Page 1

Kwartaalblad sept. 2007 no. 55 Hunenbedden D17+D18 Rolde

55


Kwartaalblad van de Stichting Het Drentse Landschap Uitgave Stichting Het Drentse Landschap Bezoekadres: Kloosterstraat 5 - 9401 KD Assen Postadres: Postbus 83 - 9400 AB Assen Tel. (0592) 31 35 52 / Fax (0592) 31 80 89 e-mail: mail@drentslandschap.nl Web-site: www.drentslandschap.nl Bankrek. nr. 30.28.75.751 Redactie E.W.G. van der Bilt, J.D.D. Hofman, S.S. van der Meer, m.m.v. H. Colpa, J.G. Schenkenberg van Mierop en B. Zoer Vormgeving Albert Rademaker BNO, Annen Grafische productie Koninklijke van Gorcum BV, Assen Omslag Hunebeden Rolde (foto Joop van de Merbel) ISSN 1380-3263 Overname van artikelen met bronvermelding is toegestaan. De inhoud van de bijdragen van gastschrijvers weerspiegelt niet noodzakelijk de opvattingen van de Stichting Het Drentse Landschap. Het Drentse Landschap is een uitgave van de Stichting Het Drentse Landschap. Het geeft informatie over de terrein­ bezittingen en activiteiten van de Stichting. Het blad verschijnt viermaal per jaar, bij het wisselen der seizoenen en wordt gratis toegezonden aan de begunstigers van het Landschap. Begunstiger kan men worden door bijgevoegde kaart in te vullen en te verzenden. Minimale bijdrage € 17,50 per jaar. Begunstiger voor het leven € 400,– . Als u Het Drentse Landschap extra wilt steunen dan kan dat op de volgende wijze: Periodieke gift  In plaats van of naast uw begunstigersbijdrage. Dit is een voor de inkomstenbelasting volledig aftrekbare periodieke bijdrage, die u voor minimaal 5 jaar met een eenvoudige notariële akte toezegt. Voor bijdragen van € 50 en hoger per jaar regelt en betaalt de stichting de akte. Het kwartaalblad wordt u gratis toegezonden om u op de hoogte te houden van Het Drentse Landschap. Andere giften  Indien het totaal van uw giften in enig jaar zowel 1% van uw drempelinkomen als ook € 60 te boven gaat, is het meerdere aftrekbaar voor de inkomstenbelasting tot ten hoogste 10% van het drempelinkomen. Legaten of erfstellingen  U kunt de Stichting Het Drentse Landschap en/of de Stichting Oude Drentse Kerken ook in uw testament begunstigen. Stichting Het Drentse Landschap en de Stichting Oude Drentse Kerken zijn vrijgesteld van schenkings- en successierecht, zodat uw gift, schenking of legaat geheel ten gunste komt van deze stichtingen. Nadere inlichtingen over de hierboven vermelde mogelijke vormen van steun kunt u inwinnen bij het kantoor van de stichting of bij uw notaris.

Bijzonder nummer Traditiegetrouw maken we het septembernummer met onze erfgoedpartners, Drents Museum, Drents Archief en Drents Plateau. De organisaties hebben vanuit hun eigen expertise een artikel aangeleverd over reizen door Drenthe. De fietstocht voert u langs een aantal bijzondere plekken waar reizigers uit het verleden ook langs kwamen. De route is ontwikkeld door Roelof Huisman die ook zeer veel ervaring heeft met het uitzetten van de Knapzakroutes. De tocht start bij het Hunebedcentrum waar momenteel een boeiende tentoonstelling te bezichtigen is over de hunebedbouwers uit Zweden. De redactie

3

Eruitgelicht

4

Monumentale graven in het landschap

— bestuursberichten — archeologie

9

Reizen is van alle tijden

— Prehistorie

12

— flora

— cultuurhistorie

— erfgoed

23

— fauna

28

Hondsrug, Hunzedal en hunebedden

— fietstocht

Bertus Boivin/Eric van der Bilt/ Roelof Huisman

NPL Zilvermeeuw

— fauna

30

Herman Wanningen

WMD

27

Jacqueline Muffels

De rivierprik

22

Aldert Timmer

Parkachtige boerenerven

20

Eef Arnolds

Resiverslag van een trektocht door Drenthe

17

Jaap beuker

Mestzwammen

14

Wijnand van der Sanden

Geert de Vries

De Zuiderkerk in Assen

— Stichting Oude Drentse Kerken

Olav Reijers

33

Opinie

34

Jaaroverzicht

36

Kortweg

— berichten

42

Lopen in het Landschap

43

Agenda


Bestuursberichten

3

Het zal u niet zijn ontgaan dat Stichting Het Drentse Landschap de afgelopen periode veelvuldig genoemd is als tegenstander van de Champ Cars op het circuit van Assen. Samen met de Milieufederatie Drenthe, IVN, Bond Heemschut, omwonenden en recreatiebedrijf Witterzomer hebben we een kortgeding aangespannen om de races tegen te houden. Dit hebben we niet gedaan omdat wij tegen de Champ Cars of tegen activiteiten op het circuit zijn. Het circuit is belangrijk voor Drenthe en heeft voor vele Drenten een bijzondere betekenis. Het gaat er ons om dat de groei van activiteiten op het circuit, en de daarmee gepaard gaande totale geluidsoverlast in het gebied, niet ongelimiteerd mag doorgaan. Ook de geluidsoverlast die ontstaat door de A28, het schietterrein en het militair oefenterrein De Haar spelen hierin een rol. Voor omwonenden, gasten van campingbedrijven, maar ook voor het nabijgelegen Witterveld is de toename van lawaai geen onverdeeld genoegen. Ter vergelijking: in 1991 was er sprake van dat op 30 dagen activiteiten werden gehouden op de toen nog niet permanente baan. Het circuit kan nu binnen de huidige vergunning op 245 dagen lawaaiactiviteiten organiseren, en wil dit nog uitbreiden met 4 dagen muziek- en/of popevenementen. In het afgelopen jaar hebben we diverse malen bij zowel het bestuur van het circuit als de Provincie Drenthe aangedrongen op beperking van de lawaaioverlast. Het is niet gelukt om tot overeenstemming te komen en daarom zijn we naar de rechter gestapt. Deze heeft ons in het ongelijk gesteld. Duidelijk is dat er meer aandacht moet komen voor de maximale geluidsbelasting rond het circuit. Al langere tijd pleitten we voor een integrale geluidsaanpak voor dit gebied. Dit pleidooi is thans bij de diverse betrokkenen goed ontvangen. Op het circuit kunnen prima activiteiten worden gehouden maar de lawaaigrenzen waarbinnen dat kan moeten wel helder zijn. Het kan toch niet zo zijn dat we enerzijds het Witterveld bestempelen als een waardevol natuurgebied waar allerlei Europese regelgeving (Habitatrichtlijn en Natura 2000) van kracht is en dat we anderzijds toestaan dat vlak daarnaast onbegrensd lawaai kan worden gemaakt. Het Drentse Landschap is geen actiegroep, maar we komen wel op voor het belang van de natuur. We proberen dat genuanceerd te doen, maar niet ten koste van onze doelstellingen. De stem van de natuur moet worden gehoord op momenten dat dit belang in het gedrang komt. Wie anders dan Het Drentse Landschap zou dit moeten doen?

foto: Geert de Vries

Martin Verhagen Voorzitter van Het Drentse Landschap

Eruitgelicht


Archeologie

4

Monumentale graven in het landschap

Wijnand van der Sanden*

Er zijn weinig hunebedden die zo fraai gelegen zijn als de twee van Rolde. Het hunebedreservaat grenst aan een lommerrijke begraafplaats en daarachter ligt de middeleeuwse Jacobuskerk. Het bakstenen godshuis en de granieten grafkelders liggen slechts 250 m uit elkaar. In de loop van de 19de eeuw werd dat beeld een inspiratiebron voor schilders en tekenaars en later wisten ook de makers van ansichtkaarten dat de combinatie kerk en hunebed een zekere aantrekkingskracht heeft. Dat werd niet in de laatste plaats medebepaald door de oude eik die tot in de jaren tachtig van de vorige eeuw het zuidelijke hunebed (D18) flankeerde. Met de verwijdering van die eik verdween ook iets van de magie van de plek.

Hunebed D18, gezien vanuit het noordoosten. De toren van de Jacobuskerk schemert door de bomen heen. >>

Net als veel andere hunebedden zijn D17 en D18 rond 1870 in handen van de overheid gekomen, om precies te zijn in die van het Rijk. Daar was heel wat gekrakeel aan voorafgegaan. In 1847 werden de Rolder hunebedden namelijk te koop aangeboden en de vrees bestond dat de nieuwe particuliere eigenaar de stenen van de granieten grafkelders tot handzame brokken zou verkleinen. Ze namen immers kostbare akkerbouwgrond op de Noordes in beslag. Iedereen bemoeide er zich ermee en door de enorme ophef die ontstond, werd gelukkig van de verkoop afgezien. Pas in 1872 deed de boermarke de beide grafmonumenten van de hand, voor een bedrag van fl. 150,-. Het Rijk is 118 jaar eigenaar gebleven, toen gingen ze als onderdeel van een grotere ‘hunebeddenruil’ over naar de provincie. Sinds 2000 zijn beheer en onderhoud van het terrein en de hunebedden in handen van Het Drentse Landschap. Vroege gravers

Dankzij een kort verslag weten we dat er op een mooie augustusdag in 1706 door twee jongemannen in het noordelijke hunebed (D17) werd gespit. Johannes(?) Hofstede en Abraham Kymmell werkten wel niet naar onze maatstaven, maar hun instelling was niet minder serieus. Ze vonden twee steenlagen en een groot aantal scherven van de trechterbekercultuur. Op een van de potten meenden ze zelfs vergulde strepen te zien. Ze stelden zich voor dat de potten oorspronkelijk voedsel en drank hadden bevat, als leeftocht voor de dode mensen die in het grafmonument waren bijgezet. Dat was al een hele stap voorwaarts in vergelijking met de theorie van dominee Johan Picardt, die in zijn in 1660 verschenen boek Korte Beschreyvinge Van eenige Vergetene en Verborgene Antiquiteten der Provintien en Landen gelegen tusschen de Noord-Zee, de Yssel, Emse en Lippe … nog betoogde dat de ‘steen-hopen’ gebouwd waren door en voor ‘wrede en barbaarse’ reuzen. Mede door de gunstige ligging, vlakbij Assen, hebben de Rolder hunebedden heel wat beroemde bezoekers aan zich voorbij zien trekken. Dat dominee Johan Picardt er meer dan eens is gaan kijken, is meer dan aannemelijk. Hij

foto: Sake Elzinga

foto: M. Westmaas

Beroemde bezoekers


Archeologie

6

foto: Drents Museum

L.W.R. Wenckebach schilderde de hunebedden van Rolde in 1882. Hij stond daarbij ter hoogte van de latere spoordijk. Rechtsvoor ligt D17, midden-links, ter hoogte van de boom, D18.

was immers van 1643-1648 predikant in Rolde. Ook het Koninklijk Huis is er bij herhaling geweest. Willem III en Prins Hendrik ‘de Zeevaarder’ lieten zich in respectievelijk 1854 en 1868 bij de megalieten rondleiden door de burgemeester. Willem III kwam in 1873 zelfs nog een keer terug. Volgens de krant bezocht hij de Rolder megalieten ‘met de grootste belangstelling’. Willem III was niet de laatste koninklijke bezoeker. Op 7 september 1895 vereerden de weduwe en dochter van de in 1890 overleden koning de hunebedden met een bezoek. Koningin Emma was regentes en Wilhelmina pas 15 jaar oud. Onder klokgelui begaf het gezelschap zich naar de hunebedden, ‘waar mej. Niemeijer Hare Majesteit een rustieke mand met heide aanbood’, aldus de Provinciale Drentsche en Asser Courant. De koningin-regentes en de prinses toonden veel belangstelling voor de ‘monumenten der oudheid’. Daarna zongen schoolkinderen een lied en gingen de hoge gasten naar de Ballooërkuil om de toneelvoorstelling ‘Bij klimmender Zonne’ bij te wonen. Het koninklijk bezoek was niet alleen maar vreugdevol, want het leidde ook tot de dood van het hoofd van de school, meester W.L.Venekamp. Op de ochtend van de zevende september

verdronk deze in het Anderensche Diepje. De zestigjarige Venekamp benam zich op deze manier het leven, zo wordt algemeen aangenomen.Vermoedelijk maakte hij zich zó bezorgd over het aanstaande hoge bezoek en het welslagen daarvan - van hem werd ook het een en ander verwacht dat hij de druk niet meer aankon. Een-boomhunebed

Ook wetenschappers van naam wisten Rolde te vinden. De Engelse geleerden William Lukis en Henry Dryden hebben op 1 juli 1878 de beide hunebedden nauwkeurig ingemeten en op tekening vastgelegd.Vijf jaar later kwam de Schotse archeoloog Robert Munro per koets aan. Munro’s gids was inspecteur van politie P.J.M. Kerkhoff, die hij toevallig op het station van Assen was tegengekomen en die ook nog eens ‘tolerably well’ Engels bleek te spreken. Hij had gehoord dat de lokale bevolking de hunebedden aanduidde als het een-boomhunebed en het twee-bomenhunebed. Munro was zeer onder de indruk van wat hij zag. Dat laatste kan niet gezegd worden van de Italiaanse archeoloog Luigi Pigorini, die in 1881 langskwam, op weg naar de terpen. Maar deze


Archeologie

jonge ambitieuze Italiaan had dan ook niet lang daarvoor Stonehenge en Carnac bezocht. En eerlijk is eerlijk …. En laten we bij het noemen van beroemdheden ook de 19de-eeuwse schrijvers en beeldend kunstenaars niet vergeten. Dominee J. Craandijk, J. van Lennep, W.J. Hofdijk, J.H. van West, B.G. ten Berge, L.W.R. Wenckebach en M.W. Liernur, om er maar een paar te noemen, hebben de hunebedden van Rolde in woord en beeld vereeuwigd.

7

Spoorweg Maatschappij (NOLS), de exploitatie werd verzorgd door de Staatsspoorwegen. Erg lang heeft het allemaal niet mogen duren, want in 1939 werd het personenvervoer beëindigd, het goederenvervoer in 1971.Vandaag de dag wordt de spoordijk gebruikt door fietsers en wandelaars. Er is een fraaie ansichtkaart, afgestempeld in 1925, die hunebed D17 toont met daarachter de trein die richting Assen gaat.

Spoorweg

Vandaag de dag is D15, het hunebed van Loon, het enige hunebed dat je met enige moeite vanuit de trein kunt zien (de afstand tussen spoorlijn en grafmonument bedraagt zo’n 350 m). Het is moeilijk voorstelbaar, maar ooit denderde de trein ook langs de Rolder megalieten, en dat op slechts een steenworp afstand van D17. De trein reed over de ‘dijk’ die de noordzijde van het hunebeddenreservaat begrenst. De spoorweg, die Assen met Stadskanaal verbond, werd geopend in 1905. Het initiatief kwam van de N.V. Noord-Ooster Locaal

foto’s: Drents Archief

Van alle hunebedden zijn die van Rolde wellicht het vaakst op een ansichtkaart afgebeeld. Op de ansichtkaart rechtsboven is links de passerende trein te zien.


Boekaanbieding

A.E. van Giffen

Geen enkel overzicht over welk hunebed dan ook is compleet zonder de naam van de Groninger archeoloog Albert Egges van Giffen te noemen. Zijn bemoeienis met de hunebedden begon in januari 1918 en duurde voort tot aan zijn dood in 1973. Hij drukte zijn stempel op de stenen grafkamers zoals niemand dat vóór hem had gedaan. Hij inventariseerde, documenteerde, groef op, restaureerde en publiceerde. Hij gaf de hunebedreservaten hun huidige vorm, plaatste bronzen borden, aluminium handwijzers, basalten grenspalen en gaf de plaats van verdwenen stenen aan met betonnen plombes. Zijn erfenis is nog overal in het veld zichtbaar, dus ook in Rolde. Dat de oude eik bij D17 er nog staat, is niet in de laatste plaats aan Van Giffen te danken. Hij hield dit oudje, net als dat van D18, lang met een cementen opvulling overeind. Waar anderen gruwden van bomen die in of tegen hunebedden groeiden, was de bioloog in hem beduidend milder voor de stenenontwrichtende begeleiders. Gelukkig maar, want het is toch de directe omgeving die onze beleving van een hunebed mede bepaalt.

* Dr.W.A.B. van der Sanden is als provinciaal archeoloog verbonden aan Drents Plateau. Op verschillende plaatsen aan de rand van het hunebeddenreservaat zijn nog de veelhoekige basalten palen terug te vinden die Van Giffen heeft laten plaatsen.

foto: Hennie Beuker-Smit

Reuzenstenen op de es – de hunebedden van Rolde is geschreven door Wijnand van der Sanden. Het boek gaat over de twee hunebedden die achter de Jacobuskerk in Rolde liggen. De grafmonumenten zijn tussen 3400 en 3200 voor Christus opgericht door mensen van de trechterbekercultuur. Het boek gaat uitvoerig in op de geschiedenis van deze monumenten nadat hun rol als graf is uitgespeeld. Hoe hebben de talloze generaties sindsdien tegen deze monumentale bouwsels aangekeken en hoe zijn zij er mee omgegaan? Zijn het in de 17de eeuw nog door wrede, mensenetende reuzen gebouwde graven, in de loop van de 19de eeuw gaan provincie en Rijk zich actief met de zorg voor deze voorouderlijke monumenten bezighouden. Het boek volgt de verschuiving in betekenisgeving op de voet. Reuzenstenen op de es – de hunebedden van Rolde telt 224 pag. en kost € 19,95. Tegen inlevering van de ingehechte bon kunt u het boek in de boekhandel verkrijgen voor slechts € 17,50. U kunt de bon ook opsturen naar Waanders Uitgevers, maar dan komen er verzendkosten overheen.

De man die bovenop het hunbed zit, laat zich daardoor niet afleiden en houdt zijn blik gericht op de fotograaf.

foto: M. Westmaas

voor slechts € 17,50


9

‘De zuidelijke parels van Thailand’, ‘Highlights van Marokko’ en ‘Ontdek Rome tegen bodemprijzen’. Zomaar een paar slogans van reisorganisaties. Reizen is ‘big business’ tegenwoordig. En de indruk bestaat dat de afgelegde afstand bepalend is voor een geslaagde vakantie. Dat was vroeger wel anders. Afstand was toen een heel ander begrip dan nu. Desalniettemin zien we dat men zelfs al in de steentijd vanuit Drenthe contacten had over respectabele afstanden tot ongeveer zo’n 800 kilometer.

Reizen is van alle tijden Jaap Beuker*

Sporen van drietenige dinosauriërs (in dit geval zogeheten Inguanodons) tijdens de opgraving in 2006 in een steengroeve bij Münchehagen in het Duitse Wiehengebirge.

