Page 1

1


4


5


ESTR

ZEL INNE

AAT

I ND E X

W

9 8

3

UVI

DO

BLAUWHUISSTRAAT

RAAT

4

VIJFHOEKST

1 2

MOENAARDESTRAAT

KLEINE MARKT

10

DOUVIEWEG

7 6

T AA

E

NG

I ER

R ST

P

O E- P

OUD

STEENVOORDESTRAAT

RAAT

DEST

AN WAR

5 PPI

TRA

1 F E S T I VA L H U I S

Erwin Mortier 61

STE

B U I T E N PA R C O U R S

40

sirous namazi

62

20

marc cordenier

42

elaine vis

64

thomas marcusson

24

bertrand planes

44

cécile dachary

66

alain laboile

68

Violante Juarez Oliveira 47

mieke teirlinck

70

seunghwui koo

48

Herman de Coninck 72

Ida Gerhardt 27

T OORDES

GEDICHTEN IN HET DORP

Joost Baars 46

EG NW

nicolas lamas

ROGERIO REIS

STEENV

stefanie claes 12

34

caspar berger

50

Judith Herzberg 73

35

randall casaer

52

jan henderikse

74

Rince de jong

54

emilie faïf

76

javier pérez

56

jeongmee yoon

80

ymène chetouane

58

karin borghouts

82

marieke vandecasteele

84

Luuk Gruwez 37

RAAT

Jotie T’Hooft Charles Ducal

6


I ND E X

2 RODE HOED

E.M. de Melo e Castro 185

8 BROUWERIJ

vrijhaven 88

Karin Kiwus 186

FRED EERDEKENS

254

lucy glendinning

90

Jana Beranová 186

TAYSIR BATNIJI

256

kristin mciver

92

Ramsey Nasr 187

PIERRE FRAENKEL

260

Neeltje Maria Min 188

Louis Aragon 262

Bert Schierbeek 189

moffat takadiwa

264

NICOLAS LAMAS

266

DAAN DEN HOUTER

268

3 V I J F H O E K S T R A AT MARK MANDERS

96

6 GRAANSCHUUR 4 K A S T E E LT U I N edith ronse

daniel arsham 102

Gerard Walschap 105

5 DOUVIEHOEVE

192

9 KLOOSTER

jozef constant & mariek vanbuel

194

STEPHEN WILKS

272

Inge Braeckman 196

WILLY BAEYENS

274

Ester Naomi Perquin 197

Mark Insingel 276

daan DEN houter

198

Kris Van Riet 277

Thich Nhat Hanh 111

katrin dekoninck

200

KLAARTJE LAMBRECHTS

hans op de beeck

Vicky Francken 280

daan den houter

108

278

kira kim

202

Peter Verhelst 115

martin assig

204

BRACO DIMITRIJEVic

kriŠtof kintera

Edith ronse

206

Remco Campert 284

D.D. TRANS

208

MATtHIEU LOBELLE

286

Broeck 119

Steven Van Der Heyden 211

LAURA DE CONINCK

288

chad wright

120

koen moerman

BENGT LINDSTRÖM

290

sandy smith

122

birgitta sundström

ALET PILON

292

luk berghe

124

jansdotter 214

georg baselitz

294

Albert Bontridder 128

mona aghababee

ARIANNA PALAZZI

296

Martin Reints

129

Eva Cox 219

SHANTELL MARTIN

298

javier pérez

130

EMILIE FAÏF

300

nicolas lamas

134

7 PA R O C H I E H U I S J E

jeff widener

136

112

116

Charlotte Van den

212

216

Rutger Kopland 301

LISA NIX

222

James Fenton 138

kristin mciver

224

10 KERK

floris kaayk

FABRICE SAMYN

226

FRED EERDEKENS

140

282

306

JAcQUES BREL 145

Leonard Nolens 227

Roger de Neef 307

daniel arsham

168

PETER DE MEYER

228

yazID OULAB

308

willy calis

170

NICOLAS RIVALS

230

JAVIER PéREZ

310

Willie Verhegghe 173

Bernard Dewulf

233

Judith Dekker

313

stephen wilks

174

LOTTA HANNERZ

234

Joke van Leeuwen 314

Peter De Graef 177

nicolas lamas

238

Maarten Inghels 315

marc janssens

HENK VISCH

240

Jan Aelberts 316

manoeuvre 180

EDITH RONSE

242

Lies Van Gasse 317

Peter Theunynck 182

Johan de Boose

245

Stijn Vranken 318

Max Temmerman 183

Leonard Nolens 246

Andy Fierens 319

178

Hans Magnus Enzensberger 185

7


8


alleen - alleenig - eenig - een z aa m - verlaten *

Wat afgezonderd is, op zich zelf staat. Voor zoover het derde woord met de beide eerste woorden synoniem is, betekent eenig meer, dat er van eene zeker soort van personen of voorwerpen maar ĂŠĂŠn bestaat. Alleen en het minder gebruikelijke alleenig, dat men slechts in de volkstaal en bij dichters aantreft, drukken meer uit het ontbreken van andere voorwerpen van dezelfde soort op eene bepaalde plaats. Wat het onderscheid tusschen alleen en eenzaam betreft; alleen duidt enkel aan, dat men geen gezelschap bij zich heeft; eenzaame afzondering, waardoor een gevoel van ongezelligheid, of ook van stilte en rust ontstaat. Hij, die zonder gezelschap is, is alleen, doch behoeft zich nog niet eenzaam te gevoelen. Aan deze beteekenis van eenzaam sluit zich aan die van ver laten, waarbij op den voorgrond staat, dat men aan zich zelf is overgelaten, van de menschen vergeten.

* Uit het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908) * De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

9


P RO L O O G

Het eiland in onszelf.

'Be a loner, that gives you time to wonder and to search for the truth.’stelde Albert Einstein. Kunstenaars nemen dit advies van Einstein dikwijls ter harte. Ze nemen tijd om de mensen en de dingen te observeren. Ze staan aandachtig en onderzoekend in het leven en vertellen daarover. Hun verhalen verbinden en genezen ons. De verhalen van schrijvers, dichters en andere kunstenaars voeden ons. Ze doen ons stilstaan en zetten ons aan tot reflectie. Met de artistieke selectie van de 37ste editie van Kunstenfestival Watou is dat niet anders. Het festivalthema richt zoals steeds een vergrootglas op een aspect van la condition humaine. Dit jaar selecteerden we creatieve makers die boeiende verhalen brengen over alleenigheid en ondraaglijke eenzaamheid. Volgens wetenschappelijk onderzoek van de Samana stichting treft eenzaamheid 14 procent van de Belgen tussen 18 en 80 jaar. In absolute cijfers betekent dit dat 1.250.000 Belgen zich 'eenzaam' voelen. Eenzaamheid is van alle leeftijden en kan iedereen overkomen, op elk moment in het leven. Automatisch denken we bij eenzaamheid vooral aan oudere mensen. Onderzoek toont echter aan dat ouderen over het algemeen niet eenzamer zijn dan jongeren of mensen van middelbare leeftijd. Eenzaamheid is geen synoniem voor 'alleen-zijn'. Samen zijn met anderen betekent dus niet per definitie een bescherming tegen eenzaamheid. Iemand met weinig contacten hoeft niet per se eenzaam te zijn, terwijl iemand die veel mensen om zich heen heeft, zich toch eenzaam kan voelen. In een sterk geglobaliseerde maatschappij waar ‘niets meer zeker is’, vormen familie en vrienden meer dan ooit een onmisbaar ankerpunt. En toch kan je ook eenzaam en alleen zijn terwijl je door die mensen omringd bent. We zijn dan even samen alleen. Soms ontstaat er een vacuüm voor langere tijd en ontbreekt elke vorm van verbondenheid. Ook al proberen we die leegte op alle mogelijke manieren op te vullen: het lukt niet meer. Die leegte maakt mensen soms psychisch én fysiek ziek. Steeds meer mensen komen dat tegen. Dat ligt volgens de zeer gerespecteerde boeddhistische auteur en denker Thich Nhat Hanh aan het feit dat we eindeloze zappers zonder aandacht geworden zijn. De diepere verbondenheid gaat verloren door een gebrek aan aandacht en tijd voor wat echt telt. We sms-en en twitteren ons te pletter: kort, bondig en voor insiders. We checken voortdurend onze e-mails, onze mobiele telefoon plakt aan ons oor.

10


P RO L O O G

Onze digitale schermen zijn meer en meer ons eenduidig venster op de wereld. We willen delen én ontvangen en zijn de hele dag druk bezig om toch maar verbonden te blijven. Nooit eerder in de geschiedenis beschikte de mensheid over zoveel communicatiemiddelen die ons in geen tijd wereldwijd connecteren. Tegelijkertijd is de afstand tussen mensen groter dan ooit tevoren. Missen we iets? Zijn we bang voor innerlijke stilte? Bang om niet geliefd te zijn? Waarom gedragen we ons steeds meer als een verzameling van afgescheiden lichamen en niet als een gemeenschap van mensen in verbondenheid? De meeste van die gevoelens zijn nochtans niet nieuw. Ze zitten al sinds mensenheugenis verborgen onder al ons denken en doen. Ze zijn onlosmakelijk verbonden met onze menselijke conditie. Echt tijd nemen, luisteren en zoeken naar de diepere inhoud is een mogelijke remedie. Het kostbaarste dat we elkaar kunnen geven is onze aanwezigheid, onze aandacht. In onze hedendaagse maatschappij, met talloze prikkels die om onze aandacht en reactie schreeuwen, is innerlijk alleen-zijn moeilijk geworden. Volgens Thich Nhat Hanh is ‘het eiland in jezelf’ herkennen, erkennen en zelfs koesteren, de oplossing om onze onvermijdelijke ‘alleenigheid’ te leren aanvaarden. Zo kunnen we met meer energie, inzicht en aandacht werken aan de noodzakelijke verbinding met onze medemens en de dingen die ons omringen. Want het is zoals Gerard Walschap zijn roman Tor afsluit met de beklijvende oneliner: ‘De mens ge raakt daar niet aan uit’. En dat hoeft ook niet: zo lang we ons maar respectvol met elkaar verbonden voelen. Jaarlijks geven dichters, schrijvers, kunstenaars en andere creatieve geesten op Kunstenfestival Watou vorm aan een uitzonderlijke ontmoetingsplaats. Ontdek hen met aandacht. Zij vertellen ware verhalen. Reflecteer zodat we met zijn allen kunnen groeien. Geniet ervan. Wij zien u graag. Jan Moeyaert Intendant vzw Kunst / Stichting IJsberg vzw Kunstenfestival Watou, zomer 2017

11


stefanie claes 1983, BelgiĂŤ

HET KIND 2 0 1 7

Stefanie Claes maakt zowel theater, performances als beeldend werk. Ze studeerde beeldende kunsten aan het Sint-Lucas in Gent en later toneelregie aan het Rits in Brussel. Samen met haar tweelingzus Barbara zet ze theaterprojecten op poten. Daarnaast maakt ze deel uit van het theatraal experimenteel en sociaal geĂŤngageerd collectief Lucinda Ra.

Alain Laboile -

La famille 2007

In de tekst Het Kind , die ze op de muren van het Festivalhuis schreef, focust Stefanie op de plaats van het individu, maar ook de naasten, de omgeving en de gewoontes binnen het gezin.

12


13


HET KIND

ELK VAN ONS IS GEBOREN UIT DE MOEDER. DE MOEDER DIE LEEFT - MEESTAL- DE EERSTE TWINTIG JAAR SAMEN MET ONSZELF ONDER HETZELFDE DAK. EERST HEEL DICHT, LATER MINDER EN MINDER DICHT WANT DE MOEDER LAAT ONS LOSSER. IN SOMMIGE GEVALLEN LEEFT DE MOEDER DE EERSTE VIJFTIG JAAR VAN HET MENSENLEVEN MET ONS ONDER HET DAK. IN ANDERE GEVALLEN DOET DE MOEDER DIT MAAR TWEE MAANDEN. DAN HEB JE DE VADER. VAAK, MEESTAL OF GEBRUIKELIJK LEEFT DE VADER ER EVENVEEL BIJ, ONDER HET DAK. DE VADER LEEFT ER DIE EERSTE TWINTIG JAAR VAAK, MEESTAL OF GEBRUIKELIJK BIJ. DIT OMDAT HIJ DAT MET DE MOEDER AL DEED VÒÒR DE KINDEREN ER ZIJN. DE VADER LEEFT IN SOMMIGE GEVALLEN HALFTIJDS ONDER HET DAK, NIET MEER ONDER HET DAK OF MÈÈR ONDER HET DAK DAN DE MOEDER. VERVOLGENS HEB JE NAAST DE MOEDER EN DE VADER IN VEEL GEVALLEN

14


DE EERSTE TWINTIG JAAR DE BROER EN DE ZUS ONDER HET DAK IN HET HUIS. ZE ZIJN JONGER, ZE ZIJN OUDER, OF EVEN OUD IN HET GEVAL VAN DE MEERLING. ZE ZIJN SLIMMER, DOMMER MOOIER LELIJKER STOMMER LEUKER LICHTER DONKERDER LIEVER OF SPEELSER. IN SOMMIGE GEVALLEN IS DE BROER OF DE ZUS NIET VAN DEZELFDE DE VADER, DAN NOEMEN WE DE BROER EN DE ZUS ’HALF’. IN VEELVOORKOMENDE GEVALLEN WORDT DE SAMENSTELLING VAN BOVENGENOEMDE DE MOEDER DE VADER DE BROER EN DE ZUS VERRIJKT MET DE DIEREN. DIT KAN DE HOND ZIJN, DE KAT, DE PONY, DE KIPPEN, HET SCHAAP, DE VIS, DE EZEL, DE REIGER, DE MUIZEN DE VLOOIEN, DE CAVIA, HET REPTIEL OF DE GANS. DE HOND IS BRAAF DE KAT IS ROS EN DE EZEL IS EENZAAM. NAAST DE DIEREN ZIJN ER DE BUREN. GOEDE DE BUREN, SLECHTZIENDE DE BUREN, GRAPPIGE OF DOOR EN DOOR SLECHTE DE BUREN OPPERVLAKKIG OF HECHT. DE BUREN IN VRIENDSCHAP OF DE BUREN ALS VIJAND.

15


DAN HEBBEN WE DE FAMILIE VAN DE MOEDER EN DE VADER. DE TANTE DE OOM DE NONKEL DE NICHT HET KOZIJN DE NEEF HET ACHTERKOZIJN DE OVERNICHT DIE OP HUN BEURT DE VADER DE MOEDER DE BROER DE ZUS DE DIEREN EN DE BUREN HEBBEN: HET ZIJN DE BLOEDVERWANTEN MET DE AANGETROUWDE PARTNERS IN DE SCHEIDING OP HET BEZOEK MET DE TAART EN HET GLAS. IN UNIEKERE GEVALLEN ZIT ER DE CRIMINEEL TUSSEN, DE SUIKERTANTE OF DE TANTE NON. HET GEBEURT DAT DEZE DE BLOEDVERWANTEN OVERLEDEN ZIJN, ZIEK, ONGEKEND OF EINDELOOS GELIEFD. DE MOGELIJKHEDEN VAN DE STAMBOOM ZIJN LANG. IEDEREEN HEEFT EEN FAMILIEGESCHIEDENIS, MAAR GEEN DEZELFDE. IEDEREEN HEEFT EEN ANDER VERHAAL. MAAR IEDEREEN HEEFT EEN VERHAAL. HET VERHAAL. JE LOOPT HET TEGEN HET LIJF IN DE LITERATUUR, DE FILM EN HET THEATER. ZIJ ZITTEN VOL GEZIN. ONZE

DE

CULTUURGESCHIEDENIS

LOOPT

NIET

VERDER

ZONDER HET GEZIN. DE CULTUURGESCHIEDENIS ZÈLF KOMT UIT EEN GEZIN. STERKER: GIJ ZIJT ALLEMAAL FAMILIE VAN DE CULTUURGESCHIEDENIS.

16


DE STAMBOOM LIGT OP ONZE SCHOUDERS. ZE STAAT OP DE SCHOUW ONDER HET MOM VAN DE FOTO. WANT DE STAMBOOM IS ONZE HERINNERING WAARVAN DE FOTO DE VORM IS. DE STAMBOOM IS DE KUNSTENAAR VAN DE GESCHIEDENIS. HET GEZIN IS DE KUNSTENAAR VAN DE STAMBOOM. HET GEZIN IS, NA DE ERVARING VAN DE OPVOEDING, VOOR VELE DE KUNSTENAARS DE KIEM VAN DE INSPIRATIE. VOOR SOMMIGEN IS HET DE WORTEL VOOR DE ISOLATIE. SOMMIGEN ZIJN GENOODZAAKT OM DE FOTO VAN DE SCHOUW TE HALEN. DIE DE SOMMIGEN WANDELEN AVERECHTS DOOR HET GEZIN OM HET VERHAAL OP TE ZOEKEN. ZO KOM IK TOT DE CONCLUSIE DAT DE KUNSTENAAR HET KIND IS. DE WERELD WAARIN HET KIND ZICH GEBORGEN VOELT IS MIDDEN IN DE SPELONK VAN DE STAMBOOM. HET KIND IS OPEN EN ONTVANKELIJK VOOR DE SCHEUR VAN DE SPELONK . HET KIND ONDERGAAT. HET KIND ONDERGAAT HET DRAMA. HET KIND LACHT MET DE PRET. HET KIND PROEFT OP DE REIS VAN DE WIJN. HET KIND SPEELT HET ZELFGEMAAKTE SPEL. HET KIND WEENT OM DE GEVALLEN KNIE.

17


HET KIND HOUDT VAN DE HOND. HET KIND VERDRIET OM ZIJN DOOD. HET KIND ZIET ALLES GROOT. HET KIND BEGRIJPT DE EENZAAMHEID VAN DE EZEL. EN PAS LATER, ALS HET KIND OUDER IS GEWORDEN, HET BEROEP HEEFT EN DE PARTNER, ALS HET KIND HAAR VEL BEGINT TE SCHEUREN AAN DE GEBEURTENISSEN ALS HET KIND DE HOND UITLAAT EN HET KIND DE VADER VERSCHOONT TERWIJL DE MOEDER HAAR GRIJZE HAREN VERSTOPT DENKT HET KIND TERUG AAN DE SPELONK VAN DE BOOM. DE WERELD GROEIT MEE MET DE TIJD MAAR DE GEDACHTE AAN DE KLEINE WERELD BLIJFT VOOR ALTIJD EN DE ALTIJD. DE HERINNERING WAARVAN DE STAMBOOM DE KUNSTENAAR IS IS GECARAMELISEERD. ZE IS GEBEITELD ALS HET AANDENKEN DAT ONS VERVOLG DE VORM GEEFT. HET IS ONS ALIBI VOOR DE WERELD WAARIN WIJ EEN GROOTGEWORDEN GEWORTELD PERSONAGE ZIJN. WANT WIJ ZIJN ALLEMAAL VERTROKKEN VANUIT DE SPELONK VAN DE BOOM. ALLEMAAL.

18


OOK DE WEES DE VONDELING DE EENZAAT EN DE SOLO. HET VRAAGSTUK VAN DE EENZAAMHEID IS EEN UITLOPER VAN ONZE GEBOORTE. TOT SLOT: DE KLEINE WERELD VAN HET KIND DRAAGT IETS GROOT MEE. KLEIN IS GROOT. ER ZIT IETS UNIVERSEEL IN HET DETAIL. OF BETER: IN HET DETAIL ZIT HET UNIVERSUM. EN UITEINDELIJK LEVEN WE NIET MET DE MOEDER EN DE VADER DE BROER EN DE ZUS, MAAR MET ONS EIGEN IN DE GEGROEIDE WERELD. WE ZITTEN MET ONS EIGEN IN EEN GEGROEIDE WERELD. ENKEL EN ALLEEN MET

ONS

- EIGEN.

J I J ZELF.

Stefanie Claes, theatermaker, mei 2017

19


ROGéRIO REIS 1954, Brazilië

Personne n’appartient à personne 2011 - 2014

Rogério Reis studeerde aan de universiteit voor Moderne Kunsten van Rio de Janeiro en werkt sinds 1977 als fotograaf. In zijn werk behandelt hij vooral stedelijke kwesties. H et personage Rogério Reis in de bekende film Ciudad de Dios (2002) van Fernando Meirelles is volledig op hem gebaseerd. Naast zijn meer dan 25 solotentoonstellingen nam hij ook al deel aan verschillende collectieve expo’s. Zijn werk maakt ook de el uit van de vaste collectie van onder andere het Museum of Modern Art in Rio De Janeiro, het Maison Européenne de la Photographie in Parijs en The Fogg Art Museum in Cambridge (VS). Gedurende vijftien jaar documenteerde hij met zijn foto’s de verschillende facetten van het straatcarnaval in Rio de Janeiro. Dit mondde uit in verschillende tentoonstellingen en in de publicatie van het boek La Lona . Reis is gefascineerd door het contrast tussen de vrijmoedigheid van de feestvierders en de routine die hun gedrag gedurende de rest van het jaar

dicteert. Hij presenteert een schat aan gezichten, menselijke types en kostuums en toont ons wat het carnaval naar boven brengt: durf, overtreding en de omkering van waarden. Dit zwart-wit werk heeft naast de esthetische waarde ook een grote maatschappelijke waarde. De foto’s tonen hoe tijdens dit volksfeest iedereen een ster kan worden, ongeacht sociale

20


Personne n’appartient à personne 2011 - 2014

klasse of geslacht. Met behulp van zijn camera vereeuwigde de kunstenaar hun moment van glorie.

Rogério Reis drie jaar lang schaars geklede mensen op de stranden van Rio. Hun gezichten verborg hij achter kleurrijke bolletjes of rechthoeken. De mensen worden zo letterlijk anoniem, gaan op in de massa. Met humor en sensualiteit behandelt Reis hier het thema eigendomsrecht van een beeld tegenover de privacy van de gefotografeerde personen.

In het Festivalhuis ziet u een foto uit zijn serie personne n’appartient à personne . Een fragment uit deze foto gebruikten wij voor het campagnebeeld van deze editie van het Kunstenfestival. Voor de serie fotografeerde

21


F E S T I VA L H UIS

22


F E S T I VA L H UIS

23


tho m as m arcusson 1981, Zweden

Worryball 2014

Na zijn studies in Zweden trok Thomas Marcusson naar Australië waar hij in 2006 afstudeerde aan de University of Technology in Sydney. Vandaag is Marcusson een interactieve en online kunstenaar die vooral werkt rond identiteit, cultuur, participatie en toezicht. Zijn werk werd onder andere al tentoongesteld in het Powerhouse Musem (Sydney), de Eyebeam gallery (New York) de Science Gallery (Dublin), theMuseum (Ontario), de Saatchi & Saatchi (Auckland) en de Nunnery (Londen) Alhoewel Marcusson gefascineerd is door technologie en dit steeds een belangrijk aspect is van zijn werk, staat de interactiviteit altijd centraal. “Mijn filosofie en aanpak bestaat er altijd uit om mensen tot het centrum van mijn kunst te maken. Voor mij is de menselijke betrokkenheid de meest fascinerende vorm van interactiviteit”. De Worryball is een interactieve sculptuur die bestaat uit 6000 Guatemalteekse Worrydolls samengeweven tot een bol. De Worrydolls maken deel uit van de Guatemalteekse folklore. Wie zijn zorgen aan de popjes vertelt en die onder zijn hoofdkussen legt voor het slapen gaan, zal wakker worden zonder zorgen. Binnenin de sculptuur zit een luidspreker die opnames van de zorgen van mensen laat horen. Deze worden verzameld via de online versie van het kunstwerk. Bezoekers kunnen daar hun zorgen opnemen met behulp van de microfoon van hun computer. Zich zorgen maken blijkt een zeer universeel thema te zijn in onze maatschappij en werkt ook als een belangrijke motivatie bij het nemen van beslissingen wanneer mensen niet willen afwijken van de norm. Maar wat zo boeiend is aan de zorgen op zich, is dat ze ondanks het feit dat ze vaak zo gelijkaardig zijn, toch steeds weer op een hoogst individuele en unieke manier worden geuit. Rekening houdend met de verschillende nationaliteiten, culturen en sociale lagen van de bevolking, kunnen we ons enkel realiseren dat we tegelijkertijd verenigd en verdeeld worden door onze zorgen.

24


25

Worryball 2014


26


F E S T I VA L S HOP

O nvervree m dbaar Dit wordt ons niet ontnomen: lezen, en ademloos het blad omslaan, ver van de dagelijksheid vandaan. Die lezen mogen eenzaam wezen. Zij waren het van kind af aan. Hen wenkt een wereld waar de groten, de tijdelozen, voortbestaan. Tot wie wij kleinen mogen gaan; de enigen die ons nooit verstoten.

Ida Gerhardt

27


B U I T E N P A RC OURS

W I L D B R E I E N in watou Participatief project, 2017

In de tuin van het Festivalhuis werd in het kader van het thema over alleenigheid en ondraaglijke eenzaamheid gezocht naar het samen, het collectieve, de eensgezindheid. Daarom breiden we voor, maar ook nog tijdens, Kunstenfestival Watou 2017 onze omgeving aan elkaar. Met Wildbreien in Watou riepen en roepen we op tot het samen creëren van grote en kleine stukken textiel om onze treurwilg in te kleden. De wildbreituin wordt zo een plek waar gezelschap en cocreatie vooropstaan. Onze ingebreide treurwilg staat symbool voor een remedie tegen eenzaamheid. Naast breien, riepen we ook op tot haken, borduren, macramé, naaien, vilten, knopen en het maken van ander textiel. Mensen breiden en haakten er op los van bij zich thuis, of kleedden de treurwilg verder aan vanuit hun breiclub of vereniging. Er werden verschillende wildbreidagen georganiseerd. Zo waren er de twee zondagen in Texture in Kortrijk en het café van Vooruit in Gent, maar daarnaast zetten enthousiastelingen als die van Textiellabo Merelbeke, Spingroep Wullekobbe in de Palingbeek en breiclub en –winkel Wollebolle in Diksmuide ook zelf wilde brei-, vilt- en haakdagen op poten. In de Palingbeek werd er zelfs rechtstreeks met de wol van een pas geschoren schaap gebreid. Tijdens het hele Kunstenfestival bent u nog steeds welkom om in de tuin of de veranda te komen breien, haken, vilten, of naaien. Op vrijdagen activeren we de tuin en vinden er workshops of happenings plaats. Het volledige programma van de geactiveerde wildbreituin vind je op de website, www.kunstenfestivalwatou.be. Het materiaal, alsook de gezellige kleurrijke sfeer is voorhanden met dank aan organisaties, breiclubs en particulieren als Wildwoud, Manoeuvre, De Verkeerde Steek, Laine Sajet, Lutgarde van Rompu, Rita Russe, Atelier Ailim, De Brugse Breigezellen, Spingroep Wullekobbe, Studio Stitch, Alle Steken op een Rij, Wollebolle, Textiellabo, De Kringwinkel, Casa di Lana en nog veel anderen.

28


B U I T E N P A RC OURS

WILDBREIEN IN WATOU

In de Douviehoeve is een tweede luik van het textielproject voorzien door Manoeuvre vzw. Buiten het parcours vinden de bezoekers met een opmerkzaam oog misschien hier en daar een extra wilde verrassing, voorzien door Laine Sajet.

29


B U I T E N P A RC OURS

F E S T I VA L H U I S

ZOMERZINNEN

Voor het vierde jaar op rij start een bezoek aan Kunstenfestival Watou in het Festivalhuis op het Watouplein. U vindt er niet alleen het onthaal en de festivalshop, maar ook allerhande projecten die in de kantlijn van het Kunstenfestival groeien.

Kunstenfestival Watou is meer dan een tentoonstelling tussen taal en beeld. Onder de noemer Zomerzinnen staan iedere zaterdag en zondag andere evenementen op de agenda die graag een brug slaan naar verschillende kunstdisciplines. Denk aan debatten met illustratoren als Ilah en Judith Van Istendael, een geĂŻllustreerde voordracht van Lize Spit, boeiende lezingen van filosofe Joke Hermsen en acteur/regisseur Peter De Graef, theatervoorstellingen als De Vloed en Zielzoekers, een ontroerende muziekvoorstelling van Kommil Foo, een heus kinderweekend, een Arabisch poĂŤziesalon of een ode aan Jacques Brel. Variatie troef, zoveel is duidelijk, al blijft het woord de rode draad doorheen onze Zomerzinnen. Het volledige programma is terug te vinden op www.kunstenfestivalwatou. be

30


B U I T E N P A RC OURS

GEDICHTEN IN HET DORP

LAINE SAJET

De afgelopen edities van Kunstenfestival Watou groeide er gestaag een nieuwe poëtische lijn in het dorp. Ook dit jaar selecteerde poëziecurator Willy Tibergien gedichten van gevestigde waarden in het Nederlandstalig poëzielandschap om hen een permanente plaats te geven in Watou. Aan het werk van Eddy van Vliet, Paul Snoek, Remco Campert, Hugues C. Pernath, Jean-Claude Pirotte, Leo Vroman, Miriam Van hee, Stefan Hertmans, Gerrit Kouwenaar en Marc Insingel, Leonard Nolens, Christine D’Haen en Joost Zwagerman worden dit jaar gedichten van Jotie T’Hooft, Charles Ducal en Luuk Gruwez toegevoegd.

Wie goed rondkijkt tijdens de wandeling langs het parcours, merkt hier en daar misschien het werk van Laine Sajet op. Laine sajet zijn de twee Gentse Wooligans Winde Nulens en Tina Coppens die met hun invasies van kleine riddertjes het belang van dromen aanhalen. De kleine ridders maken steeds grootste plannen, soms bijna onmogelijk om uit te voeren. Hun innerlijke drang naar rechtvaardigheid is hun motivatie om telkens weer ten aanval te trekken. Zo kwamen ze met honderden in mei 2012 naar Gent om het Gravensteen te veroveren, of ze namen het op voor het onkruid tijdens Port au Folie in 2014. Laine Sajet groeit rond elk project organisch. Op verschillende plaatsen worden riddertjes gecreëerd door mensen die zich er door aangesproken voelen. De riddertjes zijn allemaal verschillend, elk met hun eigen karakter.

31


B U I T E N P A RC OURS

K I N D E R PA R C O U R S

Kunstenfestival Watou, dat is kunst kijken en poëzie proeven op spannende locaties, ook voor ons jongste publiek. Het centrale thema van de tentoonstelling, Over alleenigheid en ondraaglijke eenzaamheid, keert dan ook terug in het kinderparcours. Aan de hand van een op maat gemaakte wandeling worden de jongsten onder ons aangezet om na te denken over hoe alleen zijn zowel leuk, spannend, bevrijdend, maar ook eng of triest kan zijn. Om het educatieve luik wat extra kleur te geven, gingen we deze keer in zee met illustratrice en performer Lotte van Dijck. Lotte laat ons in het doeboekje voor het kinderparcours haar opmerkzame blik zien. Met detailfoto’s van de locaties, fijne illustraties en een portie poëtische fantasie neemt ze de jongste bezoe-

kers samen met Toutje en Eend mee op wandel doorheen het Kunstenfestival. Toutje gaat op zoek naar Eend op alle locaties van het parcours en daagt de jongste bezoekers uit om met hem mee te zoeken. Onderweg inspireren de kunstwerken hem en stelt hij zich vragen over alleen en samen zijn, over gevoelens en gedachten. De zoektocht die vol leuke denk- en doe-opdrachten staat, laten de jongste bezoekers de kunstwerken en poëzie op een speelse manier ontdekken. Wie de opdrachten tot een goed einde brengt, komt bovendien ook steeds dichterbij de Schat van Vlieg…

32


B U I T E N P A RC OURS

PIANISSIMO

Where words fail, music speaks’ (Hans Christian Andersen)

een meubel dat niet misstond. Naar aanleiding van de heruitgave van zijn succesroman ‘Broere’ bij Querido stak Bart Moeyaert de piano in een ‘broerekleedje’. Moeyaert brengt deze zomer in Watou gasten samen rond dat familiestuk. Hij verzamelde poëzie en chansonteksten over alleenigheid en eenzaamheid en verbindt ze met de wereld van zijn creatieve zielsverwanten.

De oude familiepiano was tweedehands gekocht en kwam van bij Piano’s Rombaux’ in Brugge beweerde de eigenaar. Een rood fluwelen doekje, dat de toetsen bedekte en waarop in gouddruk ‘Rombaux’ staat, bevestigde dat. Muziekhandel Rombaux was te vinden in de Mallebergstraat in Brugge, op een boogscheut van de St.-Annarei waar de zeven broers geboren zijn. Dat was geen toeval.

Locatie Festivalhuis Zie programma Zomerzinnen’17

De muzikale ambities of het muzikaal talent van de broers waren eerder beperkt. Enkele broers volgden notenleer. Er werd ook wel wat geoefend met blokfluit, harmonica en klarinet. De piano in de veranda was eerder

33


G E D I C H T E N I N H ET D ORP

E N WAT D A N ?

Op een dag zal ik weg zijn en wat dan? Verdwenen zonder een teken te geven of te nemen en het puin dat ik achterlaat is niet langer lachwekkend. Want wie zoals ik nooit heeft gebouwen laat niets achter dan verwachting en verwarring en wat dan? Wellicht in uw herinnering zal ik stollen verstijven, niet lang meer blijven maar verbleken tot verleden en wat toen? te doen? Het was waar zult gij zeggen hij speelde met woorden als geen ander maar wat heeft dat te betekenen. Zo bleek zal ik zijn. In u‌ en wat dan...?

Jotie T’Hooft

34


G E D I C H T E N I N H ET D ORP

EEN ANDER

De wereld die mijn wereld niet is vult ieder raam van het huis. Daglicht wist de weerspiegeling uit. een pen die de mijne niet is houdt het vergezicht laag bij de grond. Inzichten schrijven de horizon, brandende steden waar ik niet kom. Is het mogelijk dat men een ander wordt door zich op te bergen als een paspoort dat niet langer geldt? De spiegel te mijden alsof men zich schaamt voor zichzelf? Het gedicht te fouilleren als een verdacht element?

Charles Ducal

35


G E D I C H T E N I N H ET D ORP

36


G E D I C H T E N I N H ET D ORP

DE FEESTELIJKE VERLIEZER

Ein jeder Engel ist schrecklich R.M. Rilke

Ik had het fijnste gaas van het verlangen lief zoals een zachte bries het lichaam van de baadster en waar ik mij begaf, omgaf er mij een waas van angstaanjagend aangenaam verwelken. En een seizoen lang werd avond. En toen – het hart hoog op de wind – verlangen zich bezeerde aan begeerte, hoe lief had ik dan niet dat feestelijk verlies, alsof een hartstocht mij verloren blies, al werd ternauwernood gezoend de monstrans van één enkele mond. En elke avond werd het herfst. En telkens als de sierlijkste der herfsten mij in de wind een onderkomen bood, vond ik in ruisen en in beven een huis om dakloos in te zijn.

Luuk Gruwez

37


38


39


F E S T I VA L H UIS

nicol A s la m as 1980, Peru

Constellations (1) 2013 Constellations (2) 2013 Constellations (3) 2013

Nicolás Lamas studeerde achtereenvolgens Schone Kunsten aan de universiteit van Peru en Barcelona. Vervolgens studeerde hij in 2014 af aan het Hoger Instituut voor Schone Kunsten in Gent. Zijn werk was al te zien in verschillende groepstentoonstellingen over de hele wereld. Vanaf 2006 volgden er regelmatig solotentoonstelling in onder andere Lima (Peru), bij Meessen De Clercq in Brussel, op Art Rotterdam in Nederland en bij de Fundació Joan Miró in Barcelona (Spanje). Het oeuvre van Nicolás Lamas draait voortdurend rond de interactie tussen dingen en de associaties, uitwisselingen en mogelijke combinatie die hieruit voortkomen, zonder vastgelegde regels. Zijn artistieke onderzoek kan gezien worden als een reeks speculatieve oefeningen waarbij alles deel uitmaakt van een cyclisch proces van overdracht van informatie en energie. Zijn creaties komen voort uit een constante stroom waarbij intuïtie, geluk, spel en fysica zijn relatie met objecten en beelden bepaalt. Lamas gebruikt verschillende, eerder ruwe methodes van onderzoek en productie en genereert zo steeds een heterogeen en veranderend werk waarin meerdere lagen van referentie en betekenis verborgen zitten. Zijn werk fluctueert hierdoor constant tussen orde en chaos.

40


Constellations

2013

F E S T I VA L H UIS

Nicolás Lamas verkent doorheen zijn werk verschillende wetenschappelijke domeinen en formuleert zijn vragen die hierdoor ontstaan met behulp van verschillende media. Hij onderzoekt de energie die bekende voorwerpen bevatten, terwijl hij de intrinsieke waarde ervan verwijdert. Door de betekenis van veel referentiepunten te veranderen, destabiliseert de kunstenaar de bezoekers. Zo ook in Constellations (1), Constellations (2 ) en Constellations (3 ) waar dobbelstenen gebruikt worden in constellaties. Lamas gaat ook hier aan de slag met de geconstrueerde betekenissen die we dagelijks aan (gebruiks)voorwerpen toekennen. Door de voorwerpen van hun nut te ontdoen en ze in vrije - maar niet ondoordachte - combinaties te tonen, daagt Lamas de rigide betekenis- en nutscategorieën uit die we doorgaans kritiekloos aanvaarden. Lamas creëert een wereld vol mogelijkheden waardoor blijvende interacties, aantrekkingen en afstotingen ontstaan. Zijn werken zijn zo nauw met elkaar verbonden dat een systeem uiteindelijk zelf een balans vindt in de onevenwichtigheid.

Verder langs het parcours vindt u nog werk van Nicolás Lamas in de Douviehoeve, in het Parochiehuisje en in de Brouwerij.

41


F E S T I VA L H UIS

m arc cordenier BelgiĂŤ, 1959

Seul 2007

Seul 2007

Landschapsanimator Marc Cordenier toonde zijn werk al op verschillende so lo- en groepstentoonstellingen in BelgiĂŤ. Hij liet zich in het bijzonder opmerken door zijn als door erosie aangevreten bakstenen hoofdstructuur bij het West-Vlaamse Provinciehuis Boeverbos. Werk van hem is te vinden in verschillende publieke ruimte s. Eenvoud en essentie beheersen het totale oeuvre van Marc Cordenier, kunst moet voor hem een ontdekkingstocht blijven. Beeldhouwen heeft volgens hem te maken met traagheid die de twijfel toelaat. Bezieling en experiment leiden zo tot authenticiteit.

42


F E S T I VA L H UIS

Aanvankelijk koos Mark Cordenier radicaal voor nieuwe materialen: beton en baksteen. Het materiaal dat op zich een dood gegeven is, wordt door hem tot leven geroepen. Tegenover de steeds toenemende uniformiteit van de dingen waarmee we ons omringen, stelt Marc Cordenier de afwijkende, eigenzinnige, niet gestroomlijnde vorm. In plaats van aandacht voor de manie van de snelheid vraagt hij aandacht voor de langzaamheid van een beweging. De wisselwerking tussen het ruwe materiaal en de subtiele vormen werkt tegelijk verontrustend, verrassend en verruimend. Zijn sculpturen zijn metaforen, bespiegelingen over de hedendaagse mens en zijn leefwereld. Aldus wordt het sculpturale, in de ruimte geplaatste object, een vormgegeven verzet tegen de harde, kille en afstandelijke wereld die wij volgens hem zelf gecreĂŤerd hebben. Over de jaren heen evolueerde zijn werkwijze van eerder klassiek beeldhouwen naar het uitbouwen van een oeuvre waarvoor hij gebruikt maakt van het meest inwendige materiaal: beenderen. Beenderen zijn volgens Cordenier immers oermaterialen waarmee hij een diepe horizon kan bereiken. Zijn sculpturen en assemblages van dierlijk gebeente, die hij bewerkt en transformeert tot een subliem restproduct, fungeren als uitdagend beeldmateriaal voor de realisatie van zijn beeldtaal. Mark Cordenier maakt in zijn sculpturen het doodgewone buitengewoon. Op het eerste moment overheerst bij het aanschouwen van zijn werk een gevoel van schoonheid. Zo ook in Seul dat verrast door het vloeiende handschrift dat is uitgewerkt in onbuigzame, harde botten en door zijn ontnuchterende kilte. Maar de dialoog tussen vorm, materie en inhoud die een ogenschijnlijke harmonie teweegbrengt, is verraderlijk dubbelzinnig. Waar je eerst evenwicht ziet, ontdek je al gauw een geheel van tegenstellingen, een dialectisch kluwen dat de ogenschijnlijke vanzelfsprekendheid van het werk tot een diepzinniger betekenis verheft.

Naar teksten door Dirk Vonckx, Jaak Fontier, Andy Vermaut en Els Vermeersch.

43


F E S T I VA L H UIS

bertrand planes 1975, Frankrijk

Life Clock 2008

B eeldend kunstenaar Bertrand Planes studeerde in 2002 af aan de Kunstacademie van Grenoble. Momenteel woont en werkt hij in Parijs. In zijn kunstenaarspraktijk stelt hij zich kritisch op tegenover technologie. Hij voert kleine ingrepen uit op alledaagse voorwerpen waardoor hij ze ontdoet van hun praktische en commerciĂŤle functies. De esthetische kwaliteiten worden echter wel steeds behouden.

Zo staat elk cijfer op Life Clock voor een jaartal in plaats van een uur. Doordat het mechanisme in de klok 61320 keer trager loopt dan bij een gewone klok, duurt het een jaar voor de wijzers elkaar kruisen, iets wat normaal gezien elke minuut gebeurt. Uiteindelijk loopt de klok dus tot 84, de maximale gemiddelde levensduur van de vrouw. Het werk wijst op het relatieve van tijd en het belang van perceptie bij het beschrijven van tijd. Bertrand Planes stelde vast dat de mens enkel in staat is om te reproduceren wat hem omringt en wat hij kent. Hierdoor ging de kunstenaar zich focussen op de vergelijking tussen de kopie en het origineel, als middel bij uitstek om inzicht te krijgen in het functioneren van het zijn van de mens. Hij is gefascineerd door de relatie van de mens met de alomtegenwoordige robot in de moderne maatschappij. Door middel van zijn observaties wil Planes op een speelse manier de oorzaken en gevolgen aantonen van de ontwikkelingen in onze steeds verder geautomatiseerde en gedigitaliseerde maatschappij.

