__MAIN_TEXT__

Page 1

door JuliĂŤtte de Swarte

de Keep an Eye interviews

1


door Juliëtte de Swarte

De Keep an Eye interviews? Bij ‘de’ Keep an Eye en trouwens ook bij Galerie Pouloeuff komen wij regelmatig in aanraking en in gesprek met kleurrijke mensen. Dat levert vaak boeiende verhalen op. Verhalen waarvan wíj vinden dat die de moeite van het delen meer dan waard zijn. Daarom vroegen wij Juliëtte de Swarte niet alleen om nogmaals met hen in gesprek te gaan, maar om hun verhalen ditmaal op papier te zetten! Hierdoor ontstaat een steeds dikkere ‘verhalenbundel’, waarin je veel van en over kunstenaars en andere artistiekelingen kunt lezen.

Inhoudsopgave RUBRIEK

PAGINA

06-17 08-16 08-17 09-18 02-16

JONG METROPOLE Miranda van Drie • directeur Nationaal Jeugd Orkest Martin Fondse • lid van het artistiek team Jong Metropole  Christian Elsässer • dirigent Jong Metropole in 2017
 Johan Plomp • dirigent Jong Metropole in 2018 Menno Tummers • Prins Bernhard Cultuurfonds en inspirator Jong Metropole


5 8 11 14 17

INTERNATIONAL JAZZ AWARD 03-15 04-17 05-16 11-15 05-16 02-18 04-15 04-17 03-15 10-17

22 24 27 29 31 34 37 39 42 44

Peter Beets • jurylid International Keep an Eye Jazz Award 2015 Nick Dunston • winnaar International Keep an Eye Jazz Award 2017 Noam Israeli • winnaar International Keep an Eye Jazz Award 2016 Co de Kloet • radio-presentator bij de NTR en jazzcoryfee Michelle Kuypers • jurylid International Keep an Eye Jazz Award 2016 
 Mijke Loeven • directeur BIMHUIS
 Tamara Lukasheva • winnaar International Keep an Eye Jazz Award 2015 
 Bart Suèr • jurylid Jazz Award 2017 en oprichter Dox records
 Xavi Torres • winnaar International Keep an Eye Jazz Award 2015
 Janneke van der Wijk • directeur Conservatorium van Amsterdam   


THE RECORDS 01-18 01-16

48 51

Lennart Heyndels • een van de winnaars bij The Records 2017 Koen Schalkwijk • een van de winnaars bij The Records 2015 
 SUMMER JAZZ WORKSHOP

06-14

54

Justin DiCioccio • hoofd jazz van de Manhattan School of Music KLASSIEKE MUZIEK

11-18

de Keep an Eye interviews

57

Georges Mutsaerts • directeur Wonderfeel Festival

2

“Ik krijg ideeën door de simpelste dingen”

PUBLICATIE MAAND/JAAR


door Juliëtte de Swarte

PUBLICATIE MAAND/JAAR

PAGINA

06-16 07-18

RUBRIEK FILM

62 64

05-17 11-17 11-16

69 72 76

04-18 2015 02-17

80 84 86

Bart Römer • directeur Nederlandse Filmacademie
 Tom Schipper • eerste winnaar Filmscore Award 2018 FOTOGRAFIE Feiko Koster • curator bij het FotoFestival Naarden Hans Rooseboom • conservator fotografie Rijksmuseum Roel Sandvoort • galeriehouder en jurylid Fotovakschool Grant 2016   DESIGN Pim van Baarsen • winnaar Design Talent Grant 2017 Tessa Blokland • coördinator Design Grant bij Design Academy Eindhoven Marije Vogelzang • jurylid tijdens de Keep an Eye Design Talent Grant 2016 FASHION

09-16 06-17 03-18

90 94 98

10-17

103

Jurgi Persoons • hoofddocent mode aan de KABK
 Marieke Schoenmakers • directeur KABK Gerrit Uittenbogaard • coördinator textiel en mode KABK   KLEINKUNST Daniel van Veen • directeur Amsterdams Kleinkunst Festival BEELDENDE KUNST

Joan Miró

12-15 03-16 07-18 03-16 05-17 11-18

de Keep an Eye interviews

109 111 114
 117 120 122

Marion Beltman • workshops over ondernemerschap in de kunst en cultuur Karin Haanappel • kunsthistorica
 Tanja Smeets • beeldend kunstenaar, gaf masterclass in Pouloeuff Frank Welkenhuysen • galeriehouder en specialist 'Tussen Kunst en Kitsch Trudi van Zadelhof • curator Museum Ijsselstein Dubbel-interview • Jimi Kleinbruinink en Jan Rudolph de Lorm (Singer Laren)

>>>

BIJLAGEN

128 130 131

Hier vind je een korte omschrijving van de Keep an Eye projecten De partners waar Keep an Eye mee samenwerkt Andere publicaties van Keep an Eye en Galerie Pouloeuff

3


door JuliĂŤtte de Swarte

Jong Metropole

de Keep an Eye interviews

4


door Juliëtte de Swarte

"Wat is dit voor volk?" Miranda van Drie, directeur Nationaal Jeugd Orkest

We kennen allemaal natuurlijk het Metropole Orkest, maar hoe introduceer je Jong Metropole? "Bij het woord 'Jong' denken sommige mensen misschien aan kinderen, maar dit zijn 60 jongvolwassenen die op super hoog niveau spelen. Het zijn allemaal studenten van de conservatoria.” Jong Metropole is een jonge versie van het Metropole Orkest. Een samenwerking tussen het Nationaal Jeugd Orkest (NJO), het Nationaal Jeugd Jazz orkest (NJJO) en het Metropole Orkest. Het eerste jaar was Jong Metropole zo’n succes dat besloten werd om nog zeker 3 jaar door te gaan. Jong Metropole is het enige jeugdorkest waar jazz en klassieke muziek samenkomen. Miranda van Drie, directeur van het Nationaal Jeugd Orkest (NJO): “In het begin is het aftasten: wat is dit voor volk?”   We kennen allemaal natuurlijk het Metropole Orkest, maar hoe introduceer je Jong Metropole? “Bij het woord ‘Jong’ denken sommige mensen misschien aan kinderen, maar dit zijn 60 jongvolwassen die op super hoog niveau spelen. Het zijn allemaal studenten van de conservatoria, zo tussen de 18 en 26 jaar. Aankomende beroepsmusici die gekozen hebben voor het vak. In alles voel je de sfeer van een jonge club, vol energie, spetterend en vrolijk.” Jong Metropole ontstond vorig jaar uit de eerste samenwerking met de Keep an Eye Foundation en het Prins Bernard Cultuurfonds. Na de eerste avond werd meteen besloten om nog zeker 3 jaar door te gaan. Wat maakt Jong Metropole zo uniek?

de Keep an Eye interviews

• Miranda van Drie • directeur Nationaal Jeugd Orkest

5


door Juliëtte de Swarte

“Er bestaan wel orkesten voor jazz en klassiek afzonderlijk maar nog geen mix van klassiek en jazz voor jonge talenten. We ontdekten al snel dat het twee verschillende werelden zijn die samenkomen. Al bij de eerste repetitie. Die begon om 10 uur. Om tien voor tien zaten de klassieke musici al klaar. Om 10 uur kwamen de jazzmuzikanten binnen. In het begin was het dan ook aftasten: wat is dat voor volk?”

Klassieke musici ontdekken het improviseren. Dat leren ze niet op de opleiding en vinden ze soms ook eng Leren ze veel van elkaar? 
 “De klassieke musici ontdekken het improviseren. Dat leren ze niet op de opleiding en vinden ze soms ook eng. Maar als ze ertoe worden uitgedaagd, pakken de meesten dat aan. En voor veel NJJO musici is het voor eerst dat ze in zo’n grote setting spelen. Ze ontdekken een andere manier van repeteren en hoe klanken zich tot elkaar verhouden.”  Zitten er muzikanten tussen die doorstromen naar het Metropole Orkest? 
 “Dat denk ik zeker, er zitten jongens en meiden bij die dat kunnen en de ambitie ook hebben. Het is een combi van talent, discipline, heel hard werken en niks anders willen. Maar ook jezelf zichtbaar maker. Dat is nu belangrijker dan ooit. Jong Metropole is ook een manier om je netwerk op te bouwen en je te onderscheiden op de beroepsmarkt. De scheidslijn tussen muzieksoorten vervaagt steeds meer. Wij willen musici helpen een eigen weg te vinden ongeacht de muziekstijl.”  Vorig jaar dirigeerden Jules Buckley en Martin Fondse, dit jaar is het Christian Elsässer…  “Christian is een heel inspirerende Duitse dirigent. En jong, zeker voor een dirigent. Via het Metropole Orkest zijn we hem op het spoor gekomen. Hij staat erom bekend dat hij goed met jonge mensen kan werken. Bij het Metropole Orkest is iedereen al goed op elkaar ingespeeld. Bij ons komen de muzikanten pas in de zomer bij elkaar. In begin zal het nog even zoeken zijn. Maar die achterstand halen deze jonge muzikanten heel snel in.

de Keep an Eye interviews

• Miranda van Drie • directeur Nationaal Jeugd Orkest

6

“Waar woorden tekort schieten spreekt de muziek.”

En? 
 “De jazzmuzikanten zijn wat losser en relaxter, ze spelen meer als een band. In een klassiek orkest gelden (wat) meer regeltjes, maar dat kan ook niet anders als je met 80 man tegelijk speelt.”


door Juliëtte de Swarte

Die leercurve gaat supersteil omhoog. Iedereen is enorm gedreven om er alles uit te halen in een korte periode. Als de dirigent bij wijze van spreken zegt: het gaat goed, we kunnen wel een repetitie overslaan, dan willen ze door want het kan altijd beter.” De locaties zijn ook heel bijzonder kun je daar wat over vertellen? 
 “Het zendgebouw van Radio Kootwijk heeft iets mythisch.”

Hans Chritian Andersen

En waren de locaties eerst alleen in Gelderland, nu gaat Jong Metropole voor het eerst naar de kust? 
 “Natuurlijk zijn er prachtige concertzalen in Nederland, maar dat kan het hele seizoen al. Daarom zijn de meeste locaties buiten. Dat is echt een andere beleving dan een concertzaal. Zoals het concert tijdens het Grachtenfestival. En we gaan voor het eerst naar Caprera Bloemendaal, dat bekend staat als een van de mooiste openluchttheaters in Nederland. Voor ons is dat ook een heel nieuwe regio: maar we willen op zo veel mogelijk plekken met het Jong Metropole naar buiten treden.”

de Keep an Eye interviews

• Miranda van Drie • directeur Nationaal Jeugd Orkest

7


door Juliëtte de Swarte

JONG METROPOLE 
 Lid van het artistiek team Martin Fondse

Hij wordt steevast geroemd om zijn talent voor het mixen van verschillende muziekstijlen. Dé aangewezen persoon voor het leiden van Jong Metropole, het orkest waar jazz en klassiek bij elkaar komen.

Lid van het artistiek team van Jong Metropole en artistiek leider van het NJJO Martin Fondse: “De dynamiek is zo intens, dat kun je onmogelijk op papier zetten.” Is werken met jonge musici anders dan met muzikanten die al een tijdje in het vak zitten? “Het voordeel van deze jonge professionals is dat ze jong zijn. Ze zijn ontzettend goed, hebben een veel grotere technische en muzikale bagage dan in mijn tijd. En ze zijn nieuwsgierig, minder bang om te falen, vaste patronen zijn minder ingeslepen. En dan die tomeloze energie. Ze durven in het diepe te springen. En ja, dan springen ze ook wel eens in de sloot, maar het gaat er om dat ze het doen en durven.” Hoe komt het dat deze generatie zo goed is? “Dat zit in de opleiding. In de klassieke muziek heb je altijd Mozart-types gehad die vanaf een jaar of 3 al geweldig konden spelen, nu ook in de jazz. Op de conservatoria is de jazz sinds de jaren ‘80/ ’90 enorm geprofessionaliseerd.”

de Keep an Eye interviews

• Martin Fondse • lid van het artistiek team Jong Metropole 

8


door Juliëtte de Swarte

Bij Jong Metropole komen jazz en klassieke muziek bij elkaar.. “De huidige generatie luistert naar veel verschillende stijlen muziek. Dat was vroeger minder het geval. Een klassiek musicus luisterde vooral naar klassiek. Het is heel leuk om te horen dat na een paar dagen het nationaal jeugd orkest en het nationaal jeugd jazz orkest al in elkaar overlopen. Vorig jaar was voor mij de eerste keer bij dit project als artistiek leider. Die dynamiek was zo intens, dat kun je als componist onmogelijk op papier zetten.” Hoe ziet de zomer er voor de musici eigenlijk uit, kunnen ze lekker een beetje muziek maken op de hei… “Het is keihard werken. In 10 dagen wordt er 3 dagdelen per dag heel intensief gewerkt. Het gaat vooral om écht doen, niet alleen luisteren. Het is een enorme concentratie van energie.”

Als muzikant kom je weleens vast te zitten. Bijvoorbeeld doordat je vooraf iets wilde wat niet lukt Wat gaan we horen? “De laatste 200 jaar van klassieke muziek en de laatste 100 van de jazz komen voorbij. Veel verschillende stijlen en kleuren van verschillende arrangeurs en componisten. Jules Buckley, Snarky Puppy, de muziek van Rogier van Otterloo en een nieuwe suite van mijn hand ‘The Future is Now’ getiteld. Van symfonisch tot keihard groovend.” Jong Metropole bestaat uit 70 musici, aardige uitdaging om die te leiden..  “Ik hou van groepen. Vroeger ging ik liever voetballen dan hardlopen of tennissen. Het is een cliché maar je kunt met veel mensen zoveel meer dan in je eentje. Door heel goed te luisteren, letterlijk muzikaal te communiceren kom je zo veel verder dan je ooit voor mogelijk had kunnen houden. Het hoeft echt niet altijd alleen harmonieus te zijn. Het mag ook best schuren en er moet ruimte zijn voor eigen persoonlijkheid en authenticiteit.” Je wordt vaak geroemd om je talent voor het mixen van muziekstijlen. Naar welke muziek luister je zelf, behalve jazz?  “Ik zit nu in een compositieperiode en dan luister ik bijna nergens naar. Om me niet te laten beïnvloeden. Ik hou veel van oude muziek. Ook heb ik veel naar Bach geluisterd. Veel klassieke muziek gespeeld. Heel veel. Maar toen ik de vrijheid van de jazz ontdekte wilde ik niks anders meer. de Keep an Eye interviews

• Martin Fondse • lid van het artistiek team Jong Metropole 

9


door Juliëtte de Swarte

Het is een geweldig gevoel als je ieder moment kunt ingrijpen, kunt bepalen wat het beste is op dat moment. Jazz is een state of mind – hoe ga je om met openheid en vrijheid? Ik zag vorig jaar dat de jonge musici na die tien dagen op een andere manier naar de noten keken.” Wanneer is jouw werk geslaagd? “Bij elke stap die je met zo’n project maakt. Natuurlijk zie je klassiek geschoolden die het eng vinden om te improviseren en jazzmuzikanten die hun rol in zo’n grote groep moeten vinden. En soms lijkt iemand in het begin introvert maar blijkt al snel het tegendeel. Of zit er een solo tussen die je enorm verrast. Als muzikant kom je weleens vast te zitten. Bijvoorbeeld doordat je vooraf iets wilde wat niet lukt. Bij Jong Metropole kun je dat meteen als ervaring gebruiken omdat je de volgende avond gewoon weer op moet. En het spelen met zoveel andere muzikanten werkt ook goed. Die trekken je, als het nodig is, weer uit de modder.”

de Keep an Eye interviews

• Martin Fondse • lid van het artistiek team Jong Metropole 

10


door Juliëtte de Swarte

"In het begin nog afwachtend en voorzichtig" Christian Elsässer, dirigent Jong Metropole

Dirigent Christian Elsässer is zelf nog hartstikke jong. Toch wist hij in een week tijd 60 jonge honden tot een orkest te kneden. “Ik ben er om het orkest te ondersteunen, niet om op te leggen wat ze moeten doen.”

Over heel goed spelen en connectie met het publiek maken Geen gemakkelijke taak, 60 jonge muzikanten die nog nooit samen hebben gespeeld in één week klaarstomen voor het Jong Metropole orkest… “Om eerlijk te zijn is het eigenlijk best makkelijk. Vooral omdat ze voor alles open staan. In het begin is iedereen nog afwachtend en voorzichtig maar na de eerste avond in het café is dat allemaal anders. Het is een heel intensieve week waarin ze heel veel tijd met elkaar doorbrengen. Die teambuilding is enorm belangrijk voor het ensemble.” Jong Metropole is voor veel muzikanten de eerste keer in zo’n orkest setting… “Ja, dat is ook het verschil met het “volwassen” Metropole Orkest. Deze jonge musici kunnen stuk voor stuk fantastisch spelen maar in zo’n orkest moeten ze hun eigen rol ontdekken. Iedere muzikant heeft een eigen, belangrijke functie in het geheel die steeds weer anders is. Een voorbeeld: in een big band zijn de blaasinstrumenten leading maar voor een meer symfonische geluid moeten ze juist een stapje terug doen. Dan zijn ze er meer om het orkest te ondersteunen.”

de Keep an Eye interviews

• Christian Elsässer • dirigent Jong Metropole in 2017


11


Er was vast nog meer nieuw? “Nieuw voor de klassieke musici is dat niet alleen de dirigent maar ook de drummer de timing en het ritme aangeeft. De jazzmuzikanten hadden al vaker samen gespeeld met gitarist Anton Goudsmit maar ze moesten nu meer leren balanceren in het ensemble. Meer focussen op intonatie, het geluid en symfonische muziek is minder bekend terrein voor ze. Maar aan het einde van de dag begreep iedereen elkaar. Iedereen was enorm gemotiveerd om het optimale mogelijke eruit te halen.” In Caprera trapte Anton Goudsmit de avond af met het jazzorkest, hoe anders leidt hij zo’n band? “Hij is naast een geweldige muzikant iemand die als geen ander weet hoe je jonge muzikanten kunt motiveren. Als artistiek leider is hij meer onderdeel van het orkest en minder de dirigent die voor de musici staat en dat effect is fantastisch.”

Die vrijheid om te improviseren, is daar ruimte voor? Is Jong Metropole, omdat ze nog jong zijn, flexibeler dan Hét Metropole Orkest? “De muzikanten van het Metropole Orkest zijn net als Jong Metropole echt allrounders. Want ze gaan het hele muzikale spectrum af, van swing tot elektronische dance muziek. Maar soms, als ik met puur jazz- of klassieke musici werk merk je dat het omschakelen lastig voor ze is.” Is dat ook een generatieverschil?  “Jonge muzikanten van nu worden beïnvloed door elke mogelijke muziekstijl. Jazz luistert naar klassiek, klassiek naar jazz. Sommige volgen zelfs beide opleidingen. Daardoor zijn ze ook zo veelzijdig als muzikanten. In mijn tijd hadden we een paar cd’s waar we steeds maar weer naar luisterden tot we ze helemaal grijsgedraaid hadden en de muziek eigen konden maken. Wat ik wel zie bij deze generatie is meer vluchtigheid. Wie luistert er nog een heel album?” Jij bent net 34, voor een dirigent hartstikke jong, ben jij van de generatie die nog ieder nummer luisterde?  “Toen ik jong was stond de platenspeler al op zolder. Maar toen ik tien was haalde ik de platen uit het stof en bleef ik ze steeds maar weer afspelen. Dat begon met boogie woogie muziek en Jerry Lee Lewis en later ontdekte ik mijn jazzhelden als Herbie Hancock, Keith Jarrett, Oscar Peterson, Brad Mehldau etc. Ik had geluk met mijn pianodocent die me als jonge jongen langzaam introduceerde in de jazzmuziek.” de Keep an Eye interviews

• Christian Elsässer • dirigent Jong Metropole in 2017


12

“Man, if you have to ask what jazz is, you'll never know!”

door Juliëtte de Swarte


door Juliëtte de Swarte

10 jaar is best jong om een serieuze jazzplaat op te zetten … “Ik luisterde ook naar pop, maar de ritmische energie en het improviseren van jazz maakte diepe indruk op me. Jazz gaf me enorm veel vrijheid op de piano. In die tijd, ik weet niet of je het componeren kunt noemen, probeerde ik mijn eigen ideeën en muziek op te schrijven. Met jazzmuziek kreeg ik opeens de vrijheid om dat te doen.” Ja die vrijheid om te improviseren, is daar ruimte voor tijdens Jong Metropole?  “Ja heel veel zelfs. De jazzmusici maar ook verschillende klassieke muzikanten hadden veel momenten waarin ze die vrijheid konden pakken.”

In het begin ben je je eigen manager. En ja, je doet ook kantoorwerk Wat maakt iemand een goede dirigent? “Ah, lastige vraag. Ik denk dat je de juiste balans moet zien te vinden tussen controle en loslaten. Ik ben er om het orkest te ondersteunen, niet om op te leggen wat ze moeten doen. Als ik voor het orkest sta speel ik zelf geen noten, ik kan alleen aanwijzingen geven, de musici helpen hun geluid te vinden. Ze naar elkaar laten luisteren. En laten ontdekken hoe alles met elkaar verbonden is en hoe iedereen op elkaar reageert. De kunst is doorhebben wanneer ik nodig ben en wanneer ik het orkest gewoon moet laten spelen. Zo leer ik ook iedere keer van het orkest.”

Louis Amstrong

Hoe breng je je ideeën over? “Ik zeg niet: speel dit stuk op deze manier, maar ik probeer vooral uit te leggen waarom ze dat het beste zo kunnen spelen. Dat ze zelf ervaren dat ze anders bijvoorbeeld de strijkers zelf niet kunnen horen. Wanneer je weet waarom je doet wat je doet onthoud je het ook beter.” Ze hebben allemaal talent, maar wat moet je nog meer in huis hebben om de top te bereiken? “Je moet jezelf zoveel mogelijk laten zien. Zorgen dat mensen je kunnen ontmoeten. En als solist moet je niet alleen heel goed kunnen spelen maar ook een connectie met het publiek maken. En iedere professional kán niet zonder visie en focus. Zonder kun je nooit je doel bereiken. Maar ook: vertrouwen hebben dat het lukt. En wanneer je net begint ben je ook je eigen manager. Dat betekent veel mails versturen. Ja, er komt ook kantoorwerk bij kijken. Daarin verschilt het niet met andere beroepen.”

de Keep an Eye interviews

• Christian Elsässer • dirigent Jong Metropole in 2017


13


door Juliëtte de Swarte

Johan Plomp en de 'knuffelfactor'

“Je krijgt enorm veel kansen als je jong bent. Maar dat realiseer je je pas veel later”. Dirigent Johan Plomp stond dit jaar, naast Vince Mendoza, voor Jong Metropole. Een interview over talent, de ‘knuffelfactor’ en wat er nodig is om het te gaan maken in de muziek. Tijdens de laatste Keep an Eye Masterclass kregen jonge muzikanten wijze lessen van ‘oude rotten in het vak’ Wende Snijders en Benjamin Herman. Wat had jij graag gehoord toen je nog op het Conservatorium zat? “Ik ben van de generatie van Benjamin. In onze tijd was er veel aandacht voor de ambachtelijke kant van het vak. Carrière was in die tijd een vies woord. Dat moest je vooral niet al te serieus nemen. Maar het heeft ook met leeftijd te maken. Je krijgt zo veel kansen als je jong bent. Tot je dertigste heb je nog de ‘knuffelfactor’. Ik had toen graag gehad dat iemand zei: je hebt tien jaar om een plek te verwerven, zorg dat je jezelf voor die tijd gepositioneerd hebt. Maar ik moet ook eerlijk bekennen dat ik in die tijd niet ontvankelijk was voor goed bedoelde adviezen. Pas tien jaar later denk je: had ik maar geluisterd. Je moet een tijdje rondlopen om dat te beseffen.” Wat heb je, naast talent, nog meer nodig om ver te komen? “Je hebt eigenlijk een breed pakket aan talenten nodig. Uiteraard moet je muzikaal zijn, motorisch handig, je moet een gehoor hebben waar je wat mee kan. Maar het gaat ook om het ontwikkelen van een artistieke visie. Met mensen om kunnen gaan. In een groep kunnen functioneren. Dingen goed regelen, zakelijk. Als je dat niet kan wordt het wel ingewikkeld.”

de Keep an Eye interviews

• Johan Plomp • dirigent Jong Metropole in 2018

14

“Het belangrijkste in de muziek staat niet in de noten”

Johan Plomp, dirigent Jong Metropole


door Juliëtte de Swarte

De muzikanten van Jong Metropole zijn allemaal jonge honden, is dat anders dan het dirigeren van een orkest dat al een tijdje in het vak zit? “Bij Jong Metropole heb je er naast dirigeren een klus bij: lesgeven. Je legt meer uit. Bij professionele muzikanten moet je voorzichtiger zijn. Maar ik wou wel eens dat ik tegen de professionele muzikanten net zo zou kunnen praten als tegen studenten.”

Kun je bepaalde talenten er nu al uitpikken of is dat lastig? Wat is het verschil voor ons, voor het publiek? “Het ontzettend leuke aan Jong Metropole is de energie die twintigers hebben. Ze hebben iets heel eigens. Dat zie je, hoor en voel je.”

Gustav Mahler

Vince Mendoza dirigeerde de eerste JM concerten. Jij zei: iedere dirigent drukt zijn stempel op een orkest. Wat maakt hem zo bijzonder? “Hij is een fenomenaal dirigent en componist. Vince heeft een fantastisch overzicht en kan een orkest geweldig laten klinken. De manier waarop hij dat doet is heel bijzonder. Alles doet ertoe, elke noot is belangrijk. Vaak hoor je uit welke hoek een dirigent/componist komt. Dat is een bigbandjongen of iemand uit de klassieke hoek. Maar Vince heeft echt een stijl ontwikkeld waarbij hij het hele orkest benut. Je herkent het gelijk. Zijn muziek is zeker niet makkelijk, maar altijd dankbaar. Soms moet je lang oefenen op iets moeilijks en als je het speelt voel je de muzikale urgentie niet, maar bij Vince zijn muziek voel je dat elke noot ertoe doet en zo had moeten zijn. Dan zit je in dat orkest, je hoort het effect en denkt: Wow, dát is de moeite waard. En daar heb je dan maar mooi aan bijgedragen.” Wat is het verschil tussen jullie?  “Ik kan in de basis dingen heel goed uitleggen. Ik heb de eerste dagen met het orkest gespeeld. Dus met Vince konden ze meteen aan de slag. Iedere dirigent heeft een eigen accent. Dat verschil zit bijvoorbeeld in de energie en de spanningsboog. Het is heel subtiel maar als je de stukken naast elkaar legt hoor je het verschil tussen de uitvoeringen.” Kun je bepaalde talenten er nu al uitpikken of is dat lastig?  “Meteen. Als je voor zo’n orkest staat heb je dat gelijk door. Het heeft met heel goed spelen te maken, heel snel verwerken, de muziek altijd twee stappen voor zijn. Je ziet zo iemand denken: Ja, ik heb het. de Keep an Eye interviews

• Johan Plomp • dirigent Jong Metropole in 2018

15


door Juliëtte de Swarte

Tim Hennekens (winnaar van de Keep an Eye Outstanding Talent Award) is zo iemand met een enorm muzikaal talent, je voelt het gelijk. In de groep is hij heel bescheiden en denkt nooit: oh dat speel ik wel even. Hij is nederig naar de muziek toe. Maar als hij gaat spelen is hij heel beslissend. Dan zet hij echt iets neer. Zo’n gast gaat heel ver komen.”

Ander ding: toen ik studeerde was alles overzichtelijker Hoe komt het dat deze generatie jazzmuzikanten zo goed is?  “Het gemiddelde technisch niveau van studenten, zowel instrumenteel als muziektheoretisch, is veel hoger dan in mijn tijd. Dat heeft te maken met de evolutie van het jazzonderwijs. Toen ik begon bestond jazzonderwijs 10 jaar. De mensen waar ik les van kreeg waren autodidacten. Ander ding: toen ik studeerde was alles overzichtelijker. Er was 60 jaar jazzhistorie. Wij kozen tussen hardbop of bebop. Nu is er 90 jaar jazzhistorie. Er zijn ontzettend veel stijlen bijgekomen. Het is allemaal diffuser. Ik kocht een plaat en dan moest ik weer 2 weken sparen voor een nieuwe plaat. Nu heb je alle muziek met een druk op de knop tot je beschikking. Het was vroeger simpeler, maar niet beter.” Wat maakt jou een goede dirigent?  “Dat moet je eigenlijk aan het orkest vragen. Je moet de muziek doorgronden. Vince zei eens: Je moet elk stuk kennen alsof je het zelf geschreven hebt. Dat vergt enorm veel toewijding. Bij het Metropole Orkest en Jong Metropole wordt relatief veel nieuwe muziek gespeeld. Je moet snel kunnen handelen of ingrijpen. Maar dirigeren is vooral ook: de energie van het stuk en de groep kunnen voelen. Weten wanneer je boos moet weglopen of juist een grap moet maken.” Sta je als dirigent boven het orkest?  “Het gaat mis als een dirigent zich beter voelt dan de muzikanten. De muzikanten van het ‘volwassen’ Metropole Orkest spelen een muziekstijl vaker en langer dan ik. Ik hou het overzicht, zorg samen met de muzikanten dat alle losse partijen samenkomen. Het is een taakverdeling. Alleen als dirigent ben je uiteindelijk verantwoordelijk en neem je de beslissingen, maar dat maakt me zeker niet belangrijker dan de rest. Het gaat om het gevoel dat je met z’n allen tot het uiterste wil gaan.”

de Keep an Eye interviews

• Johan Plomp • dirigent Jong Metropole in 2018

16


door Juliëtte de Swarte

HET JONG ORANJE VAN DE MUZIEK… JONG METROPOLE Menno Tummers, Prins Bernhard Cultuurfonds

Als jonge talenten samen onder leiding van een topdirigent spelen krijg je het Jong Oranje van de muziek: Jong Metropole.

