doet hij ook bij gemeenten en waterschappen. “Veel van deze leidingen liggen al tientallen jaren onder de grond. Ze staan voortdurend in contact met de bodem en met het afval- of drinkwater dat ze transporteren en ze reageren daarmee. Van binnen en van buiten kunnen gietijzeren leidingen roesten en asbestcement leidingen uitlogen.” Door zulke veranderingen kan de effectieve wanddikte van buisdelen afnemen. George: “Lokale

“Minder vaak leidingen opgraven.”

omstandigheden bepalen hoeveel precies, dat kan

George Mesman:

langs een leiding per meter variëren. Bij pvc buizen verandert de wanddikte niet en heeft de omgeving veel minder invloed, maar neemt de sterkte af met de tijd. Hoe snel dat gaat hangt af van de initiële eigenschappen van het pvc. Om zulke veranderingen te meten, moeten buisdelen worden opgegraven en getest. Dat is duur en geeft overlast, want de leiding moet daarvoor uit bedrijf. Gelukkig komen er ook steeds meer niet-destructieve technieken beschikbaar, zoals georadar en ultrasone metingen voor asbestcement en gietijzeren leidingen.” KWR helpt leidingnetbeheerders om de resultaten van diverse metingen te interpreteren en de conditie van

waterschappen de afweging wanneer en waar ze

hun leidingen te bepalen. “Als je weet hoe zwaar een

leidingdelen preventief vervangen of wanneer en

leiding wordt belast, bijvoorbeeld door verkeer dat

waar ze pas vervangen bij een lekkage. Economi-

erover rijdt, kun je berekenen welke minimale wand-

sche aspecten, overlast door werkzaamheden en de

dikte of sterkte nodig is. Metingen vertellen je meer

mening van de consument spelen bij die afweging

over de restwanddikte of reststerkte en de kansen op

een rol. Voor mij is het combineren van alle techni-

een breuk. Beide aspecten samen bepalen de conditie

sche gegevens en het afwegen van economische en

van een leiding. Uit de combinatie van gegevens

maatschappelijke aspecten altijd weer een interes-

maken waterbedrijven, gemeenten en

sante puzzel.”


20 Onderzoeksthema’s:

KWR 2009

Vooruitstrevend water

Nanodeeltjes in de watercyclus: opsporen, verwijderen, veilig toepassen

“Hoe zet je deze nieuwe techniek verantwoord in voor waterzuivering?”

Jan Hofman (l):

“Nanodeeltjes hebben heel bijzondere eigenschappen, die je vanuit de klassieke chemie niet kunt voorspellen.”

Bas Hofs (r):

“Nanotechnologie verovert de markt en ons

Zijn collega Bas Hofs, onderzoeker Waterbehande-

dagelijks leven,” zegt Jan Hofman, senior onder-

ling, vult aan: “Nanodeeltjes zijn zó klein, dat een

zoeker Waterbehandeling bij KWR. “Wateraf-

groot deel van de atomen erin aan het oppervlak ligt.

stotende, zelfreinigende ramen, allerlei schoon-

Daardoor krijg je heel bijzondere eigenschappen,

maakmiddelen, doorzichtige zonnebrandcrèmes

die je vanuit de klassieke chemie niet kunt voor-

met beschermingsfactor 50: ze bevatten allemaal

spellen. Dat betekent dat ook de systematiek voor

nanodeeltjes. Zo noemen we stoffen die zodanig

het afleiden van milieunormen voor ‘gewone’ stoffen

zijn gemanipuleerd dat ze structuren bevatten met

mogelijk niet voldoet voor nanodeeltjes – die kunnen

minstens één dimensie kleiner dan 100 nanometer.”

zich in het milieu immers heel anders gedragen dan


21

bulkstoffen.” De Nederlandse regering heeft in 2009

Zelfreinigende membranen

besloten 125 miljoen euro uit het Fonds Economische

Bas gaat enthousiast op die vraag in: “Op dit moment

Structuurversterking te investeren in onderzoek naar

bekijken we hoe we nanotechnologie kunnen

de kansen en bedreigingen van nanotechnologie.

gebruiken om membraanvervuiling te bestrijden.

KWR trekt hierbij het onderzoeksprogramma rond de

Om water te zuiveren worden nanofiltratiemem-

milieurisico’s van nanodeeltjes, en zal ook onderzoek

branen gebruikt. In die membranen zitten poriën

verrichten naar de kansen van nanotechnologie voor

van nanoschaal, waar water wel doorheen kan, maar

waterzuivering.

andere stoffen niet. In de praktijk raken membranen vaak vervuild en blijven deeltjes en stoffen aan het

Fullerenen

oppervlak kleven en verstoppen de poriën. We willen

Jan: “Bij KWR doen onze collega’s van Waterkwaliteit

membranen onderzoeken waarop nano-zeolietdeel-

en Gezondheid onderzoek naar de potentiële gevaren

tjes zijn aangebracht. Zeolieten hebben een grote

van nanotechnologie. Zo is een analysemethode

affiniteit voor water, ze komen van nature voor in klei

ontwikkeld voor de aanwezigheid van fullerenen –

en worden al langer in zuiveringsmethoden gebruikt.

bolvormige ‘kooien’ van zestig koolstofatomen die

Door de zeolietdeeltjes worden de membranen ook

onder andere worden gebruikt om andere moleculen

hydrofieler. Zo blijft vuil er minder goed op zitten,

in op te slaan en te transporteren, bijvoorbeeld

omdat het moet concurreren met het water dat langs

in geneesmiddelen. Met accurate massabepaling

de membranen stroomt. Met waterbedrijf Evides

(zie ook p. 14) zijn lage concentraties fullerenen en

willen we testen of de membranen daardoor meer

hun omzettingsproducten gevoelig aan te tonen,

“zelfreinigend” worden. Dat kan energie besparen,

zelfs bij 5 nanogram per liter. Fullerenen of hun

omdat minder druk nodig is om het water door de

omzettingsproducten zijn nog niet in oppervlakte-

membranen te persen.”

water aangetroffen, mogelijk vanwege natuurlijke afbraakprocessen of omdat ze aan elkaar ‘plakken’ en

Kennis en voorlichting

neerslaan in slib.”

Nanotechnologie brengt de komende jaren nog heel wat onderzoekswerk en discussie met zich mee. Jan:

Internationale samenwerking

“We moeten als maatschappij helder communiceren

Voor het nanotechnologie-onderzoek werkt KWR

over toepassing van nanotechnologie en de voor- en

internationaal samen met dertien andere water-

nadelen goed afwegen, bij voorkeur samen met de

kennisinstituten binnen de Global Water Research

operators van de installaties en natuurlijk de consu-

Coalition (GWRC) en met het wereldwijde netwerk

menten die ermee te maken krijgen. Gefundeerde

van professionals in de watersector, de International

kennis en goede voorlichting kunnen voorkomen

Water Association (IWA). Jan is voorzitter van de IWA

dat mensen onnodig bang worden voor ‘nano’. In de

specialist group op het gebied van nanotechnologie en

praktijk gebruiken we actieve koolfilters om water

water. “Daar houden we ons bezig met potentiële risi-

te zuiveren van onaangename stoffen. Die bevatten

co’s en hoe je nanomaterialen uit het waterige milieu

koolstofdeeltjes met een heel groot inwendig opper-

kunt verwijderen, maar ook met de mogelijkheden

vlak, waardoor relatief veel atomen aan het oppervlak

om nanotechnologie toe te passen bij de behandeling

liggen - net als bij nanodeeltjes. Daar maken we al

van afvalwater of drinkwater. Dat zijn de onder-

tientallen jaren dankbaar gebruik van.”

werpen die Bas en mij het meest aanspreken: wat kun je er – veilig – mee dóén? Hoe zet je deze nieuwe techniek verantwoord in voor waterzuivering?”


22

KWR 2009

onderz oek


23


24

KWR 2009

Onderzoeksprogramma’s

Onderzoek dat aansluit bij de praktijk Op het snijvlak van samenleving, watersector en wetenschap vertalen de medewerkers van KWR vragen uit de praktijk naar wetenschappelijke onderzoeksvragen. Zowel bij het formuleren van de onderzoeksvragen als bij het onderzoek naar de antwoorden daarop werken zij nauw samen met mensen uit de praktijk. Zo creëren zij de optimale randvoorwaarden om bruikbare oplossingen te ontwikkelen, die ook daadwerkelijk toepassing vinden in de praktijk van de watersector. KWR verricht zijn onderzoek zowel binnen individuele onderzoeksopdrachten als via grotere en meer publieke onderzoeksprogramma’s.

BTO – Bedrijfstakonderzoek voor de drinkwaterbedrijven

Waterbehandeling, Waterdistributie en Client 21

• Dunea

Een krachtige demonstratie van KWR’s

onderzoek gedaan naar Duurzaam veilig water,

• Evides

praktijkgerichte aanpak en intensieve

Biologische stabiliteit, Water Safety Plans,

• PWN Waterleidingbedrijf Noord-Holland

samenwerking met opdrachtgevers is het

Nevenproducten UV/UV-oxidatie, Geo-informatie

• Vitens

bedrijfstakonderzoek BTO. Binnen dat onder-

voor de watersector, Klimaatverandering en

• Waterbedrijf Groningen

zoeksprogramma bundelen negen Nederlandse

Nanotechnologie.

• WML (Waterleidingmaatschappij Limburg)

en twee geassocieerde Vlaamse waterbedrijven

• WMD (Waterleidingmaatschappij Drenthe)

en branchevereniging Vewin hun vragen, kunde

• Waternet

en onderzoeksinspanningen. Zij zijn vertegen-

• Pidpa (Provinciale en Intercommunale Drinkwatermaatschappij der Provincie Antwerpen)

woordigd in het College van Opdrachtgevers

• VMW (Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening)

Opdrachtgevers bedrijfstakonderzoek BTO: • Brabant Water

• Vewin

(afrondende fase). Daarnaast wordt multidisciplinair, thematisch

BTO-onderzoeksbijeenkomst 2009: “BTO, we maken het samen”

(CvO), dat het collectieve onderzoeks-

De jaarlijkse onderzoeksbijeenkomst van

programma aanstuurt en de BTO-onder-

het BTO op 18 november stond in het teken

zoeksvisie bepaalt, waaraan de ruim honderd

van co-makership: de samenwerking tussen

BTO-projecten worden getoetst. Deze visie

KWR-onderzoekers en onderzoekers van de

is gebaseerd op dezelfde thema’s als het KWR

waterbedrijven. Deze samenwerking levert niet

Onderzoeksprogramma (zie p. 10): Gezond,

alleen een grote bijdrage aan de ontwikkeling

Duurzaam, Vooruitstrevend en Efficiënt water.

van onderzoeksresultaten, maar versterkt ook

Deskundigen uit de deelnemende bedrijven

de toepassing van deze onderzoeksresultaten in

begeleiden het onderzoek via diverse expert-

de dagelijkse praktijk van de waterbedrijven. In

groepen en via de programmabegeleidings-

2009 werkten medewerkers van waterbedrijven

commissies (PBC’s) van de zes onderzoeks-

en KWR op 91 pilotlocaties samen aan (deel)

programma’s binnen het BTO: Microbiologie,

projecten van het BTO. De resultaten uit vijf

Chemische waterkwaliteit, Risicobeheer bronnen,

van die samenwerkingen werden tijdens


25

de onderzoeksbijeenkomst in duopresentaties

(HDDW) - Patrick van der Wens (Brabant

toegelicht:

Water) & Jan Willem Kooiman (KWR)

• Actieve-koolfiltratie als barrière tegen

• Effect van UV/ H2O2 op organische micro-

micro-organismen - Trudy Suylen (Evides)

verontreinigingen - Karin Teunissen (Dunea)

& Wim Hijnen (KWR)

& Roberta Hofman (KWR)

• Multisensorplatform - Wouter van Delft (Vitens) & Bram van der Gaag (KWR) • Horizontaal gestuurd geboorde winputten

• CAVLAR: theorie en praktijk van afsluiter-

Andere interessante BTOonderzoeksresultaten 2009: Er is een set methoden ontwikkeld waarmee kan worden vastgesteld hoe effectief diverse

controle - Eddy Postmus (Waterbedrijf

zuiveringstechnieken virussen zoals fagen

Groningen) & Ilse Pieterse-Quirijns (KWR).

en adenovirussen verwijderen.

Er zijn diverse nieuwe kwantitatieve en

kwalitatieve moleculaire methoden voor

detectie en identificatie van micro-orga-

nismen beschikbaar gekomen.

De binnen het BTO ontwikkelde methode

voor kwantitatieve detectie van Legionella

pneumophila met de polymeraseketenreactie

(PCR) heeft de status gekregen van ontwerp

NEN (NEN 6254).

Er is een internationaal achtergronddocu-

ment gemaakt voor de Wereldgezondheids-

organisatie WHO over de risicoanalyse van

Cryptosporidium, ter ondersteuning van het

opstellen van WHO Guidelines for Drinking

Water Quality en Water Safety Plans.

ATP blijkt een goede indicator voor actieve

biomassa in water.

Met de waterlaboratoria is een NASBA-

methode ontwikkeld voor detectie van

E.coli binnen vier uur; deze methode wordt

inmiddels toegepast.

De relatie tussen de hardheid van drink-

water en hart- en vaatziekten is duidelijker

geworden.

Voor veertig nieuwe stoffen in de water-

cyclus zijn veilige grenswaarden afgeleid.

Pilots binnen het BTO

Lees meer >


26

KWR 2009

Literatuuronderzoek in samenwerking met

Toepassing van een plug flow reactor voor

DPW – Onderzoek voor de duinwaterbedrijven

de GWRC heeft een prioritering opgeleverd

UV-behandeling (DOPFR-UV) blijkt niet

De drie duinwaterbedrijven maken gebruik

van onderzoek naar de risico’s van farmaceu-

tot minder vorming van het potentieel

van infiltratie van oppervlaktewater in de

tica die in de watercyclus voorkomen.

carcinogene bromaat te leiden.

duinen bij de productie van drinkwater en

Onderzoek met RIVM, Het Waterlaborato-

Luchtwaterspoeling bij spiraalgewonden

rium en RIWA Rijn heeft laten zien dat de

membraanelementen (AIRO) is effectief

aangetroffen concentraties geneesmiddelen

voor het beheersen van zowel biofouling als

in de Rijn goed voorspelbaar zijn uit het

deeltjesvervuiling.

gebruik ervan in het Rijnstroomgebied. Van

doen daarvoor gezamenlijk onderzoek. KWR en Het Waterlaboratorium zijn de preferred suppliers voor dit zogeheten DPW-onderzoek, dat zijn naam dankt aan de eerste letters van de bedrijfsnamen Dunea, PWN en Waternet.

de gebruikte farmaceutica komt tussen 1 en

Literatuuronderzoek geeft aan dat polymere

In 2009 is de onderzoeksvisie voor DPW tijdens

70 % via de afvalwaterzuivering in de rivier

membranen kunnen worden gemodificeerd

een workshop vernieuwd en zijn voor elk

terecht (gemiddeld 25 %).

met nanodeeltjes, waardoor ze hydrofieler

thema de belangrijkste kennisvragen voor de

worden, wat een twee tot drie keer hogere

komende jaren omschreven. Naast Bronnen,

flux en minder vervuiling kan opleveren.

Waterinfrastructuur, Waterzuivering en Water-

Het onderzoek naar early warning-systemen

kwaliteit wordt in 2010 in een thema-overstij-

heeft een prototype opgeleverd van een bacteriële biosensor voor detectie van atrazine. Met de Orbitrap massaspectrometer zijn de

Akoestische detectie kan waterleidingen

gende task force onderzocht wat de DPW-

rond gebouwen beschermen tegen

bedrijven willen met de Langetermijnvisie water-

(terroristische) inbreuken.

keten: Wat speelt er? Wat is van belang voor de

polaire probleemstoffen benzotriazolen en

DPW-bedrijven? Welke rol willen zij vervullen?  Door het aantal deeltjes in en de kwaliteit

benzothiazolen aangetoond in drinkwater.

van geproduceerd water aan te passen, zijn

DPW-onderzoek in 2009 richtte zich onder

Er is een fysische basis gelegd voor interpo-

sedimentvorming en bruin water in het

meer op:

latie van grondwaterstanden tussen waar-

leidingnet te voorkomen.

• de effecten van riet in infiltratiepanden;

nemingspunten. Het afnamevoorspellingsmodel SIMDEUM Uit modellen voor de chloridebelasting van

modelleert nu ook niet-huishoudelijk

de Rijn blijkt dat de zoutbelasting nog verder

waterverbruik effectief.

omlaag moet.

• de gevolgen van het advies van de Deltacommissie (eind 2008) op de zuivering, ecologie en hydrologie bij DPW-bedrijven; • een minimodel voor de successie van vegetatie bij veranderende standplaatsfactoren;

Casestudies hebben een stappenplan Eisen aan de laagste grondwaterstanden

opgeleverd voor het toepassen van GIS voor

kunnen alleen gebiedspecifiek worden

analyses van leidingnetten.

• betere leidingnetanalyses door koppeling van hydraulisch model SynerGEE met het SIMDEUMmodel voor waterafname;

geformuleerd. Zij zijn afhankelijk van gebiedspecifieke factoren als bodemtype,

Binnen het BTO is een Australisch model voor

geohydrologie en peilbeheer.

opwerveling van sediment in leidingnet geijkt,

• een deeltjesvanger waarin storende deeltjes in het leidingnet gecontroleerd zullen bezinken;

dit wordt gezamenlijk verder ontwikkeld.

• ontstaan en effecten van zwerfstromen in

gefluïdiseerd bed (FIX) voor oxidatie kan

Klanten van waterbedrijven willen vooral

en tramwegen of hoogspanningskabels;

bijdragen aan de biologische stabiliteit van

dienstverlening zonder zorgen en efficiënte

water door NOM of deeltjes te verwijderen,

communicatie.

metalen waterleidingen bij bijvoorbeeld spoor-

Voorbehandeling met ionenwisseling in een

in een pilot in Weesperkarspel (Waternet)

Waterbedrijven kunnen hun innovaties

daalde het NOM-gehalte met ongeveer

en nieuwe rollen het beste richten op

60 procent. De aanpak van hormonen en geneesmiddelen die de bronnen voor drinkwater

waterkwaliteit en milieu.

i Anne-Mathilde Hummelen, anne.hummelen@kwrwater.nl

bereiken moet bij voorkeur brongericht

biomonitoring te concentreren; • maatregelen tegen Aeromonas-groei van netten.

  Naast vier miniworkshops zijn in 2009 thematische DPW-workshops gehouden over Klimaat en Legionella. 

 

i Dieuwke Voorhoeve, dieuwke.voorhoeve@kwrwater.nl

zijn. Met STOWA en Rioned is daarvoor het nieuwe thematische BTO-project Dealing with pharmaceuticals in drinking water production gestart.

• een methode om watermonsters voor

 


27

Onderzoeksprogramma Industrie en Water (OPIW)

Asellus – afvalwater, riolering en de watercyclus

Funderend onderzoeksprogramma KWR

Via KWR Industrie & Water (KIW), dat deel

Asellus is een multi-client-onderzoekspro-

Een bijzondere plek wordt ingenomen door

uitmaakt van de kennisgroep Watertechno-

gramma, gericht op innovatie in de water-

een eigen onderzoeksprogramma van KWR.

logie, biedt KWR sinds 2004 gespecialiseerd

cyclus, waarbij de integrale aspecten centraal

Met instemming van de commissarissen en

advies en onderzoek voor industriële afnemers

staan. Het programma is genoemd naar de

de aandeelhouders van KWR wordt jaarlijks

in bijvoorbeeld de (petro)chemie, papier,

waterpissebed, een dier dat voorkomt in

een deel van het resultaat van KWR ingezet

voedingsmiddelen, zwembaden en textiel-

gezonde wateromgevingen en organisch

voor dit funderende onderzoeksprogramma,

industrie. KIW levert hen onder andere exper-

materiaal afbreekt. In 2009 hebben de

dat een belangrijke voedingsbodem biedt

tise over koelwater en ketelvoedingswater,

Asellus-partners Waternet en WML, een Raad

voor de toegepaste onderzoeksprogramma’s.

waterhergebruik, desinfectie, proceswater,

van Participanten ingesteld. Deze heeft het

In 2008 en 2009 bedroeg deze investering

Legionella en membraantechnologie. KIW doet

onderzoeksprogramma vastgesteld, met de

500.000 euro per jaar. Dit eigen, funderende

opdrachten voor individuele bedrijven en orga-

thema’s: ongewenste stoffen in de watercyclus,

programma omvat innovatieve onderzoeks-

niseert netwerkgroepen voor de chemische en

klimaat & energie en hergebruik van water en

projecten met een doorlooptijd van twee of vier

voedingsmiddelenindustrie en de zwembad-

aanwezige stoffen. Veel onderzoeksvragen zijn

jaar, waarvoor promovendi en gepromoveerde

sector. Sinds 2006 is een belangrijke activiteit

daarnaast terug te leiden naar dwarsverbanden

onderzoekers worden aangetrokken.

van KIW het Onderzoeksprogramma Industrie en

als water in de stad of water voor de landbouw.