44


Life Clock 2008

F E S T I VA L H UIS

45


F E S T I VA L H UIS

K O S M O L O G I E VA N H E T TA P I J T daar opende zich onder haar in wat genoemd was het tapijt een wormgat daar taalde de materie naar die als vanzelfsprekend haar omgaf kamer tafel laminaat lamp boekenkast en cel voor cel het weefsel waarin ze was vervat ze greep zich aan de polen vast daar in die zwaartekracht waar wat genoemd is zwaartekracht en dat ons grondt aan wordt ontleend als een magnetisch veld rondom de planeet dat er uiteindelijk niet tegen is bestand daar 112'de ik de taal die ik nog had het adres (en er was) een ambulance (en er kwam) het is haar hart (ze was er nog) dat wegvalt (wormgat) daar klonk een stem en er was tijd genoeg voor wat zich daar voltrekken moest daar lag ze op het vloerkleed als een pasgeboren baby'tje dat naamloos op haar noemer wacht

Joost Baars

46


F E S T I VA L H UIS

S lapen — Als ik te veel bij mensen ben dan gaan mijn armen slapen dan moet ik ze tot leven wekken alleen al doet het pijn als de beknelling lost

Violante Juarez Oliveira

47


F E S T I VA L H UIS

seunghwui koo 1981, Zuid-Korea

People 2015

Seunghwui Koo woont en werkt in New York. Ze studeerde in 2005 af aan de universiteit in Zuid-Korea, waar ze het idee kreeg om in haar oeuvre het hoofd van het varken te combineren met dat van een mens. De twee verschillende connotaties van het hoofd van het varken in de Oosterse en Westerse culturen zijn thema's die deel uitmaken van haar werk. Waar in het Oosten het varken een symbool is voor geluk, staat het in het Westen eerder symbool voor hebzucht. Koo laat zich inspireren door de dagelijkse gebeurtenissen en ingewikkelde momenten van haar leven in NYC. Haar werk is een commentaar op het leven van New Yorkers waarvan zij getuige is. Voor de creatie van haar oeuvre maakt Seunghwui Koo gebruik van hars, acryl, gips, klei en gemengde media. Haar figuren staan symbool voor de verschillende soorten mensen die ze tegenkomt in haar eigen dagelijkse race van het leven. De satirische beelden weerspiegelen de grillige, stedelijke vibe van haar leefomgeving, maar bij verdere inspectie vormen ze ook een diepgaand en soms kritische commentaar op de hedendaagse samenleving. Eerder dan te veroordelen wil de kunstenares de toeschouwers verbinden om hen zo te inspireren tot hoop, troost en vergiffenis. Zelf zegt ze hierover: “Mijn hoop is om met mijn werk verlichting te brengen in de vermoeiende levens van zij die mijn werk bekijken. Ik hoop dat mijn werken blinken en plezier brengen aan mijn publiek.�

People 2015

Het werk People bestaat uit 12.000 handgemaakte varkens uit terra cotta. Voor de creatie van de varkentjes gebruikte Seunghwui Koo geen vaste vorm. Het unieke en tegelijk anonieme dat ons zo aanspreekt in dit werk, komt net vanuit de meditatieve handeling van het met de hand vervaardigen van de voorwerpen.

48


F E S T I VA L H UIS

49


F E S T I VA L H UIS

caspar berger 1965, Nederland

Imago / Self Portrait 5 2007

toegang tot moderne technieken is hij in staat om het zelfportret constant te herevalueren. Hij maakt werk met als doel het exploreren en ontdekken van zijn eigen lichaam en de wereld. Tegelijkertijd bekijkt hij het zelfportret ook vanuit zijn technische en fysieke beperkingen en onderzoekt hij de de historische, mentale en sociale aspecten ervan.

C aspar Berger studeerde achtereenvolgens af aan de AKI Academie voor Kunst en Design in Enschede en aan de Jan Van Eyck Academie in Maastricht. Zijn werk is s terk geĂŻnspireerd door de Italiaanse Hoog Renaissance. Berger neemt het zelfportret als het uitgangspunt voor de verkenning van de relatie tussen binnen en buiten, werkelijkheid en beeld, origineel en replica en het effect van het fragment op het geheel.

Na de series zelfportretten focuste Caspar Berger zich voor zijn Skeleton project op de binnenkant van zijn lichaam. Hij gebruikte de nieuwste technologieĂŤn om het onzichtbare bloot te leggen. Op basis van een geavanceerde scan van zijn lichaam maakte hij met behulp van een 3D printer replicas van verschillende onderdelen van zijn skelet. Berger laat hiermee zien hoe vergevorderd de medische wetenschap momenteel al is. Tegelijkertijd toont zijn werk

Berger maakte een indrukwekkende serie zelfportretten waarvoor hij vertrok van siliconen afdrukken van zijn eigen huid. De uiteindelijke werken maakte hij in verschillende materialen zoals silicone, brons, zilver en soms zelfs goud. Zijn Imago / Self Portrait 5 is een uitvoering in brons. Door zijn

50


Imago / Self Portrait 5 2007

F E S T I VA L H UIS

aan hoe het skelet een confronterend symbool is van de dood, een bewijs van het wonder en de onbegrijpelijke complexitieit van het leven.

deze ruimte, vol en tegelijkertijd leeg, ben ik mijn eigen universum. Ik creëer een wereld waarin de begrippen vrijheid en beperking, privacy en sociaal gedrag en de mogelijkheid tot persoonlijke ontwikkeling geconstrueerd worden.”

In 2015 startte hij met het project Universe waarbij hij de fysieke ruimte in zijn schedel onderzoekt. “Vanuit

51


F E S T I VA L H UIS

randall casaer 1967, België

40 Vazen 2017

Randall Casaer omschrijft zichzelf al s tekenaar, artiest, auteur en mensenfluisteraar. Taal loopt als een rode draad doorheen al zijn artistieke werk. Zijn tekenwerk werd reeds uitvoerig geprezen als zijnde zwierig, virtuoos, lichtvoetig, poëtisch en grappig. In 2007 vertaalde zijn liefde voor taal en beeld zich in zijn debuut Slaapkoppen , een graphic novel. Met dit werk haalde hij zowat alle beschikbare debuutprijzen binnen en het boek werd vertaald in het Frans, Engels en Italiaans. Casaer werkt ook samen met andere auteurs en illustreerde bijvoorbeeld de driedelige reeks Brieven aan mijn zoon van Wouter Deprez. Daarnaast verschenen zijn illustraties onder andere al in Humo, de Standaard en De Morgen. Vorig jaar maakte hij voor Kunstenfestival Watou een in-situ adaptatie van zijn laatste boek Schip vol honden , waarin hij zijn lezer vol mededogen liet kennismaken met zichzelf. Zijn installatie in het Parochiehuisje wilde de bezoeker een zachte handleiding bieden om de verschillende personae in zichzelf een plaats te geven. De installatie evolueerde ondertussen tot het boek Er zit een Hond in U , dat in het najaar verschijnt bij uitgeverij Vrijdag. Dit jaar tonen we in het Festivalhuis enkele tekeningen uit de serie 40 Vazen . De serie speelt mee in de graphic novel 40 VAZEN die Casaer momenteel aan het schrijven is. Een verhaal over een koppige kunstenaar die ooit begon aan een lange reeks tekeningen/schilderijen van vazen en die daar beroemd mee werd. De reeks brengt hem geld, status en aanzien, maar vanbinnen voelt hij zich leeg. Hij besluit elk extern motief tot creatie af te wijzen en zich te isoleren van alle druk. De kunstenaar werkt niet meer en zit te wachten tot ‘het ding’, ‘de creatie’ zich aandient.

Ge zijt niet wie ge denkt dat ge zijt wie ge denkt dat ge zijt hebt ge gemaakt om wie ge vreest dat ge zijt te beschermen. En het heeft niet geholpen hé.

52


40 vazen 2017

F E S T I VA L H UIS

53


F E S T I VA L H UIS

R ince de jong 1970, Nederland

Wat is dat? 2005

Wat is dat? 2005

54


F E S T I VA L H UIS

Fotografe Rince de Jong dompelt zich voor haar werk steeds volledig onder in haar gekozen onderwerp en werkt hier dan een volledige serie rond uit. Zo begon ze in 1996, toen reeds 8 jaar werkzaam in de bejaardenzorg, demente bejaarden te fotograferen. In 1999 verscheen de serie in boekvorm onder de titel Lang Leven .

deren in haar nieuwe werkplaats, een kinderdagverblijf. De beelden die op haar netvlies achterbleven, stuurden haar richting film. "Hoewel ik er geen ervaring mee had, wist ik direct dat het film zou moeten worden. Vanwege die tomeloze energie. Dat wilde ik laten zien. Dat kun je niet vangen in één enkel beeld of in een serie beelden." Dit resulteerde in een installatie van 9 korte acht millimeter films in zwart/ wit en zonder geluid.

De foto’s in de serie Lang Leven tonen kwetsbare mensen, zonder daarbij afbreuk te doen aan hun waardigheid. Rince de Jong wilde met deze serie geen dramatisch beeld of zielig verhaal brengen. De ouderen op de foto’s poseren niet, ze zijn volledig zichzelf. Toch heeft Rince de Jong in sommige gevallen wel voor een voorzichtige enscenering gekozen. De Jongs onconventionele manier van portretteren van deze mensen creëert een spanningsveld tussen het theatrale en intimiteit. Hoewel optimale verbale communicatie met demente bejaarden niet meer mogelijk is, valt er heel wat expressie uit hun houdingen, gebaren en gezichtsuitdrukking af te lezen. ‘Je ziet de levenservaring, dat fascineert me zo’, legt Rince de Jong uit. ‘Ondanks hun dementie hebben ze hun eigenwaarde en identiteit behouden’.

De alledaagse scènes die De Jong vastlegde doen je afwisselend lachen, met uitpuilende ogen toekijken, ineenkrimpen en wegkijken. We zien vertederende beelden naast verontrustende taferelen zoals dat waarin een kind door andere kinderen wordt opgesloten in een speelgoedoven die vervolgens met de opening tegen de muur wordt gezet. Rince de Jong toont hoe de wereld is voor kinderen als er geen volwassenen in de buurt zijn om toezicht te houden. De filmpjes geven de onschuldige nieuwsgierigheid en de puurheid weer die De Jong voor ogen had. Als toeschouwer word je voortdurend heen en weer geslingerd tussen de drang om in te grijpen en het besef dat het echte leven daar al begint. Na de serie Wat is dat? liet Rince de Jong haar oog vallen op honden. Het nieuwste project Zij Zijn ging begin 2017 in première.

In 2002 begon ze aan haar nieuwe project Wat is dat? hier te zien in het Festivalhuis. Voor deze serie observeerde ze eerst drie jaar lang de kin-

Naar teksten van Flos Wildschut en Dimitri Hakke.

55


F E S T I VA L H UIS

javier p é re z Spanje, 1968

El Espacio que nos separa 2012

Na zijn opleiding Beeldende kunsten aan de Universiteit van het Baskenland en aan de Universiteit voor Schone kunsten in Parijs breekt Javier Pérez in 1996 door in de internationale kunstscène met zijn eerste individuele tentoonstelling in Galerie Chantal Crousel in Parijs. Zijn eerste museumtentoonstelling volgt een jaar later in het Museum voor Moderne en Hedendaagse Kunst in Straatsburg. Vandaag de dag wordt Javier Pérez beschouwd als een van de belangrijkste hedendaagse Spaanse kunstenaars. Zijn werk werd reeds tentoongesteld in verschillende galeries en musea, waaronder C entre Pompidou in Parijs en het Guggenheim in Bilbao. In 2001 vertegenwoordigde hij Spanje tijdens de Biennale van Venetië. Zijn werken maken tevens deel uit van verschillende belangrijke collecties. Javier Pérez woont en werkt in Barcelona en wordt vertegenwoordigd door galerijen in Wenen, Parijs, Genève en Barcelona.

Het oeuvre van Javier Pérez wordt gekenmerkt door syncretisme of fusie, zowel in de gebruikte methoden als in de gebruikte materialen. Beeldhouwwerk, fotografie, tekening, video en performance worden zelfstandig en samen gebruikt om installaties te creëren waarbij interactie en exploratie essentieel zijn. Met zijn werk onthult Javier Pérez zijn vragen en reflecties over de mensheid, met behulp van een taal vol intense metaforen en onder de indruk van een sterke symboliek. Zijn werken bevatten een intrinsieke dialectiek, die aantoont hoe zwak de grens kan zijn tussen concepten die schijnbaar tegengesteld zijn, zoals natuur en cultuur, het

56


El Espacio que nos separa 2012

F E S T I VA L H UIS

innerlijke en het uiterlijke of leven en dood. Het idee van cyclische schommelingen, circulariteit, tijdelijkheid en vergankelijkheid zijn enkele terugkerende thema’s in zijn oeuvre.

ontwikkelen. Met zijn werk probeert hij een universum te creëren waarin hij de instabiliteit van de menselijke conditie wil tonen. Zo ook in het broze El Espacio que nos separa . Twee glazen bollen worden tentoongesteld, op elk van hen een paar bronzen schoenen. Een man en een vrouw staan recht tegenover elkaar, elk op hun eigen wereldbol, elk in hun eigen leven. Kunnen zij elkaar ooit echt ontmoeten? Is de afstand, die ontstaat door de uniciteit van elke levensloop, ooit echt overbrugbaar?

Javier Pérez gebruikt voor zijn werk een veelheid aan organische materialen zoals darmen, huiden, paardenhaar, perkament, latex en insectenpoppen. Hij combineert deze vaak met broze materialen als glas en porselein of met solide materialen als brons en hars. De combinatie van al deze elementen hebben een hoog technisch risico, maar stellen de kunstenaar tegelijk ook in staat om zijn creatieve werk in volle vrijheid en vertrouwen te

Ook in de Douviehoeve en in de Kerk kan u werk vinden van Javier Pérez.

57


F E S T I VA L H UIS

y m ene chetouane 1980, Tunesië

Finish the fight, 2015 Small P/Big crown, 2015

Ymene Chetouane woont en werkt in Tunis. In 2006 behaalde ze er een diploma keramiek aan l’Ecole d’Art et de Décoration. Sindsdien nam ze reeds deel aan verschillende residenties en tentoonstellingen in Tunis, Parijs en Cairo. In 2013 vond haar eerste solotentoonstelling plaats in de Aire Libre Gallery in Tunis. Met haar werk engageert ze zich in verschillende politieke en maatschappelijke debatten van de Tunesische samenleving en bij uitbreiding ook de Arabische wereld. Met haar scherpe blik op de menselijke natuur maakt ze werk dat focust op gender, burgerschap, macht en religie.

In het Festivalhuis zijn de wezens iets ingetogener, al zijn ze wel met veel. Finish the fight bestaat uit een verzameling van keramieken creaturen, elk voorzien van een gouden gewei. Ze hebben kleine lichaampjes als die van een baby, maar geen benen en armen. De wezentjes worden op een rij aan de muur weergegeven. Ook hier vertelt Chetouane ons iets over onze menselijke aard, over onze hulpeloosheid, de zoektocht naar onszelf in de menigte. De poppen zijn naakt in hun veelheid. Een andere thematiek die Ymene Chetouane ons meegeeft, is die van de menselijke wens om weer kind te worden. Small P/ Big crown laat ons een erg klein poppenlijfje zien, wederom zonder armen en benen, maar wel met een grote kroon op zijn hoofd. De kleine prins ligt op een groot kussen, hulpeloos en veilig tegelijk.

58

Small P/Big crown, 2015

Het atelier van Ymene Chetouane heeft iets weg van een laboratorium waar verbrijzelde hoofden en lijfjes van poppen de bevreemdende toon zetten. Ze creëert er haar keramieken wezens die de toeschouwer intrigerende vragen stellen, maar even goed benauwen. Chetouane onderzocht vooreerst de verhouding tussen de menselijke monstruositeit en die van bepaalde dierlijke restanten. Het hoofd van een ezel, het lichaam van een kip of de schubben van reptielen inspireerden haar om creaturen te ontwerpen die bestaan uit zowel menselijke als dierlijke kenmerken. Die antropomorfe creaturen suggereren een incomplete menselijkheid. Chetouane geeft in haar werk verschillende narratieven over de menselijke natuur mee aan de toeschouwer. Onze dierlijke aard stelt zij voor als iets monsterlijks. De menselijke karakteristieken bij het ene wezen zijn niet superieur aan de dierlijke trekken bij het andere.


F E S T I VA L H UIS

59


Finish the fight, 2015

F E S T I VA L H UIS

60


F E S T I VA L H UIS

P oliti q ue des P oètes 2

Doop in stuitligging geboren monsters met namen van vlinders of meisjes. Beadem elleboog aan schouder vervlochten zonen. Vind nergens wiegen geschikt om een dwarse slaap te dragen. Kom tepels tekort voor moeilijk op te sporen monden. Hak nimmer knopen of wervels door. Altijd slaat ergens een hart te veel, een lijf te weinig plooit zich rond armzalig merg. (Een neusgat sluit zich om een oog. Een navel kraait van pret. Tenen krullen nergens waar het hoort.) Betast de zachtste schedels waar bloed in een gat klopt. Luister. Luister. Ken geen remedie.

Erwin Mortier

61


F E S T I VA L H UIS

sirous na m a z i 1970, Iran

Zonder titel 2016

Sirous Namazi werd geboren in Iran maar verhuisde al op zijn 13e naar Zweden. Daar volgde hij een opleiding aan de Kunstacademie van Malmö. Vandaag woont en werkt hij in Stockholm. Zijn we rk was al te zien in verschillende tentoonstellingen in onder andere Duitsland, Frankrijk, Italië, Zwitserland en Zweden. In 2007 vertegenwoordigde hij samen met Jacob Dahlgren Zweden op de Biënnale van Venetië.

Verloren voorwerpen, uitsluiting, breekbaarheid en identiteit zijn terugkerende thema's. Hij werkt vaak rond tegenstellingen zoals het private versus het publieke, het individuele versus het collectieve, de fictie tegenover de werkelijkheid. Door het uit elkaar halen en dan weer in elkaar zetten van voorwerpen, geeft hij een antropologische en intieme weergave van het dagelijks leven, die tegelijk ook vraagtekens plaatst bij de oppervlakkigheid en de paradoxen van onze tijd. Zo ook in zijn werk op Kunstenfestival Watou. De hekjes die doorgaans onze eigendom afbakenen, de plek waar we vrij zijn om onszelf te zijn, sluiten elkaar in. Zijn we niet allemaal, ondanks ons voorturend streven naar vrijheid, begrensd door onze angst voor het onbekende, de schrik voor eenzaamheid en het ergens niet bij horen? Zonder titel 2016

Zijn interesse in identiteit, herkomst, communicatie en ruimte reflecteert tot op zekere hoogte zijn dubbele nationaliteit. Zijn werken worden gekenmerkt door een veelheid aan uitdrukkingen en hij beweegt, schijnbaar zonder moeite, tussen verschillende genres. Namazi’s esthetiek draait om formele, schilderachtige en minimalistische problemen. In zijn werk ligt de nadruk evenzeer op het proces als op het eindresultaat.

62


63


F E S T I VA L H UIS

elaine vis 1954, Nederland Silverboy 2006 Bad Girl 2005

Elaine Vis woont in Utrecht en realiseert doorgaans in situ installaties gebaseerd op de aangetroffen fysieke ruimte, de sfeer en de betekenis. Naast dit ruimtelijke werk, maakt zij sinds 1999 ook figuratief werk van textiel, zoals wapens, tanks en machinegeweren. Ook alleenstaande, soms in een groep, menselijke figuren van kunststof en textiel keren regelmatig terug in haar oeuvre. De figuren zijn aandoenlijk en in zichzelf gekeerd. Het zijn door consumptie verblinde wezens die geen contact maken met de omgeving. Voor Elaine Vis is cultuur overduidelijk een kunstmatig geconstrueerde werkelijkheid die gebaseerd is op algemeen geaccepteerde normen en gebruiken. Zij is zich terdege bewust van de werkelijkheid als een opvatting. Cultuur is een leefmodel dat soms botst met onze natuurlijke driften en universele waarden. Om te kunnen leven ‘zapt’ de tegenwoordige mens voortdurend tussen de verschillende bewustzijnslagen. Mensen zijn er bedreven in, vooral dan de zogenaamde winnaars in onze maatschappij. Het verstrikt zijn in zelf ontworpen werkelijkheden, met soms zelfs collectief geaccepteerde 'double standards', krijgt vaak aandacht in het werk van Elaine Vis. Daarbij zoekt zij in het beeld zelf naar intimiteit en betekenisvolle stilte. De maatschappelijke verschijning en de zielspersoon kunnen soms (te) ver uit elkaar liggen. Silverboy is uit balans, hoe zelfverzekerd hij er ook bijstaat in zijn kostuum. Hij zit alleen in zijn bubbel en heeft geen gezicht. Is hij wel iemand? Het archetype blijft over. Toch moet daarin een mens schuilen, een persoonlijk wezen dat nu opgesloten zit in zijn eigen eenzame, ‘geslaagde’ bubbel. Juist die frictie tussen de uitstraling van zijn zelfverzekerde houding en kostuum en het verborgen, niet toegankelijke wezen voelt als verschrikkelijk eenzaam.

Bad Girl toont ons een hedendaagse Maria die worstelt met de westerse christelijke, preutse cultuur en dit moeilijk weet samen te brengen met haar sensuele en seksuele driften. De traditionele zwarte sluiers wijzen op het in zichzelf gekeerd zijn. Maar de transparante stof trekt net de aandacht naar het

64


witte satijnen slipje. Bovendien staat zij op een spiegel verwijzend naar ijdelheid waardoor je onder de rok kan kijken. De armen bevinden zich in een tussenstand; gaat zij de sluier afwerpen of bedekt zij nog meer haar buik en schaamdelen? Voor haar werk gebruikt Elaine Vis gewone materialen uit het dagelijks leven. Naast foto’s en filmpjes, soms opgebouwd uit overvloeiende dia’s, wordt onder andere stof, was, nylon, zeep, schuimrubber, karton, pvc-pijp en menselijk en artificieel haar gebruikt. Geïmproviseerde elementen zijn onderdeel van de beeldende oplossingen. Draden en naalden hangen soms nog aan het werk. Dat zichtbaar ‘gemaakte’ is belangrijk, het laat zien dat het om een opvatting gaat die tijdelijk is. Onze opvatting over wat werkelijkheid is, verandert immers voortdurend.

65

Bad Girl 2005

Silverboy 2006

F E S T I VA L H UIS


F E S T I VA L H UIS

c é cile dachary 1963, Frankrijk

Pis de seins 1 2009 Pis de seins 2 2009

C écile Dachary studeerde industrieel ontwerp en werkte jarenlang in de textielindustrie als ontwerper voor verschillende textielbedrijven. Vandaag leeft ze van haar praktijk als kunstenaar waarbij ze vooral installaties maakt. Ze gebruikt hiervoor stof, eigen haak- en keramiekwerk en digitale foto’s. Geboren in een familie van breisters, haaksters en borduursters waar de kunst van het handwerk van generatie op generatie werd doorgegeven als een kostbaar erfgoed, besloot Cécile Dachary om deze huiselijke handeling uit te breiden tot een artistieke expressie gekenmerkt door inherente vrouwelijkheid. Cécile Dachary houdt van het bedrijvige aspect van de gebruikte technieken. De tijd en het geduld die nodig zijn om tot een resultaat te komen staan veraf van de efficiëntie en snelheid waarmee we doorgaans moeten presteren. Het in stand houden van de technieken is voor haar een eerbetoon aan de vrouwen van hier en elders, van nu en van vorige generaties. Het liefst gebruikt ze versleten stoffen die de sporen dragen van een leven. Wat boeit in de voorstelling van het lichaam door middel van stof, is het rechtstreekse verband tussen het materiaal en de mens. De stof is een tweede huid, een verpakking die de afdruk van het lichaam van de drager bewaart. Hierdoor wordt de stof levend, krijgt ze een vleselijke stoffelijkheid. Het weefsel bewaart een volledige of gefragmenteerde herinnering aan het lichaam. Deze herinnering is veelzijdig, emotioneel, verwarrend, intens, sensueel of erotisch.

66


Pis de seins 1 2009

Pis de seins 2 2009

F E S T I VA L H UIS

Haar kunst oogt tegelijk naĂŻef en vulgair en onderzoekt het mysterie van de vrouwelijkheid in haar intrigerende seksualiteit. Haar beelden van stof, haar kunstwerken van garen en haar geborduurde naaktfiguren zijn heel sensueel en tonen de rondingen gemaakt om te verleiden, met als doel zich voort te planten. Zo ook in Pis de seins 1 en Pis de seins 2 , zoals in de rest van haar oeuvre, wil ze de intimiteit, het innerlijke geheim verbeelden. Naar een tekst van Dauphine De Cambre.

67


F E S T I VA L H UIS

alain laboile 1968, Frankrijk

La Famille 2007 - 2015 360ml 2007 2015 Au placard Fridge La fin du monder Le sommeil Levels Lili Maestro 0ù est le prince Terre

Toen beeldho uwer Alain Laboile in 2004 een portfolio wilde samenstellen, kocht hij een fototoestel. Gevoed door zijn fascinatie voor insecten, kreeg Labolie als autodidact in de fotografie al gauw de smaak van de macrofotografie te pakken. Later richtte hij zijn lens op zijn groeiende gezin. Hun leven aan de rand van de wereld, waar tijdloosheid en het universele aspect van de kindertijd elkaar kruisen, werd zijn b elangrijkste onderwerp. In Frankrijk maakt La Famille deel uit van de permanente collectie van het prestigieuze Musée Français de la Photographie.

68


Lili

F E S T I VA L H UIS

Inmiddels hebben Laboile en zijn vrouw zes kinderen. Het opgroeien in de vrije natuur, veertig kilometer ten zuiden van Bordeaux, "aan de rand van de wereld”, zoals Laboile het noemt, wordt betoverend mooi vastgelegd in beklijvende zwart-wit foto’s die universeel en herkenbaar zijn. Ze roepen weemoed en verlangen op, we zien een wereld die we nog maar zelden tegenkomen. Laboile's oog voor mooie en vitale composities gecombineerd met zijn keuze voor zwart-wit maken de foto’s tijdloos, alsof de beelden deel kunnen uitmaken van eenieders kindertijd. De verwondering in zijn foto’s is tastbaar en roept herinneringen op. “Hoewel mijn werk heel persoonlijk is, is het ook heel toegankelijk. Het spreekt de menselijke natuur aan en stelt de toeschouwer in staat om binnen te treden in mijn wereld en na te denken over de eigen kindertijd.”, zo stelt de kunstenaar.

69


F E S T I VA L H UIS

m ieke teirlinck 1959, BelgiĂŤ

The farewell 2015 Alone in the dark 2017

Alone in the dark 2017

Meekness 2017

Mieke Teirlinck woont en werkt in Brugge. Na haar studies regentaat plastische kunsten focuste ze zich vooral op het maken van sculpturen. Bij haar terugkeer van een lang verblijf in Suriname, waar ze ook les gaf, kreeg ze opnieuw de drang om te tekenen en te schilderen. In 1992 begon Mieke Teirlinck lessen schilderkunst te volgen aan de Academie van Brugge. Pas in 2001 maakte ze haar debuut in de Bogardenkapel in B rugge. Haar oeuvre waarvoor ze steeds aan het werk gaat met olie op doek, refereert naar de klassieke schilderkunst.

70

Met haar geheel eigen en stevige penseeltoets schildert Teirlinck gestaag een beklijvend figuratief oeuvre bijeen dat vooral broosheid en weerloosheid vorm geeft. Vaak geeft ze datgene weer wat de maatschappij liever verborgen houdt, waar men bij voorkeur het hoofd voor afwendt. Teirlincks onderwerpen worden volkomen geĂŻsoleerd en zonder franjes weergegeven. Heel vaak draait het in haar werk om pijn, eenzaamheid en bizarre schoonheid, waar we volgens Teirlinck blind voor zijn geworden. Maar onder de verfstreken schuilt ook een zekere zelfironie. Nog meer dan vroeger combineert Teirlinck thema-


The farewell 2015

F E S T I VA L H UIS

tisch het pijnlijke met een subtiele speelsheid in onverwachte combinaties en ontmoetingen. Voor Teirlinck kan alles een aanleiding zijn om te schilderen, het is voor haar even noodzakelijk als ademen. Ze doet dit steeds met een zekere soberheid en beeldt niet meer dan de essentie af, in combinatie met een dreiging. Haar werk is zo een subtiele referentie naar het echte leven. Teirlinck schildert de dingen die haar vastgrijpen, de dingen des levens waar we niet onverschillig tegenover kunnen staan, waarbij de mens als kwetsbaar individu centraal staat. Hedendaagse gebeurtenissen komen hierbij meer dan ooit in haar oeuvre naar boven.

Enkele jaren geleden onderging Teirlincks kleurenpalet een grote verandering. De heldere kleuren van vroeger zijn vervangen door een duister, geladen en geheimzinnig palet, van blauw tot zeer donker, bijna zwart. Ook zien we niet meer de duidelijke verfstreken van voorheen maar eerder vage en zachte overgangen. Alone in the dark en Meekness behoren ook tot die nieuwe stroming in Teirlincks oeuvre. We zien de contouren van eenzame, afwachtende figuren. In The Farewell voelen we al het gewicht van de eenzaamheid die onvermijdelijk zal volgen op het afscheid.

71


F E S T I VA L H UIS

HET Het eerste woord dat ik ervoor had was ‘het’. Daarna ‘mem’, gelezen bij Ernest Claes, en ‘tet’. ‘Borst’, verbeter je in mijn oor. Je zégt niet: ‘Wil je ze zien’, je kijkt het. Hoe wat bij mij één is twee mag zijn en toch hetzelfde heten. Later mijn ertussen: ik ben één van je drie borsten. Ik wil weten wat zij weten. Ik studeer voor horige. Het zou nog jaren duren voor ik dat onderste woord zou proberen: ‘Erin.’ Mag ik erin. Dat was bij een volgende. Ik wou er heel diep in, tot bij de vorige.

Herman de Coninck

72


F E S T I VA L H UIS

TE WILLEN HEBBEN

Te willen hebben bloeiende struiken goede goddeloze te willen hebben weten of planten kunnen voelen te willen hebben een bedoeling als planten of slak.

Te willen hebben een huis in de duinen te willen hebben verzamelde werken te willen hebben ĂŠĂŠn blauwe veer te willen hebben een zinvol bestaan te willen hebben gehad. Te willen hebben de enige echte te willen hebben het zout der aarde te willen hebben ook van de zee te willen hebben geen argwaan gehad.

Te willen hebben kunnen vliegen te willen hebben eigen vleugels te willen hebben vloer en dak te willen hebben herinnerde dagen te willen hebben wat tot nu toe ontbrak.

Te willen hebben een vrolijk weerzien te willen hebben een boot met een mast te willen hebben zo’n malse matras te willen hebben te willen hebben gehad.

Judith Herzberg

73


F E S T I VA L H UIS

jan henderikse 1937, Nederland

Friends 2015

Jan Henderikse studeerde af aan de Vrije Academie van Den H aag maar verliet Nederland al in de jaren vijftig. Hij woonde en werkte achtereenvolgens in Keulen, Düsseldorf en op Curaçao en verdeelt vandaag zijn tijd tussen Antwerpen en New York. In 2013 was er in Eeklo een retrospectieve van zijn werk te zien. Kunstpaus Jan Hoet schreef toen de inleiding van de catalogus Kaleidioscopia . In 2015 was zijn werk te zien in een overzichtstentoonstelling in het Guggenheim in New York. In 1960 vormde Jan Henderikse samen met Armando, Jan Schoonhoven en Henk Peeters de Nederlandse Nul-beweging. Centraal in het werk van de groep Nul-kunstenaars stond de nadruk op het onpersoonlijke in de kunst, het objectieve. Daartoe hoorde het vermijden van een persoonlijk handschrift en het zoeken naar maakprocedures die een uitwendige regelmaat en orde bezaten, vergelijkbaar met het productieproces binnen de fabrieken en bedrijven. Dit kwam tot uiting in het gebruik van, voor de kunst van dat moment, zeer ongebruikelijke materialen. Het oeuvre van Henderikse bestaat uit assemblages van industriële producten, uitgesproken afval en weggegooide materialen. Hij noemt de materialen waarmee hij werkt “rejects” en plaatst ze bij elkaar in grote vlakken of in formaties die hij zelf “bricolages” noemt. Zo stelde hij het werk Friends samen uit voorwerpen die hij kocht op rommelmarkten en objecten die hij om de een of andere reden niet kon nalaten op te rapen waar hij ze vond.

Friends 2015

Henderikse weigert ook uitleg te geven over zijn kunst. Volgens hem is het wezenlijke van kunst onbespreekbaar en daarom kunnen we er niet over communiceren. Zo zei hij in een interview met Hilde Van Canneyt: "Kunst is geen intellectuele bezigheid, kunstgeschiedenis wel. De meeste kunstenaars weten niet eens waarom ze het maken. Sommige hebben wel een heel lang blablablaverhaal, maar meestal zijn het pure nonsens.”

74


F E S T I VA L H UIS

75


F E S T I VA L H UIS

e m ilie fa ï f 1976, Frankrijk

Mamelles 2008

Emilie Faïf liep school aan de Ecole des Arts Appliqués et des Arts Décoratifs in Parijs. Via samenwerkingen met belangrijke spelers in de mode-, design- en thea terwereld, gaat ze steeds op zoek naar nieuwe uitdagingen en exp erimenten. Ze werkte onder andere reeds samen met de Franse modeontwerpster Isabel Marant en de Japanse ontwerper Kenzo Takada. Faïf maakt vooral textiele sculpturen, maar kent in se geen limieten wat haar medium betreft. Ze creëert universums in de vorm van installaties en scenografieën waarin kleuren, vormen en materialen met elkaar in gesprek gaan. Ze vertelt ons verhalen over de stad en haar bewoners, maar ook over dromen en wat daarvan al dan niet terug te vinden is in de realiteit. Naast haar artistieke praktijk geeft F aïf les aan kinderen in een installatie- en scenografieatelier in het Centre Pompidou in Parijs. Emilie Faïf woont en werkt in Saint-Ouen. Met een stevige dosis fantasie gaat ze in haar atelier geduldig en minutieus te werk. Daar zegt ze zelf het volgende over: “Het laten rijpen van een project neemt veel tijd in beslag. Ik ga zowat overal op zoek naar inspiratie, naar plaatsen waar mijn gedachten weerkaatst worden. Zo verzamel ik een hoop beelden. Ik teken en maak maquettes en fotocollages om een context te creëren. Daarna vallen de zaken wat op hun plaats tijdens het realiseren van het werk in mijn atelier. Soms komt er wat magie aan te pas.”

76


Mamelles 2008

F E S T I VA L H UIS

De mens in evenwicht met zijn familiale omgeving is een thema dat vaak terugkomt in het werk van Faïf. Mamelles stelt ons met een knipoog de geborgenheid van het gezin voor. De textiele sculptuur geeft met zijn verschillende tinten roze de suggestie van mensenvlees. Met een kwinkslag probeert Faïf ons te herinneren aan waar we vandaan komen. Ze doet ons verlangen naar een terugvlucht naar het lichaam van onze moeder. Hoewel de vormen van de installatie geen expliciete verwijzingen maken, doen ze denken aan de borst of interne organen die we met een prenatale ervaring kunnen associëren. Meer werk van Emilie Faïf is te vinden in het Klooster.

77


78


79

Mamelles 2008


F E S T I VA L H UIS

jeong m ee yoon 1969, Zuid-Korea

Jake and his blue things 2006

Jake and his blue things 2006

Jiwoo and her pink things 2007

JeongMee Yoon studeerde achtereenvolgens Schilderkunst en Fotografie in Seoul en volgde daarna een opleiding Fotografie, video en verwante media in New York. Haar werk was al te zien in verschillende solo- en groepstentoonstellingen overal ter wereld.

en alleen nog maar roze kledij wou dragen. De voorkeur van haar dochter was niet ongebruikelijk, de meeste andere meisjes in de Verenigde Staten en Zuid-Korea houden van roze kleding, accessoires en speelgoed. Dit fenomeen lijkt wijdverspreid onder verschillende etnische groepen kinderen, ongeacht hun culturele achtergrond. Deze voorkeur is het resultaat van culturele invloeden en van de kracht van alomtegenwoordige reclame. Blauw is uitgegroeid tot een symbool van kracht en mannelijkheid, terwijl roze zoetheid en vrouwelijkheid symboliseert. Voor de serie bezocht JeongMee Yoon kinderka-

De werken Jake and his blue things en Jiwoo and her pink things maken deel uit van ‘The Pink and Blue Project’, een project waaraan Yoon begon toen haar zes jaar oude dochter enkel nog met roze speelgoed wou spelen

80


Jiwoo and her pink things 2007

F E S T I VA L H UIS

mers en toonde ze met haar foto’s de bezittingen van de jongens en meisjes in een poging om de kijker te laten zien in hoeverre kinderen en hun ouders, bewust of onwetend, worden beïnvloed door reclame en de populaire cultuur.

cultuur. Ze maakte per kind telkens ongeveer 90 foto’s en elke fotoshoot duurde tussen de 4 en 8 uur. Vier jaar nadat de eerste foto's werden gemaakt, bezocht JeongMee Yoon de kinderen opnieuw. Dit resulteerde in The Pink and Blue Project II . Sinds haar laatste bezoek zijn de kinderen opgegroeid en hun interesse in kleur heeft zich uitgebreid tot verschillende kleuren en smaken. Dit project beeldt het proces van ontwikkeling van deze kinderen uit, samen met de sociale gendernormen van de maatschappij van vandaag.

De houding en uitdrukking van de kinderen zijn belangrijke elementen in haar foto’s. De gevraagde poses zorgen voor de objectivering en benadrukken de verschillen in gender. Met de specifieke scenografie van de voorwerpen wil Yoon ten slotte de drukte centraal stellen en de kijker subtiel wijzen op de invloed van de populaire

81


F E S T I VA L H UIS

karin borghouts 1959, België

Het huis 2012

Naast haar carrière als kunstenaar en fotografe, werkt Karin B orghouts ook als grafisch ontwerper. Ze fotografeert bij voorkeur architecturale omgevingen en interieurs. Haar werk bekleedt een positie tussen fotografie en beeldende kunst en is rijk aan verwijzingen naar de schilderkunst. Het werk van Karin B orghouts werd reeds tentoongesteld in meer dan 50 groeps- en solotentoonsellingen in België en in het buitenland. Onder andere het MAS en het fotografiemuseum in Charleroi hebben werk van haar in hun collectie. Karin Borghouts werkt graag in de context van een specifieke ruimte en fotografeert bij voorkeur die plaatsen waar we normaal gezien voorbij lopen. Zelden fotografeert ze mensen. Haar werk gaat over een soort afwezigheid die moeilijk te benoemen is; iets wezenlijks dat niet af te beelden is. De foto’s tonen geen enkel decor, de actie is iets dat voor of na de opname gebeurt en tussenin is er een ogenschijnlijke tijdloosheid. Haar afgebeelde omgevingen tonen de menselijke onvolmaaktheid.

Het huis 2012

Voor de serie Het huis maakte Karin Borghouts foto’s van het pas afgebrande huis waar ze haar kindertijd doorbracht. Ondanks de gevoelens van chaos, vernietiging en onherroepelijkheid die het verkoolde interieur oproept, is Borghouts gefascineerd door de schoonheid van de verwoesting die achterblijft. Geconfronteerd met deze tegenstrijdige gevoelens begint Borghouts de resten van het ouderlijke huis zorgvuldig vast te leggen. Haar intuïtieve beslissing om foto's te maken op dit moment, onder deze omstandigheden, heeft geleid tot een buitengewone en bewegende reeks afbeeldingen.

82


F E S T I VA L H UIS

83


F E S T I VA L H UIS

m arieke vandecasteele 1989, BelgiĂŤ

De code van Lode

De code van Lode 2016

In september 2012 studeerde Marieke Vandecasteele af in Orthopedagogische wetenschappen aan de Universiteit Gent. Toen ze na haar afstuderen gebeten werd door de wereld van de animatiefilm, startte ze haar eigen project: De Code van Lode . Simultaan bleef ze actief in het sociaal-artistieke werkveld als assistent en begeleider van kunstenaars met een beperking in kunstwerkplaatsen De Zandberg en vzw Wit.h in Kortrijk. Momenteel zet Vandecasteele haar project verder in de vorm van een doctoraat. Aan de vakgroep Orthopedagogiek maakt ze een auto-etnografische studie over groot worden in een gezin met een familielid met een beperking. De artistieke link legt ze doorheen het bestuderen van de maakprocessen van visuele portretten.

84


F E S T I VA L H UIS

Lode is de broer van Vandecasteele en heeft het Prader Willi-syndroom. Al vroeg leerde Marieke de bijzondere manier van communiceren van Lode kennen. Gefascineerd door zijn blik, nam ze lezers mee in zijn wereld in het beeldverhaal Lode en Loetje op stelepad . In het verhaal beleeft Lode samen met boeven, heksen en auto’s avonturen beleeft. De droom om samen met Lode een film te maken, groeide en resulteerde in de animatiefilm De Code van Lode , waarin de kijker wordt geprikkeld om zijn code te ontcijferen. Choreograaf Alain Platel wou over De Code van Lode het volgende kwijt: ‘Verrassend en bijzonder melancholisch. Ik hou ontzettend van de stem van Lode en zijn dringende vragen! Als alle (ortho)pedagogen wat meer artiest zouden kunnen zijn en alle artiesten hun pedagogische kant wat zouden voeden, zouden we dan niet sneller ergens anders en veel verder kunnen staan?’ De kunstenares verzamelde vier jaar lang beeldmateriaal van haar familie. Ze nam interviews af van haar moeder en vader en maakte tekeningen van de manier waarop haar broer wandelt. In de animatiefilm laat Vandecasteele ons de zoektocht naar relaties binnen het gezin zien. Verschillende stemmen komen aan bod. Maar niet alles wordt uitgesproken. Lode's innerlijke code wordt ons niet uitgelegd, wordt niet ontcijferd. Dat hoeft ook niet. Op Kunstenfestival Watou trekt Vandecasteele ons graag binnen op de zolder van het Festivalhuis, waar ze ons onderdompelt in de wereld van Lode, zijn ongekende code en het gezin.

