{' '} {' '}
Limited time offer
SAVE % on your upgrade.

Page 1

in het netwerk


Van januari 2018 tot en met juni 2019 ging Wim Wouters, medevoorzitter van kwb, op stap in het netwerk van Beweging.net. Hij ging aankloppen bij alle stichtende ĂŠn geassocieerde partners van het netwerk, en verwerkte deze boeiende gesprekken in interviews voor het kwb-ledenmagazine Raak. Omdat we iedereen willen laten meegenieten van het interessants dat hij tijdens zijn tocht oppikte, bundelden we alle gesprekken. Veel leesplezier! Inhoud Peter Wouters 3 ACV 6 Arktos 9 CM 11 Familiehulp 14 Femma 16 Groep Intro 18 KAJ 21 Internationaal ComitĂŠ 23

OKRA 26 Pasar 28 Pax Christi 30 Samana 33 Welzijnszorg 35 WSM 38 Slotgesprek 40 Dankwoord 43


"Wij vormen de grootste familie van Vlaanderen"

S

amen maak je meer plezier dan alleen, en door samen te werken krijg je veel meer gedaan. Dat heb je vast al wel ervaren in jouw kwb-groep. Ook als nationale organisatie werkt kwb graag samen. Daarom maken we deel uit van beweging.net, een platform van elf organisaties. Maar wie zijn die elf partners nu? We beginnen met beweging.net, en gingen op bezoek bij kersvers voorzitter Peter Wouters. De naam ‘beweging.net’ mag dan misschien niet zo oud zijn – van 2014 – de roots liggen veel verder terug in de tijd. De naam ACW (Algemeen Christelijk Werknemersverbond) klinkt bij veel mensen nog bekend in de oren. "We zijn ontstaan in 1921", begint Peter Wouters, sinds een half jaar voorzitter van beweging.net. "ACV, CM en KAV (nu Femma, nvdr) bestonden al, de andere partners nog niet. Door de grote bloei van die drie organisaties was er een vraag naar een koepel, om een grotere impact te hebben op het beleid. Over sociale bescherming, of bescherming van het werk, bijvoorbeeld. Sommige van de maatschappelijke en politieke vragen van toen zijn vandaag, bijna honderd jaar later, nog altijd actueel. Destijds was de overheid vragende partij, en subsidieerde ACV en CM om daar werk van te maken. Hun werking was een succesformule." Grootste familie In 2014 werd ACW omgevormd tot beweging.net. "In 1921 was de vraag van drie organisaties: ‘Organiseer ons’. Met beweging.net hanteren we een nieuwe werkvorm, waarbinnen de organisaties een grotere zelfstandigheid krijgen. Beweging.net heeft zelf geen leden. De bekendheid van beweging.net is dan ook geen doel op zich. Het doel is wel om een meerwaarde te realiseren door het samenbrengen van de partners en zo de werking van de partners en hun leden te versterken. Is dit succesvol, dan is het voor iedereen een stap vooruit."

3


"We hebben ongeveer 250.000 vrijwilligers in de brede beweging. Maar vrijwilligers die bij beweging.net actief zijn, zijn dat meestal ook ergens anders. Bij Samana, bij Femma, of bij kwb, bijvoorbeeld. Dat engagement is iets om trots op te zijn, iets waar we heel dankbaar voor mogen en zullen zijn. Zo vormen we bij uitstek de grootste familie van Vlaanderen." Heruitvinden 'Het blijft Een deel van die familie wordt bevolkt door kwb-leden. Binnen beweging.net was kwb – belangrijk dat aanvankelijk de Katholieke Werklieden Bond – een laatkomer. Met de officiële oprichting net na burgers actief de Tweede Wereldoorlog, groeide kwb de eerste twee decennia sterk. De vereniging kreeg faam betrokken zijn op hun als kritische luis in de pels van het ACW. "In de loop der jaren heeft kwb zijn positie verworven", eigen leefomgeving' aldus Wouters. "Vandaag is dat misschien wat minder sterk uitgesproken. Kwb staat er al jaren, en is zich vandaag – net zoals zo vele andere – aan het heruitvinden. Dat is nodig, omdat er verschuivingen zijn in de thema’s maar ook in hoe mensen zich organiseren. De vraag is in welke mate getallen belangrijk zijn, maar wat wel vaststaat, is dat als je een instroom hebt van nieuwe leden, je de toekomst hebt. De onderwerpen die kwb aanhaalt, zoals duurzaamheid of solidariteit, zijn niet evident – en ook niet neutraal. Campagnes zoals de gsm-actie of ‘kwb onbegrensd’ zijn de aanleiding om een onderwerp op de tafel te brengen. Het gesprek volgt dan wel." Vertrouwdheid Beweging.net kan voor kwb een meerwaarde betekenen. "Af en toe kunnen we een vraagstuk waar kwb mee bezig is versterken, om zo meer impact te creëren. Voor de leden van kwb kan het besef dat ze deel uitmaken van een grote groep van 250.000 mensen een meerwaarde zijn. Dat is een grote groep die bezig is met belangrijke onderwerpen uit de samenleving. Omgekeerd is het fijn als een kwb’er deelneemt aan activiteiten van beweging.net of een andere partner omwille van die vertrouwdheid met elkaar in het netwerk."

4


Welke uitdagingen ziet Peter Wouters voor zijn organisatie en de maatschappij? "Het gaat om de vraag welke samenleving we willen. Ons ‘Rijnlandmodel’ – waar solidariteit, samenwerking en vertrouwen belangrijker is dan individualisme en competitie – staat ter discussie. Daarnaast is het ook belangrijk dat de burgers actief betrokken blijven of worden op hun eigen leefomgeving. Dat moeten we blijven ondersteunen. Op allerlei manieren willen we hier vorm aan geven."

5


"Iedereen wil die koers van zijn leven zo goed mogelijk kunnen lopen" ACV is één van de oudste, één van de grootste en één van de bekendste organisaties van de beweging. Voorzitter Marc Leemans neemt ons mee in het verhaal van de vakbond. Aan de wieg van de christelijke arbeidersbeweging staat het ACV. De arbeids- en leefomstandigheden van de arbeiders ten tijde van de Industriële Revolutie waren zo slecht, dat de arbeiders meer dan 125 jaar geleden zélf het heft in handen namen. Marc Leemans, voorzitter van ACV, geeft tekst en uitleg. "Waardig werk en een leefbaar inkomen, dat is altijd de basis van de vakbond geweest. Inclusief sociale bescherming, ingeval het inkomen bijvoorbeeld door ziekte of een ongeval onder druk kwam te staan. Zo is de sociale zekerheid ontstaan, in samenwerking met de ziekenfondsen. Onderlinge solidariteit staat centraal." "Iedereen telt mee in de samenleving, de vakbond wil inclusief zijn. Want in de koers van het leven start niet iedereen op dezelfde startplaats, sommigen hebben een moeilijker parcours met hindernissen of valkuilen. Iedereen wil die koers van zijn leven zo goed mogelijk kunnen lopen. Vanuit onze werking proberen we dat iedereen op dezelfde manier aan de eindmeet kan komen. Dat verschilt fundamenteel van anderen, die vinden dat het de mensen hun eigen schuld is als ze problemen hebben. Het vangnet zorgt ervoor dat ze doorgaan, niet opgeven maar volhouden."

6


Framing Toestanden zoals in de film ‘Daens’, met kinderarbeid en werkdagen van meer dan twaalf uur bestaan gelukkig niet meer, maar dat wil niet zeggen dat er vandaag geen pijnpunten meer zijn. Ook vandaag strijdt ACV nog altijd voor waardig werk, en bescherming van de werknemer in het algemeen. "Een nieuwe uitdaging ligt bij de ‘platformmedewerkers’, de zelfstandigen zonder personeel", zegt Leemans. "Als sommigen zeggen dat de vakbonden tegenwoordig overbodig zijn, dan is dat omdat ze er een andere politieke mening op na houden, of uit onwetendheid. Bovendien is ‘vakbond’ als term niet oké, omdat het zo negatief geframed wordt. In wezen is het een verzameling van werknemers. ‘Vereniging van werknemers’ zegt veel beter wat we zijn. Het zijn de mensen zelf die actie organiseren, en niet het apparaat ‘vakbond’. Ze is nodig om gewone mensen een stem te geven."

'Vakbonden zijn een fundamenteel onderdeel van een sterke democratie'

"ACV en de andere vakbonden zijn een fundamenteel onderdeel van een sterke democratie. Ze vullen de rol in van wat mag verwacht worden van een middenveldorganisatie: noden en behoeftes van de gewone mensen - zoals tijdskrediet, eindeloopbaanformules, enzovoort komen via het middenveld op de politieke agenda. Dit is de taak van de ACV’s en CM’en van deze wereld." Voor iedereen Een grote vakvereniging zoals ACV is op vele terreinen actief, voor vele mensen. "Arbeidsomstandigheden, veiligheid en gezondheid op de werkvloer zijn enkele van de belangrijke thema’s die we proberen op te pakken per sector en in het interprofessioneel akkoord", aldus Leemans. "Dat interprofessioneel akkoord is er voor iedereen, voor elke werknemer waar ze ook tewerkgesteld zijn. In een groot of een klein bedrijf, het maakt niet uit. Op die manier heeft iedereen iets aan het ACV. Zo krijgen immers ook de gepensioneerden een aanpassing van hun pensioen, van hun vakantiegeld. Een CAO vanuit de vakbond wordt zo een wet, die voor iedereen van toepassing is."

