Issuu on Google+


Onverwachte Ontmoetingen

Encounters_p001_184.indd 1

08-11-12 12:58


Encounters_p001_184.indd 2

08-11-12 12:58


Verborgen verhalen uit eigen collectie

Encounters_p001_184.indd 3

08-11-12 12:58


Encounters_p001_184.indd 4

08-11-12 12:58


Onverwachte Ontmoetingen Verborgen verhalen uit eigen collectie

Wayne Modest Paul Faber

KIT Publishers

Encounters_p001_184.indd 5

08-11-12 12:58


6

Encounters_p001_184.indd 6

08-11-12 12:58


Inhoud 9

Voorwoord

10 Culturele ontmoetingen in een

Encounters 24 Kijken naar de ander

114 Van dieren en mensen

veranderende wereld

Een landkaart als logo

Boodschappers tussen

Wayne Modest

Zelfbeeld

hemel en aarde

Gezichten

Een web van verhalen

16 Hoe het Tropenmuseum

Rassenleer

Het gevaarlijkste dier

verzamelde

Wajangstijl

Vruchtbaarheid

Paul Faber

Het beeld van Afrika

Beestachtig gevecht Puur natuur

42 Vorm en functie

Monsterlijk

Symmetrie Fotografie of schilderkunst

134 Stemmen uit het verleden

Erotische vruchten

'Ontdekt'

Wie het kleine niet eert‌

1948

Dolly en Jaap

Koloniaal panorama

Creatief hergebruik

Terugkeer der geesten

Haar

Geschenk

Bijstand

Dinosaurussen

Klank en vorm

Wereldtoneel Kinderen aan de macht

68 Toeval?

Deal!

Portret van een profeet Het laatste oordeel

160 Wereld van nu

Jezus export

Technologie en magie

Gevecht tegen demonen

Held of schurk

Samen in de bus

Geestverruiming

Een gelukkige vondst

Mijn en dijn

Taal als teken

Monteurs

Projectie

Terroristen

Identiteit in textiel

Omfloerste kritiek

Het goddelijke verbeeld

Meer, meer, minder

96 Museale kwesties

182 Auteurs

De wereld in een kastje Een ongemakkelijk bezit Souvenirs Museale pranfeuri's Eind goed al goed? De sultan en de koelie

7

Encounters_p001_184.indd 7

08-11-12 12:58


Peter Verdaasdonk

Voorwoord

8

Encounters_p001_184.indd 8

08-11-12 12:58


Voorwoord

De tentoonstelling Onverwachte Ontmoetingen is in eerste instantie bedoeld als een inspirerend avontuur. De gepresenteerde objecten, bijna allemaal afkomstig uit de eigen collectie van het Tropenmuseum, nodigen uit tot een open kijktocht. Er is geen vooropgezet verhaal en geen gedwongen ordening. Er kan en moet gezworven worden op deze expositie, en al zwervend treft de bezoeker vogels van allerlei pluimage: recent verworven topstukken van hedendaagse kunstenaars, curiositeiten uit een ver verleden, bijzondere etnografica, koloniale erfstukken, voorbeelden van popular art, kijkkasten, maskers, beelden en nog veel meer. Ze roepen bewondering op, esthetisch genot, verbazing en plezier. Alles mag, niets hoeft. Tegelijk heeft de tentoonstelling, voor wie het zien wil, heel veel te vertellen. Elke combinatie van twee objecten die in de tentoonstelling met elkaar worden geconfronteerd, leidt tot verrassende gedachten en onverwachte inzichten. Deze ontmoetingen leveren stof tot overpeinzing over beeldvorming, machtsverhoudingen, culturele wisselwerking en menselijke creativiteit. Alle verhalen bij elkaar geven een scherp inzicht in hoe het Tropenmuseum in de ruwweg honderdvijftig jaar van zijn bestaan heeft gedacht, onderzocht, verzameld en gepresenteerd. Het Tropenmuseum vormde in die periode een belangrijke poort tussen Nederland en de wereld, en daarom zegt deze tentoonstelling met al zijn deelverhalen heel veel over de relatie tussen landen, volkeren en mensen, zoals die was en zoals die is. Tenslotte onderstreept deze tentoonstelling de betekenis van een collectie voor een museum, en laat zij zien hoe die collectie voor elke nieuwe generatie bezoekers nieuwe betekenissen en waarden bevat. Onverwachte Ontmoetingen getuigt van het belang van een museum als levend instituut en hoeder van cultureel erfgoed met een universeel belang. Twee inleidende essays belichten de betekenis van de grotendeels historische collectie voor hedendaagse maatschappelijke vraagstukken, en geven in vogelvlucht een beeld van de verzamelgeschiedenis van het Tropenmuseum. Alle objecten van de tentoonstelling zijn in deze publicatie afgebeeld en toegelicht in hun 'onverwachte ontmoeting', zodat u na uw bezoek de tentoonstelling nog vele malen opnieuw kunt beleven. De tentoonstelling Onverwachte Ontmoetingen is zoals gezegd, gebaseerd op de eigen collectie. Daarom wil ik op deze plaats graag dankzeggen aan de BankGiro Loterij, het Mondriaan Fonds, de Vereniging Rembrandt, het Collectiefonds Stichting Volkenkundige Collecties Nederland en de talloze schenkers die aan de vorming van deze bijzondere collectie hebben bijgedragen.

Peter Verdaasdonk Directeur Tropenmuseum

9

Encounters_p001_184.indd 9

08-11-12 12:58


Wayne Modest

Culturele ontmoetingen in een veranderende wereld Wayne Modest

zie pag. 162, 163

10

Encounters_p001_184.indd 10

08-11-12 19:38


Culturele ontmoetingen in een veranderende wereld

Een nkisi nkondi en een MacBook. Deze twee voorwerpen,

in de hedendaagse samenleving, tenminste bij wie trendy,

die samen worden tentoongesteld, vormen een van de 55

cool en hitech-liefhebber is, lijkt de laptop met zijn hyper-

duo's in de tentoonstelling 'Onverwachte ontmoetingen /

moderne vormgeving niet in de categorie van de etnografica

Encounters'. Waarom worden ze samen tentoongesteld?

te passen. Als je het al museaal zou willen benaderen, dan denk

Wat hebben we eraan, om ze niet als individuele, afzonder-

je eerder aan een 21e-eeuws museum voor techniek of design.

lijke objecten te zien, maar als tweetallen, als resultaat van een 'encounter'? Het Engelse begrip 'encounter' kan uitgelegd worden

Bij zijn behandeling van de constructie van het 'etnografisch' object, heeft Kirshenblatt-Gimble het over etnografen en curatoren die bezig zijn met 'uitsnijden, losmaken, de

als een toevallige ontmoeting, een onvoorziene of onge-

kunst van het fragmenteren'.2 Met deze handelingen worden

plande samenkomst van twee of meer eenheden (personen,

alledaagse dingen uit hun normale omgeving gehaald en

dingen of ideeën), zoals een ontmoeting tussen twee onbe-

omgevormd tot etnografische voorwerpen. Laptops ontsnap-

kenden. Gecombineerd met woorden als 'vreemd' en 'onver-

pen gemakkelijk aan deze vorm van etnografische loskoppe-

wacht' doet de term encounter denken aan aliens of UFO's.

ling van het dagelijks leven.