In 2009 zijn door de KWR-onderzoekers voor

Water (OPIW). In OPIW financieren circa

Belangrijk aspect van Asellus is dat de verschil-

dit programma 34 onderzoeksvoorstellen

35 bedrijven gezamenlijk onderzoeksprojecten,

lende onderdelen van de watercyclus niet alleen

ingediend; zeven van deze voorstellen zijn

soms ook met overheidssubsidies. Samen

inhoudelijk bij elkaar worden gebracht. Dit

gehonoreerd en van start gegaan.

realiseren zij zo een belangrijk kennisplatform.

gebeurt ook via regionale of lokale samenwerking tussen de partners: binnen Waternet,

Binnen de kennisgroep Watertechnologie

Enkele resultaten van het OPIW-programma

het watercyclusbedrijf voor Amsterdam en

worden uitgevoerd:

in 2009:

omgeving, door samenwerking tussen Brabant

• energiezuinige productie van hoogkwalitatief

• binnen OPIW 15 is een nieuwe screeningstechniek

Water en Waterschap De Dommel en door

voor Legionella pneumophila op basis van Q-PCR

partner WML, die samenwerkt met Water-

technologie toepasbaar gemaakt voor de praktijk

schapsbedrijf Limburg. Zo draagt Asellus bij aan

van koelwater en proceswater;

de realisatie van het Bestuursakkoord Water-

organische microverontreinigingen met nano-

keten. Binnen KWR verzorgt vooral het team

filtratie/reverse osmosis-membranen.

• van OPIW 12 – Handboek Koelwater is een update gemaakt;

water met forward osmosis uit diverse (afval) waterstromen; • invloed van biofouling op de verwijdering van

Afvalwater en Hergebruik de uitvoering van Asellus-projecten, in nauwe samenwerking met

De kennisgroepen Waterkwaliteit en Gezondheid

start gegaan: OPIW 45 - TOC verwijdering uit

de partners.

en Watertechnologie werken samen aan het

procescondensaat; OPIW 48 - Alternatieve

i Jan Hofman,

project:

• in 2009 zijn drie nieuwe OPIW-projecten van

conditioneringsmethoden voor koelwater, OPIW 50 - Nieuwe technologische ontwikkelingen

jan.hofman@kwrwater.nl

• nieuwe adsorbentia voor monitoring en verwijdering van polaire stoffen.

industriewater; • in 2009 werden in het kader van OPIW onder

Bij de kennisgroep Waterkwaliteit en Gezondheid

meer cursussen verzorgd op het gebied van koel-

wordt onderzoek gedaan naar:

water, hoge druk stoombereiding en demiwater.

• vertaling van in vitro toxiciteitdata naar

i Danny Traksel, danny.traksel@kwrwater.nl

gezondheidsrisico’s voor de mens; • gezondheidseffecten van nieuwe stedelijke waterconcepten. De kennisgroep Watersystemen doet funderend onderzoek naar: • een klimaat- en weersbestendige verdampings- module voor hydrologische modellen; • karteren van bodem en vegetatie met remote sensing.

i Gertjan Medema, gertjan.medema@kwrwater.nl.


28 Onderzoeksprogramma:

KWR 2009

BTO

Extreme omstandigheden, extreme micro-organismen “Bacteriën zijn overal en het milieu selecteert:

zoekt, kijk dan eens naar drinkwaterleidingen. Daarin

de bacteriën die het best zijn aangepast aan hun

stroomt heel schoon water, vrijwel zonder voedings-

omgeving kunnen zich nu eenmaal het uitbundigst

stoffen. En toch zijn er bacteriën die daarin kunnen

voortplanten. Ook onder extreme condities.” Paul

leven. Die zijn niet kieskeurig en kunnen heel lage

van der Wielen spreekt uit ervaring. Voor hij bij KWR

concentraties voedingsstoffen efficiënt gebruiken. Als

begon als senior microbiologisch onderzoeker, deed hij

ze de kans krijgen, groeien zulke micro-organismen

onderzoek naar bacteriën die uitstekend overleven in

ook in het leidingnet.”

extreme omstandigheden, zoals in diepzeezoutmeren of in het maagdarmstelsel van kuikens. Onder zulke

Biologisch stabiel water

extreme condities ontwikkelen zich micro-organismen

Om die bacteriegroei te voorkomen, zoeken Paul

met bijzondere eigenschappen. Vindt hij zijn huidige

en zijn collega’s uit hoe je leidingwater biologisch

onderzoekswerk bij KWR dan niet tam? Bacteriën in

stabieler maakt, zodat er minder bacteriën in kunnen

‘gewoon’ water? “Helemaal niet! Het geeft me veel

groeien. Bijvoorbeeld door de hoeveelheid potentiële

voldoening dat mijn wetenschappelijk werk hier wordt

voedingsstoffen nog verder te verlagen. Daarvoor

toegepast bij de drinkwaterbereiding of afvalwater-

doen ze onder meer metingen met een biofilm-

zuivering. Bovendien heb ik nog steeds te maken met

monitor. Daarin stroomt het te onderzoeken water

extreme micro-organismen. Bacteriën die afvalstoffen

langs een oppervlak waarop micro-organismen kunnen

afbreken zijn al bijzonder, maar als je extreme condities

groeien, net zoals in leidingnetten gebeurt. “Nu duurt het vaak vijf maanden voor we een duidelijk beeld hebben van de groei van bacteriën op het oppervlak dat willen we sneller weten. Daarom werken we aan een biofilmmonitor die beter contact maakt met het water en sneller groei laat zien. Maar ook aan betere meetmethodes voor afbreekbare voedingsstoffen, zoals ‘assimileerbaar organisch koolstof ’ of AOC.”

Monitoren Hoe erg is het eigenlijk dat er soms minieme hoeveelheden bacteriën in leidingwater groeien? “Vaak is dat onschadelijk, maar soms niet. De Legionella pneumophila-bacterie kan geen kwaad als je hem opdrinkt. Maar als je hem onder de douche inademt, kun je veteranenziekte krijgen: longontsteking met gevaarlijke complicaties. We moeten daarom altijd waakzaam blijven tegen wat er in water kán groeien. Wanneer bijvoorbeeld door klimaatverandering vaker hogere temperaturen in het leidingnet gaan

“We moeten altijd waakzaam blijven voor wat er in water kán groeien.” Paul van der Wielen:

voorkomen, zullen potentiële ziekteverwekkers die bij hogere temperaturen goed groeien zich gaan vermeerderen. Daarom gaan we tijdens de zomer van 2010 monitoren of deze ziekteverwekkers aanwezig zijn in het gedistribueerde drinkwater.”


29 Onderzoeksprogramma:

BTO

Ondergrondse kwaliteitsbewaking

“De afgelopen tien jaar zijn leidingnetten zo ontworpen dat verblijftijden korter worden.”

Nellie Slaats:

Nellie Slaats is bij KWR specialist in leiding-

Maar wat gebeurt er tijdens langdurig hete zomers?

materialen. Ze heeft zeventien jaar ervaring met het

Drinkwater dat is gemaakt uit oppervlaktewater

effect van water op leidingmaterialen en andersom.

heeft dan al voor de zuivering een hogere tempera-

Naast onderzoeker is ze teamleider Waterinfrastruc-

tuur en ook de bodem warmt op. “Bij langdurig

tuur, projectmanager binnen Waterinfrastructuur

zomerweer kunnen er in het leidingnet ‘hot spots’

en programmacoördinator van de BTO-programma’s

ontstaan, waar de temperatuur van de bodem boven

Waterdistributie en Cliënt 21, die worden uitgevoerd

25°C kan komen. Die ‘hot spots’ liggen vooral onder

voor de drinkwaterbedrijven. Met collega’s van KWR

asfalt en in zandgronden. Als het water dan ook

en de Universiteit van Amsterdam is ze betrokken

nog langer stil blijft staan op een warme plek in de

bij het onderzoek naar de opwarming van de bodem

leiding, kan de watertemperatuur oplopen tot boven

en de gevolgen daarvan voor de temperatuur in het

de afgesproken grens van 25°C. De afgelopen tien jaar

drinkwaterdistributienet. De temperatuur in dat net

zijn leidingnetten zo ontworpen dat weinig lange

wordt niet gereguleerd: drinkwater wordt gewonnen

verblijftijden optreden, maar in oudere netten kan

uit oppervlaktewater en grondwater met zuiverings-

dat wel voorkomen. Daarom onderzoeken de micro-

technieken die niets aan de begintemperatuur van het

biologen nu wat het effect is van hogere omgevings-

water veranderen. Het komt daardoor meestal met een

temperatuur op de temperatuur en de kwaliteit van

temperatuur beneden 15°C in de leidingen terecht.

drinkwater.”


30 Onderzoeksprogramma:

KWR 2009

BTO & funderend

Emerging substances - op de uitkijk voor nieuwe stoffen of effecten Emerging substances of ‘nieuwe stoffen’ zijn stoffen die nog niet eerder in water zijn aangetroffen. Sommige omdat ze echt nieuw zijn in het aquatisch milieu, andere omdat ze nu pas met nieuwe of verbeterde meetmethoden worden gemeten, maar al eerder voorkwamen. En soms gaat het om nieuwe kennis over de effecten van al bekende stoffen op de gezondheid. De onderzoekers van KWR zijn erop gebrand om zulke stoffen of effecten vroeg te ontdekken. Zo kunnen ze onderzoeken of ze een probleem kunnen vormen en of maatregelen noodzakelijk zijn. Indicatieve normen

kelen en uitvoeren om de concentraties van die

In 2009 werkte toxicoloog Merijn Schriks voor het

specifieke stoffen te meten. Samen met het RIVM en

BTO aan een onderzoek naar vijftig nieuwe stoffen

het Trimbosinstituut doen we nu bijvoorbeeld onder-

in oppervlakte-, grond- en drinkwater, waaronder

zoek naar restanten van drugs in grond- en opper-

geneesmiddelen, benzineadditieven, gewasbestrij-

vlaktewatermonsters uit Nederland. Onderzoekers

dingsmiddelen en röntgencontrastmiddelen. Voor tien

in Antwerpen en het Spaanse Castillon ontwikkelen

van die stoffen waren er drinkwaternormen van onder

tegelijkertijd hun eigen methoden daarvoor en doen

andere de World Health Organisation, voor de andere

daarmee metingen aan dezelfde watermonsters. Zo

veertig niet. Voor deze stoffen heeft hij veilige grens-

krijgen we diverse, onafhankelijke methoden om de

waarden afgeleid uit toxicologische literatuurgege-

aanwezigheid van drugs aan te tonen. In Nederland

vens. “De meeste stoffen bleken in zulke lage concen-

gebruiken we daarvoor onder andere onze accurate

traties in water voor te komen, dat daarvan geen

massabepaling met de Orbitrap massaspectrometer.”

gezondheidseffect te verwachten is. Hun concentraties blijven ruim onder de veilige grenswaarden,

... of juist naar een effect

die eveneens met een flinke veiligheidsmarge zijn

Merijn: “De tweede weg is om niet naar specifieke

bepaald. Voor enkele stoffen zijn de indicatieve

stoffen te zoeken, maar naar effecten. We hebben

normen vrij laag, hun concentratie in water moet

daarvoor steeds meer effectgerichte testen of bioas-

daarom goed in de gaten worden gehouden of gemo-

says tot onze beschikking en maken er steeds meer

nitord. Dat zijn bijvoorbeeld benzeen, 1,4-dioxaan,

bruikbaar voor toepassing op watermonsters. Met

NDMA, carbamazepine en twee perfluorverbindingen.

commerciële bioassays kunnen we bijvoorbeeld

Op deze manier weten we aan welke stoffen de water-

diverse soorten hormonale activiteit opsporen:

bedrijven prioriteit moeten geven.

oestrogeen, androgeen, progesteron, schildklier- en bijnierschorshormoon. Andere biologische effecten

Op zoek naar een specifieke stof…

die we onderzoeken of willen onderzoeken zijn de

Pim de Voogt, principal scientist chemische water-

mutageniteit en teratogeniteit – ontstaan er dna-

kwaliteit bij KWR en hoogleraar Milieuchemie aan de

veranderingen of misvormingen van een foetus – en

Universiteit van Amsterdam: “Voor dat monitoren kun

effecten op het immuunsysteem, de neurologie of

je twee wegen bewandelen. Als je weet welke stoffen

enzymsystemen. We willen graag een goed panel

je zoekt, kun je chemische analysemethoden ontwik-

van bioassays hebben om effecten op de menselijke


31

gezondheid te kunnen inschatten. Met zulke tests kun je bovendien meten wat het effect is van mengsels van dergelijke stoffen. Het effect van een mengsel van stoffen zou wel eens anders kunnen zijn dan simpelweg een optelsom van individuele effecten.” Pim: “Bovendien kunnen we, als we een effect vinden, met geavanceerde methoden als de Orbitrap de identiteit ophelderen van de stof die dat effect veroorzaakt.”

Begrijpen van stofgedrag Bij zijn werk aan de UvA concentreert Pim zich sterk op begrijpen waarom stoffen zich op een bepaalde manier gedragen in water, sediment, bodem en organismen. Bij KWR houden onderzoekers zich ook bezig met het gedrag van stoffen in de bronnen voor drinkwater, bij de zuivering, in het lichaam en de betekenis voor de gezondheid. “Omdat het meestal om heel lage concentraties van stoffen in water gaat, denken mensen vaak

“Veel voedsel, zoals groente

dat de effecten van wateropname te verwaarlozen zijn.

Pim de Voogt (r):

Maar vergis je niet: een mens consumeert circa twee

of graan, heeft heel wat liters water ge-

liter water per dag, dat is in massa het grootste deel

bruikt voordat het bij ons op tafel staat.”

van ons dagelijkse dieet. En veel voedsel, zoals groente of graan, heeft heel wat liters water gebruikt voordat het bij ons op tafel staat. Bij elkaar opgeteld kunnen die lage concentraties dus wel degelijk een effect hebben.”

Merijn Schriks (l):

“Het principe is natuurlijk:

niet-natuurlijke stoffen horen niet thuis in het water.”

Verantwoordelijkheid nemen Merijn kijkt vooral naar de toxicologische kant van de kwestie: hoeveel effect is te veel effect – hoe laag moeten concentraties blijven? Merijn: “Het principe is natuurlijk: niet-natuurlijke stoffen horen niet thuis

De graal

in het water en in de natuur en mogen ook niet in

Eigenlijk zijn beide onderzoekers op zoek naar een

drinkwater terechtkomen. Maar doordat mensen

soort heilige graal van de waterkwaliteit. Merijn:

werken en consumeren, komen stoffen toch in het

“Het liefst willen we een panel van bioassays hebben

waterrecht. De recente REACH-wetgeving in Europa

dat in één oogopslag laat zien op welke fysiologische

haalt de zeer persistente stoffen die zich stapelen in

eindpunten een watermonster effect heeft – en ook

het milieu eruit. Dit prikkelt tot introductie van beter

wat dat betekent voor de humane gezondheid. Het

wateroplosbare stoffen, die vaak lastig zijn te verwij-

zal nog wel een hele tijd duren voor een dergelijk

deren met waterbehandeling. We moeten er vanuit

panel beschikbaar is. Samen met zeven internatio-

gaan dat in grond- en oppervlaktewater vreemde,

nale partners uit de Global Water Research Coalition

nieuwe stoffen blijven opduiken. Onderzoek naar

werken we al aan het valideren van een panel van

emerging substances blijft dus hard nodig.”

hormoonassays.”


32 Onderzoeksprogramma:

KWR 2009

BTO

Verwijdering ziekteverwekkers onder de loep Ziekteverwekkende micro-organismen komen in bronnen voor drinkwaterproductie voor. Wim Hijnen heeft onderzocht op welke manier je kunt aantonen hoe goed de verschillende zuiveringsstappen deze ziekteverwekkers verwijderen. In 2009 is hij op dit onderzoek gepromoveerd. “Bij de afdeling Microbiologie werk ik al geruime tijd aan de microbiologische veiligheid van drinkwater”, vertelt Hijnen. “Een belangrijke vraag die ik daarbij probeer te beantwoorden is hoe we kunnen kwantificeren of drinkwater veilig is. In 2004 heb ik met mijn leidinggevende besloten om op dit onderwerp te promoveren.” Boeiend onderwerp

uitgegaan van twee indicatoren, E. coli en sporen van

“Natuurlijk wist ik dat promoveren naast mijn werk

sulfietreducerende Clostridia. Deze twee indicatoren

veel energie en privétijd zou vragen. Toch heb ik voor

komen in een aanzienlijk hogere concentratie voor

dit traject gekozen. Onder andere omdat ik veilig

dan de ‘bijbehorende’ ziekteverwekkers.”

drinkwater een belangrijk maatschappelijk thema vind waaraan ik graag een bijdrage lever. Daarnaast doe ik

Verwijderingsrendement

graag experimenteel onderzoek, zeker als de uitkom-

“Het idee bij het gebruik van indicatoren is dat als

sten daarvan toepasbaar zijn in de praktijk. Verder vind

je meet welk percentage ervan door de zuivering uit

ik het gedrag van micro-organismen in verschillende

het ruwe water wordt verwijderd, je dit verwijde-

zuiveringsprocessen een boeiend onderwerp, omdat er

ringspercentage kunt vertalen naar de verwijdering

verschillende natuurwetenschappelijke kennisvelden

van de ziekteverwekkers. De gevoeligheid van E.

bij komen kijken. En als dit dan wetenschappelijk

coli bacteriën en Clostridia sporen voor desinfectie

wordt gewaardeerd, is dat heel bevredigend.”

is niet hetzelfde, waardoor deze indicatoren ons wat vertellen over de verwijdering van verschillende

Indicatoren

soorten ziekteverwekkers. Ik heb eerst gekeken of

“Bij mijn onderzoek staat het gebruik van zogeheten

ik de verwijderingsrendementen met historische

fecale indicatoren centraal. In de praktijk is het niet

gegevens van drinkwaterbedrijven kon vaststellen.

mogelijk om alle ziekteverwekkende micro-orga-

Dat lukte voor de eerste zuiveringsstappen, maar niet

nismen in drinkwater aan te tonen. Niet alleen omdat

voor de stappen verderop in de keten. Na een aantal

er veel verschillende ziekteverwekkers zijn, maar ook

zuiveringsstappen is de hoeveelheid indicatorbacte-

omdat de veiligheidsnormen streng zijn. Ze staan

riën namelijk aanzienlijk kleiner, waardoor je ze met

bijvoorbeeld maar één virus toe in een hoeveelheid

de bestaande analysemethoden niet kunt aantonen.”

drinkwater waarmee je een zwembad zou kunnen vullen. Om dit soort praktische redenen werken we

Duizend liter

met indicatoren, specifieke onschadelijke micro-orga-

“Om de gevoeligheid te vergroten heb ik de bestaande

nismen waarmee je de aanwezigheid van ziektever-

methoden aangepast. Daarbij heb ik zoveel mogelijk

wekkers kunt aantonen. Voor mijn onderzoek ben ik

vastgehouden aan de bestaande praktijk. Bij deze


33

nieuwe methode onderzoek je een watermonster van

Uitkomsten toegepast

honderd tot duizend liter in plaats van het gangbare

“De proeven hebben niet alleen geleid tot betrouw-

volume van honderd milliliter. Door deze aanpassing

bare vertaalsleutels van de indicatoren naar de ziek-

kun je de aanwezigheid van de indicatoren ook in

teverwekkers. Ze laten ook zien dat je de uitkomsten

de laatste fase van de zuivering aantonen. Daarmee

van een doseerproef alleen kunt vertalen naar een

ben je er nog niet. Je moet ook nog weten in hoeverre

praktijkproces als de omstandigheden daarvan zo veel

je het verwijderingspercentage kunt vertalen naar

mogelijk overeenkomen met die van de proef. Waar

de verwijdering van de ziekteverwekkers. Om dat te

ik heel blij mee ben, is dat de drinkwaterbedrijven de

bepalen heb ik, samen met onderzoekers van water-

uitkomsten van mijn onderzoek inmiddels gebruiken

bedrijven en RIVM, doseerproeven gedaan met zowel

bij het toetsen van de microbiologische veiligheid van

de indicatoren als de ziekteverwekkers. Daarbij heb ik

hun drinkwater. Daar doe je het ten slotte voor.”

gekeken naar processen als desinfectie met ozon en UV, langzame zandfiltratie en bodempassage.”

