Page 1

ZC jubileum

80 jaar watersport in Kampen

’37

Palaver

Monstergolven De futen van ZC’37 Een leven lang zeilen Gastheer van Kampen Eerste oversteek naar Engeland 2017

1


Hotel van Dijk

• • • • • • •

18 kamer met 38 bedden kamers met douche, toilet en tv gezellige bar aanwezig draadloos internet vergaderruimte aanwezig gunstige ligging in centrum aan prachtig IJsselfront

IJsselkade 30-31 8261 AC Kampen The Netherlands Tel: +31 (0)38 331 49 25 Fax: +31 (0)38 331 65 08 E-mail: info@hotelvandijk.nl www.hotelvandijk.nl

2


Vanuit Kampen ligt de wereld voor je open

Waarom

Kampen? Een vraag die ik regelmatig krijg als ik zeg dat ik mijn boot in de haven in Kampen heb liggen. Tegenover Kampen eigenlijk en daar hebben we al het eerste argument. Kampen heeft een prachtig waterfront en daar kijk je vanaf de overkant de hele dag tegenaan. De stad is een prachtige, historische plaats met heerlijke restaurants, gezellige cafĂŠs en met een watersportwinkel aan de kade kan je als watersporter alle kanten op. Kampen is absoluut de moeite van een bezoek waard, je kan er meerdere dagen rondlopen. Met de boot kan je vanuit Kampen alle kanten uit. Heb je een motorboot dan kan je meteen bij de sluis van IJsselmuiden binnendoor richting het Zwarte Water of je vaart stroomopwaarts richting Zwolle. Stroomafwaarts ga je richting de IJsseldelta, een van de mooiste waternatuurgebieden van Nederland, waar je nog doorheen kan en mag varen ook. Ook daar weer keuze genoeg. Waait het te hard? Dan kan je ook hier via de Ramspoelbrug naar het Zwarte Water of je gaat naar bakboord, richting de Randmeren voor de Roggebotsluis. Op het Ketelmeer kan je makkelijk een weekend doorbrengen. Na een dag heerlijk zeilen op ruim water kan je overnachten in Ketelhaven, Schokkerhaven of je gaat voor anker in het Sliboog. Staat de wind gunstig dan ligt het IJsselmeer op je te wachten. Je kan gerust in een dag zeilen naar Lemmer, Stavoren, Enkhuizen, Blocq van Kuffeler en met geluk Monnickendam. Of je blijft in de buurt van de Ketelbrug en legt aan in Urk of in Trintelhaven. Wil je naar zee, dan ben je in een dag varen in IJmuiden, Den Helder of Harlingen. Kortom vanuit Kampen ligt de wereld voor je open. Dat blijkt ook wel uit de eeuwen oude geschiedenis van deze prachtige stad aan de IJssel.

Wil je naar zee, dan ben je in een dag varen in IJmuiden, Den Helder of Harlingen. 3


Zeil Club 1937 Watersporters, Club uit Kampen Gedreven, Fanatiek Zeilers, Vissers, Motorboters Regenboog, Bergumermeer Sturgeon Kolibri, Waarschip, Lemsteraak. Zoet naar Elburg, Enkhuizen, Eernewoude Zout naar Lowestoft, Londen, Liverpool Avontuur, Adrenaline, Berenburg Hout, Staal, Polyester Vader, Zoon Opa Rijk en Roem Rust

Bruine vloot in Kampen 4


Inhoud Vanuit Kampen ligt de wereld voor je open 3 De futen van ZC’37 9 Een leven lang zeilen 13 Monster golven 18 Gastheer van Kampen 27 Eerste oversteek naar Engeland 35 ‘Den Groenen Draeck’ 43 Automatisering aan boord 45 U bent van harte welkom in Kampen bij ZC’37 50

Kampen watersportplaats bij uitstek Watersport Vereniging ZC’37 Friese Weg 6 8267 AD Kampen Ter hoogte van kilometerpaal 996,5, aan de IJssel, recht tegenover Kampen Havenmeester Nico van Roon 06 52 08 57 48 www.zc37.nl

5


Op

een koude, gure winterdag met een forse wind werd in een woning in de Johan Frisostraat ZC’37 opgericht. Tachtig jaar geleden waren er mensen die er de schouders onder wilden zetten om samen iets mogelijk te maken. Dat iets was een plek waar de boten gemeerd konden worden als men aan het werk moest. Het waren moeilijke tijden: oorlogsdreiging was alom voelbaar, de economische crisis als gevolg van de volledig ingestorte beurshandel was nog maar net achter de rug. Het lijkt er wel op of de geschiedenis zich herhaalt. Weer zijn er allerlei bedreigingen voor ons voortbestaan. Halen we de honderd?

Betrokkenheid

We hebben net een economische crisis achter de rug (zegt de regering, maar een boot verkopen is toch een hele opgave in deze markt), steeds ouder worden de leden en de ligplaatshouders (ze moeten vaak stoppen met het varen omdat ze hun schip niet meer goed aan kunnen) en steeds minder jeugd (die hebben in deze drukke wereld

helemaal geen tijd voor een boot). Je ziet de wereld om je heen veranderen, en dat vraagt om verandering. Verandering van een vereniging, wil die vereniging doorgegeven kunnen worden aan de volgende generatie. Vrijwel alle bestuursleden hebben grijze haren. De meerderheid van hen is al met pensioen. Wie neemt de fakkel over? Of branden we ons allemaal aan dat vuur? Soms vraag ik me af hoe het nu verder moet. Vraag ik me af waarom een kleine groep mensen het plezier van 400 leden of 275 ligplaatshouders moet organiseren terwijl al die mensen lekker achterover blijven zitten of met een glaasje bier of wijn in hun kuip verblijven. En dan denk ik weer hoe jammer het is dat al die mensen de lol van het besturen, het plezier van het vormgeven van je eigen club, de pret van het voorbereiden van een evenement mislopen door hun houding. Want het is juist een hele verrijking van je vaarhobby als je ook wat doet in de vereniging of in de haven. En echt hoor: ze zijn er, de leden die zich daar op hebben gestort. De mensen die evenementen organiseren (wanneer had jij een leuk idee?), een Palaver volschrijven (waar is jouw verhaal?)

6


We hebben uitzicht op het mooiste rivierfront van het land

en dan ook nog advertenties gaan verzamelen om de kosten te drukken (hoeveel heb jij er aangeleverd?), een steiger herstellen (was je ook al eens uitgegleden?), achter de bar gaan staan om hun mede-clubleden te bedienen (of sta jij er alleen maar voor?) of die in een bestuur zitten (of vind jij dat het allemaal toch niet gaat lukken?).

We hebben de mooiste haven van het land

Als je dit zo leest lijkt het allemaal kommer en kwel in die club van ons. Nou, dat is niet zo! We zijn de enige Kamper watersportclub die zeillessen aanbiedt tegen een uitermate laag tarief op een zeer veilige stek. We hebben de mooiste haven van het land en geven het fraaiste clubblad van Nederland uit. We hebben uitzicht op het mooiste rivierfront van het land tegenover een stad die ’s avonds fraai verlicht aan de boorden van de IJssel ligt gevleid. We hebben ons ‘gouden’ eilandje in de haven, een Hanzekof met een flinke geschiedenis, kunnen prachtige feesten organiseren en zijn financieel gezond. Weet je: we hebben de mooiste hobby die je je maar kunt bedenken, een hobby

7

die ongekende vrijheid biedt! Kortom: we zijn een club om trots op te zijn, en dat al tachtig jaar lang. Daarom vieren we dit hele jaar door feest, worden de evenementen allemaal in de sleutel van 80 jaren ZC’37 geplaatst en hebben we deze zomer een daverend feest. Dat feest is er ook voor bedoeld om afscheid te nemen van de loods, de loods die eindelijk teruggaat naar de geboortegrond: de Zaanstreek. Het is de bedoeling dat er een nieuw onderkomen gemaakt wordt voor in elk geval de wat kwetsbaarder (houten) schepen in ons bestand en een plek waar onze Optimistjes kunnen geparkeerd worden, samen met de trekker en de heftruck. We vieren dus feest en dat is niet ten onrechte. We zijn inmiddels de langst bestaande watersportvereniging in Kampen, hebben een rijke geschiedenis en gaan op voor de volgende tachtig jaar. Dat gaat zeker lukken! Johan van der Tolen, voorzitter ZC’37


8


De futen van ZC’37

Maart

In het vroege voorjaar is het in onze attractieve jachthaven een drukte van jewelste. Veel lawaai, geen gezoem van schuurmachines, werkgeluiden door onze leden, maar een onmiskenbaar ‘ròòòhhh…’ van futen. Een ongedacht activiteit aan het begin van dit jubileumjaar. De futen zijn weer op vrijersvoeten!