Ook kan een encounter een doelbewuste of opzettelijke

Maar in deze tentoonstelling wordt gevraagd om de

ontmoeting zijn of zelfs een gewelddadige, zoals bij koloniale

nkisi en de MacBook samen te bekijken. Zoals alle duo's in de

onderwerping. Encounters gaan over samenvoegingen, het

tentoonstelling, vormen deze twee objecten een onverwacht

dicht bij elkaar brengen van twee of meer gebieden. Deze

paar. De eis om ze samen te beschouwen, vraagt om een

samenvoegingen resulteren vaak in het ontstaan van nieuwe

andere manier van kijken; hun reguliere, individuele karakter,

verhoudingen, nieuwe vormen van kennis, nieuwe betekenis-

wordt ondergeschikt aan een andere identiteit, die ontstaat

sen door toe-eigening, uitwisseling, strijd of overheersing.

door hun onderlinge interactie, en door de interactie met ons,

Dit korte hoofdstuk biedt een korte verkenning van het

als wij ze als paar bekijken. Als we naar de twee objecten

begrip encounter of onverwachte ontmoeting - het thema

kijken als naar een geheel, dan kunnen wij de identiteit van

van deze tentoonstelling – door de meerwaarde te onder-

het ene object alleen begrijpen door middel van de identiteit

zoeken van het beschouwen van één voorwerp in relatie tot

van het andere. Dit soort ontmoetingen zijn essentieel bij de

een ander. Vervolgens wil ik voorstellen om het museum zelf

constructie van identiteiten. Zoals Sara Ahmed opmerkt: 'Het

te zien als een ontmoetingsplek bij uitstek.

noemen van ontmoetingen als essentie van identiteit (dat wat een ding tot een ding maakt) houdt in dat er altijd meer

De nkisi nkondi is geen onbekende in het etnologisch

is dan één bij de afbakening van “de ene”'.3 De laptop is niet

museum. Sterker nog, toen aan het eind van de 19e en het

de nkisi – we kennen de een door te weten dat het niet de

begin van de 20e eeuw het volkenkundemuseum een belang-

ander is.

rijke rol speelde bij de beeldvorming van Afrika als primitief,

Hoewel identiteiten altijd relationeel zijn kunnen

als Europa's 'andere', met een overvloed aan fetisj-objecten,

ontmoetingen zoals in deze tentoonstelling voorkomen,

was de nkisi nkondi onbetwist een van de belangrijkste

nieuwe vormen van identificatie en betekenis opleveren. We

instrumenten.

zien de nogal alledaagse laptop samen met dit Bakongo

De nkisi kan gezien worden als een object dat gene-

krachtbeeldje – het ultieme fetisj object – en direct ontstaat

zende krachten bevat, een object dat, volgens een Kikongo

er twijfel over die alledaagsheid. Zijn identiteit als een stuk

bron uit begin 20e eeuw 'de naam is van een ding dat we

gereedschap, een simpel stuk techniek, wordt onderdeel van

gebruiken om iemand te helpen die ziek is en waaruit we

een andere identiteit. Je gaat je afvragen wat er zo magisch

gezondheid putten'. Het verwijst naar 'een combinatie van

is aan de computer. Of je vraagt je af of het misschien een

bladeren en medicijnen' die een heilzame werking hebben.

van de fetisj-objecten is van de hedendaagse wereld.

Het is de 'schuilplaats voor de ziel van mensen'.1 De nkisi

Inderdaad zou je de computer zien als een magisch instru-

nkondi is slechts één van verschillende krachtbeelden van

ment, net zoals de nkisi waarvan de magische werking alleen

de Bakongo-culturen in Centraal Afrika, maar het is een

voor ingewijden bekend is. We klikken hier en drukken daar

embleem geworden van het culturele 'anders zijn' van Afrika.

en dan, als uit het niets, gebeuren er allerlei dingen. We heb-

De partner van de nkisi in dit door de samenstellers gear-

ben geen idee hoe deze technologische magie precies werkt.

rangeerde huwelijk, de MacBook, lijkt niet op zijn plaats in de omgeving van het volkenkundig museum. Alom tegenwoordig

Op vergelijkbare wijze worden we ertoe aangezet om de laptop te gaan zien als een onderwerp van fetisj-achtig

1. Geciteerd in MacGaffey, 1977, p. 173 2. Kirshenblatt-Gimble 1998, p. 18 3. Ahmed 2000, p. 7

Encounters_p001_184.indd 11

11

08-11-12 12:58


Wayne Modest

verlangen, net zoals de nkisi binnen de populaire verbeel-

tingen opleverden – vaak vastgelegd op een vervormde en

ding vooral wordt beschouwd als een fetisj; een object met

vooringenomen wijze. Cook's ontmoetingen, zoals vastge-

magische krachten. We gaan vraagtekens zetten bij de

legd in zijn reisverhalen (zoals het boek waaruit deze prent

fetisj-achtige, zelfs liefdevolle relaties die we hebben met

afkomstig is) waren van groot belang voor het Europese

bepaalde merken zoals Apple. Die gaan verder dan de

beeld van het Stille Zuidzee gebied. Bovendien kwamen

materiële en gebruikskwaliteiten van de objecten zelf, en

voorwerpen zoals deze ceremoniële bijl door dit soort

veranderen ze in een soort hedendaags fetisj-object.

ontmoetingen terecht in Europese en Amerikaanse musea.

Omgekeerd draagt deze combinatie bij aan een 'ontfetisje-

Verschillende musea bezitten voorwerpen die door James

ring' van de nkisi, die aan ons wordt getoond als een product

Cook zelf verworven zijn. De verwerving, bestudering en het

van medisch en technologisch vernuft.

tentoonstellen van zulke objecten als uiting van 'verre volken'

Dit voorbeeld van een ontmoeting tussen de nkisi en de laptop laat zien hoe onverwachte ontmoetingen nieuwe kennis kunnen opleveren of bestaande kennis

en hun cultuur, speelden een belangrijke rol bij de ontwikkeling van antropologische kennis en Europese denkwijzen. Desondanks probeerden de musea van de 19e eeuw

kunnen veranderen. Zoals Johannes Fabian al opmerkte is

de werkelijkheid van zulke ontmoetingen te verdoezelen

dit soort kennisvergaring door ontmoeting elementair voor

om daarmee de 'andere' culturele groepen te typeren als

4

de antropologische wetenschap. Dit geldt zeker voor het

ongerept, onveranderlijk en onopvallend en vooral, anders

volkenkundig museum.

dan Europeanen. De hier getoonde ceremoniële bijl zou bijvoorbeeld

Volkenkundige musea als ontmoetingsplekken

gediend hebben om het anders-zijn van het Stille Zuidzee te

Vanaf het ontstaan in de 19e eeuw tot aan de dag van van-

illustreren, terwijl wij inmiddels weten dat de geometrische

daag kan het volkenkundige museum gezien worden als een

versiering op het handvat al een aanpassing vormt aan de

knooppunt in een complex netwerk van culturele ontmoe-

Europese smaak.

tingen. In oorsprong nauw verweven met koloniale handel,

Omdat deze veranderingen door ontmoetingen

werden deze musea het centrum van kennisproductie die

niet werden genoemd, en er juist geïnvesteerd werd in de

voortkwam uit ontmoetingen tussen Europeanen en ande-

ongerepte 'ander' , werden plaatsen zoals het Caraibische

ren. Museumcollecties vormen de materiële neerslag van

gebied en culturele praktijken in de Nieuwe wereld zoals

de uitwisseling van ideeën, van handelsverkeer en migratie

bijvoorbeeld in Haïti, door de volkenkundige musea in de

van mensen die voortkomen uit ontdekkingsreizen, koloniale

19e en het begin van de 20e eeuw grotendeels genegeerd.

overheersing en meer plaatselijke uitwisselingen binnen een

De enige materiële culturele uitingen uit deze gebieden

land of regio bijvoorbeeld.

die wel verzameld werden, waren doorgaans afkomstig van

De museale ontmoeting tussen de 19e eeuwse cere-

inheemse volkeren waarvan men vond dat die voldoende

moniële bijl van de Cook-eilanden en de prent uit kapitein

onaangetast waren om etnografisch interessant te zijn.