“Ik onderzoek watermonsters van honderd tot duizend liter in plaats van het gangbare volume van honderd milliliter”. Wim Hijnen:


34 Onderzoeksprogramma:

KWR 2009

OPIW

Veilig zwembadwater zonder vervelende bijwerkingen Bij de desinfectie van zwembadwater met chloor kunnen stoffen ontstaan die gezondheidsklachten veroorzaken bij personeel en bezoekers van zwembaden. Andere desinfectiemethoden zijn daarom gewenst. KWR heeft een onderzoeksplan ontwikkeld voor praktijkonderzoek naar kansrijke alternatieven. Zwemmen doen ze geen van beiden veel en

Randvoorwaarden beheersen

al helemaal niet in een zwembad. Toch houden ze

“Uitgangspunten zijn dat het onderzoek plaatsvindt

zich intensief bezig met zwembaden. Frank Oester-

in één zwembad en dat de technieken na elkaar

holt als onderzoeker bij KWR en Wilfred Reinhold

worden getest. Op die manier zijn de randvoor-

als opdrachtgever bij het ministerie van VROM. “De

waarden het beste te beheersen. We stellen voor om

laatste jaren klagen personeel en bezoekers van

eerst te kijken bij welke vorm van chloordosering de

zwembaden geregeld over huid- en slijmvliesirrita-

minste ongewenste bijproducten ontstaan. Vervol-

ties”, vertelt Reinhold. “Welke stoffen precies deze

gens kan deze chloordosering worden gecombineerd

klachten veroorzaken is onbekend, maar duidelijk

met de aanvullende desinfectietechnieken om de

is dat het gaat om chemische verbindingen die

werking van elke combinatie te bepalen.”

ontstaan door een reactie tussen chloor en stoffen in het water afkomstig van mensen - denk aan urine,

Slimste manier

zonnebrandcrème en make-up - of van speelattri-

Beiden hopen dat het onderzoek snel kan beginnen.

buten. Daarom hebben we KWR in 2006 gevraagd

Volgens Reinhold is het echter nog niet zover: “We

onderzoek te doen naar alternatieve desinfectieme-

moeten eerst nog een paar vragen beantwoorden.

thoden, waarbij die chemische verbindingen niet of

Hoe kunnen we bijvoorbeeld de ongewenste bijpro-

veel beperkter ontstaan.”

ducten het beste meten en wat is de slimste manier om het aantal mensen in het bad te registreren?

Kansrijke technieken

Verder moeten we de financiering van het onderzoek

Oesterholt: “We hebben vijf technieken gevonden

- het gaat om ruim twee miljoen euro - nog regelen.

die een goede kans bieden op verbetering. Bij deze

Gezien de voorgenomen bezuinigingen zal het minis-

technieken combineer je een klein beetje chloor met

terie dat bedrag niet kunnen opbrengen. Daarom

andere desinfectietechnieken. Zonder chloor is het

kijken we nu naar subsidiemogelijkheden.”

namelijk erg lastig het huidige niveau van veiligheid van zwembadwater te blijven garanderen. Voor praktijkonderzoek met deze techniek hebben we in 2009 samen met vijf andere partijen een plan ontwikkeld.”


35

Vijf kansrijke technieken • Chloorbleekloog en UV met middendruklampen • Chloorbleekloog en UV met lagedruklampen • Zoutelektrolyse • Chloorbleekloog met ozon • Chloorbleekloog met poederkool

Frank Oesterholt (r) en Wilfred Reinhold (l):

“Wij hebben vijf technieken gevonden die een goede kans bieden op vermindering van huid- en slijmvliesirritaties.”


36 Onderzoeksprogramma:

KWR 2009

Asellus

Van afvalwater naar energie, grondstoffen en schoon water Tijdens zijn opleiding tot medisch microbioloog zag Kees Roest bacteriën en andere microorganismen vooral als gezondheidsrisico’s. Nu richt hij zich juist op samenwerking met micro-organismen, specifiek de micro-organismen die ‘vuiligheid’ uit rioolwater halen. Hij wil rioolwaterzuivering duurzamer maken door tegelijkertijd voedingsstoffen, water en energie terug te winnen. De huidige rioolwaterzuiveringen leveren geen nieuwe grondstoffen op en kósten juist energie.

Bioreactoren

riool, dat kan corrosieproblemen veroorzaken. Maar

Kees heeft in 2009 een nieuw afvalwaterlaborato-

met een slimme aanpak laten we micro-organismen

rium ingericht, met vier state of the art bioreactoren,

dit sulfaat pas bij de zuivering omzetten in water-

gekoppeld aan een geavanceerd computersysteem.

stofdisulfide. Daarbij wordt meteen organische

“In deze reactoren bestuderen we de huidige

stof verwijderd. Andere micro-organismen kunnen

processen in de afvalwaterzuivering en processen die

dat waterstofdisulfide vervolgens gebruiken bij de

de zuivering duurzamer of energiezuiniger kunnen

omzetting van nitraat in stikstof. Uiteindelijk hoef

maken. In hoeveelheden van twee tot zeven liter

je op deze manier minder te beluchten en bespaar je

bootsen we na wat in de praktijk in afvalwaterzuive-

energie.”

ringen van tientallen kuubs gebeurt. Daarbij kunnen we alle procesomstandigheden meten en bijstellen,

Robuust en simpel

van de temperatuur tot het gehalte aan voedings-

Kees hoort bij het team Afvalwater en hergebruik, dat

stoffen en zouten, de zuurgraad of gasontwikkeling

onder meer het onderzoeksprogramma Asellus uitvoert

- ook op afstand. ’s Avonds kan ik thuis via mijn laptop

(pag. 27). Binnen Asellus wordt onder meer onderzocht

nog snel controleren hoe de reactoren draaien.”

hoe je zoveel mogelijk organische stof uit afvalwater haalt. Deze organische stof kan worden vergist tot

Zeewater door de WC

biogas. Ook forward osmosis wordt onderzocht: door

Binnen het funderend onderzoek van KWR (p. 27)

afvalwater via een speciaal membraan in contact te

worden de reactoren bijvoorbeeld gebruikt om te

brengen met een schone zoutoplossing, wordt het

onderzoeken wat er gebeurt als je zeewater gebruikt

water uit het afval naar het zout ‘getrokken’. Zo raakt

voor toiletspoeling in plaats van drinkwater.

het vervuilingen kwijt en is het na ontzouting opnieuw

“Het toilet spoelen met zeewater is duurzaam:

te gebruiken. Tegelijkertijd wordt het afvalwater verder

je hoeft bijna de helft minder drinkwater te maken

geconcentreerd: daardoor kun je de organische stof

omdat je het niet meer door de WC spoelt. Geweldig,

beter benutten en nutriënten gemakkelijker terug-

want veel kust- en deltalocaties wereldwijd hebben

winnen.

te weinig geschikt water voor drinkwaterproductie.

Werken met participanten uit de praktijk is verfris-

Met zeewater komt wel meer zout en sulfaat in het

send, vindt Kees. “Praktijkmensen gaan voor robuust


37

Kees Roest:

“Praktijkmensen gaan voor robuust en simpel.”

en simpel, geen onnodige stappen of reactoren. Bovendien brengen we in Asellus de regionale partners in de watercyclus vaak letterlijk bij elkaar, zodat ze samen meer efficiëntie kunnen bereiken. Dat stimuleert.”

Energie “Efficiënter is ook een techniek als vergisting onder hoge druk. Daarbij blijft het ontstane gas in de reactor tot druk van wel 90 bar ontstaan. Het gas én de opgebouwde druk kunnen worden gebruikt om energie op te wekken.” Afvalwater? Kees Roest maakt én krijgt er energie van!”


38 Onderzoeksprogramma:

KWR 2009

OPW & BTO

Goede NOM-verwijdering met innovatieve ionenwisselaar Veel drinkwaterbedrijven kampen met een hoge concentratie aan natuurlijk organisch materiaal (NOM) in hun ruwe water. Dat heeft onder meer negatieve gevolgen voor de verschillende zuiveringsstappen. KWR doet samen met Waternet en de TU Delft onderzoek naar NOM-verwijdering en ontwikkelde een nieuwe ionenwisselaar. Emile Cornelissen van KWR en Marco Dignum van Waternet vertellen over het onderzoek. “Hoge gehaltes aan NOM in de grondstof voor

kunnen we opvangen door een hogere ozondosering,

drinkwater vormen geen levensgroot probleem”, zegt

maar daarmee zijn we er nog niet. De bijproducten

Cornelissen. “NOM in drinkwater leidt bijvoorbeeld

die ontstaan bij de NOM-afbraak - zogeheten assi-

niet tot gezondheidsproblemen. Toch is het gewenst

mileerbare organische koolstoffen - kunnen namelijk

om de gehaltes tijdens het zuiveringsproces terug

leiden tot nagroei van bacteriën. Deze afbraakpro-

te dringen. In de eerste plaats om geur- en kleur-

ducten moeten we dus uit het water verwijderen. In

problemen te voorkomen. Daarnaast maken hoge

een van de latere zuiveringsstappen met actieve kool

NOM-concentraties diverse zuiveringsstappen, zoals

gebeurt dat weliswaar, maar net als bij de ozonisatie

ozonisatie en zuivering met actieve kool, ingewikkeld

gaat de verwijdering van NOM daar ten koste van

en duur.”

het eigenlijke doel van deze zuiveringsstap. NOM neemt de adsorptieplekken in die we eigenlijk willen

Kwelwater

benutten voor de verwijdering van microverontreini-

Dignum vult aan: “Het NOM-gehalte in water wordt

gingen.”

vooral bepaald door de bron. Dat kunnen wij goed zien in onze twee drinkwaterzuiveringen. In de zuive-

Gefluïdiseerd bed

ring Leiduin gebruiken we water uit de Amsterdamse

Cornelissen: “Gezien deze negatieve effecten van

Waterleidingduinen als grondstof. Het betreft water

NOM op het zuiveringsproces zijn we gaan kijken of

uit de Rijn dat we in de duinen infiltreren. De NOM-

we het organische materiaal in een vroeg stadium uit

gehaltes in dit water zijn laag. Dat is anders bij het

het water kunnen halen. Al zoekende leek verwij-

ruwe water waarvan we uitgaan bij onze zuivering

dering met een ionenwisselaar met een zogeheten

in Weesperkarspel. Hier gebruiken we kwelwater uit

gefluïdiseerd bed het meest kansrijk. Hierbij verwij-

de Utrechtse Heuvelrug dat in de Bethunepolder ten

deren positief geladen kunstharskorrels - die door de

noorden van Utrecht naar boven komt. Doordat dit

geïnjecteerde waterstroom voortdurend in beweging

water een veenpakket passeert, is het rijk aan NOM.”

zijn - het negatief geladen NOM. Om een geschikt ionenwisselaarshars te vinden voor het reinigen van

Nagroei bacteriën

het ruwe water van Waternet zijn we in het labora-

“Voor het onderzoek hebben we eerst gekeken hoe de

torium begonnen met bekerglasproeven. Vervolgens

NOM-verwijdering is in onze bestaande zuivering in

hebben we gekeken of de meest kansrijke harsen ook

Weesperkarspel. Bij de ozonisatie breekt een aanzien-

goed werkten in een gefluïdiseerd bed. Daarna zijn

lijk deel van het NOM af. Daardoor is er minder

we met experimenten gestart in een grote proefin-

ozon beschikbaar voor de desinfectie. Dat probleem

stallatie in Weesperkarspel, waarbij we als eerste


39

hebben onderzocht hoeveel NOM we met de ionen-

gedaan waarbij we achter de ionenwisselaar alle

wisselaar kunnen verwijderen.”

nageschakelde zuiveringsstappen hebben gezet. Ook met deze proeven behaalden we goede resultaten.

Optimale afstemming

Bovendien hebben ze veel kennis opgeleverd over de

“De resultaten van die experimenten zijn goed”,

optimale afstemming tussen de ionenwisselaar en de

vertelt Dignum. “Zo daalde het NOM-gehalte met

ozonisatiestap. We zijn er dan ook van overtuigd dat

ongeveer vijftig procent, wat betekent dat we

NOM-verwijdering met de ionenwisselaar voor ons

uitkomen op de kwaliteit van het water in Leiduin.

en veel andere waterbedrijven technisch aantrekke-

Om te zien hoe de ionenwisselaar past binnen ons

lijk is. De komende tijd gaan we onderzoeken of het

hele zuiveringsproces hebben we vervolgens proeven

ook financieel haalbaar is.”

“Het NOM-gehalte daalde met ongeveer 50%.” Marco Dignum (r):

“In de proefinstallatie in Weesperkarspel hebben we onderzocht hoeveel NOM we met ionenwisselaars kunnen verwijderen.”

Emile Cornelissen (l):


40 Onderzoeksprogramma:

KWR 2009

BTO

Gezond water is goed nieuws Gezondheid en water, daar draait het om voor Cindy de Jongh. Na haar studie Voeding en gezondheid werkte ze aan het voorspellen van contacteczeem en daarna aan acute vergiftigingen. Slecht nieuws dus. Bij KWR onderzoekt ze de chemische kwaliteit van vooral drinkwater. “Het leuke daaraan is, dat ik nu veel goed nieuws kan vertellen. Nederlands drinkwater heeft een hoge kwaliteit, zonder toegevoegde chemische desinfectiemiddelen. En KWR staat vooraan als het erom gaat kennis te ontwikkelen die helpt die kwaliteit te bewaken en te behouden – ook in de toekomst.”

“Twee liter water per dag leveren evenveel magnesium als eens per week broccoli eten.” Cindy de Jongh:

De Jongh heeft in 2009 meegewerkt aan een uitgebreide cohortstudie met de Universiteit Maastricht, naar het verband tussen drinkwaterhardheid en sterfte aan hart- en vaatziekten. “Voor de populatie als geheel blijkt geen verband te bestaan tussen calcium en magnesium in het drinkwater en de sterfte aan hart- en vaatziekten. Maar bij een subgroep mannen vonden we wel een relatie: mannen die via hun voeding weinig magnesium binnenkrijgen, hebben een kleinere kans om te sterven aan hart- en vaatziekten als hun drinkwater meer dan 4 mg/liter magnesium bevat. Drinkwater levert namelijk ook een kleine bijdrage aan de dagelijkse hoeveelheid magnesium die een mens nodig heeft om gezond te blijven. De twee liter water die je gemiddeld per dag gebruikt, leveren bij die concentratie evenveel als een beker melk - of eens per week broccoli eten.” Met deze cohortstudie is meer duidelijkheid gekomen in de jarenlange discussie over de effecten van de hardheid van drinkwater op het voorkomen van harten vaatziekten.


41 Onderzoeksprogramma:

BTO & funderend

GIS brengt water en ondergrond scherper in beeld Stel, het is 2030. Als het (elektrische) autootje van het waterbedrijf de straat in rijdt, ziet de monteur op zijn navigatiesysteem niet alleen in welke straat hij is, maar ook welke leidingen en kabels er onder de grond liggen, waar de afsluiters zitten en waar hij precies een onderdeel moet vervangen. Bij het uitstappen zet hij zijn augmented reality bril op: daarmee ziet hij de gegevens uit zijn navigatiesysteem op hun echte locatie geprojecteerd. Na de reparatie geeft hij door wat hij gedaan heeft via zijn navigatiesysteem: de volgende keer dat een monteur van het waterbedrijf, het glasvezelnet of de riolering de straat in rijdt, kan die precies zien welke werkzaamheden onze monteur vandaag heeft uitgevoerd en wat voor bijzonderheden hij heeft aangetroffen.

“GIS is een krachtig hulpmiddel om ruimtelijke gegevens inzichtelijk en breed inzetbaar te maken.” Bernard Raterman:

Zover is het nog niet, maar de ontwikkelingen gaan snel. Als het aan geoloog en GIS-specialist Bernard Raterman ligt, komen er ook binnen de watersector steeds meer efficiënte toepassingsmogelijkheden van geo-informatiesystemen of GIS. “Bij GIS gaat het er vooral om locatiespecifieke gegevens slim te combineren. Wanneer de beschikbare gegevens over de plek van leidingen onder de grond, de soort bodem, bebouwing en de waterhuishouding voor een heel gebied aan elkaar gekoppeld zijn, kun je daaruit veel meer halen dan uit de losse databestanden alleen. Alsof je op een hele stapel kaarten tegelijk kijkt.” De truc is echter te zorgen dat die verschillende gegevensbestanden ook effectief aan elkaar te koppelen

computer met een groot touch screen. In de verticale

zijn. “Daarvoor moet je je systemen slim kiezen en op

stand is het een beeldscherm, in de horizontale stand

elkaar afstemmen – en dus de ontwikkelingen in GIS

een tafel waar je met een groep mensen omheen kunt

goed bijhouden. Dat is een deel van mijn werk.”

staan om elkaars informatie te delen en consequenties van ingrepen te bekijken. Ook kun je informatie

Rond de tafel

combineren met GIS-informatie op internet, zoals

Daarnaast brengt Bernard vertegen-

Google Maps of geodata-services. Bij KWR gebruiken

woordigers van de watersector en onderzoekers

we hem nu vaak om GIS-gegevens te combineren met

bij elkaar om informatie te delen en ze te laten

de modellen die we hier ontwikkelen, bijvoorbeeld

ontdekken hoe ze meer halen uit GIS-gegevens. Zo

voor de effecten van maatregelen in de waterhuishou-

verbindt hij niet alleen databestanden met elkaar,

ding op de  natuur in een gebied. GIS is een krachtig

maar ook mensen en sectoren. Hij gebruikt daarbij

hulpmiddel om cijfermatige informatie meer inzich-

onder meer de GIS-tafel. “Dat is een krachtige

telijk en breed inzetbaar te maken.”


42

KWR 2009

Europa Spanje Noorwegen Duitsland


43

Nederland Portugal


44

KWR 2009

Nationale en internationale partners KWR werkt samen met opdrachtgevers, samenwerkingsverbanden en kennispartners over de hele wereld. Dit uitgebreide netwerk biedt het kennisinstituut de mogelijkheid op internationaal niveau hoogwaardig onderzoek te doen en een effectieve kennismakelaar te zijn. Een aantal voorbeelden, in alfabetische volgorde: Delft Cluster – infrastructuur en water

VENI-beurs aan de TU Delft. Diverse promovendi

drijven binnen het BTO, maar ook met de Vrije

hebben binnen dit traject onderzoek verricht in

Universiteit Amsterdam, Universiteit Utrecht

dienst van of bij KWR. Delft Cluster is eind 2009

en het Planbureau voor de Leefomgeving.