85


86


RO D E H O E D

vrijhaven KENNY CALLENS België, 1980

ANN CAEL België, 1965

PETE R H O L V O ET - HANSSEN België, 1960

Watoo Tattoo Sweat Shop 2017

Drie tafeltjes, drie dichters, drie organisaties dicht bij elkaar aan het werk: dat zijn Kenny Callens, Ann Cael en Peter HolvoetH anssen, vzw Wit.h uit Kortrijk, De Figuranten uit Menen en Het Kapersnest uit Antwerpen. Samen vormen de dichters het collectief Vrijhaven, dat een site-specifieke installatie ontwierp voor Kunstenfestival Watou. Het werk bevindt zich in Het Land van Music-Hall, vastgelegd door Peter Holvoet-Hanssen en in een vouwbare schatkaart tot leven gebracht door tekenaar Brecht Evens. Op de Wereld van de Poëzie in kaart is een plekje voorbehouden voor de Vrijhaven.

88


RO D E H O E D

Wereld van de poëzie in kaart - Peter Holvoet Hanssen / Brecht Evens

VRIJHAVEN

In de Rode Hoed heeft het collectief onder de noemer Watoo Tattoo Sweat Shop een aanlegsteiger voor de ‘alleenzamen’ ingericht, waarbij de bezoeker uitgenodigd wordt om een ontmoeting in de eenzaamheid aan te gaan. In de Vrijhaven wordt eenzaamheid aangewend als een kracht om mensen te ontmoeten. De uitwisseling van gedachten inspireert de onbevredigbare woordenjagers. Het lijkt alsof de bezoeker wordt leeggezogen maar er wordt hem niets ontnomen. Integendeel, wie deze intieme werkplaats bezoekt en beluistert, stapt als een ander mens naar buiten. Poëzie wordt hier niet geconsumeerd, de naakte confrontatie wordt als een tattoo in de hersenpan aangebracht. Wie de installatie bezoekt, krijgt een mentale print mee naar huis, een onvergetelijke WATOO TATTOO, een vuurtoren van taal. “Al lijken we ver, bij elkaar zijn we dichter”, is de boodschap die het collectief wil uitdragen.

89


RO D E H O E D

lucy glendinning 1964, Engeland

Feather Child 2012

Lucy Glendinning woont en werkt in Engeland. Haar werk als beeldhouwer en installatiekunstenaar situeert zich in een hedendaagse Britse beeldhouwtraditie. Voor Glendinning is kunst het belangrijkste hulpmiddel voor het onderzoeken van psychologische en filosofische thema's. Haar werk is dan ook doordrongen van een conceptuele inhoud, superieur aan de waarde van de esthetiek. Haar oeuvre brengt verschillende es thetische expressies samen met als centraal uitgangspunt het menselijk lichaam als e en semiotisch medium.

In haar werk combineert Glendinning tederheid en brutaliteit, empathie en onwetendheid, stilte en beweging. Haar beeldhouwwerken hebben een duidelijke introspectieve natuur en stralen intimiteit uit. Maar de schoonheid van haar werk lijkt ook steeds verstrikt te zijn met een storende atmosfeer.

90


Feather Child 2012

RO D E H O E D

Zo ook in het werk Feather Child , dat voortkomt uit Glendinning's fascinatie voor filosofische vragen over onze toekomstige samenleving. De kunstenaar vraagt zich af of we in een wereld waar onze genetica vrij gemanipuleerd kan worden, weerstand kunnen bieden aan het veranderen van onze fysieke vaardigheden. Zal noodzaak of ijdelheid de heersende macht zijn?

Zullen we collectief of als individu optreden? De broosheid van de veren weerspiegelt tegelijkertijd het misschien meest klassieke verhaal van menselijke hubris: het lot van Icarus in de Griekse mythologie. Hoe ver kan de mensheid vooruitgaan voordat alles uit elkaar valt?

91


RO D E H O E D

kristin m civer 1974, Australië

You and me (and you and me) 2014

You and me (and you and me) 2014

In 2009 behaalde Kristin McIver haar Master of Visual Arts aan de Universite it van Melbourne, (Australië). In 2012 kreeg ze voor haar werk de Melbourne Sculpture Award. McIver wordt vertegenwoordigd door Liverpool Street Gallery, Australië en Royale Projects Contemporary Art in de VS. Haar werk maakt ook deel uit van verschillende publieke en particuliere collecties in Australië, Azië, Europa, Groot-Brittannië en Noord-Amerika.

92


RO D E H O E D

Kristin McIver's multidisciplinaire en conceptuele oeuvre omvat sculpturen, schilderijen en installaties. Met behulp van taal, licht en gemengde nieuwe media onderzoeken de werken thema's als identiteit en beroemdheid binnen het kader van de participatieve- en consumentencultuur. Haar recente werken onderzoeken de persoonlijke identiteit en de relatie met sociale media, en hoe de deelnemers aan de digitale consumentencultuur zowel het onderwerp als het object van de productiecyclus worden. McIver's werk stelt vast dat de ideologieën die door middel van traditionele en sociale media aan de consumenten worden aangeboden, nieuwe modellen worden voor zelfrepresentatie. Maar deze ideologieën worden gecreeërd door technologie en gedreven door de macht van de markt. Door gebruik te maken van de technieken van reclame – emotioneel taalgebruik, licht, blinkende materialen – bootsen haar werken de verleidelijke promotie van voorgekauwde idealen na alvorens de impact van de voortdurende consumptiecyclus op onze identiteit, cultuur en omgeving bloot te leggen. Door het ondermijnen van het verlangen leggen de werken van McIver de valse realiteiten bloot die door stedelijke indoctrinatie opgelegd zijn. Met het verwerken van licht in bijna al haar installaties, zoals ook in You and me (and you and me , refereert de kunstenaar aan licht als de energiebron die al het leven in staat stelt om te bestaan. De mens wordt aangetrokken tot licht zoals zonnebloemen zich naar de zon draaien. Maar net die kracht van de verleiding maakt licht tot een potentieel bedrieglijk baken. Terwijl licht het vermogen heeft om te verlichten, heeft het ook de kracht om te verduisteren. We leven volgens McIver in een blinde maatschappij. Nooit eerder hadden we meer middelen om te zien, te bekijken, te communiceren, om toegang te krijgen tot informatie, maar we zijn nooit meer in het donker geweest. Volgens Plato is licht de onzichtbare bron van zichtbaarheid. In de eenentwintigste eeuw kan echter worden aangevoerd dat het tegendeel waar is: licht is de bron die de waarheid onzichtbaar maakt.

Ook in het Parochiehuisje kan u nog werk vinden van Kristin McIver.

93


94


95


VI J F H O E K S T RA AT 1 3

MARK MANDERS 1968, Nederland

Unfired Clay Head 2015 – 2016 Ornament met brandpunten 2000

Mark Manders is een Nederlandse multidisciplinaire kunstenaar die woont en werkt in België. Zijn oeuvre bestaat voornamelijk uit installaties, tekeningen, sculpturen en korte films. In 2013 exposeerde hij in het Rietveld paviljoen op de Biënnale van Venetië. Zijn werk was onder andere ook al te zien in het Museum of Modern Art in New York. Werk van Mark Manders bevindt zich in een groot aantal particuliere en museale verzamelingen. Sinds 1986 bouwt Mark Manders aan wat hij zelf ‘zelfportret als gebouw’ noemt. De installaties zijn representaties van zijn ideeën en gedachten en nodigen de toeschouwer uit om zowel het mysterie van het werk, als dat van de kunstenaar te ontcijferen. Zijn werken zijn een gesamtkunstwerk, waarbij het oeuvre als een geheel wordt opgevat.

De kunstenaar is zichtbaar gefascineerd door het feit dat een voorwerp dat zich buiten het menselijke lichaam bevindt, het denken van de mens kan dirigeren. Hoewel hij zelf de regie van zijn ingerichte ruimtes in handen heeft, kan hij niet om de verbazing heen en evenmin om de eigen identiteit en eigen wil van de dingen die hij gebruikt. Hij respecteert de onontkoombare plek die de dingen innemen of afdwingen.

96

Unfired Clay Head 2015 – 2016

Zelfportret als gebouw dient als metafoor voor de voortdurende ontwikkeling in het denken van de kunstenaar en is als zodanig per locatie en tijd verschillend wat de vormgeving betreft. Dingen, woorden, gedachten, betekenissen en associaties vormen de bouwstenen van het zich almaar uitdijende en inkrimpende universum van Mark Manders. Het gebouw ontstaat - zoals ook woorden ontstaan - door de omgang met het leven en de dingen. Alle gedachten, gematerialiseerd of niet, die hem in dit gebouw omgeven zijn voor Mark Manders belangrijk en nooit absurd. Zijn doel is niet een compleet beeld te schetsen van een plaats of handeling, maar te onderzoeken wat in de geest ontstaat, het verschil tussen het benoembare en het onbenoembare.


VI J F H O E K S T RA AT 1 3

97


Unfired Clay Head 2015 – 2016

VI J F H O E K S T RA AT 1 3

Huisje Vijfhoekstraat vulde Mark Manders in situ in met de sculptuur Unfired Clay Head gecombineerd met de video-opname Ornament met brandpunten. De video laat met behulp van een videostem werk horen uit de gelijknamige dichtbundel die de kunstenaar 18 jaar geleden zelf uitgaf. Naar aanleiding van zijn deelname aan Kunstenfestival Watou wordt de dichtbundel Ornament met brandpunten opnieuw uitgegeven bij Roma Publications en te koop aangeboden in de festivalshop.

98


VI J F H O E K S T RA AT 1 3

het waait geluid liegt nooit ik sta zo stil als mogelijk tijd is smal telt zich op en trekt mij steeds weer weg uit het geluid waar ik van hou de boom ruist slaat van buiten tegen het raam en later op weg naar de bank zuigt het kleed aan mijn voeten en in gedachten ga ik terug naar toen ik in mijn lichaam naar beneden gleed langs maag en blindedarm tot ik van ver mijn zusje hoorde spelen van stuiver op hout een wiel op het vloerkleed de stereo en later een naald tegen het behang

Mark Manders

99


K A S T E E L T UIN

edith ronse 1988, België

Bandage 2017

Een schoolreis naar Rome en Firenze deed Edith Ronse ervoor kiezen om beeldhouwen te gaan studeren aan Sint-Lucas in Antwerpen, waar ze in 2010 afstudeerde met onderscheiding. Na haar studies kon ze meteen aan de slag als assistente bij beeldhouwer Luk Van Soom. Vandaag geeft Edith Ronse lessen beeldhouwen aan volwassenen in de Academie van Sint-Niklaas. Daarnaast spendeert ze heel wat tijd in haar atelier waar ze met passie werkt aan haar oeuvre. Deformatie, beweging, materialisatie of ontmijning zijn slechts een paar van de woorden die de sculpturen van Edith Ronse omschrijven. Haar beelden starten vaak vanuit een klassieke figuur maar algauw lijkt Ronse de controle te verliezen over haar sculpturen. Elke fase van de ontwikkeling van het werk kan de uiteindelijke vorm van haar beelden veranderen. Dit resulteert in een speelse manier van werken waarbij Ronse nu eens zaken toevoegt aan, dan weer verwijdert van het evoluerende beeldhouwwerk. Vaak ook vervormt zij haar figuren en creëert zo een nieuwe vormentaal die leidt tot dualiteit: schoonheid versus lelijkheid, figuratief tegenover abstract, ruw versus geraffineerd, ... Ronse lijkt lichamen op te delen om ze voluit te laten spreken. Ook haar materiaalkeuze weerspiegelt haar manier van werken. De oppervlakken van haar sculpturen lijken haast transparant door het gebruik van verschillende lagen genuanceerde kleuren. De beelden worden zo als het ware omhuld in een laag kwetsbaarheid die de toeschouwer vaak verward achterlaat.

Verder langs het parcours vindt u nog werk van Edith Ronse in de Graanschuur en in het Parochiehuisje.

10 2

Bandage 2017

In Bandage zien we twee lichamen. De twee figuren worden naar elkaar toegetrokken en versmelten met elkaar. Tegelijk wordt er een spanningsveld gecreëerd, de toeschouwer ziet ook een strijd, een lostrekken zodat de voeten bijna van de sokkel worden geduwd. Het beeld balanceert voortdurend tussen gelijkheid en verschil met ‘de ander’. Een bandage of verband omzwachtelt dat wat samen hoort maar tijdelijk té fragiel of zelfs gebroken is. Het biedt de nodige ondersteuning, bescherming en versteviging aan de onderdelen om terug in verbinding te komen en samen te groeien. Het beeld symboliseert zo onze eeuwige zoektocht naar verbinding met de ander en het versmelten van wie we zijn met de omgeving waarin we leven.


K A S T E E L T UIN

10 3


K A S T E E L T UIN

DE MENS GE RAAKT Gerard Walschap

10 4


K A S T E E L T UIN

DAAR NIET AAN UIT

10 5


10 6


10 7


D O U VI E H O E V E

daan den houter 1977, Nederland

High-Tea-Table 2009

Daan den Houter is een multidisciplinaire kunstenaar die in Rotterdam werkt en woont. Voor zijn studies aan de Royal Academy of A rt in Den Haag volgde hij een opleiding Artificial Intelligence in Utrecht. H ier raakte hij gefascineerd door de subjectieve manier waarop we naar de wereld kijken en de wereld aanpassen. De grote invloed van de onderbewuste geest op ons bewustzijn boeide den Houter en werd de basis voor zijn kunstenaarschap. Zijn werk maakte al deel uit van tentoonstellingen in onder andere de Boray Galerie in Sint-Petersburg, via Foundation Noordkaap in Istanbul en Lissabon en in Arena 1 in Los Angeles. Met behulp van humor en cynisme creëert Daan den Houter in zijn werken doorgaans een ander perspectief op de wereld en onze dagdagelijkse omgeving. Zijn werken verkennen door perspectiefveranderingen de manier waarop wij de (kunst-) wereld bekijken en aanpassen. Deze perspectiefverandering is hier bij het werk High-Tea-Table , een van zijn Sociale Sculpturen, prominent aanwezig. Door het uitvergroten van een gebruiksvoorwerp creëert de kunstenaar een nieuw perspectief op

de wereld. Wie naar omhoog klautert, waant zich weer even terug in zijn kindertijd. De treden aan de zijkant fungeren als tribune waar men ook op kan zitten.
Zittend aan de tafel voelt men zich, met bungelende benen, on top of the world. De kunstenaar biedt de toeschouwer als het ware een klein eilandje in de lucht, van waaruit hij de wereld kan overschouwen. Alles is normaal, behalve het eigen perspectief. Al de Sociale Sculpturen van Daan

10 8


High-Tea-Table 2009

D O U VI E H O E V E

van den Houter hebben als doel het alledaagse vanuit een nieuw perspectief te ervaren. Eerder maakte hij bijvoorbeeld ook Het Slaapsculptuur waarin men met 24 personen tegelijk kon overnachten. Vorm en hoeveelheid slaapplaatsen werden aangepast aan de locatie en hoeveelheid overnachtende personen. Onder andere de Nederlandse ambassade in Berlijn en het openluchtmuseum Ferropolis in Denemarken kochten reeds een High-Tea-Table aan. Hier op Kunstenfestival Watou is

het de eerste keer dat het werk in BelgiĂŤ wordt getoond. Onder andere de Nederlandse ambassade in Berlijn en het openluchtmuseum Ferropolis in Denemarken kochten reeds een High-Tea-Table aan. Hier op Kunstenfestival Watou is het de eerste keer dat het werk in BelgiĂŤ wordt getoond. Verder op het parcours kan u nog werk vinden van Daan den Houter in de Graanschuur en in de Brouwerij.

10 9


D O U VI E H O E V E

het ei l and Thich Nhat Hanh

110


D O U VI E H O E V E

in je z e l f

111


D O U VI E H O E V E

hans op de beeck 1969, België

Dance 2013

H ans Op de Beeck is de maker van een diep poëtisch en intrigerend oeuvre. Nadat hij in 1996 zijn studies visuele kunsten aan Sint-Lukas in Brussel voltooide, ontwikkelde hij een multidisciplinair oeuvre waarin schilderijen, beelden, installaties, video’s, teksten, scenografieën en muzikale composities worden vermengd. Hij wordt tot de belangrijkste kunstenaars van de internationale hedendaagse kunstscène gerekend en is vertegenwoordigd in de verschillende Belgische en buitenlandse collecties. Talloze tentoonstellingen over de hele wereld werden reeds aan hem gewijd. Op de Beecks werk geldt als een reflectie op onze complexe maatschappij. Universele vragen over de zin van het leven en sterfelijkheid resoneren doorheen zijn hele kunstpraktijk. Op de Beeck bekijkt de mens als een wezen dat de wereld rondom hem bevolkt op een tragi-komische manier. Boven alles wil de kunstenaar de zintuigen van de kijker stimuleren om er zo voor te zorgen dat een beeld echt wordt beleefd. Hij onderzoekt manieren om een vorm van visuele fictie te creëren die voor een moment van verwondering en verstilling zorgt. Met Dance brengt Hans Op de Beeck hier in de Douviehoeve een vrij abstracte video over mensen in beweging, over afscheid nemen, over macht en machteloosheid en over de tragedie van wat de totale uitwisselbaarheid van het individu blijkt te zijn in het grote schema van dingen. De titel verwijst naar migratie als een onstabiele, ritmisch onregelmatige beweging, een balancerende handeling. Op de Beeck regisseerde een groep van 800 gekostumeerde vrijwilligers in een groot, leeg fabrieksmagazijn. De video werd gemaakt met vier bewegende camera's die tegelijkertijd vanuit verschillende hoeken opnamen. In de film voeren de figuranten allemaal een stille en gesynchroniseerde reeks van extreem eenvoudige bewegingen uit, als een choreografie van dagelijkse activiteiten. De banaliteit van elke kleine beweging wordt vergroot door de collectieve inspanning. Het ontbreken van concrete landschappen, het gebrek aan tekst en verhaal en de gestileerde bewegingen creëren een intrigerende sfeer. Door de neutrale blik van de figuranten, worden de beelden uitgestrekt, wat een onderstroom van diepgaande emoties creëert.

112


Dance 2013

D O U VI E H O E V E

Dance is een video over mensen die alles achterlaten, omdat ze kunnen of omdat ze moeten. Op een subtiele manier raakt de kunstenaar zowel vrijwillige als gedwongen migratie aan. Hij toont zowel de vluchteling die op zoek is naar een betere toekomst, als die mensen die door deportatie of ballingschap hun thuis gedwongen achterlieten. De grootte van de groep vrijwilligers suggereert dat het individuele verhaal van elke vluchteling of migrant tegelijkertijd een collectief verhaal is. Het zeer kwetsbare individu kan door een groep gedragen worden of, omgekeerd, er zich helemaal in verliezen. De teneur van deze tijdloze beelden is contemplatief en melancholisch. Deze plechtigheid wordt versterkt door een subplot in een duidelijk hedendaagse setting: een achtjarige jongen en een volwassen man maken muziek in een opnamestudio. De jongen zingt een lied in een fictieve taal, terwijl de man hem op piano begeleidt. De muziek voor deze video werd in opdracht van de kunstenaar gecomponeerd en uitgevoerd door Johan Hoogewijs.

113


D O U VI E H O E V E

114


D O U VI E H O E V E

L iefste We hadden een licht soort gezang moeten worden en dat werden we maar niet zoals we hadden voorzien of verzon iemand van ons toch als eerste dat een vorm van iets of iemand hier had kunnen staan voor ons, de overblijvers, de achtergeblevenen en dat die een hand op onze keel legde. Wie ben je, schreeuwden we. Wie ben je, schreeuwde het in ons gezicht/ Hoe jammer dat het zolang duurde (hoeveel sloegen er over de rand) eer we begrepen dat het niet ging om de gezangen, maar om het trillen te voelen. Dat wij het zelf waren in een kring, de handen op elkaars keel en nog langer voor we wisten dat dit ons zingen zou worden: we hebben getrild om aan wie of wat ook die trilling te hebben doorgegeven, onverrichterzake,

Dance 2013

maar wel onze liefste, kleine, juichende onverrichterzake.

Peter Verhelst

115


D O U VI E H O E V E

kri Š tof kintera 1973, Tsjechië

My Light is Your Life 2014

Kintera transformeert in zijn werk vaak alledaagse voorwerpen tot antropomorfe figuren.

Met zijn werken tast de Tsjechische kunstenaar Krištof Kintera op ee n provocerende en poëtische manier de grenzen af van de hedendaagse beeldhouwkunst. Hij maakt mechanische sculpturen en installaties die doorgaans een humoristische en politieke insteek hebben. Zijn kunstwerken gaan een dialoog aan met de kijker en kenmerken zich door uiteenlo pende materialen, vormen en betekenissen. Kintera is niet enkel uit op amusement. De maatschappelijke relevantie van zijn kunst staat op de eerste plaats. Het is zijn humor die dwingt tot nadenken en uitnodigt tot interactie. Zijn readymades l aten de toeschouwer zien hoe hij de wereld percipieert.

Schijnbaar nonchalant voegt hij met zijn titels nieuwe betekenissen toe aan alledaagse voorwerpen en geeft hen een filosofische lading. Zo ook in My Light is Your Life . Licht heeft volgens Kintera een wonderbaarlijke essentie die wij in ons volledig elektronische tijdperk uit het oog hebben verloren. Met oude lampen en kabels creëert hij hier een warme, haast aaibare sculptuur. Zijn boodschap – dat we het alledaagse leven en ons consumptiegedrag moeten herbekijken – komt tot leven in deze poëtische sculptuur.

116

My Light is Your Life 2014

De sculpturen en installaties van Kintera ‘leven', kunnen bewegen, communiceren, disfunctioneren en zijn soms volkomen absurd. Hij geeft vorm aan de verborgen spiritualiteit die in objecten verscholen ligt door het verbeelden van mogelijke nieuwe levensvormen. Expressief, kleurrijk en vakkundig gemaakt uit uiteenlopende materialen kunnen zijn beelden soms onverwacht sterke emoties oproepen. Toevallige ontmoetingen tussen twee objecten zorgen voor meerduidige interpretatiemogelijkheden van de omliggende wereld. Kintera accentueert op deze manier de conflictueuze relatie tussen objecten en hun context.


D O U VI E H O E V E

117


D O U VI E H O E V E

118


D O U VI E H O E V E

T he A ge of A q uarius

Elektriciteit geweest vannacht in beweging en blauw en overal en snelheid geweest razend door synapsen en zenuwbanen bliksem in het stopcontact in hoogspanningsdraad brand en lading en hitte geweest en hoogte en techno een bloedsomloop teruggespoeld geslachtloos geweest en reikwijdte pupil aan scherven geknetterd bezeten en climax en hoger nog de plek waar de stem in boventonen breekt een sterrenstand geweest bewogen en zomaar zonder bestemming verder dan de kilometerteller verder dan een verte het mateloze in van bovenaf gezien hoe in overgave auto’s op de rug draaien gezien hoe snelwegen uit de kaart sleten wie kon reed nog naar een zomerhuis de rest verdween eerst in de slikbeweging van sirenes later in de mond van demagogen — hun tong spleet in voor en tegen de literatuur heeft het ons zo geleerd: er zijn mensen die [...] en er zijn mensen die [...] Ik ben een mens die

My Light is Your Life 2014

Charlotte Van den Broeck

119


D O U VI E H O E V E

chad wright 1979, VS

Master Plan, Phase One 2011

Na zijn studies werkte Chad Wright in enkele van San Francisco's vooraanstaande designstudios voordat hij in 2011 Studio Chad Wright oprichtte. Sindsdien werkt hij vanuit zijn onafhankelijke, multidisciplinaire laboratorium. Zijn werk werd reeds nationaal en internationaal tentoongesteld, onder andere op het Salone Del Mobile in Milaan en tijdens de International Contempary Furniture Fair in New York.

Voor zijn serie Master Plan bracht hij het ontwerp van het zandkasteel van een kind samen met de architectuur die de huizen in de naoorlogse Amerikaanse suburbia typeert. Chad Wright grijpt hiervoor terug naar zijn eigen kindertijd, toen hij met zijn gezin de zomers doorbracht in de strandbungalow van zijn grootmoeder. Hij en zijn broer Christopher bouwden tijdens die vakanties volledige steden uit zand, onder de vloerplanken van de bungalow. Aan de hand van dit model, onderzoekt hij de visie en de nalatenschap van het fenomeen suburbia. Phase One richt zich op het in grote getale geproduceerde tract house, een soort woningbouw waarin meerdere gelijkaardige woningen gebouwd zijn op een stuk land dat onderverdeeld is in individuele kleine partijen. Het systeem is vergelijkbaar met de Vlaamse verkaveling. Chad Wright, die zelf opgroeide in een gelijkaardig huis, gebruikt dit ontwerp dat doorgaans model staat voor de Amerikaanse droom. Hij ontwierp voor dit project een mal die met zand gevuld kan worden om zo eenvoudige L-vormige bungalowvormen te creëren. Bij de installatie van deze zandbeelden worden met de lay-out omvangrijke gemeenschappen in de VS nagebootst. Met de tijd eroderen de zandkastelen langzaamaan tot ze gebarsten en ineengestort achterblijven, onherkenbaar als huizen. Met het werk illustreert de kunstenaar de overgang van de speelse kindertijd naar volwassenheid, zowel op individueel als op cultureel en maatschappelijk niveau.

12 0

Master Plan, Phase One 2011

Of het nu gaat om het ontwerpen van meubels, producten, omgevingen of om het creëren van conceptuele objecten en installaties, het doel van Wright is steeds om ideeën te synthetiseren in objecten, om poëzie te combineren met relevantie en om personen te vatten in een product en plaats.


12 1


D O U VI E H O E V E

sandy s m ith 1983, Schotland

Untitled (balancing act#2) 2008

Untitled (balancing act#2) 2008

De Schotse beeldende kunstenaar Sandy Smith woont en werkt momenteel in New York. H ij combineert in zijn oeuvre een verscheidenheid aan media waaronder installatie, video, fotografie en tekstuele en nieuwe media. Het werk van Sandy Smith koppelt de idealen van de melancholische romantiek aan die v an het menselijke

en artistieke streven en wordt gekenmerkt door een uitbundig optimisme. In Europa werd zijn werk reeds uitgebreid tentoongesteld op uitwisselingen, resid enties en in zowel solo- als groepsvertoningen. Ook in de Verenigde Staten had hij al verschillende tentoonstellingen.

12 2


D O U VI E H O E V E

Untitled (balancing act # 2) maakte Sandy Smith voor Belfast's langst lopende tentoonstellingsruimte, Catalyst Arts. De galerij ging een onzekere toekomst tegemoet: de vier verdiepingen die naast de galerie ook kunstenaarsstudio's herbergden, stond op het punt te worden gesloopt om plaats te maken voor een nieuwe supermarkt en parkeerplaats. Of hoe

vooruitgang en transformatie onze individuele dromen beĂŻnvloeden. In Watou krijgt dit werk, gecombineerd met de werken van Chad Wright en Luk Berghe een nieuw leven. De boodschap blijft echter dezelfde.

12 3


D O U VI E H O E V E

luk berghe 1954 - 2017, België

Pallet Study House 2008/2017

tiek van vandaag. Zo belandt hij, als westerling, tussen twee oppositionele velden, tussen ‘Zwart en Wit’, het niemandsland. In zijn Pallet Study House project zoekt hij ook deze oppositionele velden op.

Sinds 2005 maakte Luk Berghe tekeningen als een vorm van een proces van denken, beschouwen en overschouwen. Zijn tekeningen vormen samen een labyrintisch geheel met als overkoepelende titel Utopia Collection. Hij visualiseerde via een subjectieve manier zijn vaststellingen uit persoonlijke en collectieve archieven, een eigen gedachtegang. De zwart-wittekeningen, recent ook zijn schilderijen op doek en zijn beelden uit zijn persoonlijk leven gaan terug naar de zwart-wit tv-beelden of werden beïnvloed door de comic-strips uit zijn jeugd. Hierin past dan ook perfect het Pallet Study House project. Luk Berghe onderzoekt in het moderne verleden een verklaring voor de politieke en geopolitieke problemen van vandaag. Hij reisde vaak in Arabische landen en was recent nog onderzoekend in het Jemenitisch en Saoedisch grensgebied van Oman. Hij had ’s nachts in de woestijn een prachtig zicht op het melkwegstelsel en tijdens de dag werd hij geconfronteerd met de leegte en de fata morgana in het landschap; maar ook zo zag hij de geopolitieke problema-

Het werk Pallet Study House is een hedendaagse reactie op de architecturale iconen van het Modernistische ‘Case Study House’-programma van John Entenza in 1945. De Case Study Houses waren een experiment binnen de Amerikaanse residential architecture, gesponsord door het tijdschrift Arts & Architecture. Zij gaven de opdracht aan vooraanstaande architecten waaronder Richard Neutra, Raphael Soriano, Craig Ellwood, Charles and Ray Eames, Pierre Koenig en Eero Saarinen om betaalbare, efficiënte woningen te ontwerpen en te bouwen voor de Amerikaanse residentiële woningbouw-boom na WO II, het gevolg van de terugkeer van miljoenen soldaten. Dit programma liep van 1945 tot 1966. Een belangrijk aantal van deze huizen werden in het magazine gepubliceerd in iconische zwart-witfotografie. Luk Berghe vertrekt vanuit dit destijdse utopische programma en toont via dit werk aan hoe deze wereld van hoop en wederopbouw intussen verbrokkelde tot een sterk verdeelde samenleving. Via de iconische foto-

12 4


D O U VI E H O E V E

verslagen in zwart-wit van het Case Study House -programma, toont Luk Berghe waar dit utopische gedachtengoed in verviel. Hij zocht beelden van tal van vluchtelingen-barakken en armoedige sloppen. De verschillende, uit afval opgetrokken hutten doen in vele gevallen een poging om te lijken op Modernistische woningen. De bouwers poogden althans op die manier nog steeds de hoop hoog te houden. Een hoop waarvan de buitenstaander weet dat het onafwendbare wanhoop is.

lijk door het pijnlijke toetsen van waar de droom van het utopische modernisme naartoe is gegaan. Luk Berghe’s tekenstijl kunnen we plaatsen bij de ‘graphic novel’. Bij zijn werk wordt soms verwezen naar vergelijkbare, meer bekende kunstenaars, maar zoals een vooraanstaand verzamelaar me onlangs vertelde: “Luk Berghe’s werk is honderd keer sterker, want zijn inhoud heeft maatschappelijke betekenis, daar waar de meeste kunstenaars slechts een individualistische reflectie maken.”

Men merkt eveneens dat de Pallet Study Houses ook gebouwd zijn in verlegen afzondering, weggestoken van het publieke oog. Enerzijds een eenzaamheid door armoede, het uitgerangeerd zijn en verstoken worden van een wereldbeeld dat we krampachtig voor ogen willen houden, anderzijds de gekozen eenzaamheid eigen aan schaamte. Schaamte die Luk Berghe zo goed met gouache uitdrukt. Een schaamte gevoed door het inzicht dat we niet slaagden in het opbouwen van de nieuwe wereld. En dit is zo typerend voor het werk van Luk Berghe; als kind van zijn tijd maakte hij behalve de enorme propaganda voor dé nieuwe westerse wereld in opbouw, tegelijk het verval van deze droom mee. Als kunstenaar noemde Luk Berghe zichzelf een ‘journalist’ of een ‘reporter’. Hij maakte verslag, maar dan voorname-

Luk Berghe stierf geheel onverwacht en veel te vroeg, hij had nog tal van projecten op stapel staan. Hij was een kunstenaar met een kritische reflectie over de tijd waarin hij leefde, hij gaf een kritische veeg uit de pan aan de hedendaagse kunstscene. Mede daardoor had hij in België niet de artistieke erkenning die hij verdiende. Iemand die steekt waar het pijn doet, krijgt niet overal de juiste kansen. In het buitenland kreeg Luk Berghe meer mogelijkheden, zo had hij tentoonstellingen in Wenen, Berlijn en Istanbul. Luk Berghe laat een oeuvre achter. Een oeuvre dat belangrijk is. Inlichtingen over de opvolging van zijn werk en komende tentoonstellingen kan men krijgen bij zijn galerij Bruthaus Gallery. Joris Van der Borght mei 2017

12 5


Pallet Study House 2008/2017

D O U VI E H O E V E

126


D O U VI E H O E V E

12 7


D O U VI E H O E V E

O verweging

De maat van alle dingen — zo die al bestaat — is de juiste nabijheid, inclusief de geboden afstand van wat mét ons en tégen ons is, niet in enige afgebakende ruimte, niet in een vermoede of gevreesde confrontatie, maar in het begrip van de buigzame, weerbare, slijtbare tussenruimte.

Albert Bontridder

128


D O U VI E H O E V E

D ia m antbuurt

Het ochtendlawaai van de vuilniswagens en de stilte daarna de stilte en de stilte in de stilte en dan de hoorspelgeluiden van een fietsbel en van een voetbal die tegen de bakstenen muur knalt, de portieken, de muren van de huizenblokken met de raamkozijnen, de portieken: je herkent ze maar nauwelijks — je herkent ze, maar nauwelijks wie daar wonen en wie daar hebben gewoond, achter de golvende muren en de bakstenen kartelranden, de jaartallen van de woningbouwverenigingen, de rubbergeur van oude fietsbanden in rijwielstallingen en de kranten die door de straten waaien met het nieuws door de straten met de poorten waardoorheen je naar de andere straten kunt.

Martin Reints

12 9


D O U VI E H O E V E

javier p ĂŠ re z Spanje, 1968

El baile del infinito 2013

El baile del infinito 2013

130


D O U VI E H O E V E

Eerder op het parcours kon u in het Festivalhuis al het werk El Espacio que nos separa (2012) zien. Na dit eerder intieme en fragiele werk, tonen we hier in de Douviehoeve een van de grotere installaties van Javier Pérez. De aanwezigheid van cirkels, bolvormen en rotaties is een terugkerend thema in het werk van Javier Pérez. De kunstenaar toont vaak een voorkeur voor cyclische vormen waarbij begin noch einde duidelijk zijn. Zo ook in El baile infinito waarbij twee luchtledige ruimtes, aangekleed als vrouwen in doorzichtige gewaden, voortdurend lijken te draaien boven een ledikant van rood zand. Deze eeuwigdurende dans is fascinerend en poëtisch. De gewaden gommen sporen uit en maken in eenzelfde beweging nieuwe sporen. De tijd gaat voorbij maar is tegelijkertijd ook oneindig. Het werk is een metafoor voor onze eeuwige zoektocht naar verbinding en communicatie en de daaruit voortkomende eenzaamheid. In de Kerk kan u nog een derde werk vinden van Javier Pérez.

131


132


133

El baile del infinito 2013


D O U VI E H O E V E

nicolas la m as 1980, Peru

Motionless Body 2017

In het Festivalhuis zag u al drie werken van Nicolás Lamas. Hier in de Douviehoeve vindt u een vierde werk van hem. Voor Nicolás Lamas is het meten en willen begrijpen van de wereld het middel bij uitstek om zijn werk te voeden en te versterken. Door het efemere en het blijvende met elkaar te associëren en het symbolische samen te brengen met het echte, creëert de kunstenaar een alternatieve visie op de realiteit. Zijn werk richt zich eerder op het ontwikkelen van ideeën en het genereren van nieuwe mogelijkheden dan dat de kunstenaar een conclusie of standpunt wil overbrengen. Lamas kent zowel aan natuurlijke als aan artificiële dingen een gebruiksgeschiedenis toe. Ongeacht hun oorsprong zijn alle objecten in zijn werken gekenmerkt door transformatie en betekenisgeving door de mens. Met het uitvinden van nieuwe contexten en associaties suggereert Lamas dat de betekenisevolutie van de objecten ook doorgaat - wellicht krijgen ze in de toekomst een nieuwe betekenis of worden verschillende onderdelen hergebruikt in een andere context. Elke zekerheid met betrekking tot zintuiglijk waarneembare dingen is efemeer. Ook met het werk Motionless body hier in de Douviehoeve wil Lamas een poëtische verbinding tot stand brengen tussen twee objecten. Het object functioneert dan als een container van informatie, als een fysieke aanwezigheid die een ruimte activeert. Naar een tekst van Tamara Beheydt. Verder langs het parcours vindt u nog werk van Nicolás Lamas in het Parochiehuisje en

Motionless Body 2017

in de Brouwerij.

134


135


D O U VI E H O E V E

jeff widener 1956, USA

Tank Man 1989

Tank Man 1989

136


D O U VI E H O E V E

De Amerikaanse fotograaf Jeff Widener werd wereldwijd bekend door zijn foto van de man die in 1989 een colonne met tankwagens tegenhield tijdens de protesten op het Tiananmen plein. Naar aanleiding van deze foto werd hij in 1990 finalist voor de Pulitzer Prijs. Door de jaren heen maakte Widener foto-verslagen van civiele onrust, oorlog en sociale problemen in meer dan 100 landen waaro nder Oost-Timor, Afghanistan, Cambodja, Birma, Syrië, Jordanië, India, Laos, Vietnam en Pakistan. Hij was de eerste fotojournalist die digitale beelden aan de Zuidpool filmde. Vandaag woont Widener in Hamburg, Duitsland. Widener had de taak om op 5 juni 1989 de scène van de Tiananmen-onderdrukking vast te leggen. Twee dagen voordien raakte hij in de buurt gewond toen een verdwaalde steen hem op het hoofd raakte tijdens een mob scene op de ChangAn Boulevard. Zijn Nikon F3 titanium camera absorbeerde de klap en redde zo zijn leven. De Tank Man, die over de hele wereld herhaaldelijk werd verspreid, wordt nu algemeen gezien als een van de meest herkenbare foto's die ooit zijn genomen. Het beeld werd iconisch en staat symbool voor de macht van de moedige eenling tegenover een massale overmacht. Enkel in China denken ze hier anders over, daar is de foto nog steeds verbannen.

137


D O U VI E H O E V E

T ianan m en Tiananmen Is broad and clean And you can’t tell Where the dead have been And you can’t tell What happened then And you can’t speak Of Tiananmen.

They lie in state. They lie in style. Another lie’s Thrown on the pile, Thrown on the pile By the cruel men To cleanse the blood From Tiananmen.

You must not speak. You must not think. You must not dip Your brush in ink. You must not say What happened then, What happened there. In Tiananmen.

Truth is a secret. Keep it dark. Keep it dark. In your heart of hearts. Tian’anmen

The cruel men Are old and deaf Ready to kill But short of breath And they will die Like other men And they’ll lie in state In Tiananmen.

Keep it dark Till you know when Truth may return to Tiananmen. Tiananmen Is broad and clean And you can’t tell Where the dead have been And you can’t tell When they’ll come again. They’ll come again To Tiananmen.

James Fenton

138


D O U VI E H O E V E

T ianan m en Tian’anmen is schoon en breed en je kunt niet zien waar de doden zijn geweest en je kunt niets meer zien wat gebeurd is met hen en men spreekt niet over Tian’anmen.

Zij liggen in praal, zij liggen in stijl. Weer een leugen op de hoop erbij, op de hoop gegooid door wreed geweld om het bloed te wassen van Tian’anmen.

Je moet niet spreken. Je moet niet denken. Je moet je penseel in de inkt niet drenken. Je moet niet zeggen wat gebeurd is met hen, wat daar is gebeurd op Tian’anmen.

De waarheid is een geheim. Hou het schuil. Hou het schuil in de kuil van je hart. Hou het schuil tot je er zeker van bent dat de waarheid terugkomt op Tian’anmen.

De wrede heren zijn oud en dovig, kortademig maar klaar om te doden en zij zullen sterven als elk ander mens en liggen in praal op Tian’anmen

Tian’anmen is schoon en breed en je kan niet zien waar de doden zijn geweest en het uur van hun terugkomst is onbekend. Zij komen terug naar Tian’anmen.

James Fenton (vertaling Jan Eijkelboom)

139


D O U VI E H O E V E

floris kaayk 1982, Nederland

Witch Doctor 2015

Floris Kaayk, zoon van het kunstenaarsechtpaar Coen en Guusje Kaayk, studeerde cum laude af aan de afdeling animatie van de Academie voor Beeldende Kunsten in Breda en haalde een Master of Fine Arts aan het Sandberg Instituut in Amsterdam. Vandaag woont en werkt hij in Den Haag. Hij is bekend geworden met zijn fictieve documentaires The Order Electrus en Metalosis Maligna . Voor zijn animatiefilms kreeg hij verscheidene internationale prijzen. In 2011 was The Origin of Creatures de Nederlandse inzending voor de Oscaruitreiking in de categorie beste korte animatiefilm. In 2011 kwam Kaayk in het nieuws met enkele filmpjes van de blog van zijn alter ego Jarno Smeets. Deze zou de eerste mens zijn die kon vliegen als een vogel. Internationale tv-zenders gebruikten het beeldmateriaal in hun nieuwsuitzendingen. De onthulling kwam op 23 maart 2012 in het tv-programma De Wereld Draait Door: zijn verhaal bleek een kunstproject in samenwerking met productiebedrijf Revolver Media en televisieomroep NTR. Met Human Birdwings bereikte Kaayk de wereldpers.

Witch Doctor toont, anders dan de foto Tank Man van Jeff Widener, hoe een eenling een groep kan aanzetten tot een massale beweging.

140

Witch Doctor 2015

Floris’ werk focust op futuristische fantasieën en concepten. Het visualiseert technologische vooruitgang, soms door de voordelen ervan te laten zien, andere keren door de negatieve consequenties te presenteren. Zo ook in het indrukwekkende Witch Doctor , een onverbiddelijke YouTube-hit met bijna 2,5 miljoen views. Het is een hypnotiserend en technisch hoogstandje waarin Torre Florim, frontman van De Staat, in een grote loods omringd wordt door een menigte kale mannen die hij zodanig opzweept dat het een kolkende tornado wordt. En dat alles in één enkele take. Voor de fotorealistische animatie werkte Floris Kaayk samen met de Bredase Studio Smack. De clip won in Parijs op het International Music Video Festival de publieksprijs en in Duitsland de Berlin Music Video Award.


