Issuu on Google+

INRICHTING HEIDEVELD KERCKEBOSCH April 2012


zo is het nu ....

zo kaal wordt het niet! 2

dit is wat we willen!


1. inleiding

bestaand heideveld

Bij de uitwerking van het masterplan is vanwege de bijzondere ligging van Kerckebosch besloten om een landschapsarchitect in te schakelen alsmede een ecoloog ter ondersteuning op het gebied van flora en fauna. Dit heeft geleid tot een ecologische en landschappelijke visie waarbij Kerckebosch gezien vanaf de Arnhemsebovenweg verandert van meer parkachtige en landgoedachtige inrichting via bosgradiĂŤnten naar meer woest land met heide. Daarmee wordt aansluiting gevonden bij de wijze waarop het Utrechts Landschap om gaat met haar aangrenzende gebieden. Dit zal gaan leiden tot een meer natuurlijke inrichting en meer kansen voor verschillende dier- en plantsoorten die nu al wel op bijvoorbeeld Heidestein voorkomen. Bij de totstandkoming van het Masterplan (Khandekar) heeft intensief contact plaatsgevonden met de bewoners. Zij hebben in de gebiedswaardering aangegeven veel waarde te hechten aan het bestaande kleine heideveldje. Daarom is in het bestemmingsplan een klein heideveldje als beschermd gebied opgenomen.

heideontwikkeling heidestein

De landschapsarchitect en ecoloog hebben intensief contact gehad met de buurt. Meerdere malen is met de bewoners van Kerckenbosch overleg gevoerd over de groene inpassing. Er zijn 3 modellen voorgelegd aan de bewoners en de WOM heeft de wensen gepeild. Op meerdere sessies bleek dat er een duidelijke voorkeur lag voor een meer open bosstructuur met een vergroting van het oppervlakte aan heide. Ook bij buurtwandelingen werd hier steeds een voorkeur voor uitgesproken. Om het bestaande heideveldje daadwerkelijk een kans te geven zal het vergroot worden en wordt aansluiting gezocht bij de bestaande heidegebieden in Heidestein. Wel is men soms kritisch geweest over de daadwerkelijke mogelijkheid om echt heide te creĂŤren, daarom is hier extra onderzoek naar uitgevoerd. Dat heide ontwikkeld kan worden in de directe nabijheid van woongebieden laat bijvoorbeeld het Goois Natuurreservaat zien. En het wordt daar ook zeer gewaardeerd door de omwonenden. Daarmee worden meerdere doelen bereikt, een verrijking van natuur en landschap en een aantrekkelijke woonomgeving.

3


bestaand heideveld 4


2. Landschaps-ecologische visie Analyse huidige situatie Het plangebied is gelegen binnen de bebouwde kom van Zeist en heeft geen beschermde status op grond van de natuur- en milieuwetgeving. Het plangebied bestaat uit een centraal bosgebied met rondom een rand van bebouwing. Langs de noord-, oost- en zuidrand van het plangebied wordt het bosgebied gescheiden van omliggend bosgebied door een reeks van hoge flatgebouwen. Een deel van het aangrenzende gebied (noordwestzijde) behoort eveneens tot de bebouwde kom. Noordelijke en oostelijke gebied betreft bosgebied dat deel uitmaakt van de Utrechtse Heuvelrug en wordt gerekend tot de Ecologische Hoofdstructuur. Deze gebieden zijn beschermd. Landschapsecologische structuren Langs de noordzijde zijn in de parken veel zorginstellingen, kantoren en de scholengemeenschap ‘De Breul’ gevestigd. Het hekwerk van de school staat haaks op de faunaverbinding met Heidestein. Het spoor doorsnijdt diverse natuurgebieden. Herstel van de ecologische verbinding tussen het Kromme Rijngebied en de Zuidelijke Heuvelrug is van groot belang. Voor het publiek zijn de parken Hoog Beek en Royen Molenbosch Heerewegen en De Breul vrij toegankelijk. Twee ruimtelijke assen tbv visie ecologie