Balsrituelen

Futen, ze staan bekend om hun uitgebreide baltsrituelen en hun prachtige verenkleed. In de broedtijd zijn ze vaak luidruchtig en maken ze gakkende geluiden die ver dragen. Het kopschudden naar elkaar om elkaar het hof te maken is al bijzonder om te zien maar dit is nog maar het voorspel. Ze strekken hun nek, zetten de bruinrode kraag op en imiteren elkaars houding. Even onderduiken en bovenkomen met nestmateriaal is weer een volgende stap. Elkaar het nestmateriaal aanbieden en daarbij watertrappelend volledig uit het water opstijgen, de pinguïndans, is dan echt het hoogtepunt van de balts. Elkaar bedreigen en zelfs aanvallen hoort ook bij dit baltsgebeuren! Een nestplaats zoeken op een veilige plek is de afsluiting van deze balts.

9

ZC-leden zijn betrouwbaar

Terwijl de futen een pauze nemen van het nestbouwen komt een meerkoet het halve nest opeten. Al drie nesten op in aanbouw gezien. Meestal liggen deze goed verborgen in het riet, maar hier bij ZC liggen ze in het volle zicht. Hoewel futen schuwe vogels zijn lijken ze de leden van ZC’37 wel te vertrouwen. Liggend op de steiger bij het Hanzekof kon ik een hele serie mooie plaatjes maken van de paring. Wat een fantastisch feest in dit jubileumjaar. Fantastisch om dit allemaal in de eigen jachthaven te kunnen zien. Nu wachten op de eieren, het broeden en de jongen. In het nest legt de fuut gemiddeld meestal drie tot vijf eieren. Na een broedtijd van ongeveer vier weken komen de eieren uitkomen. De jongen zijn met hun zebra-achtig streeppatroon direct herkenbaar. Vlak na de geboorte kunnen ze al zwemmen en duiken. Theo Last Alle foto’s zijn gemaakt in de jachthaven ZC’37 Meer foto’s van futen en 101 andere vogels kun je zien op mijn Instagramaccount #theolast


1-4 Kopschudden 5-7 Strijd om het territorium 11 Het voorspel 12 Strijd om het territorium 8 - 10 De bouw van het platform (Nest) 11 Klaarmaken voor de paring 12 De paring vindt meestal plaats op het nest. Een drijvend plateau van plantenresten.

10


11


12


Een leven lang zeilen

Er

zullen niet veel mensen meer zijn die me na kunnen zeggen dat ze voordat de Afsluitdijk werd afgesloten, hebben gezeild op de Zuiderzee en op het eiland Schokland zijn geweest. Mijn vader had namelijk connecties met de heer Reumer, eigenaar van de visgroothandel. Er werd een afspraak gemaakt dat we een dag mee konden varen met zijn aak. Dat was in 1931. Ik was toen 10 jaar. De Lemsteraak van de visgroothandel ging op de Zuiderzee bij de vissende botters langs en kocht de gevangen vis. Op deze manier konden de vissers blijven vissen en hoefden ze niet naar Kampen te varen. Dat was dus een kostbare tijdwinst. We hebben toen ook aangelegd op het eiland Schokland, waar we hebben gewandeld over een plankier van het ene dorpje naar het andere. Het was een fantastische dag. Die aak is later nog eigendom geweest van de bekende Kampenaar Gerard van der Sluis. Ongelooflijk dat die honderd jaar oude aak van Reumer nog steeds vaart als prachtig gerestaureerd zeiljacht onder de naam ‘De Kamper’ met de tegenwoordige eigenaar Giel Timmerman, met als ligplaats het Berend Aalbers jachthaventje op het Kampereiland.

Zeilen

Mijn vader, Reijer van ’t Hul, was brugwachter in dienst van de gemeente Kampen. Omdat hij goed kon zwemmen was hij in de zomermaanden badmeester in het drijvende zwembad in de IJssel bij de Bovenhaven. Hij was in het bezit van een zeilpunter. Mijn oudere broer Jan en ik zijn vaak mee geweest. Bij het laveren konden we helpen met de bediening van de zijzwaarden. Later werd

13

de zeilcapaciteit, vooral bij het laveren, een stuk beter omdat in het kaar een steekzwaard was gemaakt. Bij slecht weer en hoog water was een tweepersoons kano ergens losgeslagen en kwam aandrijven bij het zwembad. Er werd gezocht naar de eigenaar, maar die werd niet gevonden. Vader heeft de zeilkano gekocht, ik meen voor tien gulden. Er werd een mast op gemaakt en mijn oudste zus maakte van een oud laken een keurig stel zeilen. Zo konden Jan en ik zeilend de rivier op. De kano was moeilijk door de wind te krijgen, maar met behulp van een peddel en het bak zetten van de fok lukte dat prima. Zo hebben we ons het zeilen eigen gemaakt. Tot het jaar 1940 hebben we gezeild in een houten soort Sjarpie. Daarna kocht vader in 1943 voor ons een Lark, de L-14. Dat was voor mij de reden om lid te worden van de ZC’37, want dan kon ik meedoen aan de door deze vereniging georganiseerde wedstrijden. De ZC’37 organiseerde jaarlijks twee wedstrijden in het voor- en naseizoen naar de Zande, de zogenaamde Koeluchtrace. Ook werd viermaal de Kampereilandrace georganiseerd. Wedstrijdzeilen op een stromende rivier vergt veel ervaring. Altijd de minste tegenstroom opzoeken. Soms deden we dat met ‘ kribbetje tikken’. Zeilden we toch door de buitenbocht waar de meeste wind was, maar dan tussen de kribben, waar je even de neringstroom mee had en dan snel en zo kort mogelijk om de kop van de krib naar de volgende. In juni 1943 kwamen we terug in de haven en stond ons iemand op te wachten. De man wilde onze Lark kopen. We zeiden: ‘Man, al geef je ons 1000 gulden dan willen we hem nog niet kwijt,


Het oudste lid van de want het is nog volop zomer.’ ‘Voor die prijs wil ik hem kopen!’ We stonden verbaasd. Thuis werd met vader overlegd. ‘Verkopen,’ zei hij,’want zo’n bod krijg je nooit meer’. Nu zaten we middenin de zomer zonder boot, maar gelukkig was er een kleine BM te koop. Daar moest nog wel 600 gulden bij. Het geld was schijnbaar in de oorlog niet veel waard. Na de kleine BM hebben we nog 14 jaar gevaren in een kleine Valk, de zogenaamde Sperwer. Met kleine BM, Lark en Sperwer hebben we 28 prijzen gewonnen. En met de Fuut, zoals

de Sperwerboot heette, heb ik met m’n vrouw Annie en de zonen Reijer en Hans veel weekenden gezeild. Vaak naar het Zalkergat, het Gat van Liefers (tegenover Wilsum) of het Ganzendiep en de Goot op. Ook vakanties van twee weken. Met z’n vieren in dat Valkje en slapen onder het dekzeil.

Genieten!