14 1


142


143

Witch Doctor 2015


144


E RE G A L E RI J

J A cQ U E S B R E L België, 1929 - Frankrijk, 1978

Jacques Brel wordt in Schaarbeek geboren als zoon van een ondernemende vader en een kunstzinnige moeder. Hoewel het gezin van Vlaamse oorsprong is, wordt er thuis Frans gesproken. Brel leert wel Nederlands vanaf zijn twaalfde, maar zal altijd een complexe verhouding hebben met de taal die hij in Les F… omschrijft als ‘blaffend’. Al van jongs af aan is Brel geïnteresseerd in het podium: bij de jeugdbeweging legt hij zich toe op zang en toneelspel en ontmoet hij bovendien Thérèse Michielsen. Het paar zal in 1950 trouwen, samen met 'Miche' krijgt Brel drie dochters. Op 23-jarige leeftijd probeert Brel een leven als zanger uit te bouwen: zijn drang naar het podium is groot, al ziet het podium hem niet altijd even graag. De eerste jaren van zijn muziekcarrière verlopen moeizaam, maar in 1956 breekt hij door in Frankrijk, waar hij onder meer Georges Pasquier ontmoet. ‘Jojo’ wordt zijn chauffeur, manager, vertrouweling en boezemvriend, zoals blijkt uit het eerbetoon Jojo op zijn laatste plaat. De chansons, of wereldhits, van Brel volgen elkaar snel op. Zijn oeuvre sluit nauw aan bij zijn persoonlijkheid. De liederen laten nu eens een maatschappelijke opinie dan weer een gevoelige geliefde zien, zoals in respectievelijk Grand Jacques of Les Bourgeois en La chanson des vieux amants . Ook de flierefluiter Jacques Brel komt vaak voor in de chansons, die geregeld een meisjesnaam als titel krijgen. Dat de zanger er bovendien een haat-liefderelatie op nahoudt met zijn geboorteland, ondervinden vooral de Vlamingen. Waar Brel in Le plat pays een prachtig eerbetoon brengt aan de streek waar de wind schuurt, laat hij het niet na om de flaminganten op hun nummer te zetten in het eerdergenoemde Les F…  In 1967 zegt Brel het podiumleven vaarwel. Hij richt zich op film en speelt in datzelfde jaar nog de rol van Don Quichote in de door hemzelf geregisseerde musical L' homme de la Mancha . Ook minder artistieke bezigheden genieten zijn aandacht: hij behaalt zijn vlieg- en zeilbrevet en bevaart samen met zijn minnares Maddly Bamy de Atlantische en Stille Oceaan. Uiteindelijk belandt hij op het Frans-Polynesische eiland Hiva Oa, waar hij zich ook vestigt nadat blijkt dat hij longkanker heeft. In 1978 overlijdt Jacques Brel in Parijs, maar zijn laatste rustplaats bevindt zich op zijn geliefde eiland in de Stille Oceaan. Het is dit jaar vijftig jaar geleden dat Jacques Brel zijn laatste plaat uitbracht, maar zijn muziek is nog steeds erg levend en blijft vele harten beroeren.

 

14 5


E RE G A L E RI J

G rand J ac q ues C’est trop facile d’entrer aux églises De déverser toutes ses saletés Face au curé qui dans la lumière grise Ferme les yeux pour mieux nous pardonner Tais-toi donc grand Jacques Que connais-tu du Bon Dieu Un cantique, une image Tu n’en connais rien de mieux C’est trop facile quand les guerres sont finies D’aller gueuler que c’était la dernière Ami bourgeois vous me faites envie Vous ne voyez donc point vos cimetières Tais-toi donc grand Jacques Et laisse-les donc crier Laisse-les pleurer de joie Toi qui ne fus même pas soldat C’est trop facile quand un amour se meurt Qu’il craque en deux parce qu’on l’a trop plié D’aller pleurer comme les hommes pleurent Comme si l’amour durait l’éternité Tais-toi donc grand Jacques Que connais-tu de l’amour Des yeux bleus, des cheveux fous Tu n’y connais rien du tout Et dis-toi donc grand Jacques Dis-le-toi souvent C’est trop facile De faire semblant

14 6


E RE G A L E RI J

G rote J ac q ues Het is te simpel de kerk te bezoeken Je kiepert je rotzooi er helemaal uit Bij de pastoor die in duistere hoeken Beter vergeeft als hij zijn ogen sluit Hou je mond grote Jacques Wat weet jij nu af van God Gipsen beelden wat gezangen Wat weet jij van zijn gebod Het is te simpel om dapper te brullen Na elke oorlog nooit komt er nog een Burgerman vriend wat sta jij daar te lullen Zie je die graven dan niet om je heen Hou je mond grote Jacques Laat ze snotteren op hun feest Laat ze doen ze roepen maar Je bent niet eens soldaat geweest Het is te simpel als liefd’is verdwenen Te vaak geplooid en dus brak ze in twee Om dan te wenen zoals mannen wenen Als ging de liefde een eeuwigheid mee Hou je mond grote Jacques Wat weet jij van liefde af Blauwe ogen wilde haren Jij weet niets van liefde af Zeg nu zelf grote Jacques Maak het niet al te grof Het is te simpel Te doen alsof (vertaling Koen Stassijns en Geert van Istendael)

147


E RE G A L E RI J

D e B ourgeois In ons stamcafé Zat als een kanon Bij dikke Jeanne van Vosselaar Met onze vriend Deedee En onze vriend Raymond Vierden we onze twintig jaar Deedee deed Casanova na En Raymond koos voor Jacques Brel En ik, ik die daar boven sta Ik, ik kroop uit mijn eigen vel Uit het restaurant De Gouden Langoustine Kwam de fine fleur van de burgerij Toen lieten wij ons gat en onze klasse zien En zongen wij De bourgeois dat is Stinkt het niet naar De bourgeois dat is Stinkt het niet naar

van de hond geld stinkt het naar pretentie van de hond geld stinkt het wel naar…

In ons stamcafé Zat als een kanon Bij dikke Jeanne van Vosselaar Met onze vriend Deedee En onze vriend Raymond Verzopen we onze twintig jaar Jacques Brel zong als een flamingant En Casanova was te slap En ik, ik als altijd arrogant Ik, ik dronk rechtstreeks van de tap Uit het restaurant De Gouden Langoustine Kwam de fine fleur van de burgerij Toen lieten wij ons gat en onze klasse zien En zongen wij

148


E RE G A L E RI J

De bourgeois dat is Stinkt het niet naar De bourgeois dat is Stinkt het niet naar

van de hond geld stinkt het naar pretentie van de hond geld stinkt het wel naar‌

Rustig en tevree In het rooksalon Samen in de Gouden Langoustine Met directeur Deedee En ook met rechter Raymond Burgerheren zeer gezien Deedee haalt Casanova aan En Raymond spreekt van Jacques Brel En ik, ik blijf daar boven staan En ik, ik heb een heel dik vel Maar als wij weggaan Commissaris uit de Langoustine Staat bij dikke Jeanne op de stoep een rij Van jonge kinkels die hun billen laten zien En dan zingen zij De bourgeois dat is van de hond Stinkt het niet naar geld stinkt het naar pretentie Zeggen ze meneer de Commissaris De bourgeois Stinkt het niet naar geld stinkt het wel naar‌ (vertaling Koen Stassijns en Geert van Istendael)

14 9


E RE G A L E RI J

L es B ourgeois Le cœur bien au chaud Les yeux dans la bière Chez la grosse Adrienne de Montalant Avec l'ami Jojo Et avec l'ami Pierre On allait boire nos vingt ans Jojo se prenait pour Voltaire Et Pierre pour Casanova Et moi, moi qui étais le plus fier Moi, moi je me prenais pour moi Et quand vers minuit passaient les notaires Qui sortaient de l'hôtel des 'Trois Faisans' On leur montrait notre cul et nos bonnes manières En leur chantant Les bourgeois c'est comme les cochons Plus ça devient vieux plus ça devient bête Les bourgeois c'est comme les cochons Plus ça devient vieux plus ça devient… Le cœur bien au chaud Les yeux dans la bière Chez la grosse Adrienne de Montalant Avec l'ami Jojo Et avec l'ami Pierre On allait brûler nos vingt ans Voltaire dansait comme un vicaire Et Casanova n'osait pas Et moi, moi qui restait le plus fier Moi j'étais presque aussi saoul que moi Et quand vers minuit passaient les notaires Qui sortaient de l'hôtel des 'Trois Faisans' On leur montrait notre cul et nos bonnes manières En leur chantant

15 0


E RE G A L E RI J

Les bourgeois c'est comme les cochons Plus ça devient vieux plus ça devient bête Les bourgeois c'est comme les cochons Plus ça devient vieux plus ça devient… Le cœur au repos Les yeux bien sur terre Au bar de l'hôtel des 'Trois Faisans' Avec maître Jojo Et avec maître Pierre Entre notaires on passe le temps Jojo parle de Voltaire Et Pierre de Casanova Et moi, moi qui suis resté le plus fier Moi, moi je parle encore de moi Et c'est en sortant vers minuit Monsieur le Commissaire Que tous les soirs de chez la Montalant De jeunes 'peigne-culs' nous montrent leur derrière En nous chantant Les bourgeois c'est comme les cochons Plus ça devient vieux plus ça devient bête Disent-ils monsieur le Commissaire Les bourgeois c'est comme les cochons Plus ça devient vieux plus ça devient…

15 1


E RE G A L E RI J

Marieke Ay Marieke, Marieke Je t’aimais tant Entre les tours De Bruges et Gand Ay Marieke, Marieke Il y a longtemps Entre les tours De Bruges et Gand

Ay Marieke, Marieke Le ciel flamand Pesait-il trop de Bruges à Gand Ay Marieke, Marieke Sur tes vingt ans Que j’aimais tant De Bruges à Gand

Zonder liefde, warme liefde Waait de wind, de stomme wind Zonder liefde, warme liefde Weent de zee, de grijze zee Zonder liefde, warme liefde Lijdt het licht, het donker licht En schuurt het zand over mijn land Mijn platte land, mijn Vlaanderenland

Zonder liefde, warme liefde Lacht de duivel, de zwarte duivel Zonder liefde, warme liefde Brandt mijn hart, mijn oude hart Zonder liefde, warme liefde Sterft de zomer, de droeve zomer En schuurt het zand over mijn land Mijn platte land, mijn Vlaanderenland

Ay Marieke, Marieke Le ciel flamand Couleur des tours De Bruges et Gand Ay Marieke, Marieke Le ciel flamand Pleure avec moi De Bruges à Gand

Ay Marieke, Marieke Revienne le temps Revienne le temps De Bruges et Gand Ay Marieke, Marieke Revienne le temps Où tu m’aimais De Bruges à Gand

Zonder liefde, warme liefde Waait de wind, c’est fini Zonder liefde, warme liefde Weent de zee, déja fini Zonder liefde, warme liefde Lijdt het licht, tout est fini En schuurt het zand over mijn land Mijn platte land, mijn Vlaanderenland

Ay Marieke, Marieke Le soir souvent Entre les tours De Bruges et Gand Ay Marieke, Marieke Tous les étangs M’ouvrent leurs bras De Bruges à Gand, de Bruges à Gand, de Bruges à Gand…

15 2


E RE G A L E RI J

Marieke Ai Marieke, Marieke Zoet sentiment Tussen de torens Van Brugge en Gent Ai Marieke, Marieke Voorbij moment Tussen de torens Van Brugge en Gent

Ai Marieke, Marieke Jouw firmament Was dat te zwaar Van Brugge tot Gent Ai Marieke, Marieke Die twintig bent Zot sentiment Van Brugge tot Gent

Zonder liefde, warme liefde Waait de wind, de stomme wind Zonder liefde, warme liefde Weent de zee, de grijze zee Zonder liefde, warme liefde Lijdt het licht, het donker licht En schuurt het zand over mijn land Mijn platte land, mijn Vlaanderenland

Zonder liefde, warme liefde Lacht de duivel, de zwarte duivel Zonder liefde, warme liefde Brandt mijn hart, mijn oude hart Zonder liefde, warme liefde Sterft de zomer, de droeve zomer En schuurt het zand over mijn land Mijn platte land, mijn Vlaanderenland

Ai Marieke, Marieke Een firmament Vlaams als de torens Van Brugge en Gent Ai Marieke, Marieke Een firmament Dat weent om jou Van Brugge tot Gent

Ai Marieke, Marieke Wie weent die went Wie weent die went Van Brugge tot Gent Ai Marieke, Marieke Wie weent, die went Aan eenzaam zijn Van Brugge tot Gent

Zonder liefde, warme liefde Waait de wind, c’est fini Zonder liefde, warme liefde Weent de zee, déja fini Zonder liefde, warme liefde Lijdt het licht, tout est fini En schuurt het zand over mijn land Mijn platte land, mijn Vlaanderenland

Ai Marieke, Marieke De weemoed kent De torens wel Van Brugge tot Gent Ai Marieke, Marieke Het water wenkt In elke rei Van Brugge tot Gent, van Brugge tot Gent, van Brugge tot Gent… (vertaling Benno Barnard)

15 3


E RE G A L E RI J

L e P lat Pays Avec la mer du Nord pour dernier terrain vague Et des vagues de dunes pour arrêter les vagues Et de vagues rochers que les marées dépassent Et qui ont à jamais le cœur à marée basse Avec infiniment de brumes à venir Avec le vent de l'est écoutez-le tenir Le plat pays qui est le mien Avec des cathédrales pour uniques montagnes Et de noirs clochers comme mâts de cocagne Où des diables en pierre décrochent les nuages Avec le fil des jours pour unique voyage Et des chemins de pluie pour unique bonsoir Avec le vent d'ouest écoutez-le vouloir Le plat pays qui est le mien Avec un ciel si bas qu'un canal s'est perdu Avec un ciel si bas qu'il fait l'humilité Avec un ciel si gris qu'un canal s'est pendu Avec un ciel si gris qu'il faut lui pardonner Avec le vent du nord qui vient s'écarteler Avec le vent du nord écoutez-le craquer Le plat pays qui est le mien Avec de l'Italie qui descendrait l'Escaut Avec Frida la Blonde quand elle devient Margot Quand les fils de novembre nous reviennent en mai Quand la plaine est fumante et tremble sous juillet Quand le vent est au rire quand le vent est au blé Quand le vent est au sud écoutez-le chanter Le plat pays qui est le mien.

15 4


E RE G A L E RI J

Mijn V lakke L and Wanneer de Noordzee koppig breekt aan hoge duinen En witte vlokken schuim uiteenslaan op de kruinen Wanneer de norse vloed beukt aan het zwart basalt En over dijk en duin de grijze nevel valt Wanneer bij eb het strand woest is als een woestijn En natte westenwinden gieren van venijn Dan vécht mijn land… mijn vlakke land Wanneer de regen daalt op straten, pleinen, perken Op dak en torenspits van hemelhoge kerken Die in dit vlakke land de enige bergen zijn Wanneer onder de wolken mensen dwergen zijn Wanneer de dagen gaan in domme regelmaat En bolle oostenwind het land nóg vlakker slaat Dan wacht mijn land… mijn vlakke land Wanneer de lage lucht vlak over 't water scheert Wanneer de lage lucht ons nederigheid leert Wanneer de lage lucht er grijs als leisteen is Wanneer de lage lucht er vaal als keileem is Wanneer de noordenwind de vlakte vierendeelt Wanneer de noordenwind er onze adem steelt Dan kraakt mijn land… mijn vlakke land Wanneer de Schelde blinkt in zuidelijke zon En elke Vlaamse vrouw flaneert in zon-japon Wanneer de eerste spin z’n lentewebben weeft Of dampende het veld in juli-zonlicht beeft Wanneer de zuidenwind er schatert door het graan Wanneer de zuidenwind er jubelt langs de baan Dan juicht mijn land… mijn vlakke land (vertaling Ernst van Altena)

15 5


E RE G A L E RI J

R osa Qui nous protégeaient des pourquoi C'est le tango de la pluie sur la cour Le miroir d'une flaque sans amour Qui m'a fait comprendre un beau jour Que je ne serai pas Vasco de Gama Mais c'est le tango du temps béni Où pour un baiser trop petit Dans la clairière d'un jeudi A rosi cousine Rosa

C'est le plus vieux tango du monde Celui que les têtes blondes nonnent comme une ronde En apprenant leur latin C'est le tango du collège Qui prend les rêves au piège Et dont il est sacrilège De ne pas sortir malin C'est le tango des bons pères Qui surveillent l'oeil sévère Les Jules et les Prosper Qui seront la France de demain

Rosa rosa rosam Rosae rosae rosa Rosae rosae rosas Rosarum rosis rosis

Rosa rosa rosam Rosae rosae rosa Rosae rosae rosas Rosarum rosis rosis

C'est le tango du temps des zéros J'en avais tant des minces des gros Que j'en faisais des tunnels pour Charlot Des auréoles pour saint François C'est le tango des récompenses Qui allaient à ceux qui ont de la chance D'apprendre dès leur enfance Tout ce qui ne leur servira pas Mais c'est le tango que l'on regrette Une fois que le temps s'achète Et que l'on s'aperçoit tout bête Qu'il y a des épines aux Rosa

C'est le tango des forts en thème Boutonneux jusqu'à l'extrême Et qui recouvrent de laine Leur cœur qui est déjà froid C'est le tango des forts en rien Qui déclinent de chagrin Et qui seront pharmaciens Parce que papa ne l'était pas C'est le temps où j'étais dernier Car ce tango rosa rosae J'inclinais à lui préférer Déjà ma cousine Rosa

Rosa rosa rosam Rosae rosae rosa Rosae rosae rosas Rosarum rosis rosis

Rosa rosa rosam Rosae rosae rosa Rosae rosae rosas Rosarum rosis rosis C'est le tango des promenades Deux par seul sous les arcades Cernés de corbeaux et d'alcades

15 6


E RE G A L E RI J

R osa Ons de zwartrok in het gras... Tango van de natte gaarde Waar ik in de plassen staarde En genadeloos ontwaarde Dat ik geen Columbus was! Maar ook de tango van ’t plantsoen Waar in ’t rosarium in ’t plantsoen Mijn nichtje bij één korte zoen Al bloosde als een rosea rosas!

Tango uit een grijs verleden Die de schooljeugd van het heden Op moet dreunen als gebeden Bij het leren van Latijn... Tango van de lyceïsten Die hun jeugd eraan verkwisten En die dokteren aan listen Om te ontkomen aan die pijn... Tango die gestrenge ouders Laden op de smalle schouders Van hun Keesjes, die de houders Van het roer der toekomst zijn!

Rosa, rosa, rosam Rosae, rosae, rosa Rosae, rosae, rosas Rosarum, rosis, rosis

Rosa, rosa, rosam Rosae, rosae, rosa Rosae, rosae, rosas Rosarum, rosis, rosis

Tango van het kantjes lopen Tot ik nullen kreeg bij hopen Die ik toen maar ging verkopen Als aureolen voor Sint-Jan... Tango van de hoogste prijzen Voor de ijverigste lijzen Propvol onbepaalde wijzen Die geen mens gebruiken kan! En óók de tango van de spijt Omdat een mens in later tijd Ontdekt dat in volwassenheid Een Rosa doornen dragen kan!

Tango van de knappe floppen Die met pukkels op hun koppen Hun gebrek aan ziel verkroppen Als de besten van de klas... Tango van de slappe Keezen Die geen letter kunnen lezen Maar straks dokter moeten wezen Omdat papa... dat nooit was! Tango die ik nimmer leerde Daar ik toen al rebelleerde En verbuigingen begeerde Van mijn nichtje Rosa Rosas!

Rosa, rosa, rosam Rosae, rosae, rosa Rosae, rosae, rosas Rosarum, rosis, rosis

Rosa, rosa, rosam Rosae, rosae, rosa Rosae, rosae, rosas Rosarum, rosis, rosis

(vertaling Ernst van Altena)

Tango van het zoete dwalen Pink aan pink door liefdesdalen... Zo betrapte vele malen

15 7


E RE G A L E RI J

L e D ernier R epas Les paillardes romances Qui font peur aux nonnettes Puis je veux qu'on m'emmène En haut de ma colline Voir le soir qui chemine Lentement vers la plaine Et là debout encore J'insulterai les bourgeois Sans crainte et sans remords Une dernière fois

À mon dernier repas Je veux voir mes frères Et mes chiens et mes chats Et le bord de la mer À mon dernier repas Je veux voir mes voisins Et puis quelques Chinois En guise de cousins Et je veux qu'on y boive En plus du vin de messe De ce vin si joli Qu'on buvait en Arbois Je veux qu'on y dévore Après quelques soutanes Une poule faisanne Venue du Périgord Puis je veux qu'on m'emmène En haut de ma colline Voir les arbres dormir En refermant leurs bras Et puis je veux encore Lancer des pierres au ciel En criant Dieu est mort Une dernière fois

Après mon dernier repas Je veux que l'on s'en aille Qu'on finisse ripaille Ailleurs que sous mon toit Après mon dernier repas Je veux que l'on m'installe Assis seul comme un roi Accueillant ses vestales Dans ma pipe je brûlerai Mes souvenirs d'enfance Mes rêves inachevés Mes restes d'espérance Et je ne garderai Pour habiller mon âme Que l'idée d'un rosier Et qu'un prénom de femme Puis je regarderai Le haut de ma colline Qui danse qui se devine Qui finit par sombrer Et dans l'odeur des fleurs Qui bientôt s'éteindra Je sais que j'aurai peur Une dernière fois

À mon dernier repas Je veux voir mon âne Mes poules et mes oies Mes vaches et mes femmes À mon dernier repas Je veux voir ces drôlesses Dont je fus maître et roi Ou qui furent mes maîtresses Quand j'aurai dans la panse De quoi noyer la terre Je briserai mon verre Pour faire le silence Et chanterai à tue-tête À la mort qui s'avance

15 8


E RE G A L E RI J

Mijn L aatste D iner Van billen en van bloot Waarvan een non verschiet Dan moet ze me dragen Tot boven op de top Ik zie het dal vervagen De nacht doemt langzaam op Het oude vuur keert weer Ik wring nog uit mijn strot Een allerlaatste keer De bourgeoisie is rot

Bij mijn finaal diner Wil ik mijn broers nog zien Mijn katten en mijn hond De duinen en de zee Bij mijn finaal diner Wil ik mijn goede buur En een Chinees komt mee Ik hou zo van cultuur Ze moeten miswijn drinken Pas daarna komt de fles Een mooie Saint-Amour Waar ik mijn dorst mee les We eten als entree Een paap in vol ornaat Gevolgd door wildpaté En everzwijngebraad Dan nemen ze me mee Tot boven op mijn heuvel Ik dek de bomen toe Ze zijn het ruisen moe Vervolgens gooi ik dan Mijn keien naar de hemel En roep zo hard ik kan Nog één keer God is dood

Na mijn finaal diner Moet iedereen verkassen En op een ander brassen Ik ga niet met ze mee Na mijn finaal diner Heb ik nog één verlangen Ik wil een meid of twee Zoals een vorst ontvangen En daarna rook ik op Mijn hoop uit kinderdromen Wat niet is uitgekomen De kolder in mijn kop Als mantel voor mijn ziel Heb ik alleen gekozen De voornaam van een vrouw De waan van wilde rozen Dan kijk ik rustig toe Mijn heuveltop gaat deinen En ik besef wel hoe Hij weldra zal verdwijnen En door een open deur Met wilde roos omkranst Verkwijnt de laatste geur Verschijnt mijn laatste angst

Bij mijn finaal diner Wil ik mijn ezel zien Mijn kippen en mijn koeien Mijn vrouwen bovendien Bij mijn finaal diner Wil ik ook alle teven Die in mijn bed verbleven En die ik dansen deed Dan pis ik naast de pot Om alles vol te zeiken En sla een glas kapot Om alles stil te krijgen Dan brul ik naar de dood Die nader komt een lied

(vertaling Koen Stassijns en Geert van Istendael)

15 9


E RE G A L E RI J

L a C hanson D es V ieu x A m ants Oh, mon amour Mon doux mon tendre mon mer veilleux amour De l'aube claire jusqu'à la fin du jour Je t'aime encore, tu sais, je t'aime

Bien sûr, nous eûmes des orages Vingt ans d'amour, c'est l'amour fol Mille fois tu pris ton bagage Mille fois je pris mon envol Et chaque meuble se souvient Dans cette chambre sans berceau Des éclats des vieilles tempêtes Plus rien ne ressemblait à rien Tu avais perdu le goût de l'eau Et moi celui de la conquête

Et plus le temps nous fait cortège Et plus le temps nous fait tourment Mais n'est-ce pas le pire piège Que vivre en paix pour des amants Bien sûr tu pleures un peu moins tôt Je me déchire un peu plus tard Nous protégeons moins nos mystères On laisse moins faire le hasard On se méfie du fil de l'eau Mais c'est toujours la tendre guerre

Mais, mon amour Mon doux mon tendre mon mer veilleux amour De l'aube claire jusqu'à la fin du jour Je t'aime encore, tu sais, je t'aime Moi, je sais tous tes sortilèges Tu sais tous mes envoûtements Tu m'as gardé de piège en piège Je t'ai perdue de temps en temps Bien sûr tu pris quelques amants Il fallait bien passer le temps Il faut bien que le corps exulte Finalement finalement Il nous fallut bien du talent Pour être vieux sans être adultes

Oh mon amour... Mon doux mon tendre mon mer veilleux amour De l'aube claire jusqu'à la fin du jour Je t'aime encore tu sais je t'aime

160


E RE G A L E RI J

L iefde Van L ater Ik hou van jou Met heel mijn hart en ziel hou ik van jou. Langs de zon en maan tot aan het ochtendblauw Ik hou nog steeds van jou

Als liefde zoveel jaar kan duren Dan moet het echt wel liefde zijn Ondanks de vele kille uren De domme fouten en de pijn Heel deze kamer om ons heen Waar ons bed steeds heeft gestaan Draagt sporen van een fel verleden Die wilde hartstocht lijkt nu heen Die zoete razernij vergaan De wapens waar we toen mee streden

We hebben zoveel jaar gestreden Tegen elkaar en met elkaar Maar rustig leven en tevreden Is voor de liefde een gevaar Jij huilt allang niet meer zo snel Ik laat me niet zo vlug meer gaan We houden onze woorden binnen Maar al beheersen we het spel Een ding blijft toch altijd bestaan De zoete oorlog van het minnen

Ik hou van jou Met heel m’n hart en ziel hou ik van jou Langs zon en maan tot aan het ochtendblauw Ik hou nog steeds van jou

Ik hou van jou Met heel mijn hart en ziel hou ik van jou Langs de zon en maan tot aan het ochtendblauw Ik hou nog steeds van jou.

Jij kent nu al mijn slimme streken Ik ken allang jouw heksenspel Ik hoef niet meer om jou te smeken Jij kent m’n zwakke plekken wel Soms liet ik jou te lang alleen Misschien was wat je deed verkeerd Maar ik had ook wel eens vriendinnen We waren jong en niet van steen Zo hebben we dan toch geleerd Je kunt toch altijd opnieuw beginnen

(vertaling Lennaert Nijgh)

161


E RE G A L E RI J

Mon P ère D isait Mon Père disait C'est le vent du Nord Qui fait craquer les digues À Scheveningen À Scheveningen Tellement fort Qu'on ne sait plus qui navigue La mer du Nord Ou bien les digues C'est le vent du Nord Qui transperce les yeux Des hommes du nord Jeunes ou vieux Pour faire chanter Des carillons de bleu Venus du Nord Au fond de leurs yeux

Mon Père disait C'est le vent du Nord Qui fait craquer la terre Entre Zeebruges Entre Zeebruges petit C'est le vent du Nord Qui a fait craquer la terre Entre Zeebruges Et l'Angleterre Et Londres n'est plus Comme avant le déluge Le point de Bruges Narguant la mer Londres n'est plus Que le faubourg de Bruges Perdu en mer Perdu en mer

Mon Père disait C'est le vent du Nord Qui fait tourner la terre Autour de Bruges Autour de Bruges petit C'est le vent du Nord Qui a raboté la terre Autour des tours Des tours de Bruges Et qui fait que nos filles Ont le regard tranquille Des vieilles villes Des vieilles villes Qui fait que nos belles Ont le cheveu fragile De nos dentelles De nos dentelles

Mais mon Père disait C'est le vent du Nord Qui portera en terre Mon corps sans âme Et sans colère C'est le vent du Nord Qui portera en terre Mon corps sans âme Face à la mer C'est le vent du Nord Qui me fera capitaine D'un brise-lames Ou d'une baleine C'est le vent du Nord Qui me fera capitaine D'un brise-larmes Pour ceux que j'aime

162


E RE G A L E RI J

Mijn Vader Zei Mijn vader zei Door de noordenwind Kraken de oude dijken In Scheveningen In Scheveningen Zo hard mijn kind Dat je niet weet wie moet wijken De zee mijn kind Ofwel de dijken En de noordenwind Dringt de ogen binnen Der noorderlingen Laag en hoog En zo bezingen De carillons mijn kind De blauwe dingen Diep in hun oog

Mijn vader zei Door de noordenwind Barstte het oude land Tussen Zeebrugge Tussen Zeebrugge mijn kind Door de noordenwind Barstte het oude land Tussen Zeebrugge En Engeland En Londen is niet meer Zoals voor de vloed Iets wat Brugge doet Met de overkant Londen is niet meer Een buitenwijk van Brugge Maar overkant Maar overkant

Mijn vader zei Door de noordenwind Draait onze groene aarde Om Brugge heen Om Brugge heen mijn kind En de noordenwind Maakte de aarde plat Opdat de stad Weids uitzicht had En aan onze meisjes Geeft hij de kalme blik Der oude steden Der oude steden En zo elegant Maakt hij hun leden Als onze kant Als onze kant

En mijn vader zei Deze noordenwind Legt mijn ontzielde lijf Later in de aarde Die mij ooit baarde Deze noordenwind Legt mijn ontzielde lijf Later in de aarde Met zicht op zee En de noordenwind Laat me dan kapitein Van een golfbreker of een walvis zijn En de noordenwind Laat dan de kapitein De zee doorklieven Voor zijn geliefden (vertaling Benno Barnard)

163


E RE G A L E RI J

L es F …

Messieurs les Flamingants j'ai deux mots à vous rire Il y a trop longtemps que vous me faites frire À vous souffler dans le cul pour devenir autobus Vous voilà acrobates mais vraiment rien de plus Nazis durant les guerres et catholiques entre elles Vous oscillez sans cesse du fusil au missel Vos regards sont lointains votre humour est exsangue Bien qu'il y ait des rues à Gand qui pissent dans les deux langues Tu vois quand je pense à vous j'aime que rien ne se perde Messieurs les Flamingants je vous emmerde Vous salissez la Flandre mais la Flandre vous juge Voyez la mer du Nord elle s'est enfuie de Bruges Cessez de me gonfler mes vieilles roubignoles Avec votre art flamand italo-espagnol Vous êtes tellement tellement beaucoup trop lourds Que quand les soirs d'orage des Chinois cultivés Me demandent d'où je suis je réponds fatigué Et les larmes aux dents : "Ik ben van Luxembourg" Et si aux jeunes femmes on ose un chant flamand Elles s'envolent en rêvant aux oiseaux rose et blanc Et je vous interdis d'espérer que jamais À Londres sous la pluie on puisse vous croire anglais Et je vous interdis à New York ou Milan D'éructer mes seigneurs autrement qu'en flamand Vous n'aurez pas l'air con vraiment pas con du tout Et moi je m'interdis de dire que je m'en fous Et je vous interdis d'obliger nos enfants Qui ne vous ont rien fait à aboyer flamand Et si mes frères se taisent eh bien tant pis pour elle Je chante persiste et signe je m'appelle Jacques Brel

164


E RE G A L E RI J

De F…

Meneer de flamingant ik zou iets zeggen willen Ik heb een appeltje met heel uw stam te schillen U blaast zich wat graag op van mus tot adelaar U bent een acrobaat maar nog geen kunstenaar Nazi in oorlogstijd en verder katholiek Bent u soms Duitsgezind en overigens mystiek Uw visie heeft dat weidse uw humor dat banale Al zijn er Gentse stegen die zeiken in twee talen U ziet ik denk aan u en neem daarvoor de tijd Meneer de flamingant op wiek ik schijt Vlaanderen veroordeelt u want u bevuilt dit land De zee is weggevlucht en Brugge is verzand Schei uit met schoppen in mijn oude kroonjuwelen Die de barokke pracht van Vlaanderen niet delen U doet zo vreselijk zo vreselijk tout court Dat wanneer een Chinees door exotiek geboeid Mij naar mijn herkomst vraagt ik dodelijk vermoeid Zeg met verstikte stem ‘Ik ben van Luxembourg’ En zing je voor een vrouw een keer een echt Vlaams lied Dan droomt ze van flamenco maar dansen doet ze niet En ik verbied u om in Londen als het giet Te hopen dat men denkt dat u er Brits uitziet En ik verbied u om in New York of in Aken Anders geachte heer dan in het Vlaams te braken Dan bent u pas een held een held van deze tijd En ik verbied mezelf mijn onverschilligheid En ik verbied het u meneer als iets infaams Om kinderen te verplichten te blaffen in het Vlaams En als mijn broeders zwijgen loop toch maar naar de hel Ik zing volhard en teken ik ben wel Jacques Brel (vertaling Benno Barnard)

165


E RE G A L E RI J

J ojo Je te dis mort aux cons Bien plus cons que toi Mais qui sont mieux portants Jojo Tu sais le nom des fleurs Tu vois que mes mains tremblent Et je te sais qui pleure Pour noyer de pudeur Mes pauvres lieux communs

Jojo Voici donc quelques rires Quelques vins quelques blondes J'ai plaisir à te dire Que la nuit sera longue À devenir demain Jojo, Moi je t'entends rugir Quelques chansons marines Où des Bretons devinent Que Saint-Cast doit dormir Tout au fond du brouillard Six Six

Six Six

pieds sous terre Jojo tu chantes encore pieds sous terre tu n'es pas mort

Jojo Je te quitte au matin Pour de vagues besognes Parmi quelques ivrognes Des amputés du coeur Qui ont trop ouvert les mains Jojo Je ne rentre plus nulle part Je m'habille de nos rêves Orphelin jusqu'aux lèvres Mais heureux de savoir Que je te viens déjà

Jojo Ce soir comme chaque soir Nous refaisons nos guerres Tu reprends Saint-Nazaire Je refais l'Olympia Au fond du cimetière Jojo Nous parlons en silence D'une jeunesse vieille Nous savons tous les deux Que le monde sommeille Par manque d'imprudence Six Six

pieds sous terre Jojo tu frères encore pieds sous terre tu n'es pas mort

Six pieds sous terre Jojo tu n'es pas mort Six pieds sous terre Jojo je t'aime encore

pieds sous terre Jojo tu espères encore pieds sous terre tu n'es pas mort

Jojo Tu me donnes en riant Des nouvelles d'en bas

166


E RE G A L E RI J

J ojo Maar ronder en gezonder Jojo Jij weet wat bloemen zijn Je ziet mijn handen trillen Ik weet dat jij nu huilt En in je schaamte schuilt Mijn hele schone schijn

Jojo Wat dacht je van een lach Een wijntje en een blondje Ik zeg je deze nacht Hangt hier nog uren rond En wacht niet op de dag Jojo Nu giet je in mijn oor Je rauwe zeemansliedje Er vaart een schipper door Die ziet de zandbak niet En gaat voorgoed teloor

Twee meter diep Jojo mijn broer een lied Twee meter diep dood ben jij niet Jojo Ik laat je het wordt dag Ik heb nog een paar dingen Met dronkaards in de goot Vaak was hun hart zo groot Dat zij ten onder gingen Jojo Nooit kom ik nog terecht Ik woon in onze dromen Ik ben een wees die zegt Slechts dit geluk is echt Dat ik je na kan komen

Twee meter diep Jojo zing jij een lied Twee meter diep dood ben jij niet Jojo Wij trekken deze nacht Als elke nacht ten strijde Jij hebt een stad bevrijd En ik sta in het licht Hier aan de overzijde Jojo Wij praten in de ban Van oude jongensjaren Wij weten al zo lang De wereld is zo bang Zo bang van wilde haren

Twee meter diep Jojo het liefste lied Twee meter diep dood ben jij niet (vertaling Koen Stassijns en Geert van

Twee meter diep Jojo een hoopvol lied Twee meter diep dood ben jij niet

Istendael)

Jojo Je geeft ze door aan mij De nieuwtjes van daaronder Dood aan de stomme kloot Veel klotiger dan jij

167


D O U VI E H O E V E

daniel arsha m 1980, Verenigde Staten

Rose Quartz Eroded Cosmonaut Helmet 2014

H et werk van kunstenaar Daniel Arsham beweegt zich tussen kunst, architectuur en presentatie. Na zijn opleiding aan de C ooper Union in New York City werd architectuur een rode draad doorheen zijn werk. In 2007 richtte hij samen met zijn partner Alex Mustonen Snarkitechture op, een multidisciplinaire praktijk die de mogelijkheden van de manipulatie van ruimte en objecten onderzoekt op een bijzonder fantasievolle manier. Arsham gelooft hierbij sterk in samenwerkingen en creeërde zo onder andere al een decor voor de legendarische choreograaf Merce Cunningham. Zijn meest re cente samenwerking was die met muzikant en producer Pharell Williams voor wie hij zijn eerste keyboard namaakte uit vulcanische as. Het werk van Arsham was onder andere al te zien in het Museum voor Hedendaagse Kunst in Miami, op de B iënnale van Athene en in Carré d’Art in Nîmes. Met zijn structurele experimenten, historisch onderzoek en satirische humor is het oeuvre van Arsham een constant in vraag stellen van het echte en de verbeelding. Zo creëert hij bijvoorbeeld omgevingen met geërodeerde muren en trappen die naar nergens leiden en landschappen waar de natuur alle structuren overschrijdt. Arsham voegt een algemeen gevoel van speelsheid toe aan de reeds bestaande architectuur, hij laat architectuur dingen doen die het doorgaans niet doet. Op die manier gebruikt hij dagelijkse ervaringen als kansen om onze verwachtingen van ruimte en vorm te verwarren. Eenvoudige, maar paradoxale ingrepen domineren zijn beeldhouwwerk. Zijn sculpturen zijn vaak gietstukken van dagdagelijkse of pas recent verouderde objecten. Deze vroegtijdige fossielen uit zand, vulkanische as of verschillende soorten steen lijken onheilspellende voorspellingen van een op komst zijnde verwoesting. Zo ook in de sculptuur Rose Quartz Eroded Cosmonaut

168


Rose Quartz Eroded Cosmonaut Helmet 2014

D O U VI E H O E V E

Helmet . Arsham toont een astronautenhelm als fossiel, verbrokkeld en vol barsten, alsof het voorwerp al jaren onderhevig is aan erosie. De sculptuur lijkt de toeschouwer te waarschuwen voor de eigen, onvermijdelijke veroudering die zeer nabij is en waaraan niemand kan ontsnappen, ondanks al onze verwoede pogingen om de tijd te slim af te zijn. In de Graanschuur kan u nog een tweede werk vinden van Daniel Arsham.

169


D O U VI E H O E V E

willy calis 1944, België

zonder titel 2007 - 2017

B este rechterbeen,

In een gesprek met beeldhouwer Willy Calis viel me op hoe hij zijn zoektocht als plastisch kunstenaar spiegelt aan zijn passie voor lange-afstandslopen. In het boek Marathonloper van Benali reis je als lezer mee in het hoofd van de schrijver-loper. Hij getuigt over de strijd tussen geest en sputterende ledematen, naarmate de kilometers vorderen en de eenzaamheid begint te vreten. In een op het eerste zicht hilarische passage begint hij halverwege een marathon zijn protesterende rechterbeen afzonderlijk aan te spreken als een kind dat moet gesust worden: “Beste rechterbeen, hoe lang ben je nog van plan te blijven zeuren?” Het flitst ons terug naar het vernauwde, maar daardoor juist verscherpte bewustzijn van een beeldhouwer die zich concentreert op de kuitpezen van een beeld in wording. De werkwijze van een plastisch kunstenaar, die van buiten af één wordt met wat hij schept, en de ingesteldheid van een loper die van binnen uit mentaal zijn lichaam beheerst, moeten existentieel ergens familie zijn van elkaar.

17 0

zonder titel 2007 - 2017

Fervente lange-afstandslopers hebben het wel eens over de merkwaardige mentale rush die hun zelf gekozen lijdensweg teweegbrengt. Over hoe hun hang naar meesterschap van de wil over ledematen hun geest uiteindelijk bevrijdt en een luciditeit veroorzaakt die in het gewone leven bedekt blijft. Abdelkader B enali kan vreselijk hardlopen en verschrikkelijk mooi schrijven. Voor beiden is talent nodig, schrijft hij; ‘Talent als een vorm van eenzaamheid. In dat opzicht lijkt hardlopen op schrijven.’


D O U VI E H O E V E

17 1


D O U VI E H O E V E

De traditionele, uitdrukkelijk aanwezige beelden in faux-bronze, het een al expressiever dan het andere, hebben bij Willy Calis plaats gemaakt voor een reeks menselijke figuren, die eerder aarzelend hun verhouding met de wereld zoeken. In al hun volplastisch isolement lijken ze toch eerder fragmenten van eenzelfde persoon. Hoewel dikwijls in groep gepresenteerd, communiceren ze onderling niet, behouden ze een anonimiteit en schijnen ze voorzichtig pogingen te doen om zich uit een onbestemde greep los te wrikken. Hun bevroren bewegingen houden het midden tussen schuchterheid, angst en nood aan beschutting. Knoken en pezen dienen niet langer als structuur voor een zelfzekere stand, maar lijken een intiem bezit, dat slechts door een vlies van de buitenwereld en de elementen wordt behoed. Iedere beeldhouwer die het menselijk lichaam als rode draad hanteert, heeft af te rekenen met de loden erfenis van de klassieken. Vrijwel elke houding heeft een equivalent in het Griekse of Romeinse beeldencanon. De wijze waarop deze beelden op zichzelf terugplooien en zich vooral verhouden tot de grond, maakt het moeilijk om hen zo’n voorouder toe te wijzen. Of toch…Toen het antieke Pompei werd bedolven onder een gloeiende laag lava en as, geraakten de zwakste burgers niet meer uit hun schuilplaats. Een bulderende laag bedekte hen en bewaarde hun verstomde stem. De lichamen verteerden en lieten holtes achter. Het volstond om die als een moule te vullen met gips om hun laatste ogenblikken na eeuwen als een emotioneel geladen fossiel te evoceren. Geen kunstwerken dus, wel live-beelden met terugwerkende kracht. Onze 21e-eeuwse blik, al te sterk vertrouwd met een rauwe reportage-kijk op de werkelijkheid, ontvangt ze heel sterk als een verre echo van hun tijd. Het is frappant hoe een trage, louter artistieke zoektocht qua zeggingskracht zo nabij die sfeer komt. Dat een lange-afstandsloper, overtuigd van de zegen van training en beheersing van het lichaam, na lang zoeken net dit soort kwetsbaarheid koestert, verbaast. Of misschien ook weer niet…De kennis uit eerste hand van uitputting en fysieke grenzen scherpt de gevoeligheid voor dit soort beelden ongetwijfeld aan. Of het isolement van de loper, het “Talent als een vorm van eenzaamheid” waar de schrijver Abdelkader Benali het over had… Frederik Van Laere, november 2009

17 2


D O U VI E H O E V E

Marathon

Uren, dagen pijn en zweet in spieren opgekropt van kramp tot kracht en dan het schot in de lucht van je hoofd: een beetje robot, rilling en razernij over het grauw asfalt en met open mond kilometerslang de streling, het malen van de afstand. Tot de naald in dij en kuit haar wurgend werk doet: elke meter weer wat sterven, eenzaam als een kind van niemand naar de finish, van kramp tot kracht, de grote traan in je schaterende schedel.