James Cook's Reis rond de wereld (p. 136/137), herinnert ons

Door het werk van de in Frankrijk wonende kunstenaar

aan de relatie tussen Europese exploratie, de koloniale on-

Julien Sinzogan, afkomstig uit Benin, samen met de Haï-

derneming en museumcollecties. De aan het eind van de 18e

tiaanse volkskunst van Du Bouchan te tonen, vestigen de

eeuw gemaakte reizen van James Cook zijn slechts enkele

samenstellers van de tentoonstelling de aandacht op de

van de vele Europese expedities en ontdekkingsreizen die

trans-Atlantische betrekkingen en verbindingen tussen de

resulteerden in de kolonisatie en toe-eigening van verschil-

culturele tradities van de Nieuwe wereld – ontstaan door de

lende delen van de wereld, waaronder de Cook-eilanden.

trans-Atlantische slavernij – en de tradities van het verbeel-

Deze koloniale ontmoetingen waren vaak gewelddadig van

de vaderland Afrika (p. 15). Zowel Sinzogan als Du Bouchan

aard en hadden dramatische economische, demografische

richten zich op de terugkeer van de geesten naar Afrika en

en culturele gevolgen voor de gekoloniseerde samenlevin-

de betekenis van het idee van terugkeer, binnen verhalen

gen. Hoewel velen het zich niet realiseren, of zelfs ontkennen,

rond identiteit in Afrika en de Afrikaanse diaspora.

hadden deze ontmoetingen ook belangrijke gevolgen voor Europa. De combinatie van de ceremoniële bijl en de Cookprent herinneren ons ook aan de kennis die deze ontmoe-

Op het schilderij van Du Bouchan zien we een vodouceremonie die plaatsvindt rond de poto mitan, de centrale as die toegang biedt tot de wereld van de geesten, een weg waarlangs de geesten kunnen reizen. Het is belangrijk te 4. Fabian 2007

12

Encounters_p001_184.indd 12

09-11-12 12:00


Culturele ontmoetingen in een veranderende wereld

begrijpen dat ook vodou zelf is ontstaan uit een ontmoeting;

altijd lineair, systematisch en goed voorbereid geschiedt.

deze religie kwam voort uit een creoliseringsproces van

Op deze verschillende manieren vraagt de tentoonstelling

Afrikaanse, Europese en Amerikaans-inheemse religieuze

ons om verbanden te leggen tussen het verleden en het

tradities. Dit idee van creolisering is van essentieel belang

heden. Onze hedendaagse wereld is, op velerlei wijze, een

geworden voor het begrijpen van vele culturele uitdrukkin-

wereld die het volkenkundig museum van weleer al aankon-

gen in de Nieuwe Wereld. Een onverwachte uitkomst van de

digde. De vroegere wereldwijde migratie van voorwerpen

ontmoeting van deze twee kunstwerken is de vraag hoe het

- en met hen specifieke vormen van kennis - en de opeen-

Caribische gebied paste, of niet paste, in de categorie van

hoping van deze voorwerpen in 'westerse' musea, was in vele

de etnografische verzameling. Sommige wetenschappers

opzichten een voorloper van de migratie van de mensen die

benadrukken inderdaad dat tussen-karakter (in-between-

de wereldsteden van nu bevolken.

ness) van vormen van Caribische culturele expressie, die

Volgens Basu kunnen deze objecten gezien worden

lange tijd over het hoofd zijn gezien, waardoor er alleen

als onderdeel van wereldwijde diaspora net zoals mensen

kleine of recente collecties van Afro-Caribische objecten

diaspora vormen.5 Op deze manier bezien functioneren de

binnen de verzamelingen van volkenkundige musea te

musea, hun objecten, collecties, geschiedenissen en

vinden zijn.

verhalen – als belangrijke locaties waar hedendaagse

Door hun verzamelingen, manier van indelen, onder-

sociale vraagstukken bijeenkomen. Als ontmoetingsplaatsen

zoek en tentoonstellingen maakten deze musea deel uit van

kunnen zij een belangrijke rol spelen als startpunt voor vele

een discours dat vorm gaf aan kennis over verschillende

hedendaagse discussies over onze gedeelde wereld.

culturele praktijken uit de hele wereld. Door de categorieën waarin de collecties werden geïnterpreteerd en tentoon-

Culturele ontmoetingen in een veranderende wereld

gesteld, gaven zij een beeld van een wereld zonder onder-

Hoewel de vroegere manieren van weergeven en indelen

linge banden en benadrukten scheiding en verschillen, door

haaks lijken te staan op de rol van het museum als een

middel van tegenstellingen als wij tegenover zij, beschaafd

knooppunt van culturele ontmoetingen, vond de afgelopen

tegenover primitief, modern tegenover traditioneel, kunst

jaren een groeiend aantal musea en wetenschappers

tegenover antropologie. De tentoonstelling Onverwachte

het idee van de ontmoeting een belangrijk kader voor het

Ontmoetingen, zoals in het geval van Sinzogan en Du

nadenken over het museum. Deze ideeën vindt men bijvoor-

Bouchan, stelt kritische vragen over deze vroegere museale

beeld terug in recent onderzoek waarin het museum als

categorieën, en maakt tegelijkertijd duidelijk dat het museum

contactzone wordt beschouwd.

een belangrijke rol speelt, vroeger en nu, in hoe we onze gedeelde wereld begrijpen. Een aantal van de ontmoetingen van de tentoonstel-

Contactzones werden oorspronkelijk omschreven als 'sociale ruimtes waar culturen elkaar ontmoeten, botsen en met elkaar worstelen, vaak in de context van zeer ongelijke