In 1970 werden we eigenaar van een Volendamkruiser die negen jaar later werd vervangen door

14


80-jarige ZC’37 een Marieholm IF. Met deze twee kajuitboten was het vaargebied ook IJssel- en Markermeer geworden. Toen we de leeftijd van 80 jaar bereikten is de Marieholm met de naam HULKIE overgegaan naar mijn zoon Reijer, die er nog steeds van geniet. Soms zeil ik nog wel eens met m’n zoon mee naar ons landje aan de Zande of naar Urk. ‘De mooiste dagen van het jaar!’ Bijna alle leden van de ZC’37 hadden een ligplaats in de Bovenhaven. Wij zijn altijd in de Bovenhaven (waar de ZC’37 is begonnen) gebleven en nooit

mee verhuisd naar jachthaven Seveningen. Mooi dicht bij ons huis op Zuid. Omdat ik zulke prettige herinneringen had, ben ik altijd lid gebleven van de ZC’37. En al weer een tijdje het oudste lid, heb ik begrepen. En dat laatste hoop ik nog een mooi tijdje te blijven. Teun van ’t Hul, geboren in 1921

Wie is Teunis van ‘t Hul?

Een geboren en getogen Kampenaar. Zag het levenslicht in 1921 in een klein huisje Hofstraat 114 op de hoek met de Jacobsteeg, vlakbij de Plantage. Vader Reijer was brugwachter/ badmeester en bootjesliefhebber om te vissen en te varen. Moeder Jennigje bestierde een tabakswinkeltje. En dat allemaal in dat kleine huisje met drie zonen en drie dochters, waarvan Teun de derde was. Na de MULO aan het werk op kantoor bij sigarenfabriek Van der Sluis en in de oorlog op de groente-en fruitveiling bij Posthuma in IJsselmuiden. Daarom hoefde hij niet onder de wapenen. Verkering en getrouwd in 1947 met Annie Bonsink. Beiden actief bij gymnastiekvereniging Voorwaarts. Na de oorlog was Teun werkzaam bij de Rijksdienst voor IJsselmeerpolders. Op kantoor als landbouwkundig inkoper. Eerst in Zwolle en later in Lelystad. Hobby’s: jagen, kievitseieren zoeken, schaatsen en zeilen. Nu alweer ruim 30 jaar met pensioen.

15


16


17


Monster We

schrijven juni 1965 ‘s avonds 20.00 uur. Het vrachtschip ‘Bawean’ van de Stoomvaart Maatschappij ‘Nederland’ ploegt zich met een vaartje van 17 knoop door de zeeën. Er staat een stormachtige noordwesten wind, in de verte is nog net aan stuurboord kaap Sint Vincent te zien. Ineens rijst voor het schip een golf op, die hoger en hoger wordt, waarna het water zich donderend over het hele schip stort. Op de brug kijken we kortstondig in een aquarium, dan stroomt het water weg en de zee is weer als even daarvoor. De schade is behoorlijk: de reling rond het ankerspil ligt plat, het potdeksel is verbogen, van enkele luiken zijn de presennings losgeslagen, van het dekhuis zijn de ramen van de salon weggeslagen en de afdekking van één van de sloepen is kapot. De hele nacht hoor ik vanuit mijn kooi bij elke slingering van het schip het water uit alle hoeken en gaten wegstromen. Een ervaring om nooit te vergeten.

18


golven We

schrijven woensdagmorgen 19 juni 1996, 09.00 uur. Aan boord van zeiljacht ‘Tadorna’ in positie 57 N en 05.07 E is de stemming terneergeslagen. Om 06.50 die morgen hebben we besloten ons plan op te geven om naar het noorden te gaan; al vanaf maandagavond zitten we in een gebied met stormachtige wind en storm uit noordwestelijke richtingen en daar kunnen we niet tegenop. Even daarvoor heeft Scheveningen Radio gemeld dat er voor de komende 24 uur geen verandering te verwachten zijn. We hebben de koers verlegd, terug naar Vlieland.

gewipt waarna we het volgende golfdal in glijden. Opeens beginnen we weer te klimmen, maar er komt geen eind aan het groene water. Dan wordt het schuimend wit en voor we het weten vallen we ondersteboven in het golfdal vóór de breker. Ik rol naar het plafond, Johann wordt door de kajuit geslingerd en valt eerst met zijn borst in de kombuis en met zijn hoofd op de rand van het raam, om daarna, als de boot vrijwel direct weer overeind komt, met zijn rug tegen de hoek onder de ramen gegooid te worden.

‘...voor we het weten vallen we ondersteboven in het golfdal, vóór de breker’ Stalen van van der Stadt

‘Tadorna’, een stalen van der Stadt ontwerp van 8,60 meter lang, lengte waterlijn 6,39, breed 2,54 en diep 1,50 was onderweg van Fanø bij Esbjerg, Denemarken, naar Harstadt op de Noorse Lofoten, met uiteindelijke bestemming het Russische Archangelsk en St. Petersburg. Aan boord ben ik, samen met mijn 60-jarige zwager Johann. Terwijl ik in de zeekooi lig te griepen zie ik de golven, minstens zes meter hoog, die we steeds schuin op de boeg hebben gehouden, nu stuurboord achter inkomen. Tadorna klimt daar tegen op, wordt over de top

19

De windvaan doet zijn best

We blijven kalm, Johann pakt meteen een handdoek om de gapende wond op zijn hoofd dicht te drukken en ik trek het pak aan en ga buiten kijken wat de schade is. Eerst moet ik de buiskap omhoog drukken, want die is plat op het dak geslagen, maar dat blijkt, samen met een verbogen hekreling, kapotte spatzeilen en een naar beneden gebogen zaling, de enige schade aan dek. De stormfok staat vol en de windvaan doet zijn werk alsof er niets gebeurd is! Ik hecht de hoofdwond van Johann, maar aan zijn gekneusde ribben en rugwervel is


niets te doen. Hij heeft er nog steeds last van. Binnen is het een enorme chaos, de vloer ligt bezaaid met spullen, gelukkig bleven alle luiken in de bakskisten en de vloer vast zitten. Later blijkt dat een 10 liter pak rode wijn, dat in de voorpiek lag en waar ook een paar kilo kaas ligt, is opengescheurd en de inhoud in de bilges is gelopen. Het schip rook daarna jarenlang nog naar gemarineerde kaas als we aan boord kwamen!

Motor wil niet starten

In de avond wil ik de motor starten om de accu’s te laden, maar dan blijkt dat de die geen compressie meer heeft en niet wil starten. Water is vanuit het waterlock teruggestroomd en de kleppen zitten vast. Donderdag neemt de wind wat af en kunnen we meer zeil zetten en maken wat foto’s, maar vrijdagnacht gaat het weer harder blazen. We besluiten het er niet op te wagen om zonder

motor op eigen kracht de scheepvaartroute over te steken en het Stortemelk aan te lopen, maar om begeleiding van een reddingboot te vragen. Om 04.00 beginnen we de Kustwacht op te roepen maar de accu’s zijn bijna plat, we hebben geen bereik. Pas nadat ik ‘vraagt assistentie’ aan de oproep toevoeg meldt het Nederlandse vrachtschip ‘Assie Eurolink’ van Wagenborg zich (het schip dat ironisch genoeg een paar jaar later op vrijwel dezelfde positie is aangevaren en gezonken) en verzorgt de relayverbinding, later neemt de UK 143 dit over.

Op tijd voor het tij

Om ongeveer 09.00 arriveert als eerste de Alida van Vlieland, ze is net nieuw en dit is haar eerste actie. Even later is de Johannes Frederik van Ameland er, kort daarop gevolgd door de Carlot van Terschelling, als tankschip omdat het niet zeker is dat de Alida het kan halen met

20


de brandstof. Er wordt een opstapper, Peter, overgezet en we besluiten dat slepen naar Vlieland de beste optie is omdat we moeten zorgen op tijd voor het tij te zijn. De ‘Johan Frederik’ gaat terug naar huis, maar de ‘Carlot’ blijft in de buurt. We krijgen een sleepzak achter het schip, maar die verliezen we en ook de tweede gaat er af, maar niet nadat hij mijn trouwe Navik heeft vernield. De sleepkabel breekt ook een paar maal. In het Stortemelk gaan we 2 keer plat door grondzeeën en er komt veel water in het schip. De bemanning van de Carlot vertelde later dat ze bij de tweede breker bang waren dat we niet meer boven zouden komen en al dichterbij waren gekomen.

