Issuu on Google+

Naam: ______________________________________

Water : Vriend en vijand


Wereldoriëntatie – natuur A.

Allemaal water

Water is ALTIJD in beweging: Vb:

- …………………………………………………………………… - …………………………………………………………………… - ……………………………………………………………………

Water in 3 toestanden: ……………………….

……………………….

Water bevriest bij ………. °C en kookt bij ………. °C.

De condensatietabel:

-2-

……………………….


De thermometer:

_________________________________________

________________________________________

De kringloop van het water:

……………………………………………………………………………………………… ……………………………………………………………………………………………… ……………………………………………………………………………………………… ……………………………………………………………………………………………… ……………………………………………………………………………………………… ………………………………………………………………………………………………

-3-


KRUISWOORDRAADSEL

HORIZONTAAL: 1. Binnenin een thermometer zit er een vloeistof. Dit is ..... 4. De 3 toestanden van water zijn: vast, vloeibaar en ..... 6. Als de waterdamp afkoelt worden er ..... gevormd 9. De faseovergang van vloeibare naar vast VERTICAAL: 1. De ..... van het water geeft de 'route' van het water weer 2. De faseovergang van gasvormig naar vloeibaar 3. De faseovergang van vast naar gasvormig 5. Water ..... bij 0째C 7. Water is ..... in beweging 8. De temperatuur wordt uitgedrukt in graden .....

-4-


B.

Watervervuiling

Zure neerslag * Wat is zure neerslag? ………………………………………………………………………………………………… ………………………………………………………………………………………………… * Geef enkele gevolgen van zure neerslag: - …………………………………………………………….. -

……………………………………………………………..

-

……………………………………………………………..

Vervuilers * 3 grote vervuilers: ……………………….

C.

……………………….

……………………….

Waterzuivering

* Water kan op 2 manieren gereinigd worden: 1.

………………………………………………………………………………

2.

………………………………………………………………………………

* Is waterzuivering alleen voldoende?

D.

……………………………

Water in het leven van de mens

* Geef 3 manieren hoe we water kunnen besparen: - ……………………………………………………………………………………. - ……………………………………………………………………………………. - …………………………………………………………………………………….

-5-


* Water speelt een belangrijke rol in het leven van de mens. Waarom? ………………………………………………………………………………………………… ………………………………………………………………………………………………… ………………………………………………………………………………………………… ………………………………………………………………………………………………… …………………………………………………………………………………………………

OPDRACHT: Schrijf een verhaaltje over: - de dag van een waterdruppel in ons lichaam of - de dag van een waterdruppel in een vervuilde rivier

-6-


Wereldoriëntatie – tijd A.

De Oudste Tijden van ____________________ tot ____________________

Zwervende voedselverzamelaars en jagers * Naar waar trekken jagers en voedselverzamelaars? ………………………………………………………………………………..………………… ………………………………………………………………………………………………….. * Waarom juist naar daar? - ………………………………………………………………………………………… - ………………………………………………………………………………………… - ………………………………………………………………………………………… - …………………………………………………………………………………………

De vroege landbouwers  Dit is een ............................................................... = ………………………………………………………….. ……………………………………………………………. ……………………………………………………………. …………………………………………………………….

-7-


Egypte, het eerste wereldrijk * Welke grote rivier stroomt door Egypte? ……………………………………………  Ontspringt : …………………………………………………  Het …………………………………….…… was zeer goed voor de landbouw.

* De Egyptenaren springen nu nog steeds doordacht om met water. Verklaar: …………………………………………………………. …………………………………………………………. …………………………………………………………. ………………………………………………………….

B.

De Oudheid van ____________________ tot ____________________

Bij de Grieken  Dit is een .............................................................  Uitgevonden door ………………………………....  Functie = …………………………………………… ………………………………………………………….. ………………………………………………………….. …………………………………………………………..

-8-


Bij de Romeinen

 Dit is een .........................................................  = …………………………………………………. ……………………………………………………….. ………………………………………………………..

C.

De Middeleeuwen van ____________________ tot ____________________

Op de leenheerlijkheden / in de steden  Dit is een …………………………………………...  Voor wie? …………………………………………...  Constructie? ………………………………………..  Hygiëne? …………………………………………...  Waterdragers = …………………………………… …………………………………………………………..  Water bedoeld voor: - …………………………….…………… - …………………………………………. - ………………………………………….

-9-


D.

De Nieuwe Tijd van ____________________ tot ____________________

* De waterputten worden vervangen door ………………………………………………….

…………………………………………………... vervoeren.

E.

De Nieuwste Tijd van ____________________ tot ____________________

Stromend water, maar nog niet voor iedereen! * Waterleidingsbedrijven  …………………………………………… uitbouwen. * Stromend water = duur / goedkoop

Rijke mensen:

Arme mensen:

……………………………...................