De meest directe bewijzen voor reizen in de prehistorie zijn vondsten van exotische materialen. In Drenthe blijken ze uit verschillende windstreken te zijn aangevoerd. Tot ongeveer 4900 v.Chr. was de lokaal gevonden steen voor de toenmalige jagers van voldoende kwaliteit om er werktuigen van te maken. Toen de mens zich vervolgens geleidelijk richtte op landbouw

had hij grotere en betere gereedschappen nodig. Er moesten immers bomen worden gekapt om akkers aan te leggen en er moest hout worden bewerkt om meer solide behuizingen te kunnen bouwen. De benodigde werktuigen konden niet meer van het slechte lokale uitgangsmateriaal worden gemaakt en dus moesten ze van elders worden aangevoerd. Dat gebeurde op redelijk

grote schaal. Overigens kon import ook gewoon uit pure luxe plaatsvinden. Mooi gekleurde of mooi bewerkte gereedschappen verhoogden zeker het aanzien van de bezitter en daar had men het nodige voor over. Het mocht iets kosten zouden we tegenwoordig zeggen. Dat gold ook voor ‘exotische’ sieraden.


10

Prehistorie

Prehistorische mens gebruikte exotische materialen

foto’s: Jaap Beuker

Helgoland rijst 60 meter uit de zee op en is voor vogelaars een interessant eiland. In de prehistorie werd er vuursteen gewonnen waarvan o.a. bijlen werden gemaakt zoals dit exemplaar uit Weerdinge.

Made in Germany

In het Duitse Wiehengebirge liggen miljoenen jaren oude lagen uit het Jura-tijdperk aan het oppervlak. In sommige daarvan komen keiharde knollen voor die rond 5000 jaar geleden op grote schaal tot bijlen werden verwerkt. Ze werden ‘geëxporteerd” en zijn zelfs in de Drentse hunebedden aangetroffen. De Jura-afzettingen in het Wiehengebirge herbergen overigens nog heel andere schatten. Op een aantal plaatsen zijn prachtig bewaard gebleven sporen van dinosauriërs ontdekt. Onlangs werd in de omgeving van Münchehagen een fossiel strand met dergelijke sporen opgegraven. Het lijkt alsof er gisteren nog ‘reuzenhagedissen’ hebben rondgelopen en staand

op dit strand is de neiging om steeds even naar de bosrand achter je te kijken nauwelijks te onderdrukken. Rode vuursteen uit witte kliffen

Ongeveer 70 km uit de kust ligt in de Duitse Bocht het 60 meter hoge en bij vogelliefhebbers geliefde rotseilandje Helgoland. Het ‘hoofdeiland’ dat uit rode bontzandsteen bestaat, was oorspronkelijk veel groter en aan de oostzijde ervan lagen ooit witte kalkkliffen. Deze zijn in historische tijd afgegraven en op de plek waar ze lagen, resteert nu een kleiner eilandje, de zogeheten Düne. In de kalkkliffen bevonden zich vuursteenknollen die op het strand van de Düne nog steeds in grote getale te vinden zijn. Meestal betreft het grijze stukken maar met veel moeite is er zo

nu en dan ook wel een bijna bloedrood exemplaar te vinden. De kleur is zo mooi dat Hans Stühmer – oud hoofd van het Aussenbezirk Helgoland van het Wasser und Schiffahrtsamt Tönning – er sieraden van maakt die bij dagjesmensen gretig aftrek vinden. De esthetische kwaliteiten van de vuursteen moeten ook de prehistorische mens al zijn opgevallen. Hij maakte er bijlen, dolken en sikkels van. Deze waren kwalitatief echt niet beter dan de grijze maar je verwierf er vast en zeker meer aanzien mee. Het uiterlijk van rode Helgolandvuursteen is waarschijnlijk de reden dat rondtrekkende jagers het al rond 11.000 v.Chr. meenamen naar Drenthe. In het Hunzedal en op andere plaatsen zijn voorwerpen van de ‘kostbare’ vuursteen gevonden. Alhoewel de vuursteen al veel langer geliefd was, werden voorwerpen van rode Helgoland-vuursteen vooral gebruikt in de periode tussen 3400 v.Chr. tot 2100 v.Chr. Rode bijlen, dolken en sikkels vonden hun weg over grote delen van Europa, van Billund in Denemarken tot St.Odiliënberg in Limburg. Van Geul naar Drentse Aa

Aan de rand van het Maasdal tegenover de plaats waar nu het complex van de ENCI bij Maastricht is gevestigd, lag ruim 3500 jaar v.Chr. een ander industrieterrein. Er stonden geen ‘architectonische juweeltjes’ opgetrokken van damwandprofielen, er liepen geen lieden met felgekleurde helmen rond en er reden geen vrachtwagens. De bedrijvigheid was er echter niet


11

minder om. Ter plaatse werd in ondergrondse mijnbouw ‘het staal van de steentijd’ oftewel vuursteen opgedolven.Vanuit schachten die wel 16 meter diep konden zijn, werden gangen gegraven waaruit de vuursteen werd gewonnen. De keiharde grondstof werd vervolgens op grote schaal tot bijlen en messen bewerkt en daarna over delen van West-Europa gedistribueerd. Ook bij Valkenburg en in de omgeving van het Duitse Aken werd vuursteenmijnbouw bedreven en de ‘Limburgse’ producten zijn op verschillende plaatsen in Drenthe gevonden. Is de afstand tussen Limburg en Drenthe hemelsbreed zo’n 250 km, zelfs voor afstanden tot 800 km draaide men in die tijd zijn hand niet om. Zo werden bijvoorbeeld uit Noord en West Frankrijk grote vuurstenen messen betrokken. Ze zijn gemaakt in de buurt van Reims en bij het plaatsje Le Grand-Pressigny en vonden over een afstand tot meer dan 1000 km hun weg naar de afnemers. In Drenthe zijn er verschillende voorbeelden aangetroffen, vooral in mannengraven van rond 2500 v.Chr. Kleurstof en sieraden

Records doen het altijd heel goed. Er worden zelfs boeken aan gewijd maar daarin zal het oudste sieraad van Nederland wel ontbreken. Het werd in de jaren vijftig gevonden aan de rand van een ven in de buurt van Vledder. Een aantal amateur-archeologen voerde er een opgraving uit. Ze vonden een grote hoeveelheid vuurstenen werktuigen uit de periode rond 12.000 v.Chr. maar daarnaast ook stukjes rode oker. Rode oker kon gebruikt worden

foto’s: Jaap Beuker

Aan de rand van het Galgwanderveen in Eext ligt een grafheuvel. In 1936 werd hier een opgraving uitgevoerd waarbij o.a. een 22cm lange vuurstenen dolk werd gevonden. Het voorwerp werd in de prehistorie geïmporteerd uit Le Grand Pressigny in West Frankrijk.

als kleurstof en speelde o.a. een rol in het grafgebruik, mogelijk om overledenen een minder afschrikwekkend uiterlijk te geven. De oker moet uit de omgeving van Bentheim, uit de Belgische Ardennen, het Sauerland of de Eifel zijn aangevoerd. Een van de stukjes rode oker uit Vledder is zelfs voorzien van een gaatje zodat het als sieraad kon worden gedragen. Naast oker werd in Vledder ook barnsteen gevonden. Barnsteen is bij uitstek geschikt om er sieraden van te maken. Het is zacht, heeft een fraai uiterlijk en kan gemakkelijk worden bewerkt. Onze hunebedbouwers maakten er bijvoorbeeld kralen van, maar ook in de latere prehistorie werd het tot sieraden verwerkt.Van barnsteen werd altijd aangenomen dat het uit het Oostzeegebied was aangevoerd maar dit is niet waarschijnlijk. Het komt in behoorlijke hoeveelheden langs onze eigen kust voor en kon daar door de prehistorische mens gemakkelijk worden verzameld. Naast barnstenen kralen zijn in onze hunebedden ook kralen van git aangetroffen. De grondstof ervoor moet ooit bij Wimmereux in de buurt van Boulogne,Yorkshire of in Zuid Belgie zijn opgedolven.

Ketellappers of huwelijkspartners

Over de wijze waarop exotisch materiaal zich in de prehistorie verspreidde, is al heel wat gespeculeerd. Omdat vuursteenbewerking specialistenwerk is, wordt wel aangenomen dat vuurstenen bijlen en dolken door rondreizende handelaren/steenbewerkers aan de man werden gebracht. Een soort prehistorische ketellappers dus. Ongetwijfeld moeten in dat geval hun diensten zijn ‘betaald’. Op grond van etnologische voorbeelden kunnen we ook denken aan heel andere mechanismen van verspreiding. Zo zijn voorbeelden bekend waarbij reizen om exotische materialen te krijgen deel uitmaakten van initiatierituelen. Stenen werktuigen speelden in Nieuw-Guinea een grote rol bij het verkrijgen van huwelijkspartners.

* J.R. Beuker is conservator archeologie en hoofd facilitaire zaken bij het Drents Museum.


Oranje borstelbekertje

foto: Rob Chrispijn

Mestzwammen

denstoelen doorstaan de passage door het darmkanaal van grote grazers goed. Inktzwammen laten niet, zoals de meeste paddenstoelen, hun sporen door de wind meevoeren, maar hun lamellen met rijpe sporen vervloeien tot een zwarte drab. Die `inkt´ hecht zich gemakkelijk aan grassprieten en dergelijke, waardoor ze door grazend vee worden opgegeten en verspreid. Vlaaien, plakken en keutels

Dierlijke mest is een geconcentreerd voedselpakket, rijk aan stikstof, fosfor en mineralen, krachtvoer voor allerlei organismen die in de consumptie van poep zijn gespecialiseerd. Bekende mestbewoners zijn de gele strontvliegen die in zwermen op koeienvlaaien zitten en de blauwe mestkevers die in heidevelden keutels begraven. Maar ook tal van paddenstoelen zijn gebonden aan mest. Eef Arnolds*

In Nederland groeien maar liefst 120 soorten paddenstoelen uitsluitend of voornamelijk op dierlijke mest. Ongeveer de helft daarvan zijn zakjeszwammen (ascomyceten), waarvan de microscopisch kleine sporen binnenin knotsvormige zakjes (asci) worden gevormd. De meeste mestbewonende zakjeszwammen zijn ongesteelde, schijf- of bekervormige paddenstoeltjes, gewoonlijk kleiner dan een centimeter en vaak zelfs kleiner dan een millimeter. Toch vallen sommige soorten op doordat de schijfjes fel geel of oranje gekleurd zijn, bijvoorbeeld het zeer algemene Oranje mestzwammetje dat met honderden bijeen groeit op koeienvlaaien. Andere borstelbekertjes blijken onder een loep versierd te zijn met een franje van lange, spitse zwarte haren. Een van de weinige grotere

zakjeszwammen op mest is de Vroege bekerzwam met tot een decimeter brede, blazig opgezwollen vruchtlichamen. Het is een karakteristieke soort voor mesthopen waar door broei hoge temperaturen ontstaan. De andere helft van de mestpaddenstoelen zijn steeltjeszwammen (basidiomyceten). De sporen worden daar gevormd op steeltjes die aan de top van knotsvormige cellen (basidiën) zitten. De meeste steeltjeszwammen op uitwerpselen zijn de welbekende plaatjeszwammen met radiaal verlopende lamellen aan de onderzijde van de hoed.Vooral geslachten met bruine of zwarte sporen zijn sterk vertegenwoordigd: Breeksteeltjes, Kaalkopjes, Vlekplaten en vooral Inktzwammen. De sterk gepigmenteerde en vaak dikwandige sporen van deze pad-

Paddenstoelen komen bijna uitsluitend voor op mest van planteneters en slechts zelden op uitwerpselen van vleeseters als honden en vossen. Mest van carnivoren bevat voornamelijk eenvoudig opneembare voedingsstoffen en is daardoor een gemakkelijke prooi voor bacteriën, microscopische schimmels en insecten. In uitwerpselen van planteneters zitten daarentegen nogal wat niet of half verteerde plantenresten, die vooral door paddenstoelen worden afgebroken. Grazers produceren verschillende typen mest, afhankelijk van hun menu en spijsverteringskanaal. De termen koeienvlaaien en paardenvijgen spreken in dat verband voor zich. Maar ook het milieu van de grazers heeft grote invloed op de samenstelling en structuur van de mest. In sterk bemest boerengrasland met malse grassen als Engels raaigras produceren koeien half vloeibare flatsen met weinig herkenbare plantenresten. In schrale natuurterreinen hebben uitwerpselen een vastere consistentie en bevat een koeienplak meer onverteerde plantenresten. De omzetting van de mest duurt langer; vaak zijn koeienplakken nog na maanden te herkennen. Schapen produceren


Grote vruchten

Een van de meest opvallende soorten in begraasde heidevelden en schrale graslanden is de Geringde vlekplaat, een fraaie paddenstoel met een sterk gewelfde, glanzende, licht kleverige hoed en een tot 15 cm lange steel met een vliezige ring. De Geringde vlekplaat kan zowel op paarden- als koeienmest groeien. Het Donzig breeksteeltje is een wat kleinere paddenstoel met oranjebruine vruchtlichamen en een donzig behaarde steel en hoed die eveneens kenmerkend is voor mest in dergelijke schrale terreinen. De grootte van de vruchtlichamen kan bij mestpaddenstoelen overigens sterk variëren, afhankelijk van de omvang van de voedselbron. De Kleefsteelstropharia bijvoorbeeld produceert op hopen paardenvijgen vele vruchtlichamen met

Links: geringde vlekplaat

foto: Eef Arnolds

in boerengrasland grote, natte uitwerpselen en in heideterreinen kleine, droge keutels die vaak met konijnenkeutels worden verward. De consistentie van mest heeft grote gevolgen voor de paddenstoelenflora. In het algemeen neemt de soortenrijkdom toe naarmate er meer plantenresten in de mest zitten. Op natte koeienvlaaien in weilanden zitten slechts enkele soorten, onder andere het eerder genoemde Oranje mestzwammetje en enkele inktzwammetjes. De paddenstoelenflora op koeienplakken in schrale natuurgebieden is veel gevarieerder.Veel soorten komen zelfs uitsluitend voor in begraasde natuurterreinen en ontbreken in landbouwpercelen Op één enkele koeienplak kunnen daar wel tien verschillende soorten groeien.

foto: Rob Chrispijn

13

hoeden tot drie centimeter breed, maar op een konijnenkeutel één enkel paddenstoeltje met een hoedje van drie millimeter in doorsnee. Paardenvijgen

De paddenstoelenflora op mest hangt niet alleen samen met de consistentie en het gehalte aan onverteerd materiaal. Sommige soorten zijn gebonden aan bepaalde dieren. Zo is de Grote speldenprikzwam aangewezen op paardenmest. Het is een merkwaardig paddenstoeltje: harde, zittende of kort gesteelde, witte schijfjes van zo´n centimeter breed met fijne zwarte puntjes, alsof daarin met een speld gaatjes geprikt zijn. In werkelijkheid zijn dat de openingen van bolvormige orgaantjes waarin de sporen worden gevormd. De soort was vroeger vrij gewoon, maar is in heel Europa sterk achteruit gegaan en in sommige landen zelfs uitgestorven. De afname wordt, althans voor een deel, toegeschreven aan ontwormingsmiddelen voor paarden die ook voor de speldenprikzwam fataal zijn. Bovendien komt de Grote speldenprikzwam alleen in schrale natuurterreinen voor. In Drenthe is de soort sinds kort bekend uit enkele door

Rechts: inktzwam op paardenvijg in heideveld

paarden begraasde heidevelden. Ook de Geringde inktzwam is op paardenvijgen aangewezen. Het is een opvallende paddenstoel, verwant aan de algemene en welbekende Geschubde inktzwam die eveneens een ring bezit maar veel groter is en niet op mest groeit. De Geringde inktzwam is sterk achteruitgegaan en staat als ernstig bedreigd op de Rode lijst van kwetsbare paddenstoelen. Ook deze soort is gebonden aan strorijke paardenmest in natuurterreinen. De moraal van dit verhaal: de ene keutel is de andere niet! Dankzij het mestoverschot in ons land is er aan mestbewonende paddenstoelen geen gebrek. Maar toch zijn er soorten die met uitsterven worden bedreigd. Zij kunnen alleen op strorijke mest in extensief begraasde, schrale natuurterreinen overleven.

* Dr. E.J.M. Arnolds is voorzitter van de Stichting Paddestoelenwerkgroep Drenthe en lid van de Wetenschappelijke Adviescommissie van Stichting Het Drentse Landschap.


Reisverslag van een trektocht door Drenthe Aldert Timmer*

Voor veel mensen staat de provincie Drenthe synoniem met vakantie. Dat was niet altijd zo. Vóór 1900 De Podagristen maakten in de 19de eeuw een trektocht door Drenthe.

was Drenthe een van de minst bekende provincies in Nederland. Weinig mensen kwamen hier, want wat had je hier te zoeken? Wat voor ons anno nu een leuke dagtocht door een mooie omgeving is, was ruim 150 jaar geleden een ware expeditie door een totaal onbekend gebied. Gelukkig weten we hoe die avontuurlijke lieden toen tegen Drenthe aankeken. Een aantal van die ‘toeristen avant la lettre’ hebben namelijk een geschreven verslag achtergelaten, met hún kijk op de toenmalige ‘olde landschap’.


foto: Bertil Zoer

De provincie is de afgelopen eeuw sterk veranderd en de manier van verplaatsen ook. Wat wij nu in een ruime dag kunnen fietsen, daar deden mensen als Jacob van Lennep en Dirk van Hogendorp in 1823 en de drie Podagristen in 1843 te voet veel langer over. Allen maakten uitgebreide reisverslagen van hun ervaringen. Aan de hand hiervan kunnen we het landschap uit die tijd een beetje reconstrueren. Van Lennep en Van Hogendorp komen op hun voettocht in Assen en beschrijven hun indruk van deze stad als volgt: “Waar de Smildervaart eindigt, begint Assen. Deze hoofdplaats der Provincie is open aan alle zijden, zonder reguliere straten, doch bestaande uit groote, schoone gebouwen, met ruime tuinen daar achter en pleinen tusschen beide. Iemand zeide mij, dat ik Assen eene stad van paleizen vinden zou. Dat is waar, in zoo verre een schoon huis in Den Haag, in Drenthe een paleis mag heeten. Er is één geheel nieuwe straat (de hedendaagse Nieuwe Huizen, ACT.) en zoo zouden er meer nieuwe straten aangelegd worden, indien de weinige ingezetenen genegen waren om grond te verkoopen”. Avontuurlijke tocht

De beide reizigers waren daarvoor in Zuidlaren. Mogen we hen geloven, dan was de tocht tussen beide plaatsen een klein avontuur: “Dit verrukkelijke oord (Zuidlaren) verlaten hebbende, vonden wij ons in een zandige heide en kwamen na over een heuvelachtigen grond, waar hier en daar plassen en moerassen waren, een half uur voortgegaan te zijn, in een klein gehucht aan. Nu opende

15

foto: Drents Archief

Cultuurhistorie

zich voor ons eene stuifzandzee, geweldig door de wind in ons aangezicht gedreven. Niet lang hield deze aan: eene hei doorgetrokken zijnde, rusteden wij een oogenblik op de overblijfselen van een ingevallen Hunnebed en kwamen daarna in de essen (zoo noemt men hier de korenvelden). Zeer lief en bevallig was het gehucht Loon, twee uren van Zuidlaren gelegen”. Hoewel lang geleden, kunnen we toch nog delen van het landschap terug herkennen uit deze beschrijving: de Loner Es met het hunebed, de heide bij Oudemolen, de zandverstuivingen bij Zeegse. Jammer genoeg voor ons wijdden de reizigers geen enkel woord aan het prachtige stroomdalgebied van de Drentsche Aa. Maar wat wij nu landschappelijk heel bijzonder vinden, was in hun tijd natuurlijk de gewoon-

ste zaak van Nederland: een vrij stromende rivier met plantengroei op de oevers. Lemen hutjes

Vanuit Zuidlaren wordt de voettocht door Van Lennep en Van Hogendorp vervolgd naar Gieten. Helaas zijn de reizigers uit 1823 niet in het mooie kerkdorp Anloo geweest en hebben ze dus één van de oudste kerken in Drenthe gemist. In Gieten kwamen de heren Van Lennep en Van Hogendorp wel. Hun indrukken verwoordden ze als volgt: “langs de heide kwamen wij (.…) in het fraaie Gieten. Ook dit is met eikeboomen dicht beplant en de leeme hutjes spiegelen zich in breede plassen. De natuur is lief en bevallig, doch nergens majestieus, alles is bochtig kronkelend en brokkelig: geen tak

Boerderij aan de Nijlanderstraat met zicht op de Grote Brink te Rolde, ca. 1900. Collectie Drents Archief.