Delft Cluster ontwikkelt en verspreidt inter-

als kennisprogramma voor Deltavraagstukken

disciplinaire en gevalideerde kennis voor de

afgerond, een aantal promotietrajecten lopen

i Flip Witte, Flip.witte@kwrwater.nl

grond-, weg en waterbouwsector. De focus van

nog door. Zie ook www.delftcluster.nl

Delft Cluster ligt op infrastructuur en water. KWR en het BTO waren deelnemer aan meerdere Delft Cluster-projecten. Delft Cluster heeft

Deltares en PBL

DWSI – vooruitzien met Dutch Water Sector Intelligence

een bijdrage geleverd aan de ontwikkeling

Voor Deltares, het kennisinstituut voor

van het RESPOND-model, een nieuw model

Deltatechnologie, en voor het Planbureau

KWR faciliteert DWSI, een platform voor geza-

voor het in beeld brengen van de effecten,

voor de Leefomgeving deed KWR in 2009 een

menlijke horizonscanning voor en door de héle

kansen en risico’s van drinkwaterwinning. Ook

verkennende studie naar de ecohydrologische

Nederlandse watersector. Een denktank die

is een risicoanalysemodel ontwikkeld waarmee

gevolgen van klimaatverandering. Dat resul-

trendanalyses en sociaal leren inzet voor het

bij langdurige hitte altijd drinkwater van de

teerde in een landelijke schetskaart waarop die

ontwikkelen van nieuwe inzichten en respons-

hoogste kwaliteit gegarandeerd kan worden.

gevolgen zijn weergegeven. De resultaten zijn

strategieën. In DWSI participeren momenteel

Waterbedrijven anticiperen met deze tool op

opgenomen in de brochure ‘Klimaat-effectatlas’

21 organisaties uit de watersector.

de risico’s die de waterkwaliteit verminderen

van het Interprovinciaal Overleg (IPO) en

door bijvoorbeeld de innamestrategie aan te

de brochure ‘De staat van het Klimaat 2009’

Op de DWSI website zijn 15 trendalerts

passen.  Een ander interessant product is een

voor het Platform Communication of Climate

verschenen, waarin voor de watersector

model voor het voorspellen van het zoutgehalte

Change.

relevante maatschappelijke en technologi-

in het IJsselmeergebied bij klimaatverande-

Ook ontwikkelde KWR in 2009 in opdracht

sche ontwikkelingen worden beschreven.

ring. Hiermee kan de maximaal acceptabele

van Deltares een eenvoudige klimaatrobuuste

Een denktank met vertegenwoordigers van

zoutbelasting van de Rijn worden ingeschat.

vegetatiemodule. Met dit instrument kunnen

alle participerende organisaties vertaalt deze

Daarnaast is veel kennis ontwikkeld op het

beheerders en beleidsmakers natuurdoelen

trends vervolgens door naar consequenties

gebied van waterkwaliteit in het leidingnet

plannen en beheren en bepalen of die natuur-

voor de watersector. Kennisoverdracht vindt

die toegepast wordt in nieuwe ontwerpen

doelen haalbaar zijn onder externe invloeden,

plaats binnen deze denktanksessies en op een

voor leidingnetten en effectieve manieren van

zoals atmosferische depositie van stikstof en

trenddag in samenwerking met Waternetwerk,

schoonmaken van het leidingnet. Uiteindelijk

fosfor en klimaatverandering. De module sluit

waar DWSI zijn bevindingen ook deelt met een

is ook een succesvol en prijswinnend promo-

aan op het werk binnen het programma ‘Risi-

breder publiek uit de watersector.

tieonderzoek naar de werking van membranen

cobeheer Bronnen’ van het Bedrijfstakonder-

Naast de trenddag, met als onderwerp gloca-

in de drinkwaterzuivering uitgevoerd, dat een

zoek voor de waterbedrijven BTO, waarbij niet

lisering (“think global, act local”), heeft DWSI

vervolg heeft gekregen in een prestigieuze

alleen wordt samengewerkt met de waterbe-

in 2009 twee denktanksessies georganiseerd:


45

HeliXeR creëert unusual business

Holland Climate House in Kopenhagen

Wijnberg) en “Kredietcrisis” (met hoogleraar

HeliXeR, gevestigd op de High Tech Campus

Op initiatief van het FES programma Kennis

economie Arnold Heertje). In de denktank-

in Eindhoven, is een samenwerkingsverband

voor Klimaat richtte Nederland het Holland

sessies is vastgesteld hoe de ontwikkelingen

tussen Brabant Water, Waterschap de Dommel,

Climate House in tijdens de Conference of

de watersector kunnen beïnvloeden en hoe een

TNO, Philips en KWR.

Parties (CoP15) die december 2009 in Kopen-

mogelijke respons eruit zou kunnen zien: wat

HeliXeR creëert binnen de thema’s Water en leef-

hagen plaatsvond. In het Holland Climate

kunnen we doen om risico’s te vermijden en

stijl en Water en leefomgeving business opportu-

House toonde Nederland wat het doet op het

kansen te benutten?

nities vanuit behoeftes en de belevingswereld

gebied van mitigatie en adaptatie op het gebied

van eindgebruikers.

van klimaat en water. Gertjan Zwolsman van

De deelnemende partijen hebben een mede-

KWR was inhoudelijk coördinator van een

Deelnemers DWSI (begin 2010):

werker beschikbaar gesteld, samen vormen zij

Nederlands ‘side event’. Samen met drie Kennis

• Brabant Water

het HeliXeR-kernteam, onder leiding van de

voor Klimaat- en WUR-medewerkers stelde hij

• Dunea

van Philips afkomstige Ad Leenaars.

een programma samen met tal van presenta-

• Grontmij

Irene Vloerbergh van KWR: “Wij signaleren

ties, discussies en ontmoetingen onder de titel

• Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden

behoeftes in de markt en bekijken hoe we daar

‘Science and experience in dealing with climate

• KWR Watercycle Research Institute

op innovatieve wijze invulling aan kunnen

change’.

• Provincie Overijssel

geven. De combinatie van de diverse kernteam-

De inhoudelijke bijdragen aan het side event

• PWN Waterleidingbedrijf Noord-Holland

leden en hun moederorganisaties (de HeliXeR-

werden geleverd door onderzoeksinstituten,

• STOWA

partners) maakt ‘unusual business’ mogelijk;

ministeries, provincies, grote steden en water-

• VEWIN

business die voor de afzonderlijke partners niet

schappen. Vanuit KWR gaven Patrick Smeets

• Vitens

voor de hand ligt.”

(Klimaat en gezondheid), Jan Hofman ( Klimaat

• Waterbedrijf Groningen

Voorbeeldcases zijn de ‘coli-case’ en ‘functio-

en stedelijk waterbeheer; Klimaat en zoetwa-

• Waterleiding Maatschappij Limburg

neel water’. Voor de coli-case is een assessment

tervoorziening) en Matthijs Bonte (Opslag van

• Waternet

gedaan van een innovatieve, eenvoudige,

energie in bodem) een presentatie.

• Waternetwerk

snelle methode om E.coli-bacteriën in (drink)

Gertjan Zwolsman: “Door de betrokkenheid

• Waterschap Aa en Maas

water op te sporen voor ontwikkelingslanden.

bij dit side event heeft KWR zijn intenties

• Waterschap Brabantse Delta

De waterbedrijven Brabant Water en Vitens

op het gebied van klimaatonderzoek duide-

• Waterschap de Dommel

en de combinatie TNO-Deltares hebben deze

lijk gemaakt en positioneert het zich tussen

• Waterschap Rijn en IJssel

business case gekocht. Elke partij levert daar-

alle relevante kennisinstituten die zich met

• Waterschap Velt en Vecht

naast een bijdrage in de vorm van kennis en

klimaatverandering bezighouden.”

• Wetsus

capaciteit. Voor de case Functioneel water wordt

• Witteveen+Bos

momenteel onderzocht welke behoeften er in

i Gertjan Zwolsman,

“Kant en Nietzsche op een Waterfietsje” (over sociaal leren en de langetermijnvisie op de waterketen, met onder andere filosoof Rob

de verschillende markten leven. Zie ook www.

i Jos Frijns, jos.frijns@kwrwater.nl

helixer.nl.

i Irene Vloerbergh, Irene.vloerbergh@kwrwater.nl

gertjan.zwolsman@kwrwater.nl


46

KWR 2009

Kennis voor Klimaat

KWR en RIVM: ETBE geen bedreiging voor gezondheid

TTIW Wetsus – Topinstituut voor duurzame watertechnologie

Het onderzoeksprogramma Kennis voor

KWR en het Rijksinstituut voor Volksgezond-

Kennisinstituut KWR neemt mede namens

Klimaat richt zich op kennisontwikkeling en de

heid en Milieu (RIVM) onderzochten in 2009

het onderzoeksprogramma BTO deel in TTIW

toepassing van kennis om Nederland ‘climate

in opdracht van het ministerie van VROM of

Wetsus, het nationale Technologisch Topin-

proof ’ te maken. Daarbij heeft het programma

het een probleem oplevert voor de drinkwa-

stituut Watertechnologie. TTIW Wetsus is

de ambitie om de Nederlandse kwetsbaar-

tervoorziening, dat steeds meer ethyl-tert-

een multidisciplinair samenwerkingsver-

heid om te zetten in een kans. Een kans om

butylether (ETBE) en methyl-tert-butylether

band tussen Nederlandse kennispartners en

Nederland klimaatbestendiger te maken en om

(MTBE) in het grond- en oppervlaktewater

commerciële marktpartijen, met een sterk

de bijbehorende kennis en ervaring te etaleren

komt. ETBE en MTBE worden als loodvervanger

accent op scheidings- en biotechnologie. Het

ter versterking van het vestigingsklimaat en

aan benzine toegevoegd om te zorgen voor een

TTIW-programma richt zich vooral op proof of

de exportpositie op het gebied van water-

efficiëntere verbranding. Ze worden ook uit

principle van innovatieve doorbraaktechnolo-

en deltatechnologie. Het onderzoek wordt

bio-ethanol gemaakt en tellen in dat geval mee

gieën voor (commerciële) toepassing op lange

uitgevoerd in samenwerking met de regio’s

als biobrandstof: volgens de Europese Richtlijn

termijn; partijen uit de praktijk brengen de

Rotterdam, Haaglanden, Schiphol, de Wadden-

Biobrandstoffen moeten vanaf 2010 alle brand-

technologie vervolgens naar de markt.

zeeprovincies, partijen in de Zuidwestelijke

stoffen voor minstens 5,75 % uit biobrandstof

KWR, TTIW en BTO werken samen aan twaalf

Delta en vele andere organisaties, zoals water-

bestaan.

onderzoeksprojecten, verdeeld over de TTIWprogrammatafels Geavanceerde Schoonwa-

schappen, gemeenten, landbouworganisaties en natuurbeheerders. Zij hebben hun vragen in

Uit het onderzoek bleek dat het vóórkomen van

tertechnologie, Sensoring, Waterdistributie en

het programma ingebracht en financieren mee.

deze brandstoftoevoegingen in het Neder-

Interactie Natuurlijke Systemen; de betrokken

Het totale onderzoekbudget kan oplopen tot

landse grondwater of oppervlaktewater geen

BTO-programma’s zijn Chemische Waterkwaliteit,

80 miljoen euro.

gezondheidsbedreiging vormt voor de drinkwa-

Waterbehandeling, Waterdistributie en Risico-

Kennisinstituten en onderzoeksgroepen zijn

terwinning. Vergeleken met andere chemica-

beheer bronnen. Begin 2009 waren voor deze

gevraagd in consortiumverband een ‘pre-

liën zijn MTBE en vooral ETBE echter al bij lage

samenwerking drie promovendi aan het werk

proposal’ in te dienen voor één of meerdere

concentraties te ruiken en te proeven. Beide

in vierjarige onderzoekstrajecten (op onder-

thema’s. KWR is vertegenwoordigd in vijf van

verbindingen verplaatsen zich gemakkelijk

zoek naar respectievelijk chemische putver-

de in totaal acht winnende consortia. Maart

en breken niet snel af. Waterbedrijven zullen

stopping, een toxiciteitsensor gebaseerd op

2010 start het onderzoek.

zich vanwege smaak en geur dus wel moeten

lichtgevende bacteriën en computational fluid

inspannen om aanwezigheid van deze stoffen

dynamics voor ontwerp van UV-reactoren).

Thema’s

in drinkwater te vermijden. Mede op basis van

In 2009 zijn nog vier nieuwe promovendi

• Thema 2: Zoetwatervoorziening en water-

dit onderzoek heeft het ministerie van VROM

gestart, zij doen onderzoek naar conditiebepa-

kwaliteit op nationaal en regionaal niveau

een richtlijn uitgebracht over de toelaatbaar-

ling van het leidingnet, duurzame systemen

heid van ETBE en MTBE in waterwingebieden.

voor berging van water, hydrologische en

i Annemarie van Wezel,

temperatuureffecten van toepassing van bode-

• Thema 3: Klimaatbestendige inrichting landelijk gebied • Thema 4: Klimaatbestendige inrichting stedelijk gebied • Thema 5: Infrastructuur en netwerken • Thema 6: Verbetering klimaatprojecties en modelinstrumentarium

i Gertjan Zwolsman, gertjan.zwolsman@kwrwater.nl

annemarie.van.wezel@kwrwater.nl

menergiesystemen en Zero Liquid Discharge. Zie ook www.wetsus.nl.

i Jos Boere, jos.boere@kwrwater.nl en Gerard van den Berg, gerard.van.den.berg@kwrwater.nl


47

UCAD - Utrecht Centrum voor Aarde en Duurzaamheid

Waterschappen, provincies en ander overheden

Het Utrecht Centrum voor Aarde en Duur-

KWR verzorgt onderzoeksprojecten voor

techniek als belangrijke pijler van het lande-

zaamheid (UCAD) is een samenwerkingsver-

diverse waterschappen en hun onderzoeksor-

lijke beleid om een duurzame energievoorzie-

band tussen de Universiteit Utrecht, TNO,

ganisatie STOWA, maar ook voor provincies,

ning te realiseren in de bebouwde omgeving.

KNMI, Deltares en KWR. Samen bundelen zij

ministeries en andere overheden. Het gaat dan

De laatste jaren groeit het aantal systemen

kennis die kan bijdragen aan een duurzame

onder meer om toekomstverkenningen, voor-

dan ook explosief: tien jaar geleden zaten er

maatschappelijke ontwikkeling en zullen zij

bereiding op klimaatverandering en onderzoek

circa honderd warmte-koudeopslagsystemen

projecten initiëren op het brede terrein van

naar water & energie, Legionella in koeltorens,

in de ondergrond, in 2009 waren dat er al meer

Aarde en Duurzaamheid. In UCAD-verband

tijdreeksmodellen voor grondwater, ecohydro-

dan duizend. Aan de orde komen bestuurlijke

wordt aan de Universiteit Utrecht, samen met

logische voorspellingsmodellen voor vegetatie

en juridische aspecten rond bodemenergie,

betrokken partijen en instituten, onderzoek

en natuur, nieuwe methoden van afvalwater-

registratie van ondergronds ruimtegebruik en

uitgevoerd naar onderling samenhangende

verwerking en conditiebepaling van leidingen.

de ordening van ondergronds ruimtegebruik.

veranderingsprocessen op mondiale en regi-

Voor het ministerie van Volkshuisvesting,

Het project wordt uitgevoerd in samenwerking

onale schaal. Hierbij gaat het om zowel de

Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM) werkt

met het centrum voor omgevingsrecht van

fysieke staat van onze aarde (klimaat, ecosy-

KWR bijvoorbeeld aan een ‘handreiking beleid

de Universiteit Utrecht en sluit goed aan bij

steem) als om socio-economische factoren die

ondergrond’. Die moet uitvoerende overheden

lopend onderzoek binnen KWR, zoals BTO- en

leiden tot (over)exploitatie van grondstoffen,

zoals provincies en gemeenten handvaten

TTIW-onderzoek naar de interactie tussen

milieu en ruimte. Het onderzoek wordt geïniti-

geven om het gebruik van de ondergrond te

bodemenergie en drinkwaterwinning.

eerd door een kleine Denktank Duurzaamheid

reguleren en conflicterende ondergrondse

waarin onder meer ex-bewindvoerder van de

belangen af te wegen. De handreiking gaat

i Matthijs Bonte,

Wereldbank Herman Wijffels zitting heeft. Het

specifiek in op de toepassing van bodem-

UCAD is december 2009 gestart.

energie. Overheden en bedrijfsleven zien deze

Zie ook www.ucad.nl

i Wim van Vierssen, wim.van.vierssen@kwrwater.nl

matthijs.bonte@kwrwater.nl


48

KWR 2009

Partners:

Nederland

We willen duurzame energie én veilig grondwater De toepassing van warmte-koudeopslag

Open systemen

heen en weer pompen in een diepere watervoe-

neemt een enorme vlucht. Gezien de noodzaak

“Begin 2009 zijn wij hiernaar onderzoek gaan

rende laag terechtkomen. Verder onderzoeken

om het gebruik van fossiele brandstoffen te

doen. We richten ons specifiek op de zogeheten

we het effect van warmte-koudeopslag op de

verminderen is dat een positieve ontwikkeling.

open systemen, waarbij grote hoeveelheden

grondwatertemperatuur.”

Toch bekijken de drinkwaterbedrijven de snelle

grondwater via een bovengrondse warmtewis-

groei met enige zorg. Ze vrezen dat deze bodem-

selaar worden rondgepompt tussen een warme

Veldmetingen

energiesystemen een negatief effect hebben op

en een koude bron. Deze bronnen bevinden zich

“Tot nu toe hebben we vooral de mogelijke risi-

de kwaliteit van het grondwater. Samen met het

in de watervoerende lagen, waaruit de waterbe-

co’s in kaart gebracht. Om inzicht te krijgen in

RIVM en de VU onderzoekt KWR of dat zo is.

drijven grondwater onttrekken voor de drink-

de werkelijke effecten, willen we bij een aantal

“Dat warmte-koudeopslagsystemen populair

waterbereiding. Beïnvloeding is dan ook niet

warmte-koudeopslagsystemen veldmetingen

zijn is niet vreemd”, zegt hydroloog Matthijs

ondenkbaar.”

gaan doen. Zelf hoop ik eerlijk gezegd dat de effecten op het grondwatersysteem meevallen,

Bonte van KWR. “Ze zorgen voor een forse energiebesparing, werken goed en verdienen

Vermengen

omdat warmte-koudeopslag een goede optie

zich ook nog eens vrij snel terug. Er lijkt dus

“We kijken naar diverse effecten die kunnen

is voor het verduurzamen van onze energie-

eindelijk een duurzame oplossing te zijn voor

optreden. Zo gaan we na of de grondwater-

voorziening. Blijken de effecten echter nadelig

het verwarmen en koelen van gebouwen zonder

stroming door warmte-koudeopslagsystemen

voor de grondwaterkwaliteit, dan zal dit soort

nadelen. Maar is dat ook echt zo? De waterbe-

verandert. Ook onderzoeken we hoe groot het

systemen moeten worden geweerd in de omge-

drijven willen bijvoorbeeld weten welke effecten

risico is dat verschillende kwaliteiten grond-

ving van grondwaterbeschermingsgebieden.”

de grootschalige toepassing van warmte-

water met elkaar vermengen of dat verontrei-

koudeopslag heeft op het grondwatersysteem.”

nigingen uit de ondiepe ondergrond door het

“Als er geen nadelige effecten op het grondwatersysteem zijn, is voor het verduurzamen van de energievoorziening warmte-koudeopslag een goede optie.”

Matthijs Bonte:


49 Partners:

Nederland

Zélf denken over de toekomst – in dialoog met partners in de watersector “Ik zoek het contact met mensen die net als ik bezig zijn met de toekomst van de watersector. Mensen die daarbij verder kijken dan hun eigen bedrijf. DWSI biedt me een netwerk met zulke mensen én tegelijkertijd een interessante blik over de muur bij andere sectoren en bedrijven. Die kan ik goed gebruiken bij mijn werk bij Aa en Maas, ik moet daar juist de buitenwereld binnen brengen.” Michaël Cornelisse is sinds voorjaar 2008 senior beleidsadviseur, afdeling Integraal Beleid, bij Waterschap Aa en Maas. Hij participeert namens zijn waterschap in Dutch Water Sector Intelligence of DWSI. KWR faciliteert dit platform voor gezamenlijke horizonscanning voor en door de héle Nederlandse watersector (zie ook p. 44).