……………………………...................

……………………………...................

……………………………...................

……………………………...................

……………………………...................

……………………………...................

……………………………...................

- 10 -


F.

Onze Tijd van ____________________ tot ____________________

Dreigend water * Waarom kan water dreigend zijn voor ons? ………………………………………………………………………………………………..... * Geef enkele nadelen van wateroverlast: - ………………………………………………………………………………………… - ………………………………………………………………………………………… - ………………………………………………………………………………………… - ………………………………………………………………………………………… * Er werd een plan bedacht om de watersnood in de toekomst te vermijden: Het …………………………………………….. * Hoe kunnen we voorkomen dat er nog zoveel water landinwaarts zou stromen? …………………………………………………………………………………………………..

Tsunami * Tsunami

= een Japanse samenstelling:

TSU

…………………….

-

NAMI …………………….

= …………………………………………………………………... …………………………………………………………………......

- 11 -


* Geef enkele gevolgen van een tsunami: - ………………………………………………………………………………………… - ………………………………………………………………………………………… - ………………………………………………………………………………………… * Kan je een tsunami tegenhouden?

……………………………………

Overstroming in Ruisbroek Tekst: zie bijlage DATUM OVERSTROMING:

……………………………………………………………

Overstroming in Wintam / Hingene Tekst: zie bijlage DATUM OVERSTROMING:

……………………………………………………………

Water is nodig * Heeft water alleen maar negatieve kenmerken?

…………………………

- …………………………………………………………………………. - ………………………………………………………………………….

* Water wordt ook verspild in onze landen: ………………………………………………………………………………………………...... - ………………………………………………….. - ………………………………………………….. - …………………………………………………..

- 12 -


- 13 -


De overstroming van Ruisbroek Op zaterdag 3 januari 1976 raast een Noordwesterstorm over België. Het is springtij. In Ruisbroek aan de Rupel breekt de dijk van de Vliet, een getijdenzijriviertje van de Rupel. Bijna heel het dorp liep toen onder. Vele inwoners werden verrast en verloren nagenoeg al hun bezittingen. Ruim 2000 mensen werden geëvacueerd. De ramp had vermeden kunnen worden, en de hulpverlening kwam traag op gang en verliep stroef. Dat zorgde voor veel ongenoegen en frustraties bij de bevolking, die dat ook duidelijk maakte aan koning Boudewijn toen hij het rampgebied bezocht. Als gevolg van de overstroming in Ruisbroek ontwikkelde de overheid het Sigma-plan ter verdediging van de Vlaamse rivieroevers.

Chaotische hulpverlening Hoewel de hulpdiensten in de loop van die noodlottige 3de januari 1976 verwittigd waren dat er een zwaar stormtij op komst was, werden er weinig of geen voorzorgen genomen. Leger, Civiele Bescherming en Rode Kruis wachtten op een concrete oproep, maar toen die er kwam, was het eigenlijk al te laat. De commandant van 11 genie Burcht herinnert zich nog hoe hij op de radio het bericht van de overstroming hoorde, maar niet in actie kon komen zolang de gouverneur hem daar niet de opdracht toe gaf. Niet de Civiele Bescherming van Brasschaat of Liedekerke werd naar Ruisbroek gestuurd, maar wel de afdeling uit Crisnée, bij Luik. Ondertussen trachtten de brandweermannen van Willebroek zich met hun enige bootje te behelpen en konden zo een aantal mensen net op tijd van de verdrinkingsdood redden. Voor gouverneur Kinsbergen was Ruisbroek de aanleiding om echt werk te maken van een efficiënte rampenplanning.

Openbare Werken misrekende zich … Voor veel inwoners van Ruisbroek kwam de overstroming niet als een verrassing. Ze wisten al langer dat de dijken in slechte staat waren en niet onderhouden werden. In Nederland had men na de grote overstroming van 1953 de nodige voorzorgen genomen met de uitvoering van het Deltaplan. In België werden hier en daar wat dijken opgelapt, maar verder niets. Nochtans getuigt de griffier van het polderbestuur, verantwoordelijk voor de dijk van de Vliet, hoe hij Openbare Werken al meermaals had gewezen op het risico dat Ruisbroek liep. Waarom ging Openbare werken en dan meer bepaald de dienst Zeeschelde daar niet op in? Er bestonden al langer plannen om de Vliet af te sluiten, waardoor die niet langer onderhevig zou zijn aan eb en vloed en dus ook geen bedreiging meer zou vormen voor Ruisbroek. Die afsluiting was gepland voor de zomer van 1976. Openbare Werken rekende daarop en vond het niet meer de moeite om voor die korte tijd nog grote herstellingswerken aan de dijken te doen. Maar Openbare Werken misrekende zich… ‘Die dijken waren natuurlijk niet sterk, maar wij wisten ook niet dat er zo een zware stormtij zou komen’, verklaart de toenmalige hoofdingenieur van de Zeeschelde in de uitzending..