7


"Misschien moeten we als vakbond beter uitleggen wie we zijn en wat we doen. We vinden het zelf te veel een evidentie. Dat is ook een van onze verantwoordelijkheden. We vergeten regelmatig onszelf te duiden." Luidere stem Ook voor een grote vereniging als ACV blijft het belangrijk om deel uit te maken van een breder netwerk. Leemans: "Zorg, huisvesting, vrouwenrechten, maatschappelijke vorming enzovoort zijn ook belangrijk. Een vakbond kan niet alles. We kunnen wel samen met anderen coalities maken, en zo beweging creëren. Samen kunnen we een luidere stem geven aan onze leden, aan mensen die doorgaans niet gehoord worden." Ook kwb speelt daarin een rol. "Met kwb organiseren we ‘samen-leven’. En dat gaat ook over eetfestijnen waar men middelen verzamelt om er daarna iets mee te doen. Bindend en verbindend bezig zijn, is de eigenheid van kwb. Moest kwb er niet zijn, wie zou het dan doen? De overheid zal het niet doen en vanuit de mensen, maar zonder structuur, is minder solide. Het programma biedt perspectief om ondersteunend bezig te zijn." Net als alle organisaties, staat ook ACV voor enkele grote uitdagingen. "We moeten flexibel omgaan met de nieuwe omstandigheden. Veel van wat vandaag normaal is, komt onder druk te staan. Kijk naar vervoer zonder chauffeur; zelfrijdende auto’s. Wat gaan we doen met de mensen die vandaag hun brood verdienen als chauffeur? Het is een uitdaging om in te spelen op nieuwe noden. De energietransitie en de digitale ontwikkelingen zijn voor iedereen, en dus ook voor ACV, een grote uitdaging. Deze transitie zou wel eens groter kunnen zijn dan alle voorgaande industriële revoluties tezamen", besluit Leemans.

8


Van sociale promotie naar ‘het kan wel!’

A

rktos, geassocieerde partner van Beweging.net, begeleidt kinderen en jongeren tussen 6 en 25 jaar voor wie het op school of werk moeilijker gaat. Hoe dat precies zit, vertelt voormalig algemeen directeur Erik Vanwoensel. Arktos is een Vlaams expertisecentrum voor kinderen en jongeren van 6 tot 25 jaar voor wie de aansluiting op school, werk en samenleving minder evident blijkt. De wortels liggen in de jaren zestig. "In 1963 ging de ‘Wet op de sociale promotie’ in voege", vertelt Erik Vanwoensel. "Dat was de start van het deeltijds onderwijs." De benaming ‘onderwijs voor sociale promotie’ verraadt de oorspronkelijke bedoeling: door bijscholing en vorming maakten niet- of kortgeschoolde arbeiders kans op bevordering, of verbetering van hun sociale situatie. "Het toenmalige ACW – de voorloper van Beweging.net – zette sterk in op dit avondonderwijs. In de schoot van KAJ-VKAJ werd in 1963 het Nationaal Instituut voor Sociale Promotie van jonge werknemers (NISP) opgericht. Vandaag zouden we dat een spin-off noemen. Het NISP werkte vormingspakketten uit voor jonge werknemers." Eind jaren 70 breidde de doelgroep zich uit naar jongeren die geplaatst werden in een instelling. Wat later kwam daar nog een nieuwe doelgroep bij: jongeren die leerplichtig, maar schoolmoe zijn. "Ondertussen was het NISP van naam veranderd: we werden het Nationaal Centrum voor de Algemene Vorming van jonge werknemers (NCAV). In 1994 werd onze werking helemaal zelfstandig, en kregen we onze huidige naam: Arktos." Handvaten Van een organisatie die alleen vorming aanbood aan jonge arbeiders, is Arktos geëvolueerd naar een bredere organisatie. Arktos

9


biedt nog steeds vorming aan, maar ze biedt ook ondersteuning voor jongeren die kwetsbaar staan in de maatschappij. De noden die ze bij haar doelgroepen opmerkt, signaleert ze. "Vorming bieden gebeurt op een actieve manier", zegt Vanwoensel. "Door atelierwerking, sport, ervaringsmeerdaagsen … Ondersteuning omvat begeleiding van intermediairen zoals scholen, leerkrachten, ouders ‘De enzovoort. We geven hen handvaten om te leren omgaan met die jongeren." samenleving is "Het signaleren van noden doen we omdat Arktos van alles ervaart. De samenleving is niet perfect, ongeniet perfect, ongelijkheid en problemen worden vandaag in stand gehouden. Hier pakken lijkheid en problemen we dat op. Een voorbeeld is het Bounce-aanbod rond radicalisering, dat samen met het Ministerie van Binnenlandse Zaken werd uitgewerkt. Weerbaarheid en veerkracht ontworden vandaag in stand wikkelen bij de jongeren staan hierin centraal."

gehouden. Hier pakken we dat op’

Supporters Arktos heeft een tachtigtal pedagogische vrijwilligers. "Vrijwilligers zijn een sterke aanvulling op het beroepskader. Ze zorgen voor een plus op de menselijk relationele component. In de toekomst zal deze groep ongetwijfeld nog toenemen." "Arktos en kwb kennen elkaar misschien nog niet zo goed, maar er zijn zeker mogelijkheden tot samenwerkingen in de toekomst. We zijn allebei organisaties die werken rond maatschappelijke thema’s. Radicalisering of het M-decreet bijvoorbeeld. De ervaringen die Arktos heeft opgebouwd – bijvoorbeeld rond weerbaarheid – kunnen een eerste stap zijn om samen te werken. Een debatavond hierrond kan ook een kwb-afdeling triggeren om een bepaald traject af te leggen." Daarnaast heeft Arktos ook een buddyproject dat voor kwb interessant kan zijn. "Arktosmedewerkers begeleiden jongeren die het moeilijk hebben, maar dat kan aangevuld worden door de kracht van een vrijwilliger, die als een supporter de jongere ondersteunt. Letterlijk iemand die als opvolger fungeert voor die gasten. Een ankerpunt. Zulke samenwerking kan zeker een win-win zijn voor de jongeren en de kwb-leden."

10


"We willen niet de grootste zijn, wel de beste"

M

et 4,5 miljoen leden is CM immers het grootste ziekenfonds van het land, zij het niet meer voor lang. "We evolueren naar een gezondheidsfonds", klinkt het bij voorzitter Luc Van Gorp.

CM ontstond in 1906 als de Landsbond MOB (Maatschappij Onderlinge Bijstand). "Aanleiding was de armoedeproblematiek in de eerste periode van de 19de eeuw. Dat zette mensen ertoe aan zelf geld samen te brengen om solidair te zijn", vertelt Van Gorp. "Later deed ook de overheid een duit in het zakje." Pas in 1944 werd de verplichte aansluiting bij een ziekteverzekering in het leven geroepen. "En ook op het systeem van terugbetalingen was het nog wachten tot 1963. Na een artsenstaking werd de invaliditeits- en ziekteverzekering zoals we ze kennen ingevoerd." Van zieken- naar gezondheidsfonds De huidige structuur van CM zag het licht in 1990. "Vandaag zijn er veel verschillende entiteiten binnen onze organisatie, maar in de komende jaren zal dit sterk veranderen: fusies zullen in 2022 leiden tot één Vlaams ziekenfonds en één ziekenfonds in Franstalig-Duitstalig België. De fusies komen er onder meer omdat onze rol opnieuw sterk veranderd: van een ziekenfonds naar een gezondheidsfonds." Zo zal er in de toekomst bijvoorbeeld worden ingezet op het coachen en begeleiden van ouderen, licht Van Gorp toe: "vanuit een proactieve visie valpreventie. Want als je een val kan voorkomen, vermijd je op een opname in een ziekenhuis of woonzorgcentrum." Door op deze manier efficiënter te werken, kunnen de middelen ook anders worden besteed. "Zo proberen we iedereen te ondersteunen."

11


Kwaliteitsvol leven voor iedereen "In tegenstelling tot de politieke partijen die, zowel links als rechts, alsmaar meer radicaliseren, kiest CM er volledig voor de mens radicaal voorop te zetten. Dat gebeurt niet alleen met een focus op de ziekte van iemand, maar eerder vanuit en brede definitie op gezondheid. Iedereen verdient het om een kwaliteitsvol leven te hebben." In een wereld met een enge visie op gezondheid als ‘afwezigheid van ziekte’ is er weinig plaats voor beperkingen. Een brede definitie op gezondheid, met de focus op veerkracht, is een ‘In belangrijke taak weggelegd voor CM als gezondheidsfonds. "Wij kunnen mensen niet alleen tegenstelling ondersteunen op lichamelijk vlak, maar evenzeer kunnen we mensen helpen op vlak van hun tot het radicaliseren dagelijks functioneren (omgaan met tijd, geld,…), hun mentaal welbevinden, aandacht voor van de politieke partijkwaliteit van leven, zingeving, en kunnen meedoen in onze samenleving. Allemaal aspecten die en, stellen wij radicaal het algemeen welzijn van onze leden kunnen verhogen."

de mens centraal’

Theater op voorschrift De samenwerkingen met organisaties als kwb, Samana en Okra worden in de toekomst richtinggevend en vormen de link met het vrijwilligerswerk en de provinciale werkingen. "In de nabije toekomst zal CM ook een nationale gezondheidsraad oprichten, waarin ook vrijwilligers zullen zetelen en die voorstellen zal doen aan onder meer politieke vertegenwoordigers. Daarnaast wordt er ook gekeken naar een ‘markt’ voor waardig ouder worden, in contrast met de soms grauwe realiteit van een woonzorgcentrum." Parallel daaraan probeert CM ook invloed uit te oefenen op het macrogezondheidsbeleid; zo streeft het ernaar dat niet alleen fysieke zorg maar ook psychische en zingevingszorg kan worden terugbetaald. "Voorbeelden hiervan zijn bijvoorbeeld theater op voorschrift, in samenwerking met de cultuursector, of op reis gaan met partners van Beweging.net."