Met je voeten zet je je schrap

De sfeer is echter goed en niet in het minst door Peter, die met zijn ene hand stuurt, met de andere pompt en voortdurend praat. Hetgeen Johann doet vragen wat hij met zijn voeten doet en adrem wordt geantwoord, dat hij zich daarmee schrap zet! Om kwart voor één liggen we vast aan de steiger van de KNRM. Mensen van de KNRM pompen de

21

boot droog en vinden een zespak blikjes bier uit de bilge die ze op de houten vloer naast het luik zetten. De Olympische ringen zijn er nooit meer uitgegaan! De voorzitter van het comité op Vlieland was ook kapitein op de veerboot en hij nodigt ons uit om op de brug mee te varen naar Harlingen. Ons thuisfront heeft er niets van meegekregen, want die verwachten pas bericht vanuit Harstad! Dinsdag zeilen Hannie en ik de boot naar Harlingen, maar nu is er zo weinig wind, dat we onze vriend Thijs moeten vragen ons te slepen, omdat de spinaker in de Blauwe Slenk door de voortgang op de stroom bak staat! Het kan verkeren! Een groot deel van juli wordt besteed aan reparaties en verbeteringen van de boot, terwijl we steeds horen hoe fijn onze vrienden het hebben tijdens het varen. Op 26 juli vertrekken we opnieuw en varen via de Limfjord en het Götakanaal naar St Petersburg, maar dat is een ander verhaal! Karel Fros


22


23


24


25


26


Gastheer van Kampen

Onze

watersportvereniging ZC’37 bestaat dit jaar 80 jaar. Dit extra jubileumnummer van de Palaver staat in het teken van dit gedenkwaardige feit. Wat is er voor de handliggender dan aandacht te besteden aan de oprichting van de vereniging en vooruitzien naar wat komen gaat? We zijn weliswaar niet de oudste watersportvereniging, maar in regio Kampen wel. We bestaan al van voor de Tweede Wereldoorlog en kunnen bogen op een rijke geschiedenis. Dat verdient respect.

ingepolderde visserseiland Schokland op te vangen, was een uitbreiding van de oude Hanzestad.

De oprichting

Het begin

Wie richt er 3 jaar voor de oorlog en in crisistijd een zeilclub op??? Uiteindelijk is dit een vraag die je alleen maar achteraf kan stellen, omdat men er toen nog geen weet van had. Het waren wel roerige tijden. Het opkomend nationaal socialisme in Duitsland had reeds verontrustende vormen aangenomen, volgens de politici konden we rustig gaan slapen. Kampen was een stad waarin de visserij in die tijd een belangrijke bron van inkomsten was. Op het gebied van de waterhuishouding echter waren er voor Kampen belangrijke veranderingen op komst en in gang gezet.

Zuiderzeewet

Als gevolg van de invoering van de Zuiderzeewet (1918) werd de afsluiting van de Zuiderzee middels de afsluitdijk in gang gezet. Deze dijk maakte vanaf 1932 van de zoute Zuiderzee een steeds zoeter IJsselmeer. Bijzonder is dat de Afsluitdijk, waarvan de bouw direct na de eerste wereldoorlog in gang is gezet, de plek is geweest waar Nederlandse militairen vanaf Kornwerderzand het langst stand hebben gehouden tegen de binnenstormende oosterburen. In het jaar voor de oprichting van de ZC’37 was er een begin gemaakt met de inpolderingsplannen van de Noordoostpolder. De aanbesteding ervan vond ook in 1937 plaats. De dijk tussen Lemmer en Urk ging in 1939 dicht, de zuidelijke dijk in 1940. De Kamper bevolking woonde nog binnen oude stadsgrenzen. Alleen Brunnepe, in het leven geroepen om de bevolking van het inmiddels

27

Het is in deze context hoe men zich het oprichten van een zeilclub voorstelde. Het welvaartspeil lag een stuk lager dan wat we nu gewend zijn. Nederland verkeerde in een crisis. Varen deed je uit noodzaak. Botters, punters e.d. dienden voor de visserij en dus voor het levensonderhoud. Pleziervaart? Hoezo? Toch is er een aantal Kampenaren geweest, waaronder Jo van der Zee, die de ZC’37 toen heeft opgericht.

Met de afsluiting van de Zuiderzee is er veel veranderd voor varende Kampenaren. Niet dat ze zijn opgehouden met vissen, dat doen ze nog steeds graag en veel, maar de afsluiting van de Zuiderzee en de daarmee geplande inpoldering van de NOP en later de Flevopolders is van grote invloed geweest op het hen omringende vaargebied. Zout werd zoet en ruig werd rustig. De oprichters van de ZC’37 moeten mannen met een vooruitziende blik zijn geweest, want wie kon zich toen voorstellen welk een vlucht de watersport zou gaan nemen. Wat ze wel wisten was dat ze veel plezier konden beleven aan het varen op de IJssel en het Zwarte Water. De zuidelijke Noordoostpolderdijk bood bij noordelijke wind beschutting op wat nu het Ketelmeer heet. Via het Ganzendiep en de Goot was het Zwarte Water te bereiken.

De Bovenhaven

De ZC’37 vond haar eerste onderkomen in de Bovenhaven. Alles moest nog worden opgebouwd. Er was niets meer dan alleen de passie van deze mensen voor het varen. Houten, open schepen, geen kranen, veel onderhoud, maar ook veel plezier. Dat straalt er bij de oude foto’s vanaf. De Hanzestad Kampen gaf vanaf toen een andere invulling aan het begrip ‘varen’, het gaf er een recreatieve dimensie aan. Zelfs tijdens de Tweede Wereldoorlog werd er, ondanks een uitdrukkelijk verbod van de Ortskommandant, ‘gewoon’ gevaren. Een Kampenaar laat zich, zeker toen, moeilijk de


28


Aanleg van de Afsluitdijk in 1932. 29


wet voorschrijven. De oprichters van de ZC’37 waren vrijdenkers op dit vlak en dat is, zeker voor het toch wel conservatieve Kampen van toen, bijzonder. De watersport had in Kampen zijn intrede gedaan en de sport werd gekenmerkt door hard werken, zelfwerkzaamheid en soberheid. Het begrip ‘sober’ is pas vorig jaar uit onze statuten veranderd in ‘adequaat’. Veel van de houten (en later ook ijzeren) schepen zijn zelf gebouwd. Nabij De Zande kwam een scheepswerf en ook het in polyester ontwikkelde zeiljachtje de Sturgeon is van Kamper origine. Varen was toen veel meer een manier van leven dan alleen maar een vorm van ontspanning. Het was de kunst van het zeilen waarin goed onderhoud, stuurmanskunst en wellevendheid een belangrijke plaats innamen.

Botenbouwer Kroes

Ook botenbouwer Kroes heeft kansen gezien in de ontwikkelingen rond de inpoldering van het IJsselmeer. Kroes, in 1910 begonnen als mastenen blokkenmaker, is zich na 1920 meer en meer gaan toeleggen op het bouwen van zeilschepen waarbij jachtontwerper Thielbout een belangrijke rol heeft gespeeld. De aanleg van de Afsluitdijk was daarbij een belangrijk argument. Toen het Ganzendiep middels een sluis zou worden afgesloten van de IJssel hebben de gebroeders Gait en Siem Kroes zich een plekje veroverd aan de monding van het Ganzendiep in de IJssel. Daar specialiseerden ze zich in het bouwen

van de rivierenklasse en de eveneens prachtige Scandinavische volksboten. De gebroeders Kroes zijn een begrip in de wereld van deze overnaadse klassiekers. In totaal hebben ze 163 schepen gebouwd.