Menno Tummers: "Het gaat om boven de muziek uit te stijgen” Menno Tummers van het Prins Bernhard Cultuurfonds vertelt. “Het gaat erom boven de muziek uit te stijgen. Om het écht te begrijpen en te doorgronden.” Jong Metropole in ’t kort… Dit jaar werd het allereerste samenwerkingsproject tussen de Keep an Eye Foundation en het Cultuurfonds gelanceerd: Jong Metropole. Waarbij het Metropole Orkest, het NJO (Nationaal Jeugd Orkest) en het NJJO (Nationaal Jeugd Jazz Orkest) de handen ineen slaan om 60 jonge, getalenteerde musici uit de klassieke en lichte muziek voor te bereiden op een professionele carrière. Er is een tournee, masterclasses en twee awards. Maar vooral bijzonder is dat in dit meerjarige project jonge jazzmuzikanten samenspelen met de klassiek geschoolden.

de Keep an Eye interviews

• Menno Tummers • Prins Bernhard Cultuurfonds


17


door Juliëtte de Swarte

Je vergelijkt Jong Metropole ook wel met Jong Oranje… “Tijdens Jong Metropole komen fantastische jonge musici van over de hele wereld bij elkaar. En onder leiding van een grootheden uit het vak (zoals Jules Buckley dirigent van het Metropole Orkest) leren de studenten dat het over meer gaat dan de muziek precies in de vingers hebben. Het gaat om boven de muziek uit te stijgen. Het écht begrijpen en doorgronden. Je hebt allemaal individuele fantastische spelers, door ze goed te coachen krijg je een geweldig team.” Uniek is dat er allerlei kruisbestuivingen tussen muziekgenres plaatsvinden… “Met Jong Metropole leren de klassieken van de jazzmuzikanten en omgekeerd. Want wie klassiek geschoold is speelt niet zo snel bigband muziek en de bigband muzikanten wagen zich niet snel aan het klassieke repertoire, maar tijdens Jong Metropole komen ze allemaal bij elkaar.” Voor Jong Metropole slaan de Keep an Eye Foundation en het Cultuurfonds voor het eerst de handen ineen. Was het project er gekomen zonder de Keep an Eye Foundation?  “Dan was het zeker niet mogelijk geweest. En dankzij de steun van de foundation hebben we de mogelijkheid om het project uit te breiden en de komende jaren door te zetten.” Waarom past dit project zo goed bij de Keep an Eye Foundation? “De Keep an Eye Foundation creëert plekken waar jong talent kan floreren. Maar ze kwamen ook met het idee om het project te verbreden zodat het verschillende muziekstijlen overstijgt.”

Rogier van Otterloo Award & Keep an Eye Outstanding Award Tijdens Jong Metropole worden de jonge talenten begeleid door musici van het Metropole Orkest… “De jonge musici leren hoe een orkest in de dagelijkse praktijk werkt. Het gaat er niet alleen om dat je je instrument fantastisch bespeelt, maar samen een orkest vormt en ontdekt wat daar allemaal bij komt kijken.”  Naast de Rogier van Otterloo Award voor de meest talentvolle jonge componist, arrangeur, dirigent of orkestleider is er de Keep an Eye Outstanding Award...
 “De meeste prijzen zijn vaak voor ‘de beste’ musicus in een genre. de Keep an Eye interviews

• Menno Tummers • Prins Bernhard Cultuurfonds


18


door Juliëtte de Swarte

De beste muzikant, de beste zanger. Maar bij de Keep an Eye Outstanding Award gaat het juist om diegene die al die talenten verbindt, je rol als muzikant in het grotere geheel. Iemand die zijn eigen instrument uitstekend beheerst, maar ook goed hoort wat er in het orkest gebeurt.” Jong Metropole treedt op tijdens de Gelderse Muziekzomer, kunnen we ze ook op andere plekken tegenkomen? 
 “Zeker. Op jazzfestivals, maar misschien ook wel tijdens Lowlands. Het wordt een uiteenlopend programma met klassieke muziek en crossovers naar jazz en pop.” 

"De klassieken leren vrijer te spelen" Wat kunnen jazzmuzikanten van de klassieken leren en andersom?
 “De klassieken leren vrijer te spelen, meer te improviseren. Jazzmuzikanten leren in de formatie van een klassiek orkest als één stem op te treden. Een klassiek orkest is enorm strak georkestreerd. Het is echt een groepsoefening.” Waarom is die mix zo belangrijk? 
 “Het is menselijk om op de gebaande paden blijven, maar er is zo veel te ontdekken. Als kinderen vroeger klassieke muziek leerden bleven ze daarbij. Wie nu opgroeit is vaak geïnteresseerd in vele stijlen. Met Jong Metropole maken muzikanten uiteindelijk wel een keuze want ze bekwamen zich in een bepaalde stijl maar ze hebben niet op voorhand al besloten.”  Denk je door de mix van lichte en klassieke muziek ook mensen komen luisteren die anders niet zo snel naar een concert zouden gaan? 
 “We proberen mensen zeker te enthousiasmeren voor de levende muziek. Klassiek in combinatie met jazz zorgt voor gedeeltelijke improvisatie, meer vrijheid in de muziek, dat maakt het heel spannend.” 

de Keep an Eye interviews

• Menno Tummers • Prins Bernhard Cultuurfonds


19


door JuliĂŤtte de Swarte

Nagekomen Violiste Esin Yardimli Alves Pereira is de winnaar van de Keep an Eye Outstanding Talent Award 2017. Zij ontving de Award, een sculptuur en een in overleg te besteden geldbedrag van â‚Ź 2.500,-, tijdens het laatste concert van Jong Metropole (lichting 2017) op zaterdag 9 september in het Muziek Centrum van de Omroep tijdens de Open Studio Dagen in Hilversum. En nu stuurt zij ons een bericht over het vervolg ...

de Keep an Eye interviews

20


door Juliëtte de Swarte

International Jazz Award

Tineke Postma, saxofonist Jurylid International Keep an Eye Jazz Award 2015 'So proud of Xavi Torres Vicente, Tamara Lukasheva, Liya Grigoryan, Shai Golan for playing so beautifully during the Keep and Eye Jazz Award at the Bimhuis. Jazz is so alive! I couldn't believe my ears while listening to all these talented young musicians. Congratulations to all of you! Also happy I was part of the jury with incredible musicians Raul Midon, Jules Buckley, Gerry Godley, Ruben Hein and journalist Gijsbert Kamer.’ •••••• Hi, Please share my thanks with everyone in the jazz department for the fantastic CD from the competition that I received today. Since this is our first time to participate, I did not know what to expect from the recording. I really appreciate all of the work that went into producing the audio and the CD liner notes and photographs. This will be very special for the students to have. Thank you very much! - John Murphy  

 

chair, Division of Jazz University of North Texas College of Music

de Keep an Eye interviews

21


door Juliëtte de Swarte

PETER BEETS International Jazz Award 2015 jurylid

“Ik kijk als muzikant anders dan bijvoorbeeld een programmeur.” Peter Beets, pianist en Edison-winnaar, was een van de juryleden tijdens de halve finales van de Keep an Eye International Jazz Award.

“Muzikanten mogen best ook lol hebben op het podium.” En… was het een lastige keuze, is altijd de vraag aan de juryleden “We hadden zeker verschillende ideeën, maar uiteindelijk moet je er toch met z’n allen uit zien komen.” Dus werd het meeste stemmen gelden?
 “De bands werden beoordeeld op een vijftal punten: interactie, originaliteit, performance, een eigen compositie en een Wayne Shorter arrangement. De bands met de meeste stemmen wonnen. Ook heel belangrijk was het samenspel van de hele groep, dus niet alleen het talent van de naamgever.” Waarin verschilden jullie van mening? “Ik kijk als muzikant anders dan bijvoorbeeld een programmeur. Die let niet zozeer op de nootjes en meer op het totaal van het optreden zoals uitstraling, spelplezier, eventueel een aankondiging of een leuke outfit.” Hadden de muzikanten een leuk jasje aangetrokken? “Bij sommige musici liet de presentatie nog wel wat te wensen over. Die muzikanten zitten ook in de muziek vaak op een eilandje. Het publiek wil ook wat. Voor de gast is het optreden een avondje uit, hij heeft een kaartje gekocht en speciaal een jasje aangetrokken.” Dus het gaat ook om het plaatje? “Bands moeten zichzelf ook in de markt zetten. Zeker in deze tijd, nu de markt mager is. de Keep an Eye interviews

• Peter Beets • jurylid International Keep an Eye Jazz Award 2015

22


door Juliëtte de Swarte

De meeste jonge muzikanten denken niet na over hun toekomst. Ze moeten nog leren hun publiek te dienen. Respect voor je publiek, dat is erg belangrijk.” En wat vind jij vooral belangrijk? “Dat de muzikanten de geschiedenis kennen en van daaruit hun eigen stijl ontwikkelen. Jazz begon een jaar of honderd geleden als dansmuziek. Maar op veel jazzmuziek van tegenwoordig kun je niet meer dansen al zou je het willen – het is ritmisch niet sterk genoeg. De band zou als groep het publiek weer aan het dansen moeten krijgen, zelfs met moeilijke maatsoorten en ingewikkelde grooves.” En tijdens de halve finales, had je zin om van je stoel af te gaan?  “Er waren zeker een paar betoverende en hard swingende grooves bij, waar je moeilijk stil bij kon blijven zitten.” Wat vond je van het niveau van de avond?  “Heel hoog. Ik snap waarom zoveel internationale studenten aan het Conservatorium van Amsterdam willen studeren.”

de Keep an Eye interviews

• Peter Beets • jurylid International Keep an Eye Jazz Award 2015

23


door Juliëtte de Swarte

“We moesten onszelf vooral niet al te serieus nemen” Nick Dunston van The New School Improvisation Ensemble

“We moesten onszelf vooral niet al te serieus nemen” The New School Improvisation Ensemble kwam uit New York en nam op de terugreis de International Keep an Eye Jazz Award mee. Een interview met bassist Nick Dunston: “Het is verleidelijk om op de automatische piloot te spelen, alsof je de muziek afspeelt” Jullie hebben net de International Keep an Eye Jazz Award gewonnen, heeft dat invloed op jullie plannen met de band? “James Francies (piano) heeft ons, speciaal voor de Award, samengebracht. Inmiddels hebben we veel samengespeeld en in Amsterdam tijd doorgebracht waardoor we nog hechter zijn geworden. Ik denk dat er een goede basis is gelegd om vanaf nu samen veel nieuwe muziek te maken.” Hadden jullie ooit verwacht te winnen? Weten jullie waarom de jury jullie koos? “Er waren veel fantastische bands tijdens de avond en het was bijzonder inspirerend om al die verschillende stijlen, ideeën en skills te zien. Op het podium hadden we volledig vertrouwen in elkaar. We wilden vooral veel lol hebben en zo spontaan mogelijk spelen.

de Keep an Eye interviews

• Nick Dunston • winnaar International Keep an Eye Jazz Award 2017

24

“Muziek is de blikopener van je ziel.”

“We moesten onszelf vooral niet al te serieus nemen” The New School Improvisation Ensemble kwam uit New York en nam op de terugreis de International Keep an Eye Jazz Award mee. Een interview met bassist Nick Dunston.


door Juliëtte de Swarte

Van James moesten we veel uitproberen en onszelf niet al te serieus nemen. Dat heeft de jury denk ik opgepikt.” Wat is het beste advies dat je deelnemers volgend jaar kunt meegeven? “Breng veel tijd door met je band. Wees kritisch en eerlijk naar je bandleden en probeer zo gefocust mogelijk te blijven, maar zorg dat er genoeg ruimte is voor enthousiasme. Het is verleidelijk om op de automatische piloot te spelen, maar dan voelt het alsof je de muziek ‘afspeelt’.” Wat heb je geleerd van de Keep an Eye Workshops? “Ik heb vooral veel geleerd van de masterclass van Nils Wogram. Hij ziet het ontwikkelen van een populaire stijl of toon niet als een einddoel maar als een middel om uiteindelijk een heel eigen en persoonlijk geluid te creëren. Het vergt veel werk om een geluid te ontdekken dat in lijn valt met die van je muzikale helden. De meeste mensen zullen dan heel tevreden zijn omdat het zo’n gevecht is om op dat punt te komen. Nils moedigde ons aan om vanuit daar naar het volgende punt te streven.”

Waar droom je van als het om een carrière in de jazz gaat? Wat maakt jullie zo goed als band? “Vertrouwen.” Hoe zou je jullie jazzstijl omschrijven? “Ik denk dat we zeker tot de moderne jazz horen, maar we zijn ook allemaal beïnvloed door gospel muziek, West Afrikaanse muziek, vrije improvisatie en hedendaagse westerse klassieke muziek.”

Heri Miller

Hoe zorg je dat je van het gebaande pad blijft? “Je moet steeds willen leren, nederig blijven en vooral een sterke werkmentaliteit hebben. Maar het allerbelangrijkste: geef je creativiteit de ruimte om te bloeien.” Waar komt inspiratie vandaan?  “Wat me het meest inspireert is muziek spelen en creëren. Maar ook het werk van de mensen om mij heen, en niet alleen van mensen uit de muziek of kunst. Ik voel me echt verbonden met de mensen van mijn generatie. We hebben een maatschappelijke plicht om de grenzen te verleggen in onze beroepen en werkvelden.” de Keep an Eye interviews

• Nick Dunston • winnaar International Keep an Eye Jazz Award 2017

25


door Juliëtte de Swarte

Zijn er genoeg kansen en podia voor jonge jazz bands? “Ik kom uit New York en daar zijn er heel veel. Maar ik denk dat in gebieden buiten de stad, en vooral voor vrouwen of minderheden, er minder kansen liggen. Zowel op het gebied van optredens als muziekeducatie in het algemeen.” Hoe blijf je op de radar?  “Ik denk niet dat ik daar heel actief mee bezig ben. Wel ben ik steeds op zoek naar mogelijkheden om op te treden, workshops, talks. En als ik een muzikant of iemand anders zie die me inspireert, dan zorg ik dat ik met ze in gesprek raak zodat ik iets meer over ze als persoon leer kennen.” Waar droom je van als het om een carrière in de jazz gaat?  “Ik ben dol op optreden, toeren en het opnemen van mijn eigen muziek, net als die van mijn muzikale helden. Dat zal de komende tijd niet minder worden. Ook componeer ik regelmatig muziek voor anderen, vooral in samenwerking met dansers en choreografen. En tot slot is muziek ook een vorm van sociaal activisme, dat is samen met educatie heel belangrijk voor mij. Om die reden zou ik graag meer betrokken raken in de academische wereld.”

de Keep an Eye interviews

• Nick Dunston • winnaar International Keep an Eye Jazz Award 2017

26


door Juliëtte de Swarte

De beste zijn, zit zeker niet alleen in heel goed kunnen spelen 
 Noam Israeli, Berklee Global Jazz Ambassadors

Noam Israeli won met z’n band de Berklee Global Jazz Ambassadors de Keep an Eye International Jazz Award. “De muziek moet over alle bandleden gaan.”

Gefeliciteerd met de Keep an Eye International Jazz Award 2016! Hebben jullie nu extra veel plannen? “Bedankt, ik had absoluut niet verwacht dat we zouden winnen. Een muzikale competitie is vreselijk lastig. De andere bands waren geweldig en allemaal totaal verschillend. Het was praktisch onmogelijk om te weten wie er zou gaan winnen. We waren enorm blij en dankbaar dat de jury onze energie en bedoeling oppikten. We gaan nu nog meer muziek maken. Voor de band is dit pas het begin.” Naast de awardshow waren er ook workshops van professionals uit het vak, heb je daar veel van kunnen opsteken? “Het is hartstikke leuk om samen met vrienden te spelen en feedback te krijgen van professionals als professor Yaniv Nachum van het CvA en Professor Marco Pignataroan van het Berklee Global Jazz Institute. En het was gelijk een goede kans om andere nummers te spelen dan de nummers die we hadden ingestudeerd voor de Keep an Eye International Jazz Award.”

de Keep an Eye interviews

• Noam Israeli • winnaar International Keep an Eye Jazz Award 2016

27


door Juliëtte de Swarte

Jullie zijn stuk voor stuk talentvolle muzikanten, maar wat maakt jullie zo goed als band? “Ik denk dat we allemaal goede luisteraars zijn. En we weten wanneer we moeten leiden of juist volgen. Als band zijn we altijd in beweging, waardoor al onze karakters terugkomen in de muziek. Maar het belangrijkste is dat we naast bandleden, goede vrienden zijn. Ik denk dat de samenwerking daardoor heel natuurlijk gaat.” Jullie muziek valt onder de traditionele jazz. Hoe zorg je ervoor dat je iets anders maakt dan anderen? “Onze stijl ontstaat door alles en iedereen om ons heen. Waar we naar luisteren, de plekken die we bezoeken, een nummer, de omgeving, een herinnering, een gedicht van wie we houden en de mensen die van ons houden. Eigenlijk van alles. En we worden allemaal beïnvloed door tradities. We kijken naar wat er voor ons is gedaan en zoeken tegelijk naar onze eigen manier. Maar uiteindelijk gaat het om ‘Honesty en Vision”. Als de muziek eerlijk is en in lijn met je visie en wie je bent heeft het een veel grotere impact. Ik denk dat dit, naast hard werken, de ‘key’ is.”

Vraag advies van mensen die je vertrouwt Denk je dat er genoeg mogelijkheden zijn voor jonge jazzmuzikanten om op te treden? “Lastige vraag. Jazz is nu anders dan in het verleden. Vroeger waren bands altijd aan het touren en jonge jazzmuzikanten werden iedere avond begeleid door zogenaamde ‘jazz masters’ op het podium. Nu zijn conservatoria populairder en zijn zíj meer de mentors van de jonge muzikanten. Daarnaast krijgen we dankzij de Keep an Eye Foundation kansen om onze muziek te spelen, ervaring op te doen en erkenning te krijgen. En er zijn natuurlijk wereldwijd veel jazz festivals en plekken om op te treden en veel scholen om het vak te leren.” Wat hoop je met je muziek te bereiken?  “Volgens mij is muziek een krachtig instrument voor educatie, sociale veranderingen, meer gelijkheid en communicatie. Ik heb zelf gezien hoe muziek iemands leven op een goede manier compleet kan veranderen. Muziek op deze manier gebruiken, dat is mijn droom.” Welke tip kun je deelnemers van volgend jaar meegeven?  “Focus je op het creatieve proces en maak muziek die over alle bandleden én over jullie gezamenlijke reis gaat. En vraag advies van mensen die je vertrouwt. Ze kunnen je helpen te focussen op wat je wilt.” de Keep an Eye interviews

• Noam Israeli • winnaar International Keep an Eye Jazz Award 2016

28


door Juliëtte de Swarte

“Ik bewonder muzikanten die muziek maken waarvan ze vinden dat het gemaakt móét worden.” Radiomaker Co de Kloet over succes in de muziek

“Zoals platenbaas Jared Sacks al zei ‘Een cd is een visitekaartje’. Je moet iets tastbaars hebben om je aan de wereld te presenteren.” Radiomaker, groot jazzliefhebber én presentator van The Records Co de Kloet over succes in de muziek, de jongste generatie jazzmuzikanten en natuurlijk The Records…. Tijdens The Records hoorden we jazz, maar ook een beetje pop, big band, flamenco muziek… “Jazz heeft altijd opengestaan voor verschillende stijlen. Met welke stijlen het zich vermengd is elke periode anders. Daarom hebben we steeds een jonge garde jazzmuzikanten nodig. Het niveau van The Records was niet alleen heel hoog, de bands integreerden ook andere muziekstijlen in de jazz. Even Sanne, waar ik groot fan van ben, heeft ook iets singersongwriterachtigs en zelfs iets etherisch.” Is het lastig voor beginnende jazzmuzikanten om een voet tussen de deur te krijgen? “In het muzieklandschap is het altijd druk geweest. Elke dag worden vele nieuwe liedjes gemaakt. Het gaat om kwaliteit maar ook geluk, het echte recept voor succes weet niemand.”

de Keep an Eye interviews

• Co de Kloet • radio-presentator bij de NTR en jazzcoryfee

29


door Juliëtte de Swarte

Daar wil Co graag ook nog wat aan toevoegen… “Wat trouwens wel helpt is als theaters, radio en tv zorgen dat er een klimaat is waarin mensen een kans krijgen om zich te laten zien, ook de minder bekende bandjes.” Je draait al een tijdje mee in het jazzlandschap. Heb je een gouden tip voor beginnende muzikanten? “Je kunt iets maken waarvan je denkt dat het wat oplevert. Dan wordt je een slaaf van het systeem. Of je maakt iets waarvan je vindt dat het gemaakt móét worden. En dan moet je misschien een andere manier vinden om je gas, water en elektra te betalen.” Ook als dat betekent dat je altijd een day time job moet houden? “Ja” Nog even over dat ‘ongrijpbare’ van succes, Maarten Hogenhuis van BRUUT heeft in 2013 de Keep an Eye Jazz Award met zijn trio gewonnen. Wat is hun geheim? “De muziek van BRUUT is extravert, heeft een hoge mate van vakmanschap en een aanstekelijk enthousiasme.” Kunnen we ze over 20 jaar nog steeds zien optreden? 
 “Ik ben benieuwd! De oude generatie jazzmuzikanten staat nog steeds op het podium terwijl ze al lang met pensioen hadden kunnen gaan. Hans Dulfer en Han Bennink bijvoorbeeld spelen nog elke dag met een frisheid en overtuiging alsof ze ons willen vertellen, ‘jongens dít moeten jullie horen!’. Daar neem ik m’n hoed voor af.”

de Keep an Eye interviews

• Co de Kloet • radio-presentator bij de NTR en jazzcoryfee

30


door Juliëtte de Swarte

“Jonge Nederlandse jazzmusici zijn eigenzinnig. Daar staan ze in het buitenland om bekend” Michelle Kuypers, programma-manager North Sea Jazz Festival

Tijdens de Keep an Eye International Jazz Award 2016 was Michelle Kuypers (programma manager North Sea Jazz Festival) een van de juryleden die bepaalde wie er wél en wie er níét met een prijs naar huis ging. Naast deze deelname aan de Keep an Eye jury is zij de rest van het jaar programma manager van het North Sea Jazz Festival/Mojo Concerts. “Het speelveld voor deze jonge jazzmuzikanten is de hele wereld.” Waar keken jullie naar als jury? Waar keek jij naar? “Wij waren het aardig snel met elkaar eens wie er uitsprongen. Wat telt is uiteraard de kwaliteit waarmee het werd gebracht: dat het muzikaal klopt en technisch goed in elkaar zit. Uiteindelijk werd het een nek aan nek race tussen Berklee Global Jazz Ambassadors van het Berklee College of Music en MSM Jazz Arts Quintet van de Manhattan School of Music. Berklee ging er vandoor met de eerste prijs, Manhattan met de tweede.” Dat er weinig verschil tussen zat, betekent toch dat de keuze ook weer niet zo gemakkelijk was… “De bands waren lastig te vergelijken. Berklee zit meer in de stijl van Wayne Shorter. Manhattan School of Music speelde main-stream jazz. Wat zeker niet gemakkelijk is. Als je jazz speelt in de traditie moet je extra je best doen om op te vallen omdat die paden al zo vaak bewandeld zijn.” de Keep an Eye interviews

• Michelle Kuypers • jurylid International Keep an Eye Jazz Award 2016 


31


door Juliëtte de Swarte

Wat valt je op aan deze jonge generatie jazzmuzikanten? “Die groep is te divers om er iets over te zeggen. Of misschien is dat juist wat je erover kunt zeggen… de jongste generatie is heel divers, heel internationaal. Wat je ook zag tijdens de Keep an Eye International Jazz Award: de bands bestaan uit muzikanten van over de hele wereld. Invloeden daarvan zag je in de diverse bands terug. Het is goed dat de jazz steeds internationaler wordt, omdat er alleen al in Nederland meer talentvolle musici lopen dan dat er plekken zijn om met grote regelmaat op te kunnen treden. En jazz is geen pop. Jazz trekt een kleiner publiek, het vergt meer uitdaging van de luisteraar. Het speelveld voor deze jazzmuzikanten is dan ook de hele wereld.”

Waar ligt het aan of ze het uiteindelijk gaan maken in de muziekwereld? “Het is competitief dus je moet je kunnen onderscheiden. In de muziek die je speelt, de presentatie, de interactie tussen muzikanten onderling, talent om je te organiseren en je muziek bij diverse podia onder de aandacht te brengen. Eigenlijk in alles. Er wordt van musici tegenwoordig heel erg veel, eigenlijk bijna te veel, gevraagd. Maar de Keep an Eye International Jazz Award is een goede start om op door te gaan.” Hoe staat het met jong talent op North Sea Jazz? “North Sea Jazz programmeert jaarlijks een groot aantal nieuwe en jonge jazztalenten. We scouten daarvoor het hele jaar door.” Wat is de belangrijkste tip die je jonge muzikanten kunt geven? “Blijf dicht bij jezelf en maak muziek die jij belangrijk vindt. Als programmeur vind ik niets zo erg als een voorstel te krijgen waarbij de musici op mijn stoel zijn gaan zitten en voor mij hebben nagedacht wat ik leuk zou vinden. Omdat ik vorig jaar een bepaald thema had op het festival, dat daar dan een jaar later nog een concept omheen verzonnen wordt, wat niet authentiek voelt bijvoorbeeld. Wanneer een concert meer een marketingconcept wordt, en de muziek daarmee een beetje meer naar de achtergrond is verdwenen dan voelt dat niet goed.”

de Keep an Eye interviews

• Michelle Kuypers • jurylid International Keep an Eye Jazz Award 2016 


32

“Jazz washes away the dust of every day life”

Denk je dat er grote namen in de dop tussen zitten? “Zeker. Nederlandse musici zijn heel eigenzinnig. Daar staan ze in het buitenland ook om bekend. Het Dario Trapani Sextet, winnaar van het Beste Hancock Arrangement, is een goed voorbeeld.”


door Juliëtte de Swarte

Art Blakey

De Keep an Eye Concert Jazz Band speelt zaterdag 9 juli op het North Sea Jazz Festival, kun je daar al iets over zeggen? “We vinden het elk jaar heel erg bijzonder om op het festival een paar conservatoria big bands te laten zien en de big band van het conservatorium van Amsterdam valt altijd weer op door de hoge kwaliteit. Ik kijk daarom weer erg uit naar dit concert, maar belangrijker nog: ook het publiek waardeert de optredens van ons jongste talent heel erg.”

de Keep an Eye interviews

• Michelle Kuypers • jurylid International Keep an Eye Jazz Award 2016 


33


door Juliëtte de Swarte

Als je de zaal omver weet te blazen is dat fijn Mijke Loeve, directeur van het BIMHUIS in Amsterdam

22 maart barst de muzikale strijd los op hét jazzpodium van Nederland. Aanstormende jazzmusici van over de hele wereld komen in het Bimhuis bijeen in de strijd om een hele speciale Keep an Eye International Jazz Award – de 10e! Een interview met directeur van het Bimhuis én jurylid tijdens de Award, Mijke Loeven. Hoe ziet een dag van een directeur er uit? Ben je nog wel met muziek bezig? “Mijn werk gaat altijd over muziek. En naast muziek gaat het om het publiek - wat willen en vragen zij? Natuurlijk ben je als musicus ook met je publiek bezig. Maar dat werkt op een andere manier. Als directeur denk je na over de maatschappelijke positie van kunst en het beleid dat je daarop kunt voeren. En dat is ontzettend interessant.” Moet je als muzikant /kunstenaar wel bezig zijn met je publiek? Je kan ook denken: “Mensen komen wel als het werk goed is…” “Dat zie ik anders. Het is belangrijk om op allerlei manieren een verbinding te maken met het publiek. Juist het publiek is waar je het voor doet, zij geven je vleugels. Op dat podium ga je met ze in gesprek, je neemt ze mee in jouw verhaal waardoor ze hopelijk verlicht de zaal verlaten. Je kunt dus niet zonder de mensen om je heen. Het gaat om de energie die je geeft en terugkrijgt. En die energie van het publiek kan je meenemen in je spel. Dan is de cirkel rond en dat is de mooiste ervaring die er is. Ze doen ook veel moeite om naar jou te kunnen luisteren. Ze hebben een kaartje gekocht, een avond vrij genomen, misschien wel oppas geregeld en zijn speciaal voor jou naar het concert gekomen. Dat hebben ze er allemaal voor over.” de Keep an Eye interviews

• Mijke Loeven • directeur BIMHUIS


34


door Juliëtte de Swarte

Je hebt vroeger zelf veel opgetreden, ging je dat makkelijk af, de connectie met het publiek maken? “Ik weet natuurlijk wel dat het best eng is als je nog jong bent. Als ik vroeger dat podium opkwam voelde het soms alsof ik de laatste was die tijdens een verjaardagsfeestje binnenstapte. Best ongemakkelijk. Dat gevoel verdwijnt als je eenmaal op het podium staat. En hoe vaker je optreedt, hoe beter ‘t gaat. Het helpt als je je sterk voelt in de muziek die je maakt, en als je met vrienden op het podium staat.”