Willie Verhegghe

17 3


D O U VI E H O E V E

stephen wilks 1964, Engeland

The Caterpillar 2008

Stephen Wilks studeerde achtereenvolgens Beeldende Kunsten en Literatuur aan de universiteit van Kent, Parijs en Amsterdam. Vandaag woont en werkt hij in Berlijn. Aanvankelijk startte hij zijn artistieke carrière als schilder en begon van daaruit te experimenteren met fotografie. Hij genoot ervan om op te gaan in het dagdagelijkse leven op de straat en wilde de interactie die hij hier ervoer ook overbrengen met zijn werk. Langzaamaan begon hij zo vaker installaties te maken waarbij de interactie met het publiek van groot belang is voor het geheel. Het werk van Stephen Wilks was onder andere al te zien in Centre Pompidou in Parijs, tijdens de Biënnale van Beijing en in Soho House in Miami.

Het uitgebreide oeuvre van Stephen Wilks bestaat ondertussen uit foto’s, keramieken beelden en installaties. Allemaal roepen ze vragen op rond identiteit in steden en over het conflict tussen het individuele en het sociale. Door met zijn werk het private openlijk in de publieke sfeer te brengen, onderlijnt Wilks de kracht van kunst als een weergave van een universele menselijkheid. Zijn creaties bevatten steeds speelsheid en humor, maar door het onderliggende cynisme en de gelaagdheid in zijn werk kent zijn oeuvre ook een filosofische waarde. Zowel de materie als de vorm van Wilks' installaties ademen doorgaans een zekere intimiteit uit. Zo creeërde hij bijvoorbeeld reizende ezels uit textiel die mensen kunnen meenemen om een tijd lang te gebruiken zoals ze dat zelf willen. Hierdoor wordt het werk zelf een autonoom gegeven dat (tijdelijk) deel uitmaakt van het persoonlijke leven van de toeschouwer. Tegelijk moet de kunstenaar zijn eigen creatie loslaten en vertrouwen op zijn publiek. Deze intimiteit en interactie tussen alle betrokken partijen is essentieel voor het werk van Stephen Wilks. Sommige ezels keerden ondertussen al terug naar hem in Berlijn, anderen zijn nog steeds onderweg. Op de ezels staan notities en schetsen geschreven en getekend door mannen, vrouwen en kinderen van over heel de wereld. Zijn ezels zijn een work in progress dat mensen over culturen en grenzen heen met elkaar verbindt.

17 4


The Caterpillar 2008

D O U VI E H O E V E

Voor The Caterpillar gebruikte Stephen Wilks de rups als symbool van de metamorfose. Ouderdom is een thema dat vaker terugkomt in zijn werk, niet alleen door de onvermijdelijkheid en het fascinerende karakter, maar ook om de verandering die ze met zich meebrengt. Veroudering is immers een langzame en continue transformatie van onze fysieke, morele en intellectuele capaciteiten. Het beeld is groot, zwaar en indrukwekkend, maar de rups zelf is een positief beeld. PoĂŤtisch en vergankelijk lijkt ze aan het lot van het zijn te ontkomen. Op de rups verzamelde Stephen Wilks teksten van schrijvers als Lewis Caroll, Goethe, Lou Reed en Kafka, auteurs die sterk bezig zijn met het thema metamorfose. Naar aanleiding van Kunstenfestival Watou schreef auteur, acteur en regisseur Peter De Graef een prozaĂŻsch gedicht over ontpoppen om aan The Caterpillar toe te voegen. De Graef heeft het in zijn tekst- en theaterwerk regelmatig over het afwerpen van schijn, de vergankelijkheid der dingen en het vinden van de persoon die we diep vanbinnen zijn. In zijn tekst verheerlijkt hij het loslaten van ballast en de metamorfose tot een verlichte staat van zijn. In het Klooster vindt u nog een tweede werk van Stephen Wilks.

17 5


176


D O U VI E H O E V E

O ntpoppen Het is het enige wat er gebeurt. Altijd Overal, Met iedereen Met alles, De werkelijkheid ontpopt zich Non stop. Soms traag zoals een berg zich vormt, Soms als een aardbeving zo verwarrend. Maar niemand, Niks, Kan zich er aan onttrekken. Verandering is de enige constante Hoe zeer we ons ook vast klampen aan wat we hebben Waar we aan gehecht zijn Wat was. Het zal allemaal verdwijnen. Over honderd jaar is iedereen die dit leest dood. En samen met de lezer verdampen alle verhalen die hij zich in het hoofd haalde, Alle verlangens en hoop gekoesterd in zijn hart Alle ontgoochelingen alle vreugdes Weg. Sterven. Ons wezen dat moeizaam als een vlinder uit het oude lichaam kruipt En dat lichaam als een ouwe trui Achter laat op de aarde.

The Caterpillar 2008

Het grote feest!

Peter De Graef

17 7


D O U VI E H O E V E

m arc janssens 1969, België

Stelth 2015 Hall Boy 2015

B eeldend kunstenaar Marc Janssens studeerde toegepaste grafiek aan Sint-Lucas in Antwerpen en volgde een opleiding beeldhouwen aan de Academie van Mol. Voor zijn sculpturen combineert hij keramiek, gips en polyester met gevonden en/of gerecycleerde materialen. Zijn werk was onder andere al te zien bij Saatchi in Londen. De krachtige en fragiele sculpturen, meestal menselijke figuren, van Marc Janssens dompelen de toeschouwer onder in een wereld van fantasie, tederheid en humor. Zijn oeuvre bestaat uit gemetamorfoseerde menselijke wezens in alle mogelijke bevreemdende gedaantes: insecten, embryo’s, menselijke machines,… Met veel zin voor detail bouwt hij aan het originele verhaal van elke sculptuur. Janssens bekleedt hiervoor zijn beelden met materialen als ijzerdraad, linnen stroken, papier, hout, herwerkte onderdelen van gerecycleerde objecten en allerlei prullaria. Deze materialen zijn van fundamenteel belang voor de originaliteit en dragen bij tot de poëtische expressie van elke creatie.

De gelaatsuitdrukkingen van zijn creaties worden niet vlug vergeten, ze zijn bijzonder sterk of net ontdaan van enige uitdrukking. Dit laatste zien we ook in Hall boy . Een versteende figuur gevangen aan de muur. Ondanks het ontbreken van een gezichtsuitdrukking ervaar je als toeschouwer vooral pijn. Uit het beeld spreekt een onderworpenheid of overgave aan de versteende houding. De onzekerheid waarin de figuur zich bevindt, overheerst.

17 8

Stelth 2015

Door de mens als mutant voor te stellen, actualiseert de kunstenaar het probleem van de ethiek en van de 'overleving' van het menselijk ras. Inspiratie hiervoor put hij uit de genetische mutatie, de pollutie van de omgeving en de consumptie van de slechte voedingsmiddelen die wij als mensen produceren. Zo toont Stelth een hedendaagse Icarus-figuur vol schrammen en vlekken, waarschijnlijk het gevolg van zijn pogingen om met zelf geconstrueerde vleugels te vliegen. Alleen stelten en krukken stellen hem in staat om omhoog te komen. De vleugels worden hierdoor overbodig en hun gewicht houdt de figuur aan de grond. Het beeld bezit een bepaalde gelatenheid, in de intensiteit en imperfectie zit net de schoonheid van het werk.


17 9


D O U VI E H O E V E

m anoeuvre Magic Loop 2014 – 2017

De Magic Loop is een open co-creatief haakwerk van Manoeuvre vzw. Het gehaakte werk was eerder een zonnewering die in samenwerking met Laura Caroen, vzw Jong en de Stad Gent werd waargemaakt in het Rabotpark in 2014. Vandaag kan je er op zitten of liggen om verder aan de loop te haken. Na Kunstenfestival Watou wordt de Magic Loop misschien opnieuw iets anders.

Op de Douviehoeve kan je even wegdromen o p de Magic Loop van Manoeuvre. De aaneengehaakte witte cirkels nodigen uit om languit aan de rand van de vijver te gaan liggen en je gedachten te laten drijven op het magische ritme van het haken. Haak rondjes en randjes en geniet!

18 0


Magic Loop 2014 – 2017

D O U VI E H O E V E

Manoeuvre is een atelier en kunstenaarscollectief dat staat voor cocreatie, ambacht en diversiteit. Het is de vereniging van het vroegere Rosca en Made by Oya. Het collectief ziet handwerk en het omgaan met diverse materialen als een universele taal en methodiek voor co-creatie en uitwisseling. Het atelier bevindt zich in de Rabotwijk te Gent, een erg diverse wijk aan de rand van de stad. Je bent

er steeds welkom op maandagavond vanaf 18u30 of op dinsdag en donderdag van 10u tot 16u. Manoeuvre werkt aan een praktijk waarin er geen grenzen tussen ambacht, kunst of vormgeving bestaan. Binnen hun atelier verbinden ze materialen, technieken en disciplines. Naast haar atelierwerking zet Manoeuvre ook plaatsgebonden projecten op poten, in Gent en daarbuiten zoals deze zomer in Watou.

18 1


D O U VI E H O E V E

S o m s volstaat het

Soms volstaat me de gedachte aan vleugels om in vliegen uit te barsten, soms kom ik met geen duizend incantaties van de grond. Soms laat ik op mijn lome vleugels trappen. Soms heb ik aan een woord genoeg om op te veren en mijn bek te slijpen aan de zon.

Peter Theunynck

18 2


D O U VI E H O E VE L U I S TERP OD IUM

Mar m er

Wij zijn dooraderd marmer. Wit schuim in de branding van blauwe steen. Wij blijven duren en weten van de vergeefse dagen, de verspilde minuten vol ongeloof beleden. Wij zijn de slingerende linten over het slapend land. Wij zijn de gestolde tijd in ons. Nemen wij vast, laten wij los. Wij zijn aaneen te rijgen als parels. Iemand stond achter ons. Iemand riep onze naam. We sloten de rangen. Wij hielden aan. We duren nu al langer dan vooraf bepaald. Het onmetelijke en het schone. Te weten wij hebben altijd al bestaan.

Max Temmerman

18 3


D O U VI E H O E VE L U I S TERP OD IUM

D er neue Mensch Dieser neue Mensch sieht fremd aus. Angenehm, diese Unähnlichkeit.

D ialogo

'Ganz der Vater'. Hoffentlich nicht.

eu não posso dizer o que não quero tu não podes dizer o que eu quero eu só posso dizer o que só quero tu só podes o que eu não quero

Er arbeitet schwer, bringt Geräusche hervor. Wir erraten nicht, was er will. Atmet, verdaut, kriecht, jammert. Zögernd bemerkt er die Zweifaltigkeit. Klettert an Wörtern hinauf, probiert Wippen, Schaukeln, Verwegenheit, Angst. Eines Tages, schlauer als wir, verblüfft er uns.

eu não digo poder o que não posso tu não dizes que podes o que queres eu digo o que não posso o que não quero tu dizes que Nào podes que não queres eu quero que não posso o que não digo tu queres que não dizes o que podes eu quero o que não quero o que digo tu queres o que não podes o que dizes eu não quero o que digo e o que posso tu não queres dizer o que não podes eu nem quero poder o que não digo tu nem queres poder tudo o que podes

E.M. de Melo e Castro

Dann, während wir langsam sterben, wird er uns, unaufhaltsam, immer ähnlicher.

Hans Magnus Enzensberger

18 4


D O U VI E H O E VE L U I S TERP OD IUM

D e nieuwe m ens Deze nieuwe mens ziet er vreemd uit. Aangenaam, deze ongelijkenis.

D ialoog

‘Helemaal z’n vader.’ Hopelijk niet.

ik jij ik jij

kan niet zeggen wat ik niet wil kunt niet zeggen dat wat ik wil kan slechts zeggen wat ik slechts wil kunt slechts zeggen wat ik niet wil

ik jij ik jij

zeg niet te kunnen wat ik niet kan zegt niet te kunnen wat je wilt zeg wat ik niet kan wat ik niet wil zegt dat je niet kunt dat je niet wilt

ik jij ik jij

wil dat ik niet kan wat ik niet zeg wilt dat je niet zegt dat wat je kunt wil wat ik niet wil dat wat ik zeg wilt wat je kunt dat wat je zegt

ik jij ik jij

wil niet wat ik zeg en wat ik kan wilt niet zeggen dat wat je niet kunt wil zelfs niet kunnen dat wat ik niet zeg wilt zelfs niet kunnen alles wat je kunt

Hij werkt hard, brengt geluid voort. Wij komen er niet achter wat hij wil. Ademt, verteert, kruipt, jammert. Aarzelend ontdekt hij de Twee-eenheid. Klautert aan woorden omhoog, oefent schommelen, wippen, stoutmoedigheid, angst. Op een dag, slimmer dan wij, verbluft hij ons.

E.M. de Melo e Castro (vertaling August Willemsen)

Dan, terwijl wij langzaam sterven, gaat hij ons, onstuitbaar, steeds meer gelijken.

Hans Magnus Enzensberger (vertaling Monique de Waal)

18 5


D O U VI E H O E VE L U I S TERP OD IUM

S o oder so

Zo of z o

Schön geduldig miteinander langsam alt und verrückt werden

Mooi geduldig met elkaar langzaam oud en gek worden

andrerseits

aan de andere kant

allein geht es natürlich viel schneller

alleen gaat het natuurlijk veel vlugger

Karin Kiwus Karin Kiwus (vertaling Joke Gerritsen en Martin Mooij)

Wie een brug legt naar een ander kan altijd heen en terug.

Jana Beranová

18 6


D O U VI E H O E VE L U I S TERP OD IUM

H et co m plot

wetenschap we lachen er wel om maar het is natuurlijk om ten hemel te schreien nooit klikte het tussen ons de dichter en jou afgemeten man plus chemische vrouw laboratoire tweeling der vooruitgang samen petrischalen vullen jaja leg het maar uit op witte gangen heb ik anders gehoord wisselen jullie in smetvrije jassen onderling eiwitten uit kan dat nucleotide basenparen zoiets dan smiespelen jullie samen en waarom doen jullie dat en voor wie zeg op! wat zijn jullie in godsnaam! o mijn god met ons van plan dit heb ik allemaal gehoord onlangs uit vertrouwde bronnen maar let op mijn woord en – lees – lippen – knul of ook wij begaan ongelukken via titanendonder en weerlicht hou je vast aan schalen van richter hoogachtend hou me vast hou me vast uw dichter

Ramsey Nasr

18 7


D O U VI E H O E VE L U I S TERP OD IUM

Het huis herinnert zich mij. Hier heb ik lopen geleerd. In deze kamer begon de aanloop die eindigde in een ontzettende sprong.

En het bed, eens zo groot als een boot, waar ik mij stuurman op wist, is nu zo groot als het is: een deken-of aardappelkist. De golvende zee van destijds: een gebeitste vloer, 3 x 5. Op planken gerangschikt verdraagt speelgoed van vroeger dat er geen kind meer naar vraagt.

Hier is de keuken ontdaan van gestapelde vaat en gerei. Bij deze kraan waste ik mij. Stram van ouderdom staan tafel en stoel in hun recht. Mat en zeil zijn al lang aan elkaar gehecht. De trap naar de zolder leeft op als ik mijn voet erop zet. Behaaglijk kraakt elke tree: naar boven m’n kind en naar bed.

Terug naar beneden besluipt het verleden mij. Op de gang haalt het mij onderuit. Kruipend bereik ik het honk. Het is donker. De kachel is uit. Het huis is zijn kamers de baas. Wat is geweest ben ik kwijt: volgorde, samenhang, plaats. Alles waarop ik vannacht op mijn tocht ben gestuit bracht mij verder van huis. Hoe langer ik terugkijk hoe strakker de knoop in de tijd.

Neeltje Maria Min

18 8


D O U VI E H O E VE L U I S TERP OD IUM

G esloten ge m eenschap dromen vaders van zonen en zonen van moeders en moeders van zonen en dochters van vaders en zonen van andere vaders en moeders en zonen en dochters zijn dromen van vaders en moeders en dochters en zonen en meisjes en jongens belast met dromen

Bert Schierbeek

18 9


190


191


G RA A NS C H U UR

daniel arsha m 1980, Verenigde Staten

Steel Eroded Holding Hands 2016

Na de Rose Quartz Eroded Cosmonaut Helmet in De Douviehoeve kan u hier in de Graanschuur een tweede werk vinden van Daniel Arsham. Met behulp van een verscheidenheid aan materialen, waaronder seleniet, krijt, zand, pyriet en vulkanisch as, ontwerpt Arsham halfgedesintegreerde beelden die eruit zien alsof ze door archeologen tijdens een opgraving in de verre toekomst kunnen worden gevonden.

Steel Eroded Holding Hands 2016

Deze reeks sculpturen van Daniel Arsham is geïnspireerd op klassieke beeldhouwwerken, evenals op beelden en gipsstukken van de slachtoffers uit Pompeï na de uitbarsting van de Vesuvius in 79 voor Christus. Gefragmenteerd en ontwricht, spelen de moderne figuren en objecten met ideeën van authenticiteit en fictie. Archeologen moeten immers verhalen creëren om een waarheid voor hun ontdekkingen te reconstrueren. Maar wie weet ooit zeker wat er echt gebeurd is? Zo ook voor Steel Eroded Holding Hands : waarom hielden deze twee mensen elkaars hand vast? En wilden zij wel tot in de eeuwigheid verbonden zijn met elkaar?

192


193


G RA A NS C H U UR

jo z ef constant & m ariek vanbuel 1952 & 1954 , België

Room 936 2016 Droom 2016 Opgemaakt 2016

Droom 2016

Kussen 2016

Jozef Constant en Mariek Vanbuel besloten in 2016 om het individuele kunstparcours voor even te verlaten en samen een nieuw project te starten. Dit resulteerde in A Touch (together) , een boeiende reeks van een twintigtal schilderijen waarvan er vier tentoongesteld worden op Kunstenfestival Watou. Het experiment startte met een intense samenwerking in een ruimte, waarbij beiden aan hetzelfde doek werken. Het is niet uitzonderlijk om als duo in de beeldende kunst, muziek of literatuur samen te werken. Zo zijn Marina Abramovi ć en Ulaj, Gilbert en George, Rombouts en Droste (+), Elvis Peeters en Nicole Vanbael enkele bekende voorbeelden. Deze manier van samenwerken is niet de werkwijze zoals toegepast in de grote kunstenaarsateliers uit het verleden. Er is geen sprake van meester en leerling, of van specialisatie zoals in het atelier van Rubens bijvoorbeeld. Jozef Constant en Mariek Vanbuel werkten samen, evenwaardig als elkaars partner, aan de schilderijen, die een reflectie zijn van samenzijn en eenzaamheid. Zonder veel communicatie vooraf, zonder vastomlijnde ideeën of ontwerpschetsen, maar vrij impulsief en intuïtief werd het een zoektocht die ze elk afzonderlijk aflegden. De enige afspraak was dat alles mogelijk moest zijn, zelfs zeer drastische ingrepen in elkaars werk. Zo kon bijvoorbeeld de aanzet van de

194


Opgemaakt 2016

G RA A NS C H U UR

een, zonder conflict, soms geheel of gedeeltelijk overschilderd worden door de ander. Enkele werken uit de serie tonen zeer duidelijk de sporen van twee totaal verschillende kunstenaars met elk hun typische werkwijze, bepaald door hun eigen temperament. De actie van het schilderen is op zich de afspiegeling van een relatie. Onder meerdere lagen olieverf zit een groot scala aan herinneringen en emoties zoals verdriet, eenzaamheid, liefde, haat, erotiek en intimiteit verborgen. De onuitgesproken geschilderde wereld van de beide kunstenaars blijft niet enkel een mysterie voor elkaar, maar ook voor de toeschouwer. Bedden, lakens en kussens zijn de bevoorrechte getuigen van iemands leven, maar geven tegelijkertijd de kans aan de toeschouwer om er zelf meer complexe betekenissen in te ontdekken. Het wit geeft licht in een donkere leegte. Het bed is opgemaakt en de stilte blijft over. Wat uiteindelijk opvalt, is de soberheid, eenvoud, zelfs gestrengheid van het geheel. De plooien zijn gladgestreken, niets is nog zichtbaar van het soms turbulente ontstaansproces. De werken lijken vrij harmonieus en in evenwicht. Er straalt zelfs een grote rust van uit. Het begrip intimiteit in al haar aspecten is bepalend voor het geheel. De werken zijn een weergave geworden van een eenzaam bestaan, de restanten van een leven. Het kussen toont nog een zwakke afdruk van een afwezige. Het bed krijgt meer en meer een symbolische betekenis. Het is het decor van het begin en het einde van een leven en alles wat daartussen ligt. 195


G RA A NS C H U UR

Ik luister naar de middernachten, loop de laatste kamer in, zacht aan het oor en verlaat bij die maan daar zo hoog. Omdat dingen kunnen breken. Je was er niet, ik liet de ramen open. Herinneringen na een regenbui. Jasmijn en aardbeibloesems zelfs op deze augustusdag. Er zijn heilige wetten die enkel het mysterie kent. En de vogels onder luid gekrijs soms lijken te openen. Te bewaken ook. Als het opengaan van een zee. Soms lijkt het mogelijk. Herinnering schuilt in de geur van huid, een paar schoenen ergens in een hoek, onder tafel, zelfs op een stoel. Achteloos. Zo blijft het lichaam spreken ook wanneer het niet meer is. En toen, toen hielden alle krekels hun adem in. Als was ook dat vanzelfsprekend.

Inge Braeckman

196


G RA A NS C H U UR

H et ongeloof bij buren

Iemand vraagt me hoe dan wel, nu iedereen de hele tijd maar gaat, nu zelfs ik, terwijl — dichters zijn toch vol van liefde, is het niet? Nu zelfs ik met zo’n gezicht mijn boeken in de auto laad. de slechte reputatie van de wankeling, zeg ik. Men grijpt steeds naar wat wortel schiet en stevig staat. Maar noem verzekering geen zekerheid, slaap niet in vertrouwde armen als andere aanlokkelijk ontbreken. Ik heb de waterkoker meegekregen. De rode braadpan, éénpersoons. En terwijl ik pak wat liefde niet moet zijn, een raar portret, wat weet het falen nog van slagen af, wikkel ik mijn schilderijen in grijs vilten dekens. Misschien, zeg ik, moet je verlangen naar wat blijft. Maar niet om aldoor naar te kijken. Daar zorgt de kunst wel voor, koppen die ingelijst en wel de tijd doorstaan. Zoek naar wat verdampt, verpulvert. Zoek naar de aarzeling en ongemak. De raadselachtigheid. Ik zou nu graag een lelijke die mij weer aan het lachen maakt en die mij prachtig vindt. Prachtig.

Ester Naomi Perquin

197


G RA A NS C H U UR

daan D E N houter 1977, Nederland

True Love 2005

Eerder op het parcours zag u aan de Douviehoeve al de High Tea Table van Daan den Houter. Den Houter brengt steeds meerdere, tegenstrijdige onderwerpen samen in eenzelfde werk. Hij stelt hiermee vragen over ons bestaan en confronteert de toeschouwers met de filosofische vragen en dilemma’s waar hij zelf mee worstelt. Volgens de kunstenaar zijn wij constant op zoek naar de waarheid, een antwoord op alle vragen. We maken gebruik van logica om deze vragen te beantwoorden, ook al weten we dat we dÊ waarheid nooit zullen kennen. Daarvoor is de wereld te groot. Kunst is volgens den Houter een middel om de waarheid te vinden zonder gebruik te maken van logica. En voor hem is dat dan ook ineens het doel van kunst.

198


True Love 2005

G RA A NS C H U UR

Hier in de Graanschuur stelt True love stelt den Houter vragen bij het feit dat het vinden van een levenspartner hoog aangeschreven staat in onze maatschappij. We worden overstelpt door beelden en verhalen van gelukkige mensen die beweren dat ze pas echt compleet zijn sinds ze hun partner vonden. Heel wat andere mensen blijven alleen achter, zich afvragend waarom zij er niet in slagen zich echt te verbinden met een ander. Maar is de ‘ware liefde’ wel zo mooi en allesomvattend? De ooit onafscheidelijke muizen op de foto lijken die ware liefde te verbeelden, ‘tot de dood ons scheidt’. Hun verbondenheid is hier echter niet langer benijdenswaardig. Verder langs het parcours vindt u nog werk van Daan den Houter in de Brouwerij.

199


G RA A NS C H U UR

katrin dekoninck 1971, België

Zonder titel 2017

Als kunstenaars ons uitnodigen om anders of intenser naar de wereld rondom ons te kijken, dan geldt dit zeker voor Katrin Dekoninck. De kunstenares observeert de mens in al zijn zwakheden en legt werk na werk een intrieste kant bloot. De wereld is voor Dekoninck niet wat ze schijnt en dus zoekt, peilt en ontrafelt ze tot ze de essentie heeft blootgelegd. Haar thema’s zijn diepmenselijk en laten alle verborgen karaktertrekken aan bod komen: schaamte, frustratie, woede, angst, arrogantie, pijn, jaloezie, twijfel... Vaak geeft ze deze gevoelens weer via vreemde gedragspatronen die de toeschouwer een spiegel voorhouden en confronteren met de eigen kwetsbaarheid.

laureaat voor de wedstrijd Digikunst, een initiatief van Kunst in Huis met Jan Hoet als juryvoorzitter. TV-watcher gaat over de onverschilligheid van de mens, gesymboliseerd door een TV-kijker: een man die gebiologeerd naar de beeldbuis kijkt, zappend en weinig interesse vertonend in de programma’s, behalve wanneer er een seksscène verschijnt. Zijn vrouw tracht met hem te communiceren, maar afgesloten door zijn hoofdtele-

Met de getekende kortfilmanimatie TV-Watcher werd Dekoninck in 2009

200


Zonder titel 2017

G RA A NS C H U UR

foon, gaat dat geheel aan hem voorbij. Man en vrouw zijn samen in ĂŠĂŠn ruimte, horen samen, zijn aan elkaar gebonden, maar toch zijn beiden eenzaam. Er is aandacht voor de beeldbuis, maar niet voor elkaar; ieder leeft zijn eigen leven. De film was in 2016 te zien op Kunstenfestival Watou.

in het samen zijn als koppel tot uiting. Er is een letterlijke afstand tussen de man en de vrouw in de sculptuur. Hun dubbel bed is in twee gezaagd, het deken werd doorgeknipt. De figuren zien er vermoeid uit. Met ineengezakte schouders zitten ze met hun rug naar elkaar toegedraaid. Dekoninck confronteert ons hier met het pijnlijke verhaal van een uit elkaar gegroeid koppel. Ze laat ons zien hoe eenzaamheid ons moedeloos kan maken, ook wanneer we niet helemaal alleen zijn.

Ook in het werk dat Katrin Dekoninck speciaal voor Kunstenfestival Watou 2017 maakte, komt de eenzaamheid

201


G RA A NS C H U UR

kira ki m 1974, Korea

The weight of Ideology_without breath 2014

Na zijn studies aan de universiteit van Kor ea beëindigde Kira Kim in 2007 zijn Master in Fine Art aan het Goldsmiths C ollege in Londen. De voorbije tien jaar slaagde Kira Kim erin om zichzelf te onderscheiden van andere jo nge, hedendaagse kunstenaars wereldwijd, door verschillende aspecten van de kapitalitische maatschappij voor te stellen. Hij maakt gebruik van een verscheidenheid aan media, waaronder fotografie, installaties, schilderkunst en beeldhouwen. Sinds 2013 wordt hij gesteund door het Korean Artist Project. Zijn werk was reeds te zien in tentoonstellingen in onder andere het Museum of Contemporary Art in Seoul, de Canvas International Gallery in Amsterdam en de Cairns Regional Gallery in Australië.

Al van bij het begin van zijn carrière toonde Kira Kim consequent interesse in de hedendaagse maatschappij. Kim stelt dat onze samenleving die er van buitenaf spectaculair en perfect uitziet, eigenlijk doorweven is met verborgen samenzweringen om een door machtsstructuur en consumptie gedreven cultuur in stand te houden. In zijn werken verwijst hij naar verschillende figuren en gebeurtenissen uit de geschiedenis, de maatschappij en kunst en haalt ze uit hun context. Met humor toont hij de realiteit die volgens hem niet zo mooi is als die vaak wordt voorgesteld. Naast de kritiek die zijn werk uitoefent op de maatschappij, toont het oeuvre van Kim ook zijn grenzeloze passie voor de wereld. De video The Weight of Ideology_ without breath maakt deel uit van de serie performante beelden, tekeningen en sculpturen waarin Kim onder

202


The weight of Ideology_without breath 2014

G RA A NS C H U UR

zoekt hoe de snelle modernisering in Korea na de angst voor oorlogen en de veranderingen in de ideologie van communisme naar socialisme, democratie en kapitalisme heeft geleid tot een consumptiegerichte maatschappij. Dit alles is volgens hem in strijd met het streven naar persoonlijk geluk en tevredenheid. Met behulp van beeldende kunst drukt Kim het gevoel van onrust en geestelijke lacunes uit die individuen doorgaans enkel in de private sfeer uiten. Door middel van een reeks vereenvoudigde en toegankelijke performances stelt de kunstenaar belangrijke vragen over de Noord-Zuid-divisie in Korea. Diepe filosofische verschillen en de spirituele verlamming van het kapitalisme in Zuid-Korea worden symbolisch weergegeven in een aantal scenario’s:

twee personen trekken aan verschillende gekleurde touwtjes, twee geblinddoekte mensen zoeken hun weg op de tast, twee oudere personen passen beurtelings mond op mond beademing toe bij elkaar. Kim wil met deze video’s machtsstrijd, ideologische blindheid en het stuitende effect van onverschilligheid en het gebrek aan maatschappelijke interactie voorstellen. De kleine uitbeeldingen van vormen van strijd zijn metaforen voor verborgen menselijke eenzaamheid en conflicten die volgens hem moeten worden aangepakt. De performances weerspiegelen de bedoeling van activisten die door middel van kunst stressvolle omstandigheden willen veranderen, niet in de wereld van de kunst, maar in de werkelijkheid.

203


G RA A NS C H U UR

m artin assig 1959, Duitsland

Gehör 2009

Martin Assig studeerde aan de Hogeschool voor Kunsten in Berlijn. Zijn teke ningen, schilderijen en sculpturen zijn wereldwijd al in verschillende groepstentoonstellingen geëxposeerd. Daarnaast verrijken zijn werken de collecties van internationale musea en verzamelaars van Oslo tot in New York. Martin Assig wordt vertegenwoordigd door Galerie Maurits van de Laar in Den Haag, Holger Priess Galerie in Hamburg en Galerie Volker Diehl in Berlijn. Martin Assig maakt kleurrijke, abstracte kunstwerken waarin hij vormen van gezichten, lichamen en patronen samenbrengt met woorden en zinnen. Volgens Assig denkt een kunstenaar immers niet alleen in beelden, maar ook in woorden. Zijn werken ontstaan vanuit waarnemingen van het dagelijks leven en halen nu eens lichtvoetige, dan weer zwaarbeladen onderwerpen aan. Inspiratie voor zijn werk haalt de kunstenaar uit verschillende bronnen zoals religieuze tradities, folklore, rituelen, kunst van Edvard Munch, muziek van Bach en literatuur van Marguerite Duras en de Russische schrijvers. Assig creëert met materialen zoals kleurstof, bijenwas en houtskool intieme en persoonlijke werelden, waarin sensualiteit en spiritualiteit samenkomen. De herkenbare motieven in de tekeningen van Martin Assig gecombineerd met pure abstracties leiden steeds tot een oorspronkelijk eigen beeld. Het lijkt in zijn werk alsof het vertrouwde van een vorm weer vreemd gemaakt moet worden, door overtekening, door toevoegingen van kleur of andere vormen. Het moet botsen, in zijn werk is altijd visueel rumoer te bespeuren. Assig citeert ook gretig uit bijna iconische beelden van personen en andere kunstwerken. Van Gogh, Munch, Bottecelli, Picasso, Walt Disney en Japanse erotische prenten, om er enkele te noemen, worden geparafraseerd of geïroniseerd. Steeds met als doel de autonomie van de tekening te bereiken. De tekst die Assig verwerkt in Gehör verwijst naar de eeuwige zoektocht van de mens naar de ander. “Wat zal ik je vertellen? Wat zal ik je geven? Wil je het me zeggen? Zal ik het verstaan?” We willen verbonden zijn en voelen ons vaak onhandig in onze pogingen de ander te leren kennen, te begrijpen. Communicatie is noodzakelijk, willen we elkaar begrijpen. Maar door het gevoel van onmacht en frustratie die die communicatie vaak met zich meebrengt, resulteert de zoektocht naar verbondenheid niet zelden in eenzaamheid.

204


Gehรถr 2009

G RA A NS C H U UR

205


G RA A NS C H U UR

E dith ronse 1988, BelgiĂŤ

Heads 2012

Eerder op het parcours zag u al werk van Edith Ronse in de Kasteeltuin. Hier in de Graanschuur tonen we een tweede werk van deze kunstenares. We zien twee hoofden met elkaar verbonden als in een kus of een omhelzing. Enkel de achterhoofden zijn zichtbaar waardoor de beelden anoniem zijn. Deze anonimiteit stelt ons als toeschouwer in staat om ons te identificeren met de figuren, het kan immers gaan om de verbinding binnen een koppel, maar ook die tussen bijvoorbeeld vrienden. De toeschouwer aanschouwt een symbiose, de figuren lijken in hun eigen wereld, in hun eigen cocon te bestaan. Met dit werk wil Edith Ronse het gevoel weergeven dat ontstaat bij intense verbinding met een ander, een ervaring waarbij de wereld even lijkt weg te vallen. De beleving om met een ander zo in contact te staan dat je de buitenwereld even vergeet, is volgens de kunstenaar een bijzondere ervaring, die de dag van vandaag minder en minder voorkomt. Door de massale afleidingen waar we in ons dagelijks leven aan moeten weerstaan is hier steeds minder tijd en energie voor. In het Parochiehuisje zal u nog een derde werk vinden van Edith Ronse.

206


207


G RA A NS C H U UR

D.D. TRANS 1963, België

Flow 2016 Sur le même (tête a tête) 2016 Escargot 2015 Dance 1993

D.D.Trans, pseudoniem van Frank Tuytschaever, woont en werkt in Kruiskerke en behoort tot dezelfde generatie kunstenaars als H onoré d’0, Wim Delvoye, Michel François en Ann Veronica Janssens. In zijn werk geeft hij vaak een kleine, surrealistische twist aan alledaagse objecten. De vormtaal van D.D. Trans sluit zo aan bij het minimalisme. De naam D.D. Trans is een pseudoniem dat werd ontleend aan een intussen opgedoekt transportbedrijf en verleent een overkoepelende betekenis aan zijn werk. Zijn kunst draait meer dan eens rond transformatie. Wat poëzie met woorden vermag, doet D.D. Trans met huis-, tuin-, en keukenvoorwerpen; met een kleine twist brengt hij kortsluiting in het verbond tussen gemaakte dingen en hun betekenis. Simpelheid is evenwel geen simplisme. Argeloos maar zorgvuldig buigt hij ze om, aangestoken door associatie, een vleug rebellie en een onderhuidse, niet al te uitgesproken melancholie. Zo bijvoorbeeld ook in Flow , waar het staartje van een omgebogen dartspijl een kleine, hartvormige schaduw vormt - het werk van een onzichtbare cupido. Het werk van D.D. Trans oogt licht, maar prikt dieper dan het lijkt. ‘Lichtvoetig’ dekt de lading beter. Met kleine gebaren zet hij vraagtekens achter de taal van dingen. Hij trekt een veer aan en zet ze op scherp. Meer nog; pretentieloos maar welgemikt onderzoekt hij de status van het gevonden voorwerp als kunstwerk. "Inspiratie haal ik uit doe-het-zelf-winkels of uit de Suprabazaar. Dat is het territorium waarbinnen ik op jacht ga" zegt D.D. Trans.

Flow 2016

Naar teksten van Sam Steverlynck, Thijs Demeulemeester en Frederik Van Laere.

208


209


2 10


G RA A NS C H U UR

E en z aa m heid heeft een grens We verzamelen het zwijgen hierin zijn we elkaar het meest nabij Om te zien of ze stand houden beuken we tegen beloftes zitten gevangen in de stroming We bestaan alleen nog uit binnenkant onder de oppervlakte de vragen die niet worden gesteld In dit leven zijn geen nooduitgangen enkel grenzen om tegen aan te schuren op weg naar wie we gebleven zijn

Dance 1993

Steven Van der Heyden

2 11


G RA A NS C H U UR

koen m oer m an 1968, Izegem

Search 2016 Hug 2016 Fading 2016 Torso 2017

Koen Moerman studeerde fotografie aan de KASK School of Arts in Gent en daarna regie aan het RITCS in Brussel. Na zijn studies bouwde hij een veelzijdige loopbaan uit waarin hij zowel als fotograaf, cineast en audiovisuele installatiekunstenaar aan de slag ging. Moerman is sterk geboeid door manieren waarop kunstvormen geme ngd kunnen worden met elkaar. Zo ging hij zelf in dialoog in samenwerkingen met Wim Opbrouck in Aus der Tiefe , het Spec tra Ensemble met Bezet en in Secret Gardens met M ar tha S chwar z. Daar naast wer kte hij reeds samen met verschillende inter nationale choreografen en wer kte hij in opdracht van verschillende k unsthuizen. De fotografie van Koen Moerman is vrijpostig emotioneel. Zijn typische beeldtaal met wazige en bevlekte fragmenten roept zowel sentiment als bevreemding op. Elke foto is duidelijk een deel van een verhaal. Het verhaal zelf wordt bewust niet prijsgegeven. Koen Moerman is fotograaf en videokunstenaar. In beide media streeft hij naar een vorm van bewegende verstilling. Dit is geen contradictie. Onderliggend voel je het narratieve. Nooit ingevuld, nooit anekdotisch, maar sterk aanwezig. De onderliggende narratieve lijn die steeds door zijn werk sluipt, wordt bewust -en soms letterlijk- blanco gelaten. Het zijn net die oningevulde ruimtes die de focus verplaatsen en de toeschouwer stil laten staan bij de gesuggereerde beweging. Daarnaast zorgt het werk voor een poëtische verstilling via beelden die het grensgebied tussen fotografie, film en schilderkunst aftasten.

2 12


Hug 2016

G RA A NS C H U UR

Fading is een duidelijk voorbeeld van die bewegende verstilling. De repetitieve, muzikale herhaling van het beeld met de belichting in de hoofdrol, wordt versterkt door de hoekopstelling. Bij Search en Hug staat de lichamelijkheid centraal in een contrasterende sfeer. De eerste toont enige hunker, de andere krijgt een bevredigende invulling. Altijd weer komt het onvolmaakte bovendrijven. Het vlekkerige, bekraste canvas geeft vorm aan de imperfectie. Dat manipuleren van het canvas door een chemisch procedé, ontstaan tijdens het afdrukken van de foto’s in de klassieke donkere kamer, neemt in Torso zelfs de bovenhand. Het onderwerp lijkt haast volledig te verdwijnen. Naar een tekst van Koen Moerman

2 13


G RA A NS C H U UR

b I R gitta sundstr ö m jansdotter 1966, Zweden

B irgitta Sundström Jansdotter startte haar carrière in Zweden en woont en werkt sinds 2001 in Nederland. Jansdotter volgde verschillende opleidingen, waaronder een basisopleiding beeldende kunst in Mullsjö, textielbewerking in Insjön en Beeldhouwen en Lithografie in Stockholm. Haar eerste solotentoonstelling vond plaats in 1994 in Zweden. Haar werk was verder reeds te zien in verschillende solo- en groepstentoonstellingen in onder meer Duitsland, Zuid-Korea, Hong Kong, Engeland en Italië. In 2007 won ze in Nederland de Jacob Hartogprijs. Sundström Jansdotter schildert met acryl grote portretten van vrouwen die geïsoleerd en uit hun context van de moderne cultuur worden weergegeven. aan de hand van verschillende lijnen en patronen in de achtergrond, voegt ze er nieuwe emotie en expressie aan toe. Met een duidelijke verwijzing naar de Popart zet Jansdotter de vrouwen zelfbewust maar ook kwetsbaar neer. Op die manier bekritiseert ze het stereotiepe, geïdealiseerde vrouwbeeld dat in de populaire cultuur en de mode- en reclamewereld wordt verspreid. Ze daagt ons uit om na te denken over dat clichébeeld en verwerkt daarom klassieke narratieven als dat van het laatste avondmaal in haar schilderijen. Zorgvuldig en doortastend schildert ze op grote doeken aan de motieven die zich herhalen en die bizarre achtergronden vormen. Door de gespiegelde vormen die soms ook afwijken van elkaar zorgt ze voor nieuwe karakteristieken binnen het beeld. Ondanks de harde composities, de drukke collages van minimalistische patronen en de verschillende vormen, trekken de indringende ogen van de vrouwen het meeste aandacht. Gecentraliseerd in de schilderijen contrasteren ze met de vlakke composities en lijken ze bijna het spiegelbeeld van de toeschouwer te zijn. De vrouwen zijn aantrekkelijk, maar zorgen tegelijk voor een beklemmende sfeer in hun surrealistische setting. Jansdotter geeft bewust geen beschrijvende titels aan haar werken. De toeschouwer is op die manier vrij om de werken te beleven volgens zowel persoonlijke als universele gevoelens of ervaringen.