Het bezoek van Boudewijn De dijk van de Vliet brak zaterdagavond 3 januari rond 18 uur, het is dan hoogtij. Bij laagtij, een paar uur later, zakte het water alweer. Veel inwoners hoopten dat het ergste nu wel voorbij was, maar bij de volgende tij kwam een nieuwe vloed. Op vraag van Gouverneur Kinsbergen bracht koning Boudewijn een bezoek aan het getroffen gebied. Het zijn wellicht de meest bekende beelden van de ramp van Ruisbroek. De koning werd er geconfronteerd met een woedende, maar vooral radeloze bevolking ‘30 miljard voor de vliegers, Van den Boeynants vloog erboven en 300 miljoen voor de dijken, in heel België. Hoe is’t mogelijk’. Het was één van de vele verwijten die Boudewijn toen te horen kreeg. Maar hoe dan ook, voor vele slachtoffers was dit bezoek een belangrijk hart onder de riem en heel wat Ruisbroekenaren zagen hoe dankzij Boudewijn de hulpverlening eindelijk goed op gang kwam. ‘Een psychologisch effect’ zegt de commandant van 11 genie Burcht vandaag, want - 14 -


er werden helemaal geen extra mensen en middelen ingezet. Maar het bezoek heeft toch gewerkt.

Wie bouwt de dam? De overstroming van Ruisbroek is ook het verhaal van twee diensten die er niet in slaagden om samen te werken en in plaats daarvan elkaar zelfs lijken tegen te werken. Naast het redden van mensenlevens was het uiteraard even belangrijk om zo snel mogelijk de bres in de dijk te dichten, want zolang dat niet gebeurde bleef het water Ruisbroek gewoon binnenstromen. Al snel werd duidelijk dat de Vliet afdammen de enige oplossing was. Die dam zou door Openbare Werken gebouwd worden in de Vliet, ergens tussen de bres en de plaats waar de Vliet in het Zeekanaal en de Rupel uitmondde. Een bruggetje over de Vliet bemoeilijkte de bereikbaarheid van de dam. Maar de NV Zeekanaal, eigenaar van het bruggetje, weigerde dit obstakel af te breken. Als gevolg daarvan kon het drijvend materiaal onmogelijk tot bij de dam geraken en moest het opbouwen van de dam vanaf één oever gebeuren, waardoor de dijk aan de overkant nu op zijn beurt dreigde door te breken. De werken werden stopgezet. Ruisbroek bleef onder water staan. Wanneer op vrijdag 9 januari, na een tweede bezoek van Boudewijn, de werken in handen van de NV Zeekanaal werden gegeven, raakten de werken in een stroomversnelling. De dam zou nu gebouwd worden aan de monding en een nieuwe aannemer werd op de zaak gezet. Maar, nu de NV Zeekanaal de werken zelf mocht uitvoeren kon het bruggetje plots wel afgebroken worde. Op maandag 12 januari kende Ruisbroek geen eb en vloed meer. De vraag is of het zolang had moeten duren.

Strijd om een schadevergoeding Na het afwerken van de dam, kon het leegpompen van Ruisbroek beginnen. In het dorp stond al tien dagen lang tot twee meter water in de huizen. Voor de slachtoffers werd nu pas duidelijk hoe groot de schade wel was. Wat ze thuis vonden, blijft voor velen onbeschrijflijk. Maar het is ook dan dat de solidariteit van de eerste dagen omsloeg in afgunst en jaloezie. Al vanaf de eerste dagen stroomde vanuit het hele land financiële en materiële hulp toe en ook vrijwilligers gaven zich massaal op om Ruisbroek mee op te kuisen. Niet alleen daar werd van geprofiteerd, ook wanneer de schatters de schade moesten komen opmeten voor een vergoeding van de staat, werd er meer dan eens vernielde huisraad gestolen in de hoop meer te kunnen terugkrijgen. Op 12 juli 1976 werd uiteindelijk de Rampenwet gestemd, maar voor de slachtoffers sleept de strijd om een eerlijke schadevergoeding nog jaren aan. In 1978 werd de staat verantwoordelijk gesteld voor de dijkbreuk, maar in beroep werd die uitspraak ongedaan gemaakt.

Een keerpunt? De overstroming van Ruisbroek vormt de directe aanleiding voor het opmaken van het Sigmaplan. Meer dan 20 jaar na Nederland zal nu ook België haar Zeescheldegebied beschermen tegen overstromingen. Eindelijk zal er ook werk gemaakt worden van een efficiënte rampenplanning. Met getuigenissen van oud gouverneur Kinsbergen, ingenieur Casteleyn (hoofdingenieur Zeeschelde), commandant Van Daele (11 genie Burcht), hulpverleners van Civiele Bescherming, Rode Kruis en brandweer en inwoners van Ruisbroek.