Ze hebben een kaartje gekocht, een avond vrij genomen en zijn speciaal voor jou gekomen De Keep an Eye International Jazz Award is voor het publiek een prachtige kans om jazzmuzikanten te horen die op het punt staan door te groeien tot toonaangevende namen in de jazz. Komt er met elke jonge generatie nieuwe jazzmuzikanten ook een generatie jazzliefhebbers bij? “Jazeker. Elke generatie musici brengt nieuw publiek. Nieuw publiek bereiken blijft overigens een uitdaging: jazz is nu hip, dat kan straks ook weer tijdelijk anders zijn. En jongeren bereiken is voor de hele cultuursector een uitdaging. Dat doe je vooral door te programmeren wat jongeren interessant vinden.” Jazz is wel altijd met de tijd meegegaan…  “Jazz is een mentaliteit. En het heeft altijd muziek omarmd die op dat moment aan de hand is. En dat is nog makkelijker in deze tijd met het internet. Wil je weten hoe muziek uit India in elkaar steekt, dan zoek je het even op. Ik kom nog uit de tijd van de cassettebandjes. Ik wist niet wat ik meemaakte als ik muziek uit Afrika hoorde.” Over elke generatie is wel iets te zeggen, is er iets typerends aan deze jonge jazzmusici?  “Ik vind deze jonge generatie intelligent, ze kunnen goed reflecteren op wat ze doen. Het niveau is heel hoog. Natuurlijk, het kunstenaarschap bestaat uit vele aspecten. Er zijn altijd talenten die je cadeau hebt gekregen en er zullen altijd dingen zijn waar je aan moet werken. Als muzikant moet je wel een bijzondere ziel hebben.”

de Keep an Eye interviews

• Mijke Loeven • directeur BIMHUIS


35


door Juliëtte de Swarte

De Keep an Eye International Jazz Award is voor studenten en alumni van internationale conservatoria hét moment om eigen muziek en band te presenteren in het Bimhuis. Deze jonge musici staan, misschien wel voor het eerst, op hét jazzpodium van Nederland. Op wat voor ‘n plek staan ze? “Een van de beste jazzpodia in de wereld, met een geweldig publiek en een enorme historie. Een plek ook waar je risico’s kunt nemen. De plek waar jazz entertainment is, maar vooral een kunstvorm.”

Ik kom nog uit de tijd van de cassettebandjes. Ik wist niet wat ik meemaakte als ik muziek uit Afrika hoorde Ieder jaar zitten er bekende mensen uit de jazzwereld in de jury. Dit jaar ben jij een van de leden. Waar ga je op letten als jurylid? “In de eerste plaats ben ik gewoon publiek: wat gebeurt er met mij in die zaal? Verder ga ik letten op samenspel: of de band een organisch geheel vormt, de spanningsboog, dynamiek, composities. En als een band de zaal omver weet te blazen is dat natuurlijk altijd fijn.” Je bent van huis uit jazzmuzikant, met 3 cd’s op je naam en zelfs op North Sea Jazz gespeeld, mis je het spelen niet? “Ja ik mis het wel, maar het vergt aandacht en tijd.” Wat kun je jonge muzikanten meegeven?   “Maak muziek die je zelf bent. En maak dan een verbinding met het publiek op een manier die je past. Het gaat erom dat ze geraakt worden. Uiteindelijk gaat het om goeie kunst.”

de Keep an Eye interviews

• Mijke Loeven • directeur BIMHUIS


36


door Juliëtte de Swarte

"Een oorverdovend applaus en de tweede prijs!" Tamara Lukasheva Quartet uit Keulen

Ze kregen een geweldig applaus van het publiek. “Wie ons niet durfde uit te nodigen heeft nu een goede reden om dat wel te doen". Het Tamara Lukasheva Quartet uit Keulen werd tweede bij de Keep an Eye International jazz Award.
 “Wie ons niet durfde uit te nodigen heeft nu een goede reden om dat wel te doen.” Jullie sleepten de tweede prijs in de wacht tijdens de Keep an Eye International jazz Award, had je dit verwacht? “Ik denk dat je tijdens de wedstrijd niet kunt nadenken over wat je kunt winnen want het gaat uiteindelijk om de muziek. We vonden het fantastisch om naar Amsterdam te komen en hier te spelen en dat we tweede werden was extra bijzonder en onverwacht.” Jullie kregen ook masterclasses van componist John Murphy en zanger en gitarist Raul Midón, konden ze jullie nog wat leren? “Het is fantastisch om met zulke grote muzikanten te kunnen praten. Tegelijk vertelt hun muziek mij soms zoveel meer dan de woorden.” Bij het publiek waren jullie een van de grote favorieten, maar waarom koos de jury jullie denk je? “Ha dat kun je de jury beter vragen! Ik sprak een aantal juryleden na afloop en ze hadden het vooral over de originaliteit en hoe we als band samenspeelden. Ik denk dat het daarin zat.”

de Keep an Eye interviews

• Tamara Lukasheva • winnaar International Keep an Eye Jazz Award 2015 


37


door Juliëtte de Swarte

Een héél goede reden om hen uit te nodigen! Wat vond je van jullie concurrenten, de andere bands? “Het niveau was heel hoog. Ze hadden allemaal hun eigen muzikale stijl, het was echt geweldig om de andere bands te horen spelen.” Denk je dat de award je verder helpt in je carrière?  “We zijn heel blij met de prijs en ik denk zeker dat het de band helpt. En ik hoop dat het voor organisatoren die maar niet kunnen beslissen of ze ons uitnodigen om te komen spelen een goede reden is om dat nú wel te doen.” Wanneer kunnen we jullie weer zien optreden? “We spelen nog niet in Nederland, maar wel in Duitsland en binnenkort komt onze cd uit. Je kunt onze website www.tamaralukasheva.com in gaten houden voor de nieuwe CD en optredens.”

de Keep an Eye interviews

• Tamara Lukasheva • winnaar International Keep an Eye Jazz Award 2015 


38


door Juliëtte de Swarte

“Voor wie zelf muziek schrijft liggen zowel artistiek als zakelijk veel kansen” Bart Suèr, saxofonist en oprichter van het platenlabel Dox Records

Bart Suèr, saxofonist en oprichter van het platenlabel Dox Records (van o.a. New Cool Collective, Giovanca, Wouter Hamel en Bruut!) was een van de juryleden tijdens de International Keep an Eye Jazz Award. “Voor wie zelf muziek schrijft liggen zowel artistiek als zakelijk veel kansen” Bart Suèr, saxofonist en oprichter van het platenlabel Dox Records (van o.a. New Cool Collective, Giovanca, Wouter Hamel en Bruut!) was een van de juryleden tijdens de International Keep an Eye Jazz Award.“Als ik een popalbum produceer bel ik altijd jazzmuzikanten, dat zijn echte vaklieden.” In je agenda stond: Donderdag 30 maart Finale Keep an Eye Jazz Award. Waar ging je op letten? “Ik heb het helemaal onbevangen op me af te laten komen. Ik verwachtte wel veel vakmanschap. Sommige muzikanten zitten nog in een stijl waarin ze zich willen specialiseren, andere hebben hun eigen geluid al ontdekt en gingen met een eigen compositie aan de slag. Ik keek naar dat vakmanschap in relatie tot artisticiteit.”Hebben de bands die zelf muziek schrijven je voorkeur? “Oh nee. Je hebt artiesten die helemaal niet vernieuwend zijn, maar een repertoire spelen alsof het ze op het lijf geschreven is. Dan klopt het helemaal. Terwijl een band met eigen geluid de plank juist kan misslaan.

de Keep an Eye interviews

• Bart Suèr • jurylid Jazz Award 2017 en oprichter Dox records


39


Wel ben ik er een groot voorstander van dat muzikanten hun eigen muziek schrijven. Op jazzafdelingen van conservatoria wordt dat nog nauwelijks gestimuleerd. Dat komt voort uit de klassieke traditie. Daar is het totaal geaccepteerd dat je het klassieke repertoire blijft herhalen. Toen ik als jongetje begon kreeg ik op mijn kop dat ik mijn eigen muziek schreef. Ik dacht: ik doe nu wel wat ze willen. Ik kom er later wel op terug. Want er liggen zoveel kansen op dat gebied.” Ja? “In de jazz is voor het standaard repertoire ruimte voor een beperkt aantal muzikanten. Je kunt het bijna precies uitrekenen. Er zijn zoveel podia, zoveel optredens per jaar. Dat staat min of meer vast. Maar voor wie zelf muziek schrijft liggen zowel artistiek als zakelijk veel kansen. Alleen al de auteursrechten. Als de muziek opgepikt wordt of gebruikt wordt voor een reclame of film, dan gaat de kassa rinkelen. Niet een kassa ergens in Amerika. Omdat we bij Dox de auteursrechten beheren van jazzmuzikanten weet ik precies het verschil tussen wat een drummer van een band krijgt en degene die het nummer heeft geschreven. Wat dat betreft zou de jazz moeten kijken naar de pop, waar het heel gewoon is om je eigen muziek te schrijven. Muziek schrijven ligt ook in de lijn van improviseren. Dus waarom zou je dat niet gelijk vastleggen?”

Als ik een popalbum produceer bel ik altijd jazzmuzikanten, dat zijn echte vaklieden Waarvoor zou jazz nog meer naar pop kunnen kijken? “Pop heeft een minder lange geschiedenis, is met een nieuw, leeg blad begonnen en vernieuwt zich continu. De pop zorgt ook voor verbinding tussen mensen. Letterlijk: we gaan samen lekker dansen. Zonder publiek en luisteraars is er geen popmuziek. Klassieke muziek staat daar recht tegenover. Dat gaat om iets abstracts, om pure schoonheid. Het refereert niet naar alledaagse gevoelens of het alledaagse maar naar iets hogers. Het veronderstelt ook dat je hoog opgeleid bent om er van te kunnen genieten. Jazz zit daar tussenin. Ooit net zo avant garde als de popmuziek, maar steeds meer abstracte schoonheid waar het gaat om de perfecte noot. Dus als ik een popalbum produceer bel ik altijd jazzmuzikanten voor het instrumentale gedeelte, dat zijn echte vaklieden.”

de Keep an Eye interviews

• Bart Suèr • jurylid Jazz Award 2017 en oprichter Dox records


40

“Alle muziek is volksmuziek. Ik heb nooit een paard een liedje horen zingen.”

door Juliëtte de Swarte


door Juliëtte de Swarte

Ontdek je dan nog wel eens iets dat je niet eerder gehoord hebt in de jazz? “Zeker! Kijk eens naar de alumni van de conservatoria. Die komen steeds tot iets nieuws. Ze maken geen onderscheid tussen jazz en pop en mixen alle stijlen door elkaar.” Kon je tijdens de finale al horen wie het ver gaat schoppen en wie niet?  “Dat is helemaal niet heel makkelijk. Maar ik kan wel inschatten of iemand een hele goede instrumentalist is of ook een plan heeft en daarmee meer perspectief.” Naast je platenlabel ben je ook saxofonist, hoe blijf je zelf vernieuwen?   “Vernieuwing komt van jonge mensen. Ouderen hebben misschien een andere drijfveer. Zij zoeken eerder verdieping. Ik moet soms wel vechten tegen mijn eigen gedachten. Dan hoor ik iets waar de muzikant heel enthousiast over is en denk ik: oh dat heb ik al gehoord.”

Louis Armstrong

Heb je een gouden tip voor de beginnende muzikanten? “Als je je ontwikkelt op een instrument dan ben je specialist. Maar stimuleer jezelf om het niet daarbij te laten. Wat voor invulling wil je geven met al die ambacht en skills die je vergaard hebt. Denk daar goed over na.”

de Keep an Eye interviews

• Bart Suèr • jurylid Jazz Award 2017 en oprichter Dox records


41


door Juliëtte de Swarte

SPELEN ALSOF JE NET EEN MARATHON HEBT GEREND 
 International Jazz Award winnaar Xavi Torres

Het Xavi Torres Trio rolde uiterst succesvol de halve finale door en rondde dat succes af door met volle overtuiging de finale te winnen.

In een bomvol Bimhuis won het Xavi Torres Trio vorige week de 7e editie van de Keep an Eye International Jazz Award. Xavi vertelt…
 “Je moet spelen alsof je net een marathon hebt gerend.” Hadden jullie verwacht de eerste prijs in de wacht te slepen? “Zeker niet. Natuurlijk hoop je er wel een beetje op, maar ik wilde vooral graag spelen met mijn trio en leren van de week.”

'Het helpt ook een naam op te bouwen in de jazzwereld.' Jullie kregen ook masterclasses van componist John Murphy en zanger en gitarist Raul Midón, konden ze jullie nog wat leren? “Het was heel inspirerend. Ik heb vooral geleerd hoe ik op het podium mijn energie kan controleren, om ontspannen te spelen. Je moet je eigenlijk voorstellen dat je net een marathon hebt gerend. En écht focussen op de muziek, zonder al te veel te willen showen. Dan breng je de muziek naar een hoger level.” Waarom koos de jury jullie, denk je? 
 “Wij zijn als groep goed op elkaar ingespeeld. Met de drummer Joan Terol speel ik al 8 jaar samen.

de Keep an Eye interviews

• Xavi Torres • winnaar International Keep an Eye Jazz Award 2015


42


door Juliëtte de Swarte

Als je elkaar al zo lang kent weet je precies hoe de ander op jou reageert. En als ik muziek componeer speelt Joan het precies zo als ik het in m’n hoofd heb. Ik hoef hem niks meer uit te leggen. ”Wat vond je van de andere bands in de finale? “Het niveau lag heel hoog. Ik ben blij dat ik niet in de jury zat en hoefde te kiezen haha.” Denk je dat de Keep an Eye Award je helpt bij je carrière?  “Ik denk zeker dat de prijs niet alleen nieuwe optredens faciliteert maar dat het ook helpt een naam op te bouwen in de jazzwereld.” Wat zijn je plannen nu? Wanneer kunnen we je weer zien optreden?  “In mei geven we verschillende optredens in Amsterdam en Spanje. En aankomende zondag, 5 april speel ik met Trempera!, de groep waarmee ik vorig jaar deelnam aan de Keep an Eye International jazz Award in het Victoria Hotel in Amsterdam.” •

Als klap op de vuurpijl werd het Xavi Torres Trio nog op dezelfde avond uitgenodigd om te spelen tijdens het Grachtenfestival Amsterdam!

de Keep an Eye interviews

• Xavi Torres • winnaar International Keep an Eye Jazz Award 2015


43


Over 10 jaar Keep an Eye Jazz Award Janneke van der Wijk, directeur Conservatorium van Amsterdam

De Keep an Eye Foundation bestaat bijna 10 jaar! Dat zijn 10 jaar met 10tallen prijzen, 10-tallen optredens, shows én events. En dat begon allemaal met de Keep an Eye International Jazz Award in samenwerking met het Conservatorium van Amsterdam. Een goed moment om terug én vooruit te blikken met directrice van het CvA Janneke van der Wijk. Wat maakt de Keep an Eye International Jazz Award zo uniek? “Het bijzondere is dat dit veel meer dan een competitie is. Het is een unieke kans voor topinstituten om hun beste bands in contact met elkaar te brengen en biedt de gelegenheid om een week lang vele muzikale activiteiten te beleven zoals workshops, lezingen en jamsessies. Studenten ontmoeten andere studenten van over de hele wereld, worden gecoacht door wereldberoemde jazzmusici. Ze ontdekken waar ze staan tussen die andere talenten en hoe ze zich verder kunnen ontwikkelen.” Hoe wordt de jazz award gezien door muzikanten? Wat hoor je in de wandelgangen? “De studenten, de docenten... het maakt op iedereen, iedere keer weer, een onvergetelijke indruk. Wij komen op heel veel plekken in de wereld en we merken dat studenten en alumni van internationale conservatoria het als een geweldige kans zien. Het is hét moment om eigen muziek en hun band te presenteren. Ongelofelijk belangrijk dus dat er dit soort prijzen zijn om ze te helpen bij die belangrijke start in hun carrière. Als jazzmuzikant moet je er alles aan doen om te zorgen dat mensen je horen en zien. de Keep an Eye interviews

• Janneke van der Wijk • directeur Conservatorium van Amsterdam  

44

“Goede muziek dringt makkelijk in het oor en verlaat moeilijk het geheugen.”

door Juliëtte de Swarte


door Juliëtte de Swarte

De Jazz Award geeft een podium aan jong toptalent. En er ontstaan waardevolle netwerken tussen studenten, maar ook tussen de docenten en de instituten die meedoen. Muziek kent geen grenzen. De wereld is het werkveld van muzikanten. Dat geldt zeker ook voor de jazz.” En hoe wordt de award gezien in de jazzwereld? “Het zet Amsterdam als jazzstad (nog meer) op de kaart en is inmiddels wereldwijd erkend als één van de belangrijkste en meest bijzondere jazz awards. De finalisten hebben een belangrijk podium om op niveau te presteren en zichzelf te presenteren. Het niveau is ontzettend hoog. Er zijn zo ongelooflijk veel verschillende jazzstijlen te horen, uit alle hoeken van de wereld. De avond zelf is heel divers van opzet. Je hoort de beste ensembles van de beste conservatoria in een overvolle zaal.”

Sir Thomas Beecham

Aan het CvA studeren studenten van over de hele wereld, wat is de aantrekkingskracht van het CvA? “Allereerst de docenten, met veel internationaal toonaangevende namen. Maar ook de stad Amsterdam en natuurlijk het instituut zelf. Er wordt hier op zeer hoog niveau gemusiceerd en lesgegeven. Daarnaast zijn er elk jaar vele bijzondere projecten en masterclasses en een gestructureerd en actueel curriculum, dat studenten echt in staat stelt zich te ontwikkelen. De meerderheid van de studenten maakt dan ook een carrière in de muziek. Van de studenten die een master doet vindt 93% een betaalde baan in de muziek.” Een winnaar van de Keep an Eye International Jazz Award zei: “De beste zijn, zit zeker niet alleen in heel goed kunnen spelen." Wat moeten ze hebben?  “Het gaat allereerst om speelniveau. Gewoon heel goed zijn op je instrument. Maar je moet ook de mogelijkheid krijgen om gehoord te worden, die kansen moet je creëren, je artistieke identiteit ontwikkelen en vertalen in een sterk muzikaal concept en dan in staat te zijn om een internationaal netwerk op te bouwen. Mensen tegenkomen die deuren voor je kunnen openen. Aan het CvA leer je systematisch hoe jij een succesvolle carrière kan opbouwen.” Saxofonist Benjamin Herman zei: “Ik weet dat ik niet de beste saxofonist ben maar ik kan de muziek goed overbrengen.”  “Overbrengen, communicatie, het publiek goed weten te bereiken, is ongelooflijk belangrijk. Sommige muzikanten gaat dat van nature heel goed af. Daar is niet maar één manier voor. Iedereen heeft daarin zijn eigen stijl.

de Keep an Eye interviews

• Janneke van der Wijk • directeur Conservatorium van Amsterdam  

45


door Juliëtte de Swarte

Het spelen voor een publiek helpt studenten om zichzelf hierin te trainen. Dat is de reden waarom wij onze studenten zo veel mogelijk stimuleren en helpen om op te treden binnen en buiten de school. De Keep an Eye Jazz Award speelt hier ook een belangrijke rol.” Michelle Kuypers, programma manager North Sea Jazz Festival zei: “Jonge Nederlandse jazzmusici zijn eigenzinnig. Daar staan ze in het buitenland om bekend." “Ja dat is zeker zo. Dat merk je ook tijdens de Award bijvoorbeeld en we horen het ook terug in het buitenland. Ze leren ook tijdens de opleiding om een eigen identiteit te ontwikkelen.”

Zeker een verrijking voor het muzikale klimaat en versterkt elkaar en grijpt in elkaar Er zijn de afgelopen jaren andere initiatieven bijgekomen zoals 'The Records', en 'De Keep an Eye Summer Jazz Workshop'. “Ja dat is zeker een verrijking voor het muzikale klimaat en versterkt elkaar en grijpt in elkaar. Vaak zien wij dat studenten die deelnemen aan één van deze evenementen terugkomen in de zomer tijdens de Summer Workshop. The Records biedt studenten in Nederland de kans om hun gedroomde opname waar te maken. Dat is zeer bepalend voor hun carrière en voor het definiëren van hun artistieke identiteit. Dat allemaal samen geeft Amsterdam een internationaal jazzklimaat dat uniek is.” Ieder jaar is Justin DiCioccio van de Manhattan School of Music er weer bij. Met zijn gevoel voor theater, tomeloze energie en enthousiasme wint hij tijdens de avond niet alleen de liefde van jazzliefhebbers, maar ook die van de mensen die niet eens wisten dat ze van jazz hielden.  “Hij is ongelofelijk enthousiast en gooit zijn hele ziel en zaligheid erin. Studenten willen daarom altijd graag met hem werken.” Wat hoop je voor de toekomst?  “Onze jazz-afdeling is bekend over de wereld. Dat willen we verder uitbouwen. Dat is belangrijk voor het culturele klimaat van de stad en de kunsten, die het de afgelopen jaren zeker niet altijd makkelijk hebben gehad. Amsterdam heeft een unieke jazztraditie en muzikale identiteit en dat is terug te vinden in de jazz-afdeling van het CvA. Wij willen een nog sterker geprofileerde plek creëren waar Nederlandse en internationale toptalenten hun muzikale reis samen kunnen starten.”

de Keep an Eye interviews

• Janneke van der Wijk • directeur Conservatorium van Amsterdam  

46


door JuliĂŤtte de Swarte

The Records

de Keep an Eye interviews

47


door Juliëtte de Swarte

Je wint The Records en een jaar later ligt daar een cd

Hoewel, daar gaat een heel proces aan vooraf. Bassist, zanger én componist Lennart Heyndels van de band How Town, één van de drie winnaars van 2016, vertelt hoe je dat doet, met z’n allen. En over inspiratie, die altijd komt op momenten dat je het ‘t minst verwacht. Zoals tijdens het kijken van een potje voetbal. Je begint met een leeg blad en uiteindelijk ligt daar, een jaar later, een nieuwe cd, maar hoe begin je? “Het was heel spannend, we zijn werkelijk van nul begonnen. We hadden niet verwacht dat we zouden winnen en er was nog niet genoeg muziek voor een nieuwe plaat. We zijn met z'n allen aan de slag gegaan om kleine ideetjes, teksten en melodieën te schrijven en die hebben we later in concrete vorm gegoten. Zo is de muziek beetje bij beetje ontstaan. De albumtitel 'I want to watch a tree grow' verwijst ook naar die organische manier waarop de muziek tot stand is gekomen.”   Componeren jullie de muziek altijd samen? “Dit is eigenlijk de eerste plaat waarbij we alle muziek samen hebben gecomponeerd. Het was een heel verfrissende manier van werken. De muziek van dit album is daardoor rijker geworden.”   Elk nummer is totaal anders, zijn jullie daar bewust mee bezig? “Elk nummer moet een eigen verhaal vertellen. Meestal hebben we een heel duidelijke richting of een bepaald concept voor ogen. de Keep an Eye interviews

• Lennart Heyndels • een van de winnaars bij The Records 2017

48

“It isn't where you came from, it's where you're going that counts”

Lennart Heyndels winnaar The Records '16


door Juliëtte de Swarte

De uitdaging is om al die nummers daarna tot één geheel te verwerken, de volgorde van het album speelt daarom voor ons altijd een grote rol. Ook zijn er op deze plaat enkele thema's die terugkomen. Zoals 'Scenario I' en 'Scenario II' die op hetzelfde idee zijn gebaseerd: het ritme wordt bepaald door de puls van een ping-pong bal en de tekst die in het ene stuk gezongen wordt in het Russisch, wordt in de tweede versie gezongen in het Frans. Als je goed luistert kan je op het einde van 'Scenario I' ook de Engelse vertaling horen op de achtergrond.”

Voetbal heeft zoveel parallellen met het spelen in een band Jullie muziek is niet in een hokje te plaatsen, zou je het toch kunnen omschrijven? “Het lijkt soms alsof dit de grootste moeilijkheid is, een naam plakken op je eigen muziek. Maar als we componeren zijn we helemaal niet bezig met wat voor soort muziek we willen maken, we voegen gewoon alle ingrediënten toe die we denken nodig te hebben om tot een coherent, interessant geheel te komen. Je kan het waarschijnlijk wel een mix van jazz, klassiek en pop noemen, maar daarmee doe je toch een beetje afbraak aan de unieke sound die we met z'n vijven creëren. Eigenlijk moet je gewoon luisteren en dan denk ik ook dat iedereen er iets anders in kan horen.”


Ella Fitzgerald

Jullie zijn een Lets-Belgische groep, worden jullie beïnvloed door de verschillende culturen? “Uiteraard zitten die invloeden erin, het is uiteindelijk wie we zijn en waar we vandaan komen. Daarnaast proberen we natuurlijk muziek te maken die over alle grenzen heen gaat, muziek die iets universeels heeft zeg maar.”   Dit is alweer jullie vierde cd. Ging het ontstaansproces anders dan bij de vorige cd’s? “Deze cd is heel verschillend vergeleken met onze vorige cd's. Doordat we samen gecomponeerd hebben. En qua manier van opnemen zijn we deze keer weggegaan van het idee dat alles moest klinken als een live concert. We wilden meer experimenteren met de mogelijkheden van de studio om zo voor elk nummer een eigen wereld te maken. Er is zelfs één nummer dat we in de living van de studio hebben opgenomen, gewoon omdat de akoestiek daar perfect paste bij het nummer.”

de Keep an Eye interviews

• Lennart Heyndels • een van de winnaars bij The Records 2017

49


door Juliëtte de Swarte

Inspiratie is altijd iets ongrijpbaars, wat inspireert je en wanneer komt die inspiratie? “Inspiratie is iets heel grappigs. Het komt meestal op momenten wanneer je ‘t het minst verwacht. Heel vaak gebeurt het dat ik vijf minuten voor ik de deur uit moet, een lumineus idee krijg. Maar ik heb ook veel impulsen nodig om geïnspireerd te raken en probeer dan ook naar veel verschillende soorten muziek te luisteren. Momenteel ben ik bijvoorbeeld helemaal weg van analoge synthesizers en luister ik veel naar artiesten zoals Kaitlyn Aurelia Smith en Suzanne Ciani. Ik ben ook een groot voetbalfan en vind vooral de tactische kant heel inspirerend omdat er zoveel parallellen zijn met het spelen in een band. In voetbal, of in teamsport tout court, heeft iedere speler zijn functie en pas als iedereen goed op elkaar inspeelt wordt het geheel beter dan de som van de delen. Hetzelfde geldt voor muziek.”  