ling biedt een wat luchtigere vorm van zelfkritiek. Pranfeuri,

machtsverhoudingen, zoals kolonialisme, slavernij of de

bijvoorbeeld, is een kritiek op het door musea lang volgehou-

gevolgen daarvan, zoals die tegenwoordig in vele delen van

den zelfbeeld als gezaghebbend, wetenschappelijk, ordelijk

de wereld voortleven'.6 Dit concept werd later ingezet om het

en systematisch selectief (p. 106/107). De term Pranfeuri – uit

museum naar voren te schuiven als een plaats voor culturele

de strip Dirkjan van tekenaar Mark Retera – verwijst naar

ontmoetingen en als een platform voor de dialoog tussen de

voorwerpen waarvan de functie niet bekend is. De twee mu-

museale praktijk en culturele gemeenschappen.7

seum-pranfeuri's die samen zijn gebracht in de tentoonstel-

De geschiedenis van het Tropenmuseum zelf, ver-

ling komen uit het depot van het museum. Echter, ze zijn niet

schuivend van een koloniaal museum aan het eind van de

genummerd, we kunnen niet uitleggen waar ze voor dienden,

19e eeuw tot het cultuurhistorisch museum van nu, en diep

noch weten we wanneer en hoe deze objecten onderdeel

geworteld in de etnografische traditie, maakt dit museum tot

van de collectie werden. Hoewel de presentatie opzettelijk

een belangrijke sociale ruimte – een contactzone – voor een

luchthartig is, dienen ontmoetingen zoals deze om ons af

ontmoeting tussen (objecten van) verschillende culturen

te vragen hoe dat zit met de claim van musea dat ze weten-

binnen het kader van omstreden geschiedenissen en on-

schappelijk geordend zijn. Het moet een waarschuwing zijn

gelijke machtsrelaties. De collecties van het Tropenmuseum,

voor iedereen om niet te snel aan te nemen – zoals velen te-

zowel als de museumgeschiedenis van het verzamelen en

genwoordig doen – dat het verzamelen van geschiedenissen

representeren van 'andere' culturen, bieden een kader voor

5. Basu 2011 6. Pratt 1992, p. 4 7. Clifford 1997

Encounters_p001_184.indd 13

13

09-11-12 11:48


Wayne Modest

het stellen van belangrijke vragen over de rol van het Nederlandse koloniale verleden voor de manier waarop we het heden begrijpen. We kunnen ons afvragen hoe contact in het verleden heeft geleid tot hybride vormen van culturele praktijk. We kunnen ook leren over de menselijke

Literatuur Ahmed, S., Strange Encounters: Embodied

Others in Post-Coloniality. London en New York: Routledge 2000

creativiteit en over ons vermogen als mens om ons te behelpen in een wereld gekarakteriseerd door ongelijkheid. We kunnen zelfs het hele cultuurbegrip dat

Basu, P., 'Object Diasporas, Resourcing

we tegenwoordig zo gemakkelijk gebruiken in twijfel trekken.

Communities: Sierra Leonean Collections

Deze rol van ontmoetingsruimte, een kritisch platform, kan voor het Tropenmuseum, gevestigd in Nederland, in een stad als Amsterdam, van groot belang

in the Global Museumscape', in: Museum

Anthropology, 34(1), 2011, pp. 28–42

zijn. Met de demografische veranderingen van land en stad, vanaf de Tweede Wereldoorlog en de postkoloniale migratie, komen er vragen boven hoe men de

Clifford, J., Routes: Travel and Translation

natie en zelfs Europa cultureel moet definiëren. Als ontmoetingsplaats, met cultuur

in the Late Twentieth Century. Cambridge,

als 'core business', is de rol van het Tropenmuseum daarmee aan het veranderen.

MA: Harvard University Press, 1997

Het museum is een goede plaats om deze kwesties aan de orde te stellen, ruim voorzien van historisch gefundeerde methoden om het (multiculturele) heden

Dahl, G.B. and Ronald Stade, 'Anthropo-

te helpen begrijpen. Volgens sommige wetenschappers is het museum ook een

logy, Museums and Contemporary Cultural

veilige plaats voor mensen om zulke moeilijke kwesties aan de orde te stellen.

Processes: An Introduction', in: Ethnos 64(2),

Dahl en Strade suggereren dat 'het informeren over de leefomstandigheden van

2000, pp. 157–71

werkmigranten, vluchtelingen en illegale vreemdelingen, een, of zelfs de, centrale taak van het volkenkundig museum zou moeten zijn'.8 De tentoonstelling Onverwachte Ontmoetingen pretendeert niet al deze kwesties te behandelen. Maar er worden wel onderwerpen aan de orde gesteld

Fabian, J., Memory Against Culture: Argu-

ments and Reminders. Durham, NC: Duke University Press, 2007

als de groeiende angst voor het terrorisme sinds 9/11, in de ontmoeting tussen

Terrorists van Kosrow (2004) en The Neighbour van Dumas (2005) (p. 174/175).

Kirshenblatt-Gimblett, B., Destination

In de ontmoeting tussen Coloured Drawings van Dumas (1997) en een staalkaart

Culture: Tourism, Museum, Heritage. London

van ogen met verschillende kleuren uit het begin van de 20e eeuw, verwijst de

en Berkeley: University of California Press,

tentoonstelling naar de geestelijke aanwezigheid van wetenschappelijk racisme

1998

dat nog steeds rondspookt in bepaalde hedendaagse denkbeelden (p. 30/31). Deze provocerende ontmoetingen onderstrepen de intentie van de tentoonstel-

MacGaffey, W., 'Fetishism Revisited: Kongo

ling om bepaalde controversiële kwesties van de hedendaagse samenleving aan

N'kisi in the Sociological Perspective', in:

te snijden.

Africa: Journal of the International African

Op deze wijze laat de expositie niet alleen de ontmoetingen tussen twee

Institute 47 (2), 1977, pp. 172–84

objecten zien. Het maakt ook nieuwe ontmoetingen mogelijk, nieuwe verbindingen tussen verleden en heden, tussen de toeschouwer en de objecten, tussen de

Pratt, M.L., Imperial Eyes: Travel Writing

bezoekers onderling, en tussen de bezoekers en bepaalde netelige kwesties die

and Transculturation. London en New York:

wij, als een samenleving in verandering, onder ogen moeten zien.

Routledge, 1992

8. Dahl en Strade 2000, p. 157

14

Encounters_p001_184.indd 14

09-11-12 11:49


Culturele ontmoetingen in een veranderende wereld

Vodou-ritueel, 1978,

Gates of return II, 2009,

DuBouchan

Julien Sinzogan (Benin, 1957)

Olieverf op doek. Ha誰ti.

Ingekleurde tekening. Parijs/Benin.

121x90 cm

182x143 cm

4548-1: schenking: A. de Pesseroey, 1979

6411-1: aankoop: October Gallery: met steun van de BankGiro Loterij, 2010

15

Encounters_p001_184.indd 15

08-11-12 12:58


Paul Faber

Hoe het Tropenmuseum verzamelde Paul Faber

Afdeling bamboe en rotan, Koloniaal Museum Haarlem, voor 1912

16

Encounters_p001_184.indd 16

08-11-12 12:58


Hoe het Tropenmuseum verzamelde

De belangrijkste pijler van elk museum is de collectie. Deze

Het museum richtte zich vooral op Nederlands-Indië. In veel

reflecteert het ontstaan en vormt het karakter, de ziel.

bescheidener mate kwamen Suriname en de Antillen aan

Soms is die collectie heel eenduidig, vanuit een enkel

bod. Een bezoekersgids uit 1902 omschrijft het museum

perspectief in korte tijd bijeengebracht. In andere gevallen

als een 'Productenmuseum'. Het toonde vooral wat en hoe

is de collectie breed geschakeerd, over een lange periode

er werd gemaakt. Van Eeden onderstreepte daarbij 'de

gegroeid, en een reflectie van wisselende gezichtspunten.

verfijnde en hoogstaande kunstzin' van de inwoners van de

Dat is een collectie waarin men onverwachte ontmoetingen

archipel waar, zo vond hij, de Nederlandse kunstnijverheid

kan beleven.

haar voordeel mee kon doen. Naast het tonen van voorwer-

Dit laatste geldt onmiskenbaar voor de collectie

pen had onderzoek een belangrijke functie in het geheel.

van het Tropenmuseum, sinds 1950 de voortzetting van het

De educatieve functie bleek ook uit de schoolverzamelingen

toenmalige Koloniaal Museum. Het museum is springlevend,

die werden aangelegd, en waarvan er in 1912 al 1300 waren

maar heeft zijn wortels diep in de negentiende eeuw. Om het

verstuurd door heel Nederland.

huidige museum te begrijpen dient de collectie begrepen

De collectie groeide gestaag, door schenkingen uit

te worden. Waarom heeft het Tropenmuseum wat het heeft?

het bedrijfsleven, van bestuursambtenaren, missie en

Voor een antwoord moeten we terug naar de oorsprong.

zending en inzendingen van grote Europese koloniale tentoonstellingen zoals in Parijs (1878), Berlijn (1880) en

1864: Koloniaal Museum in Haarlem

Amsterdam (1883).