2 14


G RA A NS C H U UR

2 15


G RA A NS C H U UR

m ona aghababee 1982, Iran

Self-exile 2011 Swallow your femininity 2010-2011 The cask of Amontillado 2013

Mona Aghababaee leeft en werkt in Iran. Ze behaalde haar master in de beeldende kunsten aan de universiteit van Teheran. Haar werk werd reeds tentoongesteld in meer dan twintig groepstentoonstellingen in Iran, Europa, Amerika en Australië. In Australië won ze de Damon Courtney Memorial Young Sculpture prijs. Aghababaee is een vennoot van het Headlands Kunstencentrum in C alifornië. Tevens richtte ze de VA Space for Contemporary Art in Isfahan op. De werken van Mona Aghababaee zijn gebaseerd op historische gebeurtenissen en sociale kwesties in haar thuisland. Met verschillende media onderzoekt ze de mogelijkheden waarop ze haar verhalen over de mens en gender kan communiceren. Door abstractie transformeert ze vaak haar onderwerpen en schijnt de betekenis door in de non-figuratieve verwijzingen. Self-exile verwijst op die manier bijvoorbeeld naar de traditionele islamitische cultuur waarbij geometrische mozaïeken op heilige plaatsen gebruikt worden. Ze zijn vaak aanwezig op begrafenissen en worden gebruikt in graftombes van imams. Self-exile is een onderzoek naar het verlies van individualiteit, reflecties op het ‘zelf’ en op de dood.

Swallow your femininity is een werk dat voortkomt uit een grotere reeks sculpturen en becommentarieert het leven als vrouw in Iran. De verschillen en gelijkenissen tussen de seksen is een alomtegenwoordige zaak waarbij in Iran vooral die verschillen in Iran worden benadrukt. Elke vrouw wordt er elke dag herinnerd aan het feit dat ze geen man is en daarom minder waard is. Mona Aghababaee is geïnteresseerd in de verschillende manieren waarop vrouwen in Iran hier mee omgaan op politiek en psychologisch vlak. Die manieren zijn uiteenlopend, maar meestal vervallen ze in extremen wanneer ze hun gender net volledig proberen te verbergen, of hun vrouwelijkheid net heel hard benadrukken.

2 16


Swallow your femininity 2010-2011

G RA A NS C H U UR

The Cask of Amontillado confronteert ons dan weer met de onderdrukking van het vrouwelijke uiterlijk. In het werk, waar de toeschouwer zelf in kan gaan staan, zijn twee spiegels geĂŻnstalleerd in een hoek van 45 graden. Achter de spiegels bevinden zich witte neonlampen. De spiegels breken de reflectie van de persoon die in het werk gaat staan en confronteren de toeschouwer met zichzelf. Ze bedampen door de ademhaling. De adem staat voor Aghababaee symbool voor het blijven onthouden van wie je bent, wanneer je gedwongen wordt om al je uiterlijke kenmerken te verbergen.

2 17


Self-exile 2011

G RA A NS C H U UR

2 18


G RA A NS C H U UR

Ik ben beplakt met kleine spiegeltjes. Ik dans als een strandbal rond. Ik kan oogverblindend zijn. Wie naar mij kijkt denkt mij te zien. Wie naar mij kijkt die ziet zichzelf. De eigen monsterlijk vervormde grimas. Wie van mij wegrent jaagt zichzelf weg. Ik ben beplakt met kleine spiegeltjes. De randen snijden in mijn eigen vlees. Ik ben: een glinsterende mozaïek met weke rode voegen en een hart van sneeuwwit —

Eva Cox

2 19


P A RO C H I E H U ISJ E

LISA NIX 1994, Engeland

Fading Away 2016

Fading Away 2016

222


P A RO C H I E H U I SJE

Lisa Nix woont in Grantham en studeerde in 2016 af aan de universiteit van Derby. Ze behaalde een bachelor in de fotografie met een focus op conceptuele fotografie. Haar werk is dit jaar ook te zien op Format Photography Festival, een van de grootste internationale festivals voor fotografie en aanverwante media in het Verenigd Koninkrijk. Met haar werk wil Nix niet alleen de effecten van dementie op de dementerende persoon illustreren maar ook aantonen dat de ziekte een grote invloed heeft op de nabije familie en het ondersteunde netwerk van de patiënt. Voor haar serie Fading Away gebruikte Lisa Nix oude familiefoto’s die haar grootvader maakte van haar grootmoeder. Haar grootmoeder was een levendige vrouw die door haar dementie langzaamaan vervaagde voor de ogen van haar eigen familie. Met haar werk geeft Lisa Nix de breekbaarheid weer die zo eigen is aan personen met deze ziekte. De kunstenares wil met deze serie foto’s vooral aandacht vragen voor deze hartverscheurende ziekte.

223


P A RO C H I E H U ISJ E

kristin m civer 1974, AustraliĂŤ

Are you still there? 2014

Eerder op het parcours zag u in De Rode Hoed al You and me (and you and me ) van Kristin McIver. Ook hier in het Parochiehuisje vindt u een werk van haar. Niet zelden gebruikt de kunstenares in haar werk licht, de bron van alle leven. Zonder licht houden ook wij als mensen immers op te bestaan. De neon-installatie Are you still there? versterkt hier de foto-reeks Fading Away die Lisa Nix maakte over haar dementerende grootmoeder. Samen met Is eye I van Fabrice Samyn confronteren de drie werken de toeschouwer met de vluchtigheid, vergankelijkheid en ongrijpbaarheid van het eigen ik. Wat gebeurt er met ons als onze geest niet meer helder is, als we niet meer weten wie we ooit waren? Zijn we dan nog wel onszelf?

224


Are you still there? 2014

P A RO C H I E H U I SJE

225


P A RO C H I E H U ISJ E

FA B R I C E S A M Y N 1981, Brussel

Is eye I? 2014

Fabrice Samyn leeft en werkt in Brussel. Zijn werk was onder andere reeds te zien in verschillende solotentoonstellingen in onder andere het Lehmruck museum in Duisburg en in BOZAR en ISELP in Brussel. Hij nam deel aan groepstentoonstellingen in onder meer San Fransisco, New York en Watou. Voor zijn beeldend werk wordt Samyn vertegenwoordigd door galerie Meess en De Clercq in Brussel en galerie Sies + HĂśke in DĂźsseldorf. Samyn stelt metafysische vragen over de gelaagdheid van representatie en probeert die vragen te beantwoorden in zijn conceptuele kunstpraktijk. Hij legt de notie van tijd bloot door te focussen op verschillende natuurlijke fenomenen zoals erosie of licht. Met referenties naar klassieke sculpturen, Renaissance schilderijen, Nederlandse portretten maar ook naar conceptuele tradities, bevraagt hij onze overtuigingen omtrent het verstrijken van tijd. Een andere thematiek waar Samyn zich op focust is die van de kloof tussen idolatrie en iconoclasme. Is eye I? is een kleine diepdruk die op een speelse manier een diepgaande filosofisch vraag stelt over identiteit, afbeelding en perceptie.

226


P A RO C H I E H U I SJE

Ik Vandaag hebben vijf miljard mensen ik gezegd Met een zoen, een scheermes, een bord spaghetti, een schot. Het maakte mij uit. Het maakte mij vijf miljard ik. Wij noemen dat werkelijkheid. Het heeft geen naam. Vannacht hebben vijf miljard mensen jij geroepen In brieven, op straat, in kroegen, in bedden, op bruggen. Het maakte mij uit. Het maakte mij vijf miljard. Wij noemen dat wereld? De wereld. Het heeft geen naam. Maar ik ben het. Ik ben het hier vijf miljard keer. De wereld is altijd vijf miljard ik. De werkelijkheid is altijd vijf miljard. Vandaag hebben vijf miljard mensen mij gezegd.

Leonard Nolens

227


P A RO C H I E H U ISJ E

PETER DE MEYER 1981, Antwerpen

down 2008

B eeldend kunstenaar Peter De Meyer woont en werkt in Antwerpen. Zijn werk was al te zien in verschillende solo- en groepstentoonstellingen in onder andere de Kunsthal in Rotterdam, The Old Truman Brew ery in Londen en in het Flanders House in New York. In zijn kunstenaarspraktijk stelt hij zich op als een aandachtig waarnemer van zijn omgeving en onderzoekt hij het complexe proces van observatie en perceptie door middel van verschuivingen in context en betekenis. Een groot deel van zijn werken vertrekt van de gedachte dat objecten, ideeën en situaties, zowel in het individuele als in het collectieve geheugen, verankerd zijn in associaties. Het werk van De Meyer neigt naar het conceptuele, maar behoudt steeds een verhalend karakter. Aan de hand van subtiele ingrepen en creaties doorbreekt De Meyer bepaalde verwachtingspatronen en creëert hij de voorwaarden om het onzichtbare zichtbaar te maken. Het stelt acties die vragen opwerpen over de betekenis van kunst. Dat is onder meer het geval wanneer hij reflecteert over de codes en systemen in de kunstwereld en over zijn positie als kunstenaar. Zo stelt hij het speculatieve van de kunstmarkt en de kunstkritiek in vraag zonder zijn opdrachtgevers, zichzelf of zijn publiek te schuwen. In down wekt Peter De Meyer een robuust, statisch object – bekend als ‘de bok’ uit de turnles – tot leven door middel van een subtiele ingreep. Hij heeft het archetypische gymnastiektoestel op een zijkant gelegd en de poten opnieuw gemonteerd, zodat het tot een weerloos, kwetsbaar dier wordt getransformeerd en het idee van eenzaamheid en vergankelijkheid introduceert.

228


down 2008

P A RO C H I E H U I SJE

229


P A RO C H I E H U ISJ E

N I C O L A S R I VA L S La Mamita 01 & 02 2012

Nicolas Rivals leeft en werkt als fotograaf in Parijs. In 2013 studeerde hij af aan de école Technique Privée de Photographie in Toulouse. Als lid van het collectief Prisme Noir beweegt hij zich voort in het fotografielandschap, op zoek naar beelden die leven. Samen met de zeven andere fotografen van het collectief blijft hij zijn werkwijze herdefiniëren. In zijn werk probeert hij de mens en zijn relatie tot de wereld te doorgronden. Bijna obsessief onderzoekt hij de mogelijkheden van de fotografie in functie van hun expressieve vermogen, zonder aan vorm te moeten inboeten. In La Mamita vertelt Rivals het verhaal van Marcelle, een vrouw met Alzheimer. Op een dag herkent Marcelle Nicolas Rivals niet meer. In twee korte teksten omschreef hij de reeks van negen foto’s in het Frans. La Mamita doet ons glimlachen, maar doet ons ook stilstaan bij de onmogelijkheid van het vasthouden en de onvermijdelijkheid van het loslaten.

Kletterend als een opstand van de geest. De onherroepelijke lichtheid van het bestaan doet de zin er van verdwijnen. Er blijft niets meer van over dan een efemere schim. De angst voor dat wat ophoudt. En de strijd, te oneerlijk om er een traan voor te laten. Tussen eenzaamheid en ziekte,

Zij is reeds verdwenen, dus via de foto’s laat ik haar soms terugkomen.

Vrij vertaald vanuit teksten van Nicolas Rivals

2 30

La Mamita 01 & 02 2012

Tussen het lachen en de melancholie, ken ik Marcelle sinds drie jaar. In het begin leerde ik haar kennen zonder foto’s te maken. Ik heb haar humor met haar gedeeld, haar liefde, haar leven. Vandaag is zij het die mij niet meer kent. Maar we zien elkaar nog steeds, we brengen samen wat tijd door. En dan maak ik foto’s. Dat doet haar vaak lachen.


P A RO C H I E H U I SJE

2 31


232


P A RO C H I E H U I SJE

Moeder Ze zou nu helemaal oud zijn, een stille, bestaande vrouw met de sleet in de vingers. Op zondag zou ze nagaan hoe ik slapeloos overblijf met iemand die zij herkende. In de laatste verwarring zou ze een moederorde bewaren op mijn weerspannige tafel. Tussen mijn dringende leven, tussen haar hese regels zou ze mijn hele hart ondervragen. Ik zou volbracht en verloren zijn, zij zou haar geschiedenis verlaten en weer mijn vader ontmoeten. In mijn andere dagen zou zij gelukkig afwezig zijn. Maar dat zou ik kunnen verdragen.

La Mamita 01 & 02 2012

Bernard Dewulf

2 33


P A RO C H I E H U ISJ E

L O T TA H A N N E R Z 1968, Stockholm, Zweden

Doudours 2006 Chaise-soi 2006

Lotta Hannerz leeft en werkt afwisselend in Stockholm en Parijs. Ze studeerde in 1993 af aan de Konstfack University College of Arts, Crafts and Design in Stockholm en later in 2003 aan het Royal Institute of Art in Stockholm. Haar werk was reeds te zien op verschillende tentoonstellingen in Zweden en Europa. Lotta H annerz won onder andere de Hans and Desy Viksten Award en de C ité Internationale des Arts Studio Award in Parijs. Verschillende van haar werken zijn onder meer opgenomen in de collecties van het Moderna Museet in Stockholm, het Malmö Konstmuseum en het Göteborgs Konstmuseum. Het oeuvre van Hannerz bestaat uit sculpturen, schilderijen en installaties. Ze probeert in haar werk de (on)wetmatigheden van visuele informatie en het misleidende karakter van het taalgebruik te doorspitten. Met verschillende woordspelingen en een gezonde dosis humor wil ze nieuwe dimensies creëren. Hannerz bedenkt verschillende personages die de hoofdrol spelen in haar werk. Haar startpunt vindt ze in de absurde banaliteit van het alledaagse leven. Verschillende van haar schilderijen zijn voorstellingen van zichzelf in bepaalde dagelijkse handelingen. Zo vertelt ze verhalen over bewustzijn, denken, taal, aandacht, concentratie en de daarbij horende droombeelden. Op een komische manier stelt ze ons vragen met haar begoochelingen. De humor in Hannerz’ oeuvre wordt op sommige momenten ietwat grimmiger. Zo ook in Doudours, een eenzame teddybeer die reeds een heel leven achter zich heeft. Vandaag blijft hij hier alleen achter, zonder eigenaar. Of hij gezel-

2 34


Chaise-soi 2006

P A RO C H I E H U I SJE

schap wil, ontdek je wanneer je op zijn knop drukt. Doudours is een reeks van acht beren, die je elk met hun eigen karaktertrekken smeken om hen mee naar huis te nemen. Of net niet.

Chaise-soi is dan weer een trieste, oude en opgelapte stoel met een bordje waarop ‘Looking for a home’ te lezen staat. Dit doet denken aan een ander werk van Hannerz, waarin ze zes kartonnen bordjes van bedelaars tentoonstelt, met daarop geschreven ‘S.V.P. J’ai faim aidez-moi’. Als toeschouwer moeten we toegeven dat ook wij er vaak gewoon voorbijlopen. En dat is ook net wat Hannerz met haar werk wil doen: ons wijzen op dat wat vlak voor onze neus staat en we elke dag opnieuw aan ons voorbij laten gaan.

2 35


2 36


Doudours 2006

P A RO C H I E H U I SJE

2 37


P A RO C H I E H U ISJ E

N icolas la m as 1980, Peru

Functional Paradox 2016

Zowel in het Festivalhuis als in de Douviehoeve kon u eerder op h et parcours al werk zien van Nicolás Lamas.

Functional Paradox hier te zien in het Parochiehuisje behoort tot de serie Dysfunctional Links waarin Nicolás Lamas de illusie van de lange levensduur van moderne industriële producten en menselijke activiteiten onderzoekt. Hij stelt zich vragen bij het werk van de mens en de markeringen die we op de planeet achterlaten en verwondert zich tegelijkertijd over de mysterieuze schoonheid van de natuur. De kunstenaar combineert in deze reeks objecten zo met elkaar dat symbolische en poëtische referenties ontstaan. Functional Paradox toont een geplette IKEA-papieremmer in een IKEA-papieremmer. Lamas toont hier de vergankelijkheid van een voorwerp dat als doel heeft het verzamelen van afval, vergankelijkheid dus.

2 38

Functional Paradox 2016

Een laatste werk van Nicolás Lamas kan u vinden in de Brouwerij.


2 39


P A RO C H I E H U ISJ E

HENK VISCH 1950, Nederland

Inside Story 2015

H enk Visch volgde een opleiding grafiek aan de Koninklijke Academie voor Kunst en Vormgeving in 's-Hertogenbosch. Vanaf 1983 werd Visch vooral bekend door zijn sculpturen, die hij exposeerde in de Fabriek in Eindhoven en later in de Amsterdamse galerie the Livingroom. In 1984 werkte hij in de Ateliers Internationales de Fontevraud-l'Abbaye in Frankrijk op uitnodiging van het FRAC. Tussen 1984 en 2013 was Henk Visch achtereenvolgens docent aan de Amsterdamse Rijksakademie voor Beeldende Kunsten, de Maastrichtse Jan van Eyck Academie, de Staatliche Akademie der Bildende Künste in Stuttgart en de Hochschule für B ildende Künste in Münster en aan de Central Academy of Fine Art (CAFA) in Beijing. In 1988 vertegenwoordigde hij Nederland tijdens de Biënnale van Venetië en in 1992 werd hij uitgenodigd voor deelname aan documenta IX in Kassel. In 2003 nam hij deel aan de Beaufort Triënnale voor Hedendaagse Kunst aan zee.

Aanvankelijk werkte Henk Visch enkel op papier. Vanaf 1980 komt daar het beeldhouwen bij. Zijn oeuvre bestaat zowel uit beelden van meer dan drie meter hoog als uit werken van nog geen dertig centimeter. Figuratieve figuren en abstracte vormen komen beide aan bod. Soms zijn het ijle lijnen van metaal, als tekeningen in de lucht, dan weer zijn het massief bronzen volumes. Zoals Visch zelf zegt: “Mijn werk heeft geen richting, maar alle richtingen.” Het maken van sculpturen vergelijkt Visch met hardop denken in hout, verf en andere materialen. Hij wil niet zozeer de zichtbare werkelijkheid in beeld brengen, maar het beeld een metafoor laten zijn voor de realiteit van de ervaringen. Naast zijn beeldende werk schrijft en dicht Visch. Beeld en taal komen in zijn werk dan ook vaak samen. Dat gebeurt ook in de poëtische titels die Visch zijn sculpturen meegeeft. De introverte creaties krijgen vaak zeer enigmatische titels die bij de toeschouwers een hele stroom van associaties en betekenissen

240


Inside Story 2015

P A RO C H I E H U I SJE

op gang kunnen brengen, zonder afbreuk te doen aan de ware uitstraling van het werk zelf. Taal en beeld werken op elkaar in en versterken elkaar, het beeld en zijn titel vallen samen en drukken met verschillende middelen hetzelfde uit. Statica en beweging zijn de twee grote thematische polen waartussen de sculpturen van Visch zich bewegen. Zijn beeldhouwwerken raken vaak maar licht de grond. De gebruikte materialen lijken heel breekbaar, hun wanden poreus, de gewichten naar boven verplaatst. Zo ook bij Inside Story dat voortdurend in interactie lijkt met de ruimte waarin het zich bevindt. Henk Visch is er altijd op gericht om het associatievermogen van de kijker te prikkelen, ook wanneer die uiteindelijk niet tot de raadselachtige kern van zijn beelden kan doodringen. En daarin ligt de kracht van zijn werk, dat in feite voltooiing vindt in het oog van de kijker. “Het kunstwerk,” zegt Visch, “beschikt slechts over een aspect van het kijken, namelijk het gezien worden. Zijn zichtbaarheid is zijn sterkste eigenschap en alleen voor dit doel werd het gemaakt.’

2 41


P A RO C H I E H U ISJ E

EDITH RONSE 1988, BelgiĂŤ

Water for my mind 2016

Na Bandage in de Kasteeltuin en Hea ds in de Graanschuur vindt u hier in het Parochiehuisje nog een derde en laatste werk van Edith Ronse.

Water for my mind 2016

In de sculptuur Water for my mind zien we geen gelaatsuitdrukking, enkel een houding. Als toeschouwer ervaren we bij het aanschouwen van het beeld een gevoel van ontlading, vermoeidheid en gelatenheid. De figuur laat zich hangen en lijkt uit te ademen. In het oeuvre van Edith Ronse krijgen sculpturen wel vaker geen gezichten mee. De emoties die de kunstenares haar figuren wil meegeven, zitten vaak vervat in de lichaamshouding van haar sculpturen. Hiermee wil Ronse verwijzen naar de verhouding tussen de mens en de natuur. Elk levend organisme bestaat grotendeels uit water en heeft water nodig om te kunnen bestaan. Zo lijkt Water for my mind een plant te zijn die nood heeft aan water om zich terug op te kunnen richten. Niet zelden wordt water symbolisch beschouwd als zuiverend, reinigend en verhelderend. Ook in deze sculptuur gaat Ronse met deze symbolische waarde aan de slag.

2 42


Inside Story 2015

P A RO C H I E H U I SJE

2 43


P A RO C H I E H U I SJE

L eeg

Niemand. Bang voor niemand. Niet bang om niemand te zijn. Ik wacht op een baken. De vogels van de hoop zijn laat. Tienduizend jaar duurde de kou. Ik kijk naar de oudsten, hoe eenzaam, net bomen. Ik zie dorpen, ontvolkt. Zonder je af. Begeef het. Begin met iets luids.

Stilte is de rest. Leeg. Bang voor leeg. Niet bang om leeg te zijn.

Johan de Boose

2 45


L U I S T E RP O D I U M L E O N ARD NOLENS

G edicht voor een vriend Ik zou zo willen dat een ander mij tot in de pulp, Tot in de spijsvertering van mijn hersenen bepraat Met zijn bevreemdende voorgeschiedenis, En mij daar raakt en streelt met zijn hetende tong, Zijn persoonlijke ziel van belijdend vlees. Ik zou zo willen dat een ander mij verbrandt in mij. Ik hou van je verstand, ik eet je ‘s nachts de woorden Uit de mond, de sterkedrank begint te zingen In mijn schedel als je hardop leest uit Apuleius Maar ik heb van jou nooit mogen zijn van jou. Ik wou je dienen en je hebt mijn diensten niet aanvaard. Ik zou je ‘s middags wekken met mango’s en koffie en bloemen En je scheren in een bed vol buitenlandse kranten en doorwaakte nachten, Je zwarte haren kammen met mijn vele muzikale vingers. Maar ik heb van jou nooit mogen zijn van jou. Het is plezierig om je te betrappen in mijn denken aan jou. Het doet ook pijn om zo bij jou te zijn en jij die dat niet weet. Ik wil wel dat je weet dat iemand je soms wil. Ik wou je dienen en je hebt mijn diensten niet aanvaard. Het enige wat ik je vragen zou is ergens in je huis Een kleine kamer om naar jou te kunnen schrijven. Maar die mal, die holle mal, die mallemolen van mijn mond Het is verschrikkelijk dat liefde over liefde niks te zeggen heeft. Het is verschrikkelijk dat leven over leven niks te zeggen heeft.

246


L U I S T E RP O D I U M L E O NARD NOLENS

Ik, Dichter, klokkenist met de verjaarde vingerzetting in het karnen van de wijzers opgeschort tot wichel en windhaan, mene tekel kraaiend in vervaltermijnen van mijn lijf dat naar de dood staat opgedanst — aan de lucht genageld, bepoeierd met Grote Beer, ramzaad, grondwind, leef ik in het opgefokte brein van deze eeuw als een verdwaalde lob, een denkfout, een bedrieglijke bewoording van het eeuwig nu. Dwars door de ragebol van wolgeverfde politiek in gistende culturen trek ik de eigenwaanzinnige horoscoop, ikkerig ‘s avonds binnen spannende spraakgordels losgegespt. Ik ben jullie gevallen steek, jullie inwendige kneuzing na de knieval van de mammoet mammon en het nirwana nergens. Ik ben het mangat van de stilte.

2 47


L U I S T E RP O D I U M L E O N ARD NOLENS

N oordkant

Als zij thuis is kan ik hier het zuiden horen. Zij is het licht dat mij zij kern te eten geeft En straalt tot in de koudste hoeken van mijn leven. Alle warmte die ik ben komt hier van haar. Dat ooit een mens mij zo brutaal, zo helemaal Heeft aangekeken, met een blauw dat ging en gaat Tot op het botste van mijn mannelijke leegte, Dat ooit twee handen hier zo gruwelijk intiem Mijn bloed ging betasten, elke blote zenuw Van het kind dat er onvindbaar in mij sliep, Dat doet mijn oude dood nog pijn, dat maakt mij ziek Van geluk dat ik met haar niet delen kan. als zij weg is blijf ik achter met de schaamte Van de jongen die zijn moeder wil bezitten, hurk ik Neer onder de rok van haar afwezigheid en neurie Onverstaanbaar de zoete ellende van mijn geboorte.

248


L U I S T E RP O D I U M L E O NARD NOLENS

S to m toeval Laat mij maar leven. Ik ben sterk genoeg. Om je afwezigheid te dragen. Dat kon jij niet. Dat kun jij niet alleen. Ook jij hebt iemand nodig. Om je val niet aan stom toeval Over te laten. Ook jij hebt iemand nodig Om je zelfportret nog rond Te krijgen van die val. Ook jij hebt iemand nodig Om je dagboek bij te houden Van een dode. En ook jij hebt iemand nodig Om de knopen los te maken Van je fuik, je los te laten In rustiger vaarwater hier. Dat kan geen mens alleen.

2 49


L U I S T E RP O D I U M L E O N ARD NOLENS

H O MM A G E A A N H E T W O O R D 1 Je bent in mijn begin al inbegrepen. In jou ben ik begonnen, in je wisselzieke vormen Ben ik halvelings gegeven, jouw onvatbaar wezen Staat mij op het lijf geschreven voor het leven. Je laat me niet. Je laat me nooit met rust. In jou vind ik mijn vrijheid en mijn dwang. Je bent de rusteloze plaats waar ik nog niet besta. Je bent het uur dat al mijn spleten vullen moet Met denkend zingen, het meest onpraktische zijn. Je bent het teken in mijn darmen opgevlochten En je bent wat ik moet worden, ooit volmaakt gelijkend. Je bent de reis die mij de reis verbiedt, de honger Die mij eet en mij wellicht verzadigen zal. Je bent. Je bent en je bent niet. Je brengt mij aan het licht Als jij dat wil. En aan jouw willekeur, aan je structuren En stricturen ben ik overgeleverd en toegeschreven. Maar je bezoeken, je benoemen, je bezitten kan ik niet. Wat ik vandaag beteken heb ik altijd jou te danken. Je houdt me staande boven alle nachten in die cycli Van onnozel schepsel, van nutteloos wordende wereld. Je zegt, slechts ik heb alles en ook niets gemeen met jou. Ik draag je in mijn hoofd en ken je niet. Jij draagt me in je schoot en wacht op mijn verschijning. Ik ben wellicht een doodgeboren kind.

250


L U I S T E RP O D I U M L E O NARD NOLENS

V er m oeidheid Als wij, de grote mensen, moe zijn Van het praten met elkaar, Als wij moe zijn van het slapen Met elkaar, het wandelen En handeldrijven met elkaar, Het tafelen en oorlog voeren Met elkaar, als wij zo moe zijn Van elkaar, van het elkaren Van elkaar, dan zetten wij de kat Op onze schouder, gaan de tuin in En zoeken de kinderstemmen achter De hoge hagen en in de boomhut. En zwijgend leggen wij onze vermoeidheid In het gras, en de jaren die zwaar En donker sliepen in de zoom Van onze jas ontbloten zich daarboven In een jongenskeel en dansen op En neer in een vochtige meisjesmond. Als wij, de grote mensen, moe zijn Van het praten, Van het praten, Van het praten met elkaar, Gaan wij de tuin in en verzwijgen ons In de kat, in het gras, in het kind.

251


LOCATIE

252


LOCATIE

253


B RO U W E RIJ

FRED EERDEKENS 1951, BelgiĂŤ

Absence is the most glorious state of mind 2017

Absence is the most glorious state of mind 2017

Fred Eerdeke ns is een Belgisch beeldend kunstenaar die in Hasselt woont en werkt. Hij was onder meer docent aan het HISK in Antwerpen en had eerder solotentoonstellingen in Brussel, New York en Wenen. Eerdekens werkt voornamelijk driedimensionaal en zet hierbij sterk in op de componenten taal, materiaal, licht en schaduw. De kunstenaar schrijft zelf de teksten die de eigenlijke grondstof zijn van zijn werken. Ze gaan meestal over een gebrek aan datgene wat je net nodig hebt. Zijn plastisch oeuvre vormt de aanzet van een wereld die enkel door middel van woorden kan voorgesteld worden. In de schaduw, daar waar geen licht is, vertelt Eerdekens een verhaal over de dingen die ontbreken. Soms kort, soms lyrisch, soms langoureus. Daarnaast tekent Eerdekens, voornamelijk in aquarel.

254


B RO U W E RIJ

Steeds opnieuw ontfermen de werken van Eerdekens zich over de vraag hoe taal zich tot de wereld verhoudt, maar net zo goed over de vraag hoe wij in die wereld staan. Zijn werken zijn een uitgebreide inspectie van het materiaal waarmee we de wereld proberen te doorgronden, namelijk de taal. Als er een volmaakt huwelijk was tussen taal en wereld, stelt de kunstenaar, dan zouden ze elkaar perfect spiegelen. Dat is echter niet het geval, er is altijd sprake van interpretatie die afhankelijk is van ingenomen standpunten. Bovendien is er ook een verschil tussen betekenis en verwijzing: een bewering geeft een beeld van de werkelijkheid, maar blijft slechts een verwijzing: je kan er niets uit afleiden over de reële wereld. In het oeuvre van Eerdekens vormen licht, schaduw, materialiteit en taal een hechte eenheid die die schijngestalten van de werkelijkheid benadert. Eerdekens’ beelden zijn allen vertekende beelden. Ze lijken een gesloten, onkraakbare code te verbergen. Dat is ook bij absence is the most glorious state of mind het geval; het is pas als er licht schijnt op het object dat er woorden tegen de muur verschijnen. Het werk wordt met andere woorden zichtbaar gemaakt door het licht. Dat wat als donkere schaduw achterblijft, en dus eigenlijk geen beeld is, vormt de woorden die het fysieke beeld niet wil vrijgeven. Het object en de projectie hebben bij Eerdekens een veel nauwere band dan bij filmof dia projecties. Het licht moet namelijk een veel directere relatie aangaan met de objecten om die projectie te realiseren, ze vullen elkaar aan. De onleesbare objecten van Eerdekens worden zo vervormd tot een leesbare schaduw. De kunstenaar laat ons zelfs het mechanisme van de objecten en haar schaduwen doorzien: de kijker wordt verplicht om de twee werelden te zien. Naar teksten van Stef Van Bellingen en Tim Toubac. Verder op het parcours vindt u nog een werk van Fred Eerdekens in de kerk.

255


B RO U W E RIJ

TAY S I R B AT N I J I 1966, Gaza

Untitled (Keys) 1997 Valise 2002 Ceinture à Munition 2015

Untitled (Keys) 2002

Suspended Time 2006-2011

Taysir Batniji woont en werkt in Parijs. Hij studeerde aan de AlNajah universiteit in Nablus en later aan de Ecole Nationale des B eaux-Arts de Bourges, de universiteit van Parijs, Saint-Denis en de Ecole Nationale des Beaux-arts van Marseille. Batniji studeerde aanvankelijk af als schilder, maar zijn werk situeert zich voornamelijk in de videokunst en fotografie. Sinds 2001 werd hij uitgenodigd op verschillende residenties in Duitsland, Senegal, Frankrijk en Zwitserland. Zijn werk werd reeds tentoongesteld in onder andere Parijs, Jeruzalem, Berlijn, Wenen en Rotterdam. Hij nam deel aan de Biënnale van Venetië in 2003 en 2009, de Biënnale van Sharjah in 2007, de Biënnale van Havana in 2003 en de Alexandria Biënnale in 1999 en 2001. Het werk van Taysir Batniji stelt vragen over de (on)mogelijkheden van migratie, het idee van een (t)huis en de bewegingen die van de mens een buitenlander maken. Wat hij ondervindt in de Palestijnse realiteit, vertaalt hij in zijn oeuvre. Het constante onderweg zijn, de verschuivende grenzen en het definiëren van een identiteit zijn centrale thema’s die Batniji aanraakt. Zo ook in Valise , een werk dat de lange tocht van vele vluchtelingen representeert. De betekenis van de valies is evident. Het zand kunnen we zien als de grond die de vluchtelingen

256


Suspended Time 2006-2011

B RO U W E RIJ

hebben moeten trotseren, of als de thuisgrond en het zware gewicht dat zij mentaal en fysiek met zich meedragen. Ceinture à Munition kan de toeschouwer lezen als een kritiek op het aanhoudende Arabisch-Israëlisch conflict, maar ook als het toejuichen van de geschreven strijd, het ijveren naar censuurloze persberichten. Suspended Time laat ons een neergelegde zandloper zien. Batniji benadrukt hier het bestaan van gebeurtenissen doorheen de tijd, zonder dat die tijd door die gebeurtenissen werkelijk geconsumeerd wordt. Op die manier gebeurt alles eigenlijk onafhankelijk van tijd. Hoe kunnen we nog over betekenis spreken zonder de actuele politieke, sociale en culturele feiten te negeren? De zandloper legt de tijd stil, maar creëert tegelijk een teken van oneindigheid. Untitled (Keys) is het oudste werk van Batniji dat op Kunstenfestival Watou tentoongesteld wordt. Het werk stelt de uitstroom van de Palestijnen in 1948 voor. Ze vluchtten voor de slachtpartijen in hun land. Elk van hen hield vast aan de sleutel van hun huis, denkend dat ze snel terug zouden kunnen keren. Hun hoop en herinneringen zijn nog steeds van tel, gezien de verwoesting of bezetting van hun eigendommen door het Israëlische volk reeds zestig jaar doorgaat. Keys is deel van een reeks werken waarin Batniji de grenzen van het schilderen onderzocht, alvorens hij meer installatiekunst ging maken. Het schilderdoek gaat hier zijn doel voorbij en staat metafoor voor de overblijvende herinnering.

257


258


259

Valise 2002


B RO U W E RIJ

PIERRE FRAENKEL 1972, Frankrijk

Que serais-je sans toît/toi? 2013

Pierre Fraenkel komt uit een Belgische familie maar werd geboren in Chamonix, Frankrijk. Hij studeerde beeldende kunsten in Nancy en later in Besançon en Cergy-Pontoise. Momenteel woont hij in Mulhouse. In zijn werk combineert Fraenkel ironie, slogans en handschrift. Met performances en geschilderde woorden in de stad trekt hij ons mee in zijn universum. Fraenkel is erg geïnteresseerd in wat hij de politiek van de stad noemt. Hij staat bekend om zijn slagzinnen die hij er verspreid.

2 60


Que serais-je sans toît/toi? 2013

B RO U W E RIJ

In 2008 werd Fraenkel er in Mulhouse toe aangetrokken om zich binnen zijn werk te verhouden tot het alledaagse. Het vinden van je plaats in de samenleving is wat hem bezighoudt. Hij drukt zich uit in de publieke ruimte en laat aan de voorbijgangers zien wat hen verbindt. Zo probeert hij de collectieve ervaring in relatie te brengen met de persoonlijke beleving, de kwetsbaarheid en de uitsluiting van de mens. Solidariteit en samen leven in de samenleving is waar hij voor ijvert in tijden van virtuele communicatie, politieke negativiteit en de steeds groeiende afstand tussen mensen. "Wij zijn elkaars thuis, wij zijn allen grondleggers en verantwoordelijken.

Door ons eigen handelen bepalen wij wat menselijkheid is. Wij zijn het gezicht van de samenleving.", aldus Fraenkel. Met het woordspel Que serais-je sans toît/toi? stelt Pierre Fraenkel ons vragen over onze relatie met de ander en de plaats van het individu in de maatschappij. Het idee van slogans uit de reclame zet hij naar zijn hand en zo slaagt hij er in om ons te doen stilstaan bij een existentiële boodschap. Que serais-je sans toi/toît? werd voor het eerst tot stand gebracht tijdens Wild painting in the street in Mulhouse.

2 61


B RO U W E RIJ

Que serais - je sans toi ? Que Que Que Que

serais-je sans toi qui vins à ma rencontre serais-je sans toi qu’un cœur au bois dormant cette heure arrêtée au cadran de la montre serais-je sans toi que ce balbutiement ?

J’ai tout appris de toi sur les choses humaines Et j’ai vu désormais le monde à ta façon J’ai tout appris de toi comme on boit aux fontaines Comme on lit dans le ciel les étoiles lointaines Comme au passant qui chante on reprend sa chanson J’ai tout appris de toi jusqu’au sens du frisson Que Que Que Que

serais-je sans toi qui vins à ma rencontre serais-je sans toi qu’un cœur au bois dormant cette heure arrêtée au cadran de la montre serais-je sans toi que ce balbutiement ?

J’ai tout appris de toi pour ce qui me concerne Qu’il fait jour à midi qu’un ciel peut être bleu Que le bonheur n’est pas un quinquet de taverne Tu m’as pris par la main dans cet enfer moderne Où l’homme ne sait plus ce que c’est qu’être deux Tu m’as pris par la main comme un amant heureux Que Que Que Que

serais-je sans toi qui vins à ma rencontre serais-je sans toi qu’un cœur au bois dormant cette heure arrêtée au cadran de la montre serais-je sans toi que ce balbutiement ?

Que Que Que Que

serais-je sans toi qui vins à ma rencontre serais-je sans toi qu’un cœur au bois dormant cette heure arrêtée au cadran de la montre serais-je sans toi que ce balbutiement ?

Qui parle de bonheur a souvent les yeux tristes N’est-ce pas un sanglot de la déconvenue Une corde brisée aux doigts du guitariste Et pourtant je vous dis que le bonheur existe Ailleurs que dans le rêve ailleurs que dans les nues Terre terre voici ses rades inconnues Louis Aragon 2 62


B RO U W E RIJ

Wat z ou ik z ijn z onder jou ? Wat zou ik zijn zonder jou die de weg naar me vond Wat zou ik zijn zonder jou dan een hart van graniet Dan de tijd op een klok die jaar en dag stilstond Wat zou ik zijn zonder jou dan dit gestamelde lied? Je leerde me alles over de dingen van het leven En nu zie ik de wereld zoals jij die ziet Je leerde me alles zoals het komt te nemen Zoals je de sterren leest ver aan de hemel Zoals je meezingt met een aanstekelijk lied Je leerde me alles, de zin van vreugde verdriet Wat zou ik zijn zonder jou die de weg naar me vond Wat zou ik zijn zonder jou dan een hart van graniet Dan de tijd op een klok die jaar en dag stilstond Wat zou ik zijn zonder jou dan dit gestamelde lied? Je leerde me alles zonder dat ik het vroeg Dat het overdag licht is en de lucht soms blauw Dat geluk geen lamp is die brandt in een kroeg Je nam me bij de hand in de hel waar ik zwoeg Waar niemand nog weet wat liefde is of trouw Je nam me bij de hand, mijn geliefde, mijn vrouw Wat zou ik zijn zonder jou die de weg naar me vond Wat zou ik zijn zonder jou dan een hart van graniet Dan de tijd op een klok die jaar en dag stilstond Wat zou ik zijn zonder jou dan dit gestamelde lied? Wat zou ik zijn zonder jou die de weg naar me vond Wat zou ik zijn zonder jou dan een hart van graniet Dan de tijd op een klok die jaar en dag stilstond Wat zou ik zijn zonder jou dan dit gestamelde lied? Wie over geluk praat heeft vaak droevige ogen Het kan om een traan van de nederlaag gaan Een gitaarsnaar onder het spelen gebroken Toch zeg ik liefde, geluk zijn geen loze woorden Die alleen in een droom of in wolken bestaan. Aarde aarde zie hun geheime haven aan. Louis Aragon (vertaling Katelijne De Vuyst)

2 63


B RO U W E RIJ

m offat takadiwa 1983, Karoi, Zimbabwe

Judging by Language 2017

Moffat Takadiwa woont en werkt in Harare, Zimbabwe, waar hij in 2008 afstudeerde aan het Polytechnic College. Met de grote sculpturen die Takadiwa van afgedankt materiaal maakt, nam hij reeds deel aan verschillende groepstentoonstellingen in Parijs, Kaapstad, Londen, New York en Harare. Recente solotentoonstellingen waren Africa Not Reachable! In Harare (2012), Local Foreign Products in Johannesburg (2015), Foreign Bodies in Kaapstad (2016) en zopas sloot hij in mei zijn solotentoonstelling Say H ello to English in Tyburn Gallery in Londen af.

Via Judging by language spreekt Moffat Takadiwa krachtig over de consumptie van uitheemse producten in zijn geboorteland Zimbabwe en de rest van Afrika. Het werk heeft iets weg van een oog en doet denken aan een aankleding voor een Afrikaanse rite. Het verwijst uiterlijk naar spirituele rituelen en brengt op die manier een bepaalde culturele identiteitscrisis in beeld. Takadiwa omschrijft zichzelf als een ‘spirituele afvalman’, passend bij de magische composities die hij maakt van wat hij vindt in de achterbuurten van Harare. Het werk bestaat voornamelijk uit computertoetsen. Wat onze ogen zien, communiceren wij veel meer dan vroeger via toetsen die het digitale scherm sturen. Onze meningen verspreiden zich vliegensvlug en wereldwijd. Afstanden in tijd en ruimte overbruggen wij probleemloos, maar de afstand tussen mensen wordt er niet minder om.