Als we twee jaar de tijd hadden gekregen zou het goed kunnen dat we nu pas zouden beginnen Is een jaar te kort om een cd te maken?  “Een jaar is redelijk kort om een cd te maken, maar als we twee jaar de tijd hadden gekregen zou het goed kunnen dat we nu pas zouden beginnen. Die tijdsdruk heeft ook zijn voordelen en verplicht je om snel beslissingen te maken.”   Wat viel je tijdens het proces mee? Wat ging minder makkelijk?  “In het begin was er toch een soort van stress, we hadden nog niet echt een idee wat deze plaat ging worden. Maar op een bepaald moment moet je er gewoon op vertrouwen dat het in orde komt dan komen de dingen vanzelf. Hoe dichter we bij de opname kwamen hoe meer ik wist dat we echt iets moois en speciaals aan het maken waren.”   Hoe zorg je ervoor dat zoveel mogelijk mensen jullie muziek ontdekken?  “Het internet speelt uiteraard een grote rol. Al onze albums verkopen wij via onze bandcamp website (https://howtownmusic.bandcamp.com/). De bedoeling is om tegen de zomer al onze albums ook op de streaming websites (Spotify, Tidal, Deezer e.d.) te zetten. En verder staan er een aantal concerten gepland in mei en juni 2018 om de nieuwe plaat officieel te releasen.”

de Keep an Eye interviews

• Lennart Heyndels • een van de winnaars bij The Records 2017

50


door Juliëtte de Swarte

De "Koeniverse" van Koen Koen Schalkwijk won met zijn trio Koeniverse 3 The Records

“Sommige mensen zeggen iets waar je meer aan hebt dan twintig lessen.” Koen Schalkwijk won met zijn trio Koeniverse 3 The Records. Over eye openers, een plek veroveren in de jazzwereld en zijn oma… Je hebt een elektrische pianootje, die zie je niet zo vaak… “De Wurlitzer! Hij heeft een beetje gitaarachtig geluid en soms klinkt ie een beetje sinister. Je kunt er ook goed mee brullen. Je hoort ‘m in de muziek van Stevie Wonder maar verder hoor je ‘m niet veel in de jazz. Meer in de pop en hippiemuziek, de Beach Boys en Supertramp.” De winnaars van The Records krijgen een volledig gefinancierde cdproductie, waarom is dat zo belangrijk voor jullie? “Het eindproduct is de cd, maar voor mij gaat het vooral om het hele proces. Voor het maken van de cd moet je de muziek schrijven, repeteren, je voorbereiden. Door dat tot in de puntjes goed te doen kun je uiteindelijk op het podium iets goeds neerzetten. Het is ook mooi dat onze muziek gedocumenteerd wordt, dat het is vastgelegd.” Is het lastig voor beginnende muzikanten om er tussen te komen? “Er zijn heel veel muzikanten en heel veel conservatoria in Nederland. Er is meer aanbod dan vraag. Je moet je voet tussen de deur krijgen en die er ook tussen houden.” Na het winnen van The Records hebben jullie wel een voorsprong... “Zeker, en met het prijzengeld wil ik ook een gastsolist uitnodigingen om met ons komen te spelen. Mijn grootste idool, iemand uit de top van de jazzwereld.”

de Keep an Eye interviews

• Koen Schalkwijk • een van de winnaars bij The Records 2015 


51


door Juliëtte de Swarte

Ha wie is het? “Dat kan ik nog niet zeggen, want misschien zegt hij nee.” Slim, dat levert publiciteit op. Steek je er muzikaal ook nog wat van op? “Zo iemand kan een ding zeggen waar je meer aan hebt dan 20 lessen. Iets wat je kijk op muziek voor altijd verandert.” Wat was voor jou de grote eye opener? “Ik kreeg eens een workshop van de Amerikaanse jazzmuzikant Jason Moran. Hij vroeg ons of wel eens voor onze oma hadden gespeeld. We reageerden allemaal een beetje laconiek. Maar je oma is de moeder van je moeder, zei hij. Dat is toch veel belangrijker dan spelen voor onbekenden. Hij zei het bijna met tranen in z’n ogen. Het was meer een levensles dan een muziekles. Hij was onze mentor.” Heb je zelf wel eens voor je oma gespeeld? “Ja, hoewel jazz begreep m’n oma niet zo goed. Maar klassieke muziek vond ze wel leuk. De populaire deuntjes dan.”

de Keep an Eye interviews

• Koen Schalkwijk • een van de winnaars bij The Records 2015 


52


door JuliĂŤtte de Swarte

Summer Jazz Workshops

de Keep an Eye interviews

53


Swingende afsluiting Keep an Eye Summer Jazz Masterclass
 Justin DiCioccio, artistiek leider

'If anyone likes to dance… we have a dance floor!' De International Summer Jazz Big Band bracht een ode aan één van de allerbeste swing bands ooit - Count Basie’s Orchestra. Hij is 72, maar denkt voorlopig nog niet aan stoppen. Justin DiCioccio, hoofd jazz department van de Manhattan School of Music en één van ‘s werelds beste jazzdocenten, komt graag in Nederland. Voor de muziek, maar bovenal voor zijn jaarlijkse masterclass aan het Conservatorium van Amsterdam. Voor deze speciale workshop worden jazztalenten uit de hele wereld geselecteerd en ondersteund door beurzen van de Keep an Eye Foundation. Hoogtepunt van de week was het optreden in de North Sea Jazz Club in Amsterdam. Regelmatig staat er een student in zijn kamer. Of hij kan uitleggen hoe je jazzmuziek écht kunt vatten. DiCioccio geeft ze het album Frankly Basie. Het album van Count Basie is een eerbetoon aan dat andere icoon van de swingmuziek - Frank Sinatra. Come fly with me, All of me, South of the border, My kind of town. Alle grote hits staan er op. Gespeeld op Basie’s eigen los swingende en vrijuit improviserende manier. 'Jazz reflects the time we live in', vertelt DiCioccio. Alles is uit de muziek te halen - hoe de mensen leven, denken, dansen, de politieke roerselen van een tijd. Tijdens de avond in de North Sea Jazz Club neemt hij ons mee naar de New Yorkse ballrooms van de jaren ’60. We are going to swing tonight.

de Keep an Eye interviews

• Justin DiCioccio • hoofd jazz van de Manhattan School of Music

54

“It bugs me when people try to analyze jazz as an intellectual theorem. It's not.”

door Juliëtte de Swarte


door Juliëtte de Swarte

Wint de liefde van mensen die niet eens wisten dat zij van jazz hielden...

Bill Evans

Jazz leeft. Onder alle leeftijden. Zo blijkt ook tijdens de avond in de North Sea Jazz Club op het Westergasterrein. Hoewel jazz in Nederland wat stroef op gang kwam; door twee wereldoorlogen was Europa een tijd lang van de VS afgesneden, heeft de muziek sinds haar opkomst nooit meer aan populariteit ingeboet. DiCioccio komt al zeker 15 jaar naar Amsterdam. Dé jazzstad van Europa, zoals hij zelf zegt. Want met het Bimhuis, het Conservatorium en het Concertgebouw beschikt de stad over een voortdurende toestroom van nationaal en internationaal talent. Gouden samenwerking. 'Op dit moment heb ik twintig jaar gewacht' zegt Frank Sinatra als hij in 1963 een samenwerking aangaat met Basie. Het eerste album, simpelweg Sinatra – Basie geheten verkocht beter dan alles wat de zanger de voorgaande jaren gemaakt had. Ook Basie’s populariteit werd nóg groter. Basie die bekend stond als een uitstekend leider zorgde voor een goede sfeer in de band en gaf zijn leden alle ruimte om zich te ontplooien als musicus. Net als DiCioccio. Met zijn gevoel voor theater, tomeloze energie en enthousiasme wint hij tijdens de avond niet alleen de liefde van jazzliefhebbers, maar ook die van de mensen die niet eens wisten dat ze van jazz hielden. Onweerstaanbare swing waarbij niemand zijn voeten stil kan houden. DiCioccio weet dat maar al te goed: 'You can start dancing now!’

de Keep an Eye interviews

• Justin DiCioccio • hoofd jazz van de Manhattan School of Music

55


door JuliĂŤtte de Swarte

Klassieke muziek

de Keep an Eye interviews

56


door Juliëtte de Swarte

Georges Mutsaerts over een sprookjesbos voor volwassenen Georges Mutsaerts, directeur Wonderfeel Festival

Keep an Eye heeft er een nieuwe partner bij: het Wonderfeel Festival. Een sprookjesbos voor volwassenen volgens de Gooi en Eemlander. Wonderfeel is drie dagen lang klassieke muziek in de breedste zin van het woord, middenin de natuur: 350 musici, 125 concerten. En ook: lezingen, poëzie, dans, rollende keukens én jong talent. We moeten nog tot volgend jaar zomer wachten, maar achter de schermen wordt er al druk gewerkt aan het programma. Een interview met bedenker en organisator Georges Mutsaerts. Wonderfeel is het grootste klassieke festival in NL dat op één plek plaatsvindt. Maar eigenlijk veel meer. Op het moment dat je het festivalterrein oploopt, kom je in een heel andere wereld.. “Wonderfeel is echt een beleving. De muziek, middenin de natuur, de hele setting op het landgoed Schaep en Burgh in ’s Graveland, de rollende keukens. De Gooi en Eemlander noemde het een sprookjesbos voor volwassenen. Een paradijselijke plek waar je je eigen tempo bepaalt. Je klapstoeltje of picknickkleed mee naartoe neemt. Het is heel ontspannen. Kinderen spelen in de natuur tussen de podia. Er kan veel onder de paraplu van Wonderfeel. Van diverse muziekstijlen, tijden en bezettingen tot yogaoefeningen op live saxofoonmuziek, tot poëzie en literatuur, dans en muziekdocumentaires.”

de Keep an Eye interviews

• Georges Mutsaerts • directeur Wonderfeel Festival

57


door Juliëtte de Swarte

Hoe is het idee ontstaan? “In 2002 organiseerden we het eerste Kamermuziekfestival op Schiermonnikoog. Daar brachten we de intimiteit van kamermuziek naar het eiland. Net als bij het Wonderfeel Festival kom je in een soort bubbel, een totaal andere wereld. Ik heb daar geleerd de mooiste plekken samen te brengen met muziek. Wonderfeel is geen ‘klassiek’, klassiek festival. Er zijn geen etiketten. Je hoeft je niet af te vragen of het drankje de zaal in mag, wat je aan moet trekken of wanneer je moet klappen. Het gaat om de beleving en de muziek is daar een belangrijk onderdeel van, niet meer alleen het einddoel, maar een middel om mensen te bereiken.”

Volgend jaar werken jullie voor het eerst samen met de Keep an Eye Foundation. Gaan we ook veel jong talent horen? “Wij zijn ontzettend blij met de samenwerking. Hét bewijs dat we een serieuze plek hebben veroverd binnen het culturele landschap. Zeker 30% van de muzikanten is onder de dertig en dan ben ik nog aan de voorzichtige kant. Ons eigen orkest: het Wonderfeel Festival Orchestra bestaat uit alleen maar jonge talenten. Met de Keep an Eye Foundation als partner komt er een publieksprijs én een productieprijs voor jong talent. Voor de productieprijs wordt een jury samengesteld die 6 talenten gaat uitdagen om een eigen productie op papier te zetten - een productie bestaande uit een nieuwe compositie met een crossoverbezetting. Die crossover kan muzikaal zijn, maar kan ook een verbinding inhouden met disciplines als poëzie of dans. En het gaat dus niet alleen om de artistieke insteek, ze leren tegelijk hoe je een totale productie qua techniek samenstelt. Maar ook hoe je marketing aan moet pakken. Zoals: hoe ga je deze productie naar de zalen brengen? Daarbij zullen we ze ook helpen. We kunnen bijvoorbeeld ons netwerk inzetten om samen de weg naar andere podia en festivals te vinden.” Hoe zorg je als festival dat het programma zo verrassend mogelijk is?  “Samen met mijn mededirecteur Tamar Brüggemann hebben we ruimte gecreëerd om zoveel mogelijk stijlen te programmeren.  We hebben daarom heel bewust gekozen om niet één artistiek leider aan te wijzen. Dan krijgt het festival een bepaalde handtekening. Wij zijn juist op zoek naar verschillende accenten. Zo is er voor elk podium een andere programmeur die de artistieke leiding op zich neemt. De programmering beslaat een kleine 600 jaar muziek. Dat is vrij uniek.

de Keep an Eye interviews

• Georges Mutsaerts • directeur Wonderfeel Festival

58

“Zonder muziek zou het leven een vergissing zijn”

De enige regel is kwaliteit én integriteit, verder kan bijna alles


door Juliëtte de Swarte

Van hardcore klassiek, wereldmuziek, tot uitstapjes naar de jazz, pop en vele dwarsverbanden. Dat komt ook tot uiting in de ‘bakfietssessie’ van Radio4. Willekeurige musici uit totaal verschillende richtingen worden bij elkaar gezet. Die moeten in een uur tijd een compositie in elkaar zetten die daarna live wordt uitgezonden.” Wie vinden we op Wonderfeel? “Een grote groep klassieke muziekliefhebbers die klassieke muziek op een andere willen beleven. Culturele alleseters: ze houden van kleinkunst, film én muziek. Die komen hier juist voor het diverse aanbod. En een groep van families met kinderen. Die zitten niet zo snel in het Concertgebouw. Zo brengen we kinderen op laagdrempelige wijze in contact met alle soorten muziek. Om dat te stimuleren zijn kinderen tot 18 jaar gratis.”

Ze leveren misschien iets in op akoestiek maar alle musici omarmen dit concept

Friedrich Nietzsche

Hoe is het voor klassieke musici die normaal in een zaal staan nu buiten in een tent te spelen? “Ze leveren misschien iets in op akoestiek maar alle musici omarmen dit concept. Ze vinden het fantastisch. Er is minder afstand met het publiek en het voelt veel vrijer.” Doe je zelf nog wel eens nieuwe ontdekkingen?  “Iedere keer weer. Er komen altijd weer namen voorbij die ik niet ken. Zoals op het ‘White label’ podium. Hier is de muziek soms prettig vaag met als inzet de zoektocht naar een nieuwe muzikale klank en kleur. Ik was afgelopen editie erg onder de indruk van Luwten. Dreampop noemen ze het zelf, zo ontdaan van kunstjes en opsmuk. Of het podium ‘Ongehoord’. Hier kun je hele nieuwe muziek ontdekken. Met dit podium willen we ook muziek toevoegen, letterlijk, muziek die speciaal gecomponeerd wordt voor Wonderfeel. Zoals de uitvoering ‘Schemer’ van Asko|Schönberg. Dat was een hele indrukwekkende uitvoering, door overwegend jonge musici. Dat gold ook voor de jonge talenten van het Nederlands Kamerkoor met hun uitvoering ‘Tune out burn in’. Maar je kunt ook gaan voor het comfort van de herkenning bij ons podium ‘Weeshuis van de Hits’. Hier luister je naar de kaskrakers van de klassieke muziek. Zo werden de Bach cellosuites uitgevoerd maar dan wel op saxofoon door Raaf Hekkema. Op het podium ‘Solo’ trad de jonge Spaanse pianist Daahoud Salim op, met een intrigerende crossover van jazz en klassiek.”

de Keep an Eye interviews

• Georges Mutsaerts • directeur Wonderfeel Festival

59


door Juliëtte de Swarte

Enige risico van een festival buiten is het onvoorspelbare Hollandse weer… “Tijdens ons eerste jaar 2015 kwam de ergste zomerstorm in honderd jaar over het terrein. Toen moesten we een dag dicht. Vorige zomer was natuurlijk fantastisch. En als er een keer een buitje is en vervolgens het weer omslaat dan is de sfeer vaak extra bijzonder.”

de Keep an Eye interviews

• Georges Mutsaerts • directeur Wonderfeel Festival

60


door Juliëtte de Swarte

Filmfestival

DIVERSE REACTIES OP FILM: BENNIE STROET •
  OVER FESTIVAL 2015 • OVER FESTIVAL 2017: 10 mini-interviews 

de Keep an Eye interviews

61


“Ik vergelijk onze studenten met goede wijn" Bart Römer, directeur van de Nederlandse Filmacademie

Geen lichting is hetzelfde, hoe zou je dit jaar omschrijven? “Wat opvalt is dat deze studenten echt goed willen worden in hun vak. Ze hebben een op professionaliteit gespitste mentaliteit. Vroeger zag je nog wel eens dat studenten het maken van film zagen als een vorm van therapie. Dat is gelukkig niet meer zo. Er is nu een groot bewustzijn om een goede vakman te worden. Een eigen signatuur te ontwikkelen. Het einde van de Filmacademie is het begin van hun professionele carrière. En de eindexamenfilm is hun visitekaartje, een proeve van bekwaamheid.” En dan ben je afgestuurd, aankloppen bij Hollywood? “Hoewel de Nederlandse filmindustrie klein is, is er in veel richtingen, zoals bijvoorbeeld sound design en visual effects, veel werk. Voor regisseurs en scenaristen, duurt het vaak wat langer voor ze écht aan de slag kunnen, hun eigen film kunnen maken. Dat betekent in het begin vaak buffelen, je netwerk aanspreken. Het heeft niet zozeer te maken met onze kleine filmindustrie. Het is eerder moeilijk om draagvlak te vinden voor jouw ideeën.” Waarom moet het publiek gaan kijken naar werk van afstudeerders? “Het werk van deze jonge filmmakers is nog ongepolijst, fris, vol passie en ambitie. Je kijkt niet naar werk van ervaren geroutineerde filmmakers, maar naar studenten die de grenzen opzoeken. Tegelijk zijn zij zich ervan bewust dat er een groot publiek en veel mensen uit het eigen beroepsvak op afkomt. Hierdoor kunnen ze voorzichtiger worden.

de Keep an Eye interviews

• Bart Römer • directeur Nederlandse Filmacademie


62

“Een film is goed wanneer het het etentje, de tickets en de babysit waard is.”

door Juliëtte de Swarte


door Juliëtte de Swarte

Al vanaf het eerste moment dat ze op de academie komen stimuleren wij vooral om grenzen op te zoeken. Zo geven we ze de aanzet tot het ontwikkelen van een eigen signatuur die ze daarna zelf, in de praktijk doorontwikkelen.”

Wij leveren als Filmacademie een echte kwaliteitswijn. Maar de afdronk verschilt van jaar tot jaar.” Dat betekent dat het ook kan mislukken… “Zeker, daarom tonen we ook niet het werk van de tweede en derdejaars. Want daar gaat het nog vooral om de oefening. Weliswaar op een steeds hoger niveau, maar toch. Je moet ze de veiligheid geven dat grenzen opzoeken goed is. Dat is een constante worsteling.” Hoe is het niveau tijdens het Keep an Eye Filmacademie Festival?  “Wij stellen een absolute ondergrens maar er is geen bovengrens. Sommige jaren zijn de films heel sprankelend andere jaren wat meer behouden. Waarom? Dat weten we niet altijd precies. Het kan te maken hebben met onderlinge samenwerking in de groep. Je werkt met mensen, het gaat om creatieve processen. Dat gaat steeds weer anders. Vergelijk het met wijn. Wij leveren als Filmacademie een echte kwaliteitswijn. Maar de afdronk verschilt van jaar tot jaar.”

Alfred Hitchcock

Komt het voor dat afstudeerders door het festival ontdekt worden door filmindustrie/publiek? “Studenten zijn al heel erg verweven met de filmwereld doordat de docenten op de academie meestal uit het beroepsveld komen.” Het is nu het zesde jaar dat het festival samen met de Keep an Eye Foundation wordt georganiseerd. Hoe is het door de jaren veranderd?  “Vroeger was het festival in de academie, maar dat werd te klein. De studenten hebben nu een veel groter bereik gekregen. De plek waar we de werken presenteren, EYE, heeft de kwaliteit en uitstraling die past bij het niveau dat we nastreven. Het is eindexamenwerk, maar je kijkt naar hoge kwaliteit. Met de Keep an Eye stand is er sinds vorig jaar ook een ontmoetingsplek bij gekomen. Een plek waar mensen uit het beroepsveld, relaties van Keep an Eye en onze relaties elkaar kunnen opzoeken. Dankzij de samenwerking met de Keep an Eye Foundation heeft het festival zich kunnen ontwikkelen tot een festival van allure, een podium waar jong en creatief talent hun werk aan de buitenwereld laat zien en dat ieder jaar door vele filmliefhebbers én professionals bezocht wordt. de Keep an Eye interviews

• Bart Römer • directeur Nederlandse Filmacademie


63


door Juliëtte de Swarte

Tom Schipper over de eerste Filmscore Award

De Keep an Eye Filmscore Award werd dit jaar voor het eerst uitgereikt. De Award is bedoeld voor de beste componist van één van de eindexamenfilms van Lichting 2018 van de Nederlandse Filmacademie. Tom was de eerste gelukkige die de Award in ontvangst nam.

Het is eindeloos pielen, klooien, sleutelen en weer opnieuw beginnen Dertien was hij, toen Tom Schipper wist dat hij filmcomponist wilde worden. Hij schreef een 10-jarenplan om dat te bereiken. Het plan is voltooid. Nu is hij nét afgestudeerd filmcomponist. Tijdens het Keep an Eye Filmacademie festival won hij ook nog eens de allereerste Keep an Eye Filmscore Award. Het 10-jarenplan is voltooid. En nu? “Sta je daar met dat papiertje. Dat is best een eng moment. Dan ben je opeens filmcomponist. Nou, ga er nu maar je werk van maken. Ik begin nu weer helemaal onderaan de ladder. Op zoek naar assistentenbaantjes bij componisten. Hard werken om het vak zo goed mogelijk onder de knie te krijgen. Beginnen met kleine klussen die uiteindelijk leiden tot steeds grotere klussen, hoop ik.”

de Keep an Eye interviews

• Tom Schipper • eerste winnaar Filmscore Award 2018

64

“You are not a star until they can spell your name in Karachi”

Tom Schipper, componist van filmmuziek


door Juliëtte de Swarte

Toch begint het gelijk goed: je won de allereerste Keep an Eye Filmscore Award. Was je verrast? En, weet je al wat je met de prijs gaat doen? “Ja, absoluut. Ik vond dat al mijn klasgenoten hem wel hadden verdiend. Alle scores waren heel erg verschillend en van een heel erg hoog niveau. Ik stond echt met mijn mond vol tanden mijn bedankwoordje te doen. Ik ga het geld gebruiken om een aantal goede microfoons te kopen. Dan ben je al vrij snel door dat bedrag heen.” Je won de Filmscore Award met de korte film: “The library of things”, een animatiefilm… “Tijdens het maken van deze film heb ik ontdekt dat ik graag de muziek van animatiefilms componeer. Het is fantastisch om vanuit het niets een heel eigen wereld te creëren. Over alles wat je ziet is nagedacht, zelfs een klein propje op de grond. Ik was er vanaf het begin, twee jaar geleden, bij betrokken. We zijn heel lang met de conceptfase bezig geweest. Het uitwerken van het verhaal, alle karakters. In die eerste fase begon ik al met het maken van schetsen voor de muziek.”

Humphrey Bogart

Hoe ga je te werk? Ben je altijd vanaf het begin betrokken bij een film? “Niet altijd. Je moet het samen eens worden over wat je wilt overbrengen. Daarna proberen. Concepten maken. Afgewezen worden. Weer terug naar de tekentafel. Je moet soms veel versies maken tot je op één lijn zit. Het voordeel van fictie is wel dat er al een verhaal is. Bij documentaires bijvoorbeeld moet je soms beginnen met alleen een paar beelden.” Voor The Library of Things schreef je de muziek voor een 55-koppig orkest, de muziek werd opgenomen in Skopje, Macedonia. “Het was een onvergetelijke ervaring: als dertienjarige jongen hoopte ik dat dit óóit zou gebeuren en nu is het gebeurd. Samen met de sounddesigner en de producent vlogen we naar Macedonië. Tijdens de opnames heb je nog geen tijd om er van te genieten. Je moet dan vooral geconcentreerd luisteren, meedenken, en aanwijzingen kunnen geven. Uiteindelijk had ik 5 minuten over en kon ik zelf nog even dirigeren. Dat was geweldig”

Toch vindt hij het spannend: Dan ben je opeens filmcomponist, ga er nu maar je werk van maken

de Keep an Eye interviews

• Tom Schipper • eerste winnaar Filmscore Award 2018

65


door Juliëtte de Swarte

Als er nog geen noot op papier staat en je moet aan de slag, hoe lastig is dat? “Het lege blad is doodeng, dat is altijd doodeng, en dat zal het wel altijd blijven. In het begin heb je niks en op een bepaald moment staat de muziek er. En wat daartussen gebeurt, daar is lastig de vinger op te leggen. Er zijn wel aanknopingspunten: het verhaal, welke sfeer wil je overbrengen, de karakters. Maar dan moet je gewoon beginnen. Het is eindeloos pielen, klooien, sleutelen, en weer opnieuw beginnen. Een mix van gepuzzel, inspiratie en improvisatie. Maar hoe het er uiteindelijk komt blijft een raadsel. Bij een opdracht vragen ze me vaak: hoeveel uur denk je dat je bezig bent. Ik weet dat eigenlijk nooit van tevoren. Een deadline helpt wel. Als het af moet zijn, is het af.” Filmcomponist Fons Merkies zei ooit: “Als filmcomponist moet je waarschijnlijk meer van film houden dan van muziek.” “Ik snap wat hij bedoelt. Als componist draag je je steentje bij aan de film. De afgelopen tijd heb ik geleerd wat dat betekent. Ik heb eerst klassieke muziek gestudeerd en me daarna gespecialiseerd in filmmuziek. Op het conservatorium schrijf je een stuk puur om de muziek. Nu moest ik leren om de muziek ondergeschikt te maken aan de film. Dat betekent dat de muziek moet doen wat de film nodig heeft. Soms zijn dat twee noten. Een andere film heeft een heel orkest nodig. Of helemaal geen muziek.” Een film zonder muziek, maar dan vragen ze jou toch niet?  “Ik heb eens muziek gemaakt voor een film waarbij er uiteindelijk helemaal geen muziek was. De muziek werkte alleen als begeleiding bij het maakproces. Het gaf richting en ritme aan de editor en de sounddesigner. De muziek heeft dan een bijdrage geleverd aan de film maar de kijker zal dit niet merken. Het is misschien wel de meest pure vorm van je ondergeschikt maken.” Junkie XL, componist in Hollywood zei: als je muziek kunt herinneren is er waarschijnlijk iets mis met de film.  “Ik snap wat ie bedoelt maar ik zou eerder zeggen: als je van de film genoten hebt maar de muziek niet hebt opgemerkt dan heeft de muziek z’n werk gedaan. Het gaat niet om de muziek, het gaat om de film. Ik vraag achteraf altijd aan familie en vrienden wat ze van de film vonden. Meestal verontschuldigen ze zich: ‘Oh ik heb niet op de muziek gelet. Dat is een goed teken.” de Keep an Eye interviews

• Tom Schipper • eerste winnaar Filmscore Award 2018

66


door Juliëtte de Swarte

Junkie XL zei ook: “Ik kijk wat er mist in een film. Als scenes heel emotioneel of heel benauwend zijn maar de acteerprestaties dat niet overbrengen, dan kan muziek zoiets oplossen.” “Ik geloof niet dat muziek foutjes kan wegpoetsen. Als een bepaald gevoel er niet is, kun je dat niet met muziek creëren. Je kunt met muziek wel tussen de lijntjes communiceren. Er wordt dit gezegd, maar hij bedoelt dit.” Wat is voor jou het grootste compliment?  “Wanneer iemand echt geraakt is door de film. Als ik daar met mijn muziek aan heb kunnen bijdragen, dan is het het allemaal waard geweest.”

de Keep an Eye interviews

• Tom Schipper • eerste winnaar Filmscore Award 2018

67


door JuliĂŤtte de Swarte

Fotografie

de Keep an Eye interviews

68


door Juliëtte de Swarte

“Als documentaire-fotograaf ben ik altijd te laat.” Feiko Koster, curator FotoFestival Naarden

“Als documentaire fotograaf ben ik altijd te laat. Ik ga er eerst van genieten, dan pas pak ik mijn camera”. Eens in de 2 jaar is Naarden-Vesting één grote expositieruimte met foto's door de hele stad, de Grote Kerk Naarden, de catacomben in de vestingwallen. Kortom overal.

In Galerie Pouloeuff is de expo ‘Face Life' te zien, onderdeel van het Festival-OFF. Curator van het FotoFestival Naarden Feiko Koster vertelt.. 20 mei gaat het Fotofestival van Naarden van start, je zult het vast druk hebben? “Ja er moet nog veel geregeld worden. Belt een fotograaf: ‘Ik zou 3 juni wat zeggen maar dan moet ik naar Perzië.’ Zo verandert steeds weer iets. Het festival is namelijk veel meer dan de tentoonstelling.” Wat kunnen we nog meer verwachten? “Jazzoptredens, Phototalks van internationale fotografen. Discussies tussen oude knarren en jonge honden uit het vak. Er is een heel programma” Het thema is: Right here, right now. Jullie zijn al een jaar bezig met voorbereiden, dan moet je een glazen bol hebben om te weten wat er nu gebeurt… “We zijn al na de zomer van vorig jaar bezig met het programma. Toen moesten we inschatten wat nu de actualiteit zou zijn. Van sommige de Keep an Eye interviews

• Feiko Koster • curator bij het FotoFestival Naarden

69


onderwerpen zoals het vluchtelingenprobleem wisten we al: dat speelt over een jaar ook nog.” Een van de vragen die jullie stellen is: Wat doen we als we met adembenemende schoonheid worden geconfronteerd? Leggen we het vast of genieten we van het moment? Wat doe jij? “Ik ben geen documentaire fotograaf dus ik ben altijd te laat haha. Ik ga er eerst van genieten, dan pas pak ik mijn camera. Misschien ook omdat ik wat ouder ben.” Ieder jaar komen er honderden aanmeldingen binnen, waarop selecteren jullie? “We moeten direct gepakt worden door het beeld. Het verhaal mag het beeld alleen maar sterker maken. Prachtige ideeën of verhalen bij foto’s die niet pakkend zijn vallen af.” Zie je, in een tijd dat er meer foto’s dan ooit worden gemaakt, nog wel eens werk dat je nooit eerder hebt gezien? “Ja zeker, ik verbaas me iedere keer weer dat mensen weer iets nieuws bedenken. Alles is al een keer vastgelegd. Maar hóé het is vastgelegd, de invalshoek, is altijd anders.” Wat maakt een goede foto? “Waar dat ‘m zit? Waarom is dat ene liedje wel lekker en het andere niet? Er is geen recept voor. Dat is een gevoel, nét dat rafelrandje.” Als het een gevoel is, dat je niet altijd kunt beredeneren, ben je het dan wel altijd eens met de andere juryleden, jullie zijn met z’n 5-en in totaal... “Dat is een goeie vraag. Van de 400 inzendingen zijn er 20 waar we het allemaal over eens zijn. Daarna begint het echte cureren: fotografen waarbij je ziet: die heeft potentie. Je gaat naar de website en denkt: waarom heeft ie niet dat andere werk ingestuurd. Daarover ga je dan discussiëren. Zijn het lucky shots? Hoe serieus is de fotograaf? Heeft hij de website professioneel aangepakt? Dan komen uiteindelijk de andere 40 fotografen er uitrollen. Met die selectie zijn we zeker driekwart jaar zoet.” Wat maakt dit fotofestival anders dan de andere festivals in Nederland? “Dat het in Naarden-Vesting is maakt het bijzonder. We hebben geen gebouwen maar wel de Grote Kerk, catacomben, de Vesting zelf. Wij kunnen vele verhalen vertellen omdat we zoveel binnen locaties kunnen. de Keep an Eye interviews

• Feiko Koster • curator bij het FotoFestival Naarden

70

“There are two people in every photograph: the photographer and the viewer”

door Juliëtte de Swarte


door Juliëtte de Swarte

En dit festival is heel behapbaar. Tussendoor kun je even op een terrasje zitten, je hoeft niet te rennen om alles te kunnen zien. Je geniet van de omgeving en natuurlijk het Festival-OFF. Sommige fotografen die daar exposeren stromen later door naar het FFN.” Onderdeel van het Festival-OFF dat tegelijk plaatsvindt met het FFN is de tentoonstelling ‘Face Life’ in Galerie Pouloeuff met het fotografische werk van 5 jonge fotografen. Er is ook muziek. De Keep an Eye Foundation organiseert samen met het Conservatorium van Amsterdam verschillende jazzoptredens. Met bekende (Maarten Hogenhuis) en minder bekende namen (Reflets Trio, Lluc Casares). Kun je daar wat over vertellen? “We speelden samen met de Keep an Eye al langer met het idee om muziek en fotografie te combineren. Beelden en muziek kunnen elkaar goed aanvullen. Zoals een van mijn favoriete fotografen Benoit Paillé. Hij reist over de wereld in een camper. Hij leeft improviserend, daar past jazzmuziek bij. Er komt een White Cube in de Grote Kerk waar deze optredens te beluisteren én te zien zijn.”