“Alle partijen in de waterketen moeten zelf nadenken over hun toekomst – dat moet je niet aan ingenieursbureaus overlaten.”

Michaël Cornelisse (r):

Trend alerts en denktanksessies “Maar DWSI biedt meer dan alleen een netwerk. De trend alerts die DWSI geregeld uitbrengt, helpen me om de ontwikkelingen in de buitenwereld in de gaten te houden. En bij de denktanksessies kunnen we niet alleen onze

“Leren doe je niet reactief, maar in een dialoog met elkaar.” Jos Frijns (l):

ideeën delen met elkaar, maar ook toetsen aan de inbreng van coryfeeën uit andere sectoren. Ik vond het in 2009 bijvoorbeeld heel bijzonder om de dwarse opinie van een gevestigd econoom als Arnold Heertje persoonlijk te horen. Bovendien deelde hij een prikkel uit die

het denken binnen Aa en Maas te stimuleren.

– dat moet je toch niet aan adviesbureaus

de watersector goed kan gebruiken. Heertje

Twee essentiële onderdelen in onze bedrijfsstra-

overlaten. Bijzonder vind ik dat binnen DWSI

vindt dat de kredietcrisis vooral het gevolg is

tegie zijn externe gerichtheid en innovatie, om

directeuren, beleidsmedewerkers en afdelings-

van het feit dat banken niet meer de moeite

flexibel in te kunnen spelen op de eisen die de

hoofden op voet van gelijkheid ideeën uitwis-

namen naar hun klanten te luisteren – dus zijn

samenleving en de markt stellen met betrek-

selen: de hiërarchie valt weg.” Jos Frijns, senior

vraag aan ons was: hoe zijn jullie bezig met

king tot duurzaam waterbeheer. Aa en Maas ziet

scientific researcher Kennis- en Programmama-

jullie klanten? Een heel terechte vraag, zeker

hierbij DWSI als één van zijn kennispartners.“

nagement bij KWR en betrokken bij de uitvoering van DWSI: “Dat hoort bij het belangrijkste

aan de waterschappen die hun werk doen op afstand van de klant. Bijvoorbeeld bij het

Zelf nadenken

gereedschap van DWSI: sociaal leren. Leren doe

zuiveren van het afvalwater, dat grotendeels

Cornelisse is zeer betrokken bij DWSI. Hij is in

je niet reactief, maar in een dialoog met elkaar,

door gemeenten wordt ingezameld. We kunnen

2009 lid geworden van het kernteam dat de

waarbij je bovendien alle aannames vooraf en –

ons niet adequaat op de toekomst voorbereiden

strategie van DWSI bepaalt.“We willen een echte

al dan niet verborgen – agenda’s op tafel gooit.

zónder ons in te leven in de klant. De informatie

denktank vormen, waarbinnen alle partijen in

De watersector staat voor uitdagingen die we

die ik via DWSI krijg, helpt om een omslag in

de waterketen zelf nadenken over hun toekomst

alleen in dialoog goed kunnen oplossen.”


50 Partners:

KWR 2009

Europa

Europa is rijp voor een BTO-aanpak Dat stelt Theo van den Hoven. Samen met vier buitenlandse partners zet KWR een Europese onderzoeksorganisatie voor de watercyclus op. Dit samenwerkingsverband slaat – net als KWR in Nederland – een brug tussen het wetenschapssysteem en de praktijk van de waterbedrijven en beleidsmakers. Prioriteit: zorgen dat onderzoeksresultaten ook ‘landen’ in de praktijk. Vijf Europese partners:

CETaqua (Barcelona,Spanje), IWW (Muelheim, Duitsland), KWR Watercycle Research Institute (Nieuwegein, Nederland), LNEC (Lissabon, Portugal) en NTNU/SINTEF (Trondheim, Noorwegen).

•Trontheim

•Nieuwegein •Muelheim

•Barcelona •Lissabon

In de afgelopen jaren heeft Theo veel tijd en

siteit in hun regio. Wat dat betreft is de situatie in

energie gestoken in internationalisering van onder-

Nederland met het BTO uniek. Zo sta je garant voor

zoek, onder meer als initiator en coördinator van

wetenschappelijke kwaliteit én kennis die toepas-

het EU Integrated Project TECHNEAU. “Ik vind het

baar en afgestemd is op de behoeften in de praktijk.”

boeiend nieuwe mensen te ontmoeten en kennis te

Overigens zie je in steeds meer landen initiatieven

maken met andere culturen, maar vooral om mensen

om tot BTO-constructen te komen, zoals in Spanje en

samen te brengen en te werken aan een gezamenlijk

heel recent ook in Engeland, waar met de privatise-

doel, ook al is dat in het begin nog maar een stip op

ring van de watersector in de jaren 80 het gezamen-

de horizon. Een gezamenlijke Europese onderzoeks-

lijke bedrijfstakonderzoek is verdwenen en nu weer

aanpak was eerst zo’n stipje, maar heeft intussen

terugkomt.”

een stevige vorm gekregen. Dat is goed, want ik ben ervan overtuigd dat de oplossingen voor vraag-

Bruginstituut

stukken als klimaatverandering, verstedelijking en

“Door jarenlang met diverse buitenlandse partners

verouderende installaties een Europees georganiseerd

samen te werken, bijvoorbeeld aan korte en lang-

kennisveld vergen. Daarnaast is het belangrijk dat de

durigere Europese onderzoeksprojecten, hebben we

watersector met één stem gaat spreken richting de

een basis gecreëerd voor een sterker, permanenter

Europese Unie.”

samenwerkingsverband. Daarvoor zijn we met diverse ons vertrouwde en toonaangevende Europese

Unieke situatie

onderzoeksinstituten gaan praten. Met vijf instituten

“Van een gezamenlijke aanpak was tot voor kort

gaan we in nauw overleg met de waterbedrijven

nauwelijks sprake”, vervolgt Van den Hoven. “Het

onderzoeksthema’s vaststellen, zodat de ontwikkelde

Europese wateronderzoek is heel gefragmenteerd en

kennis straks ook echt aansluit op de vragen van

kent nog veel dubbelingen. Verder valt op dat het vaak

de bedrijven. De onderzoeksprojecten voeren we in

regionaal is georganiseerd, waarbij waterbedrijven

samenwerking uit. De vijf instituten uit Noorwegen,

alleen onderzoeksbanden hebben met een univer-

Portugal, Spanje, Duitsland en Nederland zijn


51

afkomstig uit alle Europese klimaatzones en bestrijken gezamenlijk de hele waterketen.“

Vergroenen en verduurzamen “Op dit moment werken we de organisatie en het inhoudelijke programma uit. Waarschijnlijk gaan we beginnen met vragen rond stedelijk waterbeheer. Hoe kunnen we bijvoorbeeld stedelijke waterketens vergroenen en verduurzamen? En wat zijn slimme manieren om de waterketen te regelen op grote luchthavens - die je kunt beschouwen als drukke steden?” “Het is heel inspirerend om met zulke enthousiaste partners te werken aan een BTO-aanpak op Europees niveau. We hebben een goede basis. Omdat deze aanpak alleen werkt als er vertrouwen is tussen de

“De oplossingen voor vraagstukken als klimaatverandering, verstedelijking en verouderende installaties vergen een Europees georganiseerd kennisveld.”

Theo van den Hoven:

onderzoeksinstellingen en de eindgebruikers, moeten we ons instellen op een lange adem en de tijd nemen om dat vertrouwen uit te breiden. Ik ben ervan overtuigd dat deze aanpak resultaten gaat opleveren, ook voor de Nederlandse waterbedrijven en andere partners in de watersector: via dit samenwerkingsverband krijgen zij de beschikking over de beste kennis die in Europa beschikbaar is.”


52

KWR 2009

Internationale samenwerking GWRC – een krachtig internationaal netwerk van waterkennisinstituten

PREPARED

Binnen de Global Water Research Coalition

Daarnaast ontwikkelt KWR een projectvoor-

KWR heeft in 2009 voorbereidingen ge-

GWRC werken veertien (drink)waterkennisin-

stel voor onderzoek naar hormoonactiviteit

troffen voor het Europese onderzoeksproject

stituten samen. KWR is een van deze insti-

in oppervlaktewater en heeft het meegewerkt

PREPARED. Veel vooraanstaande Europese

tuten, evenals de Stichting Toegepast Onder-

aan een state of the science-document over

instituten op het gebied van water, afvalwater

zoek Waterbeheer (STOWA). De GWRC-leden

farmaceutica in watersystemen, inclusief een

en drinkwater zijn partners in dit project,

stemmen onder meer hun onderzoeksagenda’s

prioritering voor toekomstig onderzoek. Dit

waaronder LNEC (Portugal), SINTEF (Noor-

met elkaar af en doen gezamenlijk onderzoek.

document dient onder meer ter ondersteuning

wegen), IWW (Duitsland) en CETaqua (Spanje).

van de communicatie van waterbedrijven.

Zij gaan innovatieve adaptieve technologieën en

Energie en water

Zie ook www.globalwaterresearchcoalition.net .

oplossingen ontwikkelen waarmee drinkwater-

KWR is binnen GWRC onder meer betrokken

i Theo van den Hoven,

productie en (afval) waterzuivering in stede-

bij het onderzoeksprogramma naar energie en water, dat zich onder meer richt op het

theo.van.den.hoven@kwrwater.nl

lijke omgeving climateproof kunnen worden gemaakt, onder andere via Water Cycle Safety

wereldwijd verzamelen van best practices op

Plans. Belangrijk onderdeel is de ontwikkeling en

het gebied van efficiënt ontwerp en efficiënte

toepassing van instrumenten om deze verande-

bedrijfsvoering van waterbedrijfsmiddelen in

ring ook werkelijk succesvol tot stand te brengen.

de industrie. Waterbedrijven en afvalwaterver-

De aanpak van PREPARED is in dié zin uniek, dat

werkers hebben te maken met stijgende ener-

de eindgebruikers een centrale rol hebben. In het

giekosten: niet alleen door stijgende prijzen,

voortraject worden onderzoeksactiviteiten al

maar ook omdat regelgeving met betrekking

gedefinieerd in overleg met de eindgebruikers.

tot de waterkwaliteit de inzet van nieuwe,

Tijdens de uitvoering vinden demonstratie-

energie-intensieve technieken noodzakelijk

projecten plaats op locatie. Eindgebruikers

maakt. Daarnaast wordt ook de watersector

en kennisinstituten werken nauw samen met

geconfronteerd met de gevolgen van klimaat-

elkaar in deelprojecten. KWR werkt samen met

verandering en de noodzaak die effecten te

een consortium bestaande uit BTO-deelnemers,

bestrijden door ook zelf minder energie te

de Gemeente Eindhoven, Waterschap De

gebruiken en broeikasgassen uit te stoten. Met

Dommel en waterbedrijf Brabant Water.

GWRC-partners UKWIR en STOWA heeft KWR

De Europese Commissie heeft op 29 januari 2010

zeventig Europese case studies verzameld die

een handtekening gezet onder het contract met

de mogelijkheden illustreren voor energiebe-

KWR. PREPARED heeft een doorlooptijd van vier

sparing in alle delen van de watercyclus, die

jaar en een budget van ruim 10 miljoen euro,

zullen bijdragen aan de best practices.

waarvan 7 miljoen euro subsidie vanuit Brussel. KWR is als coördinator eindverantwoordelijk voor de uitvoering van PREPARED. De dagelijkse aansturing van de diverse projectonderdelen wordt gedeeld met Danish Hydraulic Institute (DHI) en Kompetenzzentrum Wasser Berlin (KWB).

i Adriana Hulsmann, adriana.hulsmann@kwrwater.nl


53

SOCOPSE – lozing van prioritaire stoffen vermijden

EU research programme TECHNEAU presents results

Om de kwaliteit van het Europese grond- en

Het EU Integrated Project TECHNEAU is het

Deze bijeenkomst vormde een opmaat naar

oppervlaktewater in 2015 op orde te hebben,

grootste Europese drinkwateronderzoekspro-

de TECHNEAU conferentie Safe drinking water

is in 2000 de Europese Kaderrichtlijn Water

ject. KWR is coördinator van TECHNEAU dat

from source to tap – state of the art & perspectives,

(KRW) ingesteld. Daarbij hoort een lijst met

loopt van 2006 tot 2011 met een budget van

die van 17 tot 19 juni 2009 werd gehouden in

prioritaire stoffen, die een groot risico vormen

19 miljoen euro. Het verbindt circa 150 weten-

Maastricht. Tijdens deze conferentie werden

in en via het watermilieu. Binnen het Europese

schappers van 30 leidende onderzoeksinsti-

de al bereikte resultaten voor een breed publiek

onderzoeksproject Source Control of Priority

tuten met elkaar en met ruim 25 eindgebruikers

toegankelijk gemaakt, ondermeer via een video

Substances in Europe (SOCOPSE) is tussen

zoals waterbedrijven, in 15 landen. Doelstelling

van de case studies bij diverse waterbedrijven

2006 en 2009 een beslissingsondersteunend

is de drinkwatersector in Europa en daarbuiten

in Europa (te zien op www.techneau.eu ).

model ontwikkeld voor waterkwaliteitsbeheer-

de middelen te geven om veilig drinkwater

ders en industrieën. Met dit model kunnen zij

te (blijven) realiseren, ondanks de moeilijke

i Theo van den Hoven,

eenvoudiger beslissingen nemen over de maat-

condities waaronder de sector wereldwijd

regelen die nodig zijn om lozing van prioritaire

moet opereren.

stoffen te voorkomen en kiezen tussen brongerichte en end of pipe-oplossingen. Het model is

De general assembly van TECHNEAU kwam

ontwikkeld door 11 partners uit 9 deelnemende

van 28 tot 30 januari 2009 bijeen in Berlijn.

landen, waaronder KWR en TNO in Nederland.

De consortiumpartners en de reviewers

KWR heeft in de zomer van 2009 een afslui-

(vertegenwoordigers van de Europese

tende conferentie georganiseerd in Maastricht,

commissie) bespraken de gerapporteerde

samen met de ‘trekker’ van SOCOPSE, het

voortgang. TECHNEAU heeft inmiddels ruim

Zweedse milieuonderzoeksinstituut IVL. DG

200 concrete producten opgeleverd, variërend

Environment heeft hier onder meer een policy

van marktklare producten tot rapporten en

update over prioritaire stoffen gepresenteerd.

wetenschappelijke artikelen in peer reviewed

Zie ook www.socopse.eu .

tijdschriften. Een deel van deze resultaten wordt inmiddels bij diverse waterbedrijven in Europa en Nederland gevalideerd en geïmplementeerd. Dit laatste is een grote meerwaarde van het project. Veel Europees gefinancierd onderzoek leidt in tegenstelling tot TECHNEAU niet of nauwelijks tot toepassing in de praktijk.

theo.van.den.hoven@kwrwater.nl


54

KWR 2009

WSSTP -Water Supply and Sanitation Technology Platform WSSTP

CEO-conferentie Extremen in Europa

KWR is bestuurslid van WSSTP dat 56 leden

KWR organiseerde in 2009 de tweejaarlijkse

energiefabriek Andasol. De laatste dag stond in

in 27 landen heeft: bedrijven, universiteiten,

CEO-conferentie voor de watersector, met als

het teken van het seminar Partnering in a diverse

onderzoeksinstituten, beleidsmakers en

thema Extremen in Europa. Van 11 tot en met 16

Europe. Collega’s uit Letland, Noorwegen,

waterbedrijven. WSSTP heeft in 2009 drie

oktober vertelden vertegenwoordigers van

Nederland, Duitsland, Spanje en Portugal

strategic taskforces opgericht op de gebieden

waterbedrijven en kennisinstituten uit Spanje,

belichtten elk vanuit hun perspectief de uit-

van Klimaatverandering, Kunstmatige infiltratie en

Portugal, Duitsland, Noorwegen, Letland,

dagingen voor de watercyclus en benoemden

Sensoren en monitoring. Ook is het een wegbe-

België en Nederland elkaar wat er in hun land

kansen voor Europese samenwerking.

reider geweest voor het eerder genoemde

speelt op het gebied van drink- en afvalwater

PREPARED. Naast het opstellen van de Strate-

en welke trends zij voor de komende jaren

Voor KWR en de participanten in het Bedrijfs-

gische Research Agenda verzorgt WSSTP zes

voorzien.

takonderzoek betekent deze samenwerking

pilots voor belangrijke waterproblemen waar

een eerste stap naar structurele samenwer-

Europa mee te maken heeft of krijgt:

De kick-off van de conferentie vond plaats in

king in een Europees (virtueel) watercyclus

Maastricht. In de dagen daarna deed het gezel-

onderzoeksinstituut. Deze samenwerking

6 Pilots

schap verschillende Europese steden aan, waar

biedt mogelijkheden voor (meer) gezamenlijk

1. mitigatie van watertekorten in

diverse projecten werden bezocht. In het Duitse

onderzoek en uitwisselingen binnen het

Roetgen (bij Aken) bezochten de deelnemers de

Europese netwerk.

grootste Europese ultrafiltratiefabriek. In Barce-

i Theo van den Hoven,

kustzones; 2. aanpak van aangetaste waterzones (grond- en oppervlaktewater)

lona werd de ontzoutingsinstallatie aan de kust

3. proactief management tegen

bezocht, die juli 2009 in gebruik is genomen. In

natuurrampen en overstromingen;

theo.van.den.hoven@kwrwater.nl

Granada bekeek het gezelschap zonne-

4. duurzaam watermanagement in grootstedelijke gebieden; 5. duurzaam watermanagement in de landbouw; 6. duurzaam watermanagement in de industrie.

Dit platform is in 2004 is in opdracht van de EU het Water Supply and Sanitation Technology Platform WSSTP ingesteld. Doel van WSSTP is invulling geven aan de Europese onderzoeksagenda op het gebied van water, onder meer om richting te geven aan het onderzoek binnen Europese kaderprogramma’s. Zie ook www.wsstp.eu .

i Theo van den Hoven, theo.van.den.hoven@kwrwater.nl

De CEO’s bezoeken de Andasol powerplant in Granada, Spanje


55

Europees onderzoeksinstituut watercyclus van start KWR en het Spaanse watertechnologische

innovatiever en efficiënter en meer gericht op

instituut CETaqua ondertekenden op 15 oktober

de grote uitdagingen waarvoor de waterketen-

2009 een overeenkomst als startsein voor

spelers in de betrokken landen staan.

een samenwerkingverband op het gebied van

De samenwerking onderscheidt zich van

onderzoek voor de watercyclus. Begin 2010

bestaande Europese netwerken doordat een

tekenden ook mede-initiatiefnemers LNEC

brug wordt geslagen tussen het wetenschap-

(Portugal), Sintef/NTNU (Noorwegen) en IWW

systeem en de praktijk van de waterbedrijven

(Duitsland) deze overeenkomst.

en beleidsmakers. Een intensievere samen-

De overeenkomst is een vervolg op de succes-

werking tussen clusters van waterbedrijven en

volle samenwerking van de initiatiefnemers in

vooraanstaande wetenschappelijke instel-

diverse Europese projecten en netwerken zoals

lingen biedt de Europese watersector de

TECHNEAU en WSSTP. Door de samenwerking

mogelijkheid beter in te spelen op uitdagingen

wordt het Europese watercyclusonderzoek

zoals veranderingen in klimaat en demografie en op de noodzaak om tot meer duurzame oplossingen te komen. Bovendien ontstaat een betere koppeling met energie en andere sectoren. De partners werken in 2010 in overleg met de eigen universiteiten en waterbedrijven eerst een portfolio uit met de meest kansrijke en urgente thema’s voor gezamenlijk onderzoek, daarna start de uitvoering.

i Theo van den Hoven, theo.van.den.hoven@kwrwater.nl

Wim van Vierssen (l) – directeur van KWR – en  Carlos Campos (r) – directeur van  Centro de Technológica del Agua (Cetaqua) ondertekenen de samenwerkingsovereenkomst ten behoeve van het Europese watercyclus onderzoeksinstituut


56

KWR 2009


57


58

KWR 2009

Publicaties Artikelen peer-reviewed tijdschriften 1. Bakker, M. & V.A. Kelson, Writing

analytic element programs in Python. Ground Water Vol. 47, No. 6 (2009), p. 828 – 834. 2. Bakker, M. & J.L. Nieber,

Damping of sinusoidal surface flux fluctuations with soil depth. Vadose Zone Journal, 8(1) (2009), p. 119-126. 3. Beek, C.G.E.M. van, R. Breedveld &

P.J. Stuyfzand, Preventing two types

of well clogging. Journal AWWA, 101 (4) (2009), p.125-134. 4. Beek, C.G.E.M. van, R.J.M.