Die geschiedenis begint met het bijschrijven van de eerste

Na 1900 nam naast de economische interesse de aandacht

aanwinsten van het Koloniaal Museum in Haarlem in 1864,

toe voor het documenteren van het dagelijks leven, de cul-

zeven jaar voor de fysieke opening. De koloniale expansie

tuur en de religie van de bevolking. De groeiende interesse

van Nederland was op dit moment volop in ontwikkeling. De

voor vergelijkende volkenkunde en de Ethische Politiek1

economische mogelijkheden, met name in het reusachtige

gaven vanaf 1901 het koloniale beleid een nieuw gezicht.

Indonesië, leken bijna onbeperkt en particuliere onderne1910: Koloniaal Instituut in Amsterdam

mers kregen juist toen ruim baan. De oprichting van het museum in Haarlem had als doel deze

Omdat de collectie in Haarlem sneller groeide dan de ruimte

oostwaartse stroom te ondersteunen, door het publiek in

kon verwerken, en ook de behoefte aan kennis en onder-

Nederland te informeren over de economische mogelijkhe-

zoek over Nederlands-Indië toenam, werd gezocht naar een

den in Nederlands-Indië. Daarvoor werd ten slotte ruimte

nieuwe locatie om een groot en nieuw instituut te realiseren.

gevonden in Paviljoen Welgelegen (het huidige Provincie-

De in 1910 opgerichte vereniging Koloniaal Instituut be-

huis) in Haarlem. Botanicus F.W. van Eeden, de oprichter

sloot tot nieuwbouw in Amsterdam, gesteund door zowel de

en eerste directeur van het Koloniaal Museum, was voor de

overheid als het bedrijfsleven. Een reusachtig pand verrees

opbouw van de collectie geheel afhankelijk van gulle gevers.

aan de Mauritskade, waarin niet alleen het museum met zijn

Hij beschikte over een uitgebreid netwerk van Indiëgangers

collecties een plaats vond, maar ook drie wetenschappe-

en deze zorgden voor een gestage aanvoer van uiteen-

lijke afdelingen: Tropische Producten, Volkenkunde (p. 35)

lopende materialen. Veelal ging het om voorbeelden van

en Tropische Hygiëne (p. 78). De eerste twee richtten het

grondstoffen zoals rotan, palmblad, rubber, koffie, vezels

museumgebouw, met zijn bekende hoge hal met daglichtdak,

en katoen en producten die je daarvan kon maken, zoals

in. Elk was voor een helft verantwoordelijk.

kledingstukken (p. 111). Maar ook werden culturele voor-

De bouw van het kostbaar uitgevoerde reuzeninstituut

werpen geschonken, zoals krissen (p. 146) en schilderijen

vorderde langzaam. De Haarlemcollectie, die tot 1923 in

van Indonesische landschappen en personen(p. 154). En

Haarlem bleef opgesteld, vormde de basis van de verzame-

er waren foto's, vanwege hun informatieve en educatieve

ling van het nieuwe museum, aangevuld met collecties zoals

waarde. Ze toonden de bezoekers en andere gebruikers van

die van de Stichting van een Museum voor Land- en Volken-

het museum op de toen meest moderne wijze hoe het land

kunde Amsterdam.

en zijn bewoners er uitzagen. Dit beeldmateriaal werd niet De Artiscollectie

beschouwd als collectie, maar uitgeleend voor lezingen en publicaties en vervangen als het was beschadigd of te zeer

De bestaande collecties werden in 1920 verrijkt met de

als achterhaald werd beschouwd.

zogenaamde Artiscollectie, een zo grote aanwinst dat het

1. Met de term Ethische Politiek werd een nieuw koloniaal beleid aangeduid waarin niet alleen naar economische exploitatie werd gekeken maar ook naar de plicht om de belangen van de Indonesische bevolking te behartigen.

17

Encounters_p001_184.indd 17

09-11-12 11:52


Paul Faber

Tropenmuseum met evenveel recht erfgenaam mag heten

In 1934 kwam een belangrijke schenking binnen van Indo-

van de museale geschiedenis van Artis als van het Koloniaal

Javaanse archeologie door het Bataviaasch Genootschap

Museum in Haarlem. De dierentuin van Amsterdam, voluit

van Kunsten en Wetenschappen.

Artis Natura Magistra, bezat vanaf 1861 een etnografisch

De eerste directeur, prof. J.C. van Eerde, maakte in 1929 een

museum op zijn terrein. Leden en vrienden van Artis schon-

oriëntatiereis naar Nederlands-Indië en Nederlands Nieuw-

ken het museum decennialang zowel natuurhistorische als

Guinea en bouwde een netwerk op van personen die bereid

culturele voorwerpen die ze meegenomen hadden van rei-

waren voor het museum te verzamelen. Door zijn energieke

zen of langdurig verblijf elders in de wereld. De activiteiten

benadering telde de collectie in 1935 inmiddels ruim 50.000

van dit museum waren niet beperkt tot de koloniale bezittin-

voorwerpen.

gen van Nederland, al was ook hier Indonesië het belangrijkste verzamelgebied.

Binnen de museale activiteiten werden enkele eigen accenten gezet. Zo haalde het museum met conservator

In de tweede helft van de negentiende eeuw werd de

Jaap Kunst in 1936 een grondlegger van de etnomusicologie

aanwezigheid van een volkenkundig museum in een dieren-

in huis, die op het gebied van muziek en muziekinstrumenten

tuin als een logische constructie gezien – mensen behoorden

een blijvende erfenis achterliet. Hoewel zijn eigen exper-

volgens de recente evolutietheorie immers tot het dierenrijk

tise vooral op het gebied van Indonesië lag, breidde hij de

– maar in de twintigste eeuw veranderde dat perspectief.

museale activiteiten op zijn vakgebied wereldwijd uit (p. 55).