Ansel Adams

Voor wie is het festival? “Het zijn allemaal beeldliefhebbers: we maken een spagaat tussen de professional en het grote publiek. Mensen die komen om de beelden en verhalen te lezen kijken toch anders dan de profs. Die willen wat anders zien, iets bijzonders, dieper op het onderwerp ingaan. Dit jaar zijn er voor het eerst geen grote publieksnamen maar wel fantastische fotografen. We willen vooral foto’s laten zien die niet op andere festivals te zien zijn. Zo zie ik soms werk waarvan ik denk: Gaaf! En dan: oh die heeft al in Breda gehangen. We willen nieuwe dingen laten zien” Kun je alvast een paar tips geven? Wat mogen we echt niet missen? “Ik heb niet één favoriet. Het meest interessant vind ik fotografen die je een wereld laten zien waarvan we geen weet hebben. Zoals David Chanchellor met de Safari Club: jagers die leven tussen de vele dieren die ze hebben gejaagd. Of Charles Fréger die reisde door Europese landen op zoek naar oude heidense rituelen waarvoor de mensen zich verkleden als beer, geit of stroman. Ik vraag me dan af: waarom deze pakken? Hoe heeft zich dat ontwikkeld? En ook Carla Kogelman kunnen we niet negeren met haar werk van het zwerfhondenprobleem in Curaçao. De overheid doet niets aan het probleem. Mirjam en Gerard wel: zij hebben een huis opgericht voor honden die ziek zijn, gehandicapt of te oud om op straat te wonen. Ogenschijnlijk simpel, maar zij zet het bijzonder goed neer.”

de Keep an Eye interviews

• Feiko Koster • curator bij het FotoFestival Naarden

71


door Juliëtte de Swarte

“Het is het beeld dat telt.” Hans Rooseboom, conservator fotografie Rijksmuseum

“Uiteindelijk is het niet de naam, maar het beeld dat telt” Hij wist al snel dat hij niet het talent had om fotograaf te worden. Hans Rooseboom vertelt. Een ander talent had hij wel: uit duizenden foto’s die éne eruit pikken. Hans Rooseboom presenteerde de Grand Grant Evening van de Fotovakschool, waar de Keep an Eye Fotovakschool Award 2017 werd uitgereikt. “Een fotograaf moet een sterke drang hebben om een verhaal te vertellen.” Jij ziet op een goede dag misschien wel duizend foto’s voorbij komen, ontdek je nog wel eens iets nieuws? “Jazeker. In het Rijksmuseum proberen we de fotografiegeschiedenis zo compleet mogelijk in kaart te brengen. Zelfs als je flink doorwerkt is dat een enorme klus. Foto’s worden pas sinds de jaren 50 verzameld. Van alles wat gefotografeerd is, is maar een klein deel gepubliceerd. We zijn dus eigenlijk nog steeds bezig met een inhaalslag. Maar dat is ook het leuke: geregeld vinden we een doos of een lade waar we van opkijken. Veel van dat werk is van onbekende en anonieme fotografen. Want uiteindelijk is het niet de naam, maar het beeld dat telt.” Noem eens zo’n ontdekking… “Vivian Maier, de fotograferende Nanny die pas na haar dood werd ontdekt als een van de grote straatfotografen van de vorige eeuw. Decennia maakte ze foto’s tijdens haar wandelingen door New York, alleen of met haar oppaskinderen, en opeens wordt dat ontdekt.

de Keep an Eye interviews

• Hans Rooseboom • conservator fotografie Rijksmuseum

72


door Juliëtte de Swarte

Zo wordt de fotogeschiedenis voortdurend herschreven, bijvoorbeeld omdat nog steeds onbekend werk opduikt. In de schilderkunst, is dat zeldzaam.” Wanneer slaan jullie toe, wanneer is een foto goed genoeg voor het Rijksmuseum? “Een paar weken geleden was ik bij Paris Photo: een grote beurs waar iedereen die geïnteresseerd is in fotografie naartoe gaat. Maar er is ook een alternatief circuit, met nog eens 50.000 foto’s. Het aanbod is immens. Uiteindelijk moet je hele scherpe keuzes maken: past het in de collectie? Vertelt de foto een stukje geschiedenis? Hoe is de kwaliteit? Een krasje en een deukje kan voorkomen, maar een foto mag niet te veel beschadigd zijn. Als je zo kijkt zijn veel foto’s het nét niet, dan vallen er veel weer af.” Maar, wat maakt een goede foto? “Tja, wat is goede muziek? Wat is een goed boek? Geef iemand een stapel foto’s en iedereen pakt er iets anders uit. Welke onderwerpen interesseren je? Of is het een goed onderwerp maar saai gefotografeerd, dan is het toch eigenlijk geen goede foto. Wie wil gaan verzamelen geef ik vooral het advies heel veel te zien. Zodat je ontdekt wat zoal is gedaan en wat bij je past. Je moet leren het verschil te zien (te ‘ruiken’) tussen een hele goede foto en eentje die het nét niet is.” Heb je het zelf wel eens geprobeerd, fotograferen? “Ik ben van jongs af aan geïnteresseerd in fotografie maar ik wist dat ik zelf geen talent had om fotograaf te worden. Iedereen kan een foto maken. Maar er is een groot verschil tussen een aardige foto en een hele goede foto. Wie het probeert ontdekt snel hoe lastig het is.” Dus als je er geen oog voor hebt kun je het ook niet ontwikkelen? “Nee, je moet er wel echt talent voor hebben. Je merkt snel of je het in de vingers hebt. Dat talent kun je wel verder ontwikkelen. Je moet snel zijn, overzicht hebben over de compositie, het is echt een ambacht.”

Maar dat is ook het leuke: geregeld vinden we een doos of een lade waar we van opkijken Viel je iets op aan de deze nieuwe lichting fotografen van de Fotovakschool? “Veel van deze fotografen werken in de traditie van de documentaire fotografie. Waarbij ze een onderwerp langere tijd volgen. Niet een plaatje schieten en dan weer weg. Deze fotografen willen een verhaal vertellen, een punt maken. Dat doen ze door middel van beeld. de Keep an Eye interviews

• Hans Rooseboom • conservator fotografie Rijksmuseum

73


door Juliëtte de Swarte

Of het nou veranderingen in een wijk door de Noord-Zuidlijn zijn, dementie, of het bruine café om de hoek.”

Ja, is dat waarom ze zo graag willen fotograferen? “Verhalen vertellen, vastleggen, dat is iets wat mensen altijd willen doen. En fotografie is een heel sterk medium om anderen te informeren. Net als een oorlogsfotograaf of journalist die, ondanks het gevaar voor eigen leven, de overtuiging voelt dat iedereen móét weten wat er gaande is. Zolang steeds weer nieuwe onderwerpen zich aandienen, zullen er mensen zijn die daar verslag van willen doen. Een goede fotograaf weet hoe hij iets moet brengen om dat verhaal te vertellen. Daar kijkt de jury ook naar: laat deze foto duidelijk zien wat de maker ermee bedoelde? Hoe overtuigend is het? Is dit het beste wat hij kan maken en is het voor de kijker een helder beeld?” Zag je ook dat deze fotografen bepaalde dingen nog moeten leren?  “Bij een aantal merk je dat ze moeten leren om te presenteren. Daar moeten ze aan werken maar dat is een kwestie van tijd. Tijdens deze avond kunnen de juryleden daar nog wel doorheen kijken als het werk inhoudelijk goed is. Maar een goede presentatie wordt belangrijker als je als fotograaf bij een opdrachtgever zit.” Jij zorgt er als conservator voor dat mensen goede foto’s ook echt zien, hoe hoop je dat mensen kijken?  “Wij proberen zoveel mogelijk mensen te verleiden om naar mooie foto’s te komen kijken. Maar hoe ze dat doen is natuurlijk helemaal aan henzelf. Sommige mensen lezen ieder tekstbordje. Andere scannen en blijven staan bij iets dat ze intrigeert.

de Keep an Eye interviews

• Hans Rooseboom • conservator fotografie Rijksmuseum

74

“Hoe ouder de foto, hoe jonger we eruit zien”

Je zat niet in de jury, was je het wel met ze eens? “Ik had stiekem gehoopt dat de prijswinnares Judith Helmer zou winnen. Het is een mooie, ontroerende en indringende serie. Deze wedstrijd is natuurlijk anders dan alle andere wedstrijden. Meestal ziet de jury het eindresultaat. Nu zien ze alleen het werk dat de fotografen in het verleden hebben gemaakt en krijgen ze de presentatie over een serie die nog gemaakt moet worden. Dus kijkt een jury naar: hoe overtuigend is het werk dat ze tot nu toe hebben gemaakt? Hoe interessant is de kwaliteit van de foto’s? Hoe wordt het gepresenteerd? Die presentaties laten denk ik goed zien hoe groot de drang van iemand is om de serie te maken. Want dat is iets wat je als fotograaf wel moet hebben: een sterke neiging om een verhaal te vertellen. Iets echt willen vastleggen wat je niet los kunt laten.”


door Juliëtte de Swarte

Het is mooi dat er nu zo veel goede fotografie in Nederland te zien is. 25 jaar geleden moest je echt naar het buitenland voor een goede fotografietentoonstelling. Nu hoef je in Amsterdam alleen maar op de fiets te stappen.”

Johan Anthierens

Heb je tot slot een tip voor de beginnende fotografen? “Ik denk dat ze hun overtuiging moeten volgen. Je moet je zien te onderscheiden, en dat kan alleen als je iets met overtuiging doet. Een open deur, maar wel waar. Ze moeten het gevoel hebben dat wat ze maken gemaakt moét worden. Met overtuiging. Zonder overtuiging geen foto’s.”

de Keep an Eye interviews

• Hans Rooseboom • conservator fotografie Rijksmuseum

75


door Juliëtte de Swarte

Wat maakt een foto dat je er langer naar blijft kijken? 
 Jurylid van de Fotovakschool Grant, Roel Sandvoort

“Veel fotografen zoeken naar spectaculaire onderwerpen. Ze reizen naar verre streken, zoals Buenos Aires. Maar galeriehouder en jurylid van de Keep an Eye Fotovakschool Grant, Roel Sandvoort is vooral benieuwd naar wat er om de hoek gebeurt. Wat maakt een foto dat je er langer naar blijft kijken? “Dat zal voor iedereen verschillen maar voor mij geldt dat er iets te raden moet zijn. Het verhaal moet zich niet direct onthullen, het moet een appèl doen op je fantasie. Je kunt een mooi fotoboek kopen en binnen 5 minuten ‘uithebben’. Maar er zijn ook beelden waar je naar moet blijven kijken. Elke keer kun je er weer iets nieuws bij bedenken. Dat zijn de foto’s die je langer om je heen kunt hebben.” Beschrijf eens zo’n beeld dat blijft intrigeren… “Dat is dat jongetje met een cello op z’n rug. Een foto van Eva Besnyö die veel mensen kennen. Het is een portret, maar op de rug gefotografeerd, je weet niet hoe dat jongetje eruit ziet. Je kunt je er dus van alles bij voorstellen. Van datzelfde jongetje is ook een foto dat hij met vriendjes aan het spelen is. Een veel minder interessant beeld want je kunt er geen invulling aan geven. In de galerie heb ik nu een foto van Peter Gerritsen. Je ziet een meisje dat een boek leest. Ze staat met haar rug naar je toe. Veel mensen blijven er even bij stil staan. Peter vertelt niets over de foto. Geen titel, niet waar het is. Het beeld openbaart zich niet direct,

de Keep an Eye interviews

• Roel Sandvoort • galeriehouder en jurylid Fotovakschool Grant 2016

76


door Juliëtte de Swarte

dus iedereen kan erbij fantaseren wat hij wil. Waar staat dat meisje op te wachten? Wat doet ze daar?”

Wel het oog, maar niet de techniek én omgekeerd Sommige fotografen hebben het oog maar niet de techniek. Anderen hebben de techniek maar niet het oog, kun je iemand leren op een bepaalde manier te kijken? “Het leuke van fotografie is dat in één beeld meerdere dingen kunnen gebeuren. Ik ken voorbeelden van echt goede fotografen die intuïtief weten dat bepaalde dingen bij elkaar komen. Het oog kun je absoluut ontwikkelen. Wat de fotograaf je wil laten zien, wat hem ertoe bracht die éne foto te maken, is vandaag de dag wel minder goed te achterhalen. Dat komt door de digitale techniek. Die ene goede foto wordt bewaard en de rest wordt weggegooid. Hierdoor zie je minder hoe fotografen te werk zijn gegaan. Een bekende fotograaf, Koen Wessing, maakte eerst zijn allerbeste foto, daarna een paar slechte en veel later pas weer een goede.” Je heb fotografen die heel veel schieten en die heel lang wachten op dat éne juiste moment…  “Tijdens een Kabinetsformatie in, ik geloof de jaren 80, werd het hele proces op de voet gevolgd door de pers. Er was een fotograaf die met één foto het hele verhaal wilde pakken. Dagen, weken volgde hij de onderhandelaars op de voet. Steeds had hij nét niet dat goede moment te pakken. Na een tijdje wist hij precies waar, in welke hoek, hij moest staan. Die fotograaf wist: ze komen straks weer binnen en dan gaan ze handen schudden. Dan moet ik die ene seconde, precies in die ene hoek staan. Zo kon hij die perfecte foto schieten. Zo kon hij zonder het te ensceneren de waarheid naar zijn hand zetten omdat hij wist wat er ging gebeuren.” Waarom is de Keep an Eye Fotovakschool Grant zo belangrijk voor beginnende fotografen?  “Het is heel fijn dat je een budget hebt waar je enige tijd van kan leven. Zodat je geen ander werk hoeft te doen om je gas en licht te betalen. Veel fotografen moeten sappelen om aan geld te komen of in opdracht werken om voldoende te verdienen. Met de prijs heb je een buffer zodat je je voor meer dan 100% op het onderwerp kan storten.”

Miljarden foto's per dag, het merendeel kiekjes ...

de Keep an Eye interviews

• Roel Sandvoort • galeriehouder en jurylid Fotovakschool Grant 2016

77


door Juliëtte de Swarte

Er zijn en worden heel veel foto’s gemaakt. Kom je nog werk tegen waarvan je denkt.. Ja dat is echt helemaal nieuw? 
 “Ja absoluut. Het aardige van het medium is dat je alle kanten op kan. Er worden miljarden foto’s per dag gemaakt maar het gros zijn kiekjes. Toch komen fotografen iedere dag met ideeën die nog niet eerder gedaan zijn. Een voorbeeld: Mischa Keijser, een bekende fotograaf is altijd bezig geweest met water en de zee. Nu kwam hij op het idee: ik wil dat water in. Dus wetsuit aan, camera ingepakt, assistent mee de zee in. Ik kan me niet herinneren dat ik de zee ooit op deze manier gezien heb. Het is zo’n simpel onderwerp. Maar zoals hij het water heeft gefotografeerd is volgens mij nog nooit gedaan. Natuurlijk zie ik later vast dat het ergens op de wereld ook gedaan is, die kans is natuurlijk groot. Toch is het altijd net even anders.”  Hoe ga je 8 november de foto’s van de pas afgestuurde fotografen beoordelen? 
 “Ik heb een dikke stapel met voorstellen gekregen. Wat ik belangrijk vind is dat ik overtuigd moet zijn dat de fotograaf het plan écht kan uitvoeren. Ik wil weten hoe hij dat voor elkaar krijgt. En het moet iets zijn wat er nog niet is. Ik zie veel fotografen die kiezen voor iets spectaculairs of iets dat makkelijk benaderbaar is. Wat gaan ze dan doen? Dan gaan ze bijvoorbeeld naar de kermis. Of naar Buenos Aires, want dat is ver weg, dat levert veel spannende foto’s op. Denken ze. Maar ik ben vooral benieuwd naar wat er bij die fotografen om de hoek gebeurt. Dat is lastig want dat betekent dat je veel tijd moet steken in vertrouwen winnen en contacten moet kunnen leggen. Er moet veel gebeuren voor je eindelijk die camera kunt oppakken. Ik woon op IJburg. Toen de wijk een jaar of 12 geleden ontstond waren er van begin af aan veel kleine kinderen. Nu zijn we inmiddels een decennium verder. Die kinderen zijn jongeren geworden. Fotograaf Jaap van den Beukel heeft ze gefotografeerd in hun buurt. Het is heel voor de hand liggend – gewoon over jongeren, vandaag de dag, niks ingewikkelds. Maar het levert een interessante inkijk in een stukje van de wereld.”

de Keep an Eye interviews

• Roel Sandvoort • galeriehouder en jurylid Fotovakschool Grant 2016

78


door Juliëtte de Swarte

Design

DIVERSE ONLINE REACTIES 
 
 SANDER MANSE/DAE •    JENS DYVIK/DAE • Vijf jaar na het winnen van een Keep an Eye Grant

de Keep an Eye interviews

79


door Juliëtte de Swarte

Ik had echt een hele leuke job, ging fluitend naar m’n werk Pim van Baarsen, winnaar Keep an Eye Design Talent Grant 2017

'Als je een heel ziekenhuis met jouw producten ziet denk je… we hebben toch iets goeds gedaan.' Door het winnen van de Keep an Eye Design Grant in 2017 kon Pim van Baarsen zijn baan opzeggen en Super Local weer oppakken. “Ik had een echt een hele leuke job, ging fluitend naar m’n werk, maar was echt heel blij om weer om door te gaan met Super Local.” Super Local was je begonnen omdat je ontevreden was over je werk… “Het idee voor Super Local ontstond samen met Luc van Hoeckel uit frustratie. We zaten samen op de Academy en merkten dat we als designstudenten vooral nieuwe ‘problemen’ aan het creëren waren om die dan vervolgens met design op te lossen. Meer tafels, meer lampen, meer stoelen. Nog meer spullen waar er al zoveel van zijn en waarvan we er eigenlijk niet nog meer nodig hebben. In Nederland kunnen we ons allemaal design veroorloven. De Leen Bakkers en Ikea’s meegerekend. Maar in andere delen van de wereld is design voor slechts een heel klein groepje beschikbaar, zo’n 10%. Wij designers richten ons met z’n allen dus op dat piepkleine taartpuntje. Terwijl die andere 90% ook behoefte heeft aan slimme oplossingen. Toen zijn we op onderzoek uitgegaan: hoe kunnen we die grote groep bereiken?”

de Keep an Eye interviews

• Pim van Baarsen • winnaar Design Talent Grant 2017

80


door Juliëtte de Swarte

Jullie maken producten op plekken in de wereld waar die het hardst nodig zijn. Van ziekenhuisapparatuur tot speeltoestellen… “Voor een stage in Malawi kregen we de opdracht om een collectie speeltuinartikelen te ontwerpen. Malawi heeft een groeiende middenklasse. Er komen steeds meer scholen en restaurants en daar horen natuurlijk speeltuinen bij. Maar Malawi is volledig ingesloten door andere landen en heeft weinig eigen industrie, dus alles moet geïmporteerd worden. Dat is heel duur en tegelijk is het met de kwaliteit heel treurig gesteld. De lokaal gemaakte toestellen vallen uit elkaar of zijn niet gebruiksvriendelijk. Een glijbaan met een bijna haakse hoek bijvoorbeeld. We zoeken altijd lokaal naar oplossingen. Welke beschikbare materialen zijn er in de omgeving? Oude auto onderdelen bleken overal voorhanden te zijn. En ze zijn bovendien oersterk. Dus zijn de speeltoestellen bijna helemaal gemaakt van oude auto onderdelen.” Hoe zorg je ervoor dat alles doorloopt, als jullie weer naar huis gaan? “We proberen onszelf uiteindelijk misbaar te maken zodat ze zelf hun boontjes kunnen doppen. We hebben de ambachtsmensen daar vanaf het begin betrokken bij het maakproces. Daardoor waren ze extra gedreven en enthousiast. Om te voorkomen dat alles stil zou komen te liggen zodra we vertrokken hebben we alle technische tekeningen en productiemallen overgedragen. Sindsdien hebben ze vele opdrachten gekregen.” Hoe vinden jullie nieuwe projecten? “Vaak gaat dat heel natuurlijk. De ene opdracht leidt tot een volgende. Zo waren we in Nepal, Kathmandu voor een project en viel het ons op dat er overal afval lag. Waar, in onze ogen, veel bruikbaar materiaal tussen zat. We zijn toen ons eerste project op eigen initiatief gestart: Holy Crap. De mensen daar konden met afval scheiden punten verdienen. Met die punten kregen ze beltegoed, producten of kortingen bij winkels. Het bleek wel moeilijk om dingen voor elkaar te krijgen zonder duidelijke opdrachtgever die je wegwijs kan maken en je bij de juiste personen kan introduceren. De afvalverwerker wilde vooral geld verdienen. Wij wilden laten zien dat je kunt recyclen én tegelijk geld kunt verdienen. Het was een heel ambitieus plan, maar wel gebaseerd op de mogelijkheden die we in dat land zagen. Toen er in diezelfde tijd een aardbeving was hadden ze uiteraard andere prioriteiten.”

We proberen onszelf uiteindelijk misbaar te maken zodat ze zelf hun boontjes kunnen doppen

de Keep an Eye interviews

• Pim van Baarsen • winnaar Design Talent Grant 2017

81


door Juliëtte de Swarte

Zijn er in Nederland ook problemen die jullie zouden willen oplossen? “We hebben geprobeerd voet aan de grond te krijgen in Nederland, maar het is vaak heel moeilijk om door de bureaucratie en wetgeving heen te breken. Gek genoeg staat Malawi ook als bureaucratisch bekend maar daar ging het toch makkelijker.” Iets heel anders, jullie hebben ook ziekenhuisapparatuur ontworpen.  “Tijdens een project werden we gevraagd ziekenhuis equipment te ontwerpen. Denk aan de bedden, maar ook chirurgische tafels of een infuusstandaard. Voor ziekenhuis-artikelen moet de kwaliteit natuurlijk echt goed zijn. In veel ziekenhuizen staat apparatuur die uit de jaren zestig komt en vaak niet meer werkt. Of nieuwere apparatuur die niet meer werkt. De grotere ziekenhuizen krijgen vaak donaties uit landen als Amerika. Dat is op zich positief maar vaak is die equipment te complex. Zoals een bed met een accu zodat deze in verschillende standen kan worden gezet. Dat is natuurlijk handig maar als zo’n bed kapot gaat zijn er geen reserveonderdelen. Of de accu is opeens weg omdat iemand nog een accu voor zijn brommer nodig had. Vaak worden de producten ook nog eens in China en India gemaakt en zijn ze soms goed maar vaak van erbarmelijke kwaliteit. Dus zie je achter elk ziekenhuis een soort kerkhof van apparatuur ontstaan.”

Het zijn hele degelijke producten geworden. Dankzij jullie worden de apparaten nu lokaal gemaakt en zijn ze van stevige kwaliteit.. “We zijn in overleg gegaan met de experts van het ziekenhuis en hebben gevraagd wat het hardst nodig is. Zoals een infuusstandaard, moet die in hoogte verstelbaar zijn? Ja, dat is wel belangrijk. Moet ie ook verrijdbaar zijn? Soms wel, soms niet. Maar een ziekenhuisbed hoeft niet in vele standen te kunnen. Als de rug omhoog kan is dat al mooi mee genomen. Sommige mensen zeggen het lijkt wel jaren 70 meubilair. Dat klopt ook wel. Hoe simpeler, hoe beter. Want dan gaat het minder snel kapot.”

de Keep an Eye interviews

• Pim van Baarsen • winnaar Design Talent Grant 2017

82

“Simple is good ……..”

Hoe weten jullie waar het meeste behoefte aan is? “Je begint met onderzoeken. Je moet er echt zijn om te weten wat er nodig is. Ik geloof niet dat je als ontwerper vanachter je bureautje iets kunt bedenken voor een crisissituatie. En zelfs als je veel vragen stelt kom je niet alles te weten. Want als iets voor mensen vanzelfsprekend is zullen ze het niet snel benoemen. Zo waren bijvoorbeeld veel bedden omgebogen. Dat komt doordat hele families op het gaan bed zitten waardoor bedframes doorzakken. De bedden zijn nu gemaakt van extra dikke metalen kokers.”


door Juliëtte de Swarte

De producten worden ook allemaal in Malawi gemaakt, niet in China… “Als het lokaal gemaakt wordt levert het werkgelegenheid op en simuleert het de economie. En als de mensen daar weten hoe het gemaakt wordt, weten ze ook hoe ze het kunnen repareren. Het coole is dat onze partner Sakaramenta zo veel vertrouwen in de producten heeft dat ze zelfs garantie geven. Dat is vrij uitzonderlijk in Malawi. Het betekende ook dat ze aantal producten weer hebben terug gekregen maar dat is juist leerzaam.”

Ik heb dankzij de Keep an Eye Grant het vertrouwen gekregen om mijn baan op te zeggen Op een gegeven moment hebben jullie een baan aangenomen om de huur te betalen. Hoe combineren jullie Super Local nu met die andere baan? “Ik heb dankzij de Keep an Eye Grant het vertrouwen gekregen om mijn baan op te zeggen. Ik had een echt een hele leuke job, ging fluitend naar m’n werk, maar was echt heel blij om weer om door te gaan met Super Local. Dus sinds februari ben ik weer fulltime met Super Local bezig. Met meerdere projecten. Volgende week ga ik naar Rwanda. We gaan in opdracht werken van een grote jongen met lokale ambachtsmensen en technieken. Het wordt een groot project dus als het goed gaat ben ik daar zeker een jaar mee bezig.”