itgangspunten ecologische visie U - Versterken van de samenhang. In de huidige situatie is het ‘binnenbos’ ruimtelijk geïsoleerd van het ‘buitenbos’ (de bos- en heidegebieden van de Utrechtse heuvelrug). Voor weinig-mobiele soorten (maar ook voor veel plantensoorten) betekent dit, dat het huidige binnenbos moeilijk bereikt kan worden. De voorgenomen structuur van scheggen en wiggen betekent een duidelijke versterking van de samenhang met de omgeving. Voor het verbeteren van de interne samenhang is het van belang dat gelijksoortige milieus met elkaar in verbinding staan; - Netwerkstructuren van kleinere en grotere stapstenen, die verweven worden met bestaande structuren. Een natuurlijk bos kent een mozaiekpatroon van open plekken, jong bos, oud bos en bos in vervalstadia. Die plekken vormen een soort netwerkstructuur. Een dergelijke structuur verhoogt de overlevingskansen van planten en dieren die er voorkomen. - Een grotere variatie in bosstructuren: meer openheid en gradiëntsituaties afgestemd op de randvoorwaarden van doelsoorten. Een natuurlijk bos kent een grote variatie aan bosstructuren, onder andere met vervalstadia van het bos, die de opmaat vormen voor bosverjonging. - Gevarieerde randen. In bijna elk natuurlijk systeem vormen gradiëntrijke randen de meest soortenrijke plekken. Dat geldt ook voor bosranden met een geleidelijk verloop van gesloten bos via hoog en lager struweel naar heide/grasland. Hier komen grote aantallen struweelvogels, dagvlinders, libellen e.a. voor. Bosranden zorgen daarnaast voor een evenwichtiger intern bosklimaat (minder extremen in droogte en wind). - Beheerbaarheid. Een natuurlijk bos is zelfregulerend en hoeft geen actief beheer: de natuurlijke cyclus van opbouw- en vervalstadia van het bos is in (een dynamisch) evenwicht. Kerckebosch is echter verre van een natuurlijk zelfregulerend bos (en wordt dat ook niet, daarvoor is de schaal te beperkt). Een belangrijk punt van het toekomstige Kerckebosch is daarmee de beheerbaarheid. Visie ecologie: tussen landgoed, woud en ‘woeste leegte’. De ecologische visie vormt de basis voor de toekomstige differentiatie in natuurlijke milieus en woonmilieus.

Actuele natuurkernen en externe samenhang

Twee ruimtelijke assen zijn bepalend voor de visie ecologie. - De west-oost as van ‘cultuurlijk bos (landgoed)’ naar natuur(bos) en heide; - De noord-zuid as van relatief druk en stedelijk naar rustig en natuurlijk. Gebiedomschrijving “Bos in heide” Naar het noordoosten toe verandert het karakter van Kerckebosch verder. Vanuit de wig ‘het Woud’ wordt het bos lichter en wijkt het van de toekomstige bebouwing. Op de overgang van bebouwing naar bos bevindt zich een in breedte wisselende zone met heide en heischrale graslanden. Deze zone is reliëfrijk. Het opgaand bos bevindt zich vooral centraal in de wig. Het bos zelf bestaat uit eiken/berkenbos aansluitend bij de bostypen van Groot-Heidestein.

5


6


3. het landschapsplan

heideveld

7


Heide-ontwikkeling Kerckenbosch Zeist De ontwikkeling van heide is een bepalende keuze in de herontwikkeling van Kerckenbosch. Aan die keuze liggen landschappelijke en ecologische redenen ten grondslag. Landschappelijk omdat de ontwikkeling van heide bijdraagt aan een kwalitatief hoogwaardiger woon- en leefomgeving (dan ten opzichte van bos alleen). De huidige bewoners geven aan het bestaande heideveldje door de landschappeljke variatie zeer hoog te waarderen. Dat is een van de redenen om binnen Kerckenbosch nadrukkelijk voor versterking en verdere ontwikkeling van heide te kiezen. Ecologische redenen zijn: -H et vergroten van de diversiteit (zowel aan vegetatiestructuren als voor soorten). Dat betekent onder andere het behoud van waardevolle boomgroepen, het vergroten van de lengte aan overgangen en randen; - Verbetering van de uitwisselingsmogelijkheden voor diersoorten tussen heidegebieden in de omgeving en Kerckebosch; - Het bieden van leefgebied voor soorten van open landschappen en heide. Landschappelijk gezien willen we geen zeer open heidegebied maar vooral veel bosranden met overgang van struweel naar heide. Daarom is gekozen om grote groepen met bomen te laten staan en hieromheen heideontwikkeling in gang te zetten. Zowel voor de wandelaars als voor de toekomstige bewoners geeft deze ruimtelijke variatie in open-dicht, heide-bosranden een fraai beeld.