Breedveld, M. Juhàsz-Holterman, A. Oosterhof & P.J. Stuyfzand,

Cause and prevention of well bore clogging by particles. Hydrogeology Journal 17 (2009), p. 1877-1886. 5. Boersma, M., C. Becker, A.M.

Malzahn & S. Vernooij, Food chain

effects of nutrient limitation in primary producers. Marine and Freshwater Research, 60 (2009), p.983–989. 6. Buamah, R., B. Petrusevski, D. de

Ridder, T. S. C. M. van de Wetering & J. C. Schippers, Manganese

removal in groundwater treatment: practice, problems and probable solutions. Water Science & Technology: Water Supply—WSTWS 9.1 (2009), p. 89-98. 7. Cornelissen, E.R., E.F. Beerendonk,

M.N. Nederlof, J.P. van der Hoek, L.P. Wessels, Fluidized ion exchange

(FIX) to control NOM fouling in ultrafiltration. Desalination 236 (2009), p. 334-341

8. Cornelissen, E.R., L. Rebour,

D van der Kooij & L.P. Wessels,

Optimization of air/water cleaning (AWC) in spiral wound elements. Desalination, 236 (2009), p. 266-272.

15. Hijnen, W.A.M., Elimination

of micro-organisms in water treatment. PhD Thesis, University Utrecht (2009). 16. Hijnen, W.A.M., C.H.W. Blokker-

Water’s novel approach to routine mains cleaning. Water Science and Technology: Water Supply, 9(5) (2009), p. 549-556. 22. Li, S., S.G.J. Heijman, J.Q.J.C. Verberk

Koopmans, L. Heijnen & G.J.

& J.C. van Dijk, An innovative

A.R.D. Verliefde, L.T.J. van der Aa,

Medema, Survival of Clostridium

S.G.J. Heijman, J.Q.J.C. Verberk,

spores in river water and in sand from a slow sand filter. Water Science & Technology: Water Supply, 9.6 (2009), p. 681-688.

treatment concept for future drinking water production: fluidized ion exchange – ultrafiltration – nanofiltration – granular activated carbon filtration. Drinking Water Engineering and Science 1 (2009), p. 41–47.

9. Ridder, D.J. de, M. McConville,

L.C. Rietveld & J.C. van Dijk,

Development of a predictive model to determine micropollutant removal using granular activated carbon. Drinking Water Engineering & Science Discussions, 2 (2009), p. 189-204. 10. Voogt, P. de, F. Sacher, M-L.

Janex-Habibi, L.M. Puijker & M. Mons, Development of a common

priority list of pharmaceuticals relevant for the water cycle, Water Science Technology 59:1 (2009), p. 39-46. 11. Eltzov, E., R.S. Marks, S. Voost,

B.A. Wullings & M.B. Heringa,

Flow-through real time bacterial biosensor for toxic compounds in water. Sensors and Actuators, B: Chemical 142 (2009), p. 11-18.  12. Heijman, S.G.J., H. Guo, S. Li,

17. Hijnen, W.A.M., D. Biraud,

E.R. Cornelissen & D.van der Kooij, Treshold concentration

of easily assimilable organic carbon in feedwater for biofouling of spiral-wound membranes. Environmental Science & Technology, 43 (2009), 13, p. 4890-4895. 18. Hogenboom A.C., J.A. van Leerdam

& P. de Voogt, Accurate mass

screening and identification of emerging contaminants in environmental samples by liquid chromatography-LTQ FT Orbitrap mass spectrometry. J Chromatogr. A 1216 (2009), p. 510-519. 19. Izydorczyk, K., C. Carpentier, J.

J.C. van Dijk & L.P. Wessels, Zero

Mrówczynski, A. Wagenvoort,

liquid discharge: Heading for 99% recovery in nanofiltration and reverse osmosis. Desalination 236 (2009), p. 357–362.

T. Jurczak & M. Tarczynska,

13. Heijnen, L. & G.J. Medema, Method

for rapid detection of viable Escherichia coli in water using real-time NASBA. Water Research, 43 (2009), p. 3124-3132. 14. Hijnen, W.A.M., D. Biraud, E.R.

Cornelissen & D. van der Kooij,

Threshold concentration of easily assimilable organic carbon in feedwater for biofouling of spiral-wound membranes. Environ. Sci. Techn. 43 (2009), p. 2490-2495.

Establishment of an Alert Level Framework for cyanobacteria in drinking water resources by using the Algae Online Analyser for monitoring cyanobacterial chlorophyll a. Water Research, 43 (2009), p. 989-996. 20. Johansson N., D. Benford, A. Carere,

J. de Boer, E. Dellatte, P. de Voogt, A. Di Domenico, C.W. Heppner, G. Schoeters, & D. Schrenk, EFSA’s risk

assessment on PFOS and PFOA in the food. Toxicol. Lett. 189-S1 (2009), p. S42–S42. 21. Kjellberg, S., A. Jayaratne, E.

Cadan, N. Sukumaran, J. Vreeburg & J.Q.J.C. Verberk, The resuspension

potential method: Yarra Valley

23. Li, S., S.G.J. Heijman, J.Q.J.C.

Verberk, A.R.D. Verliefde, A.J.B. Kemperman, J.C. van Dijk & G. Amy, Impact of backwash water composition on ultrafiltration fouling control. Journal of Membrane Science 344 (2009), p. 17–25. 24. Magic-Knezev, A., B.A. Wullings &

D. van der Kooij, Polaromonas and

Hydrogenophaga species are the predominant bacteria cultured from granular activated carbon filters in water treatment. Journal of Applied Microbiology, 107 (2009), p. 1457-1467. 25. Medema, G.J. & P.W.M.H. Smeets,

Quantitative risk assessment in the Water Safety Plan: case studies from drinking water practice. Water Science & Technology: Water Supply, 9.2 (2009), p. 127-132. 26. Mendizabal, I. & P.J. Stuyfzand,

Guidelines for interpreting hydrochemical patterns in data from public supply well fields and their value for natural background groundwater quality determination. Journal of Hydrology 379 (2009), p. 151-163. 27. Ordoñez, J.C., P.M. van Bodegom,

J.P.M. Witte, I.J. Wright, P.B. Reich, R. Aerts, A global study of relationships between leaf traits, climate and soil measures of


59

nutrient fertility. Global ecology and Biogeography 18 (2009), p. 137-149. 28. Qin, J.J., M.H. Oo, G. Tao, E.R.

Cornelissen, C.J. Ruiken, K.F. de Korte, L.P. Wessels & K.A. Kekre,

Optimization of Operating Conditions in Forward Osmosis for Osmotic Membrane Bioreactor. The Open Chemical Engineering Journal, 3 (2009), p. 27-32. 29. Smeets, P.W.M.H., G.J. Medema

& J.C. van Dijk, The Dutch secret:

how to provide safe drinking water without chlorine in the Netherlands. Drinking Water Engineering and Science, 2 (2009), p. 1-14. 30. Valster, R.M., B.A. Wullings, G.

Bakker, H. Smidt & D. van der Kooij, Free-living protozoa in

two unchlorinated drinking water supplies, identified by phylogenic analysis of 18S rRna gene sequences. Applied and environmental microbiology, 75, 14 (2009), p. 4736-4746. 31. Kooij, D. van der, H.R. Veenendaal

& B.A. Wullings, Multiplication

of Legionella in tap water installations. Antonie van Leeuwenhoek, 95 (2009), suppl. 1, p. 36-37. 32. Wielen, P.W.J.J. van der,

S. Voost & D. van der Kooij,

Ammonia-oxidizing bacteria and Archaea in groundwater treatment and drinking water distribution systems. Applied and environmental microbiology, 75 (2009), 14, p. 4687-4695. 33. Halem, D. van, H. van der Laan,

S.G.J. Heijman, J.C. van Dijk & G.L. Amy, Assessing the

sustainability of the silverimpregnated ceramic pot filter for low-cost household drinking water treatment. Physics and Chemistry of the Earth 34 (2009), p. 36–42.

34. Leerdam, J.A. van, A.C. Hogenboom,

40. Verliefde, A.R.D., E.R. Cornelissen,

M.M.E. van der Kooi & P. de Voogt,

S.G.J. Heijman, J.Q.J.C. Verberk,

Determination of 1H-benzotriazoles and benzothiazoles in water sample by solid-phase extraction and liquid chromatography LTQ FT Orbitrap mass spectrometry. Intern. J. Mass Spectrom. 282 (2009), p. 99-107.

G.L. Amy, B. van der Bruggend,

35. Wezel, A.P. van; L.M. Puijker,

J.C. van Dijk, Construction

and validation of a full-scale model for rejection of organic micropollutants by NF membranes, Journal of Membrane Science 339 (2009), (1-2), p. 10–20 41. Vreeburg, J. H. G., Blokker,

C. Vink, A. Versteegh & P. de Voogt,

E. J. M., Horst, P. & van Dijk, J.

Odour and flavour thresholds of gasoline additives (MTBE, ETBE and TAME) and their occurrence in Dutch drinking water collection areas. Chemosphere, 76 (2009), p. 672-676.

C., Velocity based self cleaning residential drinking water distribution systems, Water Science and Technology, 9 (2009), (6), p. 635-641.

36. Veling, E.J.M & C. Maas,

Strategy for solving semi-analytically threedimensional transient flow in a coupled N-layer system. J.Eng. Math, 64 (2009)2, p.145-161. 37. Verberk, J. Q. J. C., J.H.G. Vreeburg,

42. Wilbers, G., G. Zwolsman,

G. Klaver & J. Hendriks, Effects

of a drought period on physicochemical surface water quality in a regional catchment area. Journal of Environmental Monitoring, 11(2009), p. 1298-1302. 43. Worm, G. I. M., G. A. M. Mesman,

L.C. Rietveld & J. C. van Dijk,

K. M. van Schagen, K. J. Borger &

Particulate fingerprinting of water quality in the distribution system. Water SA, 35(2 Special WISA edition 2009), p. 192-199.

L.C. Rietveld, Hydraulic modelling

38. Verliefde, A.R.D., E.R. Cornelissen,

S.G.J. Heijman, E.M.V. Hoek, G.L.

of drinking water treatment plant operations. Drink. Water Eng. Sci., 2(1) (2009), p. 15-20. 44. Yangali-Quintanilla, V.,

A.R.D. Verliefde, T.U. Kim, A.

Amy, B. van der Bruggen & J.C. van

Sadmani, M. Kennedy & G.L. Amy,

Dijk, Influence of solute-membrane

Artificial neural network models based on QSAR for predicting rejection of natural organic compounds by polyamide NF and reverse osmosis membranes. Journal of Membrane Science vol. 342 (2009), no 1-2, p. 251-262.

affinity on rejection of uncharged organic solutes by nanofiltration membranes. Environmental Science and Technology 43 (2009), p. 2400-2406. 39. Verliefde, A.R.D., E.R. Cornelissen,

S.G.J. Heijman, I. Petrinic, T. Luxbacher, G.L. Amy, B. van der Bruggen & J.C. van Dijk,

Influence of membrane fouling by (pretreated) surface water on rejection of pharmaceutically active compounds (PhACs) by nanofiltration membranes. Journal of Membrane Science 330 (2009), (1-2), p. 90–103.

45. Zondervan, E., S. Bakker,

M. Nederlof & B. Roffel, Taking green anti-fouling strategies in dead-end ultrafiltration to the next level. Chemical engineering research and design (2009) 87(2009), p.1589-1595.

Online (voor-) publicaties 46. Raat, K.J., A. Tietema and

J.M. Verstraten, Nitrogen turnover

in fresh Douglas fir litter directly after additions of moisture and inorganic nitrogen. Plant and Soil. DOI 10.1007 (2009)/s11104-0090181-0. 47. Sack, E.L.W., P.W.J.J. van der Wielen

& D. van der Kooij, Utilization

of oligo- and polysaccharides at microgram-per-litre levels in freshwater by Flavobacterium Johnsoniae, Journal of Applied Microbiology, accepted, doi:10.1111 (2009)/j.1365-2672.2009.04546.x 48. Blokker, E. J. M., J. H. G. Vreeburg

& J. C. van Dijk, Simulating

residential water demand with a stochastic end-use model. Journal of Water Resources Planning and Management, doi:10.1061 (2009)/ (ASCE)WR.1943-5452.0000002.


60

KWR 2009

Publicaties (vervolg)

Publicaties Vakbladen 1. Bonte, M. & J.J.G. Zwolsman,

Klimaatverandering en verzoeting van de Rijn. H2O 42 (20) (2009), p. 29-31. 2. Bonte, M., K.J. Raat, P. Dammers

& P.J. Stuyfzand, Verstopping en

regeneratie van infiltratieputten bij Waalsdorp. H2O 42(7) (2009), p. 40-43. 3. Heijman (Bas), Evgenia Rabinovitch,

Ben Statia & Jasper Verberk, Drinken

van de wind. H2O 42 1 (2009), p. 34-37. 4. Hofman (Jan) & Wolter Siegers,

Kennisuitwisseling tussen Nederland en Duitsland over ontharding. H2O 42 (2009), p. 2-9. 5. Hofman (Jan), interview met Jan

Hofman door David van Baarle,

Klimaatuitdagingen noodzaken tot internationale focus. Utilities, 2 (2009), p. 10-13. 6. Hofman (Roberta), Guus IJpelaar,

Joop Kruithof, Wereldcongres UV-

technologie in Amsterdam trekt 200 bezoekers. H2O 42 22 (2009), p. 7. 7. Hofs (Bas) & Emile Cornelissen,

Coagulation and ceramic microfiltration/ultrafiltration for the treatment of drinking water. NTP procestechnologie 4 (2009), p. 30-31. 8. Hoven, T. van de, & J. Vreeburg,

Vorderingen bij TECHNEAU. H2O 7 (2009), p. 24-25. 9. Jacobs, E., E. Trietsch, M. Bonte,

F. Schulting, N. Zantkuijl & M. Oosterhuis, Boodschap

aan deelnemers Klimaattop Kopenhagen. H2O 42 (22) (2009), p. 4-5.

10. Kooiman, J.W. & D.G. Cirkel, Nieuwe

techniek voor onttrekken en infiltreren van grondwater. H2O 42 (24) (2009), p. 6-9. 11. Maas (Kees), & Hans Leenen,

Het eigengewicht van freatisch grondwater of nogmaals: vergeten we iets? Stromingen 15(2) (2009), p. 17-31. 12. Maas (Kees), Korte Golf.

Stromingen 15 (3) (2009), p. 57-60. 13. Maas, P. van der, D. van der

Woerdt, J. Bruins & D. van der Kooij, Lagedruk UV verhoogt

nagroeipotentie oppervlaktewaterzuivering De Punt. H2O, 18 (2009), p.47-49. 14. Medema, G.J., L.C. Rietveld,

A. Versteeg & A. van Wezel,

Japan en Nederland wisselen waterkennis uit, H2O, 23 (2009), p. 6-7. 15. Mesman, G., N. Slaats, A. Boersma

& B. Schultz, Nieuwe methode

inzetbaar bij saneringsbeslissingen PVC-leidingen. H2O, 16/17 (2009), p. 44-47. 16. Molen, M. v. d., I. Pieterse-

Quirijns, A. Donocik & E. Smulders, Eigenschappen bodem

en oppervlak beïnvloeden temperatuurstijging rond drinkwaterleidingen. H2O, 7 (2009), p. 33-36. 17. Nederlof (Maarten), Robin van

Leerdam, Martijn Groenendijk,

Verwijdering hormonen en geneesmiddelen uit drinkwater ter discussie. H2O 42 18 (2009), p.  30. 18. Oesterholt, F., L. Paping,

H.R. Veenendaal & D. van der Kooij,

Combinatie Q-PCR en specifieke kweekmethode efficiënt voor screening proceswatermonsters op Legionella, H2O, 24 (2009), p. 42-45.

19. Oost, R. van der, M. Heringa &

A. van Wezel, Toxiciteit

stofmengsels in drinkwater naast stofgericht ook effectgericht beoordelen. H2O 7 (2009), p. 37-39. 20. Oosterhof, A, N. Wolthek,

W. van der Meer, M. Groenendijk, S. van de Wetering, H. Boukes, K.J. Raat & J. Eerhart, Doorbraak

voor gebruik van brak grondwater als alternatieve bron voor drinkwatervoorziening. H2O 42 14/15 (2009), p. 14-17. 21. Pieterse-Quirijns, I. & M. Blokker,

Nieuwe rekenregels voor waterverbruik. Alternatief voor de qVn methode als ontwerprichtlijn. VV+ (Verwarming en Installatie: Vakblad voor installatietechniek, energie en milieu), 66 (7/8 (2009), p. 424-429. 22. Pieterse-Quirijns, I. & M. Blokker,

Rekenregels waterverbruik woontorens voor betere dimensionering installaties. Intech K&S 9 (2009), p. 48-51. 23. Postmus, E., L. Dijkstra &

G. Mesman, Demonstratie speciale inspectietechniek voor gietijzeren drinkwaterleidingen. H2O, 7 (2009), p. 26-27. 24. Runhaar, J. & J.P.M. Witte,

Bodemkwaliteit. Bionieuws 19 (2009), p.11. 25. Schriks, M.; M. van der Kooi,

M. Heringa & A. van Wezel,

Gezondheidskundige evaluatie van ‘nieuwe stoffen’ in grond-, oppervlakte- en drinkwater. H2O 22 (2009), p. 29-31. 26. Siemonsma, M., G. Brilleman,

W. Koerselman & J.W. Kooiman,

Innovatief grondwaterbeheer in Drenthe. H2O 42 (23) (2009), p. 14-16.

27. Smeets, P.W.M.H., Microbio-

logische veiligheid van drinkwater onder de microscoop in Singapore, H2O, 22 (2009), p. 6. 28. Timmer (Harrie), Lucyna Magda,

Bas Wols, Luuk Rietveld, CFDmodellering: spreiding verblijftijd in reservoir ongevoelig voor ontwerp. H2O 42 20 (2009), p. 32-35. 29. Valster, R.M., Elucidation of

relationships between protozoa, L. pneumophila and biofilm concentrations in tap-water installations. Afsluitende magazine van Delft Cluster “Duurzame gebiedsinrichting” (2009), p. 62.   30. Voogt, P. de, L. Puijker, C. Vink

& A. van Wezel, Smaak- en geurdrempels van benzine-additieven en voorkomen in waterwingebieden. H2O 25-26 (2009), p. 46-47. 31. Witte, J.P.M., J. Runhaar, R. van Ek &

D.J. van der Hoek, Ecohydrologische effecten van klimaatverandering in kaart gebracht. De Levende Natuur 110 (2009), p. 242. 32. Witte, J.P.M., J. Runhaar, R. van

Ek & D.J. van der Hoek, Eerste

landelijke schets van de ecohydrologische effecten van een warmer en grilliger klimaat. H2O 42(16/17) (2009), p. 37-40. 33. Witte, J.P.M., Schaalafhanke-

lijkheid van soortenrijkdom en zeldzaamheid. Gorteria 33 (2009), p. 156-165. 34. Wullings, B.A., H.R. Veenendaal

& D. van der Kooij, Legionella

pneumophila komt sporadisch voor in Nederlands oppervlaktewater, H2O, 7 (2009), p. 44-46. 35. Zwolsman, J.J.G., Johannesen, A. et

al., Climate Change and the Water

Industry. Asian Water, September (2009), p. 10-15.