16

Cultuurhistorie Prentbriefkaart van de dorpskern van Gieten bij Hotel Braams, vóór 1905. Collectie Drents Archief.

zoude een rechte stok van een voet lengte kunnen opleveren en geen weg loopt een stap rechtuit. In de herberg van de schout Braams dronken wij koffi en aten brood van ongebuild roggemeel, stoet genaamd. Gedwongen te blijven door de regen, bestelden wij eten, wachtten twee uren en werden uiteindelijk op ongare duiven en spek onthaald”. De heren uit het westen van het land waren kennelijk verwend wat het eten aanging, of misschien had de kok een slechte dag. U kunt proberen of het eten er nu beter is, want die herberg van toen bestaat nog steeds: Hotel Braams aan de Brink in Gieten. Zandzee

Via Gasselte komen Van Lennep en Van Hogendorp in Borger aan. De spoorlijn met de ingraving (in de volksmond het ‘spoorravijn’, vandaar ook de campingnaam ‘Ravijnzicht’) werd in 1905 geopend, dus daar konden de reizigers in 1823 nog niets over vertellen. Dat deden ze wel over Gasselte, dat “mede dicht en lief gelegen (is). De Drentsche gehuchten doen zich van verre als een Bosch voor, de hutten staan altijd op zich zelve en leveren dus ieder een bijzonder schilderij op”. Misschien

hadden de heren wel de schilderijen van Egbert van Drielst voor ogen, de kunstschilder die leefde van 1745 tot 1818 en ook ‘de Drentse Hobbema’ genoemd werd. Voor het landschap tussen Gasselte en Borger kijken we even bij drie andere reizigers. De heren Boom,Van der Scheer en Lesturgeon noemden zich de drie Podagristen; onder deze naam publiceerden zij hun verslagen van wandelingen door Drenthe in 1843. Twintig jaar na Van Lennep en Van Hogendorp liepen deze heren via Drouwen naar Borger en dat liet een grote indruk na. “Eerst langs een esch en daarna weder langs geboomte en heide, bereikten wij, Drouwen regts laten liggende, een dorre en doodsche zandzee, allerakelijkst van een rei naakte duinen en belten doorsneden en ingesloten. ’t Is hier zoo bar en ongezellig,

dat er een groote mate van kloekmoedigheid toe behoort, om niet van vrouwelijke angst en vreeze aan elk zijner hoofdharen een glinsterenden zweetdruppel te zien hangen. Wie ietwat met bijgeloof behept is, komt licht in verzoeking om dees vlottende, malende zandzee te houden voor ’t voormalige toneel, niet van één, maar van duizend moorden, doodslagen en wat ijselijke en bloedige misdaden gij meer wilt. Geen wonder dat Drouwen noch Gasselte van deze naakte streek zich de eigenaar wil noemen, iets zeldzaams in onze inhalige eeuw. De bewoners van Drouwen noemen het daarom het Gasselterzand, die van Gasselte daarentegen het Drouwenerzand”. En dan te bedenken dat wij tegenwoordig voor ons plezier in de bossen en zandverstuivingen van het Drouwenerzand wandelen…

* Drs. A.C.Timmer is werkzaam bij het Drents Archief

Literatuur • J. van Lennep en D. van Hogendorp, Nederland in den goeden ouden tijd (dit boek is bekend onder de volgende titel: G. Mak, De zomer van 1823. Lopen met Van Lennep) • Van der Scheer, Boom en Lesturgeon, Drenthe in vlugtige en losse omtrekken geschetst. • Chr. van der Veen, J. Tits en B. Boivin In de versnelling. Honderd jaar automobiliteit in Drenthe.


Erfgoed

17

Parkachtige boerenerven aan de Reest verwege de heuvels omringd door een parkachtig landschap waarin koeien niet misstonden. In navolging van de hogere adel en het vorstenhuis liet een brede laag landadel eveneens landgoederen aanleggen in de stijl van het eenvoudige landleven. Niet in de minste plaats om economische redenen. De landadel bezat immers veel grond maar niet de middelen om de zeer arbeidsintensieve baroktuinen met geschoren hagen en strakke perken, die tot dan toe onder invloed van de Franse en Nederlandse hoven in zwang waren, aan te leggen en te onderhouden. Ook hierin volgden zij het voorbeeld van de hoger geplaatsten. De zuinige Queen Anne liet als opvolger van Willem III - de Nederlandse stadhouder en koning van Engeland – alle geometrische vor-

Jacqueline Muffels*

Wat hebben de welgevormde Engelse landgoederen aan de Theems gemeen met welvarende boerderijen aan de Reest? Op het eerste oog misschien niet zoveel behalve dat beide in een mooi landschap liggen. Een landschap gevormd door een waterloop, die op de aangrenzende gronden vruchtbaar slib achterliet. Èn dat beiden een exportartikel van formaat in handen hadden. De Drenten hadden biggen en boter. De Engelsen voerden een cultureel product uit:

In de 18de eeuw groeide bij de Engelsen de belangstelling voor de natuur en levendige vormen. Al in de 17de eeuw voeren zij over de wereldzeeën en kwamen zij in aanraking met andere culturen. Zo raakten zij onder de indruk van de Chinese tuinen. Ook in de romantische schilderkunst vond men nieuwe inspiratie. Men bewonderde het arcadische landschap zoals dat afgebeeld werd door de 17de eeuwse landschapsschilders. Men verheerlijkte het er in afgebeelde eenvoudig landleven temidden van landerijen en het vee. In het glooiende landschap van de Theems met zijn vele dode rivierarmen vond de rijke adel het ideale decor om hun droombeeld te verwezenlijken. Dicht bij de stad richtten zij hier hun buitenverblijven op. Prachtige landhuizen verrezen hal-

foto: Jaquelien Muffels

Engelse tuinen en parken.

men uit Hampton Court verwijderen en liet het park aanleggen in de meest eenvoudige èn goedkope vorm: boomgroepen in gras. Coulissenlandschap

Al vroeg in de 18de eeuw spelen Engelse landschapsarchitecten handig in op de nieuwe behoefte van de landadel. Niet overal was een dode rivierarm voorhanden en een heuvel voor de juiste situering van het huis. Zodoende werden waterpartijen uitgegraven, heuvels opgeworpen, zichtlijnen uitgezet en boomgroepen geplant als coulissen in een toneeldecor. Het huis werd gebouwd en spiegelde in het water; paden werden slingerend door het nieuwe landschap aangelegd. De Engelse landschapsstijl is een feit.


Stijlkenmerken

Kenmerkend voor landschapstuinen zijn onverwachte doorkijkjes. Zichtlijnen zijn vaak schuin gericht. Het water spiegelt de gevel van de boerderij of villa, die daardoor vanaf de straat nog voornamer lijkt. De uitgegraven vijvergrond is opgeworpen tot een bergje. In het zacht glooiende gazon staan bijzondere soorten parkbomen, zoals rode beuk en goudes, plataan, suikeresdoorn en later ook (rode) kastanjes. Licht reliëf doet de tuin groter lijken. Zorgvuldig aangelegde slingerpaden en perken met bloeiende heesters en coniferen versterken het perspectief. Wangen, halfronde perken grenzend aan de gevel, zorgen voor een naadloze overgang van de rechte muren naar de zwierige tuinstijl. Wanneer het zijerf bij de tuin betrokken wordt, ontstaat er ruimte voor een grotere waterpartij, soms met een eiland of in de vorm van een meanderende rivier. Hier komen bruggetjes en prieeltjes pas echt tot hun recht.

Illustratie: Greet Bierema

Met veel vernuft worden de verworvenheden in de stijl gecultiveerd. Een mooi voorbeeld hiervan is de ‘haha’. Om het huis plantte men graag bijzondere bomen: exoten verzameld op ontdekkingsreizen. Dit kostbare plantgoed moest beschermd worden tegen grazend vee en wild. Toch wilde men de zorgvuldig uitgezette zichtlijnen niet bederven door hekken en hagen. Men legde vanaf het huis onzichtbare veekeringen aan: droge greppels, onneembaar voor het vee, onzichtbaar voor de bewoners. Landschap en tuin bleven als het ware één. De aanleg van deze natuurlijk ogende, parkachtige tuinen en landschappen heeft op grote schaal navolging gevonden op het Noordwest-Europese vasteland. Engeland aan de Reest

In Nederland vierde de Engelse landschapsstijl hoogtij in de negentiende eeuw. Menige stad kreeg een stadspark in de landschapsstijl zoals bijvoorbeeld het Wilhelminapark in Meppel. Formele tuinen veranderden in romantische par-

ken. Ook de gegoede boerenstand en de landadel raakten in de ban van deze stijl.Vooral in de omgeving van Meppel, Ruinerwold en De Wijk ontstonden in de tweede helft van de 19de en begin 20ste eeuw veel tuinen in de landschapsstijl. Het ging de boeren in deze omgeving voor de wind. De gronden leverden goed op. De producten waren van goede kwaliteit. De boeren specialiseerden zich al vroeg in de varkensfokkerij; met name in de lichtere soorten – de zogenaamde Londense biggen – waarnaar aan het eind van de 19de eeuw veel vraag ontstond op de Noordwest-Europese markten. Door deze specialisatie en de vruchtbaarheid van de grond leverde de zuidwesthoek van Drenthe twee exportproducten van belang: boter en biggen. Engeland was een belangrijke handelspartner. De handelsbetrekkingen hebben niet alleen tot gevolg gehad dat producten uitgewisseld werden maar ook een culturele uitwisseling plaatsvond. In elk geval heeft het direct of indirect een exportartikel van belang naar de Drentse erven gebracht: de Engelse landschapstuin.


19

Hernieuwde belangstelling

*Ir. J. Muffels is tuin- en landschapsarchitect en lid van de Werkgroep Boerenerven Drenthe. Stichting Het Drentse Landschap behartigt ook de belangen van de Stichting Drentse Boerderijen en ondersteunt de Werkgroep Boerenerven Drenthe.

Keuterijen gezocht foto: Joop van de Merbel

Halverwege de twintigste eeuw versoberen de meeste landschapstuinen. EfficiÍntie en gemak zijn sleutelwoorden. Een bewerkelijke tuin past niet meer op het gemechaniseerde boerenbedrijf. Soms wordt rigoureus afgerekend met het verleden.Waterpartijen, paden en perken worden met het gazon gelijk gemaakt.Waar voorheen een bergje lag graast nu weer vee.Vanaf de jaren ´50 volgen verschillende tuinstijlen of modes elkaar op en vinden hun weerslag in de voormalige landschapstuin. Strak geschoren (buxus)hagen en patronen winnen weer terrein, evenals natuurlijk ogende, inheemse begroeiing op de erfgrenzen, maar ook uitbundige vaste planten borders. Stijlkenmerken raken vermengd. Het oorspronkelijke ontwerp vervaagt.Wat echter gebleven is, zijn de inmiddels monumentale bomen, welgevormde gazons en heestergroepen. Soms rest nog een waterpartij, al liggen de vloeiende lijnen vaak vervallen en verscholen achter het opgeschoten groen. Sinds het einde van de vorige eeuw groeit de belangstelling voor het boerenerf in landschapsstijl. Er vindt ook veel onderzoek plaats naar hoe deze tuinen eruit hebben gezien. De Werkgroep Boerenerven deed dat in een groot onderzoek naar het Drentse Boerenerf (Een eeuw boerenerven in Drenthe en Ooststellingwerf. Bureau Bakker. 2005). Maar ook in het project Streekeigen Huis en Erf in het Reestdal kwam het sluimerende bestaan van de landschapsstijl en zijn invloed op de boerenerven aan de Reest wederom aan het licht.

Keuterboeren zijn er niet meer in Drenthe en de laatste gave keuterijen verdwijnen in snel tempo. Het Drentse Landschap en de Bond Heemschut gaan daarom de historie van de Drentse keuterijen in een boek vastleggen. In dat boek komen bovendien tips te staan voor het verantwoord restaureren van een keuterij. Wat is een keuterij? De geleerden zijn het niet helemaal eens over het antwoord op die vraag, maar een keuterij was in ieder geval niet groot. Een voorhuis en een stal die ruimte bood aan een koe en wat klein- en pluimvee. Boerderijen die groter waren, komen niet aan aanmerking voor vermelding in het boek. Veel is er nog niet bekend over de Drentse keuterijen. De auteurs van het boek - bouwhistoricus Hans Ladrak, journalist Eric le Gras en fotograaf Sake Elzinga - doen daarom een beroep op de kennis van de begunstigers van Het Drentse Landschap. Wie bijvoorbeeld weet waar een relatief gave keuterij te vinden is of informatie kan geven over een keuterij die om een andere reden interessant is, kan dat melden bij Sonja van der Meer, Postbus 83, 9400 AB Assen of via sonja.vandermeer@drentslandschap.nl. Ook andere informatie over keuters en keuterboeren is welkom. De auteurs bedanken u bij voorbaat voor uw moeite.


De mysterieuze Rivierprik

meter lang. De ogen zijn groot met een heldere, zilverachtige gloed. De bek is bij volwassen exemplaren een ronde zuigschijf, omgeven door circa 7 hoornachtige tanden. Een volwassen Rivierprik heeft een parasitaire levenswijze en doet zich tegoed aan het bloed en andere lichaamssappen van (zee)vissen, zoals Haring, Sprot, Koolvis en Bot. Jonge Rivierprikken, ook wel larven genoemd, hebben een geheel ander uiterlijk en eetgedrag. Ze graven zich in in slibbodems en leven van algen en kleine waterorganismen die ze uit het water filteren. Het feit dat de jonge Rivierprikken in beken en rivieren leven en dat de volwassen exemplaren in estuaria en de ondiepe delen van de zee leven, maakt de Rivierprik des te mysterieuzer.

foto: Willem Kolvoort

Tussen zee en beek

Herman Wanningen*

Verborgen onder de waterspiegel leeft in onze beken een vissoort met een bizarre leefstijl en een merkwaardig voorkomen: de Rivierprik (Lampetra fluviatilis). Zijn jeugd brengt dit dier, grotendeels blind, verborgen in de beekbodem door. Eenmaal volwassen heeft de Rivierprik een bek in de vorm van een zuignap met scherpe stekels, waarmee hij zich verankert in het vlees van levende vissen. Het ontbreken van schubben en een rijtje merkwaardige ronde kieuwopeningen maken het bizarre voorkomen compleet. Ooit was deze vis volledig verdwenen uit de Drentse beken. Maar nu lijkt de prik definitief terug van weggeweest.

Dat Drenthe een bijzondere flora en fauna herbergt is bekend. Kenmerkende gradiĂŤnten in het Drentse landschap zorgen voor variatie in leefgemeenschappen en soorten. Dat Drenthe ook een verscheidenheid aan vissoorten herbergt, begint de laatste jaren steeds meer boven water te komen. Soorten als Bermpje, Serpeling,Winde, Riviergrondel, Kleine modderkruiper en Rivierprik staan bekend als kenmerkende Drentse beekvissen. De Rivierprik neemt in dit gilde een bijzondere plaats in, want deze soort heeft voor het volbrengen van de levenscyclus zowel beken als zee nodig. De Rivierprik heeft een palingachtig lichaam. Het voorste gedeelte is rond. Naar achteren toe is het zijdelings afgeplat. Een volwassen Rivierprik is op de rug grijs-, zwart- of groenblauwachtig gekleurd en wordt maximaal 50 centi-

Als de volwassen Rivierprikken paairijp zijn, trekken ze vanuit zee naar beken en rivieren. De trek vindt plaats vanaf het najaar tot de lente. De Rivierprikken paaien in de lente boven grof zand- en grindbeddingen. Schoon, stromend en zuurstofrijk zoet water is een voorwaarde voor het paaisucces. In Drenthe worden sinds 1999 paaiende Rivierprikken waargenomen in het Gasterensche Diep, een van de beeklopen in het Drentsche Aa-gebied. Ze zijn vanuit de Eems, via de sluizen bij Delfzijl, door het Eemskanaal en het NoordWillemskanaal naar de Drentsche Aa gezwommen. Als je geluk hebt en je bent er op het juiste moment, kun je ze zien in het heldere beekwater. Alsof hun leven er vanaf hangt kronkelen groepjes Rivierprikken langs en over elkaar en worden de eitjes bevrucht. Deze blijde gebeurtenis is meteen ook het einde van het leven van de volwassen Rivierprik. Net als de Zalm en de Paling sterft de Rivierprik na het paaien. “Sterven voor je nage-


Fauna

slacht”; best een mooie en symbolische daad. Uit de bevruchte eitjes komen de larven tevoorschijn. De larven gaan blind door het leven. Ze leven ongeveer vier jaar in de bodem van stromende en kronkelende beken en rivieren. De larven laten zich geleidelijk met de stroom mee afzakken richting zee. Na een gedaantewisseling trekt de volgroeide prik naar zee, om vervolgens in drie jaar volwassen te worden.