8


4. Plan heideveld

9


In de verdere plandetaillering is uitwerking van de maatregelen als volgt tot standgekomen: - Er heeft een inventarisatie en waardering van de aanwezige bomen plaatsgevonden (door eerst Pius Floris en vervolgens Greenpoint). Op grond van deze inventarisatie zijn de belangrijkste bomen met een hoge boomkundige kwaliteit in kaart gebracht. Voor deelgebied 3 zijn dat 1094 bomen. In dit deelgebied zijn twee bomen met de categorie “rood” ofwel “zeer waardevol en niet te kappen” aanwezig. Deze twee dennebomen, gelegen in het westelijke deel van het heideveld in de richting Kerckeboschlaan, blijven uiteraard gehandhaafd. - Door Bureau Natuurbalans heeft vervolgens een inventarisatie van waardevolle vegetaties en plantensoorten plaatsgevonden. Hieruit is gebleken dat het huidige bostype, ter plekke van de geplande heide, uit soortenarm eiken-berkenbos bestaat. De belangrijkste boomsoorten zijn grove den en Amerikaanse eik. Verspreid komen ook berk, zomereik, spar en douglasspar voor. De kruidlaag is matig ontwikkeld. Meestal bestaat deze uit zaailingen van de aanwezige boomsoorten, braam en bochtige smele. De moslaag ontbreekt of is in lage bedekking aanwezig. - In de verdere plandetaillering (door landschapsarchitect Paul Kersten van wUrck i.s.m. ecoloog Ronald Goderie ) is vervolgens in detail bekeken welke ruimtelijke structuur (verhouding open en dicht) wenselijk is en welke boomgroepen daarbij gespaard dienen te worden. Voor het ontwerp van de ruimtelijke structuur zijn landschappelijke (bv de mate van doorzicht, het ontstaan van grotere en kleinere ruimtes) en ecologische argumenten (sparen van oudere bomen en niet-exoten, variatie in omvang van boomgroepen en randlengte) gecombineerd. Dit heeft er toe geleid dat waar zich keuzemogelijkheden voordeden, steeds de keuze is gemaakt om soorten als (oudere) grove den, zomereik en ruwe berk te sparen en exoten als Amerikaanse eik en in mindere mate Douglasspar te kappen. Met name de situering van de grotere zomereiken was bepalend voor de keuze waar boomgroepen gespaard zijn. Deze uitgangspunten hebben er toe geleidt dat er 882 bomen op de kaplijst zijn geplaatst en er 212 bomen, met name grove den en zomereiken, gespaard worden. Deze uitgangspunten, het inrichtingsplan en de kaplijst zijn in het kwaliteitsteam Kerckenbosch besproken. Daarbij is niet naar iedere individuele boom gekeken maar naar de principes en werkwijze. Het kwaliteitsteam heeft ingestemd met de kaplijst en het inrichtingsplan.

10


5. Keuze te handhaven en te kappen bomen

11


12


6. BEHEER Om direct resultaat te kunnen boeken met de ontwikkeling van de heide zal eerst de humeuze toplaag afgevoerd worden. Daarna wordt plagsel van heidegebieden verspreid over het terrein waardoor hierin verborgen zaden kunnen ontkiemen. Het idee is vervolgens dat in het beheer en onderhoud zal worden voorzien door middel van een schaapskudde, die 2 keer per jaar langs komt. Onder meer de gemeenten Amersfoort en Hilversum zijn hierin Zeist vooruit gegaan. Ook hiermee worden meerdere doelen bereikt: zeer kosten bewust en ecologisch verantwoord beheer en daarnaast ook educatief interessant, zowel voor de bewoners als voor schoolprogramma’s. De vraag is reeds bij het Utrechts landschap (Heidestein) gelegd of zij hierbij kunnen assisteren. Om zekerheid te hebben dat heide ook daadwerkelijk kan groeien is onderzoek verricht bij diverse vergelijkbare terreinen. De WOM heeft een excursie gehouden naar vergelijkbare objecten en daaruit bleek dat ook in drukker betreden gebieden (honden) heide zeker een grote kans van slagen heeft mits de start, zoals hierboven omschreven, en het beheer zorgvuldig zal geschieden.

13



Inrichting heideveld Kerckebosch