De Hanzekof en Gat van Seveninge

Jaren later kreeg de ZC’37 de beschikking over een drijvend onderkomen dat gebouwd was voor huisvesting van gastarbeiders. Dit onderkomen heet nu Het Hanzekof en is ons drijvende clubhuis. Ook de vestiging van de ZC’37 was verplaatst naar het Gat van Seveningen. Dit Gat van Seveningen was een door zandafgraving ontstane kolk waarin de ZC’37 haar bootjes mocht stallen. Het zand uit de kolk is gebruikt voor het opspuiten van de Hanzewijk, een woonwijk die van architect Frans Verwey de vorm van een vis heeft gekregen. Om maar aan te geven hoezeer Kampen verbonden was met de visserij.

Gastheer van Kampen

De watersport is in Kampen niet meer weg te denken. Kampen ligt midden in een fantastisch vaargebied waarin voor alle vormen van watersport ruimte is en mogelijkheden zijn. Het is landschappelijk zeer aantrekkelijk en heeft op het gebied van bijzondere natuur ongelooflijk veel te bieden. Denk alleen maar aan de vis- en zeearend die hier broeden. Nog niet zo lang geleden heb

30


zc’37 anno 2017

ik 37 flamingo’s in het Ketelmeer geteld. De zilverreiger is er in grote aantallen te bewonderen, samen met vele andere soorten reigers, vogels en eenden. De aanleg van het slibeiland is een belangrijke aanjager geweest voor de ontwikkeling van dit gebied. Ook de aanleg van vele eilanden in de Randmeren en in het IJsseldeltagebied en Ketelmeer hebben hun steentje bijgedragen. Net als overal heeft de watersport in Kampen een grote vlucht genomen. Kampen telt negen watersportverenigingen die gezamenlijk een belangrijke bijdrage leveren aan de toeristenstroom naar en in Kampen. Deze verenigingen zijn de gastheer van Kampen. Zij zijn de promotors van ‘het product’ Kampen. Kampen heeft als watersportstad veel te bieden, maar zou dat veel meer moeten benutten. Een plek op de politieke agenda verdient dit alles wel.

Ontwikkelingen in de watersport

De watersport heeft een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Niet alleen in volume maar ook op het gebied van bouwmaterialen. Hout is altijd gebleven, maar heeft ruimte moeten maken voor ijzer en staal, aluminium, polyester en carbon. Ook op het gebied van (buitenboord)motoren heeft de ontwikkeling niet stilgestaan: krachtiger, schoner en vooral ook lichter en kleiner. Ook scheepsmodellen zijn zich aan het ontwikkelen. Niet alleen groter, maar ook qua ontwerp moderner, misschien wel futuristischer.

31

Als je deze ontwikkelingen extrapoleert dan gaan we, denk ik, nog grote veranderingen meemaken in de watersport. Op het gebied van elektrisch varen en zonne-energie kunnen we nog veel verwachten. We moeten wel, als we de klimaatdoelstellingen willen halen. Het karakter van de watersporter is in de loop der jaren nogal veranderd. De mensen, betrokken bij de oprichting van de ZC’37 waren pioniers. Die bouwden vaak zelf hun boot. Kom daar nu nog maar eens om. Dat hoeft ook niet natuurlijk, maar de houding van de watersporter is m.i. veranderd van enthousiaste pionier naar bereidwillige, welwillende vrijwilliger. Daarna van hulpvaardige via kritische naar veeleisende consument. Als watersporters zich gedragen als consument en niet meer als een betrokken verenigingslid, moeten verenigingen zich misschien meer commercieel gaan opstellen. Zeker als de terugloop van watersporters aanhoudt. Het zal veranderen en voor sommige misschien minder leuk. Wellicht ben ik te somber en zal het veranderingsproces ook nieuwe inzichten verschaffen. Het proces van verandering kan erg interessant zijn, een uitdaging. Om met Dimitri Verhulst te spreken ‘Misschien is onderweg zijn wel de mooiste bestemming van alles’. Daar sluit ik me graag bij aan. Hans Frerichs


Het is even twee keer kijken, maar inderdaad, café ‘t Ponton drijft op de IJssel! Direct naast de stadsbrug en met uitzicht op zowel de IJssel als op het stadsfront, bevindt u zich wellicht op het mooiste plekje van Kampen. Door een keur aan verrassende dranken en andere verwennerijen waant u zich voor een moment op vakantie. Houd dit gevoel vast! Plof neer in een van onze lounge sets en geniet van een van de vele speciaal bieren, huisgemaakte cocktails of een portie bitterballen. We doen er alles aan om u even te laten breken van de dagelijkse sleur. Bovendien maakt u kosteloos gebruik van draadloos internet en kunt u gebruik maken van het elektrische fiets oplaadpunt. Zoekt u een invulling voor de rest van de dag? Door goede samenwerkingen met collega ondernemers, kunnen we leuke arrangementen aanbieden. Beklim de Kamper toren, maak een stadswandeling door de oude binnenstad of ga een uurtje varen op de IJssel. Café ‘t Ponton is van dinsdag t/m zondag open, ook in de winter. In ons bruincafé brandt de houtkachel en zijn zowel privé tafeltjes als een gezellige bar. Onze medewerkers bedienen 32 u graag.


33


River Orwell

34


Eerste oversteek naar Engeland

Ergens

in het voorjaar 2016 ging bij mij de telefoon; ‘Hi Jan met Jan, ik heb een vraagje. Deze zomer gaan we met een flottielje naar Engeland, maar ik durf het niet helemaal aan zonder een extra bemanningslid. Zou je met ons mee willen voor de oversteek?’ Het antwoord op deze vraag kwam vlak na het vraagteken: ‘Ja, heel graag!’ Een paar maanden ervoor namelijk, op weg naar de ijsbaan, hadden we het er nog over gehad. Zelf had ik het nog niet aangedurfd, met mijn 25-voeter, maar zo’n gelegenheid is een prachtig leermoment. Goed, we zouden gaan met een flottielje georganiseerd door de toerzeilers. Een groep van acht boten, bestaande uit zeilers die het al vaker hadden gedaan en nieuwelingen zoals wij. Het flottielje startte in IJmuiden voor een vier weken durende zeilvakantie: een oversteek naar Lowestoft en daarna de oostkust van Engeland verkennen met als doel het centrum van Londen, dan terug met een oversteek naar België en daarna langs de Nederlandse kust weer terug naar IJmuiden. Mijn deel van de reis was de eerste week, het vertrek uit Lelystad, de oversteek en een aantal dagtochten. Voor de terugreis heb ik de ferry naar Hoek van Holland genomen. Mijn ‘gastgezin’ bestond uit Jan, Corinne en zoon Yvo, waarvan alleen Jan, als opstapper, al eens een oversteek had gemaakt. Als voorbereiding hebben we een avond samen gezeten om de overtocht door te nemen, de geplande route, gebaseerd op ervaringen van de andere toerzeilers. Jan had kaarten en de Reeds almanak aangeschaft, evenals kaarten op de tablet. Ook zijn er een tweetal kennismakingsbijeenkomsten geweest in het voorjaar. Hier was ik nog niet bij, waardoor ik een extra handicap had om iedereen te leren kennen. Ook stond er in Zilt vorig voorjaar een serie over de oversteek naar Engeland en de Engelse oostkust.