12


Mooier en voller Samenwerken is voor de werking van CM cruciaal. "We moeten onze ‘beweging’ nog veel meer doen ‘bewegen’, elkaar nog meer opzoeken om projecten nog meer samen te doen, over de organisatiegrenzen heen. Zo hebben we meer impact." De grote uitdaging voor CM ligt, naast de noodzakelijke digitalisering, in onze transformatie naar een dienstverlenende organisatie voor al onze leden, patiënten én vrijwilligers. "Elk lid vormt het vertrekpunt. Vanuit deze solide basis, vanuit die brede definitie op gezondheid, willen wij samen een bijdrage leveren tot een samenleving die bijdraagt tot kwaliteit van leven. Hierin willen wij niet de grootste zijn, wel de beste."

13


"De grootste uitdaging is om zorg toegankelijk en betaalbaar te houden"

F

amiliehulp is de grootste thuiszorgdienst van Vlaanderen en Brussel. We spraken met algemeen directeur Ann Demeulemeester.

"Familiehulp is na de Tweede Wereldoorlog ontstaan, door en voor vrouwen", begint algemeen directeur Ann Demeulemeester. "KAV – het huidige Femma – heeft deze ‘familiale hulp’ formeel opgericht vanuit een nood aan de basis. Het was een soort van burenzorg, een type zorg dat vandaag weer aan populariteit wint. Vanuit gezinszorg – bij velen klinkt ‘De Weeg’ wel bekend in de oren – is Familiehulp zich gaandeweg meer gaan richten tot ouderen. Tachtig procent van onze klanten zijn vandaag senioren. Waar we in het begin een beroep deden met vrijwilligers, werken we nu met goed opgeleide beroepskrachten." Het aanbod van Familiehulp is heel divers geworden. "Gezinshulp, poetshulp, oppas aan huis voor zieke kinderen … We hebben ook een dienstencheque-afdeling en een karweidienst. We geven tips om huizen energiezuiniger te maken en doen aanpassingen om huizen veiliger te maken, of aangepast voor ouderen om langer thuis te wonen." Vereenzaming Net zoals de organisatie zelf, is ook de maatschappij de voorbije zeventig jaar grondig veranderd. Dat zorgt uiteraard voor nieuwe uitdagingen. "Inspelen op nieuwe noden is belangrijk", gaat Demeulemeester verder. "Vereenzaming neemt toe; thuis zitten mensen vaak alleen. Als antwoord hierop hebben we dagverzorgingscentra geopend, de NOAHs. NOAH staat voor Nabij, Ontmoeting, Aandacht en Huiselijkheid. Hier wordt met vrijwilligers gewerkt."

14


Vrijwilligers blijven belangrijk in de werking van Familiehulp. "Niet alles kan met beroepszorg worden waargemaakt. Ik denk bijvoorbeeld aan het optrekken of aflaten van rolluiken. Dat kan gebeuren door buren. Zulke momenten zijn belangrijk, want ze bieden de mogelijkheid tot een gesprek, ze geven de kans om kleine zorgen en probleempjes te detecteren. Wij trekken de kaart van samenwerking tussen vrijwilligers en professionele zorgverleners. Ook kwb’ers kunnen hier een rol spelen. Dit resulteert in wat men geïntegreerde zorg noemt. Dat betekent dat de patiënt centraal staat, met rond hem zijn of haar familie, buren en vrijwilligers. Pas dan komen thuisverplegers, de huisarts en apotheker of het woonzorgcentrum. In de buitenste cirkel, ten slotte, komen de gespecialiseerde zorg en het ziekenhuis. Er is dus sprake van een verschuiving van de zorg, maar wat we niet willen aanvaarden is dat men sterk gaat besparen in de zorg, zoals in Nederland. In ons land investeert men gelukkig nog wel in zorg."

'Wij trekken de kaart van samenwerking tussen vrijwilligers en professionele zorgverleners'

Zorg op maat De personeelsleden van Familiehulp komen in contact met de meest kwetsbare mensen uit de samenleving. "We merken dat steeds meer cliënten in kansarmoede leven, te kampen hebben met verslavingen, of psychische noden hebben. Hun zelfstandigheid behouden is erg belangrijk. Familiehulp maakt het verschil door zijn voorkeur voor de meest kwetsbaren en voor kwalitatieve zorg. Zorg op maat, in dialoog met de cliënt. We zijn een deel van beweging.net, we blijven daarin investeren omdat het middenveld belangrijk is. Via de partnerschappen kunnen we aan politieke beïnvloeding doen rond de thema’s die we belangrijk vinden, zoals onlangs de beslissing rond de 500 euro die je mag verdienen als vrijwilliger." Gerichter en efficiënter De toekomst kondigt zich boeiend aan voor Familiehulp. "De vergrijzing is een enorme uitdaging. Hoe gaan we aan al die noden kunnen voldoen? We zullen op zoek moeten gaan naar samenwerkingen. De commercialisering van de zorg is ook een uitdaging. We werken tenslotte met kwetsbare mensen. Kwaliteit is hoognodig, en het is aan de overheid om die te beschermen. Een andere evolutie is de zorg op afstand, en de digitalisering ervan. Steeds vaker nemen apparaten en technologie de zorg over, bijvoorbeeld bij valpreventie of medicatie-opvolging. Dat biedt interessante kansen om de zorg gerichter en efficiënter te organiseren. Maar belangrijk – en dat is misschien wel de grootste maatschappelijke uitdaging – is om de zorg toegankelijk en betaalbaar te houden", besluit Demeulemeester.

15


"Kwaliteitsvol combineren van betaalde en onbetaalde arbeid is een zorg voor vrouwen én mannen"

V

oor deze organisatie moesten we het niet ver zoeken. Letterlijk, want sinds 2009 is Femma de bovenbuur van kwb. We spraken met Eva Brumagne, algemeen directeur.

2020 wordt een belangrijk jaar voor Femma, want dan bestaat de zusterbeweging van kwb honderd jaar. "We zijn bijna een eeuw geleden ontstaan uit de arbeidsbeweging", vertelt Eva Brumagne, algemeen directeur van Femma. "Maria Baers, de eerste algemeen voorzitster, gaf binnen de christelijke arbeidsbeweging vrouwen een stem. Ze probeerde de scholing van vrouwen te verbeteren door een sociale school op te richten. Ze was bekommerd over het welzijn van zoveel kansarme arbeidsvrouwen, die veel kinderen hadden, nauwelijks opleiding hadden genoten en hard moesten werken om te overleven." Een eeuw is lang, en er is de voorbije honderd jaar veel veranderd. "Toch is het DNA van onze organisatie wezenlijk hetzelfde gebleven, over die 100 jaar heen", zegt Brumagne. "Onze doelgroep zijn nog altijd vrouwen, onze organisatie draait nog steeds door het engagement en de inzet van vrijwilligers, en we komen nog steeds op voor de belangen van vrouwen, zodat ze zich ten volle kunnen ontplooien en gelijke rechten en kansen hebben als mannen. Onze wortels liggen in de arbeidersbeweging, dus het werk dat vrouwen doen – betaald of onbetaald – is een belangrijke focus in onze belangenbehartiging. We willen het combineren van betaalde arbeid voor mannen en vrouwen evenwichtig en kwaliteitsvol maken en deze kwestie op de maatschappelijke agenda

16


zetten. Dat doen we onder andere door in 2019 als organisatie zelf een jaar lang te experimenteren met collectieve arbeidsduurvermindering en de dertigurenweek in te voeren." Nabije buur Femma en kwb zijn buren, en niet alleen omdat hun nationale secretariaten in hetzelfde gebouw in Schaarbeek zitten. Ook op plaatselijk niveau figuurlijk leunen ze vaak dicht bij elkaar aan. "Lokale Femmagroepen werken geregeld samen met lokale kwb-groepen en vinden dat heel fijn. Vanuit het organisatieperspectief kent Femma kwb als een nabije buur. We kennen elkaar wel, maar werken niet echt samen op het algemene niveau. Onze actiepunten en onze doelgroepen verschillen. Wij kiezen heel bewust om een vrouwenbeweging te zijn, geen gezinsbeweging."

‘Diversiteit en verschil maken een samenleving uniek, creatief en sterk’

Toch zijn er raakpunten. "Het evenwichtig en kwaliteitsvol combineren van betaalde en onbetaalde arbeid is een zorg voor vrouwen én mannen, zeker als ze een gezin hebben. Veel mensen puffen en kreunen onder de combinatie van veel rollen: ze zijn ouder, ze hebben een betaalde baan, ze zetten zich graag in als vrijwilliger, ze nemen her en der nog wat mantelzorg op en ze willen doodgraag wat tijd voor zichzelf. Er is altijd te weinig tijd. Sommige mensen worden hier letterlijk ziek van. Kinderen hebben hier last van. Daarom ijveren we bijvoorbeeld voor een langer en verplicht vaderschapsverlof, een andere arbeidsorganisatie, collectieve arbeidsduurvermindering enzovoort. Daar kunnen we best wat steun bij gebruiken, ook vanuit gezinsbewegingen als kwb. En zelf mee het goede voorbeeld geven natuurlijk!" Fantastische kansen De voorbije eeuw heeft de vrouwenbeweging heel wat bereikt, maar dat wil niet zeggen dat er geen uitdagingen meer zijn. "Er liggen fantastische kansen, maar ook grote uitdagingen om onze samenleving inclusief te maken", vertelt Brumagne. "Diversiteit en verschil mogen er zijn. Ze maken een samenleving uniek, creatief en sterk. Al te vaak wordt diversiteit geproblematiseerd, ook op het politieke niveau, en daar willen wij tegengas tegen geven door heel kleinschalige en ook vaak broze experimenten op poten te zetten die vrouwen verenigen op basis van wat hen verbindt, niet wat hen onderscheidt. Dat is pionierswerk en vraagt veel van onze groepsbegeleiders, maar als het lukt, dan zijn dit prachtige initiatieven die een reële impact hebben op een wijk of een buurt."