Drentse plannen en maatregelen

De waterkwaliteit van de Drentse beken is dankzij regelgeving en zuiveringsinstallaties tussen 1970 en 1990 sterk verbeterd en is vandaag de dag goed te noemen. Positieve uitschieters zijn de Drentsche Aa en de Oude Vaart. Aan de waterkwaliteit kan het in Drenthe niet meer liggen. Ook qua vorm en inrichting zijn de Drentse beken met grote sprongen vooruit gegaan. Sinds de jaren negentig werken natuurbeheerders, de Provincie Drenthe en de waterschappen gestaag aan het herstel van de beeksystemen. De beken, zoals de Hunze, de Geeserstroom, het Oude Diep en de Vledder Aa, mogen weer als vanouds kronkelen. Natuurlijke processen als stroming, sedimentatie en erosie krijgen hierdoor weer de ruimte. Stuwen worden passeerbaar gemaakt door de aanleg van vistrappen, zodat vissen hun weg naar de leef- en paaigebieden kunnen vervolgen.Vrije migratie van vissen tussen Drenthe en de zee is inmiddels beleidsmatig verankerd in

De Rivierprik was vóór 1945 zeer algemeen in de benedenrivieren en beken in Nederland.Vanaf de jaren zestig en zeventig zijn de aantallen echter sterk teruggelopen. Deze trend ging gelijk op met de sterke opkomst van ongezuiverde lozingen van afvalwater, de grootschalige ruilverkavelingen en de voortvarende normalisaties van beken en rivieren. Schoon, stromend en zuurstofrijk water was in die periode een zeldzaamheid. Minstens zo desastreus voor de prik zijn de stuwen, gemalen en sluizen die werden gebouwd. De essentiële migratieroute tussen zee en de rivieren en beken werd op deze manier op slot gezet. De leef- en paaigebieden konden niet of nauwelijks meer worden bereikt. Neem bijvoorbeeld de Oude Vaart, een beek die van Orvelte naar Meppel stroomt. Deze beek is volledig rechtgetrokken en vanuit zee onbereikbaar geworden. De Drentsche Aa en de Reest zijn de enige Drentse beken die enigszins gespaard zijn gebleven van de normalisaties. Net als voor andere kenmerkende beekorganismen zag het er voor de Rivierprik een tijdlang niet goed uit en werd het een zeldzame verschijning. De Rivierprik heeft daarom een beschermde status via de Flora- en Faunawet, de Europese Habitatrichtlijn en het Soortenbeschermingsplan Vissoorten Drentse Bovenlopen.

foto: Willem Kolvoort

Bedreiging en bescherming

21

visies en richtlijnen, zoals de Europese Kaderrichtlijn Water.Voor de toekomst van de Rivierprik en alle andere beekorganismen een positieve ontwikkeling. Er zal echter nog flink wat water naar de zee stromen voordat in alle Drentse beken de Rivierprik weer is te bewonderen. Het vergt nauwe samenwerking van de bij het waterbeheer betrokken organisaties binnen en buiten Drenthe, om diverse nog bestaande migratiebarrières te slechten. Zelfs de sluizen in de Afsluitdijk spelen een cruciale rol. Een meer visvriendelijk beheer van deze sluizen betekent dat de Rivierprik ook bijvoorbeeld weer de monding van de Reest kan bereiken. * Drs. H.Wanningen is aquatisch ecoloog bij Waterschap Hunze en Aa’s. Bronnen: W.A.M van Emmerik en H.W. de Nie, 2006. De zoetwatervissen van Nederland. Ecologisch bekeken. Vereniging Sportvisserij Nederland, Bilthoven.

Paaiende Rivierprikken


Deze pagina wordt verzorgd door NV Waterleiding Maatschappij Drenthe

Kijk voor meer informatie over drinkwater op www.wmd.nl

foto: Joop van de Merbel

Water beweegt je


Een eindje om met Het Drentse Landschap

Bertus Boivin / Eric van der Bilt / Roelof Huisman

Fietstocht

foto: Hans Dekker

Hondsrug, Hunzedal en hunebedden

34


Hondsrug, Hunzedal en hunebedden Mocht het predicaat ‘een fietstocht vol afwisseling’ ooit ergens terecht opgeplakt zijn, dan is het wel op deze route vanuit Borger langs de oude dorpen Bronneger, Drouwen, Gasselte, Buinen, Exloo en Odoorn. Onderweg heeft u prachtige vergezichten over het beekdal van de Hunze en zijn bronriviertjes het Voorste en Achterste Diep. U ziet de Hondsrug als een glooiende lijn langs de westelijke horizon en vanaf de uitkijktoren Poolshoogte bekijkt u de Staatsbossen eens vanaf een geheel andere kant. U komt over hoge essen, over de heide, door het bos. U fietst langs aardappelakkers waar geen eind aan lijkt te komen. Onderweg rijdt u langs kleine weilandjes, afgelegen boerderijen, stille dorpjes en bedrijvige dorpscentra. Plus dat de tocht u vandaag langs maar liefst éénvijfde deel van de Drentse hunebedden en het Lofarproject voert!

9

8

10 7 5 6

4

11 2

3

12 37 36

1 Vanaf de parkeerplaats van het Hunebedcentrum gaat u naar de ingang van het centrum en vervolgens richting Kenniscentrum. Daar langs bereikt u de straat en gaat u rechtsaf. Vanaf de weg over de flanken van de Hondsrug heeft u prachtige vergezichten het Hunzedal in. In de verte ligt de zandrug tussen Voorste en Achterste Diep waarop in de vroege middeleeuwen het dorp Buinen ontstond. 2 In Bronneger slaat u linksaf richting Hunebed. De weg wordt een zandpad met fietspad. Rechts van het fietspad liggen de vijf hunebedden van Bronneger op een rijtje: D25, D24, D23, D22 en D21. De laatste ligt het mooiste van allemaal aan de rand van de Zuideresch van Drouwen, een met recht eerbiedwaardige plek. 3 Aan het eind van het fietspad slaat u rechtsaf. Zo’n 50 meter naar links staat als een maantje op zijn rug het beeld ‘Gewichtheffer’ van Ton Kalle.Verderop tijdens de route komt u nog twee van deze nieuwe monumenten van zwerfstenen tegen die door onze stichting worden beheerd.

4 In Drouwen gaat u linksaf. 5 Na de flauwe bocht neemt u linksaf de Schoolstraat. Hierna moet u op de eerste driesprong weer links.

13 33 1 Start

34

14 15

32 31

6 Op de volgende wegsplitsing gaat u rechtdoor en aan het eind rechtsaf het fietspad op langs de doorgaande weg richting Gasselte. Als u de hunebedden D19 en D20 wilt bekijken, gaat u na 100 meter linksaf richting Grolloo, de Steenhoopsweg. U ziet ze na zo’n 350 meter aan de linkerkant van de weg. 7 Rechts van het fietspad richting Gasselte ligt de grote zandverstuiving Drouwenerzand, een van de terreinen van Het Drentse Landschap. Het is moeilijk voor te stellen dat de reizigers in vroeger tijden opzagen tegen de tocht van Borger naar Gasselte. Ze moesten door een destijds zeer onherbergzaam gebied met hoge zandduinen. Een eeuw geleden werden de duinen ‘vastgelegd’ door dennen aan te planten. Een deel van het Drouwenerzand is nog steeds een imposante zandverstuiving.

35

16

30

17

29 18

19

28

20

27

23

21 22

24 26 25


Hondsrug, Hunzedal en hunebedden Startpunt Hunebedcentrum, Bronnegerstraat 12, 9531 TG Borger, www.hunebedcentrum.nl.

8 In Gasselte neemt u na het kerkhof de eerste weg rechts. De weg heet Achter de Brinken. Deze blijven volgen. De straatnaam verandert in Hoogte der Heide. Even later gaat u rechtsaf richting camping Horstmannsbos.

Lengte route Circa 45 km. U kunt de route inkorten in Buinen (van punt 13 naar 34) en in Exloo (van punt 18 naar 29).

9 Ga aan het eind van de weg rechtsaf. Blijf bij paddenstoel 02962/001 de klinkerweg volgen. Vanaf hier in het gebied De Branden tot aan de Zoersche Landen bij Exloo fietst u langs de westrand van het Hunzedal. Sinds de jaren negentig is Het Drentse Landschap in het Hunzedal actief met natuurontwikkeling en bezit er inmiddels al meer dan 1000 hectare voormalige landbouwgrond. De Hunze krijgt de oude meanders terug en mag weer buiten zijn oevers treden. Het Hunzedal wordt een gebied met uitgestrekte moerassen, ruige groene vlaktes en moerasbossen.

Benodigde tijd 4 à 5 uur. Openbaar vervoer Buslijn Assen-Stadskanaal of de Qliner Emmen-Groningen. In Borger uitstappen bij de centrale bushalte Rotonde naast de hervormde kerk. Zie www.9292ov.nl of bel (0900) 9292. Fietsverhuur Egbert Egberts Rijwielen, Hoofdstraat 63a, 9531 AC Borger, (0599) 23 423 24, info@egbertegberts.nl.

foto’s: Hans Dekker

10 Op de viersprong moet u rechtdoor richting Bronneger. Ook op de volgende kruising bij paddenstoel 24883/001 gaat u rechtdoor richting brug. Bij het graven van het Kanaal BuinenSchoonoord vanuit het Oranjekanaal in de jaren twintig van de vorige eeuw werd gebruikgemaakt van het beekdal van het Voorste Diep. Er was een ‘omweg’ van meer dan vijf kilometer nodig om het dorp Buinen te bereiken met een minimum aan sluizen… 11 Vóór de brug gaat u rechtsaf. Het pad wordt een fietspad. U gaat linksaf het bruggetje over. De houten fietsbrug is gebouwd op de stenen peilers van de spoorbrug van de Noordooster-Lokaalspoorweg. Deze legde in 1905 de spoorlijn EmmenStadskanaal aan. Tot in Buinen fietst u over het tracé van de oude spoorlijn.

12 Steek na de brug het weggetje en het fietspad over en neem het smalle schelpenpaadje recht voor u. Blijf het paadje volgen totdat het in Buinen aankomt. Hier rechtsaf de weg nemen langs het plaatsnaambord Buinen. 13 Aan het eind van de weg midden in het dorp gaat u linksaf richting Exloo. 14 Vlak voor het viaduct neemt u het links van de weg gelegen fietspad. 15 Na het bord Einde fietspad gaat u linksaf het asfaltweggetje in. Neem vervolgens de eerste weg rechts. (Hier begint het lange rechte gedeelte van de fietstocht, in totaal zo’n zes kilometer. Een alternatief is om na het bord Einde fietspad de straat over te steken en langs de doorgaande weg verder richting Exloo te rijden. Nadeel hiervan is dat u de weg met veel auto’s moet delen.) U fietst door het stroomdal van het Achterste Diep. De komende jaren zal het gebied veranderen in groot, open en nat gebied. Dit wordt onder andere mogelijk door het feit dat hier het zogeheten Lofar-project gerealiseerd wordt: een verzameling van enkele duizenden kleine antennes die samen één supertelescoop vormen, zie de informatiepanelen onderweg. 16 Aan het eind van de weg gaat u rechtsaf de geasfalteerde weg op. Even later neemt u linksaf een klinkerweg.

17 Ga aan het eind van de weg rechtsaf het fietspad op. Vervolg uw weg rechtdoor. U rijdt het dorp Exloo binnen. 18 In het dorp aangekomen gaat u direct na de eerste (flauwe) bocht linksaf. Neem even later het naastgelegen smalle fietspad. Rechts van het fietspad ligt aan de rand van het dorp een gerestaureerde grafheuvel. 19 Op de kruising van zandpaden blijft u het fietspaadje rechtdoor volgen. Even later komt u op de doorgaande weg uit. Hier slaat u linksaf en direct weer links richting Valthe (paddenstoel 21544). 20 Vóór het plaatsnaambord Einde Exloo neemt u schuin links het zandpad. Hou vóór het bos links aan. Dit pad blijft u volgen langs de bosrand naar rechts. 21 U komt op een verhard fietspad uit bij een beeld van drie zwerfkeien. Hier moet u rechtsaf. Het beeld heet ‘Mental map’. Het is gemaakt door Petra Boshart die er zelf over schreef: ‘Het leven zelf is een reis door het geestelijk labyrint’. In de eerste bocht ziet u links hunebed D31 liggen, of beter gezegd: de restanten van een hunebed. De bekende archeoloog prof. Van Giffen schreef er in 1918 al over dat het hunebed ‘in treurigen staat’ verkeerde en in de negentiende eeuw door schatgravers ‘tot onherkenbaar wordens toe vernield’ was. 22 Aan het eind van het fietspad gaat u rechtsaf en vervolgens moet u bij paddenstoel 20919 linksaf.


23 Steek aan het eind van het fietspad de weg over en neem het fietspad linksaf richting Odoorn. 24 In Odoorn houdt het fietspad op en fietst u over de straat verder. Even linksaf ziet u bij de kerktoren van Odoorn dat men in de middeleeuwen zwerfkeien gebruikte om het metselwerk een stevige basis te verschaffen. 25 Bij de ANWB-wegwijzer moet u even rechtsaf en direct weer links richting Schapenpark (Schaapstreek). U passeert paddenstoel 23330 en gaat op het fietspad verder richting Odoornerveen. Dit fietspad moet u blijven volgen. Na het viaduct rechts aanhouden. U bent in de Staatsbossen van de Boswachterij Odoorn aangekomen. Ze werden in de jaren dertig door werklozen in het kader van de Werkverschaffing op het Odoornerveld aangelegd. 26 Aan het eind van het fietspad gaat u bij paddenstoel 23329 rechtsaf richting Borger. Links van het pad ligt de enorme ‘Ode aan de zon’ van kunstenaar Rob Schreefel. 27 Aan het eind van het fietspad gaat u bij paddenstoel 23328 rechtsaf richting Borger. Rechts van het fietspad liggen de uitkijktoren Poolshoogte en een gezellige uitspanning. Een uitgelezen kans om een blik over de Staatsbossen te werpen en even op adem te komen voor het laatste deel van de tocht!

28 Bij ANWB-wegwijzer 14658/2 moet u rechtdoor richting Buinen. Vervolgens steekt u de doorgaande weg over. Het fietspad slingert door het bos. 29 Aan het eind van het fietspad neemt u het fietspad aan de overkant van de verharde weg linksaf. Hou nog steeds de richting Buinen aan. Voor een bezoek aan het een paar honderd meter verderop gelegen hunebed D 30 neemt u het fietspad linksaf langs de verharde weg. 30 Op de splitsing van fietspaden bij paddenstoel 21546 moet u rechtsaf richting Buinen. Een veldkei herinnert aan het feit dat hier ter gelegenheid van de geboorte van prinses Beatrix op 31 januari 1938 de eerste boom in dit deel van de Staatsbossen werd geplant. De oude Bosweg is geplaveid met veldkeitjes. Stelt u zich voor: stuk voor stuk opgeraapt bij het ontginnen van het veld en tot straat gemaakt… 31 Aan het eind van dit lange rechte fietspad gaat u linksaf. 32 Op de viersprong met twee zandpaden moet u bij paddenstoel 20727/0001 rechtsaf. Vervolgens gaat u op de driesprong linksaf en steekt u de drukke N374 over. 33 Aan het eind van de weg slaat u rechtsaf Buinen in.

Meer informatie op internet Als voorbereiding op deze fietsroute of als naslagwerk na afloop kunnen twee sites u goede diensten bewijzen. • Sinds jaar en dag is www.hunebedden.nl van Hans Meijer dé site over hunebedden in Drenthe en elders. Naast algemene informatie kunt u op de site vanuit de kaart van Drenthe de hunebedden stuk voor stuk aanklikken en krijgt u alle details ter plekke in beeld, waaronder de prachtige foto’s die prof. Van Giffen voor de oorlog van de hunebedden maakte in een nog onwezenlijk leeg Drents landschap. • Op www.artinstone.nl vindt u achtergrondinformatie over de eigentijdse beelden van zwerfkeien in Drenthe. Onderweg tijdens deze fietstocht komt u langs drie van deze opmerkelijke beelden. Op de site staat informatie over de beelden, de kunstenaars en hun ideeën erachter.

34 In de bocht ligt aan de linkerkant van de weg een dikke steen. Direct hierna gaat u linksaf (Hoofdstraat 3 en 5) de es op. Tot de ruilverkaveling in de jaren zestig was de Noorderesch van Buinen - evenals de Zuideresch waar u vóór de N374 overheen kwam - nog verdeeld in tientallen akkertjes. Het uitzicht vanaf de es is fantastisch dankzij de voor Drentse begrippen enorme hoogteverschillen. 35 Waar de verharde weg een zandpad wordt, neemt u het fietspad.

foto: Bertus Boivin

Hondsrug, Hunzedal en hunebedden

36 Aan het eind van het fietspad gaat u rechtsaf een volgend fietspad op. Na zo’n 150 meter neemt u een schelpenfietspaadje linksaf. Het brengt u over een brug bij de sluis. 37 Aan het eind van het fietspad gaat u linksaf de klinkerweg op. De weg brengt u naar de parkeerplaats van het Hunebedcentrum waar u gestart bent. En als u vanaf de parkeerplaats nog even naar hunebed D27 loopt - met een lengte van 22,5 meter het grootste hunebed van Nederland! - heeft u vandaag maar liefst tien hunebedden gezien…

© Stichting Het Drentse Landschap (september 2007) Bezoekadres: Kloosterstraat 5 – 9401 KD Assen – Postadres: Postbus 83 – 9400 AB Assen Tel. (0592) 31 35 52 – e-mail: mail@drentslandschap.nl


Nationale Postcode Loterij zoekt klimaatprobleemoplossers De Nationale Postcode Loterij wil met de PICNIC Green Challenge de aandacht vestigen op het klimaatprobleem. De Challenge is een oproep om een geniaal concept te bedenken dat bijdraagt aan een milieuvriendelijke lifestyle. Een dienst of product waarmee de consument daadwerkelijk de CO2 kan helpen te verminderen. Voor de realisatie van dit concept stelt de Loterij maar liefst â‚Ź 500.000,- beschikbaar! Het initiatief tot de prijsvraag PICNIC Green Challenge komt van twee organisaties: PICNIC en de Nationale Postcode Loterij. PICNIC is een jaarlijks evenement waarbij innovatieve en ondernemende mensen uit de hele wereld bijeenkomen in Amsterdam. Dit jaar vindt het evenement plaats van 22 - 29 september.

foto: Archief HDL

Meer weten? Kijk dan op: greenchallenge.picnicnetwork.org


28

Fauna

Zilvermeeuw Geert de Vries*

De Zilvermeeuw is een uitgesproken broedvogel van de kust. In Drenthe is zijn karakteristiek lachende roep vooral in het winterhalfjaar te horen. Dan struint deze zeemeeuw het Drentse landschap af op zoek naar alles wat eetbaar is. De VAM afvalberg was jarenlang een vijf sterrenrestaurant voor deze alleseter. Nergens in Drenthe waren ‘s winters zoveel Zilvermeeuwen te vinden als in omgeving van Wijster. De toenemende welvaart na de Tweede Wereldoorlog was een belangrijke reden voor de sterke toename van Zilvermeeuwen. Er was veel meer voedsel beschikbaar, zowel ter land als ter zee. Afvalbergen met veel etensresten schoten als paddenstoelen uit de grond. Op zee dumpten vissersboten bij visvangsten grote hoeveelheden visafval en ongewenste bijvangst.

broedparen. De Zilvermeeuw is een schoolvoorbeeld van een opportunist. Als alleseter zoekt hij bij voorkeur langs de kust naar voedsel, zoals dode vis en andere aangespoelde dieren. Ook eet hij graag kokkels, mossels en visafval, afkomstig van vissersboten. Bij gebrek aan zo’n zeebanket schakelt hij even gemakkelijk over op wormen, emelten en etensresten.