35

Het vertrek

Op de dag van vertrek uit Lelystad stond er een mooie wind zuidzuidwest, wat ons in staat stelde om nog een groot deel van de tocht over het Markermeer te zeilen, weliswaar met een paar slagen, prima om aan de boot te wennen: een stuurwiel in plaats van een helmstok heeft even wat tijd nodig. Stuurboord uit gaan betekent naar rechts draaien in plaats van de helmstok naar je toe trekken. Doe je het anders dan werkt het niet zoals gepland. Ook mooi is, dat je onderweg naar IJmuiden nog wat aanleg-, brug- en sluisoefeningen krijgt. Nadat we de Oranjesluizen gepasseerd waren, was het zoals altijd weer een bijzonder moment om het IJ op te varen. Al die drukte, een komen en gaan van allerlei soorten schepen en scheepjes. Ook de verschillende veerponten moet je niet uit het oog verliezen. Het blijkt dat je je, ook met een 32-voeter nog klein voelt als er weer een groot schip passeert. Aan het eind van de middag kwamen we in IJmuiden aan, waar we als laatste deelnemer het flottielje compleet maakten. Eén van de doelen, die ik mezelf gesteld had, was om de namen van mensen zo snel mogelijk te kennen en ook zou weten welk gezicht bij de naam hoort. De eerste avond was er een vertrekborrel, wat de kennismaking vlot deed verlopen. Daarna was er een palaver over het naderende vertrek de volgende dag. Toen ontstonden er discussies over het tijdstip van vertrek, de verwachte wind, wel of niet bij daglicht aankomen, kortom acht schippers en dito meningen. Er werd besloten om in de loop van de middag te vertrekken, zodat we bij daglicht in Lowestoft aan zouden komen. Helaas was de windverwachting niet heel gunstig: de wind zou in de middag minder worden. De volgende ochtend was het nog prima zeilweer geweest. Zelf was ik vroeg wakker en ben even de pier opgelopen en zag al verschillende boten vertrekken richting west, zij hadden besloten van


36


Onderweg, op zee 37


de wind gebruik te maken en dan het bij nacht aanlopen van Lowestoft op de koop toe te nemen. Toen het moment van vertrek naderde, werd de spanning voelbaar. Alles werd voor de zekerheid nog maar eens nagelopen. Onze boot ‘Zomer’ was de kleinste van het flottielje. Wij waren uitverkoren om als eerste te vertrekken. Uitgezwaaid door de rest van de groep zetten we zeil in de havenkom: onze reis was begonnen! De eerstkomende 24 uur zouden we op het water doorbrengen. En er stond ook nog een windkracht 3! De windrichting was west, dat was nou ook precies de richting die we op moesten. Maar we gaan voor het zeilen, dus gaan we vooralsnog kruisen richting Engeland.

Allerlei obstakels

Als je vanuit IJmuiden naar Engeland wilt, heb je naast windrichting ook te maken met verschillende andere zaken, zoals drie windmolenparken, shipping lanes, aanvaarroute IJmuiden en ankerzones. Deze obstakels moet je meenemen in het zeilplan. Toen mochten we nog niet tussen de windmolens door, de

ankerzones doorzeilen is ook niet handig. Dat betekent eromheen: onder- of bovenlangs. Om al die obstakels te ‘omzeilen’, kozen we ervoor om onderlangs het zuidelijke windmolenpark te gaan. Door de wind moesten we pal zuid koersen en de stroom was nog sterk tegen, zodat we niet erg opschoten. Uiteindelijk kozen we toch voor bovenlangs het zuidelijke windmolenpark, wat ons tweemaal de aanvaarroute naar IJmuiden kruisen opleverde. Die moet dan ook nog haaks worden overgestoken. Gelukkig was het zondagmiddag, er was heel weinig scheepvaart. Het was erg relaxed zeilen en we persten er zowaar nog 6 knopen uit. Maar ja, na 6 uur varen zie je de kust van Nederland nog steeds heel erg goed, als je aan het kruisen bent.

Motorsailen

Zo rond zeven uur viel de wind helemaal weg, de Noordzee veranderde in een grote vlakke spiegel. Dat was ook het moment dat we de motor bijzetten. We gingen motorzeilen, dat was nieuw voor ons. Het zeil zorgde nog voor wat ondersteuning en het leverde een halve knoop

38


extra op. Vanaf dat moment zetten we de koers west en verdween Nederland snel uit zicht. Het voordeel van vlak water is dat koken een makkie is, we hebben een aantal keer jagende bruinvissen gezien en zelfs een enkele zeehond. Het vallen van de avond kwam met een prachtige zonsondergang, mooie kleuren op het water, fantastisch! Tot een uur of twee ‘s nachts bleef de wind ook echt weg, er was gewoon helemaal niet te zeilen. Daarna kwam er toch weer een lichte bries. Om zoveel mogelijk van de oversteek mee te maken, hadden zowel Jan als ik besloten om wakker te blijven. De rest van de bemanning was al onder zeil. Zoals gezegd stak er rond twee uur een lichte bries op. Wij keken elkaar maar eens aan en hadden dezelfde gedachte: zeil erop en motor uit. Wat een fantastisch gevoel: midden op de Noordzee, niets dan zeilgeluiden, bijna volle maan, dus voldoende zicht. De foto laat niet helemaal zien hoe mooi het was. Zo hebben we, tot onze voldoening, nog ongeveer drie uur gezeild. Tijdens de palaver was er ook afgesproken dat we ieder uur een marifoon rondje zouden maken. De

39

flottieljeleider voor de oversteek (iedere dag zou een ander schip de leiding hebben en de tocht voorbereiden) riep ieder schip op (kanaal 77) en vroeg naar de stand van zaken. Zo had je steeds een beeld van waar iedereen ongeveer was. Ook waren er een aantal schepen in het flottielje, die een AIS transponder hadden. Dat was helemaal handig, want die konden we zelf ook met onze AIS ontvanger zien. Ook de grote schepen waren daarop te zien met vaarrichting, snelheid en de afstand van elkaar bij passeren. Als die afstand minder dan een mijl was, verlegden we de koers. Doordat het zicht erg goed was, zagen we de schepen al op grote afstand aankomen, maar aanvullende AIS informatie zoals de snelheid en vaarrichting is erg handig. We hebben gedurende de nacht ook tweemaal een schip aangeroepen, voornamelijk om te testen of ze ons hadden gezien. Je kon zelfs op de AIS mooi zien, dat een schip de koers iets verlegde (1 graad) om ons te ontwijken. Tot op een zeker moment er een oproep van één van onze schepen kwam of er iemand in de buurt was. Wat bleek: de motor van het schip was afgeslagen en wilde


niet meer starten. Het verzoek was of er een schip in de buurt kon blijven voor eventuele assistentie. Aangezien wij niet ver uit de buurt waren, hebben we tijdelijk wat vaart geminderd en even afgewacht. Gelukkig kon de schipper het dieselfilter schoonkrijgen en startte de motor weer na een uurtje sleutelen.

Engeland

Tegen zes uur kwam Corinne naar buiten en ben ik gaan slapen. Toen ik om 9 uur weer aan dek kwam, waren de contouren van Engeland al zichtbaar. Gedurende de ochtend kwam Engeland steeds dichterbij, al zou het toch tot een uur of twaalf duren voordat we er ook echt waren. Lowestoft heeft een grote grindbank voor de kust liggen dus rechtstreeks naar de haven is geen goede keus. Afhankelijk van het tij en de bijbehorende stroming kun je Lowestoft op twee manieren benaderen: via de noordkant ‘North Holm’ of via de zuidkant ‘South Holm’. Voor ons was de ‘South Holm’ de beste optie, omdat de stroom naar noord was. Dat invaren was toch nog wel ‘exciting’: er stond een stevige zijstroom. Op de navigatie zagen we dat we exact op koers waren, maar met het blote oog leek het alsof we er helemaal naast zaten. De begeleiding van de havendienst is daar prima voor elkaar. Als je ze oproept, antwoorden ze meteen en geven de instructies, die nodig zijn voor een vlotte vaart, omdat de ingang vrij smal is. Precies op tijd kregen we groen licht om binnen te komen. Direct links ligt de ingang van de jachthaven, zo rond twaalf uur meerden we af aan de steiger bij het sjiek uitziende gebouw van de ‘Royal Norfolk & Suffolk Yacht Club’.