Jim Henson

Voor jullie is ontwerpen problemen oplossen? “Ze kunnen in de landen daar heel veel. Op zo’n werkplaats kunnen ze bijvoorbeeld goed lassen, maar komen ze niet op het idee om een bed op een bepaalde manier te maken. Door kennis en kunde uit te wisselen komen we tot oplossingen. Tegelijk zijn ze door minder mogelijkheden heel vindingrijk en creatief. Ze kennen allerlei slimmigheidjes om met het minimale dingen voor elkaar te krijgen. In Nederland zijn de mogelijkheden om producten te maken eindeloos. Zo veel, dat ik er bijna van dichtsla.” Op welk project ben je het meest trots?  “De ziekenhuisapparatuur in Malawi. Met minimale middelen hebben we een hele collectie ontworpen. En het loopt echt. Zo was er net een order voor een kinderafdeling van het Queen Elizabeth ziekenhuis dat weer gesponseerd wordt door Madonna. Als je een heel ziekenhuis met jouw producten ziet denk je… we hebben toch iets goeds gedaan.”

de Keep an Eye interviews

• Pim van Baarsen • winnaar Design Talent Grant 2017

83


door Juliëtte de Swarte

Keep an Eye onderwijsproject Tessa Blokland, Design Academy Eindhoven

Een gloednieuwe trofee voor de Keep an Eye Foundation. Waar begin je als je van scratch af aan een geheel nieuwe award moet ontwerpen? Tweedejaars Design Acadamy studenten kregen carte blanche en ontwierpen een geheel nieuwe trofee voor de Keep an Eye Foundation. Tessa Blokland van de Design Academie Eindhoven vertelt: “Er werd ook een uitstapje naar een trofeeënfabriek gemaakt” Wanneer heb je een echte trofee in handen? 
 “Een trofee is een symbool van overwinning, het laat zien dat je de beste bent. Een trofee vertelt ook een verhaal. Daarin ligt ook onze kracht verhalen bedenken en daar vorm aan geven. Dit is bij de nieuwe award goed gelukt. Nog mooier is het als een trofee een icoon wordt, zoals de Oscars of het Gouden Kalf.” Geen eenvoudige opgave, een nieuwe trofee ontwerpen… 
 “Er ging een uitvoerige onderzoeksperiode aan vooraf. De studenten hadden veel vragen: Wat is een trofee? Waar staat het voor en waar moet ‘t aan voldoen? Daar hoorde ook een bezoek aan iFabrica (een gigantische werkplaats voor metaal-, hout- en textielbewerking) en een uitstapje naar een trofeeënfabriek bij. En de studenten zijn ook bij een uitreiking van de Keep an Eye Foundation geweest.” Verhalen bedenken en daar vorm aan geven, daarin ligt onze kracht.” En toen, het productieproces… 
 “De studenten kregen eigenlijk alle vrijheid. Er waren wel een paar voorwaarden; de trofee moest handzaam zijn, niet te zwaar en er was een grens voor de productiekosten.

de Keep an Eye interviews

• Tessa Blokland • coördinator Design Grant bij Design Academy Eindhoven

84


door Juliëtte de Swarte

Materiaalstudie was een belangrijk onderdeel van het proces. Want je kunt natuurlijk een fantastisch concept bedenken, het moet wel uitvoerbaar zijn en… het oog wil ook wat!” Het winnende ontwerp is een katapult en je kunt ‘m nog afschieten ook… 
 “Ha pas op dat het ei niet tegen iemands hoofd schiet! De katapult representeert precies waar de Keep an Eye Foundation voor staat: kunstenaars, ontwerpers, muzikanten de kans geven hun talent de wereld in te katapulteren, maar ze moeten het uiteindelijk wel zelf doen.” Het is een aardig zware trofee, je moet hem niet op je tenen laten vallen…
 “Een trofee moet letterlijk ‘van gewicht zijn’, indruk maken. De katapult is gemaakt van natuurlijke materialen: o.a. hout en zeepsteen. Je ziet dat de prijswinnaar iets zwaars in handen heeft. En het staat, zoals een echte prijs betaamt, op een sokkel of in dit geval een trap. Net zo herkenbaar als het Oscarbeeldje of gouden kalf.” Was het een lastige opdracht voor studenten? 
 “Ze leerden voor het eerst in opdracht werken. Dat was voor sommige studenten in het begin wennen. Het was een hele goede oefening voor wanneer ze in de echte wereld aan de slag gaan.” Welke trofeeën zijn niet nummer 1 geworden?
 “We hadden uiteindelijk een selectie van 5 awards. Stuk voor stuk originele ideeën. Zoals een Daruma, een Japanse pop die staat voor de doelen die je in je leven wilt bereiken. Een Daruma heeft een oog dat staat voor je doel, het andere oog mag je er pas opplakken als je doel bereikt is. Een mooi symbool, maar je moet het wel het verhaal erachter kennen om te weten waar het voor staat. Bij de winnende award ziet iedereen meteen waar het om gaat” Wanneer verschijnt de nieuwe trofee voor het eerst op het grote podium? 
 “We gaan nu op zoek naar iemand die de katapult kan produceren. We zullen in de toekomst immers veel eieren moeten wegschieten.”

de Keep an Eye interviews

• Tessa Blokland • coördinator Design Grant bij Design Academy Eindhoven

85


"Je moet in het begin zoveel tegelijk doen." Marije Vogelzang, hoofd 'Food Non Food' van de DAE

Marije Vogelzang is de eerste eating designer ter wereld, hoofd van de afdeling Food Non Food aan de Design Academy Eindhoven én ze was jurylid tijdens de Keep an Eye Design Talent Grant 2016. Ze vond het een van de leukste dingen om te doen: €10.000 geven aan pas afgestudeerde ontwerpers. Marije Vogelzang is de eerste eating designer ter wereld, hoofd van de afdeling Food Non Food aan de Design Academy Eindhoven én ze was jurylid tijdens de Keep an Eye Design Talent Grant 2016. “Als je intuïtief keuzes maakt komt het vaak goed.” De Keep an Eye Design Talent Grant ging vorig jaar voor het eerst naar ontwerpers die al een jaar afgestudeerd waren. Denk je dat de prijs belangrijk is voor pas afgestudeerde designers? 
 “Ik vond het ontzettend leuk om de prijs aan de jonge designers te mogen geven. Deze ontwerpers waren al een jaar afgestudeerd en met de Grant krijgen ze geld voor de verdere ontwikkeling van hun afstudeerproject. Precies op het goede moment. Want het jaar na hun afstuderen is het vaak nog heel druk en krijgen ze veel persaandacht. Maar daarna vallen ze al snel in een gat. De prijs komt op het moment dat ze het hardst nodig hebben.” Waarom is het voor jonge ontwerpers zo lastig in het begin? 
 “Je moet in het begin zoveel tegelijk doen. Je project verder ontwikkelen, in de praktijk neerzetten, opdrachten krijgen, een netwerk opbouwen en ook nog een zakelijke kant ontwikkelen. de Keep an Eye interviews

• Marije Vogelzang • jurylid tijdens de Keep an Eye Design Talent Grant 2016

86

“Ontwerpen bestaat erin de moeilijkheden bij de uitvoering te voorkomen.”

door Juliëtte de Swarte


door Juliëtte de Swarte

En je moet jezelf kenbaar maken. Bij wie moet je bijvoorbeeld zijn voor financiering van je project? Dat soort dingen leer je maar beperkt op de Academie. Je kunt natuurlijk wel een baantje erbij nemen. Maar daar kun je hooguit jezelf mee onderhouden. Je kunt er geen grote machine van kopen.” Vier ontwerpers gingen naar huis met de prijs onder de arm. Hoe hebben jullie geselecteerd? 
 “Op social engagement, innovatie en in hoeverre het project kans van slagen heeft buiten de designwereld. Zoals de bacterielamp van Teresa van Dongen, van bacteriën die LED-lampjes kunnen laten branden. De lamp is overal ter wereld geëxposeerd. Haar ambitie is dat we over 3 jaar allemaal zo’n lampje naast ons bed hebben. En niet alleen als een leuk lampje naast je bed. Het is echt een poëtisch project waardoor we weer anders naar licht kijken.” Is er een verschil tussen studenten van nu dan toen jij nog op de Academie zat? 
 “Toen ik afstudeerde moest je echt afstuderen met een fysiek ontwerp. Conceptuele projecten kwamen toen net op, maar dat was meer om het concept zelf. Het ging nog niet zo zeer om het effect in de wereld. Op de afdeling Food Non Food wil bijna iedereen de wereld redden. Ze zijn soms heel extreem in de zin dat ze zelfs helemaal geen producten meer willen ontwerpen want daarvan zijn er al zo veel.”

Vauvenargues

Je noemt jezelf een eating designer, kun je vertellen wat je doet? 
 “Ik werk als ontwerper vanuit het werkwoord ‘eten’ Ik laat me bijvoorbeeld inspireren door de maatschappelijke impact van voedselproductie. Ik kijk naar eetcultuur en rituelen en verwerk zintuigelijke ervaringen in mijn werk. Wat ik vooral doe is mensen op een andere manier laten kijken naar iets wat ze heel normaal vinden. Zoals bijvoorbeeld water.”  Wat voor studenten komen er van de Food Department? 
 “We willen studenten afleveren die heel sterk vanuit zichzelf acteren. Dat ze vanuit zichzelf aan de slag gaan en niet omdat ze een opdracht hebben gekregen. Ze hebben een brede kennis van de voedselketen, van de zintuigelijke kracht van voedsel en van de politieke en sociaal economische impact van voedsel. Ze kunnen zich bijvoorbeeld bezig houden met hoe je kinderen meer groenten kunt laten eten. Hoe lelijke groenten meer lokaal geaccepteerd worden. Of het maken van biogas waardoor de afvalstromen in de stad veranderen.” 

de Keep an Eye interviews

• Marije Vogelzang • jurylid tijdens de Keep an Eye Design Talent Grant 2016

87


door Juliëtte de Swarte

Waarschijnlijk kunnen we op dat gebied vooral van andere landen leren? 
 “Door globalisering eten ze nu zelfs in Italië fastfood. Maar het mooie aan cultuur is.. het verandert continue. Denk je dat aardappelen heel Hollands zijn? Die komen uit Peru. Tegelijk is er op het gebied van eten ook veel positief veranderd. Vroeger had je een paar fijnproevers en daar moest je een beetje om grinniken. Nu zijn veel meer mensen heel bewust met eten bezig. Het mooie is dat je als ontwerper dat je die cultuur kunt beïnvloeden.”  Waren jullie het als jury snel met elkaar eens? 
 “Eigenlijk meteen, maar dat hoeft niet altijd. We waren direct overtuigd van de watertegels van Fien Dekker waardoor regenwater makkelijker wegsijpelt. Een sprankelend idee en ze had het ook nog eens heel professioneel aangepakt. Zo had ze al met aantal betonbedrijven gewerkt. Bovendien staat het idee niet los op zichzelf maar staat het symbool voor een grotere visie: wat kun je met water en niet wat kun je met tegels?”  Heb je een goede tip voor studenten die aan het begin van hun design carrière staan? 
 “Ik leer ze kwaliteit ontdekken door op hun op onderbuik te vertrouwen. Stel je hebt keuze uit een aantal composities, kies dan intuïtief wat het beste lijkt. Ik werk zelf ook altijd vanuit dat gevoel. En dat kun je ontwikkelen. Probeer het een paar keer en je ontdekt dat het werkt.”

de Keep an Eye interviews

• Marije Vogelzang • jurylid tijdens de Keep an Eye Design Talent Grant 2016

88


door JuliĂŤtte de Swarte

Mode

de Keep an Eye interviews

89


door Juliëtte de Swarte

Over de catwalk, de muziek, de modellen, het feest… Jurgi Persoons, hoofddocent mode aan de KABK

Het lijkt één en al glamour, het vak van modeontwerper… "Voor de wereld er om heen lijkt dat misschien zo. Als je het vak van dichtbij bekijkt is het alles behalve glamour.” De vakantie zit er op voor Jurgi Persoons. Hij voelt zich opgeladen en vol nieuwe energie. Maar z’n agenda begint al vol te stromen. “Je moet in dit vak heel veel talent, moed, energie en ook gewoon geluk hebben.” Sinds twee jaar wordt de KABK Fashion Show in samenwerking met de Keep an Eye Foundation georganiseerd. De catwalk, de muziek, de modellen, het feest… Het lijkt één en al glamour, het vak van modeontwerper… 
 “Voor de buitenwereld lijkt dat misschien zo. Als je het vak van dichtbij bekijkt is het alles behalve glamour. Zo’n modeshow is slechts een momentopname. Het duurt ongeveer 5 minuten. Maar daarvoor ben je uren, dagen, nachten bezig in je atelier. Na de show begint de showroom, de verkoopperiode. Dat is elke keer weer afwachten. Hoe het wordt de collectie ontvangen? Wordt er goed verkocht? Als dat voorbij is ga je weer opnieuw bedenken: hoe ga ik het publiek de volgende keer verrassen en welk vervolg zal ik brengen?”

de Keep an Eye interviews

• Jurgi Persoons • hoofddocent mode aan de KABK


90


door Juliëtte de Swarte

Dus als de show voorbij is, begin je vrijwel gelijk daarna weer met de volgende collectie? 
 “De druk is enorm en het tempo hoog, ook al heb je een groot team om je heen. Elk half jaar moet er weer een volledig nieuwe collectie zijn. Voor designers die vrouwen- én mannencollecties maken is dat 4 keer in het jaar. En voor ontwerpers bij de grote merken is dat 6 keer per jaar. Zij moeten ook tussencollecties maken. Dit ritme vraagt heel veel van je. Maar het is ook een prachtig beroep. Het geeft enorm veel voldoening. Het realiseren, het samenwerken, de bijzondere mensen die je ontmoet. Dat maak je een in gewoon mensenleven zelden mee.”

Durf op langere termijn te kijken. Het is in het begin niet evident om in de modewereld een carrière voor je te zien, om iets op te bouwen. Je gaf eerder les in Chicago en Berlijn, zie je veel verschil met de studenten in Den Haag? “Als ik naar de studenten kijk is er nauwelijks onderscheid. Ik zie wel een generatieverschil tegenover vroeger. Deze nieuwe generatie overstijgt grenzen. Ze zijn enorm internationaal gericht en dat zal alleen maar sterker worden. Ze reizen de hele wereld over en komen in contact met buitenlandse studenten. Als ik het vergelijk met mijn eigen generatie waren wij veel beperkter in ons blikveld op de wereld. Zeker ook de informatie via internet en social media hebben de wereld heel klein gemaakt.” Dat zagen we bij de laatste show. Er kwam van alles voorbij. Geen onderwerp werd geschuwd...  “Deze studenten zijn enorm geëngageerd en hebben een open blik. Zowel mode als textiel ontwerpers zijn geïnteresseerd in een zekere problematiek - wat is nú aan de orde. Mode is eigenlijk pas relevant als het een vraag kan stellen of een accuraat verhaal brengt. Die issues kun je vertalen, je kunt ermee experimenteren. Daar is wel veel moed en durf voor nodig. Zo gingen studenten aan de slag met thema’s als duurzaamheid, multiculturele samenleving, milieuproblematiek en ook psychoanalytische problematiekveel jongeren lijken het nu het moeilijker te hebben dan vroeger.” Als modeontwerper werd je in de jaren 90 geroemd om je avantgardistische vrouwencollecties. Toch is een goede ontwerper niet altijd een goede docent, wat maakt jou een goede docent?  “Goed punt. Als docent sta je in dienst van de kwaliteit van de opleiding en dus zeker ook van de studenten.

de Keep an Eye interviews

• Jurgi Persoons • hoofddocent mode aan de KABK


91


door Juliëtte de Swarte

Je moet daarom heel goed kunnen communiceren, luisteren en anticiperen met een juiste beslissing. En je hebt heel veel geduld nodig. Verder moet je mee kunnen gaan en openstaan voor het verhaal van de student zodat die het maximale uit zichzelf kan halen. En je moet de juiste adviezen geven zonder de student een richting op te duwen die niet de zijne is. ”Word je vaak verrast door studenten? Dat je denkt dat iemand het niet kan en dat hij toch blijkt te kunnen? 
 “Absoluut, elke dag. Als ik zie hoe snel studenten dingen oppikken. Hoe ze ergens verder mee aan de slag gaan. Als ik zie hoe studenten zich evolueren, geeft dat de grootste voldoening.” 

Hoe verschilt de modeopleiding van de KABK met anderen modeopleidingen in NL? “Elke opleiding heeft zijn eigen accenten. Den Haag is heel gedegen en klassiek. Echt gericht op het metier, het vak. Hier krijgen de studenten een heel stevige basis in het bewerken van stoffen, bewerkingen, patronen, de technische kant, professioneel presenteren. Het ontwerp dat je in je hoofd hebt op de meest kwaliteitsvolle manier uitwerken. Dat zijn hele klassieke onderdelen die ze kunnen inzetten in functie van vernieuwing.”  Jullie stomen de studenten klaar voor allerlei functies in de modewereld, waar komen de studenten terecht? “Het gamma is heel breed. Sommige studenten zetten een eigen collectie op. Maar ze kunnen ook perfect functioneren in een commercieel bedrijf of samenwerken in een team. Anderen gaan verder studeren, zich bijvoorbeeld specialiseren of een Master doen. Sommige worden de rechterhand van een ontwerper. Ik probeer ze vooral bij te brengen: be smart and ambitious. Vraag advies. Durf op langere termijn te kijken. Het is in het begin niet evident om in de modewereld een carrière voor je te zien, om iets op te bouwen.”  Wat heb je nodig om een eigen label op te kunnen zetten? 
 “Enorm veel talent. Maar vooral heel veel moed, heel veel energie, je moet enorm veerkrachtig zijn om ook tegenslagen aan te kunnen. Creativiteit vergt moed’, zei Matisse al. En je hebt ook gewoon heel veel geluk nodig om de juiste kansen te krijgen.” 

de Keep an Eye interviews

• Jurgi Persoons • hoofddocent mode aan de KABK


92

“Mode zegt: 'Ik ook.' Stijl : 'Ik alleen.”

Jullie stomen de studenten klaar voor allerlei functies in de modewereld, waar komen de studenten terecht?


door Juliëtte de Swarte

Samuel Goldwyn

Wat is je belangrijkste les aan studenten? 
 “Durven, hard werken, niet bang zijn, samenwerken. Kijk om je heen: er zijn heel veel mensen met heel veel talent die ook voor jou enorm belangrijk kunnen zijn. Word zo snel mogelijk een team. Als ontwerper begint je ontwerpproces in eerste instantie misschien alleen, maar dan komen er steeds meer mensen bij. Jij neemt aanzet en dan komen pr, marketing mensen, fabrikanten, medewerkers,… en vele andere mensen bij en dan moet je goed kunnen samenwerken met een open en flexibele geest. Dat is inspirerend en motiverend. Dan kan er een wereld voor je open gaan.”

de Keep an Eye interviews

• Jurgi Persoons • hoofddocent mode aan de KABK


93


door Juliëtte de Swarte

"Wie de academie eenmaal heeft overleefd komt meestal in de mode terecht" Marieke Schoenmakers, directeur KABK

Naast Parijs, Londen en New York hebben we er een nieuwe modehoofdstad bij: Den Haag. Met de jaarlijkse expo en het hoogtepunt: de KABK (Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten) Fashion Show in de Elektriciteitsfabriek. Naast Parijs, Londen en New York hebben we er een nieuwe modehoofdstad bij: Den Haag. Met de jaarlijkse expo en het hoogtepunt: de KABK Fashion Show in de Elektriciteitsfabriek in Den Haag. Sinds 3 jaar werken Keep an Eye en de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten samen om de jonge modetalenten nog beter te helpen bij de lancering van hun carrière. Marieke Schoenmakers, directeur van de KABK vertelt: “Echte talenten herken je direct.” In een eerder interview met Keep an Eye zei jullie hoofddocent Jurgi Persoons al: “Om het te maken in de mode heb je enorm veel talent maar vooral heel veel moed, veerkracht en heel veel energie nodig.” Kortom, studenten die kiezen voor de mode kiezen niet voor de makkelijkste weg… “Mode is keihard werken. En er is een enorm afbreukrisico. Je bent zo goed als je laatste collectie. Maar het gaat ook om hard werken, wat geluk, de juiste mensen tegenkomen. de Keep an Eye interviews

• Marieke Schoenmakers • directeur KABK

94


door Juliëtte de Swarte

En naast de creativiteit heb je ook een praktische, zakelijke kant nodig. Of anders iemand die dat voor je regelt. Je moet dus veel competenties in huis hebben. En een enorm goed team om je heen verzamelen. Dat proberen we te stimuleren. Door studenten bijvoorbeeld ook samen te laten werken met studenten van andere afdelingen op de Academie. Zo laten ze hun collecties bijvoorbeeld fotograferen door fotografiestudenten, die zo ook weer hun portfolio uitbreiden.” Met de Fashion Show trekt ieder jaar een nieuwe lichting de wijde modewereld in. Zie jij gelijk wie er ver gaan komen? Of zit je er ook weleens naast? “Lastig. Niet altijd, maar de echte talenten herken je direct. Zoals David Laport, daarvan zagen we meteen dat hij op een ander niveau zit. Als studenten niet geknipt zijn voor het vak zeggen we het wel eerlijk. Met het huidige leensysteem kunnen ze niet meer eeuwig blijven studeren.”

Waarom lunchen met een broodje kaas? Dat zien ze alleen hier. Het blikveld van alle studenten wordt verruimd, de wereld is hun speelveld Iedere modeacademie mag 2 pas afgestudeerde talenten insturen voor de Lichting wedstrijd. Studenten van de KABK wonnen Lichting 2014 en 2015. Sinds 3 jaar wordt de KABK Fashion Show in samenwerking met de Keep an Eye Foundation georganiseerd. Wat betekent dat voor de Fashion Show? “Overal zit een plus op. Sindsdien kunnen we de show, de expo én het magazine naar een hoger professioneel niveau tillen. We hebben nu meer geld voor internationale publiciteit, belichting, meer aandacht van het team dat de studenten begeleidt. Zo kunnen we de studenten een zo goed mogelijke start geven in het werkveld.” De show is hun eerste presentatie aan de buitenwereld, hoe belangrijk is dat voor de studenten? 
 “Heel belangrijk. Zoveel kansen zijn er niet, dus we moeten ze zo goed mogelijk helpen bij die eerste belangrijke stap. Een voorbeeld: de Gemeente Den Haag looft ieder jaar een prijs uit van € 20.000,- voor jonge talenten om hun bedrijf op te starten. Dus het helpt als er mensen uit het werkveld, maar ook bijvoorbeeld ambtenaren in de Electriciteitsfabriek zitten. Die prijs is al trouwens al vaak gewonnen door studenten van de KABK.”

de Keep an Eye interviews

• Marieke Schoenmakers • directeur KABK

95


Het is niet alleen een show van de afstudeerders… 
 “Eerste, tweede en derdejaars doen allemaal mee. Zo maken ze elk collegejaar het hele ontwerp- en presentatieproces mee. Precies zoals dat ook in de praktijk gaat. Naast het ontwerpen en maken moeten ze ook fotografen zoeken, de modellen en zijn ze medeverantwoordelijk voor de communicatie. Voor eerstejaars is dat adembenemend. En vierdejaars hebben al drie jaar kunnen oefenen.”  Elke modeacademie heeft z’n accenten, waarin ligt jullie kracht? 
 “We willen conceptueel sterk zijn. Tegelijk hechten we ook veel waarde aan het ambacht, het ontwerp moet ook perfect uitgevoerd worden. Dat geldt eigenlijk voor alle opleidingen op de KABK. Daarom is er heel veel persoonlijk contact met docenten en in het weekend krijgen de studenten opdrachten mee naar huis. Verder volgen studenten ook twee keer per jaar assistentschappen bij modeshows in Parijs. We hebben contact met grote modehuizen zoals Balenciaga en Ann Demeulemeester. Zo weten studenten vaak aan het einde van hun studie precies welke kant ze op willen.”  Komen de modestudenten ook echt allemaal in de modewereld terecht? 
 “Wie de academie eenmaal heeft overleefd komt meestal in de mode terecht. Sommige beginnen een eigen label of vormen een collectief. Zoals Das Leben am Haverkamp, een collectief van vier jonge ontwerpers. Zij trappen volgende week de Amsterdam Fashion Week af. Anderen gaan bij bekende merken aan de slag. Het conceptuele denken wat ze hier leren kunnen ze doorvertalen naar wat interessant is voor die grote modehuizen.” 

Dan zie je een Zuid-Koreaan op de bakfiets die vertelt waarom dit hét land is waar ze naartoe moeten komen Wat kun je zeggen over de studenten die nu afstuderen? 
 “Het valt me op dat deze toch bevoorrechte generatie die opgroeit zonder oorlogen en ellende, het heel belangrijk vindt om middenin de samenleving te staan. Dat hoeven we ze ook niet te zeggen. Ze pakken zelf thema’s als duurzaamheid, vluchtelingenproblematiek en internationale conflicten op. Op de academie mengen Nederlandse studenten zich met studenten uit bijvoorbeeld Rusland en Iran. Die maken hen ook bewust van hun eigen Nederlandse identiteit. Want, Nederlanders kunnen heel direct zijn. En waarom lunchen met een broodje kaas? Dat zien ze alleen hier. Het blikveld van alle studenten wordt verruimd, de wereld is hun speelveld.”

de Keep an Eye interviews

• Marieke Schoenmakers • directeur KABK

96

“Een mode verdwijnt, stijl is voor altijd. Mode is zinloos, stijl niet.”

door Juliëtte de Swarte


door Juliëtte de Swarte

Yves Saint-Laurent

Jurgi Persoons, hoofddocent mode aan de KABK, als modeontwerper werd hij in de jaren 90 geroemd om zijn avantgardistische vrouwencollecties. Wat is zijn invloed? 
 “Jurgi is oneindig gedreven, beheerst het vak tot in de finesses en brengt een uitzonderlijk en interessant internationaal netwerk naar de academie. Hij legt de lat zeer hoog en heeft een zeer gedegen onderwijsprogramma neergezet. Jurgi geeft de studenten inhoudelijk totale vrijheid, waardoor het eindwerk zeer divers en van hoge kwaliteit is.”  Bijna 60% van de studenten is internationaal. Waarom komen ze vanuit de hele wereld naar Den Haag? 
 “Omdat de hele wereld weet dat Den Haag het beste is haha. Ik denk dat goede mond-tot-mond reclame helpt. Ik merk ook dat de studenten de websites helemaal hebben uitgeplozen. En we zijn Engelstalig. Engeland en de VS natuurlijk ook, maar daar is studeren weer vreselijk duur. Maar ik hoor ook dat ze zich hier thuis voelen. Op de Academie en in Nederland. Ik zag laatst een soort reclamefilm voor Zuid-Koreanen over Nederland. Dan zie je een Zuid-Koreaan op de bakfiets die vertelt waarom dit hét land is waar ze naartoe moeten komen.”

de Keep an Eye interviews

• Marieke Schoenmakers • directeur KABK

97


door Juliëtte de Swarte

Kleren maken de man Gerrit Uittenbogaard, Coordinator Textile and Fashion department Royal Academy of Art, The Hague

Sorry! Geenszins de bedoeling om met deze bekende uitdrukking een nieuwe rolbevestigende (of juist niet) discussie te starten. Het is wat het is. Kleren maken de man of de vrouw! En dat geldt zeker voor de nieuw ontworpen kleding van de Keep an Eye hosts.

Deze jonge ontwerpers beginnen pas en dan staan ze al tegenover een opdrachtgever… Was je laatst bij één van de Keep an Eye events, dan is je vast iets opgevallen. De Keep an Eye Foundation is namelijk in een nieuw jasje gestoken. Letterlijk. Tweedejaars studenten van de KABK in Den Haag ontwierpen een compleet nieuwe kledinglijn voor de Foundation. Maar hoe ging dat ontwerpproces eigenlijk? Twee teams maakten samen het ontwerp. Kregen ze carte blanche? “Ja. De Keep an Eye Foundation had wel wat ideeën voor materialen, vorm en sfeer, maar de studenten kregen verder alle vrijheid bij het ontwerpproces. Zo’n nieuwe kledinglijn begint meestal bij het bedenken van een concept. Waarbij ze eerst voor zichzelf scherp moeten hebben waar de Keep an Eye Foundation voor staat en wie de doelgroep is.” Was dit de eerste keer dat de studenten in opdracht werkten? “Ik denk dat ze allemaal al wat ervaring hadden met werken in opdracht. Maar nu waren ze echt bij het hele proces betrokken.”

de Keep an Eye interviews

• Gerrit Uittenbogaard • coördinator textiel en mode KABK

98


door Juliëtte de Swarte

Was dat lastig? Waar moesten ze rekening mee houden? “De studenten zijn tweedejaars en juist in dat tweede jaar wordt ze geleerd om heel experimenteel te denken. Maar voor deze opdracht moesten ze juist praktisch te werk gaan. Te experimenteel zou lastig worden want het moest wel draagbaar zijn. En het moest modieus zijn, maar wel langer dan een seizoen meegaan. Het allereerste ontwerp was iets extremer, dat was echt een oversized colbert, maar dat bleek toch lastig. De mensen die het zullen dragen zijn niet zo lang als de modellen op de catwalk en moeten het gewoon kunnen dragen tijdens het werk. Je kunt dus hele goede ideeën hebben, maar er zijn ook allerlei praktische dingen waar je rekening mee moet houden.” Dus het moest steeds nét weer even anders? “Pas nadat het colbert door het professionele productiebedrijf gemaakt is zie je hoe het echt valt. Zo bleek het jasje toch iets te formeel. Dan wordt de schouder nét iets anders ingezet. Of een borduursel kan niet gestreken worden en dan moet dat aangepast worden. Zo moeten ze constant concessies doen. Dat maakt het proces zo’n goede leerschool.” Deze jonge ontwerpers beginnen pas en dan staan ze al tegenover een opdrachtgever… “Zeker, er komt ook zoveel meer bij kijken dan alleen het creatieve proces. De studenten maken alle facetten mee die belangrijk zijn om uiteindelijk een collectie neer te kunnen zetten. Want je kunt nog zoveel leuke ideeën hebben, maar je moet het ook kunnen overbrengen, presenteren en visualiseren. Door dat goed in de vingers te hebben kun je processen sturen. Zo zie je ontwerpers die minder getalenteerd zijn, maar doordat ze zich op al die andere vlakken beter weten te profileren, toch soms verder komen.” In totaal werkten vier ontwerpers samen. Die waren het vast niet altijd met elkaar eens? “In het begin waren er zes ontwerpers, twee teams van drie, en dan zie je dat het soms lastig is om op één lijn te zitten. Alle ontwerpers kwamen dan ieder met een eigen ontwerp. Uiteindelijk bestond ieder team uit twee ontwerpers en dat ging prima. Mode ontstaat alleen in samenwerking met anderen. In samenwerking met de opdrachtgever, de docent, fotograaf en klasgenoten die ook elkaar eerlijke kritiek geven.”