17


"Daar waar het gebeurt moet je zijn"

G

roep INTRO is een van de geassocieerde partners van Beweging.net. Wat ze precies doen, vertelt algemeen directeur Vicky Coryn.

‘Samen richting groei’, dat is de baseline van Groep INTRO. Die drie woorden vatten bondig maar accuraat samen waar de organisatie mee bezig is. Zowel voor jongeren, werkzoekenden, werknemers als voor bedrijven heeft Groep INTRO een aanbod van vorming, coaching en advies. De focus ligt daarbij op mensen in kwetsbare posities zoals laaggeschoolden, anderstaligen of mensen in armoede. Groep INTRO wil hen klaarmaken voor de arbeidsmarkt, en bedrijven voorbereiden om met die specifieke doelgroepen te werken. Groep INTRO bestaat sinds 2006, al gaan de wortels van de organisatie veel verder terug. "De organisatie is ontstaan in de jaren 60 met als voornaamste opdracht het geven van aanvullende vorming aan jongeren die op 14 jaar moesten gaan werken." De domeinen waarbinnen Groep INTRO actief is, omvatten vorming, coaching en advies, onderwijs, vrije tijd, buurtwerk en inclusief ondernemen. "Veel van onze huidige medewerkers zijn al jaren bij ons aan de slag en jaarlijks werven wij ook heel wat nieuwe mensen aan. Die mix van ervaring en jong geweld is belangrijk voor een onderneming en creëert een boeiende dynamiek." Bruggenbouwer Daar waar sommigen zich in de markt plaatsen via een Unique Selling Proposition is dit bij Groep INTRO een ‘Multi Selling Proposition’. Groep INTRO plaatst zich op verschillende fronten op de markt en gebruikt de expertise vanuit verschillende invalshoeken om tot oplossingen te komen. "Omdat generalisatie de specialisatie van Groep INTRO is", aldus Vicky Coryn. "Bovendien is Groep

18


INTRO een bruggenbouwer tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt, de arbeidsmarkt en het vrije tijdsaanbod en tussen datzelfde vrije tijdsaanbod en het onderwijs. Een voorbeeld is het feit dat niet alleen de werknemer en de werkgever, maar ook specifiek de werkplekbegeleider wordt begeleid." "Inclusie is het antwoord op de diverse samenleving; hoe kunnen we dit positief en krachtiger maken. Een school gebruikt de diverse culturen in zijn school om er een meerwaarde mee te realiseren, in plaats van een polarisatie van goed of slecht te ontwikkelen. Daar waar het gebeurt moet je zijn." Tentakels en voelsprieten Steeds vaker werkt Groep INTRO met vrijwilligers. "Het vrijwilligersbeleid wordt sterker uitgebouwd. Zo zijn er vrijwilligers voor korte trajecten met de cliënten, maar er zijn ook vrijwilligers met specifieke kennis voor specifieke situaties. Belangrijk is dat de inzet een meerwaarde is voor de vrijwilligers zelf. Verder zijn er ook vrijwilligers die de organisatie contacteren om hun kennis en ervaring te delen." Groep INTRO is een geassocieerde partner van Beweging.net. "We willen een netwerkorganisatie zijn. Tentakels en voelsprieten worden uitgezet om samen te werken. Daarom is Beweging.net een interessante partner. Lokaal ontstaan samenwerkingsverhalen tussen Beweging.net en Groep INTRO. Dat is boeiend, omdat organisaties zoals Beweging.net de vinger aan de pols houden en voelen wat er leeft in de maatschappij."

‘We zijn een bruggenbouwer tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt’

Wat is de grootste uitdaging waar Groep INTRO voorstaat? "Dat is het blijvend inspelen op de uitdagingen binnen het arbeidsmarktbeleid en onderwijs. Ook een gerichte vrijetijdswerking zal in de toekomst een niet te onderschatten hefboom worden in het kader van integratie. Inclusie blijft altijd en overal onze focus. En waar het kan werken we hiervoor graag samen met anderen want obstakels ombuigen en een sociale impact creëren doe je niet alleen." Alleen ga je snel, samen ga je verder.

19


Kader Groep INTRO omvat vijf belangrijke domeinen: INTRO-Maatwerk, INTRO- Werk, INTRO-School, INTRO- buurt en INTRO- Vrije tijd. • INTRO-Maatwerk Groep INTRO heeft een eigen maatwerkbedrijf waar ze mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt tewerkstelt. Er zijn lunchcafé’s, bedrijfsrestaurants, Mobyspots waar er gewerkt wordt rond duurzame mobiliteit en er is een volledige afdeling renovatie – groenonderhoud en houten speeltuigen. • INTRO-Werk Groep INTRO ondersteunt werkgevers in hun HR-beleid van A tot Z met de focus op inclusie. In plaats van blijvend te zoeken naar witte raven helpen we werkgevers om mensen te recruteren, op te leiden en te coachen op de werkvloer zodat ze voor hen een geknipte werknemer worden. Zowel de werknemers als de werkplek staat in onze begeleiding centraal. Ook voor werknemers is er een gericht aanbod en als gespecialiseerd opleidings –en begeleidingscentrum (GOB) begeleiden ze mensen met een arbeidsbeperking gaande van lage rugklachten over burn-out, autismespectrumstoornissen, … • INTRO-School Jongeren die een grote afstand hebben tot de schoolwereld worden hier geholpen. Groep INTRO doet dit door zowel de jongere als de leerkracht en de thuiscontext te begeleiden met als doel zo snel mogelijk de draad op school terug op te kunnen pikken en positieve schoolervaringen op te doen. • INTRO- Buurt Buurten of openbare besturen contacteren Groep INTRO omwille van specifieke problemen of uitdagingen in een bepaalde buurt. Vanuit een doorgedreven omgevingsanalyse gaat Groep INTRO mét de buurt aan de slag om tot duurzame oplossingen te komen. • INTRO- Vrije tijd Hier is het doel om via vrije tijd de sociale vaardigheden te versterken en de cliënten te laten doorstromen naar het reguliere vrijetijdsaanbod.

20


"Wederzijdse nood aan kennismaking" ‘Beter een goede buur dan een verre vriend’, dat geldt ook binnen Beweging.net. Op dezelfde verdieping als de kantoren van kwb, bevindt zich ook het nationaal secretariaat van KAJ. Wij legden ons oor te luister bij Marijke Debrabandere. Zij vertelt over welk traject KAJ de voorbije eeuw heeft afgelegd, en welk samenspel tussen KAJ en kwb mogelijk is.

M

et haar oprichting in de jaren twintig van de vorige eeuw is KAJ een van de oudere partnerorganisaties van Beweging.net. De kiem van de organisatie werd zelfs voor de Eerste Wereldoorlog gelegd. "Door Jozef Cardijn, toen onderpastoor in Laken", gaat Marijke Debrandere van KAJ terug in de tijd. "Cardijn had de arbeidsomstandigheden van de jonge werknemers als vertrekpunt. Hij wilde daar iets aan veranderen, net zoals zijn grote voorbeeld Daens dat had gedaan." Vanuit Laken ontplooide KAJ zich in heel Vlaanderen, tot in elk dorp wel een werking was. Later werd de rest van de wereld veroverd. "Vandaag zijn er nog steeds werkingen in Zuid-Amerika, Azië en Afrika, maar ook in Europa is KAJ nog steeds actief", zegt Debrandere. "Een gekende werking is de werking in Duitsland. De ontplooiing gebeurde door Cardijn, die zijn mensen uitstuurde naar daar waar dat het meest noodzakelijk was." Toenemende noden In de tijd van Cardijn was de leerplicht tot 12 jaar nog maar net ingevoerd, en slechts uitzonderingen gingen na hun veertiende nog naar school. "De situatie van de werknemers is veranderd. De jongeren studeren langer en er zijn globaal gezien meer kansen voor jongeren. Maar er is een kentering aan de gang: onze arbeidsrechten worden systematisch uitgehold. De noden nemen opnieuw toe, de groep mensen voor wie KAJ iets kan betekenen wordt opnieuw groter. Nu zijn het jongeren uit het TSO- en BSO-onderwijs, jongeren met gescheiden ouders, jongeren met interimcontracten, enzovoort die het meest kwetsbaar zijn."

21


"De leeftijd van onze leden varieert van 12 tot en met 30 jaar. De afdelingen is de plaats waar het verschil wordt gemaakt. De jongeren leren er veel voor het leven, ook al is dat niet altijd even makkelijk concreet te omschrijven. Bevraging bij de jongeren leert dat KAJ er is als er noden zijn, dat er vriendschappen kunnen worden gevonden, dat je fouten mag maken, en dat je leert hoe om te gaan met ruzies. Kansen geven aan jongeren, dat is iets waar KAJ het verschil maakt. Vorming maakt deel uit van het DNA van KAJ." Zien, oordelen, handelen Zowel op lokaal vlak als op nationaal niveau zijn kwb en KAJ buren, maar van een echte samenwerking is maar zelden sprake. "Vandaag zijn er maar weinig linken met kwb. Die zijn er eerder met Femma en ACV. Werk zou bijvoorbeeld wel een gemeenschappelijk thema kunnen zijn, maar vandaag zijn we eerder onbekenden voor mekaar. Andere mogelijke linken zouden kunnen gevonden worden in onderwerpen zoals de druk die ouders bij jongeren leggen of verhalen rond echtscheidingen. Misschien is er wederzijds wel nood aan kennismaking als eerste stap."