Kolonievogel

foto’s: Geert de Vries

Volwassen Zilvermeeuw

Zilvermeeuwen broedden oorspronkelijk langs of bij rotskusten van Europa. Geleidelijk koloniseerden ze ook de kust van de lage landen langs de Noordzee. Rond 1900 waren er slechts een paar duizend paar Zilvermeeuwen in ons land te vinden, terwijl hun aantal in de loop van de twintigste eeuw spectaculair steeg tot zo’n 90.000. Nu schommelt de stand rond 60.000

Vooral na het broedseizoen komen veel Zilvermeeuwen naar Drenthe om hun kostje op de afvalberg bij Wijster bij elkaar te scharrelen. Regelmatig werden daar ‘s winters bijna twintigduizend Zilvermeeuwen geteld.Vanaf de negentiger jaren werd het storten van afval in de open lucht verboden en werd in Wijster het GFT-afval in grote hallen gecomposteerd. Hun aantal daalde aanzienlijk tot ongeveer 6.000 exemplaren. Zilvermeeuwen broeden in kolonies langs de kust. Ze broeden niet in Drenthe. Een Zilvermeeuw sluit een huwelijk voor het leven dat gemiddeld tien jaar duurt. Er is zelfs een geringde meeuw gevonden die 32 jaar oud was! Het nest bestaat altijd uit drie eieren. De volwassen vogel heeft een opval-


Fauna

29

Jonge Zilvermeeuwen zijn bruin

lend rode vlek op zijn snavel. Als de jongen die plek aantikken wordt het voedsel spontaan uitgebraakt. Tegenwoordig hebben Zilvermeeuwen steeds meer moeite om voldoende voedsel voor hun jongen te vinden. Veel jongen gaan dood van de honger of worden opgevreten door andere Zilvermeeuwen omdat hun ouders meer tijd kwijt zijn met het verzamelen van voedsel. Ook komt kannibalisme regelmatig voor: een groot jong eet dan zijn kleinere nestgenoot op. De laatste jaren produceren de kolonies in het waddengebied gemiddeld nog geen half jong per nest. Dat is te weinig om de huidige koloniegroottes te handhaven. Jonge meeuwen zijn te herkennen aan hun bruine verenkleed. In het vierde jaar krijgen Zilvermeeuwen hun zilverkleurig kleed en worden ze geslachtsrijp. Bestrijding

In het verleden zijn Zilvermeeuwen onder meer door natuurbeheerders intensief bestreden omdat men vond dat ze een bedreiging vormden voor andere kustvogels, zoals sterns en Kluten. Afschieten bleek geen effectieve maatregel: voor elk geschoten dier stonden er twee in de rij om de

opengevallen plek in de kolonie over te nemen. Ook heeft men getracht kolonies uit te roeien door eieren te rapen, maar de Zilvermeeuwen legden zo weer nieuwe eieren. Men heeft zelfs eieren dichtgesmeerd met een soort olie. De ouders bleven dan broeden op eieren die nooit uit zouden komen. De maatregelen om Zilvermeeuwen uit te roeien hielpen dus niet veel. Wanneer een populatie eenmaal in de lift zit, zoals ook bij de Vos en veel ganzensoorten, heeft symptoombestrijding weinig zin. Slechts door zorgvuldig onderzoek krijgt men enigszins zicht op hoeveel exemplaren van een bepaalde diersoort in een gebied kunnen leven en welke mogelijkheden er zijn om de ontwikkeling van een populatie te stimuleren of af te remmen. Toekomst

In de duinen van het vasteland heeft de komst van de Vos een abrupt einde gemaakt aan de expansiedrift van de Zilvermeeuw. Alle grote kolonies zijn daar verdwenen. Een klein deel ging het dak op omdat platte daken een aardig alternatief vormen voor deze voormalige rotsbewoners. Het merendeel verhuisde naar vosvrije waddeneilanden. Voor de Zilvermeeuw zijn de grenzen van de groei bereikt. Door verschillende milieumaatregelen, zoals het afdekken van vuilnisbelten en efficiĂŤntere vangtechnieken door de vissersboten, is er een structureel gebrek aan voedsel. De populatie Zilvermeeuwen in ons land zit nu in een te ruime jas en is bezig zich aan te passen aan een nieuwe situatie waarin er minder afval beschikbaar is. Het gelach van de

Zilvermeeuw zal echter wel blijven klinken, omdat hij als echte opportunist altijd voor zijn problemen wel oplossingen weet te vinden.

* G.W. de Vries is werkzaam bij het IVN consulentschap Drenthe en is bestuurslid van Het Drentse Landschap.


Stichting Oude Drentse Kerken

30

Olav Reijers*

De Zuiderkerk in Assen Sprak de slang wel of sprak hij niet. De Zuiderkerk te Assen schreef kerkhistorie toen er in 1926 in deze kerk een speciale synode werd belegd om deze knellende vraag te beantwoorden. Nog jaren later hield deze kwestie de gemoederen in gereformeerde kring bezig. Het verleidde een predikant tot de uitspraak: “Zijn de mannen van

foto’s: Drents Plateau

Assen zelfs aanranders van het schriftgezag?”.

Onder de daklijsten en rondom de portalen is met baksteen een sobere versiering aangebracht, volgens de principes van de toen overheersende Amsterdamse Schoolstijl.

Assen zelf had overigens niets met de zaak te maken. De Amsterdamse dominee Geelkerken had zich in een preek afgevraagd of alle passages uit het Oude testament zo letterlijk moesten worden genomen. Had bijvoorbeeld de slang Eva in het Paradijs nou wel echt toegesproken? De gereformeerde kerkwereld was in rep en roer. Het ging niet alleen om de slang, de geloofwaardigheid van de hele Bijbel was in het geding. Als plaats van samenkomst voor deze bijzondere vergadering van het landelijk toporgaan van de Gereformeerde kerken werd de Zuiderkerk in Assen gekozen. Een gloednieuwe kerk die net een jaar daarvoor in gebruik was genomen. Geen klokken

Karakteristiek voor de kerk zijn de puntgevels met de lange, smalle glas-inloodramen. Zij geven de kerk van binnen een geheimzinnige lichtval. >

Het kerkelijk leven in Assen kende de eerste decennia van de 20e eeuw een grote bloei. Zo bouwden de katholieken in 1934 de kerk van Onze Lieve Vrouwe ten Hemelopneming aan de Nassaulaan. Het aantal lidmaten van de Gereformeerde kerk verdubbelde in deze periode. Hun kerk aan de Molenstraat werd al snel te klein. In 1918 werd er eerst een houten hulpkerk geplaatst op een terrein aan de Vaart ZZ. Uiteindelijk kon de

Gereformeerde kerk een stuk grond verwerven aan de toen nog onbebouwde zuidzijde van Assen om er een tweede kerk te bouwen. Deze verwerving gebeurde via tussenpersonen die zogenaamd niet in verband met de Gereformeerde kerk gebracht konden worden. De grondeigenaar mocht er eens achter komen dat er een kerk op zijn grond gebouwd zou worden, zodat

hij de prijs kon opdrijven. De eigenaar zal inderdaad niet direct aan een kerk gedacht hebben toen hij het stuk verkocht. Grond kon het nauwelijks genoemd worden want het perceel was niet meer dan een modderplas, waarschijnlijk een veengat waaruit vroeger turf was gewonnen. Na de verwerving in 1923 moest er een bouwvergunning worden aangevraagd. De Hervormde kerk was niet gekend in het besluit om een nieuwe gereformeerde kerk te bouwen en tekende prompt bezwaar aan. De hervormde Jozefkerk lag op enkele tientallen meters afstand en het kerkgezang zou elkaar maar overstemmen, om niet te spreken van het klokgelui. Misschien is dit wel de reden dat de Zuiderkerk wel een kerktoren heeft maar geen


31

klokken. De bouwvergunning werd overigens gewoon verleend.

De monumentale klanknis vormt een prachtige omlijsting voor de preekstoel. Door de zwarte kleur is de art-nouveaudecoratie nauwelijks meer zichtbaar.

Eenvoud

De Zuiderkerk is een prachtige, in sobere baksteenarchitectuur uitgevoerde kerk.Vanaf de straatkant is het nauwelijks te zien maar de kerk heeft vier bijna identieke topgevels. Aan de voorzijde en beide zijkanten zijn de gevels voorzien van eenvoudige maar kleurrijke glas-in-loodramen. De achterzijde van de kerk heeft gewone vensters omdat hier de vergaderzalen liggen. De kerk heeft een kruisvorm met armen van bijna gelijke lengte. De hoeken van het kruis zijn opgevuld met bijgebouwen waaronder de toren. Aan de linkerzijde is niet zo lang geleden een gebouwtje aangezet dat als enige buiten het kerkkruis uitsteekt. Langs de daklijsten en de portalen is een eenvoudige bakstenen versiering aangebracht. De architect was A. Smallenbroek van het Asser architectenbureau J. Smallenbroek & Zn. De eenvoud van de buitenkant zet zich ook in het interieur voort. De ruimte is weliswaar hoog maar verder functioneel ingericht. Begin 20e eeuw had de bekendste voorman van de Gereformeerde kerk, Abraham Kuyper, een soort programma opgesteld voor de inrichting van een kerk. Uitgangspunt was dat iedere kerkganger de predikant goed moest kunnen horen en zien. Daartoe moest de kerk niet groter zijn dan 20 bij 15 meter en een podium hebben waarop de preekstoel en ouderlingenbanken stonden, goed zichtbaar voor iedereen. Om in zo’n beperkte ruimte voldoende

gelovigen een plaats te kunnen bieden, beval hij aan om rondom galerijen te plaatsen. De principes van Kuyper zijn moeiteloos terug te vinden in de Zuiderkerk, hoewel het podium van later datum is. Architectonisch het meest opvallend is de klanknis achter de preekstoel waar ook het orgel op rust. Het is uitgevoerd in art-nouveaustijl en geeft de preekstoel een monumentale omlijsting. Gebruik

De kerk toont nu nogal donker. Dit is een gevolg van de eerste grondige verbouwing, uit de jaren 1977-1978. Het houten gewelf werd toen paars geschilderd en de klanknis zwart. De oorspronkelijke vaste banken in het middenschip zijn toen vervangen door losse stoelen zodat een meer flexibele opstelling ontstond, nodig in een tijd waar de kerk op meer manieren gebruikt ging worden. De banken op en onder de galerijen zijn echter sinds de stichting uit 1925 dezelfde gebleven. De Gereformeerde kerk in Assen is inmiddels samen gegaan met de Hervormde kerk en de gemeenschap is zich aan het beraden of dit betekent dat er een kerkgebouw aan de dienst wordt onttrokken.Voorlopig

is de Zuiderkerk echter nog volop in gebruik voor kerkdiensten maar ook voor vele andere bijeenkomsten van de kerkleden. Een nieuwe ingrijpende wijziging is aanstaande want er zijn plannen om achter het hoofdportaal een kleine ontmoetingsruimte in te richten die door een glazen wand van de rest van de kerk is afgescheiden. Zo kunnen de leden buiten de dienst om toch de kerk betreden. Het gebouw blijft zo meebewegen met zijn tijd. En de slang, sprak hij nu wel of niet in het Paradijs? De synode van 1926 besloot dat hij echt had gesproken.

* Drs. O. Reijers is directeur van Drents Plateau.


32

Beethoven in het Reestdal Wandeling en klassiek concert in IJhorst

❧ Kerkje Gieterveen Het eerste bezit van de Stichting Oude Drentse Kerken, het Kleine kerkje in Gieterveen, moet gerestaureerd en aangepast worden om het gebouwtje een nieuwe functie voor de gemeenschap te geven. Subsidies zijn daarvoor moeilijk te krijgen, omdat het geen rijks of provinciaal monument betreft. Het Drentse Landschap is daarom een actie gestart om via donaties een deel van de nodige middelen te verkrijgen. Ingesloten vindt u een brief, waarin een verzoek daartoe wordt toegelicht. Uw steun is zeer welkom.

Synagoge Zuidlaren (VBSZ) het glas heffen op het succes van twee jaar intensieve samenwerking. De VBSZ kan dan met tevredenheid terugzien op het resultaat van haar inspanningen om een belangrijk deel van de benodigde financiën op tafel te krijgen.Veel dank aan de vereniging en aan de diverse fondsen en vele particulieren die hieraan hebben bijgedragen. De Progressief Joodse Gemeente Noord Nederland zal de synagoge gaan gebruiken waarvoor hij oorspronkelijk bedoeld is. Daarnaast is het gebouwtje via de VBSZ te huur voor allerlei activiteiten, mits die de waardigheid van het gebouw niet aantasten; te denken valt aan kleinschalige concerten, lezingen, vergaderingen, cursussen, exposities en recepties. De opening van de synagoge zal in dit kwartaalblad de nodige aandacht krijgen.

Kerkensymposium De Koninklijke Nederlandse Heidemij, de KNHM, heeft € 6.500,= toegezegd voor het kerkensymposium dat volgend jaar in april in Veenhuizen gehouden gaat worden. Samen met de SOGK en de PKN (Taakgroep Gebouwen) willen we de benarde toekomst van ons monumentale kerkbezit onder de aandacht brengen. Met als inzet om gezamenlijk betere oplossingen te vinden.

Synagoge Zuidlaren De restauratie van de synagoge te Zuidlaren door Bouwbedrijf Geerts uit Zeijen zal naar verwachting eind september voltooid zijn. Het interieur een maandje later. De officiële opening en de inwijding zullen nog wat later plaatsvinden, maar dan kunnen de SODK en de Vereniging Behoud

foto: Archief HDL

Op zondag 4 november a.s. organiseert Stichting Oude Drentse Kerken in samenwerking met het Groninger Symfonieorkest De Harmonie een wandeling met aansluitend een concert met muziek van Beethoven. De wandeling start om 13.30 uur bij de kerk van IJhorst, Kerkweg 10, 7955 AA IJhorst. Het is ook mogelijk om alleen het concert bij te wonen. Dit begint om 15.30 uur in de kerk. De grote componist Ludwig van Beethoven (Bonn, 1770 - Wenen,1827) woonde het grootste deel van zijn leven in Wenen. In de zomer vertoefde hij veel op het land. Hij liet zich ook door de natuur inspireren. Wat hij van het Reestdal gevonden zou hebben, zullen we nooit weten maar het rustieke landschap zou hem wellicht geïnspireerd hebben. Op zondag 4 november kunt u ervaren hoe de combinatie wandelen in het Reestdal en luisteren naar muziek van Beethoven u bevalt. Uitgevoerd worden de zevende symfonie en zijn (enige) vioolconcert. Soliste in het concert is Martine van Stigt Thans. Zij begon met haar vioolstudie op zevenjarige leeftijd bij Adriaan Stoet en vervolgt momenteel haar studie bij Jaring Walta. Martine won prijzen op concoursen als de Iordens Viooldagen en het Davina van Wely concours. De kosten voor de wandeling en het concert bedragen € 12,-- (inclusief koffie/thee). Het aantal deelnemers voor het arrangement is beperkt. U kunt zich tijdens kantooruren opgeven bij het kantoor in Assen: (0592) 31 35 52. U kunt hier ook kaarten voor alleen het concert reserveren. Meer informatie op www.deharmoniesite.nl.


Natuur steeds meer onderdrukt Het Milieu- en Natuurplanbureau (MNP) heeft in juni jl. een notitie getiteld ‘Perspectieven voor de Vogel- en Habitatrichtlijn’ het licht doen zien. In de beleidsconclusie zijn nogal wat opmerkelijke constateringen te lezen: “Momenteel is Nederland nog ver af van de gestelde doelen in de Natura 2000 gebieden waar de Vogel- en Habitatrichtlijn geldt. (zoals bijvoorbeeld in het Witterveld. red.) De staat van instandhouding van veel soorten en habitats is nog ongunstig en de milieu-, water- en ruimteomstandigheden zijn onvoldoende om tot verbetering te komen”. Nederland is vanuit de EU echter verplicht de doelen vanuit de Vogel- en Habitatrichtlijn te bereiken. Er is dus werk aan de winkel. Een belangrijke stap in de realisatie van de doelen zijn de per gebied door Rijk en Provincie op te stellen beheersplannen Natura 2000. Inmiddels zijn daar vanuit de landbouw, het bedrijfsleven en de recreatie op voorhand al duizenden bezwaren, zelfs al ter aanwijzing van de Natura 2000 gebieden, ingebracht. Er valt moeilijk te ontkomen aan het beeld van een georkestreerde weerstand. Verder valt op dat het college van Gedeputeerde Staten van Drenthe daar wel erg voor openstaat en nadrukkelijk eerst de consequenties van de aanwijzing in beeld wil brengen voordat Natura 2000 gebieden aangewezen worden. In onze ogen is dat de wereld op z’n kop zetten en de zorg bestaat dat de belangen van de economie zoals zo vaak weer voorgaan boven die van de ecologie. Extra kosten Ook de implementatie van de EU-Kaderrichtlijn Water stagneert, terwijl de biodiversiteit in Nederland almaar meer onder druk komt te staan. Er zullen extra kosten gemaakt moeten worden voor herstelbeheer, mogelijk twee à driemaal hoger dan het huidige budget van het Programma Effectgerichte Maatregelen (EGM). De maatregelen tegen verdroging en de veel te hoge ammoniakdepositie brengen eveneens hoge kosten met zich mee en liggen daarnaast maatschappelijk moeilijk. Het blijft echter noodzakelijk de landsbrede hoge stikstofdepositie omlaag te brengen. De Raad voor het Landelijk Gebied vond in het Beleidsprogramma Kabinet Balkenende IV 2007 – 2011 slechts een uitgaveintensivering van € 75 miljoen voor natuur, landschap en groen. Hetgeen wel erg bleek afsteekt tegen de benodigde investeringen om de huidige natuurdoelstelling te halen. In 2005 schatte het Groenfonds het structurele tekort op