De mensen die het zullen dragen zijn niet zo lang als de modellen op de catwalk

de Keep an Eye interviews

• Gerrit Uittenbogaard • coördinator textiel en mode KABK

99


door Juliëtte de Swarte

Zeker, het is ze toch maar mooi gelukt... “Ik vind het heel knap dat ze deze toegepaste opdracht met veel eigen input tot een goed einde hebben weten te brengen. Ondanks de worstelingen. Deze kleding gaat langer mee dan een seizoen. Het was een goede oefening en de ontwerpen zijn ook nog daadwerkelijk in productie gegaan.” Deze jonge ontwerpers beginnen pas en dan staan ze al tegenover een opdrachtgever… “Zeker, er komt ook zoveel meer bij kijken dan alleen het creatieve proces. De studenten maken alle facetten mee die belangrijk zijn om uiteindelijk een collectie neer te kunnen zetten. Want je kunt nog zoveel leuke ideeën hebben, maar je moet het ook kunnen overbrengen, presenteren en visualiseren. Door dat goed in de vingers te hebben kun je processen sturen. Zo zie je ontwerpers die minder getalenteerd zijn, maar doordat ze zich op al die andere vlakken beter weten te profileren, toch soms verder komen.” In totaal werkten vier ontwerpers samen. Die waren het vast niet altijd met elkaar eens?  “In het begin waren er zes ontwerpers, twee teams van drie, en dan zie je dat het soms lastig is om op één lijn te zitten. Alle ontwerpers kwamen dan ieder met een eigen ontwerp. Uiteindelijk bestond ieder team uit twee ontwerpers en dat ging prima. Mode ontstaat alleen in samenwerking met anderen. In samenwerking met de opdrachtgever, de docent, fotograaf en klasgenoten die ook elkaar eerlijke kritiek geven.” Wat in het proces zouden jullie volgende keer anders aanpakken?  “De planning. Het was de drukste tijd het jaar, in de periode net voor de eindejaarscollectie. Daarnaast gaan alle lessen gewoon door. De volgende keer zouden we een iets rustiger moment kiezen. Maar ik moet zeggen, deze studenten kunnen best wat aan.” Zeker, het is ze toch maar mooi gelukt... “Ik vind het heel knap dat ze deze toegepaste opdracht met veel eigen input tot een goed einde hebben weten te brengen. Ondanks de worstelingen. Deze kleding gaat langer mee dan een seizoen. de Keep an Eye interviews

• Gerrit Uittenbogaard • coördinator textiel en mode KABK

100

“Clear thinking at the wrong moment can stifle creativity”

Wat in het proces zouden jullie volgende keer anders aanpakken? “De planning. Het was de drukste tijd het jaar, in de periode net voor de eindejaarscollectie. Daarnaast gaan alle lessen gewoon door. De volgende keer zouden we een iets rustiger moment kiezen. Maar ik moet zeggen, deze studenten kunnen best wat aan.”


door Juliëtte de Swarte

Het was een goede oefening en de ontwerpen zijn ook nog daadwerkelijk in productie gegaan.”

Dit project was gaande terwijl wij ook volop bezig waren met onze eigen collecties Studenten Trumaine en Ying Ying over het ontwerpproces. Wat was het uitgangspunt? “We wilden een ontwerp creëren met een urban feel en tegelijk verfijnd. Het moest aantrekkelijk zijn voor een doelgroep met een jonge geest die nauw verbonden is met de creatieve wereld. Het colbert dat wij hebben ontworpen is makkelijk te combineren met andere kledingstukken. Het staat symbool voor professionalisme en tegelijk draagt het ook de identiteit van de academie.” Wat viel tegen? Waar liepen jullie tegenaan?  “In het begin hadden wij enige moeite om minder experimenteel te zijn dan wat we gewend zijn. Vanuit een commercieel oogpunt moesten we minder expressief zijn in het ontwerpproces en het tegelijk aantrekkelijk maken voor een groter publiek.” Waren jullie het altijd met elkaar eens?  “Vooraf hebben wij samen goed overlegd wat haalbaar is en wat aantrekkelijk zou zijn voor onze opdrachtgever. Daardoor hebben wij gedurende dit hele project heel makkelijk keuzes kunnen maken waarover we het allebei eens waren.”

Karl Lagerfeld

Was het de eerste opdracht voor ontwerpen die ook echt in productie zouden worden genomen? “We hebben allebei al ervaring op professioneel gebied. Hier en daar hebben we allebei al ontwerpen voor productie gerealiseerd tijdens onze studiejaren en stages bij bedrijven.” En de vraag die altijd gesteld wordt… Wat hebben jullie ervan geleerd? Zouden jullie het de volgende keer anders aanpakken?  “Wij hebben geleerd om onze artistieke visie te combineren met commercieel inzicht. Daarbij weten we allebei heel goed dat er altijd aanpassingen aan het ontwerp gemaakt kunnen worden, naar de wens van de opdrachtgever. Dit project was gaande terwijl wij ook volop bezig waren met onze eigen collecties en deadlines, de drukste periode van het jaar. Voor de volgende keer zouden wij een strakkere planning realiseren, zodat er ook momenten van rust kunnen plaatsvinden.” de Keep an Eye interviews

• Gerrit Uittenbogaard • coördinator textiel en mode KABK

101


door JuliĂŤtte de Swarte

Kleinkunst

de Keep an Eye interviews

102


door Juliëtte de Swarte

"Voor veel kandidaten is een verdubbeling van tijd al een hele opgave" Daniël van Veen, directeur AKF

Heb je ambities op het podium? Kleinkunstenaars met en zónder opleiding kunnen zich nu aanmelden voor een serie masterclasses (van o.a. Herman van Veen). Daniël, directeur van het Amsterdams Kleinkunst Festival vertelt…

Als je onzeker wordt ga je dubbel zo snel praten Kan iedereen, ook wie geen enkele opleiding op het gebied van kleinkunst heeft, zich inschrijven? “Het is een open inschrijving, dus iedereen die een carrière op het podium ambieert kan zich aanmelden. In de eerste selectieronde gaan 50 mensen meteen het podium van Bellevue op. Die krijgen 10 minuten om te spelen. Daarvan gaan er 15 naar de tweede ronde, waar ze 20 minuten krijgen. Voor veel mensen is zo’n verdubbeling van tijd al een hele opgave, die zullen hun verhaal gewoon langzamer gaan vertellen. Negen gaan door naar de volgende ronde waar ze 30 minuten spelen. Daaruit worden er 6 geselecteerd die meedoen aan de masterclasses en alvast een plek krijgen in de halve finale van de AKF Sonneveldprijs.”

de Keep an Eye interviews

• Daniel van Veen • directeur Amsterdams Kleinkunst Festival

103


door Juliëtte de Swarte

Op weg naar die halve finale werken ze aan hun artistieke ontwikkeling tijdens de masterclasses. Maar kleinkunstenaar, dat ben je of dat ben je niet, toch? Of kun je het leren? “Ja, dat ben je. Maar er valt wel heel veel te leren. De masterclasses maken de stap tussen onderwijs en het professionele werkveld veel gemakkelijker. Kleinkunstenaars zijn door de masterclasses ook veel beter voorbereid op de halve en hele finale. En ze ontdekken hoe ze zich beter kunnen onderscheiden. Uiteindelijk hopen we zo een nieuwe generatie cabaretiers te kweken die over 10, 20 jaar een groot publiek bereikt.” Wat kunnen ze tijdens zo’n masterclass opsteken? “Het kunnen dingen zijn waar je alsmaar weer tegenaan loopt. Zo was er iemand die altijd stilstond op het podium. Uit een soort onzekerheid en omdat ze niet wist wat ze anders kon doen. Waarop Wimie Wilhelm, een van de mentoren, voorstelde om gewoon eens een stukje te gaan lopen. Dat zag er niet uit. Dat staan klopte, het paste bij haar. Maar pas toen zij dat inzag werd het echt een keuze. Vanaf dat moment stond ze veel steviger op het toneel.”

Zoals Herman van Veen zei: ik moet er niet aan denken om een masterclass van een Russische danser te krijgen waar ik tegenop kijk: dan ga ik alles doen wat ie zegt.” De deelnemers krijgen ook ieder een regisseur toegewezen, waar kan die bij helpen? “Een goed voorbeeld: Lonneke Dort trad op met korte sketches. Haar verhaal ging alle kanten op, er zat geen lijn in. De regisseur maakte toen voor haar een kader. Letterlijk. Een wit vierkant van tape op het podium. Verder nog een aantal kleine aanpassingen. Paste de volgorde wat aan. Toen viel het allemaal op z’n plek. Eigenlijk alleen door een paar simpele regiemiddelen toe te passen. Ze won vorig jaar de AKF Sonneveldprijs.” Betekent dat je als kleinkunstenaar, net als in ieder vak bepaalde vaardigheden moet leren om een goede show neer te zetten of werkt het zo niet?  “Als iemand opkomt zie je meteen of het goed komt. Hoe sta je op dat toneel, je stemgebruik, ‘t tempo (als je onzeker wordt ga je dubbel zo snel praten), echt contact maken met je publiek. Dat kun je allemaal leren. Herman van Veen, een van de mentoren tijdens de masterclasses, leert bijvoorbeeld hoe je een lied geloofwaardig zingt. En hoe je zorgt dat mensen de hele avond op het puntje van hun stoel blijven zitten.” de Keep an Eye interviews

• Daniel van Veen • directeur Amsterdams Kleinkunst Festival

104


door Juliëtte de Swarte

Goeie, hoe doe je dat? “Herman zei eens: mensen moeten de hele avond denken dat je een geheim hebt. Of je die nu hebt of niet.” Maar dat creatieve proces, het maken van die show, is dat niet voor iedereen anders?  “Uiteindelijk moet iedereen voor zichzelf de passende omstandigheden creëren. Herman van Veen vertelde dat hij in Carré vaak op een vaste plek staat, onder een boog. Toen ie van z’n lichtman eens ergens anders moest gaan staan voelde hij direct dat hij het contact met het publiek kwijt was. Ook het voortraject is voor iedereen anders. Lebbis moet tijdens het oefenen hardop praten, alsof ie voor een zaal staat. Anderen sluiten zich juist in alle stilte op. Niemand kan je dus vertellen hoe je het moet doen. Het maakt ook niet uit hoe je er komt, áls je er maar komt. Daarbij helpt een coach in het proces naar die halve finale.” En dan sta je, als je het goed doet, avond na avond op het toneel een verhaal te vertellen alsof het net gebeurde. Een flinke opgave…  “Het kan zijn dat je een scene hebt geschreven die twee keer heel leuk is en daarna lacht niemand meer. Het effect is weg en je begrijpt niet hoe dat kan. Maar je moet het nog wel 70 keer spelen. Vaak komt dat doordat het de eerste twee keer nog vers is. Daarna vergeet je in het nu te zijn, je verhaal voelt meer als een herhaling. De kunst is om het verhaal iedere keer weer als een nieuw verhaal te vertellen. Daarvoor moet je je iedere keer helemaal opladen. Ook als je verkouden bent of je je niet helemaal goed voelt.” Wordt het dan nooit gemakkelijker, ook niet als je al jaren avond na avond op dat podium staat?  “Herman van Veen is voor ieder optreden altijd weer zenuwachtig. Het is natuurlijk ook een rare situatie: één persoon tegenover een hele zaal die daar stipt om half 9 klaar zit om vermaakt te worden. Ze hebben een kaartje en willen ontroerd raken, lachen en achteraf kunnen zeggen dat het geweldig was. De verwachtingen zijn torenhoog en dan moet het nog beginnen. Maar die spanning heb je ook nodig, zonder wordt het niks. En dan maakt het niet uit of je net begint of dertig jaar bezig bent, je moet er steeds weer doorheen.” Kun je snel zien of iemand talent heeft? “Tijdens de selectierondes speelt iedereen steeds langer. Blijft iemand boeien na een half uur? Stefano Keizers, winnaar van het Amsterdams Kleinkunst Festival in 2016, was echt een ruwe parel. In de eerste ronde was het doodstil. de Keep an Eye interviews

• Daniel van Veen • directeur Amsterdams Kleinkunst Festival

105


door Juliëtte de Swarte

Blijf nog even na afloop van je show. Praat met iedereen, met de barvrouw, met je publiek Is er een recept om het te kunnen maken? “Je moet heel graag willen, het talent hebben om iets over te kunnen brengen maar simpelweg ook gewoon heel grappig zijn.” Het tweede deel van de serie masterclasses gaat over alle zakelijke aspecten van het vak, ben je cabaretier, moet je leren hoe je de boekhouding doet?  “Zakelijk: auteursrecht, muziek streamen, crowdfunding: allemaal onderwerpen die nauwelijks in opleidingen worden besproken. Dat ondernemerschap zit er bij veel kleinkunstenaars niet in. Maar je bent wel ‘n zelfstandig ondernemer. Want stel: je gaat een cd maken, hoe verdien je daar mee? Wat zijn je rechten bij streamen? Is het goed voor je pr als je op Spotify te vinden bent? Hoe stuur je je impresariaat aan? Wat is een goede foto? Hoe schrijf je een persbericht? Hoe presenteer je je op social media? Toen ik het programma vertelde aan Herman van Veen vroeg hij of hij ook mocht aanschuiven.” Moet je dat als kunstenaar allemaal wel willen? Moet je je niet focussen op de kunst?  “Als je begint heb je geen budget, dus moet je het wel zelf doen. En als je op een bepaald moment werk kunt uitbesteden is het goed om zelf te weten hoe bepaalde dingen werken. Dan kun je mensen daarin ook goed aansturen. Yentl en de Boer doen hun eigen zaken en pr maar de focus blijft natuurlijk op het schrijven en uitvoeren hun liedjes.” Heb je een tip voor beginnende kleinkunstenaars?  “Blijf nog even na afloop van je show. Praat met iedereen, met de barvrouw, met je publiek. Een voorstelling duurt 1,5 uur. Maar je bent de hele dag bezig, vaak wel 10/12 uur. De eerste helft is voor soundchecken en repeteren, dan de show en de derde helft is zoveel mogelijk mensen spreken zodat je weet hoe mensen het ervaren hebben.” Wat zijn de valkuilen? Voor jonge of gevestigde kleinkunstenaars?  “Je droom kan groter zijn dan de werkelijkheid. Als je te grote stappen neemt kan je in een valkuil lopen. de Keep an Eye interviews

• Daniel van Veen • directeur Amsterdams Kleinkunst Festival

106

“De leukste grappen niet zijn bedacht. Maar bedenk die maar eens.”

Bij de tweede ronde lag iedereen dubbel. Bij de derde dacht iedereen: wat is dit. Hij was heel ontregelend en bleef fascineren. Maar je kon al wel zien: die kan zich nog op heel veel manieren ontwikkelen.”


door Juliëtte de Swarte

Herman Finkers

Ik heb zelf ook gespeeld en zag mezelf al staan in Carré. Dus deed ik mensen na. Ik ging niet uit van mijn eigen kracht maar van ambitie. Ook moet je niet denken: dat doe ik wel even. Je moet altijd willen aanpassen, altijd naar jezelf kijken hoe het beter kan. Als je langer bezig bent, is het lastig om artistiek te blijven vernieuwen. De bakker wordt niet opeens slager: maar kan wel kritisch naar de winkel blijven kijken. En blijf vooral eigenwijs! We bieden de workshops aan. Maar misschien heb je daar niks aan. Of wil je het op je eigen manier blijven doen. Je hoeft niet alles aan te nemen. Zoals Herman van Veen zei: ik moet er niet aan denken om een masterclass van een Russische danser te krijgen waar ik tegenop kijk: dan ga ik alles doen wat ie zegt.”

de Keep an Eye interviews

• Daniel van Veen • directeur Amsterdams Kleinkunst Festival

107


door Juliëtte de Swarte

Beeldende kunst

Joyce Sylvester, Burgemeester van Naarden 


Bij de opening van 'Veranderingen' - maart 2015 
 'Ik vond het inspirerend om het werk van deze jonge mensen te zien en heb weer ervaren dat Galerie Pouloeuff daadwerkelijk een broedplaats is voor jong talent.'

de Keep an Eye interviews

108


door Juliëtte de Swarte

Breng de kunst in het leven en het leven in de kunst! 
 Marion Beltman


Mooie kunst maken is één ding. Je hoofd als creatief ondernemer financieel boven water houden, dat is heel iets anders. Tijdens de workshop Business Canvas Model in Galerie Pouloeuff helpt Marion Beltman kunstenaars en andere creatievelingen in één dag een heel eind op weg en laat ze zien hoe je het zakelijker aan kan pakken. Wat is de grootste valkuil van kunstenaars? “Gebrek aan focus. Kunstenaars weten vaak niet te benoemen wie hun publiek is en hoe ze hen kunnen bereiken. Of durven niet te zeggen wie dat is. Ze zeggen dat hun werk voor iedereen is maar dat lijkt al snel op schieten met hagel.” Maar hoe kom je erachter wie jouw potentiele klant dan wel is? “Tijdens de workshop krijgen we dat samen met mede-cursisten scherp. Want misschien is je werk zo groot dat het alleen door gemeentes kan worden aangekocht. Of past het juist in een praktijk van een fysiotherapeut of arts, dan is het handiger om een artsensymposium te bezoeken om naamsbekendheid te krijgen. Dat is alvast een belangrijke tip: ga vooral naar buiten naar je potentiële klanten toe, blijf niet alleen achter die computer zitten.” Wat verkoopt eigenlijk het beste? “Kleurrijk en figuratief. Donker en abstract is over het algemeen minder populair. Maar ik zou zeker niet aanraden om de oren helemaal naar de smaak van het publiek te laten hangen. Er zijn ook andere manieren om extra werk te verkopen. de Keep an Eye interviews

• Marion Beltman • workshops over ondernemerschap in de kunst en cultuur

109


door Juliëtte de Swarte

Je zou bijvoorbeeld ook kleiner werk kunnen maken. Dat verkoopt vaak makkelijker. En kaarten, die meteen als teaser werken. Daar valt nog veel over te zeggen. En dat doen we ook in de workshop.” Je raadt kunstenaars aan in gesprek te gaan… 
 “Kunstenaars vinden het vaak eng om over hun werk te praten. Maar als je ziet dat iemand naar je werk loopt, bijvoorbeeld op een beurs, is dat dé kans om over je werk te vertellen.”  En als je nou vindt dat werk het voor zichzelf moet spreken? 
 “Maar de meeste mensen hebben het verhaal nodig om te weten wat het werk zo bijzonder maakt. Kopers hebben veelal niet de kennis die jij als kunstenaar hebt. En door erover te vertellen verhoog je de waarde van je werk en geef je het meer diepgang voor de kijker.” Tijdens de workshop schrijven jullie ook een ondernemingsplan. Is dat wel echt nodig? En is dat niet saai.. 
 “Het helpt je enorm je gedachten te ordenen en geeft je een focus. Maar ook: het geeft je een to do list zodat je morgen meteen aan de slag kan. Zie je bedrijfsvoering ook maar als een canvas.”  Verkopen wordt nog veelal als iets gezien dat een kunstenaar niet moet doen. Wat vind je van die gedachte? 
 “Ik zie dat er op kunstopleidingen steeds meer aandacht is voor ondernemerschap. Daarmee komen er nu afgestudeerden op de markt die er niet voor schromen om zich beter te presenteren en hun werk actief voor het voetlicht weten te brengen. Want een kunstenaar is een ondernemer, wat betekent dat je zelf naast het maken van je werk, tijd dient te besteden aan marketing, netwerken, presenteren, publiciteit zoeken.”  Heb je alvast een tip waarmee we meteen aan de slag kunnen?
 “Ken je doelgroep en heb je onderscheidend vermogen goed in beeld.”  Wie is de doelgroep van de cursus eigenlijk?
 “Alle creatieve ondernemers: kunstenaars, musici, theatermakers, fotografen, interaction designers, webbouwers, dansmakers.”  Best een brede doelgroep… 
 “Mijn specialisme is de creatieve doelgroep. Ondertussen heb ik zoveel ervaring in de kunst- en cultuursector dat ik goed weet wat er leeft en wie de sleutelfiguren zijn. Mijn motto is: Breng de kunst in het leven en het leven in de kunst!”  de Keep an Eye interviews

• Marion Beltman • workshops over ondernemerschap in de kunst en cultuur

110


door Juliëtte de Swarte

“Als ik vraag één vrouwelijke kunstenaar te noemen is de zaal stil” Karin Haanappel, kunsthistorica

Michelangelo, Caravaggio, Rodin, Picasso - wie kent ze niet? Anguissola, Gentileschi, Claudel, Goncharova - wie kent ze wel? De kunstgeschiedenis is hoofdzakelijk gericht op ‘dead white male artists’. En is dus letterlijk ‘His story of art’ – Zijn verhaal. Vrouwelijke kunstenaars zijn vaak in de vergetelheid geraakt of in de schaduw gebleven van ‘de grote meesters’. Karin Haanappel vertelt het verhaal van de grote kunstenaressen, oftewel ‘Herstory of art’. Woensdag 20 april is ze te gast in Galerie Pouloeuff. Waarom kunnen we met gemak vele grote meesters opnoemen maar geen één vrouw? 
 “De kunstgeschiedenis als wetenschap ontstond halverwege de 19e eeuw. Toen werd de canon van de kunstgeschiedenis geschreven. Dit is de tijd dat vrouwen een ondergeschikte positie hebben en zijn aangewezen op het privé domein: trouwen, kinderen krijgen, een toegewijde echtgenote zijn. Deze tijdsgeest is bepalend geweest voor onze blik op de kunstgeschiedenis. Herhaling van de canon levert bevestiging op en leidt uiteindelijk tot bestendiging. Maar bedenk wel dat we dan met een gecreëerde waarheid te maken hebben.” In de kunstgeschiedenis waren vele vrouwelijk pioniers. Eén daarvan was Sofonisba Anguissola. Toen Michelangelo haar werk zag zei hij: “Ze heeft het talent van een man”. “Sofonisba leefde tijdens de Renaissance en kreeg een hoofse opvoeding aan het hof van Cremona. Ze leerde, net als haar zussen, Latijn en kreeg lessen in muziek en schilderkunst.

de Keep an Eye interviews

• Karin Haanappel • kunsthistorica


111


door Juliëtte de Swarte

Van 1559 tot 1573 werkte Sofonisba Anguissola voor Filips II aan het Spaanse hof in Madrid. Daarna is ze naar Sicilië gegaan, waar de Vlaamse Anthony van Dijck haar een jaar voor haar dood bezocht en alleen maar kon concluderen dat zij een geweldige kunstenaars was. Toch zullen de meeste mensen in Nederland nog nooit van haar gehoord hebben. Dat hiaat moeten we opvullen. “Daarom moet er veel meer aandacht komen voor de grote kunstenaressen. In 1990 verscheen The Dictionary of Women Artists met tienduizenden kunstenaressen. Maar als ik in een zaal vraag één vrouwelijke kunstenaar te noemen is het meestal stil. En dat terwijl kunst is gemaakt door mensen: mannen én vrouwen.” Zou je zeggen dat vrouwen altijd al een ondergeschikte rol in de maatschappij hadden en dat dit in de kunst niet anders was… 
 “Tot ongeveer 3000 voor Chr. stonden vrouwen náást mannen in de maatschappij. In deze egalitaire samenlevingen was plaats voor vele verschillende talenten. Dat was ook de tijd dat culturen meer openstonden voor andere culturen, zonder deze meteen te annexeren. Deze egalitaire samenlevingen zijn later onder de voet gelopen door dominantieculturen, patriarchale samenlevingen die gericht zijn op macht, hiërarchie en expansie. In deze tijd komen ook de monotheïstische godsdiensten op: christendom, jodendom, islam waarbij het alleen nog maar gaat om één god waar iedereen aan moet gehoorzamen, ook daarbij gaat het om dominantie. Vrouwelijke goden worden uitgebannen of gedemoniseerd.”   Kun je zien of een werk door een man of een vrouw gemaakt is? 
 “Ja meestal kun je dat zien. Het heeft met de blik te maken. Een vrouw wordt door een man eerder afgebeeld vanuit de lust. Rodin beeldhouwde vrouwen uitdagender. Zijn leerlinge en muze Camille Claudel beeldhouwde de vrouw als persoon. Je ziet het ook bij Madonna Lactans taferelen uit de middeleeuwen: mannen schilderen een moeder en kind die naar de toeschouwer kijken, de borstvoeding lijkt bijzaak.

de Keep an Eye interviews

• Karin Haanappel • kunsthistorica


112

“Ik droom van schilderen en dan schilder ik mijn droom.”

Op zoek naar een geschikte huwelijkskandidaat voor zijn dochters reisde vader Anguissola stad en land af met hun zelfportretten die als veredelde visitekaartjes gezien kunnen worden. In Florence ontmoet hij Michelangelo, die meteen onder de indruk was van Sofonisba’s schilderijen. Hij vroeg haar om tekeningen te maken waarin ze verschillende emoties moest vastleggen. Dat deed ze. Met als gevolg de uitspraak hierboven van Michelangelo. Overigens was dat destijds een groot compliment. Het talent van een man hebben.


door Juliëtte de Swarte

Vincent van Gogh

Terwijl de vrouwelijke kunstenaar, vanuit haar female gaze, een moeder en kind schildert die oog voor elkaar hebben en niet voor de buitenwereld.”
 Vorig jaar kwam de Big Eyes uit over Margaret Keane. Jarenlang zette haar man Walter Keane zijn handtekening onder haar werk omdat werk van een mannelijke kunstenaar beter zou verkopen.

de Keep an Eye interviews

• Karin Haanappel • kunsthistorica


113


door Juliëtte de Swarte

Maak van ruimte het kunstwerk Tanja Smeets, beeldend kunstenaar

Tanja Smeets maakt geen kunst om ergens op te hangen of neer te zetten. Ze maakt van ruimtes kunstwerken. Dat doet ze met installaties die je over de hele wereld kunt tegenkomen. Deze zomer gaat ze in Galerie Pouloeuff aan de slag met 5 jonge kunstenaars Pouloeuff wordt een atelier maar ook: onderdeel van het kunstwerk. De meeste kunstenaars nemen hun werk na een expositie mee naar de volgende galerie. Jij maakt voor iedere plek weer een heel nieuw kunstwerk… “Ik probeer het werk met de plek te verweven. Ik kom net uit Miami waar iemand vroeg of mijn werk altijd al onderdeel van het gebouw was. Dat is een groot compliment. Voor ik aan de slag ga met een installatie ben ik heel lang op de plek. Ik onderzoek wat werkt. Ik neem stukken materiaal mee. Fotografeer iedere hoek. Het is een soort componeren. Je laat het werk groeien tot het een eigen logica krijgt.” Je werk oogt oncontroleerbaar. Het werk lijkt een heel eigen leven te leiden. Als een groep rupsen die een boom kaal eten… “Ik laat het werk steeds verder groeien, het versmelt met de omgeving, maar er ontstaat ook frictie in het vertrouwde beeld van die ruimte. Wanneer je dat punt bereikt? “Daar is altijd lastig de vinger op te leggen. Neem de Trappentoren van het Centraal Museum Utrecht.

de Keep an Eye interviews

• Tanja Smeets • beeldend kunstenaar, gaf masterclass in Pouloeuff

114


door Juliëtte de Swarte

Je ziet daar honderden fragmenten die langzaamaan één beeld worden. Het werk leidt je als het ware de toren in, naar boven. Door omhoog te lopen vang je steeds weer een glimp op van het werk. Net als je het niet ver-wacht verschijnt het werk opeens weer op een andere plek. Het stopt niet.”

Een nietig dingetje, maar in het geheel krijgt het een soort organische structuur Van een afstand zie je niet dat je werk gemaakt is van alledaagse materialen… “Vaak verandert je indruk van het werk als je dichterbij komt. Zoals een installatie die ik maakte voor het TextielMuseum. Op het eerste gezicht lijkt het een soort organisme, als je dichterbij komt zie je dat het gemaakt is van vilt en kunststof bladvangers voor regenpijpen. Een nietig dingetje, maar in het geheel krijgt het een soort organische structuur.” Tijdens Spacemakers in Pouloeuff ga je aan de slag met 5 kunstenaars. Hoe gaan jullie te werk?  “We duiken eerst in het eigen werk van de kunstenaars. Ik ben vooral nieuwsgierig naar waar ze nu mee bezig zijn. Hoe werken ze? Wat zijn hun ideeën? Waar willen ze naartoe? Ze kunnen ook bestaand werk opknippen of relateren aan het werk van de andere kunstenaars. Zo ontstaan nieuwe dingen op alle vlakken. Ze moeten vooral uit hun comfortzone stappen. En daar kan de ruimte aanleiding voor zijn. Stel je bent schilder. Moet je je werk dan altijd op een doek schilderen?” Uit je comfortzone stappen. Doe jij dat nog vaak, als gevestigde kunstenaar?  “Iedere keer weer. Toen ik uitgenodigd werd door het TextielMuseum kwam ik in contact met een totaal nieuwe wereld. Ik wist helemaal niks van stof. Dan wil je een werk maken, maar weet je niet hoe je dat moet aanpakken. Door samen te werken met de experts van het TextielMuseum, kon ik nieuwe mogelijkheden ontwikkelen. In het begin mislukte alles, dat brengt juist weer heel veel nieuwe dingen teweeg.” Dit wordt de eerste expositie in Pouloeuff waarbij het werk niet aan de muur hangt of in de vitrinekast staat… “Werk hoeft niet altijd op een sokkel te staan of aan de wand te hangen. Misschien kiezen we wel voor de ‘niet ruimtes’. Dat je aan de slag gaat met de ruimtes waar je nooit op afloopt. Pouloeuff is natuurlijk niet heel groot, maar er valt genoeg te ontdekken. de Keep an Eye interviews

• Tanja Smeets • beeldend kunstenaar, gaf masterclass in Pouloeuff

115


door Juliëtte de Swarte

Misschien is juist de hoek van de vensterbank wel interessant? Of de kelder. We gaan op zoek naar die onverwachte plekken.”