‘Kansen geven aan jongeren, daar maakt KAJ het verschil’

In het 100-jarig bestaan van KAJ is heel wat veranderd, ook staat de slagzin van Cardijn – ‘Zien, oordelen, handelen’ – nog altijd trots bij het logo van KAJ. "De vraag is wie de arbeidersjongeren van vandaag zijn. Hoe zien die fabrieksjongeren van Cardijn er vandaag uit? Het is een uitdaging om onze leden lang(er) aan boord te houden om ze te kunnen laten groeien. Dit gaat evenwel tegen de tijdsgeest in. Inzet, die niet vrijblijvend is, voor anderen is vandaag niet vanzelfsprekend. We moeten thema’s uitwerken en acties opzetten en zo samen voor één gemeenschappelijke KAJ gaan. We moeten op zoek naar wat de KAJ van de toekomst kan zijn, en dit met de geschiedenis als meerwaarde. Als autonome jongerenbeweging kijken wij kritisch naar maatschappelijke ontwikkelingen."

22


"Wij gaan op zoek naar wat verbindt, in plaats van te focussen op dat wat verdeelt"

T

ot 2005 was het Internationaal Comité enkel in Limburg actief, waar het nog steeds zijn hoofdzetel heeft, met zo’n zeventig lid-verenigingen. Nog geen vijftien jaar later is dat aantal vervijfvoudigd, en vinden we het IC in bijna heel Vlaanderen en Brussel. Wat het comité precies doet, vertelt voorzitter Zalmai Pansheri. Het was aan de Limburgse mijnen dat het Internationaal Comité ontstond. "In de jaren 50 organiseerde het ACV dienstverlening op basis van nationaliteiten. Tegelijk ontstonden er binnen het ACV lokale en provinciale migrantenafdelingen waarbij ook over sociaal-cultureel werk gesproken werd. Ettelijke jaren later, in 1989, stampten vrijwilligers, samen met de propagandisten van de Dienst Migranten van ACV Limburg, het Internationaal Comité uit de grond", legt Pansheri uit. De daaropvolgende 25 jaar bleef het IC trouw aan zijn Limburgse roots, tot in 2005 onder invloed van een nieuw decreet een geografische verspreiding in gang trad. In 2006 werd gestart in Antwerpen en Oost-Vlaanderen, twee jaar later deed het IC zijn intrede in Mechelen en Leuven, en in 2009 was ook Brussel aan de beurt. "En vandaag zijn 350 lid-verenigingen deel van het IC. Ze zijn een verzameling van verschillende migratiegeschiedenissen en -achtergronden uit alle hoeken van de wereld. Samen organiseerden ze IN 2018 maar liefst 87.000 terugkerende en niet-terugkerende momenten." Gevoel van eigenwaarde "Als grote interculturele organisatie bieden we hulp op maat aan nieuwkomers, zodat ze hun weg vinden in onze ingewikkelde maatschappij. Daarnaast proberen we hun

23


gevoel van eigenwaarde te beschermen, zodat ze zich hier thuis voelen, sensibiliseren we hen en trachten we hen aan te zetten tot deelname aan onze maatschappij. En natuurlijk pogen we ook solidariteit en samenwerking te bevorderen, zowel tussen de verschillende etnische groepen als tussen allochtonen en autochtonen. We willen de verschillen in de wereld overbruggen en verbinding realiseren, door op zoek te gaan naar wat bindt, in plaats van te focussen op dat wat verdeelt. We gaan op zoek naar eigenheid die gedeeld wordt." Labofunctie Het IC is overtuigd van het belang van een een sterk maatschappelijk netwerk. "We voelen als organisatie de behoefte om via het netwerk op zoek te gaan naar een groeiende diversiteit in de samenleving. Door onze innovatie- en labofunctie kunnen wij hierin een grote rol spelen, en zo bijdragen aan het netwerk en de diversiteit in de samenleving. Iedereen zijn kennis en ervaring deelt, kunnen we met z’n allen beroep doen op een sterk netwerk." Het netwerk kan het IC ook helpen om zijn rol van bruggenbouwer waar te maken, en zo mee te werken aan verbeteringen in de maatschappij. "Want alleen kan niemand op tegen bijvoorbeeld discriminatie in de maatschappij. Samen wordt veel meer mogelijk."

‘We willen de schrik en de verdeeldheid uit de maatschappij wegwerken’

Mensen op de eerste plaats De uitdagingen waar het IC voor staat, bevinden zich op verschillende domeinen. "We willen de schrik en de verdeeldheid uit de maatschappij wegwerken, en de wij-zij maatschappij vertalen naar een wij-verhaal. Daarnaast moeten we ook een identiteit voor het IC zoeken in de samenleving, werken rond superdiversiteit en de toename van ons aantal lid-verenigingen begeleiden." Daarnaast is er echter ook beleidsmatig werk aan de winkel. "We moeten de werkbaarheid van het IC bewaken en het groeiproces beheersen, en dat met een budget dat vandaag de dag niet volstaat om op alle uitdagingen een antwoord te kunnen bieden, of om aan alle vragen van de overheid te kunnen beantwoorden. Maar bovenal willen we antwoorden vinden op de noden van de mensen, want zij komen op de eerste plaats." Voorbeelden hiervan zijn persoonlijke en collectieve emancipatie, verhogen van de maatschappelijke participatie, verhogen van

24


de zelfredzaamheid van de lid-organisaties, versterken van het sociale weefsel, integratie van de allochtone verenigingen in de culturele samenleving. Vrijwilligers en democratische opbouw Het IC is ontstaan door en voor vrijwilligers. Het eigenaarschap ligt bij de lid-verenigingen en hun verkozen vrijwilligers in de Raad van Bestuur. Deze vrijwilligers worden ondersteund door een professioneel personeelsteam en spelen ook een belangrijke rol in hun lidverenigingen. Deze laatste bestaan uitsluitend uit vrijwilligers. Het is dankzij hen dat het IC bestaat. Alle 350 voorzitters zijn lid van een regioraad en duiden de mensen aan die deel uitmaken van hun Regiobestuur. Er bestaan regioraden in Limburg en Antwerpen. En er is er ook ĂŠĂŠn voor de provincies Oost en West-Vlaanderen samen met VlaamsBrabant en Brussel. In deze Regioraden worden de leden van de AV van het IC gekozen en de AV kiest op zijn beurt de nationale bestuurders en de voorzitter.

25


"OKRA en kwb kunnen de grootste zorgzame buurt creëren"

B

ij OKRA worden we ontvangen door algemeen directeur Mark De Soete. Hij blikt terug op ruim zestig jaar belangenbehartiging en sociocultureel werk voor ouderen, maar kijkt ook vooruit.

Halverwege de jaren vijftig werden ingrijpende wijzigingen doorgevoerd in het pensioenstelsel. Niet alleen kregen vanaf 1956 zelfstandigen recht op een pensioen, ook voor arbeiders en bedienden veranderde er in die jaren heel wat. Voortaan kon iedere pensioengerechtigde aanspraak maken op een pensioen berekend op de duur van zijn loopbaan aan 60 procent van het bruto-geherwaardeerde loon (voor alleenstaanden) of aan 75 procent (voor het gezinspensioen). Die grote veranderingen aan het pensioenstelsel lagen mee aan de basis van het ontstaan van OKRA, dat toen Kristelijke Bond van Gepensioneerden (KBG) heette, in de schoot van CM. "De CM-pensioenverantwoordelijken waren de eerste KBG-medewerkers", vertelt algemeen directeur Mark De Soete. "Belangenbehartiging van senioren was en is onze basis. Bij de oprichting van KBG stond het doel als volgt in de statuten: ‘de belangen van gepensioneerden en bejaarden behartigen, en allerhande initiatieven nemen om hen een kristelijke levensavond te bezorgen en andere levensgroepen te helpen voorbereiden.’ Vandaag omschrijven we dit natuurlijk anders, maar de kern is behouden, belangenbehartiging en sociocultureel aanbod voor 55+’ers. Want ‘de’ gepensioneerde bestaat niet, de jonge dynamische senior heeft andere vragen wensen en verlangens dan de 80+’er. Maar het complete gamma proberen we te bereiken. Best uitdagend." Pensioen in zicht In 2005 werd KBG omgedoopt tot OKRA, maar dat is niet het enige wat veranderd is in de voorbije zestig jaar. "De toenemende vergrijzing, met steeds meer 80-plussers, is een feit", aldus De Soete. "Maar er zijn ook andere evoluties. Zorgtaken worden steeds meer gedelegeerd vanuit de overheid. Er is de ‘vermaatschappelijking van de zorg’ (waarbij ouderen, langdurig zieken, mensen met een beperking enzovoort zo lang mogelijk zelfstandig leven en deelnemen aan de maatschappij, nvdr)."

26


Ook de verhoging van de pensioenleeftijd houdt OKRA uiteraard bezig. "Cursussen ‘Pensioen in zicht’ kunnen een helpende hand zijn om de nieuwe levensfase zinvol in te vullen", zegt De Soete. "Al moeten we ons ook wel de vraag stellen of we met ons allen geen opdracht hebben in het houdbaar maken van de langere loopbaan. De verschuiving van de pensioenleeftijd moet voor oudere werknemers wel houdbaar blijven. Hoe maken we het draagbaar en haalbaar om door te gaan tot 67, in plaats van 60 jaar? Dat is een ruimer debat, dat niet alleen bij OKRA aan bod moet komen." Antennefiguren Onder meer voor zulke brede maatschappelijke debatten is het belang van een netwerk als Beweging.net groot. "Kennisdeling is een belangrijke meerwaarde", aldus De Soete. "Binnen de socioculturele tak van onze beweging is er zeker nog ruimte voor versterking daarvan. En als het moet, kun je soms samen sterk zijn. Als de middenvelders zich bewust zijn van hun rol in de samenleving, kunnen ze elkaar inspireren." Met kwb in het bijzonder zijn volgens De Soete nauwe samenwerkingen mogelijk, ook op lokaal vlak. "Kwb’ers zijn, net als OKRA-leden, antennefiguren van de buurt. Samen kunnen we de grootste zorgzame buurt creëren. Ook binnen de sport zijn er nog heel veel mogelijkheden in de nog jonge samenwerking met FALOS-SPORT+." Dolfijn Als De Soete naar de toekomst kijkt, ziet hij diverse uitdagingen. "De binding van de jonge 55-plusser aan onze organisatie, maar ook de toenemende verzilvering en het verbinden van die twee generaties vragen onze aandacht. Ook het betrekken van de grote groep alleenstaanden en mensen met een andere culturele achtergrond vormt een uitdaging. De vermaatschappelijking van de zorg en de creatie van buurtgerichte zorg zijn trouwens uitdagingen die OKRA overstijgen, waar we met alle partners van Beweging.net een opdracht hebben. Ooit werd bij OKRA het beeld opgehangen van een dolfijn. Regelmatig boven het wateroppervlak springen, een opvallend spektakel om te zien. Tonen dat je er bent. Dit steekt schril af met een ‘duikboot’ die aanwezig is zonder dat je het weet of ziet. Ik wens alle partners van Beweging.net en in het bijzonder de kwb’ers nog veel ‘dolfijne momenten’ toe."