Bovendien kampte het Artismuseum met al maar groter

Ook textiel vormde een belangrijke kerncollectie met vele

wordende ruimte- en beheerproblemen. Nu er om de hoek

weefsels maar ook weefgetouwen. Techniek stond hoog in

een splinternieuw koloniaal museum werd neergezet was

het vaandel (p. 165).

de oplossing geboren, Artis besloot de verzameling aan het nieuw te bouwen museum af te staan. De Artiscollectie is nog steeds herkenbaar aan het

1940-1950: oorlogstijd en naweeën De oorlogstijd bracht de collectievorming en de activi-

A-voorvoegsel in het inventarisnummer. Ze bevat vele zeer

teiten van het museum tot een minimum terug. In de jaren

bijzondere stukken (p. 99/130) maar ook merkwaardigheden

daarna profileerde het museum zich als Indisch Museum:

(p. 101), die een weerslag vormen van het eclectisch verza-

de koloniale naam werd verwijderd, maar een echte koers-

melen van de negentiende eeuw.

wijziging vond niet plaats. Het waren wankele jaren waarin het instituut zich opnieuw een plaats moest verschaffen in

1926: opening Koloniaal Museum Amsterdam

een snel veranderend internationaal landschap. Ook deze

Bij de opening van het Koloniaal Museum in 1926 telde de

periode had gevolgen voor de collectie. Verzamelaar Georg

collectie ruim 30.000 voorwerpen, waarvan ruim een derde

Tillmann, die zelf voor 1940 het land verliet, liet zijn grote en

van Artis afkomstig was. Een groot deel van de Artiscollectie

hoogwaardige privécollectie in het museum achter. Deze

werd in deze fase overigens niet getoond, omdat ze niet pas-

werd in 1994 uiteindelijk geschonken door diens zoon, maar

te binnen de inhoudelijke doelstelling. Dat gold bijvoorbeeld

kon vanaf 1947 worden ingezet. De oriëntatie als Indisch

voor het grootste deel van de Afrika-collectie, de Oost-Azië-

Museum deed de staf overigens in datzelfde jaar besluiten

collecties (p. 140) en de Inuit-collectie.2

het grootste deel van de Afrika-collectie over te dragen aan

De opening gaf een nieuwe stimulans aan het verza-

het Rijksmuseum voor Volkenkunde in Leiden.

melen, maar geld voor aankopen was er nauwelijks. Voor acquisitie bleef het museum aangewezen op de vele contacten

1950: Tropenmuseum: verbreding

in Nederland en overzee. Wel gingen er regelmatig speciale

Drie jaar later was deze beslissing achterhaald en vond

verzoeken uit. De afdeling Tropische Producten verzamelde

een radicale koerswijziging alsnog plaats. In 1950 werd het

nog steeds grondstoffen (p. 49) en illustratief materiaal op

instituut omgedoopt tot het Koninklijk Instituut voor de Tropen

het gebied van productie. De afdeling antropologie ontving

(KIT) en het museum tot het Tropenmuseum. De verande-

allerlei andere zaken die inzicht konden bieden op het brede

ring betrof veel meer dan de naam. De bedoeling was het

terrein van leven en denken van de bevolking van Neder-

koloniale perspectief af te schudden en een neutrale en

lands-Indië, maar verwierf ook materiaal op het gebied van

brede positie in te nemen ten aanzien van de economie,

de fysische antropologie (p. 30/34), en daarbij typisch kolo-

gezondheidszorg en cultuur in de tropen. Geografisch ge-

niale producten als koloniale meubels en souvenirs (p. 121).

zien breidde het terrein zich uit tot Afrika, Latijns-Amerika en

2. De Inuit collectie werd in 1998 overgedragen aan het Museon in Den Haag.

18

Encounters_p001_184.indd 18

08-11-12 12:58


Hoe het Tropenmuseum verzamelde

het Caribisch gebied, Noord-Afrika en het Midden-Oosten,

van cultureel belang, maar op landbouwwerktuigen, huis-

en Zuid- en Zuidoost-Azië. Een enorme inspanning moest

raad, aardewerk en boerenkleding, als voorbeelden van

worden verricht om van deze gebieden enigszins represen-

samenhangende, alledaagse cultuur.

tatieve museale collecties op te bouwen. Soms moest men bijna met een schone lei beginnen. Deze inhaalrace werd grotendeels geleid door conservator, later directeur, J.H. Jager Gerlings. In de jaren vijftig kocht hij met een zeer beperkt aankoopbudget en veel inventiviteit vele stukken aan en hij ruilde met West-Europese musea en de kunsthandel. Bij deze operatie waren ook beroepsverzamelaars betrokken. Zo verzamelde vanaf 1951 C.M.A. Groenevelt belangrijke collecties in Nederlands Nieuw-Guinea (p. 52), totdat ook dat koloniale deel Nederland overging naar de republiek Indonesië. De Zwitserse antropoloog en Nieuw-Guineakenner Paul Wirtz bracht eveneens belangrijke verzamelingen bijeen. Op het gebied van precolumbiaans Amerika dankt het Tropenmuseum veel aan verzamelaar Hans Feriz die in 1947 voor het eerst Peru bezocht en zich vervolgens ontwikkelde tot professioneel archeoloog. Regelmatig gaf hij de resultaten van opgravingen in bruikleen aan het Tropenmuseum en in de jaren zestig Deze ontwikkeling kende een enkele uitzondering. In 1973

zette hij deze om in schenkingen.

verwierf het museum een belangrijke privécollectie die bijeen was gebracht door G. Oudshoorn, met esthetisch

Jaren zestig: holistisch verzamelen In de jaren zestig veranderden de ideeën over het doel van

gekozen topstukken op het gebied van Afrika, Oceanië en

het museum en daarmee over het verzamelen. In plaats van

Oost-Azië. Tegen de tijdsgeest in, maar achteraf een uiterst

losse objecten, trachtte men nu een samenhangend, com-

belangrijke aanwinst, vooral als vervanging van de verloren

pleet en goed gedocumenteerd overzicht van de materiële

gegane Afrikacollectie van Artis die was afgestaan aan het

cultuur van een specifieke bevolkingsgroep bijeen te bren-

Rijksmuseum voor Volkenkunde in Leiden.

gen. Zo kon het museum bezoekers inzicht verschaffen in alle

In de jaren zestig kwam aan de tweedeling van het museum

facetten van een samenleving. Dat viel alleen te realiseren

een eind. Het museum kwam in 1964 geheel onder regie van

middels gerichte verzamelreizen. Deze methode werd toege-

de volkenkundige afdeling en Jager Gerlings werd de alge-

past in Burkina Faso, met de Samo, in Libië, Marokko en India.

meen directeur. Voor de collectie hield dat in dat een keuze

De Amerikaanse Josephine Powell verzamelde op deze

werd gemaakt uit de voorwerpen die de afdeling Tropische

wijze materiaal in het Midden-Oosten, met name Pakistan en

Producten in de loop van zijn bestaan had verzameld: 2546

Turkije. Haar activiteiten leidden onder meer tot een gede-

objecten daarvan werden opgenomen in de museumcollectie

tailleerde weergave van een Pakistaanse landbouwgemeen-

(p. 167/168).

schap in de tentoonstelling Wah (1965). De nieuwe benadering richtte zich niet op losse voorwerpen Voorwerpen van de Gayo, Koloniaal Museum te Haarlem, 1912

19

Encounters_p001_184.indd 19

08-11-12 12:58


Paul Faber

Jaren zeventig en tachtig: de derde wereld

toren maakten verzamelreizen om het nieuwe beleid gestalte

De sociologische benadering van het verzamelbeleid,

te geven. Ze moesten leiden tot een zo overtuigend moge-

gericht op het dagelijks leven van gewone mensen, werd tot

lijke impressie van een alledaagse werkelijkheid. Dit leidde

algemeen uitgangspunt verheven in de jaren zeventig. De

tot de aanschaf van uiteenlopende objecten als deuren en

sterke Nederlandse betrokkenheid bij economisch minder

meubels, voertuigen, plastic vaatwerk, schoolboekjes, zelf-

ontwikkelde gebieden, waarvoor de term de derde wereld in

gemaakt speelgoed, sandalen van autobanden, en allerlei andere voorwerpen die van afvalmateriaal waren gemaakt. Veel van deze spullen bleef rekwisiet, sommige objecten werden bij de ontmanteling van de oude afdelingen in de jaren negentig en 2000 opnieuw tegen het licht gehouden en soms alsnog tot collectie verklaard. In de jaren tachtig bleef het aankoopbeleid vooral gericht op de hedendaagse materiĂŤle cultuur, en niet op het verleden. Verzamelreizen werden zeldzaam. Een laatste voorbeeld is de reis die H.J. Mayer in opdracht van het Tropenmuseum in 1987 ondernam in Thailand. Historische topstukken werden alleen incidenteel en passief verzameld. Daarbij speelde dat de prijs van klassieke etnografica veel harder steeg dan het aankoopbudget. Jaren negentig tot nu: kunst en cultuur