Opinie

33

450 miljoen euro voor 4 jaar. Het tekort voor de Nationale Landschappen wordt zelfs nog dubbel zo hoog ingeschat. In het beleidsprogramma wordt natuur alleen als ruimtelijke opgave gezien. Er mist aandacht voor milieu- en natuurkwaliteit binnen en buiten de ecologische hoofdstructuur (EHS). Al met al is er dus reden om bezorgd te zijn over de perspectieven van de Nederlandse natuur de komende jaren. Achteruitgang natuurkwaliteit Hetzelfde Milieu- en Natuurplanbureau (MNP) heeft op verzoek van LNV nog een ander rapport uitgegeven getiteld ‘Ecologische evaluatie regelingen voor natuurbeheer’. In feite een evaluatie van de ecologische effectiviteit van het natuurbeheer zoals geregeld in het zo vaak verfoeide Programma Beheer en de onderliggende subsidieregelingen natuurbeheer (SN) en agrarisch natuurbeheer (SAN). Overigens zijn deze regelingen per 1 januari 2007 naar de Provincies overgegaan. Het Interprovinciaal Overleg (IPO) onderzoekt momenteel of deze regelingen niet stevig vereenvoudigd kunnen worden. De Landschappen zijn daar nauw bij betrokken. In de MNP-evaluatie stond de vraag centraal of voldaan is aan de ecologische eisen van de subsidievoorwaarden en aan de kwaliteitseisen van de rijksnatuurdoelen. De belangrijkste conclusies waren: − Natuurkwaliteit in de grote door de erkende terreinbeheerders beheerde gebieden gaat vooruit. − Beheerders voldoen aan de subsidievoorwaarden maar de natuurdoelen zijn (nog) niet bereikt. Dit wordt veroorzaakt door de lange ontwikkeltermijnen, de slechte milieucondities en de versnipperde ligging van natuurgebieden. − Het effect van het agrarisch natuurbeheer is (nog) beperkt. In het agrarisch gebied gaat de natuurkwaliteit nog steeds achteruit ondanks het feit dat al bijna 30 jaar agrarisch natuurbeheer wordt gesubsidieerd in de beheersgebieden. Voor de weidevogelgebieden zou een groter aandeel zwaar beheer en een sterke concentratie op kansrijke gebieden de doelen dichterbij kunnen brengen. Conclusies die overeenkomen met onze eigen bevindingen. Naar wij hopen wordt deze informatie ook gebruikt bij de vereenvoudiging van het Programma Beheer door het IPO de komende 3 jaar. Voor meer informatie kunt u kijken op: www.mnp.nl


Het jaar 2006 gaat voor Stichting Het Drentse Landschap de boeken in als een zeer goed jaar. Nog nooit werden er in de geschiedenis van de stichting zoveel stukken grond aangekocht: in totaal maar liefst 483 ha. Maar niet alleen werd er zo een forse stap gezet in de realisatie van de Ecologische Hoofdstructuur - het netwerk van natuurgebieden -, ook kon de stichting 2370 nieuwe begunstigers verwelkomen. Een groei van 17%. Voor medewerkers en bestuur een geweldige stimulans om zich nog meer in te zetten voor de Drentse natuur en cultuur. Het Drentse Landschap sloot haar jaar af met het verwerven van een vervenerswoning in Valthermond uit ca. 1920. In kwartaalblad 43 staat een uitgebreid artikel over dit bijzondere monument. Samen met de Stichting tot Behoud van Cultuurhistorische waarden in de VeenkoloniĂŤn willen we het pand op termijn restaureren en er zo mogelijk een publieke bestemming aan geven. Op de website www.drentslandschap.nl is het volledige jaarverslag te downloaden. U kunt het ook tegen betaling van de verzendkosten bestellen bij het kantoor in Assen, tel. (0592) 31 35 52.

Jaaroverzicht 2006


Activiteiten

Resultaat 2006

In mei werd er in de Algemene Bestuursvergadering na 10 jaar afscheid genomen van voorzitter Aleid Rensen. Als dank voor onder andere haar inzet voor natuur en landschap, cultuurhistorisch erfgoed, recreatie en het welzijn in Drenthe ontving ze van de Provincie Drenthe de erepenning. Vanaf 1 januari 2006 zijn Stichting Orvelte en Stichting Lemferdinge opgegaan in Stichting Het Drentse Landschap. Naast administratieve vereenvoudiging past deze ontwikkeling bij de koers van de stichting om zich naast natuurbescherming ook te ontfermen over het culturele erfgoed van Drenthe. De Stichting Drentse Boerderijen en Stichting Oude Drentse Kerken blijven als zelfstandige stichtingen onder de hoede van Het Drentse Landschap bestaan. De Stichting Drs. A.V.J. den Hartogh Fonds is een nieuwe, uit naam van de erflater, door Het Drentse Landschap opgerichte stichting. Het rendement uit dit fonds mag jaarlijks worden besteed aan projecten van Stichting Het Drentse Landschap.

Het jaar 2006 is voor de stichting in financieel opzicht goed verlopen. De steun van particulieren, bedrijfsleven, fondsen, Rijk en Provincie Drenthe is onmisbaar voor Het Drentse Landschap. Dankzij deze hulp kan ze haar doelen realiseren en ervoor zorgen dat Drenthe mooi en leefbaar blijft. Mede door de vele aankopen is er voor bijna 16 miljoen euro aan de doelstelling besteed. Het positieve saldo van € 392.926,-- valt geheel te verklaren uit de € 408.785,-- aan legaten die de stichting mocht ontvangen. In de geconsolideerde jaarrekening waarin ook de cijfers van de Stichting Oude Drentse Kerken zijn opgenomen, is zelfs sprake van een positief saldo van € 574.806,--. Dit kan verklaard worden uit de bestemming van € 193.567,-- van Natio nale Postcode Loterijgelden die de Stichting Oude Drentse Kerken onder meer nog kan besteden voor de restauraties van de synagoge Zuidlaren en de kerk van Gieterveen. De bijdrage van de Nationale Postcode Loterij leidde ook in 2006 weer tot een groot aantal projecten die veelal ook financieel gesteund werden door andere fondsen en overheden.

In het begin van het jaar werd het project Zuidoevers Zuidlaardermeer opgeleverd. Een project waarin Het Drentse Landschap, Gemeente Tynaarlo, Provincie Drenthe en het Waterschap Hunze en Aa’s nauw samen hebben gewerkt. Het is een bijzonder en uniek project omdat natuurontwikkeling, water(berging) en woningbouw in dit gebied gecombineerd worden. De plannen kregen brede steun van de plaatselijke bevolking. Ook elders in het Hunzegebied werden vele gronden verworven. Inmiddels is op een aantal plekken gestart met de herinrichting. Wat maakt het Drentse landschap mooi en wat maakt het lelijk? Deze vraag stond centraal in onze campagne Kiek op Drenthe. Met de campagne vroegen we, samen met de Milieufederatie en het Drents Plateau, op verschillende manieren aandacht voor de kwaliteiten van Drenthe. Naast een themanummer en een tentoonstelling zijn we in debat gegaan met bestuurders, gemeentelijke en provinciale ambtenaren, deskundigen en bewoners van Drenthe. Dat leverde vaak boeiende discussies op die ertoe geleid hebben dat dit thema op vele agenda’s is komen te staan. Aan het einde van 2006 waren er 33 medewerkers in dienst. Na ruim 2 jaar onderhandelen zijn in het najaar 11 gedetacheerde medewerkers, die soms al meer dan 30 jaar werkzaam zijn geweest bij de Provincie Drenthe, in dienst van de stichting gekomen. Het traject van verzelfstandiging werd gecompliceerd door de vele veranderingen op het punt van zorgverzekeringen, pensioenwetgeving, de CAO Bos en Natuur en de nieuwe wetgeving voor arbeidsongeschiktheid. Het aantal vrijwilligers is in 2006 licht gestegen naar 210. Dit mede door het nieuwe team Historisch Onderzoek waarvoor zich veel vrijwilligers aanmeldden. De groep gaat zich bezighouden met het doen van onderzoek naar de bouw- en bewoningsgeschiedenis van de gebouwen en landgoederen van de stichting.

Kengetallen

2005

2006

Oppervlakte in beheer/eigendom Groei in hectares

7050,97.14 ha 43,39.49 ha

7.534,23.90 ha 483,26.76 ha

Aantal begunstigers per 31-12-2005 Groei

12.130 714

14.500 2370

Aantal vrijwilligers Aantal personeelsleden Aantal bedrijfssponsoren Aantal verworven gebouwen Aantal kerken SODK

200 33 41 2 2

210 33 41 1 2

Aantal persberichten Aantal kwartaalbladen Aantal excursies/lezingen

73 61.500 177 (6.500 deelnemers) 9.250 90.000

87 64.500 145 (5.476 deelnemers) 10.615 100.000

Aantal deelnemers activiteiten Bezoekers 5 informatiecentra


36

Berichten

Kortweg Het project om Bevers in de Hunze uit te zetten, kan van start gaan.Vrijwel alle instanties en fondsen die we om steun hebben gevraagd, hebben deze ook toegezegd. Enorm stimulerend.Van het Prins Bernhard Cultuurfonds kregen we een toezegging van maar liefst € 27.000,=.Van het Je Maintiendrai Fonds € 8.000,= en vanuit het Fonds Vitale Dorpen € 14.000,=. Op dit moment vindt er onderzoek plaats naar hoe het uitzetten moet gebeuren. Ook moeten er vergunningen worden aangevraagd. Het is geweldig om te merken dat er zoveel enthousiasme is voor de herintroductie van de Bever.

3

Het natuurontwikkelingsplan voor de 425 ha natuur in het LOFAR-gebied is door Oranjewoud opgeleverd, inclusief bestek en begroting. Samen met Astron heeft Stichting Het Drentse Landschap de Provinciale Staten van Drenthe al in 2006 voorgehouden wat een geweldige kans dit project biedt om nieuwe natuur te combineren met 1 LOFAR. In

ASSEN

1

EMMEN 2 HOOGEVEEN MEPPEL

foto: Joop van de Merbel

1– Hunzedal

financieel opzicht moest nog gezocht worden naar de financiering van het niet als reservaat begrensde deel; maar liefst 270 ha. De Staten waren zeer positief over de kansen. Gedeputeerde Munniksma heeft vervolgens met Astron, Het Drentse Landschap en het Waterschap Hunze en Aa’s overlegd en we zijn tot een oplossing gekomen. Vanuit Het Drentse Landschap zal 1,5 miljoen euro aan het project worden bijgedragen. Hiervoor past dank aan het VSBfonds dat ons met maar liefst € 1 miljoen helpt. De Nationale Postcode Loterij draagt € 0,5 miljoen bij. Zowel de Provincie, het waterschap als Astron steunen het project met vergelijkbare bedragen. Grote dank aan de Provincie Drenthe die op zeer constructieve wijze het LOFAR-project in de volle breedte mogelijk maakt. Afgelopen juni is door ruim 40 plantenkenners gekeken hoe het gaat met de voor Drenthe kenmerkende planten van water- en moerasgebieden. Het was voor het eerst in 17 jaar dat Floron in samenwerking met de Werkgroep Florakartering Drenthe weer een inventarisa-

tieweekend in Drenthe organiseerde. Daarbij zijn ook de natuurgebieden van Het Drentse Landschap langs de Hunze in kaart gebracht. Een van die gebieden is het vorig jaar ingerichte gebied Zuidoevers Zuidlaardermeer. Dit gebied ligt aan de zuidoostzijde van het meer bij het dorp De Groeve. Van te voren werd stiekem gehoopt Slijkgroen te vinden, een plant van slikkige oevers die vooral langs de grote rivieren voorkomt en die volgens oude gegevens ooit ook groeide ‘op natte plekken in de heide bij Zuidlaren’. Het blijft speculeren of hiermee het voormalige heideveld bij De Groeve wordt bedoeld dat begin 1900 is ontgonnen tot akkerland.Vorig jaar dook Slijkgroen plotseling weer op in het Groningse deel van het Zuidlaardermeer. Helaas is Slijkgroen, ondanks intensief speuren, niet gevonden langs de nieuw aangelegde lagunes. Dit werd echter ruimschoots goed gemaakt door de aanwezigheid van Stijve moerasweegbree en Ongelijkbladig fonteinkruid. Deze bijzondere planten die houden van voedselarme omstandigheden, zijn voor het

laatst begin 1900 waargenomen in het Zuidlaardermeergebied. Stijve moerasweegbree kwam vroeger algemeen voor in Noord-Drenthe. Tegenwoordig is deze plant een grote zeldzaamheid geworden die zich in Drenthe beperkt tot de stroomdalen van de Drentsche Aa en het Peizerdiep. Ongelijkbladig fonteinkruid is zowaar nog zeldzamer. Deze sierlijke waterplant is in onze provincie voor het laatst in 1993 bij Vries waargenomen. Dat deze soorten na bijna een eeuw van afwezigheid weer opduiken langs het Zuidlaardermeer is niet vreemd.Vooral de zandige oostzijde van het Zuidlaardermeer was vroeger vermaard om zijn rijkdom aan waterplanten. Waarschijnlijk zijn de zaden van deze planten al die tijd in de bodem aanwezig geweest en waren de omstandigheden na de herinrichting gunstig genoeg om te kiemen. Al met al lijkt het terrein zich goed te ontwikkelen. Als blijk van waardering voor het vrijwilligerswerk droeg Het Drentse Landschap bij in de kosten van de inventarisatie.


Activiteitenkalender Jaar van de Molen 2– Oude Diep Medio juli werd bekend dat het VSBfonds € 70.000,= wil bijdragen aan het project ‘Stadsrandontwikkeling Hoogeveen’. Al eerder had het Prins Bernhard Cultuurfonds ons € 64.000,= toegezegd. Het betreft 2 km natuurontwikkeling in het dal van het Oude Diep vanaf de A28 naar het westen. Het is een initiatief van de Gemeente Hoogeveen en het Waterschap Reest en Wieden. Naast nieuwe natuur zal tevens worden voorzien in waterberging en recreatief medegebruik. Stichting Het Drentse Landschap wil in totaal € 185.000,= aan het project bijdragen, mits zij de nieuw gerealiseerde natuur in eigendom ontvangt. Een mooie nieuwe ontwikkeling in het beekdal van het Oude Diep waar nog maar een paar deelgebieden wachten om tot natuur te worden omgevormd.

3– Bongeveen Na de bouwvakvakantie is de uitvoering van het natuurontwikkelingsproject Bongeveen gestart. Op 16 mei werd het project bij een openbare aanbesteding gegund aan het bedrijf Van der Meer BV te Joure.

Berichten

Het zal u niet zijn ontgaan: 2007 is uitgeroepen tot het Jaar van de Molen! Dat is niet zomaar zo. Precies 600 jaar geleden werd de eerste poldermolen in ons land gebouwd. Om die reden heeft de Vereniging De Hollandsche Molen het jaar 2007 uitgeroepen tot het Jaar van de Molen. Het doel van dit jaar is om de publieke en politieke belangstelling voor molens te vergroten. Tentoonstelling Drents Museum Een van de belangrijkste manifestaties tijdens dit themajaar is de grote tentoonstelling ‘Meesters en Molens. Van Rembrandt tot Mondriaan’, georganiseerd door de Stichting Bredius Genootschap en de Vereniging De Hollandsche Molen. Deze tentoonstelling is van 18 september tot en met 9 december in het Drents Museum in Assen te bezichtigen. De tentoonstelling biedt een overzicht van afbeeldingen van de molen in de Nederlandse kunst in de voorbije vier eeuwen. Naast het verhaal van de molen in de kunst is er in de tentoonstelling enige aandacht voor de (cultuur)historische aspecten. Er worden enkele schaalmodellen van molens getoond, waarbij de werking en de techniek daarvan worden toegelicht. Drentse molens op RTV Drenthe Vanaf 12 december brengt RTV Drenthe in samenwerking met Drents Plateau en Het Drentse Landschap de Drentse molens in beeld. In 8 uitzendingen worden niet alleen molens getoond maar wordt ook ingegaan op alles wat met het molenaarsvak te maken heeft: hoe word je molenaar, hoe vaak draait de molen en hoeveel graan heb je nodig voor een kilo meel? Wekelijks wordt meegekeken met de restauratie van de molen van Gieterveen. Vele unieke beelden zullen voorbij komen omdat het in Drenthe niet zo vaak voorkomt dat een molen wordt gerestaureerd. Kijken dus! Boek Molenaarsverleden In het kader van het Jaar van de Molen is een boekje verschenen met een selectie van veertig essays die Johan Bakker in de loop der jaren heeft uitgebracht. Een bundel van korte verhaaltjes over molens en het vroegere molenaarsleven. Wetenswaardigheden van uiteenlopende aard worden in soepele tekst beeldend belicht. De molenaar als ondernemer, de molen als bedrijfsgebouw, de diverse producten, de ontwikkeling van de techniek, het moeizame bestaan, enzovoort; alles komt aan bod. Ondersteund door vele authentieke historische foto’s. Elk verhaaltje staat op zich. Je wordt steeds nieuwsgierig naar de volgende. Als je er over denkt even te stoppen, spiek je toch even op de volgende bladzijde en, ach, dan pak je die er ook nog maar even bij. En weer de volgende… Het zijn immers maar korte stukjes… Voordat je er erg in hebt, lees je het hele boekje in één keer uit. Molenaarsverleden is een uitgave van Eisma Businessmedia te Leeuwarden en kost daar € 13,50 (excl. verzendkosten); tel. 058-2954854. Voor de boekhandel: ISBN 9 789053 220023.


38

Berichten

Diversen

foto: Drents Plateau

• Het Drentse

De bouwgeschiedenis van de kerk in een notendop: Vlak naast elkaar de sporen van een gewelfaanzet, waarschijnlijk van de oudste kerk uit de 13e eeuw, de raamnis die in de 15e eeuw is geplaatst toen het gewelf was verdwenen, en het huidige raam dat in de 19e eeuw is aangebracht.

• Per abuis • In kwartaalblad 54 is in het

artikel over het Beeldenpark op pagina 10 een foutief fotobijschrift vermeld. Hier had moeten staan: Adriaan Roland Holst, een beeld van Charlotte van Pallandt. Er is een verkeerde foto geplaatst in het artikel over het witte kerkje in Gasselte. De juiste foto is hier afgebeeld. De tekst van het inzetje in wandelroute 33 klopt niet. Hier is de tekst van de vorige wandeling over de Wilde eend blijven staan. De foto van de Schotse hooglander in Bongeveen op de NPL-pagina is gemaakt door Bert Koning.