61

BTO-Rapporten •

BTO 2008.005 - Inventarisatie van de vervanging van hoofdleidingen, W. J. M. K. Senden, M. A. Meerkerk en R. H. S. Beuken BTO 2008.006 - Relatie tussen storingen AC-leidingen en het weer, K. H. A. van Daal BTO 2008.007 (s) - Klimaatverandering en de gevolgen voor waterdistirbutie - een inventarisatie van onderzoeksbehoeften, K. H. A. van Daal en P. G. G. Slaats

BTO 2008.011 (s) - Application of CFD modelling for the design of a bench scale UV reactor, Jan Hofman, Bas Wols

BTO 2008.015 (s) - Ultrasoon

geluidsonderzoek asbestcement leidingen, G. A. M. Mesman en F. Hulhoven

BTO 2008.026 - Accurate mass

BTO 2008.043 - Chemical

BTO 2009.001 (s) - Literatuurstudie

naar opportunistisch-ziekteverwekkende micro-organismen die zich in drinkwater kunnen vermeerderen, van der Wielen, P.W.J.J. & D. van der Kooij

BTO 2008.049 (s) - Deeltjes

BTO 2009.003 (s) - Handleiding

‚CAVLAR‘; Beschrijving en interpretatie, M. Meerkerk, G. Mesman en I. Pieterse-Quirijns

BTO 2008.051 - Fenton process for contaminant control, Julien Ogier, Danny Harmsen, Wolter Siegers, Anneke Abrahamse

BTO 2008.052 - Combination of

BTO 2009.008 - Optimalisatie meetprogramma E. coli in distributienet, Blokker, E.J.M. & A.J. Vogelaar

BTO 2009.009(s) - Geofysische

BTO 2008.053 - Warmteindringing

BTO 2008.054 (s) - Generic Framework and Methods for Integated Risk Management in water Safety Plans, P. H. Rosén L., A. Lindhe, S. Sklet en J. Rostum BTO 2008.055 - Verkenning inzet van Geografische Informatie Systemen voor identificeren van kritische leidingen, K. v. Daal en R. H. S. Beuken

boorgatmetingen voor het opsporen en typeren van verstopping in grondwaterputten. M. Bonte & K.J. Raat. •

BTO 2009.011 - Verwijdering van

MS2 fagen, E. coli, Clostridium sporen en (oö)cysten van Cryptosporidium en Giardia door actief koolstoffiltratie, Hijnen, W.A.M., G.M.H. Suylen, J.A. Bahlman, A. Brouwer-Hanzens, F. Bichai & W. Siegers •

BTO 2009.012 (s) - Symposium Waterdistributie II, P. G. G. Slaats

BTO 2009.013 - Modelleren van niet-huishoudelijk waterverbruik; waterverbruik van kantoren, hotels, zorginstellingen en veehouderij, E. J. Pieterse-Quirijns, E. J. M. Blokker en A. J. Vogelaar

BTO 2009.015(s) - Putregeneratie met Jet-master. Evaluatie van het

BTO 2008.059 - Acoustic water

pipe monitoring, Phase III: Demonstration, B.A.J.Quesson, M.K. Sheldon Robert, W.H.M.Groen, M.L. Diesenaar

BTO 2009.004 (s) - Verslag

workshop leveringszekerheid 18 november 2008, R. H. S. Beuken en I. N. Vloerbergh

BTO 2008.057 - U-STORE;

Toelichting op en afspraken over uniforme storingsregistratie, I. N. Vloerbergh

BTO 2008.044 (S) - Chemical

onderzoek in het BTO 2009-2012. van der Kooij, D., G.J. Medema & P.W.J.J. van der Wielen

BTO 2008.060 - Veilige waterwingebieden bedreigingen door chemische verontreinigingen. L. Puijker, C. van Beek, A. Brandt, M. Heringa, T. van Leerdam

in de bodem, M. v. d. Molen, H. Kooij, E. F. P. A. Smulders en S. G. J. Heijman

BTO 2008.039 - Verandering van

BTO 2008.045(s) - Microbiologisch

Fenton oxidation process and ceramic nanofiltration (Waalwijk), Techneau, Julien Ogier, Jan Hofman

BTO 2008.037 (S) - Continuous

disinfection of drinking water in the distribution system, Buisan, F.

BTO 2008.048 - Elimination of micro-organisms in water treatment, Hijnen, W.A.M.

in zuivering en distributie; Symposium te Heel, 29 oktober 2008, S. v. d. Wetering, A. Abrahamse, H. beverloo, W. Siegers, J. Vreeburg, H. Leijssen, L. v. Heugten, J. Rouleaux en M. Dignum

BTO 2008.028 - Real time on-line

identification, toxicological assessment and prediction of behaviour in drinking water treatment systems. A. Hogenboom, M. Heringa, A. Abrahamse.

mangaanverwijdering in snelfilters mogelijk, Maarten Nederlof •

waterkwaliteit in het distributienet; Metingen in Rosmalen in vemaasd en vertakt netten, E. J. M. Blokker en H. Beverloo

BTO 2008.012 - Performance

Waterbehandeling 2008 “Organische stof tot nadenken”, Jaques van Paassen, Jan Cromphout, Marco Dignum, Jantinus Bruins, Jan Peter van der Hoek, Bjornar Eikkebrok, Erwin Beerendonk, Emile Cornelissen, Wolter Siegers en Arne Verliefde

hemoflow experiments (intermediate results), Tripard, E.

BTO 2008.047 (s) - Gefaseerde

aanleg van een zelfreinigend leidingnet in bestaande wijken, P. Horst

BTO 2008.024 (s) - BTO-bijeenkomst

monitoring of contaminants in water. B. van der Gaag, J. Volz.

toxiciteit in drinkwater. R. van der Oost

BTO 2008.014 - Snellere opstart

BTO 2008.022 - Waterdistributie van de toekomst; op tijd voorbereid, I. N. Vloerbergh

screening and identification of emerging contaminants in environmental samples by liquid chromatography-LTQ FT Orbitrap mass spectrometry. A. Hogenboom, T. van Leerdam, P. de Voogt.

BTO 2008.009 - Visie op mengsel-

evaluatie 2008 BTO. Visitatierapporten programma’s, Medema, G.J., P. van der Wielen, A. van Wezel, M. Mons, G. J. Zwolsman, M. Balemans, A. Abrahamse, J. Vreeburg, E. Trietsch, P. Hesen, A. Hummelen & G. Sulmann •

kerheid van drinkwatersystemen, M. v. d. Boomen

BTO 2008.004 - De microbio-

logische veiligheid van de 60-dagen zone rond grondwaterwinningen, van der Wielen, P.W.J.J., W.J.M.K. Senden & G.J. Medema •

BTO 2008.020 (s) - Leveringsze-

BTO 2008.003 - Risicoanalyse van

leidingnetten, R. H. S. Beuken •


62

KWR 2009

testprogramma 2004-2007. G. Cirkel, M. Balemans en J. Bunnik. •

BTO 2009.016 - De inzet van

geografische informatie systemen voor analyses van het leidingnet, twee casestudies GIS. PieterseQuirijns, I., Raterman, B., van Daal, K. en Beuken R. •

BTO 2009.020 - Determination of polar 1H-benzotriazolen and benzothiazolen in water by solid-phase extraction and liquid chromatography LTQ FT Orbitrap mass spectrometry. T. van Leerdam, A. Hogenboom, M. van der Kooi, P. de Voogt.

BTO 2009.023(s) - Literatuuronderzoek nanotechnologie voor drinkwaterbehandeling, Bas Hofs

BTO 2009.024 - Fluid intake and mortality due to ischemic heart disease and stroke in the Netherlands. L. Leurs, L. Schouten, R. Goldbohm, P. van den Brandt. BTO 2009.025 - Fluid intake and colorectal cancer risk in the Netherlands. C. Simons, L. Leurs, M. Weijenberg, L. Schouten, R. Goldbohm, P. van den Brandt.

BTO 2009.030 (s). Hoe combi-

BTO 2009.031 (s) - The use of NOM

BTO 2009.033 (s) - study of

membrane fouling under high NOM and high salt concentrations, Céline Dumas, Julien Ogier •

BTO 2009.045(s) - Evaluation of the environmental monitoring data of the aquifer thermal energy storage system at Philips High Tech Campus. M. Bonte & H. Boukes.

BTO 2009.046 (s). Checklist

schakelen. Tips en trucs voor ontwerp en toepassing van schakelschema’s voor mechanisch verstopte putten. K.J. Raat. •

BTO 2009.050 (s) - Uit betrouwbare bron. M.J.M. Hootsmans.

BTO 2009.052(s) - Improvement of

the biological stability of drinking water by removal of NOM and particles, Jules Goulier, Anneke Abrahamse, Wolter Siegers, Paul van der Wielen

BTO 2009.035 SafeWat:

BTO 2009.036 - Omzetting van prioritaire stoffen met UV/ H2O2 oxidatie, D. Harmsen, G. IJpelaar, L. Janssen, R. Hofman, E. Beerendonk BTO 2009.039 - Biofouling of

spiral-wound membranes in water treatment, van der Kooij, D., W.A.M. Hijnen & E.R. Cornelissen •

BTO 2009.040 (s). HDDW: Laboratoriumtest naar de geschiktheid van vier boorvloeistoffen; Deelonderzoek Horizontal Directional Drilled Wells. F. Rambags.

BTO 2009.048 - Een snelle en

specifieke methode voor de detectie van levensvatbare E. coli, Heijnen, L.

Development and testing of coatings on a Biacore 3000, A van der Gaag, A Brandt, T ter Laak •

BTO 2009.044 - Invloed van water-

samenstelling, afstand en seizoen op het ATP-gehalte in water en in sediment uit het waterleidingnet van zes pompstations, van der Wielen, P.W.J.J. & D. van der Kooij

characterization methods to determine biodegradable NOM, Siegers, W., J. Ogier & P.W.J.J. van der Wielen •

BTO 2009.041(s). Drinkwater-

functie Markermeer en verzilting IJsselmeergebied. M. Bonte.

BTO 2009.029 (s) - Drinkwater-

neren we drinkwater en bodemenergiesystemen. Bonte, M. Van den Berg, G., Boukes, H., Dammers, P., Jennekens, O., Van der Moot, N., Oosterhof, A., Six, S., Smits, F.

BTO 2009.022 - Toxicological

BTO 2009.026 - Relationship between tap water hardness and mortality due to ischemic heart disease and stroke in the Netherlands. L. Leurs, L. Schouten, M. Mons, R. Goldbohm, P. Van den Brandt.

productie in de toekomst! Moet er een barrière in de zuivering komen voor geneesmiddelen en hormonen? BTO workshop Waterbehandeling 21 april 2009, Martijn Groenendijk, Maarten Nederlof, Robin van Leerdam

BTO 2009.021 - Emerging methods

relevance of emerging contaminants for drinking water quality. M. Schriks, M. Heringa, M. van der Kooi, P. de Voogt, A. van Wezel

BTO 2009.019 - Development of a prototype Chemical-Optical Sensor for the detection of Organic Micro-Pollutants in Drinking water. B. van der Gaag

to monitor emerging chemicals in the drinking water production. A. van Wezel, M. Mons, W. van Delft. •

BTO 2009.053 (s) - Methoden

om vermaasde netten schoon te houden, E. J. M. Blokker •

BTO 2009.066 - Aanwezigheid van

dimethylsulfamide in drinkwaterbronnen en effecten op de vorming van NDMA bij de zuivering. L. Puijker, G. IJpelaar.


63

Benoemingen, promoties en prijzen 2009 Verschillende medewerkers van KWR bereikten in 2009 een bijzondere mijlpaal in hun carrière:

Benoemingen

Universiteit bij prof. dr. M.A. Cohen Stuart met

Prijzen

het proefschrift Colloids from oppositely charged polymers; reversibility and surface activity.

Arne Verliefde wint Waternet Watercyclus Innovatie Prijs 2009

Wim Hijnen, microbioloog, onderzoeker en

Uit handen van ir. Roelof Kruize, directeur

adviseur in de kennisgroep Waterkwaliteit en

Waternet, kreeg Arne Verliefde op 16 januari

Gezondheid promoveerde op 29 januari 2009

de eerste Watercyclus Innovatie Prijs 2009

aan de Universiteit Utrecht op (BTO-) onderzoek

uitgereikt tijdens de Vakantiecursus aan de

Elimination of micro-organisms in water treatment

TU Delft. Verliefde kreeg een bedrag van

naar de kwantificering van de eliminatie van

€ 10.000,- toegekend voor zijn proefschrift

ziekteverwekkers tijdens de waterzuivering

Rejection of organic micropollutants by high pressure membranes (NF/RO). Verliefde is als

Prof. dr. W. (Wim) van Vierssen, directeur van KWR, is per 1 januari 2009 benoemd tot deel-

Patrick Bäuerlein promoveerde op 30 oktober

tijdhoogleraar Science System Assessment bij

2009 aan de TU Eindhoven met het proefschrift

lijke aantal wetenschappelijke producties,

de afdeling Watermanagement aan de TU Delft.

Ionic liquids – Are they worth their salts? bij

15 peer-reviewed journal publicaties en

Microbioloog prof. dr. G.J. (Gertjan) Medema,

prof.dr. D. Vogt. Sinds 1 september 2009 werkt hij

17 conference proceedings. Verliefde heeft

MT-lid en hoofd van de kennisgroep Water-

als wetenschappelijk onderzoeker bij KWR in de

vervolgens gewerkt als onderzoeker voor het

kwaliteit en Gezondheid, is met ingang van

kennisgroep Waterkwaliteit en Gezondheid.

KWR-team Afvalwater & Hergebruik bij onder

1 oktober 2009 benoemd tot deeltijdhoogleraar

winnaar gekozen vanwege zijn uitzonder-

andere het Unesco Center for Membrane

Water & Gezondheid bij de afdeling Water-

Jan Post promoveerde op 3 november 2009 cum

Science and Technology aan de University

management van de TU Delft.

laude met het proefschrift Blue Energy. Electricity

of New South Wales in Sydney en werkt nu

Production from Salinity Gradients by Reverse Elec-

aan de TU Delft.

trodialysis bij prof.dr. C.J.N. Buisman aan Wage-

Promoties

aan het Technologisch Topinstituut Wetsus in

Legionella-Award voor microbioloog prof. dr. ir. Dick van der Kooij

Bas Hofs, wetenschappelijk onderzoeker in de

Leeuwarden. Sinds 1 september 2009 werkt Jan

Vanwege zijn “jarenlange, voortreffelijke

kennisgroep Watertechnologie, promoveerde

Post als teamleider Drinkwaterbehandeling in

wetenschappelijke onderzoek” heeft micro-

op 20 januari 2009 aan de Wageningen

de kennisgroep Watertechnologie.

bioloog prof. dr. ir. Dick van der Kooij de

ningen Universiteit. Het onderzoek vond plaats

Legionella-Award ontvangen van de Stichting Veteranenziekte. De Award werd uitgereikt tijdens het Legionella Congres Waar staan we 10 jaar na Bovenkarspel? Medici en waterexperts in debat dat op 1 oktober 2009 plaatsvond in Amersfoort. De tweejaarlijkse LegionellaAward is bestemd voor een persoon of instelling die zich bijzonder verdienstelijk heeft gemaakt voor de bewustwording rond het onderwerp Legionella. Dick van der Kooij heeft door zijn onderzoek wereldwijd een grote naam opgebouwd en hij is een veelgevraagd spreker en adviseur. Wim Hijnen

Patrick Bäuerlein

Jan Post


64

KWR 2009

KWR in de maatschappij

methode is om geneesmiddelen te verwijderen. Bij de gemeten geneesmiddelen werd een verwijdering >85% gezien, ook bij kool die al langer wordt gebruikt. De pilot is succesvol afgerond. Ruim 70 leerlingen hebben in het schooljaar 2009 een profielwerkstuk gemaakt in samenwerking met 30 verschillende waterorganisaties uit de regio Utrecht. Het project wordt in 2010 breder in Nederland ingezet.

Marieke, Eveline en Floor van het Stedelijk Gymnasium Johan

Educatie

van Oldenbarnevelt uit Amersfoort doen onderzoek voor hun profielwerkstuk bij KWR

Pilot profielwerkstukken in de watersector een succes! KWR deed mee aan het pilotproject Ikonderzoekwater.nl dat scholen, leerlingen en waterorganisaties uit de Regio Utrecht bij elkaar brengt voor profielwerkstukken over water. Het profielwerkstuk is een verplicht onderdeel van het examenprogramma. Een uitgelezen kans om scholieren kennis te laten maken met en te interesseren voor de watersector! Drie

Bosatlas Ondergronds Nederland

leerlingen van het Stedelijk Gymnasium Johan van

Bij de afsluiting van het Internationale Jaar van de

Oldenbarnevelt uit Amersfoort onderzochten met

Aarde presenteerden Noordhoff Uitgevers en Lijn43 op

KWR het vraagstuk “Help, er zit prozac in ons water!”.

22 juni 2009 de Bosatlas van Ondergronds Nederland.

Het project werd vanuit KWR begeleid door Minne

Dertig kennisinstellingen, overheden en bedrijven

Heringa, Wolter Siegers en Kees Roest. 

werkten mee aan deze 96 pagina’s tellende atlas vol

De leerlingen hebben zich verdiept in de watercyclus

kaarten, beelden en grafieken over het best onder-

en hoe geneesmiddelen via het rioolwater in het

zochte stukje van de aarde. KWR droeg niet alleen

drinkwater kunnen komen. Daarna hebben ze zelf

bij aan de financiering, maar leverde onder leiding

urine verzameld, aan een deel daarvan een genees-

van Jan Willem Kooiman, teamleider Geohydrologie,

middel toegevoegd en de monsters vervolgens

ook inhoudelijke bijdragen in de vorm van tekst en

met kool gefiltreerd om te zien of kool een goede

illustraties.


65

Voorlichting

KWR Open Dag Ecotuin werden goed bezocht – er zijn zelfs extra rondleidingen ingelast. De zalen waren goed gevuld

KWR Open Dag tijdens landelijke Oktober Kennismaand

voor de Mini- en Maxi-colleges over onderwerpen

Zaterdag 10 oktober 2009 organiseerde KWR voor

kinderen maakten tijdens de speciale Waterles kennis

het eerst sinds jaren een Open Dag voor een breed

met de onbekende wereld van water. De bezoekers

publiek. Hiervoor is aangesloten bij de landelijke

beoordeelden deze eerste KWR Open Dag met een 8!

als gesprongen waterleidingen of Legionella. Jonge

Oktober Kennismaand die bezoekers een maand lang een kijkje in de fascinerende wereld van wetenschap

Postdoc-event

en technologie biedt bij circa 800 (onderzoeks)instel-

Twintig postdockandidaten van vijf verschillende

lingen, bedrijven, universiteiten, science centra en

universiteiten en Wetsus namen deel aan het post-

sterrenwachten in heel Nederland. De Oktober Ken-

doc-event op 14 april 2009. Na een korte introductie

nismaand is sinds 1994 een begrip.

vertelden enkele jonge medewerkers over hun ervaringen bij KWR. Vervolgens werden de kandidaten

De KWR Open Dag trok maar liefst 426 bezoekers

verdeeld over de drie kennisgroepen voor het match-

uit diverse doelgroepen: mensen uit de buurt, maar

makingonderdeel. Hierin vertelden de kandidaten de

ook van ver, mensen van waterbedrijven, scholieren,

teamleiders van KWR kort en bondig over zichzelf en

studenten, ouders met (kleine) kinderen, mensen die

over het onderzoek dat zij als promovendus hadden

bij bedrijven in de buurt werken, familieleden, etc.

uitgevoerd. Vervolgens kregen zij een toelichting op de

Ruim zestig enthousiaste KWR-medewerkers zorgden

uitdagende onderzoeksplannen van de kennisgroep.

voor een boeiend programma. De meeste bezoekers

Na een rondleiding door de laboratoria en de proefhal

namen deel aan twee of drie onderdelen van het

sloot directeur Wim van Vierssen de bijeenkomst af.

omvangrijke programma. In het Science lab konden

De postdockandidaten waren enthousiast over het

diverse zeer verschillende proefopstellingen bekeken

event en vonden het leuk een ‘kijkje in de keuken’ te

worden. De rondleidingen door de Microbiologische

mogen nemen. Inmiddels doen enkele kandidaten

en Chemische Laboratoria, de Proefboerderij en de

onderzoek bij KWR.