Pak en stropdas mee

De jachthaven staat bol van de Engelse tradities. Tijdens het verblijf word je tijdelijk lid van de Yacht Club. Wil je echt in de club dineren, kan dat niet zonder pak en stropdas (wie denkt daar nu aan). Gelukkig kregen we als groep een eigen zaal waar we de succesvolle overtocht op z’n Hollands konden vieren. Dat was trouwens ook beter voor de andere gasten, die ‘rustig’ wilden dineren. De bestuursleden van de club hebben een privé parking en een eigen vlag.

Nadat wij waren afgemeerd, kwamen na verloop van tijd de twee laatste schepen binnen en was het hele flottielje aan de overkant. De volgende dag was er een rustdag gepland met een bezoek aan Norfolk, een oud rustiek plaatsje in de buurt. Die dag had een perfecte zeildag geweest: er stond een mooie wind en het was zo’n 30 graden. Maar ja, er werd gerust na de inspanningen van de overtocht. De volgende dag stormde het en bleven we een dag verwaaid liggen. De dag werd gevuld met een klaverjasclinic voor beginners en een high tea. Daar waren de rollen ineens omgekeerd: sommige ervaren zeilers bleken beginnende kaarters en de opstappers werden direct tot klaverjasdocenten gebombardeerd. Ook de high tea bleek een prima idee te zijn: iedere boot had er zo een eigen invulling aan gegeven, de hapjes en drankjes werd ruimhartig gedeeld. Door deze geïmproviseerde activiteiten had niemand een vervelend gevoel bij de dag extra in Lowestoft.

The Butt & Oyster

Langs de Engelse kust naar het zuiden In de geplande tocht zouden we Southwold aandoen en dan een tocht over de ‘River Deben’ maken. Dit schijnt een hele mooie rivier te zijn, die prima te varen is. Helaas was deze tocht door de stormdag niet meer mogelijk en zijn we direct door gevaren naar Shotley Gate, het begin van de ‘River Orwell’. De jachthaven van Shotley Gate ligt achter een privé sluis: om op die manier geen last van het tij te hebben, bovendien ligt bij eb voor de sluis alles droog. Vanuit hier was de volgende bestemming stroomopwaarts naar Ipswich. De River Orwell is een rivier met een behoorlijke stroming (de IJssel is er niets bij) met prachtige oevers. Ongeveer halverwege ligt het gehucht Pin Mill, iets wat je normaal gesproken links zou laten liggen. Wij zouden toch dat dorpje bezoeken met maar één doel: een pint halen bij ‘The Butt & Oyster’, een must voor iedere zeiler, die naar de overkant gaat. Om daar te komen heb je twee mogelijkheden: òf je legt aan bij een moorring en gaat met een bijboot naar de wal, òf je gaat een mijl stroomopwaarts en legt aan in de jachthaven Woolverstone Marina en wandelt naar de kroeg. Wij kozen voor de moorring, omdat we dat nog niet eerder hadden gedaan. Hoe 40


makkelijk is dat: langs de moorringboei varen, de lijn oppakken, de lus om de kikker op het dek en vast lig je. Daarna nog even een landvast aan de moorring lijn gemaakt, omdat het touw wel erg ruw was. Wegvaren is dito eenvoudig: losgooien en wegvaren, super! Anderen uit het flottielje hadden gekozen voor de marina en vonden een mooie lege steiger voor hen alleen. Aankomen was geen enkel probleem, ze werden vanzelf tegen de steiger geduwd door de stroming. Wegvaren bleek later nog wel een dingetje: de stroom was dusdanig sterk, dat het heel lastig was om daar weg te komen.

Ipswich

Tegen het einde van de middag kwamen we in Ipswich bij de marina; ook weer eerst door de sluis en daarna naar de haven. Hier hebben we

41

als opstappers de laatste avond doorgebracht en afscheid genomen met een laatste potje klaverjassen. De volgende ochtend om 7 uur zou onze trein richting Harwich vertrekken om daarna met de ferry naar Hoek van Holland te reizen. Al met al was het een erg leuke week, waarin veel en weinig wind elkaar afwisselden. Mijn leerdoelen zijn wel gehaald. Een flinke dosis ervaring opgedaan, veel mooi weer gehad, een introductie met het flottielje varen, een gezellige groep getroffen, een week als opstapper mee op een heel gezellige boot met dito bemanning en de eerste keer de oversteek naar Engeland gemaakt. Kortom, zeker voor herhaling vatbaar. Jan Bassa


Terwijl

de gure winterstorm over het halfbevroren Gat van Seveningen raast, ligt het kajuitzeilschip ‘De Mazzel’ vastgenageld aan de bodem. De ligplaats is al tijden niet meer uitgebaggerd en het zeiljachtje is verlaten achtergebleven. Een bijnaam voor de eurokruiser ‘De Mazzel’ is gauw bedacht: ‘Den Groenen Draeck’

6 maanden geleden

Op onze zeilboot ‘Oban’ zijn, voor een heerlijk zomers dagje toeren door de IJsseldelta, Cor en Marjon Kranenburg aangemonsterd. Marjon had al een aantal maanden mijn zeemansverhalen

aangehoord en ging graag op mijn uitnodiging in om dit alles eens met eigen ogen te komen bekijken. Het werd een heerlijke dag. Met zon, zeil en zeearend. Dobberend door het Kattediep, een bezoekje aan de steigers van de Stroomgeul, even de sokken er in op de Ketel en achter het IJsseloog langs.

Opknapkandidaat

Terug naar Kampen, Zeeuws meisje op het Keteldiep, laat Cor zich ontvallen door de opgedane ervaringen ook een zeilboot te willen kopen. En hij denkt dat hij al een (opknap) kandidaat heeft gezien. Opgetogen lopen we langs de steiger, op zoek naar het jacht. Tot we

42


‘Den Groenen Draeck’ in een armetierig hoekje, achter een, ooit ook voor de pleziervaart gebruikt stalen zeilboot , de versmeerde Eurokruiser zien liggen. ‘Da’s een klus voor een zwabber, IJsselwater en okselsmeer!’, roept Cor opgetogen.

Halverwege en iets meer

Cor en Marjon zijn halverwege de opknapbeurt. ‘De Mazzel’ is bijna schoon. Met IJsselwater, en een zwabber en Cor’s okselsmeer. Ze blijft ook ‘De Mazzel’ heten. Terecht, voor zo’n buitenkans: voor de vorige eigenaar, de familie Kranenburg, de ZC met een schone boot en een nieuw lid!

43

Ik wens deze kranige leden een fantastische tijd, behouden vaart en veel zeilplezier met hun herboren Eurokruiser, Mark II. Inmiddels heeft ook kleindochter Lieke het zeilvirus te pakken. Zij start dit seizoen met het jeugdzeilen, de kweekvijver voor de ZC’37-toekomst. Harry van Dijk


44


Automatisering aan boord

Onze

VindĂś 50 stamt uit 1974. In die tijd was de enige automatisering aan boord een motor, als je dat al automatisering kan noemen. Toen we onze boot in 2006 kochten waren de enig moderne instrumenten aan boord een Nasa dieptemeter en een oude Grundig marifoon. De dieptemeter gebruiken we nog, is uiteindelijk een zeer betrouwbaar en prima apparaat. De marifoon hebben we vervangen door een moderne DSC zeemarifoon. De ‘moedermarifoon’ zit binnen, in de kuip hebben we een extra handset en luidspreker zodat we ook achter het stuur kunnen luisteren en communiceren.

De zee lokt

Na een paar jaar op het IJsselmeer en in Zeeland gezeild te hebben, begon de zee te lokken. Na het volgen van de nodige cursussen als kustnavigatie en Marcom-B, hadden we aan boord ook het een en ander nodig. Al jaren stel ik met mijn zoon de computers van mijn eigen bedrijf samen. Het voordeel is dat je een computer krijgt die geheel voldoet aan je eigen wensen. Al snel viel de beslissing om een boordcomputer samen te stellen die aan de specifieke omstandigheden van een boot moet voldoen. De eisen die we stelden waren: weinig stroomverbruik, compact, eenvoudig en grafisch sterk goed genoeg om kaarten op een grote monitor weer te geven. De monitor werd een Led monitor van 22 inch. Led heeft als voordeel weinig stroomverbuik en het formaat kunnen we kwijt bij de kaartentafel. Een monitor van dit formaat is erg prettig, je hebt of een groot overzichtgebied of je kan het beeld in twee schermen verdelen. Bijvoorbeeld overzicht en detail.