‘Als de middenvelders zich bewust zijn van hun rol in de samenleving, kunnen ze elkaar inspireren’

27


"Iedereen verdient vakantie. Ook wie arm of ziek is"

M

aand na maand verkennen we in deze reeks één van de deelorganisaties van Beweging.net. Dit keer gaan we langs bij Pasar. Als goede partner van onze kwb-reisdienst Govaka klinkt die naam bij vele kwb’ers bekend in de oren. We gingen op gesprek bij directeur Michel Vandendriessche. "Pasar werd opgericht in 1938", begint Michel Vandendriessche. Al was dat onder de naam ‘Vakantiegenoegens’. "Dat was nadat de eerste wetgeving op de betaalde vakantie van kracht werd. De nieuw verworven vrije tijd van de arbeiders moest worden ingevuld. Vanaf 1970 groeide de organisatie zeer sterk en evolueerde ze naar een model zoals kwb; een verhaal van afdelingen en vrijwilligers." "Onze missie is vandaag nog altijd even actueel, maar dan in een moderner kleedje. Nu komen we op voor de netto vrije tijd, en het behoud ervan. De naam bij de oprichting was Vakantiegenoegens en het was een dienst die in de schoot van het ACW zijn plaats had. Vandaag is Pasar een autonome partner in het netwerk van Beweging.net." Verandering Vakantiegenoegens/Pasar was een koepelorganisatie in de sector van het sociaal toerisme. "Dat is een rol die vandaag niet meer gespeeld wordt. De wetgeving hieromtrent is immers veranderd. Met sociaal toerisme wordt goedkoop toerisme bedoeld, toerisme voor iedereen. Want iedereen – ook de zieken, armen, enzovoort – verdient vakantie. Van een klassieke vereniging evolueert Pasar naar een beweging die zich manifesteert door acties en campagnes. De jongste tijd ging veel aandacht naar de campagne

28


‘Pak je tijd’. Met die campagne wil Pasar iedereen uitdagen om bewuster met de tijd om te gaan. "Een andere verandering is de evolutie van de digitalisering. Die dwingt de organisatie om zich aan te passen, om te veranderen. Er is de enorme commercialisering van de vrije tijd die mensen verplicht tot duurzame keuzes in het benutten van de vrije tijd. Diezelfde vrije tijd is een thema dat kwb’ers natuurlijk vertrouwd in de oren klinkt." Netwerk Pasar brengt het thema vrije tijd binnen in het netwerk van de beweging. "Dit netwerk kan deze boodschap sterk mee uitdragen, geeft er meer daadkracht aan. Pasar is ook actief in andere netwerken zoals bijvoorbeeld Toerisme Vlaanderen of het Steunpunt Vakantieparticipatie."

'Wij komen we op voor de netto vrije tijd'

"Pasar en kwb zijn beiden sterk maatschappelijk bezig op lokaal vlak, met het verschil dat Pasar zich eerder richt op één thema en kwb altijd met meer dan één thema bezig is. Pasar ziet kwb als een vormingsbeweging én een aanbieder van een heel waardevol vrije tijdsaanbod. Samen met Pasar wordt diezelfde waardevolle invulling van vrije tijd ook door kwb opgenomen. Kwb en Pasar hebben ook oog voor dezelfde problematiek. Beide organisaties zouden mekaar nog meer moeten kunnen ontmoeten en samenwerken." Govaka&Pasar, onze gemeenschappelijke reisorganisatie, toont aan dat we mekaar zeker kunnen versterken in dezelfde richting. "Pasar en kwb zijn zeker en vast geen concurrenten van elkaar, maar zouden met het oog op draagkracht en netwerken elkaar zeker nog sterker kunnen maken. Dit gebeurt vandaag nog te weinig." Uitdagingen "De maatschappelijke evolutie zal ons blijven uitdagen om er te zijn voor mensen die uit de boot vallen, voor het interculturele, voor het leven in de steden. Hierrond willen we een positief verhaal schrijven. Nieuwe begrippen in de vrije tijdsomgeving, zoals de klimaatverandering en de 200.000 vliegtuigbewegingen per dag, het over-toerisme in steden zoals Venetië, Barcelona en Amsterdam, moeten we een plaats geven. Een florissante reisbestemming is dat pas als er ter plaatse een evenwichtig toerisme kan plaatsvinden, waar toerisme en de lokale realiteit naast elkaar kunnen bestaan. Niet zoals vandaag, waar toerisme soms overheerst op de plaatselijke bevolking en samenleving", besluit Vandendriessche.

29


"We zouden graag overbodig worden, wat betekent dat er overal vrede is"

I

n een prachtig kloostergebouw aan de Antwerpse Italiëlei huist de Vlaamse afdeling van Pax Christi, een vredesorganisatie die werkt vanuit christelijke inspiratie. In 1952 werd door Equipes Populaires, de Franstalige tegenhanger van kwb, Pax Christi België opgericht In 1972 vormde de toenmalige Vlaamse werkgroep van Pax Christi België zich om tot Pax Christi Vlaanderen. Wij gingen op bezoek bij directrice Annemarie Gielen. "Pax Christi Internationaal ontstond in 1945 in Frankrijk als Frans-Duitse verzoeningsbeweging", steekt Annemarie Gielen van wal. "De oprichters, Marthe Dortel-Claudot en bisschop Pierre-Marie Théas, riepen de organisatie in het leven met als doel op te komen voor de medemens, voor Joden, slachtoffers van het nazisme, maar ook voor de vijand. Ze gingen hier ook concreet mee aan de slag, door onder meer een groep Duitse krijgsgevangenen te begeleiden vanuit Frankrijk naar Kevelaer, Duitsland. Tijdens de misviering van de eerste communicanten daar vroeg Mgr. Théas om vergeving voor wat de Fransen de Duitsers in de afgelopen eeuwen hadden aangedaan. De spiraal van geweld werd krachtig doorbroken. Een radicale daad die vandaag opnieuw onze aandacht verdient."

30


Tweesporenbeleid "De maatschappelijke context waarin we werken is sterk geëvolueerd. We kenden hoogdagen als 'We willen nog ledenbeweging met de rakettencrisis. Het thema ‘Ontwapenen om te ontwikkelen’ stond toen centraal, krachtiger onze stem waarmee bedoeld werd dat het voor wapens vrijgemaakte geld beter naar de noden van de mensen in laten horen op het de maatschappij kon gaan. Dit leidde in de jaren 80 tot de actie ‘Stappen naar vrede’, waarbij mensen publieke en politieke vanuit vijf verschillende locaties naar de Mechelse Nekkerhal stapten om aandacht te vragen voor de forum' kernwapens." In dezelfde periode werd Pax Christi Vlaanderen erkend als beweging binnen het sociaal-culturele volwassenenwerk. Daardoor kwamen er meer betaalde krachten, maar werd de administratieve last ook groter. Bovendien wilden we de vrijwilligers betrokken houden bij het ‘beweging maken’. "De vraag die vandaag voor ons ligt, is voor welk soort lidmaatschap we gaan, en welke band we willen ontwikkelen met onze achterban. Uit een bevraging kwam naar voren dat ons ledenblad gesmaakt wordt door onze oudere leden, maar dat de jongeren hier niet op zitten te wachten. Ook bij de vrijwilligers merken we dat verschil: aan de ene kant sporen we samen met de wat oudere vrijwilliger die ‘levenslang’ actief blijft en aan de andere kant trekken we een nieuw spoor voor jongeren die eerder ad hoc, vanuit een bepaald engagement of specifiek doel aansluiten bij de organisatie. We maken dus een ‘tweesporenbeleid’ voor onze vrijwilligers." Constructief pacifisme Ook lobbywerk is een belangrijk onderdeel van Pax Christi. "Al vanaf de oprichting werden niet enkel de mensen, maar ook de systemen van wetgeving en rechtspraak benaderd. Wij vertalen sensibilisering ook politiek, en zetten in op maatschappelijke en politieke verandering , met behulp van resoluties, wetteksten en decreten. Verhalen uit conflictzones zoals Israël en Palestina zorgen voor de voeding ervan. Wij vertalen de noden van de mensen daar, en geven ze door aan journalisten, parlementairen, … Zo willen we anderen in contact brengen met en bewustwording creëren over de omstandigheden daar." Ook over hun manier van aanpak heeft Pax Christi een duidelijke visie. "Wij zetten in op het niet-gebruiken van geweld, en leggen de klemtoon op het zoeken naar het gemeenschappelijke. Dat is de kern van actieve geweldloosheid: we maken zo verregaand

31


mogelijk gebruik van constructief pacifisme, en dat is niet-passief. Het is het actief streven naar vrede, naar iets anders dan onrecht of geweld." Krachtiger stem Net als bijna alle organisaties kent ook Pax Christi haar uitdagingen. "We willen meer doen bewegen rond duurzaam en inclusief samenleven in Vlaanderen. We willen ook nog krachtiger onze stem laten horen op het publieke en politieke forum, en het thema vrede breder trekken dan ‘geen oorlog’: ook pesten is een vorm van geweld. En het mooiste zou natuurlijk zijn dat we onszelf overbodig kunnen maken, want dat zou betekenen dat er overal vrede is."