• • •

Landschap erkend als monumentenorganisatie Al vele jaren probeert Stichting Het Drentse Landschap door het ministerie van OCW erkend te worden als monumentenorganisatie.Tot nu toe lukte dat nooit omdat de stichting niet uitsluitend verwerven en beheren van rijksmonumenten als doelstelling had, maar een meervoudige doelstelling hanteerde. Niet vreemd voor een van oorsprong natuur- en landschapsorganisatie. Het uitblijven van deze erkenning werd door ons als onrechtvaardig gezien omdat juist organisaties als de onze de door het ministerie gepropageerde Belvedère-benadering over historische bebouwing in het landschap in praktijk brengen. Door de bovenvermelde fusie heeft Het Drentse Landschap maar liefst 34 rijksmonumenten in beheer. Ze heeft nu toereikende statuten en de benodigde expertise om erkend te worden. Groot was onze vreugde toen we op 16 juli door de minister van OCW werden aangewezen als erkende organisatie op grond van artikel 37 van het Besluit Rijkssubsidie Instandhouding Monumenten, de BRIM. Hierdoor komt de stichting in aanmerking voor subsidies in plaats van laagrentende leningen en geniet zij belangrijke administratieve voordelen. Na de Stichting Het Geldersch Landschap is Stichting Het Drentse Landschap het tweede Provinciale Landschap dat deze erkenning ten deel valt. Een voorrecht.

Legaten Afgelopen maanden viel de stichting een drietal legaten ten deel. Allereerst werd door de heer R. Hoving een derde deel van zijn eigendommen waaronder een huis te Zuidwolde, aan ons nagelaten. Na schatting een bedrag van € 80.000,=. Op 12 juni ontvingen we een legaat van mevrouw H. Meijer-Ebbing uit Borger, een bedrag van € 4.537,=.Verder aanvaardde de stichting op 27 juni een legaat ter grootte van € 22.689,= van mevrouw J.W.G. Broekema-de Groot uit Groningen. Mevrouw I.v.D-V te Den Haag schenkt ons de komende 5 jaar steeds € 500,= als periodieke gift.Van het Autobedrijf Doorten uit Pesse zal Het Drentse Landschap jaarlijks € 500,= ontvangen. Verder schonk de Gasterij Het Geeserveld te Geesbrug € 350,=. Bestuur en medewerkers zijn steeds weer geroerd en dankbaar dat zo velen ons werk met hun vertrouwen op deze wijze steunen.

Huis te koop! Stichting Het Drentse Landschap heeft uit een erfenis een huis en gronden verkregen aan de Boerveldweg 6 te Stuifzand. Het bestuur van de stichting heeft na langdurig overleg moeten besluiten om het huis te verkopen. De stichting heeft veel restauratieprojecten onder handen en de beschikbare middelen zijn beperkt. Daarom is besloten de woning in Stuifzand niet in eigendom te houden. Het betreft een vrij gelegen keuterij met een perceeloppervlakte van 1670 m2. Belangstellenden kunnen kijken op de site van Hup & Fidom Garantiemakelaars: www.hup-fidom.nl of bellen met de heer Hospers, telefoon (0528) 26 21 91.

Personeel Op 1 juni werd het 25-jarig ambtsjubileum van rayonmedewerker Gerard van Sluis gevierd. Naast vreugde was er ook verdriet. Deze zomer overleden twee voormalige medewerkers van de stichting. De heer Bram Moesker uit Diever, onze eerste restauratietimmerman en de heer Dirk Thijen te Dwingeloo die bedrijfshoofd was op onze beheersboerderij op het Landgoed Rheebruggen. Onze gedachten gaan uit naar de nabestaanden die nu zonder hun geliefden verder moeten. Wij gedenken in hen twee voor Stichting Het Drentse Landschap belangrijke medewerkers.


Berichten

• Afscheid gedeputeerde

Stichting Orvelte en Stichting Lemferdinge gefuseerd Eind 2006 zijn Stichtingen Orvelte en Lemferdinge onder behoud van hun doelstellingen met Stichting Het Drentse Landschap gefuseerd. Na 7 jaar kan geconcludeerd worden dat de Stichting Orvelte in financieel opzicht geen risico voor Stichting Het Drentse Landschap betekende. Om administratieve en bestuurlijke processen te vereenvoudigen werd dan ook tot de fusie besloten. Tegelijk werd naast het opnemen van de doelstellingen van beide stichtingen tevens vastgelegd dat Stichting Het Drentse Landschap het verwerven en behouden

foto: Joop van de Merbel

Edelenbosch Na 12 jaar inzet voor natuur en landschap in Drenthe nam Ali Edelenbosch op 26 april in de Statenzaal van het Provinciehuis afscheid. Na woorden van de Commissaris van de Koningin de heer Ter Beek en de fractievoorzitter van de PvdA in de Staten de heer Veenstra, mocht onze directeur namens de sector het woord tot haar richten. Natuurlijk werd door allen haar grote betekenis en toewijding voor Drenthe gememoreerd en het vele dat de afgelopen periode is bereikt. Namens de sector werd Ali een aantal Edelenbosjes toegezegd. Bosjes waar de natuur zonder bemoeienis van de mens haar gang mag gaan. Dit als trendbreuk ten opzichte van de ontstane algemene houding dat natuur alleen maar goed is als die gebruikt kan worden.Voor productie, recreatie, enzovoort. Het idee om een Stichting De Nieuwe Wildernis tot dit doel op te richten wordt door alle grote beheerders gesteund, ook door de Drentse Federatie Particulier Grondbezit en zal eind 2007 verder uitgewerkt worden. Tenslotte mocht onze directeur Ali Edelenbosch namens de gelijknamige stichting voor haar grote verdiensten de Harry de Vroome Penning uitreiken. Iets wat haar zeer ontroerde. Mevrouw Ali Edelenbosch is inmiddels toegetreden tot het bestuur van onze stichting.Wij zijn blij, dat zij haar kennis en autoriteit nog een aantal jaren wil inzetten voor de doelstellingen van onze stichting.

van (Rijks)monumenten als kerntaak ziet. Onze stichting is daarmee een echte erfgoedstichting geworden.

• Bezoek nieuwe website!

De stichting heeft een nieuwe website. Belangrijkste wijziging is dat we de meest actuele informatie over Het Drentse Landschap direct op de site kunnen zetten. Ook is er elke maand aandacht voor een speciale excursie en boekaanbiedingen en kunnen nog meer wandel- en fietsroutes worden gedownload. Uiteraard zijn we erg benieuwd naar uw reactie. Uw mening levert ook nog iets op. Onder de inzenders worden namelijk 3 boeken Grenzeloos natuurlijk - Drentse en Friese

39

landschappen verloot. Het websiteadres is hetzelfde gebleven: www.drentslandschap.nl

Vier nieuwe bedrijfssponsors Stichting Het Drentse Landschap heeft in de afgelopen maanden vier nieuwe bedrijfssponsors mogen verwelkomen, te weten Meko Holland bv,Van Liere Grafisch Bedrijf,VNONCW en Elton bv. De bedrijven meldden zich aan naar aanleiding van een campagne die Het Drentse Landschap voert om meer bedrijven te interesseren voor sponsoring. Het Drentse Landschap stelt hun betrokkenheid zeer op prijs en hoopt op een langdurige verbintenis met deze bedrijven.

Orvelte


40

Berichten

Herbouwde Wilms Boo te huur

•

Wilms Boo De herbouw van de Wilms Boo is gestart. Net voor het aflopen van de termijn die de brandverzekering aan de Stichting De Spiker voor herbouw had gesteld, kon het werk aan de Fa. Kuik te Elp worden gegund. Bij onderzoek door Archeologisch Adviesbureau RAAP zijn geen archeologisch waardevolle zaken in de ondergrond aangetroffen. Op 3 mei heeft de stichting samen met het architectenbureau B + O te Ansen een voorlichtingsavond voor de mensen van Nieuw-Schoonebeek georganiseerd. De plannen mochten op een positieve ontvangst rekenen.Verheugend is dat er met name vanuit Duitsland veel belangstelling voor het herbouwproces is. Er wordt veel aandacht in de media aan gegeven. De artikel 19 procedure om de bestemming van de Boo geschikt te maken voor een combinatie van wonen en werken verloopt moeizaam. We hopen op medewerking van de Gemeente Emmen, mede gezien het feit dat Stichting Het Drentse Landschap al vanaf het begin de combinatie van wonen en werken als randvoorwaarde had ingebracht.

Stichting Het Drentse Landschap zoekt een ondernemende en creatieve huurder voor de Wilms Boo in Nieuw-Schoonebeek. De oorspronkelijke Boo stamde uit 1654 maar werd in mei 2005 door brand verwoest. Op dit moment wordt de Boo herbouwd en zal een functie als woning en bedrijfspand krijgen. De Boo ligt in de prachtige omgeving van het beekdal van het Schoonebekerdiep. De herbouwde Boo leent zich uitstekend voor een combinatie van wonen en werken. Gedacht wordt aan een atelier voor een kunstenaar, glazenier of ontwerper die ook mogelijkheden heeft om producten te verkopen. Bovendien is het pand geschikt als erfgoedlogies en kan er een theetuin gerealiseerd worden. Het is nadrukkelijk de bedoeling dat op deze plek voorlichting wordt gegeven over de Boo en het karakteristieke landschap waarin het gebouw ligt. Belangstelling voor dit bijzondere pand? Schrijf dan een gemotiveerde brief naar: Het Drentse Landschap t.a.v. E.W.G. van der Bilt Postbus 83 9400 AB Assen Het mag ook via de mail: info@drentslandschap.nl

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met J. Cazemier, hoofd gebouwen. Telefoon (0592) 31 35 52.


Berichten

Kwaliteitszetel Waterschapsbestuur Nu ook de 1e Kamer de nieuwe Waterschapswet heeft aangenomen ziet het ernaar uit dat vanaf 2009 de natuurorganisaties belangrijk minder lasten zullen hoeven te betalen. Ook het verkiezen van de waterschapsbesturen zal veranderen. Naast bestuursleden die via verkiezingen zullen toetreden, zullen er tevens kwaliteitszetels voor het bedrijfsleven, de boeren en de natuur worden aangewezen. Waarschijnlijk 7 of 8. Het ziet er naar uit dat bij de Drentse waterschappen er voor de natuur slechts één zetel beschikbaar zal zijn, tegen 4 voor de boeren en 2 voor de bedrijven. Een teleurstellende onderwaardering van ons belang. Een motie van de PvdA in de Provinciale Staten om het aantal naar 2 te brengen kreeg niet de steun van VVD, CDA en ChristenUnie. Deze ontwikkeling zet kwaad bloed binnen de natuurbescherming. De afgelopen jaren was het juist door hun bereidheid om op basis van het brede maatschappelijk belang met de waterschappen samen te werken mogelijk om voor bijvoorbeeld waterberging en de bescherming tegen calamiteiten tot oplossingen te komen. Het voelt dan ook als stank voor dank.

Weer 3 nieuwe Knapzakroutes U kent ze natuurlijk allang: de Knapzakroutes, wandelgidsjes die je langs de mooiste plekken in de provincie Drenthe leiden. De eerste Knapzakroutes verschenen halverwege de jaren tachtig en het volledige wandelnetwerk beslaat tegenwoordig ruim 1400 kilometer en leidt door meer dan 70 dorpen. Inmiddels zijn de eerste gidsen in een nieuw jasje gestoken, herschreven en waar nodig herzien. De meest recente zijn nummer 13 FrederiksoordWilhelminaoord, 14 Uffelte en 15 Hijken. Knapzakroute FrederiksoordWilhelminaoord (K13) voert u door het unieke ‘kolonielandschap’ dat in het begin van de negentiende eeuw in Zuidwest-Drenthe vorm kreeg: een veldontginningsgebied met lange rijen koloniehuisjes langs rechte lanen, vaak aan weerszijden met bomen omgeven. Het is zonder aarzeling een wandeling terug in de tijd, toen armoede een verschijnsel was dat de rijke Nederlanders het liefst zo ver mogelijk van hun bed zagen. K14, Knapzakroute Uffelte, laat u de interessante omgeving zien rondom dit oude esdorp in Zuidwest-Drenthe.Vanuit Uffelte doorkruist u de voormalige zandverstuivingen die zich hier op de flanken van de Havelterberg vormden toen de wind vat op het zand kreeg. Onderweg ziet u de restanten van het Uffelter Vaartje, meer

dan 200 jaar geleden gegraven door de boeren van Uffelte om hun turf uit het Uffelterveen te kunnen weghalen. Vanuit het esdorp Hijken (Midden-Drenthe) wandelt u met Knapzakroute K15 langs het kleine Hijkermeer naar twee oude essencomplexen: de Hijkeresch en de Nasteringesch, ofwel ‘de achterste es’ van het dorp.Via Landgoed Hooghalen, een in de jaren dertig gesticht ontginningslandgoed, bereikt u het weidse Hijkerveld, een van de grootste overgebleven Drentse heidevelden, gekoesterd door Het Drentse Landschap vanwege zijn unieke natuur- en archeologische waarden. Langs de rand van het Hijkerveld ligt Diependal, een vogelreservaat waar vele, voor Nederlandse begrippen, unieke vogelsoorten broeden of tijdelijk verblijven. De geactualiseerde Knapzakroutes zijn een initiatief van de vereniging Brede Overleggroep Kleine Dorpen in Drenthe (BOKD) en Stichting Het Drentse Landschap. De gidsen zijn verkrijgbaar bij de boekhandel of bij de kantoren van VVV Drenthe Plus en kosten € 5,25 per stuk. Bestellen kan ook via www. inboekvorm.nl of www. knapzakroutes.nl. Per bestelling wordt € 2,50 in rekening gebracht voor verzend- en handelingskosten.

41

Beelden Eric Claus in bruikleen Beeldend kunstenaar Eric Claus heeft 2 van zijn beelden in bruikleen gegeven voor het Beeldenpark De Havixhorst. Het betreffen 2 uitvoeringen van Europa en de stier. De beelden zijn een geweldige verrijking van de tuin. Stichting Beeldenpark De Havixhorst hoopt dan ook snel een sponsor voor de beelden te vinden. Een portret van Simon Wiesenthal van dezelfde kunstenaar is door de heer J.G. de Boer aan het beeldenpark geschonken. Een prachtig gebaar waar de stichting de heer De Boer zeer erkentelijk voor is. Binnenkort in het Beeldenpark: Simon Wiesenthal


Bestel nu biologisch vlees van Het Drentse Landschap! Het is nog steeds mogelijk om biologisch Vlees van het Landschap te bestellen. Dit is vlees van absolute topkwaliteit:

foto: Joop van de Merbel

• De dieren zijn in de natuur opgegroeid. • Het gras dat de dieren eten, is niet bemest met kunstmest. Ook andere schadelijke middelen worden niet toegepast. De dieren eten dus puur natuur. • Vlees van het Landschap voldoet aan alle eisen die aan de producten van de biologische landbouw gesteld worden.

Op de ingehechte bestelbon staat het gehele assortiment, inclusief prijzen, vermeld. U kunt de bon insturen of reageren per e-mail naar vleesactie@drentslandschap.nl Voor vragen kunt u terecht bij Ellen Zindel. Zij is telefonisch bereikbaar op nummer 0592-304177 op dinsdag t/m vrijdag tussen 14 en 17 uur.

Basisschoolverlaters bieden ooievaarsnest aan Saskia Nijmeijer en Nicolien Bakker, twee leerlingen van de groepen 8 van de basisschool de Regenboog in Hoogeveen, hebben het initiatief genomen om als afscheidscadeau van alle leerlingen van groep 8 een ooievaarsnest aan de school aan te bieden. Ze hebben zelf alles geregeld. Het Drentse Landschap heeft de paal en schoren beschikbaar gesteld. Gemeente Hoogeveen het nest. De eigenaar van de grond waar het nest is geplaatst, de familie Neutel, heeft alle medewerking verleend o.m. door tijdens de officiële oplevering een shovel

beschikbaar te stellen zodat de kinderen één voor één konden meehelpen om het nest klaar te maken. Het nest staat in het stroomdal van het Oude Diep. Binnen een week was er al een Ooievaar op het nest gesignaleerd.

Landschap centraal in Rondumheer De Peergroup brengt in september een nieuwe voorstelling waarin vier landschappen in Drenthe centraal staan. Allemaal hebben ze hun eigen geschiedenis en toekomstperspectief. Ze herbergen oude legendes met akelige waarheden, of worden al jaren over het hoofd


Berichten

gezien. In Rondumheer vertelt het landschap haar verhaal. Door middel van klanken, muziek en licht laten wij het landschap spreken; een beeldverhaal om naar te luisteren. Toevallige valken en wervelende windjes waaien overal doorheen. Op uw zelf meegebrachte klapstoel hoeft u alleen nog maar te kijken en te luisteren naar wat er rondom u verteld wordt. In Rondumheer is de natuur de grootste improvisator. Data: 7 t/m 9 september, 14 t/m 16 september, 28 t/m 30 september en 5 t/m 7 oktober Aanvangstijd: rond zonsondergang Kosten: € 10,00 De exacte locaties, routebeschrijvingen, aanvangstijden worden zo spoedig mogelijk bekend gemaakt op www.peergroup.nl. Reserveren kan via www.peergroup.nl of telefonisch via 0592-396939 (alleen tijdens kantooruren). Begunstigers kunnen bij het rentambt een bon bestellen waarmee ze E 2,50 korting krijgen op een kaartje voor één van de voorstellingen. (tel. 0592 - 313 552) Vergeet niet een eigen stoel mee te nemen. Rondumheer wordt in de buitenlucht gespeeld, wij raden aan warme kleding en geschikt schoeisel mee te nemen.

Aan de slag met de Jeneverbes In samenwerking met het Jeneverbesgilde gaat Het Drentse Landschap op 3 november in haar natuurreservaat De Palms aan de slag met het weghalen van opslag rondom de met uitsterven bedreigde Jeneverbessen.Vanaf 9.30 uur is iedereen welkom om mee te helpen de klus te klaren. In verband met de reservering van gereedschappen is opgave noodzakelijk. Dit kan bij Het Drentse Landschap, per e-mail: aanmelden@drentslandschap.nl of telefonisch bij het secretariaat: 0592-313552.

foto: Jaap de Vries

De Palms

Voorafgaand hieraan wordt aan de deelnemers en andere belangstellenden een excursie langs het jeneverbesstruweel van De Palms verzorgd. Onderweg vindt er een ontmoeting plaats met verhalenverteller Waggeljan. Hij kent als geen ander de oude verhalen en Drentse gebruiken rondom de Jeneverbes. De excursie wordt op zondag 30 september gehouden. De start is om 14.00 uur bij de ingang van het reservaat, aan het verlengde van de Middendorpstraat bij Meppen. Zie ook bij Agenda.

Waggeljan (Jan van Ginkel) heeft onlangs een aardig boekwerk geschreven over de Jeneverbes, met de titel: ‘Jeneverbes. Natuur en cultuurhistorie in verhalen, gedichten en beelden.’ In dit kleurrijke boek met tientallen foto’s en houtgravures vertelt de auteur over de rijke geschiedenis van deze plant. Twintig bekende hedendaagse dichters lieten zich inspireren en schreven speciaal voor dit boek een gedicht. Het boek is voor E 15,-- (exclusief verzendkosten) verkrijgbaar in de boekwinkel en bij Stichting Veldwerk Nederland in Orvelte.