2 64

Judging by Language 2017

Met materialen als afval van computers, spuitbussen, tandenborstels en lege tubes tandpasta creëert Moffat Takadiwa indrukwekkende sculpturale kunstwerken. De samengeweven kleine alledaagse objecten worden organische vormen die aandoen als grote juwelen. In zijn werk vinden we een ritualistische vorm van minimalisme terug, waarbij kleuren en vormen esthetisch samenvallen en interessante mozaïeken creëren. Als je de werken van Moffat Takadiwa van ver bekijkt, zie je niet meteen welk materiaal er gebruikt wordt. In die keuze van materiaal communiceert de kunstenaar zijn bezorgde standpunt omtrent ons gedrag als consument, onze groeiende ongelijkheid, post-kolonialisme, milieuproblematieken en culturele identiteit.


2 65


B RO U W E RIJ

NICOLAS LAMAS 1980, Peru

Contact 2015

Eerder langsheen het parcours vond u al werk van Nicolás Lamas in het Festivalhuis, de Douviehoeve en het Parochiehuisje. Hier in de Brouwerij kan u een laatste werk van hem zien. Voor Contact plaatste Nicolás Lamas een ammoniet (een fossiel van minstens 65 miljoen jaar oud), en een iPad (die dateert van het begin van het huidige decennium) naast elkaar. De kunstenaar wil de bezoekers confronteren met veroudering, de waarde van achtergebleven sporen en de digitalisering van onze omgeving of zelfs van ons geheugen. Net zoals een fossiel plots opduikt aan de voeten van een wandelaar, stijgen deze thema’s bij het aanschouwen van het werk naar de oppervlakte.

2 66


Contact 2015

B RO U W E RIJ

2 67


B RO U W E RIJ

DAAN DEN HOUTER 1977, Nederland

Money Floor 2017 Cais do Sodré 2011 Keep on dreaming 2017

Eerder op het parcours zag u van Daan den Houter al deSociale Sculptuur High-Tea- Table aan de Douviehoeve en de foto True Love in de Graanschuur.

Het werk van Daan den Houter onderzoekt de positie van veronderstellingen uit het (dagelijks) leven. Soms door het perspectief letterlijk te veranderen, zoals in High-Tea-Table , andere keren door onze verhouding tot een object te veranderen, zoals hier bij de installatie waarin het werk Money Floor wordt gecombineerd met de video Cais do Sodré . De vloer ligt bezaaid met 20.000 muntstukken van 1 eurocent. Elke bezoeker mag een muntstuk meenemen naar huis en wordt zo een bescheiden mede-eigenaar van een kunstwerk. De video geeft het verloop weer van een gelijkaardige installatie die Daan den Houter deed in een treinstation in Lissabon (Portugal) in 2011. Het werk creëert een nieuw perspectief dat aanspoort onze eerste indruk te herdefiniëren, en onze eigen geaccepteerde aannames te her-evalueren. Money Floor wakkert een discussie over de waarde van het werk aan en vraagt de toeschouwer naar zijn mening. Het is de humor waarmee hij de dingen ter discussie stelt, die het werk zowel complex als toegankelijk maken.

2 68


Money Floor 2017

Ook met het werk Keep on Dreaming stelt Daan den Houter zich vragen over de waarde van kunst en het (mede-)eigenaarschap. Zestien stalen kubussen staan opgesteld in een vierkant. In elke kubus staat een uniek nummer gegraveerd en één van de kubussen bevat een goudklompje van 50 gram. De fluctuerende waarde van goud geeft het werk een extra dimensie. De kubussen zijn op Kunstenfestival Watou elk afzonderlijk te koop voor €333. Wie zijn kubus openbreekt kan worden aangeklaagd door de andere verzamelaars, omdat het kunstwerk als conceptueel geheel dan niet meer volledig is. Als eigenaar ben je dus contractueel mee verantwoordelijk voor het voortbestaan van het gehele werk. Indien een eigenaar besluit zijn of haar kubus te vernietigen, houdt de droom over wat men met het klompje goud zou kunnen doen ook op voor de andere 15 eigenaars. De kunstenaar vraagt zich af wat het meeste waarde heeft: de zekerheid over het al dan niet alleen bezitten van een klompje goud of de gemeenschappelijke droom.

2 69


LOCATIE

270


LOCATIE

271


KLOOSTER

STEPHEN WILKS 1964, Engeland

Big Ceramic Bottle 2013

In de Douviehoeve kon u van Stephen Wilks al het werk The Caterpillar zien. De gigantisch uitvergrote rups uit textiel werd door de kunstenaar gebruikt als symbool van de metamorfose. Voor Big Ceramic Bottle , een grote verkreukelde fles op een sokkel, verheft Stephen Wilks een flesje dat normaal als afval zou worden gezien tot kunstwerk. Zo wil de kunstenaar ons bewust maken van hoeveel we eigenlijk consumeren en weggooien. Het materiaal weerkaatst de tegenstrijdigheid van het onderwerp. De glans van het materiaal en de manier waarop de fles gekreukt is, maken het werk aantrekkelijk om te zien. Maar onder de glanzende laag vertoont het keramiek barstjes. De fles lijkt een metafoor te zijn voor een gedeukte mens. Door het uitvergroten van iets banaals als een flesje en het te verheven tot kunst, kan het werk in de traditie van art nouveau of Popart geplaatst worden.

272


JBig Ceramic Bottle 2013

KLOOSTER

273


KLOOSTER

W I L LY B A E Y E N S 1960, BelgiĂŤ Fragile 2015

Fragile 2015

One size jacket 2017

Willy Baeyens studeerde naast schilder- teken, en grafische kunsten ook beel dhouwen en letter- en schildertechnieken aan de Academies van Gent en Aalst. Bij zijn afstuderen aan deze laatste, ontving hij de prijs Valerius De S aedeleer. Met deze prijs bekroont de stad Aalst jaarlijks een eindwerk van een student aan de Academie. Willy Baeyens runde na zijn studies jarenlang een eigen reclamebureau tot hij in 2014 resoluut voor de kunst koos. Op een korte tijd baant hij zich een weg door de hedendaagse kunstwereld. Het oeuvre van Willy Baeyens bestaat uit schilderijen, tekeningen en installaties. De schilderijen zijn doorgaans uitgevoerd in warme aardetinten met sterke licht-donker contrasten. Met zijn tekeningen toont Baeyens zijn oog voor detail en technische gedrevenheid. Zijn werk kan aanzien worden als hedendaags realistisch en is intens confronterend en emotioneel geladen. De kunstenaar schuwt de grote emoties (pijn, angst, verdriet, verlangen) niet en nodigt de toeschouwer uit tot dialoog.

274


One size jacket is intens in zijn alleenigheid. De dwangbuis hangt in een verlaten, donkere ruimte, wachtend op een eerstvolgende gebruiker. In tijden waarin steeds meer mensen nood hebben aan psychologische bijstand, confronteert de nabijheid van het voorwerp de toeschouwer. De eenzaamheid en kilte die het schilderij in olieverf uitstraalt, wordt hier nog versterkt door de combinatie met Fragile. Een man zit in zichzelf gekeerd, breekbaar voor zichzelf en de buitenwereld. De uitvoering in potlood bekrachtigt de kwetsbaarheid van de figuur. Opgesloten in zijn eigen geest leeft hij afgesloten van de wereld. De houten kist moet hem beschermen maar stigmatiseert en vereenzaamt de man tegelijkertijd nog meer.

275

One size jacket 2017

Fragile 2015

KLOOSTER


KLOOSTER

Ik Ik Ik Ik Ik

is niet het juiste woord. vind niet het juiste woord. zoek niet het juiste woord. wil niet het juiste woord. wil juist ik.

Ik wil het juiste ik. Het juiste ik is niet ik. Het juiste ik is niet het juiste woord. Ik wil het juiste woord. Ik zoek het juiste woord. Ik vind het juiste woord. Ik.

Mark Insingel

276


KLOOSTER

ademloos en met niets begonnen is alles zelf gemaakt onverbiddelijk gebeiteld en geschuurd splinters begraven onder arm lang woedend boenen geslepen tast, bezwaarde schouders kijk mama, zonder handen en zonder feest alsmaar in beweging blijft het zeer achter volgend zoals onderwater zwemmend het lange haar door de schedel op sleeptouw wordt genomen me nooit rakend zolang ik in beweging blijf immers in stilstand halen ze me in die natte strengen van schade en schande omsluiten het gezicht, maken monddood en benemen me de adem

Kris Van Riet

277


KLOOSTER

KLAARTJE LAMBRECHTS 1976, België

Rewound 2015 (voor Tim)

Klaartje Lambrechts woont en werkt in Antwerpen. Gedreven door perfectie en tien jaar beroepservaring in de mode-industrie in Antwerpen en in Parijs, die ze afsloot als commercieel directrice voor het bero emde Belgische modehuis A.F. Vandevorst, ontwikkelde Lambrechts een geraffineerde blik op het esthetische. Door haar drang naar creativiteit en innerlijke zingeving, begon ze in 2008 een opleiding fotografie aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen om zo haar eigen visueel verhaal te kunnen vertellen. In 2012 besloot ze om haar tijd volledig te wijden aan de fotografie. Haar werk wordt gekenmerkt door haar gracieuze assimilaties van menselijke emoties. Ze legt haar focus op conceptuele fotografie en portretfotografie. Hoewel haar beeldtaal een puurheid en kwetsbaarheid oproept, zit ze vaak verborgen onder een gelaagdheid. Deze gelaagdheid wordt versterkt door het lichtspel, gestileerd in een esthetische compositie.  Zo ook voor de werken uit haar serie Rewound. Neergezet in een steriele ruimte waarin alleen het genadeloze licht het decor vormt, is de focus op de essentie onvermijdelijk. De geïsoleerde, sculpturale figuren zijn uitgepuurd waarbij elk detail weloverwogen en doelgericht gestileerd is. Alsof terugkijkend in het verleden alsnog de controle gezocht wordt.

278


Rewound 2015

KLOOSTER

Hoewel de zachte contouren van de verstilde figuren een zekere tederheid verraden, roepen de beelden van Klaartje Lambrechts een gevoel van onrust op. Zorgvuldig uitgekerfde verbeeldingen van daar waar het leven haperde en schokte. Het verleden onderzoekend openbaren zich substantiële herinneringen die vragen oproepen. Zijn wij de balans van onze schade en successen? De onvermoeibare esthetische aandacht voor deze details staat lijnrecht tegenover het rauwe zeer dat uitgebeeld wordt. Door de concentratie op de enscenering en schoonheid van pijnlijke emotie ontstaat een spanningsveld waarbij er enerzijds een geruststellende afstand tot de schade gecreëerd wordt en er anderzijds juist een klemtoon wordt gelegd op de intensiteit ervan.

279


KLOOSTER

Naakte muziek speelt in de grotten en de slapen zijn een tempel waarin een chagrijnige godheid op de wanden slaat laat me eruit ik moet haastig en dagelijks een schitterend kind baren mijn vingers openhalen aan doorschijnende huid geruisloze fontanellen laat me met stilte een zegel verbreken een voertuig voor het onderwerp de pegel en de pekel in de ijstijd zijn

Vicky Francken

280


281

Rewound 2015


KLOOSTER

B R A C O D I M I T R I J E V ic 1948, Sarajevo

This could be a place of historical importance 1972

B raco Dimitrijevic werd geboren in Sarajevo en woont en werkt vandaag in Parijs. In 1971 studeerde hij af aan de kunstacademie van Zagreb, waarna hij in 1973 zijn postgraduaat afrondde aan de St. Martin’s School of Art in Londen. Verschillende solotentoonstellingen waren van hem te zien in onder andere Sint-Petersburg, Parijs, Philadelphia, Budapest, Saint-Etienne en Luxemburg. Dimitrijevic was participant in de Documenta van 1972, 1976 en 1993 en nam vijf keer deel aan de Biënnale van Venetië. Ongeveer 70 publieke kunstverzamelingen verspreid over de hele wereld bevatten delen van zijn oeuvre. Dimitrijevic werd in het begin van de jaren ’70 bekend met een serie foto’s. Hij documenteerde toevallige voorbijgangers die hij op grootschalige billboards en andere publieke plekken liet zien. Op die manier stelde hij de manier van representatie in de massamedia in vraag. De fotoserie blijft tot op vandaag groeien en zoomt daarbij ook in op bepaalde vragen van de hedendaagse maatschappij. De kunstenaar geeft de toevallige passanten op die manier even veel aandacht als beroemde figuren die prominent aanwezig zijn in de media of als mensen die van historisch belang zijn. In meer recente werken bouwt Dimitrijevic installaties op rond historisch belangrijke kunstwerken. Hij incorporeert de meesters van weleer in alledaagse omgevingen, compleet met meubels en een schaal fruit.

This could be a place of historical importance stelt wederom vragen over historisch (on)belang. Het werk is een marmeren plaat met de tekst in gou-

282


This could be a place of historical importance 1972

KLOOSTER

den gegraveerde kapitalen. Op die manier lijkt het plakkaat op dat van een herdenkingsplaats. Het werk werd voor het eerst tentoongesteld in 1977 op Documenta 6 in Kassel. Het is deel van een reeks gelijkaardige plakkaten die op verschillende publieke locaties gefotografeerd werden. Met de reeks wilde Dimitrijevic het belang van toeval in de geschiedenis benadrukken. Hij bekritiseert de onderliggende machtsstructuren die bepalen welke plaatsen, mensen of data van historisch of cultureel belang worden geacht. Als voorbeeld geeft hij de Franse componist Berlioz, op wiens huis een herdenkingsplaat hangt waar op staat ‘Berlioz leefde hier’. "De linguistische code voor de boodschap van de presentatie van dit plakkaat geeft ons eigenlijk het statement ‘Hier leefde een genie’, wat impliceert dat er op alle plaatsen zonder herdenkingsplaat, nooit een genie heeft geleefd.", aldus Dimitrijevic. Naar een tekst van Elizaveta Butakova, 2010, TATE Modern

283


KLOOSTER

Zavente m Afgerukt been bot bloed laaiend vuur in de vlieghal zij zit met het hoofd van haar kind in handen schedel beroofd van dromen hij merkt in een tel van eeuwigheid dat zijn benen ontbreken en sterft bommengordels aangegord bliezen de baarden zich rechtvaardig op puur en genadeloos in hun jacht op maagden zullen wij ook zo paradijsgericht zijn? god ontferm u en schaf religie af

Remco Campert

284


KLOOSTER

285


KLOOSTER

M AT t H I E U L O B E L L E 1966, Brugge

Place to Hide (tekening 2015, maquette 2017)

Matthieu Lobelle woont en werkt in Oostende. Hij studeerde aan de Sint-Lucas School of Arts in Gent. Lobelle maakt erg veel dagboektekeningen. In zijn werk onderzoekt hij de grens tussen leven en dood, de relatie tussen natuur en cultuur, de geschiede nis en het heden. Hij stelt dikwijls de mens als centraal gegeven in vraag. Zijn beelden vinden meestal hun o orsprong in persoonlijke herinneringen, maar ook het collectieve geheugen gerelateerd aan hedendaagse problematiek en vormen zijn inspiratie.

Een aantal beeltenissen komen in zijn werk terug, al dan niet in andere gedaantes. Het huis wordt zo gebruikt als compacte en gesloten metafoor voor de menselijke natuur. De menselijke figuur wordt dan weer uitgebeeld als sculptuur die herleid wordt tot wat essentieel en herkenbaar is: de mens die zich tevergeefs probeert los te wrikken uit zijn geschiedenis. In zijn werk maakt hij allusies op tijd als abstract en onvatbaar element dat zich manifesteert in de persoonlijke en collectieve herinnering. Zijn eenvoudige weergaves van alledaagse objecten

286


Place to Hide (tekening 2015, maquette 2017)

KLOOSTER

dragen soms een donkere kern in zich en confronteren de toeschouwer met onmacht en obstructies. Hij ziet zichzelf als een kunstenaar die de dingen bekijkt vanuit zijn observatorium en vervolgens zijn bemerkingen rapporteert.

van de kunstenaar als figuurlijke kluizenaar. Het zich kunnen terugtrekken en de zaken van op een afstand aanschouwen, vindt Lobelle belangrijk. Die afstand stelt de kunstenaar in staat om een nieuw universum te creĂŤren. De maquette die bij het werk hoort, focust dan weer op het evenwicht tussen realiteit en verbeelding waar de kunstenaar naar op zoek is. De transparantie van de maquette benadrukt het broze karakter van dat evenwicht.

Place to Hide komt uit een reeks bic-tekeningen waarin Lobelle focust op de kracht van bepaalde omgevingen. Andere tekeningen uit de reeks kregen benamingen als Place to Kill , Place to Love of Place to Speak. Place to Hide vertelt ons het verhaal

287


KLOOSTER

LAURA DE CONINCK 1978, België

If eyes could speak 2017

Al tijdens haar studies aan Sint-Lukas in Antwerpen was de stijl van Laura Deconinck uitgesproken. Ze combineerde schilderkunst met knipsels en maakte gebruik van toevalligheden om er iets helemaal anders van te maken. Als illustrator werkt ze voornamelijk in opdracht voor onder andere Knack, Vacature en de Standaard. Vandaag is de Coninck naast beeldend kunstenares ook fulltime beauty-journaliste voor het tijdschrift Marie-Claire. Laura de Coninck is de dochter van de in 1997 overleden Herman de Coninck. Naast een zeer geliefd en bekroond dichter, was de Coninck ook essayist, journalist en tijdschriftuitgever en hoofdredacteur van het Nieuw Wereldtijdschrift. In 2013 stond hij centraal in de Eregalerij in de Douviehoeve. Op vraag van Kunstenfestival Watou maakte dochter Laura toen tekeningen bij een selectie van zijn gedichten uit de bundel De Lenige Liefde .

De werken van Laura De Conick kijken de toeschouwers vaak aan met grote ogen. Zoals ook hier in If eyes could speak . Hierover zegt Laura zelf het volgende: “Dat is waarschijnlijk hetgeen waar je mijn tekeningen het best aan herkent: aan de wat ruwe, primitieve maar expressieve gezichten, met hoekige neuzen, grote ogen en grote monden. Als ik gezichten maak die teveel op gewone gezichten lijken, dan wringt er iets of ziet het er allemaal te braaf uit”. Het werk van Laura de Coninck is soms grappig en ludiek, dan weer eerder zwaar op handen. Zelf beweert ze geen grote tragedies te willen uitbeelden. Ze beschouwt haar eigen werk dan ook niet als confronterend, maar eerder als beweeglijk en relativerend.

288

If eyes could speak 2017

Voor haar creaties werkt Laura de Coninck met een combinatie van schilderen collagetechnieken en maakt ze gebruik van een ingetogen kleurenpalet: diepblauw, zachtgrijs, ivoor- en aardetinten opgehoogd met een typisch, steeds terugkerend warm rood. Dit rood lijkt door Laura De Coninck wel opnieuw uitgevonden en staat voor onderhuidse passie en authenticiteit. De fragiele en intieme sfeer van haar werk wordt niet alleen door het kleurenschema bepaald, maar is bovenal het resultaat van haar bedachtzame manier van werken. Laura de Coninck laat in haar creatief proces ruimte voor aarzeling en twijfel. Daardoor worden haar beelden sterker en zijn ze des te meer in staat om complexe emoties over te brengen, net zoals haar vader dat met woorden deed.


KLOOSTER

289


KLOOSTER

B E N G T L I N D S T R ÖM 1925, Zweden

La Lai De La Lance 1978

Kunstenaar Bengt Karl Erik Lindström volgde schilderlessen aan de Isaac Grünewald Kunstacademie in Stockholm, de Koninklijke Deense Kunstacademie van Kopenhagen en het Art Institute in Chicago. Daarnaast kreeg hij in 1948 in Parijs les van de Franse schilders André Lhote en Fernand Léger. Hij was een van de bekendste eigentijdse kunstenaars van Zweden met een kenmerkende stijl. Een van zijn beroemd ste beeldhouwwerken is het massieve Y-Beeldhouwwerk bij De Luchthaven van Midlanda, in het noorden van Sundsvall, Zweden. Lindström heeft zijn werk wereldwijd geëxposeerd en zijn kunst is vertegenwoordigd in de collecties van bedrijven, particulieren, instellingen en musea. Hij overleed in 2008 in Zweden. Het oeuvre van Lindström bestaat uit schilderijen van olieverf en acryl, muurschilderingen, lithografieën, etsen, aquagravures, zeefdrukken, sculpturen en mozaïeken. Hij maakte kunstwerken die zich bevinden op het spanningsvlak tussen figuratieve en abstracte kunst. De kunstenaar was een belangrijk lid van de Cobra-beweging en zijn stijl is dan ook typerend voor deze kunststroming. In zijn werken, die een primitieve en expressieve beeldtaal bevatten, kan de toeschouwer figuren vinden die geabstraheerd en expressief zijn weergegeven. De fantasierijke figuren hebben verdraaide gezichten, grote ogen en monden, en hun lijf is vaak disproportioneel weergegeven. De werken doen denken aan de tekeningen van kinderen. Het werk La Lai De La Lance dat u hier in het Klooster vindt, is daar een voorbeeld van. Lindström heeft ook kunstwerken gemaakt die geheel abstract expressief aandoen, maar waar soms toch een herkenbaar element in gevonden kan worden, zoals een oog. Typerend voor zijn stijl zijn de dikke, zwarte contouren en de felle, contrastrijke kleuren. De creaties van Lindström hebben veelal een dikke structuur door zijn royale verfgebruik. Hij gebruikte emmers met pure kleuren en bewerkte hiermee doeken die hij op de grond plaatste waardoor het leek alsof hij aan het beeldhouwen was met verf.

2 90


La Lai De La Lance 1978

KLOOSTER

2 91


KLOOSTER

ALET PILON 1949, Nederland

Not me 2011

Alet Pilon wordt na haar opleiding docent mode aan de Academie voor Beeldende Kunst Minerva in Groningen en vervolgens aan de Rietveld Academie in Amsterd am. Hier stond ze meer dan tien jaar aan het hoofd van de modeafdeling waar ze instond voor een opleiding die de grenzen van de mode opzocht. Dat grensoverschrijdende aspect is ook terug te vinden in haar persoonlijk werk. Het strekt zich uit over disciplines heen en lijkt een unieke plek in te nemen in een gebied dat tussen mode, beeldende kunst en biologie ligt. Vandaag woont en werkt Alet Pilon in Haarlem. Met haar echtgenoot, beeldend kunstenaar Arthur Kempenaar, organiseert ze in hun woning aan de Wagenweg cursussen en Kunstdiners. Ze exposeert in binnen- en buitenland en haar werk is opgenomen in zowel museale als in privécollecties. In 2011 verscheen haar oeuvrecatalogus Not me . Als kind, en aanvankelijk enige meisje in een groot gezin met 6 broers, voelde Alet Pilon zich alleen, ondanks het feit dat ze een tweelingbroer had. Alle emoties ten opzichte van haar broers en ouders hield ze voor zichzelf uit angst om gepest te worden om haar ‘meisje-zijn’. Het volgen van een mode-opleiding zag ze als een uitweg. Door zich te concentreren op de esthetiek van de ‘tweede laag’ (kleding) kon ze een beeld fantaseren van ongeëvenaarde schoonheid, gekoppeld aan succes en macht.

Not me 2011

Na verloop van tijd voelde ze dat deze buitenlaag de binnenlaag niet dekte; ze had behoefte aan het tonen van de onmacht en de kwetsbaarheid die ze vanbinnen voelde. Zo ontstond een serie beelden waarin de zoektocht naar de gevoelens van haar jeugd zichtbaar worden. In deze serie valt ook het werk Not me te plaatsen. De titel refereert aan de reactie die Pilon soms zelf heeft op het beeld en de bijhorende emoties. Zo zegt ze zelf soms te schrikken van de leegte en de eenzaamheid die uit het beeld spreken. De drang naar esthetiek en de behoefte om te verstoppen en camoufleren zijn terugkerende thema’s in deze serie.

2 92


2 93


KLOOSTER

georg baselit z 1938, Duitsland

Ohne Titel (Trinker) 1981 Ohne Titel (Fenster) 1982

Schilder en beeldhouwer Georg Baselitz, de artiestennaam van H ans-Georg Kern, studeerde beeldende kunst aan de universiteit van West-Berlijn. Tijdens zijn eerste solo-expositie in 1963, bij galerie Werner & Katz, werden twee schilderijen van staatswege in beslag genomen omdat ze aanstootgevend zouden zijn. Een van de schilderijen toont een masturberende jongen of dwerg met een disproportioneel groot geslachtsorgaan. Baselitz zei later dat in die periode agressie zijn grootste probleem was: het ‘ageren tegen dingen’. Hij gebruikte de erectie in het beeld als ‘daad van agressie’, en het was de houding die daaruit sprak die aanstoot gaf. In 1995 bracht het Guggenheim in New York een grote overzichtstentoonstelling van zijn werk. In 2007 was hij de eerste nog levende Duitse kunstenaar aan wie de Royal Academy of Arts in Londen een tentoonstelling wijdde. Vandaag woont en werkt hij in Salzburg. In de jaren zestig van de 20e eeuw was Georg Baselitz een van de eersten die zich keerden tegen de dominante minimalistische abstracte kunst van die dagen en die teruggreep naar de wortels van de Europese expressieve schilderkunst. Zijn werk bevindt zich op het snijvlak van figuratie en abstractie. De schilderijen bevatten duidelijk herkenbare figuratieve motieven, waarbij de menselijke figuur de centrale plaats inneemt. In het begin van zijn carrière nam Baselitz disharmonie en afstotelijkheid als vertrekpunt: grote neuzen, betraande ogen, geschoren stoppelhoofden, driebenigen, enz. De voorstellingen zijn leesbaar, de motieven herkenbaar. Dit in tegenstelling tot later werk, waaruit het verhalende karakter, in ieder geval voor het grootste deel, is verdwenen. Zijn stijl is expressionistisch, de werken zijn doorgaans met verve en agressief geschilderd. Sinds 1969 schildert Baselitz consequent zijn motieven ondersteboven. Zo neutraliseert hij het onderwerp en verlegt hij de aandacht naar de schilderkunstige kwaliteiten. Het werd zijn beeldmerk. Volgens Baselitz bevat een kunstwerk

2 94


immers geen informatie die de toeschouwer tot zich moet (of kan) nemen, zoals gevoelens of ideeën, en geeft het geen beeld van de realiteit: het werk is zelf de realiteit. De waarde ervan ligt in het ernaar kijken. Het vraagt niet om interpretatie, maar om gedetailleerde beleving. Rond 1994 stapte Baselitz af van het werken aan een ezel en legde hij het linnen op de grond voor hem, zoals Jackson Pollock. Hierdoor gaat het overzicht op het geheel verloren en neemt het belang van de voorstelling ook af. De kunstenaar kan alleen dat kleine stukje zien waar hij op dat moment mee bezig is. Baselitz zelf vergeleek in die tijd zijn hoofd met een koker waar hij in de loop der jaren van alles had ingegooid. “Van buiten kan er niets meer bij. De koker zit vol. Alle geziene beelden, de gemaakte schilderijen, al de kleurstrepen, punten en klodders zitten in die koker - en dat is allemaal aan het gisten geslagen. En het moet eruit”. Sinds 2005 maakt Georg Baselitz nieuwe versies van zijn vroegere schilderijen, zogenaamde remixes.

2 95

Ohne Titel (Fenster) 1982

Ohne Titel (Trinker) 1981

KLOOSTER


KLOOSTER

A R I A N N A PA L A ZZ I 1990, Italië

Embrace your negative space 2011 Too much perfection is a mistake 2011

Embrace your negative space 2011

There’s a crack in everything, that’s how the light gets in 2011

Arianna Palazzi omschrijft zichzelf als een experimentele fotograaf en observator van het leven. Ze verdeelt haar tijd tussen Rome en Berlijn waar ze met haar foto’s een nieuwe realiteit probeert te creëren. Haar grote voorbeelden zijn fotografen Helena B erg, Jessica Dimmock en Nan Goldin. Voor Palazzi zijn pijn, schade en lijden haar grootste inspiratiebronnen. Al wat/ wie iets vreselijks heeft doorstaan en dit heeft overleefd, boeit haar mateloos. De kunstenaar houdt doorheen haar oeuvre een vurig pleidooi voor het aanvaarden van jezelf zoals je bent en het loslaten van de idealen die de maatschappij ons oplegt. Dit komt ook tot uiting in haar installatie hier in het Klooster. De drie spiegels uit de reeks Mirror Series zijn allen gebarsten. Volgens Palazzi leidt ons streven naar perfectie vaak net tot verwoesting. Om in het reine te komen met onszelf, moeten we eerst ons eigen spiegelbeeld, voor heel wat mensen een bron van onzekerheid, durven vernietigen om daarna sterker door het leven te gaan.

2 96


De quotes, in zwarte verf aangebracht op de spiegeloppervlakken, functioneren voor Arianna Palazzi als een soort mantra. De kunstenaar gaat op zoek naar de waarheid in misverstanden en onzekerheden. Embrace your negative space wil de toeschouwer aanmanen tot het aanvaarden van zijn of haar eigen tekortkomingen. Net die tekortkomingen maken ons uniek, stereotype schoonheid vervlakt volgens Palazzi immers onze individualiteit. Perfectie vindt ze saai en herhalend, voor de kunstenaar is het leven een opeenvolging van mooie ongelukken die de loop van de dingen constant veranderen. Met Too much perfection is a mistake bekrachtigt ze deze visie. Onze onvolmaaktheden maken ons boeiend, echt en interessant. Alleen door dit te aanvaarden kunnen we volgens Palazzi vrij zijn, echt zijn. There’s a crack in everything, that’s how the light gets in.

2 97

There’s a crack in everything, that’s how the light gets in 2011

Too much perfection is a mistake 2011

KLOOSTER


KLOOSTER

SHANTELL MARTIN 1980, Verenigd Koninkrijk

Only one you 2012

Shantell Martin woont en werkt in New York en begon haar carrière als kunstenaars zoals ze aan haa r tekeningen begint: zonder plan. Ze studeerde aan Central St. Martin’s University en werkte eerder als gastdocent en Artist in Residence aan de Tisch School of the Arts in New York. Daar leerde ze haar studenten om tekenen te integreren in film, muziek en websites. Haar eigen werk werd reeds tentoongesteld in verschillende musea en privé gallerijen in New York. Het werk van Shantell Martin bestaat uit een lijnentaal met zelfverzonnen karakters en creaturen. Haar oeuvre is vergelijkbaar met een droomwereld waarin ze beeldende kunst, performance, technologie en alledaagse ervaringen samenbrengt. Binnen die wereld gaat ze op zoek naar de identiteit van zowel zichzelf als die van de toeschouwer. Hoewel haar portfolio erg uitgebreid en divers is, staat Martin vooral bekend om de directe vragen die ze stelt via haar zwart-witte lijntekeningen. In Only one you bevraagt Martin de rol van de kunstenaar en de toeschouwer opnieuw in een zwart-wit compositie. Ze brengt het publiek binnen in haar tekening en doet reflecteren over het individu in verhouding tot tijd en ruimte.

2 98


Only one you 2012

KLOOSTER

2 99


KLOOSTER

E M I L I E FA Ï F 1976, Frankrijk

Spermatozoïdes 2007

Spermatozoïdes 2007

In het Festivalhuis kon je van Emilie Faïf de textielinstallatie Mamelles bew onderen. Daar confronteerde ze ons met onze menselijke hang naar het terugkeren naar de baarmoeder. In Spermatozoïdes gaat Faïf nog een stapje verder en brengt ze ons terug naar onze essentie. Een zwerm uitvergrote spermacellen laat ons zien hoe wij allemaal ooit als eenling uit de groep zijn voortgekomen. Elke mens probeert immers slechts te overleven en doet dat al sinds de bevruchting. Het zoeken naar je plaats als eenling binnen het gezin of de familie is een thema dat Emilie Faïf hier sterk benadrukt. Humor, fantasie en geduld zijn drie woorden die onontbeerlijk zijn in de omschrijving van het werk van Emilie Faïf. Spermatozoïdes is een installatie die veel en minutieus werk vraagt. De ongeveer 800 spermatozoïden zijn handgemaakt in fimo en worden met een ragfijne draad geïnstalleerd.

30 0


KLOOSTER

T opografie van m ijn geboortegrond Ik weet niet of ze er iets toe doen al die toevalligheden. Zo kwam ik bijvoorbeeld ergens ter wereld maar waarom ik, waarom daar hoe oneindig klein was die kans als je denkt aan dat oneindige aantal mensen dat deze aarde nooit en nergens zal zien. En bovendien. Die toevallige man en die toevallige vrouw. Zij hebben me verteld wie ik was en waar ze me hadden gevonden dit ben je, zeiden ze, hier ben je. Mijn topografie is te raadselachtig om te beschrijven, te vanzelfsprekend voor woorden, ik ben omdat ik er ben. Ik lees in het boek der Psalmen hoe mooi mijn geboortegrond is. Er moet een toevallige god zijn.

Rutger Kopland

30 1


30 2


30 3

SpermatozoĂŻdes 2007


LOCATIE

30 4


LOCATIE

30 5


K E RK

FRED EERDEKENS 1951, BelgiĂŤ

the presence of absence 2015

the presence of absence 2015

Eerder op het parcours kon u in de Brouwerij al werk van Fred Eerdekens zien. Ook hier in de kerk toont Fred Eerdekens met zijn werk the presence of absence opnieuw de complexe manier aan waarop taal zich verhoudt tegenover de realiteit, en omgekeerd. De tekst wordt zichtbaar gemaakt door het licht maar toch is alles wat het publiek kan zien slechts schaduw.Â

30 6


K E RK

G ebed z onder gren z en Zij overweldigen ons Met geweld en dichte eenvoud Zij zijn gemaakt van aantallen Van lichamen en vermoeidheid Zij zijn een vlek op het licht En dringen zich op Zij staan vanop een voetstuk Te kijk in een lege ruimte Zij bevestigen zich als mensen Tussen de spijkers en het hout.

Roger de Neef

30 7


K E RK

ya z I D O U L A B 1958, Algerije

Rift, The Crusade of the Innocents 2007-2008

Yazid Oulab leeft en werkt in Marseille. Hij studeerde in 1985 af aan de Ecole Nationale SupĂŠrieure des Beaux-arts in Algerije en later in 1992 aan de Ecole de Marseil le Lumigny. Zijn werk was reeds te zien in solotentoonstellingen in Lissabon, Parijs, Tunis en Marseille en in groepstentoonstellingen wereldwijd. Zijn oeuvre bevindt zich in verschillende publieke collecties in Frankrijk en Portugal. In zijn sculpturen, videos, installaties en tekeningen ontkent Oulab de iconografie van alledaagse voorwerpen die al dan niet een religieuze connotatie hebben. Zo tracht hij de kloven tussen gevoelens en symbolisme, symbolen en tekst en ambacht en rituelen te overbruggen en kijkt hij verder dan de uiterlijke kenmerken van de objecten die hij presenteert. Met zijn werk vertelt Oulab historische verhalen die vandaag nog steeds van betekenis zijn.

Rift, The Crusade of the Innocents is een vlot van drie meter op drie meter, opgebouwd uit gebedstapijten. Het vlot heeft een drie meter hoge kaars als mast. Het werk is een referentie naar de Crusade of the Innocents, een tocht die plaatsvond in de 13e eeuw, waarbij honderden kinderen op een boot Marseille verlieten voor Jeruzalem. Tijdens dit tragische avontuur werden alle aanwezige jongens verdronken in de Middellandse Zee en alle meisjes als slaven verkocht in de Algerijnse Bougie-haven. Met dit werk brengt Oulab een eerbetoon aan al deze verdwenen kinderen. Het geĂŻmproviseerde vlot had de redding kunnen zijn in hun tragische verhaal. De installatie verstoort onze perceptie en is bovendien razend actueel. Het werk doet de toeschouwer wankelen in zijn hedendaagse realiteit, wanneer duidelijk wordt dat Rift, The Crusade of the Innocents vertelt over de fatale en eenzame reis van jonge onschuldige westerlingen naar het Oosten.

30 8


30 9 Rift, The Crusade of the Innocents 2007-2008


K E RK

J AV I E R P é R E Z Spanje, 1968

Rosario (Memento Mori) 2008-2009

Na El espacio que nog separo in het Festivalhuis en El baile infinito in de Douviehoeve kan u hier in de Kerk een derde werk vinden van Javier Pérez. Deze enorme rozenkrans was onder andere al te zien in de Votivkirche in Wenen (Oostenrijk) en in de Kathedraal van Bur gos (Spanje). Javier Pérez wil in zijn werk de erfenis van de Spaanse geschiedenis niet ontkennen, maar keert er echter zelden specifiek naar terug om werk te creëren. Een oneindigheid van elementen heeft volgens hem immers invloed op de vorming van de gedachten van een persoon. Zo heeft elk werk volgens de kunstenaar een genealogie die het verleden met de toekomst verbindt. In zijn geval ziet hij zijn katholieke opvoeding, in een tijd waarin Spanje pas van een lange periode van dictatuur was hersteld, als een grote invloed op de manier waarop hij naar de wereld kijkt. Voor Rosario combineerde Pérez 59 levensgrote bronzen schedels tot een rozenkrans. De opstelling van het werk is steeds afhankelijk van de locatie.

Rosario (Memento Mori) 2008-2009

Net als in de rest van zijn oeuvre gebruikt Javier Pérez ook in Rosario metaforen en een sterke symboliek om zijn gedachten over de condition humaine te verbeelden. De kunstenaar ziet zijn gedefragmenteerde lichamen als een aaneenschakeling van onderdelen die ernaar verlangen om zich terug samen te voegen. Ze zitten echter gevangen op de dunne grens van pijn en schoonheid, verlangen en afschuw, eenzaamheid en verbondenheid.

310


K E RK

311


K E RK

D E een z a m e uitvaart Maarten Inghels 1988, België Juidth Dekker 1973, Nederland

Jaarlijks worden er een hoog aantal mensen begraven zonder dat iemand naar hen omkijkt. Bij De eenzame uitvaart schrijven dichters een gelegenheidsgedicht voor de overledene en lezen dit voor op de uitvaart. Het is een laatste saluut aan mensen die meestal uit de boot vielen tijdens hun leven en dan ook zonder aanwezigheid van familie of vrienden worden begraven. Er is enkel nog het kleine ritueel: de kist op schragen, de bloemen en het gedicht. De eenzame uitvaart is een sociaal project, waarbij het respect en de solidariteit voor medeburgers centraal staan. Omdat de deelnemende dichters erin geloven dat niemand zomaar mag begraven worden, zonder dat iemand naar hen omkijkt. Het idee is afkomstig uit Groningen, waar de toenmalige stadsdichter Bart FM Droog dit tot zijn taak als stadsdichter rekende. In België, en meer bepaald in Antwerpen, werd het project in januari 2009 opgestart door schrijver Maarten Inghels. Het eerste gedicht was van toenmalig stadsdichter Joke van Leeuwen, geschreven voor mevrouw J.V.L. en werd voorgedragen bij haar uitvaart op 23 januari 2009 op begraafpaats Schoonselhof te Antwerpen. Intussen is er ook een dichtersnetwerk voor eenzame uitvaarten in Leuven en ontplooien zich gelijkaardige initiatieven in Brussel, Oostende en Gent. In oktober 2013 verscheen het reportageboek De eenzame uitvaart, 40 verhalen en gedichten bij vergeten levens . In het boek blikt schrijver en coördinator Maarten Inghels terug op de vijf jaar waarin hij de onfortuinlijken van de samenleving mee naar het graf droeg. Hieruit werden zes gedichten geselecteerd, die in de Kerk getoond worden als getuige van de eenzaamheid waarin sommige medeburgers helaas overlijden, maar ook als symbool van de warmte en waakzaamheid van de deelnemende dichters.

312


foto Judith Dekker

K E RK

Bij elke overledene schreef Maarten Inghels een reportage, die ook in de Kerk te lezen is, naast een foto van Judith Dekker. Dekker woont en werkt in Antwerpen en Amsterdam en beweegt zich ook met haar fotografie vaak op de grens van twee werelden, zoals taal en beeld. Haar belangstelling voor het literaire uit zich daarnaast ook in haar foto’s voor ‘De eenzame uitvaart’. Dekker verwijst met haar beelden naar de eenzaamheid en overgangen, binnen en buiten, leven en dood. Ze maakte een sobere en integere serie die het midden houdt tussen een impressie van het bijhorende gedicht en een eerbetoon aan de overledenen.

313


K E RK

U heeft geleefd, uw voeten zijn gegroeid, raakten de aarde aan, tot ze verbaasd om wat niet wilde op de plankjes van de rolstoel bleven staan. Uw handen tastten naar uw tas waarin uw wereld en uw zakdoek zat, uw ogen naar de man die ooit dichtbij u was, naar wie u hielpen, naar het licht dat u begroette. Waar u nu ook mag zijn waar u niet bent, we zullen weten dat u heeft geleefd en liefgehad en dat daar de gordijnen open moeten.

Joke van Leeuwen

314


K E RK

Afstand Er was u misschien het verkeerde deel van de aarde toebedeeld, u had uw huis vast met andere ramen voorgesteld maar uiteindelijk gaat alle leven om een afstand: de lap vlees tussen twee ogen, de pendelende pas van land tot land, het gekruip van de dood over het plein dat te weinig hoeken kent. Niet de honderdenzeven woorden in de krant, niet het reizende volk dat u vandaag eert, niet alle bezoek maakt het verschil, evenmin dit gedicht. Misschien deed uw charmant accent het wel werd mij verteld, of was u het mooist met uw schaterlach die de roest tussen de gewrichten weg wast. Het laatste ommetje bracht u op een andere oever vanwaar u naar het water staarde, eventueel een nieuwe comfortzone zocht. Maar de knapste afstand was toch deze: onberoerd liet uw geslenter niet.

Maarten Inghels

315


K E RK

Ze sprak van een pop in de slaapkamer, een enkele reis naar de kindertijd. Het besef dreef weg als een flatgebouw tussen de wolken. De schaduw van een eerste parachutist viel over de stad. Hij liet uw lichaam koud. De eerste twintig dagen werd niemand gered. Er werd geleefd als in een poppenhuis waar niemand sterft en iedereen slaapt, waar iedereen kan ontwaken bij monde van de hoop, een profeet aan slappe koorden. Ze heeft geklopt op de muren tot u gevonden werd, bij haar. Het stond later in de krant. Ze sprak van een pop in de slaapkamer, een enkele reis.