32


"1,5 miljoen huisbezoeken, dat maakt een wereld van verschil"

S

amana: een vrij nieuwe naam, maar wel eentje met een lange geschiedenis. Want de naam ‘Ziekenzorg’ zal allicht velen bekend in de oren klinken. Wij spraken met Johan Tourné, algemeen secretaris van Samana. Wie al eens een langere tijd ziek of hulpbehoeftig is geweest, heeft hen misschien al eens over de vloer gekregen: de vrijwilligers van Samana. Met een wenskaart, een kleine attentie of een gezellige babbel om een hart onder de riem te steken tijdens een moeilijke periode. Het prototype van naastenzorg dus, en dat al zo’n zeven decennia lang. "Samana is ontstaan na de Tweede Wereldoorlog", begint Johan Tourné, algemeen secretaris van Samana. "De oudste aantekeningen dateren van rond 1950, toen mensen zich spontaan over zieke mensen in de buurt zijn gaan bekommeren. Dat ging om praktische hulp in het huishouden, boodschappen doen of een financieel duwtje in de rug, maar net zo goed om een tros druiven als kleine attentie. In die tijd kwam tuberculose nog vaak voor. Teringlijders hadden de grootste noden. Ziekenzorg is gegroeid vanuit een zeer plaatselijke nood." Gezond helpt ziek Bijna zeventig jaar later doet Samana nog steeds hetzelfde. "Onze eerste actie was ‘Zon in de schoorsteen’. Er werden druiven naar de zieken gebracht. Maar tegelijk werd de buurt binnengebracht in het huis van een zieke medemens. De grote omslag die werd gemaakt en die nog steeds bezig is, is de start van de caritatieve benadering. Dat wil zeggen: gezond helpt ziek. Wij willen kracht geven aan de chronisch zieken en mantelzorgers om zelf de regie over hun leven te behouden. De behoeften van de zieke en hun helpers staan centraal. Daarbij gaan we steeds minder betuttelend te werk."

33


Sinds september 2016 heet Ziekenzorg Samana. Dat ‘Samana’ sterk aan ‘samen’ doet denken, is geen toeval. "Het samen voor elkaar opnemen staat centraal. De mantelzorger en de zorg zelf zijn belangrijk, net zoals de kwaliteit van het leven dat ook is." Win-winverhalen Samana maakt plaatselijk het verschil. "Onze vrijwilligers doorbreken het isolement van ouderen en zieken. Wie zich goed voelt, kan meer dan wie zich niet goed voelt. De bezoeken van onze vrijwilligers – 1,5 miljoen per jaar – vallen niet op, maar toch maken ze een wereld van verschil. Door een babbel, of het doorverwijzen naar verdere professionele hulp. Onze vrijwilligers zijn allemaal ouder dan 40 jaar, zodat ze zelf toch ook al een zekere bagage hebben." Als landelijke organisatie behartigt Samana de belangen van chronisch zieken als het gaat over invaliditeit, vakantiegeld, mobiliteit … "Samana is een zelfstandige partner in het netwerk van Beweging.net. Vroeger gebeurde dit via CM. Het zorgt voor een nieuwe dynamiek. Krachten bundelen, synergiën laten ontstaan … Het netwerk geeft de kracht om zaken te organiseren en te realiseren. Net omdat we hetzelfde mens- en maatschappijbeeld hebben, gaat samenwerken makkelijker. Het vakantiegeld voor chronisch zieken kwam er bijvoorbeeld door samen met ACV aan de kar te trekken. We moeten niet elk apart het warm water uitvinden. Door samenwerking kan er veel meer gebeuren. Dat blijft voor ons een grote uitdaging. Als we de krachten bundelen, kunnen we nog meer win-winverhalen realiseren." Eigenlijk, zo vindt Tourné, zou Samana overbodig moeten zijn. "In een ideaal scenario kunnen ook zieken gewoon verder participeren in het klassieke verenigingsleven. Ze zouden gewoon moeten kunnen blijven deelnemen aan de doorsnee activiteiten, bijvoorbeeld die van een kwb-afdeling. Toch ligt het tempo in de meeste verenigingen te hoog voor ouderen of zieken. Nochtans is het belangrijk dat zieken zo lang mogelijk in hun eigen netwerk blijven meedraaien. Zo blijft de kracht van een persoon bevestigd. Op vele plaatsen is er al een nauwe band tussen kwb en Samana. Men zit in dezelfde omgeving. En kwb’ers voelen zich goed bij Samana en omgekeerd."

34

‘Als we de krachten bundelen, kunnen we nog meer win-winverhalen realiseren’


"Armoede is een onrecht, geen natuurfenomeen"

I

n 2020 zal er uitgebreid gevierd worden bij Welzijnszorg, want dan viert de organisatie haar gouden jubileum. Waar Broederlijk delen begin jaren 60 ontstond als solidariteitsorganisatie, werd Welzijnszorg tien jaar later opgericht op vraag van de bisschoppen om te sensibiliseren rond armoede in Vlaanderen en Brussel. De focus lag op uitsluiting en armoede, en die kern is er vandaag nog altijd. Hoe zich dat in de praktijk vertaalt, vroegen we aan directeur Koen Trappeniers. "We maken onrecht zichtbaar, brengen de mechanismen ervan in kaart en stellen het aan de kaak", legt Trappeniers uit. "We verwerven fondsen om concrete armoedeprojecten mee te ondersteunen, en lanceren elk jaar een nieuwe campagne met een geïnspireerde boodschap rond uitsluiting. Later kwam ook het politieke luik erbij." Daarnaast steunt Welzijnszorg hun partner Welzijnsschakels en zo’n honderd lokale projecten en twee grote projecten op Vlaams niveau. "Een voorbeeld daarvan is ‘Samen tegen onbetaalde schoolfacturen’. Dat is ontstaan vanuit een onderwijsnood die we voelden en met de bedoeling dat het later zelfstandig zou kunnen voortbestaan." Prentenboeken en filmpjes De laatste jaren is de achterban van Welzijnszorg een stuk verbreed. "Vroeger was deze kerkelijk en parochiaal, maar nu horen daar ook burgerinitiatieven bij. Die zorgen voor een versterking in de breedte, en hebben ook hun invloed gehad op onze communicatiestrategie", vertelt Trappeniers.

35


Vandaag behoren ook onderzoek, vormingen, lezingen en bezoeken aan politieke partijen tot het takenpakket. "Dat is onze ‘politieke lijn’. Met het lobbywerk proberen we armoede op de politieke agenda te houden." Daarnaast is er ook nog een onderwijs-lijn, die onder meer prentenboeken en filmpjes aanbiedt om in het lager en secundair onderwijs armoede bespreekbaar te maken. Lokale sleutelfiguren Kernvrijwilligers geven mee oriëntatie aan de organisatie, en helpen om deze uit te rollen in de provincies. "Daarnaast zijn er lokaal zo’n 1.500 sleutelfiguren actief bij acties als bijvoorbeeld Soep op de stoep. Ze maken zo mee de beleidslijnen concreet en pikken eveneens de plaatselijke noden op die ze dan doorgeven naar het nationale niveau", licht Trappeniers toe. "Zij zijn dus de kern van de organisatie als vertegenwoordigers van het nationaal beleid."

‘Het feest voor 50 jaar Welzijnszorg zal een feest onder protest worden’

Het netwerk is ook belangrijk om de kernboodschap mee uit te dragen: dat armoede een onrecht is en geen natuurfenomeen. "De ‘individuele schuld’ is niet correct. Samen kunnen we dit breed uitdragen en onrecht structureel aanklagen." Drempels wegwerken Welzijnszorg werkt samen met kwb voor de ‘inleefweek rond armoede’, waarbij kwb’ers worden uitgenodigd om een week rond te komen met het budget van iemand die van een OCMW-bijdrage leeft: 60 euro voor volwassenen, 20 euro voor kinderen en jongeren. Daarnaast is er ook een startgesprek, een dagboek en een nabespreking onder leiding van een ervaringsdeskundige en iemand van Welzijnszorg. "Het is een van de manieren waarop kwb onze thema’s uitdraagt. We zien in de organisatie veel aandacht voor onderwerpen als: hoe kan iedereen welkom geheten worden, hoe kan je concreet financiële en andere drempels wegwerken, hoe kan je uitsluitingsmechanismen bespreken, …", klinkt het bij Trappeniers.

36


Feest onder protest "Een van de uitdagingen waar we voor staan, is het doen zakken van de armoedecijfers – vandaag is het niet goed. Het feest voor 50 jaar Welzijnszorg zal dan ook een feest onder protest worden: armoede kan niet in een rijk Vlaanderen." Daarnaast wil Welzijnszorg ook werk maken van een ander soort samenleving. "Een waarin mensen minder op zichzelf terugplooien, en niet langer onterecht bezig zijn met de individuele schuldvraag in plaats van het structureel probleem."