45


De computer samenstellen

Als voeding hebben we een voeding gebruikt die bij een accuspanning tussen 6 - 16 volt toch een constante voedingsspanning levert aan de computer. Voordeel is dat het stroomgebruik heel laag is in vergelijking met een omvormer die veel voor laptops gebruikt worden. En deze omvormers zijn soms erg gevoelig voor spanningswisselingen. Als harde schijf hebben we voor een SSD-schijf gekozen. Dit type harde schijven hebben geen mechanische onderdelen die kapot kunnen gaan en gebruiken erg weinig stroom. Om het stroomverbuik zo laag mogelijk te houden, wordt de processor niet gekoeld door een ventilator maar door heel veel koelribben.

Voor de liefhebber, dit alles hebben we gemonteerd op een mini ITX moederbord. Het resultaat is een zeer compacte, stille computer meer zeer laag stroomverbruik en die bij een lage accu-spanning het nog steeds blijft doen.

De software

De computer draait op Windows 7. Als navigatieprogramma, want daar gaat het tenslotte allemaal om, kiezen we voor Win GPS Voyager. Omdat het een gewone PC is, hebben er ook Word en Outlook op geĂŻnstalleerd. Handig als een mobiel kantoor. Voor de kinderen staan er ook spelletjes op en uiteraard kunnen we via wifi in de havens gebruik maken van het internet. Ook

46


muziek staat er op de computer. Maar het gaat om het navigeren. In het begin maakten we gebruik van een GPS-muis, functioneerde prima. Na het aanschaffen van een AIS-ontvanger en zender, maakt de computer gebruik van het GPS-signaal van het AIS. Het AIS is prima samen te gebruiken met Win GPS. De installatie is appeltje-eitje en je ziet in de kaarten van het navigatieprogramma alle schepen en boeien in de buurt die een AIS-signaal uitzenden. Ook waarschuwt het systeem als je op ramkoers vaart met een ander AIS-schip.

NMEA

Middels een multiplexer laten we nu allerlei apparaten met elkaar communiceren, waarbij de computer spil is. De apparaten die bij ons aan boord moeiteloos met elkaar communiceren zijn: > Stuurautomaat: volgt de op het navigatieprogramma uitgezette koers. Geeft de digitale kompaskoers door aan het navigatieprogramma middels de aan de stuurautomaat gekoppelde headingsensor. > AIS: geeft AIS-informatie en GPS-positie aan het navigatieprogramma. > Marifoon: krijgt via multiplexer GPS-informatie > Boordcomputer: krijgt AIS- en GPSinformatie, stuurt stuurautomaat aan middels navigatieprogramma.

Ervaringen

Onze ervaringen zijn tot nu toe erg goed. De computer is nog nooit uitgevallen, ook niet toen de accu’s bijna op hun maximale ontlading zaten. Het grote scherm werkt erg prettig. Als we een scherm buiten willen hebben, gebruiken we een tablet die het scherm van binnen ‘overneemt’ via wifi. Dat je de computer nog voor meer zaken kan gebruiken dan alleen het navigatieprogramma, is erg handig. Via het internet halen we moeiteloos grib-files naar binnen om zelf voor weerman te kunnen spelen. Ook over WinGPS zijn we tevreden. Nadeel van WinGPS is dat het gebruik maakt van rasterkaarten. Hierdoor moet je als je je vaargebied uitbreid een ‘digitale kaartenset’ erbij kopen.

Kosten

Wat kost een boordcomputer? Voor de hardware, inclusief de monitor, hebben we € 450,- betaald. Voor het navigatieprogramma betalen we € 399,-. Voor een compleet kaartenset van de Nederlandse binnen- en kustwateren betalen we € 129,-. Totaal zijn we € 978,- kwijt. Vergelijk je dit met een enigszins vergelijkbaar Raymarine Kaartplottter dan ben je minstens het dubbele kwijt, met minder functionaliteiten Arjen Woudenberg

47


Jachtwerf

‘De Marshaven’

verwarmde botenstalling | (mobiele) reparatie | restauratie | verkoop | onderhoud | scheepsmaterialen | webshop

‘Al 20 jaar het watersportadres in Zutphen en omgeving’

‘De Marshaven’ Kleine Belt 4C Zutphen Jachtwerf

0655 104 301

w w w. j a c h t w e r f z u t p h e n . n l

Aqua Shop Kampen

Al jarenlang het adres in Kampen en omgeving voor de moderne watersport

dinghy- en zeilkleding | accessoires | boeken en kaarten | navigatie elektronica | stroom aan boord | techniek en motor | kombuis en comfort | bootonderhoud | dekbeslag | touwwerk | dekcomfort | accessoires | veiligheid | cadeau-artikelen | camping en fun 48 Aqua Shop Kampen Oudestraat 224 Kampen 038 333 25 25 www.aquashopkampen.nl


R O N D VA A R T E N & PA R T I J E N

Heeft u iets te vieren? Wij gooien graag de trossen los voor uw bruiloft, verjaardag, familie-uitje of een uitje met uw bedrijf of vereniging! Neem contact op voor een afspraak of geef uw wensen door en wij maken graag een vrijblijvende offerte voor u! In de zomermaanden maken wij verschillende rondvaarten. Zo varen wij het rondje Kattegat of IJsseldelta, maar ook hebben we dagtochten naar Elburg, Deventer, Enkhuizen, Volendam en Urk. Kijkt u voor meer informatie op onze website of vraag onze folder aan! Telefoon: 06 - 82 404 498 – Email: info@deveermanvankampen.nl

WWW.DEVEERMANVANKAMPEN.NL 49


U bent van harte welkom in Kampen bij ZC’37 Bent u op vakantie met uw boot en op zoek naar een leuke haven om één of meerdere dagen te overnachten? Of zoekt u een vaste ligplaats met winterstalling op de wal voor uw boot? U bent van harte welkom bij ZC’37.

Passant

Wilt u als passant in onze haven verblijven? Bel onze havenmeester en gastheer: 06 52 08 57 48

Vaste ligplaats

Geïnteresseerd in een vaste ligplaats met winterstalling op de wal? Stuur een email naar ligplaatsen@zc37.nl Kijk ook eens op www.zc37.nl

50


Colofon

titel Palaver, ZC’37 redactie Ad Meeuwsen, Harry van Dijk, Arjen Woudenberg eindredactie Jose Coppes, Coppes & Communicatie, Zutphen teksten Johan van der Toolen, Ad Meeuwsen, Harry van Dijk, Jan Bassa, Hans Frerichs, Karel Fros, Theo Last, Arjen Woudenberg fotografie Hans de Vries, Johan van Toolen, Karel Fros , Arjen Woudenberg, Theo Last, e.a. vormgeving en productie KMuitgevers | KMpublishers, Zutphen uitgever Watersport Vereniging ZC’37 Friese Weg 6 8267 AD Kampen

www.zc37.nl © 2017 Niets uit de uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen

in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of op enige andere manier zonder voorafgaande toestemming van de uitgever.

51


‘De leukste haven van het land!’

w w w . z c 3 7. n l 52

Profile for KMuitgevers | KMpublishers

ZC'37 jubileum Palaver 2017  

Waarom Kampen? Een vraag die ik regelmatig krijg als ik zeg dat ik mijn boot in de haven in Kampen heb liggen. Tegenover Kampen eigenlijk en...

ZC'37 jubileum Palaver 2017  

Waarom Kampen? Een vraag die ik regelmatig krijg als ik zeg dat ik mijn boot in de haven in Kampen heb liggen. Tegenover Kampen eigenlijk en...

Advertisement