zwang kwam, kwam op overheidsgebied tot uitdrukking in de

In de jaren negentig werd het perspectief van de ontwikke-

aanstelling in 1967 van een afzonderlijke minister voor ontwik-

lingssamenwerking langzaamaan verlaten. De economische

kelingssamenwerking. Minister B.J. Udink riep in 1970 het

scheiding tussen het rijke Westen en het arme Zuiden was te

Tropenmuseum op de museale activiteiten in dienst te stellen

schetsmatig, leidde tot nieuwe vooroordelen en gaf weinig

van de informatieverspreiding over ontwikkelingsvraagstuk-

handvatten voor nieuwe verhoudingen. Het nieuwe beleid

ken. De overheid stelde tevens geld en expertise ter beschik-

omschreef het museum als 'een antropologisch museum

king voor een radicale transformatie, die in de jaren zeventig

waarin de mens en zijn cultuur centraal staat' en het werd

leidde tot een fysieke verbouwing en een compleet nieuwe

vertaald in een compleet nieuwe, gefaseerde inrichting van

inrichting, als mede de oprichting van een theater (dat als

het museum die uiteindelijk werd voltooid in 2009. De be-

het Tropentheater decennialang een pioniersrol vervulde in

staande collectie speelde daarin een grote rol. In de jaren

de samenleving) en een kindermuseum (nu Tropenmuseum

zeventig en tachtig was de collectie vaak een illustratie

Junior, een internationaal voorbeeld op dit gebied).

bij sociaaleconomische betogen, nu werd de collectie zelf

Na vier jaar gesloten te zijn geweest, heropende het

meer tot uitgangspunt genomen. De tentoonstelling 125 jaar

museum in 1979. In de nieuwe regionale en thematische af-

verzamelen (1990) markeerde de overgang treffend. De

delingen, gericht op ontwikkelingsvraagstukken, hadden de

herwaardering van de bestaande collecties ging gepaard

meeste oude topstukken geen rol te spelen en ze verdwenen

met een discussie over hedendaags verzamelen: de wereld

in het depot. De grotendeels nieuw aangestelde conserva-

veranderde in een razend tempo en de materiĂŤle cultuur

Vezelkamer, Koloniaal Museum Haarlem, 1912

20

Encounters_p001_184.indd 20

08-11-12 12:58


Hoe het Tropenmuseum verzamelde

veranderde mee, maar ook de Nederlandse samenleving en

verdwijnen waren door de concurrentie van steeds beter en

de taken die het museum zich stelde. Voor de documentatie

goedkoper wordend drukwerk.

van het dagelijks leven bleken fotografie en film veel effectiever en flexibeler dan het aankopen van grote hoeveelhe-

Het verzamelen van hedendaagse kunst is de meest recente

den huisraad. De aandacht verschoof gaandeweg richting

prioriteit binnen het verzamelbeleid. Ook hiervoor zijn voor-

fotografie, popular art, mode en design en, de laatste jaren,

lopers aanwezig. Al voor de oorlog toonde en verzamelde

moderne kunst.

het museum voorbeelden van schilderkunst vooral in en over

De collectie werd in de jaren tachtig in aantal enorm uit-

Indonesië. Een groot deel daarvan werd gemaakt door

gebreid met de overdracht van vele duizenden foto's die

Nederlandse kunstenaars die in Indonesië actief waren

voorheen in het zogeheten fotobureau van het KIT werden

(p. 139). In het verlengde daarvan kwam werk van Indonesi-

bewaard, en voor een deel teruggingen tot de collecties van

sche kustenaars in de collectie, die zich losmaakten van de

Haarlem en Artis. De foto's, met nieuwe ogen bekeken als

'mooi Indië' schilderkunst en nieuwe wegen insloegen

historisch en esthetisch waardevolle voorwerpen, werden

(p. 138). In de naoorlogse periode bleef men zeer terughou-

schoongemaakt, geregistreerd, genummerd en beschreven,

dend in het verwerven van moderne kunst. Vanaf de jaren

en in de daaropvolgende periode gedigitaliseerd (p. 47).

tachtig vond moderne kunst een plek in tentoonstellingen

Deze deelverzameling blijft groeien, maar vooral door schenkingen, zoals van het IWI (Indisch Wetenschappelijk Instituut) en grotendeels binnen het domein van de historische koloniale fotografie vooral van Indonesië. Op dat gebied is het nu de grootste collectie van de wereld met naar schatting circa 485.000 beelden. Popular art was een nieuwer, maar zeer relevant terrein. De term wordt in de praktijk gebruikt voor uitingen van recente, urbane, en breed gedragen vormen van cultuur. Door het stedelijke milieu vertoont popular art bij uitstek een mengeling van nationale, regionale en internationale kenmerken. Vanaf het eind van de jaren negentig groeide popular art uit tot een van de speerpunten in het verzamelbeleid. Omdat het Tro-

en symposia, maar niet in een actief verzamelbeleid, met

penmuseum zich ook vroeger al richtte op het dagelijks leven

uitzondering van gelegenheidsaankopen. Pas in 2008 werd

van gewone mensen, sloten de nieuwe activiteiten goed aan

moderne kunst als officieel verzameldoel omschreven en

op oudere stukken (p. 37/118). Niet zozeer de kunstwaarde

opgenomen in de vanaf 2003 gepubliceerde verzamelnota's.

stond voorop, maar de verhalen die je ermee kon vertel-

De laatste jaren wordt stelselmatig aangekocht, mede dank-

len. Popular art was goed in te zetten in tentoonstellingen

zij de steun van de BankGiro Loterij (p. 144/172/173/176).

omdat het een directe, onopgesmukte vertaling vormt van

Hierbij is regionale of culturele herkomst niet langer van

wat in de samenleving leeft. Een breed gedeeld gevoel van

groot belang, maar wordt vooral gelet op aansluiting bij

herkenning staat bij de makers voorop. Tegelijk is de popular

thema's die voor het museum van belang zijn, zoals beeldvor-

art heel vluchtig, onderhevig aan snelle veranderingen op

ming, identiteit en migratie.

maatschappelijk en technologisch gebied en qua smaak. Zo werden geschilderde filmposters uit Ghana verzameld

Het toekennen van een collectienummer en het opnemen in

(p. 74) in een periode waarin ze alweer grotendeels aan het

de registratie maakt heel duidelijk wat officieel tot de muse-

Indonesië afdeling kelderdepot, Tropenmuseum, 2012

21

Encounters_p001_184.indd 21

09-11-12 10:55


Paul Faber

umcollectie behoort, maar in het geval van het Tropenmuseum is er altijd sprake

Literatuur

geweest van een grijs gebied daar omheen. Het museum heeft namelijk altijd

Beumer, M. & Hern谩ndez, T.N., Capturing

deel uitgemaakt van een grotere instelling, het Koninklijk Instituut van de Tropen,

museum knowledge: a twenty year evolution

waarin zich ook voorwerpen en collecties bevonden. Hierv贸贸r werd al gewezen

in digitally recording the Tropenmuseum

op de overdracht van collecties van de voormalige afdelingen Tropische Pro-

collection. Amsterdam: KIT Publishers, 2008

ducten en het fotobureau aan het museum. Maar ook de bibliotheek van het KIT, officieel Information and Library Services (ILS), bevat een omvangrijke verzame-