37


"Iedereen is medestander in een internationaal verhaal"

D

e wortels van WSM zijn te zoeken in het ‘Manifest over rechtvaardigheid in de wereld’, dat in 1971 het licht zag op een congres van het toenmalige ACW en MOC. Het was echter pas enkele jaren later dat de ‘dienst’ Wereldsolidariteit werd opgericht, en het zou nog tot de naamsverandering van ACW in 2014 duren voor het een onafhankelijke organisatie binnen het netwerk van Beweging.net werd. Directeur André Kiekens vertelt. Van bij de start was het de bedoeling om een progressieve en structurele kijk op internationale vraagstukken te ontwikkelen. "Daarmee nam WSM een specifieke positie in binnen het ngo-landschap", vertelt Kiekens. "Armoede werd benaderd als een rechtvaardig thema en niet met een caritatieve blik." Die richting wordt door anderen gevolgd. "De algemene trend is dat bij veel organisatie de klassieke noord-zuidbenadering, waarbij werd geholpen daar waar nodig, verandert in het besef dat de grote sociale uitdagingen te maken hebben met structuren die leiden tot uitsluiting." Internationalisering speelt nu een belangrijke rol bij de sociale strijd, want problemen als klimaat, migratie en mobiliteit zijn internationale uitdagingen geworden. "Dit geldt ook voor de kernthema’s van de arbeidersbeweging, bijvoorbeeld sociale bescherming. De discussie rond de betaalbaarheid daarvan is een verhaal dat vandaag niet meer lokaal kan worden gerealiseerd, omdat het op de internationale agenda staat." Inleefreis Haar partners binnen Beweging.net in dit verhaal begeleiden, dat is wat WSM probeert. "Netwerken tussen sociale organisaties hier en ginder zijn de toekomst voor onze gezamenlijke agenda. Waar je vroeger de ‘klassieke’ ngo-benadering had, met de nadruk

38


op het verspreiden van onze campagnes en het werven van fondsen, ligt het accent nu op het opzetten van grote campagnes én duurzame projecten. Zo wordt iedereen medestander in een internationaal verhaal." Een voorbeeld is de inleefreis naar Indonesië, die kwb en WSM samen organiseerden in het kader van de Schone Kleren Campagne. "Kwb is voor ons een sociaal-culturele én loyale partner die mensen bereikt met een sociale agenda. We hebben bijzonder positieve ervaringen met kwb wat betreft het toegankelijk maken van onze thema’s naar hun leden. Deze belangrijke rol heeft kwb ook nog in de toekomst te spelen."

‘Netwerken tussen sociale organisaties hier en ginder zijn de toekomst’

Sociale bescherming Om hun missie concreet te maken, ondersteunt WSM allerlei sociale bewegingen in het zuiden: van vakbonden en coöperatieven tot socio-culturele organisaties. "Door het aanbieden van vorming en uitwisseling zorgen we dat ze zich als organisatie kunnen ontwikkelen, op een duurzame, sociale en inclusieve manier." Inmiddels is WSM al in twintig landen actief via een multi-actornetwerk, gelijkaardig aan dat van beweging. net, met als doel sociale bescherming én leren van mekaar, ook op politiek en beleidsvlak. "Belangrijke successen die we al geboekt hebben, draaien onder meer rond minimumlonen, het opstarten van mutualiteitssystemen en sociaal overleg, en verduurzaming door middel van bijvoorbeeld zonnepanelen."

De uitbouw hiervan is echter zeer verschillend voor elk continent. "Ze hebben een eigen overlegmodel waarbij de rode draad een gestructureerd overleg is, maar dat krijgt overal een andere invulling. Dat overleg gebeurt met de overheid en economische en sociale actoren. Daarom zijn die laatste cruciaal om het verschil te maken." Als sociale actoren in dit zogenaamd ‘tripolair’ model afwezig zijn, is er immers geen sociale vrede. Internationale dimensie De vrijwilligers en leden van WSM zijn die van de deelorganisaties in het netwerk. Zij zijn de ambassadeurs om mee samen te werken rond alle uitdagingen. "En dat zijn er wel wat: ontwikkelingssamenwerking moet zich continu aanpassen aan nieuwe regelgeving en een nieuwe context, we willen een thematisch netwerk opbouwen rond sociale bescherming en we moeten op zoek gaan naar nieuwe bronnen van financiering. Daarnaast dwingt de vernieuwde noord-zuidwerking ons ook om internationaler te denken en op zoek te gaan naar een internationale dimensie, en tot slot willen we ook graag onze communicatie aanscherpen, omdat nog te weinig bekend is wat we doen."

39


Een terugblik en een kijk op de toekomst: "We kunnen meer zijn dan het gewicht dat we hebben"

H

oe kijkt de beweging terug op zijn eerste vijf jaar? Wat betekent de beweging vandaag en wat kunnen we betekenen in de toekomst? Wim Verlinde, voorzitter van kwb, en Wim Wouters, medevoorzitter en auteur van de ‘Slotakkoord’reeks, vroegen het aan voorzitter van beweging.net Peter Wouters. "Door de crisis is het personeelsbestand verminderd tot een honderdtal werknemers, waardoor we nu op een heel andere manier werken", steekt Peter Wouters van wal. "Op zoek naar een nieuw elan, en dit in een veranderde cultuur, werd onze manier van

40


werken scherp gesteld. Aanpassingen zijn nodig, ook op vlak van activiteiten die we doen en standpunten die we innemen. Zo is er bijvoorbeeld de vraag: benaderen we grondwetsartikel 7bis inhoudelijk of als symbooldossier? Ook gaan we vandaag breder wat onze politieke benadering betreft; we zijn met ons memorandum bij alle partijen geweest." Nieuw evenwicht Binnen het netwerk is het einde van de veranderingen nog niet in zicht. "Dit is een werk van elke dag. Sommige zaken worden nog herbekeken, en vijf jaar geleden gemaakte keuzes, zoals de provinciale besturen, worden onderworpen aan een kritische blik. Mogelijk aangepast als dat nodig is om in de toekomst verdere stappen te kunnen zetten met en in ons netwerk. Dat zullen we in onze besturen beslissen. Zo kunnen we goed en beter werken." "Met onze goed draaiende studiedienst en de verschillende platformen per thema wordt meerwaarde gecreëerd en Beweging.net uitgedragen. Beweging.net heeft de plicht om nieuwe initiatieven te nemen en te ondersteunen, en zo mee te zorgen voor een nieuw evenwicht." Geoliede machine Waar ziet Peter Wouters Beweging.net binnen vijf jaar? "Aan de top. Ik hoop dat Beweging.net dan een geoliede machine is met ons netwerk als steun en supporters. Maar de samenleving van vandaag is niet meer dezelfde als die van vijf jaar geleden en we weten niet hoe ze er over vijf jaar zal uitzien Beweging. net kan dingen in de maatschappij mee op het spoor zetten, en een huis, thuis en steun bieden voor nieuwe dingen. Zo bijvoorbeeld ook met de jeugdbewegingen die zich goed voelen ‘Hopelijk zal de in en om ons netwerk." samenleving in de Burgerbewegingen Ook vandaag is de beweging soms al actief betrokken bij veranderingen in de omgeving, zij het discreet. "Hopelijk zal de samenleving in de toekomst opnieuw socialer zijn, en zal

toekomst opnieuw socialer zijn’

41


er meer ruimte zijn voor sociale klemtonen. Op maatschappelijk vlak zien we dat de burgerbewegingen de weg naar ons vinden, en willen aansluiten bij ons verhaal. Dit moeten we ook uitstralen; dat gevoel dat we meer kunnen zijn dan het gewicht dat we hebben. Daarvoor is het belangrijk dat we overal vertegenwoordigd zijn, bijvoorbeeld in andere netwerken: bedrijven, kunstorganisaties, scholen. Ook daar kan en wil de beweging een rol spelen en belangrijk zijn. Tot slot kunnen we door invloeden van buiten de beweging binnen te halen ook nieuwe mensen en inzichten binnenbrengen."

42


Slotboodschap

H

et afgelopen anderhalf jaar waren we met kwb te gast bij alle partners en geassocieerde partners van Beweging. net. Het was een mooie, leuke en heel interessante wandeling doorheen ons netwerk. Graag willen we dan ook iedereen bedanken om de deuren open te zetten voor kwb en tijd vrij te maken om te vertellen over het verleden, het heden en de toekomst van hun organisatie. Een aantal elementen zagen we terugkomen: Het netwerk leeft en is ook vandaag nog meer dan actueel en nodig in onze samenleving. Ook voelen we ons thuis bij elkaar; familiebanden in ons netwerk van vaak vele jaren zijn onderhuids duidelijk aanwezig en geven ons terecht een gevoel van samen sterk in de domeinen die we belangrijk vinden, en in onze gedeelde visie op mens en samenleving. Anderzijds zijn er sinds het begin van ons netwerk in 2014 ook een aantal zaken echt wel veranderd: de koepel ACW werd het netwerk van Beweging.net en een aantal nieuwe en geassocieerde partners maakten onze grote organisatie nog breder en sterker. Door die verscheidenheid van alle partners hebben we een goeie vinger aan de pols in onze samenleving. Velen zijn vragende partij voor een verdere uitbouw van onze beweging, en een eerste stap daarin is mekaar opnieuw en beter leren kennen. Vandaaruit kunnen dan twee of meer partners gezamenlijke thema’s ontdekken of bepalen om samen nationaal of lokaal mee aan de slag te gaan. Graag wil ik jullie kwb’ers uitnodigen om lokaal eens verder te kijken dan de partners waar we vandaag al mee samenwerken. Nodig ze eens uit om over hun werking te komen vertellen, ga bij hen op bezoek en versterk mekaar daar waar dat nog meer kan dan vandaag. Want wat je samen doet, doe je beter - ook met onze partners van Beweging.net. We danken hen allemaal van harte voor hun medewerking aan deze reeks. Bedankt!

43


Interviews en redactie: Wim Wouters Eindredactie: Charlotte Van Doren Vormgeving boekje: Tania Gorozhanova

2020

Profile for kwb

Op stap  

Op stap  

Advertisement