Er moet ook tijd zijn om dingen te laten mislukken Een maand is kort… “Een maand is veel te kort. En er moet ook tijd zijn om dingen te laten mislukken. Maar omdat de kunstenaars als het ware in een hogedrukpan zitten kunnen ze ook in een korte tijd veel doen.” Wat hoop je ze bij te brengen?  “Ik hoop veel plezier. Dat ze in een flow komen. Waarin ze nieuwe dingen ontdekken, hun blikveld op werk en mogelijkheden vergroten. Het kan zijn dat ze even heel intens aan iets werken. Daarna verdwijnt het weer. Dat is ook goed.” Je maakt prachtige kunstwerken, maar jonge kunstenaars begeleiden vraagt weer andere vaardigheden. Hoe pak jij dat aan?  “Je kunt aan iemand vragen over wat hij of zij wil laten zien met het werk. Zie ik dat ook als ik naar het werk kijk? Ik kan ze natuurlijk niet vertellen hoe ze iets moeten doen, maar ik kan ze wel de juiste vragen stellen.” Hoe maak je zichtbaar wat je wil laten zien?  “Ik denk dat iemand je kan helpen om nieuwe mogelijkheden te zoeken.” Het publiek ziet een kunstwerk in wording…  “Hoe het gaat worden is aan de groep. Ze hebben allemaal totaal verschillende ideeën, stijlen, ruimtelijk en tweedimensionaal. Hoe dat samen een tentoonstelling kan worden? Ik sta er open in. Het leuke is: pas aan einde weten we hoe het heeft uitgepakt.”

de Keep an Eye interviews

• Tanja Smeets • beeldend kunstenaar, gaf masterclass in Pouloeuff

116


door Juliëtte de Swarte

Kunst, géén kitsch bij Galerie Pouloeuff Frank Welkenhuysen, galeriehouder en kunstexpert bij het programma Tussen Kunst & Kitsch

Zoals je weet heeft Keep an Eye ook een galerie in Naarden. Frank Welkenhuysen, galeriehouder en kunstexpert bij het programma Tussen Kunst & Kitsch ontdekte daar een talent. Frank Welkenhuysen, galeriehouder en kunstexpert bij het programma Tussen Kunst & Kitsch ontdekte Stefan Bleekrode dankzij Pouloeuff. “Een kunstenaar die zoiets unieks maakt is zeldzaam.” Je ontdekte Stefan bij Galerie Pouloeuff… “Een van mijn exposanten, Daan de Jong, exposeerde bij Pouloeuff. Zo stuitte ik op zijn werk. Ik weet zeker dat ik het werk van Stefan zonder Pouloeuff niet ontdekt had. Pouloeuff is een zeer sympathiek initiatief. Ine van der Horn (curator en coördinator bij Pouloeuff) is bevlogen en gepassioneerd en denkt met iedereen mee. Zo ontstond ook het idee voor een museale tentoonstelling in Museum IJsselstein.” Vorig jaar was de allereerste museale tentoonstelling van Pouloeuff in Museum IJsselstein te zien. Na het succes van de eerste editie is vanaf 2015 ‘Het Beste van Pouloeuff 20..’ in Museum IJsselstein te bewonderen. Na Pouloeuff kreeg Stefan een expositie in je galerie. Toen hing zijn werk opeens naast dat van de beroemde Escher… “Op het eerste gezicht twee totaal verschillende stijlen. Maar bij beide kunstenaars vraag je je steeds af: Hoe is dit in mogelijk?

de Keep an Eye interviews

• Frank Welkenhuysen • galeriehouder en specialist 'Tussen Kunst en Kitsch'

117


door Juliëtte de Swarte

Ik ben elke dag omringd door het werk van Stefan en vind het nog steeds verbazingwekkend hoe het gemaakt is.”

Wat is er zo bijzonder aan? “Hij tekent steden in vogelvlucht, maar zonder de stad van boven te hebben gezien. Hij heeft een onvoorstelbaar visueel geheugen. Hij loopt door de straten en tekent de stad later in zijn atelier minutieus van bovenaf na. Dat maakt het zo fascinerend. Als ik het verhaal aan mensen vertel kunnen ze het niet geloven. Je kunt een foto van zijn werk maken maar dan kun je niet zien hoe verfijnd het getekend is.” Het zijn geen exacte kopieën van steden toch? “Soms zie je Londen maar ook een beetje Parijs. Hij voegt ook steden bij elkaar, zet ze naar zijn hand. Hij is gefascineerd door de stad als complex, krioelend proces. Hij tekent al steden sinds zijn tiende.” Zelfs kunsthistorici, mensen van de oude meesters houden van zijn ‘moderne’ werk..  “Hij doet iets nieuws in een eeuwenlange traditie, namelijk het maken van stadsgezichten. Zoals Canaletto deed in Venetië. Of Caspar van Wittel in Rome. Maar Stefan gaat nog 5 stappen verder.” Zijn tekeningen zijn minutieus getekend, het moet monnikenwerk zijn..  “Stefan werkt maanden aan 1 tekening. Ik denk zo’n 12 uur per dag. Echt op Spartaanse wijze. Zijn atelier in Eindhoven is heel minimalistisch ingericht. Geen computer. Hij kan dus niks met google maps opzoeken. Hij begint linksonder aan het vel met tekenen en na 5 maanden is hij rechtsboven.”

Het is onvermijdelijk dat er een internationale doorbraak komt Als het zo lang duurt om te maken, zullen er ook niet veel werken van hem zijn.. “Stefan kreeg nog niet zo lang geleden van Frank van Oortmerssen, de directeur Steendrukmuseum een stukje steen om een proefdruk te maken. Ze zeiden dat ze sinds de 19e eeuw niemand hadden gezien die het zo snel in de vingers had. Hij kan met litho’s dingen die niemand anders kan. Hij had Florence bijna net zo verfijnd getekend als zijn inkttekeningen. En je moet je voorstellen dat je voor zo’n litho in spiegelbeeld moet werken.” de Keep an Eye interviews

• Frank Welkenhuysen • galeriehouder en specialist 'Tussen Kunst en Kitsch'

118

“Als geest en hand niet samengaan, ontstaat er geen kunst”

Soms zie je Londen maar ook een beetje Parijs


door Juliëtte de Swarte

Denk je vaker talenten te ontdekken bij Pouloeuff? “Ik probeer de kunstenaars bij Pouloeuff goed in de gaten te houden. Zo ben ik nu met een jongen in gesprek die ook bij Pouloeuff geëxposeerd heeft.”

Leonardo da Vinci

Tijdens ’s werelds belangrijkste kunstbeurs TEFAF krijgt Stefan een solo tentoonstelling in een pop-up galerie in Maastricht. “Op deze manier kan het internationale publiek ook met zijn werk kennis maken. Een kunstenaar die zo iets unieks maakt is zeldzaam. Je moet zoveel technische bagage hebben om ook maar in de buurt te komen van wat hij maakt. Het is onvermijdelijk dat er een internationale doorbraak komt.”

de Keep an Eye interviews

• Frank Welkenhuysen • galeriehouder en specialist 'Tussen Kunst en Kitsch'

119


door Juliëtte de Swarte

"Als kunstenaar moet je doorzetten, juist wanneer je succes hebt" Trudi van Zadelhoff, conservator Museum IJsselstein

Het zou een eenmalige tentoonstelling zijn: Aanstormend Talent bij MIJ: Het Beste van Pouloeuff . Maar het werd van begin af aan zo’n succes dat Pouloeuff kunstenaars nu alweer voor de derde keer in Museum IJsselstein te zien zijn.

Conservator Trudi van Zadelhoff: “Ik zie altijd een paar kunstenaars waarvan ik weet: die gaan ver komen.” In Museum IJsselstein is nu het Beste van Pouloeuff te zien. Geen eenvoudige keuze voor jou als conservator... “Wat goed werk is blijft natuurlijk heel subjectief. Ik zoek samen met mijn collega Amy altijd naar nieuwe werken met een zekere spanning, engagement of iets persoonlijks. Bijna altijd zijn we het met elkaar eens. We letten op de diversiteit van materialen, verschillende disciplines en technieken. Zowel bij het platte en ruimtelijk werk als bij bewegende beelden.” Komen de werken van de jonge kunstenaars anders tot hun recht in museum dan in een galerie? “Ja, dat is echt wel anders. In Pouloeuff zijn er zo’n 4 kunstenaars per expositie met een eigen wand. Bij ons exposeren 17 kunstenaars tegelijk.

de Keep an Eye interviews

• Trudi van Zadelhof • curator Museum Ijsselstein

120


door Juliëtte de Swarte

Die werken moeten allemaal sterk overeind blijven staan tussen al die andere werken. Zo moet je heel zacht en poëtisch niet naast hard en rauw werk zetten. Dat contrast is te groot. En sommige kunst heeft de ruimte nodig. Grote schilderijen, zoals de gigantische portretten van Jurre Blom, die moet je van een afstandje bekijken.” Het zijn allemaal jonge kunstenaars, hebben ze nog meer overeenkomsten? “We zoeken altijd een thema in de werken. Bij deze tentoonstelling zie je dat de kunstenaars zich kwetsbaar durven op te stellen. Het gaat over pijn, onvermogen of ziekte. Zoals in het werk van Daniel van Dijck die preventief een deel van zijn maag moest verwijderen. Dat gebruikt hij in zijn werk. Zijn werk is kwetsbaar in wat het laat zien en tegelijk ook gemaakt van kwetsbaar materiaal.” Waarom willen jullie graag het werk van de jonge Pouloeuff kunstenaars laten zien? “Wij vinden het hartstikke leuk dat wij een belangrijk opstapje voor jonge kunstenaars mogen zijn. Want er zitten hele ambitieuze jonge kunstenaars tussen. Er komt ook een moment dat ze het zelf moeten doen. Soms zie je ze dan niet meer, anderen weten zich heel goed te manifesteren. Dat zie ik ook door de enorme belangstelling voor workshops in Pouloeuff. Ik denk dat kunstenaars steeds beter begrijpen hoe belangrijk jezelf presenteren is. Maar deze generatie is dan ook opvallend zelfstandig en zelfverzekerd in vergelijking met mijn eigen generatie op die leeftijd.” Heb je een belangrijke tip voor deze kunstenaars die aan het begin van hun carrière staan? “Je kan op dat punt komen dat de omgeving heel erg geïnteresseerd in je is. Je wint allerlei prijzen, vooraanstaande galeries willen je werk exposeren. Het is heel verleidelijk om door die aandacht in beslag te worden genomen. Eigenlijk moet je dan even een stap terug nemen. Trek je weer terug in je atelier. Geniet van succes maar blijf je bewust dat er momenten zijn dat je weer gewoon aan de slag moet en moet doorzetten.”

de Keep an Eye interviews

• Trudi van Zadelhof • curator Museum Ijsselstein

121


door Juliëtte de Swarte

Dubbel-interview: 
 Jimi Kleinbruinink & Jan Rudolph de Lorm (Singer Laren)

Een gigantisch groot raam van de theaterfoyer van Singer Laren. Iedere paar maanden mag een jonge, veelbelovende kunstenaar in dat raam exposeren – het ‘Window of Opportunity’. Kunstenaar Jimi Kleinbruinink bijt de spits af.

Een interview met de kunstenaar In de nieuwe theaterfoyer van het Singer Museum in Laren moest een bank komen. Het werd een kunstwerk. Toen de lichten van ‘Undercurrent’ aangingen en iedereen verwonderd naar boven staarde zag ook kunstenaar Jimi Kleinbruinink het effect van zijn werk voor het eerst: “Het is echt beter dan ik had durven hopen.” Hoe ziet de dag van een kunstenaar er uit? “Minder romantisch dan ik vroeger dacht. Toen ik op de academie zat werkte ik nog wel eens hele nachten door. Nu ook nog wel, als het moet, maar mijn dagen zijn meer gestructureerd. En naast het maken van de werken ben ik ook veel bezig met andere dingen zoals mensen enthousiasmeren voor nieuwe projecten, beeld bewerken, de website bijhouden, mail beantwoorden, openingen, belasting, administratie…”

de Keep an Eye interviews

• Dubbel-interview • Jimi Kleinbruinink en Jan Rudolph de Lorm

122

“Tijd laat zich niet vastleggen, behalve in beeldende kunst.”

Windows of Opportunity, kunstenaar krijgt opdracht van museum


door Juliëtte de Swarte

Leidt dat niet af van waar het om gaat, het maken van kunst? “Ik moet daar echt tijd voor vrijmaken. Zeker aan begin van een nieuw project heb ik altijd een aanlooptijd nodig. Dat frustreerde me vroeger, want je wilt ‘iets’ hebben. Inmiddels heb ik het geaccepteerd. Door die warming up, het aanmodderen in de eerste fase kan ik me beter focussen en efficiënter werken. Als het concept er is, dan is het gewoon uren maken. Toen ik nét afgestudeerd was probeerde ik nog alles door elkaar te doen, maar ik kan helemaal niet multitasken. Als je iets doet, moet je het met je volle aandacht doen. Als de deadline nadert, komt mijn creativiteit op scherp te staan. Dan krijg ik opeens een ingeving. Vaak is die niet meer in te passen in het werk waar ik dan mee bezig ben, maar kan ik het later wel gebruiken. Zo zat het concept in Laren ook al een tijdje in m’n hoofd.”

Emille Snellen van Vollenhoven

Ideeën beginnen als losse eilandjes Wie langs het Singer in Laren komt kan Undercurent niet ontgaan. Het werk is geweldig om te zien… “Als je buiten het Singer staat en je kijkt naar boven dan heeft het iets magisch, net als het Noorderlicht. Undercurrent is een werk met drie kanten: het originele object, de reflectie en de schaduw van het object. De harde materie, schaduwwereld en de reflectie vormen een perfect samenspel. Het klopt helemaal. Ideeën beginnen als losse eilandjes en die moeten uiteindelijk bij elkaar komen. Het haakt perfect in elkaar. Hoe dat werkt, dat is niet helemaal te verklaren. Het is iets intuïtiefs, een gut feeling.” Maar het is dus niet alleen mooi? “In de vorm zelf zoek ik ook betekenis. Tijdens het maakproces heb ik veel gelezen over de ideeën van de psycholoog Carl Jung. Kort door de bocht gaat het erover dat iedereen een schaduwversie van zichzelf heeft. Onze geest kent altijd een onderstroom, een ‘Undercurrent’ - een donkere kant. Daarom is die reflectie interessant. Wie ben ik als Jimi en hoe ik zie ik mezelf? En in hoeverre hou ik mezelf voor de gek? Ons brein maakt heel netjes een lineair verhaal van onze herinneringen. Die schaduw, de reflectie op de muur in het werk is ook heel ordelijk. We hebben een idee dat we weten wie we zijn, maar in hoeverre komt dat overeen met wie we echt zijn? Dat is de metafoor van Undercurrent: Wie ben je? Je schaduw? Je reflectie? Of ben je het allemaal?”

de Keep an Eye interviews

• Dubbel-interview • Jimi Kleinbruinink en Jan Rudolph de Lorm

123


door Juliëtte de Swarte

Wat denk jij? “Ik denk niet dat we onszelf volledig kunnen kennen. Maar voor mij is zelfonderzoek belangrijk. Ik ben het nulpunt van waaruit mijn werk ontstaat. Alles wat ik doe en maak komt voort uit mij. Ik probeer mijn eigen zwaktes en sterktes te ontdekken. Mensen zijn geneigd om weg te kijken als het gaat om hun minder leuke eigenschappen, maar er is veel te winnen als je dat wel kunt.”

Toen de lichten aangingen was het ook voor mij een verrassing Zien mensen die naar je werk kijken dit ook? “Ik vind dat niet belangrijk, anders was ik wel psycholoog geworden. Ik probeer met mijn werk juist een beeldtaal te creëren voor gevoelens die ik niet onder woorden kan brengen.” Misschien helpt het niet mee dat je werk zo mooi is… “Ha ja dat is een lastige bijkomstigheid. Ik ben altijd op zoek naar tegenstellingen. Het werk moet visueel prikkelen. Er zitten quasi psychologische theorieën achter mijn werk. Dat mensen dat niet heel direct zien, is niet erg. Mijn werk communiceert visueel. Het moet mensen prikkelen en dat lukt als mensen het werk fantastisch vinden. Wat je door het raam ziet lijkt digitaal, maar is analoog. De techniek is simpel, toch verwonderen mensen zich er over. Met eenvoudige middelen kun je een heel bijzonder resultaat bereiken. Dat je kijkt en denkt: Wow!” Ben je ooit helemaal tevreden?  “Als iemand op die vraag ‘ja’ zegt, liegt hij. Het is natuurlijk de bedoeling dat werk waar je niet tevreden over bent de studio niet verlaat. Toen de lichten aangingen was het ook voor mij een verrassing, ik zie het effect ook pas bij de opening. Het is echt beter dan ik had durven hopen.” Je woont in Groningen, is dat een inspirerende plek voor kunstenaars?  “Na de academie dacht ik dat ik zo snel mogelijk weg moest. Het is niet zo gelopen. In Amsterdam zijn meer openingen, kortere lijntjes. de Keep an Eye interviews

• Dubbel-interview • Jimi Kleinbruinink en Jan Rudolph de Lorm

124


door Juliëtte de Swarte

Maar ook meer afleiding, meer concurrentie en meer prikkels. Groningen is een studentenstad, dus aan inspiratie geen gebrek. Maar ik zit hier niet vast. Ik ben een nomade. Ik hoop binnenkort een tijdje naar het buitenland te gaan. De wereld is onze speeltuin. Waar we inspireren en geïnspireerd worden. Ik vind het belangrijk om heel veel mensen en plekken te zien.”

Mijn werken zijn nu al groot, maar ik denk dat het nog veel groter gaat worden Ja, vind je het belangrijk om je werk te laten zien aan de buitenwereld? “Ik ben nu 5 jaar in de buitenwereld bezig. Iedere kans om te exposeren heb ik aangegrepen. Het laten zien van mijn werk is een belangrijk deel van waarom ik dit doe. Het voelt niet als de bedoeling om me af te sluiten. We zijn hier met z’n allen. Ik denk dat mijn werk en kunst in het algemeen gaat om communicatie.” Wat hoop je te bereiken?  “Ik studeerde af met sculpturen die stilstaan bij een vast formaat. Al heel snel is dat uitgegroeid tot megalomane projecten waarbij ik mensen moet inhuren. Mijn werken zijn nu al groot, maar ik denk dat het nog veel groter gaat worden. Zo kun je het publiek een nog intensere ervaring geven. Ik hoop een nog groter publiek te vinden voor mijn ideeën. Door geïnspireerd te worden en weer terug te geven. Zoveel mogelijk mensen te ontmoeten. Het hele spectrum van ‘mens zijn’ te onderzoeken.” Hoe was het om Undercurrent voor Singer te maken?  “Ik kreeg totale vrijheid van Singer. Ze waren de ideale opdrachtgever. Ik heb meegemaakt dat een opdrachtgever neurotisch grip probeerde te krijgen op wat ik aan het maken was. Van Singer kreeg ik al het vertrouwen. Terwijl ze zoiets nog nooit eerder hadden gedaan. Als er rust is in zo’n maakproces draagt dat bij aan de kwaliteit.” Tijdens het openingswoord sprak je heel bescheiden over je werk…  “Ik heb een mate van nederigheid nodig om door te gaan. Het is een emotioneel vak. Het ene moment lopen er 3 projecten tegelijk, dan is er weer een tijdje rust. Daar moet je mee leren omgaan. Het is geen gewone baan.”

de Keep an Eye interviews

• Dubbel-interview • Jimi Kleinbruinink en Jan Rudolph de Lorm

125


door Juliëtte de Swarte

Jan Rudolph de Lorm, directeur van Museum Singer Laren gaf Jimi carte blanche

Jullie gaven Jimi alle vrijheid om te maken wat hij wilde, niet elk museum durft dat aan.. “Een kunstenaar moet je natuurlijk gewoon zijn gang laten gaan. Als je iemand vraagt een kunstwerk te maken moet je er ook helemaal achter staan. Ik had al eerder werk van Jimi gezien dus ik wist wat hij kon. Voor Jimi was het een avontuur: Er was een thema en daar kon hij mee improviseren. Vergelijk het met jazzmuziek. Het is een krachtige compositie geworden.” Het eerste idee was dat er een bank zou komen, spijt? “Ik ben heel blij met het resultaat. Ik maakte de grap dat we eigenlijk alleen met dode kunstenaars werken. In het Singer hangt vooral veel kunst van rond 1900. Maar we maken ook graag uitstapjes naar het heden. Dat is wel een hele andere league. Vandaar dat ik erg blij ben met de samenwerking met Keep an Eye en Pouloeuff. We zijn de samenwerking aangegaan, juist omdat zij de kenners zijn als het om jonge kunstenaars gaat. Het idee ontstond heel spontaan, maar alles viel op z’n plek. Het werk is heel theatraal. Het is kunst én theater. Het laat zien dat er dynamiek is achter het raam.”

Ik zie Jimi's werk als een toverlantaarn

de Keep an Eye interviews

• Dubbel-interview • Jimi Kleinbruinink en Jan Rudolph de Lorm

126

“Maanlicht is beeldhouwkunst. Zonlicht is schilderen.”

Een gigantisch groot raam van de theaterfoyer van Singer Laren. Iedere paar maanden mag een jonge, veelbelovende kunstenaar in dat raam exposeren – het ‘Window of Opportunity’. Kunstenaar Jimi Kleinbruinink bijt de spits af. Jan Rudolph de Lorm, directeur van Museum Singer Laren gaf Jimi carte blanche.


door Juliëtte de Swarte

Wat zie je in het werk van Jimi? “Ik zie het als een reuze toverlantaarn. Verlichting tijdens deze donkere dagen. Je wordt verleid door de kleuren, het licht, het monumentale, de beweging. Het werk geeft je een kijkje in de keuken. De achterkant vind ik heel mooi, maar het is wel de achterkant. Zoals de façades in steden – die zijn mooi maar eigenlijk is de achterkant van die steden met haar marktjes en sloppenwijken interessanter. De voorkant is een illusie, de achterkant is echt.”

Nathaniel Howthorne

Hoe reageren mensen op het werk? Vang je wel eens wat op? Hij loopt naar een aantal museumgasten die zich om het werk hebben verzameld en vraagt of ze wisten of ‘Undercurrent’ hier te zien was. “Het is een verrassing voor ze. In de museumwereld noemen ze dit een interventie. Je komt voor iets anders en wordt verrast door het onverwachte. Je begrijpt het misschien niet meteen, maar het raakt, of betovert of het maakt blij. Het is onverwacht, maar wel gedoseerd, dat maakt het spannend”

de Keep an Eye interviews

• Dubbel-interview • Jimi Kleinbruinink en Jan Rudolph de Lorm

127


door Juliëtte de Swarte

Korte verklaring De Keep an Eye projecten

Jong Metropole Het eerste project van Keep an Eye samen met het Prins Bernhard Cultuurfonds. Featuring: het Metropole orkest, NJO (Nationaal Jeugd Orkest) en het NJJO (Nationaal Jeugd Jazz Orkest). De aftrap vond in 2016 plaats! Deze zomer de vierde lichting van Jong Metropole, onder andere weer op het Grachtenfestival Amsterdam. International Jazz Award De inmiddels internationaal uitgegroeide, Keep an Eye Jazz Award! Keep an Eye vierde in april 2013, samen met al haar Jazz Partners het vijfjarig bestaan van de Award! Een feest dat zijn climax beleefde in een overvol Bimhuis in Amsterdam. Inmiddels zijn wij vijf jaar verder, dus dat betekende een jubileum dat nog veel meer bezoekers en talenten trok!

The Records Met The Records ondersteunt de Keep an Eye Foundation jaarlijks een aantal 
 CD-producties van startende bands in Nederland. Alumni van alle Nederlandse Conservatoria kunnen zich daarvoor inschrijven. Een jury van erkende namen in de Nederlandse muziekwereld beoordeelt welke jazz-musici in aanmerking komen! Summer Jazz Workshops De Summer Jazz Workshops waren al een begrip in Amsterdam. Ontstaan door de samenwerking van het Conservatorium van Amsterdam en de Manhattan School of Music uit New York. Na de kennismaking tussen het Conservatorium en de Keep an Eye Foundation, nam Keep an Eye ieder jaar een aantal deelnemers onder haar vleugels door hun deelname aan de workshops te financieren.

Klassieke muziek Luisteren en luieren op Wonderfeel. Wonderfeel is een driedaags festival voor alle leeftijden. Met de rijke diversiteit aan optredens daagt het festival de bezoekers uit klassieke muziek in de volle breedte te ontdekken. Die uitdaging komt vooral ook door het jonge talent dat door het hele festival heen optreedt. Keep an Eye gaat dat jonge talent vanaf 2019 actief ondersteunen.

Film Het Keep an Eye Filmacademie Festival is de jaarlijkse 'graduation show' van de Nederlandse Filmacademie. En waar dat tot voor kort in eigen huis gevierd werd, staat het werk van de (bijna) alumni nu op het grote doek van EYE in Amsterdam. ‘Wie wordt de nieuwe Paul Verhoeven?’ Dat is de vraag die iedereen zich tijdens zo'n 10 dagen festival ieder jaar opnieuw afvraagt. Publiek, (vak)pers en studenten. Tenzij die studenten andere filmische ambities hebben natuurlijk. Maar ook zij komen groots in beeld, want het festival wordt ook gehouden op locaties grenzend aan EYE.

de Keep an Eye interviews

128


door Juliëtte de Swarte

Fotografie Er worden tegenwoordig meer foto's per dag gemaakt, dan 20 jaar geleden in een heel jaar. Iedereen fotografeert. Maar fotografie blijft een kunst van licht, kijken, afwachten en zien. En die kunst is niet iedereen gegeven. Keep an Eye stimuleert jonge getalenteerde fotografen. Veelbelovende studenten van de Nederlandse Fotovakschool krijgen een prijs waar je wat mee kunt!

Design Designstudenten zijn ondermeer uitvinders van duurzame oplossingen in weerwil van onze wegwerpcultuur. Deze inventiviteit is de frontlijn van daadwerkelijke vooruitgang. Daar komen we verder mee! Daarom is design voor de Keep an Eye Foundation een speerpunt. Fashion Sinds 2015 'zit de Fashionshow in het nieuw'. Deze Fashionshow was natuurlijk al veel langer aanwezig op diverse podia/catwalks en geniet/genoot veel aanzien. Maar door het samengaan met Keep an Eye kan de gehele show, met alles daaromheen, naar een hoger en nog professsioneler niveau getild worden. Waardoor publiek en de internationale pers veel beter bereikt worden. En wij zouden zeggen dat de 'spannings'boog tijdens de show in de Electriciteitsfabriek nu, eeeh, gespannen blijft zolang de presentatie duurt.

Kleinkunst Met ingang van 2018 werkt Keep an Eye samen met het Amsterdams Kleinkunst Festival en ondersteunt daar een serie masterclasses voor jong aanstormend talent. Tevens vormt een samenwerking tussen het Amsterdams Kleinkunst Festival en Keep an Eye een belangrijke impuls voor de kleinkunstsector als geheel. 

Beeldende kunst De Keep an Eye Foundation is sterk gericht op beeldende kunst en het tweelinginitiatief Galerie Pouloeuff biedt plaats aan jonge net afgestudeerde talenten. Ook aan hen die niet direct in de vaste kaders van een galerie passen. En dat alles in kunstenclave Naarden-Vesting. Met ingang van 2018 werkt Singer Laren (museum en theater) samen met Keep an Eye | Pouloeuff.

de Keep an Eye interviews

129


door JuliĂŤtte de Swarte

Wij werken samen met

de Keep an Eye interviews

130


door Juliëtte de Swarte

De Keep an Eye Publicaties Out now! Het Keep an Eye magazine 'MAGjeZIENenHOREN' Een papieren (?) kennismaking met de Keep an Eye Foundation. Met historie, achergrondverhalen, interviews en uittips.

Out now! In en uit de pers. Een tijdreis in knipsels over Pouloeuff Sinds 2005 is Pouloeuff een broedplaats voor jong talent in het pittoreske vestingstadje NaardenVesting. En onze galerie is in die tijd in heel Nederland gezien, mag je wel zeggen. Er wordt over gesproken én geschreven. En van dat laatste kun je jezelf overtuigen, want wij hebben alle artikelen en knipsels verzameld. 

Juliëtte in gesprek met winnaars, juryleden, experts en critici Juliëtte is geen stilzittend type. Daarnaast wil zij altijd het naadje van de kous weten en neemt niet snel genoegen met een 'nee'. Maar als je begint met lezen zul je niet snel meer stoppen . Hier haar uitdeiende oeuvre.

Deborah op haar plaats in BlogSpot Vanaf nu schrijft onze collega Deborah van den Herik regelmatig over kunst en zoekt daarbij ook naar de verbindingen tussen verschillende kunstvormen en disciplines. Vast en zeker gaat zij ons in haar ontdekkingstochten binnen de kunst en cultuur vaak verrassen!

CONTACTGEGEVENS Cattenhagestraat 16 1411 CT Naarden Vesting Telefoon: 035-6951277 de Keep an Eye interviews

MAIL >

131

De Keep an Eye Interviews  

De Keep an Eye Interviews