Brakel, K. van & Leg锚ne, S. (eds.), Collecting

ling boeken, documenten, kaarten en prenten, die vaak nauw aansluiten bij de

at cultural Crossroads: collection policies

museale verzamelingen (p. 137). Andere, indirecte collecties hangen samen met

and approaches (2008-2012) of the Tropen-

de decoratie van het gebouw. Vele kunstenaars hebben bijdragen geleverd aan

museum. Amsterdam: KIT Publishers, 2008

het complexe programma van beelden en schilderingen die overal in het gebouw van het instituut te vinden zijn. Sommigen van hen zoals de schilder Hendrik Pau-

Brakel, K. van, 'Hunters, gatherers and

lides maakten vaste wandschilderingen (p. 153) maar ook losse werken die nu in

collectors: the origins and early history of

de museumcollecties zijn opgenomen (p. 36). Een recent voorbeeld is het werk van

the Indonesian collections in the Tropen-

Marlene Dumas dat in 1997 in opdracht werd gemaakt voor het trainingsgebouw

museum Amsterdam', in: Mededelingen van

van het KIT, maar door latere herbestemming nu eveneens is opgenomen in de

het Rijksmuseum voor Volkenkunde (2002)

museumcollectie (p. 31).

30, p. 169-182

Ten slotte bestaat er een bijzondere wisselwerking met het kindermuseum, Tropenmuseum Junior, in 1975 opgericht als afzonderlijke unit binnen het Tropen-

Brakel, K. van, Duuren, D. van & Hout, I. van,

museum. Tropenmuseum Junior organiseert met een frequentie van drie jaar eigen

A passion for Indonesian art: The Georg

presentaties rond landen en thema's, waarvoor steeds een hands on gebruikscol-

Tillmann (1882-1941) collection at the

lectie wordt aangeschaft. Het gaat daarbij altijd om nieuwe objecten die deels

Tropenmuseum Amsterdam. Amsterdam: KIT,

in opdracht worden vervaardigd. Deze collecties dienen ter ondersteuning van

1996

intensief begeleide onderwijsprogramma's. Na afloop worden de meest interessante en relevante objecten geselecteerd en opgenomen in de verzameling van

Duuren, D. van, 125 jaar verzamelen.

het Tropenmuseum.

Amsterdam: KIT, 1990

Momentopname Een collectiebeschrijving is een momentopname. Een levend museum als het

Duuren, D. van, Oceania at the Tropen-

museum. Amsterdam: KIT Publishers, 2010

Tropenmuseum, dat altijd hedendaags heeft verzameld, heeft een levende collectie. De collectie is als een prachtige oude boom, waarvan de jaarringen

Duuren, D. van & Kate, M. ten, Physical

getuigen van voorbije tijden van voor- en tegenspoed, maar die ook blijft groeien

anthropology reconsidered: human remains

en nieuwe bladeren en takken voortbrengt.

at the Tropenmuseum. Amsterdam:

Ondanks de onvermijdelijke historisering die altijd plaatsvindt, bestaat de

KIT Publishers, 2007

collectie per definitie ook altijd in het heden. Alle stakeholders van nu, de bezoeker, wetenschapper, gebruiker, familiehistoricus, kijken steeds vanuit hedendaags

Erfgoed en toekomst: een werkdocument.

perspectief terug, en ontdekken nieuwe verbanden en inzichten. Behoud, beheer

Collectienota 2003-2007. Amsterdam:

en een goede ontsluiting zorgen ervoor dat dat in de toekomst onverminderd

KIT Publishers, 2003

mogelijk blijft. Dat is daarom ook zo belangrijk, omdat een groeiend aantal bezoekers digitale bezoekers zijn: het grootste deel van de collectie is online te

Faber, P., Africa at the Tropenmuseum.

bezoeken, en wordt in samenwerking met Wikimedia ook steeds meer ter beschik-

Amsterdam: KIT Publishers, 2011

king gesteld van de wereldgemeenschap. De tentoonstelling Onverwachte ontmoetingen geeft een impressie van de collectiegeschiedenis in de vorm van een

Hollander, H. & Duuren, D. van, Een man

momentopname. Een momentopname die een uitnodiging vormt aan alle kijkers en

met een speurdersneus: Carel Groenevelt

lezers om zich het gebruik van deze bijzondere collectie eigen te maken.

(1899-1973), beroepsverzamelaar voor Tropenmuseum en Wereldmuseum in NieuwGuinea. Amsterdam: KIT Publishers, 2007

22

Encounters_p001_184.indd 22

08-11-12 12:58


Hoe het Tropenmuseum verzamelde

Hout, I. van, Batik drawn in wax: 200 years

of batik art from Indonesia in the Tropenmuseum collection. Amsterdam: KIT Publishers, 2001 LegĂŞne, S. & Dijk, J. van, The Netherlands

East Indies at the Tropenmuseum. Amsterdam: KIT Publishers, 2011

Photographs of the Netherlands East Indies at the Tropenmuseum. Amsterdam: KIT Publishers, 2012 Vos, J. (ed.), Josephine Powell (1919-2007):

traveller, photographer, collector in the Muslim world. Amsterdam: KIT Publishers, 2008

Nieuw-Guinea depot, Tropenmuseum, 2012

23

Encounters_p001_184.indd 23

08-11-12 12:58


Kijken naar de ander

24

Encounters_p001_184.indd 24

08-11-12 12:58


Bij het kijken naar de ander spelen vooroordelen een grote rol. Elke ontmoeting begint met een verwachting of, moeten we zeggen, een handicap. De eerste indruk is al gevormd voor er daadwerkelijk contact is. Een ervaring van vroeger, een beeld van televisie of een nieuwsflard in de krant blijven hardnekkig een open ontmoeting in de weg staan. Het volkenkundige museum van vroeger toonde de bezoeker de 'ander': mensen die ver weg woonden en anders leefden. Maar wie die ander is, hangt af van het perspectief van de kijker. Het is moeilijk loskomen van sensationele beelden en oppervlakkige meningsvorming als mensen elkaar willen kennen. Sommige kunstenaars helpen ons daar graag bij door de vinger op de zere plek te leggen. Kijken naar een ander is ook kijken naar zichzelf.

25

Encounters_p001_184.indd 25

08-11-12 12:58


Kijken naar de ander

26

Encounters_p001_184.indd 26

Samuel Eto'o

08-11-12 12:58


1. Een landkaart als logo

Schaduwpop van Bharat Mata, de moedergodin van India

Encounters_p001_184.indd 27

27

08-11-12 12:58


Kijken naar de ander

28

Encounters_p001_184.indd 28

Zelfportret van Raden Saleh

08-11-12 12:58


2. Zelfbeeld

Zelfportret van Ki Enthus Susmono

Encounters_p001_184.indd 29

29

08-11-12 12:58


Kijken naar de ander

30

Encounters_p001_184.indd 30

Staalkaart met verschillende oogkleuren

08-11-12 12:58


3. Gezichten

Coloured Drawings

Encounters_p001_184.indd 31

31

08-11-12 12:58


Onverwachte Ontmoetingen