43


44

Kom lopen in Drenthe en Groningen Op zondag 23 september vindt het wandelevenement ‘Lopen in het Landschap’ plaats. De dag wordt samen met het Dagblad van het Noorden en Het Groninger Landschap georganiseerd. Het Drentse Landschap houdt op drie locaties, Hondstong, Holtherzand en Doldersummerveld, boeiende excursies en bijzondere kinderactiviteiten.

Wandelen door het Drentse landschap Om 11:00 en 14:00 uur Genieten op de grote stille heide: Doldersummerveld Startplaats: schaapskooi aan de Huenderweg 1 in Doldersum

foto: Joop van de Merbel

Bijzonderheden: • heidegebied met veel zeldzame planten en vogels • stevige wandeling van ongeveer 2,5 uur.

Ontdek de schoonheid van het Holtherzand Startplaats: Oude Beilerweg bij wildrooster 1 km buiten Holthe.

foto: Jaap de Vries

Bijzonderheden: • grote verscheidenheid aan bijzondere planten • wandeling van ongeveer 2 uur.

Speuren naar sporen van dieren in de Hondstong Startplaats: parkeerplaats aan de Veenweg aan de noordzijde van het reservaat. Deze is te bereiken door vanaf de provinciale weg Vries-Donderen (n386) de Veenweg in te slaan. Na ongeveer 2 km is de parkeerplaats.

foto: Jaap de Vries

Voor alle excursies geldt dat honden niet mee mogen, ook niet indien aangelijnd. Meer informatie over de gebieden op www.drents landschap.nl.

Bijzonderheden: • kinderspeurtocht van ongeveer 1,5 uur • wandeling op eigen gelegenheid van ongeveer 1,5 uur • vindplaats van het Meisje van Yde.


zondag 23 sept.

Agenda

Agenda

45

Algemeen

Activiteiten algemeen De excursies zijn gratis en nemen ongeveer twee uren in beslag. Mochten de excursies beduidend langer duren, dan wordt dit aangegeven. U hoeft zich alleen op te geven wanneer dat vermeld staat. Het meenemen van honden tijdens de excursies is niet toegestaan; ook niet aangelijnd.

Wandelen door het Groninger landschap Om 11:00 uur: • Lange wandeling in het Zuidlaardermeergebied Startplaats: Haventje in Noordlaren Bijzonderheden: wandeling duurt 4 uur. • Dwalen door Polder Breebaart Startplaats: Dollard Bezoekerscentrum Reidehoeve, Dallingeweersterweg 30 in Termunten • Slootexcursie voor de jeugd in het Leekstermeergebied Startplaats: informatiepaneel aan de Hooilanden 12 in Lettelbert Om 14:00 uur: • Vogels van de Punt van Reide Startplaats: Dollard Bezoekerscentrum Reidehoeve, Dallingeweersterweg 30 in Termunten • Cultuurhistorie en landschap in en om Pieterburen Startplaats: Waddencentrum, Hoofdstraat 83 in Pieterburen • Schanswandeling in Bourtange Startplaats: informatiecentrum in de vesting aan de Bisschopsweg 1 in Bourtange • Slootexcursie voor de jeugd in het Leekstermeergebied Startplaats: informatiepaneel aan de Hooilanden 12 in Lettelbert Voor alle excursies geldt dat honden niet mee mogen, ook niet indien aangelijnd. De wandelingen duren, tenzij anders vermeld, 2 uren. Meer informatie op: www.groningerlandschap.nl

Vertrek schaapskuddes De schaapskuddes van het Hijkerveld en het Doldersummerveld vertrekken met herder om 9.30 uur naar de heide. De kuddes zijn rond 16.30 uur weer terug bij de kooi. Zie voor routebeschrijving bij Informatiecentra. Vogelkijkhut Diependal De vogelhut is in principe het gehele jaar geopend, behalve als het gevroren heeft.Van 1 april tot eind september is er op zondagen meestal een vogelkenner aanwezig, die u graag het een en ander vertelt over het vogelleven op de vloeivelden. De hut is te bereiken door vanaf het Oranje­kanaal, vlakbij de ‘Speelstad Oranje’, de Zwarte weg in te slaan. Een en ander is met borden aangegeven. Wie dubbel wil genieten doet er goed aan een verrekijker mee te nemen! Lemferdinge Op landgoed Lemferdinge in Paterswolde zijn in de galerie regelmatig exposities te bezichtigen. De galerie is open van vrijdag t/m zondag 12.00-17.00 uur. Informatiecentra

Verrekijker aan te bevelen

Laarzen gewenst!

Spiegeltje en loep aanbevolen

De Blinkerd Vamweg te Wijster Het hele jaar open van 10.00 uur tot zonsondergang

Hijkerveld Bij de schaapskooi. Route: vanaf Hijken aangegeven met bordjes Het hele jaar open van 9.30 tot 16.30 uur

Eigen fiets meenemen

’t Ende Stapelerweg 20, De Stapel (bij De Wijk) van 1 april tot 1 november dagelijks van 10.00-17.00 uur

Orvelte Dorpsstraat 1a te Orvelte van 1 april tot 1 november dagelijks van 10.00-17.00 uur

Huenderhoeve Huenderweg 1. Dit is de weg tussen Wateren en Doldersum van 1 april tot 1 november dagelijks van 10.00-17.00 uur

Activiteiten speciaal gericht op kinderen


46

Agenda zo 23 september 11.00 uur en 14.00 uur Lopen in het Landschap Op stap in drie mooie gebieden van Het Drentse Landschap. Dit in samenwerking met het Dagblad van het Noorden.Voor meer informatie zie elders in dit blad. vr 28 september 19.45 uur Roofvogels van de Reest Sake de Vlas, lid Werkgroep Roofvogels Nederland, geeft een lezing over de roofvogels die in het Reestdal voorkomen. Locatie: informatiecentrum ’t Ende, Stapelerweg 20, De Stapel bij De Wijk. Opgave: per e-mail: aanmelden@ drentslandschap.nl of telefonisch bij het secretariaat: 1 0592-313552. zo 30 september 14.00 uur Jeneverbessenwandeling De Palms Hoe is het uitsterven van de Jeneverbes tegen te gaan? Verhalenverteller Waggeljan weet hier van alles van. Wandeling in samenwerking met Landschapsbeheer Drenthe en het Jeneverbesgilde. Deze activiteit sluit aan op die van 3 november a.s. Start: ingang reservaat gelegen aan het verlengde van de Middendorpstraat te Meppen. zo 7 oktober 14.00 uur Paddenstoelentocht De Wildenberg Met deskundigen op zoek naar en determineren van paddenstoelen. Tip: neem een klein spiegeltje mee. Start: bij de kerk in Oud-Avereest (Ov.). zo 7 oktober 14.00 uur De Kleibosch en haar kringlopen Gidsen vertellen u onderweg over natuurkringlopen en de voedselpiramide. Start: voor boerderij Tichelwerk, Moleneind 4, Foxwolde.

zo 14 oktober 14.00 uur Archeologische wandeling Hijkerveld Onder leiding van deskundigen langs grafheuvels en andere sporen uit de prehistorie. Start: schaapskooi Hijkerveld. De route is vanaf het dorp Hijken met bordjes aangegeven. zo 14 oktober 14.00 uur Paddenstoelen Drouwenerzand Met gidsen op zoek naar een aantal kenmerkende paddenstoelen van het Drouwenerzand. Start: informatiepaneel van Het Drentse Landschap, tegenover caférestaurant Alinghoek, Alinghoek 16a, Drouwen.

zo 21 oktober 14.00-16.00 uur Kindermiddag nestkastjes maken op ’t Ende Op een eenvoudige wijze maken kinderen zelf hun vogelnestkastje. Locatie: informatiecentrum ’t Ende, Stapelerweg 20, De Stapel bij De Wijk. Opgave: per e-mail: aanmelden@ drentslandschap.nl of telefonisch bij het secretariaat: 0592-313552. 1

zo 21 oktober 14.00-17.00 uur Kinderspeurtocht ‘Een ijzertijdpad’ (Hijkerveld) Een themamiddag voor kinderen en hun ouders rondom het thema ijzertijd. Er wordt gezocht naar sporen in de natuur en naar overblijfselen van menselijke beschaving uit een ver verleden. Onderweg zijn er extra activiteiten, zoals op zijn ijzertijds vuur maken, gerst malen, brood bakken en spinnen. Deze kindermiddag is onderdeel van het project Oktobermaand – Kindermaand. Loactie: schaapskooi Hijkerveld. Deze is vanaf het dorp Hijken met bordjes aangegeven. Opgave: per e-mail: aanmelden@ drentslandschap.nl of telefonisch bij het secretariaat: 0592-313552.


Agenda

za 3 november 09.30 uur Natuurwerkdag De Palms Aan het werk bij de Jeneverbessen. Dit in samenwerking met het Jeneverbesgilde. Voor meer informatie zie bij 30 september en elders in dit blad. Nadere inlichtingen en opgave bij Het Drentse Landschap, per e-mail: aanmelden@drentslandschap.nl of telefonisch bij het secretariaat: 0592-313552.

foto: Geert de Vries

zo 11 november 14.00 uur Herfstwandeling Hijkerveld Een wandeling in een natuurgebied met een herfstpalet. Start: schaapskooi Hijkerveld. De route is vanaf het dorp Hijken met bordjes aangegeven.

di 23 oktober 14.00 uur Herfstkleurenwandeling Drouwenerzand Een wandeling door een gebied dat zich opmaakt voor de winter door zich te tooien in een schitterende kleurenpracht. Start: informatiepaneel van Het Drentse Landschap, tegenover caférestaurant Alinghoek, Alinghoek 16a, Drouwen. zo 28 oktober 10.30 uur Excursie Orvelterzand Bomen en struiken verkleuren in het Orvelterzand. Start: picknickplaats Staatsbosbeheer.Vanaf Orvelte de Orvelterbrug over.Vervolgens gaat u rechtsaf langs het Oranjekanaal. Daarna 1e weg links en na 500 meter bent u op de picknickplaats.

zo 18 november 14.00 uur Mossenexcursie voormalig Biologisch Station Wijster Onder leiding van experts mossen en soms een paddenstoel bekijken. Meenemen van een loep is aan te raden. Start: ter hoogte van Kampsweg 27 (weg Spier – Wijster), bij het grote gebouw van het HLB (Laboratorium Bodemziekten). za 24 november 14.00 uur Wintergasten op Diependal Veel vogels uit het hoge noorden overwinteren hier. Start: vogelkijkhut. Deze is te bereiken door in het dorp Oranje de Zwarteweg in te slaan. De route is met bordjes aangegeven. 1

zo 25 november 14.00 uur Winterperiode Hondstong: regeneratie van de natuur Start: parkeerplaats aan de noordzijde van het reservaat. Deze is te bereiken door vanaf de provinciale weg Vries – Donderen (N386) de Veenweg in te slaan. Na 2 kilometer bereikt u de parkeerplaats.

1

za 15 december 14.00 uur Een snertwandeling langs de boorden van de Reest Een winterwandeling door het Reestdal met een kop warme snert als afsluiting. Kosten € 3,-- p.p. Start: informatiecentrum ’t Ende, Stapelerweg 20, De Stapel bij De Wijk. za 22 december 14.00 uur Winterwandeling Doldersummerveld Een wandeling op de dag dat de astronomische winter begint. Start: informatiecentrum bij de schaapskooi aan de Huenderweg 1, Doldersum. do 27 december 14.00 uur Eindejaarswandeling Drouwenerzand Een winterwandeling over het stille Drouwenerzand. Start: informatiepaneel van Het Drentse Landschap, tegenover caférestaurant Alinghoek, Alinghoek 16a, Drouwen. zo 30 december 14.00 uur Eindejaarswandeling Hijkerveld De laatste mogelijkheid om in 2007 met gidsen van Het Drentse Landschap op pad te gaan… Start: schaapskooi Hijkerveld. Deze is vanaf het dorp Hijken met bordjes aangegeven.

Vogels van Drenthe

Drenthe heeft een bijzondere vogelbevolking. Dat heeft alles te maken met het afwisselende en gevarieerde karakter van het Drentse landschap. Vogels als Paapjes, Grauwe klauwieren en Wulpen weten dat te waarderen. Naar verhouding komen ze in deze provincie meer voor dan elders in Nederland. Het Drentse Landschap wil dit jaar stilstaan bij deze kleurrijke diergroep met hun sterk ontwikkeld muzikaal gevoel. Dit doen we met een vogeltentoonstelling in ’t Ende, diverse excursies, lezingen, beginnerscursussen vogelgeluiden en kinderactiviteiten.

zo 25 november 14.00 uur De vervening van Dalerpeel Een excursie door en langs restanten van het eens zo uitgebreide hoogveengebied. Tip: het is aan te raden om laarzen mee te nemen. Start: werkschuur Het Drentse Landschap aan de Steigerswijk, halverwege Dalerend – Dalerpeel.

foto: Joop van de Merbel

zo 28 oktober 14.00-17.00 uur Kinderspeurtocht ‘Een ijzertijdpad’ (Hijkerveld) Voor meer informatie zie bij 21 oktober.

47

Voor 2007 is weer een activiteitenprogramma met lezingen, excursies en open dagen opgesteld. Een aantal van deze activiteiten wordt gehouden rondom bepaalde thema’s.


48

Deze uitgave werd mede mogelijk gemaakt dankzij een financiële bijdrage van:

• Aannemingsbedrijf VEDDER BV Eext (0592) 26 26 20 Grond-, weg- en waterbouw • Bouwbedrijf H. Poortman Veeningen (Zuidwolde Dr.) (0528) 39 14 82 Restauratie-nieuwbouw-onderhoud-verbouw • ROYAL HASKONING Nijmegen (024) 328 42 84 Adviesbureau voor water en milieu • GRONTMIJ DRENTHE Assen (0592) 33 88 99 Advies- en ingenieursbureau • ORANJEWOUD BV - HEERENVEEN Heerenveen (0513) 63 45 67 Ingenieursbureau • ABN AMRO BANK N.V. Assen (0592) 33 33 00 De bank voor Drenthe • ESSENT MILIEU Wijster (0593) 56 39 39 Inzameling, hergebruik en verwerking van afvalstoffen • NAM B.V. Assen (0592) 36 20 74 Aardoliemaatschappij • Havesathe ‘de Havixhorst’ De Wijk (0522) 44 14 87 Hotel - Restaurant • NV Waterleidingmaatschappij ‘Drenthe’ Assen (0592) 85 45 00 Als je de kraan opendraait... • Buro Hollema Rolde (0592) 24 13 13 Tuin- en landschapsarchitekten BNT • HOLLAND CASINO Groningen Groningen (050) 317 23 17 Een mooie gelegenheid om uit te gaan • ARCADIS Assen (0592) 39 21 11 Advies- en ingenieursbureau (inrichting, infrastructuur, milieu en ecologie) • Hulzebosch grondwerken B.V. Beilen (0593) 52 21 39 Natuurbouw, grond-, straat- en rioleringswerk, leverantie van zand en grind • KADASTER DIRECTIE NOORD Assen (0592) 30 48 88 Bevordert de rechtszekerheid bij het maatschappelijk verkeer in vastgoed • christiaan deN DEKKER b.v. Lisse (0252) 41 86 50 De ecologische aanpak in waterbodemsanering • Quercus Boomverzorging en Advisering Gasselte (0592) 26 11 71 Uw bomen, onze zorg • N.V. Waterbedrijf GRONINGEN Groningen (050) 368 86 88 Wees wijs met water • Nationale Postcode Loterij Amsterdam (0900) 300 15 00 Ma. t/m vr. 09.00 - 21.00 uur Loterij voor mens en natuur • RTV Drenthe Assen (0592) 33 80 80 Radio Drenthe,TV Drenthe, RTV Drenthe Programmablad • Stichting Publieksvoorlichting NOTARIAAT DRENTHE Postbus 1 – 7860 AA Oosterhesselen Namens de gezamenlijke notarissen in Drenthe

• KONINKLIJKE VAN GORCUM BV Uitgeverij/grafisch bedrijf Assen (0592) 37 95 55 • Bureau B + O ARCHITECTEN Rheebruggen (0521) 35 10 14 • BORK SLOOPWERKEN B.V. Stuifzand (0528) 33 12 25 Sloopwerken, asbestsanering en puinrecycling • DE ROO DRENTE BV Stadskanaal (0599) 61 28 52 Cultuurtechniek en groenvoorzieningen • HARWIG Installatiegroep Emmen (0591) 65 67 69 Almere (036) 530 22 72 Elektrotechniek, cv/sanitair, telematica, beveiliging • DAGBLAD VAN HET NOORDEN Groningen (050) 584 44 44 • BARSINGERHORN CONSULTANCY Delfzijl (0596) 61 22 66 Training en coachen van personeel en organisatieadvies • BTL REALISATIE Vestiging Emmen (0591) 63 00 80 www.btl.nl Aanleg en onderhoud van stedelijk/landschappelijk groen en historische buitenplaatsen • Architectenbureau Wouda & van der schaaf Meppel (0522) 25 57 96 • DESTIC KUNSTSTOFFEN B.V. Veendam (0598) 61 45 64 Productontwikkeling, displays, bewerkingen, inrichting en presentaties • Concordia bouwmaterialenhandel Meppel (0522) 25 36 31 Hout- en bouwmaterialenhandel • oosterhuis bv Nijeveen (0522) 49 16 86 Loonbedrijf - Aannemersbedrijf g.w.w. - Landschapswerk • VAN DER ZEE Vleesgrootverbruik BV Emmen (0591) 63 70 01 Leverancier van vlees, vleeswaren, kaas, wild en gevogelte • WOONCONCEPT Meppel (0800) 61 62 Meer dan wonen • EELERWOUDE Oosterwolde (0516) 52 30 62 Natuurlijk ruimte voor groen • HERFST en HELDER b.v Lelystad (0320) 26 06 16 Verf van goede huize • ASTRON/LOFAR Dwingeloo www.astron.nl www.lofar.nl • WARENHUIS VANDERVEEN ASSEN Assen (0592) 31 16 11 Shop-in-shop totaalwarenhuis • Industrie en handelsonderneming elton bv Roden (050) 502 11 99 Producenten van ELLEN tochtprofielen • Meko holland bv Assen (0592) 36 16 00 Totaalconcept in Melkkoeling • Van liere grafisch bedrijf bv Emmen (0591) 611 099 Uw partner in communicatie • VNO NCW Noord Haren (050) 534 38 44 Belangenbehartiger van het Noorden

Stichting ‘Het Drentse Landschap’ zet zich in voor het behoud van de Drentse natuur en maakt zich sterk voor het in stand houden van ons culturele erfgoed. Dit doet ze door het aankopen en beheren van natuurterreinen en cultuurhistorisch waardevolle objecten. Stichting ‘Het Drentse Landschap’ behartigt ook de belangen van:

• Stichting Drentse Boerderijen • Stichting Oude Drentse Kerken • A.V.J. den Hartogfonds


Kwartaalblad nr.55  

Hunenbedden D17+D18 Rolde Kwartaalblad sept. 2007 no. 55

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you