Jan Aelberts

316


K E RK

De winter kwam als een hinde en het dal trok. We zongen voor het onbeschutte. Uw man sliep als een boom in een ander huis. Toch verkleurden uw haren niet. U had een scheur in het hart. Niemand kwam ze lijmen. Dus nu, voor u, nu het zand bergt en de weg niet meer te snijden is, spoel ik uw kist naar een ander leven. U vindt er bloemen op tapijten en dansende japonnen. U veegt het water uit de gang. U kiest uw vorm van regen, ziet de netten en de tijd om langzaam in te vallen. U krijgt een eigen huis, dat zacht is, een warmte die om u past. U wacht niet meer, al jaren.

Lies Van Gasse

317


K E RK

Niet iets Ik weet het zeker, misschien is wat ons de ene dag niet en de andere plots wel doet bestaan, misschien is wat ons uit stof opwaait tot wat we bij voldoende zichtbaarheid elkaar noemen, misschien is wat licht geen tijd geeft, tijd geen ruimte en ons geen kans zonder droom, misschien is alles wat ons een leven lang optilt boven de put die deze bol is niet iets om zomaar te geloven.

Stijn Vranken

318


K E RK

wat een mens heeft aangeraakt draagt zijn afdruk met zich mee zo wordt van je bestaan een spoor gemaakt dat langzaamaan vervaagt ik weet niet waar ik was toen jij — ik weet niet waar jij was, alleen dat er niemand naast je zat sinds jaar en dag als een satelliet die loskomt van de aarde, met zijn neus van ver de sterren raakt kort oplicht en weer uit zicht verdwijnt in de onmetelijkheid zo is de mens ik weet niet wat ik deed die dag ik weet niet wat jij dacht toen — alleen dat je tussen de kaatsende echo’s van vier muren gevangen zat dat je dag na dag hebt gewacht op iemand die voor je kwam iemand die je zou aanspreken in dit leven zonder naam

Andy Fierens

319


B I B L I O G RA F I S C H E REFERENTIES

BUITEN PARCOURS

FESTIVALHUIS

STEFANIE CLAES 1983, België

NICOLÁS LAMAS 1980, Peru

Het kind

Constellations (1), 2013

uit : ongepubliceerd, 2017

print on Hahnemüle paper 67 x 82 cm Constellations (2), 2013 print on Hahnemüle paper 67 x 82 cm Constellations (3) , 201 print on Hahnemüle paper 67 x 82 cm

CASPAR BERGER 1965, Nederland

IMAGO/ Self-portrait 5 , 2007

ROGÉRIO REIS 1954, Brazilië

Personne n'appartient à personne, 2011-2014 foto/lichtbox 148 x 202 cm THOMAS MARCUSSON 1981, Zweden The Worryball, 2014 worry dolls, speaker IDA GERHARDT 1905-1997, Nederland

Onvervreemdbaar uit: Verzamelde gedichten Athenaeum-Polak & Van Gennep, Amsterdam, 2010

GEDICHTEN IN HET DORP

MARC CORDENIER 1959, België Seul, 2007 ossebeenderen 56 x 30 x 6 cm

En wat dan ? uit : Verzameld werk Meulenhoff/Manteau, Amsterdam/ Antwerpen, 2010 CHARLES DUCAL 1952, België

De ander uit : Alsof ik er haast ben. Verzamelde gedichten 1987-2012 Atlas, Amsterdam/Antwerpen, 2012 LUUK GRUWEZ 1953, België

12 tekeningen uit de serie ’40 vazen’ 21 x 29,7 cm 40 x 60 cm 80 x 60 cm RINCE DE JONG 1970, Nederland Wat is dat? , 2005 video 17’31” 3’22

BERTRAND PLANES 1975, Frankrijk Life clock #5 , 2008 klok 51 x 51 x 6 cm courtesy Galerie Laurence Bernard

JAVIER PÉREZ 1968, Spanje

JOOST BAARS 1975 , Nederland

YMÈNE CHETOUANE 1980, Tunesië Finish the fight, 2012 keramiek 400 x 12 cm – 40 stuks Small P/ Big crown , 2014 keramiek 60 x 40 cm

Kosmologie van het tapijt JOTIE T’HOOFT 1956-1977, België

brons, beton 210 x 70 x 40 cm courtesy ING Art Collection RANDALL CASAER 1967, België

uit : Binnenplaats Van Oorschot, Amsterdam, 2017 VIOLANTE JUAREZ OLIVEIRA (pseudoniem van Johanna Pas) 1969 , België

Slapen Uit : De rug van een hand Kartonnen dozen, Antwerpen, 2016 SEUNGHWUI KOO 1981, Zuid-Korea People, 2015 3000 terracotta varkentjes, houten plank 121,9 x 121,9 x 10,2 cm

De feestelijke verliezer uit : Garderobe. Een keuze uit al zijn gedichten De Arbeiderspers, Amsterdam/ Antwerpen, 2010

32 0

El espacio que nos separa, 2012 glas, brons 50 - 60 cm courtesy Gallerie Papillon

ERWIN MORTIER 1965, België

Politiques des Poètes 2 uit : Stadsgedichten 2005-2006, Stad Gent & Poëziecentrum, 2007 SIROUS NAMAZI 1970, Zweden Untitled, 2016 gelakte MDF 100 x 240 x 240 cm courtesy Galerie Nordenhake


B I B L I O G RA F I S C H E REFERENTIES

ELAINE VIS 1954, Nederland Silverboy, 2006 karton, textiel, plastiek, beton hoogte 130 cm Bad Girl, 2005 spiegel, textiel, plastiek, beton hoogte 120 cm CÉCILE DACHARY 1963, Frankrijk Pis de seins 1, 2009 textiel hoogte 84 cm Pis de seins 2 , 2009 textiel hoogte 45 cm

MIEKE TEIRLINCK 1959, België Meekness, 2017 olieverf op doek 60 x 100 cm The Farewell , 2017 olieverf op doek 60 x 60cm Alone in The Dark , 2015 olieverf op doek 90 x 100 cm

KARIN BORGHOUTS 1959, België

Het huis Slaapkamer , 2012

ALAIN LABOILE 1968, Frankrijk selectie foto’s uit de reeks ‘La Famille’ , 2007-2015

uit : De gedichten 1 De Arbeiderspers, Amsterdam/ Antwerpen,1998 JUDITH HERZBERG 1934, Nederland

foto 80 x 100 cm Gang , 2012 foto 80 x 100 cm Zelfportret , 2012 foto 80 x 100 cm Jeugdkamer , 2012 foto 50 x 40 cm Rek, 2012 foto 100 x 160 cm zwart schilderij, 1952 50 x 60 cm object

360ml

Te willen hebben

diverse verbrande voorwerpen ,

50 x 40 cm

uit : Liever brieven De Harmonie, Amsterdam, 2013

2012 objecten MARIEKE VANDECASTEELE 1989, België De Code van Lode , 2016 video 12’ Zwerflijnen , 2015 tekeningen

2007

HERMAN DE CONINCK 1944-1997, België

Het

75 x 100 cm

2015 gr 75 x 100 cm

Au placard 50 x 40 cm

Fridge 50 x 40 cm

La fin du monde

JAN HENDERIKSE 1937, Nederland Friends , 2015 bricolage 122 x 122 x 12 cm courtesy Galerie Schoots-Vanduyse Antwerpen

75 x 100 cm

Le sommeil 50 x 40 cm

Levels 50 x 40 cm

EMILIE FAÏF 1976, Frankrijk Mamelles , 2008 textiel

Lili 50 x 40 cm

Maestro 50 x 40 cm

0ù est le prince 50 x 40 cm

Terre 50 x 40 cm

Reservoir Chickens 50 x 40 cm

LODE VANDECASTEELE 1985, België i.s.m. Piet & Marieke Vandecasteele Familieportret, 2015 schilderijen

JEONGMEE YOON 1969, Korea

The Pink & Blue Project, Jake and his blue things, 2006 foto 120 x 120 cm

The Pink & Bue Project, Jiwoo and her pink things, 2007 foto 120 x 120 cm

RODE HOED VRIJHAVEN, collectief bestaand uit PETER HOLVOET-HANSSEN 1960, België KENNY CALLENS 1980, België ANN CAEM 1965, België

32 1


B I B L I O G RA F I S C H E REFERENTIES

Watoo Tattoo Sweat Shop , 2017 mixed-media installatie co-productie van vzw Wit.h Kortrijk en De Figuranten Menen i.s.m. Het Kapersnest Antwerpen LUCY GLENDINNING 1964, Engeland Feather child 3 , 2012 sculptuur, veren

KRISTIN MCIVER 1974, Australië

You and me (and you and me) , 2014 neon 10,16 x 205,74 cm

VIJFHOEKSTRAAT 13 Mark Manders 1968, Nederland

KASTEELTUIN

My Light is Your Life , 2014 EDITH RONSE 1988, België Bandage , 2017 kunststof 171 x 62,5 x 39 cm

Ornament met brandpunten , 2000 3’ 10” courtesy Zeno X Gallery, Antwerpen uit : Ornament met brandpunten, ROMA publications, Hexspoor, 2000 het waait…’ uit : Ornament met brandpunten ROMA publications, Hexspoor, 2000

metaal, lampen 470 x 450 cm CHARLOTTE VAN DEN BROECK 1991, België

The Age of Aquarius GERARD WALSCHAP 1898 – 1989, België

De mens ge raakt daar niet aan uit uit : Tor Snoeck Ducaju en Zoon, Gent, 1943

uit : Nachtroer De Arbeiderspers, Amsterdam/ Antwerpen, 2017 CHAD WRIGHT 1979, Verenigde Staten

Master Plan: Phase One , 2011

DOUVIEHOEVE DAAN DEN HOUTER 1977, Nederland High Tea Table 2009 300 x 300 x 240 cm hout, bouten

Unfired Clay Head , 2015 -2016 beschilderd brons 43,2 x 31,0 x 31,0 AP 1/1 courtesy Zeno X Gallery, Antwerpen

KRISTOF KINTERA 1973, Tsjechië

THÍCH NHAT HANH 1926, Vietnam

Het eiland in jezelf uit : Stilte, luisteren in een wereld van lawaai Uitgeverij Ten Have, Utrecht, 2015 HANS OP DE BEECK 1969, België Dance , 2013 video 12’ PETER VERHELST 1962, België

Liefste uit : Koor. Een keuze uit de poëzie 1987-2017 De Bezige Bij, Amsterdam/Antwerpen, 2017

32 2

zand 700 x 1600 cm SANDY SMITH 1983, Schotland

Untitled (balancing act#2) , 2008 chrome wrapping film, RVS-draad LUK BERGHE 1954 – 2017, België

Pallet Study House , 2008/2017 gouache op papier 273 x 103 cm totale installatie ALBERT BONTRIDDER 1921- 2015, België

Overweging uit : Wonen in de vloed Poëziecentrum, Gent, 2012 MARTIN REINTS 1950, Nederland

Diamantbuurt uit : Lopende zaken De Bezige Bij, Amsterdam, 2010 JAVIER PÉREZ 1968, Spanje

El Baile Del Infinito, 2003 installatie textiel, zand en muziek 400 x 800 cm


B I B L I O G RA F I S C H E REFERENTIES

NICOLÁS LAMAS 1980, Peru

Motionless Body , 2017 motor, tapijt JEFF WIDENER 1956, Verenigde Staten Tank Man , 1989 Foto JAMES FENTON 1949, Groot-Brittannië

Tiananmen/Tian’anmen uit : Ze kwamen om een dichter te zien Wagner & Van Santen en Poetry International, Dordrecht/Rotterdam, 2009 vertaling Jan Eijkelboom

vertaling Koen Stassijns en Geert van Istendael uit : Jacques Brel. Ne me quitte pas / Laat me niet alleen Nijgh & Van Ditmar, Amsterdam, 2004 DANIEL ARSHAM 1980, Verenigde Staten

Rose Quartz Eroded Cosmonaut Helmet , 2014 geërodeerde rozenkwarts, gips cement 27 x 27 x 32 cm courtesy of the artist and Galerie Perrotin WILLY CALIS 1944, België

In situ installatie , 2007 -2017 FLORIS KAYAAK 1982, Nederland Witch Doctor, 2015 video-performance 2’57” JACQUES BREL 1929, België – 1978, Frankrijk

polyester WILLIE VERHEGGHE 1947, België

Marathon uit : Het hart van de tijger Nioba, Lier, 1986

Grand Jacques/Grote Jacques vertaling Koen Stassijns en Geert van Istendael

STEPHEN WILKS 1964, Engeland

Marieke/Marieke

The Caterpillar, 2008

vertaling Benno Barnard

textiel

vertaling Koen Stassijns en Geert van Istendael

PETER DE GRAEF 1958, België

Le plat pays/Mijn vlakke land

Ontpoppen

vertaling Ernst van Altena

uit : ongepubliceerd, 2017

Rosa/Rosa Le dernier repas/Mijn laatste diner vertaling Koen Stassijns en Geert van Istendael

Le chanson des vieux amants/ Liefde van later’ vertaling Lennaert Nijgh

MARC JANSSENS 1969, België Stelth, 2015 keramiek vleugelwijdte 120 cm Hall Boy, 2015 keramiek hoogte: 120 cm

Mon père disait/Mijn vader zei vertaling Benno Barnard

Les F…/De F… vertaling Benno Barnard

Jojo/Jojo

LUISTERPODIUM HANS MAGNUS ENZENSBERGER 1929, Duitsland

Der neue Mensch/De nieuwe mens uit : Ze kwamen om een dichter te zien Wagner & Van Santen en Poetry International, Dordrecht/Rotterdam, 2009 vertaling Monique de Waal E.M. DE MELO E CASTRO 1932, Portugal

Diálog/Dialoog uit : Ze kwamen om een dichter te zien Wagner & Van Santen en Poetry International, Dordrecht/Rotterdam, 2009 Vertaling August Willemsen KARIN KIWUS 1942, Duitsland

So oder so/Zo of zo

Les Bourgeois/De Bourgeois

vertaling Ernst van Altena

PETER THEUNYNCK 1960, België uit : Berichten uit de Pan American Airlines & Co Manteau, Antwerpen, 1997

MANOEUVRE Gent, België Magic Loop , 2017 haakwerk

32 3

uit : Ze kwamen om een dichter te zien Wagner & Van Santen en Poetry International, Dordrecht/Rotterdam, 2009 Vertaling Joke Gerritsen en Martin Mooij JANA BERANOVÁ 1932, Nederland

Wie een brug legt uit : Ze kwamen om een dichter te zien Wagner & Van Santen en Poetry International, Dordrecht/Rotterdam, 2009


B I B L I O G RA F I S C H E REFERENTIES

BERT SCHIERBEEK 1918-1996, Nederland

Gesloten gemeenschap uit : Ze kwamen om een dichter te zien Wagner & Van Santen en Poetry International, Dordrecht/Rotterdam, 2009 NEELTJE MARIA MIN 1944, Nederland

Het huis herinnert zich mij uit : Ze kwamen om een dichter te zien Wagner & Van Santen en Poetry International, Dordrecht/Rotterdam, 2009

JOZEF CONSTANT & MARIEK VANBUEL 1952 & 1954, België Room 936 , 2016 olie op doek 60 x 80 cm Droom , 2016 olie op doek 80 x 60 cm Opgemaakt, 2016 olie op doek 40 x 50 cm Kussen , 2016 olie op doek 80 x 60 cm INGE BRAECKMAN 1974, België

MARTIN ASSIG 1959, Duitsland Gehör , 2009 schilderij 102 x 73 cm EDITH RONSE 1988, België Heads , 2012 kunststof 51 x 34 x 32 cm D.D. TRANS 1963, België Flow, 2016

Sur le même (tête a tête) , 2016 Escargot, 2015 Dance, 1993

RAMSEY NASR 1974, Nederland

Ik luister naar de middernachten…

Het complot

uit : Bougainvillea, Bozar, Brussel, 2016 ESTER NAOMI PERQUIN 1980, Nederland

Eenzaamheid heeft een grens

Het ongeloof bij buren

uit: ongepubliceerd, 2017

uit : Ze kwamen om een dichter te zien Wagner & Van Santen en Poetry International, Dordrecht/Rotterdam, 2009 MAX TEMMERMAN 1975, België

Marmer uit : De meeste mensen die ik ooit ben geweest (luisterboek) HKM Records, Kobbegem, 2016

GRAANSCHUUR DANIEL ARSHAM 1980, Verenigde Staten

Steel Eroded Holding Hands, 2016 staal, glas, gips cement 43.2 x 35.6 x 12.7 cm courtesy of the artist and Galerie Perrotin

uit : Meervoudig afwezig Van Oorschot, Amsterdam, 2017 DAAN DEN HOUTER 1977, Nederland True Love , 2005 lambda print op dibond met anti reflex plexiglas 60 x 80 cm KATRIN DECONINCK 1971, België zonder titel , 2017 klei 150 x 100 x 65 cm KIRA KIM 1974, Korea

The weight of Ideology_ without breath , 2014 video courtesy of Korean Artist Project 15’58”

32 4

twee stoelen All works courtesy galerie Valerie Traan Antwerpen STEVEN VAN DER HEYDEN 1974, België

KOEN MOERMAN 1968, België Search, 2016 foto 42 x 70 cm Hug , 2016 foto 100 x 70 cm Fading , 2016 foto 116 x 26 cm Torso , 2017 foto 150 x 105 cm BIRGITTA SUNDSTRÖM JANSDOTTER 1966, Zweden zonder titel acryl op doek


B I B L I O G RA F I S C H E REFERENTIES

MONA AGHABABAEE 1982, Iran

Self Stimulation uit de serie:

Swallow your femininity, 2010-2011 64 x 64 x 43 cm Self-exile , 2011 hout, spiegels 190 x 35 x 100 cm

The cask of Amontillado , 2013 spiegels, neon 80 x 52 x 52 cm EVA COX 1970, België

Ik ben beplakt met kleine spiegeltjes… uit : Pritt.stift.lippe Holland, Haarlem, 2004

PAROCHIEHUISJE LISA NIX 1994, Engeland Fading Away , 2016 glas 29, 7 x 42 cm KRISTIN MCIVER 1974, Australië

Are You Still There, 2014 neon 10,16 x 180,34 cm FABRICE SAMYN 1981, Brussel Is eye I? 2014 reliëfpapier 8,5 x 5,5 cm LEONARD NOLENS 1947, België

Ik uit : Manieren van leven. Gedichten 1975-2011 Querido, Amsterdam, 2012

PETER DE MEYER 1981, Antwerpen down , 2008 hout en leder 50 x 100 x 180 cm privé-collectie België NICOLAS RIVALS 1985, Frankrijk

La Mamita 01 & 02 , 2012 foto 60 x 80 cm BERNARD DEWULF 1960, België

LUISTERPODIUM LEONARD NOLENS 1947, België

Gedicht voor een vriend Ik, Dichter, klokkenist… Noordkant Stom toeval Hommage aan het woord 1 Vermoeidheid uit : Manieren van leven. Gedichten 1975-2011 Querido, Amsterdam, 2012

Moeder uit : Blauwziek Atlas, Amsterdam/Antwerpen, 2006 LOTTA HANNERZ 1968, Zweden Doudours , 2006 textiel, geluidchip Chaise-soi, 2006 karton, textiel, hout 80 x 30 x 30 cm NICOLÁS LAMAS 1980, Peru

Functional paradox, 2016 IKEA vuilnisbakken 35 x 27 x 27 cm HENK VISCH 1950, Nederland Inside Story, 2015 brons 50 x 272 x 50 cm Courtesy Tim Van Laere Gallery, Antwerp EDITH RONSE 1988, België

Water for my mind kunststof 54 x 26 x31 cm JOHAN DE BOOSE 1962, België

Leeg Ongepubliceerd, 2017

32 5

BROUWERIJ FRED EERDEKENS 1951, België

Absence is the most glorious state of mind, 2017 koperdraad, licht 18 x 117 x 14 cm TAYSIR BATNIJI 1966, Gaza Untitled , 1997 Imprint van roestige sleutels op canvas, 20 elementen courtesy the artist and Sfeir-Semler Gallery, Hamburg / Beirut Valise , 1998 / 2017 zand, koffer courtesy Galerie Eric Dupont, Paris. Untitled, 2015 potloden, munitiegordel variabele dimenties courtesy Galerie Eric Dupont, Paris. Temps suspendu N°3/3, 2006 – 2011 zand, glas 25 cm x 10 cm


B I B L I O G RA F I S C H E REFERENTIES

PIERRE FRAENKEL 1972, Frankrijk

KLOOSTER

BRACO DIMITRIJEVIC 1948, Sarajevo

Que serais-je sans toît/toi?, 2013 verf LOUIS ARAGON 1897-1982, Frankrijk

Que serais-je sans toi ? Wat zou ik zijn zonder jou? Fragment van ‘Prose du bonheur et d’Elsa’ uit : Le Roman inachevé in Oeuvres poétiques complètes II Gallimard, Paris, 2007 Vertaling Katelijne De Vuyst JEAN FERRAT 1930-2010, Frankrijk ‘Que serais-je sans toi?’ uit: Ferrat chante Aragon Barclay Records, Parijs, 1971 MOFFAT TAKADIWA 1983, Karoi, Zimbabwe

Judging by Language, 2017 computertoetsen 250 x 210 x 30 cm courtesy Tyburn Gallery NICOLÁS LAMAS 1980, Peru Contact, 2015 ammonoidea fosiel, iPad, twee metalen houders, glas, hout 50 x 35 x 28 cm DAAN DEN HOUTER 1977, Nederland Keep On Dreaming 2017 staal, goud Money Floor , 2017 20.000 één cent munten Cais Do Sodré , 2011 video 9’50”

STEPHEN WILKS 1964, Engeland

Big Ceramic Bottle, 2013 keramiek 150 x 50 x 50 cm WILLY BAEYENS 1960, België

One Size Jacket , 2017 olie op doek 100 x 120 cm Fragile , 2015 potlood op papier, hout 102 x 102 x 20 cm MARK INSINGEL 1935, België

Ik is niet het juiste woord uit : het doel is wit. verzamelde gedichten Poëziecentrum, Gent, 2017 KRIS VAN RIET Frankrijk

Ademloos en met niets begonnen… ongepubliceerd, 2014 KLAARTJE LAMBRECHTS 1976, België ReWound , 2015 foto's op doek grootste 90 x 130 cm kleinste 50 x 70 VICKY FRANCKEN 1989, Nederland

Naakte muziek speelt in de grotten… uit : Röntgenfotomodel De Bezige Bij, Amsterdam/Antwerpen, 2017

32 6

This could be a place of historical importance, 1972 marmer 61 x 78 x 2 cm REMCO CAMPERT 1929, Nederland

Zaventem uit : Zaventem Uitgeverij Tungsten, Hilversum, 2016 MATTHIEU LOBELLE 1966, Brugge

Place to Hide tekening in balpen, 2015 maquette in was, 2017 LAURA DE CONINCK 1978, België

If eyes could speak, 2017 schilderij 50x50 BENGT LINDSTRÖM 1925, Zweden

La Lai De La Lance, 1978 Lithografie 74 x 54 cm ALET PILON 1949, Nederland Not me , 2011 kippengaas, papier-marché, gipsverband, polyester, zijdepolyester, pumps, papier, touw 160x50x50 GEORG BASELITZ 1938, Duitsland

Ohne Titel (Fenster) , 1982 houtskool op papier 61 x 43 cm private collectie België Ohne Titel (Trinker) , 1981 Houtskool op papier 95 x 76 cm private collectie België


B I B L I O G RA F I S C H E REFERENTIES

ARIANNA PALAZZI 1990, Italië Mirror- serie (2011) 30 x 60 cm SHANTELL MARTIN 1980, Verenigd Koninkrijk Only one you, 2012 print 43.18 x 30.48 cm EMILIE FAÏF 1976, Frankrijk

Spermatozoïdes, 2007 fimo, nylondraad RUTGER KOPLAND 1934-2012, Nederland Topografie van mijn geboorte-

grond uit : Ze kwamen om een dichter te zien Wagner & Van Santen en Poetry International, Dordrecht/Rotterdam, 2009

KERK

JAVIER PÉREZ Spanje, 1968

Rosario (Memento Mori) , 20082009 brons diameter: 500 cm From the private collection of tia DE EENZAME UITVAART JUDITH DEKKER 1973, Nederland foto’s uit de reeks ‘De Eenzame Uitvaart’, 2013

#1 JVL #04 JK #15 LL #21 PD #39 GB #40 M B allen 42 x 42 cm JOKE VAN LEEUWEN 1952, Nederland

U heeft geleefd, uw voeten zijn gegroeid… MAARTEN INGHELS 1988, België

Afstand FRED EERDEKENS 1951, België

The presence of absence, 2015 koperdraad 18 x 70 x 14 cm ROGER DE NEEF 1941, België

Gebed zonder grenzen Ongepubliceerd, 2017 YAZID OULAB 1958, Algerije

Rift, the crusade of the innocents, 2007-2008 tapijt, PVC, kaarsvet 300 x 300 x 250 cm courtesy Galerie Eric Dupont, Paris.

JAN AELBERTS 1985, België

Ze sprak van een pop in de slaapkamer… LIES VAN GASSE 1983, België

De winter kwam als een hinde… STIJN VRANKEN 1974, België

Niet iets ANDY FIERENS 1976, België

wat een mens heeft aangeraakt … uit : De Eenzame Uitvaart. Veertig verhalen en gedichten bij vergeten levens De Bezige Bij, Antwerpen, 2013

32 7


D A NK W O O RD

DANK U WEL! Kunstenfestival Watou is dit jaar aan haar 37ste editie toe. Voor de negende keer op rij loopt het festival onder de noemer ‘Verzamelde Verhalen tussen taal en beeld”. Vorig jaar kwam het voortbestaan van deze levende traditie wel héél erg in het gedrang. We verloren onze structurele subsidie. Wij en onze 24.000 bezoekers waren onthutst. Het werd een spannend en vermoeiend jaar. Met een sterk afgeslankt team vochten we om te overleven. Toch staan we er weer. Ondanks de verwijdering uit het Kunstendecreet bleven we bij cultuurminister Sven Gatz en zijn kabinet om een oplossing smeken. Na lang over en weer onderhandelen kwam er uiteindelijk in mei een finale oplossing uit de bus. Het stadsbestuur van Poperinge steunt ons met extra middelen en het provinciebestuur van West-Vlaanderen blijft, voor een laatste keer, aan boord. We doen het met minder geld maar kregen de verzekering dat door de overheden ook de volgende twee jaar middelen zullen worden vrijgemaakt die ons toelaten om verder te werken aan waar we goed in zijn: boeiende en door het publiek zeer gewaardeerde festivals maken. De helft van de middelen komt uit diverse subsidies. De andere helft van het budget moeten we via eigen middelen genereren: verkoop van tickets en catalogus, de festivalshop en sponsoring. Onze crowdfunding actie leverde 26.450 euro op. Ook de middelen die we via sponsoring verzamelden liggen, met 24.250 euro iets hoger dan de vorige jaren. Het financieel risico (circa 300.000 euro) voor de organiserende vzw Kunst blijft volledig afhangen van een geslaagde ticketverkoop: we hebben, op hoop van zege, begroot op de verkoop van 20.000 tickets. Dank aan het stadsbestuur van Poperinge en in het bijzonder aan Burgemeester Christof Dejaegher en schepenen Jurgen Vanlerberghe en Loes Vandromme.

32 8


D A NK W O O RD

Dank ook aan Bart Wemaere, hoofd van de dienst Vrije Tijd en aan de medewerkers van de Cultuurdienst, de Toeristische dienst en de Technische diensten. Dank aan het provinciebestuur en de deputatie van West-Vlaanderen en in het bijzonder aan gedeputeerde Carl Vereecke, provinciegriffier Geert Anthierens en gedeputeerde voor Cultuur&Welzijn Myriam Vanlerberghe. Dank aan cultuurminister Sven Gatz en kabinetschef cultuur Stefhanie D’Hose voor het vertrouwen en de steun. Dank aan het Vlaams Ministerie voor Cultuur en aan Het Vlaams Fonds voor de Letteren. Dank aan alle mensen die ons achter de schermen steunden. Dank aan onze crowdfunders en onze andere logistieke en financiële sponsors en partners. Zij steunen het festival met raad en daad, logistiek, financieel en artistiek waar het kan. De realisatie van een jaarlijkse editie van het Kunstenfestival Watou is groepswerk. Heel veel dank aan de medewerkers en vrijwilligers van vzw Stichting IJsberg en vzw Kunst. Dank aan Lily Soenen, zakelijk leider, duivel-doet-al en mijn vertrouwde rots in de branding. Dank aan Lieselotte Moeyaert die naast haar pers- en communicatieopdracht steeds meer algemene coördinerende en leidende taken op zich neemt. Dank aan Liesbet Daeninck die, zelfs als nieuwbakken mama, onder andere ‘haar Zomerzinnen’ op een rijtje kreeg. Dank aan onze inspirerende en hardwerkende ‘kakelverse’ teamleden: Wilma Dijkman, Louise Degraeve, Eva Fischer en Sarah Bordon Soens. Jullie hebben, ondanks de late landing, de proef met vlag en wimpel doorstaan. Dank aan Willy Tibergien, onze poëziecurator, voor het delen van zijn ongeëvenaarde kennis van de poëzie in al haar verschijningsvormen.

32 9


D A NK W O O RD

Dank aan onze ervaren technische ploeg: Mark Drabbe, Jaak Bout, Wim Lievens & Atelier81, Bart Slangen, Laurens Duerinck en Evert Wouters. Dank aan Jan Casier onze onnavolgbare klank-, licht- en multimediaman. Samen vormen jullie een super-A-team! Dank aan de leden van de Raad van Bestuur van vzw Kunst en Stichting IJsberg vzw en in het bijzonder aan Steven Maeyaert die ons in dit crisisjaar met bijzondere aandacht omringde. Dank aan Luk Bonduelle en Rita Russe en Guido en Martien Ollevier: het hele jaar door steunen zij ons ter plekke met raad en daad en met hun onuitputtelijk netwerk van sympathisanten en vrijwillige medewerkers. Dank aan onze 30 studenten-suppoosten die onze bezoekers vriendelijk en deskundig ontvangen. Dank aan onze talrijke trouwe festivalbezoekers: zonder jullie is het eenzaam. En last but not least: dank aan de kunstenaars, schrijvers en dichters: zonder de inbreng van jullie boeiende verhalen staan we nergens. Zoals de traditie het wil, tonen we in Watou een inspirerende mix van aanstormend talent en grote namen. Jong geweld en bezadigde reflectie van hier en van elders versterken daarbij elkaar en onszelf. Dankzij de inbreng van jullie allen, is Kunstenfestival Watou elke zomer weer een bijzonder genietbare plek om even te vertoeven en er samen ‘de verwonde wereld te bezingen’. Hartelijk dank! Wij zien u graag.

Jan Moeyaert Intendant Kunstenfestival Watou Zomer 2017

330


COLOFON

De 37ste editie van Kunstenfestival Watou is een realisatie van vzw Kunst & Stichting IJsberg vzw. Projectsecretariaat vzw Kunst / Stichting IJsberg vzw

Jan Moeyaert / intendant Lily Soenen / zakelijk leider Lieselotte Moeyaert / pers - communicatie - productiecoördinatie - publiekswerving Louise Degraeve / productiecoördinatie – educatieve werking - vormgeving Liesbet Daeninck / publiekswerking – productiecoördinatie zomerzinnen en poëzie Eva Fischer /productiecoördinatie - publiekswerking Wilma Dijkman / vormgeving - digitale coördinatie – publiekswerking Sarah Bordon Soens / administratie – publiekswerking Selectie poëzie Willy Tibergien / Liesbet Daeninck Technische ploeg

Vast team: Mark Drabbe / Jaak Bout Freelancers: Wim Lievens & Atelier 81 / Bart Slangen / Laurens Deurinck / Evert Wouters / Jan Casier Suppoosten en vrijwilligersteam

Alexandra Vandenberghe / Anneleen van Kuyck / Anouk Decavele / Eline Vanheusden / Elke Huybrechts / Eva Vanacker / Gala Verhavert / Isabelle Vander Stockt / Joren Vandenbroucke / Laura Aerens / Lisa Verleyen / Loes Decruyenaere / Lotte Ogiers / Louis Vanhevel / Louise Verstraete / Lucas Vanhevel / Marieke van Trappen / Marije De Decker / Marloes Reuderink / Mourad Baaiz / Nele du Bois / Niene Vandromme / Nina Daelemans / Paulina de Vleeschouwer / Robbrecht Van Cauwenberghe / Sofia De Geest / Sophia Bauer / Yana Van de Casteele Tentoonstellingscahier Kunstenfestival Watou 2017 Auteurs / Medeauteurs

Jan Moeyaert / Lieselotte Moeyaert / Louise Degraeve / Liesbet Daeninck / Nicolas Rivals / Elizaveta Butakova / Koen Moerman / Stef Van Bellingen / Tim Toubac / Joris Van der Borght / Dirk Vonckx / Jaak Fontier / Andy Vermaut / Els Vermeersch / Dauphine De Cambre / Flos Wildschut / Dimitri Hakke / Sam Steverlynck / Thijs Demeulemeester / Frederik Van Laere / Marielle Lassche / Tamara Beheydt Coördinatie redactie

Lieselotte Moeyaert / Louise Degraeve / Liesbet Daeninck / Wilma Dijkman Vormgeving Wilma Dijkman / Jan Moeyaert Pre-press & drukwerkbegeleiding Wilma Dijkman Fotoverantwoording Sfeerbeelden vzw Kunst / Wilma Dijkman Campagnebeeld © Rogerio Reis, detail from Personne n›appartient à personne Beelden werken Bruthaus Gallery / Karin Borghouts / Koen Moerman / Mario Mauroner Contemporary Art Gallery / Geukens & De Vil / Korean Artist Project / Galerie Laurence Bernard / Galerie Paris-Beijing / Royale Projects / Galerie Perrotin / Holger Priess Galerie / Tim Van Laere Gallery / Studio Fred Eerdekens / Deweer Gallery / ING Art Collection Amsterdam / Galerie Nordenhake / Galerie Schoots-Vanduyse / Galerie Eric Dupont / Galerie Forsblom / Plastiques Photography, Courtesy Tyburn Gallery / Daniel Marzona Galerie / Galerie Eric Dupont Paris / Galerie Sfeir-Cemler / Galerie Meessen De Clercq / Zeno X Gallery

Het tentoonstellingscahier is een uitgave van vzw Kunst en Stichting IJsberg vzw. ISBN: 9789081741354 - NUR: 644 - © 2017 vzw Kunst / Stichting IJsberg vzw Deze catalogus werkt gedrukt op het papier Munken Pure Rough 120 gram van Arctic Paper Benelux.

331


P A RT NE RS Dank aan al onze bezoekers die deelnamen aan onze crowdfunding actie om zo mee te strijden voor het voortbestaan van Kunstenfestival Watou:

Advokaat H./ Albrecht Johan / Andreae H.A.H. – T. Kuik / Antonissen Janes / Arreman J.C. / Baeyens Willy / Bakker D.J.M. / Beckers Frank / Beekwee Robby / Bellis-Snoeck / Berckmoes Beirlant / Bettens-De Greef / Beunder A.M./ Beys-Bate / Blieck Gudrun / Blik Grafisch Ontwerp / Blokker J./ Boels Wilfried / Bohets Hilde / Bonhof R.- Peet A. / Bossaert Marc / Boumans Etienne / Bousset Gunter Hendrik / Boutens Marlies / Bouton Ann / Braakhuis F.L.M.- R. Heida / Brisaert Wim / Bronkhorst M. / Bruinink-Deriemaeker / Burm Caroline / Busson Roger / Bv-Bvb Dokter Calmeyn Marc / Bv-Bvba Architekt-Nburo / Bv-Bvba Areskos / Bvb Abro - Architektuurburo E. Alen / Bvba Al Account / Bvba Apd Products / Bvba Architect Luc Vandewynckel / Bvba Dejonghe Stefaan / Bvba Dokters Sansen-Boucquey / Bvba Frank De Clercq / Bvba Gavra / Bvba Kerua / Bvba Lk Investment / Bvba Notaris Michel Wegge / Bvba P@Ix / Bvba Scarlet Blue / Bvba Tandarts Desimpelaere Stefaan / Cadore / Clinckspoor Jaak / Coene Gilberte / Coolen-Joosten / Cooman Gwenny / Couder Walter / Crayon / Cumps Dirk / D’hondt Lidwina / D’hondt Magda / D’hondt-Depourcq / Daelman Monique / David-Van Den Kerchove J.-M. / De Backer Wederik / De Boekenlei VZW / De Boodt Patricia / De Bruyn T.J.M. - De Bruyn-Goumans G.T.J.M. / De Clercq-Vandromme/ De Jong T.J.M. / De Ridder J.W.C./ De Rover A.D. / De Vos Jan / De Vreese-Anseeuw / De Weerdt Marc / De Weerdt-Thomas L.-K. / Debbaut Alain / DeceuninckBilliet S.-M. / Declercq Hubert / Decoene Inge/ Degelin-Van Haute K.-E. / Degraeve Ingrid / Degryse Gilbert / Demarez-Vandromme L.-A. / Derniest Marina / Desmyter-Delhaye B.-N. / Devos Geert / Devreese - Salen D.-N./ Dewulf Lionel / Dieleman-Alderweireldt / Dierckx Niels / Doucet-Amter / Dr. Minnekeer / Drs Sj. Van Der Ploeg - E Van Der Ploeg-Evertsen / Duindam C.J. – A.M. Beunder / Dumon-Geldhof / Duprez Luc / Eeckhout Johan / Eeckhout Wouter / Eeckhout-Kools Joris & Els / Eichperger Jacques / Flebus Amanda / Florin Martine/ Fonteijn R.K.G. / Forster T.M.H.E. / Friant Katrien/ Galle Christine / Gelan Marie / Gelders D.J.M.- M. Cj. Gelders Otten M.A.J. / Germeys B.D.M. / Germeys Jo / Gerritsma J.G. / Godschalk C.J.C.M. / Goubert Tom / Gratama J.W./ Groot Koerkamp M.T. / Grootveld L.J. Cj. Grootveld Oudesluy S.J.M./ Gryson Robin / Haezebrouck Mia / Hammenecker Etienne/ HauspieDuran / Herman Daniel / Hm Hulsteijn Cj. / Hontem P.W.J. Van / Hulstaert-Bogaert / Huyghe Freddy / Huypens Hilda / Jacobs Jan / Jaegers N.H.J. / Jansen Eddy / Jaspaert-Van Acker Pieter & Cecile / Jong A. De Cj / Joris Yves / Karsmakers M.J.B. - Meijer J.M.M.F. / Karssenberg D./ Kerremans Jana / Keuppens Anna / Keuppens Sophie / Koelewijn E. / Lachaert Emilie / Lagae Magalie / Lambert An/ Lameire-Hendrix/ Lauwers Karel / Lemaire-Vets / Lens Moira / Luijten J.M.C.J. / Maes Johan / Maes Marie / Malfait Kristof / Meijer R.J. - Meijer-Boo Y.M. De/ Meire Martine / Melkenbeeck Dirk / Michiels-Brabander Luc & Christine / Mobouck-Renard Andre & Viviane / Mommaerts Luc/ Morisse Annemie / Mortier-Pollefliet / Muyllaert Maria / N-Va Afdeling Poperinge / Naessens Marc / Octrooibureau Dokter / Ollevier-Baert / Ossewaarde R.G.C. / Osteux Micholt / Pertry-Deconinck / Pierins-Depoortere / Pietersen C.M. C.j. / Platteau Martine / Poelvoorde-De Smet / Polet Charles / Poot A./ Postma M. / Praktijk Voor Psychosynthese / Provoost-De Maesschalck S.-S. / Pygmalion Beeldende Kunst / Rademakers H.P.M.E. / Renson-Martin / Robben Rudi / Robberecht-D’eer Freddy & Lieve / Roerdink M.G.M.J. / Roger Roger / Ronsse Kurt / Rupprich Marianne / Ruys A.T.C.C.j. / Ryon Mia / S.E.M. Reuten-Contrucci / Saverys Bruno / Slaa J.H. -J.J.A. Van Der Stap / Smedts-Callewaert / Soens Carl / Speltdoorn-Baele / Stappers Koen/ Stroo Mycke/ Studio-Kd / Stuijk-Vandaele / Sys Jo / Taffin Nadine / Taillieu Viviane/ Tavernier-Van Kerkhoven / Ter Keurs H./ Tijtgat Ann / Uitgeverij Vrijdag / Vakantiewoning Huis van de Dichter / Van Bruggen Marcus / Van Buyten-Vandeginste Yves & Vera / Van Canneyt Hilde / Van De Maele Guy / Van Der Kelen-Quisthoudt / Van Der Staak J.L.C. / Van Luchene-Vervaeke / Van Maele Yvan / Van Mileghem Godelieve / Van Noot A.R./ Van Ooij-Van De Langerijt / Van Ryckeghem Diederik / Van Steen Faust / Van Suchtelen J. Cj./ Van Vaerenbergh Anita / Van Wonterghem Dirk / Van Zundert Dirk / Vanclooster Luc / Vandenabeele-Vandromme / Vandepitte-Kireeff / Vandesande Olivia / Vanhelmont Prosper / Vanseveren Wim / Vanthuyne Geert / Vd Werf E.M. / Venijnig Gebroed / Verbeke Reinout / Verhaegen Louis / Verhelst Oscar / Verlet Dries / Verschoren H / Verstraete-Standaert / Vonk Zonen V.Z.W/ Voors K.E. / Vreugdenhil A. / Vromant Magali / Vyverman Johan / Walgraeve Marijke / Walter Willem / Wemel-Vanmeenen/ Wille Conchita / Willems M.J.I. / Wouters P / Zusters Van De Bermhertigheid Jesu

332


P A RT NE RS Vzw Kunst & Stichting IJsberg vzw danken hun subsidiĂŤnten, partners en sponsors voor de financiĂŤle en logistieke ondersteuning van het festival

een kleurrijk verbond van onafhankelijke boekhandels

Vzw Kunst & Stichting IJsberg vzw hebben getracht alle rechthebbenden van het tekst- en beeldmateriaal te achterhalen en te vermelden. Indien iemand meent dat zijn/haar rechten niet zijn gehonoreerd, kan hij/zij contact opnemen met Vzw Kunst/Stichting IJsberg vzw, Brugsesteenweg 45, 8433 Schore.

333


Catalogus kunstenfestival watou 2017  
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you