66

Ride for the Roses

KWR 2009

Alumnibijeenkomst

Sponsoring KWR-Wielerteam koerst mee in Ride for the Roses

5 (oud)directeuren

Maatschappelijke betrokkenheid

Wielerteam vertegenwoordigde alle lagen van de

JCI Challenge succes voor Giving Back en KWR-team

organisatie. Het team van negen enthousiaste KWR-

De JCI Challenge is een project van de Junior Chamber

medewerkers nam zondag 30 augustus deel aan Ride

International – een wereldwijde federatie van Young

for the Roses en reed een afstand van 100 kilometer

professionals en ‘Entrepreneurs’ tot 40 jaar. De JCI zet

in de Lingewaard bij Nijmegen. Ride for the Roses is

zich in op gebieden als persoonlijke ontwikkeling,

van oorsprong een initiatief van Lance Armstrong. De

zakelijke netwerken, maatschappelijke betrokken-

sponsoropbrengsten komen volledig ten goede aan

heid en internationale contacten. JCI Amsterdam

KWF Kankerbestrijding.

is in 2009 gestart met de JCI Challenge: een project

Van directeur tot medewerker postkamer: het KWR

dat maatschappelijk verantwoord ondernemen

Netwerken

combineert met een competitie en een element van training en coaching, via projecten voor een goed doel in Amsterdam. Het goede doel van het winnende

KWR Alumnibijeenkomst

team kreeg € 10.000, -. Vanuit KWR was een team

De afgelopen 30 jaar hebben veel mensen gewerkt bij

afgevaardigd van vier jonge medewerkers. Zij haalden

Kiwa Speurwerk, Kiwa Onderzoek en Advies en het

met jongeren van Giving Back ruim € 700, - op door

huidige KWR. Veel van hen hebben hun carrière ver-

lege waterflesjes van het merk Neau te verkopen met

volgd bij een waterbedrijf, waterschap, adviesbureau

de boodschap het flesje te vullen én te hervullen met

of soms een heel andere organisatie. De gezamenlijke

kraanwater, wat het overbodig maakt bronwater in

band blijft echter altijd. In het teken van verbinden,

(dure) flessen te consumeren. Het KWR-team kreeg

verhalen vertellen en vooruit kijken, organiseerde

lovende reacties van de jury. De eerst prijs ging echter

KWR daarom op 8 juli 2009 de eerste KWR Alumnibij-

naar het team Jonge Ambtenaren Netwerk dat een

eenkomst voor oud-medewerkers. Het was een spran-

actie bedacht voor het Filmmuseum.

kelend weerzien tussen ruim honderd oude en vijftig nieuwe KWR-collega’s. Na vele warme begroetingen gaf directeur Wim van Vierssen een korte vooruitblik en blikte oud-directeur Wim van der Meent terug. Daarna werd er volop bijgepraat en genetwerkt.


67

Maatwerk van monsterbots tot membraaninstallaties Nieuwe technologie en innovatieve oplossingen beginnen in het hoofd van wetenschappers. In de werkplaats veranderen ze dat in tastbare, toepasbare techniek. Bij KWR zetten Harry van Wegen en Sidney Meijering zulke wetenschappelijke dromen om in werkende apparatuur. Geen eenvoudige klus, want wat in theorie werkt, ondervindt vaak nog praktische hindernissen. “Veel ideeën beginnen eenvoudig, maar leiden uiteindelijk tot apparaten die aan uiteenlopende eisen moeten voldoen,” weet Sidney. “Van kleine opstellinkjes tot grote membraaninstallaties

Sidney Meyering (l) en Harry van Wegen (r):

of harskolommen van zeven meter hoog en de daarbij

“Van

behorende pompen en besturingen.”

wetenschappelijke droom

Monsterbot

naar werkende apparatuur.”

In 2009 maakten ze bijvoorbeeld samen met geochemicus Diego Bustos Medina een apparaat om monsters te nemen uit grondwaterputten, dat ze lief “de monsterbot” hebben genoemd. Diego onderzoekt hoe het komt dat putten soms verstopt raken; hij wilde monsters kunnen nemen van de wand van verstopte putten. Harry: “In allereerste instantie was het idee om

Puzzelen

met een soort bakje aan vijftig meter kabel, langs de

“En dan ben je er nog niet,” vult Sidney aan. “Je rijdt

wand te schrapen om aanslag te verzamelen.

niet overal zomaar met een autootje naar een put en

Maar de uiteindelijke monsterbot kan met afstands-

je hebt er ook niet altijd een energievoorziening bij

bediening zes verschillende monsters nemen, die

de hand. Naast de monsterbot zelf hebben we dus ook

in hermetisch afgesloten compartimenten worden

een aggregaat en een compressor nodig. Met een lier

bewaard omdat er geen zuurstof of water meer bij mag

wordt de monsterbot in de put neergelaten, samen

komen. Daarvoor hebben we een bijzonder kleppen-

met een camera, een lamp, een dieptemeter en een

systeem bedacht, dat voorkomt dat het monster

pomp om loskomend materiaal van de wand weg te

wordt vervuild met andere materialen. Zowel openen

pompen zodat het water niet troebel wordt. Zo kun je

als gesloten houden van de monstercilinders gaat

monsters nemen tot ongeveer 45 meter diepte.”

met luchtdruk. Hydraulica was geen optie: er mag

Het ontwikkelen van de monsterbot was een leuke

nooit olie lekken in een puttenveld voor de drinkwa-

uitdaging, vooral vanwege de ingewikkelde omstan-

terwinning! We moesten kunststof gebruiken omdat

digheden en eisen. Harry: “Het puzzelen om aan al die

metaal de meting van bijvoorbeeld de ijzergehaltes

voorwaarden te voldoen, blijft toch het leukste aan

van de monsters kan verstoren. Wielen met schok-

ons werk.”

brekers geleiden de monsterbot langs de putwand naar de juiste diepte, zodat het apparaat richeltjes kan passeren en tegen een stootje kan. Dankzij dat systeem is het apparaat geschikt voor putten van 300 millimeter tot 600 millimeter doorsnee.”


68

KWR 2009

Werken bij KWR Eind 2009 waren er 167 mensen in dienst bij KWR:

strevende CAO die medewerkers veel flexibiliteit biedt

108 mannen en 59 vrouwen. Het aantal vrouwelijke

in de secundaire arbeidsvoorwaarden.

werknemers is daarmee 35%, gelijk aan 2008. In 2009 verlieten enkele mensen KWR. Maar er

Medewerkersonderzoek

kwamen ook 32 medewerkers nieuw in dienst.

In juni 2009 is er een medewerkersonderzoek

Het aantal niet-Nederlandstalige medewerkers in

gehouden. De respons was zeer hoog met 89,4% .

2009 bedroeg 8, afkomstig uit Colombia, Duitsland,

In een aantal workshops zijn de uitkomsten per

Engeland, Griekenland, Portugal, Spanje, Canada en

team/afdeling besproken en vertaald naar actie-

Zuid-Afrika.

punten waarmee knelpunten kunnen worden verbeterd. Goede punten die uit het onderzoek

Mensen zijn bepalend voor de kwaliteit van ons werk.

naar voren kwamen, zijn het onderlinge respect en

KWR geeft medewerkers de ruimte om creatief en

vertrouwen en de mogelijkheden voor ontwikkeling

innoverend onderzoek te initiëren en vorm te geven.

in vaardigheden en kennis voor de individuele

Wetenschappelijke kwaliteit, communicatieve

medewerker. Het komende jaar wordt aandacht

vaardigheden en aandacht voor kennisoverdracht zijn

gegeven aan onder andere het versterken van de

belangrijke eigenschappen van KWR-medewerkers.

communicatie binnen de organisatie en de samenwerking tussen afdelingen.

KWR stimuleert de persoonlijke ontwikkeling van medewerkers. Vakinhoudelijk blijven zij op de hoogte

Corporate Governance Code

door deelname aan congressen en symposia. Met

KWR hanteert voor zover van toepassing de uitgangs-

opleidingen en trainingen kunnen zij hun kennis en

punten en best practices van de Nederlandse Corpo-

persoonlijke vaardigheden ontwikkelen.

rate Governance Code. KWR heeft in 2009 een eigen gedragscode ontwikkeld die geldt voor alle medewer-

Promovendi en postdocs

kers onderling en in hun contacten met opdracht-

Postdocs en promovendi worden bij KWR ingezet

gevers. Deze is te vinden op de KWR-website. In

voor versterking van het wetenschappelijk onderzoek.

aanvulling op deze gedragscode conformeert KWR

In 2009 waren er 15 promovendi en 3 postdocs aan het

zich daar waar van toepassing aan de ‘Nederlandse

werk. Dit is binnen het eigen KWR-onderzoek, het

Gedragscode Wetenschapsbeoefening’ zoals opge-

toegepaste bedrijfstakonderzoek BTO, het samenwer-

steld door de VSNU (Vereniging van Samenwerkende

kingsproject binnen het technologische topinstituut

Nederlandse Universiteiten).

watertechnologie of het Nederlandse onderzoeksprogramma Kennis voor Klimaat.

CAO Sinds 1 januari 2009 is KWR lid van de CAO voor de Waterbedrijven (CAO-WWb). Eind 2009 is er een nieuw principe-akkoord goedgekeurd door alle partijen dat met ingang van 1 augustus 2009 van kracht is geworden. Dit principe-akkoord bevat veel nieuwe elementen die in 2010 en 2011 worden geïmplementeerd. Daarmee is het een zeer vooruit-


69

Organisatie

Directie en Management Team (MT)

Raad van Commissarissen (RVC)

• Prof. dr. W. (Wim) van Vierssen, Directeur

De Raad van Commissarissen van KWR wordt

• Ir. J.A. (Jos) Boere, Hoofd Kennisgroep

gevormd door:

Watertechnologie • Dr. ir. M.J.M. (Michiel) Hootsmans, Hoofd Kennisgroep Watersystemen • Prof. dr. G.J. (Gertjan) Medema, Hoofd Kennisgroep Waterkwaliteit & Gezondheid (tot 31-12-2009)

• Voorzitter: Ir. D.Luteijn, directeur/toezichthouder (1943) Eerste benoeming: 16-11-2006; benoemd tot 01-07-2010. • Secretaris: Ir. R.G. Campen, voormalig voorzitter Raad van Bestuur DHV (1946) Eerste benoeming: 16-11-2006; benoemd tot 01-07-2010.

Aandeelhouders De Nederlandse drinkwaterbedrijven zijn de

Leden:

aandeelhouders van KWH Water B.V..

• Dr. Ch.P. Bruggink, voormalig lid van de raad van

KWR Water B.V. is het enige bedrijf in deze holding.

bestuur van Vitens N.V. (1946) Eerst benoeming: 29-06-2006; benoemd tot 01-07-2011; afgetreden 01-07-2009. • Drs. P. Jonker, directeur Dunea en voorzitter Werkgeversvereniging Waterbedrijven WWb (1950) Eerste benoeming: 29-06-2006; benoemd tot 01-07-2011. • Prof. dr. ing. S. Schaap, voormalig dijkgraaf Waterschap Groot Salland en voormalig voorzitter Unie van Waterschappen (1946) Eerste benoeming: 01-07-2008; benoemd tot 01-07-2012.


70

KWR 2009

Wetenschapsraad

Wetenschappelijke Advies Raad (WAR)

Om het wetenschappelijke gehalte van de werkzaam-

De Wetenschappelijke Advies Raad (WAR) van KWR

heden van KWR te toetsen, is een Wetenschapsraad

geeft de directie gevraagd en ongevraagd advies over

ingesteld. De Wetenschapsraad bestaat uit principal

het onderzoeksprogramma van het instituut. De

scientists die bij KWR in dienst zijn.

leden van de WAR zijn deskundigen op de verschil-

Elk lid is verantwoordelijk voor zijn eigen werk-

lende werkgebieden van KWR. Samen bestrijken zij

veld. Zij zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor het

het gehele werkveld van KWR.

bepalen van het strategisch onderzoek binnen het instituut op de lange termijn en voor het borgen

Samenstelling WAR 2009:

van de wetenschappelijke kwaliteit van alle onder-

• Drs. L.J. Halvers (voorzitter),

zoekswerkzaamheden. Op deze manier worden de wetenschappelijke kwaliteit en reputatie van KWR beschermd. De Wetenschapsraad bestrijkt alle essentiële aspecten van de onderzoeksgebieden waarop KWR werkzaam is. De leden van de Wetenschapsraad dragen verantwoordelijkheid voor het onderzoek.

lid van de adviesraad voor wetenschaps- en technologiebeleid (AWT); • Prof. dr. ir. B. Brunekreef, directeur van het Institute for Risk Assessment Sciences (IRAS) en hoogleraar Milieu-epidemiologie; • Prof. dr. ir. C.J.N. Buisman, wetenschappelijk directeur Wetsus/Technologisch

Samenstelling Wetenschapsraad: • Prof. dr. G.J. (Gertjan) Medema; Water & gezondheid,

Top Instituut Watertechnologie; • Prof. dr. W. Kühn, directeur TechnologieZentrum Wasser (Duitsland).

voorzitter Wetenschapsraad; • Prof. dr. ir. D. (Dick) van der Kooij; Microbiologische stabiliteit/activiteit; • Prof. dr. ir. M.C.M. (Mark) van Loosdrecht; Milieubiotechnologie; • Dr. ir. M.M. (Maarten) Nederlof; Waterbehandeling en distributie; • Prof. dr. P.J. (Pieter) Stuyfzand; Geochemie en hydrologie; • Prof. dr. W. (Wim) van Vierssen; Kennismanagement; • Prof. dr. P. (Pim) de Voogt; Chemische waterkwaliteit; • Dr. ir. J. (Jan) Vreeburg, Distributie; • Prof. dr. ir. J.P.M. (Flip) Witte; Ecologie.

Ondernemingsraad (OR) • Ing. J.C. van Ravestijn (voorzitter) • A.F. van Dam (vice-voorzitter) • Dr. ir. P.W.M.H. Smeets (secretaris) • G.M.E. van Beusekom (ambtelijke secretaris) • Ir. E.J.M. Blokker • Ing. E. Emke • M.J.J. de Graaf • Ir. F.I.H.M. Oesterholt


71

Financiën Geconsolideerde balans voor winstbestemming per 31-12-2009 Bedragen x € 1000

ACTIVA

31-12-2009

31-12-2008

Vaste Activa Materiële vaste activa

6.498

6.118

6.498

6.118

Vlottende activa Onderhanden opdrachten Debiteuren Overige vorderingen en overlopende activa

Liquide middelen Totaal activa

2.006

1.741

2.778

1.876

341

339

5.125

3.956

7.317

6.588

18.940

16.662

PASSIVA Eigen vermogen 155

155

Agioreserve

Nominaal kapitaal

7.763

7.763

Overige reserves

1.770

519

379

500

Bestemde reserve innovatie Resultaat lopend jaar

1.106

1.130

11.173

10.067

Voorzieningen Reorganisatie Pre-FPU Diensttijdgratificatie

101

75

74

103

159

334

178

1.340

849

Kortlopende schulden Crediteuren Belastingen en sociale lasten Overige schulden en overlopende passiva

Totaal passiva

547

218

5.546

5.350

7.433

6.417

18.940

16.662


72

KWR 2009

Geconsolideerde winst- en verliesrekening 2009 Bedragen x â‚Ź 1000

Netto omzet Mutatie onderhanden werk Overige bedrijfsopbrengsten

2009

2008

16.186

15.739

265

-329

773

1.259

17.224

16.669

Lonen en salarissen

7.164

6.880

Sociale lasten en pensioenpremies

1.807

1.693

Overige personeelskosten

1.031

1.138

Bedrijfsopbrengsten

Afschrijvingskosten Subcontracting Overige bedrijfskosten

723

688

2.354

1.969

3.132

3.371

16.211

15.739

1.013

930

Rentebaten

93

200

FinanciĂŤle baten en lasten

93

200

1.106

1.130

Bedrijfskosten

Bedrijfsresultaat

Netto resultaat


73

Geconsolideerd kasstroomoverzicht 2009 Bedragen x € 1000

2009

2008

1.013

930

688

Kasstroom uit operationele activiteiten Bedrijfsresultaat Aanpassingen voor: - afschrijvingen

723

- dotaties voorzieningen

254

13

- onttrekkingen aan voorzieningen

-69

-67

- vrijval voorzieningen

-29

- 21

Veranderingen in werkkapitaal: - toe-/ afname handelsvorderingen - toe- / afname overlopende activa - toe- / afname voorraad onderhanden werk

-902

-99

-2

-105

-265

285

- toe-/ afname handelscrediteuren

491

-729

- toe-/ afname belastingen en sociale premies

329

-65

196

180

1.739

994

93

200

0

1.832

1.194

-1.103

-949

- toe-/ afname schulden pensioenen - toe-/ afname overlopende passiva Kasstroom uit bedrijfsoperaties Ontvangen interest Betaalde interest Kasstroom uit operationele activiteiten

-16

Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen in materiële vaste activa Desinvesteringen in materiële vaste activa Kasstroom uit investeringsactiviteiten

Netto kasstroom

 

-1.103

-949

 

 

729

245


74

KWR 2009

Aandeelhouders KWR


75

Termen en afkortingen BTO

Bedrijfstakonderzoek waterbedrijven

DPW

Duinwateronderzoek voor Dunea, PWN en Waternet

DWSI

Dutch Water Sector Intelligence

ETBE

Ethyl-tert-butylether

GIS

Geografisch Informatie Systeem

GWRC

Global Water Research Coalition

IWA

International Water Association

KvK

Kennis voor Klimaat

LMB

Laboratorium voor Microbiologie

LMC

Laboratoria voor Materialenonderzoek en Chemische analyse

MTBE

Methyl-tert-butylether

NOM

Natuurlijk organisch materiaal

OPIW

Onderzoeksprogramma Industrie & Water

PBC

Programmabegeleidingscommissie

PBL

Planbureau voor de Leefomgeving

Q-PCR

Kwantitatieve polymerase kettingreactie

REACH-wetgeving

Registration, Evaluation and Authorization of Chemicals;

het Europese systeem tot registratie, testen en toelating van chemicaliĂŤn

RIVM

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

SIMDEUM

Simulatiemodel voor afnamepatronen watergebruikers

SOCOPSE

Source Control of Priority Substances in Europe

Stichting Rioned

Koepelorganisatie voor de rioleringszorg

STOWA

Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer

WSSTP

Water Supply and Sanitation Technology Platform


76

KWR 2009

Contact Postadres

Colofon

KWR Watercycle Research Institute Postbus 1072

Tekst en redactie

3430 BB Nieuwegein

Afdeling Communicatie,

Nederland

KWR Watercycle Research Institute: Jody Hoogendoorn

Bezoekadres

Nicoline Scholman

KWR Watercycle Research Institute

Gerda Sulmann

Groningenhaven 7

Met ondersteuning van:

3433 PE Nieuwegein

Peter Juijn Teksten (p. 12, 16, 32, 34, 38, 48, 50)

Nederland T 030 6069 511

Vormgeving

F 030 6061 165

Arthur Wentzel

E

info@kwrwater.nl

I

www.kwrwater.nl

Fotografie Ymke Bartlema

Utrecht handelsregister, 27279653

Robert Goddyn

@2010 KWR Watercycle Research Institute

Beeldbewerking

Arthur Wentzel Alle rechten voorbehouden. Teksten, lay-out,

afbeeldingen, scripts en andere artikelen

Infographic (p. 7)

mogen niet worden gekopieerd of anderszins

vof Unger-Kisman

gereproduceerd en gedistribueerd zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van KWR Watercycle Research Institute.

Druk

Xerox Nederland

Deze publicatie is gedrukt

Zwembad (p. 35)

op milieuvriendelijk papier.

Merwestein Nieuwegein


KWR Water - jaarverslag 2009 NL