- 15 -


- 16 -


W intam ,1953 De grote watersnood van 01 februari 1953 eiste niet alleen in Nederland een zware tol. Ook in ons land was de schade van de historische winterstorm enorm. Hier in Wintam brak de dijk van de Rupel door en dagenlang stroomde miljoenen liters water de laaggelegen polders in. De Rupel-Bres was zo'n 75 meter lang en 10 meter diep! De grote middelen, scheepsladingen vol stenen, vele vrijwilligers moesten ingezet worden om de bres in de dijk te dichten. Koning Boudewijn bezocht de noodwerken. Na ongeveer 2 maand was de bres volledig gedicht. En op 01 juni 1953 stonden alle inwoners weer droog.

De Rupel-Bres

Het water stroomde door bijna heel het dorp van Wintam.

Hier staat het water meer dan een halve meter hoog. In sommige huizen stond zo'n 2m70 (!) water.

De werken om de bres te dichten kon beginnen.

Met miljoenen stenen en vele vrijwilligers kon de Bres langzaam gedicht worden.

Koning Boudewijn (centraal op de foto) kwam de mensen moed in spreken.

- 17 -


"De Schelde, een onberekenbare stroom" De overstroming In de nacht van 31 januari op 1 februari 1953 is om 4u30 op de radio de volgende waarschuwing te horen : "zware storm tussen noordwest en noord (windkracht 10)". De elektriciteit en telefoonverbindingen zijn echter uitgevallen; communicatie is onmogelijk‌ Op zondagmorgen 1 februari beukte het water op verscheidene plaatsen tegen de Schelde- en de Rupeldijken om er meer dan 20 bressen in de dijken te slaan. Het stormtij bereikte een hoogte van 7m40, terwijl de dijken slechts 7m hoog waren. Het water stroomde de gemeenten Hingene, Wintam, Eikevliet en Bornem binnen. Voor 8 uur stonden reeds enkele boeren van het Buitenland met hun stalbeesten voor de poort van de Sint-Bernardusabdij om hun vee in de kloosterstallingen onder te brengen. In Bornem en Hingene werd met veel ijver gezwoegd en werden de kleine Scheldebressen spoedig gedicht. De Rupelbres bij de scheepstimmerwerf in Wintam bleef echter open. Door de 8m brede bres stroomde een grote watermassa het polderland op, en verplaatste zich steeds meer naar de dorpskernen. Op donderdag 12 februari waren er in Bornem meer dan 150 huizen ontruimd, in Hingene-Wintam ongeveer 298. Er kwam een spontane hulpverlening op gang waaronder het Rode Kruis, Caritas Catholica, verschillende gemeentebesturen, provinciale overheden en talrijke socioculturele verenigingen. De stad Luik nam het meterschap op zich. In Eikevliet duurde de watersnood slechts 2 dagen. In Hingene liepen de benedenvertrekken van De Notelaer onder water. Het kasteel d'Ursel werd door het water omsingeld en het polderland overstroomde volledig. In Bornem overspoelde het water Buitenland en de Roddam. Weert werd gevrijwaard van het watergeweld doordat de oude Scheldedijk Bornem-Temse over de hele lengte versterkt werd met 'vaderlandertjes'. In Wintam werden noodwoningen gebouwd naar Fins model, om de geÍvacueerden op te vangen. In Hingene werd een nooddijk gebouwd : de Notelaerdreef werd met zand opgehoogd en omgevormd tot een binnendijk, de 'Tedescodijk'. Op deze manier werd een groot stuk verlost van het water. Op vrijdag 6 maart bezoekt koning Boudewijn het getroffen gebied, waaronder de werken aan deze dijk. Ondertussen werd koortsachtig voortgewerkt aan de Rupelbres, want een groot gedeelte van het polderland van Hingene-Wintam stond nog steeds onder water. De bres vergrootte nog steeds.

- 18 -


Met matten trachtte men eerst de diepte van de bres te vullen. Door de getijden dreven deze matten echter vaak weg. Het was een zeer arbeidsintensief werk. Nadat de matten met zware keien uiteindelijk tot zinken waren gebracht in de bres, kon men beginnen met het aanbrengen van zand om terug de dijk te maken. Ondanks de premie van 100 000 Bef die aan de werklui beloofd was als ze klaar waren met het dichten van de bres voor 5 april (Pasen), lukte het pas op 10 april om 4uur 's morgens. De bres was toen 75m breed. Het water dat dan nog op het polderland aanwezig was, werd met een uitwateringssluis naar de Schelde en Rupel gebracht. Meer dan 10 weken heeft de watersnood in Hingene-Wintam geduurd.

- 19 -


Werkbundel: water